Samsung SAMSUNG ST10 Handleiding

Type
Handleiding
In deze gebruiksaanwijzing vindt u
uitgebreide aanwijzingen voor het
gebruik van uw camera. Lees deze
gebruiksaanwijzing aandachtig door.
Ä Klik op een onderwerp
User Manual
ST10
Beknopt overzicht
Inhoud
Basisfuncties
Geavanceerde functies
Opnameopties
Afspelen/bewerken
Multimedia
Aanvullende informatie
Index
1
Informatie over gezondheid en veiligheid
Houd u altijd aan de volgende voorzorgsmaatregelen en gebruikstips om gevaarlijke situaties te vermijden en ervoor te zorgen dat de camera
optimaal werkt.
Waarschuwing: situaties die bij u of anderen letsel kunnen
veroorzaken
Voorzichtig: situaties die schade aan de camera of andere
apparatuur kunnen veroorzaken
Opmerking: opmerkingen, gebruikstips of aanvullende
informatie
Gebruik de camera niet in de buurt van ontvlambare of
explosieve gassen en vloeistoffen
Gebruik de camera niet in de buurt van brandstoffen, brandbaar
materiaal of ontvlambare of explosieve chemicaliën. Bewaar geen
ontvlambare vloeistoffen, gassen en explosief materiaal in dezelfde
ruimte als de camera of de onderdelen of accessoires van de
camera.
Houd de camera buiten het bereik van kleine kinderen en
huisdieren
Houd de camera en alle bijbehorende onderdelen en accessoires
buiten het bereik van kleine kinderen en huisdieren. Kleine
onderdelen vormen verstikkingsgevaar of kunnen schadelijk zijn
wanneer zij worden ingeslikt. Bewegende delen en accessoires
kunnen ook een fysiek gevaar vormen.
Waarschuwingen
Voorkom gezichtsschade bij het onderwerp
Gebruik de flitser van de camera niet vlakbij (op minder dan
1 m afstand van) de ogen van mensen of dieren. Gebruik van
de flitser dicht bij de ogen van het onderwerp kan tot tijdelijke of
permanente schade aan het gezichtsvermogen leiden.
Behandel batterijen en oplader voorzichtig en voer deze af
volgens de voorschriften
Gebruik alleen door Samsung goedgekeurde batterijen en t
opladers. Niet-compatibele batterijen en opladers kunnen ernstig
letsel of schade aan uw camera veroorzaken.
Gooi batterijen nooit in open vuur. Houd u aan alle lokale t
regelgeving bij het verwijderen van gebruikte batterijen.
Leg batterijen of camera's nooit in of op verwarmingsapparaten, t
zoals een magnetron, kachel of radiator. Batterijen kunnen
exploderen als ze te heet worden.
Gebruik en bewaar de camera zorgvuldig en verstandig
Zorg ervoor dat de camera niet nat wordt. Het toestel kan door t
vloeibare stoffen ernstig beschadigen. Raak de camera niet
met natte handen aan. De garantie van de fabrikant is niet van
toepassing op waterschade aan het toestel.
Veiligheidsvoorschriften
2
Informatie over gezondheid en veiligheid
Bescherm batterijen, opladers en geheugenkaarten tegen
schade
Vermijd blootstelling van batterijen en geheugenkaarten aan t
extreme temperaturen (onder 0 °C of boven 40 °C). Door extreme
temperaturen kan de oplaadcapaciteit van de batterijen afnemen
en kunnen geheugenkaarten storingen vertonen.
Voorkom dat batterijen in aanraking komen met metalen t
voorwerpen. Dit kan een verbinding vormen tussen de plus- en
minpolen van uw batterijen en tijdelijke of permanente schade aan
de batterijen veroorzaken.
Voorkom dat geheugenkaarten in contact komen met vloeistof, t
vuil of vreemde stoffen. Veeg, indien nodig, de geheugenkaart met
een zachte doek schoon alvorens u de kaart in de camera plaatst.
Schakel de camera uit wanneer u een geheugenkaart plaatst of t
verwijdert.
Zorg dat geheugenkaarten niet buigen, vallen of aan zware t
klappen of druk worden blootgesteld.
Gebruik geen geheugenkaarten die in een andere camera of t
door een computer zijn geformatteerd. Formatteer een dergelijke
geheugenkaart opnieuw in uw eigen camera.
Gebruik nooit een beschadigde oplader, batterij of geheugenkaart.t
Stel de camera niet gedurende lange tijd aan direct zonlicht of t
hoge temperaturen bloot. Langdurige blootstelling aan zonlicht
of extreme temperaturen kan permanente schade aan interne
onderdelen van het toestel veroorzaken.
Gebruik of bewaar de camera niet in stoffige, vervuilde, vochtige t
of slecht geventileerde omgevingen om schade aan bewegende
delen en interne onderdelen te vermijden.
Haal de batterijen uit de camera wanneer u deze voor langere t
tijd opbergt. Batterijen in het batterijvak kunnen na verloop van
tijd gaan lekken of roesten en ernstige schade aan uw camera
veroorzaken.
Bescherm de camera tegen zand en vuil wanneer u deze op het t
strand of in een andere, soortgelijke omgeving gebruikt.
Bescherm de camera en het scherm tegen stoten, ruw gebruik en t
sterke trillingen om ernstige schade te voorkomen.
Wees voorzichtig bij het aansluiten van kabels en adapters en t
het plaatsen van batterijen en geheugenkaarten. Het forceren
van stekkers, onjuist aansluiten van kabels of onjuist plaatsen van
batterijen en geheugenkaarten kan leiden tot schade aan poorten,
stekkers en accessoires.
Steek geen vreemde voorwerpen in de compartimenten, sleuven t
en toegangspunten van de camera. Schade als gevolg van onjuist
gebruik wordt mogelijk niet door de garantie gedekt.
3
Informatie over gezondheid en veiligheid
Zorg voor een optimale levensduur van batterijen en oplader
Te lang opladen van batterijen kan de levensduur daarvan t
bekorten. Wanneer het opladen is voltooid, dient u de kabel van
de camera los te koppelen.
Batterijen die niet worden gebruikt, ontladen zich na verloop van t
tijd en moeten voor gebruik opnieuw worden opgeladen.
Laat de stekker van de oplader niet in het stopcontact zitten als u t
de oplader niet gebruikt.
Gebruik de batterijen alleen voor het doel waarvoor ze zijn t
bedoeld.
Wees voorzichtig met het gebruik van de camera in vochtige
omgevingen
Wanneer u de camera vanuit een koude in een warme en vochtige
omgeving brengt, kan er op de fijne elektronische schakelingen en
op de geheugenkaart condensvorming optreden. Wacht in zo'n
geval ten minste 1 uur totdat alle vocht is verdampt, alvorens u de
camera gebruikt.
Controleer voor gebruik of de camera naar behoren
functioneert
De fabrikant is niet verantwoordelijk voor verlies van bestanden of
schade die kan voortkomen uit defecten aan de camera of onjuist
gebruik.
Gebruik alleen door Samsung goedgekeurde accessoires
Het gebruik van niet-compatibele accessoires kan leiden tot schade
aan de camera, lichamelijk letsel en het vervallen van de garantie.
Bescherm de cameralens
Stel de lens niet aan direct zonlicht bloot. Hierdoor kan de t
beeldsensor verkleuren of defect raken.
Bescherm de lens tegen vingerafdrukken en krassen. Reinig de t
lens met een zachte, schone doek.
Wees voorzichtig met oordopjes
Gebruik geen oordopjes tijdens het autorijden, fietsen of het t
besturen van motorvoertuigen. Dit zou de verkeersveiligheid in
gevaar kunnen brengen en is mogelijk in bepaalde regio's ook
verboden.
Gebruik slechts het minimaal noodzakelijke volume. Met oordopjes t
naar hoge geluidsvolumes luisteren kan tot gehoorbeschadiging
leiden.
Laat reparatie en onderhoud van de camera alleen door
gekwalificeerd personeel uitvoeren
Laat geen ongekwalificeerd personeel reparatie- of
onderhoudswerkzaamheden aan de camera uitvoeren en probeer dit
ook niet zelf te doen. Alle schade die voortvloeit uit ongekwalificeerd
onderhoud of reparatie wordt niet door de garantie gedekt.
Belangrijke gebruiksinformatie
4
©2009 SAMSUNG DIGITAL IMAGING CO., LTD.
De specificaties van de camera en de inhoud van deze
gebruiksaanwijzing kunnen vanwege een opwaardering
van de camerafuncties zonder voorafgaande kennisgeving
worden gewijzigd.
Copyrightinformatie
Microsoft Windows en het Windows-logo zijn t
geregistreerde handelsmerken van Microsoft
Corporation.
Mac is een geregistreerd handelsmerk van Apple t
Corporation.
t is een geregistreerd handelsmerk van SRS Labs,
Inc. WOW HD-technologie is gebruikt onder licentie van
SRS Labs, Inc.
Indeling van de gebruiksaanwijzing
Basisfuncties 10
Hier wordt ingegaan op de indeling, pictogrammen
en standaardopnamefuncties van de camera en het
overbrengen van bestanden van en naar de computer.
Geavanceerde functies 31
Hier vindt u informatie over hoe u foto's maakt door een
modus te selecteren en hoe u video's of spraakmemo's
opneemt.
Opnameopties 40
Hier vindt u informatie over de instellingen waarvoor u in
de opnamemodus kunt kiezen.
Afspelen/bewerken 61
Hier vindt u informatie over hoe u foto’s, video’s en
spraakmemo’s kunt weergeven of afspelen en hoe u
foto’s en video’s kunt bewerken. Ook leest u hier hoe u
de camera op een fotoprinter of televisie aansluit.
Multimedia 77
Hier vindt u informatie over het gebruik van
multimediamodus: de Muziekmodus, de Videomodus
en de Tekstviewermodus.
Aanvullende informatie 86
Hier vindt u informatie over instellingen en
foutmeldingen, alsmede specificaties en
onderhoudstips.
5
Pictogrammen in deze gebruiksaanwijzing
Opnamemodus Pictogram
Smart Auto
S
Auto
a
Programma
p
Scène
s
DIS
d
Film
v
Multimedia
m
Pictogrammen in de opnamemodus
Deze pictogrammen geven aan dat een bepaalde functie in de
desbetreffende modi beschikbaar is. De s modus ondersteunt
wellicht bepaalde functies niet voor alle scènes.
Voorbeeld:
Beschikbaar in de modi
Programma, DIS en Film
Symbolen in deze gebruiksaanwijzing
Symbool Functie
Aanvullende informatie
Veiligheidsvoorschriften en waarschuwingen
[ ]
Cameratoetsen; bijvoorbeeld: [Ontspanknop] (staat
voor de ontspanknop)
( )
Paginanummer van verwante informatie
De volgorde van de opties of menu's die u moet
selecteren om een stap uit te voeren, bijvoorbeeld:
Selecteer
>
(betekent Selecteer
>
en
vervolgens
)
*
Voetnoot
Afkortingen in deze gebruiksaanwijzing
Afkorting Betekenis
ACB
Auto Contrast Balance
(automatische contrastverbetering)
AEB
Auto Exposure Bracket
(opnamereeks met verschillende belichtingen)
AF
Auto Focus (autofocus)
DIS
Digital Image Stabilisation (digitale beeldstabilisatie)
DPOF
Digital Print Order Format (digitale afdrukbestelling)
EV
Exposure Value (belichtingswaarde)
WB
White Balance (witbalans)
6
Uitdrukkingen in deze gebruiksaanwijzing
De ontspanknop indrukken
tDruk [Ontspanknop] half in: druk de ontspanknop half in
Druk op [t Ontspanknop]: druk de ontspanknop volledig in
Druk [Ontspanknop] half in Druk op [Ontspanknop]
Onderwerp, achtergrond en compositie
Onderwerpt : het belangrijkste object in een scène, zoals een
persoon, dier of stilleven
Achtergrondt : de objecten rondom het onderwerp
Compositiet : de combinatie van onderwerp en achtergrond
Achtergrond
Onderwerp
Compositie
Belichting (Helderheid)
De hoeveelheid licht die de camera binnenkomt bepaalt de
belichting. De belichting kan worden aangepast met behulp van
sluitertijd, diafragma en ISO-waarde. Wanneer u de belichting
verandert, worden de foto's donkerder of lichter.
Normale belichting Overbelicht (te helder)
7
Beknopt overzicht
Foto's van mensen maken
s
t modus > Beautyshot, Portret, Kinderen
f
33
Rode ogen, Anti-rode ogen (rode ogen voorkomen of t
verwijderen)
f
45
Gezichtsdetec. t
f
50
's Nachts of in het donker foto's
maken
s
t modus > Nacht, Dageraad, Vuurwerk
f
33
Flitseropties t
f
45
ISO-waarde (de lichtgevoeligheid aanpassen) t
f
46
Actiefoto's maken
Continu, Bew.detectie t
f
58
Foto's maken van tekst, insecten en
bloemen
s
t modus > Close-up, Tekst
f
33
Macro, Auto macro, Supermacro (close-upfoto's t
maken)
f
47
Witbalans (de tint wijzigen) t
f
56
De belichting aanpassen (helderheid)
ISO-waarde (de lichtgevoeligheid aanpassen) t
f
46
EV (de belichting aanpassen) t
f
53
ACB (compenseren voor onderwerpen tegen een t
heldere achtergrond)
f
54
L.meting t
f
55
AEB (3 foto's van dezelfde scène met een verschillende t
belichting maken)
f
58
Een speciaal effect toepassen
Fotostijlen (om een speciale tint aan te brengen) t
f
59
Beeld aanpassen (om kleurverzadiging, scherpte en t
contrast bij te stellen)
f
60
Bewegingsonscherpte voorkomen
d
t modus
f
36
De camera op een computer t
aansluiten
f
22
Bestanden op categorie t
bekijken in Smart Album
f
63
Alle bestanden op de t
geheugenkaart wissen
f
65
Foto's als diavertoning t
weergeven
f
67
Foto's op een televisie t
weergeven
f
74
Een multimediamodus t
gebruiken (muziek of video's
afspelen en tekstbestanden
weergeven)
f
78
Geluid en volume aanpassen t
f
88
De helderheid van het t
scherm aanpassen
f
88
De schermtaal wijzigen t
f
88
De datum en tijd instellen t
f
89
De geheugenkaart t
formatteren
f
89
Problemen oplossen t
f
96
8
Inhoud
De kaderlijnen gebruiken ...................................................... 34
De belichting in de Nachtmodus aanpassen .......................... 35
De DIS-modus gebruiken ..................................................... 36
De Programmamodus gebruiken .......................................... 36
Een video opnemen ............................................................ 37
Spraakmemo's opnemen ..................................................
39
Een spraakmemo opnemen ................................................. 39
Een spraakmemo aan een foto toevoegen ............................. 39
Opnameopties ....................................................................... 40
Resolutie en beeldkwaliteit selecteren ............................... 41
De resolutie selecteren ........................................................ 41
De beeldkwaliteit selecteren ................................................. 42
De timer gebruiken ............................................................ 43
Opnamen in het donker maken ......................................... 45
Rode ogen voorkomen ........................................................ 45
De flitser gebruiken .............................................................. 45
De ISO-waarde aanpassen .................................................. 46
De scherpstelling aanpassen ............................................. 47
Macro gebruiken ................................................................. 47
Autofocus gebruiken ............................................................ 47
Intelligente aanraakfocus ...................................................... 48
Het scherpstelgebied aanpassen .......................................... 49
Gezichtsdetectie gebruiken ............................................... 50
Gezichten detecteren .......................................................... 50
Een zelfportret maken .......................................................... 51
Een foto van een lachend gezicht maken ............................... 51
Knipperende ogen detecteren .............................................. 51
Slimme gezichtsherkenning .................................................. 52
Basisfuncties .......................................................................... 10
Uitpakken .......................................................................... 11
Camera-indeling ................................................................ 12
Pictogrammen ................................................................... 14
De camera in- en uitschakelen .......................................... 15
Het aanraakscherm gebruiken .......................................... 16
Het aanraakscherm instellen ............................................. 18
Een weergavetype selecteren ............................................... 18
Aanraaktrilling en -geluid instellen .......................................... 18
Foto's maken .................................................................... 19
Zoomen ............................................................................. 20
Bestanden naar de computer overbrengen (Windows) ..... 21
Programma's installeren ....................................................... 21
Bestanden naar de pc overbrengen ...................................... 22
De camera loskoppelen (Windows XP) .................................. 23
Multimediabestanden naar de camera overbrengen ............... 23
Samsung Converter gebruiken ............................................. 25
Samsung Master gebruiken ................................................. 26
Bestanden naar de computer overbrengen (Mac) ............. 28
Bestanden naar de computer overbrengen ............................ 28
Multimediabestanden naar de camera overbrengen ............... 28
Tips om betere foto's te maken ........................................ 29
Geavanceerde functies ........................................................ 31
Opnamemodi .................................................................... 32
De Smart Auto-modus gebruiken .......................................... 32
De Scènemodus gebruiken .................................................. 33
De Beautyshot-modus gebruiken .......................................... 33
9
Inhoud
Helderheid en kleur aanpassen ......................................... 53
De belichting handmatig aanpassen (EV) ............................... 53
Compenseren voor tegenlicht (ACB) ..................................... 54
De lichtmeetmethode wijzigen .............................................. 55
Een lichtbron selecteren (Witbalans) ...................................... 56
Serieopnamen ................................................................... 58
Uw foto's mooier maken ................................................... 59
Fotostijlen toepassen ........................................................... 59
Uw eigen RGB-tint definiëren ................................................ 59
Uw foto's aanpassen ........................................................... 60
Afspelen/bewerken ............................................................... 61
Weergeven ........................................................................ 62
De weergavemodus starten ................................................. 62
Foto's weergeven ................................................................ 66
Een video afspelen .............................................................. 68
Een spraakmemo afspelen ................................................... 69
Foto's bewerken ............................................................... 70
Een foto draaien .................................................................. 70
Resolutie van de foto aanpassen .......................................... 70
De kleur bijwerken ............................................................... 71
Uw eigen RGB-tint definiëren ................................................ 71
Een speciaal effect toepassen .............................................. 72
Belichtingsproblemen corrigeren ........................................... 72
Een afdrukbestelling maken (DPOF) ...................................... 73
Foto's op een televisie weergeven .................................... 74
Foto's met een fotoprinter afdrukken (PictBridge) ............. 75
Multimedia .............................................................................. 77
Een multimediamodus gebruiken ...................................... 78
De Muziekmodus gebruiken .............................................. 80
De Videomodus gebruiken ................................................ 82
De Tekstviewermodus gebruiken ....................................... 83
Instellingen van de multimediamodus ................................ 84
Aanvullende informatie ........................................................ 86
Instellingenmenu ............................................................... 87
Het instellingenmenu openen ............................................... 87
Geluidsinstellingen .............................................................. 88
Scherminstellingen .............................................................. 88
Camera-instellingen ............................................................. 89
Foutmeldingen .................................................................. 91
Onderhoud van de camera ............................................... 92
De camera reinigen ............................................................. 92
Geheugenkaarten ................................................................ 93
De batterij ........................................................................... 94
Voordat u contact opneemt met een servicecenter ........... 96
Cameraspecificaties .......................................................... 98
Index ............................................................................... 103
Uitpakken ……………………………………… 11
Camera-indeling ……………………………… 12
Pictogrammen ……………………………… 14
De camera in- en uitschakelen …………… 15
Het aanraakscherm gebruiken …………… 16
Het aanraakscherm instellen ……………… 18
Een weergavetype selecteren ………………… 18
Aanraaktrilling en -geluid instellen …………… 18
Foto's maken ………………………………… 19
Zoomen ………………………………………… 20
Bestanden naar de computer overbrengen
(Windows) …………………………………… 21
Programma's installeren ……………………… 21
Bestanden naar de pc overbrengen ………… 22
De camera loskoppelen (Windows XP) ……… 23
Multimediabestanden naar de camera
overbrengen …………………………………… 23
Samsung Converter gebruiken ……………… 25
Samsung Master gebruiken …………………… 26
Bestanden naar de computer overbrengen
(Mac) …………………………………………… 28
Bestanden naar de computer overbrengen 28
Multimediabestanden naar de camera
overbrengen …………………………………… 28
Tips om betere foto's te maken …………… 29
Basisfuncties
Hier wordt ingegaan op de indeling, pictogrammen en standaardopnamefuncties van de camera en het
overbrengen van bestanden van en naar de computer.
Basisfuncties
11
Camera AC-adapter/USB-kabel Schermpen
Oplaadbare batterij Polslus
Software-cd-rom
(Met gebruiksaanwijzing)
A/V-kabel Oordopjes
Snelstartgids
Uitpakken
Controleer of de doos de volgende artikelen bevat:
Optionele accessoires
Camera-etui
Geheugenkaarten
De afbeelding kan afwijken van de
werkelijke artikelen.
Basisfuncties
12
Camera-indeling
Maak u vertrouwd met de diverse onderdelen en functies van de camera voordat u begint.
Ontspanknop
Aan/Uit-knop
Lens
Flitser
AF-hulplampje/timerlampje
Microfoon
Lensbescherming
Luidspreker
Multifunctionele aansluiting
Voor aansluiting van USB-kabel,
A/V-kabel en oordopjes
Statiefbevestigingspunt
Batterijklep
Basisfuncties
13
Camera-indeling
Statuslampje
Knippertt : bij opslaan van een foto of video, uitlezen
door een computer of printer of bij een onscherp
onderwerp
Brandtt : bij aansluiting op een computer of wanneer
er op het onderwerp is scherpgesteld
Zoomknop
In- en uitzooment
Inzoomen op een deel van de foto of t
bestanden als miniaturen weergeven
Aanraakscherm
Menuknop
Toegang tot
menuopties en
instellingen, of
terugkeren naar de
voorgaande modus
Weergaveknop
Basisfuncties
14
C. Instellingenpictogrammen (aanraken)
Pictogram Beschrijving
Flitserinstelling
Autofocusinstelling
Timerinstelling
Type weergave
f
Opname-instellingen
t : Belichtingswaarde
t : Witbalans
t : ISO-waarde
t : Gezichttint
t : Gezicht retouch
t : Scherpstelgebied
t : Gezichtsdetectie
t : Fotoresolutie
t : Videoresolutie
t : Fotokwaliteit
t : Framesnelheid
t : Belichting met ACB
t : Videostabilisator
t : Lichtmeting
t : Type serieopname
t : Effect
t : Beeldaanpassing (scherpte,
contrast, kleurverzadiging)
t : Lange sluitertijd
t : Geluidsopname
<>
t : Volgende reeks instellingen
Pictogrammen
Welke pictogrammen worden weergegeven, is afhankelijk van de geselecteerde modus of de ingestelde opties.
A. Moduspictogrammen (aanraken)
Pictogram Beschrijving
S
Een foto maken door de camera een
geschikte modus voor de scène te
laten selecteren
a
Snel een foto maken met minimale
instellingen
p
Een foto maken met instelling van
opties
s
Een foto maken met vooraf ingestelde
opties voor een specifieke scène
d
Een foto maken met opties die
geschikt zijn om bewegingsonscherpte
te voorkomen
v
Een video opnemen
m
MP3's en video's afspelen en
tekstbestanden weergeven
B. Statuspictogrammen
Pictogram Beschrijving
Diafragma en sluitertijd
Fotoresolutie
Belichtingswaarde
ISO-waarde
Witbalans
Gezichtsdetectie
Serieopnamen
Beeldaanpassing (scherpte, contrast,
kleurverzadiging)
Resterend aantal foto's
Beschikbare opnametijd
Interne geheugen
Geheugenkaart geplaatst
t : Volledig opgeladen
t : Deels opgeladen
t : Opladen noodzakelijk
Zoomverhouding
Spraakmemo
Autofocuskader
Bewegingsonscherpte
Instellingenreeks 1 (van 3)
Huidige datum en tijd
A
C
B
Basisfuncties
15
De camera in- en uitschakelen
Hier vindt u informatie over het inschakelen van de camera.
De camera inschakelen in de weergavemodus
Druk op [Weergaveknop]. De camera wordt ingeschakeld en
gaat direct naar de weergavemodus.
MENU
Houd [Weergaveknop] ingedrukt om het geluid van de camera uit te
schakelen.
Draai de lensbescherming open. Als de lensbescherming al open
is, kunt u ook op de Aan/Uit-knop drukken.
Als u de camera wilt uitschakelen, draait u de lensbescherming
weer dicht of drukt u op de Aan/Uit-knop.
Draai niet aan de lensbescherming door aan de opening te trekken. Hierdoor
zou u de lens kunnen aanraken of beschadigen.
Basisfuncties
16
Het aanraakscherm gebruiken
Hier vindt u basisinformatie over het aanraakscherm. Gebruik de meegeleverde schermpen om opties op het scherm aan te raken of over
het scherm te slepen.
Aanraken
Raak een pictogram aan om een menu of optie te selecteren.
Slepen
Sleep naar links of rechts om horizontaal te schuiven.
-2 -1 0 +2
-2
-
1
0
0
+
2
+1
EV
Raak het scherm niet aan met scherpe voorwerpen zoals pennen en potloden.
Hierdoor zou het scherm kunnen beschadigen.
Wanneer u het scherm aanraakt of over het scherm sleept met de t
schermpen, treden er verkleuringen op. Dit is geen defect, maar een
eigenschap van het aanraakscherm. U kunt deze irritante effecten
verminderen door het scherm licht aan te raken of licht met de
schermpen te slepen.
Het aanraakscherm herkent de aanraking niet goed wanneer u:t
meerdere items tegelijk aanraakt -
de camera in een erg vochtige omgeving gebruikt -
de camera gebruikt in combinatie met een lcd-beschermlaag of een -
ander lcd-accessoire
Als u het scherm met uw vinger aanraakt, herkent het scherm uw t
invoer misschien niet.
Basisfuncties
17
Het aanraakscherm gebruiken
Gebaren gebruiken
U kunt bepaalde functies uitvoeren door opdrachten op het
aanraakscherm te tekenen.
Gebaar Beschrijving
Trek een horizontale streep van links naar rechts t
om het volgende bestand weer te geven.
Trek een horizontale streep van rechts naar links t
om het vorige bestand weer te geven.
Teken een X om een foto te wissen.
Basisfuncties
18
Het aanraakscherm instellen
Hier vindt u informatie over hoe u de basisinstellingen van het aanraakscherm naar wens kunt aanpassen.
Aanraaktrilling en -geluid instellen
Hiermee stelt u in of de camera een trilt of een bepaald geluid laat
klinken wanneer u het scherm aanraakt.
Druk in de opname- of weergavemodus op [
1
MENU].
Selecteer
2
Trillen & Geluid.
Volume :Middel
Trilniveau
Trillen & Geluid
Sl.toon
B.geluid
Uit
Trillen
Geluid
Alles
Selecteer een optie.
3
Optie Beschrijving
Uit
De camera trilt niet en laat geen geluid
klinken.
Trillen
De camera geeft een trilling af.
Geluid
De camera laat een geluid klinken.
Alles
De camera trilt en laat een geluid klinken.
Druk op [
4
MENU] om naar de vorige modus terug te
keren.
Een weergavetype selecteren
Selecteer in de opname- of weergavemodus
een optie.
Volledig
Optie Beschrijving
Volledig: de naam van een optie weergeven wanneer u een
pictogram selecteert.
Basis: pictogrammen weergeven zonder de naam
van de optie. Deze optie is alleen beschikbaar in de
weergavemodus.
Verborgn: pictogrammen op het scherm verbergen als u
3 seconden lang geen handelingen uitvoert (raak het scherm
aan om de pictogrammen opnieuw weer te geven).
Basisfuncties
19
Foto's maken
Hier vindt u informatie over basishandelingen om in de Automodus eenvoudig en snel foto's te maken.
1
Zorg dat de camera in de
a
modus (Auto) staat, de
standaardopnamemodus.
Als dit niet het geval is, selecteert u het moduspictogram t 
a
.
Auto
In deze modus kunt u snel en gemakkelijk foto's maken
Kadreer het onderwerp.
2
Druk [
3
Ontspanknop] half in om scherp te stellen.
Een groen kader betekent dat het onderwerp scherp in beeld t
is.
Druk op [
4
Ontspanknop] om een foto te maken.
Zie pagina 29 voor tips om betere foto's te maken.
Basisfuncties
20
Foto's maken
Digitale zoom
Als de zoomindicator zich in het digitale bereik bevindt, gebruikt
de camera de digitale zoomfunctie. De beeldkwaliteit kan bij het
gebruik van digitale zoom achteruitgaan.
Optisch bereik
Zoomindicator
Digitaal bereik
De digitale zoomfunctie is niet beschikbaar bij het gebruik van de modi t
S
,
d
,
s
(in bepaalde scènes) en
v
en in combinatie met
Gezichtsdetec..
Bij gebruik van de digitale zoomfunctie kan het langer duren voordat t
een foto is opgeslagen.
Zoomen
U kunt close-upfoto's maken door in te zoomen. De camera heeft
3X optische zoom en 5X digitale zoom. Door beide te gebruiken,
kunt u tot 15 keer inzoomen.
Druk [Zoomknop] omhoog om op het onderwerp in te zoomen.
Druk [Zoomknop] omlaag om uit te zoomen.
Inzoomen
Uitzoomen
Zoomverhouding
Basisfuncties
21
Bestanden naar de computer overbrengen (Windows)
U kunt bestanden overbrengen door de camera op een pc aan te sluiten.
Programma's op de cd-rom
Programma Doel
Samsung Master
Foto's en video's bewerken.
Samsung Converter*
Video's omzetten zodat ze op de camera
kunnen worden afgespeeld.
Xvid Codec
Videobestanden coderen en decoderen.
Adobe Reader
De gebruiksaanwijzing weergeven.
* Voor dit programma wordt een Pentium IV of sneller aanbevolen.
Programma's installeren
Hardware- en softwarevereisten
Onderdeel Vereisten
Processor
Pentium III 500 MHz of sneller
(Pentium III 800 MHz of sneller aanbevolen)
RAM
256 MB of meer (512 MB of meer aanbevolen)
Besturingssysteem
Windows 2000/XP/Vista
Schijfruimte
250 MB of meer (1 GB of meer aanbevolen)
Overig
USB-poortt
Cd-romstationt
1024 x 768 pixels, monitor met t
ondersteuning voor 16-bits kleuren
(ondersteuning voor 24-bits kleuren
aanbevolen)
Microsoft Direct X 9.0C of nieuwert
Het gebruik van een zelfgemonteerde pc of een niet-ondersteunde pc t
en besturingssysteem kan tot gevolg hebben dat uw garantie vervalt.
Deze programma's werken mogelijk niet goed onder de 64-bits t
versies van Windows XP en Vista.
Basisfuncties
22
Bestanden naar de computer overbrengen (Windows)
Bestanden naar de pc overbrengen
Wanneer u de camera op de pc hebt aangesloten, zal deze
laatste de camera als een verwisselbaar schijfstation herkennen.
Terwijl de camera met een USB-kabel op de pc is aangesloten, wordt de
batterij opgeladen.
Sluit de camera met de USB-kabel op de pc aan.
1
Sluit het uiteinde van de kabel met het indicatielampje (S) op de
camera aan. Als u de kabel omgekeerd aansluit, kunnen de bestanden
beschadigen. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor enig verlies van
gegevens.
Schakel de camera in.
2
De computer herkent de camera automatisch.t
Als de camera geen verbinding maakt, verschijnt er een pop-upvenster.
Selecteer Computer.
Plaats de installatie-cd in een compatibel cd-romstation.
1
Wanneer het installatiescherm wordt weergegeven,
2
klikt u op Samsung Digital Camera Installer om de
installatie te starten.
Klik op
3
Preview om te controleren of een videovoorbeeld
goed wordt afgespeeld.
Als het voorbeeld goed wordt afgespeeld, selecteert u
4
Do not install en klikt u op Next.
Is dit niet het geval, dan selecteert u t Install the codec
program en klikt u op Install. Het codec-programma wordt
dan geïnstalleerd.
Selecteer de programma's die u wilt installeren en volg
5
de aanwijzingen op het scherm.
Klik op
6
Exit om de installatie te voltooien en start de
computer opnieuw op.
Basisfuncties
23
Bestanden naar de computer overbrengen (Windows)
Multimediabestanden naar de camera
overbrengen
Vereisten
De camera ondersteunt de volgende bestandstypen.
Multimediamodus Ondersteund type
Muziek
Bestandstypet : MP3 (MPEG-1/2/2.5 Layer 3)
Bitsnelheidt : 48 - 320 kbps (inclusief VBR)
Video's
Bestandstype: PMP SDC*
Tekstviewer
Bestandstypet : TXT (tot 99.999 pagina´s)
Type coderingt
Windows: ANSI (Windows 98 of nieuwer) / -
Unicode / Unicode (Big-Endian) /
UTF-8 (Windows 2000/XP)
Mac: ANSI, Unicode (UTF-16) -
Taalt
: Engels, Koreaans, Frans, Duits, Spaans,
Italiaans, Chinees, Taiwanees, Japans, Russisch,
Portugees, Nederlands, Deens, Zweeds, Fins,
Bahasa, Pools, Hongaars, Tsjechisch, Turks
* Een bestandstype dat met Samsung Converter is omgezet (p. 25)
Kan zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd
Het kopiëren van multimediabestanden kan met de wet op het t
auteursrecht in strijd zijn.
Zonder toestemming van de fabrikant is het niet toegestaan om een t
deel van de MP3- of PMP-bestanden of alle MP3- of PMP-bestanden
die in het interne geheugen worden meegeleverd te kopiëren,
aanpassen en/of verspreiden.
Selecteer op de pc
3
Deze computer Verwisselbare
schijf DCIM 100SSCAM.
Selecteer de gewenste bestanden en sleep deze naar de
4
pc of sla ze daar op.
De camera loskoppelen (Windows XP)
De USB-kabel wordt onder Windows 2000/Vista op soortgelijke
wijze losgekoppeld.
Als het statuslampje op de camera knippert, wacht u tot
1
het knipperen ophoudt.
Klik op
2
op de werkbalk rechtsonder in het scherm
van de pc.
Klik op het pop-upbericht.
3
Verwijder de USB-kabel.
4
Basisfuncties
24
Bestanden naar de computer overbrengen (Windows)
Kopieer multimediabestanden naar de overeenkomstige
4
mappen.
MP3-bestanden naar de map MP3t
SDC-bestanden naar de map PMPt
TXT-bestanden naar de map TEXTt
Het is niet mogelijk om multimediabestanden af te spelen of weer te t
geven als de mapnamen onjuist zijn.
Er kunnen submappen in de mappen MP3, PMP, TEXT worden t
gemaakt. Bestanden in submappen op diepere niveaus kunnen
mogelijk niet worden afgespeeld of weergegeven.
In elke map kunt u maximaal 200 bestanden of 100 submappen t
bewaren.
Er kan een combinatie van in totaal 200 bestanden en submappen
worden bewaard.
Bestands- of mapnamen met meer dan 120 tekens (60 tekens voor t
2-byte talen zoals Chinees en Koreaans) worden niet in de afspeellijst
weergegeven.
Multimediabestanden naar de camera overbrengen
Sluit de camera op de pc aan. (p. 22)
1
Selecteer op de pc
2
Deze computer Verwisselbare
schijf.
Maak nieuwe mappen met de naam “MP3”, “PMP” en
3
“TEXT”.
Basisfuncties
25
Bestanden naar de computer overbrengen (Windows)
Nr. Beschrijving
Voeg videobestanden toe (AVI, WMV, ASF, MPG [MPEG-1])
Voeg ondertiteling toe
Geef het pad en de bestandsnaam voor het omgezette
bestand op
Zet het bestand om
Voorbeeld
Bijsnijdschuif; beweeg deze naar het punt waar u de video
wilt beginnen of eindigen
Onderbreek of hervat het afspelen
Stel de framegrootte en -snelheid of de maximale
bestandsgrootte in
Samsung Converter gebruiken
Zet video's om zodat ze op de camera kunnen worden
afgespeeld. Raadpleeg het Help-menu voor meer informatie.
Basisfuncties
26
Bestanden naar de computer overbrengen (Windows)
Klik op
2
Next en volg de aanwijzingen op het scherm.

Nr. Beschrijving
Selecteer de locatie van de bestanden die u wilt
downloaden.
Klik hier om de geselecteerde bestanden te downloaden.
Miniaturen van bestanden; klik op een afbeelding om deze
te downloaden.
Samsung Master gebruiken
U kunt bestanden downloaden of foto's en video's bewerken die
op de pc zijn opgeslagen. Raadpleeg het Help-menu voor meer
informatie.
Bestanden downloaden met Samsung Master
Wanneer u de camera op een pc aansluit, verschijnt er
automatisch een venster voor het downloaden van bestanden.
Selecteer de bestanden die u wilt downloaden.
1
Basisfuncties
27
Bestanden naar de computer overbrengen (Windows)
Nr. Beschrijving
Werkbalk
Menu's
Klik hier voor meer informatie over het programma.
Klik hier om de miniaturen in de lijst te vergroten of verkleinen.
Wijzig de modus
: Weergavemodus
: Fotobewerkingsmodus
: Videobewerkingsmodus
Informatie over het geselecteerde bestand weergeven.
De foto's in de geselecteerde map; dubbelklik erop om ze op
schermgrootte weer te geven.
De interface van Samsung Master
Basisfuncties
28
Bestanden naar de computer overbrengen (Mac)
Wanneer u de camera op een Apple Macintosh-computer aansluit, wordt de camera automatisch door de computer herkend. U kunt de
bestanden rechtstreeks van de camera naar de computer overbrengen, zonder dat het nodig is om programma's te installeren.
Mac OS X versie 10.3 of hoger wordt ondersteund.t
Ondersteunde bestandstypen en talen vindt u op pagina 23.t
Om PMP-bestanden te kunnen gebruiken, moeten deze eerst met behulp van Samsung Converter op een Windows-computer worden omgezet.t
Multimediabestanden naar de camera
overbrengen
Sluit de camera met de USB-kabel op een Macintosh-
1
computer aan.
Schakel de camera in.
2
De computer herkent de camera automatisch en geeft op t
het beeldscherm een pictogram van een verwisselbare schijf
weer.
Dubbelklik op het pictogram van de verwisselbare schijf.
3
Maak nieuwe mappen met de naam “MP3”, “PMP” en
4
“TEXT”.
Kopieer multimediabestanden naar de overeenkomstige
5
mappen.
MP3-bestanden naar de map MP3t
SDC-bestanden naar de map PMPt
TXT-bestanden naar de map TEXTt
Bestanden naar de computer overbrengen
Sluit de camera met de USB-kabel op een Macintosh-
1
computer aan.
Sluit het uiteinde van de kabel met het indicatielampje (S) op de
camera aan. Als u de kabel omgekeerd aansluit, kunnen de bestanden
beschadigen. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor enig verlies van
gegevens.
Schakel de camera in.
2
De computer herkent de camera automatisch en geeft op t
het beeldscherm een pictogram van een verwisselbare schijf
weer.
Dubbelklik op het pictogram van de verwisselbare schijf.
3
Breng foto’s of video’s naar de computer over.
4
Basisfuncties
29
Tips om betere foto's te maken
De camera op de juiste manier vasthouden
Controleer of er niets
voor de lens zit.
De ontspanknop half indrukken
Druk [Ontspanknop] half in en pas de
scherpstelling aan. De scherpstelling
en belichting worden automatisch
aangepast.
Diafragma en sluitertijd worden
automatisch ingesteld.
Scherpstelkader
Druk op [t Ontspanknop] om een
foto te maken als het kader groen is.
Pas het kader aan en druk t
[Ontspanknop] nogmaals half in als
het kader rood is.
Bewegingsonscherpte voorkomen
Selecteer de modus
d
om bewegingsonscherpte
digitaal te verminderen. (p. 36)
Als wordt weergegeven
Bewegingsonscherpte
Zorg dat bij opnamen in het
donker de flitser niet op Langz
sync of Uit staat ingesteld. Het
diafragma blijft dan langer open,
waardoor het moeilijker is om de
camera stil te houden.
Gebruik een statief of stel de t
flitser in op Invulflits. (p. 45)
Pas de ISO-waarde aan. (p. 46)t
Basisfuncties
30
Voorkomen dat het onderwerp niet scherp is
In de volgende gevallen kan het moeilijk zijn om op het onderwerp
scherp te stellen:
er is weinig contrast tussen het onderwerp en de achtergrond -
(wanneer het onderwerp kleding draagt in dezelfde kleur als de
achtergrond)
de lichtbron achter het onderwerp is te fel
-
het onderwerp glanst -
het onderwerp heeft horizontale patronen, zoals jaloezieën -
het onderwerp bevindt zich niet in het midden van het beeld -
Gebruik de scherpstelvergrendeling
Druk [Ontspanknop] half in om scherp te stellen. Wanneer
het onderwerp scherp in beeld is, kunt u het kader
verschuiven om de compositie aan te passen. Druk wanneer
u klaar bent op [Ontspanknop] om een foto te maken.
Wanneer u foto's maakt bij weinig lichtt
Schakel de flitser in.
(p. 45)
Wanneer onderwerpen snel bewegent
Gebruik de functie
Continu of Bew.
detectie. (p. 58)
Opnamemodi ……………………………………………… 32
De Smart Auto-modus gebruiken ………………………… 32
De Scènemodus gebruiken ………………………………… 33
De Beautyshot-modus gebruiken ………………………… 33
De kaderlijnen gebruiken …………………………………… 34
De belichting in de Nachtmodus aanpassen ……………… 35
De DIS-modus gebruiken ………………………………… 36
De Programmamodus gebruiken ………………………… 36
Een video opnemen ………………………………………… 37
Spraakmemo's opnemen ……………………………… 39
Een spraakmemo opnemen ……………………………… 39
Een spraakmemo aan een foto toevoegen ……………… 39
Geavanceerde functies
Hier vindt u informatie over hoe u foto's maakt door een modus te
selecteren en hoe u video's of spraakmemo's opneemt.
Geavanceerde functies
32
Opnamemodi
Maak foto's en video's door de beste opnamemodus voor de betreffende omstandigheden te selecteren.
Pictogram Beschrijving
Wordt weergegeven wanneer u foto´s van
landschappen met tegenlicht maakt.
Wordt weergegeven wanneer u portretfoto’s met
tegenlicht maakt.
Wordt weergegeven wanneer u portretfoto´s maakt.
Wordt weergegeven wanneer u close-upfoto's maakt.
Wordt weergegeven wanneer u close-upfoto’s van tekst
maakt.
Wordt weergegeven als de camera en het onderwerp
even stabiel zijn.
Wordt weergegeven wanneer u foto´s van bewegende
onderwerpen maakt.
Druk [
3
Ontspanknop] half in om scherp te stellen.
Druk [
4
Ontspanknop] volledig in om een foto te maken.
Als de camera geen scènemodus herkent, verandert t
S
niet en worden
de standaardinstellingen gebruikt.
Ook als er een gezicht wordt gedetecteerd, is het mogelijk dat de t
camera geen portretmodus selecteert. Dit hangt af van de positie van het
onderwerp en de lichtval.
Door verscheidene opnameomstandigheden kan het gebeuren dat de t
camera de juiste scène niet kan selecteren, bijvoorbeeld door het trillen
van de camera, de lichtval en de afstand tot het onderwerp.
Zelfs als u een statief gebruikt, wordt de modus t
mogelijk niet herkend,
afhankelijk van de bewegingen van het onderwerp.
De Smart Auto-modus gebruiken
In deze modus kiest de camera automatisch camera-instellingen
die bij het gedetecteerde type scène passen. Dit is handig als u niet
bekend bent met de camera-instellingen voor de diverse scènes.
Selecteer in de opnamemodus
1
a
S
.
Kadreer het onderwerp.
2
De camera selecteert automatisch een scène. Het pictogram t
voor de desbetreffende modus wordt linksboven in het scherm
weergegeven.
Pictogram Beschrijving
Wordt weergegeven wanneer u foto´s van
landschappen maakt.
Wordt weergegeven wanneer u foto´s van heldere
achtergronden maakt.
Wordt weergegeven wanneer u ´s nachts foto´s van
landschappen maakt. Dit is alleen beschikbaar wanneer
de flitser uitstaat.
Wordt weergegeven wanneer u ´s nachts portretfoto’s
maakt.
Geavanceerde functies
33
Opnamemodi
De Beautyshot-modus gebruiken
Maak een foto van een persoon met opties om
onvolkomenheden in het gezicht te verbergen.
Selecteer in de opnamemodus
1
a
s
 .
2
Als u de huidtint van het onderwerp lichter wilt laten
lijken (alleen het gezicht), selecteert u
f
 een
optie.
Selecteer een hogere instelling om de huidtint lichter te laten t
lijken.
Niveau 2
De Scènemodus gebruiken
Maak een foto met vooraf ingestelde opties voor een specifieke
scène.
Selecteer in de opnamemodus
1
a

s
.
Selecteer een scène.
2
Kies de juiste modus voor een veelheid aan situaties
Scène
Voor de Beautyshot-modus, zie “De Beautyshot-modus t
gebruiken”.
Voor de Kaderlijnen, zie “De kaderlijnen gebruiken” op pagina t
34.
Voor de Nachtmodus, zie “De belichting in de Nachtmodus t
aanpassen” op pagina 35.
Kadreer het onderwerp en druk [
3
Ontspanknop] half in
om scherp te stellen.
Druk [
4
Ontspanknop] volledig in om een foto te maken.
Geavanceerde functies
34
Opnamemodi
De kaderlijnen gebruiken
Wanneer u iemand anders een foto van u wilt laten maken, kunt u
deze in scène zetten met behulp van de kadergids. De kadergids
helpt degene die een foto van u maakt door het gedeelte van de
vooraf gekadreerde scène te laten zien.
Selecteer in de opnamemodus
1
a
s
.
Kadreer het onderwerp en druk op [
2
Ontspanknop].
Aan de linker- en rechterkant van het beeld verschijnen t
doorzichtige lijnen.
Kader annuleren: Terug
Vraag een andere persoon om een foto te maken.
3
Deze persoon kan het onderwerp kadreren met behulp van de t
kaderlijnen en vervolgens op [Ontspanknop] drukken om de
foto te maken.
Selecteer
4
om de kaderlijnen op te heffen.
Als u
3
onvolkomenheden in het gezicht wilt verbergen,
selecteert u
f
 een optie.
Selecteer een hogere instelling om een groter aantal t
onvolkomenheden te verbergen.
Niveau 1
Kadreer het onderwerp en druk [
4
Ontspanknop] half in
om scherp te stellen.
Druk [
5
Ontspanknop] volledig in om een foto te maken.
De scherpstelafstand wordt op Auto macro ingesteld.
Geavanceerde functies
35
Opnamemodi
Kadreer het onderwerp en druk [
6
Ontspanknop] half in
om scherp te stellen.
Druk [
7
Ontspanknop] volledig in om een foto te maken.
Gebruik een statief om te voorkomen dat de foto's onscherp worden.
De belichting in de Nachtmodus aanpassen
In de Nachtmodus kunt u door een langere belichtingstijd te
gebruiken korte lichtflitsen als gebogen strepen vastleggen.
Gebruik een lange sluitertijd om de sluiter lang open te laten
staan. Verhoog het diafragma om overbelichting te voorkomen.
Selecteer in de opnamemodus
1
a
s
.
Selecteer
2
f
Diafragma.
Selecteer een optie.
3
Selecteer
4
f
Sluitersnelheid.
Selecteer een waarde om de sluitertijd aan te passen en
5
selecteer .
Diafragma
Sluiter-
snelheid
Geavanceerde functies
36
Opnamemodi
De Programmamodus gebruiken
Stel diverse opties in (behalve de sluitertijd en het diafragma) in de
Programmamodus.
Selecteer in de opnamemodus
1
a
p
.
Stel opties in. (Voor een lijst met opties, zie
2
“Opnameopties”.)
Kadreer het onderwerp en druk [
3
Ontspanknop] half in
om scherp te stellen.
Druk [
4
Ontspanknop] volledig in om een foto te maken.
De DIS-modus gebruiken
Voorkom vage foto's als gevolg van bewegingsonscherpte met
de functies voor Digitale beeldstabilisatie (DIS).
Vóór correctie Na correctie
Selecteer in de opnamemodus
1
a

d
.
Kadreer het onderwerp en druk [
2
Ontspanknop] half in
om scherp te stellen.
Druk [
3
Ontspanknop] volledig in om een foto te maken.
De digitale zoomfunctie werkt in deze modus niet.t
Als het onderwerp snel beweegt, kan de foto onscherp worden.t
Geavanceerde functies
37
Opnamemodi
Selecteer
3
f
¡
>
¡ ¡een geluidsoptie.
Optie Beschrijving
Uit: een video zonder geluid opnemen
Aan: een video met geluid opnemen
Selecteer
4
f
¡ ¡ een stabilisatoroptie.
Optie Beschrijving
Uit: een video opnemen met de beeldstabilisatiefunctie
uitgeschakeld
Aan: een video opnemen met de beeldstabilisatiefunctie
ingeschakeld, om onscherpe beelden te voorkomen
Stel naar wens andere opties in. (Voor een lijst met
5
opties, zie “Opnameopties”.)
Druk op [
6
Ontspanknop] om de opname te starten.
Druk nogmaals op [
7
Ontspanknop] om de opname te
stoppen.
Een video opnemen
U kunt video’s van maximaal 120 minuten opnemen. De video
wordt als een MPEG-4.AVI-bestand opgeslagen.
Als u tijdens de opname in- of uitzoomt, is het mogelijk dat het zoomgeluid in
de opname hoorbaar is.
Selecteer in de opnamemodus
1
a
¡
v
.
Selecteer
2
f
¡ ¡een framesnelheid (het aantal
beelden per seconde).
U kunt de opnamesnelheid alleen wijzigen voor de resolutie t
640 x 480 of 320 x 240. (p. 41)
Bij een hoger aantal frames doet de actie natuurlijker aan, t
maar wordt het bestand ook groter.
30 fps
Geavanceerde functies
38
Opnamemodi
Het opnemen onderbreken
U kunt tijdens het opnemen van een video de opname tijdelijk
onderbreken. Met deze functie kunt u uw favoriete scènes in één
video opnemen.
Selecteer
om de opname te pauzeren. Selecteer dit nogmaals
om de opname te hervatten.
Stop: Sluiter
Geavanceerde functies
39
Spraakmemo's opnemen
Hier vindt u informatie over hoe u een spraakmemo opneemt die u op elk gewenst moment kunt afspelen. U kunt een spraakmemo aan
een foto toevoegen als een korte herinnering aan de opnameomstandigheden.
U bereikt de beste geluidskwaliteit als u op 40 cm afstand van de camera opneemt.
Een spraakmemo aan een foto toevoegen
Selecteer in de opnamemodus
1
f
>
.
Memo
Kadreer het onderwerp en maak een foto.
2
Direct nadat de foto is gemaakt, begint u met het opnemen t
van een spraakmemo.
Neem een korte spraakmemo op (maximaal
3
10 seconden).
Druk op [t Ontspanknop] om de opname van de spraakmemo
te stoppen.
Een spraakmemo opnemen
Selecteer in de opnamemodus
1
f
>
.
Opname
Druk op [
2
Ontspanknop] om de opname te starten.
Selecteer t om te pauzeren en om verder te gaan.
Boven aan het scherm wordt de beschikbare opnametijd t
weergegeven.
U kunt spraakmemo's opnemen met een maximale duur van t
10 uur.
Druk op [
3
Ontspanknop] om de opname te stoppen.
Selecteer
4
om naar de opnamemodus over te
schakelen.
apsd
Resolutie en beeldkwaliteit selecteren …… 41
De resolutie selecteren ………………………… 41
De beeldkwaliteit selecteren ………………… 42
De timer gebruiken ………………………… 43
Opnamen in het donker maken …………… 45
Rode ogen voorkomen ……………………… 45
De flitser gebruiken …………………………… 45
De ISO-waarde aanpassen …………………… 46
De scherpstelling aanpassen ……………… 47
Macro gebruiken ……………………………… 47
Autofocus gebruiken ………………………… 47
Intelligente aanraakfocus ……………………… 48
Het scherpstelgebied aanpassen …………… 49
Gezichtsdetectie gebruiken ……………… 50
Gezichten detecteren ………………………… 50
Een zelfportret maken ………………………… 51
Een foto van een lachend gezicht maken …… 51
Knipperende ogen detecteren ………………… 51
Slimme gezichtsherkenning …………………… 52
Helderheid en kleur aanpassen …………… 53
De belichting handmatig aanpassen (EV) …… 53
Compenseren voor tegenlicht (ACB) ………… 54
De lichtmeetmethode wijzigen ………………… 55
Een lichtbron selecteren (Witbalans) ………… 56
Serieopnamen ……………………………… 58
Uw foto's mooier maken …………………… 59
Fotostijlen toepassen ………………………… 59
Uw eigen RGB-tint definiëren ………………… 59
Uw foto's aanpassen ………………………… 60
Opnameopties
Hier vindt u informatie over de instellingen waarvoor u in de opnamemodus kunt kiezen.
Opnameopties
41
Resolutie en beeldkwaliteit selecteren
Hier vindt u informatie over hoe u instellingen voor de beeldresolutie en -kwaliteit kunt aanpassen.
Optie Beschrijving
2592 X 1944: afdrukken op A4-formaat
2048 X 1536: afdrukken op A5-formaat
1024 X 768: voor e-mailbijlagen
Bij het maken van een video:
Selecteer in de
1
v
modus
f
 .
Selecteer een optie.
2
800
X
592
Optie Beschrijving
800 X 592: afspelen op een SDTV
640 X 480: afspelen op een algemene tv
320 X 240: op een webpagina plaatsen
De resolutie selecteren
Als u de resolutie verhoogt, zullen de foto's en video's meer
pixels bevatten en daardoor groter kunnen worden afgedrukt
en weergegeven. Bij een hoge resolutie neemt ook de
bestandsgrootte toe.
Bij het maken van een foto:
Selecteer in de opnamemodus
1
f
 . (In bepaalde
modi wordt dat
f
>
 .)
Selecteer een optie.
2
3456
X
2592
Optie Beschrijving
3456 X 2592: afdrukken op A2-formaat
3456 X 2304: afdrukken op A3-formaat in brede
verhouding (3:2)
3456 X 1944: afdrukken op A3-formaat in
panoramaverhouding (16:9)
Sapsdv
Opnameopties
42
Resolutie en beeldkwaliteit selecteren
De beeldkwaliteit selecteren
De foto's die u maakt, worden gecomprimeerd en in JPEG-
indeling opgeslagen. Een hogere kwaliteit resulteert in grotere
bestanden.
Selecteer in de opnamemodus
1
f
.
(In bepaalde modi wordt dat
f
>
.)
Selecteer een optie.
2
Hoog
Optie Beschrijving
Superhoog
Hoog
Normaal
Afhankelijk van de opnamemodus kunnen de opties verschillen.
apsd
Opnameopties
43
De timer gebruiken
Hier vindt u informatie over hoe u de timer instelt om de opname met een vertraging te maken.
Sapsdv
Druk op [
3
Ontspanknop] om de timer te starten.
Het AF-hulplampje/timerlampje gaat knipperen en de camera t
maakt na de ingestelde tijdsduur automatisch een foto.
Selecteer het timerpictogram om de timer uit te schakelen.t
Afhankelijk van de geselecteerde gezichtsherkenningsoptie is de timer t
niet beschikbaar of zijn sommige timeropties niet beschikbaar.
Selecteer in de opnamemodus
1
.
Selecteer een optie.
2
Uit
Optie Beschrijving
Uit: De timer is niet actief.
10 sec: Over 10 seconden een foto maken.
2 sec: Over 2 seconden een foto maken.
Dubbel: Over 10 seconden een foto maken en twee
seconden later nog een.
Bewegingstimer: Detecteert uw beweging en maakt
dan een foto. (p. 44)
Afhankelijk van de opnamemodus kan de optie verschillen.
Opnameopties
44
De timer gebruiken
Poseer voor de foto terwijl het AF-hulplampje/
5
timerlampje knippert.
Vlak voordat de camera een foto maakt, stopt het t
AF-hulplampje/timerlampje met knipperen.
De bewegingstimer werkt mogelijk niet in de volgende omstandigheden:
u bevindt zich op meer dan 3 m afstand van de camerat
uw bewegingen zijn niet opvallend genoegt
er is te veel licht of tegenlichtt
De bewegingstimer gebruiken
1
Selecteer in de opnamemodus .
Druk op [
2
Ontspanknop].
Zorg dat u binnen 6 seconden nadat u op
3
[Ontspanknop] hebt gedrukt voor de camera staat, op
maximaal 3 m afstand.
Maak een beweging, zoals een armzwaai, om de timer
4
te activeren.
Wanneer de camera u detecteert, begint het AF-hulplampje/t
timerlampje snel te knipperen.
Het detectiebereik van de
bewegingstimer
Opnameopties
45
Opnamen in het donker maken
Hier vindt u informatie over hoe u 's nachts of bij weinig licht foto's kunt maken.
De flitser gebruiken
Gebruik de flitser wanneer u foto's in het donker maakt of
wanneer u meer licht in de foto's wilt hebben.
Selecteer in de opnamemodus
1
.
Selecteer een optie.
2
Uit
Optie Beschrijving
Uit:
De flitser gaat niet af.t
De waarschuwing voor bewegingsonscherpte (t
) wordt
weergegeven wanneer u bij weinig licht opnamen maakt.
Auto: De camera selecteert een geschikte flitsinstelling voor
de gedetecteerde scène in de modus
S
.
Auto: De flitser gaat automatisch af wanneer het onderwerp
of de achtergrond donker is.
Rode ogen*:
De flitser gaat af wanneer het onderwerp of de t
achtergrond donker is.
De camera gaat rode ogen tegen.t
Saps
Rode ogen voorkomen
Als u in het donker een foto van iemand maakt met gebruik van
de flitser, kan er een rode gloed in de ogen van het onderwerp
verschijnen. U kunt dit voorkomen door Rode ogen of Anti-rode
ogen te selecteren.
aps
Opnameopties
46
Opnamen in het donker maken
De ISO-waarde aanpassen
De ISO-waarde is een eenheid voor de mate waarin film gevoelig
is voor licht, zoals gedefinieerd door de International Organisation
for Standardisation (ISO). Hoe hoger de ISO-waarde, des te
gevoeliger wordt de camera voor licht. Met een hogere ISO-
waarde kunt u gemakkelijker foto's zonder flits maken.
Selecteer in de opnamemodus
1
f
.
Selecteer een optie.
2
Selecteer t om een geschikte ISO-waarde te gebruiken op
basis van de helderheid van het onderwerp en de lichtval.
Auto
Hoe hoger de ISO-waarde, des te meer beeldruis kan er optreden.
p
Optie Beschrijving
Invulflits:
De flitser gaat altijd af.t
De lichtintensiteit wordt automatisch bijgesteld.t
Langz sync:
De flitser gaat af en de sluiter blijft langer open.t
Selecteer deze optie wanneer u het omgevingslicht wilt t
gebruiken om meer details in de achtergrond zichtbaar
te maken.
Gebruik een statief om te voorkomen dat de foto's t
onscherp worden.
Anti-rode ogen*:
De flitser gaat af wanneer het onderwerp of de t
achtergrond donker is.
De camera corrigeert rode ogen door middel van t
geavanceerde softwarematige analyse van de opname.
Afhankelijk van de opnamemodus kunnen de opties verschillen.
* Er zit een korte tijd tussen twee flitsen. Beweeg de camera niet totdat
de tweede flits is afgegaan.
Er zijn geen flitseropties beschikbaar bij serieopnamen of als u t
Zelfportret of Knipperen selecteert.
Zorg dat uw onderwerp zich binnen de aanbevolen afstand van de t
flitser bevindt. (p. 98)
Als er licht wordt gereflecteerd of er te veel stof in de lucht is, kunnen t
er kleine spikkels op de foto zichtbaar zijn.
Opnameopties
47
De scherpstelling aanpassen
Hier vindt u informatie over hoe u de manier waarop de camera scherpstelt voor diverse onderwerpen kunt aanpassen.
Autofocus gebruiken
Om scherpe foto's te maken, selecteert u de scherpsteloptie die
bij de afstand tot het onderwerp past.
Selecteer in de opnamemodus
1
.
Selecteer een optie.
2
Normaal (AF)
Optie Beschrijving
Normaal (AF): Scherpstellen op een onderwerp op
meer dan 80 cm afstand
Auto macro: Scherpstellen op een onderwerp op meer
dan 5 cm afstand (meer dan 50 cm bij het gebruik van
de zoomfunctie)
Macro: Scherpstellen op een onderwerp op 5-80 cm
afstand (50-80 cm bij het gebruik van de zoomfunctie)
Supermacro: Scherpstellen op een onderwerp op 1 tot
5 cm afstand.
apdv
Macro gebruiken
Gebruik macro om close-upfoto's te maken van onderwerpen
zoals bloemen en insecten. Voor de macro-opties, zie Autofocus
gebruiken”.
Probeer de camera heel stil te houden, om te voorkomen dat de foto's t
onscherp worden.
Schakel de flitser uit als de afstand tot het onderwerp minder dan t
40 cm bedraagt.
apdv
Opnameopties
48
De scherpstelling aanpassen
De kleur van het scherpstelkader geeft de status aan:
Wit: het onderwerp wordt gevolgdt
Groen: automatisch scherpstellen wanneer u [t Ontspanknop]
half indrukt
Als u geen gebied op het scherm aanraakt, wordt het scherpstelkader t
in het midden van het scherm weergegeven.
Het volgen van een onderwerp kan mislukken wanneer:t
het onderwerp is te klein -
het onderwerp beweegt -
het onderwerp tegenlicht heeft of u opnamen maakt op een donkere -
plaats
kleuren van het onderwerp en de achtergrond hetzelfde zijn -
patronen van het onderwerp en de achtergrond hetzelfde zijn -
de camera heel erg schudt -
In deze gevallen ziet het scherpstelkader eruit als een rand van een enkele
witte lijn.
Als de camera het onderwerp niet volgt, moet u het te volgen t
onderwerp opnieuw selecteren.
Als de camera er niet in slaagt om scherp te stellen, wordt het t
scherpstelkader rood.
Intelligente aanraakfocus
Met Smart Touch AF kunt u een onderwerp volgen en
automatisch scherpstellen, zelfs als u beweegt. Stel het
scherpstelgebied in op Smart Touch AF (p. 49) en raak
het onderwerp dat u wilt volgen aan in het scherpstelgebied
(aangegeven in een kader).
Om het onderwerp verschijnt een scherpstelkader dat het
onderwerp volgt terwijl u de camera beweegt.
Opnameopties
49
De scherpstelling aanpassen
Het scherpstelgebied aanpassen
U kunt betere foto's krijgen door een scherpstelgebied te kiezen
op basis van de locatie van het onderwerp in de scène.
Selecteer in de opnamemodus
1
f
.
Selecteer een optie.
2
Centrum AF
Optie Beschrijving
Centrum AF: Scherpstelling op het midden (geschikt
voor onderwerpen in het midden van het beeld)
Multi AF: Scherpstelling op een of meer van de
9 mogelijke gebieden (bij gebruik van de digitale
zoomfunctie verandert de scherpstelling in Centrum AF)
Smart Touch AF: Scherpstelling op en volgen van het
onderwerp dat u op het scherm aanraakt
Afhankelijk van de opnamemodus kunnen de opties verschillen.
apsd
Opnameopties
50
Gezichtsdetectie gebruiken
Wanneer u de gezichtsdetectiefunctie gebruikt, herkent de camera automatisch menselijke gezichten (dit is niet hetzelfde als
Gezichtsherkenning. Wanneer u op een menselijk gezicht scherpstelt, past de camera de belichting automatisch aan. Maak snel en
eenvoudig foto's met Knipperen om gesloten ogen op de foto te voorkomen en Glimlach om een lachend gezicht vast te leggen. Ook
kunt u Slimme gez.herkenning gebruiken om gezichten te registreren en ze bij het scherpstellen prioriteit te geven.
apsd
Gezichten detecteren
De camera detecteert automatisch menselijke gezichten
(maximaal 10 menselijke gezichten).
Selecteer in de opnamemodus f . Het
dichtstbijzijnde gezicht wordt in een wit scherpstelkader
gevangen, de rest in een grijs kader.
Hoe dichter u bij het onderwerp bent, des te sneller detecteert de camera
gezichten.
In sommige scènes is gezichtsdetectie niet beschikbaar.t
Gezichtsdetectie is mogelijk in de volgende gevallen niet effectief:t
het onderwerp bevindt zich te ver van de camera af (het -
scherpstelkader kleurt bij Glimlach en Knipperen oranje)
het is te licht of te donker -
het onderwerp kijkt niet in de richting van de camera -
het onderwerp draagt een zonnebril of een masker -
het onderwerp heeft tegenlicht of de lichtomstandigheden zijn -
veranderlijk
de gezichtsuitdrukking van het onderwerp wijzigt drastisch -
Gezichtsdetectie is bij het gebruik van fotostijlen niet beschikbaar.t
Wanneer u gezichtsdetectie gebruikt, is de digitale zoomfunctie niet t
beschikbaar.
Afhankelijk van de geselecteerde gezichtsdetectie-optie is de timer niet t
beschikbaar of zijn sommige timeropties niet beschikbaar.
Opnameopties
51
Gezichtsdetectie gebruiken
Een foto van een lachend gezicht maken
De camera maakt automatisch een foto wanneer er een lachend
gezicht wordt gedetecteerd.
Selecteer in de opnamemodus f . De camera
herkent de lach eerder wanneer het onderwerp breeduit lacht.
Knipperende ogen detecteren
Als de camera gesloten ogen detecteert, worden er automatisch
2 foto's na elkaar gemaakt.
Selecteer in de opnamemodus f .
Een zelfportret maken
U kunt foto’s van uzelf maken. De scherpstelafstand wordt op
close-up ingesteld en de camera laat een piepsignaal horen.
Selecteer in de opnamemodus
1
f
.
Wanneer u een korte piep hoort, drukt u op
2
[Ontspanknop].
U kunt de piep in- en uitschakelen door bij de geluidsinstellingen Zelfportret te
selecteren. (p. 88)
Opnameopties
52
Gezichtsdetectie gebruiken
Het is mogelijk dat de camera gezichten niet goed herkent en t
registreert, afhankelijk van de lichtomstandigheden, opvallende
wijzigingen in de houding of het gezicht van het onderwerp en of het
onderwerp een bril draagt.
De camera kan gezichten herkennen en de niveau-indicator t
weergeven, ook al zijn ze niet geregistreerd.
In de weergavemodus kunt u geregistreerde gezichten op volgorde t
van prioriteit weergeven (p. 63). Zelfs gezichten die geregistreerd zijn,
worden mogelijk niet geclassificeerd in de afspeelmodus.
Als de camera een nieuw gezicht herkent terwijl er al 10 gezichten t
zijn geregistreerd, zal de camera het gezicht met de laagste prioriteit
vervangen door het nieuwe.
De camera kan maximaal 3 gezichten in een scène herkennen.t
Als de camera geen gezichten herkent, worden de gezichten wel t
gedetecteerd, maar zonder dat er een prioriteit aan wordt gegeven.
U kunt handmatig gezichten registreren van foto’s die u al hebt t
gemaakt. (p. 63)
Houd de camera stil terwijl “t Bezig met vastleggen” op het scherm
wordt weergegeven.
Als de knipperdetectie niet heeft gewerkt, wordt de melding ”t Foto
gemaakt met gesloten ogen” weergegeven. Neem in dat geval nog
een foto.
Slimme gezichtsherkenning
De camera registreert automatisch gezichten die u vaak
fotografeert (maximaal 10 mensen). Met deze functie krijgt de
scherpstelling van deze gezichten prioriteit. Deze functie is alleen
beschikbaar als u een geheugenkaart gebruikt.
Selecteer in de opnamemodus f . De prioriteit
van de gezichten wordt aangegeven door de niveau-indicator
naast de kaders.
Opnameopties
53
Helderheid en kleur aanpassen
Hier vindt u informatie over hoe u instellingen voor de helderheid en kleur kunt aanpassen om een betere beeldkwaliteit te bereiken.
Selecteer
3
.
De aangepaste belichting wordt op de onderstaande wijze t
weergegeven.
Nadat u de belichting hebt aangepast, blijft deze instelling van t
kracht. Mogelijk moet dit later weer worden bijgesteld om onder- of
overbelichting te voorkomen.
Als u niet weet wat de juiste belichting zou zijn, selecteert u t AEB
(Auto Exposure Bracket). De camera maakt dan een reeks foto's met
verschillende belichtingen: normaal, onderbelicht en overbelicht. (p. 58)
De belichting handmatig
aanpassen (EV)
Afhankelijk van de intensiteit van het omgevingslicht kunnen foto's
te licht of te donker uitvallen. U kunt dan de belichting aanpassen
om een beter resultaat te krijgen.
Donkerder (-) Neutraal (0) Helderder (+)
Selecteer in de opnamemodus
1
f
.
Selecteer een waarde om de belichting aan te passen.
2
+: helderder, -: donkerdert
-2 -1 0 +2
-2
-
1
0
0
+
2
+1
EV
pdv
Opnameopties
54
Helderheid en kleur aanpassen
Optie Beschrijving
Uit: ACB is uitgeschakeld
Aan: ACB is ingeschakeld
In de t
a
modus is de ACB-functie altijd ingeschakeld.
Deze functie is niet beschikbaar wanneer t Continu, Bew.detectie of
AEB in gebruik is.
Compenseren voor tegenlicht (ACB)
Wanneer de lichtbron zich achter het onderwerp bevindt, of als er
een groot contrast is tussen het onderwerp en de achtergrond,
komt het onderwerp waarschijnlijk donker op de foto. Schakel in
dat geval de optie Auto Contrast Balance (ACB) in.
Zonder ACB Met ACB
Selecteer in de opnamemodus
1
f

>
 .
Selecteer een optie.
2
Uit
p
Opnameopties
55
Helderheid en kleur aanpassen
Optie Beschrijving
Spot:
De camera meet alleen de lichtintensiteit in het uiterste t
midden van het kader.
Als een onderwerp zich niet midden in het beeld t
bevindt, kan de foto verkeerd belicht worden.
Geschikt voor een onderwerp met tegenlicht.t
Centr. gewogen:
De camera bepaalt een gemiddelde voor de t
lichtmeting van het gehele beeld, maar met nadruk op
het midden.
Geschikt voor foto's waarbij het onderwerp zich in het t
midden van het beeld bevindt.
De lichtmeetmethode wijzigen
De lichtmeetmethode is de manier waarop de camera de
hoeveelheid opvallend licht meet. De helderheid en belichting van
de foto's varieert met de gekozen lichtmeetmethode.
Selecteer in de opnamemodus
1
f
>
.
(In de
v
modus selecteert u .)
Selecteer een optie.
2
Multi
Optie Beschrijving
Multi:
De camera verdeelt het beeld onder in diverse t
gebieden en meet de lichtintensiteit in elk gebied.
Geschikt voor algemene foto's.t
pdv
Opnameopties
56
Helderheid en kleur aanpassen
Auto witbalans
Pictogram Beschrijving
Auto witbalans: Gebruik automatische instellingen
op basis van de lichtomstandigheden
Daglicht: Selecteer deze optie voor buitenfoto's op
een zonnige dag
Bewolkt: Selecteer deze optie voor buitenfoto's op
een bewolkte dag of in de schaduw
TL-licht H: Selecteer deze optie voor foto's bij
daglichtlampen of heldere TL-verlichting
TL-licht L: Selecteer deze optie voor foto's bij wit
TL-licht
Kunstlicht: Selecteer deze optie wanneer u
binnenfoto's maakt bij licht van gloeilampen of
halogeenlampen
Aangep. instelling: Hiermee gebruikt u uw eigen,
vooraf geconfigureerde instellingen
Een lichtbron selecteren (Witbalans)
De kleuren in een foto zijn afhankelijk van het soort lichtbron en
de kwaliteit daarvan. Als u wilt dat uw foto's realistische kleuren
hebben, selecteert u een passende lichtomstandigheid om
de witbalans mee te kalibreren, zoals Auto witbalans, Daglicht,
Bewolkt of Kunstlicht.
(Auto witbalans) (Daglicht)
(Bewolkt) (Kunstlicht)
Selecteer in de opnamemodus
1
f
 .
Selecteer een optie.
2
pdv
Opnameopties
57
Helderheid en kleur aanpassen
Uw eigen witbalansinstelling configureren
Selecteer in de opnamemodus
1
f
.
Richt de lens op een wit stuk papier.
2
Druk op [
3
Ontspanknop].
Opnameopties
58
Serieopnamen
Het kan soms moeilijk zijn om foto's van snelbewegende onderwerpen te maken en om de natuurlijke gezichtsuitdrukkingen en gebaren van
uw onderwerpen op de foto vast te leggen. Selecteer in dergelijke gevallen een van de modi voor serieopnamen.
ps
Optie Beschrijving
Bew.detectie:
t Terwijl u [Ontspanknop], ingedrukt houdt, maakt de
camera VGA-foto’s (6 foto’s per seconde, met een
maximum van 30 foto’s).
De camera geeft de zojuist gemaakte foto's t
automatisch weer en slaat ze vervolgens op.
AEB:
Maakt 3 foto's met een verschillende belichting: t
normaal, onderbelicht en overbelicht.
Gebruik een statief om onscherpe foto's te t
voorkomen.
Afhankelijk van de opnamemodus kunnen de opties verschillen.
U kunt de flitser, de timer en ACB alleen gebruiken wanneer u t
1 opname selecteert.
Als u t Bew.detectie selecteert, wordt de resolutie ingesteld op
VGA en wordt de ISO-snelheid ingesteld op Auto.
Selecteer in de opnamemodus
1
f
>
.
Selecteer een optie.
2
1 opname
Optie Beschrijving
1 opname: Eén foto maken.
Continu:
t Terwijl u [Ontspanknop] ingedrukt houdt, blijft de
camera achter elkaar foto's maken.
Het maximumaantal foto's is afhankelijk van de t
capaciteit van de geheugenkaart.
Opnameopties
59
Uw foto's mooier maken
Hier vindt u informatie over hoe u uw foto's mooier kunt maken door fotostijlen en -tinten toe te passen en door aanpassingen te doen.
Uw eigen RGB-tint definiëren
1
Selecteer bij de fotostijlopties een kleur (R: rood,
G: groen, B: blauw).
Selecteer de hoeveelheid van de geselecteerde kleur.
2
Aangep. RGB
Selecteer
3
.
Fotostijlen toepassen
U kunt verschillende stijlen op uw foto’s toepassen, zoals Zacht,
Helder en Bos.
Zacht Helder Bos
Selecteer in de opnamemodus
1
f
 . (In bepaalde
modi wordt dat
f

>
(een of meer keren) .)
Selecteer een optie.
2
Selecteer t om uw eigen RGB-tint te definiëren.
Normaal
apsdv
Opnameopties
60
Uw foto's mooier maken
Scherpteopties Beschrijving
-
Verzacht randen in de foto (geschikt voor
fotobewerking op de computer).
+
Verscherp randen om de foto duidelijker te
maken. Hierdoor kan ook de beeldruis in de
foto’s toenemen.
Contrastopties Beschrijving
-
Verminder kleuren en helderheid.
+
Verhoog kleuren en helderheid.
Kleurverzadiging Beschrijving
-
Verminder de kleurverzadiging.
+
Verhoog de kleurverzadiging.
Selecteer 0 als u geen effect wilt toepassen (geschikt voor afdrukken).
Uw foto's aanpassen
U kunt de scherpte, de kleurverzadiging en het contrast van uw
foto’s aanpassen.
Selecteer in de opnamemodus
1
f
¡ twee keer
>
¡
.
Selecteer een aanpassingsoptie.
2
t : Scherpte
t : Contrast
t : Kleurverz.
Selecteer een waarde om het geselecteerde onderdeel
3
aan te passen.
-2 -1 +2
-2
-1
+2
+10
Scherpte
p
Weergeven ………………………………………………… 62
De weergavemodus starten ………………………………… 62
Foto's weergeven …………………………………………… 66
Een video afspelen ………………………………………… 68
Een spraakmemo afspelen ………………………………… 69
Foto's bewerken ………………………………………… 70
Een foto draaien …………………………………………… 70
Resolutie van de foto aanpassen ………………………… 70
De kleur bijwerken ………………………………………… 71
Uw eigen RGB-tint definiëren ……………………………… 71
Een speciaal effect toepassen ……………………………… 72
Belichtingsproblemen corrigeren …………………………… 72
Een afdrukbestelling maken (DPOF) ……………………… 73
Foto's op een televisie weergeven …………………… 74
Foto's met een fotoprinter afdrukken (PictBridge) … 75
Afspelen/bewerken
Hier vindt u informatie over hoe u foto’s, video’s en
spraakmemo’s kunt weergeven of afspelen en hoe u foto’s en
video’s kunt bewerken. Ook leest u hier hoe u de camera op
een fotoprinter of televisie aansluit.
Afspelen/bewerken
62
Weergeven
Hier vindt u informatie over hoe u foto's, video's en spraakmemo's kunt weergeven of afspelen en hoe u bestanden beheert.
Het scherm in de weergavemodus
Pictogram Beschrijving
Foto heeft een spraakmemo
v
Videobestand
Afdrukbestelling ingesteld (DPOF)
Beveiligd bestand
Foto bevat een geregistreerd gezicht; alleen beschikbaar
wanneer u een geheugenkaart gebruikt
Mapnaam – Bestandsnaam
Bestanden wissen (p. 65)
Een diavertoning afspelen (p. 67)
Foto's bewerken (p. 70)
Een weergavetype selecteren (p. 18)
Een gezicht registreren (p. 63); alleen beschikbaar wanneer u
een geheugenkaart gebruikt
Video's of spraakmemo's afspelen
(Video p. 68 / Spraakmemo p. 69)
De weergavemodus starten
Bekijk foto's en video's en beluister spraakmemo's die in de
camera zijn opgeslagen.
Druk op [
1
Weergaveknop].
Het laatste bestand dat u hebt gemaakt of opgenomen wordt t
weergegeven.
Als de camera is uitgeschakeld, schakelt u deze in.t
Trek een horizontale streep van links naar rechts om
2
door bestanden te bladeren.
Selecteer t
<
om het vorige bestand weer te geven. Blijf het
scherm aanraken om bestanden snel weer te geven.
Selecteer t
>
om het volgende bestand weer te geven. Blijf het
scherm aanraken om bestanden snel weer te geven.
Als u bestanden in het interne geheugen wilt weergeven, verwijdert u de
geheugenkaart.
Afspelen/bewerken
63
Weergeven
Selecteer een datum, bestandstype, weekdag, kleur of
2
gezicht.
U kunt ook uw vinger op t
<
of
>
houden om door data,
bestandstypen, weekdagen, kleuren en gezichten te bladeren.
Selecteer
3
<
of
>
om door de bestanden te bladeren.
Selecteer
4
om naar de normale weergave terug te keren.
Gezichten registreren
U kunt gezichten in uw foto’s registreren om ze als gezichten in Smart
Album te classificeren. Deze functie is alleen beschikbaar als u een
geheugenkaart gebruikt.
Selecteer in de weergavemodus een foto
1
.
Selecteer
2
Ja.
Als er meerdere gezichten in de foto zijn, selecteert u het t
gezicht dat u wilt registreren en selecteert u Ja .
U kunt maximaal 3 gezichten registreren.t
Als u een nieuw gezicht registreert terwijl er in Smart Album al 3 t
gezichten handmatig zijn geregistreerd, zal de camera het oudste
gezicht door het nieuwe vervangen.
Bestanden op categorie bekijken in Smart Album
Bekijk en beheer bestanden op categorie, zoals datum, week of
bestandstype.
Selecteer in de weergavemodus
1
een
categorie.
Type
Datum
Kleur
Week
Gezicht
Optie Beschrijving
Type
Geef bestanden gesorteerd op bestandstype weer
Datum
Geef bestanden op volgorde van de opslagdatum weer
Kleur
Geef bestanden gesorteerd op de dominante kleur in
het beeld weer
Week
Geef bestanden weer op volgorde van de weekdag
waarop ze zijn opgeslagen
Gezicht
Geef bestanden gesorteerd op herkende gezichten
weer (Maximaal 15 personen)
Het kan enige tijd duren voordat de categorie is gewijzigd en bestanden
worden gereorganiseerd.
Afspelen/bewerken
64
Weergeven
Bestanden beveiligen
Beveilig uw bestanden om te voorkomen dat ze per ongeluk
worden gewist.
Bestanden selecteren en beveiligen,
Druk in de weergavemodus op [
1
MENU].
Selecteer
2
Beveiligen Select..
Selecteer de bestanden die u wilt beveiligen.
3
Selecteer t om alle bestanden te selecteren.
Selecteer t
om de selectie op te heffen.
Selecteer
4
.
Bestanden als miniatuur weergeven
Snel door miniaturen van bestanden .
Duw in de weergavemodus [Zoomknop] omlaag om 9 of
16 miniaturen weer te geven (duw [Zoomknop] omhoog om
naar de vorige modus terug te keren).
Functie Actie
Door bestanden scrollen
Selecteer
<
of
>
.
Een bestand weergeven
Selecteer een miniatuur.
Bestanden wissen
Selecteer of sleep een bestand naar
. (p. 65)
Afspelen/bewerken
65
Weergeven
Alle bestanden wissen,
Druk in de weergavemodus op [
1
MENU].
Selecteer
2
Wissen Alles Ja.
Een andere manier om bestanden te wissen
Teken een X op het scherm terwijl een bestand wordt
weergegeven.
Alle bestanden beveiligen,
Druk in de weergavemodus op [
1
MENU].
Selecteer
2
Beveiligen Alles Vergrendel.
Bestanden wissen
U kunt afzonderlijke bestanden of alle bestanden tegelijk wissen.
Beveiligde bestanden kunnen niet worden gewist.
Afzonderlijke bestanden wissen,
Selecteer in de weergavemodus een bestand
1
.
Selecteer
2
Ja om het bestand te wissen.
Meerdere bestanden tegelijk wissen,
Selecteer in de weergavemodus
1
Meer wissen.
Selecteer de bestanden die u wilt wissen.
2
Selecteer t om alle bestanden op het huidige scherm te
selecteren.
Selecteer t
om de selectie op te heffen.
Selecteer
3
Ja.
Afspelen/bewerken
66
Weergeven
Bestanden naar de geheugenkaart kopiëren
U kunt bestanden van het interne geheugen naar een
geheugenkaart kopiëren.
Druk in de weergavemodus op [
1
MENU].
Selecteer
2
.
Kopie.
Selecteer
3
Ja om bestanden te kopiëren.
Foto's weergeven
U kunt foto’s weergeven en daarbij inzoomen of foto’s als een
diavertoning bekijken.
Een foto vergroten
Druk in de weergavemodus op [Zoomknop] om een
foto te vergroten (duw [Zoomknop] omlaag om de foto
te verkleinen).
Boven aan het scherm worden het vergrote gedeelte en de
zoomverhouding weergegeven. De maximale zoomverhouding
kan per resolutie verschillen. Met de pijlen kunt u het vergrote
gebied verplaatsen.
De prullenbak gebruiken
Als u de prullenbak activeert, worden de bestanden die u wist
daar naartoe verplaatst, in plaats van permanent te worden
verwijderd. Dit geldt alleen voor afzonderlijke bestanden of
meerdere tegelijk geselecteerde bestanden. Als u ervoor kiest om
alle bestanden te wissen, worden deze niet naar de prullenbak
verplaatst.
De prullenbak activeren,
Druk in de weergavemodus op [
1
MENU].
Selecteer
2
Prullenbak Aan.
Bestanden uit de prullenbak terughalen,
Druk in de weergavemodus op [
1
MENU].
Selecteer
2
Prullenbak Ophalen.
Deze functie werkt niet voor video's en spraakmemo's.t
Bij gebruik van de prullenbak kan het langer duren om bestanden te t
wissen.
Als u het interne geheugen formatteert, worden alle bestanden in de t
prullenbak gewist.
De prullenbak kan voor maximaal 10 MB aan bestanden bevatten. Als t
de limiet van 10 MB wordt overschreden, vraagt de camera of u de
prullenbak wilt legen. Selecteer Ja om de prullenbak te legen of Nee
om alleen het huidige bestand te wissen.
Afspelen/bewerken
67
Weergeven
Optie Beschrijving
Foto's: Selecteer bestanden voor de diavertoning
Afsp.mod.: Selecteer of de vertoning herhaald wordt
Interval: Stel het interval tussen de foto's in
Deze optie is beschikbaar als in het menu t Effect de
optie
is geselecteerd.
In combinatie met een andere optie dan t
, wordt het
interval op 1 seconde ingesteld.
Muziek: Selecteer een achtergrondgeluid
Effect:
Selecteer een overgangseffectt
Selecteer t voor geen effecten
Selecteer
3
om de diavertoning te starten.
Raak het scherm aan (geen optiepictogrammen) om de t
diavertoning te onderbreken.
Selecteer t
om naar de weergavemodus over te schakelen.
Pictogram Beschrijving
Het bestand wissen
De vergrote foto bijsnijden (wordt als nieuw bestand
opgeslagen)
Terug naar de oorspronkelijke weergave
Een diavertoning starten
U kunt de diavertoning van geluid en effecten voorzien.
Selecteer in de weergavemodus
1
.
Stel een effect voor de diavertoning in.
2
Afspelen/bewerken
68
Weergeven
Een video tijdens het afspelen splitsen
Selecteer
1
op het punt waar u de nieuwe video wilt
laten beginnen en selecteer
.
Selecteer
2
om het afspelen te hervatten.
Selecteer
3
op het punt waar u de nieuwe video wilt
laten eindigen en selecteer
.
Selecteer
4
Ja.
De oorspronkelijke video moet ten minste 10 seconden lang zijn.t
De bewerkte video wordt als nieuw bestand opgeslagen.t
Een video afspelen
U kunt video's afspelen, afzonderlijke beelden uit video's opslaan
en video's bijsnijden.
Selecteer in de weergavemodus een video
1
.
Met de volgende pictogrammen kunt u het afspelen
2
regelen.
Pictogram Beschrijving
Terugspoelen
/
Het afspelen onderbreken of hervatten
Het afspelen stoppen
Vooruitspoelen
Het volume aanpassen of dempen
Afspelen/bewerken
69
Weergeven
Pictogram Beschrijving
Terugspoelen
/
Het afspelen onderbreken of hervatten
Het afspelen stoppen
Vooruitspoelen
Het volume aanpassen of dempen
Een aan een foto toegevoegd spraakmemo afspelen
Selecteer in de weergavemodus een foto met spraakmemo
1
.
Met de volgende pictogrammen kunt u het afspelen regelen.
2
Pictogram Beschrijving
/
Het afspelen onderbreken of hervatten
Het afspelen stoppen
Het volume aanpassen of dempen
Tijdens het afspelen afzonderlijke beelden opslaan
Selecteer
1
op het punt waar u een afzonderlijk beeld wilt
opslaan.
Selecteer
2
.
Selecteer
3
Ja.
Afzonderlijke beelden die worden bewaard hebben dezelfde grootte als het
oorspronkelijke videobestand en worden als een nieuw bestand opgeslagen.
Een spraakmemo afspelen
Een spraakmemo afspelen
Selecteer in de weergavemodus een spraakmemo
1
.
Met de volgende pictogrammen kunt u het afspelen regelen.
2
Afspelen/bewerken
70
Foto's bewerken
Bewerk foto's door ze te draaien, de resolutie aan te passen, rode ogen te verwijderen en de helderheid, het contrast en de
kleurverzadiging aan te passen.
Resolutie van de foto aanpassen
Selecteer in de weergavemodus een foto
1
.
Selecteer
2
een optie.
Selecteer t om de foto als beginafbeelding op te slaan.
(p. 88)
Selecteer t
om de foto als skin voor de MP3-speler op te
slaan. (p. 84)
Selecteer
3
.
De beschikbare opties verschillen, afhankelijk van de resolutie van de
geselecteerde foto.
Bewerkte foto's worden als nieuw bestand opgeslagen.t
Wanneer u foto’s bewerkt die t
of groter zijn (p. 41), wordt de
resolutie automatisch verlaagd (behalve wanneer u de grootte
aanpast):
- tot
- tot
- tot
Een foto draaien
Selecteer in de weergavemodus een foto
1
.
Selecteer
2
een optie.
Links 90 gr.
Selecteer
3
.
2048
x
1536
Afspelen/bewerken
71
Foto's bewerken
Uw eigen RGB-tint definiëren
1
Selecteer in de weergavemodus een foto  .
Selecteer
2
>
 een kleur (R: rood, G: groen,
B: blauw).
Selecteer de hoeveelheid van de kleur.
3
Aangep. RGB
Selecteer
4
.
De kleur bijwerken
Pas verschillende kleurtinten op uw foto's toe, zoals Zacht, Helder
en Bos.
Zacht Helder Bos
Selecteer in de weergavemodus een foto .
Selecteer
4
een optie.
Selecteer t om uw eigen RGB-tint te definiëren.
Normaal
Selecteer
5
.
Afspelen/bewerken
72
Foto's bewerken
Een speciaal effect toepassen
Pas speciale effecten op foto’s toe, zoals kleurfilters en
ruiseffecten.
Selecteer in de weergavemodus een foto
1
.
Selecteer
2
een optie.
Kleurenfilter
Optie Beschrijving
Kleurenfilter: Verander de achtergrondkleuren in
zwartwit om het hoofdonderwerp daartegen te laten
afsteken
Elegant: Pas effecten toe om de foto helderder en
zachter te maken
Ruis toevoegen: Voeg ruis aan de foto toe voor een
ouderwetse uitstraling
Gezicht retouch: Onvolkomenheden in het gezicht
verbergen.
Selecteer
3
.
Belichtingsproblemen corrigeren
U kunt ACB (automatische contrastbalans), helderheid, contrast
of kleurverzadiging aanpassen en rode ogen wegwerken.
Een afbeelding bijwerken
Selecteer in de weergavemodus een foto
1
.
Selecteer
2
een aanpassingsoptie:
t : Helderheid
t : Contrast
t : Kleurverz.
Selecteer een waarde om het geselecteerde onderdeel
3
aan te passen. (-: minder of +: meer)
Selecteer
4
.
Rode ogen verwijderen
Selecteer in de weergavemodus een foto
1
.
Selecteer
2
 .
Selecteer
3
.
Afspelen/bewerken
73
Foto's bewerken
Selecteer foto's die u wilt afdrukken.
3
Selecteer t om alle bestanden te selecteren.
Selecteer t
om de selectie op te heffen.
Selecteer
4
.
Stel DPOF-opties in.
5
Optie Beschrijving
Selecteer of u de foto's als miniaturen wilt afdrukken
Geef de afdrukgrootte op
Selecteer
6
,
of
.
om het aantal afdrukken in te stellen.
Selecteer
7
.
Als u het afdrukformaat opgeeft, kunt u alleen foto’s afdrukken met DPOF
1.1-compatibele printers.
ACB (automatische contrastbalans) aanpassen
Selecteer in de weergavemodus een foto
1
.
Selecteer
2
.
Selecteer
3
.
Een afdrukbestelling maken (DPOF)
Selecteer foto's om af te drukken en stel opties in zoals het aantal
afdrukken en het papierformaat.
De geheugenkaart kan naar een printshop die DPOF (Digital Print t
Order Format) ondersteunt worden gebracht, maar u kunt ook uw
foto's thuis rechtstreeks op een DPOF-compatibele printer afdrukken.
Brede foto's worden mogelijk met verlies van de linker- en rechterkant t
afgedrukt, dus houd rekening met de afmetingen van de foto's.
Voor de foto’s in het interne geheugen kunt u geen DPOF gebruiken.t
Druk in de weergavemodus op [
1
MENU].
Selecteer
2
.
DPOF Select..
Als u alle bestanden wilt afdrukken, selecteert u t Alles en gaat
u naar stap 5.
Afspelen/bewerken
74
Foto's op een televisie weergeven
Geef foto's en video's weer door de camera met behulp van de meegeleverde A/V-kabel op een televisie aan te sluiten.
Geef met behulp van het aanraakscherm op de camera
6
de gewenste foto's en video's weer.
Zoek de gewenste optie op het tv-scherm en raak de optie t
aan op het camerascherm. Wanneer er een aanwijzer
verschijnt op de optie op het tv-scherm, selecteert u
op
het scherm van de camera.
Bij bepaalde televisies kan er digitale ruis optreden of kan het t
gebeuren dat het beeld niet geheel wordt weergegeven.
Afhankelijk van de televisie-instellingen kan het voorkomen dat de t
beelden niet gecentreerd op het scherm worden weergegeven.
Terwijl de camera op de televisie is aangesloten, kunt u gewoon foto's t
en video's maken.
Selecteer een video-uitgang voor uw land of regio.
1
(p. 90)
Schakel de camera en de televisie uit.
2
Sluit de camera met behulp van de A/V-kabel op de
3
televisie aan.
Video
Audio
Schakel de televisie in en selecteer de
4
videouitvoermodus met de afstandsbediening van de
televisie.
Schakel de camera in en druk op [
5
Weergaveknop].
Afspelen/bewerken
75
Foto's met een fotoprinter afdrukken (PictBridge)
Druk foto's op een PictBridge-compatibele printer af door de camera rechtstreeks op de printer aan te sluiten.
Selecteer een optie.
4
Optie Beschrijving
Huidige foto
De geselecteerde foto's afdrukken. Ga naar
stap 6.
Geselect. foto’s
Alleen de gewenste foto’s afdrukken.
Alle foto’s
Alle foto's afdrukken. Ga naar stap 6.
Selecteer
5
<
of
>
om naar een foto te gaan die u wilt
afdrukken.
Selecteer
6
,
of
.
om het aantal exemplaren in te
stellen en selecteer
.
Als u ervoor gekozen heeft om alleen de geselecteerde foto’s t
af te drukken, herhaalt u stap 5-6 voor alle foto’s die u wilt
afdrukken.
Selecteer
7
Ja om dit te bevestigen.
Het afdrukken begint. Selecteer t Annuleer om het afdrukken
te annuleren.
Schakel de printer in en sluit de camera er met een
1
USB-kabel op aan.
Schakel de camera in.
2
De camera wordt automatisch herkend door de printer.t
Als de camera geen verbinding maakt, verschijnt er een pop-t
upvenster. Selecteer Printer.
Als de printer een massaopslagfunctie heeft, moet in het t
instellingenmenu eerst de USB-modus op Printer worden ingesteld.
(p. 90)
Selecteer
3
om af te drukken.
Selecteer t om afdrukopties in te stellen. Zie “Afdrukopties
instellen” op pagina 76.
Afspelen/bewerken
76
Foto's met een fotoprinter afdrukken (PictBridge)
Afdrukopties instellen
Optie Beschrijving
Formaat: Geef de afdrukgrootte op
Lay-out: Maak indexprints
Type: Selecteer de papiersoort
Kwalit.: Stel de afdrukkwaliteit in
Datum: Stel in dat de datum wordt afgedrukt
Best.naam: Stel in dat de bestandsnaam wordt afgedrukt
Reset: Stel de afdrukopties op de beginwaarden terug
Bepaalde opties worden niet door alle printers ondersteund.
Een multimediamodus gebruiken ……………………… 78
De Muziekmodus gebruiken …………………………… 80
De Videomodus gebruiken ……………………………… 82
De Tekstviewermodus gebruiken ……………………… 83
Instellingen van de multimediamodus ………………… 84
Multimedia
Hier vindt u informatie over het gebruik van multimediamodus:
de Muziekmodus, de Videomodus en de Tekstviewermodus.
Multimedia
78
Sluit de meegeleverde oordopjes op de multifunctionele
1
aansluiting van de telefoon aan.
Selecteer in de opnamemodus
2
a
m
.
Deze modus biedt multimediafuncties
Multimedia
Selecteer een modus.
3
M
t : Muziek
P
t : Video's
t
t : Tekstviewer
Selecteer een bestand om af te spelen.
4
Bestanden worden automatisch afgespeeld.t
Bestanden worden op volgorde van opslagdatum weergegeven.t
Bestandsnamen in niet-ondersteunde talen worden als t _ _ _ _
__ _” weergegeven.
Als een map meer dan 100 bestanden bevat, of verscheidene t
grote bestanden, kan het langer duren om toegang tot een
modus te verkrijgen.
De Spaarstand is tijdens het afspelen niet actief, behalve bij t
weergave van tekstbestanden met Auto-scroll of Achtergr.
muziek uitgeschakeld.
Wanneer u in de Muziekmodus 30 seconden lang geen t
handelingen uitvoert, schakelt de camera naar de Spaarstand
over.
Afhankelijk van de eigenschappen van de bestanden, is t
bestandsinformatie mogelijk niet in de afspeellijst beschikbaar.
Een multimediamodus gebruiken
In de multimediamodi kunt u MP3's en video's afspelen en tekstbestanden weergeven. Voordat u een multimediamodus gebruikt, moeten
er eerst bestanden naar de camera of geheugenkaart zijn overgebracht. (p. 23)
Multimedia
79
Een multimediamodus gebruiken
Het aanraakscherm vergrendelen
U kunt het aanraakscherm vergrendelen, om ongewenste
bediening van de camera tijdens het afspelen te voorkomen.
Selecteer
om het scherm te vergrendelen. Als u het scherm
weer wilt ontgrendelen, raakt u het aan en sleept u in het pop-
upvenster
naar .
Terwijl het scherm vergrendeld is, kunt u de Aan/Uit-knop en de USB-t
kabel gewoon gebruiken.
Druk op een willekeurige knop om de spaarstand uit te schakelen.t
Naar een andere multimediamodus overschakelen
Selecteer tijdens het afspelen van een MP3 of video of
1
tijdens de weergave van een tekstbestand
M
,
P
of
t
.
Selecteer
2
m
.
Selecteer een modus.
3
Muziek
In deze modus kunt u mp3 afspelen
Multimediabestanden wissen
Selecteer in de bestandenlijst
1
.
2
Selecteer de bestanden die u wilt wissen.
Selecteer t om alle bestanden te wissen.
Selecteer t
om de selectie op te heffen.
Selecteer
3
.
Multimedia
80
Ga naar de Muziekmodus en speel een bestand af.
1
(p. 78)
AAA.mp3
Pictogram Beschrijving
Bitsnelheid
Afspeelmodus
Resterende batterijcapaciteit
Speeltijd
Met de volgende pictogrammen en knoppen kunt u het
2
afspelen regelen.
Element Functie
M
De modus wijzigen
Het type equalizer wijzigen
Het scherm vergrendelen
Het volume aanpassen of dempen
De afspeellijst openen
Achteruitspringen
/
Het afspelen onderbreken of hervatten
Vooruitspringen
[MENU]
De instellingen van de Muziekmodus wijzigen
VBR
Variable Bit Rate (VBR) is een coderingsmethode waarmee
de muziek op een stabiel kwaliteitsniveau blijft doordat de
compressie aan de complexiteit van te coderen audio wordt
aangepast.
De Muziekmodus gebruiken
Hier vindt u informatie over hoe u MP3-bestanden afspeelt, de bediening regelt en tijdens het afspelen foto's maakt.
Multimedia
81
De Muziekmodus gebruiken
Een diavertoning starten tijdens het afspelen van muziek
Druk tijdens het afspelen op [
1
MENU].
Selecteer
2
Interval.
Selecteer een interval tussen de foto's.
3
Selecteer
4
Diashow.
Selecteer een afspeeloptie.
5
Optie Beschrijving
Afspelen
Speel een diavertoning af en keer daarna weer
naar het spelerscherm terug.
Herhalen
Laat een diavertoning zich herhalen.
Selecteer
6
om de diavertoning te annuleren.
Multimedia
82
De Videomodus gebruiken
Hier vindt u informatie over het afspelen van video's en de bediening daarbij.
Ga naar de Videomodus en speel een bestand af. (p. 78)
1
BBB.sdc
Pictogram Beschrijving
Resterende batterijcapaciteit
Speeltijd
Met de volgende pictogrammen en knoppen kunt u het
2
afspelen regelen.
Element Functie
P
De modus wijzigen
Het scherm vergrendelen
Het volume aanpassen of dempen
De afspeellijst openen
Achteruitspringen
Terugspoelen (tijdens het afspelen)*
/
Het afspelen stoppen of hervatten
Vooruitspringen
Vooruitspoelen (tijdens het afspelen)*
[MENU]
De instellingen van de Videomodus wijzigen
* U kunt snel vooruit- of terugspoelen naar het punt waar u wilt
beginnen.
Gedurende de eerste en de laatste 2 seconden van het afspelen t
werkt geen enkele knop, behalve de Aan/Uit-knop.
U kunt ondertitelingsbestanden (.smi) met behulp van Samsung t
Converter omzetten, zodat u ondertiteling kunt weergeven. (p. 25)
Sommige video's worden tijdens het afspelen onderbroken en t
automatisch hervat. Dit is normaal.
Tijdens het afspelen verdwijnen de bedieningselementen na een t
opgegeven tijd uit beeld. U kunt deze weer zichtbaar maken door
het scherm aan te raken.
Multimedia
83
De Tekstviewermodus gebruiken
Hier vindt u informatie over het weergeven van tekstbestanden.
Ga naar de Tekstviewermodus en open een bestand.
1
(p. 78)
In deze gebruiksaanwijzing vindt u uitgebreide
aanwijzingen voor het gebruik van uw
camera. Lees deze gebruiksaanwijzing
aandachtig door. Klik op een van de
onderstaande knoppen voor meer informatie.
Samsung.txt
Pictogram Beschrijving
Resterende batterijcapaciteit
1/2
Huidige pagina/Aantal pagina's
Met de volgende pictogrammen en knoppen kunt u de
2
weergave regelen.
Element Functie
/
De modus wijzigen. Dit pictogram geeft het
coderingstype aan*.
De lijst met bestanden openen.
Het volume aanpassen of het geluid dempen (als de
achtergrondmuziek actief is).
Element Functie
,
Teruggaan naar de vorige pagina.t
10 pagina's overslaan (blijven aanraken).t
.
Naar de volgende pagina gaan.t
10 pagina's overslaan (blijven aanraken).t
[MENU]
De instellingen van de Textviewermodus wijzigen.
* Het type codering wordt weergegeven als of .
ANSI-codering (American National Standards Institute)t :
u moet de taal instellen die overeenkomt met de taal van het
tekstbestand. (p. 85)
Unicode-coderingt : het is niet nodig om een taal in te stellen
die overeenkomt met de taal van het tekstbestand.
Als de tekst niet correct wordt weergegeven, slaat u het bestand t
in ANSI-codering op met behulp van een teksteditor op de
computer (bijvoorbeeld Notepad van Windows).
Bepaalde tekens en symbolen worden mogelijk niet correct t
weergegeven.
Tekstbestanden die niet correct zijn gecodeerd, kunnen t
beschadigd raken.
Het duurt langer om bestanden van meer dan 10 MB te openen, t
of deze kunnen mogelijk helemaal niet worden geopend. Splits
grote bestanden in meerdere kleinere bestanden, die sneller
kunnen worden geopend.
Multimedia
84
Instellingen van de multimediamodus
Hier vindt u informatie over hoe u de instellingen voor de verschillende multimediamodi kunt aanpassen.
Druk tijdens het afspelen van een MP3 of video of tijdens
1
de weergave van een tekstbestand op [MENU].
Selecteer een menu.
2
Selecteer een optie.
3
* Standaard
Menu
Beschikbare
modus
Beschrijving
Doorgaan
MPt
Instellen dat het laatstafgespeelde
muziek-, video of tekstbestand wordt
afgespeeld, hervat of weergegeven.
(Uit, Aan*)
Afsp.mod.
M
Instellen dat de af te spelen
bestanden worden herhaald of in
willekeurige volgorde afgespeeld.
Normaalt *: alle bestanden in de
huidige map eenmaal afspelen.
Herhalent : alle bestanden in de
huidige map herhalen.
Eén herhalent : het huidige
bestand herhalen.
Willekeurig herhalent :
bestanden in de huidige map in
willekeurige volgorde afspelen.
* Standaard
Menu
Beschikbare
modus
Beschrijving
Achtergrond
M
Een skin voor het spelerscherm
selecteren.
Skin 1t *, Skin 2: een
standaardafbeelding uit het
interne geheugen weergeven.
Gebruiker 1t , Gebruiker 2:
een afbeelding weergeven die
als skin voor de MP3-speler
in het bewerkingsmenu is
opgeslagen. (p. 70)
Diashow
M
Een diavertoning starten tijdens
het afspelen van een MP3.
(p. 81)
Interval
M
De tijdsduur voor weergave van
een foto in een diavertoning
instellen. (2 sec*, 3 sec, 5 sec)
Zoeken
P
De tijdsduur instellen die bij het
vooruit- of terugspoelen moet
worden overgeslagen.
(Normaal*, 30 sec, 1 min,
3 min, 5 min, 10 min)
Multimedia
85
Instellingen van de multimediamodus
* Standaard
Menu
Beschikbare
modus
Beschrijving
Auto-scroll
t
Een vertraging instellen voordat er
naar de volgende regel tekst wordt
gescrolld. (Uit*, 1, 2, 3, 4, 5)
Achtergr.
muziek
t
Achtergrondmuziek spelen tijdens de
weergave van tekstbestanden.
Uitt *: geen muziek spelen.
Aant : het laatstgespeelde
MP3-bestand afspelen.
Language
t
Een bijpassende taal voor het
tekstbestand selecteren.
Alles wissen
MPt
Alle bestanden van een
geselecteerde multimediamodus
wissen. (Nee, Ja)
Instellingenmenu ………………………………………… 87
Het instellingenmenu openen ……………………………… 87
Geluidsinstellingen ………………………………………… 88
Scherminstellingen ………………………………………… 88
Camera-instellingen ………………………………………… 89
Foutmeldingen …………………………………………… 91
Onderhoud van de camera ……………………………… 92
De camera reinigen ………………………………………… 92
Geheugenkaarten …………………………………………… 93
De batterij …………………………………………………… 94
Voordat u contact opneemt met een servicecenter 96
Cameraspecificaties ……………………………………… 98
Index ………………………………………………………… 103
Aanvullende
informatie
Hier vindt u informatie over instellingen en foutmeldingen,
alsmede specificaties en onderhoudstips.
Aanvullende informatie
87
Instellingenmenu
Hier vindt u informatie over de verschillende instellingen die u op de camera kunt doen.
Selecteer een optie en sla de instellingen op.
3
Volume
Trilniveau
Trillen & Geluid
Sl.toon
B.geluid :Uit
Uit
Laag
Middel
Hoog
Selecteer
4
om naar het vorige scherm terug te keren.
Het instellingenmenu openen
Druk in de opname- of weergavemodus op [
1
MENU].
Selecteer een menu.
2
Volume
Trilniveau
Trillen & Geluid
Sl.toon
B.geluid
:Middel
:Hoog
:Alles
:1
:Uit
Pictogram Beschrijving
Geluidsinstellingen: hier stelt u de geluiden van de
camera en het volume in. (p. 88)
Scherminstellingen: hier past u de
scherminstellingen aan, zoals de taal en de
helderheid. (p. 88)
Camera-instellingen: hier wijzigt u de instellingen
voor het camerasysteem, zoals geheugenformaat,
standaardbestandsnaam en de USB-modus. (p. 89)
Aanvullende informatie
88
Instellingenmenu
* Standaard
Onderdeel Beschrijving
Beginafbeelding
Een afbeelding instellen die wordt weergegeven wanneer
de camera wordt ingeschakeld.
Uitt *: er wordt geen afbeelding weergegeven.
Logot : er wordt een standaardafbeelding uit het
interne geheugen weergegeven.
Gebr.afbt : een afbeelding naar keuze weergeven.
(p. 70)
Er wordt slechts één beginafbeelding in het t
interne geheugen opgeslagen.
Als u een nieuwe foto selecteert of de camera t
reset, wordt de huidige beginafbeelding gewist.
Brede foto's of foto's met een verhouding van t
3:2 kunnen niet als beginafbeelding worden
ingesteld.
Helderh. scherm
De helderheid van het scherm aanpassen.
(Auto*, Donker, Normaal, Licht)
Normaal staat voor de weergavemodus vast, zelfs als
Auto is geselecteerd.
Snel tonen
De weergaveduur voor een gemaakte foto of video
instellen, voordat naar de opnamemodus wordt
teruggekeerd. (Uit, 0,5 sec*, 1 sec, 3 sec)
Spaarstand
Als er gedurende 30 seconden geen handelingen op de
camera worden verricht, schakelt het toestel over naar
de spaarstand (druk op een willekeurige knop om de
spaarstand uit te schakelen). (Uit*, Aan)
Geluidsinstellingen
* Standaard
Onderdeel Beschrijving
Volume
Hiermee past u het volume van alle geluiden aan.
(Uit, Laag, Middel*, Hoog)
Trilniveau
Hier selecteert u een trilniveau voor aanraking van het
scherm. (Laag, Middel, Hoog*)
Bij lagere temperaturen kan het vibratieniveau later
aanvoelen dan de werkelijke instelling. Dit is normaal.
Trillen & Geluid
Hier stelt u in of de camera trilt of een geluidssignaal
geeft wanneer u het scherm aanraakt.
(Uit, Trillen, Geluid, Alles*)
In de multimediamodus trilt de camera alleen.
Sl.toon
Hier selecteert u een geluid voor het indrukken van de
ontspanknop. (Uit, 1*, 2, 3)
B.geluid
Hier selecteert u een geluidsignaal voor het inschakelen
van de camera. (Uit*, 1, 2, 3)
AF-geluid
Hier stelt u in of er een geluid klinkt bij het half indrukken
van de ontspanknop. (Uit, Aan*)
Zelfportret
Hier stelt u in of er een geluid klinkt wanneer de camera
uw gezicht detecteert. (Uit, Aan*)
Scherminstellingen
* Standaard
Onderdeel Beschrijving
Language
Een taal selecteren voor de schermtekst.
Functie-
beschrijving
Een korte beschrijving van een optie of menu
weergeven. (Uit, Aan*)
Aanvullende informatie
89
Instellingenmenu
* Standaard
Onderdeel Beschrijving
Bestandsnr.
De naamgeving van bestanden instellen.
Op nult : instellen dat de bestandsnummering
weer bij 0001 begint wanneer er een
nieuwe geheugenkaart wordt geplaatst, een
geheugenkaart wordt geformatteerd of alle
bestanden worden gewist.
Seriet *: instellen dat de bestandsnummering
doorloopt wanneer er een nieuwe geheugenkaart
wordt geplaatst, een geheugenkaart wordt
geformatteerd of alle bestanden worden gewist.
De standaardnaam van de eerste map is t
100SSCAM en de standaardnaam van het eerste
bestand is SDC10001.
Het bestandsnummer wordt steeds met één t
opgehoogd, van SDC10001 tot SDC19999.
Het mapnummer wordt steeds met één t
opgehoogd, van 100SSCAM tot 999SSCAM.
Het maximumaantal bestanden dat in een map t
kan worden opgeslagen, is 9999.
De camera definieert bestandsnamen volgens de t
Digital rule for Camera File system-norm (DCF).
Als u bestandsnamen wijzigt, kan de camera deze
bestanden mogelijk niet meer weergeven.
Camera-instellingen
* Standaard
Onderdeel Beschrijving
Formatt.
Het interne geheugen en de geheugenkaart
formatteren (alle bestanden, ook beveiligde, worden
gewist). (Nee, Ja)
Geheugenkaarten die in een camera van een andere
fabrikant of in een geheugenkaartlezer zijn gebruikt, of die
met een computer zijn geformatteerd, kunnen door de
camera mogelijk niet correct worden gelezen. Formatteer
dergelijke kaarten in de camera alvorens ze te gebruiken.
Reset
Menu's en opnameopties op de beginwaarden
instellen (instellingen voor datum en tijd, taal en
video-uitvoer worden niet gereset). (Nee, Ja)
Datum/tijd
De datum en tijd instellen en een datumnotatie
selecteren.
(jjjj/mm/dd, mm/dd/jjjj, dd/mm/jjjj, Uit*)
Tijdzone
Een regio selecteren en zomer-wintertijd instellen.
Aanvullende informatie
90
Instellingenmenu
* Standaard
Onderdeel Beschrijving
Video
Het video-uitgangssignaal voor uw land of regio
instellen.
NTSCt *: VS, Canada, Japan, Korea, Taiwan,
Mexico.
PAL t (ondersteunt alleen BDGHI): Australië,
Oostenrijk, België, China, Denemarken, Finland,
Duitsland, Engeland, Italië, Koeweit, Maleisië,
Nederland, Nieuw Zeeland, Singapore, Spanje,
Zweden, Zwitserland, Thailand, Noorwegen.
USB
Instellen om via een USB-verbinding met een
computer of printer te communiceren.
Autot *: instellen dat de camera automatisch een
USB-modus selecteert.
Computert : de camera op een computer aansluiten
om bestanden over te brengen.
Printert : de camera op een printer aansluiten om
bestanden af te drukken.
* Standaard
Onderdeel Beschrijving
Afdruk
Instellen of de datum en tijd op de foto's worden
afgedrukt. (Uit*, Datum, Datum/tijd)
De datum en tijd worden in de rechteronderhoek t
geel weergegeven.
Bij bepaalde printermodellen worden de datum en t
tijd niet afgedrukt.
Als u in de t
s
modus selecteert worden de
datum en tijd niet weergegeven.
Automatisch uit
Instellen dat de camera automatisch wordt
uitgeschakeld wanneer u deze niet gebruikt.
(Uit, 1 min, 3 min*, 5 min, 10 min)
Bij vervanging van de batterij blijven deze t
instellingen behouden.
De camera schakelt in de volgende gevallen niet t
automatisch uit:
wanneer deze op een computer of printer is -
aangesloten
wanneer u een diavertoning of video afspeelt -
wanneer u een spraakmemo opneemt -
AF-lamp
Een hulplampje instellen ter ondersteuning van het
scherpstellen in donkere omgevingen. (Uit,
Aan*)
Aanvullende informatie
91
Foutmeldingen
Als een van de volgende foutmeldingen verschijnt, kunt u de onderstaande oplossingen proberen.
Foutmelding Mogelijke oplossing
Kaartfout
Schakel de camera uit en weer in.t
Verwijder de geheugenkaart en plaats deze t
weer terug.
Formatteer de geheugenkaart. (p. 89)t
Kaart vergrendeld
Ontgrendel de geheugenkaart.
DCF-fout
Bestandsnamen komen niet met de DCF-
norm overeen. Breng de bestanden op de
geheugenkaart naar een computer over en
formatteer de kaart. (p. 89)
Bestandsfout
Wis het beschadigde bestand of neem contact
op met een servicecenter.
Batterij bijna leeg
Plaats een opgeladen batterij of laad de batterij
op.
Weinig licht
Schakel de flitser in. (p. 45)
Geheugen vol
Wis onnodige bestanden of plaats een nieuwe
geheugenkaart.
Geen foto
Maak foto's of plaats een geheugenkaart met
foto's.
Aanvullende informatie
92
Onderhoud van de camera
Camerabehuizing
Veeg deze voorzichtig met een zachte droge doek af.
Gebruik nooit benzeen, thinner of alcohol om het toestel te reinigen. t
Deze oplosmiddelen kunnen de camera beschadigen of defecten
veroorzaken.
Zorg dat de lensbescherming gesloten is, voordat u begint met t
reinigen.
De camera reinigen
Cameralens en aanraakscherm
Verwijder stof met behulp van een blaaskwastje en veeg
de lens met een zachte doek voorzichtig af. Voor eventuele
achtergebleven stof brengt u lensreinigingsvloeistof op een stuk
reinigingspapier aan en veegt u de lens voorzichtig schoon.
Aanvullende informatie
93
Onderhoud van de camera
Capaciteit van de geheugenkaart
De geheugencapaciteit verschilt, afhankelijk van de
opnamemodus en de opnameomstandigheden. De volgende
capaciteiten zijn op een 1-GB SD-kaart gebaseerd:
Grootte Superhoog Hoog Normaal 30 fps 20fps 15 fps
F
o
t
o
194 376 546 - -
-
221 426 611 - -
-
264 510 744 - -
-
343 637 870 - -
-
532 895 1.211 -
1.716 2.059 2.376 - -
-
*
V
i
d
e
o
----
Circa
30’ 9’
-
---
Circa
35’ 54’
-
Circa
69’ 52’
---
Circa
47’ 24’
-
Circa
92’ 12’
* Bij gebruik van de zoomfunctie kan de opnametijd van de hier gegeven
waarden afwijken.
Geheugenkaarten
Geheugenkaarten voor deze camera
U kunt SD-kaarten (Secure Digital), SDHC-kaarten (Secure Digital
High Capacity) en MMC-kaarten (MultiMedia Card) gebruiken.
Contactpunten
Etiket (voorzijde)
Schrijfvergrendeling
Bij SD- en SDHC-kaarten kunt u voorkomen dat bestanden
worden gewist, door de schrijfvergrendeling op de kaart om
te zetten. Schuif de vergrendeling naar beneden om de kaart
alleen-lezen te maken, en omhoog om de schrijfvergrendeling op
te heffen. Vergeet niet om voordat u gaat fotograferen de kaart te
ontgrendelen.
Aanvullende informatie
94
Onderhoud van de camera
Levensduur van de batterij
Gemiddelde tijd/
Aantal foto's
Testomstandigheden
(wanneer de batterij volledig is geladen)
Foto's
Circa 130 min/
Circa 260
Dit is onder de volgende omstandigheden
gemeten: in de
a
modus, bij resolutie 9M
en kwaliteit Hoog.
1. Stel de flitser in op Invulflits, maak één
foto en zoom in of uit.
2. Stel de flitser in op Uit, maak één foto
en zoom in of uit.
3. Voer stap 1 en 2 gedurende
30 seconden uit en herhaal dit 5
minuten lang. Schakel de camera
vervolgens 1 minuut uit.
4. Herhaal stap 1 tot 3.
Video's
Circa 130 min
Neem video's op bij een resolutie van 800
x 592 en met 20 fps.
MP3
Circa 330 min
Bestanden afspelen met het scherm
uitgeschakeld.
PMP
Circa 190 min
Bestanden normaal afspelen.
Tekst-
viewer
Circa 210 min
Bestanden weergeven met
achtergrondmuziek en auto-scroll.
De bovenstaande cijfers zijn volgens de normen van Samsung gemeten en t
kunnen afwijken van resultaten bij daadwerkelijk gebruik.
Om de totale opnametijd te bepalen, zijn er verschillende video's achter elkaar t
opgenomen.
De batterij
Gebruik alleen door Samsung goedgekeurde batterijen.
Batterijspecificaties
Modus
SLB-0937
Type
Lithium-ionbatterij
Capaciteit
900 mAh
Voltage
3,7 V
Oplaadtijd
(wanneer de camera is uitgeschakeld)
Circa 150 min
Aanvullende informatie
95
Onderhoud van de camera
Over het opladen van de batterij
Controleer als het indicatielampje uit is of de batterij op de juiste wijze t
is geplaatst.
Schakel de camera tijdens het opladen uit.t
Schakel de camera pas in nadat u de batterij langer dan 10 minuten t
hebt opgeladen.
Met het gebruik van de flitser en het opnemen van video's raakt de t
batterij snel leeg. Laad de batterij op totdat het indicatielampje groen
wordt.
Als het indicatielampje rood knippert of niet brandt, sluit u de kabel t
opnieuw aan of verwijdert u de batterij en plaatst u deze opnieuw.
Als u de batterij oplaadt terwijl deze warm is, kan het indicatielampje t
oranje gaan branden. Nadat de batterij is afgekoeld, wordt met
opladen begonnen.
Over het opladen terwijl er een computer is aangesloten
Gebruik alleen de meegeleverde USB-kabel.t
De batterij wordt mogelijk in de volgende gevallen niet opgeladen:t
wanneer u een USB-hub gebruikt -
wanneer er andere USB-apparaten op de computer zijn -
aangesloten
wanneer u de kabel op de poort aan de voorzijde van de -
computer aansluit
wanneer de USB-poort van de computer de stroomuitvoernorm -
niet ondersteunt (5 V, 500 mA)
Aanvullende informatie
96
Voordat u contact opneemt met een servicecenter
Wanneer u problemen met de camera ondervindt, kunt u eerst de volgende procedures uitvoeren voordat u contact opneemt met een
servicecenter. Als u hebt geprobeerd een oplossing te vinden met behulp van deze suggesties, maar nog steeds problemen ondervindt,
kunt u contact opnemen met uw plaatselijke dealer of servicecenter.
Situatie
Mogelijke oplossing
Er kunnen geen foto's
wor
den gemaakt
Er is geen ruimte op de geheugenkaart. t
Wis onnodige bestanden of plaats een
nieuwe kaart.
Formatteer de geheugenkaart. (p. 89)t
De geheugenkaart is defect. Koop een t
nieuwe geheugenkaart.
De geheugenkaart is vergrendeld. t
Ontgrendel de kaart. (p. 91)
Controleer of de camera is ingeschakeld.t
Laad de batterij op.t
Controleer of de batterij op de juiste t
wijze is geplaatst.
De camera loopt vast
Verwijder de batterij en plaats deze weer
terug.
De flitser werkt niet
Mogelijk is de flitser op t Uit ingesteld.
(p. 45)
In de modi t
d
,
v
en bepaalde
s
modi kan de flitser niet worden gebruikt.
De flitser gaat
onverwachts af
De flitser gaat mogelijk af vanwege
statische elektriciteit.
Dit is geen defect van de camera.
De datum en tijd
kloppen niet
Stel in het scherminstellingenmenu de
datum en tijd in.
Situatie
Mogelijke oplossing
De camera kan niet
wor
den ingeschakeld
Controleer of er een batterij is geplaatst.t
Controleer of de batterij op de juiste wijze t
is geplaatst.
Laad de batterij op.t
De camera
wordt plotseling
uitgeschakeld
Laad de batterij op.t
De camera bevindt zich mogelijk in de t
Spaarstand. (p. 88)
De camera wordt mogelijk uitgeschakeld t
om te voorkomen dat de geheugenkaart
door een harde schok beschadigd raakt.
Schakel de camera weer in.
De batterij raakt snel
leeg
De batterij raakt bij lage temperaturen t
(onder 0 °C) sneller leeg. Houd de
batterij warm door deze in uw zak te
steken.
Met het gebruik van de flitser en het t
opnemen van video's raakt de batterij
snel leeg. Laad de batterij indien nodig
weer op.
Batterijen zijn verbruiksgoederen die t
na verloop van tijd moeten worden
vervangen. Haal een nieuwe batterij als
de levensduur drastisch afneemt.
Aanvullende informatie
97
Voordat u contact opneemt met een servicecenter
Situatie
Mogelijke oplossing
De foto's worden
niet op de televisie
weergegeven
Controleer of de camera goed met de t
A/V-kabel op de externe monitor is
aangesloten.
Controleer of de geheugenkaart foto's t
bevat.
De computer herkent
de camera niet
Controleer of de USB-kabel op de juiste t
wijze is geplaatst.
Controleer of de camera is ingeschakeld.t
Controleer of het besturingssysteem t
wordt ondersteund.
Tijdens het overbrengen
van bestanden
verbreekt de computer
de verbinding
De bestandsoverdracht kan door statische
elektriciteit worden gestoord. Koppel de
USB-kabel los en sluit deze weer aan.
Situatie
Mogelijke oplossing
Het aanraakscherm of
de knoppen werken niet
Verwijder de batterij en plaats deze weer
terug.
De geheugenkaart heeft
een fout
De geheugenkaart is niet gereset.
Formatteer de kaart. (p. 89)
Er kunnen geen
bestanden worden
afgespeeld of
weergegeven
Als u de naam van een bestand wijzigt,
kan de camera dit bestand mogelijk niet
afspelen of weergeven (de bestandsnaam
moet aan de DCF-normen voldoen). In
dergelijke gevallen kunt u de bestanden op
een computer afspelen of weergeven.
De foto's zijn onscherp
Controleer of de ingestelde t
scherpsteloptie voor close-upfoto's
geschikt is. (p. 47)
Zorg dat het onderwerp zich binnen het t
bereik van de flitser bevindt. (p. 98)
Controleer of de lens schoon is. Reinig t
de lens indien nodig. (p. 92)
De kleuren in de foto
zijn anders dan de
werkelijke kleuren
Een onjuiste witbalans kan voor
onrealistische kleuren zorgen. Selecteer
de juiste witbalansoptie voor de lichtbron.
(p. 56)
De foto is te licht
De foto is overbelicht. Pas de t
belichtingswaarde aan. (p. 53)
Schakel de flitser uit. (p. 45)t
Aanvullende informatie
98
Cameraspecificaties
Sluitertijd
1 - 1/2.000 sec.
t
AEB, Continu: 1/4 - 1/2.000 sec.t
Nacht: 16 - 1/2.000 sec.t
Belichting
Bediening Programma AE
Lichtmeting Multi, Spot, Centr. gewogen
Compensatie ±2 BW (in stappen van 1/3 BW)
ISO-equivalent Auto, 80, 100, 200, 400, 800, 1600, 3200
Flitser
Modus
Uit, Auto, Rode ogen, Invulflits, Langz sync,
Anti-rode ogen
Bereik
Groothoek: 0,3 m - 4,2 m (ISO Auto)
t
Tele: 0,5 m - 3,3 m (ISO Auto)t
Oplaadtijd Circa 5 sec.
Trillingsreductie
DIS (Digital Image Stabilisation)
Effect
Opnamemodus
Fotostylerkeuze: Normaal, Zacht, Helder, Bos,
t
Retro, Koel, Rustig, Klassiek, Negatief, Aangep.
RGB
Beeld aanpassen: Scherpte, Contrast, Kleurverz.
t
Beeld- sensor
Type 1/2,5-inch (Circa 1,02 cm) CCD
Effectieve pixels Circa 9,0 megapixels
Totaalaantal pixels Circa 9,2 megapixels
Lens
Brandpuntsafstand
Samsung-lens 3X interne zoom f = 6,3 - 18,9 mm
(35-mm equivalent: 38 - 114 mm)
Diafragmabereik f/3.5 (G) - f/4.5 (T)
Digitale zoom
Fotomodus: 1,0x - 5,0x
t
Weergavemodus: 1,0x - 10,8x (afhankelijk van het t
beeldformaat)
Display
Type h.VGA TSP (resistief)
Eigenschap 3,0 inch (7,6 cm) 460K
Scherpstelling
Type
TTL-autofocus (Multi AF, Centrum AF,
Gezichtsherkenning-AF, Gezichtsdetectie-AF,
Aanraak AF)
Bereik
Groothoek (G) Tele (T)
Normaal 80 cm - oneindig
Macro 5 cm - 80 cm 50 cm - 80 cm
Auto macro 5 cm - oneindig 50 cm - oneindig
Supermacro 1 cm - 5 cm -
Aanvullende informatie
99
Cameraspecificaties
Weergave
Type Eén foto, Miniaturen, Diashow, Video, Smart Album
Bewerken Res.wijz, Draaien, Fotostylerkeuze, Beeld aanpassen
Effect
Fotostylerkeuze: Normaal, Zacht, Helder, Bos,
t
Retro, Koel, Rustig, Klassiek, Negatief, Aangep.
RGB
Beeld aanpassen: ACB, Anti-rode ogen,
t
Helderheid, Contrast, Kleurverz.
Spraakopname
Spraakopname (max. 10 uur)
t
Spraakmemo in een foto (max. 10 sec.)t
Opslag
Media
Intern geheugen: circa 70 MB
t
Extern geheugen (optioneel)t
SD-kaart (tot 4 GB gegarandeerd) -
SDHC-kaart (tot 8 GB gegarandeerd) -
MMC Plus (tot 2 GB gegarandeerd' -
De interne geheugencapaciteit kan van deze specificaties
afwijken.
Bestandsindeling
Foto: JPEG (DCF), EXIF 2.21, DPOF 1.1,
t
PictBridge 1.0
Video: AVI (MPEG-4)
t
Audio: WAVt
Witbalans
Auto witbalans, Daglicht, Bewolkt, TL-licht H, TL-licht L, Kunstlicht,
Aangep. instelling
Opname
Foto's
Modi: Smart Auto (Portret, Nachtportret,
t
Tegenlichtportret, Tegenlicht, Landschap, Wit,
Beweging, Statief, Nacht, Macro, Macro tekst),
Auto, Programma, DIS, Film, Scène (Nacht,
Portret, Kinderen, Landschap, Tekst, Close-up,
Zon onder, Dageraad, Tegenl., Vuurwerk, Strand/
sneeuw, Kaderlijnen, Beautyshot)
Scherpstelstand: 1 opname, Continu,
t
Bew.detectie, AEB
Timer: 2 sec,10 sec, Dubbel, Bewegingstimer
t
Video's
Formaat: MPEG-4 met geluid
t
(max. opnametijd: 2 uur)
Formaat: 800 x 592 (20 fps), 640 x 480 (30 fps,
t
15 fps), 320 x 240 (30 fps, 15 fps)
3X optische zoom met geluidsopname
t
Opnamesnelheid: 20 fps, 30 fps, 15 fpst
Fotostijl, witbalans, videostabilisatiet
Video bewerken (intern): pauzeren tijdens t
opnemen, foto's maken, bijsnijden
Aanvullende informatie
100
Cameraspecificaties
PMP
Video: Xvid MPEG-4 t
(met Samsung Converter)
Audio: MPEG Layer 2 t
(met Samsung Converter)
Weergavemodus: zoeken tijdens weergave (max. t
32X), verspringen tijdens weergave, automatisch
verspringen na weergave van een bestand,
laatstweergegeven frame onthouden
Tekstviewer
Bestand: Tekstbestand (TXT-extensie, maximaal t
99.999 pagina's)
Bestandsindeling: Windows ANSI (Windows 98 t
of nieuwer), Unicode/Unicode (Big-Endian)/UTF-8
(Windows 2000/XP) Mac ANSI, Unicode (UTF-16)
Functie: Auto Scroll (1 - 5), Achtergrondmuziekt
Interface
Digitale uitvoer USB 2.0
Audio-uitvoer Mono
Video-uitvoer AV: NTSC, PAL (keuze)
DC-stroom-
aansluiting
20-pins
Beeldformaat
Voor 1GB SD
Superhoog Hoog Normaal
3456 x 2592 194 376 546
3456 x 2304 221 426 611
3456 x 1944 264 510 744
2592 x 1944 343 637 870
2048 x 1536 532 895 1.211
1024 x 768 1.716 2.059 2.376
Deze waarden zijn gemeten onder standaardcondities en
kunnen variëren afhankelijk van opnameomstandigheden
en camera-instellingen.
Multimedia
MP3
Frequentie: 20 Hz ~ 20 KHzt
Aansluiting oordopjes: 20-pins poort (stereo)t
Uitgang maximaal volume: links 40 mW + rechts t
40 mW (16:)
Ruisverhouding 88 dB met 20 KHz LPFt
Bestandsindeling: MP3 (MPEG-1/2/2.5 Layer 3)t
Bitsnelheid: 48 - 320 kbps (inclusief VBR)t
Geluidseffect: SRSt
Aanvullende informatie
101
Cameraspecificaties
Energie- bron
Oplaadbare batterij Lithium-ionbatterij (SLB-0937, 900 mAh)
AC-adapter Stroomadapter (SAC-47), USB-kabel (SUC-C7H)
Afhankelijk van uw regio kan de energiebron verschillen.
Afmetingen (B x H x D)
91 x 60 x 19 mm
Gewicht
124,2 g (zonder batterij en geheugenkaart)
Bedrijfstemperatuur
0 - 40 ˚C
Bedrijfsluchtvochtigheid
5 - 85 %
Software
Samsung Converter, Samsung Master, Adobe Reader
Specificaties kunnen zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd.
Aanvullende informatie
102
Correcte verwijdering van dit product (inzameling en
recycling van elektrische en elektronische
apparatuur)
(Van toepassing in de Europese Unie en andere Europese
landen waar afval gescheiden wordt ingezameld)
Dit merkteken, dat op het product of de documentatie wordt
weergegeven, geeft aan dat het product niet mag worden
weggeworpen bij het huishoudelijk afval. Om gevaar voor het milieu
of de volksgezondheid te voorkomen, dient u dit product van andere
typen afval gescheiden te houden en het op een verantwoordelijke
manier te recyclen om duurzaam hergebruik van materiaalbronnen
te bevorderen. Particulieren dienen contact op te nemen met het
verkooppunt waar het product is gekocht of met de plaatselijke
overheid voor informatie over waar dit product kan worden ingeleverd
voor milieuvriendelijke recycling. Bedrijven dienen contact op te
nemen met hun leverancier en de voorwaarden en bepalingen van het
aankoopcontract na te kijken. Dit product mag niet samen met ander
commercieel afval worden weggeworpen.
Correcte behandeling van een gebruikte accu uit dit
product
(Van toepassing op de Europese Unie en andere Europese
landen met afzonderlijke inzamelingssystemen voor accu’s
en batterijen)
Dit merkteken op de accu, gebruiksaanwijzing of verpakking geeft aan
dat de accu in dit product aan het einde van de levensduur niet samen
met ander huishoudelijk afval mag worden weggegooid. De chemische
symbolen Hg, Cd of Pb geven aan dat het kwik-, cadmium- of
loodgehalte in de accu hoger is dan de referentieniveaus in de Richtlijn
2006/66/EC. Indien de gebruikte accu niet op de juiste wijze wordt
behandeld, kunnen deze stoffen schadelijk zijn voor de gezondheid van
mensen of het milieu.
Ter bescherming van de natuurlijke hulpbronnen en ter bevordering van
het hergebruik van materialen, verzoeken wij u afgedankte accu’s en
batterijen te scheiden van andere soorten afval en voor recycling aan
te bieden bij het gratis inzamelingssysteem voor accu’s en batterijen in
uw omgeving.
De oplaadbare accu in dit product kan niet door de gebruiker zelf
worden vervangen. Neem contact op met uw serviceprovider voor
informatie over vervanging.
Het Samsung Eco-symbool
Dit is een eigen symbool van Samsung dat het bedrijf
gebruikt om zijn milieuvriendelijke productactiviteiten
naar de consument te communiceren. Het symbool
staat voor Samsung’s voortdurende inspanningen om
milieubewuste producten te ontwikkelen.
Aanvullende informatie
103
Index
A
Aanpassen
Contrast
in de opnamemodus 60
in de weergavemodus 72
Helderheid 72
Kleurverzadiging
in de opnamemodus 60
in de weergavemodus 72
Scherpte 60
Aanraakscherm 13
Aanraaktrilling 18
Aanraken 16
ACB 54
Adobe Reader 21
Afdruk 90
Afdrukbestelling 73
AF-geluid 88
AF-lamp 90
Afzonderlijke beelden
opslaan 69
Automatische
contrastverbetering (ACB) 54
Automodus 19
B
Batterij
Levensduur 94
Opladen 95
Specificaties 94
Batterij-indicator 14
Beautyshot-modus 33
Beginafbeelding 88
Belichting 53
Bestanden beveiligen 64
Bestanden overbrengen
voor Mac 28
voor Windows 21
Bestanden weergeven
als miniatuur 64
Diavertoning 67
op televisie 74
Bestanden wissen 65
in een multimediamodus 79
Bewegingsonscherpte 29
Bewegingstimer 44
Bewerken 70
D
Datum en tijd 89
Diafragma 35
Diavertoning 67
Digitale beeldstabilisatie 36
Digitale zoom 20
DIS-modus 36
DPOF 73
Draaien 70
F
Filmmodus 37
Flitser
Anti-rode ogen 46
Auto 45
Invulflits 46
Langz sync 46
Rode ogen 45
Uit 45
Fotokwaliteit 42
Foto's afdrukken 75
Fotostijlen 59
Foutmeldingen 91
Framesnelheid 37
Functiebeschrijving 88
Aanvullende informatie
104
Index
G
Gebaren 17
Geheugenkaart
Capaciteit 93
MMC 93
SD 93
SDHC 93
Geluid uitschakelen
Camera 15
Video 37
Gezichtsdetec.
Gezichtsdetec. 50
Glimlach 51
Knipperen 51
Slimme
gezichtsherkenning 52
Zelfportret 51
Glimlach 51
Grootte aanpassen 70
H
Half indrukken 6
Helderheid scherm 88
Helderheid van het
gezicht 33
Het apparaat loskoppelen 23
I
Instellingen
Camera 89
Geluid 88
Openen 87
Scherm 88
Intelligente aanraakfocus 48
ISO-waarde 46
K
Kaderlijnen 34
Kleurtint 71
Knipperen 51
L
Lange sluitertijd 35
Lichtbron (Witbalans) 56
Lichtmeting
Centrum 55
Multi 55
Spot 55
M
Macro 47
Meebewegende focus 48, 49
Menuknop 13
MP3-skin 84
Multimediamodus 84
Muziekmodus 80
Tekstviewermodus 83
Videomodus 82
Muziekmodus 80
O
Onderhoud 92
Onvolkomenheden in het
gezicht 34
Opnamemodus
Auto 19
DIS 36
Film 37
Programma 36
Scène 33
Smart Auto 32
Opnemen
Spraakmemo 39
Video 37
P
Pictogrammen 14
Programmamodus 36
Prullenbak 66
Aanvullende informatie
105
Index
R
Reinigen
Behuizing 92
Lens 92
Scherm 92
Reset 89
Resolutie
Foto 41
Video 41
RGB-tint
in de opnamemodus 59
in de weergavemodus 71
Rode ogen 45
S
Samsung Converter
Gebruiken 25
Installeren 21
Samsung Master
Gebruiken 26
Installeren 21
Scènemodus 33
Scherpstelafstand
Auto macro 47
Macro 47
Normaal (AF) 47
Super macro 47
Scherpstelgebied
Centrum AF 49
Multi AF 49
Smart Touch AF 49
Serieopnamen
Bew.detectie 58
Continu 58
Opnamereeks met
verschillende belichtingen
(AEB) 58
Servicecenter 96
Slepen 16
Slimme
gezichtsherkenning 52
Sluitertijd 35
Smart Auto-modus 32
Smart Touch AF 48
Snel tonen 88
Speciale effecten
Elegant 72
Gezicht retouch 72
Kleurenfilter 72
Ruis toevoegen 72
Spraakmemo
Afspelen 69
Opnemen 39
T
Tekstviewermodus 83
Timer 43
Type weergave 18
V
Vergroten 66
Video 90
Afspelen 68
Opnemen 37
Videomodus 82
Volume 88
W
Weergaveknop 15
Weergavemodus 62
Witbalans 56
Z
Zelfportret 51
Zoomen 20
Raadpleeg voor klantenservice of bij vragen de garantie-
informatie die met het product is meegeleverd of bezoek
onze website http://www.samsungcamera.com
Het CE-keurmerk geeft aan dat dit product aan
de richtlijnen van de Europese Gemeenschap
(EG) voldoet

Documenttranscriptie

In deze gebruiksaanwijzing vindt u uitgebreide aanwijzingen voor het gebruik van uw camera. Lees deze gebruiksaanwijzing aandachtig door. Ä Klik op een onderwerp Beknopt overzicht User Manual ST10 Inhoud Basisfuncties Geavanceerde functies Opnameopties Afspelen/bewerken Multimedia Aanvullende informatie Index Informatie over gezondheid en veiligheid Houd u altijd aan de volgende voorzorgsmaatregelen en gebruikstips om gevaarlijke situaties te vermijden en ervoor te zorgen dat de camera optimaal werkt. Voorkom gezichtsschade bij het onderwerp Waarschuwing: situaties die bij u of anderen letsel kunnen veroorzaken Voorzichtig: situaties die schade aan de camera of andere apparatuur kunnen veroorzaken Gebruik de flitser van de camera niet vlakbij (op minder dan 1 m afstand van) de ogen van mensen of dieren. Gebruik van de flitser dicht bij de ogen van het onderwerp kan tot tijdelijke of permanente schade aan het gezichtsvermogen leiden. Opmerking: opmerkingen, gebruikstips of aanvullende informatie Behandel batterijen en oplader voorzichtig en voer deze af volgens de voorschriften t Gebruik alleen door Samsung goedgekeurde batterijen en opladers. Niet-compatibele batterijen en opladers kunnen ernstig letsel of schade aan uw camera veroorzaken. t Gooi batterijen nooit in open vuur. Houd u aan alle lokale regelgeving bij het verwijderen van gebruikte batterijen. t Leg batterijen of camera's nooit in of op verwarmingsapparaten, zoals een magnetron, kachel of radiator. Batterijen kunnen exploderen als ze te heet worden. Waarschuwingen Gebruik de camera niet in de buurt van ontvlambare of explosieve gassen en vloeistoffen Gebruik de camera niet in de buurt van brandstoffen, brandbaar materiaal of ontvlambare of explosieve chemicaliën. Bewaar geen ontvlambare vloeistoffen, gassen en explosief materiaal in dezelfde ruimte als de camera of de onderdelen of accessoires van de camera. Veiligheidsvoorschriften Houd de camera buiten het bereik van kleine kinderen en huisdieren Gebruik en bewaar de camera zorgvuldig en verstandig t Zorg ervoor dat de camera niet nat wordt. Het toestel kan door vloeibare stoffen ernstig beschadigen. Raak de camera niet met natte handen aan. De garantie van de fabrikant is niet van toepassing op waterschade aan het toestel. Houd de camera en alle bijbehorende onderdelen en accessoires buiten het bereik van kleine kinderen en huisdieren. Kleine onderdelen vormen verstikkingsgevaar of kunnen schadelijk zijn wanneer zij worden ingeslikt. Bewegende delen en accessoires kunnen ook een fysiek gevaar vormen. 1 Informatie over gezondheid en veiligheid t Stel de camera niet gedurende lange tijd aan direct zonlicht of hoge temperaturen bloot. Langdurige blootstelling aan zonlicht of extreme temperaturen kan permanente schade aan interne onderdelen van het toestel veroorzaken. t Gebruik of bewaar de camera niet in stoffige, vervuilde, vochtige of slecht geventileerde omgevingen om schade aan bewegende delen en interne onderdelen te vermijden. t Haal de batterijen uit de camera wanneer u deze voor langere tijd opbergt. Batterijen in het batterijvak kunnen na verloop van tijd gaan lekken of roesten en ernstige schade aan uw camera veroorzaken. t Bescherm de camera tegen zand en vuil wanneer u deze op het strand of in een andere, soortgelijke omgeving gebruikt. t Bescherm de camera en het scherm tegen stoten, ruw gebruik en sterke trillingen om ernstige schade te voorkomen. t Wees voorzichtig bij het aansluiten van kabels en adapters en het plaatsen van batterijen en geheugenkaarten. Het forceren van stekkers, onjuist aansluiten van kabels of onjuist plaatsen van batterijen en geheugenkaarten kan leiden tot schade aan poorten, stekkers en accessoires. t Steek geen vreemde voorwerpen in de compartimenten, sleuven en toegangspunten van de camera. Schade als gevolg van onjuist gebruik wordt mogelijk niet door de garantie gedekt. Bescherm batterijen, opladers en geheugenkaarten tegen schade t Vermijd blootstelling van batterijen en geheugenkaarten aan extreme temperaturen (onder 0 °C of boven 40 °C). Door extreme temperaturen kan de oplaadcapaciteit van de batterijen afnemen en kunnen geheugenkaarten storingen vertonen. t Voorkom dat batterijen in aanraking komen met metalen voorwerpen. Dit kan een verbinding vormen tussen de plus- en minpolen van uw batterijen en tijdelijke of permanente schade aan de batterijen veroorzaken. t Voorkom dat geheugenkaarten in contact komen met vloeistof, vuil of vreemde stoffen. Veeg, indien nodig, de geheugenkaart met een zachte doek schoon alvorens u de kaart in de camera plaatst. t Schakel de camera uit wanneer u een geheugenkaart plaatst of verwijdert. t Zorg dat geheugenkaarten niet buigen, vallen of aan zware klappen of druk worden blootgesteld. t Gebruik geen geheugenkaarten die in een andere camera of door een computer zijn geformatteerd. Formatteer een dergelijke geheugenkaart opnieuw in uw eigen camera. t Gebruik nooit een beschadigde oplader, batterij of geheugenkaart. 2 Informatie over gezondheid en veiligheid Gebruik alleen door Samsung goedgekeurde accessoires Zorg voor een optimale levensduur van batterijen en oplader Het gebruik van niet-compatibele accessoires kan leiden tot schade aan de camera, lichamelijk letsel en het vervallen van de garantie. t Te lang opladen van batterijen kan de levensduur daarvan bekorten. Wanneer het opladen is voltooid, dient u de kabel van de camera los te koppelen. t Batterijen die niet worden gebruikt, ontladen zich na verloop van tijd en moeten voor gebruik opnieuw worden opgeladen. t Laat de stekker van de oplader niet in het stopcontact zitten als u de oplader niet gebruikt. t Gebruik de batterijen alleen voor het doel waarvoor ze zijn bedoeld. Bescherm de cameralens t Stel de lens niet aan direct zonlicht bloot. Hierdoor kan de beeldsensor verkleuren of defect raken. t Bescherm de lens tegen vingerafdrukken en krassen. Reinig de lens met een zachte, schone doek. Wees voorzichtig met oordopjes Wees voorzichtig met het gebruik van de camera in vochtige omgevingen t Gebruik geen oordopjes tijdens het autorijden, fietsen of het besturen van motorvoertuigen. Dit zou de verkeersveiligheid in gevaar kunnen brengen en is mogelijk in bepaalde regio's ook verboden. t Gebruik slechts het minimaal noodzakelijke volume. Met oordopjes naar hoge geluidsvolumes luisteren kan tot gehoorbeschadiging leiden. Wanneer u de camera vanuit een koude in een warme en vochtige omgeving brengt, kan er op de fijne elektronische schakelingen en op de geheugenkaart condensvorming optreden. Wacht in zo'n geval ten minste 1 uur totdat alle vocht is verdampt, alvorens u de camera gebruikt. Controleer voor gebruik of de camera naar behoren functioneert Belangrijke gebruiksinformatie De fabrikant is niet verantwoordelijk voor verlies van bestanden of schade die kan voortkomen uit defecten aan de camera of onjuist gebruik. Laat reparatie en onderhoud van de camera alleen door gekwalificeerd personeel uitvoeren Laat geen ongekwalificeerd personeel reparatie- of onderhoudswerkzaamheden aan de camera uitvoeren en probeer dit ook niet zelf te doen. Alle schade die voortvloeit uit ongekwalificeerd onderhoud of reparatie wordt niet door de garantie gedekt. 3 Indeling van de gebruiksaanwijzing Basisfuncties ©2009 SAMSUNG DIGITAL IMAGING CO., LTD. 10 Hier wordt ingegaan op de indeling, pictogrammen en standaardopnamefuncties van de camera en het overbrengen van bestanden van en naar de computer. De specificaties van de camera en de inhoud van deze gebruiksaanwijzing kunnen vanwege een opwaardering van de camerafuncties zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd. Geavanceerde functies 31 Hier vindt u informatie over hoe u foto's maakt door een modus te selecteren en hoe u video's of spraakmemo's opneemt. Copyrightinformatie Opnameopties t Microsoft Windows en het Windows-logo zijn geregistreerde handelsmerken van Microsoft Corporation. t Mac is een geregistreerd handelsmerk van Apple Corporation. t is een geregistreerd handelsmerk van SRS Labs, Inc. WOW HD-technologie is gebruikt onder licentie van SRS Labs, Inc. Hier vindt u informatie over de instellingen waarvoor u in de opnamemodus kunt kiezen. Afspelen/bewerken 40 61 Hier vindt u informatie over hoe u foto’s, video’s en spraakmemo’s kunt weergeven of afspelen en hoe u foto’s en video’s kunt bewerken. Ook leest u hier hoe u de camera op een fotoprinter of televisie aansluit. Multimedia 77 Hier vindt u informatie over het gebruik van multimediamodus: de Muziekmodus, de Videomodus en de Tekstviewermodus. Aanvullende informatie Hier vindt u informatie over instellingen en foutmeldingen, alsmede specificaties en onderhoudstips. 4 86 Pictogrammen in deze gebruiksaanwijzing Symbolen in deze gebruiksaanwijzing Symbool Functie Opnamemodus Pictogram Smart Auto S Aanvullende informatie Auto a Veiligheidsvoorschriften en waarschuwingen Programma p Scène s [ ] Cameratoetsen; bijvoorbeeld: [Ontspanknop] (staat voor de ontspanknop) DIS d ( ) Paginanummer van verwante informatie Film v Multimedia m “ De volgorde van de opties of menu's die u moet selecteren om een stap uit te voeren, bijvoorbeeld: Selecteer > “ (betekent Selecteer > en vervolgens ) *† Voetnoot Pictogrammen in de opnamemodus Deze pictogrammen geven aan dat een bepaalde functie in de desbetreffende modi beschikbaar is. De s modus ondersteunt wellicht bepaalde functies niet voor alle scènes. Afkortingen in deze gebruiksaanwijzing Voorbeeld: Beschikbaar in de modi Programma, DIS en Film 5 Afkorting Betekenis ACB Auto Contrast Balance (automatische contrastverbetering) AEB Auto Exposure Bracket (opnamereeks met verschillende belichtingen) AF Auto Focus (autofocus) DIS Digital Image Stabilisation (digitale beeldstabilisatie) DPOF Digital Print Order Format (digitale afdrukbestelling) EV Exposure Value (belichtingswaarde) WB White Balance (witbalans) Uitdrukkingen in deze gebruiksaanwijzing De ontspanknop indrukken Belichting (Helderheid) tDruk [Ontspanknop] half in: druk de ontspanknop half in t Druk op [Ontspanknop]: druk de ontspanknop volledig in De hoeveelheid licht die de camera binnenkomt bepaalt de belichting. De belichting kan worden aangepast met behulp van sluitertijd, diafragma en ISO-waarde. Wanneer u de belichting verandert, worden de foto's donkerder of lichter. Druk [Ontspanknop] half in Normale belichting Druk op [Ontspanknop] Onderwerp, achtergrond en compositie t Onderwerp: het belangrijkste object in een scène, zoals een persoon, dier of stilleven t Achtergrond: de objecten rondom het onderwerp t Compositie: de combinatie van onderwerp en achtergrond Onderwerp Compositie Achtergrond 6 Overbelicht (te helder) Beknopt overzicht Foto's van mensen maken t s modus > Beautyshot, Portret, Kinderen f 33 t Rode ogen, Anti-rode ogen (rode ogen voorkomen of verwijderen) f 45 t Gezichtsdetec. f 50 's Nachts of in het donker foto's maken t s modus > Nacht, Dageraad, Vuurwerk f 33 t Flitseropties f 45 t ISO-waarde (de lichtgevoeligheid aanpassen) f 46 Actiefoto's maken t Continu, Bew.detectie f 58 Foto's maken van tekst, insecten en bloemen t s modus > Close-up, Tekst f 33 De belichting aanpassen (helderheid) t ISO-waarde (de lichtgevoeligheid aanpassen) f 46 t EV (de belichting aanpassen) f 53 t ACB (compenseren voor onderwerpen tegen een heldere achtergrond) f 54 t L.meting f 55 t AEB (3 foto's van dezelfde scène met een verschillende belichting maken) f 58 Een speciaal effect toepassen t Fotostijlen (om een speciale tint aan te brengen) f 59 t Beeld aanpassen (om kleurverzadiging, scherpte en contrast bij te stellen) f 60 Bewegingsonscherpte voorkomen t d modus f 36 t Macro, Auto macro, Supermacro (close-upfoto's maken) f 47 t Witbalans (de tint wijzigen) f 56 7 t De camera op een computer aansluiten f 22 t Bestanden op categorie bekijken in Smart Album f 63 t Alle bestanden op de geheugenkaart wissen f 65 t Foto's als diavertoning weergeven f 67 t Foto's op een televisie weergeven f 74 t Een multimediamodus gebruiken (muziek of video's afspelen en tekstbestanden weergeven) f 78 t Geluid en volume aanpassen f 88 t De helderheid van het scherm aanpassen f 88 t De schermtaal wijzigen f 88 t De datum en tijd instellen f 89 t De geheugenkaart formatteren f 89 t Problemen oplossen f 96 Inhoud De kaderlijnen gebruiken ...................................................... De belichting in de Nachtmodus aanpassen .......................... De DIS-modus gebruiken ..................................................... De Programmamodus gebruiken .......................................... Een video opnemen ............................................................ Spraakmemo's opnemen .................................................. Een spraakmemo opnemen ................................................. Een spraakmemo aan een foto toevoegen ............................. Basisfuncties .......................................................................... 10 Uitpakken .......................................................................... Camera-indeling ................................................................ Pictogrammen ................................................................... De camera in- en uitschakelen .......................................... Het aanraakscherm gebruiken .......................................... Het aanraakscherm instellen ............................................. Een weergavetype selecteren ............................................... Aanraaktrilling en -geluid instellen .......................................... Foto's maken .................................................................... Zoomen ............................................................................. Bestanden naar de computer overbrengen (Windows) ..... Programma's installeren ....................................................... Bestanden naar de pc overbrengen ...................................... De camera loskoppelen (Windows XP) .................................. Multimediabestanden naar de camera overbrengen ............... Samsung Converter gebruiken ............................................. Samsung Master gebruiken ................................................. Bestanden naar de computer overbrengen (Mac) ............. Bestanden naar de computer overbrengen ............................ Multimediabestanden naar de camera overbrengen ............... Tips om betere foto's te maken ........................................ 11 12 14 15 16 18 18 18 19 20 21 21 22 23 23 25 26 28 28 28 29 Opnameopties ....................................................................... 40 Resolutie en beeldkwaliteit selecteren ............................... De resolutie selecteren ........................................................ De beeldkwaliteit selecteren ................................................. De timer gebruiken ............................................................ Opnamen in het donker maken ......................................... Rode ogen voorkomen ........................................................ De flitser gebruiken .............................................................. De ISO-waarde aanpassen .................................................. De scherpstelling aanpassen ............................................. Macro gebruiken ................................................................. Autofocus gebruiken ............................................................ Intelligente aanraakfocus ...................................................... Het scherpstelgebied aanpassen .......................................... Gezichtsdetectie gebruiken ............................................... Gezichten detecteren .......................................................... Een zelfportret maken .......................................................... Een foto van een lachend gezicht maken ............................... Knipperende ogen detecteren .............................................. Slimme gezichtsherkenning .................................................. Geavanceerde functies ........................................................ 31 Opnamemodi .................................................................... De Smart Auto-modus gebruiken .......................................... De Scènemodus gebruiken .................................................. De Beautyshot-modus gebruiken .......................................... 34 35 36 36 37 39 39 39 32 32 33 33 8 41 41 42 43 45 45 45 46 47 47 47 48 49 50 50 51 51 51 52 Inhoud Helderheid en kleur aanpassen ......................................... De belichting handmatig aanpassen (EV) ............................... Compenseren voor tegenlicht (ACB) ..................................... De lichtmeetmethode wijzigen .............................................. Een lichtbron selecteren (Witbalans) ...................................... Serieopnamen ................................................................... Uw foto's mooier maken ................................................... Fotostijlen toepassen ........................................................... Uw eigen RGB-tint definiëren ................................................ Uw foto's aanpassen ........................................................... 53 53 54 55 56 58 59 59 59 60 Multimedia .............................................................................. 77 Een multimediamodus gebruiken ...................................... De Muziekmodus gebruiken .............................................. De Videomodus gebruiken ................................................ De Tekstviewermodus gebruiken ....................................... Instellingen van de multimediamodus ................................ Aanvullende informatie ........................................................ 86 Instellingenmenu ............................................................... 87 Het instellingenmenu openen ............................................... 87 Geluidsinstellingen .............................................................. 88 Scherminstellingen .............................................................. 88 Camera-instellingen ............................................................. 89 Foutmeldingen .................................................................. 91 Onderhoud van de camera ............................................... 92 De camera reinigen ............................................................. 92 Geheugenkaarten ................................................................ 93 De batterij ........................................................................... 94 Voordat u contact opneemt met een servicecenter ........... 96 Cameraspecificaties .......................................................... 98 Index ............................................................................... 103 Afspelen/bewerken ............................................................... 61 Weergeven ........................................................................ De weergavemodus starten ................................................. Foto's weergeven ................................................................ Een video afspelen .............................................................. Een spraakmemo afspelen ................................................... Foto's bewerken ............................................................... Een foto draaien .................................................................. Resolutie van de foto aanpassen .......................................... De kleur bijwerken ............................................................... Uw eigen RGB-tint definiëren ................................................ Een speciaal effect toepassen .............................................. Belichtingsproblemen corrigeren ........................................... Een afdrukbestelling maken (DPOF) ...................................... Foto's op een televisie weergeven .................................... Foto's met een fotoprinter afdrukken (PictBridge) ............. 78 80 82 83 84 62 62 66 68 69 70 70 70 71 71 72 72 73 74 75 9 Basisfuncties Hier wordt ingegaan op de indeling, pictogrammen en standaardopnamefuncties van de camera en het overbrengen van bestanden van en naar de computer. Uitpakken ……………………………………… 11 Camera-indeling ……………………………… 12 Pictogrammen ……………………………… 14 De camera in- en uitschakelen …………… 15 Het aanraakscherm gebruiken …………… 16 Het aanraakscherm instellen ……………… 18 Een weergavetype selecteren ………………… 18 Aanraaktrilling en -geluid instellen …………… 18 Foto's maken ………………………………… 19 Zoomen ………………………………………… 20 Bestanden naar de computer overbrengen (Windows) …………………………………… 21 Programma's installeren ……………………… Bestanden naar de pc overbrengen ………… De camera loskoppelen (Windows XP) ……… Multimediabestanden naar de camera overbrengen …………………………………… Samsung Converter gebruiken ……………… Samsung Master gebruiken …………………… 21 22 23 23 25 26 Bestanden naar de computer overbrengen (Mac) …………………………………………… 28 Bestanden naar de computer overbrengen … 28 Multimediabestanden naar de camera overbrengen …………………………………… 28 Tips om betere foto's te maken …………… 29 Uitpakken Controleer of de doos de volgende artikelen bevat: Optionele accessoires Camera AC-adapter/USB-kabel Schermpen Camera-etui Oplaadbare batterij Polslus Software-cd-rom (Met gebruiksaanwijzing) Geheugenkaarten De afbeelding kan afwijken van de werkelijke artikelen. A/V-kabel Oordopjes Snelstartgids Basisfuncties 11 Camera-indeling Maak u vertrouwd met de diverse onderdelen en functies van de camera voordat u begint. Aan/Uit-knop Luidspreker Ontspanknop AF-hulplampje/timerlampje Microfoon Flitser Lens Lensbescherming Multifunctionele aansluiting Voor aansluiting van USB-kabel, A/V-kabel en oordopjes Statiefbevestigingspunt Batterijklep Basisfuncties 12 Camera-indeling Statuslampje t Knippert: bij opslaan van een foto of video, uitlezen door een computer of printer of bij een onscherp onderwerp t Brandt: bij aansluiting op een computer of wanneer er op het onderwerp is scherpgesteld Aanraakscherm Menuknop Toegang tot menuopties en instellingen, of terugkeren naar de voorgaande modus Zoomknop t In- en uitzoomen t Inzoomen op een deel van de foto of bestanden als miniaturen weergeven Weergaveknop Basisfuncties 13 Pictogrammen Welke pictogrammen worden weergegeven, is afhankelijk van de geselecteerde modus of de ingestelde opties. A B. Statuspictogrammen Pictogram B C. Instellingenpictogrammen (aanraken) Pictogram Beschrijving Beschrijving Diafragma en sluitertijd Flitserinstelling Fotoresolutie Autofocusinstelling Belichtingswaarde Timerinstelling ISO-waarde Type weergave Witbalans C Gezichtsdetectie Serieopnamen A. Moduspictogrammen (aanraken) Pictogram Beschrijving Beeldaanpassing (scherpte, contrast, kleurverzadiging) Resterend aantal foto's S Een foto maken door de camera een geschikte modus voor de scène te laten selecteren a Snel een foto maken met minimale instellingen Geheugenkaart geplaatst p Een foto maken met instelling van opties t t t Beschikbare opnametijd Interne geheugen : Volledig opgeladen : Deels opgeladen : Opladen noodzakelijk s Een foto maken met vooraf ingestelde opties voor een specifieke scène d Een foto maken met opties die geschikt zijn om bewegingsonscherpte te voorkomen Spraakmemo v Een video opnemen Bewegingsonscherpte m MP3's en video's afspelen en tekstbestanden weergeven Zoomverhouding Autofocuskader Instellingenreeks 1 (van 3) Huidige datum en tijd Basisfuncties 14 f Opname-instellingen t : Belichtingswaarde t : Witbalans t : ISO-waarde t : Gezichttint t : Gezicht retouch t : Scherpstelgebied t : Gezichtsdetectie t : Fotoresolutie t : Videoresolutie t : Fotokwaliteit t : Framesnelheid t : Belichting met ACB t : Videostabilisator t : Lichtmeting t : Type serieopname t : Effect t : Beeldaanpassing (scherpte, contrast, kleurverzadiging) t : Lange sluitertijd t : Geluidsopname t <>: Volgende reeks instellingen De camera in- en uitschakelen Hier vindt u informatie over het inschakelen van de camera. Draai de lensbescherming open. Als de lensbescherming al open is, kunt u ook op de Aan/Uit-knop drukken. De camera inschakelen in de weergavemodus Druk op [Weergaveknop]. De camera wordt ingeschakeld en gaat direct naar de weergavemodus. MENU Als u de camera wilt uitschakelen, draait u de lensbescherming weer dicht of drukt u op de Aan/Uit-knop. Houd [Weergaveknop] ingedrukt om het geluid van de camera uit te schakelen. Draai niet aan de lensbescherming door aan de opening te trekken. Hierdoor zou u de lens kunnen aanraken of beschadigen. Basisfuncties 15 Het aanraakscherm gebruiken Hier vindt u basisinformatie over het aanraakscherm. Gebruik de meegeleverde schermpen om opties op het scherm aan te raken of over het scherm te slepen. Raak het scherm niet aan met scherpe voorwerpen zoals pennen en potloden. Hierdoor zou het scherm kunnen beschadigen. t Wanneer u het scherm aanraakt of over het scherm sleept met de schermpen, treden er verkleuringen op. Dit is geen defect, maar een eigenschap van het aanraakscherm. U kunt deze irritante effecten verminderen door het scherm licht aan te raken of licht met de schermpen te slepen. t Het aanraakscherm herkent de aanraking niet goed wanneer u: - meerdere items tegelijk aanraakt - de camera in een erg vochtige omgeving gebruikt - de camera gebruikt in combinatie met een lcd-beschermlaag of een ander lcd-accessoire t Als u het scherm met uw vinger aanraakt, herkent het scherm uw invoer misschien niet. Aanraken Raak een pictogram aan om een menu of optie te selecteren. Slepen Sleep naar links of rechts om horizontaal te schuiven. EV -2 Basisfuncties 16 -1 0 +1 +2 Het aanraakscherm gebruiken Gebaren gebruiken U kunt bepaalde functies uitvoeren door opdrachten op het aanraakscherm te tekenen. Gebaar Beschrijving t Trek een horizontale streep van links naar rechts om het volgende bestand weer te geven. t Trek een horizontale streep van rechts naar links om het vorige bestand weer te geven. Teken een X om een foto te wissen. Basisfuncties 17 Het aanraakscherm instellen Hier vindt u informatie over hoe u de basisinstellingen van het aanraakscherm naar wens kunt aanpassen. Een weergavetype selecteren Selecteer in de opname- of weergavemodus Aanraaktrilling en -geluid instellen Hiermee stelt u in of de camera een trilt of een bepaald geluid laat klinken wanneer u het scherm aanraakt. “ een optie. 1 2 Volledig Optie Druk in de opname- of weergavemodus op [MENU]. Selecteer “ Trillen & Geluid. Volume :Middel Trilniveau Uit Trillen & Geluid Trillen Beschrijving Sl.toon Geluid Volledig: de naam van een optie weergeven wanneer u een pictogram selecteert. B.geluid Basis: pictogrammen weergeven zonder de naam van de optie. Deze optie is alleen beschikbaar in de weergavemodus. 3 Verborgn: pictogrammen op het scherm verbergen als u 3 seconden lang geen handelingen uitvoert (raak het scherm aan om de pictogrammen opnieuw weer te geven). 4 Basisfuncties Alles 1/2 18 Selecteer een optie. Optie Beschrijving Uit De camera trilt niet en laat geen geluid klinken. Trillen De camera geeft een trilling af. Geluid De camera laat een geluid klinken. Alles De camera trilt en laat een geluid klinken. Druk op [MENU] om naar de vorige modus terug te keren. Foto's maken Hier vindt u informatie over basishandelingen om in de Automodus eenvoudig en snel foto's te maken. 1 2 Zorg dat de camera in de a modus (Auto) staat, de standaardopnamemodus. 3 Kadreer het onderwerp. Druk [Ontspanknop] half in om scherp te stellen. t Een groen kader betekent dat het onderwerp scherp in beeld is. t Als dit niet het geval is, selecteert u het moduspictogram “ a. In deze modus kunt u snel en gemakkelijk foto's maken Auto 4 Druk op [Ontspanknop] om een foto te maken. Zie pagina 29 voor tips om betere foto's te maken. Basisfuncties 19 Foto's maken Digitale zoom Zoomen U kunt close-upfoto's maken door in te zoomen. De camera heeft 3X optische zoom en 5X digitale zoom. Door beide te gebruiken, kunt u tot 15 keer inzoomen. Als de zoomindicator zich in het digitale bereik bevindt, gebruikt de camera de digitale zoomfunctie. De beeldkwaliteit kan bij het gebruik van digitale zoom achteruitgaan. Zoomindicator Druk [Zoomknop] omhoog om op het onderwerp in te zoomen. Druk [Zoomknop] omlaag om uit te zoomen. Zoomverhouding Digitaal bereik Inzoomen Optisch bereik Uitzoomen t De digitale zoomfunctie is niet beschikbaar bij het gebruik van de modi S, d, s (in bepaalde scènes) en v en in combinatie met Gezichtsdetec.. t Bij gebruik van de digitale zoomfunctie kan het langer duren voordat een foto is opgeslagen. Basisfuncties 20 Bestanden naar de computer overbrengen (Windows) U kunt bestanden overbrengen door de camera op een pc aan te sluiten. Programma's op de cd-rom Programma's installeren Hardware- en softwarevereisten Programma Doel Samsung Master Foto's en video's bewerken. Onderdeel Vereisten Samsung Converter* Pentium III 500 MHz of sneller (Pentium III 800 MHz of sneller aanbevolen) Video's omzetten zodat ze op de camera kunnen worden afgespeeld. Processor Xvid Codec Videobestanden coderen en decoderen. RAM 256 MB of meer (512 MB of meer aanbevolen) Adobe Reader De gebruiksaanwijzing weergeven. Besturingssysteem Windows 2000/XP/Vista Schijfruimte 250 MB of meer (1 GB of meer aanbevolen) Overig t USB-poort t Cd-romstation t 1024 x 768 pixels, monitor met ondersteuning voor 16-bits kleuren (ondersteuning voor 24-bits kleuren aanbevolen) t Microsoft Direct X 9.0C of nieuwer * Voor dit programma wordt een Pentium IV of sneller aanbevolen. t Het gebruik van een zelfgemonteerde pc of een niet-ondersteunde pc en besturingssysteem kan tot gevolg hebben dat uw garantie vervalt. t Deze programma's werken mogelijk niet goed onder de 64-bits versies van Windows XP en Vista. Basisfuncties 21 Bestanden naar de computer overbrengen (Windows) 1 2 Plaats de installatie-cd in een compatibel cd-romstation. Bestanden naar de pc overbrengen Wanneer het installatiescherm wordt weergegeven, klikt u op Samsung Digital Camera Installer om de installatie te starten. Wanneer u de camera op de pc hebt aangesloten, zal deze laatste de camera als een verwisselbaar schijfstation herkennen. Terwijl de camera met een USB-kabel op de pc is aangesloten, wordt de batterij opgeladen. 1 Sluit de camera met de USB-kabel op de pc aan. Sluit het uiteinde van de kabel met het indicatielampje (S) op de camera aan. Als u de kabel omgekeerd aansluit, kunnen de bestanden beschadigen. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor enig verlies van gegevens. 3 Klik op Preview om te controleren of een videovoorbeeld goed wordt afgespeeld. 4 Als het voorbeeld goed wordt afgespeeld, selecteert u Do not install en klikt u op Next. t Is dit niet het geval, dan selecteert u Install the codec program en klikt u op Install. Het codec-programma wordt dan geïnstalleerd. 5 Selecteer de programma's die u wilt installeren en volg de aanwijzingen op het scherm. 6 Klik op Exit om de installatie te voltooien en start de computer opnieuw op. Basisfuncties 2 Schakel de camera in. t De computer herkent de camera automatisch. Als de camera geen verbinding maakt, verschijnt er een pop-upvenster. Selecteer Computer. 22 Bestanden naar de computer overbrengen (Windows) 3 Selecteer op de pc Deze computer “ Verwisselbare schijf “ DCIM “ 100SSCAM. 4 Selecteer de gewenste bestanden en sleep deze naar de pc of sla ze daar op. Multimediabestanden naar de camera overbrengen Vereisten De camera ondersteunt de volgende bestandstypen. Multimediamodus Ondersteund type Muziek De camera loskoppelen (Windows XP) De USB-kabel wordt onder Windows 2000/Vista op soortgelijke wijze losgekoppeld. 1 Als het statuslampje op de camera knippert, wacht u tot het knipperen ophoudt. 2 Klik op op de werkbalk rechtsonder in het scherm van de pc. 3 4 t Bestandstype: MP3 (MPEG-1/2/2.5 Layer 3) t Bitsnelheid: 48 - 320 kbps (inclusief VBR) Video's Bestandstype: PMP SDC* Tekstviewer t Bestandstype: TXT (tot 99.999 pagina´s) t Type codering - Windows: ANSI (Windows 98 of nieuwer) / Unicode / Unicode (Big-Endian) / UTF-8 (Windows 2000/XP) - Mac: ANSI, Unicode (UTF-16) t Taal†: Engels, Koreaans, Frans, Duits, Spaans, Italiaans, Chinees, Taiwanees, Japans, Russisch, Portugees, Nederlands, Deens, Zweeds, Fins, Bahasa, Pools, Hongaars, Tsjechisch, Turks * Een bestandstype dat met Samsung Converter is omgezet (p. 25) † Kan zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd Klik op het pop-upbericht. t Het kopiëren van multimediabestanden kan met de wet op het auteursrecht in strijd zijn. t Zonder toestemming van de fabrikant is het niet toegestaan om een deel van de MP3- of PMP-bestanden of alle MP3- of PMP-bestanden die in het interne geheugen worden meegeleverd te kopiëren, aanpassen en/of verspreiden. Verwijder de USB-kabel. Basisfuncties 23 Bestanden naar de computer overbrengen (Windows) 4 Multimediabestanden naar de camera overbrengen 1 2 3 Sluit de camera op de pc aan. (p. 22) Kopieer multimediabestanden naar de overeenkomstige mappen. t MP3-bestanden naar de map MP3 t SDC-bestanden naar de map PMP t TXT-bestanden naar de map TEXT Selecteer op de pc Deze computer “ Verwisselbare schijf. Maak nieuwe mappen met de naam “MP3”, “PMP” en “TEXT”. t Het is niet mogelijk om multimediabestanden af te spelen of weer te geven als de mapnamen onjuist zijn. t Er kunnen submappen in de mappen MP3, PMP, TEXT worden gemaakt. Bestanden in submappen op diepere niveaus kunnen mogelijk niet worden afgespeeld of weergegeven. t In elke map kunt u maximaal 200 bestanden of 100 submappen bewaren. Er kan een combinatie van in totaal 200 bestanden en submappen worden bewaard. t Bestands- of mapnamen met meer dan 120 tekens (60 tekens voor 2-byte talen zoals Chinees en Koreaans) worden niet in de afspeellijst weergegeven. Basisfuncties 24 Bestanden naar de computer overbrengen (Windows) Samsung Converter gebruiken Nr. Zet video's om zodat ze op de camera kunnen worden afgespeeld. Raadpleeg het Help-menu voor meer informatie. ˆ ‰ Š ˆ Œ  Ž ‰ ‹ Œ Voeg videobestanden toe (AVI, WMV, ASF, MPG [MPEG-1]) Voeg ondertiteling toe Geef het pad en de bestandsnaam voor het omgezette bestand op Zet het bestand om Voorbeeld  Bijsnijdschuif; beweeg deze naar het punt waar u de video wilt beginnen of eindigen Ž Onderbreek of hervat het afspelen  Stel de framegrootte en -snelheid of de maximale bestandsgrootte in  Š ‹ Basisfuncties Beschrijving 25 Bestanden naar de computer overbrengen (Windows) 2 Samsung Master gebruiken Klik op Next en volg de aanwijzingen op het scherm. U kunt bestanden downloaden of foto's en video's bewerken die op de pc zijn opgeslagen. Raadpleeg het Help-menu voor meer informatie. Bestanden downloaden met Samsung Master Wanneer u de camera op een pc aansluit, verschijnt er automatisch een venster voor het downloaden van bestanden. 1 Š Selecteer de bestanden die u wilt downloaden. ˆ Nr. Basisfuncties ‰ Beschrijving ˆ Selecteer de locatie van de bestanden die u wilt downloaden. ‰ Klik hier om de geselecteerde bestanden te downloaden. Š Miniaturen van bestanden; klik op een afbeelding om deze te downloaden. 26 Bestanden naar de computer overbrengen (Windows) De interface van Samsung Master ˆ Œ ‰  Nr. Š ˆ ‰ Š ‹ ‹ Werkbalk Menu's Klik hier voor meer informatie over het programma. Klik hier om de miniaturen in de lijst te vergroten of verkleinen. Œ Wijzig de modus : Weergavemodus : Fotobewerkingsmodus : Videobewerkingsmodus  Informatie over het geselecteerde bestand weergeven. Ž De foto's in de geselecteerde map; dubbelklik erop om ze op schermgrootte weer te geven. Ž Basisfuncties Beschrijving 27 Bestanden naar de computer overbrengen (Mac) Wanneer u de camera op een Apple Macintosh-computer aansluit, wordt de camera automatisch door de computer herkend. U kunt de bestanden rechtstreeks van de camera naar de computer overbrengen, zonder dat het nodig is om programma's te installeren. t Mac OS X versie 10.3 of hoger wordt ondersteund. t Ondersteunde bestandstypen en talen vindt u op pagina 23. t Om PMP-bestanden te kunnen gebruiken, moeten deze eerst met behulp van Samsung Converter op een Windows-computer worden omgezet. Bestanden naar de computer overbrengen 1 Sluit de camera met de USB-kabel op een Macintoshcomputer aan. Sluit het uiteinde van de kabel met het indicatielampje (S) op de camera aan. Als u de kabel omgekeerd aansluit, kunnen de bestanden beschadigen. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor enig verlies van gegevens. 2 Schakel de camera in. Multimediabestanden naar de camera overbrengen 1 2 3 4 Dubbelklik op het pictogram van de verwisselbare schijf. 5 Kopieer multimediabestanden naar de overeenkomstige mappen. Maak nieuwe mappen met de naam “MP3”, “PMP” en “TEXT”. t MP3-bestanden naar de map MP3 t SDC-bestanden naar de map PMP t TXT-bestanden naar de map TEXT Dubbelklik op het pictogram van de verwisselbare schijf. Breng foto’s of video’s naar de computer over. Basisfuncties Schakel de camera in. t De computer herkent de camera automatisch en geeft op het beeldscherm een pictogram van een verwisselbare schijf weer. t De computer herkent de camera automatisch en geeft op het beeldscherm een pictogram van een verwisselbare schijf weer. 3 4 Sluit de camera met de USB-kabel op een Macintoshcomputer aan. 28 Tips om betere foto's te maken Bewegingsonscherpte voorkomen De camera op de juiste manier vasthouden Selecteer de modus d om bewegingsonscherpte digitaal te verminderen. (p. 36) Controleer of er niets voor de lens zit. Als De ontspanknop half indrukken wordt weergegeven Druk [Ontspanknop] half in en pas de scherpstelling aan. De scherpstelling en belichting worden automatisch aangepast. Diafragma en sluitertijd worden automatisch ingesteld. Bewegingsonscherpte Scherpstelkader t Druk op [Ontspanknop] om een foto te maken als het kader groen is. t Pas het kader aan en druk [Ontspanknop] nogmaals half in als het kader rood is. Basisfuncties 29 Zorg dat bij opnamen in het donker de flitser niet op Langz sync of Uit staat ingesteld. Het diafragma blijft dan langer open, waardoor het moeilijker is om de camera stil te houden. t Gebruik een statief of stel de flitser in op Invulflits. (p. 45) t Pas de ISO-waarde aan. (p. 46) Voorkomen dat het onderwerp niet scherp is t Wanneer u foto's maakt bij weinig licht In de volgende gevallen kan het moeilijk zijn om op het onderwerp scherp te stellen: - er is weinig contrast tussen het onderwerp en de achtergrond - Schakel de flitser in. (p. 45) (wanneer het onderwerp kleding draagt in dezelfde kleur als de achtergrond) de lichtbron achter het onderwerp is te fel het onderwerp glanst het onderwerp heeft horizontale patronen, zoals jaloezieën het onderwerp bevindt zich niet in het midden van het beeld t Wanneer onderwerpen snel bewegen Gebruik de functie Continu of Bew. detectie. (p. 58) Gebruik de scherpstelvergrendeling Druk [Ontspanknop] half in om scherp te stellen. Wanneer het onderwerp scherp in beeld is, kunt u het kader verschuiven om de compositie aan te passen. Druk wanneer u klaar bent op [Ontspanknop] om een foto te maken. Basisfuncties 30 Geavanceerde functies Hier vindt u informatie over hoe u foto's maakt door een modus te selecteren en hoe u video's of spraakmemo's opneemt. Opnamemodi ……………………………………………… De Smart Auto-modus gebruiken ………………………… De Scènemodus gebruiken ………………………………… De Beautyshot-modus gebruiken ………………………… De kaderlijnen gebruiken …………………………………… De belichting in de Nachtmodus aanpassen ……………… De DIS-modus gebruiken ………………………………… De Programmamodus gebruiken ………………………… Een video opnemen ………………………………………… 32 32 33 33 34 35 36 36 37 Spraakmemo's opnemen ……………………………… 39 Een spraakmemo opnemen ……………………………… 39 Een spraakmemo aan een foto toevoegen ……………… 39 Opnamemodi Maak foto's en video's door de beste opnamemodus voor de betreffende omstandigheden te selecteren. De Smart Auto-modus gebruiken Pictogram Beschrijving Wordt weergegeven wanneer u foto´s van landschappen met tegenlicht maakt. In deze modus kiest de camera automatisch camera-instellingen die bij het gedetecteerde type scène passen. Dit is handig als u niet bekend bent met de camera-instellingen voor de diverse scènes. 1 2 Wordt weergegeven wanneer u portretfoto’s met tegenlicht maakt. Selecteer in de opnamemodus a “ S. Wordt weergegeven wanneer u portretfoto´s maakt. Kadreer het onderwerp. Wordt weergegeven wanneer u close-upfoto's maakt. t De camera selecteert automatisch een scène. Het pictogram voor de desbetreffende modus wordt linksboven in het scherm weergegeven. Wordt weergegeven wanneer u close-upfoto’s van tekst maakt. Wordt weergegeven als de camera en het onderwerp even stabiel zijn. Wordt weergegeven wanneer u foto´s van bewegende onderwerpen maakt. 3 4 Pictogram Beschrijving Wordt weergegeven wanneer u foto´s van landschappen maakt. Wordt weergegeven wanneer u foto´s van heldere achtergronden maakt. Wordt weergegeven wanneer u ´s nachts foto´s van landschappen maakt. Dit is alleen beschikbaar wanneer de flitser uitstaat. Druk [Ontspanknop] half in om scherp te stellen. Druk [Ontspanknop] volledig in om een foto te maken. t Als de camera geen scènemodus herkent, verandert S niet en worden de standaardinstellingen gebruikt. t Ook als er een gezicht wordt gedetecteerd, is het mogelijk dat de camera geen portretmodus selecteert. Dit hangt af van de positie van het onderwerp en de lichtval. t Door verscheidene opnameomstandigheden kan het gebeuren dat de camera de juiste scène niet kan selecteren, bijvoorbeeld door het trillen van de camera, de lichtval en de afstand tot het onderwerp. t Zelfs als u een statief gebruikt, wordt de modus mogelijk niet herkend, afhankelijk van de bewegingen van het onderwerp. Wordt weergegeven wanneer u ´s nachts portretfoto’s maakt. Geavanceerde functies 32 Opnamemodi De Scènemodus gebruiken De Beautyshot-modus gebruiken Maak een foto met vooraf ingestelde opties voor een specifieke scène. Maak een foto van een persoon met opties om onvolkomenheden in het gezicht te verbergen. 1 2 1 2 Selecteer in de opnamemodus a “ s. Selecteer een scène. Kies de juiste modus voor een veelheid aan situaties Scène Selecteer in de opnamemodus a “ s “ . Als u de huidtint van het onderwerp lichter wilt laten lijken (alleen het gezicht), selecteert u f “ “ een optie. t Selecteer een hogere instelling om de huidtint lichter te laten lijken. Niveau 2 t Voor de Beautyshot-modus, zie “De Beautyshot-modus gebruiken”. t Voor de Kaderlijnen, zie “De kaderlijnen gebruiken” op pagina 34. t Voor de Nachtmodus, zie “De belichting in de Nachtmodus aanpassen” op pagina 35. 3 Kadreer het onderwerp en druk [Ontspanknop] half in om scherp te stellen. 4 Druk [Ontspanknop] volledig in om een foto te maken. Geavanceerde functies 33 Opnamemodi 3 Als u onvolkomenheden in het gezicht wilt verbergen, selecteert u f “ “ een optie. t Selecteer een hogere instelling om een groter aantal onvolkomenheden te verbergen. De kaderlijnen gebruiken Wanneer u iemand anders een foto van u wilt laten maken, kunt u deze in scène zetten met behulp van de kadergids. De kadergids helpt degene die een foto van u maakt door het gedeelte van de vooraf gekadreerde scène te laten zien. 1 2 Niveau 1 Selecteer in de opnamemodus a “ s “ . Kadreer het onderwerp en druk op [Ontspanknop]. t Aan de linker- en rechterkant van het beeld verschijnen doorzichtige lijnen. Kader annuleren: Terug 4 Kadreer het onderwerp en druk [Ontspanknop] half in om scherp te stellen. 5 Druk [Ontspanknop] volledig in om een foto te maken. De scherpstelafstand wordt op Auto macro ingesteld. 3 Vraag een andere persoon om een foto te maken. t Deze persoon kan het onderwerp kadreren met behulp van de kaderlijnen en vervolgens op [Ontspanknop] drukken om de foto te maken. 4 Selecteer Geavanceerde functies 34 om de kaderlijnen op te heffen. Opnamemodi De belichting in de Nachtmodus aanpassen 6 In de Nachtmodus kunt u door een langere belichtingstijd te gebruiken korte lichtflitsen als gebogen strepen vastleggen. Gebruik een lange sluitertijd om de sluiter lang open te laten staan. Verhoog het diafragma om overbelichting te voorkomen. Kadreer het onderwerp en druk [Ontspanknop] half in om scherp te stellen. 7 Druk [Ontspanknop] volledig in om een foto te maken. 1 2 Gebruik een statief om te voorkomen dat de foto's onscherp worden. Selecteer in de opnamemodus a “ s “ Selecteer f “ Diafragma 3 4 5 . “ Diafragma. Sluitersnelheid Selecteer een optie. Selecteer f “ “ Sluitersnelheid. Selecteer een waarde om de sluitertijd aan te passen en selecteer . Geavanceerde functies 35 Opnamemodi De DIS-modus gebruiken De Programmamodus gebruiken Voorkom vage foto's als gevolg van bewegingsonscherpte met de functies voor Digitale beeldstabilisatie (DIS). Stel diverse opties in (behalve de sluitertijd en het diafragma) in de Programmamodus. Vóór correctie 1 2 3 1 2 Selecteer in de opnamemodus a “ p. 3 Kadreer het onderwerp en druk [Ontspanknop] half in om scherp te stellen. 4 Druk [Ontspanknop] volledig in om een foto te maken. Stel opties in. (Voor een lijst met opties, zie “Opnameopties”.) Na correctie Selecteer in de opnamemodus a “ d. Kadreer het onderwerp en druk [Ontspanknop] half in om scherp te stellen. Druk [Ontspanknop] volledig in om een foto te maken. t De digitale zoomfunctie werkt in deze modus niet. t Als het onderwerp snel beweegt, kan de foto onscherp worden. Geavanceerde functies 36 Opnamemodi 3 Een video opnemen Selecteer f ¡ > ¡ U kunt video’s van maximaal 120 minuten opnemen. De video wordt als een MPEG-4.AVI-bestand opgeslagen. Optie Uit: een video zonder geluid opnemen Aan: een video met geluid opnemen Als u tijdens de opname in- of uitzoomt, is het mogelijk dat het zoomgeluid in de opname hoorbaar is. 4 1 2 Selecteer f ¡ Optie Selecteer in de opnamemodus a ¡ v. 30 fps ¡ een stabilisatoroptie. Beschrijving Uit: een video opnemen met de beeldstabilisatiefunctie uitgeschakeld Selecteer f ¡ ¡ een framesnelheid (het aantal beelden per seconde). t U kunt de opnamesnelheid alleen wijzigen voor de resolutie 640 x 480 of 320 x 240. (p. 41) t Bij een hoger aantal frames doet de actie natuurlijker aan, maar wordt het bestand ook groter. ¡ een geluidsoptie. Beschrijving Aan: een video opnemen met de beeldstabilisatiefunctie ingeschakeld, om onscherpe beelden te voorkomen 5 Stel naar wens andere opties in. (Voor een lijst met opties, zie “Opnameopties”.) 6 7 Druk op [Ontspanknop] om de opname te starten. Druk nogmaals op [Ontspanknop] om de opname te stoppen. Geavanceerde functies 37 Opnamemodi Het opnemen onderbreken U kunt tijdens het opnemen van een video de opname tijdelijk onderbreken. Met deze functie kunt u uw favoriete scènes in één video opnemen. Selecteer om de opname te pauzeren. Selecteer dit nogmaals om de opname te hervatten. Stop: Sluiter Geavanceerde functies 38 Spraakmemo's opnemen apsd Hier vindt u informatie over hoe u een spraakmemo opneemt die u op elk gewenst moment kunt afspelen. U kunt een spraakmemo aan een foto toevoegen als een korte herinnering aan de opnameomstandigheden. U bereikt de beste geluidskwaliteit als u op 40 cm afstand van de camera opneemt. Een spraakmemo opnemen 1 Selecteer in de opnamemodus f “ >“ Een spraakmemo aan een foto toevoegen “ . 1 Selecteer in de opnamemodus f “ > “ Druk op [Ontspanknop] om de opname te starten. t Selecteer om te pauzeren en om verder te gaan. t Boven aan het scherm wordt de beschikbare opnametijd weergegeven. t U kunt spraakmemo's opnemen met een maximale duur van 10 uur. 3 4 2 Kadreer het onderwerp en maak een foto. t Direct nadat de foto is gemaakt, begint u met het opnemen van een spraakmemo. 3 Druk op [Ontspanknop] om de opname te stoppen. Selecteer schakelen. . Memo Opname 2 “ Neem een korte spraakmemo op (maximaal 10 seconden). t Druk op [Ontspanknop] om de opname van de spraakmemo te stoppen. om naar de opnamemodus over te Geavanceerde functies 39 Opnameopties Hier vindt u informatie over de instellingen waarvoor u in de opnamemodus kunt kiezen. Resolutie en beeldkwaliteit selecteren …… 41 De resolutie selecteren ………………………… 41 De beeldkwaliteit selecteren ………………… 42 De timer gebruiken ………………………… 43 Opnamen in het donker maken …………… 45 Rode ogen voorkomen ……………………… 45 De flitser gebruiken …………………………… 45 De ISO-waarde aanpassen …………………… 46 De scherpstelling aanpassen ……………… 47 Macro gebruiken ……………………………… Autofocus gebruiken ………………………… Intelligente aanraakfocus ……………………… Het scherpstelgebied aanpassen …………… 47 47 48 49 Gezichtsdetectie gebruiken 50 50 51 51 51 52 ……………… Gezichten detecteren ………………………… Een zelfportret maken ………………………… Een foto van een lachend gezicht maken …… Knipperende ogen detecteren ………………… Slimme gezichtsherkenning …………………… Helderheid en kleur aanpassen …………… De belichting handmatig aanpassen (EV) …… Compenseren voor tegenlicht (ACB) ………… De lichtmeetmethode wijzigen ………………… Een lichtbron selecteren (Witbalans) ………… Serieopnamen 53 53 54 55 56 ……………………………… 58 Uw foto's mooier maken …………………… 59 Fotostijlen toepassen ………………………… 59 Uw eigen RGB-tint definiëren ………………… 59 Uw foto's aanpassen ………………………… 60 Resolutie en beeldkwaliteit selecteren Hier vindt u informatie over hoe u instellingen voor de beeldresolutie en -kwaliteit kunt aanpassen. De resolutie selecteren Sapsdv Optie 2048 X 1536: afdrukken op A5-formaat 1024 X 768: voor e-mailbijlagen Bij het maken van een foto: 1 Selecteer in de opnamemodus f “ modi wordt dat f “ > “ .) 2 Selecteer een optie. Beschrijving 2592 X 1944: afdrukken op A4-formaat Als u de resolutie verhoogt, zullen de foto's en video's meer pixels bevatten en daardoor groter kunnen worden afgedrukt en weergegeven. Bij een hoge resolutie neemt ook de bestandsgrootte toe. Bij het maken van een video: . (In bepaalde 1 2 Selecteer in de v modus f “ . Selecteer een optie. 800 X 592 3456 X 2592 Optie Optie Beschrijving Beschrijving 800 X 592: afspelen op een SDTV 3456 X 2592: afdrukken op A2-formaat 640 X 480: afspelen op een algemene tv 3456 X 2304: afdrukken op A3-formaat in brede verhouding (3:2) 320 X 240: op een webpagina plaatsen 3456 X 1944: afdrukken op A3-formaat in panoramaverhouding (16:9) Opnameopties 41 Resolutie en beeldkwaliteit selecteren De beeldkwaliteit selecteren apsd De foto's die u maakt, worden gecomprimeerd en in JPEGindeling opgeslagen. Een hogere kwaliteit resulteert in grotere bestanden. 1 Selecteer in de opnamemodus f “ . (In bepaalde modi wordt dat f “ > “ .) 2 Selecteer een optie. Hoog Optie Beschrijving Superhoog Hoog Normaal Afhankelijk van de opnamemodus kunnen de opties verschillen. Opnameopties 42 De timer gebruiken Sapsdv Hier vindt u informatie over hoe u de timer instelt om de opname met een vertraging te maken. 1 2 Selecteer in de opnamemodus 3 . Druk op [Ontspanknop] om de timer te starten. t Het AF-hulplampje/timerlampje gaat knipperen en de camera maakt na de ingestelde tijdsduur automatisch een foto. Selecteer een optie. t Selecteer het timerpictogram om de timer uit te schakelen. t Afhankelijk van de geselecteerde gezichtsherkenningsoptie is de timer niet beschikbaar of zijn sommige timeropties niet beschikbaar. Uit Optie Beschrijving Uit: De timer is niet actief. 10 sec: Over 10 seconden een foto maken. 2 sec: Over 2 seconden een foto maken. Dubbel: Over 10 seconden een foto maken en twee seconden later nog een. Bewegingstimer: Detecteert uw beweging en maakt dan een foto. (p. 44) Afhankelijk van de opnamemodus kan de optie verschillen. Opnameopties 43 De timer gebruiken 5 De bewegingstimer gebruiken 1 2 3 4 Selecteer in de opnamemodus “ . Poseer voor de foto terwijl het AF-hulplampje/ timerlampje knippert. t Vlak voordat de camera een foto maakt, stopt het AF-hulplampje/timerlampje met knipperen. Druk op [Ontspanknop]. Zorg dat u binnen 6 seconden nadat u op [Ontspanknop] hebt gedrukt voor de camera staat, op maximaal 3 m afstand. Maak een beweging, zoals een armzwaai, om de timer te activeren. t Wanneer de camera u detecteert, begint het AF-hulplampje/ timerlampje snel te knipperen. De bewegingstimer werkt mogelijk niet in de volgende omstandigheden: t u bevindt zich op meer dan 3 m afstand van de camera t uw bewegingen zijn niet opvallend genoeg t er is te veel licht of tegenlicht Het detectiebereik van de bewegingstimer Opnameopties 44 Opnamen in het donker maken Hier vindt u informatie over hoe u 's nachts of bij weinig licht foto's kunt maken. Rode ogen voorkomen De flitser gebruiken aps Als u in het donker een foto van iemand maakt met gebruik van de flitser, kan er een rode gloed in de ogen van het onderwerp verschijnen. U kunt dit voorkomen door Rode ogen of Anti-rode ogen te selecteren. Saps Gebruik de flitser wanneer u foto's in het donker maakt of wanneer u meer licht in de foto's wilt hebben. 1 2 Selecteer in de opnamemodus . Selecteer een optie. Uit Optie Beschrijving Uit: t De flitser gaat niet af. t De waarschuwing voor bewegingsonscherpte ( ) wordt weergegeven wanneer u bij weinig licht opnamen maakt. Auto: De camera selecteert een geschikte flitsinstelling voor de gedetecteerde scène in de modus S. Auto: De flitser gaat automatisch af wanneer het onderwerp of de achtergrond donker is. Rode ogen*: t De flitser gaat af wanneer het onderwerp of de achtergrond donker is. t De camera gaat rode ogen tegen. Opnameopties 45 Opnamen in het donker maken De ISO-waarde aanpassen Optie Beschrijving Invulflits: t De flitser gaat altijd af. t De lichtintensiteit wordt automatisch bijgesteld. Langz sync: t De flitser gaat af en de sluiter blijft langer open. t Selecteer deze optie wanneer u het omgevingslicht wilt gebruiken om meer details in de achtergrond zichtbaar te maken. t Gebruik een statief om te voorkomen dat de foto's onscherp worden. p De ISO-waarde is een eenheid voor de mate waarin film gevoelig is voor licht, zoals gedefinieerd door de International Organisation for Standardisation (ISO). Hoe hoger de ISO-waarde, des te gevoeliger wordt de camera voor licht. Met een hogere ISOwaarde kunt u gemakkelijker foto's zonder flits maken. 1 2 Anti-rode ogen*: t De flitser gaat af wanneer het onderwerp of de achtergrond donker is. t De camera corrigeert rode ogen door middel van geavanceerde softwarematige analyse van de opname. Selecteer in de opnamemodus f “ . Selecteer een optie. t Selecteer om een geschikte ISO-waarde te gebruiken op basis van de helderheid van het onderwerp en de lichtval. Auto Afhankelijk van de opnamemodus kunnen de opties verschillen. * Er zit een korte tijd tussen twee flitsen. Beweeg de camera niet totdat de tweede flits is afgegaan. t Er zijn geen flitseropties beschikbaar bij serieopnamen of als u Zelfportret of Knipperen selecteert. t Zorg dat uw onderwerp zich binnen de aanbevolen afstand van de flitser bevindt. (p. 98) t Als er licht wordt gereflecteerd of er te veel stof in de lucht is, kunnen er kleine spikkels op de foto zichtbaar zijn. Opnameopties Hoe hoger de ISO-waarde, des te meer beeldruis kan er optreden. 46 De scherpstelling aanpassen Hier vindt u informatie over hoe u de manier waarop de camera scherpstelt voor diverse onderwerpen kunt aanpassen. Macro gebruiken Autofocus gebruiken apdv Gebruik macro om close-upfoto's te maken van onderwerpen zoals bloemen en insecten. Voor de macro-opties, zie “Autofocus gebruiken”. apdv Om scherpe foto's te maken, selecteert u de scherpsteloptie die bij de afstand tot het onderwerp past. 1 2 Selecteer in de opnamemodus . Selecteer een optie. Normaal (AF) Optie Beschrijving Normaal (AF): Scherpstellen op een onderwerp op meer dan 80 cm afstand Auto macro: Scherpstellen op een onderwerp op meer dan 5 cm afstand (meer dan 50 cm bij het gebruik van de zoomfunctie) t Probeer de camera heel stil te houden, om te voorkomen dat de foto's onscherp worden. t Schakel de flitser uit als de afstand tot het onderwerp minder dan 40 cm bedraagt. Macro: Scherpstellen op een onderwerp op 5-80 cm afstand (50-80 cm bij het gebruik van de zoomfunctie) Supermacro: Scherpstellen op een onderwerp op 1 tot 5 cm afstand. Opnameopties 47 De scherpstelling aanpassen Intelligente aanraakfocus Met Smart Touch AF kunt u een onderwerp volgen en automatisch scherpstellen, zelfs als u beweegt. Stel het scherpstelgebied in op Smart Touch AF (p. 49) en raak het onderwerp dat u wilt volgen aan in het scherpstelgebied (aangegeven in een kader). De kleur van het scherpstelkader geeft de status aan: t Wit: het onderwerp wordt gevolgd t Groen: automatisch scherpstellen wanneer u [Ontspanknop] half indrukt t Als u geen gebied op het scherm aanraakt, wordt het scherpstelkader in het midden van het scherm weergegeven. t Het volgen van een onderwerp kan mislukken wanneer: - het onderwerp is te klein - het onderwerp beweegt - het onderwerp tegenlicht heeft of u opnamen maakt op een donkere plaats - kleuren van het onderwerp en de achtergrond hetzelfde zijn - patronen van het onderwerp en de achtergrond hetzelfde zijn - de camera heel erg schudt In deze gevallen ziet het scherpstelkader eruit als een rand van een enkele witte lijn. t Als de camera het onderwerp niet volgt, moet u het te volgen onderwerp opnieuw selecteren. t Als de camera er niet in slaagt om scherp te stellen, wordt het scherpstelkader rood. Om het onderwerp verschijnt een scherpstelkader dat het onderwerp volgt terwijl u de camera beweegt. Opnameopties 48 De scherpstelling aanpassen Het scherpstelgebied aanpassen apsd U kunt betere foto's krijgen door een scherpstelgebied te kiezen op basis van de locatie van het onderwerp in de scène. 1 2 Selecteer in de opnamemodus f “ . Selecteer een optie. Centrum AF Optie Beschrijving Centrum AF: Scherpstelling op het midden (geschikt voor onderwerpen in het midden van het beeld) Multi AF: Scherpstelling op een of meer van de 9 mogelijke gebieden (bij gebruik van de digitale zoomfunctie verandert de scherpstelling in Centrum AF) Smart Touch AF: Scherpstelling op en volgen van het onderwerp dat u op het scherm aanraakt Afhankelijk van de opnamemodus kunnen de opties verschillen. Opnameopties 49 Gezichtsdetectie gebruiken apsd Wanneer u de gezichtsdetectiefunctie gebruikt, herkent de camera automatisch menselijke gezichten (dit is niet hetzelfde als Gezichtsherkenning. Wanneer u op een menselijk gezicht scherpstelt, past de camera de belichting automatisch aan. Maak snel en eenvoudig foto's met Knipperen om gesloten ogen op de foto te voorkomen en Glimlach om een lachend gezicht vast te leggen. Ook kunt u Slimme gez.herkenning gebruiken om gezichten te registreren en ze bij het scherpstellen prioriteit te geven. t In sommige scènes is gezichtsdetectie niet beschikbaar. t Gezichtsdetectie is mogelijk in de volgende gevallen niet effectief: - het onderwerp bevindt zich te ver van de camera af (het scherpstelkader kleurt bij Glimlach en Knipperen oranje) - het is te licht of te donker - het onderwerp kijkt niet in de richting van de camera - het onderwerp draagt een zonnebril of een masker - het onderwerp heeft tegenlicht of de lichtomstandigheden zijn veranderlijk - de gezichtsuitdrukking van het onderwerp wijzigt drastisch t Gezichtsdetectie is bij het gebruik van fotostijlen niet beschikbaar. t Wanneer u gezichtsdetectie gebruikt, is de digitale zoomfunctie niet beschikbaar. t Afhankelijk van de geselecteerde gezichtsdetectie-optie is de timer niet beschikbaar of zijn sommige timeropties niet beschikbaar. Gezichten detecteren De camera detecteert automatisch menselijke gezichten (maximaal 10 menselijke gezichten). Selecteer in de opnamemodus f “ “ . Het dichtstbijzijnde gezicht wordt in een wit scherpstelkader gevangen, de rest in een grijs kader. Hoe dichter u bij het onderwerp bent, des te sneller detecteert de camera gezichten. Opnameopties 50 Gezichtsdetectie gebruiken Een zelfportret maken Een foto van een lachend gezicht maken U kunt foto’s van uzelf maken. De scherpstelafstand wordt op close-up ingesteld en de camera laat een piepsignaal horen. De camera maakt automatisch een foto wanneer er een lachend gezicht wordt gedetecteerd. 1 2 Selecteer in de opnamemodus f “ “ . De camera herkent de lach eerder wanneer het onderwerp breeduit lacht. Selecteer in de opnamemodus f “ “ . Wanneer u een korte piep hoort, drukt u op [Ontspanknop]. Knipperende ogen detecteren U kunt de piep in- en uitschakelen door bij de geluidsinstellingen Zelfportret te selecteren. (p. 88) Als de camera gesloten ogen detecteert, worden er automatisch 2 foto's na elkaar gemaakt. Selecteer in de opnamemodus f “ Opnameopties 51 “ . Gezichtsdetectie gebruiken t Het is mogelijk dat de camera gezichten niet goed herkent en registreert, afhankelijk van de lichtomstandigheden, opvallende wijzigingen in de houding of het gezicht van het onderwerp en of het onderwerp een bril draagt. t De camera kan gezichten herkennen en de niveau-indicator weergeven, ook al zijn ze niet geregistreerd. t In de weergavemodus kunt u geregistreerde gezichten op volgorde van prioriteit weergeven (p. 63). Zelfs gezichten die geregistreerd zijn, worden mogelijk niet geclassificeerd in de afspeelmodus. t Als de camera een nieuw gezicht herkent terwijl er al 10 gezichten zijn geregistreerd, zal de camera het gezicht met de laagste prioriteit vervangen door het nieuwe. t De camera kan maximaal 3 gezichten in een scène herkennen. t Als de camera geen gezichten herkent, worden de gezichten wel gedetecteerd, maar zonder dat er een prioriteit aan wordt gegeven. t U kunt handmatig gezichten registreren van foto’s die u al hebt gemaakt. (p. 63) t Houd de camera stil terwijl “Bezig met vastleggen” op het scherm wordt weergegeven. t Als de knipperdetectie niet heeft gewerkt, wordt de melding ”Foto gemaakt met gesloten ogen” weergegeven. Neem in dat geval nog een foto. Slimme gezichtsherkenning De camera registreert automatisch gezichten die u vaak fotografeert (maximaal 10 mensen). Met deze functie krijgt de scherpstelling van deze gezichten prioriteit. Deze functie is alleen beschikbaar als u een geheugenkaart gebruikt. Selecteer in de opnamemodus f “ “ . De prioriteit van de gezichten wordt aangegeven door de niveau-indicator naast de kaders. Opnameopties 52 Helderheid en kleur aanpassen Hier vindt u informatie over hoe u instellingen voor de helderheid en kleur kunt aanpassen om een betere beeldkwaliteit te bereiken. 3 De belichting handmatig aanpassen (EV) p d v Afhankelijk van de intensiteit van het omgevingslicht kunnen foto's te licht of te donker uitvallen. U kunt dan de belichting aanpassen om een beter resultaat te krijgen. Donkerder (-) 1 2 Neutraal (0) Selecteer Helderder (+) Selecteer in de opnamemodus f “ t Nadat u de belichting hebt aangepast, blijft deze instelling van kracht. Mogelijk moet dit later weer worden bijgesteld om onder- of overbelichting te voorkomen. t Als u niet weet wat de juiste belichting zou zijn, selecteert u AEB (Auto Exposure Bracket). De camera maakt dan een reeks foto's met verschillende belichtingen: normaal, onderbelicht en overbelicht. (p. 58) . Selecteer een waarde om de belichting aan te passen. t +: helderder, -: donkerder EV -2 -1 0 +1 +2 Opnameopties . t De aangepaste belichting wordt op de onderstaande wijze weergegeven. 53 Helderheid en kleur aanpassen Compenseren voor tegenlicht (ACB) p Optie Beschrijving Uit: ACB is uitgeschakeld Wanneer de lichtbron zich achter het onderwerp bevindt, of als er een groot contrast is tussen het onderwerp en de achtergrond, komt het onderwerp waarschijnlijk donker op de foto. Schakel in dat geval de optie Auto Contrast Balance (ACB) in. Aan: ACB is ingeschakeld t In de a modus is de ACB-functie altijd ingeschakeld. t Deze functie is niet beschikbaar wanneer Continu, Bew.detectie of AEB in gebruik is. Zonder ACB 1 2 Met ACB Selecteer in de opnamemodus f “ > “ . Selecteer een optie. Uit Opnameopties 54 Helderheid en kleur aanpassen De lichtmeetmethode wijzigen pdv Optie 1 Selecteer in de opnamemodus f “ > “ (In de v modus selecteert u .) 2 Selecteer een optie. . Centr. gewogen: t De camera bepaalt een gemiddelde voor de lichtmeting van het gehele beeld, maar met nadruk op het midden. t Geschikt voor foto's waarbij het onderwerp zich in het midden van het beeld bevindt. Multi Optie Beschrijving Spot: t De camera meet alleen de lichtintensiteit in het uiterste midden van het kader. t Als een onderwerp zich niet midden in het beeld bevindt, kan de foto verkeerd belicht worden. t Geschikt voor een onderwerp met tegenlicht. De lichtmeetmethode is de manier waarop de camera de hoeveelheid opvallend licht meet. De helderheid en belichting van de foto's varieert met de gekozen lichtmeetmethode. Beschrijving Multi: t De camera verdeelt het beeld onder in diverse gebieden en meet de lichtintensiteit in elk gebied. t Geschikt voor algemene foto's. Opnameopties 55 Helderheid en kleur aanpassen Een lichtbron selecteren (Witbalans) pdv De kleuren in een foto zijn afhankelijk van het soort lichtbron en de kwaliteit daarvan. Als u wilt dat uw foto's realistische kleuren hebben, selecteert u een passende lichtomstandigheid om de witbalans mee te kalibreren, zoals Auto witbalans, Daglicht, Bewolkt of Kunstlicht. Auto witbalans Pictogram Beschrijving Auto witbalans: Gebruik automatische instellingen op basis van de lichtomstandigheden (Auto witbalans) Daglicht: Selecteer deze optie voor buitenfoto's op een zonnige dag (Daglicht) Bewolkt: Selecteer deze optie voor buitenfoto's op een bewolkte dag of in de schaduw TL-licht H: Selecteer deze optie voor foto's bij daglichtlampen of heldere TL-verlichting TL-licht L: Selecteer deze optie voor foto's bij wit TL-licht (Bewolkt) 1 2 (Kunstlicht) Selecteer in de opnamemodus f “ Kunstlicht: Selecteer deze optie wanneer u binnenfoto's maakt bij licht van gloeilampen of halogeenlampen . Aangep. instelling: Hiermee gebruikt u uw eigen, vooraf geconfigureerde instellingen Selecteer een optie. Opnameopties 56 Helderheid en kleur aanpassen Uw eigen witbalansinstelling configureren 1 2 Richt de lens op een wit stuk papier. 3 Druk op [Ontspanknop]. Selecteer in de opnamemodus f “ “ . Opnameopties 57 Serieopnamen ps Het kan soms moeilijk zijn om foto's van snelbewegende onderwerpen te maken en om de natuurlijke gezichtsuitdrukkingen en gebaren van uw onderwerpen op de foto vast te leggen. Selecteer in dergelijke gevallen een van de modi voor serieopnamen. Optie 1 2 Selecteer in de opnamemodus f “ > “ Beschrijving Bew.detectie: t Terwijl u [Ontspanknop], ingedrukt houdt, maakt de camera VGA-foto’s (6 foto’s per seconde, met een maximum van 30 foto’s). t De camera geeft de zojuist gemaakte foto's automatisch weer en slaat ze vervolgens op. . AEB: t Maakt 3 foto's met een verschillende belichting: normaal, onderbelicht en overbelicht. t Gebruik een statief om onscherpe foto's te voorkomen. Selecteer een optie. 1 opname Afhankelijk van de opnamemodus kunnen de opties verschillen. t U kunt de flitser, de timer en ACB alleen gebruiken wanneer u 1 opname selecteert. t Als u Bew.detectie selecteert, wordt de resolutie ingesteld op VGA en wordt de ISO-snelheid ingesteld op Auto. Optie Beschrijving 1 opname: Eén foto maken. Continu: t Terwijl u [Ontspanknop] ingedrukt houdt, blijft de camera achter elkaar foto's maken. t Het maximumaantal foto's is afhankelijk van de capaciteit van de geheugenkaart. Opnameopties 58 Uw foto's mooier maken Hier vindt u informatie over hoe u uw foto's mooier kunt maken door fotostijlen en -tinten toe te passen en door aanpassingen te doen. Fotostijlen toepassen Uw eigen RGB-tint definiëren apsdv U kunt verschillende stijlen op uw foto’s toepassen, zoals Zacht, Helder en Bos. 1 Selecteer bij de fotostijlopties G: groen, B: blauw). 2 Selecteer de hoeveelheid van de geselecteerde kleur. Aangep. RGB Zacht 1 2 Helder Bos Selecteer in de opnamemodus f “ . (In bepaalde modi wordt dat f “ > (een of meer keren) “ .) Selecteer een optie. t Selecteer om uw eigen RGB-tint te definiëren. 3 Selecteer Normaal Opnameopties 59 . “ een kleur (R: rood, Uw foto's mooier maken Uw foto's aanpassen p Scherpteopties Beschrijving U kunt de scherpte, de kleurverzadiging en het contrast van uw foto’s aanpassen. - Verzacht randen in de foto (geschikt voor fotobewerking op de computer). 1 + Verscherp randen om de foto duidelijker te maken. Hierdoor kan ook de beeldruis in de foto’s toenemen. 2 Selecteer in de opnamemodus f ¡ twee keer > ¡ . Selecteer een aanpassingsoptie. t t t 3 Contrastopties : Scherpte : Contrast : Kleurverz. -1 0 Verhoog kleuren en helderheid. Beschrijving - Verminder de kleurverzadiging. + Verhoog de kleurverzadiging. Selecteer 0 als u geen effect wilt toepassen (geschikt voor afdrukken). Scherpte -2 Verminder kleuren en helderheid. + Kleurverzadiging Selecteer een waarde om het geselecteerde onderdeel aan te passen. Beschrijving - +1 +2 Opnameopties 60 Afspelen/bewerken Hier vindt u informatie over hoe u foto’s, video’s en spraakmemo’s kunt weergeven of afspelen en hoe u foto’s en video’s kunt bewerken. Ook leest u hier hoe u de camera op een fotoprinter of televisie aansluit. Weergeven ………………………………………………… De weergavemodus starten ………………………………… Foto's weergeven …………………………………………… Een video afspelen ………………………………………… Een spraakmemo afspelen ………………………………… 62 62 66 68 69 Foto's bewerken ………………………………………… Een foto draaien …………………………………………… Resolutie van de foto aanpassen ………………………… De kleur bijwerken ………………………………………… Uw eigen RGB-tint definiëren ……………………………… Een speciaal effect toepassen ……………………………… Belichtingsproblemen corrigeren …………………………… Een afdrukbestelling maken (DPOF) ……………………… 70 70 70 71 71 72 72 73 Foto's op een televisie weergeven …………………… 74 Foto's met een fotoprinter afdrukken (PictBridge) … 75 Weergeven Hier vindt u informatie over hoe u foto's, video's en spraakmemo's kunt weergeven of afspelen en hoe u bestanden beheert. Het scherm in de weergavemodus De weergavemodus starten Bekijk foto's en video's en beluister spraakmemo's die in de camera zijn opgeslagen. 1 Druk op [Weergaveknop]. t Het laatste bestand dat u hebt gemaakt of opgenomen wordt weergegeven. t Als de camera is uitgeschakeld, schakelt u deze in. 2 Trek een horizontale streep van links naar rechts om door bestanden te bladeren. t Selecteer < om het vorige bestand weer te geven. Blijf het scherm aanraken om bestanden snel weer te geven. t Selecteer > om het volgende bestand weer te geven. Blijf het scherm aanraken om bestanden snel weer te geven. Pictogram Beschrijving Foto heeft een spraakmemo v Videobestand Afdrukbestelling ingesteld (DPOF) Beveiligd bestand Foto bevat een geregistreerd gezicht; alleen beschikbaar wanneer u een geheugenkaart gebruikt Mapnaam – Bestandsnaam Bestanden wissen (p. 65) Een diavertoning afspelen (p. 67) Foto's bewerken (p. 70) Een weergavetype selecteren (p. 18) Een gezicht registreren (p. 63); alleen beschikbaar wanneer u een geheugenkaart gebruikt Als u bestanden in het interne geheugen wilt weergeven, verwijdert u de geheugenkaart. Video's of spraakmemo's afspelen (Video p. 68 / Spraakmemo p. 69) Afspelen/bewerken 62 Weergeven Bestanden op categorie bekijken in Smart Album 2 Selecteer een datum, bestandstype, weekdag, kleur of gezicht. t U kunt ook uw vinger op < of > houden om door data, bestandstypen, weekdagen, kleuren en gezichten te bladeren. 3 4 Selecteer < of > om door de bestanden te bladeren. Bekijk en beheer bestanden op categorie, zoals datum, week of bestandstype. 1 Selecteer in de weergavemodus categorie. “ “ een Selecteer om naar de normale weergave terug te keren. Type Datum Gezichten registreren Kleur U kunt gezichten in uw foto’s registreren om ze als gezichten in Smart Album te classificeren. Deze functie is alleen beschikbaar als u een geheugenkaart gebruikt. Week Gezicht Optie Beschrijving Type Geef bestanden gesorteerd op bestandstype weer Datum Geef bestanden op volgorde van de opslagdatum weer Kleur Geef bestanden gesorteerd op de dominante kleur in het beeld weer Week Geef bestanden weer op volgorde van de weekdag waarop ze zijn opgeslagen Gezicht Geef bestanden gesorteerd op herkende gezichten weer (Maximaal 15 personen) 1 2 Selecteer in de weergavemodus een foto “ t U kunt maximaal 3 gezichten registreren. t Als u een nieuw gezicht registreert terwijl er in Smart Album al 3 gezichten handmatig zijn geregistreerd, zal de camera het oudste gezicht door het nieuwe vervangen. Het kan enige tijd duren voordat de categorie is gewijzigd en bestanden worden gereorganiseerd. Afspelen/bewerken . Selecteer Ja. t Als er meerdere gezichten in de foto zijn, selecteert u het gezicht dat u wilt registreren en selecteert u Ja “ . 63 Weergeven Bestanden als miniatuur weergeven Bestanden beveiligen Snel door miniaturen van bestanden . Duw in de weergavemodus [Zoomknop] omlaag om 9 of 16 miniaturen weer te geven (duw [Zoomknop] omhoog om naar de vorige modus terug te keren). Beveilig uw bestanden om te voorkomen dat ze per ongeluk worden gewist. Bestanden selecteren en beveiligen, 1 2 3 Druk in de weergavemodus op [MENU]. Selecteer Beveiligen “ Select.. Selecteer de bestanden die u wilt beveiligen. t Selecteer t Selecteer Functie om alle bestanden te selecteren. om de selectie op te heffen. Actie Door bestanden scrollen Selecteer < of >. Een bestand weergeven Selecteer een miniatuur. Bestanden wissen Selecteer . (p. 65) of sleep een bestand naar 4 Afspelen/bewerken Selecteer 64 . Weergeven Alle bestanden beveiligen, Alle bestanden wissen, 1 2 1 2 Druk in de weergavemodus op [MENU]. Selecteer Beveiligen “ Alles “ Vergrendel. Druk in de weergavemodus op [MENU]. Selecteer Wissen “ Alles “ Ja. Een andere manier om bestanden te wissen Bestanden wissen U kunt afzonderlijke bestanden of alle bestanden tegelijk wissen. Beveiligde bestanden kunnen niet worden gewist. Teken een X op het scherm terwijl een bestand wordt weergegeven. Afzonderlijke bestanden wissen, 1 2 Selecteer in de weergavemodus een bestand “ . Selecteer Ja om het bestand te wissen. Meerdere bestanden tegelijk wissen, 1 2 Selecteer in de weergavemodus Selecteer de bestanden die u wilt wissen. t Selecteer selecteren. t Selecteer 3 “ Meer wissen. Selecteer om alle bestanden op het huidige scherm te om de selectie op te heffen. “ Ja. Afspelen/bewerken 65 Weergeven Bestanden naar de geheugenkaart kopiëren De prullenbak gebruiken Als u de prullenbak activeert, worden de bestanden die u wist daar naartoe verplaatst, in plaats van permanent te worden verwijderd. Dit geldt alleen voor afzonderlijke bestanden of meerdere tegelijk geselecteerde bestanden. Als u ervoor kiest om alle bestanden te wissen, worden deze niet naar de prullenbak verplaatst. U kunt bestanden van het interne geheugen naar een geheugenkaart kopiëren. 1 2 3 Druk in de weergavemodus op [MENU]. Selecteer . “ Kopie. Selecteer Ja om bestanden te kopiëren. De prullenbak activeren, 1 2 Druk in de weergavemodus op [MENU]. Selecteer Prullenbak “ Aan. Foto's weergeven U kunt foto’s weergeven en daarbij inzoomen of foto’s als een diavertoning bekijken. Bestanden uit de prullenbak terughalen, 1 2 Druk in de weergavemodus op [MENU]. Een foto vergroten Selecteer Prullenbak “ Ophalen. t Deze functie werkt niet voor video's en spraakmemo's. t Bij gebruik van de prullenbak kan het langer duren om bestanden te wissen. t Als u het interne geheugen formatteert, worden alle bestanden in de prullenbak gewist. t De prullenbak kan voor maximaal 10 MB aan bestanden bevatten. Als de limiet van 10 MB wordt overschreden, vraagt de camera of u de prullenbak wilt legen. Selecteer Ja om de prullenbak te legen of Nee om alleen het huidige bestand te wissen. Druk in de weergavemodus op [Zoomknop] om een foto te vergroten (duw [Zoomknop] omlaag om de foto te verkleinen). Boven aan het scherm worden het vergrote gedeelte en de zoomverhouding weergegeven. De maximale zoomverhouding kan per resolutie verschillen. Met de pijlen kunt u het vergrote gebied verplaatsen. Afspelen/bewerken 66 Weergeven Optie Pictogram Beschrijving Foto's: Selecteer bestanden voor de diavertoning Het bestand wissen Afsp.mod.: Selecteer of de vertoning herhaald wordt De vergrote foto bijsnijden (wordt als nieuw bestand opgeslagen) Interval: Stel het interval tussen de foto's in t Deze optie is beschikbaar als in het menu Effect de optie is geselecteerd. , wordt het t In combinatie met een andere optie dan interval op 1 seconde ingesteld. Terug naar de oorspronkelijke weergave Muziek: Selecteer een achtergrondgeluid Een diavertoning starten Effect: t Selecteer een overgangseffect voor geen effecten t Selecteer U kunt de diavertoning van geluid en effecten voorzien. 1 2 Selecteer in de weergavemodus Beschrijving . Stel een effect voor de diavertoning in. 3 Selecteer om de diavertoning te starten. t Raak het scherm aan (geen optiepictogrammen) om de diavertoning te onderbreken. om naar de weergavemodus over te schakelen. t Selecteer Afspelen/bewerken 67 Weergeven Een video tijdens het afspelen splitsen Een video afspelen U kunt video's afspelen, afzonderlijke beelden uit video's opslaan en video's bijsnijden. 1 2 Selecteer in de weergavemodus een video “ . Met de volgende pictogrammen kunt u het afspelen regelen. 1 2 3 4 Selecteer op het punt waar u de nieuwe video wilt laten beginnen en selecteer . Selecteer om het afspelen te hervatten. Selecteer op het punt waar u de nieuwe video wilt laten eindigen en selecteer . Selecteer Ja. t De oorspronkelijke video moet ten minste 10 seconden lang zijn. t De bewerkte video wordt als nieuw bestand opgeslagen. Pictogram Beschrijving Terugspoelen / Het afspelen onderbreken of hervatten Het afspelen stoppen Vooruitspoelen Het volume aanpassen of dempen Afspelen/bewerken 68 Weergeven Tijdens het afspelen afzonderlijke beelden opslaan 1 Selecteer opslaan. 2 3 Selecteer Pictogram Beschrijving Terugspoelen op het punt waar u een afzonderlijk beeld wilt / Het afspelen onderbreken of hervatten Het afspelen stoppen . Vooruitspoelen Selecteer Ja. Het volume aanpassen of dempen Afzonderlijke beelden die worden bewaard hebben dezelfde grootte als het oorspronkelijke videobestand en worden als een nieuw bestand opgeslagen. Een spraakmemo afspelen Een aan een foto toegevoegd spraakmemo afspelen 1 Selecteer in de weergavemodus een foto met spraakmemo “ . 2 Met de volgende pictogrammen kunt u het afspelen regelen. Een spraakmemo afspelen 1 2 Selecteer in de weergavemodus een spraakmemo “ . Met de volgende pictogrammen kunt u het afspelen regelen. Pictogram Beschrijving / Het afspelen onderbreken of hervatten Het afspelen stoppen Het volume aanpassen of dempen Afspelen/bewerken 69 Foto's bewerken Bewerk foto's door ze te draaien, de resolutie aan te passen, rode ogen te verwijderen en de helderheid, het contrast en de kleurverzadiging aan te passen. t Bewerkte foto's worden als nieuw bestand opgeslagen. t Wanneer u foto’s bewerkt die of groter zijn (p. 41), wordt de resolutie automatisch verlaagd (behalve wanneer u de grootte aanpast): tot tot tot Resolutie van de foto aanpassen 1 2 Selecteer in de weergavemodus een foto “ Selecteer . “ een optie. t Selecteer om de foto als beginafbeelding op te slaan. (p. 88) om de foto als skin voor de MP3-speler op te t Selecteer slaan. (p. 84) Een foto draaien 1 2 Selecteer in de weergavemodus een foto “ Selecteer . 2048 x 1536 “ een optie. Links 90 gr. 3 Selecteer . De beschikbare opties verschillen, afhankelijk van de resolutie van de geselecteerde foto. 3 Selecteer . Afspelen/bewerken 70 Foto's bewerken De kleur bijwerken Uw eigen RGB-tint definiëren Pas verschillende kleurtinten op uw foto's toe, zoals Zacht, Helder en Bos. 1 2 3 Zacht Helder Selecteer om uw eigen RGB-tint te definiëren. Normaal Selecteer Aangep. RGB . 4 Selecteer . Afspelen/bewerken 71 . “ “ een kleur (R: rood, G: groen, Selecteer de hoeveelheid van de kleur. “ een optie. t Selecteer 5 Selecteer > “ B: blauw). Bos Selecteer in de weergavemodus een foto “ 4 Selecteer in de weergavemodus een foto “ . Foto's bewerken Een speciaal effect toepassen Belichtingsproblemen corrigeren Pas speciale effecten op foto’s toe, zoals kleurfilters en ruiseffecten. U kunt ACB (automatische contrastbalans), helderheid, contrast of kleurverzadiging aanpassen en rode ogen wegwerken. 1 2 Selecteer in de weergavemodus een foto “ Selecteer . Een afbeelding bijwerken “ een optie. 1 2 Beschrijving Kleurenfilter: Verander de achtergrondkleuren in zwartwit om het hoofdonderwerp daartegen te laten afsteken Ruis toevoegen: Voeg ruis aan de foto toe voor een ouderwetse uitstraling Gezicht retouch: Onvolkomenheden in het gezicht verbergen. Selecteer . “ een aanpassingsoptie: : Helderheid : Contrast : Kleurverz. 3 Selecteer een waarde om het geselecteerde onderdeel aan te passen. (-: minder of +: meer) 4 Selecteer . Rode ogen verwijderen Elegant: Pas effecten toe om de foto helderder en zachter te maken 3 Selecteer t t t Kleurenfilter Optie Selecteer in de weergavemodus een foto “ 1 2 3 Selecteer in de weergavemodus een foto “ Selecteer “ Selecteer . . Afspelen/bewerken 72 . . Foto's bewerken 3 ACB (automatische contrastbalans) aanpassen 1 2 3 Selecteer in de weergavemodus een foto “ Selecteer “ Selecteer . Selecteer foto's die u wilt afdrukken. t Selecteer t Selecteer . 4 5 . Selecteer om alle bestanden te selecteren. om de selectie op te heffen. . Stel DPOF-opties in. Een afdrukbestelling maken (DPOF) Selecteer foto's om af te drukken en stel opties in zoals het aantal afdrukken en het papierformaat. t De geheugenkaart kan naar een printshop die DPOF (Digital Print Order Format) ondersteunt worden gebracht, maar u kunt ook uw foto's thuis rechtstreeks op een DPOF-compatibele printer afdrukken. t Brede foto's worden mogelijk met verlies van de linker- en rechterkant afgedrukt, dus houd rekening met de afmetingen van de foto's. t Voor de foto’s in het interne geheugen kunt u geen DPOF gebruiken. 1 2 Optie Selecteer of u de foto's als miniaturen wilt afdrukken Geef de afdrukgrootte op 6 7 Druk in de weergavemodus op [MENU]. Selecteer . “ DPOF “ Select.. Beschrijving Selecteer , of . om het aantal afdrukken in te stellen. Selecteer t Als u alle bestanden wilt afdrukken, selecteert u Alles en gaat u naar stap 5. Afspelen/bewerken . Als u het afdrukformaat opgeeft, kunt u alleen foto’s afdrukken met DPOF 1.1-compatibele printers. 73 Foto's op een televisie weergeven Geef foto's en video's weer door de camera met behulp van de meegeleverde A/V-kabel op een televisie aan te sluiten. 1 Selecteer een video-uitgang voor uw land of regio. (p. 90) 2 3 Schakel de camera en de televisie uit. 6 Sluit de camera met behulp van de A/V-kabel op de televisie aan. Video Geef met behulp van het aanraakscherm op de camera de gewenste foto's en video's weer. t Zoek de gewenste optie op het tv-scherm en raak de optie aan op het camerascherm. Wanneer er een aanwijzer op verschijnt op de optie op het tv-scherm, selecteert u het scherm van de camera. t Bij bepaalde televisies kan er digitale ruis optreden of kan het gebeuren dat het beeld niet geheel wordt weergegeven. t Afhankelijk van de televisie-instellingen kan het voorkomen dat de beelden niet gecentreerd op het scherm worden weergegeven. t Terwijl de camera op de televisie is aangesloten, kunt u gewoon foto's en video's maken. Audio 4 Schakel de televisie in en selecteer de videouitvoermodus met de afstandsbediening van de televisie. 5 Schakel de camera in en druk op [Weergaveknop]. Afspelen/bewerken 74 Foto's met een fotoprinter afdrukken (PictBridge) Druk foto's op een PictBridge-compatibele printer af door de camera rechtstreeks op de printer aan te sluiten. 1 2 4 Schakel de printer in en sluit de camera er met een USB-kabel op aan. Huidige foto De geselecteerde foto's afdrukken. Ga naar stap 6. Geselect. foto’s Alleen de gewenste foto’s afdrukken. Alle foto’s Alle foto's afdrukken. Ga naar stap 6. 6 Selecteer , of . om het aantal exemplaren in te stellen en selecteer . t Als u ervoor gekozen heeft om alleen de geselecteerde foto’s af te drukken, herhaalt u stap 5-6 voor alle foto’s die u wilt afdrukken. 7 3 Beschrijving Selecteer < of > om naar een foto te gaan die u wilt afdrukken. t Als de camera geen verbinding maakt, verschijnt er een popupvenster. Selecteer Printer. t Als de printer een massaopslagfunctie heeft, moet in het instellingenmenu eerst de USB-modus op Printer worden ingesteld. (p. 90) Selecteer Optie 5 Schakel de camera in. t De camera wordt automatisch herkend door de printer. Selecteer een optie. om af te drukken. t Selecteer om afdrukopties in te stellen. Zie “Afdrukopties instellen” op pagina 76. Afspelen/bewerken Selecteer Ja om dit te bevestigen. t Het afdrukken begint. Selecteer Annuleer om het afdrukken te annuleren. 75 Foto's met een fotoprinter afdrukken (PictBridge) Afdrukopties instellen Optie Beschrijving Formaat: Geef de afdrukgrootte op Lay-out: Maak indexprints Type: Selecteer de papiersoort Kwalit.: Stel de afdrukkwaliteit in Datum: Stel in dat de datum wordt afgedrukt Best.naam: Stel in dat de bestandsnaam wordt afgedrukt Reset: Stel de afdrukopties op de beginwaarden terug Bepaalde opties worden niet door alle printers ondersteund. Afspelen/bewerken 76 Multimedia Hier vindt u informatie over het gebruik van multimediamodus: de Muziekmodus, de Videomodus en de Tekstviewermodus. Een multimediamodus gebruiken ……………………… 78 De Muziekmodus gebruiken …………………………… 80 De Videomodus gebruiken ……………………………… 82 De Tekstviewermodus gebruiken ……………………… 83 Instellingen van de multimediamodus ………………… 84 Een multimediamodus gebruiken In de multimediamodi kunt u MP3's en video's afspelen en tekstbestanden weergeven. Voordat u een multimediamodus gebruikt, moeten er eerst bestanden naar de camera of geheugenkaart zijn overgebracht. (p. 23) 1 2 Sluit de meegeleverde oordopjes op de multifunctionele aansluiting van de telefoon aan. 4 t Bestanden worden op volgorde van opslagdatum weergegeven. t Bestandsnamen in niet-ondersteunde talen worden als “_ _ _ _ __ _” weergegeven. t Als een map meer dan 100 bestanden bevat, of verscheidene grote bestanden, kan het langer duren om toegang tot een modus te verkrijgen. t De Spaarstand is tijdens het afspelen niet actief, behalve bij weergave van tekstbestanden met Auto-scroll of Achtergr. muziek uitgeschakeld. t Wanneer u in de Muziekmodus 30 seconden lang geen handelingen uitvoert, schakelt de camera naar de Spaarstand over. t Afhankelijk van de eigenschappen van de bestanden, is bestandsinformatie mogelijk niet in de afspeellijst beschikbaar. Selecteer in de opnamemodus a “ m. Deze modus biedt multimediafuncties Multimedia 3 Selecteer een bestand om af te spelen. t Bestanden worden automatisch afgespeeld. Selecteer een modus. t M: Muziek t P: Video's t t: Tekstviewer Multimedia 78 Een multimediamodus gebruiken 3 Het aanraakscherm vergrendelen U kunt het aanraakscherm vergrendelen, om ongewenste bediening van de camera tijdens het afspelen te voorkomen. Selecteer een modus. In deze modus kunt u mp3 afspelen Muziek Selecteer om het scherm te vergrendelen. Als u het scherm weer wilt ontgrendelen, raakt u het aan en sleept u in het popupvenster naar . t Terwijl het scherm vergrendeld is, kunt u de Aan/Uit-knop en de USBkabel gewoon gebruiken. t Druk op een willekeurige knop om de spaarstand uit te schakelen. Multimediabestanden wissen Naar een andere multimediamodus overschakelen 1 2 Selecteer tijdens het afspelen van een MP3 of video of tijdens de weergave van een tekstbestand M, P of t. 1 2 Selecteer de bestanden die u wilt wissen. t Selecteer t Selecteer Selecteer m. 3 Multimedia Selecteer in de bestandenlijst . 79 Selecteer om alle bestanden te wissen. om de selectie op te heffen. . De Muziekmodus gebruiken Hier vindt u informatie over hoe u MP3-bestanden afspeelt, de bediening regelt en tijdens het afspelen foto's maakt. 1 2 Ga naar de Muziekmodus en speel een bestand af. (p. 78) Met de volgende pictogrammen en knoppen kunt u het afspelen regelen. Element AAA.mp3 M Functie De modus wijzigen Het type equalizer wijzigen Het scherm vergrendelen Het volume aanpassen of dempen De afspeellijst openen Achteruitspringen / Pictogram Beschrijving Het afspelen onderbreken of hervatten Vooruitspringen Bitsnelheid [MENU] Afspeelmodus De instellingen van de Muziekmodus wijzigen Resterende batterijcapaciteit Speeltijd VBR Variable Bit Rate (VBR) is een coderingsmethode waarmee de muziek op een stabiel kwaliteitsniveau blijft doordat de compressie aan de complexiteit van te coderen audio wordt aangepast. Multimedia 80 De Muziekmodus gebruiken Een diavertoning starten tijdens het afspelen van muziek 1 2 3 4 5 6 Druk tijdens het afspelen op [MENU]. Selecteer Interval. Selecteer een interval tussen de foto's. Selecteer Diashow. Selecteer een afspeeloptie. Optie Beschrijving Afspelen Speel een diavertoning af en keer daarna weer naar het spelerscherm terug. Herhalen Laat een diavertoning zich herhalen. Selecteer om de diavertoning te annuleren. Multimedia 81 De Videomodus gebruiken Hier vindt u informatie over het afspelen van video's en de bediening daarbij. 1 Ga naar de Videomodus en speel een bestand af. (p. 78) 2 BBB.sdc Met de volgende pictogrammen en knoppen kunt u het afspelen regelen. Element P Functie De modus wijzigen Het scherm vergrendelen Het volume aanpassen of dempen De afspeellijst openen Achteruitspringen Terugspoelen (tijdens het afspelen)* Pictogram Beschrijving / Resterende batterijcapaciteit Het afspelen stoppen of hervatten Vooruitspringen Speeltijd Vooruitspoelen (tijdens het afspelen)* [MENU] De instellingen van de Videomodus wijzigen * U kunt snel vooruit- of terugspoelen naar het punt waar u wilt beginnen. t Gedurende de eerste en de laatste 2 seconden van het afspelen werkt geen enkele knop, behalve de Aan/Uit-knop. t U kunt ondertitelingsbestanden (.smi) met behulp van Samsung Converter omzetten, zodat u ondertiteling kunt weergeven. (p. 25) t Sommige video's worden tijdens het afspelen onderbroken en automatisch hervat. Dit is normaal. t Tijdens het afspelen verdwijnen de bedieningselementen na een opgegeven tijd uit beeld. U kunt deze weer zichtbaar maken door het scherm aan te raken. Multimedia 82 De Tekstviewermodus gebruiken Hier vindt u informatie over het weergeven van tekstbestanden. 1 Ga naar de Tekstviewermodus en open een bestand. (p. 78) Element , t Teruggaan naar de vorige pagina. t 10 pagina's overslaan (blijven aanraken). . t Naar de volgende pagina gaan. t 10 pagina's overslaan (blijven aanraken). Samsung.txt In deze gebruiksaanwijzing vindt u uitgebreide aanwijzingen voor het gebruik van uw camera. Lees deze gebruiksaanwijzing aandachtig door. Klik op een van de onderstaande knoppen voor meer informatie. Functie [MENU] De instellingen van de Textviewermodus wijzigen. * Het type codering wordt weergegeven als Pictogram Beschrijving Resterende batterijcapaciteit 1/2 2 Huidige pagina/Aantal pagina's / . t Als de tekst niet correct wordt weergegeven, slaat u het bestand in ANSI-codering op met behulp van een teksteditor op de computer (bijvoorbeeld Notepad van Windows). t Bepaalde tekens en symbolen worden mogelijk niet correct weergegeven. t Tekstbestanden die niet correct zijn gecodeerd, kunnen beschadigd raken. t Het duurt langer om bestanden van meer dan 10 MB te openen, of deze kunnen mogelijk helemaal niet worden geopend. Splits grote bestanden in meerdere kleinere bestanden, die sneller kunnen worden geopend. Met de volgende pictogrammen en knoppen kunt u de weergave regelen. Element of t ANSI-codering (American National Standards Institute): u moet de taal instellen die overeenkomt met de taal van het tekstbestand. (p. 85) t Unicode-codering: het is niet nodig om een taal in te stellen die overeenkomt met de taal van het tekstbestand. 1/2 Functie De modus wijzigen. Dit pictogram geeft het coderingstype aan*. De lijst met bestanden openen. Het volume aanpassen of het geluid dempen (als de achtergrondmuziek actief is). Multimedia 83 Instellingen van de multimediamodus Hier vindt u informatie over hoe u de instellingen voor de verschillende multimediamodi kunt aanpassen. 1 2 3 Druk tijdens het afspelen van een MP3 of video of tijdens de weergave van een tekstbestand op [MENU]. * Standaard Menu Selecteer een menu. Beschikbare Beschrijving modus Achtergrond M Een skin voor het spelerscherm selecteren. t Skin 1*, Skin 2: een standaardafbeelding uit het interne geheugen weergeven. t Gebruiker 1, Gebruiker 2: een afbeelding weergeven die als skin voor de MP3-speler in het bewerkingsmenu is opgeslagen. (p. 70) Diashow M Een diavertoning starten tijdens het afspelen van een MP3. (p. 81) Interval M De tijdsduur voor weergave van een foto in een diavertoning instellen. (2 sec*, 3 sec, 5 sec) P De tijdsduur instellen die bij het vooruit- of terugspoelen moet worden overgeslagen. (Normaal*, 30 sec, 1 min, 3 min, 5 min, 10 min) Selecteer een optie. * Standaard Menu Doorgaan Afsp.mod. Beschikbare Beschrijving modus MPt Instellen dat het laatstafgespeelde muziek-, video of tekstbestand wordt afgespeeld, hervat of weergegeven. (Uit, Aan*) M Instellen dat de af te spelen bestanden worden herhaald of in willekeurige volgorde afgespeeld. t Normaal*: alle bestanden in de huidige map eenmaal afspelen. t Herhalen: alle bestanden in de huidige map herhalen. t Eén herhalen: het huidige bestand herhalen. t Willekeurig herhalen: bestanden in de huidige map in willekeurige volgorde afspelen. Zoeken Multimedia 84 Instellingen van de multimediamodus * Standaard Menu Beschikbare Beschrijving modus Auto-scroll t Een vertraging instellen voordat er naar de volgende regel tekst wordt gescrolld. (Uit*, 1, 2, 3, 4, 5) Achtergr. muziek t Achtergrondmuziek spelen tijdens de weergave van tekstbestanden. t Uit*: geen muziek spelen. t Aan: het laatstgespeelde MP3-bestand afspelen. Language t Een bijpassende taal voor het tekstbestand selecteren. Alles wissen MPt Alle bestanden van een geselecteerde multimediamodus wissen. (Nee, Ja) Multimedia 85 Aanvullende informatie Hier vindt u informatie over instellingen en foutmeldingen, alsmede specificaties en onderhoudstips. Instellingenmenu ………………………………………… Het instellingenmenu openen ……………………………… Geluidsinstellingen ………………………………………… Scherminstellingen ………………………………………… Camera-instellingen ………………………………………… 87 87 88 88 89 Foutmeldingen …………………………………………… 91 Onderhoud van de camera ……………………………… 92 De camera reinigen ………………………………………… 92 Geheugenkaarten …………………………………………… 93 De batterij …………………………………………………… 94 Voordat u contact opneemt met een servicecenter … 96 Cameraspecificaties ……………………………………… 98 Index ………………………………………………………… 103 Instellingenmenu Hier vindt u informatie over de verschillende instellingen die u op de camera kunt doen. 3 Het instellingenmenu openen 1 2 Selecteer een optie en sla de instellingen op. Druk in de opname- of weergavemodus op [MENU]. Volume Uit Selecteer een menu. Trilniveau Laag Trillen & Geluid Middel Hoog Volume :Middel Sl.toon Trilniveau :Hoog B.geluid Trillen & Geluid :Alles Sl.toon :1 4 :Uit B.geluid :Uit 1/2 1/2 Selecteer Pictogram Beschrijving Geluidsinstellingen: hier stelt u de geluiden van de camera en het volume in. (p. 88) Scherminstellingen: hier past u de scherminstellingen aan, zoals de taal en de helderheid. (p. 88) Camera-instellingen: hier wijzigt u de instellingen voor het camerasysteem, zoals geheugenformaat, standaardbestandsnaam en de USB-modus. (p. 89) Aanvullende informatie 87 om naar het vorige scherm terug te keren. Instellingenmenu Geluidsinstellingen * Standaard * Standaard Onderdeel Beschrijving Volume Hiermee past u het volume van alle geluiden aan. (Uit, Laag, Middel*, Hoog) Trilniveau Trillen & Geluid Onderdeel Hier selecteert u een trilniveau voor aanraking van het scherm. (Laag, Middel, Hoog*) Bij lagere temperaturen kan het vibratieniveau later aanvoelen dan de werkelijke instelling. Dit is normaal. Hier stelt u in of de camera trilt of een geluidssignaal geeft wanneer u het scherm aanraakt. (Uit, Trillen, Geluid, Alles*) Beginafbeelding Hier selecteert u een geluid voor het indrukken van de ontspanknop. (Uit, 1*, 2, 3) B.geluid Hier selecteert u een geluidsignaal voor het inschakelen van de camera. (Uit*, 1, 2, 3) AF-geluid Hier stelt u in of er een geluid klinkt bij het half indrukken van de ontspanknop. (Uit, Aan*) Zelfportret Hier stelt u in of er een geluid klinkt wanneer de camera uw gezicht detecteert. (Uit, Aan*) Helderh. scherm Onderdeel Beschrijving Language Een taal selecteren voor de schermtekst. Functiebeschrijving Een korte beschrijving van een optie of menu weergeven. (Uit, Aan*) De helderheid van het scherm aanpassen. (Auto*, Donker, Normaal, Licht) Normaal staat voor de weergavemodus vast, zelfs als Auto is geselecteerd. Snel tonen De weergaveduur voor een gemaakte foto of video instellen, voordat naar de opnamemodus wordt teruggekeerd. (Uit, 0,5 sec*, 1 sec, 3 sec) Spaarstand Als er gedurende 30 seconden geen handelingen op de camera worden verricht, schakelt het toestel over naar de spaarstand (druk op een willekeurige knop om de spaarstand uit te schakelen). (Uit*, Aan) Scherminstellingen * Standaard Een afbeelding instellen die wordt weergegeven wanneer de camera wordt ingeschakeld. t Uit*: er wordt geen afbeelding weergegeven. t Logo: er wordt een standaardafbeelding uit het interne geheugen weergegeven. t Gebr.afb: een afbeelding naar keuze weergeven. (p. 70) t Er wordt slechts één beginafbeelding in het interne geheugen opgeslagen. t Als u een nieuwe foto selecteert of de camera reset, wordt de huidige beginafbeelding gewist. t Brede foto's of foto's met een verhouding van 3:2 kunnen niet als beginafbeelding worden ingesteld. In de multimediamodus trilt de camera alleen. Sl.toon Beschrijving Aanvullende informatie 88 Instellingenmenu Camera-instellingen * Standaard * Standaard Onderdeel Beschrijving Onderdeel Het interne geheugen en de geheugenkaart formatteren (alle bestanden, ook beveiligde, worden gewist). (Nee, Ja) Formatt. De naamgeving van bestanden instellen. t Op nul: instellen dat de bestandsnummering weer bij 0001 begint wanneer er een nieuwe geheugenkaart wordt geplaatst, een geheugenkaart wordt geformatteerd of alle bestanden worden gewist. t Serie*: instellen dat de bestandsnummering doorloopt wanneer er een nieuwe geheugenkaart wordt geplaatst, een geheugenkaart wordt geformatteerd of alle bestanden worden gewist. Geheugenkaarten die in een camera van een andere fabrikant of in een geheugenkaartlezer zijn gebruikt, of die met een computer zijn geformatteerd, kunnen door de camera mogelijk niet correct worden gelezen. Formatteer dergelijke kaarten in de camera alvorens ze te gebruiken. Reset Menu's en opnameopties op de beginwaarden instellen (instellingen voor datum en tijd, taal en video-uitvoer worden niet gereset). (Nee, Ja) Datum/tijd De datum en tijd instellen en een datumnotatie selecteren. (jjjj/mm/dd, mm/dd/jjjj, dd/mm/jjjj, Uit*) Tijdzone Een regio selecteren en zomer-wintertijd instellen. Beschrijving Bestandsnr. Aanvullende informatie 89 t De standaardnaam van de eerste map is 100SSCAM en de standaardnaam van het eerste bestand is SDC10001. t Het bestandsnummer wordt steeds met één opgehoogd, van SDC10001 tot SDC19999. t Het mapnummer wordt steeds met één opgehoogd, van 100SSCAM tot 999SSCAM. t Het maximumaantal bestanden dat in een map kan worden opgeslagen, is 9999. t De camera definieert bestandsnamen volgens de Digital rule for Camera File system-norm (DCF). Als u bestandsnamen wijzigt, kan de camera deze bestanden mogelijk niet meer weergeven. Instellingenmenu * Standaard Onderdeel Beschrijving * Standaard Onderdeel Beschrijving Video Het video-uitgangssignaal voor uw land of regio instellen. t NTSC*: VS, Canada, Japan, Korea, Taiwan, Mexico. t PAL (ondersteunt alleen BDGHI): Australië, Oostenrijk, België, China, Denemarken, Finland, Duitsland, Engeland, Italië, Koeweit, Maleisië, Nederland, Nieuw Zeeland, Singapore, Spanje, Zweden, Zwitserland, Thailand, Noorwegen. USB Instellen om via een USB-verbinding met een computer of printer te communiceren. t Auto*: instellen dat de camera automatisch een USB-modus selecteert. t Computer: de camera op een computer aansluiten om bestanden over te brengen. t Printer: de camera op een printer aansluiten om bestanden af te drukken. Instellen of de datum en tijd op de foto's worden afgedrukt. (Uit*, Datum, Datum/tijd) Afdruk t De datum en tijd worden in de rechteronderhoek geel weergegeven. t Bij bepaalde printermodellen worden de datum en tijd niet afgedrukt. t Als u in de s modus selecteert worden de datum en tijd niet weergegeven. Instellen dat de camera automatisch wordt uitgeschakeld wanneer u deze niet gebruikt. (Uit, 1 min, 3 min*, 5 min, 10 min) Automatisch uit AF-lamp t Bij vervanging van de batterij blijven deze instellingen behouden. t De camera schakelt in de volgende gevallen niet automatisch uit: - wanneer deze op een computer of printer is aangesloten - wanneer u een diavertoning of video afspeelt - wanneer u een spraakmemo opneemt Een hulplampje instellen ter ondersteuning van het scherpstellen in donkere omgevingen. (Uit, Aan*) Aanvullende informatie 90 Foutmeldingen Als een van de volgende foutmeldingen verschijnt, kunt u de onderstaande oplossingen proberen. Foutmelding Mogelijke oplossing Kaartfout t Schakel de camera uit en weer in. t Verwijder de geheugenkaart en plaats deze weer terug. t Formatteer de geheugenkaart. (p. 89) Ontgrendel de geheugenkaart. Kaart vergrendeld DCF-fout Bestandsnamen komen niet met de DCFnorm overeen. Breng de bestanden op de geheugenkaart naar een computer over en formatteer de kaart. (p. 89) Bestandsfout Wis het beschadigde bestand of neem contact op met een servicecenter. Batterij bijna leeg Plaats een opgeladen batterij of laad de batterij op. Weinig licht Schakel de flitser in. (p. 45) Geheugen vol Wis onnodige bestanden of plaats een nieuwe geheugenkaart. Geen foto Maak foto's of plaats een geheugenkaart met foto's. Aanvullende informatie 91 Onderhoud van de camera Camerabehuizing De camera reinigen Veeg deze voorzichtig met een zachte droge doek af. Cameralens en aanraakscherm Verwijder stof met behulp van een blaaskwastje en veeg de lens met een zachte doek voorzichtig af. Voor eventuele achtergebleven stof brengt u lensreinigingsvloeistof op een stuk reinigingspapier aan en veegt u de lens voorzichtig schoon. t Gebruik nooit benzeen, thinner of alcohol om het toestel te reinigen. Deze oplosmiddelen kunnen de camera beschadigen of defecten veroorzaken. t Zorg dat de lensbescherming gesloten is, voordat u begint met reinigen. Aanvullende informatie 92 Onderhoud van de camera Capaciteit van de geheugenkaart Geheugenkaarten Geheugenkaarten voor deze camera U kunt SD-kaarten (Secure Digital), SDHC-kaarten (Secure Digital High Capacity) en MMC-kaarten (MultiMedia Card) gebruiken. De geheugencapaciteit verschilt, afhankelijk van de opnamemodus en de opnameomstandigheden. De volgende capaciteiten zijn op een 1-GB SD-kaart gebaseerd: Grootte Superhoog Contactpunten F o t o Schrijfvergrendeling Etiket (voorzijde) Bij SD- en SDHC-kaarten kunt u voorkomen dat bestanden worden gewist, door de schrijfvergrendeling op de kaart om te zetten. Schuif de vergrendeling naar beneden om de kaart alleen-lezen te maken, en omhoog om de schrijfvergrendeling op te heffen. Vergeet niet om voordat u gaat fotograferen de kaart te ontgrendelen. Hoog Normaal 30 fps 20fps 15 fps 194 376 546 - - - 221 426 611 - - - 264 510 744 - - - 343 637 870 - - - 532 895 1.211 1.716 2.059 2.376 - * V i d e o - - - - - - Circa 30’ 9’ - - Circa 69’ 52’’ - Circa 92’ 12’’ - - - Circa 35’ 54’’ - - - Circa 47’ 24’’ * Bij gebruik van de zoomfunctie kan de opnametijd van de hier gegeven waarden afwijken. Aanvullende informatie 93 Onderhoud van de camera De batterij Levensduur van de batterij Gebruik alleen door Samsung goedgekeurde batterijen. Gemiddelde tijd/ Aantal foto's Batterijspecificaties Modus SLB-0937 Type Lithium-ionbatterij Capaciteit 900 mAh Voltage 3,7 V Oplaadtijd (wanneer de camera is uitgeschakeld) Circa 150 min Testomstandigheden (wanneer de batterij volledig is geladen) Dit is onder de volgende omstandigheden gemeten: in de a modus, bij resolutie 9M en kwaliteit Hoog. 1. Stel de flitser in op Invulflits, maak één foto en zoom in of uit. Foto's Circa 130 min/ 2. Stel de flitser in op Uit, maak één foto Circa 260 en zoom in of uit. 3. Voer stap 1 en 2 gedurende 30 seconden uit en herhaal dit 5 minuten lang. Schakel de camera vervolgens 1 minuut uit. 4. Herhaal stap 1 tot 3. Video's Circa 130 min Neem video's op bij een resolutie van 800 x 592 en met 20 fps. MP3 Circa 330 min Bestanden afspelen met het scherm uitgeschakeld. PMP Circa 190 min Bestanden normaal afspelen. Tekstviewer Circa 210 min Bestanden weergeven met achtergrondmuziek en auto-scroll. t De bovenstaande cijfers zijn volgens de normen van Samsung gemeten en kunnen afwijken van resultaten bij daadwerkelijk gebruik. t Om de totale opnametijd te bepalen, zijn er verschillende video's achter elkaar opgenomen. Aanvullende informatie 94 Onderhoud van de camera Over het opladen van de batterij t Controleer als het indicatielampje uit is of de batterij op de juiste wijze is geplaatst. t Schakel de camera tijdens het opladen uit. t Schakel de camera pas in nadat u de batterij langer dan 10 minuten hebt opgeladen. t Met het gebruik van de flitser en het opnemen van video's raakt de batterij snel leeg. Laad de batterij op totdat het indicatielampje groen wordt. t Als het indicatielampje rood knippert of niet brandt, sluit u de kabel opnieuw aan of verwijdert u de batterij en plaatst u deze opnieuw. t Als u de batterij oplaadt terwijl deze warm is, kan het indicatielampje oranje gaan branden. Nadat de batterij is afgekoeld, wordt met opladen begonnen. Over het opladen terwijl er een computer is aangesloten t Gebruik alleen de meegeleverde USB-kabel. t De batterij wordt mogelijk in de volgende gevallen niet opgeladen: - wanneer u een USB-hub gebruikt - wanneer er andere USB-apparaten op de computer zijn aangesloten - wanneer u de kabel op de poort aan de voorzijde van de computer aansluit - wanneer de USB-poort van de computer de stroomuitvoernorm niet ondersteunt (5 V, 500 mA) Aanvullende informatie 95 Voordat u contact opneemt met een servicecenter Wanneer u problemen met de camera ondervindt, kunt u eerst de volgende procedures uitvoeren voordat u contact opneemt met een servicecenter. Als u hebt geprobeerd een oplossing te vinden met behulp van deze suggesties, maar nog steeds problemen ondervindt, kunt u contact opnemen met uw plaatselijke dealer of servicecenter. Situatie Mogelijke oplossing De camera kan niet worden ingeschakeld t Controleer of er een batterij is geplaatst. t Controleer of de batterij op de juiste wijze is geplaatst. t Laad de batterij op. De camera wordt plotseling uitgeschakeld t Laad de batterij op. t De camera bevindt zich mogelijk in de Spaarstand. (p. 88) t De camera wordt mogelijk uitgeschakeld om te voorkomen dat de geheugenkaart door een harde schok beschadigd raakt. Schakel de camera weer in. De batterij raakt snel leeg t De batterij raakt bij lage temperaturen (onder 0 °C) sneller leeg. Houd de batterij warm door deze in uw zak te steken. t Met het gebruik van de flitser en het opnemen van video's raakt de batterij snel leeg. Laad de batterij indien nodig weer op. t Batterijen zijn verbruiksgoederen die na verloop van tijd moeten worden vervangen. Haal een nieuwe batterij als de levensduur drastisch afneemt. Situatie Mogelijke oplossing Er kunnen geen foto's worden gemaakt t Er is geen ruimte op de geheugenkaart. Wis onnodige bestanden of plaats een nieuwe kaart. t Formatteer de geheugenkaart. (p. 89) t De geheugenkaart is defect. Koop een nieuwe geheugenkaart. t De geheugenkaart is vergrendeld. Ontgrendel de kaart. (p. 91) t Controleer of de camera is ingeschakeld. t Laad de batterij op. t Controleer of de batterij op de juiste wijze is geplaatst. De camera loopt vast Verwijder de batterij en plaats deze weer terug. De flitser werkt niet t Mogelijk is de flitser op Uit ingesteld. (p. 45) t In de modi d, v en bepaalde s modi kan de flitser niet worden gebruikt. De flitser gaat onverwachts af De flitser gaat mogelijk af vanwege statische elektriciteit. Dit is geen defect van de camera. De datum en tijd kloppen niet Stel in het scherminstellingenmenu de datum en tijd in. Aanvullende informatie 96 Voordat u contact opneemt met een servicecenter Situatie Mogelijke oplossing Verwijder de batterij en plaats deze weer Het aanraakscherm of de knoppen werken niet terug. De geheugenkaart heeft De geheugenkaart is niet gereset. een fout Formatteer de kaart. (p. 89) Er kunnen geen bestanden worden afgespeeld of weergegeven Als u de naam van een bestand wijzigt, kan de camera dit bestand mogelijk niet afspelen of weergeven (de bestandsnaam moet aan de DCF-normen voldoen). In dergelijke gevallen kunt u de bestanden op een computer afspelen of weergeven. De foto's zijn onscherp t Controleer of de ingestelde scherpsteloptie voor close-upfoto's geschikt is. (p. 47) t Zorg dat het onderwerp zich binnen het bereik van de flitser bevindt. (p. 98) t Controleer of de lens schoon is. Reinig de lens indien nodig. (p. 92) De kleuren in de foto zijn anders dan de werkelijke kleuren Een onjuiste witbalans kan voor onrealistische kleuren zorgen. Selecteer de juiste witbalansoptie voor de lichtbron. (p. 56) De foto is te licht t De foto is overbelicht. Pas de belichtingswaarde aan. (p. 53) t Schakel de flitser uit. (p. 45) Situatie Mogelijke oplossing De foto's worden niet op de televisie weergegeven t Controleer of de camera goed met de A/V-kabel op de externe monitor is aangesloten. t Controleer of de geheugenkaart foto's bevat. De computer herkent de camera niet t Controleer of de USB-kabel op de juiste wijze is geplaatst. t Controleer of de camera is ingeschakeld. t Controleer of het besturingssysteem wordt ondersteund. Tijdens het overbrengen De bestandsoverdracht kan door statische van bestanden elektriciteit worden gestoord. Koppel de verbreekt de computer USB-kabel los en sluit deze weer aan. de verbinding Aanvullende informatie 97 Cameraspecificaties Beeld- sensor Sluitertijd Type 1/2,5-inch (Circa 1,02 cm) CCD Effectieve pixels Circa 9,0 megapixels Totaalaantal pixels Circa 9,2 megapixels t 1 - 1/2.000 sec. t AEB, Continu: 1/4 - 1/2.000 sec. t Nacht: 16 - 1/2.000 sec. Belichting Lens Bediening Programma AE Lichtmeting Multi, Spot, Centr. gewogen f/3.5 (G) - f/4.5 (T) Compensatie ±2 BW (in stappen van 1/3 BW) t Fotomodus: 1,0x - 5,0x t Weergavemodus: 1,0x - 10,8x (afhankelijk van het ISO-equivalent Auto, 80, 100, 200, 400, 800, 1600, 3200 Brandpuntsafstand Samsung-lens 3X interne zoom f = 6,3 - 18,9 mm (35-mm equivalent: 38 - 114 mm) Diafragmabereik Digitale zoom beeldformaat) Display Type h.VGA TSP (resistief) Eigenschap 3,0 inch (7,6 cm) 460K Scherpstelling Type TTL-autofocus (Multi AF, Centrum AF, Gezichtsherkenning-AF, Gezichtsdetectie-AF, Aanraak AF) Groothoek (G) Normaal Bereik Flitser Modus Uit, Auto, Rode ogen, Invulflits, Langz sync, Anti-rode ogen Bereik t Groothoek: 0,3 m - 4,2 m (ISO Auto) t Tele: 0,5 m - 3,3 m (ISO Auto) Oplaadtijd Circa 5 sec. Trillingsreductie DIS (Digital Image Stabilisation) Tele (T) Effect t Fotostylerkeuze: Normaal, Zacht, Helder, Bos, 80 cm - oneindig Macro 5 cm - 80 cm 50 cm - 80 cm Auto macro 5 cm - oneindig 50 cm - oneindig Supermacro 1 cm - 5 cm - Opnamemodus Aanvullende informatie 98 Retro, Koel, Rustig, Klassiek, Negatief, Aangep. RGB t Beeld aanpassen: Scherpte, Contrast, Kleurverz. Cameraspecificaties Witbalans Weergave Auto witbalans, Daglicht, Bewolkt, TL-licht H, TL-licht L, Kunstlicht, Aangep. instelling Type Eén foto, Miniaturen, Diashow, Video, Smart Album Bewerken Res.wijz, Draaien, Fotostylerkeuze, Beeld aanpassen Opname t Fotostylerkeuze: Normaal, Zacht, Helder, Bos, t Modi: Smart Auto (Portret, Nachtportret, Foto's Tegenlichtportret, Tegenlicht, Landschap, Wit, Beweging, Statief, Nacht, Macro, Macro tekst), Auto, Programma, DIS, Film, Scène (Nacht, Portret, Kinderen, Landschap, Tekst, Close-up, Zon onder, Dageraad, Tegenl., Vuurwerk, Strand/ sneeuw, Kaderlijnen, Beautyshot) t Scherpstelstand: 1 opname, Continu, Bew.detectie, AEB t Timer: 2 sec,10 sec, Dubbel, Bewegingstimer Effect Spraakopname t Spraakopname (max. 10 uur) t Spraakmemo in een foto (max. 10 sec.) Opslag t Formaat: MPEG-4 met geluid t Video's t t t t (max. opnametijd: 2 uur) Formaat: 800 x 592 (20 fps), 640 x 480 (30 fps, 15 fps), 320 x 240 (30 fps, 15 fps) 3X optische zoom met geluidsopname Opnamesnelheid: 20 fps, 30 fps, 15 fps Fotostijl, witbalans, videostabilisatie Video bewerken (intern): pauzeren tijdens opnemen, foto's maken, bijsnijden Retro, Koel, Rustig, Klassiek, Negatief, Aangep. RGB t Beeld aanpassen: ACB, Anti-rode ogen, Helderheid, Contrast, Kleurverz. Media t Intern geheugen: circa 70 MB t Extern geheugen (optioneel) - SD-kaart (tot 4 GB gegarandeerd) - SDHC-kaart (tot 8 GB gegarandeerd) - MMC Plus (tot 2 GB gegarandeerd' De interne geheugencapaciteit kan van deze specificaties afwijken. t Foto: JPEG (DCF), EXIF 2.21, DPOF 1.1, Bestandsindeling Aanvullende informatie 99 PictBridge 1.0 t Video: AVI (MPEG-4) t Audio: WAV Cameraspecificaties PMP t Video: Xvid MPEG-4 (met Samsung Converter) t Audio: MPEG Layer 2 (met Samsung Converter) t Weergavemodus: zoeken tijdens weergave (max. 32X), verspringen tijdens weergave, automatisch verspringen na weergave van een bestand, laatstweergegeven frame onthouden Tekstviewer t Bestand: Tekstbestand (TXT-extensie, maximaal 99.999 pagina's) t Bestandsindeling: Windows ANSI (Windows 98 of nieuwer), Unicode/Unicode (Big-Endian)/UTF-8 (Windows 2000/XP) Mac ANSI, Unicode (UTF-16) t Functie: Auto Scroll (1 - 5), Achtergrondmuziek Voor 1GB SD Beeldformaat Superhoog Hoog Normaal 3456 x 2592 194 376 546 3456 x 2304 221 426 611 3456 x 1944 264 510 744 2592 x 1944 343 637 870 2048 x 1536 532 895 1.211 1024 x 768 1.716 2.059 2.376 Deze waarden zijn gemeten onder standaardcondities en kunnen variëren afhankelijk van opnameomstandigheden en camera-instellingen. Multimedia MP3 t Frequentie: 20 Hz ~ 20 KHz t Aansluiting oordopjes: 20-pins poort (stereo) t Uitgang maximaal volume: links 40 mW + rechts 40 mW (16:) t Ruisverhouding 88 dB met 20 KHz LPF t Bestandsindeling: MP3 (MPEG-1/2/2.5 Layer 3) t Bitsnelheid: 48 - 320 kbps (inclusief VBR) t Geluidseffect: SRS Interface Digitale uitvoer USB 2.0 Audio-uitvoer Mono Video-uitvoer AV: NTSC, PAL (keuze) DC-stroomaansluiting 20-pins Aanvullende informatie 100 Cameraspecificaties Energie- bron Oplaadbare batterij Lithium-ionbatterij (SLB-0937, 900 mAh) AC-adapter Stroomadapter (SAC-47), USB-kabel (SUC-C7H) Afhankelijk van uw regio kan de energiebron verschillen. Afmetingen (B x H x D) 91 x 60 x 19 mm Gewicht 124,2 g (zonder batterij en geheugenkaart) Bedrijfstemperatuur 0 - 40 ˚C Bedrijfsluchtvochtigheid 5 - 85 % Software Samsung Converter, Samsung Master, Adobe Reader Specificaties kunnen zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd. Aanvullende informatie 101 Correcte verwijdering van dit product (inzameling en recycling van elektrische en elektronische apparatuur) (Van toepassing in de Europese Unie en andere Europese landen waar afval gescheiden wordt ingezameld) Correcte behandeling van een gebruikte accu uit dit product (Van toepassing op de Europese Unie en andere Europese landen met afzonderlijke inzamelingssystemen voor accu’s en batterijen) Dit merkteken, dat op het product of de documentatie wordt weergegeven, geeft aan dat het product niet mag worden weggeworpen bij het huishoudelijk afval. Om gevaar voor het milieu of de volksgezondheid te voorkomen, dient u dit product van andere typen afval gescheiden te houden en het op een verantwoordelijke manier te recyclen om duurzaam hergebruik van materiaalbronnen te bevorderen. Particulieren dienen contact op te nemen met het verkooppunt waar het product is gekocht of met de plaatselijke overheid voor informatie over waar dit product kan worden ingeleverd voor milieuvriendelijke recycling. Bedrijven dienen contact op te nemen met hun leverancier en de voorwaarden en bepalingen van het aankoopcontract na te kijken. Dit product mag niet samen met ander commercieel afval worden weggeworpen. Dit merkteken op de accu, gebruiksaanwijzing of verpakking geeft aan dat de accu in dit product aan het einde van de levensduur niet samen met ander huishoudelijk afval mag worden weggegooid. De chemische symbolen Hg, Cd of Pb geven aan dat het kwik-, cadmium- of loodgehalte in de accu hoger is dan de referentieniveaus in de Richtlijn 2006/66/EC. Indien de gebruikte accu niet op de juiste wijze wordt behandeld, kunnen deze stoffen schadelijk zijn voor de gezondheid van mensen of het milieu. Ter bescherming van de natuurlijke hulpbronnen en ter bevordering van het hergebruik van materialen, verzoeken wij u afgedankte accu’s en batterijen te scheiden van andere soorten afval en voor recycling aan te bieden bij het gratis inzamelingssysteem voor accu’s en batterijen in uw omgeving. De oplaadbare accu in dit product kan niet door de gebruiker zelf worden vervangen. Neem contact op met uw serviceprovider voor informatie over vervanging. Het Samsung Eco-symbool Dit is een eigen symbool van Samsung dat het bedrijf gebruikt om zijn milieuvriendelijke productactiviteiten naar de consument te communiceren. Het symbool staat voor Samsung’s voortdurende inspanningen om milieubewuste producten te ontwikkelen. Aanvullende informatie 102 Index Afzonderlijke beelden opslaan 69 A Aanpassen Contrast in de opnamemodus 60 in de weergavemodus 72 Helderheid 72 Kleurverzadiging in de opnamemodus 60 in de weergavemodus 72 Scherpte 60 Aanraakscherm 13 Aanraaktrilling 18 Automatische contrastverbetering (ACB) 54 als miniatuur 64 Diavertoning 67 op televisie 74 Automodus 19 Bestanden wissen 65 B Bewegingsonscherpte 29 Batterij Bewegingstimer 44 in een multimediamodus 79 Levensduur 94 Opladen 95 Specificaties 94 Bewerken 70 Filmmodus 37 Flitser Anti-rode ogen 46 Auto 45 Invulflits 46 Langz sync 46 Rode ogen 45 Uit 45 Foto's afdrukken 75 D Batterij-indicator 14 ACB 54 Beautyshot-modus 33 Adobe Reader 21 Beginafbeelding 88 Afdruk 90 Belichting 53 Afdrukbestelling 73 Bestanden beveiligen 64 AF-geluid 88 Bestanden overbrengen voor Mac 28 voor Windows 21 F Fotokwaliteit 42 Aanraken 16 AF-lamp 90 Bestanden weergeven Datum en tijd 89 Diafragma 35 Diavertoning 67 Digitale beeldstabilisatie 36 Digitale zoom 20 DIS-modus 36 DPOF 73 Draaien 70 Aanvullende informatie 103 Fotostijlen 59 Foutmeldingen 91 Framesnelheid 37 Functiebeschrijving 88 Index G H L O Gebaren 17 Half indrukken 6 Lange sluitertijd 35 Onderhoud 92 Geheugenkaart Helderheid scherm 88 Lichtbron (Witbalans) 56 Helderheid van het gezicht 33 Lichtmeting Onvolkomenheden in het gezicht 34 Capaciteit 93 MMC 93 SD 93 SDHC 93 Geluid uitschakelen Camera 15 Video 37 Gezichtsdetec. Gezichtsdetec. 50 Glimlach 51 Knipperen 51 Slimme gezichtsherkenning 52 Zelfportret 51 Glimlach 51 Grootte aanpassen 70 Het apparaat loskoppelen 23 Centrum 55 Multi 55 Spot 55 I M Instellingen Macro 47 Camera 89 Geluid 88 Openen 87 Scherm 88 Meebewegende focus 48, 49 Menuknop 13 Intelligente aanraakfocus 48 ISO-waarde 46 K Kaderlijnen 34 Opnamemodus Auto 19 DIS 36 Film 37 Programma 36 Scène 33 Smart Auto 32 Opnemen Spraakmemo 39 Video 37 MP3-skin 84 Multimediamodus 84 Muziekmodus 80 Tekstviewermodus 83 Videomodus 82 Muziekmodus 80 Kleurtint 71 Knipperen 51 Aanvullende informatie 104 P Pictogrammen 14 Programmamodus 36 Prullenbak 66 Index R Reinigen Behuizing 92 Lens 92 Scherm 92 Reset 89 Resolutie Foto 41 Video 41 RGB-tint in de opnamemodus 59 in de weergavemodus 71 Rode ogen 45 S Samsung Converter Gebruiken 25 Installeren 21 Samsung Master Gebruiken 26 Installeren 21 Scènemodus 33 Scherpstelafstand Speciale effecten Auto macro 47 Macro 47 Normaal (AF) 47 Super macro 47 Elegant 72 Gezicht retouch 72 Kleurenfilter 72 Ruis toevoegen 72 Scherpstelgebied Weergaveknop 15 Weergavemodus 62 Witbalans 56 Spraakmemo Centrum AF 49 Multi AF 49 Smart Touch AF 49 Afspelen 69 Opnemen 39 Z Zelfportret 51 Serieopnamen Zoomen 20 T Bew.detectie 58 Continu 58 Opnamereeks met verschillende belichtingen (AEB) 58 Servicecenter 96 Tekstviewermodus 83 Timer 43 Type weergave 18 V Slepen 16 Slimme gezichtsherkenning 52 Vergroten 66 Video 90 Afspelen 68 Opnemen 37 Sluitertijd 35 Smart Auto-modus 32 Smart Touch AF 48 W Videomodus 82 Volume 88 Snel tonen 88 Aanvullende informatie 105 Raadpleeg voor klantenservice of bij vragen de garantieinformatie die met het product is meegeleverd of bezoek onze website http://www.samsungcamera.com Het CE-keurmerk geeft aan dat dit product aan de richtlijnen van de Europese Gemeenschap (EG) voldoet
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52
  • Page 53 53
  • Page 54 54
  • Page 55 55
  • Page 56 56
  • Page 57 57
  • Page 58 58
  • Page 59 59
  • Page 60 60
  • Page 61 61
  • Page 62 62
  • Page 63 63
  • Page 64 64
  • Page 65 65
  • Page 66 66
  • Page 67 67
  • Page 68 68
  • Page 69 69
  • Page 70 70
  • Page 71 71
  • Page 72 72
  • Page 73 73
  • Page 74 74
  • Page 75 75
  • Page 76 76
  • Page 77 77
  • Page 78 78
  • Page 79 79
  • Page 80 80
  • Page 81 81
  • Page 82 82
  • Page 83 83
  • Page 84 84
  • Page 85 85
  • Page 86 86
  • Page 87 87
  • Page 88 88
  • Page 89 89
  • Page 90 90
  • Page 91 91
  • Page 92 92
  • Page 93 93
  • Page 94 94
  • Page 95 95
  • Page 96 96
  • Page 97 97
  • Page 98 98
  • Page 99 99
  • Page 100 100
  • Page 101 101
  • Page 102 102
  • Page 103 103
  • Page 104 104
  • Page 105 105
  • Page 106 106
  • Page 107 107

Samsung SAMSUNG ST10 Handleiding

Type
Handleiding