Hotpoint-Ariston CP 059 MD.2 (X) NL de handleiding

Categorie
Kookplaten
Type
de handleiding

Deze handleiding is ook geschikt voor

CP 059 MD.2 (X) NL
CP 059 MD.2 (X) DE
CP 058 MT.2 B
Cuisinière mixte
Instructions pour l'emploi et l'installation
Herd
Gebrauchs- und Installationsanleitungen
Gemengd fornuizen
Instructies voor het gebruik en installeren
1
1. Dit apparaat is uitsluitend geschikt voor
huishoudelijk gebruik.
2. De aanwijzingen in deze gebruiksaanwijzing
aandachtig doorlezen daar zij belangrijke informatie
bevatten met betrekking tot de veiligheid tijdens de
installatie, het gebruik en het onderhoud. Deze
gebruiksaanwijzing zorgvuldig opbergen om later te
kunnen raadplegen.
3. De accessoires van de oven die met etenswaren in
aanraking kunnen komen zijn gemaakt van materialen
die voldoen aan de voorschriften van de Europese
Richtlijn EEG 89/109 van 21/12/88 en de plaatselijk
geldende normen.
4. Na het verwijderen van de verpakking moet men goed
kijken of het fornuis geheel gaaf is. In geval van twijfel
moet men het fornuis niet gebruiken en zich tot een
bevoegde installateur wenden.
5. Sommige delen van het apparaat zijn met een
verwijderbare krasvaste folie bedekt. Alvorens het
apparaat in werking te stellen moet de folie worden
verwijderd en het onderliggende gedeelte met een doek
en een niet krassend huishoudelijk schoonmaakmiddel
schoongemaakt. Wij raden aan om de oven de eerste
keer 30 minuten lang op de maximum temperatuur te
laten branden om eventueel achtergebleven
verontreinigingen als gevolg van het productieproces te
verwijderen.
6. Alle handelingen met betrekking tot de installatie dienen
in overeenstemming met de geldende normen door een
erkend installateur te worden uitgevoerd. De hierop
betrekking hebbende instructies staan beschreven in de
aanwijzingen voor de installateur.
7. Alvorens het apparaat aan te sluiten controleren of de
gegevens op het plaatje met de technische gegevens
(aan de achterzijde van het apparaat) overeenstemmen
met die van het elektriciteits- en gasnet.
8. Als de oven in werking is wordt het apparaat ter hoogte
van het glas van de ovendeur en de gedeelten
daaromheen heet. Laat kleine kinderen er niet in de buurt
komen.
9. Controleren of de capaciteit van de elektrische installatie
en de stopcontacten overeenstemmen met het maximum
vermogen van het apparaat zoals vermeld op het plaatje.
In geval van twijfel moet u zich tot een bevoegde
electricien wenden.
AANWIJZINGEN
DEZE GEBRUIKSAANWIJZING IS UITSLUITEND VAN TOEPASSING IN DE LANDEN WAARVAN HET SYMBOOL OP
DE GEBRUIKSAANWIJZING EN HET TYPEPLAATJE VAN HET APPARAAT ZIJN AFGEBEELD.
Wij danken u dat u een Ariston product heeft gekozen, veilig en gemakkelijk in het gebruik. Om het fornuis te leren kennen
moet het langdurig en zo goed mogelijk gebruikt worden. Wij raden u aan deze gebruiksaanwijzing te lezen. Dank u.
10. Regelmatig de goede staat van de aanvoerleiding van
het gas controleren en deze zodra er afwijkingen worden
geconstateerd door een erkend installateur laten
vervangen.
11. De aansluitkabel en de toevoerleiding van het gas van dit
apparaat mogen niet door de gebruiker zelf worden
vervangen. In geval van beschadiging mag de eventuele
vervanging ervan uitsluitend door een erkend installateur
of de Servicedienst worden uitgevoerd.
12. Laat het apparaat niet onnodig aan staan. De gaskraan in
de toevoerleiding dichtdraaien als het apparaat niet wordt
gebruikt.
13. Sommige onderdelen van het apparaat zullen nog lang
na het gebruik warm blijven. Erop letten ze niet aan te
raken.
14. Geen instabiele of vervormde pannen op de branders
plaatsen om ongelukken als gevolg van het omvallen
ervan te voorkomen.
15. Geen ontvlambare vloeistoffen in de nabijheid van het in
werking zijnde apparaat gebruiken.
16. Als het fornuis op een voetstuk staat moet u maatregelen
nemen om te vermijden dat het fornuis eraf glijdt.
17. Als het apparaat een dekplaat heeft moet eventueel
geknoeide vloeistof worden afgeveegd.
18. Indien aanwezig mag de dekplaat niet dicht worden gedaan
als de elementen van de kookplaat nog warm zijn.
19.Gebruik geen machines met stoom voor het schoonmaken
van het apparaat.
Vernietiging van oude electrische apparaten
De Europese Richtlijn 2002/96/EC over Vernietiging van
Electrische en Electronische Apparatuur (WEEE), vereist dat
oude huishoudelijke electrische apparaten niet mogen
vernietigd via de normale ongesorteerde afvalstroom. Oude
apparaten moeten apart worden ingezameld om zo het
hergebruik van de gebruikte materialen te optimaliseren en
de negatieve invloed op de gezondheid en het milieu te
reduceren. Het symbool op het product van de “afvalcontainer
met een kruis erdoor” herinnert u aan uw verplichting, dat
wanneer u het apparaat vernietigt, het apparaat apart moet
worden ingezameld.
Consumenten moeten contact opnemen met de locale
autoriteiten voor informatie over de juiste wijze van vernietiging
van hun oude apparaat.
2
BESCHRIJVING VAN HET FORNUIS
E
F
fig.1
A Sudderbrander
B Normale branderbrander
C Sterkbrander
D Drievoudige vlamkroonbrander (wok)
I Gasbrander DC-DR
E Bougies voor de automatische ontsteking
F Thermische beveiliging - Deze treedt in werking als de
vlam per ongeluk is uitgegaan (overkoken, tocht enz.)
door de gastoevoer van de brander te blokkeren.
G Keuzeknop voor de elektrische oven (keuze-
schakelaar van de bereidingsfuncties)
H Thermostaatknop voor de elektrische oven (instel-
ling van de temperatuurstanden)
M Bedieningsknoppen voor de gasbranders
R Pannendragers
P Timer
S Controlelampje van een elektrisch verwarmings-
element
T Kookwekker
U Timer
V Thermostaatknop van de gasoven (keuzeknop func-
tie gasoven met instelling temperatuur en elektrische
grill)
Z Knop verlichting van de gasoven
3
INSTRUCTIES VOOR HET GEBRUIK
Gasbranders
Op het bedieningspaneel vindt u rondom iedere knop "M" of
op de knoppen zelf de volgende symbolen: Kraan
Dicht
Maximaal geopend
Minimaal geopend
De symbolen bij de knoppen verwijzen naar de positie
van de betreffende brander op de kookplaat.
De branders zijn voorzien van beveiliging tegen lekken door
middel van een thermo-element. Dit systeem blokkeert van
het gas als de vlammen van de brander gedurende het koken
uit zouden gaan.
Voor het aansteken van een van de branders gaat u als
volgt te werk:
de betreffende knop indrukken, linksom draaien en het
streepje met het symbool van de grote vlam overeen laten
stemmen (maximum vermogen);
druk de knop in voor het automatisch aansteken van het
gas;
• als de vlam brandt de knop gedurende 6 seconden
ingedrukt houden tot het element van de thermo-
elektrische-beveiliging warm is geworden;
de knop loslaten en controleren of de vlam regelmatig
brandt. Als dit niet het geval mocht zijn de bovenstaande
handelingen herhalen.
Voor de laagste stand (minimum vermogen) de knop verder
draaien tot aan het symbool van de kleine vlam.
Tussenliggende standen zijn mogelijk, hiertoe de knop tussen
het symbool van de grote vlam en dat van de kleine vlam
instellen.
Belangrijk:
• De automatische vonkontsteking niet langer dan 15
seconden achter elkaar gebruiken.
Bij problemen met de ontsteking, de knop loslaten en de
eventueel in de gasleiding aanwezige lucht eruit laten
stromen.
Vervolgens opnieuw op het knopje drukken. Bij het
ongewenste uitgaan van de vlam van de branders zal het
gas nog even door blijven stromen vóórdat het
beveiligingsmechanisme in werking treedt. De
bedieningsknop sluiten en tenminste 1 minuut wachten
alvorens te proberen de vlam opnieuw te ontsteken om
het ontsnapte gas de tijd te geven om in de lucht op te
lossen.
Als het apparaat niet wordt gebruikt, controleren of de
knoppen in de dicht-stand staan " ". Verder wordt het
aanbevolen om de gaskraan in de toevoerleiding te sluiten.
Practische raadgevingen voor het gebruik van de
branders
Voor het beste rendement van de gasbranders moet u
pannen gebruiken met een diameter die overeenkomt met
de brander zodat geen vlammen onder de bodem van de
pan uitsteken (zie volgende tabel).
Als het water aan de kook is kunt u de vlam op klein zetten,
voldoende voor het in stand houden van het koken.
De brander met "dubbele onafhankelijke vlammen"
Deze brander bestaat uit twee vlamkronen die samen of on-
afhankelijk kunnen functioneren. Tegelijk gebruikt op maxi-
mum geeft verhoogde warmte en dus kortere kooktijden ver-
geleken met de traditionele branders. Ook verdelen de dub-
bele vlamkronen de warmte onder de pannen gelijkmatiger,
vooral als ze allebei op minimum worden gebruikt. U kunt dus
ook pannen van verschillende grootte gebruiken, met de klei-
nere pannen op alleen de binnenste vlamkroon. Iedere vlam-
kroon van de brander met "onafhankelijke dubbele vlam-
kronen" heeft zijn eigen bedieningsknop:
de knop met het symbool bedient de binnenste
vlamkroon;
de knop met het symbool bedient de buitenste vlam-
kroon;
Voor het aansteken van de gewenste vlamkroon drukt u de
betreffende knop in en draait u hem tot aan maximum . De
brander is voorzien van elektronische ontsteking die automa-
tisch werkt zodra u de knop indrukt.
Voor het juiste gebruik van de brander met dubbele
vlammenkring moet u nooit tegelijkertijd de interne kring
op minimum en de externe kring op maximum zetten.
Aangezien de brander is voorzien van het
veiligheidssysteem "F" moet u de knop ongeveer 6
seconden ingedrukt houden totdat het veiligheidssysteem
warmt wordt en automatisch de vlam aan houdt.
Um optimale Leistungen Ihres zu gewährleisten, sind beim
Kochen einige grundsätzlichen Maßnahmen zu beachten:
Verwenden Sie Kochgeschirr, die glatt auf der Kochzone
aufliegen.
De kookplaat is voorzien van reductie rekjes (afb.1), die
alleen op de spaarbrander "A" (afb.1a) en op de DC-DR
(intern)"I" worden gebruikt (afb.1b).
Abb.1a
Abb.1b
Brander ø Diameter Pan (cm)
A. Spaarbrander
6 - 14
B. Spaarbrander
15 – 20
C. Snelbrander
21 – 26
D. Driedubbele kroona
24 - 26
I. Dubbele kroon DC-DR (intern)
10 - 14
I. Dubbele kroon DC-DR (buiten)) 24 - 28
4
Belangrijk: Bij het ongewenst uitgaan van de vlam van de
brander zal het gas nog even door blijven stromen vóórdat
het beveiligingsmechanisme in werking treedt. De
bedieningsknop sluiten en tenminste 1 minuut wachten
alvorens te proberen de vlam opnieuw te ontsteken om het
ontsnapte gas de tijd te geven om in de lucht op te lossen.
Funtioneren van de elektrische grill
Voor het koken onder de grill draait u de knop van de oven
met de klok mee tot aan de positie ; zo gaat ook het
controlelampje "S" aan.
Gedurende het koken onder de grill raden wij aan de
ovendeur open te laten en de afscherming van de
bedieningsknoppen aan te brengen zoals aangegeven
in afb 4.
Minutenteller ''T''
Dit is een wekker met tijdinstelling op het bedieningspaneel,
voor de instelling van een tijd van maximaal 60 min. De
draaiknop met het simbool draaien om het streepje met
de vooraf bepaalde tijd overeen te laten stemmen. Als de
ingestelde tijd afloopt zal een alarm afgaan (de werking van
de oven wordt niet onderbroken). Het wordt aangeraden de
draaiknop volledig om te draaien en vervolgens tot op de
gewenste tijdsduur terug te draaien, ook al is deze korter
dan 60 minuten.
Braadspit - draaispit
Dit onderdeel wordt uitsluitend voor koken onder de grill
gebruikt. Ga als volgt te werk: om het braadspit te gebruiken
moet u als volgt te werk gaan: prik het vlees dat u klaar wilt
maken op dwarsspies in de lengterichting en zorg ervoor
dat het vlees tussen de beide speciale verstelbare vorken
klem komt te zitten (fig.5a) Doe de steunen "A" en "B" (fig.5a)
in de gaten in de vetopvangbak "E", laat de gleuf van de
stang precies in de opening "C" vallen en zet het rooster op
de eerste geleider van de bodem van de oven af gerekend;
steek de stang nu in het gat van het draaispit en schuif de
gleuf naar voren in de opening "D". Activeer grill en braadspit
door de thermostaatknop "G" op de positie met het symbool
te zetten.
BELANGRIJK: Bij gebruik van de grill kunnen de
bereikbare delen erg heet worden. Houd de kinderen op
een afstand.
Ovenverlichting
Als u de verlichting in de oven wilt aansteken drukt u op de
knop "Z" met het symbool .
Afb.4
De brander van de oven is voorzien van een
beveiligingsmechanisme met thermoelement.
Dit zorgt ervoor dat de gastoevoer van de brander
automatisch binnen enkele seconden wordt stopgezet als
de vlam per ongeluk uit zou gaan.
Aansteken van de brander van de oven
Open de ovendeur
druk en draai de thermostaatknop "V" (met het symbool
) geheel ingedrukt tot aan maximum.
Afb.3
In het geval dat er geen stroom is houdt u een lucifer bij
het centrale gat op de bodem van de oven zoals
aangegeven in afb.3;
houd de knop ongeveer 10 seconden ingedrukt;
de knop loslaten en controleren of de vlam regelmatig
brandt;
doe de ovendeur voorzichtig dicht zodat de vlam niet
uitgaat;
wacht ongeveer 10-12 minuten voordat u het gerecht in
de oven zet zodat de oven voldoende kan worden
voorverwarmd;
stel de gewenste temperatuur in door de thermostaatknop
op een positie van 1 tot 8 te zetten, volgens de
hiervolgende tabel:
HOE GEBRUIK IK HEM (GASOVEN)
Afb.5a
Afb.5b
Positie 1 (minimum) Positie 2 Positie 3 Positie 4
150° - 155°C 155°C 175°C 195°C
Positie 5 Positie 6 Positie 7 Positie 8
215°C 235°C 260°C 275°C
5
Als daarentegen een sterkere verwarming van de gerechten
van onderen of van boven is gewenst, de keuzeschakelaar
in de stand (onderwarmte), of (bovenwarmte)
plaatsen.
Con la funzione (caldo sopra e sotto+ ventilazione)
si combina una cottura di tipo tradizionale ( caldo sotto e
sopra) con la ventilazione.
Bij de functie wordt het gerecht gebakken met behulp
van vooraf door een verwarmingselement opgewarmde
lucht die vervolgens door een ventilator in de oven in
circulatie wordt gebracht. De oven komt zeer snel op
temperatuur en de gerechten kunnen daarom direct vanaf
het begin in de koude oven worden geplaatst. Voorts
bestaat de mogelijkheid om tegelijkertijd op twee
verschillende niveaus te bakken.
Bij de functie “
snel ontdooien
worden geen
verwarmingselementen gebruikt, maar uitsluitend de
ovenverlichting en de ventilator.
Bij het
grillen
wordt een hoog verwarmingsvermogen
gebruikt, wat het onmiddellijke roosteren van de
buitenoppervlakken van de gerechten mogelijk maakt en
speciaal geschikt is voor vleessoorten die van binnen zacht
moeten blijven. Voor het koken met de grill moet de
keuzeschakelar “G” op één van de volgende standen
worden gezet: (grill), (maxigrill+ventilator)
Bij het grillen is het van belang dat de ovendeur
gesloten blijft. De thermostaatknop verder niet op een
temperatuur van meer dan 200°C instellen.
Ovenverlichting
De ovenverlichting gaat branden zodra de keuzeschakelaar
op een willekeurige stand wordt gezet.
Controlelampje "S"
De oven is voorzien van een controlelampje (figuur op blz.2),
dat uitgaat zodra de ingestelde temperatuur is bereikt. Op
dit punt betekent het aan en uit gaan van het lampje dat de
thermostaat aan het werk is de temperatuur van de oven
constant te houden.
Timer (Mod. CP 058 MT.2 B)
Handmatige werking
Draai de knop van de timer tegen de wijzers van de
klok in (naar links) en zet het tekentje op het symbool
(handbediening).
Zet de oven aan door aan de keuzeschakelaar te draaien
en door de gewenste temperatuurstand in te stellen door
aan de thermostaatknop te draaien.
U kunt de oven uitschakelen door de knop van de timer op
de beginstand " " te zetten.
Werking met geprogrammeerde bereidingstijden
Draai de knop van de timer met de wijzers van de klok mee
(naar rechts) en zet het tekentje op de gekozen tijd (van 10
tot 120 minuten). Zet de oven aan door aan de
keuzeschakelaar te draaien en door de gewenste
temperatuurstand in te stellen door aan de thermostaatknop
te draaien. Als de ingestelde tijd verstreken is dan wordt er
een geluidssignaal afgegeven en dan slaat de oven
tegelijkertijd af. Na afloop van de bereiding moet u de
knoppen weer op de beginstand " " zetten.
Ventilator
(CP 059 MD.2 (X) NL)
Teneinde de warmte aan de buitenkant te verminderen hebben
enkle modellen een verkoelende ventilator die in werking treedt
als u aan de keuzeknop van de programma's "G" draait.
Gedurende het koken is de ventilator altijd aan en u kunt een
luchtstroom voelen die tussen het voorpaneel en de ovendeur
uit komt.
Bij deze modellen wordt de ventilatie voor het afkoelen
alleen geactiveerd als de oven warm is.
Houd de ovendeur na het gebruik van de oven nog even
half open staan: zo koelt hij sneller af. Het proces wordt
door een supplementaire thermostaat gecontroleerd en kan
zich in een of meer cycles afspelen.
De oven biedt negen combinatiemogelijkheden voor de
elektrische warmte-elementen; als voor het te koken gerecht
de meest geschikte combinatie wordt gekozen zullen uiterst
precieze resultaten mogelijk zijn.
De verschillende functies worden verkregen door de knop
van de keuzeschakelaar “G” in de volgende standen te
draaien:
Na instelling van de gewenste verwarmingsmethode, de knop
van de thermostaat “H” (°) op de gewenste temperatuur
instellen.
Voor het op normale wijze
conventionele
koken
(roosteren, biscuits, enz.) de functie gebruiken (boven-
en onderwarmte).
De te bereiden gerechten pas in de oven plaatsen als de
vooraf ingestelde temperatuur is bereikt en bij voorkeur
slechts één niveau gebruiken.
ELEKTRISCHE OVEN
0) Uit -
1) Ovenverlichting 50 W
2) Verhittingselement + minigrill
+ onder
2350 W
3) Verhittingselement onder 1300 W
4) Verhittingselement minigrill 1050 W
5) Verhittingselement grill 2000 W
6) Verhittingselement grill
+ ventilatie
2050 W
7) Verhittingselement + minigrill
+ onder + ventilatie
2400 W
8)Verhittingselement
circulatie+ventilatie
2850 W
9) Snel ontdooien 50 W
6
HOE GEBRUIK IK HEM (ELEKTRISCHE OVEN)
Handhaven van de warmte
Teneinde het zojuist gekookte gerecht warm te houden blijft
de ventilator in de oven werken aan het einde van de kookwijzen
waarbij de ventilator wordt gebruikt. De luchtcirculatie houdt
op als de knop "G" in de positie 0 wordt teruggebracht, of als
de oven is afgekoeld.
Deze maakt het mogelijk de oven of grill te programmeren
in de functies:
uitgestelde start met vastgestelde kooktijd;
onmiddelijke start met vastgestelde kooktijd;
timer.
Functies van de knoppen:
: timer
: kooktijd
: einde kooktijd
- : instelling tijd achteruit
+ : instelling tijd vooruit
Het gelijkzetten van het klokje
Na het aansluiten aan het net of na uitvallen van de stroom
knippert op de display 0.00
druk gelijktijdig op de knoppen en vervolgens
(binnen de 4 seconden) zet u de klok gelijk met de
knoppen - en + .
Met de knop + gaat de tijd vooruit.
Met de knop - gaat de tijd achteruit.
Op dezelfde wijze kunt u eventuele verdere gelijkzettingen
uitvoeren.
Handmatig gebruik van de oven
Nadat u de klok gelijk heeft gezet gaat de programmeur
automatisch in de handmatige positie.
N.B.: Voor het oproepen van de handmatige functie na een
"automatische" kooktijd drukt u tegelijkertijd op de knoppen
Uitgestelde start met vastgestelde kooktijd
De kooktijd en het einde van de kooktijd worden ingesteld.
Laten we aannemen dat het uur op de display 10:00 uur
aangeeft.
1. Zet de ovenknop op de gewenste funtie en temperatuur
(b.v.: statische oven, 200°C).
2. Druk op de knop en stel vervolgens (binnen de 4
seconden) met de knoppen - en + de gewenste kooktijd
in. Laten we een kooktijd van 30 minuten nemen; u ziet:
A
Als u de knop loslaat verschijnt na 4 seconden de huidige
tijd met het symbool en de letter “A” (AUTO).
3. Druk op de knop en vervolgens op de knoppen - en +
voor het instellen van het einde van de kooktijd, laten we
zeggen 13:00
A
4. Als u de knop loslaat verschijnt na 4 seconden de
huidigen tijd op de display:
A
De letter "A" geeft aan dat de programmering van de kooktijd
en het einde van de kooktijd in de automatische functie is
ingesteld. De oven gaat automatisch aan om 12:30 en gaat
uit na 30 minuten. Als de oven aan is verschijnt het verlichte
pannetje gedurende de gehele kooktijd. U kunt met de
knop op ieder willekeurig moment de ingestelde kooktijd
zien; met de knop kunt u het einde van de kooktijd zien.
Aan het einde van de kooktijd hoort u een
geluidssignaal; om dit af te zetten drukt u op een
willekeurige knop, behalve op de knoppen - en +.
Onmiddelijke start met vastgestelde kooktijd
Door alleen de kooktijd vast in te stellen (punten 1 en 2 van
paragraaf "Uitgestelde start met vastgestelde kooktijd")
begint deze onmiddelijk.
Het ongedaan maken van een reeds ingesteld
programma
Druk tegelijkertijd op de knoppen
Timer
Met de timer stelt u een tijd in waarvandaan het terugtellen
begint. Deze functie heeft niets te maken met het aan of
uitgaan van de oven, hij geeft alleen een geluidssignaal als
de tijd verlopen is.
Druk op de knop er verschijnt:
Stel de gewenste tijdsduur in met de knoppen - en + .
Zodra u de knop loslaat begint de tijd af te tellen; op de
display verschijnt de huidige tijd
Als de tijd is afgelopen hoort u een geluidssignaal, dat kan
worden afgezet door op een willekeurige knop te drukken
(behalve de knoppen - en + .) ; het symbool gaat uit.
Correctie/ongedaanmaken van de instelling
De instelling kan op ieder willekeurig moment worden
veranderd. Druk op de betreffende knop en op de knop -
of +.
Als de kooktijd ongedaan wordt gemaakt wordt
automatisch ook het einde hiervan ongedaan gemaakt
en viceversa.
Bij geprogrammeerd functioneren accepteert de oven
geen einde kooktijd die eerder is dan het begin kooktijd
dat door het apparaat zelf is gesteld.
7
HET ONDERHOUD
Belangrijk: sluit altijd eerst de stroom af voordat u het
apparaat gaat reinigen.
Voor het behoud van de apparatuur is het noodzakelijk
regelmatig een grondige reiniging uit te voeren, met in acht
neming van de volgende aanwijzingen.
Binnenkant ovendeur:
Reinig met een warm sop en nooit met schurende middelen;
vervolgens naspoelen en goed drogen.
Binnenkant oven: (indien aanwezig)
• De binnenkant van de oven is bedekt met een speciaal soort
microporeus email dat bij een normale kooktemperatuur
tussen 200 en 300°C oxideert en alle onvermijdbare vet en
andere afzettingen volkomen elimineert. Het reinigen wordt
hierdoor bijzonder vergemakkelijkt: het is voldoende
regelmatig, na het koken, de binnenwanden van de oven
met een vochtige doek schoon te vegen van eventueel stof
dat zich gedurende het koken kan hebben neergezet, zodat
de zelfreiniging van de oven intact blijft.
• Als er iets is overgekookt of het vuil is niet geheel geëlimineerd
(b.v. bij grillen als de temperatuur, die nodig is voo het perfect
functioneren van het zelfreinigende email, niet bereikt is),
dan is het raadzaam de oven leeg te laten werken met
maximum temperatuur totdat ieder restje vet of ander vuil
verdwenen is.
• Als na veelvuldig gebruik van de oven toch vuil op de
zelfreinigende wanden is afgezet, waarschijnlijk te wijten
aan het niet in acht nemen van de onderhoudsnormen,
moet een grondige reinigingsbeurt plaats vinden, met
warm water en een zachte doek (geen wasmiddelen
gebruiken), waarna gespoeld en zorgvuldig gedroogd moet
worden.
• Gebruik nooit scherpe voorwerpen aangezien die de
zelfreinigende wanden kunnen beschadigen.
• Als de zelfreinigende wanden in de oven beschadigd
worden, of onbruikbaar gemaakt, door gebrek aan
onderhoud of door verkeerd onderhoud of na vele jaren
gebruik, dan kunt u een zelfreinigende wanden-kit
bestellen voor het opnieuw bedekken van de oven. U wendt
zich dan tot onze bevoegde Technische Dienst. Buitenkant
oven:
• Reinig altijd als de oven koud is.
• Het roestvrije staal en vooral de zones met de
geserigrafeerde symbolen mogen in geen geval worden
gereinigd met schurende of oplosmiddelen; gebruik alleen
een natte lap met een lauw sop van vloeibaar wasmiddel.
Roestvrij staal kan permanent gevlekt raken als het voor
lange tijd in contact is met kalkhoudend water of
aggressieve wasmiddelen (fosforhoudend).
Het is dus altijd noodzakelijk met ruim water te spoelen
en nauwkeurig af te drogen na het reinigen.
Belangrijk: het reinigen moet in horizontale richting
worden uitgevoerd, zoals de richting van de satinering.
• Na het reinigen kunt u eventueel nog met een speciaal
glansmiddel voor roestvrij staal behandelen..
Belangrijk:
gebruik geen schuurmiddelen, aggressieve
wasmiddelen of zuurhoudende middelen.
Kookplaat:
Het demonteren/monteren van de ovendeur
Teneinde het schoonmaken van de binnenkant van de oven
te vergemakkelijken kunt u de ovendeur verwijderen door
als volgt te werk te gaan (afb.6-7):
• Open de deur en zet de twee hendeltjes “B” omhoog (afb.6);
• Sluit de deur gedeeltelijk; u kunt de deur nu oplichten door
de sluitveren “A” uit te trekken zoals aangegeven in
afbeelding 7.
Het weer monteren van de deur:
• Met de deur in vertikale positie steekt u de 2 sluitveren “A”
in de openingen;
• Let erop dat het punt “D” perfect wordt aangehaakt aan
de rand van de opening (beweeg de deur voorzichtig naar
voren en naar achteren );
• Houd de deur geheel open, zet de 2 hendeltjes “B” omlaag
en sluit de deur.
Vervanging van de ovenlamp
Controleren of het apparaat niet op het elektriciteitsnet is
aangesloten.
Vanuit de binnenkant van de oven de glazen beschermkap
losschroeven, de lamp losdraaien en vervangen door een
vergelijkbare uitvoering bestand tegen hoge temperaturen
(300°C) en met de volgende eigenschappen:
- Spanning 230 V
- Vermogen 25 W
- Fitting E 14.
• De losse delen van de gasbranders van de kookplaat
moeten vaak worden gewassen met warm water en
wasmiddel en worden ontdaan van eventuele
aankorstingen. Controleer of de gaten voor de gastoevoer
niet verstopt zijn. Droog ze goed af voordat u ze weer
gebruikt.
• Reinig de uiteinden van de zelfonstekingen van de kookplaat
en van de gasoven regelmatig.
Het smeren van de kraantjes
Met de tijd kan het gebeuren dat een kraantje geblokkeerd raakt
of moeilijk draait; het is dan noodzakelijk dit van binnen schoon
te maken en opnieuw te smeren. Deze handeling moet
worden uitgevoerd door een door de fabrikant erkende
installateur.
FIG. 6
FIG. 7
8
De bereidingstijden kunnen variëren afhankelijk van de aard van de gerechten, het feit of zij gelijkmatig gaar moeten worden en de
omvang ervan. In eerste instantie moet dan ook voor de kortste kooktijden worden gekozen om later, indien nodig voor langere tijden te
kiezen.
Boven- en onderwarmte
Hete lucht
Opmerkingen:
1) Koken zonder voorverwarming van de oven met uitzondering van de gerechten waar een sterretje voor staat.
2) De in de tabel aangegeven geleider geniet de voorkeur als op meerdere roosterstanden wordt gekookt.
3) De gegeven tijden hebben betrekking op het koken op één roosterstand, bij het koken op meerdere roosterstanden moet u 5-10 minuten bij de
tijden optellen.
4) Voor het braden van rundvlees, kalfsvlees, varkensvlees en kalkoenvlees met bot of rollades moeten 20 minuten bij de tijden worden opgeteld.
KOOKTIPS
Met 1
e
geleider wordt de
laagste geleider bedoeld ten
opzichte van de ovenbodem.
GRILL
Soort gerecht
Temperatuur
°C
Bereidingstijd
(minuten)
Soort gerecht
Temperatuur
°C
Bereidingstijd
(uren)
Gebak
Vruchtentaart
Schuimgebak
Cake van biscuitdeeg
Luchtig biscuitgebak
Cake-taart
Chocoladetaart
Italiaans zout brood "focaccia"
Beignets
Koekjes van bladerdeeg
Tompoezen
Kruimeldeeg
130
130
150
160
160
170
170
200
200
200
200
60-70
30-40
20-30
40-50
40-50
30-40
40-50
15-20
15-20
15-20
15-20
Vlees
Kalkoen (4-8 kg.)
Ganzenvlees (4-5 kg.)
Eend (2-4 kg.)
Kapoen (2½-3 kg.)
Rundvlees- goulash (1-1½ kg.)
Lamsbout
Gebraden haas (2 kg.)
Gebraden fazant
Kip (1-1½ kg.)
Vis
160
160
170
170
160
160
160
160
170
200
3-4½
4-4½
1½-2½
2-2½
3-3½
1-1½
1-1½
1-1½
1-1½
15-25 minuten
Soort gerecht
Bereidingstijd
(minuten)
Roosterstanden
Karbonade (0.5 kg.)
Worstjes
Gegrilde kip (1 kg)
Kalfsvlees gebraden aan het spit (0.6 kg.)
Kip aan het spit (1 kg.)
60
15
60
60
60
3
e
geleider
2
e
geleider
1
e
geleider
-
-
Soort gerecht
Geleider vanaf
de bodem
Hoeveelheid
kg.
Temperatuur
°C
Bereidingstijd
(minuten)
Gebak
* Met geklopt deeg, in bakvorm
* Met geklopt deeg, zonder bakvorm
Kruimeldeeg, taartbodem
Kruimeldeeg met vochtige vulling
KKruimeldeeg met droge vulling
* Met natuurlijk gerezen deeg
Klein gebak
1-3
1-3-4
1-3-4
1-3
1-3-4
1-3
1-3-4
1
1
0.5
1.5
1
1
0.5
175
175
175
175
175
175
160
60
50
30
70
45
50
30
Vlees
Op het rooster bereid vlees
Kalfsvlees
Rundvlees
Engelse rosbief
Varkensvlees
Kip
In de braadslede bereid vlees
Kalfsvlees
Rundvlees
Varkensvlees
Kip
Kalkoen in stukken
Eend
Stoofschotels
Rundvleesstoofschotel
Kalfsvleesstoofschotel
2
2
2
2
2
1-3
1-3
1-3
1-3
1-3
1-3
1
1
1
1
1
1
1-1.5
1
1
1
1-1.5
1.5
1-1.5
1
1
180
180
220
180
200
160
160
160
180
180
180
175
175
60
70
50
70
70
80
90
90
90
120
120
120
110
Vis
Visfilet, vislapjes, kabeljauw, wijting, tong
Makreel, tarbot, zalm
Oesters
1-3
1.3
1-3
1
1
180
180
180
30
45
20
Ovengerechten
Ovengerecht met deegwaren
Ovengerecht met groenten
* Zoete en hartige soufflés
* Gewone pizza's en dubbelgevouwen
pizza's
Toast
1-3
1-3
1-3
1-3-4
1-3-4
2
2
0.75
0.5
0.5
185
185
180
200
190
60
50
50
30
15
Ontdooien
Kant-en-klaar maaltijden
Vlees
Vlees
Vlees
1-3
1-3
1-3
1-3
1
0.5
0.75
1
200
50
50
50
45
50
70
110
9
In een schoorsteen of vertakt rookkanaal Meteen naar buiten
(gereserveerd voor kookapparaten)
Ventilatie van de keuken
In de ruimte waar het apparaat wordt geïnstalleerd moet een
hoeveelheid lucht worden toegevoerd die voldoerde is voor
de verbranding van het gas en de ventilatie van de ruimte.
De natuurlijke toevoer van lucht moet plaats vinden door
middel van permanente openingen in de buitenmuur van de
keuken, of door enkele of collectieve vertakte kanalen die
voldoen aan de normen. De lucht moet rechtstreeks van
buiten komen, ver van bronnen van luchtvervuiling De
ventilatieopening moet over de volgende eigenschappen
beschikken (afb.11A):
een totale volledig onbelemmerde doorgangssectie van
tenminste 6 cm² voor iedere kW nominale warmtecapaciteit
van het apparaat, met een minimum van 100 cm² (de
warmtecapaciteit kan worden afgelezen op het plaatje met
de technische gegevens aan de achterzijde van het
apparaat);
de mondingen aan zowel de binnen- als de buitenzijde
van de wand mogen niet verstopt kunnen raken;
met bijvoorbeeld een rooster, metalen gazen, enz. zijn
beschermd opdat de bovengenoemde nuttige sectie niet
wordt verminderd.
op een hoogte vlak boven de vloer zijn geplaatst.
Bijzonderheid A Aansluitende Ventilatie
kamer kamer
A
Voorbeeld van een ventilatie opening Vergroting van de gleuf tussen
voor verbrandings lucht de deur en de vloer
afb. 11A afb.11B
De lucht mag eveneens vanuit een aangrenzende ruimte
worden toegevoerd, op voorwaarde dat het hier geen
slaapkamer of een ruimte waar brandgevaar bestaat betreft,
zoals bijv. garages, magazijnen met brandbaar materiaal
enz., en hij moet geventileerd zijn volgens de normen. De
luchttoevoer vanuit het aangrenzende vertrek naar het te
ventileren vertrek moet vrijelijk kunnen vloeien door middel
van permanente openingen met een doorsnee die niet kleiner
is dan hierboven aangegeven Deze openingen kunnen ook
worden verkregen door de vrije ruimte tussen de deur en
min. 50mm
min. 700mm
fig.9
fig.10
fig.8
Classe 1 Classe 2 sottoclasse 1
Deze instructies zijn voor de erkende installateur, zodat deze
het installeren, regelen en onderhoud op de juiste wijze
uitvoert en volgens de geldende normen.
Belangrijk: alle handelingen van regelen of onderhoud
enz. moeten worden uitgevoerd met de stroom
uitgeschakeld. Indien het noodzakelijk mocht blijken de
elektrische voeding te handhaven, zal de grootst mogelijke
voorzorg moeten worden genomen. Het fornuis heeft de
volgende technische karakteristieken:
Kategorie: II 2E+3+ (voor BE)
Kategorie: II 2L3B/P (voor NL)
De maximum afmetingen van het fornuis zijn aangegeven
in de afbeelding op bladzijde 2. Voor goed functioneren van
het apparaat als het tussen keukenkastjes is geïnstalleerd,
moeten de minimum afstanden die zijn aangegeven in afb.8
in acht worden genomen. Bovendien moeten de
aangrenzende oppervlakten en de achterwand uit
hittebestendig materiaal vervaardigd zijn om aan een
boventemperatuur van 65 °C te weerstaan.
Alvorens het fornuis te plaatsen moeten de bijgeleverde
verstelbare poten ervan, 95-155 mm hoog, in de daarvoor
bestemde gaten aan de onderzijde van het fornuis (afb. 9)
worden bevestigd. De verstelbare poten kunnen worden
geregeld doordat ze schroefbaar zijn, zodat het fornuis
waterpas kan worden gesteld.
Het plaatsen
Dit apparaat mag uitsluitend in permanent geventileerde
ruimten worden geïnstalleerd volgens de voorschriften van
de geldende normen. Aan de volgende voorwaarden moet
worden voldaan:
• Het apparaat moet de verbrandingsproducten afvoeren
naar een speciaal hiervoor bestemde kap die op een
schoorsteen, een afvoerkanaal of rechtstreeks naar buiten
moet zijn aangesloten (afb.10).
Als het gebruik van een kap niet mogelijk is, kan een op
het raam of de buitenmuur geplaatste elektroventilator
worden gebruikt die tegelijkertijd met het apparaat in
werking moet worden gesteld.
INSTRUCTIES VOOR DE INSTALLATIE
10
A
fig.13
fig.14
fig.12
de vloer te vergroten (afb.11B). Als voor de afvoer van de
verbrandingsproducten een elektroventilator wordt gebruikt,
zal de ventilatieopening moeten worden aangepast aan de
maximale capaciteit van de luchtverplaatsing ervan. De
capaciteit van de elektroventilator dient voldoende te zijn
om per uur een luchtverversing van 3÷5 maal het volume
van de ruimte te garanderen. Bij een intensief en langdurig
gebruik van het apparaat kan een extra ventilatie
noodzakelijk blijken die kan worden verkregen door
bijvoorbeeld het openen van een raam of een verbetering
van de afzuigcapaciteit van de elektroventilator, indien
aanwezig. De gassen van een vloeibaar gemaakt
gasmengsel (LPG) zijn zwaarder dan lucht en blijven laag
hangen. De ruimtes waarin gasflessen met LPG staan
moeten dan ook openingen naar buiten hebben ter hoogte
van de vloer, zodat eventueel gelekte gassen van onderen
afgevoerd kunnen worden. Zet geen LPG gasflessen (ook
als deze leeg zijn) in ondergrondse ruimtes; in de ruimte is
het verstandig alleen de gasfles te laten staan die op dat
moment in gebruik is, waar u de gasfles uit de buurt van
warmtebronnen moet neerzetten waardoor de temperatuur
van de gasfles eventueel op kan lopen tot meer dan 50 °C.
Gas-toevoer
De aansluiting van het apparaat op de gasleiding of -fles
moet worden uitgevoerd in overeenstemming met
voorschriften van de van toepassing zijnde normen en
uitsluitend na te hebben gecontroleerd of het apparaat is
afgesteld op het soort gas waarmee het zal worden gevoed.
Dit apparaat is vooraf ingesteld om te functioneren met
het soort gas dat staat vermeld op het plaatje op de
kookplaat. Indien de beschikbare gassoort niet
overeenstemt met de gassoort waar het apparaat op
ingesteld is, moet u de betreffende inspuiters (die bij de
levering inbegrepen zijn) verwisselen waarbij u de
aanwijzingen die in de paragraaf "Ombouw van het
apparaat op een andere gassoort" zijn opgenomen in acht
moet nemen.
Om zeker te zijn van de goede werking van het apparaat,
om de energie op adequate wijze te kunnen benutten en
om ervoor te zorgen dat het apparaat lang meegaat moet
u zich ervan verzekeren dat de voedingsdruk overeenstemt
met de waarden die in de tabel 1 "Kenmerken van de
branders en inspuiters" staan.
Als dit niet het geval is moet u op de gastoevoerleiding
een speciale drukregelaar monteren in overeenstemming
met de geldende normen.
Verbind aan de ½"G cylindrische schroefbout "F" (afb.12)
aan de achterkant van het apparaat, gebruik makend van
een stijve metalen buis met aansluitingen (afb.12-D) die
voldoet aan de norm, of een flexiebele metalen buis met
aansluitingen (fig.12-C), die voldoet aan de norm, waarvan
de maximum uitgestrekte lengte niet meer mag zijn dan 2000
mm.
Verder moet worden gecontroleerd of de aanvoerleiding niet
met bewegende delen in aanraking kan komen die tot
beschadigingen of het afklemmen ervan zouden kunnen
leiden. Als u gebruik maakt van een rubberen slang dan
moet u de speciale slanghouder voor vloeibaar gas (afb.
12-A) of voor aardgas (afb. 12-B) met de afdichting "G" (bij
de levering inbegrepen) gebruiken. Bevestig de twee
uiteinden van de slang met de betreffende klemschroeven
"E" volgens. De slang moet voldoen aan de normen en
speciaal voor het soort gas dat u gebruikt. Bovendien:
moet de slang zo kort mogelijk zijn, met een lengte van
maximaal 1,5 meter;
mag de slang geen bochten en geen knelpunten verto-
nen;
mag de slang niet in aanraking komen met de achter-
wand van het apparaat of in ieder geval niet met delen
die een temperatuur van 50°C kunnen bereiken;
mag de slang niet over openingen of gleuven lopen die
bestemd zijn voor het afvoeren van de verbrandings-
gassen van de oven;
mag de slang niet in aanraking komen met scherpe de-
len of scherpe hoeken;
moet de slang over de gehele lengte makkelijk te inspec-
teren zijn zodat u probleemloos kunt controleren of de
slang in goede staat verkeert;
de slang moet voor de datum die op de slang staat ver-
vangen worden.
Belangrijk: Om de aansluiting met vloeibaar gas
(flessengas) tot stand te brengen moet er een
drukregelaar tussen geplaatst worden die aan de
geldende normen voldoet.
Als de installatie is voltooid moeten het gascircuit, de interne
verbindingen en de kraantjes met behulp van zeepsop op
lekkages worden gecontroleerd (nooit met een vlam). Ga
ook na of de druk van de gasleiding voldoende is voor het
voeden van het apparaat als alle branders tegelijk aan zijn.
Aanpassing aan de verschillende soorten gas
(gebruikdsaanwijzing)
Voor het aanpassen van de kookplaat aan een soort gas dat
verschilt van het gas waarvoor het fornuis gebruiksklaar is
(aangegeven op het etiket aan de bovenkant van de
kookplaat of op de verpakking) moeten de straalpijpjes van
de branders worden vervangen door als volgt te werk te gaan:
verwijder de roosters en branders van hun plaats.
schroef de straalpijpjes los (afb.13) met een steeksleutel
van 7mm en vervang ze met die geschikt zijn voor het
nieuwe type gas (zie tabel 1 "Kenmerken van de branders
en straalpijpjes".
monteer de onderdelen weer op de omgekeerde manier.
Aan het einde van deze handelingen moet u het oude eti-
ket dat de gasinstelling aangeeft vervangen met het etiket
dat correspondeert met het nieuwe gas dat u gaat gebrui-
ken, verkrijgbaar bij onze Technische Dienst .
INSTRUCTIES VOOR DE INSTALLATIE
11
Het vervangen van de straalpijpjes van de brander met
"onafhankelijke dubbele vlamkronen":
verwijder de roosters en branders van hun plaats. De
brander bestaat uit twee aparte delen (zie afb. C en afb.D);
schroef de straalpijpjes los met een sleutel van 7mm. De
binnenste vlamkroon heeft een straalpijpje, de buitenste
heeft er twee (van dezelfde maat). Vervang de straal-
pijpjes met nieuwe die zijn aangepast aan het nieuwe
type gas (zie tabel1).
zet de onderdelen in omgekeerde volgorde weer op hun
plaats.
Fig. C Fig. D
Regelen primaire lucht van de straalpijpjes
De branders hebben geen regulatie van de primaire lucht
nodig.
Het regelen van de minimumstand
zet het kraantje op minimum;
Haal de bedieningsknop van de regelkraan af en draai
aan de stelschroef (afb.14) rechts van de kraan totdat u
een regelmatige kleine vlam krijgt; gebruik daarbij een
schroevendraaier (losschroevend wordt het minimum
groter, dichter draaiend wordt de vlam kleiner).
N.B.: bij vloeibaar gas moet het regelschroefje geheel
dicht worden geschroefd;
Controleer nu of de brander aan blijft als u de knop snel
van hoog op laag draait;
Als bij de apparaten met een beveiligingssysteem
(thermo-element) dit systeem niet werkt met de branders
op minimum, dan verhoogt u het minimum door aan de
stelschroef te draaien.
Als het regelen klaar is moet u de zegels op de by-pass
schroefjes weer op hun plaats aanbrengen met zegellak of
dergelijk materiaal.
Gasoven:
Doe de ovendeur open (verwijder de bodem van de oven
voor toegang tot de brander);
draai de 2 schroeven, die de brander vasthouden, los,
verwijder de brander en vervang de injector "N" met een
die is aangepast aan het nieuwe type gas volgens de
tabel op blz.12.
breng alle onderdelen weer aan, regel de lucht in de
brander en regel de minimumstand van het kraantje.
Het regelen van de minimumstand
Open de deur en verwijder de bodem van de oven;
zet de knop op stand 8 (maximum) en steek de brander
aan;
Doe de deur dicht en wacht ongeveer 15 minuten;
zet de knop op stand 1 (minimum);
verwijder de knop zelf en draai aan het regelschroefje
bovenop het thermostaatstaafje;
Als de gewenste minimumstand is bereikt moet u
controleren of het vlammetje niet uitgaat als u een paar
keer snel van maximum naar minimum draait en als u de
ovendeur op normale wijze dicht doet.
Regelen van de lucht
Regel de stroom van primaire lucht zodanig dat de vlam
regelmatig en homogeen blijft. Houd er rekening mee dat
teveel lucht maakt dat de vlam los komt van de brander terwijl
te weinig lucht maakt dat het gas binnenin de brander brandt.
Voor het regelen draait u het schroefje "P" los en verschuift
u de naafring "R". Als het regelen klaar is blokkeert u de
naafring "R" met het schroefje "P". (afb.15);
Electrische aansluiting
HET IS VERPLICHT HET APPARAAT TE AARDEN.
Alle apparaten zijn ingesteld om te functioneren op 230V ~
50Hz. Controleer of de voedingsspanning die ter plekke
beschikbaar is overeenstemt met de gegevens die op het
typeplaatje staan vermeld dat zich op het profiel rondom de
oven aangebracht is en dat zichtbaar is als u de ovendeur
opendoet. WIJ KUNNEN OP GEEN ENKELE WIJZE
AANSPRAKELIJK WORDEN GESTELD VOOR SCHADE
DIE TE WIJTEN IS AAN HET NIET IN ACHT NEMEN VAN
DE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN.
Dit apparaat voldoet aan de EEG Richtlijn 89/336 ten
aanzien van de radio-ontstoring.
Het elektrische snoer op het net aansluiten
Bij de modellen die niet van een stekker voorzien zijn moet
u een genormaliseerde stekker voor de belasting die op het
typeplaatje staat op het snoer monteren en de stekker in
een deugdelijk stopcontact steken. Als het apparaat
rechtstreeks op het elektriciteitsnet aangesloten moet worden
dan moet er tussen het apparaat en het elektriciteitsnet een
veiligheidsschakelaar gemonteerd worden met een opening
tussen de contacten van minimaal 3 mm, die berekend moet
zijn op de belasting van het apparaat en die aan de geldende
normen moet voldoen. De geel/groene draad mag niet
onderbroken worden door de schakelaar. In ieder geval moet
het voedingssnoer aangelegd worden dat het snoer op geen
enkel punt warmer kan worden dan 50°C boven de
omgevingstemperatuur. Gebruik geen adaptors,
dubbelstekkersof dergelijke, aangezien deze oververhitting
en branden kunnen veroorzaken. Alvorens de aansluiting
tot stand te brengen moet u het volgende controleren:
of de begrenzingsklep en de installatie in de woning de
belasting van het apparaat kunnen verdragen (zie
typeplaatje);
of de voedingsinstallatie naar behoren geaard is in
overeenstemming met de geldende normen en wettelijke
bepalingen;
of het stopcontact en de veiligheidsschakelaar die gebruikt
zijn voor de aansluiting makkelijk bereikbaar zijn als het
apparaat geïnstalleerd is.
Vervangen van de kabel
Gebruik een rubber kabel van het type H05VV-F,doorsnee 3
x 1.5 mm².
De geel-groene geleider moet 2÷3 cm langer dan de andere
geleiders zijn.
fig.15
INSTRUCTIES VOOR DE INSTALLATIE
12
ENERGY LABEL
Richtlijn 2002/40/CE op etiket van de elektrische ovens
Norm EN 50304
Energieverbruik convectie Natuurlijk:
verwarmingsfunctie: Statische
Energieverbruik verklaring Klasse convectie Hetelucht:
verwarmingsfunctie : Geventileerd
Dit apparaat voldoet aan de volgende EEG Richtlijnen:
- 73/23/EEG van 19/02/73 (laagspanning) en
successievelijke modificaties;
- 89/336/EEG van 03/05/89 (elektromagnetische
compatibiliteit) en successievelijke modificaties;
- EEG/90/336 van 29/06/90 (Gas) en successievelijke
modificaties;
- 93/68/EEG van 22/07/93 en successievelijke modifica-
ties;
* A 15°C en 1013 mbar-droog gas
Propaan P.C.S. = 50.37 MJ/Kg
Butaan P.C.S. = 49.47 MJ/Kg
Aardgas P.C.S. = 37.78 MJ/m3
KENMERKEN VAN DE BRANDERS EN INSPUITERS
TECHNISCHE GEGEVENS OVEN
ZIJN ER PROBLEMEN?
Het kan gebeuren dat het kookvlak niet functioneert of niet
goed functioneert. Laten wij zien wat eraan gedaan kan worden
voordat u er hulp bij haalt.
Om te beginnen moet u controleren of er wel stroom en
gastoevoer is, en vooral of de gaskranen boven het fornuis
niet dicht zijn.
De brander gaat niet aan of de vlam is niet gelijkmatig
Heeft u gecontroleerd of:
de gaten voor de gastoevoer van de brander zijn verstopt;
alle onderdelen van de brander goed in elkaar gepast zijn;
er tocht is nabij het kookvlak.
De vlam blijft niet aan in de versies met
veiligheidsmechanisme
Heeft u gecontroleerd of:
u de knop goed heeft ingedrukt;
u de knop voldoende tijd ingedrukt heeft gehouden voor
het activeren van het veiligheidsmechanisme;
de gaten voor de gastoevoer nabij het
veiligheidsmechanisme verstopt zijn.
De brander blijft niet aan als hij op minimum staat
Heeft u gecontroleerd of:
de gaten van de gastoevoer verstopt zijn;
er tocht is nabij het kookvlak;
de minimum stand niet goed is ingesteld (zie paragraaf “Het
regelen van de minimum stand”).
De pannen staan wankel
Heeft u gecontroleerd of:
de bodem van de pan perfect plat is;
de pan in het midden van de brander of kookplaat staat;
Als ondanks deze controles het kookvlak niet functioneert en
de storing blijft bestaan dan moet u de Merloni Technische
Dienst voor Keukenapparatuur er bijhalen met opgave van:
- het soort storing;
- het nummer van het model (Mod. ...) dat op uw
garantiebewijs staat.
Roep er nooit een niet-erkende installateur bij en weiger altijd
niet-originele onderdelen.
Tabel 1 (VOOR NL) Vloeibaar gas Aardgas
BRANDER
Brander
doorsnee
Warmtecapaciteit
kW (H.s.*)
By-pass
1/100
(mm)
Inspuiter
1/100
(mm)
Debiet *
g/h
Inspuiter
1/100
(mm)
Debiet *
l/h
(mm)
Nom. Ger. G30/G31 G25
C.Snel
100 3.00 0.7 40 86 218 122 332
B.
Halfsnel 75 1.65 0.4 30 64 120 94 183
A.Hulp
55 1.00 0.3 27 50 73 72 110
D. Drievoudige vlamkroonbrander (T.C.)
130 3.25 1.3 57 91 236 124 309
I.dubbele vlamkronen (binnenste DC-DR)
30 0.9 0.4 30 44 65 74 100
I.dubbele vlamkronen (buitenste DC-DR)
130 4.1 1.3 57 70 298 110 454
Voedingsdruk
Nom.
Min.
Max.
28-30
20
35
20
17
25
Tabel 1 (voor BELGIË) Vloeibaar gas Aardgas
BRANDER
Brander
doorsnee
Warmte
capaciteit
kW (H.s.*)
By-pass
1/100
(mm)
Inspuiter
1/100
(mm)
Debiet *
g/h
Inspuiter
1/100
(mm)
Debiet *
l/h
(mm)
Nom. Ger. G30 G31 G20/25 G20 G25
C.Snel
100 3.00 0.7 40 86 218 214 116 286 332
B.
Halfsnel
75 1.65 0.4 30 64 120 118 96 157 183
A.Hulp 55 1.00 0.3 27 50 73 71 71 95 110
D. Drievoudige vlamkroonbrander (T.C.) 130 3.25 1.3 57 91 236 232 124 309 360
I.
dubbele vlamkronen (binnenste DC-DR)
30 0.9 0.4 30 44 65 64 74 86 100
I.dubbele vlamkronen (buitenste DC-DR) 130 4.1 1.3 57 70 298 293 110 390 454
Voedingsdruk 28-30 37 20 25

Documenttranscriptie

CP 059 MD.2 (X) NL CP 059 MD.2 (X) DE CP 058 MT.2 B Cuisinière mixte Instructions pour l'emploi et l'installation Herd Gebrauchs- und Installationsanleitungen Gemengd fornuizen Instructies voor het gebruik en installeren Wij danken u dat u een Ariston product heeft gekozen, veilig en gemakkelijk in het gebruik. Om het fornuis te leren kennen moet het langdurig en zo goed mogelijk gebruikt worden. Wij raden u aan deze gebruiksaanwijzing te lezen. Dank u. AANWIJZINGEN DEZE GEBRUIKSAANWIJZING IS UITSLUITEND VAN TOEPASSING IN DE LANDEN WAARVAN HET SYMBOOL OP DE GEBRUIKSAANWIJZING EN HET TYPEPLAATJE VAN HET APPARAAT ZIJN AFGEBEELD. 1. Dit apparaat is uitsluitend geschikt voor huishoudelijk gebruik. 2. De aanwijzingen in deze gebruiksaanwijzing aandachtig doorlezen daar zij belangrijke informatie bevatten met betrekking tot de veiligheid tijdens de installatie, het gebruik en het onderhoud. Deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig opbergen om later te kunnen raadplegen. 3. De accessoires van de oven die met etenswaren in aanraking kunnen komen zijn gemaakt van materialen die voldoen aan de voorschriften van de Europese Richtlijn EEG 89/109 van 21/12/88 en de plaatselijk geldende normen. 4. Na het verwijderen van de verpakking moet men goed kijken of het fornuis geheel gaaf is. In geval van twijfel moet men het fornuis niet gebruiken en zich tot een bevoegde installateur wenden. 5. Sommige delen van het apparaat zijn met een verwijderbare krasvaste folie bedekt. Alvorens het apparaat in werking te stellen moet de folie worden verwijderd en het onderliggende gedeelte met een doek en een niet krassend huishoudelijk schoonmaakmiddel schoongemaakt. Wij raden aan om de oven de eerste keer 30 minuten lang op de maximum temperatuur te laten branden om eventueel achtergebleven verontreinigingen als gevolg van het productieproces te verwijderen. 6. Alle handelingen met betrekking tot de installatie dienen in overeenstemming met de geldende normen door een erkend installateur te worden uitgevoerd. De hierop betrekking hebbende instructies staan beschreven in de aanwijzingen voor de installateur. 7. Alvorens het apparaat aan te sluiten controleren of de gegevens op het plaatje met de technische gegevens (aan de achterzijde van het apparaat) overeenstemmen met die van het elektriciteits- en gasnet. 8. Als de oven in werking is wordt het apparaat ter hoogte van het glas van de ovendeur en de gedeelten daaromheen heet. Laat kleine kinderen er niet in de buurt komen. 10. Regelmatig de goede staat van de aanvoerleiding van het gas controleren en deze zodra er afwijkingen worden geconstateerd door een erkend installateur laten vervangen. 11. De aansluitkabel en de toevoerleiding van het gas van dit apparaat mogen niet door de gebruiker zelf worden vervangen. In geval van beschadiging mag de eventuele vervanging ervan uitsluitend door een erkend installateur of de Servicedienst worden uitgevoerd. 12. Laat het apparaat niet onnodig aan staan. De gaskraan in de toevoerleiding dichtdraaien als het apparaat niet wordt gebruikt. 13. Sommige onderdelen van het apparaat zullen nog lang na het gebruik warm blijven. Erop letten ze niet aan te raken. 14. Geen instabiele of vervormde pannen op de branders plaatsen om ongelukken als gevolg van het omvallen ervan te voorkomen. 15. Geen ontvlambare vloeistoffen in de nabijheid van het in werking zijnde apparaat gebruiken. 16. Als het fornuis op een voetstuk staat moet u maatregelen nemen om te vermijden dat het fornuis eraf glijdt. 17. Als het apparaat een dekplaat heeft moet eventueel geknoeide vloeistof worden afgeveegd. 18. Indien aanwezig mag de dekplaat niet dicht worden gedaan als de elementen van de kookplaat nog warm zijn. 19.Gebruik geen machines met stoom voor het schoonmaken van het apparaat. Vernietiging van oude electrische apparaten De Europese Richtlijn 2002/96/EC over Vernietiging van Electrische en Electronische Apparatuur (WEEE), vereist dat oude huishoudelijke electrische apparaten niet mogen vernietigd via de normale ongesorteerde afvalstroom. Oude apparaten moeten apart worden ingezameld om zo het hergebruik van de gebruikte materialen te optimaliseren en de negatieve invloed op de gezondheid en het milieu te reduceren. Het symbool op het product van de “afvalcontainer met een kruis erdoor” herinnert u aan uw verplichting, dat wanneer u het apparaat vernietigt, het apparaat apart moet worden ingezameld. Consumenten moeten contact opnemen met de locale autoriteiten voor informatie over de juiste wijze van vernietiging van hun oude apparaat. 9. Controleren of de capaciteit van de elektrische installatie en de stopcontacten overeenstemmen met het maximum vermogen van het apparaat zoals vermeld op het plaatje. In geval van twijfel moet u zich tot een bevoegde electricien wenden. 1 BESCHRIJVING VAN HET FORNUIS A B C D I E F F G E fig.1 H M R P S T U V Z 2 Sudderbrander Normale branderbrander Sterkbrander Drievoudige vlamkroonbrander (wok) Gasbrander DC-DR Bougies voor de automatische ontsteking Thermische beveiliging - Deze treedt in werking als de vlam per ongeluk is uitgegaan (overkoken, tocht enz.) door de gastoevoer van de brander te blokkeren. Keuzeknop voor de elektrische oven (keuzeschakelaar van de bereidingsfuncties) Thermostaatknop voor de elektrische oven (instelling van de temperatuurstanden) Bedieningsknoppen voor de gasbranders Pannendragers Timer Controlelampje van een elektrisch verwarmingselement Kookwekker Timer Thermostaatknop van de gasoven (keuzeknop functie gasoven met instelling temperatuur en elektrische grill) Knop verlichting van de gasoven INSTRUCTIES VOOR HET GEBRUIK Gasbranders Op het bedieningspaneel vindt u rondom iedere knop "M" of op de knoppen zelf de volgende symbolen: Kraan Dicht Maximaal geopend Minimaal geopend De symbolen bij de knoppen verwijzen naar de positie van de betreffende brander op de kookplaat. De branders zijn voorzien van beveiliging tegen lekken door middel van een thermo-element. Dit systeem blokkeert van het gas als de vlammen van de brander gedurende het koken uit zouden gaan. Brander ø Diameter Pan (cm) A. Spaarbrander 6 - 14 B. Spaarbrander 15 – 20 C. Snelbrander 21 – 26 D. Driedubbele kroona 24 - 26 I. Dubbele kroon DC-DR (intern) 10 - 14 I. Dubbele kroon DC-DR (buiten)) 24 - 28 De kookplaat is voorzien van reductie rekjes (afb.1), die alleen op de spaarbrander "A" (afb.1a) en op de DC-DR (intern)"I" worden gebruikt (afb.1b). Voor het aansteken van een van de branders gaat u als volgt te werk: • de betreffende knop indrukken, linksom draaien en het streepje met het symbool van de grote vlam overeen laten stemmen (maximum vermogen); • druk de knop in voor het automatisch aansteken van het gas; • als de vlam brandt de knop gedurende 6 seconden ingedrukt houden tot het element van de thermoelektrische-beveiliging warm is geworden; • de knop loslaten en controleren of de vlam regelmatig brandt. Als dit niet het geval mocht zijn de bovenstaande handelingen herhalen. Voor de laagste stand (minimum vermogen) de knop verder draaien tot aan het symbool van de kleine vlam. Tussenliggende standen zijn mogelijk, hiertoe de knop tussen het symbool van de grote vlam en dat van de kleine vlam instellen. Abb.1a Abb.1b De brander met "dubbele onafhankelijke vlammen" Deze brander bestaat uit twee vlamkronen die samen of onafhankelijk kunnen functioneren. Tegelijk gebruikt op maximum geeft verhoogde warmte en dus kortere kooktijden vergeleken met de traditionele branders. Ook verdelen de dubbele vlamkronen de warmte onder de pannen gelijkmatiger, vooral als ze allebei op minimum worden gebruikt. U kunt dus ook pannen van verschillende grootte gebruiken, met de kleinere pannen op alleen de binnenste vlamkroon. Iedere vlamkroon van de brander met "onafhankelijke dubbele vlamkronen" heeft zijn eigen bedieningsknop: de knop met het symbool bedient de binnenste vlamkroon; Belangrijk: • De automatische vonkontsteking niet langer dan 15 seconden achter elkaar gebruiken. • Bij problemen met de ontsteking, de knop loslaten en de eventueel in de gasleiding aanwezige lucht eruit laten stromen. • Vervolgens opnieuw op het knopje drukken. Bij het ongewenste uitgaan van de vlam van de branders zal het gas nog even door blijven stromen vóórdat het beveiligingsmechanisme in werking treedt. De bedieningsknop sluiten en tenminste 1 minuut wachten alvorens te proberen de vlam opnieuw te ontsteken om het ontsnapte gas de tijd te geven om in de lucht op te lossen. • Als het apparaat niet wordt gebruikt, controleren of de knoppen in de dicht-stand staan " ". Verder wordt het aanbevolen om de gaskraan in de toevoerleiding te sluiten. de knop met het symbool kroon; bedient de buitenste vlam- Voor het aansteken van de gewenste vlamkroon drukt u de betreffende knop in en draait u hem tot aan maximum . De brander is voorzien van elektronische ontsteking die automatisch werkt zodra u de knop indrukt. Voor het juiste gebruik van de brander met dubbele vlammenkring moet u nooit tegelijkertijd de interne kring op minimum en de externe kring op maximum zetten. Aangezien de brander is voorzien van het veiligheidssysteem "F" moet u de knop ongeveer 6 seconden ingedrukt houden totdat het veiligheidssysteem warmt wordt en automatisch de vlam aan houdt. Um optimale Leistungen Ihres zu gewährleisten, sind beim Kochen einige grundsätzlichen Maßnahmen zu beachten: • Verwenden Sie Kochgeschirr, die glatt auf der Kochzone aufliegen. Practische raadgevingen voor het gebruik van de branders Voor het beste rendement van de gasbranders moet u pannen gebruiken met een diameter die overeenkomt met de brander zodat geen vlammen onder de bodem van de pan uitsteken (zie volgende tabel). Als het water aan de kook is kunt u de vlam op klein zetten, voldoende voor het in stand houden van het koken. 3 HOE GEBRUIK IK HEM (GASOVEN) De brander van de oven is voorzien van een beveiligingsmechanisme met thermoelement. Dit zorgt ervoor dat de gastoevoer van de brander automatisch binnen enkele seconden wordt stopgezet als de vlam per ongeluk uit zou gaan. Aansteken van de brander van de oven • Open de ovendeur • druk en draai de thermostaatknop "V" (met het symbool Afb .4 ) geheel ingedrukt tot aan maximum. BELANGRIJK: Bij gebruik van de grill kunnen de bereikbare delen erg heet worden. Houd de kinderen op een afstand. Ovenverlichting Als u de verlichting in de oven wilt aansteken drukt u op de knop "Z" met het symbool Minutenteller ''T'' Dit is een wekker met tijdinstelling op het bedieningspaneel, voor de instelling van een tijd van maximaal 60 min. De Afb .3 • • • • • draaiknop met het simbool 150° - 155°C Positie 5 215°C Positie 2 155°C Positie 3 175°C Braadspit - draaispit Dit onderdeel wordt uitsluitend voor koken onder de grill gebruikt. Ga als volgt te werk: om het braadspit te gebruiken moet u als volgt te werk gaan: prik het vlees dat u klaar wilt maken op dwarsspies in de lengterichting en zorg ervoor dat het vlees tussen de beide speciale verstelbare vorken klem komt te zitten (fig.5a) Doe de steunen "A" en "B" (fig.5a) in de gaten in de vetopvangbak "E", laat de gleuf van de stang precies in de opening "C" vallen en zet het rooster op de eerste geleider van de bodem van de oven af gerekend; steek de stang nu in het gat van het draaispit en schuif de gleuf naar voren in de opening "D". Activeer grill en braadspit door de thermostaatknop "G" op de positie met het symbool Positie 4 195°C Positie 6 Positie 7 Positie 8 235°C 260°C 275°C draaien om het streepje met de vooraf bepaalde tijd overeen te laten stemmen. Als de ingestelde tijd afloopt zal een alarm afgaan (de werking van de oven wordt niet onderbroken). Het wordt aangeraden de draaiknop volledig om te draaien en vervolgens tot op de gewenste tijdsduur terug te draaien, ook al is deze korter dan 60 minuten. In het geval dat er geen stroom is houdt u een lucifer bij het centrale gat op de bodem van de oven zoals aangegeven in afb.3; houd de knop ongeveer 10 seconden ingedrukt; de knop loslaten en controleren of de vlam regelmatig brandt; doe de ovendeur voorzichtig dicht zodat de vlam niet uitgaat; wacht ongeveer 10-12 minuten voordat u het gerecht in de oven zet zodat de oven voldoende kan worden voorverwarmd; stel de gewenste temperatuur in door de thermostaatknop op een positie van 1 tot 8 te zetten, volgens de hiervolgende tabel: Positie 1 (minimum) . te zetten. Belangrijk: Bij het ongewenst uitgaan van de vlam van de brander zal het gas nog even door blijven stromen vóórdat het beveiligingsmechanisme in werking treedt. De bedieningsknop sluiten en tenminste 1 minuut wachten alvorens te proberen de vlam opnieuw te ontsteken om het ontsnapte gas de tijd te geven om in de lucht op te lossen. Funtioneren van de elektrische grill Voor het koken onder de grill draait u de knop van de oven met de klok mee tot aan de positie ; zo gaat ook het controlelampje "S" aan. Gedurende het koken onder de grill raden wij aan de ovendeur open te laten en de afscherming van de bedieningsknoppen aan te brengen zoals aangegeven in afb 4. Afb .5a 4 Afb .5b ELEKTRISCHE De oven biedt negen combinatiemogelijkheden voor de elektrische warmte-elementen; als voor het te koken gerecht de meest geschikte combinatie wordt gekozen zullen uiterst precieze resultaten mogelijk zijn. De verschillende functies worden verkregen door de knop • Bij het grillen wordt een hoog verwarmingsvermogen gebruikt, wat het onmiddellijke roosteren van de buitenoppervlakken van de gerechten mogelijk maakt en speciaal geschikt is voor vleessoorten die van binnen zacht moeten blijven. Voor het koken met de grill moet de keuzeschakelar “G” op één van de volgende standen van de keuzeschakelaar “G” in de volgende standen te draaien: Na instelling van de gewenste verwarmingsmethode, de knop van de thermostaat “H” (°) op de gewenste temperatuur instellen. • Voor het op normale wijze conventionele koken (roosteren, biscuits, enz.) de functie gebruiken (bovenen onderwarmte). De te bereiden gerechten pas in de oven plaatsen als de vooraf ingestelde temperatuur is bereikt en bij voorkeur slechts één niveau gebruiken. 0) Uit worden gezet: (grill), (maxigrill+ventilator) Bij het grillen is het van belang dat de ovendeur gesloten blijft. De thermostaatknop verder niet op een temperatuur van meer dan 200°C instellen. Ovenverlichting De ovenverlichting gaat branden zodra de keuzeschakelaar op een willekeurige stand wordt gezet. Controlelampje "S" De oven is voorzien van een controlelampje (figuur op blz.2), dat uitgaat zodra de ingestelde temperatuur is bereikt. Op dit punt betekent het aan en uit gaan van het lampje dat de thermostaat aan het werk is de temperatuur van de oven constant te houden. - 1) Ovenverlichting 50 W 2) Verhittingselement + minigrill + onder 2350 W 3) Verhittingselement onder 1300 W OVEN Timer (Mod. CP 058 MT.2 B) Handmatige werking Draai de knop van de timer 4) Verhittingselement minigrill 1050 W 5) Verhittingselement grill 2000 W 6) Verhittingselement grill + ventilatie 7) Verhittingselement + minigrill + onder + ventilatie 8)Verhittingselement circulatie+ventilatie 9) Snel ontdooien klok in (naar links) en zet het tekentje op het symbool (handbediening). Zet de oven aan door aan de keuzeschakelaar te draaien en door de gewenste temperatuurstand in te stellen door aan de thermostaatknop te draaien. U kunt de oven uitschakelen door de knop van de timer op de beginstand " " te zetten. 2050 W 2400 W Werking met geprogrammeerde bereidingstijden Draai de knop van de timer met de wijzers van de klok mee (naar rechts) en zet het tekentje op de gekozen tijd (van 10 tot 120 minuten). Zet de oven aan door aan de keuzeschakelaar te draaien en door de gewenste temperatuurstand in te stellen door aan de thermostaatknop te draaien. Als de ingestelde tijd verstreken is dan wordt er een geluidssignaal afgegeven en dan slaat de oven tegelijkertijd af. Na afloop van de bereiding moet u de knoppen weer op de beginstand " " zetten. 2850 W 50 W Als daarentegen een sterkere verwarming van de gerechten van onderen of van boven is gewenst, de keuzeschakelaar in de stand (onderwarmte), of (bovenwarmte) Ventilator plaatsen. • Con la funzione tegen de wijzers van de (CP 059 MD.2 (X) NL) (caldo sopra e sotto+ ventilazione) Teneinde de warmte aan de buitenkant te verminderen hebben enkle modellen een verkoelende ventilator die in werking treedt als u aan de keuzeknop van de programma's "G" draait. Gedurende het koken is de ventilator altijd aan en u kunt een luchtstroom voelen die tussen het voorpaneel en de ovendeur uit komt. si combina una cottura di tipo tradizionale ( caldo sotto e sopra) con la ventilazione. • Bij de functie wordt het gerecht gebakken met behulp van vooraf door een verwarmingselement opgewarmde lucht die vervolgens door een ventilator in de oven in circulatie wordt gebracht. De oven komt zeer snel op temperatuur en de gerechten kunnen daarom direct vanaf het begin in de koude oven worden geplaatst. Voorts bestaat de mogelijkheid om tegelijkertijd op twee verschillende niveaus te bakken. Bij deze modellen wordt de ventilatie voor het afkoelen alleen geactiveerd als de oven warm is. Houd de ovendeur na het gebruik van de oven nog even half open staan: zo koelt hij sneller af. Het proces wordt door een supplementaire thermostaat gecontroleerd en kan zich in een of meer cycles afspelen. • Bij de functie “ snel ontdooien ” worden geen verwarmingselementen gebruikt, maar uitsluitend de ovenverlichting en de ventilator. 5 HOE GEBRUIK IK HEM (ELEKTRISCHE OVEN) Handhaven van de warmte Teneinde het zojuist gekookte gerecht warm te houden blijft de ventilator in de oven werken aan het einde van de kookwijzen waarbij de ventilator wordt gebruikt. De luchtcirculatie houdt op als de knop "G" in de positie 0 wordt teruggebracht, of als de oven is afgekoeld. De letter "A" geeft aan dat de programmering van de kooktijd en het einde van de kooktijd in de automatische functie is ingesteld. De oven gaat automatisch aan om 12:30 en gaat uit na 30 minuten. Als de oven aan is verschijnt het verlichte gedurende de gehele kooktijd. U kunt met de pannetje knop op ieder willekeurig moment de ingestelde kooktijd zien; met de knop kunt u het einde van de kooktijd zien. Aan het einde van de kooktijd hoort u een geluidssignaal; om dit af te zetten drukt u op een willekeurige knop, behalve op de knoppen - en +. Deze maakt het mogelijk de oven of grill te programmeren in de functies: • uitgestelde start met vastgestelde kooktijd; • onmiddelijke start met vastgestelde kooktijd; • timer. Functies van de knoppen: : timer : kooktijd : einde kooktijd - : instelling tijd achteruit + : instelling tijd vooruit Onmiddelijke start met vastgestelde kooktijd Door alleen de kooktijd vast in te stellen (punten 1 en 2 van paragraaf "Uitgestelde start met vastgestelde kooktijd") begint deze onmiddelijk. Het ongedaan maken van een reeds ingesteld programma Druk tegelijkertijd op de knoppen Het gelijkzetten van het klokje Na het aansluiten aan het net of na uitvallen van de stroom knippert op de display 0.00 en vervolgens • druk gelijktijdig op de knoppen (binnen de 4 seconden) zet u de klok gelijk met de knoppen - en + . Met de knop + gaat de tijd vooruit. Met de knop - gaat de tijd achteruit. Op dezelfde wijze kunt u eventuele verdere gelijkzettingen uitvoeren. Timer Met de timer stelt u een tijd in waarvandaan het terugtellen begint. Deze functie heeft niets te maken met het aan of uitgaan van de oven, hij geeft alleen een geluidssignaal als de tijd verlopen is. er verschijnt: Druk op de knop Stel de gewenste tijdsduur in met de knoppen - en + . Zodra u de knop loslaat begint de tijd af te tellen; op de display verschijnt de huidige tijd Handmatig gebruik van de oven Nadat u de klok gelijk heeft gezet gaat de programmeur automatisch in de handmatige positie. N.B.: Voor het oproepen van de handmatige functie na een "automatische" kooktijd drukt u tegelijkertijd op de knoppen Als de tijd is afgelopen hoort u een geluidssignaal, dat kan worden afgezet door op een willekeurige knop te drukken (behalve de knoppen - en + .) ; het symbool gaat uit. Uitgestelde start met vastgestelde kooktijd De kooktijd en het einde van de kooktijd worden ingesteld. Laten we aannemen dat het uur op de display 10:00 uur aangeeft. 1. Zet de ovenknop op de gewenste funtie en temperatuur (b.v.: statische oven, 200°C). 2. Druk op de knop en stel vervolgens (binnen de 4 seconden) met de knoppen - en + de gewenste kooktijd in. Laten we een kooktijd van 30 minuten nemen; u ziet: Correctie/ongedaanmaken van de instelling • De instelling kan op ieder willekeurig moment worden veranderd. Druk op de betreffende knop en op de knop of +. • Als de kooktijd ongedaan wordt gemaakt wordt automatisch ook het einde hiervan ongedaan gemaakt en viceversa. • Bij geprogrammeerd functioneren accepteert de oven geen einde kooktijd die eerder is dan het begin kooktijd dat door het apparaat zelf is gesteld. A Als u de knop loslaat verschijnt na 4 seconden de huidige tijd met het symbool en de letter “A” (AUTO). 3. Druk op de knop en vervolgens op de knoppen - en + voor het instellen van het einde van de kooktijd, laten we zeggen 13:00 A 4. Als u de knop loslaat verschijnt na 4 seconden de huidigen tijd op de display: A 6 HET ONDERHOUD Belangrijk: sluit altijd eerst de stroom af voordat u het apparaat gaat reinigen. Voor het behoud van de apparatuur is het noodzakelijk regelmatig een grondige reiniging uit te voeren, met in acht neming van de volgende aanwijzingen. • De losse delen van de gasbranders van de kookplaat moeten vaak worden gewassen met warm water en wasmiddel en worden ontdaan van eventuele aankorstingen. Controleer of de gaten voor de gastoevoer niet verstopt zijn. Droog ze goed af voordat u ze weer gebruikt. Binnenkant ovendeur: • Reinig de uiteinden van de zelfonstekingen van de kookplaat en van de gasoven regelmatig. Het smeren van de kraantjes Met de tijd kan het gebeuren dat een kraantje geblokkeerd raakt of moeilijk draait; het is dan noodzakelijk dit van binnen schoon te maken en opnieuw te smeren. Deze handeling moet worden uitgevoerd door een door de fabrikant erkende installateur. Reinig met een warm sop en nooit met schurende middelen; vervolgens naspoelen en goed drogen. Binnenkant oven: (indien aanwezig) • De binnenkant van de oven is bedekt met een speciaal soort microporeus email dat bij een normale kooktemperatuur tussen 200 en 300°C oxideert en alle onvermijdbare vet en andere afzettingen volkomen elimineert. Het reinigen wordt hierdoor bijzonder vergemakkelijkt: het is voldoende regelmatig, na het koken, de binnenwanden van de oven met een vochtige doek schoon te vegen van eventueel stof dat zich gedurende het koken kan hebben neergezet, zodat de zelfreiniging van de oven intact blijft. • Als er iets is overgekookt of het vuil is niet geheel geëlimineerd (b.v. bij grillen als de temperatuur, die nodig is voo het perfect functioneren van het zelfreinigende email, niet bereikt is), dan is het raadzaam de oven leeg te laten werken met maximum temperatuur totdat ieder restje vet of ander vuil verdwenen is. FIG. 6 • Als na veelvuldig gebruik van de oven toch vuil op de zelfreinigende wanden is afgezet, waarschijnlijk te wijten aan het niet in acht nemen van de onderhoudsnormen, moet een grondige reinigingsbeurt plaats vinden, met warm water en een zachte doek (geen wasmiddelen gebruiken), waarna gespoeld en zorgvuldig gedroogd moet worden. FIG. 7 Het demonteren/monteren van de ovendeur Teneinde het schoonmaken van de binnenkant van de oven te vergemakkelijken kunt u de ovendeur verwijderen door als volgt te werk te gaan (afb.6-7): • Open de deur en zet de twee hendeltjes “B” omhoog (afb.6); • Gebruik nooit scherpe voorwerpen aangezien die de zelfreinigende wanden kunnen beschadigen. • Sluit de deur gedeeltelijk; u kunt de deur nu oplichten door de sluitveren “A” uit te trekken zoals aangegeven in afbeelding 7. • Als de zelfreinigende wanden in de oven beschadigd worden, of onbruikbaar gemaakt, door gebrek aan onderhoud of door verkeerd onderhoud of na vele jaren gebruik, dan kunt u een zelfreinigende wanden-kit bestellen voor het opnieuw bedekken van de oven. U wendt zich dan tot onze bevoegde Technische Dienst. Buitenkant oven: Het weer monteren van de deur: • Met de deur in vertikale positie steekt u de 2 sluitveren “A” in de openingen; • Let erop dat het punt “D” perfect wordt aangehaakt aan de rand van de opening (beweeg de deur voorzichtig naar voren en naar achteren ); • Reinig altijd als de oven koud is. • Houd de deur geheel open, zet de 2 hendeltjes “B” omlaag en sluit de deur. • Het roestvrije staal en vooral de zones met de geserigrafeerde symbolen mogen in geen geval worden gereinigd met schurende of oplosmiddelen; gebruik alleen een natte lap met een lauw sop van vloeibaar wasmiddel. Roestvrij staal kan permanent gevlekt raken als het voor lange tijd in contact is met kalkhoudend water of aggressieve wasmiddelen (fosforhoudend). Het is dus altijd noodzakelijk met ruim water te spoelen en nauwkeurig af te drogen na het reinigen. Belangrijk: het reinigen moet in horizontale richting worden uitgevoerd, zoals de richting van de satinering. • Na het reinigen kunt u eventueel nog met een speciaal glansmiddel voor roestvrij staal behandelen.. Vervanging van de ovenlamp Controleren of het apparaat niet op het elektriciteitsnet is aangesloten. Vanuit de binnenkant van de oven de glazen beschermkap losschroeven, de lamp losdraaien en vervangen door een vergelijkbare uitvoering bestand tegen hoge temperaturen (300°C) en met de volgende eigenschappen: - Spanning 230 V - Vermogen 25 W - Fitting E 14. Belangrijk: gebruik geen schuurmiddelen, aggressieve wasmiddelen of zuurhoudende middelen. Kookplaat: 7 KOOKTIPS De bereidingstijden kunnen variëren afhankelijk van de aard van de gerechten, het feit of zij gelijkmatig gaar moeten worden en de omvang ervan. In eerste instantie moet dan ook voor de kortste kooktijden worden gekozen om later, indien nodig voor langere tijden te kiezen. Boven- en onderwarmte Soort gerecht Gebak Vruchtentaart Schuimgebak Cake van biscuitdeeg Luchtig biscuitgebak Cake-taart Chocoladetaart Italiaans zout brood "focaccia" Beignets Koekjes van bladerdeeg Tompoezen Kruimeldeeg Temperatuur °C Bereidingstijd (minuten) 130 130 150 160 160 170 170 200 200 200 200 60-70 30-40 20-30 40-50 40-50 30-40 40-50 15-20 15-20 15-20 15-20 Temperatuur °C Bereidingstijd (uren) Vlees Kalkoen (4-8 kg.) Ganzenvlees (4-5 kg.) Eend (2-4 kg.) Kapoen (2½-3 kg.) Rundvlees- goulash (1-1½ kg.) Lamsbout Gebraden haas (2 kg.) Gebraden fazant Kip (1-1½ kg.) 160 160 170 170 160 160 160 160 170 3-4½ 4-4½ 1½-2½ 2-2½ 3-3½ 1-1½ 1-1½ 1-1½ 1-1½ Vis 200 15-25 minuten Soort gerecht GRILL Soort gerecht Bereidingstijd (minuten) Roosterstanden 60 15 60 60 60 3e geleider 2e geleider 1e geleider - Karbonade (0.5 kg.) Worstjes Gegrilde kip (1 kg) Kalfsvlees gebraden aan het spit (0.6 kg.) Kip aan het spit (1 kg.) Met 1 e geleider wordt de laagste geleider bedoeld ten opzichte van de ovenbodem. Hete lucht Soort gerecht Geleider vanaf de bodem Hoeveelheid kg. Temperatuur °C Bereidingstijd (minuten) 1-3 1-3-4 1-3-4 1-3 1-3-4 1-3 1-3-4 1 1 0.5 1.5 1 1 0.5 175 175 175 175 175 175 160 60 50 30 70 45 50 30 2 2 2 2 2 1 1 1 1 1-1.5 180 180 220 180 200 60 70 50 70 70 1-3 1-3 1-3 1-3 1-3 1-3 1 1 1 1-1.5 1.5 1-1.5 160 160 160 180 180 180 80 90 90 90 120 120 1 1 1 1 175 175 120 110 1-3 1.3 1-3 1 1 180 180 180 30 45 20 1-3 1-3 1-3 1-3-4 1-3-4 2 2 0.75 0.5 0.5 185 185 180 200 190 60 50 50 30 15 1-3 1-3 1-3 1-3 1 0.5 0.75 1 200 50 50 50 45 50 70 110 Gebak * Met geklopt deeg, in bakvorm * Met geklopt deeg, zonder bakvorm Kruimeldeeg, taartbodem Kruimeldeeg met vochtige vulling KKruimeldeeg met droge vulling * Met natuurlijk gerezen deeg Klein gebak Vlees Op het rooster bereid vlees Kalfsvlees Rundvlees Engelse rosbief Varkensvlees Kip In de braadslede bereid vlees Kalfsvlees Rundvlees Varkensvlees Kip Kalkoen in stukken Eend Stoofschotels Rundvleesstoofschotel Kalfsvleesstoofschotel Vis Visfilet, vislapjes, kabeljauw, wijting, tong Makreel, tarbot, zalm Oesters Ovengerechten Ovengerecht met deegwaren Ovengerecht met groenten * Zoete en hartige soufflés * Gewone pizza's en dubbelgevouwen pizza's Toast Ontdooien Kant-en-klaar maaltijden Vlees Vlees Vlees Opmerkingen: 1) Koken zonder voorverwarming van de oven met uitzondering van de gerechten waar een sterretje voor staat. 2) De in de tabel aangegeven geleider geniet de voorkeur als op meerdere roosterstanden wordt gekookt. 3) De gegeven tijden hebben betrekking op het koken op één roosterstand, bij het koken op meerdere roosterstanden moet u 5-10 minuten bij de tijden optellen. 4) Voor het braden van rundvlees, kalfsvlees, varkensvlees en kalkoenvlees met bot of rollades moeten 20 minuten bij de tijden worden opgeteld. 8 INSTRUCTIES VOOR DE INSTALLATIE Deze instructies zijn voor de erkende installateur, zodat deze het installeren, regelen en onderhoud op de juiste wijze uitvoert en volgens de geldende normen. Belangrijk: alle handelingen van regelen of onderhoud enz. moeten worden uitgevoerd met de stroom uitgeschakeld. Indien het noodzakelijk mocht blijken de elektrische voeding te handhaven, zal de grootst mogelijke voorzorg moeten worden genomen. Het fornuis heeft de volgende technische karakteristieken: Kategorie: II 2E+3+ (voor BE) Kategorie: II 2L3B/P (voor NL) fig.10 In een schoorsteen of vertakt rookkanaal (gereserveerd voor kookapparaten) Classe 1 Ventilatie van de keuken In de ruimte waar het apparaat wordt geïnstalleerd moet een hoeveelheid lucht worden toegevoerd die voldoerde is voor de verbranding van het gas en de ventilatie van de ruimte. De natuurlijke toevoer van lucht moet plaats vinden door middel van permanente openingen in de buitenmuur van de keuken, of door enkele of collectieve vertakte kanalen die voldoen aan de normen. De lucht moet rechtstreeks van buiten komen, ver van bronnen van luchtvervuiling De ventilatieopening moet over de volgende eigenschappen beschikken (afb.11A): • een totale volledig onbelemmerde doorgangssectie van tenminste 6 cm² voor iedere kW nominale warmtecapaciteit van het apparaat, met een minimum van 100 cm² (de warmtecapaciteit kan worden afgelezen op het plaatje met de technische gegevens aan de achterzijde van het apparaat); • de mondingen aan zowel de binnen- als de buitenzijde van de wand mogen niet verstopt kunnen raken; • met bijvoorbeeld een rooster, metalen gazen, enz. zijn beschermd opdat de bovengenoemde nuttige sectie niet wordt verminderd. • op een hoogte vlak boven de vloer zijn geplaatst. Classe 2 sottoclasse 1 min. 50mm min. 700mm De maximum afmetingen van het fornuis zijn aangegeven in de afbeelding op bladzijde 2. Voor goed functioneren van het apparaat als het tussen keukenkastjes is geïnstalleerd, moeten de minimum afstanden die zijn aangegeven in afb.8 in acht worden genomen. Bovendien moeten de aangrenzende oppervlakten en de achterwand uit hittebestendig materiaal vervaardigd zijn om aan een boventemperatuur van 65 °C te weerstaan. fig.9 Meteen naar buiten Bijzonderheid A fig.8 Alvorens het fornuis te plaatsen moeten de bijgeleverde verstelbare poten ervan, 95-155 mm hoog, in de daarvoor bestemde gaten aan de onderzijde van het fornuis (afb. 9) worden bevestigd. De verstelbare poten kunnen worden geregeld doordat ze schroefbaar zijn, zodat het fornuis waterpas kan worden gesteld. Het plaatsen Dit apparaat mag uitsluitend in permanent geventileerde ruimten worden geïnstalleerd volgens de voorschriften van de geldende normen. Aan de volgende voorwaarden moet worden voldaan: • Het apparaat moet de verbrandingsproducten afvoeren naar een speciaal hiervoor bestemde kap die op een schoorsteen, een afvoerkanaal of rechtstreeks naar buiten moet zijn aangesloten (afb.10). • Als het gebruik van een kap niet mogelijk is, kan een op het raam of de buitenmuur geplaatste elektroventilator worden gebruikt die tegelijkertijd met het apparaat in werking moet worden gesteld. Aansluitende kamer Ventilatie kamer A Voorbeeld van een ventilatie opening voor verbrandings lucht Vergroting van de gleuf tussen de deur en de vloer afb. 11A afb.11B De lucht mag eveneens vanuit een aangrenzende ruimte worden toegevoerd, op voorwaarde dat het hier geen slaapkamer of een ruimte waar brandgevaar bestaat betreft, zoals bijv. garages, magazijnen met brandbaar materiaal enz., en hij moet geventileerd zijn volgens de normen. De luchttoevoer vanuit het aangrenzende vertrek naar het te ventileren vertrek moet vrijelijk kunnen vloeien door middel van permanente openingen met een doorsnee die niet kleiner is dan hierboven aangegeven Deze openingen kunnen ook worden verkregen door de vrije ruimte tussen de deur en 9 INSTRUCTIES VOOR DE INSTALLATIE de vloer te vergroten (afb.11B). Als voor de afvoer van de verbrandingsproducten een elektroventilator wordt gebruikt, zal de ventilatieopening moeten worden aangepast aan de maximale capaciteit van de luchtverplaatsing ervan. De capaciteit van de elektroventilator dient voldoende te zijn om per uur een luchtverversing van 3÷5 maal het volume van de ruimte te garanderen. Bij een intensief en langdurig gebruik van het apparaat kan een extra ventilatie noodzakelijk blijken die kan worden verkregen door bijvoorbeeld het openen van een raam of een verbetering van de afzuigcapaciteit van de elektroventilator, indien aanwezig. De gassen van een vloeibaar gemaakt gasmengsel (LPG) zijn zwaarder dan lucht en blijven laag hangen. De ruimtes waarin gasflessen met LPG staan moeten dan ook openingen naar buiten hebben ter hoogte van de vloer, zodat eventueel gelekte gassen van onderen afgevoerd kunnen worden. Zet geen LPG gasflessen (ook als deze leeg zijn) in ondergrondse ruimtes; in de ruimte is het verstandig alleen de gasfles te laten staan die op dat moment in gebruik is, waar u de gasfles uit de buurt van warmtebronnen moet neerzetten waardoor de temperatuur van de gasfles eventueel op kan lopen tot meer dan 50 °C. speciaal voor het soort gas dat u gebruikt. Bovendien: • moet de slang zo kort mogelijk zijn, met een lengte van maximaal 1,5 meter; • mag de slang geen bochten en geen knelpunten vertonen; • mag de slang niet in aanraking komen met de achterwand van het apparaat of in ieder geval niet met delen die een temperatuur van 50°C kunnen bereiken; • mag de slang niet over openingen of gleuven lopen die bestemd zijn voor het afvoeren van de verbrandingsgassen van de oven; • mag de slang niet in aanraking komen met scherpe delen of scherpe hoeken; • moet de slang over de gehele lengte makkelijk te inspecteren zijn zodat u probleemloos kunt controleren of de slang in goede staat verkeert; • de slang moet voor de datum die op de slang staat vervangen worden. Belangrijk: Om de aansluiting met vloeibaar gas (flessengas) tot stand te brengen moet er een drukregelaar tussen geplaatst worden die aan de geldende normen voldoet. Als de installatie is voltooid moeten het gascircuit, de interne verbindingen en de kraantjes met behulp van zeepsop op lekkages worden gecontroleerd (nooit met een vlam). Ga ook na of de druk van de gasleiding voldoende is voor het voeden van het apparaat als alle branders tegelijk aan zijn. Aanpassing aan de verschillende soorten gas (gebruikdsaanwijzing) Voor het aanpassen van de kookplaat aan een soort gas dat verschilt van het gas waarvoor het fornuis gebruiksklaar is (aangegeven op het etiket aan de bovenkant van de kookplaat of op de verpakking) moeten de straalpijpjes van de branders worden vervangen door als volgt te werk te gaan: • verwijder de roosters en branders van hun plaats. • schroef de straalpijpjes los (afb.13) met een steeksleutel van 7mm en vervang ze met die geschikt zijn voor het nieuwe type gas (zie tabel 1 "Kenmerken van de branders en straalpijpjes". • monteer de onderdelen weer op de omgekeerde manier. Aan het einde van deze handelingen moet u het oude etiket dat de gasinstelling aangeeft vervangen met het etiket dat correspondeert met het nieuwe gas dat u gaat gebruiken, verkrijgbaar bij onze Technische Dienst . Gas-toevoer • De aansluiting van het apparaat op de gasleiding of -fles moet worden uitgevoerd in overeenstemming met voorschriften van de van toepassing zijnde normen en uitsluitend na te hebben gecontroleerd of het apparaat is afgesteld op het soort gas waarmee het zal worden gevoed. • Dit apparaat is vooraf ingesteld om te functioneren met het soort gas dat staat vermeld op het plaatje op de kookplaat. Indien de beschikbare gassoort niet overeenstemt met de gassoort waar het apparaat op ingesteld is, moet u de betreffende inspuiters (die bij de levering inbegrepen zijn) verwisselen waarbij u de aanwijzingen die in de paragraaf "Ombouw van het apparaat op een andere gassoort" zijn opgenomen in acht moet nemen. • Om zeker te zijn van de goede werking van het apparaat, om de energie op adequate wijze te kunnen benutten en om ervoor te zorgen dat het apparaat lang meegaat moet u zich ervan verzekeren dat de voedingsdruk overeenstemt met de waarden die in de tabel 1 "Kenmerken van de branders en inspuiters" staan. • Als dit niet het geval is moet u op de gastoevoerleiding een speciale drukregelaar monteren in overeenstemming met de geldende normen. Verbind aan de ½"G cylindrische schroefbout "F" (afb.12) aan de achterkant van het apparaat, gebruik makend van een stijve metalen buis met aansluitingen (afb.12-D) die voldoet aan de norm, of een flexiebele metalen buis met aansluitingen (fig.12-C), die voldoet aan de norm, waarvan de maximum uitgestrekte lengte niet meer mag zijn dan 2000 mm. Verder moet worden gecontroleerd of de aanvoerleiding niet met bewegende delen in aanraking kan komen die tot beschadigingen of het afklemmen ervan zouden kunnen leiden. Als u gebruik maakt van een rubberen slang dan moet u de speciale slanghouder voor vloeibaar gas (afb. 12-A) of voor aardgas (afb. 12-B) met de afdichting "G" (bij de levering inbegrepen) gebruiken. Bevestig de twee uiteinden van de slang met de betreffende klemschroeven "E" volgens. De slang moet voldoen aan de normen en A fig.12 10 fig.13 fig.14 INSTRUCTIES VOOR DE INSTALLATIE Het vervangen van de straalpijpjes van de brander met "onafhankelijke dubbele vlamkronen": • verwijder de roosters en branders van hun plaats. De brander bestaat uit twee aparte delen (zie afb. C en afb.D); • schroef de straalpijpjes los met een sleutel van 7mm. De binnenste vlamkroon heeft een straalpijpje, de buitenste heeft er twee (van dezelfde maat). Vervang de straalpijpjes met nieuwe die zijn aangepast aan het nieuwe type gas (zie tabel1). • zet de onderdelen in omgekeerde volgorde weer op hun plaats. ovendeur op normale wijze dicht doet. Regelen van de lucht Regel de stroom van primaire lucht zodanig dat de vlam regelmatig en homogeen blijft. Houd er rekening mee dat teveel lucht maakt dat de vlam los komt van de brander terwijl te weinig lucht maakt dat het gas binnenin de brander brandt. Voor het regelen draait u het schroefje "P" los en verschuift u de naafring "R". Als het regelen klaar is blokkeert u de naafring "R" met het schroefje "P". (afb.15); fig.15 Electrische aansluiting HET IS VERPLICHT HET APPARAAT TE AARDEN. Alle apparaten zijn ingesteld om te functioneren op 230V ~ 50Hz. Controleer of de voedingsspanning die ter plekke beschikbaar is overeenstemt met de gegevens die op het typeplaatje staan vermeld dat zich op het profiel rondom de oven aangebracht is en dat zichtbaar is als u de ovendeur opendoet. WIJ KUNNEN OP GEEN ENKELE WIJZE AANSPRAKELIJK WORDEN GESTELD VOOR SCHADE DIE TE WIJTEN IS AAN HET NIET IN ACHT NEMEN VAN DE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN. Dit apparaat voldoet aan de EEG Richtlijn 89/336 ten aanzien van de radio-ontstoring. Fig. C Fig. D Regelen primaire lucht van de straalpijpjes De branders hebben geen regulatie van de primaire lucht nodig. Het regelen van de minimumstand • zet het kraantje op minimum; • Haal de bedieningsknop van de regelkraan af en draai aan de stelschroef (afb.14) rechts van de kraan totdat u een regelmatige kleine vlam krijgt; gebruik daarbij een schroevendraaier (losschroevend wordt het minimum groter, dichter draaiend wordt de vlam kleiner). N.B.: bij vloeibaar gas moet het regelschroefje geheel dicht worden geschroefd; • Controleer nu of de brander aan blijft als u de knop snel van hoog op laag draait; • Als bij de apparaten met een beveiligingssysteem (thermo-element) dit systeem niet werkt met de branders op minimum, dan verhoogt u het minimum door aan de stelschroef te draaien. Als het regelen klaar is moet u de zegels op de by-pass schroefjes weer op hun plaats aanbrengen met zegellak of dergelijk materiaal. Gasoven: • Doe de ovendeur open (verwijder de bodem van de oven voor toegang tot de brander); • draai de 2 schroeven, die de brander vasthouden, los, verwijder de brander en vervang de injector "N" met een die is aangepast aan het nieuwe type gas volgens de tabel op blz.12. • breng alle onderdelen weer aan, regel de lucht in de brander en regel de minimumstand van het kraantje. Het elektrische snoer op het net aansluiten Bij de modellen die niet van een stekker voorzien zijn moet u een genormaliseerde stekker voor de belasting die op het typeplaatje staat op het snoer monteren en de stekker in een deugdelijk stopcontact steken. Als het apparaat rechtstreeks op het elektriciteitsnet aangesloten moet worden dan moet er tussen het apparaat en het elektriciteitsnet een veiligheidsschakelaar gemonteerd worden met een opening tussen de contacten van minimaal 3 mm, die berekend moet zijn op de belasting van het apparaat en die aan de geldende normen moet voldoen. De geel/groene draad mag niet onderbroken worden door de schakelaar. In ieder geval moet het voedingssnoer aangelegd worden dat het snoer op geen enkel punt warmer kan worden dan 50°C boven de omgevingstemperatuur. Gebruik geen adaptors, dubbelstekkersof dergelijke, aangezien deze oververhitting en branden kunnen veroorzaken. Alvorens de aansluiting tot stand te brengen moet u het volgende controleren: • of de begrenzingsklep en de installatie in de woning de belasting van het apparaat kunnen verdragen (zie typeplaatje); • of de voedingsinstallatie naar behoren geaard is in overeenstemming met de geldende normen en wettelijke bepalingen; • of het stopcontact en de veiligheidsschakelaar die gebruikt zijn voor de aansluiting makkelijk bereikbaar zijn als het apparaat geïnstalleerd is. Het regelen van de minimumstand • Open de deur en verwijder de bodem van de oven; • zet de knop op stand 8 (maximum) en steek de brander aan; • Doe de deur dicht en wacht ongeveer 15 minuten; • zet de knop op stand 1 (minimum); • verwijder de knop zelf en draai aan het regelschroefje bovenop het thermostaatstaafje; • Als de gewenste minimumstand is bereikt moet u controleren of het vlammetje niet uitgaat als u een paar keer snel van maximum naar minimum draait en als u de Vervangen van de kabel Gebruik een rubber kabel van het type H05VV-F,doorsnee 3 x 1.5 mm². De geel-groene geleider moet 2÷3 cm langer dan de andere geleiders zijn. 11 ZIJN ER PROBLEMEN? De brander blijft niet aan als hij op minimum staat Heeft u gecontroleerd of: • de gaten van de gastoevoer verstopt zijn; • er tocht is nabij het kookvlak; • de minimum stand niet goed is ingesteld (zie paragraaf “Het regelen van de minimum stand”). Het kan gebeuren dat het kookvlak niet functioneert of niet goed functioneert. Laten wij zien wat eraan gedaan kan worden voordat u er hulp bij haalt. Om te beginnen moet u controleren of er wel stroom en gastoevoer is, en vooral of de gaskranen boven het fornuis niet dicht zijn. De brander gaat niet aan of de vlam is niet gelijkmatig Heeft u gecontroleerd of: • de gaten voor de gastoevoer van de brander zijn verstopt; • alle onderdelen van de brander goed in elkaar gepast zijn; • er tocht is nabij het kookvlak. De pannen staan wankel Heeft u gecontroleerd of: • de bodem van de pan perfect plat is; • de pan in het midden van de brander of kookplaat staat; Als ondanks deze controles het kookvlak niet functioneert en de storing blijft bestaan dan moet u de Merloni Technische Dienst voor Keukenapparatuur er bijhalen met opgave van: - het soort storing; - het nummer van het model (Mod. ...) dat op uw garantiebewijs staat. Roep er nooit een niet-erkende installateur bij en weiger altijd niet-originele onderdelen. De vlam blijft niet aan in de versies met veiligheidsmechanisme Heeft u gecontroleerd of: • u de knop goed heeft ingedrukt; • u de knop voldoende tijd ingedrukt heeft gehouden voor het activeren van het veiligheidsmechanisme; • de gaten voor de gastoevoer nabij het veiligheidsmechanisme verstopt zijn. KENMERKEN VAN DE BRANDERS EN INSPUITERS Tabel 1 (VOOR NL) BRANDER Vloeibaar gas Brander Warmtecapaciteit By-pass Inspuiter doorsnee kW (H.s.*) 1/100 1/100 (mm) (mm) Aardgas Debiet * Inspuiter Debiet * g/h 1/100 l/h (mm) (mm) Nom. Ger. C.Snel 100 3.00 0.7 40 86 218 122 332 B.Halfsnel 75 1.65 0.4 30 64 120 94 183 A.Hulp 55 1.00 0.3 27 50 73 72 110 D. Drievoudige vlamkroonbrander (T.C.) 130 3.25 1.3 57 91 236 124 309 I.dubbele vlamkronen (binnenste DC-DR) 30 0.9 0.4 30 44 65 74 100 I.dubbele vlamkronen (buitenste DC-DR) 130 4.1 1.3 57 70 298 110 454 Nom. Min. Max. Voedingsdruk Tabel 1 (voor BELGIË) BRANDER G30/G31 28-30 20 35 Vloeibaar gas Brander doorsnee Warmte capaciteit kW (H.s.*) (mm) Nom. Ger. G25 By-pass Inspuiter 1/100 1/100 (mm) (mm) 20 17 25 Aardgas Debiet * g/h Inspuiter 1/100 (mm) Debiet * l/h G30 G31 G20/25 G20 G25 C.Snel 100 3.00 0.7 40 86 218 214 116 286 332 B.Halfsnel 75 1.65 0.4 30 64 120 118 96 157 183 A.Hulp 55 1.00 0.3 27 50 73 71 71 95 110 D. Drievoudige vlamkroonbrander (T.C.) 130 3.25 1.3 57 91 236 232 124 309 360 I.dubbele vlamkronen (binnenste DC-DR) 30 0.9 0.4 30 44 65 64 74 86 100 I.dubbele vlamkronen (buitenste DC-DR) 130 4.1 1.3 57 70 298 293 110 390 454 28-30 37 20 25 Voedingsdruk TECHNISCHE Dit apparaat voldoet aan de volgende EEG Richtlijnen: - 7 3 / 2 3 / EEG van 19/02/73 (laagspanning) en successievelijke modificaties; - 8 9 / 3 3 6 / EEG van 03/05/89 (elektromagnetische compatibiliteit) en successievelijke modificaties; - EEG/90/336 van 29/06/90 (Gas) en successievelijke modificaties; - 93/68/EEG van 22/07/93 en successievelijke modificaties; * A 15°C en 1013 mbar-droog gas Propaan P.C.S. = 50.37 MJ/Kg Butaan P.C.S. = 49.47 MJ/Kg Aardgas P.C.S. = 37.78 MJ/m3 GEGEVENS OVEN ENERGY LABEL Richtlijn 2002/40/CE op etiket van de elektrische ovens Norm EN 50304 Energieverbruik convectie Natuurlijk: verwarmingsfunctie: Statische Energieverbruik verklaring Klasse convectie Hetelucht: verwarmingsfunctie : 12 Geventileerd
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40

Hotpoint-Ariston CP 059 MD.2 (X) NL de handleiding

Categorie
Kookplaten
Type
de handleiding
Deze handleiding is ook geschikt voor