Bartscher 2831021 Handleiding

Type
Handleiding

Deze handleiding is ook geschikt voor

700FX-G20 / 700FX-G40 / 700FX-G60
2831021 - 2831041 - 2832361
Bartscher GmbH
Franz-Kleine-Str. 28
D-33154 Salzkotten
Duitsland
tel. +49 5258 971-0
fax: +49 5258 971-120
Klantendienst service: +49 5258 971-197
www.bartscher.com
CE-0085DL0222
Versie: 1.0
Datum van opmaak: 2022-10-10
NL
2
2831021 1 / 42
Originele gebruiksaanwijzing
1 Veiligheid ....................................................................................................... 2
1.1 Symboolverklaring ................................................................................... 2
1.2 Veiligheidsaanwijzingen ........................................................................... 3
1.3 Restrisico's ............................................................................................... 7
1.4 Individuele veiligheidsmaatregelen .......................................................... 9
1.5 Gebruik volgens bestemming ................................................................ 10
1.6 Oneigenlijk gebruik ................................................................................ 10
2 Algemeen .................................................................................................... 11
2.1 Aansprakelijkheid en vrijwaring .............................................................. 11
2.2 Auteursrecht .......................................................................................... 11
2.3 Conformiteitsverklaring .......................................................................... 11
3 Transport, verpakking en opslag ................................................................. 12
3.1 Transportinspectie ................................................................................. 12
3.2 Verpakking ............................................................................................. 12
3.3 Opslag ................................................................................................... 12
4 Technische Gegevens ................................................................................. 13
4.1 Technische Gegevens ........................................................................... 13
4.2 Functies van het apparaat ..................................................................... 15
4.3 Onderdelenoverzicht .............................................................................. 26
5 Installatieinstructie ....................................................................................... 28
5.1 Installatie ................................................................................................ 28
6 Gebruiksinstructie ........................................................................................ 34
6.1 Bediening ............................................................................................... 35
7 Reiniging en onderhoud .............................................................................. 39
7.1 Aanwijzingen betreffende de veiligheid tijdens het reinigen ................... 39
7.2 Reiniging ................................................................................................ 39
7.3 Onderhoud ............................................................................................. 40
8 Mogelijke storingen ...................................................................................... 41
9 Verwijdering ................................................................................................. 42
Veiligheid
2 / 42 2831021
NL
Diese Bedienungsa nleitung besc hreibt die Installa tion, Bedienu ng und Wartu ng des Geräts un d gilt als wichtig e Informationsqu elle und N achschlagewer k. Die Kenntnis aller enthaltene n Sicherheitshin weise und Han dlungsanweisunge n schafft die Voraussetzu ng für das si chere und s achgerechte Ar beiten mit de m Gerät. Darüb er hinaus müsse n die für den Eins atzbereich des Geräts gelte nden örtlichen Unfallverhüt ungsvorschriften und allgemeine n Sicherheitsb estimmungen eing ehalten wer den. Diese Bedi enungsanleitung is t Bestan dteil des Prod ukts und muss i n unmittelb arer Nähe des Ger äts für das In¬s tallations-, B edienungs-, Wartungs- und R einigungspers onal jederzeit z ugänglich auf¬b ewahrt werden. W enn das Ger ät an eine dritt e Person
weitergegeben wird, muss die B edienungsanlei tung mit ausg ehändigt werde n.
Lees voor het gebruik de gebruiksaanwijzing door en bewaar
hem op een goed bereikbare plaats!
Deze handleiding bevat de beschrijving van de installatie, de bediening en het
onderhoud van het apparaat en dient als belangrijke informatiebron en naslagwerk.
De kennis en het in acht nemen van alle hier beschreven veiligheidsvoorschriften
en instructies is een voorwaarde voor veilig en juist gebruik van het apparaat.
Bovendien zijn de bepalingen inzake ongevallenpreventie, gezondheids- en
veiligheidsvoorschriften en wettelijke voorschriften die van kracht zijn op het
toepassingsgebied van het apparaat van toepassing.
Lees deze gebruikershandleiding voordat u met het apparaat gaat werken, en vóór
de inbedrijfsstelling, om schade aan personen en zaken te voorkomen. Onjuist
gebruik kan beschadigingen veroorzaken.
Deze handleiding is een integraal onderdeel van het product en moet in de directe
nabijheid van het apparaat worden bewaard en te allen tijde beschikbaar zijn.
Wanneer het apparaat wordt overgedragen, is het ook noodzakelijk deze
gebruiksaanwijzing erbij te leveren.
1 Veiligheid
Het apparaat is gemaakt volgens de laatste stand van de techniek. Het kan echter
een bron van gevaar vormen als het apparaat niet in overeenstemming met zijn
bestemming gebruikt wordt. Alle personen die het apparaat gebruiken, moeten zich
houden aan de aanbevelingen en veiligheidsaanwijzingen in deze handleiding.
1.1 Symboolverklaring
Belangrijke veiligheids- en technische instructies zijn in deze gebruiksaanwijzing
aangeduid door symbolen. Deze instructies moeten bij het gebruik van dit apparaat
absoluut in acht worden genomen om letsel, ongelukken, of materiële schade te
vermijden.
Veiligheid
2831021 3 / 42
NL
, die
1.2 Veiligheidsaanwijzingen
Elektrische stroom
Een te hoge netspanning of onjuiste installatie kan leiden tot elektrische
schokken.
Sluit het apparaat alleen aan als de specificaties op het typeplaatje
overeenkomen met de netspanning.
Om elektrische kortsluiting te voorkomen, moet het apparaat droog worden
gehouden.
Koppel het apparaat onmiddellijk los van het elektriciteitsnet als er tijdens het
gebruik storingen optreden.
Raak de stekker van het apparaat niet aan met natte handen.
Raak het apparaat nooit aan nadat het in het water is gevallen. Onmiddellijk het
apparaat van het elektriciteitsnet koppelen.
Het herstellen en openen van de behuizing uitsluitend door specialisten en
gespecialiseerde werkplaatsen laten uitvoeren.
Draag het apparaat niet aan de verbindingskabel.
Veiligheid
4 / 42 2831021
NL
Stel de verbindingskabel niet bloot aan warmte of scherpe randen.
Knik, plet of knoop de verbindingskabel niet.
Altijd de verbindingskabel volledig uitrollen.
Plaats het apparaat of andere voorwerpen nooit op de verbindingskabel.
Om het apparaat uit te schakelen van de elektrische voeding, altijd de stekker
vastpakken.
Controleer de voedingskabel regelmatig op beschadigingen. Het apparaat niet
gebruiken wanneer de voedingskabel beschadigd is. Laat een beschadigde
voedingskabel vervangen door de servicedienst of een gekwalificeerde
elektricien om gevaar te voorkomen.
Veiligheid voor apparaten die door gas worden aangedreven
Gebruik het gasaangedreven apparaat niet in het geval van een storing of
schade, of in het geval van een vermoedelijke storing of schade. Draai in dat
geval de draaiknop (-knoppen) naar "O" en sluit de hoofdgasklep. Neem direct
contact op met de service.
Controleer regelmatig op lekken met schuim (lekdetectiespray).
Gebruik geen open vuur om te controleren op gaslekken!
VOORZICHTIG !
Verstikkingsgevaar en explosie door ontsnappend gas!
Volg deze regels als u gas ruikt:
sluit onmiddellijk de draaiknop (-knoppen) en de hoofdgasklep
zorg voor voldoende ventilatie van de betreffende kamers: open alle
deuren en ramen wijd
steek geen open vuur aan, doof het vuur
rook niet
creëer geen vonken, bedien geen elektrische schakelaars, gebruik geen
telefoons (of het nu een vaste telefoon of een mobiele telefoon is)
gebruik geen elektrische apparaten in de buurt van het apparaat op gas
indien nodig - informeer andere mensen in het gebouw door te bellen en
op de deur te kloppen
verlaat het gebouw
neem buiten het gebouw contact op met de service. Als de
gasuitlaatbron niet precies kan worden gelokaliseerd, bel dan de
brandweer of waarschuw onmiddellijk de gasleverancier.
Veiligheid
2831021 5 / 42
NL
Brandbare materialen
Het apparaat nooit gebruiken in de buurt van brandbare, licht ontvlambare
materialen (bijv. benzine, spiritus, alcohol). Hoge temperaturen veroorzaken
verdamping van deze materialen en als gevolg van contact met
ontstekingsbronnen kan een explosie plaatsvinden.
Gebruik het apparaat alleen met de hiervoor bestemde materialen en met de
juiste temperatuurinstellingen. Materialen, voedselproducten en etensresten in
het apparaat kunnen ontbranden.
Het apparaat moet regelmatig worden schoongemaakt om het risico van brand
te voorkomen.
Laat het apparaat nooit onbeheerd achter, vooral niet bij het verwarmen van
vetten en oliën, aangezien deze brand kunnen veroorzaken.
Als er brand uitbreekt, sluit u de gasafsluiter. Blus een vlam nooit met water,
smoor de vlam met een deksel of een brandwerende deken. Na het blussen
zorgen voor genoeg frisse lucht.
Exploitatie alleen onder toezicht
Het apparaat mag alleen onder toezicht worden geëxploiteerd.
Blijf altijd in de directe nabijheid van het apparaat.
Hete oppervlakken
Het oppervlak van het apparaat wordt tijdens het werk heet. Er bestaat gevaar
voor verbranding. Ook na het uitschakelen blijft het apparaat nog enige tijd heet.
Geen enkel heet oppervlakken van het apparaat aanraken. Gebruik de daarvoor
voorziene bedieningselementen en handgrepen.
Het apparaat pas na volledig afkoelen verplaatsen en reinigen.
Het is verboden hete oppervlakken met koud water of brandbare vloeistoffen te
begieten.
Bedienend personeel
Het apparaat mag alleen worden bediend door gekwalificeerd en geschoold
vakpersoneel.
Dit apparaat mag niet worden bediend door personen (inclusief kinderen) met
beperkte fysieke, sensorische of mentale vaardigheden, evenals door personen
met beperkte ervaring en / of beperkte kennis.
Kinderen moeten onder toezicht staan om ervoor te zorgen dat ze niet met het
apparaat spelen of het starten.
Veiligheid
6 / 42 2831021
NL
Onjuist gebruik
Onjuist gebruik of verboden gebruik kan het apparaat beschadigen.
Het apparaat mag alleen worden gebruikt als het zich in goede staat bevindt en
veilig werken mogelijk maakt.
Het apparaat mag alleen worden gebruikt als alle aansluitingen zijn uitgevoerd
volgens de voorschriften.
Het apparaat mag alleen worden gebruikt als het schoon is.
Gebruik alleen originele reserveonderdelen. Nooit zelf het apparaat repareren.
Verboden om veranderingen of modificaties aan het apparaat aan te brengen.
Veiligheid
2831021 7 / 42
NL
1.3 Restrisico's
Restrisico's
Gevaarlijke situatie
Waarschuwing
Risico op uitglijden
en vallen
De gebruiker kan uitglijden op de
vloer door de aanwezigheid van
water of vuil.
Draag beschermend
schoeisel met
antisliplaag wanneer u
het apparaat gebruikt.
Brandwonden
De bediener raakt het apparaat
opzettelijk aan.
De bediener raakt opzettelijk hete
stoffen aan (olie, water, stoom,
...).
Risico op vallen
De bediener verricht
werkzaamheden op het bovenste
gedeelte van het apparaat met
ongeschikte hulpmiddelen (zoals
een ladder met sporten, of
klimmen op het apparaat).
Voer geen
werkzaamheden aan het
bovenste gedeelte van
de machine uit met
ongeschikte
hulpmiddelen (zoals
ladders met sporten of
op het apparaat
klimmen).
Gevaar voor
kantelen
Het dragen van het apparaat of
onderdelen van het apparaat
zonder geschikte hulpmiddelen.
Bij het verplaatsen van
het apparaat of de
verpakking ervan is het
noodzakelijk geschikte
hulpmiddelen of
hefwerktuigen te
gebruiken.
Veiligheid
8 / 42 2831021
NL
Restrisico's
Gevaarlijke situatie
Waarschuwing
Chemische stoffen
De bediener gaat om met
chemicaliën (bijv.:
schoonmaakmiddelen,
ontkalkingsmiddelen, enz.).
Neem de nodige
voorzorgsmaatregelen.
Volg steeds de
aanwijzingen op de
veiligheidsinformatieblad
en en etiketten van de
gebruikte producten.
Gebruik de in de
veiligheidsinformatieblad
en aanbevolen
persoonlijke
beschermingsmiddelen.
Risico op letsel
Er bestaat gevaar voor
verwonding tijdens
onderhoudswerkzaamheden, als
inwendige delen van het
apparaatframe worden
aangeraakt.
Onderhoudswerkzaamh
eden mogen alleen
uitgevoerd worden door
gekwalificeerd
personeel, uitgerust met
geschikte
beschermingsmiddelen
(snijbestendige veilig-
heidshandschoenen,
onderarmbeschermers).
Gevaar voor
verplettering
Het personeel loopt het risico dat
vingers of handen bekneld raken
bij het hanteren van bewegende
delen.
Onderhoudswerkzaamh
eden mogen alleen
uitgevoerd worden door
gekwalificeerd personeel
dat voorzien is van
persoonlijke
beschermingsmiddelen
(beschermende
handschoenen).
Ergonomie
De bediener werkt aan het
apparaat zonder de nodige
persoonlijke
beschermingsmiddelen te
dragen.
De bediener moet
persoonlijke
beschermingsmiddelen
dragen wanneer hij aan
het apparaat werkt.
Veiligheid
2831021 9 / 42
NL
1.4 Individuele veiligheidsmaatregelen
Fase
Beschermen-
de kleding
Bescher-
mend
schoeisel
Handschoe-
nen
Bescherming
van de ogen
Gehoorbe-
scherming
Bescher-
ming van
de ademha-
lingswegen
Hoofdbe-
scherming
Vervoer
X
Verplaatsing
X
Uitpakken
X
Montage
X
Standaard
gebruik
X
X
X (*)
Instellingen
X
Standaard
reiniging
X
Speciale
reiniging
X
X
Onderhoud
X
X (*)
Demontage
X
Afvalverwijde-
ring
X
X
Voorziene persoonlijke beschermingsmiddelen
Persoonlijke beschermingsmiddelen zijn
beschikbaar of moeten gebruikt worden indien
nodig
Onvoorziene persoonlijke beschermingsmiddelen
* Handschoenen bestemd voor standaardgebruik en voor
onderhoudswerkzaamheden moeten hittebestendig zijn om de handen van de
bediener te beschermen wanneer hij hete machineonderdelen of hete stoffen
(olie, water, stoom,...) aanraakt.
Veiligheid
10 / 42 2831021
NL
1.5 Gebruik volgens bestemming
Elk gebruik van het apparaat voor andere doeleinden en / of afwijkend van het
normale bedoelde gebruik zoals hieronder beschreven, is verboden en wordt
beschouwd als onbedoeld gebruik.
Het volgende gebruik is in overeenstemming met het beoogde gebruik:
Het koken en verwarmen van gerechten met gebruik van geschikt
kookgerei.
1.6 Oneigenlijk gebruik
Onjuist gebruik kan leiden tot schade aan personen en zaken veroorzaakt door
gevaarlijke elektrische spanning, brand en hoge temperaturen. Met behulp van het
apparaat kan alleen werk worden uitgevoerd dat in deze handleiding wordt
beschreven.
Het volgende gebruik is niet in overeenstemming met het beoogde gebruik:
Het verwarmen van ruimtes
Verwarmen van brandbare, schadelijk voor de gezondheid, gemakkelijk
verdampende of soortgelijke vloeistoffen en materialen.
Algemeen
2831021 11 / 42
NL
2 Algemeen
2.1 Aansprakelijkheid en vrijwaring
Alle gegevens en aanwijzingen die zijn opgenomen in deze gebruiksaanwijzing zijn
samengesteld rekening houdend met de geldende voorschriften, de actuele
technische stand van zaken en onze langdurige inzichten en ervaring. In het geval
van het bestellen van speciale modellen of extra opties, en in het geval van het
gebruik van de nieuwste technische kennis, kan het geleverde apparaat onder
bepaalde omstandigheden verschillen van de uitleg en de talrijke tekeningen in
deze handleiding.
De producent is niet aansprakelijk voor de schade en storingen die zijn ontstaan als
gevolg van:
het niet in acht nemen van de aanwijzingen,
oneigenlijk gebruik,
het aanbrengen van technische wijzigingen door de gebruiker,
de toepassing van ongeoorloofde reserveonderdelen.
Wij behouden ons het recht voor om technische veranderingen in het product aan
te brengen die leiden tot verbetering van de gebruikseigenschappen en de verdere
ontwikkeling van het apparaat.
2.2 Auteursrecht
De gebruiksaanwijzing en de erin opgenomen teksten, tekeningen, foto’s en andere
afbeeldingen zijn auteursrechtelijk beschermd. Niets (ook gedeeltelijk) uit deze
uitgave mag in ongeacht welke vorm worden verveelvoudigd, verwerkt en/of
gepubliceerd zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de fabrikant.
Overtreding van het bovenstaande verplicht tot schadevergoeding. Wij behouden
ons het recht voor tot verdere vorderingen.
2.3 Conformiteitsverklaring
Het apparaat beantwoordt aan de actuele EU-normen en richtlijnen. Dit bevestigen
we in de EG-verklaring van Conformiteit. Indien gewenst, sturen we u graag de
betreffende Verklaring van Conformiteit toe.
Transport, verpakking en opslag
12 / 42 2831021
NL
3 Transport, verpakking en opslag
3.1 Transportinspectie
Als het apparaat afgeleverd is, onmiddellijk controleren of het compleet en zonder
transportschade is. Als er duidelijk zichtbare transportschade is, het geleverde
apparaat niet of alleen onder voorbehoud aannemen. De schade opschrijven op de
transportdocumenten/ het leveringsdocument van de leverancier. Vervolgens
reclameren. Verborgen gebreken onmiddellijk nadat ze zijn geconstateerd,
reclameren, omdat eisen tot schadevergoeding alleen binnen de reclamatieperiode
mogelijk zijn.
Neem contact op met onze klantenservice als er onderdelen of accessoires
ontbreken.
3.2 Verpakking
Gooi de buitenste doos van uw apparaat niet weg. U kunt het nodig hebben tijdens
een verhuizing, of als u het apparaat naar ons servicecentrum wilt sturen bij
schade.
De verpakking en de afzonderlijke componenten zijn gemaakt van recyclebare
materialen. In het bijzonder: kunststof folie en zakken, kartonnen verpakking.
Als u de verpakking wilt weggooien, dient u de geldende voorschriften in uw land in
acht te nemen. Verpakkingsmateriaal dat hergebruikt kan worden, recyclen.
3.3 Opslag
Zorg ervoor dat de verpakkingen verzegeld zijn tot de installatie en houd ze in
overeenstemming met de op de buitenkant aangebrachte plaatsingmarkering en
opslagmarkering. Bewaar de pakketten alleen onder de volgende voorwaarden:
in een afgesloten ruimte
droog en stofvrij
verwijderd houden van corrosief materiaal
op een plaats beschermd tegen zonlicht
beschermd tegen mechanische schokken.
Bij langere bewaring (> 3 maanden) regelmatig de algemene toestand van alle
bestanddelen en van de verpakking controleren. Als het nodig is de verpakking
vervangen voor een nieuwe.
Technische Gegevens
2831021 13 / 42
NL
4 Technische Gegevens
4.1 Technische Gegevens
Versie / eigenschappen
Type: tafelapparaat
Bedrijfsmodus: gas
Soort gas:
aardgas E
propaanmondstukken zijn bijgevoegd
Soort kookplaatsen: gas
Ontstekingstype: handmatige ontsteking
Gasbrander: dubbelgekroonde brander
Waakvlam
Eigenschappen:
oppervlak van roestvrij staal Scotch-Brite gepolijst
gietijzeren roosters
• Inclusief: 4 in de hoogte verstelbare poten
Kan gebruikt worden als tafelmodel of in combinatie met een standaard als
vrijstaand model
Kan gecombineerd en in serie geïnstalleerd worden met andere apparaten van
de 700FX serie
Technische Gegevens
14 / 42 2831021
NL
Benaming:
Gasfornuis 700FX-G20
Art. nr.:
2831021
Materiaal:
roestvrij staal
Aantal kookpitten:
2
Verdeling kookplaten in kW, max.:
2 x 7,7
Grootte kookplaatsen in mm:
430 x 300
Aansluitwaarde gas:
28,5 kW
Afmetingen (b x d x h) in mm:
400 x 700 x 295
Gewicht in kg:
25,0
Recht op technische veranderingen voorbehouden!
Naam:
Gasfornuis 700FX-G40
Art. nr.:
2831041
Materiaal:
roestvrij staal
Aantal kookpitten:
4
Verdeling kookplaten in kW, max.:
1 x 3,85 / 2 x 5,7 / 1 x 7,7
Grootte kookplaatsen in mm:
400 x 300
Aansluitwaarde gas:
28,5 kW
Afmetingen (b x d x h) in mm:
800 x 700 x 295
Gewicht in kg:
42,0
Recht op technische veranderingen voorbehouden!
Technische Gegevens
2831021 15 / 42
NL
Naam:
Gasfornuis 700FX-G60
Art. nr.:
2832361
Materiaal:
roestvrij staal
Aantal kookpitten:
6
Verdeling kookplaten in kW, max.:
2 x 3,85 / 2 x 5,7 / 2 x 7,7
Grootte kookplaatsen in mm:
400 x 300
Aansluitwaarde gas:
28,5 kW
Afmetingen (b x d x h) in mm:
1.200 x 700 x 295
Gewicht in kg:
61,0
Recht op technische veranderingen voorbehouden!
4.2 Functies van het apparaat
Het gasfornuis van de 700FX serie biedt ultieme flexibiliteit: het kan als aanrecht of
vrijstaand gebruikt worden. Efficiënt en duurzaam: de kookpitten zijn voorzien van
robuuste, geëmailleerde gietijzeren roosters.
Technische Gegevens
16 / 42 2831021
NL
Gasdruktabel
Land
Apparaat-
categorieën
Gasdruk
(mbar)
Aansluitdruk (mbar)
Nom.
Min.
Max.
LU-PL
I2E
G20
20
17
25
NO
I2H
G20
20
17
25
NL
I2EK
G20
20
17
25
G25.3
25
20
30
LU
I3+
G30/G31
28-30/37
20/25
35/45
NO-NL-CY-
MT
I3B/P
G30/G31
28-30
25
35
PL
I3B/P
G30/G31
37
25
45
BE-FR
II2E+3+
G20/G25
20/25
17
25/30
G30/G31
28-30/37
20/25
35/45
PL
II2ELL3B/P
G20
20
17
25
G25
20
18
25
G30/G31
50
42,5
57,5
ES-GB-GR-IE-
IT-PT-SK
II2H3+
G20
20
17
25
G30/G31
28-30/37
20/25
35/45
DK-FI-SE-BG-
EE-LV-LT-CZ-
SI-TR-HR-RO
II2H3B/P
G20
20
17
25
G30/G31
28-30
25
35
Technische Gegevens
2831021 17 / 42
NL
Land
Apparaat-
categorieën
Gasdruk
(mbar)
Aansluitdruk (mbar)
Nom.
Min.
Max.
AT-CH
II2H3B/P
G20
20
17
25
G30/G31
50
42,5
57,5
HU
II2HS3B/P
G20
25
18
33
G25.1
25
18
33
G30/G31
28-30
25
35
HU
II2HS3B/P
G20
25
18
33
G25.1
25
18
33
G30/G31
50
42,5
57,5
NL
II2EK3B/P
G20
20
17
25
G25.3
25
20
30
G30/G31
28-30
25
35
Tab. 1
Technische Gegevens
18 / 42 2831021
NL
Sproeiers en instelling
Land
Soort gas
Pa
(mbar)
Ref.
Nr art.
2831021 / 74GCTT 154
Qn (Max)
Qn (Min)
AT-BE-BG-CH-CZ-
DE-DK-EE-ES-FI-
FR-GB-GR-HR-IE-
IT-LT-LU-LV-NO-
PL-PT-RO-SE-SI-
SK-TR
G20
G20/ G25
20
20/25
UM
150R
UP
30 (≤250W)
A(mm)
OPEN
Um
90
Qn
(kW)
3,50
140
PL
G25
20
UM
165K
UP
30 (≤250W)
A(mm)
OPEN
Um
90
Qn
(kW)
3,60
1,15
NL
G25.3
25
UM
155K
UP
30 (≤250W)
A(mm)
OPEN
Um
90
Qn
(kW)
3,50
1,30
HU
G20
25
UM
145R
UP
30 (≤250W)
A(mm)
OPEN
Um
90
Qn
(kW)
3,30
1,50
HU
G25.1
25
UM
160K
UP
30 (≤250W)
A(mm)
OPEN
Um
90
Qn
(kW)
3,60
1,25
Technische Gegevens
2831021 19 / 42
NL
Land
Soort gas
Pa
(mbar)
Ref.
Nr art.
2831021 / 74GCTT 154
BE-BG-CY-CZ-DK-
EE-ES-FI-FR-GB-
GR-HR-HU-IE-IT-LT-
LU-LV-MT-NL-NO-
PT-RO-SE-SI-SK-TR
G30/ G31
28-30
/37
28-30
UM
95
UP
20 (≤250W)
A(mm)
OPEN
Um
70
Qn
(kW)
3,60
2,50
PL
G30/ G31
37
UM
90
UP
20 (≤250W)
A(mm)
OPEN
Um
70
Qn
(kW)
3,75
2,00
AT-CH-DE-HU
G30/ G31
50
UM
85
UP
20 (≤250W)
A(mm)
0 1
Um
70
Qn
(kW)
3,85
2,30
UM : Sproeier MAX
Um : Sproeier MIN
UP : Ontsteker brander
A : Open de luchtring
Pa : Aansluitdruk
reg : ingesteld
Technische Gegevens
20 / 42 2831021
NL
Land
Soort gas
Pa
(mbar)
Ref.
Nr art.
2831041 / 78GCTT 229
Qn (Max)
Qn (Min)
AT-BE-BG-CH-CZ-
DE-DK-EE-ES-FI-
FR-GB-GR-HR-IE-
IT-LT-LU-LV-NO-PL-
PT-RO-SE-SI-SK-TR
G20
G20/ G25
20
20/25
UM
190R
UP
30 (≤250W)
A(mm)
OPEN
Um
110
Qn
(kW)
5,50
2,10
PL
G25
20
UM
205K
UP
30 (≤250W)
A(mm)
OPEN
Um
110
Qn
(kW)
5,60
1,70
NL
G25.3
25
UM
195K
UP
30 (≤250W)
A(mm)
OPEN
Um
110
Qn
(kW)
5,60
1,90
HU
G20
25
UM
180R
UP
30 (≤250W)
A(mm)
OPEN
Um
110
Qn
(kW)
5,40
2,30
HU
G25.1
25
UM
200K
UP
30 (≤250W)
A(mm)
0 1
Um
110
Qn
(kW)
5,60
1,75
Technische Gegevens
2831021 21 / 42
NL
Land
Soort gas
Pa
(mbar)
Ref.
Nr art.
2831041 / 78GCTT 229
BE-BG-CY-CZ-DK-
EE-ES-FI-FR-GB-
GR-HR-HU-IE-IT-LT-
LU-LV-MT-NL-NO-
PT-RO-SE-SI-SK-TR
G30/ G31
28-30 /37
28-30
UM
120
UP
20 (≤250W)
A(mm)
OPEN
Um
90
Qn
(kW)
5,70
2,70
PL
G30/ G31
37
UM
110
UP
20 (≤250W)
A(mm)
OPEN
Um
80
Qn
(kW)
5,30
2,50
AT-CH-DE-HU
G30/ G31
50
UM
105
UP
20 (≤250W)
A(mm)
OPEN
Um
80
Qn
(kW)
5,50
3,00
UM : Sproeier MAX
Um : Sproeier MIN
UP : Ontsteker brander
A : Open de luchtring
Pa : Aansluitdruk
reg : ingesteld
Technische Gegevens
22 / 42 2831021
NL
Land
Soort gas
Pa
(mbar)
Ref.
Nr art.
2832361 /
712GCTT 345
Qn (Max)
Qn (Min)
AT-BE-BG-CH-CZ-
DE-DK-EE-ES-FI-
FR-GB-GR-HR-IE-
IT-LT-LU-LV-NO-PL-
PT-RO-SE-SI-SK-TR
G20
G20/ G25
20
20/25
UM
215K
UP
30 (≤250W)
A(mm)
10
Um
130
Qn
(kW)
7,50
2,80
PL
G25
20
UM
245K
UP
30 (≤250W)
A(mm)
OPEN
Um
130
Qn
(kW)
7,70
2,30
NL
G25.3
25
UM
220K
UP
30 (≤250W)
A(mm)
10
Um
130
Qn
(kW)
7,50
2,60
HU
G20
25
UM
210K
UP
30 (≤250W)
A(mm)
OPEN
Um
130
Qn
(kW)
7,60
3,10
HU
G25.1
25
UM
230K
UP
30 (≤250W)
A(mm)
0 1
Um
130
Qn
(kW)
7,50
2,50
Technische Gegevens
2831021 23 / 42
NL
Land
Soort gas
Pa
(mbar)
Ref.
Nr art.
2832361 /
712GCTT 345
BE-BG-CY-CZ-DK-
EE-ES-FI-FR-GB-
GR-HR-HU-IE-IT-LT-
LU-LV-MT-NL-NO-
PT-RO-SE-SI-SK-TR
G30/ G31
28-30 /37
28-30
UM
140
UP
20 (≤250W)
A(mm)
OPEN
Um
100
Qn
(kW)
7,60
3,40
PL
G30/ G31
37
UM
130
UP
20 (≤250W)
A(mm)
OPEN
Um
100
Qn
(kW)
7,30
3,70
AT-CH-DE-HU
G30/ G31
50
UM
120
UP
20 (≤250W)
A(mm)
OPEN
Um
80
Qn
(kW)
7,50
3,00
UM : Sproeier MAX
Um : Sproeier MIN
UP : Ontsteker brander
A : Open de luchtring
Pa : Aansluitdruk
reg : ingesteld
Tab. 2
Technische Gegevens
24 / 42 2831021
NL
Gas-verbruik
Art. nr. / Model
2831021 / 74GCTT 154
Nominale warmte-
belasting Qn
kW
7,7
9,6
11,6
11,4
13,4
15,4
Totale
gasverbruik
G20 (20)
0,81
1,01
1,22
1,21
1,42
1,63
G25.3 (25)
0,79
0,95
1,19
1,18
1,38
1,59
G25 (20)
0,95
1,18
1,42
1,40
1,65
1,90
G20 (25)
0,81
1,01
1,22
1,21
1,42
1,63
G25.1 (25)
0,95
1,17
1,42
1,40
1,65
1,89
G30 (29)
0,61
0,75
0,91
0,90
1,06
1,21
G30 (37)
0,61
0,75
0,91
0,90
1,06
1,21
G30 (50)
0,61
0,75
0,91
0,90
1,06
1,21
Tab. 3
Art. nr. / Model
2831041 / 78GCTT 229
Nominale warmte-
belasting Qn
kW
15,4
19,1
23,1
22,8
24,8
30,8
Totale
gasverbruik
G20 (20)
1,63
2,02
2,44
2,41
2,62
3,26
G25.3 (25)
1,59
1,97
2,38
2,35
2,56
3,18
G25 (20)
1,90
2,35
2,84
2,81
3,05
3,79
G20 (25)
1,63
2,02
2,44
2,41
2,62
3,26
G25.1 (25)
1,89
2,35
2,84
2,80
3,05
3,78
G30 (29)
1,21
1,51
1,82
1,80
1,96
2,43
G30 (37)
G30 (50)
Tab. 4
Technische Gegevens
2831021 25 / 42
NL
Art. nr. / Model
2832361 / 712GCTT 345
Nominale warmte-
belasting Qn
kW
23,1
30,5
32,4
42,4
34,5
38,5
38,2
46,2
Totale
gas-
verbruik
G20
(20)
0,69
2,44
3,23
3,42
4,48
3,65
4,07
4,04
4,89
G25.3
(25)
0,75
2,38
3,15
3,34
4,37
3,56
3,97
3,94
4,76
G25
(20)
0,80
2,84
3,75
3,98
5,21
4,25
4,74
4,70
5,69
G20
(25)
0,69
2,44
3,23
3,42
4,48
3,65
4,07
4,04
4,89
G25.1
(25)
0,80
2,84
3,75
3,97
5,2
4,24
4,73
4,69
5,68
G30
(29)
0,51
1,82
2,41
2,55
3,34
2,72
3,04
3,01
3,64
G30
(37)
0,51
G30
(50)
0,51
Tab. 5
Technische Gegevens
26 / 42 2831021
NL
4.3 Onderdelenoverzicht
2831041
Technische Gegevens
2831021 27 / 42
NL
2832361
2831021
1. Ventilatieschoorsteen
2. Gietijzeren rooster
3. Brander
4. Ontsteker brander
5. Behuizing
6. Draaiknop
7. Poten (4x)
Installatieinstructie
28 / 42 2831021
NL
5 Installatieinstructie
5.1 Installatie
VOORZICHTIG!
In het geval van onjuiste installatie, bediening, onderhoud of bij het niet
juist hanteren van het apparaat kan dat leiden tot letsel en
beschadigingen.
De plaatsing en de installatie, alsook reparaties mogen uitsluitend worden
uitgevoerd door een geautoriseerde technische service volgens de
geldende voorschriften in het land van plaatsing.
AANWIJZING!
De fabrikant aanvaardt geen aansprakelijkheid of garantie voor schade
die kan worden toegeschreven aan het niet naleven van de
aanwijzingen of onjuiste installatie.
Plaats van installatie
Deze apparaaten zijn apparaten van het type A1, wat betekent dat ze niet op
een rookkanaal aangesloten hoeven te worden. Voor ventilatie op de plaats van
opstelling de instructies in het DVGW-blad G631 in acht nemen.
Plaats het apparaat in een goed geventileerde ruimte, indien mogelijk onder een
afzuigkap om de dampen of geuren die vrijkomen tijdens de voedselbereiding te
verwijderen (zie DVGW-blad G631).
De ruimte waarin het apparaat is geïnstalleerd, moet zoveel lucht bevatten als
nodig is voor het verbranden van gas volgens de geldende voorschriften. Voor
een goede verbranding mag de vereiste luchttoevoer niet lager zijn dan 2 m3/h
per kW nominaal vermogen van het apparaat (zie typeplaatje op het apparaat).
Bovendien moeten de voorschriften ter voorkoming van ongevallen in acht
worden genomen.
Zorg ervoor dat er zich geen voorwerpen rond of onder het apparaat bevinden
die de hoeveelheid lucht die nodig is voor verbranding kunnen beperken.
Controleer voor het opstellen van het apparaat de afmetingen en de exacte
positie van de gasaansluitingen.
Houd u tijdens de installatie aan alle toepasselijke wetten, richtlijnen en
voorschriften:
Regionale of lokale veiligheids- en bouwvoorschriften
Toepasselijke ongevallenpreventiewetten
Installatieinstructie
2831021 29 / 42
NL
Brandvoorschriften
Relevante IEC-regelgeving
DVGW G600 (TRGI) "Technische voorschriften voor gasinstallaties".
TRF "Technische voorschriften betreffende vloeibaar gas"
Richtlijnen en voorschriften van het gasleveringsbedrijf (EUV)
DVGW G 631 “Installatie van gasverbruiksinrichtingen voor de
professionele keuken”.
Relevante wettelijke voorschriften.
Uitpakken / plaatsing
Pak het apparaat uit en verwijder alle externe en interne verpakkingselementen
en transportbeveiliging.
VOORZICHTIG!
Gevaar voor verstikking!
Houdt verpakkingsmateriaal zoals plasticfolie en piepschuim uit handen
van kinderen.
Als er beschermfolie op het apparaat zit, verwijdert u deze. De folie dient
langzaam van het apparaat te worden getrokken zodat er geen lijmresten
achterblijven. Eventuele lijmresten verwijderen met een geschikt oplosmiddel.
Pas op dat u het typeplaatje en de waarschuwingsinstructies op het apparaat
niet beschadigt.
Het apparaat nooit in een vochtige of natte omgeving neerzetten.
Het apparaat moet zo worden ingesteld dat de verbindingen gemakkelijk
toegankelijk zijn om snel uit te schakelen als dat nodig is.
Plaats het apparaat op een oppervlak met de volgende eigenschappen:
recht, met voldoende draagkracht, bestand tegen water, droog en
bestand tegen hoge temperaturen
groot genoeg om probleemloos met het apparaat te werken
goed bereikbaar
goede ventilatie.
Schroef de 4 pootjes erin.
Met behulp van de in de hoogte verstelbare pootjes kan het apparaat
waterpas gezet worden.
ATTENTIE!
Installatieinstructie
30 / 42 2831021
NL
Gebruik het apparaat nooit zonder pootjes.
Houd voldoende afstand tot de randen van de tafel. Het apparaat kan kantelen
en vallen.
Plaats het apparaat nooit direct naast muren, wanden, meubels of andere
voorwerpen die zijn gemaakt van brandbaar materiaal. Houd een minimale
afstand van 200 mm aan tussen de zij- en achterwanden en deze objecten of
wanden. Er moet een afstand van minimaal 600 mm zijn tussen het oppervlak
van het apparaat en de horizontale oppervlakken boven het apparaat.
Indien deze minimale afstand niet mogelijk is, moeten de wanden worden
geïsoleerd met onbrandbare thermische isolatiematerialen (bv folie van
hittebestendig materiaal dat een temperatuur van minimaal 65 ° C kan
weerstaan). Zich houden aan de geldende brandvoorschriften.
Stel het apparaat waterpas en stel de hoogte in door de hoogte van de pootjes
aan te passen. Aanzienlijke verschillen in hoogte of kanteling kunnen de
prestaties van het apparaat nadelig beïnvloeden.
Aansluiting op de gasaansluiting
Zorg er voor aansluiting op de gasinstallatie voor dat het toestel is afgesteld op
gas en de beschikbare druk op de plaats van installatie (zie typeplaatje op het
toestel en de verpakking). Als de standaardinstellingen niet overeenkomen,
moet het apparaat worden omgebouwd naar het aanwezige gassoort (paragraaf
"Ombouw naar een andere gassoort / vereiste instellingen").
Een typegekeurde gasafsluiter moet op een gemakkelijk toegankelijke plaats
tussen de gastoevoer en het apparaat worden geïnstalleerd, zodat de
gastoevoer indien nodig op elk moment kan worden onderbroken.
Controleer of de gasfles (indien aanwezig) correct is geïnstalleerd, beschermd
en op een droge plaats staat.
Sluit het toestel aan op het gasnet met behulp van niet buigzame
aansluitleidingen of flexibele stalen leidingen waarvan de doorsnede passend is
voor het betreffende vermogen en lengte.
Gebruik alleen aansluitleidingen met een diameter die minimaal zo groot is als
die van de gasaansluiting van het toestel. Het gasaansluitstuk bevindt zich aan
de achterkant van het apparaat.
ervoor dat de leidingen niet op of nabij hete oppervlakken lopen, niet onder druk
of trekkracht staan en niet in aanraking komen met scherpe randen of andere
voorwerpen die deze leiding zouden kunnen beschadigen.
Nadat u het apparaat hebt aangesloten op alle verbindingspunten tussen de
installatie en het apparaat, moet op lekken worden getest. Gebruik
lekzoekspray, of anders schuimvormende middelen die geen corrosie
Installatieinstructie
2831021 31 / 42
NL
veroorzaken. De aansluitpunten moeten bedekt zijn met een medium, er mogen
geen luchtbellen ontstaan. Deze controle moet ook gasafsluiters omvatten.
WAARSCHUWING!
Gebruik geen open vuur om te controleren op lekken!
Controleer de gasdruk en de nominale warmtebelasting
Bij de eerste installatie moet de gasinstallateur de nominale warmtebelasting
van het toestel controleren, onderhoud plegen en, indien nodig, ombouwen naar
een andere gassoort.
Probeer NIET om het door de fabrikant opgegeven vermogen of nominale
warmteafgifte te verhogen.
Controleer de nominale warmtebelasting met een gasmeter en stopwatch. Meet
nauwkeurig de hoeveelheid stromend gas per tijdseenheid die het apparaat
gebruikt op maximaal vermogen.
Vergelijk de gemeten waarde met de verbruiksgegevens in hoofdstuk
"Technische gegevens", tabel 3. Een afwijking van ± 5% is toegestaan.
Controleer de druk van de gastoevoer zoals aangegeven in hoofdstuk 7.3
"Onderhoud / Gastoevoerdruk".
Ombouw naar een andere gassoort / vereiste instellingen
De apparaten zijn ingesteld op de volgende gassoort / categorie:
Aardgas E
Controleer het soort gas dat in het land van installatie wordt geleverd en schakel
eventueel over op een ander type gas.
Tabellen 1 en 2 in het hoofdstuk "Technische gegevens" geven afhankelijk van
het land van bestemming:
welke soorten gas kunnen worden gebruikt om het apparaat in te kunnen
schakelen
sproeiers en instellingen voor elk type gas dat wordt gebruikt.
Het nummer dat in Tabel 2 wordt vermeld voor de overeenkomstige sproeiers, is in
de ombouw van de sproeier gestanst.
Om het apparaat aan te passen aan het type gas waarmee het effectief kan worden
bediend, neemt u de gegevens uit tabel 2 en voert u de volgende stappen uit:
vervang de sproeier van de hoofdbrander (UM)
monteer de luchtregelaar van de hoofdbrander op afstand A
vervang de sproeier van de ontstekingsbrander (UP)
Installatieinstructie
32 / 42 2831021
NL
stel de lucht van de ontstekingsbrander af (indien nodig).
Vervanging van de sproeier van de hoofdbrander / aanpassing van de
primaire lucht
Afb. 1
Afb. 2
1. Verwijder de draaiknop.
2. Verwijder de gietijzeren roosters en de branders.
3. Verwijder de sproeier van de hoofdbrander UM (afb. 1) en vervang het door de
sproeier zoals aangegeven in tabel 2 (bij de levering inbegrepen).
4. Schroef de sproeier van de hoofdbrander UM weer vast.
Installatieinstructie
2831021 33 / 42
NL
Vervanging van de sproeiers van de ontstekingsbrander
1. Verwijder de voorste afdekking / het
bedieningspaneel.
2. Schroef de R-connector los.
3. Verwijder de UP-sproeier en vervang deze
door de in tabel 2 vermelde sproeier (bij de
levering inbegrepen).
4. Schroef de R-connector weer vast.
5. Plaats de verwijderde onderdelen in
omgekeerde volgorde terug.
Afb. 3
Na het vervangen van de sproeier is het noodzakelijk om de functies van het
apparaat te controleren zoals beschreven in het hoofdstuk "Controle van de
functies”.
Vervang tot slot het oude typeplaatje door een nieuw, bij de levering
inbegrepen, met gewijzigde gegevens en indicatie van het nieuwe gassoort.
Controle van de functie
Plaats het apparaat voor het proefdraaien in een goed geventileerde ruimte en
verwijder alle brandbare materialen uit de omgeving.
Voer vóór de inbedrijfstelling een lektest uit met zeepsop. Smeer de
koppelingen en buisverbindingen in met zeepsop. Lekken worden zichtbaar
gemaakt door de vorming van bellen bij de verbindingen en aansluitingen van
de leidingen. Een andere mogelijkheid is om naar de gasmeter te kijken. Geen
beweging op de gasmeter geeft aan dat er geen gas lekt.
VOORZICHTIG !
Gebruik geen open vuur om te controleren op gaslekken!
Start het apparaat opnieuw op volgens de instructies in het hoofdstuk "Het
apparaat starten”.
Gebruiksinstructie
34 / 42 2831021
NL
Controleer het apparaat op gasdichtheid (zie DVGW TRGI/TRF-fiches).
Controleer de ontsteking van de brander.
Controleer het vlammenbeeld.
6 Gebruiksinstructie
Aanwijzingen voor de gebruiker
Lees deze gebruiksaanwijzing aandachtig door. Ze bevatten belangrijke
instructies voor installatie, gebruik en onderhoud van het apparaat.
Voordat u het apparaat in gebruik neemt, moet u ervoor zorgen dat het in goede
staat verkeert en dat het zich in een goed geventileerde ruimte bevindt.
Neem altijd de volgende voorzorgsmaatregelen in acht:
Zorg ervoor dat er zich geen voorwerpen rond of onder het apparaat
bevinden die de hoeveelheid lucht die nodig is voor verbranding kunnen
beperken.
Blokkeer nooit de ventilatie- en afvoeropeningen op het apparaat.
Als de storing aanhoudt, gebruik het toestel dan niet en neem contact op
met uw gasinstallateur.
Elke inmenging in het apparaat, inclusief de montage- en
onderhoudswerkzaamheden, mogen alleen worden uitgevoerd door een
gekwalificeerde service.
De gebruiker heeft alleen het recht om de dagelijkse routinematige
reiniging uit te voeren om het apparaat in goede staat te houden;
Gebruik het apparaat alleen om geschikt voedsel te grillen en gebruik het
niet voor andere doeleinden. Onjuist gebruik kan leiden tot ernstige
schade aan eigendommen en letsel, bijv. door hitte, vuur enz.
Laat een lopend apparaat nooit onbeheerd achter.
Als het toestel niet meer wordt gebruikt, draai de gasregelaar (s) dan
naar de UIT-stand en sluit de gasafsluiter op de gasleiding
Gebruiksinstructie
2831021 35 / 42
NL
6.1 Bediening
VERWITTIGING
Risico op brandwonden!
Tijdens gebruik worden de behuizing en het kookoppervlak erg heet en
blijven ze na het uitschakelen nog enige tijd heet.
Het apparaat niet aanraken.
Gebruik voor het bedienen van het apparaat alleen de daarvoor bestemde
bedieningselementen.
De vetopvangbak en de inhoud ervan worden erg heet.
Leeg de vetopvangbak pas nadat het is afgekoeld.
Gevaar voor brand!
Plaats nooit keukengereedschap, handdoeken, papier enz. op het
kookoppervlak van het apparaat tijdens het gebruik. Op het
kookoppervlak nooit plastic containers plaatsen.
Het apparaat klaarmaken
1. Vóór het eerste gebruik van het apparaat, dient het apparaat te worden
gereinigd volgens de aanwijzingen in punt 6 “Reiniging“.
2. Droog het apparaat grondig.
Gebruiksinstructie
36 / 42 2831021
NL
3. Plaats de branders.
4. Breng de deksels van de gasbranders op de juiste manier aan.
fig. 4
Afb. 5
Afb. 6
Afb. 7
Afb. 8
Afb. 9
5. Plaats de gietijzeren roosters.
Gebruiksinstructie
2831021 37 / 42
NL
Maak het appar aat en de access oires vóór gebrui k grondig sc hoon volgens de aanwijzinge n in hoofdstu k 6 "Reiniging". Zorg er voor dat er g een vocht in h et elektrische s ysteem of de sc hakelkast ko mt. Droog ver volgens het ap paraat en de acc essoires gron dig af.
Plaats de bode mafdekking in d e bak. De afdekki ng fungeert als afstandhou der tussen het ver warmingseleme nt en de ba k voor etensresten enz.
Plaats het bedieni ngskastje met verwarmingsele ment voorzich tig op de achter kant van het a pparaat. De pen aan de onderka nt van het bedieningskastje moet in het gat in het hoofda pparaat kome n. Zo is het bedi eningskastje c orrect geplaatst.
Inbedrijfstelling van het apparaat
De apparaten zijn uitgerust met respectievelijk 2, 4 of 6 branders en afzonderlijke
bedieningsorganen, zodat de branders afzonderlijk gebruikt en ingesteld kunnen
worden. De volgende beschrijving geldt voor één brander tegelijk.
1. Draaiknop
2. Positie UIT (0)
3. Ontsteking van de
ontstekingsvlam
4. Grote vlam
5. Kleine vlam
Afb. 10
Ontsteking van de ontstekingsvlam
1. Duw de draaiknop (1) in en draai hem in stand (3).
2. Duw de knop (1) helemaal in en steek de ontstekingsbrander aan met een klein
vlammetje.
3. Houd de draaiknop (1) ongeveer 20 seconden ingedrukt en laat hem dan los.
Herhaal het proces als de ontstekingsvlam is uitgegaan.
Inschakelen van de hoofdbrander
1. Draai de draaiknop (1) van stand (3) naar stand (4).
2. Zet de draaiknop (1) in de gewenste stand tussen (4) en (5), afhankelijk van de
gewenste temperatuur van de warmtebehandeling.
Uitschakelen
1. Om de hoofdbrander uit te zetten, (1) draait u de knop naar stand (3).
2. Om de ontstekingsbrander uit te zetten, houdt u de knop ingedrukt (1) en draait
u hem in de stand UIT. (2).
Gebruiksinstructie
38 / 42 2831021
NL
Verwarming / warmhouden van gerechten
VOORZICHTIG !
Voedsel in de bakken kan wegglijden of omvallen als het apparaat niet op
een recht en stabiel oppervlak wordt geplaatst.
Let op het oppervlak van plaatsing van het apparaat.
Verplaats het apparaat nooit als er voedsel op staat, het voedsel moet eerst
verwijderd worden.
Draag beschermende handschoenen bij het verwijderen van de bakken!
1. Een geschikte pan met inhoud op de kookplaat zetten.
OPGELET!
Zet geen lege pan op de kookplaat, want dat kan leiden tot beschadiging
van het apparaat en het vaatwerk.
2. Kies de gewenste instelling naar gelang van het te verwerken product.
3. Bereid de noodzakelijke gerechten voor.
Uitschakelen van het apparaat
1. Als het toestel niet meer in gebruik is, zet u de knop in de stand "0".
2. Sluit de gasafsluitkraan.
Reiniging en onderhoud
2831021 39 / 42
NL
7 Reiniging en onderhoud
7.1 Aanwijzingen betreffende de veiligheid tijdens het
reinigen
Sluit de gasklep op de gastoevoer voor het reinigen.
Het apparaat geheel laten afkoelen.
Gebruik geen waterstraal onder druk om het apparaat te reinigen.
Gebruik geen scherpe of metalen voorwerpen (mes, vork, enz.) om het apparaat
schoon te maken. Scherpe voorwerpen kunnen het apparaat beschadigen
Gebruik geen schuurmiddelen, oplosmiddelen of bijtende schoonmaakmiddelen.
Zij kunnen het oppervlak beschadigen.
7.2 Reiniging
Gaskookplaat
1. Het apparaat regelmatig reinigen aan het eind van de werkdag of als het nodig
is ook in de tussentijd of als het apparaat langere tijd niet is gebruikt.
2. Verwijder de schuifroosters en de afdekkingen van de gasbranders.
3. Maak de kookpitten en de behuizing schoon met een zachte doek of spons
gedrenkt in warm water. Gebruik wanneer nodig een neutraal reinigingsmiddel.
4. Veeg de kookpit en de behuizing af met een schone doek en droog de
gereinigde oppervlakken goed af.
5. Reinig de gietijzeren roosters en gasbranderdeksels met een neutraal
schoonmaakmiddel en een zachte doek of spons. Spoel ze grondig af met
schoon water en droog tenslotte alles goed af.
6. Plaats na het reinigen de gasbranderdeksels en de gierijzeren roosters weer
correct terug.
Reiniging en onderhoud
40 / 42 2831021
NL
7.3 Onderhoud
OPGELET!
Alle ingrepen in het apparaat mogen alleen door gekwalificeerd
vakpersoneel worden uitgevoerd.
We raden aan om het apparaat minstens twee keer per jaar te laten onderhouden
door een gekwalificeerde en geautoriseerde onderhoudstechnicus.
De volgende onderhoudswerkzaamheden moeten worden uitgevoerd:
Controle van de werking van beschikbare regelgevings- en
veiligheidselementen
Vlamcontrole;
Ontstekingscontrole;
Vlamveiligheidscontrole;
Controle van de functies.
Start en controleer het apparaat volgens de instructies en indicaties in het
hoofdstuk "Gebruiksaanwijzing":
gastoevoerdruk (zie volgend hoofdstuk).
correcte activering van de branders en werking van de rookafzuiging
(schoorsteen).
Controle gastoevoerdruk
Gebruik een geschikte manometer met een minimale resolutie van 0,1 mbar.
Verwijder het bedieningspaneel.
Verwijder de bevestigingsbout van de drukaansluiting.
Sluit de manometer aan.
De meting moet worden uitgevoerd op een lopend apparaat.
Maak de manometer los en draai de bevestigingsschroef weer op de
drukaansluiting.
OPGELET!
Als de gastoevoerdruk buiten de limiet (min - max) in Tabel 2 valt, stop
dan met werken en neem contact op met uw plaatselijke gasleverancier.
Mogelijke storingen
2831021 41 / 42
NL
Reiniging door een onderhoudstechnicus
Laat een geautoriseerde onderhoudsmonteur de binnenkant van het apparaat
minimaal twee keer per jaar reinigen.
8 Mogelijke storingen
Mögliche
De onderstaande tabel beschrijft mogelijke oorzaken en methoden voor het
verwijderen van storingen of fouten die optreden tijdens de werking van het
apparaat. Neem contact op met het servicecentrum als storingen niet kunnen
worden verholpen.
Probleem
Mogelijke oorzaken
Verwijdering
De ontstekings-
brander ontsteekt
niet
Onvoldoende
gastoevoerdruk
Controleer de gastoevoer
Verstopte leiding of
sproeiers
Neem contact op met de
service
De bougie is verkeerd
aangesloten of beschadigd
Installeer of vervang de
bougie
De ontstekings- of
bougiekabel is beschadigd
Neem contact op met de
service
Beschadigde draaiknop
Neem contact op met de
service
Ontstekingsbrander
gaat niet aan of gaat
uit wanneer de knop
of piëzo-ontsteker
wordt losgelaten
Het thermo-element is niet
correct op de draaiknop
aangesloten
Neem contact op met de
service
Thermokoppel is defect of
wordt niet voldoende
verwarmd door de
ontstekingsbrander
Herhaal het
ontstekingsproces
Beschadigde draaiknop
Neem contact op met de
service
De draaiknop was niet lang
genoeg ingedrukt.
Houd de knop gedurende
ongeveer 20 seconden
ingedrukt
Beschadigde gasklep
Neem contact op met de
service
Verwijdering
42 / 42 2831021
NL
Probleem
Mogelijke oorzaken
Verwijdering
De hoofdbrander
ontsteekt niet als de
ontstekingsbrander
aan staat
Drukverlies in de
gastoevoerleiding
Controleer de gastoevoer
Verstopte leiding of
sproeiers
Neem contact op met de
service
Beschadigde draaiknop
Neem contact op met de
service
De hoofdbrander is
beschadigd of de
gasuitlaatopeningen zijn
verstopt
Neem contact op met de
service
De verwarmings-
stand kan niet
worden aangepast
Beschadigde draaiknop
Neem contact op met de
service
9 Verwijdering
Aan het einde van zijn levensduur moet het gebruikte apparaat worden afgevoerd in
overeenstemming met de nationale en lokale voorschriften. Neem contact op met
een gespecialiseerd afvalverwerkingsbedrijf of neem contact op met de
afvalverwerkers in uw gemeente.
Om mogelijk misbruik en de daarmee samenhangende risico's uit te sluiten, moet u
ervoor zorgen dat het apparaat niet opnieuw kan worden opgestart voordat u het
weggooit en vervolgens afgeven bij het juiste lokale inzamelpunt.
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44

Bartscher 2831021 Handleiding

Type
Handleiding
Deze handleiding is ook geschikt voor