Chamberlain ML750 de handleiding

Categorie
Garagedeuropener
Type
de handleiding

Deze handleiding is ook geschikt voor

Anleitungen Garagentorantriebe Modell ML700, ML750,
ML850
Instructions Modèle ML700, ML750, ML850 de ouvre-porte
de garage
Instructions Garage Door Operator Model ML700, ML750
and ML850
Istruzioni Apriporta per garage Modello ML700, ML750,
ML850
Instrukties Model ML700, ML750, ML850
Garagedeuropener
GB
D
F
NL
I
CH
B
A
CH
114A2802F
i
D
F
GB
NL
(+49) 06838-907-100
(+33) 03.87.95.39.28
(+44) 0800 317847
(+31) 020.684.79.78
B
Chamberlain GmbH
Alfred-Nobel-Str. 4
D66793 Saarwellingen
www.chamberlain.com
1-NL
Het beveiligingssysteem moet geïnstalleerd zijn
wanneer de kracht bij de rand van de sluitende deur
groter is dan 400 N (40 kg). Een te hoge kracht
beïnvloedt de juiste werking van het
veiligheidsomkeersysteem of beschadigt de
garagedeur.
Bevestig het let op-etiket naast de aan de wand
gemonteerde bedieningsknop voor de garagedeur als
herinnering aan veilige bedieningsprocedures.
Open alle aanwezige garagedeursloten om schade aan
de garagedeur te voorkomen.
Monteer de verlichte deurbedieningsknop (of andere
drukknoppen) op een locatie waar de garagedeur
zichtbaar is, op een hoogte van minimaal 1,5 m en
buiten bereik van kinderen. Sta kinderen het
bedienen van de drukknop(pen) of
afstandsbediening(en) niet toe. Ernstig persoonlijk
letsel kan het gevolg zijn van het misbruik van de opener.
Activeer de opener alleen wanneer u de deur vol in
het zicht heeft, vrij van obstakels is en de opener
juist is ingesteld. Niemand mag de garage in- of
uitgaan wanneer de deur in beweging is. Sta kinderen
niet toe om bij de deur te spelen.
Gebruik de handmatige ontkoppeling alleen om de trolley
vrij te maken en, indien mogelijk, alleen als de deur
gesloten is. Gebruik het rode handvat niet om de deur
te openen of te sluiten.
Maak de stroomtoevoer van de garagedeuropener los
voordat u reparaties uit gaat voeren of de
afscherming verwijdert.
Dit product is voorzien van een speciaal ontworpen
voedingkabel die, in geval van beschadiging, moet worden
vervangen door een voedingskabel van hetzelfde type; een
dergelijke voedingskabel is verkrijgbaar bij een specialist en
kan door hem worden geïnstalleerd.
Het niet navolgen van de volgende veiligheidsregels kan resulteren in ernstige persoonlijke of materiele schade.
Lees deze instructies zorgvuldig.
De garagedeuropener is ontworpen en getest voor een goede, veilige werking, mits deze strikt
geïnstalleerd en bediend wordt conform de instructies in deze handleiding.
Deze veiligheidssymbolen betekenen WAARSCHUWING - een instructie voor persoonlijke veiligheid of ter
voorkoming van schade. Lees deze instructies zorgvuldig.
WAARSCHUWING: Als uw garage geen dienstingang heeft, moet Model 1702EML Outside Quick Release worden geïnstalleerd. Dit
accessoire maakt het mogelijk de garagedeur met de hand van buiten te openen in het geval van een stroomstoring.
Houd de garagedeur in evenwicht. Zorg ervoor dat de
garagedeuropener geen aanlopende of klemmende
garagedeuren compenseert. Klemmende of aanlopende
deuren moeten gerepareerd worden. Garagedeuren,
drangers, kabels, kabelwielen, bevestigingsbeugels en het
bevestigingsmateriaal staan onder extreme spanning en
kunnen ernstig persoonlijk letsel veroorzaken. Probeer
niet om ze los te draaien, te verplaatsen of bij te
stellen. Bel een garagedeur monteur.
Draag geen ringen, horloges of los zittende kleding
tijdens het installeren van of onderhoud aan een
garagedeuropener.
Om ernstig persoonlijk letsel door verstrikking te
voorkomen, dienen alle touwen die vastzitten aan de
garagedeur verwijderd te worden voordat men begint
met het installeren van de deuropener.
Installatie en bedrading moeten overeenkomstig de bij u
geldende regels worden uitgevoerd.
Dit toestel voldoet
aan beschermingsklasse 2 en heeft geen aarde nodig
Lichtgewicht deuren van fiberglas, aluminium of staal
moeten flink verstevigd worden om schade aan de
deur te voorkomen. (zie pagina 3.) De beste oplossing is
om bij uw garagedeurfabrikant te informeren naar een
verstevigingsset voor opener- installatie.
De veiligheids-open-systeem test is erg belangrijk.
Uw garagedeur MOET weer openen bij contact met een
voorwerp van 40mm dat zich op de vloer bevindt.
Verzuimen de opener correct in te stellen kan resulteren
in ernstig letsel door een sluitende garagedeur. Herhaal
deze test eenmaal per maand en stel zonodig het
systeem bij.
Het systeem moet niet geïnstalleerd worden in een
vochtige of natte ruimte.
De deur moet tijdens het functioneren niet uitsteken
over de openbare weg.
BEGIN MET HET LEZEN VAN DEZE BELANGRIJKE VEILIGHEIDSREGELS
Voordat u begint
1. Inspecteer de muur of het plafond boven de garagedeur. De kopsteun moet stevig op de constructie bevestigd worden.
2. Heeft u een afgewerkt plafond in uw garage? Zo ja, dan zijn misschien een steunbeugel en extra ijzerwaren nodig (niet bijgeleverd).
3. Afhankelijk van uw deurconstructie, is misschien een speciale deurarm vereist. Raadpleeg uw leverancier.
4. Als u behalve de garagedeur geen aparte toegangsdeur tot de garage heeft, is een Model 1702EML ontkoppelingsslot vereist.
Inhoud Pagina Afbeelding
Veiligheidsvoorschriften . . . . . . . . . . . . . 1
Voordat u begint . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 1
Deurtypen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 1 . . . . . . . . . . . . . . . . 1
Benodigd gereedschap . . . . . . . . . . . . . . 2 . . . . . . . . . . . . . . . . 2
Geleverd bevestigingsmateriaal . . . . . . . 2 . . . . . . . . . . . . . . . . 3
Voltooide installatie . . . . . . . . . . . . . . . . . 2 . . . . . . . . . . . . . . . . 4
Montage . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .2 . . . . . . . . . . . . . 5-11
Installatie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 2-4 . . . . . . . . . . . . 12-21
Opener en afstandsbediening
programmeren . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 4 . . . . . . . . . . . . . . . 22
Sleutelloze toegang programmeren . . . .5 . . . . . . . . . . . . . . .23
De aan de wand gemonteerde
deurbediening gebruiken . . . . . . . . . . . . .5 . . . . . . . . . . . . . . .24
Afstelling . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5 . . . . . . . . . . . . 25-26
Test het veiligheidssysteem . . . . . . . . . .5 . . . . . . . . . . . . .27
Installeer het Protector System
(Optioneel) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 6 . . . . . . . . . . . . 28
Speciale functies
ML700, ML750 en ML850 . . . . . . . . . . . . .6 . . . . . . . . . . . . 29
Accessoires . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 6 . . . . . . . . . . . . 30
Reserveonderdelen . . . . . . . . . . . . . . . . . 6 . . . . . . . . . 31-32
Problemen? . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 6-7
Onderhoud van uw opener . . . . . . . . . . . 7
Controle van uw opener . . . . . . . . . . . . . 7
Bediening van uw opener . . . . . . . . . . . . 8
Technische gegevens . . . . . . . . . . . . . . . 8
Deurtypen
A. Kanteldeur met alleen een horizontale geleiderail.
B. Kanteldeur met verticale en horizontale geleiderail – speciale deurarm (E, The Chamberlain Arm™) en het beveiligingssysteem (30(8))
noodzakelijk. Raadpleeg uw leverancier.
C. Sektionale deur – zie 20B – koppel de deurarm. Het beveiligingssysteem (30(8)) noodzakelijk voor deuren met een lengte hoger dan 2,5 m.
D. Schermdeur – speciale deurarm (E, The Chamberlain Arm™) en het beveiligingssysteem (30(8)) noodzakelijk. Raadpleeg uw leverancier.
E. Speciale deurarm – The Chamberlain Arm™ voor gebruik op deurtypen B en D.
1
114A2802F-NL
2-NL
MONTAGE
Belangrijk! Als u een overhead-deur heeft, moet u bij het
monteren van de rail de instructies voor de Chamberlain
Deurarm (The Chamberlain Arm™) accessoire gebruiken in
combinatie met deze Gebruikershandleiding.
Voltooide installatie
Naarmate u vordert met de in deze handleiding beschreven montage-,
installatie- en afstellingsprocedures is het misschien nuttig om deze
afbeelding van een voltooide installatie bij de hand te hebben.
(1) Kophoes
(2) Spanpoeliesteun
(3) Slede
(4) Rail
(5) Ketting/Riem
(6) Hangijzer
(7) Snoer
(8) Opener
(9) Lampeglas
(10) Noodontkoppeling:
koord & handgreep
(11) Gebogen gedeelte deurarm
(12) Recht gedeelte deurarm
(13) Deurbeugel en plaat
(14) Kopsteun
(15) Trolley-ontgrendelarm
(1) Zeskantbout
(2) Vorkbout
(3) 8mm sledebout
(4) Houtschroeven
(5) Metaalplaatschroeven
(6) Vorkbout
(7) Touw
(8) Handvat
(9) Geïsoleerde nietjes
(10) Plug
(11) Betonplug
(12) Borgring
(13) Zeskantige moer
(14) Bevestigingsring
(15) Railvet
(16) Borgmoer
(17) Metrisch tapbout
(18) Zeskantschroef
(19) Veer
(20) Platte ring
(21) Stopbout
Geleverd bevestigingsmateriaal
3
4
Montage de rail
Breng vet aan op de binnenranden van de railstukken (1). Plaats de
railstukken op een vlakke ondergrond voor montage. Alle vier
railstukken zijn onderling verwisselbaar. Schuif de railsteun (3) op het
railstuk. Koppel de rails door de railsteun op het volgende railstuk te
schuiven. Tik de railsamenbouw (4) op een stuk hout tot de railstukken
(5) vlak aansluiten. Herhaal dit met de overige railstukken.
5
Monteer de ketting/riem
Neem de ketting/riem uit de doos en leg de ketting op de grond
(voorkom dat de ketting/riem verdraait).
A. Ketting: Duw de stiften van de verbindingsschakel (3) door
kettingschakel (4) en opening van de trolley (5).(zie aafbelding) Plaats
de sluitschalm (2) over pennen en op de sleuven. Schuif borgclip (1)
over de sluitschalm en op de pengroeven tot beide pennen stevig
vergrendeld zijn.
B. Riem: Haak de trolleyconnector (6) in de bevestiging (7) op de
trolley (8).
6
Benodigd gereedschap
2
Bevestig rail aan opener en monteer
ketting/riem
Verwijder de vier borgbouten (1) aan de bovenzijde van de opener.
Plaats de rail op de opener, zodat deze aansluit op de stop (3)
bovenop de opener. Leg de ketting/riem (4) om het getande
kettingwiel. Duw de complete spanpoeliesteun naar de voorzijde van
de rail om overtollige speling in de ketting/riem te elimineren. Lijn de
boutgaten op de steunen (6) uit met de boutgaten in de opener.
Bevestig de steunen aan de opener met de voorheen verwijderde
bouten. Haal de bouten stevig aan. De tanden van het kettingwiel
moeten in de ketting/riem grijpen.
LET OP: Gebruik alleen de bouten die bovenin de opener
gemonteerd zijn. Het gebruik van andere bouten zal ernstige
schade aan de opener veroorzaken.
9
Monteer de afdekking van het getande
kettingwiel
Plaats de afdekking van het getande kettingwiel (1) bovenop de opener
(2) en monteer deze met schroeven (3). Plaats bout (4) in het stopgat
van de trolley (5) en bevestig deze met borgring (6) en moer (7).
10
Monteer de kophoes en span de
ketting/riem
Schuif de kophoes (1) op de rail (5). Schuif de platte ring (3), veer (2)
en borgring (3) op de sledebout (4). Draai de moer (6) op de sledebout
tot deze vingervast zit. Moer met steeksleutel (7) vastdraaien, tot de
ketting resp. de tandriem zich circa 2 mm boven de basis van de rails
bij het middelpunt bevindt. KETTING RESP. TANDRIEM NIET TE
STRAK SPANNEN! Zie tekening (8).
11
MONTAGE
Draag, als u boven uw hoofd werkt, een veiligheidsbril om uw
ogen te beschermen.
Stel alle bestaande sloten buiten werking om schade aan de
garagedeur te voorkomen.
Verwijder alle aan de garagedeur bevestigde touwen voordat u de
garagedeuropener installeert, om ernstig lichamelijk letsel door
verstrikt raken te voorkomen.
Wij raden aan de deuropener minstens 2,1m boven de vloer te
installeren of hoger, als de ruimte dit toelaat.
114A2802F-NL
Plaats trolley en spanpoeliesteun in de rail
Schuif spanpoeliesteun (1) en binnenste trolley (2) in de achterzijde
(opener) van de raileenheid (3), let erop dat de spanpoeliesteun wordt
gemonteerd, zoals afgebeeld. De pijl op de trolley (7) moet naar de
voorzijde (kop) van de rail (4) wijzen. Duw de spanpoeliesteun naar de
voorzijde (kop) van de rail (4). Plaats de sledebout (5) in de uitsparing
voor de bout in de spanpoeliesteun (6).
7
Bevestig de trolley aan de rail
Schuif de buitenste trolley (1) in de achterzijde (opener) van de
raileenheid (2), waarbij het uiteinde met de trolley-ontgrendelingsarm
(3) in de richting van de opener moet wijzen. Schuif de buitenste
trolley in de rails tot deze aansluit op de binnenste trolley.
8
Plaats de kopsteun
De kopsteun moet stevig aan de garageconstructie bevestigd
worden. Versterk de muur of het plafond zonodig met een 40mm
dikke plank. Het niet opvolgen van de instructies kan ondeugdelijke
werking van het veiligheidssysteem tot gevolg hebben.
U kunt de kopsteun op de muur (1) boven de deur of aan het
plafond (3) bevestigen. Volg de instructies die het beste aan uw
specifieke vereisten voldoen.
Teken, terwijl de deur gesloten is, de verticale middellijn (2) van de
garagedeur af. Trek deze lijn door tot op de muur boven de deur.
Open de deur tot diens hoogste openingspunt. Teken een haakse
horizontale lijn (4) op de kopmuur 5 cm boven het hoogste punt zodat
er ruimte is voor de bovenkant van de deur.
12
Installeer de kopsteun
OPMERKING: Gebruik de verticale middellijn en de horizontale
lijn uit stap 12 voor de juiste plaatsing van de kopsteun.
A. Wandmontage: Plaats de kopsteun (1) in het midden van de
verticale middellijn (2) waarbij de onderste rand van de kopsteun
lijnt met de horizontaal lijn (4) (de pijl wijst naar het plafond). Teken
alle gaten voor de kopsteun af (5). Boor gaten van 4,5mm en
bevestig de kopsteun met houtschroeven (3).
B. Plafondmontage: Trek de verticale middellijn (2) door tot op het
plafond. Plaats de kopsteun (1) op de verticale middellijn op
maximaal 150mm van de wand. Zorg ervoor dat de pijl in de
richting van de opener wijst. Teken alle gaten voor de kopsteun af
(5). Boor gaten van 4,5mm en bevestig de kopsteun met
houtschroeven (3). Voor montage aan een betonnen plafond
gebruikt u de meegeleverde betonpluggen (6).
13
3-NL
Bevestig rail aan kopsteun
Leg de opener op de garagevloer onder de kopsteun. Leg er
verpakkingsmateriaal op om de ommanteling niet te beschadigen. Til
de rail op tot de gaten in de kophoes uitgelijnd zijn met de gaten in de
kopsteun. Aansluiten op de vorkbout (1). Bevestig de bevestigingsring
(2) om de bout te vergrendelen.
N.B. Om te voorkomen dat de rail bij een roldeur tegen de veren
aankomt, kan het nodig zijn de opener op een tijdelijke ondersteuning
te plaatsen.
14
Breng de opener op zijn plaats
N.B. Een 25mm dikke lat (1) is handig om de ideale afstand
tussen de deur en de rail te bepalen (tenzij er niet genoeg
bovenruimte is).
Breng de opener omhoog en laat hem op een trapleer rusten. Open
de garagedeur. Plaats een 25mm dikke lat (1) plat op de bovenkant
van de deur vlakbij de middellijn, zoals afgebeeld. Laat de rail op de
lat rusten.
Als de opengaande deur tegen de slede aanstoot, trek dan aan de
ontkoppelingshandgreep om het binnen en buitengedeelte los te
koppelen. De slede kan in ontkoppelde toestand gelaten worden totdat
de verbinding tussen de deurarm en de slede tot stand gebracht is.
15
Hang de opener op
De opener moet stevig op de garageconstructie bevestigd worden.
Er zijn drie representieve installaties afgebeeld. De uwe kan echter
nog anders zijn. De hangijzers (1) moeten onder een hoek bevestigd
worden (Afbeelding A) om voor een stevige bevestiging te zorgen.
Bevestig bij afgewerkte plafonds (Afbeelding B) een stevige metalen
steun (niet bijgeleverd) (4) op de garageconstructie voordat u de
opener installeert. Voor het monteren aan een betonnen plafond
(Afbeelding C) de meegeleverde betonankers gebruiken (5).
Meet aan weerszijden van de opener de afstand van de opener tot de
draagconstructie (of plafond).
Zaag beide hangijzers af op de vereiste lengte. Maak van elk hangijzer
één uiteinde vlak en buig of draai dit zo dat het overeenkomt met de
bevestigingshoeken. Buig de hangijzers niet ter hoogte van de
gaten. Boor 4,5mm aanzetgaten in de draagconstructie (of plafond).
Bevestig de steunen met houtschroeven (2) aan de steunen.
Til de opener omhoog en bevestig deze aan de hangijzers met bouten,
veerringen en moeren (3). Controleer of de rail precies midden boven
de deur zit. VERWIJDER de 25mm dikke lat. Doe de deur met de
hand open en dicht. Als de deur tegen de rail stoot, moet u de
kopsteun hoger bevestigen. Breng railvet aan op het onderoppervlak
van de rail (6).
16
Bevestig noodontgrendelingskoord en
handvat
Trek het ene eind van het koord (1) door het gat boven in de rode
handgreep zodat het woord "NOTICE" in de juiste stand staat, zie
afbeelding (3). Zet het vast met een overhandse knoop (2). De knoop
moet minstens 25mm van het uiteinde van het koord zitten zodat hij er
niet uit kan glijden.
Trek het andere eind van het koord door het gat in de
ontkoppelingsarm van de slede (4). Pas de lengte van het koord zo
aan dat de handgreep 1,8m boven de vloer hangt. Zet het vast met
een overhandse knoop.
N.B. Als u een stuk van het koord moet afknippen, smelt het
afgeknipte eind dan met een lucifer of een aansteker om rafelen te
voorkomen.
17
Sluit de electriciteit aan
OM INSTALLATIEPROBLEMEN TE VOORKOMEN MAG U DE
GARAGEDEUROPENER PAS LATEN FUNCTIONEREN ALS DE
INSTRUCTIES HIERTOE OPDRACHT GEVEN.
Sluit de deuropener alleen aan op een stopcontact dat bediend
wordt door een tweepolige schakelaar.
Monteer de verlichting
Trek de lens (2) voorzichtig omlaag tot de lensscharnier in de volledig
geopende positie staat. Verwijder de lens niet. Monteer een gloeilamp
(1) in de fitting zoals afgebeeld met een maximaal vermogen van 24
V/21 W. De lamp wordt ingeschakeld en blijft gedurende 2-1/2 minuten
branden wanneer de spanning is aangesloten. Na 2-1/2 minuten dooft
de lamp. Voer de procedure in omgekeerde volgorde uit om de lens te
sluiten. Vervang doorgebrande gloeilampen door trilling vaste-
lampen.
18
114A2802F-NL
Deurbeugel bevestigen
Als u een overhead-deur heeft, heeft u een ombouwkit voor de
deurarm nodig. Volg de bij de vervangende deurarm bijgesloten
installatievoorschriften. Wees voorzichtig bij het verwijderen en
monteren van de ombouwkit. Houd uw vingers uit de buurt van de
schuivende delen.
OPMERKING: Voor lichtgewicht garagedeuren is een horizontale en
verticale versteviging noodzakelijk.
Procedure voor het installeren bij gelede deuren en deuren uit
één stuk:
Deursteun (1) beschikt over bevestigingsgaten aan de linker- en
rechterzijde. Wanneer voor de installatie de bovenste en de onderste
montagegaten noodzakelijk zijn, gebruikt u zowel de deursteun als de
deursteunplaat (2) zoals afgebeeld.
1. Plaats deursteun (met of zonder deursteunplaat, indien
noodzakelijk) bovenaan, in het midden van de deur aan de
binnenkant, zoals afgebeeld. Teken de gaten af.
A. Eendelige deur of sectionaaldeur met een looprail:
deurbeslag binnen en boven aan de deur monteren.
B. Sectionaaldeur met twee horizontale looprails: deurbeslag
150 - 250 mm van de bovenzijde van de deurrand monteren.
2. A. Houten deuren
Boor 8mm gaten en bevestig de deursteun met moer, borgring en
sledebout (3).
B. Deuren van bladmetaal
Monteren met houtschroeven (4).
C. Deur uit één stuk optioneel
Monteren met houtschroeven (4).
19
Bouw de deurarm samen
A. MONTAGE VAN DEUR UIT ÉÉN STUK:
Bevestig de rechte (1) en gebogen (2) deurarmdelen aan elkaar met
de langst mogelijke lengte (met een overlap van 2 tot 3 gaten) met
behulp van het bevestigingsmateriaal (3,4 en 5). Terwijl de deur
gesloten is, sluit u het rechte armdeel (1) aan op de deursteun met de
vorkbout (6). Borgen met bevestigingsring (7).
Koppel de binnenste en buitenste trolley los. Schuif de buitenste
trolley terug naar de opener en sluit de gebogen arm (2) aan op het
bevestigingsgat in de trolley (8) met de vorkbout (6). Wellicht moet de
deur iets worden opgetild om de arm te kunnen bevestigen. Borgen
met bevestigingsring (7).
OPMERKING: Wanneer een maximum hoogte wordt ingesteld, mag
de geen 'achterwaartse kanteling' hebben wanneer deze volledig
geopend is. Een lichte achterwaartse kanteling (9) veroorzaakt
onnodig klapperen en schokken tijdens de bediening terwijl de deur
wordt geopend of gesloten vanuit de volledig geopende positie.
B. MONTAGE VAN GELEDE DEUR:
Aansluiten volgens afbeelding B, vervolgens verder met stap 21.
20
4-NL
Installeer de deurbediening
Plaats de deurbediening op een punt waar de garagedeur
zichtbaar is, uit de buurt van de deur en buiten bereik van
kinderen. Tenminste 1,5 m boven de vloer monteren Door
misbruik van de opener kan een bewegende garagedeur ernstig
letsel veroorzaken. Voorkom dat kinderen de deurbediening of de
afstandsbediening gebruiken.
Bevestig een waarschuwingsetiket op de wand nabij de
deurbediening als herinnering aan veilige bedieningsprocedures.
Aan de achterzijde van de deurbediening (2) bevinden zich twee
aansluitingen (1).
Verwijder ca. 6mm isolatiemateriaal van de beldraad (4). Scheid de
draden ver genoeg zodat de wit/rode draad op de aansluiting 1 RED
en de witte draad op de aansluiting 2 WHT kan worden aangesloten.
Bevestig de deurbediening binnen aan de garagewand met de
meegeleverde plaatschroeven (3). Boor gaten van 4mm en gebruik de
pluggen wanneer de installatie op een gemetselde muur plaats vindt.
Een goede plaats is naast de onderhoudsdeur en buiten bereik van
kinderen.
Leid de beldraad langs de muur omhoog en over het plafond naar de
garagedeuropener. Gebruik geïsoleerde nietjes (5) om de draad te
bevestigen. De snelaansluitingen van de ontvanger bevinden zich
achter de verlichtingslens van de opener.
Sluit de beldraad als volgt aan op de aansluitingen: wit/rood op rood
(1) en wit op wit (2).
Bediening van de deurbediening
Indrukken om de deur te openen of te sluiten. Opnieuw indrukken om
de deur te stoppen terwijl deze beweegt.
21
Multifunctionele deurbediening: Druk op het witte vierkant om de
deur te openen of te sluiten. Druk nogmaals om een bewegende deur
stil te zetten.
Verlichting: Druk op de lichtknop om het licht van de opener aan of uit
te schakelen. Als u na het inschakelen van het licht de deur bedient,
zal het licht gedurende 2,5 minuut blijven branden. Druk nogmaals op
de lichtknop om het licht eerder te doven. De verlichting kan niet met
de lichtknop worden bediend wanneer de deur in beweging is.
Bedieningsvergrendeling: Verhindert bediening van de deur door
middel van draagbare afstandsbedieningen. De deur kan echter nog
steeds worden bediend met de deurbedieningsdrukknop, de
sleutelschakelaar buiten en de sleutelloze bediening.
• Houd de vergrendelingsknop gedurende 2 seconden ingedrukt.
Zolang de vergrendeling in werking is, knippert de verlichting van de
drukknop.
Uitschakelen: Houd de vergrendelingsknop nogmaals gedurende
2 seconden ingedrukt. Het verlichting van de drukknop houdt op te
knipperen. De bedieningsvergrendeling wordt ook uitgeschakeld
wanneer de knop “LEARN” op het bedieningspaneel wordt ingedrukt.
114A2802F-NL
Programmeer uw opener en
afstandsbediening
Stel de opener alleen in werking wanneer de deur volledig in het
zicht is, vrij van obstakels en goed afgesteld. Niemand mag de
garage in- of uitgaan terwijl de deur in beweging is. Laat kinderen
niet aan de bedieningsknop(pen) of afstandsbediening(en)
komen. Laat kinderen niet in de buurt van de deur spelen.
De afstandsbediening en de ontvanger van uw garagedeuropener zijn
op dezelfde code afgesteld. Als u extra afstandsbedieningen koopt,
moet de garagedeuropener geprogrammeerd worden met de nieuwe
afstandsbedieningscode.
De ontvanger programmeren met de codes van extra
afstandsbedieningen: Gebruik de oranje "LEARN"-knop:
1. Druk op de oranje "LEARN"-knop op de opener en laat deze los. De
programmeerindicatorlamp brandt gedurende 30 seconden (1).
2. Houd binnen 30 seconden de knop van de afstandsbediening
ingedrukt die u wilt programmeren voor de garagedeur (2).
3. Laat de knop los wanneer de openerlamp knippert. De code is
opgeslagen. Als er geen gloeilamp geïnstalleerd is, hoort u twee
klikken (3).
Gebruik van de multifunctionele deurbediening:
1. Houd de knop ingedrukt van de afstandsbediening die u voor de
garagedeur (4) wilt programmeren.
2. Terwijl u de knop van de afstandsbediening ingedrukt houdt, houdt u
tevens de LIGHT-knop op de multifunctionele deurbediening (5)
ingedrukt.
3. Blijf beide knoppen ingedrukt houden, terwijl u de drukknop op de
multifunctionele deurbediening (alle drie knoppen zijn ingedrukt) (6)
indrukt.
4. Laat de knoppen los wanneer de openerlamp knippert. De code is
opgeslagen. Als er geen gloeilamp geïnstalleerd is, hoort u twee
klikken (7).
Nu zal de opener werken wanneer de knop op de afstandsbediening
wordt ingedrukt. Wanneer u de drukknop van de afstandsbediening
loslaat voordat de openerlamp knippert, heeft de opener de code niet
opgeslagen.
Codes van alle afstandsbedieningen wissen
Om een ongewenste afstandsbediening uit te schakelen, eerst alle
codes wissen: Houd de oranje "LEARN"-knop op de opener ingedrukt
tot de programmeerindicatorlamp uitgaat (circa 6 seconden). Alle
vorige codes zijn nu gewist. Programmeer elke afstandsbediening of
sleutelloze toegang opnieuw die u wilt gebruiken.
3-kanaals afstandsbediening:
Wanneer uw garagedeuropener hiermee is uitgerust, is de grote knop
af fabriek geprogrammeerd om de opener te bedienen. Extra knoppen
op een 3-kanaals afstandsbediening of mini-afstandsbediening met
rolling code kunnen worden geprogrammeerd om deze garagedeur of
andere garagedeuren met rolling code te bedienen.
22
5-NL
Sleutelloze toegang programmeren
Schakel de opener alleen in wanneer u de deur volledig kunt zien,
deze vrij van obstakels en juist afgesteld is. Niemand mag de
garage in- of uitlopen terwijl de deur in beweging is. Voorkom dat
kinderen op de knop(pen) drukken of afstandsbediening(en)
gebruiken. Laat kinderen niet in de buurt van de deur spelen.
OPMERKING: Uw nieuwe sleutelloze toegang moet geprogrammeerd
zijn om de nieuwe garagedeuropener te bedienen.
Programmeer de ontvanger voor de codes van extra
afstandsbedieningen met behulp van de oranje "LEARN"-knop:
1. Druk op de oranje "LEARN"-knop (1) op de opener. De
programmeerindicatorlamp brandt continu gedurende 30 seconden.
2. Voer binnen 30 seconden het door u gekozen viercijferige
persoonlijke identificatienummer (PIN) in via het toetsenbord (2) en
druk op de ENTER-knop en houdt deze ingedrukt.
3. Laat de knop los wanneer de openerlamp knippert (3). De code is
opgeslagen. Als er geen gloeilamp geïnstalleerd is, hoort u twee
klikken.
OPMERKING: Voor deze methoden zijn twee personen vereist
wanneer de sleutelloze toegang reeds buiten de garage gemonteerd is
Gebruik van de multifunctionele deurbediening:
1. Voer het door u gewenste viercijferige persoonlijke
identificatienummer (PIN) in via het toetsenbord en druk vervolgens
op ENTER en houdt die knop ingedrukt.
2. Terwijl u de ENTER-knop ingedrukt houdt, drukt u op de LIGHT-
knop van de multifunctionele deurbediening en houdt u deze
ingedrukt.
3. Blijf de ENTER- en LIGHT- knoppen ingedrukt houden, terwijl u de
drukknop op de multifunctionele deurbediening indrukt (alle drie
knoppen ingedrukt).
4. Laat de knoppen los wanneer de openerlamp knippert. De code is
opgeslagen. Als er geen gloeilamp geïnstalleerd is, hoort u twee
klikken.
23
De aan de wand gemonteerde
deurbediening gebruiken
DE MULTIFUNCTIONELE DEURBEDIENING
Druk op de drukknop (1) om de deur te open en te sluiten. Druk
opnieuw om de deur te stoppen.
Verlichtingsfunctie
Druk op de LIGHT-knop (2) om de openerlamp in en uit te schakelen.
Hiermee kan de openerlamp niet worden bediend wanneer de deur in
beweging is. Wanneer u de verlichting inschakelt en vervolgens de
opener inschakelt, blijft de verlichting gedurende 2-1/2 minuut
branden. Druk de knop opnieuw in om de verlichting eerder uit te
schakelen.
Vergrendelingsfunctie
Ontworpen om bediening van de deur met afstandbedieningen te
blokkeren. De deur wordt echter geopend en gesloten vanaf de
deurbediening, het externe slot en de sleutelloze toegang-accessoires.
Om deze functie in te schakelen, houdt u de vergrendelingsknop (3)
gedurende 2 seconden ingedrukt. De lamp van de drukknop knippert
zolang de vergrendelingsfunctie ingeschakeld is. Om de functie uit te
schakelen, houdt u de vergrendelingsknop opnieuw 2 seconden
ingedrukt. De lamp in de drukknop stopt met knipperen. De
vergrendelingsfunctie wordt ook uitgeschakeld wanneer de "LEARN"-
knop op het openerpaneel wordt ingedrukt.
24
114A2802F-NL
HET AFSTELLEN
De grenswaarden instellen
Met de bewegingsgrenswaarden worden de punten ingesteld waar
de deur stopt wanneer deze omhoog of omlaag wordt bewogen.
Volg de onderstaande stappen om de grenswaarden in te stellen.
De bewegingsgrenswaarden programmeren:
1. Open de verlichtingslens. Druk de zwarte knop (1) in en houdt deze
ingedrukt tot de gele indicatorlamp (3) langzaam begint te
knipperen en laat dan de knop los.
2. Druk de zwarte knop (1) in en houd deze ingedrukt tot de deur de
gewenste open-stand bereikt. Stel de stand van de deur in met behulp
van de zwarte (1) en de oranje (2) knop. Met de zwarte knop beweegt
de deur OMHOOG, met de oranje knop beweegt de deur OMLAAG.
3. Druk op de geprogrammeerde afstandsbediening (4) of de drukknop
van de deurbediening die bij de opener is geleverd. Hiermee wordt de
volledig OMHOOG-stand (geopend) ingesteld. De deur beweegt naar
de vloer en vervolgens terug naar de OMHOOG-stand (geopend).
Hiermee heeft de opener zijn bewegingsgrenswaarden opgeslagen.
Controleer of de deur hoog genoeg opent voor uw auto. Stel dit
zonodig bij.
4. De indicatorlamp (3) stopt met knipperen wanneer de
grenswaarden opgeslagen zijn.
Wanneer de beweging van de deur wordt omgekeerd of
stopt voordat de vloer wordt bereikt, moet u stappen 1-3
onmiddellijk herhalen. Als hiermee de grenswaarden niet
kunnen worden ingesteld, gaat u door naar nr. 15 van het
gedeelte Problemen oplossen en volgt u de instructies
voor het handmatig instellen van de grenswaarden.
OPMERKING: De werklamp knippert 11 keer wanneer de routine voor
het instellen van de grenswaarden mislukt. Wanneer u deze fout krijgt,
gaat u naar nr. 15 van Problemen oplossen en volgt u de instructies
voor het handmatig instellen van de grenswaarden.
25
De kracht instellen
De knop voor de krachtinstelling bevindt zich achter de verlichtings-
lens van de opener. De krachtinstelling regelt de hoeveelheid kracht
die noodzakelijk is voor het openen en sluiten van de deur.
1. Open de verlichtingslens. Zoek de oranje knop (2).
2. Druk tweemaal op de oranje knop (2) om de modus voor de
krachtsinstelling te openen. De LED (3) (indicatorlamp) begint snel
te knipperen.
3. Druk op de geprogrammeerde afstandsbediening (4) of de drukknop
van de deurbediening die bij de opener is geleverd. De deur
beweegt naar de OMLAAG-stand (gesloten). Druk opnieuw op de
afstandsbediening (4) en de deur beweegt naar de OMHOOG-stand
(geopend).
De LED (3) (indicatorlamp) stopt met knipperen wanneer de kracht is
opgeslagen.
De deur moet een complete cyclus voltooien, OMHOOG en OMLAAG,
om de kracht op de juiste wijze in te stellen. Wanneer de eenheid de
deur niet volledig kan openen en sluiten, controleer dan de deur om
na te gaan of deze juist gebalanceerd is en niet aanloopt of klemt.
De kracht MOET opgeslagen zijn om het instellen van de
grenswaarden op de juiste wijze te voltooien.
26
Test het veiligheidssysteem
De veiligheidssysteem test is belangrijk. De garagedeur moet
teruglopen bij contact met een obstakel van 40 mm dat plat op de
grond ligt. Gebreken aan de goede afstelling van de opener
kunnen ernstig persoonlijk letsel veroorzaken door het sluiten
van de garagedeur. Herhaal de test eenmaal per maand en stel
indien nodig opnieuw af.
Procedure: plaats een obstakel van 40mm (1) plat op de vloer onder
de garagedeur. Sluit nu de deur. De deur moet nu weer opengaan
door de obstructie. Wanneer de deur stopt op het obstakel, verwijdert
u het obstakel en herhaalt u stap 25, De grenswaarden instellen.
Herhaal de test.
Als de deur terugloopt omkeert op het 40mm grote obstakel, verwijder
dan het obstakel en laat de deur weer een keer volledig openen en
sluiten. obstakel en laat de deur weer een keer volledig openen en
sluiten. De deur mag niet teruglopen in gesloten toestand. Wanneer
de deur opnieuw stopt, herhaal dan de stappen 25 en 26, De
grenswaarden instellen en De kracht instellen en herhaal de test van
de veiligheidsomkeerfunctie. Plaats 20kg op het midden van de deur
en zorg ervoor dat de deur niet meer dan 500mm omhoog beweegt.
27
6-NL
Installatie van het beveiligingssysteem
“Protector System
™”
(zie bij accessoires)
De uitgeoefende kracht, zoals gemeten op de sluitende rand van
de deur, mag niet hoger zijn dan 400N (40 kg). Als de sluitkracht
op een waarde wordt afgesteld die hoger is dan 400N, dan moet
het Protector System geïnstalleerd worden.
Nadat de opener geïnstalleerd en afgesteld is, kan het
Beveiligingssysteem geïnstalleerd worden. De installatie-instructies
vindt u in de verpakking van dit apparaat.
Het Beveiligingssysteem zorgt voor een extra beveiliging tegen
het beklemd raken van kleine kinderen onder de garagedeur. Het
systeem werkt met een onzichtbare lichtstraal, die als hij door een
obstakel onderbroken wordt, maakt dat een sluitende deur weer
opengaat en verhindert dat een opengaande deur sluit. Dit apparaat
wordt ten zeerste aanbevolen voor huiseigenaren met kleine kinderen.
28
Speciale functies
A. Aansluiting van deur in deur
Open de verlichtingslens. Zoek de extra snelaansluitingen. Sluit
de beldraad aan op de snelaansluitingen 8 en 7.
B. Signaallicht-aansluiting
De signaallamp kan overal worden geïnstalleerd. Sluit de draden
van de lamp aan op de snelaansluitingen 6 en 5. Aansluiting 5 is
massa.
Accessoires
(1) Model 84330EML Enkelvoudige afstandsbediening
(2) Model 84333EML 3-kanaals afstandsbediening
(3) Model 84335EML Mini-afstandbediening met 3 functies
(4) Model 8747EML Sleutelloos bedieningssysteem
(5) Model 845EML Multifunctioneel bedieningspaneel
(6) Model 760EML Sleutelschakelaar buiten
(7) Model 1702EML Ontkoppelingsslot
(8) Model 770EML Het Beveiligingssysteem “Protector System™”
(9) Model 1703EML Deuram – The Chamberlain Arm™
(10) Model FLA230EML Knipperlicht
(11) Model 75EML Verlichte deurbedieningsknop
(12) Model 1EML Snelontkoppeling deurkruk
(13) Model 34EML Sleutelschakellar, 2 functie (inbouw montage)
Model 41EML Sleutelschakellar, 2 functie (opbouw montage)
NIET AFGEBEELD
Model MDL100EML Mechanisch deurslot
BEDRADINGSINSTRUCTIES VOOR ACCESSOIRES
Sleutelschakelaar – naar openercontacten: rood-1 en wit-2
Protector System™ – naar openercontacten: wit-3 en grijs-4
Bedieningspaneel – naar openercontacten: rood-1 en wit-2
30
Reserveonderdelen
31 32
114A2802F-NL
PROBLEMEN OPLOSSEN
1. Opener werkt niet, noch met de verlichte bedieningsknop, noch
met de afstandsbediening:
• Staat er stroom op de opener? Sluit een lamp aan op het
stopcontact. Als hij niet aangaat, controleer dan de zekeringskast of
de stroomonderbreker. (Bij sommige stopcontacten wordt de
stroomtoevoer door een muurschakelaar geregeld.)
• Heeft u alle deursloten buiten werking gesteld? Bekijk de
waarschuwingen met betrekking tot de installatieaanwijzingen op
pagina 1 opnieuw.
• Heeft er zich ijs of sneeuw onder de deur opgehoopt? Of misschien
is de deur vastgevroren. Verwijder eventuele belemmeringen.
• De veer van de garagedeur kan gebroken zijn. Laat deze vervangen
door een vakman.
2. Opener werkt op de afstandsbediening maar niet op de
verlichte bedieningsknop:
• Is de bedieningsknop op de muur verlicht? Zo niet, maak de
beldraad los van de contacten op de opener. Maak kortsluiting
tussen de rode en witte contacten door beide contacten tegelijkertijd
met een stukje draad aan te raken. Als de opener werkt, controleer
dan of er een bedradingsfout is gemaakt bij de verlichte
bedieningsknop of een kortsluiting bij de krammetjes.
• Is de bedrading goed aangesloten? Zie pagina 4.
3. Deur werkt op de verlichte bedieningsknop maar niet op de
afstandsbediening:
• Probeer een nieuwe batterij.
• Wanneer u over twee of meer afstandsbedieningen beschikt en er
werkt er slechts een, neem dan de stappen 22 en 23, Programmeer
uw opener en afstandsbediening en Sleutelloze toegang
programmeren opnieuw door.
• Knippert de deurbedieningsknop? De vergrendelingsstand van de
opener is ingeschakeld. Wanneer u beschikt over een
multifunctionele deurbediening, houdt u de vergrendelingsknop 2
seconden ingedrukt. De deurbedieningsknop stopt met knipperen.
4. Astandsbediening heeft maar een kort bereik:
• Is de batterij geïnstalleerd?
• Bewaar de afstandsbediening op een andere plaats in de auto.
• Het transmissiebereik is minder bij metalen garagedeuren, deuren
met een metalen isolatielaag of bij metalen wanden.
5. De deur keert zonder aanwijsbare reden om en het lichtje op de
opener knippert niet:
• Wordt de deur ergens door belemmerd? Trek aan de
noodontkoppelingshandgreep. Bedien de deur met de hand. Als de
deur klemt of slecht uitgebalanceerd is, haal er dan een
garagedeurspecialist bij.
• Verwijder eventueel sneeuw of ijs van de garagevloer onder de deur.
• Herhaal dan Instellen van de grenswaarden en De kracht instellen,
instellingsstappen 25 en 26.
Herhaal na het bijstellen de veiligheidstest.
6. De deur gaat zonder duidelijke reden omhoog en het lampje
van de bedieningsknop van de deur knippert 5 seconden na
het omhoog gaan:
Controleer het Beveiligingssysteem (als u deze accessoire
geïnstalleerd heeft). Als het licht knippert, corrigeer dan de uitlijning.
7. De opener maakt een storend lawaai dat in de woning te
horen is:
Als het geluid van de opener een probleem veroorzaakt doordat deze
zich vlakbij de woning bevindt, kunt u een Trillingisolatieset 41A3263
installeren. Deze set is speciaal ontworpen om het "klankbord effect"
te verhelpen en is eenvoudig te installeren.
8. De garagedeur gaat vanzelf open en dicht:
Controleer of de knop op de afstandsbediening niet in ingedrukte
stand klem zit.
9. De deur stopt maar gaat niet helemaal dicht:
Herhaal De grenswaarden instellen, instellingsstap 25.
Herhaal de test van de veiligheidsomkeerfunctie na elke aanpassing
van de deurarmlengte, de sluitkracht of de omlaag-grenswaarde.
29
7-NL
10. De deur gaat open maar niet dicht:
• Controleer het Beveiligingssysteem (als u deze accessoire
geïnstalleerd heeft). Als het licht knippert, moet de uitlijning
gecorrigeerd worden.
• Wanneer de openerlamp niet knippert en het is een nieuwe
installatie, herhaal dan de stappen 25 en 26 (De grenswaarden
instellen en De kracht instellen).
Herhaal na het bijstellen de veiligheidstest.
11. Het licht van de opener gaat niet aan:
Vervang de lamp (maximaal 24V/21 Watt). Vervang doorgebrande
lampen met lampen die geschikt zijn voor ruw gebruik.
12. De opener forceert:
Het kan zijn dat de deur uit balans is of dat de veren gebroken zijn. Sluit
de deur en gebruik de noodontkoppelingshandgreep om de slede los te
koppelen. Open en sluit de deur met de hand. Een goed uitgebalanceerde
deur moet op elk willekeurig punt van de slag kunnen blijven staan, terwijl
hij uitsluitend door zijn veren in evenwicht wordt gehouden. Is dit niet het
geval, laat de deur dan bijstellen door een garagedeurspecialist.
13. De motor van de opener bromt even en doet dan niets meer:
• De veren van de garagedeur zijn gebroken. ZIE HIERBOVEN.
Als het probleem zich de eerste keer dat u de opener in werking stelt
voordoet, zit de deur op slot. Stel het deurslot buiten werking.
Herhaal na het bijstellen de veiligheidstest.
14. Opener werkt niet wegens stroomstoring:
Trek de noodontkoppelingshandgreep omlaag en naar achteren om
de slede los te koppelen. De deur kan nu met de hand geopend en
gesloten worden. Als de stroom weer ingeschakeld is, trekt u de
ontkoppelingshangreep recht omlaag. De volgende keer dat de
opener in werking gesteld wordt, wordt de slede weer vastgekoppeld.
• Met het Ontkoppelingsslot kunt u de slede van buiten de garage
loskoppelen in geval van stroomstoring.
15. De grenswaarden handmatig instellen
1. Houd de zwarte knop ingedrukt tot de gele indicatorlamp langzaam
begint te knipperen en laat de knop dan los.
2. Houd de zwarte knop ingedrukt tot de deur de gewenste
OMHOOG-stand (geopend) heeft bereikt. Stel de stand de deur in
met behulp van de zwarte en oranje knop. Met de zwarte knop
beweegt de deur OMHOOG (geopend), met de oranje knop
beweegt de deur OMLAAG (gesloten).
Controleer of de deur hoog genoeg opent voor uw auto.
3. Druk op de afstandsbediening of op de deurbediening. Hiermee
wordt de grenswaarde voor OMHOOG (geopend) ingesteld en
begint het sluiten van de deur. Druk onmiddellijk op de oranje of
op de zwarte knop. De deur stopt.
Stel de gewenste OMLAAG-stand (gesloten) in met behulp van de
zwarte en oranje knop. Controleer of de deur volledig gesloten is
zonder een extreem hoge druk op de rail uit te oefenen (rail mag niet
naar boven buigen en de ketting/riem mogen niet slap gaan hangen of
onder rail komen te hangen). Druk op de afstandsbediening of op de
deurbediening. Hiermee wordt de OMLAAG-grenswaarde (dicht)
ingesteld en begint het openen van de deur.
OPMERKING: Wanneer noch de zwarte, noch de oranje knop wordt
ingedrukt voordat de deur de vloer bereikt, zal de garagedeuropener
proberen de grenswaarde automatisch in te stellen door de deur vanaf de
vloer om te keren en deze te stoppen volgens de ingestelde omhoog-
grenswaarde. Wanneer de werklamp niet 10 keer knippert, zijn de
grenswaarden ingesteld en hoeft dit niet handmatig te gebeuren; de
OMLAAG-grenswaarde wordt ingesteld op de vloer. Ongeacht of de
grenswaarden automatisch of handmatig worden ingesteld, de
kracht MOET worden opgeslagen om het instellen van de
grenswaarden op de juiste wijze te kunnen voltooien. Zie het
gedeelte 26, De kracht instellen.
4. Open en sluit de deur twee tot drie keer met de afstandsbediening
of de deurbediening.
• Wanneer de deur niet in de gewenste OMHOOG-stand (geopend)
stopt of omkeert voordat de deur stopt in de OMLAAG-stand
(dicht), herhaalt u het handmatig instellen van de grenswaarden
nog een keer.
• Wanneer de deur stopt in zowel de gewenste OMHOOG-stand
(geopend) en OMLAAG-stand (gesloten), ga dan verder met Het
veiligheidsomkeersysteem testen.
114A2802F-NL
PROBLEMEN OPLOSSEN
Maandelijks onderhoud:
Herhaal de veiligheidstest. Corrigeer zonodig de afstellingen.
Bedien de deur met de hand. Als hij niet goed uitgebalanceerd is of
klemt, laat er dan een garagedeurspecialist naar kijken.
Controleer of de deur volledig opent en sluit. Corrigeer zonodig de
afstellingen van de kracht en/of eindstanden.
Jaarlijks onderhoud:
• Smeer de deurrollers, lagers en scharnieren. De geleiderails van de
deur niet invetten. De deur hoeft niet extra gesmeerd te worden.
• SMEER DE TROLLEY EN DE RAIL IN.
Als de opener goed geïnstalleerd is, zal hij uitstekend werken met een
minimum aan onderhoud. De opener hoeft niet extra gesmeerd te
worden.
Het afstellen van de kracht en de eindstanden: Deze moeten
tijdens de installatie van de opener goed afgesteld en gecontroleerd
worden. Weersomstandigheden kunnen lichte veranderingen in de
werking van de deur teweegbrengen waardoor bijstelling nodig is,
vooral in het eerste jaar dat de opener in gebruik is.
Zie de instructies voor de afstelling van de kracht en de eindstanden
op pagina 5. Volg deze instructies zorgvuldig op en herhaal de
veiligheidstest na elke bijstelling.
Afstandsbediening: De draagbare afstandsbediening kan met de
bijgeleverde klem aan de zonneklep bevestigd worden. Extra
afstandsbedieningen kunnen te allen tijde aangeschaft worden voor de
andere auto’s die de garage gebruiken. Zie het gedeelte Accessoires.
De ontvanger moet geprogrammeerd worden om met elke nieuwe
afstandbediening te werken. Nieuwe afstandsbedieningen moeten in
de opener worden geprogrammeerd.
Batterij van de afstandsbediening: De lithiumbatterijen horen tot
5 jaar lang energie te produceren. Wanneer het zendbereik kleiner
wordt, dient u de batterij te vervangen.
Zo vervangt u de batterij: Om de batterijen te vervangen, gebruikt u
de klepbeugel of het blad van een schroevendraaier om de kast zoals
getoond. Leg in de batterijen met de pluspool naar boven. Om de
deksel terug te zetten, klikt u deze aan beide kanten vast. Gooi de
oude batterij niet met het huisvuil weg. Breng gebruikte batterijen naar
een speciaal inzamelingspunt.
CONTROLE VAN DE DEUROPENER
HET ONDERHOUD VAN DE OPENER
8-NL
DE BEDIENING VAN UW OPENER
Uw opener kan met elk van onderstaande apparaten bediend worden:
De verlichte bedieningsknop. Houd de bedieningsknop ingedrukt
totdat de deur in beweging komt.
De sleutelschakelaar buiten of het sleutelloos
bedieningssysteem (als u één van deze accessoires heeft
geïnstalleerd).
De afstandsbediening. Houd de knop ingedrukt totdat de deur in
beweging komt.
Het met de hand openen van de deur:
De deur moet zo mogelijk helemaal gesloten zijn. Door slappe of
gebroken veren zou de deur te snel kunnen sluiten, hetgeen
materiële schade of ernstig lichamelijk letsel tot gevolg kan hebben.
De deur kan met de hand geopend worden door de ontkoppelings-
handgreep omlaag en naar achteren (naar de opener) te trekken. Trek
de handgreep recht naar beneden om de slede weer vast te koppelen.
Gebruik de noodontkoppelingshandgreep nooit om de deur open
of dicht te trekken.
Wanneer de opener ingeschakeld wordt door de
afstandsbediening of de verlichte deurbedieningsknop:
1. Als de deur open is, gaat hij dicht. Als de deur gesloten is, gaat hij open.
2. Wanneer de deur sluit, zal de deur stoppen.
3. Een opengaande deur stopt (om een doorgang open te laten voor
huisdieren of om frisse lucht binnen te laten).
4. Wanneer de deur gestopt is in een gedeeltelijk geopende of
gesloten stand, zal de richting ervan omgekeerd worden.
5. Wanneer er zich een obstakel in de baan van de deur bevindt, zal
de deur omkeren.
6. Wanneer er zich een obstakel in de baan van de deur bevindt
tijdens het openen, zal de deur omkeren en stoppen.
7. Het optionele Beveiligingssysteem werkt met een onzichtbare
lichtstraal, die als hij door een obstakel onderbroken wordt, maakt
dat een sluitende deur weer opengaat en verhindert dat een
opengaande deur sluit. Dit apparaat wordt TEN ZEERSTE
AANBEVOLEN voor huiseigenaren met kleine kinderen.
Laat de opener als deze 5 keer achter elkaar gewerkt heeft 15
minuuten afkoelen.
Het licht van de opener gaat aan: 1. als de stroom naar de opener
ingeschakeld wordt; 2. als de stroom onderbroken wordt;
3. als de opener in werking gesteld wordt.
Na 2-1/2 minuut gaat het licht automatisch uit. De sterkte van de lamp
mag maximaal 24V/21W bedragen.
Ingangsspanning ............230-240 VAC, 50Hz
Max. trekkracht...............700N (ML700, ML750)
........................................800N (ML850)
Vermogen .......................115W (ML700, ML750)
........................................125W (ML850)
Standby-voeding.............5,5W (ML700, ML750)
........................................5,5W (ML850)
Normaal koppel ..............7Nm (ML700, ML750)
........................................8Nm (ML850)
Motor
Type................................Gelijkstroomtandwielmotor met permanente
smering.
Aandrijfmechanisme
Aandrijving......................Ketting/riem met tweedelige trolley op een
stalen rail.
Slaglengte.......................Afstelbaar tot 2,3m.
Loopsnelheid ..................127-178mm per seconde.
Lamp...............................gaat aan als de deur in beweging komt, gaat
uit 2-1/2 min. na stilstand.
Koppeling aan deur ........Verstelbare deurarm. Loskoppeling slede
d.m.v. trekkoord.
Veiligheidsvoorzieningen
Personen ........................Toetsdruk en automatische omkering bij
omlaagbeweging. Toetsdruk en automatische
stop bij omkeerfunctie.
Elektronisch ....................Automatische krachtinstelling.
Elektrisch ........................Transformator met overbelastingsbeveiliging
en laagspanningsbedrading met drukknop.
Begrenzingsinrichting .....Optische RPM/Passpoint-detector.
Afstelling eindstanden ....Elektronisch, semi-automatisch en
volautomatisch.
Startcircuit.......................Laagspanningscircuit met drukknop.
Afmetingen
Totale lengte ...................3,2m
Benodigde
bovenruimte....................30mm
Hangend gewicht............14,5kg
Ontvanger
Geheugenregisters .........12
Bedieningsfrequentie......433,92MHz
N.B: .Chamberlain adviseert met nadruk dat het beveiligingssysteem
op alle garagedeuropeners moet worden geïnstalleerd.
TECHNISCHE GEGEVENS
GARANTIEVOORWAARDEN DEUROPENER
Ten aanzien van de oorspronkelijke koper garandeert Chamberlain GmbH dit produkt gedurende
een periode van 24 maanden (2 jaar) vanaf de datum van aankoop tegen materiaal- en/of
fabricagefouten. De motor wordt voor een periode van: ML850, 60 volledige maanden (5 jaar);
ML750, 48 volledige maanden (4 jaar); ML700, 36 volledige maanden (3 jaar) na datum van
aankoop gegarandeert vrij te zijn van materiaal- en/of constructiefouten. De oorspronkelijke koper is
verplicht het produkt op het moment van in ontvangstname op zichtbare defecten te onderzoeken.
Voorwaarden: Deze garantie is voor de koper het enig mogelijke verhaal voor een actie in
rechte wegens eventuele schade met betrekking tot of voortvloeiende uit een defect onderdeel
en/of produkt. De garantie is strikt beperkt tot reparatie of vervanging van de als defect erkende
onderdelen van dit produkt.
Deze garantie is niet van toepassing: op schade die niet veroorzaakt is door een defect maar
door onredelijk gebruik (hieronder vallen: gebruik dat niet volledig overeenstemt met
Chamberlain's installatie-, bedienings- en onderhoudsinstructies; het niet uitvoeren van de
nodige onderhoudswerkzaamheden en bijstellingen, evenals aan de produkten aangebrachte
aanpassingen of veranderingen); op arbeidsloon voor het demonteren of opnieuw installeren van
een gerepareerd of vervangen apparaat of andere batterijen. Een produkt waarvan tijdens de
garantieperiode wordt vastgesteld dat het materiaal- en/of fabricagefouten vertoont, wordt (naar
keuze van Chamberlain) gerepareerd of vervangen, zonder kosten voor de eigenaar voor
reparatie en/of vervanging van onderdelen en/of het apparaat. Defecte onderdelen worden (naar
keuze van Chamberlain) gerepareerd of vervangen door nieuwe of in de fabriek vernieuwde
onderdelen. Als het produkt tijdens de garantieperiode defect lijkt te zijn, neem dan contact op
met de zaak waar u het apparaat oorspronkelijk gekocht heeft.
Deze garantie is niet van invloed op de wettelijke rechten van de koper onder de van toepassing
zijnde, geldende nationale wetgeving, evenmin als op de uit het contract van koop en verkoop
voortvloeiende rechten van de koper ten opzichte van de wederverkoper. Bij ontbreken van
toepasselijke nationale of Europese wetgeving, vormen deze garantievoorwaarden het enige en
uitsluitende rechtsmiddel; noch Chamberlain, noch haar filialen of distributeurs zijn aansprakelijk
voor enige secundaire of indirect volgende schade betreffende uitdrukkelijke of geïmpliceerde
garanties met betrekking tot dit produkt.
Geen enkele vertegenwoordiger of andere persoon is gemachtigd om de aansprakelijkheid van
Chamberlain in verband met de verkoop van dit produkt te wijzigen of uit te breiden.
Verklaring van overeenstemming
De ondergetekende verklaart hierbij dat de gespecificeerde apparatuur en alle
accessoires voldoen aan de vermelde richtlijnen en normen.
Model: ....................................................................................ML700, ML750, ML850
89/336/EEC
73/23/EEC
1999/5/EC
EN55014-1 (2000), EN55014-2 (1997), EN61000-3-2 (2000), EN61000-3-3 (1995),
EN 301 489-3 (V1.3.1), EN 300 220-3 (V1.1.1), EN60335-1 (1994), en EN60335-2-95
(2000)
Inbouwverklaring
Een elektrische garagedeuropener, in combinatie met een garagedeur, moet worden
geïnstalleerd en onderhouden overeenkomstig alle instructies van de fabrikant, om aan
de bepalingen van de EN12453, EN13241-1 en Machinerichtlijn 89/392/EEG te
voldoen.
B. P. Kelkhoff
Manager, Regulatory Affairs
THE CHAMBERLAIN GROUP, INC.
845 Larch Ave.
Elmhurst, IL 60126
USA
May, 2005
114A2802F-NL © 2006, Chamberlain GmbH

Documenttranscriptie

™ Chamberlain GmbH Alfred-Nobel-Str. 4 D66793 Saarwellingen www.chamberlain.com ™ CH A D Anleitungen – Garagentorantriebe Modell ML700, ML750, ML850 CH B F Instructions – Modèle ML700, ML750, ML850 de ouvre-porte de garage GB Instructions – Garage Door Operator Model ML700, ML750 and ML850 Istruzioni – Apriporta per garage Modello ML700, ML750, ML850 Instrukties – Model ML700, ML750, ML850 Garagedeuropener I B NL i 114A2802F D (+49) 06838-907-100 F (+33) 03.87.95.39.28 GB (+44) 0800 317847 NL (+31) 020.684.79.78 BEGIN MET HET LEZEN VAN DEZE BELANGRIJKE VEILIGHEIDSREGELS Het niet navolgen van de volgende veiligheidsregels kan resulteren in ernstige persoonlijke of materiele schade. • Lees deze instructies zorgvuldig. • De garagedeuropener is ontworpen en getest voor een goede, veilige werking, mits deze strikt geïnstalleerd en bediend wordt conform de instructies in deze handleiding. Deze veiligheidssymbolen betekenen WAARSCHUWING - een instructie voor persoonlijke veiligheid of ter voorkoming van schade. Lees deze instructies zorgvuldig. Houd de garagedeur in evenwicht. Zorg ervoor dat de garagedeuropener geen aanlopende of klemmende garagedeuren compenseert. Klemmende of aanlopende deuren moeten gerepareerd worden. Garagedeuren, drangers, kabels, kabelwielen, bevestigingsbeugels en het bevestigingsmateriaal staan onder extreme spanning en kunnen ernstig persoonlijk letsel veroorzaken. Probeer niet om ze los te draaien, te verplaatsen of bij te stellen. Bel een garagedeur monteur. Draag geen ringen, horloges of los zittende kleding tijdens het installeren van of onderhoud aan een garagedeuropener. Om ernstig persoonlijk letsel door verstrikking te voorkomen, dienen alle touwen die vastzitten aan de garagedeur verwijderd te worden voordat men begint met het installeren van de deuropener. Installatie en bedrading moeten overeenkomstig de bij u geldende regels worden uitgevoerd. Dit toestel voldoet aan beschermingsklasse 2 en heeft geen aarde nodig Lichtgewicht deuren van fiberglas, aluminium of staal moeten flink verstevigd worden om schade aan de deur te voorkomen. (zie pagina 3.) De beste oplossing is om bij uw garagedeurfabrikant te informeren naar een verstevigingsset voor opener- installatie. De veiligheids-open-systeem test is erg belangrijk. Uw garagedeur MOET weer openen bij contact met een voorwerp van 40mm dat zich op de vloer bevindt. Verzuimen de opener correct in te stellen kan resulteren in ernstig letsel door een sluitende garagedeur. Herhaal deze test eenmaal per maand en stel zonodig het systeem bij. Het systeem moet niet geïnstalleerd worden in een vochtige of natte ruimte. De deur moet tijdens het functioneren niet uitsteken over de openbare weg. Inhoud Pagina Veiligheidsvoorschriften . . . . . . . . . . . . . 1 Voordat u begint . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 1 Deurtypen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 1 Benodigd gereedschap . . . . . . . . . . . . . . 2 Geleverd bevestigingsmateriaal . . . . . . . 2 Voltooide installatie . . . . . . . . . . . . . . . . . 2 Montage . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .2 Installatie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 2-4 Opener en afstandsbediening programmeren . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 4 Sleutelloze toegang programmeren . . . .5 De aan de wand gemonteerde Voordat u begint Afbeelding ................1 ................2 ................3 ................4 . . . . . . . . . . . . . 5-11 . . . . . . . . . . . . 12-21 . . . . . . . . . . . . . . . 22 . . . . . . . . . . . . . . .23 Het beveiligingssysteem moet geïnstalleerd zijn wanneer de kracht bij de rand van de sluitende deur groter is dan 400 N (40 kg). Een te hoge kracht beïnvloedt de juiste werking van het veiligheidsomkeersysteem of beschadigt de garagedeur. Bevestig het let op-etiket naast de aan de wand gemonteerde bedieningsknop voor de garagedeur als herinnering aan veilige bedieningsprocedures. Open alle aanwezige garagedeursloten om schade aan de garagedeur te voorkomen. Monteer de verlichte deurbedieningsknop (of andere drukknoppen) op een locatie waar de garagedeur zichtbaar is, op een hoogte van minimaal 1,5 m en buiten bereik van kinderen. Sta kinderen het bedienen van de drukknop(pen) of afstandsbediening(en) niet toe. Ernstig persoonlijk letsel kan het gevolg zijn van het misbruik van de opener. Activeer de opener alleen wanneer u de deur vol in het zicht heeft, vrij van obstakels is en de opener juist is ingesteld. Niemand mag de garage in- of uitgaan wanneer de deur in beweging is. Sta kinderen niet toe om bij de deur te spelen. Gebruik de handmatige ontkoppeling alleen om de trolley vrij te maken en, indien mogelijk, alleen als de deur gesloten is. Gebruik het rode handvat niet om de deur te openen of te sluiten. Maak de stroomtoevoer van de garagedeuropener los voordat u reparaties uit gaat voeren of de afscherming verwijdert. Dit product is voorzien van een speciaal ontworpen voedingkabel die, in geval van beschadiging, moet worden vervangen door een voedingskabel van hetzelfde type; een dergelijke voedingskabel is verkrijgbaar bij een specialist en kan door hem worden geïnstalleerd. deurbediening gebruiken . . . . . . . . . . . . .5 Afstelling . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5 Test het veiligheidssysteem . . . . . . . . . .5 Installeer het Protector System™ (Optioneel) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 6 Speciale functies ML700, ML750 en ML850 . . . . . . . . . . . . .6 Accessoires . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 6 Reserveonderdelen . . . . . . . . . . . . . . . . . 6 Problemen? . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 6-7 Onderhoud van uw opener . . . . . . . . . . . 7 Controle van uw opener . . . . . . . . . . . . . 7 Bediening van uw opener . . . . . . . . . . . . 8 Technische gegevens . . . . . . . . . . . . . . . 8 . . . . . . . . . . . . . . .24 . . . . . . . . . . . . 25-26 . . . . . . . . . . . . .27 . . . . . . . . . . . . 28 . . . . . . . . . . . . 29 . . . . . . . . . . . . 30 . . . . . . . . . 31-32 1. Inspecteer de muur of het plafond boven de garagedeur. De kopsteun moet stevig op de constructie bevestigd worden. 2. Heeft u een afgewerkt plafond in uw garage? Zo ja, dan zijn misschien een steunbeugel en extra ijzerwaren nodig (niet bijgeleverd). 3. Afhankelijk van uw deurconstructie, is misschien een speciale deurarm vereist. Raadpleeg uw leverancier. 4. Als u behalve de garagedeur geen aparte toegangsdeur tot de garage heeft, is een Model 1702EML ontkoppelingsslot vereist. 1 Deurtypen A. B. C. D. E. Kanteldeur met alleen een horizontale geleiderail. Kanteldeur met verticale en horizontale geleiderail – speciale deurarm (E, The Chamberlain Arm™) en het beveiligingssysteem (30(8)) noodzakelijk. Raadpleeg uw leverancier. Sektionale deur – zie 20B – koppel de deurarm. Het beveiligingssysteem (30(8)) noodzakelijk voor deuren met een lengte hoger dan 2,5 m. Schermdeur – speciale deurarm (E, The Chamberlain Arm™) en het beveiligingssysteem (30(8)) noodzakelijk. Raadpleeg uw leverancier. Speciale deurarm – The Chamberlain Arm™ voor gebruik op deurtypen B en D. 114A2802F-NL 1-NL WAARSCHUWING: Als uw garage geen dienstingang heeft, moet Model 1702EML Outside Quick Release worden geïnstalleerd. Dit accessoire maakt het mogelijk de garagedeur met de hand van buiten te openen in het geval van een stroomstoring. 2 Benodigd gereedschap 9 Bevestig rail aan opener en monteer 3 Geleverd bevestigingsmateriaal Zeskantbout Vorkbout 8mm sledebout Houtschroeven Metaalplaatschroeven Vorkbout Touw Handvat Geïsoleerde nietjes Plug Betonplug (12) (13) (14) (15) (16) (17) (18) (19) (20) (21) Borgring Zeskantige moer Bevestigingsring Railvet Borgmoer Metrisch tapbout Zeskantschroef Veer Platte ring Stopbout 10 Monteer de afdekking van het getande kettingwiel 4 Voltooide installatie Naarmate u vordert met de in deze handleiding beschreven montage-, installatie- en afstellingsprocedures is het misschien nuttig om deze afbeelding van een voltooide installatie bij de hand te hebben. (1) (2) (3) (4) (5) (6) (7) (8) Kophoes Spanpoeliesteun Slede Rail Ketting/Riem Hangijzer Snoer Opener (9) Lampeglas (10) Noodontkoppeling: koord & handgreep (11) Gebogen gedeelte deurarm (12) Recht gedeelte deurarm (13) Deurbeugel en plaat (14) Kopsteun (15) Trolley-ontgrendelarm MONTAGE Belangrijk! Als u een overhead-deur heeft, moet u bij het monteren van de rail de instructies voor de Chamberlain™ Deurarm (The Chamberlain Arm™) accessoire gebruiken in combinatie met deze Gebruikershandleiding. 5 Montage de rail Breng vet aan op de binnenranden van de railstukken (1). Plaats de railstukken op een vlakke ondergrond voor montage. Alle vier railstukken zijn onderling verwisselbaar. Schuif de railsteun (3) op het railstuk. Koppel de rails door de railsteun op het volgende railstuk te schuiven. Tik de railsamenbouw (4) op een stuk hout tot de railstukken (5) vlak aansluiten. Herhaal dit met de overige railstukken. 6 Monteer de ketting/riem Neem de ketting/riem uit de doos en leg de ketting op de grond (voorkom dat de ketting/riem verdraait). A. Ketting: Duw de stiften van de verbindingsschakel (3) door kettingschakel (4) en opening van de trolley (5).(zie aafbelding) Plaats de sluitschalm (2) over pennen en op de sleuven. Schuif borgclip (1) over de sluitschalm en op de pengroeven tot beide pennen stevig vergrendeld zijn. B. Riem: Haak de trolleyconnector (6) in de bevestiging (7) op de trolley (8). 7 Plaats trolley en spanpoeliesteun in de rail Schuif spanpoeliesteun (1) en binnenste trolley (2) in de achterzijde (opener) van de raileenheid (3), let erop dat de spanpoeliesteun wordt gemonteerd, zoals afgebeeld. De pijl op de trolley (7) moet naar de voorzijde (kop) van de rail (4) wijzen. Duw de spanpoeliesteun naar de voorzijde (kop) van de rail (4). Plaats de sledebout (5) in de uitsparing voor de bout in de spanpoeliesteun (6). 8 Bevestig de trolley aan de rail Schuif de buitenste trolley (1) in de achterzijde (opener) van de raileenheid (2), waarbij het uiteinde met de trolley-ontgrendelingsarm (3) in de richting van de opener moet wijzen. Schuif de buitenste trolley in de rails tot deze aansluit op de binnenste trolley. 114A2802F-NL Plaats de afdekking van het getande kettingwiel (1) bovenop de opener (2) en monteer deze met schroeven (3). Plaats bout (4) in het stopgat van de trolley (5) en bevestig deze met borgring (6) en moer (7). 11 Monteer de kophoes en span de ketting/riem Schuif de kophoes (1) op de rail (5). Schuif de platte ring (3), veer (2) en borgring (3) op de sledebout (4). Draai de moer (6) op de sledebout tot deze vingervast zit. Moer met steeksleutel (7) vastdraaien, tot de ketting resp. de tandriem zich circa 2 mm boven de basis van de rails bij het middelpunt bevindt. KETTING RESP. TANDRIEM NIET TE STRAK SPANNEN! Zie tekening (8). MONTAGE Draag, als u boven uw hoofd werkt, een veiligheidsbril om uw ogen te beschermen. Stel alle bestaande sloten buiten werking om schade aan de garagedeur te voorkomen. Verwijder alle aan de garagedeur bevestigde touwen voordat u de garagedeuropener installeert, om ernstig lichamelijk letsel door verstrikt raken te voorkomen. Wij raden aan de deuropener minstens 2,1m boven de vloer te installeren of hoger, als de ruimte dit toelaat. 12 Plaats de kopsteun De kopsteun moet stevig aan de garageconstructie bevestigd worden. Versterk de muur of het plafond zonodig met een 40mm dikke plank. Het niet opvolgen van de instructies kan ondeugdelijke werking van het veiligheidssysteem tot gevolg hebben. U kunt de kopsteun op de muur (1) boven de deur of aan het plafond (3) bevestigen. Volg de instructies die het beste aan uw specifieke vereisten voldoen. Teken, terwijl de deur gesloten is, de verticale middellijn (2) van de garagedeur af. Trek deze lijn door tot op de muur boven de deur. Open de deur tot diens hoogste openingspunt. Teken een haakse horizontale lijn (4) op de kopmuur 5 cm boven het hoogste punt zodat er ruimte is voor de bovenkant van de deur. 13 Installeer de kopsteun OPMERKING: Gebruik de verticale middellijn en de horizontale lijn uit stap 12 voor de juiste plaatsing van de kopsteun. A. Wandmontage: Plaats de kopsteun (1) in het midden van de verticale middellijn (2) waarbij de onderste rand van de kopsteun lijnt met de horizontaal lijn (4) (de pijl wijst naar het plafond). Teken alle gaten voor de kopsteun af (5). Boor gaten van 4,5mm en bevestig de kopsteun met houtschroeven (3). B. Plafondmontage: Trek de verticale middellijn (2) door tot op het plafond. Plaats de kopsteun (1) op de verticale middellijn op maximaal 150mm van de wand. Zorg ervoor dat de pijl in de richting van de opener wijst. Teken alle gaten voor de kopsteun af (5). Boor gaten van 4,5mm en bevestig de kopsteun met houtschroeven (3). Voor montage aan een betonnen plafond gebruikt u de meegeleverde betonpluggen (6). 2-NL (1) (2) (3) (4) (5) (6) (7) (8) (9) (10) (11) ketting/riem Verwijder de vier borgbouten (1) aan de bovenzijde van de opener. Plaats de rail op de opener, zodat deze aansluit op de stop (3) bovenop de opener. Leg de ketting/riem (4) om het getande kettingwiel. Duw de complete spanpoeliesteun naar de voorzijde van de rail om overtollige speling in de ketting/riem te elimineren. Lijn de boutgaten op de steunen (6) uit met de boutgaten in de opener. Bevestig de steunen aan de opener met de voorheen verwijderde bouten. Haal de bouten stevig aan. De tanden van het kettingwiel moeten in de ketting/riem grijpen. LET OP: Gebruik alleen de bouten die bovenin de opener gemonteerd zijn. Het gebruik van andere bouten zal ernstige schade aan de opener veroorzaken. 14 Bevestig rail aan kopsteun Sluit de electriciteit aan Leg de opener op de garagevloer onder de kopsteun. Leg er verpakkingsmateriaal op om de ommanteling niet te beschadigen. Til de rail op tot de gaten in de kophoes uitgelijnd zijn met de gaten in de kopsteun. Aansluiten op de vorkbout (1). Bevestig de bevestigingsring (2) om de bout te vergrendelen. N.B. Om te voorkomen dat de rail bij een roldeur tegen de veren aankomt, kan het nodig zijn de opener op een tijdelijke ondersteuning te plaatsen. OM INSTALLATIEPROBLEMEN TE VOORKOMEN MAG U DE GARAGEDEUROPENER PAS LATEN FUNCTIONEREN ALS DE INSTRUCTIES HIERTOE OPDRACHT GEVEN. N.B. Een 25mm dikke lat (1) is handig om de ideale afstand tussen de deur en de rail te bepalen (tenzij er niet genoeg bovenruimte is). Breng de opener omhoog en laat hem op een trapleer rusten. Open de garagedeur. Plaats een 25mm dikke lat (1) plat op de bovenkant van de deur vlakbij de middellijn, zoals afgebeeld. Laat de rail op de lat rusten. Als de opengaande deur tegen de slede aanstoot, trek dan aan de ontkoppelingshandgreep om het binnen en buitengedeelte los te koppelen. De slede kan in ontkoppelde toestand gelaten worden totdat de verbinding tussen de deurarm en de slede tot stand gebracht is. 16 Hang de opener op De opener moet stevig op de garageconstructie bevestigd worden. Er zijn drie representieve installaties afgebeeld. De uwe kan echter nog anders zijn. De hangijzers (1) moeten onder een hoek bevestigd worden (Afbeelding A) om voor een stevige bevestiging te zorgen. Bevestig bij afgewerkte plafonds (Afbeelding B) een stevige metalen steun (niet bijgeleverd) (4) op de garageconstructie voordat u de opener installeert. Voor het monteren aan een betonnen plafond (Afbeelding C) de meegeleverde betonankers gebruiken (5). Meet aan weerszijden van de opener de afstand van de opener tot de draagconstructie (of plafond). Zaag beide hangijzers af op de vereiste lengte. Maak van elk hangijzer één uiteinde vlak en buig of draai dit zo dat het overeenkomt met de bevestigingshoeken. Buig de hangijzers niet ter hoogte van de gaten. Boor 4,5mm aanzetgaten in de draagconstructie (of plafond). Bevestig de steunen met houtschroeven (2) aan de steunen. Til de opener omhoog en bevestig deze aan de hangijzers met bouten, veerringen en moeren (3). Controleer of de rail precies midden boven de deur zit. VERWIJDER de 25mm dikke lat. Doe de deur met de hand open en dicht. Als de deur tegen de rail stoot, moet u de kopsteun hoger bevestigen. Breng railvet aan op het onderoppervlak van de rail (6). 17 Bevestig noodontgrendelingskoord en handvat Trek het ene eind van het koord (1) door het gat boven in de rode handgreep zodat het woord "NOTICE" in de juiste stand staat, zie afbeelding (3). Zet het vast met een overhandse knoop (2). De knoop moet minstens 25mm van het uiteinde van het koord zitten zodat hij er niet uit kan glijden. Trek het andere eind van het koord door het gat in de ontkoppelingsarm van de slede (4). Pas de lengte van het koord zo aan dat de handgreep 1,8m boven de vloer hangt. Zet het vast met een overhandse knoop. N.B. Als u een stuk van het koord moet afknippen, smelt het afgeknipte eind dan met een lucifer of een aansteker om rafelen te voorkomen. 18 Monteer de verlichting Trek de lens (2) voorzichtig omlaag tot de lensscharnier in de volledig geopende positie staat. Verwijder de lens niet. Monteer een gloeilamp (1) in de fitting zoals afgebeeld met een maximaal vermogen van 24 V/21 W. De lamp wordt ingeschakeld en blijft gedurende 2-1/2 minuten branden wanneer de spanning is aangesloten. Na 2-1/2 minuten dooft de lamp. Voer de procedure in omgekeerde volgorde uit om de lens te sluiten. Vervang doorgebrande gloeilampen door trilling vastelampen. 19 Deurbeugel bevestigen Als u een overhead-deur heeft, heeft u een ombouwkit voor de deurarm nodig. Volg de bij de vervangende deurarm bijgesloten installatievoorschriften. Wees voorzichtig bij het verwijderen en monteren van de ombouwkit. Houd uw vingers uit de buurt van de schuivende delen. OPMERKING: Voor lichtgewicht garagedeuren is een horizontale en verticale versteviging noodzakelijk. Procedure voor het installeren bij gelede deuren en deuren uit één stuk: Deursteun (1) beschikt over bevestigingsgaten aan de linker- en rechterzijde. Wanneer voor de installatie de bovenste en de onderste montagegaten noodzakelijk zijn, gebruikt u zowel de deursteun als de deursteunplaat (2) zoals afgebeeld. 1. Plaats deursteun (met of zonder deursteunplaat, indien noodzakelijk) bovenaan, in het midden van de deur aan de binnenkant, zoals afgebeeld. Teken de gaten af. A. Eendelige deur of sectionaaldeur met een looprail: deurbeslag binnen en boven aan de deur monteren. B. Sectionaaldeur met twee horizontale looprails: deurbeslag 150 - 250 mm van de bovenzijde van de deurrand monteren. 2. A. Houten deuren Boor 8mm gaten en bevestig de deursteun met moer, borgring en sledebout (3). B. Deuren van bladmetaal Monteren met houtschroeven (4). C. Deur uit één stuk optioneel Monteren met houtschroeven (4). 20 Bouw de deurarm samen A. MONTAGE VAN DEUR UIT ÉÉN STUK: Bevestig de rechte (1) en gebogen (2) deurarmdelen aan elkaar met de langst mogelijke lengte (met een overlap van 2 tot 3 gaten) met behulp van het bevestigingsmateriaal (3,4 en 5). Terwijl de deur gesloten is, sluit u het rechte armdeel (1) aan op de deursteun met de vorkbout (6). Borgen met bevestigingsring (7). Koppel de binnenste en buitenste trolley los. Schuif de buitenste trolley terug naar de opener en sluit de gebogen arm (2) aan op het bevestigingsgat in de trolley (8) met de vorkbout (6). Wellicht moet de deur iets worden opgetild om de arm te kunnen bevestigen. Borgen met bevestigingsring (7). OPMERKING: Wanneer een maximum hoogte wordt ingesteld, mag de geen 'achterwaartse kanteling' hebben wanneer deze volledig geopend is. Een lichte achterwaartse kanteling (9) veroorzaakt onnodig klapperen en schokken tijdens de bediening terwijl de deur wordt geopend of gesloten vanuit de volledig geopende positie. B. MONTAGE VAN GELEDE DEUR: Aansluiten volgens afbeelding B, vervolgens verder met stap 21. 114A2802F-NL 3-NL 15 Breng de opener op zijn plaats Sluit de deuropener alleen aan op een stopcontact dat bediend wordt door een tweepolige schakelaar. Plaats de deurbediening op een punt waar de garagedeur zichtbaar is, uit de buurt van de deur en buiten bereik van kinderen. Tenminste 1,5 m boven de vloer monteren Door misbruik van de opener kan een bewegende garagedeur ernstig letsel veroorzaken. Voorkom dat kinderen de deurbediening of de afstandsbediening gebruiken. Bevestig een waarschuwingsetiket op de wand nabij de deurbediening als herinnering aan veilige bedieningsprocedures. Aan de achterzijde van de deurbediening (2) bevinden zich twee aansluitingen (1). Verwijder ca. 6mm isolatiemateriaal van de beldraad (4). Scheid de draden ver genoeg zodat de wit/rode draad op de aansluiting 1 RED en de witte draad op de aansluiting 2 WHT kan worden aangesloten. Bevestig de deurbediening binnen aan de garagewand met de meegeleverde plaatschroeven (3). Boor gaten van 4mm en gebruik de pluggen wanneer de installatie op een gemetselde muur plaats vindt. Een goede plaats is naast de onderhoudsdeur en buiten bereik van kinderen. Leid de beldraad langs de muur omhoog en over het plafond naar de garagedeuropener. Gebruik geïsoleerde nietjes (5) om de draad te bevestigen. De snelaansluitingen van de ontvanger bevinden zich achter de verlichtingslens van de opener. Sluit de beldraad als volgt aan op de aansluitingen: wit/rood op rood (1) en wit op wit (2). Bediening van de deurbediening Indrukken om de deur te openen of te sluiten. Opnieuw indrukken om de deur te stoppen terwijl deze beweegt. Multifunctionele deurbediening: Druk op het witte vierkant om de deur te openen of te sluiten. Druk nogmaals om een bewegende deur stil te zetten. Verlichting: Druk op de lichtknop om het licht van de opener aan of uit te schakelen. Als u na het inschakelen van het licht de deur bedient, zal het licht gedurende 2,5 minuut blijven branden. Druk nogmaals op de lichtknop om het licht eerder te doven. De verlichting kan niet met de lichtknop worden bediend wanneer de deur in beweging is. Bedieningsvergrendeling: Verhindert bediening van de deur door middel van draagbare afstandsbedieningen. De deur kan echter nog steeds worden bediend met de deurbedieningsdrukknop, de sleutelschakelaar buiten en de sleutelloze bediening. • Houd de vergrendelingsknop gedurende 2 seconden ingedrukt. Zolang de vergrendeling in werking is, knippert de verlichting van de drukknop. • Uitschakelen: Houd de vergrendelingsknop nogmaals gedurende 2 seconden ingedrukt. Het verlichting van de drukknop houdt op te knipperen. De bedieningsvergrendeling wordt ook uitgeschakeld wanneer de knop “LEARN” op het bedieningspaneel wordt ingedrukt. 114A2802F-NL 22 Programmeer uw opener en afstandsbediening Stel de opener alleen in werking wanneer de deur volledig in het zicht is, vrij van obstakels en goed afgesteld. Niemand mag de garage in- of uitgaan terwijl de deur in beweging is. Laat kinderen niet aan de bedieningsknop(pen) of afstandsbediening(en) komen. Laat kinderen niet in de buurt van de deur spelen. De afstandsbediening en de ontvanger van uw garagedeuropener zijn op dezelfde code afgesteld. Als u extra afstandsbedieningen koopt, moet de garagedeuropener geprogrammeerd worden met de nieuwe afstandsbedieningscode. De ontvanger programmeren met de codes van extra afstandsbedieningen: Gebruik de oranje "LEARN"-knop: 1. Druk op de oranje "LEARN"-knop op de opener en laat deze los. De programmeerindicatorlamp brandt gedurende 30 seconden (1). 2. Houd binnen 30 seconden de knop van de afstandsbediening ingedrukt die u wilt programmeren voor de garagedeur (2). 3. Laat de knop los wanneer de openerlamp knippert. De code is opgeslagen. Als er geen gloeilamp geïnstalleerd is, hoort u twee klikken (3). Gebruik van de multifunctionele deurbediening: 1. Houd de knop ingedrukt van de afstandsbediening die u voor de garagedeur (4) wilt programmeren. 2. Terwijl u de knop van de afstandsbediening ingedrukt houdt, houdt u tevens de LIGHT-knop op de multifunctionele deurbediening (5) ingedrukt. 3. Blijf beide knoppen ingedrukt houden, terwijl u de drukknop op de multifunctionele deurbediening (alle drie knoppen zijn ingedrukt) (6) indrukt. 4. Laat de knoppen los wanneer de openerlamp knippert. De code is opgeslagen. Als er geen gloeilamp geïnstalleerd is, hoort u twee klikken (7). Nu zal de opener werken wanneer de knop op de afstandsbediening wordt ingedrukt. Wanneer u de drukknop van de afstandsbediening loslaat voordat de openerlamp knippert, heeft de opener de code niet opgeslagen. Codes van alle afstandsbedieningen wissen Om een ongewenste afstandsbediening uit te schakelen, eerst alle codes wissen: Houd de oranje "LEARN"-knop op de opener ingedrukt tot de programmeerindicatorlamp uitgaat (circa 6 seconden). Alle vorige codes zijn nu gewist. Programmeer elke afstandsbediening of sleutelloze toegang opnieuw die u wilt gebruiken. 3-kanaals afstandsbediening: Wanneer uw garagedeuropener hiermee is uitgerust, is de grote knop af fabriek geprogrammeerd om de opener te bedienen. Extra knoppen op een 3-kanaals afstandsbediening of mini-afstandsbediening met rolling code kunnen worden geprogrammeerd om deze garagedeur of andere garagedeuren met rolling code te bedienen. 4-NL 21 Installeer de deurbediening Schakel de opener alleen in wanneer u de deur volledig kunt zien, deze vrij van obstakels en juist afgesteld is. Niemand mag de garage in- of uitlopen terwijl de deur in beweging is. Voorkom dat kinderen op de knop(pen) drukken of afstandsbediening(en) gebruiken. Laat kinderen niet in de buurt van de deur spelen. OPMERKING: Uw nieuwe sleutelloze toegang moet geprogrammeerd zijn om de nieuwe garagedeuropener te bedienen. Programmeer de ontvanger voor de codes van extra afstandsbedieningen met behulp van de oranje "LEARN"-knop: 1. Druk op de oranje "LEARN"-knop (1) op de opener. De programmeerindicatorlamp brandt continu gedurende 30 seconden. 2. Voer binnen 30 seconden het door u gekozen viercijferige persoonlijke identificatienummer (PIN) in via het toetsenbord (2) en druk op de ENTER-knop en houdt deze ingedrukt. 3. Laat de knop los wanneer de openerlamp knippert (3). De code is opgeslagen. Als er geen gloeilamp geïnstalleerd is, hoort u twee klikken. OPMERKING: Voor deze methoden zijn twee personen vereist wanneer de sleutelloze toegang reeds buiten de garage gemonteerd is Gebruik van de multifunctionele deurbediening: 1. Voer het door u gewenste viercijferige persoonlijke identificatienummer (PIN) in via het toetsenbord en druk vervolgens op ENTER en houdt die knop ingedrukt. 2. Terwijl u de ENTER-knop ingedrukt houdt, drukt u op de LIGHTknop van de multifunctionele deurbediening en houdt u deze ingedrukt. 3. Blijf de ENTER- en LIGHT- knoppen ingedrukt houden, terwijl u de drukknop op de multifunctionele deurbediening indrukt (alle drie knoppen ingedrukt). 4. Laat de knoppen los wanneer de openerlamp knippert. De code is opgeslagen. Als er geen gloeilamp geïnstalleerd is, hoort u twee klikken. 24 De aan de wand gemonteerde deurbediening gebruiken DE MULTIFUNCTIONELE DEURBEDIENING Druk op de drukknop (1) om de deur te open en te sluiten. Druk opnieuw om de deur te stoppen. Verlichtingsfunctie Druk op de LIGHT-knop (2) om de openerlamp in en uit te schakelen. Hiermee kan de openerlamp niet worden bediend wanneer de deur in beweging is. Wanneer u de verlichting inschakelt en vervolgens de opener inschakelt, blijft de verlichting gedurende 2-1/2 minuut branden. Druk de knop opnieuw in om de verlichting eerder uit te schakelen. Vergrendelingsfunctie Ontworpen om bediening van de deur met afstandbedieningen te blokkeren. De deur wordt echter geopend en gesloten vanaf de deurbediening, het externe slot en de sleutelloze toegang-accessoires. Om deze functie in te schakelen, houdt u de vergrendelingsknop (3) gedurende 2 seconden ingedrukt. De lamp van de drukknop knippert zolang de vergrendelingsfunctie ingeschakeld is. Om de functie uit te schakelen, houdt u de vergrendelingsknop opnieuw 2 seconden ingedrukt. De lamp in de drukknop stopt met knipperen. De vergrendelingsfunctie wordt ook uitgeschakeld wanneer de "LEARN"knop op het openerpaneel wordt ingedrukt. 114A2802F-NL HET AFSTELLEN 25 De grenswaarden instellen Met de bewegingsgrenswaarden worden de punten ingesteld waar de deur stopt wanneer deze omhoog of omlaag wordt bewogen. Volg de onderstaande stappen om de grenswaarden in te stellen. De bewegingsgrenswaarden programmeren: 1. Open de verlichtingslens. Druk de zwarte knop (1) in en houdt deze ingedrukt tot de gele indicatorlamp (3) langzaam begint te knipperen en laat dan de knop los. 2. Druk de zwarte knop (1) in en houd deze ingedrukt tot de deur de gewenste open-stand bereikt. Stel de stand van de deur in met behulp van de zwarte (1) en de oranje (2) knop. Met de zwarte knop beweegt de deur OMHOOG, met de oranje knop beweegt de deur OMLAAG. 3. Druk op de geprogrammeerde afstandsbediening (4) of de drukknop van de deurbediening die bij de opener is geleverd. Hiermee wordt de volledig OMHOOG-stand (geopend) ingesteld. De deur beweegt naar de vloer en vervolgens terug naar de OMHOOG-stand (geopend). Hiermee heeft de opener zijn bewegingsgrenswaarden opgeslagen. Controleer of de deur hoog genoeg opent voor uw auto. Stel dit zonodig bij. 4. De indicatorlamp (3) stopt met knipperen wanneer de grenswaarden opgeslagen zijn. Wanneer de beweging van de deur wordt omgekeerd of stopt voordat de vloer wordt bereikt, moet u stappen 1-3 onmiddellijk herhalen. Als hiermee de grenswaarden niet kunnen worden ingesteld, gaat u door naar nr. 15 van het gedeelte Problemen oplossen en volgt u de instructies voor het handmatig instellen van de grenswaarden. OPMERKING: De werklamp knippert 11 keer wanneer de routine voor het instellen van de grenswaarden mislukt. Wanneer u deze fout krijgt, gaat u naar nr. 15 van Problemen oplossen en volgt u de instructies voor het handmatig instellen van de grenswaarden. 26 De kracht instellen De knop voor de krachtinstelling bevindt zich achter de verlichtingslens van de opener. De krachtinstelling regelt de hoeveelheid kracht die noodzakelijk is voor het openen en sluiten van de deur. 1. Open de verlichtingslens. Zoek de oranje knop (2). 2. Druk tweemaal op de oranje knop (2) om de modus voor de krachtsinstelling te openen. De LED (3) (indicatorlamp) begint snel te knipperen. 3. Druk op de geprogrammeerde afstandsbediening (4) of de drukknop van de deurbediening die bij de opener is geleverd. De deur beweegt naar de OMLAAG-stand (gesloten). Druk opnieuw op de afstandsbediening (4) en de deur beweegt naar de OMHOOG-stand (geopend). De LED (3) (indicatorlamp) stopt met knipperen wanneer de kracht is opgeslagen. De deur moet een complete cyclus voltooien, OMHOOG en OMLAAG, om de kracht op de juiste wijze in te stellen. Wanneer de eenheid de deur niet volledig kan openen en sluiten, controleer dan de deur om na te gaan of deze juist gebalanceerd is en niet aanloopt of klemt. De kracht MOET opgeslagen zijn om het instellen van de grenswaarden op de juiste wijze te voltooien. 27 Test het veiligheidssysteem De veiligheidssysteem test is belangrijk. De garagedeur moet teruglopen bij contact met een obstakel van 40 mm dat plat op de grond ligt. Gebreken aan de goede afstelling van de opener kunnen ernstig persoonlijk letsel veroorzaken door het sluiten van de garagedeur. Herhaal de test eenmaal per maand en stel indien nodig opnieuw af. Procedure: plaats een obstakel van 40mm (1) plat op de vloer onder de garagedeur. Sluit nu de deur. De deur moet nu weer opengaan door de obstructie. Wanneer de deur stopt op het obstakel, verwijdert u het obstakel en herhaalt u stap 25, De grenswaarden instellen. Herhaal de test. Als de deur terugloopt omkeert op het 40mm grote obstakel, verwijder dan het obstakel en laat de deur weer een keer volledig openen en sluiten. obstakel en laat de deur weer een keer volledig openen en sluiten. De deur mag niet teruglopen in gesloten toestand. Wanneer de deur opnieuw stopt, herhaal dan de stappen 25 en 26, De grenswaarden instellen en De kracht instellen en herhaal de test van de veiligheidsomkeerfunctie. Plaats 20kg op het midden van de deur en zorg ervoor dat de deur niet meer dan 500mm omhoog beweegt. 5-NL 23 Sleutelloze toegang programmeren “Protector System™” (zie bij accessoires) De uitgeoefende kracht, zoals gemeten op de sluitende rand van de deur, mag niet hoger zijn dan 400N (40 kg). Als de sluitkracht op een waarde wordt afgesteld die hoger is dan 400N, dan moet het Protector System geïnstalleerd worden. Nadat de opener geïnstalleerd en afgesteld is, kan het Beveiligingssysteem geïnstalleerd worden. De installatie-instructies vindt u in de verpakking van dit apparaat. Het Beveiligingssysteem zorgt voor een extra beveiliging tegen het beklemd raken van kleine kinderen onder de garagedeur. Het systeem werkt met een onzichtbare lichtstraal, die als hij door een obstakel onderbroken wordt, maakt dat een sluitende deur weer opengaat en verhindert dat een opengaande deur sluit. Dit apparaat wordt ten zeerste aanbevolen voor huiseigenaren met kleine kinderen. 29 Speciale functies A. B. Aansluiting van deur in deur Open de verlichtingslens. Zoek de extra snelaansluitingen. Sluit de beldraad aan op de snelaansluitingen 8 en 7. Signaallicht-aansluiting De signaallamp kan overal worden geïnstalleerd. Sluit de draden van de lamp aan op de snelaansluitingen 6 en 5. Aansluiting 5 is massa. 30 Accessoires (1) Model 84330EML (2) Model 84333EML (3) Model 84335EML (4) Model 8747EML (5) Model 845EML (6) Model 760EML (7) Model 1702EML (8) Model 770EML (9) Model 1703EML (10) Model FLA230EML (11) Model 75EML (12) Model 1EML (13) Model 34EML Model 41EML NIET AFGEBEELD Model MDL100EML Enkelvoudige afstandsbediening 3-kanaals afstandsbediening Mini-afstandbediening met 3 functies Sleutelloos bedieningssysteem Multifunctioneel bedieningspaneel Sleutelschakelaar buiten Ontkoppelingsslot Het Beveiligingssysteem “Protector System™” Deuram – The Chamberlain Arm™ Knipperlicht Verlichte deurbedieningsknop Snelontkoppeling deurkruk Sleutelschakellar, 2 functie (inbouw montage) Sleutelschakellar, 2 functie (opbouw montage) Mechanisch deurslot BEDRADINGSINSTRUCTIES VOOR ACCESSOIRES Sleutelschakelaar – naar openercontacten: rood-1 en wit-2 Protector System™ – naar openercontacten: wit-3 en grijs-4 Bedieningspaneel – naar openercontacten: rood-1 en wit-2 31 32 Reserveonderdelen 114A2802F-NL PROBLEMEN OPLOSSEN 1. Opener werkt niet, noch met de verlichte bedieningsknop, noch met de afstandsbediening: • Staat er stroom op de opener? Sluit een lamp aan op het stopcontact. Als hij niet aangaat, controleer dan de zekeringskast of de stroomonderbreker. (Bij sommige stopcontacten wordt de stroomtoevoer door een muurschakelaar geregeld.) • Heeft u alle deursloten buiten werking gesteld? Bekijk de waarschuwingen met betrekking tot de installatieaanwijzingen op pagina 1 opnieuw. • Heeft er zich ijs of sneeuw onder de deur opgehoopt? Of misschien is de deur vastgevroren. Verwijder eventuele belemmeringen. • De veer van de garagedeur kan gebroken zijn. Laat deze vervangen door een vakman. 2. Opener werkt op de afstandsbediening maar niet op de verlichte bedieningsknop: • Is de bedieningsknop op de muur verlicht? Zo niet, maak de beldraad los van de contacten op de opener. Maak kortsluiting tussen de rode en witte contacten door beide contacten tegelijkertijd met een stukje draad aan te raken. Als de opener werkt, controleer dan of er een bedradingsfout is gemaakt bij de verlichte bedieningsknop of een kortsluiting bij de krammetjes. • Is de bedrading goed aangesloten? Zie pagina 4. 3. Deur werkt op de verlichte bedieningsknop maar niet op de afstandsbediening: • Probeer een nieuwe batterij. • Wanneer u over twee of meer afstandsbedieningen beschikt en er werkt er slechts een, neem dan de stappen 22 en 23, Programmeer uw opener en afstandsbediening en Sleutelloze toegang programmeren opnieuw door. • Knippert de deurbedieningsknop? De vergrendelingsstand van de opener is ingeschakeld. Wanneer u beschikt over een multifunctionele deurbediening, houdt u de vergrendelingsknop 2 seconden ingedrukt. De deurbedieningsknop stopt met knipperen. 4. Astandsbediening heeft maar een kort bereik: • Is de batterij geïnstalleerd? • Bewaar de afstandsbediening op een andere plaats in de auto. • Het transmissiebereik is minder bij metalen garagedeuren, deuren met een metalen isolatielaag of bij metalen wanden. 5. De deur keert zonder aanwijsbare reden om en het lichtje op de opener knippert niet: • Wordt de deur ergens door belemmerd? Trek aan de noodontkoppelingshandgreep. Bedien de deur met de hand. Als de deur klemt of slecht uitgebalanceerd is, haal er dan een garagedeurspecialist bij. • Verwijder eventueel sneeuw of ijs van de garagevloer onder de deur. • Herhaal dan Instellen van de grenswaarden en De kracht instellen, instellingsstappen 25 en 26. Herhaal na het bijstellen de veiligheidstest. 6. De deur gaat zonder duidelijke reden omhoog en het lampje van de bedieningsknop van de deur knippert 5 seconden na het omhoog gaan: Controleer het Beveiligingssysteem (als u deze accessoire geïnstalleerd heeft). Als het licht knippert, corrigeer dan de uitlijning. 7. De opener maakt een storend lawaai dat in de woning te horen is: Als het geluid van de opener een probleem veroorzaakt doordat deze zich vlakbij de woning bevindt, kunt u een Trillingisolatieset 41A3263 installeren. Deze set is speciaal ontworpen om het "klankbord effect" te verhelpen en is eenvoudig te installeren. 8. De garagedeur gaat vanzelf open en dicht: Controleer of de knop op de afstandsbediening niet in ingedrukte stand klem zit. 9. De deur stopt maar gaat niet helemaal dicht: Herhaal De grenswaarden instellen, instellingsstap 25. Herhaal de test van de veiligheidsomkeerfunctie na elke aanpassing van de deurarmlengte, de sluitkracht of de omlaag-grenswaarde. 6-NL 28 Installatie van het beveiligingssysteem HET ONDERHOUD VAN DE OPENER 10. De deur gaat open maar niet dicht: • Controleer het Beveiligingssysteem (als u deze accessoire geïnstalleerd heeft). Als het licht knippert, moet de uitlijning gecorrigeerd worden. • Wanneer de openerlamp niet knippert en het is een nieuwe installatie, herhaal dan de stappen 25 en 26 (De grenswaarden instellen en De kracht instellen). Herhaal na het bijstellen de veiligheidstest. 11. Het licht van de opener gaat niet aan: Vervang de lamp (maximaal 24V/21 Watt). Vervang doorgebrande lampen met lampen die geschikt zijn voor ruw gebruik. 12. De opener forceert: Het kan zijn dat de deur uit balans is of dat de veren gebroken zijn. Sluit de deur en gebruik de noodontkoppelingshandgreep om de slede los te koppelen. Open en sluit de deur met de hand. Een goed uitgebalanceerde deur moet op elk willekeurig punt van de slag kunnen blijven staan, terwijl hij uitsluitend door zijn veren in evenwicht wordt gehouden. Is dit niet het geval, laat de deur dan bijstellen door een garagedeurspecialist. 13. De motor van de opener bromt even en doet dan niets meer: • De veren van de garagedeur zijn gebroken. ZIE HIERBOVEN. • Als het probleem zich de eerste keer dat u de opener in werking stelt voordoet, zit de deur op slot. Stel het deurslot buiten werking. Herhaal na het bijstellen de veiligheidstest. 14. Opener werkt niet wegens stroomstoring: • Trek de noodontkoppelingshandgreep omlaag en naar achteren om de slede los te koppelen. De deur kan nu met de hand geopend en gesloten worden. Als de stroom weer ingeschakeld is, trekt u de ontkoppelingshangreep recht omlaag. De volgende keer dat de opener in werking gesteld wordt, wordt de slede weer vastgekoppeld. • Met het Ontkoppelingsslot kunt u de slede van buiten de garage loskoppelen in geval van stroomstoring. Als de opener goed geïnstalleerd is, zal hij uitstekend werken met een minimum aan onderhoud. De opener hoeft niet extra gesmeerd te worden. Het afstellen van de kracht en de eindstanden: Deze moeten tijdens de installatie van de opener goed afgesteld en gecontroleerd worden. Weersomstandigheden kunnen lichte veranderingen in de werking van de deur teweegbrengen waardoor bijstelling nodig is, vooral in het eerste jaar dat de opener in gebruik is. Zie de instructies voor de afstelling van de kracht en de eindstanden op pagina 5. Volg deze instructies zorgvuldig op en herhaal de veiligheidstest na elke bijstelling. Afstandsbediening: De draagbare afstandsbediening kan met de bijgeleverde klem aan de zonneklep bevestigd worden. Extra afstandsbedieningen kunnen te allen tijde aangeschaft worden voor de andere auto’s die de garage gebruiken. Zie het gedeelte Accessoires. De ontvanger moet geprogrammeerd worden om met elke nieuwe afstandbediening te werken. Nieuwe afstandsbedieningen moeten in de opener worden geprogrammeerd. Batterij van de afstandsbediening: De lithiumbatterijen horen tot 5 jaar lang energie te produceren. Wanneer het zendbereik kleiner wordt, dient u de batterij te vervangen. Zo vervangt u de batterij: Om de batterijen te vervangen, gebruikt u de klepbeugel of het blad van een schroevendraaier om de kast zoals getoond. Leg in de batterijen met de pluspool naar boven. Om de deksel terug te zetten, klikt u deze aan beide kanten vast. Gooi de oude batterij niet met het huisvuil weg. Breng gebruikte batterijen naar een speciaal inzamelingspunt. 15. De grenswaarden handmatig instellen 1. Houd de zwarte knop ingedrukt tot de gele indicatorlamp langzaam begint te knipperen en laat de knop dan los. 2. Houd de zwarte knop ingedrukt tot de deur de gewenste OMHOOG-stand (geopend) heeft bereikt. Stel de stand de deur in met behulp van de zwarte en oranje knop. Met de zwarte knop beweegt de deur OMHOOG (geopend), met de oranje knop beweegt de deur OMLAAG (gesloten). Controleer of de deur hoog genoeg opent voor uw auto. 3. Druk op de afstandsbediening of op de deurbediening. Hiermee wordt de grenswaarde voor OMHOOG (geopend) ingesteld en begint het sluiten van de deur. Druk onmiddellijk op de oranje of op de zwarte knop. De deur stopt. Stel de gewenste OMLAAG-stand (gesloten) in met behulp van de zwarte en oranje knop. Controleer of de deur volledig gesloten is zonder een extreem hoge druk op de rail uit te oefenen (rail mag niet naar boven buigen en de ketting/riem mogen niet slap gaan hangen of onder rail komen te hangen). Druk op de afstandsbediening of op de deurbediening. Hiermee wordt de OMLAAG-grenswaarde (dicht) ingesteld en begint het openen van de deur. OPMERKING: Wanneer noch de zwarte, noch de oranje knop wordt ingedrukt voordat de deur de vloer bereikt, zal de garagedeuropener proberen de grenswaarde automatisch in te stellen door de deur vanaf de vloer om te keren en deze te stoppen volgens de ingestelde omhooggrenswaarde. Wanneer de werklamp niet 10 keer knippert, zijn de grenswaarden ingesteld en hoeft dit niet handmatig te gebeuren; de OMLAAG-grenswaarde wordt ingesteld op de vloer. Ongeacht of de grenswaarden automatisch of handmatig worden ingesteld, de kracht MOET worden opgeslagen om het instellen van de grenswaarden op de juiste wijze te kunnen voltooien. Zie het gedeelte 26, De kracht instellen. 4. Open en sluit de deur twee tot drie keer met de afstandsbediening of de deurbediening. • Wanneer de deur niet in de gewenste OMHOOG-stand (geopend) stopt of omkeert voordat de deur stopt in de OMLAAG-stand (dicht), herhaalt u het handmatig instellen van de grenswaarden nog een keer. • Wanneer de deur stopt in zowel de gewenste OMHOOG-stand (geopend) en OMLAAG-stand (gesloten), ga dan verder met Het veiligheidsomkeersysteem testen. 114A2802F-NL CONTROLE VAN DE DEUROPENER Maandelijks onderhoud: • Herhaal de veiligheidstest. Corrigeer zonodig de afstellingen. • Bedien de deur met de hand. Als hij niet goed uitgebalanceerd is of klemt, laat er dan een garagedeurspecialist naar kijken. • Controleer of de deur volledig opent en sluit. Corrigeer zonodig de afstellingen van de kracht en/of eindstanden. Jaarlijks onderhoud: • Smeer de deurrollers, lagers en scharnieren. De geleiderails van de deur niet invetten. De deur hoeft niet extra gesmeerd te worden. • SMEER DE TROLLEY EN DE RAIL IN. 7-NL PROBLEMEN OPLOSSEN DE BEDIENING VAN UW OPENER TECHNISCHE GEGEVENS Uw opener kan met elk van onderstaande apparaten bediend worden: • De verlichte bedieningsknop. Houd de bedieningsknop ingedrukt totdat de deur in beweging komt. • De sleutelschakelaar buiten of het sleutelloos bedieningssysteem (als u één van deze accessoires heeft geïnstalleerd). • De afstandsbediening. Houd de knop ingedrukt totdat de deur in beweging komt. Het met de hand openen van de deur: De deur moet zo mogelijk helemaal gesloten zijn. Door slappe of gebroken veren zou de deur te snel kunnen sluiten, hetgeen materiële schade of ernstig lichamelijk letsel tot gevolg kan hebben. De deur kan met de hand geopend worden door de ontkoppelingshandgreep omlaag en naar achteren (naar de opener) te trekken. Trek de handgreep recht naar beneden om de slede weer vast te koppelen. Gebruik de noodontkoppelingshandgreep nooit om de deur open of dicht te trekken. Wanneer de opener ingeschakeld wordt door de afstandsbediening of de verlichte deurbedieningsknop: 1. Als de deur open is, gaat hij dicht. Als de deur gesloten is, gaat hij open. 2. Wanneer de deur sluit, zal de deur stoppen. 3. Een opengaande deur stopt (om een doorgang open te laten voor huisdieren of om frisse lucht binnen te laten). 4. Wanneer de deur gestopt is in een gedeeltelijk geopende of gesloten stand, zal de richting ervan omgekeerd worden. 5. Wanneer er zich een obstakel in de baan van de deur bevindt, zal de deur omkeren. 6. Wanneer er zich een obstakel in de baan van de deur bevindt tijdens het openen, zal de deur omkeren en stoppen. 7. Het optionele Beveiligingssysteem werkt met een onzichtbare lichtstraal, die als hij door een obstakel onderbroken wordt, maakt dat een sluitende deur weer opengaat en verhindert dat een opengaande deur sluit. Dit apparaat wordt TEN ZEERSTE AANBEVOLEN voor huiseigenaren met kleine kinderen. Laat de opener als deze 5 keer achter elkaar gewerkt heeft 15 minuuten afkoelen. Het licht van de opener gaat aan: 1. als de stroom naar de opener ingeschakeld wordt; 2. als de stroom onderbroken wordt; 3. als de opener in werking gesteld wordt. Na 2-1/2 minuut gaat het licht automatisch uit. De sterkte van de lamp mag maximaal 24V/21W bedragen. Ingangsspanning ............230-240 VAC, 50Hz Max. trekkracht ...............700N (ML700, ML750) ........................................800N (ML850) Vermogen .......................115W (ML700, ML750) ........................................125W (ML850) Standby-voeding .............5,5W (ML700, ML750) ........................................5,5W (ML850) Normaal koppel ..............7Nm (ML700, ML750) ........................................8Nm (ML850) GARANTIEVOORWAARDEN DEUROPENER Ten aanzien van de oorspronkelijke koper garandeert Chamberlain GmbH dit produkt gedurende een periode van 24 maanden (2 jaar) vanaf de datum van aankoop tegen materiaal- en/of fabricagefouten. De motor wordt voor een periode van: ML850, 60 volledige maanden (5 jaar); ML750, 48 volledige maanden (4 jaar); ML700, 36 volledige maanden (3 jaar) na datum van aankoop gegarandeert vrij te zijn van materiaal- en/of constructiefouten. De oorspronkelijke koper is verplicht het produkt op het moment van in ontvangstname op zichtbare defecten te onderzoeken. Voorwaarden: Deze garantie is voor de koper het enig mogelijke verhaal voor een actie in rechte wegens eventuele schade met betrekking tot of voortvloeiende uit een defect onderdeel en/of produkt. De garantie is strikt beperkt tot reparatie of vervanging van de als defect erkende onderdelen van dit produkt. Deze garantie is niet van toepassing: op schade die niet veroorzaakt is door een defect maar door onredelijk gebruik (hieronder vallen: gebruik dat niet volledig overeenstemt met Chamberlain's installatie-, bedienings- en onderhoudsinstructies; het niet uitvoeren van de nodige onderhoudswerkzaamheden en bijstellingen, evenals aan de produkten aangebrachte aanpassingen of veranderingen); op arbeidsloon voor het demonteren of opnieuw installeren van een gerepareerd of vervangen apparaat of andere batterijen. Een produkt waarvan tijdens de garantieperiode wordt vastgesteld dat het materiaal- en/of fabricagefouten vertoont, wordt (naar keuze van Chamberlain) gerepareerd of vervangen, zonder kosten voor de eigenaar voor reparatie en/of vervanging van onderdelen en/of het apparaat. Defecte onderdelen worden (naar keuze van Chamberlain) gerepareerd of vervangen door nieuwe of in de fabriek vernieuwde onderdelen. Als het produkt tijdens de garantieperiode defect lijkt te zijn, neem dan contact op met de zaak waar u het apparaat oorspronkelijk gekocht heeft. Deze garantie is niet van invloed op de wettelijke rechten van de koper onder de van toepassing zijnde, geldende nationale wetgeving, evenmin als op de uit het contract van koop en verkoop voortvloeiende rechten van de koper ten opzichte van de wederverkoper. Bij ontbreken van toepasselijke nationale of Europese wetgeving, vormen deze garantievoorwaarden het enige en uitsluitende rechtsmiddel; noch Chamberlain, noch haar filialen of distributeurs zijn aansprakelijk voor enige secundaire of indirect volgende schade betreffende uitdrukkelijke of geïmpliceerde garanties met betrekking tot dit produkt. Geen enkele vertegenwoordiger of andere persoon is gemachtigd om de aansprakelijkheid van Chamberlain in verband met de verkoop van dit produkt te wijzigen of uit te breiden. 114A2802F-NL Aandrijfmechanisme Aandrijving ......................Ketting/riem met tweedelige trolley op een stalen rail. Slaglengte.......................Afstelbaar tot 2,3m. Loopsnelheid ..................127-178mm per seconde. Lamp...............................gaat aan als de deur in beweging komt, gaat uit 2-1/2 min. na stilstand. Koppeling aan deur ........Verstelbare deurarm. Loskoppeling slede d.m.v. trekkoord. Veiligheidsvoorzieningen Personen ........................Toetsdruk en automatische omkering bij omlaagbeweging. Toetsdruk en automatische stop bij omkeerfunctie. Elektronisch ....................Automatische krachtinstelling. Elektrisch ........................Transformator met overbelastingsbeveiliging en laagspanningsbedrading met drukknop. Begrenzingsinrichting .....Optische RPM/Passpoint-detector. Afstelling eindstanden ....Elektronisch, semi-automatisch en volautomatisch. Startcircuit .......................Laagspanningscircuit met drukknop. Afmetingen Totale lengte ...................3,2m Benodigde bovenruimte ....................30mm Hangend gewicht............14,5kg Ontvanger Geheugenregisters .........12 Bedieningsfrequentie ......433,92MHz N.B: .Chamberlain adviseert met nadruk dat het beveiligingssysteem op alle garagedeuropeners moet worden geïnstalleerd. Ve r k l a r i n g v a n o v e r e e n s t e m m i n g De ondergetekende verklaart hierbij dat de gespecificeerde apparatuur en alle accessoires voldoen aan de vermelde richtlijnen en normen. Model: ....................................................................................ML700, ML750, ML850  89/336/EEC  73/23/EEC  1999/5/EC EN55014-1 (2000), EN55014-2 (1997), EN61000-3-2 (2000), EN61000-3-3 (1995), EN 301 489-3 (V1.3.1), EN 300 220-3 (V1.1.1), EN60335-1 (1994), en EN60335-2-95 (2000) Inbouwverklaring Een elektrische garagedeuropener, in combinatie met een garagedeur, moet worden geïnstalleerd en onderhouden overeenkomstig alle instructies van de fabrikant, om aan de bepalingen van de EN12453, EN13241-1 en Machinerichtlijn 89/392/EEG te voldoen. B. P. Kelkhoff Manager, Regulatory Affairs THE CHAMBERLAIN GROUP, INC. 845 Larch Ave. Elmhurst, IL 60126 USA May, 2005 © 2006, Chamberlain GmbH 8-NL Motor Type ................................Gelijkstroomtandwielmotor met permanente smering.
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44

Chamberlain ML750 de handleiding

Categorie
Garagedeuropener
Type
de handleiding
Deze handleiding is ook geschikt voor