Avent SCD580 Handleiding

Categorie
Babyfoons
Type
Handleiding

Deze handleiding is ook geschikt voor

SCD580
EN User manual 3
DA Brugervejledning 30
DE Benutzerhandbuch 58
EL Εγχειρίδιοχρήσης 88
ES Manual del usuario 121
FI Käyttöopas 150
FR Mode d’emploi 177
IT Manuale utente 206
NL Gebruiksaanwijzing 235
NO Brukerhåndbok 264
PT Manual do utilizador 291
SV Användarhandbok 320
TR Kullanımkılavuzu 348
AR 398
235
8 Nekkoord 259
9 Reiniging en onderhoud 259
10 Opbergen 259
11 Accessoires bestellen 260
12 Garantie en ondersteuning 260
13 Veelgestelde vragen 260
1 Introductie
Gefeliciteerd met uw aankoop en welkom bij
Philips AVENT! Wilt u volledig proteren van de
ondersteuning die Philips AVENT u kan bieden?
Registreer dan uw product op www.philips.com/
welcome.
Philips AVENT spant zich in om zorgzame,
betrouwbare producten te maken die ouders
de gerustheid geven die ze nodig hebben. Deze
Philips AVENT-babyfoon biedt 24 uur per dag
ondersteuning door u de zekerheid te bieden
dat u uw baby altijd duidelijk kunt horen zonder
storende bijgeluiden. De DECT-technologie
garandeert ontvangst zonder storing en een
glashelder geluid tussen babyunit en ouderunit.
Met de temperatuursensor kunt u de
temperatuur in de babykamer controleren en
de persoonlijke instellingen helpen u de kamer
aangenaam te houden.
Deze babyfoon heeft een babyunit met een
projector en een ouderunit met een speciaal
rustgevend scherm waarmee u de kalmerende
opties (nachtlampje, slaapliedjes en projector) op
de babyunit op afstand kunt bedienen.
Inhoudsopgave
1 Introductie 235
2 Overzicht 236
3 Klaarmaken voor gebruik 236
3.1 Babyunit 236
3.2 Ouderunit 238
4 De babyfoon gebruiken 239
4.1 De babyfoon plaatsen 239
4.2 Ouderunit en babyunit verbinden 239
5 Functies en feedback van
de babyunit 241
5.1 Nachtlampje 241
5.2 Slaapliedjesfunctie 241
5.3 Projector 242
5.4 De ouderunit oproepen 243
5.5 Batterijstatuslampje 243
6 Functies en feedback van de
ouderunit 244
6.1 Kalmeringsmenu 244
6.2 Volume 247
6.3 Terugspreekfunctie 247
6.4 Nachtdimmodus 248
6.5 Alarm wanneer de batterij van
de babyunit bijna leeg is 248
6.6 Batterijstatusaanduidingen 249
6.7 Signaalsterkte-indicator 250
6.8 Resetten 251
7 Menu van de ouderunit 251
7.1 Door het menu navigeren 251
7.2 Gevoeligheid 252
7.3 Eco Max-modus 252
7.4 Voedingstimer 253
7.5 Temperatuur 255
7.6 Vochtigheid 256
7.7 Huilalarm 257
7.8 Klok 257
7.9 Taal 258
7.10 Vergrendeling 258
NEDERLANDS
236
III Babyunit
1 Projector
2 Nachtlampje
3 FIND-knop (Zoeken)
4 Microfoon
5 Aan/uitknop van projector
6 Knop voor volgend slaapliedje
7 Afspeel-/stopknop voor slaapliedjes
8 Volume - knop
9 Aan/uitlampje
10 Aan/uit-schakelaar
11 Batterijstatuslampje
12 Aan/uitknop van nachtlampje
13 Volume + knop
14 Luchtvochtigheidssensor
15 Temperatuursensor
16 Luidspreker
17 Aansluiting voor audioapparaat
18 Aansluiting voor kleine stekker van
adapter
19 Vak voor niet-oplaadbare batterijen
20 Deksel van vak voor niet-oplaadbare
batterijen
21 Kleine stekker van adapter
22 Adapter
23 Extra kabel
3 Klaarmaken voor
gebruik
BELANGRIJK: lees de
veiligheidsinstructies zorgvuldig door
voordat u de babyfoon gaat gebruiken en
bewaar ze om ze indien nodig te kunnen
raadplegen.
3.1 Babyunit
De babyunit werkt op netspanning. We raden u aan
niet-oplaadbare batterijen te plaatsen, zodat het
apparaat blijft werken wanneer de stroom uitvalt.
2 Overzicht
I Display
1 Signaalsterkte-indicator
2 Eco Max-indicator
3 Symbool van nachtdimmodus
4 Huilalarmindicator
5 Dempsymbool
6 Statuslampje voor batterij
7 Symbool van vochtigheidsalarm
8 Navigatiepijl
9 Temperatuursymbool
10 Berichtveld
11 Microfoongevoeligheidsindicator
12 Nachtlampsymbool
13 Slaapliedjessymbool
14 Projectorsymbool
15 Timer- of timerherhaalsymbool
II Ouderunit
1 Aan/uit-schakelaar
2 TALK-knop (Spreken)
3 Nachtdimknop
4 - knop om terug te scrollen
5 Microfoon
6 ’link’-lampje (Verbinding)
7 Display
8 Geluidsniveaulampjes
9 MENU-knop
10 + knop om verder te scrollen
11 Batterijstatuslampje
12 OK-knop
13 Rustgeefknop
14 Handgreep/hulpstukopening voor
nekkoord
15 Vak voor oplaadbare batterijen
16 Deksel van vak voor oplaadbare batterijen
17 Aansluitingspunten voor opladen
18 Oplaadbare batterijen
19 Nekkoord
20 Aansluiting voor kleine stekker van
adapter
21 Oplader
22 Kleine stekker van adapter
23 Adapter
237
2 Plaats vier niet-oplaadbare batterijen.
D
Opmerking:
Zorg ervoor dat de + en - polen in de juiste
richting wijzen.
3 Om het deksel weer te bevestigen, plaatst
u eerst de uitsteeksels in de openingen in
de rand van het vak voor niet-oplaadbare
batterijen.
4 Druk het deksel vervolgens naar beneden tot
de vergrendeling met een klik sluit.
3.1.1 Gebruik op netspanning
1 Steek de adapter in een stopcontact en steek
de kleine apparaatstekker in de babyunit.
3.1.2 De niet-oplaadbare batterijen plaatsen
In het geval van een stroomstoring kan
de babyunit werken op vier 1,5V R6 AA-
alkalinebatterijen (niet bijgeleverd).
Gebruik geen oplaadbare batterijen; de babyunit
heeft geen oplaadfunctie en oplaadbare batterijen
raken langzaam leeg wanneer ze niet worden
gebruikt.
B
Waarschuwing:
Haal de adapter van de babyunit uit het
stopcontact en zorg ervoor dat uw handen en
de unit droog zijn wanneer u niet-oplaadbare
batterijen plaatst.
D
Opmerking:
We raden u aan om de babyunit op netstroom
te gebruiken, aangezien de babyunit een beperkte
gebruiksduur heeft wanneer u deze gebruikt
met niet-oplaadbare alkalinebatterijen. De
gebruiksduur met niet-oplaadbare batterijen is
24 uur.
1 Druk op de vergrendeling om het deksel van
het vak voor niet-oplaadbare batterijen te
ontgrendelen en verwijder het deksel.
NEDERLANDS
238
3.2.2 De ouderunit opladen
Laad de ouderunit op voordat u deze voor het
eerst gebruikt of als de ouderunit aangeeft dat de
batterijen bijna leeg zijn.
Let erop dat u de ouderunit gedurende
de volledige 10 uur oplaadt voor een
snoerloze gebruiksduur van 18 uur.
1 Steek het apparaatstekkertje van de adapter
in de aansluiting aan de achterzijde van de
oplader. Steek de adapter in een stopcontact.
2 Plaats de ouderunit in de oplader.
Het display gaat aan en de
batterijstatusaanduidingen geven aan
dat de ouderunit wordt opgeladen. Zie
‘Batterijstatusaanduidingen’ in hoofdstuk
‘Functies en feedback van de ouderunit’ voor
batterijstatusaanduidingen.
3 Laat de ouderunit in de op netspanning
aangesloten oplader staan tot de oplaadbare
batterijen volledig opgeladen zijn.
D
Opmerking:
Wanneer u de babyfoon voor het eerst gebruikt,
moet u de oplaadbare batterijen eerst vier keer
opladen en ontladen voordat ze hun volledige
capaciteit bereikt hebben.
3.2 Ouderunit
De ouderunit werkt op twee oplaadbare
batterijen die bij de babyfoon zijn geleverd.
3.2.1 De oplaadbare batterijen plaatsen
1 Schuif het deksel van het vak voor de
oplaadbare batterijen van de ouderunit.
2 Plaats de oplaadbare batterijen.
D
Opmerking:
Zorg ervoor dat de + en - polen van de
batterijen in de juiste richting wijzen.
3 Schuif het deksel van het vak voor de
oplaadbare batterijen terug op de ouderunit.
Druk het deksel terug tot het vastklikt.
239
4.2 Ouderunit en babyunit
verbinden
1 Houd de aan/uitknop 3 van de babyunit
gedurende 2 seconden ingedrukt.
Het nachtlampje, het batterijstatuslampje
en het aan-lampje branden kort.
2 Houd de aan/uitknop 3 van de ouderunit
gedurende 2 seconden ingedrukt.
Het display gaat aan en toont kort alle
aanduidingen en symbolen. Dan vervagen de
aanduidingen en symbolen en verschijnt de
batterijstatusindicator.
4 De babyfoon
gebruiken
4.1 De babyfoon plaatsen
B Waarschuwing:
Houd de babyunit buiten het bereik van de baby.
Plaats de babyunit nooit in het bed of de box
van de baby.
1 Het snoer van de babyunit kan
wurgingsgevaar opleveren. Controleer daarom
of de babyunit en het bijbehorende snoer zich
op ten minste 1 meter van uw baby bevinden.
2 Om een hoge pieptoon uit een of beide units
te voorkomen, moet u ervoor zorgen dat de
ouderunit zich op ten minste 1 meter van de
babyunit bevindt.
NEDERLANDS
240
Wat moet ik doen als er geen
verbinding tot stand is gebracht?
Mogelijk is de ouderunit buiten het
bereik van de babyunit. Plaats de
ouderunit dichter bij de babyunit,
maar niet dichter bij dan 1 meter.
De verbinding van de babyunit of de
ouderunit kan wegvallen omdat deze
zich te dicht bij een ander DECT-
apparaat (bijv. een draadloze telefoon)
bevindt. Schakel dit DECT-apparaat
uit of plaats de unit verder van dit
apparaat.
De babyunit is mogelijk uitgeschakeld.
Schakel de babyunit in.
4.2.1 Bereik
In de standaardgebruiksmodus met Smart Eco
en in de Eco Max-modus is het bereik 330 meter
buiten en tot 50 meter binnenshuis.
Het bereik van de babyfoon is afhankelijk van
de omgeving en factoren die voor storing
zorgen. Voor natte en vochtige materialen kan
het bereikverlies oplopen tot 100%. Zie de
tabel hieronder voor storingen als gevolg van
droge materialen.
D Opmerking:
Wanneer u de ouderunit voor het eerst
of na een reset inschakelt, moet u uw
gewenste displaytaal kiezen (zie ‘Taal’ in
hoofdstuk ‘Menu van de ouderunit’).
Het ‘link’-lampje (Verbinding) op de
ouderunit begint rood te knipperen en
het bericht ‘I AM LINKING’ (Bezig met
verbinden) verschijnt op het display.
Wanneer de ouderunit en babyunit zijn
verbonden, blijft het ‘link’-lampje (Verbinding)
groen branden. De signaalsterkte-indicator
en het bericht ‘LINKED’ (Verbonden)
verschijnen op het display.
Als binnen 10 seconden geen verbinding
tot stand is gebracht, wordt het bericht
‘NOT LINKED’ (Niet gelinkt) op het display
afgewisseld met ‘I AM LINKING’ (Bezig met
verbinden). Als er na 30 seconden nog geen
verbinding is, begint de ouderunit te piepen
en wordt alleen het bericht ‘NOT LINKED’
(Niet gelinkt) getoond.
241
5.2 Slaapliedjesfunctie
1 Druk op de afspeel-/stopknop voor
slaapliedjes K op de babyunit om het laatst
gekozen slaapliedje af te spelen.
Het gekozen slaapliedje wordt gedurende de
ingestelde tijd herhaald.
Als er nog geen slaapliedje is gekozen, wordt
slaapliedje 1 afgespeeld.
2 Druk op de knop voor het volgende
slaapliedje
om een ander slaapliedje uit de
lijst te kiezen.
Als er geen slaapliedje wordt afgespeeld,
wordt het laatst gekozen slaapliedje
afgespeeld wanneer u op de knop voor
het volgende slaapliedje
drukt.
Wanneer u op de knop voor het
volgende slaapliedje
drukt terwijl er
een slaapliedje wordt afgespeeld, wordt
het volgende slaapliedje afgespeeld.
Droge materialen Dikte
van het
materiaal
Vermindering
bereik
Hout, pleisterwerk,
karton, glas (zonder
metaal, bedrading of
lood)
< 30 cm 0-10%
Steen, triplex < 30 cm 5-35%
Gewapend beton < 30 cm 30-100%
Metalen roosters of
stangen
< 1 cm 90-100%
Metaal- of
aluminiumplaten
< 1 cm 100%
5 Functies en feedback
van de babyunit
5.1 Nachtlampje
Het nachtlampje produceert een zachte gloed die
uw baby geruststelt.
1 Druk op de aan/uitknop voor het nachtlampje
op de babyunit om het nachtlampje in te
schakelen.
Q verschijnt op het display van de ouderunit.
2 Druk nogmaals op de aan/uitknop voor
het nachtlampje om het nachtlampje uit te
schakelen.
Het nachtlampje dimt geleidelijk voordat het
helemaal uitgaat.
Q verdwijnt van het display van de
ouderunit.
NEDERLANDS
242
Het eerste patroon van de projector is na
2 seconden op volle sterkte. Het wordt
8 seconden geprojecteerd en vervaagt dan
2 seconden terwijl het volgende patroon
zichtbaar wordt.
Er zijn zes verschillende patronen en elk
patroon wordt 10 seconden geprojecteerd.
Wanneer alle zes patronen getoond zijn,
begint de projector opnieuw met patroon
1. De patronen worden gedurende de
ingestelde periode herhaald (zie ‘Projector’
in hoofdstuk ‘Functies en feedback van de
ouderunit’).
2 Als u de projector wilt uitschakelen voordat
de ingestelde tijd is verstreken, drukt u
opnieuw op de aan/uitknop voor de projector.
Het geprojecteerde patroon vervaagt en de
projector schakelt uit.
Het projectorsymbool verdwijnt van het
display.
3 Druk op de volumeknop + of - op de
babyunit om het geluidsniveau van het
slaapliedje aan te passen.
D
Opmerking:
U kunt het luidsprekervolume op de babyunit
alleen instellen wanneer er een slaapliedje
wordt afgespeeld. Als u het volume voor het
slaapliedje hoger instelt, zal het geluid ook
harder zijn wanneer u de terugspreekfunctie
op de ouderunit gebruikt.
4 Als u het afspelen van slaapliedjes wilt stoppen
voordat de ingestelde tijd verstreken is, drukt
u op de afspeel-/stopknop voor slaapliedjes K
op de babyunit.
5.3 Projector
Door de projector in te schakelen, kunt u uw baby
kalmeren met gekleurde lichtpatronen die op het
plafond worden geprojecteerd.
1 Druk op de aan/uitknop voor de projector
om de projector in te schakelen.
Het projectorsymbool verschijnt op het
display van de ouderunit.
243
5.5 Batterijstatuslampje
1 Het batterijstatuslampje blijft groen branden
wanneer de babyunit op batterijstroom werkt
en de batterijen genoeg energie bevatten.
2 Het batterijstatuslampje knippert snel rood
wanneer de batterijen bijna leeg zijn terwijl de
babyunit op batterijstroom werkt.
Vervang de batterijen wanneer deze bijna
leeg zijn.
Als de batterijen bijna leeg zijn terwijl de
babyunit op batterijstroom werkt, schakelt
de babyunit uit en valt de verbinding met
de ouderunit weg.
D
Opmerking:
We raden u aan om de babyunit op netstroom
te gebruiken, aangezien de babyunit een beperkte
gebruiksduur heeft wanneer u deze gebruikt
met niet-oplaadbare alkalinebatterijen. De
gebruiksduur met niet-oplaadbare batterijen
is 24 uur.
5.4 De ouderunit oproepen
Als de ouderunit zoek is, kunt u de FIND-knop
(Zoeken) op de babyunit gebruiken om de
ouderunit op te sporen.
D
Opmerking:
De oproepfunctie werkt alleen wanneer de
ouderunit is ingeschakeld.
1 Druk op de FIND-knop (Zoeken) op de
babyunit.
Het bericht ‘PAGING’ (Roept op) verschijnt
op het display van de babyunit en de
ouderunit geeft een oproepsignaal af.
2 Om het oproepsignaal uit te schakelen, drukt
u opnieuw op de FIND-knop (Zoeken) op de
babyunit of op een willekeurige knop op de
ouderunit.
D
Opmerking:
Het oproepsignaal stopt automatisch na
2 minuten.
NEDERLANDS
244
2 Gebruik de knoppen + en - om de pijl naar
een kalmeerfunctie te verplaatsen.
3 Druk op OK als u een uitgeschakelde
kalmeerfunctie wilt inschakelen of een
ingeschakelde kalmeerfunctie wilt uitschakelen.
Als een functie is ingeschakeld, staat er een
vinkje boven het functiesymbool.
Als een functie is uitgeschakeld, staat er een
kruisje boven het functiesymbool.
4 Als u het menu met functieopties wilt openen,
plaatst u de pijl op het optieveld en drukt u
op OK.
5 Gebruik de knoppen - en + om door de lijst
met opties te navigeren en druk op OK om
een optie te kiezen.
6 Druk op de kalmeringsknop om het
kalmeringsmenu te verlaten.
6 Functies en feedback
van de ouderunit
6.1 Kalmeringsmenu
De ouderunit heeft een afzonderlijk
kalmeringsmenu voor alle kalmerende functies:
het nachtlampje, de slaapliedjes en de projector.
Druk op de kalmeringsknop om het menu te
openen. Via dit menu kunt u het nachtlampje, de
slaapliedjes en de projector op de babyunit op
afstand bedienen.
1 Druk op de kalmeringsknop om het
kalmeringsmenu te openen.
Het kalmeringsmenu verschijnt. In dit
scherm worden drie functies van de
babyunit weergegeven: het nachtlampje, de
slaapliedjes en de projector. Voor elke functie
zijn er twee segmenten: het aan-uitveld en
het optieveld.
D
Opmerking:
Indien u niet binnen 7 seconden op een knop
drukt, wordt het kalmeringsmenu gesloten en
keert het display terug naar de normale stand.
245
Als u het nachtlampje ononderbroken
inschakelt, kunt u het nachtlampje
uitschakelen met het rustgevende scherm op
de ouderunit of door op de nachtlampknop
op de babyunit te drukken.
6.1.2 Slaapliedje
Met deze kalmeerfunctie kunt u opties voor het
afspelen van slaapliedjes kiezen en de timer voor
slaapliedjes instellen.
1 Om de slaapliedjesfunctie te kiezen, gebruikt
u de knoppen + en - om de pijl boven het
slaapliedjessymbool te zetten. Druk op OK
om het afspelen van slaapliedjes in of uit te
schakelen.
2 Als u het menu met opties voor slaapliedjes
wilt openen, verplaatst u de pijl naar het
optieveld en drukt u op OK om uw keuze te
bevestigen.
3 In het menu kunt u een aantal opties kiezen:
Kies een slaapliedje in de lijst met
voorgeprogrammeerde slaapliedjes.
Het laatst afgespeelde slaapliedje is
voorgeselecteerd. Als er nog geen
slaapliedje is gekozen, is slaapliedje
1 voorgeselecteerd.
6.1.1 Nachtlampje
Met deze kalmeerfunctie kunt u het nachtlampje
in- of uitschakelen en de timer voor het
nachtlampje instellen.
1 Om de nachtlampfunctie te kiezen, gebruikt
u de knoppen + en - om de pijl boven het
nachtlampsymbool te zetten. Druk op OK om
het nachtlampje in of uit te schakelen.
2 Als u het menu met nachtlampopties wilt
openen, verplaatst u de pijl naar het optieveld
en drukt u op OK om uw keuze te bevestigen.
3 U kunt de timer voor het nachtlampje
instellen van 5 tot 20 minuten of het
nachtlampje ononderbroken inschakelen.
Druk op OK om uw keuze te bevestigen.
Als u het nachtlampje hebt ingeschakeld,
is het nachtlampsymbool zichtbaar op het
display van de ouderunit wanneer u op de
rustgeefknop drukt om het rustgevende
scherm te verlaten.
Als u de nachtlamptimer instelt, schakelt
na de ingestelde tijd het nachtlampje
automatisch uit en verdwijnt het
nachtlampsymbool van het display van
de ouderunit.
NEDERLANDS
246
6.1.3 Projector
Met deze kalmeerfunctie kunt u de projector
op de babyunit inschakelen en de projectieduur
programmeren.
1 Om de projectorfunctie te kiezen, gebruikt
u de + en - knoppen om de pijl boven het
projectorsymbool te zetten. Druk op OK om
de projector in of uit te schakelen.
2 Als u het menu met projectoropties wilt
openen, verplaatst u de pijl naar het optieveld
en drukt u op OK om uw keuze te bevestigen.
3 U kunt de projectortimer instellen van 5 tot
20 minuten of de projector ononderbroken
inschakelen. Druk op OK om uw keuze te
bevestigen.
Als u de projector hebt ingeschakeld, is
het projectorsymbool zichtbaar op het
display van de ouderunit wanneer u op de
rustgeefknop drukt om het rustgevende
scherm te verlaten.
Als u de projectortimer instelt, schakelt na
de ingestelde tijd de projector automatisch
uit en verdwijnt het projectorsymbool van
het display van de ouderunit.
Als u de projector ononderbroken inschakelt,
moet u de projector uitschakelen in het
rustgevende scherm . Hierdoor verdwijnt het
projectorsymbool van het display van
de ouderunit.
U kunt ook ‘Play all’ (Alles afspelen)
kiezen om alle voorgeprogrammeerde
slaapliedjes af te spelen.
Kies ‘Aux’ als u een externe audiospeler
wilt gebruiken om muziek af te spelen.
Sluit deze speler daarvoor aan op de
aansluiting voor audioapparaten op de
achterzijde van de babyunit (Aux-in) met
de bijgeleverde extra kabel. U moet het
volume aanpassen op de audiospeler,
aangezien de volumeknoppen + en - op
de babyunit niet werken voor externe
audioapparaten.
Druk op OK om uw keuze te bevestigen.
4 U kunt de timer voor slaapliedjes instellen
van 5 tot 20 minuten of ervoor kiezen
ononderbroken slaapliedjes af te spelen. Druk
op OK om de timerinstelling te bevestigen.
Als u het afspelen van slaapliedjes hebt
ingeschakeld, is het slaapliedjessymbool
zichtbaar op het display van de ouderunit
wanneer u op de rustgeefknop drukt om
het rustgevende scherm te verlaten. Het
afgespeelde slaapliedje wordt 2 seconden
getoond op de tweede regel van het
berichtveld.
Als u de timer voor slaapliedjes instelt,
schakelt na de ingestelde tijd de
slaapliedjesfunctie uit en verdwijnt het
slaapliedjessymbool van het display van de
ouderunit.
Als u ervoor kiest slaapliedjes
ononderbroken af te spelen, kunt u de
slaapliedjesfunctie uitschakelen in het
rustgevende scherm of door op de afspeel-/
stopknop voor slaapliedjes K op de babyunit
te drukken.
247
D Opmerking:
Als het volume uit is, laten alleen de
geluidsniveaulampjes zien dat de baby
geluid maakt.
6.3 Terugspreekfunctie
Met behulp van de TALK-knop (Spreken) op
de ouderunit kunt u tegen uw baby praten
(bijvoorbeeld om uw baby te troosten).
1 Houd de TALK-knop (Spreken) ingedrukt
en spreek duidelijk in de microfoon op de
voorzijde van de ouderunit op een afstand
van 15 - 30 cm.
D
Opmerking:
Als u het volume voor het slaapliedje op de
babyunit harder hebt ingesteld, zal het geluid
van de terugspreekfunctie op de ouderunit
ook harder zijn.
Het ‘link’-lampje (Verbinding) begint groen
te knipperen en het bericht ‘TALK’ (Spreken)
verschijnt op het display.
2 Laat de TALK-knop (Spreken) los als u klaar
bent met praten.
6.2 Volume
Het volume kan worden ingesteld als het menu
niet actief is. Er zijn zeven volumeniveaus en een
‘volume uit’-stand.
6.2.1 Het volumeniveau instellen
1 Druk eenmaal op de knop + of -.
Het huidige volumeniveau verschijnt op het
display.
2 Druk op de knop + om het volume te
verhogen of op de knop - om het te verlagen.
De ouderunit piept bij elke volumewijziging.
Bij het hoogste volume piept de ouderunit
twee keer.
Als gedurende meer dan 2 seconden op
geen enkele knop wordt gedrukt, verdwijnt
de volumeniveau-aanduiding en wordt de
volumestand opgeslagen.
6.2.2 Volume uit
Onder de laagste volumestand bevindt zich de
‘volume uit’-stand.
1 Druk eenmaal op de knop + of -.
Het huidige volumeniveau verschijnt op het
display.
2 Houd de knop - langer dan 2 seconden
ingedrukt om het volume uit te schakelen.
Het bericht ‘MUTE’ (Dempen) en het
dempsymbool verschijnen op het display.
NEDERLANDS
248
6.5 Alarm wanneer de batterij
van de babyunit bijna leeg is
1 Wanneer de babyunit op batterijstroom
werkt en de batterijen bijna leeg zijn, geeft de
ouderunit de volgende signalen:
De tekst ‘BABY UNIT’ (Babyunit)
verschijnt op de eerste regel van het
berichtveld in het display.
Het bericht ‘Change batteries’ (Batterijen
vervangen) loopt op de tweede regel
over het scherm.
De ouderunit piept iedere 10 seconden
tijdens de eerste 3 minuten. Na deze
3 minuten piept de ouderunit iedere
minuut.
2 Als u de batterijen niet op tijd vervangt, wordt
de verbinding met de babyunit verbroken.
Het bericht ‘Not linked’ (Niet gelinkt) en
‘Change batteries’ (Batterijen vervangen)
wisselen elkaar af op de tweede regel van
het berichtveld.
D
Opmerking:
Als de batterijen van de ouderunit en
de babyunit tegelijkertijd bijna leeg zijn,
verschijnt eerst het bericht over de
ouderunit op het display. Wanneer de
ouderunit opgeladen is, verschijnt het
bericht over de babyunit op het display
van de ouderunit.
6.4 Nachtdimmodus
In de nachtdimmodus is de lichtintensiteit van
de lampjes en het display lager en klinken de
alarmgeluiden minder luid.
1 Druk op de knop voor de nachtdimmodus
om de nachtdimmodus te activeren.
Het symbool van de nachtdimmodus
verschijnt op het display.
De geluidsniveaulampjes en het ‘link’-lampje
(Verbinding) zijn gedimd.
De achtergrondverlichting van het display is
gedimd.
Het volume van ingestelde geluidsalarmen
op de ouderunit is verlaagd.
2 Druk nogmaals op de knop voor de
nachtdimmodus om terug te keren naar de
normale gebruiksmodus.
Het symbool van de nachtdimmodus
verdwijnt van het display.
De geluidsniveaulampjes en het ‘link’-lampje
(Verbinding) keren terug naar hun normale
helderheid.
De achtergrondverlichting van het display
brandt weer op volle sterkte.
De geluidsalarmen gaan uit op het normale
geluidsniveau.
249
D Opmerking:
Als u de ouderunit inschakelt wanneer de
oplaadbare batterijen bijna leeg zijn, gaat het
display aan. Het bericht ‘BATTERY LOW’ (Batterij
bijna leeg) verschijnt 2 seconden op het display
voor de ouderunit uitschakelt.
6.6.3 Opladen
Steek de kleine stekker in de oplader en
de adapter in het stopcontact. Plaats de
ouderunit in de oplader. Wanneer de ouderunit
wordt opgeladen, gebeurt het volgende
achtereenvolgens:
1 Het display gaat 4 seconden aan en de tekst
‘CHARGING’ (Opladen) verschijnt
2 seconden op het scherm.
2 Het batterijstatuslampje blijft groen branden
wanneer de ouderunit op netstroom is
aangesloten.
3 Het eerste segment in de
batterijstatusaanduiding begint te knipperen
om aan te geven dat de oplaadbare batterijen
worden opgeladen.
4 Het tweede segment in de
batterijstatusaanduiding begint te knipperen
wanneer de oplaadbare batterijen tot meer
dan 30% van hun capaciteit zijn opgeladen.
6.6 Batterijstatusaanduidingen
De batterijladingsstatus wordt op het display
aangeduid door de batterijstatusindicator en door
tekstberichten.
6.6.1 Accu bijna leeg
Wanneer de oplaadbare batterijen bijna leeg zijn,
is de resterende gebruiksduur ten minste
30 minuten als de babyfoon in normale modus
op de hoogste instellingen werkt.
1 De batterijstatusaanduiding op het display is
leeg en knippert.
2 Het bericht ‘BATTERY LOW’ (Batterij bijna
leeg) verschijnt op het display.
3 Het batterijstatuslampje knippert langzaam
rood.
4 De ouderunit piept iedere 10 seconden in
de eerste 3 minuten. Vervolgens piept deze
iedere minuut.
6.6.2 Batterij leeg
1 Als de oplaadbare batterijen bijna leeg zijn,
knippert het batterijstatuslampje snel rood.
2 Als u de ouderunit niet op netspanning
aansluit, gebeurt het volgende
achtereenvolgens:
1 De verbinding met de babyunit valt weg.
2 Het display gaat uit.
3 De ouderunit schakelt uit.
NEDERLANDS
250
D Opmerking:
Als de oplaadbare batterijen erg snel leegraken,
hebben zij het einde van hun levensduur
bereikt en moet u ze vervangen. Zie hoofdstuk
‘Accessoires bestellen’ als u nieuwe oplaadbare
batterijen wilt bestellen.
6.7 Signaalsterkte-indicator
6.7.1 In Smart Eco-modus
De Smart Eco-modus is de standaardmodus. In
deze modus hangt de sterkte van het DECT-
signaal af van de afstand tussen de babyunit en de
ouderunit.
Als de signaalsterkte-indicator 4 balken heeft,
is de verbinding tussen de babyunit en de
ouderunit uitstekend.
Als de signaalsterkte-indicator 1 balk of geen
balken heeft, is het signaal van de babyunit erg
zwak of niet beschikbaar. Plaats de ouderunit
dichter bij de babyunit om een beter signaal
te krijgen.
6.7.2 In Eco Max-modus
In deze modus is het DECT-signaal van de
babyunit naar de ouderunit uitgeschakeld.
De signaalsterkte-indicator heeft geen balken
wanneer het DECT-signaal is uitgeschakeld,
zelfs wanneer de ouderunit binnen bereik van
de babyunit is.
Wanneer de babyunit begint een DECT-
signaal uit te zenden omdat de baby een
geluid maakt, gaat het display aan en toont
de signaalsterkte-indicator de kwaliteit van de
verbinding tussen babyunit en ouderunit.
Zie ‘Eco Max-modus’ in hoofdstuk ‘Menu van
de ouderunit’ voor meer informatie over de
Eco Max-modus.
5 Het derde segment in de
batterijstatusaanduiding begint te knipperen
wanneer de oplaadbare batterijen tot meer
dan 50% van hun capaciteit zijn opgeladen.
6 Wanneer de oplaadbare batterijen vol zijn,
gebeurt het volgende:
Het derde segment in de
batterijstatusaanduiding stopt met
knipperen.
Het display gaat 4 seconden aan en het
bericht ‘BATTERY FULL (Batterij vol)
verschijnt op het display.
7 Haal de stekker van de ouderunit uit het
stopcontact. De unit kan nu zonder snoer
worden gebruikt.
D
Opmerking:
U kunt de ouderunit opladen wanneer deze
is uitgeschakeld. In dat geval is het display
uitgeschakeld. Het batterijstatuslampje brandt,
maar geeft de oplaadstatus niet aan. Dit lampje
blijft aan en groen branden zolang de ouderunit
op netstroom is aangesloten.
251
7.1 Door het menu navigeren
D Opmerking:
Bepaalde menufuncties werken alleen wanneer de
babyunit en de ouderunit zijn verbonden.
1 Druk op de MENU-knop om het menu te
openen.
De eerste menuoptie verschijnt op het
display.
2 Gebruik de + knop om naar de volgende
optie te gaan of de - knop om naar de vorige
optie te gaan.
D
Opmerking:
De pijl op het display geeft aan in welke
richting u kunt navigeren.
3 Druk op de knop OK om uw keuze te
bevestigen.
6.8 Resetten
Met deze functie kunt u de ouderunit en de
babyunit resetten naar de standaardinstellingen.
1 Schakel de unit uit.
2 Houd de - knop ingedrukt.
3 Schakel de unit opnieuw in terwijl u de - knop
ingedrukt houdt.
6.8.1 Standaardinstellingen
Ouderunit
Taal: Engels
Luidsprekervolume: 3
Microfoongevoeligheid: 3
Nachtdimmodus: uit
Temperatuuralarm: uit
‘Temperature low’-alarm (Temperatuur te
laag): 14 °C
’Temperature high’-alarm (Temperatuur te
hoog): 35 °C
Temperatuurschaal: Celsius
Vochtigheidsalarm: uit
Eco Max-modus: uit
Voedingstimer: 02:00
Voedingstimer: stop
Trilalarm: uit
Huiltrilalarm: uit
Klok: verborgen
Slaapliedjestimer: 15 min.
Projectortimer: 15 min.
Babyunit
Luidsprekervolume: 4
Nachtlampje: uit
Projector: uit
Nachtlampinstelling: handmatig
Slaapliedje: uit (slaapliedje 1 gekozen)
7 Menu van de
ouderunit
Alle functies die worden beschreven in de
volgende hoofdstukken, kunnen worden gebruikt
via het menu van de ouderunit.
NEDERLANDS
252
7.2.1 Gevoeligheidsniveaus en -aanduidingen
Pictogram Gevoeligheid Beschrijving
hoogst Hoor alle geluiden
die uw baby maakt.
De luidspreker
van de ouderunit
is ononderbroken
ingeschakeld.
hoog Hoor alle geluiden vanaf
zacht gebrabbel en
luider. Als uw baby geen
geluid maakt, wordt
de luidspreker van de
ouderunit uitgeschakeld.
gemiddeld Hoor geluiden vanaf
zachte kreetjes en
luider. Als uw baby
zachtere geluiden maakt,
wordt de luidspreker
van de ouderunit niet
ingeschakeld.
laag De luidspreker van
de ouderunit schakelt
alleen in als de baby
luide geluiden maakt,
bijvoorbeeld wanneer
de baby huilt.
7.3 Eco Max-modus
Deze babyfoon is voorzien van de Smart Eco-
modus, waardoor het DECT-signaal van de
babyunit automatisch wordt verzwakt wanneer
de afstand tussen de ouderunit en de babyunit
kleiner wordt. Door een zwakker radiosignaal te
verzenden, wordt er energie bespaard.
Als u nog meer energie wilt besparen en radio-
overdracht wilt stoppen, activeert u de Eco
Max-modus via het menu op de ouderunit. In
deze modus is het DECT-signaal van de babyunit
uitgeschakeld. Zodra de baby geluid maakt, wordt
het DECT-signaal automatisch ingeschakeld.
D Opmerking:
Druk op de knop MENU als u het menu wilt
verlaten zonder veranderingen aan te brengen.
Het menu sluit automatisch als er langer dan 20
seconden op geen enkele knop wordt gedrukt.
7.2 Gevoeligheid
Met deze optie in het ouderunitmenu kunt
u de microfoongevoeligheid van de babyunit
instellen. De microfoongevoeligheid bepaalt
welk geluidsniveau door de babyunit wordt
opgevangen. U zult bijvoorbeeld willen
kunnen horen als uw baby huilt, maar minder
geïnteresseerd zijn in het gebrabbel.
1 Kies ‘Sensitivity’ (Gevoeligheid) in het menu
met de knoppen + en -, en druk op OK om
uw keuze te bevestigen.
2 Gebruik de + en - knoppen om de
microfoongevoeligheid te verhogen of
verlagen. De gevoeligheidsindicatie op het
display heeft vier segmenten.
Als alle vier segmenten gevuld zijn, is de
gevoeligheid op het hoogste niveau.
Als alle segmenten leeg zijn, is de
gevoeligheid op het laagste niveau.
3 Druk op OK om de instelling te bevestigen.
253
D Opmerking:
Het waarschuwingsbericht loopt twee keer
over het display. Als u niet op OK drukt, wordt
het menu op de ouderunit gesloten en wordt
de Eco Max-modus niet ingeschakeld.
De Eco Max-aanduiding knippert op het
display en het ‘link’-lampje (Verbinding)
knippert langzaam groen.
Als de ouderunit een signaal van de babyunit
ontvangt omdat de baby een geluid maakt,
wordt het ‘link’-lampje (Verbinding) groen.
7.3.3 De Eco Max-modus deactiveren
1 Druk op de knop MENU.
2 Gebruik de knoppen + en - om ‘Eco Max’
te kiezen en druk op OK om uw keuze te
bevestigen.
3 Gebruik de + en - knoppen om ‘Turn Off
(Uitschakelen) te kiezen en druk op OK om
uw keuze te bevestigen.
7.4 Voedingstimer
U kunt de voedingstimer instellen om u te
waarschuwen dat het tijd is om uw baby te
voeden. De timer kan van 1 minuut tot 23 uur en
59 minuten worden ingesteld.
7.4.1 De voedingstimer instellen en
gebruiken
1 Gebruik in het menu de knoppen + en - om
‘Feed Timer’ (Voedingstimer) te selecteren en
druk op OK om uw keuze te bevestigen.
2 Kies ‘Set Timer’ (Timerinstelling) met de
knoppen + en -, en druk op OK om het
instellen van de timer te starten.
De uuraanduiding begint op het display te
knipperen.
C Let op:
In de Eco Max-modus ontvangt de ouderunit
met vertraging feedback van de babyunit.
Wanneer uw baby geluid maakt, moet de
babyunit eerst de radio-overdracht opnieuw
activeren voordat deze feedback naar de
ouderunit kan sturen.
7.3.1 Let op het volgende:
Controleer voor u de Eco Max-modus in het
menu van de ouderunit kiest, of de ouderunit
en babyunit zich binnen bereik bevinden.
Zie ‘Bereik’ in hoofdstuk ‘De babyfoon
gebruiken’. In de Eco Max-modus ontvangt
u geen feedback wanneer de ouderunit zich
buiten bereik van de babyunit bevindt. U
kunt de verbinding controleren door op een
willekeurige knop op de ouderunit te drukken.
Als er geen radio-overdracht van de babyunit
naar de ouderunit plaatsvindt in de Eco Max-
modus, zijn de geluidsniveaulampjes uit. De
geluidsniveaulampjes gaan aan wanneer de
babyunit radio-overdracht opnieuw activeert
omdat de baby een geluid boven het gekozen
gevoeligheidsniveau maakt.
Als u de babyfoon wilt bedienen in de
Eco Max-modus, zorg er dan voor dat de
microfoongevoeligheid is ingesteld tussen
niveau 1 en 3. Als de microfoongevoeligheid
op niveau 4 is ingesteld, schakelt de babyunit
de radio-overdracht niet uit in de Eco Max-
modus.
7.3.2 De Eco Max-modus activeren
1 Kies ‘Eco Max’ in het menu met de knoppen
+ en -, en druk op OK om uw keuze te
bevestigen.
2 Druk op OK als op het display ‘Turn On’
(Inschakelen) verschijnt om de Eco Max-
modus in te schakelen.
3 Het waarschuwingsbericht ‘!No alert if out
of range, OK?’ (Geen alarm wanneer buiten
bereik) verschijnt op het display. Druk op OK
om uw keuze te bevestigen.
NEDERLANDS
254
2 Gebruik de knoppen + en - om een van de
alarmopties te kiezen. U kunt kiezen uit alleen
geluid, geluid en trillen of alleen trillen. Druk
op OK om uw keuze te bevestigen.
3 Gebruik de knoppen + en - om ‘xx:xx Start’
(xx:xx starten) te selecteren en druk op OK
om de voedingstimerfunctie te activeren.
4 Als het voedingstimeralarm afgaat, drukt u op
een willekeurige toets om de voedingstimer
en het voedingstimeralarm te stoppen.
7.4.3 De voedingstimer herhalen
1 Na stap 5 in ‘De voedingstimer instellen en
gebruiken’ of nadat u het voedingstimeralarm
hebt ingesteld, gebruikt u de knoppen +
en - om ‘Timer repeat’ (Timer herhalen) te
selecteren. Druk op OK om uw keuze te
bevestigen.
2 Kies ‘Repeat ON’ (Herhalen aan) of ‘Repeat
OFF’ (Herhalen uit) en druk op OK om uw
keuze te bevestigen.
3 Gebruik de knoppen + en - om ‘xx:xx Start’
(xx:xx starten) te selecteren en druk op OK
om de herhaling voor de voedingstimerfunctie
te activeren.
In plaats van het normale timersymbool
verschijnt het timerherhalingssymbool op
het display.
4 Wanneer u op een willekeurige toets drukt
om het voedingstimeralarm te stoppen of als
het alarm automatisch stopt na 2 minuten,
begint de voedingstimer opnieuw af te tellen.
3 Stel het uur in en druk op OK om uw keuze
te bevestigen.
De minutenaanduiding begint op het display
te knipperen.
4 Stel de minuten in en druk op OK om uw
keuze te bevestigen.
5 Gebruik de knoppen + en - om ‘xx:xx Start’
(xx:xx starten) te selecteren. Druk op OK om
uw keuze te bevestigen.
Het timersymbool verschijnt op het display.
De timer begint af te tellen.
6 Wanneer de timer 00:00 heeft bereikt, gaat
de voedingstimerwaarschuwing af, begint het
timersymbool op het display te knipperen en
loopt het bericht ‘TIMER END’ (Einde timer)
over het display.
7 Druk op een willekeurige knop om het alarm
uit te schakelen. Als u het alarm niet stopt,
stopt het na 2 minuten automatisch.
7.4.2 Het voedingstimeralarm instellen
1 Na stap 5 in ‘De voedingstimer instellen en
gebruiken’ gebruikt u de knoppen + en - om
‘Timer Alert’ (Timeralarm) te selecteren. Druk
op OK om uw keuze te bevestigen.
255
7 Gebruik de knoppen + en - om ‘Temp Scale’
(Temperatuurschaal) te selecteren. Druk
op OK om uw keuze te bevestigen en te
beginnen met het instellen van de opties voor
de temperatuurschaal.
8 Kies ‘Celsius’ of ‘Fahrenheit’ en druk op OK om
uw keuze te bevestigen.
De temperatuur in de ingestelde schaal
verschijnt op het display. Als de temperatuur
zich binnen het ingestelde bereik bevindt,
heeft het temperatuuralarmsymbool twee
segmenten.
Als de temperatuur zich onder het
ingestelde bereik bevindt, heeft het
temperatuuralarmsymbool op het display
slechts één segment en knippert het. Het
bericht ‘TOO COLD’ (Te koud) verschijnt op
het display.
7.4.4 De timer stoppen
1 Druk op de menuknop en kies ‘Feed Timer’
(Voedingstimer).
2 Gebruik de knoppen + en - om ‘Stop &
Reset’ (Beëindigen en opnieuw instellen) te
selecteren en druk op OK om uw keuze te
bevestigen.
7.5 Temperatuur
Een baby slaapt comfortabel bij een temperatuur
tussen 16 °C en 20 °C. U kunt een minimum-
en maximumtemperatuurbereik en een
alarm instellen om u te waarschuwen dat de
temperatuur onder of boven het ingestelde
minimum of maximaal ligt.
1 Gebruik in het menu de knoppen + en - om
‘Temperature’ (Temperatuur) te selecteren en
druk op OK om uw keuze te bevestigen.
2 Gebruik de knoppen + en - om ‘Temp Range’
(Temperatuurbereik) te selecteren en druk op
OK om uw keuze te bevestigen.
De indicatie van de minimumtemperatuur
begint op het display te knipperen.
3 Gebruik de knoppen + en - om het minimale
temperatuurbereik in te stellen tussen 10
°C en 19 °C. Druk op OK om uw keuze te
bevestigen.
De indicatie van de maximumtemperatuur
begint op het display te knipperen.
4 Gebruik de knoppen + en - om het maximale
temperatuurbereik in te stellen tussen 22
°C en 37 °C. Druk op OK om uw keuze te
bevestigen.
5 Gebruik de knoppen + en - om ‘Alarm’ te
selecteren. Druk op OK om uw keuze te
bevestigen en te beginnen met het instellen
van het temperatuuralarm.
6 Gebruik de knoppen + en - om een van
de alarmopties te kiezen. U kunt kiezen uit
alleen geluid, geluid en trillen, alleen trillen of
alleen display. Druk op OK om uw keuze te
bevestigen.
Nadat u uw keuze voor de alarmoptie
hebt bevestigd, verschijnt het
temperatuuralarmsymbool op het display.
NEDERLANDS
256
4 Gebruik de + en - knoppen om het maximale
vochtigheidsbereik in te stellen van 51% tot
70%. Druk op OK om uw keuze te bevestigen.
5 Gebruik de knoppen + en - om ‘Alarm’ te
selecteren. Druk op OK om uw keuze te
bevestigen en te beginnen met het instellen
van het vochtigheidsalarm.
6 Gebruik de knoppen + en - om een van
de alarmopties te kiezen. U kunt kiezen uit
alleen geluid, geluid en trillen, alleen trillen of
alleen display. Druk op OK om uw keuze te
bevestigen.
Nadat u uw keuze voor de alarmoptie
hebt bevestigd, verschijnt het
vochtigheidsalarmsymbool op het display.
Als de vochtigheid zich onder het
ingestelde bereik bevindt, knipperen het
vochtigheidalarmsymbool en de gemeten
vochtigheid op het display. Het bericht ‘TOO
DRY’ (Te droog) verschijnt op het display.
Als de temperatuur zich boven het
ingestelde bereik bevindt, heeft het
temperatuuralarmsymbool op het display
drie segmenten en knippert het. Het bericht
‘TOO HOT’ (Te warm) verschijnt op het display.
7.6 Vochtigheid
De optimale vochtigheidsgraad ligt tussen 40% en
60%. De juiste vochtigheidsgraad is erg belangrijk
want zo wordt uw baby beschermd tegen
irritatie van de slijmvliezen, droge en geïrriteerde
huid, schrale lippen en een droge, pijnlijke keel.
Wanneer de slijmvliezen niet goed functioneren,
wordt uw baby niet goed beschermd tegen allerlei
ziektekiemen. Hierdoor is de kans groter dat uw
baby verkouden wordt of griep krijgt en hierdoor
vermindert de weerstand van de baby tegen
infecties die worden veroorzaakt door schimmels
en bacteriën. U kunt een vochtigheidsbereik en
een alarm instellen om u te waarschuwen dat de
vochtigheid buiten het ingestelde bereik ligt.
1 Gebruik in het menu de knoppen + en - om
‘Humidity’ (Vochtigheid) te selecteren en druk
op OK om uw keuze te bevestigen.
2 Gebruik de knoppen + en - om ‘Hum Range’
(Vochtigheidsbereik) te selecteren en druk op
OK om uw keuze te bevestigen.
De indicatie van de minimumvochtigheid
begint op het display te knipperen.
3 Gebruik de + en - knoppen om het minimale
vochtigheidsbereik in te stellen van 20% tot
50%. Druk op OK om uw keuze te bevestigen.
De indicatie van de maximumvochtigheid
begint op het display te knipperen.
257
3 Als u het huilalarm wilt deactiveren, kiest u
in het menu de optie ‘Cry alert’ (Huilalarm)
en kiest u met de + en - knoppen de optie
‘Vibration OFF’ (‘Trillen uit’).
7.8 Klok
De standaardinstelling voor de klok is verborgen.
U kunt ervoor kiezen de klok weer te geven.
U kunt de kloktijd instellen in het menu van de
ouderunit.
1 Gebruik in het menu de knoppen + en - om
‘Set clock’ (Klok instellen) te selecteren en
druk op OK om uw keuze te bevestigen.
2 Gebruik de knop + of - om ‘Show Time’ (Tijd
weergeven) te kiezen en druk op OK om uw
keuze te bevestigen.
3 Gebruik de knoppen + en - om ‘Set the time’
(Tijd instellen) te selecteren. Druk op OK om
uw keuze te bevestigen en te beginnen met
het instellen van de klok.
De uuraanduiding begint op het display te
knipperen.
4 Stel het uur in en druk op OK om uw keuze
te bevestigen.
De minutenaanduiding begint op het display
te knipperen.
5 Stel de minuten in en druk op OK om uw
keuze te bevestigen.
In het berichtveld van het display worden
afwisselend de kloktijd en andere
aanduidingen weergegeven.
Als de vochtigheid zich boven het
ingestelde bereik bevindt, knipperen het
vochtigheidalarmsymbool en de gemeten
vochtigheid op het display. Het bericht ‘TOO
HUMID’ (Te vochtig) verschijnt op het display.
7.7 Huilalarm
U kunt een huilalarm instellen om u te
waarschuwen als de baby huilt.
1 Gebruik in het menu de knoppen + en - om
‘Cry alert’ (Huilalarm) te selecteren en druk
op OK om uw keuze te bevestigen.
2 Gebruik de knoppen + en - om ‘Vibration
ON’ (Trillen aan) te selecteren. Druk op OK
om uw keuze te bevestigen.
De huilalarmindicator verschijnt op het
display.
Het huilalarm gaat af wanneer het geluid
in de babykamer zo luid is dat het vierde
geluidsniveaulampje gaat branden. De
ouderunit trilt en het bericht ‘Cry alert’
(Huilalarm) verschijnt 4 seconden op
het display. Het huilalarm wordt elke 8
seconden herhaald tot het geluid minder
luid wordt of u het huilalarm deactiveert.
NEDERLANDS
258
Nadat u op de knop + hebt gedrukt,
wordt het bericht ‘Keys locked’ (Knoppen
vergrendeld) op het display weergegeven
in plaats van de temperatuur- en
vochtigheidsindicatie.
3 Als u de vergrendeling wilt deactiveren, drukt
u op OK. Wanneer op het display de instructie
verschijnt, dient u binnen 2 seconden op de
knop + te drukken.
7.10.1 Opmerkingen
Wanneer u op een andere knop dan OK
drukt terwijl de vergrendeling actief is, wordt
het display ingeschakeld en ziet u op de
tweede regel hoe u de vergrendeling kunt
deactiveren.
Wanneer u op OK drukt terwijl de
vergrendeling actief is, ziet u op de tweede
regel op het display wat de tweede stap is
waarmee u de knoppen ontgrendelt.
Wanneer de knopvergrendeling actief is, kunt
u het oproepsignaal en voedingstimeralarm
beëindigen door op OK te drukken. In dat
geval blijft de knopvergrendeling actief.
Wanneer het huilalarm, het temperatuuralarm
of het vochtigheidsalarm afgaat terwijl de
vergrendeling actief is, deactiveert u eerst de
vergrendeling en vervolgens via het menu het
huilalarm of het temperatuuralarm.
7.9 Taal
U kunt deze menuoptie gebruiken om de
taalinstelling te wijzigen.
1 Gebruik in het menu de knoppen + en - om
‘Set language’ (Taal instellen) te selecteren en
druk op OK om uw keuze te bevestigen.
2 Gebruik de knoppen + en - om uw taal
te kiezen en druk op OK om uw keuze te
bevestigen.
D
Opmerking:
Deze optie verschijnt automatisch op het
display wanneer u de ouderunit voor de
eerste keer en na een reset inschakelt.
7.10 Vergrendeling
U kunt de vergrendeling activeren om te
voorkomen dat de knoppen per ongeluk worden
ingedrukt wanneer u de ouderunit bij u draagt.
1 Druk op OK om de vergrendeling te
activeren.
2 Druk binnen 2 seconden op de knop +.
D
Opmerking:
Als u binnen 2 seconden op de knop + drukt,
blijft de instructie op het display staan.
259
9 Reiniging en
onderhoud
B Waarschuwing:
Dompel de ouderunit, de babyunit en de oplader
van de ouderunit niet in water en maak deze
onderdelen niet schoon onder de kraan.
B
Waarschuwing:
Gebruik geen reinigingsspray of vloeibare
schoonmaakmiddelen.
1 Trek de stekker van de babyunit en de
oplader uit het stopcontact als deze op
netspanning zijn aangesloten.
2 Maak de ouderunit, de oplader en de babyunit
schoon met een droge doek.
3
Maak de adapters schoon met een droge doek.
10 Opbergen
Als u de babyfoon langere tijd niet gebruikt, doet
u het volgende:
Verwijder de niet-oplaadbare batterijen uit de
babyunit.
Verwijder de oplaadbare batterijen uit de
ouderunit.
Berg de ouderunit, de babyunit en de
adapters op een koele en droge plaats op.
8 Nekkoord
Bij de babyfoon wordt een handig nekkoord
geleverd. Hiermee kunt u de ouderunit bij u
dragen.
8.0.1 Bevestigen van het nekkoord
1 Steek de lus van het nekkoord in de opening
aan de bovenkant van de ouderunit.
2 Trek het nekkoord door de lus en trek het
nekkoord strak.
8.0.2 Losmaken van het nekkoord
1 Haal het nekkoord door de lus.
2 Trek de lus uit de opening aan de bovenkant
van de ouderunit.
NEDERLANDS
260
Wat is de Eco Max-modus? Hoe draagt deze
modus bij aan een schoner milieu?
De Eco Max-modus is speciaal ontwikkeld
voor verlaging van het energieverbruik van uw
babyfoon. Wanneer de afstand niet te groot is,
kunt u de Eco Max-modus inschakelen. In deze
modus verbruikt de babyfoon minder energie,
wat gunstig is voor het milieu.
Waarom gaan het aan-lampje van de babyunit en
het ‘link’-lampje (Verbinding) van de ouderunit
niet branden als ik op de aan/uitknoppen van de
units druk?
Mogelijk zijn de oplaadbare batterijen van
de ouderunit leeg en is de ouderunit niet
aangesloten op netspanning. Steek de kleine
apparaatstekker in de ouderunit en steek de
adapter in een stopcontact. Druk vervolgens op
de aan/uitknop om verbinding te maken met de
babyunit.
Mogelijk zijn de niet-oplaadbare batterijen
van de babyunit leeg en is de babyunit niet
aangesloten op netspanning. Vervang de niet-
oplaadbare batterijen of sluit de babyunit aan
op netspanning. Druk vervolgens op de aan/
uitknop om de verbinding met de ouderunit tot
stand te brengen.
Als het ‘link’-lampje (Verbinding) op de
ouderunit nog steeds niet rood begint te
knipperen, gebruik dan de resetfunctie
om de units terug te zetten naar de
standaardinstellingen.
Waarom knippert het ‘link’-lampje (Verbinding)
op de ouderunit ononderbroken rood en
waarom staat het bericht ‘NOT LINKED’
(Niet gelinkt) of ‘I AM LINKING’ (Bezig met
verbinden) op het display?
De babyunit en de ouderunit bevinden zich
buiten bereik van elkaar. Plaats de units dichter
bij elkaar.
De babyunit is mogelijk uitgeschakeld. Schakel
de babyunit in.
11 Accessoires
bestellen
Ga naar www.shop.philips.com/service
of uw Philips-dealer om accessoires of
reserveonderdelen aan te schaffen. U kunt ook
contact opnemen met het Philips Consumer Care
Centre in uw land (zie het ‘worldwide guarantee’-
vouwblad voor contactgegevens). Als er geen
Consumer Care Centre in uw land is, gaat u
naar uw plaatselijke Philips-dealer of een Philips-
servicecentrum.
12 Garantie en
ondersteuning
Ga voor informatie of ondersteuning naar de
Philips-website www.philips.com/support of
neem contact op met het Philips Consumer Care
Centre in uw land (zie het ‘worldwide guarantee’-
vouwblad voor contactgegevens). Als er geen
Consumer Care Centre in uw land is, gaat u
naar uw plaatselijke Philips-dealer of een Philips-
servicecentrum.
13 Veelgestelde vragen
In dit hoofdstuk vindt u de meestgestelde vragen
over het apparaat. Als u het antwoord op uw vraag
niet kunt vinden, gaat u naar www.philips.com/
support voor meer veelgestelde vragen of neemt
u contact op met het Consumer Care Centre in
uw land.
261
Waarom hoor ik niets/Waarom kan ik mijn baby
niet horen huilen?
Het volume van de ouderunit kan te zacht
staan of uitgeschakeld zijn. Zet het volume van
de ouderunit harder.
Het microfoongevoeligheidsniveau van
de babyunit kan te laag zijn ingesteld.
Stel in het menu van de ouderunit het
microfoongevoeligheidsniveau hoger in.
De babyunit en de ouderunit bevinden zich
mogelijk buiten bereik van elkaar. Verklein de
afstand tussen de units.
Waarom reageert de ouderunit te snel op
andere geluiden?
De babyunit vangt ook andere geluiden op dan
die van uw baby. Plaats de babyunit dichter bij
de baby (houd ten minste 1 meter afstand).
Het microfoongevoeligheidsniveau van
de babyunit kan te hoog zijn ingesteld.
Stel in het menu van de ouderunit het
microfoongevoeligheidsniveau lager in.
Waarom reageert de ouderunit langzaam op het
gehuil van de baby?
Het microfoongevoeligheidsniveau van
de babyunit kan te laag zijn ingesteld.
Stel in het menu van de ouderunit het
microfoongevoeligheidsniveau hoger in.
De Eco Max-modus is ingeschakeld en de
babyunit schakelt het DECT signaal alleen in
wanneer de baby geluiden maakt. Schakel de
Eco Max-modus uit om ervoor te zorgen dat
de babyunit constant DECT-signalen uitzendt
en de ouderunit sneller op de geluiden van uw
baby reageert.
Waarom knippert het batterijstatuslampje op de
babyunit rood?
De niet-oplaadbare batterijen van de babyunit
zijn bijna leeg. Vervang de niet-oplaadbare
batterijen of sluit de babyunit aan op
netspanning (zie hoofdstuk ‘Klaarmaken voor
gebruik’).
Waarom piept de ouderunit?
Als de ouderunit piept terwijl het rode
‘link’-lampje (Verbinding) ononderbroken
rood knippert en het bericht ‘NOT LINKED’
(Niet gelinkt) of ‘I AM LINKING’ (Bezig met
verbinden) op het display staat, is er geen
verbinding met de babyunit. Plaats de ouderunit
dichter bij de babyunit of schakel de babyunit in,
als deze uitgeschakeld is.
Als de ouderunit piept en het batterijsymbool
op het display leeg is, zijn de oplaadbare
batterijen van de ouderunit bijna leeg. Laad de
batterijen op.
Als u het temperatuurbereik op de ouderunit
hebt ingesteld en het temperatuuralarm
is ingeschakeld, piept de ouderunit
wanneer de temperatuur onder het
ingestelde minimumniveau zakt of wanneer
de temperatuur boven het ingestelde
maximumniveau komt.
Als u het vochtigheidsbereik op de ouderunit
hebt ingesteld en het vochtigheidsalarm is
ingeschakeld, piept de ouderunit wanneer
de vochtigheid onder het ingestelde
minimumniveau zakt of wanneer de vochtigheid
boven het ingestelde maximumniveau komt.
De babyunit is mogelijk uitgeschakeld. Schakel
de babyunit in.
Waarom geeft het apparaat een hoge pieptoon?
De units staan mogelijk te dicht bij elkaar. Zorg
dat de ouderunit en de babyunit ten minste 1
meter bij elkaar vandaan staan.
Het volume van de ouderunit kan te hard staan.
Zet het volume van de ouderunit zachter.
NEDERLANDS
262
Het opgegeven bereik van de babyfoon is
330 meter. Hoe komt het dat het bereik van
mijn babyfoon veel kleiner is?
Het opgegeven bereik geldt alleen in de open
lucht. Binnen wordt het effectieve bereik
beperkt door het aantal en het soort muren
en/of plafonds tussen de babyunit en ouderunit.
Binnenshuis is het bereik beperkt tot 50 meter.
Waarom wordt de verbinding af en toe
verbroken? Waarom valt het geluid weg?
De babyunit en de ouderunit staan mogelijk
dichtbij de grens van het effectieve zendbereik.
Probeer een andere plek of plaats de units iets
dichter bij elkaar. Denk erom dat het elke keer
ongeveer 30 seconden duurt voor opnieuw
verbinding is gemaakt tussen de units.
U hebt de unit mogelijk naast een zender of
een ander DECT-apparaat geplaatst, zoals een
DECT-telefoon of een andere babyfoon van
1,8GHz/1,9GHz. Plaats de unit verder weg van
andere apparaten tot er weer verbinding is.
Wat gebeurt er tijdens een stroomstoring?
Als de ouderunit voldoende is opgeladen, blijft
deze werken tijdens een stroomstoring. Als er
batterijen in de babyunit zitten, blijft deze ook
tijdens een stroomstoring werken.
Ismijnbabyfoonbeveiligdtegenauisterenen
storingen?
De DECT-technologie van deze babyfoon biedt
afdoende garantie tegen storing van andere
apparatuur en auisteren.
Waarom raken de niet-oplaadbare batterijen van
de babyunit zo snel leeg?
Het microfoongevoeligheidsniveau van de
babyunit kan te hoog zijn ingesteld, waardoor
de babyunit vaker een signaal uitzendt.
Stel in het menu van de ouderunit het
microfoongevoeligheidsniveau lager in.
Het volume op de babyunit kan te hoog zijn
ingesteld, waardoor de babyunit veel energie
verbruikt. Zet het volume van de babyunit lager.
U hebt mogelijk een
maximumtemperatuurbereik ingesteld dat
lager is dan de kamertemperatuur of een
minimumtemperatuurbereik dat hoger is dan de
kamertemperatuur. De babyunit blijft gegevens
versturen naar de ouderunit en verbruikt
daarom meer stroom. Hierdoor raken de niet-
oplaadbare batterijen van de babyunit eerder
leeg.
U hebt mogelijk een
maximumvochtigheidsbereik ingesteld dat
lager is dan de vochtigheid in de kamer of
een minimumvochtigheidsbereik dat hoger is
dan de vochtigheid in de kamer. De babyunit
blijft gegevens versturen naar de ouderunit en
verbruikt daarom meer stroom. Hierdoor raken
de niet-oplaadbare batterijen van de babyunit
eerder leeg.
Misschien hebt u het nachtlampje ingeschakeld.
Als u het nachtlampje wilt gebruiken, adviseren
wij u de babyunit op netspanning te laten
werken.
Waarom duurt het opladen van de ouderunit
langer dan 10 uur?
De ouderunit was mogelijk ingeschakeld tijdens
het opladen. Schakel de ouderunit uit tijdens
het opladen.
263
De gebruikstijd van de ouderunit zou maximaal
18 uur moeten zijn. Waarom is de gebruikstijd
van mijn ouderunit korter?
Wanneer de ouderunit voor het eerst is
opgeladen, is de gebruikstijd minder dan
18 uur. De oplaadbare batterijen bereiken hun
maximale capaciteit pas als ze minstens vier
keer opgeladen en leeggebruikt zijn geweest.
Het volume van de ouderunit kan te hoog
zijn ingesteld, waardoor de ouderunit te veel
energie verbruikt. Zet het volume van de
ouderunit lager.
Het microfoongevoeligheidsniveau van
de babyunit kan te hoog zijn ingesteld.
Hierdoor verbruikt de ouderunit veel energie.
Stel in het menu van de ouderunit het
microfoongevoeligheidsniveau lager in.
Waarom duurt het even voordat de
batterijstatusaanduiding op het display te
verschijnt als ik de ouderunit oplaad terwijl deze
is uitgeschakeld?
Dit is normaal. De ouderunit heeft enkele
seconden nodig om in te schakelen wanneer
u de unit op netspanning aansluit terwijl deze
uitgeschakeld is. Wanneer de ouderunit op
netspanning is aangesloten, moet deze eerst
detecteren dat hij wordt opgeladen en moet
het oplaadniveau worden gemeten voor de
batterijstatusaanduiding kan worden getoond.
Waarom raken de oplaadbare batterijen van de
ouderunit zo snel leeg?
De oplaadbare batterijen hebben het einde van
hun levensduur bereikt. U moet ze vervangen.
Zie hoofdstuk ‘Accessoires bestellen’ als u
nieuwe oplaadbare batterijen wilt bestellen.
NEDERLANDS

Documenttranscriptie

SCD580 EN User manual 3 IT Manuale utente 206 DA Brugervejledning 30 NL Gebruiksaanwijzing 235 DE Benutzerhandbuch 58 NO Brukerhåndbok EL Εγχειρίδιο χρήσης 88 PT Manual do utilizador 291 ES Manual del usuario 121 SV Användarhandbok 320 FI Käyttöopas 150 TR Kullanım kılavuzu 348 FR Mode d’emploi 177 AR 264 398 8 Nekkoord 259 9 Reiniging en onderhoud 259 1 Introductie 235 10 Opbergen 259 2 Overzicht 236 11 Accessoires bestellen 260 3 3.1 3.2 Klaarmaken voor gebruik Babyunit Ouderunit 236 236 238 12 Garantie en ondersteuning 260 13 Veelgestelde vragen 260 4 4.1 4.2 De babyfoon gebruiken De babyfoon plaatsen Ouderunit en babyunit verbinden 239 239 239 5 Functies en feedback van de babyunit Nachtlampje Slaapliedjesfunctie Projector De ouderunit oproepen Batterijstatuslampje 241 241 241 242 243 243 5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 6 6.6 6.7 6.8 Functies en feedback van de ouderunit Kalmeringsmenu Volume Terugspreekfunctie Nachtdimmodus Alarm wanneer de batterij van de babyunit bijna leeg is Batterijstatusaanduidingen Signaalsterkte-indicator Resetten 7 7.1 7.2 7.3 7.4 7.5 7.6 7.7 7.8 7.9 7.10 Menu van de ouderunit Door het menu navigeren Gevoeligheid Eco Max-modus Voedingstimer Temperatuur Vochtigheid Huilalarm Klok Taal Vergrendeling 6.1 6.2 6.3 6.4 6.5 244 244 247 247 248 248 249 250 251 251 251 252 252 253 255 256 257 257 258 258 1 Introductie Gefeliciteerd met uw aankoop en welkom bij Philips AVENT! Wilt u volledig profiteren van de ondersteuning die Philips AVENT u kan bieden? Registreer dan uw product op www.philips.com/ welcome. Philips AVENT spant zich in om zorgzame, betrouwbare producten te maken die ouders de gerustheid geven die ze nodig hebben. Deze Philips AVENT-babyfoon biedt 24 uur per dag ondersteuning door u de zekerheid te bieden dat u uw baby altijd duidelijk kunt horen zonder storende bijgeluiden. De DECT-technologie garandeert ontvangst zonder storing en een glashelder geluid tussen babyunit en ouderunit. Met de temperatuursensor kunt u de temperatuur in de babykamer controleren en de persoonlijke instellingen helpen u de kamer aangenaam te houden. Deze babyfoon heeft een babyunit met een projector en een ouderunit met een speciaal rustgevend scherm waarmee u de kalmerende opties (nachtlampje, slaapliedjes en projector) op de babyunit op afstand kunt bedienen. 235 NE DE RL AN DS Inhoudsopgave 2 Overzicht •• I Display 1 Signaalsterkte-indicator 2 Eco Max-indicator 3 Symbool van nachtdimmodus 4 Huilalarmindicator 5 Dempsymbool 6 Statuslampje voor batterij 7 Symbool van vochtigheidsalarm 8 Navigatiepijl 9 Temperatuursymbool 10 Berichtveld 11 Microfoongevoeligheidsindicator 12 Nachtlampsymbool 13 Slaapliedjessymbool 14 Projectorsymbool 15 Timer- of timerherhaalsymbool •• II Ouderunit 1 Aan/uit-schakelaar 2 TALK-knop (Spreken) 3 Nachtdimknop 4 - knop om terug te scrollen 5 Microfoon 6 ’link’-lampje (Verbinding) 7 Display 8 Geluidsniveaulampjes 9 MENU-knop 10 + knop om verder te scrollen 11 Batterijstatuslampje 12 OK-knop 13 Rustgeefknop 14 Handgreep/hulpstukopening voor nekkoord 15 Vak voor oplaadbare batterijen 16 Deksel van vak voor oplaadbare batterijen 17 Aansluitingspunten voor opladen 18 Oplaadbare batterijen 19 Nekkoord 20 Aansluiting voor kleine stekker van adapter 21 Oplader 22 Kleine stekker van adapter 23 Adapter 236 •• III Babyunit 1 Projector 2 Nachtlampje 3 FIND-knop (Zoeken) 4 Microfoon 5 Aan/uitknop van projector 6 Knop voor volgend slaapliedje 7 Afspeel-/stopknop voor slaapliedjes 8 Volume - knop 9 Aan/uitlampje 10 Aan/uit-schakelaar 11 Batterijstatuslampje 12 Aan/uitknop van nachtlampje 13 Volume + knop 14 Luchtvochtigheidssensor 15 Temperatuursensor 16 Luidspreker 17 Aansluiting voor audioapparaat 18 Aansluiting voor kleine stekker van adapter 19 Vak voor niet-oplaadbare batterijen 20 Deksel van vak voor niet-oplaadbare batterijen 21 Kleine stekker van adapter 22 Adapter 23 Extra kabel 3 Klaarmaken voor gebruik BELANGRIJK: lees de veiligheidsinstructies zorgvuldig door voordat u de babyfoon gaat gebruiken en bewaar ze om ze indien nodig te kunnen raadplegen. 3.1 Babyunit De babyunit werkt op netspanning. We raden u aan niet-oplaadbare batterijen te plaatsen, zodat het apparaat blijft werken wanneer de stroom uitvalt. 1 Steek de adapter in een stopcontact en steek de kleine apparaatstekker in de babyunit. 2 Plaats vier niet-oplaadbare batterijen. 3 D Opmerking: Zorg ervoor dat de + en - polen in de juiste richting wijzen. Om het deksel weer te bevestigen, plaatst u eerst de uitsteeksels in de openingen in de rand van het vak voor niet-oplaadbare batterijen. 3.1.2 De niet-oplaadbare batterijen plaatsen In het geval van een stroomstoring kan de babyunit werken op vier 1,5V R6 AAalkalinebatterijen (niet bijgeleverd). Gebruik geen oplaadbare batterijen; de babyunit heeft geen oplaadfunctie en oplaadbare batterijen raken langzaam leeg wanneer ze niet worden gebruikt. NE DE RL AN DS 3.1.1 Gebruik op netspanning B Waarschuwing: Haal de adapter van de babyunit uit het stopcontact en zorg ervoor dat uw handen en de unit droog zijn wanneer u niet-oplaadbare batterijen plaatst. D Opmerking: We raden u aan om de babyunit op netstroom te gebruiken, aangezien de babyunit een beperkte gebruiksduur heeft wanneer u deze gebruikt met niet-oplaadbare alkalinebatterijen. De gebruiksduur met niet-oplaadbare batterijen is 24 uur. 1 Druk op de vergrendeling om het deksel van het vak voor niet-oplaadbare batterijen te ontgrendelen en verwijder het deksel. 4 Druk het deksel vervolgens naar beneden tot de vergrendeling met een klik sluit. 237 3.2 Ouderunit De ouderunit werkt op twee oplaadbare batterijen die bij de babyfoon zijn geleverd. 3.2.1 De oplaadbare batterijen plaatsen 1 Schuif het deksel van het vak voor de oplaadbare batterijen van de ouderunit. 2 Plaats de oplaadbare batterijen. 3.2.2 De ouderunit opladen Laad de ouderunit op voordat u deze voor het eerst gebruikt of als de ouderunit aangeeft dat de batterijen bijna leeg zijn. Let erop dat u de ouderunit gedurende de volledige 10 uur oplaadt voor een snoerloze gebruiksduur van 18 uur. 1 Steek het apparaatstekkertje van de adapter in de aansluiting aan de achterzijde van de oplader. Steek de adapter in een stopcontact. 2 3 D Opmerking: Zorg ervoor dat de + en - polen van de batterijen in de juiste richting wijzen. Schuif het deksel van het vak voor de oplaadbare batterijen terug op de ouderunit. Druk het deksel terug tot het vastklikt. 3 Plaats de ouderunit in de oplader. •• Het display gaat aan en de batterijstatusaanduidingen geven aan dat de ouderunit wordt opgeladen. Zie ‘Batterijstatusaanduidingen’ in hoofdstuk ‘Functies en feedback van de ouderunit’ voor batterijstatusaanduidingen. Laat de ouderunit in de op netspanning aangesloten oplader staan tot de oplaadbare batterijen volledig opgeladen zijn. D Opmerking: Wanneer u de babyfoon voor het eerst gebruikt, moet u de oplaadbare batterijen eerst vier keer opladen en ontladen voordat ze hun volledige capaciteit bereikt hebben. 238 4.2 Ouderunit en babyunit verbinden 1 NE DE RL AN DS 4 De babyfoon gebruiken Houd de aan/uitknop 3 van de babyunit gedurende 2 seconden ingedrukt. 4.1 De babyfoon plaatsen B Waarschuwing: Houd de babyunit buiten het bereik van de baby. Plaats de babyunit nooit in het bed of de box van de baby. 1 Het snoer van de babyunit kan wurgingsgevaar opleveren. Controleer daarom of de babyunit en het bijbehorende snoer zich op ten minste 1 meter van uw baby bevinden. 2 Om een hoge pieptoon uit een of beide units te voorkomen, moet u ervoor zorgen dat de ouderunit zich op ten minste 1 meter van de babyunit bevindt. •• Het nachtlampje, het batterijstatuslampje en het aan-lampje branden kort. 2 Houd de aan/uitknop 3 van de ouderunit gedurende 2 seconden ingedrukt. •• Het display gaat aan en toont kort alle aanduidingen en symbolen. Dan vervagen de aanduidingen en symbolen en verschijnt de batterijstatusindicator. 239 D Opmerking: Wanneer u de ouderunit voor het eerst of na een reset inschakelt, moet u uw gewenste displaytaal kiezen (zie ‘Taal’ in hoofdstuk ‘Menu van de ouderunit’). •• Het ‘link’-lampje (Verbinding) op de ouderunit begint rood te knipperen en het bericht ‘I AM LINKING’ (Bezig met verbinden) verschijnt op het display. •• Wanneer de ouderunit en babyunit zijn verbonden, blijft het ‘link’-lampje (Verbinding) groen branden. De signaalsterkte-indicator en het bericht ‘LINKED’ (Verbonden) verschijnen op het display. Wat moet ik doen als er geen verbinding tot stand is gebracht? •• Mogelijk is de ouderunit buiten het bereik van de babyunit. Plaats de ouderunit dichter bij de babyunit, maar niet dichter bij dan 1 meter. •• De verbinding van de babyunit of de ouderunit kan wegvallen omdat deze zich te dicht bij een ander DECTapparaat (bijv. een draadloze telefoon) bevindt. Schakel dit DECT-apparaat uit of plaats de unit verder van dit apparaat. •• De babyunit is mogelijk uitgeschakeld. Schakel de babyunit in. 4.2.1 Bereik •• Als binnen 10 seconden geen verbinding tot stand is gebracht, wordt het bericht ‘NOT LINKED’ (Niet gelinkt) op het display afgewisseld met ‘I AM LINKING’ (Bezig met verbinden). Als er na 30 seconden nog geen verbinding is, begint de ouderunit te piepen en wordt alleen het bericht ‘NOT LINKED’ (Niet gelinkt) getoond. 240 •• In de standaardgebruiksmodus met Smart Eco en in de Eco Max-modus is het bereik 330 meter buiten en tot 50 meter binnenshuis. •• Het bereik van de babyfoon is afhankelijk van de omgeving en factoren die voor storing zorgen. Voor natte en vochtige materialen kan het bereikverlies oplopen tot 100%. Zie de tabel hieronder voor storingen als gevolg van droge materialen. Hout, pleisterwerk, karton, glas (zonder metaal, bedrading of lood) Steen, triplex Gewapend beton Metalen roosters of stangen Metaal- of aluminiumplaten Dikte Vermindering van het bereik materiaal < 30 cm 0-10% < 30 cm < 30 cm < 1 cm 5-35% 30-100% 90-100% < 1 cm 100% 5 Functies en feedback van de babyunit 5.1 Nachtlampje 5.2 Slaapliedjesfunctie 1 2 NE DE RL AN DS Droge materialen Druk op de afspeel-/stopknop voor slaapliedjes K op de babyunit om het laatst gekozen slaapliedje af te spelen. •• Het gekozen slaapliedje wordt gedurende de ingestelde tijd herhaald. •• Als er nog geen slaapliedje is gekozen, wordt slaapliedje 1 afgespeeld. Druk op de knop voor het volgende slaapliedje om een ander slaapliedje uit de lijst te kiezen. Het nachtlampje produceert een zachte gloed die uw baby geruststelt. 1 Druk op de aan/uitknop voor het nachtlampje op de babyunit om het nachtlampje in te schakelen. 2 •• Q verschijnt op het display van de ouderunit. Druk nogmaals op de aan/uitknop voor het nachtlampje om het nachtlampje uit te schakelen. •• Het nachtlampje dimt geleidelijk voordat het helemaal uitgaat. •• Q verdwijnt van het display van de ouderunit. •• Als er geen slaapliedje wordt afgespeeld, wordt het laatst gekozen slaapliedje afgespeeld wanneer u op de knop voor het volgende slaapliedje drukt. •• Wanneer u op de knop voor het volgende slaapliedje drukt terwijl er een slaapliedje wordt afgespeeld, wordt het volgende slaapliedje afgespeeld. 241 3 4 •• Het eerste patroon van de projector is na 2 seconden op volle sterkte. Het wordt 8 seconden geprojecteerd en vervaagt dan 2 seconden terwijl het volgende patroon zichtbaar wordt. Druk op de volumeknop + of - op de babyunit om het geluidsniveau van het slaapliedje aan te passen. D Opmerking: U kunt het luidsprekervolume op de babyunit alleen instellen wanneer er een slaapliedje wordt afgespeeld. Als u het volume voor het slaapliedje hoger instelt, zal het geluid ook harder zijn wanneer u de terugspreekfunctie op de ouderunit gebruikt. Als u het afspelen van slaapliedjes wilt stoppen voordat de ingestelde tijd verstreken is, drukt u op de afspeel-/stopknop voor slaapliedjes K op de babyunit. •• Er zijn zes verschillende patronen en elk patroon wordt 10 seconden geprojecteerd. Wanneer alle zes patronen getoond zijn, begint de projector opnieuw met patroon 1. De patronen worden gedurende de ingestelde periode herhaald (zie ‘Projector’ in hoofdstuk ‘Functies en feedback van de ouderunit’). 5.3 Projector Door de projector in te schakelen, kunt u uw baby kalmeren met gekleurde lichtpatronen die op het plafond worden geprojecteerd. 1 Druk op de aan/uitknop voor de projector om de projector in te schakelen. 2 •• Het projectorsymbool verschijnt op het display van de ouderunit. 242 Als u de projector wilt uitschakelen voordat de ingestelde tijd is verstreken, drukt u opnieuw op de aan/uitknop voor de projector. •• Het geprojecteerde patroon vervaagt en de projector schakelt uit. •• Het projectorsymbool verdwijnt van het display. Als de ouderunit zoek is, kunt u de FIND-knop (Zoeken) op de babyunit gebruiken om de ouderunit op te sporen. 5.5 Batterijstatuslampje 1 Het batterijstatuslampje blijft groen branden wanneer de babyunit op batterijstroom werkt en de batterijen genoeg energie bevatten. 2 Het batterijstatuslampje knippert snel rood wanneer de batterijen bijna leeg zijn terwijl de babyunit op batterijstroom werkt. D Opmerking: De oproepfunctie werkt alleen wanneer de ouderunit is ingeschakeld. 1 Druk op de FIND-knop (Zoeken) op de babyunit. •• Het bericht ‘PAGING’ (Roept op) verschijnt op het display van de babyunit en de ouderunit geeft een oproepsignaal af. 2 Om het oproepsignaal uit te schakelen, drukt u opnieuw op de FIND-knop (Zoeken) op de babyunit of op een willekeurige knop op de ouderunit. D Opmerking: Het oproepsignaal stopt automatisch na 2 minuten. •• Vervang de batterijen wanneer deze bijna leeg zijn. •• Als de batterijen bijna leeg zijn terwijl de babyunit op batterijstroom werkt, schakelt de babyunit uit en valt de verbinding met de ouderunit weg. D Opmerking: We raden u aan om de babyunit op netstroom te gebruiken, aangezien de babyunit een beperkte gebruiksduur heeft wanneer u deze gebruikt met niet-oplaadbare alkalinebatterijen. De gebruiksduur met niet-oplaadbare batterijen is 24 uur. 243 NE DE RL AN DS 5.4 De ouderunit oproepen 6 Functies en feedback van de ouderunit 2 Gebruik de knoppen + en - om de pijl naar een kalmeerfunctie te verplaatsen. 3 Druk op OK als u een uitgeschakelde kalmeerfunctie wilt inschakelen of een ingeschakelde kalmeerfunctie wilt uitschakelen. 6.1 Kalmeringsmenu De ouderunit heeft een afzonderlijk kalmeringsmenu voor alle kalmerende functies: het nachtlampje, de slaapliedjes en de projector. Druk op de kalmeringsknop om het menu te openen. Via dit menu kunt u het nachtlampje, de slaapliedjes en de projector op de babyunit op afstand bedienen. 1 Druk op de kalmeringsknop om het kalmeringsmenu te openen. •• Het kalmeringsmenu verschijnt. In dit scherm worden drie functies van de babyunit weergegeven: het nachtlampje, de slaapliedjes en de projector.Voor elke functie zijn er twee segmenten: het aan-uitveld en het optieveld. D Opmerking: Indien u niet binnen 7 seconden op een knop drukt, wordt het kalmeringsmenu gesloten en keert het display terug naar de normale stand. 244 4 5 6 •• Als een functie is ingeschakeld, staat er een vinkje boven het functiesymbool. •• Als een functie is uitgeschakeld, staat er een kruisje boven het functiesymbool. Als u het menu met functieopties wilt openen, plaatst u de pijl op het optieveld en drukt u op OK. Gebruik de knoppen - en + om door de lijst met opties te navigeren en druk op OK om een optie te kiezen. Druk op de kalmeringsknop om het kalmeringsmenu te verlaten. Met deze kalmeerfunctie kunt u het nachtlampje in- of uitschakelen en de timer voor het nachtlampje instellen. 1 Om de nachtlampfunctie te kiezen, gebruikt u de knoppen + en - om de pijl boven het nachtlampsymbool te zetten. Druk op OK om het nachtlampje in of uit te schakelen. 2 3 6.1.2 Slaapliedje Met deze kalmeerfunctie kunt u opties voor het afspelen van slaapliedjes kiezen en de timer voor slaapliedjes instellen. 1 Om de slaapliedjesfunctie te kiezen, gebruikt u de knoppen + en - om de pijl boven het slaapliedjessymbool te zetten. Druk op OK om het afspelen van slaapliedjes in of uit te schakelen. Als u het menu met nachtlampopties wilt openen, verplaatst u de pijl naar het optieveld en drukt u op OK om uw keuze te bevestigen. U kunt de timer voor het nachtlampje instellen van 5 tot 20 minuten of het nachtlampje ononderbroken inschakelen. Druk op OK om uw keuze te bevestigen. 2 3 •• Als u het nachtlampje hebt ingeschakeld, is het nachtlampsymbool zichtbaar op het display van de ouderunit wanneer u op de rustgeefknop drukt om het rustgevende scherm te verlaten. •• Als u de nachtlamptimer instelt, schakelt na de ingestelde tijd het nachtlampje automatisch uit en verdwijnt het nachtlampsymbool van het display van de ouderunit. Als u het menu met opties voor slaapliedjes wilt openen, verplaatst u de pijl naar het optieveld en drukt u op OK om uw keuze te bevestigen. In het menu kunt u een aantal opties kiezen: •• Kies een slaapliedje in de lijst met voorgeprogrammeerde slaapliedjes. Het laatst afgespeelde slaapliedje is voorgeselecteerd. Als er nog geen slaapliedje is gekozen, is slaapliedje 1 voorgeselecteerd. 245 NE DE RL AN DS •• Als u het nachtlampje ononderbroken inschakelt, kunt u het nachtlampje uitschakelen met het rustgevende scherm op de ouderunit of door op de nachtlampknop op de babyunit te drukken. 6.1.1 Nachtlampje 4 •• U kunt ook ‘Play all’ (Alles afspelen) kiezen om alle voorgeprogrammeerde slaapliedjes af te spelen. •• Kies ‘Aux’ als u een externe audiospeler wilt gebruiken om muziek af te spelen. Sluit deze speler daarvoor aan op de aansluiting voor audioapparaten op de achterzijde van de babyunit (Aux-in) met de bijgeleverde extra kabel. U moet het volume aanpassen op de audiospeler, aangezien de volumeknoppen + en - op de babyunit niet werken voor externe audioapparaten. •• Druk op OK om uw keuze te bevestigen. U kunt de timer voor slaapliedjes instellen van 5 tot 20 minuten of ervoor kiezen ononderbroken slaapliedjes af te spelen. Druk op OK om de timerinstelling te bevestigen. •• Als u het afspelen van slaapliedjes hebt ingeschakeld, is het slaapliedjessymbool zichtbaar op het display van de ouderunit wanneer u op de rustgeefknop drukt om het rustgevende scherm te verlaten. Het afgespeelde slaapliedje wordt 2 seconden getoond op de tweede regel van het berichtveld. •• Als u de timer voor slaapliedjes instelt, schakelt na de ingestelde tijd de slaapliedjesfunctie uit en verdwijnt het slaapliedjessymbool van het display van de ouderunit. •• Als u ervoor kiest slaapliedjes ononderbroken af te spelen, kunt u de slaapliedjesfunctie uitschakelen in het rustgevende scherm of door op de afspeel-/ stopknop voor slaapliedjes K op de babyunit te drukken. 246 6.1.3 Projector Met deze kalmeerfunctie kunt u de projector op de babyunit inschakelen en de projectieduur programmeren. 1 Om de projectorfunctie te kiezen, gebruikt u de + en - knoppen om de pijl boven het projectorsymbool te zetten. Druk op OK om de projector in of uit te schakelen. 2 3 Als u het menu met projectoropties wilt openen, verplaatst u de pijl naar het optieveld en drukt u op OK om uw keuze te bevestigen. U kunt de projectortimer instellen van 5 tot 20 minuten of de projector ononderbroken inschakelen. Druk op OK om uw keuze te bevestigen. •• Als u de projector hebt ingeschakeld, is het projectorsymbool zichtbaar op het display van de ouderunit wanneer u op de rustgeefknop drukt om het rustgevende scherm te verlaten. •• Als u de projectortimer instelt, schakelt na de ingestelde tijd de projector automatisch uit en verdwijnt het projectorsymbool van het display van de ouderunit. •• Als u de projector ononderbroken inschakelt, moet u de projector uitschakelen in het rustgevende scherm . Hierdoor verdwijnt het projectorsymbool van het display van de ouderunit. 6.2 Volume 6.2.1 Het volumeniveau instellen 1 2 Druk eenmaal op de knop + of -. •• Het huidige volumeniveau verschijnt op het display. Druk op de knop + om het volume te verhogen of op de knop - om het te verlagen. •• De ouderunit piept bij elke volumewijziging. •• Bij het hoogste volume piept de ouderunit twee keer. NE DE RL AN DS D Opmerking: Als het volume uit is, laten alleen de geluidsniveaulampjes zien dat de baby geluid maakt. Het volume kan worden ingesteld als het menu niet actief is. Er zijn zeven volumeniveaus en een ‘volume uit’-stand. 6.3 Terugspreekfunctie Met behulp van de TALK-knop (Spreken) op de ouderunit kunt u tegen uw baby praten (bijvoorbeeld om uw baby te troosten). 1 Houd de TALK-knop (Spreken) ingedrukt en spreek duidelijk in de microfoon op de voorzijde van de ouderunit op een afstand van 15 - 30 cm. D Opmerking: Als u het volume voor het slaapliedje op de babyunit harder hebt ingesteld, zal het geluid van de terugspreekfunctie op de ouderunit ook harder zijn. •• Het ‘link’-lampje (Verbinding) begint groen te knipperen en het bericht ‘TALK’ (Spreken) verschijnt op het display. •• Als gedurende meer dan 2 seconden op geen enkele knop wordt gedrukt, verdwijnt de volumeniveau-aanduiding en wordt de volumestand opgeslagen. 6.2.2 Volume uit Onder de laagste volumestand bevindt zich de ‘volume uit’-stand. 1 Druk eenmaal op de knop + of -. •• Het huidige volumeniveau verschijnt op het display. 2 Houd de knop - langer dan 2 seconden ingedrukt om het volume uit te schakelen. •• Het bericht ‘MUTE’ (Dempen) en het dempsymbool verschijnen op het display. 2 Laat de TALK-knop (Spreken) los als u klaar bent met praten. 247 6.4 Nachtdimmodus In de nachtdimmodus is de lichtintensiteit van de lampjes en het display lager en klinken de alarmgeluiden minder luid. 1 Druk op de knop voor de nachtdimmodus om de nachtdimmodus te activeren. 2 248 •• Het symbool van de nachtdimmodus verschijnt op het display. •• De geluidsniveaulampjes en het ‘link’-lampje (Verbinding) zijn gedimd. •• De achtergrondverlichting van het display is gedimd. •• Het volume van ingestelde geluidsalarmen op de ouderunit is verlaagd. Druk nogmaals op de knop voor de nachtdimmodus om terug te keren naar de normale gebruiksmodus. •• Het symbool van de nachtdimmodus verdwijnt van het display. •• De geluidsniveaulampjes en het ‘link’-lampje (Verbinding) keren terug naar hun normale helderheid. •• De achtergrondverlichting van het display brandt weer op volle sterkte. •• De geluidsalarmen gaan uit op het normale geluidsniveau. 6.5 Alarm wanneer de batterij van de babyunit bijna leeg is 1 Wanneer de babyunit op batterijstroom werkt en de batterijen bijna leeg zijn, geeft de ouderunit de volgende signalen: •• De tekst ‘BABY UNIT’ (Babyunit) verschijnt op de eerste regel van het berichtveld in het display. •• Het bericht ‘Change batteries’ (Batterijen vervangen) loopt op de tweede regel over het scherm. •• De ouderunit piept iedere 10 seconden tijdens de eerste 3 minuten. Na deze 3 minuten piept de ouderunit iedere minuut. 2 Als u de batterijen niet op tijd vervangt, wordt de verbinding met de babyunit verbroken. •• Het bericht ‘Not linked’ (Niet gelinkt) en ‘Change batteries’ (Batterijen vervangen) wisselen elkaar af op de tweede regel van het berichtveld. D Opmerking: Als de batterijen van de ouderunit en de babyunit tegelijkertijd bijna leeg zijn, verschijnt eerst het bericht over de ouderunit op het display. Wanneer de ouderunit opgeladen is, verschijnt het bericht over de babyunit op het display van de ouderunit. De batterijladingsstatus wordt op het display aangeduid door de batterijstatusindicator en door tekstberichten. 6.6.1 Accu bijna leeg Wanneer de oplaadbare batterijen bijna leeg zijn, is de resterende gebruiksduur ten minste 30 minuten als de babyfoon in normale modus op de hoogste instellingen werkt. 1 De batterijstatusaanduiding op het display is leeg en knippert. 2 Het bericht ‘BATTERY LOW’ (Batterij bijna leeg) verschijnt op het display. 3 Het batterijstatuslampje knippert langzaam rood. 4 De ouderunit piept iedere 10 seconden in de eerste 3 minuten. Vervolgens piept deze iedere minuut. D Opmerking: Als u de ouderunit inschakelt wanneer de oplaadbare batterijen bijna leeg zijn, gaat het display aan. Het bericht ‘BATTERY LOW’ (Batterij bijna leeg) verschijnt 2 seconden op het display voor de ouderunit uitschakelt. 6.6.3 Opladen Steek de kleine stekker in de oplader en de adapter in het stopcontact. Plaats de ouderunit in de oplader. Wanneer de ouderunit wordt opgeladen, gebeurt het volgende achtereenvolgens: 1 Het display gaat 4 seconden aan en de tekst ‘CHARGING’ (Opladen) verschijnt 2 seconden op het scherm. 2 Het batterijstatuslampje blijft groen branden wanneer de ouderunit op netstroom is aangesloten. 3 Het eerste segment in de batterijstatusaanduiding begint te knipperen om aan te geven dat de oplaadbare batterijen worden opgeladen. 6.6.2 Batterij leeg 1 Als de oplaadbare batterijen bijna leeg zijn, knippert het batterijstatuslampje snel rood. 4 2 Het tweede segment in de batterijstatusaanduiding begint te knipperen wanneer de oplaadbare batterijen tot meer dan 30% van hun capaciteit zijn opgeladen. Als u de ouderunit niet op netspanning aansluit, gebeurt het volgende achtereenvolgens: 1 De verbinding met de babyunit valt weg. 2 Het display gaat uit. 3 De ouderunit schakelt uit. 249 NE DE RL AN DS 6.6 Batterijstatusaanduidingen 5 Het derde segment in de batterijstatusaanduiding begint te knipperen wanneer de oplaadbare batterijen tot meer dan 50% van hun capaciteit zijn opgeladen. D Opmerking: Als de oplaadbare batterijen erg snel leegraken, hebben zij het einde van hun levensduur bereikt en moet u ze vervangen. Zie hoofdstuk ‘Accessoires bestellen’ als u nieuwe oplaadbare batterijen wilt bestellen. 6.7 Signaalsterkte-indicator 6.7.1 In Smart Eco-modus 6 Wanneer de oplaadbare batterijen vol zijn, gebeurt het volgende: •• Het derde segment in de batterijstatusaanduiding stopt met knipperen. •• Het display gaat 4 seconden aan en het bericht ‘BATTERY FULL’ (Batterij vol) verschijnt op het display. De Smart Eco-modus is de standaardmodus. In deze modus hangt de sterkte van het DECTsignaal af van de afstand tussen de babyunit en de ouderunit. •• Als de signaalsterkte-indicator 4 balken heeft, is de verbinding tussen de babyunit en de ouderunit uitstekend. •• Als de signaalsterkte-indicator 1 balk of geen balken heeft, is het signaal van de babyunit erg zwak of niet beschikbaar. Plaats de ouderunit dichter bij de babyunit om een beter signaal te krijgen. 6.7.2 In Eco Max-modus 7 Haal de stekker van de ouderunit uit het stopcontact. De unit kan nu zonder snoer worden gebruikt. D Opmerking: U kunt de ouderunit opladen wanneer deze is uitgeschakeld. In dat geval is het display uitgeschakeld. Het batterijstatuslampje brandt, maar geeft de oplaadstatus niet aan. Dit lampje blijft aan en groen branden zolang de ouderunit op netstroom is aangesloten. 250 In deze modus is het DECT-signaal van de babyunit naar de ouderunit uitgeschakeld. •• De signaalsterkte-indicator heeft geen balken wanneer het DECT-signaal is uitgeschakeld, zelfs wanneer de ouderunit binnen bereik van de babyunit is. •• Wanneer de babyunit begint een DECTsignaal uit te zenden omdat de baby een geluid maakt, gaat het display aan en toont de signaalsterkte-indicator de kwaliteit van de verbinding tussen babyunit en ouderunit. •• Zie ‘Eco Max-modus’ in hoofdstuk ‘Menu van de ouderunit’ voor meer informatie over de Eco Max-modus. Met deze functie kunt u de ouderunit en de babyunit resetten naar de standaardinstellingen. 1 Schakel de unit uit. 2 Houd de - knop ingedrukt. 3 Schakel de unit opnieuw in terwijl u de - knop ingedrukt houdt. 7.1 Door het menu navigeren D Opmerking: Bepaalde menufuncties werken alleen wanneer de babyunit en de ouderunit zijn verbonden. 1 Druk op de MENU-knop om het menu te openen. 6.8.1 Standaardinstellingen Ouderunit •• Taal: Engels •• Luidsprekervolume: 3 •• Microfoongevoeligheid: 3 •• Nachtdimmodus: uit •• Temperatuuralarm: uit •• ‘Temperature low’-alarm (Temperatuur te laag): 14 °C •• ’Temperature high’-alarm (Temperatuur te hoog): 35 °C •• Temperatuurschaal: Celsius •• Vochtigheidsalarm: uit •• Eco Max-modus: uit •• Voedingstimer: 02:00 •• Voedingstimer: stop •• Trilalarm: uit •• Huiltrilalarm: uit •• Klok: verborgen •• Slaapliedjestimer: 15 min. •• Projectortimer: 15 min. Babyunit •• Luidsprekervolume: 4 •• Nachtlampje: uit •• Projector: uit •• Nachtlampinstelling: handmatig •• Slaapliedje: uit (slaapliedje 1 gekozen) 2 3 •• De eerste menuoptie verschijnt op het display. Gebruik de + knop om naar de volgende optie te gaan of de - knop om naar de vorige optie te gaan. D Opmerking: De pijl op het display geeft aan in welke richting u kunt navigeren. Druk op de knop OK om uw keuze te bevestigen. 7 Menu van de ouderunit Alle functies die worden beschreven in de volgende hoofdstukken, kunnen worden gebruikt via het menu van de ouderunit. 251 NE DE RL AN DS 6.8 Resetten D Opmerking: Druk op de knop MENU als u het menu wilt verlaten zonder veranderingen aan te brengen. Het menu sluit automatisch als er langer dan 20 seconden op geen enkele knop wordt gedrukt. 7.2 Gevoeligheid Met deze optie in het ouderunitmenu kunt u de microfoongevoeligheid van de babyunit instellen. De microfoongevoeligheid bepaalt welk geluidsniveau door de babyunit wordt opgevangen. U zult bijvoorbeeld willen kunnen horen als uw baby huilt, maar minder geïnteresseerd zijn in het gebrabbel. 1 Kies ‘Sensitivity’ (Gevoeligheid) in het menu met de knoppen + en -, en druk op OK om uw keuze te bevestigen. 2 Gebruik de + en - knoppen om de microfoongevoeligheid te verhogen of verlagen. De gevoeligheidsindicatie op het display heeft vier segmenten. •• Als alle vier segmenten gevuld zijn, is de gevoeligheid op het hoogste niveau. 7.2.1 Gevoeligheidsniveaus en -aanduidingen Pictogram Gevoeligheid Beschrijving hoogst Hoor alle geluiden die uw baby maakt. De luidspreker van de ouderunit is ononderbroken ingeschakeld. hoog Hoor alle geluiden vanaf zacht gebrabbel en luider. Als uw baby geen geluid maakt, wordt de luidspreker van de ouderunit uitgeschakeld. gemiddeld Hoor geluiden vanaf zachte kreetjes en luider. Als uw baby zachtere geluiden maakt, wordt de luidspreker van de ouderunit niet ingeschakeld. laag De luidspreker van de ouderunit schakelt alleen in als de baby luide geluiden maakt, bijvoorbeeld wanneer de baby huilt. 7.3 Eco Max-modus •• Als alle segmenten leeg zijn, is de gevoeligheid op het laagste niveau. 3 252 Druk op OK om de instelling te bevestigen. Deze babyfoon is voorzien van de Smart Ecomodus, waardoor het DECT-signaal van de babyunit automatisch wordt verzwakt wanneer de afstand tussen de ouderunit en de babyunit kleiner wordt. Door een zwakker radiosignaal te verzenden, wordt er energie bespaard. Als u nog meer energie wilt besparen en radiooverdracht wilt stoppen, activeert u de Eco Max-modus via het menu op de ouderunit. In deze modus is het DECT-signaal van de babyunit uitgeschakeld. Zodra de baby geluid maakt, wordt het DECT-signaal automatisch ingeschakeld. D Opmerking: Het waarschuwingsbericht loopt twee keer over het display. Als u niet op OK drukt, wordt het menu op de ouderunit gesloten en wordt de Eco Max-modus niet ingeschakeld. •• De Eco Max-aanduiding knippert op het display en het ‘link’-lampje (Verbinding) knippert langzaam groen. 7.3.1 Let op het volgende: •• Controleer voor u de Eco Max-modus in het menu van de ouderunit kiest, of de ouderunit en babyunit zich binnen bereik bevinden. Zie ‘Bereik’ in hoofdstuk ‘De babyfoon gebruiken’. In de Eco Max-modus ontvangt u geen feedback wanneer de ouderunit zich buiten bereik van de babyunit bevindt. U kunt de verbinding controleren door op een willekeurige knop op de ouderunit te drukken. •• Als er geen radio-overdracht van de babyunit naar de ouderunit plaatsvindt in de Eco Maxmodus, zijn de geluidsniveaulampjes uit. De geluidsniveaulampjes gaan aan wanneer de babyunit radio-overdracht opnieuw activeert omdat de baby een geluid boven het gekozen gevoeligheidsniveau maakt. •• Als u de babyfoon wilt bedienen in de Eco Max-modus, zorg er dan voor dat de microfoongevoeligheid is ingesteld tussen niveau 1 en 3. Als de microfoongevoeligheid op niveau 4 is ingesteld, schakelt de babyunit de radio-overdracht niet uit in de Eco Maxmodus. 7.3.2 De Eco Max-modus activeren 1 2 3 Kies ‘Eco Max’ in het menu met de knoppen + en -, en druk op OK om uw keuze te bevestigen. Druk op OK als op het display ‘Turn On’ (Inschakelen) verschijnt om de Eco Maxmodus in te schakelen. Het waarschuwingsbericht ‘!No alert if out of range, OK?’ (Geen alarm wanneer buiten bereik) verschijnt op het display. Druk op OK om uw keuze te bevestigen. •• Als de ouderunit een signaal van de babyunit ontvangt omdat de baby een geluid maakt, wordt het ‘link’-lampje (Verbinding) groen. 7.3.3 De Eco Max-modus deactiveren 1 2 3 Druk op de knop MENU. Gebruik de knoppen + en - om ‘Eco Max’ te kiezen en druk op OK om uw keuze te bevestigen. Gebruik de + en - knoppen om ‘Turn Off ’ (Uitschakelen) te kiezen en druk op OK om uw keuze te bevestigen. 7.4 Voedingstimer U kunt de voedingstimer instellen om u te waarschuwen dat het tijd is om uw baby te voeden. De timer kan van 1 minuut tot 23 uur en 59 minuten worden ingesteld. 7.4.1 De voedingstimer instellen en gebruiken 1 2 Gebruik in het menu de knoppen + en - om ‘Feed Timer’ (Voedingstimer) te selecteren en druk op OK om uw keuze te bevestigen. Kies ‘Set Timer’ (Timerinstelling) met de knoppen + en -, en druk op OK om het instellen van de timer te starten. •• De uuraanduiding begint op het display te knipperen. 253 NE DE RL AN DS C Let op: In de Eco Max-modus ontvangt de ouderunit met vertraging feedback van de babyunit. Wanneer uw baby geluid maakt, moet de babyunit eerst de radio-overdracht opnieuw activeren voordat deze feedback naar de ouderunit kan sturen. 3 4 5 Stel het uur in en druk op OK om uw keuze te bevestigen. •• De minutenaanduiding begint op het display te knipperen. Stel de minuten in en druk op OK om uw keuze te bevestigen. Gebruik de knoppen + en - om ‘xx:xx Start’ (xx:xx starten) te selecteren. Druk op OK om uw keuze te bevestigen. •• Het timersymbool verschijnt op het display. •• De timer begint af te tellen. 2 3 4 7.4.3 De voedingstimer herhalen 1 2 6 Wanneer de timer 00:00 heeft bereikt, gaat de voedingstimerwaarschuwing af, begint het timersymbool op het display te knipperen en loopt het bericht ‘TIMER END’ (Einde timer) over het display. 7 Druk op een willekeurige knop om het alarm uit te schakelen. Als u het alarm niet stopt, stopt het na 2 minuten automatisch. 7.4.2 Het voedingstimeralarm instellen 1 254 Na stap 5 in ‘De voedingstimer instellen en gebruiken’ gebruikt u de knoppen + en - om ‘Timer Alert’ (Timeralarm) te selecteren. Druk op OK om uw keuze te bevestigen. Gebruik de knoppen + en - om een van de alarmopties te kiezen. U kunt kiezen uit alleen geluid, geluid en trillen of alleen trillen. Druk op OK om uw keuze te bevestigen. Gebruik de knoppen + en - om ‘xx:xx Start’ (xx:xx starten) te selecteren en druk op OK om de voedingstimerfunctie te activeren. Als het voedingstimeralarm afgaat, drukt u op een willekeurige toets om de voedingstimer en het voedingstimeralarm te stoppen. 3 4 Na stap 5 in ‘De voedingstimer instellen en gebruiken’ of nadat u het voedingstimeralarm hebt ingesteld, gebruikt u de knoppen + en - om ‘Timer repeat’ (Timer herhalen) te selecteren. Druk op OK om uw keuze te bevestigen. Kies ‘Repeat ON’ (Herhalen aan) of ‘Repeat OFF’ (Herhalen uit) en druk op OK om uw keuze te bevestigen. Gebruik de knoppen + en - om ‘xx:xx Start’ (xx:xx starten) te selecteren en druk op OK om de herhaling voor de voedingstimerfunctie te activeren. •• In plaats van het normale timersymbool verschijnt het timerherhalingssymbool op het display. Wanneer u op een willekeurige toets drukt om het voedingstimeralarm te stoppen of als het alarm automatisch stopt na 2 minuten, begint de voedingstimer opnieuw af te tellen. 1 2 Druk op de menuknop en kies ‘Feed Timer’ (Voedingstimer). Gebruik de knoppen + en - om ‘Stop & Reset’ (Beëindigen en opnieuw instellen) te selecteren en druk op OK om uw keuze te bevestigen. 7.5 Temperatuur Een baby slaapt comfortabel bij een temperatuur tussen 16 °C en 20 °C. U kunt een minimumen maximumtemperatuurbereik en een alarm instellen om u te waarschuwen dat de temperatuur onder of boven het ingestelde minimum of maximaal ligt. 1 Gebruik in het menu de knoppen + en - om ‘Temperature’ (Temperatuur) te selecteren en druk op OK om uw keuze te bevestigen. 2 Gebruik de knoppen + en - om ‘Temp Range’ (Temperatuurbereik) te selecteren en druk op OK om uw keuze te bevestigen. •• De indicatie van de minimumtemperatuur begint op het display te knipperen. 3 Gebruik de knoppen + en - om het minimale temperatuurbereik in te stellen tussen 10 °C en 19 °C. Druk op OK om uw keuze te bevestigen. •• De indicatie van de maximumtemperatuur begint op het display te knipperen. 4 Gebruik de knoppen + en - om het maximale temperatuurbereik in te stellen tussen 22 °C en 37 °C. Druk op OK om uw keuze te bevestigen. 5 Gebruik de knoppen + en - om ‘Alarm’ te selecteren. Druk op OK om uw keuze te bevestigen en te beginnen met het instellen van het temperatuuralarm. 6 Gebruik de knoppen + en - om een van de alarmopties te kiezen. U kunt kiezen uit alleen geluid, geluid en trillen, alleen trillen of alleen display. Druk op OK om uw keuze te bevestigen. •• Nadat u uw keuze voor de alarmoptie hebt bevestigd, verschijnt het temperatuuralarmsymbool op het display. 7 8 Gebruik de knoppen + en - om ‘Temp Scale’ (Temperatuurschaal) te selecteren. Druk op OK om uw keuze te bevestigen en te beginnen met het instellen van de opties voor de temperatuurschaal. Kies ‘Celsius’ of ‘Fahrenheit’ en druk op OK om uw keuze te bevestigen. •• De temperatuur in de ingestelde schaal verschijnt op het display. Als de temperatuur zich binnen het ingestelde bereik bevindt, heeft het temperatuuralarmsymbool twee segmenten. •• Als de temperatuur zich onder het ingestelde bereik bevindt, heeft het temperatuuralarmsymbool op het display slechts één segment en knippert het. Het bericht ‘TOO COLD’ (Te koud) verschijnt op het display. 255 NE DE RL AN DS 7.4.4 De timer stoppen •• Als de temperatuur zich boven het ingestelde bereik bevindt, heeft het temperatuuralarmsymbool op het display drie segmenten en knippert het. Het bericht ‘TOO HOT’ (Te warm) verschijnt op het display. 4 5 6 7.6 Vochtigheid De optimale vochtigheidsgraad ligt tussen 40% en 60%. De juiste vochtigheidsgraad is erg belangrijk want zo wordt uw baby beschermd tegen irritatie van de slijmvliezen, droge en geïrriteerde huid, schrale lippen en een droge, pijnlijke keel. Wanneer de slijmvliezen niet goed functioneren, wordt uw baby niet goed beschermd tegen allerlei ziektekiemen. Hierdoor is de kans groter dat uw baby verkouden wordt of griep krijgt en hierdoor vermindert de weerstand van de baby tegen infecties die worden veroorzaakt door schimmels en bacteriën. U kunt een vochtigheidsbereik en een alarm instellen om u te waarschuwen dat de vochtigheid buiten het ingestelde bereik ligt. 1 Gebruik in het menu de knoppen + en - om ‘Humidity’ (Vochtigheid) te selecteren en druk op OK om uw keuze te bevestigen. 2 Gebruik de knoppen + en - om ‘Hum Range’ (Vochtigheidsbereik) te selecteren en druk op OK om uw keuze te bevestigen. •• De indicatie van de minimumvochtigheid begint op het display te knipperen. 3 Gebruik de + en - knoppen om het minimale vochtigheidsbereik in te stellen van 20% tot 50%. Druk op OK om uw keuze te bevestigen. •• De indicatie van de maximumvochtigheid begint op het display te knipperen. 256 Gebruik de + en - knoppen om het maximale vochtigheidsbereik in te stellen van 51% tot 70%. Druk op OK om uw keuze te bevestigen. Gebruik de knoppen + en - om ‘Alarm’ te selecteren. Druk op OK om uw keuze te bevestigen en te beginnen met het instellen van het vochtigheidsalarm. Gebruik de knoppen + en - om een van de alarmopties te kiezen. U kunt kiezen uit alleen geluid, geluid en trillen, alleen trillen of alleen display. Druk op OK om uw keuze te bevestigen. •• Nadat u uw keuze voor de alarmoptie hebt bevestigd, verschijnt het vochtigheidsalarmsymbool op het display. •• Als de vochtigheid zich onder het ingestelde bereik bevindt, knipperen het vochtigheidalarmsymbool en de gemeten vochtigheid op het display. Het bericht ‘TOO DRY’ (Te droog) verschijnt op het display. 7.7 Huilalarm U kunt een huilalarm instellen om u te waarschuwen als de baby huilt. 1 Gebruik in het menu de knoppen + en - om ‘Cry alert’ (Huilalarm) te selecteren en druk op OK om uw keuze te bevestigen. 2 Gebruik de knoppen + en - om ‘Vibration ON’ (Trillen aan) te selecteren. Druk op OK om uw keuze te bevestigen. •• De huilalarmindicator verschijnt op het display. •• Het huilalarm gaat af wanneer het geluid in de babykamer zo luid is dat het vierde geluidsniveaulampje gaat branden. De ouderunit trilt en het bericht ‘Cry alert’ (Huilalarm) verschijnt 4 seconden op het display. Het huilalarm wordt elke 8 seconden herhaald tot het geluid minder luid wordt of u het huilalarm deactiveert. 3 Als u het huilalarm wilt deactiveren, kiest u in het menu de optie ‘Cry alert’ (Huilalarm) en kiest u met de + en - knoppen de optie ‘Vibration OFF’ (‘Trillen uit’). NE DE RL AN DS •• Als de vochtigheid zich boven het ingestelde bereik bevindt, knipperen het vochtigheidalarmsymbool en de gemeten vochtigheid op het display. Het bericht ‘TOO HUMID’ (Te vochtig) verschijnt op het display. 7.8 Klok De standaardinstelling voor de klok is verborgen. U kunt ervoor kiezen de klok weer te geven. U kunt de kloktijd instellen in het menu van de ouderunit. 1 Gebruik in het menu de knoppen + en - om ‘Set clock’ (Klok instellen) te selecteren en druk op OK om uw keuze te bevestigen. 2 Gebruik de knop + of - om ‘Show Time’ (Tijd weergeven) te kiezen en druk op OK om uw keuze te bevestigen. 3 Gebruik de knoppen + en - om ‘Set the time’ (Tijd instellen) te selecteren. Druk op OK om uw keuze te bevestigen en te beginnen met het instellen van de klok. 4 5 •• De uuraanduiding begint op het display te knipperen. Stel het uur in en druk op OK om uw keuze te bevestigen. •• De minutenaanduiding begint op het display te knipperen. Stel de minuten in en druk op OK om uw keuze te bevestigen. •• In het berichtveld van het display worden afwisselend de kloktijd en andere aanduidingen weergegeven. 257 7.9 Taal •• Nadat u op de knop + hebt gedrukt, wordt het bericht ‘Keys locked’ (Knoppen vergrendeld) op het display weergegeven in plaats van de temperatuur- en vochtigheidsindicatie. U kunt deze menuoptie gebruiken om de taalinstelling te wijzigen. 1 Gebruik in het menu de knoppen + en - om ‘Set language’ (Taal instellen) te selecteren en druk op OK om uw keuze te bevestigen. 2 Gebruik de knoppen + en - om uw taal te kiezen en druk op OK om uw keuze te bevestigen. 3 Als u de vergrendeling wilt deactiveren, drukt u op OK. Wanneer op het display de instructie verschijnt, dient u binnen 2 seconden op de knop + te drukken. D Opmerking: Deze optie verschijnt automatisch op het display wanneer u de ouderunit voor de eerste keer en na een reset inschakelt. 7.10 Vergrendeling U kunt de vergrendeling activeren om te voorkomen dat de knoppen per ongeluk worden ingedrukt wanneer u de ouderunit bij u draagt. 1 Druk op OK om de vergrendeling te activeren. 2 Druk binnen 2 seconden op de knop +. D Opmerking: Als u binnen 2 seconden op de knop + drukt, blijft de instructie op het display staan. 258 7.10.1 Opmerkingen •• Wanneer u op een andere knop dan OK drukt terwijl de vergrendeling actief is, wordt het display ingeschakeld en ziet u op de tweede regel hoe u de vergrendeling kunt deactiveren. •• Wanneer u op OK drukt terwijl de vergrendeling actief is, ziet u op de tweede regel op het display wat de tweede stap is waarmee u de knoppen ontgrendelt. •• Wanneer de knopvergrendeling actief is, kunt u het oproepsignaal en voedingstimeralarm beëindigen door op OK te drukken. In dat geval blijft de knopvergrendeling actief. •• Wanneer het huilalarm, het temperatuuralarm of het vochtigheidsalarm afgaat terwijl de vergrendeling actief is, deactiveert u eerst de vergrendeling en vervolgens via het menu het huilalarm of het temperatuuralarm. Bij de babyfoon wordt een handig nekkoord geleverd. Hiermee kunt u de ouderunit bij u dragen. 8.0.1 Bevestigen van het nekkoord 1 2 Steek de lus van het nekkoord in de opening aan de bovenkant van de ouderunit. Trek het nekkoord door de lus en trek het nekkoord strak. 9 Reiniging en onderhoud NE DE RL AN DS 8 Nekkoord B Waarschuwing: Dompel de ouderunit, de babyunit en de oplader van de ouderunit niet in water en maak deze onderdelen niet schoon onder de kraan. B Waarschuwing: Gebruik geen reinigingsspray of vloeibare schoonmaakmiddelen. 1 Trek de stekker van de babyunit en de oplader uit het stopcontact als deze op netspanning zijn aangesloten. 2 Maak de ouderunit, de oplader en de babyunit schoon met een droge doek. 3 Maak de adapters schoon met een droge doek. 10 Opbergen 8.0.2 Losmaken van het nekkoord 1 2 Haal het nekkoord door de lus. Trek de lus uit de opening aan de bovenkant van de ouderunit. Als u de babyfoon langere tijd niet gebruikt, doet u het volgende: •• Verwijder de niet-oplaadbare batterijen uit de babyunit. •• Verwijder de oplaadbare batterijen uit de ouderunit. •• Berg de ouderunit, de babyunit en de adapters op een koele en droge plaats op. 259 11 Accessoires bestellen Ga naar www.shop.philips.com/service of uw Philips-dealer om accessoires of reserveonderdelen aan te schaffen. U kunt ook contact opnemen met het Philips Consumer Care Centre in uw land (zie het ‘worldwide guarantee’vouwblad voor contactgegevens). Als er geen Consumer Care Centre in uw land is, gaat u naar uw plaatselijke Philips-dealer of een Philipsservicecentrum. 12 Garantie en ondersteuning Ga voor informatie of ondersteuning naar de Philips-website www.philips.com/support of neem contact op met het Philips Consumer Care Centre in uw land (zie het ‘worldwide guarantee’vouwblad voor contactgegevens). Als er geen Consumer Care Centre in uw land is, gaat u naar uw plaatselijke Philips-dealer of een Philipsservicecentrum. 13 Veelgestelde vragen In dit hoofdstuk vindt u de meestgestelde vragen over het apparaat. Als u het antwoord op uw vraag niet kunt vinden, gaat u naar www.philips.com/ support voor meer veelgestelde vragen of neemt u contact op met het Consumer Care Centre in uw land. 260 Wat is de Eco Max-modus? Hoe draagt deze modus bij aan een schoner milieu? •• De Eco Max-modus is speciaal ontwikkeld voor verlaging van het energieverbruik van uw babyfoon. Wanneer de afstand niet te groot is, kunt u de Eco Max-modus inschakelen. In deze modus verbruikt de babyfoon minder energie, wat gunstig is voor het milieu. Waarom gaan het aan-lampje van de babyunit en het ‘link’-lampje (Verbinding) van de ouderunit niet branden als ik op de aan/uitknoppen van de units druk? •• Mogelijk zijn de oplaadbare batterijen van de ouderunit leeg en is de ouderunit niet aangesloten op netspanning. Steek de kleine apparaatstekker in de ouderunit en steek de adapter in een stopcontact. Druk vervolgens op de aan/uitknop om verbinding te maken met de babyunit. •• Mogelijk zijn de niet-oplaadbare batterijen van de babyunit leeg en is de babyunit niet aangesloten op netspanning. Vervang de nietoplaadbare batterijen of sluit de babyunit aan op netspanning. Druk vervolgens op de aan/ uitknop om de verbinding met de ouderunit tot stand te brengen. •• Als het ‘link’-lampje (Verbinding) op de ouderunit nog steeds niet rood begint te knipperen, gebruik dan de resetfunctie om de units terug te zetten naar de standaardinstellingen. Waarom knippert het ‘link’-lampje (Verbinding) op de ouderunit ononderbroken rood en waarom staat het bericht ‘NOT LINKED’ (Niet gelinkt) of ‘I AM LINKING’ (Bezig met verbinden) op het display? •• De babyunit en de ouderunit bevinden zich buiten bereik van elkaar. Plaats de units dichter bij elkaar. •• De babyunit is mogelijk uitgeschakeld. Schakel de babyunit in. Waarom piept de ouderunit? •• Als de ouderunit piept terwijl het rode ‘link’-lampje (Verbinding) ononderbroken rood knippert en het bericht ‘NOT LINKED’ (Niet gelinkt) of ‘I AM LINKING’ (Bezig met verbinden) op het display staat, is er geen verbinding met de babyunit. Plaats de ouderunit dichter bij de babyunit of schakel de babyunit in, als deze uitgeschakeld is. •• Als de ouderunit piept en het batterijsymbool op het display leeg is, zijn de oplaadbare batterijen van de ouderunit bijna leeg. Laad de batterijen op. •• Als u het temperatuurbereik op de ouderunit hebt ingesteld en het temperatuuralarm is ingeschakeld, piept de ouderunit wanneer de temperatuur onder het ingestelde minimumniveau zakt of wanneer de temperatuur boven het ingestelde maximumniveau komt. •• Als u het vochtigheidsbereik op de ouderunit hebt ingesteld en het vochtigheidsalarm is ingeschakeld, piept de ouderunit wanneer de vochtigheid onder het ingestelde minimumniveau zakt of wanneer de vochtigheid boven het ingestelde maximumniveau komt. •• De babyunit is mogelijk uitgeschakeld. Schakel de babyunit in. Waarom hoor ik niets/Waarom kan ik mijn baby niet horen huilen? •• Het volume van de ouderunit kan te zacht staan of uitgeschakeld zijn. Zet het volume van de ouderunit harder. •• Het microfoongevoeligheidsniveau van de babyunit kan te laag zijn ingesteld. Stel in het menu van de ouderunit het microfoongevoeligheidsniveau hoger in. •• De babyunit en de ouderunit bevinden zich mogelijk buiten bereik van elkaar. Verklein de afstand tussen de units. Waarom reageert de ouderunit te snel op andere geluiden? •• De babyunit vangt ook andere geluiden op dan die van uw baby. Plaats de babyunit dichter bij de baby (houd ten minste 1 meter afstand). •• Het microfoongevoeligheidsniveau van de babyunit kan te hoog zijn ingesteld. Stel in het menu van de ouderunit het microfoongevoeligheidsniveau lager in. Waarom reageert de ouderunit langzaam op het gehuil van de baby? •• Het microfoongevoeligheidsniveau van de babyunit kan te laag zijn ingesteld. Stel in het menu van de ouderunit het microfoongevoeligheidsniveau hoger in. •• De Eco Max-modus is ingeschakeld en de babyunit schakelt het DECT signaal alleen in wanneer de baby geluiden maakt. Schakel de Eco Max-modus uit om ervoor te zorgen dat de babyunit constant DECT-signalen uitzendt en de ouderunit sneller op de geluiden van uw baby reageert. Waarom geeft het apparaat een hoge pieptoon? •• De units staan mogelijk te dicht bij elkaar. Zorg dat de ouderunit en de babyunit ten minste 1 meter bij elkaar vandaan staan. •• Het volume van de ouderunit kan te hard staan. Zet het volume van de ouderunit zachter. 261 NE DE RL AN DS Waarom knippert het batterijstatuslampje op de babyunit rood? •• De niet-oplaadbare batterijen van de babyunit zijn bijna leeg. Vervang de niet-oplaadbare batterijen of sluit de babyunit aan op netspanning (zie hoofdstuk ‘Klaarmaken voor gebruik’). Waarom raken de niet-oplaadbare batterijen van de babyunit zo snel leeg? •• Het microfoongevoeligheidsniveau van de babyunit kan te hoog zijn ingesteld, waardoor de babyunit vaker een signaal uitzendt. Stel in het menu van de ouderunit het microfoongevoeligheidsniveau lager in. •• Het volume op de babyunit kan te hoog zijn ingesteld, waardoor de babyunit veel energie verbruikt. Zet het volume van de babyunit lager. •• U hebt mogelijk een maximumtemperatuurbereik ingesteld dat lager is dan de kamertemperatuur of een minimumtemperatuurbereik dat hoger is dan de kamertemperatuur. De babyunit blijft gegevens versturen naar de ouderunit en verbruikt daarom meer stroom. Hierdoor raken de nietoplaadbare batterijen van de babyunit eerder leeg. •• U hebt mogelijk een maximumvochtigheidsbereik ingesteld dat lager is dan de vochtigheid in de kamer of een minimumvochtigheidsbereik dat hoger is dan de vochtigheid in de kamer. De babyunit blijft gegevens versturen naar de ouderunit en verbruikt daarom meer stroom. Hierdoor raken de niet-oplaadbare batterijen van de babyunit eerder leeg. •• Misschien hebt u het nachtlampje ingeschakeld. Als u het nachtlampje wilt gebruiken, adviseren wij u de babyunit op netspanning te laten werken. Waarom duurt het opladen van de ouderunit langer dan 10 uur? •• De ouderunit was mogelijk ingeschakeld tijdens het opladen. Schakel de ouderunit uit tijdens het opladen. 262 Het opgegeven bereik van de babyfoon is 330 meter. Hoe komt het dat het bereik van mijn babyfoon veel kleiner is? •• Het opgegeven bereik geldt alleen in de open lucht. Binnen wordt het effectieve bereik beperkt door het aantal en het soort muren en/of plafonds tussen de babyunit en ouderunit. Binnenshuis is het bereik beperkt tot 50 meter. Waarom wordt de verbinding af en toe verbroken? Waarom valt het geluid weg? •• De babyunit en de ouderunit staan mogelijk dichtbij de grens van het effectieve zendbereik. Probeer een andere plek of plaats de units iets dichter bij elkaar. Denk erom dat het elke keer ongeveer 30 seconden duurt voor opnieuw verbinding is gemaakt tussen de units. •• U hebt de unit mogelijk naast een zender of een ander DECT-apparaat geplaatst, zoals een DECT-telefoon of een andere babyfoon van 1,8GHz/1,9GHz. Plaats de unit verder weg van andere apparaten tot er weer verbinding is. Wat gebeurt er tijdens een stroomstoring? •• Als de ouderunit voldoende is opgeladen, blijft deze werken tijdens een stroomstoring. Als er batterijen in de babyunit zitten, blijft deze ook tijdens een stroomstoring werken. Is mijn babyfoon beveiligd tegen afluisteren en storingen? •• De DECT-technologie van deze babyfoon biedt afdoende garantie tegen storing van andere apparatuur en afluisteren. NE DE RL AN DS De gebruikstijd van de ouderunit zou maximaal 18 uur moeten zijn. Waarom is de gebruikstijd van mijn ouderunit korter? •• Wanneer de ouderunit voor het eerst is opgeladen, is de gebruikstijd minder dan 18 uur. De oplaadbare batterijen bereiken hun maximale capaciteit pas als ze minstens vier keer opgeladen en leeggebruikt zijn geweest. •• Het volume van de ouderunit kan te hoog zijn ingesteld, waardoor de ouderunit te veel energie verbruikt. Zet het volume van de ouderunit lager. •• Het microfoongevoeligheidsniveau van de babyunit kan te hoog zijn ingesteld. Hierdoor verbruikt de ouderunit veel energie. Stel in het menu van de ouderunit het microfoongevoeligheidsniveau lager in. Waarom duurt het even voordat de batterijstatusaanduiding op het display te verschijnt als ik de ouderunit oplaad terwijl deze is uitgeschakeld? •• Dit is normaal. De ouderunit heeft enkele seconden nodig om in te schakelen wanneer u de unit op netspanning aansluit terwijl deze uitgeschakeld is. Wanneer de ouderunit op netspanning is aangesloten, moet deze eerst detecteren dat hij wordt opgeladen en moet het oplaadniveau worden gemeten voor de batterijstatusaanduiding kan worden getoond. Waarom raken de oplaadbare batterijen van de ouderunit zo snel leeg? •• De oplaadbare batterijen hebben het einde van hun levensduur bereikt. U moet ze vervangen. Zie hoofdstuk ‘Accessoires bestellen’ als u nieuwe oplaadbare batterijen wilt bestellen. 263
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52
  • Page 53 53
  • Page 54 54
  • Page 55 55
  • Page 56 56
  • Page 57 57
  • Page 58 58
  • Page 59 59
  • Page 60 60
  • Page 61 61
  • Page 62 62
  • Page 63 63
  • Page 64 64
  • Page 65 65
  • Page 66 66
  • Page 67 67
  • Page 68 68
  • Page 69 69
  • Page 70 70
  • Page 71 71
  • Page 72 72
  • Page 73 73
  • Page 74 74
  • Page 75 75
  • Page 76 76
  • Page 77 77
  • Page 78 78
  • Page 79 79
  • Page 80 80
  • Page 81 81
  • Page 82 82
  • Page 83 83
  • Page 84 84
  • Page 85 85
  • Page 86 86
  • Page 87 87
  • Page 88 88
  • Page 89 89
  • Page 90 90
  • Page 91 91
  • Page 92 92
  • Page 93 93
  • Page 94 94
  • Page 95 95
  • Page 96 96
  • Page 97 97
  • Page 98 98
  • Page 99 99
  • Page 100 100
  • Page 101 101
  • Page 102 102
  • Page 103 103
  • Page 104 104
  • Page 105 105
  • Page 106 106
  • Page 107 107
  • Page 108 108
  • Page 109 109
  • Page 110 110
  • Page 111 111
  • Page 112 112
  • Page 113 113
  • Page 114 114
  • Page 115 115
  • Page 116 116
  • Page 117 117
  • Page 118 118
  • Page 119 119
  • Page 120 120
  • Page 121 121
  • Page 122 122
  • Page 123 123
  • Page 124 124
  • Page 125 125
  • Page 126 126
  • Page 127 127
  • Page 128 128
  • Page 129 129
  • Page 130 130
  • Page 131 131
  • Page 132 132
  • Page 133 133
  • Page 134 134
  • Page 135 135
  • Page 136 136
  • Page 137 137
  • Page 138 138
  • Page 139 139
  • Page 140 140
  • Page 141 141
  • Page 142 142
  • Page 143 143
  • Page 144 144
  • Page 145 145
  • Page 146 146
  • Page 147 147
  • Page 148 148
  • Page 149 149
  • Page 150 150
  • Page 151 151
  • Page 152 152
  • Page 153 153
  • Page 154 154
  • Page 155 155
  • Page 156 156
  • Page 157 157
  • Page 158 158
  • Page 159 159
  • Page 160 160
  • Page 161 161
  • Page 162 162
  • Page 163 163
  • Page 164 164
  • Page 165 165
  • Page 166 166
  • Page 167 167
  • Page 168 168
  • Page 169 169
  • Page 170 170
  • Page 171 171
  • Page 172 172
  • Page 173 173
  • Page 174 174
  • Page 175 175
  • Page 176 176
  • Page 177 177
  • Page 178 178
  • Page 179 179
  • Page 180 180
  • Page 181 181
  • Page 182 182
  • Page 183 183
  • Page 184 184
  • Page 185 185
  • Page 186 186
  • Page 187 187
  • Page 188 188
  • Page 189 189
  • Page 190 190
  • Page 191 191
  • Page 192 192
  • Page 193 193
  • Page 194 194
  • Page 195 195
  • Page 196 196
  • Page 197 197
  • Page 198 198
  • Page 199 199
  • Page 200 200
  • Page 201 201
  • Page 202 202
  • Page 203 203
  • Page 204 204
  • Page 205 205
  • Page 206 206
  • Page 207 207
  • Page 208 208
  • Page 209 209
  • Page 210 210
  • Page 211 211
  • Page 212 212
  • Page 213 213
  • Page 214 214
  • Page 215 215
  • Page 216 216
  • Page 217 217
  • Page 218 218
  • Page 219 219
  • Page 220 220
  • Page 221 221
  • Page 222 222
  • Page 223 223
  • Page 224 224
  • Page 225 225
  • Page 226 226
  • Page 227 227
  • Page 228 228
  • Page 229 229
  • Page 230 230
  • Page 231 231
  • Page 232 232
  • Page 233 233
  • Page 234 234
  • Page 235 235
  • Page 236 236
  • Page 237 237
  • Page 238 238
  • Page 239 239
  • Page 240 240
  • Page 241 241
  • Page 242 242
  • Page 243 243
  • Page 244 244
  • Page 245 245
  • Page 246 246
  • Page 247 247
  • Page 248 248
  • Page 249 249
  • Page 250 250
  • Page 251 251
  • Page 252 252
  • Page 253 253
  • Page 254 254
  • Page 255 255
  • Page 256 256
  • Page 257 257
  • Page 258 258
  • Page 259 259
  • Page 260 260
  • Page 261 261
  • Page 262 262
  • Page 263 263
  • Page 264 264
  • Page 265 265
  • Page 266 266
  • Page 267 267
  • Page 268 268
  • Page 269 269
  • Page 270 270
  • Page 271 271
  • Page 272 272
  • Page 273 273
  • Page 274 274
  • Page 275 275
  • Page 276 276
  • Page 277 277
  • Page 278 278
  • Page 279 279
  • Page 280 280
  • Page 281 281
  • Page 282 282
  • Page 283 283
  • Page 284 284
  • Page 285 285
  • Page 286 286
  • Page 287 287
  • Page 288 288
  • Page 289 289
  • Page 290 290
  • Page 291 291
  • Page 292 292
  • Page 293 293
  • Page 294 294
  • Page 295 295
  • Page 296 296
  • Page 297 297
  • Page 298 298
  • Page 299 299
  • Page 300 300
  • Page 301 301
  • Page 302 302
  • Page 303 303
  • Page 304 304
  • Page 305 305
  • Page 306 306
  • Page 307 307
  • Page 308 308
  • Page 309 309
  • Page 310 310
  • Page 311 311
  • Page 312 312
  • Page 313 313
  • Page 314 314
  • Page 315 315
  • Page 316 316
  • Page 317 317
  • Page 318 318
  • Page 319 319
  • Page 320 320
  • Page 321 321
  • Page 322 322
  • Page 323 323
  • Page 324 324
  • Page 325 325
  • Page 326 326
  • Page 327 327
  • Page 328 328
  • Page 329 329
  • Page 330 330
  • Page 331 331
  • Page 332 332
  • Page 333 333
  • Page 334 334
  • Page 335 335
  • Page 336 336
  • Page 337 337
  • Page 338 338
  • Page 339 339
  • Page 340 340
  • Page 341 341
  • Page 342 342
  • Page 343 343
  • Page 344 344
  • Page 345 345
  • Page 346 346
  • Page 347 347
  • Page 348 348
  • Page 349 349
  • Page 350 350
  • Page 351 351
  • Page 352 352
  • Page 353 353
  • Page 354 354
  • Page 355 355
  • Page 356 356
  • Page 357 357
  • Page 358 358
  • Page 359 359
  • Page 360 360
  • Page 361 361
  • Page 362 362
  • Page 363 363
  • Page 364 364
  • Page 365 365
  • Page 366 366
  • Page 367 367
  • Page 368 368
  • Page 369 369
  • Page 370 370
  • Page 371 371
  • Page 372 372
  • Page 373 373
  • Page 374 374
  • Page 375 375
  • Page 376 376
  • Page 377 377
  • Page 378 378
  • Page 379 379
  • Page 380 380
  • Page 381 381
  • Page 382 382
  • Page 383 383
  • Page 384 384
  • Page 385 385
  • Page 386 386
  • Page 387 387
  • Page 388 388
  • Page 389 389
  • Page 390 390
  • Page 391 391
  • Page 392 392
  • Page 393 393
  • Page 394 394
  • Page 395 395
  • Page 396 396
  • Page 397 397
  • Page 398 398
  • Page 399 399
  • Page 400 400

Avent SCD580 Handleiding

Categorie
Babyfoons
Type
Handleiding
Deze handleiding is ook geschikt voor