Roland TRI-Capture de handleiding

Categorie
Audiomixers
Type
de handleiding
06
Werkwijze voor opname met de TRI-CAPTURE
Opnemen
DAW (Digital Audio
Workstation) is de generische
term, gebruikt voor software
voor het creëren van muziek.
Installeer het stuurprogramma (p. 14).
Bereid de DAW-software,
zoals Ableto Live,
GarageBand, Logic, enz.
voor.
Ja Neen
Stel het invoer-/uitvoerapparaat in op het DAW (p. 21).
Sluit een gitaar of een microfoon aan op de TRI-CAPTURE (p.
24
).
Stel de functie REC MODE in op "GUITAR/MIC" (p. 24).
Hebt u een DAW?
Windows/Mac OS X
3
HET APPARAAT VEILIG GEBRUIKEN
WAARSCHUWING
Open het apparaat niet en voer geen interne
wijzigingen uit.
Probeer het apparaat niet te herstellen of
onderdelen ervan te vervangen (behalve
als deze handleiding specieke instructies
geeft om dat te doen). Laat het onderhoud
over aan uw handelaar, het dichtstbijzijnde
Roland Service Center of een bevoegde
Roland-verdeler, zoals vermeld op de pagina
"Information".
WAARSCHUWING
Installeer het apparaat nooit op plaatsen die
aan extreme temperaturen worden
blootgesteld (bv. rechtstreeks zonlicht in
een gesloten voertuig, in de buurt van een
verwarmingsleiding, op apparatuur die
warmte produceert);
nat zijn (bv. badkamer, sanitaire ruimtes, op
natte vloeren);
blootgesteld zijn aan stoom of rook;
blootgesteld zijn aan zout;
blootgesteld zijn aan een hoge
vochtigheidsgraad;
blootgesteld zijn aan regen;
stog of zanderig zijn;
aan hoge trillingsniveaus en schokken
worden blootgesteld.
Zorg ervoor dat het apparaat altijd horizontaal
en stabiel is geplaatst. Plaats het apparaat
nooit op een standaard die kan wankelen of
op hellende oppervlakken.
Gebruikt voor instructies die de gebruiker
waarschuwen voor risico’s op verwondingen
of materiaalschade indien het apparaat
verkeerd wordt gebruikt.
* Materiaalschade verwijst naar schade
of negatieve effecten die veroorzaakt
worden met betrekking tot de woning
en de volledige inrichting, alsook
huisdieren.
Gebruikt voor instructies die de gebruiker
waarschuwen voor levensgevaarlijke
risico’s of risico’s op verwondingen indien
het apparaat verkeerd wordt gebruikt.
Het -symbool wijst de gebruiker op handelingen die
moeten worden uitgevoerd. De specifieke handeling die
moet worden uitgevoerd, wordt door het pictogram binnen
de cirkel aangeduid. Het symbool links geeft aan dat het
netsnoer uit het stopcontact moet worden getrokken.
Het -symbool waarschuwt de gebruiker voor belangrijke
instructies of waarschuwingen. De specifieke betekenis van
het symbool wordt bepaald door het pictogram binnen de
driehoek. Het symbool links wordt gebruikt voor algemene
waarschuwingen voor gevaar.
Het -symbool waarschuwt de gebruiker voor items die
nooit mogen worden gebruikt (verboden). De specifieke
handeling die niet mag worden gedaan, wordt door het
pictogram binnen de cirkel aangeduid. Het symbool links
betekent dat het apparaat nooit gedemonteerd mag worden.
Over aanduidingen WAARSCHUWING en OPGELET
Over de symbolen
LET STEEDS OP HET VOLGENDE
HET APPARAAT VEILIG GEBRUIKEN
INSTRUCTIES TER VERMIJDING VAN BRAND, ELEKTRISCHE SCHOKKEN OF VERWONDING VAN PERSONEN
WAARSCHUWING
OPGELET
Lees voor u het apparaat gebruikt zorgvuldig de hoofdstukken "HET APPARAAT VEILIG GEBRUIKEN" en "BELANGRIJKE OPMERKINGEN"
(p. 3; p. 5). Deze hoofdstukken bevatten belangrijke informatie over de juiste bediening van het apparaat. Om er bovendien zeker van
te zijn dat u elke functie van uw nieuwe apparaat goed begrijpt, leest u best de hele gebruikershandleiding. De handleiding moet als
handige referentie worden bewaard en voorhanden zijn.
4
HET APPARAAT VEILIG GEBRUIKEN
WAARSCHUWING
Dit apparaat kan, hetzij alleen of in
combinatie met een versterker en
een hoofdtelefoon of luidsprekers,
geluidsniveaus produceren die kunnen
leiden tot blijvend gehoorverlies. Werk
nooit lange tijd achter elkaar op een hoog
of oncomfortabel volumeniveau. Wanneer
u een bepaalde mate van gehoorverlies of
een piep in de oren bemerkt, moet u het
apparaat direct uitzetten en een audioloog
consulteren.
Plaats geen recipiënten met vloeistoen
op dit product. Zie erop toe dat er nooit
vreemde voorwerpen (zoals brandbare
voorwerpen, muntstukken, draden) of
vloeistoen (zoals water of fruitsap) in het
product terechtkomen. Dat kan immers
kortsluitingen, defecten of andere storingen
veroorzaken.
Koppel onmiddellijk de USB-kabel los en
ga voor onderhoud naar uw handelaar, het
dichtstbijzijnde Roland Service Center of een
bevoegde Roland-verdeler, zoals vermeld op
het blad met de titel "Information", indien:
objecten of vloeistof in het apparaat zijn
terechtgekomen;
er rook of ongewone geuren uit het
toestel komen;
het apparaat aan regen werd blootgesteld
(of op een andere manier nat is
geworden);
het apparaat niet normaal lijkt te werken
of opmerkelijk anders functioneert.
Bij gezinnen met kleine kinderen dient
een volwassene toezicht te houden tot het
kind in staat is om alle regels te volgen die
essentieel zijn voor het veilige gebruik van
het apparaat.
Bescherm het apparaat tegen sterke
schokken.
(Laat het niet vallen!)
SPEEL een CD-ROM NIET AF op een
conventionele audio-cd-speler. Het
geproduceerde geluidsniveau is mogelijk
zo hoog dat het permanente gehoorschade
kan veroorzaken. Luidsprekers en andere
systeemonderdelen worden hierdoor
mogelijk beschadigd.
OPGELET
Zorg ervoor dat de snoeren en kabels niet in
de war raken. Plaats alle snoeren en kabels
ook buiten het bereik van kinderen.
Ga nooit op het apparaat staan en leg er
geen zware voorwerpen op.
Koppel alle snoeren los van externe
apparaten voordat u het apparaat verplaatst.
Schakel altijd de fantoomvoeding uit
als u om het even welk ander apparaat
dan een condensatormicrofoon, die
fantoomvoeding vereist, aansluit. Indien
u accidenteel fantoomvoeding toevoert
aan dynamische microfoons, audio-
weergavetoestellen, of andere apparaten
die geen dergelijke voeding nodig hebben,
kunnen deze beschadigd raken. Controleer
de specicaties van elke microfoon die u
wilt gebruiken in de daarbij meegeleverde
handleiding.
(De fantoomvoeding van dit instrument bedraagt 48 V
DC, 10 mA Max)
5
BELANGRIJKE OPMERKINGEN
Stroomvoorziening
Onderbreek de stroomtoevoer naar alle apparaten
voordat u dit apparaat op andere apparaten aansluit.
Op die manier voorkomt u defecten en/of schade aan
luidsprekers of andere apparaten.
Plaatsing
Het gebruik van dit apparaat in de nabijheid
van versterkers (of andere apparatuur die grote
transformatoren bevat) kan tot gezoem leiden. Om dit
probleem te verhelpen verandert u de richting van dit
apparaat, of zet u het verder van de storingsbron weg.
Dit apparaat kan radio- en televisieontvangst verstoren.
Gebruik dit apparaat niet in de buurt van dergelijke
ontvangers.
Ruis kan ontstaan als draadloze
communicatieapparaten, zoals gsm's, in de buurt
van dit apparaat worden gebruikt. Dergelijke ruis kan
ontstaan als u een oproep ontvangt, u iemand opbelt of
tijdens gesprekken. Verplaats deze draadloze toestellen
zodat ze zich op een grotere afstand van dit apparaat
bevinden of schakel ze uit als u dergelijke problemen
ondervindt.
Stel het apparaat niet bloot aan rechtstreeks zonlicht,
plaats het niet in de buurt van warmtebronnen, laat
het niet achter in een gesloten voertuig en stel het niet
bloot aan extreme temperaturen. Overmatige warmte
kan het apparaat vervormen of verkleuren.
Bij verplaatsing van een locatie naar een andere waar de
temperatuur en/of vochtigheid sterk verschilt, kunnen
er waterdruppels (condens) gevormd worden in het
apparaat. Er kunnen schade of storingen ontstaan als u
het apparaat in deze toestand gebruikt. Voordat u het
apparaat gebruikt, laat u het enkele uren liggen tot de
condens volledig verdampt is.
Naargelang het materiaal en de temperatuur van het
oppervlak waarop u dit apparaat plaatst, kunnen de
rubberen voeten verkleuren of het oppervlak aantasten.
U kunt een stukje vilt of stof onder de rubberen voeten
aanbrengen om dit te voorkomen. Zorg er als u dit doet
voor, dat het apparaat niet per ongeluk kan wegglijden
of bewegen.
Plaats geen recipiënt met water (bijvoorbeeld een vaas
met bloemen) op dit apparaat. Vermijd ook het gebruik
van insecticiden, parfum, alcohol, nagellak, spuitbussen
enz. in de buurt van het apparaat. Veeg op het apparaat
gemorste vloeistof snel af met een droge, zachte doek.
Onderhoud
Gebruik een zachte, droge doek of een doek die licht
bevochtigd is met water om het apparaat dagelijks af
te vegen. Gebruik een doek die met een zachte, niet-
schurende zeepoplossing is bevochtigd om hardnekkig
vuil te verwijderen. Veeg vervolgens het apparaat
grondig schoon met een zachte, droge doek.
Gebruik geen benzine, verdunningsmiddelen, alcohol
of oplosmiddelen om verkleuring en/of vervorming te
voorkomen.
Extra voorzorgsmaatregelen
Draag voldoende zorg bij het gebruik van de knoppen,
schuifknoppen of andere bedieningselementen van
het apparaat en bij het gebruik van aansluitingen
en ingangen. Ruw omgaan met de apparatuur kan
defecten veroorzaken.
Neem de stekker vast als u kabels aansluit/loskoppelt.
Trek nooit aan de kabel. Op die manier vermijdt u
kortsluitingen of schade aan de inwendige elementen
van de kabel.
Probeer het volume van dit apparaat op een redelijk
niveau te houden om te vermijden dat u uw buren
stoort. U kunt ervoor kiezen om een hoofdtelefoon te
gebruiken, zodat u zich geen zorgen om de personen in
uw naaste omgeving hoeft te maken.
Verpak het apparaat indien mogelijk in de doos
(inclusief vulling) waarin het werd geleverd als u
het moet vervoeren. In het andere geval zult u een
gelijkwaardige verpakking moeten gebruiken.
Sommige aansluitkabels bevatten weerstanden.
Gebruik geen kabels met ingebouwde weerstand voor
het aansluiten van dit apparaat. Door het gebruik van
dergelijke kabels kan het geluidsniveau extreem laag of
onhoorbaar zijn. Voor informatie over de specicaties
van de kabels raadpleegt u de fabrikant ervan.
Cd gebruiken
Voorkom het aanraken of bekrassen van de glanzende
onderkant (gecodeerd oppervlak) van de disk.
Beschadigde of vuile cd's worden mogelijk niet
correct gelezen. Gebruik een in de handel verkrijgbare
cd-reiniger om uw disks zuiver te houden.
6
BELANGRIJKE OPMERKINGEN
* Microsoft, Windows en Windows Vista zijn
gedeponeerde handelsmerken of handelsmerken van
Microsoft Corporation.
* Windows® is ocieel gekend als "Microsoft® Windows®-
besturingssysteem".
* De schermafbeeldingen in dit document worden
gebruikt in overeenstemming met de richtlijnen van
Microsoft Corporation.
* Macintosh en Mac OS zijn gedeponeerde
handelsmerken of handelsmerken van Apple Inc.
* ASIO is een gedeponeerd handelsmerk van Steinberg
Media Technologies GmbH.
* De bedrijfsnamen en productnamen in dit document
zijn gedeponeerde handelsmerken of handelsmerken
van hun respectieve eigenaars.
* MMP (Moore Microprocessor Portfolio)
verwijst naar een patentportfolio betreende
microprocessorarchitectuur, ontwikkeld door
Technology Properties Limited (TPL). Roland gebruikt
deze technologie onder licentie van TPL Group.
Copyright © 2011 ROLAND CORPORATION
Alle rechten voorbehouden. Geen enkel deel van deze publicatie mag worden gereproduceerd in
om het even welke vorm zonder schriftelijke toestemming van ROLAND CORPORATION.
Roland is een geregistreerd handelsmerk van Roland Corporation in de Verenigde Staten en/of
andere landen.
7
Inhoudsopgave
HET APPARAAT VEILIG GEBRUIKEN ......................................................................................................3
BELANGRIJKE OPMERKINGEN...............................................................................................................5
Inhoud van de verpakking ....................................................................................................................8
Beschrijving van de onderdelen ....................................................................................................... 10
Bovenzijde ...................................................................................................................................................................................10
Achterzijde ..................................................................................................................................................................................12
Onderzijde ...................................................................................................................................................................................13
Installatie van het stuurprogramma ................................................................................................ 14
Controleren of het geluid hoorbaar is ...............................................................................................................................19
Gebruik .................................................................................................................................................. 21
Instellingen invoer-/uitvoerapparaat ................................................................................................................................21
Afspelen .......................................................................................................................................................................................22
Opnemen .....................................................................................................................................................................................23
Geluid van een microfoon of gitaar opnemen (MIC/GUITAR) .....................................................................24
Geluid van een microfoon of gitaar opnemen in combinatie met geluid van een audioapparaat
(ALL INPUTS) .................................................................................................................................................................
26
Geluid van een microfoon of gitaar mixen met audiogegevens die worden afgespeeld op een
computer (LOOP BACK) ............................................................................................................................................
28
Problemen oplossen............................................................................................................................ 30
Problemen bij het installeren van het stuurprogramma ............................................................................................ 30
Problemen bij gebruik van de TRI-CAPTURE ..................................................................................................................31
De instellingen van de computer wijzigen om problemen te voorkomen ......................................................... 36
Instelling Opties voor stuurprogrammahandtekening (Windows XP) ....................................................36
Energiebeheerinstellingen ......................................................................................................................................37
Systeeminstelling "Prestaties" (Windows)..........................................................................................................38
Het systeemvolume aanpassen ............................................................................................................................. 39
Instellingen voor stemcommunicatiesoftware (Windows 8/Windows 7) ..............................................40
Instellingen Monitoring-functie (Windows 8/Windows 7) ..........................................................................40
Het stuurprogramma opnieuw installeren......................................................................................................................41
Het stuurprogramma verwijderen ........................................................................................................................41
Geavanceerde stuurprogramma-instellingen ................................................................................................................43
Voornaamste specicaties ................................................................................................................. 45
Index ....................................................................................................................................................... 47
Blokschema's voor de REC MODE ..................................................................................................... 48
MIC/GUITAR ................................................................................................................................................................................48
ALL INPUTS .................................................................................................................................................................................. 48
LOOP BACK ..................................................................................................................................................................................49
8
Inhoud van de verpakking
Controleer na het openen van de verpakking of alle items aanwezig zijn.
(Als er accessoires ontbreken, gelieve contact op te nemen met uw verkoper.)
TRI-CAPTURE
Gebruikershandleiding
Dit is het document dat u leest. Houd het bij de hand om het eventueel later te kunnen raadplegen.
CD-ROM met TRI-CAPTURE-stuurprogramma's
Deze CD-ROM bevat de TRI-CAPTURE-stuurprogramma's en demosongs.
* Voorkom het aanraken of bekrassen van de glanzende onderkant (gecodeerd oppervlak) van de
disk. Beschadigde of vuile cd's worden mogelijk niet correct gelezen. Gebruik een in de handel
verkrijgbare CD-ROM-/DVD-ROM-reiniger om uw disks zuiver te houden.
Ableton Live Lite Serial Number Card
De serienummerkaart van Ableton Live Lite vermeldt een serienummer dat u nodig hebt wanneer
u Ableton Live Lite gaat installeren. Dit serienummer kan niet opnieuw worden gegeven. Zorg dat u
het niet verliest. Details over de installatieprocedure en andere informatie vindt u op http://roland.
cm/livelite . Gelieve er rekening mee te houden dat Roland geen onderteuning verleent voor
Ableton Live Lite.
USB-kabel
Gebruik deze kabel om de TRI-CAPTURE op de USB-connector van uw computer aan te sluiten.
* Indien u een vervangexemplaar nodig heeft wegens verlies of schade, neemt u contact op met
het dichtstbijzijnde Roland Service-center, of een bevoegde Roland-verdeler, zoals opgesomd op
de pagina "Information".
9
Inhoud van de verpakking
U moet zorgen voor de volgende items
Externe versterker, luidsprekers, hoofdtelefoon, enz., voor het luisteren naar het geluid dat
beschikbaar is via de TRI-CAPTURE
Microfoon, gitaar, enz., voor het sturen van audio naar de TRI-CAPTURE
10
Beschrijving van de onderdelen
Opmerking
Sluit de TRI-CAPTURE niet aan op de computer voordat het stuurprogramma is geïnstalleerd (p. 14).
Bovenzijde
1
10
2
8
7
3
4
5
6
9
1. [PHANTOM]-knop
Schakelt de fantoomvoeding naar de XLR- of de INPUT 1 (MIC)-aansluiting in of uit.
Aangesloten uitrusting [PHANTOM]-knop
Condensatormicrofoon 48V
Andere uitrusting OFF
U moet de [PHANTOM]-knop op "OFF" laten staan tenzij er condensatormicrofoons, die
fantoomvoeding nodig hebben, worden aangesloten op de XLR-aansluitingen. Het toepassen van
fantoomvoeding op een dynamische microfoon of een audiospeler kan leiden tot storingen. Zie
voor meer informatie over het aansluiten van uw microfoon de handleiding ervan.
TRI-CAPTURE's fantoomvoeding: DC 48 V, maximaal 10 mA
2. [Hi-Z]-knop
Omschakelen van de impedantie van de INPUT 2 (GUITAR)-ingang. U kunt kiezen tussen een hoge
impedantie (Hi-Z) of een lage impedantie (Lo-Z), zoals vereist voor de aangesloten apparatuur.
Aangesloten uitrusting [Hi-Z]-knop
Gitaar of bas ON (hoge impedantie)
Andere uitrusting OFF (lage impedantie)
11
Beschrijving van de onderdelen
3. PEAK-indicatoren
Licht op indien het niveau van het ingangssignaal te hoog is. Gebruik de [INPUT 1 (MIC)]-, [INPUT 2
(GUITAR)]- en [INPUT 3 (AUX)]-knop om het ingangsniveau in te stellen zodat de PEAK-indicator niet
oplicht.
4. SIG-indicatoren
De overeenstemmende indicator licht op wanneer er een audiosignaal ingevoerd wordt via de
INPUT 1 (MIC)-, INPUT 2 (GUITAR)- of INPUT 3 (AUX)-aansluiting.
5. [INPUT 1 (MIC)]-knop, [INPUT 2 (GUITAR)]-knop, [INPUT 3 (AUX)]-knop
Voor het regelen van het volume van het audiosignaal ingevoerd via de INPUT 1 (MIC)-, INPUT 2
(GUITAR)- of INPUT 3 (AUX)-aansluiting.
Het ingangsvolume wordt niet ingesteld op nul, zelfs niet als u de [INPUT 1 (MIC)]-knop volledig naar
links draait. Het ingangsvolume wordt wel op nul ingesteld als de [INPUT 2 (GUITAR)]- of [INPUT 3
(AUX)]-knop volledig naar links wordt gedraaid.
6. [REC MODE]-knop
De TRI-CAPTURE beschikt over drie opnamestanden. U kunt de opnamestand wijzigen door op deze
knop te drukken (p. 23).
7. [INPUT MONITOR]-knop
Hiermee kunt u het ingangssignaal
rechtstreeks uitvoeren.
Wanneer de [INPUT MONITOR]-knop
ingesteld is op "ON", kunt u de uitvoer
van het aangesloten instrument
rechtstreeks beluisteren zonder dat het
audiosignaal door de computer wordt
verwerkt.
Wanneer de [INPUT MONITOR]-knop
ingesteld is op "OFF", wordt het
audiosignaal van het instrument
verwerkt door de computer, waardoor
het geluid mogelijk vertraagd
wordt weergegeven. Wanneer er
software wordt gebruikt die ASIO 2.0
ondersteunt, bepaalt de ASIO Direct
Monitor-instelling deze instelling.
8. [OUTPUT MUTE]-knop
Hiermee kunt u de uitvoer van het audiosignaal via de OUTPUT-aansluiting in- of uitschakelen.
Het audiosignaal wordt uitgestuurd via de PHONES-aansluiting, ongeacht de instelling van de
[OUTPUT MUTE]-knop.
9. Indicator uitgangsniveau
Duidt het uitgangsvolume aan. De indicatoren voor het uitgangsniveau werken altijd, ongeacht de
instelling van de [OUTPUT MUTE]-knop.
[INPUT MONITOR]-knop
OFF
+
ON
+
INPUT 1 (MIC)
INPUT 2 (GUITAR)
INPUT 3 (AUX)
OUTPUT
PHONES
12
Beschrijving van de onderdelen
10. [PHONES]-knop
Hiermee kunt u het volume van het audiosignaal dat uitgevoerd wordt via de PHONES-aansluiting
regelen.
* Het volume van de signalen die uitgevoerd worden via de OUTPUT-aansluitingen kan niet
aangepast worden op de TRI-CAPTURE zelf.
Achterzijde
11 12
13
14
15 16
11. PHONES-aansluiting
Voor het aansluiten van een hoofdtelefoon. Het audiosignaal wordt uitgevoerd via de PHONES-
aansluiting, ongeacht de instelling van de [OUTPUT MUTE]-knop.
12. OUTPUT-aansluiting (combinatie gebalanceerde TRS/niet-gebalanceerde TS)
Uitgang van het analoge audiosignaal.
* De aansluitschema's voor de gebalanceerde TRS-
aansluitingen worden weergegeven op de afbeelding.
Maak de aansluitingen pas nadat u de pinbelegging van de
andere apparatuur die u wilt aansluiten hebt gecontroleerd.
Een niet-gebalanceerde TS-aansluiting kan ook aangesloten
worden.
13. USB-connector
Wordt gebruikt om verbinding te maken met een computer.
Voor u de verbinding maakt, moet het stuurprogramma geïnstalleerd zijn (p. 14).
14. INPUT 3 (AUX)-aansluitingen
Wordt gebruikt voor het aansluiten van een audioapparaat.
U kunt het volume van het ingevoerde audiosignaal regelen met de [INPUT 3 (AUX)]-knop.
15. INPUT 2 (GUITAR)-aansluiting
Wordt gebruikt voor het aansluiten van een gitaar of bas.
U kunt het volume van het ingevoerde audiosignaal regelen met de [INPUT 2 (GUITAR)]-knop.
GND (SLEEVE)
HOT (TIP)
COLD (RING)
GND (SLEEVE)
HOT (TIP)
13
Beschrijving van de onderdelen
16. INPUT 1 (MIC)-aansluiting
Dit is een analoge audio-ingang. Nominaal ingangsniveau: -60 tot -30 dBu
Deze aansluiting kan 48 V-fantoomvoeding leveren voor het aansluiten van een
condensatormicrofoon met fantoomvoeding. Stel in dit geval de [PHANTOM]-knop in op "48V".
* Dit instrument is voorzien van gebalanceerde (XLR, TRS)
ingangen. De aansluitschema's voor deze aansluitingen worden
weergegeven op de afbeelding. Maak de aansluitingen pas
nadat u de aansluitschema's van de apparatuur die u wilt
aansluiten hebt gecontroleerd.
Onderzijde
* Neem voor het omgekeerd leggen van het apparaat een aantal kranten of magazines, en
plaats deze onder de vier hoeken of langs de beide uiteinden om schade aan de knoppen en
bedieningselementen te voorkomen. Probeer het apparaat te plaatsen zodat er geen knoppen of
bedieningselementen beschadigd raken.
17 18
17. [SAMPLE RATE]-schakelaar
Hiermee kunt u de samplesnelheid instellen voor het op te nemen of af te spelen audiosignaal.
Wanneer u de samplesnelheid wijzigt, koppelt u de USB-kabel tussen de TRI-CAPTURE en de
computer los en sluit u deze vervolgens opnieuw aan.
18. [MODE]-schakelaar
Hiermee kunt u de opname- of weergavestand selecteren wanneer de [SAMPLE RATE]-schakelaar
ingesteld is op "96k".
Wanneer de [SAMPLE RATE]-schakelaar ingesteld is op "96k", kan de TRI-CAPTURE audiogegevens
niet tegelijk opnemen en afspelen. Stel voor opname de [MODE]-schakelaar in op "REC", en stel voor
weergave de [MODE]-schakelaar in op "PLAY".
1: GND2: HOT
3: COLD
14
Opmerking
Sluit de TRI-CAPTURE niet aan op de computer totdat u hierom gevraagd wordt.
Een "stuurprogramma" is software die gegevens verzendt tussen de TRI-CAPTURE en een
softwaretoepassing die op uw computer draait, als uw computer en de TRI-CAPTURE met
elkaar verbonden zijn.
1. Start de computer op zonder dat de TRI-CAPTURE erop is aangesloten.
Koppel alle USB-kabels los, behalve de kabels voor een USB-toetsenbord en/of een USB-muis
(indien gebruikt).
Windows
Meld u aan op de computer met een gebruikersaccount die over beheerdersrechten
beschikt.
Windows 8
Schakel over naar het “Bureaublad”.
2. Sluit alle actieve toepassingen.
3. Plaats de meegeleverde CD-ROM in het CD-ROM-station.
4. Dubbelklik voor de volgende besturingssystemen op het relevante bestand op
de meegeleverde CD-ROM om het installatieprogramma te starten.
Besturingssysteem Bestand
Windows [Setup] in de map [WinDriver]
Mac OS X [TriCapture_USBDriver] in de map [MacDriver]
Raadpleeg de Roland-website voor de meest recente USB-stuurprogrammas en informatie
over compatibiliteit met de meest recente versies van de besturingssystemen.
http://www.roland.com/
Installatie van het stuurprogramma
Windows
Mac OS X
Windows
-gebruikers: ga door naar p. 15
Mac OS X
-gebruikers: ga door naar p. 18
15
Installatie van het stuurprogramma
5. Wanneer een bevestigingsscherm aangaande gebruikersaccountbeheer
verschijnt, klikt u op [Ja] of [Doorgaan].
6. Wanneer het bericht "TRI-CAPTURE Het stuurprogramma wordt geïnstalleerd op
uw computer." verschijnt, klikt u op [Volgende].
7. Klik nogmaals op [Volgende].
Windows 8/Windows 7/Windows Vista
Als een dialoogvenster over Windows-beveiliging verschijnt, klikt u op [Installeren].
Windows XP
Als het dialoogvenster "Software-installatie" verschijnt, klikt u op [Doorgaan] om voort te
gaan met de installatie.
Als u niet kunt doorgaan, klikt u op [OK] om de installatie af te breken.
Wijzig de instellingen zoals staat beschreven in "Instelling Opties voor
stuurprogrammahandtekening (Windows XP)" (p. 36) en probeer de installatie opnieuw.
8. Wanneer het bericht "Klaar voor installatie
van het stuurprogramma." verschijnt, verbindt
u de TRI-CAPTURE met de computer via de
USB-kabel.
* Verlaag het volume op eventueel aangesloten
randapparaten voordat u de USB-kabel aansluit.
* Dit apparaat is voorzien van een
beschermingscircuit. Na het inschakelen is er een
kort interval (enkele seconden) nodig voor het
apparaat normaal zal werken.
* Voor u het toestel in- of uitschakelt, dient u altijd eerst het volume te verlagen. Zelfs bij
een laag volume hoort u mogelijk geluiden bij het in- of uitschakelen van het toestel. Dit is
echter normaal en wijst niet op een defect.
* Het kan enkele minuten duren voordat de installatie van het stuurprogramma voltooid is.
Windows 8/Windows 7/Windows Vista
Als andere berichten verschijnen, volgt u de instructies op het scherm. Het
stuurprogramma wordt automatisch geïnstalleerd.
Windows XP
Het bericht "Nieuwe hardware gevonden" verschijnt onderaan rechts op het scherm.
-gebruikers: ga door naar p. 16
Windows XP -gebruikers: ga door naar p. 17
Windows
Windows 8/Windows 7/Windows Vista
16
Installatie van het stuurprogramma
Windows 8/Windows 7/Windows Vista
9. Klik op [Sluiten] wanneer het bericht "Installatie is voltooid." verschijnt.
Klik op [Ja] als het dialoogvenster "Wijziging van de systeeminstellingen" verschijnt om
Windows opnieuw op te starten.
10. Open het "Conguratiescherm", klik op [Hardware en geluiden] en klik
vervolgens op [Geluid].
Als u Pictogramweergave of Klassieke weergave hebt geselecteerd, dubbelklik dan op
[Geluid].
11. Klik op het tabblad [Afspelen], selecteer de [OUT]-aansluiting van de
TRI-CAPTURE en klik vervolgens op [Als standaard instellen].
12. Klik op [OK].
Ga naar p. 19
Als u de TRI-CAPTURE niet kunt selecteren, ga dan naar "Problemen bij gebruik van de
TRI-CAPTURE" (p. 31).
Als de TRI-CAPTURE als uitvoerapparaat is geselecteerd, zullen de audiowaarschuwingen van
de computer worden afgespeeld met de TRI-CAPTURE en zijn deze niet hoorbaar door de
luidsprekers van de computer.
Het Conguratiescherm openen
Windows 8
Als u het Conguratiescherm wilt openen, voert u de onderstaande bewerking uit.
1. Geef op het scherm Start het Bureaublad weer.
2. Verplaats de muisaanwijzer naar de rechterbovenhoek of
rechterbenedenhoek van het scherm om de charm weer te geven.
* Op pc's met aanraakfuncties veegt u snel vanaf de rechterzijde van het scherm op de
charm weer te geven.
3. Klik op "Instellingen" om de "charm Instellingen" weer te geven.
4. In "charm Instellingen" klikt u op "Conguratiescherm" om het
"Conguratiescherm" te openen.
17
Installatie van het stuurprogramma
Windows XP
9. Als een dialoogvenster verschijnt waarin
u wordt gevraagd of u een verbinding wilt
maken met Windows Update, kiest u [Nee,
nu niet] en klikt u op [Volgende].
10. Kies [De software automatisch installeren
(aanbevolen)] en klik op [Volgende].
11. Als het dialoogvenster "Hardware-installatie"
verschijnt, klikt u op [Toch doorgaan] om voort te
gaan met de installatie.
12. Klik op [Voltooien] wanneer "De wizard Nieuwe
hardware gevonden" verschijnt.
13. Klik op [Sluiten] wanneer het bericht "Installatie is
voltooid." verschijnt.
Klik op [Ja] als het dialoogvenster "Wijziging van de systeeminstellingen" verschijnt om
Windows opnieuw op te starten.
14. Open het "Conguratiescherm", klik op [Spraak, geluid en geluidsapparaten]
en klik vervolgens op [Geluiden en audioapparaten].
Als u de klassieke weergave hebt geselecteerd, dubbelklik dan op [Geluiden en
audioapparaten].
15. Klik op het tabblad [Audio] en selecteer [OUT (TRI-CAPTURE)].
16. Klik op [OK].
Ga naar p. 19
Als u de TRI-CAPTURE niet kunt selecteren, ga dan naar "Problemen bij gebruik van de
TRI-CAPTURE" (p. 31).
Als de TRI-CAPTURE als uitvoerapparaat is geselecteerd, zullen de
audiowaarschuwingen van de computer worden afgespeeld met de TRI-CAPTURE en
zijn deze niet hoorbaar door de luidsprekers van de computer.
18
Installatie van het stuurprogramma
Als tijdens de installatie een dialoogvenster verschijnt om een wachtwoord in te geven, geef
dan de gebruikersnaam en het wachtwoord in van de computerbeheerder en klik op de knop
[Software installeren] of de knop [OK].
5. Wanneer het bericht "Welkom bij TRI-CAPTURE Driver" verschijnt, klikt u op [Ga
door].
6. Wanneer het scherm voor de keuze van het doelvolume verschijnt, selecteert u
de opstartschijf en klikt u op [Ga door].
7. Wanneer u wordt gevraagd het type installatie te kiezen, klikt u op [Installeer] of
[Werk bij].
8. Klik op [Ga door met installatie].
9. Zodra de installatie is voltooid, klikt u op [Herstart] om uw computer opnieuw
op te starten.
Het kan even duren voordat uw computer opnieuw opstart.
10. Nadat de computer opnieuw is opgestart, sluit
u de TRI-CAPTURE aan op de computer met
een USB-kabel.
* Verlaag het volume op eventueel aangesloten
randapparaten voordat u de USB-kabel aansluit.
* Dit apparaat is voorzien van een
beschermingscircuit. Na het inschakelen is er een
kort interval (enkele seconden) nodig voor het
apparaat normaal zal werken.
* Voor u het toestel in- of uitschakelt, dient u altijd eerst het volume te verlagen. Zelfs bij
een laag volume hoort u mogelijk geluiden bij het in- of uitschakelen van het toestel. Dit is
echter normaal en wijst niet op een defect.
11. Open "Systeemvoorkeuren" en klik op [Geluid].
12. Klik op het tabblad [Uitvoer] en selecteer [TRI-CAPTURE].
13. Sluit "Systeemvoorkeuren" wanneer u klaar bent met deze instellingen.
Als u de TRI-CAPTURE niet kunt selecteren, ga dan naar "Problemen bij gebruik van de
TRI-CAPTURE" (p. 31).
Als de TRI-CAPTURE als uitvoerapparaat is geselecteerd, zullen de audiowaarschuwingen van
de computer worden afgespeeld met de TRI-CAPTURE en zijn deze niet hoorbaar door de
luidsprekers van de computer.
Mac OS XMac OS X
Ga naar p. 19
19
Installatie van het stuurprogramma
1. Sluit de hoofdtelefoon of versterkte luidsprekers aan zoals aangegeven in de afbeelding.
Versterkte luidsprekersHoofdtelefoon
* Zorg er altijd voor dat het volume verlaagd is en dat de USB-kabels voor alle apparaten
losgekoppeld zijn voordat u verbindingen doorvoert om defecten en/of beschadiging van de
luidsprekers of andere apparaten te voorkomen.
2. Open de map [Sample] op de meegeleverde CD-ROM en kopieer het bestand
"TTears" (.mp3) naar het bureaublad.
3. Dubbelklik op het bestand "TTears" (.mp3) dat naar het bureaublad werd gekopieerd.
Windows
Windows Media Player start op.
Mac OS X
iTunes start op.
Klik op de weergaveknop om het voorbeeldbestand af te spelen.
De software die opstart en wordt gebruikt om het voorbeeldbestand af te spelen,
kan variëren afhankelijk van de conguratie van uw computer. Als een andere
toepassing opstart, speelt u het bestand af volgens de instructies beschreven in de
gebruikershandleiding van de software die u gebruikt.
Mac OS X
* De auteursrechten op de inhoud vervat in dit product (gegevens betreende audiogolfvormen,
stijlgegevens, begeleidingspatronen, frasegegevens, audiolussen en beeldgegevens) zijn
voorbehouden door Roland Corporation en/of Atelier Vision Corporation.
Windows
Controleren of het geluid hoorbaar is
20
Installatie van het stuurprogramma
4. Regel het volume.
Gebruik de [PHONES]-knop van de TRI-CAPTURE om het volume te regelen.
* Het volume van de signalen die uitgevoerd worden via de OUTPUT-aansluitingen kan niet
aangepast worden op de TRI-CAPTURE zelf.
Als u het voorbeeldbestand kunt horen, zijn de computer en de TRI-CAPTURE correct met elkaar
verbonden en is het stuurprogramma correct geïnstalleerd.
Als u het voorbeeldbestand niet kunt horen, raadpleeg dan "Problemen bij gebruik van de
TRI-CAPTURE" (p. 31).
21
Gebruik
In dit hoofdstuk gaan we in op de basisaansluitingen en instellingen van de TRI-CAPTURE.
Raadpleeg eveneens de blokschema's (p. 48).
Voorzorgsmaatregelen bij het gebruik van software
Lees de volgende punten voor u software gaat gebruiken.
Verbind de TRI-CAPTURE met de computer voordat u de software opstart.
Koppel de TRI-CAPTURE nooit los van de computer terwijl de software geactiveerd is. Koppel
de TRI-CAPTURE los nadat u de software hebt afgesloten.
Selecteer de TRI-CAPTURE als audioapparaat bij de software-instellingen.
Stem de samplesnelheid van de software af op de instelling van de [SAMPLE RATE]-schakelaar
op de onderzijde van het apparaat.
De TRI-CAPTURE werkt niet in een Mac OS X Classic-omgeving. Gebruik de TRI-CAPTURE
wanneer de Classic-omgeving niet actief is.
Instellingen invoer-/uitvoerapparaat
Om audiogegevens af te spelen en weer te geven met de software, selecteert u de TRI-CAPTURE
als het invoer-/uitvoerapparaat voor audio. Meer informatie over de instellingen vindt u in de
documentatie van de software.
Audio-uitvoerapparaat
Naam apparaat MME, WDM/KS ASIO Core Audio
TRI-CAPTURE OUT (TRI-CAPTURE) OUT 1-2 1, 2
Audio-invoerapparaat
Naam apparaat MME, WDM/KS ASIO Core Audio
TRI-CAPTURE IN (TRI-CAPTURE) IN 1-2 1, 2
22
Gebruik
Afspelen
Sluit de TRI-CAPTURE aan op de computer met behulp van de USB-kabel. Audiogegevens worden
tussen de TRI-CAPTURE en de computer in beide richtingen via de USB-kabel verstuurd.
Door het aansluiten van een hoofdtelefoon of van versterkte luidsprekers zoals afgebeeld, kunt
u de weergave van uw DAW-software of het geluid van een instrument of een audioapparaat
aangesloten op de TRI-CAPTURE beluisteren.
Computer
Versterkte luidsprekersHoofdtelefoon
Audio-uitvoerapparaat van
software: TRI-CAPTURE
Achterzijde
Stel de [OUTPUT
MUTE]-knop in
op "ON" om het
geluid van de
luidsprekers niet
uit te voeren.
Gebruik de
[PHONES]-
knop om het
volume van de
hoofdtelefoon te
regelen.
Voorkant
* Om de weergave uit te voeren met een samplesnelheid van 96 kHz, stelt u de [SAMPLE RATE]-
schakelaar op de onderzijde van het apparaat in op "96k" en stelt u de [MODE]-schakelaar op de
onderzijde van het apparaat in op "PLAY".
23
Gebruik
Opnemen
Met behulp van uw software kunt u geluid dat ingevoerd wordt via de INPUT 1–3-aansluitingen
opnemen. U kunt ook geluid dat ingevoerd wordt naar de TRI-CAPTURE samen opnemen met
audiogegevens die worden afgespeeld op de computer.
De TRI-CAPTURE beschikt over drie opnamestanden. Selecteer de stand die geschikt is voor het doel
dat u voor ogen hebt.
Voorkant
MIC/GUITAR
Geluid van een microfoon of
gitaar opnemen (p. 24).
ALL INPUTS
Geluid van een microfoon
of gitaar opnemen in
combinatie met geluid van een
audioapparaat (p. 26).
LOOP BACK
Geluid van een microfoon of
gitaar mixen met audiogegevens
die worden afgespeeld op de
computer (p. 28).
Voorzorgsmaatregelen bij het gebruik van een extern audioapparaat
Om een ingevoerd audiosignaal af te spelen zonder latentie (een korte periode van
onderbreking tijdens de weergave), stelt u de [INPUT MONITOR]-knop in op "ON".
Afhankelijk van de locatie van de microfoon ten opzichte van de luidsprekers, kunt u een
uittoon horen. Dit kan worden verholpen door:
1. De richting van de microfoon(s) te veranderen.
2. De microfoon(s) verder van de luidsprekers te plaatsen.
3. Het volume te verlagen.
4. De [OUTPUT MUTE]-knop in te stellen op "ON".
U kunt ook de geluidsuitvoer van de luidsprekers dempen en een hoofdtelefoon
gebruiken.
* Om op te nemen met een samplesnelheid van 96 kHz, stelt u de [SAMPLE RATE]-schakelaar op de
onderzijde van het apparaat in op "96k" en stelt u de [MODE]-schakelaar op de onderzijde van
het apparaat in op "REC".
24
Gebruik
Geluid van een microfoon of gitaar opnemen (MIC/GUITAR)
Wanneer u de opnamestand instelt op "MIC/GUITAR", kunt u geluiden van een microfoon en een
gitaar afzonderlijk op elke track opnemen.
Computer
Versterkte luidsprekersHoofdtelefoon
Stel bij het
aansluiten van een
condensatormicrofoon
de [PHANTOM]-knop in
op "48V".
Zorg ervoor dat de
[PHANTOM]-knop
ingesteld is op "OFF"
wanneer u een
dynamische microfoon
aansluit waarvoor geen
fantoomvoeding vereist
is (p. 10).
Stel bij het aansluiten van een
gitaar of bas de [Hi-Z]-knop in
op "ON" (p. 10).
Achterzijde
Gebruik de [INPUT 1 (MIC)]- en [INPUT 2 (GUITAR)]-knop om het ingangsniveau in te stellen zodat de
PEAK-indicator niet oplicht.
25
Gebruik
Functies van de stand "MIC/GUITAR"
U kunt audiogegevens die opgenomen werden met een microfoon en een gitaar apart bewerken.
Door in de software de trackingang in te stellen op mono, wordt het geluid van de microfoon
opgenomen op het linkerkanaal (L) en het geluid van de gitaar op het rechterkanaal (R).
Het is niet mogelijk om geluid dat ingevoerd wordt via de INPUT 3 (AUX)-aansluitingen op te nemen
of te controleren.
Wanneer u geluid dat wordt ingevoerd via de INPUT 3 (AUX)-aansluitingen opneemt, stelt u de [REC
MODE]-knop in op "ALL INPUTS" of "LOOP BACK".
In de stand "MIC/GUITAR" is het niet mogelijk om audiogegevens die afgespeeld worden op de
computer op te nemen.
Om audiogegevens die afgespeeld worden op de computer op te nemen, stelt u de [REC MODE]-
knop in op "LOOP BACK".
Voorbeelden van het gebruik van de stand "MIC/GUITAR"
Geluid van een microfoon en gitaar tegelijk opnemen met de DAW-software, en de
opgenomen audiogegevens afzonderlijk bewerken.
26
Gebruik
Geluid van een microfoon of gitaar opnemen in combinatie
met geluid van een audioapparaat (ALL INPUTS)
Wanneer u de opnamestand instelt op "ALL INPUT", kunt u geluid van een microfoon en/of gitaar
opnemen in combinatie met het stereogeluid van een audioapparaat.
Selecteer de stand "ALL INPUT" wanneer u geluid van een microfoon of gitaar wilt opnemen in
combinatie met de stereoweergave van een audioapparaat.
Computer
Versterkte luidsprekersHoofdtelefoon
Stel bij het
aansluiten van een
condensatormicrofoon
de [PHANTOM]-knop in
op "48V".
Zorg ervoor dat de
[PHANTOM]-knop
ingesteld is op "OFF"
wanneer u een
dynamische microfoon
aansluit waarvoor geen
fantoomvoeding vereist
is (p. 10).
Stel bij het
aansluiten van een
gitaar of bas de
[Hi-Z]-knop in op
"ON" (p. 10).
Audioapparaat
Achterzijde
27
Gebruik
Gebruik de overeenstemmende knop ([INPUT 1 (MIC)], [INPUT 2 (GUITAR)] of [INPUT 3 (AUX)]) om het
volume van de microfoon, de gitaar of het audioapparaat te regelen zodat de PEAK-indicator niet
oplicht.
Functies van de stand "ALL INPUT"
Microfoon- of gitaargeluiden bevinden zich in het midden.
Als u alleen het geluid van een audioapparaat opneemt, mag u geen apparatuur aansluiten op
de INPUT 1 (MIC)- of INPUT 2 (GUITAR)-aansluiting, en draait u de [INPUT 1 (MIC)]- en [INPUT 2
(GUITAR)]-knop volledig naar links.
In de stand "ALL INPUT" is het niet mogelijk om audiogegevens die afgespeeld worden op de
computer op te nemen.
Om audiogegevens die afgespeeld worden op de computer op te nemen, stelt u de [REC MODE]-
knop in op "LOOP BACK".
Tijdens het opnemen worden geluiden van de microfoon, de gitaar en het audioapparaat gemixt. U
kunt de opgenomen audiogegevens niet afzonderlijk bewerken.
Voorbeelden van het gebruik van de stand "ALL INPUT"
Geluid van een gitaar opnemen tijdens het afspelen van een Minus One-cd
Meezingen met de karaokemuziek van een audioapparaat en de zang en karaokemuziek
opnemen
Zang of gitaargeluiden opnemen in combinatie met een synthesizer
Een commentaarstem opnemen voor een tv-programma of een videogame met behulp van
een microfoon
28
Gebruik
Geluid van een microfoon of gitaar mixen met audiogegevens die
worden afgespeeld op een computer (LOOP BACK)
Wanneer u de opnamestand instelt op "LOOP BACK", kunt u het geluid van een microfoon, gitaar
en/of audioapparaat op een andere software opnemen in combinatie met audiogegevens die
afgespeeld worden op de computer.
Computer
Versterkte luidsprekersHoofdtelefoon
Stel bij het
aansluiten van een
condensatormicrofoon
de [PHANTOM]-knop in
op "48V".
Zorg ervoor dat de
[PHANTOM]-knop
ingesteld is op "OFF"
wanneer u een
dynamische microfoon
aansluit waarvoor
geen fantoomvoeding
vereist is (p. 10).
Stel bij het
aansluiten van een
gitaar of bas de
[Hi-Z]-knop in op
"ON" (p. 10).
Audioapparaat
Achterzijde
29
Gebruik
Gebruik de overeenstemmende knop ([INPUT 1 (MIC)], [INPUT 2 (GUITAR)] of [INPUT 3 (AUX)]) om het
volume van de microfoon, de gitaar of het audioapparaat te regelen zodat de PEAK-indicator niet
oplicht.
Functies van de stand "LOOP BACK"
Microfoon- of gitaargeluiden bevinden zich in het midden.
Als u alleen het geluid dat afgespeeld wordt door uw computer wilt opnemen, mag u geen apparatuur
aansluiten op de INPUT 1 (MIC)-, INPUT 2 (GUITAR)- en INPUT 3 (AUX)-aansluiting, en draait u de
[INPUT 1 (MIC)]-, [INPUT 2 (GUITAR)]- en [INPUT 3 (AUX)]-knop volledig naar links.
Als u de [SAMPLE RATE]-schakelaar instelt op "96k", kunt u de [REC MODE]-knop niet instellen op
"LOOP BACK". Stel de [SAMPLE RATE]-schakelaar in op "44.1k" of "48k".
Tijdens het opnemen worden geluiden afgespeeld op de computer en geluid van de microfoon,
de gitaar en het audioapparaat gemixt. U kunt de opgenomen audiogegevens niet afzonderlijk
bewerken.
Voorbeelden van het gebruik van de stand "LOOP BACK"
Meezingen met de karaokemuziek die afgespeeld wordt via een webbrowser of Windows
Media Player, en de zang en karaokemuziek opnemen met de DAW-software
Eigen computergamegeluiden invoeren naar de software voor streamen naar een medium
Een ander softwarepakket gebruiken voor het opnemen van een internetradioprogramma
dat u beluistert via een webbrowser
30
Problemen oplossen
Als u een probleem tegenkomt, lees dan eerst dit hoofdstuk. Het bevat tips die u kunnen helpen het
probleem op te lossen. Als u in dit hoofdstuk geen oplossing vindt voor het probleem, raadpleeg
dan de rubriek Ondersteuning op onze website. Als het probleem nog steeds niet kan worden
opgelost, raadpleeg dan de lijst met contactadressen achteraan in dit document.
Roland-ondersteuningswebsite: http://www.roland.com/
Problemen bij het installeren van het
stuurprogramma
Probleem Controle Oplossing
Het installatieprogramma
start niet
Probeert u te installeren vanaf een
DVD-ROM-station in een netwerk?
Installatie is niet mogelijk vanaf een DVD-ROM-
station in een netwerk.
Kan niet installeren
Bent u aangemeld met een
gebruikersaccount die niet over
beheerdersrechten beschikt?
Meld u aan op de computer met een gebruikersaccount
die over beheerdersrechten beschikt.
Raadpleeg de beheerder van uw computer voor
meer informatie.
Is de instelling "Opties voor
stuurprogrammahandtekening"
ingesteld op [Blokkeren]? (Windows XP)
Wijzig de instelling "Opties voor
stuurprogrammahandtekening" (p. 36).
Zijn er andere programma's of
residente programma's (zoals
antivirusprogramma's) actief?
Sluit alle andere programma's voordat u de
installatie uitvoert.
Er verschijnt een
waarschuwing of
foutmelding tijdens de
installatie (Windows)
Ziet u apparaten onder de naam
"Andere" of "Onbekend" of een
apparaat waarvoor "?", "!" of "x" is
weergegeven in het "Apparaatbeheer"?
Installeer het TRI-CAPTURE-stuurprogramma
opnieuw (p. 41).
Het installatieprogramma
sluit niet af
Werkt uw computer op
batterijspanning?
Sluit het netsnoer aan op de computer.
Zijn er naast een muis en een
toetsenbord nog andere
USB-apparaten aangesloten?
Zorg ervoor dat tijdens de installatie geen USB-
apparaten op de computer zijn aangesloten
(behalve een muis en een toetsenbord).
Is de TRI-CAPTURE verbonden met een
USB-hub die niet is aangesloten op een
voeding?
Gebruik een USB-hub met een voeding.
"Wizard Nieuwe
hardware gevonden"
verschijnt opnieuw
nadat het
stuurprogramma werd
geïnstalleerd
(Windows XP)
Hebt u de TRI-CAPTURE aangesloten op
een andere USB-ingang dan de ingang
die u hebt gebruikt bij de installatie
van het stuurprogramma?
Als u de TRI-CAPTURE op een andere
USB-ingang aansluit, kan "Wizard Nieuwe
hardware gevonden" opnieuw verschijnen, ook
al is het stuurprogramma reeds op de computer
geïnstalleerd.
Volg stap 9 van de installatieprocedure van
het stuurprogramma (p. 17) en installeer het
stuurprogramma.
Er verschijnt een
cijfer zoals "2-"
aan het begin van
de apparaatnaam
(Windows)
Hebt u de TRI-CAPTURE aangesloten op
een andere USB-ingang dan de ingang
die u hebt gebruikt bij de installatie
van het stuurprogramma?
Als u de TRI-CAPTURE aansluit op een andere
USB-ingang dan de ingang die u hebt gebruikt
bij de installatie van het stuurprogramma, kan
er een cijfer voor de apparaatnaam verschijnen.
Om de apparaatnaam zonder het cijfer te laten
verschijnen, sluit u de TRI-CAPTURE aan op
de USB-ingang die u hebt gebruikt tijdens de
installatie, of installeert u het stuurprogramma
opnieuw (p. 41).
31
Problemen oplossen
Problemen bij gebruik van de TRI-CAPTURE
Probleem Controle Oplossing
Kan het
TRI-CAPTURE-
apparaat niet
selecteren of
gebruiken
Is het stuurprogramma geïnstalleerd? Installeer het stuurprogramma (p. 14).
Is de indicator voor de REC MODE
gedoofd?
Zorg ervoor dat de TRI-CAPTURE correct op de
computer is aangesloten.
Installeer het stuurprogramma opnieuw als het
probleem hiermee niet is opgelost (p. 41).
Verschijnt de apparaatnaam van de
TRI-CAPTURE?
Sluit alle programma's die de TRI-CAPTURE
gebruiken, koppel de USB-kabel van de TRI-
CAPTURE los en sluit deze vervolgens opnieuw aan.
Installeer het stuurprogramma opnieuw als het
probleem hiermee niet is opgelost (p. 41).
Wordt de TRI-CAPTURE door een ander
programma gebruikt?
Sluit alle programma's die de TRI-CAPTURE
gebruiken, koppel de USB-kabel van de TRI-
CAPTURE los en sluit deze vervolgens opnieuw aan.
Installeer het stuurprogramma opnieuw als het
probleem hiermee niet is opgelost (p. 41).
Is de computer in de stand-by-
(onderbreken) of slaapstand gegaan
terwijl de TRI-CAPTURE erop was
aangesloten?
Sluit alle programma's die de TRI-CAPTURE
gebruiken, koppel de USB-kabel van de TRI-
CAPTURE los en sluit deze vervolgens opnieuw aan.
Herstart de computer als het probleem hiermee
niet is opgelost.
Hebt u de USB-kabel losgekoppeld en
opnieuw aangekoppeld tijdens het
gebruiken van de TRI-CAPTURE?
Sluit alle programma's die de TRI-CAPTURE
gebruiken, koppel de USB-kabel van de TRI-
CAPTURE los en sluit deze vervolgens opnieuw aan.
Herstart de computer als het probleem hiermee
niet is opgelost.
Was de TRI-CAPTURE aangesloten op de
computer terwijl de computer bezig was
met opstarten?
Sluit de TRI-CAPTURE pas aan nadat de computer
is opgestart.
Bij sommige computers kan de TRI-CAPTURE niet
worden gebruikt als het apparaat op de computer
wordt aangesloten terwijl die bezig is met opstarten.
Kan
stuurprogramma-
instellingen niet
wijzigen (Windows 7)
Is de monitoring-functie van Windows
ingeschakeld?
Schakel de monitoring-functie uit (p. 40).
"LOOP BACK" kan
niet geselecteerd
worden door te
drukken op de [REC
MODE]-knop
Is de [SAMPLE RATE]-schakelaar
ingesteld op "96k"?
Stel de [SAMPLE RATE]-schakelaar in op "44.1k" of
"48k".
Wanneer de [SAMPLE RATE]-schakelaar ingesteld is
op "96k", kunt u "LOOP BACK" niet selecteren door
te drukken op de [REC MODE]-knop.
Er komt geen
geluid uit de
luidsprekers van
de computer
Dit is geen defect.
Wanneer u de TRI-CAPTURE gebruikt, komt er geen
geluid uit de luidsprekers van de computer.
Sluit een hoofdtelefoon of een audioweergavesysteem
(externe monitors) aan op de TRI-CAPTURE.
Er wordt geen geluid
uitgevoerd door
de luidsprekers die
aangesloten zijn op
de TRI-CAPTURE
Is de [OUTPUT MUTE]-knop ingesteld
op "ON"?
Stel de [OUTPUT MUTE]-knop in op "OFF".
32
Problemen oplossen
Probleem Controle Oplossing
Geluid afgespeeld
door uw
computer is
onhoorbaar of te
zacht
Kunt u het geluid horen als u een
hoofdtelefoon aansluit?
Indien u het geluid kunt horen als u een
hoofdtelefoon aansluit op de PHONES-aansluiting,
moet u controleren of uw audioweergavesysteem
(externe monitors) correct is aangesloten, en het
volume van uw uitrusting regelen.
Indien het geluid in de hoofdtelefoon onhoorbaar
of te stil is, controleert u de andere items uit de
probleemoplosser.
Is de [PHONES]-knop van de
TRI-CAPTURE linksom gedraaid?
Gebruik de [PHONES]-knop van de TRI-CAPTURE
om het volume te regelen.
Is het systeemvolume gedempt? Pas het volume van uw computer aan (p. 39).
Gebruikt u stemcommunicatiesoftware?
(Windows 8/Windows 7)
Schakel de automatische volumeregeling uit (p. 40).
Is de grootte van de audiobuer van het
stuurprogramma te klein?
Vergroot het buergeheugen (p. 43).
Het
weergavegeluid
geproduceerd
door de computer
klinkt "dubbel"
Is de [REC MODE]-knop ingesteld op
"LOOP BACK"?
Stel de [REC MODE]-knop in op "MIC/GUITAR" of
"ALL INPUTS".
Onvoldoende
volume van uw
microfoon
Gebruikt u de juiste connector?
Sluit uw microfoon aan met een plug van het type
XLR op de XLR-ingang (INPUT 1 (MIC)-ingang) (p. 13).
Komt de gevoeligheid van de
microfoon overeen met het nominale
ingangsniveau van de TRI-CAPTURE?
Het nominale microfooningangsniveau van de
TRI-CAPTURE is -60 dBu. Indien de gevoeligheid van
de microfoon te laag is, zal het niveau laag zijn.
Zie verder ook "Het volumeniveau van
het instrument, aangesloten op de
ingang, is te laag." (p. 32).
Onvoldoende
volume van uw
gitaar
Gebruikt u de juiste connector?
Sluit uw gitaar aan op de INPUT 2 (GUITAR)-ingang
(p. 12).
Is de [Hi-Z]-knop ingesteld op "OFF"? Stel de [Hi-Z]-knop in op "ON" (p. 10).
Is het ingangsniveau te laag?
Gebruik de [INPUT 2 (GUITAR)]-knop om het
ingangsniveau te regelen (p. 11).
Zou het kunnen dat u een aansluitkabel
gebruikt met een weerstand erin?
Gebruik een aansluitkabel zonder ingebouwde
weerstand.
Zie verder ook "Het volumeniveau van
het instrument, aangesloten op de
ingang, is te laag." (p. 32).
Het volumeniveau
van het
instrument,
aangesloten op de
ingangsconnector,
is te laag.
Is het ingangsniveau te laag?
Draai de [INPUT 1 (MIC)]-, [INPUT 2 (GUITAR)]- of
[INPUT 3 (AUX)]-knop naar rechts om het
ingangsniveau te verhogen (p. 11).
Zou het kunnen dat u een aansluitkabel
gebruikt met een weerstand erin?
Gebruik een aansluitkabel zonder ingebouwde
weerstand.
33
Problemen oplossen
Probleem Controle Oplossing
Vervormd geluid
van een apparaat,
aangesloten op
de ingang
Licht de PEAK-indicator op?
Draai de [INPUT 1 (MIC)]-, [INPUT 2 (GUITAR)]- of
[INPUT 3 (AUX)]-knop naar links om het
ingangsniveau te verlagen (p. 11).
Het weergegeven
geluid van een
instrument
aangesloten op
de ingang van
de TRI-CAPTURE
klinkt "dubbel"
Is de [INPUT MONITOR]-knop ingesteld
op "ON"?
Stel de [INPUT MONITOR]-knop in op "OFF".
U kunt ook de Direct Monitor-functie van de
software uitschakelen.
U hoort een
huilend geluid
Bevindt de microfoon zich in de buurt
van de luidsprekers?
Gebruik de microfoon verder weg van de
luidsprekers.
Als het huilende geluid nog steeds hoorbaar is,
stelt u de [OUTPUT MUTE]-knop in op "OFF" en
beluistert u het geluid via een hoofdtelefoon.
Het geluid is
onderbroken
tijdens de
weergave of de
opname,
het geluid valt uit
Zijn er meerdere programma's actief? Sluit alle programma's die u niet gebruikt.
Staat de audio-buergrootte van de
software op de juiste grootte?
Als de software toelaat om de grootte van de
audiobuer te regelen, wijzig dan de grootte van
de buer.
Zie de documentatie van uw software.
Staat de audio-buergrootte van het
stuurprogramma op de juiste grootte?
Vergroot de audiobuer van het stuurprogramma
(p. 43).
Staat de "Opnamespeling" goed
ingesteld? (Mac OS X)
Als het geluid wegvalt of als er ruis hoorbaar
is, zelfs nadat u de grootte van de audiobuer
hebt aangepast, verhoog dan de instelling
"Opnamespeling" (p. 44).
Is de systeemsoftware bijgewerkt?
Start Windows Update of Microsoft Update om uw
systeem up-to-date te brengen.
Hebt u Mac OS X Software Update
gebruikt?
Voer Software Update uit om uw systeem up-to-
date te brengen.
Zijn de stuurprogramma's van de interne
chipset van de computer en van de
grasche kaart bijgewerkt?
Installeer de meest recente stuurprogramma's,
indien nodig.
Zijn de stuurprogramma's voor de
netwerkkaart van de computer (vast en
draadloos) bijgewerkt?
Installeer de meest recente stuurprogramma's voor
de netwerkkaart.
Schakel het LAN uit als het probleem hiermee niet
is opgelost.
Is de energiebeheerinstelling
van de computer ingesteld op
energiebesparende modus?
Controleer de energiebeheerinstelling en pas deze
aan (p. 37).
Staat de "Prestaties"-instelling van het
systeem correct? (Windows)
Pas de "Prestaties"-instelling van het systeem aan
(p. 38).
Is de TRI-CAPTURE verbonden met een
USB-hub?
Sluit de TRI-CAPTURE rechtstreeks aan op een van
de USB-aansluitingen van de computer.
Gebruikt u de meegeleverde USB-kabel?
U moet de meegeleverde USB-kabel gebruiken.
Sommige in de handel beschikbare USB-kabels
voldoen niet aan de eisen van de USB-norm, en dit
kan er toe leiden dat de TRI-CAPTURE niet correct
werkt.
34
Problemen oplossen
Probleem Controle Oplossing
Het geluid is
onderbroken
tijdens de
weergave of de
opname,
het geluid valt uit
Is de monitoring-functie van Windows
ingeschakeld? (Windows 8/Windows 7)
Schakel de monitoring-functie uit (p. 40).
Hebt u geprobeerd om af te spelen of
op te nemen onmiddellijk nadat de
computer was opgestart of nadat hij uit
slaapstand was ontwaakt?
Wacht even voor u probeert weer te geven of op
te nemen.
De ruis of de
vervorming
treden ergens
anders op dan in
de weergave van
uw computer
Is er een gitaar aangesloten?
Ga zo ver als mogelijk van de computer vandaan.
Indien de ruis afneemt als u het volume van de
gitaar verlaagt, kan het zijn dat de pick-ups van
uw gitaar beïnvloed worden door ruis van uw
computer of het scherm.
Is er mogelijk nog een ongebruikte
microfoon, gitaar of een ongebruikt
audioapparaat aangesloten?
Koppel de ongebruikte microfoon, gitaar of het
ongebruikte audioapparaat los en draai vervolgens
de overeenstemmende knop ([INPUT 1 (MIC)],
[INPUT 2 (GUITAR)] of [INPUT 3 (AUX)]) volledig
naar links.
Is het mogelijk dat de MIDI-
geluidsmodule en de TRI-CAPTURE
aangesloten zijn op uw computer met
USB-kabels, en dat de uitgang van de
MIDI-geluidsmodule aangesloten is op
de ingang van de TRI-CAPTURE?
Sluit de MIDI-geluidsmodule en de TRI-CAPTURE
aan op een USB-hub met een eigen voeding (een
USB-hub met een netstroomstekker).
Heeft u de aarding aangesloten?
Mogelijk kan het probleem worden opgelost door een
metalen deel van de computer of de aardingspen van
de netstroomadapter van uw computer te aarden.
Controleer verder ook of er een apparaat in de
buurt is dat een sterk elektromagnetisch veld
veroorzaakt, zoals een tv of een microgolfoven.
Het opgenomen
geluid is te luid of
te stil
Is het ingangsniveau aangepast?
Pas het ingangsniveau aan met de [INPUT 1 (MIC)]-,
[INPUT 2 (GUITAR)]- of [INPUT 3 (AUX)]-knop.
Als uw software beschikt over een regeling voor het
ingangsniveau
, controleer dan de instelling van het
ingangsniveau.
Komt de gevoeligheid van de microfoon
overeen met het ingangsniveau van de
TRI-CAPTURE?
Het microfooningangsniveau van de TRI-CAPTURE is
-60 dBu. Indien de gevoeligheid van de microfoon te
laag is, zal het niveau laag zijn.
Kan niet afspelen
of opnemen
Is het stuurprogramma geïnstalleerd? Installeer het stuurprogramma (p. 14).
Is het in- en uitvoerapparaat van de
software ingesteld?
Selecteer de TRI-CAPTURE als in- en
uitvoerapparaat (p. 21).
Is de indicator voor de REC MODE van de
TRI-CAPTURE gedoofd?
Zorg ervoor dat de TRI-CAPTURE correct op de
computer is aangesloten.
Installeer het stuurprogramma opnieuw als het
probleem hiermee niet is opgelost (p. 41).
35
Problemen oplossen
Probleem Controle Oplossing
Kan niet afspelen
of opnemen
Is de [SAMPLE RATE]-schakelaar
ingesteld op "96k"?
Wanneer de [SAMPLE RATE]-schakelaar ingesteld is
op "96k", kan de TRI-CAPTURE audiogegevens niet
tegelijk opnemen en afspelen. Stel voor weergave
de [MODE]-schakelaar in op "PLAY", en stel voor
opname de [MODE]-schakelaar in op "REC".
Of stel de [SAMPLE RATE]-schakelaar in op "44.1k"
of "48k".
Wordt de TRI-CAPTURE door een ander
programma gebruikt?
Sluit alle programma's die de TRI-CAPTURE
gebruiken, koppel de USB-kabel van de
TRI-CAPTURE los en sluit deze vervolgens opnieuw
aan.
Installeer het stuurprogramma opnieuw als het
probleem hiermee niet is opgelost (p. 41).
Is de computer in de stand-by-
(onderbreken) of slaapstand gegaan
terwijl de TRI-CAPTURE erop was
aangesloten?
Sluit alle programma's die de TRI-CAPTURE
gebruiken, koppel de USB-kabel van de
TRI-CAPTURE los en sluit deze vervolgens opnieuw
aan.
Herstart de computer als het probleem hiermee
niet is opgelost.
Hebt u de USB-kabel losgekoppeld en
opnieuw aangekoppeld tijdens het
gebruiken van de TRI-CAPTURE?
Sluit alle programma's die de TRI-CAPTURE
gebruiken, koppel de USB-kabel van de
TRI-CAPTURE los en sluit deze vervolgens opnieuw
aan.
Herstart de computer als het probleem hiermee
niet is opgelost.
Is het systeemvolume gedempt? Pas het volume van uw computer aan (p. 39).
Gebruikt u stemcommunicatiesoftware?
(Windows 8/Windows 7)
Schakel de automatische volumeregeling uit (p. 40).
Was de TRI-CAPTURE aangesloten op de
computer terwijl de computer bezig was
met opstarten?
Sluit de TRI-CAPTURE pas aan nadat de computer
is opgestart.
Bij sommige computers kan de TRI-CAPTURE niet
worden gebruikt als het apparaat op de computer
wordt aangesloten terwijl die bezig is met
opstarten.
Is de grootte van de audiobuer van het
stuurprogramma te klein?
Vergroot het buergeheugen (p. 43).
Was de computer bezig met een
processorintensieve taak terwijl u de
TRI-CAPTURE gebruikte?
Stop de weergave of het opnemen en probeer
vervolgens weer te geven of op te nemen.
Als het probleem hiermee niet is opgelost, sluit u
alle programma's die de TRI-CAPTURE gebruiken,
koppelt u de USB-kabel van de TRI-CAPTURE los en
sluit u deze vervolgens opnieuw aan.
U kunt geen
24-bits-
audiogegevens
weergeven op
opnemen
Ondersteunt uw software
24-bits- audiogegevens?
Controleer of uw software de weergave en de
opname van 24-bits-audiogegevens ondersteunt.
Is de software correct ingesteld?
Zorg ervoor dat uw software is ingesteld om
24-bits-audiogegevens op te nemen en weer te
geven.
36
Problemen oplossen
De instellingen van de computer wijzigen om
problemen te voorkomen
Het wijzigen van deze computerinstellingen kan helpen om de problemen te voorkomen die
werden beschreven in "Problemen bij het installeren van het stuurprogramma" (p. 30) en "Problemen
bij gebruik van de TRI-CAPTURE" (p. 31).
Instelling Opties voor stuurprogrammahandtekening
(Windows XP)
Als de instelling "Opties voor stuurprogrammahandtekening" ingesteld is op [Blokkeren], kunt u het
stuurprogramma niet installeren. Stel de volgende conguratie in.
1. Open het "Conguratiescherm", klik op [Prestaties en onderhoud] en klik op het
pictogram [Systeem].
Als u de klassieke weergave hebt geselecteerd, dubbelklik dan op [Systeem].
2. Klik op het tabblad [Hardware] en klik op [Handtekeningvericatie].
Het dialoogvenster "Opties voor stuurprogrammahandtekening" verschijnt.
3. Kies in het dialoogvenster "Opties voor stuurprogrammahandtekening" voor
[Waarschuwen] of [Negeren] en klik vervolgens op [OK].
4. Klik op [OK] om het dialoogvenster "Systeemeigenschappen" te sluiten.
5. Installeer het stuurprogramma zoals beschreven in "Installatie van het
stuurprogramma" (p. 14).
Wanneer de installatie is voltooid, herstelt u de originele instelling van "Opties voor
stuurprogrammahandtekening".
37
Problemen oplossen
Energiebeheerinstellingen
Als het geluid tijdens het spelen wordt onderbroken of wegvalt, kunt u het probleem mogelijk
oplossen door de energiebeheerinstellingen van uw computer te wijzigen.
Windows 8/Windows 7/Windows Vista
1. Open het "Conguratiescherm", klik op [Systeem en beveiliging] of op [Systeem en
onderhoud] en klik vervolgens op [Energiebeheer].
Dubbelklik op het pictogram [Energiebeheer] wanneer u de pictogramweergave selecteerde in
Windows 8/Windows 7.
Dubbelklik op het pictogram [Energiebeheer] als u de klassieke weergave hebt geselecteerd in
Windows Vista.
2. Wanneer "Selecteer een energiebeheerschema" verschijnt, kiest u [Hoge prestaties].
3. Klik op [De schema-instellingen wijzigen] naast [Hoge prestaties].
Klik op [Aanvullende schema's weergeven] wanneer “Hoge prestaties” niet wordt weergegeven in
Windows 8/Windows 7.
4. Klik op [Geavanceerde energie-instellingen wijzigen].
5. In het tabblad [Geavanceerde instellingen] van het dialoogvenster "Energiebeheer",
klikt u op het [+]-symbool naast "Vaste schijf" en klikt u vervolgens op het
[+]-symbool naast "Vaste schijf uitzetten na".
6. Klik op [Instelling], klik op het pijltje naar beneden en kies vervolgens [Nooit].
7. Klik op [OK] om het venster "Energiebeheer" te sluiten.
8. Sluit het scherm "Instellingen voor beheerschema bewerken".
Windows XP
1. Open het "Conguratiescherm", klik op [Prestaties en onderhoud] en klik vervolgens
op [Energiebeheer].
Als u de klassieke weergave hebt geselecteerd, dubbelklik dan op [Energiebeheer].
2. Klik op het tabblad [Energiebeheerschema's] en selecteer [Altijd aan] in het veld
"Energiebeheerschema's".
3. Klik op [OK] om "Eigenschappen voor Energiebeheer" te sluiten.
Mac OS X
Deze instelling is niet beschikbaar in sommige versies van Mac OS X.
1. Open "Systeemvoorkeuren" en klik op [Energiestand].
2. Klik op [Opties].
3. Zet "Processorsnelheid" op [Hoogst].
38
Problemen oplossen
Systeeminstelling "Prestaties" (Windows)
Als het geluid tijdens het spelen wordt onderbroken of wegvalt, kunt u het probleem mogelijk
oplossen door de "Prestaties"-instellingen van het systeem zoals hieronder beschreven te wijzigen.
Windows 8/Windows 7/Windows Vista
1. Open het "Conguratiescherm", klik op [Systeem en beveiliging] of op [Systeem en
onderhoud] en vervolgens op [Systeem].
Dubbelklik op het pictogram [Systeem] indien u de pictogramweergave hebt geselecteerd in
Windows 8/Windows 7.
Dubbelklik op het pictogram [Systeem] indien u de klassieke weergave selecteerde in Windows
Vista.
2. Klik op [Geavanceerde systeeminstellingen] links.
3. Wanneer een dialoogvenster aangaande Gebruikersaccountbeheer verschijnt, klikt u
op [Ja] of [Doorgaan].
Meld uzelf aan met een gebruikersaccount met beheerdersrechten als u wordt gevraagd om een
beheerderswachtwoord in te voeren en geef de instellingen vervolgens opnieuw op.
4. Klik op [Instellingen] bij "Prestaties" en klik op het tabblad [Geavanceerd].
5. Kies [Achtergrondservices] en klik op [OK].
6. Klik op [OK] om "Systeemeigenschappen" te sluiten.
Windows XP
1. Open het "Conguratiescherm", klik op [Prestaties en onderhoud] en vervolgens op
[Systeem].
Als u de klassieke weergave hebt geselecteerd, dubbelklik dan op [Systeem].
2. Klik op het tabblad [Geavanceerd] en vervolgens op [Instellingen] in "Prestaties".
3. Klik op het tabblad [Geavanceerd].
4. Kies [Achtergrondservices], en klik op [OK].
5. Klik op [OK] om "Systeemeigenschappen" te sluiten.
39
Problemen oplossen
Het systeemvolume aanpassen
Als het weergavevolume te luid of te zacht is, probeer dan het systeemvolume aan te passen.
Windows 8/Windows 7
1. Open het "Conguratiescherm" en stel de weergavemodus in op "Categorie".
2. Klik op het tabblad [Hardware en geluiden] en vervolgens op [Systeemvolume
aanpassen].
3. De volumemixer wordt zichtbaar. Selecteer [OUT] van de TRI-CAPTURE in het
"Apparaat"-uitrolmenu en pas het volume aan.
Windows Vista
1. Open het "Conguratiescherm" en klik op [Hardware en geluiden].
Als u de klassieke weergave hebt geselecteerd, klik dan op [Conguratiescherm] om de klassieke
weergave te verlaten.
2. Klik op [Systeemvolume aanpassen] in "Geluid".
3. De volumemixer verschijnt; selecteer [OUT] van de TRI-CAPTURE in het "Apparaat"-
menu en pas het volume aan.
Als de [Dempen]-knop op "Aan" staat, klikt u op [Dempen] om deze op "Uit" te zetten.
Windows XP
1. Open het "Conguratiescherm", klik op [Spraak, geluid en geluidsapparaten] en klik
vervolgens op [Geluiden en audioapparaten].
Als u de klassieke weergave hebt geselecteerd, dubbelklik dan op [Geluiden en audioapparaten].
2. Klik op het tabblad [Audio].
3. Controleer in het gedeelte "Afspelen van geluid" of [OUT (TRI-CAPTURE)] is
geselecteerd als "Standaardapparaat", en klik op [Volume].
4. Pas het "Wave"-volume aan wanneer de volumeregeling verschijnt.
Verwijder het vinkje als Dempen aangevinkt is.
Mac OS X
1. Open "Systeemvoorkeuren" en klik op [Geluid].
2. Klik op het tabblad [Uitvoer].
3. In het veld "Selecteer een apparaat voor geluidsuitvoer" controleert u of [TRI-
CAPTURE] is geselecteerd en gebruikt u de schuifbalk "Uitvoervolume" om het
volume te wijzigen.
Verwijder het vinkje als Dempen aangevinkt is.
40
Problemen oplossen
Instellingen voor stemcommunicatiesoftware
(Windows 8/Windows 7)
Als u stemcommunicatiesoftware gebruikt, kan het volume van het audioapparaat automatisch
worden aangepast in functie van de kenmerken van het gesprek.
Volg onderstaande procedure om de automatische volumeaanpassing uit te schakelen.
1. Open het "Conguratiescherm", klik op [Hardware en geluiden] en klik vervolgens op
[Geluid].
Als u de pictogramweergave hebt geselecteerd, klik dan op [Geluid].
2. In het tabblad [Communicatie] stelt u "Als communicatieactiviteiten in Windows
worden gedetecteerd" in op [Geen actie ondernemen].
3. Klik op [OK] om "Geluid" te sluiten.
Instellingen Monitoring-functie (Windows 8/Windows 7)
Als de monitoring-functie van Windows ingeschakeld is, kan het invoergeluid dubbel klinken (elk
geluid wordt herhaald) of kan feedback optreden.
Volg onderstaande procedure om de monitoring-functie van Windows uit te schakelen.
1. Open het "Conguratiescherm", klik op [Hardware en geluiden] en klik vervolgens op
[Geluid].
Als u de pictogramweergave hebt geselecteerd, klik dan op [Geluid].
2. Klik in het gedeelte "Opnemen" op [IN] van TRI-CAPTURE en vervolgens op
[Eigenschappen].
3. Klik op het tabblad "Luisteren" en vink het vakje [Naar dit apparaat luisteren] uit.
4. Klik op [OK] om "Eigenschappen" te sluiten.
5. Klik op [OK] om "Geluid" te sluiten.
41
Problemen oplossen
Het stuurprogramma opnieuw installeren
Als u problemen ondervindt bij de installatie van het stuurprogramma, volg dan de volgende
procedure om het opnieuw te installeren.
1. Verwijder het stuurprogramma van de TRI-CAPTURE.
2. Installeer het stuurprogramma opnieuw zoals beschreven in "Installatie van het
stuurprogramma" (p. 14).
Het stuurprogramma verwijderen
Als de computer de TRI-CAPTURE niet correct detecteert, volg dan deze procedure om het
stuurprogramma te verwijderen en installeer het stuurprogramma vervolgens opnieuw zoals
beschreven in "Installatie van het stuurprogramma" (p. 14).
Windows
1. Start de computer op zonder dat de TRI-CAPTURE erop is aangesloten.
Koppel alle USB-kabels los, behalve de kabels voor een USB-toetsenbord en/of een USB-muis (indien
gebruikt).
2. Meld u aan op de computer met een gebruikersaccount die over beheerdersrechten
beschikt.
3. Plaats de meegeleverde CD-ROM in het DVD-ROM-station van de computer.
4. Dubbelklik op het pictogram [Uninstal] in de [WinDriver]-map op de meegeleverde
CD-ROM.
5. Wanneer een bevestigingsscherm aangaande gebruikersaccountcontrole verschijnt,
klikt u op [Ja] of [Doorgaan].
6. Wanneer het bericht "De installatie van het stuurprogramma van de TRI-CAPTURE
wordt ongedaan gemaakt." verschijnt, klikt u op [OK].
Als andere berichten verschijnen, volgt u de instructies op het scherm.
7. Wanneer het bericht "Ongedaan maken van installatie is voltooid." verschijnt, klikt u
op [OK] om de computer te herstarten.
42
Problemen oplossen
Mac OS X
1. Start de computer op zonder dat de TRI-CAPTURE erop is aangesloten.
Koppel alle USB-kabels los, behalve de kabels voor een USB-toetsenbord en/of een USB-muis (indien
gebruikt).
2. Plaats de meegeleverde CD-ROM in het DVD-ROM-station van de computer.
3. Dubbelklik op het pictogram [Uninstaller] in de [MacDriver]-map op de meegeleverde
CD-ROM.
4. Wanneer het bericht "Dit maakt de installatie van het TRI-CAPTURE–stuurprogramma
op deze Macintosh ongedaan" verschijnt, klikt u op [Verwijderen].
Als andere berichten verschijnen, volgt u de instructies op het scherm.
5. Wanneer het bericht "Bent u zeker dat u het stuurprogramma wilt verwijderen?"
verschijnt, klikt u op [OK].
Het dialoogvenster Identiteitscontrole of het bericht "Voor Uninstaller is vereist dat u uw
wachtwoord opgeeft." verschijnt.
6. Voer het wachtwoord in en klik op [OK].
7. Wanneer het bericht "Verwijderen is voltooid." verschijnt, klikt u op [Opnieuw
opstarten] om de computer opnieuw op te starten.
Het kan even duren voordat uw computer opnieuw opstart.
43
Problemen oplossen
Geavanceerde stuurprogramma-instellingen
U kunt de grootte van de in- en uitvoeraudiobuer en de ASIO-gerelateerde instellingen aanpassen.
Windows
Wanneer Windows 8/Windows 7 gebruikt wordt, kunnen de instellingen voor het stuurprogramma
niet gewijzigd worden wanneer de monitoring-functie van Windows ingeschakeld is. Schakel de
monitoring-functie uit (p. 40).
1. Sluit alle programma's die gebruik maken van de TRI-CAPTURE.
2. Open het "Conguratiescherm" en stel de weergavemodus als volgt in.
Windows 8/Windows 7: pictogramweergave
Windows Vista/Windows XP: klassieke weergave
3. Dubbelklik op het pictogram van de [TRI-CAPTURE].
4. Selecteer in het menu "Stuurprogramma" [Stuurprogramma-instellingen].
Het dialoogvenster met de "TRI-CAPTURE Driver Settings" verschijnt.
Instelling Beschrijving
Audiobuergrootte
U kunt de grootte van de in- en uitvoeraudiobuer instellen.
Verklein de buergrootte om de latentie te verlagen. Vergroot de buergrootte als het
geluid wegvalt.
* Na het instellen van de buergrootte dient u alle programma's die gebruik maken
van de TRI-CAPTURE opnieuw op te starten. Als u software gebruikt die over een
"audioapparaattest"-functie beschikt, voer dan die test uit.
[Gebruik ASIO Direct
Monitoring] vakje
Vink dit selectievakje aan om de ASIO Direct Monitoring-functie van ASIO-compatibele
software te gebruiken.
[Toon "README"] U kunt de onlinehandleiding voor het stuurprogramma bekijken.
44
Problemen oplossen
Mac OS X
1. Open "Systeemvoorkeuren" en klik op "TRI-CAPTURE".
Het scherm [Stuurprogramma-instellingen] wordt zichtbaar.
Instelling Beschrijving
Audiobuergrootte
U kunt de grootte van de in- en uitvoeraudiobuer van het stuurprogramma instellen.
Verklein de buergrootte om de latentie te verlagen. Vergroot de buergrootte als het
geluid wegvalt.
* Na het instellen van de buergrootte dient u alle programma's die gebruik maken
van de TRI-CAPTURE opnieuw op te starten. Als u software gebruikt die over een
"audioapparaattest"-functie beschikt, voer dan die test uit.
Opnamespeling
Als het geluid wegvalt of er ruis hoorbaar wordt, zelfs nadat u de buergrootte-
instelling in de software hebt aangepast en de "Audiobuergrootte" hebt ingesteld
zoals hierboven beschreven, verhoog dan de instelling "Opnamespeling".
Opname-timing
Pas deze instelling aan als de opgenomen audiogegevens slecht getimed zijn.
* Als de audiosoftware draait, wordt de nieuwe instelling niet onmiddellijk toegepast
nadat u op [Toepassen] hebt geklikt. Sluit alle audiosoftware af; de nieuwe instelling
zal worden toegepast nadat u de software opnieuw hebt opgestart.
45
Voornaamste specicaties
USB-audio-interface: Roland TRI-CAPTURE UA-33
Aantal audio-opname-/
afspeelkanalen
Opnemen
1 stereopaar
* Alle ingangen worden gemixt naar 1 stereopaar
in de stand ALL INPUTS en LOOP BACK.
Weergave
1 stereopaar
Volledig duplex (behalve 96 kHz)
Signaalverwerking 24 bit (lineair)
Samplefrequentie 96 kHz, 48 kHz, 44,1 kHz
Nominaal ingangsniveau
INPUT1 (MIC)-aansluiting -60 tot -30 dBu
INPUT2 (GUITAR)-
aansluiting
-25 dBu
INPUT3 (AUX)-aansluitingen -10 dBu
Nominaal uitgangsniveau OUTPUT-aansluitingen +4 dBu (balans)
Residuele ruis
Gem. -93 dBu
(ingang begrensd met 1 kilo-ohm, ingangscontrole: OFF, IHF-A, gem.)
Dynamisch bereik Gem. 100 dB
Interface USB
Opnamestand
MIC/GUITAR
ALL INPUTS
LOOP BACK (behalve 96 kHz)
Controller
[INPUT1 (MIC)]-, [INPUT2 (GUITAR)]-, [INPUT3 (AUX)]-knop
[PHONES]-knop
[PHANTOM]-knop
[Hi-Z]-knop
[REC MODE]-knop
[OUTPUT MUTE]-knop
[INPUT MONITOR]-knop
[SAMPLE RATE]-schakelaar
[MODE]-schakelaar
Indicator
PEAK-indicatoren
SIG-indicatoren
Aansluitingen
INPUT1 (MIC)-aansluiting (type XLR, gebalanceerd, fantoomvoeding DC 48 V,
10 mA)
* 1/4"-aansluiting en microfoon met voeding via ingang kunnen niet worden
aangesloten
INPUT2 (GUITAR)-aansluiting (1/4"-aansluiting)
INPUT3 (AUX)-aansluitingen (L, R) (RCA-tulpstekker)
OUTPUT-aansluitingen (L, R) (1/4" TRS-aansluiting (gebalanceerd))
PHONES-aansluiting (1/4"-stereoaansluiting)
USB-connector (USB Type B)
Stroomvoorziening Geleverd met de computer via USB
Stroomverbruik 450 mA
46
Voornaamste specicaties
Afmetingen 171 (B) x 134 (D) x 40 (H) mm
Gewicht 320 g (alleen de TRI-CAPTURE)
Accessoires
Gebruikershandleiding
CD-ROM
USB-kabel
Ableton Live Lite Serial Number Card
(0 dBu = 0,775 Vrms)
* De specicaties en/of de vormgeving van dit apparaat zijn, in het belang van
productverbetering, onderhevig aan wijzigingen zonder voorafgaande kennisgeving.
47
Index
A
ABLETON LIVE LITE SERIAL NUMBER CARD. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8
AFSPELEN . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 22
ALL INPUTS . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 26,48
AUDIOINVOERAPPARAAT . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 21
AUDIOUITVOERAPPARAAT . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 21
B
BAS . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 10
C
CONDENSATORMICROFOON . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 10,24,26,28
D
DYNAMISCHE MICROFOON . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 10,24,26,28
F
FANTOOMVOEDING . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 10,13
G
GITAAR . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 10
H
HIZKNOP . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 10
I
INDICATOR UITGANGSNIVEAU . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 11
INPUT 1 MICAANSLUITING . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13
INPUT 1 MICKNOP . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 11
INPUT 2 GUITARAANSLUITING . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 12
INPUT 2 GUITARKNOP . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 11
INPUT 3 AUXAANSLUITINGEN . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 12
INPUT 3 AUXKNOP . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 11
INPUT MONITORKNOP . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 11
INSTALLATIE
STUURPROGRAMMA . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 14
INVOER/UITVOERAPPARAAT . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 21
L
LOOP BACK . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 28,49
M
MIC/GUITAR . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 24,48
MODESCHAKELAAR . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13
O
OPNEMEN
AUDIOAPPARAAT . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 26,28
COMPUTER . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 28
MICROFOON OF GITAAR . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 24,26,28
OUTPUTAANSLUITING . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 12
OUTPUT MUTEKNOP . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 11
P
PEAKINDICATOREN . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 11
PHANTOMKNOP . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 10
PHONESAANSLUITING . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 12
PHONESKNOP . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 12
R
REC MODE. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 23
ALL INPUTS . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 26,48
LOOP BACK . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 28,49
MIC/GUITAR . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 24,48
REC MODEKNOP . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 11
S
SAMPLE RATESCHAKELAAR . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13
SIGINDICATOREN . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 11
STUURPROGRAMMA
GEAVANCEERDE INSTELLINGEN . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 43
INSTALLATIE . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 14
OPNIEUW INSTALLEREN . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 41
VERWIJDEREN . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 41
U
USBCONNECTOR . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 12
48
Blokschema's voor de REC MODE
Meer informatie over de functie REC MODE vindt u bij "Opnemen" (p. 23).
MIC/GUITAR
+48V
Hi-Z
INPUT 1
INPUT
MONITOR
(MIC)
INPUT 2
(GUITAR)
INPUT 3
(AUX)
D/A
OUTPUT
MUTE
OUTPUT
PHONES
USB
AUDIO
IN OUT
A/D
+
+
STEREO
MONO
PEAK/SIG
PEAK/SIG
PEAK/SIG
A/D
D/A
ALL INPUTS
+48V
Hi-Z
INPUT 1
A/D
INPUT
MONITOR
(MIC)
INPUT 2
(GUITAR)
INPUT 3
(AUX)
D/A
OUTPUT
MUTE
D/A
OUTPUT
PHONES
USB
AUDIO
IN OUT
A/D
+
+
+
+
STEREO
MONO
PEAK/SIG
PEAK/SIG
PEAK/SIG
49
Blokschema's voor de REC MODE
LOOP BACK
+48V
Hi-Z
INPUT 1
A/D
INPUT
MONITOR
(MIC)
INPUT 2
(GUITAR)
INPUT 3
(AUX)
D/A
OUTPUT
MUTE
D/A
OUTPUT
PHONES
USB
AUDIO
IN OUT
A/D
+
+
+
+
+
STEREO
MONO
PEAK/SIG
PEAK/SIG
PEAK/SIG
50
For EU Countries
For China
51
This product complies with the requirements of EMC Directive 2004/108/EC.
For EU Countries
For Canada
This Class B digital apparatus meets all requirements of the Canadian Interference-Causing Equipment Regulations.
Cet appareil numérique de la classe B respecte toutes les exigences du Règlement sur le matériel brouilleur du Canada.
NOTICE
AVIS
For the USA
FEDERAL COMMUNICATIONS COMMISSION
RADIO FREQUENCY INTERFERENCE STATEMENT
This equipment has been tested and found to comply with the limits for a Class B digital device, pursuant to Part 15 of the
FCC Rules. These limits are designed to provide reasonable protection against harmful interference in a residential
installation. This equipment generates, uses, and can radiate radio frequency energy and, if not installed and used in
accordance with the instructions, may cause harmful interference to radio communications. However, there is no guarantee
that interference will not occur in a particular installation. If this equipment does cause harmful interference to radio or
television reception, which can be determined by turning the equipment off and on, the user is encouraged to try to correct the
interference by one or more of the following measures:
– Reorient or relocate the receiving antenna.
– Increase the separation between the equipment and receiver.
– Connect the equipment into an outlet on a circuit different from that to which the receiver is connected.
– Consult the dealer or an experienced radio/TV technician for help.
This device complies with Part 15 of the FCC Rules. Operation is subject to the following two conditions:
(1) this device may not cause harmful interference, and
(2) this device must accept any interference received, including interference that may cause undesired operation.
Unauthorized changes or modification to this system can void the users authority to operate this equipment.
This equipment requires shielded interface cables in order to meet FCC class B Limit.
WARNING
This product contains chemicals known to cause cancer, birth defects and other reproductive harm, including lead.
For C.A. US
(
Proposition 65
)
For the USA
DECLARATION OF CONFORMITY
Compliance Information Statement
Model Name :
Type of Equipment :
Responsible Party :
Address :
Telephone :
Model Name :
Type of Equipment :
Responsible Party :
Address :
Telephone :
UA-5
USB Audio Interface
Edirol Corporation North America
425 Sequoia Drive, Suite 114, Bellingham, WA 98226
(360) 594-4276
UA-33
USB Audio Interface
Roland Corporation U.S.
5100 S. Eastern Avenue, Los Angeles, CA 90040-2938
(323) 890-3700
06
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52

Roland TRI-Capture de handleiding

Categorie
Audiomixers
Type
de handleiding