Dometic 7220 Installatie gids

Categorie
Sanitair
Type
Installatie gids
58
2.1 Waarschuwingen – scheepstoepassingen
De volgende uitspraken moeten worden gelezen en begrepen voor het monteren, onderhouden en/
of bedienen van dit product op een boot. Aanpassing van dit product kan leiden tot beschadiging van
eigendom.
Dometic beveelt aan dat een gekwaliceerde boottechnicus of elektricien dit product monteert of de onder-
houdswerkzaamheden uitvoert. Schade aan de uitrusting, verwondingen van personeel of de dood kunnen
het gevolg zijn van verkeerde montage. DOMETIC AANVAARDT GEEN VERANTWOORDELIJKHEID OF
AANSPRAKELIJKHEID VOOR SCHADE AAN UITRUSTING, VERWONDINGEN OF DE DOOD VAN PER-
SONEEL DIE HET GEVOLG KUNNEN ZIJN VAN VERKEERDE MONTAGE, ONDERHOUD OF BEDIENING
VAN DIT PRODUCT.
Dometic MasterFlush Opmerkingen over het gebruik van de handleiding
1 Opmerkingen over het gebruik van de handleiding..............................58
2 Algemene veiligheidsinstructies ........................................58 – 60
3 Componenten ..........................................................60
4 Specicaties .......................................................60 – 61
5 Installatie ..........................................................62 – 67
6 Klantenservice ..........................................................67
1 Opmerkingen over het gebruik van de handleiding
Opmerking
Aanvullende informatie voor bediening van het toestel.
Afb.
1
A, pagina 2: Dit verwijst naar een element in een illustratie. In dit voorbeeld,
voorwerp A in afbeelding 1 op pagina 2.
Let op!
Veiligheidsvoorschriften: Niet naleven van deze voorschriften kan materiële schade veroor-
zaken en de bediening van het toestel in gevaar brengen.
Let op! Overstromingsgevaar
Als het toilet is verbonden met EEN OF MEER buitenboordttingen, MOETEN correct gemon-
teerde buitenboordkranen worden gemonteerd in alle leidingen die zijn verbonden met buiten-
boordttingen. Buitenboordkranen MOETEN eenvoudig toegankelijk zijn voor alle toiletgebrui-
kers, anders moeten secundaire kleppen in slangen op toegankelijke punten zijn aangebracht.
Alle kleppen MOETEN afsluiters met volle doorlaat zijn en geschikt voor gebruik op zee.
Schroefbare schuifafsluiters worden niet aanbevolen. Niet naleven hiervan kan tot overstroming
leiden, wat kan leiden tot de dood en/of verlies van eigendom.
NL
Inhoudsopgave
2 Algemene veiligheidsinstructies
De fabrikant zal niet aansprakelijk worden gesteld voor schadeclaims die het gevolg zijn van volgen-
de zaken:
• Gebrekkigeinstallatieofaansluiting
• Schadeaandeeenheiddoormechanischeinvloeden,verkeerdgebruikofmisbruik
• Aanpassingenaandeeenheidzonderuitdrukkelijke,schriftelijketoestemmingvandefabrikant
• Gebruikvoordoeleindenandersdandezebeschrevenindehandleiding
Neem alle bepalingen of standaards voor uw installatie in acht.
59
Algemene veiligheidsinstructies
Let op! Overstromingsgevaar
Als toilet OOIT gebruik maakt van zeewater, MOET GEEN zeewaterpomp die wordt geregeld
door een automatisch bediende schakelaar worden gemonteerd. Als de onboard-waterklep
of leidingverbindingen lekken, zou de automatisch bediende pomp starten en de boot kunnen
vloeden. Niet-inachtneming kan leiden tot materieel verlies en de dood.
Let op! Overstromingsgevaar
Voordat werkzaamheden aan dit product worden begonnen, moet worden gecontroleerd of alle
elektrische stroom naar de eenheid is uitgeschakeld en dat de buitenboordkranen in de GE-
SLOTEN of UIT positie staan. Niet naleven hiervan kan tot overstroming leiden, wat kan leiden
tot de dood en/of verlies van eigendom.
Let op!
Sluit geen spoeltoilet met zeewater (modellen 7160, 7180) aan op een onboard-drinkwatersys-
teem. Niet-inachtneming kan leiden tot vervuiling van drinkwater.
Let op! Overstromingsgevaar
Sluit geen spoeltoilet met zeewater (modellen 7160, 7260) aan op een onder druk staand
onboard-drinkwatersysteem. Niet-inachtneming kan leiden tot overstroming, materieel verlies
en de dood.
Let op! Gevaar voor schokken of vuur
Gebruik altijd de aanbevolen zekering, stroomonderbreker en kabelmaat. Niet-inachtneming
kan leiden tot vuur, materieel verlies en de dood.
Let op!
Het overvullen van de vuilwatertank kan ernstige schade veroorzaken aan het afvalsysteem
zoals een breuk in de vuilwatertank waardoor de inhoud van de tank in het ruim kan terechtko-
men. Om dit te voorkomen, raadt Dometic aan om een “volle tank” uitschakelrelais te monteren
dat werkt met het “vol” signaal dat wordt gegenereerd door een optionele Dometic DTM01C
tankbewaking of DTM04 vier-niveaus tankbewakingssysteem.
Let op! Overstromingsgevaar
Als de toiletrand OOIT minder dan 8 in. (20 cm) boven het hoogste waterpeil is (tijdens over-
hellen, laden of trimmen) en is verbonden met MINSTENS EEN buitenboordtting, MOETEN
correct gepositioneerde geventileerde (doorluchte) lussen worden gemonteerd in inlaat-* of
afvoerbuizen om eventueel terugstromen van zeewater in de boot te voorkomen. Geventileerde
lussen moeten worden uitgerust met integrale terugslagkleppen waardoor lucht de leiding kan
instromen om hevelen te voorkomen Niet naleven hiervan kan tot overstroming leiden, wat kan
leiden tot de dood en/of verlies van eigendom.
* indien aangesloten op zeewater
Let op! Overstromingsgevaar
Als het toilet is verbonden met EEN OF MEER buitenbordttingen, moeten ALLE exibele slan-
gen zeewaardig zijn en zijn aangesloten op ALLE ttingen (zoals buitenboordkraan, geventileer-
de lus of toilet) met twee wormsluiting-slangklemmen van roestvrijstaal rond elke verbinding.
Verbindingen MOETEN regelmatig worden gecontroleerd. Niet-inachtneming kan leiden tot
overstroming, materieel verlies en de dood
.
Dometic MasterFlush
60
Componenten
Let op!
Direct overboord afvoeren van afvalwater is in sommige gebieden verboden. Neem alle plaat-
selijke bepalingen in acht alvorens een overboord-afvoersysteem te bedienen.
3 Componenten
Verpakkingsinhoud (Afb.
1
)
Toiletcomponenten (Afb.
2
)
Refe-
rentie
Omschrijving
A Versnijdingstoilet
B1 DFS-2F spoelknop (standaard -
drinkwatertoilet)
B2 DFS-1F spoelknop (standaard -
toilet met zeewater)
C 1,5 in. (38 mm) afvoertting
D Gereedschapsset voor ondergrond-
bevestiging
E Set voor watertoevoerslang
NS Onderdeellijst, montage- en ge-
bruiksinstructies, snelstartgids
Refe-
rentie
Omschrijving
1 Rand-spoelterugslagklep (drinkwa-
tertoilet) of adapter (zeewatermodel)
2 Watertoevoerslang
3 Versnijdingspomp
(onder kunststof
afdekking)
4 Elektrische waterklep
5 Product ID-label locatie
6 RVS-compressorband
7 Afvoermontagestuk
Zie complete onderdelenlijst (apart verpakt) voor
extra informatie.
4 Specificaties
4.1 Afmetingen (Afb.
3
)
Refe-
rentie
Afmetingen
A 337 mm /13,25 in
B 368 mm /14,5 in
C 476 mm /18,75 in
D 311 mm /12,25 in - zithoogte
E 349 mm /13,75 in
F 254 mm /10 in
G 667 mm /26,25 in - brildeksel
omhoog
Refe-
rentie
Afmetingen
A 375 mm /14,75 in
B 381 mm /15 in
C 483 mm /19 in
D 349 mm /13,75 in - zithoogte
E 349 mm /13,75 in
F 254 mm /10 in
G 730 mm /28,75 in - brildeksel
omhoog
Toiletmodellen 7220, 7260
(compacte boot-wc-pot)
Toiletmodellen 7120, 7160
(standaard wc-pot)
Alle afmetingen kunnen verschillen 0,375 in. (10 mm)
Dometic MasterFlush
61
Specicaties
Dometic spoelknoppaneel
(Afb.
4
)
Refe-
rentie
Afmetingen
A 83 mm /3,25 in
B 41 mm /1,625 in
4.3 Minimum systeemeisen
4.2 Materiaal
Toilet: porselein
Toiletbasis: polypropyleen
Dometic spoelknop-paneel: polystyreen (DFS-1F of DFS-2F);
of gemoffeld aluminium (DFST)
Elektrisch
Stroomverbruik 20 A/12 V DC; 10 A/24 V DC
Stroomonderbreker/
zekering
25 A/12 V DC; 15 A/24 V DC
Bedrading
12 ga. (tot 25 ft./7,6 m totale circuit)
Raadpleeg ABYC richtlijnen voor aanvullende informatie.
Watertoe-
voer
Fitting maat
Toevoerslang ID
0,5 in. NPT – drinkwatertoilet
0,75 in./19 mm ID – toilet met zeewater
Debiet 2,0 gpm/7,6 lpm minimum – drinkwaterspoeling
Afvoer
Binnendiameter 1,5 in./38 mm of 1 in./25 mm
Horizontaal bereik* 40 ft./12,2 m maximum
Verticaal bereik* 4 ft./1,2 m maximum
* Afstanden van horizontaal en verticaal bereik zijn niet cumulatief. Controleer op adequate afvoer als
de installatie een van deze begrenzingen benadert.
Specicaties kunnen zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd.
Dometic MasterFlush
62
0,75 in./
19 mm
BUITEN-
BOORD-
KRAAN
1 in./ 25 mm
of 1,5 in./38 mm
BUITENBOORDKRAAN
0,75 in./ 19 mm
BUITENBOORD-
KRAAN
1 in./ 25 mm
of 1,5 in./38 mm
BUITENBOORDKRAAN
MAAK LUS
12in./305 mm
BOVEN VLOER
VERSNIJ-
DINGSTOILET
Montage
5 Installatie
5.1 Boven waterlijnsysteem lay-outs
Opmerking
Bepaal of de watertoevoer naar het toilet drinkwater of zeewater is, boven onder de waterlijn is, en volg dan
de desbetreffende montage-instructies op.
5
6
VENTILATIE-
FITTING
0,75 in./ 19 mm ID
ZEEWATERLIJN
0,75 in./ 19 mm ID
ZEEWATERLIJN
0,5 in./
13 mm ID
DRINKWA-
TERLEI-
DING
0,5 in./
13 mm ID
DRINKWA-
TERLIJN
VAN
DRINKWA-
TERTOE-
VOER
VAN
DRINKWA-
TERTOE-
VOER
TERUGSLAGKLEP is
vereist om te garanderen
dat zeewater tussen gebruik
opgevoerd blijft
TERUGSLAGKLEP is vereist om te
garanderen dat zeewater tussen
gebruik opgevoerd blijft
Voeg hier geventi-
leerde lus toe, als de
vuilwatertank onder
waterlijn is.*
1 in./ 25 mm
of 1,5 in./38 mm ID
AFVOERSLANG
VENTILA-
TIEFILTER
VUILWATERTANK
(doorsnede)
AFVOERPOMP
DEK
AFVOER
WATERSPIEGEL
WATERLIJN
Toilet met directe overboordafvoer
Toilet met
tankafvoer
Let op! Overstromingsgevaar
Alle geventileerde lussen moet minstens 8 in./20 cm boven waterlijn tijdens volledig overhellen
worden gemonteerd.
*
Dometic MasterFlush
63
VUILWATER-
TANK
(doorsnede)
1 in./25 mm of
1,5 in./38 mm ID
AFVOERSLANG
0,75 in./
19 mm
BUITENBOORD-
KRAAN
1 in./ 25 mm
of 1,5 in./38 mm
BUITENBOORDKRAAN
VAN
DRINKWATERTOEVOER
VAN
DRINKWATERTOEVOER
0,75 in./ 19 mm
BUITENBOORD-
KRAAN
1 in./ 25 mm
of 1,5 in./38 mm
BUITENBOORDKRAAN
VERSNIJ-
DINGSTOILET
VERSNIJ-
DINGSTOILET
Installatie
5.2 Onderwaterlijn systeemlay-outs
7
8
VENTILATIEFITTING
0,75 in./ 19 mm ID
ZEEWATERLIJN
0,75 in./ 19 mm ID
ZEEWATERLIJN
0,75 in./ 19 mm ID
GEVENTILEERDE
LUS *
0,75 in./ 19 mm ID
GEVENTILEERDE LUS *
0,5 in./ 13 mm ID
DRINKWATERLEI-
DING
0,5 in./ 13 mm ID
DRINKWATERLIJN-
LEIDING
Voeg hier geventi-
leerde lus toe, als de
vuilwatertank onder
waterlijn is.*
1 in./25 mm of
1,5 in./38 mm ID
GEVENTILEERDE LUS *
1 in./25 mm of
1,5 in./38 mm ID
GEVENTILEERDE LUS *
VENTILATIE-
FILTER
AFVOER-
POMP
DEK
AFVOER
Toilet met directe overboordaf-
voer
Toilet met
tankafvoer
Let op! Overstromingsgevaar
Alle geventileerde lussen moet minstens 8 in./20 cm boven waterlijn tijdens volledig overhellen
worden gemonteerd.
*
1 in./ 25 mm
of 1,5 in./38 mm ID
AFVOERSLANG
WATERSPIEGEL
WATERSPIEGEL
Dometic MasterFlush
64
5.3 Inlaatleiding vereisten
Voor zeewater-spoelmodellen:
1. Buitenboordkraan en inlaatwaterleiding (niet bij toilet geleverd):
a. 3/4 in. (19 mm) buitenboordkraan met volledige doorstroming en 3/4 in. (19 mm) ID exibele slang.
Neem de montage-instructies van de fabrikant van de buitenboordkraan in acht.
b. Controleer of de inlaat-buitenboordkraan steeds onder de waterlijn is, ook tijdens elke mate van
overhelling.
c. Controleer of geen van de inlaatslangverbindingen scherpe bochten heeft of verstopt is.
d. Gebruik twee roestvrijstalen slangklemmen voor elke verbinding.
e. Ondersteun de inlaatslangen elke 3 ft. (0,9 m) om onbedoelde beweging te bepreken.
f. Houd de slangen zo kort mogelijk. Verwijder doorbuigingen of lage punten die de doorstroming
kunnen hinderen.
2. Waterinlaatzeef (niet bij toilet geleverd)
a. 100-mazige zeef wordt aanbevolen tussen de inlaat-buitenboordkraan en het zeewaterspoeltoilet.
3. Inlaat-terugslagklep voor boven de waterlijnmontage (niet bij toilet geleverd):
a. Een terugslagklep moet worden gemonteerd in inlaat-toevoerleiding om te garanderen dat de zee-
waterpomp van de toilet tussen de spoelingen opgevoerd blijft.
b. Terugslagklep moet zich zo dicht als mogelijk bevinden bij de inlaat-buitenboordkraan (
5
,
6
).
4. Geventileerde lus (niet bij toilet geleverd):
a. Als de toiletrand tijdens overhellen, trimmen of laden minder dan 8 in. (20 cm) boven de hoogste
waterlijn kan zijn, moet een 3/4 in. (19 mm) geventileerde lus worden gemonteerd in de inlaatslang
tussen de buitenboordkraan en het toilet (
7
,
8
).
b. Geventileerde lus moet minimaal 8 in. (20 cm) boven de hoogst mogelijk waterlijn tijdens overhellen,
trimmen of laden zijn gepositioneerd.
Waarschuwing!
Sluit geen inlaatleiding van een onbehandeld-watertoilet aan op een onder druk staand
drinkwatersysteem. Dit leidt tot een ononderbroken lopende drinkwaterpomp waardoor
de toiletpot kan overstromen, de boot kan vollopen en materieel verlies of dood het gevolg
kunnen zijn.
Waarschuwing!
Sluit een inlaatleiding van een onbehandeld-watertoilet nooit aan op een drinkwatersys-
teem. Dit kan leiden tot contaminatie van het drinkwatersysteem. Als drinkwater gewenst
is, moet de drinkwaterversie van het toilet worden aangeschaft of een aparte drinkwater-
tank uitsluitend voor het toilet worden gemonteerd.
Voor drinkwater-spoelmodellen:
1. Inlaatwaterleiding (niet bij toilet geleverd):
a. 0,5 in. (13 mm) ID exibele slang met 1/2 in. NPT tting verbinding met toiletwaterklep.
2. Uitschakelklep in inlaatleiding (niet bij toilet geleverd):
a. Voor reiniging en onderhoud van het toilet.
InstallatieDometic MasterFlush
65
Installatie
5.4 Uitlaatleiding vereisten
Voor zeewater-spoelmodellen:
1. Buitenboordkraan en afvoerslang (niet bijgeleverd):
a. 1 in. (25 mm) of 1,5 in. (38 mm) buitenboordkraan met volledige doorstroming en exibele slang
om vuil naar een tank te leiden met een afvoerpomp, of het direct overboord te leiden. Neem de
montage-instructies van de fabrikant van de buitenboordkraan in acht.
b. De buitenboordkraan voor vuiluitlaat moet na en hoger dan de buitenboordkraan voor waterinlaat
zijn.
c Uitlaatleidingen mogen geen krappe bochten of verstoppingen hebben.
d. Gebruik twee roestvrijstalen slangklemmen voor elke verbinding.
e. Ondersteun de slang om bewegingen en zijwaartse belasting te begrenzen.
f. Houd de slangen zo kort mogelijk. Verwijder doorbuigingen of lage punten die de doorstroming
kunnen hinderen.
2. Afvoerslang-lus bij toilet (niet bij toilet geleverd):
a. Om water in de wc-pot te houden, een 12 in. (30 cm) hoge lus zo dicht bij het toilet als mogelijk in
de afvoerleiding maken (afb.
5
,
6
).
3. Geventileerde lus (niet bij toilet geleverd):
a. Zie toiletsysteemlay-out
6
en
7
8
voor aanbevolen locaties van afvoer-geventileerde lus-
sen verbonden met systeemcomponenten die onder de waterlijn zijn of minder dan 8 in. (20cm)
boven hoogst mogelijke waterlijn zijn bij volledig overhellen.
b. Geventileerde lus moet minimaal 8 in. (20 cm) boven de hoogst mogelijk waterlijn tijdens overhel-
len, trimmen of laden zijn gepositioneerd.
5.5 Toilet en spoelknop montage
1. Pak toilet, watertoevoerslang, afvoertting en bevestigingen voor-
zichtig uit (afb.
1
).
2. Plaats het toilet op de gewenste locatie op de vloer. Indien nodig
het toilet zodanig draaien dat de versnijderpomp (afb.
2
3) niet
wordt gehinderd door wanden, of zodanig dat deze past bij de in-
deling van de leidingen. Controleer of voldoende speling beschik-
baar is voor leidingaansluitingen, zitting en afdekking in geheven
positie. Markeer op de vloer waar het toilet wordt gemonteerd.
3. (optioneel) Als versnijderpomp en basis in een hoek moeten wor-
den gemonteerd waarbij de wc-pot niet in de juiste richting wijst,
kan de bovenpot in de juiste positie worden gedraaid:
a. Maak compressieband (
9
) net voldoende los om deze langs
de kunststof klem eronder te schuiven, en verwijder bovenste en
onderste kunststof klemmen (
10
).
b. Til de pot op. Controleer of de inkeping zich in de zwarte
rubberpakking rond de holle pen op de toiletbasis bevindt en
gecentreerd tussen pot en basis blijft (
11
). Draai de pot in de
gewenste positie, en plaats deze dan op de pakking.
c. Herpositioneer de kunststof klemmen en compressieband tussen
bovenpot en basis. Sluit de klemmen aan de toiletvoorzijde (er
blijft ruimte tussen de klemmen achter de pot). Als de compres-
sieband op een klem is gepositioneerd (niet in opening tussen
klemmen) (
9
), de compressieband aandraaien tot 65 in.-lbs.
9
10
11
Dometic MasterFlush
66
Installatie
4. Sluit de watertoevoerslang aan tussen terugslagklep of adapter
(afb.
2
1) en waterklep (drinkwatermodel) of waterpomp (zee-
watermodel) op de basis.
a. Snij de toevoerslang op maat zodat deze na aansluiting niet
wordt geknikt.
b. Verwijder kunststof afdekking (afb.
2
3) van de pomp.
c. Bevestig slang met de slangklem op de waterklep (drinkwater-
model) of gekartelde pomptting (zeewatermodel) (
12
).
d. Plaats het losse einde van de toevoerslang omhoog door de
opening van de kunststof afdekking. Laat de afdekking neer en
breng deze correct aan op de versnijdingspomp.
e. Sluit de watertoevoerslang met de slangklem aan op de
rand-spoelterugslagklep (
13
).
5. Plan elektrisch systeem, watertoevoer en afvoerleidingen volgens
toiletsysteemlay-out (zie pagina's 62 – 63). Maak toegangsope-
ningen voor leidingen en elektrische voorzieningen naar toilet.
6. Plaats het toilet in de uiteindelijke positie en bevestig het op de
vloer met zeskantbouten en onderlegschijven aan de zijkanten en
achterzijde van de basis (
14
).
7. Plan spoelknoppositie zodanig dat elektrische verbindingen en
bedrading niet nat kunnen worden.
8. Gebruik knopsjabloon (apart verpakt) om de locatie van de
bevestigingen en opening voor de knop te markeren. Snij de
opening eruit (
15
).
Opmerking
Zie schakelschema aan achterzijde van toiletonderdelenlijst.
9. SCHAKEL DE ELEKTRISCHE VOEDING UIT en leidt de ko-
perpluskabel (diameter volgens ABYC standaard) van de stroom-
onderbreker of zekering naar de opening voor de knop.* Leid de
rode kabel van de toiletversnijdingspomp naar de opening voor
de knop. Leid de kabel van de opening voor de pomp naar de
elektrische waterklep aan de onderzijde van het toilet (drinkwa-
termodel). Sluit de kabels volgens het schema met kabelschoe-
nen aan (
15
,
17
).
10. Bevestig de spoelknop met bijgeleverde schroeven op de wand.
11. Sluit de massakabel van de versnijdingspomp en elektrische wa-
terklep (alleen drinkwatermodel) volgens het bedradingsschema
aan op de elektrische massabedrading van de boot. Zorg voor
een extra kabel aan de toilet om deze eenvoudig van de vloer te
verwijderen voor onderhoud.
12. Leid de watertoevoer en afvoerledingen van de boot naar het
toilet (zie toiletsysteemlay-out op pagina’s 62 – 63).
13. Sluit alle afvoerleidingen aan met twee roestvrijstalen slangklem-
men, de schroeven 180° ten opzichte van elkaar (
16
). Smeer
ttingen en slangen in met siliconenvet om het aansluiten van de
slangen eenvoudiger te maken. Sluit bij een drinkwatertoilet aan
op watertoevoer met 0,5 in. NPT tting (
17
).
14
15
16
Dometic MasterFlush
12
13
67
17
18
14. Open bij een zeewatermodel de watertoevoer en buitenboord-
kranen voor de afvoer. Open bij een drinkwatertoilet de watertoe-
voer. Controleer overal op waterlekkage. Schakel de elektrische
spanning in, druk op de “spoel” schakelaar en controleer op
lekkage. Draai bij lekkage de aansluiting aan.
15. Bevestig kunststof afdekkingen op de vloerbevestigingen.
* Als het toiletsysteem een tankbewakingssysteem van de DTM serie bevat, zie
hoofdstuk 5.6.
Klantenservice Dometic MasterFlush
6 Klantenservice
5.6 Toiletsysteem met tankbewaking en uitschakelrelais montage
Dometic MasterFlush toiletten werken met Dometic DTM tankbewakingssystemen (apart beschikbaar)
voor de uitschakeling van de stroomvoorziening naar het toilet als de tank vol is. Dit voorkomt overvulling
van de vuilwatertank. Zie het bedradingssysteem van het toilet op de onderdelenlijst.
1. Voer ingangsstroomdraad van “volle tank” relais van DTM paneel naar de positie van de spoelknop
van het toilet.
2. Volg de montage-instructies voor de spoelknop op, te beginnen met hoofdstuk 5.5, stap 10.
Waarschuwing
Gebruik het toilet alleen, als de watertoevoer is ingeschakeld. Interne componenten kunnen
worden beschadigd.
De wettelijke garantieperiode is van toepassing. Als het product defect is, wendt u zich tot het liaal van
de fabrikant in uw land (adressen zie achterkant van de handleiding) of tot uw speciaalzaak.
Voor de afhandeling van de reparatie of garantie dient u de volgende documenten mee te sturen:
– een kopie van de factuur met datum van aankoop,
– reden van de klacht of een beschrijving van de storing.

Documenttranscriptie

Dometic MasterFlush Opmerkingen over het gebruik van de handleiding Inhoudsopgave NL 1 Opmerkingen over het gebruik van de handleiding . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 58 2 Algemene veiligheidsinstructies . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 58 – 60 3 Componenten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 60 4 Specificaties . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 60 – 61 5 Installatie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 62 – 67 6 Klantenservice . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 67 1 Opmerkingen over het gebruik van de handleiding Let op! Veiligheidsvoorschriften: Niet naleven van deze voorschriften kan materiële schade veroorzaken en de bediening van het toestel in gevaar brengen. Opmerking Aanvullende informatie voor bediening van het toestel. Afb. 1 A, pagina 2: Dit verwijst naar een element in een illustratie. In dit voorbeeld, voorwerp A in afbeelding 1 op pagina 2. 2 Algemene veiligheidsinstructies De fabrikant zal niet aansprakelijk worden gesteld voor schadeclaims die het gevolg zijn van volgende zaken: • Gebrekkige installatie of aansluiting • Schade aan de eenheid door mechanische invloeden, verkeerd gebruik of misbruik • Aanpassingen aan de eenheid zonder uitdrukkelijke, schriftelijke toestemming van de fabrikant • Gebruik voor doeleinden anders dan deze beschreven in de handleiding Neem alle bepalingen of standaards voor uw installatie in acht. 2.1 Waarschuwingen – scheepstoepassingen De volgende uitspraken moeten worden gelezen en begrepen voor het monteren, onderhouden en/ of bedienen van dit product op een boot. Aanpassing van dit product kan leiden tot beschadiging van eigendom. Dometic beveelt aan dat een gekwalificeerde boottechnicus of elektricien dit product monteert of de onderhoudswerkzaamheden uitvoert. Schade aan de uitrusting, verwondingen van personeel of de dood kunnen het gevolg zijn van verkeerde montage. DOMETIC AANVAARDT GEEN VERANTWOORDELIJKHEID OF AANSPRAKELIJKHEID VOOR SCHADE AAN UITRUSTING, VERWONDINGEN OF DE DOOD VAN PERSONEEL DIE HET GEVOLG KUNNEN ZIJN VAN VERKEERDE MONTAGE, ONDERHOUD OF BEDIENING VAN DIT PRODUCT. Let op! Overstromingsgevaar Als het toilet is verbonden met EEN OF MEER buitenboordfittingen, MOETEN correct gemonteerde buitenboordkranen worden gemonteerd in alle leidingen die zijn verbonden met buitenboordfittingen. Buitenboordkranen MOETEN eenvoudig toegankelijk zijn voor alle toiletgebruikers, anders moeten secundaire kleppen in slangen op toegankelijke punten zijn aangebracht. Alle kleppen MOETEN afsluiters met volle doorlaat zijn en geschikt voor gebruik op zee. Schroefbare schuifafsluiters worden niet aanbevolen. Niet naleven hiervan kan tot overstroming leiden, wat kan leiden tot de dood en/of verlies van eigendom. 58 Algemene veiligheidsinstructies Dometic MasterFlush Let op! Overstromingsgevaar Als het toilet is verbonden met EEN OF MEER buitenbordfittingen, moeten ALLE flexibele slangen zeewaardig zijn en zijn aangesloten op ALLE fittingen (zoals buitenboordkraan, geventileerde lus of toilet) met twee wormsluiting-slangklemmen van roestvrijstaal rond elke verbinding. Verbindingen MOETEN regelmatig worden gecontroleerd. Niet-inachtneming kan leiden tot overstroming, materieel verlies en de dood. Let op! Overstromingsgevaar Als de toiletrand OOIT minder dan 8 in. (20 cm) boven het hoogste waterpeil is (tijdens overhellen, laden of trimmen) en is verbonden met MINSTENS EEN buitenboordfitting, MOETEN correct gepositioneerde geventileerde (doorluchte) lussen worden gemonteerd in inlaat-* of afvoerbuizen om eventueel terugstromen van zeewater in de boot te voorkomen. Geventileerde lussen moeten worden uitgerust met integrale terugslagkleppen waardoor lucht de leiding kan instromen om hevelen te voorkomen Niet naleven hiervan kan tot overstroming leiden, wat kan leiden tot de dood en/of verlies van eigendom. * indien aangesloten op zeewater Let op! Overstromingsgevaar Als toilet OOIT gebruik maakt van zeewater, MOET GEEN zeewaterpomp die wordt geregeld door een automatisch bediende schakelaar worden gemonteerd. Als de onboard-waterklep of leidingverbindingen lekken, zou de automatisch bediende pomp starten en de boot kunnen vloeden. Niet-inachtneming kan leiden tot materieel verlies en de dood. Let op! Overstromingsgevaar Sluit geen spoeltoilet met zeewater (modellen 7160, 7260) aan op een onder druk staand onboard-drinkwatersysteem. Niet-inachtneming kan leiden tot overstroming, materieel verlies en de dood. Let op! Sluit geen spoeltoilet met zeewater (modellen 7160, 7180) aan op een onboard-drinkwatersysteem. Niet-inachtneming kan leiden tot vervuiling van drinkwater. Let op! Overstromingsgevaar Voordat werkzaamheden aan dit product worden begonnen, moet worden gecontroleerd of alle elektrische stroom naar de eenheid is uitgeschakeld en dat de buitenboordkranen in de GESLOTEN of UIT positie staan. Niet naleven hiervan kan tot overstroming leiden, wat kan leiden tot de dood en/of verlies van eigendom. Let op! Gevaar voor schokken of vuur Gebruik altijd de aanbevolen zekering, stroomonderbreker en kabelmaat. Niet-inachtneming kan leiden tot vuur, materieel verlies en de dood. Let op! Het overvullen van de vuilwatertank kan ernstige schade veroorzaken aan het afvalsysteem zoals een breuk in de vuilwatertank waardoor de inhoud van de tank in het ruim kan terechtkomen. Om dit te voorkomen, raadt Dometic aan om een “volle tank” uitschakelrelais te monteren dat werkt met het “vol” signaal dat wordt gegenereerd door een optionele Dometic DTM01C tankbewaking of DTM04 vier-niveaus tankbewakingssysteem. 59 Componenten Dometic MasterFlush Let op! Direct overboord afvoeren van afvalwater is in sommige gebieden verboden. Neem alle plaatselijke bepalingen in acht alvorens een overboord-afvoersysteem te bedienen. 3 Componenten Verpakkingsinhoud (Afb. 1 ) Referentie Toiletcomponenten (Afb. 2 ) Referentie Omschrijving Omschrijving A Versnijdingstoilet 1 Rand-spoelterugslagklep (drinkwatertoilet) of adapter (zeewatermodel) B1 DFS-2F spoelknop (standaard drinkwatertoilet) 2 Watertoevoerslang Versnijdingspomp (onder kunststof B2 DFS-1F spoelknop (standaard toilet met zeewater) 3 C 1,5 in. (38 mm) afvoerfitting 4 Elektrische waterklep D Gereedschapsset voor ondergrondbevestiging 5 Product ID-label locatie 6 RVS-compressorband E Set voor watertoevoerslang 7 Afvoermontagestuk NS Onderdeellijst, montage- en gebruiksinstructies, snelstartgids afdekking) Zie complete onderdelenlijst (apart verpakt) voor extra informatie. 4 Specificaties 4.1 Afmetingen (Afb. 3 ) Toiletmodellen 7120, 7160 (standaard wc-pot) Referentie Toiletmodellen 7220, 7260 (compacte boot-wc-pot) Referentie Afmetingen Afmetingen A 375 mm /14,75 in A 337 mm /13,25 in B 381 mm /15 in B 368 mm /14,5 in C 483 mm /19 in C 476 mm /18,75 in D 349 mm /13,75 in - zithoogte D 311 mm /12,25 in - zithoogte E 349 mm /13,75 in E 349 mm /13,75 in F 254 mm /10 in F 254 mm /10 in G 730 mm /28,75 in - brildeksel omhoog G 667 mm /26,25 in - brildeksel omhoog Alle afmetingen kunnen verschillen 0,375 in. (10 mm) 60 Specificaties Dometic MasterFlush Dometic spoelknoppaneel (Afb. 4 ) Refe- Afmetingen rentie A 83 mm /3,25 in B 41 mm /1,625 in 4.2 Materiaal Toilet: porselein Toiletbasis: polypropyleen Dometic spoelknop-paneel: polystyreen (DFS-1F of DFS-2F); of gemoffeld aluminium (DFST) 4.3 Minimum systeemeisen Elektrisch Stroomverbruik 20 A/12 V DC; 10 A/24 V DC Stroomonderbreker/ zekering 25 A/12 V DC; 15 A/24 V DC Bedrading Watertoevoer Afvoer 12 ga. (tot 25 ft./7,6 m totale circuit) Raadpleeg ABYC richtlijnen voor aanvullende informatie. Fitting maat Toevoerslang ID 0,5 in. NPT – drinkwatertoilet 0,75 in./19 mm ID – toilet met zeewater Debiet 2,0 gpm/7,6 lpm minimum – drinkwaterspoeling Binnendiameter 1,5 in./38 mm of 1 in./25 mm Horizontaal bereik* 40 ft./12,2 m maximum Verticaal bereik* 4 ft./1,2 m maximum * A  fstanden van horizontaal en verticaal bereik zijn niet cumulatief. Controleer op adequate afvoer als de installatie een van deze begrenzingen benadert. Specificaties kunnen zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd. 61 Dometic MasterFlush Montage 5 Installatie Opmerking Bepaal of de watertoevoer naar het toilet drinkwater of zeewater is, boven onder de waterlijn is, en volg dan de desbetreffende montage-instructies op. 5.1 Boven waterlijnsysteem lay-outs 5 VERSNIJDINGSTOILET MAAK LUS 12 in./305 mm BOVEN VLOER Toilet met directe overboordafvoer WATERLIJN 1 in./ 25 mm of 1,5 in./38 mm ID AFVOERSLANG 1 in./ 25 mm of 1,5 in./38 mm BUITENBOORDKRAAN 0,75 in./ 19 mm BUITENBOORDKRAAN TERUGSLAGKLEP is vereist om te garanderen dat zeewater tussen gebruik opgevoerd blijft VENTILATIEFITTING 6 0,75 in./ 19 mm ID ZEEWATERLIJN 0,5 in./ 13 mm ID DRINKWATERLEIDING VAN DRINKWATERTOEVOER DEK AFVOER Toilet met tankafvoer AFVOERPOMP WATERSPIEGEL 1 in./ 25 mm of 1,5 in./38 mm BUITENBOORDKRAAN Voeg hier geventileerde lus toe, als de vuilwatertank onder waterlijn is.* * 62 0,75 in./ 19 mm BUITENBOORDKRAAN VENTILATIEFILTER TERUGSLAGKLEP is vereist om te garanderen dat zeewater tussen gebruik opgevoerd blijft VUILWATERTANK (doorsnede) 0,75 in./ 19 mm ID ZEEWATERLIJN 0,5 in./ 13 mm ID DRINKWATERLIJN VAN DRINKWATERTOEVOER Let op! Overstromingsgevaar Alle geventileerde lussen moet minstens 8 in./20 cm boven waterlijn tijdens volledig overhellen worden gemonteerd. Installatie 5.2 Dometic MasterFlush Onderwaterlijn systeemlay-outs 7 Toilet met directe overboordafvoer 1 in./25 mm of 1,5 in./38 mm ID GEVENTILEERDE LUS * 0,75 in./ 19 mm ID GEVENTILEERDE LUS * WATERSPIEGEL 1 in./ 25 mm of 1,5 in./38 mm ID AFVOERSLANG 1 in./ 25 mm of 1,5 in./38 mm BUITENBOORDKRAAN 0,75 in./ 19 mm BUITENBOORDKRAAN VERSNIJDINGSTOILET 0,5 in./ 13 mm ID DRINKWATERLEIDING VAN DRINKWATERTOEVOER 0,75 in./ 19 mm ID ZEEWATERLIJN 8 Toilet met tankafvoer VENTILATIEFITTING DEK AFVOER 1 in./25 mm of 1,5 in./38 mm ID GEVENTILEERDE LUS * AFVOERPOMP 1 in./25 mm of 1,5 in./38 mm ID AFVOERSLANG WATERSPIEGEL 1 in./ 25 mm of 1,5 in./38 mm BUITENBOORDKRAAN Voeg hier geventileerde lus toe, als de 0,75 in./ vuilwatertank onder 19 mm waterlijn is.* BUITENBOORDKRAAN VENTILATIEFILTER 0,75 in./ 19 mm ID GEVENTILEERDE LUS * VUILWATERTANK (doorsnede) VERSNIJDINGSTOILET 0,5 in./ 13 mm ID DRINKWATERLIJNLEIDING VAN DRINKWATERTOEVOER 0,75 in./ 19 mm ID ZEEWATERLIJN * Let op! Overstromingsgevaar Alle geventileerde lussen moet minstens 8 in./20 cm boven waterlijn tijdens volledig overhellen worden gemonteerd. 63 Dometic MasterFlush 5.3 Installatie Inlaatleiding vereisten Voor zeewater-spoelmodellen: 1. Buitenboordkraan en inlaatwaterleiding (niet bij toilet geleverd): a. 3/4 in. (19 mm) buitenboordkraan met volledige doorstroming en 3/4 in. (19 mm) ID flexibele slang. Neem de montage-instructies van de fabrikant van de buitenboordkraan in acht. b. Controleer of de inlaat-buitenboordkraan steeds onder de waterlijn is, ook tijdens elke mate van overhelling. c. Controleer of geen van de inlaatslangverbindingen scherpe bochten heeft of verstopt is. d. Gebruik twee roestvrijstalen slangklemmen voor elke verbinding. e. Ondersteun de inlaatslangen elke 3 ft. (0,9 m) om onbedoelde beweging te bepreken. f. Houd de slangen zo kort mogelijk. Verwijder doorbuigingen of lage punten die de doorstroming kunnen hinderen. 2. Waterinlaatzeef (niet bij toilet geleverd) a. 100-mazige zeef wordt aanbevolen tussen de inlaat-buitenboordkraan en het zeewaterspoeltoilet. 3. Inlaat-terugslagklep voor boven de waterlijnmontage (niet bij toilet geleverd): a. Een terugslagklep moet worden gemonteerd in inlaat-toevoerleiding om te garanderen dat de zeewaterpomp van de toilet tussen de spoelingen opgevoerd blijft. b. Terugslagklep moet zich zo dicht als mogelijk bevinden bij de inlaat-buitenboordkraan ( 5 , 6 ). 4. Geventileerde lus (niet bij toilet geleverd): a. Als de toiletrand tijdens overhellen, trimmen of laden minder dan 8 in. (20 cm) boven de hoogste waterlijn kan zijn, moet een 3/4 in. (19 mm) geventileerde lus worden gemonteerd in de inlaatslang tussen de buitenboordkraan en het toilet ( 7 , 8 ). b. Geventileerde lus moet minimaal 8 in. (20 cm) boven de hoogst mogelijk waterlijn tijdens overhellen, trimmen of laden zijn gepositioneerd. Waarschuwing! Sluit geen inlaatleiding van een onbehandeld-watertoilet aan op een onder druk staand drinkwatersysteem. Dit leidt tot een ononderbroken lopende drinkwaterpomp waardoor de toiletpot kan overstromen, de boot kan vollopen en materieel verlies of dood het gevolg kunnen zijn. Waarschuwing! Sluit een inlaatleiding van een onbehandeld-watertoilet nooit aan op een drinkwatersysteem. Dit kan leiden tot contaminatie van het drinkwatersysteem. Als drinkwater gewenst is, moet de drinkwaterversie van het toilet worden aangeschaft of een aparte drinkwatertank uitsluitend voor het toilet worden gemonteerd. Voor drinkwater-spoelmodellen: 1. Inlaatwaterleiding (niet bij toilet geleverd): a. 0,5 in. (13 mm) ID flexibele slang met 1/2 in. NPT fitting verbinding met toiletwaterklep. 2. Uitschakelklep in inlaatleiding (niet bij toilet geleverd): a. Voor reiniging en onderhoud van het toilet. 64 Installatie 5.4 Dometic MasterFlush Uitlaatleiding vereisten Voor zeewater-spoelmodellen: 1. Buitenboordkraan en afvoerslang (niet bijgeleverd): a. 1 in. (25 mm) of 1,5 in. (38 mm) buitenboordkraan met volledige doorstroming en flexibele slang om vuil naar een tank te leiden met een afvoerpomp, of het direct overboord te leiden. Neem de montage-instructies van de fabrikant van de buitenboordkraan in acht. b. De buitenboordkraan voor vuiluitlaat moet na en hoger dan de buitenboordkraan voor waterinlaat zijn. c Uitlaatleidingen mogen geen krappe bochten of verstoppingen hebben. d. Gebruik twee roestvrijstalen slangklemmen voor elke verbinding. e. Ondersteun de slang om bewegingen en zijwaartse belasting te begrenzen. f. Houd de slangen zo kort mogelijk. Verwijder doorbuigingen of lage punten die de doorstroming kunnen hinderen. 2. Afvoerslang-lus bij toilet (niet bij toilet geleverd): a. Om water in de wc-pot te houden, een 12 in. (30 cm) hoge lus zo dicht bij het toilet als mogelijk in de afvoerleiding maken (afb. 5 , 6 ). 3. Geventileerde lus (niet bij toilet geleverd): a. Zie toiletsysteemlay-out 6 en 7 – 8 voor aanbevolen locaties van afvoer-geventileerde lussen verbonden met systeemcomponenten die onder de waterlijn zijn of minder dan 8 in. (20 cm) boven hoogst mogelijke waterlijn zijn bij volledig overhellen. b. Geventileerde lus moet minimaal 8 in. (20 cm) boven de hoogst mogelijk waterlijn tijdens overhellen, trimmen of laden zijn gepositioneerd. 5.5 Toilet en spoelknop montage 1. Pak toilet, watertoevoerslang, afvoerfitting en bevestigingen voorzichtig uit (afb. 1 ). 2. Plaats het toilet op de gewenste locatie op de vloer. Indien nodig het toilet zodanig draaien dat de versnijderpomp (afb. 2 3) niet wordt gehinderd door wanden, of zodanig dat deze past bij de indeling van de leidingen. Controleer of voldoende speling beschikbaar is voor leidingaansluitingen, zitting en afdekking in geheven positie. Markeer op de vloer waar het toilet wordt gemonteerd. 3. (optioneel) Als versnijderpomp en basis in een hoek moeten worden gemonteerd waarbij de wc-pot niet in de juiste richting wijst, kan de bovenpot in de juiste positie worden gedraaid: a. Maak compressieband ( 9 ) net voldoende los om deze langs de kunststof klem eronder te schuiven, en verwijder bovenste en onderste kunststof klemmen ( 10 ). b. Til de pot op. Controleer of de inkeping zich in de zwarte rubberpakking rond de holle pen op de toiletbasis bevindt en gecentreerd tussen pot en basis blijft ( 11 ). Draai de pot in de gewenste positie, en plaats deze dan op de pakking. c. Herpositioneer de kunststof klemmen en compressieband tussen bovenpot en basis. Sluit de klemmen aan de toiletvoorzijde (er blijft ruimte tussen de klemmen achter de pot). Als de compressieband op een klem is gepositioneerd (niet in opening tussen klemmen) ( 9 ), de compressieband aandraaien tot 65 in.-lbs. 9 10 11 65 Installatie Dometic MasterFlush 4. Sluit de watertoevoerslang aan tussen terugslagklep of adapter (afb. 2 1) en waterklep (drinkwatermodel) of waterpomp (zeewatermodel) op de basis. a. Snij de toevoerslang op maat zodat deze na aansluiting niet wordt geknikt. b. Verwijder kunststof afdekking (afb. 2 3) van de pomp. c. Bevestig slang met de slangklem op de waterklep (drinkwatermodel) of gekartelde pompfitting (zeewatermodel) ( 12 ). d. Plaats het losse einde van de toevoerslang omhoog door de opening van de kunststof afdekking. Laat de afdekking neer en breng deze correct aan op de versnijdingspomp. e. Sluit de watertoevoerslang met de slangklem aan op de rand-spoelterugslagklep ( 13 ). 5. Plan elektrisch systeem, watertoevoer en afvoerleidingen volgens toiletsysteemlay-out (zie pagina's 62 – 63). Maak toegangsopeningen voor leidingen en elektrische voorzieningen naar toilet. 6. Plaats het toilet in de uiteindelijke positie en bevestig het op de vloer met zeskantbouten en onderlegschijven aan de zijkanten en achterzijde van de basis ( 14 ). 7. Plan spoelknoppositie zodanig dat elektrische verbindingen en bedrading niet nat kunnen worden. 8. Gebruik knopsjabloon (apart verpakt) om de locatie van de bevestigingen en opening voor de knop te markeren. Snij de opening eruit ( 15 ). 12 13 14 Opmerking Zie schakelschema aan achterzijde van toiletonderdelenlijst. 9. SCHAKEL DE ELEKTRISCHE VOEDING UIT en leidt de koperpluskabel (diameter volgens ABYC standaard) van de stroomonderbreker of zekering naar de opening voor de knop.* Leid de rode kabel van de toiletversnijdingspomp naar de opening voor de knop. Leid de kabel van de opening voor de pomp naar de elektrische waterklep aan de onderzijde van het toilet (drinkwatermodel). Sluit de kabels volgens het schema met kabelschoenen aan ( 15 , 17 ). 10. Bevestig de spoelknop met bijgeleverde schroeven op de wand. 11. Sluit de massakabel van de versnijdingspomp en elektrische waterklep (alleen drinkwatermodel) volgens het bedradingsschema aan op de elektrische massabedrading van de boot. Zorg voor een extra kabel aan de toilet om deze eenvoudig van de vloer te verwijderen voor onderhoud. 12. Leid de watertoevoer en afvoerledingen van de boot naar het toilet (zie toiletsysteemlay-out op pagina’s 62 – 63). 13. Sluit alle afvoerleidingen aan met twee roestvrijstalen slangklemmen, de schroeven 180° ten opzichte van elkaar ( 16 ). Smeer fittingen en slangen in met siliconenvet om het aansluiten van de slangen eenvoudiger te maken. Sluit bij een drinkwatertoilet aan op watertoevoer met 0,5 in. NPT fitting ( 17 ). 66 15 16 Klantenservice 14. Open bij een zeewatermodel de watertoevoer en buitenboordkranen voor de afvoer. Open bij een drinkwatertoilet de watertoevoer. Controleer overal op waterlekkage. Schakel de elektrische spanning in, druk op de “spoel” schakelaar en controleer op lekkage. Draai bij lekkage de aansluiting aan. 15. Bevestig kunststof afdekkingen op de vloerbevestigingen. Dometic MasterFlush 17 * Als het toiletsysteem een tankbewakingssysteem van de DTM serie bevat, zie hoofdstuk 5.6. 18 Waarschuwing Gebruik het toilet alleen, als de watertoevoer is ingeschakeld. Interne componenten kunnen worden beschadigd. 5.6 Toiletsysteem met tankbewaking en uitschakelrelais montage Dometic MasterFlush toiletten werken met Dometic DTM tankbewakingssystemen (apart beschikbaar) voor de uitschakeling van de stroomvoorziening naar het toilet als de tank vol is. Dit voorkomt overvulling van de vuilwatertank. Zie het bedradingssysteem van het toilet op de onderdelenlijst. 1. Voer ingangsstroomdraad van “volle tank” relais van DTM paneel naar de positie van de spoelknop van het toilet. 2. Volg de montage-instructies voor de spoelknop op, te beginnen met hoofdstuk 5.5, stap 10. 6 Klantenservice De wettelijke garantieperiode is van toepassing. Als het product defect is, wendt u zich tot het filiaal van de fabrikant in uw land (adressen zie achterkant van de handleiding) of tot uw speciaalzaak. Voor de afhandeling van de reparatie of garantie dient u de volgende documenten mee te sturen: – een kopie van de factuur met datum van aankoop, – reden van de klacht of een beschrijving van de storing. 67
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52
  • Page 53 53
  • Page 54 54
  • Page 55 55
  • Page 56 56
  • Page 57 57
  • Page 58 58
  • Page 59 59
  • Page 60 60
  • Page 61 61
  • Page 62 62
  • Page 63 63
  • Page 64 64
  • Page 65 65
  • Page 66 66
  • Page 67 67
  • Page 68 68
  • Page 69 69
  • Page 70 70
  • Page 71 71
  • Page 72 72
  • Page 73 73
  • Page 74 74
  • Page 75 75
  • Page 76 76
  • Page 77 77
  • Page 78 78
  • Page 79 79
  • Page 80 80
  • Page 81 81
  • Page 82 82
  • Page 83 83
  • Page 84 84
  • Page 85 85
  • Page 86 86
  • Page 87 87
  • Page 88 88
  • Page 89 89
  • Page 90 90
  • Page 91 91
  • Page 92 92
  • Page 93 93
  • Page 94 94
  • Page 95 95
  • Page 96 96
  • Page 97 97
  • Page 98 98
  • Page 99 99
  • Page 100 100
  • Page 101 101
  • Page 102 102
  • Page 103 103
  • Page 104 104
  • Page 105 105
  • Page 106 106
  • Page 107 107
  • Page 108 108
  • Page 109 109
  • Page 110 110
  • Page 111 111
  • Page 112 112
  • Page 113 113
  • Page 114 114
  • Page 115 115
  • Page 116 116
  • Page 117 117
  • Page 118 118
  • Page 119 119
  • Page 120 120
  • Page 121 121
  • Page 122 122
  • Page 123 123
  • Page 124 124
  • Page 125 125
  • Page 126 126
  • Page 127 127
  • Page 128 128
  • Page 129 129
  • Page 130 130
  • Page 131 131
  • Page 132 132
  • Page 133 133
  • Page 134 134
  • Page 135 135
  • Page 136 136
  • Page 137 137
  • Page 138 138
  • Page 139 139
  • Page 140 140
  • Page 141 141
  • Page 142 142
  • Page 143 143
  • Page 144 144
  • Page 145 145
  • Page 146 146
  • Page 147 147
  • Page 148 148
  • Page 149 149
  • Page 150 150
  • Page 151 151
  • Page 152 152
  • Page 153 153
  • Page 154 154
  • Page 155 155
  • Page 156 156
  • Page 157 157
  • Page 158 158
  • Page 159 159
  • Page 160 160
  • Page 161 161
  • Page 162 162
  • Page 163 163
  • Page 164 164
  • Page 165 165
  • Page 166 166
  • Page 167 167
  • Page 168 168
  • Page 169 169
  • Page 170 170
  • Page 171 171
  • Page 172 172

Dometic 7220 Installatie gids

Categorie
Sanitair
Type
Installatie gids