IKEA 301 230 14 Program Chart

Type
Program Chart

Deze handleiding is ook geschikt voor

OVU B00 PRODUCTINFORMATIEBLAD
NL
5019 610 56187
1.
Bedieningspaneel
2.
Koelventilator (niet zichtbaar)
3.
Verwarmingselement bovenwarmte
4.
Grillelement (kan naar beneden gezet worden)
5.
Ovenlampje achter
6.
Ventilator
7.
Verwarmingselement onderwarmte (niet
zichtbaar)
8.
Koude ovendeur
ACCESSOIRES
BEDIENINGSPANEEL
1. Keuzeknop
2. Bedieningsknop oventhermostaat
3. Rood lampje oventhermostaat
4. Programmeerknop bereidingstijd
5. Bedieningsknop kookzone linksvoor
01...10 *.
6. Bedieningsknop kookzone linksachter
01...10 *.
7. Bedieningsknop kookzone rechtsachter
01...10 *.
8. Bedieningsknop kookzone rechtsvoor
01...10 *.
9. Controlelampje van de kookplaat.
* De bedieningsknoppen van de kookplaat zijn niet
onderling verwisselbaar. Na reiniging of onderhoud
moeten ze weer op hun oorspronkelijke plaats
worden aangebracht.
Eerste
Laatste
steunhoogte
steunhoogte
Bakplaat voor zoet gebak:
Rooster:
Opvangbak:
1
2
4
3
5
6
7 8
9
DE OVEN GEBRUIKEN
Draai de knop voor het selecteren van functies op de gewenste functie.
Inschakeling van het ovenlampje.
Draai de thermostaatknop naar rechts op de gewenste temperatuur. Het rode thermostaatlampje gaat
branden en gaat uit als de geselecteerde temperatuur bereikt is.
Op het einde van de bereidingstijd:
Draai de knoppen op stand “
0
”.
PROGRAMMEERKNOP BEREIDINGSTIJD
Met deze programmeerknop kunt u een bereidingstijd van 1 tot 120 minuten instellen.
Om de tijdsduur in te stellen, nadat u de bereidingsfunctie heeft gekozen, draait u de knop
helemaal rechtsom, waarna u de knop terug draait naar de gewenste bereidingstijd. Als de
ingestelde bereidingstijd om is, gaat de oven uit en blijft de programmeerknop op "0" staan.
Om de oven met de hand te bedienen, d.w.z. zonder een bereidingstijd in te stellen, moet u
controleren of de programmeerknop op het symbool staat.
Let op:
als de programmeerknop op "0" staat, gaat de oven niet aan.
Om de oven aan te zetten moet u de programmeerknop op het symbool zetten, of de
bereidingstijd instellen.
Tabel ovenfuncties
Functie Beschrijving functie
0OVEN UIT
-
OVENLAMPJE
Inschakeling van het ovenlampje.
STATISCH
Voor het braden van vlees, vis en gevogelte op dezelfde steunhoogte.
Verwarm de oven voor op de gewenste bereidingstemperatuur en plaats het gerecht in
de oven wanneer het rode lampje van de thermostaat uitgaat.
Aanbevolen wordt de tweede of derde steunhoogte te gebruiken.
VENTILATOR
Voor bereiding op max. 2 steunhoogtes.
Aanbevolen wordt om tijdens de bereiding de gerechten onderling van plaats te
verwisselen om een gelijkmatiger bakresultaat te bereiken.
Het is niet nodig om de oven voor te verwarmen (behalve voor pizza's en focaccia's).
GRILL
Voor het grillen van karbonades, spiezen, worstjes, het gratineren van groente en voor
een bruin korstje op het brood.
Verwarm de oven 3 - 5 minuten voor.
Tijdens de bereiding moet de ovendeur dicht blijven.
Giet bij het braden van vlees een beetje water in de opvangbak op het eerste niveau om
rookvorming en vetspatten zoveel mogelijk te voorkomen.
Aanbevolen wordt het vlees tijdens de bereiding regelmatig om te draaien.
TURBOGRILL
Voor het grillen van grote stukken vlees (rosbief, braadstuk, rollades).
Tijdens de bereiding moet de ovendeur dicht blijven.
Giet bij het braden van vlees een beetje water in de opvangbak op de eerste
steunhoogte om rookvorming en vetspatten zoveel mogelijk te voorkomen.
Het is raadzaam het vlees tijdens de bereiding regelmatig om te draaien.
ONTDOOIEN
Voor het ontdooien van voedingsmiddelen bij kamertemperatuur.
Laat het voedingsmiddel in zijn verpakking zitten om uitdrogen te voorkomen.
BEREIDINGSTABEL BEREIDINGSTABEL GRILLFUNCTIE
•N.B: De bereidingstijden en -temperaturen zijn indicatief.
GERECHT Functie Voorverwarmen
Steunhoogte
(vanaf
bodem)
Te m p e r a t u u r
(°C)
Berei-
dingstijd
(min)
VLEES
Lams-, geiten-,
schapenvlees
X 2 200 90 - 110
X 2 200 100 - 110
Kalfsvlees,
rundvlees,
varkensvlees
X 2 200 90 - 110
X 2 200 90 - 110
Kip,
konijn,
eend
X 2 200 70 - 80
X 2 200 70 - 80
Kalkoen
(3-5 kg)
X 2 210 160 - 180
X 2 200 170 - 180
Gans (
2kg)
X 2 210 100 - 130
X 2 200 100 - 130
VIS
(1 kg)
Goudbrasem,
zeebaars, tonijn,
zalm, kabeljauw
X 2 200 60 - 80
X 2 190 60 - 80
VIS
(<1
kg - moten)
Zwaardvis, tonijn
X 2 190 50 - 60
X 2 190 50 - 60
GROENTE
Paprika's, tomaten,
aardappels
X 2
190
50 - 60
X 2
190
50 - 60
GEBAK, TAART
ETC.
Luchtig gebak
X 2
180 40 - 50
X 2
180 40 - 50
Taar te n
(met kaasvulling)
X 2
190 60 - 90
X 2
180 60 - 90
Korstgebak, vlaaien
X 2
190 40 - 50
X 2
180 40 - 50
Strudel, crêpes
X 2
200 50 - 60
X 2
190 50 - 60
Koekjes, kransjes,
zandkoekjes
X 2
180 20 - 30
X 2
180 30 - 40
Soesjes, gevuld
bladerdeeg
X 2
180 35 - 45
X 2
180 35 - 45
Hartige taarten,
vruchtentaarten
met bv. ananas,
perziken
X 2
200 50 - 60
X 2
190 45 - 55
Lasagne,
gegratineerde
aardappels,
cannelloni,
pastatimbaaltjes
X 2
200 40 - 50
X 2
190 40 - 50
Brood
X 2
210 30 - 40
X 2
210 30 - 40
Pizza
X 2
225 15 - 20
X 2
210 20 - 30
Pasteibakjes
X 2
210 20 - 30
X 2
200 30 - 40
Soufflés
X 2
200 40 - 50
X 2
190 50 - 60
GERECHT Functie Voorverwarmen
Steun-
hoogte
(vanaf
bodem)
Te m p e r a t u u r
(°C)
Berei-
dingstijd
(min)
To a s t X 3-4 200-225 10 - 15
Ribkarbonades X 3-4 200-225 30 - 40
Schnitzels X 3-4 200-225 30 - 40
Worstjes X 3 200-225 30 - 40
Karbonades X 3 200-225 30 - 40
Vis (moten) X 3 200-225 30 - 40
Kippenpoten X 3 200-225 40 - 50
Spiezen X 3 200-225 40 - 50
Varkenskarbonad
es
X 3 200-225 40 - 50
1/2 kip X 3 200-225 40 - 50
1/2 kip - 3 200-225 40 - 50
Hele kip - 2-3 200-225 60 - 70
Braadstuk
(varkens-,
rundvlees)
- 2-3 200-225 60 - 80
Eend - 1-2 200-225 60 - 80
Lamsbout - 1-2 200-225 80 - 100
Rosbief - 2 200-225 60 - 70
Gebakken
aardappels
- 2-3 200-225 40 - 50
Vis, bv.
goudbrasem,
forel
- 3 190-200 40 - 50
Dit symbool geeft aan dat geen enkele functie van de kookplaat is geactiveerd; het verwarmingselement is uitgeschakeld.
DE KOOKPLAAT GEBRUIKEN
Op het bedieningspaneel bevinden zich 4 knoppen voor de bediening van de kookplaat. Op de knoppen worden de
verschillende stroomstanden met nummers aangegeven en de verschillende functies met symbolen.
Draai de bedieningsknop van de betreffende kookzone naar rechts op de gewenste stand (raadpleeg de
gebruiksaanwijzing die bij de kookplaat wordt geleverd).
Het gele controlelampje van de kookplaat gaat branden.
Tabel functies kookplaat (afhankelijk van het model)
Functie Beschrijving functie
WARMHOUDEN
Zorgt voor een constante temperatuur van 60° tot het einde van de bereidingstijd. Om de
functie in te schakelen draait u de knop op
.
DUBBELE ZONE
Is beschikbaar voor de kookzones linksvoor en linksachter. Breidt het verwarmde gebied van
de kookplaat uit, zodat u grote, ovale of rechthoekige pannen kunt gebruiken. Om deze
functie in te schakelen: draait u de knop
en wacht u tot het restwarmtelampje van de
betreffende kookzone gaat knipperen. Kies de gewenste stand door de knop naar links te
draaien. Het restwarmtelampje blijft branden om aan te geven dat de kookplaat is
ingeschakeld. Om de functie uit te schakelen draait u de knop op stand
“0”
.
ICP (Beginfase van
bereiding)
Deze functie zorgt voor een snelle verwarming van de kookzone in de beginfase van de
bereiding en werkt gedurende een vastgestelde tijd. Om de functie in te schakelen draait u
de knop op
.
Wacht tot het restwarmtelampje begint te knipperen, draai vervolgens de
knop naar links op de gewenste stroomstand. Bv.: als de stand
"1"
is, zal de kookzone
1
minuut
lang op volle sterkte werken en vervolgens overschakelen naar stand
"1"
tot het
einde van de bereiding, tenzij de instelling van de knop tussentijds wordt gewijzigd. Als de
stand
"6"
is, zal de kookzone
6 minuten
lang op volle sterkte werken waarna deze
overschakelt naar stroomstand
"6"
tot het einde van de bereiding, tenzij de instelling van de
knop tussentijds wordt gewijzigd. Deze functie kan voor alle standen worden ingesteld
met
uitzondering van de stand "10"
.
SNELKOKEN
Deze functie zorgt ervoor dat water snel aan de kook wordt gebracht; de functie blijft een
vaste tijd ingeschakeld.
Als de tijd om is, schakelt de kookzone automatisch terug naar de maximale stroomstand.
De snelkookfunctie kan ook geactiveerd worden nadat u al op de betreffende kookzone
met koken bent begonnen. Let op: het is belangrijk dat er een pan op de geselecteerde
kookzone staat, voordat u deze kookzone inschakelt om schade aan de glaskeramische
plaat te voorkomen. De gespecificeerde prestatiewaarden voor deze functie worden
gegarandeerd voor alle glaskeramische kookplaten. Om deze functie in te schakelen zet u
de pan eerst op de geselecteerde kookzone en draait u de knop vervolgens op . De
functie wordt uitgeschakeld door de stand van de knop te wijzigen.
GEMATIGD
VERWARMEN
Deze functie is geschikt voor het laten rijzen van deeg, om koude boter zacht te laten
worden, babyzuigflessen of pap warm te houden, om yoghurt te maken, chocolade te
smelten, etc.
Is alleen beschikbaar wanneer het restwarmtelampje brandt. Controleer eerst of het
restwarmtelampje van de betreffende kookzone brandt. Draai vervolgens de knop op
. De functie wordt uitgeschakeld door de stand van de knop te wijzigen.
  • Page 1 1
  • Page 2 2

IKEA 301 230 14 Program Chart

Type
Program Chart
Deze handleiding is ook geschikt voor