Roche ACCU-CHEK Inform II Handleiding

Type
Handleiding
Accu-Chek
®
Inform II
SYSTEEM VOOR DE BEPALING VAN BLOEDGLUCOSE
Supplement voor de
Handleiding v4
Wijzigingen in SW 03.05 t.o.v.
SW 03.04 en aanvullende
wijzigingen van Handleiding v4
2
Overzicht van herzieningen
Toepassing
Dit document geeft naast een beschrijving van de wijzigingen van en de nieuwe functies in
SW 03.05 correcties op de informatie in Accu-Chek Inform II Handleiding versie 4.0.
Dit supplement is geldig voor en bedoeld voor gebruik tezamen met de Accu-Chek Inform II
Handleiding versie 4.0. Het is geen vervanging van de volledige Accu-Chek Inform II Handleiding
versie 4.0.
© 2014, Roche Diagnostics. Alle rechten voorbehouden.
De inhoud van dit document, inclusief alle afbeeldingen, is het eigendom van Roche Diagnostics.
Geen enkel onderdeel van dit document mag, voor welk doel dan ook, op enigerlei wijze of in
enigerlei vorm worden verveelvoudigd of verzonden (elektronisch of mechanisch) zonder de
uitdrukkelijke schriftelijke toestemming van Roche Diagnostics. Roche Diagnostics heeft alle in
redelijkheid te verwachten moeite gedaan om er voor te zorgen, dat de in deze gebruiksaanwij-
zing weergegeven informatie op het tijdstip van drukken correct is. Roche Diagnostics behoudt
zich echter het recht voor om hierin zonder voorafgaande kennisgeving de uit voortgaande pro-
ductontwikkeling voortvloeiende noodzakelijke wijzigingen aan te brengen.
Voor vragen en opmerkingen over dit document kunt u contact opnemen met de lokale verte-
genwoordiging van Roche Diagnostics.
ACCU-CHEK, ACCU-CHEK INFORM en COBAS zijn merken van Roche.
Alle overige handelsmerken zijn het eigendom van hun respectieve eigenaars.
Versie van het
document
Herzieningsdatum Wijzigingen
Versie 1.0 2014-01 Nieuw document, gemaakt voor SW 03.05 en als aan-
vullende wijziging van de Handleiding versie 4.0 voor
SW 03.04.
Versie 2.0 2014-10 Kleine wijzigingen (pagina's 4, 12, 13)
Lees de volledige Accu-Chek Inform II Handleiding versie 4.0 goed door.
3
Toepassing............................................................................................................................................ 2
1 Wat er nieuw is in SW 03.05 5
1.1 Wijziging van de werkstroom bij het plaatsen van de teststrips.............................................. 5
Beschrijving.......................................................................................................................................... 5
Teststrip in de meter plaatsen....................................................................................................... 6
1.2 Meer ondersteunde talen ....................................................................................................................... 7
2 Aanvullende wijzigingen van de Handleiding versie 4.0 8
2.1 Correcties...................................................................................................................................................... 8
Handleiding v4.0, pagina 139 ........................................................................................................ 8
Handleiding v4.0, pagina 143 ........................................................................................................ 8
Handleiding v4.0, pagina 144 ........................................................................................................ 9
Handleiding v4.0, pagina 155 ........................................................................................................ 9
Handleiding v4.0, pagina 157 ...................................................................................................... 10
2.2 Aanvullende informatie voor hoofdstuk 3
”Glucosebepalingen van patiëntenmonsters”............................................................................... 11
Verkrijgen van een bloedmonster.............................................................................................. 11
2.3 Aanvullende informatie voor hoofdstuk A.2
”Voorbeelden van barcodesystemen” .............................................................................................. 12
4
Deze pagina is met opzet blanco gelaten.
Wat er nieuw is in SW 03.05
5
1 Wat er nieuw is in SW 03.05
1.1 Wijziging van de werkstroom bij het plaatsen van de teststrips
Beschrijving In SW 03.05 verschijnt nadat de teststrip is geplaatst het
zandlopersymbool op de display om aan te geven, dat de
meter bezig is met het controleren van de teststrip.
Deze nieuwe werkstroom is telkens van toepassing als u
een meting uitvoert, ongeacht of dit nu een glucosebepa-
ling van een patiëntenmonster, een controlemateriaal,
een monster van een ringonderzoek of een lineariteits-
oplossing is.
Wat er nieuw is in SW 03.05
6
Teststrip in de meter plaatsen Na bevestiging van het charge(lot)nummer van de test-
strip knippert een groene pijl op de display en wordt u
gevraagd om de teststrip in de meter te plaatsen.
1 Neem de teststrip uit de flacon en sluit de flacon
direct weer af met de dop.
2 Houd de teststrip vast met de belettering
”ACCU-CHEK” naar boven.
3 Schuif de teststrip in de richting van de pijlen op de
teststrip zo ver mogelijk in de uitsparing voor de
teststrip.
De meter geeft een akoestisch signaal. Het zandloper-
symbool verschijnt op de display en geeft aan, dat de
meter bezig is met het controleren van de teststrip. Zuig
geen bloed op, terwijl dit symbool op de display wordt
weergegeven.
Patiëntentest
Patiënt 123456789
Strip lotnr. 545794
12:48
18.09.13
Patiëntentest
Patiënt 123456789
Strip lotnr. 545794
12:48
18.09.13
Wat er nieuw is in SW 03.05
7
1.2 Meer ondersteunde talen
Met SW 03.05 ondersteunt de software van de
Accu-Chek Inform II-meter software meer talen in de
gebruikersinterface. Neem contact op met de lokale ver-
tegenwoordiging van Roche Dianostics voor meer infor-
matie over de beschikbaarheid van de talenpakketen.
Aanvullende wijzigingen van de Handleiding versie 4.0
8
2 Aanvullende wijzigingen van de Handleiding
versie 4.0
2.1 Correcties
De volgende informatie in de internationale Engelstalige
Handleiding versie 4.0 (master-document
0 4807839001 (04) 2012-11 EN) en in de vertalingen
hiervan was niet correct.
Handleiding v4.0, pagina 139 Oud:
ammoniumchloride (tot maximaal 0,25 % van elke
quaternaire ammoniumverbinding) met isopropyl-
alcohol (maximaal 55 %)*
Nieuw:
quarternaire ammoniumverbindingen tot maximaal
0,5 % (enkele verbinding of mengsel) in maximaal
55 % isopropylalcohol (isopropanol)*
Handleiding v4.0, pagina 143 Oud:
Nieuw:
Specificatie Meter
Geheugencapaciteit 3.000 gebruikers-ID’s
Specificatie Meter
Geheugencapaciteit 5.000 gebruikers-ID’s
Aanvullende wijzigingen van de Handleiding versie 4.0
9
Handleiding v4.0, pagina 144 Oud:
Nieuw:
Handleiding v4.0, pagina 155 Oud:
Nieuw:
Specificatie Codechipreader
Bewaartemperatuur 2 °C tot 25 °C
36 °F tot 77 °F
Relatieve luchtvochtig-
heid (bewaring)
< 93 %
Specificatie Codechipreader
Gebruikstemperatuur 3 °C tot 50 °C
37 °F tot 122 °F
Bewaartemperatuur
(bewaring voor korte tijd)
3 °C tot 50 °C
37 °F tot 122 °F
Relatieve luchtvochtig-
heid
(bewaring voor korte tijd)
< 93 %
WLAN-instellingen (veiligheid)
Veiligheidstype* 0: open (geen veiligheid/
cijferschrift)
1: WEP
2: WPA_PSK (WPA met
vooraf gedeelde sleutel)
3: WEP2
4: EAP**
0NJ
WLAN-instellingen (veiligheid)
Veiligheidstype* 0: open (geen veiligheid/
cijferschrift)
1: WEP
2: WPA_PSK (WPA met
vooraf gedeelde sleutel)
3: -
4: EAP**
0NJ
Aanvullende wijzigingen van de Handleiding versie 4.0
10
Handleiding v4.0, pagina 157 Oud:
Nieuw:
(Instelling ”3” wordt niet gebruikt)
veiligheids_type cijferschrift_type wep_veri_type wep_sleutel wpa_sleutel_type wpa_sleutel wpa_toegangstekst
3 - WEP2 4 - WEP40 0 - open /
1 - gedeeld
10 tekens
HEX
---
3 - WEP2 5 - WEP40 0 - open /
1 - gedeeld
26 tekens
HEX
---
veiligheids_type cijferschrift_type wep_veri_type wep_sleutel wpa_sleutel_type wpa_sleutel wpa_toegangstekst
3 - - - - ---
Aanvullende wijzigingen van de Handleiding versie 4.0
11
2.2 Aanvullende informatie voor hoofdstuk 3 ”Glucosebepalingen van
patiëntenmonsters”
Verkrijgen van een
bloedmonster
De geselecteerde prikplaats moet worden voorbereid en
het bloed van de patiënt moet worden verkregen conform
de hiervoor geldende richtlijnen van uw instelling of
laboratorium.
Aanbevelingen voor het verkrijgen van capillair bloed
Als er binnen uw instelling of laboratorium geen gel-
dende richtlijnen voor het verkrijgen van capillair bloed
van toepassing zijn, dient de hand van de patiënt (of de
hiel in het geval van kleine kinderen) met warm water en
zeep te worden gewassen en vervolgens goed te worden
afgedroogd. Als u doekjes met alcohol of andere desin-
fecteermiddelen gebruikt bij het verkrijgen van capillair
bloed, moet de huid van de patiënt goed droog zijn, voor-
dat u de vingerprik uitvoert om bloed te verkrijgen.
Gebruik voor iedere patiënt een prikpen voor eenmalig
gebruik met automatische blokkering. De prikpen moet
zijn bedoeld voor gebruik door medische beroepsbeoefe-
naren in een omgeving met meerdere patiënten. Volg de
gebruiksaanwijzingen van de fabrikant zorgvuldig op.
Wij bevelen aan om in de zijkant van de vingertop te
prikken, omdat de pijnprikkel op deze plaats het
kleinst is.
WAARSCHUWING
Mogelijk risico van onjuiste resultaten door op de
huid achtergebleven residuen
Sporen van voedsel op de vingers of restanten van
vettige verbindingen uit handcrèmes of zeep-
producten kunnen het monster contamineren en
tot onjuiste resultaten leiden. De prikplaats moet
grondig worden gewassen en met ruime hoeveel-
heden water worden afgespoeld.
Op de huid achtergebleven water of desinfecteer-
middel kan de bloeddruppel verdunnen en hier-
door tot onjuiste meetresultaten leiden. Nadat u de
prikplaats heeft gewassen en gedesinfecteerd ,
moet u ervoor zorgen dat de huid van de patiënt
goed droog is, voordat u de vingerprik uitvoert om
een monster capillair bloed te verkrijgen.
Aanvullende wijzigingen van de Handleiding versie 4.0
12
2.3 Aanvullende informatie voor hoofdstuk A.2 ”Voorbeelden van
barcodesystemen”
De op pagina 158 van de Handleiding versie 4.0 getoonde
voorbeelden van barcodes dienen uitsluitend ter illustra-
tie. Als ze zijn afgedrukt, kunnen ze worden gebruikt om
de barcodescanner te controleren. Ze zijn echter niet
bedoeld als referentie voor de grootte of de resolutie van
werkelijke barcodes voor patiënten- of gebruikersidentifi-
caties. Raadpleeg bij het vervaardigen van barcodes voor
patiënten of gebruikers altijd de relevante norm ISO/IEC
15421 voor de eisen aan grootte en resolutie.
Houdt u bij het vervaardigen van barcodes voor patiënten
of gebruikers altijd aan de van toepassing zijnde interna-
tionale IEC/ISO-normen voor het betreffende barcode-
systeem. Zorg er in het bijzonder voor, dat de grootte van
de barcode en de kwaliteit van de afgedrukte barcode
(zoals gedefinieerd in ISO/IEC 15421) toereikend zijn. Als
de afgedrukte grootte en/of kwaliteit ontoereikend zijn,
kan dit tot een onjuiste decodering leiden.
EAN 13-barcodes zijn, ofschoon veelvuldig gebruikt in
de detailhandel, minder aanbevelenswaardig voor
toepassing als barcodes voor patiënten/gebruikers.
Als ze toch worden gebruikt, zijn de allerhoogste kwa-
liteitsnormen bij het vervaardigen en de weergave van
de barcode vereist.
13
Deze pagina is met opzet blanco gelaten.
0 7155301001 (02) 2014-10 NL
c
ACCU-CHEK, ACCU-CHEK INFORM en COBAS
zijn merken van Roche.
M
Roche Diagnostics GmbH
Sandhofer Strasse 116
68305 Mannheim, Germany
www.roche.com
www.accu-chek.com
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14

Roche ACCU-CHEK Inform II Handleiding

Type
Handleiding