Eurochron EFWS 302 de handleiding

Categorie
Weerstations
Type
de handleiding
95
INHOUDSOPGAVE
Pagina
1. Inleiding ......................................................................................................................... 97
2. Voorgeschreven gebruik ............................................................................................ 98
3. Leveringsomvang ........................................................................................................ 99
4. Verklaring van symbolen ........................................................................................... 99
5. Eigenschappen en functies ..................................................................................... 100
a) Weerstation ........................................................................................................... 100
b) Buitensensor ......................................................................................................... 100
6. Veiligheidsvoorschriften ............................................................................................ 101
7. Batterij- en accuvoorschriften ................................................................................. 102
8. Bedieningselementen ............................................................................................... 104
a) Weerstation ........................................................................................................... 104
b) Buitensensor ......................................................................................................... 105
9. Ingebruikname ........................................................................................................... 106
a) Buitensensor ......................................................................................................... 106
b) Weerstation ............................................................................................................ 107
10. DCF-ontvangst ............................................................................................................ 108
11. Bediening ..................................................................................................................... 109
a) Tijd handmatig instellen ..................................................................................... 109
b) 12/24u-weergave omschakelen ........................................................................ 109
c) Wektijd instellen ...................................................................................................... 111
d) Wekfunctie in-/uitschakelen ................................................................................. 111
e) Weksignaal beëindigen, sluimerfunctie ............................................................ 112
f) Luchtdrukverloop van de laatste 24 uur weergeven ..................................... 112
g) Meeteenheid voor de luchtdruk selecteren ..................................................... 112
h) Relatieve/absolute luchtdruk omschakelen/instellen ................................... 113
i) Weervoorspellingsfunctie .................................................................................... 114
j) Temperatuureenheid °C/°F selecteren ............................................................ 115
k) Buitensensor selecteren ...................................................................................... 116
96
Pagina
l) Maximum-/minimumwaarden weergeven ........................................................ 116
m) Maximum-/minimumwaarden wissen ................................................................ 116
n) Tendensweergaves ................................................................................................ 117
o) Achtergrondverlichting activeren ...................................................................... 117
p) Weerstation resetten ............................................................................................ 117
q) Buitensensor resetten .......................................................................................... 117
12. Batterijen vervangen .................................................................................................. 118
a) Weerstation ............................................................................................................. 118
b) Buitensensor ........................................................................................................... 118
13. Verhelpen van storingen ............................................................................................ 119
14. Bereik ............................................................................................................................. 121
15. Onderhoud en reiniging ............................................................................................ 122
16. Afvalverwijdering ....................................................................................................... 123
a) Algemeen ................................................................................................................ 123
b) Batterijen en accu´s ............................................................................................ 123
17. Conformiteitsverklaring (DOC) ................................................................................ 123
18. Technische gegevens ................................................................................................. 124
a) Weerstation ............................................................................................................ 124
b) Buitensensor .......................................................................................................... 125
97
1. INLEIDING
Geachte klant,
Hartelijk dank voor de aanschaf van dit product.
Dit product voldoet aan de wettelijke nationale en Europese voorschriften.
Volg de instructies van de gebruiksaanwijzing op om de toestand van het apparaat
te handhaven en een ongevaarlijke werking te garanderen!
Deze gebruiksaanwijzing hoort bij dit product. Ze bevat belangrijke
aanwijzingen over het in gebruik nemen en het onderhoud. Neem deze
instructies in acht, ook wanneer u het product aan derden doorgeeft.
Bewaar deze handleiding om haar achteraf te raadplegen !
Alle voorkomende bedrijfsnamen en productaanduidingen zijn handelsmerken van
de betreffende eigenaren. Alle rechten voorbehouden.
Bij technische vragen kunt u zich wenden tot onze helpdesk.
Voor meer informatie kunt u kijken op www.conrad.nl of www.conrad.be.
98
2. VOORGESCHREVEN GEBRUIK
Het weerstation dient voor het weergeven van verschillende meetwaarden, vb. de
binnen-/buitentemperatuur, de luchtvochtigheid binnen en buiten en de luchtdruk.
Verder berekent het weerstation via een interne luchtdruksensor en de registratie
van de luchtdrukveranderingen een weervoorspelling, die weergegeven wordt op
het display aan de hand van grafische symbolen.
Tijd en datum kunnen via DCF-tijdseinsignaal automatisch worden ingesteld. Manuele
afstelling is echter ook mogelijk (vb. bij ontvangstproblemen).
De meetgegevens van de buitensensor worden draadloos naar het weerstation
overgedragen.
(
Een lijst met alle eigenschappen en kenmerken van het product vindt u in
hoofdstuk 5.
De fabrikant is niet verantwoordelijk voor incorrecte weergaven, meetwaarden of
weervoorspellingen en de gevolgen die hieruit kunnen ontstaan.
Het product is bedoeld voor privé gebruik. Het is niet geschikt voor medische
doeleinden of voor publieksinformatie.
De onderdelen van dit product zijn geen speelgoed. Het bevat breekbare en inslikbare
glazen en kleine onderdelen en batterijen. Houd het product buiten bereik van
kinderen!
Gebruik u alle onderdelen zodanig, dat ze niet door kinderen kunnen worden bereikt.
Het product wordt via batterijen aangedreven.
Een ander gebruik dan het hierboven beschreven kan leiden tot beschadiging van
het product. Er bestaan ook nog andere gevaren.
Lees deze gebruiksaanwijzing volledig en aandachtig door; deze bevat belangrijke
instructies voor de plaatsing, bediening en het gebruik. Neem alle veiligheids-
voorschriften in acht!
99
3. LEVERINGSOMVANG
Weerstation
Voet voor weerstation
Buitensensor voor meting van de temperatuur/luchtvochtigheid
Bedieningshandleiding
4. VERKLARING VAN SYMBOLEN
Het symbool met het uitroepteken in een driehoek wijst op belangrijke
aanwijzingen in deze gebruiksaanwijzing die in ieder geval moeten worden
opgevolgd.
(
Het "hand"-symbool vindt u bij bijzondere tips of instructies voor de
bediening.
100
5. EIGENSCHAPPEN EN FUNCTIES
a) Weerstation
Aangedreven via 2 batterijen van het type AA/mignon
DCF-tijd-/datumweergave, handmatige instelling mogelijk
12/24-uurs tijdweergave omschakelbaar
Wekfunctie met sluimermodus, 2 wektijden
Weergave van de binnen- en buitentemperatuur
Weergave van de luchtvochtigheid binnen en buiten
Temperatuurweergave in graden Celsius (°C) of graden Fahrenheit (°F)
omschakelbaar
Opslaan van de maximum- en minimumwaarde
Weergave van de actuele luchtdruk
Symbolen voor weervoorspelling (berekening via opname van het luchtdruk-
verloop)
Tendensweergave voor binnen-/buitentemperatuur, luchtvochtigheid binnen en
buiten en luchtdruk
Tot 3 buitensensoren omschakelbaar (één bevindt zich in de leveringsomvang,
max. 2 andere kunnen als accessoire worden besteld)
Achtergrondverlichting voor LC-display (bij druk op een toets)
Tafelstand (voet met magneethouder in leveringsomvang) of wandmontage
mogelijk
Geschikt voor een gebruik in droge, gesloten binnenruimtes
b) Buitensensor
Aangedreven via 2 batterijen van het type AA/mignon
Draadloze overdracht van de meetwaarden van temperatuur en luchtvochtigheid
naar het weerstation
LC-display voor de weergave van temperatuur en luchtvochtigheid (weergave
wisselt automatisch) en kanaalnummer
Wandmontage of opstelling mogelijk
Geschikt voor een beschutte plek buitenshuis
101
6. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
Bij schade veroorzaakt door het niet opvolgen van de gebruiksaanwijzing,
vervalt het recht op garantie! Voor vervolgschade die hieruit ontstaat,
zijn wij niet aansprakelijk!
Voor materiële schade of persoonlijk letsel veroorzaakt door ondes-
kundig gebruik of het niet in acht nemen van de veiligheidsvoorschriften,
zijn wij niet aansprakelijk! In dergelijke gevallen vervalt het recht op
garantie.
Geachte klant,
Deze veiligheidsvoorschriften hebben niet alleen de bescherming van het
product, maar ook van uw gezondheid en die van andere personen tot doel.
Lees daarom dit hoofdstuk zeer aandachtig door voordat u het product
gebruikt!
Om veiligheids- en keuringsredenen (CE) is het eigenmachtig ombouwen en/of
veranderen van het product niet toegestaan. Open of demonteer het niet
(behoudens het in deze handleiding plaatsen/vervangen van de batterijen)
U mag het product alleen door een vakman of een reparatiedienst laten
onderhouden, instellen en repareren.
Gebruik dit product niet in ziekenhuizen of medische inrichtingen. Alhoewel de
buitensensor enkel relatief zwakke radiosignalen uitzendt, kan dit
functiestoringen bij levensbehoudende systemen veroorzaken. Hetzelfde geldt
mogelijk in andere bereiken.
Het product is geen speelgoed, en is niet geschikt voor kinderen. Het bevat
kleine onderdelen, glas (scherm) en batterijen. Plaats het product zodanig dat
het door kinderen niet kan worden bereikt.
Het weerstation is alleen geschikt voor droge, gesloten binnenruimtes. U mag
het weerstation niet blootstellen aan direct zonlicht, grote hitte, koude,
vochtigheid of nattigheid, anders raakt het beschadigd.
De buitensensor is geschikt voor een gebruik op een beschutte plek buitenshuis.
Hij mag echter niet in of onder water worden gebruikt aangezien hij hierdoor
wordt vernietigd.
Gebruik het product uitsluitend in een gematigd klimaat; niet in een tropisch
klimaat.
Wanneer het product van een koude in een warme ruimte wordt gebracht (vb.
bij transport), kan condenswater ontstaan. Hierdoor kan het product worden
beschadigd.
102
Laat het product daarom eerst op kamertemperatuur komen vooraleer u het
gebruikt. Dit kan soms meerdere uren duren.
In scholen, opleidingscentra, hobby- en zelfhulpgroepen moet het gebruik van
het product worden overzien door geschoold personeel.
Laat het verpakkingsmateriaal niet achteloos liggen. Dit kan voor kinderen
gevaarlijk speelgoed zijn.
Behandel het product voorzichtig, door stoten, schokken of een val - zelfs van
geringe hoogte - kan het beschadigen.
7. BATTERIJ- EN ACCUVOORSCHRIFTEN
(
U kunt het weerstation en de buitensensor principieel ook met accu´s
gebruiken.
Door de lagere spanning van accu´s (accu = 1,2V, batterij = 1,5V) en de klei-
nere capaciteit zal de bedrijfsduur wel korter zijn, terwijl ook het radiobereik
mogelijk kleiner wordt. Bovendien zijn accu's temperatuurgevoeliger dan
batterijen. Wanneer u ondanks deze beperkingen accu's wilt gebruiken, moet
u speciale NiMH-accu's met geringe zelfontlading gebruiken.
We adviseren u bij voorkeur alkaline-batterijen te gebruiken om een langdurig
en veilig bedrijf mogelijk te maken.
Voor het weerstation zijn 2 batterijen van het type AA/mignon nodig. Voor
de buitensensor zijn ook 2 batterijen van het type AA/mignon nodig.
Houd batterijen/accu´s buiten het bereik van kinderen.
Let bij het plaatsen van de batterijen/accu's op de juiste polariteit (kijk goed
naar plus/+ en min/-).
Laat batterijen/accu's niet rondslingeren; kinderen of huisdieren zouden ze
kunnen inslikken. Raadpleeg bij inslikken onmiddellijk een arts.
Lekkende of beschadigde batterijen/accu's kunnen bij contact met de huid
verwondingen veroorzaken. Draag daarom in dit geval geschikte veiligheids-
handschoenen.
Zorg ervoor dat batterijen/accu´s niet worden kortgesloten, gedemonteerd of
in vuur worden geworpen. Er bestaat explosiegevaar!
Gewone niet-oplaadbare batterijen mogen niet worden opgeladen. Er bestaat
explosiegevaar! U mag uitsluitend oplaadbare accu´s opladen. Gebruik een
geschikte oplader.
103
Indien u het product gedurende langere tijd niet gebruikt (vb. tijdens de opslag)
dient u de batterijen/accu's uit het apparaat te verwijderen. Oude batterijen/
accu´s kunnen namelijk lekken en het product beschadigen. Hierdoor zal de
garantie vervallen!
Vervang altijd hele sets batterijen/accu's en gebruik uitsluitend batterijen/accu's
van hetzelfde type, dezelfde fabrikant en dezelfde laadtoestand (geen volle met
halfvolle of lege batterijen/accu's mengen).
Meng batterijen niet met accu's. Gebruik ofwel batterijen ofwel accu's.
Voor het verwijderen van batterijen en accu´s volgens de milieuvoorschriften
verwijzen wij u naar het hoofdstuk "Afvalverwijdering".
104
8. BEDIENINGSELEMENTEN
a) Weerstation
1 Toets "SNOOZE/LIGHT" voor sluimermodus/verlichting
2 Weergave voor luchtdruk, luchtdruktendens, weervoorspelling
3 Weergave van buitentemperatuur/luchtvochtigheid buiten ("OUT")
4 Weergave van de binnentemperatuur/luchtvochtigheid binnen ("IN")
5 Weergave van tijd/datum/wektijd
6Toets ""
7Toets ""
8 Toets "MAX/MIN" voor weergave van de maximum-/minimumwaarden
9 Toets "ALM"
10 Toets "TIME"
11 Toets "°C/°F" voor de selectie van de temperatuureenheid
12 Toets "HISTORY" voor de weergave van de luchtdrukwaarden van de voorbije
24 uur
105
13 Gat voor wandmontage
14 Toets "mb-hpa/inHg" voor de selectie van de luchtdrukeenheid
15 Toets "RESET" voor het resetten van het weerstation
16 Batterijvak voor 2 batterijen van het type AA/mignon
17 Voet met magneethouder
b) Buitensensor
18 LED (knippert kort bij draadloze overdracht)
19 LCD-display voor weergave van de temperatuur/luchtvochtigheid en het
ingestelde kanaalnummer
20 Toets "RESET" voor het resetten van de buitensensor
21 Gat voor wandmontage
22 Schakelaar voor zendkanaal (kanaal 1, 2 of 3); op kanaal 1 instellen wanneer
slechts één buitensensor wordt gebruikt
23 Batterijvak voor 2 batterijen van het type AA/mignon
24 Batterijvakdeksel met geïntegreerde voet
106
9. INGEBRUIKNAME
a) Buitensensor
Open het batterijvak aan de achterzijde van de buitensensor door het deksel
van het batterijvak (24) naar onder te schuiven.
(
Controleer de schakelaar (22) voor het zendkanaal.
Wanneer u slechts één enkele buitensensor gebruikt dan stelt u de
schuifschakelaar op positie "1" (kanaal 1).
Een tweede of derde buitensensor (als accessoire verkrijgbaar) moet op
kanaal 2 of 3 worden ingesteld. Gebruik voor elke van de tot drie
buitensensoren een eigen kanaalnummer!
Nadat u het zendkanaal heeft geselecteerd, plaatst u aansluitend twee batterijen
van het type AA/mignon met de juiste polariteit in het batterijvak (23) van de
buitensensor (let op plus/+ en min/-).
Wanneer u het zendkanaal wilt omschakelen, verwijdert u eerst de batterijen.
Anders herkent de buitensensor niet dat het zendkanaal werd omgeschakeld!
Sluit het batterijvak weer.
De buitensensor kan via het gat voor de wandmontage (21) aan een nagel, haak
of schroef worden opgehangen.
Door de afgevlakte onderzijde van het batterijvakdeksel (24) kan de buitensensor
ook op een effen oppervlak worden geplaatst.
Let op dat de buitensensor niet naar beneden valt; daardoor raakt hij beschadigd.
(
De buitensensor is geschikt voor een gebruik op een beschutte plek
buitenshuis. Hij moet zo worden geplaatst dat hij niet aan direct zonlicht
noch regen/sneeuw is blootgesteld aangezien hij anders tot verkeerde
meetwaarden komt.
Let bovendien voor de positie van de buitensensor en het weerstation op
hoofdstuk "14. Bereik".
Dompel de buitensensor nooit in water onder; hierdoor wordt deze vernietigd!
107
b) Weerstation
Open het batterijvak aan de achterzijde van het weerstation door het deksel
van het batterijvak (24) naar onder te schuiven.
Plaats aansluitend twee batterijen van het type AA/mignon met de juiste
polariteit in het batterijvak (16) van het weerstation (let op plus/+ en min/-).
Sluit het batterijvak weer.
Nadat u de batterijen heeft geplaatst, toont het weerstation kort alle display-
segmenten.
Kort daarop verschijnt de binnentemperatuur; daarna begint het weerstation
naar de buitensensoren te zoeken. Daarbij knippert het kanaalnummer voor de
buitensensor op het scherm. Het zoeken naar sensoren duurt ongeveer 5
minuten. Beweeg het weerstation in deze tijd niet; druk op geen enkele toets.
Aansluitend onderneemt het weerstation het eerste ontvangstverzoek voor het
DCF-signaal; het symbool "
" knippert rechtsonder op het scherm (als een
DCF-signaal wordt herkend).
Het DCF-ontvangstverzoek kan 5 minuten of langer duren. Beweeg het
weerstation in deze tijd niet; druk op geen enkele toets.
Let voor de DCF-ontvangst op hoofdstuk 10.
Het weerstation kan via het gat voor de wandmontage (13) aan een nagel, haak
of schroef worden opgehangen.
Aan de hand van de meegeleverde voet (17) kan het weerstation op een effen,
stabiel oppervlak worden geplaatst. Plaats het weerstation in de groefvormige
stelplaats van de voet. Een in de voet geïntegreerde magneet fixeert daarop
het weerstation.
Door deze techniek kan het weerstation zeer makkelijk van de voet worden
afgenomen.
(
Let bovendien voor de positie van de buitensensor en het weerstation op
hoofdstuk "14. Bereik".
108
10. DCF-ONTVANGST
Bij het DCF-signaal gaat het om een signaal dat
door een zender in Mainflingen (in de buurt van
Frankfurt am Main) wordt uitgezonden. Zijn
bereik bedraagt tot 1500 km, bij ideale
ontvangstomstandigheden zelfs tot 2000 km.
Het DCF-signaal bevat o.a. de precieze tijd
(afwijking theoretisch 1 seconden per miljoen
jaar!) en de datum.
Uiteraard valt ook het omstandige handmatige
instellen van de zomer- en wintertijd aan het
weerstation weg, aangezien de tijdsomstelling
automatisch wordt uitgevoerd.
Bij zomertijd verschijnt op de display rechts naast de klok de aanduiding "DST" (=
"Daylight Saving Time" = zomertijd).
Het eerste DCF-ontvangstverzoek wordt uitgevoerd (symbool "
" knippert recht-
sonder op het scherm als een DCF-signaal wordt herkend), wanneer u batterijen in
het weerstation plaatst en het weerstation na 5 minuten het zoeken naar
buitensensoren heeft afgesloten.
(
Het zoeken naar het DCF-signaal en de evaluatie hiervan duurt minstens 5
minuten. Beweeg het weerstation in deze tijd niet; druk op geen enkele toets.
Verdere ontvangstpogingen worden om 02:00u en 17:00u uitgevoerd. Slechts één
enkele succesvolle ontvangst per dag houdt de afwijking van de in het weerstation
geïntegreerde kwartsklok onder de één seconde.
Wanneer er bij de eerste ingebruikname omwille van ontvangstproblemen ook na
10 minuten geen correcte tijd wordt weergegeven, start u een nieuw
ontvangstpoging. Daartoe drukt u ofwel kort op de toets "RESET" (15) aan de
achterzijde van het weerstation of verwijdert u gedurende een paar seconden de
beide batterijen.
(
Als op de opstelplaats van het weerstation geen DCF-ontvangst mogelijk is,
dan stelt u de tijd handmatig in; zie hoofdstuk 11. a).
109
11. BEDIENING
a) Tijd manueel instellen
Houd in de normale tijdsweergave de toets "TIME" (10) gedurende ongeveer 2
seconden ingedrukt tot het jaar knippert.
Stel het jaar met de toetsen "" (6) of "" (7) in (voor snelle verstelling telkens
de toets langer ingedrukt houden).
Druk kort op de toets "TIME" (10), de maand knippert.
Stel de maand met de toetsen "" (6) of "" (7) in (voor snelle verstelling
telkens de toets langer ingedrukt houden).
Druk kort op de toets "TIME" (10), de datum knippert.
Stel de datum met de toetsen "" (6) of "" (7) in (voor snelle verstelling
telkens de toets langer ingedrukt houden).
Druk kort op de toets "TIME" (10), de aanduiding "DST ON" knippert. Hier kunt
u instellen of de zomer-/wintertijd al of niet automatisch moet worden
omgeschakeld.
Selecteer met de toetsen "" (6) of "" (7) tussen "ON" (automatische
omschakeling geactiveerd) of "OFF" (automatische omschakeling
gedeactiveerd).
Druk kort op de toets "TIME" (10), de uren knipperen.
Stel de uren met de toetsen "" (6) of "" (7) in (voor snelle verstelling telkens
de toets langer ingedrukt houden).
Druk kort op de toets "TIME" (10), de minuten knipperen.
Stel de minuten met de toetsen "" (6) of "" (7) in (voor snelle verstelling
telkens de toets langer ingedrukt houden).
Druk kort op de toets "TIME" (10), de seconden knipperen.
Door op de toets "" (6) of "" (7) te drukken worden de seconden op "00"
teruggezet.
Druk kort op de toets "TIME" (10), de taal voor de weergave van de weekdag
knippert.
110
Met de toetsen "" (6) of "" (7) kunt u nu de taal voor de weergave van de
weekdag selecteren:
"DE" = Duits
"GB" = Engels
"FR" = Frans
"ES" = Spaans
"IT" = Italiaans
Druk kort op de toets "TIME" (10), de uurweergave voor de tijdzone knippert.
Stel de tijdzone met de toetsen "" (6) of "" (7) in (voor snelle verstelling
telkens de toets langer ingedrukt houden).
Er is een instelling van -23 tot +23 uur mogelijk.
Beëindig de instelmodus door kort op de toets "TIME" (10) te drukken.
De instelmodus wordt automatisch beëindigd (en alle instellingen opgeslagen)
wanneer er gedurende 30 seconden geen enkele toets wordt ingedrukt.
(
Wanneer het weerstation bij de dagelijkse ontvangstpogingen een
storingsvrij DCF-signaal herkent, wordt het uur opnieuw automatisch
ingesteld.
b) 12u/24u-weergave omschakelen
Druk kort op de toets "" (7) om tussen de 12u- en 24u-modus van de tijd om te
schakelen.
(
Bij de 12u-aanduiding verschijnt links naar de tijd in de eerste daghelft de
melding "AM" en in de tweede daghelft "PM".
111
c) Wektijd instellen
Bij het weerstation kunt u twee verschillende wektijden selecteren.
Druk daarom in de normale tijdsaanduiding kort op de toets "TIME" (10), recht-
sonder wisselt de weergave tussen "ALM1" en "ALM2".
Nadat u één van beide wektijden heeft geselecteerd, houdt u de toets "ALM"
(9) gedurende ca. 2 seconden ingedrukt tot de uren van de wektijd knipperen.
Stel de uren van de wektijd met de toetsen "" (6) of "" (7) in (voor snelle
verstelling telkens de toets langer ingedrukt houden).
Druk kort op de toets "TIME" (9), de minuten van de wektijd knipperen.
Stel de minuten van de wektijd met de toetsen "" (6) of "" (7) in (voor snelle
verstelling telkens de toets langer ingedrukt houden).
Druk kort op de toets "ALM" (9), het symbool " " voor het temperatuur-
vooralarm knippert links naast de wektijd.
(
Het temperatuur-vooralarm wordt 30 minuten voor de normale wektijd
geactiveerd wanneer de buitentemperatuur op dit moment lager is dan
-3 °C (26 °F).
Het temperatuur-vooralarm is natuurlijk alleen mogelijk wanneer de
overeenkomstige wekfunctie (wektijd 1 of 2) is ingeschakeld.
Schakel met de toetsen "" (6) of "" (7) het temperatuur-vooralarm in ("ON")
of uit ("OFF").
Beëindig de instelmodus door kort op de toets "ALM" (9) te drukken.
De instelmodus wordt automatisch beëindigd (en alle instellingen opgeslagen)
wanneer er gedurende 30 seconden geen enkele toets wordt ingedrukt.
d) Wekfunctie in-/uitschakelen
Druk in de normale tijdsweergave meermaals kort op de toets "ALM" (9) om wektijd
1 en/of wektijd 2 in of uit te schakelen:
"
1" wektijd 1 ingeschakeld
"
2" wektijd 2 ingeschakeld
"
1" en " 2" wektijd 1 en 2 ingeschakeld
Geen symbool wekfunctie uitgeschakeld
112
e) Weksignaal beëindigen, sluimerfunctie
Het weksignaal wordt voor de ingestelde wektijd uitgegeven.
Indien u echter drukt op de toets "SNOOZE/LIGHT", wordt het weksignaal gedurende
5 minuten onderbroken en nadien opnieuw gestart (sluimerfunctie, snooze). Het
symbool voor de overeenkomstige wektijd ("
1" of " 2") knippert.
Om het weksignaal of de sluimerfunctie te beëindigen, drukt u kort op de toets
"ALM" (9).
f) Luhtdrukverloop van de laatste 24 uur weergeven
Het weerstation slaat de gemiddelde waarde van de luchtdruk van de laatste 24
uur op.
Door meermaals kort op de toets "HISTORY" (12) te drukken, kunt u de
luchtdrukwaarde linksboven op het scherm weergeven (toets voor snel verstellen
langer ingedrukt houden).
Links naast de luchtdrukwaarde verschijnt de aanduiding "HISTORY" en het
bijhorende uur (0.....-24u).
(
Om naar de actuele weergave van de luchtdrukwaarde terug te keren, kunt
u ofwel de toets "HISTORY" (12) zo vaak indrukken tot de aanduiding
"HISTORY" opnieuw verdwijnt (bij "0" uur) of drukt u gedurende ongeveer
30 seconden op geen enkele toets.
g) Meeteenheid voor de luchtdruk selecteren
Druk kort op de toets "mb-hpa/inHg" (14) op de achterzijde van het weerstation om
de meeteenheid tussen "mb/hPa" (millibar/hectopascal) en "inHg" (tol kwikzuil)
om te schakelen.
113
h) Relatieve/absolute luchtdruk omschakelen/instellen
Linksboven op het scherm van het weerstation kan de relatieve of absolute luchtdruk
worden weergegeven.
Relatieve luchtdruk (aanduiding "rel" op het scherm):
Omgerekende luchtdruk op zeeniveau, komt vb. overeen de luchtdrukwaarden die
u vb. via de radio krijgt; de gemiddelde luchtdruk op zeeniveau bedraagt 1013 mb/
hPa (29,91 inHg)
Absolute luchtdruk (aanduiding "abs" op het scherm):
Luchtdrukwaarde die op de opstelplaats van het weerstation wordt gemeten
Ga voor het omschakelen of instellen als volgt tewerk:
Houd de toets "mb-hpa/inHg" (14) op de achterzijde van het weerstation
gedurende ca. 2 seconden ingedrukt tot de weergave "rel" of "abs" knippert.
Schakel met de toetsen "" (6) of "" (7) tussen de relatieve luchtdruk ("rel")
en de absolute luchtdruk ("abs") om.
Wanneer de relatieve luchtdruk wordt weergegeven, drukt u kort op de toets
"mb-hpa/inHg" (14).
Met de toetsen "" (6) of "" (7) kan nu de waarde van de relatieve luchtdruk
worden gecorrigeerd, vb. wanneer u voor de regio waarin het weerstation wordt
gebruikt, een precieze luchtdrukwaarde kent.
(
Wanneer de absolute luchtdruk op het scherm wordt weergegeven
(aanduiding "abs" boven de luchtdrukwaarde), kan deze waarde niet worden
gecorrigeerd. Schakel eerst naar de relatieve luchtdrukwaarde (aanduiding
"rel") om.
Beëindig de instelmodus door kort op de toets "mb-hpa/inHg" (14) te drukken.
De instelmodus wordt automatisch beëindigd (en alle instellingen opgeslagen)
wanneer er gedurende 30 seconden geen enkele toets wordt ingedrukt.
114
i) Weervoorspellingsfunctie
De weervoorspelling van het weerstation is een van de meest interessante
eigenschappen. Alhoewel het weerstation natuurlijk niet de plaats kan innemen
van de professionele weervoorspellingen door hooggekwalificeerde meteorologen
op de radio, televisie of op internet, is het verbazingwekkend dat enkel op basis van
de meting en observatie van de luchtdruk van de voorbije dagen een nauwkeurigheid
van ca. 70-75% bereikt kan worden.
Zonnig Licht bewolkt Bewolkt Regenachtig
In verband met de symbolen en hun betekenis willen wij u graag nog de volgende
verklaringen geven:
Wanneer 's nachts "zonnig" wordt aangeduid, betekent dit een heldere nacht.
Bij buitentemperaturen onder de -3 °C (26 °F) worden bij neerslag
sneeuwsymbolen getoond.
De weergave geeft niet de actuele weersomstandigheden weer, het gaat om
een voorspelling voor de komende uren.
De voorspelling is in 3 schermsegmenten onderverdeeld. Het grote hoofdscherm
toont de voorspelling voor de volgende 24 uur, de beide kleine afbeeldingen zijn
de voorspelling voor de volgende 48 of 72 uur.
De berekening van de weervoorspelling uitsluitend op basis van de luchtdruk
geeft slechts een maximale nauwkeurigheid van ongeveer 70-75% voor de
volgende 24 uur. Het werkelijke weer op de volgende dag kan daarom volledig
anders zijn.
Aangezien de gemeten luchtdruk slechts voor een gebied met een diameter
van ongeveer 50 km geldt, kan het weer zich ook snel veranderen. Dit geldt
vooral in berg- of hooggebergteketens.
Vertrouw daarom nooit op de weervoorspelling van het weerstation, anders
informeert u zich ter plaatse, wanneer u vb. een bergwandeling wilt maken.
115
Bij plotse of grote veranderingen van de luchtdruk worden de symbolen
bijgewerkt om de weersverandering aan te geven. Als de weergavesymbolen
niet wisselen dan is de luchtdruk ofwel niet veranderd, ofwel is de verandering
zo langzaam ingetreden dat deze door het weerstation niet kon worden
geregistreerd.
De symbolen geven een weersverbetering of -verslechtering aan, wat echter
niet absoluut (zoals door de symbolen aangeduid) zon of regen.
Als het huidige weer, bijvoorbeeld bewolkt is en er wordt regen aangeduid, dan
wijst dit niet op een fout van het apparaat, maar geeft het aan dat de luchtdruk
is gezakt en een weersverslechtering moet worden verwacht, waarbij het ech-
ter niet absoluut om regels moet handelen.
Na de eerste in bedrijfname moet er met de voorspellingen voor de eerste 12
tot 24 uren geen rekening worden gehouden, omdat het weerstation eerst over
deze periode op eenzelfde hoogte boven de zeespiegel luchtdrukinformatie moet
inzamelen, om een nauwkeuriger voorspelling te kunnen maken.
Als u het weerstation naar een plaats brengt die duidelijk hoger of lager ligt
dan de oorspronkelijk standplaats (vb. van de benedenverdieping naar de
bovenste verdiepingen van een huis) dan kan het weerstation dit als weerstation
herkennen.
j) Temperatuureenheid °C/°F selecteren
Druk in de normale weergave (niet als instelmodus) kort op de toets "°C/°F" (11), zo
wordt tussen de temperatuureenheid "°C" (graden Celsius) en "F" (graden Fahren-
heit) omgeschakeld.
116
k) Buitensensor selecteren
Het weerstation kan de meetgegevens van tot 3 buitensensoren weergeven (op de
buitensensor is in de leveringsomvang, verdere buitensensoren zijn als toebehoren
verkrijgbaar).
Druk in de normale weergave (niet in een instelmodus) kort op de toets "" (6) en
zo worden de meetgegevens telkens na de volgende buitensensor aangeduid
(1 -> 2 -> 3 -> 1 -> .....).
(
Het wisselen tussen de buitensensoren kan ook automatisch gebruiken. Houd
de toets "" (6) ca. 3 seconden lang ingedrukt tot u een geluidssignaal
hoort.
Het weerstation schakelt nu de weergave van de buitentemperatuur/
luchtvochtigheid automatisch om (gegevens van niet beschikbare sensoren
worden als streepje ("--") aangeduid.
Om het automatische omschakelen te beëindigen, druk kort op de toets
"" (6).
l) Maximum-/minimumwaarden weergeven
Druk kort op de toets "MAX/MIN" (8) om de maximumwaarden van de binnen-
en buitentemperatuur en de luchtvochtigheid binnen en buiten weer te geven.
Links naast de temperatuurwaarde verschijnt de aanduiding "MAX".
Druk nogmaals kort op de toets "MAX/MIN" (8) om de minimumwaarden van de
binnen- en buitentemperatuur en de luchtvochtigheid binnen en buiten weer te
geven.
Links naast de temperatuurwaarde verschijnt de aanduiding "MIN".
Druk opnieuw op de toets "MAX/MIN" (8) om naar de normale weergave terug
te keren.
m) Maximum-/minimumwaarden wissen
Houd de toets "MAX/MIN" (8) ca. 3 seconden lang ingedrukt tot u een kort
geluidssignaal hoort.
De waarden worden daarop teruggezet.
(
Als nieuwe maximum- en minimumwaarden worden de actuele meetwaarden
overgenomen tot deze opnieuw veranderen.
117
n) Tendensweergaves
Voor de luchtdruk, binnen-/buitentemperatuur en de luchtvochtigheid binnen en
buiten vindt u telkens naast de meetwaarden of symbolen een tendensweergave.
Deze verduidelijkt met een grafisch symbool of de overeenkomstige waarde stijgt,
gelijk blijft of daalt.
Stijgend Gelijkblijvend Dalend
o) Achtergrondverlichting activeren
De achtergrondverlichting van het scherm van het weerstation wordt automatisch
gedurende 5 seconden geactiveerd wanneer u op een willekeurige toets drukt.
Daarna dooft de achtergrondverlichting opnieuw uit om stroom te besparen.
p) Weerstation resetten
Wanneer u het weerstation wilt terugzetten (vb. om opnieuw naar de buitensensor
of het DCF-signaal te zoeken) dan drukt u kort met een tandenstoker op de toets
"RESET" (15) op de achterzijde van het weerstation.
Anders kunt u beide batterijen gedurende enkele seconden uit het weerstation
verwijderen.
q) Buitensensor resetten
Druk kort met een tandenstoker op de toets "RESET" (20) binnen in het batterijvak
van de buitensensor. Dit kan nodig zijn wanneer er na het plaatsen van de batterijen
vreemde tekens op het scherm verschijnen.
Anders kunt u beide batterijen gedurende enkele seconden uit de buitensensor
verwijderen.
TENDENCYTENDENCY TENDENCY
118
12. BATTERIJEN VERVANGEN
a) Weerstation
Een batterijwissel is nodig wanneer het schermcontrast heel zwak is of de aanduiding
bijna verdwijnt wanneer u de displayverlichting activeert.
Vervang de batterijen dan door nieuwe exemplaren, zie hoofdstuk 9. b).
b) Buitensensor
Bij zwakke batterijen in de buitensensor verschijnt rechts naast de aanduiding van
de buitentemperatuur het symbool "
", bij lege batterijen worden alleen nog
strepen voor de buitentemperatuur/luchtvochtigheid buiten weergegeven.
Ga voor het vervangen van de batterijen te werk zoals in hoofdstuk 9. a).
(
Wanneer het weerstation de buitensensor niet meer vindt, drukt u kort op
de toets "RESET" (15) op de achterzijde van het weerstation.
Aansluitend begint het weerstation naar de buitensensor en DCF-signaal te
zoeken.
119
13. VERHELPEN VAN STORINGEN
Met uw aankoop van dit weerstation heeft u een product aangeschaft dat volgens
de laatste stand van de techniek werd gebouwd en gebruiksveilig is. Toch kunnen
er zich problemen of storingen voordoen. Daarom willen wij hier beschrijven hoe u
mogelijke storingen kunt verhelpen.
Geen ontvangst van het signaal van de buitensensor
Wanneer het weerstation geen meetgegevens van de buitensensor ontvangt, wor-
den voor temperatuur en luchtvochtigheid enkel nog strepen ("--") op het scherm
van het weerstation weergegeven.
Let in dit geval op de volgende voorschriften:
De afstand tussen het weerstation en buitensensor is te groot. Wijzig de
opstelplaats van het weerstation of de buitensensor.
De batterijen van de buitensensor zijn te zwak of leeg. Plaats bij wijze van proef
nieuwe batterijen in de buitensensor. Controleer de aanduiding in het scherm
van de buitensensor.
Stel de eerste buitensensor altijd op kanaal 1 in. De schakelaar (22) voor de
kanaalkeuze bevindt zich in het batterijvak van de buitensensor.
Wanneer u een tweede of derde buitensensor gebruikt (als accessoire
verkrijgbaar), dan stelt u dit op kanaal 2 of 3 in. Let op dat elke buitensensor op
een ander kanaal is ingesteld anders storen de buitensensoren elkaar.
Het kanaalnummer wordt boven op het scherm van de buitensensor
weergegeven.
Heel lage buitentemperaturen (onder de -20 °C) verminderen de prestaties van
de batterijen. Daardoor neemt het bereik af of werkt de buitensensor niet meer
correct.
Een andere zender met dezelfde of een naburige frequentie stoort het signaal
van de buitensensor. Het kan helpen om de afstand tussen het weerstation en
de buitensensor te verminderen of een andere opstelplaats te kiezen.
Voorwerpen of afschermende materialen (gemetalliseerde isolatievensters,
staalbeton, etc.) verhinderen de draadloze ontvangst. Het weerstation staat te
dicht bij andere elektronische apparaten (televisietoestel, computer). Wijzig de
opstelplaats van het weerstation.
120
Geen DCF-ontvangst
Voorwerpen of afschermende materialen (gemetalliseerde isolatievensters,
staalbeton, etc.) verhinderen de ontvangst. Het weerstation staat te dicht bij
andere elektronische apparaten (televisietoestel, computer), kabels of
contactdozen. Wijzig de opstelplaats van het weerstation.
Bij de opstelling van het weerstation in een kelderruimte is het DCF-signaal te
zwak; de ontvangst is niet mogelijk. Hetzelfde geldt, wanneer het weerstation
te ver van de DCF-zender is verwijderd.
Stel het uur handmatig in.
Het weerstation voert elke dag meerdere ontvangstpogingen uit voor het DCF-
signaal (om 02:00 en 17:00 uur). Laat het weerstation daarom gewoon een dag
staan; misschien is de ontvangst op andere momenten storingsvrij.
Slechts één enkele succesvolle ontvangst per dag houdt de afwijking van de in
het weerstation geïntegreerde kwartsklok onder de één seconde.
121
14. BEREIK
Het bereik voor de draadloze overdracht van de signalen tussen de buitensensor
en het weerstation bedraagt bij optimale omstandigheden tot en met 80m.
(
Bij deze bereikaanduiding gaat het echter om de zgn. "open veld-bereik".
Deze ideale positionering (bv. weerstation en buitensensor op een gladde en vlakke
weide zonder bomen en huizen e.d.) vindt men natuurlijk nauwelijks in de praktijk.
Normaal wordt het weerstation in huis opgesteld, de buitensensor vb. onder een
carport of op de zijkant aan het venster.
Omwille van de verschillende invloeden op de draadloze overdracht kan er geen
bepaald bereik worden gegarandeerd.
Normaal is het echter mogelijk om deze in een eensgezinswoning zonder problemen
te ontvangen.
Wanneer het weerstation geen gegevens van de buitensensor ontvangt (ondanks
nieuwe batterijen), dan neemt u hoofdstuk 13 in acht.
Het bereik kan deels negatief worden beïnvloed door:
Wanden/muren, plafonds van gewapend beton
Beklede/gemetalliseerde isolatievensters, aluminium ramen, etc.
Voertuigen
Bomen, struiken, aarde, stenen
In de buurt van metalen & geleidende voorwerpen (vb. radiatoren)
In de buurt van het menselijk lichaam
Breedbandstoringen, vb. in woongebieden (DECT-telefoons, mobiele telefoons,
draadloze koptelefoons, draadloze luidsprekers, andere draadloze weerstations,
babymonitors, etc.)
In de buurt van elektrische motoren, transformatoren, netadapters
In de buurt van contactdozen, netkabels
In de buurt van slecht afgeschermde of open gebruikte computers of andere
elektrische apparaten
122
15. ONDERHOUD EN REINIGING
Voor u is het product onderhoudsvrij. Service en reparaties mogen alleen uitgevoerd
worden door een specialist/gespecialiseerde reparatieplaats. Er zijn geen
onderdelen in het binnenste van het product die door u onderhouden moeten wor-
den. U mag het product nooit openen (behalve voor het vervangen van de batterijen
zoals beschreven in deze gebruiksaanwijzing).
Voor de reiniging van de buitenzijde van het weerstation en de buitensensor volstaat
een droge, zachte en schone doek.
(
Druk niet te hard op het scherm van het weerstation of de buitensensor. Dit
kan krassen veroorzaken of leiden tot functiestoringen van het display.
U kunt stof op het weerstation met behulp van een lange, schone en zachte kwast
en een stofzuiger gemakkelijk verwijderen.
Voor het verwijderen van hardnekkiger vuil van de buitensensor kunt u een met
lauwwarm water vochtig gemaakte doek gebruiken.
Gebruik nooit agressieve reinigingsmiddelen of andere chemische
oplosmiddelen, omdat deze schade kunnen veroorzaken aan het oppervlak
of zelfs de functionering aantasten.
123
16. AFVALVERWIJDERING
a) Algemeen
Elektronische en elektrische producten mogen niet in het huishoudelijk afval
worden gegooid.
Voer het onbruikbaar geworden product in overeenstemming met de geld-
ende wettelijke bepalingen af.
b) Batterijen en accu´s
U bent als eindverbruiker volgens de KCA-voorschriften wettelijk verplicht alle lege
batterijen en accu’s in te leveren; verwijdering via het huisvuil is niet toegestaan!
Batterijen/accus die schadelijke stoffen bevatten worden gekenmerkt door
de hiernaast vermelde symbolen, die erop wijzen dat deze niet via het huisvuil
mogen worden afgevoerd.
U kunt verbruikte batterijen/accu's gratis bij de verzamelpunten van uw
gemeente, onze filialen of overal waar batterijen/accu's worden verkocht,
afgeven!
Zo voldoet u aan de wettelijke verplichtingen voor afvalscheiding en draagt u bij
aan de bescherming van het milieu.
17. CONFORMITEITSVERKLARING (DOC)
Wij, Conrad Electronic, Klaus-Conrad-Straße 1, D-92240 Hirschau, verklaren hierbij
dat dit product in overeenstemming is met de basisvereisten en andere relevante
voorschriften van Richtlijn 1999/5/EC.
(
De bij dit product behorende verklaring van conformiteit (DOC) kunt u vinden
op www.conrad.com.
124
18. TECHNISCHE GEGEVENS
a) Weerstation
Stroomvoorziening..................... 2 batterijen van het type AA/mignon
Levensduur batterij ................... ca. 1 jaar
Aantal buitensensoren .............. max. 3
Afmetingen .................................. 88 x 166 x 60 mm (b x h x d, incl. voet)
Gewicht ......................................... 263 g (incl. voet, zonder batterijen)
Temperatuursensor
Meetbereik ................................... -5 °C tot +50 °C
Resolutie....................................... 0,1 °C
Nauwkeurigheid .......................... ±1 °C
Luchtvochtigheidssensor
Meetbereik ................................... 20% tot 90% relatieve luchtvochtigheid
Resolutie....................................... 1%
Nauwkeurigheid .......................... ±8% relatieve luchtvochtigheid
Luchtdruksensor
Meetbereik ................................... 950 - 1030 mb/hPa (28,05 tot 30,41 inHg)
Meetinterval ................................ 15 minuten
125
b) Buitensensor
Stroomvoorziening..................... 2 batterijen van het type AA/mignon
Levensduur batterij ................... ca. 1 jaar
Zendfrequentie ........................... 433 MHz
Bereik ............................................ tot 80 m (in het vrije veld, zie hoofdstuk 14)
Overdrachtinterval ..................... alle 60 - 64 seconden
Afmetingen .................................. 65 x 115 x 60 mm (b x h x d)
Gewicht ......................................... 77 g (zonder batterijen)
Temperatuursensor
Meetbereik ................................... -20 °C tot +50 °C
Resolutie....................................... 0,1 °C
Nauwkeurigheid .......................... ±1 °C (van +1 °C tot +30 °C)
±2 °C (< +1 °C of > +30 °C)
Luchtvochtigheidssensor
Meetbereik ................................... 20% tot 90% relatieve luchtvochtigheid
Resolutie....................................... 1%
Nauwkeurigheid .......................... ±8% relatieve luchtvochtigheid
IMPRESSUM
Diese Bedienungsanleitung ist eine Publikation der Conrad Electronic SE, Klaus-Conrad-Str. 1,
D-92240 Hirschau (www.conrad.com).
Alle Rechte einschließlich Übersetzung vorbehalten. Reproduktionen jeder Art, z. B. Fotokopie,
Mikroverfilmung, oder die Erfassung in elektronischen Datenverarbeitungsanlagen, bedürfen der
schriftlichen Genehmigung des Herausgebers. Nachdruck, auch auszugsweise, verboten.
Diese Bedienungsanleitung entspricht dem technischen Stand bei Drucklegung. Änderung in Technik
und Ausstattung vorbehalten.
© Copyright 2011 by Conrad Electronic SE.
LEGAL NOTICE
These operating instructions are a publication by Conrad Electronic SE, Klaus-Conrad-Str. 1,
D-92240 Hirschau (www.conrad.com).
All rights including translation reserved. Reproduction by any method, e.g. photocopy, microfilming,
or the capture in electronic data processing systems require the prior written approval by the
editor. Reprinting, also in part, is prohibited.
These operating instructions represent the technical status at the time of printing. Changes in
technology and equipment reserved.
© Copyright 2011 by Conrad Electronic SE.
INFORMATION LÉGALES
Ce mode d'emploi est une publication de la société Conrad Electronic SE, Klaus-Conrad-Str. 1,
D-92240 Hirschau (www.conrad.com).
Tous droits réservés, y compris de traduction. Toute reproduction, quelle qu'elle soit (p. ex.
photocopie, microfilm, saisie dans des installations de traitement de données) nécessite une
autorisation écrite de l'éditeur. Il est interdit de le réimprimer, même par extraits.
Ce mode d'emploi correspond au niveau technique du moment de la mise sous presse. Sous réserve
de modifications techniques et de l'équipement.
© Copyright 2011 by Conrad Electronic SE.
COLOFON
Deze gebruiksaanwijzing is een publicatie van de firma Conrad Electronic SE, Klaus-Conrad-Str. 1,
D-92240 Hirschau (www.conrad.com).
Alle rechten, vertaling inbegrepen, voorbehouden. Reproducties van welke aard dan ook,
bijvoorbeeld fotokopie, microverfilming of de registratie in elektronische gegevensverwerkings-
apparatuur, vereisen de schriftelijke toestemming van de uitgever. Nadruk, ook van uittreksels,
verboden.
Deze gebruiksaanwijzing voldoet aan de technische stand bij het in druk bezorgen. Wijziging van
techniek en uitrusting voorbehouden.
© Copyright 2011 by Conrad Electronic SE. V1_0311_01

Documenttranscriptie

INHOUDSOPGAVE Pagina 1. Inleiding ......................................................................................................................... 97 2. Voorgeschreven gebruik ............................................................................................ 98 3. Leveringsomvang ........................................................................................................ 99 4. Verklaring van symbolen ........................................................................................... 99 5. Eigenschappen en functies ..................................................................................... 100 a) Weerstation ........................................................................................................... 100 b) Buitensensor ......................................................................................................... 100 6. Veiligheidsvoorschriften ............................................................................................ 101 7. Batterij- en accuvoorschriften ................................................................................. 102 8. Bedieningselementen ............................................................................................... 104 a) Weerstation ........................................................................................................... 104 b) Buitensensor ......................................................................................................... 105 9. Ingebruikname ........................................................................................................... 106 a) Buitensensor ......................................................................................................... 106 b) Weerstation ............................................................................................................ 107 10. DCF-ontvangst ............................................................................................................ 108 11. Bediening ..................................................................................................................... 109 a) Tijd handmatig instellen ..................................................................................... 109 b) 12/24u-weergave omschakelen ........................................................................ 109 c) Wektijd instellen ...................................................................................................... 111 d) Wekfunctie in-/uitschakelen ................................................................................. 111 e) Weksignaal beëindigen, sluimerfunctie ............................................................ 112 f) Luchtdrukverloop van de laatste 24 uur weergeven ..................................... 112 g) Meeteenheid voor de luchtdruk selecteren ..................................................... 112 h) Relatieve/absolute luchtdruk omschakelen/instellen ................................... 113 i) Weervoorspellingsfunctie .................................................................................... 114 j) Temperatuureenheid °C/°F selecteren ............................................................ 115 k) Buitensensor selecteren ...................................................................................... 116 95 Pagina l) Maximum-/minimumwaarden weergeven ........................................................ 116 m) Maximum-/minimumwaarden wissen ................................................................ 116 n) Tendensweergaves ................................................................................................ 117 o) Achtergrondverlichting activeren ...................................................................... 117 p) Weerstation resetten ............................................................................................ 117 q) Buitensensor resetten .......................................................................................... 117 12. Batterijen vervangen .................................................................................................. 118 a) Weerstation ............................................................................................................. 118 b) Buitensensor ........................................................................................................... 118 13. Verhelpen van storingen ............................................................................................ 119 14. Bereik ............................................................................................................................. 121 15. Onderhoud en reiniging ............................................................................................ 122 16. Afvalverwijdering ....................................................................................................... 123 a) Algemeen ................................................................................................................ 123 b) Batterijen en accu´s ............................................................................................ 123 17. Conformiteitsverklaring (DOC) ................................................................................ 123 18. Technische gegevens ................................................................................................. 124 a) Weerstation ............................................................................................................ 124 b) Buitensensor .......................................................................................................... 125 96 1. INLEIDING Geachte klant, Hartelijk dank voor de aanschaf van dit product. Dit product voldoet aan de wettelijke nationale en Europese voorschriften. Volg de instructies van de gebruiksaanwijzing op om de toestand van het apparaat te handhaven en een ongevaarlijke werking te garanderen! Deze gebruiksaanwijzing hoort bij dit product. Ze bevat belangrijke aanwijzingen over het in gebruik nemen en het onderhoud. Neem deze instructies in acht, ook wanneer u het product aan derden doorgeeft. Bewaar deze handleiding om haar achteraf te raadplegen ! Alle voorkomende bedrijfsnamen en productaanduidingen zijn handelsmerken van de betreffende eigenaren. Alle rechten voorbehouden. Bij technische vragen kunt u zich wenden tot onze helpdesk. Voor meer informatie kunt u kijken op www.conrad.nl of www.conrad.be. 97 2. VOORGESCHREVEN GEBRUIK Het weerstation dient voor het weergeven van verschillende meetwaarden, vb. de binnen-/buitentemperatuur, de luchtvochtigheid binnen en buiten en de luchtdruk. Verder berekent het weerstation via een interne luchtdruksensor en de registratie van de luchtdrukveranderingen een weervoorspelling, die weergegeven wordt op het display aan de hand van grafische symbolen. Tijd en datum kunnen via DCF-tijdseinsignaal automatisch worden ingesteld. Manuele afstelling is echter ook mogelijk (vb. bij ontvangstproblemen). De meetgegevens van de buitensensor worden draadloos naar het weerstation overgedragen. ( Een lijst met alle eigenschappen en kenmerken van het product vindt u in hoofdstuk 5. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor incorrecte weergaven, meetwaarden of weervoorspellingen en de gevolgen die hieruit kunnen ontstaan. Het product is bedoeld voor privé gebruik. Het is niet geschikt voor medische doeleinden of voor publieksinformatie. De onderdelen van dit product zijn geen speelgoed. Het bevat breekbare en inslikbare glazen en kleine onderdelen en batterijen. Houd het product buiten bereik van kinderen! Gebruik u alle onderdelen zodanig, dat ze niet door kinderen kunnen worden bereikt. Het product wordt via batterijen aangedreven. Een ander gebruik dan het hierboven beschreven kan leiden tot beschadiging van het product. Er bestaan ook nog andere gevaren. Lees deze gebruiksaanwijzing volledig en aandachtig door; deze bevat belangrijke instructies voor de plaatsing, bediening en het gebruik. Neem alle veiligheidsvoorschriften in acht! 98 3. LEVERINGSOMVANG — — — — Weerstation Voet voor weerstation Buitensensor voor meting van de temperatuur/luchtvochtigheid Bedieningshandleiding 4. VERKLARING VAN SYMBOLEN Het symbool met het uitroepteken in een driehoek wijst op belangrijke aanwijzingen in deze gebruiksaanwijzing die in ieder geval moeten worden opgevolgd. ( Het "hand"-symbool vindt u bij bijzondere tips of instructies voor de bediening. 99 5. EIGENSCHAPPEN EN FUNCTIES a) Weerstation — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — Aangedreven via 2 batterijen van het type AA/mignon DCF-tijd-/datumweergave, handmatige instelling mogelijk 12/24-uurs tijdweergave omschakelbaar Wekfunctie met sluimermodus, 2 wektijden Weergave van de binnen- en buitentemperatuur Weergave van de luchtvochtigheid binnen en buiten Temperatuurweergave in graden Celsius (°C) of graden Fahrenheit (°F) omschakelbaar Opslaan van de maximum- en minimumwaarde Weergave van de actuele luchtdruk Symbolen voor weervoorspelling (berekening via opname van het luchtdrukverloop) Tendensweergave voor binnen-/buitentemperatuur, luchtvochtigheid binnen en buiten en luchtdruk Tot 3 buitensensoren omschakelbaar (één bevindt zich in de leveringsomvang, max. 2 andere kunnen als accessoire worden besteld) Achtergrondverlichting voor LC-display (bij druk op een toets) Tafelstand (voet met magneethouder in leveringsomvang) of wandmontage mogelijk Geschikt voor een gebruik in droge, gesloten binnenruimtes b) Buitensensor Aangedreven via 2 batterijen van het type AA/mignon Draadloze overdracht van de meetwaarden van temperatuur en luchtvochtigheid naar het weerstation LC-display voor de weergave van temperatuur en luchtvochtigheid (weergave wisselt automatisch) en kanaalnummer Wandmontage of opstelling mogelijk Geschikt voor een beschutte plek buitenshuis 100 6. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN Bij schade veroorzaakt door het niet opvolgen van de gebruiksaanwijzing, vervalt het recht op garantie! Voor vervolgschade die hieruit ontstaat, zijn wij niet aansprakelijk! Voor materiële schade of persoonlijk letsel veroorzaakt door ondeskundig gebruik of het niet in acht nemen van de veiligheidsvoorschriften, zijn wij niet aansprakelijk! In dergelijke gevallen vervalt het recht op garantie. Geachte klant, Deze veiligheidsvoorschriften hebben niet alleen de bescherming van het product, maar ook van uw gezondheid en die van andere personen tot doel. Lees daarom dit hoofdstuk zeer aandachtig door voordat u het product gebruikt! — — — — — — — — Om veiligheids- en keuringsredenen (CE) is het eigenmachtig ombouwen en/of veranderen van het product niet toegestaan. Open of demonteer het niet (behoudens het in deze handleiding plaatsen/vervangen van de batterijen) U mag het product alleen door een vakman of een reparatiedienst laten onderhouden, instellen en repareren. Gebruik dit product niet in ziekenhuizen of medische inrichtingen. Alhoewel de buitensensor enkel relatief zwakke radiosignalen uitzendt, kan dit functiestoringen bij levensbehoudende systemen veroorzaken. Hetzelfde geldt mogelijk in andere bereiken. Het product is geen speelgoed, en is niet geschikt voor kinderen. Het bevat kleine onderdelen, glas (scherm) en batterijen. Plaats het product zodanig dat het door kinderen niet kan worden bereikt. Het weerstation is alleen geschikt voor droge, gesloten binnenruimtes. U mag het weerstation niet blootstellen aan direct zonlicht, grote hitte, koude, vochtigheid of nattigheid, anders raakt het beschadigd. De buitensensor is geschikt voor een gebruik op een beschutte plek buitenshuis. Hij mag echter niet in of onder water worden gebruikt aangezien hij hierdoor wordt vernietigd. Gebruik het product uitsluitend in een gematigd klimaat; niet in een tropisch klimaat. Wanneer het product van een koude in een warme ruimte wordt gebracht (vb. bij transport), kan condenswater ontstaan. Hierdoor kan het product worden beschadigd. 101 — — — Laat het product daarom eerst op kamertemperatuur komen vooraleer u het gebruikt. Dit kan soms meerdere uren duren. In scholen, opleidingscentra, hobby- en zelfhulpgroepen moet het gebruik van het product worden overzien door geschoold personeel. Laat het verpakkingsmateriaal niet achteloos liggen. Dit kan voor kinderen gevaarlijk speelgoed zijn. Behandel het product voorzichtig, door stoten, schokken of een val - zelfs van geringe hoogte - kan het beschadigen. 7. BATTERIJ- EN ACCUVOORSCHRIFTEN ( U kunt het weerstation en de buitensensor principieel ook met accu´s gebruiken. Door de lagere spanning van accu´s (accu = 1,2V, batterij = 1,5V) en de kleinere capaciteit zal de bedrijfsduur wel korter zijn, terwijl ook het radiobereik mogelijk kleiner wordt. Bovendien zijn accu's temperatuurgevoeliger dan batterijen. Wanneer u ondanks deze beperkingen accu's wilt gebruiken, moet u speciale NiMH-accu's met geringe zelfontlading gebruiken. We adviseren u bij voorkeur alkaline-batterijen te gebruiken om een langdurig en veilig bedrijf mogelijk te maken. — — — — — — Voor het weerstation zijn 2 batterijen van het type AA/mignon nodig. Voor de buitensensor zijn ook 2 batterijen van het type AA/mignon nodig. Houd batterijen/accu´s buiten het bereik van kinderen. Let bij het plaatsen van de batterijen/accu's op de juiste polariteit (kijk goed naar plus/+ en min/-). Laat batterijen/accu's niet rondslingeren; kinderen of huisdieren zouden ze kunnen inslikken. Raadpleeg bij inslikken onmiddellijk een arts. Lekkende of beschadigde batterijen/accu's kunnen bij contact met de huid verwondingen veroorzaken. Draag daarom in dit geval geschikte veiligheidshandschoenen. Zorg ervoor dat batterijen/accu´s niet worden kortgesloten, gedemonteerd of in vuur worden geworpen. Er bestaat explosiegevaar! Gewone niet-oplaadbare batterijen mogen niet worden opgeladen. Er bestaat explosiegevaar! U mag uitsluitend oplaadbare accu´s opladen. Gebruik een geschikte oplader. 102 — — — — Indien u het product gedurende langere tijd niet gebruikt (vb. tijdens de opslag) dient u de batterijen/accu's uit het apparaat te verwijderen. Oude batterijen/ accu´s kunnen namelijk lekken en het product beschadigen. Hierdoor zal de garantie vervallen! Vervang altijd hele sets batterijen/accu's en gebruik uitsluitend batterijen/accu's van hetzelfde type, dezelfde fabrikant en dezelfde laadtoestand (geen volle met halfvolle of lege batterijen/accu's mengen). Meng batterijen niet met accu's. Gebruik ofwel batterijen ofwel accu's. Voor het verwijderen van batterijen en accu´s volgens de milieuvoorschriften verwijzen wij u naar het hoofdstuk "Afvalverwijdering". 103 8. BEDIENINGSELEMENTEN a) Weerstation 1 Toets "SNOOZE/LIGHT" voor sluimermodus/verlichting 2 Weergave voor luchtdruk, luchtdruktendens, weervoorspelling 3 Weergave van buitentemperatuur/luchtvochtigheid buiten ("OUT") 4 Weergave van de binnentemperatuur/luchtvochtigheid binnen ("IN") 5 Weergave van tijd/datum/wektijd 6 Toets "" 7 Toets "" 8 Toets "MAX/MIN" voor weergave van de maximum-/minimumwaarden 9 Toets "ALM" 10 Toets "TIME" 11 Toets "°C/°F" voor de selectie van de temperatuureenheid 12 Toets "HISTORY" voor de weergave van de luchtdrukwaarden van de voorbije 24 uur 104 13 Gat voor wandmontage 14 Toets "mb-hpa/inHg" voor de selectie van de luchtdrukeenheid 15 Toets "RESET" voor het resetten van het weerstation 16 Batterijvak voor 2 batterijen van het type AA/mignon 17 Voet met magneethouder b) Buitensensor 18 LED (knippert kort bij draadloze overdracht) 19 LCD-display voor weergave van de temperatuur/luchtvochtigheid en het ingestelde kanaalnummer 20 Toets "RESET" voor het resetten van de buitensensor 21 Gat voor wandmontage 22 Schakelaar voor zendkanaal (kanaal 1, 2 of 3); op kanaal 1 instellen wanneer slechts één buitensensor wordt gebruikt 23 Batterijvak voor 2 batterijen van het type AA/mignon 24 Batterijvakdeksel met geïntegreerde voet 105 9. INGEBRUIKNAME a) Buitensensor — Open het batterijvak aan de achterzijde van de buitensensor door het deksel van het batterijvak (24) naar onder te schuiven. ( — Controleer de schakelaar (22) voor het zendkanaal. Wanneer u slechts één enkele buitensensor gebruikt dan stelt u de schuifschakelaar op positie "1" (kanaal 1). Een tweede of derde buitensensor (als accessoire verkrijgbaar) moet op kanaal 2 of 3 worden ingesteld. Gebruik voor elke van de tot drie buitensensoren een eigen kanaalnummer! Nadat u het zendkanaal heeft geselecteerd, plaatst u aansluitend twee batterijen van het type AA/mignon met de juiste polariteit in het batterijvak (23) van de buitensensor (let op plus/+ en min/-). Wanneer u het zendkanaal wilt omschakelen, verwijdert u eerst de batterijen. Anders herkent de buitensensor niet dat het zendkanaal werd omgeschakeld! — — Sluit het batterijvak weer. De buitensensor kan via het gat voor de wandmontage (21) aan een nagel, haak of schroef worden opgehangen. Door de afgevlakte onderzijde van het batterijvakdeksel (24) kan de buitensensor ook op een effen oppervlak worden geplaatst. Let op dat de buitensensor niet naar beneden valt; daardoor raakt hij beschadigd. ( De buitensensor is geschikt voor een gebruik op een beschutte plek buitenshuis. Hij moet zo worden geplaatst dat hij niet aan direct zonlicht noch regen/sneeuw is blootgesteld aangezien hij anders tot verkeerde meetwaarden komt. Let bovendien voor de positie van de buitensensor en het weerstation op hoofdstuk "14. Bereik". Dompel de buitensensor nooit in water onder; hierdoor wordt deze vernietigd! 106 b) Weerstation — — — — — Open het batterijvak aan de achterzijde van het weerstation door het deksel van het batterijvak (24) naar onder te schuiven. Plaats aansluitend twee batterijen van het type AA/mignon met de juiste polariteit in het batterijvak (16) van het weerstation (let op plus/+ en min/-). Sluit het batterijvak weer. Nadat u de batterijen heeft geplaatst, toont het weerstation kort alle displaysegmenten. Kort daarop verschijnt de binnentemperatuur; daarna begint het weerstation naar de buitensensoren te zoeken. Daarbij knippert het kanaalnummer voor de buitensensor op het scherm. Het zoeken naar sensoren duurt ongeveer 5 minuten. Beweeg het weerstation in deze tijd niet; druk op geen enkele toets. Aansluitend onderneemt het weerstation het eerste ontvangstverzoek voor het DCF-signaal; het symbool " " knippert rechtsonder op het scherm (als een DCF-signaal wordt herkend). Het DCF-ontvangstverzoek kan 5 minuten of langer duren. Beweeg het weerstation in deze tijd niet; druk op geen enkele toets. — Let voor de DCF-ontvangst op hoofdstuk 10. Het weerstation kan via het gat voor de wandmontage (13) aan een nagel, haak of schroef worden opgehangen. Aan de hand van de meegeleverde voet (17) kan het weerstation op een effen, stabiel oppervlak worden geplaatst. Plaats het weerstation in de groefvormige stelplaats van de voet. Een in de voet geïntegreerde magneet fixeert daarop het weerstation. Door deze techniek kan het weerstation zeer makkelijk van de voet worden afgenomen. ( Let bovendien voor de positie van de buitensensor en het weerstation op hoofdstuk "14. Bereik". 107 10. DCF-ONTVANGST Bij het DCF-signaal gaat het om een signaal dat door een zender in Mainflingen (in de buurt van Frankfurt am Main) wordt uitgezonden. Zijn bereik bedraagt tot 1500 km, bij ideale ontvangstomstandigheden zelfs tot 2000 km. Het DCF-signaal bevat o.a. de precieze tijd (afwijking theoretisch 1 seconden per miljoen jaar!) en de datum. Uiteraard valt ook het omstandige handmatige instellen van de zomer- en wintertijd aan het weerstation weg, aangezien de tijdsomstelling automatisch wordt uitgevoerd. Bij zomertijd verschijnt op de display rechts naast de klok de aanduiding "DST" (= "Daylight Saving Time" = zomertijd). Het eerste DCF-ontvangstverzoek wordt uitgevoerd (symbool " " knippert rechtsonder op het scherm als een DCF-signaal wordt herkend), wanneer u batterijen in het weerstation plaatst en het weerstation na 5 minuten het zoeken naar buitensensoren heeft afgesloten. ( Het zoeken naar het DCF-signaal en de evaluatie hiervan duurt minstens 5 minuten. Beweeg het weerstation in deze tijd niet; druk op geen enkele toets. Verdere ontvangstpogingen worden om 02:00u en 17:00u uitgevoerd. Slechts één enkele succesvolle ontvangst per dag houdt de afwijking van de in het weerstation geïntegreerde kwartsklok onder de één seconde. Wanneer er bij de eerste ingebruikname omwille van ontvangstproblemen ook na 10 minuten geen correcte tijd wordt weergegeven, start u een nieuw ontvangstpoging. Daartoe drukt u ofwel kort op de toets "RESET" (15) aan de achterzijde van het weerstation of verwijdert u gedurende een paar seconden de beide batterijen. ( 108 Als op de opstelplaats van het weerstation geen DCF-ontvangst mogelijk is, dan stelt u de tijd handmatig in; zie hoofdstuk 11. a). 11. BEDIENING a) Tijd manueel instellen — — — — — — — — — — — — — — — Houd in de normale tijdsweergave de toets "TIME" (10) gedurende ongeveer 2 seconden ingedrukt tot het jaar knippert. Stel het jaar met de toetsen "" (6) of "" (7) in (voor snelle verstelling telkens de toets langer ingedrukt houden). Druk kort op de toets "TIME" (10), de maand knippert. Stel de maand met de toetsen "" (6) of "" (7) in (voor snelle verstelling telkens de toets langer ingedrukt houden). Druk kort op de toets "TIME" (10), de datum knippert. Stel de datum met de toetsen "" (6) of "" (7) in (voor snelle verstelling telkens de toets langer ingedrukt houden). Druk kort op de toets "TIME" (10), de aanduiding "DST ON" knippert. Hier kunt u instellen of de zomer-/wintertijd al of niet automatisch moet worden omgeschakeld. Selecteer met de toetsen "" (6) of "" (7) tussen "ON" (automatische omschakeling geactiveerd) of "OFF" (automatische omschakeling gedeactiveerd). Druk kort op de toets "TIME" (10), de uren knipperen. Stel de uren met de toetsen "" (6) of "" (7) in (voor snelle verstelling telkens de toets langer ingedrukt houden). Druk kort op de toets "TIME" (10), de minuten knipperen. Stel de minuten met de toetsen "" (6) of "" (7) in (voor snelle verstelling telkens de toets langer ingedrukt houden). Druk kort op de toets "TIME" (10), de seconden knipperen. Door op de toets "" (6) of "" (7) te drukken worden de seconden op "00" teruggezet. Druk kort op de toets "TIME" (10), de taal voor de weergave van de weekdag knippert. 109 — Met de toetsen "" (6) of "" (7) kunt u nu de taal voor de weergave van de weekdag selecteren: "DE" = Duits "GB" = Engels "FR" = Frans "ES" = Spaans — — — "IT" = Italiaans Druk kort op de toets "TIME" (10), de uurweergave voor de tijdzone knippert. Stel de tijdzone met de toetsen "" (6) of "" (7) in (voor snelle verstelling telkens de toets langer ingedrukt houden). Er is een instelling van -23 tot +23 uur mogelijk. Beëindig de instelmodus door kort op de toets "TIME" (10) te drukken. De instelmodus wordt automatisch beëindigd (en alle instellingen opgeslagen) wanneer er gedurende 30 seconden geen enkele toets wordt ingedrukt. ( Wanneer het weerstation bij de dagelijkse ontvangstpogingen een storingsvrij DCF-signaal herkent, wordt het uur opnieuw automatisch ingesteld. b) 12u/24u-weergave omschakelen Druk kort op de toets "" (7) om tussen de 12u- en 24u-modus van de tijd om te schakelen. ( 110 Bij de 12u-aanduiding verschijnt links naar de tijd in de eerste daghelft de melding "AM" en in de tweede daghelft "PM". c) Wektijd instellen — — — — — — Bij het weerstation kunt u twee verschillende wektijden selecteren. Druk daarom in de normale tijdsaanduiding kort op de toets "TIME" (10), rechtsonder wisselt de weergave tussen "ALM1" en "ALM2". Nadat u één van beide wektijden heeft geselecteerd, houdt u de toets "ALM" (9) gedurende ca. 2 seconden ingedrukt tot de uren van de wektijd knipperen. Stel de uren van de wektijd met de toetsen "" (6) of "" (7) in (voor snelle verstelling telkens de toets langer ingedrukt houden). Druk kort op de toets "TIME" (9), de minuten van de wektijd knipperen. Stel de minuten van de wektijd met de toetsen "" (6) of "" (7) in (voor snelle verstelling telkens de toets langer ingedrukt houden). Druk kort op de toets "ALM" (9), het symbool " vooralarm knippert links naast de wektijd. ( — — " voor het temperatuur- Het temperatuur-vooralarm wordt 30 minuten voor de normale wektijd geactiveerd wanneer de buitentemperatuur op dit moment lager is dan -3 °C (26 °F). Het temperatuur-vooralarm is natuurlijk alleen mogelijk wanneer de overeenkomstige wekfunctie (wektijd 1 of 2) is ingeschakeld. Schakel met de toetsen "" (6) of "" (7) het temperatuur-vooralarm in ("ON") of uit ("OFF"). Beëindig de instelmodus door kort op de toets "ALM" (9) te drukken. De instelmodus wordt automatisch beëindigd (en alle instellingen opgeslagen) wanneer er gedurende 30 seconden geen enkele toets wordt ingedrukt. d) Wekfunctie in-/uitschakelen Druk in de normale tijdsweergave meermaals kort op de toets "ALM" (9) om wektijd 1 en/of wektijd 2 in of uit te schakelen: " 1" wektijd 1 ingeschakeld " 2" wektijd 2 ingeschakeld " 1" en " 2" Geen symbool wektijd 1 en 2 ingeschakeld wekfunctie uitgeschakeld 111 e) Weksignaal beëindigen, sluimerfunctie Het weksignaal wordt voor de ingestelde wektijd uitgegeven. Indien u echter drukt op de toets "SNOOZE/LIGHT", wordt het weksignaal gedurende 5 minuten onderbroken en nadien opnieuw gestart (sluimerfunctie, snooze). Het symbool voor de overeenkomstige wektijd (" 1" of " 2") knippert. Om het weksignaal of de sluimerfunctie te beëindigen, drukt u kort op de toets "ALM" (9). f) Luhtdrukverloop van de laatste 24 uur weergeven Het weerstation slaat de gemiddelde waarde van de luchtdruk van de laatste 24 uur op. Door meermaals kort op de toets "HISTORY" (12) te drukken, kunt u de luchtdrukwaarde linksboven op het scherm weergeven (toets voor snel verstellen langer ingedrukt houden). Links naast de luchtdrukwaarde verschijnt de aanduiding "HISTORY" en het bijhorende uur (0.....-24u). ( Om naar de actuele weergave van de luchtdrukwaarde terug te keren, kunt u ofwel de toets "HISTORY" (12) zo vaak indrukken tot de aanduiding "HISTORY" opnieuw verdwijnt (bij "0" uur) of drukt u gedurende ongeveer 30 seconden op geen enkele toets. g) Meeteenheid voor de luchtdruk selecteren Druk kort op de toets "mb-hpa/inHg" (14) op de achterzijde van het weerstation om de meeteenheid tussen "mb/hPa" (millibar/hectopascal) en "inHg" (tol kwikzuil) om te schakelen. 112 h) Relatieve/absolute luchtdruk omschakelen/instellen Linksboven op het scherm van het weerstation kan de relatieve of absolute luchtdruk worden weergegeven. Relatieve luchtdruk (aanduiding "rel" op het scherm): Omgerekende luchtdruk op zeeniveau, komt vb. overeen de luchtdrukwaarden die u vb. via de radio krijgt; de gemiddelde luchtdruk op zeeniveau bedraagt 1013 mb/ hPa (29,91 inHg) Absolute luchtdruk (aanduiding "abs" op het scherm): Luchtdrukwaarde die op de opstelplaats van het weerstation wordt gemeten Ga voor het omschakelen of instellen als volgt tewerk: — — — — Houd de toets "mb-hpa/inHg" (14) op de achterzijde van het weerstation gedurende ca. 2 seconden ingedrukt tot de weergave "rel" of "abs" knippert. Schakel met de toetsen "" (6) of "" (7) tussen de relatieve luchtdruk ("rel") en de absolute luchtdruk ("abs") om. Wanneer de relatieve luchtdruk wordt weergegeven, drukt u kort op de toets "mb-hpa/inHg" (14). Met de toetsen "" (6) of "" (7) kan nu de waarde van de relatieve luchtdruk worden gecorrigeerd, vb. wanneer u voor de regio waarin het weerstation wordt gebruikt, een precieze luchtdrukwaarde kent. ( — Wanneer de absolute luchtdruk op het scherm wordt weergegeven (aanduiding "abs" boven de luchtdrukwaarde), kan deze waarde niet worden gecorrigeerd. Schakel eerst naar de relatieve luchtdrukwaarde (aanduiding "rel") om. Beëindig de instelmodus door kort op de toets "mb-hpa/inHg" (14) te drukken. De instelmodus wordt automatisch beëindigd (en alle instellingen opgeslagen) wanneer er gedurende 30 seconden geen enkele toets wordt ingedrukt. 113 i) Weervoorspellingsfunctie De weervoorspelling van het weerstation is een van de meest interessante eigenschappen. Alhoewel het weerstation natuurlijk niet de plaats kan innemen van de professionele weervoorspellingen door hooggekwalificeerde meteorologen op de radio, televisie of op internet, is het verbazingwekkend dat enkel op basis van de meting en observatie van de luchtdruk van de voorbije dagen een nauwkeurigheid van ca. 70-75% bereikt kan worden. Zonnig Licht bewolkt Bewolkt Regenachtig In verband met de symbolen en hun betekenis willen wij u graag nog de volgende verklaringen geven: — — — — Wanneer 's nachts "zonnig" wordt aangeduid, betekent dit een heldere nacht. Bij buitentemperaturen onder de -3 °C (26 °F) worden bij neerslag sneeuwsymbolen getoond. De weergave geeft niet de actuele weersomstandigheden weer, het gaat om een voorspelling voor de komende uren. De voorspelling is in 3 schermsegmenten onderverdeeld. Het grote hoofdscherm toont de voorspelling voor de volgende 24 uur, de beide kleine afbeeldingen zijn de voorspelling voor de volgende 48 of 72 uur. De berekening van de weervoorspelling uitsluitend op basis van de luchtdruk geeft slechts een maximale nauwkeurigheid van ongeveer 70-75% voor de volgende 24 uur. Het werkelijke weer op de volgende dag kan daarom volledig anders zijn. Aangezien de gemeten luchtdruk slechts voor een gebied met een diameter van ongeveer 50 km geldt, kan het weer zich ook snel veranderen. Dit geldt vooral in berg- of hooggebergteketens. Vertrouw daarom nooit op de weervoorspelling van het weerstation, anders informeert u zich ter plaatse, wanneer u vb. een bergwandeling wilt maken. 114 — — — — Bij plotse of grote veranderingen van de luchtdruk worden de symbolen bijgewerkt om de weersverandering aan te geven. Als de weergavesymbolen niet wisselen dan is de luchtdruk ofwel niet veranderd, ofwel is de verandering zo langzaam ingetreden dat deze door het weerstation niet kon worden geregistreerd. De symbolen geven een weersverbetering of -verslechtering aan, wat echter niet absoluut (zoals door de symbolen aangeduid) zon of regen. Als het huidige weer, bijvoorbeeld bewolkt is en er wordt regen aangeduid, dan wijst dit niet op een fout van het apparaat, maar geeft het aan dat de luchtdruk is gezakt en een weersverslechtering moet worden verwacht, waarbij het echter niet absoluut om regels moet handelen. Na de eerste in bedrijfname moet er met de voorspellingen voor de eerste 12 tot 24 uren geen rekening worden gehouden, omdat het weerstation eerst over deze periode op eenzelfde hoogte boven de zeespiegel luchtdrukinformatie moet inzamelen, om een nauwkeuriger voorspelling te kunnen maken. Als u het weerstation naar een plaats brengt die duidelijk hoger of lager ligt dan de oorspronkelijk standplaats (vb. van de benedenverdieping naar de bovenste verdiepingen van een huis) dan kan het weerstation dit als weerstation herkennen. j) Temperatuureenheid °C/°F selecteren Druk in de normale weergave (niet als instelmodus) kort op de toets "°C/°F" (11), zo wordt tussen de temperatuureenheid "°C" (graden Celsius) en "F" (graden Fahrenheit) omgeschakeld. 115 k) Buitensensor selecteren Het weerstation kan de meetgegevens van tot 3 buitensensoren weergeven (op de buitensensor is in de leveringsomvang, verdere buitensensoren zijn als toebehoren verkrijgbaar). Druk in de normale weergave (niet in een instelmodus) kort op de toets "" (6) en zo worden de meetgegevens telkens na de volgende buitensensor aangeduid (1 -> 2 -> 3 -> 1 -> .....). ( Het wisselen tussen de buitensensoren kan ook automatisch gebruiken. Houd de toets "" (6) ca. 3 seconden lang ingedrukt tot u een geluidssignaal hoort. Het weerstation schakelt nu de weergave van de buitentemperatuur/ luchtvochtigheid automatisch om (gegevens van niet beschikbare sensoren worden als streepje ("--") aangeduid. Om het automatische omschakelen te beëindigen, druk kort op de toets "" (6). l) Maximum-/minimumwaarden weergeven — — — Druk kort op de toets "MAX/MIN" (8) om de maximumwaarden van de binnenen buitentemperatuur en de luchtvochtigheid binnen en buiten weer te geven. Links naast de temperatuurwaarde verschijnt de aanduiding "MAX". Druk nogmaals kort op de toets "MAX/MIN" (8) om de minimumwaarden van de binnen- en buitentemperatuur en de luchtvochtigheid binnen en buiten weer te geven. Links naast de temperatuurwaarde verschijnt de aanduiding "MIN". Druk opnieuw op de toets "MAX/MIN" (8) om naar de normale weergave terug te keren. m) Maximum-/minimumwaarden wissen Houd de toets "MAX/MIN" (8) ca. 3 seconden lang ingedrukt tot u een kort geluidssignaal hoort. De waarden worden daarop teruggezet. ( 116 Als nieuwe maximum- en minimumwaarden worden de actuele meetwaarden overgenomen tot deze opnieuw veranderen. n) Tendensweergaves Voor de luchtdruk, binnen-/buitentemperatuur en de luchtvochtigheid binnen en buiten vindt u telkens naast de meetwaarden of symbolen een tendensweergave. Deze verduidelijkt met een grafisch symbool of de overeenkomstige waarde stijgt, gelijk blijft of daalt. TENDENCY TENDENCY TENDENCY Stijgend Gelijkblijvend Dalend o) Achtergrondverlichting activeren De achtergrondverlichting van het scherm van het weerstation wordt automatisch gedurende 5 seconden geactiveerd wanneer u op een willekeurige toets drukt. Daarna dooft de achtergrondverlichting opnieuw uit om stroom te besparen. p) Weerstation resetten Wanneer u het weerstation wilt terugzetten (vb. om opnieuw naar de buitensensor of het DCF-signaal te zoeken) dan drukt u kort met een tandenstoker op de toets "RESET" (15) op de achterzijde van het weerstation. Anders kunt u beide batterijen gedurende enkele seconden uit het weerstation verwijderen. q) Buitensensor resetten Druk kort met een tandenstoker op de toets "RESET" (20) binnen in het batterijvak van de buitensensor. Dit kan nodig zijn wanneer er na het plaatsen van de batterijen vreemde tekens op het scherm verschijnen. Anders kunt u beide batterijen gedurende enkele seconden uit de buitensensor verwijderen. 117 12. BATTERIJEN VERVANGEN a) Weerstation Een batterijwissel is nodig wanneer het schermcontrast heel zwak is of de aanduiding bijna verdwijnt wanneer u de displayverlichting activeert. Vervang de batterijen dan door nieuwe exemplaren, zie hoofdstuk 9. b). b) Buitensensor Bij zwakke batterijen in de buitensensor verschijnt rechts naast de aanduiding van de buitentemperatuur het symbool " ", bij lege batterijen worden alleen nog strepen voor de buitentemperatuur/luchtvochtigheid buiten weergegeven. Ga voor het vervangen van de batterijen te werk zoals in hoofdstuk 9. a). ( Wanneer het weerstation de buitensensor niet meer vindt, drukt u kort op de toets "RESET" (15) op de achterzijde van het weerstation. Aansluitend begint het weerstation naar de buitensensor en DCF-signaal te zoeken. 118 13. VERHELPEN VAN STORINGEN Met uw aankoop van dit weerstation heeft u een product aangeschaft dat volgens de laatste stand van de techniek werd gebouwd en gebruiksveilig is. Toch kunnen er zich problemen of storingen voordoen. Daarom willen wij hier beschrijven hoe u mogelijke storingen kunt verhelpen. Geen ontvangst van het signaal van de buitensensor Wanneer het weerstation geen meetgegevens van de buitensensor ontvangt, worden voor temperatuur en luchtvochtigheid enkel nog strepen ("--") op het scherm van het weerstation weergegeven. Let in dit geval op de volgende voorschriften: — — — De afstand tussen het weerstation en buitensensor is te groot. Wijzig de opstelplaats van het weerstation of de buitensensor. De batterijen van de buitensensor zijn te zwak of leeg. Plaats bij wijze van proef nieuwe batterijen in de buitensensor. Controleer de aanduiding in het scherm van de buitensensor. Stel de eerste buitensensor altijd op kanaal 1 in. De schakelaar (22) voor de kanaalkeuze bevindt zich in het batterijvak van de buitensensor. Wanneer u een tweede of derde buitensensor gebruikt (als accessoire verkrijgbaar), dan stelt u dit op kanaal 2 of 3 in. Let op dat elke buitensensor op een ander kanaal is ingesteld anders storen de buitensensoren elkaar. — — — Het kanaalnummer wordt boven op het scherm van de buitensensor weergegeven. Heel lage buitentemperaturen (onder de -20 °C) verminderen de prestaties van de batterijen. Daardoor neemt het bereik af of werkt de buitensensor niet meer correct. Een andere zender met dezelfde of een naburige frequentie stoort het signaal van de buitensensor. Het kan helpen om de afstand tussen het weerstation en de buitensensor te verminderen of een andere opstelplaats te kiezen. Voorwerpen of afschermende materialen (gemetalliseerde isolatievensters, staalbeton, etc.) verhinderen de draadloze ontvangst. Het weerstation staat te dicht bij andere elektronische apparaten (televisietoestel, computer). Wijzig de opstelplaats van het weerstation. 119 Geen DCF-ontvangst — — — Voorwerpen of afschermende materialen (gemetalliseerde isolatievensters, staalbeton, etc.) verhinderen de ontvangst. Het weerstation staat te dicht bij andere elektronische apparaten (televisietoestel, computer), kabels of contactdozen. Wijzig de opstelplaats van het weerstation. Bij de opstelling van het weerstation in een kelderruimte is het DCF-signaal te zwak; de ontvangst is niet mogelijk. Hetzelfde geldt, wanneer het weerstation te ver van de DCF-zender is verwijderd. Stel het uur handmatig in. Het weerstation voert elke dag meerdere ontvangstpogingen uit voor het DCFsignaal (om 02:00 en 17:00 uur). Laat het weerstation daarom gewoon een dag staan; misschien is de ontvangst op andere momenten storingsvrij. Slechts één enkele succesvolle ontvangst per dag houdt de afwijking van de in het weerstation geïntegreerde kwartsklok onder de één seconde. 120 14. BEREIK Het bereik voor de draadloze overdracht van de signalen tussen de buitensensor en het weerstation bedraagt bij optimale omstandigheden tot en met 80m. ( Bij deze bereikaanduiding gaat het echter om de zgn. "open veld-bereik". Deze ideale positionering (bv. weerstation en buitensensor op een gladde en vlakke weide zonder bomen en huizen e.d.) vindt men natuurlijk nauwelijks in de praktijk. Normaal wordt het weerstation in huis opgesteld, de buitensensor vb. onder een carport of op de zijkant aan het venster. Omwille van de verschillende invloeden op de draadloze overdracht kan er geen bepaald bereik worden gegarandeerd. Normaal is het echter mogelijk om deze in een eensgezinswoning zonder problemen te ontvangen. Wanneer het weerstation geen gegevens van de buitensensor ontvangt (ondanks nieuwe batterijen), dan neemt u hoofdstuk 13 in acht. Het bereik kan deels negatief worden beïnvloed door: — — — — — — — — — — Wanden/muren, plafonds van gewapend beton Beklede/gemetalliseerde isolatievensters, aluminium ramen, etc. Voertuigen Bomen, struiken, aarde, stenen In de buurt van metalen & geleidende voorwerpen (vb. radiatoren) In de buurt van het menselijk lichaam Breedbandstoringen, vb. in woongebieden (DECT-telefoons, mobiele telefoons, draadloze koptelefoons, draadloze luidsprekers, andere draadloze weerstations, babymonitors, etc.) In de buurt van elektrische motoren, transformatoren, netadapters In de buurt van contactdozen, netkabels In de buurt van slecht afgeschermde of open gebruikte computers of andere elektrische apparaten 121 15. ONDERHOUD EN REINIGING Voor u is het product onderhoudsvrij. Service en reparaties mogen alleen uitgevoerd worden door een specialist/gespecialiseerde reparatieplaats. Er zijn geen onderdelen in het binnenste van het product die door u onderhouden moeten worden. U mag het product nooit openen (behalve voor het vervangen van de batterijen zoals beschreven in deze gebruiksaanwijzing). Voor de reiniging van de buitenzijde van het weerstation en de buitensensor volstaat een droge, zachte en schone doek. ( Druk niet te hard op het scherm van het weerstation of de buitensensor. Dit kan krassen veroorzaken of leiden tot functiestoringen van het display. U kunt stof op het weerstation met behulp van een lange, schone en zachte kwast en een stofzuiger gemakkelijk verwijderen. Voor het verwijderen van hardnekkiger vuil van de buitensensor kunt u een met lauwwarm water vochtig gemaakte doek gebruiken. Gebruik nooit agressieve reinigingsmiddelen of andere chemische oplosmiddelen, omdat deze schade kunnen veroorzaken aan het oppervlak of zelfs de functionering aantasten. 122 16. AFVALVERWIJDERING a) Algemeen Elektronische en elektrische producten mogen niet in het huishoudelijk afval worden gegooid. Voer het onbruikbaar geworden product in overeenstemming met de geldende wettelijke bepalingen af. b) Batterijen en accu´s U bent als eindverbruiker volgens de KCA-voorschriften wettelijk verplicht alle lege batterijen en accu’s in te leveren; verwijdering via het huisvuil is niet toegestaan!   Batterijen/accu’s die schadelijke stoffen bevatten worden gekenmerkt door de hiernaast vermelde symbolen, die erop wijzen dat deze niet via het huisvuil mogen worden afgevoerd. U kunt verbruikte batterijen/accu's gratis bij de verzamelpunten van uw gemeente, onze filialen of overal waar batterijen/accu's worden verkocht, afgeven! Zo voldoet u aan de wettelijke verplichtingen voor afvalscheiding en draagt u bij aan de bescherming van het milieu. 17. CONFORMITEITSVERKLARING (DOC) Wij, Conrad Electronic, Klaus-Conrad-Straße 1, D-92240 Hirschau, verklaren hierbij dat dit product in overeenstemming is met de basisvereisten en andere relevante voorschriften van Richtlijn 1999/5/EC. ( De bij dit product behorende verklaring van conformiteit (DOC) kunt u vinden op www.conrad.com. 123 18. TECHNISCHE GEGEVENS a) Weerstation Stroomvoorziening ..................... 2 batterijen van het type AA/mignon Levensduur batterij ................... ca. 1 jaar Aantal buitensensoren .............. max. 3 Afmetingen .................................. 88 x 166 x 60 mm (b x h x d, incl. voet) Gewicht ......................................... 263 g (incl. voet, zonder batterijen) Temperatuursensor Meetbereik ................................... -5 °C tot +50 °C Resolutie ....................................... 0,1 °C Nauwkeurigheid .......................... ±1 °C Luchtvochtigheidssensor Meetbereik ................................... 20% tot 90% relatieve luchtvochtigheid Resolutie ....................................... 1% Nauwkeurigheid .......................... ±8% relatieve luchtvochtigheid Luchtdruksensor Meetbereik ................................... 950 - 1030 mb/hPa (28,05 tot 30,41 inHg) Meetinterval ................................ 15 minuten 124 b) Buitensensor Stroomvoorziening ..................... 2 batterijen van het type AA/mignon Levensduur batterij ................... ca. 1 jaar Zendfrequentie ........................... 433 MHz Bereik ............................................ tot 80 m (in het vrije veld, zie hoofdstuk 14) Overdrachtinterval ..................... alle 60 - 64 seconden Afmetingen .................................. 65 x 115 x 60 mm (b x h x d) Gewicht ......................................... 77 g (zonder batterijen) Temperatuursensor Meetbereik ................................... -20 °C tot +50 °C Resolutie ....................................... 0,1 °C Nauwkeurigheid .......................... ±1 °C (van +1 °C tot +30 °C) ±2 °C (< +1 °C of > +30 °C) Luchtvochtigheidssensor Meetbereik ................................... 20% tot 90% relatieve luchtvochtigheid Resolutie ....................................... 1% Nauwkeurigheid .......................... ±8% relatieve luchtvochtigheid 125 IMPRESSUM Diese Bedienungsanleitung ist eine Publikation der Conrad Electronic SE, Klaus-Conrad-Str. 1, D-92240 Hirschau (www.conrad.com). Alle Rechte einschließlich Übersetzung vorbehalten. Reproduktionen jeder Art, z. B. Fotokopie, Mikroverfilmung, oder die Erfassung in elektronischen Datenverarbeitungsanlagen, bedürfen der schriftlichen Genehmigung des Herausgebers. Nachdruck, auch auszugsweise, verboten. Diese Bedienungsanleitung entspricht dem technischen Stand bei Drucklegung. Änderung in Technik und Ausstattung vorbehalten. © Copyright 2011 by Conrad Electronic SE. LEGAL NOTICE These operating instructions are a publication by Conrad Electronic SE, Klaus-Conrad-Str. 1, D-92240 Hirschau (www.conrad.com). All rights including translation reserved. Reproduction by any method, e.g. photocopy, microfilming, or the capture in electronic data processing systems require the prior written approval by the editor. Reprinting, also in part, is prohibited. These operating instructions represent the technical status at the time of printing. Changes in technology and equipment reserved. © Copyright 2011 by Conrad Electronic SE. INFORMATION LÉGALES Ce mode d'emploi est une publication de la société Conrad Electronic SE, Klaus-Conrad-Str. 1, D-92240 Hirschau (www.conrad.com). Tous droits réservés, y compris de traduction. Toute reproduction, quelle qu'elle soit (p. ex. photocopie, microfilm, saisie dans des installations de traitement de données) nécessite une autorisation écrite de l'éditeur. Il est interdit de le réimprimer, même par extraits. Ce mode d'emploi correspond au niveau technique du moment de la mise sous presse. Sous réserve de modifications techniques et de l'équipement. © Copyright 2011 by Conrad Electronic SE. COLOFON Deze gebruiksaanwijzing is een publicatie van de firma Conrad Electronic SE, Klaus-Conrad-Str. 1, D-92240 Hirschau (www.conrad.com). Alle rechten, vertaling inbegrepen, voorbehouden. Reproducties van welke aard dan ook, bijvoorbeeld fotokopie, microverfilming of de registratie in elektronische gegevensverwerkingsapparatuur, vereisen de schriftelijke toestemming van de uitgever. Nadruk, ook van uittreksels, verboden. Deze gebruiksaanwijzing voldoet aan de technische stand bij het in druk bezorgen. Wijziging van techniek en uitrusting voorbehouden. © Copyright 2011 by Conrad Electronic SE. V1_0311_01
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52
  • Page 53 53
  • Page 54 54
  • Page 55 55
  • Page 56 56
  • Page 57 57
  • Page 58 58
  • Page 59 59
  • Page 60 60
  • Page 61 61
  • Page 62 62
  • Page 63 63
  • Page 64 64
  • Page 65 65
  • Page 66 66
  • Page 67 67
  • Page 68 68
  • Page 69 69
  • Page 70 70
  • Page 71 71
  • Page 72 72
  • Page 73 73
  • Page 74 74
  • Page 75 75
  • Page 76 76
  • Page 77 77
  • Page 78 78
  • Page 79 79
  • Page 80 80
  • Page 81 81
  • Page 82 82
  • Page 83 83
  • Page 84 84
  • Page 85 85
  • Page 86 86
  • Page 87 87
  • Page 88 88
  • Page 89 89
  • Page 90 90
  • Page 91 91
  • Page 92 92
  • Page 93 93
  • Page 94 94
  • Page 95 95
  • Page 96 96
  • Page 97 97
  • Page 98 98
  • Page 99 99
  • Page 100 100
  • Page 101 101
  • Page 102 102
  • Page 103 103
  • Page 104 104
  • Page 105 105
  • Page 106 106
  • Page 107 107
  • Page 108 108
  • Page 109 109
  • Page 110 110
  • Page 111 111
  • Page 112 112
  • Page 113 113
  • Page 114 114
  • Page 115 115
  • Page 116 116
  • Page 117 117
  • Page 118 118
  • Page 119 119
  • Page 120 120
  • Page 121 121
  • Page 122 122
  • Page 123 123
  • Page 124 124
  • Page 125 125
  • Page 126 126
  • Page 127 127
  • Page 128 128

Eurochron EFWS 302 de handleiding

Categorie
Weerstations
Type
de handleiding