Boss VE-8 de handleiding

Type
de handleiding
English Deutsch Français Italiano Español Português Nederlands
Copyright © 2016 ROLAND CORPORATION
Gebruikershandleiding
De VE-8 is een alles-in-één-apparaat dat is ontworpen voor zangers of zangeressen die ook een instrument bespelen. Het
voegt een vocaal eect, een gitaareect, een looper en een mixer samen.
Inhoud
Opstelling (Uw microfoon en gitaar aansluiten) 2
Aansluitingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 3
Aansluiten op de versterker of een eenvoudig
PA-systeem (straatoptreden of caféoptreden) . . . . . . 3
Het vocale gedeelte en het gitaargeluid
afzonderlijk naar het PA-system uitsturen
(cluboptreden) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 4
Uitvoerinstellingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5
Uw computer en hoofdtelefoon aansluiten
(thuis/muziekstudio) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 6
Een voetschakelaar aansluiten. . . . . . . . . . . . . . . . . . 6
Handmatige modus/Geheugenmodus . . . . . . . . 7
Handmatige modus. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 7
Geheugenmodus . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 7
Een geheugen opslaan . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 7
Geheugeninstellingen initialiseren . . . . . . . . . . . . 7
Instellingen van de gitaareecten . . . . . . . . . . . . 8
ACOUSTIC RESONANCE. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8
REVERB . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8
NOTCH . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8
CHORUS . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8
De gitaar stemmen (Tuner) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8
Subparameterinstellingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 9
Delaytijdinstellingen (Tap Tempo) . . . . . . . . . . . . 9
Meerdere eecten tegelijk gebruiken . . . . . . . . . . . . 9
Instellingen van de vocale eecten . . . . . . . . . . . 10
ENHANCE . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 10
REVERB . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 10
HARMONY . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 10
Subparameterinstellingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 11
Vocale bypass . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 11
Meerdere eecten tegelijk gebruiken . . . . . . . . . . . . 11
Looper . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 12
Geavanceerde instellingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13
De standaardinstellingen herstellen (Factory Reset) . 13
Systeeminstellingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13
Instelling van de externe voetschakelaar . . . . . . . 13
Pedaalinstelling . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13
Instelling bij het ingedrukt houden van het
MEMORY-pedaal . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13
Looper-instelling. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13
NOTCH/PHASE-instelling . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13
Opstartmodus . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13
Auto O-instelling . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 14
Stomp-pedaalinstelling . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 14
EQ-/Ruisonderdrukker-instellingen . . . . . . . . . . . . 14
Bijlagen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 15
Belangrijkste specicaties . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 15
HET APPARAAT VEILIG GEBRUIKEN . . . . . . . . . . . . . . . 15
BELANGRIJKE OPMERKINGEN . . . . . . . . . . . . . . . . . . 15
Foutbericht . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 16
Problemen oplossen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 16
Gitaareecten
Acoustic Resonance (akoestische resonantie) regelt de
resonantie van de klankkast van een akoestische gitaar. Reverb
(galm) voegt de ruimtelijke galm toe die zo kenmerkend is
voor een optreden in een concertzaal. Notch (lter) onderdrukt
akoestische feedback. Chorus en een aantal andere eecten
(zoals tremolo, phaser en delay) kunnen ook worden toegepast.
p. 8
Vocale eecten
U kunt harmonie toevoegen aan het vocale gedeelte dat u zingt
terwijl u gitaar speelt.
Enhance verscherpt de contouren van uw stem. Pitch Correct
corrigeert onnauwkeurigheden in de toonhoogte. Reverb voegt
het akoestische karakter van een optreden in een concertzaal toe.
Andere eecten (zoals een elektrische stem of een radiostem)
kunnen ook worden toegepast.
p. 10
Output (Mixer)
U kunt eenvoudig de uitvoerbalans tussen het vocale gedeelte (uw stem) en de
gitaar aanpassen.
p. 2
Looper
U kunt uw stem en het gitaargeluid afzonderlijk opnemen en de opname als een
loop afspelen.
p. 12
Lees zorgvuldig de hoofdstukken “HET APPARAAT VEILIG GEBRUIKEN” en “BELANGRIJKE OPMERKINGEN” (infoblad “HET APPARAAT VEILIG
GEBRUIKEN” en gebruikershandleiding (p. 15)) voordat u het apparaat gaat gebruiken. Bewaar na het lezen het document (de documenten)
inclusief de voornoemde hoofdstukken op een direct toegankelijke plaats.
2
Opstelling (Uw microfoon en gitaar aansluiten)
1. Sluit de meegeleverde netstroomadapter aan of plaats batterijen (AA x 6).
2. Sluit uw microfoon en gitaar aan.
Instelling voor fantoomvoeding
Als u een condensatormicrofoon gebruikt die fantoomvoeding vereist, zet u de [PHANTOM]-schakelaar op ON.
3. Maak verbinding met de versterker of het PA-systeem.
Aansluiten op de versterker
of een eenvoudig PA-systeem
(straatoptreden of caféoptreden)
Het vocale gedeelte en het gitaargeluid
afzonderlijk naar het PA-system
uitsturen (cluboptreden)
Uw computer en hoofdtelefoon
aansluiten (thuis/muziekstudio)
p. 3 p. 4 p. 6
4. Schakel het apparaat in.
5. Regel de gevoeligheid van de microfooninvoer.
U moet de gevoeligheid van de microfooninvoer nauwkeurig aanpassen.
Gebruik de [MIC SENS]-regelaar om de invoergevoeligheid aan te passen. Pas de gevoeligheid aan zodat de PEAK-indicator
oranje oplicht. Wanneer het ingangsniveau te hoog is, licht de PEAK-indicator rood op.
Kleur Ingangsniveau
Groen Laag
Oranje Geschikt (goed)
Rood Te hoog (slecht)
6. Regel het uitgangsniveau van de gitaar en het vocale gedeelte.
* Positie van de pennen van
de MIC-aansluiting
(gebalanceerd type)
Schakel fantoomvoeding altijd
uit als u andere apparaten dan
condensatormicrofoons die
fantoomvoeding vereisen,
aansluit.
Zorg ervoor dat de invoergevoeligheid
of het volume van uw mixer of versterker
gedempt is voordat u aansluitingen
maakt.
Als u de apparaten in de verkeerde
volgorde inschakelt, kunnen er defecten
optreden of kan er schade aan de
luidsprekers en andere apparaten ontstaan.
3
English Deutsch Français Italiano Español Português Nederlands
Aansluitingen
Aansluiten op de versterker of een eenvoudig PA-systeem (straatoptreden of caféoptreden)
Aansluiten op de versterker
Aansluiten op een eenvoudig PA-systeem
Vocaal gedeelte + gitaar
Bij het aansluiten in stereo
Vocaal gedeelte + gitaar (stereo)
Als gezoem van de aardlus of ruis optreedt
Er kan ruis ontstaan wanneer andere externe apparaten op de VE-8 zijn aangesloten. In dergelijke gevallen kunt u het probleem
verhelpen door de positie van de [GND]-schakelaar te wijzigen. De [GND]-schakelaar moet normaal ingesteld zijn op NOR (NORMAL).
Schakelaar Beschrijving
NOR Pen 1 is aangesloten op de aarding van de VE-8.
LIFT Pen 1 is losgekoppeld van de aarding van de VE-8.
* Positie van de pennen van
de OUTPUT-aansluitingen
(gebalanceerd type)
Bij het aansluiten op een audiospeler
U kunt een audiospeler aansluiten en de afgespeelde muziek
mixen als een begeleiding bij uw vocale of instrumentale
uitvoering.
* Gebruik de bedieningselementen van het aangesloten
apparaat (audiospeler) om het volume aan te passen.
* Zet het volume altijd op nul en schakel alle apparaten uit voordat u aansluitingen maakt om defecten of storingen aan de apparatuur te
voorkomen.
Aansluitingen
4
Het vocale gedeelte en het gitaargeluid afzonderlijk naar het PA-system uitsturen (cluboptreden)
Het vocale gedeelte en het gitaargeluid afzonderlijk naar het PA-system uitsturen
Het vocale gedeelte uitsturen naar het PA-systeem en het gitaargeluid naar een gitaarversterker
Vocale uitvoer (mono)
Gitaaruitvoer (stereo)
Gitaaruitvoer (mono)
Vocale uitvoer (stereo)
Bewerkingsprocedure
1. Houd de [MEMORY]-knop ingedrukt
en druk op het [LOOP]-pedaal.
2. Gebruik de [?] [=]-knoppen om “4
te selecteren.
3. Druk op de [EXIT]-knop.
Voor meer informatie gaat u naar
p. 5
Bewerkingsprocedure
1. Houd de [MEMORY]-knop ingedrukt
en druk op het [LOOP]-pedaal.
2. Gebruik de [?] [=]-knoppen om “2
te selecteren.
3. Druk op de [MEMORY]-knop.
4. Gebruik de [?] [=]-knoppen om “3
te selecteren.
5. Druk op de [EXIT]-knop.
Voor meer informatie gaat u naar
p. 5
Aansluitingen
English Deutsch Français Italiano Español Português Nederlands
5
Uitvoerinstellingen
Hier leest u hoe u het geluid kunt selecteren dat wordt
uitgestuurd via de XLR- en LINE-aansluitingen. Met de
standaardinstellingen worden het vocale gedeelte en het
gitaargeluid gemixt, maar u kunt de instellingen wijzigen
zodat het vocale gedeelte en het gitaargeluid worden
uitgestuurd via afzonderlijke uitgangen.
1. Houd de [MEMORY]-knop ingedrukt en druk op het
[LOOP]-pedaal.
De [MEMORY]-knop en het [LOOP]-pedaal zijn rood opgelicht.
De VE-8 bevindt zich in de uitvoerinstellingsmodus.
2. Druk op de [MEMORY]-knop om een parameter
(aansluiting) te selecteren.
Elke keer dat u de knop indrukt, wordt de instelling als volgt
gewijzigd.
XL” (XLR-aansluitingen) 0Li” (LINE-aansluitingen) 0
AU” (AUX-aansluiting) 0Ph” (PHONES-aansluiting) 0
US” (USB)
MEMO
Als u wilt terugkeren naar de vorige parameter, houdt u de
[EXIT]-knop ingedrukt en drukt u op de [MEMORY]-knop.
3. Gebruik de [?] [=]-knoppen om een waarde te
selecteren.
Parameter Waarde Beschrijving
XL (XLR-
aansluitingen)
Li (LINE-
aansluitingen)
Selecteert het geluid dat wordt uitgestuurd via
de XLR- en LINE-aansluitingen.
1
Vocaal gedeelte + gitaar (stereo)
(standaardinstelling)
2
Vocaal gedeelte (stereo)
3
Gitaar (stereo)
4
L: Gitaar (mono)
R: Vocaal gedeelte
(mono)
5
L: Vocaal
gedeelte (eect)
R: Vocaal gedeelte
(dry)
6
L: Gitaar (eect) R: Gitaar (dry)
7
Vocaal gedeelte + gitaar (mono)
8
Vocaal gedeelte (mono)
9
Gitaar (mono)
AU
(AUX-
aansluiting)
Selecteert de uitvoerbestemming van het
geluid dat wordt ingevoerd via de AUX-
aansluiting.
1
ALL (alle aansluitingen)
(standaardinstelling)
2
LINE- + PHONES-aansluitingen
3
PHONES-aansluiting
Ph
(PHONES-
aansluiting)
Stelt het volume van de PHONES-aansluiting in.
099 (standaardinstelling: 50)
US
(USB Direct Out)
Schakelt de uitvoer van het geluid van de VE-8
om naar de XLR- en LINE-aansluitingen.
& Raadpleeg “Over USB” (p. 6) voor meer
informatie over USB.
0
Het geluid van de VE-8 wordt niet
uitgestuurd via de XLR- en LINE-
aansluitingen. Het wordt alleen naar
de computer (USB) uitgestuurd.
Gebruik dit wanneer u uw DAW wilt
gebruiken om een plug-in-eect aan
het geluid van de VE-8 toe te voegen
en u het resultaat van de uitgangen
wilt uitsturen.
1
Het geluid van de VE-8 wordt
uitgestuurd via de XLR- en LINE-
aansluitingen (standaardinstelling).
Als u galm naar het PA-systeem wilt sturen
Wanneer “XL” (XLR-aansluitingen) of “Li” (LINE-aansluitingen)
is geselecteerd en u drukt op de [LOOP]-knoppen van het vocale
gedeelte of de gitaar om deze te doen knipperen, wordt er geen
galm uitgestuurd naar de XLR- of LINE-aansluitingen. Gebruik de
instelling wanneer u de galm van het PA-systeem wilt gebruiken
bij een liveoptreden.
4. Druk op de [EXIT]-knop om de instellingsmodus af
te sluiten.
Aansluitingen
6
Uw computer en hoofdtelefoon aansluiten (thuis/muziekstudio)
Over USB
Als u een in de handel verkrijgbare USB 2.0-kabel gebruikt om de VE-8 op
uw computer aan te sluiten, kan het geluid van de VE-8 op een computer
worden opgenomen en kan het geluid van de computer worden
afgespeeld via de uitgangen van de VE-8.
* U moet het USB-stuurprogramma installeren wanneer u de VE-8 aansluit op uw
computer. Download het USB-stuurprogramma van de BOSS-website. Raadpleeg
het bestand Readme.htm dat is inbegrepen in de download voor meer details.
& http://www.boss.info/support/
Een voetschakelaar aansluiten
Als een voetschakelaar (FS-5U, FS-6, FS-7: apart verkrijgbaar) is aangesloten op de MEMORY=?-aansluiting, kunt u de
voetschakelaar gebruiken om te schakelen tussen geheugens (p. 7).
& U kunt ook andere functies toewijzen aan de voetschakelaar. “Instelling van de externe voetschakelaar” (p. 13)
FS-7
FS-6FS-5U
FS-5U
1/4”-aansluiting
10
1/4”-aansluiting
Stereo 1/4”-aansluiting
10
1/4”-aansluiting x 2
Stereo 1/4”-aansluiting
10
Stereo 1/4”-aansluiting
7
English Deutsch Français Italiano Español Português Nederlands
Handmatige modus/Geheugenmodus
Handmatige modus
Wanneer u de VE-8 opstart, bevindt deze zich in de
Handmatige modus. In deze modus worden het geluid en
de eecten toegepast volgens de positie van de regelaars
op het paneel.
5 Op de display wordt een punt weergegeven.
Wanneer u een regelaar verplaatst, wordt de
waarde van de instelling van deze regelaar
weergegeven.
5 U kunt de eecten in- en uitschakelen door de pedalen (blauw
LED-lampje) te gebruiken.
CHORUS van
gitaar ON/OFF
HARMONY ON/
OFF
& U kunt de modus selecteren bij het inschakelen. “Opstartmodus” (p. 13)
Geheugenmodus
Wanneer u op de [MEMORY]-knop drukt om deze rood te doen
oplichten, bevindt de VE-8 zich in de Geheugenmodus. In deze
modus kunt u 50 combinaties van eecten en instellingen
(geluiden) als "geheugens" opslaan en oproepen.
U kunt ook tussen de Geheugenmodus en de Handmatige modus
schakelen door deze twee pedalen gelijktijdig lang in te drukken.
5 Op de display wordt het geheugennummer
weergegeven.
* Wanneer u de instelling bewerkt, wordt een punt weergegeven
op de display.
5 U kunt tussen geheugens schakelen door de pedalen (rood
LED-lampje) te gebruiken.
Geheugennummer ?/=
Stomp-modus
Als u in de Geheugenmodus gelijktijdig op de twee pedalen
drukt die op de afbeelding worden weergegeven, wordt
de Stomp-modus ingeschakeld. U kunt de eecten in- en
uitschakelen door de pedalen (blauw LED-lampje) te gebruiken.
CHORUS van
gitaar ON/OFF
HARMONY ON/
OFF
& U kunt de eecten opgeven die worden in- en uitgeschakeld in
de Stomp-modus. (p. 14)
De waarden van een regelaar/knop controleren
5 Als u een regelaar of knop
bedient terwijl u de [EXIT]-knop
ingedrukt houdt, kunt u de
huidige waarde ervan op de
display bekijken zonder dat u de
instelling van die regelaar of knop
verandert.
5 Wanneer u instellingen (geluiden) oproept in de
Geheugenmodus, komen de waarden van de instellingen
niet overeen met de posities van de fysieke regelaars. Als de
waarde van de instelling van een regelaar bijvoorbeeld op
12 uur staat, maar de fysieke regelaar is helemaal naar links
gedraaid, dan wordt de waarde niet gewijzigd totdat u de
regelaar naar 12 uur draait.
* Wanneer u de instelling bewerkt, wordt een punt
weergegeven op de display.
Een geheugen opslaan
Hier leest u hoe u instellingen die u wilt behouden, kunt
opslaan.
1. Druk langere tijd op de [MEMORY]-knop.
Op de display knippert Wr (Write).
2. Druk nogmaals op de [MEMORY]-knop.
Het geheugennummer wordt weergegeven op de display en de
[MEMORY]-knop knippert rood.
3. Gebruik de [?] [=]-knoppen om het
geheugennummer (1–50) te kiezen waarop u het
geheugen wilt opslaan.
* Als u wilt annuleren, drukt u op de [EXIT]-knop.
4. Druk op de [MEMORY]-knop.
Geheugeninstellingen initialiseren
Initialiseert de instellingen van het momenteel geselecteerde
geheugen.
1. Druk langere tijd op de [MEMORY]-knop.
Op de display knippert Wr (Write).
2. Druk op de [=] knop om In (Initialize) te kiezen.
De [MEMORY]-knop knippert rood.
* Als u wilt annuleren, drukt u op de [EXIT]-knop.
3. Druk op de [MEMORY]-knop.
1
Functie voor vergrendeling van regelaars
Als u de functie voor het vergrendelen van de regelaars
inschakelt, functioneren de regelaars niet meer.
Deze functie voorkomt dat instellingen onbedoeld worden
gewijzigd tijdens een optreden of in andere soortgelijke
situaties.
1. Houd de [EXIT]-knop ingedrukt en druk op de
[MEMORY]-knop.
Elke keer dat u op de knop drukt, wordt de functie voor het
vergrendelen van de regelaars in- en uitgeschakeld.
Als u een regelaar verplaatst terwijl de functie voor het
vergrendelen van de regelaars is ingeschakeld, geeft het
scherm “Lc” weer.
8
Instellingen van de gitaareecten
ACOUSTIC RESONANCE
Gebruik de regelaar om de resonantie van de
klankkast van een akoestische gitaar te regelen.
[SHAPE]-knop
Regelt de toon op passende wijze voor de gitaar of de
instellingen die u gebruikt.
Display
Knop
Beschrijving
Of
OFF
Niet
opgelicht
Uitgeschakeld
Wd
WIDE Groen
Zacht geluid dat de resonantie
van de klankkast benadrukt
ML
MILD Oranje
Levendig geluid dat de
middentonen regelt
br
BRIGHT Rood
Helder geluid met een lang
hogefrequentiebereik
REVERB
Voegt galm toe aan het
geluid.
Gebruik de regelaar om het
galmniveau aan te passen.
[TYPE]-knop
Wijzigt het type galm.
Display Knop
AM
AMBIENCE Niet opgelicht
rM
ROOM Groen
H1
HALL 1 Oranje
h2
HALL 2 Rood
CHORUS
Voegt een eect zoals chorus toe. Gebruik de regelaar om de diepte van het
eect aan te passen. Gebruik het [CHORUS]-pedaal om het eect in en uit te
schakelen (p. 7).
[TYPE]-knop
Wijzigt het type eect.
Display Beschrijving
Ch
CHORUS
Dit eect voegt subtiele variaties toe om een bredere, dikkere
en mooiere klank te bekomen.
tr
TREMOLO
Dit eect geeft een retrogevoel door een cyclische
volumeverandering te creëren.
Ph
PHASER
Door variabel gefaseerde componenten aan het geluid toe te
voegen, geeft dit eect een golvend, wervelend karakter aan
het geluid.
dL
DELAY Dit vertraagt het geluid om een echo-eect te verkrijgen.
Md
MOD DELAY
Dit is een delay met een aangenaam chorusachtig eect dat
wordt toegevoegd aan de delay-herhalingen.
oC
OCTAVE
Voegt een geluid toe dat een octaaf lager en een octaaf hoger
klinkt.
SG
SLOW GEAR
Dit verwijdert het aanslaggedeelte van het signaal om
vioolachtige geluiden te creëren.
rM
RING MOD
Door ringmodulatie toe te passen op het gitaargeluid met het
signaal van een interne oscillator, creëert dit eect een metalen
klank zonder specieke toonhoogte.
NOTCH
Onderdrukt de akoestische feedback
(gekras of gepiep) die kan optreden
afhankelijk van de positie of de
omgeving van uw gitaar en versterker.
[PHASE]-knop
Als akoestische feedback een probleem
is, probeert u eerst op de [PHASE]-knop te
drukken. Door de phaser te wisselen, wordt de
akoestische feedback onderdrukt.
[NOTCH]-regelaar
Als het probleem niet wordt verholpen
wanneer u de [PHASE]-knop inschakelt, past
u de [NOTCH]-regelaar aan.
5 Draai aan de [NOTCH]-regelaar (frequentie)
wanneer akoestische feedback optreedt
om de locatie te vinden waarop feedback
wordt onderdrukt.
5 Als u de regelaar naar rechts draait,
wordt de feedback van de hoge tonen
onderdrukt; als u de regelaar naar links
draait, wordt de feedback van de lage
tonen onderdrukt.
De gitaar stemmen (Tuner)
1. Houd het [CHORUS]-pedaal
minstens twee seconden
ingedrukt.
De gitaar is gedempt en de tuner is ingeschakeld.
2. Indien nodig kunt u de referentietoonhoogte
wijzigen door de [?] [=]-knoppen te gebruiken.
Display Toonhoogte
3545
435–445 (Hz) (standaardinstelling: 440 Hz)
3. Speel een enkele open noot op de snaar die u wilt
stemmen.
De naam van de noot die het dichtst staat bij de toonhoogte
van de gespeelde snaar wordt op het scherm weergegeven.
* Bv. (E)
E
(C#)
C#
#-symbool
4. Stem het apparaat zodat het [HARMONY]-pedaal
oplicht.
Te laag Te hoog
Gestemd
5. Als u de stemfunctie wilt uitschakelen, drukt u op
een van de pedalen.
Instellingen van de gitaareecten
English Deutsch Français Italiano Español Português Nederlands
9
Subparameterinstellingen
1. Houd de onderstaande knop lang ingedrukt.
tn (TONE)
Helderheid van
het galmgeluid
dt (DELAY TIME)
Delaytijd wanneer
u de delay gebruikt
(zie hieronder)
Eq (EQ)
Equalizer van
de akoestische
resonantie
Type
Parameter
Beschrijving
CHORUS/
TREMOLO/
PHASER
rt
(RATE)
Stelt de snelheid van het eect in.
DELAY/
MOD DELAY
Fb
(FEEDBACK)
Bepaalt het aantal herhalingen voor
de delay.
OCTAVE
Vo
(VOICE)
Geeft op hoe het eectgeluid in lagen
wordt toegevoegd.
-1 (1 octaaf onder)
1 (1 octaaf boven)
1d (1 octaaf boven + ontstemmen)
SLOW GEAR
At
(ATTACK)
Regelt de tijd die nodig is om het
maximumvolume te bereiken.
RING MOD
bl
(BALANCE)
Regelt de volumebalans tussen het
directe geluid en het eectgeluid.
2. Gebruik de [?] [=]-knoppen om een waarde te
selecteren.
3. Druk op de [EXIT]-knop om de instellingsmodus af
te sluiten.
Delaytijdinstellingen (Tap Tempo)
Door op de knop of de externe voetschakelaar te tikken
in het tempo van het liedje, kunt u de delaytijd van een
gepunte achtste noot of kwartnoot van het tempo van
het liedje instellen.
& Als u de externe voetschakelaar gebruikt voor het tempo, stelt
u de “Instelling van de externe voetschakelaar (p. 13) in op de
volgende waarde.
Parameter
Waarde
Beschrijving
C1, C2 14
TAP TEMPO
1. Druk op de CHORUS [TYPE]-knop om dL (DELAY)
of “Md (MOD DELAY) te selecteren.
2. Houd de [PHASE]-knop lang ingedrukt.
3. Druk op de [MEMORY]-knop om een parameter te
selecteren (tabel raadplegen).
4. Gebruik de [?] [=]-knoppen om een waarde te
selecteren.
Parameter
Waarde
Beschrijving
dt (DELAY
TIME)
Bepaalt de delaytijd (10–990 ms).
U kunt de delaytijd ook instellen door minstens
twee keer op de [PHASE]-knop te drukken in
het tempo van het liedje. (Tap Tempo)
* BPM wordt niet weergegeven.
nt (NOTE)
Stelt de noot in voor het delaygeluid.
d
¸ (Kwartnoot)
d.&
˚ (Gepunte achtste noot)
5. Druk op de [EXIT]-knop om de instellingsmodus af
te sluiten.
Meerdere eecten tegelijk gebruiken
U kunt maximaal drie eecten van het CHORUS-gedeelte
tegelijk gebruiken.
OCTAVE
SLOW GEAR
RING MOD
CHORUS
TREMOLO
PHASER
DELAY
MOD DELAY
* U kunt één eect selecteren uit elke groep.
1. Houd de CHORUS [TYPE]-knop lang ingedrukt.
De subparameterinstellingsmodus wordt ingeschakeld.
2. Druk langere tijd op de [MEMORY]-knop.
De ON/OFF-instellingsmodus van het eect wordt ingeschakeld.
MEMO
U kunt ook naar de ON/OFF-instellingsmodus van het eect
gaan door de CHORUS [TYPE]-knop lang ingedrukt te houden.
3. Druk op de [MEMORY]-knop om een eect te
selecteren.
Elke keer dat u de knop indrukt, wordt de instelling als volgt
gewijzigd.
Ch
CHORUS
md
MOD DELAY
tr
TREMOLO
oC
OCTAVE
Ph
PHASER
SG
SLOW GEAR
dL
DELAY
rM
RING MOD
4. Gebruik de [?] [=]-knoppen om OFF (0) / ON (1) in
te stellen.
5. Herhaal stappen 3–4.
6. Druk op de CHORUS [TYPE]-knop om de
instellingsmodus af te sluiten.
* Als u de instellingen wilt annuleren (en slechts één eect
wilt gebruiken), drukt u op de [EXIT]-knop.
Wat de [CHORUS]-regelaar bedient
Als er meer dan één eect is ingeschakeld,
kan het eect dat door de [CHORUS]-
regelaar wordt bediend, worden gewisseld
door op de CHORUS [TYPE]-knop te drukken.
10
Instellingen van de vocale eecten
ENHANCE
Verbetert de helderheid van uw stem
door het invoervolume meer consistent
te maken.
[CORRECT]-knop
Corrigeert de onnauwkeurigheden in de
toonhoogte van uw stem en verbetert de
precisie van de harmonie.
Display Knop
of
OFF Niet opgelicht
St
SOFT Groen
hd
HARD Rood
REVERB
Voegt galm toe aan het geluid.
Gebruik de regelaar om het galmniveau
aan te passen.
[TYPE]-knop
Wijzigt het type galm.
Display Knop
AM
AMBIENCE Niet opgelicht
rM
ROOM Groen
H1
HALL 1 Oranje
h2
HALL 2 Rood
HARMONY
Met het “Harmony”-eect kunt u een natuurlijk
klinkende harmonie toevoegen aan uw eigen stem.
Gebruik het [HARMONY]-pedaal om de harmonie in en
uit te schakelen (p. 7).
[TYPE]-regelaar
Wijzigt het type harmonie.
Type Beschrijving
VOCALE EFFECTEN
ELECTRIC
Een mechanisch geluid waarbij de toonhoogte
in stappen verandert (tegenwoordig populair
in popmuziek).
DIST Vocale vervorming
RADIO Radiostemgeluid
HARMONY
HIGH
HIGHER
HIGH & HIGHER
LOW
HIGH & LOW
Voegt een of twee stemmen van een natuurlijk
klinkende harmonie toe volgens de instelling.
DOUBLE
Reproduceert een techniek waarbij één
persoon dezelfde melodie twee keer opneemt
om lagen toe te voegen en het geluid meer
diepte te geven.
[LEVEL]-regelaar
Past het volume van de harmonie aan, of een parameter van het
eect.
Type Beschrijving
ELECTRIC Eenvoudige toonhoogtewijziging
DIST Graad van vervorming
RADIO Volume van de radiostem
HARMONY Volume van de harmonie
De toonaard van uw liedje opgeven
[AUTO]-knop (Automatische instelling)
Als de [AUTO]-knop is ingeschakeld, zal er harmonie worden
toegevoegd aan uw stem overeenkomstig wat u speelt op de
aangesloten gitaar.
* Als u gitaar speelt én zingt, begint u met de FULL-instelling
en gebruikt u HYBRID wanneer u niet de gewenste
harmonie verkrijgt. Als u geen gitaar gebruikt, kiest u de
OFF-instelling en geeft u de toonaard op.
Display Knop Beschrijving
of
OFF
Niet
opgelicht
Er wordt harmonie toegevoegd
overeenkomstig de toonaard die is
opgegeven met de [KEY]-knop.
FL
FULL Rood
Er wordt harmonie toegevoegd
overeenkomstig de akkoordenprogressie
die op de gitaar wordt gespeeld.
hb
HYBRID Groen
Er wordt harmonie toegevoegd
overeenkomstig zowel de toonaard die
is opgegeven met de [KEY]-knop als
overeenkomstig de akkoorden die op de
gitaar worden gespeeld.
[KEY]-knop (Handmatige toonaardinstelling)
1. Druk op de [KEY]-knop om de toonaard in te stellen.
* Bv. (F#)
F#
#-symbool
(E
)
Eb
-symbool
* Geef de toonaard op van het liedje dat u zingt en raadpleeg
hierbij de onderstaande afbeelding.
Bv. Wanneer u een liedje zingt in A mineur, stelt u “C” in, wat de
overeenkomstige toonaard is.
* Als het vocale eect TYPE is ingesteld op ELECTRIC, kunt u de
toonaard ook instellen op chromatisch “Ch”.
Instellingen van de vocale eecten
English Deutsch Français Italiano Español Português Nederlands
11
Subparameterinstellingen
1. Houd de onderstaande knop lang ingedrukt.
tn (TONE)
Helderheid van het
galmgeluid
dL (DIRECT LEVEL)
Volume van de
directe microfoon
wanneer het eect
is ingeschakeld
* Dit is alleen
geldig voor
HARMONY.
Gd (GENDER)
Negatieve (–)
instellingen geven
de stem een meer
mannelijk karakter,
terwijl positieve (+)
instellingen een
meer vrouwelijk
karakter hebben.
* Dit is alleen geldig
wanneer de
[CORRECT]-knop
is opgelicht.
Type Parameter Beschrijving
ELECTRIC
Sp (SPEED)
Regelt de snelheid van de
toonhoogtewijziging.
Hogere waarden produceren een
snellere toonhoogtewijziging.
DIST
RADIO
tn (TONE)
Helderheid van het geluid
HARMONY
AC
(ACCURATE)
Als u deze waarde verhoogt, wordt de
nauwkeurigheid verhoogd waarmee
de toonhoogte van de harmonie
overeenkomt met de oorspronkelijke
toonhoogte van het vocale gedeelte.
Met de standaardinstelling (10)
wordt de harmonie weergegeven
met een correcte toonhoogte. Als de
toonhoogte van het oorspronkelijke
vocale gedeelte dus niet correct is,
weerklinkt de harmonie mogelijk niet
juist. Als dit gebeurt, verlaagt u deze
waarde.
2. Gebruik de [?] [=]-knoppen om een waarde te
selecteren.
3. Druk op de [EXIT]-knop om de instellingsmodus af
te sluiten.
Vocale bypass
U kunt een bypass uitvoeren op alle vocale eecten,
bijvoorbeeld wanneer u praat tussen liedjes.
1. Houd het [HARMONY]-pedaal minstens twee
seconden ingedrukt.
Het [HARMONY]-pedaal knippert en er wordt een bypass
uitgevoerd op de vocale eecten.
2. Als u de bypass wilt uitschakelen, drukt u op een van
de pedalen.
Meerdere eecten tegelijk gebruiken
U kunt maximaal drie eecten van het VOCAL-gedeelte
tegelijk gebruiken.
HARMONY DIST
RADIO
ELECTRIC
* U kunt een van de opties kiezen in DIST/RADIO.
1. Houd de [AUTO]-knop lang ingedrukt.
De subparameterinstellingsmodus wordt ingeschakeld.
2. Druk langere tijd op de [MEMORY]-knop.
De ON/OFF-instellingsmodus van het eect wordt ingeschakeld.
U kunt ook naar de ON/OFF-instellingsmodus van het eect
gaan door de [AUTO]-knop lang ingedrukt te houden.
3. Druk op de [MEMORY]-knop om een eect te
selecteren.
Elke keer dat u de knop indrukt, wordt de instelling als volgt
gewijzigd.
h
HIGH
db
DOUBLE
hr
HIGHER
rA
RADIO
hh
HIGH & HIGHER
dS
DIST
L
LOW
EL
ELECTRIC
hL
HIGH & LOW
4. Gebruik de [?] [=]-knoppen om OFF (0) / ON (1)
in te stellen.
5. Herhaal stappen 3–4.
6. Druk op de [AUTO]-knop om de instellingsmodus af
te sluiten.
* Als u de instellingen wilt annuleren (en slechts één eect
wilt gebruiken), drukt u op de [EXIT]-knop.
Wat de HARMONY [LEVEL]-regelaar bedient
Als er meer dan één eect is
ingeschakeld, kan het eect dat door
de HARMONY [LEVEL]-regelaar wordt
bediend, worden gewisseld door de
HARMONY [TYPE]-knop te gebruiken.
12
Looper
Door het [LOOP]-pedaal te bedienen, kunt u uw stem en gitaar onafhankelijk van
elkaar opnemen en kunt u deze gebruiken voor uitvoeringen die als loop worden
afgespeeld.
Opnemen
De opname start onmiddellijk
nadat u op het [LOOP]-pedaal hebt
gedrukt.
Druk op het pedaal op het moment
dat u de loop wilt inschakelen om
naar het afspelen over te gaan.
Loop afspelen
Speel de loop af.
Als u op het [LOOP]-pedaal drukt,
schakelt u over naar overdubben.
Overdubben
Neem bijkomende lagen op terwijl
de loop wordt afgespeeld.
Druk op het [LOOP]-pedaal om
terug te gaan naar het afspelen.
Stoppen/wissen
Druk tweemaal op het [EXIT]-pedaal om
te stoppen.
Als u de frase wilt wissen, houdt u het
[LOOP]-pedaal minstens twee seconden
ingedrukt wanneer het afspelen is gestopt.
Het opnamegedeelte (gitaar of vocaal) selecteren
Het gedeelte (gitaar of vocaal) waarvan de [LOOP]-knop is
opgelicht, zal worden opgenomen.
U kunt ook een externe voetschakelaar gebruiken om het
opgenomen gedeelte te wisselen.
& “Instelling van de externe voetschakelaar” (p. 13)
Parameter Waarde Beschrijving
C1, C2 4
LOOPER SOURCE
Instelling van niveau voor herhaaldelijk afspelen
Als u het afspeelniveau instelt op 50 (standaardwaarde), is het
volume van de uitvoering en het volume van het herhaaldelijk
afspelen identiek.
Als u het afspeelniveau instelt op een lager niveau dan 50,
is het volume van het afspelen lager dan het volume van
de uitvoering. Als gevolg hiervan wordt het geluid van de
uitvoering niet overstemd door het geluid van het herhaaldelijk
afspelen, zelfs niet wanneer u een aantal keren een opname
maakt.
1. Houd de [LOOP]-knop van het gedeelte
(gitaar of vocaal) waarvan u het afspeelniveau wilt
instellen, lang ingedrukt.
2. Gebruik de [?] [=]-knoppen om het afspeelniveau
in te stellen.
3. Druk op de [EXIT]-knop om de instellingsmodus af
te sluiten.
Kleur van [LOOP]-pedaal
Kleur Status
Rood Opnemen
Blauw Afspelen
Paars Overdubben
Blauw
(knipperend)
Gestopt (frase aanwezig)
Niet
opgelicht
Gestopt (geen frase)
Het afspelen stoppen met de externe voetschakelaar
U kunt het afspelen stoppen door de externe voetschakelaar
eenmaal in te drukken.
& “Instelling van de externe voetschakelaar” (p. 13)
Parameter Waarde Beschrijving
C1, C2 3
LOOP STOP (HOLD: CLEAR)
De volgorde voor het schakelen van REC 0 PLAY 0 DUB wijzigen
& “Looper-instelling (p. 13)
MEMO
* De opnameduur is 80 seconden.
* De opgenomen inhoud gaat verloren als u het apparaat
uitschakelt.
Tweemaal
indrukken
13
English Deutsch Français Italiano Español Português Nederlands
Geavanceerde instellingen
De standaardinstellingen herstellen
(Factory Reset)
Hier leest u hoe u de VE-8 terug instelt op de
fabrieksinstellingen.
1. Houd de (GUITAR) REVERB [TYPE]-knop en de
CHORUS [TYPE]-knop ingedrukt en schakel het
apparaat in.
Fr wordt weergegeven op de display en de [MEMORY]-knop
knippert.
* Als u het herstellen van de fabrieksinstellingen wilt annuleren,
schakelt u het apparaat uit.
2. Druk op de [MEMORY]-knop.
Het scherm knippert en de standaardinstellingen worden
hersteld.
* Schakel het toestel nooit uit tijdens Factory Reset.
3. Zodra “oK op het scherm verschijnt, kunt u de
stroom uitschakelen.
Systeeminstellingen
Instellingen die op de hele VE-8 worden gedeeld, worden
"systeeminstellingen" genoemd.
1. Houd de [MEMORY]-knop ingedrukt en druk op het
[HARMONY]-pedaal.
De [MEMORY]-knop en het [HARMONY]-pedaal zijn rood
opgelicht. De VE-8 bevindt zich in de systeeminstellingsmodus.
2. Druk op de [MEMORY]-knop om een parameter te
selecteren (tabel raadplegen).
MEMO
Als u wilt terugkeren naar de vorige parameter, houdt u de
[EXIT]-knop ingedrukt en drukt u op de [MEMORY]-knop.
3. Gebruik de [?] [=]-knoppen om een waarde te
selecteren.
4. Druk op de [EXIT]-knop om de instellingsmodus af
te sluiten.
Parameter
Waarde
Beschrijving
Instelling van de externe voetschakelaar
C1 (C1)
C2 (C2)
Geeft de functies van de externe voetschakelaar
(C1, C2) op die is aangesloten op de
MEMORY=?-aansluiting.
&
“Een voetschakelaar aansluiten (p. 6)
1 MEMORY = (C1: standaardinstelling)
2 MEMORY ? (C2: standaardinstelling)
3
LOOP STOP (HOLD: CLEAR)
4
LOOPER SOURCE
5
GUITAR ACOUSTIC RESONANCE SW
6
GUITAR CHORUS (EFFECT) SW
7
GUITAR REVERB SW
8
VOCAL ENHANCE SW
9
VOCAL HARMONY (EFFECT) SW
10
VOCAL REVERB SW
11
KEY UP
12
KEY DOWN
13
MEMORY/MANUAL
14
TAP TEMPO
15
TUNER ON/OFF
Pedaalinstelling
1M (C1-modus)
2M (C2-modus)
CP (CHORUS)
hP (HARMONY)
Geeft op hoe pedalen zich gedragen bij het
indrukken.
1
MOMENTARY
Het eect wordt alleen ingeschakeld als
het pedaal wordt ingedrukt.
2
TOGGLE
Het eect wordt in- of uitgeschakeld
elke keer dat u het pedaal indrukt
(standaardinstelling).
Instelling bij het ingedrukt houden van het MEMORY-pedaal
MP (MEMORY-
pedaal)
Met de standaardinstelling wordt de tuner of
bypass geselecteerd wanneer u een MEMORY
=?-pedaal lang ingedrukt houdt, maar u
kunt dit wijzigen zodat in plaats daarvan de
geheugennummers opeenvolgend worden
gewisseld.
0
TUNER, BYPASS (standaardinstelling)
1
Geheugennummers worden
opeenvolgend gewisseld
Looper-instelling
LP (LOOP)
Geeft de volgorde voor het schakelen van de
Looper op.
1
REC 0 PLAY 0 DUB
(standaardinstelling)
2 REC 0 DUB 0 PLAY
NOTCH/PHASE-instelling
nP (NOTCH/
PHASE)
Als u de NOTCH/PHASE-instelling wilt behouden
zelfs nadat u geheugens hebt gewisseld, kiest u
instelling “2 (SYSTEM)”.
1
MEMORY (standaardinstelling)
2
SYSTEM
Opstartmodus
SM
(Opstartmodus)
Selecteert de modus bij het opstarten.
1
MANUAL MODE (standaardinstelling)
2
MEMORY MODE
3
MEMORY STOMP MODE
Geavanceerde instellingen
14
Parameter
Waarde
Beschrijving
Auto O-instelling
Ao (Auto O)
Volgens de fabrieksinstellingen zal de
VE-8 automatisch worden uitgeschakeld 10 uur
nadat u bent gestopt met spelen of nadat u het
apparaat hebt gebruikt.
* Als u niet wilt dat het apparaat automatisch
wordt uitgeschakeld, stelt u deze instelling
in op “0 (OFF).
0
Het apparaat zal niet automatisch
worden uitgeschakeld.
1
Het apparaat wordt automatisch
uitgeschakeld na 10 uur.
(standaardinstelling)
Stomp-pedaalinstelling
Voor elk geheugen kunt u opgeven welk eect wordt
in- of uitgeschakeld wanneer u op een pedaal drukt in de
Handmatige modus of de Stomp-modus (p. 7).
1. Houd de [MEMORY]-knop ingedrukt en druk op het
[CHORUS]-pedaal.
De [MEMORY]-knop en het [CHORUS]-pedaal zijn rood opgelicht.
De VE-8 bevindt zich in de Stomp-pedaalinstellingsmodus.
Tegelijk knippert de knop van elk eect.
2. Doe met behulp van het Stomp-pedaal de knop
oplichten voor het eect dat u wilt in- of uitschakelen.
3. Druk op de [EXIT]-knop om de instellingsmodus af
te sluiten.
Geheugenmodus/Stomp-modus
4. Sla de instelling op door de procedure voor “Een
geheugen opslaan” (p. 7) te volgen.
EQ-/Ruisonderdrukker-instellingen
U kunt de EQ-instelling (equalizer) aanpassen volgens de
kenmerken van uw microfoon en gitaar.
1. Houd de [EXIT]-knop ingedrukt en druk op het
[LOOP]-pedaal.
Het [LOOP]-pedaal licht paars op; de VE-8 bevindt zich in de
EQ-instellingsmodus.
2. Gebruik
1
8
(zie onderstaande afbeelding) om de
waarde in te stellen.
5 Draai met de regelaar om de waarde in te stellen
5 Druk op de knop en gebruik de [?][=]-knoppen om de waarde
in te stellen
MID GAIN
GUITAR
INPUT
SENS
NOISE
SUPPRESSOR
MID GAIN
HI GAIN HI GAIN
LOW GAIN LOW GAIN
1
2
3
4
5
1 6
2
4
5
3
6
7
8 8
EQ van gitaar
EQ van vocale
gedeelte
LOW CUT
OFF, 8 (80 HZ),
16 (160 Hz)
20 (200 Hz)–
5.0 (5.0k Hz)
0.5–16
MID FREQ
LOW GAIN MID GAIN HI GAIN
0
50
99
1 3 6
2
4
MID Q
5
7
Invoergevoeligheid van de gitaar (0–50–99)
8
Ruisonderdrukker (GUITAR/MIC)
Onderdrukt ruis en gezoem (0–50).
3. Druk op de [EXIT]-knop om de instellingsmodus af
te sluiten.
De standaardwaarden van de EQ-instellingen terugzetten
In de EQ-instellingsmodus kunt u de [MEMORY]-knop
ingedrukt houden en op de [EXIT]-knop drukken om de
standaardwaarden van de EQ-instellingen terug te zetten.
15
English Deutsch Français Italiano Español Português Nederlands
Bijlagen
Belangrijkste specicaties
BOSS VE-8: Acoustic Singer
Voeding
Netstroomadapter, alkalinebatterij (AA,
LR6) x 6
Stroomverbruik 360 mA
Verwachte
batterijlevensduur
bij continu gebruik
Alkalinebatterij:
Ong. 4.5 uren (fantoomvoeding: OFF)
Ong. 2.5 uren (fantoomvoeding: ON)
* Deze waarden variëren afhankelijk van de
werkelijke gebruiksomstandigheden.
Afmetingen 217 (B) × 161 (D) × 65 (H) mm
Gewicht 1.3 kg
Accessoires
Gebruikershandleiding, infoblad
“HET APPARAAT VEILIG GEBRUIKEN”,
netstroomadapter
Opties (apart
verkrijgbaar)
Voetschakelaar: FS-5U
Dubbele voetschakelaar: FS-6, FS-7
* Met het oog op productverbetering kunnen de specicaties
en/of het uitzicht van dit toestel worden gewijzigd zonder
voorafgaande kennisgeving.
HET APPARAAT VEILIG GEBRUIKEN
WAARSCHUWING
Als u het apparaat volledig wilt uitschakelen, trekt u de stekker
uit het stopcontact
Zelfs wanneer het apparaat is uitgeschakeld,
betekent dit niet dat dit apparaat volledig van
de stroomtoevoer is losgekoppeld. Als u de
stroomtoevoer volledig wilt afsluiten, zet u de aan/
uit-schakelaar op het apparaat uit en trekt u de stekker uit het
stopcontact. Hiervoor is het belangrijk dat het stopcontact dat
u kiest om de stekker van het netsnoer aan te sluiten binnen
handbereik is en gemakkelijk toegankelijk is.
De Auto O-functie
Dit apparaat wordt automatisch uitgeschakeld na
een vooraf ingestelde tijdsspanne sinds het apparaat
voor het laatst werd gebruikt om muziek af te spelen
of sinds de knoppen of bedieningselementen
van het apparaat voor het laatst werden gebruikt (Auto O-
functie). Als u niet wilt dat het apparaat automatisch wordt
uitgeschakeld, schakelt u de Auto O-functie uit (p. 14).
Gebruik alleen de meegeleverde netstroomadapter en het
correcte voltage
Gebruik alleen de netstroomadapter die bij het
apparaat wordt geleverd. Ga na of het lijnvoltage
van het elektriciteitsnet overeenkomt met het
ingangsvoltage dat op de netstroomadapter wordt
weergegeven. Andere netstroomadapters gebruiken
mogelijk een andere polariteit of zijn ontworpen voor een
ander voltage. Het gebruik van dergelijke adapters kan
resulteren in schade, defecten of elektrische schokken.
OPGELET
Voorzorgen betreende de fantoomvoeding
Schakel fantoomvoeding altijd uit als u andere
apparaten dan condensatormicrofoons die
fantoomvoeding vereisen, aansluit. U loopt kans op
schade als u per ongeluk fantoomvoeding levert aan
dynamische microfoons, audioweergaveapparaten
of andere apparaten die geen fantoomvoeding vereisen.
Controleer de specicaties van microfoons die u wilt gebruiken
door de bijhorende handleiding te raadplegen.
(De fantoomvoeding van dit instrument: 48 V DC, 10 mA Max)
BELANGRIJKE OPMERKINGEN
Voeding: Gebruik van batterijen
“HET APPARAAT VEILIG GEBRUIKEN” en “BELANGRIJKE
OPMERKINGEN” (infoblad “HET APPARAAT VEILIG GEBRUIKEN”
en gebruikershandleiding (“HET APPARAAT VEILIG
GEBRUIKEN” (p. 15)))
Als de stroomvoorziening gebeurt op batterijen, gebruikt
ualkalinebatterijen.
We raden aan dat u de batterijen in het apparaat laat, zelfs
als u de netstroomadapter gebruikt. Zo kunt u blijven
spelen, zelfs wanneer het snoer van de netstroomadapter
per ongeluk losraakt van het apparaat.
Wanneer u het apparaat omkantelt, moet u de knoppen en
regelaars beschermen tegen schade. Ga ook voorzichtig om
met het apparaat, laat het niet vallen.
Herstellingen en gegevens
Denk eraan dat alle gegevens in het geheugen van het
apparaat verloren kunnen gaan als het apparaat voor
reparatie wordt ingezonden. Noteer belangrijke gegevens
steeds op papier (wanneer mogelijk). Tijdens herstellingen
wordt er met de nodige zorg gewerkt om gegevensverlies
te vermijden. In bepaalde gevallen echter (zoals wanneer
het circuit van het geheugen zelf mankementen vertoont)
kunnen we de gegevens mogelijk niet herstellen en
Roland erkent geen aansprakelijkheid voor dergelijk
gegevensverlies.
Extra voorzorgsmaatregelen
Denk eraan dat de inhoud van het geheugen onherroepelijk
kan worden gewist als gevolg van een defect of verkeerd
gebruik van het apparaat. Om te vermijden dat belangrijke
gegevens verloren gaan, moeten belangrijke gegevens
altijd op papier worden genoteerd.
Het is helaas niet altijd mogelijk om de inhoud van
gegevens die zijn opgeslagen in het geheugen van het
apparaat, te herstellen eenmaal ze verloren zijn. Roland
Corporation kan niet aansprakelijk worden gesteld voor
dergelijk verlies van gegevens.
Gebruik geen verbindingskabels met een ingebouwde
weerstand.
Intellectueel eigendomsrecht
Het opnemen met audio- of videoapparatuur, kopiëren,
herwerken, distribueren, verkopen, leasen, uitvoeren
of uitzenden van materiaal (muziek, videomateriaal,
uitzendingen, liveoptredens enzovoort) onder auteursrecht
dat geheel of gedeeltelijk eigendom is van een derde,
is wettelijk niet toegestaan zonder de toestemming van
de auteursrechteigenaar. Gebruik dit apparaat niet voor
doeleinden die kunnen leiden tot een inbreuk op een
auteursrecht dat eigendom is van een derde. Wij zijn niet
verantwoordelijk voor inbreuken op auteursrechten van
derden die ontstaan uit uw gebruik van dit apparaat.
ASIO is een handelsmerk en software van Steinberg Media
Technologies GmbH.
Dit product bevat het geïntegreerde eParts-softwareplatform
van eSOL Co.,Ltd. eParts is een handelsmerk van eSOL Co.,
Ltd. in Japan.
Roland en BOSS zijn gedeponeerde handelsmerken of
handelsmerken van Roland Corporation in de Verenigde
Staten en/of andere landen.
Bedrijfs- en productnamen in dit document zijn
gedeponeerde handelsmerken of handelsmerken van hun
respectieve eigenaars.
Bijlagen
16
Foutbericht
Display Beschrijving
bt
De batterijen zijn bijna leeg. Plaats nieuwe batterijen.
Problemen oplossen
Probleem Oorzaak Handeling
Op de display wordt bt
weergegeven
De batterijen zijn bijna leeg. Plaats nieuwe batterijen.
De batterijen zijn snel leeg
Gebruikt u koolstof-zinkbatterijen? Gebruik alkalinebatterijen.
Gebruikt u fantoomvoeding?
Als u fantoomvoeding gebruikt, raken batterijen
sneller leeg. U kunt bijvoorbeeld een dynamische
microfoon gebruiken die geen fantoomvoeding
vereist of u kunt een netstroomadapter gebruiken
(p. 2).
Geen geluid/laag volume
Is de uitvoerinstelling correct?
Afhankelijk van de instellingen van de XLR- en
LINE-aansluitingen wordt het geluid van de gitaar
of de microfoon mogelijk niet uitgestuurd via de
aansluitingen.
Als “USB Direct Out” is uitgeschakeld, wordt
het geluid niet uitgestuurd via de OUTPUT-
aansluitingen.
Controleer de “Uitvoerinstellingen (p. 5).
Zijn de andere apparaten correct aangesloten? Controleer de aansluitingen opnieuw (p. 3).
Is het volume of het ingangsniveau van de
aangesloten mixer of recorder gedempt?
Controleer de instellingen van het aangesloten
apparaat.
Er wordt geen galm
uitgestuurd via de
OUTPUT-aansluitingen
Is de uitvoerinstelling correct?
Controleer de “Als u galm naar het PA-systeem wilt
sturen (p. 5).
Het volume van de microfoon
is laag/Het geluid is vervormd
Is de [MIC SENS]-regelaar correct ingesteld?
Wanneer het ingangsniveau te hoog is, licht de
PEAK-indicator rood op.
Pas de instelling op de juiste manier aan (p. 2).
Is de [PHANTOM]-schakelaar ingesteld op “OFF”?
Als u een condensatormicrofoon gebruikt die
fantoomvoeding vereist, stelt u de [PHANTOM]-
schakelaar in op ON (p. 2).
Is de uitvoer van een andere eectenprocessor
aangesloten op de MIC INPUT-aansluiting?
Sluit uw microfoon rechtstreeks aan op de MIC INPUT-
aansluiting.
Het harmoniegeluid met de
AUTO-instelling is verkeerd
(de akkoorden worden niet
gedetecteerd)
Is de uitvoer van een andere eectenprocessor
aangesloten op de GUITAR INPUT-aansluiting?
Als een ander eectapparaat wordt gebruikt, is
het misschien niet mogelijk om akkoorden te
detecteren.
Sluit uw gitaar rechtstreeks aan op de GUITAR INPUT-
aansluiting.
For the USA
DECLARATION OF CONFORMITY
Compliance Information Statement
Model Name :
Type of Equipment :
Responsible Party :
Address :
Telephone :
VE-8
Signal Processor
Roland Corporation U.S.
5100 S. Eastern Avenue Los Angeles, CA 90040-2938
(323) 890-3700
* 5 1 0 0 0 5 0 4 3 8 - 0 2 *
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18

Boss VE-8 de handleiding

Type
de handleiding