Beta 1498LT/12 Handleiding

Type
Handleiding
44
GEBRUIKSAANWIJZING
NL
ULTRALICHTE MOBIELE STARTBOOSTER VOOR
HOGE PRESTATIES 1498 LT/12
GEBRUIKSHANDLEIDING VOOR STARTBOOSTERS 1498LT/12 GEPRODUCEERD DOOR:
BETA UTENSILI S.P.A.
Via A. Volta 18,
20845, Sovico (MB)
ITALIË
Oorspronkelijk in de ITALIAANSE taal geschreven documentatie.
Bewaar de veiligheidsinstructies zorgvuldig en geef ze aan het personeel dat de nietmachine gebruikt.
GEBRUIKSDOEL
De mobiele startbooster is bestemd voor het volgende gebruik:
• het starten van voertuigen met een 12V accu;
• de voeding van autogeheugenbeveiliging voor 12V accu’s.
De volgende handelingen zijn niet toegestaan:
• het is verboden de startbooster op andere accu’s dan 12V accu’s te gebruiken;
• het is verboden de startbooster voor de voeding van autogeheugenbeveiliging op andere accu’s dan
12V accu’s te gebruiken;
• het is verboden de startbooster als acculader te gebruiken;
• het is verboden de startbooster te gebruiken voor toepassingen die niet binnen de technische speci-
caties vallen die in de tabel TECHNISCHE GEGEVENS staan;
• het is verboden de startbooster in vochtige, natte omgevingen te gebruiken of in omgevingen die aan
weer en wind zijn blootgesteld;
• het is verboden de startbooster voor iets anders te gebruiken dan voor de toepassingen die hier
worden beschreven.
VEILIGHEID VAN DE WERKPLEK
Gebruik de startbooster niet in omgevingen met mogelijk explosieve atmosferen of brandbare
materialen, omdat er vonken kunnen ontstaan, waardoor stof of damp in brand kunnen vliegen.
Voorkom dat kinderen of bezoekers in de buurt van de werkplek kunnen komen terwijl met de
startbooster wordt gewerkt. De aanwezigheid van andere personen leidt af waardoor men de controle
over het pneumatische gereedschap kan verliezen.
Inhaleer tijdens de startwerkzaamheden van de motor, de van de accu van het voertuig afkomstige
vrijgekomen schadelijke gassen niet.
Wend bij de aansluitingswerkzaamheden het gezicht van de accu van het voertuig. In de accu zit
een bijtende vloeistof. Indien die per ongeluk in aanraking komt met de huid of de ogen moeten deze
onmiddellijk met water worden afgespoeld en moet een arts worden geraadpleegd.
Laat geen metalen gereedschap op de accu van het voertuig vallen. Er kan hierdoor kortsluiting in
de accu zelf ontstaan.
Gebruik de startbooster in een droge omgeving en vermijd vocht.
BELANGRIJK: LEES DEZE HANDLEIDING HELEMAAL DOOR ALVORENS
DE STARTBOOSTER TE GEBRUIKEN. INDIEN DE VEILIGHEIDSVOOR-
SCHRIFTEN EN DE AANWIJZINGEN NIET IN ACHT WORDEN GENOMEN,
KUNNEN ZICH ERNSTIGE ONGEVALLEN VOORDOEN.
LET OP
1498LT_12.indd 44 10/11/16 09:14
45
GEBRUIKSAANWIJZING
NL
VEILIGHEID VAN DE MOBIELE STARTBOOSTER
• Controleer voor het gebruik of de startbooster niet beschadigd is, of hij geen kale kabels heeft en er
geen versleten delen zijn.
• Laad de startbooster meteen na aankoop en na ieder gebruik gedurende minstens 8 uur op.
Om de accu erin in perfecte staat te houden, laadt u de startbooster om de twee maanden 8 uur op.
Door de startbooster te lang leeg te laten, wordt de interne accu minder efciënt en doet het minder goed.
• Knoei niet met het elektronische circuit van de startbooster.
AANWIJZINGEN VOOR DE VEILIGHEID VAN HET PERSONEEL
We drukken u op het hart uw aandacht er altijd maximaal bij te houden en u op uw eigen handelingen te
concentreren. Gebruik de startboosteer niet als u moe bent of onder invloed van drugs, alcohol of medicijnen.
Gebruik altijd de volgende persoonlijke beschermingsmiddelen:
• veiligheidsschoenen;
• een beschermende bril;
• beschermende handschoenen voor fysische agentia.
Verricht alle voorgeschreven werkzaamheden in goed geventileerde en droge ruimtes.
Zorg dat de twee klemmen onderling geen contact maken (rood (+) positief; zwart (-) negatief).
Controleer of de kabels van de startbooster zich uit de buurt van ventilatoren, bewegende delen en
de brandstoeiding bevinden.
Draag geen wijde kleding, armbanden, kettingen of metalen voorwerpen wanneer u aan het voertuig werkt.
Voordat u de startbooster opbergt, verzekert u zich ervan dat hij zodanig is afgekoeld dat hij de
omgevingstemperatuur heeft.
ZORGVULDIG GEBRUIK VAN DE STARTBOOSTER
Steek geen voorwerpen in de gleuven of openingen in het oppervlak van de startbooster.
Gebruik om de startbooster op te laden alleen de bijgeleverde oplader. Laad hem in een goed
geventileerde en droge ruimte op. Stel hem niet bloot aan regen of sneeuw.
Gebruik de startbooster nooit wanneer de behuizing, de klemmen, de kabels of de startbooster
beschadigd zijn. Wanneer u ongebruikelijke geuren ruikt of het apparaat te warm wordt.
Er mogen geen wijzigingen aan de startbooster worden aangebracht. Wijzigingen kunnen de
efciëntie van de veiligheidsmaatregelen verminderen en meer gevaren voor de gebruiker inhouden.
Laat de startbooster enkel en alleen door vakmensen met gebruik van originele reserveonderdelen repareren.
• De startbooster is uitsluitend bestemd voor loodzuur accu’s. Gebruik hem niet voor niet-oplaadbare
accu’s. Start geen bevroren accu's. Gebruik de startbooster niet voor andere doeleinden, bijv. om
batterijen op te laden.
• Start geen accu’s met andere spanningen dan die in de tabel met TECHNISCHE GEGEVENS staan.
Voordat u werkzaamheden begint te verrichten, doet u de lichten van het voertuig en alle eventueel
werkende accessoires uit.
• Controleer altijd of het voltage van de startbooster en de spanning van de installatie van het
voertuig overeenkomen. Eventuele overschrijding kan explosies, schade aan het voertuig, de
startbooster en personen veroorzaken.
• Sluit de uitgangskabel met de rode klem (+) op de positieve pool van de accu en de
uitgangskabel met de zwarte klem (-) op de massa van het voertuig aan.
• Verwissel de polen nooit. Als de polen worden verwisseld kan dat explosies, schade aan het
voertuig, het product en personen veroorzaken.
1498LT_12.indd 45 10/11/16 09:14
46
GEBRUIKSAANWIJZING
NL
Sluit de startbooster nooit aan op een voertuig met reeds ingeschakelde handmatige functies. Deze
functies mogen alleen worden ingeschakeld na de klemmen op de accu van het voertuig te hebben aange-
sloten. Bij die gelegenheid worden de polen gecheckt en wordt op eventuele kortsluitingen gecontroleerd.
Gebruik een droge doek om de startbooster schoon te maken en koppel hem hiervoor altijd van het
elektriciteitsnet.
VEILIGHEIDSAANWIJZINGEN VOOR DE STARTBOOSTER
Controleer regelmatig of de startbooster, de voedingskabel van de startbooster en de klemmen intact zijn.
Gebruik de startbooster niet als hij beschadigd is. Probeer niet om hem te openen of er wijzingingen
aan aan te brengen.
Sluit de oplader van de startbooster op het elektriciteitsnet aan en verzeker u ervan dat de netspan-
ning overeenkomt met de netspanning die op het stroomvoorzieningsmechanisme staat. (Zie de tabel
met TECHNISCHE GEGEVENS)
Garandeer tijdens het gebruik van de startbooster voldoende ruimte voor de ventilatie.
• Laat de startbooster nadat hij is opgeladen niet gedurende lange tijd aan de oplader gekoppeld.
• Gebruik de startbooster niet in een vochtige, natte omgeving. Stel hem niet bloot aan regen. Een
vochtige en vuile omgeving verhoogt het gevaar voor elektrische schokken.
• Gebruik om de startbooster op te laden alleen de bijgeleverde oplader.
INDIVIDUELE BESCHERMINGSMIDDELEN DIE NODIG ZIJN TIJDENS HET GEBRUIK VAN DE
MOBIELE STARTBOOSTER
TECHNISCHE GEGEVENS
MOET WORDEN GEBRUIKT VOOR ACCU’S VAN
OPLADER STARTBOOSTER NOMINALE SPANNING
INTERNE ACCU (Lithium LiFePO4)
HULPACCU
OPLAADSPANNING
LENGTE VAN DE KABEL MET KLEMMEN
DOORSNEDE VAN DE KABEL MET KLEMMEN
BESCHERMING TEGEN VERWISSELING VAN DE POLEN
BESCHERMING TEGEN KORTSLUITING
OVERSPANNINGSBEVEILIGING
AUTOGEHEUGENBEVEILIGING
IDEALE GEBRUIKSTEMPERATUUR
AFMETINGEN
GEWICHT
12V
230V ~ 50/60Hz
13.2V nominaal
9V (6LR61)
14,5V max
0,5 m
CU 10mm2
JA
JA
JA
JA
-10 °C + ± 40°C
300x230x60 mm
2,5 kg
GEBRUIK ALTIJD VEILIGHEIDSSCHOENEN
GEBRUIK ALTIJD EEN BESCHERMENDE BRIL
GEBRUIK ALTIJD BESCHERMENDE HANDSCHOENEN VOOR FYSISCHE AGENTIA TIJDENS HET GEBRUIK
VAN DE STARTBOOSTER
Niet inachtneming van de volgende waarschuwingen kan lichamelijk letsel en/of ziektes
veroorzaken.
Andere persoonlijke beschermingsmiddelen die moeten worden gebruikt, afhankelijk van
de waarden die zijn gevonden bij het onderzoek van de milieuhygiëne /risicoanalyse indien
de waarden de maximumwaarden overschrijden, die in de geldende voorschriften staan.
1498LT_12.indd 46 10/11/16 09:14
47
GEBRUIKSAANWIJZING
NL
DE MOBIELE STARTBOOSTER OPLADEN
Laad de startbooster meteen na aankoop en na ieder gebruik gedurende minstens 8 uur op. Als de
startbooster niet wordt gebruikt, laadt u hem om de twee maanden 8 uur op. Zo blijft de interne accu
perfect werken.
• Verzeker u ervan dat er geen apparaat op de startbooster is aangesloten.
• Controleer het laadniveau van de accu op de voltmeter “Voltage” met behulp van de TESTKNOP:
• Groen “Full” accu 100% geladen
• Geel “Med” accu ongeveer 60% geladen
• Rood “Low” accu ongeveer 30% geladen
• Wanneer de wijzer van de voltmeter het groene gebied niet bereikt, laadt u de accu van de startbooster op.
• Sluit de oplader op het stopcontact van het 230V elektriciteitsnet aan.
• Steek de stekker van de oplader in de laadbus “Input Charge” aan de voorkant van de startbooster.
• Gebruik alleen de bijgeleverde oplader.
• Laat de startbooster nadat hij is opgeladen niet gedurende lange tijd aan de oplader gekoppeld.
• Gebruik de startbooster niet terwijl hij wordt opgeladen.
INTERNE 9V HULPACCU VAN DE MOBIELE STARTBOOSTER
De startbooster is voorzien van een 9V hulpaccu, die onmisbaar is bij de voeding van de controleprocessor.
Vervang de accu wanneer het alarm “Err 5” gaat branden.
Open het klepje aan de achterkant van de behuizing van de startbooster om hem te vervangen, ver-
wijder de accu, koppel de polen los en breng een nieuwe accu aan.
Sluit het klepje weer.
DE MOBIELE STARTBOOSTER GEBRUIKEN - VOERTUIGEN STARTEN
• Controleer of de startbooster uitgeschakeld is.
Als het voltage van de startbooster en de spanning van de installatie van de auto niet met elkaar
overeenkomen, kan dat explosies, schade aan het voertuig, de startbooster en personen veroorzaken.
• Zoek de pool die overeenstemt met de massa van het voertuig. Over het algemeen is die op de
negatieve klem aangesloten.
• Sluit de uitgangskabel met de rode klem (+) op de positieve pool van de accu en de
uitgangskabel met de zwarte klem (-) op de massa van het voertuig aan.
• Verwissel de polen nooit. Als de polen worden verwisseld kan dat explosies, schade aan het
voertuig, het product en personen veroorzaken.
Als de RODE led “Reverse” gaat branden wil dat zeggen dat de polen zijn verwisseld.
• Koppel de klemmen van het voertuig en sluit ze op de juiste manier aan.
• Controleer of de kabels van de startbooster zich uit de buurt van ventilatoren, bewegende delen
en de brandstoeiding bevinden.
Druk op de START/STOP knop. De blauwe led gaat branden en op het display verschijnt het opschrift “STRT”.
• Start de motor binnen 30 seconden.
• Na 30 seconden gaat de startbooster automatisch uit.
Als de startbooster niet wordt ingeschakeld wanneer u op de Start-toets drukt, heeft de accu van
het voertuig waarschijnlijk een lagere spanning dan de 6 Volt die nodig zijn om de beschermingen in
te schakelen. Om het voertuig te starten moet in dat geval op de modus “GEFORCEERD STARTEN”
worden overgegaan, die in het volgende punt wordt beschreven.
• Om de startbooster uit te schakelen moet u op de START/STOP-knop drukken.
• Koppel eerst de uitgangskabel met zwarte klem (-) van de massa van het voertuig en berg hem
meteen op zijn plaats op.
• Koppel de uitgangskabel met rode klem van de positieve pool (+) van de accu en berg hem meteen
op zijn plaats op.
Blijf het niet proberen als het niet lukt om het voertuig bij de eerste pogingen te starten. Voordat u
opnieuw probeert te starten laat u de startbooster minstens 3 minuten rusten, om te voorkomen dat hij
beschadigd raakt.
• Laad de startbooster altijd na elk gebruik op.
1498LT_12.indd 47 10/11/16 09:14
48
GEBRUIKSAANWIJZING
NL
DE MOBIELE STARTBOOSTER GEBRUIKEN - GEFORCEERD STARTEN BIJ ACCU’S MET EEN
SPANNING DIE LAGER IS DAN 6 V
De modus “GEFORCEERD STARTEN” is geschikt wanneer u een voertuig moet starten waarvan
de accu leeg, erg leeg en onderbroken is. EEN AANTAL VEILIGHEIDSFUNCTIES ZIJN UITGE-
SCHAKELD. PAS GOED OP TIJDENS HET GEBRUIK VAN DE STARTBOOSTER.
• Controleer of de startbooster uitgeschakeld is.
• Zoek de pool die overeenstemt met de massa van het voertuig. Over het algemeen is die op de
negatieve klem aangesloten.
• Sluit de uitgangskabel met de rode klem (+) op de positieve pool van de accu en de uitgangskabel
met de zwarte klem (-) op de massa van het voertuig aan.
• Verwissel de polen nooit. Als de polen worden verwisseld kan dat explosies, schade aan het voertuig,
het product en personen veroorzaken.
Als de RODE led gaat branden wil dat zeggen dat de polen zijn verwisseld.
• Koppel de klemmen van het voertuig en sluit ze op de juiste manier aan.
• Controleer of de kabels van de startbooster zich uit de buurt van ventilatoren, bewegende delen en
de brandstoeiding bevinden.
• Druk 7 seconden op de START/STOP knop. De blauwe led gaat branden en op het display verschijnt
het knipperende opschrift “STRT”. Vanaf nu zijn een aantal beschermingen uitgeschakeld.
• Start de motor binnen 30 seconden.
• Na 30 seconden gaat de startbooster automatisch uit.
• LET OP! SCHAKEL DE STARTBOOSTER METEEN NADAT DE MOTOR IS GESTART UIT EN
KOPPEL DE KLEMMEN LOS.
• Om de startbooster uit te schakelen moet u op de START/STOP-knop drukken.
• Koppel eerst de uitgangskabel met zwarte klem (-) van de massa van het voertuig en berg hem
meteen op zijn plaats op.
• Koppel de uitgangskabel met rode klem van de positieve pool (+) van de accu en berg hem meteen
op zijn plaats op.
Blijf het niet proberen als het niet lukt om het voertuig bij de eerste pogingen te starten. Voordat u
opnieuw probeert te starten laat u de startbooster minstens 3 minuten rusten, om te voorkomen dat hij
beschadigd raakt.
• Laad de startbooster altijd na elk gebruik op.
DE MOBIELE STARTBOOSTER GEBRUIKEN - STROOMVOORZIENINGSTOESTEL VAN DE 12V
“MEMORY SAVER” AUTOGEHEUGENBEVEILIGING
Op de modus “MEMORY SAVER” ZIJN EEN AANTAL VEILIGHEIDSFUNCTIES UITGESCHAKELD.
PAS GOED OP TIJDENS HET GEBRUIK VAN DE STARTBOOSTER.
• Controleer of de startbooster uitgeschakeld is.
• Controleer altijd de spanning van de accu van het voertuig.
Als het voltage van de startbooster en de spanning van de installatie van de auto niet met elkaar o
vereenkomen, kan dat explosies, schade aan het voertuig, de startbooster en personen veroorzaken.
• Zoek de pool die overeenstemt met de massa van het voertuig. Over het algemeen is die op de
negatieve klem aangesloten.
• Sluit de uitgangskabel met de rode klem (+) op de positieve pool van de accu en de uitgangskabel
met de zwarte klem (-) op de massa van het voertuig aan. Vanaf nu zijn een aantal
beschermingen uitgeschakeld
• Verwissel de polen nooit. Als de polen worden verwisseld kan dat explosies, schade aan het
voertuig, het product en personen veroorzaken.
Als de RODE led gaat branden wil dat zeggen dat de polen zijn verwisseld.
• Koppel de klemmen van het voertuig en sluit ze op de juiste manier aan.
• Controleer of de kabels van de noodstarthulp zich uit de buurt van ventilatoren, bewegende delen en
de brandstoeiding bevinden.
Druk 5 seconden op de START/STOP knop. De blauwe en de gele led gaan branden en op het display
verschijnt het opschrift “MEMO”.
• Ga verder met de geplande activiteiten.
• Wanneer u klaar bent, drukt u op de START/STOP-knop om de startbooster uit te schakelen.
1498LT_12.indd 48 10/11/16 09:14
49
GEBRUIKSAANWIJZING
NL
VERRICHT DE VOLGENDE HANDELINGEN NIET MET DE “MEMO” FUNCTIE:
• de “MEMO” functie mag niet worden gebruikt om het voertuig te starten;
• bij de “MEMO” functie gaat de startbooster niet na 30 seconden uit;
• voordat u de klemmen verwijdert controleert u of de startbooster uitgeschakeld is.
Berg de startbooster na de werkzaamheden op een droge plek zonder vocht op. Om de buitenkant van
de behuizing te reinigen gebruikt u een droge doek.
Err 1
DE POLEN ZIJN VERWISSELD / KORTSLUITING / ACCU BESCHADIGD / STARTBOOSTER NIET
AANGESLOTEN
Err 2
VERKEERDE SPANNING (Bijvoorbeeld U HEEFT DE STARTBOOSTER OP EEN 24V ACCU
AANGESLOTEN)
Err 3
DE TEMPERATUUR VAN DE INTERNE 12V ACCU IS TE HOOG (Lithium LiFePO4)
Err 4
DE INTERNE 12V ACCU (Lithium LiFePO4) IS LEEG
Err 5
DE 9V HULPBATTERIJ IS LEEG
Err 6
OVERBELASTING OP DE STARTMODUS
Err 7
OVERBELASTING OP DE MODUS AUTOGEHEUGEN BEVEILIGING
FOUTMELDINGEN
Op het display verschijnt één van de volgende opschriften en gaat de led “Error” branden. Controleer
de volgende mogelijke fouten:
ONDERHOUD
Onderhoudswerkzaamheden en reparaties mogen uitsluitend door vakmensen worden verricht. Wend
u voor deze werkzaamheden tot het reparatiecentrum van Beta Utensili S.P.A.
AFDANKEN
Het symbool van de doorgestreepte vuilnisbak op het apparaat of op de verpakking geeft aan dat het product
op het einde van zijn levenscyclus afzonderlijk van het gemeentelijk afval moet worden afgedankt.
De gebruiker die dit instrument wenst af te danken, kan:
- Het bij een centrum voor afvalophaling voor elektrische en elektronische afval afgeven.
- Het terugbezorgen aan de eigen verkoper op het moment waarop een nieuw gelijkwaardig instrument
wordt gekocht.
- In geval van producten voor uitsluitend professioneel gebruik contact opnemen met de fabrikant, die
een goede afdankprocedure moet voorschrijven.
Door dit product op de goede manier af te danken, kunnen de grondstoffen ervan worden gerecycled,
en schade aan het milieu en de gezondheid worden voorkomen.
Illegaal afdanken van het product houdt een overtreding van de voorschriften betreffende het afdanken
van gevaarlijk afval in, waarvoor de voorziene sancties worden toegepast.
GARANTIE
Deze apparatuur is vervaardigd en getest in overeenstemming met de voorschriften die mo-
menteel van kracht zijn in de Europese Gemeenschap. Hij heeft 12 maanden garantie bij pro-
fessioneel gebruik of 24 maanden bij niet-professioneel gebruik. Storingen veroorzaakt door
materiaal- of fabrieksfouten worden naar ons goeddunken ofwel gerepareerd of de defecte
onderdelen worden vervangen. Eén of meerdere reparaties tijdens de garantieperiode wijzigt de ver-
loopdatum ervan niet. Defecten veroorzaakt door slijtage, een verkeerd of oneigenlijk gebruik, of door
vallen en/of stoten worden niet door de garantie gedekt. De garantie komt te vervallen wanneer er wijzi-
gingen worden aangebracht, wanneer er met het apparaat wordt geknoeid, wanneer de startbooster
gedemonteerd naar de assistentie wordt gestuurd of wanneer de modi “GEFORCEERD STARTEN” en
“MEMORY SAVER” verkeerd worden gebruikt. Schade toegebracht aan personen en / of voorwerpen
van welke aard en / of natuur, direct en / of indirect is uitdrukkelijk uitgesloten.
1498LT_12.indd 49 10/11/16 09:14
50
GEBRUIKSAANWIJZING
NL
VERKLARING VAN OVEREENSTEMMING EU
We verklaren onder eigen verantwoordelijkheid dat het beschreven product voldoet aan alle relevante
bepalingen van de volgende richtlijnen:
• Richtlijn met betrekking tot de elektromagnetische compatibiliteit (E.M.C.) 2014/30/EU;
• Laagspanningsrichtlijn (L.V.D.) 2014/35/EU;
• Richtlijn betreffende de beperking van het gebruik van bepaalde gevaarlijke stoffen in elektrische en
elektronische apparatuur (Ro.H.S.) 2011/65/EU;
Het technische dossier is verkrijgbaar bij:
BETA UTENSILI S.P.A.
Via A. Volta 18,
20845 Sovico (MB)
ITALIË
Data 01/01/2017
1498LT_12.indd 50 10/11/16 09:14

Documenttranscriptie

GEBRUIKSAANWIJZING NL ULTRALICHTE MOBIELE STARTBOOSTER VOOR HOGE PRESTATIES 1498 LT/12 GEBRUIKSHANDLEIDING VOOR STARTBOOSTERS 1498LT/12 GEPRODUCEERD DOOR: BETA UTENSILI S.P.A. Via A. Volta 18, 20845, Sovico (MB) ITALIË Oorspronkelijk in de ITALIAANSE taal geschreven documentatie. LET OP BELANGRIJK: LEES DEZE HANDLEIDING HELEMAAL DOOR ALVORENS DE STARTBOOSTER TE GEBRUIKEN. INDIEN DE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN EN DE AANWIJZINGEN NIET IN ACHT WORDEN GENOMEN, KUNNEN ZICH ERNSTIGE ONGEVALLEN VOORDOEN. Bewaar de veiligheidsinstructies zorgvuldig en geef ze aan het personeel dat de nietmachine gebruikt. GEBRUIKSDOEL De mobiele startbooster is bestemd voor het volgende gebruik: • het starten van voertuigen met een 12V accu; • de voeding van autogeheugenbeveiliging voor 12V accu’s. De volgende handelingen zijn niet toegestaan: • het is verboden de startbooster op andere accu’s dan 12V accu’s te gebruiken; • het is verboden de startbooster voor de voeding van autogeheugenbeveiliging op andere accu’s dan 12V accu’s te gebruiken; • het is verboden de startbooster als acculader te gebruiken; • het is verboden de startbooster te gebruiken voor toepassingen die niet binnen de technische specificaties vallen die in de tabel TECHNISCHE GEGEVENS staan; • het is verboden de startbooster in vochtige, natte omgevingen te gebruiken of in omgevingen die aan weer en wind zijn blootgesteld; • het is verboden de startbooster voor iets anders te gebruiken dan voor de toepassingen die hier worden beschreven. VEILIGHEID VAN DE WERKPLEK Gebruik de startbooster niet in omgevingen met mogelijk explosieve atmosferen of brandbare materialen, omdat er vonken kunnen ontstaan, waardoor stof of damp in brand kunnen vliegen. Voorkom dat kinderen of bezoekers in de buurt van de werkplek kunnen komen terwijl met de startbooster wordt gewerkt. De aanwezigheid van andere personen leidt af waardoor men de controle over het pneumatische gereedschap kan verliezen. Inhaleer tijdens de startwerkzaamheden van de motor, de van de accu van het voertuig afkomstige vrijgekomen schadelijke gassen niet. Wend bij de aansluitingswerkzaamheden het gezicht van de accu van het voertuig. In de accu zit een bijtende vloeistof. Indien die per ongeluk in aanraking komt met de huid of de ogen moeten deze onmiddellijk met water worden afgespoeld en moet een arts worden geraadpleegd. Laat geen metalen gereedschap op de accu van het voertuig vallen. Er kan hierdoor kortsluiting in de accu zelf ontstaan. Gebruik de startbooster in een droge omgeving en vermijd vocht. 44 1498LT_12.indd 44 10/11/16 09:14 GEBRUIKSAANWIJZING NL VEILIGHEID VAN DE MOBIELE STARTBOOSTER • Controleer voor het gebruik of de startbooster niet beschadigd is, of hij geen kale kabels heeft en er geen versleten delen zijn. • Laad de startbooster meteen na aankoop en na ieder gebruik gedurende minstens 8 uur op. • Om de accu erin in perfecte staat te houden, laadt u de startbooster om de twee maanden 8 uur op. Door de startbooster te lang leeg te laten, wordt de interne accu minder efficiënt en doet het minder goed. • Knoei niet met het elektronische circuit van de startbooster. AANWIJZINGEN VOOR DE VEILIGHEID VAN HET PERSONEEL • We drukken u op het hart uw aandacht er altijd maximaal bij te houden en u op uw eigen handelingen te concentreren. Gebruik de startboosteer niet als u moe bent of onder invloed van drugs, alcohol of medicijnen. Gebruik altijd de volgende persoonlijke beschermingsmiddelen: • veiligheidsschoenen; • een beschermende bril; • beschermende handschoenen voor fysische agentia. • Verricht alle voorgeschreven werkzaamheden in goed geventileerde en droge ruimtes. • Zorg dat de twee klemmen onderling geen contact maken (rood (+) positief; zwart (-) negatief). • Controleer of de kabels van de startbooster zich uit de buurt van ventilatoren, bewegende delen en de brandstofleiding bevinden. • Draag geen wijde kleding, armbanden, kettingen of metalen voorwerpen wanneer u aan het voertuig werkt. • Voordat u de startbooster opbergt, verzekert u zich ervan dat hij zodanig is afgekoeld dat hij de omgevingstemperatuur heeft. ZORGVULDIG GEBRUIK VAN DE STARTBOOSTER • Steek geen voorwerpen in de gleuven of openingen in het oppervlak van de startbooster. • Gebruik om de startbooster op te laden alleen de bijgeleverde oplader. Laad hem in een goed geventileerde en droge ruimte op. Stel hem niet bloot aan regen of sneeuw. • Gebruik de startbooster nooit wanneer de behuizing, de klemmen, de kabels of de startbooster beschadigd zijn. Wanneer u ongebruikelijke geuren ruikt of het apparaat te warm wordt. • Er mogen geen wijzigingen aan de startbooster worden aangebracht. Wijzigingen kunnen de efficiëntie van de veiligheidsmaatregelen verminderen en meer gevaren voor de gebruiker inhouden. • Laat de startbooster enkel en alleen door vakmensen met gebruik van originele reserveonderdelen repareren. • De startbooster is uitsluitend bestemd voor loodzuur accu’s. Gebruik hem niet voor niet-oplaadbare accu’s. Start geen bevroren accu's. Gebruik de startbooster niet voor andere doeleinden, bijv. om batterijen op te laden. • Start geen accu’s met andere spanningen dan die in de tabel met TECHNISCHE GEGEVENS staan. • Voordat u werkzaamheden begint te verrichten, doet u de lichten van het voertuig en alle eventueel werkende accessoires uit. • Controleer altijd of het voltage van de startbooster en de spanning van de installatie van het voertuig overeenkomen. Eventuele overschrijding kan explosies, schade aan het voertuig, de startbooster en personen veroorzaken. • Sluit de uitgangskabel met de rode klem (+) op de positieve pool van de accu en de uitgangskabel met de zwarte klem (-) op de massa van het voertuig aan. • Verwissel de polen nooit. Als de polen worden verwisseld kan dat explosies, schade aan het voertuig, het product en personen veroorzaken. 1498LT_12.indd 45 45 10/11/16 09:14 NL GEBRUIKSAANWIJZING • Sluit de startbooster nooit aan op een voertuig met reeds ingeschakelde handmatige functies. Deze functies mogen alleen worden ingeschakeld na de klemmen op de accu van het voertuig te hebben aangesloten. Bij die gelegenheid worden de polen gecheckt en wordt op eventuele kortsluitingen gecontroleerd. • Gebruik een droge doek om de startbooster schoon te maken en koppel hem hiervoor altijd van het elektriciteitsnet. VEILIGHEIDSAANWIJZINGEN VOOR DE STARTBOOSTER • Controleer regelmatig of de startbooster, de voedingskabel van de startbooster en de klemmen intact zijn. • Gebruik de startbooster niet als hij beschadigd is. Probeer niet om hem te openen of er wijzingingen aan aan te brengen. • Sluit de oplader van de startbooster op het elektriciteitsnet aan en verzeker u ervan dat de netspanning overeenkomt met de netspanning die op het stroomvoorzieningsmechanisme staat. (Zie de tabel met TECHNISCHE GEGEVENS) • Garandeer tijdens het gebruik van de startbooster voldoende ruimte voor de ventilatie. • Laat de startbooster nadat hij is opgeladen niet gedurende lange tijd aan de oplader gekoppeld. • Gebruik de startbooster niet in een vochtige, natte omgeving. Stel hem niet bloot aan regen. Een vochtige en vuile omgeving verhoogt het gevaar voor elektrische schokken. • Gebruik om de startbooster op te laden alleen de bijgeleverde oplader. INDIVIDUELE BESCHERMINGSMIDDELEN DIE NODIG ZIJN TIJDENS HET GEBRUIK VAN DE MOBIELE STARTBOOSTER Niet inachtneming van de volgende waarschuwingen kan lichamelijk letsel en/of ziektes veroorzaken. GEBRUIK ALTIJD VEILIGHEIDSSCHOENEN GEBRUIK ALTIJD EEN BESCHERMENDE BRIL GEBRUIK ALTIJD BESCHERMENDE HANDSCHOENEN VOOR FYSISCHE AGENTIA TIJDENS HET GEBRUIK VAN DE STARTBOOSTER Andere persoonlijke beschermingsmiddelen die moeten worden gebruikt, afhankelijk van de waarden die zijn gevonden bij het onderzoek van de milieuhygiëne /risicoanalyse indien de waarden de maximumwaarden overschrijden, die in de geldende voorschriften staan. TECHNISCHE GEGEVENS MOET WORDEN GEBRUIKT VOOR ACCU’S VAN OPLADER STARTBOOSTER NOMINALE SPANNING INTERNE ACCU (Lithium LiFePO4) HULPACCU OPLAADSPANNING LENGTE VAN DE KABEL MET KLEMMEN DOORSNEDE VAN DE KABEL MET KLEMMEN BESCHERMING TEGEN VERWISSELING VAN DE POLEN BESCHERMING TEGEN KORTSLUITING OVERSPANNINGSBEVEILIGING AUTOGEHEUGENBEVEILIGING IDEALE GEBRUIKSTEMPERATUUR AFMETINGEN GEWICHT 12V 230V ~ 50/60Hz 13.2V nominaal 9V (6LR61) 14,5V max 0,5 m CU 10mm2 JA JA JA JA -10 °C + ± 40°C 300x230x60 mm 2,5 kg 46 1498LT_12.indd 46 10/11/16 09:14 GEBRUIKSAANWIJZING NL DE MOBIELE STARTBOOSTER OPLADEN Laad de startbooster meteen na aankoop en na ieder gebruik gedurende minstens 8 uur op. Als de startbooster niet wordt gebruikt, laadt u hem om de twee maanden 8 uur op. Zo blijft de interne accu perfect werken. • Verzeker u ervan dat er geen apparaat op de startbooster is aangesloten. • Controleer het laadniveau van de accu op de voltmeter “Voltage” met behulp van de TESTKNOP: • Groen “Full” accu 100% geladen • Geel “Med” accu ongeveer 60% geladen • Rood “Low” accu ongeveer 30% geladen • Wanneer de wijzer van de voltmeter het groene gebied niet bereikt, laadt u de accu van de startbooster op. • Sluit de oplader op het stopcontact van het 230V elektriciteitsnet aan. • Steek de stekker van de oplader in de laadbus “Input Charge” aan de voorkant van de startbooster. • Gebruik alleen de bijgeleverde oplader. • Laat de startbooster nadat hij is opgeladen niet gedurende lange tijd aan de oplader gekoppeld. • Gebruik de startbooster niet terwijl hij wordt opgeladen. INTERNE 9V HULPACCU VAN DE MOBIELE STARTBOOSTER De startbooster is voorzien van een 9V hulpaccu, die onmisbaar is bij de voeding van de controleprocessor. Vervang de accu wanneer het alarm “Err 5” gaat branden. Open het klepje aan de achterkant van de behuizing van de startbooster om hem te vervangen, verwijder de accu, koppel de polen los en breng een nieuwe accu aan. Sluit het klepje weer. DE MOBIELE STARTBOOSTER GEBRUIKEN - VOERTUIGEN STARTEN • Controleer of de startbooster uitgeschakeld is. • Als het voltage van de startbooster en de spanning van de installatie van de auto niet met elkaar overeenkomen, kan dat explosies, schade aan het voertuig, de startbooster en personen veroorzaken. • Zoek de pool die overeenstemt met de massa van het voertuig. Over het algemeen is die op de negatieve klem aangesloten. • Sluit de uitgangskabel met de rode klem (+) op de positieve pool van de accu en de uitgangskabel met de zwarte klem (-) op de massa van het voertuig aan. • Verwissel de polen nooit. Als de polen worden verwisseld kan dat explosies, schade aan het voertuig, het product en personen veroorzaken. • Als de RODE led “Reverse” gaat branden wil dat zeggen dat de polen zijn verwisseld. • Koppel de klemmen van het voertuig en sluit ze op de juiste manier aan. • Controleer of de kabels van de startbooster zich uit de buurt van ventilatoren, bewegende delen en de brandstofleiding bevinden. • Druk op de START/STOP knop. De blauwe led gaat branden en op het display verschijnt het opschrift “STRT”. • Start de motor binnen 30 seconden. • Na 30 seconden gaat de startbooster automatisch uit. • Als de startbooster niet wordt ingeschakeld wanneer u op de Start-toets drukt, heeft de accu van het voertuig waarschijnlijk een lagere spanning dan de 6 Volt die nodig zijn om de beschermingen in te schakelen. Om het voertuig te starten moet in dat geval op de modus “GEFORCEERD STARTEN” worden overgegaan, die in het volgende punt wordt beschreven. • Om de startbooster uit te schakelen moet u op de START/STOP-knop drukken. • Koppel eerst de uitgangskabel met zwarte klem (-) van de massa van het voertuig en berg hem meteen op zijn plaats op. • Koppel de uitgangskabel met rode klem van de positieve pool (+) van de accu en berg hem meteen op zijn plaats op. Blijf het niet proberen als het niet lukt om het voertuig bij de eerste pogingen te starten. Voordat u opnieuw probeert te starten laat u de startbooster minstens 3 minuten rusten, om te voorkomen dat hij beschadigd raakt. • Laad de startbooster altijd na elk gebruik op. 47 1498LT_12.indd 47 10/11/16 09:14 GEBRUIKSAANWIJZING NL DE MOBIELE STARTBOOSTER GEBRUIKEN - GEFORCEERD STARTEN BIJ ACCU’S MET EEN SPANNING DIE LAGER IS DAN 6 V De modus “GEFORCEERD STARTEN” is geschikt wanneer u een voertuig moet starten waarvan de accu leeg, erg leeg en onderbroken is. EEN AANTAL VEILIGHEIDSFUNCTIES ZIJN UITGESCHAKELD. PAS GOED OP TIJDENS HET GEBRUIK VAN DE STARTBOOSTER. • Controleer of de startbooster uitgeschakeld is. • Zoek de pool die overeenstemt met de massa van het voertuig. Over het algemeen is die op de negatieve klem aangesloten. • Sluit de uitgangskabel met de rode klem (+) op de positieve pool van de accu en de uitgangskabel met de zwarte klem (-) op de massa van het voertuig aan. • Verwissel de polen nooit. Als de polen worden verwisseld kan dat explosies, schade aan het voertuig, het product en personen veroorzaken. • Als de RODE led gaat branden wil dat zeggen dat de polen zijn verwisseld. • Koppel de klemmen van het voertuig en sluit ze op de juiste manier aan. • Controleer of de kabels van de startbooster zich uit de buurt van ventilatoren, bewegende delen en de brandstofleiding bevinden. • Druk 7 seconden op de START/STOP knop. De blauwe led gaat branden en op het display verschijnt het knipperende opschrift “STRT”. Vanaf nu zijn een aantal beschermingen uitgeschakeld. • Start de motor binnen 30 seconden. • Na 30 seconden gaat de startbooster automatisch uit. • LET OP! SCHAKEL DE STARTBOOSTER METEEN NADAT DE MOTOR IS GESTART UIT EN KOPPEL DE KLEMMEN LOS. • Om de startbooster uit te schakelen moet u op de START/STOP-knop drukken. • Koppel eerst de uitgangskabel met zwarte klem (-) van de massa van het voertuig en berg hem meteen op zijn plaats op. • Koppel de uitgangskabel met rode klem van de positieve pool (+) van de accu en berg hem meteen op zijn plaats op. Blijf het niet proberen als het niet lukt om het voertuig bij de eerste pogingen te starten. Voordat u opnieuw probeert te starten laat u de startbooster minstens 3 minuten rusten, om te voorkomen dat hij beschadigd raakt. • Laad de startbooster altijd na elk gebruik op. DE MOBIELE STARTBOOSTER GEBRUIKEN - STROOMVOORZIENINGSTOESTEL VAN DE 12V “MEMORY SAVER” AUTOGEHEUGENBEVEILIGING Op de modus “MEMORY SAVER” ZIJN EEN AANTAL VEILIGHEIDSFUNCTIES UITGESCHAKELD. PAS GOED OP TIJDENS HET GEBRUIK VAN DE STARTBOOSTER. • Controleer of de startbooster uitgeschakeld is. • Controleer altijd de spanning van de accu van het voertuig. • Als het voltage van de startbooster en de spanning van de installatie van de auto niet met elkaar o vereenkomen, kan dat explosies, schade aan het voertuig, de startbooster en personen veroorzaken. • Zoek de pool die overeenstemt met de massa van het voertuig. Over het algemeen is die op de negatieve klem aangesloten. • Sluit de uitgangskabel met de rode klem (+) op de positieve pool van de accu en de uitgangskabel met de zwarte klem (-) op de massa van het voertuig aan. Vanaf nu zijn een aantal beschermingen uitgeschakeld • Verwissel de polen nooit. Als de polen worden verwisseld kan dat explosies, schade aan het voertuig, het product en personen veroorzaken. • Als de RODE led gaat branden wil dat zeggen dat de polen zijn verwisseld. • Koppel de klemmen van het voertuig en sluit ze op de juiste manier aan. • Controleer of de kabels van de noodstarthulp zich uit de buurt van ventilatoren, bewegende delen en de brandstofleiding bevinden. • Druk 5 seconden op de START/STOP knop. De blauwe en de gele led gaan branden en op het display verschijnt het opschrift “MEMO”. • Ga verder met de geplande activiteiten. • Wanneer u klaar bent, drukt u op de START/STOP-knop om de startbooster uit te schakelen. 48 1498LT_12.indd 48 10/11/16 09:14 GEBRUIKSAANWIJZING NL VERRICHT DE VOLGENDE HANDELINGEN NIET MET DE “MEMO” FUNCTIE: • de “MEMO” functie mag niet worden gebruikt om het voertuig te starten; • bij de “MEMO” functie gaat de startbooster niet na 30 seconden uit; • voordat u de klemmen verwijdert controleert u of de startbooster uitgeschakeld is. Berg de startbooster na de werkzaamheden op een droge plek zonder vocht op. Om de buitenkant van de behuizing te reinigen gebruikt u een droge doek. FOUTMELDINGEN Op het display verschijnt één van de volgende opschriften en gaat de led “Error” branden. Controleer de volgende mogelijke fouten: Err 1 DE POLEN ZIJN VERWISSELD / KORTSLUITING / ACCU BESCHADIGD / STARTBOOSTER NIET AANGESLOTEN Err 2 VERKEERDE SPANNING (Bijvoorbeeld U HEEFT DE STARTBOOSTER OP EEN 24V ACCU AANGESLOTEN) Err 3 DE TEMPERATUUR VAN DE INTERNE 12V ACCU IS TE HOOG (Lithium LiFePO4) Err 4 DE INTERNE 12V ACCU (Lithium LiFePO4) IS LEEG Err 5 DE 9V HULPBATTERIJ IS LEEG Err 6 OVERBELASTING OP DE STARTMODUS Err 7 OVERBELASTING OP DE MODUS AUTOGEHEUGEN BEVEILIGING ONDERHOUD Onderhoudswerkzaamheden en reparaties mogen uitsluitend door vakmensen worden verricht. Wend u voor deze werkzaamheden tot het reparatiecentrum van Beta Utensili S.P.A. AFDANKEN Het symbool van de doorgestreepte vuilnisbak op het apparaat of op de verpakking geeft aan dat het product op het einde van zijn levenscyclus afzonderlijk van het gemeentelijk afval moet worden afgedankt. De gebruiker die dit instrument wenst af te danken, kan: - Het bij een centrum voor afvalophaling voor elektrische en elektronische afval afgeven. - Het terugbezorgen aan de eigen verkoper op het moment waarop een nieuw gelijkwaardig instrument wordt gekocht. - In geval van producten voor uitsluitend professioneel gebruik contact opnemen met de fabrikant, die een goede afdankprocedure moet voorschrijven. Door dit product op de goede manier af te danken, kunnen de grondstoffen ervan worden gerecycled, en schade aan het milieu en de gezondheid worden voorkomen. Illegaal afdanken van het product houdt een overtreding van de voorschriften betreffende het afdanken van gevaarlijk afval in, waarvoor de voorziene sancties worden toegepast. GARANTIE Deze apparatuur is vervaardigd en getest in overeenstemming met de voorschriften die momenteel van kracht zijn in de Europese Gemeenschap. Hij heeft 12 maanden garantie bij professioneel gebruik of 24 maanden bij niet-professioneel gebruik. Storingen veroorzaakt door materiaal- of fabrieksfouten worden naar ons goeddunken ofwel gerepareerd of de defecte onderdelen worden vervangen. Eén of meerdere reparaties tijdens de garantieperiode wijzigt de verloopdatum ervan niet. Defecten veroorzaakt door slijtage, een verkeerd of oneigenlijk gebruik, of door vallen en/of stoten worden niet door de garantie gedekt. De garantie komt te vervallen wanneer er wijzigingen worden aangebracht, wanneer er met het apparaat wordt geknoeid, wanneer de startbooster gedemonteerd naar de assistentie wordt gestuurd of wanneer de modi “GEFORCEERD STARTEN” en “MEMORY SAVER” verkeerd worden gebruikt. Schade toegebracht aan personen en / of voorwerpen van welke aard en / of natuur, direct en / of indirect is uitdrukkelijk uitgesloten. 1498LT_12.indd 49 49 10/11/16 09:14 GEBRUIKSAANWIJZING NL VERKLARING VAN OVEREENSTEMMING EU We verklaren onder eigen verantwoordelijkheid dat het beschreven product voldoet aan alle relevante bepalingen van de volgende richtlijnen: • Richtlijn met betrekking tot de elektromagnetische compatibiliteit (E.M.C.) 2014/30/EU; • Laagspanningsrichtlijn (L.V.D.) 2014/35/EU; • Richtlijn betreffende de beperking van het gebruik van bepaalde gevaarlijke stoffen in elektrische en elektronische apparatuur (Ro.H.S.) 2011/65/EU; Het technische dossier is verkrijgbaar bij: BETA UTENSILI S.P.A. Via A. Volta 18, 20845 Sovico (MB) ITALIË Data 01/01/2017 50 1498LT_12.indd 50 10/11/16 09:14
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52
  • Page 53 53
  • Page 54 54
  • Page 55 55
  • Page 56 56
  • Page 57 57
  • Page 58 58
  • Page 59 59
  • Page 60 60
  • Page 61 61
  • Page 62 62
  • Page 63 63
  • Page 64 64

Beta 1498LT/12 Handleiding

Type
Handleiding