MQ Multiquip SP1-CE-SERIES Handleiding

Type
Handleiding
DEZE HANDLEIDING MOET TE ALLEN TIJDE BIJ HET APPARAAT WORDEN BEWAARD.
STREET PRO 1-SERIE
MODEL SP1CE13H18
BETOn-/aSfaLTzaag
(HOnDa gX390 BEnzInEMOTOR)
Revisie #3 (06/09/08)
OPGELET!
De SP1 CE zaag bedieningsinformatie die deze
handleiding bevat, kan worden gebruikt voor de STOW
Cutter 1 zaag. Beide zaagmodellen hebben identieke
bedieningsprocedures en verschillen uitsluitend in kleur.
Ga naar onze website op:
www.multiquip.com voor de meest
recente revisie van deze publicatie
gEBRUIKSHanDLEIDIng
PAGINA 2 — SP 1 ZAAG-CE — GEBRUIKSHANDLEIDING — REV. #3 (06/09/08)
MQ STREET PRO 1 CE-ZAAG — WAARSCHUWINGEN VOOR BLOOTSTELLING AAN BRANDSTOF EN CHEM. MIDDELEN
WAARSCHUWING
De uitlaat van de benzinemotor en
enkele bijbehorende bestanddelen en
stof dat ontstaat zandstralen, zagen,
slijpen, boren en overige constructie-
activiteiten bevatten chemicaliën die
bekend staan als veroorzaker van kanker,
afwijkingen bij geboortes en overige
voortplantingsgebonden afwijkingen.
Enkele voorbeelden van deze chemicaliën
zijn:
Lood van op lood gebaseerde verven.
Kristallijn silica van bakstenen.
Cement en overige metselproducten.
Arseen en chroom van chemisch
behandeld hout.
Uw risico op blootstelling hieraan, is
afhankelijk van hoe vaak u dit soort
werkzaamheden uitvoert. Om blootstelling
aan deze chemicaliën te beperken: ALTIJD
in een goed geventileerde ruimte werken
en met goedgekeurde veilige apparatuur,
zoals stofmaskers die specifiek zijn
ontworpen om microscopische deeltjes
te filteren.
SP 1 ZAAG-CE — GEBRUIKSHANDLEIDING — REV. #3 (06/09/08) — PAGINA 3
MQ STREET PRO 1 CE-ZAAG — WAARSCHUWINGEN VOOR SILICOSE/LUCHTWEGEN
WAARSCHUWING VOOR SILICOSE
Slijpen/snijden/boren van metselwerk, beton, metaal en
overige materialen met silica in samenstelling kan stof
of nevel afgeven die kristallijn silica bevat. Silica is een
basiscomponent van zand, kwarts, baksteen, graniet en
een groot aantal overige mineralen en stenen. Herhaalde
en/of substantiële inhalatie van vrijgekomen kristallijn
silica kan ernstig of dodelijk letsel veroorzaken aan de
luchtwegen, waaronder silicose. Daarnaast hebben
Californië en enkele overige overheidsinstanties respirabel
kristallijn silica beoordeeld als een substantie die kanker
kan veroorzaken. het snijden van dergelijke materialen,
dient u altijd bovenstaande voorzorgsmaatregelen inzake
de luchtwegen in acht te nemen.
WAARSCHUWING WAARSCHUWING
RISICO'S VOOR DE LUCHTWEGEN
Slijpen/snijden/boren van metselwerk, beton, metaal
en overige materialen kan stof, nevel en dampen
genereren die chemicaliën bevatten die bekend staan als
veroorzakers van ernstig of dodelijk letsel door ziekte, zoals
aandoeningen aan de luchtwegen, kanker, afwijkingen
de geboorte of overige voortplantingsgebonden
afwijkingen. Als u niet bekend bent met de risico's die
samenhangen met een bepaald proces en/of materiaal
dat moet worden gesneden of met de samenstelling
van het te gebruiken gereedschap, dient u het
materiaalgegevensblad te bekijken en/of uw werkgever,
de producent van het materiaal of de leverancier,
overheidsinstanties, zoals OSHA en NIOSH en overige
bronnen van gevaarlijke materialen te raadplegen.
Californië en enkele overige overheidsinstanties hebben
bijv. lijsten gepubliceerd van substanties waarvan bekend
is dat ze kanker, voortplantingsvergiftiging of overige
schadelijke effecten kunnen veroorzaken.
Stof, nevel en dampen zoveel mogelijk de bron beperken.
Maak hiertoe gebruik van goede werkpraktijken en volg
de aanbevelingen van de producenten of leveranciers,
OSHA/NIOSH en beroeps- en handelsverenigingen op.
Voor stofonderdrukking moet water worden gebruikt als
natsnijden uitvoerbaar is. Als de risico's op inademing van
stof, nevel en dampen niet kunnen worden voorkomen,
moeten de operator en enige omstanders altijd een
respirator dragen die goedgekeurd is door NIOSH/MSHA
voor de te gebruiken materialen.
PAGINA 4 — SP 1 ZAAG-CE — GEBRUIKSHANDLEIDING — REV. #3 (06/09/08)
MQ STREET PRO 1 CE-ZAAG — INHOUDSOPGAVE
MQ SP1 CE STREET PRO-zaag
Waarschuwingen voor blootstelling aan brandstof en
chemische middelen ......................................................... 2
Waarschuwingen voor silicose/luchtwegen ...................... 3
Inhoudsopgave ................................................................. 4
Waarschuwingssymbolen veiligheidsinstructies ....5-6
Voorschriften voor veilige bediening .......................7-9
Specificaties (zaag) ................................................. 10
Specificaties (motor) ................................................ 11
Algemene informatie ................................................ 12
Bediening en componenten ..................................... 13
Basismodel van de motor ........................................ 14
Voorbereiding/voor-inspectie ..............................15-16
Bladen ..................................................................... 17
Bladen vervangen ...............................................19-19
Heffen/neerlaten en dieptestop ............................... 20
Eerste ingebruikname ........................................21-22
Bediening ............................................................23-24
Onderhoud ..........................................................25-26
Optionele watertank ...........................................27-28
Probleemoplossing (zaag) ....................................... 29
Probleemoplossing (motor) ................................30-31
OPGELET!
Specificaties en onderdeelnummers kunnen zonder
kennisgeving worden gewijzigd.
SP 1 ZAAG-CE — GEBRUIKSHANDLEIDING — REV. #3 (06/09/08) — PAGINA 5
MQ STREET PRO 1 CE-ZAAG — WAARSCHUWINGSSYMBOLEN VEILIGHEIDSINSTRUCTIES
De veiligheidsvoorschriften moeten te allen tijde in acht worden
genomen tijdens het bedienen van deze apparatuur. Het nalaten
om de veiligheids- en bedieningsinstructies te lezen, te begrijpen
en in acht te nemen, kan leiden tot letsel bij uzelf of anderen.
De drie (3) veiligheidsinstructies die hieronder worden weergege-
ven, stellen u op de hoogte van eventuele risico's waardoor u of
anderen letsel kunnen oplopen. De veiligheidsinstructies adres-
seren met name de mate van blootstelling aan de gebruiker en
worden voorafgegaan door een van de drie woorden: GEVAAR,
WAARSCHUWING, of LET OP.
Naar mogelijke risico's die gekoppeld zijn aan de bediening van
de SP 1 zal worden gerefereerd als "Gevaarsymbolen" die in
deze handleiding kunnen worden weergegeven en in combinatie
met Veiligheid "instructie waarschuwingssymbolen".
Motorcomponenten kunnen extreme hitte ge-
nereren. Om bandwonden te voorkomen, mag
u deze gedeeltes NIET aanraken als de motor
draait of direct na gebruik. Gebruik NOOIT de
motor als de warmteschilden of warmteafdek-
kingen zijn verwijderd.
Bedien het apparaat NOOIT als de afdek-
kingen of schilden zijn verwijderd. Houd vin-
gers, handen, haar en kleding uit de buurt
van alle beweegbare onderdelen om letsel te
vermijden.
Bedien de zaag NOOIT zonder dat de bladbe-
veiligingen en afdekkingen zijn geplaatst. Neem
de veiligheidsrichtlijnen en geldende lokale
voorschriften in acht.
De uitlaatgassen van de motor bestaan uit
giftige koolmonoxide. Dit gas is kleur- en
geurloos en kan dodelijk zijn als het wordt
ingeademd. Bedien deze apparatuur NOOIT
in een afgesloten ruimte of gesloten omgeving
waar geen of nagenoeg geen frisse lucht wordt
aangevoerd.
LET OP:
De gebruikshandleiding is opgesteld om instructies voor de
veilige en efficiënte bediening van de MULTIQUIP SP 1 te
leveren. Voor onderhoudsinformatie van de motor dient u
de instructies van de fabrikant van de motor te raadplegen
voor gegevens betreffende een veilige bediening.
Voor het gebruik van deze BETON-/ASFALTZAAG, dient
u te garanderen dat de gebruiker alle instructies in deze
handleiding heeft gelezen en begrepen.
LET OP
U KUNT letsel OPLOPEN als u deze instructies NIET
in acht neemt.
WAARSCHUWING
U KUNT DODELIJK of ERNSTIG LETSEL oplopen als
u deze instructies NIET in acht neemt.
GEVAAR
U ZULT DODELIJK of ERNSTIG LETSEL KUNNEN
OPLOPEN als u deze instructies NIET in acht neemt.
WAARSCHUWINGSSYMBOLEN VEILIGHEIDSINSTRUCTIES
VOOR UW VEILIGHEID EN DE VEILIGHEID VAN ANDEREN!
GEVAARSYMBOLEN
Dodelijke uitlaatgassen
Beveiligingen en afdekkingen zijn geplaatst
Brandwondengevaar
Roterende onderdelen
PAGINA 6 — SP 1 ZAAG-CE — GEBRUIKSHANDLEIDING — REV. #3 (06/09/08)
Zet de motor ALTIJD met de AAN/UIT-
schakelaar in de UIT-positie als de zaag
niet in gebruik is.
Breng NOOIT wijzigingen aan in de fabrieks-
instellingen met de motorregelaar. Hierdoor
kan persoonlijk letsel of schade aan de motor
of apparatuur optreden als het snelheidsbe-
reik boven de toegestane maximumsnelheid
komt.
Draag ALTIJD goedgekeurde respiratorbescher-
ming.
Draag ALTIJD goedgekeurde oog- en
gehoorbescherming.
Overige belangrijke berichten die in deze handleiding worden
verstrekt, helpen schade aan uw betonzaag, overige eigendom-
men of de omgeving te voorkomen.
MQ STREET PRO 1 CE-ZAAG — WAARSCHUWINGSSYMBOLEN VEILIGHEIDSINSTRUCTIES
Roterend blad kan snijden en platdruk-
ken. Zorg dat handen en voeten buiten
bereik blijven.
Onvoorzien starten
Te hoge snelheden
Roterend blad Berichten betreffende schade aan apparaat
Risico's voor zicht en gehoor
Risico's voor de luchtwegen
LET OP
Deze beton-/asfaltzaag, overige eigendom of de om-
geving kan schade oplopen als u de instructies niet in
acht neemt.
SP 1 ZAAG-CE — GEBRUIKSHANDLEIDING — REV. #3 (06/09/08) — PAGINA 7
Bedien dit apparaat NOOIT als u zich vermoeid voelt, als u
ziek bent of als u medicijnen slikt.
Bedien de zaag NOOIT als u onder invloed bent van drugs of
alcohol.
Vervang het naambordje, de bedienings- en veiligheidsmar-
keringen als deze moeilijk leesbaar worden.
Controleer ALTIJD de zaag op losse hardware zoals moeren
en bouten voordat u begint.
Raak NOOIT het hete uitlaatspruitstuk, de
geluidsdemper of cilinder aan. Laat deze
onderdelen eerst afkoelen voordat u onder-
houd aan de zaag gaat uitvoeren.
De volgende veiligheidsrichtlijnen moeten altijd n acht worden
genomen bij het bedienen van de SP 1.
VEILIGHEID
Bedien de zaag NIET en voer geen on-
derhoud uit als u deze handleiding niet
hebt gelezen. De handleiding moet voor
de gebruiker beschikbaar en toegankelijk
zijn.
Dit apparaat mag niet worden bediend door personen die de
wettelijke minimumleeftijd nog niet hebben bereikt.
Gebruik deze machine NOOIT voor enig ander doeleinde dan
in deze handleiding is omschreven.
Bedien de zaag NOOIT zonder de juiste veiligheidskleding,
barstbestendige brillen, laarzen met stalen neuzen en overige
veiligheidsapparaten die voor de werkzaamheden vereist
zijn.
Gebruik ALTIJD uiterste zorgvuldig-
heid bij het werken met ontvlambare
vloeistoffen. Als brandstof moet worden
bijgevuld, STOPT u de motor en laat u
deze eerst afkoelen.
Bedien de zaag NOOIT in een explo-
siegevoelige omgeving waar dampen
aanwezig zijn of nabij brandbare
materialen. Een explosie of brand kan
resulteren in ernstig lichamelijk letsel
of zelfs dodelijk letsel.
Hoge temperaturen Laat de motor afkoelen voordat u
brandstof bijvult of onderhoudswerkzaamheden gaat uitvoe-
ren. Aanraking met hete! componenten kan ernstige brand-
wonden veroorzaken.
De motor van deze zaag vereist een adequate aanvoer van
koele lucht. Bedien de zaag NOOIT in een afgesloten of kleine
ruimte waar de aanvoer van
frisse lucht beperkt is. Als
de luchtaanvoer beperkt is,
zal dit ernstige schade kun-
nen veroorzaken aan de
zaagmotor en kan dit leiden
tot persoonlijk letsel. Vergeet
niet dat de zaagmotor DO-
DELIJKE koolmonoxidegas
uitstoot.
Vul de brandstof ALTIJD bij in een goed-geventileerde ruimte,
buiten het bereik van vonken en open vuur.
MQ STREET PRO 1 CE-ZAAG — VOORSCHRIFTEN VOOR VEILIGE BEDIENING
VOORSCHRIFTEN VOOR VEILIGE BEDIENING
Gebruik NOOIT accessoires of bijlagen die niet voor dit ap-
paraat worden aanbevolen door Multiquip. Dit kan leiden tot
schade aan apparatuur en/of verwonding van de gebruiker.
De producent accepteert geen verantwoordelijkheid voor
enig ongeval door wijzigingen aan het apparaat. Onbevoegde
wijzigingen aan het apparaat zullen alle aanspraak op garantie
doen vervallen. Enige wijzigingen die kunnen leiden tot een
wijziging in de originele kenmerken van de machine mogen
uitsluitend worden aangebracht door de producent die zal
bevestigen dat de machine voldoet aan de desbetreffende
veiligheidsvoorschriften.
NOOIT roken in de nabijheid van de
machine. Door de brandstofdampen of
als brandstof wordt gemorst op een hete!
motor kan brand of explosie ontstaan.
Het vullen tot de vulpoort is gevaarlijk omdat hierdoor
brandstof kan worden gemorst.
Gebruik NOOIT brandstof als reinigingsmiddel.
WAARSCHUWING
Nalatigheid om instructies in deze handleiding op te volgen,
kan leiden tot ernstig letsel of zelfs dodelijk letsel! Deze ap-
paratuur mag uitsluitend worden bediend door opgeleid en
gekwalificeerd personeel! Deze apparatuur is uitsluitend voor
industrieel gebruik.
PAGINA 8 — SP 1 ZAAG-CE — GEBRUIKSHANDLEIDING — REV. #3 (06/09/08)
MQ STREET PRO 1 CE-ZAAG — VOORSCHRIFTEN VOOR VEILIGE BEDIENING
Controleer de bladflensen op schade en overmatige slijtage.
Controleer of het blad schoon is voordat het wordt geïnstal-
leerd. Het blad moet goed in de as worden bevestigd en tegen
de binnenste/buitenste bladflensen.
Controleer of het blad is gemarkeerd met een bedieningssnel-
heid die groter is dan de assnelheid van de zaag.
Snijd uitsluitend materiaal waarvoor het diamantblad is
gespecificeerd. Lees de specificaties van het diamantblad
om te controleren of het juiste gereedschap bij het te snijden
materiaal wordt gebruikt. De zaag is vervaardigd voor NAT
SNIJDEN. Controleer of een blad voor NAT SNIJDEN wordt
gebruikt en dat het watertoevoersysteem naar het blad goed
functioneert en wordt gebruikt.
Zorg dat de bladbeveiligingen ALTIJD zijn aangebracht. Bloot-
stelling van het diamantblad mag niet meer dan 180 graden
bedragen.
Contoleer of het diamantblad niet in aanraking komt met de
grond of het oppervlak tijdens transport. Laat het diamantblad
NIET vallen op de grond of het oppervlak.
De motorregelaar is ingesteld op het toestaan van maximale
motorsnelheid bij geen belasting. U mag geen wijzigingen
aanbrengen in de motorregelaar om de snelheid te verhogen.
Door de motorsnelheid te vergroten, kan de nominale max.
assnelheid worden overschreden, waardoor een onveilige
situatie kan ontstaan.
Controleer of het blad in de juiste richting is bevestigd. (zie
afbeelding 4, pagina 13)
Neem de aanbevelingen van de fabrikant van het blad in acht
inzake bediening, opslag en veilig gebruik van de bladen.
Algemene veiligheid
Zorg dat u ALTIJD de procedures in de gebruikershandleiding
leest, begrijpt en in acht neemt voordat u het apparaat gaat
bedienen.
Let op dat u ALTIJD bekend bent met de juiste veiligheids-
instructies en bedieningstechnieken voordat deze de zaag
gebruikt.
Laat de machine NOOIT zonder toezicht terwijl deze
draait.
Gebruik de remmen als u weggaat of als u op een helling
bezig bent.
Handhaaf deze apparatuur te allen tijde in een veilige bedie-
ningsomgeving.
Stop de motor ALTIJD voordat u onderhoud aan de motor
uitvoert of brandstof en olie bijvult.
Gebruik de motor NOOIT zonder luchtfilter. Er kan ernstige
schade optreden.
Voer ALTIJD op regelmatige basis onderhoud uit aan het
luchtfilter teneinde een slecht functioneren van de carburateur
te voorkomen.
VERMIJD het dragen van sieraden of losse kleding die in de
bediening of bewegende onderdelen kunnen vastgrijpen. Dit
kan ernstig letsel veroorzaken.
Blijf ALTIJD uit de buurt van roterende of bewegende on-
derdelen als de zaag in gebruik is.
Bewaar ALTIJD de apparatuur op juiste wijze als deze niet
in gebruik is. Apparatuur moet altijd worden bewaard in een
schone, droge omgeving buiten het bereik van kinderen.
Zorg dat de werkomgeving ALTIJD netjes en schoon is.
Reinig ALTIJD het snijgedeelte van enig stof, ruim gereed-
schap op, enz. zodat dit geen enkel risico kan vormen als de
zaag wordt gebruikt.
Zorg dat tijdens het bedienen van de zaag het onervaren en
onbevoegde personeel zich buiten het bereik van het snijge-
deelte bevindt.
Neem altijd alle geldende verplichte voorschriften in acht die
relevant zijn betreffende de milieubescherming, met name
brandstofopslag, het gebruik van gevaarlijke stoffen en het
dragen van veiligheidskleding en apparatuur. Instrueer, indien
nodig, de gebruiker of als de gebruiker om deze informatie en
training vraagt.
Veiligheid diamantblad
Gebruik de juiste staalgecentreerde diamantbladen die zijn
vervaardigd voor gebruik bij betonzagen. Zie voor nadere
bladinformatie de pagina's 17 t/m 19.
WAARSCHUWING
Controleer ALTIJD of het snijgedeelte
schoon is voordat de motor wordt ge-
start.
WAARSCHUWING
Inspecteer voor elk gebruik ALTIJD
de diamantbladen. Het blad mag geen
scheuren, vuil of defecten in de staal-
gecentreerde kern en/of rand vertonen.
Gecentreerde (arbor) opening mag
geen schade vertonen en moet zuiver
zijn.
SP 1 ZAAG-CE — GEBRUIKSHANDLEIDING — REV. #3 (06/09/08) — PAGINA 9
MQ STREET PRO 1 CE-ZAAG — VOORSCHRIFTEN VOOR VEILIGE BEDIENING
NOODGEVALLEN
Controleer ALTIJD waar zich
de dichtstbijzijnde brand-
blusser bevindt.
Controleer ALTIJD waar zich de dichtst-
bijzijnde eerste hulpkit bevindt.
In noodgevallen dient u altijd te weten waar zich
de dichtstbijgelegen telefoon bevindt of zorg voor
een telefoon op de locatie van de werkzaamhe-
den. Zorg bovendien dat u de telefoonnummers
van de dichtstbijzijnde ambulance, dokter, en
brandweer kent. Deze informatie zal onmisbaar
zijn bij een noodgeval.
Veiligheid zaagtransport
Gebruik NIET de handgrepen en/of het voorste regelwiel als
hijspunt.
Gebruik ALTIJD hellingen die geschikt zijn voor het gewicht
van de zaag en de gebruiker om de zaag te laden en te los-
sen. Als de zaag moet worden getild, dient dit altijd door twee
personen te worden gedaan. Probeer de zaag nooit alleen te
tillen.
Probeer NOOIT om de zaag zonder een aanhangwagen achter
een voertuig te slepen.
Gebruik NOOIT op hellingen of extreem oneffen oppervlak-
ken.
Kantel NOOIT de motor in extreme hoeken aangezien hierdoor
olie in de cilinderkop kan terechtkomen waardoor de motor
moeilijker kan worden gestart.
Transporteer de zaag NOOIT naar of van het terrein met een
bevestigd blad.
Machinebedienings- en veiligheidsmarkeringen
De SP 1-zaag is uitgerust met een aantal bedienings- en veilig-
heidsmarkeringen. Mocht enige markering onleesbaar worden,
kunt u een vervanging hiervoor bij uw dealer verkrijgen.
EERSTE
HULP KIT
AMBULANCE
BRANDWEER
PAGINA 10 — SP 1 ZAAG-CE — GEBRUIKSHANDLEIDING — REV. #3 (06/09/08)
MQ STREET PRO 1 CE-ZAAG — SPECIFICATIES (ZAAG)
Afbeelding 1. SP 1 Afmetingen
Zijaanzicht
Vooraanzicht
A
C
B
F
G
D
E
* Trilling (bij handgreep) ontstaat bij een SP 1-zaag bij het snijden van beton op een diepte van 38,1 mm (1-1/2 inch) met
een 18" (45,7 cm) blad, VOL GAS.
Tabel 1. SP 1 (SP1CE13H18) Specificaties
REFERENTIEBRIEF OMSCHRIJVING AFMETING (cm)
A
Hoogte 94 cm (37,0 In.)
B
Lengte (voorste regelwiel omhoog) 80 cm (32,0 In.)
C
Max. lengte (voorste regelwiel omlaag) 138 cm (54,5 In.)
D
Breedte 55 cm (21,5 In.)
E
Basis achterwielen 40 cm (17,0 In.)
F
Basis voorwielen 25,4 cm (10,0 In.)
G
Breedte handgreep 55 cm (21,5 In.)
Maximum TPM as 2836 omw/min
Arbor-grootte 2,54 cm (1,0 In.)
Maximale snijdiepte 17,78 cm (7,0 In.)
Geluidsdruk bij positie van bestuurder 99,8 db
Trilling * 12,6 ms
2
Maximaal bedieningsgewicht 236 lbs.(107 Kg)
Nominaal gewicht (zonder blad of vloeistoffen) 214 lbs. (97 Kg)
SP 1 ZAAG-CE — GEBRUIKSHANDLEIDING — REV. #3 (06/09/08) — PAGINA 11
MQ STREET PRO 1 CE-ZAAG — SPECIFICATIES (MOTOR)
Tabel 2. Specificaties (Motor)
Motor
Model
HONDA
GX390K1QWT2/GX390U1QWT2
Type
Luchtgekoelde 4-takt,
enkele cilinder, OHV, benzinemotor
Boring X slag
88 mm x 64 mm
(3,5 in. x 2,5 in.)
Verplaatsing 23,7 cu-in. (389 cc)
Max vermogen 13,0 PK/3600 TPM
Capaciteit brandstoftank
Ca. 6,5 liter
(1,72 Am. gallon)
Brandstof
Ongelode benzine met een octaan-
gehalte van minimaal 86
Capaciteit smeerolie 1,1 liter (1,16 Am. qt)
Methode van
snelheidscontrole
Centrifugaal vlieggewichttype
Startmethode Terugslag start
Afmetingen (H x B x D)
380 x 450 x 443 mm
(15,0 x 17,7 x 17,4 in.)
Droog nettogewicht 31 Kg. (68,4 lbs)
PAGINA 12 — SP 1 ZAAG-CE — GEBRUIKSHANDLEIDING — REV. #3 (06/09/08)
MQ STREET PRO 1 CE-ZAAG — ALGEMENE INFORMATIE
Krachtcentrales
De SP1-zaag wordt in de industrie geclassificeerd als een
zaag met een "laag" vermogen. Deze classificatie is met name
praktisch bij het selecteren van het juiste diamantblad voor een
applicatie.
De SP1-zaag wordt aangedreven door een HONDA GX390
luchtgekoelde, 4-slag, enkele cilinder, OHV benzinemotor met een
vermogen van 13 PK (9,6 kW) bij 3.600 TPM. De rotatie van het
blad wordt met een V-riem aangedreven. De bovenste aandrijfrol
(motor) op de uitvoeras van de motor wordt aangesloten op de
onderste aandrijfrol (as) en dus het blad, door drie V-riemen. Als de
motoras draait , zal het blad ook draaien. De ratio, of het verschil
tussen de motorsnelheid en de assnelheid (blad) wordt bepaald
door twee verschillende rolgroottes die worden gebruikt.
Raadpleeg de Gebruikershandleiding van de motor voor
specifieke instructies betreffende de bediening van de motor en
onderhoudspraktijken.
Alle MQ Whiteman SP1-serie zagen zijn ontworpen, ver-
vaardigd en geproduceerd met strikte inachtneming van
richtlijnen B7.1 en B7.5 van het American National Standards
Institute, Inc. (ANSI).
Watersysteem
Alle SP1-serie zagen leveren een gehard waterleidingsysteem
dat het watervolume evenredig verspreidt met een optimale
stroomratio aan beide zijden van het blad om deze te koelen
tijdens het snijden. Het basiswatersysteem is voorzien van een
klep waarop een standaard tuinslang kan worden aangesloten.
Het water wordt uitgevoerd (middels een slang) op het zaagblad.
Een leveringssysteem met watertank is optioneel.
Kenmerken
Stopschakelaar motor gemakkelijk geplaatst op de stang
Uiterst robuust boxframe - garandeert rechte snedes terwijl
scheeftrekken en bladtrillingen worden vermeden
Robuuste rollagerwielen voor een lange levensduur
Comfortabele handgrepen
Eenvoudige aandrijving voor handmatig heffen/neerlaten van
het blad tot de gewenste snijhoogte
Gescharnierde voorste hefbladbeveiliging ontworpen voor het
eenvoudig vervangen van het blad
Zaagpositiegeleider helpt garanderen van rechte snedes
Watersysteem levert optimale stroming en optimaal water-
volume voor beide zijdes van het blad
Handmatig bediende wielklemmen helpen ongewenste on-
juiste plaatsing van de zaag voorkomen
Beoogd gebruik
Bedien de SP1-zaag (afbeelding 2), gereedschappen en
componenten overeenkomstig de instructies van de fabrikant.
Gebruik van enig ander gereedschap voor de bediening wordt
beschouwd als tegenstrijdig met het beoogd gebruik. Het risico
van dergelijk gebruik ligt geheel bij de gebruiker. De producent
kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schade als gevolg
van onjuist gebruik.
Deze zaag mag niet worden gebruikt voor droog snijden.
Algemene informatie
De MQ Whiteman SP1-serie duwzagen zijn ontworpen voor
nat snijden van beton of asfalt met gebruik van diamantbla-
den. Deze zagen zijn vervaardigd voor algemene en industriële
vlakke zaagapplicaties. Het versterkte stalen boxframe geeft extra
versteviging die noodzakelijk is om de bladtrillingen tijdens het
snijden te beperken. Door het minimaliseren van bladtrillingen
wordt de prestatie van het blad verbeterd en daardoor de levens-
duur van het blad verlengd.
Voor- en achterassen voor zwaar gebruik, stevige oversized wielen
en industriële onderwagenassemblage waarborgen nauwkeurige
tracering en betrouwbaar gebruik.
Daarnaast levert de algemene ratio kracht-tot-gewicht van het
frame-ontwerp en de chassisassemblage een optimale gewichts-
verspreiding om het blad zuiver door de snede te laten gaan.
Een robuuste aslagerassemblage garandeert minimale agitatie
en asresonantie waardoor de meest voordelige staat voor een
diamantblad wordt verkregen tijdens de bedrijfssnelheden.
De SP1-serie zaag wordt geleverd met een 18-inch bladbeveili-
ging en kan worden gebruikt met diamantbladen met 12-18-inch
doorsnede.
Een ACME kabel, handmatige omhoog/omlaag assemblage
zorgt ervoor dat het blad eenvoudig omhoog en omlaag kan
worden gebracht en kan worden vergrendeld om een constante
snijdiepte te verkrijgen. Alle SP1 serie zagen zijn uitgerust met
een intrekbare snijgeleider, oversized rollagerwielen, industriële
aslagers en een stevig stalen frame.
Afbeelding 2. MQ STREET PRO 1 ZAAG
SP 1 ZAAG-CE — GEBRUIKSHANDLEIDING — REV. #3 (06/09/08) — PAGINA 13
MQ STREET PRO 1 CE-ZAAG — BEDIENING EN COMPONENTEN
BEDIENING EN COMPONENTEN
Afbeelding 3 toont de locatie van de basisbediening of compo-
nenten voor de SP1. Hieronder wordt een beknopte omschrijving
van elke bediening of elk component gegeven.
1. Handgrepen/stang Bij het bedienen van de zaag, plaatst
u beide handen op elke greep om de zaag te manoeuvreren.
Vervang de handgrepen als deze versleten of beschadigd zijn.
2. Handgreepvergrendeling – Vergrendelt bladdiepte op de
gewenste positie.
3. Aansluiting tuinslang Aansluiting op waterbron om het
blad te koelen tijdens het snijden van beton of asfalt.
4. Luchtfilter Voorkomt dat vuil en stof in de luchtinlaat van
de motor terechtkomt. Controleer regelmatig het filter en
vervang deze indien nodig.
5. Handgreep terugslagstart – Trek hieraan om de motor te
starten.
6. Assemblage terugslagstart Zet de motor in werking
zodra de handgreep wordt aangetrokken en de startkabel
wikkelt op zodra de handgreep wordt losgelaten.
7. Wielen/wagenassemblage Wielen voor zwaar werk met
permanent gesealde kogellagers.
8. Snijblad Gebruik geschikte bladtypes voor het snijden
van beton of asfalt.
9. Bladbeveiliging Bedekt het zaagblad en kan omhoogklap-
pen om het blad te kunnen vervangen.
Afbeelding 3. SP1-componenten
10. Afstelling voor riemspanning Voor afstellen riemspan-
ning.
11. Voorste regelwiel Voorste regelwiel helpt bij rechthouden.
12. Arm Voorste regelwiel Omhoog bij opslag en omlaag
tijdens gebruik.
13. Afstelling snijdiepte Draai de bedieningsaandrijving
rechtsom of linksom om de snijdiepte hoger of lager af te
stellen.
14. Brandstoftank Gebruik ongelode benzine. Vul niet te veel bij.
15. Koelsysteem blad – Levert koelwater aan het blad tijdens
de snijwerkzaamheden.
16. Afdekking V-riem Verwijder deze afdekking voor toegang
tot de V-riemen. Bedien de zaag NOOIT als deze afdekking
is verwijderd.
17. As smeernippels – Eenvoudig geplaatst voor smeren.
18. Aan/uit-schakelaar (op motor) Zet in de "AAN"-positie
(ON) om de motor te starten en in de "UIT"-positie (OFF)
om de motor uit te schakelen.
19. Rotatie gereedschap Rotatierichting van gereedschap
(blad) tijdens bediening.
20. Stopschakelaar motor (op handgreep) – Schakel in een
willekeurige richting richting om de motor te stoppen.
21. Wielklem Breng de handgreep omlaag waarbij contact
wordt gemaakt met het wiel om een ongewenste rolbeweging
te vermijden. Breng de handgreep omhoog om te ontgren-
delen.
22. Waterklep – Draai de handgreep om de watertoevoer in of
uit te schakelen.
PAGINA 14 — SP 1 ZAAG-CE — GEBRUIKSHANDLEIDING — REV. #3 (06/09/08)
Afbeelding 4. Motorbediening en componenten
Initieel onderhoud
De motor (afbeelding 4) moet worden gecontroleerd op juiste
smering en gevuld met brandstof voor bediening. Raadpleeg
de handleiding van de fabrikant van de motor voor instructies &
details over de bediening en het onderhoud.
1. Vuldop brandstof Verwijder deze dop om ongelode
benzine aan de brandstoftank toe te voegen. Let op dat de
dop stevig wordt bevestigd. DOE NIET te veel brandstof in
de tank.
6. Chokeknop Voor starten van een koude motor of in koude
weersomstandigheden. De choke verrijkt het brandstofmeng-
sel.
7. Luchtreiniger Voorkomt dat vuil en overig stof in het
brandstofsysteem terechtkomen. Verwijder de vleugelmoer
bovenop de luchtfilterbus om toegang te verkrijgen tot het
filterelement.
8. Bougie Geeft een vonk aan het ontstekingssysteem.
Reinig de bougie één keer per maand.
9. Geluidsdemper Wordt gebruikt om geluid en uitstoot te
beperken.
MQ STREET PRO 1 CE-ZAAG — BASISMODEL VAN DE MOTOR
2. Gashendel Gebruikt om de toerentalsnelheid van de motor
af te stellen (hendel naar voren LANGZAAM, hendel naar
achteren (naar de gebruiker) SNEL).
3. Motor AAN/UIT-schakelaar AAN-positie: de motor kan
worden gestart, UIT-positie: de motor stopt.
4. Terugslag starter (trekkabel) Handmatige startmethode.
Trek de startgreep aan totdat u weerstand voelt, trek vervol-
gens snel en soepel.
5. Hendel brandstofklep OPEN om de brandstof toe te
voeren, SLUITEN om de brandstoftoevoer te stoppen.
BASISMODEL VAN DE MOTOR
10. Brandstoftank Bevat ongelode benzine. Voor nadere
informatie dient u de gebruikershandleiding van de motor
te raadplegen.
GEVAAR
Toevoegen van brandstof aan de tank
mag uitsluitend worden uitgevoerd als de
motor is gestopt en de mogelijkheid heeft
gehad om af te koelen. Mocht er brandstof
worden gemorst, mag u de motor NIET
proberen te starten totdat de brandstof-
resten volledig zijn opgeveegd en het
gedeelte rondom de motor droog is.
WAARSCHUWING
Motorcomponenten kunnen extreme hitte
genereren. Om bandwonden te voorkomen,
mag u deze gedeeltes NIET aanraken als
de motor draait of direct na gebruik. Bedien
de motor NOOIT als de geluidsdemper is
verwijderd.
OPGELET!
Door de motor te gebruiken zonder een luchtfilter, met een
beschadigd luchtfilter of een filter dat moet worden vervangen,
zal er vuil in de motor kunnen komen, waardoor de motor
sneller kan slijten
SP 1 ZAAG-CE — GEBRUIKSHANDLEIDING — REV. #3 (06/09/08) — PAGINA 15
MQ STREET PRO 1 CE-ZAAG — VOORBEREIDING/VOOR-INSPECTIE
VOORBEREIDING/VOOR-INSPECTIE
1. Lees en begrijp deze handleiding
zorgvuldig, met name de veiligheids-
instructies en de handleiding van de
fabrikant van de motor die bij de zaag is
geleverd.
2. Kies het juiste blad voor elke applicatie. Raadpleeg de
gedeeltes Bladen en Blad vervangen op pagina 17 t/m 19
voor nadere informatie.
3. Controleer het blad op slijtage of schade.
Wees voorzichtig met alle bladen en
vervang ALTIJD een beschadigd blad.
4. Reinig de zaag, verwijder vuil en stof,
met name de luchtinlaat van de motor-
koeling, carburateur en luchtreiniger.
5. Controleer het luchtfilter op vuil en stof. Vervang het luchtfilter
als het vuil is.
6. Controleer de carburateur op extern vuil en stof. Reinig met
droge perslucht.
7. Controleer of de bouten en moeren goed zijn bevestigd.
8. Controleer of de juiste watertoevoer beschikbaar is, goed is
bevestigd en wordt gebruikt. (aangesloten via een tuinslang
of met een optioneel watertank toevoersysteem).
Afbeelding 5. Motoroliepeilstok (verwijderen)
Controle motorolie
1. Om het oliepeil van de motor te controleren, plaatst u de zaag
op een veilige ondergrond waarbij de motor is uitgeschakeld.
Het frameplatform moet vlak liggen om de motorolie nauw-
keurig te kunnen controleren.
2. Verwijder de peilstok uit de vulopening van de motorolie
(afbeelding 5) en veeg hem schoon.
Afbeelding 6. Motoroliepeilstok (oliepeil)
1. Verwijder de vuldop aan de bovenzijde van de brandstof-
tank.
2. Voer een visuele inspectie uit om te zien of het brandstofpeil
laag is. Als de brandstof laag is, vult u deze bij met ongelode
benzine.
3. Gebruik bij het bijvullen een zeef om te filteren. Vul NIET TE
VEEL brandstof bij. Veeg enige gemorste brandstof weg.
3. Plaats de peilstok zonder hem op de vulopening te schroeven
en verwijder hem weer. Controleer het olieniveau dat op de
peilstok wordt weergegeven.
4. Als het oliepeil laag is (afbeelding 6) vult u het tot de rand van
de vulopening bij met het aanbevolen olietype (tabel 3).
Brandstofcontrole
WAARSCHUWING
Motorbrandstoffen zijn uiterst ontvlambaar
en kunnen gevaarlijk zijn als hier onjuist
mee wordt omgegaan. NIET roken tijdens
het tanken. Vul de zaag NIET bij als de
motor heet! is of nog steeds draait.
OPGELET!
Raadpleeg de handleiding van de motorfabrikant voor speci-
fieke onderhoudsinstructies.
Tabel 3. Olietype
Seizoen Temperatuur Olietype
Zomer 25°C of hoger SAE 10W-30
Lente/Herfst 25°C~10°C SAE 10W-30/20
Winter 0°C of lager SAE 10W-10
PEILSTOK
BOVEN-
MARKERING
ONDER-
MARKERING
PAGINA 16 — SP 1 ZAAG-CE — GEBRUIKSHANDLEIDING — REV. #3 (06/09/08)
Afbeelding 9. Uitlijning aandrijfrol
3. Controleer de spanning van de V-riem met een spannings-
meter (3,0 lbs./1,36Kg) ten opzichte van de binnenzijde van
de riem, op een middelpunt van de twee aandrijfrollen of door
de middelste riem op een middelpunt te deflecteren 3/16" (5
mm).
4. Span de V-riem NIET te strak of te los. Er kan ernstige schade
optreden aan de zaag en de motorkrukas als de band te strak
wordt gespannen. Een vermindering van het vermogen op
het blad en slechte prestatie zullen het gevolg zijn van te lage
spanning op de band (los op de aandrijfrollen).
Afbeelding 8. Afdekking V-riem
UItlijning en spanning V-riem
Deze zaag is uitgerust met eersteklas V-riemen die zijn uitgelijnd
en op spanning gebracht door fabriekspersoneel. De V-riem
moet voor een juiste bediening van de zaag zijn uitgelijnd en op
spanning zijn gebracht.
Gebruik de volgende procedure om de uitlijning van de V-riem
te controleren:
1. Verwijder de bouten die de V-riemafdekking bevestigen
(afbeelding 8) op het zaagframe.
2. Controleer uniform parallellisme (afbeelding 9) van de V-riem
en aandrijfrol (borstels). Gebruik een liniaal of winkelhaak
tegen beide aandrijfrollen en pas beide aandrijfrollen aan
totdat deze gelijk zijn uitgelijnd.
MQ STREET PRO 1 CE-ZAAG — VOORBEREIDING/VOOR-INSPECTIE
Afbeelding 7. Bladbeveiliging
CONTROLEER de volgende items op de bladbeveiliging (af-
beelding 7):
Controleer of de capaciteit van de bladbeveiliging juist is voor
een 18" diamantblad.
Controleer of de beveiliging goed is bevestigd tegen het
zaagframe.
Controleer of de spanningsveer aan de voorzijde van de be-
veiliging goed is bevestigd op het achterste gedeelte van de
beveiliging en of er geen openingen zijn. Til de bladbeveiliging
NOOIT op als de motor nog draait.
CONTROLEER of de V-riemafdekking zich in de juiste positie
bevindt en goed is bevestigd tijdens het gebruik van de zaag
(afbeelding 8).
V-riem controle
Een versleten of beschadigde V-riem kan de prestatie van de
zaag negatief beïnvloeden. Als een V-riem defect of versleten
is, vervangt u ALLE V-riemen. V-riemen moeten altijd in setjes
worden vervangen.
Beveiligingen en afdekkingen
JUISTE
UITLIJNING
V-RIEM
V-RIEM
ONJUISTE
UITLIJNING
V-RIEM
ONJUISTE
UITLIJNING
V-RIEM
WAARSCHUWING
Probeer NOOIT de V-riem te controleren
terwijl de motor draait. Hierdoor kan ernstig
letsel optreden. Zorg dat vingers, handen,
haar en kleding uit de buurt blijven van alle
bewegende onderdelen.
OPGELET!
Uitlijning V-riem moet opnieuw worden gecontroleerd na het
aanpassen van de riemspanning.
WAARSCHUWING
Bedien de zaag NOOIT zonder dat de
bladbeveiligingen en afdekkingen zijn
geplaatst. Gebruik de zaag NIET als de
voorzijde van de bladbeveiliging omhoog is
geklapt. De bladbeveiliging mag niet meer dan
180 graden zijn blootgesteld tijdens gebruik.
Neem de veiligheidsrichtlijnen of overige
geldende lokale voorschriften in acht.
SP 1 ZAAG-CE — GEBRUIKSHANDLEIDING — REV. #3 (06/09/08) — PAGINA 17
Afbeelding 10. Diamantblad
1. Opening aandrijfpen Een opening in de kern van het
diamantblad die voorkomt dat het blad tijdens gebruik weg-
slipt tussen de binnenste en buitenste bladflensen (kragen).
Controleer de diameter van de opening om te garanderen dat
geen vervorming plaatsvindt en dat een stevige bevestiging
bestaat tussen de opening en de aandrijfpen.
2. Ontspanningsgaten (plofgaten) Controleer de stalen
kern op scheuren die kunnen zijn ontstaan vanuit de sleuven
en/of plofgaten. Scheuren geven een defect van extreme
vermoeidheid weer en als het zagen wordt voortgezet zal
een ernstig defect optreden.
3. Rand van de stalen kern Controleer de diameterrand op
verkleuring (blauwe oxidatie) die een oververhitting aangeeft
door onvoldoende koeling met water/lucht. Oververhitting
van bladen kan leiden tot verlies van kernspanning en/of
de mogelijkheid op bladdefecten vergroten. Controleer of
de stalen kernbreedte gelijk is met de rand van het blad
en niet wijkt naar een "ondersnede"-staat die ontstaat door
uiterst schurend materiaal of onjuiste ondersnede kernbe-
veiliging.
4. Pijlrichting Controleer of het blad op de juiste wijze is
geplaatst op de as om te kunnen zagen. Raadpleeg de
pijlrichting op het blad en plaats het blad dusdanig dat de
draairichting "omlaag snijdt" als de as draait.
5. Diamantsegment of rand Controleer of er geen scheuren,
vuil of ontbrekende gedeeltes zijn in het diamentsegment
of de rand. Gebruik GEEN blad waarvan een segment of
een gedeelte van de rand ontbreekt. Beschadigde en/of
ontbrekende segmenten/randen kunnen schade aan uw
zaag veroorzaken en de gebruiker of andere personen
kunnen hierdoor letsel oplopen in de bedrijfsomgeving.
6. Specificaties – Controleer of de bladspecificaties, grootte
en diameter overeenkomen met de zaaghandeling. Natte
bladen maken gebruik van water als koelmiddel. Het gebruik
van een diamantblad dat niet geschikt is voor de taak kan
leiden tot slechte prestatie en/of schade aan het blad.
7. Arbor-opening Het is essentieel dat de diemeter van de
arbor-opening goed overeenkomt met de asarbor en dat
deze geen vervormingen vertoont. De juiste bladflensen
(kragen) moeten worden gebruikt. De binnenzijde van de
flensen moeten schoon en vrij van vuil zijn. Een arbor die
niet rond is, zal schade veroorzaken aan het blad en de
zaag.
8. MAX TPM De TPM-referentie is de maximale veilige
bedrijfssnelheid voor het geselecteerde blad. Overschrijd
NOOIT het maximale TPM (MAX RPM) van het diamantblad.
Overschrijding van de MAX TPM is gevaarlijk en kan leiden
tot slechte prestatie en beschadiging van het blad.. Alle
bladen die worden gebruikt, moeten zijn vervaardigd voor
de maximale as-TPM.
MQ STREET PRO 1 CE-ZAAG — BLADEN
SPECIFIEK TE GEBRUIKEN GEREEDSCHAP
Onderstaande bladen dienen te worden gebruikt voor deze zaag
Snijwiel met gesegmenteerde stalen kern of doorlopende
diamantrand
Enig ander type gereedschap mag niet worden gebruikt. Zie tabel
4 voor specifiek bladgebruik voor materiaal.
WAARSCHUWING
Nalatigheid om het diamantblad grondig te inspecteren
(afbeelding 10) op operationele veiligheid kan leiden tot
schade aan het blad of de zaag en kan letsel veroorzaken
bij de gebruiker of anderen in de gebruiksomgeving. Gooi
beschadigde of versleten bladen weg en vervang deze door
een nieuw blad.
PAGINA 18 — SP 1 ZAAG-CE — GEBRUIKSHANDLEIDING — REV. #3 (06/09/08)
BLAD VERVANGEN
Zie afbeelding 11.
MQ STREET PRO 1 CE-ZAAG — BLAD VERVANGEN
Diamantbladen
Door het diamant bladTYPE en -GRAAD te selecteren, definieert
u hoe het blad zowel in snijsnelheid als levensduur van het blad
zal presteren.
Keuze van het juiste diamantblad is gebaseerd op:
Het te snijden materiaal
Het type zaag dat wordt gebruikt
Vermogen van de zaag
Hardheidkenmerken van het materiaal
Prestatieverwachtingen
Factoren voor zaagzuinigheid:
Bladtype
Snijdiepte
Zaagsnelheid
Kenmerken van het te snijden materiaal
Bladsnelheid
De prestatie van een diamantblad hangt direct samen met de
specifieke perifere (rand) snelheden.
De volgende asrotatiesnelheden zijn in de fabriek ingesteld ten-
einde optimale bladprestatie te garanderen.
SP1 18” Capaciteit - 2.836 TPM.
1. Motor UIT - Zet de MOTOR AAN/UIT-schakelaars op de
"UIT"-positie (OFF) om onvoorzien starten te vermijden.
2. Bladbeveiliging - Duw de voorste afdekking van de
bladbeveiliging geheel naar achteren. De spanningsveer van
de beveiliging houdt de voorste afdekking in positie.
3. Binnenste bladflens (kraag) - Deze flens is op de as
bevestigd. Het binnenste oppervlak van de flens moet vrij
van stof zijn en een strakke sluiting op het oppervlak van het
blad mogelijk maken.
4. Buitenste bladflens (kraag) - Controleer of de buitenste
bladflens goed tegen het diamantblad is geplaatst. Het
binnenste oppervlak van de flens moet vrij van stof zijn en
een strakke sluiting op het oppervlak van de bladkern mogelijk
maken.
5. Diamantblad - Controleer of het juiste diamantblad voor de
taak is geselecteerd. Let op de pijlrichting op het blad. De
pijlrichting van het blad met in de richting "omlaagsnijden"
wijzen om juist te kunnen functioneren. Bij het plaatsen van
het blad op de as, dient u te controleren of de arbor-opening
van het blad overeenkomt met de diameter van de as.
Tabel 4. LIJST MET MATERIALEN EN BLADKEUZE
Materiaal Blad
Uitgehard beton Uitgehard betonblad
Groen beton Groen betonblad
Asfalt Asfaltblad
Asfalt over beton Asfalt-/betonblad
Blok, baksteen, metselwerk, vuurvaste stoffen Metselwerkblad
Tegel, keramiek, steen Tegelblad
WAARSCHUWING
Nalatigheid om het diamantblad grondig
te inspecteren op operationele veilig-
heid kan leiden tot schade aan het blad
of de zaag en kan letsel veroorzaken
bij de gebruiker of anderen in de ge-
bruiksomgeving.
WAARSCHUWING
Door zaagbladen te gebruiken bij rotatiesnel-
heden die hoger zijn dan gespecificeerd
door de producent, kan schade aan het
blad ontstaan en kunnen de gebruiker en
overige personen in de gebruiksomgeving
letsel oplopen.
SP 1 ZAAG-CE — GEBRUIKSHANDLEIDING — REV. #3 (06/09/08) — PAGINA 19
6. Blad zeskantige moer - Schroef de asmoer los (rechterzijde
losdraaien door rechtsom te draaien en vastdraaien door
linksom te draaien, terwijl de linkerzijde losdraait door linksom
te draaien en vastdraait door rechtsom te draaien. Draai de
moer NIET te strak vast (ca. 45-50 ft. lb/61-68 N/m) als u de
assemblage afrondt.
Afbeelding 11. Gereedschap (blad) vervangen
Blad verwijderen en vervangen
1. Zet de MOTOR AAN/UIT-schakelaars op
de "UIT"-positie (OFF) om onvoorzien
starten te vermijden.
2. Plaats de zaag op een stabiel vlak
werkoppervlak.
3. Controleer of het blad omhoog is geklapt en de omhoog/
omlaag krukas in positie is vergrendeld.
4. Klap de bladbeveiligingsafdekking omhoog om toegang tot
het blad te verkrijgen.
5. Gebruik de meegeleverde bladmoer en asvergrendelingssleu-
tels om het blad te verwijderen en te installeren. (Afbeelding
12)
Afbeelding 12. Gereedschap (blad) vergrendelingssleutels
6. Schroef de asmoer los (rechterzijde losdraaien door rechtsom
te draaien en vastdraaien door linksom te draaien, linkerzijde
losdraaien door linksom echtsom te draaien en vastdraaien
door rechtsom te draaien). Draai de moer NIET te strak vast
(ca. 45-50 ft. lb/61-68 N/m) als u de assemblage afrondt.
MQ STREET PRO 1 CE-ZAAG — BLAD VERVANGEN
WAARSCHUWING
Laten vallen van het blad of forceren van
het snijoppervlak kan leiden tot ernstige
schade aan het diamantblad en de zaag en
tot lichamelijk letsel.
WAARSCHUWING
Onjuist geïnstalleerde bladen kunnen
schade veroorzaken aan het blad of
de apparatuur of letsel veroorzaken
door breuk.
OPGELET!
Bij het verwijderen of het installeren van een diamantblad dient
u er op te letten dat de borgmoeren van het blad linksdraaiend
en rechtsdraaiend schroefdraad hebben.
AS
SLEUTEL
BINNENSTE
FLENS
BUITENSTE
FLENS
MOER
SLEUTEL
MOER
BLAD:
PAGINA 20 — SP 1 ZAAG-CE — GEBRUIKSHANDLEIDING — REV. #3 (06/09/08)
MQ STREET PRO 1 CE-ZAAG — OMHOOG/OMLAAG EN DIEPTESTOP
Heffen/neerlaten en dieptestop
De zaag is uitgerust met een omhoog/omlaag voorziening en een
dieptestopassemblage die wordt ondersteund door de volgende
componenten. (Afbeelding 13).
Afbeelding 13. Snijdiepte - omhoog/omlaag-systeem
1. Handm. afstellen krukasassemblage
2. Omhoog/omlaag acme-schroef
3. Krikarm
4. Assemblage wielbasis
5. Pen van krikas
6. Vergrendelingsposities
Instellen van de dieptestop
1. Heffen van de hand. afstelling krukas om de dieptestop te
ontgrendelen (losmaken).
2. Draai de krukas om het blad omhoog of omlaag te brengen
tot de gewenste diepte.
3. Breng de krukas omlaag tot een van de vergrendelingsope-
ningen (item 6).
1
6
Locked
Position
Unlocked
Position
6
2
3
5
4
VERGRENDELDE
POSITIE
ONTGRENDELDE
POSITIE
SP 1 ZAAG-CE — GEBRUIKSHANDLEIDING — REV. #3 (06/09/08) — PAGINA 21
MQ STREET PRO 1 CE-ZAAG — EERSTE INGEBRUIKNEMING
Afbeelding 16. Hendel brandstofklep
2. Controleer of het diamantblad juist is bevestigd en dat deze
boven het oppervlak is geklapt dat u gaat zagen.
3. Zet de hendel brandstofklep (afbeelding 16) in de "AAN"
positie.
4. Zet de MOTOR AAN/UIT-schakelaar op de MOTOR (afbeel-
ding 17) in de "AAN"-positie (ON). Zet de MOTOR AAN/
UIT-schakelaar op de HANDGREPEN (afbeelding 18) in de
"AAN" (ON) (middelste) positie.
EERSTE INGEBRUIKNEMING
Afbeelding 17. Motor AAN/UIT-schakelaar (op motor)
Afbeelding 14. Stopschakelaars motor
Afbeelding 15. Wielklem
1. Zorg dat de wielklem (af-
beelding 15) is toegepast
(hendel OMLAAG) totdat
deze volledig gereed is voor
de snijbewerking.
HENDEL
BRANDSTOFKLEP
AAN
UIT
UNLOCK
POSITION
LOCK
POSITION
ONTGRENDELDE
POSITIE
VERGRENDELDE
POSITIE
ENGINE STOP SWITCH
ENGINE STOP
SWITCH
(Emergency Stop
and Primary ON/OFF)
(Secondary ON/OFF)
STOPSCHAKELAAR
MOTOR
(Noodstop en primaire
AAN/UIT)
STOPSCHAKELAAR
MOTOR
(Secundaire AAN/UIT)
OPGELET!
De stopschakelaar motor op de handgreep (afbeelding
14) wordt gebruikt als van de motor en als primaire AAN/
UIT-schakelaar. Hiermee kan de gebruiker de zaag veilig
uitschakelen, uit de buurt van bewegende onderdelen.
LET OP
Probeer de zaag NIET te gebruiken als u
deze handleiding nog niet hebt gelezen en
volledig hebt begrepen. De gebruiksstap-
pen van de motor kunnen variëren. Zie de
gebruikershandleiding die de producent
van de motor heeft bijgevoegd.
LET OP
Plaats NOOIT uw handen of voeten binnen
de riembeveiliging of bladbeveiliging zolang
de motor draait. Schakel de motor ALTIJD
uit voordat u enig onderhoud aan de zaag
gaat uitvoeren.
WAARSCHUWING
Bedien de zaag NOOIT in een afgesloten
ruimte of gesloten omgeving waar geen
of nagenoeg geen frisse lucht wordt
aangevoerd.
Draag ALTIJD goedgekeurde oog- en
gehoorbescherming tijdens het gebruik
van de zaag.
LET OP
Controleer of de werkomgeving vrij is van gereedschap, vuil
en onbevoegde personen.
AAN/UIT-
SCHAKELAAR
MOTOR
AAN
UIT
PAGINA 22 — SP 1 ZAAG-CE — GEBRUIKSHANDLEIDING — REV. #3 (06/09/08)
7. Grijp de startgreep (afbeelding 21) en trek deze langzaam
uit. De weerstand wordt het lastigst bij het compressiepunt.
Trek de startgreep snel en soepel aan om te starten.
Afbeelding 21. Startgreep
MQ STREET PRO 1 CE-ZAAG — EERSTE INGEBRUIKNEMING
6. Draai de gashendel (afbeelding 20) halverwege tussen snel
en langzaam om te starten. Al het zagen wordt uitgevoerd
bij vol gas. De motorregelsnelheid is in de fabriek ingesteld
om optimale bladgebruiksnelheden te waarborgen.
Afbeelding 20. Gashendel
8. Als de motor is gestart, draait u de choke-hendel (afbeelding
19) naar de "OPEN" positie. Als de motor niet start herhaalt
u stap 1 t/m 7.
9. Voordat de zaag in gebruik wordt genomen, laat u de motor
gedurende enkele minuten draaien. Controleer op benzinelek-
ken en geluiden die samenhangen met losse beveiligingen
en/of afdekkingen.
5. Zet de choke-hendel (afbeelding 19) in de "GESLOTEN"
positie.
Afbeelding 18. Stopschakelaars motor (handgreep)
Afbeelding 19. Chokehendel
CHOKEHENDEL
GESLOTEN
OPEN
GASHENDEL
LANGZAAM
SNEL
UIT
UIT
AAN
OPGELET!
De GESLOTEN positie van de chokehendel verrijkt het
brandstofmengsel voor het starten van een KOUDE motor.
De OPEN positie levert het juiste brandstofmengsel voor
normaal gebruik na het starten en het opnieuw starten van
een warme motor.
LET OP
De motorsnelheid is ingesteld in de fabriek.
Door de regelsnelheid te wijzigen kan schade
aan het blad en/of de zaag ontstaan.
LET OP
Trek de startkabel NIET helemaal aan tot het einde. Laat de
startkabel NIET los na het trekken. Laat deze zo snel mogelijk
weer opwikkelen.
STARTGREEP
SP 1 ZAAG-CE — GEBRUIKSHANDLEIDING — REV. #3 (06/09/08) — PAGINA 23
MQ STREET PRO 1 CE-ZAAG — BEDIENING
3. Om te beginnen met zagen, gebruikt u de krukashandgreep
omhoog/omlaag op de console om het roterende blad omlaag
te brengen om te snijden op de vooraf ingestelde diepte.
4. Als het blad de volledige snijdiepte heeft bereikt, loopt u lang-
zaam achter de zaag op een snelheid waarmee de motor kan
functioneren zonder het optimale toerental te verliezen.
5. Als het einde van de snede is bereikt, gebruikt u de krukas
omhoog/omlaag op de console om het blad uit de snede te
heffen.
6. Als het snijden is voltooid, schakelt u de motor UIT (OFF)
met gebruik van de STOPSCHAKELAAR MOTOR op de
handgrepen en wacht u totdat het blad stopt met draaien.
7. Zet de motor AAN/UIT-schakelaar op de "UIT"-positie
(OFF)
8. Zet de waterklep in de "UIT"-positie (OFF) (indien vereist).
9. Duw de wielklemhendels omlaag om remdruk toe te passen
op de wielen (afbeelding 22).
BEDIENING
1. Start de motor zoals omschreven in het vorige gedeelte.
Draai de gasklep (afbeelding 20) naar vol gas. Controleer
of het watertoevoersysteem in gebruik is. Draai de klep om
het water te laten stromen. Raadpleeg het gedeelte over de
optionele watertank in deze handleiding.
2. Laat de wielklemmen (afbeelding 22) los door de hendels
OMHOOG te trekken.
Afbeelding 22. Wielklem
LET OP
Motorcomponenten en het blad kunnen
ZEER HEET! worden tijdens gebruik. Laat
de motor en het blad ALTIJD afkoelen voor
gebruik of het uitvoeren van onderhoud.
WAARSCHUWING
Snij met de zaag ALTIJD met VOL GAS. Als u probeert om te
snijden met de zaag zonder vol gas te gebruiken, kan het blad
vastlopen of abrupt stoppen in de plaat waardoor ernstig letsel
kan optreden bij de gebruiker of anderen in de omgeving.
WAARSCHUWING
Zorg ALTIJD dat er geen roterende of bewegende onder-
delen aanwezig zijn als u dit apparaat gebruikt.
LET OP
Controleer of de snijomgeving vrij is van gereedschap, vuil
en onbevoegde personen.
LET OP
Probeer NIET sneller te snijden dan het blad kan. Door te
snel te snijden zal het blad uit de snede omhoog komen.
Onjuiste snijsnelheid kan de levensduur van de motor en
bladen verkorten.
LET OP
Als de zaag niet in gebruik is of wordt verplaatst of vervoerd,
dient u de wielklemremmen toe te passen om ongewenste
verplaatsing te vermijden.
OPGELET!
Markeer duidelijk de snijlijn en zaag altijd in een RECHTE
LIJN.
OPGELET!
De Stopschakelaar motor op de handgreep (afbeelding 18)
wordt gebruikt als Noodstop van de motor en als primaire
AAN/UIT-schakelaar. Hiermee kan de gebruiker de zaag veilig
uitschakelen, uit de buurt van bewegende onderdelen.
ONTGRENDELDE
POSITIE
VERGRENDELDE
POSITIE
PAGINA 24 — SP 1 ZAAG-CE — GEBRUIKSHANDLEIDING — REV. #3 (06/09/08)
MQ STREET PRO 1 CE-ZAAG — BEDIENING
Opnieuw starten na interventie
Als het snijden wordt onderbroken omdat de motor stopt of wordt
uitgeschakeld terwijl het blad nog steeds snijdt:
a. Zet de motor uitschakelaars op "UIT" (OFF)
b. Hef het blad boven de snede
c. Start de motor zoals omschreven in het vorige ge-
deelte.
Als het snijden wordt onderbroken omdat het blad is vastgelopen
in de snede:
a. Zet de motor uitschakelaars op "UIT" (OFF)
b. Verwijder de bladbeveiliging.
c. Verwijder bladbevestigingsbout en de buitenste flens.
d. Manoeuvreer de zag weg van het vastgelopen blad.
e. Maak een parallelle snede naast het blad om het vrij
te maken, indien nodig.
f. Zodra het blad vrij is, controleert u het blad op schade;
gooi het blad weg als het is beschadigd.
g Zorg dat een onbeschadigd, bruikbaar blad is geïnstal-
leerd op de zaag voordat u verder gaat snijden met de
zaag.
LET OP
De enige acceptabele methode voor het vrijmaken van
een vastgelopen blad is verwijderen van de zaag van het
vastgelopen of geknakte blad. Probeer het blad NIET vrij
te maken met gebruik van het omhoog/omlaag-systeem of
door de zaag op te tillen, door de baal te heffen enz.
SP 1 ZAAG-CE — GEBRUIKSHANDLEIDING — REV. #3 (06/09/08) — PAGINA 25
Raadpleeg de handleiding van de motor die
bij uw machine is geleverd voor het juiste
onderhoudsinterval van de motor en de gids
voor probleemoplossingen bij problemen.
Algemeen onderhoud is essentieel voor de prestatie en levens-
duur van uw zaag. De extreme omgevingen van zaaghandelingen
vereisen routine in reinigen, smeren, riemspanning en inspectie
op slijtage en schade.
De volgende procedures die gericht zijn op onderhoud kunnen
ernstig schade aan de zaag of defecten vermijden.
MQ STREET PRO 1 CE-ZAAG — ONDERHOUD
VERWIJDEREN of INSTALLEREN van
de bladen
AFSTELLEN van de voorste of achter-
ste regelwielen
SMEREN van de componenten
VERWIJDEREN van de motorbevestigingsbouten
INSPECTEREN, AFSTELLEN OF VERVANGEN van de
aandrijfriem, as, aslagers of ENIG motoronderdeel
VERWIJDEREN van het blad of riembeveiligingen
Verwijderen en installatie van het zaagblad
Raadpleeg het gedeelte blad vervangen in deze handleiding.
Algemene properheid
Reinig de machine dagelijks. Verwijder alle stof en modder die is
afgezet. Als de zaag met stoom is gereinigd, dient u te controleren
of de smering is uitgevoerd NA de stoomreiniging.
Chassis smeren
Aslagers - U kunt twee smeernippels vinden onder de on-
derste voorzijde van de zaag. Smeer voor dagelijks gebruik.
Gebruik een goede kwaliteit smeermiddel voor extreme
druk. Controleer en smeer vaker als de eenheid onder
zware omstandigheden wordt gebruikt. Vul de lagers niet te
vol. Overvullen kan schade geven aan de vetafdichtingen.
Hierdoor kunnen de lagers worden blootgesteld aan vuil en
vervuiling wat de levensduur van de lagers verkort. Te veel
smeermiddel kan ook in het snijoppervlak druppelen.
Aandrijfriem
Raadpleeg het gedeelte uitlijning en spanning V-riem in deze
handleiding voor het afstellen van de aandrijfriem, en de proce-
dures voor het verwijderen en vervangen.
Algemeen motoronderhoud
Motorcontrole:
Controleer dagelijks op enig olie en/of brandstoflekken,
bevestiging van de moeren en bouten en algehele proper-
heid.
Luchtfilter van de motor:
Vervang het luchtfilter als het vuil is. Raadpleeg de gebrui-
kershandleiding van de motor voor nadere informatie.
Motorolie:
Dagelijks controleren. Controleer met het blad verwijderd en
het zaagframe op een vlak oppervlak. Houd de olie schoon
en op het juiste verversingsniveau (afbeelding 6). VUL NIET
TEVEEL BIJ! SAE 10W-30 van SG wordt aanbevolen voor
algemeen gebruik.
ONDERHOUD
LET OP
Laat de motor ALTIJD afkoelen voordat u
enig onderhoud gaat uitvoeren. Probeer
NOOIT enig onderhoud uit te voeren aan
een hete! motor.
GEVAAR
Voor sommige onderhoudswerkzaamheden
is het nodig dat de motor draait. Controleer
of de onderhoudsruimte goed geventileerd
is. Uitlaatgassen bevatten giftige koolmo-
noxide die bewusteloosheid kan veroorza-
ken en kan leiden tot de DOOD.
WAARSCHUWING
Voor het uitvoeren van een onderhoud of
inspectie, parkeert u de zaag ALTIJD op een
vlak oppervlak met een verwijderd blad en zet
u de handgreep Motor AAN/UIT-schakelaar
op de handgreep en de AAN/UIT-schakelaar
op de motor op UIT (OFF).
LET OP
Controleer ALTIJD dat beide MOTOR
AAN/UIT-schakelaars (op de handgreep
en op de motor) in de "UIT" positie staan
en dat de as VOLLEDIG IS GESTOPT
MET DRAAIEN voordat u een van de
volgende handelingen gaat uitvoeren:
PAGINA 26 — SP 1 ZAAG-CE — GEBRUIKSHANDLEIDING — REV. #3 (06/09/08)
MQ STREET PRO 1 CE-ZAAG — ONDERHOUD
Afbeelding 23. Motorolie verversen
Motorolie verversen:
Ververs de motorolie in de eerste maand of na 20 bedrijfsuren.
Vervolgens elke 3 maanden of 50 BEDRIJFSUREN. Raadpleeg
de gebruikshandleiding van de motor voor nadere informatie.
Tap met de volgende methode de gebruikte olie af terwijl de motor
nog warm is:
Zie afbeelding 23.
1. Plaats een oliepan of geschikte container onder de motor
aftapplug om de verbruikte olie op te vangen.
2. Verwijder de vuldop/peilstok en de aftapplug.
3. Tap de olie volledig af en plaats de aftapplug terug. Controleer
of de aftapplug goed is bevestigd.
4. Let op dat de motor zich op een vlakke positie bevindt en vul
de olie bij tot aan de buitenste rand van de olievulopening
met de aanbevolen olie. (Zie tabel 3.) De capaciteit van de
motorolie is 1,1 liter (1,16 Am.quart).
5. Schroef de vuldop/peilstok goed vast.
Motortank en zeef:
Jaarlijks of elke 300 uur reinigen.
Brandstofleiding:
Elke twee jaar of indien nodig vervangen.
Bougie:
Elke 6 maanden of 100 uur reinigen of afstellen. Jaarlijks of
elke 300 uur vervangen.
Afstellen voorste regelwiel
Het voorste regelwiel is ingesteld in de fabriek. Gebruik deze
procedures uitsluitend als het regelwiel wellicht niet meer goed
uitgelijnd is.
1. Maak met kalk een rechte lijn op de geprepareerde modder
of het snijoppervlak.
2. Gebruik een winkelhoek of liniaal door deze vlak tegen het
blad te plaatsen.
3. Pas het voorste regelwiel zodanig aan dat het de zijkant van
de winkelhaak of liniaal net raakt.
4. Verwijder de winkelhaak of liniaal.
5. Plaats het voorste regelwiel en het blad direct op de kalk-
lijn.
6. Start de zaag en breng het blad omlaag op de kalklijn.
7. Begin te snijden en controleer of het blad zo strak mogelijk
de kalklijn volgt.
8. Het regelwiel moet de kalklijn ook volgen. Als dit niet het geval
is, past u het regelwiel aan door deze met de moeren op het
regelwiel losser of strakker te draaien totdat het regelwiel
hetzelfde pad als het blad volgt.
LET OP
Als u de motor laat draaien met een laag oliepeil kan dit
schade aan de motor veroorzaken.
OPGELET!
Gooi de verbruikte olie conform de voorschriften weg. Giet
GEEN verbruikte olie op de grond, in een afvoer of bij het vuil.
Verbruikte olie kan over het algemeen worden meegenomen
naar een plaatselijk afvalverwerkingsstation of onderhouds-
station voor reclamatie. Neem alle vereiste lokale milieuvoor-
schriften en bepalingen in acht betreffende het weggooien van
gevaarlijk afval zoals verbruikte olie en oliefilters.
AFTAPPLUG
OLIEPEIL
VULDOP/
PEILSTOK
SP 1 ZAAG-CE — GEBRUIKSHANDLEIDING — REV. #3 (06/09/08) — PAGINA 27
MQ STREET PRO 1 CE-ZAAG — OPTIONELE WATERTANK
1
6
8
7
9
11
12
10
13
WATERTANKKIT (OPTIE)
1. Zoek alle onderdelen die in de lijst met onderdelen staan.
2. Schuif de tankhouder (item 1, afbeelding 24) over de bovenkant
van de motor zodat de terugslagstarter door de grote opening
in de houder kan. De hendel van de terugslagstarter moet via
deze opening toegankelijk zijn. Controleer of de hendel van
de terugslagstarter kan worden aangetrokken zonder dat de
houder wordt meegetrokken.
3. Bevestig de tankhouder op het frame met gebruik van
hardware-items 7, 9, 11 en 13 om de houder op het frame
te bevestigen met gebruik van de bestaande sleuven in het
frame.
4. Zoek de afstandsplaatjes voor het bevestigen van de tank.
Deze kit levert afstandsplaatjes voor twee verschillende mo-
toropties. De afstandsplaatjes worden geïdentificeerd als:
Honda 9HP - gebruik afstandsplaatje 2-3/8"
Honda 13HP - gebruik afstandsplaatje 1-1/2"
Er is een optionele watertankkit verkrijgbaar voor gebruik met
de SP1-zaag. De volgende stappen zijn instructies voor de as-
semblage van de kit op uw SP1-zaag.
Afbeelding 24. Watertankkit (optie)
5. Na het bepalen van de juiste lengte van het afstandsplaatje,
plaatst u het afstandsplaatje (item 12, afbeelding 24) tussen
het motorblok en de beugel van de tankhouder en bevestigt
u de assemblage met de hardware 3/8" (items 6, 8 en 10).
Gebruik de juiste boutlengte (item 6) voor uw applicatie.
6. Sluit de draaiconnector (item 5, afbeelding 25) aan op een
uiteinde van de slang (item 3) met klem (item 2).
7. Verwijder de stevige kunststofbuis uit de klep op de watertank
(item 14). Schuif deze buis in het open uiteinde van de slang
(item 3) tot ten minste ca. 2,54 cm (1 inch). Bevestig deze
met de klem (item 2).
Afbeelding 25. Slangen en klemmen
8. Plaats de stevige kunststofbuis terug op de watertankklep.
2
5
2
3
14
LET OP
Controleer of alle bevestigingsbouten van de kit op de zaag
strak zijn aangedraaid voordat u de zaag gaat gebruiken.
LET OP
Gebruik GEEN watertank die groter is dan 18,95 liter (5 Am.
gallons) met deze kit.
OPGELET!
Terwijl de optionele watertankkit uitstekend is voor kortdu-
rende snijhandelingen, adviseren wij het gebruik van een
doorstromende waterbron onder druk voor langdurige of
duurzaam snijden.
PAGINA 28 — SP 1 ZAAG-CE — GEBRUIKSHANDLEIDING — REV. #3 (06/09/08)
MQ STREET PRO 1 CE-ZAAG — OPTIONELE WATERTANK
9 Plaats de watertank (met de slang) op de tankhouder zodat
de klep en slang in de inkeping aan de bovenzijde van de
tankhouder (afbeelding 26) vallen.
10. Plaats de elastische kabel (item 4) over de watertank (item
14) zodat hij de tank goed in de houder duwt.
11. Koppel de bestaande waterslang los van de zaagbladbeveili-
ging en sluit daarvoor in de plaats de nieuwe slang aan met
gebruik van de draaiconnector (item 5).
Afbeelding 26. Positie watertank
14
5
4
LET OP
Verwijder de reeds aanwezige waterslang volledig of bevestig
hem dusdanig dat hij geen contact kan maken met het blad
of enig bewegend onderdeel.
SP 1 ZAAG-CE — GEBRUIKSHANDLEIDING — REV. #3 (06/09/08) — PAGINA 29
MQ STREET PRO 1 CE-ZAAG — PROBLEEMOPLOSSING (ZAAG)
OPGELET!
Bepaalde werkzaamheden waarnaar in dit gedeelte over probleem-
oplossing wordt verwezen, zoals het opnieuw bevestigen van kleppen of
het plaatsen van zuigerringen, kunnen speciaal gereedschap verlangen
en moet worden uitgevoerd door geïnstrueerd en bekwaam personeel.
TABEL 5. PROBLEEMOPLOSSING BLAD
SYMPTOOM MOGELIJK PROBLEEM OPLOSSING
Blad gaat langzamer of stopt
met snijden.
Blad te hard voor het te snijden
materiaal?
Raadpleeg de dealer of Multiquip voor het juiste blad.
Probeer zeer zacht materiaal (zandsteen, silica baksteen,
sintelblok) te snijden om het blad te "herstellen".
Koppel van de motor verminderd
vanwege een losse V-riem?
Span de V-riemen aan of vervang deze.
Onvoldoende vermogen van de motor? Controleer de gasinstelling. Controleer het motorvermogen.
Onjuiste rotatierichting?
Controleer of het blad juist is geplaatst en of de rotatiepijlen
naar de positie "ondersnijden" wijzen.
Blad slipt weg op de bladas?
Controleer of het blad en de flenspin juist zijn geïnstalleerd
op de bladas.
Blad snijdt niet recht en/of
zuiver.
Blad wordt gebruikt op een onjuist
uitgelijnde zaag?
Controleer de bladaslagers en de uitlijningintegriteit.
Blad te hard voor het te snijden
materiaal?
Controleer of de specificatie van het blad met het te snijden
materiaal overeenkomt. Raadpleeg de dealer of Multiquip
voor informatie.
Blad dat wordt gebruikt heeft een
onjuist TPM?
Controleer of de surface feet per minute-snelheid (SFPM)
van het blad ca. 6.000 is.
Blad onjuist bevestigd op de arbor-
fittingen en flensen?
Controleer of het blad goed is bevestigd op de bladas.
Overmatige druk toegepast op blad
tijdens het snijden?
Forceer het blad NIET tijdens het snijden. Pas een
langzaam en constant tempo toe tijdens het zagen.
Blad verkleurt, vertoont
scheuren en/of slijt overmatig.
Blad te hard voor het te snijden
materiaal?
Raadpleeg de dealer of Multiquip voor het juiste blad.
Probeer zeer zacht materiaal (zandsteen, silica baksteen,
sintelblok) te snijden om het blad te "herstellen".
Blad onjuist bevestigd op de arbor-
fittingen en flensen?
Controleer of het blad goed is bevestigd op de bladas.
Blad krijgt niet voldoende koelwater?
Controleer of een goede waterstroom en -volume voor natte
snijbladen wordt aangeleverd.
Arbor-opening ongelijkmatig? Controleer of het blad goed is bevestigd op de bladas.
Onjuist blad gekozen voor het te
snijden materiaal?
Controleer of de specificatie van het blad met het te snijden
materiaal overeenkomt. Raadpleeg de dealer of Multiquip
voor informatie.
Overmatige druk toegepast op blad
tijdens het snijden?
Forceer het blad NIET tijdens het snijden. Pas een
langzaam en constant tempo toe tijdens het zagen.
PAGINA 30 — SP 1 ZAAG-CE — GEBRUIKSHANDLEIDING — REV. #3 (06/09/08)
MQ STREET PRO 1 CE-ZAAG — PROBLEEMOPLOSSING (MOTOR)
TABEL 6. PROBLEEMOPLOSSING MOTOR
SYMPTOOM MOGELIJKE OORZAAK OPLOSSING
Lastig om te starten "brandstof is
beschikbaar, maar geen VONK
bij bougie".
Bougie overbrugging?
Controleer opening, isolatie of
vervang de bougie.
Koolstofafzetting op bougie? Reinig of vervang de bougie.
Kortsluiting door onvoldoende bougie-isolatie?
Controleer de bougie-isolatie,
vervang deze indien versleten.
Onjuiste bougie-opening? Stel de juiste opening in.
Ontstekingsspoel defect? Vervang de ontstekingsspoel.
Lastig om te starten "brandstof
is beschikbaar, en VONK is
aanwezig bij bougie".
AAN/UIT-schakelaar kortgesloten?
Controleer de schakelaarbedrading,
vervang de schakelaar.
Onjuiste bougie-opening, contacten vuil?
Stel de juiste bougie-opening in en
reinig de contacten.
Condensatorisolatie versleten of kortgesloten? Vervang de condensator.
Bougiekabel gebroken of kortgesloten? Vervang de defecte bougiekabel.
Lastig om te starten, "brandstof
is beschikbaar, vonk is aanwezig
en compressie is normaal".
Verkeerde brandstof?
Spoel het brandstofsysteem en
vervang deze door de juiste brandstof.
Water of stof in het brandstofsysteem? Spoel het brandstofsysteem door.
Luchtreiniger vuil? Vervang de luchtreiniger.
Choke open? Sluit de choke.
Lastig om te starten, "brandstof
is beschikbaar, vonk is aanwezig
en compressie is laag".
Aanzuiging/uitlaatgasklep stuk of steekt uit? Plaats de kleppen opnieuw.
Zuigerring en/of cilinder versleten? Vervang de zuigerringen en/of zuiger.
Cilinderkop en/of bougie niet goed bevestigd?
Draai de cilinderkopbouten en bougie
vast.
Koppakking en/of bougiekoppakking beschadigd?
Vervang de koppakking en/of
bougiekoppakking.
Er zit geen brandstof in de
carburateur.
Geen brandstof in de brandstoftank (tank leeg)? Vul bij met de juiste brandstof.
Brandstoffilter verstopt? Vervang het brandstoffilter.
Ontluchtingsopening in de brandstofdop verstopt? Reinig of vervang de brandstofdop.
Lucht in brandstofleiding? Laat de brandstofleiding doorstromen.
SP 1 ZAAG-CE — GEBRUIKSHANDLEIDING — REV. #3 (06/09/08) — PAGINA 31
MQ STREET PRO 1 CE-ZAAG — PROBLEEMOPLOSSING (MOTOR)
TABEL 6. PROBLEEMOPLOSSING MOTOR (vervolg)
SYMPTOOM MOGELIJKE OORZAAK OPLOSSING
"Weinig vermogen" compressie
is in orde en loopt goed.
Luchtreiniger niet schoon? Vervang de luchtreiniger.
Onjuist brandstofpeil in carburateur?
Controleer de vlotterafstelling.
Monteer de carburateur opnieuw.
Defecte bougie? Reinig of vervang de bougie.
Onjuiste bougie-opening? Stel de juiste opening in.
"Weinig vermogen" compressie
is in orde maar loopt niet goed.
Water in brandstofsysteem?
Spoel het brandstofsysteem en vervang
de brandstof door de juiste brandstof.
Ontstekingsspoel defect? Vervang de ontstekingsspoel.
Vuile bougie? Reinig of vervang de bougie.
Motor raakt oververhit.
Verkeerde brandstof?
Spoel het brandstofsysteem en
vervang deze door de juiste brandstof.
Bougie warmtewaarde onjuist? Vervang door het juiste type bougie.
Koelribben vuil? Reinig de koelribben
Rotatiesnelheid schommelt.
Regelaar juist afgesteld? Pas de regelaar aan.
Veer van de regelaar defect of ontbreekt? Vervang de veer van de regelaar.
Brandstofstroom beperkt?
Controleer het gehele brandstofsysteem
op lekkage of verstoppingen.
Terugslagstarter functioneert
slecht.
Terugslagmechanisme verstopt door stof en vuil?
Maak deze terugslagassemblage
schoon met water en zeep.
Spiraalveer los? Vervang de spiraalveer.
gEBRUIKSHanDLEIDIng
Uw plaatselijke dealer is:
© COPYRIGHT 2012, MULTIQUIP INC.
Multiquip Inc, het MQ logo zijn geregistreerde handelsmerken van Multiquip Inc. en mogen niet worden gebruikt, verveelvoudigd of gewijzigd zonder schriftelijke
toestemming. Alle overige handelsmerken zijn eigendom van hun respectievelijke eigenaren en worden gebruikt met toestemming.
Deze handleiding MOET te allen tijde bij het apparaat worden bewaard. Deze handleiding wordt beschouwd als een permanent onderdeel van het apparaat en moet
worden verstrekt als het apparaat wordt doorverkocht.
De informatie en specificaties die in deze publicatie zijn opgenomen, waren ten tijde van goedkeuring voor afdrukken van kracht. Illustraties, omschrijvingen, referenties
en technische gegevens die in deze handleiding worden vermeld, zijn uitsluitend als richtlijn bestemd en mogen niet als bindend worden beschouwd. Multiquip Inc.
behoudt zich het recht voor om te allen tijde specificaties, het ontwerp of de gepubliceerde informatie te wijzigen of te verwijderen uit deze publicatie zonder kennisgeving
en zonder enige verplichtingen.
HOE KUNT U HULP KRIJGEN
ZORG DAT U HET MODEL EN SERIE-
NUMMER BIJ DE HAND HEBT ALS U CONTACT OPNEEMT
VERENIGDE STATEN
Multiquip Corporate Office MQ Parts Department
18910 Wilmington Ave.
Carson, CA 90746
Contact: mq@multiquip.com
Tel. (800) 421-1244
Fax (800) 537-3927
800-427-1244
310-537-3700
Fax: 800-672-7877
Fax: 310-637-3284
Service Department Warranty Department
800-421-1244
310-537-3700
Fax: 310-537-4259 800-421-1244
310-537-3700
Fax: 310-943-2249
Technische ondersteuning
800-478-1244 Fax: 310-943-2238
MExICO VERENIGD KONINKRIJK
MQ Cipsa Multiquip (UK) Limited Hoofdkantoor
Carr. Fed. Mexico-Puebla KM 126.5
Momoxpan, Cholula, Puebla 72760 Mexico
Tel: (52) 222-225-9900
Fax: (52) 222-285-0420
Unit 2, Northpoint Industrial Estate,
Global Lane,
Dukinfield, Cheshire SK16 4UJ
Contact: sales@multiquip.co.uk
Tel: 0161 339 2223
Fax: 0161 339 3226
CANADA
Multiquip
4110 Industriel Boul.
Laval, Quebec, Canada H7L 6V3
Contact: jmar[email protected]
Tel: (450) 625-2244
Tel: (877) 963-4411
Fax: (450) 625-8664
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32

MQ Multiquip SP1-CE-SERIES Handleiding

Type
Handleiding