Sapag Check Valves O&SI Gebruikershandleiding

Type
Gebruikershandleiding
VCOSI-02177-NL 15/08
SAPAG KEERKLEPPEN
HANDLEIDING VOOR GEBRUIK EN EEN VEILIGE WERKING
BEDIENING EN ROUTINEONDERHOUD
!! Lees alle waarschuwingslabels die op
het toestel zijn aangebracht vóór gebruik of
onderhoud!!
Bediening
Onze veiligheidstoestellen kunnen
handmatig, automatisch of met een extern
bedieningselement (elektrisch/pneumatisch/
hydraulisch) worden bediend.
Alle veiligheidstoestellen die met een handwiel
worden bediend, inclusief veiligheidstoestellen
die met een elektrische aandrijving worden
bediend, worden gesloten door het handwiel
naar rechts te draaien. De open/gesloten stand
wordt aangegeven door een standaanwijzer
op het veiligheidstoestel (indien aangebracht)
en door de wijzer op de elektrische
aandrijving (indien aangebracht). Moment-/
slagschakelaars van de aandrijving worden vóór
transport in de fabriek ingesteld. Deze moeten
vóór gebruik worden gecontroleerd volgens het
gegevensblad met aandrijvingsgroottes (indien
van toepassing) en de handleiding van de
aandrijving. De momentinstellingen mogen niet
worden gewijzigd. Oefen geen extra kracht uit,
met bijvoorbeeld een sleutel op het handwiel,
om een veiligheidstoestel te bedienen.
Controleer tijdens het opstarten van de fabriek
de glandpakking en de flensbouten van de kap.
OPSLAG / BESCHERMING / SELECTIE
Aflevering
Onze afsluiters worden geleverd met
bescherming volgens specificatie van de klant,
of volgens de standaard kwaliteitseisen. Om
beschadiging van de afsluiter te voorkomen,
moeten verpakking en/of beschermdoppen op
hun plaats blijven tot vlak voor het moment van
montage in de leiding.
Opslag
Als de afsluiters enige tijd moeten worden
opgeslagen voor montage, dan moet dit
gebeuren in de originele verpakking waarbij
de watervaste voering en/of droogmiddel niet
verwijderd mag worden. De afsluiters moeten
vrij van de grond worden opgeslagen in een
schone en droge ruimte.
In geval van opslag langer dan zes maanden
moet eventueel droogmiddel na deze periode
worden vervangen. Als de afsluiters langer dan
twaalf maanden worden opgeslagen, moeten
ze indien mogelijk voor installatie door ons
geïnspecteerd worden.
Selectie
Verzeker u ervan dat de op het typeplaatje
vermelde materialen van de afsluiter en de
grenswaarden voor druk en temperatuur
geschikt zijn voor het procesmedium en de
bedrijfsomstandigheden. Neem in geval van
twijfel contact op met de leverancier.
Beperkingen
• Gebruik de afsluiters niet als eindafsluiters.
De normale veiligheidspraktijk vereist aan het
eind van een leiding altijd twee afsluiters of
een afsluiter en een blinde flens.
• Gebruik open/dicht-afsluiters niet voor
regelende toepassingen.
• Gebruik procesafsluiters niet als stopkraan
tijdens spoelen.
• De maximale stroomsnelheid is
6m/s voor vloeistoffen
80m/s voor gas of stoom.
Voor installatie moeten deze instructies volledig zijn gelezen en begrepen.
Onderhoud
Als het veiligheidstoestel is voorzien
van smeernippels moeten deze iedere 3
maanden gesmeerd worden. Blootgestelde
bedieningsassen met schroefdraad moeten met
vergelijkbare intervallen gesmeerd worden.
Smeer aandrijvingen, tandwielkasten volgens
de individuele aanwijzingen van de fabrikant.
Om een goede werking en afdichting van het
veiligheidstoestel te garanderen, is geen ander
routineonderhoud vereist dan een periodieke
inspectie. Bij ieder teken van lekkage uit de
glandpakking dient het veiligheidstoestel
drukloos te worden gemaakt en dienen de
glandschroeven geleidelijk en gelijkmatig te
worden aangedraaid. Als verdere afstelling
niet mogelijk is of lekkage via de zitting
wordt vermoed, dient het veiligheidstoestel
volledig gereviseerd te worden. Dit dient te
gebeuren nadat het veiligheidstoestel drukloos
is gemaakt en in overeenstemming met de
relevante handleiding voor onderhoud. Het
wordt ten zeerste aanbevolen uitsluitend
originele reserveonderdelen te gebruiken.
Reserveonderdelen
Onze veiligheidstoestellen kunnen worden
geïdentificeerd door middel van een
serienummer dat op het typeplaatje is
aangebracht. Dit referentienummer dient altijd
te worden vermeld als u na de aankoop vragen
heeft, onderdelen nodig heeft, reparaties wilt
laten uitvoeren of bestellingen wilt plaatsen.
Het toestel mag alleen opgehesen worden
met de slings bevestigd aan de flensgaten of
het huis, nooit aan de aandrijving of door de
opening van het toestel.
Emerson.com/FinalControl © 2017 Emerson. All rights reserved.
2
SAPAG KEERKLEPPEN
HANDLEIDING VOOR GEBRUIK EN EEN VEILIGE WERKING
INSTALLATIE
1. Onze veiligheidstoestellen zijn
bidirectioneel, tenzij de stroomrichting
met een pijl is gemarkeerd. Als de
stroomrichting met een pijl is gemarkeerd,
moet het veiligheidstoestel met de pijl
in de richting van de stroom (en/of druk,
raadpleeg de algemene ontwerptekeningen)
worden gemonteerd. Terugslagkleppen
gaan in de richting van de pijl open.
2. Tenzij specifiek anders aangegeven op de
algemene ontwerptekeningen, moet het
toestel met de as in een verticale hoek
omhoog naar horizontaal gemonteerd
worden.
3. Terugslagkleppen / stopafsluiters kunnen
in horizontale en verticale leidingen worden
gemonteerd, behalve terugslagkleppen /
stopafsluiters met T-type zuigers die alleen
geschikt zijn voor horizontale leidingen. In
geval van horizontale en verticale leidingen
moet de afdekking / as van het toestel aan
de bovenkant zitten.
4. Verwijder beschermhoezen van
de eindvlakken en eventuele
transportbeschermingen van de as van het
toestel (indien van toepassing).
5. Het is de verantwoordelijkheid van de klant
om eventuele extra ondersteuning voor het
toestel te regelen.
6. Verzeker u er in geval van geflensde
afsluiters van dat flenzen en pakkingen
schoon en vrij van schade zijn. Controleer
in geval van buttweld afsluiters of het
lasprofiel goed schoon is en geschikt om te
lassen.
7. De aanwezigheid van abrasief materiaal
in het leidingsysteem (lasresten, zand,
chemische reinigingsmiddelen enz.) kan
de zitting van het toestel beschadigen. Het
systeem moet grondig worden doorgespoeld
en gereinigd voordat het in bedrijf wordt
genomen.
8. Als het toestel is voorzien van
flensaansluitingen, zorg er dan voor dat
de bijbehorende leidingflenzen correct zijn
uitgelijnd; de bouten zouden eenvoudig in
de bijbehorende flensgaten moeten kunnen
worden gedraaid. Haal de flensbouten in
een diagonaal patroon aan.
9. Monteer het toestel dusdanig in de leiding
dat het bedieningsmechanisme (handwiel,
aandrijving), indien aanwezig, eenvoudig
bereikbaar is en zorg ervoor dat er geen
druk op de eindvlakken van het toestel staat.
10. Temperatuurgrenzen voor las- en
warmtebehandelingen voor het toestel zijn
vermeld op de algemene ontwerptekeningen
(indien van toepassing). Deze grenzen
moeten in acht worden genomen.
Voorverhitting / hittebehandelingen alleen
plaatselijk en volgens relevante WPS/PQR
(verantwoordelijkheid van de klant).
11. Alle toestellen moeten vóór het verrichten
van laswerkzaamheden gedeeltelijk open
zijn.
12. Raadpleeg punt 7 re. doorspoelen/
reinigen: de materialen die voor het toestel
zijn gebruikt, zijn normaal gesproken
bestand tegen beitsmiddelen (evenals het
leidingmateriaal). Controleer, indien nodig,
de weerstand tegen beitsmiddelen bij de
fabrikant van het beitsmiddel. Demonteer,
indien nodig, de inwendige delen van het
toestel en vervang deze door speciale
inwendige delen die bestand zijn tegen
beitsen. Dek gevoelige plekken af met vernis
of afdekplaten.
Opmerking: Tijdens het doorspoelen met
hogesnelheidsdeeltjes kan schade ontstaan,
aan bijvoorbeeld de zittingen van het
toestel. Zet het toestel in de open stand en
activeer het toestel niet tijdens het beitsen
of doorspoelen. Het beitsproces mag niet
onderbroken worden. Vermijd onnodig
lange blootstelling aan beitsmiddelen.
Verwijder het beitsmiddel volledig door
bijv. doorspoelen. Let vooral goed op loze
ruimtes en loze leidingdelen (controleer
deze, indien nodig).
Vervang pakkingen en glandpakkingen
die in aanraking zijn gekomen met het
beitsmiddel en reinig, vóór de vervanging, de
afdichtingsvlakken zorgvuldig.
13. Controleer de gland-/drukbouten vóór
inbedrijfstelling (tijdens het opstarten, of
zelfs tijdens bedrijf, kan de boutspanning
afnemen).
14. In geval van isolatie moet de kap/gland van
het toestel kunnen worden onderhouden.
WAARSCHUWING!
In verband met de veiligheid is het belangrijk om
de volgende voorzorgsmaatregelen te treffen voor
u werkzaamheden op het toestel gaat verrichten:
1. Lees vóór installatie, bediening of onderhoud
alle labels op het toestel en dit gegevensblad.
2. Gebruik veiligheidstoestellen uitsluitend voor
het doel waarvoor ze bestemd zijn.
3. Extra montages/modificaties aan de
veiligheidstoestellen zijn niet toegestaan
zonder goedkeuring van onze technische
afdeling.
4. Personeel dat afstellingen op het
veiligheidstoestel verricht, dient het
gereedschap en de kleding te gebruiken
die normaal gebruikt worden om te werken
met het proces waar het veiligheidstoestel
geïnstalleerd is.
5. Voordat het veiligheidstoestel geïnstalleerd
wordt, moet de leiding drukloos gemaakt,
afgetapt en ontlucht worden, en afgekoeld zijn.
6. Er mag uitsluitend aan de
veiligheidstoestellen, handbedieningen en
aandrijvingen worden gewerkt door personeel
dat getraind is in alle aspecten van het
handmatig of machinaal verplaatsen/heffen
van het toestel.
7. De druk-/temperatuurgrenzen van
het toestel, zoals aangegeven op het
typeplaatje, dienen hoger dan of gelijk aan de
bedrijfsomstandigheden te zijn.
8. In sommige ontwerpen van het
veiligheidstoestel zouden de afgedichte
holtes van het huis vol kunnen lopen
met vloeistoffen, tijdens bijvoorbeeld een
hydrostatische test. Als deze vloeistoffen
niet worden afgelaten, door het toestel
gedeeltelijk te openen of op een andere
manier, en de temperatuur ervan oploopt,
zou de druk zo hoog op kunnen lopen dat de
drukgrens wordt overschreden. In dergelijke
gevallen is het de verantwoordelijkheid van
de koper om maatregelen te treffen of laten
treffen en het ontwerp, de installatie of de
bedieningsprocedure dusdanig aan te passen
dat de druk in het toestel de toelaatbare druk
van het toestel niet overschrijdt.
9. Controleer de correcte elektrische verbinding
van de aandrijving, indien aanwezig, aangezien
een verkeerde verbinding gevaarlijk kan zijn en
het toestel ernstig kan beschadigen.
10. Als de aandrijving op het toestel moet worden
verplaatst, moeten de eindschakelaars na
deze handeling opnieuw worden gekalibreerd
(deze procedure wordt beschreven in
de handleiding voor onderhoud van de
aandrijving). Aandrijvingen die niet zijn
gekalibreerd, zijn gevaarlijk en kunnen het
veiligheidstoestel onherstelbaar beschadigen.
3
SAPAG KEERKLEPPEN
HANDLEIDING VOOR GEBRUIK EN EEN VEILIGE WERKING
REFERENTIE TYPEPLAATJE
1. Bouwjaar
2. Toesteltype
3. Nominale diameter
4. ASME-klasse
5. Huismateriaal
6. Spindelmateriaal
7. Materiaal zittingvlak
8. Materiaal klepblad
9. Ontwerpcode
10. Omgevingstemperatuur
11. Druk bij omgevingstemperatuur
12. Test drukhuls
13. Min. Toelaatbare temperatuur
14. Druk bij min. toelaatbare temperatuur
15. Max. toelaatbare temperatuur
16. Druk bij max. toelaatbare temperatuur
17. Typeplaatje toestel
18. Serienummer
© 2017 Emerson. All rights reserved.
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4

Sapag Check Valves O&SI Gebruikershandleiding

Type
Gebruikershandleiding