NordicTrack TEVEL99812.0 Handleiding

Type
Handleiding

Deze handleiding is ook geschikt voor

Sticker met
serienummer
Modelnr. NTEVEL99812.0
Serienr.
Schrijf het serienummer hierboven
voor verdere raadpleging.
GEBRUIKERSHANDLEIDING
www.iconeurope.com
OPGELET
Lees voor gebruik van dit
apparaat alle instructies en
voorzorgsmaatregelen in deze
handleiding. Bewaar deze hand-
leiding voor verdere raadpleging.
KLANTENDIENST
Neem contact op met de
Klantendienst (zie informatie
hieronder) of neem contact op met
de winkel waar u dit product gekocht
heeft wanneer u nog vragen heeft of
wanneer er onderdelen ontbreken of
beschadigd zijn.
4021 529 7186
Maandag-Vrijdag 08:00-20:00
GMT; Zaterdag 09:00-13:00 GMT
Website:
www.iconsupport.eu
Email:
2
DE STICKER MET WAARSCHUWING
De waarschuwingsticker hier afgebeeld is met
uw dit product inbegrepen. Plak de sticker op de
aangegeven plaats over de Engelse waarschuwing
heen. De hier getoonde sticker(s) met
waarschuwing is/zijn op de aangegeven plaats(en)
geplakt. Raadpleeg de laatste pagina van deze
handleiding wanneer een sticker ontbreekt of
niet leesbaar is en vraag om een vervangende
sticker. Plak de sticker op de aangegeven
plaats. Aandacht: de sticker(s) worden niet op
ware grootte weergegeven.
NORDICTRACK is een merk van ICON IP, Inc.
DE STICKER MET WAARSCHUWING. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .2
BELANGRIJKE VOORZORGSMAATREGELEN ...................................................3
VOORDAT U BEGINT . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .4
ONDERDEEL IDENTIFICATIESCHEMA ..........................................................5
MONTAGE. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .6
DE HARTSLAG MONITOR . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .15
HOE DE ELLIPTISCHE TRAINER TE GEBRUIKEN ...............................................16
ONDERHOUD EN OPLOSSEN VAN PROBLEMEN ...............................................28
RICHTLIJNEN VOOR HET OEFENEN. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .30
LIJST MET ONDERDELEN . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .32
GEDETAILLEERDE TEKENING ..............................................................34
HET BESTELLEN VAN ONDERDELEN ...............................................Laatste pagina
RECYCLING INFORMATIE. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Laatste pagina
INHOUD
3
1. Het is de verantwoordelijkheid van de
eigenaar te waarborgen dat alle gebruikers
van de elliptische trainer voldoende op de
hoogte zijn van alle voorzorgsmaatregelen.
2. Raadpleeg uw huisarts voordat u met dit
of enig ander oefenprogramma begint. Dit
is vooral belangrijk voor personen boven
de 35 jaar, of personen met bestaande
gezondheidsproblemen.
3. Gebruik de elliptische trainer alleen zoals
beschreven in deze handleiding.
4. De elliptische trainer is alleen voor
thuisgebruik bedoeld. Gebruik de elliptische
trainer niet commercieel, voor verhuur of
institutionele situatie.
5. Gebruik de elliptische trainer enkel
binnenshuis en uit de buurt van vocht en
stof. Plaats de elliptische trainer niet in een
garage, op een overdekt terras of bij water.
6. Zorg ervoor dat er minstens 0,9 m vrije
ruimte voor en achter en 0,6 m vrije ruimte
aan zijkanten van de elliptische trainer is.
Leg een matje onder de elliptische trainer
om uw vloer of de vloerbedekking te
beschermen.
7. Controleer en draai alle delen regelmatig
aan. Vervang versleten onderdelen direct.
8. Houd kinderen jonger dan 12 jaar en
huisdieren uit de buurt van de elliptische
trainer.
9. Deze elliptische trainer is niet geschikt voor
gebruik door personen die meer dan 150 kg
wegen.
10. Draag geschikte kleding wanneer u de
elliptische trainer gebruikt; draag geen losse
kleding die vast kan komen te zitten in de
elliptische trainer. Draag altijd gymschoenen
om uw voeten te beschermen tijdens het
trainen.
11. Houd de handgrepen of de armen van het
bovendeel vast bij het monteren, demonteren
of gebruiken van de elliptische trainer.
12. De hartslagmonitor is geen medisch
instrument. Diverse factoren kunnen
invloed hebben op nauwkeurigheid van de
hartslagwaarden. De hartslagmonitor dients
slechts om de hartslag globaal te meten, als
hulpmiddel bij uw oefeningen.
13. Met de elliptische trainer kan men niet
freewheelen; de pedalen blijven ronddraaien
totdat het vliegwiel stopt. Verlaag uw
fietssnelheid op een gecontroleerde manier.
14. Houd tijdens het gebruik van de elliptische
trainer uw rug recht. Krom uw rug niet.
15. Te veel oefeningen doen, kan leiden tot
ernstig letsel of de dood. Als u pijn voelt of
duizelig wordt tijdens het oefenen, dient u
onmiddellijk te stoppen en af te koelen.
BELANGRIJKE VOORZORGSMAATREGELEN
WAARSCHUWING: lees, om het risico tot ernstig letsel te verminderen, alle
belangrijke voorzorgsmaatregelen en instructies in deze handleiding en alle waarschuwingen op uw
elliptische trainer voordat u deze gebruikt. ICON is niet verantwoordelijk voor persoonlijk letsel of
schade door het gebruik van dit product.
4
Hartslagmonitor
Arm van het Bovendeel
Handleuning
Pedaalschijf
Wiel
Pedaal
Bedienings-
paneel
Houder voor de Waterfles*
Stelpoot
Hendel
*Waterfles niet inbegrepen
Dank u dat u heeft gekozen voor de NORDICTRACK
®
E 9.2 elliptische trainer. De E 9.2 elliptische trainer
biedt een aantal indrukwekkende functies die zijn
ontwikkeld om uw trainingen thuis effectiever en leuker
te maken.
Lees, voor uw welzijn, deze handleiding zorgvul-
dig door voor gebruik van de elliptische trainer.
Raadpleeg de omslag van deze handleiding als u nog
vragen hebt. Noteer het productnummer en het serien-
ummer voordat u met ons contact opneemt. De plaats
waar u de stickers met het productnummer en het
serienummer kunt vinden wordt op de omslag van de
handleiding aangegeven.
Bekijk eerst aandachtig de tekening hieronder en de
verschillende onderdelen, voordat u verder leest.
Lengte: 168 cm
Breedte: 64 cm
Gewicht: 64 kg
VOORDAT U BEGINT
5
M10 x 48mm Schroef
(75)–6
M10 x 95mm Schroef (82)–4
M4 x 28mm
Schroef (99)–4
M8 x 45mm Bout (76)–4
M4 x 16mm
Schroef (92)–6
M10 x 20mm
Schroef (79)–6
M8 x 20mm
Schroef (80)–2
Schouderbout (31)–2
M8 Tussenring
(33)–2
M10 Gespleten
Tussenring
(78)–10
M8 Slotmoer
(77)–4
ONDERDEEL IDENTIFICATIESCHEMA
Raadpleeg de tekeningen hieronder om de kleine onderdelen voor de montage te herkennen. Het nummer tus-
sen haakjes onder elke tekening is het nummer van het onderdeel van de LIJST MET ONDERDELEN achterin
deze handleiding. Het getal tussen de haakjes is de hoeveelheid die nodig is voor de montage. Aandacht: als
een onderdeel zich niet in de hardwareset bevindt, controleert u of deze al vooraf is gemonteerd. Er zijn
mogelijk extra metalen onderdelen meegeleverd.
6
• Montage moet door twee personen worden
uitgevoerd.
• Plaats alle onderdelen op een open plek en
verwijder het verpakkingsmateriaal. Gooi het
verpakkingsmateriaal pas weg als u helemaal
klaar bent met de montage.
• Linker onderdelen zijn met een “L” of “Left”
aangegeven en rechter onderdelen zijn met een
“R” of “Right” aangegeven.
• Voor het vaststellen van de kleine onderdelen,
kijkt u op page 5.
• Naast het inbegrepen gereedschap heeft u het
volgende gereedschap nodig:
een Philips schroevendraaier
een rubber hamer
Montage is makkelijker met een set sleutels. Om
schade aan de onderdelen te vermijden, dient u
nooit elektrisch gereedschap te gebruiken.
1. Ga naar www.iconsupport.eu op uw
computer en registreer uw product.
• activeertuwgarantie
• bespaartutijdalsuooitcontactmoet
opnemen met de Klantenservice
• hiermeekunnenwijuopdehoogtestellenvan
upgrades en aanbiedingen
Aandacht: indien u geen internettoegang heeft,
belt u met de KLANTENDIEST (zie de voorkant
van deze handleiding) om uw product te
registreren.
1
2. Maak, terwijl een tweede persoon de achterkant
van het Onderstel (1) optilt, de Achterste
Stabilisator (70) aan het Onderstel vast met twee
M10 x 95mm Schroeven (82).
70
82
1
2
MONTAGE
7
3. Maak, terwijl een tweede persoon de voorkant
van het Onderstel (1) optilt, de Voorste
Stabilisator (73) aan het Onderstel vast met twee
M10 x 95mm Schroeven (82).
3
1
82
73
4
Binddraad
2
42
37
1
1
2
42
Binddraad
4. Oriënteer de Staander (2) en de Kap van het
Bovenscherm (37) zoals getoond. Schuif de Kap
van het Bovenscherm omhoog op de Staander.
Zorg dat een tweede persoon de Staander (2)
vasthoudt in de buurt van het Onderstel (1).
Raadpleeg de inzet-tekening. Zoek naar
de binddraad in de Staander (2). Bevestig de
onderkant van de draadband aan de Draadkoker
(42). Trek vervolgens het bovenste gedeelte van
de opbinddraad omhoog en uit de bovenkant
van de Staander. Maak dan los en gooi het
opbinddraad weg.
Tip: om te voorkomen dat de Draadkoker
(42) in de Staander (2) valt, maakt u de
Draadkoker vast met een rubberen band of
een stuk tape.
8
5. Schuif de Staander (2) op het Onderstel (1).
Tip: laat een tweede persoon de Kap van het
Bovenscherm (37) uit de buurt houden.
Tip: vermijd het afklemmen van de
Draadkoker (42). Bevestig de Staander (2) met
vier M10 x 20mm Schroeven (79) en vier M10
Gespleten Tussenringen (78).
Schuif de Kap van het Bovenscherm (37)
omlaag en druk deze in het Onderstel (1).
5
1
78
78
79
79
Vermijd het
afklemmen van de
Draadkoker (42)
2
42
37
6. Richt de Kap van het Bedieningspaneel (32)
zoals getoond. Schuif dan de Kap van het
Bedieningspaneel weer op de Staander (2).
Richt het Handvat (39) zoals is afgebeeld. Zorg
dat de Hartslagsensor (28) en het Draad van
de Monitor (103) uit de Handleuning komen.
Tip: vermijd het afklemmen van de draden.
Bevestig het Handvat (39) aan de Staander (2)
met twee M10 x 20mm Schroeven (79).
79
Vermijd het
afklemmen van
de draden
6
2
28
103
32
39
9
7
4
2
7. Terwijl een tweede persoon het
Bedieningspaneel (4) bij de Staander
(2) vasthoudt, sluit u de draden van het
bedieningspaneel aan op de Draadkoker (42),
de Hartslagsensor (28) en het Draad van de
Monitor (103).
Stop het overmatige draad in de Staander (2) of
in het Bedieningspaneel (4).
Tip: vermijd het afklemmen van de draden.
Bevestig het Bedieningspaneel (4) op de
Staander (2) met vier M4 x 28mm Schroeven
(99).
99
99
Vermijd het
afklemmen van
de draden
Bedieningspaneeldraden
42
103
28
8. Schuif de Kap van het Bedieningspaneel (32)
omhoog naar het Bedieningspaneel (4).
Bevestig de Kap van het Bedieningspaneel
(32) aan de Staander (2) met een M4 x 16mm
Schroef (92).
Maak dan de Kap van het Bedieningspaneel (32)
vast aan het Bedieningspaneel (4) vast met twee
M4 x 16mm Schroeven (92).
8
4
2
32
92
92
10
9. Zoek de Linker en Rechter Armen van het
Bovendeel (8, 9).
Richt de Linkerarm van het Bovendeel (8)
aan een Been van het Bovendeel (6) zoals is
afgebeeld. Zorg ervoor dat de hexagonale
gaten op de aangegeven plaats zijn.
Schuif de Linkerarm van het Bovendeel (8) op
het Been van het Bovendeel (6).
Bevestig de Linkerarm van het Bovendeel (8)
met twee M8 x 45mm Bouten (76) en twee M8
Slotmoeren (77). Zorg dat de Slotmoeren zich
bevinden in de zeskantige gaten. Draai de
Bouten nog niet vast.
Schuif de Rechterarm van het Bovendeel
(9) op dezelfde manier op het Been van het
Bovendeel (6).
9
Zeshoekige
Gaten
8
6
6
9
77
77
76
76
11
10. Breng een ruime hoeveelheid aan van het
meegeleverde vet op de assen op de Staander
(2).
Oriënteer de Linkerarm en Rechterarm van het
Bovendeel (8, 9) zoals getoond en schuif ze op
de linkerkant en rechtekant van de Staander (2).
Bevestig elke Arm van het Bovendeel (8, 9)
met een M8 x 20mm Schroef (80) en een M8
Tussenring (33).
10
2
33
80
31
76
76
49
80
33
11
8
9
6
6
Smeervet
Smeervet
11. Breng een kleine hoeveelheid van het vet aan op
de Schouderbout (31).
Plaats, terwijl een andere persoon het voorste
gedeelte vasthoudt in de Rechterpedaalarm
(49) in de beugel van het Rechterbeen van het
Bovendeel (6), een Schouderbout (31) door
het Rechterbeen van het Bovendeel en de
Rechterpedaalarm.
Draai de Schouderbout (31) vast in de gelaste
moer op het Rechterbeen van het Bovendeel (6).
Herhaal deze stap om de Linker Pedaalarm
(niet getoond) op het Linkerbeen van het
Bovendeel (6) te monteren.
Draai de M8 x 45mm Bouten (76) vast.
12
12. Raadpleeg de inzet-tekening. Zoek een
Zwenkkap A (19) met haken, en een Zwenkkap
B (22) met lipjes.
Druk een Zwenkkap A (19) en een Zwenkkap
B (22) samen rond de Rechterarm van het
Bovendeel (9).
Herhaal deze stap aan de andere kant van de
elliptische trainer.
Tip: zorg dat de Zwenkkappen (19, 22) zijn
gericht zoals staat afgebeeld.
12
22
22
19
13
13. Bevestig de Kap van de Achterstestaander
(3) aan de Staander (2) met drie M4 x 16mm
Schroeven (92).
Richt de Kap van de Voorstestaander (16) zodat
de sticker met de pijl omhoog wijst.
Druk de kap van de Voorstestaander (16) in de
Kap van de Achterstestaander (3).
Druk de Waterfleshouder (5) in de Kap van de
Achterstestaander (3).
9
8
19
92
5
92
16
Lipje
3
2
Lipjes
Haken
Haken
19
22
13
49
13
78
75
15
15. Zoek de Rechterpedaal (13).
Bevestig de Rechterpedaal (13) aan de
Rechterpedaalarm (49) met drie M10 x 48mm
Schroeven (75) en drie M10 Gespleten
Tussenringen (78). Zorg dat u het middelste
gat en de twee buitenste gaten gebruikt voor
het bevestigen van het Rechterpedaal.
Bevestig het Linkerpedaal (niet weergegeven)
op dezelfde manier op de Linkerpedaalarm
(niet weergegeven).
14
20
21
14. Druk een Kap van het Voor Been (20) en een
Kap van het Achterste Been (21) samen rond het
Rechterbeen van het Bovendeel (6).
Herhaal deze stap aan de andere kant van de
elliptische trainer.
6
14
17. Zorg ervoor dat alle onderdelen van de elliptische trainer goed vastgedraaid worden. Aandacht: Er
kunnen extra onderdelen meegeleverd zijn. Leg een matje onder de elliptische trainer om uw vloer of de
vloerbedekking te beschermen.
16. Zie de bovenste tekening. Druk de Kap
van het Achterscherm (59) op de Linker en
Rechterschermen (44, 45).
Steek de Stroomadapter (100) in de
Stroomcontactdoos (104) die zich in het
Onderstel (1) bevindt.
Steek het Stroomadapter (100) indien nodig in
de Stekkeradapter (101).
Om de Stroomadapter (100) in een stopcontact
te gebruiken, kijkt u bij DE STROOMADAPTER
INSTEKEN op page 16.
59
101
100
44
1
45
104
16
15
HOE DE HARTSLAG MONITOR TE DRAGEN
De hartslag monitor
heeft een borstkas-
band en een sensor.
Steekdeapin
ene uiteinde van de
borstkas-band in het
ene uiteinde van de
sensor, zoals afge-
beeld in de tekening.
Druk dan het uit-
einde van de sensor
onder de gesp van
de borstkas-band.
Deapmoetgelijk
zijn met de voorkant
van de sensor.
De hartslag moni-
tor moet onder uw
kleding gedragen
worden, strak tegen
uw huid. Draag de
hartslag monitor
in de aangegeven
plaats rond uw borst-
kas. Zorg ervoor dat
de logo naar buiten wijst. Maak dan het andere uit-
einde van de borstkas-band op de sensor vast. Stel de
lengte van de borstkas-band bij mocht dat nodig zijn.
Trek de sensor een paar centimeter van uw lichaam en
zoek naar de twee elektrodes met de kleine randjes.
Maak beide elektrodes nat met een zoute vloeistof,
zoals wat speeksel of vloeistof voor contact lenzen.
Plaats de sensor terug tegen uw huid.
VERZORGING EN ONDERHOUD
•Droogdesensorgoedafnaiedergebruik.Door
vocht blijft de sensor langer dan nodig branden en
zodoende zullen de batterijen sneller leeg lopen.
•Bewaardehartslagmonitoropeenwarmeendroge
plaats. Bewaar de harslag monitor niet in een plastic
zak of andere verpakking die vocht kan vasthouden.
•Steldehartslagmonitornietlangdurigblootaan
direct zonlicht, niet aan een temperatuur lager dan
-10° C of aan een temperatuur hoger dan 50° C.
•Buigenrekdesensortijdenshetgebruikofhet
opbergen van de hartslag monitor niet te veel.
•Maakdesensorschoonmeteenzachtedoekeneen
beetje zachte zeep. Veeg dan de sensor met een
zachte doek en droog deze goed af. Gebruik nooit
schuurmiddelen, alcohol of chemische producten
om de sensor schoon te maken. U kunt de borstkas-
band met de hand wassen en dan laten drogen.
PROBLEMEN OPLOSSEN
Loop de hieronder genoemde procedures door wan-
neer de hartslag monitor niet goed werkt.
•Zorgervoordatudehartslagmonitorgoeddraagt
zoals hier links is beschreven. Verplaats de hartslag
monitor wat naar boven of naar beneden wanneer u
de borstkas-hartslag monitor niet goed werkt.
•Maakdeelektrodesopnieuwwatnatwanneerde
hartslag metingen pas verschijnen nadat u begint te
transpireren.
•Voordegoedeweergavevandehartslagmetingen
moet de gebruiker zich op minder dan een armlengte
van het bedieningspaneel bevinden.
•Alserzicheenbatterijdekseltjeaandeactherkant
van de sensor bevindt, vervang dan de batterij met
een batterij van hetzelfde type.
•Dehartslagmonitorisontwikkeldvoormensenmet
een normale hartslag. Problemen met de hartslag-
meting kunnen een medische oorzaak hebben zoals
vroegtijdige ventriculaire samentrekking, hartkloppin-
gen, of aritmie.
•Dewerkingvandehartslagmonitorkanbeïnvloed
worden door magnetische storingen die door hoog-
spanningsdraden en andere elektromagnetische
bronnen veroorzaakt kunnen worden. Verplaats het
tness-apparaatalsuvermoedtdatditdeoorzaakis.
Gesp
Flap
Borstkas-
band
Flaps
Sensor
Sensor
DE HARTSLAG MONITOR
16
DE STROOMADAPTER INSTEKEN
BELANGRIJK: laat, wanneer de elliptische
trainer aan koude temperaturen is blootgesteld,
deze op kamertemperatuur komen voordat u de
stroomadaptor insteekt. Als u dit niet doet kunt
u het bedieningspaneel of andere elektrische
componenten beschadigen.
Steek de
stroomadapter
in de aansluiting
die zich op het
onderstel van de
elliptische trainer
bevindt. Daarna
steekt u de
stroomadapter in
de stekkeradapter.
Steek dan de
stekkeradapter
in het juiste
stopcontact dat
goedisgeïnstalleerdvolgensdelokalecodesen
verordeningen.
DE ELLIPTISCHE TRAINER VERPLAATSEN
Gezien de afmetingen en de zwaarte van de
elliptische trainer, moet deze door twee personen
verplaatst worden. Ga aan de voorzijde van de
elliptische trainer staan, houd de staander vast en
plaats een voet tegen een van de voorwielen. Trek
aan de staander en laat een tweede persoon de
hendel optillen tot de elliptische trainer rolt op de
wielen. Verplaats de elliptische trainer voorzichtig tot
de gewenste plaats en laat hem dan tegen de vloer
zakken.
Stroomadapter
Stekker-
adapter
Plaats
hier uw
voet
Hendel
Staander
HOE DE ELLIPTISCHE TRAINER TE GEBRUIKEN
17
DE ELLIPTISCHE TRAINER GEBRUIKEN
Om de elliptische trainer te monteren houdt u de
handvaten of de bovenarmen vast en stapt u op het
pedaal dat zich in de laagste positie bevindt. Stap
vervolgens op het andere pedaal.
Duw op de pedalen tot u een vloeiende beweging
bereikt. Aandacht: De pedaalschijven kunnen in
beide richtingen draaien. Het wordt aanbevolen om
de pedaalschijven in de richting van onderstaande
pijl te bewegen. Om af te wisselen, kunt u de
pedalen ook in de tegenovergestelde richting
bewegen.
Wacht tot de elliptische trainer helemaal is gestopt voor
u van de elliptische trainer afstapt. Aandacht: Met
de elliptische trainer kan men niet freewheelen; de
pedalen blijven ronddraaien totdat het vliegwiel
stopt. Wanneer de pedalen stilhouden, stap dan eerst
van het hoogste pedaal af. Stap vervolgens van het
laagste pedaal.
DE ELLIPTISCHE TRAINER WATERPAS STELLEN
Indien de
elliptische
trainer enigszins
schommelt op
de vloer tijdens
gebruik, dient
u één of beide
niveauknoppen
onder de
achterstabilisator
te draaien en de
niveaupoten af te
stellen de speling
weg is.
Niveau-
knoppen
Pedalen
Pedaalschijf
Armen van het Bovendeel
Handvaten
18
BEDIENINGSPANEELDIAGRAM MAAK UW FITNESSDOELEN WERKELIJKHEID
MET IFIT.COM
Met uw nieuw iFit-compatibele fitnessapparatuur, kunt
u een diversiteit aan functies gebruiken op iFit.com om
uw fitnessdoelen werkelijkheid te maken:
Doe overal ter wereld oefeningen met
aanpasbare Google Maps.
Download trainingsoefeningen die zijn
ontwikkeld om u te helpen uw persoonlijke
doelen te behalen.
Meet uw vooruitgang door tegen andere
gebruikers in de iFit-gemeenschap te
strijden.
Upload uw oefeningsresultaten naar de iFit
cloud en volg uw vooruitgang.
Stel voor uw oefeningen doelen in ten
aanzien van calorieën, tijd of afstand.
Kies en dowload sets afvaloefeningen.
Ga naar iFit.com voor meer informatie.
Carbon
EBNE78612
ELNE99812
NTEVEX78612
NTEVEL99812
19
FUNCTIES VAN HET BEDIENINGSPANEEL
Het bedieningspaneel bevat bepaalde keuzen om uw
oefeningen thuis effectiever en leuker te maken.
U kunt de weerstand van de pedalen door een druk op
de knop bijstellen wanneer de handmatige instelling
van het bedieningspaneel gekozen wordt. Het
bedieningspaneel zal tijdens uw oefening doorlopend
trainingsinformatie weergeven. U kunt ook uw hartslag
meten door gebruik te maken van de ingebouwde
handgreep met hartslagmonitor of door middel van de
borstkas hartslagmonitor.
Het bedieningspaneel biedt twintig vooraf
ingestelde oefeningen, tien calorieoefeningen en
tien resultaatoefeningen. Iedere oefening verandert
automatisch de weerstand van de pedalen terwijl u een
doeltreffende oefening uitvoert. U kunt ook calorieën,
afstand of tijdsdoel instellen.
Het bedieningspaneel biedt ook drie watt-oefeningen
die de weerstand van de pedalen wijzigt ow uw
inspanningsvermogen in de buurt te houden van een
watt doel.
Het bedieningspaneel heeft een iFit-modus zodat
het bedieningspaneel op uw draadloze netwerk
aangesloten kan worden door middel van een
optionele iFit-module. U kunt, met de iFit-modus,
persoonlijke oefeningen downloaden, uw eigen
oefeningen samenstellen, resultaten van uw oefening
bijhouden, tegen andere iFit-hardlopers racen en
vele andere keuzes raadplegen. Voor aankoop van
de iFit module gaat u naar www.iFit.com of belt u
met het telefoonnummer op de voorkant van deze
handleiding.
U kunt zelfs uw MP3-speler of CD-speler aansluiten
op het geluidssysteem van het bedieningspaneel en
luisteren naar uw favoriete muziek of audioboeken
terwijl u oefeningen doet.
Om de handmatige instelling te gebruiken, kijkt
u op page 20. Voor gebruik van een vooraf
ingestelde oefening, zie page 22. Om een vooraf
ingestelde doeloefening te gebruiken, kijk u op page
23. Om een watt-oefening te gebruiken, kijk u op
page 24. Voor gebruik van een iFit-oefening, zie
page 25. Om het geluidssysteem te gebruiken,
kijkt u op page 26. Voor het wijzigen van de
bedieningspaneelinstellingen, kijkt u op page 27.
Aandacht: als er een laagje plastic op het display ligt,
moet u dat verwijderen.
20
HET GEBRUIKEN VAN DE HANDMATIGE MODUS
1. Druk op een toets van het bedieningspaneel of
begin te fietsen om het bedieningspaneel aan te
zetten.
Als u het bedieningspaneel aanzet, zal de display
oplichten. Het bedieningspaneel is dan klaar voor
gebruik.
2. Kies de handmatige instelling.
Druk op de toets Manual (Handmatig) op het
bedieningspaneel om de handmatige modus te
selecteren.
Als een draadloze iFit-module niet in het
bedieningspaneel is geplaatst en aangesloten
op iFit, wordt de handmatige modus automatisch
geselecteerd.
3. Verander de weerstand van de pedalen als u dat
wilt.
Tijdens het stappen kunt u de weerstand van de
Pedalen veranderen door op de toetsen Resistance
increase of decrease (Weerstandstoename- en
afname) te drukken.
Aandacht: Als u op een toets drukt, zal het eventjes
duren voordat de pedalen de gewenste weerstand
bereikt hebben.
4. Volg uw vorderingen op de display.
De display kan de volgende oefeninginformatie
bevatten:
Cals. (Calorieën) – Deze weergave toont bij
benadering het aantal calorieën dat u verbrand
hebt.
Cals/Hr (Calorieën per uur)—Deze weergave
bevat bij benadering het aantal calorieën dat u
verbrandt per uur.
Distance (Afstand)—Deze display instelling zal de
getrapte afstand in mijlen of kilometers aangeven.
Pulse (Hartslag)—Deze weergave toont uw
hartslag wanneer u gebruik maakt van de
handgreep met hartslagsensor of de borstkas
hartslagmonitor (zie stap 5).
Resist. (Weerstand)—Deze display zal, telkens
wanneer het weerstandsniveau verandert, een
paar seconden lang de weerstandsinstelling van de
pedalen aangeven.
RPM (TPM)—Deze weergave toont uw
trapsnelheid in toeren per minuut (tpm).
Stride (Stappen)—Deze weergave toont het totale
aantal stappen dat u getrapt hebt.
Time (Tijd)—In de manuele instelling toont deze
weergave de verlopen tijd. Wanneer een oefening
wordt geselecteerd, toont deze weergave de
resterende tijd van de oefening.
Watts (Watt)—Het display zal ook uw energie-
uitvoer weergeven in watt.
Het scherm heeft meerdere display keuzes. Druk
op de toets Display (Weergeven) tot de gewenste
aangepaste oefening wordt weergegeven. U kunt
ook drukken op de toetsen increase/decrase
(verhogen en verlagen) naast de toets Enter.
Speed (Snelheid)—Dit tabblad zal een profiel
van de snelheidsinstellingen van de oefening
aangeven. Een nieuw segment zal aan het einde
van ieder minuut verschijnen.
My Trail (Mijn route)—Dit tabblad zal een
route van 400 meter aangeven. De knipperende
rechthoek geeft uw vordering aan tijdens uw
oefening. Het My Trail-tabblad zal het aantal
rondjes aangeven dat u voltooit.
Calorie—Dit tabblad zal het bij benadering
aantal calorieën dat u verbrand heeft aangeven.
De hoogte van ieder segment geeft het aantal
verbrande calorieën aan dat tijdens dat segment
verbrand is.
21
Als u oefeningen doet, zal de
oefeningintensiteitsniveaubalk het geschatte
intensiteitsniveau van uw oefening aangeven.
Druk op de Home-toets om naar het
standaardmenu terug te keren (raadpleeg HOE DE
INSTELLINGEN VAN HET BEDIENINGSPANEEL
TE VERANDEREN op page 27 om het
standaardmenu in te stellen). Druk, indien nodig,
nogmaals op de toets Home.
Wanneer een draadloze iFit
module is aangesloten, zal
het symbool draadloos aan
de boenkant van het scherm
de sterkte van het draadloze
signaal aangeven. Vier
staafjes geven volle sterkte aan.
Om de handmatige modus of een oefening te
verlaten, drukt u op de toets Home. Druk, indien
nodig, nogmaals op de toets Home.
Om het volume van het
bedieningspaneel te wijzigen,
drukt u op toetsen volume
verhogen verlagen.
5. Meet desgewenst uw hartslag.
Voor het gebruik van de meegeleverde borstkas
hartslagmonitor, zie page 15. Volg de instructies
hieronder om de hartslagmonitor met handgreep
te gebruiken. BELANGRIJK: wanneer u beide
hartslagmonitoren tegelijkertijd gebruikt dan
zal het bedieningspaneel uw hartslag niet
nauwkeuring aangeven.
Als er velletjes
plastic op
de metalen
contactpunten
van de
handgreep met
hartslagmonitor
bevinden,
verwijder deze
dan. Om uw
hartslag te
meten, houd uw handen op de hartslagmonitor
met de palmen van uw hand leunend tegen de
contactpunten. Beweeg uw handen niet en houd
de handsensoren stevig vast.
Als uw hartslag wordt gedetecteerd, zal uw
hartslag worden getoond op het display. Voor een
correcte hartslagmeting, houd u de contactpunten
ongeveer 15 seconden vast.
Als uw hartslag niet wordt weergegeven, zorg
ervoor dat u uw handen goed op de sensoren
hebt geplaatst zoals hierboven wordt aangegeven.
Zorg ervoor dat u uw handen niet te veel beweegt
en houd de contactpunten ook niet te strak vast.
Voor de beste werking, maakt u de contactpunten
schoon met een zacht doek; gebruik nooit
alcohol, schuur- of chemische middelen om de
contactpunten schoon te maken.
6. Het bedieningspaneel zal automatisch uitgaan
wanneer u klaar bent met uw oefening.
Indien de pedalen enkele seconden niet bewegen
is een geluid te horen, zal het bedieningspaneel
pauzeren en zal de tijd op de display knipperen.
Om verder te gaan met de oefening, dient u
eenvoudigweg verder te gaan met trappen.
Als de pedalen enkele minuten niet bewegen, dan
zal het bedieningspaneel worden uitgeschakeld en
de displays worden gereset.
Contact-
punten
22
EEN VOORAF INGESTELDE OEFENING
GEBRUIKEN
1. Druk op een toets van het bedieningspaneel of
begin te fietsen om het bedieningspaneel aan te
zetten.
Als u het bedieningspaneel aanzet, zal de display
oplichten. Het bedieningspaneel is dan klaar voor
gebruik.
2. Kies een ingestelde oefening.
Druk, voor het kiezen van een vooraf ingestelde
oefening, herhaaldelijk op de toets 10 Calorie of 10
Perform. (10 prestatie) tot de gewenste oefening
op het scherm verschijnt.
De display zal, wanneer u een oefening kiest,
de tijdsduur van de oefening en de naam van de
oefening aangeven. Een profiel van de snelheidsin-
stellingen van de oefening verschijnt in de matrix.
Het maximale weestandsniveau en de maximale
doelsnelheid voor de oefening zullen ook verschij-
nen in de display.
3. Begin te fietsen om de oefening te starten.
Elke oefening is verdeeld in 1-minuut segmenten.
Een weerstand- en één tempo-instelling is voor
elk segment geprogrammeerd. Aandacht: u kunt
hetzelfde weerstand- en/of doeltemponiveau pro-
grammeren voor opeenvolgende segmenten.
Tijdens de
oefening
wordt uw
profiel op
het tabblad
snelheid
aangege-
ven zodat u
uw vordering kunt volgen. De knipperende balk van
het profiel stelt het huidige oefeningsegment voor.
De hoogte van het knipperende segment geeft de
doelsnelheid voor het huidige segment weer.
Aan het einde van elke segment van de oefening,
zult u een aantal tonen horen en het volgende
segment zal beginnen te knipperen. Als er een
andere weerstand- en/of doelsnelheid zijn gepro-
grammeerd voor het volgende segment, dan zal dit
een paar seconden lang in de display verschijnen
om u te waarschuwen. De weerstand van de peda-
len zal dan veranderen.
Terwijl u oefent, wordt u aangegeven uw trap-
snelheid zo dicht mogelijk bij uw doelsnelheid
voor het huidige segment te houden. Als er een
opwaarts pijltje op de display verschijnt, moet
u uw snelheid verhogen. Als een neerwaartse pijl
verschijnt, moet u uw snelheid verlagen. Als er
geen pijltje op de display verschijnt, moet u uw
snelheid aanhouden.
BELANGRIJK: de doelsnelheid is uitsluitend
bedoeld om u te motiveren. Uw feitelike tempo
kan langzamer zijn dat de doelsnelheidinstellin-
gen. Zorg ervoor dat u op een tempo fietst dat
aangenaam voor u is.
Wanneer het weerstandsniveau voor het huidige
segment te hoog of te laag ligt, kunt u de instel-
ling handmatig veranderen door op de toetsen
Resistance (Weerstand) drukken. BELANGRIJK:
de pedalen zullen, wanneer het huidig segment
van de oefening eindigt, automatisch aan de
geprogrammeerde weerstandsinstelling van het
volgend segment aangepast worden.
Het programma zal zo doorgaan totdat het laatste
segment voltooid is. Om de oefening te stoppen,
moet u gewoon stoppen met lopen. De tijd zal op
de display knipperen. Om verder te gaan met de
oefening, dient u eenvoudigweg verder te gaan met
trappen.
4. Volg uw vorderingen op de display.
Zie stap 4 op page 20.
5. Meet desgewenst uw hartslag.
Zie stap 5 op page 21.
6. Het bedieningspaneel zal automatisch uitgaan
wanneer u klaar bent met uw oefening.
Zie stap 6 op page 21.
Profiel
23
EEN OEFENING MET EEN VOORAF INGESTELD
DOEL GEBRUIKEN
1. Druk op een toets van het bedieningspaneel of
begin te fietsen om het bedieningspaneel aan te
zetten.
Als u het bedieningspaneel aanzet, zal de display
oplichten. Het bedieningspaneel is dan klaar voor
gebruik.
2. Stel calorieën, afstand of tijdsdoel in.
Druk allereerst op de toets Set A Goal (Vooraf
ingesteld doel), voor het instellen van calorieën,
afstand of tijdsdoel.
Druk dan op de toetsen vergroten/verkleinen naast
de toets Enter tot de naam van het gewenste
doel in de display verschijnt. Druk dan op de
Enter-toets.
Druk op de toetsen verhogen en verlagen naast de
Enter-toets om het gewenst doel in te stellen.
3. Begin te fietsen om de oefening te starten.
Tijdens de oefening kan een doel tpm (snelheid)
in de display verschijnen om u te helpen uw doel
te bereiken. Houd uw trapsnelheid in de buurt van
de doel-tpm. BELANGRIJK: de doelsnelheid
is uitsluitend bedoeld om u te motiveren.
Uw feitelike tempo kan langzamer zijn dat de
doelsnelheidinstellingen. Zorg ervoor dat u op
een tempo fietst dat aangenaam voor u is.
Aandacht: het na te streven calorieëndoel is
een schatting van het aantal calorieën dat
u tijdens de oefening zult verbranden. Het
feitelijke aantal calorieën dat u verbrandt hangt
af van verschillende factoren zoals uw gewicht.
Daarnaast heeft een handmatige wijziging van
de snelheid tijdens de oefening effect op het
aantal calorieën dat u zult verbranden.
De oefening zal op deze wijze doorgaan tot u het
calorieën-, afstands- of tijdsdoel is bereikt. Om
de oefening te stoppen, moet u gewoon stoppen
met lopen. De tijd zal op de display knipperen.
Om verder te gaan met de oefening, dient u
eenvoudigweg verder te gaan met trappen.
4. Volg uw vorderingen op de display.
Zie stap 4 op page 20.
5. Meet desgewenst uw hartslag.
Zie stap 5 op page 21.
6. Het bedieningspaneel zal automatisch uitgaan
wanneer u klaar bent met uw oefening.
Zie stap 6 op page 21.
24
EEN WATT OEFENING GEBRUIKEN
1. Druk op een toets van het bedieningspaneel of
begin te fietsen om het bedieningspaneel aan te
zetten.
Als u het bedieningspaneel aanzet, zal de display
oplichten. Het bedieningspaneel is dan klaar voor
gebruik.
2.
Selecteer een watt-oefening.
Om een watt-oefening te selecteren, drukt u
herhaaldelijk op de toets 3 Watt tot de gewenste
oefening verschijnt in de display.
Als u watt-oefening 1 selecteert, verchijnen de
woorden SET WATT GOAL (watt-doel invoeren) in
het display.
Als u watt-oefening 2 of 3 selecteert, verschijnen
de oefeningentijd en een profiel van de oefening in
het scherm.
3. Als u watt-oefening 1 selecteert, voert u een
doelwatt-instelling in.
Tijdens watt-oefening 1, zal hetzelfde watt-doel
worden geprogrammeerd voor alle segmenten
van de oefening. Druk op de toetsen verhogen en
verlagen naast de Enter-toets om het gewenst watt
doel in te stellen.
4. Begin te fietsen om de oefening te starten.
Watt oefening 1 is onderverdeeld in segmenten
van 1 minuut. Het bedieningspaneel zal regelmatig
uw wattinspanning met het wattdoel van het
huidige onderdeel vergelijken tijdens de oefening.
De weerstand van de pedalen zal, wanneer uw
inspanningsvermogen veel te laag of te hoog is ten
opzichte van uw wattdoel, automatisch toenemen
of afnemen om uw inspanningsvermogen in
lijn te brengen met uw wattdoel. Elke keer als
de weerstand wijzigt, zal het weerstandniveau
gedurende enkele seconden in de display
verschijnen om u te alarmeren.
Als het wattdoel te hoog of te laag is, dan kunt u de
instellingen handmatig bijstellen door op de toetsen
verhogen of verlagen te drukken.
Watt-oefening 2 of 3 is onderverdeeld in
segmenten van 1 minuut. Er zijn voor elk
segment één weerstandsniveau en één wattdoel
geprogrammeerd. Aandacht: U kunt hetzelfde
weerstand- en/of wattdoel programmeren voor
opeenvolgende segmenten.
Het oefeningprofiel geeft uw vorderingen weer.
De knipperende balk van het profiel stelt het
huidige oefeningsegment voor. De hoogte van het
knipperende segment geeft de weerstand van het
huidige segment aan.
Houd uw trapsnelheid tijdens het oefenen op de
juiste snelheid om uw wattvermogen in de buurt te
houden van uw wattdoel voor dat segment.
Als het eerste segment van de oefening klaar
is, zullen het weerstandniveau en het wattdoel
voor het tweede segment een paar seconden
verschijnen in het display om u te waarschuwen.
Het volgende segment van het profiel begint te
knipperen en de pedalen passen zich automatisch
aan, aan het weerstandsniveau van het volgende
segment.
Wanneer het weerstandsniveau voor het huidige
segment te hoog of te laag ligt, kunt u de instelling
handmatig veranderen door op de toetsen
Resistance (Weerstand) drukken. BELANGRIJK:
de pedalen zullen, wanneer het huidig segment
van de oefening eindigt, automatisch aan de
geprogrammeerde weerstandsinstelling van het
volgend segment aangepast worden.
Het programma zal zo doorgaan totdat het laatste
segment voltooid is. Om de oefening te stoppen,
moet u gewoon stoppen met lopen. De tijd zal op
de display knipperen. Om verder te gaan met de
oefening, dient u eenvoudigweg verder te gaan met
trappen.
5. Volg uw vorderingen op de display.
Zie stap 4 op page 20.
6. Meet desgewenst uw hartslag.
Zie stap 5 op page 21.
7. Het bedieningspaneel zal automatisch uitgaan
wanneer u klaar bent met uw oefening.
Zie stap 6 op page 21.
25
EEN IFIT-OEFENING GEBRUIKEN
U heeft een iFit-module nodig om een iFit-oefening te
kunnen doen.
Voor aankoop van de iFit module gaat u naar
www.iFit.com, of belt u met het telefoonnummer op
de voorkant van deze handleiding.
Aandacht: voor gebruik van een iFit module dient
u toegang te hebben tot een computer met een
internetverbinding en een USB-poort. Bovendien
moet u lid zijn van iFit.com. Om een iFit-module te
gebruiken, dient u ook uw eigen draadloos netwerk
met een 802.11b/g/n router met ingeschakeld
SSID broadcast (verborgen netwerken worden niet
ondersteund) te hebben.
BELANGRIJK: om te voldoen aan de
blootstellingsvereisten, dienen de antenne en de
zender in de iFit-module minstens 20 cm afstand
te hebben van alle personen en mogen ze niet
vlakbij of aangesloten zijn op een andere antenne
of zender.
1. Druk op een toets van het bedieningspaneel of
begin te fietsen om het bedieningspaneel aan te
zetten.
Als u het bedieningspaneel aanzet, zal de display
oplichten. Het bedieningspaneel is dan klaar voor
gebruik.
2. Zorg dat de iFit-module in het bedieningspaneel
is geplaatst.
Om gebruik te kunnen maken van een iFit-oefening
moet de iFit-module in het bedieningspaneel zijn
geplaatst.
3. Kies een gebruiker.
U kunt, als er meer dan één gebruiker is
geregistreerd is bij uw iFit.com-lidmaatschap,
overschakelen op andere gebruikers in het
iFit-hoofdscherm. Druk op de toetsen verhogen en
verlagen naast de toets Enter om een gebruiker te
kiezen.
4. Kies een iFit oefening.
Voor het downloaden van een iFit-oefening in uw
schema, drukt u lichtjes op de toets Map (Kaart),
Train, Video of Lose Weight (Afvallen) om de
volgende oefening van dat type in uw schema
te downloaden. Om de volgende oefening in uw
schema te downloaden, drukt u op de iFit-toets.
Aandacht: u heeft mogelijk toegang tot demo-
oefeningen via deze opties, zelfs als u geen
iFit-module plaatst.
Druk op de toets Compete (Competitie) om aan
een race deel te nemen die u al eerder gekozen
heeft.
Om een recente iFit-oefening uit uw schema
opnieuw te rennen drukt u eerst op de toets
Track (Route). Gebruik vervolgens de toetsen
verhogen en verlagen om de gewenste oefening te
selecteren. Druk op de toets Enter om de oefening
te laten beginnen.
Voor het selecteren van een oefening met een
vooraf ingesteld doel, drukt u lichtjes op de toets
Set Goal (Vooraf ingesteld Doel) (zie page 23).
Aandacht: u moet, voordat oefeningen worden
gedownload, ze aan uw lijst toevoegen op iFit-com.
Ga naar www.iFit.com voor meer informatie
over de iFit-oefeningen.
De display zal, wanneer u een iFit-oefening kiest,
de tijdsduur van de oefening en het geschatte
aantal calorieën dat u zult verbranden, aangeven.
De display kan ook de naam van de workout
aangeven. De display zal, als u een competitie
oefening kiest, aftellen totdat de race begint.
Aandacht: het na te streven calorieëndoel is
een schatting van het aantal calorieën dat
u tijdens de oefening zult verbranden. Het
feitelijke aantal calorieën dat u verbrandt hangt
af van verschillende factoren zoals uw gewicht.
Daarnaast heeft een handmatige wijziging van
de snelheid tijdens de oefening effect op het
aantal calorieën dat u zult verbranden.
26
5. Begin met de oefening.
Zie stap 3 op page 22.
Tijdens sommige oefeningen zal de stem van
een persoonlijke trainer u begeleiden. U kunt
een audio-instelling voor uw persoonlijke trainer
kiezen (zie HOE DE INSTELLINGEN VAN HET
BEDIENINGSPANEEL TE VERANDEREN op page
27).
Om de oefening te stoppen, moet u gewoon
stoppen met trappen. De tijd zal op de display
knipperen. Om verder te gaan met de oefening,
dient u eenvoudigweg verder te gaan met trappen.
6. Volg uw vorderingen op de display.
Zie stap 4 op page 20.
7. Meet desgewenst uw hartslag.
Zie stap 5 op page 21.
8. Het bedieningspaneel zal automatisch uitgaan
wanneer u klaar bent met uw oefening.
Zie stap 6 op page 21.
Voor meer informatie over iFit, gaat u naar
www.iFit.com.
DE GELUIDSINSTALLATIE TE GEBRUIKEN
Om muziek of audioboeken via de geluidsinstallatie
van het bedieningspaneel af te spelen, moet u via de
audioaansluiting uw MP3-speler, CD-speler, of andere
persoonlijke audio-speler op het bedieningspaneel
aansluiten. Zorg ervoor dat het audiosnoer goed
ingestoken is.
Druk dan op de play-toets van
uw MP3- of CD-speler. Pas het
volumeniveau aan met de toetsen
volume verhogen of verlagen
op het bedieningspaneel of de
volumeregeltoets op uw MP3-speler of CD-speler.
27
HOE DE INSTELLINGEN VAN HET
BEDIENINGSPANEEL TE VERANDEREN
Het bedieningspaneel beschikt over een
gebruikersmodus waarmee u gebruiksinformatie kunt
bekijken, een meeteenheid kunt selecteren en het
contrastniveau van de display kunt instellen.
Als een iFit-module is aangesloten op het
bedieningspaneel, kunt u ook de informatiemodus
gebruiken om een audio-instelling te kiezen voor de
stem van de personal trainer, een standaard menu
instellen, de status van de iFit-module controleren en
controleren op downloads.
1. Selecteer de informatiemodus.
Om de informatie-instelling te selecteren, houdt u
de Display (Weergave) toets een paar seconden
ingedrukt tot de informatie-instelling op de
weergave verschijnt.
2. Gebruiksinformatie bekijken.
De weergave toont bovendien het totale aantal
uren die de elliptische trainer is gebruikt. De display
toont de totale afstand (in mijlen of kilometers) die
u op de elliptische trainer hebt getrapt.
3. Kies, als u dat wilt, een meeteenheid.
De woorden ENGLISH voor Engelse mijlen of
METRIC voor metrische kilometers zal op de
display verschijnen om aan te geven welke
maateenheid momenteel is geselecteerd.
Om de meeteenheid te wijzigen, drukt u
herhaaldelijk op de toets Enter om de gewenste
meeteenheid te kiezen.
4. Pas het contrastniveau van de display indien
gewenst aan.
Druk op de toets verlagen om het contrastniveau
te zien. Het huidig geselecteerde contrastniveau
verschijnt op de display. Druk op de toetsen
Resistance (Weerstand) verhogen en verlagen om
het contrastniveau aan te passen.
5. Bepaal of een iFit module is aangesloten op het
bedieningspaneel.
Als een iFit module is aangesloten op het
bedieningspaneel, toont de display de woorden
WIFI MODULE, of USB MODULE.
Als er geen module is aangesloten, toont de
display de woorden NO IFIT MODULE (Geen iFit-
module). Als er geen module is aangesloten, gaat u
naar stap 10.
6. Selecteer desgewenst een audio-instelling voor
de stem van uw personal trainer.
Druk op de toets verlagen om de audio-instelling
voor de stem van de personal trainer te zien. De
momenteel geselecteerde audio-instelling voor
de stem van uw personal trainer verschijnt in de
display.
Druk dan herhaaldelijk op de toets Enter om de
stem van de persoonlijke trainer ON (aan) of OFF
(uit) te zetten.
7. Stel het standaard menu indien gewenst in.
Druk op de toets verlagen om de standaard
menu-instelling te zien. Het standaard menu is het
menu dat verschijnt als u het bedieningspaneel
aanzet. Druk herhaaldelijk op de toets Enter om
het handmatige hoofdscherm of het iFit-menu als
standaardmenu te kiezen.
8. Controleer desgewenst de status van de
iFit-module.
Druk op de toets verlagen om de iFit-
statusweergave te zien. De woorden CHECK WIFI
STATUS (Controleer WIFI-status) of CHECK USB
STATUS verschijnen op de display.
Druk dan op de Enter-toets. Na een paar
seconden verschijnt de status van de iFit-module
op het display. Om de display te verlaten houdt
u de Display (Weergave)-toets enkele seconden
ingedrukt.
9. Controleer desgewenst op downloads.
Druk op de toets verlagen om de
downloadweergave te zien. De woorden SEND/
RECEIVE DATA (Gegevens versturen/ontvangen)
zullen op de display verschijnen.
Druk dan op de Enter-toets. Het bedieningspaneel
controleert dan op iFit-oefeningen en firmware
downloads.
10. Verlaat de informatiemodus.
Druk op de toets Display om de informatie-
instelling te verlaten.
28
Controleer alle onderdelen van de elliptische trainer en
draai ze regelmatig vast. Vervang versleten onderdelen
direct.
Gebruik een vochtige doek en een klein beetje
milde zeep om de elliptische trainer te reinigen.
BELANGRIJK: houd vloeistoffen uit de buurt van
het bedieningspaneel om schade te voorkomen.
Houd het bedieningspaneel uit direct zonlicht.
PROBLEMEN OPLOSSEN VAN HET
BEDIENINGSPANEEL
Als er lijnen verschijnen in de display van het
bedieningspaneel, raadpleegt u stap 4 op page 27
en past u het contrastniveau van de display aan.
Als de handgreep van de hartslagmonitor niet goed
werkt, raadpleegt u stap 5 op page 21.
Als het bedieningspaneel uw hartslag niet toont,
wanneer u de borstkas hartslagmontor gebruikt,
raadpleegt u PROBLEMEN OPLOSSEN op page 15.
HOE DE DRIJFRIEM BIJ TE STELLEN
Het kan zijn dat de drijfriem moet worden afgesteld
wanneer u de pedalen voelt slippen zelfs wanneer de
weerstand in de hoogste stand staat.
Om de drijfriem aft e stellen, dient u het linkerpedaal,
de kap van het bovenscherm, de kap van het
achterscherm en het linkerscherm eraf te halen.
Trek stekker eerst de stroomadapter. Raadpleeg
vervolgens stap 15 op page 13 en verwijder het
linkerpedaal.
Raadpleeg dan stap 16 op page 14 en verwijder de
kap van het achterscherm.
Raadpleeg dan stap 5 op page 8 en maak de
bovenste schermkap van het linkerscherm los. Schuif
de bovenste schermkap omhoog.
Verwijder de M4 x 16mm Schroeven (92) uit het
Linkerscherm (44) en verwijder dan voorzichtig het
Linkerscherm naar buiten over de Linker Pedaalarm
(14).
Maak vervolgens de Draaischroef (88) los. Draai
vervolgens de Aandrijfriem Instelschroef (72) tot de
Aandrijfriem (46) strak staat.
Draai wanneer de Aandrijfriem (46) goed vast zit de
Draaischroef (88) vast.
Maak dan het linkerscherm, de kap van het achterste
scherm, de kap van het bovenste scherm en het
linkerpedaal weer vast. Sluit de voedingsadapter.
92
14
44
92
92
88
72
46
92
ONDERHOUD EN OPLOSSEN VAN PROBLEMEN
29
DE SNELHEIDSENSOR AFSTELLEN
Wanneer het bedieningspaneel gegevens niet goed
aangeeft, moet u de snelheidssensor afstellen.
Verwijder de kap van de rechterschijf en de rechter
pedaalschijf om de snelheidsensor af te stellen.
Stekker eerst de voedingsadapter. Gebruik een platte
schroevendraaier om de Kap van de Rechterschijf (18)
te verwijderen.
Verwijder vervolgens de M8 x 12mm Schroeven (81)
uit de Rechter Pedaalschijf (27) en draai de Rechter
Pedaalschijf langzaam weg.
Vind de Snelheidsensor (58). Maak de M4 x 16mm
Schroef (92) los, maar verwijder deze niet.
Draai aan Katrol (86) totdat een Magneet (41) op
gelijke hoogte komt met de Snelheidsensor (58).
Schuif de Snelheidssensor wat dichter naar of verder
van de Magneet. Draai dan de M4 x 16mm Schroef
(92) weer vast.
Sluit de voedingsadapter en draai even aan de Katrol
(86). Herhaal deze procedure tot het bedieningspaneel
goede informatie weergeeft.
Als de sensorschroef juist is uitgelijnd, dient u de
rechter pedaalschijf en de kap van de rechterschijf
weer terug te plaatsen.
86
18
27
81
92
58
41
30
Deze richtlijnen helpen u bij het plannen van uw
oefeningenprogramma. Voor meer gedetailleerde
oefeninginformatie, dient u een erkend boek te kopen
of uw arts te consulteren. Onthoud dat goede voeding
en voldoende rust essentieel zijn voor succesvolle
resultaten.
INTENSITEIT VAN OEFENINGEN
Of het nu uw doel is om vet te verbranden of om uw
hart en vaatsysteem te versterken, het uitvoeren
van oefeningen met de juiste intensiteit is de sleutel
voor het bereiken van resultaten. U kunt uw hartslag
gebruiken als gids voor het vinden van het juiste
intensiteitniveau. De grafiek hieronder toont de aan-
bevolen hartslagen voor het verbranden van vet en
voor een aerobic oefening.
Voor het vinden van het juiste intensiteitniveau, zoekt
u uw leeftijd onderaan de grafiek (leeftijden worden
afgerond naar het dichtstbijzijnde tiental). De drie get-
allen boven uw leeftijd bepalen uw “trainingszone.” Het
laagste nummer is uw hartslag voor het verbranden
van vet, het middelste nummer is uw hartslag voor het
maximaal verbranden van vet en het hoogste nummer
is de hartslag voor de aerobic-oefening.
Vet verbranden—Om op doeltreffende wijze vet te
verbranden, moet u gedurende een aanhoudende
periode oefeningen doen op een laag intensiteitniveau.
Tijdens de eerste minuten van de oefening gebruikt
uw lichaam koolhydraatcalorieën voor de energie. Pas
na de eerste minuten van de oefening gebruikt uw
lichaam opgeslagen vetcalorieën voor de energie. Als
het uw doel is om vet te verbranden dient u de intensit-
eit van de oefening aan te passen tot uw hartslag zich
bij het laagste nummer in uw trainingszone bevindt.
Voor maximale vetverbranding, dient u te oefenen
met uw hartslag in het middelste nummer van uw
trainingszone.
Aerobic-oefening—Als het uw doel is om uw hart en
vaatsysteem te versterken dan moet u een aerobic-
oefening uitvoeren die zorgt voor activiteit die grote
hoeveelheden zuurstof vereist gedurende langere peri-
oden. Voor een aerobic-oefening past u de intensiteit
van uw oefening aan tot uw hartslag in de buurt is van
het hoogste nummer van uw trainingszone.
RICHTLIJNEN VOOR EEN TRAINING
Warming up—Start met strekken en lichte oefeningen
gedurende 5 tot 10 minuten. Een warming-up zorgt dat
u uw lichaamstemperatuur, hartslag en bloeddoorstro-
ming verhoogt in voorbereiding op de training.
Trainingszone-oefening—Oefen gedurende 20 tot
30 minuten met uw hartslag in uw trainingszone.
(Gedurende de eerste weken van uw oefeningen-
programma, dient u uw hartslag niet langer dan 20
minuten in uw trainingszone te houden.) Adem regel-
matig en diep bij het uitvoeren van de oefening; houd
uw adem niet in.
Afkoelen—Eindig met 5 tot 10 minuten strekken.
Strekken verhoogt de flexibiliteit van de spieren en
helpt problemen na de oefening voorkomen.
FREQUENTIE VAN DE OEFENINGEN
Om uw conditie te behouden of te verbeteren, dient u
drie trainingen per week te doen, met ten minste één
rustdag tussen de trainingen. Na een aantal maanden
regelmatig oefeningen doen, kunt u desgewenst maxi-
maal vijf trainingen per week doen. Onthoud dat het
dagelijks regelmatig en met plezier doen van oefenin-
gen de sleutel tot uw succes is.
RICHTLIJNEN VOOR HET OEFENEN
WAARSCHUWING:
voordat u begint met dit of een ander
oefeningenprogramma, dient u een arts te
consulteren. Dit is vooral belangrijk voor
personen boven de 35 jaar of personen met
bestaande gezondheidsproblemen.
De polssensor is geen medisch apparaat.
Diverse factoren kunnen invloed hebben op
nauwkeurigheid van de hartslagwaarden. De
polssensor is alleen bedoeld als hulpmiddel
bij de oefening voor het bepalen van de hart-
slag over het algemeen.
31
AANBEVOLEN STREKOEFENINGEN
De juiste manier voor verschillende basisstrekoefeningen wordt rechts getoond. Beweeg langzaam bij het strek-
ken–spring nooit op.
1. Teen Aanraken Strekoefening
Sta met lichtgebogen knieën en buig langzaam vanuit uw heupen
naar voren. Houd uw rug en schouders ontspannen als u zover
mogelijk naar beneden reikt, richting uw tenen. Houd deze positie
gedurende 15 seconden aan en ontspan dan weer. Herhaal dit drie
keer. Strekken: achillespees, achterkant van de knieën en rug.
2. Strekken van de Achillespees
Ga zitten met één uitgestrekt been. Breng de zool van de andere
voet naar u toe en laat deze rusten tegen de binnenkant van de dij
van uw uitgestrekte been. Probeer zover mogelijk naar uw teen te
reiken. Houd deze positie gedurende 15 seconden aan en ontspan
dan weer. Herhaal dit drie keer voor elk been. Strekken: achil-
lespezen, onderrug en liezen.
3. Strekken van Kuiten/Achillespees
Reik naar voren met het ene been voor de ander en plaats uw
handen tegen een muur. Houd uw achterbeen gestrekt en uw achter-
voet plat op de vloer. Buig uw voorbeen, leun naar voren en beweeg
uw heupen in de richting van de muur. Houd deze positie gedurende
15 seconden aan en ontspan dan weer. Herhaal dit drie keer voor elk
been. Voor het nog verder strekken van de achillespezen, kunt u ook
uw achterbeen buigen. Strekken: kuiten, achillespezen en enkels.
4. Strekken van de Dijbeenspier
Leun met een hand tegen de muur voor balans en reik met de
andere hand naar achteren en grijp uw voet. Breng uw hiel zo dicht
mogelijk bij uw billen. Houd deze positie gedurende 15 seconden
aan en ontspan dan weer. Herhaal dit drie keer voor elk been.
Strekken: dijbeenspier en heupspieren.
5. Strekken Binnenkant Dijbeen
Zit met de zolen van uw voeten tegen elkaar aan en uw knieën naar
buiten gericht. Trek uw voeten zover mogelijk naar uw liezen. Houd
deze positie gedurende 15 seconden aan en ontspan dan weer.
Herhaal dit drie keer. Strekken: dijbeenspier en heupspieren.
1
2
3
4
5
32
1 1 Onderstel
2 1 Staander
3 1 Kap van de Achterste Staander
4 1 Bedieningspaneel
5 1 Waterfleshouder
6 2 Been van het Bovendeel
7 1 Weerstandwiel
8 1 Linkerarm van het Bovendeel
9 1 Rechterarm van het Bovendeel
10 2 Schuimgreep
11 2 Bovenkap
12 1 Linkerpedaal
13 1 Rechterpedaal
14 1 Linkerpedaalarm
15 2 Pedaalbeugel
16 1 Kap van de Voorste Staander
17 4 Zwenklager
18 2 Kap van de Schijf
19 2 Zwenkkap A
20 2 Kap van het Voorste Been
21 2 Kap van het Achterste Been
22 2 Zwenkkap B
23 4 Draailager
24 1 Crankmodule
25 1 Rechtercrankarm
26 1 Linkercrankarm
27 2 Pedaalschijf
28 1 Hartslagsensor
29 4 Lager
30 2 Kapje van de Pedaalarm
31 2 Schouderbout
32 1 Kap van het Bedieningspaneel
33 4 M8 Tussenring
34 4 M8 x 10mm Schroef
35 2 Afstelmoer
36 1 Weerstandbeugel
37 1 Kap van het Bovenscherm
38 2 Cranklager
39 1 Handvat
40 2 Grote Borgring
41 2 Magneet
42 1 Draadkoker
43 2 M6 Tussenring
44 1 Linkerscherm
45 1 Rechterscherm
46 1 Aandrijfriem
47 2 Stelvoet
48 2 Achterste Stabilisatiekap
49 1 Rechterpedaalarm
50 2 Wiel
51 1 Vliegwiel
52 1 Ruststand
53 1 C-magneet
54 1 Weerstandmotor
55 1 Motorbeugel
56 1 Weerstandarm
57 1 Klem
58 1 Snelheidsensor/Draad
59 1 Kap van het Achterscherm
60 1 Sleutel
61 1 M8 Slotmoer
62 1 M6 x 16mm Schroef
63 2 Voet
64 1 As van het Vliegwiel
65 1 C-magneet Bout
66 1 Bout van de Ruststandrol
67 1 Sleutelschroef
68 1 Crankarmschroef
69 4 Weerstandmotorbout
70 1 Achterste Stabilisator
71 2 Motorbeugelschroef
72 1 Aandrijfriem Instelschroef
73 1 Voorste Stabilisator
74 1 M6 Slotmoer
75 6 M10 x 48mm Schroef
76 4 M8 x 45mm Bout
77 6 M8 Slotmoer
78 10 M10 Gespleten Tussenring
79 6 M10 x 20mm Schroef
80 2 M8 x 20mm Schroef
81 8 M8 x 12mm Schroef
82 4 M10 x 95mm Schroef
83 1 M5 x 7mm Schroef
84 10 #10 x 16mm Schroef
85 2 M8 x 18mm Inbusschroef
86 1 Katrol
87 1 M3,5 x 12mm Schroef
88 1 Draaischroef
89 2 M4 x 16mm Schroef met Platte Kop
90 1 M4 x 16mm Grondschroef
91 1 Tussenstuk van de Katrol
92 23 M4 x 16mm Schroef
Nr. Aant. Beschrijving Nr. Aant. Beschrijving
LIJST MET ONDERDELEN
Modelnr. NTEVEL99812.0 R0113A
33
93 1 Hartslagsensor
94 1 Lager van het Vliegwiel
95 2 Stelknop
96 2 M4 x 19mm Schroef
97 1 Rechter Stabilisatiekap
98 1 Linker Stabilisatiekap
99 4 M4 x 28mm Schroef
100 1 Stroomadapter
101 1 Stekkeradapter
102 1 M5 Tussenring
103 1 Ontvanger/Draad van de Monitor
104 1 Stroom Contactdoos/Draad
105 1 Sensorunit
106 1 Borstriem
107 4 M8 x 15mm Schroef
108 1 Kleine Borgring
* Gebruikershandleiding
* Montagegereedschap
* Smeerpakket
* Binddraad
Nr. Aant. Beschrijving Nr. Aant. Beschrijving
Aandacht: deze technische gegevens kunnen zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd. Kijk op de
achterkant van deze gebruiksaanwijzing voor informatie over te bestellen onderdelen. *Deze onderdelen worden
niet getoond.
34
29
29
30
85
33
29
29
33
85
30
84
84
15
13
21
20
20
21
15
84
84
49
31
75
75
23
23
31
6
6
12
23
23
79
78
79
79
78
78
79
22
19
19
22
17
17
33
80
17
17
33
80
76
77
76
77
8
9
11
5
10
10
2
4
32
99
92
92
92
3
16
93
14
78
78
78
78
78
78
39
28
79
89
103
106
105
89
GEDETAILLEERDE TEKENING A
Modelnr. NTEVEL99812.0 R0113A
35
51
77
52
53
55
54
69
7
87
56
72
64
65
66
83
71
71
35
102
108
88
43
74
77
94
92
92
92
42
38
40
40
57
92
58
90
38
92
92
92
92
92
44
73
50
50
18
45
48
70
82
82
37
47
47
63
59
1
63
48
92
92
95
95
96
97
92
96
92
98
46
101
100
104
92
36
25
27
61
60
43
62
67
68
81
81
41
41
27
24
26
91
86
81
81
107
34
34
107
GEDETAILLEERDE TEKENING B
Modelnr. NTEVEL99812.0 R0113A
Onderdeel Nr. 338775 R0113A Gedrukt in China © 2013 ICON IP, Inc.
Dit elektronische product mag niet bij het gemeentelijk afval worden gegooid.
Om het milieu te beschermen, moet dit product volgens de wet worden gere-
cycleerd aan het einde van de levenscyclus.
Maak gebruik van installaties voor hergebruik die bevoegd zijn voor het ver-
werken van dit soort afval in uw streek. Zo helpt u het milieu te beschermen en de
Europese normen voor milieubescherming te verbeteren. Als u meer informatie
nodig hebt over veilige en correcte afvalverwijdering, neem dan contact op met uw
plaatselijke gemeentedienst of de winkel waar u dit product hebt gekocht.
RECYCLING INFORMATIE
Bekijk de omslag van deze handleiding voor het bestellen van vervangende onderdelen. Zorg ervoor dat u de vol-
gende informatie bij de hand hebt wanneer u contact met ons opneemt:
•hetmodelnummerenhetserienummervanhetapparaat(raadpleegdeomslagvandezehandleiding)
•denaamvanhetapparaat(raadpleegdeomslagvandezehandleiding)
•hetnummervanhetonderdeelendebeschrijving(zieLIJSTMETONDERDELENenGEDETAILLEERDE
TEKENING aan het eind van deze handleiding)
HET BESTELLEN VAN ONDERDELEN
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36

NordicTrack TEVEL99812.0 Handleiding

Type
Handleiding
Deze handleiding is ook geschikt voor