Crowcon Gasman Handleiding

Type
Handleiding
Gasman
Persoonlijke enkele gasmeter
Gebruikershandleiding
M07634
September 2015
Uitgave 11
Specifieke voorschriften voor het gebruik
in gevarenzones
De volgende voorschriften zijn van toepassing
op apparatuur met het certificaatnummer:
Baseefa04ATEX0383 Flammable Gas
IECEx BAS 05.0038 Flammable Gas
Baseefa04ATEX0384 Oxygen or Toxic Gas
IECEx BAS 05.0039 Oxygen or Toxic Gas
De volgende informatie bevat alle toepasselij-
ke punten van bepaling 1.0.6 uit de Essentiële
gezond-heids- en veiligheidsvoorschriften van
de ATEX-richtlijn.
De certificatie wordt als volgt aangeduid:
1. De uitrusting kan gebruikt worden in
zones 1 en 2 als de modellen voor explo-
sieve gas-sen bestemd zijn, in zones 0, 1
en 2 als ze voor toxische gas-sen en zuur-
stofgassen bestemd zijn, en voor gassen
en dampen van de groep IIA, IIB en IC voor
de temperatuurklassen T1, T2, T3 en T4
2. De uitrusting is gecertificeerd voor het
gebruik bij een omgev-ingstemperatuur
van –20°C tot +65°C (-4ºF tot +149ºF).
De uitrusting mag niet buiten dit bereik
gebruikt worden.
3. Overeenstemming met de essentiële ver-
eisten met betrekking tot gezondheid en
veiligheid is verzekerd door overeenstem-
ming met IEC 60079-0, IEC 60079-1, IEC
60079-11 gecertificeerd Door BASEEFA
Overeenstemming met gasdetectiepresta-
tiemeetvoorschriften EN 60079-29-1, EN
60079-0, EN 60079-1 en EN 50104 and
EN 50270 werd gecertificeerd door Lloyd’s
Register.
4. De reparaties van dit toestel en de ver-
vanging van de gassensoren moet gebeu-
ren door de fabrikant of door opgeleid
personeel, in overeenstemming met de
procedures in de handleiding.
5. Als de apparatuur waarschijnlijk in contact
zal komen met bijtende stoffen dan is het
de verantwoordelijkheid van de gebruiker
om de nodige voorzorgsmaatregelen te
nemen om te voorkomen dat het nadelig
wordt beïnvloed, waardoor ook de certifi-
cering in gevaar komt.
6. De oplaadbare batterij mag alleen in
ongevaarlijke (veil-ige) zones opgeladen
worden door ze op de voorgeschreven
Crowcon-lader aan te sluiten.
7. In het batterijvak van het niet-herlaad-
bare batterijpakket mogen alleen de vol-
gende bat-terijtypes geplaatst worden:
CR2 alleen van de navolgende merken:
Panasonic, GP, Energiser en Maxwell.
Gebruik geen Duracell batterij.
De batterijen mogen alleen in een
ongevaarlijke (veilige) zone opgela-
den worden.
8 De uitrusting is niet gecertifi-ceerd voor
het gebruik in een atmosfeer die meer dan
21 % zuurstof bevat.
Vanaf 1 november 2010 is EN60079-29
deel 1 geharmoniseerd onder de ATEX
richtlijn 94/9/EG. Om te voldoen aan de
ATEX richtlijn moeten draagbare apparaten
die ontvlambare gassen waarnemen dus
voorafgaand aan elke gebruiksdag een
functionele proef met gas doorstaan. De
instructies voor deze proef zijn opgenomen
in het hoofddeel van deze handleiding.
Zoneclassificaties: -
Zone 0: Een gebied dat is geclassificeerd als
zone 0 is een gebied waar continu
of lange periodes een explosief
gasmengsel aanwezig is.
Zone 1: Een gebied dat als zone 1 geclas-
sificeerd wordt, is een gebied waar
ver-moedelijk concentraties van
explosieve gassen, dampen of vloei-
stoffen aanwezig zijn in normale
bedrijfsomstandigheden.
Zone 2: Een gebied dat als zone 2 geclas-
sificeerd wordt, is een gebied waar
ver-moedelijk geen concentra-ties
van explosieve gassen, dampen of
vloeistoffen aanwezig zijn in nor-
male bedrijfsomstandigheden.
© Copyright Crowcon Detection Instruments
Ltd 2015
Alle rechten voorbehouden. Niets uit dit docu-
ment mag worden gekopieerd, verveelvou-
digd, of in een andere taal ver-taald zonder
de voorafgaande schriftelijke toestemming
van Crowcon Detection Instruments Ltd.
Veiligheidsinformatie:
• Zorg ervoor dat u alle voor-schriften in
het hoofdstuk van deze handleiding over
de werking gelezen en begre-pen heeft
alvorens het appa-raat te gebruiken.
• Vervang geen componenten; dat kan
namelijk de intrinsieke veilig-heid scha-
den en de garantie ongeldig maken.
• Neemallewaarschuwingeneninstructies
in acht dieop de unit en in deze handlei-
ding vermeld staan.
• Neemdeplaatselijkegezondheids-envei-
ligheidsprocedures voor de te detecteren
gassen en de ontruiming-sprocedures in
acht.
• Begrijp het schermdisplay en de alarm-
waarschuwingen voorafgaand aan
gebruik.
• Als dit product niet goed werkt, moet
de diagnoseprocedure worden gelezen
of moet contact op worden genomen
met uw plaatselijke Crowcon kantoor of
vertegenwoordiger.
• Laat de sensoren en het besturingssy-
steem door gekwalificeerd onder-houds-
personeel vervangen.
• Zorgervoordatonderhoudenkalibrering
worden uitgevoerd in overeenstemming
met de procedures in de handleiding en
door opgeleid personeel.
Gasman
Persoonlijke enkele gasmeter
Inhoud
Uitpakken ...................................1
Snelstartgids .................................3
I. Inleiding ...................................7
II. Werking...................................9
III. Batterijen ................................14
IV. Alarmmeldingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 16
V. Bevestigingsaccessoires ......................18
VI. Stromingsbemonstering .....................19
VII. Onderhound en kalibratie ...................23
VIII. PC-verbinding en software ..................26
IX. i-module vervangen ........................28
X. Technische kenmerken....................... 30
XI. Accessoires en reserveonderdelen ..............31
XII. Foutopsporingstabel .......................34
Bijlage: beperkingen van sensoren ................35
Gasman Uitpakken
1
Gasman
Persoonlijke enkele gasmeter
Hartelijk dank voor de aankoop van de nieuwe persoonlijke gasmonitor,
Gasman. De Gasman, die draagbare gasmonitoring opnieuw gedefinieerd
heeft, staat garant voor een jarenlange ongeëvenaarde werking en betrouw-
baarheid.
Gelieve aandachtig de voorschriften te lezen alvorens het apparaat te gebrui-
ken. Bewaar de handleiding, zodat u ze later kunt raadplegen.
Uitpakken
Haal de persoonlijke gasmonitor Gasman uit de verpakking. De accessoires van
de Gasman vindt u onderaan in de doos. Controleer of er niets ontbreekt. De
volgende items moeten aanwezig zijn:
Gasmantoestelmetkrokodilzakklem;
• eenconfiguratierapportmetgedetailleerdeinformatieoverdegeïn-
stalleerdesensor,dealarminstellingeneneenkalibratiecertificaat;
• kalibratiekapen-slang;
• gebruikershandleiding.
Optionele batterijladers en andere accessoires zijn in een afzonderlijke doos
verpakt.
Batterij controleren
De persoonlijke gasmonitor Gasman kan met twee types van batteri-
jen werken: oplaadbare Li-ion batterijen of niet-oplaadbare batterijen.
Het etiket op de achterkant van de detector bevat ofwel NR (Non-
Rechargeable;niet-oplaadbaar)ofR(Rechargeable;oplaadbaar)omaan
te geven welke batterij in de detector zit.
Oplaadbare apparaten
De Gasman werkt op een Li-ion batterijpakket en is bij de levering normaal
gezien voldoende opgeladen, zodat u het apparaat onmiddellijk kunt gebrui-
ken nadat u het uit de doos gehaald heeft. Als dit echter de eerste keer is dat u
het Gasman-apparaat gebruikt, is het mogelijk dat u de batterij moet opladen
om de volledige gebruiksduur te bereiken (de werkelijke gebruiksduur is afhan-
kelijk van de geïnstalleerde sensortypes). De Gasman voor explosieve gassen
zal ten minste 12 uur werken als de batterij volledig opgeladen is.
Uitpakken Gasman
2
Waarschuwing: oplaadbare apparaten
De oplaadbare Gasman persoonlijke meter mag uitsluitend worden opgela-
den met een Crowcon Gasman oplader. Als men zich daar niet aan houdt,
kan dit de veiligheidscertificering, garantie en de veiligheid in gevaar bren-
gen, en dit kan leiden tot permanente schade aan het toestel.
Niet-herlaadbare units.
Gasman maakt gebruik van een CR2-batterij die eenvoudig op het werkter-
rein kan vervangen worden. Zorg dat uitsluitend de correcte batterijtypes
worden geïnstalleerd om overeenstemming met de certificering te bewaren
(zie Batterijcontrole op pagina 1).
De Gasman IR CO
2
persoonlijke enkele gasmeter
De Gasman IR CO
2
persoonlijke enkele gasmeter is een infrarode gassensor
voor de detectie van CO
2
. Deze versie van de Gasman is niet ontworpen en
gecertificeerd voor gebruik in een gevaarlijk gebied, en de veiligheidscerti-
ficeringsgegevens in hoofdstuk X zijn niet van toepassing. De bediening en
het onderhoud van de Gasman IR CO
2
is in wezen gelijk aan die van andere
Gasman toestellen maar men moet op de volgende punten letten.
CO
2
is aanwezig in omgevingslucht aan een achtergrondconcentratie net beneden 400ppm
(0,04%). In iedere ingesloten ruimte zullen de CO
2
-concentraties in de omgevingslucht stijgen
als gevolg van respiratie en indien de ruimte slecht verlucht wordt, kunnen de concentraties
wel oplopen tot meer dan 1000ppm (0,1%). CO
2
-niveaus in de buitenlucht zullen eveneens
verhogen door uitgestoten CO
2
bijv. via uitlaten van voertuigen of rookkanalen van boilers
die naar buiten uitgeven, zodat het normaal is dat schommelende CO
2
-niveaus op de display
verschijnen naargelang men zich binnen of buiten bevindt.
Gasman Snelstartgids
3
Snelstartgids
1. Aan de slag
Nadere informatie over de Gasman
Inschakelen
De opstelling van de Gasman is heel eenvoudig. Volg deze eenvoudige stappen
om uw toestel gebruiksklaar te maken.
1. Het apparaat moet zich in schone lucht bevinden.
2. Schakel het apparaat in. Houd de bedieningsknop ongeveer 3
seconden ingedrukt tot de rode LED knippert.
De LCD zal oplichten en het apparaat zal aan
een opwarmprocedure beginnen.
De gebruiker moet nu vaststellen dat de detector
de onderstaande opwarmprocedure doorloopt.
In het geval van eventuele afwijkingen moet de
Gasman naar uw plaatselijke Crowcon kantoor
onderhoudsmonteur worden gebracht.
Gas
Sensor
Label
metnaam
vanhet gas
LCD
scherm
Bedieningsknop
Alarm
LEDs
Uitgang
geluidsalarm
HS
2
Snelstartgids Gasman
4
Opwarmprocedure Gasman
a) De Gasman demonstreert
de alarm-LED’s, zoemer,
trillingsmeldingen en het
displayscherm voor de bediener.
Het geluid kan afgezet worden
door op de knop te drukken.
Op het display van de Gasman
verschijnt het volgende scherm tijdens de opwarmprocedure. Deze
neemt ongeveer 20 seconden in beslag.
Opmerking: deze schermen kunnen afhankelijk van het type sensor
verschillen.
b) Automatische nulinstelling
Als de automatische nulinstelling actief is (standaard), zal het apparaat
het bevestigingsscherm van de automatische nulstelling weergeven:
het scherm zal afwisselend ‘ZERO’ en ‘????’ weergeven. Druk één keer
op de bedieningsknop om de automatische nulstelling te bevestigen.
Als de bedieningsknop niet ingedrukt wordt binnen een time-out van
10 seconden, zal de Gasman direct naar de Run-modus overschakelen
zonder de nulstelling uit te voeren.
Geluidsalarm
test
Trilalarm
test
Alarm
LED’s
test
HS
2
OK
vv/v
ppm
ppb
0.0
ppm
OK
ppm
Bevestig nulstelling
OK
Geen automatische nulstelling
OK
ppm
knipperend
pictogram,
Gasman
werlit
normaal
Batterijleven
Pictogrammen
Automatische
nulstelling
opwarmen
AL -1
AL -2
Alarmen
0.0
OK
Gasman Snelstartgids
5
2. In geval van een alarm
Alarmsignalen
Wanneer gasconcentraties de alarmdrempels voor het gemeten gas overschrij-
den, zal de Gasman de alarmsignalen in werking stellen.
Alarmsignalen
De rode en blauwe alarm-LED’s zullen
knipperen, de speaker zal luid en
snel na elkaar een aantal pieptonen
weergeven en het ingebouwde
trilalarm zal ingeschakeld worden.
Het bedieningsscherm zal afwisselend
het alarmniveau en de meetwaarde
weergeven.
Zie afbeelding links.
AL - 1 — Alarmniveau één
AL - 2 — Alarmniveau twee
1. Als de gasconcentratie naar het normale niveau terugkeert, drukt u op
de bedieningsknop. Hierdoor wordt de Gasman gereset in de normale
Run modus. Als het gasniveau binnen de alarmlimieten is, heeft de
knop geen effect.
HS
2
ppm
Bedrijfsindicatoren
In de normale Run-modus zal de Gasman aangeven dat hij goed werkt door iedere 10
seconden een korte pieptoon weer te geven in combinatie met een blauwe knipperende LED en
door het pictogram OK te doen knipperen. Deze bedrijfsindicatoren kunnen echter met de PC
software uitgeschakeld worden.
Het Gasman-alarm is zo ingesteld dat deze standaardvergrendelt. Het toestel blijft ook als het
gasniveau weer normaal is in de alarmstand staan totdat de knop wordt ingedrukt en het alarm
wordt gewist.
Snelstartgids Gasman
6
3. Apparaat uitschakelen en opbergen
Uitschakeling
1. Houd de knop 5 seconden ingedrukt tot het scherm het bericht OFF
weergeeft. Het scherm telt af tot aan de uitschakeling.
Opslag
Om de prestaties en levensduur van de sensor te optimaliseren, dient u
de Gasman op een veilige, ongevaarlijke plaats te bewaren, bij 0-20°C en
20-90% relatieve vochtigheid
4. Bijkomende informatie
Voor informatie over het opladen van de batterij, zie hoofdstuk III.
Voor een overzicht van de bevestigingsaccessoires, zie hoofdstuk V.
Voor informatie over bemonsteringen, zie hoofdstuk VI.
Voor informatie over kalibraties, zie hoofdstuk VII.
Voor de foutopsporingstabel, zie hoofdstuk XI.
Gasman Inleiding
7
I. Inleiding
Bedankt voor de aankoop van de nieuwe persoonlijke gasmonitor Gasman.
De Gasman is een draagbare detector voor de detectie van één gas en kan
gedragen worden door personen die in gevaarlijke omgevingen, zoals besloten
ruimtes, werken. Het apparaat kan in geclassificeerde gevarenzones gebruikt
worden. De Gasman meet een enkel gas en toont de uitlezing op een display.
Voor alarmmeldingen wordt er gebruik gemaakt van een combinatie van een
krachtig geluidsalarm, een duidelijk optisch alarm van blauwe/rode knippe-
rende LED’s en een ingebouwd trilalarm. De Gasman kan worden uitgevoerd
met een groot aantal verschillende gassensoren, zowel modulair als plug en
play. De sensor is van een intelligente processor voorzien, die kalibratie- en
sensorinformatie bevat.
De Gasman werkt op batterijen en is verkrijgbaar met oplaadbare batterijen
of niet-oplaadbare batterijen. De werking op niet-oplaadbare batterijen is
alleen mogelijk bij Gasman-apparaten voor toxische gassen en zuurstof. Voor
herlaadbare modellen is een batterijlader voor een of meer Gasman-apparaten
verkrijgbaar, zie hoofdstuk XI voor meer informatie.
Crowcon heeft ingezien dat er vraag was naar een betrouwbaar en robuust
persoonlijk meetsysteem, dat tegelijk klein, licht en gebruiksvriendelijk is.
De Gasman heeft slechts één bedieningsknop en is uitgerust met een slim,
gebruiksvriendelijk display met automatische achtergrondverlichting. Het gas-
niveau wordt constant gemeten. Het apparaat kan normale gasconcentraties,
piekwaarden en tijdgewogen gemiddeldes (TWA) weergeven. De Gasman is
ook verkrijgbaar als diffusie-bemonsteringsapparaat, zie hoofdstuk XI voor de
bemonsteringsaccessoires. De configuratie en vastlegging van gegevens en
gebeurtenissen gebeurt via de Crowcon Portables pc-software, de pc-commu-
nicatieverbinding heeft de vorm van een aansluiting op de oplaadinrichting.
Door de compacte vorm en design is de Gasman comfortabel te dragen, met
een anti-slipgreep voor betere hantering. Extra accessoires zoals zakklem,
helmklem, schouderriem en tuig zijn ook verkrijgbaar.
De Gasman is van top tot teen ontworpen om u een lichter, compacter design
te geven met gemakkelijke bediening en onderhoud via een enkele knop en
uiterste betrouwbaarheid.
Inleiding Gasman
8
i-module-gassensor
De Gasman maakt gebruik van de unieke plug-and-play i-module-sensortech-
nologie. Iedere sensor is voorzien van een eigen processor die informatie over
de configuratie en kalibratie bevat. Er zijn verschillende sensoren verkrijgbaar,
die eenmaal gemonteerd onmiddellijk gebruiksklaar zijn. Modellen voor explo-
sieve gassen kunnen alleen geleverd worden met oplaadbare batterijen. Door
de plug-and-play-technologie zullen de onderhoudsduur en –kosten dalen,
en door het slimme modulaire systeem zal de sensor niet meer gekalibreerd
moeten worden. De configuratie van de Gasman kan worden aangepast met
de aanschaf van voorgekalibreerde i-modules bij Crowcon of uw plaatselijk
kantoor. Nadat een nieuwe i-module is gemonteerd, wordt aanbevolen om een
gasproef uit te voeren voordat de detector wordt gebruikt.
Betrouwbaar, schokbestendig binnenwerk en robuuste behui-
zing
De behuizing van de Gasman is uit veerkrachtig materiaal vervaardigd, en daar-
door is ze tegen de zwaarste gebruiksomstandigheden bestand. Ze is water- en
stofdicht tot IP65, en is uitgerust met een slipvaste greep. Als het apparaat valt,
wordt de stroom of werking niet onderbroken. Het apparaat kan bijgevolg
jarenlang betrouwbaar werken.
Software
De ingebouwde software van de Gasman is ontworpen en geschreven volgens
de eisen van de norm IEC 61508 om de kwaliteit en integriteit van de werking
te garanderen. Met de Gasman beschikt u over een zeer betrouwbaar per-
soonlijk gasmonitor systeem. De interne circuits bevatten een onafhankelijk
controlesysteem. De software controleert op eventuele storingen in het toestel
en geeft de gebruiker in zo'n geval een foutmelding.
Gasman Werking
9
9
II. Werking
2.1 Inschakelprocedure
1. Het apparaat moet zich in schone lucht bevinden.
NB. Voor CO
2
-detectoren zie nulpuntinstelling, sectie VII.
2. Schakel het apparaat in.
Houd de bedieningsknop ongeveer 3 seconden ingedrukt tot de rode
LED knippert.
Het instrument test eerst alle LCD-segmenten op het bedieningsscherm,
de rode en blauwe alarm-LED’s, de speaker en het ingebouwde trilalarm.
Het geluid kan afgezet worden door op de knop te drukken. Het
apparaat komt in de opwarmmodus en toont een aantal schermen, zie
pagina 3 voor meer informatie. Aan het einde van de opwarmfase zal
het menu van de automatische nulstelling weergegeven worden.
3. Automatische nulstelling
Druk één keer op de bedieningsknop om de
automatische nulstelling te bevestigen. Apparaten voor
brandbare en toxische gassen worden op de waarde nul
ingesteld, en apparaten voor zuurstof op 20,9%. Als
de bedieningsknop niet ingedrukt wordt binnen de 10
seconden, zal de Gasman onmiddellijk met de normale
werking starten zonder een nulstelling uit te voeren.
De automatische nulistellingsfunctie kan
uitgeschakeld of in de automatische stand
geplaatst worden, zodat de gebruiker deze
niet hoeft te bevestigen: het menu van de
automatische nulstelling verschijnt dan niet.
Zie hoofdstuk VI pc-verbinding en software.
Batterijen controleren
Benut deze tijd om tecontro-
leren of het batterij-pakket
voldoende opgeladenis.
!
Kalibratietest
Tijdens de opwarmprocedure verschijnt, als de volgende kalibreerdatum binnen 31
dagen valt, ‘KAL - nn’ (waarbij nn het aantal dagen tot de volgende kalibrering is).
Als de kalibreerdatum al verstreken is, toont de Gasman de waarschuwing ‘KAL’. Het
instrument kan dan nog wel werken, maar we raden ten zeerste aan om het zo snel
mogelijk op te sturen voor kalibratie.
Druk op de knop om naar de Run-modus te gaan.
De Gasman kan met behulp van de Portables pc-software zo worden ingesteld dat hij
wordt vergrendeld als de kalibreerdatum is verstreken, om te voorkomen dat de detector
wordt gebruikt voordat hij is gekalibreerd.
NB. Als de
automatische
nulinstelling niet
werkt, wordt
een aarschuwing
weergegeven.
Run-modus Gasman
10
Uitschakeling
Houd de bedieningsknop 5 seconden ingedrukt om het toestel uit te
schakelen. Op het display wordt van 5 tot 0 afgeteld waarna het toestel
uitgaat.
2.2 Run-modus
De Gasman geeft de gaswaarde weer op het bedienings-
scherm. Hieronder ziet u een typische schermweergave:
Het sensorkanaal toont de huidige waarde van het gecon-
troleerde gas met de meeteenheid. Met ‘OK’ wordt aan-
geduid dat het toestel goed werkt. Maak uzelf vertrouwd
met het gas dat in uw eenheid wordt gecontroleerd. Voor
informatie over piekwaarden en tijdgewogen gemiddeldes,
zie paragraaf 2.4.
2.3 Verklaring symbolen op het scherm
Batterij
Een volle batterij wordt weergeven door een batterijsymbool
met drie volle strepen. Een bijna lege batterij wordt aangeduid
met 1 streep. Als er geen strepen zijn, knippert het batterijsym-
bool en worden waarschuwingstonen gegeven. Als de batterij
te leeg is voor werking gaat de Gasman uit. Voordat hij uitgaat
wordt een waarschuwing voor lege batterij gegeven.
TWA alarm
De Gasman toont het TWA-alarm voor giftige gassen wanneer de drempel van
het tijdgewogen gemiddelde voor 15 minuten of 8 uur wordt overschreden.
De Gasman toont ‘LTWA’ en ‘STWA’. Als de drempel van een TWA-alarm is
bereikt kan het TWA-alarm niet worden gewist.
OK
ppm
knipperend
pictogram,
Gasman
werlit
normaal
Batterijleven
Pictogrammen
Automatische
nulstelling
opwarmen
AL -1
AL -2
Alarmen
0.0
OK
!
Full
Bedrijfsindicatoren
Om de gebruiker gerust te stellen dat het toestel goed werkt, geeft de Gasman elke 10
seconden een korte toon, vergezeld door een blauw seintje van de LED en tevens blijft OK
continu knipperen.
Gasman Weergaveopties
11
2.4 Weergaveopties
De Gasman biedt vier selecteerbare weergavemogelijkheden:
Piekweergave
Bij selectie van de Piekmodus toont het instrument de hoogste
waarde voor explosieve en toxische gassen, of de laagste waarde
voor zuurstof, sinds de inschakeling of laatste reset van de
piekwaarde. Deze functie is nuttig voor verticale instroomcontroles,
waarbij u de Gasman in een schacht kunt neerlaten in plaats van
een bemonsteringsslang te gebruiken, en ook om de blootstelling
aan piekwaarden te controleren aan het einde van een dienst.
TWA display
Toont het tijdgewogen gemiddelde voor 15 minuten en 8 uur
voor giftige gassen sinds het toestel het laatst is aangezet.
Piekwaarden resetten
Selecteer deze menu-optie om alle eerder opgeslagen
piekwaarden te wissen alvorens een piektest uit te voeren.
Nulstelling
Om een nulstelling uit te voeren op uw Gasman. (zorg ervoor dat
u zich in de verse lucht bevindt).
Menu van de weergaveopties oproepen
1. Druk twee maal op de knop om het extra weergaveoptiemenu te tonen.
De onderstaande menusymbolen verschijnen op het scherm.
2. Druk één keer op de bedieningsknop om door de lijst te scrollen. Zodra
het streepje zich onder de gewenste optie bevindt, dubbelklikt u op de
bedieningsknop. Dit selecteert de optie.
Als de optie van de piekwaarden of tijdgewogen gemiddeldes
geselecteerd wordt, zal de Gasman het pictogram ervan op het
bedieningsscherm weergeven.
0.0
HS
2
OK
ppm
0.0
OK
ppm
0.0
Let op: Alleen
apparaten voor
toxische gassen zijn
voorzien van de TWA
menu optie
Weergaveopties Gasman
12
Piektest
Bij de uitvoering van een piektest zoals een verticale instroomcontrole
kunnen vorige meetwaarden gewist worden door de menu-optie voor
het resetten van piekwaardente selecteren .
Nulstelling
Om een automatische nulstelling uit te voeren, selecteert u de
nulistellingsfunctie in het menu. Na afloop van de nulstelling zal het
instrument naar de normale Run-modus terugkeren.
3. Draaistand
De Gasman is nu gereed voor gebruik.
Maak uzelf vertrouwd met het gas dat in uw eenheid wordt
gecontroleerd en zorg ervoor dat u de gezondheids- en
veiligheidsprocedures ter plekke begrijpt voor het geval van een
alarmsituatie.
OK
ppm
0.0
1. Doorloopmenu's
2. Auswahl
OK
ppm
Spitzenwertanzeige
Gasman Bijgehouden informatie
13
2.5 Bijgehouden informatie
De Gasman houdt zowel gegevens als gebeurtenissen bij. Deze informatie
kan worden opgevraagd via de RS232-communicatieverbinding die bij de
Eénwegsoplader/interface (artikel nummer C01940) verkrijgbaar is, en door
daarbij gebruik te maken van de Portables PC software van Crowcon. Zie
hoofdstuk VIII.
De gegevens worden iedere minuut opgeslagen (deze snelheid kan met de PC
software aangepast worden). Het logbestand kan 900 uur gegevens registre-
ren met een opslaginterval van 1 minuut.
De Gasman registreert ook de datum en tijd van een aantal gebeurtenissen die
betrekking hebben op de werking en diagnose van het toestel, zoals:
In-enuitschakeling;
• Niveau1,niveau2enTWA,alarmaan,alarmuitenhetpiekniveautij-
denshetalarm;
• Nulstelling,kalibratieengastestgeluktofmislukt;
• Beschermingvandesensorvoorexplosievegassenaanenuit;
• De batterijtoestand wordt geregistreerd telkens als het apparaat in- en
uitgeschakeld wordt en terwijl het in werking is, en tevens worden som-
migewijzigingenvandeconfiguratiegere-gistreerd;
• Het gebeurtenissenlogboek kan meer dan 4800 gebeurtenissen registreren.
Batterijen Gasman
14
III. Batterijen
3.1 Oplaadbare batterijen
De oplaadtijd voor de Li-ion batterijen bedraagt minder dan 6 uur (en nog
minder als ze niet helemaal leeg zijn). Bij apparaten voor explosieve gassen
gaan de oplaadbare batterijen meestal meer dan 12 uur mee.
3.2 Gasman-lader
Er zijn 3 verschillende modellen laders verkrijgbaar voor de Gasman: een
druppellader, een lader met ingebouwde pc-interface en een multilader. De
multilader biedt plaats aan 5 Gasman-apparaten. Opmerking: de multilader
heeft geen pc-interfacemogelijkheid.
De laders worden gevoed door een DC-ingangsspanning van 12 V. De voe-
dingen zijn verkrijgbaar met UK-, EUR- of VS-connectoren, en voor andere
confi-guraties is tevens een universele voeding van 90-260 V verkrijgbaar. De
multi-lader is met een universele voeding uitgerust. Bovendien is een kabel
verkrijgbaar voor de aansluiting op een sigarettenaansteker in een voertuig,
zie hoofdstuk XI Onderdelen en Accessoires.
Communicatie en opladen zijn uitsluitend toegestaan via de Crowcon oplader/
oplader-interface C01940.
Batterijen opladen
1. Zorg ervoor dat u zich in een veilige omgeving bevindt.
2. Stop de
stroomadaptor in
een stopcontact van
het lichtnet en sluit
het oplaadsnoer aan.
3. Om de Gasman
op te laden doet
u de Gasman
gewoon rechtop
in de oplader, met het scherm naar buiten toe gericht, volgens de
onderstaande afbeelding:
De Gasman moet normaal tijden het opladen zijn uitgeschakeld. Zodra
het laden voltooid is, wordt de rode LED uitgeschakeld.
12 Vdc
Voeding
Gasman Batterijen
15
Als het apparaat tijdens het
opladen wordt ingeschakeld, zal
het normale scherm het pictogram
van de batterij weergeven. Dit
pictogram loopt van leeg naar
vol. Als u de Gasman uit de lader
haalt, wanneer de Gasman is
ingeschakeld, wordt het pictogram
binnen 20 seconden aangepast om
de huidige ladingstoestand weer te geven.
Opladers met dubbele LED's zijn niet beter geschikt voor de huidige
Gasman. Wij raden aan om die opladers te vervangen met het
bovenstaande nieuwe model (zie hoofdstuk XI, Accessoires en
reserveonderdelen, blz. 32).
Als het apparaat tijdens het opladen ingeschakeld is, zal hetladen langer in beslag
nemen.
Wanneer Gasman volledig opgeladen is en ingeschakeld wordt, zal het
icoontje van de batterij drie volle segmenten weergeven.
3.3 Oplaadbare batterijen vervangen
Er wordt aangeraden om oplaadbare batterijen te laten vervangen door een
erkend servicecentrum van Crowcon.
3.4 Niet-oplaadbare batterijen
De Gasman werkt op een Lithiumcel-accu, die tot twee jaar kan meegaan.
Schakel de Gasman altijd uit voordat u de koker opent om de batterij te vervangen.
Bij het vervangen van de batterij moet u er voor zorgen dat u zich in een
veilig, niet-gevaarlijk gebied bevindt. Verwijder het deksel in de achterkant en
verwijder de batterij*. Stop de nieuwe batterij in het instrument en maak het
deksel in de achterkant stevig vast.
Opmerking: wanneer er een niet-oplaadbare detector in de oplader/
oplader-interface wordt gestopt, gaat de rode LED niet branden en wordt
de detector niet opgeladen.
* Opmerking: nieuwere versies van de Gasman hebben een lipje waar-
door de batterij makkelijker te verwijderen is.
12 Vdc
Voeding
HS
2
Alarmmeldingen Gasman
16
IV. Alarmmeldingen
De Gasman biedt twee onmiddellijke alarmniveaus, genoemd niveau 1 en
niveau 2. Voor sensoren voor giftig gas zijn er tevens twee TWA-alarmen, een
voor korte blootstelling (STEL): op basis van een tijdgewogen gemiddelde van
15 minuten, en het tweede TWA-alarm is voor lange blootstelling (LTEL): op
basis van een tijdgewogen gemiddelde van 8 uur.
De alarminstellingen kunnen via de Portables PC software van Crowcon inge-
steld worden. De volgende instellingen zijn mogelijk:
Alarmdrempels voor iedere sensor: Onmiddellijke
alarmmeldingen niveau 1 en niveau 2.
Alarmactivering: Kan voor stijgende of dalende gasconcentratieni-
veaus ingesteld worden. Apparaten voor zuurstofmetingen worden
op dalende gasconcentratie ingesteld voor een correcte werking en
alarmering.
Alarmvergrendeling: De alarmmeldingen kunnen op vergrendeld of
onvergrendeld worden gezet. Bij vergrendelde alarmmeldingen moet
de knop worden ingedrukt om het alarm te wissen als het gevaar is
geweken. Dit is de standaardinstelling. Bij onvergrendelde alarmmel-
dingen verdwijnen ze automatisch zodra het gasgevaar is geweken,
maar niet eerder.
Stil alarm: Het geluid kan alleen voor een alarm van niveau 1 gedempt
worden. Als u tijdens een alarmtoestand op de bedieningsknop drukt,
d.w.z. wanneer een gevaarlijk gas aanwezig is, wordt het geluid
gedempt en het trilalarm gestopt. De alarm-LED’s zullen blijven knip-
peren.
Alarmgeluiden: Voor iedere alarmtoestand kan een verschillend geluid
geselecteerd worden. Zodoende zijn in alle omstandigheden optimale
prestaties mogelijk.
Bij een TWA-alarm (alarm voor tijdgewogen gemiddelde)
Als de TWA voor 15 minuten of 8 uur is geactiveerd, gaat
de Gasman over op de alarmstand en toont het een TWA-
waarschuwing met de uitlezingen van de giftige gassen. De
TWA-alarmmeldingen voor 15 minuten en voor 8 uur kunnen
geen van beide worden gewist.
Gasman Alarmmeldingen
17
Bij een overschrijding van het alarmbereik voor brandbare
gassen
Als de concentraties van het brandbare gas groter worden dan
100% LEL, wordt de Gasman vergrendeld in de alarmtoestand
en wordt het bericht ‘9999’ weergegeven om aan te geven dat
het bereik overschreden is. De Gasman zal de stroomtoevoer naar de sensor
tijdelijk uitschakelen om een doorbranding van de sensor te vermijden, en zal
gedurende 200 seconden een voortgangsbalk tonen. Wanneer de time-out
is afgelopen kunt u ofwel de knop indrukken om door te gaan of het toestel
uitschakelen en opnieuw te starten. Deze optie kan worden geprogrammeerd
met de Crowcon Portables pc-software en de standaardinstelling is ingescha-
keld.
Als de Gasman buiten het bereik toont, wordt aanbevolen om een gasproef uit
te voeren voordat u hem opnieuw gebruikt.
V. Bevestigingsaccessoires
Klemmen
De Gasman wordt met een krokodilklem geleverd. Andere leverbare klemmen
zijn
Helmbevestigingsklem
Maakt het mogelijk de Gasman op een helm te bevestigen. Veel gebruikers
dragen de draagbare gasdetector het liefst op deze manier.
Zakklem
Hiermee kan de Gasman aan een zak worden bevestigd, bij de ademzone van
de gebruiker.
Universele gordelplaat
Crowcon biedt een universele gordelplaat aan, die gebruikt kan worden in
combinatie met een borstgordel of een schouderriem.
Gasman dragen?
Borstgordel
Gebruik de M3 bevestiging (als de klem is verwijderd) op de achterkant van de
Alarmmeldingen Gasman
18
Bevestigingsaccessoires Gasman
Gasman om hem aan een tuigplaatje te bevestigen. Maak een borstgordel door
de ene riem aan de bovenste aansluitingen vast te maken en ze rond de hals te
leiden, en de andere rondom het middel vast te maken via de aansluitingen aan
de zijkant. Verstel de lengte van de riemen totdat de Gasman in een comforta-
bele werkpositie zit.
Schouderriem
Terwijl de universele gordelplaat op de riemklem bevestigd is, maakt u het
accessoire van de schouderriem vast op de aansluitingen bovenaan. Regel de
riem bij tot een comfortabele werkpositie bereikt is.
Voor een volledige lijst van de accessoires, zie hoofdstuk XI.
VI. Stromingsbemonstering
Stromingskap bevestigen
Om handmatig monsters te nemen met de Gasman, moet u op de voorkant
van het instrument – boven de sensor – een stromingskap monteren. Deze
stromingskap wordt standaard met de Gasman meegeleverd.
1. Om de stroomkap aan te brengen
moet u eerst vaststellen dat de
pakking van de kap intact is.
Schuif de stroomkap over de
sensor aan de voorkant van de
Gasman en zorg ervoor dat hij
goed op zijn plaats zit.
2. Bevestig de monsterneemslang
of stromingsaccessoire aan een
gasmondstuk.
3. Bevestig de zuigbelg aan het
andere gasmondstuk.
4. Om de stromingsslang te verwijderen, wrikt u de kap voorzichtig los
van de sensor en tilt u de kap omhoog.
Bij het gebruik van de handzuigbelg moet een constant ritme worden aan-
gehouden. Om een stromingssnelheid van ongeveer 0,5 - 1 liter/min. te
verkrijgen, raadt Crowcon aan om iedere seconde één keer te knijpen. Per
Aansluitingen
voor
schouder/nek
Gordelplaat
Aansluitingen
voor borst
M3-moer
Gasman Alarmmeldingen
19
Gasman Stromingsbemonstering
monsterneming moet er ten minste 10 keer gepompt worden.
Gastest accessoire
Het gastestaccessoire is een kit die het mogelijk maakt om met uw Gasman
gastests uit te voeren en kalibraties te doen door één knop te bedienen. Er wordt
daarbij gebruik gemaakt van een speciaal bereid, zeer stabiel mengsel met een
lange levensduur. Deze kit kan gebruikt worden voor Gasman-apparaten met
sensoren voor brandbare gassen, zuurstof, koolmonoxide en waterstofsulfide.
6.1 Gastests
Met een gastest kunt u controleren of de sensor binnen bepaalde grenzen
reageert op een aangebracht gas met een bekende samenstelling. Deze test
kan uitgevoerd worden zovaak als u wilt, maar moet gewoonlijk uitgevoerd
worden voordat de Gasman in gebruik genomen wordt. De Gasman zal zelf
aangeven of de gastest gelukt of mislukt is.
Het succes van een gastest is van het volgende afhankelijk:
•Het gebruikte gas moet de juiste gasconcentratie hebben en de door
de leverancier opgegeven geldigheidsdatum voor het gas mag niet
verstreken zijn.
•Deaan-enafvoervanhetgasmoetlekdichtzijn.Hetisbelangrijkdat
De bijgeleverde bemonsteringsslang is normaal gezien 2 m lang. Er kunnen langere
bemonsteringsbuizen verkregen worden, maar met deze slang zal het monster meer tijd nodig
hebben om de afstand af te leggen vanaf het bemonsteringspunt tot aan de Gasman. Bij
gebruik van slangen met een grote lengte raden we aan om de reactietijd te testen. Bemonster
gas met een bekende concentratie over de volledige lengte van de gebruikte slang en noteer
hoe lang het duurt voordat de sensorwaarde de bekende gasniveaus bereikt heeft. Deze tijd
moet bij de bemonstering gebruikt worden als minimumtijd voordat waarden opgenomen
worden.
Alarmmeldingen Gasman
20
Gastests en kalibraties Gasman
u controleert of de stromingskap goed gemonteerd is op de Gasman,
of de afvoerslang volledig vrij is en er geen langere slang gebruikt
wordt.
De gastest accessoire bestaat uit een gascilinder met het gas, een ‘trekkervor-
mige’ regelaar, een slang, een magneet om de testmodus te activeren, een
stromingskap voor bevestiging op de Gasman, en een slang voor de afvoer
van het gas. De kit wordt in een handige draagtas geleverd. De trekkervormige
regelaar kan op twee manieren bediend worden: (1) indrukken en ingedrukt
houden – het gas blijft stromen zolang de hendel ingedrukt blijft of (2) hendel
omhoogbrengen – de gastoevoer wordt afgesloten.
6.2 Hoe een gastest uitvoeren
1. Zorg ervoor dat uw Gasman ingeschakeld is en zich in de normale
werkmodus bevindt.
2. Monteer de stromingskap op de voorkant van de sensor en bevestig de
slang van de trekkervormige regelaar.
Bevestig de slang voor de afvoer van het gas. Belemmeringen van de
gasstroom zoals een knik moeten voorkomen worden.
3. Druk op de verticaal op de behuizing uitgelijnde magneet aan de
linkerzijde van de display. Uw Gasman zal de gastest activeren en
‘TEST’ op het scherm weergeven.
4. De Gasman zal een voortgangsbalk weergeven. Voer het gas toe terwijl
de voortgangsbalk aan het aftellen is.
De Gasman toont vervolgens ‘PASS’ (goedgekeurd) of ‘FAIL' (afgekeurd).
Als de Gasman het bericht ‘FAIL’ (mislukt) weergeeft, gelieve dan
eerst de foutopsporingstabel te raadplegen of neem contact op met
Crowcon of uw plaatselijke servicecentrum.
5. De gastest kan op elk ogenblik afgebroken worden door op de knop te
drukken.
6.3 Kalibratietest uitvoeren met één druk op de
knop
Om een kalibratietest uit te voeren door één druk op de knop, moet u de
Gasman eerst nul stellen.
1. Zorg ervoor dat u zich in schone lucht bevindt.
Druk twee maal op de knop en selecteer de optie Zero
(Nulstelling) in het Options menu. De Gasman zal een
nulstelling uitvoeren.
Om een kalibratie uit te voeren moet u binnen de 15 minuten
HS
2
OK
ppm
Gasman Alarmmeldingen
21
Gasman Gastests en kalibraties
na de nulstelling de volgende stappen uitvoeren.
2. Volg de stappen 1 tot 3 van paragraaf 6.2. De Gasman zal
afwisselend de berichten ‘CAL’ en ‘????’ weergeven. Druk op
de knop om de kalibratie te bevestigen.
Als u de kalibratie niet bevestigt binnen de 10 seconden door
op de knop te drukken, zal het apparaat naar de in paragraaf 6.2
beschreven gastestmodus terugkeren.
3. Voer kalibratiegas aan zoals beschreven in stap 4 van paragraaf 6.2.
4. De kalibratietest kan elk ogenblik afgebroken worden door op de knop
te drukken.
De Gasman brengt de waarde van het gaskanaal overeen met de opgeslagen
kalibreringsgaswaarde in de i-module van de sensor. Daarmee wordt tevens de
kalibreerdatum bijgewerkt, die standaard op 182 dagen staat.
Als de Gasman niet met succes kan worden gekalibreerd, verschijnt 'FAIL'
(afgekeurd). Dan moet de Gasman naar Crowcon of een plaatselijke service-
centrum worden gezonden voor kalibrering.
Alle resultaten van gasproeven en kalibreringen ('pass' en 'fail') plus de waar-
den worden opgeslagen in het log.
6.4 Foutopsporing voor gastests/kalibraties
Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing
Geen reactie op gas Gascilinder leeg Peilglas controleren, cilinder indien
nodig vervangen
Slang geblokkeerd of knik
in slang
Ervoor zorgen dat de gas stroom niet
geblokkeerd wordt
Gastest met Gasman
mislukt
Gascilinder leeg Peilglas controleren, cilinder indien
nodig vervangen
Datum gascilinder Datum controleren en indien nodig
vervangen
Slang geblokkeerd of knik
in slang
Ervoor zorgen dat de gas stroom niet
geblokkeerd wordt
Kalibratie ontregeld Gasman kalibreren
Gasstroom niet onmiddel-
lijk gestart
Test herhalen, onmiddellijk met gas
starten
OK
ppm
OK
ppm
Alarmmeldingen Gasman
22
Gastests en kalibraties Gasman
Kalibratie Gasman Gascilinder leeg indien
nodig vervangen
Peilglas controleren. Fles indien
nodig vervangen
Datum gascilinder
verstreken
Datum controleren en mislukt
Slang geblokkeerd of knik
in slang
Ervoor zorgen dat de gas stroom niet
geblokkeerd wordt
Kalibratie ontregeld Gasman kalibreren
Te korte stabilisatietijd Resetten met PC soft ware
Gasman voert gastest
met success uit maar
schakelt niet naar de
kalibratiemodus over
Nulstelling (Zero) niet
uitgevoerd
Selecteer en voer Nul uit op het
menu
Gasman niet
geconfigureerd voor
kalibrering via veldknop
Opsturen voor herconfiguratie
Opmerking: Haal de regelaar van de gascilinder indien langdurig niet gebruilit.
Voor de onderdelenlijst, zie hoofdstuk XI. Dit veroorzaakt een gaslek.
De kalibratie methode door één druk op de knop spoort kleine afwijkingen van
de opgeslagen kalibratie waarde op. Crowcon raadt evenwel aan de Gasman
om de zes maanden op te sturen om een volledige, gecertificeerde kalibratie
te laten uitvoeren.
VII. Onderhound en kalibratie
De Gasman is zodanig ontworpen dat hij in de meeste omstandigheden
nagenoeg onderhoudsvrij werkt. Ondanks dat raden we aan om enkele kleine
handelingen voor het routineonderhoud uit te voeren.
Algemeen
Om te voorkomen dat er zich op het display en op de bedieningsknop vuil
ophoopt, dient u regelmatig de Gasman af te vegen met een vochtige doek.
Filter
Controleer regelmatig of de voorfilter vuil of beschadigd is. Reinig de filter
indien nodig.
Gasman Onderhound en kalibratie
23
Nulstelling en kalibratie
De Gasman is uitgerust met een functie die automatisch de nulwaarde instelt
bij het opstarten. Deze functie kan zodanig ingesteld worden dat ze automa-
tisch geactiveerd wordt of dat ze door de gebruiker bevestigd moet worden
(zie snelstartgids). Ze kan echter ook uitgeschakeld worden. Deze instellingen
kunnen uitgevoerd worden met de Portables PC software van Crowcon, zie
hoofdstuk VIII. De Gasman heeft ook een Nul-functie in het menu, zie para-
graaf 2.4.
Crowcon beveelt aan om eenmaal per maand de gasproef uit te voeren om
de werking van de sensor te bevestigen. Verifieer dit echter met uw eigen
gezondheids- en veiligheidsvoorschriften. Er moet een gasproef met een
bekende samenstelling worden uitgevoerd om de respons- en alarmfunctie van
de sensor te verifiëren. Zie paragraaf 6.1.
Het instrument moet op een regelmatige basis van 6 maanden gekalibreerd
worden.
Kalibratiemethode
De Gasman kan gekalibreerd worden zoals beschreven in punt 6.3 met behulp
van de gastestkit, de Portables PC software van Crowcon en kalibratiegas.
Daarbij dienen geschikte, gecertificeerde kalibratiegassen gebruikt te worden.
Het kalibratiegas wordt toegevoerd via de juiste stromingskap. Raadpleeg het
helpbestand van de Portables PC software van Crowcon voor meer informatie.
Gasman IR persoonlijke CO
2
-detector
De concentratie van CO
2
in frisse lucht is 0,04% per volume. Een goed op
nul gestelde Gasman IR CO
2
meter geeft in onvervuilde lucht een uitlezing
van 0,04%.
Voordat de Gasman op nul wordt gesteld, moet hij in de frisse, onvervuilde
lucht worden geplaatst, ver uit de buurt van gebouwen en CO
2
-emissies. Houd
het toestel goed uit de buurt van de ademzone van de bediener, d.w.z. zo ver
mogelijk van het lichaam verwijderd. Als de Gasman IR CO
2
in de frisse lucht
op nul wordt gesteld, zet hij de CO
2
basislijn automatisch op 0,04%.
Het nulpunt van de Gasman IR CO
2
kan eveneens ingesteld worden in stik-
stof door middel van de PC-interface en software voor draagbare PC’s. Dit is
eigenlijk eerder een ijking van het nulpunt dan een gewone instelling van het
Onderhound en kalibratie Gasman
24
nulpunt. Hiervoor noteert u , na het inladen van het configuratiebestand voor
het instrument, het bestaande ijkgasniveau en daarna stelt u de ijkwaarde in
op 0,00%, past stikstofgas toe en klikt u dan op de ijkknop. Nadat deze ijking
van het nulpunt voltooid is, mag u niet vergeten om het ijkgasniveau terug op
het vorig niveau in te stellen.
Stikstof voor nulpuntinstelling dient te komen uit een daarvoor geschikte
gasfles aan een regelmatige stroom van 0,5 l/min (1 SCFH), aangesloten op de
standaard-stroomkap die over de sensoropening geklemd is. Aanbevolen ijkgas
is 2% CO
2
in een achtergrond van stikstof.
U dient te zorgen dat u de stikstofstroom van u weg richt en u mag de stikstof
niet langer laten stromen dan nodig is om de nulpuntinstelling te voltooien.
Indien dit binnen gebeurt, wordt aangeraden het gas uit een venster te laten
ontsnappen of via een afzuigkast.
Ozonsensor
Als gevolg van de reactieve aard van ozon (O
3
) moeten speciale procedures
worden gevolgd bij de kalibrering van gasdetectors met een ozonsensor. Door
de onderstaande richtlijnen voor kalibrering te volgen kan de gebruiker voor
een optimale bescherming zorgen met behulp van de gasdetector.
Kalibreer Crowcon ozondetectors altijd uitsluitend met ozon.
Koppelingen
Voor ozonkalibrering moeten alle koppelingen en leidingen van roestvrij staal,
geelkoper, aluminium of teflon zijn. Koppelingen en leidingen van andere
kunststoffen zoals Tygon mogen niet worden gebruikt.
Gasstromingssnelheid
Het is belangrijk dat de stromingssnelheid goed is ingesteld omdat het drukef-
fect de kalibreringswaarden kan beïnvloeden waardoor de gasdetector niet
goed werkt. Voor de kalibrering van Crowcon draagbare detectors moet de
stromingssnelheid worden ingesteld tussen 0,8 en 1,0 liter/minuut.
De normale veiligheidsvoorzieningen voor het hanteren van ozon moeten
altijd in acht worden genomen, in combinatie met de speciale instructies bij de
gebruikte kalibreergasfles of -generator.
Gasman Onderhound en kalibratie
25
De standaardstroomsnelheidsplaat moet worden gebruikt om het gas op de
bovenstaande snelheid te leveren.
Uw plaatselijke Crowcon vertegenwoordiger of servicecentrum kan u zo nodig
nader adviseren.
PC-verbinding en software Gasman
26
VIII. PC-verbinding en software
De Gasman kan met behulp van de lader met optionele pc-verbinding op een
pc aangesloten worden. De lader is uitgerust met een 9-pins RS232-poort van
het D-type, die zich achteraan de lader bevindt, zie onderstaande afbeelding.
Op de PC moet de Portables PC software van Crowcon geïnstalleerd zijn. Een
USB-RS232-adapter is tevens verkrijgbaar bij Crwcon.
Via de software kan de gebruiker alarmniveaus opnieuw instellen, het
apparaat bedienen, kalibraties uitvoeren, rapporten afdrukken en toe-
gang krijgen tot de logbestanden.
Installatie
1. Installeer de Portables PC software op de pc en sluit de RS 232-kabel
op de lader en pc aan.
2. Zet de Gasman aan en doe hem in de oplader, met het display naar
voren toe gericht.
3. Zie het geïnstalleerde helpbestand voor informatie over het gebruik van
de Crowcon Portables pc-software.
RS 232
link
HS
2
Gasman PC-verbinding en software
27
Gegevensvastlegging
De gegevens worden vastgelegd met de snelheid volgens de logperiode, die via
de Portables pc-software kan worden geconfigureerd. Standaard staat deze
op intervallen van 1 minuut.
De Gasman kan 54.000 loggen opslaan (>4.800 gebeurtenissen). Zodra het
geheugen vol is, worden de oude gegevens overschreven door de nieuwe
gegevens.
De loggen kunnen met behulp van de Portables pc-software uit de
Gasman worden gehaald en opgeslagen.
Het instrument houd de volgende gebeurtenissen bij:
• In/uitschakelen
• Batterijstatus
• Sensorkanaal buiten bereik
• Alarmmeldingen geactiveerd/gewist (inclusief piekwaarden van
respons)
• Gasproef goedgekeurd/afgekeurd
• Door de gebruiker geactiveerde gebeurtenissen
Zie voor nadere informatie over het gebruik van de Crowcon Portables
pc-software het geïnstalleerde helpbestand.
i-module vervangen Gasman
28
IX. i-module vervangen
Een i-module plaatsen of vervangen
1.
Zorg dat u zich in een niet-gevaarlijk (veilig) gebied bevindt, met
passende ESD-bescherming.
Schakel het apparaat uit.
2. Verwijder het achterdeksel door de vier M2.5 inbusschroeven van
12 mm los te schroeven zoals afgebeeld in de tekening, punt . De
elastomeer-laadconnector niet aanraken met de vingers.
3. Plaats de Gasman op een oppervlak, met de voorkant naar beneden.
4. Klem de i-module uit haar borgklem los. Eén kant tegelijk. Zorg ervoor dat
het elastomeer dat door de borgkem gefixeerd wordt, op zijn plaats blijft
en mag niet met de hand worden aangeraakt.
5. Haal de nieuwe i-module uit de verpakking en zorg ervoor dat de
sensor goed op het modulebord is geplaatst.
i-module
Elastomeer
Als u een i-module door een module van hetzelfde type vervangt, zullen de specifieke
instellingen van het instrument behouden blijven. Bij vervanging door een andere i-module
zullen de standaardinstellingen van deze module geladen worden.
Gasman i-module vervangen
29
6. Zorg ervoor dat de pakking goed op de sensor zit. Schuif de sensor
vervolgens op het sensorhuis. Klik de snelkoppelingbevestigingen om
de Klik de snelsluitingen rond de de i-module en zorg ervoor dat de
i-module daarbij stevig op haar plaats gehouden wordt en dat de
sensor stevig op de plaat van de module bevestigd blijft.
7. Plaats de achterkant van de Gasman behuizing terug en zet hem met
schroeven vast.
8. Zet de Gasman aan. De nieuwe i-module zal automatisch herkend worden.
9. Crowcon raadt aan een kalibratietest uit te voeren telkens als een nieuwe
sensor gemonteerd wordt.
Technische kenmerken Gasman
30
X. Technische kenmerken
Afmetingen 90 x 48 x 24 mm (3 ½ x 1.9 x 1 inches)
Gewicht 138 g brandbare gassen
129 g zuurstof
118 g toxische gassen
Behuizing, bescher-
mingsgraad
Afdichting IP65 (NEMA 4)
Bedrijfstemperatuur -20°C tot +55°C
Vochtigheid RV 20-99% niet-condenserend voor
continue werking
Display LCD-scherm met achtergrondverlichting. Starburst -tekens
voor cijfer- en tekstweergave, plus scerm- pictogrammen
voor status- en modusaanduiding.
Opwarmtijd 90 seconden maximaal
Reactietijd (typisch) (T90) : ongeveer 20 seconden voor de meeste sensoren voor
toxische en explosieve gassen, 10 seconden voor zuurstof
Geluidsalarmen 95 dBA (Verschillende alarmgeluiden maken het mogelijk ver-
schillende geluiden in te stellen voor verschillende alarmen.)
Optische alarmen LED’s met dubbele kleur rood/blauw die knipperen bij gasgevaar
Trilalarm Ingebouwd trilalarm
Herhaalbaarheid ±2% FSD, 6 maanden
ATEX
Veiligheidscertificaat nr.
Essential Health and safety requirement clause 15.9
BASEEFA04ATEX0383 Brandbaar Gas
BASEEFA04ATEX0384 Zuurstof of Toxisch Gas
IECEx IECExBAS040045 Brandbaar Gas
IECExBAS040046 Zuurstof of Toxisch Gas
Goedkeuringscodes
Europa:
VS, Canada:
ATEX II 1G Ex ia IIC T4 Ga, (-20°C Ta +65°C)
Toxisch/Zuurstof
ATEX II 2G Ex ia d IIC T4 Gb, (-20°C Ta +65°C) Brandbaar
Klasse I Divisie 1, Groepen A, B, C en D.
Standaards
Veiligheidsnormen:
Canada:
Werking
Baseefa 04ATEX0383
EN 60079-0: 2012 EN 60079-1: 2007 EN 60079-11: 2012
94/9/EC
IEC 60079-0 : 2011 I EC 60079-1 : 2007-04 IEC 60079-11
: 2011
Baseefa 04ATEX0384
EN 60079-0: 2012 EN 60079-11: 2012 94/9/EC
IEC 60079-0 : 2011 IEC 60079-11 : 2011
CSA22.2, 152
EN50270, EN50271
Gasman Accessoires en reserveonderdelen
31
XI. Accessoires en reserveonderdelen
Accessory list
Crowcon
onderdeelnummer Beschrijving
Laders
C01941 12 Vdc lader
C011318 Enkele manier oplader met multi-gebied voeding
C011011 Enkele manier lader 230V in-line voeding, geen plug
C011009 Enkele manier lader 110V in-line voeding, geen plug
C01945 Enkele manier lader 90-260V in-line power supply
C01296 Laadkabel voor de auto aansteker lood
C01940 Enkele manier lader / interface-12Vdc ingang
C011305 Laderinterface kit (inclusief enkele manier lader / interface USB-
RS232-adapter en PC lood, multi-gebied voeding)
C011319 Enkele manier lader /-interface met multi-gebied voeding
C011012 Enkele manier lader / interface-230 in-line voeding, geen plug
C011010 Enkele manier lader / interface-110V in-line voeding, geen plug
C01950 Enkele manier lader / interface 90-260V in-line power supply
Multi lader
C01951 5- Multi lader voor 5 units voor voeding met 90-260 Vac
C011041 5-weg multiway lader met 90-260V in-line power supply, de
Amerikaanse voeding
C011042 5-weg multiway lader met 90-260V in-line power supply, UK
voeding
C011043 5-weg multiway lader met 90-260V in-line power supply, EU
stroomvoorziening
i-modules:
S011424/M 0-100% LEL methaan
S011436/M 0-100% LEL propaan
S011437/M 0-100% LEL pentaan
S011439/M 0-100% LEL butaan
S011440/M 0-100% LEL etheen
S011460/M 0-100% LEL waterstof
Accessoires en reserveonderdelen Gasman
32
S011423/M 0-25% zuurstof - voeg /VS toe voor Amerikaanse alarmconfig.
S011422/M 0-500 ppm koolmonoxide
S011421/M 0-100 ppm waterstofsulfide - voeg /VS toe voor Amerikaanse
alarmconfig.
S011425/M 0-10 ppm zwaveldioxide
S011429/M 0-2000 ppm waterstof
S011426/M 0-20 ppm stikstofdioxide
S011428/M 0-20 ppm chloor
S011432/M 0-1 ppm ozon
S011430/M 0-25 ppm waterstofcyanide
S011435/M 0-100 ppm ammoniak
S011438/M 0-1000 ppm ammoniak
S011431/M 0-5 ppm fosfine
S011434/M 0-1 ppm fluor
S011433/M 0-10 ppm waterstoffluoride
S012171/M 0-5% Gasman IR (kooldioxide) CO2 i-module (uitsluitend voor
gebruik in veilige gebieden)
Bemonsteringsaccessoires:
M04852 Stromingskap
C01937 Aspiratoreenheid Raadpleeg Crowcon voor kalibratiegassen
- vereiste gassen afhankelijk van sensorcombinatie
M01457 Zakklem
Draagaccessoires:
C01952 Harnasplaat exclusief borstgordelriemen
C01843 Schouderriem
C01844 Borstgordelriemen
C01953 Helm bevestigingsklem
M02362 Krokodillenklem
C03329 Metalen klem
Communicatie:
E07532 PC-interfacekabel
C01832 Portables PC software
C02097 USB naar RS232-adapter
Reserveonderdelen/verbruiksitems:
S011818/1 Achtergedeelte
M04973 Voor- en achterzijde van Gasman IR CO2
Gasman Accessoires en reserveonderdelen
33
E01918 Niet-oplaadbare batterij
E07621 Elastomeer voor i-module
E07620 LCD Elastomeer
M04682 Afdichtingsring ensor
M03705 Clip blijven moer M3
M03793 Doors schroef
M05910 Crowcon fornix label
E01535 Machts levering voor lader, 230 Vac slechts het UK
E01536 Machts levering voor lader, 230 Vac slechts het EUR
E01537 Machts levering voor lader, 110 Vac slechts het USA
E01552 Machts levering voor lader, 230 Vac neen plug
E01553 Machts levering voor lader, 115 Vac neen plug
E07693 Machts levering voor lader, universeel 90-260 V.
C03580 Multi-regio voeding (inclusief het Verenigd Koninkrijk, de EU, de
VS en Australische adapters)
Foutopsporingstabel Gasman
34
XII. Foutopsporingstabel
Probleem/foutmelding Oorzaak Oplossing
IInstrument gaat niet aan Batterij is leeg Batterij opladen of vervangen
Geen pieptoon om werking Functie Functie opnieuw instellen
te signaleren uitgeschakeld met portables PC software
Weergave gaswaarde terwijl er Nulstelling Instrument herstarten in
geen gas aanwezig is ontregeld schone lucht
Onstabiele/onnauwkeurige Defectesensor Nietgebruiken;gevaren
gas waarde zone onmiddellijk verlaten.
Instrument terugsturen
voor herkalibratie
Automatische nulstelling Nulstelling in Uitschakelen en herstarten
mislukt gecontamineerde in schone lucht
omgeving
Automatische nulinstelling Nulinstelling in Uitschakelen en herstarten
niet mogelijk wegens alarm gecontamineerde in schone lucht
omgeving
Kalibratie verstreken De kalibratiedatum Opsturen voor kalibratie
s verstreken
Display toont een leeg batterij Batterij leeg. Opladen of vervangen naar
pictogram gelang het type.
Gasman Bijlage: beperkingen van sensoren
35
Bijlage: beperkingen van sensoren
Sensorbeperkingen
De sensoren die in de Gasman gebruikt worden, hebben dezelfde beperkingen
als andere gassensoren. De gebruiker dient daarom met de volgende punten
rekening te houden. Als het instrument vermoedelijk in extreme omstandighe-
den gebruikt zal worden, kan Crowcon advies geven voor speciale situaties en
alternatieve sensoren voorstellen.
De Gasman voor brandbare gassen maakt gebruik van een katalytische gas-
sensor die de ontvlambaarheid van het gas meet. Op basis daarvan zullen de
weergegeven waarden op het apparaat onbetrouwbaar zijn boven concentra-
ties van ongeveer 120% LEL. Zonder zuurstof kunnen katalytische sensoren
niet werken. Er wordt gebruik gemaakt van een pellistor beschrerming, die bij
een overschrijding van het bereik de stroom naar de pellistor onderbreekt en
zodoende een doorbranding voorkomt. Dit vergrendelt het toestel 200 secon-
den waarna de stroom naar de pellistor met een druk op de knop kan worden
hersteld. Als de sensorstroom heringeschakeld wordt terwijl het apparaat bloot
gesteld staat aan een gasconcentratie die buiten het bereik valt, kan de pellis-
tor beschadigd worden. Het herstarten dient plaats te vinden in een omgeving
met schone lucht. Sterk afgenomen zuurstofconcentratie kunnen de waarde
van het explosieve gas verkleinen, en als het zuurstofniveau erg laag is, dient te
worden aangenomen dat de waarde van het explosieve gas tevens laag zal zijn.
Elektrochemische gassensoren, giftige gassen of zuurstof, met chemische stof-
fen. Bij extreme vochtigheid kan de sensor ook instabiel zijn. De sensoren zijn
geschikt voor een (gemiddelde) relatieve vochtigheid van 20-90%. Ze worden
echter gebruikt van de tropen tot aan de toendra.
Er mag geen water op de sensor komen, aangezien dit de gasdiffusie kan
belemmeren.
Bij aanhoudende blootstelling aan hoge gehalten giftig gas gaat de sensor
minder lang mee. Als het gas van hoog niveau corrosief is (waterstofsulfide
bijvoorbeeld) kunnen de metalen onderdelen na verloop van tijd beschadigd
raken.
De sensoren kunnen indirect gevoelig zijn voor andere gassen. Neem in geval
van twijfel contact op met Crowcon of met uw lokale dealer.
UK Office
Crowcon Detection Instruments Ltd
172 Brook Drive,
Milton Park,
Abingdon
Oxfordshire
OX14 4SD
Tel: +44 (0) 1235 557700
Fax: +44 (0) 1235 557749
Website: www.crowcon.com
USA Office
Crowcon Detection Instruments Ltd
1455 Jamike Ave, Suite 100
Erlanger
KY 41018
Tel: +1 859 957 1039 or 1 800 527
6926
Fax: +1 859 957 1044
Website: www.crowcon.com
Netherlands Office
Crowcon Detection Instruments Ltd
Vlambloem 129
3068JG, Rotterdam
Netherlands
Tel: + 31 10 421 1232
Fax: + 31 10 421 0542
Website: www.crowcon.com
Singapore Office
Crowcon Detection Instruments Ltd
Block 194, Pandan Loop
#06-20 Pantech Industrial Complex
Singapore 128383
Tel: + 65 6745 2936
Fax: +65 6745 0467
Website: www.crowcon.com
China Office
Crowcon Detection Instruments Ltd
(Beijing)
Unit 316, Area 1, Tower B, Chuangxin
Building
12 Hongda North Road, Beijing
Economic Technological Development
Area
Beijing, China 100176
Tel: +86 10 6787 0335
Fax: +86 10 6787 4879
Website: www.crowcon.com

Documenttranscriptie

Gasman Persoonlijke enkele gasmeter Gebruikershandleiding M07634 September 2015 Uitgave 11 Specifieke voorschriften voor het gebruik in gevarenzones De volgende voorschriften zijn van toepassing op apparatuur met het certificaatnummer: Baseefa04ATEX0383 Flammable Gas IECEx BAS 05.0038 Flammable Gas Baseefa04ATEX0384 Oxygen or Toxic Gas IECEx BAS 05.0039 Oxygen or Toxic Gas De volgende informatie bevat alle toepasselijke punten van bepaling 1.0.6 uit de Essentiële gezond-heids- en veiligheidsvoorschriften van de ATEX-richtlijn. De certificatie wordt als volgt aangeduid: 1. De uitrusting kan gebruikt worden in zones 1 en 2 als de modellen voor explosieve gas-sen bestemd zijn, in zones 0, 1 en 2 als ze voor toxische gas-sen en zuurstofgassen bestemd zijn, en voor gassen en dampen van de groep IIA, IIB en IC voor de temperatuurklassen T1, T2, T3 en T4 2. De uitrusting is gecertificeerd voor het gebruik bij een omgev-ingstemperatuur van –20°C tot +65°C (-4ºF tot +149ºF). De uitrusting mag niet buiten dit bereik gebruikt worden. 3. Overeenstemming met de essentiële vereisten met betrekking tot gezondheid en veiligheid is verzekerd door overeenstemming met IEC 60079-0, IEC 60079-1, IEC 60079-11 gecertificeerd Door BASEEFA Overeenstemming met gasdetectieprestatiemeetvoorschriften EN 60079-29-1, EN 60079-0, EN 60079-1 en EN 50104 and EN 50270 werd gecertificeerd door Lloyd’s Register. 4. De reparaties van dit toestel en de vervanging van de gassensoren moet gebeuren door de fabrikant of door opgeleid personeel, in overeenstemming met de procedures in de handleiding. 5. Als de apparatuur waarschijnlijk in contact zal komen met bijtende stoffen dan is het de verantwoordelijkheid van de gebruiker om de nodige voorzorgsmaatregelen te nemen om te voorkomen dat het nadelig wordt beïnvloed, waardoor ook de certificering in gevaar komt. 6. De oplaadbare batterij mag alleen in ongevaarlijke (veil-ige) zones opgeladen worden door ze op de voorgeschreven Crowcon-lader aan te sluiten. 7. In het batterijvak van het niet-herlaadbare batterijpakket mogen alleen de volgende bat-terijtypes geplaatst worden: CR2 alleen van de navolgende merken: Panasonic, GP, Energiser en Maxwell. Gebruik geen Duracell batterij. De batterijen mogen alleen in een ongevaarlijke (veilige) zone opgeladen worden. 8 De uitrusting is niet gecertifi-ceerd voor het gebruik in een atmosfeer die meer dan 21 % zuurstof bevat. Vanaf 1 november 2010 is EN60079-29 deel 1 geharmoniseerd onder de ATEX richtlijn 94/9/EG. Om te voldoen aan de ATEX richtlijn moeten draagbare apparaten die ontvlambare gassen waarnemen dus voorafgaand aan elke gebruiksdag een functionele proef met gas doorstaan. De instructies voor deze proef zijn opgenomen in het hoofddeel van deze handleiding. Zoneclassificaties: - Veiligheidsinformatie: Zone 0: Een gebied dat is geclassificeerd als zone 0 is een gebied waar continu of lange periodes een explosief gasmengsel aanwezig is. Zone 1: Een gebied dat als zone 1 geclassificeerd wordt, is een gebied waar ver-moedelijk concentraties van explosieve gassen, dampen of vloeistoffen aanwezig zijn in normale bedrijfsomstandigheden. Een gebied dat als zone 2 geclassificeerd wordt, is een gebied waar ver-moedelijk geen concentra-ties van explosieve gassen, dampen of vloeistoffen aanwezig zijn in normale bedrijfsomstandigheden. Zone 2: © Copyright Crowcon Detection Instruments Ltd 2015 Alle rechten voorbehouden. Niets uit dit document mag worden gekopieerd, verveelvoudigd, of in een andere taal ver-taald zonder de voorafgaande schriftelijke toestemming van Crowcon Detection Instruments Ltd. • Zorg ervoor dat u alle voor-schriften in het hoofdstuk van deze handleiding over de werking gelezen en begre-pen heeft alvorens het appa-raat te gebruiken. • Vervang geen componenten; dat kan namelijk de intrinsieke veilig-heid schaden en de garantie ongeldig maken. • Neem alle waarschuwingen en instructies in acht dieop de unit en in deze handleiding vermeld staan. • Neem de plaatselijke gezondheids- en veiligheidsprocedures voor de te detecteren gassen en de ontruiming-sprocedures in acht. • Begrijp het schermdisplay en de alarmwaarschuwingen voorafgaand aan gebruik. • Als dit product niet goed werkt, moet de diagnoseprocedure worden gelezen of moet contact op worden genomen met uw plaatselijke Crowcon kantoor of vertegenwoordiger. • Laat de sensoren en het besturingssysteem door gekwalificeerd onder-houdspersoneel vervangen. • Zorg ervoor dat onderhoud en kalibrering worden uitgevoerd in overeenstemming met de procedures in de handleiding en door opgeleid personeel. Gasman Persoonlijke enkele gasmeter Inhoud Uitpakken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 1 Snelstartgids . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 3 I. Inleiding . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 7 II. Werking . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 9 III. Batterijen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 14 IV. Alarmmeldingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 16 V. Bevestigingsaccessoires . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 18 VI. Stromingsbemonstering . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 19 VII. Onderhound en kalibratie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 23 VIII. PC-verbinding en software . . . . . . . . . . . . . . . . . . 26 IX. i-module vervangen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 28 X. Technische kenmerken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 30 XI. Accessoires en reserveonderdelen . . . . . . . . . . . . . . 31 XII. Foutopsporingstabel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 34 Bijlage: beperkingen van sensoren . . . . . . . . . . . . . . . . 35 Gasman Uitpakken Gasman Persoonlijke enkele gasmeter Hartelijk dank voor de aankoop van de nieuwe persoonlijke gasmonitor, Gasman. De Gasman, die draagbare gasmonitoring opnieuw gedefinieerd heeft, staat garant voor een jarenlange ongeëvenaarde werking en betrouwbaarheid. Gelieve aandachtig de voorschriften te lezen alvorens het apparaat te gebruiken. Bewaar de handleiding, zodat u ze later kunt raadplegen. Uitpakken Haal de persoonlijke gasmonitor Gasman uit de verpakking. De accessoires van de Gasman vindt u onderaan in de doos. Controleer of er niets ontbreekt. De volgende items moeten aanwezig zijn: • Gasman toestel met krokodilzakklem; • een configuratierapport met gedetailleerde informatie over de geïnstalleerde sensor, de alarminstellingen en een kalibratiecertificaat; • kalibratiekap en -slang; • gebruikershandleiding. Optionele batterijladers en andere accessoires zijn in een afzonderlijke doos verpakt. Batterij controleren De persoonlijke gasmonitor Gasman kan met twee types van batterijen werken: oplaadbare Li-ion batterijen of niet-oplaadbare batterijen. Het etiket op de achterkant van de detector bevat ofwel NR (NonRechargeable; niet-oplaadbaar) of R (Rechargeable; oplaadbaar) om aan te geven welke batterij in de detector zit. Oplaadbare apparaten De Gasman werkt op een Li-ion batterijpakket en is bij de levering normaal gezien voldoende opgeladen, zodat u het apparaat onmiddellijk kunt gebruiken nadat u het uit de doos gehaald heeft. Als dit echter de eerste keer is dat u het Gasman-apparaat gebruikt, is het mogelijk dat u de batterij moet opladen om de volledige gebruiksduur te bereiken (de werkelijke gebruiksduur is afhankelijk van de geïnstalleerde sensortypes). De Gasman voor explosieve gassen zal ten minste 12 uur werken als de batterij volledig opgeladen is. 1 Uitpakken Gasman Waarschuwing: oplaadbare apparaten De oplaadbare Gasman persoonlijke meter mag uitsluitend worden opgeladen met een Crowcon Gasman oplader. Als men zich daar niet aan houdt, kan dit de veiligheidscertificering, garantie en de veiligheid in gevaar brengen, en dit kan leiden tot permanente schade aan het toestel. Niet-herlaadbare units. Gasman maakt gebruik van een CR2-batterij die eenvoudig op het werkterrein kan vervangen worden. Zorg dat uitsluitend de correcte batterijtypes worden geïnstalleerd om overeenstemming met de certificering te bewaren (zie Batterijcontrole op pagina 1). De Gasman IR CO2 persoonlijke enkele gasmeter De Gasman IR CO2 persoonlijke enkele gasmeter is een infrarode gassensor voor de detectie van CO2. Deze versie van de Gasman is niet ontworpen en gecertificeerd voor gebruik in een gevaarlijk gebied, en de veiligheidscertificeringsgegevens in hoofdstuk X zijn niet van toepassing. De bediening en het onderhoud van de Gasman IR CO2 is in wezen gelijk aan die van andere Gasman toestellen maar men moet op de volgende punten letten. CO2 is aanwezig in omgevingslucht aan een achtergrondconcentratie net beneden 400ppm (0,04%). In iedere ingesloten ruimte zullen de CO2-concentraties in de omgevingslucht stijgen als gevolg van respiratie en indien de ruimte slecht verlucht wordt, kunnen de concentraties wel oplopen tot meer dan 1000ppm (0,1%). CO2-niveaus in de buitenlucht zullen eveneens verhogen door uitgestoten CO2 bijv. via uitlaten van voertuigen of rookkanalen van boilers die naar buiten uitgeven, zodat het normaal is dat schommelende CO2-niveaus op de display verschijnen naargelang men zich binnen of buiten bevindt. 2 Gasman Snelstartgids Snelstartgids 1. Aan de slag Nadere informatie over de Gasman Gas Sensor Label metnaam vanhet gas Alarm LEDs Uitgang geluidsalarm Bedieningsknop LCD scherm Inschakelen De opstelling van de Gasman is heel eenvoudig. Volg deze eenvoudige stappen om uw toestel gebruiksklaar te maken. 1. Het apparaat moet zich in schone lucht bevinden. 2. Schakel het apparaat in. Houd de bedieningsknop ongeveer 3 seconden ingedrukt tot de rode LED knippert. De LCD zal oplichten en het apparaat zal aan een opwarmprocedure beginnen. De gebruiker moet nu vaststellen dat de detector de onderstaande opwarmprocedure doorloopt. In het geval van eventuele afwijkingen moet de Gasman naar uw plaatselijke Crowcon kantoor onderhoudsmonteur worden gebracht. H2S 3 Snelstartgids Gasman Opwarmprocedure Gasman Alarm LED’s Geluidsalarm a) De Gasman demonstreert test test de alarm-LED’s, zoemer, trillingsmeldingen en het displayscherm voor de bediener. Het geluid kan afgezet worden Trilalarm door op de knop te drukken. test Op het display van de Gasman verschijnt het volgende scherm tijdens de opwarmprocedure. Deze neemt ongeveer 20 seconden in beslag. H2S 0.0 OK ppb ppm vv/v ppm Opmerking: deze schermen kunnen afhankelijk van het type sensor verschillen. b) Automatische nulinstelling Als de automatische nulinstelling actief is (standaard), zal het apparaat het bevestigingsscherm van de automatische nulstelling weergeven: het scherm zal afwisselend ‘ZERO’ en ‘????’ weergeven. Druk één keer op de bedieningsknop om de automatische nulstelling te bevestigen. Als de bedieningsknop niet ingedrukt wordt binnen een time-out van 10 seconden, zal de Gasman direct naar de Run-modus overschakelen zonder de nulstelling uit te voeren. Pictogrammen Bevestig nulstelling OK ppm opwarmen OK OK Geen automatische nulstelling OK knipperend pictogram, Gasman werlit normaal ppm AL - 1 AL - 2 Alarmen Batterijleven Automatische 0.0 nulstelling 4 Gasman Snelstartgids Bedrijfsindicatoren In de normale Run-modus zal de Gasman aangeven dat hij goed werkt door iedere 10 seconden een korte pieptoon weer te geven in combinatie met een blauwe knipperende LED en door het pictogram OK te doen knipperen. Deze bedrijfsindicatoren kunnen echter met de PC software uitgeschakeld worden. 2. In geval van een alarm Alarmsignalen Wanneer gasconcentraties de alarmdrempels voor het gemeten gas overschrijden, zal de Gasman de alarmsignalen in werking stellen. H 2S ppm Alarmsignalen De rode en blauwe alarm-LED’s zullen knipperen, de speaker zal luid en snel na elkaar een aantal pieptonen weergeven en het ingebouwde trilalarm zal ingeschakeld worden. Het bedieningsscherm zal afwisselend het alarmniveau en de meetwaarde weergeven. Zie afbeelding links. AL - 1 — Alarmniveau één AL - 2 — Alarmniveau twee 1. Als de gasconcentratie naar het normale niveau terugkeert, drukt u op de bedieningsknop. Hierdoor wordt de Gasman gereset in de normale Run modus. Als het gasniveau binnen de alarmlimieten is, heeft de knop geen effect. Het Gasman-alarm is zo ingesteld dat deze standaardvergrendelt. Het toestel blijft ook als het gasniveau weer normaal is in de alarmstand staan totdat de knop wordt ingedrukt en het alarm wordt gewist. 5 Snelstartgids Gasman 3. Apparaat uitschakelen en opbergen Uitschakeling 1. Houd de knop 5 seconden ingedrukt tot het scherm het bericht OFF weergeeft. Het scherm telt af tot aan de uitschakeling. Opslag Om de prestaties en levensduur van de sensor te optimaliseren, dient u de Gasman op een veilige, ongevaarlijke plaats te bewaren, bij 0-20°C en 20-90% relatieve vochtigheid 4. Bijkomende informatie Voor informatie over het opladen van de batterij, zie hoofdstuk III. Voor een overzicht van de bevestigingsaccessoires, zie hoofdstuk V. Voor informatie over bemonsteringen, zie hoofdstuk VI. Voor informatie over kalibraties, zie hoofdstuk VII. Voor de foutopsporingstabel, zie hoofdstuk XI. 6 Gasman Inleiding I. Inleiding Bedankt voor de aankoop van de nieuwe persoonlijke gasmonitor Gasman. De Gasman is een draagbare detector voor de detectie van één gas en kan gedragen worden door personen die in gevaarlijke omgevingen, zoals besloten ruimtes, werken. Het apparaat kan in geclassificeerde gevarenzones gebruikt worden. De Gasman meet een enkel gas en toont de uitlezing op een display. Voor alarmmeldingen wordt er gebruik gemaakt van een combinatie van een krachtig geluidsalarm, een duidelijk optisch alarm van blauwe/rode knipperende LED’s en een ingebouwd trilalarm. De Gasman kan worden uitgevoerd met een groot aantal verschillende gassensoren, zowel modulair als plug en play. De sensor is van een intelligente processor voorzien, die kalibratie- en sensorinformatie bevat. De Gasman werkt op batterijen en is verkrijgbaar met oplaadbare batterijen of niet-oplaadbare batterijen. De werking op niet-oplaadbare batterijen is alleen mogelijk bij Gasman-apparaten voor toxische gassen en zuurstof. Voor herlaadbare modellen is een batterijlader voor een of meer Gasman-apparaten verkrijgbaar, zie hoofdstuk XI voor meer informatie. Crowcon heeft ingezien dat er vraag was naar een betrouwbaar en robuust persoonlijk meetsysteem, dat tegelijk klein, licht en gebruiksvriendelijk is. De Gasman heeft slechts één bedieningsknop en is uitgerust met een slim, gebruiksvriendelijk display met automatische achtergrondverlichting. Het gasniveau wordt constant gemeten. Het apparaat kan normale gasconcentraties, piekwaarden en tijdgewogen gemiddeldes (TWA) weergeven. De Gasman is ook verkrijgbaar als diffusie-bemonsteringsapparaat, zie hoofdstuk XI voor de bemonsteringsaccessoires. De configuratie en vastlegging van gegevens en gebeurtenissen gebeurt via de Crowcon Portables pc-software, de pc-communicatieverbinding heeft de vorm van een aansluiting op de oplaadinrichting. Door de compacte vorm en design is de Gasman comfortabel te dragen, met een anti-slipgreep voor betere hantering. Extra accessoires zoals zakklem, helmklem, schouderriem en tuig zijn ook verkrijgbaar. De Gasman is van top tot teen ontworpen om u een lichter, compacter design te geven met gemakkelijke bediening en onderhoud via een enkele knop en uiterste betrouwbaarheid. 7 Inleiding Gasman i-module-gassensor De Gasman maakt gebruik van de unieke plug-and-play i-module-sensortechnologie. Iedere sensor is voorzien van een eigen processor die informatie over de configuratie en kalibratie bevat. Er zijn verschillende sensoren verkrijgbaar, die eenmaal gemonteerd onmiddellijk gebruiksklaar zijn. Modellen voor explosieve gassen kunnen alleen geleverd worden met oplaadbare batterijen. Door de plug-and-play-technologie zullen de onderhoudsduur en –kosten dalen, en door het slimme modulaire systeem zal de sensor niet meer gekalibreerd moeten worden. De configuratie van de Gasman kan worden aangepast met de aanschaf van voorgekalibreerde i-modules bij Crowcon of uw plaatselijk kantoor. Nadat een nieuwe i-module is gemonteerd, wordt aanbevolen om een gasproef uit te voeren voordat de detector wordt gebruikt. Betrouwbaar, schokbestendig binnenwerk en robuuste behuizing De behuizing van de Gasman is uit veerkrachtig materiaal vervaardigd, en daardoor is ze tegen de zwaarste gebruiksomstandigheden bestand. Ze is water- en stofdicht tot IP65, en is uitgerust met een slipvaste greep. Als het apparaat valt, wordt de stroom of werking niet onderbroken. Het apparaat kan bijgevolg jarenlang betrouwbaar werken. Software De ingebouwde software van de Gasman is ontworpen en geschreven volgens de eisen van de norm IEC 61508 om de kwaliteit en integriteit van de werking te garanderen. Met de Gasman beschikt u over een zeer betrouwbaar persoonlijk gasmonitor systeem. De interne circuits bevatten een onafhankelijk controlesysteem. De software controleert op eventuele storingen in het toestel en geeft de gebruiker in zo'n geval een foutmelding. 8 Gasman Werking II. Werking 2.1 Inschakelprocedure 1. Het apparaat moet zich in schone lucht bevinden. NB. Voor CO2-detectoren zie nulpuntinstelling, sectie VII. 2. Schakel het apparaat in. Houd de bedieningsknop ongeveer 3 seconden ingedrukt tot de rode LED knippert. Het instrument test eerst alle LCD-segmenten op het bedieningsscherm, de rode en blauwe alarm-LED’s, de speaker en het ingebouwde trilalarm. Het geluid kan afgezet worden door op de knop te drukken. Het apparaat komt in de opwarmmodus en toont een aantal schermen, zie pagina 3 voor meer informatie. Aan het einde van de opwarmfase zal het menu van de automatische nulstelling weergegeven worden. De automatische nulistellingsfunctie kan uitgeschakeld of in de automatische stand geplaatst worden, zodat de gebruiker deze niet hoeft te bevestigen: het menu van de automatische nulstelling verschijnt dan niet. Zie hoofdstuk VI pc-verbinding en software. ! Batterijen controleren Benut deze tijd om tecontroleren of het batterij-pakket voldoende opgeladenis. Kalibratietest Tijdens de opwarmprocedure verschijnt, als de volgende kalibreerdatum binnen 31 dagen valt, ‘KAL - nn’ (waarbij nn het aantal dagen tot de volgende kalibrering is). Als de kalibreerdatum al verstreken is, toont de Gasman de waarschuwing ‘KAL’. Het instrument kan dan nog wel werken, maar we raden ten zeerste aan om het zo snel mogelijk op te sturen voor kalibratie. Druk op de knop om naar de Run-modus te gaan. De Gasman kan met behulp van de Portables pc-software zo worden ingesteld dat hij wordt vergrendeld als de kalibreerdatum is verstreken, om te voorkomen dat de detector wordt gebruikt voordat hij is gekalibreerd. 3. Automatische nulstelling Druk één keer op de bedieningsknop om de automatische nulstelling te bevestigen. Apparaten voor brandbare en toxische gassen worden op de waarde nul ingesteld, en apparaten voor zuurstof op 20,9%. Als de bedieningsknop niet ingedrukt wordt binnen de 10 seconden, zal de Gasman onmiddellijk met de normale werking starten zonder een nulstelling uit te voeren. NB. Als de automatische nulinstelling niet werkt, wordt een aarschuwing weergegeven. 9 Run-modus Gasman Uitschakeling Houd de bedieningsknop 5 seconden ingedrukt om het toestel uit te schakelen. Op het display wordt van 5 tot 0 afgeteld waarna het toestel uitgaat. 2.2 Run-modus De Gasman geeft de gaswaarde weer op het bedieningsscherm. Hieronder ziet u een typische schermweergave: Pictogrammen opwarmen OK ppm OK knipperend pictogram, Gasman werlit normaal AL - 1 Alarmen Het sensorkanaal toont de huidige waarde van het gecon- AL - 2 troleerde gas met de meeteenheid. Met ‘OK’ wordt aanBatterijleven geduid dat het toestel goed werkt. Maak uzelf vertrouwd met het gas dat in uw eenheid wordt gecontroleerd. Voor Automatische informatie over piekwaarden en tijdgewogen gemiddeldes, 0.0 nulstelling zie paragraaf 2.4. Bedrijfsindicatoren Om de gebruiker gerust te stellen dat het toestel goed werkt, geeft de Gasman elke 10 seconden een korte toon, vergezeld door een blauw seintje van de LED en tevens blijft OK continu knipperen. 2.3 Verklaring symbolen op het scherm Batterij Full ! Een volle batterij wordt weergeven door een batterijsymbool met drie volle strepen. Een bijna lege batterij wordt aangeduid met 1 streep. Als er geen strepen zijn, knippert het batterijsymbool en worden waarschuwingstonen gegeven. Als de batterij te leeg is voor werking gaat de Gasman uit. Voordat hij uitgaat wordt een waarschuwing voor lege batterij gegeven. TWA alarm De Gasman toont het TWA-alarm voor giftige gassen wanneer de drempel van het tijdgewogen gemiddelde voor 15 minuten of 8 uur wordt overschreden. De Gasman toont ‘LTWA’ en ‘STWA’. Als de drempel van een TWA-alarm is bereikt kan het TWA-alarm niet worden gewist. 10 Gasman Weergaveopties 2.4 Weergaveopties De Gasman biedt vier selecteerbare weergavemogelijkheden: Piekweergave Bij selectie van de Piekmodus toont het instrument de hoogste waarde voor explosieve en toxische gassen, of de laagste waarde voor zuurstof, sinds de inschakeling of laatste reset van de piekwaarde. Deze functie is nuttig voor verticale instroomcontroles, waarbij u de Gasman in een schacht kunt neerlaten in plaats van een bemonsteringsslang te gebruiken, en ook om de blootstelling aan piekwaarden te controleren aan het einde van een dienst. TWA display Toont het tijdgewogen gemiddelde voor 15 minuten en 8 uur voor giftige gassen sinds het toestel het laatst is aangezet. Piekwaarden resetten Selecteer deze menu-optie om alle eerder opgeslagen piekwaarden te wissen alvorens een piektest uit te voeren. 0.0 Nulstelling Om een nulstelling uit te voeren op uw Gasman. (zorg ervoor dat u zich in de verse lucht bevindt). Menu van de weergaveopties oproepen 1. Druk twee maal op de knop om het extra weergaveoptiemenu te tonen. De onderstaande menusymbolen verschijnen op het scherm. 0.0 H2S 0.0 OK ppm OK ppm Let op: Alleen apparaten voor toxische gassen zijn voorzien van de TWA menu optie 2. Druk één keer op de bedieningsknop om door de lijst te scrollen. Zodra het streepje zich onder de gewenste optie bevindt, dubbelklikt u op de bedieningsknop. Dit selecteert de optie. Als de optie van de piekwaarden of tijdgewogen gemiddeldes geselecteerd wordt, zal de Gasman het pictogram ervan op het bedieningsscherm weergeven. 11 Weergaveopties Gasman Piektest Bij de uitvoering van een piektest zoals een verticale instroomcontrole kunnen vorige meetwaarden gewist worden door de menu-optie voor het resetten van piekwaardente selecteren . 1. Doorloopmenu's 2. Auswahl Spitzenwertanzeige 0.0 OK OK ppm ppm Nulstelling Om een automatische nulstelling uit te voeren, selecteert u de nulistellingsfunctie in het menu. Na afloop van de nulstelling zal het instrument naar de normale Run-modus terugkeren. 3. Draaistand De Gasman is nu gereed voor gebruik. Maak uzelf vertrouwd met het gas dat in uw eenheid wordt gecontroleerd en zorg ervoor dat u de gezondheids- en veiligheidsprocedures ter plekke begrijpt voor het geval van een alarmsituatie. 12 Gasman Bijgehouden informatie 2.5 Bijgehouden informatie De Gasman houdt zowel gegevens als gebeurtenissen bij. Deze informatie kan worden opgevraagd via de RS232-communicatieverbinding die bij de Eénwegsoplader/interface (artikel nummer C01940) verkrijgbaar is, en door daarbij gebruik te maken van de Portables PC software van Crowcon. Zie hoofdstuk VIII. De gegevens worden iedere minuut opgeslagen (deze snelheid kan met de PC software aangepast worden). Het logbestand kan 900 uur gegevens registreren met een opslaginterval van 1 minuut. De Gasman registreert ook de datum en tijd van een aantal gebeurtenissen die betrekking hebben op de werking en diagnose van het toestel, zoals: • In- en uitschakeling; • Niveau 1, niveau 2 en TWA, alarm aan, alarm uit en het piekniveau tijdens het alarm; • Nulstelling, kalibratie en gastest gelukt of mislukt; • Bescherming van de sensor voor explosieve gassen aan en uit; • De batterijtoestand wordt geregistreerd telkens als het apparaat in- en uitgeschakeld wordt en terwijl het in werking is, en tevens worden sommige wijzigingen van de configuratie gere-gistreerd; • Het gebeurtenissenlogboek kan meer dan 4800 gebeurtenissen registreren. 13 Batterijen Gasman III. Batterijen 3.1 Oplaadbare batterijen De oplaadtijd voor de Li-ion batterijen bedraagt minder dan 6 uur (en nog minder als ze niet helemaal leeg zijn). Bij apparaten voor explosieve gassen gaan de oplaadbare batterijen meestal meer dan 12 uur mee. 3.2 Gasman-lader Er zijn 3 verschillende modellen laders verkrijgbaar voor de Gasman: een druppellader, een lader met ingebouwde pc-interface en een multilader. De multilader biedt plaats aan 5 Gasman-apparaten. Opmerking: de multilader heeft geen pc-interfacemogelijkheid. De laders worden gevoed door een DC-ingangsspanning van 12 V. De voedingen zijn verkrijgbaar met UK-, EUR- of VS-connectoren, en voor andere confi-guraties is tevens een universele voeding van 90-260 V verkrijgbaar. De multi-lader is met een universele voeding uitgerust. Bovendien is een kabel verkrijgbaar voor de aansluiting op een sigarettenaansteker in een voertuig, zie hoofdstuk XI Onderdelen en Accessoires. Communicatie en opladen zijn uitsluitend toegestaan via de Crowcon oplader/ oplader-interface C01940. Batterijen opladen 14 1. Zorg ervoor dat u zich in een veilige omgeving bevindt. 2. Stop de Voeding stroomadaptor in een stopcontact van het lichtnet en sluit het oplaadsnoer aan. 3. Om de Gasman 12 V dc op te laden doet u de Gasman gewoon rechtop in de oplader, met het scherm naar buiten toe gericht, volgens de onderstaande afbeelding: De Gasman moet normaal tijden het opladen zijn uitgeschakeld. Zodra het laden voltooid is, wordt de rode LED uitgeschakeld. Gasman Batterijen Als het apparaat tijdens het opladen wordt ingeschakeld, zal het normale scherm het pictogram Voeding van de batterij weergeven. Dit pictogram loopt van leeg naar vol. Als u de Gasman uit de lader haalt, wanneer de Gasman is 12 V dc ingeschakeld, wordt het pictogram binnen 20 seconden aangepast om de huidige ladingstoestand weer te geven. Opladers met dubbele LED's zijn niet beter geschikt voor de huidige Gasman. Wij raden aan om die opladers te vervangen met het bovenstaande nieuwe model (zie hoofdstuk XI, Accessoires en reserveonderdelen, blz. 32). H2S Als het apparaat tijdens het opladen ingeschakeld is, zal hetladen langer in beslag nemen. Wanneer Gasman volledig opgeladen is en ingeschakeld wordt, zal het icoontje van de batterij drie volle segmenten weergeven. 3.3 Oplaadbare batterijen vervangen Er wordt aangeraden om oplaadbare batterijen te laten vervangen door een erkend servicecentrum van Crowcon. 3.4 Niet-oplaadbare batterijen De Gasman werkt op een Lithiumcel-accu, die tot twee jaar kan meegaan. Schakel de Gasman altijd uit voordat u de koker opent om de batterij te vervangen. Bij het vervangen van de batterij moet u er voor zorgen dat u zich in een veilig, niet-gevaarlijk gebied bevindt. Verwijder het deksel in de achterkant en verwijder de batterij*. Stop de nieuwe batterij in het instrument en maak het deksel in de achterkant stevig vast. Opmerking: wanneer er een niet-oplaadbare detector in de oplader/ oplader-interface wordt gestopt, gaat de rode LED niet branden en wordt de detector niet opgeladen. * Opmerking: nieuwere versies van de Gasman hebben een lipje waardoor de batterij makkelijker te verwijderen is. 15 Alarmmeldingen Gasman IV. Alarmmeldingen De Gasman biedt twee onmiddellijke alarmniveaus, genoemd niveau 1 en niveau 2. Voor sensoren voor giftig gas zijn er tevens twee TWA-alarmen, een voor korte blootstelling (STEL): op basis van een tijdgewogen gemiddelde van 15 minuten, en het tweede TWA-alarm is voor lange blootstelling (LTEL): op basis van een tijdgewogen gemiddelde van 8 uur. De alarminstellingen kunnen via de Portables PC software van Crowcon ingesteld worden. De volgende instellingen zijn mogelijk: Alarmdrempels voor iedere sensor: Onmiddellijke alarmmeldingen niveau 1 en niveau 2. Alarmactivering: Kan voor stijgende of dalende gasconcentratieniveaus ingesteld worden. Apparaten voor zuurstofmetingen worden op dalende gasconcentratie ingesteld voor een correcte werking en alarmering. Alarmvergrendeling: De alarmmeldingen kunnen op vergrendeld of onvergrendeld worden gezet. Bij vergrendelde alarmmeldingen moet de knop worden ingedrukt om het alarm te wissen als het gevaar is geweken. Dit is de standaardinstelling. Bij onvergrendelde alarmmeldingen verdwijnen ze automatisch zodra het gasgevaar is geweken, maar niet eerder. Stil alarm: Het geluid kan alleen voor een alarm van niveau 1 gedempt worden. Als u tijdens een alarmtoestand op de bedieningsknop drukt, d.w.z. wanneer een gevaarlijk gas aanwezig is, wordt het geluid gedempt en het trilalarm gestopt. De alarm-LED’s zullen blijven knipperen. Alarmgeluiden: Voor iedere alarmtoestand kan een verschillend geluid geselecteerd worden. Zodoende zijn in alle omstandigheden optimale prestaties mogelijk. Bij een TWA-alarm (alarm voor tijdgewogen gemiddelde) Als de TWA voor 15 minuten of 8 uur is geactiveerd, gaat de Gasman over op de alarmstand en toont het een TWAwaarschuwing met de uitlezingen van de giftige gassen. De TWA-alarmmeldingen voor 15 minuten en voor 8 uur kunnen geen van beide worden gewist. 16 Gasman Alarmmeldingen Bij een overschrijding van het alarmbereik voor brandbare gassen Als de concentraties van het brandbare gas groter worden dan 100% LEL, wordt de Gasman vergrendeld in de alarmtoestand en wordt het bericht ‘9999’ weergegeven om aan te geven dat het bereik overschreden is. De Gasman zal de stroomtoevoer naar de sensor tijdelijk uitschakelen om een doorbranding van de sensor te vermijden, en zal gedurende 200 seconden een voortgangsbalk tonen. Wanneer de time-out is afgelopen kunt u ofwel de knop indrukken om door te gaan of het toestel uitschakelen en opnieuw te starten. Deze optie kan worden geprogrammeerd met de Crowcon Portables pc-software en de standaardinstelling is ingeschakeld. Als de Gasman buiten het bereik toont, wordt aanbevolen om een gasproef uit te voeren voordat u hem opnieuw gebruikt. V. Bevestigingsaccessoires Klemmen De Gasman wordt met een krokodilklem geleverd. Andere leverbare klemmen zijn Helmbevestigingsklem Maakt het mogelijk de Gasman op een helm te bevestigen. Veel gebruikers dragen de draagbare gasdetector het liefst op deze manier. Zakklem Hiermee kan de Gasman aan een zak worden bevestigd, bij de ademzone van de gebruiker. Universele gordelplaat Crowcon biedt een universele gordelplaat aan, die gebruikt kan worden in combinatie met een borstgordel of een schouderriem. Gasman dragen? Borstgordel Gebruik de M3 bevestiging (als de klem is verwijderd) op de achterkant van de 17 Alarmmeldingen Gasman Bevestigingsaccessoires Gasman Gasman om hem aan een tuigplaatje te bevestigen. Maak een borstgordel door de ene riem aan de bovenste aansluitingen vast te maken en ze rond de hals te leiden, en de andere rondom het middel vast te maken via de aansluitingen aan de zijkant. Verstel de lengte van de riemen totdat de Gasman in een comfortabele werkpositie zit. Schouderriem Terwijl de universele gordelplaat op de riemklem bevestigd is, maakt u het accessoire van de schouderriem vast op de aansluitingen bovenaan. Regel de riem bij tot een comfortabele werkpositie bereikt is. Voor een volledige lijst van de accessoires, zie hoofdstuk XI. VI. Stromingsbemonstering Stromingskap bevestigen Om handmatig monsters te nemen met de Gasman, moet u op de voorkant van het instrument – boven de sensor – een stromingskap monteren. Deze stromingskap wordt standaard met de Gasman meegeleverd. 1. Om de stroomkap aan te brengen Aansluitingen voor schouder/nek moet u eerst vaststellen dat de pakking van de kap intact is. M3-moer Schuif de stroomkap over de sensor aan de voorkant van de Gasman en zorg ervoor dat hij goed op zijn plaats zit. Aansluitingen voor borst 2. Bevestig de monsterneemslang of stromingsaccessoire aan een gasmondstuk. Gordelplaat 3. Bevestig de zuigbelg aan het andere gasmondstuk. 4. Om de stromingsslang te verwijderen, wrikt u de kap voorzichtig los van de sensor en tilt u de kap omhoog. Bij het gebruik van de handzuigbelg moet een constant ritme worden aangehouden. Om een stromingssnelheid van ongeveer 0,5 - 1 liter/min. te verkrijgen, raadt Crowcon aan om iedere seconde één keer te knijpen. Per 18 Gasman Alarmmeldingen Gasman Stromingsbemonstering monsterneming moet er ten minste 10 keer gepompt worden. Gastest accessoire Het gastestaccessoire is een kit die het mogelijk maakt om met uw Gasman gastests uit te voeren en kalibraties te doen door één knop te bedienen. Er wordt daarbij gebruik gemaakt van een speciaal bereid, zeer stabiel mengsel met een lange levensduur. Deze kit kan gebruikt worden voor Gasman-apparaten met sensoren voor brandbare gassen, zuurstof, koolmonoxide en waterstofsulfide. 6.1 Gastests Met een gastest kunt u controleren of de sensor binnen bepaalde grenzen reageert op een aangebracht gas met een bekende samenstelling. Deze test kan uitgevoerd worden zovaak als u wilt, maar moet gewoonlijk uitgevoerd worden voordat de Gasman in gebruik genomen wordt. De Gasman zal zelf aangeven of de gastest gelukt of mislukt is. Het succes van een gastest is van het volgende afhankelijk: • Het gebruikte gas moet de juiste gasconcentratie hebben en de door de leverancier opgegeven geldigheidsdatum voor het gas mag niet verstreken zijn. • De aan- en afvoer van het gas moet lekdicht zijn. Het is belangrijk dat De bijgeleverde bemonsteringsslang is normaal gezien 2 m lang. Er kunnen langere bemonsteringsbuizen verkregen worden, maar met deze slang zal het monster meer tijd nodig hebben om de afstand af te leggen vanaf het bemonsteringspunt tot aan de Gasman. Bij gebruik van slangen met een grote lengte raden we aan om de reactietijd te testen. Bemonster gas met een bekende concentratie over de volledige lengte van de gebruikte slang en noteer hoe lang het duurt voordat de sensorwaarde de bekende gasniveaus bereikt heeft. Deze tijd moet bij de bemonstering gebruikt worden als minimumtijd voordat waarden opgenomen worden. 19 Alarmmeldingen Gasman Gastests en kalibraties Gasman u controleert of de stromingskap goed gemonteerd is op de Gasman, of de afvoerslang volledig vrij is en er geen langere slang gebruikt wordt. De gastest accessoire bestaat uit een gascilinder met het gas, een ‘trekkervormige’ regelaar, een slang, een magneet om de testmodus te activeren, een stromingskap voor bevestiging op de Gasman, en een slang voor de afvoer van het gas. De kit wordt in een handige draagtas geleverd. De trekkervormige regelaar kan op twee manieren bediend worden: (1) indrukken en ingedrukt houden – het gas blijft stromen zolang de hendel ingedrukt blijft of (2) hendel omhoogbrengen – de gastoevoer wordt afgesloten. 6.2 Hoe een gastest uitvoeren 1. Zorg ervoor dat uw Gasman ingeschakeld is en zich in de normale werkmodus bevindt. 2. Monteer de stromingskap op de voorkant van de sensor en bevestig de slang van de trekkervormige regelaar. Bevestig de slang voor de afvoer van het gas. Belemmeringen van de gasstroom zoals een knik moeten voorkomen worden. 3. Druk op de verticaal op de behuizing uitgelijnde magneet aan de linkerzijde van de display. Uw Gasman zal de gastest activeren en ‘TEST’ op het scherm weergeven. 4. De Gasman zal een voortgangsbalk weergeven. Voer het gas toe terwijl de voortgangsbalk aan het aftellen is. De Gasman toont vervolgens ‘PASS’ (goedgekeurd) of ‘FAIL' (afgekeurd). Als de Gasman het bericht ‘FAIL’ (mislukt) weergeeft, gelieve dan eerst de foutopsporingstabel te raadplegen of neem contact op met Crowcon of uw plaatselijke servicecentrum. 5. De gastest kan op elk ogenblik afgebroken worden door op de knop te drukken. 6.3 Kalibratietest uitvoeren met één druk op de knop Om een kalibratietest uit te voeren door één druk op de knop, moet u de Gasman eerst nul stellen. 1. Zorg ervoor dat u zich in schone lucht bevindt. Druk twee maal op de knop en selecteer de optie Zero (Nulstelling) in het Options menu. De Gasman zal een nulstelling uitvoeren. Om een kalibratie uit te voeren moet u binnen de 15 minuten 20 H2S OK ppm Gasman Alarmmeldingen Gasman Gastests en kalibraties na de nulstelling de volgende stappen uitvoeren. OK ppm 2. Volg de stappen 1 tot 3 van paragraaf 6.2. De Gasman zal afwisselend de berichten ‘CAL’ en ‘????’ weergeven. Druk op de knop om de kalibratie te bevestigen. Als u de kalibratie niet bevestigt binnen de 10 seconden door op de knop te drukken, zal het apparaat naar de in paragraaf 6.2 beschreven gastestmodus terugkeren. 3. Voer kalibratiegas aan zoals beschreven in stap 4 van paragraaf 6.2. 4. De kalibratietest kan elk ogenblik afgebroken worden door op de knop te drukken. De Gasman brengt de waarde van het gaskanaal overeen met de opgeslagen kalibreringsgaswaarde in de i-module van de sensor. Daarmee wordt tevens de kalibreerdatum bijgewerkt, die standaard op 182 dagen staat. OK ppm Als de Gasman niet met succes kan worden gekalibreerd, verschijnt 'FAIL' (afgekeurd). Dan moet de Gasman naar Crowcon of een plaatselijke servicecentrum worden gezonden voor kalibrering. Alle resultaten van gasproeven en kalibreringen ('pass' en 'fail') plus de waarden worden opgeslagen in het log. 6.4 Foutopsporing voor gastests/kalibraties Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing Geen reactie op gas Gascilinder leeg Peilglas controleren, cilinder indien nodig vervangen Slang geblokkeerd of knik in slang Ervoor zorgen dat de gas stroom niet geblokkeerd wordt Gascilinder leeg Peilglas controleren, cilinder indien nodig vervangen Datum gascilinder Datum controleren en indien nodig vervangen Slang geblokkeerd of knik in slang Ervoor zorgen dat de gas stroom niet geblokkeerd wordt Kalibratie ontregeld Gasman kalibreren Gasstroom niet onmiddellijk gestart Test herhalen, onmiddellijk met gas starten Gastest met Gasman mislukt 21 Alarmmeldingen Gasman Gastests en kalibraties Gasman Kalibratie Gasman Gasman voert gastest met success uit maar schakelt niet naar de kalibratiemodus over Gascilinder leeg indien nodig vervangen Peilglas controleren. Fles indien nodig vervangen Datum gascilinder verstreken Datum controleren en mislukt Slang geblokkeerd of knik in slang Ervoor zorgen dat de gas stroom niet geblokkeerd wordt Kalibratie ontregeld Gasman kalibreren Te korte stabilisatietijd Resetten met PC soft ware Nulstelling (Zero) niet uitgevoerd Selecteer en voer Nul uit op het menu Gasman niet geconfigureerd voor kalibrering via veldknop Opsturen voor herconfiguratie Opmerking: Haal de regelaar van de gascilinder indien langdurig niet gebruilit. Voor de onderdelenlijst, zie hoofdstuk XI. Dit veroorzaakt een gaslek. De kalibratie methode door één druk op de knop spoort kleine afwijkingen van de opgeslagen kalibratie waarde op. Crowcon raadt evenwel aan de Gasman om de zes maanden op te sturen om een volledige, gecertificeerde kalibratie te laten uitvoeren. VII. Onderhound en kalibratie De Gasman is zodanig ontworpen dat hij in de meeste omstandigheden nagenoeg onderhoudsvrij werkt. Ondanks dat raden we aan om enkele kleine handelingen voor het routineonderhoud uit te voeren. Algemeen Om te voorkomen dat er zich op het display en op de bedieningsknop vuil ophoopt, dient u regelmatig de Gasman af te vegen met een vochtige doek. Filter Controleer regelmatig of de voorfilter vuil of beschadigd is. Reinig de filter indien nodig. 22 Gasman Onderhound en kalibratie Nulstelling en kalibratie De Gasman is uitgerust met een functie die automatisch de nulwaarde instelt bij het opstarten. Deze functie kan zodanig ingesteld worden dat ze automatisch geactiveerd wordt of dat ze door de gebruiker bevestigd moet worden (zie snelstartgids). Ze kan echter ook uitgeschakeld worden. Deze instellingen kunnen uitgevoerd worden met de Portables PC software van Crowcon, zie hoofdstuk VIII. De Gasman heeft ook een Nul-functie in het menu, zie paragraaf 2.4. Crowcon beveelt aan om eenmaal per maand de gasproef uit te voeren om de werking van de sensor te bevestigen. Verifieer dit echter met uw eigen gezondheids- en veiligheidsvoorschriften. Er moet een gasproef met een bekende samenstelling worden uitgevoerd om de respons- en alarmfunctie van de sensor te verifiëren. Zie paragraaf 6.1. Het instrument moet op een regelmatige basis van 6 maanden gekalibreerd worden. Kalibratiemethode De Gasman kan gekalibreerd worden zoals beschreven in punt 6.3 met behulp van de gastestkit, de Portables PC software van Crowcon en kalibratiegas. Daarbij dienen geschikte, gecertificeerde kalibratiegassen gebruikt te worden. Het kalibratiegas wordt toegevoerd via de juiste stromingskap. Raadpleeg het helpbestand van de Portables PC software van Crowcon voor meer informatie. Gasman IR persoonlijke CO2-detector De concentratie van CO2 in frisse lucht is 0,04% per volume. Een goed op nul gestelde Gasman IR CO2 meter geeft in onvervuilde lucht een uitlezing van 0,04%. Voordat de Gasman op nul wordt gesteld, moet hij in de frisse, onvervuilde lucht worden geplaatst, ver uit de buurt van gebouwen en CO2-emissies. Houd het toestel goed uit de buurt van de ademzone van de bediener, d.w.z. zo ver mogelijk van het lichaam verwijderd. Als de Gasman IR CO2 in de frisse lucht op nul wordt gesteld, zet hij de CO2 basislijn automatisch op 0,04%. Het nulpunt van de Gasman IR CO2 kan eveneens ingesteld worden in stikstof door middel van de PC-interface en software voor draagbare PC’s. Dit is eigenlijk eerder een ijking van het nulpunt dan een gewone instelling van het 23 Onderhound en kalibratie Gasman nulpunt. Hiervoor noteert u , na het inladen van het configuratiebestand voor het instrument, het bestaande ijkgasniveau en daarna stelt u de ijkwaarde in op 0,00%, past stikstofgas toe en klikt u dan op de ijkknop. Nadat deze ijking van het nulpunt voltooid is, mag u niet vergeten om het ijkgasniveau terug op het vorig niveau in te stellen. Stikstof voor nulpuntinstelling dient te komen uit een daarvoor geschikte gasfles aan een regelmatige stroom van 0,5 l/min (1 SCFH), aangesloten op de standaard-stroomkap die over de sensoropening geklemd is. Aanbevolen ijkgas is 2% CO2 in een achtergrond van stikstof. U dient te zorgen dat u de stikstofstroom van u weg richt en u mag de stikstof niet langer laten stromen dan nodig is om de nulpuntinstelling te voltooien. Indien dit binnen gebeurt, wordt aangeraden het gas uit een venster te laten ontsnappen of via een afzuigkast. Ozonsensor Als gevolg van de reactieve aard van ozon (O3) moeten speciale procedures worden gevolgd bij de kalibrering van gasdetectors met een ozonsensor. Door de onderstaande richtlijnen voor kalibrering te volgen kan de gebruiker voor een optimale bescherming zorgen met behulp van de gasdetector. Kalibreer Crowcon ozondetectors altijd uitsluitend met ozon. Koppelingen Voor ozonkalibrering moeten alle koppelingen en leidingen van roestvrij staal, geelkoper, aluminium of teflon zijn. Koppelingen en leidingen van andere kunststoffen zoals Tygon mogen niet worden gebruikt. Gasstromingssnelheid Het is belangrijk dat de stromingssnelheid goed is ingesteld omdat het drukeffect de kalibreringswaarden kan beïnvloeden waardoor de gasdetector niet goed werkt. Voor de kalibrering van Crowcon draagbare detectors moet de stromingssnelheid worden ingesteld tussen 0,8 en 1,0 liter/minuut. De normale veiligheidsvoorzieningen voor het hanteren van ozon moeten altijd in acht worden genomen, in combinatie met de speciale instructies bij de gebruikte kalibreergasfles of -generator. 24 Gasman Onderhound en kalibratie De standaardstroomsnelheidsplaat moet worden gebruikt om het gas op de bovenstaande snelheid te leveren. Uw plaatselijke Crowcon vertegenwoordiger of servicecentrum kan u zo nodig nader adviseren. 25 PC-verbinding en software Gasman VIII. PC-verbinding en software De Gasman kan met behulp van de lader met optionele pc-verbinding op een pc aangesloten worden. De lader is uitgerust met een 9-pins RS232-poort van het D-type, die zich achteraan de lader bevindt, zie onderstaande afbeelding. Op de PC moet de Portables PC software van Crowcon geïnstalleerd zijn. Een USB-RS232-adapter is tevens verkrijgbaar bij Crwcon. H2S RS 232 link Via de software kan de gebruiker alarmniveaus opnieuw instellen, het apparaat bedienen, kalibraties uitvoeren, rapporten afdrukken en toegang krijgen tot de logbestanden. Installatie 1. Installeer de Portables PC software op de pc en sluit de RS 232-kabel op de lader en pc aan. 2. Zet de Gasman aan en doe hem in de oplader, met het display naar voren toe gericht. 3. Zie het geïnstalleerde helpbestand voor informatie over het gebruik van de Crowcon Portables pc-software. 26 Gasman PC-verbinding en software Gegevensvastlegging De gegevens worden vastgelegd met de snelheid volgens de logperiode, die via de Portables pc-software kan worden geconfigureerd. Standaard staat deze op intervallen van 1 minuut. De Gasman kan 54.000 loggen opslaan (>4.800 gebeurtenissen). Zodra het geheugen vol is, worden de oude gegevens overschreven door de nieuwe gegevens. De loggen kunnen met behulp van de Portables pc-software uit de Gasman worden gehaald en opgeslagen. Het instrument houd de volgende gebeurtenissen bij: • In/uitschakelen • Batterijstatus • Sensorkanaal buiten bereik • Alarmmeldingen geactiveerd/gewist (inclusief piekwaarden van respons) • Gasproef goedgekeurd/afgekeurd • Door de gebruiker geactiveerde gebeurtenissen Zie voor nadere informatie over het gebruik van de Crowcon Portables pc-software het geïnstalleerde helpbestand. 27 i-module vervangen Gasman IX. i-module vervangen Een i-module plaatsen of vervangen 1. Zorg dat u zich in een niet-gevaarlijk (veilig) gebied bevindt, met passende ESD-bescherming. Schakel het apparaat uit. 2. Verwijder het achterdeksel door de vier M2.5 inbusschroeven van 12 mm los te schroeven zoals afgebeeld in de tekening, punt . De elastomeer-laadconnector niet aanraken met de vingers.  i-module Elastomeer 3. Plaats de Gasman op een oppervlak, met de voorkant naar beneden. 4. Klem de i-module uit haar borgklem los. Eén kant tegelijk. Zorg ervoor dat het elastomeer dat door de borgkem gefixeerd wordt, op zijn plaats blijft en mag niet met de hand worden aangeraakt. 5. Haal de nieuwe i-module uit de verpakking en zorg ervoor dat de sensor goed op het modulebord is geplaatst. Als u een i-module door een module van hetzelfde type vervangt, zullen de specifieke instellingen van het instrument behouden blijven. Bij vervanging door een andere i-module zullen de standaardinstellingen van deze module geladen worden. 28 Gasman i-module vervangen 6. Zorg ervoor dat de pakking goed op de sensor zit. Schuif de sensor vervolgens op het sensorhuis. Klik de snelkoppelingbevestigingen om de Klik de snelsluitingen rond de de i-module en zorg ervoor dat de i-module daarbij stevig op haar plaats gehouden wordt en dat de sensor stevig op de plaat van de module bevestigd blijft. 7. Plaats de achterkant van de Gasman behuizing terug en zet hem met schroeven vast. 8. Zet de Gasman aan. De nieuwe i-module zal automatisch herkend worden. 9. Crowcon raadt aan een kalibratietest uit te voeren telkens als een nieuwe sensor gemonteerd wordt. 29 Technische kenmerken Gasman X. Technische kenmerken Afmetingen Gewicht 90 x 48 x 24 mm (3 ½ x 1.9 x 1 inches) 138 g brandbare gassen 129 g zuurstof 118 g toxische gassen Behuizing, beschermingsgraad Bedrijfstemperatuur Vochtigheid Afdichting IP65 (NEMA 4) Display Opwarmtijd Reactietijd (typisch) Geluidsalarmen Optische alarmen Trilalarm Herhaalbaarheid ATEX Veiligheidscertificaat nr. IECEx Goedkeuringscodes Europa: VS, Canada: Standaards Veiligheidsnormen: Canada: Werking 30 -20°C tot +55°C RV 20-99% niet-condenserend voor continue werking LCD-scherm met achtergrondverlichting. Starburst -tekens voor cijfer- en tekstweergave, plus scerm- pictogrammen voor status- en modusaanduiding. 90 seconden maximaal (T90) : ongeveer 20 seconden voor de meeste sensoren voor toxische en explosieve gassen, 10 seconden voor zuurstof 95 dBA (Verschillende alarmgeluiden maken het mogelijk verschillende geluiden in te stellen voor verschillende alarmen.) LED’s met dubbele kleur rood/blauw die knipperen bij gasgevaar Ingebouwd trilalarm ±2% FSD, 6 maanden Essential Health and safety requirement clause 15.9 BASEEFA04ATEX0383 Brandbaar Gas BASEEFA04ATEX0384 Zuurstof of Toxisch Gas IECExBAS040045 Brandbaar Gas IECExBAS040046 Zuurstof of Toxisch Gas ATEX II 1G Ex ia IIC T4 Ga, (-20°C ≥Ta≥ +65°C) Toxisch/Zuurstof ATEX II 2G Ex ia d IIC T4 Gb, (-20°C ≥Ta≥ +65°C) Brandbaar Klasse I Divisie 1, Groepen A, B, C en D. Baseefa 04ATEX0383 EN 60079-0: 2012 EN 60079-1: 2007 EN 60079-11: 2012 94/9/EC IEC 60079-0 : 2011 I EC 60079-1 : 2007-04 IEC 60079-11 : 2011 Baseefa 04ATEX0384 EN 60079-0: 2012 EN 60079-11: 2012 94/9/EC IEC 60079-0 : 2011 IEC 60079-11 : 2011 CSA22.2, 152 EN50270, EN50271 Gasman Accessoires en reserveonderdelen XI. Accessoires en reserveonderdelen Accessory list Crowcon onderdeelnummer Beschrijving Laders C01941 C011318 C011011 C011009 C01945 C01296 C01940 C011305 12 Vdc lader Enkele manier oplader met multi-gebied voeding Enkele manier lader 230V in-line voeding, geen plug Enkele manier lader 110V in-line voeding, geen plug Enkele manier lader 90-260V in-line power supply Laadkabel voor de auto aansteker lood Enkele manier lader / interface-12Vdc ingang Laderinterface kit (inclusief enkele manier lader / interface USBRS232-adapter en PC lood, multi-gebied voeding) Enkele manier lader /-interface met multi-gebied voeding Enkele manier lader / interface-230 in-line voeding, geen plug Enkele manier lader / interface-110V in-line voeding, geen plug Enkele manier lader / interface 90-260V in-line power supply C011319 C011012 C011010 C01950 Multi lader C01951 C011041 5- Multi lader voor 5 units voor voeding met 90-260 Vac 5-weg multiway lader met 90-260V in-line power supply, de Amerikaanse voeding 5-weg multiway lader met 90-260V in-line power supply, UK voeding 5-weg multiway lader met 90-260V in-line power supply, EU stroomvoorziening C011042 C011043 i-modules: S011424/M S011436/M S011437/M S011439/M S011440/M S011460/M 0-100% 0-100% 0-100% 0-100% 0-100% 0-100% LEL LEL LEL LEL LEL LEL methaan propaan pentaan butaan etheen waterstof 31 Accessoires en reserveonderdelen Gasman S011423/M S011422/M S011421/M S011425/M S011429/M S011426/M S011428/M S011432/M S011430/M S011435/M S011438/M S011431/M S011434/M S011433/M S012171/M 0-25% zuurstof - voeg /VS toe voor Amerikaanse alarmconfig. 0-500 ppm koolmonoxide 0-100 ppm waterstofsulfide - voeg /VS toe voor Amerikaanse alarmconfig. 0-10 ppm zwaveldioxide 0-2000 ppm waterstof 0-20 ppm stikstofdioxide 0-20 ppm chloor 0-1 ppm ozon 0-25 ppm waterstofcyanide 0-100 ppm ammoniak 0-1000 ppm ammoniak 0-5 ppm fosfine 0-1 ppm fluor 0-10 ppm waterstoffluoride 0-5% Gasman IR (kooldioxide) CO2 i-module (uitsluitend voor gebruik in veilige gebieden) Bemonsteringsaccessoires: M04852 C01937 Stromingskap Aspiratoreenheid Raadpleeg Crowcon voor kalibratiegassen - vereiste gassen afhankelijk van sensorcombinatie M01457 Zakklem Draagaccessoires: C01952 C01843 C01844 C01953 M02362 C03329 Harnasplaat exclusief borstgordelriemen Schouderriem Borstgordelriemen Helm bevestigingsklem Krokodillenklem Metalen klem Communicatie: E07532 C01832 C02097 PC-interfacekabel Portables PC software USB naar RS232-adapter Reserveonderdelen/verbruiksitems: S011818/1 M04973 32 Achtergedeelte Voor- en achterzijde van Gasman IR CO2 Gasman E01918 E07621 E07620 M04682 M03705 M03793 M05910 E01535 E01536 E01537 E01552 E01553 E07693 C03580 Accessoires en reserveonderdelen Niet-oplaadbare batterij Elastomeer voor i-module LCD Elastomeer Afdichtingsring ensor Clip blijven moer M3 Doors schroef Crowcon fornix label Machts levering voor lader, 230 Vac slechts het UK Machts levering voor lader, 230 Vac slechts het EUR Machts levering voor lader, 110 Vac slechts het USA Machts levering voor lader, 230 Vac neen plug Machts levering voor lader, 115 Vac neen plug Machts levering voor lader, universeel 90-260 V. Multi-regio voeding (inclusief het Verenigd Koninkrijk, de EU, de VS en Australische adapters) 33 Foutopsporingstabel Gasman XII. Foutopsporingstabel Probleem/foutmelding Oorzaak Oplossing IInstrument gaat niet aan Batterij opladen of vervangen Batterij is leeg Geen pieptoon om werking Functie te signaleren uitgeschakeld Functie opnieuw instellen met portables PC software Weergave gaswaarde terwijl er Nulstelling geen gas aanwezig is ontregeld Instrument herstarten in schone lucht Onstabiele/onnauwkeurige Defecte sensor gas waarde Niet gebruiken; gevaren zone onmiddellijk verlaten. Instrument terugsturen voor herkalibratie Automatische nulstelling mislukt Nulstelling in Uitschakelen en herstarten gecontamineerde in schone lucht omgeving Automatische nulinstelling Nulinstelling in Uitschakelen en herstarten niet mogelijk wegens alarm gecontamineerde in schone lucht omgeving Kalibratie verstreken De kalibratiedatum Opsturen voor kalibratie s verstreken Display toont een leeg batterij Batterij leeg. pictogram 34 Opladen of vervangen naar gelang het type. Gasman Bijlage: beperkingen van sensoren Bijlage: beperkingen van sensoren Sensorbeperkingen De sensoren die in de Gasman gebruikt worden, hebben dezelfde beperkingen als andere gassensoren. De gebruiker dient daarom met de volgende punten rekening te houden. Als het instrument vermoedelijk in extreme omstandigheden gebruikt zal worden, kan Crowcon advies geven voor speciale situaties en alternatieve sensoren voorstellen. De Gasman voor brandbare gassen maakt gebruik van een katalytische gassensor die de ontvlambaarheid van het gas meet. Op basis daarvan zullen de weergegeven waarden op het apparaat onbetrouwbaar zijn boven concentraties van ongeveer 120% LEL. Zonder zuurstof kunnen katalytische sensoren niet werken. Er wordt gebruik gemaakt van een pellistor beschrerming, die bij een overschrijding van het bereik de stroom naar de pellistor onderbreekt en zodoende een doorbranding voorkomt. Dit vergrendelt het toestel 200 seconden waarna de stroom naar de pellistor met een druk op de knop kan worden hersteld. Als de sensorstroom heringeschakeld wordt terwijl het apparaat bloot gesteld staat aan een gasconcentratie die buiten het bereik valt, kan de pellistor beschadigd worden. Het herstarten dient plaats te vinden in een omgeving met schone lucht. Sterk afgenomen zuurstofconcentratie kunnen de waarde van het explosieve gas verkleinen, en als het zuurstofniveau erg laag is, dient te worden aangenomen dat de waarde van het explosieve gas tevens laag zal zijn. Elektrochemische gassensoren, giftige gassen of zuurstof, met chemische stoffen. Bij extreme vochtigheid kan de sensor ook instabiel zijn. De sensoren zijn geschikt voor een (gemiddelde) relatieve vochtigheid van 20-90%. Ze worden echter gebruikt van de tropen tot aan de toendra. Er mag geen water op de sensor komen, aangezien dit de gasdiffusie kan belemmeren. Bij aanhoudende blootstelling aan hoge gehalten giftig gas gaat de sensor minder lang mee. Als het gas van hoog niveau corrosief is (waterstofsulfide bijvoorbeeld) kunnen de metalen onderdelen na verloop van tijd beschadigd raken. De sensoren kunnen indirect gevoelig zijn voor andere gassen. Neem in geval van twijfel contact op met Crowcon of met uw lokale dealer. 35 UK Office Crowcon Detection Instruments Ltd 172 Brook Drive, Milton Park, Abingdon Oxfordshire OX14 4SD Tel: +44 (0) 1235 557700 Fax: +44 (0) 1235 557749 Email: [email protected] Website: www.crowcon.com USA Office Crowcon Detection Instruments Ltd 1455 Jamike Ave, Suite 100 Erlanger KY 41018 Tel: +1 859 957 1039 or 1 800 527 6926 Fax: +1 859 957 1044 Email: [email protected] Website: www.crowcon.com Netherlands Office Crowcon Detection Instruments Ltd Vlambloem 129 3068JG, Rotterdam Netherlands Tel: + 31 10 421 1232 Fax: + 31 10 421 0542 Email: [email protected] Website: www.crowcon.com Singapore Office Crowcon Detection Instruments Ltd Block 194, Pandan Loop #06-20 Pantech Industrial Complex Singapore 128383 Tel: + 65 6745 2936 Fax: +65 6745 0467 Email: [email protected] Website: www.crowcon.com China Office Crowcon Detection Instruments Ltd (Beijing) Unit 316, Area 1, Tower B, Chuangxin Building 12 Hongda North Road, Beijing Economic Technological Development Area Beijing, China 100176 Tel: +86 10 6787 0335 Fax: +86 10 6787 4879 Email: [email protected] Website: www.crowcon.com
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44

Crowcon Gasman Handleiding

Type
Handleiding