SICK Laser Scanner Interface LSI 101 Handleiding

Type
Handleiding
LSI NL
8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI
© SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved
239
Inhoud
1. Algemeen ..................................................................... 240
2. Systeembeschrijving..................................................... 241
3. Veiligheidsvoorschriften en -instructies ......................... 241
4. Montage........................................................................ 243
4.1 Mechanische bevestiging ....................................... 243
4.2 Elektrische installatie ............................................. 243
4.3 Eisen aan de leidingen Communicatie ................... 244
5. Aanwijzingen voor de inbedrijfstelling ........................... 246
6. Controles ...................................................................... 246
6.1 Controle PLS met LSI ............................................ 246
6.2 Checklist ................................................................ 249
7. Diagnose ...................................................................... 252
7.1 Diagnose-elementen .............................................. 252
7.2 Service .................................................................. 254
8. Accessoires .................................................................. 254
9. Conformiteit.................................................................. 255
10. Technische gegevens LSI ........................................... 256
11. Bijlage: legenda bij de afbeeldingen............................ 264
Dit werk is door de auteurswet beschermd. De hieraan ontleende
rechten zijn eigendom van de firma SICK AG. Een verveelvoudiging
van het werk of delen uit het werk zijn alleen toegestaan binnen de
grenzen van de wettelijke voorschriften van de auteurswet. Een
wijziging of samenvatting van het werk is zonder uitdrukkelijke
schriftelijke toestemming van de firma SICK AG verboden.
NL LSI
8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI
240 © SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved
1. Algemeen
Deze gebruiksaanwijzing bevat informatie m.b.t. de inbedrijf-
stelling, functiecontrole, onderhoud, diagnose en technische
gegevens alsmede de conformiteitsverklaring. Verdergaande
informatie bijv. voor de bestelling, de systeemtoepassing of
voor de programmering staan vermeld in de Technische
Beschrijving van de LSI.
Informatie over de tastende laserscanner PLS vindt u in de
documentatie van de PLS.
Deze gebruiksaanwijzing heeft uitsluitend betrekking op het
volgende apparaat:
LSI 101 - 11X
Het laatste cijfer van de typeaanduiding (X: 1 tot 4) komt
overeen met het maximaal aansluitbare aantal sensors.
Dit apparaat is gecertificeerd als personenveiligheidsinrichting
en voldoet bij reglementaire toepassing aan de overeen-
komstige voorschriften.
LSI NL
8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI
© SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved
241
2. Systeembeschrijving
De laserscanner interface LSI vormt samen met de tastende
laserscanner PLS als sensor een systeemeenheid voor de
personenveiligheid aan voertuigen en installaties in gesloten
ruimtes. De LSI biedt hierbij de mogelijkheid maximaal vier
PLS gelijktijdig toe te passen. De aangesloten laserscanners
communiceren via seriële interfaces online met de LSI. In het
niet-transiënte geheugen van de interfaces kunnen maximaal
acht veiligheids- en waarschuwingsvelden, worden opges-
lagen, hierna aangeduid als bewakingszones. Deze worden
via binaire ingangen of snelheidssensors opgevraagd en aan
verschillende uitgangskanalen toegekend.
De LSI wordt in combinatie met de PLS bijv. aan vrijrijdende
transportsystemen of aan productie-installaties toegepast.
Daar worden de toepassingsmogelijkheden van de laser-
scanner aanzienlijk uitgebreid. Door de registratie van de
snelheid is het mogelijk bewakingszones afhankelijk van de
snelheid en de rijrichting aan te passen. Bovendien kunnen bij
de stationaire beveiliging van de zones veiligheidsvelden
machine-afhankelijk bestuurd worden.
Door de toepassing van twee onafhankelijke, 2-kanalige uit-
schakelpaden (OSSD) kunnen simultane bewakingsgevallen
worden gerealiseerd. Ieder OSSD-paar beschikt over een
aparte reset / restart- en relaiscontrole-ingang.
3. Veiligheidsvoorschriften en -instructies
Voor de aanbouw en bedrading van de LSI let u a.u.b. op de
aanwijzingen in de Technischen Beschrijving van de LSI en
PLS. Montage en aansluiting mag alleen door vakkundig
personeel worden uitgevoerd.
Voor de eerste inbedrijfstelling moet een controle door de
hiervoor verantwoordelijke persoon van de exploitant worden
uitgevoerd. Een dergelijke controle mag principieel alleen
door deskundig personeel worden uitgevoerd.
NL LSI
8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI
242 © SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved
1. Voor de toepassing/montage van de contactloos werkende
veiligheidsinrichting en voor de inbedrijfstelling en terug-
kerende technische controles gelden de nationale/internatio-
nale rechtsvoorschriften, in het bijzonder
de machinerichtlijn 98/37 EG,
de richtlijn voor de toepassing van arbeidsmiddelen
89/655 EEG,
de veiligheidsvoorschriften en
de ongevallenpreventievoorschriften/veiligheidsregels.
De fabrikant en de gebruiker van de machine, waaraan onze
veiligheidsinrichtingen worden toegepast, zijn ervoor
verantwoordelijk dat alle geldende veiligheidsvoorschriften/-
regels met de verantwoordelijke instantie worden afgestemd
en aangehouden.
2. Bovendien moeten onze instructies, in het bijzonder
keuringsvoorschriften (zie hoofdstuk „Keuringen“) van deze
Technische Beschrijving c.q. gebruiksaanwijzing (zoals bijv.
m.b.t. de toepassing, aanbouw, installatie of integratie in de
machinebesturing) in acht genomen en opgevolgd worden.
3. De keuringen moeten door ter zake kundigen c.q. door
extra hiertoe bevoegde en belaste personen uitgevoerd en
op navolgbare wijze gedocumenteerd worden.
4. Onze gebruiksaanwijzing moet de werknemer (operator
van de machine, waaraan onze veiligheidsinrichting wordt
toegepast, beschikbaar worden gesteld. De werknemer moet
door ter zake kundigen worden geïnstrueerd.
5. In deze brochure is als bijlage een checklist opgenomen
voor de controle door de dabrikant en de inrichter.
LSI NL
8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI
© SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved
243
4. Montage
4.1 Mechanische bevestiging
De behuizing van de LSI kan of via DIN-railtechniek (TS 35)
of via de meegeleverde bevestigingsset in de schakelkast
(min. beschermingsgraad IP54) worden bevestigd. Let voor
de montage van de PLS a.u.b. op de aanwijzingen in de
Technischen Beschrijving van de PLS.
4.2 Elektrische installatie
Voor de bedrading van de installatie wordt aanbevolen het
aansluitschema in de bijlage open te vouwen.
M.b.t. de spanningstoevoer naar de LSI moet erop worden
gelet dat de totale stroomopname afhangt van het aantal
gebruikte sensors en de aangesloten last aan de uitgangen.
Nadere gegevens hierover staan ook vermeld in de
Technische Beschrijving van PLS en LSI. Let er bovendien op
dat de leidingsdoorsnede voldoende is.Gebruik voor de be-
drading van de WAGO-connectorverbindingen de meegele-
verde kunststof klembeugels.
Bij de toepassing van de incrementale geveringangen C en D
staan de statische ingangen C1, C2 en D1, D2 niet meer ter
beschikking!
Kenmerk de aansluitstekkers om verwisselingen te
voorkomen.
Aanwijzingen m.b.t. de installatie van de PLS aan de LSI
In verbinding met de LSI mogen de veiligheidsuitgangen
(OSSD) van de aangesloten PLS niet worden gebruikt.
Let a.u.b. ook op het volledige aansluitschema in de bijlage.
Leg alle leidingen en aansluitkabels zodanig dat zij tegen
beschadigingen beschermd zijn.
Wanneer u de connectoren en leidingen zelf confectioneert,
dient u erop te letten dat u de kubusvormige connectoren voor
de voedingsspanning en de interface niet verwisselt.
NL LSI
8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI
244 © SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved
Sluit vrije schroefboringen met de bijgevoegde blindstoppen
af en let erop dat de afdichtingen zich in de juiste positie
bevinden.
Laat de connectorverbinding niet vallen. De sub-D-connector
zou hierdoor in het huis kunnen worden gedrukt en zodoende
onbruikbaar worden.
Controleer of de afdichtingen correct op de aansluithuizen
zitten.
Plaats de connectors in de juiste stand op de hiervoor
bestemde opnames in het PLS-huis. Schuif de connector-
verbinding met lichte druk in het PLS-huis. U herkent dat er
een correcte verbinding werd gemaakt wanneer het huis en de
kubusvormige stekker in één vlak met het PLS-huis afsluiten.
Pas dan schroeft u de kubusvormige connector en het huis
met de inbusbouten aan de zijkant vast.
Alleen wanneer de beide kubusvormige connectoren met
afdichtingen op de beschreven wijze ingezet en bevestigd
worden, voldoet het huis aan de beschermklasse IP65.
4.3 Eisen aan de leidingen Communicatie
Communicatieleiding LSI naar PLS:
De communicatieleiding naar de PLS moet door een afge-
schermde dataleiding („Twisted Pair“) gerealiseerd worden.
Gebruik aan de zijde van de LSI in elk geval de in de acces-
soires genoemde 9-polige gemetalliseerde sub D-connectors
omdat deze over een speciale afscherming beschikken. Sluit
de afscherming van de dataleiding alleen aan de kant van de
LSI aan de trekontlasting. De afscherming heeft geen contact
aan de kant van de PLS. Let op de pinaansluitingen.
Gebruik een capactiteitsarme, gepaarde dataleiding van het
type Li2YCY (TP) met een leidingsdoorsnede van minstens
2 x 2 x 0,25 mm
2
.
Max. leidingslengte: 30 m
LSI NL
8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI
© SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved
245
Voedingsspanningleiding naar LSI:
Gebruik een koperen leiding met een doorsnede van
maximaal 2,5 mm
2
. Max. leidingslengte: 50 m
Signaalleidingen van c.q. naar de LSI:
Gebruik een koperen leiding met een doorsnede van
max. 2,5 mm
2
. Max. leidingslengte: 50 m
Voedingsspanningsleiding naar de PlS:
Gebruik een koperen leiding met een doorsnede van
max. 0,5 mm
2
. Max. leidingslengte: 30 m
Opmerkingen:
Let er bij het bepalen van de afmetingen van de leidings-
doorsnede, afhankelijk van de leidingslengte en de tolerantie
van de netadapter, op, dat het systeem niet buiten de toege-
laten spanningsbereiken wordt toegepast (zie technische
gegevens LSI en PLS).
De veerklemlijsten kunnen geleiders (enkele ader, meerdere
aders, fijnaderig of fijnaderig met adereindhuls) met een door-
snede van 0,08 tot 2,5 mm
2
klemmen.
Voorbeeld-tabel voor de voedingsspanningsleidingen:
Leidingslengte voedingsspanning
Systeem Netadapter – LSI LSI – PLS
LSI met twee PLS 50 m (2,5 mm
2
) 10 m (0,5 mm
2
)
Netadapter 24 V DC ± 3 % 40 m (2,5 mm
2
) 20 m (0,5 mm
2
)
24 m (1,5 mm
2
) 20 m (0,5 mm
2
)
LSI met vier PLS 40 m (2,5 mm
2
) 4 m (0,5 mm
2
)
Netadapter 24 V DC ± 3 % 28 m (2,5 mm
2
) 20 m (0,5 mm
2
)
17 m (1,5 mm
2
) 20 m (0,5 mm
2
)
LSI met twee PLS 50 m (2,5 mm
2
) 20 m (0,5 mm
2
)
Netadapter 24 V DC ± 1 % 30 m (1,5 mm
2
) 20 m (0,5 mm
2
)
LSI met twee PLS 4 m (1,0 mm
2
) 4 m (0,5 mm
2
)
Netadapter
24 V DC +20 %/-25%
NL LSI
8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI
246 © SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved
5. Aanwijzingen voor de inbedrijfstelling
Voor de inbedrijfstelling gelden bijzondere veiligheidsmaat-
regelen. Let hiertoe in elk geval op de overeenkomstrige
hoofdstukken van de technische beschrijving.
Het apparaat is voorgeprogrammeerd met een basisconfigu-
ratie. Wijzigingen in de bewakingsgebieden alsmede de para-
meterring mogen alleen door geautoriseerde personen
(specialisten) worden uitgevoerd.
6. Controles
6.1 Controle PLS met LSI
Deze controles zijn noodzakelijk om de correcte werkwijze
van de veiligheidsinrichtingen en de integratie in de machine-/
installatiebesturing te testen en om eventuele wijzigingen of
manipulaties op te sporen.
De volgende punten moeten in acht worden genomen om de
reglementaire toepassing te waarborgen:
Montage en elektrische aansluiting alleen door ter zake
kundig personeel. Ter zake kundig is diegene die op grond
van zijn vakkundige opleiding en ervaring over voldoende
kennis op het gebied van het te controleren motorische
aangedreven arbeidsmiddel beschikt en zover vertrouwd is
met de overeenkomstige overheidsvoorschriften,
ongevalpreventievoorschriften, richtlijnen en algemeen
erkende regels van de techniek (bijv. DIN-normen, VDE-
bepalingen, technische regels van andere lidstaten van de
EG) dat hij de veilige arbeidstoestand van het motorisch
aangedreven arbeidsmiddel kan beoordelen. Dit zijn over het
algemeen ter zake kundigen van de fabrikant van de
contactloos werkende veiligheidsinrichting of personen die bij
de fabrikant van de veiligheidsinrichting werden opgeleid,
hoofdzakelijk met controles van veiligheidsinrichtingen bezig
zijn en door de exploitant van de veiligheidsinrichting
hiermede werden belast.
LSI NL
8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI
© SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved
247
1.Controle voor de eerste inbedrijfstelling van de veilig-
heidsinrichting van de machine door ter zake kundige:
- De controle voor de eerste inbedrijfstelling dient ertoe de
in de nationale / internationale voorschriften in het
bijzonder in de richtijn voor machines of voor de
gebruikers van arbeidsmiddelen vereiste veiligheidseisen
te bevestigen (EG-conformiteitsverklaring)
- Controle van de werkzaamheid van de veiligheidsinrichting
op de machine in alle op de machine instelbare functies
overeenkomstig de bijgevoegde checklist.
- Het bedieningspersoneel,van de met de veiligheids-
inrichting beveiligde machine moet voor het begin van het
werk door een ter zake kundige van de exploitant van de
machine worden geïnstrueerd. De instructie valt onder de
verantwoordelijkheid van de exploitant van de machine.
U kunt uw LSI-systeem controleren, door aan de hand van de
in hoofdstuk 6.2 afgedrukte checklist te werk te gaan.
2. Regelmatige controle van de veiligheidsinrichting door
ter zake kundige:
- Controle overeenkomstig de nationaal geldige
voorschriften in de hierin genoemde intervallen. Deze
controles dienen voor het opsporen van veranderingen of
manipulaties aan de veiligheidsinrichting met betrekking
tot de eerste inbedrijfstelling.
- De keuringen moeten telkens ook dan worden uitgevoerd
bij belangrijke veranderingen aan de machine of veilig-
heidsinrichting en na het opnieuw inrichten of reparaties in
geval van beschadiging aan huis, frontglas, aansluitkabels
enz.
U kunt uw LSI-systeem controleren, door aan de hand van de
in hoofdstuk 6.2 afgedrukte checklist te werk te gaan.
NL LSI
8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI
248 © SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved
3. Dagelijkse controle van de veiligheidsinrichting door
bevoegde en hiermee belaste personen:
Zo controleert u uw LSI-systeem reglementair:
1. De controle moet voor het overeenkomstig ingestelde
bewakingsgeval worden uitgevoerd.
2. Controleer de mechanische installatie op vastzittende
bevestigingsschroeven en de reglementaire uitrichting
van de PLS.
3. Controleer de PLS op zichtbare veranderingen zoals
beschadigingen, manipulaties enz.
4. Schakel de machine/installatie aan.
5. Let op de controlelampen van de PLS (rood, groen, geel).
6. Wanneer bij ingeschakelde machine/installatie niet ten
monste een controlelamp permanent gaat branden, moet
van een fout in de machine/installatie worden uitgegaan.
In dit geval moet de machine direct worden stilgezet en
door een specialist worden gecontroleerd.
7. Onderbreek doelgericht het veiligheidslichtveld bij lopend
bedrijf om de werking van de gehele installatie te contro-
leren. De controlelampjes van elke gecontroleerde PLS
en LSI moeten hierbij van groen naar rood wisselen en de
gevaarlijke beweging moet direct tot stilstand komen.
Herhaal deze controle op verschillende plaatsen van de
gevarenzone en op alle PLS. Wanneer er hier een
afwijking van deze functie wordt vastgesteld, moet de
machine/ installatie direct stilgezet en door een specialist
gecontroleerd worden.
8. Voor de staionaire toepassing moet gecontroleerd worden
of de op de vloer gemarkeerde gevarenzone overeenkomt
met de in de LSI opgeslagen vorm van het veiligheidsveld
en of eventuele hiaten door extra maatregelen beveiligd
zijn. Bij mobiele applicaties moet gecontroleerd worden of
het voertuig in beweging, met de in de LSI ingestelde en
op het voertuig op het aanwijzingsbord of in het
configuratieprotocol weergegeven grenzen van het
veiligheidsveld, werkelijk stopt. Wanneer er hier een
LSI NL
8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI
© SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved
249
afwijking wordt vastgesteld, moet de
machine/installatie/het voertuig onmiddellijk gestopt en
door een specialist gecontroleerd worden.
9. Deze controle vervangt de vereiste keuring in de
technische beschrijving / gebruiksaanwijzing PLS.
Aanwijzing voor de operator
De aanwijzingen voor de dagelijkse controle van de
veiligheidsinrichting zijn ook in vorm van een sticker
bijgevoegd. Bevestig deze a.u.b. goed leesbaar in de
nabijheid van de veiligheidsinrichting om de dagelijkse
controleprocedure te vergemakkelijken.
6.2 Checklist
De gegevens van de hieronder vermelde punten moeten ten
minste bij de eerste inbedrijfstelling aanwezig zijn – echter
afhankelijk van de toepassing waarvan de fabrikant/inrichter
de eisen moet controleren.
Deze checklist moet bewaard worden c.q. bij de machine-
documenten opgeborgen zijn zodat deze als referentie kan
dienen bij terugkerende controles.
NL LSI
8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI
250 © SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved
1. Werden de veiligheidsvoorschriften overeenkomstig de voor
de machine geldige richtlijnen/normen ten gronde gelegd?
Ja o Nee o
2. Werden de toegepaste richtlijnen en normen in de conformiteits-
verklaring vermeld?
Ja o Nee o
3. Voldoet de veiligheidsinrichting aan de vereiste besturings-
categorie? Ja o Nee o
4. Is de toegang tot de gevarenzone/gevaarlijke plaats alleen via het
veiligheidsveld van de contactloos werkende veiligheidsinrichting
mogelijk?
Ja o Nee o
5. Werden er maatregelen getroffen die bij de beveiliging van de
gevarenzone/gevaarlijke plaats een onbeschermd verblijf in de
gevarenzone verhinderen (mechanische inloopbeveiliging), c.q.
bewaken en zijn deze tegen verwijderen beveiligd?
Ja o Nee o
6. Werden alle bewakingsgebeurtenissen die via de LSI geselecteerd
kunnen worden, zodanig geconcipieerd, dat de onder punt 5
getroffen maatregelen effectief blijven?
Ja o Nee o
7. Werden er extra mechanische veiligheidsmaatregelen, die het over
het veiligheidsveld heen reiken, erom heen grijpen en onder het
veiligheidsveld door grijpen verhinderen, aangebracht en tegen
manipulatie beveiligd?
Ja o Nee o
8. Werd de max. stoptijd c.q. nalooptijd van de machine nagemeten
en (op de machine en/of in de machinedocumenten) aangegeven
en gedocumenteerd?
Ja o Nee o
9. Werd de noodzakelijke veiligheidsafstand van het contactloos
werkende veiligheidssysteem tot de dichtstbij gelegen gevarenzone
bij alle functies (bewakingsgebeurtenissen) aangehouden?
Ja o Nee o
LSI NL
8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI
© SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved
251
10. Werden de apparaten van het contactloos werkende veiligheid-
systeem reglementair bevestigd en na de afstelling tegen
verschuiven beveiligd?
Ja o Nee o
11. Zijn de noodzakelijke veiligheidsmaatregelen tegen elektrische
schokken werkzaam (beschermklasse)?
Ja o Nee o
12. Zijn de signalen voor de omschakeling van bewakingsgebeur-
tenissen voor de ingangen A, B, C, D van de LSI tweekanalig
uitgevoerd
(Nadere gegevens, zie hoofdstuk 8.2 Technische Beschrijving LSI)
Ja o Nee o
13. Is het commandotoestel voor de reset van de (BWS) veiligheids-
inrichting c.q. voor de herstart van de machine aanwezig en regle-
mentair aangebracht? Ja o Nee o
14. Werden de uitgangen van het contactloos werkende veiligheid-
systeem (OSSD) volgens de noodzakelijke besturingscategorie
geïntegreerd en komen zij overeen met de schakelschema’s?
Ja o Nee o
15. Werd de veiligheidsfunctie overeenkomstig de controleaanwijzing
van deze documentatie gecontroleerd?
Ja o Nee o
16. Worden de door het contactloos werkende veiligheidsysteem
aangestuurde schakelelementen, bijv. relais, ventielen bewaakt?
Ja o Nee o
17. Is het contactloos werkende veiligheidsysteem tijdens de gehele
gevaarlijke toestand werkzaam?
Ja o Nee o
18. Is het aanwijzingsbord voor de dagelijkse controle goed zichtbaar
voor de operator aangebracht?
Ja o Nee o
Deze checklist vervangt niet de eerste inbedrijfstelling en de regel-
matige controle door een specialist.
NL LSI
8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI
252 © SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved
7. Diagnose
7.1 Diagnose-elementen
Op de bovenkant van het huis van de LSI zijn acht
controlelampjes aangebracht, die de status van het systeem
weergeven.
Aan iedere veiligheidsuitgang (OSSD A, OSSD B) is een
groen en een rood controlelampje toegekend. De status dvan
het systeem wordt met de ERROR-controlelamp (geel) ge-
signaleerd. Wanneer de werking met herstart werd gedefi-
nieerd, geven de beide indicaties RES A en RES B door
knipperen aan dat het systeem op de bevestiging wacht.
Wanneer de communicatie naar de gebruiker (PC) van
RS232 op RS422 werd omgeconfigureerd, brandt de gele
RS422-indicatie.
1: OSSD A inactief (rood)
2: OSSD B inactief (rood)
3: Vervuiling van het frontglas PLS/systeem ERROR (geel)
4: OSSD A actief (groen)
5: OSSD B actief (groen)
6: Herstart bij reset/restart (OSSD A) (geel)
7: Herstart bij reset/restart (OSSD B) (geel)
8: Communicatie op RS422 geconfigureerd (geel)
LSI NL
8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI
© SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved
253
Diagnose met LSI-controlelampen:
Status OSSD
(
groen)
Weak/
Error
(
geel)
Res
(
geel)
OSSD
(rood)
Veiligheidsveld vrij
Object in veiligheidsv.
Waarschuwing
verontreiniging *
1Hz
Verontreiniging *
Fatal Error **
»4Hz
Starttest
Wachten op
reset / restart
1Hz
Diagnose met PLS-controlelampen:
Status groen geel rood
Veiligheidsveld vrij
Object in veiligheidsv.
Waarschuwing
verontreiniging *
1Hz
Verontreiniging *
Fatal Error **
»4Hz
Starttest
Wachten op
reset / restart
1Hz
Uitgangsniveau op LSI:
Status OSSD Waarschu
wingsveld
ERROR
Veiligheidsveld vrij
Waarschuwingsv. vrij
Object in veiligheidsv.
Object in waarschuw.
Waarschuwing
verontreiniging *
Verontreiniging *
Fatal Error **
»4Hz
Starttest
Wachten op
reset / restart
NL LSI
8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI
254 © SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved
* Bij verontreiniging het PLS-frontglas met een zachte
doek en kunststof reiniger schoonmaken!
** Systeemfouten: Zie hoofdstuk 7.2 Service!
= LED brandt
1 Hz = LED knippert langzaam
»4 Hz = LED knippert snel
= uitgang schakelt op high
= uitgang schakelt op low
= uitgang is constant low
»4 Hz = uitgang wisselt tussen high en low
7.2 Service
De LSI is op grond van de volelektronsiche opbouw onder-
houdsvrij. Bij storingen kan aan de hand van de onder 7.1
vermelde informatie bij de controlelampjes een eerste
diagnose worden gesteld. Let hiertoe ook op de informatie in
hoofdfstuk „7.2 Onderhoud“ van de gebruiksaanwijzing PLS.
Voor geautoriseerd personeel (zie aanwijzing in de
Technische Beschrijving van de PLS en LSI) staat met behulp
van de bijgevoegde gebruikerssoftware een uitvoerig
diagnosesysteem ter beschikking.
Bij verdere vragen kunt u contact opnemen met de
verantwoordelijke SICK vestiging of met de
SICK service-hotline: +49 07681 / 202 - 3134
8. Accessoires
De juiste leidingsets voor de bedrading aan de kant van de
PLS naar de LSI staat vermeld in de Technische Beschrijving
van de PLS of van de Technische Beschrijving LSI. Daar zijn
onder het hoofdstuk „Selectietabel voor PLS/ LSI“ alle nood-
zakelijke artikelen vermeld die voor de reglementaire werking
nodig zijn.
NL LSI
8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI
256 © SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved
10. Technische gegevens LSI
GegevensKenmerken
min. Type max.
Voedingsspanning (Uv)
verpolingsbestendig via veilig-
heid-scheidings-transformator
overeenkomstig EN 60742
16,8 V 24 V 28,8
Toegelaten restrimpel:
de grenswaarden van de span-
ningen mogen daarbij niet wor-
den over- c.q. onderschreden.
500 mV
Leidinglengte 50 m
Leidingdoorsnede 2,5 mm
2
Toegelaten leidingweerstand 2,5 Ohm
Reactietijd (instelbaar)
Tweevoudig 190 ms
Formule voor meervoudige
evaluatie
(n = 2 tot 16)
Uitzondering: PLS101-316 met
LSI bij voertuigbeveiliging, hier
bedraagt de reactietijd 270 ms,
niet instelbaar
110 ms + ( n x 40 ms )
Inschakeltijden
Bij spanning aan 9 sec.
Vermogensopname
zonder PLS en last 15 W
met 1 PLS en max. last 63 W
met 2 PLS en max. last 80 W
met 3 PLS en max. last 97 W
met 4 PLS en max. last 114 W
PLS-aansluiting zie technische gegevens PLS.
Alleen PLS van hetzelfde type
aansluiten.
LSI NL
8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI
© SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved
257
GegevensKenmerken
min. type max.
RES A, RES B
(reset / restart-ingang)
Aantal Telkens een ingang per OSSD-
paar
Ingangsweerstand bij HIGH 3,8 k Ohm
Spanning voor HIGH 15 V 28,8 V
Spanning voor LOW 0 V 1 V
Stroomopname
Begin impulsstroom
(met t = 100 us)
15 mA 32 mA
Statische ingangsstroom 3,5 mA 9 mA
Tijdgedrag van de
reset / restart toets
Low-niveau voor de bediening 160 ms
High-niveau tijdens de
bediening
240 ms 5 s
Low-niveau na de bediening 160 ms
Leidinglengte 50 m
Leidingdoorsnede 2,5 mm
2
Toegelaten leidingweerstand 2,5 Ohm
EDM-ingang
(relaiscontrole)
Aantal Telkens een ingang per OSSD-
paar
Ingangsweerstand bij HIGH 3,8 k Ohm
Spanning voor HIGH 15 V 28,8 V
Spanning voor LOW 0 V 1 V
Stroomopname
Begin impulsstroom
(met t = 100 us)
15 mA 32 mA
Statische ingangsstroom 3,5 mA 9 mA
NL LSI
8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI
258 © SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved
GegevensKenmerken
min. type max.
Tijdgedrag van de EDM – ingang
High-niveau na OSSD
activering
200 ms
Low-niveau bij OSSD
deactivering
200 ms
Cyclische bewaking van de
rust- c.q. werkpositie
5 s
Leidinglengte 50 m
Leidingdoorsnede 2,5 mm
2
Toegelaten leidingweerstand 2,5 Ohm
Ingangen A, B (2-kanalig: A1,
A2/B1, B2 antivalent), statisch-
binair
Ingangsweerstand bij HIGH 3,8 k Ohm
Spanning voor HIGH 15 V 28,8 V
Spanning voor LOW 0 V 1 V
Stroomopname
Begin impulsstroom
(met t = 100 us)
15 mA 32 mA
Statische ingangsstroom 3,5 mA 9 mA
Poort inconsistentie
Tijdvenster voor geldige
omschakeling
(bij 2-voudige evaluatie)
80 ms
Leidinglengte 50 m
Leidingdoorsnede 2,5 mm
2
Toegelaten leidingweerstand 2,5 Ohm
Ingangen C, D (2-kanalig: C1,
C2/D1, D2 antivalent), statisch-
binair
Ingangsweerstand bij HIGH 2,6 kOhm
Spanning voor HIGH 15 V 28,8 V
Spanning voor LOW 0 V 1 V
LSI NL
8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI
© SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved
259
GegevensKenmerken
min. type max.
Stroomopname
Begin impulsstroom
(met t = 0,5 us)
15 mA 32 mA
Statische ingangsstroom 5 mA 13 mA
Poort inconsistentie
Tijdvenster voor geldige
omschakeling
(bij 2-voudige evaluatie)
80 ms
Leidinglengte 50 m
Leidingdoorsnede 2,5 mm
2
Toegelaten leidingweerstand 2,5 Ohm
Ingangen C, D (alleen voor
incrementaalgevers 0°/90°),
dynamisch
Ingangsweerstand bij HIGH 2,6 kOhm
Spanning voor HIGH 15 V 28,8 V
Spanning voor LOW 0 V 1 V
Stroomopname
Begin impulsstroom
(met t = 0,5 us)
15 mA 32 mA
Statische ingangsstroom 5 mA 13 mA
Tastgraad g (Ti/T) 0,5
Ingangsfrequentie 100 kHz
Min. impulsaantal per cm 50
Evalueerbaar snelheidsgebied ±10 cm/s ±2000
cm/s
Tolerantietijd voor verschillende
richtingsinformatie of
signaaluitval van een
incrementele generator
0,4 s
(³ 10 cm/s)
Overschrijding snelheids-
tolerantie bij gelijke richting
van de incrementaalgevers
20 s
(³ 30 cm/s)
60 s
(< 30 cm/s)
Leidinglengte 50 m
Leidingdoorsnede 2,5 mm
2
Toegelaten leidingweerstand 2,5 Ohm
NL LSI
8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI
260 © SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved
GegevensKenmerken
min. type max.
Waarschuwingsveld uitgang
A/B (PNP),
HIGH active
Aantal Telkens een ingang per OSSD-
paar
Schakelspanning High-actief bij
50 mA
Uv – 1 V Uv
Schakelspanning High-actief bij
100 mA
Uv -0,5 V Uv
Schakelstroom
(relatie tot EXT_GND maken)
100 mA
Stroombegrenzing
( t= 5ms, 25 graden Celsius)
600 mA 920 mA
Zuivere lastinductiviteit 2 H
Schakelvolgorde 6
1
/s
Reactietijd ( n = 2 tot 16 ;
n = meervoudige evaluatie)
150ms + ( n x 40 ms )
Leidingslengte 50 m
Leidingsdoorsnede 2,5 mm
2
Toegelaten leidingsweerstand 2,5 Ohm
Fout-uitgang (PNP), HIGH
active
Aantal in uitgang
Schakelspanning High-actief bij
50 mA
Uv -1 V Uv
Schakelspanning High-actief bij
100 mA
Uv -0,5 V Uv
Schakelstroom
(relatie tot EXT_GND maken)
100 mA
Stroombegrenzing
( t= 5ms, 25 graden Celsius)
600 mA 920 mA
Zuivere lastinductiviteit 2 H
Schakelvolgorde
» 4
1
/s
Leidingslengte 50 m
Leidingsdoorsnede 2,5 mm
2
Toegelaten leidingsweerstand 2,5 Ohm
LSI NL
8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI
© SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved
261
GegevensKenmerken
min. type max.
Veiligheidsuitgangen
(OSSD A, OSSD B),
dynamisch, High-actief
Aantal Twee 2-kanalige uitgangen
Schakelspanning High-actief
(Ueff)
Uv -3,4 V Uv
Spanning voor LOW 0 V 2,5 V
Schakelstroom
(relatie tot EXT_GND maken)
2 mA 250 mA
Kortsluitbestendig door bewaken van de uitgangen
In geval van storing: Lekstroom
onderbreking van de GND-
leiding. Het achtergeschakelde
besturingselement moet deze
toestand als Low herkennen.
1,1 mA
Zuivere lastcapaciteit 100 nF
Zuivere lastinductiviteit 2 H
Schakelvolgorde (zonder
omschakeling en zonder
simultane bewaking)
6
1
/s
Reactietijd bij 2-voudige
evaluatie
190 ms
Leidingslengte 50 m
Leidingsdoorsnede 2,5 mm
2
Toegelaten leidingsweerstand 2,5 Ohm
Testimpulsgegevens
(OSSD_Test)
Testimpulsbreedte 100 us
Testfrequentie eenmaal per scan
Testimpulsgegevens (Test_Ub)
Testimpulsbreedte 100 us
Testfrequentie tweemaal per scan
Veiligheidscategorie beveiligd tegen enkelfouten
DIN V 19250 Classificatie 4
EN 954-1 Categorie 3
IEC/EN 61496-1 Type 3
NL LSI
8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI
262 © SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved
GegevensKenmerken
min. type max.
Algemene gegevens
Beschermingssoort
Inbouw in de schakelkast met
minimaal IP 54 vereist.
IP 20
Beschermklasse 3
Veiligheid lage spanning
Vochtbelasting F volgens DIN 40040
Trillingsbelasting IEC 60068, deel 2-6
Frequentiebereik 10 ... 55 Hz
Amplitude 0,35 mm
Enkele schokken IEC 60068, deel 2-29
Permanente schokken 1000 10 g / 16 ms
Storingsbestendigheid (EMC) IEC / EN 61496-1 Type 4
EN 50081-2 DIN 40839-1 en -3
Massa (netto) 1,25 kg
Afmetingen (B x H x D)
Maten zonder klemmen en
stekkers
216 mm x 108 mm x 86 mm
Bedrijfstemperatuur in graden
Celsius
0 +50
Opslagtemperatuur in graden
Celsius
–25 +70
Veiligheidsvelden 1 8
Waarschuwingsvelden 1 8
Uitgang veiligheidsveld 2 onafhankelijke bewaakte
halfgeleideruitgangen, 2-kanalig,
PNP High-actief, 24 V/250 mA
Uitgang waarschuwingsveld 2 onafhankelijke
halfgeleideruitgangen, PNP High-
actief, 24 V/100 mA
Foutuitgang 1 halfgeleideruitgang, PNP High-
actief, 24 V/100 mA
Reset/herstart-ingang 1 ingang per OSSD-paar
(aan DC 24 V)
LSI NL
8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI
© SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved
263
GegevensKenmerken
min. type max.
EDM-ingang
(relaiscontrole)
1 ingang per OSSD-paar
(aan DC 24 V)
Ingangen A1, A2, B1, B2, C1,
C2, D1, D2
statisch binaire ingangen aan
DC 24 V
Ingangen C, D dynamische ingangen aan
DC 24 V
Omschakeling van de
bewakingsgevallen
(Toepassing van de
ingangen A - D)
4 statische binaire ingangsparen
(x1 und x2 antivalent) A1, A2, B1,
B2, C1, C2, D1, D2 of
2 dynamische incrementaalgever-
ingangen (C, D) en 2 statische
binaire ingangsparen (x1 und
x2 antivalent) A1, A2, B1, B2
Interface (PC)
alleen voor temporaire
configuratie- en
diagnosedoeleinden
Overdrachtsnelheid
RS 232 9600, 19200, 38400 Baud
RS 422 9600, 19200, 38400 Baud
Leidingslengte
RS 232 15 m
RS 422 100 m
Interface (LSI - PLS)
Toepassing van een capaci-
teitsarme gepaarde dataleiding
van het type Li2YCY (TP) met
een leidingsdoorsnede van
min. 2 x 2 x 0,25 mm
2
Overdrachtsnelheid
RS 422 500kB
Leidingslengte
RS 422 30 m
Leidingsdoorsnede
RS 422 0,25 mm
2
NL LSI
8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI
264 © SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved
11. Bijlage: legenda bij de afbeeldingen
De afbeeldingen vindt u aan het einde van deze gebruiks-
aanwijzing.
Afbeelding 1: Maatschets
Alle maten zijn in mm weergegeven.
H Houder voor wandmontage (accessoire)
Afbeelding 2: Connectoraansluiting
X1 Aansluiting stroomvoeding
X2, X3 Aansluiting PLS-stroomvoeding
X4, X7 Aansluiting communicatieleiding naar PLS
X8 Aansluiting naar PC
X14, X15 Aansluiting van de stroomuitgangen voor OSSD,
waarschuwingsveld (WZ) en ERROR
X13 Aansluiting van de ingangen reset/restart en relais-
controle (EDM)
X11, X12 Aansluiting van de statische ingangen A, B, C en D
X9, X10 Aansluiting van de dynamische ingangen C en D
Afbeelding 3: Connectoraansluitingen Sub D 9-pol
ALSI à PC: PC-interface RS 232/422 „X8“
(Brug 7-8 bij aansluiting van een PC met RS 422-interface)
BPLS à LSI: Gegevensinterface RS 422 aan PLS
(Brug 7-8 voor het omschakelen op RS 422)
CLSI à PLS: Gegevensinterface RS 422 „X4...X7“ aan LSI
(afscherming aan trekontlasting aansluiten)
DLSI à INC: Signaalinterface „X9, X10“ naar de
incrementaalgevers
(afscherming aan trekontlasting aansluiten)

Documenttranscriptie

LSI NL Inhoud 1. Algemeen ..................................................................... 240 2. Systeembeschrijving..................................................... 241 3. Veiligheidsvoorschriften en -instructies ......................... 241 4. Montage........................................................................ 243 4.1 Mechanische bevestiging ....................................... 243 4.2 Elektrische installatie ............................................. 243 4.3 Eisen aan de leidingen Communicatie ................... 244 5. Aanwijzingen voor de inbedrijfstelling ........................... 246 6. Controles ...................................................................... 246 6.1 Controle PLS met LSI ............................................ 246 6.2 Checklist ................................................................ 249 7. Diagnose ...................................................................... 252 7.1 Diagnose-elementen .............................................. 252 7.2 Service .................................................................. 254 8. Accessoires .................................................................. 254 9. Conformiteit .................................................................. 255 10. Technische gegevens LSI ........................................... 256 11. Bijlage: legenda bij de afbeeldingen............................ 264 Dit werk is door de auteurswet beschermd. De hieraan ontleende rechten zijn eigendom van de firma SICK AG. Een verveelvoudiging van het werk of delen uit het werk zijn alleen toegestaan binnen de grenzen van de wettelijke voorschriften van de auteurswet. Een wijziging of samenvatting van het werk is zonder uitdrukkelijke schriftelijke toestemming van de firma SICK AG verboden. 8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI © SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved 239 NL LSI 1. Algemeen Deze gebruiksaanwijzing bevat informatie m.b.t. de inbedrijfstelling, functiecontrole, onderhoud, diagnose en technische gegevens alsmede de conformiteitsverklaring. Verdergaande informatie bijv. voor de bestelling, de systeemtoepassing of voor de programmering staan vermeld in de Technische Beschrijving van de LSI. Informatie over de tastende laserscanner PLS vindt u in de documentatie van de PLS. Deze gebruiksaanwijzing heeft uitsluitend betrekking op het volgende apparaat: LSI 101 - 11X Het laatste cijfer van de typeaanduiding (X: 1 tot 4) komt overeen met het maximaal aansluitbare aantal sensors. Dit apparaat is gecertificeerd als personenveiligheidsinrichting en voldoet bij reglementaire toepassing aan de overeenkomstige voorschriften. 240 8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI © SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved LSI NL 2. Systeembeschrijving De laserscanner interface LSI vormt samen met de tastende laserscanner PLS als sensor een systeemeenheid voor de personenveiligheid aan voertuigen en installaties in gesloten ruimtes. De LSI biedt hierbij de mogelijkheid maximaal vier PLS gelijktijdig toe te passen. De aangesloten laserscanners communiceren via seriële interfaces online met de LSI. In het niet-transiënte geheugen van de interfaces kunnen maximaal acht veiligheids- en waarschuwingsvelden, worden opgeslagen, hierna aangeduid als bewakingszones. Deze worden via binaire ingangen of snelheidssensors opgevraagd en aan verschillende uitgangskanalen toegekend. De LSI wordt in combinatie met de PLS bijv. aan vrijrijdende transportsystemen of aan productie-installaties toegepast. Daar worden de toepassingsmogelijkheden van de laserscanner aanzienlijk uitgebreid. Door de registratie van de snelheid is het mogelijk bewakingszones afhankelijk van de snelheid en de rijrichting aan te passen. Bovendien kunnen bij de stationaire beveiliging van de zones veiligheidsvelden machine-afhankelijk bestuurd worden. Door de toepassing van twee onafhankelijke, 2-kanalige uitschakelpaden (OSSD) kunnen simultane bewakingsgevallen worden gerealiseerd. Ieder OSSD-paar beschikt over een aparte reset / restart- en relaiscontrole-ingang. 3. Veiligheidsvoorschriften en -instructies Voor de aanbouw en bedrading van de LSI let u a.u.b. op de aanwijzingen in de Technischen Beschrijving van de LSI en PLS. Montage en aansluiting mag alleen door vakkundig personeel worden uitgevoerd. Voor de eerste inbedrijfstelling moet een controle door de hiervoor verantwoordelijke persoon van de exploitant worden uitgevoerd. Een dergelijke controle mag principieel alleen door deskundig personeel worden uitgevoerd. 8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI © SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved 241 NL LSI 1. Voor de toepassing/montage van de contactloos werkende veiligheidsinrichting en voor de inbedrijfstelling en terugkerende technische controles gelden de nationale/internationale rechtsvoorschriften, in het bijzonder de machinerichtlijn 98/37 EG, de richtlijn voor de toepassing van arbeidsmiddelen 89/655 EEG, de veiligheidsvoorschriften en de ongevallenpreventievoorschriften/veiligheidsregels. De fabrikant en de gebruiker van de machine, waaraan onze veiligheidsinrichtingen worden toegepast, zijn ervoor verantwoordelijk dat alle geldende veiligheidsvoorschriften/regels met de verantwoordelijke instantie worden afgestemd en aangehouden. 2. Bovendien moeten onze instructies, in het bijzonder keuringsvoorschriften (zie hoofdstuk „Keuringen“) van deze Technische Beschrijving c.q. gebruiksaanwijzing (zoals bijv. m.b.t. de toepassing, aanbouw, installatie of integratie in de machinebesturing) in acht genomen en opgevolgd worden. 3. De keuringen moeten door ter zake kundigen c.q. door extra hiertoe bevoegde en belaste personen uitgevoerd en op navolgbare wijze gedocumenteerd worden. 4. Onze gebruiksaanwijzing moet de werknemer (operator van de machine, waaraan onze veiligheidsinrichting wordt toegepast, beschikbaar worden gesteld. De werknemer moet door ter zake kundigen worden geïnstrueerd. 5. In deze brochure is als bijlage een checklist opgenomen voor de controle door de dabrikant en de inrichter. 242 8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI © SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved LSI NL 4. Montage 4.1 Mechanische bevestiging De behuizing van de LSI kan of via DIN-railtechniek (TS 35) of via de meegeleverde bevestigingsset in de schakelkast (min. beschermingsgraad IP54) worden bevestigd. Let voor de montage van de PLS a.u.b. op de aanwijzingen in de Technischen Beschrijving van de PLS. 4.2 Elektrische installatie Voor de bedrading van de installatie wordt aanbevolen het aansluitschema in de bijlage open te vouwen. M.b.t. de spanningstoevoer naar de LSI moet erop worden gelet dat de totale stroomopname afhangt van het aantal gebruikte sensors en de aangesloten last aan de uitgangen. Nadere gegevens hierover staan ook vermeld in de Technische Beschrijving van PLS en LSI. Let er bovendien op dat de leidingsdoorsnede voldoende is.Gebruik voor de bedrading van de WAGO-connectorverbindingen de meegeleverde kunststof klembeugels. Bij de toepassing van de incrementale geveringangen C en D staan de statische ingangen C1, C2 en D1, D2 niet meer ter beschikking! Kenmerk de aansluitstekkers om verwisselingen te voorkomen. Aanwijzingen m.b.t. de installatie van de PLS aan de LSI In verbinding met de LSI mogen de veiligheidsuitgangen (OSSD) van de aangesloten PLS niet worden gebruikt. Let a.u.b. ook op het volledige aansluitschema in de bijlage. Leg alle leidingen en aansluitkabels zodanig dat zij tegen beschadigingen beschermd zijn. Wanneer u de connectoren en leidingen zelf confectioneert, dient u erop te letten dat u de kubusvormige connectoren voor de voedingsspanning en de interface niet verwisselt. 8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI © SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved 243 NL LSI Sluit vrije schroefboringen met de bijgevoegde blindstoppen af en let erop dat de afdichtingen zich in de juiste positie bevinden. Laat de connectorverbinding niet vallen. De sub-D-connector zou hierdoor in het huis kunnen worden gedrukt en zodoende onbruikbaar worden. Controleer of de afdichtingen correct op de aansluithuizen zitten. Plaats de connectors in de juiste stand op de hiervoor bestemde opnames in het PLS-huis. Schuif de connectorverbinding met lichte druk in het PLS-huis. U herkent dat er een correcte verbinding werd gemaakt wanneer het huis en de kubusvormige stekker in één vlak met het PLS-huis afsluiten. Pas dan schroeft u de kubusvormige connector en het huis met de inbusbouten aan de zijkant vast. Alleen wanneer de beide kubusvormige connectoren met afdichtingen op de beschreven wijze ingezet en bevestigd worden, voldoet het huis aan de beschermklasse IP65. 4.3 Eisen aan de leidingen Communicatie Communicatieleiding LSI naar PLS: De communicatieleiding naar de PLS moet door een afgeschermde dataleiding („Twisted Pair“) gerealiseerd worden. Gebruik aan de zijde van de LSI in elk geval de in de accessoires genoemde 9-polige gemetalliseerde sub D-connectors omdat deze over een speciale afscherming beschikken. Sluit de afscherming van de dataleiding alleen aan de kant van de LSI aan de trekontlasting. De afscherming heeft geen contact aan de kant van de PLS. Let op de pinaansluitingen. Gebruik een capactiteitsarme, gepaarde dataleiding van het type Li2YCY (TP) met een leidingsdoorsnede van minstens 2 2 x 2 x 0,25 mm . Max. leidingslengte: 30 m 244 8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI © SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved LSI NL Voedingsspanningleiding naar LSI: Gebruik een koperen leiding met een doorsnede van 2 maximaal 2,5 mm . Max. leidingslengte: 50 m Signaalleidingen van c.q. naar de LSI: Gebruik een koperen leiding met een doorsnede van 2 max. 2,5 mm . Max. leidingslengte: 50 m Voedingsspanningsleiding naar de PlS: Gebruik een koperen leiding met een doorsnede van 2 max. 0,5 mm . Max. leidingslengte: 30 m Opmerkingen: Let er bij het bepalen van de afmetingen van de leidingsdoorsnede, afhankelijk van de leidingslengte en de tolerantie van de netadapter, op, dat het systeem niet buiten de toegelaten spanningsbereiken wordt toegepast (zie technische gegevens LSI en PLS). De veerklemlijsten kunnen geleiders (enkele ader, meerdere aders, fijnaderig of fijnaderig met adereindhuls) met een door2 snede van 0,08 tot 2,5 mm klemmen. Voorbeeld-tabel voor de voedingsspanningsleidingen: Leidingslengte voedingsspanning Systeem Netadapter – LSI LSI met twee PLS 50 m (2,5 mm ) Netadapter 24 V DC ± 3 % 40 m (2,5 mm ) 10 m (0,5 mm ) 2 20 m (0,5 mm ) 2 20 m (0,5 mm ) 2 4 m (0,5 mm ) 2 20 m (0,5 mm ) 2 20 m (0,5 mm ) 2 20 m (0,5 mm ) 2 20 m (0,5 mm ) 2 4 m (0,5 mm ) 24 m (1,5 mm ) LSI met vier PLS Netadapter 24 V DC ± 3 % 40 m (2,5 mm ) 28 m (2,5 mm ) 17 m (1,5 mm ) LSI met twee PLS 50 m (2,5 mm ) Netadapter 24 V DC ± 1 % 30 m (1,5 mm ) LSI met twee PLS LSI – PLS 2 4 m (1,0 mm ) 2 2 2 2 2 2 2 2 2 Netadapter 24 V DC +20 %/-25% 8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI © SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved 245 NL LSI 5. Aanwijzingen voor de inbedrijfstelling Voor de inbedrijfstelling gelden bijzondere veiligheidsmaatregelen. Let hiertoe in elk geval op de overeenkomstrige hoofdstukken van de technische beschrijving. Het apparaat is voorgeprogrammeerd met een basisconfiguratie. Wijzigingen in de bewakingsgebieden alsmede de parameterring mogen alleen door geautoriseerde personen (specialisten) worden uitgevoerd. 6. Controles 6.1 Controle PLS met LSI Deze controles zijn noodzakelijk om de correcte werkwijze van de veiligheidsinrichtingen en de integratie in de machine-/ installatiebesturing te testen en om eventuele wijzigingen of manipulaties op te sporen. De volgende punten moeten in acht worden genomen om de reglementaire toepassing te waarborgen: Montage en elektrische aansluiting alleen door ter zake kundig personeel. Ter zake kundig is diegene die op grond van zijn vakkundige opleiding en ervaring over voldoende kennis op het gebied van het te controleren motorische aangedreven arbeidsmiddel beschikt en zover vertrouwd is met de overeenkomstige overheidsvoorschriften, ongevalpreventievoorschriften, richtlijnen en algemeen erkende regels van de techniek (bijv. DIN-normen, VDEbepalingen, technische regels van andere lidstaten van de EG) dat hij de veilige arbeidstoestand van het motorisch aangedreven arbeidsmiddel kan beoordelen. Dit zijn over het algemeen ter zake kundigen van de fabrikant van de contactloos werkende veiligheidsinrichting of personen die bij de fabrikant van de veiligheidsinrichting werden opgeleid, hoofdzakelijk met controles van veiligheidsinrichtingen bezig zijn en door de exploitant van de veiligheidsinrichting hiermede werden belast. 246 8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI © SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved LSI NL 1.Controle voor de eerste inbedrijfstelling van de veiligheidsinrichting van de machine door ter zake kundige: - - - De controle voor de eerste inbedrijfstelling dient ertoe de in de nationale / internationale voorschriften in het bijzonder in de richtijn voor machines of voor de gebruikers van arbeidsmiddelen vereiste veiligheidseisen te bevestigen (EG-conformiteitsverklaring) Controle van de werkzaamheid van de veiligheidsinrichting op de machine in alle op de machine instelbare functies overeenkomstig de bijgevoegde checklist. Het bedieningspersoneel,van de met de veiligheidsinrichting beveiligde machine moet voor het begin van het werk door een ter zake kundige van de exploitant van de machine worden geïnstrueerd. De instructie valt onder de verantwoordelijkheid van de exploitant van de machine. U kunt uw LSI-systeem controleren, door aan de hand van de in hoofdstuk 6.2 afgedrukte checklist te werk te gaan. 2. Regelmatige controle van de veiligheidsinrichting door ter zake kundige: - - Controle overeenkomstig de nationaal geldige voorschriften in de hierin genoemde intervallen. Deze controles dienen voor het opsporen van veranderingen of manipulaties aan de veiligheidsinrichting met betrekking tot de eerste inbedrijfstelling. De keuringen moeten telkens ook dan worden uitgevoerd bij belangrijke veranderingen aan de machine of veiligheidsinrichting en na het opnieuw inrichten of reparaties in geval van beschadiging aan huis, frontglas, aansluitkabels enz. U kunt uw LSI-systeem controleren, door aan de hand van de in hoofdstuk 6.2 afgedrukte checklist te werk te gaan. 8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI © SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved 247 NL LSI 3. Dagelijkse controle van de veiligheidsinrichting door bevoegde en hiermee belaste personen: Zo controleert u uw LSI-systeem reglementair: 1. De controle moet voor het overeenkomstig ingestelde bewakingsgeval worden uitgevoerd. 2. Controleer de mechanische installatie op vastzittende bevestigingsschroeven en de reglementaire uitrichting van de PLS. 3. Controleer de PLS op zichtbare veranderingen zoals beschadigingen, manipulaties enz. 4. Schakel de machine/installatie aan. 5. Let op de controlelampen van de PLS (rood, groen, geel). 6. Wanneer bij ingeschakelde machine/installatie niet ten monste een controlelamp permanent gaat branden, moet van een fout in de machine/installatie worden uitgegaan. In dit geval moet de machine direct worden stilgezet en door een specialist worden gecontroleerd. 7. Onderbreek doelgericht het veiligheidslichtveld bij lopend bedrijf om de werking van de gehele installatie te controleren. De controlelampjes van elke gecontroleerde PLS en LSI moeten hierbij van groen naar rood wisselen en de gevaarlijke beweging moet direct tot stilstand komen. Herhaal deze controle op verschillende plaatsen van de gevarenzone en op alle PLS. Wanneer er hier een afwijking van deze functie wordt vastgesteld, moet de machine/ installatie direct stilgezet en door een specialist gecontroleerd worden. 8. Voor de staionaire toepassing moet gecontroleerd worden of de op de vloer gemarkeerde gevarenzone overeenkomt met de in de LSI opgeslagen vorm van het veiligheidsveld en of eventuele hiaten door extra maatregelen beveiligd zijn. Bij mobiele applicaties moet gecontroleerd worden of het voertuig in beweging, met de in de LSI ingestelde en op het voertuig op het aanwijzingsbord of in het configuratieprotocol weergegeven grenzen van het veiligheidsveld, werkelijk stopt. Wanneer er hier een 248 8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI © SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved LSI NL afwijking wordt vastgesteld, moet de machine/installatie/het voertuig onmiddellijk gestopt en door een specialist gecontroleerd worden. 9. Deze controle vervangt de vereiste keuring in de technische beschrijving / gebruiksaanwijzing PLS. Aanwijzing voor de operator De aanwijzingen voor de dagelijkse controle van de veiligheidsinrichting zijn ook in vorm van een sticker bijgevoegd. Bevestig deze a.u.b. goed leesbaar in de nabijheid van de veiligheidsinrichting om de dagelijkse controleprocedure te vergemakkelijken. 6.2 Checklist De gegevens van de hieronder vermelde punten moeten ten minste bij de eerste inbedrijfstelling aanwezig zijn – echter afhankelijk van de toepassing waarvan de fabrikant/inrichter de eisen moet controleren. Deze checklist moet bewaard worden c.q. bij de machinedocumenten opgeborgen zijn zodat deze als referentie kan dienen bij terugkerende controles. 8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI © SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved 249 NL LSI 1. Werden de veiligheidsvoorschriften overeenkomstig de voor de machine geldige richtlijnen/normen ten gronde gelegd? Ja o Nee o 2. Werden de toegepaste richtlijnen en normen in de conformiteitsverklaring vermeld? Ja o Nee o 3. Voldoet de veiligheidsinrichting aan de vereiste besturingscategorie? Ja o Nee o 4. Is de toegang tot de gevarenzone/gevaarlijke plaats alleen via het veiligheidsveld van de contactloos werkende veiligheidsinrichting mogelijk? Ja o Nee o 5. Werden er maatregelen getroffen die bij de beveiliging van de gevarenzone/gevaarlijke plaats een onbeschermd verblijf in de gevarenzone verhinderen (mechanische inloopbeveiliging), c.q. bewaken en zijn deze tegen verwijderen beveiligd? Ja o Nee o 6. Werden alle bewakingsgebeurtenissen die via de LSI geselecteerd kunnen worden, zodanig geconcipieerd, dat de onder punt 5 getroffen maatregelen effectief blijven? Ja o Nee o 7. Werden er extra mechanische veiligheidsmaatregelen, die het over het veiligheidsveld heen reiken, erom heen grijpen en onder het veiligheidsveld door grijpen verhinderen, aangebracht en tegen manipulatie beveiligd? Ja o Nee o 8. Werd de max. stoptijd c.q. nalooptijd van de machine nagemeten en (op de machine en/of in de machinedocumenten) aangegeven en gedocumenteerd? Ja o Nee o 9. Werd de noodzakelijke veiligheidsafstand van het contactloos werkende veiligheidssysteem tot de dichtstbij gelegen gevarenzone bij alle functies (bewakingsgebeurtenissen) aangehouden? Ja o Nee o 250 8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI © SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved LSI NL 10. Werden de apparaten van het contactloos werkende veiligheidsysteem reglementair bevestigd en na de afstelling tegen verschuiven beveiligd? Ja o Nee o 11. Zijn de noodzakelijke veiligheidsmaatregelen tegen elektrische schokken werkzaam (beschermklasse)? Ja o Nee o 12. Zijn de signalen voor de omschakeling van bewakingsgebeurtenissen voor de ingangen A, B, C, D van de LSI tweekanalig uitgevoerd (Nadere gegevens, zie hoofdstuk 8.2 Technische Beschrijving LSI) Ja o Nee o 13. Is het commandotoestel voor de reset van de (BWS) veiligheidsinrichting c.q. voor de herstart van de machine aanwezig en reglementair aangebracht? Ja o Nee o 14. Werden de uitgangen van het contactloos werkende veiligheidsysteem (OSSD) volgens de noodzakelijke besturingscategorie geïntegreerd en komen zij overeen met de schakelschema’s? Ja o Nee o 15. Werd de veiligheidsfunctie overeenkomstig de controleaanwijzing van deze documentatie gecontroleerd? Ja o Nee o 16. Worden de door het contactloos werkende veiligheidsysteem aangestuurde schakelelementen, bijv. relais, ventielen bewaakt? Ja o Nee o 17. Is het contactloos werkende veiligheidsysteem tijdens de gehele gevaarlijke toestand werkzaam? Ja o Nee o 18. Is het aanwijzingsbord voor de dagelijkse controle goed zichtbaar voor de operator aangebracht? Ja o Nee o Deze checklist vervangt niet de eerste inbedrijfstelling en de regelmatige controle door een specialist. 8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI © SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved 251 NL LSI 7. Diagnose 7.1 Diagnose-elementen Op de bovenkant van het huis van de LSI zijn acht controlelampjes aangebracht, die de status van het systeem weergeven. Aan iedere veiligheidsuitgang (OSSD A, OSSD B) is een groen en een rood controlelampje toegekend. De status dvan het systeem wordt met de ERROR-controlelamp (geel) gesignaleerd. Wanneer de werking met herstart werd gedefinieerd, geven de beide indicaties RES A en RES B door knipperen aan dat het systeem op de bevestiging wacht. Wanneer de communicatie naar de gebruiker (PC) van RS232 op RS422 werd omgeconfigureerd, brandt de gele RS422-indicatie. 1: OSSD A inactief (rood) 2: OSSD B inactief (rood) 3: Vervuiling van het frontglas PLS/systeem ERROR (geel) 4: OSSD A actief (groen) 5: OSSD B actief (groen) 6: Herstart bij reset/restart (OSSD A) (geel) 7: Herstart bij reset/restart (OSSD B) (geel) 8: Communicatie op RS422 geconfigureerd (geel) 252 8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI © SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved LSI NL Diagnose met LSI-controlelampen: Weak/ Status OSSD Error (groen) (geel) Veiligheidsveld vrij Object in veiligheidsv. Waarschuwing verontreiniging * Verontreiniging * Fatal Error ** Starttest Wachten op reset / restart Uitgangsniveau op LSI: Status OSSD OSSD (rood) 1Hz »4Hz 1Hz Diagnose met PLS-controlelampen: Status groen geel Veiligheidsveld vrij Object in veiligheidsv. Waarschuwing verontreiniging * Verontreiniging * Fatal Error ** Starttest Wachten op reset / restart Res (geel) rood 1Hz »4Hz 1Hz Waarschu wingsveld ERROR Veiligheidsveld vrij Waarschuwingsv. vrij Object in veiligheidsv. Object in waarschuw. Waarschuwing verontreiniging * Verontreiniging * Fatal Error ** Starttest Wachten op reset / restart 8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI © SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved »4Hz 253 NL * ** LSI Bij verontreiniging het PLS-frontglas met een zachte doek en kunststof reiniger schoonmaken! Systeemfouten: Zie hoofdstuk 7.2 Service! = LED brandt 1 Hz = LED knippert langzaam »4 Hz = LED knippert snel = uitgang schakelt op high = uitgang schakelt op low = uitgang is constant low »4 Hz = uitgang wisselt tussen high en low 7.2 Service De LSI is op grond van de volelektronsiche opbouw onderhoudsvrij. Bij storingen kan aan de hand van de onder 7.1 vermelde informatie bij de controlelampjes een eerste diagnose worden gesteld. Let hiertoe ook op de informatie in hoofdfstuk „7.2 Onderhoud“ van de gebruiksaanwijzing PLS. Voor geautoriseerd personeel (zie aanwijzing in de Technische Beschrijving van de PLS en LSI) staat met behulp van de bijgevoegde gebruikerssoftware een uitvoerig diagnosesysteem ter beschikking. Bij verdere vragen kunt u contact opnemen met de verantwoordelijke SICK vestiging of met de SICK service-hotline: +49 07681 / 202 - 3134 8. Accessoires De juiste leidingsets voor de bedrading aan de kant van de PLS naar de LSI staat vermeld in de Technische Beschrijving van de PLS of van de Technische Beschrijving LSI. Daar zijn onder het hoofdstuk „Selectietabel voor PLS/ LSI“ alle noodzakelijke artikelen vermeld die voor de reglementaire werking nodig zijn. 254 8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI © SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved NL LSI 10. Technische gegevens LSI Kenmerken Voedingsspanning (Uv) verpolingsbestendig via veiligheid-scheidings-transformator overeenkomstig EN 60742 Toegelaten restrimpel: de grenswaarden van de spanningen mogen daarbij niet worden over- c.q. onderschreden. Leidinglengte min. 16,8 V Gegevens Type max. 24 V 28,8 500 mV 50 m Leidingdoorsnede 2,5 mm 2 Toegelaten leidingweerstand 2,5 Ohm Reactietijd (instelbaar) Tweevoudig Formule voor meervoudige evaluatie (n = 2 tot 16) Uitzondering: PLS101-316 met LSI bij voertuigbeveiliging, hier bedraagt de reactietijd 270 ms, niet instelbaar Inschakeltijden Bij spanning aan 190 ms 110 ms + ( n x 40 ms ) 9 sec. Vermogensopname zonder PLS en last 15 W met 1 PLS en max. last 63 W met 2 PLS en max. last 80 W met 3 PLS en max. last 97 W met 4 PLS en max. last 114 W PLS-aansluiting 256 zie technische gegevens PLS. Alleen PLS van hetzelfde type aansluiten. 8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI © SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved LSI NL Kenmerken min. RES A, RES B (reset / restart-ingang) Aantal Ingangsweerstand bij HIGH Gegevens type max. Telkens een ingang per OSSDpaar 3,8 k Ohm Spanning voor HIGH 15 V 28,8 V Spanning voor LOW 0V 1V 15 mA 32 mA 3,5 mA 9 mA 160 ms 240 ms 5s Stroomopname Begin impulsstroom (met t = 100 us) Statische ingangsstroom Tijdgedrag van de reset / restart toets Low-niveau voor de bediening High-niveau tijdens de bediening Low-niveau na de bediening Leidinglengte Leidingdoorsnede Toegelaten leidingweerstand EDM-ingang (relaiscontrole) Aantal Ingangsweerstand bij HIGH Spanning voor HIGH Spanning voor LOW Stroomopname Begin impulsstroom (met t = 100 us) Statische ingangsstroom 160 ms 50 m 2,5 mm 2 2,5 Ohm Telkens een ingang per OSSDpaar 3,8 k Ohm 15 V 28,8 V 0V 1V 15 mA 32 mA 3,5 mA 9 mA 8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI © SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved 257 NL LSI Kenmerken min. Tijdgedrag van de EDM – ingang High-niveau na OSSD activering Low-niveau bij OSSD deactivering Cyclische bewaking van de rust- c.q. werkpositie Leidinglengte Leidingdoorsnede Toegelaten leidingweerstand Ingangen A, B (2-kanalig: A1, A2/B1, B2 antivalent), statischbinair Ingangsweerstand bij HIGH Spanning voor HIGH Spanning voor LOW Stroomopname Begin impulsstroom (met t = 100 us) Statische ingangsstroom Poort inconsistentie Tijdvenster voor geldige omschakeling (bij 2-voudige evaluatie) Leidinglengte Leidingdoorsnede Toegelaten leidingweerstand Ingangen C, D (2-kanalig: C1, C2/D1, D2 antivalent), statischbinair Ingangsweerstand bij HIGH Spanning voor HIGH Spanning voor LOW 258 Gegevens type max. 200 ms 200 ms 5s 50 m 2,5 mm 2 2,5 Ohm 3,8 k Ohm 15 V 0V 28,8 V 1V 15 mA 32 mA 3,5 mA 9 mA 80 ms 50 m 2,5 mm 2 2,5 Ohm 2,6 kOhm 15 V 0V 28,8 V 1V 8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI © SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved LSI NL Kenmerken min. Stroomopname Begin impulsstroom (met t = 0,5 us) Statische ingangsstroom Poort inconsistentie Tijdvenster voor geldige omschakeling (bij 2-voudige evaluatie) Leidinglengte Leidingdoorsnede Toegelaten leidingweerstand Ingangen C, D (alleen voor incrementaalgevers 0°/90°), dynamisch Ingangsweerstand bij HIGH Spanning voor HIGH Spanning voor LOW Stroomopname Begin impulsstroom (met t = 0,5 us) Statische ingangsstroom Tastgraad g (Ti/T) Ingangsfrequentie Min. impulsaantal per cm Evalueerbaar snelheidsgebied Gegevens type max. 15 mA 32 mA 5 mA 13 mA 80 ms 50 m 2,5 mm 2 2,5 Ohm 2,6 kOhm 15 V 0V 28,8 V 1V 15 mA 32 mA 5 mA 13 mA 0,5 100 kHz 50 ±10 cm/s Tolerantietijd voor verschillende richtingsinformatie of signaaluitval van een incrementele generator Overschrijding snelheidstolerantie bij gelijke richting van de incrementaalgevers ±2000 cm/s 0,4 s (³ 10 cm/s) 20 s (³ 30 cm/s) 60 s (< 30 cm/s) Leidinglengte Leidingdoorsnede Toegelaten leidingweerstand 8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI © SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved 50 m 2,5 mm 2 2,5 Ohm 259 NL LSI Kenmerken Gegevens type max. min. Waarschuwingsveld uitgang A/B (PNP), HIGH active Aantal Schakelspanning High-actief bij 50 mA Schakelspanning High-actief bij 100 mA Schakelstroom (relatie tot EXT_GND maken) Stroombegrenzing ( t= 5ms, 25 graden Celsius) Zuivere lastinductiviteit Schakelvolgorde Reactietijd ( n = 2 tot 16 ; n = meervoudige evaluatie) Leidingslengte Leidingsdoorsnede Toegelaten leidingsweerstand Fout-uitgang (PNP), HIGH active Aantal Schakelspanning High-actief bij 50 mA Schakelspanning High-actief bij 100 mA Schakelstroom (relatie tot EXT_GND maken) Stroombegrenzing ( t= 5ms, 25 graden Celsius) Zuivere lastinductiviteit Schakelvolgorde Leidingslengte Leidingsdoorsnede Toegelaten leidingsweerstand 260 Telkens een ingang per OSSDpaar Uv – 1 V Uv Uv -0,5 V Uv 100 mA 600 mA 920 mA 2H 6 1/ s 150ms + ( n x 40 ms ) 50 m 2,5 mm 2 2,5 Ohm in uitgang Uv -1 V Uv Uv -0,5 V Uv 100 mA 600 mA 920 mA 2H » 4 1/ s 50 m 2,5 mm 2 2,5 Ohm 8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI © SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved LSI NL Kenmerken min. Veiligheidsuitgangen (OSSD A, OSSD B), dynamisch, High-actief Aantal Schakelspanning High-actief (Ueff) Spanning voor LOW Schakelstroom (relatie tot EXT_GND maken) Kortsluitbestendig In geval van storing: Lekstroom onderbreking van de GNDleiding. Het achtergeschakelde besturingselement moet deze toestand als Low herkennen. Zuivere lastcapaciteit Zuivere lastinductiviteit Schakelvolgorde (zonder omschakeling en zonder simultane bewaking) Reactietijd bij 2-voudige evaluatie Leidingslengte Leidingsdoorsnede Toegelaten leidingsweerstand Testimpulsgegevens (OSSD_Test) Testimpulsbreedte Testfrequentie Testimpulsgegevens (Test_Ub) Testimpulsbreedte Testfrequentie Veiligheidscategorie DIN V 19250 EN 954-1 IEC/EN 61496-1 Gegevens type max. Twee 2-kanalige uitgangen Uv -3,4 V Uv 0V 2 mA 2,5 V 250 mA door bewaken van de uitgangen 1,1 mA 100 nF 2H 6 1/ s 190 ms 50 m 2,5 mm 2 2,5 Ohm 100 us eenmaal per scan 100 us tweemaal per scan beveiligd tegen enkelfouten Classificatie 4 Categorie 3 Type 3 8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI © SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved 261 NL LSI Kenmerken min. Algemene gegevens Beschermingssoort Inbouw in de schakelkast met minimaal IP 54 vereist. Beschermklasse IP 20 3 Veiligheid lage spanning F volgens DIN 40040 IEC 60068, deel 2-6 10 ... 55 Hz 0,35 mm IEC 60068, deel 2-29 10 g / 16 ms IEC / EN 61496-1 Type 4 EN 50081-2 DIN 40839-1 en -3 1,25 kg 216 mm x 108 mm x 86 mm Vochtbelasting Trillingsbelasting Frequentiebereik Amplitude Enkele schokken Permanente schokken 1000 Storingsbestendigheid (EMC) Massa (netto) Afmetingen (B x H x D) Maten zonder klemmen en stekkers Bedrijfstemperatuur in graden Celsius Opslagtemperatuur in graden Celsius Veiligheidsvelden Waarschuwingsvelden Uitgang veiligheidsveld Uitgang waarschuwingsveld Foutuitgang Reset/herstart-ingang 262 Gegevens type max. 0 +50 –25 +70 1 1 8 8 2 onafhankelijke bewaakte halfgeleideruitgangen, 2-kanalig, PNP High-actief, 24 V/250 mA 2 onafhankelijke halfgeleideruitgangen, PNP Highactief, 24 V/100 mA 1 halfgeleideruitgang, PNP Highactief, 24 V/100 mA 1 ingang per OSSD-paar (aan DC 24 V) 8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI © SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved LSI Kenmerken NL Gegevens type max. 1 ingang per OSSD-paar (aan DC 24 V) statisch binaire ingangen aan DC 24 V dynamische ingangen aan DC 24 V 4 statische binaire ingangsparen (x1 und x2 antivalent) A1, A2, B1, B2, C1, C2, D1, D2 of 2 dynamische incrementaalgeveringangen (C, D) en 2 statische binaire ingangsparen (x1 und x2 antivalent) A1, A2, B1, B2 min. EDM-ingang (relaiscontrole) Ingangen A1, A2, B1, B2, C1, C2, D1, D2 Ingangen C, D Omschakeling van de bewakingsgevallen (Toepassing van de ingangen A - D) Interface (PC) alleen voor temporaire configuratie- en diagnosedoeleinden Overdrachtsnelheid RS 232 RS 422 Leidingslengte RS 232 RS 422 Interface (LSI - PLS) Toepassing van een capaciteitsarme gepaarde dataleiding van het type Li2YCY (TP) met een leidingsdoorsnede van min. 2 x 2 x 0,25 mm 2 Overdrachtsnelheid RS 422 Leidingslengte RS 422 Leidingsdoorsnede RS 422 9600, 19200, 38400 Baud 9600, 19200, 38400 Baud 15 m 100 m 500kB 30 m 0,25 mm 2 8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI © SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved 263 NL LSI 11. Bijlage: legenda bij de afbeeldingen De afbeeldingen vindt u aan het einde van deze gebruiksaanwijzing. Afbeelding 1: Maatschets Alle maten zijn in mm weergegeven. H Houder voor wandmontage (accessoire) Afbeelding 2: Connectoraansluiting X1 Aansluiting stroomvoeding X2, X3 Aansluiting PLS-stroomvoeding X4, X7 Aansluiting communicatieleiding naar PLS X8 Aansluiting naar PC X14, X15 Aansluiting van de stroomuitgangen voor OSSD, waarschuwingsveld (WZ) en ERROR X13 Aansluiting van de ingangen reset/restart en relaiscontrole (EDM) X11, X12 Aansluiting van de statische ingangen A, B, C en D X9, X10 Aansluiting van de dynamische ingangen C en D Afbeelding 3: Connectoraansluitingen Sub D 9-pol A LSI à PC: PC-interface RS 232/422 „X8“ (Brug 7-8 bij aansluiting van een PC met RS 422-interface) B PLS à LSI: Gegevensinterface RS 422 aan PLS (Brug 7-8 voor het omschakelen op RS 422) C LSI à PLS: Gegevensinterface RS 422 „X4...X7“ aan LSI (afscherming aan trekontlasting aansluiten) D LSI à INC: Signaalinterface „X9, X10“ naar de incrementaalgevers (afscherming aan trekontlasting aansluiten) 264 8 008 308/M848/06-05-02 Operating Instructions · LSI © SICK AG · Industrial Safety Systems · Germany · All rights reserved
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52
  • Page 53 53
  • Page 54 54
  • Page 55 55
  • Page 56 56
  • Page 57 57
  • Page 58 58
  • Page 59 59
  • Page 60 60
  • Page 61 61
  • Page 62 62
  • Page 63 63
  • Page 64 64
  • Page 65 65
  • Page 66 66
  • Page 67 67
  • Page 68 68
  • Page 69 69
  • Page 70 70
  • Page 71 71
  • Page 72 72
  • Page 73 73
  • Page 74 74
  • Page 75 75
  • Page 76 76
  • Page 77 77
  • Page 78 78
  • Page 79 79
  • Page 80 80
  • Page 81 81
  • Page 82 82
  • Page 83 83
  • Page 84 84
  • Page 85 85
  • Page 86 86
  • Page 87 87
  • Page 88 88
  • Page 89 89
  • Page 90 90
  • Page 91 91
  • Page 92 92
  • Page 93 93
  • Page 94 94
  • Page 95 95
  • Page 96 96
  • Page 97 97
  • Page 98 98
  • Page 99 99
  • Page 100 100
  • Page 101 101
  • Page 102 102
  • Page 103 103
  • Page 104 104
  • Page 105 105
  • Page 106 106
  • Page 107 107
  • Page 108 108
  • Page 109 109
  • Page 110 110
  • Page 111 111
  • Page 112 112
  • Page 113 113
  • Page 114 114
  • Page 115 115
  • Page 116 116
  • Page 117 117
  • Page 118 118
  • Page 119 119
  • Page 120 120
  • Page 121 121
  • Page 122 122
  • Page 123 123
  • Page 124 124
  • Page 125 125
  • Page 126 126
  • Page 127 127
  • Page 128 128
  • Page 129 129
  • Page 130 130
  • Page 131 131
  • Page 132 132
  • Page 133 133
  • Page 134 134
  • Page 135 135
  • Page 136 136
  • Page 137 137
  • Page 138 138
  • Page 139 139
  • Page 140 140
  • Page 141 141
  • Page 142 142
  • Page 143 143
  • Page 144 144
  • Page 145 145
  • Page 146 146
  • Page 147 147
  • Page 148 148
  • Page 149 149
  • Page 150 150
  • Page 151 151
  • Page 152 152
  • Page 153 153
  • Page 154 154
  • Page 155 155
  • Page 156 156
  • Page 157 157
  • Page 158 158
  • Page 159 159
  • Page 160 160
  • Page 161 161
  • Page 162 162
  • Page 163 163
  • Page 164 164
  • Page 165 165
  • Page 166 166
  • Page 167 167
  • Page 168 168
  • Page 169 169
  • Page 170 170
  • Page 171 171
  • Page 172 172
  • Page 173 173
  • Page 174 174
  • Page 175 175
  • Page 176 176
  • Page 177 177
  • Page 178 178
  • Page 179 179
  • Page 180 180
  • Page 181 181
  • Page 182 182
  • Page 183 183
  • Page 184 184
  • Page 185 185
  • Page 186 186
  • Page 187 187
  • Page 188 188
  • Page 189 189
  • Page 190 190
  • Page 191 191
  • Page 192 192
  • Page 193 193
  • Page 194 194
  • Page 195 195
  • Page 196 196
  • Page 197 197
  • Page 198 198
  • Page 199 199
  • Page 200 200
  • Page 201 201
  • Page 202 202
  • Page 203 203
  • Page 204 204
  • Page 205 205
  • Page 206 206
  • Page 207 207
  • Page 208 208
  • Page 209 209
  • Page 210 210
  • Page 211 211
  • Page 212 212
  • Page 213 213
  • Page 214 214
  • Page 215 215
  • Page 216 216
  • Page 217 217
  • Page 218 218
  • Page 219 219
  • Page 220 220
  • Page 221 221
  • Page 222 222
  • Page 223 223
  • Page 224 224
  • Page 225 225
  • Page 226 226
  • Page 227 227
  • Page 228 228
  • Page 229 229
  • Page 230 230
  • Page 231 231
  • Page 232 232
  • Page 233 233
  • Page 234 234
  • Page 235 235
  • Page 236 236
  • Page 237 237
  • Page 238 238
  • Page 239 239
  • Page 240 240
  • Page 241 241
  • Page 242 242
  • Page 243 243
  • Page 244 244
  • Page 245 245
  • Page 246 246
  • Page 247 247
  • Page 248 248
  • Page 249 249
  • Page 250 250
  • Page 251 251
  • Page 252 252
  • Page 253 253
  • Page 254 254
  • Page 255 255
  • Page 256 256
  • Page 257 257
  • Page 258 258
  • Page 259 259
  • Page 260 260
  • Page 261 261
  • Page 262 262
  • Page 263 263
  • Page 264 264
  • Page 265 265
  • Page 266 266
  • Page 267 267
  • Page 268 268
  • Page 269 269
  • Page 270 270
  • Page 271 271
  • Page 272 272
  • Page 273 273
  • Page 274 274
  • Page 275 275
  • Page 276 276
  • Page 277 277
  • Page 278 278
  • Page 279 279
  • Page 280 280
  • Page 281 281
  • Page 282 282
  • Page 283 283
  • Page 284 284
  • Page 285 285
  • Page 286 286
  • Page 287 287
  • Page 288 288
  • Page 289 289
  • Page 290 290
  • Page 291 291
  • Page 292 292
  • Page 293 293
  • Page 294 294
  • Page 295 295
  • Page 296 296
  • Page 297 297
  • Page 298 298
  • Page 299 299
  • Page 300 300
  • Page 301 301
  • Page 302 302
  • Page 303 303
  • Page 304 304
  • Page 305 305
  • Page 306 306
  • Page 307 307
  • Page 308 308
  • Page 309 309
  • Page 310 310
  • Page 311 311
  • Page 312 312
  • Page 313 313
  • Page 314 314
  • Page 315 315
  • Page 316 316
  • Page 317 317
  • Page 318 318
  • Page 319 319
  • Page 320 320
  • Page 321 321
  • Page 322 322

SICK Laser Scanner Interface LSI 101 Handleiding

Type
Handleiding