Philips AC4072/11 Handleiding

Categorie
Luchtreinigers
Type
Handleiding

Deze handleiding is ook geschikt voor

NEDERLANDS52
Introductie
Gefeliciteerd met uw aankoop en welkom bij Philips! Registreer uw product
op www.philips.com/welcome om optimaal gebruik te kunnen maken van
de door Philips geboden ondersteuning.
Dankzij deze luchtreiniger met geavanceerde, zeer effectieve Duitse
ltratietechnologie ademt u in uw huis schonere lucht. Plaats de nieuwe
luchtreiniger voor optimale resultaten in de kamer waar de meeste tijd
wordt doorgebracht, bijvoorbeeld in uw slaapkamer, de woonkamer of de
kinderkamer.
Er zijn vele bronnen van luchtvervuiling. In een woning kunnen hoge
concentraties gecondenseerde formaldehyde en andere schadelijke gassen
voorkomen, afkomstig van meubilair, verf, rook enz. Deze schadelijke
stoffen zijn mogelijk onzichtbaar en reukloos, en kunnen van invloed zijn
op uw gezondheid. De Philips-luchtreiniger ltert deze schadelijke gassen
op een snelle en effectieve manier. Ook kunnen deze luchtreinigers
andere vervuilende stoffen die schadelijk kunnen zijn voor uw gezondheid,
bijvoorbeeld pollen, PM2,5 en bacteriën uit de lucht lteren. Uw nieuwe
luchtreiniger verbetert de luchtkwaliteit en zorgt ervoor dat u en uw gezin
thuis schonere lucht kunnen inademen.
Professionele en betrouwbare ltratie
De luchtreiniger beschikt over een alles-in-één, meerlaags lter waardoor u
verzekerd bent van de beste luchtkwaliteit in uw huis:
- Fase 1: het voorlter is behandeld met antibacteriële middelen. Dit
lter zorgt ervoor dat relatief grote deeltjes, zoals haren van mensen en
dieren, worden opgevangen.
- Fase 2: het meerlaags lter verwijdert effectief formaldehyde, luchtjes,
PM2,5, pollen, bacteriën en andere vluchtige organische stoffen (VOC’s).
Algemene beschrijving (afb. 1)
A Luchtkwaliteitindicator
B Ventilatorsnelheidindicator
C Uitlaat luchtkwaliteitsensor
D Luchtkwaliteitsensor
E Inlaat luchtkwaliteitsensor
F Handgreep
G Luchtuitlaat
H Luchtinlaat
I Snoeropbergvoorziening
J Netsnoer
K Bedieningspaneel
1 Lichtsensor voor nachtmodus
2 AIR QUALITY aan/uit-knop met lampje
3 Apparaat aan/uit-knop
4 SILENT-knop met lampje
5 Aan-knop met lampje
6 FAN SPEED-knop met lampje
7 AUTO-knop met lampje
8 Ventilatorsnelheidlampjes (1, 2, 3 en turbofunctie)/ltervervangingslampjes
9 Lampjes waarmee ventilatorsnelheid wordt aangegeven
10 Lampjes waarmee wordt aangegeven dat er een lter moet
worden vervangen
L Filter 2: Meerlaagse lter AC4147
M Filter 1: voorlter
N Voorpaneel
NEDERLANDS
53
Belangrijk
Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door voordat u het apparaat gaat
gebruiken. Bewaar de gebruiksaanwijzing om deze zo nodig later nogmaals
te kunnen raadplegen.
Gevaar
- Zorg ervoor dat er geen ontvlambare
schoonmaakmiddelen, water of andere vloeistoffen
in het apparaat komen. Zo voorkomt u elektrische
schokken en/of brandgevaar.
- Maak het apparaat niet schoon met (ontvlambare)
schoonmaakmiddelen, water of andere vloeistoffen.
Zo voorkomt u elektrische schokken en/of
brandgevaar.
Waarschuwing
- Controleer of het voltage aangegeven op de
onderkant van het apparaat overeenkomt met de
plaatselijke netspanning voordat u het apparaat
aansluit.
- Indien het netsnoer beschadigd is, moet u het
laten vervangen door Philips, een door Philips
geautoriseerd servicecentrum of personen met
vergelijkbare kwalicaties om gevaar te voorkomen.
- Gebruik het apparaat niet indien de stekker, het
netsnoer of het apparaat zelf beschadigd is.
- Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen
vanaf 8 jaar en door personen met verminderde
lichamelijke, zintuiglijke of geestelijke capaciteiten
of weinig ervaring en kennis, mits zij het apparaat
onder toezicht gebruiken of instructies hebben
gekregen aangaande het veilig gebruik van het
apparaat, en zij de gevaren van het gebruik
begrijpen. Kinderen mogen niet met het apparaat
spelen. Reiniging en onderhoud mogen niet zonder
toezicht door kinderen worden uitgevoerd.
- De luchtinlaat en -uitlaat mogen niet worden
geblokkeerd. Leg dus geen voorwerpen boven op
de luchtuitlaat of voor de luchtinlaat.
NEDERLANDS
54
Let op
- Dit apparaat is geen vervanging voor goede
ventilatie, regelmatig stofzuigen of het gebruik van
een afzuigkap of ventilator tijdens het koken.
- Als het stopcontact niet goed is gemonteerd,
wordt de stekker van het apparaat warm. Zorg
dat u de stekker van het apparaat in een correct
gemonteerd stopcontact steekt.
- Plaats en gebruik het apparaat altijd op een droge,
stabiele, vlakke en horizontale ondergrond.
- Laat minimaal 20 cm vrij achter en aan beide zijden
van het apparaat. Laat boven het apparaat minimaal
30 cm vrij.
- Plaats geen voorwerpen op het apparaat en ga er
niet op zitten.
- Plaats het apparaat niet direct onder een airco.
Zo voorkomt u dat er condensdruppels op het
apparaat terechtkomen .
- Zorg dat alle lters correct zijn geplaatst voordat u
het apparaat inschakelt.
- Gebruik alleen oorspronkelijke, speciaal voor dit
apparaat bestemde lters van Philips. Gebruik geen
andere lters.
- Stoot niet met harde voorwerpen tegen het
apparaat (dit geldt in het bijzonder voor de
luchtinlaat en -uitlaat) .
- Gebruik alleen het handvat achter op het apparaat
om het op te tillen of te verplaatsen .
- Steek niet uw vingers of andere voorwerpen in de
luchtuitlaat.
- Gebruik dit apparaat niet als u insectenwerende
middelen hebt gebruikt die rook verspreiden of
in ruimten waar zich olieresten bevinden, waar
wierook wordt gebrand of waar chemische
dampen hangen.
- Gebruik het apparaat niet in de buurt
van apparaten die op gas werken,
verwarmingsapparaten of open haarden.
NEDERLANDS
55
- Haal altijd de stekker uit het stopcontact als u het
apparaat niet meer gebruikt en voordat u het gaat
schoonmaken.
- Gebruik het apparaat niet in een ruimte waar zich
grote temperatuurverschillen voordoen, omdat
hierdoor condens in het apparaat kan ontstaan.
- Het apparaat is uitsluitend bedoeld
voor huishoudelijk gebruik bij normale
gebruiksomstandigheden.
- Gebruik het apparaat niet in vochtige ruimten of
in ruimten met een hoge temperatuur, zoals een
badkamer, toilet of keuken.
- Koolmonoxide (CO) en radon (Rn) worden niet
door dit apparaat verwijderd. Het apparaat kan niet
als beveiliging worden gebruikt bij ongevallen met
verbrandingsprocessen of gevaarlijke chemicaliën.
Elektromagnetische velden (EMV)
Dit Philips-apparaat voldoet aan alle toepasbare richtlijnen en voorschriften
met betrekking tot blootstelling aan elektromagnetische velden.
Voor het eerste gebruik
De lters plaatsen
Verwijder de verpakking van de lters voordat u het apparaat gaat
gebruiken. Verwijder de verpakking van de lters en plaats de lters in het
apparaat zoals hierna beschreven.
Tip: zet het apparaat bij het plaatsen of verwijderen van lters tegen een
muur, zodat het stabieler staat.
Opmerking: zorg dat de lters in de juiste positie worden geplaatst.
1 Haaldenieuweltersuitdeverpakking.
NEDERLANDS
56
2 Plaats uw vingers in de uitsparingen in de zijpanelen en trek het
bovenstegedeeltevanhetvoorpaneelvoorzichtignaarutoe.Haal
vervolgens de haakjes onderaan het paneel uit het onderste gedeelte
vanhetapparaat.
3 Omhetvoorlterteverwijderen,paktudetweeuitsteekselsvasten
trekthetlternaarutoe.
4 Plaatslter2(meerlaagselter)inhetapparaat.
Opmerking: zorg dat de zijde met het label naar u toe gekeerd is.
5 Plaatslter1(voorlter)inhetapparaat.
Opmerking: zorg dat de zijde met de twee uitsteeksels naar u toe gekeerd is.
Opmerking: controleer of alle haakjes goed aan het apparaat zijn bevestigd.
6 Breng het voorpaneel weer aan door eerst de onderste haakjes
inhetonderstegedeeltevanhetapparaat(1)tehaken.Druk
vervolgenshetpaneeltegenhetapparaat(2)aan.
1
2
NEDERLANDS
57
Het apparaat gebruiken
1 Steekdestekkerinhetstopcontact.
Allelampjesgaantweekeerbrandenenuhoorteenpieptoon.Dan
gaandelampjesweeruit.
2 Drukopdeaan/uit-knopomhetapparaatinteschakelen.
Hetaan-lampje,hetAUTO-lampjeenhetluchtkwaliteitlampjeophet
bedieningspaneelgaanaan.
Deluchtkwaliteitindicatorgeeftdeluchtkwaliteitaan.
Luchtkwaliteitniveau
Kleur Luchtkwaliteit
Blauw Uitmuntend
Dieppaars Goed
Paars Gemiddeld
Rood Slecht
Druk op de AIR QUALITY-knop om de luchtkwaliteitindicator uit te
schakelen.
Opmerking: de luchtkwaliteit indicator gaat automatisch aan zodra het
apparaat wordt ingeschakeld.
HetapparaatstartautomatischindeAUTO-modus.
Als u het apparaat wilt uitschakelen, drukt u nogmaals op de aan/uit-knop
en haalt u de stekker van het apparaat uit het stopcontact.
Opmerking: als de lucht in de ruimte heel vochtig is, bestaat er kans op
condensvorming op de luchtkwaliteitsensor. Als gevolg hiervan kunnen het
AIR QUALITY-lampje op het bedieningspaneel en de luchtkwaliteitindicator
NEDERLANDS
58
aangeven dat de luchtkwaliteit niet goed is, terwijl dit wel zo is. In dit geval
werkt de ventilator van het apparaat in de automatische modus op zeer
hoge snelheid. Dit kan worden opgelost door de luchtkwaliteitsensor schoon
te maken. Als er vaak sprake is van condensvorming tijdens perioden
van hoge luchtvochtigheid, wordt aanbevolen een van de handmatige
snelheidsinstellingen te gebruiken.
Ventilatorsnelheidlampjes/ ltervervangingslampjes
- De lampjes rechts op het bedieningspaneel hebben een dubbele
functie: ze geven de ventilatorsnelheid aan of dat een lter moet
worden vervangen of gereinigd.
- Als lampjes 1 en 2 continu branden, geven deze de huidige
ventilatorsnelheid aan.
- Als lampje 1 knippert, moet het voorlter worden gereinigd. Als lampje
2 knippert, moet het meerlaagse lter worden vervangen.
- Als lampje 2 en het REPLACE FILTER-lampje continu knipperen,
moet het meerlaagse lter worden vervangen en wordt het apparaat
vergrendeld (zie het hoofdstuk 'Vergrendeling voor ltervervanging'
voor meer informatie).
De gevoeligheid van de luchtkwaliteitsensor aanpassen
Mensen met bepaalde gezondheidsproblemen (denk aan allergische
reacties en astma) hebben extra behoefte aan gezonde lucht. Daarom
kan de gevoeligheid van de luchtkwaliteitsensor van het apparaat worden
aangepast. Als u de sensor instelt op een hoger gevoeligheidsniveau,
start het apparaat eerder met het reinigen van de lucht (bij een lagere
vervuilingsgraad).
Er zijn 3 gevoeligheidsniveaus:
- Extra gevoelig (Standaardinstelling)
- Gevoelig
- Standaard
De gevoeligheid van de luchtkwaliteitsensor kan op de volgende manier
worden aangepast:
1 Alshetapparaatalophetstopcontactisaangesloten,haaltude
stekkeruithetstopcontactenwachtueenaantalminuten.
2 DrukopdeAIRQUALITY-knopensteekgelijktijdigdestekkerin
hetstopcontact.
Hetapparaatpiepttweemaaleneenvandeventilatorsnelheidlampjes
knippert om het huidige gevoeligheidsniveau van de
luchtkwaliteitsensoraantegeven.
Gevoeligheidsniveau:
Ventilatorsnelheidlampje Gevoeligheidsniveau
Extra gevoelig
Gevoelig
Standaard
NEDERLANDS
59
3 Druk op de FAN SPEED-knop om het gevoeligheidsniveau van de
luchtkwaliteitsensoraantepassen.
Een van de ventilatorsnelheidlampjes knippert om het ingestelde
gevoeligheidsniveauvandeluchtkwaliteitsensorweertegeven.
4 Drukopdeaan/uit-knopomhetapparaatuitteschakelen.
Opmerking: na het wijzigen van het gevoeligheidsniveau begint het
apparaat zodra het wordt ingeschakeld, automatisch op het ingestelde
gevoeligheidsniveau te werken.
Automatische modus
Wanneer het apparaat wordt ingeschakeld, wordt de
omgevingsluchtkwaliteit automatisch door de ingebouwde
luchtkwaliteitsensor gemeten. Wanneer de automatische modus is
geactiveerd, selecteert het apparaat de meest geschikte ventilatorsnelheid
voor de gemeten luchtkwaliteit.
1 Drukopdeaan/uit-knopomhetapparaatinteschakelen.
2 DrukopdeAUTO-knopomdeautomatischemodusteactiveren.
Opmerking: wanneer het apparaat in een andere modus werkt en u de
automatische modus wilt activeren, hoeft u alleen op de AUTO-knop te drukken.
HetAUTO-lampjegaatbranden.
Hetventilatorsnelheidlampjegeeftaanopwelkesnelheidde
ventilatorvanhetapparaatwerkt.
Opmerking: wanneer de luchtkwaliteit uitmuntend is en de ventilator van het
apparaat op zeer lage snelheid werkt, gaat het ventilatorsnelheidlampje voor
de laagste snelheid niet aan. In dit geval branden alleen het aan-lampje en het
AUTO-lampje.
Opmerking: de ingebouwde luchtkwaliteitsensor meet de luchtkwaliteit en
selecteert automatisch de juiste snelheidinstelling om voor een optimale
luchtkwaliteit in de kamer te zorgen. Als de lucht schoon is, stopt het apparaat.
Wanneer de luchtkwaliteit slechter wordt, start het apparaat met een lage
ventilatorsnelheid en laag geluidsniveau, zodat zo min mogelijk energie wordt
verbruikt.
NEDERLANDS
60
Nachtmodus
Het apparaat past zich aan de omgeving aan. In de automatische
modus schakelt het apparaat automatisch naar nachtmodus zodra het
donker wordt in de ruimte waar het apparaat staat opgesteld. Na 3
minuten duisternis gaan de lampjes van het apparaat uit, nemen de snelheid
van de ventilator en het geluidsniveau af en wordt het energieverbruik tot
een minimum beperkt. Als het gedurende 5 minuten of langer weer licht is
in de kamer, hervat het apparaat de normale werking.
In de nachtmodus is de automatische modus nog steeds actief. Als de
lucht schoon is, zijn de lampjes en de ventilator uit. Als de luchtkwaliteit
verslechtert, wordt het apparaat geactiveerd en gaan de lampjes en de
ventilator weer aan.
Opmerking: de nachtmodus werkt alleen wanneer het apparaat in de
automatische modus staat.
Ventilator snelheid
Als u geen gebruik maakt van de automatische modus, kunt u de gewenste
ventilatorsnelheid zelf selecteren.
1 Drukopdeaan/uit-knopomhetapparaatinteschakelen.
2 DrukeenofmeerderekerenopdeFANSPEED-knopomde
gewensteventilatorsnelheidteselecteren.
Hetbijbehorendeventilatorsnelheidlampjeendeindicatiesbovende
lampjesgevendeingesteldeventilatorsnelheidaan( , , of ).
Hetbijbehorendeventilatorsnelheidlampjeinde
ventilatorsnelheidindicatorgaataan.
Opmerking: als de lucht in de ruimte sterk verontreinigd is, kunt u de
turbofunctie ( ) selecteren voor een extra krachtige luchtstroom. Lampjes
tot gaan aan.
NEDERLANDS
61
Stille modus
Wanneer u het apparaat in de stille modus gebruikt, werkt het vrijwel
geruisloos.
1 Drukopdeaan/uit-knopomhetapparaatinteschakelen.
2 DrukopdeSILENT-knopomdestillemodusteactiveren.
HetlampjeSILENTgaatbranden.
Als u terug wilt keren naar de ventilatorsnelheidmodus of de automatische
modus, hoeft u alleen op de knop FAN SPEED of AUTO te drukken.
Schoonmaken
Haalaltijddestekkeruithetstopcontactvoordatuhetapparaat
schoonmaakt.
Dompelhetapparaatnooitinwaterofeenanderevloeistof.
Reiniggeenenkelonderdeelvanhetapparaatooitmetschurende,
agressieveofontvlambareschoonmaakmiddelen,zoalsbleekwaterof
alcohol.
Alleenhetvoorltermagwordenafgewassen.
Behuizing van het apparaat
Maak de binnen- en buitenkant van de behuizing regelmatig schoon om te
voorkomen dat het apparaat stofg wordt.
1 Stofhetapparaatafmeteendroge,zachtedoek.
2 Gebruikookeendroge,zachtedoekomdeluchtinlaaten
-uitlaatschoontemaken.
Voorlter
Het voorlter kan worden afgewassen en met de stofzuiger worden
gereinigd.
- Reinig het voorlter zodra het eerste ltervervangingslampje begint te
knipperen, om het apparaat optimaal te laten functioneren.
1 Plaats uw vingers in de uitsparingen in de zijpanelen en trek het
bovenstegedeeltevanhetvoorpaneelvoorzichtignaarutoe.Haal
vervolgens de haakjes onderaan het paneel uit het onderste gedeelte
vanhetapparaat.
NEDERLANDS
62
2 Omhetvoorlterteverwijderen,paktudetweeuitsteekselsvasten
trekthetlternaarutoe.
3 Ukunthetstofvanhetvoorlterverwijderenmetdestofzuiger.
Tip: u kunt het voorlter ook onder een lopende kraan reinigen. Als het
voorlter heel vuil is, kunt u een zachte borstel gebruiken om het stof weg te
borstelen. Zorg er in dit geval voor dat het voorlter helemaal droog is voordat
u het in de luchtreiniger terugplaatst. Zolang het voorlter nog vochtig is,
blijven de bacteriën in het lter zich vermenigvuldigen, waardoor het eerder zal
moeten worden vervangen.
4 Plaatshetvoorlterteruginhetapparaat.Bevestigallehaakjesgoed
aanhetapparaat.
Opmerking: zorg dat de zijde met de twee uitsteeksels naar u toe gekeerd is.
5 Breng het voorpaneel weer aan door eerst de onderste haakjes in
hetonderstegedeeltevanhetapparaat(1)tehaken.Drukvervolgens
hetpaneeltegenhetapparaat(2)aan.
Luchtkwaliteitssensor
Reinig de luchtkwaliteitsensor om de 2 maanden om deze optimaal te laten
functioneren. Reinig deze vaker als u het apparaat in een stofge omgeving
gebruikt.
Opmerking: als de lucht in de ruimte heel vochtig is, bestaat er kans op
condensvorming op de luchtkwaliteitsensor. Hierdoor kunnen het AIR QUALITY-
lampje op het bedieningspaneel en de luchtkwaliteitindicator aangeven
dat de luchtkwaliteit slecht is, ook al is dit niet zo. In dit geval dient u de
luchtkwaliteitsensor te reinigen of kunt u gebruikmaken van een van de
handmatige snelheidsinstellingen.
1 Reinig de inlaat en de uitlaat van de luchtkwaliteitsensor met een
zachteborstel.
1
2
NEDERLANDS
63
2 Verwijderhetklepjevandeluchtkwaliteitsensor.
3 Reinigdeluchtkwaliteitsensor,destonlaatendestofuitlaatmeteen
lichtbevochtigdwattenstaafje.
4 Maakdezedroogmeteendroogwattenstaafje.
5 Plaatshetklepjevandeluchtkwaliteitsensorterug.
Filters vervangen
Filteronderhoud
Dit apparaat is voorzien van een vergrendeling die ervoor zorgt dat
de lters optimaal functioneren wanneer het apparaat in bedrijf is.
Wanneer een van de lters bijna vol is en moet worden schoongemaakt
of vervangen, begint het overeenkomstige ltervervangingslampje te
knipperen. Als u het meerlaagse lter niet vervangt, stopt het apparaat en
wordt het vergrendeld.
Wanneer het apparaat is vergrendeld, blijft het ltervervangingslampje van
het betreffende lter continu branden.
Opmerking: vervang een lter alleen wanneer het
ltervervangingslampje knippert. Als u het lter vervangt voordat het
ltervervangingslampje gaat branden, wordt de teller niet gereset, maar blijft
deze de levensduur van het voorgaande lter bijhouden. Als gevolg hiervan zal
het ltervervangingslampje te snel weer gaan branden.
Filtervervangingslampjes
De ltervervangingslampjes geven aan welk lter moet worden gereinigd
of vervangen.
- Filtervervangingslampje 1 knippert: lter 1 (voorlter) moet worden
gereinigd. Zie het hoofdstuk ‘Schoonmaken’ voor verdere instructies.
NEDERLANDS
64
- Filtervervangingslampje 2 knippert: het meerlaagse lter moet worden
vervangen.
HealthyAir Protect Lock
Als u het lter niet op tijd vervangt, stopt het apparaat ongeveer 2 weken
nadat het ltervervangingslampje begon te knipperen. Als het apparaat
vergrendeld is, werkt het niet meer tot u het nieuwe lter hebt geplaatst
en u op de resetknop hebt gedrukt.
Opmerking: wanneer ltervervangingslampjes 2 en REPLACE FILTER op
het bedieningspaneel continu branden, is het apparaat vergrendeld (zie het
onderdeel ‘Filteronderhoud’ in dit hoofdstuk voor meer informatie).
Hoelang het duurt voordat het apparaat wordt vergrendeld, is afhankelijk
van het geselecteerde snelheidsniveau en de tijd dat het apparaat in bedrijf
is na het waarschuwingssignaal voor het vervangen van het lter.
Ongeveer 1 dag voordat het apparaat wordt vergrendeld, piept het
apparaat om de 30 minuten om u te laten weten dat een van de lters
moet worden vervangen.
Wanneer het apparaat vergrendeld is, hoort u een pieptoon bij het
indrukken van een knop. U kunt het apparaat uitschakelen door opnieuw
op de aan/uit-knop te drukken.
Als het apparaat vergrendeld is, handelt u als volgt:
1 Controleerwelkltermoetwordenvervangen(ziehetonderdeel
‘Filtervervangingslampjes’).
2 Schakelhetapparaatuitenhaaldestekkeruithetstopcontact.
3 Vervanghetbetreffendelter(ziehetonderdeel‘Delters
vervangen’).
De lters vervangen
Tip: zet het apparaat bij het plaatsen of verwijderen van lters tegen een
muur, zodat het stabieler staat.
1 Schakelhetapparaatuitenhaaldestekkeruithetstopcontact.
2 Plaats uw vingers in de uitsparingen in de zijpanelen en trek het
bovenstegedeeltevanhetvoorpaneelvoorzichtignaarutoe.Haal
vervolgens de haakjes onderaan het paneel uit het onderste gedeelte
vanhetapparaat.
3 Omlter1(voorlter)teverwijderen,paktudetweeuitsteeksels
vastentrektuhetlternaarutoe.
NEDERLANDS
65
4 Omlter2(meerlaagselter)teverwijderen,paktuhetlabelvan
hetltervastentrektuhetnaarutoe.
5 Gooihetlterdatmoetwordenvervangenwegenhaalhetnieuwe
lteruitdeverpakking.
Opmerking: Raak het geplooide oppervlak van het lter niet aan en ruik niet
aan het lter. Het lter bevat vervuilende stoffen uit de lucht.
Opmerking: Was uw handen nadat u de gebruikte lters hebt weggegooid.
6 Plaatslter2(meerlaagselter)teruginhetapparaat.
Opmerking: zorg dat de zijde met het label naar u toe gekeerd is.
7 Plaatslter1(voorlter)teruginhetapparaat.
Opmerking: zorg dat de zijde met de twee uitsteeksels naar u toe gekeerd is.
Opmerking: controleer of alle haakjes goed aan het apparaat zijn bevestigd.
8 Breng het voorpaneel weer aan door eerst de onderste haakjes
inhetonderstegedeeltevanhetapparaat(1)tehaken.Druk
vervolgenshetpaneeltegenhetapparaat(2)aan.
9 Steekdestekkerinhetstopcontactenzethetapparaatweeraan.
10 Drukmeteenplatgereedschapopdelterresetknop.
Opmerking: u hoeft niet op de lterresetknop te drukken na het reinigen van
lter 1 (voorlter).
Opmerking: u kunt het apparaat niet resetten wanneer u een lter hebt
vervangen voordat het bijbehorende lampje begon te knipperen.
Opmerking: u kunt het apparaat alleen resetten als de stekker van het
apparaat in het stopcontact zit en het apparaat is ingeschakeld.
1
2
NEDERLANDS
66
Opbergen
U kunt het snoer opbergen door het rond de haspel aan de onderzijde van
het apparaat te winden.
Accessoires
Nieuwe lters zijn verkrijgbaar met de volgende typenummers:
Filter Typenummer
Filter 2: Meerlaagse lter AC4147
Milieu
- Dit symbool betekent dat dit product niet bij het gewone
huishoudelijke afval mag worden weggegooid (2012/19/EU).
Volg de geldende regels in uw land voor de gescheiden inzameling
van elektrische en elektronische producten. Als u correct verwijdert,
voorkomt u negatieve gevolgen voor het milieu en de volksgezondheid.
-
Garantie en service
Als u informatie nodig hebt of als u een probleem hebt, ga dan naar de
Philips-website (www.philips.com) of neem contact op met het Philips
Customer Care Centre in uw land (u vindt het telefoonnummer in het
'worldwide guarantee'-vouwblad). Als er geen Consumer Care Centre in
uw land is, ga dan naar uw Philips-dealer.Problemen oplossen
In dit hoofdstuk komen in het kort de problemen aan bod die u kunt
tegenkomen bij gebruik van het apparaat. Als u er niet in slaagt het
probleem op te lossen met behulp van de onderstaande informatie, kunt u
contact opnemen met het Consumer Care Centre in uw land.
Probleem Mogelijke oplossing
Knoppen reageren niet. Vervang het meerlaagse lter wanneer het ltervervangingslampje
begint te knipperen en het apparaat na ongeveer 2 weken om de
30 minuten een geluidssignaal heeft laten horen. Vervang het lter en
reset het apparaat (zie het hoofdstuk ‘Filters vervangen’), zodat het
apparaat weer kan functioneren.
Er komt geen lucht uit de
luchtuitlaat.
Het apparaat is niet ingeschakeld. Steek de stekker van het
apparaat in het stopcontact en schakel het apparaat in.
De luchtkwaliteit is goed en de automatische modus is geactiveerd.
In dit geval gaat het apparaat automatisch uit wanneer de lucht
schoon is, om energie te besparen.
NEDERLANDS
67
Probleem Mogelijke oplossing
De ventilatorsnelheid verandert
niet wanneer de AUTO-modus
is ingesteld.
Wanneer het apparaat in automatische modus staat en het wordt
donker in de ruimte waar het staat opgesteld, wordt automatisch de
nachtmodus geactiveerd. In dat geval wordt de ventilatorsnelheid heel
laag ingesteld. Als u de snelheid van de ventilator wilt wijzigen, drukt
u een of meerdere keren op de FAN SPEED-knop om de gewenste
ventilatorsnelheid in te stellen.
De luchtstroom afkomstig uit de
luchtuitlaat is aanzienlijk zwakker
dan voorheen.
Het voorlter is vuil. Reinig het voorlter (zie het
hoofdstuk ‘Schoonmaken’).
Niet al het verpakkingsmateriaal is van de lters verwijderd. Zorg
dat al het verpakkingsmateriaal wordt verwijderd.
De luchtkwaliteit wordt niet
beter, ook niet als het apparaat
al gedurende een langere tijd is
ingeschakeld.
Een van de lters is niet in het apparaat geplaatst. Zorg dat alle
lters correct zijn geplaatst in de volgende volgorde, te beginnen
met het binnenste lter: 1) meerlaagse lter, 2) voorlter.
De luchtkwaliteitsensor is vochtig. De vochtigheidsgraad
in de ruimte is hoog en veroorzaakt condens. Zorg dat de
luchtkwaliteitsensor schoon en droog is (zie het hoofdstuk
‘Schoonmaken’).
De kleur van
de luchtkwaliteitindicator en het
luchtkwaliteitlampje verandert
niet.
De luchtkwaliteitsensor is verontreinigd. Reinig de
luchtkwaliteitsensor (zie het hoofdstuk ‘Schoonmaken’).
De ruimte wordt onvoldoende geventileerd. Open een raam om
de luchtcirculatie te verbeteren.
Ik heb schonere lucht nodig
omdat ik een allergie heb.
De gevoeligheid van de luchtkwaliteitsensor kan worden aangepast
(zie het hoofdstuk ‘Het apparaat gebruiken’) om het apparaat de
lucht nog beter te laten zuiveren.
Het apparaat maakt teveel
geluid.
Controleer of u al het verpakkingsmateriaal van de lters hebt
verwijderd.
Als het apparaat nog steeds te luid is, kunt u de snelheid van de
ventilator lager zetten.
Het apparaat blijft aangeven dat
er een lter moet vervangen,
maar dat heb ik al gedaan.
Misschien hebt u niet goed op de knop voor het resetten van het
lter gedrukt. Steek de stekker van het apparaat in het stopcontact,
druk op de aan/uit-knop en druk met een plat gereedschap op de
knop waarmee het lter kan worden gereset.
Het apparaat stopt, ook al blijft
het aan-lampje branden.
De ingebouwde luchtkwaliteitsensor heeft bepaald dat de
luchtkwaliteit goed is en dat de lucht niet meer hoeft te worden
gereinigd. Wanneer de luchtkwaliteit slechter wordt, begint het
apparaat te werken met een lage ventilatorsnelheid en laag
geluidsniveau, zodat zo min mogelijk energie wordt verbruikt.
NEDERLANDS
68
Probleem Mogelijke oplossing
Het apparaat werkt niet.
Ventilatorsnelheidlampjes 1 en
2 knipperen, alle andere lampjes
zijn uit.
Een onderdeel is defect. Neem contact op met het Consumer Care
Centre in uw land (u vindt het telefoonnummer in het ''worldwide
guarantee'-vouwblad). Als er geen Consumer Care Centre in uw land
is, ga dan naar uw Philips-dealer.
Het apparaat werkt niet. De
luchtkwaliteitindicator knippert
blauw, alle andere lampjes zijn
uit.
Dit betekent dat er zich een storing voordoet in de
luchtdeeltjessensor, al dan niet in combinatie met een storing in de
gassensor. Neem contact op met het Consumer Care Centre in uw
land (u vindt het telefoonnummer in het 'worldwide guarantee'-
vouwblad). Als er geen Consumer Care Centre in uw land is, ga dan
naar uw Philips-dealer.
De luchtkwaliteitindicator blijft
paars knipperen.
Dit betekent dat er zich een storing voordoet in de gassensor.
Schakel het apparaat uit en haal de stekker uit het stopcontact. Breng
het apparaat naar uw Philips-dealer of een door Philips geautoriseerd
servicecentrum.
68 NEDERLANDS68
4241 210 76133
© 2016 Koninklijke Philips N.V.
All rights reserved

Documenttranscriptie

52 NEDERLANDS Introductie Gefeliciteerd met uw aankoop en welkom bij Philips! Registreer uw product op www.philips.com/welcome om optimaal gebruik te kunnen maken van de door Philips geboden ondersteuning. Dankzij deze luchtreiniger met geavanceerde, zeer effectieve Duitse filtratietechnologie ademt u in uw huis schonere lucht. Plaats de nieuwe luchtreiniger voor optimale resultaten in de kamer waar de meeste tijd wordt doorgebracht, bijvoorbeeld in uw slaapkamer, de woonkamer of de kinderkamer. Er zijn vele bronnen van luchtvervuiling. In een woning kunnen hoge concentraties gecondenseerde formaldehyde en andere schadelijke gassen voorkomen, afkomstig van meubilair, verf, rook enz. Deze schadelijke stoffen zijn mogelijk onzichtbaar en reukloos, en kunnen van invloed zijn op uw gezondheid. De Philips-luchtreiniger filtert deze schadelijke gassen op een snelle en effectieve manier. Ook kunnen deze luchtreinigers andere vervuilende stoffen die schadelijk kunnen zijn voor uw gezondheid, bijvoorbeeld pollen, PM2,5 en bacteriën uit de lucht filteren. Uw nieuwe luchtreiniger verbetert de luchtkwaliteit en zorgt ervoor dat u en uw gezin thuis schonere lucht kunnen inademen. Professionele en betrouwbare filtratie De luchtreiniger beschikt over een alles-in-één, meerlaags filter waardoor u verzekerd bent van de beste luchtkwaliteit in uw huis: -- Fase 1: het voorfilter is behandeld met antibacteriële middelen. Dit filter zorgt ervoor dat relatief grote deeltjes, zoals haren van mensen en dieren, worden opgevangen. -- Fase 2: het meerlaags filter verwijdert effectief formaldehyde, luchtjes, PM2,5, pollen, bacteriën en andere vluchtige organische stoffen (VOC’s). Algemene beschrijving (afb. 1) A Luchtkwaliteitindicator B Ventilatorsnelheidindicator C Uitlaat luchtkwaliteitsensor D Luchtkwaliteitsensor E Inlaat luchtkwaliteitsensor F Handgreep G Luchtuitlaat H Luchtinlaat I Snoeropbergvoorziening J Netsnoer K Bedieningspaneel 1 Lichtsensor voor nachtmodus 2 AIR QUALITY aan/uit-knop met lampje 3 Apparaat aan/uit-knop 4 SILENT-knop met lampje 5 Aan-knop met lampje 6 FAN SPEED-knop met lampje 7 AUTO-knop met lampje 8 Ventilatorsnelheidlampjes (1, 2, 3 en turbofunctie)/filtervervangingslampjes 9 Lampjes waarmee ventilatorsnelheid wordt aangegeven 10 Lampjes waarmee wordt aangegeven dat er een filter moet worden vervangen L Filter 2: Meerlaagse filter AC4147 M Filter 1: voorfilter N Voorpaneel NEDERLANDS 53 Belangrijk Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door voordat u het apparaat gaat gebruiken. Bewaar de gebruiksaanwijzing om deze zo nodig later nogmaals te kunnen raadplegen. Gevaar -- Zorg ervoor dat er geen ontvlambare schoonmaakmiddelen, water of andere vloeistoffen in het apparaat komen. Zo voorkomt u elektrische schokken en/of brandgevaar. -- Maak het apparaat niet schoon met (ontvlambare) schoonmaakmiddelen, water of andere vloeistoffen. Zo voorkomt u elektrische schokken en/of brandgevaar. Waarschuwing -- Controleer of het voltage aangegeven op de onderkant van het apparaat overeenkomt met de plaatselijke netspanning voordat u het apparaat aansluit. -- Indien het netsnoer beschadigd is, moet u het laten vervangen door Philips, een door Philips geautoriseerd servicecentrum of personen met vergelijkbare kwalificaties om gevaar te voorkomen. -- Gebruik het apparaat niet indien de stekker, het netsnoer of het apparaat zelf beschadigd is. -- Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met verminderde lichamelijke, zintuiglijke of geestelijke capaciteiten of weinig ervaring en kennis, mits zij het apparaat onder toezicht gebruiken of instructies hebben gekregen aangaande het veilig gebruik van het apparaat, en zij de gevaren van het gebruik begrijpen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Reiniging en onderhoud mogen niet zonder toezicht door kinderen worden uitgevoerd. -- De luchtinlaat en -uitlaat mogen niet worden geblokkeerd. Leg dus geen voorwerpen boven op de luchtuitlaat of voor de luchtinlaat. 54 NEDERLANDS Let op -- Dit apparaat is geen vervanging voor goede ventilatie, regelmatig stofzuigen of het gebruik van een afzuigkap of ventilator tijdens het koken. -- Als het stopcontact niet goed is gemonteerd, wordt de stekker van het apparaat warm. Zorg dat u de stekker van het apparaat in een correct gemonteerd stopcontact steekt. -- Plaats en gebruik het apparaat altijd op een droge, stabiele, vlakke en horizontale ondergrond. -- Laat minimaal 20 cm vrij achter en aan beide zijden van het apparaat. Laat boven het apparaat minimaal 30 cm vrij. -- Plaats geen voorwerpen op het apparaat en ga er niet op zitten. -- Plaats het apparaat niet direct onder een airco. Zo voorkomt u dat er condensdruppels op het apparaat terechtkomen . -- Zorg dat alle filters correct zijn geplaatst voordat u het apparaat inschakelt. -- Gebruik alleen oorspronkelijke, speciaal voor dit apparaat bestemde filters van Philips. Gebruik geen andere filters. -- Stoot niet met harde voorwerpen tegen het apparaat (dit geldt in het bijzonder voor de luchtinlaat en -uitlaat) . -- Gebruik alleen het handvat achter op het apparaat om het op te tillen of te verplaatsen . -- Steek niet uw vingers of andere voorwerpen in de luchtuitlaat. -- Gebruik dit apparaat niet als u insectenwerende middelen hebt gebruikt die rook verspreiden of in ruimten waar zich olieresten bevinden, waar wierook wordt gebrand of waar chemische dampen hangen. -- Gebruik het apparaat niet in de buurt van apparaten die op gas werken, verwarmingsapparaten of open haarden. NEDERLANDS 55 -- Haal altijd de stekker uit het stopcontact als u het apparaat niet meer gebruikt en voordat u het gaat schoonmaken. -- Gebruik het apparaat niet in een ruimte waar zich grote temperatuurverschillen voordoen, omdat hierdoor condens in het apparaat kan ontstaan. -- Het apparaat is uitsluitend bedoeld voor huishoudelijk gebruik bij normale gebruiksomstandigheden. -- Gebruik het apparaat niet in vochtige ruimten of in ruimten met een hoge temperatuur, zoals een badkamer, toilet of keuken. -- Koolmonoxide (CO) en radon (Rn) worden niet door dit apparaat verwijderd. Het apparaat kan niet als beveiliging worden gebruikt bij ongevallen met verbrandingsprocessen of gevaarlijke chemicaliën. Elektromagnetische velden (EMV) Dit Philips-apparaat voldoet aan alle toepasbare richtlijnen en voorschriften met betrekking tot blootstelling aan elektromagnetische velden. Voor het eerste gebruik De filters plaatsen Verwijder de verpakking van de filters voordat u het apparaat gaat gebruiken. Verwijder de verpakking van de filters en plaats de filters in het apparaat zoals hierna beschreven. Tip: zet het apparaat bij het plaatsen of verwijderen van filters tegen een muur, zodat het stabieler staat. Opmerking: zorg dat de filters in de juiste positie worden geplaatst. 1 Haal de nieuwe filters uit de verpakking. 56 NEDERLANDS 2 Plaats uw vingers in de uitsparingen in de zijpanelen en trek het bovenste gedeelte van het voorpaneel voorzichtig naar u toe. Haal vervolgens de haakjes onderaan het paneel uit het onderste gedeelte van het apparaat. 3 Om het voorfilter te verwijderen, pakt u de twee uitsteeksels vast en trekt het filter naar u toe. 4 Plaats filter 2 (meerlaagse filter) in het apparaat. Opmerking: zorg dat de zijde met het label naar u toe gekeerd is. 5 Plaats filter 1 (voorfilter) in het apparaat. Opmerking: zorg dat de zijde met de twee uitsteeksels naar u toe gekeerd is. Opmerking: controleer of alle haakjes goed aan het apparaat zijn bevestigd. 2 1 6 Breng het voorpaneel weer aan door eerst de onderste haakjes in het onderste gedeelte van het apparaat (1) te haken. Druk vervolgens het paneel tegen het apparaat (2) aan. NEDERLANDS 57 Het apparaat gebruiken 1 Steek de stekker in het stopcontact.  Alle lampjes gaan twee keer branden en u hoort een pieptoon. Dan gaan de lampjes weer uit. 2 Druk op de aan/uit-knop om het apparaat in te schakelen.  Het aan-lampje, het AUTO-lampje en het luchtkwaliteitlampje op het bedieningspaneel gaan aan.  De luchtkwaliteitindicator geeft de luchtkwaliteit aan. Luchtkwaliteitniveau Kleur Luchtkwaliteit Blauw Uitmuntend Dieppaars Goed Paars Gemiddeld Rood Slecht Druk op de AIR QUALITY-knop om de luchtkwaliteitindicator uit te schakelen. Opmerking: de luchtkwaliteit indicator gaat automatisch aan zodra het apparaat wordt ingeschakeld.  Het apparaat start automatisch in de AUTO-modus. Als u het apparaat wilt uitschakelen, drukt u nogmaals op de aan/uit-knop en haalt u de stekker van het apparaat uit het stopcontact. Opmerking: als de lucht in de ruimte heel vochtig is, bestaat er kans op condensvorming op de luchtkwaliteitsensor. Als gevolg hiervan kunnen het AIR QUALITY-lampje op het bedieningspaneel en de luchtkwaliteitindicator 58 NEDERLANDS aangeven dat de luchtkwaliteit niet goed is, terwijl dit wel zo is. In dit geval werkt de ventilator van het apparaat in de automatische modus op zeer hoge snelheid. Dit kan worden opgelost door de luchtkwaliteitsensor schoon te maken. Als er vaak sprake is van condensvorming tijdens perioden van hoge luchtvochtigheid, wordt aanbevolen een van de handmatige snelheidsinstellingen te gebruiken. Ventilatorsnelheidlampjes/ filtervervangingslampjes -- De lampjes rechts op het bedieningspaneel hebben een dubbele functie: ze geven de ventilatorsnelheid aan of dat een filter moet worden vervangen of gereinigd. -- Als lampjes 1 en 2 continu branden, geven deze de huidige ventilatorsnelheid aan. -- Als lampje 1 knippert, moet het voorfilter worden gereinigd. Als lampje 2 knippert, moet het meerlaagse filter worden vervangen. -- Als lampje 2 en het REPLACE FILTER-lampje continu knipperen, moet het meerlaagse filter worden vervangen en wordt het apparaat vergrendeld (zie het hoofdstuk 'Vergrendeling voor filtervervanging' voor meer informatie). De gevoeligheid van de luchtkwaliteitsensor aanpassen Mensen met bepaalde gezondheidsproblemen (denk aan allergische reacties en astma) hebben extra behoefte aan gezonde lucht. Daarom kan de gevoeligheid van de luchtkwaliteitsensor van het apparaat worden aangepast. Als u de sensor instelt op een hoger gevoeligheidsniveau, start het apparaat eerder met het reinigen van de lucht (bij een lagere vervuilingsgraad). Er zijn 3 gevoeligheidsniveaus: -- Extra gevoelig (Standaardinstelling) -- Gevoelig -- Standaard De gevoeligheid van de luchtkwaliteitsensor kan op de volgende manier worden aangepast: 1 Als het apparaat al op het stopcontact is aangesloten, haalt u de stekker uit het stopcontact en wacht u een aantal minuten. 2 Druk op de AIR QUALITY-knop en steek gelijktijdig de stekker in het stopcontact.  Het apparaat piept tweemaal en een van de ventilatorsnelheidlampjes knippert om het huidige gevoeligheidsniveau van de luchtkwaliteitsensor aan te geven. Gevoeligheidsniveau: Ventilatorsnelheidlampje Gevoeligheidsniveau Extra gevoelig Gevoelig Standaard NEDERLANDS 59 3 Druk op de FAN SPEED-knop om het gevoeligheidsniveau van de luchtkwaliteitsensor aan te passen.  Een van de ventilatorsnelheidlampjes knippert om het ingestelde gevoeligheidsniveau van de luchtkwaliteitsensor weer te geven. 4 Druk op de aan/uit-knop om het apparaat uit te schakelen. Opmerking: na het wijzigen van het gevoeligheidsniveau begint het apparaat zodra het wordt ingeschakeld, automatisch op het ingestelde gevoeligheidsniveau te werken. Automatische modus Wanneer het apparaat wordt ingeschakeld, wordt de omgevingsluchtkwaliteit automatisch door de ingebouwde luchtkwaliteitsensor gemeten. Wanneer de automatische modus is geactiveerd, selecteert het apparaat de meest geschikte ventilatorsnelheid voor de gemeten luchtkwaliteit. 1 Druk op de aan/uit-knop om het apparaat in te schakelen. 2 Druk op de AUTO-knop om de automatische modus te activeren. Opmerking: wanneer het apparaat in een andere modus werkt en u de automatische modus wilt activeren, hoeft u alleen op de AUTO-knop te drukken.  Het AUTO-lampje gaat branden.  Het ventilatorsnelheidlampje geeft aan op welke snelheid de ventilator van het apparaat werkt. Opmerking: wanneer de luchtkwaliteit uitmuntend is en de ventilator van het apparaat op zeer lage snelheid werkt, gaat het ventilatorsnelheidlampje voor de laagste snelheid niet aan. In dit geval branden alleen het aan-lampje en het AUTO-lampje. Opmerking: de ingebouwde luchtkwaliteitsensor meet de luchtkwaliteit en selecteert automatisch de juiste snelheidinstelling om voor een optimale luchtkwaliteit in de kamer te zorgen. Als de lucht schoon is, stopt het apparaat. Wanneer de luchtkwaliteit slechter wordt, start het apparaat met een lage ventilatorsnelheid en laag geluidsniveau, zodat zo min mogelijk energie wordt verbruikt. 60 NEDERLANDS Nachtmodus Het apparaat past zich aan de omgeving aan. In de automatische modus schakelt het apparaat automatisch naar nachtmodus zodra het donker wordt in de ruimte waar het apparaat staat opgesteld. Na 3 minuten duisternis gaan de lampjes van het apparaat uit, nemen de snelheid van de ventilator en het geluidsniveau af en wordt het energieverbruik tot een minimum beperkt. Als het gedurende 5 minuten of langer weer licht is in de kamer, hervat het apparaat de normale werking. In de nachtmodus is de automatische modus nog steeds actief. Als de lucht schoon is, zijn de lampjes en de ventilator uit. Als de luchtkwaliteit verslechtert, wordt het apparaat geactiveerd en gaan de lampjes en de ventilator weer aan. Opmerking: de nachtmodus werkt alleen wanneer het apparaat in de automatische modus staat. Ventilator snelheid Als u geen gebruik maakt van de automatische modus, kunt u de gewenste ventilatorsnelheid zelf selecteren. 1 Druk op de aan/uit-knop om het apparaat in te schakelen. 2 Druk een of meerdere keren op de FAN SPEED-knop om de gewenste ventilatorsnelheid te selecteren.  Het bijbehorende ventilatorsnelheidlampje en de indicaties boven de lampjes geven de ingestelde ventilatorsnelheid aan ( , , of ).  Het bijbehorende ventilatorsnelheidlampje in de ventilatorsnelheidindicator gaat aan. Opmerking: als de lucht in de ruimte sterk verontreinigd is, kunt u de turbofunctie ( ) selecteren voor een extra krachtige luchtstroom. Lampjes  tot gaan aan. NEDERLANDS 61 Stille modus Wanneer u het apparaat in de stille modus gebruikt, werkt het vrijwel geruisloos. 1 Druk op de aan/uit-knop om het apparaat in te schakelen. 2 Druk op de SILENT-knop om de stille modus te activeren.  Het lampje SILENT gaat branden. Als u terug wilt keren naar de ventilatorsnelheidmodus of de automatische modus, hoeft u alleen op de knop FAN SPEED of AUTO te drukken. Schoonmaken Haal altijd de stekker uit het stopcontact voordat u het apparaat schoonmaakt. Dompel het apparaat nooit in water of een andere vloeistof. Reinig geen enkel onderdeel van het apparaat ooit met schurende, agressieve of ontvlambare schoonmaakmiddelen, zoals bleekwater of alcohol. Alleen het voorfilter mag worden afgewassen. Behuizing van het apparaat Maak de binnen- en buitenkant van de behuizing regelmatig schoon om te voorkomen dat het apparaat stoffig wordt. 1 Stof het apparaat af met een droge, zachte doek. 2 Gebruik ook een droge, zachte doek om de luchtinlaat en -uitlaat schoon te maken. Voorfilter Het voorfilter kan worden afgewassen en met de stofzuiger worden gereinigd. -- Reinig het voorfilter zodra het eerste filtervervangingslampje begint te knipperen, om het apparaat optimaal te laten functioneren. 1 Plaats uw vingers in de uitsparingen in de zijpanelen en trek het bovenste gedeelte van het voorpaneel voorzichtig naar u toe. Haal vervolgens de haakjes onderaan het paneel uit het onderste gedeelte van het apparaat. 62 NEDERLANDS 2 Om het voorfilter te verwijderen, pakt u de twee uitsteeksels vast en trekt het filter naar u toe. 3 U kunt het stof van het voorfilter verwijderen met de stofzuiger. Tip: u kunt het voorfilter ook onder een lopende kraan reinigen. Als het voorfilter heel vuil is, kunt u een zachte borstel gebruiken om het stof weg te borstelen. Zorg er in dit geval voor dat het voorfilter helemaal droog is voordat u het in de luchtreiniger terugplaatst. Zolang het voorfilter nog vochtig is, blijven de bacteriën in het filter zich vermenigvuldigen, waardoor het eerder zal moeten worden vervangen. 4 Plaats het voorfilter terug in het apparaat. Bevestig alle haakjes goed aan het apparaat. Opmerking: zorg dat de zijde met de twee uitsteeksels naar u toe gekeerd is. 2 5 Breng het voorpaneel weer aan door eerst de onderste haakjes in het onderste gedeelte van het apparaat (1) te haken. Druk vervolgens het paneel tegen het apparaat (2) aan. 1 Luchtkwaliteitssensor Reinig de luchtkwaliteitsensor om de 2 maanden om deze optimaal te laten functioneren. Reinig deze vaker als u het apparaat in een stoffige omgeving gebruikt. Opmerking: als de lucht in de ruimte heel vochtig is, bestaat er kans op condensvorming op de luchtkwaliteitsensor. Hierdoor kunnen het AIR QUALITYlampje op het bedieningspaneel en de luchtkwaliteitindicator aangeven dat de luchtkwaliteit slecht is, ook al is dit niet zo. In dit geval dient u de luchtkwaliteitsensor te reinigen of kunt u gebruikmaken van een van de handmatige snelheidsinstellingen. 1 Reinig de inlaat en de uitlaat van de luchtkwaliteitsensor met een zachte borstel. NEDERLANDS 63 2 Verwijder het klepje van de luchtkwaliteitsensor. 3 Reinig de luchtkwaliteitsensor, de stofinlaat en de stofuitlaat met een licht bevochtigd wattenstaafje. 4 Maak deze droog met een droog wattenstaafje. 5 Plaats het klepje van de luchtkwaliteitsensor terug. Filters vervangen Filteronderhoud Dit apparaat is voorzien van een vergrendeling die ervoor zorgt dat de filters optimaal functioneren wanneer het apparaat in bedrijf is. Wanneer een van de filters bijna vol is en moet worden schoongemaakt of vervangen, begint het overeenkomstige filtervervangingslampje te knipperen. Als u het meerlaagse filter niet vervangt, stopt het apparaat en wordt het vergrendeld. Wanneer het apparaat is vergrendeld, blijft het filtervervangingslampje van het betreffende filter continu branden. Opmerking: vervang een filter alleen wanneer het filtervervangingslampje knippert. Als u het filter vervangt voordat het filtervervangingslampje gaat branden, wordt de teller niet gereset, maar blijft deze de levensduur van het voorgaande filter bijhouden. Als gevolg hiervan zal het filtervervangingslampje te snel weer gaan branden. Filtervervangingslampjes De filtervervangingslampjes geven aan welk filter moet worden gereinigd of vervangen. -- Filtervervangingslampje 1 knippert: filter 1 (voorfilter) moet worden gereinigd. Zie het hoofdstuk ‘Schoonmaken’ voor verdere instructies. 64 NEDERLANDS -- Filtervervangingslampje 2 knippert: het meerlaagse filter moet worden vervangen. HealthyAir Protect Lock Als u het filter niet op tijd vervangt, stopt het apparaat ongeveer 2 weken nadat het filtervervangingslampje begon te knipperen. Als het apparaat vergrendeld is, werkt het niet meer tot u het nieuwe filter hebt geplaatst en u op de resetknop hebt gedrukt. Opmerking: wanneer filtervervangingslampjes 2 en REPLACE FILTER op het bedieningspaneel continu branden, is het apparaat vergrendeld (zie het onderdeel ‘Filteronderhoud’ in dit hoofdstuk voor meer informatie). Hoelang het duurt voordat het apparaat wordt vergrendeld, is afhankelijk van het geselecteerde snelheidsniveau en de tijd dat het apparaat in bedrijf is na het waarschuwingssignaal voor het vervangen van het filter. Ongeveer 1 dag voordat het apparaat wordt vergrendeld, piept het apparaat om de 30 minuten om u te laten weten dat een van de filters moet worden vervangen. Wanneer het apparaat vergrendeld is, hoort u een pieptoon bij het indrukken van een knop. U kunt het apparaat uitschakelen door opnieuw op de aan/uit-knop te drukken. Als het apparaat vergrendeld is, handelt u als volgt: 1 Controleer welk filter moet worden vervangen (zie het onderdeel ‘Filtervervangingslampjes’). 2 Schakel het apparaat uit en haal de stekker uit het stopcontact. 3 Vervang het betreffende filter (zie het onderdeel ‘De filters vervangen’). De filters vervangen Tip: zet het apparaat bij het plaatsen of verwijderen van filters tegen een muur, zodat het stabieler staat. 1 Schakel het apparaat uit en haal de stekker uit het stopcontact. 2 Plaats uw vingers in de uitsparingen in de zijpanelen en trek het bovenste gedeelte van het voorpaneel voorzichtig naar u toe. Haal vervolgens de haakjes onderaan het paneel uit het onderste gedeelte van het apparaat. 3 Om filter 1 (voorfilter) te verwijderen, pakt u de twee uitsteeksels vast en trekt u het filter naar u toe. NEDERLANDS 65 4 Om filter 2 (meerlaagse filter) te verwijderen, pakt u het label van het filter vast en trekt u het naar u toe. 5 Gooi het filter dat moet worden vervangen weg en haal het nieuwe filter uit de verpakking. Opmerking: Raak het geplooide oppervlak van het filter niet aan en ruik niet aan het filter. Het filter bevat vervuilende stoffen uit de lucht. Opmerking:Was uw handen nadat u de gebruikte filters hebt weggegooid. 6 Plaats filter 2 (meerlaagse filter) terug in het apparaat. Opmerking: zorg dat de zijde met het label naar u toe gekeerd is. 7 Plaats filter 1 (voorfilter) terug in het apparaat. Opmerking: zorg dat de zijde met de twee uitsteeksels naar u toe gekeerd is. Opmerking: controleer of alle haakjes goed aan het apparaat zijn bevestigd. 2 8 Breng het voorpaneel weer aan door eerst de onderste haakjes in het onderste gedeelte van het apparaat (1) te haken. Druk vervolgens het paneel tegen het apparaat (2) aan. 9 Steek de stekker in het stopcontact en zet het apparaat weer aan. 1 10 Druk met een plat gereedschap op de filterresetknop. Opmerking: u hoeft niet op de filterresetknop te drukken na het reinigen van filter 1 (voorfilter). Opmerking: u kunt het apparaat niet resetten wanneer u een filter hebt vervangen voordat het bijbehorende lampje begon te knipperen. Opmerking: u kunt het apparaat alleen resetten als de stekker van het apparaat in het stopcontact zit en het apparaat is ingeschakeld.   66 NEDERLANDS Opbergen U kunt het snoer opbergen door het rond de haspel aan de onderzijde van het apparaat te winden. Accessoires Nieuwe filters zijn verkrijgbaar met de volgende typenummers: Filter Typenummer Filter 2: M  eerlaagse filter AC4147 Milieu -- Dit symbool betekent dat dit product niet bij het gewone huishoudelijke afval mag worden weggegooid (2012/19/EU). Volg de geldende regels in uw land voor de gescheiden inzameling van elektrische en elektronische producten. Als u correct verwijdert, voorkomt u negatieve gevolgen voor het milieu en de volksgezondheid. -Garantie en service Als u informatie nodig hebt of als u een probleem hebt, ga dan naar de Philips-website (www.philips.com) of neem contact op met het Philips Customer Care Centre in uw land (u vindt het telefoonnummer in het 'worldwide guarantee'-vouwblad). Als er geen Consumer Care Centre in uw land is, ga dan naar uw Philips-dealer.Problemen oplossen In dit hoofdstuk komen in het kort de problemen aan bod die u kunt tegenkomen bij gebruik van het apparaat. Als u er niet in slaagt het probleem op te lossen met behulp van de onderstaande informatie, kunt u contact opnemen met het Consumer Care Centre in uw land. Probleem Mogelijke oplossing Knoppen reageren niet. Vervang het meerlaagse filter wanneer het filtervervangingslampje begint te knipperen en het apparaat na ongeveer 2 weken om de 30 minuten een geluidssignaal heeft laten horen. Vervang het filter en reset het apparaat (zie het hoofdstuk ‘Filters vervangen’), zodat het apparaat weer kan functioneren. Er komt geen lucht uit de luchtuitlaat. • Het apparaat is niet ingeschakeld. Steek de stekker van het apparaat in het stopcontact en schakel het apparaat in. • De luchtkwaliteit is goed en de automatische modus is geactiveerd. In dit geval gaat het apparaat automatisch uit wanneer de lucht schoon is, om energie te besparen. NEDERLANDS 67 Probleem Mogelijke oplossing De ventilatorsnelheid verandert niet wanneer de AUTO-modus is ingesteld. Wanneer het apparaat in automatische modus staat en het wordt donker in de ruimte waar het staat opgesteld, wordt automatisch de nachtmodus geactiveerd. In dat geval wordt de ventilatorsnelheid heel laag ingesteld. Als u de snelheid van de ventilator wilt wijzigen, drukt u een of meerdere keren op de FAN SPEED-knop om de gewenste ventilatorsnelheid in te stellen. De luchtstroom afkomstig uit de • Het voorfilter is vuil. Reinig het voorfilter (zie het luchtuitlaat is aanzienlijk zwakker hoofdstuk ‘Schoonmaken’). dan voorheen. • Niet al het verpakkingsmateriaal is van de filters verwijderd. Zorg dat al het verpakkingsmateriaal wordt verwijderd. De luchtkwaliteit wordt niet beter, ook niet als het apparaat al gedurende een langere tijd is ingeschakeld. • Een van de filters is niet in het apparaat geplaatst. Zorg dat alle filters correct zijn geplaatst in de volgende volgorde, te beginnen met het binnenste filter: 1) meerlaagse filter, 2) voorfilter. • De luchtkwaliteitsensor is vochtig. De vochtigheidsgraad in de ruimte is hoog en veroorzaakt condens. Zorg dat de luchtkwaliteitsensor schoon en droog is (zie het hoofdstuk ‘Schoonmaken’). De kleur van de luchtkwaliteitindicator en het luchtkwaliteitlampje verandert niet. • De luchtkwaliteitsensor is verontreinigd. Reinig de luchtkwaliteitsensor (zie het hoofdstuk ‘Schoonmaken’). • De ruimte wordt onvoldoende geventileerd. Open een raam om de luchtcirculatie te verbeteren. Ik heb schonere lucht nodig omdat ik een allergie heb. De gevoeligheid van de luchtkwaliteitsensor kan worden aangepast (zie het hoofdstuk ‘Het apparaat gebruiken’) om het apparaat de lucht nog beter te laten zuiveren. Het apparaat maakt teveel geluid. • Controleer of u al het verpakkingsmateriaal van de filters hebt verwijderd. • Als het apparaat nog steeds te luid is, kunt u de snelheid van de ventilator lager zetten. Het apparaat blijft aangeven dat er een filter moet vervangen, maar dat heb ik al gedaan. Misschien hebt u niet goed op de knop voor het resetten van het filter gedrukt. Steek de stekker van het apparaat in het stopcontact, druk op de aan/uit-knop en druk met een plat gereedschap op de knop waarmee het filter kan worden gereset. Het apparaat stopt, ook al blijft het aan-lampje branden. De ingebouwde luchtkwaliteitsensor heeft bepaald dat de luchtkwaliteit goed is en dat de lucht niet meer hoeft te worden gereinigd. Wanneer de luchtkwaliteit slechter wordt, begint het apparaat te werken met een lage ventilatorsnelheid en laag geluidsniveau, zodat zo min mogelijk energie wordt verbruikt. 6868 NEDERLANDS Probleem Mogelijke oplossing Het apparaat werkt niet. Ventilatorsnelheidlampjes 1 en 2 knipperen, alle andere lampjes zijn uit. Een onderdeel is defect. Neem contact op met het Consumer Care Centre in uw land (u vindt het telefoonnummer in het ''worldwide guarantee'-vouwblad). Als er geen Consumer Care Centre in uw land is, ga dan naar uw Philips-dealer. Het apparaat werkt niet. De luchtkwaliteitindicator knippert blauw, alle andere lampjes zijn uit. Dit betekent dat er zich een storing voordoet in de luchtdeeltjessensor, al dan niet in combinatie met een storing in de gassensor. Neem contact op met het Consumer Care Centre in uw land (u vindt het telefoonnummer in het 'worldwide guarantee'vouwblad). Als er geen Consumer Care Centre in uw land is, ga dan naar uw Philips-dealer. De luchtkwaliteitindicator blijft paars knipperen. Dit betekent dat er zich een storing voordoet in de gassensor. Schakel het apparaat uit en haal de stekker uit het stopcontact. Breng het apparaat naar uw Philips-dealer of een door Philips geautoriseerd servicecentrum. © 2016 Koninklijke Philips N.V. All rights reserved 4241 210 76133
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52
  • Page 53 53
  • Page 54 54
  • Page 55 55
  • Page 56 56
  • Page 57 57
  • Page 58 58
  • Page 59 59
  • Page 60 60
  • Page 61 61
  • Page 62 62
  • Page 63 63
  • Page 64 64
  • Page 65 65
  • Page 66 66
  • Page 67 67
  • Page 68 68
  • Page 69 69
  • Page 70 70
  • Page 71 71
  • Page 72 72

Philips AC4072/11 Handleiding

Categorie
Luchtreinigers
Type
Handleiding
Deze handleiding is ook geschikt voor