Nilfisk-Advance America SR 1800S 2WD Handleiding

Type
Handleiding

Deze handleiding is ook geschikt voor

GEBRUIKSAANWIJZING
NEDERLANDS
SR 1800S D 2WD 33014097(2)2006-12 A
3
INLEIDING
OPMERKING
De nummers tussen haakjes verwijzen naar de
onderdelen die worden afgebeeld in het hoofdstuk
Beschrijving van de machine.
DOEL EN INHOUD VAN DEZE HANDLEIDING
Deze handleiding heeft tot doel de bediener te voorzien van
alle informatie die nodig is om deze machine op de juiste
en veiligste manier te gebruiken. Er staat informatie in over
technische aspecten, de veiligheid, de werking, het stoppen,
het onderhoud, de vervangingsonderdelen en de verwijdering
van de machine.
De bedieners en bevoegde technici die met deze machine
werken, moeten de instructies in deze handleiding zorgvuldig
lezen voordat ze met de machine aan het werk gaan. Neem
bij twijfel over de juiste interpretatie van de instructies contact
op met Nilfi sk-Advance voor meer uitleg.
BETREFFENDE PERSONEN
Deze handleiding is bestemd voor de bediener van de
machine en de technici die verantwoordelijk zijn voor het
onderhoud van de machine.
De bedieners mogen geen handelingen uitvoeren die alleen
door bevoegde monteurs mogen worden uitgevoerd. Nilfi sk-
Advance is niet verantwoordelijk voor schade die is ontstaan
uit het negeren van dit verbod.
OPBERGEN VAN DE HANDLEIDING
De bedienershandleiding moet in de juiste houder bij de
machine worden opgeborgen. Er mogen geen vloeistoffen
of andere materialen bij komen zodat de handleiding goed
leesbaar blijft.
CONFORMITEITSVERKLARING
De CE-conformiteitsverklaring (Afb. A) die bij de machine
wordt geleverd, is een verklaring dat de machine voldoet aan
de geldende wetgeving.
OPMERKING
Een kopie van de oorspronkelijke CE-verklaring
van overeenstemming wordt samen met de
machinedocumentatie verstrekt.
OPMERKING
Wanneer de veegmachine is goedgekeurd
voor gebruik op de weg, wordt er een specifi ek
conformiteitscertifi caat meegeleverd.
IDENTIFICATIEGEGEVENS
Het serienummer en model van de machine staan op het
plaatje (1, Afb. E).
Het productiejaar van de machine is weergegeven in de CE-
aanduiding. Het productiejaar kan ook worden afgeleid uit de
eerste twee cijfers van het serienummer van de machine.
Deze informatie is nodig als u vervangingsonderdelen voor
de machine bestelt. Gebruik de onderstaande ruimte om de
identifi catiegegevens van de machine op te schrijven.
Model MACHINE .................................................................
Serienummer MACHINE .....................................................
WAARSCHUWING!
Het serienummer van de machine is op het
frame van de machine (2, Afb. D) gestanst.
ANDERE GEBRUIKERSHANDLEIDINGEN
Catalogus met vervangingsonderdelen (behoort tot de
uitrusting van de machine): 33015056
Werkplaatshandleiding (te raadplegen bij de
servicecentra van Nilfi sk-Advance): 33015626
VERVANGINGSONDERDELEN EN
ONDERHOUD
Als er onderhouds- of herstelwerkzaamheden aan de machine
nodig zijn, moet u deze door bevoegd personeel of bij
servicecentra van Nilfi sk-Advance laten uitvoeren. Er mogen
alleen originele vervangingsonderdelen en accessoires
worden gebruikt.
Als u hulp nodig heeft of vervangingsonderdelen en
accessoires wilt bestellen bij Nilfi sk-Advance, zorg dan dat u
het model en het serienummer altijd bij de hand heeft.
MODIFICATIES EN VERBETERINGEN
Nilfi sk-Advance streeft naar een constante perfectie van onze
producten en we behouden ons het recht voor modifi caties en
aanpassingen aan te brengen indien wij die nodig achten. U
bent niet verplicht deze modifi caties of verbeteringen door te
voeren op een eerder aangeschafte machine.
Eventuele aanpassingen en/of toevoegingen van accessoires
moeten expliciet worden goedgekeurd en uitgevoerd door
Nilfi sk-Advance.
NEDERLANDS
GEBRUIKSAANWIJZING
4
33014097(2)2006-12 A SR 1800S D 2WD
VEILIGHEID
De volgende symbolen worden gebruikt om mogelijk
gevaarlijke situaties aan te geven. Lees deze informatie altijd
aandachtig door en neem de nodige voorzorgsmaatregelen
om personen en voorwerpen te beschermen.
Samenwerking met de bediener is van essentieel belang
om ongelukken te voorkomen. Geen enkel preventieplan ter
voorkoming van ongevallen is effectief zonder de volledige
medewerking van de persoon die direct verantwoordelijk
is voor de werking van de machine. De meeste ongevallen
die zich binnen een bedrijf, op de werkvloer of op locatie
voordoen, worden veroorzaakt door het niet naleven van
enkele elementaire veiligheidsmaatregelen. Een oplettende
en voorzichtige bediener is de beste garantie tegen
ongevallen en is het meest effectief in elk preventieplan.
GEBRUIKTE SYMBOLEN
GEVAAR!
Dit symbool geeft een gevaar met mogelijk
dodelijk afl oop voor de bediener aan.
LET OP!
Dit symbool geeft een mogelijk risico op
persoonlijk letsel aan.
WAARSCHUWING!
Dit symbool geeft een waarschuwing of
opmerking aan over de werking van de sleutel
of van de gebruiksfuncties.
Lees de blokken tekst die met dit symbool zijn
gemarkeerd zorgvuldig door.
OPMERKING
Dit symbool geeft een opmerking aan over de
werking van de sleutel of van de gebruiksfuncties.
ADVIES
Raadpleeg de bedienershandleiding vóór het
uitvoeren van werkzaamheden.
ALGEMENE INSTRUCTIES
Hierna volgen waarschuwingen en specifi eke
aandachtspunten om mogelijke schade aan de machine of
letsel bij personen te voorkomen.
GEVAAR!
Deze machine mag alleen worden gebruikt door speciaal
opgeleid en bevoegd personeel. De bestuurder moet:
meerderjarig zijn
in bezit zijn van het benodigde rijbewijs
normaal psychofysisch gedrag vertonen
niet onder invloed zijn van middelen die de
reactiesnelheid kunnen verminderen (alcohol,
psychopharmaca, drugs, enz.)
Voordat er onderhouds- of reparatiewerkzaamheden
worden uitgevoerd, moet de contactsleutel uit het contact
worden verwijderd.
Deze machine mag alleen worden gebruikt door speciaal
opgeleid en bevoegd personeel. De machine mag niet
worden gebruikt door kinderen of mensen met een
handicap.
Wanneer u in de buurt van bewegende onderdelen
werkt, verwijder dan al uw sieraden.
Werk nooit onder een omhoog gebrachte machine
als deze niet voldoende wordt ondersteund door
veiligheidssteunen.
Gebruik deze machine niet in ruimten waar schadelijke,
gevaarlijke, ontvlambare en/of explosieve stoffen,
vloeistoffen of dampen aanwezig zijn.
Let op: de brandstof is zeer licht ontvlambaar.
Rook niet en gebruik geen open vuur bij de vulmond of
bij opslagpunten voor de brandstof.
De brandstof met een uitgeschakelde dieselmotor buiten
of in een goed-geventileerde ruimte bijvullen.
Vul de tank nooit volledig met brandstof, maar zorg
dat de brandstof minimaal 4 cm onder de rand van de
vulmond staat zodat de brandstof kan uitzetten.
Controleer na het bijvullen van de brandstof of de dop
van de brandstoftank goed is gesloten.
Als u tijdens het vullen brandstof heeft geknoeid, maak
de plek dan goed schoon en laat de dampen verdwijnen
voordat u de motor inschakelt.
Zorg dat er geen brandstof op de huid komt en dat u de
dampen niet inademt. Houd buiten bereik van kinderen.
Voordat er onderhouds- of reparatiewerkzaamheden
worden uitgevoerd, moet de contactsleutel uit het contact
worden verwijderd, .de parkeerrem worden aangetrokken
en de accu worden ontkoppeld.
Telkens als er werkzaamheden worden verricht onder
de geopende motorkap/kleppen, moet u ervoor zorgen
dat de motorkap/kleppen niet per ongeluk kunnen
dichtvallen.
Wanneer het nodig is om onderhoudswerkzaamheden uit
te voeren terwijl de afvalcontainer omhoog staat, moet
deze worden geblokkeerd met de beide blokkeerstangen.
Tijdens het transport van de veegmachine mag de
brandstoftank niet vol zijn.
De uitlaatgassen van de dieselmotor bevatten
koolmonoxide, een giftig, reukloos en kleurloos gas.
Zorg dat u het niet inademt. Sla de motor niet op een
afgesloten plaats op.
Zet geen voorwerpen op de motor.
Zet de dieselmotor altijd uit voordat u er aan gaat
werken. Ontkoppel de minpool van de accu om
te voorkomen dat de motor per ongeluk wordt
ingeschakeld.
Zie ook de VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN in de
handleiding van de dieselmotor, die een integraal deel
vormt van deze handleiding.
GEBRUIKSAANWIJZING
NEDERLANDS
SR 1800S D 2WD 33014097(2)2006-12 A
5
LET OP!
De machine moet zijn voorzien van een kentekenbewijs
en een kenteken om zich op de openbare weg te mogen
begeven.
De veegmachine niet voor andere doelen dan waarvoor
de machine is ontworpen, gebruiken.
Let er bij het gebruik van de machine op dat er zich
geen mensen of voorwerpen in het werkgebied van de
machine bevinden.
Gebruik de machine niet als vervoermiddel.
Laat de machine nooit onbeheerd achter terwijl de
parkeerrem niet is ingeschakeld.
Stoot niet tegen kasten of stellingen, zeker als de kans
bestaat dat er voorwerpen kunnen omvallen.
Let bijzonder goed op bij het omhoog brengen en legen
van de afvalcontainer.
Pas de bedrijfssnelheid aan de oppervlakken aan.
Lees voordat u onderhouds- of reparatiewerkzaamheden
aan de machine uitvoert alle instructies zorgvuldig door.
Neem alle nodige voorzorgsmaatregelen om te
voorkomen dat haar, sieraden en losse kledingstukken
vast komen te zitten in de bewegende delen van de
machine.
Draag geschikte bescherming voor het lichaam (ogen,
haren, handen, enz.) bij het schoonmaken van de
machine met een hogedrukspuit (lucht of water).
Vermijd aanraking met het accuzuur, raak geen hete
onderdelen aan.
Laat de borstels niet werken als de machine stilstaat om
schade aan de vloer te voorkomen.
Gebruik bij brand een poederbrandblusser. Gebruik geen
water.
Reinig de machine niet met bijtende producten.
Gebruik de machine niet in bijzonder stoffi ge ruimten.
Verwijder de beschermingsdelen van de machine nooit
met de hand; hou u nauwkeurig aan de instructies voor
normaal onderhoud.
Verwijder of verander geen plaatjes van de fabrikant op
de machine.
Als u afwijkingen in de werking van de machine
vermoedt, controleer dan of deze niet worden
veroorzaakt door gebrek aan dagelijks onderhoud. Als
dat niet het geval is, roept u de hulp in van bevoegd
personeel of van een bevoegd servicecentrum.
Vraag bij vervanging van onderdelen om ORIGINELE
vervangingsonderdelen bij een bevoegde leverancier
en/of bevoegde detailhandelaar.
Uit veiligheidsoverwegingen en voor een correcte
werking van de machine moet het onderhoud dat in
het betreffende hoofdstuk in deze handleiding wordt
aangegeven voor bevoegd personeel of bij een
servicecentrum worden uitgevoerd.
Laat de machine als hij wordt afgedankt niet onbemand
staan vanwege de giftige en/of schadelijke materialen
(olie, accu, kunststofmaterialen, enz.). Deze moeten
volgens de voorschriften naar de daarvoor bestemde
verzamelplaatsen worden gebracht (zie hiervoor het
hoofdstuk Verwijdering).
Bij normaal gebruik veroorzaken de trillingen van de
machine geen gevaarlijke situaties. Het trillingsniveau
dat op het lichaam van de bediener wordt uitgeoefend
is 0,31 m/s
2
(ISO 2631-1) bij maximaal bedrijfstoerental
(2.500 toeren/min).
Tijdens de werking van de dieselmotor wordt de demper
warm; raak de demper nooit aan als hij warm is om
brandwonden of brand te voorkomen.
Laat de dieselmotor nooit draaien met onvoldoende olie,
want dat kan ernstige schade veroorzaken. Controleer
het oliepeil bij een uitgeschakelde motor terwijl de
machine horizontaal staat.
Laat de dieselmotor nooit draaien zonder de luchtfi lter
om de motor niet te beschadigen.
Het vloeistofkoelsysteem van de dieselmotor staat onder
druk. Het systeem pas controleren na het uitzetten
en laten afkoelen van de motor. Ook als de motor is
afgekoeld, moet u de dop van de radiateur voorzichtig
openen.
De motor heeft een ventilator; deze niet naderen
wanneer de motor warm is omdat de ventilator aan zou
kunnen gaan ook al staat de machine uit.
Technische werkzaamheden aan de dieselmotor moeten
altijd door een bevoegde persoon worden uitgevoerd.
Gebruik voor de dieselmotor alleen originele
vervangingsonderdelen of equivalenten ervan. Het
gebruik van vervangingsonderdelen van een mindere
kwaliteit kan de motor ernstig beschadigen.
Zie ook de VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN in de
handleiding van de dieselmotor, die een integraal deel
vormt van deze handleiding.
LET OP!
Koolmonoxide (CO) kan hersenletsel of zelfs dodelijk
letsel veroorzaken.
De interne verbrandingsmotor van deze machine stoot
koolmonoxide uit.
Adem geen uitlaatgassen in.
Gebruik alleen in afgesloten ruimte wanneer er voldoende
ventilatie en een tweede persoon aanwezig zijn.
NEDERLANDS
GEBRUIKSAANWIJZING
6
33014097(2)2006-12 A SR 1800S D 2WD
VERPAKKING VERWIJDEREN/
AFLEVERING
Controleer bij afl evering van de machine zorgvuldig of de
verpakking en de machine niet zijn beschadigd tijdens het
transport. Als u beschadigingen heeft aangetroffen, bewaart
u de verpakking dan zoals u deze van de transporteur heeft
ontvangen. Neem onmiddellijk contact op met de transporteur
om een verzoek tot schadevergoeding in te vullen.
Controleer of de uitrusting van de machine overeenkomt met
de volgende lijst:
Technische documentatie:
Bedienershandleiding van de veegmachine
Catalogus met vervangingsonderdelen van de
veegmachine
Handleiding van de dieselmotor
BESCHRIJVING VAN DE MACHINE
BEDRIJFSCAPACITEIT
Deze veegmachine is ontwikkeld en gebouwd voor de
reiniging (door middel van vegen en aanzuigen) van gladde,
solide vloeren in privé- en bedrijfsruimten, en voor het
verzamelen van stof en kleine vuildeeltjes en wel onder
gecontroleerde veilige omstandigheden door een bevoegde
bediener.
ALGEMENE OPMERKINGEN
Alle verwijzingen naar voorwaarts en achterwaarts, vóór
en achter, rechts en links in deze handleiding zijn vanuit de
bediener in zijn rijpositie met de handen op het stuur bekeken
(20, Afb. B en C).
BESCHRIJVING
Beschrijving van het bedieningspaneel en de
standaardknoppen
(Zie Afb. B)
Hendel voor openen/sluiten van de fl ap
Lampjes
Bedieningshendel zijborstel
Bedieningshendel hoofdborstel
Controlelampje groot licht
Controlelampje achterlichten
Controlelampje laadstatus accu
Controlelampje ingeschakelde parkeerrem
Controlelampje voorverwarming bougies dieselmotor
Weergave urenteller
Controlelampje motoroliedruk
Bedieningshendel afvalcontainer
Controlelampje reservebrandstof
Controlelampje hoge koelvloeistoftemperatuur
dieselmotor
Inschakelknop van de fi lterschudder
Controlelampje richtingaanwijzers
Contactsleutel
Inschakelhendel turbine
Gashendel
Stuur
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
9.
10.
11.
12.
13.
14.
15.
16.
17.
18.
19.
20.
Hendel parkeerrem
Schakelaar geluidssignaal
Zekeringenkastje B (zie het deel 'Elektrische
beschermingen')
Zekeringenkastje A (zie het deel 'Elektrische
beschermingen')
Gaspedaal:
wanneer het voorste deel wordt ingedrukt, gaat de
machine voorwaarts
wanneer het achterste deel wordt ingedrukt, gaat de
machine achterwaarts
Rempedaal
Stoel met microschakelaar
Ontgrendelknop stoel
Beschrijving van het bedieningspaneel en de optionele
knoppen
(Zie Afb. C)
Hendel voor openen/sluiten van de fl ap
Lampjes
Bedieningshendel zijborstel
Bedieningshendel hoofdborstel
Controlelampje groot licht
Controlelampje achterlichten
Controlelampje laadstatus accu
Controlelampje ingeschakelde parkeerrem
Controlelampje voorverwarming bougies dieselmotor
Weergave urenteller
Controlelampje motoroliedruk
Controlelampje verstopt luchtfi lter (*)
Controlelampje reservebrandstof
Controlelampje hoge koelvloeistoftemperatuur
dieselmotor
Inschakelknop van de fi lterschudder
Controlelampje richtingaanwijzers
Contactsleutel
Schakelaar klimaatregelaar (*)
Stuurbediening (*)(**)
Stuur
Hendel parkeerrem
Schakelaar noodlichten
Zekeringenkastje B (zie het deel 'Elektrische
beschermingen')
Zekeringenkastje A (zie het deel 'Elektrische
beschermingen')
Snelheidspedaal
wanneer het voorste deel wordt ingedrukt, gaat de
machine voorwaarts
wanneer het achterste deel wordt ingedrukt, gaat de
machine achterwaarts
Rempedaal
Stoel met microschakelaar
Ontgrendelknop stoel
Gashendel
Inschakelhendel turbine
Bedieningshendel afvalcontainer
(*) Optioneel
(**) Zie hierna de functies van de stuurbediening
21.
22.
23.
24.
25.
26.
27.
28.
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
9.
10.
11.
12.
13.
14.
15.
16.
17.
18.
19.
20.
21.
22.
23.
24.
25.
26.
27.
28.
29.
30.
31.
GEBRUIKSAANWIJZING
NEDERLANDS
SR 1800S D 2WD 33014097(2)2006-12 A
7
Functies van de stuurbediening:
Lichten uit, met markering (1b) overeenkomend met
symbool 0
Positielichten aan, met markering (1b) overeenkomend
met symbool
Dimlichten aan, met markering (1b) overeenkomend met
symbool
Groot licht aan, met markering (1b) overeenkomend met
symbool
en hendel (1a) omlaag
Tijdelijk aanzetten van het groot licht, door de hendel
(1a) omhoog te zetten
Inschakeling richtingaanwijzer rechts, door de hendel
(1a) naar voren te zetten
Inschakeling richtingaanwijzer links, door de hendel (1a)
naar achteren te zetten
Inschakeling geluidssignaal, door op het uiteinde van de
hendel (1a) te drukken
Beschrijving van de instellingen van de machine
(Zie Afb. E-F)
Klep afvalcontainer
Afvalcontainer
Inspectieluik afvalcontainer/stoffi lters
Blokkeerstangen afvalcontainer
Motorkap
Steunstang motorkap
Expansiereservoir
Klep stoel
Lampen
Demper
Indicator oliepeil hydraulische systeem
Reservoir voor remolie
Luchtfi lter motor
Cilinder omhoog brengen afvalcontainer
Stofafdichting links
Stofafdichting rechts
Stofafdichting achter
Stofafdichting ap
Flap
Borstel rechts
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
9.
10.
11.
12.
13.
14.
15.
16.
17.
18.
19.
20.
Motor borstel rechts
Borstel links (*)
Motor borstel links (*)
Motor aanzuigventilator
Aanzuigventilator
Zakfi lter
Rechterwiel
Linkerwiel
Hoofdborstel
Motor hoofdborstel
Bedieningspomp
Pomp voor aandrijvingsysteem
Filter pomp voor aandrijvingsysteem
Dieselmotor LDW1404
Ventilator dieselmotor
Radiateur dieselmotor
Sturend achterwiel rechts
Motor achterwiel rechts
Olietank hydraulisch systeem
Aanzuigfi lter
Vuldop olie hydraulisch systeem
Aftapdop oliereservoir hydraulisch systeem
Accu
Brandstofreservoir
Vlotter brandstofpeil
Vuldop brandstof
Handbediende pomp (*)
Radiateurolie hydraulisch systeem
Elektroventilator radiateur
Onderste klep rechts
Onderste klep links
Filterschudder
Hendel handbediende pomp (*)
Schuif handbediende pomp (*)
Opening zijkant voor omhoog brengen/slepen
Opening achter voor omhoog brengen/slepen
Lagedrukvoorfi lter (*)
Bevestigingsknop klep afvalcontainer
Afdekking oliereservoir hydraulisch systeem
Oogbout voor slepen (**)
Sturend achterwiel links
Motor achterwiel links
(*) Optioneel
(**) Met goedkeuring voor gebruik op de weg
21.
22.
23.
24.
25.
26.
27.
28.
29.
30.
31.
32.
33.
34.
35.
36.
37.
38.
39.
40.
41.
42.
43.
44.
45.
46.
47.
48.
49.
50.
51.
52.
53.
54.
55.
56.
57.
58.
59.
60.
61.
62.
NEDERLANDS
GEBRUIKSAANWIJZING
8
33014097(2)2006-12 A SR 1800S D 2WD
TECHNISCHE EIGENSCHAPPEN
Afmetingen en gewichten Waarden
Lengte machine (haren van de borstels niet inbegrepen) 2.720 mm
Breedte machine (haren van de borstels niet inbegrepen) 1.650 mm
Afstand tussen voor- en achterwielen 1.200 mm
Spoorbreedte voorwielen 1.440 mm
Spoorbreedte achterwielen 930 mm
Hoogte machine (standaard) 1.620 mm
Hoogte machine (met cabine) 2.460 mm
Hoogte machine (met dak) 2.435 mm
Hoogte machine (met stuurkolom) 2.300 mm
Minimale hoogte vanaf de grond (zonder fl aps) 55 mm
Oploophoek voor max. toelaatbaar 14°
Maximale hoogte vanaf de grond voor het lossen van afval 1.460 mm
Pneumatische voorbanden 5,00 - 8
Band achterwiel 4,00 - 8
Pneumatische bandenspanning 7,0 Bar
Diameter zijborstel 590 mm
Afmetingen hoofdborstel 1.200 x 380 mm
Totaalgewicht van de machine, in werking (zonder bediener) 1.490 kg
Prestaties Waarden
Maximale voorwaartse snelheid (alleen voor verplaatsing) 11 km/u
Maximale werksnelheid 11 km/u
Maximale achterwaartse snelheid 8 km/u
Maximale hellingshoek bij volledige belasting 20%
Minimale interne draaicirkel 1.975 mm
Maximale snelheid van de zijborstels 80 toeren/min.
Verzamelsysteem Aanzuigend
Breedte van het reinigingsvlak met borstel rechts 1.790 mm
Breedte van het reinigingsvlak met borstel rechts en links 1.950 mm
Filtersysteem Zakfi lter
Filteroppervlakken 10,2 m
2
Maximaal geluid op de bestuurdersstoel (geluidsniveau) (ISO/EN3744) bij maximaal bedrijfstoerental 87,5 dB(A)
Gegarandeerd geluidsvermogen (2000/14/EC) bij maximaal bedrijfstoerental 106 dB(A)
Inhoud afvalcontainer 440 liter
Verlichtings- en signaleringssysteem (goedgekeurde veegmachine) Goedgekeurd voor de weg
Verlichtings- en signaleringssysteem (industriële veegmachine) Op verzoek
Aandrijving Hydrostatische stuurbekrachtiging
Stuurinrichting
Op de achteras, met
stuurbekrachtiging
Servicerem Hydraulisch
Parkeerrem Mechanisch
Bediening Hydraulisch
GEBRUIKSAANWIJZING
NEDERLANDS
SR 1800S D 2WD 33014097(2)2006-12 A
9
Gegevens dieselmotor LDW1404 (*) Waarden
Merk Lombardini
Type LDW 1404/B6
Cilinders 4
Maximaal toerental 2.500 toeren/min.
Maximaal vermogen bij 2.500 toeren/min 18 kW
Minimaal toerental 900 toeren/min.
Koelvloeistof dieselmotor 50% antivries en 50% water
Type antivriesvloeistof AGIP Antifreeze Extra (***)
Cilinderinhoud 1.372 cc
Verbruik bij machine in gebruik bij 2.500 toeren/min (maximaal toerental) 5,3 l/u
Type motorolie AGIP Sigma Turbo 15W40 (**)
(*) Zie voor de overige gegevens/waarden van de dieselmotor de betreffende handleiding.
(**) Zie hieronder de tabel met eigenschappen van de motorolie en de tabel met specifi caties ter referentie.
(***) Zie hieronder de tabel met eigenschappen van de koelvloeistof en de tabel met specifi caties ter referentie.
EIGENSCHAPPEN AGIP ANTIFREEZE EXTRA Goedgekeurde en specifi eke vloeistoffen:
Kookpunt °C 170 CUNA NC 956-16 97
Kookpunt bij oplossing met 50% water °C 110 FF.SS cat. 002/132
Vriespunt bij oplossing met 50% water °C -38 ASTM D 1384
Kleur / Turquoise
Volumetrische massa bij 15°C kg/l 1,13
EIGENSCHAPPEN AGIP SIGMA TURBO 15W40 Goedgekeurde en specifi eke vloeistoffen:
GRADATIE SAE / 15W40 ACEA E3-96
Viscositeit bij 100°C mm
2
/s 13,7 API Service CG-4/SG
Viscositeit bij 40°C mm
2
/s 100 CCMC D5, PD-2
Viscositeit bij -15°C mm²/s 3.300 US Department of the Army MIL-L-2104 E
Viscositeitsindex / 138 US Department of the Army MIL-L-46152 E
Ontbrandingspunt COC °C 230 MACK EO-L
Vloeipunt °C -27 MAN M 3275
Volumetrische massa bij 15°C kg/l 0,885 Mercedes Benz 228.3
VOLVO VDS2
MTU typ 2
NEDERLANDS
GEBRUIKSAANWIJZING
10
33014097(2)2006-12 A SR 1800S D 2WD
Gegevens oliën Waarden
Inhoud brandstoftank 30 liter
Inhoud oliereservoir hydraulisch systeem 40 liter
Gegevens hydraulisch systeem Waarden
Capaciteit olie hydraulisch systeem 47 liter
Maximale druk aandrijfsysteem 210 Bar
Maximale druk bedieningssysteem 110/140 Bar
Type olie hydraulisch systeem AGIP ARNICA 46 (***)(****)
Gegevens elektrisch systeem Waarden
Spanning systeem 12 V
Startaccu 12 V – 80 Ah
(****) Wanneer de machine wordt gebruikt in ruimten waar de temperatuur lager dan +10°C is, dan raden wij u aan de olie
te vervangen door olie met een viscositeit van 32 cSt. Bij temperaturen onder 0°C moet u oliën met een nog lagere
viscositeit gebruiken.
(***) Zie hieronder de tabel met eigenschappen van de olie voor het hydraulisch systeem en de tabel met specifi caties ter
referentie.
EIGENSCHAPPEN AGIP ARNICA 46/32 Goedgekeurde en specifi eke vloeistoffen:
46 32 ISO-L-HV
Viscositeit bij 100°C mm²/s 45 32 ISO 11158
Viscositeit bij 40°C mm²/s 7,97 6,40 AFNOR NF E 48603 HV
Viscositeitsindex / 150 157 AISE 127
Ontbrandingspunt COC °C 215 202 ATOS Tab. P 002-0/I
Vloeipunt °C -36 -36 BS 4231 HSE
Volumetrische massa bij 15°C kg/l 0,87 0,865 CETOP RP 91 H HV
COMMERCIAL HYDRAULICS
Danieli Standard 0.000.001 (AGIP
ARNICA22,46,68)
EATON VICKERS I-286-S3
EATON VICKERS M-2950
DIN 51524 t.3 HVLP
LAMB LANDIS-CINCINNATI P 68, P69, P70
LINDE
PARKER HANNIFIN (DENISON) HF-0
REXROTH RE 90220-1/11.02
SAUER-DANFOSS 520L0463
Gegevens klimaatregeling (optioneel) Waarden
Type gas Reclin 134A
Hoeveelheid gas 0,8 kg
GEBRUIKSAANWIJZING
NEDERLANDS
SR 1800S D 2WD 33014097(2)2006-12 A
11
ELEKTRISCH SCHEMA
(Zie Afb. AH)
A Dynamo 12 V - 45/65 A
AA Geluidssignaal
B Accu 12 V - 80 A
B1 Lampje bougies
B2 Lampje motorolie
B3 Lampje water motor
B4 Microschakelaar parkeerrem
B5 Lampje luchtfi lter
B6 Vlotter brandstof
B7 Lampje elektroventilator
B8 Microschakelaar beveiliging stoel
B9 Sensor achteruit
BZ
Sensor beveiliging voor starten van de
dieselmotor
C0 Urenteller/toerenteller
C1 Contactschakelaar
C2 Regeleenheid bougies
C3 Stuurbediening
C4 Schakelaar noodlichten
C5 Pieper achteruitrijden
C6 Compressor klimaatregelaar
D1 Diode 1N4007
EV1 Magneetklep brandstof
F1 Zekering noodlichten
F2 Zekering richtingaanwijzers
F3 Zekering positielichten linkerkant
F4 Zekering positielichten rechterkant
F5 Zekering groot licht
F6 Zekering dimlichten
F7 Zekering magneetklep brandstof
F8 Zekering bediening/regeleenheid bougies
F9 Zekering remlichten
F10 Zekering klimaatregelaar
F11 Vrije zekering
F12 Zekering magneetklep
F13 Zekering pieper achteruitrijden
F14 Zekering fi lterschudder
F15 Vrije zekering
F16 Zekering knipperlicht
F17 Vrije zekering
F18 Zekering geluidssignaal
I Flitsmechanisme
I1 Schakelaar klimaatregelaar
IG Indicator brandstofpeil
L1 Lamp richtingaanwijzer linksvoor
L2 Lamp richtingaanwijzer linksachter
L3 Lamp richtingaanwijzer rechtsvoor
L4 Lamp richtingaanwijzer rechtsachter
L5 Remlicht links
L6 Remlicht rechts
L7 Positielicht linksvoor
L8 Positielicht linksachter
L9 Positielicht rechtsvoor
L10 Positielicht rechtsachter
L11 Dimlicht links
L12 Dimlicht rechts
L13 Groot licht links
L14 Groot licht rechts
L15 Knipperlampje
L16 Kentekenplaatverlichting
M Microschakelaar remlichten
M1 Startmotor
M2 Motor elektroventilator
M3 Motor fi lterschudder
M4 Motor ventilator cabine
P Drukregelaar
P1 Schakelaar fi lterschudder
R1 Relais compressor klimaatregelaar
R3 Relais pieper achteruitrijden
RS Weerstand
RX Relais beveiliging starten van de dieselmotor
RY Relais beveiliging starten van de dieselmotor
S1 Controlelampje bougies
S2 Controlelampje accu
S3 Controlelampje olie
S4 Controlelampje water
S5 Controlelampje parkeerrem
S6 Controlelampje verstopt luchtfi lter
S7 Controlelampje reservebrandstof
S8 Controlelampje richtingaanwijzers
S9 Controlelampje achterlichten
S10 Controlelampje groot licht
S11 Controlelampje noodlichten
S12 Controlelampje klimaatregelaar
TM Thermostaat
K Bougies
NEDERLANDS
GEBRUIKSAANWIJZING
12
33014097(2)2006-12 A SR 1800S D 2WD
HYDRAULISCH SYSTEEM
(Zie Afb. AI)
Olietank hydraulisch systeem
Afzuigfi lter
Aanzuigfi lter
Pomp voor aandrijvingsysteem
Dieselmotor
Motor aandrijvingsysteem
Verdeler 3 elementen
Cilinder ap
Cilinder omhoog brengen afvalcontainer
Motor hoofdborstel
Motor borstel rechts
Motor borstel links
Radiateurolie hydraulisch systeem
Terugslagklep
Cilinder borstel links
Cilinder borstel rechts
Blokkeerklep
Cilinder hoofdborstel
Hydraulische aandrijving
Voorkeurklep
Bedieningspomp
Pomp aanzuigventilator
Verdeler 1 element
Vloeistofomleider
Motor aanzuigventilator
Dubbele blokkeerklep
Cilinder hydraulische aandrijving
Servomechanisme pedaal
Handbediende pomp (*)
Cilinder cabine omhoog (*)
(*) Optioneel
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
9.
10.
11.
12.
13.
14.
15.
16.
17.
18.
19.
20.
21.
22.
23.
24.
25.
26.
27.
28.
29.
30.
ELEKTRISCHE BESCHERMINGEN
Onder het dashboard bevinden zich twee zekeringenkastjes
(24 en 23, Afb. C) met een deksel van doorzichtig plastic, die
de volgende zekeringen ter bescherming van de betreffende
circuits bevatten:
Zekeringenkastje A 6-wegs (23, Afb. B-C)
F1: Zekering noodlichten (10 A)
F2: Zekering richtingaanwijzers (10 A)
F3: Zekering positielichten linkerkant (7,5 A)
F4: Zekering positielichten rechterkant (7,5 A)
F5: Zekering groot licht (10 A)
F6: Zekering dimlichten (10 A)
Zekeringenkastje B 12-wegs (24, Afb. B-C)
F7: Zekering magneetklep brandstof (7,5 A)
F8: Zekering bediening/regeleenheid bougies (7,5 A)
F9: Zekering remlichten (10 A)
F10: Zekering klimaatregelaar (20 A) (*)
F11: Vrije zekering (10 A)
F12: Zekering elektroventilator (20 A)
F13: Zekering pieper achteruitrijden (10 A)
F14: Zekering fi lterschudder (20 A)
F15: Vrije zekering (7,5 A)
F16: Zekering knipperlicht (7,5 A)
F17: Vrije zekering (7,5 A)
F18: Zekering geluidssignaal (7,5 A)
(*) Zonder klimaatregelaar is de zekering 10 A vrij.
ACCESSOIRES / OPTIES
Naast de onderdelen van de standaarduitvoering kan de
machine worden uitgerust met de volgende accessoires,
volgens het gebruik van de machine:
Borstels met hardere of zachtere haren dan de
standaardborstel
Borstel links (*)
Stuurcabine (*)
Klimaatregelaar stuurcabine (*)
Veiligheidsgordel aan de bestuurderszijde (*)
(*) Optioneel
GEBRUIKSAANWIJZING
NEDERLANDS
SR 1800S D 2WD 33014097(2)2006-12 A
13
GEBRUIK
LET OP!
Op de machine zijn enkele plaatjes aangebracht
met de volgende woorden:
GEVAAR
LET OP!
WAARSCHUWING!
ADVIES
LET OP!
Dek de plaatjes niet af en vervang ze
onmiddellijk als ze beschadigd zijn.
LET OP!
We raden u aan tijdens de werkzaamheden
gehoorbescherming te dragen
(oorbeschermers, etc.).
VOOR HET STARTEN
Open waar nodig de klep van de stoel (8, Afb. F) door
deze omhoog te brengen en de brandstof via de vuldop
(46, Afb. E) bij te vullen.
WAARSCHUWING!
Vul de tank nooit volledig met brandstof, maar
zorg dat de brandstof minimaal 4 cm onder de
rand van de vulmond staat zodat de brandstof
kan uitzetten.
Controleer of er geen deurtjes of kleppen open staan op
de machine en of de arbeidsomstandigheden normaal
zijn.
STARTEN EN STOPPEN VAN DE
DIESELMOTOR
Starten van de dieselmotor
Ga op de bestuurdersstoel (27, Afb. B-C) zitten en
controleer of de parkeerrem (21) is geactiveerd.
Stel de stoelpositie naar wens af met de hendel (28, Afb.
B-C).
Stel de buitenspiegels af voor beter zicht tijdens het
manoeuvreren (*).
Zet de gashendel van de motor (19, Afb. B - 29, Afb. C)
op het minimum.
Controleer of de borstels omhoog staan, houd er
anders rekening mee bij het starten van de motor voor
eventuele ongemakken die de borstels zouden kunnen
veroorzaken indien ze meteen beginnen te draaien.
1.
2.
1.
2.
3.
4.
5.
Steek de contactsleutel (17, Afb. B-C) in het contact.
Draai de sleutel één slag rechtsom en laat hem in
deze stand staan. Op dat moment gaan de volgende
controlelampjes branden:
Controlelampje voorverwarming bougies dieselmotor
(9, Afb. B-C)
Controlelampje laadstatus accu (7, Afb. B-C)
Controlelampje oliedruk dieselmotor (11, Afb. B-C)
Controlelampje parkeerrem (8, Afb. B-C)
Draai wanneer het controlelampje voor de
voorverwarming van de bougies (9, Afb. B-C) uit is de
contactsleutel rechtsom tot hij niet verder kan en laat de
sleutel los wanneer de dieselmotor start.
WAARSCHUWING!
Laat de contactsleutel bij het starten van
de dieselmotor niet te lang ingeschakeld
(maximaal 20 seconden) om de startmotor niet
te beschadigen. Wanneer de motor niet start,
wacht dan even voordat u opnieuw probeert.
Voordat u opnieuw probeert te starten, de
sleutel terugdraaien, tegen de klok in, tot de
beginpositie.
Als de dieselmotor na twee pogingen nog niet
is gestart, moet u de hulp inroepen van degene
die verantwoordelijk is voor de machine.
WAARSCHUWING!
Wanneer u de motor met de contactsleutel
(17, Afb. B-C) start, moet u het gaspedaal (25)
niet indrukken. Als u dat wel doet, zorgt het
veiligheidssysteem dat de motor dan niet kan
worden gestart.
Controleer of alle controlelampjes uit zijn als de machine
in beweging is.
Zet het gaspedaal (19, Afb. B - 29, Afb. C) in de halve
stand en laat de motor enkele minuten draaien om op te
warmen, vooral bij zeer lage temperaturen.
Stoppen van de dieselmotor
Zet de gashendel van de motor (19, Afb. B - 29, Afb. C)
op het minimum en laat de hendel enkele minuten in
deze stand staan om het systeem te stabiliseren.
Draai de contactsleutel (17, Afb. B-C) tot het einde
linksom en verwijder de sleutel.
Schakel de parkeerrem in met de hendel (21, Afb. B-C).
6.
7.
8.
9.
1.
2.
3.
NEDERLANDS
GEBRUIKSAANWIJZING
14
33014097(2)2006-12 A SR 1800S D 2WD
GEBRUIK VAN DE MACHINE
De machine kan als volgt worden gebruikt:
in verplaatsingmodus
in werkmodus
Wanneer de machine moet worden verplaatst (zonder
vegen), moet u als volgt te werk gaan:
Start de dieselmotor zoals werd beschreven in het vorige
deel.
Controleer of de afvalcontainer (2, Afb. E-F) omlaag
staat.
Controleer of aanzuigventilator uit is; controleer of de
hendel (18, Afb. B - 30 Afb. C) omlaag staat.
Zet de gashendel van de motor (19, Afb. B - 29, Afb. C)
langzaam naar voren totdat hij op MAX staat.
Schakel de parkeerrem uit met de hendel (21, Afb. B-C).
Verplaats de machine met de handen op het stuur (20,
Afb. B-C). Druk geleidelijk op het voorste deel van het
pedaal (25) om de machine voorwaarts te bewegen of
op het achterste deel om de machine achterwaarts te
bewegen.
De bewegingssnelheid is instelbaar van nul tot de
maximale waarde via de druk op het pedaal.
LET OP!
Vergeet niet dat de achteras wordt
aangedreven.
Laat het pedaal (25, Afb. B-C) los om de machine te
stoppen.
Als u de machine snel tot stilstand wilt brengen, drukt u
ook het pedaal van de servicerem (26, Afb. B-C) in.
Zet de gashendel van de motor (19, Afb. B - 29, Afb. C)
op MIN en laat de hendel enkele minuten in deze stand
staan om het systeem te stabiliseren.
Schakel de motor uit door de contactsleutel (17, Afb.
B-C) tot het einde linksom te draaien en de sleutel te
verwijderen.
Schakel de parkeerrem in met de hendel (21, Afb. B-C).
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
9.
10.
11.
1.
Wanneer u een werkcyclus wilt uitvoeren, gaat u als volgt
te werk:
WAARSCHUWING!
Gebruik de veegmachine niet op bijzonder natte
vloeren.
Start de dieselmotor zoals werd beschreven in het vorige
deel.
Controleer of de afvalcontainer (2, Afb. E-F) omlaag
staat.
Zet de gashendel van de motor (19, Afb. B - 29, Afb. C)
langzaam naar voren totdat hij op MAX staat.
Schakel de aanzuigventilator (25, Afb. F) in door de
hendel van de verdeler (18, Afb. B - 30 Afb. C) omhoog
te draaien.
WAARSCHUWING!
Wanneer er tijdens de werkcyclus natte
oppervlakken moeten worden geveegd, vergeet
dan niet de aanzuigventilator te stoppen en
deze weer in te schakelen wanneer u het
vochtige gebied verlaat.
Open de sluitfl ap (19, Afb. F) van de afvalcontainer door
de linkerhendel van de bediening (1, Afb. B-C) ingedrukt
te houden.
Laat de hoofdborstel (29, Afb. E) zakken door de hendel
van de bediening (4, Afb. B-C) naar links te zetten. Met
dezelfde bediening begint de hoofdborstel te draaien.
Breng zo nodig ook de zijborstel rechts (20, Afb. E)
omlaag door de middelste hendel van de bediening (3,
Afb. B-C) omlaag te zetten. Met dezelfde bediening
begint ook de zijborstel rechts te draaien. Met dezelfde
hendel wordt ook de borstel links (22, Afb. E) geregeld.
Schakel de parkeerrem uit met de hendel (21, Afb. B-C).
Begin met de veegwerkzaamheden door de machine met
de handen op het stuur (20, Afb. B-C) te verplaatsen en
geleidelijk op het voorste deel van het pedaal (25) om de
machine voorwaarts te bewegen of op het achterste deel
om de machine achterwaarts te bewegen te drukken.
De bewegingssnelheid is instelbaar van nul tot de
maximale waarde via de druk op het pedaal.
WAARSCHUWING!
De borstels kunnen ook omhoog en omlaag
worden gebracht wanneer de machine beweegt.
De borstels draaien niet als ze omhoog staan.
WAARSCHUWING!
Wanneer de aanzuiging niet meer goed werkt,
moet de afvalcontainer worden geleegd.
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
9.
10.
GEBRUIKSAANWIJZING
NEDERLANDS
SR 1800S D 2WD 33014097(2)2006-12 A
15
Ga als volgt te werken om de afvalcontainer (2, Afb. F) te
legen:
Breng de zijborstel omhoog en zet deze stil door
de middelste hendel van de bediening (3, Afb. B-C)
ingedrukt te houden.
Breng de hoofdborstel omhoog en zet deze stil door
de hendel van de bediening (4, Afb. B-C) naar rechts
ingedrukt te houden.
Schakel de aanzuigventilator (25, Afb. F) uit door de
hendel van de bediening (18, Afb. B - 30 Afb. C) omlaag
te draaien.
Sluit de fl ap (19, Afb. F) door de linkerhendel van de
bediening (1, Afb. B-C) aan te trekken.
Zet de machine op een stevige, vlakke ondergrond
op een plek die bestemd is voor het legen van de
afvalcontainer.
Breng de afvalcontainer (2, Afb. F) omhoog tot de
gewenste hoogte door de rechterhendel van de
bediening (12, Afb. B - 31, Afb. C) ingedrukt te houden.
WAARSCHUWING!
De maximale hoogte voor het legen van de
afvalcontainer is 1.460 mm.
LET OP!
Wees zeer voorzichtig wanneer de
afvalcontainer omhoog is gebracht. Leeg de
container niet op een helling.
LET OP!
Controleer tijdens het legen of er zich
geen personen in het werkgebied van de
veegmachine bevinden.
Open de fl ap (19, Afb. F) om het vuil uit de container te
laten lopen door de linkerhendel van de bediening (1,
Afb. B-C) ingedrukt te houden.
Sluit na het legen de fl ap (19, Afb. F) door de
linkerhendel van de bediening (1, Afb. B-C) aan te
trekken.
Breng de afvalcontainer omlaag door de rechterhendel
van de bediening (12, Afb. B - 31, Afb. C) aan te trekken.
Schakel de fi lterschudder (52, Afb. E) in om de stoffi lter
te reinigen; druk 15-20 seconden op de knop (15, Afb.
B-C).
LET OP!
Schakel de fi lterschudder niet in wanneer de
afvalcontainer omhoog staat.
Herhaal punten 8 tot en met 12 van de
verplaatsingsprocedure.
11.
12.
13.
14.
15.
16.
17.
18.
19.
20.
1.
GEBRUIK VAN DE BORSTEL LINKS
(OPTIONEEL)
Zie het deel Gebruik van de machine in de beschrijving
van de werkcyclus.
GEBRUIK VAN RUITENWISSERS EN -
SPROEIERS (OPTIONEEL)
Gebruik de schakelaar (1, Afb. I) om de ruitenwisser in
en uit te schakelen.
GEBRUIK VAN DE KLIMAATREGELAAR IN DE
STUURCABINE (OPTIONEEL)
Draai voor het inschakelen van de klimaatregelaar de
schakelaar (18, Afb. C) één slag waardoor de ventilator
in de eerste snelheid wordt gezet.
Draai de schakelaar (18, Afb. C) naar de tweede slag om
de tweede snelheid van de ventilator te activeren.
Zet de schakelaar (18, Afb. C) terug naar de beginpositie
om de klimaatregelaar uit te zetten.
WERKING VAN HET VERLICHTINGSSYSTEEM
Gebruik om het verlichtings- en signaleringssysteem
in te schakelen de hendel aan het stuur (19, Afb. C).
De functies van deze hendels worden beschreven in
Beschrijving van de machine in het deel Beschrijving van
het bedieningspaneel en de optionele knoppen.
INSCHAKELING VAN DE NOODLICHTEN
Schakel de noodlichten in met de schakelaar (22, Afb.
C).
DE CABINE HANDMATIG OMHOOG BRENGEN
U kunt de bestuurderscabine als volgt handmatig omhoog en
omlaag zetten.
Schakel de motor uit door de contactsleutel (17, Afb.
B-C) tot het einde linksom te draaien en de sleutel te
verwijderen.
Schakel de parkeerrem (21, Afb. B-C) in.
Open de klep van de stoel (8, Afb. F).
Verwijder de hendel (53, Afb. E) van de handbediende
pomp.
Verplaats de hendel (53, Afb. E) op de handbediende
pomp (47).
Zet de schuifschakelaar (54, Afb. E) van de pomp naar
rechts zodat de cabine omhoog komt. Pomp met behulp
van de hierboven genoemde hendel.
Zet de cabine in de oorspronkelijke stand door de
schuifschakelaar (54, Afb. E) naar links te zetten en te
pompen totdat de cabine weer naar beneden is.
Zet de schuifschakelaar (54, Afb. E) in de middelste
stand.
1.
1.
1.
2.
3.
1.
1.
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
NEDERLANDS
GEBRUIKSAANWIJZING
16
33014097(2)2006-12 A SR 1800S D 2WD
DE BLOKKEERSTANGEN VAN DE
OPGEHEVEN AFVALCONTAINER NAAR
BINNEN STEKEN
Telkens wanneer u onder de afvalcontainer moet werken,
moet u de container volledig omhoog brengen door
de hendel van de bediening (12, Afb. B - 31, Afb. C)
ingedrukt te houden en daarna de twee blokkeerstangen
(4, Afb. F) naar binnen steken.
NA GEBRUIK VAN DE MACHINE
Aan het eind va de werkcyclus moet u de machine als volgt
opslaan:
Hoofdborstel omhoog (zie het deel Gebruik van de
machine).
Zijborstel omhoog (zie het deel Gebruik van de machine).
Aanzuigventilator uitgeschakeld (zie het deel Gebruik
van de machine).
Gashendel op MIN.
Afvalcontainer omlaag (zie het deel Gebruik van de
machine).
Motor uitgeschakeld (zie het deel Starten en stoppen van
de dieselmotor).
Doe als ze aan zijn, de lichten uit.
Parkeerrem ingeschakeld.
TREKBEWEGING VAN DE MACHINE
Voor trekbewegingen van de machine gaat u als volgt te werk.
Leeg waar mogelijk de afvalcontainer (2, Afb. F). Als
de hoeveelheid afval minimaal is, is het niet nodig de
container te legen.
Schakel de parkeerrem (21, Afb. B-C) in.
Schakel de motor uit door de contactsleutel (17, Afb.
B-C) tot het einde linksom te draaien en de sleutel te
verwijderen.
Open de motorkap (5, Afb. F) en bevestig deze met de
steunstang (6, Afb. F).
Draai de schroef van de omloopklep (1, Afb. G) voor de
pomp voor het aandrijvingsysteem (32, Afb. E) ongeveer
twee slagen los zodat de machine in de neutraalstand
staat.
Sleep de machine door de machine aan de punten te
koppelen die worden aangegeven met de stickers (55,
56, Afb. F - 57, Afb. E).
1.
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
1.
2.
3.
4.
5.
6.
VERVOER/BEWEGING
Gebruik voor het vervoeren/bewegen van de machine de als
volgt beschreven bevestigingspunten en standen.
LET OP!
Het verankeren van de machine moet worden
uitgevoerd door bevoegd personeel.
Beschikbare punten
De machine is voorzien van de volgende
bevestigingspunten:
2 punten aan de zijkant (55, Afb. F)
2 punten aan de achterkant (56, Afb. F)
OPMERKING
De hierboven genoemde punten zijn met stickers
aangegeven.
Verankering
Voer de volgende handelingen uit voor de verankering
van de machine tijdens het vervoer:
De machine opstellen in verplaatsingmodus (zie de
procedure in het betreffende deel).
Haal de contactsleutel uit de contactschakelaar (17,
Afb. B-C).
Schakel de parkeerrem (21, Afb. B-C) in.
Sluit alle kleppen, kappen, etc.
Bevestig de machine op de aangegeven punten (55,
56, Afb. F) met geschikte banden.
LANGE PERIODE VAN STILSTAND
Als de machine langer dan 30 dagen niet wordt gebruikt,
raden wij u het volgende aan:
Zet de machine in ruststand zoals beschreven in de
paragraaf ‘Na gebruik van de machine.
De machine opslaan in een gesloten, droge en schone
ruimte die afgeschermd is van de weersomstandigheden
en die voldoet aan de volgende omgevingswaarden:
Temperatuur: van +1°C tot +50°C
Vochtigheid: maximaal 95%
Ontkoppel de minpool van de accu (43, Afb. F).
Behandel de dieselmotor zoals beschreven in de
betreffende handleiding.
EERSTE GEBRUIKSPERIODE
Na de eerste gebruiksperiode (de eerste 8 uur) moet u de
volgende handelingen uitvoeren:
Controleer of alle bevestigings- en aansluitingselementen
nog goed vast zitten; controleer of alle zichtbare
onderdelen nog intact zijn en geen lekkage vertonen.
Voer na de eerste 50 werkuren, de controles en de
voorziene vervangingen uit volgens het vastgelegde
onderhoudsschema.
1.
2.
1.
2.
1.
2.
1.
2.
GEBRUIKSAANWIJZING
NEDERLANDS
SR 1800S D 2WD 33014097(2)2006-12 A
17
ONDERHOUD
De levensduur van de machine en de optimale veilige werking ervan worden geholpen door nauwkeurig en regelmatig
onderhoud.
Hieronder staat het verkorte onderhoudsschema. De aangegeven intervallen zijn afhankelijk van de specifi eke
werkomstandigheden en worden bepaald door de verantwoordelijke persoon voor onderhoud.
LET OP!
De onderhoudswerkzaamheden moeten bij een uitgeschakelde machine worden uitgevoerd (de startsleutel
moet uit het contact zijn gehaald).
Lees echter eerst aandachtig de instructies in het hoofdstuk Veiligheid door, voordat u de
onderhoudswerkzaamheden uitvoert.
OPMERKING
Bij onderhoudswerkzaamheden moeten altijd originele vervangingsonderdelen worden gebruikt.
Alle regelmatige of buitengewone onderhoudswerkzaamheden moeten worden uitgevoerd door bevoegd personeel of bij een
bevoegd servicecentrum.
In deze handleiding staan na het onderhoudsschema alleen de eenvoudigste en meest voorkomende onderhoudsprocedures.
De procedures voor de onderhoudswerkzaamheden die niet in het vastgelegde onderhoudsschema staan, vindt u in de
servicehandleiding, die bij de verschillende servicecentra ligt.
ONDERHOUDSSCHEMA
Onderhoud
Inloopperiode (na
de eerste 50 uren)
Elke 10 uur
en voor het
gebruik
Elke
200 uur
Elke
600 uur
Elke
1.200 uur
Elke
2.400 uur
Langere
perio-
den
Controle oliepeil van dieselmotor
Reiniging van het luchtfi lter van
de motor
Controle reiniging ribben
radiateur van de motor
Controle peil koelvloeistof van
de motor
Controle van het vloeistofpeil
van de accu's
Controle oliepeil en effi ciëntie
van de afzuigfi lter van de
hydraulische installatie
Controle en reiniging
ribben olieradiateur van het
hydraulische systeem
Reiniging afvalcontainer en
controle afdichtingen
Controle remoliepeil
Controle werking van
geluidssignaal achteruit
Veiligheidscontrole bij niet
starten dieselmotor, met
gaspedaal ingeschakeld
(6)
Controle bandenspanning
Controle stofafdichtingen
Controle en afstelling zijborstels
Controle en afstelling
hoofdborstel
Verversing olie dieselmotor (7)(8)
Controle parkeerrem
Controle spanning ketting
dynamo
(7)
Controle spanning ketting
compressor klimaatregelaar
(8)
Vervanging oliefi lter dieselmotor (7)(8)
NEDERLANDS
GEBRUIKSAANWIJZING
18
33014097(2)2006-12 A SR 1800S D 2WD
Onderhoud
Inloopperiode (na
de eerste 24 uren)
Elke 10 uur
en voor het
gebruik
Elke
200 uur
Elke
600 uur
Elke
1.200 uur
Elke
2.400 uur
Langere
perio-
den
Vervanging brandstoffi lter
dieselmotor
(7)
Controle bevestiging moeren en
schroeven; lekkage
(6) (6)
Smering (6)
Controle bussen van
koelvloeistofsysteem
dieselmotor
(7)(6)
Vervanging oliefi lter pomp
aandrijvingsysteem
(6) (6)
Vervanging fi lter voor
olieaanzuiging hydraulisch
systeem
(6) (6)
Vervanging ketting dynamo (3)(6)
Vervanging luchtfi lter
stuurcabine
(1)
IJking en reiniging injectoren (2)(3)(6)
Vervanging ketting compressor
klimaatregelaar
(6)
Verversing koelvloeistof
dieselmotor
(3)(6)
Verversing olie hydraulische
systeem
(3)(6)
Controle remsysteem (6)
Controle druk hydraulische
pompen
(6)
Gedeeltelijke revisie dieselmotor (2)(4)(6)
Algemene revisie dieselmotor (2)(5)(6)
(1): of elke 6 maanden
(2): onderhoudswerkzaamheden die bij de servicecentra van Lombardini moeten worden uitgevoerd
(3): of elke 2 jaar
(4): na 5.000 uur
(5): na 10.000 uur
(6): zie voor de betreffende procedure de werkplaatshandleiding bij de servicecentra van Nilfi sk-Advance.
(7): bij weinig gebruik elk jaar.
(8): wanneer u olie van een mindere kwaliteit dan aanbevolen gebruikt, moet u de olie elke 125 uur verversen.
DE AFVALCONTAINER REINIGEN
LET OP!
Draag geschikte bescherming voor het lichaam (ogen, haren, handen, enz.) bij het schoonmaken van de
machine met een hogedrukspuit (lucht of water).
Wanneer de afvalcontainer (2, Afb. F) is geleegd, moet u de machine op een plaats aangewezen voor reiniging/spoelen zetten
en het volgende doen:
Schakel de parkeerrem (21, Afb. B-C) in.
Breng de afvalcontainer (2, Afb. F) omhoog volgens de aanwijzingen in het betreffende deel.
Open de fl ap (19, Afb. F).
Steek de twee blokkeerstangen (4, Afb. F) naar binnen.
Reinig de afvalcontainer met een hogedrukspuit.
WAARSCHUWING!
Reinig de fl ap en alleen het onderste deel van de afvalcontainer met een hogedrukspuit om te voorkomen dat
de zakfi lter (26, Afb. E) nat wordt.
1.
2.
3.
4.
5.
GEBRUIKSAANWIJZING
NEDERLANDS
SR 1800S D 2WD 33014097(2)2006-12 A
19
DE ZAKFILTER VERVANGEN
Vervang als volgt de zakfi lter:
Zet de machine in ruststand zoals beschreven in de
paragraaf ‘Na gebruik van de machine.
Verwijder de klep (1, Afb. F) van de afvalcontainer door
de bevestigingsknop (58, Afb. E) los te draaien.
Verwijder de afdekking (1, Afb. H) van de afvalcontainer
door de zes bevestigingsschroeven (2, Afb. G) los te
draaien.
Verwijder de zes schroeven (1, Afb. J) en verwijder
daarna de drie vergrendelingsplaatjes van de zakfi lter (2,
Afb. J).
Til de zakfi lter (1, Afb. L) omhoog, koppel de kabel van
de motor voor de fi lterschudder (2) los en vervang de
lter.
Voer de punten 2, 3, 4 en 5 in de omgekeerde volgorde
uit.
OPMERKING
Ga ook voor het reinigen op dezelfde manier te
werk.
CONTROLE VAN HET OLIEPEIL VAN HET
HYDRAULISCHE SYSTEEM
Schakel de parkeerrem (21, Afb. B-C) in.
Open de klep van de stoel (8, Afb. F).
Controleer via de indicator (11, Afb. F) of het peil van de
olie in de tank tussen de markeringen MIN en MAX staat.
Verwijder eventueel de dop (41, Afb. E) en vul olie bij. Zie
voor de bruikbare soorten olie het hoofdstuk Technische
eigenschappen.
OPMERKING
Vul bij met dezelfde olie als in de tank.
Draai de dop (41, Afb. E) aan.
Sluit de klep van de stoel (8, Afb. F).
DE OLIEFILTER VAN HET HYDRAULISCH
SYSTEEM VERVANGEN
LET OP!
De olie van het hydraulisch systeem is
zeer bijtend, draag daarom altijd rubberen
handschoenen.
Schakel de parkeerrem (21, Afb. B-C) in.
Open de klep van de stoel (8, Afb. F).
Plaats een geschikte container om de olie op te vangen
rechts van het achterwiel (37, Afb. E) onder de aftapdop
(42, Afb. E) van het oliereservoir van het hydraulisch
systeem.
Draai de dop (42, Afb. E) los en verwijder deze. Laat alle
olie uit het hydraulisch systeem lopen.
Wanneer alle olie uit het reservoir is gedruppeld, draait u
de dop (42, Afb. E) weer vast.
Verwijder de afdekking (59, Afb. E) van het oliereservoir.
Draai de twee aanzuigfi lters (40, Afb. E) los met een
D50-sleutel en vervang ze.
Reinig het oliereservoir (39, Afb. E) in het steunvlak van
de afdekking (59, Afb. E). Bevestig daarna de afdekking
met siliconenkit en schroeven.
Giet de olie die eerder was afgetapt terug in het
reservoir.
LET OP!
De verwijderde olie en fi lters moeten worden
bezorgd bij speciale inzamelingsbedrijven die
voldoen aan de geldende milieuwetgeving.
1.
2.
3.
4.
5.
6.
1.
2.
3.
4.
5.
6.
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
9.
DE OLIE VAN HET HYDRAULISCH SYSTEEM
VERVERSEN
LET OP!
De olie van het hydraulisch systeem is
zeer bijtend, draag daarom altijd rubberen
handschoenen.
Schakel de parkeerrem (21, Afb. B-C) in.
Open de klep van de stoel (8, Afb. F).
Plaats een geschikte container om de olie op te vangen
rechts van het achterwiel (37, Afb. E) onder de aftapdop
(42, Afb. E) van het oliereservoir van het hydraulisch
systeem.
Draai de dop (42, Afb. E) los en verwijder deze. Laat alle
olie uit het hydraulisch systeem lopen.
Wanneer alle olie uit het reservoir is gedruppeld, draait u
de dop (42, Afb. E) weer vast.
Verwijder de afdekking (59, Afb. E) van het oliereservoir.
Draai de twee aanzuigfi lters (40, Afb. E) los volgens de
aanwijzingen in het betreffende deel.
Reinig het oliereservoir (39, Afb. E) in het steunvlak van
de afdekking (59, Afb. E). Bevestig daarna de afdekking
met siliconenkit en schroeven.
Vul met dezelfde of gelijkaardige olie (zie het deel
Technische eigenschappen).
LET OP!
De verwijderde olie en fi lters moeten worden
bezorgd bij speciale inzamelingsbedrijven die
voldoen aan de geldende milieuwetgeving.
CONTROLE VAN DE REINIGING VAN DE
RIBBEN VAN DE RADIATEUR VAN DE OLIE
VAN DE HYDRAULISCHE INSTALLATIE
LET OP!
Draag geschikte bescherming voor het
lichaam (ogen, haren, handen, enz.) bij het
schoonmaken van de machine met een
hogedrukspuit (lucht of water).
Zet de machine op een vlakke en stevige ondergrond en
schakel de parkeerrem (21, Afb. B-C) in.
Schakel de motor uit door de contactsleutel (17, Afb.
B-C) tot het einde linksom te draaien en de sleutel te
verwijderen.
Open de klep van de stoel (8, Afb. F).
Reinig de ribben van de radiateur voor de olie van het
hydraulisch systeem (48, Afb. E) met een straal perslucht
(maximaal 6 Bar). Richt waar nodig de straal perslucht in
de tegenovergestelde richting van de koelluchtcirculatie.
Controleer vanaf de binnenzijde van de radiateur (48,
Afb. E) of de ventilator vrij kan draaien.
Voer de punten 3 tot en met 6 in de omgekeerde
volgorde uit.
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
9.
1.
2.
3.
4.
5.
6.
NEDERLANDS
GEBRUIKSAANWIJZING
20
33014097(2)2006-12 A SR 1800S D 2WD
CONTROLE VAN HET VLOEISTOFPEIL VAN DE
ACCU
LET OP!
Draag geschikte bescherming voor het lichaam
(ogen, haren, handen, enz.) bij het controleren
of reinigen van de accu.
Schakel de parkeerrem (21, Afb. B-C) in.
Schakel de motor uit door de contactsleutel (17, Afb.
B-C) tot het einde linksom te draaien en de sleutel te
verwijderen.
Open de klep van de stoel (8, Afb. F).
Controleer het peil van de elektrolyt in de accu (43, Afb.
E) en vul indien nodig bij met gedistilleerd water.
Reinig indien nodig de accu.
Controleer of de poolaansluitingen van de accu niet
verroest zijn.
Sluit de klep van de stoel (8, Afb. F).
CONTROLE VAN HET REMOLIEPEIL
Schakel de parkeerrem (21, Afb. B-C) in.
Schakel de motor uit door de contactsleutel (17, Afb.
B-C) tot het einde linksom te draaien en de sleutel te
verwijderen.
Breng de afvalcontainer helemaal omhoog, zoals wordt
beschreven in het specifi eke deel.
Steek de twee blokkeerstangen (4, Afb. F) naar binnen.
Controleer of het oliepeil in het reservoir (12, Afb. F)
tussen de minimum- en maximummarkeringen staat. Vul
waar nodig bij met dezelfde olie als in het circuit.
Meestal gebruikte olie: DOT4.
Verwijder de vergrendelingsstangen (4, Afb. F) en laat de
afvalcontainer zakken.
CONTROLE VAN DE WERKING VAN
HET GELUIDSSIGNAAL BIJ ACHTERUIT
(OPTIONEEL)
Controleer of het geluidssignaal aangaat als de machine
in z’n achteruit wordt gezet.
Stel de activeringsensor indien nodig af zoals
beschreven in de Werkplaatshandleiding.
CONTROLE VAN DE BANDENSPANNING
Schakel de parkeerrem (21, Afb. B-C) in.
Schakel de motor uit door de contactsleutel (17, Afb.
B-C) tot het einde linksom te draaien en de sleutel te
verwijderen.
De bandenspanning moet als volgt zijn:
Voorbanden: 7,0 Bar
Achterbanden: 7,0 Bar
LET OP!
Respecteer de waarden voor de
bandenspanning op de betreffende stickers.
De waarden op de banden verwijzen naar
standaardbelastingen en -snelheden,
maar komen niet overeen met de
bedrijfsomstandigheden van de machine.
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
1.
2.
1.
2.
3.
DE HOOGTE VAN DE ZIJBORSTELS
CONTROLEREN EN AFSTELLEN
Controleer of de indruk op de grond van de zijborstel juist
is door als volgt te werk te gaan:
Zet de machine op een vlakke ondergrond.
Zet de machine stil, laat de zijborstels zakken en laat
deze enkele seconden draaien.
Zet de zijborstel stil en breng deze omhoog voordat u de
machine verplaatst.
Controleer of de indruk die de zijborstel achterlaat is
zoals in de afbeelding (Afb. M) in verhouding tot de
rijrichting (3, Afb. M).
De zijborstel rechts moet de vloer raken in een
draaicirkel tussen 9 uur en 4 uur (1, Afb. M).
De zijborstel links moet de vloer raken in een
draaicirkel tussen 8 uur en 3 uur (2, Afb. M).
Wanneer de indruk niet overeenkomt met de
specifi caties, stelt u de hoogte van de zijborstel af met de
schroef (1, Afb. N).
OPMERKING
Als de borstels door overmatige slijtage niet meer
kunnen worden afgesteld, moeten de borstels zoals
in het betreffende deel worden vervangen.
DE ZIJBORSTELS VERVANGEN
OPMERKING
Er zijn verschillende soorten borstels leverbaar.
Deze procedure is van toepassing op alle soorten
borstels.
WAARSCHUWING!
Wij raden u aan werkhandschoenen te dragen
als u de zijborstels vervangt omdat er scherpe
deeltjes tussen de haren van de borstels
kunnen blijven hangen.
Stel de machine af zoals beschreven in het deel Na
gebruik van de machine.
Start de dieselmotor zoals werd beschreven in de
specifi eke paragraaf.
Zet de gashendel (19, Afb. B - 29, Afb. C) op MAX.
Breng de afvalcontainer (2, Afb. F) omhoog door de
hendel van de bediening (12, Afb. B - 31, Afb. C)
ingedrukt te houden tot de container de juiste hoogte
bereikt en u onder de zijborstel kunt komen.
Schakel de motor uit door de contactsleutel (17, Afb.
B-C) tot het einde linksom te draaien en de sleutel te
verwijderen.
Verwijder de blokkeerschroef (1, Afb. P) en verwijder en
vervang daarna de zijborstel.
Bevestig de zijborstel met de schroef (1, Afb. P).
Breng de afvalcontainer (2, Afb. F) omlaag door de
rechterhendel van de bediening (12, Afb. B - 31, Afb. C)
aangetrokken te houden.
1.
2.
3.
4.
5.
6.
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
GEBRUIKSAANWIJZING
NEDERLANDS
SR 1800S D 2WD 33014097(2)2006-12 A
21
DE HOOGTE VAN DE HOOFDBORSTEL
CONTROLEREN EN AFSTELLEN
Controleer of de indruk op de grond van de hoofdborstel juist
is door als volgt te werk te gaan:
Zet de machine op een vlakke ondergrond.
Zet de machine stil, laat de hoofdborstel zakken en laat
deze enkele seconden draaien.
Zet de hoofdborstel stil en breng deze omhoog voordat u
de machine verplaatst.
Controleer of de indruk van de hoofdborstel is zoals
aangegeven in de afbeelding (Afb. O).
Wanneer de indruk niet overeenkomt met de
specifi caties, stelt u de hoogte van de hoofdborstel af
met de schroef (1, Afb. Q).
DE HOOFDBORSTELVERVANGEN
OPMERKING
Er zijn verschillende soorten borstels leverbaar.
Deze procedure is van toepassing op alle soorten
borstels.
WAARSCHUWING!
Wij raden u aan werkhandschoenen te dragen
als u de hoofdborstel vervangt omdat er
scherpe deeltjes tussen de haren van de borstel
kunnen blijven hangen.
Stel de machine af zoals beschreven in het deel Na
gebruik van de machine.
Verwijder de onderste klep aan de rechterzijde (50, Afb.
F).
Verwijder de drie vleugelmoeren (1, Afb. R).
Verwijder het afdichtplaatje (2, Afb. R).
Plaats de stofafdichting (3, Afb. R).
Verwijder de veiligheidsklem (1, Afb. S).
Verwijder de steunfl ens (2, Afb. S) van de hoofdborstel.
Verwijder de hoofdborstel (3, Afb. S) en vervang deze.
Voer de punten 2, 3, 4, 5, 6 en 7 in de omgekeerde
volgorde uit.
DE STOFAFDICHTING RECHTS VERVANGEN
Stel de machine af zoals beschreven in het deel Na
gebruik van de machine.
Start de dieselmotor zoals werd beschreven in de
specifi eke paragraaf.
Zet de gashendel (19, Afb. B - 29, Afb. C) op MAX.
Breng de afvalcontainer (2, Afb. F) omhoog door de
rechterhendel van de bediening (12, Afb. B - 31, Afb. C)
ingedrukt te houden.
Schakel de motor uit door de contactsleutel (17, Afb.
B-C) tot het einde linksom te draaien en de sleutel te
verwijderen.
Steek de twee blokkeerstangen (4, Afb. F) naar binnen.
Verwijder de onderste klep aan de rechterzijde (50, Afb.
F).
Verwijder de drie vleugelmoeren (1, Afb. R).
Verwijder het afdichtplaatje (2, Afb. R).
Verwijder de vier schroeven binnenin (1, Afb. T).
Verwijder het afdichtplaatje (2, Afb. T).
Verwijder de stofafdichting (3, Afb. R) en vervang deze.
Voer de punten 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8, 9, 10 en 11 in de
omgekeerde volgorde uit.
1.
2.
3.
4.
5.
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
9.
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
9.
10.
11.
12.
13.
DE STOFAFDICHTING LINKS VERVANGEN
Stel de machine af zoals beschreven in het deel Na
gebruik van de machine.
Start de dieselmotor zoals werd beschreven in de
specifi eke paragraaf.
Zet de gashendel (19, Afb. B - 29, Afb. C) op MAX.
Breng de afvalcontainer (2, Afb. F) omhoog door de
rechterhendel van de bediening (12, Afb. B - 31, Afb. C)
ingedrukt te houden.
Schakel de motor uit door de contactsleutel (17, Afb.
B-C) tot het einde linksom te draaien en de sleutel te
verwijderen.
Steek de twee blokkeerstangen (4, Afb. F) naar binnen.
Verwijder de onderste klep aan de linkerzijde (51, Afb. F).
Verwijder de drie vleugelmoeren (1, Afb. U).
Verwijder de drukveer (3, Afb. U).
Verwijder het afdichtplaatje (2, Afb. U).
Verwijder de vier schroeven binnenin (1, Afb. V).
Verwijder het afdichtplaatje (2, Afb. V).
Verwijder de stofafdichting (4, Afb. U) en vervang deze.
Voer de punten 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8, 9, 10, 11 en 12 in de
omgekeerde volgorde uit.
DE STOFAFDICHTING ACHTER VERVANGEN
Stel de machine af zoals beschreven in het deel Na
gebruik van de machine.
Zet de machine op een vlakke ondergrond.
Verwijder de twee bevestigingsschroeven (1, Afb. Z) en
afdichtplaatje (2).
Verwijder de stofafdichting (3, Afb. Z) en vervang deze.
Voer de punten 2 en 3 in omgekeerde volgorde uit.
DE STOFAFDICHTING VAN DE FLAP
VERVANGEN
Stel de machine af zoals beschreven in het deel Na
gebruik van de machine.
Start de dieselmotor zoals werd beschreven in de
specifi eke paragraaf.
Zet de gashendel (19, Afb. B - 29, Afb. C) op MAX.
Breng de afvalcontainer (2, Afb. F) omhoog door de
rechterhendel van de bediening (12, Afb. B - 31, Afb. C)
ingedrukt te houden.
Schakel de motor uit door de contactsleutel (17, Afb.
B-C) tot het einde linksom te draaien en de sleutel te
verwijderen.
Steek de twee blokkeerstangen (4, Afb. F) naar binnen.
Open de fl ap (19, Afb. F) door de linkerhendel van de
bediening (1, Afb. B-C) ingedrukt te houden.
Verwijder de zes bevestigingsschroeven (1, Afb. AA).
Verwijder het afdichtplaatje (2, Afb. AA) en de
stofafdichting (3) van de fl ap.
Vervang de stofafdichting (3, Afb. AA).
Voer de punten 2, 3, 4, 5, 6, 7 en 8 in de omgekeerde
volgorde uit.
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
9.
10.
11.
12.
13.
14.
1.
2.
3.
4.
5.
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
9.
10.
11.
NEDERLANDS
GEBRUIKSAANWIJZING
22
33014097(2)2006-12 A SR 1800S D 2WD
CONTROLE VAN HET OLIEPEIL VAN DE
DIESELMOTOR
Zet de machine op een stevige, vlakke ondergrond.
Schakel de motor uit door de contactsleutel (17, Afb.
B-C) tot het einde linksom te draaien en de sleutel te
verwijderen.
Schakel de parkeerrem (21, Afb. B-C) in.
Open de motorkap (5, Afb. F) en bevestig deze met de
steunstang (6, Afb. F).
Controleer het oliepeil van de dieselmotor zoals
beschreven in de betreffende handleiding.
Vul eventueel olie bij en ga daarbij te werk zoals
beschreven in de handleiding van de dieselmotor.
OPMERKING
Vul bij met hetzelfde type olie als in de motor. Zie
het deel Gegevens dieselmotor.
Sluit de motorkap (5, Afb. F).
VERVERSING VAN DE OLIE VAN DE
DIESELMOTOR
Zet de machine op een stevige, vlakke ondergrond.
Schakel de motor uit door de contactsleutel (17, Afb.
B-C) tot het einde linksom te draaien en de sleutel te
verwijderen.
Schakel de parkeerrem (21, Afb. B-C) in.
Open de motorkap (5, Afb. F) en bevestig deze met de
steunstang (6, Afb. F).
Ververs de olie van de dieselmotor zoals beschreven in
de betreffende handleiding.
OPMERKING
Gebruik hetzelfde type olie als in de motor. Zie het
deel Gegevens dieselmotor.
Sluit de motorkap (5, Afb. F).
VERVANGING VAN DE OLIEFILTER VAN DE
DIESELMOTOR
Zet de machine op een stevige, vlakke ondergrond.
Schakel de motor uit door de contactsleutel (17, Afb.
B-C) tot het einde linksom te draaien en de sleutel te
verwijderen.
Schakel de parkeerrem (21, Afb. B-C) in.
Open de motorkap (5, Afb. F) en bevestig deze met de
steunstang (6, Afb. F).
Vervang het oliefi lter van de dieselmotor zoals
beschreven in de betreffende handleiding.
Sluit de motorkap (5, Afb. F).
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
1.
2.
3.
4.
5.
6.
1.
2.
3.
4.
5.
6.
DE LUCHTFILTER VAN DE DIESELMOTOR
VERVANGEN
LET OP!
Draag geschikte bescherming voor het
lichaam (ogen, haren, handen, enz.) bij het
schoonmaken van de machine met een
hogedrukspuit (lucht of water).
Stel de machine af zoals beschreven in het deel Na
gebruik van de machine.
Start de dieselmotor zoals werd beschreven in de
specifi eke paragraaf.
Zet de gashendel (19, Afb. B - 29, Afb. C) op MAX.
Breng de afvalcontainer (2, Afb. F) omhoog door de
rechterhendel van de bediening (12, Afb. B - 31, Afb. C)
ingedrukt te houden.
Schakel de motor uit door de contactsleutel (17, Afb.
B-C) tot het einde linksom te draaien en de sleutel te
verwijderen.
Steek de twee blokkeerstangen (4, Afb. F) naar binnen.
Verwijder de afdekking van de luchtfi lter van de motor
(13, Afb. F).
Verwijder de vleugelmoer (1, Afb. AB) en verwijder
daarna de houder (2) van de luchtfi lter. Vervang de
houder.
Verwijder de moer (1, Afb. AC) en verwijder daarna de
veiligheidshouder (2) van de fi lter. Vervang de houder.
Voer de punten 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8 en 9 in de omgekeerde
volgorde uit.
WAARSCHUWING!
Wanneer de veegmachine is voorzien van een
dubbele aanzuigfi lter, spoel dan ook uitsparing
van de lagedrukvoorfi lter (57, Afb. E).
CONTROLE VAN DE REINIGING VAN DE
RIBBEN VAN DE RADIATEUR VAN DE
DIESELMOTOR
Zet de machine op een vlakke en stevige ondergrond en
schakel de parkeerrem (21, Afb. B-C) in.
Schakel de motor uit door de contactsleutel (17, Afb.
B-C) tot het einde linksom te draaien en de sleutel te
verwijderen.
Open de motorkap (5, Afb. F) en bevestig deze met de
steunstang (6, Afb. F).
Controleer of de ribben van de radiateur van de
dieselmotor (36, Afb. E) schoon zijn aan de hand van de
instructies in de betreffende handleiding.
Sluit de motorkap (5, Afb. F).
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
9.
10.
1.
2.
3.
4.
5.
GEBRUIKSAANWIJZING
NEDERLANDS
SR 1800S D 2WD 33014097(2)2006-12 A
23
CONTROLE VAN HET KOELVLOEISTOFPEIL
VAN DE DIESELMOTOR
Zet de machine op een vlakke en stevige ondergrond en
schakel de parkeerrem (21, Afb. B-C) in.
Schakel de motor uit door de contactsleutel (17, Afb.
B-C) tot het einde linksom te draaien en de sleutel te
verwijderen.
Open de motorkap (5, Afb. F).
LET OP!
Het koelcircuit staat onder druk; voer geen
controles uit voordat de motor is afgekoeld en
open ook in dat geval voorzichtig de dop (1,
Afb. AD) van de tank (2).
Ga te werk zoals beschreven in de handleiding van
de dieselmotor en controleer of het koelvloeistofpeil
in de tank (2, Afb. AD) tussen de markeringen van het
minimum- en maximumniveau staat. Schroef indien
nodig de dop (1, Afb. AD) los en vul bij.
Bestanddelen van de koelvloeistof:
50% antivries AGIP
50% water
Draai de dop (1, Afb. AD) vast na het bijvullen.
Sluit de motorkap (5, Afb. F).
DE BRANDSTOFLUCHTFILTER VAN DE
DIESELMOTOR VERVANGEN
Zet de machine op een stevige, vlakke ondergrond.
Schakel de motor uit door de contactsleutel (17, Afb.
B-C) tot het einde linksom te draaien en de sleutel te
verwijderen.
Schakel de parkeerrem (21, Afb. B-C) in.
Open de motorkap (5, Afb. F) en bevestig deze met de
steunstang (6, Afb. F).
Vervang de brandstoffi lter van de dieselmotor zoals
beschreven in de betreffende handleiding.
Sluit de motorkap (5, Afb. F).
DE LUCHTFILTER VAN DE STUURCABINE
VERVANGEN (*)
(*) Alleen bij een cabine met klimaatregelaar
Zet de machine op een stevige, vlakke ondergrond.
Schakel de motor uit door de contactsleutel (17, Afb.
B-C) tot het einde linksom te draaien en de sleutel te
verwijderen.
Schakel de parkeerrem (21, Afb. B-C) in.
Verwijder in de stuurcabine de schroeven (1, Afb. AE) en
verwijder het paneel (2).
Draai de knoppen (1, Afb. AF) los en verwijder het paneel
(2).
Verwijder de luchtfi lter (1, Afb. AG) van de cabine.
Monteer de nieuwe fi lter (1, Afb. AG) zoals afgebeeld met
de pijlen (2) in de richting van de luchtstroom.
Voer de punten 3 en 4 in omgekeerde volgorde uit.
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
1.
2.
3.
4.
5.
6.
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
VERVANGING VAN DE ZEKERINGEN
Schakel de parkeerrem (7, Afb. E) in.
Draai de contactsleutel (17, Afb. D) tot het einde tegen
de klok in en verwijder de sleutel.
Verwijder de doorzichtige bescherming van het
zekeringenkastje (23 of 24, Afb. B-C) en vervang de
betreffende zekering. Raadpleeg voor de waarden
en functies van de zekeringen het deel Elektrische
beschermingen.
Doe de doorzichtige bescherming van het
zekeringenkastje (23 of 24, Afb. B-C) terug.
VEILIGHEIDSFUNCTIES
Op de machine zijn de volgende veiligheidsfuncties voorzien:
GELUIDSSIGNAAL VAN DE ACHTERUIT
(OPTIONEEL)
De machine is voorzien van een sensor met overeenkomend
geluidssignaal om aan te geven dat het voertuig in zijn
achteruit staat.
BEGRENZINGSSENSOR VOOR STARTEN
VAN DE DIESELMOTOR BIJ GEACTIVEERD
GASPEDAAL
De machine is voorzien van een sensor die zorgt dat de
dieselmotor niet start wanneer het gaspedaal wordt ingedrukt.
BEGRENZINGSSENSOR VOOR STARTEN VAN
DE DIESELMOTOR WANNEER DE BEDIENER
NIET IN DE STOEL ZIT
De machine is voorzien van een sensor in het kussen van
de stoel die zorgt dat de dieselmotor niet start wanneer de
bediener niet op de stoel zit.
1.
2.
3.
4.
NEDERLANDS
GEBRUIKSAANWIJZING
24
33014097(2)2006-12 A SR 1800S D 2WD
STORINGEN LOKALISEREN
Hierna volgen de meest gebruikelijke problemen die kunnen worden gecontroleerd tijdens het gebruik van de machine, de
waarschijnlijke oorzaken ervan en de mogelijke acties om ze te herstellen.
LET OP!
De aangegeven herstelactie moet worden uitgevoerd door bevoegd personeel, dat altijd de in de specifi eke
paragrafen van deze handleiding, indien aanwezig, beschreven instructies moet opvolgen. Neem anders
voor meer informatie contact op met de servicecentra van Nilfi sk-Advance. Zij beschikken over de
werkplaatshandleiding.
Neem voor uitleg of informatie contact op met de servicecentra van Nilfi sk-Advance.
ONGEMAKKEN EN HERSTELACTIES
Ongemak Waarschijnlijke oorzaak Herstelactie
ALGEMEEN
Aanwezigheid van een overmatige
hoeveelheid stof op de onderzijde of uiteinde
van de fl ap
De ventilator werkt niet Schakel de ventilator in
De fi lters zijn verstopt Reinig/vervang de fi lters
De stofafdichting van de fl ap is beschadigd Vervang de stofafdichting
BORSTELS
De borstels reinigen niet goed
De borstels zijn niet goed afgesteld Stel de borstels af
De borstels zijn versleten Vervang de borstels
De bewegingssnelheid is te hoog Verlaag de snelheid
De borstel is beschadigd of er is materiaal in
de borstel aanwezig
Vervang de borstel of verwijder het materiaal
De zij- en hoofdborstels draaien niet
Geen druk in de motoren Controleer het circuit
De motoren zijn defect Vervang de motoren
De bedieningspomp is defect, stuurt geen
olie onder druk naar het circuit
Controleer de druk van het circuit
Vervang de pomp
De bediening is geblokkeerd Controleer de bediening
De hoofdborstel gaan niet omhoog/omlaag
De hendel is geblokkeerd Controleer de hendel
Geen druk in de cilinder
Controleer het circuit
Controleer de pomp
De cilinder is defect
Vervang de pakkingen van de cilinder
Vervang de cilinder
De bediening is geblokkeerd Controleer de bediening
De zijborstel gaat niet omhoog/omlaag
Geen druk in de cilinder
Controleer het circuit
Controleer de pomp
De cilinder is defect
Vervang de pakkingen van de cilinder
Vervang de cilinder
De bediening is geblokkeerd Controleer de bediening
De borstels zijn luidruchtig Vreemd materiaal in de borstel Verwijder het materiaal
De borstels zijn overmatig versleten
De indruk is te diep Stel de borstels goed af
De borstelharen zijn niet geschikt voor de
vloer
Gebruik borstels met geschikte haren
AANZUIGVENTILATOR
De aanzuigventilator maakt lawaai Hydraulische motor defect Vervang de motor
De aanzuigventilator draait maar zuigt niet
genoeg
De stoffi lters zijn verstopt Reinig/vervang de fi lters
De motor is defect Vervang de motor
Geen druk in de motor van het
aanzuigsysteem
Controleer de druk van het circuit
Vervang de pomp
De pakking van de afvalcontainer is
beschadigd
Vervang de stofafdichting
De aanzuigventilator draait niet
Geen druk naar de pomp Controleer de druk van de pomp
Hydraulische motor defect Vervang de motor
De omleider is defect Vervang de omleider
GEBRUIKSAANWIJZING
NEDERLANDS
SR 1800S D 2WD 33014097(2)2006-12 A
25
Ongemak Waarschijnlijke oorzaak Herstelactie
FLAP
De fl ap heeft niet genoeg openingskracht
Geen druk in de cilinder Controleer het circuit
De cilinder is versleten
Vervang de pakkingen van de cilinder
Vervang de cilinder
De fl ap opent/sluit niet
Geen druk in de cilinder Controleer het circuit
De hendel is geblokkeerd Controleer de hendel
De bediening is geblokkeerd Controleer de bediening
Blaas het materiaal naar voren De stofafdichting van de fl ap is beschadigd Vervang de stofafdichting
AFVALCONTAINER
De afvalcontainer gaat niet omhoog/omlaag
De bediening is geblokkeerd Controleer de bediening
De blokkeerklep is defect Vervang de klep
De cilinder is defect
Vervang de pakkingen van de cilinder
Vervang de cilinder
De afvalcontainer verliest vuil De pakkingen zijn versleten Vervang de pakkingen
FILTERSCHUDDER
De motor van de fi lterschudder werkt niet
De knop is beschadigd Vervang de knop
De zekering is doorgebrand Vervang de zekering
Het stroomverbruik van de motor is te hoog
Vervang de koolborstels
Vervang de motor
STUURINRICHTING
Het sturen gaat zwaar
De stuurbekrachtiging is geblokkeerd Vervang de stuurbekrachtiging
Voorkeurklep defect Vervang de klep
REMMEN
De machine remt niet genoeg
Tekort aan remolie Voeg olie toe
De rempomp is defect Vervang de pomp
Lucht in het circuit Ontlucht de installatie
De remschoenen zijn versleten of smerig Vervang de remschoenen
De cilinders van de remschoenen zijn defect Vervang de cilinders
De parkeerrem remt niet genoeg De rem is niet goed afgesteld Stel de rem af
STABILITEIT
De machine in beweging heeft weinig
stabiliteit
De banden zijn niet op de juiste spanning
opgepompt
Controleer de bandenspanning
WIELEN
De voorwielen maken lawaai De lagers zijn versleten Vervang de lagers
AANDRIJFVERMOGEN
De machine heeft weinig aandrijfvermogen
De toevoer van de olie van de pomp van het
aandrijvingsysteem is niet voldoende
Controleer of de schroeven van de
omloopklep goed zijn aangehaald
Controleer de druk van de pomp van het
aandrijvingsysteem
Vervang de pomp
De motor voor het aandrijvingsysteem is
versleten
Vervang de motor
De machine blijft stilstaan
Omloopklep is open Haal de omloopklep aan
De pedaalbediening is defect Vervang het pedaal
Geen vermogen naar de pomp of de
motoren
Vervang de motor/pomp
SNELHEIDSPEDAAL
De machine beweegt ook met het
snelheidspedaal in ruststand (vrij)
Het gaspedaal is niet goed afgesteld Stel het pedaal af
MOTOR
De dieselmotor start niet
Het gaspedaal is ingedrukt Laat het pedaal los
Voor andere problemen Zie de handleiding voor de Lombardini
VERWARMING IN DE STUURCABINE
Er komt geen warme lucht
Het watercircuit is beschadigd
Controleer en/of vervang de beschadigde
onderdelen
De verwarming lekt water Vervang de verwarming
De schakelaar is uitgeschakeld Schakel de schakelaar in
De zekering is doorgebrand Vervang de zekering
NEDERLANDS
GEBRUIKSAANWIJZING
26
33014097(2)2006-12 A SR 1800S D 2WD
Ongemak Waarschijnlijke oorzaak Herstelactie
KLIMAATREGELAAR
Er komt geen koele lucht
De compressor werkt niet goed
Vervang de ketting
Vervang de compressor
Gaslekkage uit het systeem
Controleer het circuit
Breng gas aan in het systeem
De expansieklep is defect Vervang de klep
De schakelaar is uitgeschakeld Schakel de schakelaar in
De zekering is doorgebrand Vervang de zekering
De gasdrukregelaar is defect Vervang de drukregelaar
Het relais is doorgebrand Vervang het relais
ELEKTRISCH SYSTEEM
De richtingaanwijzers zijn defect
De zekering is doorgebrand Vervang de zekering
De gloeilamp is doorgebrand Vervang de gloeilamp
De stuurbediening is onderbroken Vervang de stuurbediening
Schakelaar waarschuwing beschadigd Vervang de schakelaar
Het fl itsmechanisme is doorgebrand Vervang het fl itsmechanisme
De remlichten zijn defect
De zekering is doorgebrand Vervang de zekering
De gloeilamp is doorgebrand Vervang de gloeilamp
De microschakelaar is defect Vervang de microschakelaar
De positielichten zijn defect
De zekering is doorgebrand Vervang de zekering
De gloeilamp is doorgebrand Vervang de gloeilamp
De stuurbediening is onderbroken Vervang de stuurbediening
De dimlichten zijn defect
De zekering is doorgebrand Vervang de zekering
De gloeilamp is doorgebrand Vervang de gloeilamp
De stuurbediening is onderbroken Vervang de stuurbediening
Het relais is doorgebrand Vervang het relais
Het groot licht is defect
De zekering is doorgebrand Vervang de zekering
De gloeilamp is doorgebrand Vervang de gloeilamp
De stuurbediening is onderbroken Vervang de stuurbediening
Het relais is doorgebrand Vervang het relais
Het geluidssignaal is stil
De zekering is doorgebrand Vervang de zekering
Het mechanisme voor het geluidssignaal is
defect
Vervang het mechanisme voor het
geluidssignaal
De stuurbediening is onderbroken Vervang de stuurbediening
Het relais is doorgebrand Vervang het relais
De accu loopt leeg
Er is onvoldoende vloeistof Vul de vloeistof bij
Kortsluiting in een van de elementen van de
accu
Vervang de accu
De klemmen van de accu zijn los Controleer de klemmen en haal ze aan
De motoren zijn overbelast
Controleer het stroomverbruik van de
motoren
De accu is snel leeg
De laadtijd is te kort Laad de accu langer op
De elementen in de accu zijn leeg Vervang de accu
VERWIJDERING
Als de machine wordt afgedankt, moet hij naar een bevoegd verwijderingbedrijf worden gebracht.
Voordat de machine wordt afgedankt, moeten de volgende materialen worden verwijderd en gescheiden en vervolgens volgens
de geldende milieunormen naar de betreffende afvalverwerkingsbedrijven worden gebracht:
Borstels
Motorolie
Filter motorolie
Olie hydraulisch systeem
Oliefi lters hydraulisch systeem
Kunststof onderdelen
Elektrische en elektronische onderdelen
OPMERKING
Raadpleeg met name voor het afdanken van elektrische en elektronische onderdelen uw plaatselijke Nilfi sk-Advance-
kantoor.
SR 1800S D 2WD 33014097(2)2006-12 A
I
A
Manufacturer: Nilfi sk-Advance S.p.a.
Authorized signatory: Franco Mazzini, General Mgr
Date: Signature:
Administrative Offi ce:
Address: Strada Comunale della Braglia n° 18, 26862 Guardamiglio (LO) - Italy
Phone: +39 0377 451124, Fax: +39 0377 51443
EC Machinery Directive 98/37/EC EN 12100-1, EN 12100-2, EN 294, EN 349
EC Low Voltage Directive 73/23/EEC EN 60335-1, EN 60335-2-72
EC EMC Directive 89/336/EEC EN 61000, EN 50366
AuthA
dre
dre
AC
AC
AC-SIMILE
LE
LE
C
ry Directive 98/37/ECDirective 98/37/EC
oltage Directive 73/23/EEDirective 73/23/EE
C Directive 89/336/EECDirective 89/336/EEC
Konformitätserklärung
Déclaration de conformité
Conformity certifi cate
Conformiteitsverklaring
Modell/Modèle/Model/Model : SWEEPER
Typ/Type/Type/Type : SR 1800S D 2WD
Seriennummer/Numéro de série/
Serial number/Serienummer :
Baujahr/Année de fabrication/
Year of construction/Bauwjaar :
Der Unterzeichner bestätigt hiermit
dass die oben erwähnten Modelle gemäß
den folgenden Richtlinien und Normen her-
gestellt wurden.
Je soussigné certifi e que les modèles
ci-dessus sont fabriqués conformément aux
directives et normes suivantes.
The undersigned certify that the
above mentioned model is produced in ac-
cordance with the following directives and
standards.
Ondergetekende verzekert dat de
bovengenoemde modellen geproduceerd
zijn in overeenstemming met de volgende
richtlijnen en standaards.

Documenttranscriptie

GEBRUIKSAANWIJZING NEDERLANDS IDENTIFICATIEGEGEVENS INLEIDING OPMERKING De nummers tussen haakjes verwijzen naar de onderdelen die worden afgebeeld in het hoofdstuk Beschrijving van de machine. DOEL EN INHOUD VAN DEZE HANDLEIDING Deze handleiding heeft tot doel de bediener te voorzien van alle informatie die nodig is om deze machine op de juiste en veiligste manier te gebruiken. Er staat informatie in over technische aspecten, de veiligheid, de werking, het stoppen, het onderhoud, de vervangingsonderdelen en de verwijdering van de machine. De bedieners en bevoegde technici die met deze machine werken, moeten de instructies in deze handleiding zorgvuldig lezen voordat ze met de machine aan het werk gaan. Neem bij twijfel over de juiste interpretatie van de instructies contact op met Nilfisk-Advance voor meer uitleg. BETREFFENDE PERSONEN Het serienummer en model van de machine staan op het plaatje (1, Afb. E). Het productiejaar van de machine is weergegeven in de CEaanduiding. Het productiejaar kan ook worden afgeleid uit de eerste twee cijfers van het serienummer van de machine. Deze informatie is nodig als u vervangingsonderdelen voor de machine bestelt. Gebruik de onderstaande ruimte om de identificatiegegevens van de machine op te schrijven. Model MACHINE ................................................................. Serienummer MACHINE ..................................................... WAARSCHUWING! Het serienummer van de machine is op het frame van de machine (2, Afb. D) gestanst. ANDERE GEBRUIKERSHANDLEIDINGEN – Deze handleiding is bestemd voor de bediener van de machine en de technici die verantwoordelijk zijn voor het onderhoud van de machine. De bedieners mogen geen handelingen uitvoeren die alleen door bevoegde monteurs mogen worden uitgevoerd. NilfiskAdvance is niet verantwoordelijk voor schade die is ontstaan uit het negeren van dit verbod. OPBERGEN VAN DE HANDLEIDING De bedienershandleiding moet in de juiste houder bij de machine worden opgeborgen. Er mogen geen vloeistoffen of andere materialen bij komen zodat de handleiding goed leesbaar blijft. CONFORMITEITSVERKLARING De CE-conformiteitsverklaring (Afb. A) die bij de machine wordt geleverd, is een verklaring dat de machine voldoet aan de geldende wetgeving. OPMERKING Een kopie van de oorspronkelijke CE-verklaring van overeenstemming wordt samen met de machinedocumentatie verstrekt. OPMERKING Wanneer de veegmachine is goedgekeurd voor gebruik op de weg, wordt er een specifiek conformiteitscertificaat meegeleverd. SR 1800S D 2WD – Catalogus met vervangingsonderdelen (behoort tot de uitrusting van de machine): 33015056 Werkplaatshandleiding (te raadplegen bij de servicecentra van Nilfisk-Advance): 33015626 VERVANGINGSONDERDELEN EN ONDERHOUD Als er onderhouds- of herstelwerkzaamheden aan de machine nodig zijn, moet u deze door bevoegd personeel of bij servicecentra van Nilfisk-Advance laten uitvoeren. Er mogen alleen originele vervangingsonderdelen en accessoires worden gebruikt. Als u hulp nodig heeft of vervangingsonderdelen en accessoires wilt bestellen bij Nilfisk-Advance, zorg dan dat u het model en het serienummer altijd bij de hand heeft. MODIFICATIES EN VERBETERINGEN Nilfisk-Advance streeft naar een constante perfectie van onze producten en we behouden ons het recht voor modificaties en aanpassingen aan te brengen indien wij die nodig achten. U bent niet verplicht deze modificaties of verbeteringen door te voeren op een eerder aangeschafte machine. Eventuele aanpassingen en/of toevoegingen van accessoires moeten expliciet worden goedgekeurd en uitgevoerd door Nilfisk-Advance. 33014097(2)2006-12 A 3 NEDERLANDS GEBRUIKSAANWIJZING – VEILIGHEID De volgende symbolen worden gebruikt om mogelijk gevaarlijke situaties aan te geven. Lees deze informatie altijd aandachtig door en neem de nodige voorzorgsmaatregelen om personen en voorwerpen te beschermen. Samenwerking met de bediener is van essentieel belang om ongelukken te voorkomen. Geen enkel preventieplan ter voorkoming van ongevallen is effectief zonder de volledige medewerking van de persoon die direct verantwoordelijk is voor de werking van de machine. De meeste ongevallen die zich binnen een bedrijf, op de werkvloer of op locatie voordoen, worden veroorzaakt door het niet naleven van enkele elementaire veiligheidsmaatregelen. Een oplettende en voorzichtige bediener is de beste garantie tegen ongevallen en is het meest effectief in elk preventieplan. GEBRUIKTE SYMBOLEN GEVAAR! Dit symbool geeft een gevaar met mogelijk dodelijk afloop voor de bediener aan. LET OP! Dit symbool geeft een mogelijk risico op persoonlijk letsel aan. – – – – – – – – – – WAARSCHUWING! Dit symbool geeft een waarschuwing of opmerking aan over de werking van de sleutel of van de gebruiksfuncties. Lees de blokken tekst die met dit symbool zijn gemarkeerd zorgvuldig door. – OPMERKING Dit symbool geeft een opmerking aan over de werking van de sleutel of van de gebruiksfuncties. – ADVIES Raadpleeg de bedienershandleiding vóór het uitvoeren van werkzaamheden. – ALGEMENE INSTRUCTIES Hierna volgen waarschuwingen en specifieke aandachtspunten om mogelijke schade aan de machine of letsel bij personen te voorkomen. GEVAAR! – Deze machine mag alleen worden gebruikt door speciaal opgeleid en bevoegd personeel. De bestuurder moet: • meerderjarig zijn • in bezit zijn van het benodigde rijbewijs • normaal psychofysisch gedrag vertonen • niet onder invloed zijn van middelen die de reactiesnelheid kunnen verminderen (alcohol, psychopharmaca, drugs, enz.) 4 33014097(2)2006-12 A – – – – – – Voordat er onderhouds- of reparatiewerkzaamheden worden uitgevoerd, moet de contactsleutel uit het contact worden verwijderd. Deze machine mag alleen worden gebruikt door speciaal opgeleid en bevoegd personeel. De machine mag niet worden gebruikt door kinderen of mensen met een handicap. Wanneer u in de buurt van bewegende onderdelen werkt, verwijder dan al uw sieraden. Werk nooit onder een omhoog gebrachte machine als deze niet voldoende wordt ondersteund door veiligheidssteunen. Gebruik deze machine niet in ruimten waar schadelijke, gevaarlijke, ontvlambare en/of explosieve stoffen, vloeistoffen of dampen aanwezig zijn. Let op: de brandstof is zeer licht ontvlambaar. Rook niet en gebruik geen open vuur bij de vulmond of bij opslagpunten voor de brandstof. De brandstof met een uitgeschakelde dieselmotor buiten of in een goed-geventileerde ruimte bijvullen. Vul de tank nooit volledig met brandstof, maar zorg dat de brandstof minimaal 4 cm onder de rand van de vulmond staat zodat de brandstof kan uitzetten. Controleer na het bijvullen van de brandstof of de dop van de brandstoftank goed is gesloten. Als u tijdens het vullen brandstof heeft geknoeid, maak de plek dan goed schoon en laat de dampen verdwijnen voordat u de motor inschakelt. Zorg dat er geen brandstof op de huid komt en dat u de dampen niet inademt. Houd buiten bereik van kinderen. Voordat er onderhouds- of reparatiewerkzaamheden worden uitgevoerd, moet de contactsleutel uit het contact worden verwijderd, .de parkeerrem worden aangetrokken en de accu worden ontkoppeld. Telkens als er werkzaamheden worden verricht onder de geopende motorkap/kleppen, moet u ervoor zorgen dat de motorkap/kleppen niet per ongeluk kunnen dichtvallen. Wanneer het nodig is om onderhoudswerkzaamheden uit te voeren terwijl de afvalcontainer omhoog staat, moet deze worden geblokkeerd met de beide blokkeerstangen. Tijdens het transport van de veegmachine mag de brandstoftank niet vol zijn. De uitlaatgassen van de dieselmotor bevatten koolmonoxide, een giftig, reukloos en kleurloos gas. Zorg dat u het niet inademt. Sla de motor niet op een afgesloten plaats op. Zet geen voorwerpen op de motor. Zet de dieselmotor altijd uit voordat u er aan gaat werken. Ontkoppel de minpool van de accu om te voorkomen dat de motor per ongeluk wordt ingeschakeld. Zie ook de VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN in de handleiding van de dieselmotor, die een integraal deel vormt van deze handleiding. SR 1800S D 2WD GEBRUIKSAANWIJZING – LET OP! – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – De machine moet zijn voorzien van een kentekenbewijs en een kenteken om zich op de openbare weg te mogen begeven. De veegmachine niet voor andere doelen dan waarvoor de machine is ontworpen, gebruiken. Let er bij het gebruik van de machine op dat er zich geen mensen of voorwerpen in het werkgebied van de machine bevinden. Gebruik de machine niet als vervoermiddel. Laat de machine nooit onbeheerd achter terwijl de parkeerrem niet is ingeschakeld. Stoot niet tegen kasten of stellingen, zeker als de kans bestaat dat er voorwerpen kunnen omvallen. Let bijzonder goed op bij het omhoog brengen en legen van de afvalcontainer. Pas de bedrijfssnelheid aan de oppervlakken aan. Lees voordat u onderhouds- of reparatiewerkzaamheden aan de machine uitvoert alle instructies zorgvuldig door. Neem alle nodige voorzorgsmaatregelen om te voorkomen dat haar, sieraden en losse kledingstukken vast komen te zitten in de bewegende delen van de machine. Draag geschikte bescherming voor het lichaam (ogen, haren, handen, enz.) bij het schoonmaken van de machine met een hogedrukspuit (lucht of water). Vermijd aanraking met het accuzuur, raak geen hete onderdelen aan. Laat de borstels niet werken als de machine stilstaat om schade aan de vloer te voorkomen. Gebruik bij brand een poederbrandblusser. Gebruik geen water. Reinig de machine niet met bijtende producten. Gebruik de machine niet in bijzonder stoffige ruimten. Verwijder de beschermingsdelen van de machine nooit met de hand; hou u nauwkeurig aan de instructies voor normaal onderhoud. Verwijder of verander geen plaatjes van de fabrikant op de machine. Als u afwijkingen in de werking van de machine vermoedt, controleer dan of deze niet worden veroorzaakt door gebrek aan dagelijks onderhoud. Als dat niet het geval is, roept u de hulp in van bevoegd personeel of van een bevoegd servicecentrum. Vraag bij vervanging van onderdelen om ORIGINELE vervangingsonderdelen bij een bevoegde leverancier en/of bevoegde detailhandelaar. Uit veiligheidsoverwegingen en voor een correcte werking van de machine moet het onderhoud dat in het betreffende hoofdstuk in deze handleiding wordt aangegeven voor bevoegd personeel of bij een servicecentrum worden uitgevoerd. SR 1800S D 2WD – – – – – – – – – NEDERLANDS Laat de machine als hij wordt afgedankt niet onbemand staan vanwege de giftige en/of schadelijke materialen (olie, accu, kunststofmaterialen, enz.). Deze moeten volgens de voorschriften naar de daarvoor bestemde verzamelplaatsen worden gebracht (zie hiervoor het hoofdstuk Verwijdering). Bij normaal gebruik veroorzaken de trillingen van de machine geen gevaarlijke situaties. Het trillingsniveau dat op het lichaam van de bediener wordt uitgeoefend is 0,31 m/s2 (ISO 2631-1) bij maximaal bedrijfstoerental (2.500 toeren/min). Tijdens de werking van de dieselmotor wordt de demper warm; raak de demper nooit aan als hij warm is om brandwonden of brand te voorkomen. Laat de dieselmotor nooit draaien met onvoldoende olie, want dat kan ernstige schade veroorzaken. Controleer het oliepeil bij een uitgeschakelde motor terwijl de machine horizontaal staat. Laat de dieselmotor nooit draaien zonder de luchtfilter om de motor niet te beschadigen. Het vloeistofkoelsysteem van de dieselmotor staat onder druk. Het systeem pas controleren na het uitzetten en laten afkoelen van de motor. Ook als de motor is afgekoeld, moet u de dop van de radiateur voorzichtig openen. De motor heeft een ventilator; deze niet naderen wanneer de motor warm is omdat de ventilator aan zou kunnen gaan ook al staat de machine uit. Technische werkzaamheden aan de dieselmotor moeten altijd door een bevoegde persoon worden uitgevoerd. Gebruik voor de dieselmotor alleen originele vervangingsonderdelen of equivalenten ervan. Het gebruik van vervangingsonderdelen van een mindere kwaliteit kan de motor ernstig beschadigen. Zie ook de VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN in de handleiding van de dieselmotor, die een integraal deel vormt van deze handleiding. LET OP! Koolmonoxide (CO) kan hersenletsel of zelfs dodelijk letsel veroorzaken. De interne verbrandingsmotor van deze machine stoot koolmonoxide uit. Adem geen uitlaatgassen in. Gebruik alleen in afgesloten ruimte wanneer er voldoende ventilatie en een tweede persoon aanwezig zijn. 33014097(2)2006-12 A 5 NEDERLANDS GEBRUIKSAANWIJZING VERPAKKING VERWIJDEREN/ AFLEVERING Controleer bij aflevering van de machine zorgvuldig of de verpakking en de machine niet zijn beschadigd tijdens het transport. Als u beschadigingen heeft aangetroffen, bewaart u de verpakking dan zoals u deze van de transporteur heeft ontvangen. Neem onmiddellijk contact op met de transporteur om een verzoek tot schadevergoeding in te vullen. Controleer of de uitrusting van de machine overeenkomt met de volgende lijst: – Technische documentatie: • Bedienershandleiding van de veegmachine • Catalogus met vervangingsonderdelen van de veegmachine • Handleiding van de dieselmotor BESCHRIJVING VAN DE MACHINE BEDRIJFSCAPACITEIT Deze veegmachine is ontwikkeld en gebouwd voor de reiniging (door middel van vegen en aanzuigen) van gladde, solide vloeren in privé- en bedrijfsruimten, en voor het verzamelen van stof en kleine vuildeeltjes en wel onder gecontroleerde veilige omstandigheden door een bevoegde bediener. ALGEMENE OPMERKINGEN Alle verwijzingen naar voorwaarts en achterwaarts, vóór en achter, rechts en links in deze handleiding zijn vanuit de bediener in zijn rijpositie met de handen op het stuur bekeken (20, Afb. B en C). BESCHRIJVING Beschrijving van het bedieningspaneel en de standaardknoppen (Zie Afb. B) 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13. 14. 15. 16. 17. 18. 19. 20. Hendel voor openen/sluiten van de flap Lampjes Bedieningshendel zijborstel Bedieningshendel hoofdborstel Controlelampje groot licht Controlelampje achterlichten Controlelampje laadstatus accu Controlelampje ingeschakelde parkeerrem Controlelampje voorverwarming bougies dieselmotor Weergave urenteller Controlelampje motoroliedruk Bedieningshendel afvalcontainer Controlelampje reservebrandstof Controlelampje hoge koelvloeistoftemperatuur dieselmotor Inschakelknop van de filterschudder Controlelampje richtingaanwijzers Contactsleutel Inschakelhendel turbine Gashendel Stuur 6 33014097(2)2006-12 A 21. Hendel parkeerrem 22. Schakelaar geluidssignaal 23. Zekeringenkastje B (zie het deel 'Elektrische beschermingen') 24. Zekeringenkastje A (zie het deel 'Elektrische beschermingen') 25. Gaspedaal: • wanneer het voorste deel wordt ingedrukt, gaat de machine voorwaarts • wanneer het achterste deel wordt ingedrukt, gaat de machine achterwaarts 26. Rempedaal 27. Stoel met microschakelaar 28. Ontgrendelknop stoel Beschrijving van het bedieningspaneel en de optionele knoppen (Zie Afb. C) 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13. 14. 15. 16. 17. 18. 19. 20. 21. 22. 23. 24. 25. 26. 27. 28. 29. 30. 31. Hendel voor openen/sluiten van de flap Lampjes Bedieningshendel zijborstel Bedieningshendel hoofdborstel Controlelampje groot licht Controlelampje achterlichten Controlelampje laadstatus accu Controlelampje ingeschakelde parkeerrem Controlelampje voorverwarming bougies dieselmotor Weergave urenteller Controlelampje motoroliedruk Controlelampje verstopt luchtfilter (*) Controlelampje reservebrandstof Controlelampje hoge koelvloeistoftemperatuur dieselmotor Inschakelknop van de filterschudder Controlelampje richtingaanwijzers Contactsleutel Schakelaar klimaatregelaar (*) Stuurbediening (*)(**) Stuur Hendel parkeerrem Schakelaar noodlichten Zekeringenkastje B (zie het deel 'Elektrische beschermingen') Zekeringenkastje A (zie het deel 'Elektrische beschermingen') Snelheidspedaal • wanneer het voorste deel wordt ingedrukt, gaat de machine voorwaarts • wanneer het achterste deel wordt ingedrukt, gaat de machine achterwaarts Rempedaal Stoel met microschakelaar Ontgrendelknop stoel Gashendel Inschakelhendel turbine Bedieningshendel afvalcontainer (*) Optioneel (**) Zie hierna de functies van de stuurbediening SR 1800S D 2WD GEBRUIKSAANWIJZING Functies van de stuurbediening: – – – – – – – – Lichten uit, met markering (1b) overeenkomend met symbool 0 Positielichten aan, met markering (1b) overeenkomend met symbool Dimlichten aan, met markering (1b) overeenkomend met symbool Groot licht aan, met markering (1b) overeenkomend met symbool en hendel (1a) omlaag Tijdelijk aanzetten van het groot licht, door de hendel (1a) omhoog te zetten Inschakeling richtingaanwijzer rechts, door de hendel (1a) naar voren te zetten Inschakeling richtingaanwijzer links, door de hendel (1a) naar achteren te zetten Inschakeling geluidssignaal, door op het uiteinde van de hendel (1a) te drukken Beschrijving van de instellingen van de machine (Zie Afb. E-F) 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13. 14. 15. 16. 17. 18. 19. 20. Klep afvalcontainer Afvalcontainer Inspectieluik afvalcontainer/stoffilters Blokkeerstangen afvalcontainer Motorkap Steunstang motorkap Expansiereservoir Klep stoel Lampen Demper Indicator oliepeil hydraulische systeem Reservoir voor remolie Luchtfilter motor Cilinder omhoog brengen afvalcontainer Stofafdichting links Stofafdichting rechts Stofafdichting achter Stofafdichting flap Flap Borstel rechts 21. 22. 23. 24. 25. 26. 27. 28. 29. 30. 31. 32. 33. 34. 35. 36. 37. 38. 39. 40. 41. 42. 43. 44. 45. 46. 47. 48. 49. 50. 51. 52. 53. 54. 55. 56. 57. 58. 59. 60. 61. 62. NEDERLANDS Motor borstel rechts Borstel links (*) Motor borstel links (*) Motor aanzuigventilator Aanzuigventilator Zakfilter Rechterwiel Linkerwiel Hoofdborstel Motor hoofdborstel Bedieningspomp Pomp voor aandrijvingsysteem Filter pomp voor aandrijvingsysteem Dieselmotor LDW1404 Ventilator dieselmotor Radiateur dieselmotor Sturend achterwiel rechts Motor achterwiel rechts Olietank hydraulisch systeem Aanzuigfilter Vuldop olie hydraulisch systeem Aftapdop oliereservoir hydraulisch systeem Accu Brandstofreservoir Vlotter brandstofpeil Vuldop brandstof Handbediende pomp (*) Radiateurolie hydraulisch systeem Elektroventilator radiateur Onderste klep rechts Onderste klep links Filterschudder Hendel handbediende pomp (*) Schuif handbediende pomp (*) Opening zijkant voor omhoog brengen/slepen Opening achter voor omhoog brengen/slepen Lagedrukvoorfilter (*) Bevestigingsknop klep afvalcontainer Afdekking oliereservoir hydraulisch systeem Oogbout voor slepen (**) Sturend achterwiel links Motor achterwiel links (*) Optioneel (**) Met goedkeuring voor gebruik op de weg SR 1800S D 2WD 33014097(2)2006-12 A 7 NEDERLANDS GEBRUIKSAANWIJZING TECHNISCHE EIGENSCHAPPEN Afmetingen en gewichten Waarden Lengte machine (haren van de borstels niet inbegrepen) 2.720 mm Breedte machine (haren van de borstels niet inbegrepen) 1.650 mm Afstand tussen voor- en achterwielen 1.200 mm Spoorbreedte voorwielen 1.440 mm Spoorbreedte achterwielen 930 mm Hoogte machine (standaard) 1.620 mm Hoogte machine (met cabine) 2.460 mm Hoogte machine (met dak) 2.435 mm Hoogte machine (met stuurkolom) 2.300 mm Minimale hoogte vanaf de grond (zonder flaps) 55 mm Oploophoek voor max. toelaatbaar 14° Maximale hoogte vanaf de grond voor het lossen van afval 1.460 mm Pneumatische voorbanden 5,00 - 8 Band achterwiel 4,00 - 8 Pneumatische bandenspanning 7,0 Bar Diameter zijborstel 590 mm Afmetingen hoofdborstel 1.200 x 380 mm Totaalgewicht van de machine, in werking (zonder bediener) 1.490 kg Prestaties Waarden Maximale voorwaartse snelheid (alleen voor verplaatsing) 11 km/u Maximale werksnelheid 11 km/u Maximale achterwaartse snelheid 8 km/u Maximale hellingshoek bij volledige belasting 20% Minimale interne draaicirkel 1.975 mm Maximale snelheid van de zijborstels 80 toeren/min. Verzamelsysteem Aanzuigend Breedte van het reinigingsvlak met borstel rechts 1.790 mm Breedte van het reinigingsvlak met borstel rechts en links 1.950 mm Filtersysteem Zakfilter Filteroppervlakken 10,2 m2 Maximaal geluid op de bestuurdersstoel (geluidsniveau) (ISO/EN3744) bij maximaal bedrijfstoerental 87,5 dB(A) Gegarandeerd geluidsvermogen (2000/14/EC) bij maximaal bedrijfstoerental 106 dB(A) Inhoud afvalcontainer 440 liter Verlichtings- en signaleringssysteem (goedgekeurde veegmachine) Goedgekeurd voor de weg Verlichtings- en signaleringssysteem (industriële veegmachine) Op verzoek Aandrijving Hydrostatische stuurbekrachtiging Stuurinrichting Op de achteras, met stuurbekrachtiging Servicerem Hydraulisch Parkeerrem Mechanisch Bediening Hydraulisch 8 33014097(2)2006-12 A SR 1800S D 2WD GEBRUIKSAANWIJZING NEDERLANDS Gegevens dieselmotor LDW1404 (*) Waarden Merk Lombardini Type LDW 1404/B6 Cilinders 4 Maximaal toerental 2.500 toeren/min. Maximaal vermogen bij 2.500 toeren/min 18 kW Minimaal toerental 900 toeren/min. Koelvloeistof dieselmotor 50% antivries en 50% water Type antivriesvloeistof AGIP Antifreeze Extra (***) Cilinderinhoud 1.372 cc Verbruik bij machine in gebruik bij 2.500 toeren/min (maximaal toerental) 5,3 l/u Type motorolie AGIP Sigma Turbo 15W40 (**) (*) Zie voor de overige gegevens/waarden van de dieselmotor de betreffende handleiding. (**) Zie hieronder de tabel met eigenschappen van de motorolie en de tabel met specificaties ter referentie. (***) Zie hieronder de tabel met eigenschappen van de koelvloeistof en de tabel met specificaties ter referentie. EIGENSCHAPPEN AGIP ANTIFREEZE EXTRA Goedgekeurde en specifieke vloeistoffen: Kookpunt °C 170 CUNA NC 956-16 97 Kookpunt bij oplossing met 50% water °C 110 FF.SS cat. 002/132 Vriespunt bij oplossing met 50% water °C -38 ASTM D 1384 Kleur / Turquoise Volumetrische massa bij 15°C kg/l 1,13 EIGENSCHAPPEN AGIP SIGMA TURBO 15W40 Goedgekeurde en specifieke vloeistoffen: GRADATIE SAE / 15W40 ACEA E3-96 Viscositeit bij 100°C mm2/s 13,7 API Service CG-4/SG Viscositeit bij 40°C mm2/s 100 CCMC D5, PD-2 Viscositeit bij -15°C mm²/s 3.300 US Department of the Army MIL-L-2104 E Viscositeitsindex / 138 US Department of the Army MIL-L-46152 E Ontbrandingspunt COC °C 230 MACK EO-L Vloeipunt °C -27 MAN M 3275 Volumetrische massa bij 15°C kg/l 0,885 Mercedes Benz 228.3 VOLVO VDS2 MTU typ 2 SR 1800S D 2WD 33014097(2)2006-12 A 9 NEDERLANDS GEBRUIKSAANWIJZING Gegevens oliën Waarden Inhoud brandstoftank 30 liter Inhoud oliereservoir hydraulisch systeem 40 liter Gegevens hydraulisch systeem Waarden Capaciteit olie hydraulisch systeem 47 liter Maximale druk aandrijfsysteem 210 Bar Maximale druk bedieningssysteem 110/140 Bar Type olie hydraulisch systeem AGIP ARNICA 46 (***)(****) Gegevens elektrisch systeem Waarden Spanning systeem 12 V Startaccu 12 V – 80 Ah (****) (***) Wanneer de machine wordt gebruikt in ruimten waar de temperatuur lager dan +10°C is, dan raden wij u aan de olie te vervangen door olie met een viscositeit van 32 cSt. Bij temperaturen onder 0°C moet u oliën met een nog lagere viscositeit gebruiken. Zie hieronder de tabel met eigenschappen van de olie voor het hydraulisch systeem en de tabel met specificaties ter referentie. EIGENSCHAPPEN AGIP ARNICA 46/32 Goedgekeurde en specifieke vloeistoffen: 46 32 ISO-L-HV Viscositeit bij 100°C mm²/s 45 32 ISO 11158 Viscositeit bij 40°C mm²/s 7,97 6,40 AFNOR NF E 48603 HV Viscositeitsindex / 150 157 AISE 127 Ontbrandingspunt COC °C 215 202 ATOS Tab. P 002-0/I Vloeipunt °C -36 -36 BS 4231 HSE Volumetrische massa bij 15°C kg/l 0,87 0,865 CETOP RP 91 H HV COMMERCIAL HYDRAULICS Danieli Standard 0.000.001 (AGIP ARNICA22,46,68) EATON VICKERS I-286-S3 EATON VICKERS M-2950 DIN 51524 t.3 HVLP LAMB LANDIS-CINCINNATI P 68, P69, P70 LINDE PARKER HANNIFIN (DENISON) HF-0 REXROTH RE 90220-1/11.02 SAUER-DANFOSS 520L0463 Gegevens klimaatregeling (optioneel) Waarden Type gas Reclin 134A Hoeveelheid gas 0,8 kg 10 33014097(2)2006-12 A SR 1800S D 2WD GEBRUIKSAANWIJZING NEDERLANDS ELEKTRISCH SCHEMA (Zie Afb. AH) A AA Dynamo 12 V - 45/65 A L1 Lamp richtingaanwijzer linksvoor Geluidssignaal L2 Lamp richtingaanwijzer linksachter B Accu 12 V - 80 A L3 Lamp richtingaanwijzer rechtsvoor B1 Lampje bougies L4 Lamp richtingaanwijzer rechtsachter B2 Lampje motorolie L5 Remlicht links B3 Lampje water motor L6 Remlicht rechts B4 Microschakelaar parkeerrem L7 Positielicht linksvoor B5 Lampje luchtfilter L8 Positielicht linksachter B6 Vlotter brandstof L9 Positielicht rechtsvoor B7 Lampje elektroventilator L10 Positielicht rechtsachter B8 Microschakelaar beveiliging stoel L11 Dimlicht links B9 Sensor achteruit L12 Dimlicht rechts BZ Sensor beveiliging voor starten van de dieselmotor L13 Groot licht links L14 Groot licht rechts C0 Urenteller/toerenteller L15 Knipperlampje C1 Contactschakelaar L16 Kentekenplaatverlichting C2 Regeleenheid bougies M Microschakelaar remlichten C3 Stuurbediening M1 Startmotor C4 Schakelaar noodlichten M2 Motor elektroventilator C5 Pieper achteruitrijden M3 Motor filterschudder C6 Compressor klimaatregelaar M4 Motor ventilator cabine D1 Diode 1N4007 P Drukregelaar Magneetklep brandstof P1 Schakelaar filterschudder F1 Zekering noodlichten R1 Relais compressor klimaatregelaar F2 Zekering richtingaanwijzers R3 Relais pieper achteruitrijden F3 Zekering positielichten linkerkant RS Weerstand F4 Zekering positielichten rechterkant RX Relais beveiliging starten van de dieselmotor F5 Zekering groot licht RY Relais beveiliging starten van de dieselmotor F6 Zekering dimlichten S1 Controlelampje bougies F7 Zekering magneetklep brandstof S2 Controlelampje accu F8 Zekering bediening/regeleenheid bougies S3 Controlelampje olie F9 Zekering remlichten S4 Controlelampje water F10 Zekering klimaatregelaar S5 Controlelampje parkeerrem F11 Vrije zekering S6 Controlelampje verstopt luchtfilter F12 Zekering magneetklep S7 Controlelampje reservebrandstof F13 Zekering pieper achteruitrijden S8 Controlelampje richtingaanwijzers F14 Zekering filterschudder S9 Controlelampje achterlichten F15 Vrije zekering S10 Controlelampje groot licht F16 Zekering knipperlicht S11 Controlelampje noodlichten F17 Vrije zekering S12 Controlelampje klimaatregelaar F18 Zekering geluidssignaal TM EV1 I Flitsmechanisme I1 Schakelaar klimaatregelaar IG Indicator brandstofpeil K SR 1800S D 2WD Thermostaat Bougies 33014097(2)2006-12 A 11 NEDERLANDS GEBRUIKSAANWIJZING HYDRAULISCH SYSTEEM ELEKTRISCHE BESCHERMINGEN (Zie Afb. AI) Onder het dashboard bevinden zich twee zekeringenkastjes (24 en 23, Afb. C) met een deksel van doorzichtig plastic, die de volgende zekeringen ter bescherming van de betreffende circuits bevatten: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13. 14. 15. 16. 17. 18. 19. 20. 21. 22. 23. 24. 25. 26. 27. 28. 29. 30. (*) Olietank hydraulisch systeem Afzuigfilter Aanzuigfilter Pomp voor aandrijvingsysteem Dieselmotor Motor aandrijvingsysteem Verdeler 3 elementen Cilinder flap Cilinder omhoog brengen afvalcontainer Motor hoofdborstel Motor borstel rechts Motor borstel links Radiateurolie hydraulisch systeem Terugslagklep Cilinder borstel links Cilinder borstel rechts Blokkeerklep Cilinder hoofdborstel Hydraulische aandrijving Voorkeurklep Bedieningspomp Pomp aanzuigventilator Verdeler 1 element Vloeistofomleider Motor aanzuigventilator Dubbele blokkeerklep Cilinder hydraulische aandrijving Servomechanisme pedaal Handbediende pomp (*) Cilinder cabine omhoog (*) Optioneel 12 33014097(2)2006-12 A Zekeringenkastje A 6-wegs (23, Afb. B-C) F1: Zekering noodlichten (10 A) – F2: Zekering richtingaanwijzers (10 A) – F3: Zekering positielichten linkerkant (7,5 A) – F4: Zekering positielichten rechterkant (7,5 A) – F5: Zekering groot licht (10 A) – F6: Zekering dimlichten (10 A) – Zekeringenkastje B 12-wegs (24, Afb. B-C) F7: Zekering magneetklep brandstof (7,5 A) – F8: Zekering bediening/regeleenheid bougies (7,5 A) – F9: Zekering remlichten (10 A) – F10: Zekering klimaatregelaar (20 A) (*) – F11: Vrije zekering (10 A) – F12: Zekering elektroventilator (20 A) – F13: Zekering pieper achteruitrijden (10 A) – F14: Zekering filterschudder (20 A) – F15: Vrije zekering (7,5 A) – F16: Zekering knipperlicht (7,5 A) – F17: Vrije zekering (7,5 A) – F18: Zekering geluidssignaal (7,5 A) – (*) Zonder klimaatregelaar is de zekering 10 A vrij. ACCESSOIRES / OPTIES Naast de onderdelen van de standaarduitvoering kan de machine worden uitgerust met de volgende accessoires, volgens het gebruik van de machine: Borstels met hardere of zachtere haren dan de – standaardborstel Borstel links (*) – Stuurcabine (*) – Klimaatregelaar stuurcabine (*) – Veiligheidsgordel aan de bestuurderszijde (*) – (*) Optioneel SR 1800S D 2WD GEBRUIKSAANWIJZING 6. GEBRUIK LET OP! Op de machine zijn enkele plaatjes aangebracht met de volgende woorden: – GEVAAR – LET OP! – WAARSCHUWING! – ADVIES 7. LET OP! Dek de plaatjes niet af en vervang ze onmiddellijk als ze beschadigd zijn. VOOR HET STARTEN Open waar nodig de klep van de stoel (8, Afb. F) door deze omhoog te brengen en de brandstof via de vuldop (46, Afb. E) bij te vullen. WAARSCHUWING! Vul de tank nooit volledig met brandstof, maar zorg dat de brandstof minimaal 4 cm onder de rand van de vulmond staat zodat de brandstof kan uitzetten. 2. 8. 9. Starten van de dieselmotor 1. 2. 3. 4. 5. WAARSCHUWING! Wanneer u de motor met de contactsleutel (17, Afb. B-C) start, moet u het gaspedaal (25) niet indrukken. Als u dat wel doet, zorgt het veiligheidssysteem dat de motor dan niet kan worden gestart. Controleer of er geen deurtjes of kleppen open staan op de machine en of de arbeidsomstandigheden normaal zijn. STARTEN EN STOPPEN VAN DE DIESELMOTOR Ga op de bestuurdersstoel (27, Afb. B-C) zitten en controleer of de parkeerrem (21) is geactiveerd. Stel de stoelpositie naar wens af met de hendel (28, Afb. B-C). Stel de buitenspiegels af voor beter zicht tijdens het manoeuvreren (*). Zet de gashendel van de motor (19, Afb. B - 29, Afb. C) op het minimum. Controleer of de borstels omhoog staan, houd er anders rekening mee bij het starten van de motor voor eventuele ongemakken die de borstels zouden kunnen veroorzaken indien ze meteen beginnen te draaien. SR 1800S D 2WD Steek de contactsleutel (17, Afb. B-C) in het contact. Draai de sleutel één slag rechtsom en laat hem in deze stand staan. Op dat moment gaan de volgende controlelampjes branden: • Controlelampje voorverwarming bougies dieselmotor (9, Afb. B-C) • Controlelampje laadstatus accu (7, Afb. B-C) • Controlelampje oliedruk dieselmotor (11, Afb. B-C) • Controlelampje parkeerrem (8, Afb. B-C) Draai wanneer het controlelampje voor de voorverwarming van de bougies (9, Afb. B-C) uit is de contactsleutel rechtsom tot hij niet verder kan en laat de sleutel los wanneer de dieselmotor start. WAARSCHUWING! Laat de contactsleutel bij het starten van de dieselmotor niet te lang ingeschakeld (maximaal 20 seconden) om de startmotor niet te beschadigen. Wanneer de motor niet start, wacht dan even voordat u opnieuw probeert. Voordat u opnieuw probeert te starten, de sleutel terugdraaien, tegen de klok in, tot de beginpositie. Als de dieselmotor na twee pogingen nog niet is gestart, moet u de hulp inroepen van degene die verantwoordelijk is voor de machine. LET OP! We raden u aan tijdens de werkzaamheden gehoorbescherming te dragen (oorbeschermers, etc.). 1. NEDERLANDS Controleer of alle controlelampjes uit zijn als de machine in beweging is. Zet het gaspedaal (19, Afb. B - 29, Afb. C) in de halve stand en laat de motor enkele minuten draaien om op te warmen, vooral bij zeer lage temperaturen. Stoppen van de dieselmotor 1. 2. 3. Zet de gashendel van de motor (19, Afb. B - 29, Afb. C) op het minimum en laat de hendel enkele minuten in deze stand staan om het systeem te stabiliseren. Draai de contactsleutel (17, Afb. B-C) tot het einde linksom en verwijder de sleutel. Schakel de parkeerrem in met de hendel (21, Afb. B-C). 33014097(2)2006-12 A 13 NEDERLANDS GEBRUIKSAANWIJZING GEBRUIK VAN DE MACHINE De machine kan als volgt worden gebruikt: – in verplaatsingmodus – in werkmodus Wanneer de machine moet worden verplaatst (zonder vegen), moet u als volgt te werk gaan: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. Start de dieselmotor zoals werd beschreven in het vorige deel. Controleer of de afvalcontainer (2, Afb. E-F) omlaag staat. Controleer of aanzuigventilator uit is; controleer of de hendel (18, Afb. B - 30 Afb. C) omlaag staat. Zet de gashendel van de motor (19, Afb. B - 29, Afb. C) langzaam naar voren totdat hij op MAX staat. Schakel de parkeerrem uit met de hendel (21, Afb. B-C). Verplaats de machine met de handen op het stuur (20, Afb. B-C). Druk geleidelijk op het voorste deel van het pedaal (25) om de machine voorwaarts te bewegen of op het achterste deel om de machine achterwaarts te bewegen. De bewegingssnelheid is instelbaar van nul tot de maximale waarde via de druk op het pedaal. LET OP! Vergeet niet dat de achteras wordt aangedreven. 8. Laat het pedaal (25, Afb. B-C) los om de machine te stoppen. 9. Als u de machine snel tot stilstand wilt brengen, drukt u ook het pedaal van de servicerem (26, Afb. B-C) in. 10. Zet de gashendel van de motor (19, Afb. B - 29, Afb. C) op MIN en laat de hendel enkele minuten in deze stand staan om het systeem te stabiliseren. 11. Schakel de motor uit door de contactsleutel (17, Afb. B-C) tot het einde linksom te draaien en de sleutel te verwijderen. 1. Schakel de parkeerrem in met de hendel (21, Afb. B-C). Wanneer u een werkcyclus wilt uitvoeren, gaat u als volgt te werk: WAARSCHUWING! Gebruik de veegmachine niet op bijzonder natte vloeren. 1. 2. 3. 4. Start de dieselmotor zoals werd beschreven in het vorige deel. Controleer of de afvalcontainer (2, Afb. E-F) omlaag staat. Zet de gashendel van de motor (19, Afb. B - 29, Afb. C) langzaam naar voren totdat hij op MAX staat. Schakel de aanzuigventilator (25, Afb. F) in door de hendel van de verdeler (18, Afb. B - 30 Afb. C) omhoog te draaien. WAARSCHUWING! Wanneer er tijdens de werkcyclus natte oppervlakken moeten worden geveegd, vergeet dan niet de aanzuigventilator te stoppen en deze weer in te schakelen wanneer u het vochtige gebied verlaat. 5. Open de sluitflap (19, Afb. F) van de afvalcontainer door de linkerhendel van de bediening (1, Afb. B-C) ingedrukt te houden. 6. Laat de hoofdborstel (29, Afb. E) zakken door de hendel van de bediening (4, Afb. B-C) naar links te zetten. Met dezelfde bediening begint de hoofdborstel te draaien. 7. Breng zo nodig ook de zijborstel rechts (20, Afb. E) omlaag door de middelste hendel van de bediening (3, Afb. B-C) omlaag te zetten. Met dezelfde bediening begint ook de zijborstel rechts te draaien. Met dezelfde hendel wordt ook de borstel links (22, Afb. E) geregeld. 8. Schakel de parkeerrem uit met de hendel (21, Afb. B-C). 9. Begin met de veegwerkzaamheden door de machine met de handen op het stuur (20, Afb. B-C) te verplaatsen en geleidelijk op het voorste deel van het pedaal (25) om de machine voorwaarts te bewegen of op het achterste deel om de machine achterwaarts te bewegen te drukken. 10. De bewegingssnelheid is instelbaar van nul tot de maximale waarde via de druk op het pedaal. WAARSCHUWING! De borstels kunnen ook omhoog en omlaag worden gebracht wanneer de machine beweegt. De borstels draaien niet als ze omhoog staan. WAARSCHUWING! Wanneer de aanzuiging niet meer goed werkt, moet de afvalcontainer worden geleegd. 14 33014097(2)2006-12 A SR 1800S D 2WD GEBRUIKSAANWIJZING NEDERLANDS Ga als volgt te werken om de afvalcontainer (2, Afb. F) te legen: GEBRUIK VAN DE BORSTEL LINKS (OPTIONEEL) 11. Breng de zijborstel omhoog en zet deze stil door de middelste hendel van de bediening (3, Afb. B-C) ingedrukt te houden. 12. Breng de hoofdborstel omhoog en zet deze stil door de hendel van de bediening (4, Afb. B-C) naar rechts ingedrukt te houden. 13. Schakel de aanzuigventilator (25, Afb. F) uit door de hendel van de bediening (18, Afb. B - 30 Afb. C) omlaag te draaien. 14. Sluit de flap (19, Afb. F) door de linkerhendel van de bediening (1, Afb. B-C) aan te trekken. 15. Zet de machine op een stevige, vlakke ondergrond op een plek die bestemd is voor het legen van de afvalcontainer. 16. Breng de afvalcontainer (2, Afb. F) omhoog tot de gewenste hoogte door de rechterhendel van de bediening (12, Afb. B - 31, Afb. C) ingedrukt te houden. 1. WAARSCHUWING! De maximale hoogte voor het legen van de afvalcontainer is 1.460 mm. GEBRUIK VAN RUITENWISSERS EN SPROEIERS (OPTIONEEL) 1. 17. Open de flap (19, Afb. F) om het vuil uit de container te laten lopen door de linkerhendel van de bediening (1, Afb. B-C) ingedrukt te houden. 18. Sluit na het legen de flap (19, Afb. F) door de linkerhendel van de bediening (1, Afb. B-C) aan te trekken. 19. Breng de afvalcontainer omlaag door de rechterhendel van de bediening (12, Afb. B - 31, Afb. C) aan te trekken. 20. Schakel de filterschudder (52, Afb. E) in om de stoffilter te reinigen; druk 15-20 seconden op de knop (15, Afb. B-C). LET OP! Schakel de filterschudder niet in wanneer de afvalcontainer omhoog staat. 1. Herhaal punten 8 tot en met 12 van de verplaatsingsprocedure. SR 1800S D 2WD Gebruik de schakelaar (1, Afb. I) om de ruitenwisser in en uit te schakelen. GEBRUIK VAN DE KLIMAATREGELAAR IN DE STUURCABINE (OPTIONEEL) 1. 2. 3. Draai voor het inschakelen van de klimaatregelaar de schakelaar (18, Afb. C) één slag waardoor de ventilator in de eerste snelheid wordt gezet. Draai de schakelaar (18, Afb. C) naar de tweede slag om de tweede snelheid van de ventilator te activeren. Zet de schakelaar (18, Afb. C) terug naar de beginpositie om de klimaatregelaar uit te zetten. WERKING VAN HET VERLICHTINGSSYSTEEM 1. LET OP! Wees zeer voorzichtig wanneer de afvalcontainer omhoog is gebracht. Leeg de container niet op een helling. LET OP! Controleer tijdens het legen of er zich geen personen in het werkgebied van de veegmachine bevinden. Zie het deel Gebruik van de machine in de beschrijving van de werkcyclus. Gebruik om het verlichtings- en signaleringssysteem in te schakelen de hendel aan het stuur (19, Afb. C). De functies van deze hendels worden beschreven in Beschrijving van de machine in het deel Beschrijving van het bedieningspaneel en de optionele knoppen. INSCHAKELING VAN DE NOODLICHTEN 1. Schakel de noodlichten in met de schakelaar (22, Afb. C). DE CABINE HANDMATIG OMHOOG BRENGEN U kunt de bestuurderscabine als volgt handmatig omhoog en omlaag zetten. 1. Schakel de motor uit door de contactsleutel (17, Afb. B-C) tot het einde linksom te draaien en de sleutel te verwijderen. 2. Schakel de parkeerrem (21, Afb. B-C) in. 3. Open de klep van de stoel (8, Afb. F). 4. Verwijder de hendel (53, Afb. E) van de handbediende pomp. 5. Verplaats de hendel (53, Afb. E) op de handbediende pomp (47). 6. Zet de schuifschakelaar (54, Afb. E) van de pomp naar rechts zodat de cabine omhoog komt. Pomp met behulp van de hierboven genoemde hendel. 7. Zet de cabine in de oorspronkelijke stand door de schuifschakelaar (54, Afb. E) naar links te zetten en te pompen totdat de cabine weer naar beneden is. 8. Zet de schuifschakelaar (54, Afb. E) in de middelste stand. 33014097(2)2006-12 A 15 NEDERLANDS GEBRUIKSAANWIJZING DE BLOKKEERSTANGEN VAN DE OPGEHEVEN AFVALCONTAINER NAAR BINNEN STEKEN 1. Telkens wanneer u onder de afvalcontainer moet werken, moet u de container volledig omhoog brengen door de hendel van de bediening (12, Afb. B - 31, Afb. C) ingedrukt te houden en daarna de twee blokkeerstangen (4, Afb. F) naar binnen steken. VERVOER/BEWEGING Gebruik voor het vervoeren/bewegen van de machine de als volgt beschreven bevestigingspunten en standen. LET OP! Het verankeren van de machine moet worden uitgevoerd door bevoegd personeel. Beschikbare punten NA GEBRUIK VAN DE MACHINE 1. Aan het eind va de werkcyclus moet u de machine als volgt opslaan: 1. Hoofdborstel omhoog (zie het deel Gebruik van de machine). 2. Zijborstel omhoog (zie het deel Gebruik van de machine). 3. Aanzuigventilator uitgeschakeld (zie het deel Gebruik van de machine). 4. Gashendel op MIN. 5. Afvalcontainer omlaag (zie het deel Gebruik van de machine). 6. Motor uitgeschakeld (zie het deel Starten en stoppen van de dieselmotor). 7. Doe als ze aan zijn, de lichten uit. 8. Parkeerrem ingeschakeld. – – TREKBEWEGING VAN DE MACHINE Voor trekbewegingen van de machine gaat u als volgt te werk. 1. Leeg waar mogelijk de afvalcontainer (2, Afb. F). Als de hoeveelheid afval minimaal is, is het niet nodig de container te legen. 2. Schakel de parkeerrem (21, Afb. B-C) in. 3. Schakel de motor uit door de contactsleutel (17, Afb. B-C) tot het einde linksom te draaien en de sleutel te verwijderen. 4. Open de motorkap (5, Afb. F) en bevestig deze met de steunstang (6, Afb. F). 5. Draai de schroef van de omloopklep (1, Afb. G) voor de pomp voor het aandrijvingsysteem (32, Afb. E) ongeveer twee slagen los zodat de machine in de neutraalstand staat. 6. Sleep de machine door de machine aan de punten te koppelen die worden aangegeven met de stickers (55, 56, Afb. F - 57, Afb. E). De machine is voorzien van de volgende bevestigingspunten: 2 punten aan de zijkant (55, Afb. F) 2 punten aan de achterkant (56, Afb. F) OPMERKING De hierboven genoemde punten zijn met stickers aangegeven. Verankering 2. Voer de volgende handelingen uit voor de verankering van de machine tijdens het vervoer: • De machine opstellen in verplaatsingmodus (zie de procedure in het betreffende deel). • Haal de contactsleutel uit de contactschakelaar (17, Afb. B-C). • Schakel de parkeerrem (21, Afb. B-C) in. • Sluit alle kleppen, kappen, etc. • Bevestig de machine op de aangegeven punten (55, 56, Afb. F) met geschikte banden. LANGE PERIODE VAN STILSTAND Als de machine langer dan 30 dagen niet wordt gebruikt, raden wij u het volgende aan: 1. Zet de machine in ruststand zoals beschreven in de paragraaf ‘Na gebruik van de machine. 2. De machine opslaan in een gesloten, droge en schone ruimte die afgeschermd is van de weersomstandigheden en die voldoet aan de volgende omgevingswaarden: • Temperatuur: van +1°C tot +50°C • Vochtigheid: maximaal 95% 1. Ontkoppel de minpool van de accu (43, Afb. F). 2. Behandel de dieselmotor zoals beschreven in de betreffende handleiding. EERSTE GEBRUIKSPERIODE Na de eerste gebruiksperiode (de eerste 8 uur) moet u de volgende handelingen uitvoeren: 1. Controleer of alle bevestigings- en aansluitingselementen nog goed vast zitten; controleer of alle zichtbare onderdelen nog intact zijn en geen lekkage vertonen. 2. Voer na de eerste 50 werkuren, de controles en de voorziene vervangingen uit volgens het vastgelegde onderhoudsschema. 16 33014097(2)2006-12 A SR 1800S D 2WD GEBRUIKSAANWIJZING NEDERLANDS ONDERHOUD De levensduur van de machine en de optimale veilige werking ervan worden geholpen door nauwkeurig en regelmatig onderhoud. Hieronder staat het verkorte onderhoudsschema. De aangegeven intervallen zijn afhankelijk van de specifieke werkomstandigheden en worden bepaald door de verantwoordelijke persoon voor onderhoud. LET OP! De onderhoudswerkzaamheden moeten bij een uitgeschakelde machine worden uitgevoerd (de startsleutel moet uit het contact zijn gehaald). Lees echter eerst aandachtig de instructies in het hoofdstuk Veiligheid door, voordat u de onderhoudswerkzaamheden uitvoert. OPMERKING Bij onderhoudswerkzaamheden moeten altijd originele vervangingsonderdelen worden gebruikt. Alle regelmatige of buitengewone onderhoudswerkzaamheden moeten worden uitgevoerd door bevoegd personeel of bij een bevoegd servicecentrum. In deze handleiding staan na het onderhoudsschema alleen de eenvoudigste en meest voorkomende onderhoudsprocedures. De procedures voor de onderhoudswerkzaamheden die niet in het vastgelegde onderhoudsschema staan, vindt u in de servicehandleiding, die bij de verschillende servicecentra ligt. ONDERHOUDSSCHEMA Onderhoud Inloopperiode (na de eerste 50 uren) Elke 10 uur en voor het gebruik Elke 200 uur Elke 600 uur Elke 1.200 uur Elke 2.400 uur Controle oliepeil van dieselmotor Reiniging van het luchtfilter van de motor Controle reiniging ribben radiateur van de motor Controle peil koelvloeistof van de motor Controle van het vloeistofpeil van de accu's Controle oliepeil en efficiëntie van de afzuigfilter van de hydraulische installatie Controle en reiniging ribben olieradiateur van het hydraulische systeem Reiniging afvalcontainer en controle afdichtingen Controle remoliepeil Controle werking van geluidssignaal achteruit Veiligheidscontrole bij niet starten dieselmotor, met gaspedaal ingeschakeld (6) Controle bandenspanning Controle stofafdichtingen Controle en afstelling zijborstels Controle en afstelling hoofdborstel Verversing olie dieselmotor (7)(8) Controle parkeerrem Controle spanning ketting dynamo (7) Controle spanning ketting compressor klimaatregelaar (8) Vervanging oliefilter dieselmotor (7)(8) SR 1800S D 2WD 33014097(2)2006-12 A 17 Langere perioden NEDERLANDS GEBRUIKSAANWIJZING Inloopperiode (na de eerste 24 uren) Onderhoud Vervanging brandstoffilter dieselmotor Elke 10 uur en voor het gebruik Elke 200 uur Elke 600 uur Elke 1.200 uur Elke 2.400 uur Langere perioden (7) Controle bevestiging moeren en schroeven; lekkage (6) Smering (6) (6) Controle bussen van koelvloeistofsysteem dieselmotor (7)(6) Vervanging oliefilter pomp aandrijvingsysteem (6) (6) Vervanging filter voor olieaanzuiging hydraulisch systeem (6) (6) Vervanging ketting dynamo (3)(6) Vervanging luchtfilter stuurcabine (1) IJking en reiniging injectoren (2)(3)(6) Vervanging ketting compressor klimaatregelaar (6) Verversing koelvloeistof dieselmotor (3)(6) Verversing olie hydraulische systeem (3)(6) Controle remsysteem (6) Controle druk hydraulische pompen (6) Gedeeltelijke revisie dieselmotor (2)(4)(6) Algemene revisie dieselmotor (2)(5)(6) (1): (2): (3): (4): (5): (6): (7): (8): of elke 6 maanden onderhoudswerkzaamheden die bij de servicecentra van Lombardini moeten worden uitgevoerd of elke 2 jaar na 5.000 uur na 10.000 uur zie voor de betreffende procedure de werkplaatshandleiding bij de servicecentra van Nilfisk-Advance. bij weinig gebruik elk jaar. wanneer u olie van een mindere kwaliteit dan aanbevolen gebruikt, moet u de olie elke 125 uur verversen. DE AFVALCONTAINER REINIGEN LET OP! Draag geschikte bescherming voor het lichaam (ogen, haren, handen, enz.) bij het schoonmaken van de machine met een hogedrukspuit (lucht of water). Wanneer de afvalcontainer (2, Afb. F) is geleegd, moet u de machine op een plaats aangewezen voor reiniging/spoelen zetten en het volgende doen: 1. Schakel de parkeerrem (21, Afb. B-C) in. 2. Breng de afvalcontainer (2, Afb. F) omhoog volgens de aanwijzingen in het betreffende deel. 3. Open de flap (19, Afb. F). 4. Steek de twee blokkeerstangen (4, Afb. F) naar binnen. 5. Reinig de afvalcontainer met een hogedrukspuit. WAARSCHUWING! Reinig de flap en alleen het onderste deel van de afvalcontainer met een hogedrukspuit om te voorkomen dat de zakfilter (26, Afb. E) nat wordt. 18 33014097(2)2006-12 A SR 1800S D 2WD GEBRUIKSAANWIJZING DE ZAKFILTER VERVANGEN Vervang als volgt de zakfilter: 1. Zet de machine in ruststand zoals beschreven in de paragraaf ‘Na gebruik van de machine. 2. Verwijder de klep (1, Afb. F) van de afvalcontainer door de bevestigingsknop (58, Afb. E) los te draaien. 3. Verwijder de afdekking (1, Afb. H) van de afvalcontainer door de zes bevestigingsschroeven (2, Afb. G) los te draaien. 4. Verwijder de zes schroeven (1, Afb. J) en verwijder daarna de drie vergrendelingsplaatjes van de zakfilter (2, Afb. J). 5. Til de zakfilter (1, Afb. L) omhoog, koppel de kabel van de motor voor de filterschudder (2) los en vervang de filter. 6. Voer de punten 2, 3, 4 en 5 in de omgekeerde volgorde uit. OPMERKING Ga ook voor het reinigen op dezelfde manier te werk. DE OLIE VAN HET HYDRAULISCH SYSTEEM VERVERSEN LET OP! De olie van het hydraulisch systeem is zeer bijtend, draag daarom altijd rubberen handschoenen. 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. CONTROLE VAN HET OLIEPEIL VAN HET HYDRAULISCHE SYSTEEM 1. 2. 3. 4. Schakel de parkeerrem (21, Afb. B-C) in. Open de klep van de stoel (8, Afb. F). Controleer via de indicator (11, Afb. F) of het peil van de olie in de tank tussen de markeringen MIN en MAX staat. Verwijder eventueel de dop (41, Afb. E) en vul olie bij. Zie voor de bruikbare soorten olie het hoofdstuk Technische eigenschappen. OPMERKING Vul bij met dezelfde olie als in de tank. 5. 6. 9. CONTROLE VAN DE REINIGING VAN DE RIBBEN VAN DE RADIATEUR VAN DE OLIE VAN DE HYDRAULISCHE INSTALLATIE LET OP! Draag geschikte bescherming voor het lichaam (ogen, haren, handen, enz.) bij het schoonmaken van de machine met een hogedrukspuit (lucht of water). DE OLIEFILTER VAN HET HYDRAULISCH SYSTEEM VERVANGEN 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. Schakel de parkeerrem (21, Afb. B-C) in. Open de klep van de stoel (8, Afb. F). Plaats een geschikte container om de olie op te vangen rechts van het achterwiel (37, Afb. E) onder de aftapdop (42, Afb. E) van het oliereservoir van het hydraulisch systeem. Draai de dop (42, Afb. E) los en verwijder deze. Laat alle olie uit het hydraulisch systeem lopen. Wanneer alle olie uit het reservoir is gedruppeld, draait u de dop (42, Afb. E) weer vast. Verwijder de afdekking (59, Afb. E) van het oliereservoir. Draai de twee aanzuigfilters (40, Afb. E) los met een D50-sleutel en vervang ze. Reinig het oliereservoir (39, Afb. E) in het steunvlak van de afdekking (59, Afb. E). Bevestig daarna de afdekking met siliconenkit en schroeven. Giet de olie die eerder was afgetapt terug in het reservoir. Schakel de parkeerrem (21, Afb. B-C) in. Open de klep van de stoel (8, Afb. F). Plaats een geschikte container om de olie op te vangen rechts van het achterwiel (37, Afb. E) onder de aftapdop (42, Afb. E) van het oliereservoir van het hydraulisch systeem. Draai de dop (42, Afb. E) los en verwijder deze. Laat alle olie uit het hydraulisch systeem lopen. Wanneer alle olie uit het reservoir is gedruppeld, draait u de dop (42, Afb. E) weer vast. Verwijder de afdekking (59, Afb. E) van het oliereservoir. Draai de twee aanzuigfilters (40, Afb. E) los volgens de aanwijzingen in het betreffende deel. Reinig het oliereservoir (39, Afb. E) in het steunvlak van de afdekking (59, Afb. E). Bevestig daarna de afdekking met siliconenkit en schroeven. Vul met dezelfde of gelijkaardige olie (zie het deel Technische eigenschappen). LET OP! De verwijderde olie en filters moeten worden bezorgd bij speciale inzamelingsbedrijven die voldoen aan de geldende milieuwetgeving. Draai de dop (41, Afb. E) aan. Sluit de klep van de stoel (8, Afb. F). LET OP! De olie van het hydraulisch systeem is zeer bijtend, draag daarom altijd rubberen handschoenen. NEDERLANDS 1. 2. 3. 4. 5. 6. Zet de machine op een vlakke en stevige ondergrond en schakel de parkeerrem (21, Afb. B-C) in. Schakel de motor uit door de contactsleutel (17, Afb. B-C) tot het einde linksom te draaien en de sleutel te verwijderen. Open de klep van de stoel (8, Afb. F). Reinig de ribben van de radiateur voor de olie van het hydraulisch systeem (48, Afb. E) met een straal perslucht (maximaal 6 Bar). Richt waar nodig de straal perslucht in de tegenovergestelde richting van de koelluchtcirculatie. Controleer vanaf de binnenzijde van de radiateur (48, Afb. E) of de ventilator vrij kan draaien. Voer de punten 3 tot en met 6 in de omgekeerde volgorde uit. LET OP! De verwijderde olie en filters moeten worden bezorgd bij speciale inzamelingsbedrijven die voldoen aan de geldende milieuwetgeving. SR 1800S D 2WD 33014097(2)2006-12 A 19 NEDERLANDS GEBRUIKSAANWIJZING CONTROLE VAN HET VLOEISTOFPEIL VAN DE ACCU LET OP! Draag geschikte bescherming voor het lichaam (ogen, haren, handen, enz.) bij het controleren of reinigen van de accu. 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. Schakel de parkeerrem (21, Afb. B-C) in. Schakel de motor uit door de contactsleutel (17, Afb. B-C) tot het einde linksom te draaien en de sleutel te verwijderen. Open de klep van de stoel (8, Afb. F). Controleer het peil van de elektrolyt in de accu (43, Afb. E) en vul indien nodig bij met gedistilleerd water. Reinig indien nodig de accu. Controleer of de poolaansluitingen van de accu niet verroest zijn. Sluit de klep van de stoel (8, Afb. F). DE HOOGTE VAN DE ZIJBORSTELS CONTROLEREN EN AFSTELLEN 1. 2. 3. 4. 5. 6. CONTROLE VAN HET REMOLIEPEIL 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. Schakel de parkeerrem (21, Afb. B-C) in. Schakel de motor uit door de contactsleutel (17, Afb. B-C) tot het einde linksom te draaien en de sleutel te verwijderen. Breng de afvalcontainer helemaal omhoog, zoals wordt beschreven in het specifieke deel. Steek de twee blokkeerstangen (4, Afb. F) naar binnen. Controleer of het oliepeil in het reservoir (12, Afb. F) tussen de minimum- en maximummarkeringen staat. Vul waar nodig bij met dezelfde olie als in het circuit. Meestal gebruikte olie: DOT4. Verwijder de vergrendelingsstangen (4, Afb. F) en laat de afvalcontainer zakken. CONTROLE VAN DE WERKING VAN HET GELUIDSSIGNAAL BIJ ACHTERUIT (OPTIONEEL) 1. 2. Controleer of het geluidssignaal aangaat als de machine in z’n achteruit wordt gezet. Stel de activeringsensor indien nodig af zoals beschreven in de Werkplaatshandleiding. CONTROLE VAN DE BANDENSPANNING 1. 2. 3. Schakel de parkeerrem (21, Afb. B-C) in. Schakel de motor uit door de contactsleutel (17, Afb. B-C) tot het einde linksom te draaien en de sleutel te verwijderen. De bandenspanning moet als volgt zijn: • Voorbanden: 7,0 Bar • Achterbanden: 7,0 Bar LET OP! Respecteer de waarden voor de bandenspanning op de betreffende stickers. De waarden op de banden verwijzen naar standaardbelastingen en -snelheden, maar komen niet overeen met de bedrijfsomstandigheden van de machine. 20 33014097(2)2006-12 A Controleer of de indruk op de grond van de zijborstel juist is door als volgt te werk te gaan: Zet de machine op een vlakke ondergrond. Zet de machine stil, laat de zijborstels zakken en laat deze enkele seconden draaien. Zet de zijborstel stil en breng deze omhoog voordat u de machine verplaatst. Controleer of de indruk die de zijborstel achterlaat is zoals in de afbeelding (Afb. M) in verhouding tot de rijrichting (3, Afb. M). • De zijborstel rechts moet de vloer raken in een draaicirkel tussen 9 uur en 4 uur (1, Afb. M). • De zijborstel links moet de vloer raken in een draaicirkel tussen 8 uur en 3 uur (2, Afb. M). Wanneer de indruk niet overeenkomt met de specificaties, stelt u de hoogte van de zijborstel af met de schroef (1, Afb. N). OPMERKING Als de borstels door overmatige slijtage niet meer kunnen worden afgesteld, moeten de borstels zoals in het betreffende deel worden vervangen. DE ZIJBORSTELS VERVANGEN OPMERKING Er zijn verschillende soorten borstels leverbaar. Deze procedure is van toepassing op alle soorten borstels. WAARSCHUWING! Wij raden u aan werkhandschoenen te dragen als u de zijborstels vervangt omdat er scherpe deeltjes tussen de haren van de borstels kunnen blijven hangen. 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. Stel de machine af zoals beschreven in het deel Na gebruik van de machine. Start de dieselmotor zoals werd beschreven in de specifieke paragraaf. Zet de gashendel (19, Afb. B - 29, Afb. C) op MAX. Breng de afvalcontainer (2, Afb. F) omhoog door de hendel van de bediening (12, Afb. B - 31, Afb. C) ingedrukt te houden tot de container de juiste hoogte bereikt en u onder de zijborstel kunt komen. Schakel de motor uit door de contactsleutel (17, Afb. B-C) tot het einde linksom te draaien en de sleutel te verwijderen. Verwijder de blokkeerschroef (1, Afb. P) en verwijder en vervang daarna de zijborstel. Bevestig de zijborstel met de schroef (1, Afb. P). Breng de afvalcontainer (2, Afb. F) omlaag door de rechterhendel van de bediening (12, Afb. B - 31, Afb. C) aangetrokken te houden. SR 1800S D 2WD GEBRUIKSAANWIJZING DE HOOGTE VAN DE HOOFDBORSTEL CONTROLEREN EN AFSTELLEN Controleer of de indruk op de grond van de hoofdborstel juist is door als volgt te werk te gaan: 1. Zet de machine op een vlakke ondergrond. 2. Zet de machine stil, laat de hoofdborstel zakken en laat deze enkele seconden draaien. 3. Zet de hoofdborstel stil en breng deze omhoog voordat u de machine verplaatst. 4. Controleer of de indruk van de hoofdborstel is zoals aangegeven in de afbeelding (Afb. O). 5. Wanneer de indruk niet overeenkomt met de specificaties, stelt u de hoogte van de hoofdborstel af met de schroef (1, Afb. Q). DE HOOFDBORSTELVERVANGEN OPMERKING Er zijn verschillende soorten borstels leverbaar. Deze procedure is van toepassing op alle soorten borstels. WAARSCHUWING! Wij raden u aan werkhandschoenen te dragen als u de hoofdborstel vervangt omdat er scherpe deeltjes tussen de haren van de borstel kunnen blijven hangen. 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. Stel de machine af zoals beschreven in het deel Na gebruik van de machine. Verwijder de onderste klep aan de rechterzijde (50, Afb. F). Verwijder de drie vleugelmoeren (1, Afb. R). Verwijder het afdichtplaatje (2, Afb. R). Plaats de stofafdichting (3, Afb. R). Verwijder de veiligheidsklem (1, Afb. S). Verwijder de steunflens (2, Afb. S) van de hoofdborstel. Verwijder de hoofdborstel (3, Afb. S) en vervang deze. Voer de punten 2, 3, 4, 5, 6 en 7 in de omgekeerde volgorde uit. DE STOFAFDICHTING RECHTS VERVANGEN 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13. Stel de machine af zoals beschreven in het deel Na gebruik van de machine. Start de dieselmotor zoals werd beschreven in de specifieke paragraaf. Zet de gashendel (19, Afb. B - 29, Afb. C) op MAX. Breng de afvalcontainer (2, Afb. F) omhoog door de rechterhendel van de bediening (12, Afb. B - 31, Afb. C) ingedrukt te houden. Schakel de motor uit door de contactsleutel (17, Afb. B-C) tot het einde linksom te draaien en de sleutel te verwijderen. Steek de twee blokkeerstangen (4, Afb. F) naar binnen. Verwijder de onderste klep aan de rechterzijde (50, Afb. F). Verwijder de drie vleugelmoeren (1, Afb. R). Verwijder het afdichtplaatje (2, Afb. R). Verwijder de vier schroeven binnenin (1, Afb. T). Verwijder het afdichtplaatje (2, Afb. T). Verwijder de stofafdichting (3, Afb. R) en vervang deze. Voer de punten 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8, 9, 10 en 11 in de omgekeerde volgorde uit. SR 1800S D 2WD NEDERLANDS DE STOFAFDICHTING LINKS VERVANGEN 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13. 14. Stel de machine af zoals beschreven in het deel Na gebruik van de machine. Start de dieselmotor zoals werd beschreven in de specifieke paragraaf. Zet de gashendel (19, Afb. B - 29, Afb. C) op MAX. Breng de afvalcontainer (2, Afb. F) omhoog door de rechterhendel van de bediening (12, Afb. B - 31, Afb. C) ingedrukt te houden. Schakel de motor uit door de contactsleutel (17, Afb. B-C) tot het einde linksom te draaien en de sleutel te verwijderen. Steek de twee blokkeerstangen (4, Afb. F) naar binnen. Verwijder de onderste klep aan de linkerzijde (51, Afb. F). Verwijder de drie vleugelmoeren (1, Afb. U). Verwijder de drukveer (3, Afb. U). Verwijder het afdichtplaatje (2, Afb. U). Verwijder de vier schroeven binnenin (1, Afb. V). Verwijder het afdichtplaatje (2, Afb. V). Verwijder de stofafdichting (4, Afb. U) en vervang deze. Voer de punten 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8, 9, 10, 11 en 12 in de omgekeerde volgorde uit. DE STOFAFDICHTING ACHTER VERVANGEN 1. 2. 3. 4. 5. Stel de machine af zoals beschreven in het deel Na gebruik van de machine. Zet de machine op een vlakke ondergrond. Verwijder de twee bevestigingsschroeven (1, Afb. Z) en afdichtplaatje (2). Verwijder de stofafdichting (3, Afb. Z) en vervang deze. Voer de punten 2 en 3 in omgekeerde volgorde uit. DE STOFAFDICHTING VAN DE FLAP VERVANGEN Stel de machine af zoals beschreven in het deel Na gebruik van de machine. 2. Start de dieselmotor zoals werd beschreven in de specifieke paragraaf. 3. Zet de gashendel (19, Afb. B - 29, Afb. C) op MAX. 4. Breng de afvalcontainer (2, Afb. F) omhoog door de rechterhendel van de bediening (12, Afb. B - 31, Afb. C) ingedrukt te houden. 5. Schakel de motor uit door de contactsleutel (17, Afb. B-C) tot het einde linksom te draaien en de sleutel te verwijderen. 6. Steek de twee blokkeerstangen (4, Afb. F) naar binnen. 7. Open de flap (19, Afb. F) door de linkerhendel van de bediening (1, Afb. B-C) ingedrukt te houden. 8. Verwijder de zes bevestigingsschroeven (1, Afb. AA). 9. Verwijder het afdichtplaatje (2, Afb. AA) en de stofafdichting (3) van de flap. 10. Vervang de stofafdichting (3, Afb. AA). 11. Voer de punten 2, 3, 4, 5, 6, 7 en 8 in de omgekeerde volgorde uit. 1. 33014097(2)2006-12 A 21 NEDERLANDS GEBRUIKSAANWIJZING CONTROLE VAN HET OLIEPEIL VAN DE DIESELMOTOR 1. 2. 3. 4. 5. 6. Zet de machine op een stevige, vlakke ondergrond. Schakel de motor uit door de contactsleutel (17, Afb. B-C) tot het einde linksom te draaien en de sleutel te verwijderen. Schakel de parkeerrem (21, Afb. B-C) in. Open de motorkap (5, Afb. F) en bevestig deze met de steunstang (6, Afb. F). Controleer het oliepeil van de dieselmotor zoals beschreven in de betreffende handleiding. Vul eventueel olie bij en ga daarbij te werk zoals beschreven in de handleiding van de dieselmotor. OPMERKING Vul bij met hetzelfde type olie als in de motor. Zie het deel Gegevens dieselmotor. 7. Sluit de motorkap (5, Afb. F). VERVERSING VAN DE OLIE VAN DE DIESELMOTOR 1. 2. 3. 4. 5. Zet de machine op een stevige, vlakke ondergrond. Schakel de motor uit door de contactsleutel (17, Afb. B-C) tot het einde linksom te draaien en de sleutel te verwijderen. Schakel de parkeerrem (21, Afb. B-C) in. Open de motorkap (5, Afb. F) en bevestig deze met de steunstang (6, Afb. F). Ververs de olie van de dieselmotor zoals beschreven in de betreffende handleiding. DE LUCHTFILTER VAN DE DIESELMOTOR VERVANGEN LET OP! Draag geschikte bescherming voor het lichaam (ogen, haren, handen, enz.) bij het schoonmaken van de machine met een hogedrukspuit (lucht of water). 1. Stel de machine af zoals beschreven in het deel Na gebruik van de machine. 2. Start de dieselmotor zoals werd beschreven in de specifieke paragraaf. 3. Zet de gashendel (19, Afb. B - 29, Afb. C) op MAX. 4. Breng de afvalcontainer (2, Afb. F) omhoog door de rechterhendel van de bediening (12, Afb. B - 31, Afb. C) ingedrukt te houden. 5. Schakel de motor uit door de contactsleutel (17, Afb. B-C) tot het einde linksom te draaien en de sleutel te verwijderen. 6. Steek de twee blokkeerstangen (4, Afb. F) naar binnen. 7. Verwijder de afdekking van de luchtfilter van de motor (13, Afb. F). 8. Verwijder de vleugelmoer (1, Afb. AB) en verwijder daarna de houder (2) van de luchtfilter. Vervang de houder. 9. Verwijder de moer (1, Afb. AC) en verwijder daarna de veiligheidshouder (2) van de filter. Vervang de houder. 10. Voer de punten 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8 en 9 in de omgekeerde volgorde uit. WAARSCHUWING! Wanneer de veegmachine is voorzien van een dubbele aanzuigfilter, spoel dan ook uitsparing van de lagedrukvoorfilter (57, Afb. E). OPMERKING Gebruik hetzelfde type olie als in de motor. Zie het deel Gegevens dieselmotor. 6. Sluit de motorkap (5, Afb. F). VERVANGING VAN DE OLIEFILTER VAN DE DIESELMOTOR 1. 2. 3. 4. 5. 6. Zet de machine op een stevige, vlakke ondergrond. Schakel de motor uit door de contactsleutel (17, Afb. B-C) tot het einde linksom te draaien en de sleutel te verwijderen. Schakel de parkeerrem (21, Afb. B-C) in. Open de motorkap (5, Afb. F) en bevestig deze met de steunstang (6, Afb. F). Vervang het oliefilter van de dieselmotor zoals beschreven in de betreffende handleiding. Sluit de motorkap (5, Afb. F). 22 33014097(2)2006-12 A CONTROLE VAN DE REINIGING VAN DE RIBBEN VAN DE RADIATEUR VAN DE DIESELMOTOR 1. 2. 3. 4. 5. Zet de machine op een vlakke en stevige ondergrond en schakel de parkeerrem (21, Afb. B-C) in. Schakel de motor uit door de contactsleutel (17, Afb. B-C) tot het einde linksom te draaien en de sleutel te verwijderen. Open de motorkap (5, Afb. F) en bevestig deze met de steunstang (6, Afb. F). Controleer of de ribben van de radiateur van de dieselmotor (36, Afb. E) schoon zijn aan de hand van de instructies in de betreffende handleiding. Sluit de motorkap (5, Afb. F). SR 1800S D 2WD GEBRUIKSAANWIJZING CONTROLE VAN HET KOELVLOEISTOFPEIL VAN DE DIESELMOTOR 1. 2. 3. Zet de machine op een vlakke en stevige ondergrond en schakel de parkeerrem (21, Afb. B-C) in. Schakel de motor uit door de contactsleutel (17, Afb. B-C) tot het einde linksom te draaien en de sleutel te verwijderen. Open de motorkap (5, Afb. F). LET OP! Het koelcircuit staat onder druk; voer geen controles uit voordat de motor is afgekoeld en open ook in dat geval voorzichtig de dop (1, Afb. AD) van de tank (2). 4. 5. 6. 7. Ga te werk zoals beschreven in de handleiding van de dieselmotor en controleer of het koelvloeistofpeil in de tank (2, Afb. AD) tussen de markeringen van het minimum- en maximumniveau staat. Schroef indien nodig de dop (1, Afb. AD) los en vul bij. Bestanddelen van de koelvloeistof: • 50% antivries AGIP • 50% water Draai de dop (1, Afb. AD) vast na het bijvullen. Sluit de motorkap (5, Afb. F). DE BRANDSTOFLUCHTFILTER VAN DE DIESELMOTOR VERVANGEN 1. 2. 3. 4. 5. 6. Zet de machine op een stevige, vlakke ondergrond. Schakel de motor uit door de contactsleutel (17, Afb. B-C) tot het einde linksom te draaien en de sleutel te verwijderen. Schakel de parkeerrem (21, Afb. B-C) in. Open de motorkap (5, Afb. F) en bevestig deze met de steunstang (6, Afb. F). Vervang de brandstoffilter van de dieselmotor zoals beschreven in de betreffende handleiding. Sluit de motorkap (5, Afb. F). NEDERLANDS VERVANGING VAN DE ZEKERINGEN 1. 2. 3. 4. Schakel de parkeerrem (7, Afb. E) in. Draai de contactsleutel (17, Afb. D) tot het einde tegen de klok in en verwijder de sleutel. Verwijder de doorzichtige bescherming van het zekeringenkastje (23 of 24, Afb. B-C) en vervang de betreffende zekering. Raadpleeg voor de waarden en functies van de zekeringen het deel Elektrische beschermingen. Doe de doorzichtige bescherming van het zekeringenkastje (23 of 24, Afb. B-C) terug. VEILIGHEIDSFUNCTIES Op de machine zijn de volgende veiligheidsfuncties voorzien: GELUIDSSIGNAAL VAN DE ACHTERUIT (OPTIONEEL) De machine is voorzien van een sensor met overeenkomend geluidssignaal om aan te geven dat het voertuig in zijn achteruit staat. BEGRENZINGSSENSOR VOOR STARTEN VAN DE DIESELMOTOR BIJ GEACTIVEERD GASPEDAAL De machine is voorzien van een sensor die zorgt dat de dieselmotor niet start wanneer het gaspedaal wordt ingedrukt. BEGRENZINGSSENSOR VOOR STARTEN VAN DE DIESELMOTOR WANNEER DE BEDIENER NIET IN DE STOEL ZIT De machine is voorzien van een sensor in het kussen van de stoel die zorgt dat de dieselmotor niet start wanneer de bediener niet op de stoel zit. DE LUCHTFILTER VAN DE STUURCABINE VERVANGEN (*) (*) Alleen bij een cabine met klimaatregelaar 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. Zet de machine op een stevige, vlakke ondergrond. Schakel de motor uit door de contactsleutel (17, Afb. B-C) tot het einde linksom te draaien en de sleutel te verwijderen. Schakel de parkeerrem (21, Afb. B-C) in. Verwijder in de stuurcabine de schroeven (1, Afb. AE) en verwijder het paneel (2). Draai de knoppen (1, Afb. AF) los en verwijder het paneel (2). Verwijder de luchtfilter (1, Afb. AG) van de cabine. Monteer de nieuwe filter (1, Afb. AG) zoals afgebeeld met de pijlen (2) in de richting van de luchtstroom. Voer de punten 3 en 4 in omgekeerde volgorde uit. SR 1800S D 2WD 33014097(2)2006-12 A 23 NEDERLANDS GEBRUIKSAANWIJZING STORINGEN LOKALISEREN Hierna volgen de meest gebruikelijke problemen die kunnen worden gecontroleerd tijdens het gebruik van de machine, de waarschijnlijke oorzaken ervan en de mogelijke acties om ze te herstellen. LET OP! De aangegeven herstelactie moet worden uitgevoerd door bevoegd personeel, dat altijd de in de specifieke paragrafen van deze handleiding, indien aanwezig, beschreven instructies moet opvolgen. Neem anders voor meer informatie contact op met de servicecentra van Nilfisk-Advance. Zij beschikken over de werkplaatshandleiding. Neem voor uitleg of informatie contact op met de servicecentra van Nilfisk-Advance. ONGEMAKKEN EN HERSTELACTIES Ongemak Waarschijnlijke oorzaak Herstelactie ALGEMEEN Aanwezigheid van een overmatige hoeveelheid stof op de onderzijde of uiteinde van de flap De ventilator werkt niet De filters zijn verstopt De stofafdichting van de flap is beschadigd Schakel de ventilator in Reinig/vervang de filters Vervang de stofafdichting De borstels zijn niet goed afgesteld De borstels zijn versleten De bewegingssnelheid is te hoog De borstel is beschadigd of er is materiaal in de borstel aanwezig Geen druk in de motoren De motoren zijn defect Stel de borstels af Vervang de borstels Verlaag de snelheid BORSTELS De borstels reinigen niet goed De zij- en hoofdborstels draaien niet De bedieningspomp is defect, stuurt geen olie onder druk naar het circuit De bediening is geblokkeerd De hendel is geblokkeerd Geen druk in de cilinder De hoofdborstel gaan niet omhoog/omlaag De cilinder is defect De bediening is geblokkeerd Geen druk in de cilinder De zijborstel gaat niet omhoog/omlaag De borstels zijn luidruchtig De borstels zijn overmatig versleten AANZUIGVENTILATOR De aanzuigventilator maakt lawaai De aanzuigventilator draait maar zuigt niet genoeg De aanzuigventilator draait niet 24 De cilinder is defect De bediening is geblokkeerd Vreemd materiaal in de borstel De indruk is te diep De borstelharen zijn niet geschikt voor de vloer Hydraulische motor defect De stoffilters zijn verstopt De motor is defect Geen druk in de motor van het aanzuigsysteem De pakking van de afvalcontainer is beschadigd Geen druk naar de pomp Hydraulische motor defect De omleider is defect 33014097(2)2006-12 A SR 1800S D 2WD Vervang de borstel of verwijder het materiaal Controleer het circuit Vervang de motoren Controleer de druk van het circuit Vervang de pomp Controleer de bediening Controleer de hendel Controleer het circuit Controleer de pomp Vervang de pakkingen van de cilinder Vervang de cilinder Controleer de bediening Controleer het circuit Controleer de pomp Vervang de pakkingen van de cilinder Vervang de cilinder Controleer de bediening Verwijder het materiaal Stel de borstels goed af Gebruik borstels met geschikte haren Vervang de motor Reinig/vervang de filters Vervang de motor Controleer de druk van het circuit Vervang de pomp Vervang de stofafdichting Controleer de druk van de pomp Vervang de motor Vervang de omleider GEBRUIKSAANWIJZING Ongemak Waarschijnlijke oorzaak NEDERLANDS Herstelactie FLAP Geen druk in de cilinder De flap heeft niet genoeg openingskracht De flap opent/sluit niet Blaas het materiaal naar voren AFVALCONTAINER De afvalcontainer gaat niet omhoog/omlaag De cilinder is versleten Geen druk in de cilinder De hendel is geblokkeerd De bediening is geblokkeerd De stofafdichting van de flap is beschadigd De bediening is geblokkeerd De blokkeerklep is defect Controleer de bediening Vervang de klep Vervang de pakkingen van de cilinder Vervang de cilinder Vervang de pakkingen De cilinder is defect De afvalcontainer verliest vuil FILTERSCHUDDER De motor van de filterschudder werkt niet Controleer het circuit Vervang de pakkingen van de cilinder Vervang de cilinder Controleer het circuit Controleer de hendel Controleer de bediening Vervang de stofafdichting De pakkingen zijn versleten De knop is beschadigd De zekering is doorgebrand Het stroomverbruik van de motor is te hoog Vervang de knop Vervang de zekering Vervang de koolborstels Vervang de motor STUURINRICHTING Het sturen gaat zwaar De stuurbekrachtiging is geblokkeerd Voorkeurklep defect Vervang de stuurbekrachtiging Vervang de klep Tekort aan remolie De rempomp is defect Lucht in het circuit De remschoenen zijn versleten of smerig De cilinders van de remschoenen zijn defect De rem is niet goed afgesteld Voeg olie toe Vervang de pomp Ontlucht de installatie Vervang de remschoenen Vervang de cilinders Stel de rem af De banden zijn niet op de juiste spanning opgepompt Controleer de bandenspanning De lagers zijn versleten Vervang de lagers De toevoer van de olie van de pomp van het aandrijvingsysteem is niet voldoende Controleer of de schroeven van de omloopklep goed zijn aangehaald Controleer de druk van de pomp van het aandrijvingsysteem Vervang de pomp REMMEN De machine remt niet genoeg De parkeerrem remt niet genoeg STABILITEIT De machine in beweging heeft weinig stabiliteit WIELEN De voorwielen maken lawaai AANDRIJFVERMOGEN De machine heeft weinig aandrijfvermogen De motor voor het aandrijvingsysteem is versleten Omloopklep is open De pedaalbediening is defect Geen vermogen naar de pomp of de motoren Haal de omloopklep aan Vervang het pedaal SNELHEIDSPEDAAL De machine beweegt ook met het snelheidspedaal in ruststand (vrij) MOTOR Het gaspedaal is niet goed afgesteld Stel het pedaal af De dieselmotor start niet Het gaspedaal is ingedrukt Voor andere problemen Laat het pedaal los Zie de handleiding voor de Lombardini De machine blijft stilstaan Vervang de motor Vervang de motor/pomp VERWARMING IN DE STUURCABINE Het watercircuit is beschadigd Er komt geen warme lucht De verwarming lekt water De schakelaar is uitgeschakeld De zekering is doorgebrand SR 1800S D 2WD Controleer en/of vervang de beschadigde onderdelen Vervang de verwarming Schakel de schakelaar in Vervang de zekering 33014097(2)2006-12 A 25 NEDERLANDS GEBRUIKSAANWIJZING Ongemak Waarschijnlijke oorzaak Herstelactie KLIMAATREGELAAR De compressor werkt niet goed Gaslekkage uit het systeem Er komt geen koele lucht De expansieklep is defect De schakelaar is uitgeschakeld De zekering is doorgebrand De gasdrukregelaar is defect Het relais is doorgebrand Vervang de ketting Vervang de compressor Controleer het circuit Breng gas aan in het systeem Vervang de klep Schakel de schakelaar in Vervang de zekering Vervang de drukregelaar Vervang het relais ELEKTRISCH SYSTEEM De richtingaanwijzers zijn defect De remlichten zijn defect De positielichten zijn defect De dimlichten zijn defect Het groot licht is defect Het geluidssignaal is stil De accu loopt leeg De zekering is doorgebrand De gloeilamp is doorgebrand De stuurbediening is onderbroken Schakelaar waarschuwing beschadigd Het flitsmechanisme is doorgebrand De zekering is doorgebrand De gloeilamp is doorgebrand De microschakelaar is defect De zekering is doorgebrand De gloeilamp is doorgebrand De stuurbediening is onderbroken De zekering is doorgebrand De gloeilamp is doorgebrand De stuurbediening is onderbroken Het relais is doorgebrand De zekering is doorgebrand De gloeilamp is doorgebrand De stuurbediening is onderbroken Het relais is doorgebrand De zekering is doorgebrand Het mechanisme voor het geluidssignaal is defect De stuurbediening is onderbroken Het relais is doorgebrand Er is onvoldoende vloeistof Kortsluiting in een van de elementen van de accu De klemmen van de accu zijn los De motoren zijn overbelast De accu is snel leeg De laadtijd is te kort De elementen in de accu zijn leeg Vervang de zekering Vervang de gloeilamp Vervang de stuurbediening Vervang de schakelaar Vervang het flitsmechanisme Vervang de zekering Vervang de gloeilamp Vervang de microschakelaar Vervang de zekering Vervang de gloeilamp Vervang de stuurbediening Vervang de zekering Vervang de gloeilamp Vervang de stuurbediening Vervang het relais Vervang de zekering Vervang de gloeilamp Vervang de stuurbediening Vervang het relais Vervang de zekering Vervang het mechanisme voor het geluidssignaal Vervang de stuurbediening Vervang het relais Vul de vloeistof bij Vervang de accu Controleer de klemmen en haal ze aan Controleer het stroomverbruik van de motoren Laad de accu langer op Vervang de accu VERWIJDERING Als de machine wordt afgedankt, moet hij naar een bevoegd verwijderingbedrijf worden gebracht. Voordat de machine wordt afgedankt, moeten de volgende materialen worden verwijderd en gescheiden en vervolgens volgens de geldende milieunormen naar de betreffende afvalverwerkingsbedrijven worden gebracht: – Borstels – Motorolie – Filter motorolie – Olie hydraulisch systeem – Oliefilters hydraulisch systeem – Kunststof onderdelen – Elektrische en elektronische onderdelen OPMERKING Raadpleeg met name voor het afdanken van elektrische en elektronische onderdelen uw plaatselijke Nilfisk-Advancekantoor. 26 33014097(2)2006-12 A SR 1800S D 2WD A Modell/Modèle/Model/Model Typ/Type/Type/Type Seriennummer/Numéro de série/ Serial number/Serienummer : SWEEPER : SR 1800S D 2WD : : SI M Baujahr/Année de fabrication/ Year of construction/Bauwjaar IL E Konformitätserklärung Déclaration de conformité Conformity certificate Conformiteitsverklaring Je soussigné certifie que les modèles ci-dessus sont fabriqués conformément aux directives et normes suivantes. The undersigned certify that the above mentioned model is produced in accordance with the following directives and standards. Ondergetekende verzekert dat de bovengenoemde modellen geproduceerd zijn in overeenstemming met de volgende richtlijnen en standaards. AC - Der Unterzeichner bestätigt hiermit dass die oben erwähnten Modelle gemäß den folgenden Richtlinien und Normen hergestellt wurden. EC Machinery ry Directive 98/37/EC EN 12100-1, EN 12100-2, EN 294, EN 349 EC Low Voltage 73/23/EEC oltage Directive 73/23/EE EN 60335-1, EN 60335-2-72 EC EMC C Directive 89/336/EEC EN 61000, EN 50366 Manufacturer: Nilfisk-Advance S.p.a. Authorized A Auth signatory: Franco Mazzini, General Mgr Date: Signature: Administrative Office: Address: dre Strada Comunale della Braglia n° 18, 26862 Guardamiglio (LO) - Italy Phone: +39 0377 451124, Fax: +39 0377 51443 SR 1800S D 2WD 33014097(2)2006-12 A I
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52
  • Page 53 53
  • Page 54 54
  • Page 55 55
  • Page 56 56
  • Page 57 57
  • Page 58 58
  • Page 59 59
  • Page 60 60
  • Page 61 61
  • Page 62 62
  • Page 63 63
  • Page 64 64
  • Page 65 65
  • Page 66 66
  • Page 67 67
  • Page 68 68
  • Page 69 69
  • Page 70 70
  • Page 71 71
  • Page 72 72
  • Page 73 73
  • Page 74 74
  • Page 75 75
  • Page 76 76
  • Page 77 77
  • Page 78 78
  • Page 79 79
  • Page 80 80
  • Page 81 81
  • Page 82 82
  • Page 83 83
  • Page 84 84
  • Page 85 85
  • Page 86 86
  • Page 87 87
  • Page 88 88
  • Page 89 89
  • Page 90 90
  • Page 91 91
  • Page 92 92
  • Page 93 93
  • Page 94 94
  • Page 95 95
  • Page 96 96
  • Page 97 97
  • Page 98 98
  • Page 99 99
  • Page 100 100
  • Page 101 101
  • Page 102 102
  • Page 103 103
  • Page 104 104
  • Page 105 105
  • Page 106 106
  • Page 107 107
  • Page 108 108
  • Page 109 109
  • Page 110 110
  • Page 111 111
  • Page 112 112
  • Page 113 113
  • Page 114 114
  • Page 115 115
  • Page 116 116
  • Page 117 117
  • Page 118 118

Nilfisk-Advance America SR 1800S 2WD Handleiding

Type
Handleiding
Deze handleiding is ook geschikt voor