Philips DPM 8200 Handleiding

Categorie
Dictafoons
Type
Handleiding

Deze handleiding is ook geschikt voor

63
NL
Afspelen 76
Een bestand selecteren 76
Een opname afspelen 76
Afspeelsnelheid wijzigen 76
Snel zoeken 76
Verwijderen 77
Een bestand verwijderen 77
Een deel van een bestand verwijderen 77
Alle bestanden verwijderen 77
5 Meer uit uw recorder halen 78
Opnemen met stemactivering 78
Indexmarkeringen 78
Trefwoorden toewijzen (auteursnaam en werktype) 79
Werktype toewijzen 79
Instructies 79
Bestandsvergrendeling en prioriteit 80
Handenvrij opnemen en transcriberen 80
Handenvrij opnemen 80
Handenvrij transcriberen 81
Philips SpeechExec-software gebruiken 82
Geavanceerde configuratie 82
Opnames downloaden op de computer 83
6 Instellingen 84
Het menu gebruiken 84
Menuoverzicht 84
Bestandsmenu (File) 85
Bestand verwijderen (Delete file) 85
Deel verwijderen (Delete section) 85
Prioriteit hoog/normaal (Priority high/normal) 85
Vergrendeling/einde-brief (Lock/EOL) 85
Index toevoegen/wissen (Index set/clear) 85
Auteur, werktype (Author, work type) 85
Alles verwijderen (Delete all) 85
Bestandsinformatie (File information) 85
Inhoudsopgave
1 Belangrijk 65
Veiligheidsinstructies 65
Oplaadbare batterij 65
Geheugenkaarten 65
Gehoorbescherming 66
Wettelijke beperkingen op opnemen 66
Recycling 66
Over deze gebruikershandleiding 66
Modelafhankelijke functies en afbeeldingen 66
Gebruikte symbolen 66
2 Uw digitale dicteerrecorder 67
Product highlights 67
Inhoud van de verpakking 67
Overzicht van de recorder 68
Startscherm 69
Overzicht van het docking station 70
3 Aan de slag 71
Docking station aansluiten 71
Recorder installeren 71
Geheugenkaart plaatsen en verwijderen 71
Batterij opladen 72
Opladen met het docking station 72
Opladen met de USB-kabel 72
Apparaat in- en uitschakelen 72
Eerste installatie 73
Taal instellen 73
Datum en tijd instellen 73
Energiebesparingsmodus 73
4 Uw recorder gebruiken 74
Opnemen 74
Opname-instellingen 74
Een nieuwe opname maken 74
Opname toevoegen of overschrijven 75
Nederlands
64 NL
Opnamemenu (Record) 85
Profiel (Profile) 85
Lijningang (Line-in) 86
Pieptoon start opname (Record notification beep) 86
Bewerkingsmodus (Edit mode) 86
Versleuteling (Encryption) 86
Stemactivering (Voice Activation) 86
Schermmenu (Display) 87
Helderheid (Brightness) 87
Achtergrondverlichting (Backlight) 87
Uiterlijk (Appearance) 87
Opnamelampje (Record lamp) 87
Language 87
Apparaatmenu (Device) 87
Piep (Beep) 87
Akoestische feedback (Acoustic feedback) 87
Energiebesparing (Power save) 87
Datum & tijd (Date & time) 87
Schuifschakelaar (Slide switch) 87
Automatische backspace (Auto backspace) 88
Apparaatinformatie (Device information) 88
Kaart formatteren (Format card) 88
USB-opladen (USB charge) 88
USB audio 88
Handenvrije modus 88
Diagnosebestand 88
Instellingen resetten 88
Ruisvermindering 88
7 Service 89
Apparaatinformatie weergeven 89
Geheugen formatteren 89
Firmware bijwerken 89
Storingen verhelpen 90
8 Technische gegevens 91
65
NL
1 Belangrijk
Voer geen instellingen en wijzigingen uit die niet in deze gebrui-
kershandleiding zijn beschreven. Voor een goede werking van
het apparaat moet u alle veiligheidsinstructies in acht nemen.
De fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schade
voortvloeiend uit de niet-naleving van de veiligheidsinstructies.
Veiligheidsinstructies
Bescherm het apparaat tegen regen en water om kortsluiting
te vermijden.
Stel het apparaat niet bloot aan sterke hitte door het op een
verwarmingstoestel of in rechtstreeks zonlicht te plaatsen.
Bescherm de kabels tegen beschadiging door beknelling,
vooral aan de stekkers en op de plaatsen waar de kabels uit de
behuizing komen.
Maak een reservekopie van uw gegevens en opnames. De
fabrieksgarantie biedt geen dekking voor gegevensverlies
veroorzaakt door handelingen van de gebruiker.
Voer geen onderhoudswerkzaamheden uit die niet in deze
gebruikershandleiding zijn beschreven. Haal het apparaat
niet uit elkaar om reparaties uit te voeren. Het apparaat mag
uitsluitend worden gerepareerd in erkende servicecentra.
Oplaadbare batterij
Als de batterij verkeerd wordt behandeld, kan deze barsten,
brand of zelfs chemische brandwonden veroorzaken. Houd u
aan de volgende waarschuwingen.
Haal de batterij niet uit elkaar.
Verpletter de batterijen niet en stel ze niet bloot aan schokken
of geweld, bijvoorbeeld door erop te slaan met een hamer,
zete laten vallen of erop te gaan staan.
Veroorzaak geen kortsluiting en laat geen metalen voorwer-
pen in contact komen met de batterijpolen.
Stel batterijen niet bloot aan temperaturen boven de 60°C
(140°F).
Verbrand batterijen niet en gooi ze niet in het vuur.
Gebruik geen beschadigde of lekkende batterijen.
Laad de batterij alleen in de recorder op.
Houd de batterij buiten het bereik van kleine kinderen.
Houd de batterij droog.
In dit apparaat kunnen alleen de oplaadbare lithium-ion-
batterijen ACC8100 van Philips (en geen andere) worden
opgeladen. Deze mogen uitsluitend worden vervangen door
dezelfde of vergelijkbare batterijen.
Haal de batterij uit het apparaat wanneer het lange tijd niet
zal worden gebruikt. Het apparaat kan beschadigd raken door
lekkende batterijen.
Haal de batterij niet uit het apparaat terwijl het bezig is met
opnemen. Als u dit doet, kunt u gegevens beschadigen of
kwijtraken. Het kan ook tot storingen van het apparaat leiden.
Batterijen bevatten stoen die het milieu kunnen vervuilen.
Gebruikte batterijen en oplaadbare batterijen moeten worden
ingeleverd bij een ocieel inzamelpunt.
Geheugenkaarten
Het apparaat werkt met SD-/SDHC-geheugenkaarten en
ondersteunt kaarten met een capaciteit tot 32 GB.
Philips maakt gebruik van goedgekeurde industriële normen
voor geheugenkaarten, maar sommige merken zijn mogelijk
niet geheel compatibel met uw apparaat. Het gebruik van een
incompatibele geheugenkaart kan schade aan uw apparaat of
de geheugenkaart toebrengen en de gegevens op de kaart
beschadigen.
Door het formatteren van een geheugenkaart worden alle
gegevens op de kaart gewist. Voordat u de geheugenkaart for-
matteert, dient u reservekopieën te maken van alle belangrijke
gegevens die op de kaart staan. De fabrieksgarantie biedt geen
dekking voor gegevensverlies veroorzaakt door handelingen
van de gebruiker.
Het formatteren van de geheugenkaart op een computer
kan leiden tot incompatibiliteit met uw apparaat. Formatteer
degeheugenkaart daarom alleen in het apparaat.
Nederlands
66 NL
Gehoorbescherming
Bij gebruik van hoofdtelefoons moet u de volgende richtlijnen
aanhouden:
Stel het volume niet te hoog in en luister niet te lang met een
hoofdtelefoon.
Zorg er altijd voor dat u het volume niet hoger instelt dan wat
uw gehoor verdraagt.
Stel het volume zo in dat u altijd nog kunt horen wat er om u
heen gebeurt.
In potentieel gevaarlijke situaties moet u zeer voorzichtig zijn
of het gebruik van de hoofdtelefoon tijdelijk onderbreken.
Zet geen hoofdtelefoon op als u met de auto, fiets, skateboard
enz. onderweg bent. U kunt daardoor een gevaar vormen
voor uzelf en andere weggebruikers en wettelijke voorschrif-
ten overtreden.
Wettelijke beperkingen op opnemen
Het gebruik van de opnamefunctie van dit product is onder-
worpen aan mogelijke wettelijke bepalingen in uw land. Houd
bij het opnemen van bijvoorbeeld gesprekken of lezingen
rekening met de bescherming van persoonlijke gegevens en
depersoonlijke rechten van derden.
In sommige landen bent u wettelijk verplicht uw gesprekspart-
ner erover te informeren als u een telefoongesprek opneemt.
Het opnemen van telefoongesprekken is in sommige landen
wettelijk verboden. Stel u op de hoogte van de rechtssituatie
in uw land voordat u telefoongesprekken opneemt.
Recycling
Wanneer u het symbool van een doorgekruiste afvalcon-
tainer met wieltjes op een product ziet, betekent dit dat
EU-richtlijn 2002/96/EG op het product van toepassing is.
Informeer uzelf over het lokale systeem voor gescheiden
inzameling van elektrische en elektronische apparatuur. Houd u
aan de lokale regelgeving en gooi uw afgedankte producten niet
bij het gewone huisafval. Het op de juiste manier afvoeren van
uw oude product helpt potentiële negatieve gevolgen voor het
milieu en de menselijke gezondheid te voorkomen.
Over deze gebruikershandleiding
Op de volgende bladzijden vindt u beknopte informatie over uw
apparaat. Gedetailleerde beschrijvingen vindt u in de volgende
hoofdstukken van deze gebruikershandleiding. Lees deze gebrui-
kershandleiding aandachtig door.
Modelafhankelijke functies en afbeeldingen
In deze gebruikershandleiding zijn meerdere modellen van de
productserie beschreven. Houd er rekening mee dat sommige
functies alleen op bepaalde modellen beschikbaar zijn.
Gebruikte symbolen
Tip
Met dit symbool worden tips aangeduid voor een
eectiever en eenvoudiger gebruik van uw apparaat.
Opmerking
Dit symbool duidt aanwijzingen aan die u bij het hanteren
of gebruiken van het apparaat moet opvolgen.
Let op
Dit symbool waarschuwt voor schade aan het apparaat
en mogelijk gegevensverlies. Door verkeerd gebruik kan
schade ontstaan.
Waarschuwing
Dit symbool waarschuwt tegen gevaar voor personen. Door
verkeerd gebruik kan lichamelijk letsel of schade ontstaan.
67
NL
2 Uw digitale
dicteerrecorder
Het doet ons genoegen dat u voor een Philips-apparaat hebt
gekozen. U kunt op onze website terecht voor uitgebreide
ondersteuning in de vorm van handleidingen, software-
downloads, informatie over uw garantie en meer:
www.philips.com/dictation.
Product highlights
3D-microfoon voor de beste geluidskwaliteit en accurate
spraakherkenningsresultaten
Ingebouwde bewegingssensor voor automatische
microfoonselectie
Ergonomische schuifschakelaar voor eciënte bediening met
één hand
Robuuste behuizing van roestvrij staal voor extra
duurzaamheid
Groot kleurendisplay en duidelijke gebruikersinterface voor
een eenvoudige, intuïtieve bediening
Docking station voor snel opladen van de batterij en en
handenvrij opnemen
Licht- en bewegingssensors voor een langere levensduur van
de batterij
Beheerondersteuning op afstand voor tijdbesparing bij
implementatie en onderhoud
Klassieke modus voor een duidelijke en gebruiksvriendelijke
bediening
Inhoud van de verpakking
Recorder Docking station USB-kabel
Etui
DPM8000
DPM8100
DPM8500
English 3
Deutsch 31
Nederlands 59
Italiano 87
Français 115
Español 143
Register your product and get support at
www.philips.com/dictation
SnelstartgidsGeheugenkaart
(vooraf
geïnstalleerd)
DVD met software
(DPM8200)
Batterij (vooraf
geïnstalleerd)
Nederlands
68 NL
Overzicht van de recorder
a Ledlampje
Rood: apparaat neemt op in overschrijf- of toevoegmodus
Groen: apparaat neemt op in invoegmodus
Geel: gegevensoverdracht tussen het apparaat en de
computer
b Microfoons
c Scherm
d Functietoetsen F1, F2, F3
Selecteer de functie die vlak boven de toets op het
scherm wordt weergegeven
e +/–
Door bestanden bladeren in stopmodus
Volume regelen tijdens het afspelen
Door het menu navigeren
f REC STANDBY
g Schuifschakelaar (A FWD, C PLAY/G REC,
F STOP/H PAUSE, B REW)
h AAN/UIT
i Luidspreker
j Batterijdeksel openen
k Connector voor docking station
l USB-connector
Micro-USB-aansluiting voor de computer
m Geheugenkaartsleuf
n Einde-brief/bestandsvergrendeling, prioriteit
Een bestand als voltooid markeren en beschermen tegen
verwijdering
Prioriteitsinstelling voor urgente opnames tijdens de
transcriptie
o MIC
Aansluiting externe microfoons (stereo-jackplug, 3,5 mm)
p EAR
Aansluiting voor hoofdtelefoon (stereo-jackplug, 3,5 mm)
69
NL
Startscherm
Weergave in de geavanceerde modus
Weergave in de klassieke modus
Opmerking
De positie van de symbolen kan verschillen per model,
modus en geselecteerde functies.
a
Stemactivering staat aan
Wanneer opnemen met stemactivering is ingeschakeld,
start het opnemen zodra u begint te spreken. Wanneer u
stopt met spreken, zal de recorder na drie seconden stilte
automatisch pauzeren en pas weer starten zodra u opnieuw
begint te spreken. Opnemen met stemactivering, blz. 78.
b Opnamekwaliteit: QP, SP, MP3, PCM
c Opnameprofiel:
Dicteren, Vergadering, Spraakher-
kenning, Persoonlijk
Het opnameprofiel stelt de opnameparameters van tevo-
ren in, zoals de opnamekwaliteit en het bestandsformaat,
de gevoeligheid van de microfoon en de microfoonmodus.
Profiel (Profile), blz. 85.
d Bewerkingsmodus:
Opname overschrijven, Opname
invoegen, Opname toevoegen (Opname toevoegen
of overschrijven, blz. 75)
e
Bestand is versleuteld (Versleuteling (Encryption),
blz. 86)
f
Er is een voetschakelaar aangesloten op het docking
station
De recorder kan worden gebruikt voor handenvrij
opnemen en transcriberen door de optionele Philips-
voetschakelaar aan te sluiten op het docking station.
Handenvrij opnemen en transcriberen, blz. 80.
g
Oplaadniveau van de batterij
De balken geven het oplaadniveau van de batterij aan. Als
de recorder wordt opgeladen, blijven de balken scrollen
tot het opladen voltooid is.
h
Het prioriteitsniveau van de opname is ingesteld op
‘hoog’ (Bestandsvergrendeling en prioriteit, blz. 80)
Nederlands
70 NL
i
Einde-brief/bestandsvergrendeling
Het bestand wordt als voltooid gemarkeerd en beschermd
tegen verwijdering. Bestandsvergrendeling en prioriteit,
blz. 80.
j Microfoonmodus:
Richtingsgevoelige modus,
360-gradenmodus
De microfoonmodus wordt vooraf ingesteld via het
geselecteerde opnameprofiel, zodat deze aansluit bij de
opnameomstandigheden.Profiel (Profile), blz. 85.
De microfoonmodus kan worden bestuurd door de
geïntegreerde bewegingssensor. De bewegingssensor
'voelt' wanneer het apparaat op het bureau wordt
gelegd of in de hand wordt gehouden en past de
microfoonmodus daaraan aan.
k Schuifschakelaarindicator
l Indicator van de geluidssterkte voor opnemen met stemac-
tivering (Opnemen met stemactivering, blz. 78)
m Huidige functie van de functietoets F1, F2, F3
n Indicator van de niveaumeter
o Trefwoordgebied
Aan elke opname kunnen één of meerdere trefwoorden
worden toegewezen, zoals de naam van de auteur.
Trefwoorden kunnen gebruikt worden om opnames te
identificeren en voor automatische bestandsroutering.
Trefwoorden toewijzen (auteursnaam en werktype),
blz. 79.
p Indicator voor indexmarkeringen (Indexmarkeringen,
blz. 78)
q Instructie-indicator (Instructies, blz. 79)
r Positie-indicator van het huidige afspeel-/opnamebestand
s Bestandslengte
t Huidige opname-/afspeeltijd
u Bestandsnaam
v Huidig bestandsnummer/Totaal aantal bestanden
Overzicht van het docking station
a Dockconnector
b Indicatielampje voor opladen
c Indicatielampje voor downloaden
d USB-connector
Micro-USB-aansluiting voor de computer
e Connector voor de voetschakelaar
Sluit het Philips voetpedaal LFH2210 (optioneel) aan
voor handenvrij dicteren en transcriberen. Handenvrij
opnemen en transcriberen, blz. 80.
f Voedingsaansluiting
Sluit een optionele voeding aan
71
NL
3 Aan de slag
Let op
Lees alle veiligheidsinstructies voordat u uw recorder
aansluit en installeert. Veiligheidsinstructies, blz. 65.
Docking station aansluiten
1
Sluit de USB-connector aan op een USB-poort op uw
computer.
2
Steek de micro-USB-stekker in de USB-poort aan de achter-
zijde van het docking station.
Recorder installeren
Opmerking
Voorafgaand aan het eerste gebruik moet de batterij 3 uur
worden opgeladen.
De batterij is van tevoren in de recorder geïnstalleerd. Trek vóór
het opladen de batterijtape van de batterijklep.
Geheugenkaart plaatsen en verwijderen
Het apparaat werkt met een SD-/SDHC-geheugenkaart en
ondersteunt kaarten met een opslagcapaciteit tot 32 GB. Bij het
verpakken van uw recorder is er een geformatteerde geheugen-
kaart in geplaatst.
Plaatsen en verwijderen van een geheugenkaart:
1
Zoek de geheugenkaartsleuf bovenop de recorder op.
2
Plaats een geheugenkaart met de goudkleurige contacten
naar beneden gericht (richting de voorkant van het apparaat).
3
Duw de geheugenkaart in de geheugenkaartsleuf tot het
vergrendelingsmechanisme in werking treedt.
4
Om de kaart te verwijderen, drukt u licht op de geheugen-
kaart tot het klikmechanisme wordt ontgrendeld en de kaart
naar buiten komt.
Nederlands
72 NL
Opmerkingen
Haal de geheugenkaart niet uit het apparaat terwijl ubezig
bent met opnemen. Als u dit doet, kunt u gegevens
beschadigen of kwijtraken.
Philips maakt gebruik van goedgekeurde industriële normen
voor geheugenkaarten, maar sommige merken zijn mogelijk
niet geheel compatibel met uw apparaat. Het gebruik
van een incompatibele geheugenkaart kan schade aan uw
apparaat of de geheugenkaart toebrengen en de gegevens
op de kaart beschadigen.
Wanneer u een nieuwe, ongeformatteerde geheugenkaart
plaatst, of een geheugenkaart die door een ander apparaat
is geformatteerd, zal de recorder de opdracht weergeven
om de geheugenkaart te formatteren.
Door het formatteren van een geheugenkaart worden alle
gegevens op de kaart gewist. Voordat u de geheugenkaart
formatteert, dient u reservekopieën te maken van
alle belangrijke gegevens die op de kaart staan. De
fabrieksgarantie biedt geen dekking voor gegevensverlies
veroorzaakt door handelingen van de gebruiker.
Het formatteren van de geheugenkaart op een computer
kan leiden tot incompatibiliteit met uw apparaat. Formatteer
de geheugenkaart daarom alleen in het apparaat.
Opnemen en formatteren is niet mogelijk als de
geheugenkaart in de alleen-lezenmodus (vergrendelde
modus) staat.
Batterij opladen
Opladen met het docking station
1
Plaats de recorder in het docking station.
X De recorder begint met opladen.
Opmerkingen
Voorafgaand aan het eerste gebruik moet de batterij 3 uur
worden opgeladen.
De computer moet worden aangezet terwijl de batterij
wordt opgeladen.
Het apparaat kan warm worden terwijl de batterij wordt
opgeladen.
De maximale batterijcapaciteit wordt pas na meerdere
oplaad-/ontlaadcycli bereikt.
2
Uw recorder is nu klaar voor gebruik.
Opladen met de USB-kabel
1
Sluit de USB-connector aan op een USB-poort op uw computer.
2
Steek de micro-USB-stekker in de USB-poort op de recorder.
Apparaat in- en uitschakelen
Het apparaat wordt in- en uitgeschakeld door de ON/
OFF-schakelaar te verschuiven. Wanneer u het apparaat voor
de eerste keer gebruikt, zal het u vragen de taal, datum en tijd in
te stellen.
Opmerking
De recorder wordt automatisch uitgeschakeld als er
gedurende een vooraf ingestelde periode geen toets wordt
ingedrukt (Energiebesparingsmodus, blz. 73).
73
NL
Eerste installatie
De eerste installatie start wanneer u het apparaat voor het
eerst gebruikt of als de stroomtoevoer langdurig onderbroken is
geweest. De ingevoerde datum en tijd worden bij elke opname
bewaard als de opnametijd.
Taal instellen
Wanneer u de recorder voor het eerst gebruikt, wordt u
gevraagd de taal in te stellen.
1
Druk op + / – om uw taal te selecteren.
2
Druk op F2 (OK) om te bevestigen.
Datum en tijd instellen
Na het selecteren van de taal krijgt u het verzoek om de huidige
datum en tijd in te stellen.
1
Druk op + / – om de waarde voor het jaar, de maand of de
dag te veranderen.
2
Druk op F3 (Next) (volgende) om naar het volgende veld
te gaan.
3
Na het instellen van de dag drukt u op F3 (Next) (volgen-
de) om verder te gaan met het instellen van de juiste tijd.
4
Druk op + / – om een 12-uurs- of 24-uursklok te selecteren,
de waarde van de uren en minuten en AM/PM in te stellen
(als u een 12-uursklok hebt geselecteerd).
5
Druk op F2 (OK) om de datum en tijd te bevestigen.
X De recorder is nu klaar voor gebruik.
Tip
U kunt de taal, datum en tijd op elk moment aanpassen met
behulp van het instellingenmenu (Instellingen, blz. 84).
Energiebesparingsmodus
De recorder schakelt na 5 minuten inactiviteit standaard over
naar de energiebesparingsmodus. Til de recorder op of druk
opeen willekeurige knop om de recorder te activeren.
Tip
U kunt de periode voordat de recorder overschakelt
naar de energiebesparingsmodus naar wens aanpassen.
Energiebesparing (Power save), blz. 87.
Nederlands
74 NL
4 Uw recorder gebruiken
Opmerking
U kunt de instellingen en het gedrag van uw apparaat naar
wens aanpassen (Instellingen, blz. 84.)
De beschrijvingen in dit hoofdstuk zijn gebaseerd op de
standaardinstellingen.
Opnemen
Opname-instellingen
Stel het benodigde opnameprofiel in voordat u een opnameses-
sie start.
Het opnameprofiel stelt de opnameparameters van
tevoren in, zoals de opnamekwaliteit en het bestandsformaat,
de gevoeligheid van de microfoon en de microfoonmodus,
zodatdeze aansluiten bij de opnameomstandigheden
. Profiel
(Profile), blz. 85.
Wanneer opnemen met stemactivering is ingeschakeld, start
het opnemen zodra u begint te spreken. Wanneer u stopt met
spreken, zal de recorder na drie seconden stilte automatisch pau-
zeren en pas weer starten zodra u opnieuw begint te spreken.
Opnemen met stemactivering, blz. 78.
De recorder kan worden gebruikt voor handenvrij opnemen
door de optionele Philips-voetschakelaar aan te sluiten op het
docking station. Handenvrij opnemen, blz. 80.
Let op
Haal de batterij niet uit het apparaat terwijl het bezig is
met opnemen. Als u dit doet, kunt u gegevens beschadigen
of kwijtraken. Het kan ook tot storingen van het apparaat
leiden.
Een nieuwe opname maken
1
Druk op F3 (New) (nieuw) om een nieuwe opname te
maken.
2
Om te beginnen met opnemen laat u de microfoon in de
richting van de geluidsbron wijzen, drukt u op de REC
STANDBY-knop om naar de opname-standbymodus te
gaan en beweegt u de schuifschakelaar naar de G REC-stand.
X Tijdens het opnemen licht de led rood op in de over-
schrijf- of toevoegmodus en groen in de invoegmodus.
3
Om te stoppen met opnemen beweegt u de schuifschakelaar
naar de H PAUSE-stand en drukt u op de REC STAND-
BY-knop.
Opmerkingen
Druk tijdens het opnemen of afspelen op F1 (Index) om
een indexmarkering in te voegen (Indexmarkeringen,
blz. 78).
Druk tijdens het opnemen op F3 (Instr) en houd
deze toets ingedrukt om een instructie op te nemen
(Instructies, blz. 79).
Als de opnametijd de beschikbare capaciteit overschrijdt,
stopt het opnemen en wordt er een bericht weergegeven.
U kunt dan niets meer opnemen. Verwijder de opnames
die u niet meer nodig hebt, vervang de geheugenkaart
of sluit het apparaat aan op een computer en breng de
bestanden over naar uw computer.
75
NL
Opname toevoegen of overschrijven
U kunt een bestaande opname bewerken door een deel ervan
te overschrijven of door een extra opname in te voegen.
1
Terwijl de recorder in de stopmodus staat, drukt u op
F2(Menu) en selecteert u Record (opnemen) >
Editmode (bewerkingsmodus).
2
Stel de gewenste bewerkingsmodus in (Bewerkingsmodus
(Edit mode), blz. 86).Append mode (toevoegmo-
dus): voeg een extra opname toe na de opname die in een
bestand aanwezig is.
X Wanneer u in de toevoegmodus bent, wordt het
-symbool getoond in de informatiebalk bovenaan het
scherm. Tijdens het opnemen licht de led rood op.
Insert mode (invoegmodus): voeg een extra opname
in een bestand in zonder de bestaande opname te
overschrijven.
X Wanneer u in de toevoegmodus bent, wordt het
-symbool getoond in de informatiebalk bovenaan het
scherm. Tijdens het opnemen licht de led groen op.
Overwrite mode (overschrijfmodus): overschrijf
een eerdere opname vanaf een door u gekozen plek in
het bestand.
X Wanneer u in de overschrijfmodus bent, wordt er geen
symbool getoond in de informatiebalk bovenaan het
scherm. Tijdens het opnemen licht de led rood op.
3
Druk op + / – om het bestand te selecteren waarin u een
opname wilt invoegen.
4
Wanneer u de invoeg- of overschrijfmodus gebruikt, gaat u
door afspelen, vooruit- of terugspoelen naar de plaats waar u
de opname wilt invoegen.
5
Om te beginnen met opnemen laat u de microfoon in de
richting van de geluidsbron wijzen, drukt u op de REC
STANDBY-knop om naar de opname-standbymodus te
gaan en beweegt u de schuifschakelaar naar de G REC-stand.
X Tijdens het opnemen licht de led rood op in de over-
schrijf- of toevoegmodus en groen in de invoegmodus.
6
Om te stoppen met opnemen beweegt u de schuifschakelaar
naar de H PAUSE-stand en drukt u op de REC STAND-
BY-knop.
Opmerking
Tijdens het bewerken wordt de opnamekwaliteit van de
oorspronkelijke opname gebruikt.
De invoegmodus is niet toegankelijk wanneer het
opnameformaat MP3 of PCM is.
Nederlands
76 NL
Afspelen
Een bestand selecteren
1
Druk op + terwijl het apparaat in de stopmodus staat.
X De positie-indicator springt naar het einde van een
bestand.
X De positie-indicator springt naar het begin van het volgen-
de bestand.
2
Druk op terwijl het apparaat in de stopmodus staat.
X De positie-indicator springt naar het begin van een
bestand.
X De positie-indicator springt naar het einde van het vorige
bestand.
Opmerking
Als het bestand indexmarkeringen of opgenomen
instructies bevat, drukt u op + / – om naar de vorige of
volgende indexmarkering of instructie te springen.
X Het indexnummer wordt één seconde getoond.
Een opname afspelen
1
Terwijl het apparaat in de stopmodus staat, drukt u op + / –
om het af te spelen bestand te selecteren en om het begin
van de opname te vinden.
2
Beweeg de schuifschakelaar naar de C PLAY-stand om te
beginnen met afspelen.
3
Druk op + / – om het volume aan te passen.
4
Beweeg de schuifschakelaar naar de F STOP-stand om te
stoppen met afspelen.
X Het afspelen wordt gepauzeerd op het moment waarop
ubent gestopt. Het apparaat keert terug in de stopmodus.
Afspeelsnelheid wijzigen
1
Druk tijdens het afspelen herhaaldelijk op F3 (Speed)
(snelheid) om te schakelen tussen een snellere, langzamere
en normale afspeelsnelheid.
X De afspeelsnelheid neemt toe (+30 %) en het D-picto-
gram wordt weergegeven.
X De afspeelsnelheid neemt af (-25 %) en het cE-pictogram
wordt weergegeven.
X De opname wordt weer op de normale snelheid afge-
speeld en het C-pictogram wordt weergegeven.
Snel zoeken
U kunt op hoge snelheid vooruit- en terugspoelen in het huidige
bestand. Op deze manier kunt u een specifiek deel van de
opname terugvinden.
1
Beweeg de schuifschakelaar naar de B REW-stand tijdens
het afspelen of wanneer het apparaat is gestopt
X om op hoge snelheid terug te spoelen in het huidige
bestand.
2
Beweeg de schuifschakelaar naar de A FWD-stand tijdens
het afspelen of wanneer het apparaat is gestopt
X om op hoge snelheid vooruit te spoelen in het huidige
bestand.
Opmerking
Als het bestand indexmarkeringen of opgenomen
instructies bevat, stopt het apparaat tijdens het vooruit- of
terugspoelen 1 seconde bij de indexmarkering of instructie.
Tip
Tijdens het snelzoeken kunt u het afspeelgeluid in- of
uitschakelen. U kunt dan naar de opname luisteren terwijl u
vooruit- of terugspoelt. (Akoestische feedback (Acoustic
feedback), blz. 87).
77
NL
Verwijderen
U kunt afzonderlijke bestanden, een deel van een bestand of alle
bestanden tegelijk van het apparaat verwijderen.
Opmerkingen
Verwijderde bestanden kunnen niet worden hersteld.
Bestanden die gemarkeerd zijn als voltooid en vergrendeld (EOL
ofwel einde-brief) kunnen niet worden verwijderd. Ontgrendel
deze door op de EOL-knop (einde-brief) te drukken.
Controleer of de geheugenkaart niet is ingesteld op alleen-
lezen (vergrendeld).
Een bestand verwijderen
1
Terwijl de recorder in de stopmodus staat, drukt u op + / –
om het te verwijderen bestand te selecteren.
2
Druk op F2 (Menu) en selecteer File (bestand) > Delete
file (bestand verwijderen).
3
Druk op F2 (OK) om de verwijdering te bevestigen.
X Het bestand is verwijderd. Er worden automatisch weer
opeenvolgende bestandsnummers toegewezen.
Een deel van een bestand verwijderen
1
Terwijl de recorder in de stopmodus staat, drukt u op
F2(Menu) en selecteert u File (bestand) > Delete sec-
tion (deel verwijderen).
2
Met de functies afspelen, vooruitspoelen of terugspoelen
gaat u naar het begin van het deel dat u wilt verwijderen.
3
Terwijl de recorder in de stopmodus staat, drukt u op
F3(Mark) (markeren).
4
Met de functies afspelen, vooruitspoelen of terugspoelen
gaat u naar het einde van het deel dat u wilt verwijderen.
X Het te verwijderen deel is rood gemarkeerd.
5
Terwijl de recorder in de stopmodus staat, drukt u op
F2(Delete) (verwijderen) om de verwijdering van het
gemarkeerde deel te bevestigen.
Alle bestanden verwijderen
1
Terwijl de recorder in de stopmodus staat, drukt u op
F2(Menu) en selecteert u File (bestand) > Delete all
(alles verwijderen).
2
Druk op F2 (OK) om de verwijdering te bevestigen.
X Alle bestanden worden verwijderd.
Nederlands
78 NL
Indexmarkeringen
Indexmarkeringen kunnen worden gebruikt om bepaalde punten
in een opname te markeren als referentiepunt.
1
Druk tijdens het opnemen of afspelen op F1 (Index) om
een indexmarkering toe te voegen.
X Het indexnummer wordt één seconde getoond.
X Per bestand kunt u tot 32 indexmarkeringen plaatsen.
2
Om een indexmarkering terug te vinden, drukt u op + / –
terwijl de recorder in de stopmodus staat (Een bestand
selecteren, blz. 76).
3
Om een indexmarkering te verwijderen, gaat u door
afspelen, vooruit- of terugspoelen naar deze indexmarkering.
Terwijl de recorder in de stopmodus staat, drukt u op F2
(Menu) en selecteert u File (bestand) > Index clear
(index wissen).
5 Meer uit uw recorder
halen
Opnemen met stemactivering
Wanneer opnemen met stemactivering is ingeschakeld, start
het opnemen zodra u begint te spreken. Wanneer u stopt met
spreken, wordt het apparaat na drie seconden stilte automatisch
gepauzeerd. Het begint pas weer met opnemen wanneer u
opnieuw begint te spreken. Gebruik de stemactiveringsdrempel
om het volume in te stellen waarop het apparaat moet beginnen
met opnemen.
1
Activeer de opnamefunctie met stemactivering in het menu
Instellingen (Instellingen, blz. 84).
X Na activering wordt het -symbool weergegeven in
de informatiebalk bovenaan het scherm.
2
Om te beginnen met opnemen laat u de microfoon in de
richting van de geluidsbron wijzen, drukt u op de REC
STANDBY-knop en beweegt u de schuifschakelaar naar
deG REC-stand.
X Het apparaat schakelt over naar de standbymodus. De
opname start wanneer u begint te spreken (of wanneer
het geluidsniveau boven de stemactiveringsdrempel komt).
X Wanneer u stopt met spreken (of wanneer het geluidsni-
veau onder de stemactiveringsdrempel komt) pauzeert
het apparaat de opname automatisch na drie seconden
en knippert de led.
3
Druk tijdens het opnemen op + / – om de stemactiverings-
drempel te wijzigen.
4
Om te stoppen met opnemen beweegt u de schuifschakelaar
naar de H PAUSE-stand en drukt u op de REC STAND-
BY-knop.
79
NL
Trefwoorden toewijzen (auteursnaam
en werktype)
Aan elke opname kunt u één of meer trefwoorden toewijzen,
zoals de naam van de auteur of een werktype. Trefwoorden
worden gebruikt om opnames te herkennen en voor automati-
sche bestandsroutering in de Philips SpeechExec-software.
Opmerking
Trefwoorden moeten eerst worden ingesteld met de Philips
SpeechExec-software. Geavanceerde configuratie, blz. 82.
De trefwoordencategorie Author (auteur) met de
trefwoorden ‘DPM8200’ en ‘- - -’ (leeg) en de categorie
Work type (werktype) met de trefwoorden ‘Memo’,
‘Letter’ (brief), ‘Fax’ en ‘Report’ (rapport) zijn standaard
beschikbaar.
Auteursnaam toewijzen
1
Terwijl de recorder in de stopmodus staat, drukt u op
F2(Menu) en selecteert u File (bestand) > Author
(auteur).
X er wordt een lijst met auteursnamen getoond.
2
Druk op + / – om een auteursnaam te selecteren.
3
Druk op F2 (OK) om de geselecteerde auteursnaam toe te
wijzen aan de opname.
Werktype toewijzen
1
Terwijl de recorder in de stopmodus staat, drukt u op
F1(Work type) (werktype)
X er wordt een lijst met werktypes getoond.
2
Druk op + / – om een werktype te selecteren.
3
Druk op F2 (OK) om het geselecteerde werktype toe te
wijzen aan de opname.
Instructies
Gesproken instructies zijn opgenomen commentaar van de
auteur, bestemd voor de persoon die de opname transcribeert.
Meestal bevatten ze informatie die relevant is voor de opname,
maar niet uitgetypt hoeft te worden.
1
Druk tijdens het opnemen op F3 (Instr) en houd ingedrukt
om een instructie op te nemen.
X De instructie wordt weergegeven als een blauwe lijn op
de bestandspositiebalk.
2
Om een instructie terug te vinden, drukt u op + / – terwijl de
recorder in de stopmodus staat (Een bestand selecteren,
blz. 76).
3
Om een instructie te verwijderen, volgt u de stappen voor
het verwijderen van een deel van een opname (Een deel
van een bestand verwijderen, blz. 77).
Opmerking
Er kunnen alleen instructies worden opgenomen als het
opnameformaat DSS/DSS Pro is.
Nederlands
80 NL
Bestandsvergrendeling en prioriteit
Met de bestandsvergrendelingsfunctie kunt u voorkomen dat
belangrijke bestanden per ongeluk worden verwijderd en ze als
voltooid markeren. Met de prioriteitsinstelling kunnen urgente
opnames tijdens het transcriberen prioriteit krijgen.
1
Terwijl de recorder in de stopmodus staat, drukt u op de
EOL-knop om het bestand te vergrendelen en als voltooid
te markeren.
X Het -symbool wordt getoond.
X Er wordt een nieuwe, lege opname gemaakt.
2
Om de prioriteitsstatus aan de opname toe te kennen, drukt
u binnen een halve seconde opnieuw op de EOL-knop.
X Het -symbool wordt getoond.
3
Om veranderingen in het bestand aan te brengen, ontgren-
delt u het door op de EOL-knop te drukken.
Opmerkingen
De Philips SpeechExec-software kan zo worden
geconfigureerd dat alleen de als voltooid gemarkeerde
bestanden van het apparaat op de computer worden
gedownload.
Vergrendelde bestanden worden verwijderd wanneer de
geheugenkaart wordt geformatteerd of wanneer de 'alle
bestanden verwijderen'-functie wordt gebruikt.
Handenvrij opnemen en transcriberen
De recorder kan worden gebruikt voor handenvrij opnemen
door de optionele Philips-voetpedaal LFH2210 aan te sluiten op
het docking station. In deze bedieningsmodus kunt u de opname-
en afspeelfuncties met de voetpedaal bedienen.
Tip
Gebruik de automatische backspacefunctie om het
ingestelde aantal seconden in de opname terug te gaan
wanneer u het afspelen herstart.
Om de automatische backspacefunctie te activeren,
drukt u op F2 (Menu) op de recorder terwijl deze in
de stopmodus staat en selecteert u Device (apparaat) >
Auto backspace (Automatische backspace)
Handenvrij opnemen
F
B
G
C
H
1
Zorg dat het docking station NIET via USB is aangesloten op
een computer.
2
Om de functie voor handenvrij opnemen te activeren, drukt u
op F2 (Menu) op de recorder terwijl deze in de stopmodus
staat en selecteert u Device (apparaat) > Hands-free
mode (handenvrije modus) > Dictate (dicteren).
3
Sluit het optionele Philips-voetpedaal aan op de voetpedaal-
poort aan de achterkant van het docking station en plaats
de recorder in het docking station.
X Het -symbool wordt weergegeven in de informatie-
balk bovenaan het scherm.
81
NL
4
Druk het middelste pedaal in om naar de opname-standby-
modus te gaan. Druk het rechterpedaal in om te beginnen
met opnemen. Wat u moet doen om het opnemen te
starten en stoppen, is afhankelijk van de instelling van de
schakelaar aan de onderkant van de voetpedaal:
N (neutrale) stand: Druk het rechterpedaal in en houd het
ingedrukt om te beginnen met opnemen. Voor een korte
pauze laat u het rechterpedaal los.
T (Toggle- ofwel schakel-)stand: Druk het rechterpedaal
in en laat het los om te beginnen met opnemen. Voor een
korte pauze drukt u het rechterpedaal opnieuw in. Om
verder te gaan met opnemen, drukt u opnieuw op het
rechterpedaal.
5
Om te stoppen met opnemen, drukt u op het linkerpe-
daal van de voetpedaal. Om verder te gaan met opnemen
herhaalt u stap 4.
6
Voor snel terugspoelen drukt u op het linkerpedaal van de
voetpedaal en houdt u het ingedrukt. Wanneer u op de
gewenste plaats bent aangekomen, laat u het pedaal los.
7
Wanneer u klaar bent met opnemen, drukt u op het rech-
terpedaal om uw opname af te spelen. De wijze van starten
en stoppen met afspelen is afhankelijk van de stand van de
schakelaar aan de onderkant van de voetpedaal:
N (Neutrale) stand: Voor afspelen drukt u op het
rechterpedaal en houdt u het ingedrukt. Wanneer u het
pedaal loslaat, stopt het afspelen.
T (Toggle- ofwel schakel-)stand: Om ononderbroken af
tespelen, drukt u op het rechterpedaal en laat u het weer
los. Druk opnieuw op het rechterpedaal om te stoppen
met afspelen.
8
Dubbelklik tijdens het opnemen op het linkerpedaal van de
voetpedaal om de huidige opname te voltooien/vergrendelen
(EOL) en een nieuw bestand aan te maken.
Handenvrij transcriberen
B C
A
1
Zorg dat het docking station NIET via USB is aangesloten op
een computer.
2
Om de functie voor handenvrij transcriberen te activeren,
drukt u op F2 (Menu) op de recorder terwijl deze in
de stopmodus staat en selecteert u Device (apparaat) >
Hands-free mode (handenvrije modus) > Transcribe
(transcriberen).
3
Sluit het optionele Philips-voetpedaal aan op de voetpedaal-
poort aan de achterkant van het docking station en plaats
de recorder in het docking station.
X Het -symbool wordt weergegeven in de informatie-
balk bovenaan het scherm.
4
Voor snel terugspoelen drukt u op het linkerpedaal en houdt
u het ingedrukt. Wanneer u op de gewenste plaats bent
aangekomen, laat u het pedaal los.
5
Om snel vooruit te spoelen, drukt u op het middelste pedaal
en houdt u het ingedrukt. Wanneer u op de gewenste plaats
bent aangekomen, laat u het pedaal los.
6
Druk op het rechterpedaal om te beginnen met afspelen.
De wijze van starten en stoppen met afspelen is afhankelijk
van de stand van de schakelaar aan de onderkant van de
voetpedaal:
N (Neutrale) stand: Voor afspelen drukt u op het
rechterpedaal en houdt u het ingedrukt. Wanneer u het
pedaal loslaat, stopt het afspelen.
T (Toggle- ofwel schakel-)stand: Om ononderbroken af
tespelen, drukt u op het rechterpedaal en laat u het weer
los. Druk opnieuw op het rechterpedaal om te stoppen
met afspelen.
Nederlands
82 NL
Opmerking
Als het docking station wordt aangesloten op een
computer, kunt u wisselen tussen de USB-modus en de
handenvrije modus. In de USB-modus wordt de recorder
weergegeven als een extern station op de aangesloten
computer.
De functie is alleen beschikbaar wanneer de schakelaar aan
de onderkant van het voetpedaal in de N-stand staat, de
recorder in de stopmodus staat en aan het einde van de
huidige opname is.
Om te schakelen tussen de USB-modus en de handenvrije
modus, dubbelklikt u op het rechterpedaal en houdt u het
ongeveer 1 seconde ingedrukt.
Philips SpeechExec-software gebruiken
De Philips SpeechExec-software (alleen Windows-versie) kan wor-
den gebruikt voor het geavanceerd configureren van de recorder,
automatisch downloaden, converteren en routeren van bestanden.
Opmerking
Voor gedetailleerde informatie over de SpeechExec-software
verwijzen we u naar de 'help'-informatie van SpeechExec.
Geavanceerde configuratie
De Philips SpeechExec-software bevat een wizard die gebruikers
langs de configuraties en instellingen van het apparaat leidt. De
wizard helpt bij het configureren van het tijdsformaat, de geluids-
feedback, opnemen met stemactivering, uiterlijk van de display,
profielen opnemen, trefwoorden, en bestanden downloaden op
de computer.
1
Sluit de recorder aan op uw computer met de USB-kabel of
het docking station.
2
Start de Philips SpeechExec Pro-software en klik op Instel-
lingen > Algemene instellingen op de menubalk en
selecteer DPM-configuratie > DPM-wizard uit de lijst
op het linkerpaneel.
3
Klik op de Wizard starten…-knop om de wizard te
openen en volg de instructies op het scherm om de recorder
naar wens in te stellen.
4
Klik op de Voltooien-knop om de wizard te sluiten en de
overdracht van de nieuwe instellingen naar de recorder te
bevestigen.
83
NL
Opmerking
Wanneer de recorder voor het eerst wordt aangesloten
op de computer, zal Windows de nieuwe hardware
detecteren en automatisch de benodigde drivers
installeren. Wanneer de installatie is voltooid, kan Windows
u verzoeken de computer te herstarten.
Opnames downloaden op de computer
Met de USB-massaopslagondersteuning wordt de recorder auto-
matisch weergegeven als extern station wanneer u deze aansluit
op de computer. U kunt het eenvoudig met elk programma
openen, net als een gewoon station.
U kunt de Philips SpeechExec-software gebruiken voor automa-
tisch downloaden, converteren en routeren van bestanden.
1
Maak een opname met de recorder.
2
Start de Philips SpeechExec Pro-software.
3
Sluit de recorder aan op uw computer met de USB-kabel of
het docking station.
4
De opnames op de recorder worden standaard automatisch
op de computer gedownload en verplaatst naar de map
Voltooide dictaten van de werklijst.
Opmerking
Hoe de bestanden worden gedownload en welke
bestanden worden gedownload nadat u de recorder op
een computer hebt aangesloten, kunt u instellen in het
menu Instellingen van de Philips SpeechExec-software of
met de configuratiewizard.
Nederlands
84 NL
6 Instellingen
Het menu gebruiken
1
Druk op F2 (Menu) terwijl de recorder in de stopmodus
staat om het menu te openen.
2
Druk op + / – om het volgende of vorige menuonderdeel te
selecteren.
3
Druk op F3 (Enter) (binnengaan) om een submenu binnen
te gaan. Druk op F1 (Back) (terug) om het menu te
verlaten.
4
Druk op + / – om een functie te selecteren.
5
Druk op F2 (OK) om een keuze te bevestigen of
F1(Back) (terug) om een submenu te verlaten zonder
eeninstelling te veranderen.
Opmerking
Sommige instellingen, zoals het instellen van trefwoorden,
bestandsversleuteling en apparaatvergrendeling, zijn
alleen toegankelijk via de Philips SpeechExec-software.
Geavanceerde configuratie, blz. 82.
Menuoverzicht
File (bestand)
Delete file (bestand verwijderen)
Delete section (deel verwijderen)
Priority high / normal (prioriteit hoog/normaal)
Lock / EOL (vergrendeling/einde-brief)
Index set / clear (index toevoegen/wissen)
Author (auteur)
Work type (werktype)
Delete all (alles verwijderen)
File information (bestandsinformatie)
Record (opnemen)
Profile (profiel)
Line-in (lijningang)
Record notification beep (pieptoon start opname)
Edit mode (bewerkingsmodus)
Encryption (versleuteling)
Voice activation (stemactivering)
Display (scherm)
Brightness (helderheid)
Backlight (achtergrondverlichting)
Appearance (uiterlijk)
Record lamp (opnamelampje)
Language
Device (apparaat)
Beep (piep)
Acoustic feedback (akoestische feedback)
Power save (energiebesparing)
Date & time (datum & tijd)
Slide switch (schuifschakelaar)
Auto backspace (automatische backspace)
Device information (apparaatinformatie)
Format card (kaart formatteren)
USB charge (USB-opladen)
USB audio
Hands-free mode (handenvrije modus)
Diagnosis file (diagnosebestand)
Reset settings (instellingen resetten)
Noise reduction (ruisvermindering)
85
NL
Bestandsmenu (File)
Bestand verwijderen (Delete file)
Individuele bestanden van het apparaat verwijderen. Een
bestand verwijderen, blz. 77.
Deel verwijderen (Delete section)
Een deel van een bestand verwijderen. Een deel van een
bestand verwijderen, blz. 77.
Prioriteit hoog/normaal (Priority high/normal)
Met de prioriteitsinstelling kunnen urgente opnames tijdens het
transcriberen prioriteit krijgen. U kunt High (hoog, het -sym-
bool wordt weergegeven) of Normal (normaal) selecteren.
De standaardwaarde is Normal. Bestandsvergrendeling en
prioriteit, blz. 80.
Vergrendeling/einde-brief (Lock/EOL)
Met de bestandsvergrendelingsfunctie kunt u voorkomen dat
belangrijke bestanden per ongeluk worden verwijderd en ze
als voltooid markeren. Bestandsvergrendeling en prioriteit,
blz. 80.
Index toevoegen/wissen (Index set/clear)
Indexmarkeringen kunnen worden gebruikt om bepaalde
punten in een opname te markeren als referentiepunt.
Indexmarkeringen, blz. 78.
Auteur, werktype (Author, work type)
Aan elke opname kunt u één of meer trefwoorden toewijzen,
zoals de naam van de auteur of een werktype. Trefwoorden
worden gebruikt om opnames te herkennen en voor automa-
tische bestandsroutering in de Philips SpeechExec-software.
Trefwoorden toewijzen (auteursnaam en werktype), blz. 79.
Alles verwijderen (Delete all)
Alle bestanden tegelijk van het apparaat verwijderen. Alle
bestanden verwijderen, blz. 77.
Bestandsinformatie (File information)
Weergeven van informatie over het huidige bestand, zoals het
bestandsnummer, de bestandsnaam, de toegewezen trefwoor-
den, de streepjescode-informatie en de opnamedatum en -tijd.
Opnamemenu (Record)
Profiel (Profile)
Het opnameprofiel stelt de opnameparameters van tevoren in,
zoals de opnamekwaliteit en het bestandsformaat, de gevoelig-
heid van de microfoon en de microfoonmodus,
zodat deze aan-
sluiten bij de opnameomstandigheden
. Het profielsymbool wordt
weergegeven in de informatiebalk bovenaan het scherm.
Personal (persoonlijk): alle instellingen naar wens
aanpassen.
» Recording quality (opnamekwaliteit): het
bestandsformaat en de kwaliteit van de opname
(bitsnelheid) instellen. Naarmate de opnamekwaliteit
hoger is, is het bestand groter en kunt u minder
opnames maken.
DSS SP: .dss, mono, 13,7 kbit/s
DSS QP: .ds2, mono, 28 kbit/s
MP3 Stereo: .mp3, stereo, 192 kbit/s
PCM Voice: .wav, mono, 353 kbit/s
PCM Stereo: .wav, stereo, 705 kbit/s
» Microphone sensitivity (microfoongevoeligheid):
u kunt de opnamegevoeligheid aanpassen om te
voorkomen dat u achtergrondgeluiden opneemt en om
de recorder af te stemmen op de opnameomgeving.
Meeting (vergadering): hoge gevoeligheid
Dictate (dicteren): gemiddelde gevoeligheid
Private (privé): lage gevoeligheid
» Microfoonmodus: de microfoonmodus kan worden
bestuurd door de geïntegreerde bewegingssensor. De
Nederlands
86 NL
bewegingssensor 'voelt' wanneer het apparaat op het
bureau wordt gelegd of in de hand wordt gehouden en
past de microfoonmodus daaraan aan.
Directional (richtingsgevoelig): focus op de
rechtermicrofoon, wegfilteren van geluiden van opzij.
360 degrees (360 graden): neemt alle geluiden
rondom op.
Meeting (vergadering): geoptimaliseerd voor het
opnemen van meerdere geluidsbronnen, bijvoorbeeld tijdens
vergaderingen en conferenties met een klein aantal mensen
(Opnamekwaliteit: MP3 Stereo, Microfoongevoeligheid:
Vergadering (hoog), Modus microfoon in de hand: 360 graden,
Modus microfoon op het bureau: 360 graden).
Dictate (dicteren): instelling geoptimaliseerd voor het
opnemen van een geluidsbron vlakbij het apparaat (Opna-
mekwaliteit: DSS QP, Microfoongevoeligheid: Dicteren (medi-
um), Modus microfoon in de hand: Richtingsgevoelig, Modus
microfoon op het bureau: 360 graden).
Speech recognition (spraakherkenning): geoptimaliseerd
voor latere bewerking met behulp van spraakherkenningssoft-
ware (Opnamekwaliteit: DSS QP, Microfoongevoeligheid: Privé
(laag), Modus microfoon in de hand: Richtingsgevoelig, Modus
microfoon op het bureau: 360 graden).
Opmerking
Alle opnameprofielen kunnen worden aangepast met
de Philips SpeechExec-software. Geavanceerde
configuratie, blz. 82.
Lijningang (Line-in)
Als u een externe microfoon op het apparaat aansluit, wordt
de opnamebron automatisch omgeschakeld en worden de
microfoons van het apparaat uitgezet. Stel de lijningang-optie
afhankelijk van de externe bron in:
O (uit): sluit een externe mono- of stereomicrofoon aan
On (aan): sluit een versterkte opnamebron (bijv. een stereo-
systeem) aan
Pieptoon start opname (Record notification beep)
Activeer/deactiveer een pieptoon die aangeeft dat de opname
op het punt staat te beginnen.
Bewerkingsmodus (Edit mode)
U kunt een bestaande opname bewerken door een deel ervan
te overschrijven of door een extra opname in te voegen. Op-
name toevoegen of overschrijven, blz. 75.
Versleuteling (Encryption)
Opnames kunnen in realtime worden versleuteld met behulp van
de Advanced Encryption Standard (AES of Rijndael-algoritme)
met een sleutellengte van 256 bits. AES biedt een zeer hoge
mate van beveiliging en is goedgekeurd in de VS voor de meest
vertrouwelijke overheidsinformatie.
Opmerking
De versleuteling moet worden ingesteld met de Philips
SpeechExec-software. Geavanceerde configuratie, blz. 82.
Versleutelen wordt alleen ondersteund voor bestanden in
DSS Pro-formaat.
Wanneer versleutelen is geactiveerd, wordt het -symbool
weergegeven in de informatiebalk bovenaan het scherm.
Versleutelde bestanden kunnen alleen met de Philips
SpeechExec-software worden afgespeeld.
Aan het apparaat zelf kan een pincode worden toegewezen om
het te beschermen tegen het onbevoegd gebruiken en afspelen
van bestanden.
Stemactivering (Voice Activation)
Wanneer opnemen met stemactivering is ingeschakeld, start het
opnemen zodra u begint te spreken. Wanneer u stopt met spre-
ken, wordt het apparaat na drie seconden stilte automatisch ge-
pauzeerd. Het begint pas weer met opnemen wanneer uopnieuw
begint te spreken. Opnemen met stemactivering, blz. 78.
87
NL
Schermmenu (Display)
Helderheid (Brightness)
Helderheid van de display aanpassen. Het helderheidsniveau van
de display heeft invloed op de snelheid waarmee het apparaat
het batterijvermogen verbruikt.
Achtergrondverlichting (Backlight)
Instellen van de wachtperiode voordat het apparaat de achter-
grondverlichting uitschakelt:
Auto: de helderheid van de display wordt automatisch aan-
gepast en de achtergrondverlichting van de display wordt na 8
seconden uitgeschakeld.
8 sec. (standaard)
20 sec.
On
Uiterlijk (Appearance)
Een displaymodus selecteren: Advanced (geavanceerd, stan-
daard), Classic (klassiek). Startscherm, blz. 69.
Opnamelampje (Record lamp)
Activeren/deactiveren van het ledlicht.
Language
Instellen van de taal voor de gebruikersinterface van het appa-
raat: English, Deutsch, FranÇais, Español, Italiano. Taal
instellen, blz. 73
Apparaatmenu (Device)
Piep (Beep)
Inschakelen/uitschakelen toets- en signaaltonen.
Akoestische feedback (Acoustic feedback)
Hiermee kunt u naar de opname luisteren terwijl u bezig bent
met vooruit-of terugspoelen. Snel zoeken, blz. 76.
Energiebesparing (Power save)
Instellen van de periode waarna de recorder overschakelt in de
energiebesparingsmodus: 1 min, 5 min (standaard), 10 min,
15 min, Uit. Energiebesparingsmodus, blz. 73.
Datum & tijd (Date & time)
De ingevoerde datum en tijd worden bij elke opname bewaard
als de opnametijd. Datum en tijd instellen, blz. 73
Schuifschakelaar (Slide switch)
U kunt de functionaliteit van de schuifschakelaar naar wens
instellen. De schuifschakelaar is standaard ingesteld op Philips.
Stand Internationaal Philips Philips
klassiek*
Duits
1
cG A A A
2
cF
C/G C/G F/H
3
C
F/H F/H C/G
4
B B B B
* De functionaliteit kan worden aangepast met de Einde-brief- en
REC STANDBY-knoppen.
Nederlands
88 NL
Automatische backspace (Auto backspace)
Beweeg de schuifschakelaar kort naar de B REW-stand om het
ingestelde aantal seconden terug te gaan in de opname: O (uit,
standaard), 1 sec, 2 sec, 3 sec, 4 sec.
Apparaatinformatie (Device information)
Tonen van informatie over het apparaat, zoals het serienummer,
modelnummer en de firmwareversie. Apparaatinformatie
weergeven, blz. 89.
Kaart formatteren (Format card)
Verwijdert alle opnames en bestanden die op het apparaat zijn
opgeslagen. Geheugen formatteren, blz. 89.
USB-opladen (USB charge)
Veranderen van het oplaadgedrag van het apparaat. Als de USB-
poort op uw computer onvoldoende capaciteit levert (500 mA),
is het laden mogelijk niet succesvol. Stel de USB-oplaadoptie in
op Slow [100 mA] (langzaam) of O (uit) en gebruik een
(optionele) voeding.
Fast [500 mA] (snel, standaard)
Slow [100 mA] (langzaam)
O (uit)
USB audio
Als het apparaat On (aan) staat, kan het worden gebruikt als
audio-uitgangsapparaat voor de computer wanneer het is aange-
sloten via de USB-kabel.
Handenvrije modus
De recorder kan worden gebruikt voor handenvrij opnemen
door de optionele Philips-voetschakelaar LFH2210 aan te sluiten
op het docking station. In deze bedieningsmodus kunt u de
opname- en afspeelfuncties met de voetschakelaar bedienen.
Handenvrij opnemen en transcriberen, blz. 80.
Diagnosebestand
Bewaren van een diagnosebestand voor foutanalyse en een
bestand met alle bestandsconfiguratie-instellingen op de geheu-
genkaart.
Instellingen resetten
Resetten van de instellingen naar de standaard fabriekswaarden.
Ruisvermindering
Aanzetten van de ruisverminderingsfunctie voor een betere
afspeelkwaliteit. Ruisvermindering vermindert het achtergrond-
geluid en verbetert de hoorbaarheid van zachtere stemmen.
89
NL
7 Service
Voer geen onderhoudswerkzaamheden uit die niet in deze
gebruikershandleiding zijn beschreven. Haal het apparaat niet uit
elkaar om reparaties uit te voeren. Het apparaat mag uitsluitend
worden gerepareerd in erkende servicecentra.
Apparaatinformatie weergeven
1
In de stopmodus (startscherm) drukt u op F2 (Menu) en
selecteert u Device (apparaat) > Device information
(apparaatinformatie).
X Er wordt algemene informatie over het apparaat weer-
gegeven: serienummer, modelnummer en de firmware-
versie.
2
Druk op F1 (Back) (terug) om terug te keren naar de
stopmodus.
Geheugen formatteren
Let op
Door het geheugen te formatteren, worden alle opnames
en bestanden die op het apparaat staan gewist.
1
In de stopmodus (startscherm) drukt u op F2 (Menu) en
selecteert u Device (apparaat) > Format card (kaart
formatteren).
2
Druk op F3 (Enter) en druk vervolgens op F2 (OK) om
het formatteren te bevestigen.
Tip
Druk op F1 (Back) (terug) om het proces te annuleren.
Firmware bijwerken
Uw apparaat wordt bestuurd door een intern programma, 'firm-
ware' genaamd. Als onderdeel van het lopende productonderhoud
wordt de firmware geüpgraded en worden fouten gecorrigeerd.
Het is mogelijk dat er een nieuwe versie (een 'update') van de
firmware is uitgegeven sinds u het apparaat kocht. In dit geval kunt
u uw apparaat eenvoudig updaten naar de meest recente versie.
Let op
De batterij moet volledig opgeladen zijn om te voorkomen dat
de stroomtoevoer tijdens het updaten wordt onderbroken.
1
Sluit het apparaat aan op de computer met behulp van de
USB-kabel of het docking station.
2
Download de firmware-update voor uw model op uw com-
puter vanaf de website www.philips.com/dictation.
3
Kopieer het nieuwe firmwarebestand naar de rootdirectory
van het apparaat.
4
Ontkoppel het apparaat van de computer.
X De firmware wordt automatisch geüpdatet. Dit kan
enkele minuten duren.
Let op
Wacht tot het updaten van de firmware voltooid is voordat
u andere functies van het apparaat gebruikt. Het niet goed
updaten van de firmware kan tot storingen in de werking
van het apparaat leiden.
Tip
Firmware-updates kunnen automatisch worden uitgevoerd
via de Philips SpeechExec-software. Philips SpeechExec-
software gebruiken, blz. 82.
Nederlands
90 NL
Storingen verhelpen
Probleem Mogelijke oorzaak/oplossing
Het apparaat gaat niet aan De batterij is leeg.
X Batterij opladen.
Het apparaat is uitgeschakeld.
X Apparaat aanzetten. Apparaat in- en uitschakelen, blz. 72.
Het apparaat staat in de energiebesparingsmodus.
X Recorder optillen of op een willekeurige knop drukken om de recorder
teactiveren.
Het apparaat speelt mijn opnames niet af Er zijn geen opnames op het apparaat opgeslagen.
Het apparaat reageert niet Zet het apparaat uit en weer aan. Apparaat in- en uitschakelen, blz. 72.
Ik hoor niets uit de luidspreker De hoofdtelefoon is aangesloten op het apparaat.
X Hoofdtelefoon ontkoppelen.
Het volume staat op het laagste niveau.
X Volumeniveau aanpassen.
De opname start niet Er zit geen geheugenkaart in het apparaat.
X Geheugenkaart in het apparaat plaatsen. Geheugenkaart plaatsen en
verwijderen, blz. 71
De geheugenkaart is niet naar behoren geformatteerd.
X Geheugenkaart in het apparaat formatteren. Geheugen formatteren,
blz. 89
De geheugenruimte voor opnames is vol.
X Enkele bestanden verwijderen of naar een extern apparaat verplaatsen.
Het bestand is vergrendeld.
X Bestand ontgrendelen. Bestandsvergrendeling en prioriteit, blz. 80
De geheugenkaart is vergrendeld.
X Geheugenkaart ontgrendelen.
Ik hoor niets uit de hoofdtelefoon De hoofdtelefoon is niet goed aangesloten.
X Aansluiting van de hoofdtelefoon controleren.
Het volume staat op het laagste niveau.
91
NL
8 Technische gegevens
Connectiviteit
Hoofdtelefoon: 3,5mm
Microfoon: 3,5mm
USB: hoge snelheid USB 2.0
Dockconnector
Geheugenkaartsleuf
Scherm
Type: TFT-kleurenscherm
Diagonale schermgrootte: 6,1 cm
Resolutie: 320 × 240 pixels
Opslagmedia
Verwisselbare geheugenkaart
Typen geheugenkaarten: SD/SDHC (DPM8000, DPM8200),
micro SD/SDHC (DPM8500), tot 32 GB
Geschikt voor massaopslag (MSC)
Audio-opname
Opnameformaat: DSS/DSS Pro (Digital Speech Standard),
MP3, PCM
Ingebouwde microfoon: 1 richtingsgevoelige microfoon,
1microfoon voor 360 graden opnames
Opnamemodi: DSS QP (.ds2/mono), DSS SP (.dss/mono),
MP3 (.mp3/stereo), PCM Voice (.wav/mono), PCM Stereo
(.wav/stereo)
Bitsnelheid: 13,7 kbit/s (DSS SP), 28 kbit/s (DSS QP),
192kbit/s (MP3), 353 kbit/s (PCM Voice), 705 kbit/s
(PCMStereo)
Opnametijd (geheugenkaart van 4 GB): 700 uur (SP),
350uur(QP), 50 uur (MP3), 27 uur (PCM Voice), 13 uur
(PCM Stereo)
Samplingfrequentie: 44,1 kHz (MP3), 22,05 kHz (PCM),
16kHz (DSS QP), 12 kHz (DSS SP)
Geluid
Type luidspreker: ingebouwde, ronde dynamische luidspreker
Diameter van de luidspreker: 28 mm
Uitgangsvermogen van de luidspreker: 200 mW
Vermogen
Batterijtype: Oplaadbare lithium-ionbatterij, Philips ACC8100
Batterijduur: tot 30 uur opnemen (QP-modus), tot 200 uur
standby
Oplaadtijd (volledig opladen): 3 uur
Veiligheid
Bestandsversleuteling in realtime
Versleutelingsstandaard: Advanced Encryption Standard (AES
of Rijndael-algoritme) met een sleutellengte van 256 bits
Apparaatvergrendeling met pincode
Streepjescodescanner (DPM8500)
Compatibele streepjescodes: UPC-A, UPC-E, EAN-8, EAN-
13, Code 128, GS1-128, ISBT 128, Code 39, Interleaved 2 of
5, Inverse 1D, GS1 DataBar, Matrix 2 of 5
Scan engine: Gebaseerd op CCD, 1 lijn
Milieuspecificaties
Voldoet aan de eisen van 2011/65/EU (RoHS)
Loodvrij gesoldeerd product
Gebruiksvoorwaarden
Temperatuur: 5° – 45° C / 41° – 113° F
Luchtvochtigheid: 10 % – 90 %, niet-condenserend
Specificaties
Productafmetingen (b × d × h): 53 × 123 × 15 mm
Gewicht: 117 g inclusief batterij
Nederlands

Documenttranscriptie

1 Belangrijk 65 2 Uw digitale dicteerrecorder 67 3 Aan de slag 71 Veiligheidsinstructies  65 Oplaadbare batterij 65 Geheugenkaarten 65 Gehoorbescherming 66 Wettelijke beperkingen op opnemen 66 Recycling  66 Over deze gebruikershandleiding  66 Modelafhankelijke functies en afbeeldingen 66 Gebruikte symbolen 66 Product highlights  Inhoud van de verpakking  Overzicht van de recorder  Startscherm  Overzicht van het docking station  Docking station aansluiten  Recorder installeren  Geheugenkaart plaatsen en verwijderen  Batterij opladen  Opladen met het docking station Opladen met de USB-kabel Apparaat in- en uitschakelen  Eerste installatie  Taal instellen Datum en tijd instellen Energiebesparingsmodus  4 Uw recorder gebruiken 67 67 68 69 70 71 71 71 72 72 72 72 73 73 73 73 74 Opnemen  74 Opname-instellingen 74 Een nieuwe opname maken 74 Opname toevoegen of overschrijven 75 Afspelen  Een bestand selecteren Een opname afspelen Afspeelsnelheid wijzigen Snel zoeken Verwijderen  Een bestand verwijderen Een deel van een bestand verwijderen Alle bestanden verwijderen 76 76 76 76 76 77 77 77 77 5 Meer uit uw recorder halen 78 6 Instellingen 84 Opnemen met stemactivering  Indexmarkeringen  Trefwoorden toewijzen (auteursnaam en werktype)  Werktype toewijzen Instructies  Bestandsvergrendeling en prioriteit  Handenvrij opnemen en transcriberen  Handenvrij opnemen Handenvrij transcriberen Philips SpeechExec-software gebruiken  Geavanceerde configuratie Opnames downloaden op de computer Het menu gebruiken  Menuoverzicht  Bestandsmenu (File)  Bestand verwijderen (Delete file) Deel verwijderen (Delete section) Prioriteit hoog/normaal (Priority high/normal) Vergrendeling/einde-brief (Lock/EOL) Index toevoegen/wissen (Index set/clear) Auteur, werktype (Author, work type) Alles verwijderen (Delete all) Bestandsinformatie (File information) NL 78 78 79 79 79 80 80 80 81 82 82 83 84 84 85 85 85 85 85 85 85 85 85 63 Nederlands Inhoudsopgave Opnamemenu (Record)  85 Profiel (Profile) 85 Lijningang (Line-in) 86 Pieptoon start opname (Record notification beep) 86 Bewerkingsmodus (Edit mode) 86 Versleuteling (Encryption) 86 Stemactivering (Voice Activation) 86 Schermmenu (Display)  87 Helderheid (Brightness) 87 Achtergrondverlichting (Backlight) 87 Uiterlijk (Appearance) 87 Opnamelampje (Record lamp) 87 Language 87 Apparaatmenu (Device)  87 Piep (Beep) 87 Akoestische feedback (Acoustic feedback) 87 Energiebesparing (Power save) 87 Datum & tijd (Date & time) 87 Schuifschakelaar (Slide switch) 87 Automatische backspace (Auto backspace) 88 Apparaatinformatie (Device information) 88 Kaart formatteren (Format card) 88 USB-opladen (USB charge) 88 USB audio 88 Handenvrije modus 88 Diagnosebestand 88 Instellingen resetten 88 Ruisvermindering 88 7 Service 89 8 Technische gegevens 91 Apparaatinformatie weergeven  Geheugen formatteren  Firmware bijwerken  Storingen verhelpen  64 NL 89 89 89 90 Voer geen instellingen en wijzigingen uit die niet in deze gebruikershandleiding zijn beschreven. Voor een goede werking van het apparaat moet u alle veiligheidsinstructies in acht nemen. De fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schade voortvloeiend uit de niet-naleving van de veiligheidsinstructies. Veiligheidsinstructies • Bescherm het apparaat tegen regen en water om kortsluiting te vermijden. • Stel het apparaat niet bloot aan sterke hitte door het op een verwarmingstoestel of in rechtstreeks zonlicht te plaatsen. • Bescherm de kabels tegen beschadiging door beknelling, vooral aan de stekkers en op de plaatsen waar de kabels uit de behuizing komen. • Maak een reservekopie van uw gegevens en opnames. De fabrieksgarantie biedt geen dekking voor gegevensverlies veroorzaakt door handelingen van de gebruiker. • Voer geen onderhoudswerkzaamheden uit die niet in deze gebruikershandleiding zijn beschreven. Haal het apparaat niet uit elkaar om reparaties uit te voeren. Het apparaat mag uitsluitend worden gerepareerd in erkende servicecentra. Oplaadbare batterij Als de batterij verkeerd wordt behandeld, kan deze barsten, brand of zelfs chemische brandwonden veroorzaken. Houd u aan de volgende waarschuwingen. • Haal de batterij niet uit elkaar. • Verpletter de batterijen niet en stel ze niet bloot aan schokken of geweld, bijvoorbeeld door erop te slaan met een hamer, ze te laten vallen of erop te gaan staan. • Veroorzaak geen kortsluiting en laat geen metalen voorwerpen in contact komen met de batterijpolen. • Stel batterijen niet bloot aan temperaturen boven de 60°C (140°F). • • • • • • Verbrand batterijen niet en gooi ze niet in het vuur. Gebruik geen beschadigde of lekkende batterijen. Laad de batterij alleen in de recorder op. Houd de batterij buiten het bereik van kleine kinderen. Houd de batterij droog. In dit apparaat kunnen alleen de oplaadbare lithium-ionbatterijen ACC8100 van Philips (en geen andere) worden opgeladen. Deze mogen uitsluitend worden vervangen door dezelfde of vergelijkbare batterijen. • Haal de batterij uit het apparaat wanneer het lange tijd niet zal worden gebruikt. Het apparaat kan beschadigd raken door lekkende batterijen. • Haal de batterij niet uit het apparaat terwijl het bezig is met opnemen. Als u dit doet, kunt u gegevens beschadigen of kwijtraken. Het kan ook tot storingen van het apparaat leiden. • Batterijen bevatten stoffen die het milieu kunnen vervuilen. Gebruikte batterijen en oplaadbare batterijen moeten worden ingeleverd bij een officieel inzamelpunt. Geheugenkaarten • Het apparaat werkt met SD-/SDHC-geheugenkaarten en ondersteunt kaarten met een capaciteit tot 32 GB. • Philips maakt gebruik van goedgekeurde industriële normen voor geheugenkaarten, maar sommige merken zijn mogelijk niet geheel compatibel met uw apparaat. Het gebruik van een incompatibele geheugenkaart kan schade aan uw apparaat of de geheugenkaart toebrengen en de gegevens op de kaart beschadigen. • Door het formatteren van een geheugenkaart worden alle gegevens op de kaart gewist. Voordat u de geheugenkaart formatteert, dient u reservekopieën te maken van alle belangrijke gegevens die op de kaart staan. De fabrieksgarantie biedt geen dekking voor gegevensverlies veroorzaakt door handelingen van de gebruiker. • Het formatteren van de geheugenkaart op een computer kan leiden tot incompatibiliteit met uw apparaat. Formatteer de geheugenkaart daarom alleen in het apparaat. NL 65 Nederlands 1 Belangrijk Gehoorbescherming Bij gebruik van hoofdtelefoons moet u de volgende richtlijnen aanhouden: • Stel het volume niet te hoog in en luister niet te lang met een hoofdtelefoon. • Zorg er altijd voor dat u het volume niet hoger instelt dan wat uw gehoor verdraagt. • Stel het volume zo in dat u altijd nog kunt horen wat er om u heen gebeurt. • In potentieel gevaarlijke situaties moet u zeer voorzichtig zijn of het gebruik van de hoofdtelefoon tijdelijk onderbreken. • Zet geen hoofdtelefoon op als u met de auto, fiets, skateboard enz. onderweg bent. U kunt daardoor een gevaar vormen voor uzelf en andere weggebruikers en wettelijke voorschriften overtreden. Wettelijke beperkingen op opnemen • Het gebruik van de opnamefunctie van dit product is onderworpen aan mogelijke wettelijke bepalingen in uw land. Houd bij het opnemen van bijvoorbeeld gesprekken of lezingen rekening met de bescherming van persoonlijke gegevens en de persoonlijke rechten van derden. • In sommige landen bent u wettelijk verplicht uw gesprekspartner erover te informeren als u een telefoongesprek opneemt. Het opnemen van telefoongesprekken is in sommige landen wettelijk verboden. Stel u op de hoogte van de rechtssituatie in uw land voordat u telefoongesprekken opneemt. Recycling Wanneer u het symbool van een doorgekruiste afvalcontainer met wieltjes op een product ziet, betekent dit dat EU-richtlijn 2002/96/EG op het product van toepassing is. Informeer uzelf over het lokale systeem voor gescheiden inzameling van elektrische en elektronische apparatuur. Houd u aan de lokale regelgeving en gooi uw afgedankte producten niet bij het gewone huisafval. Het op de juiste manier afvoeren van uw oude product helpt potentiële negatieve gevolgen voor het milieu en de menselijke gezondheid te voorkomen. 66 NL Over deze gebruikershandleiding Op de volgende bladzijden vindt u beknopte informatie over uw apparaat. Gedetailleerde beschrijvingen vindt u in de volgende hoofdstukken van deze gebruikershandleiding. Lees deze gebruikershandleiding aandachtig door. Modelafhankelijke functies en afbeeldingen In deze gebruikershandleiding zijn meerdere modellen van de productserie beschreven. Houd er rekening mee dat sommige functies alleen op bepaalde modellen beschikbaar zijn. Gebruikte symbolen Tip • Met dit symbool worden tips aangeduid voor een effectiever en eenvoudiger gebruik van uw apparaat. Opmerking • Dit symbool duidt aanwijzingen aan die u bij het hanteren of gebruiken van het apparaat moet opvolgen. Let op • Dit symbool waarschuwt voor schade aan het apparaat en mogelijk gegevensverlies. Door verkeerd gebruik kan schade ontstaan. Waarschuwing • Dit symbool waarschuwt tegen gevaar voor personen. Door verkeerd gebruik kan lichamelijk letsel of schade ontstaan. 2 Uw digitale dicteerrecorder Inhoud van de verpakking Product highlights • 3D-microfoon voor de beste geluidskwaliteit en accurate spraakherkenningsresultaten • Ingebouwde bewegingssensor voor automatische microfoonselectie • Ergonomische schuifschakelaar voor efficiënte bediening met één hand • Robuuste behuizing van roestvrij staal voor extra duurzaamheid • Groot kleurendisplay en duidelijke gebruikersinterface voor een eenvoudige, intuïtieve bediening • Docking station voor snel opladen van de batterij en en handenvrij opnemen • Licht- en bewegingssensors voor een langere levensduur van de batterij • Beheerondersteuning op afstand voor tijdbesparing bij implementatie en onderhoud • Klassieke modus voor een duidelijke en gebruiksvriendelijke bediening Recorder Docking station Etui DVD met software (DPM8200) Nederlands Het doet ons genoegen dat u voor een Philips-apparaat hebt gekozen. U kunt op onze website terecht voor uitgebreide ondersteuning in de vorm van handleidingen, softwaredownloads, informatie over uw garantie en meer: www.philips.com/dictation. USB-kabel Batterij (vooraf geïnstalleerd) Register your product and get support at www.philips.com/dictation DPM8000 DPM8100 DPM8500 English Geheugenkaart (vooraf geïnstalleerd) 3 Italiano 87 Deutsch 31 Français 115 Nederlands 59 Español 143 Snelstartgids NL 67 Overzicht van de recorder a Ledlampje • Rood: apparaat neemt op in overschrijf- of toevoegmodus • Groen: apparaat neemt op in invoegmodus • Geel: gegevensoverdracht tussen het apparaat en de computer b Microfoons c Scherm d Functietoetsen F1, F2, F3 • Selecteer de functie die vlak boven de toets op het scherm wordt weergegeven e +/– • Door bestanden bladeren in stopmodus • Volume regelen tijdens het afspelen • Door het menu navigeren f REC STANDBY g Schuifschakelaar (A FWD, C PLAY/G REC, F STOP/H PAUSE, B REW) h AAN/UIT i Luidspreker j Batterijdeksel openen k Connector voor docking station l USB-connector • Micro-USB-aansluiting voor de computer m Geheugenkaartsleuf n Einde-brief/bestandsvergrendeling, prioriteit • Een bestand als voltooid markeren en beschermen tegen verwijdering • Prioriteitsinstelling voor urgente opnames tijdens de transcriptie o MIC • Aansluiting externe microfoons (stereo-jackplug, 3,5 mm) p EAR • Aansluiting voor hoofdtelefoon (stereo-jackplug, 3,5 mm) 68 NL Startscherm Opmerking a  Stemactivering staat aan • Wanneer opnemen met stemactivering is ingeschakeld, start het opnemen zodra u begint te spreken. Wanneer u stopt met spreken, zal de recorder na drie seconden stilte automatisch pauzeren en pas weer starten zodra u opnieuw begint te spreken.  Opnemen met stemactivering, blz. 78. b Opnamekwaliteit:  QP,  SP,  MP3,  PCM c Opnameprofiel:  Dicteren,  Vergadering,  Spraakherkenning,  Persoonlijk • Het opnameprofiel stelt de opnameparameters van tevoren in, zoals de opnamekwaliteit en het bestandsformaat, de gevoeligheid van de microfoon en de microfoonmodus.  Profiel (Profile), blz. 85. Weergave in de geavanceerde modus d Bewerkingsmodus:  Opname overschrijven,  Opname invoegen,  Opname toevoegen ( Opname toevoegen of overschrijven, blz. 75) e  Bestand is versleuteld ( Versleuteling (Encryption), blz. 86) f Er is een voetschakelaar aangesloten op het docking station • De recorder kan worden gebruikt voor handenvrij opnemen en transcriberen door de optionele Philipsvoetschakelaar aan te sluiten op het docking station.  Handenvrij opnemen en transcriberen, blz. 80. g Oplaadniveau van de batterij • De balken geven het oplaadniveau van de batterij aan. Als de recorder wordt opgeladen, blijven de balken scrollen tot het opladen voltooid is. Weergave in de klassieke modus h Het prioriteitsniveau van de opname is ingesteld op ‘hoog’ ( Bestandsvergrendeling en prioriteit, blz. 80) NL 69 Nederlands • De positie van de symbolen kan verschillen per model, modus en geselecteerde functies. i Einde-brief/bestandsvergrendeling • Het bestand wordt als voltooid gemarkeerd en beschermd tegen verwijdering.  Bestandsvergrendeling en prioriteit, blz. 80. Overzicht van het docking station j Microfoonmodus: Richtingsgevoelige modus, 360-gradenmodus • De microfoonmodus wordt vooraf ingesteld via het geselecteerde opnameprofiel, zodat deze aansluit bij de opnameomstandigheden. Profiel (Profile), blz. 85. • De microfoonmodus kan worden bestuurd door de geïntegreerde bewegingssensor. De bewegingssensor 'voelt' wanneer het apparaat op het bureau wordt gelegd of in de hand wordt gehouden en past de microfoonmodus daaraan aan. k Schuifschakelaarindicator l Indicator van de geluidssterkte voor opnemen met stemactivering ( Opnemen met stemactivering, blz. 78) m Huidige functie van de functietoets F1, F2, F3 n Indicator van de niveaumeter o Trefwoordgebied • Aan elke opname kunnen één of meerdere trefwoorden worden toegewezen, zoals de naam van de auteur. Trefwoorden kunnen gebruikt worden om opnames te identificeren en voor automatische bestandsroutering.  Trefwoorden toewijzen (auteursnaam en werktype), blz. 79. a Dockconnector p Indicator voor indexmarkeringen ( Indexmarkeringen, blz. 78) d USB-connector • Micro-USB-aansluiting voor de computer q Instructie-indicator ( Instructies, blz. 79) e Connector voor de voetschakelaar • Sluit het Philips voetpedaal LFH2210 (optioneel) aan voor handenvrij dicteren en transcriberen.  Handenvrij opnemen en transcriberen, blz. 80. r Positie-indicator van het huidige afspeel-/opnamebestand s Bestandslengte t Huidige opname-/afspeeltijd u Bestandsnaam v Huidig bestandsnummer/Totaal aantal bestanden 70 NL b Indicatielampje voor opladen c Indicatielampje voor downloaden f Voedingsaansluiting • Sluit een optionele voeding aan Let op • Lees alle veiligheidsinstructies voordat u uw recorder aansluit en installeert.  Veiligheidsinstructies, blz. 65. Docking station aansluiten Geheugenkaart plaatsen en verwijderen Het apparaat werkt met een SD-/SDHC-geheugenkaart en ondersteunt kaarten met een opslagcapaciteit tot 32 GB. Bij het verpakken van uw recorder is er een geformatteerde geheugenkaart in geplaatst. Plaatsen en verwijderen van een geheugenkaart: 1 2 Zoek de geheugenkaartsleuf bovenop de recorder op. Plaats een geheugenkaart met de goudkleurige contacten naar beneden gericht (richting de voorkant van het apparaat). 1 Sluit de USB-connector aan op een USB-poort op uw computer. 3 2 Steek de micro-USB-stekker in de USB-poort aan de achterzijde van het docking station. Duw de geheugenkaart in de geheugenkaartsleuf tot het vergrendelingsmechanisme in werking treedt. 4 Om de kaart te verwijderen, drukt u licht op de geheugenkaart tot het klikmechanisme wordt ontgrendeld en de kaart naar buiten komt. Recorder installeren Opmerking • Voorafgaand aan het eerste gebruik moet de batterij 3 uur worden opgeladen. De batterij is van tevoren in de recorder geïnstalleerd. Trek vóór het opladen de batterijtape van de batterijklep. NL 71 Nederlands 3 Aan de slag Opmerkingen • Haal de geheugenkaart niet uit het apparaat terwijl u bezig bent met opnemen. Als u dit doet, kunt u gegevens beschadigen of kwijtraken. • Philips maakt gebruik van goedgekeurde industriële normen voor geheugenkaarten, maar sommige merken zijn mogelijk niet geheel compatibel met uw apparaat. Het gebruik van een incompatibele geheugenkaart kan schade aan uw apparaat of de geheugenkaart toebrengen en de gegevens op de kaart beschadigen. • Wanneer u een nieuwe, ongeformatteerde geheugenkaart plaatst, of een geheugenkaart die door een ander apparaat is geformatteerd, zal de recorder de opdracht weergeven om de geheugenkaart te formatteren. • Door het formatteren van een geheugenkaart worden alle gegevens op de kaart gewist. Voordat u de geheugenkaart formatteert, dient u reservekopieën te maken van alle belangrijke gegevens die op de kaart staan. De fabrieksgarantie biedt geen dekking voor gegevensverlies veroorzaakt door handelingen van de gebruiker. • Het formatteren van de geheugenkaart op een computer kan leiden tot incompatibiliteit met uw apparaat. Formatteer de geheugenkaart daarom alleen in het apparaat. • Opnemen en formatteren is niet mogelijk als de geheugenkaart in de alleen-lezenmodus (vergrendelde modus) staat. Batterij opladen Opladen met het docking station 1 Plaats de recorder in het docking station. XXDe recorder begint met opladen.  Opmerkingen • Voorafgaand aan het eerste gebruik moet de batterij 3 uur worden opgeladen. • De computer moet worden aangezet terwijl de batterij wordt opgeladen. • Het apparaat kan warm worden terwijl de batterij wordt opgeladen. • De maximale batterijcapaciteit wordt pas na meerdere oplaad-/ontlaadcycli bereikt. 2 Uw recorder is nu klaar voor gebruik. Opladen met de USB-kabel 1 2 Sluit de USB-connector aan op een USB-poort op uw computer. Steek de micro-USB-stekker in de USB-poort op de recorder. Apparaat in- en uitschakelen Het apparaat wordt in- en uitgeschakeld door de ON/ OFF-schakelaar te verschuiven. Wanneer u het apparaat voor de eerste keer gebruikt, zal het u vragen de taal, datum en tijd in te stellen. Opmerking • De recorder wordt automatisch uitgeschakeld als er gedurende een vooraf ingestelde periode geen toets wordt ingedrukt ( Energiebesparingsmodus, blz. 73). 72 NL Eerste installatie Energiebesparingsmodus De eerste installatie start wanneer u het apparaat voor het eerst gebruikt of als de stroomtoevoer langdurig onderbroken is geweest. De ingevoerde datum en tijd worden bij elke opname bewaard als de opnametijd. De recorder schakelt na 5 minuten inactiviteit standaard over naar de energiebesparingsmodus. Til de recorder op of druk op een willekeurige knop om de recorder te activeren. Wanneer u de recorder voor het eerst gebruikt, wordt u gevraagd de taal in te stellen. 1 2 Druk op + / – om uw taal te selecteren. Tip • U kunt de periode voordat de recorder overschakelt naar de energiebesparingsmodus naar wens aanpassen.  Energiebesparing (Power save), blz. 87. Nederlands Taal instellen Druk op F2 (OK) om te bevestigen. Datum en tijd instellen Na het selecteren van de taal krijgt u het verzoek om de huidige datum en tijd in te stellen. 1 Druk op + / – om de waarde voor het jaar, de maand of de dag te veranderen. 2 Druk op F3 (Next) (volgende) om naar het volgende veld te gaan. 3 Na het instellen van de dag drukt u op F3 (Next) (volgende) om verder te gaan met het instellen van de juiste tijd. 4 Druk op + / – om een 12-uurs- of 24-uursklok te selecteren, de waarde van de uren en minuten en AM/PM in te stellen (als u een 12-uursklok hebt geselecteerd). 5 Druk op F2 (OK) om de datum en tijd te bevestigen. XXDe recorder is nu klaar voor gebruik. Tip • U kunt de taal, datum en tijd op elk moment aanpassen met behulp van het instellingenmenu ( Instellingen, blz. 84). NL 73 4 Uw recorder gebruiken Opmerking Een nieuwe opname maken 1 Druk op F3 (New) (nieuw) om een nieuwe opname te maken. 2 Om te beginnen met opnemen laat u de microfoon in de richting van de geluidsbron wijzen, drukt u op de REC STANDBY-knop om naar de opname-standbymodus te gaan en beweegt u de schuifschakelaar naar de G REC-stand. XXTijdens het opnemen licht de led rood op in de overschrijf- of toevoegmodus en groen in de invoegmodus. 3 Om te stoppen met opnemen beweegt u de schuifschakelaar naar de H PAUSE-stand en drukt u op de REC STANDBY-knop. • U kunt de instellingen en het gedrag van uw apparaat naar wens aanpassen ( Instellingen, blz. 84.) • De beschrijvingen in dit hoofdstuk zijn gebaseerd op de standaardinstellingen. Opnemen Opname-instellingen Stel het benodigde opnameprofiel in voordat u een opnamesessie start. Het opnameprofiel stelt de opnameparameters van tevoren in, zoals de opnamekwaliteit en het bestandsformaat, de gevoeligheid van de microfoon en de microfoonmodus, zodat deze aansluiten bij de opnameomstandigheden.  Profiel (Profile), blz. 85. Wanneer opnemen met stemactivering is ingeschakeld, start het opnemen zodra u begint te spreken. Wanneer u stopt met spreken, zal de recorder na drie seconden stilte automatisch pauzeren en pas weer starten zodra u opnieuw begint te spreken.  Opnemen met stemactivering, blz. 78. De recorder kan worden gebruikt voor handenvrij opnemen door de optionele Philips-voetschakelaar aan te sluiten op het docking station.  Handenvrij opnemen, blz. 80. Let op • Haal de batterij niet uit het apparaat terwijl het bezig is met opnemen. Als u dit doet, kunt u gegevens beschadigen of kwijtraken. Het kan ook tot storingen van het apparaat leiden. 74 NL Opmerkingen • Druk tijdens het opnemen of afspelen op F1 (Index) om een indexmarkering in te voegen ( Indexmarkeringen, blz. 78). • Druk tijdens het opnemen op F3 (Instr) en houd deze toets ingedrukt om een instructie op te nemen ( Instructies, blz. 79). • Als de opnametijd de beschikbare capaciteit overschrijdt, stopt het opnemen en wordt er een bericht weergegeven. U kunt dan niets meer opnemen. Verwijder de opnames die u niet meer nodig hebt, vervang de geheugenkaart of sluit het apparaat aan op een computer en breng de bestanden over naar uw computer. U kunt een bestaande opname bewerken door een deel ervan te overschrijven of door een extra opname in te voegen. 1 Terwijl de recorder in de stopmodus staat, drukt u op F2 (Menu) en selecteert u Record (opnemen) > Edit mode (bewerkingsmodus). 2 Stel de gewenste bewerkingsmodus in ( Bewerkingsmodus (Edit mode), blz. 86).Append mode (toevoegmodus): voeg een extra opname toe na de opname die in een bestand aanwezig is. XXWanneer u in de toevoegmodus bent, wordt het -symbool getoond in de informatiebalk bovenaan het scherm. Tijdens het opnemen licht de led rood op. • Insert mode (invoegmodus): voeg een extra opname in een bestand in zonder de bestaande opname te overschrijven. XXWanneer u in de toevoegmodus bent, wordt het -symbool getoond in de informatiebalk bovenaan het scherm. Tijdens het opnemen licht de led groen op. • Overwrite mode (overschrijfmodus): overschrijf een eerdere opname vanaf een door u gekozen plek in het bestand. XXWanneer u in de overschrijfmodus bent, wordt er geen symbool getoond in de informatiebalk bovenaan het scherm. Tijdens het opnemen licht de led rood op. 3 Druk op + / – om het bestand te selecteren waarin u een opname wilt invoegen. 4 Wanneer u de invoeg- of overschrijfmodus gebruikt, gaat u door afspelen, vooruit- of terugspoelen naar de plaats waar u de opname wilt invoegen. Om te beginnen met opnemen laat u de microfoon in de richting van de geluidsbron wijzen, drukt u op de REC STANDBY-knop om naar de opname-standbymodus te gaan en beweegt u de schuifschakelaar naar de G REC-stand. XXTijdens het opnemen licht de led rood op in de overschrijf- of toevoegmodus en groen in de invoegmodus. 5 6 Om te stoppen met opnemen beweegt u de schuifschakelaar naar de H PAUSE-stand en drukt u op de REC STANDBY-knop. Opmerking • Tijdens het bewerken wordt de opnamekwaliteit van de oorspronkelijke opname gebruikt. • De invoegmodus is niet toegankelijk wanneer het opnameformaat MP3 of PCM is. Nederlands Opname toevoegen of overschrijven NL 75 Afspelen Afspeelsnelheid wijzigen Een bestand selecteren 1 1 Druk op + terwijl het apparaat in de stopmodus staat. XXDe positie-indicator springt naar het einde van een bestand. XXDe positie-indicator springt naar het begin van het volgende bestand. 2 Druk op – terwijl het apparaat in de stopmodus staat. XXDe positie-indicator springt naar het begin van een bestand. XXDe positie-indicator springt naar het einde van het vorige bestand. Opmerking • Als het bestand indexmarkeringen of opgenomen instructies bevat, drukt u op + / – om naar de vorige of volgende indexmarkering of instructie te springen. XXHet indexnummer wordt één seconde getoond. Een opname afspelen 1 Terwijl het apparaat in de stopmodus staat, drukt u op + / – om het af te spelen bestand te selecteren en om het begin van de opname te vinden. 2 Beweeg de schuifschakelaar naar de C PLAY-stand om te beginnen met afspelen. 3 4 Druk op + / – om het volume aan te passen. 76 Beweeg de schuifschakelaar naar de F STOP-stand om te stoppen met afspelen. XXHet afspelen wordt gepauzeerd op het moment waarop u bent gestopt. Het apparaat keert terug in de stopmodus. NL Druk tijdens het afspelen herhaaldelijk op F3 (Speed) (snelheid) om te schakelen tussen een snellere, langzamere en normale afspeelsnelheid. XXDe afspeelsnelheid neemt toe (+30 %) en het D-pictogram wordt weergegeven. XXDe afspeelsnelheid neemt af (-25 %) en het cE-pictogram wordt weergegeven. XXDe opname wordt weer op de normale snelheid afgespeeld en het C-pictogram wordt weergegeven. Snel zoeken U kunt op hoge snelheid vooruit- en terugspoelen in het huidige bestand. Op deze manier kunt u een specifiek deel van de opname terugvinden. 1 Beweeg de schuifschakelaar naar de B REW-stand tijdens het afspelen of wanneer het apparaat is gestopt XXom op hoge snelheid terug te spoelen in het huidige bestand. 2 Beweeg de schuifschakelaar naar de A FWD-stand tijdens het afspelen of wanneer het apparaat is gestopt XXom op hoge snelheid vooruit te spoelen in het huidige bestand. Opmerking • Als het bestand indexmarkeringen of opgenomen instructies bevat, stopt het apparaat tijdens het vooruit- of terugspoelen 1 seconde bij de indexmarkering of instructie. Tip • Tijdens het snelzoeken kunt u het afspeelgeluid in- of uitschakelen. U kunt dan naar de opname luisteren terwijl u vooruit- of terugspoelt. ( Akoestische feedback (Acoustic feedback), blz. 87). 5 U kunt afzonderlijke bestanden, een deel van een bestand of alle bestanden tegelijk van het apparaat verwijderen. Opmerkingen • Verwijderde bestanden kunnen niet worden hersteld. • Bestanden die gemarkeerd zijn als voltooid en vergrendeld (EOL ofwel einde-brief) kunnen niet worden verwijderd. Ontgrendel deze door op de EOL-knop (einde-brief) te drukken. • Controleer of de geheugenkaart niet is ingesteld op alleenlezen (vergrendeld). Terwijl de recorder in de stopmodus staat, drukt u op F2 (Delete) (verwijderen) om de verwijdering van het gemarkeerde deel te bevestigen. Alle bestanden verwijderen 1 Terwijl de recorder in de stopmodus staat, drukt u op F2 (Menu) en selecteert u File (bestand) > Delete all (alles verwijderen). 2 Druk op F2 (OK) om de verwijdering te bevestigen. XXAlle bestanden worden verwijderd. Nederlands Verwijderen Een bestand verwijderen 1 Terwijl de recorder in de stopmodus staat, drukt u op + / – om het te verwijderen bestand te selecteren. 2 Druk op F2 (Menu) en selecteer File (bestand) > Delete file (bestand verwijderen). 3 Druk op F2 (OK) om de verwijdering te bevestigen. XXHet bestand is verwijderd. Er worden automatisch weer opeenvolgende bestandsnummers toegewezen. Een deel van een bestand verwijderen 1 Terwijl de recorder in de stopmodus staat, drukt u op F2 (Menu) en selecteert u File (bestand) > Delete section (deel verwijderen). 2 Met de functies afspelen, vooruitspoelen of terugspoelen gaat u naar het begin van het deel dat u wilt verwijderen. 3 Terwijl de recorder in de stopmodus staat, drukt u op F3 (Mark) (markeren). 4 Met de functies afspelen, vooruitspoelen of terugspoelen gaat u naar het einde van het deel dat u wilt verwijderen. XXHet te verwijderen deel is rood gemarkeerd. NL 77 5 Meer uit uw recorder halen Indexmarkeringen Indexmarkeringen kunnen worden gebruikt om bepaalde punten in een opname te markeren als referentiepunt. 1 Druk tijdens het opnemen of afspelen op F1 (Index) om een indexmarkering toe te voegen. XXHet indexnummer wordt één seconde getoond. XXPer bestand kunt u tot 32 indexmarkeringen plaatsen. 2 Om een indexmarkering terug te vinden, drukt u op + / – terwijl de recorder in de stopmodus staat ( Een bestand selecteren, blz. 76). 3 Om een indexmarkering te verwijderen, gaat u door afspelen, vooruit- of terugspoelen naar deze indexmarkering. Terwijl de recorder in de stopmodus staat, drukt u op F2 (Menu) en selecteert u File (bestand) > Index clear (index wissen). Opnemen met stemactivering Wanneer opnemen met stemactivering is ingeschakeld, start het opnemen zodra u begint te spreken. Wanneer u stopt met spreken, wordt het apparaat na drie seconden stilte automatisch gepauzeerd. Het begint pas weer met opnemen wanneer u opnieuw begint te spreken. Gebruik de stemactiveringsdrempel om het volume in te stellen waarop het apparaat moet beginnen met opnemen. 1 Activeer de opnamefunctie met stemactivering in het menu Instellingen ( Instellingen, blz. 84). XXNa activering wordt het  -symbool weergegeven in de informatiebalk bovenaan het scherm. 2 Om te beginnen met opnemen laat u de microfoon in de richting van de geluidsbron wijzen, drukt u op de REC STANDBY-knop en beweegt u de schuifschakelaar naar de G REC-stand. XXHet apparaat schakelt over naar de standbymodus. De opname start wanneer u begint te spreken (of wanneer het geluidsniveau boven de stemactiveringsdrempel komt). XXWanneer u stopt met spreken (of wanneer het geluidsniveau onder de stemactiveringsdrempel komt) pauzeert het apparaat de opname automatisch na drie seconden en knippert de led. 3 Druk tijdens het opnemen op + / – om de stemactiveringsdrempel te wijzigen. 4 Om te stoppen met opnemen beweegt u de schuifschakelaar naar de H PAUSE-stand en drukt u op de REC STANDBY-knop. 78 NL Aan elke opname kunt u één of meer trefwoorden toewijzen, zoals de naam van de auteur of een werktype. Trefwoorden worden gebruikt om opnames te herkennen en voor automatische bestandsroutering in de Philips SpeechExec-software. Instructies Gesproken instructies zijn opgenomen commentaar van de auteur, bestemd voor de persoon die de opname transcribeert. Meestal bevatten ze informatie die relevant is voor de opname, maar niet uitgetypt hoeft te worden. 1 Druk tijdens het opnemen op F3 (Instr) en houd ingedrukt om een instructie op te nemen. XXDe instructie wordt weergegeven als een blauwe lijn op de bestandspositiebalk. 2 Om een instructie terug te vinden, drukt u op + / – terwijl de recorder in de stopmodus staat ( Een bestand selecteren, blz. 76). 3 Om een instructie te verwijderen, volgt u de stappen voor het verwijderen van een deel van een opname ( Een deel van een bestand verwijderen, blz. 77). Opmerking • Trefwoorden moeten eerst worden ingesteld met de Philips SpeechExec-software.  Geavanceerde configuratie, blz. 82. • De trefwoordencategorie Author (auteur) met de trefwoorden ‘DPM8200’ en ‘- - -’ (leeg) en de categorie Work type (werktype) met de trefwoorden ‘Memo’, ‘Letter’ (brief), ‘Fax’ en ‘Report’ (rapport) zijn standaard beschikbaar. Auteursnaam toewijzen 1 Terwijl de recorder in de stopmodus staat, drukt u op F2 (Menu) en selecteert u File (bestand) > Author (auteur). XXer wordt een lijst met auteursnamen getoond. 2 3 Druk op + / – om een auteursnaam te selecteren. Opmerking • Er kunnen alleen instructies worden opgenomen als het opnameformaat DSS/DSS Pro is. Druk op F2 (OK) om de geselecteerde auteursnaam toe te wijzen aan de opname. Werktype toewijzen 1 Terwijl de recorder in de stopmodus staat, drukt u op F1 (Work type) (werktype) XXer wordt een lijst met werktypes getoond. 2 3 Druk op + / – om een werktype te selecteren. Druk op F2 (OK) om het geselecteerde werktype toe te wijzen aan de opname. NL 79 Nederlands Trefwoorden toewijzen (auteursnaam en werktype) Bestandsvergrendeling en prioriteit Handenvrij opnemen en transcriberen Met de bestandsvergrendelingsfunctie kunt u voorkomen dat belangrijke bestanden per ongeluk worden verwijderd en ze als voltooid markeren. Met de prioriteitsinstelling kunnen urgente opnames tijdens het transcriberen prioriteit krijgen. De recorder kan worden gebruikt voor handenvrij opnemen door de optionele Philips-voetpedaal LFH2210 aan te sluiten op het docking station. In deze bedieningsmodus kunt u de opnameen afspeelfuncties met de voetpedaal bedienen. 1 Terwijl de recorder in de stopmodus staat, drukt u op de EOL-knop om het bestand te vergrendelen en als voltooid te markeren. XXHet -symbool wordt getoond. XXEr wordt een nieuwe, lege opname gemaakt. 2 Om de prioriteitsstatus aan de opname toe te kennen, drukt u binnen een halve seconde opnieuw op de EOL-knop. XXHet -symbool wordt getoond. 3 Om veranderingen in het bestand aan te brengen, ontgrendelt u het door op de EOL-knop te drukken. Opmerkingen • De Philips SpeechExec-software kan zo worden geconfigureerd dat alleen de als voltooid gemarkeerde bestanden van het apparaat op de computer worden gedownload. • Vergrendelde bestanden worden verwijderd wanneer de geheugenkaart wordt geformatteerd of wanneer de 'alle bestanden verwijderen'-functie wordt gebruikt. 80 NL Tip • Gebruik de automatische backspacefunctie om het ingestelde aantal seconden in de opname terug te gaan wanneer u het afspelen herstart. • Om de automatische backspacefunctie te activeren, drukt u op F2 (Menu) op de recorder terwijl deze in de stopmodus staat en selecteert u Device (apparaat) > Auto backspace (Automatische backspace) Handenvrij opnemen H F B G C 1 Zorg dat het docking station NIET via USB is aangesloten op een computer. 2 Om de functie voor handenvrij opnemen te activeren, drukt u op F2 (Menu) op de recorder terwijl deze in de stopmodus staat en selecteert u Device (apparaat) > Hands-free mode (handenvrije modus) > Dictate (dicteren). 3 Sluit het optionele Philips-voetpedaal aan op de voetpedaalpoort aan de achterkant van het docking station en plaats de recorder in het docking station. XXHet -symbool wordt weergegeven in de informatiebalk bovenaan het scherm. Druk het middelste pedaal in om naar de opname-standbymodus te gaan. Druk het rechterpedaal in om te beginnen met opnemen. Wat u moet doen om het opnemen te starten en stoppen, is afhankelijk van de instelling van de schakelaar aan de onderkant van de voetpedaal: • N (neutrale) stand: Druk het rechterpedaal in en houd het ingedrukt om te beginnen met opnemen. Voor een korte pauze laat u het rechterpedaal los. • T (Toggle- ofwel schakel-)stand: Druk het rechterpedaal in en laat het los om te beginnen met opnemen. Voor een korte pauze drukt u het rechterpedaal opnieuw in. Om verder te gaan met opnemen, drukt u opnieuw op het rechterpedaal. 5 Om te stoppen met opnemen, drukt u op het linkerpedaal van de voetpedaal. Om verder te gaan met opnemen herhaalt u stap 4. 6 Voor snel terugspoelen drukt u op het linkerpedaal van de voetpedaal en houdt u het ingedrukt. Wanneer u op de gewenste plaats bent aangekomen, laat u het pedaal los. 7 Wanneer u klaar bent met opnemen, drukt u op het rechterpedaal om uw opname af te spelen. De wijze van starten en stoppen met afspelen is afhankelijk van de stand van de schakelaar aan de onderkant van de voetpedaal: • N (Neutrale) stand: Voor afspelen drukt u op het rechterpedaal en houdt u het ingedrukt. Wanneer u het pedaal loslaat, stopt het afspelen. • T (Toggle- ofwel schakel-)stand: Om ononderbroken af te spelen, drukt u op het rechterpedaal en laat u het weer los. Druk opnieuw op het rechterpedaal om te stoppen met afspelen. 8 Dubbelklik tijdens het opnemen op het linkerpedaal van de voetpedaal om de huidige opname te voltooien/vergrendelen (EOL) en een nieuw bestand aan te maken. Handenvrij transcriberen A B C 1 Zorg dat het docking station NIET via USB is aangesloten op een computer. 2 Om de functie voor handenvrij transcriberen te activeren, drukt u op F2 (Menu) op de recorder terwijl deze in de stopmodus staat en selecteert u Device (apparaat) > Hands-free mode (handenvrije modus) > Transcribe (transcriberen). 3 Sluit het optionele Philips-voetpedaal aan op de voetpedaalpoort aan de achterkant van het docking station en plaats de recorder in het docking station. XXHet -symbool wordt weergegeven in de informatiebalk bovenaan het scherm. 4 Voor snel terugspoelen drukt u op het linkerpedaal en houdt u het ingedrukt. Wanneer u op de gewenste plaats bent aangekomen, laat u het pedaal los. 5 Om snel vooruit te spoelen, drukt u op het middelste pedaal en houdt u het ingedrukt. Wanneer u op de gewenste plaats bent aangekomen, laat u het pedaal los. 6 Druk op het rechterpedaal om te beginnen met afspelen. De wijze van starten en stoppen met afspelen is afhankelijk van de stand van de schakelaar aan de onderkant van de voetpedaal: • N (Neutrale) stand: Voor afspelen drukt u op het rechterpedaal en houdt u het ingedrukt. Wanneer u het pedaal loslaat, stopt het afspelen. • T (Toggle- ofwel schakel-)stand: Om ononderbroken af te spelen, drukt u op het rechterpedaal en laat u het weer los. Druk opnieuw op het rechterpedaal om te stoppen met afspelen. NL Nederlands 4 81 Opmerking • Als het docking station wordt aangesloten op een computer, kunt u wisselen tussen de USB-modus en de handenvrije modus. In de USB-modus wordt de recorder weergegeven als een extern station op de aangesloten computer. • De functie is alleen beschikbaar wanneer de schakelaar aan de onderkant van het voetpedaal in de N-stand staat, de recorder in de stopmodus staat en aan het einde van de huidige opname is. • Om te schakelen tussen de USB-modus en de handenvrije modus, dubbelklikt u op het rechterpedaal en houdt u het ongeveer 1 seconde ingedrukt. 82 NL Philips SpeechExec-software gebruiken De Philips SpeechExec-software (alleen Windows-versie) kan worden gebruikt voor het geavanceerd configureren van de recorder, automatisch downloaden, converteren en routeren van bestanden. Opmerking • Voor gedetailleerde informatie over de SpeechExec-software verwijzen we u naar de 'help'-informatie van SpeechExec. Geavanceerde configuratie De Philips SpeechExec-software bevat een wizard die gebruikers langs de configuraties en instellingen van het apparaat leidt. De wizard helpt bij het configureren van het tijdsformaat, de geluidsfeedback, opnemen met stemactivering, uiterlijk van de display, profielen opnemen, trefwoorden, en bestanden downloaden op de computer. 1 Sluit de recorder aan op uw computer met de USB-kabel of het docking station. 2 Start de Philips SpeechExec Pro-software en klik op Instellingen > Algemene instellingen op de menubalk en selecteer DPM-configuratie > DPM-wizard uit de lijst op het linkerpaneel. 3 Klik op de Wizard starten…-knop om de wizard te openen en volg de instructies op het scherm om de recorder naar wens in te stellen. 4 Klik op de Voltooien-knop om de wizard te sluiten en de overdracht van de nieuwe instellingen naar de recorder te bevestigen. Opmerking • Wanneer de recorder voor het eerst wordt aangesloten op de computer, zal Windows de nieuwe hardware detecteren en automatisch de benodigde drivers installeren. Wanneer de installatie is voltooid, kan Windows u verzoeken de computer te herstarten. Nederlands Opnames downloaden op de computer Met de USB-massaopslagondersteuning wordt de recorder automatisch weergegeven als extern station wanneer u deze aansluit op de computer. U kunt het eenvoudig met elk programma openen, net als een gewoon station. U kunt de Philips SpeechExec-software gebruiken voor automatisch downloaden, converteren en routeren van bestanden. 1 2 3 Maak een opname met de recorder. 4 De opnames op de recorder worden standaard automatisch op de computer gedownload en verplaatst naar de map Voltooide dictaten van de werklijst. Start de Philips SpeechExec Pro-software. Sluit de recorder aan op uw computer met de USB-kabel of het docking station. Opmerking • Hoe de bestanden worden gedownload en welke bestanden worden gedownload nadat u de recorder op een computer hebt aangesloten, kunt u instellen in het menu Instellingen van de Philips SpeechExec-software of met de configuratiewizard. NL 83 6 Instellingen Het menu gebruiken 1 Druk op F2 (Menu) terwijl de recorder in de stopmodus staat om het menu te openen. 2 Druk op + / – om het volgende of vorige menuonderdeel te selecteren. 3 Druk op F3 (Enter) (binnengaan) om een submenu binnen te gaan. Druk op F1 (Back) (terug) om het menu te verlaten. 4 5 Druk op + / – om een functie te selecteren. Druk op F2 (OK) om een keuze te bevestigen of F1 (Back) (terug) om een submenu te verlaten zonder een instelling te veranderen. Opmerking • Sommige instellingen, zoals het instellen van trefwoorden, bestandsversleuteling en apparaatvergrendeling, zijn alleen toegankelijk via de Philips SpeechExec-software.  Geavanceerde configuratie, blz. 82. Menuoverzicht File (bestand) Delete file (bestand verwijderen) Delete section (deel verwijderen) Priority high / normal (prioriteit hoog/normaal) Lock / EOL (vergrendeling/einde-brief) Index set / clear (index toevoegen/wissen) Author (auteur) Work type (werktype) Delete all (alles verwijderen) 84 NL File information (bestandsinformatie) Record (opnemen) Profile (profiel) Line-in (lijningang) Record notification beep (pieptoon start opname) Edit mode (bewerkingsmodus) Encryption (versleuteling) Voice activation (stemactivering) Display (scherm) Brightness (helderheid) Backlight (achtergrondverlichting) Appearance (uiterlijk) Record lamp (opnamelampje) Language Device (apparaat) Beep (piep) Acoustic feedback (akoestische feedback) Power save (energiebesparing) Date & time (datum & tijd) Slide switch (schuifschakelaar) Auto backspace (automatische backspace) Device information (apparaatinformatie) Format card (kaart formatteren) USB charge (USB-opladen) USB audio Hands-free mode (handenvrije modus) Diagnosis file (diagnosebestand) Reset settings (instellingen resetten) Noise reduction (ruisvermindering) Bestandsmenu (File) Alles verwijderen (Delete all) Bestand verwijderen (Delete file) Alle bestanden tegelijk van het apparaat verwijderen.  Alle bestanden verwijderen, blz. 77. Individuele bestanden van het apparaat verwijderen.  Een bestand verwijderen, blz. 77. Bestandsinformatie (File information) Een deel van een bestand verwijderen.  Een deel van een bestand verwijderen, blz. 77. Prioriteit hoog/normaal (Priority high/normal) Met de prioriteitsinstelling kunnen urgente opnames tijdens het transcriberen prioriteit krijgen. U kunt High (hoog, het -symbool wordt weergegeven) of Normal (normaal) selecteren. De standaardwaarde is Normal.  Bestandsvergrendeling en prioriteit, blz. 80. Vergrendeling/einde-brief (Lock/EOL) Met de bestandsvergrendelingsfunctie kunt u voorkomen dat belangrijke bestanden per ongeluk worden verwijderd en ze als voltooid markeren.  Bestandsvergrendeling en prioriteit, blz. 80. Index toevoegen/wissen (Index set/clear) Indexmarkeringen kunnen worden gebruikt om bepaalde punten in een opname te markeren als referentiepunt.  Indexmarkeringen, blz. 78. Auteur, werktype (Author, work type) Aan elke opname kunt u één of meer trefwoorden toewijzen, zoals de naam van de auteur of een werktype. Trefwoorden worden gebruikt om opnames te herkennen en voor automatische bestandsroutering in de Philips SpeechExec-software.  Trefwoorden toewijzen (auteursnaam en werktype), blz. 79. Weergeven van informatie over het huidige bestand, zoals het bestandsnummer, de bestandsnaam, de toegewezen trefwoorden, de streepjescode-informatie en de opnamedatum en -tijd. Opnamemenu (Record) Profiel (Profile) Het opnameprofiel stelt de opnameparameters van tevoren in, zoals de opnamekwaliteit en het bestandsformaat, de gevoeligheid van de microfoon en de microfoonmodus, zodat deze aansluiten bij de opnameomstandigheden. Het profielsymbool wordt weergegeven in de informatiebalk bovenaan het scherm. •   Personal (persoonlijk): alle instellingen naar wens aanpassen. »» Recording quality (opnamekwaliteit): het bestandsformaat en de kwaliteit van de opname (bitsnelheid) instellen. Naarmate de opnamekwaliteit hoger is, is het bestand groter en kunt u minder opnames maken. ›› DSS SP: .dss, mono, 13,7 kbit/s ›› DSS QP: .ds2, mono, 28 kbit/s ›› MP3 Stereo: .mp3, stereo, 192 kbit/s ›› PCM Voice: .wav, mono, 353 kbit/s ›› PCM Stereo: .wav, stereo, 705 kbit/s »» Microphone sensitivity (microfoongevoeligheid): u kunt de opnamegevoeligheid aanpassen om te voorkomen dat u achtergrondgeluiden opneemt en om de recorder af te stemmen op de opnameomgeving. ›› Meeting (vergadering): hoge gevoeligheid ›› Dictate (dicteren): gemiddelde gevoeligheid ›› Private (privé): lage gevoeligheid »» Microfoonmodus: de microfoonmodus kan worden bestuurd door de geïntegreerde bewegingssensor. De NL 85 Nederlands Deel verwijderen (Delete section) bewegingssensor 'voelt' wanneer het apparaat op het bureau wordt gelegd of in de hand wordt gehouden en past de microfoonmodus daaraan aan. ›› Directional (richtingsgevoelig): focus op de rechtermicrofoon, wegfilteren van geluiden van opzij. ›› 360 degrees (360 graden): neemt alle geluiden rondom op. •   Meeting (vergadering): geoptimaliseerd voor het opnemen van meerdere geluidsbronnen, bijvoorbeeld tijdens vergaderingen en conferenties met een klein aantal mensen (Opnamekwaliteit: MP3 Stereo, Microfoongevoeligheid: Vergadering (hoog), Modus microfoon in de hand: 360 graden, Modus microfoon op het bureau: 360 graden). •   Dictate (dicteren): instelling geoptimaliseerd voor het opnemen van een geluidsbron vlakbij het apparaat (Opnamekwaliteit: DSS QP, Microfoongevoeligheid: Dicteren (medium), Modus microfoon in de hand: Richtingsgevoelig, Modus microfoon op het bureau: 360 graden). •   Speech recognition (spraakherkenning): geoptimaliseerd voor latere bewerking met behulp van spraakherkenningssoftware (Opnamekwaliteit: DSS QP, Microfoongevoeligheid: Privé (laag), Modus microfoon in de hand: Richtingsgevoelig, Modus microfoon op het bureau: 360 graden). Opmerking • Alle opnameprofielen kunnen worden aangepast met de Philips SpeechExec-software.  Geavanceerde configuratie, blz. 82. Lijningang (Line-in) Als u een externe microfoon op het apparaat aansluit, wordt de opnamebron automatisch omgeschakeld en worden de microfoons van het apparaat uitgezet. Stel de lijningang-optie afhankelijk van de externe bron in: • Off (uit): sluit een externe mono- of stereomicrofoon aan • On (aan): sluit een versterkte opnamebron (bijv. een stereosysteem) aan 86 NL Pieptoon start opname (Record notification beep) Activeer/deactiveer een pieptoon die aangeeft dat de opname op het punt staat te beginnen. Bewerkingsmodus (Edit mode) U kunt een bestaande opname bewerken door een deel ervan te overschrijven of door een extra opname in te voegen.  Opname toevoegen of overschrijven, blz. 75. Versleuteling (Encryption) Opnames kunnen in realtime worden versleuteld met behulp van de Advanced Encryption Standard (AES of Rijndael-algoritme) met een sleutellengte van 256 bits. AES biedt een zeer hoge mate van beveiliging en is goedgekeurd in de VS voor de meest vertrouwelijke overheidsinformatie. Opmerking • De versleuteling moet worden ingesteld met de Philips SpeechExec-software.  Geavanceerde configuratie, blz. 82. • Versleutelen wordt alleen ondersteund voor bestanden in DSS Pro-formaat. • Wanneer versleutelen is geactiveerd, wordt het -symbool weergegeven in de informatiebalk bovenaan het scherm. • Versleutelde bestanden kunnen alleen met de Philips SpeechExec-software worden afgespeeld. Aan het apparaat zelf kan een pincode worden toegewezen om het te beschermen tegen het onbevoegd gebruiken en afspelen van bestanden. Stemactivering (Voice Activation) Wanneer opnemen met stemactivering is ingeschakeld, start het opnemen zodra u begint te spreken. Wanneer u stopt met spreken, wordt het apparaat na drie seconden stilte automatisch gepauzeerd. Het begint pas weer met opnemen wanneer u opnieuw begint te spreken.  Opnemen met stemactivering, blz. 78. Schermmenu (Display) Apparaatmenu (Device) Helderheid (Brightness) Piep (Beep) Helderheid van de display aanpassen. Het helderheidsniveau van de display heeft invloed op de snelheid waarmee het apparaat het batterijvermogen verbruikt. Inschakelen/uitschakelen toets- en signaaltonen. Achtergrondverlichting (Backlight) Hiermee kunt u naar de opname luisteren terwijl u bezig bent met vooruit-of terugspoelen.  Snel zoeken, blz. 76. Uiterlijk (Appearance) Een displaymodus selecteren: Advanced (geavanceerd, standaard), Classic (klassiek).  Startscherm, blz. 69. Opnamelampje (Record lamp) Activeren/deactiveren van het ledlicht. Language Instellen van de taal voor de gebruikersinterface van het apparaat: English, Deutsch, FranÇais, Español, Italiano.  Taal instellen, blz. 73 Energiebesparing (Power save) Instellen van de periode waarna de recorder overschakelt in de energiebesparingsmodus: 1 min, 5 min (standaard), 10 min, 15 min, Uit.  Energiebesparingsmodus, blz. 73. Datum & tijd (Date & time) De ingevoerde datum en tijd worden bij elke opname bewaard als de opnametijd.  Datum en tijd instellen, blz. 73 Schuifschakelaar (Slide switch) U kunt de functionaliteit van de schuifschakelaar naar wens instellen. De schuifschakelaar is standaard ingesteld op Philips. Stand Internationaal Philips Philips Duits klassiek* 1 gG A A A 2 jF C/G C/G F/H 3 C F/H F/H C/G 4 B B B B * De functionaliteit kan worden aangepast met de Einde-brief- en REC STANDBY-knoppen. NL 87 Nederlands Instellen van de wachtperiode voordat het apparaat de achtergrondverlichting uitschakelt: • Auto: de helderheid van de display wordt automatisch aangepast en de achtergrondverlichting van de display wordt na 8 seconden uitgeschakeld. • 8 sec. (standaard) • 20 sec. • On Akoestische feedback (Acoustic feedback) Automatische backspace (Auto backspace) Diagnosebestand Beweeg de schuifschakelaar kort naar de B REW-stand om het ingestelde aantal seconden terug te gaan in de opname: Off (uit, standaard), 1 sec, 2 sec, 3 sec, 4 sec. Bewaren van een diagnosebestand voor foutanalyse en een bestand met alle bestandsconfiguratie-instellingen op de geheugenkaart. Apparaatinformatie (Device information) Instellingen resetten Tonen van informatie over het apparaat, zoals het serienummer, modelnummer en de firmwareversie.  Apparaatinformatie weergeven, blz. 89. Resetten van de instellingen naar de standaard fabriekswaarden. Kaart formatteren (Format card) Aanzetten van de ruisverminderingsfunctie voor een betere afspeelkwaliteit. Ruisvermindering vermindert het achtergrondgeluid en verbetert de hoorbaarheid van zachtere stemmen. Verwijdert alle opnames en bestanden die op het apparaat zijn opgeslagen.  Geheugen formatteren, blz. 89. USB-opladen (USB charge) Veranderen van het oplaadgedrag van het apparaat. Als de USBpoort op uw computer onvoldoende capaciteit levert (500 mA), is het laden mogelijk niet succesvol. Stel de USB-oplaadoptie in op Slow [100 mA] (langzaam) of Off (uit) en gebruik een (optionele) voeding. • Fast [500 mA] (snel, standaard) • Slow [100 mA] (langzaam) • Off (uit) USB audio Als het apparaat On (aan) staat, kan het worden gebruikt als audio-uitgangsapparaat voor de computer wanneer het is aangesloten via de USB-kabel. Handenvrije modus De recorder kan worden gebruikt voor handenvrij opnemen door de optionele Philips-voetschakelaar LFH2210 aan te sluiten op het docking station. In deze bedieningsmodus kunt u de opname- en afspeelfuncties met de voetschakelaar bedienen.  Handenvrij opnemen en transcriberen, blz. 80. 88 NL Ruisvermindering Voer geen onderhoudswerkzaamheden uit die niet in deze gebruikershandleiding zijn beschreven. Haal het apparaat niet uit elkaar om reparaties uit te voeren. Het apparaat mag uitsluitend worden gerepareerd in erkende servicecentra. Apparaatinformatie weergeven 1 2 Het is mogelijk dat er een nieuwe versie (een 'update') van de firmware is uitgegeven sinds u het apparaat kocht. In dit geval kunt u uw apparaat eenvoudig updaten naar de meest recente versie. Let op 1 Druk op F1 (Back) (terug) om terug te keren naar de stopmodus. Sluit het apparaat aan op de computer met behulp van de USB-kabel of het docking station. 2 Download de firmware-update voor uw model op uw computer vanaf de website www.philips.com/dictation. 3 Kopieer het nieuwe firmwarebestand naar de rootdirectory van het apparaat. 4 Ontkoppel het apparaat van de computer. XXDe firmware wordt automatisch geüpdatet. Dit kan enkele minuten duren. Let op • Door het geheugen te formatteren, worden alle opnames en bestanden die op het apparaat staan gewist. 2 Uw apparaat wordt bestuurd door een intern programma, 'firmware' genaamd. Als onderdeel van het lopende productonderhoud wordt de firmware geüpgraded en worden fouten gecorrigeerd. In de stopmodus (startscherm) drukt u op F2 (Menu) en selecteert u Device (apparaat) > Device information (apparaatinformatie). XXEr wordt algemene informatie over het apparaat weergegeven: serienummer, modelnummer en de firmwareversie. Geheugen formatteren 1 Firmware bijwerken In de stopmodus (startscherm) drukt u op F2 (Menu) en selecteert u Device (apparaat) > Format card (kaart formatteren). Druk op F3 (Enter) en druk vervolgens op F2 (OK) om het formatteren te bevestigen. Tip • Druk op F1 (Back) (terug) om het proces te annuleren. • De batterij moet volledig opgeladen zijn om te voorkomen dat de stroomtoevoer tijdens het updaten wordt onderbroken. Let op • Wacht tot het updaten van de firmware voltooid is voordat u andere functies van het apparaat gebruikt. Het niet goed updaten van de firmware kan tot storingen in de werking van het apparaat leiden. Tip • Firmware-updates kunnen automatisch worden uitgevoerd via de Philips SpeechExec-software.  Philips SpeechExecsoftware gebruiken, blz. 82. NL 89 Nederlands 7 Service Storingen verhelpen Probleem Mogelijke oorzaak/oplossing Het apparaat gaat niet aan • De batterij is leeg. XXBatterij opladen. • Het apparaat is uitgeschakeld. XXApparaat aanzetten.  Apparaat in- en uitschakelen, blz. 72. • Het apparaat staat in de energiebesparingsmodus. XXRecorder optillen of op een willekeurige knop drukken om de recorder te activeren. Het apparaat speelt mijn opnames niet af • Er zijn geen opnames op het apparaat opgeslagen. Het apparaat reageert niet • Zet het apparaat uit en weer aan.  Apparaat in- en uitschakelen, blz. 72. Ik hoor niets uit de luidspreker • De hoofdtelefoon is aangesloten op het apparaat. XXHoofdtelefoon ontkoppelen. • Het volume staat op het laagste niveau. XXVolumeniveau aanpassen. De opname start niet • Er zit geen geheugenkaart in het apparaat. XXGeheugenkaart in het apparaat plaatsen.  Geheugenkaart plaatsen en verwijderen, blz. 71 • De geheugenkaart is niet naar behoren geformatteerd. XXGeheugenkaart in het apparaat formatteren.  Geheugen formatteren, blz. 89 • De geheugenruimte voor opnames is vol. XXEnkele bestanden verwijderen of naar een extern apparaat verplaatsen. • Het bestand is vergrendeld. XXBestand ontgrendelen.  Bestandsvergrendeling en prioriteit, blz. 80 • De geheugenkaart is vergrendeld. XXGeheugenkaart ontgrendelen. Ik hoor niets uit de hoofdtelefoon • De hoofdtelefoon is niet goed aangesloten. XXAansluiting van de hoofdtelefoon controleren. • Het volume staat op het laagste niveau. 90 NL 8 Technische gegevens Scherm • Type: TFT-kleurenscherm • Diagonale schermgrootte: 6,1 cm • Resolutie: 320 × 240 pixels Opslagmedia • Verwisselbare geheugenkaart • Typen geheugenkaarten: SD/SDHC (DPM8000, DPM8200), micro SD/SDHC (DPM8500), tot 32 GB • Geschikt voor massaopslag (MSC) Audio-opname • Opnameformaat: DSS/DSS Pro (Digital Speech Standard), MP3, PCM • Ingebouwde microfoon: 1 richtingsgevoelige microfoon, 1 microfoon voor 360 graden opnames • Opnamemodi: DSS QP (.ds2/mono), DSS SP (.dss/mono), MP3 (.mp3/stereo), PCM Voice (.wav/mono), PCM Stereo (.wav/stereo) • Bitsnelheid: 13,7 kbit/s (DSS SP), 28 kbit/s (DSS QP), 192 kbit/s (MP3), 353 kbit/s (PCM Voice), 705 kbit/s (PCM Stereo) • Opnametijd (geheugenkaart van 4 GB): 700 uur (SP), 350 uur (QP), 50 uur (MP3), 27 uur (PCM Voice), 13 uur (PCM Stereo) • Samplingfrequentie: 44,1 kHz (MP3), 22,05 kHz (PCM), 16 kHz (DSS QP), 12 kHz (DSS SP) Geluid • Type luidspreker: ingebouwde, ronde dynamische luidspreker • Diameter van de luidspreker: 28 mm • Uitgangsvermogen van de luidspreker: 200 mW Vermogen • Batterijtype: Oplaadbare lithium-ionbatterij, Philips ACC8100 • Batterijduur: tot 30 uur opnemen (QP-modus), tot 200 uur standby • Oplaadtijd (volledig opladen): 3 uur Veiligheid • Bestandsversleuteling in realtime • Versleutelingsstandaard: Advanced Encryption Standard (AES of Rijndael-algoritme) met een sleutellengte van 256 bits • Apparaatvergrendeling met pincode Streepjescodescanner (DPM8500) • Compatibele streepjescodes: UPC-A, UPC-E, EAN-8, EAN13, Code 128, GS1-128, ISBT 128, Code 39, Interleaved 2 of 5, Inverse 1D, GS1 DataBar, Matrix 2 of 5 • Scan engine: Gebaseerd op CCD, 1 lijn Milieuspecificaties • Voldoet aan de eisen van 2011/65/EU (RoHS) • Loodvrij gesoldeerd product Gebruiksvoorwaarden • Temperatuur: 5° – 45° C / 41° – 113° F • Luchtvochtigheid: 10 % – 90 %, niet-condenserend Specificaties • Productafmetingen (b × d × h): 53 × 123 × 15 mm • Gewicht: 117 g inclusief batterij NL 91 Nederlands Connectiviteit • Hoofdtelefoon: 3,5 mm • Microfoon: 3,5 mm • USB: hoge snelheid USB 2.0 • Dockconnector • Geheugenkaartsleuf
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52
  • Page 53 53
  • Page 54 54
  • Page 55 55
  • Page 56 56
  • Page 57 57
  • Page 58 58
  • Page 59 59
  • Page 60 60
  • Page 61 61
  • Page 62 62
  • Page 63 63
  • Page 64 64
  • Page 65 65
  • Page 66 66
  • Page 67 67
  • Page 68 68
  • Page 69 69
  • Page 70 70
  • Page 71 71
  • Page 72 72
  • Page 73 73
  • Page 74 74
  • Page 75 75
  • Page 76 76
  • Page 77 77
  • Page 78 78
  • Page 79 79
  • Page 80 80
  • Page 81 81
  • Page 82 82
  • Page 83 83
  • Page 84 84
  • Page 85 85
  • Page 86 86
  • Page 87 87
  • Page 88 88
  • Page 89 89
  • Page 90 90
  • Page 91 91
  • Page 92 92
  • Page 93 93
  • Page 94 94
  • Page 95 95
  • Page 96 96
  • Page 97 97
  • Page 98 98
  • Page 99 99
  • Page 100 100
  • Page 101 101
  • Page 102 102
  • Page 103 103
  • Page 104 104
  • Page 105 105
  • Page 106 106
  • Page 107 107
  • Page 108 108
  • Page 109 109
  • Page 110 110
  • Page 111 111
  • Page 112 112
  • Page 113 113
  • Page 114 114
  • Page 115 115
  • Page 116 116
  • Page 117 117
  • Page 118 118
  • Page 119 119
  • Page 120 120
  • Page 121 121
  • Page 122 122
  • Page 123 123
  • Page 124 124
  • Page 125 125
  • Page 126 126
  • Page 127 127
  • Page 128 128
  • Page 129 129
  • Page 130 130
  • Page 131 131
  • Page 132 132
  • Page 133 133
  • Page 134 134
  • Page 135 135
  • Page 136 136
  • Page 137 137
  • Page 138 138
  • Page 139 139
  • Page 140 140
  • Page 141 141
  • Page 142 142
  • Page 143 143
  • Page 144 144
  • Page 145 145
  • Page 146 146
  • Page 147 147
  • Page 148 148
  • Page 149 149
  • Page 150 150
  • Page 151 151
  • Page 152 152
  • Page 153 153
  • Page 154 154
  • Page 155 155
  • Page 156 156
  • Page 157 157
  • Page 158 158
  • Page 159 159
  • Page 160 160
  • Page 161 161
  • Page 162 162
  • Page 163 163
  • Page 164 164
  • Page 165 165
  • Page 166 166
  • Page 167 167
  • Page 168 168
  • Page 169 169
  • Page 170 170
  • Page 171 171
  • Page 172 172
  • Page 173 173
  • Page 174 174
  • Page 175 175
  • Page 176 176
  • Page 177 177
  • Page 178 178
  • Page 179 179
  • Page 180 180
  • Page 181 181
  • Page 182 182
  • Page 183 183
  • Page 184 184

Philips DPM 8200 Handleiding

Categorie
Dictafoons
Type
Handleiding
Deze handleiding is ook geschikt voor