Hilti PR 30-HVS Handleiding

Type
Handleiding
OORSPRONKELIJKE GEBRUIKSAANWIJZING
PR 30-HVS Rotatielaser
Lees de handleiding voor het eerste gebruik
beslist door.
Bewaar deze handleiding altijd bij het appa-
raat.
Geef het apparaat alleen samen met de hand-
leiding aan andere personen door.
Inhoud Pagina
1 Algemene opmerkingen 128
2 Beschrijving 128
3 Toebehoren 131
4 Technische gegevens 131
5 Veiligheidsinstructies 133
6 Inbedrijfneming 135
7 Bediening 137
8 Verzorging en onderhoud 143
9 Foutopsporing 145
10 Afval voor hergebruik recyclen 145
11 Fabrieksgarantie op de apparatuur 146
12 FCC-aanwijzing (van toepassing in de USA)
/ IC-aanwijzing (van toepassing in Canada) 146
13 EG-conformiteitsverklaring (origineel) 147
1 Deze nummers verwijzen naar afbeeldingen. De afbeel-
dingen zijn te vinden aan het begin van de handleiding.
In de tekst van deze handleiding wordt met "het appa-
raat" of "de rotatielaser" altijd de rotatielaser PR 30-HVS
bedoeld. Met "afstandsbediening" resp. "laserontvanger"
of "ontvanger" wordt altijd de laserontvanger PRA 30 (03)
bedoeld.
Rotatielaser 1
@
Laserstraal (rotatievlak)
;
Rotatiekop
=
Handgreep
%
Bedieningspaneel
&
Grondplaat met ⁵/₈"‑schroefdraad
(
Li-ion-accu PRA 84
Accu-pack aanbrengen en verwijderen 2
@
Li-ion-accu PRA 84
;
Batterijvak
=
Vergrendeling
Opladen in het apparaat 3
@
Netvoeding PUA 81
;
Oplaadaansluiting
Opladen buiten het apparaat 4
@
Netvoeding PUA 81
;
Auto‑laadsnoer PUA 82
=
LED acculaadactiviteit
Bedieningspaneel rotatielaser 5
@
Aan/uit-toets
;
LED automatische waterpasinstelling
=
LED-pijlen voor elektronische hellingsuitrichting
%
Toets elektronische hellingsuitrichting (alleen in
combinatie met hellingsmodus)
&
Toets en LED schokwaarschuwingsfunctie
(
Toets en LED hellingsmodus
)
LED bewakingsmodus (alleen bij verticale automati-
sche uitrichting)
+
LED acculaadtoestandaanduiding
Bedieningspaneel PRA 30 6
@
Aan/uit-toets
;
Hellingsinvoertoets Plus / richtingstoets Rechts
resp. Hoog (met PRA 90)
=
Eenhedentoets
%
Volumetoets
&
Hellingsinvoertoets Min / richtingstoets Links resp.
Omlaag (met PRA 90)
(
Toets automatisch uitrichten/bewakingsmodus (ver-
ticaal) (dubbele klik)
)
Detectieveld
+
Markeerkerf
§
Display
Display PRA 30 7
@
Aanduiding van de positie van de ontvanger t.o.v.
de hoogte van het laservlak
;
Indicatie batterijtoestand
=
Volume-aanduiding
%
Afstandsaanduiding tot het laservlak
nl
127
Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03
/$6(55$',$7,21'2127
67$5(,172%($0
QP3R P:Ă530
&/$66,,/$6(5352'8&7
&$87,21
1 Algemene opmerkingen
1.1 Signaalwoorden en hun betekenis
GEVAAR
Voor een direct dreigend gevaar dat tot ernstig letsel of
tot de dood leidt.
WAARSCHUWING
Voor een eventueel gevaarlijke situatie die tot ernstig
letsel of tot de dood kan leiden.
ATTENTIE
Voor een eventueel gevaarlijke situatie die tot licht letsel
of tot materiële schade kan leiden.
AANWIJZING
Voor gebruikstips en andere nuttige informatie.
1.2 Verklaring van de pictogrammen en overige
aanwijzingen
Symbolen
Vóór het
gebruik de
handleiding
lezen
Waarschu-
wing voor
algemeen
gevaar
Waarschu-
wing voor
bijtende
stoffen
Waarschu-
wing voor
gevaarlijke
elektrische
spanning
Alleen voor
gebruik
binnen
Materialen
afvoeren
voor
recycling
Niet in de
straal kijken
Waarschu-
wing voor
explosieve
stoffen
Op het apparaat
Laserklasse 2 overeenkomstig IEC/EN 60825‑1:2007
Op het apparaat
Laser class II according CFR 21, § 1040 (FDA)
Plaats van de identificatiegegevens op het apparaat
De typeaanduiding en het seriekenmerk staan op het
typeplaatje van uw apparaat. Neem deze gegevens over
in uw handleiding en geef ze altijd door wanneer u onze
vertegenwoordiging of ons servicestation om informatie
vraagt.
Type:
Generatie: 01
Serienr.:
2 Beschrijving
2.1 Gebruik volgens de voorschriften
De PR 30-HVS is een rotatielaser met een roterende, zichtbare laserstraal en, in een hoek van 90° daarop, een
referentiestraal. De rotatielaser kan verticaal, horizontaal en voor schuine hoeken worden gebruikt.
Het apparaat is bestemd voor het vaststellen, overdragen en controleren van horizontale hoogteverlopen, verticale en
hellende vlakken en rechte hoeken. Voorbeelden voor het gebruik zijn het aanbrengen van meet- en hoogtelijnen, het
bepalen van rechte hoeken op wanden, verticaal uitrichten op referentiepunten of het creëren van hellende vlakken.
Het apparaat is bestemd voor de professionele gebruiker en mag alleen door geautoriseerd, vakkundig geschoold
personeel bediend, onderhouden en gerepareerd worden. Dit personeel moet speciaal op de hoogte zijn gesteld
van de mogelijke gevaren. Het apparaat en de bijbehorende hulpmiddelen kunnen gevaar opleveren als ze door
ongeschoolde personen op ondeskundige wijze of niet volgens de voorschriften worden gebruikt.
Voor een optimaal gebruik van het apparaat bieden wij u verschillende toebehoren.
Gebruik ter voorkoming van letsel alleen originele Hilti toebehoren en apparaten.
Neem de specificaties in de handleiding betreffende het gebruik, de verzorging en het onderhoud in acht.
Houd rekening met de omgevingsinvloeden. Gebruik het apparaat niet op plaatsen waar het risico van explosie en
brand bestaat.
Aanpassingen of veranderingen aan het apparaat zijn niet toegestaan.
nl
128
Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03
2.2 Kenmerken
Met het apparaat kan een persoon snel en met een grote nauwkeurigheid elk vlak waterpas stellen.
De nivellering vindt automatisch plaats na het inschakelen van het apparaat. De straal wordt pas ingeschakeld wanneer
de gespecificeerde nauwkeurigheid bereikt is.
De LED's geven de actuele modus aan.
Het apparaat werkt met oplaadbare Li‑ion accu-packs, die ook tijdens het gebruik kunnen worden opgeladen.
2.3 Combinatiemogelijkheid met de afstandsbediening/de laserontvangerPRA30
De PRA 30 is een afstandsbediening en laserontvanger in een. Hiermee is het mogelijk de PR 30-HVS rotatielaser
gemakkelijk vanaf grote afstanden te bedienen. Daarnaast dient de PRA 30 ook als laserontvanger en kan worden
gebruikt om de laserstraal op grote afstand zichtbaar te maken.
2.4 Digitaal meten van de afstand
De laserontvanger toont digitaal de afstand tussen het laservlak en de markeerkerf van de laserontvanger. Zodoende
kan in een stap tot op de millimeter nauwkeurig worden vastgesteld waar de laserontvanger zich bevindt.
2.5 Automatisch uitrichten en controleren
Met de PR 30-HVS en de PRA 30 kan een persoon eenvoudig een laservlak op een exact punt uitrichten. Het apparaat
herkent de betreffende uitrichting (horizontaal, neiging of verticaal) en gebruikt vervolgens de functie automatisch
uitrichten (horizontaal met PRA 90 en neiging) of automatisch uitrichten met aansluitende bewaking van het vlak
(verticaal). Het uitgerichte laservlak wordt met behulp van de controlefunctie van de PRA 30 automatisch met
regelmatige intervallen gecontroleerd, om eventuele verschuivingen (bijv. door temperatuurschommelingen, wind e.d.)
te voorkomen. De bewakingsfunctie kan worden uitgeschakeld.
2.6 Digitale hellingsaanduiding met gepatenteerde elektronische hellingsuitrichting
De digitale hellingshoekaanduiding kan een hellingshoek tot 21,3% aanduiden, als de PR 30-HVS zich al in een hel-
lingshoek bevindt. Zo kunnen zonder berekeningen hellingen worden uitgezet en gecontroleerd. Met de elektronische
hellingsuitrichting kan de nauwkeurigheid van een helling worden geoptimaliseerd.
2.7 Schokwaarschuwingsfunctie
De schokwaarschuwingsfunctie wordt na het inschakelen van het apparaat pas twee minuten na het uitvoeren van het
waterpas stellen geactiveerd. Als binnen deze twee minuten op een toets wordt gedrukt, begint de wachttijd van twee
minuten opnieuw. Als het apparaat tijdens het gebruik uit het waterpasvlak wordt gebracht (schudden / stoten), dan
schakelt het in de waarschuwingsmodus; alle LED’s knipperen, de laser schakelt uit (kop draait niet meer).
2.8 Automatische uitschakeling
Wanneer het apparaat buiten het zelf instelbare bereik (±5°) is opgesteld of mechanisch is geblokkeerd, dan schakelt
delasernietinenknipperendeLEDs.
Het apparaat kan op statieven met 5/8"-schroefdraad of direct op een vlakke stabiele ondergrond worden opgesteld
(trillingvrij!). Bij het automatisch nivelleren van één of beide richtingen bewaakt het servosysteem de handhaving van
de gespecificeerde nauwkeurigheid. Het apparaat wordt uitgeschakeld wanneer het zichzelf niet waterpas kan stellen
(apparaat buiten het instelbare bereik of mechanisch geblokkeerd) of wanneer het apparaat uit zijn ingestelde vlak
wordt gebracht (zie schokwaarschuwing).
AANWIJZING
Wanneer het apparaat zichzelf niet waterpas kan stellen, schakelt de laser uit en knipperen alle LED's.
2.9 Standaard leveringsomvang
1 Rotatielaser PR 30-HVS
1 Laserontvanger/afstandsbediening PRA 30
(03)
1 Ontvangerhouder PRA 80 of PRA 83
1Handleiding
1 Li‑ion accu-pack PRA 84
1NetvoedingPUA81
nl
129
Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03
2 Batterijen (AA‑cellen)
2 Fabriekscertificaten
1 Hilti-koffer
2.10 Indicatoren van de bedrijfsstatus
Hetapparaatheeftdevolgendestatusaanduidingen:LEDautomatischewaterpasinstelling, LED acculaadtoestand,
LED deactivering schokwaarschuwingsfunctie, LED hellingshoekmodus, LED bewaking en LED elektronische hellings-
hoekuitrichting.
2.11 LED indicaties
LED automatische waterpasinstelling De groene LED knippert. Het apparaat is bezig waterpas te stel-
len.
De groene LED brandt con-
stant.
Het apparaat is goed ingesteld / werkt
correct.
LED deactivering schokwaarschu-
wingsfunctie
De oranje LED brandt con-
stant.
De schokwaarschuwingsfunctie is gede-
activeerd.
LED hellingshoekmodus De oranje LED knippert. Uitrichten van een hellend vlak.
De oranje LED brandt con-
stant.
Hellingsmodus is geactiveerd.
LED bewaking De oranje LED brandt con-
stant.
Het apparaat staat in de controlemodus.
Uitrichting op het referentiepunt (PRA
30) is correct.
De oranje LED knippert. Het apparaat richt het laservlak op het
referentiepunt (PRA 30) uit.
LED's elektronische hellingsuitrichting De oranje LED-pijlen knippe-
ren.
Het apparaat bevindt zich in de modus
"elektronische hellingsuitrichting", de
PRA 30 ontvangt geen laserstraal
Beide oranje LED-pijlen bran-
den constant
Het apparaat is correct op de PRA 30
uitgericht.
De linker oranje LED-pijl
brandt
Het apparaat moet rechtsom worden
gedraaid.
De rechter oranje LED-pijl
brandt
Het apparaat moet linksom worden ge-
draaid
Alle LED's Alle LED's knipperen Het apparaat werd aangestoten, is de
waterpasinstelling kwijt of heeft een sto-
ring.
2.12 Laadtoestand van het Li‑ion accu-pack tijdens het gebruik
LED brandt permanent LED knipperend
Laadtoestand C
LED1,2,3,4
-
C≧75%
LED1,2,3
-
50% C < 75%
LED 1, 2
-
25% C < 50%
LED 1
-
10% C < 25%
-
LED 1
C<10%
2.13 Laadtoestand van het Li‑ion accu-pack tijdens het opladen in het apparaat
LED brandt permanent LED knipperend
Laadtoestand C
LED1,2,3,4
-
C = 100%
LED1,2,3 LED4
75 % C < 100 %
LED1,2 LED3
50% C < 75%
LED1 LED2
25% C < 50%
nl
130
Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03
LED brandt permanent LED knipperend
Laadtoestand C
-
LED 1
C<25%
2.14 Laadtoestand van het Li‑ion accu-pack tijdens het opladen in het apparaat
AlsderodeLEDconstantbrandt, wordt het accu-pack geladen.
Als de rode LED acculaadactiviteit niet brandt, is het laden voltooid of levert het laadapparaat geen stroom.
3 Toebehoren
Omschrijving
Afkorting
Laserontvanger/afstandsbediening PRA 30 (03)
Laserontvanger PRA 20 (02)
Ontvangerhouder PRA 80
Ontvangerhouder PRA 83
Baak PRA 81
Hellingsadapter PRA 79
Netvoeding PUA 81
Auto‑laadsnoer PUA 82
Accu-pack PRA 84
Accu-pack PRA 84G
Verticale hoek PRA 770
Bouwplanadapter PRA 750
Bouwplankontvangerhouder PRA 751
Geveladapter PRA 760
Statief PUA 20
Krukstatief PA 921
Krukstatief PUA 30
Automatisch statief PRA 90
Telescopische meetlatten PUA 50, PUA 55
4 Technische gegevens
Technische wijzigingen voorbehouden!
PR 30-HVS
Reikwijdte ontvangst (diameter) met PRA 30 (03) typisch: 2…500 m
Reikwijdte afstandsbediening (diameter) met PRA 30 (03) typisch: 0…150 m
Nauwkeurigheid
1
op 10 m: ± 0,75 mm
Loodstraal Continu haaks op het rotatievlak
Laserklasse Klasse 2, 620-690 nm; < 1 mW (EN 60825-1:2007 / IEC
60825-1:2007); class II (CFR 21 § 1040 (FDA)); Maxi-
maal vermogen < 4,85 mW bij 300/min
1
Invloeden zoals met name grote temperatuurschommelingen, vochtigheid, schokken, vallen, enz. kunnen de nauwkeurigheid beïn-
vloeden. Tenzij anders vermeld, is het apparaat onder standaard omgevingsomstandigheden (MIL-STD-810G) afgesteld resp. gekali-
breerd.
2
De valtest is van het statief op een vlakke betonnen vloer onder standaard omgevingsomstandigheden (MIL-STD-810G) uitgevoerd.
nl
131
Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03
Rotatiesnelheden 600/min, 1.000/min
Hellingsbereik
met apparaat al onder een hoek: 21,3 %
Bereik van de zelfnivellering ±5°
Energievoorziening 7,4V/5,0AhLiionaccu-pack
Gebruiksduur accu-pack Temperatuur +25 °C, Li‑ion accu-pack: 25 h
Bedrijfstemperatuur -20…+50 °C
Opslagtemperatuur (droog) -25…+60 °C
Veiligheidsklasse IP 66 (overeenkomstig IEC 60529); niet in de modus
"Laden tijdens gebruik"
Schroefdraad van het statief ⁵⁄₈" x 18
Gewicht (inclusief PRA 84) 2,5 kg
Afmetingen (L x B x H) 200 mm x 200 mm x 230 mm
Valtesthoogte
2
1,5 m
1
Invloeden zoals met name grote temperatuurschommelingen, vochtigheid, schokken, vallen, enz. kunnen de nauwkeurigheid beïn-
vloeden. Tenzij anders vermeld, is het apparaat onder standaard omgevingsomstandigheden (MIL-STD-810G) afgesteld resp. gekali-
breerd.
2
De valtest is van het statief op een vlakke betonnen vloer onder standaard omgevingsomstandigheden (MIL-STD-810G) uitgevoerd.
PRA 30 (03)
Werkingsgebied detectie (diameter) kenmerkend voor PR 30-HVS: 2…500 m
Zoemer 3 volumes met de mogelijkheid om deze te onderdruk-
ken
LCD-display Aan beide kanten
Bereik van de afstandsaanduiding ± 52 mm
Weergavebereik van het laservlak ± 0,5 mm
Lengte van het detectieveld 120 mm
Centrumindicatie van bovenkant behuizing
75 mm
Markeerkerven Aan beide kanten
Detectievrije wachttijd voor zelfuitschakeling 15 min
Afmetingen (L × B × H) 160 mm × 67 mm × 24 mm
Gewicht (inclusief batterijen) 0,25 kg
Energievoorziening 2 AA‑batterijen
Levensduur batterijen Temperatuur +20 °C: circa 40 h (afhankelijk van de
kwaliteit van de alkali-mangaanbatterijen)
Bedrijfstemperatuur -20…+50 °C
Opslagtemperatuur -25…+60 °C
Veiligheidsklasse IP 66 (overeenkomstig IEC 60529), behalve batterijvak
Valtesthoogte
1
2m
1
De valtest is in de ontvangerhouder PRA 83 op een vlakke betonnen vloer onder standaard omgevingsomstandigheden (MIL-STD-
810G) uitgevoerd.
PRA 84 Li‑ion accu-pack
Nominale spanning (normale modus) 7,4 V
Maximale spanning (in gebruik of bij het opladen tijdens
het gebruik)
13 V
Nominale stroom 180 mA
Laadtijd
Temperatuur +32 °C: 2 h 10 min (accu-pack 80% op-
geladen)
nl
132
Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03
Bedrijfstemperatuur -20…+50 °C
Opslagtemperatuur (droog) -25…+60 °C
Laadtemperatuur (ook bij het opladen tijdens gebruik) +0…+40 °C
Gewicht 0,3 kg
Afmetingen (L x B x H) 160 mm x 45 mm x 36 mm
PUA 81 Netvoeding
Netstroomvoeding 115…230 V
Netfrequentie 47…63 Hz
Nominaal vermogen 36 W
Nominale spanning 12 V
Bedrijfstemperatuur +0…+40 °C
Opslagtemperatuur (droog) -25…+60 °C
Gewicht 0,23 kg
Afmetingen (L x B x H) 110 mm x 50 mm x 32 mm
5 Veiligheidsinstructies
5.1 Essentiële veiligheidsnotities
Naast de technische veiligheidsinstructies in de af-
zonderlijke hoofdstukken van deze handleiding moe-
ten de volgende bepalingen altijd strikt worden opge-
volgd.
5.2 Algemene veiligheidsmaatregelen
a) Maak geen veiligheidsinrichtingen on-
klaar en verwijder geen instructie- en
waarschuwingsopschriften.
b) Wees alert, let goed op wat u doet en ga met
verstand te werk bij het gebruik van het apparaat.
Gebruik het apparaat niet wanneer u moe bent
of onder invloed bent van drugs, alcohol of me-
dicijnen. Een moment van onoplettendheid bij het
gebruik van het apparaat kan tot ernstig letsel leiden.
c) Zorg ervoor dat kinderen niet in aanraking komen
met laserapparaten.
d) Wanneer het apparaat op een ondeskundige manier
wordt geopend kan er laserstraling ontstaan die ster-
ker is dan klasse 2 resp. 3. Laat het apparaat door
een Hilti-servicestation repareren.
e) Werk niet met het gereedschap in een explo-
sieve omgeving waarin zich brandbare vloeistof-
fen, gassen of stof bevinden. Apparaten veroorza-
ken vonken die het stof of de dampen tot ontsteking
kunnen brengen.
f) (Aanwijzing volgens FCC §15.21): Veranderingen of
modificaties die niet uitdrukkelijk door Hilti toege-
staan zijn, kunnen het recht van de gebruiker beper-
ken om het apparaat in bedrijf te nemen.
g) Als andere dan de hier genoemde bedienings- of
afstelapparaat wordt gebruikt, of als anders te werk
wordt gegaan, kan dit leiden tot gevaarlijke straling.
h) Controleer het apparaat alvorens het te gebrui-
ken. Laat het apparaat ingeval van beschadiging
repareren in een Hilti-servicestation.
i) Ga zorgvuldig met het apparaat om. Controleer
of bewegende delen van het gereedschap correct
functioneren en niet vastklemmen en of onder-
delen gebroken of zodanig beschadigd zijn dat
de werking van het apparaat nadelig wordt beïn-
vloed. Laat beschadigde delen repareren voordat
u het apparaat gebruikt. Veel ongevallen hebben
hun oorzaak in slecht onderhouden apparaten.
j) Na een val of andere mechanische invloeden dient
u de precisie van het apparaat te controleren.
k) Controleer het apparaat voor belangrijke metin-
gen.
l) Controleer tijdens het gebruik meerdere malen de
precisie.
m) Wanneer het apparaat vanuit een zeer koude in
een warme omgeving wordt gebracht, of om-
gekeerd, dient u het apparaat vóór gebruik op
temperatuur te laten komen.
n) Zorg er bij het gebruik van adapters voor dat het
apparaat stevig vastgeschroefd is.
o) Om foutieve metingen te voorkomen, moet het
uitgangsvenster van de laser schoon worden ge-
houden.
p) Ook al is het apparaat gemaakt voor zwaar ge-
bruik op bouwplaatsen, toch dient het, evenals
andere optische en elektrische apparaten (bijv.
veldkijkers, brillen, fotoapparaten), zorgvuldig te
worden behandeld.
q) Hoewel het apparaat beschermd is tegen het bin-
nendringen van vocht, dient u het droog te maken
alvorens het in de transportcontainer te plaatsen.
nl
133
Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03
r) De elektrische contacten uit de buurt van regen
en vocht houden.
s) Gebruik de netvoeding alleen voor het elektrici-
teitsnet.
t) Zorg ervoor dat het apparaat en de netvoeding
geen obstakel vormen dat ertoe kan leiden dat
mensen vallen en letsel oplopen.
u) Zorg voor een goede verlichting van het werkge-
bied.
v) Controleer de verlengsnoeren regelmatig en ver-
vang deze in geval van beschadiging. Wordt de
netvoeding of het verlengsnoer tijdens de werk-
zaamheden beschadigd, dan mag u het niet aan-
raken. Haal de stekker uit het stopcontact. Be-
schadigde voedings- en verlengsnoeren houden het
risico van een elektrische schok in.
w) Voorkom aanraking van het lichaam met geaarde
oppervlakken, bijvoorbeeld van buizen, verwar-
mingen, fornuizen en koelkasten. Er bestaat een
verhoogd risico door een elektrische schok wanneer
uw lichaam geaard is.
x) Bescherm het snoer tegen hitte, olie en scherpe
randen.
y) Gebruik de netvoeding nooit in vuile of natte toe-
stand. Vocht of stof dat zich aan het oppervlak
van de netvoeding hecht, met name van geleidend
materiaal, kan onder ongunstige omstandigheden
tot een elektrische schok leiden. Laat daarom
verontreinigde apparaten, met name wanneer er
vaak geleidend materiaal wordt bewerkt, regel-
matig controleren door de Hilti-service.
z) Raak de contacten niet aan.
5.2.1 Gebruik en onderhoud van
accugereedschappen
a) Stel de accu's niet bloot aan hoge temperaturen
of aan vuur. Er is sprake van explosiegevaar.
b) De accu's mogen niet uit elkaar genomen, in-
eengedrukt, tot boven de 75 °C worden verhit
of verbrand. Anders bestaat er gevaar voor vuur,
verbranding door bijtend zuur en explosie.
c) Voorkom dat er vocht binnendringt. Binnengedron-
gen vocht kan kortsluiting en chemische reacties
veroorzaken en brandwonden of brand tot gevolg
hebben.
d) Bij een verkeerd gebruik kan er vloeistof uit de bat-
terij/accu komen. Voorkom contact. Spoel bij on-
voorzien contact met water af. Komt de vloeistof
in de ogen, spoel deze dan met veel water uit en
neem contact op met een arts. Gelekte accuvloei-
stof kan tot huidirritaties en verbrandingen leiden.
e) Gebruik uitsluitend de voor uw apparaat goedge-
keurde accu's. Bij het gebruik van andere accu's of
het gebruik van accu's voor andere doeleinden is er
kans op brand en bestaat er explosiegevaar.
f) Neem de bijzondere richtlijnen voor het transport,
de opslag en het gebruik van Li-ion-accu's in acht.
g) Houd de gebruikte accu of het laadapparaat uit
de buurt van paperclips, munten, sleutels, spij-
kers, schroeven of andere kleine metalen voor-
werpen, die een kortsluiting van de accu-pack of
laadcontacten zouden kunnen veroorzaken. Een
kortsluiting tussen de accu-pack of laadcontacten
kan leiden tot brand of verbrandingen.
h) Voorkom kortsluiting van de accu. Controleer al-
vorens de accu in het apparaat te plaatsen of de
contacten van de accu en het apparaat vrij zijn. Wor-
den de contacten van een accu kortgesloten, dan
bestaat het risico van vuur, verbranding door bijtend
zuur en explosie.
i) Beschadigde accu's (bijvoorbeeld accu's met
scheuren, gebroken onderdelen, verbogen,
ingedrukte en/of uitgetrokken contacten) mogen
niet geladen en ook niet meer worden gebruikt.
j)
Gebruik voor het apparaat en het opladen van
het accu-pack alleen de netvoeding PUA 81, het
auto‑laadsnoer PUA 82 of andere door de fabri-
kant aanbevolen laadapparaten. Anders bestaat
het gevaar het apparaat te beschadigen. Voor een
laadapparaat dat voor een bepaald type accu-pack
geschikt is, bestaat brandgevaar wanneer deze met
andere accu-packs worden gebruikt.
5.3 Correcte inrichting van het werkgebied
a) Zet het gebied waar u metingen verricht af en let
er bij het opstellen van het apparaat op dat de
straal niet op andere personen of op uzelf wordt
gericht.
b) Wanneer u op ladders werkt, neem dan geen
ongewone lichaamshouding aan. Zorg ervoor dat
u stevig staat en altijd in evenwicht bent.
c) Metingen in de buurt van reflecterende objecten resp.
oppervlakken en door ruiten of soortgelijke materia-
len kunnen leiden tot een verkeerd meetresultaat.
d) Let er op dat het apparaat op een effen, stabiel
oppervlak wordt geplaatst (zonder trillingen!).
e) Gebruik het apparaat alleen binnen de gedefini-
eerde grenzen.
f) Controleer of uw PR 30-HVS alleen op uw PRA 30
reageert en niet op een andere PRA 30 die eventueel
op de bouwplaats gebruikt wordt.
g) Zorg voor een stevige bevestiging van de net-
voeding, bijv. aan een statief, als u het apparaat
oplaadt tijdens het gebruik.
h) Het gebruik van producten voor andere dan de voor-
ziene toepassingen kan tot gevaarlijke situaties lei-
den. Gebruik het product, de toebehoren, de inzet-
gereedschappen en dergelijke in overeenstem-
ming met deze aanwijzingen en op de manier die
voor dit speciale producttype is voorgeschreven.
Let daarbij op de arbeidsomstandigheden en de
uit te voeren werkzaamheden.
i) Het werken met meetlatten in de buurt van hoog-
spanningsleidingen is niet toegestaan.
5.3.1 Elektromagnetische compatibiliteit
Hoewel het apparaat voldoet aan de strenge eisen van
de betreffende voorschriften, kan Hilti de mogelijkheid
nl
134
Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03
niet uitsluiten dat het apparaat door sterke straling wordt
gestoord, hetgeen tot een foute bewerking kan leiden. In
dit geval of wanneer u niet zeker bent, dienen controle-
metingen te worden uitgevoerd. Eveneens kan Hilti niet
uitsluiten dat andere apparaten (bijv. navigatietoestellen
van vliegtuigen) gestoord worden.
5.3.2 Laserclassificatie voor apparaten van de
laserklasse 2/Class II
Afhankelijk van de variant voldoet het apparaat aan de la-
serklasse 2 overeenkomstig IEC60825-1:2007/EN60825-
1:2007 en Class II overeenkomstig CFR 21 § 1040 (FDA).
Deze apparaten kunnen zonder verdere beveiligings-
maatregelen worden gebruikt. Wanneer iemand toevallig
gedurende een kort ogenblik in de laserstraal kijkt, wor-
den de ogen beschermd door de reflex van het sluiten
van het ooglid. Deze reflex van het sluiten van het ooglid
kan echter worden beïnvloed door het gebruik van me-
dicijnen, alcohol of drugs. Toch mag men, evenals bij de
zon, niet direct in de lichtbron kijken. Richt de laserstraal
niet op personen.
6 Inbedrijfneming
AANWIJZING
Het apparaat mag alleen met het Hilti accu-pack PRA 84
of PRA 84G worden gebruikt.
6.1 Het accu-pack aanbrengen 2
ATTENTIE
Controleer alvorens de accu in het apparaat te plaat-
sen of de contacten van de accu en de contacten in
het apparaat schoon zijn.
1. Schuif het accu-pack in het apparaat.
2. Draai de vergrendeling rechtsom tot het vergrende-
lingssymbool verschijnt.
6.2 Accu-pack verwijderen 2
1. Draai de vergrendeling linksom tot het ontgrende-
lingssymbool verschijnt.
2. Trek het accu-pack uit het apparaat.
6.3 Het accu-pack opladen
GEVAAR
Gebruik uitsluitend de Hilti accu-packs en Hilti
voedingsapparaten die onder "Toebehoren" zijn
vermeld. Het gebruik van zichtbaar beschadigde
apparaten/netvoedingen is niet toegestaan.
6.3.1 Eerste keer opladen van een nieuw accu-
pack
Laad de accu-packs voor het eerste gebruik volledig op.
AANWIJZING
Zorg er daarbij voor dat het op te laden systeem veilig is
geplaatst.
6.3.2 Opnieuw laden van een accu-pack
1. Zorg ervoor dat de buitenvlakken van het accu-pack
schoon en droog zijn.
2. Breng het accu-pack in het apparaat aan.
AANWIJZING Li‑ion accu-packs zijn altijd gebruiks-
klaar, ook wanneer ze ten dele zijn opgeladen.
Wanneer het apparaat is ingeschakeld, wordt de
voortgang van het opladen aangegeven door LED's.
6.4 Opties voor het opladen van het accupack
AANWIJZING
Zorgervoordatdeaanbevolen temperatuur bij het opla-
deninachtwordtgenomen(0tot4C).
GEVAAR
De netvoeding PUA 81 mag alleen "binnenshuis" wor-
den gebruikt. Voorkom dat er vocht binnendringt.
6.4.1 Opladen van het accu-pack in het apparaat 3
1. Plaats het accu-pack in het batterijvak (zie 6.1).
2. Draai de vergrendeling totdat de laadaansluiting van
het accu-pack zichtbaar wordt.
3. Sluitdestekkervandenetvoedingofhet
auto‑laadsnoer aan op het accu-pack.
Het accu-pack wordt opgeladen.
4. Schakel het apparaat in om de laadtoestand tijdens
het opladen weer te geven.
6.4.2 Opladen van het accu-pack buiten het
apparaat 4
1. Verwijder het accu-pack (zie 6.2).
2. Verbinddestekkervandenetvoedingofhet
auto‑laadsnoer met het accu-pack.
De rode LED van het accu-pack geeft laadactiviteit
aan.
nl
135
Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03
6.4.3 Opladen van het accu-pack tijdens het
gebruik
GEVAAR
Het is niet toegestaan om het accu-pack tijdens het
gebruik van het apparaat buitenshuis of in een vochtige
omgeving op te laden.
ATTENTIE
Voorkom dat er vocht binnendringt. Binnengedrongen
vocht kan kortsluiting en chemische reacties veroorzaken
en brandwonden of brand tot gevolg hebben.
1. Draaidesluitingtotdatdelaadaansluitingvanhet
accu-pack zichtbaar wordt.
2. Steek de stekker van de netvoeding in het accu-
pack.
Het apparaat werkt tijdens het opladen en de laad-
toestand van de accu wordt door de LED's op het
apparaat weergegeven.
6.5 Zorgvuldige omgang met het accu-pack
Sla accu-packs zo koel en droog mogelijk op. Bewaar
accu-packs nooit in de zon, op een verwarming of achter
een raam. Wanneer de levensduur verstreken is, dienen
accu-packs op een milieuvriendelijke en veilige wijze te
worden afgevoerd.
6.6 Apparaat inschakelen
Druk op de aan/uit-toets.
AANWIJZING
Na het inschakelen start het apparaat de automatische
waterpasinstelling. Bij volledige nivellering schakelt de
laserstraalinderotatie-enindenormalerichtingin.
6.7 LED indicaties
Zie hoofdstuk 2, Beschrijving
6.8 Batterijen in de PRA 30 aanbrengen 8
GEVAAR
Gebruik geen beschadigde batterijen.
GEVAAR
Geen oude en nieuwe batterijen samen in het apparaat
aanbrengen. Gebruik geen batterijen van verschillende
producenten of met verschillende typeaanduidingen.
AANWIJZING
De PRA 30 mag alleen met batterijen worden gebruikt
die overeenkomstig internationale standaarden geprodu-
ceerd zijn.
1. Open het batterijvak van de laserontvanger.
2. Breng de batterijen in de laserontvanger aan.
AANWIJZING Letbijhetaanbrengenopdepolariteit
van de batterijen!
3. Sluit het batterijvak.
6.9 Pairen
Het apparaat en de afstandsbediening/de laserontvanger
worden gepaird geleverd. Andere laserontvangers van
hetzelfde type of het automatische statief PRA 90 zijn
zonder pairing niet klaar voor gebruik. Om het apparaat
met dit accessoire te kunnen gebruiken, moeten deze
op elkaar worden ingesteld, ofwel gepaird. Het pairen
van apparaten bewerkstelligt dat de apparaten eenduidig
met elkaar worden gepaird. Het apparaat en het auto-
matische statief PRA 90 ontvangen zo alleen signalen
van de gepairde afstandsbediening/laserontvanger. De
pairing maakt het mogelijk om naast andere rotatiela-
sers te werken, zonder dat instellingen hierdoor worden
gewijzigd.
6.9.1 Pairen van apparaat en laserontvanger
1. Druk de Aan/Uit- toetsen van het apparaat en de la-
serontvanger gelijktijdig in en houd deze ten minste
3secondeningedrukt.
De succesvolle pairing wordt op de laserontvanger
door een geluidssignaal en op het apparaat door
het knipperen van alle LED's aangegeven. Tegelij-
kertijd verschijnt op het display van de laseront-
vangerkortetijdhetpairing-symbool.Apparaaten
ontvanger schakelen na het pairen automatisch uit.
2. De gepairde apparaten weer inschakelen.
Het symbool "gepaird" verschijnt op het display.
6.9.2 Pairen van PRA 90 en ontvanger
1. Druk de aan-/uit-toetsen van het automatische sta-
tief PRA 90 en laserontvanger gelijktijdig in en houd
deze ten minste 3 seconden ingedrukt.
De succesvolle pairing wordt op de laserontvanger
door een geluidssignaal en op het automatische
statief PRA 90 door het knipperen van alle LED's
aangegeven. Tegelijkertijd verschijnt op het display
van de laserontvanger korte tijd het pairing-symbool.
Statief en ontvanger schakelen na het pairen auto-
matisch uit.
2. De gepairde apparaten weer inschakelen.
Op het display van de laserontvanger wordt het
apparaat inclusief statief aangegeven.
nl
136
Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03
7Bediening
7.1 Apparaat controleren
Controleer voor belangrijke metingen de nauwkeurigheid
van het apparaat, met name nadat het op de grond is
gevallen of aan ongebruikelijke mechanische invloeden
blootgesteld is geweest (zie 8.6).
7.2 Apparaat inschakelen
Druk op de aan/uit-toets.
AANWIJZING
Na het inschakelen start het apparaat de automatische
waterpasinstelling.
7.3 Werken met de PRA 30
De PRA 30 is een afstandsbediening en laserontvanger in een. De afstandsbediening vergemakkelijkt het werken
met de rotatielaser en is nodig om sommige functies van het apparaat te kunnen gebruiken. De aanduiding van de
laserstraal vindt optisch en akoestisch plaats.
7.3.1 Werken met de laserontvanger als los apparaat
1. Druk op de aan/uit-toets.
2. Houd de laserontvanger met het detectievenster direct in het vlak van de roterende laserstraal.
7.3.2 Werken met de laserontvanger in de ontvangerhouder PRA 80 9
1. Open de sluiting van de PRA 80.
2. Plaats de ontvanger in de ontvangerhouder PRA 80.
3. Sluit de sluiting van de PRA 80.
4. Schakel de ontvanger in met de aan/uit-toets.
5. Open de draaigreep.
6. Bevestig de ontvangerhouder PRA 80 stevig aan de telescoop- of nivelleerstang door de draaihandgreep te
sluiten.
7. Houd de ontvanger met het ontvangstveld direct in het vlak van de roterende laserstraal.
7.3.3 Werken met de laserontvanger in de ontvangerhouder PRA 83 9
1. Druk de ontvanger schuin in de rubber behuizing van de PRA 83, tot deze de ontvanger volledig omsluit. Let erop
dat het ontvangstveld en de toetsen zich aan de voorzijde bevinden.
2. Maak de ontvanger samen met de rubber behuizing vast aan de handgreep. De magnetische houder verbindt de
behuizing en de handgreep met elkaar.
3. Schakel de ontvanger in met de aan/uit-toets.
4. Open de draaigreep.
5. Bevestig de ontvangerhouder PRA 83 door sluiten van de draaihandgreep stevig aan de telescoop- of nivelleer-
stang.
6. Houd de ontvanger met het ontvangstveld direct in het vlak van de roterende laserstraal.
7.3.4 Werken met de baak PRA 81 9
1. Open de sluiting van de PRA 81.
2. Plaats de laserontvanger in de baak PRA 81.
3. Sluit de sluiting van de PRA 81.
4. Schakel de laserontvanger met de aan/uit-toets in.
5. Houd de laserontvanger met het detectievenster direct in het vlak van de roterende laserstraal.
6. Positioneer de laserontvanger zodanig, dat de afstandsaanduiding "0" aangeeft.
7. Meet de gewenste afstand met behulp van het meetlint.
7.3.5 Eenhedeninstelling 6
Met de eenhedentoets kan de gewenste nauwkeurigheid van de digitale weergave worden ingesteld (mm / cm / uit).
7.3.6 Volume-instelling 6
Bij het inschakelen van de laserontvanger is het volume op "normaal" ingesteld. Door een druk op de volumetoets kan
het volume worden gewijzigd. Er kan worden gekozen uit de 4 opties "Zacht", "Normaal", "Luid" en "Uit".
nl
137
Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03


7.3.7 Menu-opties 6
1. Druk bij het inschakelen van de laserontvanger de aan/uit-toets twee seconden in.
De menuweergave verschijnt op het display.
2. Gebruik de eenhedentoets om tussen metrische en anglo-amerikaanse eenheden te wisselen.
3. Gebruik de volumetoets om de snelle opeenvolging van het akoestische signaal voor het detectiebereik boven of
onder de markeerkerft in te stellen.
4. Selecteer met de richtingstoetsen (links/rechts) indien nodig meer punten.
AANWIJZING Met de richtingstoetsen (Links/Rechts) kunnen de instelmogelijkheden worden geselecteerd. De
eenhedentoets dient voor het veranderen van de betreffende instelling. De volgende instelmogelijkheden zijn
mogelijk: Weergave van de softwareversie (geen instelmogelijkheid), slaapmodus PR 30-HVS (uit/aan), eenheden
hellingshoekmodus (%/°), pairing PR 30-HVS (pairing verbreken), pairing PRA 90 (pairing verbreken), gevoeligheid
schokwaarschuwingsfunctie (hoog/middel/laag), radiografische verbinding (aan/uit). Instellingen die het apparaat
betreffen worden alleen effectief als het apparaat ingeschakeld is en radiografisch verbonden is.
5. Schakel de laserontvanger uit om de instellingen op te slaan.
AANWIJZING De geselecteerde instellingen zijn ook van toepassing na de volgende inschakeling.
7.3.8 Dubbelklikken
Bij het bedienen moet het commando "Automatisch uitrichten" resp. "Bewaking" door dubbelklikken worden bevestigd,
om een verkeerde bediening te verhinderen.
7.4 Schokwaarschuwingsfunctie deactiveren
1. Schakel het apparaat in (zie 7.2).
2. Druk op de toets voor deactivering van de schok-
waarschuwingsfunctie.
HetconstantbrandenvandeLEDdeactivering
schokwaarschuwingsfunctie geeft aan dat de func-
tie gedeactiveerd is.
3. Om terug te keren naar de standaardmodus, het
apparaat uitschakelen en opnieuw starten.
nl
138
Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03
PP
7.5 Horizontaal werken
7.5.1 Opstellen
1. Monteer het apparaat afhankelijk van het gebruik op bijv. een statief; u kunt de rotatielaser ook aan een
wandhouder monteren. De hellingshoek van het draagvlak mag maximaal ± zijn.
2. Druk op de aan/uit-toets.
De LED automatische waterpasinstelling knippert groen.
Zodra de waterpasinstelling is voltooid wordt de laserstraal ingeschakeld, roteert hij en brandt de LED automati-
sche waterpasinstelling constant.
7.5.2 Uitrichten met het automatische statief PRA 90
AANWIJZING
Deze functie is alleen beschikbaar met het automatische statief PRA 90.
Bij het eerste gebruik moet de laserontvanger PRA 30 met het statief worden gepaird (zie 6.9.2)
Met het optionele automatische statief PRA 90 kan de hoogte van het laservlak handmatig of automatisch op het
gewenste niveau worden ingesteld.
1. Monteer het apparaat op het automatische statief PRA 90.
2. Schakel de rotatielaser, het automatische statief en de laserontvanger in. Richt de hoogte van het laservlak nu
handmatig (zie 7.5.3) of automatisch (zie 7.5.4) uit.
7.5.3 Handmatig uitrichten 6
Druk op de laserontvanger de toetsen +/- of op de PRA 90 de pijltoetsen in, om het horizontale vlak naar boven resp.
naar beneden te verschuiven.
7.5.4 Automatisch uitrichten 6
1. Houd de ontvangerzijde van de laserontvanger op de gewenste doelhoogte en in de richting van het bedienings-
paneel van de PRA 90. Houd de laserontvanger tijdens het uitrichten rustig en let erop dat u vrij zicht hebt tussen
de laserontvanger en het apparaat.
2. Dubbelklik op de toets Automatisch uitrichten op de laserontvanger. Door nogmaals dubbelklikken wordt de
uitrichting beëindigd.
Na het dubbelklikken start het uitrichtingsproces van het laservlak, en het statief beweegt omhoog of omlaag.
Gedurende het uitrichtproces klinkt een voortdurend akoestisch signaal. Zodra de laserstraal op het ontvangstveld
van de PRA schijnt, wordt de straal naar de markeerkerf (referentievlak) bewogen.
Nadat de positie is bereikt en het apparaat is ingesteld, geeft een geluidssignaal van vijf seconden aan dat het
proces is afgesloten. Bovendien wordt het symbool van de automatische uitrichting niet meer weergegeven.
3. Controleer de hoogte-instelling op het display.
4. Verwijder de laserontvanger.
AANWIJZING Als het automatische uitrichtingsproces niet succesvol was, klinken korte signalen en dooft het
signaal van het automatisch uitrichten.
nl
139
Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03
PP
7.6 Verticaal werken
1. Plaats het apparaat voor verticaal werken op een passend statief, geveladapter of bouwplankadapter of
wandhouder, zodat het bedieningspaneel van het apparaat naar boven gericht is. Als alternatief kunt u het
apparaat ook op de rubbervoeten van de achterste handgrepen leggen.
AANWIJZING De beste radiografische verbinding met de PRA 30 biedt de zijde van het apparaat die rechts op
het bedieningspaneel aansluit.
AANWIJZING Om de gespecificeerde nauwkeurigheid te bereiken, moet het apparaat op een horizontaal
vlak worden gepositioneerd resp. overeenkomstig nauwkeurig op het statief of andere toebehoren worden
gemonteerd.
2. Richt de verticale as van het apparaat met behulp van vizier en korrel in de gewenste richting uit.
3. Druk op de aan/uit-toets.
Na de nivellering projecteert het apparaat een vaste laserstraal loodrecht naar beneden. Deze geprojecteerde
punt is het referentiepunt (geen loodpunt) en dient ter positionering van het apparaat.
4. Richt het apparaat nu zo uit dat de geprojecteerde laserpunt exact op een referentiepunt (bijv. een nagel in de
bouwplank) uitgerust is.
5. Richt de hoogte van het laservlak nu handmatig (zie 7.6.1) of automatisch (zie 7.6.2) op het gewenste tweede
referentiepunt uit.
Zodra u met de uitrichting begint, gaat de laser automatisch draaien.
7.6.1 Handmatig uitrichten 6
1. Druk op de laserontvanger de richtingstoetsen (links/rechts) in, om het verticale vlak handmatig uit te richten.
7.6.2 Automatisch uitrichten en controleren 6
1. Houd de laserontvanger met de markeerkerf op de gewenste uit te richten plaats en in de richting van het
apparaat.
2. Dubbelklik op de toets automatisch uitrichten. Door nogmaals dubbelklikken wordt de uitrichting beëindigd.
Met een dubbelklik start het uitrichtproces van het laservlak. Gedurende het uitrichtproces klinkt een voortdurend
akoestisch signaal.
U kunt de richting van het zoekproces wijzigen door de toets "Automatisch uitrichten" in te drukken.
Zodra de laserstraal op het ontvangstveld van de laserontvanger schijnt, wordt de straal naar de markeerkerf
(referentievlak) bewogen.
Nadat de positie is bereikt (markeerkerf gevonden) en het apparaat is ingesteld, geeft een geluidssignaal van vijf
seconden aan dat het proces is afgesloten.
De laserontvanger gaat automatisch naar de bewakingsmodus en controleert in regelmatige afstanden of het
laservlak verschoven is. Bij een verschuiving wordt het laservlak weer op het markeringsvlak verschoven, wanneer
dit mogelijk is. Als het markeringsvlak buiten het nivelleringsbereik van ±5° ligt, als het directe zichtcontact tussen
het apparaat en de laserontvanger gedurende langere tijd verhinderd is of als de uitrichtingsprocedure binnen
twee minuten niet is gelukt, klinken korte geluidssignalen. De laser draait niet meer en het symbool "automatische
uitrichting" dooft. Dit geeft het afbreken van de automatische uitrichtingsprocedure aan.
3. Dubbelklik op de toets automatisch uitrichten om de bewakingsmodus te verlaten.
nl
140
Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03
7.7 Werken met hellingen
7.7.1 Opstellen
AANWIJZING
De hellingshoek kan handmatig, automatisch of met behulp van de hellingadapter PRA 79 worden ingesteld.
AANWIJZING
Hellingshoeken kunnen op de PRA 30 in % of in ° worden ingesteld resp. aangegeven. Zie voor het instellen van de
gewenste eenheid de menu-opties in hoofdstuk 7.3.7.
1. Monteer, indien nodig, het apparaat bijv. op een statief.
2. Positioneerderotatielaseropdebovensteofopdeondersterandvanhethellende vlak.
3. Ga achter het apparaat staan, met de blik in de richting van het bedieningspaneel.
4. Richt het apparaat met behulp van de doelkerf op de kop van het apparaat parallel aan het hellende vlak uit. Voor
een nauwkeurigere uitrichting na de instelling van de hellingshoek de elektronische hellingsuitrichting uitvoeren
(zie 7.7.4).
5. Het apparaat inschakelen en de toets hellingshoekmodus indrukken. De LED hellingshoekmodus gaat branden.
Zodra de nivellering afgerond is, wordt de laserstraal ingeschakeld. De PR 30-HVS kan worden gekanteld zodra
het symbool "hellingshoekmodus" op het display van de PRA 30 verschijnt.
7.7.2 Hellingshoek handmatig instellen 6
AANWIJZING
Als het apparaat temperatuurveranderingen van ongeveer 10 graden meet, stopt de laserrotatie gedurende circa 40
seconden. Gedurende deze tijd corrigeert het apparaat alle mogelijke storingen als gevolg van de temperatuurveran-
dering. Na de automatische correctie stelt het apparaat het laservlak weer op de vorige hellingshoek in en begint de
laser te draaien.
Afhankelijk van de ingestelde hellingshoek van het apparaat kunnen hellingshoeken tot 21,3% worden ingevoerd. De
aanduiding van de laserontvanger geeft de hellingshoek aan.
7.7.2.1 Positieve hellingshoeken
De hellingshoekinvoertoets Plus brengt het laservlak voor het apparaat omhoog en laat het laservlak achter het
apparaat zakken.
1. Druk de hellingshoekinvoertoets Plus op de afstandsbediening in.
AANWIJZING Wanneer drie seconden lang geen toets wordt ingedrukt, wordt de laatst weergegeven hellingshoek
in het apparaat ingesteld. De LED hellingshoekmodus knippert.
De aanduiding van de laserontvanger geeft de hellingshoek aan.
2. Houd de hellingshoekinvoertoets ingedrukt om de waarden sneller te veranderen.
7.7.2.2 Negatieve hellingshoeken
De hellingshoekinvoertoets Minus laat het laservlak voor het apparaat zakken en brengt het laservlak achter het
apparaat omhoog.
1. Druk de hellingshoekinvoertoets Minus op de afstandsbediening in.
AANWIJZING Wanneer drie seconden lang geen toets wordt ingedrukt, wordt de laatst weergegeven hellingshoek
in het apparaat ingesteld. De LED hellingshoekmodus knippert.
De aanduiding van de laserontvanger geeft de hellingshoek aan.
2. Houd de hellingshoekinvoertoets ingedrukt om de waarden sneller te veranderen.
7.7.3 Hellingshoek automatisch instellen 6
Met deze functie kan automatisch een gekanteld laservlak tussen 2 punten tot stand worden gebracht en de
hellingshoek tussen deze punten worden bepaald.
1. Stel het apparaat zoals onder 7.7.1 beschreven op de bovenste rand van het hellende vlak in.
2. Monteer de laserontvanger met de ontvangerhouder PRA 80/PRA 83 bijv. op de telescoopplaat PUA 50.
3. Positioneer de ontvanger direct voor de rotatielaser, richt hem t.o.v. de hoogte van het laservlak uit en fixeer hem
op de telescoopplaat.
nl
141
Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03
PP
4. Positioneer de ontvanger met de telescoopplaat op de onderste rand van het hellend vlak en dubbelklik op de
toets automatisch uitrichten. Door nogmaals dubbelklikken wordt de uitrichting beëindigd.
Nu start het uitrichtproces van het laservlak. Gedurende het uitrichtproces klinkt een voortdurend akoestisch
signaal. U kunt de richting van het zoekproces wijzigen door de toets "Automatisch uitrichten" in te drukken.
Zodra de laserstraal op het ontvangstveld van de laserontvanger schijnt, wordt de straal naar de markeerkerf
(referentievlak) bewogen. Nadat de positie is bereikt (markeerkerf gevonden), geeft een geluidssignaal van vijf
seconden aan dat het proces is afgesloten.
Het symbool "automatische uitrichting" wordt niet meer weergegeven op het display van de laserontvanger en
de ontvanger gaat automatisch op de normale modus over.
Op het display van de laserontvanger wordt gedurende vijf seconden de hellingshoek aangegeven.
5. Lees de hellingshoek tussen de beide punten (standpunten van het apparaat en de laserontvanger) op het display
van de laserontvanger af.
AANWIJZING Na vijf seconden verdwijnt de hellingsaanduiding op het display van de laserontvanger.
7.7.4 Optionele elektronische hellingsuitrichting
Na het grof uitrichten van de rotatielaser en het instellen van de hellingshoek (zoals hierboven beschreven) kan het
uitrichten van de PR 30-HVS door het gepatenteerde Hilti elektronische hellingsuitrichting worden geoptimaliseerd.
1. Positioneer de PRA 30 centraal aan het einde van het hellend vlak tegenover de PR 30-HVS. U kunt hem zelf
vasthouden of met de PRA 80/PRA 83 fixeren.
2. Activeer de elektronische hellingsuitrichting van de PR 30-HVS door het indrukken van de toets elektronische
hellingsuitrichting.
Als de pijlen voor de elektronische hellingsuitrichting knipperen, ontvangt de PRA 30 geen laserstraal van de
PR 30-HVS.
3. Als de linker pijl knippert, de PR 30-HVS rechtsom verdraaien.
4. Als de rechter pijl knippert, de PR 30-HVS linksom verdraaien.
Als beide pijlen branden, is de uitrichting op de PRA 30 correct.
Na een succesvolle uitrichting (beide pijlen branden constant gedurende 10 seconde) wordt de functie automatisch
beëindigd.
5. Fixeer de rotatielaser nu op het statief, zodat het niet abusievelijk kanwordenverdraaid.
6. U kunt de elektronische hellingsuitrichting ook activeren door het indrukken van de toets elektronische hellings-
uitrichting.
AANWIJZING Tussen de grove uitrichting met behulp van vizier en korrel en de fijne uitrichting met behulp van
de elektronische hellingsuitrichting kunnen afwijkingen optreden. Omdat de elektronische methode exacter is
dan de optische, wordt geadviseerd altijd de elektronische hellingsuitrichting als referentie te gebruiken.
7.7.5 Hellingshoek met behulp van de hellingsadapter PRA 79 instellen
AANWIJZING
De hellingstafel moet correct tussen het statief en het apparaat gemonteerd zijn (zie handleiding PRA 79).
1. Monteer de hellingsadapter PRA 79 afhankelijk van het gebruik op bijv. een statief.
2. Positioneer het statief op de bovenste of op de onderste rand van het hellende vlak.
3. Monteer de rotatielaser op de hellingsadapter en richt het apparaat met behulp van de doelkerf op de kop van
de PR 30-HVS inclusief de hellingsadapter parallel aan het hellende vlak uit. Het bedieningspaneel van de PR
30-HVS moet zich aan de tegenovergestelde zijde van de hellingsrichting bevinden.
4. Zorg ervoor dat de hellingsadapter zich in de uitgangspositie bevindt (0°).
nl
142
Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03
5. Schakel het apparaat in (zie 7.2).
6. Druk op de knop hellingshoekmodus.
Op het bedieningspaneel van de rotatielaser gaat nu de LED hellingshoekmodus branden.
Het apparaat begint nu met de automatische waterpasinstelling. Zodra deze voltooid is, wordt de laser ingescha-
keld en begint deze te draaien.
7. Stel nu de gewenste hellingshoek op de hellingsadapter in.
AANWIJZING Bij de handmatige instelling van de hellingshoek nivelleert de PR 30-HVS het laservlak eenmalig
en fixeert dit vervolgens. Trillingen, temperatuurveranderingen of andere invloeden die gedurende de dag kunnen
optreden kunnen van invloed zijn op de positie van het laservlak.
7.8 Naar de standaardmodus terugkeren
Om terug te keren naar de standaardmodus, het apparaat
uitschakelen en opnieuw starten.
7.9 Slaapmodus
In de slaapmodus kan de PR 30-HVS stroom besparen.
De laser wordt uitgeschakeld en zo wordt de levensduur
van de batterij verlengd.
7.9.1 Slaapmodus activeren
1. Druk bij uitgeschakelde PRA 30 de aan/uit‑toets van
de PRA 30 gedurende circa 3 seconden in.
2. Druk de richtingstoets rechts 2 keer in om naar het
menupunt "Slaapmodus" te gaan.
3. Druk de eenhedentoets in om de slaapmodus van
de PR 30-HVS in te schakelen.
7.9.2 Slaapmodus deactiveren
1. Druk bij uitgeschakelde PRA 30 de aan/uit‑toets van
de PRA 30 gedurende circa 3 seconden in.
2. Druk de richtingstoets rechts 2 keer in om naar het
menupunt "Slaapmodus" te gaan.
3. Druk de eenhedentoets in om de slaapmodus van
de PR 30-HVS uit te schakelen.
4. Controleer na het weer activeren van de PR 30-HVS
de laserinstellingen, om de nauwkeurigheid van het
werk te waarborgen.
8 Verzorging en onderhoud
8.1Reinigenendrogen
1. Blaas het stof van de optische lenzen.
2. Het glas niet met de vingers aanraken.
3. Alleen met schone en zachte doeken reinigen; zo
nodig met zuivere alcohol of wat water bevochtigen.
AANWIJZING Door te ruw reinigingsmateriaal kan
het glas bekrast raken en de nauwkeurigheid van
het apparaat nadelig worden beïnvloed.
AANWIJZING Geen andere vloeistoffen gebruiken
omdatdezedekunststofdelenkunnenaantasten.
4. Droog de uitrusting met inachtneming van de tem-
peratuurgrenzen die in de Technische gegevens zijn
aangegeven.
AANWIJZING Met name in de winter en zomer de
temperatuurgrenzen in acht nemen wanneer u de
uitrusting bijv. in een voertuig bewaart.
8.2 Verzorging van het Li‑ion accu-pack
AANWIJZING
Het is niet nodig om het Li-ion accu-pack een opfrislading
te geven, zoals bij NiCd of NiMH accu-packs.
AANWIJZING
Wanneer het laden wordt onderbroken, beïnvloedt dit de
levensduur van het accu-pack niet.
AANWIJZING
Het laden kan op ieder moment worden gestart zonder
dat de levensduur wordt beïnvloed. Er is geen sprake van
een memory-effect, zoals bij NiCd of NiMH accu-packs.
AANWIJZING
De accu-packs kunnen het best volledig geladen en zo
koel en droog mogelijk worden bewaard. Het is ongunstig
om het accu-pack te bewaren bij hoge omgevingstempe-
raturen (bijv. achter ruiten). Hierdoor wordt de levensduur
van het accu-pack en het zelfontladingspercentage van
de cellen beïnvloed.
AANWIJZING
Door veroudering of overbelasting verliezen accu-packs
capaciteit; ze kunnen in dat geval niet meer volledig
worden geladen. Ondanks dat u met oude accu-packs
nog kunt werken, dienen ze op tijd te worden vervangen.
1. Voorkom dat er vocht binnendringt.
2. Laad de accu-packs voor het eerste gebruik volledig
op.
3. Laad de accu-packs op, zodra de prestaties van het
apparaat duidelijk minder worden.
AANWIJZING Tijdig opladen verhoogt de levens-
duur van de accu-packs.
AANWIJZING Bij verder gebruik van het accu-pack
wordt het ontladen automatisch beëindigd voordat
er cellen kunnen worden beschadigd en wordt het
apparaat uitgeschakeld.
4. Laad de accu-packs op met de goedgekeurde Hilti-
laadapparaten voor Li‑ion accu-packs.
nl
143
Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03
8.3 Opslaan
1. Apparaten die nat zijn geworden, dienen te worden
uitgepakt. Apparaten, transportcontainers en toebe-
horen moeten worden gedroogd (met inachtneming
van de bedrijfstemperatuur) en gereinigd. De appa-
ratuur pas weer inpakken als alles helemaal droog
is.
2. Voer wanneer de apparatuur gedurende langere tijd
is opgeslagen of getransporteerd vóór gebruik een
controlemeting uit.
3. Neem accu's en batterijen uit het apparaat en de la-
serontvanger wanneer deze voor langere tijd worden
opgeslagen. Lekkende accu's en batterijen kunnen
het apparaat en de laserontvanger beschadigen.
8.4 Transporteren
Gebruik voor het transport of de verzending van uw
uitrusting de kartonnen verzenddoos van Hilti of een
gelijkwaardige verpakking.
ATTENTIE
Verwijder voor het transport of het verzenden de accu-
packs en batterijen uit het apparaat en de laserontvanger.
8.5 Kalibreren door Hilti Kalibratieservice
Wij raden aan het apparaat regelmatig te laten controleren
door de Hilti Kalibratieservice om de betrouwbaarheid
overeenkomstig de normen en wettelijke eisen te kunnen
garanderen.
De Hilti Kalibratieservice staat te allen tijde tot uw be-
schikking. Wij adviseren om het apparaat minstens een-
maal per jaar te laten kalibreren.
In het kader van de Hilti Kalibratieservice wordt bevestigd
dat de specificaties van het gecontroleerde apparaat op
de dag van keuring overeenkomen met de technische
gegevens van de handleiding.
Bij afwijkingen van de fabrieksgegevens wordt het ge-
bruikte meetapparaat weer opnieuw ingesteld. Na ijking
en keuring wordt een kalibratieplaatje op het apparaat
aangebracht en met een kalibratiecertificaat schriftelijk
bevestigd dat het apparaat conform de fabrieksgege-
vens werkt.
Kalibratiecertificaten zijn altijd vereist bij ondernemingen
die volgens ISO 900X gecertificeerd zijn.
Een Hilti-vestiging in uw omgeving geeft u graag meer
informatie.
8.6 Nauwkeurigheid controleren
AANWIJZING
Om aan de technische specificaties te kunnen blijven
voldoen, moet het apparaat regelmatig (minstens voor
ieder groter/kritisch project) worden gecontroleerd!
AANWIJZING
Onder de volgende omstandigheden kan worden aan-
genomen, dat een apparaat na een val correct en met
dezelfde nauwkeurigheid als voor de val werkt:
Bij de val is de in de Technische gegevens aangegeven
valhoogte niet overschreden.
Het apparaat is bij de val niet mechanisch beschadigd
(bijv. breuk van de pentaprisma).
Het apparaat zendt bij het gebruik een roterende laser-
straal uit.
Het apparaat heeft ook voor de val correct gewerkt.
8.6.1 Horizontale hoofd- en dwarsas controleren 
1. Statief circa 20 m van een wand opstellen en de
statiefkop m.b.v. waterpas horizontaal uitrichten.
2. Apparaat op het statief monteren en de apparaatkop
met behulp van de doelkerf op de wand uitrichten.
3. Met behulp van de ontvanger een punt (punt 1)
bepalen en dit punt op de wand markeren.
4. Apparaat 90º rechtsom om de apparaatas draaien.
Daarbij mag de hoogte van het apparaat niet veran-
derd worden.
5. Met behulp van de laserontvanger een tweede punt
(punt 2) bepalen en dit punt op de wand markeren.
6. Stappen 4 en 5 nog twee maal herhalen en punt 3
en punt 4 met behulp van de ontvanger opvangen
en op de wand markeren.
Bij zorgvuldige uitvoering moet de verticale af-
stand tussen de beide gemarkeerde punten 1 en
3 (hoofdas) resp. punten 2 en 4 (dwarsas) steeds
< 3 mm zijn (op 20 m). Bij grotere afwijkingen het
apparaat voor kalibratie naar Hilti Service zenden.
8.6.2 Controle van de verticale as  
1. Apparaat verticaal op een zo vlak mogelijke bodem
circa 20 m van een wand opstellen.
2. De handgrepen van het apparaat parallel aan de
wand uitrichten.
3. Apparaat inschakelen en het referentiepunt (R) op
de vloer markeren.
4. Met behulp van de ontvanger punt (A) aan de on-
derkant van de wand markeren. Middelste snelheid
selecteren.
5. Met behulp van de ontvanger punt (B) op circa 10 m
hoogte markeren.
6. Apparaat 180° draaien en ophetreferentiepunt(R)
op de vloer en op het onderste markeringspunt (A)
op de wand uitrichten.
7. Met behulp van de ontvanger punt (C) op circa 10 m
hoogte markeren.
8. Bij zorgvuldige uitvoering moet de horizontale af-
stand tussen de beide op tien meter hoogte gemar-
keerde punten (B) en (C) kleiner dan 1,5 mm zijn (bij
10 m).
AANWIJZING Bij een grotere afwijking: Het appa-
raat voor kalibratie naar Hilti Service zenden.
nl
144
Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03
9 Foutopsporing
Fout Mogelijke oorzaak
Oplossing
Display toont symbool De PRA 30 is niet met de PR 30-HVS
gepaird.
De apparaten pairen (zie hoofdstuk
6.9)
Display toont symbool Ongeldige toetsinvoer; Opdracht niet
mogelijk.
Druk een geldige toets in.
Display toont symbool Opdracht mogelijk, apparaat reageert
echter niet.
Schakelalleapparateninenbeweeg
binnen het ontvangstbereik.
Controleer dat zich tussen de appa-
ratengeenhindernissenbevinden.
Neem ook het maximale radiografi-
sche bereik in acht. Voor een goede
zendverbinding de PR 30-HVS en
PRA 30 10 cm van de vloer plaat-
sen.
Display toont symbool Het apparaat staat in de controle-
modus. Opnieuw uitrichten was niet
mogelijk.
De positionering van PR 30-HVS en
PRA 30 controleren en of het zicht-
veld tussen PR 30-HVS en PRA 30 vrij
is. Start de automatische uitrichting
opnieuw (zie het hoofdstuk over de
automatische uitrichting en bewaking)
Display toont symbool Het apparaat staat in de slaapmodus
(apparaat blijft max. 4 uur in de slaap-
modus).
Apparaat activeren (zie hoofdstuk
"Slaapmodus deactiveren")
Display toont symbool Laadtoestand van het PR 30-HVS
accu-pack is gering.
Laad het accu-pack op, gebruik
een ander accu-pack of gebruik de
PR 30-HVS in de modus "Laden
tijdens het gebruik" (niet voor gebruik
buitenshuis en in een vochtige
omgeving).
10 Afval voor hergebruik recyclen
WAARSCHUWING
Wanneer de uitrusting op ondeskundige wijze wordt afgevoerd kan dit tot het volgende leiden:
bij het verbranden van kunststofonderdelen ontstaan giftige verbrandingsgassen, waardoor er personen ziek kunnen
worden.
Batterijen kunnen ontploffen en daarbij, wanneer ze beschadigd of sterk verwarmd worden, vergiftigingen, brandwon-
den (door brandend zuur) of milieuvervuiling veroorzaken.
Wanneer het apparaat niet zorgvuldig wordt afgevoerd, bestaat de kans dat onbevoegde personen de uitrusting op
ondeskundige wijze gebruiken. Hierbij kunnen zij zichzelf en derden ernstig letsel toebrengen en het milieu vervuilen.
nl
145
Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03
Hilti-apparaten zijn voor een groot deel vervaardigd van materiaal dat kan worden gerecycled. Voor hergebruik is een
juiste materiaalscheiding noodzakelijk. In veel landen is Hilti er al op ingesteld om uw oude apparaat voor recycling
terug te nemen. Vraag hierover informatie bij de klantenservice van Hilti of bij uw verkoopadviseur.
Alleen voor EU-landen
Geef elektrisch gereedschap niet met het huisvuil mee!
Overeenkomstig de Europese richtlijn inzake oude elektrische en elektronische apparaten en de toe-
passing daarvan binnen de nationale wetgeving, dient gebruikt elektrisch gereedschap gescheiden te
worden ingezameld en te worden afgevoerd naar een recyclingbedrijf dat voldoet aan de geldende
milieu-eisen.
Voer de batterijen af volgens de nationale voorschriften.
11 Fabrieksgarantie op de apparatuur
Neem bij vragen over de garantievoorwaarden contact
op met uw lokale HILTI dealer.
12 FCC-aanwijzing (van toepassing in de USA) / IC-aanwijzing (van toepassing in
Canada)
ATTENTIE
In testen voldeed dit apparaat aan de grenswaarden die
in sectie 15 van de FCC-voorschriften voor digitale appa-
raten van klasse B zijn vastgelegd. Deze grenswaarden
voorzien in een toereikende bescherming tegen storende
straling bij de installatie in woongebieden. Dit soort appa-
raten genereert en gebruikt hoge frequenties en kan deze
frequenties ook uitstralen. Daardoor kunt u, wanneer u
bij de installatie en het gebruik niet volgens de voor-
schriften te werk gaat, storingen van de radio-ontvangst
veroorzaken.
Er kan echter niet worden gegarandeerd dat zich bij
bepaalde installaties geen storingen kunnen voordoen.
Indien dit apparaat storingen bij de radio- of televisie-
ontvangst veroorzaakt, wat kan worden vastgesteld door
het uit- en vervolgens weer in te schakelen, is de gebrui-
ker verplicht de storingen door middel van de volgende
maatregelen op te heffen:
De ontvangstantenne in de juiste stand brengen of ver-
plaatsen.
De afstand tussen het apparaat en de ontvanger vergro-
ten.
Het apparaat op een stopcontact van een stroomketen
aansluiten die niet overeenkomt met het circuit van de
ontvanger.
Vraag uw leverancier of een ervaren radio- of televisie-
technicus om hulp.
AANWIJZING
Veranderingen of modificaties die niet uitdrukkelijk door
Hilti zijn toegestaan, kunnen het recht van de gebruiker
om het apparaat in bedrijf te nemen beperken.
Dit apparaat komt overeen met paragraaf 15 van de
FCC‑bepalingen en RSS‑210 van de IC.
Voor de ingebruikneming moet aan de twee volgende
voorwaarden zijn voldaan:
Dit apparaat mag geen schadelijke straling veroorzaken.
Het apparaat moet iedere straling opnemen, met inbegrip
van de straling die ongewenste bewerkingen veroorzaakt.
nl
146
Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03
13 EG-conformiteitsverklaring (origineel)
Omschrijving: Rotatielaser
Type: PR 30-HVS
Generatie: 01
Bouwjaar: 2013
Als de uitsluitend verantwoordelijken voor dit product
verklaren wij dat het voldoet aan de volgende voorschrif-
ten en normen: tot 19 april 2016: 2004/108/EG, vanaf
20 april 2016: 2014/30/EU, 2011/65/EU, 2006/42/EG,
2006/66/EG, 1999/5/EG, EN ISO 12100, EN 300 440‑2
V1.4.1, EN 301 489‑1 V1.9.2, EN 301 489‑17 V2.2.1.
Hilti Corporation, Feldkircherstrasse 100,
FL‑9494 Schaan
Paolo Luccini Edward Przybylowicz
Head of BA Quality and Process Mana-
gement
Head of BU Measuring Systems
Business Area Electric Tools & Acces-
sories
BU Measuring Systems
06/2015 06/2015
Technische documentatie bij:
Hilti Entwicklungsgesellschaft mbH
Zulassung Elektrowerkzeuge
Hiltistrasse 6
86916 Kaufering
Deutschland
nl
147
Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03

Documenttranscriptie

OORSPRONKELIJKE GEBRUIKSAANWIJZING PR 30-HVS Rotatielaser Lees de handleiding voor het eerste gebruik beslist door. Bewaar deze handleiding altijd bij het apparaat. Geef het apparaat alleen samen met de handleiding aan andere personen door. Inhoud Pagina 1 Algemene opmerkingen 128 2 Beschrijving 128 3 Toebehoren 131 4 Technische gegevens 131 5 Veiligheidsinstructies 133 6 Inbedrijfneming 135 7 Bediening 137 8 Verzorging en onderhoud 143 9 Foutopsporing 145 10 Afval voor hergebruik recyclen 145 11 Fabrieksgarantie op de apparatuur 146 12 FCC-aanwijzing (van toepassing in de USA) / IC-aanwijzing (van toepassing in Canada) 146 13 EG-conformiteitsverklaring (origineel) 147 1 Deze nummers verwijzen naar afbeeldingen. De afbeeldingen zijn te vinden aan het begin van de handleiding. In de tekst van deze handleiding wordt met "het apparaat" of "de rotatielaser" altijd de rotatielaser PR 30-HVS bedoeld. Met "afstandsbediening" resp. "laserontvanger" of "ontvanger" wordt altijd de laserontvanger PRA 30 (03) bedoeld. Rotatielaser 1 @ Laserstraal (rotatievlak) ; Rotatiekop = Handgreep % Bedieningspaneel & Grondplaat met ⁵/₈"‑schroefdraad ( Li-ion-accu PRA 84 Accu-pack aanbrengen en verwijderen 2 @ Li-ion-accu PRA 84 ; Batterijvak = Vergrendeling Opladen in het apparaat 3 @ Netvoeding PUA 81 ; Oplaadaansluiting Opladen buiten het apparaat 4 @ Netvoeding PUA 81 ; Auto‑laadsnoer PUA 82 = LED acculaadactiviteit nl Bedieningspaneel rotatielaser 5 @ Aan/uit-toets ; LED automatische waterpasinstelling = LED-pijlen voor elektronische hellingsuitrichting % Toets elektronische hellingsuitrichting (alleen in combinatie met hellingsmodus) & Toets en LED schokwaarschuwingsfunctie ( Toets en LED hellingsmodus ) LED bewakingsmodus (alleen bij verticale automatische uitrichting) + LED acculaadtoestandaanduiding Bedieningspaneel PRA 30 6 @ Aan/uit-toets ; Hellingsinvoertoets Plus / richtingstoets Rechts resp. Hoog (met PRA 90) = Eenhedentoets % Volumetoets & Hellingsinvoertoets Min / richtingstoets Links resp. Omlaag (met PRA 90) ( Toets automatisch uitrichten/bewakingsmodus (verticaal) (dubbele klik) ) Detectieveld + Markeerkerf § Display Display PRA 30 7 @ Aanduiding van de positie van de ontvanger t.o.v. de hoogte van het laservlak ; Indicatie batterijtoestand = Volume-aanduiding % Afstandsaanduiding tot het laservlak 127 Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03 1 Algemene opmerkingen 1.1 Signaalwoorden en hun betekenis GEVAAR Voor een direct dreigend gevaar dat tot ernstig letsel of tot de dood leidt. WAARSCHUWING Voor een eventueel gevaarlijke situatie die tot ernstig letsel of tot de dood kan leiden. ATTENTIE Voor een eventueel gevaarlijke situatie die tot licht letsel of tot materiële schade kan leiden. nl AANWIJZING Voor gebruikstips en andere nuttige informatie. 1.2 Verklaring van de pictogrammen en overige aanwijzingen Symbolen Op het apparaat Laserklasse 2 overeenkomstig IEC/EN 60825‑1:2007 Op het apparaat &$8 7 , 2 1 /$6(55$',$7,21'2127 67$5(,172%($0 QP3RP:Õ530 &/$66,,/$6(5352'8&7 Laser class II according CFR 21, § 1040 (FDA) Plaats van de identificatiegegevens op het apparaat De typeaanduiding en het seriekenmerk staan op het typeplaatje van uw apparaat. Neem deze gegevens over in uw handleiding en geef ze altijd door wanneer u onze vertegenwoordiging of ons servicestation om informatie vraagt. Type: Vóór het gebruik de handleiding lezen Waarschuwing voor algemeen gevaar Waarschuwing voor bijtende stoffen Waarschuwing voor gevaarlijke elektrische spanning Alleen voor gebruik binnen Materialen afvoeren voor recycling Niet in de straal kijken Waarschuwing voor explosieve stoffen Generatie: 01 Serienr.: 2 Beschrijving 2.1 Gebruik volgens de voorschriften De PR 30-HVS is een rotatielaser met een roterende, zichtbare laserstraal en, in een hoek van 90° daarop, een referentiestraal. De rotatielaser kan verticaal, horizontaal en voor schuine hoeken worden gebruikt. Het apparaat is bestemd voor het vaststellen, overdragen en controleren van horizontale hoogteverlopen, verticale en hellende vlakken en rechte hoeken. Voorbeelden voor het gebruik zijn het aanbrengen van meet- en hoogtelijnen, het bepalen van rechte hoeken op wanden, verticaal uitrichten op referentiepunten of het creëren van hellende vlakken. Het apparaat is bestemd voor de professionele gebruiker en mag alleen door geautoriseerd, vakkundig geschoold personeel bediend, onderhouden en gerepareerd worden. Dit personeel moet speciaal op de hoogte zijn gesteld van de mogelijke gevaren. Het apparaat en de bijbehorende hulpmiddelen kunnen gevaar opleveren als ze door ongeschoolde personen op ondeskundige wijze of niet volgens de voorschriften worden gebruikt. Voor een optimaal gebruik van het apparaat bieden wij u verschillende toebehoren. Gebruik ter voorkoming van letsel alleen originele Hilti toebehoren en apparaten. Neem de specificaties in de handleiding betreffende het gebruik, de verzorging en het onderhoud in acht. Houd rekening met de omgevingsinvloeden. Gebruik het apparaat niet op plaatsen waar het risico van explosie en brand bestaat. Aanpassingen of veranderingen aan het apparaat zijn niet toegestaan. 128 Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03 2.2 Kenmerken Met het apparaat kan een persoon snel en met een grote nauwkeurigheid elk vlak waterpas stellen. De nivellering vindt automatisch plaats na het inschakelen van het apparaat. De straal wordt pas ingeschakeld wanneer de gespecificeerde nauwkeurigheid bereikt is. De LED's geven de actuele modus aan. Het apparaat werkt met oplaadbare Li‑ion accu-packs, die ook tijdens het gebruik kunnen worden opgeladen. 2.3 Combinatiemogelijkheid met de afstandsbediening/de laserontvanger PRA 30 De PRA 30 is een afstandsbediening en laserontvanger in een. Hiermee is het mogelijk de PR 30-HVS rotatielaser gemakkelijk vanaf grote afstanden te bedienen. Daarnaast dient de PRA 30 ook als laserontvanger en kan worden gebruikt om de laserstraal op grote afstand zichtbaar te maken. 2.4 Digitaal meten van de afstand De laserontvanger toont digitaal de afstand tussen het laservlak en de markeerkerf van de laserontvanger. Zodoende kan in een stap tot op de millimeter nauwkeurig worden vastgesteld waar de laserontvanger zich bevindt. nl 2.5 Automatisch uitrichten en controleren Met de PR 30-HVS en de PRA 30 kan een persoon eenvoudig een laservlak op een exact punt uitrichten. Het apparaat herkent de betreffende uitrichting (horizontaal, neiging of verticaal) en gebruikt vervolgens de functie automatisch uitrichten (horizontaal met PRA 90 en neiging) of automatisch uitrichten met aansluitende bewaking van het vlak (verticaal). Het uitgerichte laservlak wordt met behulp van de controlefunctie van de PRA 30 automatisch met regelmatige intervallen gecontroleerd, om eventuele verschuivingen (bijv. door temperatuurschommelingen, wind e.d.) te voorkomen. De bewakingsfunctie kan worden uitgeschakeld. 2.6 Digitale hellingsaanduiding met gepatenteerde elektronische hellingsuitrichting De digitale hellingshoekaanduiding kan een hellingshoek tot 21,3% aanduiden, als de PR 30-HVS zich al in een hellingshoek bevindt. Zo kunnen zonder berekeningen hellingen worden uitgezet en gecontroleerd. Met de elektronische hellingsuitrichting kan de nauwkeurigheid van een helling worden geoptimaliseerd. 2.7 Schokwaarschuwingsfunctie De schokwaarschuwingsfunctie wordt na het inschakelen van het apparaat pas twee minuten na het uitvoeren van het waterpas stellen geactiveerd. Als binnen deze twee minuten op een toets wordt gedrukt, begint de wachttijd van twee minuten opnieuw. Als het apparaat tijdens het gebruik uit het waterpasvlak wordt gebracht (schudden / stoten), dan schakelt het in de waarschuwingsmodus; alle LED’s knipperen, de laser schakelt uit (kop draait niet meer). 2.8 Automatische uitschakeling Wanneer het apparaat buiten het zelf instelbare bereik (±5°) is opgesteld of mechanisch is geblokkeerd, dan schakelt de laser niet in en knipperen de LED’s. Het apparaat kan op statieven met 5/8"-schroefdraad of direct op een vlakke stabiele ondergrond worden opgesteld (trillingvrij!). Bij het automatisch nivelleren van één of beide richtingen bewaakt het servosysteem de handhaving van de gespecificeerde nauwkeurigheid. Het apparaat wordt uitgeschakeld wanneer het zichzelf niet waterpas kan stellen (apparaat buiten het instelbare bereik of mechanisch geblokkeerd) of wanneer het apparaat uit zijn ingestelde vlak wordt gebracht (zie schokwaarschuwing). AANWIJZING Wanneer het apparaat zichzelf niet waterpas kan stellen, schakelt de laser uit en knipperen alle LED's. 2.9 Standaard leveringsomvang 1 Rotatielaser PR 30-HVS 1 Ontvangerhouder PRA 80 of PRA 83 1 1 1 1 Laserontvanger/afstandsbediening PRA 30 (03) Handleiding Li‑ion accu-pack PRA 84 Netvoeding PUA 81 129 Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03 2 Batterijen (AA‑cellen) 1 Hilti-koffer 2 Fabriekscertificaten 2.10 Indicatoren van de bedrijfsstatus Het apparaat heeft de volgende statusaanduidingen: LED automatische waterpasinstelling, LED acculaadtoestand, LED deactivering schokwaarschuwingsfunctie, LED hellingshoekmodus, LED bewaking en LED elektronische hellingshoekuitrichting. 2.11 LED indicaties nl LED automatische waterpasinstelling De groene LED knippert. LED deactivering schokwaarschuwingsfunctie LED hellingshoekmodus De groene LED brandt constant. De oranje LED brandt constant. De oranje LED knippert. De oranje LED brandt constant. De oranje LED brandt constant. LED bewaking De oranje LED knippert. LED's elektronische hellingsuitrichting De oranje LED-pijlen knipperen. Beide oranje LED-pijlen branden constant De linker oranje LED-pijl brandt De rechter oranje LED-pijl brandt Alle LED's knipperen Alle LED's Het apparaat is bezig waterpas te stellen. Het apparaat is goed ingesteld / werkt correct. De schokwaarschuwingsfunctie is gedeactiveerd. Uitrichten van een hellend vlak. Hellingsmodus is geactiveerd. Het apparaat staat in de controlemodus. Uitrichting op het referentiepunt (PRA 30) is correct. Het apparaat richt het laservlak op het referentiepunt (PRA 30) uit. Het apparaat bevindt zich in de modus "elektronische hellingsuitrichting", de PRA 30 ontvangt geen laserstraal Het apparaat is correct op de PRA 30 uitgericht. Het apparaat moet rechtsom worden gedraaid. Het apparaat moet linksom worden gedraaid Het apparaat werd aangestoten, is de waterpasinstelling kwijt of heeft een storing. 2.12 Laadtoestand van het Li‑ion accu-pack tijdens het gebruik LED brandt permanent LED 1, 2, 3, 4 LED 1, 2, 3 LED knipperend - LED 1, 2 - LED 1 - LED 1 - Laadtoestand C C ≧ 75% 50% ≦ C < 75% 25% ≦ C < 50% 10% ≦ C < 25% C < 10% 2.13 Laadtoestand van het Li‑ion accu-pack tijdens het opladen in het apparaat LED brandt permanent LED knipperend Laadtoestand C LED 1, 2, 3, 4 - LED 1, 2, 3 LED 4 75 % ≦ C < 100 % LED 1, 2 LED 3 50% ≦ C < 75% LED 1 LED 2 25% ≦ C < 50% 130 Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03 C = 100% LED brandt permanent - LED knipperend Laadtoestand C LED 1 C < 25 % 2.14 Laadtoestand van het Li‑ion accu-pack tijdens het opladen in het apparaat Als de rode LED constant brandt, wordt het accu-pack geladen. Als de rode LED acculaadactiviteit niet brandt, is het laden voltooid of levert het laadapparaat geen stroom. 3 Toebehoren Omschrijving Afkorting Laserontvanger/afstandsbediening PRA 30 (03) Laserontvanger PRA 20 (02) Ontvangerhouder PRA 80 Ontvangerhouder PRA 83 Baak PRA 81 Hellingsadapter PRA 79 Netvoeding PUA 81 Auto‑laadsnoer PUA 82 Accu-pack PRA 84 Accu-pack PRA 84G Verticale hoek PRA 770 Bouwplanadapter PRA 750 Bouwplankontvangerhouder PRA 751 Geveladapter PRA 760 Statief PUA 20 Krukstatief PA 921 Krukstatief PUA 30 Automatisch statief PRA 90 Telescopische meetlatten PUA 50, PUA 55 nl 4 Technische gegevens Technische wijzigingen voorbehouden! PR 30-HVS Reikwijdte ontvangst (diameter) met PRA 30 (03) typisch: 2…500 m Reikwijdte afstandsbediening (diameter) met PRA 30 (03) typisch: 0…150 m Nauwkeurigheid1 op 10 m: ± 0,75 mm Loodstraal Continu haaks op het rotatievlak Laserklasse Klasse 2, 620-690 nm; < 1 mW (EN 60825-1:2007 / IEC 60825-1:2007); class II (CFR 21 § 1040 (FDA)); Maximaal vermogen < 4,85 mW bij ≧ 300/min 1 Invloeden zoals met name grote temperatuurschommelingen, vochtigheid, schokken, vallen, enz. kunnen de nauwkeurigheid beïn- vloeden. Tenzij anders vermeld, is het apparaat onder standaard omgevingsomstandigheden (MIL-STD-810G) afgesteld resp. gekalibreerd. 2 De valtest is van het statief op een vlakke betonnen vloer onder standaard omgevingsomstandigheden (MIL-STD-810G) uitgevoerd. 131 Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03 Rotatiesnelheden met apparaat al onder een hoek: ≤ 21,3 % Bereik van de zelfnivellering ±5° Energievoorziening 7,4V/ 5,0 Ah Li‑ion accu-pack Gebruiksduur accu-pack Temperatuur +25 °C, Li‑ion accu-pack: ≥ 25 h Bedrijfstemperatuur -20…+50 °C Opslagtemperatuur (droog) -25…+60 °C Veiligheidsklasse IP 66 (overeenkomstig IEC 60529); niet in de modus "Laden tijdens gebruik" ⁵⁄₈" x 18 Schroefdraad van het statief nl 600/min, 1.000/min Hellingsbereik Gewicht (inclusief PRA 84) 2,5 kg Afmetingen (L x B x H) 200 mm x 200 mm x 230 mm Valtesthoogte2 1,5 m 1 Invloeden zoals met name grote temperatuurschommelingen, vochtigheid, schokken, vallen, enz. kunnen de nauwkeurigheid beïn- vloeden. Tenzij anders vermeld, is het apparaat onder standaard omgevingsomstandigheden (MIL-STD-810G) afgesteld resp. gekalibreerd. 2 De valtest is van het statief op een vlakke betonnen vloer onder standaard omgevingsomstandigheden (MIL-STD-810G) uitgevoerd. PRA 30 (03) Werkingsgebied detectie (diameter) Zoemer LCD-display kenmerkend voor PR 30-HVS: 2…500 m 3 volumes met de mogelijkheid om deze te onderdrukken Aan beide kanten Bereik van de afstandsaanduiding ± 52 mm Weergavebereik van het laservlak ± 0,5 mm Lengte van het detectieveld 120 mm Centrumindicatie van bovenkant behuizing 75 mm Markeerkerven Aan beide kanten Detectievrije wachttijd voor zelfuitschakeling 15 min Afmetingen (L × B × H) 160 mm × 67 mm × 24 mm Gewicht (inclusief batterijen) 0,25 kg Energievoorziening 2 AA‑batterijen Levensduur batterijen Bedrijfstemperatuur Temperatuur +20 °C: circa 40 h (afhankelijk van de kwaliteit van de alkali-mangaanbatterijen) -20…+50 °C Opslagtemperatuur -25…+60 °C Veiligheidsklasse IP 66 (overeenkomstig IEC 60529), behalve batterijvak Valtesthoogte1 2m 1 De valtest is in de ontvangerhouder PRA 83 op een vlakke betonnen vloer onder standaard omgevingsomstandigheden (MIL-STD810G) uitgevoerd. PRA 84 Li‑ion accu-pack Nominale spanning (normale modus) Maximale spanning (in gebruik of bij het opladen tijdens het gebruik) Nominale stroom Laadtijd 132 Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03 7,4 V 13 V 180 mA Temperatuur +32 °C: 2 h 10 min (accu-pack 80% opgeladen) Bedrijfstemperatuur -20…+50 °C Opslagtemperatuur (droog) -25…+60 °C Laadtemperatuur (ook bij het opladen tijdens gebruik) +0…+40 °C Gewicht 0,3 kg Afmetingen (L x B x H) 160 mm x 45 mm x 36 mm PUA 81 Netvoeding Netstroomvoeding 115…230 V Netfrequentie 47…63 Hz Nominaal vermogen 36 W Nominale spanning 12 V Bedrijfstemperatuur +0…+40 °C Opslagtemperatuur (droog) -25…+60 °C Gewicht 0,23 kg Afmetingen (L x B x H) 110 mm x 50 mm x 32 mm nl 5 Veiligheidsinstructies 5.1 Essentiële veiligheidsnotities Naast de technische veiligheidsinstructies in de afzonderlijke hoofdstukken van deze handleiding moeten de volgende bepalingen altijd strikt worden opgevolgd. 5.2 Algemene veiligheidsmaatregelen Maak geen veiligheidsinrichtingen onklaar en verwijder geen instructie- en waarschuwingsopschriften. b) Wees alert, let goed op wat u doet en ga met verstand te werk bij het gebruik van het apparaat. Gebruik het apparaat niet wanneer u moe bent of onder invloed bent van drugs, alcohol of medicijnen. Een moment van onoplettendheid bij het gebruik van het apparaat kan tot ernstig letsel leiden. c) Zorg ervoor dat kinderen niet in aanraking komen met laserapparaten. d) Wanneer het apparaat op een ondeskundige manier wordt geopend kan er laserstraling ontstaan die sterker is dan klasse 2 resp. 3. Laat het apparaat door een Hilti-servicestation repareren. e) Werk niet met het gereedschap in een explosieve omgeving waarin zich brandbare vloeistoffen, gassen of stof bevinden. Apparaten veroorzaken vonken die het stof of de dampen tot ontsteking kunnen brengen. f) (Aanwijzing volgens FCC §15.21): Veranderingen of modificaties die niet uitdrukkelijk door Hilti toegestaan zijn, kunnen het recht van de gebruiker beperken om het apparaat in bedrijf te nemen. a) g) Als andere dan de hier genoemde bedienings- of afstelapparaat wordt gebruikt, of als anders te werk wordt gegaan, kan dit leiden tot gevaarlijke straling. h) Controleer het apparaat alvorens het te gebruiken. Laat het apparaat ingeval van beschadiging repareren in een Hilti-servicestation. i) Ga zorgvuldig met het apparaat om. Controleer of bewegende delen van het gereedschap correct functioneren en niet vastklemmen en of onderdelen gebroken of zodanig beschadigd zijn dat de werking van het apparaat nadelig wordt beïnvloed. Laat beschadigde delen repareren voordat u het apparaat gebruikt. Veel ongevallen hebben hun oorzaak in slecht onderhouden apparaten. j) Na een val of andere mechanische invloeden dient u de precisie van het apparaat te controleren. k) Controleer het apparaat voor belangrijke metingen. l) Controleer tijdens het gebruik meerdere malen de precisie. m) Wanneer het apparaat vanuit een zeer koude in een warme omgeving wordt gebracht, of omgekeerd, dient u het apparaat vóór gebruik op temperatuur te laten komen. n) Zorg er bij het gebruik van adapters voor dat het apparaat stevig vastgeschroefd is. o) Om foutieve metingen te voorkomen, moet het uitgangsvenster van de laser schoon worden gehouden. p) Ook al is het apparaat gemaakt voor zwaar gebruik op bouwplaatsen, toch dient het, evenals andere optische en elektrische apparaten (bijv. veldkijkers, brillen, fotoapparaten), zorgvuldig te worden behandeld. q) Hoewel het apparaat beschermd is tegen het binnendringen van vocht, dient u het droog te maken alvorens het in de transportcontainer te plaatsen. 133 Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03 De elektrische contacten uit de buurt van regen en vocht houden. s) Gebruik de netvoeding alleen voor het elektriciteitsnet. t) Zorg ervoor dat het apparaat en de netvoeding geen obstakel vormen dat ertoe kan leiden dat mensen vallen en letsel oplopen. u) Zorg voor een goede verlichting van het werkgebied. v) Controleer de verlengsnoeren regelmatig en vervang deze in geval van beschadiging. Wordt de netvoeding of het verlengsnoer tijdens de werkzaamheden beschadigd, dan mag u het niet aanraken. Haal de stekker uit het stopcontact. Beschadigde voedings- en verlengsnoeren houden het risico van een elektrische schok in. w) Voorkom aanraking van het lichaam met geaarde oppervlakken, bijvoorbeeld van buizen, verwarmingen, fornuizen en koelkasten. Er bestaat een verhoogd risico door een elektrische schok wanneer uw lichaam geaard is. x) Bescherm het snoer tegen hitte, olie en scherpe randen. y) Gebruik de netvoeding nooit in vuile of natte toestand. Vocht of stof dat zich aan het oppervlak van de netvoeding hecht, met name van geleidend materiaal, kan onder ongunstige omstandigheden tot een elektrische schok leiden. Laat daarom verontreinigde apparaten, met name wanneer er vaak geleidend materiaal wordt bewerkt, regelmatig controleren door de Hilti-service. z) Raak de contacten niet aan. r) nl 5.2.1 Gebruik en onderhoud van accugereedschappen Stel de accu's niet bloot aan hoge temperaturen of aan vuur. Er is sprake van explosiegevaar. b) De accu's mogen niet uit elkaar genomen, ineengedrukt, tot boven de 75 °C worden verhit of verbrand. Anders bestaat er gevaar voor vuur, verbranding door bijtend zuur en explosie. c) Voorkom dat er vocht binnendringt. Binnengedrongen vocht kan kortsluiting en chemische reacties veroorzaken en brandwonden of brand tot gevolg hebben. d) Bij een verkeerd gebruik kan er vloeistof uit de batterij/accu komen. Voorkom contact. Spoel bij onvoorzien contact met water af. Komt de vloeistof in de ogen, spoel deze dan met veel water uit en neem contact op met een arts. Gelekte accuvloeistof kan tot huidirritaties en verbrandingen leiden. e) Gebruik uitsluitend de voor uw apparaat goedgekeurde accu's. Bij het gebruik van andere accu's of het gebruik van accu's voor andere doeleinden is er kans op brand en bestaat er explosiegevaar. f) Neem de bijzondere richtlijnen voor het transport, de opslag en het gebruik van Li-ion-accu's in acht. a) 134 Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03 g) Houd de gebruikte accu of het laadapparaat uit de buurt van paperclips, munten, sleutels, spijkers, schroeven of andere kleine metalen voorwerpen, die een kortsluiting van de accu-pack of laadcontacten zouden kunnen veroorzaken. Een kortsluiting tussen de accu-pack of laadcontacten kan leiden tot brand of verbrandingen. h) Voorkom kortsluiting van de accu. Controleer alvorens de accu in het apparaat te plaatsen of de contacten van de accu en het apparaat vrij zijn. Worden de contacten van een accu kortgesloten, dan bestaat het risico van vuur, verbranding door bijtend zuur en explosie. i) Beschadigde accu's (bijvoorbeeld accu's met scheuren, gebroken onderdelen, verbogen, ingedrukte en/of uitgetrokken contacten) mogen niet geladen en ook niet meer worden gebruikt. j) Gebruik voor het apparaat en het opladen van het accu-pack alleen de netvoeding PUA 81, het auto‑laadsnoer PUA 82 of andere door de fabrikant aanbevolen laadapparaten. Anders bestaat het gevaar het apparaat te beschadigen. Voor een laadapparaat dat voor een bepaald type accu-pack geschikt is, bestaat brandgevaar wanneer deze met andere accu-packs worden gebruikt. 5.3 Correcte inrichting van het werkgebied Zet het gebied waar u metingen verricht af en let er bij het opstellen van het apparaat op dat de straal niet op andere personen of op uzelf wordt gericht. b) Wanneer u op ladders werkt, neem dan geen ongewone lichaamshouding aan. Zorg ervoor dat u stevig staat en altijd in evenwicht bent. c) Metingen in de buurt van reflecterende objecten resp. oppervlakken en door ruiten of soortgelijke materialen kunnen leiden tot een verkeerd meetresultaat. d) Let er op dat het apparaat op een effen, stabiel oppervlak wordt geplaatst (zonder trillingen!). e) Gebruik het apparaat alleen binnen de gedefinieerde grenzen. f) Controleer of uw PR 30-HVS alleen op uw PRA 30 reageert en niet op een andere PRA 30 die eventueel op de bouwplaats gebruikt wordt. g) Zorg voor een stevige bevestiging van de netvoeding, bijv. aan een statief, als u het apparaat oplaadt tijdens het gebruik. h) Het gebruik van producten voor andere dan de voorziene toepassingen kan tot gevaarlijke situaties leiden. Gebruik het product, de toebehoren, de inzetgereedschappen en dergelijke in overeenstemming met deze aanwijzingen en op de manier die voor dit speciale producttype is voorgeschreven. Let daarbij op de arbeidsomstandigheden en de uit te voeren werkzaamheden. i) Het werken met meetlatten in de buurt van hoogspanningsleidingen is niet toegestaan. a) 5.3.1 Elektromagnetische compatibiliteit Hoewel het apparaat voldoet aan de strenge eisen van de betreffende voorschriften, kan Hilti de mogelijkheid niet uitsluiten dat het apparaat door sterke straling wordt gestoord, hetgeen tot een foute bewerking kan leiden. In dit geval of wanneer u niet zeker bent, dienen controlemetingen te worden uitgevoerd. Eveneens kan Hilti niet uitsluiten dat andere apparaten (bijv. navigatietoestellen van vliegtuigen) gestoord worden. 5.3.2 Laserclassificatie voor apparaten van de laserklasse 2/Class II Afhankelijk van de variant voldoet het apparaat aan de laserklasse 2 overeenkomstig IEC60825-1:2007/EN608251:2007 en Class II overeenkomstig CFR 21 § 1040 (FDA). Deze apparaten kunnen zonder verdere beveiligingsmaatregelen worden gebruikt. Wanneer iemand toevallig gedurende een kort ogenblik in de laserstraal kijkt, worden de ogen beschermd door de reflex van het sluiten van het ooglid. Deze reflex van het sluiten van het ooglid kan echter worden beïnvloed door het gebruik van medicijnen, alcohol of drugs. Toch mag men, evenals bij de zon, niet direct in de lichtbron kijken. Richt de laserstraal niet op personen. 6 Inbedrijfneming AANWIJZING Het apparaat mag alleen met het Hilti accu-pack PRA 84 of PRA 84G worden gebruikt. 2. 6.1 Het accu-pack aanbrengen 2 ATTENTIE Controleer alvorens de accu in het apparaat te plaatsen of de contacten van de accu en de contacten in het apparaat schoon zijn. 1. 2. Schuif het accu-pack in het apparaat. Draai de vergrendeling rechtsom tot het vergrendelingssymbool verschijnt. 6.2 Accu-pack verwijderen 2 1. 2. Draai de vergrendeling linksom tot het ontgrendelingssymbool verschijnt. Trek het accu-pack uit het apparaat. 6.3 Het accu-pack opladen 6.4 Opties voor het opladen van het accupack AANWIJZING Zorg ervoor dat de aanbevolen temperatuur bij het opladen in acht wordt genomen (0 tot 40 °C). GEVAAR De netvoeding PUA 81 mag alleen "binnenshuis" worden gebruikt. Voorkom dat er vocht binnendringt. 6.4.1 Opladen van het accu-pack in het apparaat 3 1. 2. 3. GEVAAR Gebruik uitsluitend de Hilti accu-packs en Hilti voedingsapparaten die onder "Toebehoren" zijn vermeld. Het gebruik van zichtbaar beschadigde apparaten/netvoedingen is niet toegestaan. 6.3.1 Eerste keer opladen van een nieuw accupack Laad de accu-packs voor het eerste gebruik volledig op. AANWIJZING Zorg er daarbij voor dat het op te laden systeem veilig is geplaatst. Breng het accu-pack in het apparaat aan. AANWIJZING Li‑ion accu-packs zijn altijd gebruiksklaar, ook wanneer ze ten dele zijn opgeladen. Wanneer het apparaat is ingeschakeld, wordt de voortgang van het opladen aangegeven door LED's. 4. Plaats het accu-pack in het batterijvak (zie 6.1). Draai de vergrendeling totdat de laadaansluiting van het accu-pack zichtbaar wordt. Sluit de stekker van de netvoeding of het auto‑laadsnoer aan op het accu-pack. Het accu-pack wordt opgeladen. Schakel het apparaat in om de laadtoestand tijdens het opladen weer te geven. 6.4.2 Opladen van het accu-pack buiten het apparaat 4 1. 2. Verwijder het accu-pack (zie 6.2). Verbind de stekker van de netvoeding of het auto‑laadsnoer met het accu-pack. De rode LED van het accu-pack geeft laadactiviteit aan. 6.3.2 Opnieuw laden van een accu-pack 1. Zorg ervoor dat de buitenvlakken van het accu-pack schoon en droog zijn. 135 Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03 nl 6.4.3 Opladen van het accu-pack tijdens het gebruik GEVAAR Het is niet toegestaan om het accu-pack tijdens het gebruik van het apparaat buitenshuis of in een vochtige omgeving op te laden. ATTENTIE Voorkom dat er vocht binnendringt. Binnengedrongen vocht kan kortsluiting en chemische reacties veroorzaken en brandwonden of brand tot gevolg hebben. 1. 2. nl Draai de sluiting totdat de laadaansluiting van het accu-pack zichtbaar wordt. Steek de stekker van de netvoeding in het accupack. Het apparaat werkt tijdens het opladen en de laadtoestand van de accu wordt door de LED's op het apparaat weergegeven. 6.5 Zorgvuldige omgang met het accu-pack Sla accu-packs zo koel en droog mogelijk op. Bewaar accu-packs nooit in de zon, op een verwarming of achter een raam. Wanneer de levensduur verstreken is, dienen accu-packs op een milieuvriendelijke en veilige wijze te worden afgevoerd. 6.6 Apparaat inschakelen 1. 2. 3. 6.9 Pairen Het apparaat en de afstandsbediening/de laserontvanger worden gepaird geleverd. Andere laserontvangers van hetzelfde type of het automatische statief PRA 90 zijn zonder pairing niet klaar voor gebruik. Om het apparaat met dit accessoire te kunnen gebruiken, moeten deze op elkaar worden ingesteld, ofwel gepaird. Het pairen van apparaten bewerkstelligt dat de apparaten eenduidig met elkaar worden gepaird. Het apparaat en het automatische statief PRA 90 ontvangen zo alleen signalen van de gepairde afstandsbediening/laserontvanger. De pairing maakt het mogelijk om naast andere rotatielasers te werken, zonder dat instellingen hierdoor worden gewijzigd. 6.9.1 Pairen van apparaat en laserontvanger 1. Druk op de aan/uit-toets. AANWIJZING Na het inschakelen start het apparaat de automatische waterpasinstelling. Bij volledige nivellering schakelt de laserstraal in de rotatie- en in de normale richting in. 6.7 LED indicaties Zie hoofdstuk 2, Beschrijving 6.8 Batterijen in de PRA 30 aanbrengen 8 GEVAAR Gebruik geen beschadigde batterijen. 2. 136 Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03 Druk de Aan/Uit- toetsen van het apparaat en de laserontvanger gelijktijdig in en houd deze ten minste 3 seconden ingedrukt. De succesvolle pairing wordt op de laserontvanger door een geluidssignaal en op het apparaat door het knipperen van alle LED's aangegeven. Tegelijkertijd verschijnt op het display van de laserontvanger korte tijd het pairing-symbool. Apparaat en ontvanger schakelen na het pairen automatisch uit. De gepairde apparaten weer inschakelen. Het symbool "gepaird" verschijnt op het display. 6.9.2 Pairen van PRA 90 en ontvanger 1. GEVAAR Geen oude en nieuwe batterijen samen in het apparaat aanbrengen. Gebruik geen batterijen van verschillende producenten of met verschillende typeaanduidingen. AANWIJZING De PRA 30 mag alleen met batterijen worden gebruikt die overeenkomstig internationale standaarden geproduceerd zijn. Open het batterijvak van de laserontvanger. Breng de batterijen in de laserontvanger aan. AANWIJZING Let bij het aanbrengen op de polariteit van de batterijen! Sluit het batterijvak. 2. Druk de aan-/uit-toetsen van het automatische statief PRA 90 en laserontvanger gelijktijdig in en houd deze ten minste 3 seconden ingedrukt. De succesvolle pairing wordt op de laserontvanger door een geluidssignaal en op het automatische statief PRA 90 door het knipperen van alle LED's aangegeven. Tegelijkertijd verschijnt op het display van de laserontvanger korte tijd het pairing-symbool. Statief en ontvanger schakelen na het pairen automatisch uit. De gepairde apparaten weer inschakelen. Op het display van de laserontvanger wordt het apparaat inclusief statief aangegeven. 7 Bediening gevallen of aan ongebruikelijke mechanische invloeden blootgesteld is geweest (zie 8.6). 7.2 Apparaat inschakelen 7.1 Apparaat controleren Controleer voor belangrijke metingen de nauwkeurigheid van het apparaat, met name nadat het op de grond is Druk op de aan/uit-toets. AANWIJZING Na het inschakelen start het apparaat de automatische waterpasinstelling. 7.3 Werken met de PRA 30 De PRA 30 is een afstandsbediening en laserontvanger in een. De afstandsbediening vergemakkelijkt het werken met de rotatielaser en is nodig om sommige functies van het apparaat te kunnen gebruiken. De aanduiding van de laserstraal vindt optisch en akoestisch plaats. nl 7.3.1 Werken met de laserontvanger als los apparaat 1. 2. Druk op de aan/uit-toets. Houd de laserontvanger met het detectievenster direct in het vlak van de roterende laserstraal. 7.3.2 Werken met de laserontvanger in de ontvangerhouder PRA 80 9 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. Open de sluiting van de PRA 80. Plaats de ontvanger in de ontvangerhouder PRA 80. Sluit de sluiting van de PRA 80. Schakel de ontvanger in met de aan/uit-toets. Open de draaigreep. Bevestig de ontvangerhouder PRA 80 stevig aan de telescoop- of nivelleerstang door de draaihandgreep te sluiten. Houd de ontvanger met het ontvangstveld direct in het vlak van de roterende laserstraal. 7.3.3 Werken met de laserontvanger in de ontvangerhouder PRA 83 9 1. 2. 3. 4. 5. 6. Druk de ontvanger schuin in de rubber behuizing van de PRA 83, tot deze de ontvanger volledig omsluit. Let erop dat het ontvangstveld en de toetsen zich aan de voorzijde bevinden. Maak de ontvanger samen met de rubber behuizing vast aan de handgreep. De magnetische houder verbindt de behuizing en de handgreep met elkaar. Schakel de ontvanger in met de aan/uit-toets. Open de draaigreep. Bevestig de ontvangerhouder PRA 83 door sluiten van de draaihandgreep stevig aan de telescoop- of nivelleerstang. Houd de ontvanger met het ontvangstveld direct in het vlak van de roterende laserstraal. 7.3.4 Werken met de baak PRA 81 9 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. Open de sluiting van de PRA 81. Plaats de laserontvanger in de baak PRA 81. Sluit de sluiting van de PRA 81. Schakel de laserontvanger met de aan/uit-toets in. Houd de laserontvanger met het detectievenster direct in het vlak van de roterende laserstraal. Positioneer de laserontvanger zodanig, dat de afstandsaanduiding "0" aangeeft. Meet de gewenste afstand met behulp van het meetlint. 7.3.5 Eenhedeninstelling 6 Met de eenhedentoets kan de gewenste nauwkeurigheid van de digitale weergave worden ingesteld (mm / cm / uit). 7.3.6 Volume-instelling 6 Bij het inschakelen van de laserontvanger is het volume op "normaal" ingesteld. Door een druk op de volumetoets kan het volume worden gewijzigd. Er kan worden gekozen uit de 4 opties "Zacht", "Normaal", "Luid" en "Uit". 137 Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03 7.3.7 Menu-opties 6 nl 1. 2. 3. 4. 5.         Druk bij het inschakelen van de laserontvanger de aan/uit-toets twee seconden in. De menuweergave verschijnt op het display. Gebruik de eenhedentoets om tussen metrische en anglo-amerikaanse eenheden te wisselen. Gebruik de volumetoets om de snelle opeenvolging van het akoestische signaal voor het detectiebereik boven of onder de markeerkerft in te stellen. Selecteer met de richtingstoetsen (links/rechts) indien nodig meer punten. AANWIJZING Met de richtingstoetsen (Links/Rechts) kunnen de instelmogelijkheden worden geselecteerd. De eenhedentoets dient voor het veranderen van de betreffende instelling. De volgende instelmogelijkheden zijn mogelijk: Weergave van de softwareversie (geen instelmogelijkheid), slaapmodus PR 30-HVS (uit/aan), eenheden hellingshoekmodus (%/°), pairing PR 30-HVS (pairing verbreken), pairing PRA 90 (pairing verbreken), gevoeligheid schokwaarschuwingsfunctie (hoog/middel/laag), radiografische verbinding (aan/uit). Instellingen die het apparaat betreffen worden alleen effectief als het apparaat ingeschakeld is en radiografisch verbonden is. Schakel de laserontvanger uit om de instellingen op te slaan. AANWIJZING De geselecteerde instellingen zijn ook van toepassing na de volgende inschakeling. 7.3.8 Dubbelklikken Bij het bedienen moet het commando "Automatisch uitrichten" resp. "Bewaking" door dubbelklikken worden bevestigd, om een verkeerde bediening te verhinderen. 7.4 Schokwaarschuwingsfunctie deactiveren 1. 2. Schakel het apparaat in (zie 7.2). 3. 138 Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03 Druk op de toets voor deactivering van de schokwaarschuwingsfunctie. Het constant branden van de LED deactivering schokwaarschuwingsfunctie geeft aan dat de functie gedeactiveerd is. Om terug te keren naar de standaardmodus, het apparaat uitschakelen en opnieuw starten. 7.5 Horizontaal werken 7.5.1 Opstellen 1. 2. Monteer het apparaat afhankelijk van het gebruik op bijv. een statief; u kunt de rotatielaser ook aan een wandhouder monteren. De hellingshoek van het draagvlak mag maximaal ± 5° zijn. Druk op de aan/uit-toets. De LED automatische waterpasinstelling knippert groen. Zodra de waterpasinstelling is voltooid wordt de laserstraal ingeschakeld, roteert hij en brandt de LED automatische waterpasinstelling constant. 7.5.2 Uitrichten met het automatische statief PRA 90 AANWIJZING Deze functie is alleen beschikbaar met het automatische statief PRA 90. Bij het eerste gebruik moet de laserontvanger PRA 30 met het statief worden gepaird (zie 6.9.2) Met het optionele automatische statief PRA 90 kan de hoogte van het laservlak handmatig of automatisch op het gewenste niveau worden ingesteld. 1. 2. Monteer het apparaat op het automatische statief PRA 90. Schakel de rotatielaser, het automatische statief en de laserontvanger in. Richt de hoogte van het laservlak nu handmatig (zie 7.5.3) of automatisch (zie 7.5.4) uit. 7.5.3 Handmatig uitrichten 6 10 Druk op de laserontvanger de toetsen +/- of op de PRA 90 de pijltoetsen in, om het horizontale vlak naar boven resp. naar beneden te verschuiven. 7.5.4 Automatisch uitrichten 6 11 1. 2. Houd de ontvangerzijde van de laserontvanger op de gewenste doelhoogte en in de richting van het bedieningspaneel van de PRA 90. Houd de laserontvanger tijdens het uitrichten rustig en let erop dat u vrij zicht hebt tussen de laserontvanger en het apparaat. Dubbelklik op de toets Automatisch uitrichten op de laserontvanger. Door nogmaals dubbelklikken wordt de uitrichting beëindigd. Na het dubbelklikken start het uitrichtingsproces van het laservlak, en het statief beweegt omhoog of omlaag. Gedurende het uitrichtproces klinkt een voortdurend akoestisch signaal. Zodra de laserstraal op het ontvangstveld van de PRA schijnt, wordt de straal naar de markeerkerf (referentievlak) bewogen. Nadat de positie is bereikt en het apparaat is ingesteld, geeft een geluidssignaal van vijf seconden aan dat het proces is afgesloten. Bovendien wordt het symbool van de automatische uitrichting niet meer weergegeven. PP 3. 4. Controleer de hoogte-instelling op het display. Verwijder de laserontvanger. AANWIJZING Als het automatische uitrichtingsproces niet succesvol was, klinken korte signalen en dooft het signaal van het automatisch uitrichten. 139 Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03 nl 7.6 Verticaal werken 1. 2. 3. 4. 5. nl Plaats het apparaat voor verticaal werken op een passend statief, geveladapter of bouwplankadapter of wandhouder, zodat het bedieningspaneel van het apparaat naar boven gericht is. Als alternatief kunt u het apparaat ook op de rubbervoeten van de achterste handgrepen leggen. AANWIJZING De beste radiografische verbinding met de PRA 30 biedt de zijde van het apparaat die rechts op het bedieningspaneel aansluit. AANWIJZING Om de gespecificeerde nauwkeurigheid te bereiken, moet het apparaat op een horizontaal vlak worden gepositioneerd resp. overeenkomstig nauwkeurig op het statief of andere toebehoren worden gemonteerd. Richt de verticale as van het apparaat met behulp van vizier en korrel in de gewenste richting uit. Druk op de aan/uit-toets. Na de nivellering projecteert het apparaat een vaste laserstraal loodrecht naar beneden. Deze geprojecteerde punt is het referentiepunt (geen loodpunt) en dient ter positionering van het apparaat. Richt het apparaat nu zo uit dat de geprojecteerde laserpunt exact op een referentiepunt (bijv. een nagel in de bouwplank) uitgerust is. Richt de hoogte van het laservlak nu handmatig (zie 7.6.1) of automatisch (zie 7.6.2) op het gewenste tweede referentiepunt uit. Zodra u met de uitrichting begint, gaat de laser automatisch draaien. 7.6.1 Handmatig uitrichten 6 12 1. Druk op de laserontvanger de richtingstoetsen (links/rechts) in, om het verticale vlak handmatig uit te richten. 7.6.2 Automatisch uitrichten en controleren 6 13 1. 2. Houd de laserontvanger met de markeerkerf op de gewenste uit te richten plaats en in de richting van het apparaat. Dubbelklik op de toets automatisch uitrichten. Door nogmaals dubbelklikken wordt de uitrichting beëindigd. Met een dubbelklik start het uitrichtproces van het laservlak. Gedurende het uitrichtproces klinkt een voortdurend akoestisch signaal. U kunt de richting van het zoekproces wijzigen door de toets "Automatisch uitrichten" in te drukken. Zodra de laserstraal op het ontvangstveld van de laserontvanger schijnt, wordt de straal naar de markeerkerf (referentievlak) bewogen. Nadat de positie is bereikt (markeerkerf gevonden) en het apparaat is ingesteld, geeft een geluidssignaal van vijf seconden aan dat het proces is afgesloten. De laserontvanger gaat automatisch naar de bewakingsmodus en controleert in regelmatige afstanden of het laservlak verschoven is. Bij een verschuiving wordt het laservlak weer op het markeringsvlak verschoven, wanneer dit mogelijk is. Als het markeringsvlak buiten het nivelleringsbereik van ±5° ligt, als het directe zichtcontact tussen het apparaat en de laserontvanger gedurende langere tijd verhinderd is of als de uitrichtingsprocedure binnen twee minuten niet is gelukt, klinken korte geluidssignalen. De laser draait niet meer en het symbool "automatische uitrichting" dooft. Dit geeft het afbreken van de automatische uitrichtingsprocedure aan. PP 3. Dubbelklik op de toets automatisch uitrichten om de bewakingsmodus te verlaten. 140 Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03 7.7 Werken met hellingen 7.7.1 Opstellen AANWIJZING De hellingshoek kan handmatig, automatisch of met behulp van de hellingadapter PRA 79 worden ingesteld. AANWIJZING Hellingshoeken kunnen op de PRA 30 in % of in ° worden ingesteld resp. aangegeven. Zie voor het instellen van de gewenste eenheid de menu-opties in hoofdstuk 7.3.7. 1. 2. 3. 4. 5. Monteer, indien nodig, het apparaat bijv. op een statief. Positioneer de rotatielaser op de bovenste of op de onderste rand van het hellende vlak. Ga achter het apparaat staan, met de blik in de richting van het bedieningspaneel. Richt het apparaat met behulp van de doelkerf op de kop van het apparaat parallel aan het hellende vlak uit. Voor een nauwkeurigere uitrichting na de instelling van de hellingshoek de elektronische hellingsuitrichting uitvoeren (zie 7.7.4). Het apparaat inschakelen en de toets hellingshoekmodus indrukken. De LED hellingshoekmodus gaat branden. Zodra de nivellering afgerond is, wordt de laserstraal ingeschakeld. De PR 30-HVS kan worden gekanteld zodra het symbool "hellingshoekmodus" op het display van de PRA 30 verschijnt. 7.7.2 Hellingshoek handmatig instellen 6 14 AANWIJZING Als het apparaat temperatuurveranderingen van ongeveer 10 graden meet, stopt de laserrotatie gedurende circa 40 seconden. Gedurende deze tijd corrigeert het apparaat alle mogelijke storingen als gevolg van de temperatuurverandering. Na de automatische correctie stelt het apparaat het laservlak weer op de vorige hellingshoek in en begint de laser te draaien. Afhankelijk van de ingestelde hellingshoek van het apparaat kunnen hellingshoeken tot 21,3% worden ingevoerd. De aanduiding van de laserontvanger geeft de hellingshoek aan. 7.7.2.1 Positieve hellingshoeken De hellingshoekinvoertoets Plus brengt het laservlak voor het apparaat omhoog en laat het laservlak achter het apparaat zakken. 1. Druk de hellingshoekinvoertoets Plus op de afstandsbediening in. AANWIJZING Wanneer drie seconden lang geen toets wordt ingedrukt, wordt de laatst weergegeven hellingshoek in het apparaat ingesteld. De LED hellingshoekmodus knippert. De aanduiding van de laserontvanger geeft de hellingshoek aan. 2. Houd de hellingshoekinvoertoets ingedrukt om de waarden sneller te veranderen. 7.7.2.2 Negatieve hellingshoeken De hellingshoekinvoertoets Minus laat het laservlak voor het apparaat zakken en brengt het laservlak achter het apparaat omhoog. 1. Druk de hellingshoekinvoertoets Minus op de afstandsbediening in. AANWIJZING Wanneer drie seconden lang geen toets wordt ingedrukt, wordt de laatst weergegeven hellingshoek in het apparaat ingesteld. De LED hellingshoekmodus knippert. De aanduiding van de laserontvanger geeft de hellingshoek aan. 2. Houd de hellingshoekinvoertoets ingedrukt om de waarden sneller te veranderen. 7.7.3 Hellingshoek automatisch instellen 6 15 Met deze functie kan automatisch een gekanteld laservlak tussen 2 punten tot stand worden gebracht en de hellingshoek tussen deze punten worden bepaald. 1. Stel het apparaat zoals onder 7.7.1 beschreven op de bovenste rand van het hellende vlak in. 2. Monteer de laserontvanger met de ontvangerhouder PRA 80/PRA 83 bijv. op de telescoopplaat PUA 50. 3. Positioneer de ontvanger direct voor de rotatielaser, richt hem t.o.v. de hoogte van het laservlak uit en fixeer hem op de telescoopplaat. 141 Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03 nl 4. Positioneer de ontvanger met de telescoopplaat op de onderste rand van het hellend vlak en dubbelklik op de toets automatisch uitrichten. Door nogmaals dubbelklikken wordt de uitrichting beëindigd. Nu start het uitrichtproces van het laservlak. Gedurende het uitrichtproces klinkt een voortdurend akoestisch signaal. U kunt de richting van het zoekproces wijzigen door de toets "Automatisch uitrichten" in te drukken. Zodra de laserstraal op het ontvangstveld van de laserontvanger schijnt, wordt de straal naar de markeerkerf (referentievlak) bewogen. Nadat de positie is bereikt (markeerkerf gevonden), geeft een geluidssignaal van vijf seconden aan dat het proces is afgesloten. Het symbool "automatische uitrichting" wordt niet meer weergegeven op het display van de laserontvanger en de ontvanger gaat automatisch op de normale modus over. Op het display van de laserontvanger wordt gedurende vijf seconden de hellingshoek aangegeven. nl PP 5. Lees de hellingshoek tussen de beide punten (standpunten van het apparaat en de laserontvanger) op het display van de laserontvanger af. AANWIJZING Na vijf seconden verdwijnt de hellingsaanduiding op het display van de laserontvanger. 7.7.4 Optionele elektronische hellingsuitrichting Na het grof uitrichten van de rotatielaser en het instellen van de hellingshoek (zoals hierboven beschreven) kan het uitrichten van de PR 30-HVS door het gepatenteerde Hilti elektronische hellingsuitrichting worden geoptimaliseerd. 1. Positioneer de PRA 30 centraal aan het einde van het hellend vlak tegenover de PR 30-HVS. U kunt hem zelf vasthouden of met de PRA 80/PRA 83 fixeren. 2. Activeer de elektronische hellingsuitrichting van de PR 30-HVS door het indrukken van de toets elektronische hellingsuitrichting. Als de pijlen voor de elektronische hellingsuitrichting knipperen, ontvangt de PRA 30 geen laserstraal van de PR 30-HVS. 3. Als de linker pijl knippert, de PR 30-HVS rechtsom verdraaien. 4. Als de rechter pijl knippert, de PR 30-HVS linksom verdraaien. Als beide pijlen branden, is de uitrichting op de PRA 30 correct. Na een succesvolle uitrichting (beide pijlen branden constant gedurende 10 seconde) wordt de functie automatisch beëindigd. 5. Fixeer de rotatielaser nu op het statief, zodat het niet abusievelijk kan worden verdraaid. 6. U kunt de elektronische hellingsuitrichting ook activeren door het indrukken van de toets elektronische hellingsuitrichting. AANWIJZING Tussen de grove uitrichting met behulp van vizier en korrel en de fijne uitrichting met behulp van de elektronische hellingsuitrichting kunnen afwijkingen optreden. Omdat de elektronische methode exacter is dan de optische, wordt geadviseerd altijd de elektronische hellingsuitrichting als referentie te gebruiken. 7.7.5 Hellingshoek met behulp van de hellingsadapter PRA 79 instellen AANWIJZING De hellingstafel moet correct tussen het statief en het apparaat gemonteerd zijn (zie handleiding PRA 79). 1. 2. 3. 4. Monteer de hellingsadapter PRA 79 afhankelijk van het gebruik op bijv. een statief. Positioneer het statief op de bovenste of op de onderste rand van het hellende vlak. Monteer de rotatielaser op de hellingsadapter en richt het apparaat met behulp van de doelkerf op de kop van de PR 30-HVS inclusief de hellingsadapter parallel aan het hellende vlak uit. Het bedieningspaneel van de PR 30-HVS moet zich aan de tegenovergestelde zijde van de hellingsrichting bevinden. Zorg ervoor dat de hellingsadapter zich in de uitgangspositie bevindt (0°). 142 Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03 5. 6. 7. Schakel het apparaat in (zie 7.2). Druk op de knop hellingshoekmodus. Op het bedieningspaneel van de rotatielaser gaat nu de LED hellingshoekmodus branden. Het apparaat begint nu met de automatische waterpasinstelling. Zodra deze voltooid is, wordt de laser ingeschakeld en begint deze te draaien. Stel nu de gewenste hellingshoek op de hellingsadapter in. AANWIJZING Bij de handmatige instelling van de hellingshoek nivelleert de PR 30-HVS het laservlak eenmalig en fixeert dit vervolgens. Trillingen, temperatuurveranderingen of andere invloeden die gedurende de dag kunnen optreden kunnen van invloed zijn op de positie van het laservlak. 7.8 Naar de standaardmodus terugkeren Om terug te keren naar de standaardmodus, het apparaat uitschakelen en opnieuw starten. 7.9 Slaapmodus In de slaapmodus kan de PR 30-HVS stroom besparen. De laser wordt uitgeschakeld en zo wordt de levensduur van de batterij verlengd. 7.9.1 Slaapmodus activeren 1. Druk bij uitgeschakelde PRA 30 de aan/uit‑toets van de PRA 30 gedurende circa 3 seconden in. 2. 3. Druk de richtingstoets rechts 2 keer in om naar het menupunt "Slaapmodus" te gaan. Druk de eenhedentoets in om de slaapmodus van de PR 30-HVS in te schakelen. 7.9.2 Slaapmodus deactiveren 1. 2. 3. 4. Druk bij uitgeschakelde PRA 30 de aan/uit‑toets van de PRA 30 gedurende circa 3 seconden in. Druk de richtingstoets rechts 2 keer in om naar het menupunt "Slaapmodus" te gaan. Druk de eenhedentoets in om de slaapmodus van de PR 30-HVS uit te schakelen. Controleer na het weer activeren van de PR 30-HVS de laserinstellingen, om de nauwkeurigheid van het werk te waarborgen. 8 Verzorging en onderhoud 8.1 Reinigen en drogen 1. 2. 3. 4. Blaas het stof van de optische lenzen. Het glas niet met de vingers aanraken. Alleen met schone en zachte doeken reinigen; zo nodig met zuivere alcohol of wat water bevochtigen. AANWIJZING Door te ruw reinigingsmateriaal kan het glas bekrast raken en de nauwkeurigheid van het apparaat nadelig worden beïnvloed. AANWIJZING Geen andere vloeistoffen gebruiken omdat deze de kunststof delen kunnen aantasten. Droog de uitrusting met inachtneming van de temperatuurgrenzen die in de Technische gegevens zijn aangegeven. AANWIJZING Met name in de winter en zomer de temperatuurgrenzen in acht nemen wanneer u de uitrusting bijv. in een voertuig bewaart. 8.2 Verzorging van het Li‑ion accu-pack AANWIJZING De accu-packs kunnen het best volledig geladen en zo koel en droog mogelijk worden bewaard. Het is ongunstig om het accu-pack te bewaren bij hoge omgevingstemperaturen (bijv. achter ruiten). Hierdoor wordt de levensduur van het accu-pack en het zelfontladingspercentage van de cellen beïnvloed. AANWIJZING Door veroudering of overbelasting verliezen accu-packs capaciteit; ze kunnen in dat geval niet meer volledig worden geladen. Ondanks dat u met oude accu-packs nog kunt werken, dienen ze op tijd te worden vervangen. 1. 2. 3. AANWIJZING Het is niet nodig om het Li-ion accu-pack een opfrislading te geven, zoals bij NiCd of NiMH accu-packs. AANWIJZING Wanneer het laden wordt onderbroken, beïnvloedt dit de levensduur van het accu-pack niet. AANWIJZING Het laden kan op ieder moment worden gestart zonder dat de levensduur wordt beïnvloed. Er is geen sprake van een memory-effect, zoals bij NiCd of NiMH accu-packs. 4. Voorkom dat er vocht binnendringt. Laad de accu-packs voor het eerste gebruik volledig op. Laad de accu-packs op, zodra de prestaties van het apparaat duidelijk minder worden. AANWIJZING Tijdig opladen verhoogt de levensduur van de accu-packs. AANWIJZING Bij verder gebruik van het accu-pack wordt het ontladen automatisch beëindigd voordat er cellen kunnen worden beschadigd en wordt het apparaat uitgeschakeld. Laad de accu-packs op met de goedgekeurde Hiltilaadapparaten voor Li‑ion accu-packs. 143 Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03 nl 8.3 Opslaan 1. 2. 3. nl Apparaten die nat zijn geworden, dienen te worden uitgepakt. Apparaten, transportcontainers en toebehoren moeten worden gedroogd (met inachtneming van de bedrijfstemperatuur) en gereinigd. De apparatuur pas weer inpakken als alles helemaal droog is. Voer wanneer de apparatuur gedurende langere tijd is opgeslagen of getransporteerd vóór gebruik een controlemeting uit. Neem accu's en batterijen uit het apparaat en de laserontvanger wanneer deze voor langere tijd worden opgeslagen. Lekkende accu's en batterijen kunnen het apparaat en de laserontvanger beschadigen. 8.4 Transporteren Gebruik voor het transport of de verzending van uw uitrusting de kartonnen verzenddoos van Hilti of een gelijkwaardige verpakking. ATTENTIE Verwijder voor het transport of het verzenden de accupacks en batterijen uit het apparaat en de laserontvanger. 8.5 Kalibreren door Hilti Kalibratieservice Wij raden aan het apparaat regelmatig te laten controleren door de Hilti Kalibratieservice om de betrouwbaarheid overeenkomstig de normen en wettelijke eisen te kunnen garanderen. De Hilti Kalibratieservice staat te allen tijde tot uw beschikking. Wij adviseren om het apparaat minstens eenmaal per jaar te laten kalibreren. In het kader van de Hilti Kalibratieservice wordt bevestigd dat de specificaties van het gecontroleerde apparaat op de dag van keuring overeenkomen met de technische gegevens van de handleiding. Bij afwijkingen van de fabrieksgegevens wordt het gebruikte meetapparaat weer opnieuw ingesteld. Na ijking en keuring wordt een kalibratieplaatje op het apparaat aangebracht en met een kalibratiecertificaat schriftelijk bevestigd dat het apparaat conform de fabrieksgegevens werkt. Kalibratiecertificaten zijn altijd vereist bij ondernemingen die volgens ISO 900X gecertificeerd zijn. Een Hilti-vestiging in uw omgeving geeft u graag meer informatie. 8.6 Nauwkeurigheid controleren AANWIJZING Om aan de technische specificaties te kunnen blijven voldoen, moet het apparaat regelmatig (minstens voor ieder groter/kritisch project) worden gecontroleerd! 144 Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03 AANWIJZING Onder de volgende omstandigheden kan worden aangenomen, dat een apparaat na een val correct en met dezelfde nauwkeurigheid als voor de val werkt: Bij de val is de in de Technische gegevens aangegeven valhoogte niet overschreden. Het apparaat is bij de val niet mechanisch beschadigd (bijv. breuk van de pentaprisma). Het apparaat zendt bij het gebruik een roterende laserstraal uit. Het apparaat heeft ook voor de val correct gewerkt. 8.6.1 Horizontale hoofd- en dwarsas controleren 16 1. 2. 3. 4. 5. 6. Statief circa 20 m van een wand opstellen en de statiefkop m.b.v. waterpas horizontaal uitrichten. Apparaat op het statief monteren en de apparaatkop met behulp van de doelkerf op de wand uitrichten. Met behulp van de ontvanger een punt (punt 1) bepalen en dit punt op de wand markeren. Apparaat 90º rechtsom om de apparaatas draaien. Daarbij mag de hoogte van het apparaat niet veranderd worden. Met behulp van de laserontvanger een tweede punt (punt 2) bepalen en dit punt op de wand markeren. Stappen 4 en 5 nog twee maal herhalen en punt 3 en punt 4 met behulp van de ontvanger opvangen en op de wand markeren. Bij zorgvuldige uitvoering moet de verticale afstand tussen de beide gemarkeerde punten 1 en 3 (hoofdas) resp. punten 2 en 4 (dwarsas) steeds < 3 mm zijn (op 20 m). Bij grotere afwijkingen het apparaat voor kalibratie naar Hilti Service zenden. 8.6.2 Controle van de verticale as 17 18 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. Apparaat verticaal op een zo vlak mogelijke bodem circa 20 m van een wand opstellen. De handgrepen van het apparaat parallel aan de wand uitrichten. Apparaat inschakelen en het referentiepunt (R) op de vloer markeren. Met behulp van de ontvanger punt (A) aan de onderkant van de wand markeren. Middelste snelheid selecteren. Met behulp van de ontvanger punt (B) op circa 10 m hoogte markeren. Apparaat 180° draaien en op het referentiepunt (R) op de vloer en op het onderste markeringspunt (A) op de wand uitrichten. Met behulp van de ontvanger punt (C) op circa 10 m hoogte markeren. Bij zorgvuldige uitvoering moet de horizontale afstand tussen de beide op tien meter hoogte gemarkeerde punten (B) en (C) kleiner dan 1,5 mm zijn (bij 10 m). AANWIJZING Bij een grotere afwijking: Het apparaat voor kalibratie naar Hilti Service zenden. 9 Foutopsporing Fout Mogelijke oorzaak Oplossing Display toont symbool De PRA 30 is niet met de PR 30-HVS gepaird. De apparaten pairen (zie hoofdstuk 6.9) Display toont symbool Ongeldige toetsinvoer; Opdracht niet mogelijk. Druk een geldige toets in. Display toont symbool Opdracht mogelijk, apparaat reageert echter niet. Schakel alle apparaten in en beweeg binnen het ontvangstbereik. Controleer dat zich tussen de apparaten geen hindernissen bevinden. Neem ook het maximale radiografische bereik in acht. Voor een goede zendverbinding de PR 30-HVS en PRA 30 ≧ 10 cm van de vloer plaatsen. De positionering van PR 30-HVS en PRA 30 controleren en of het zichtveld tussen PR 30-HVS en PRA 30 vrij is. Start de automatische uitrichting opnieuw (zie het hoofdstuk over de automatische uitrichting en bewaking) Apparaat activeren (zie hoofdstuk "Slaapmodus deactiveren") Display toont symbool Het apparaat staat in de controlemodus. Opnieuw uitrichten was niet mogelijk. Display toont symbool Het apparaat staat in de slaapmodus (apparaat blijft max. 4 uur in de slaapmodus). Display toont symbool Laadtoestand van het PR 30-HVS accu-pack is gering. Laad het accu-pack op, gebruik een ander accu-pack of gebruik de PR 30-HVS in de modus "Laden tijdens het gebruik" (niet voor gebruik buitenshuis en in een vochtige omgeving). 10 Afval voor hergebruik recyclen WAARSCHUWING Wanneer de uitrusting op ondeskundige wijze wordt afgevoerd kan dit tot het volgende leiden: bij het verbranden van kunststofonderdelen ontstaan giftige verbrandingsgassen, waardoor er personen ziek kunnen worden. Batterijen kunnen ontploffen en daarbij, wanneer ze beschadigd of sterk verwarmd worden, vergiftigingen, brandwonden (door brandend zuur) of milieuvervuiling veroorzaken. Wanneer het apparaat niet zorgvuldig wordt afgevoerd, bestaat de kans dat onbevoegde personen de uitrusting op ondeskundige wijze gebruiken. Hierbij kunnen zij zichzelf en derden ernstig letsel toebrengen en het milieu vervuilen. 145 Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03 nl Hilti-apparaten zijn voor een groot deel vervaardigd van materiaal dat kan worden gerecycled. Voor hergebruik is een juiste materiaalscheiding noodzakelijk. In veel landen is Hilti er al op ingesteld om uw oude apparaat voor recycling terug te nemen. Vraag hierover informatie bij de klantenservice van Hilti of bij uw verkoopadviseur. Alleen voor EU-landen Geef elektrisch gereedschap niet met het huisvuil mee! Overeenkomstig de Europese richtlijn inzake oude elektrische en elektronische apparaten en de toepassing daarvan binnen de nationale wetgeving, dient gebruikt elektrisch gereedschap gescheiden te worden ingezameld en te worden afgevoerd naar een recyclingbedrijf dat voldoet aan de geldende milieu-eisen. Voer de batterijen af volgens de nationale voorschriften. nl 11 Fabrieksgarantie op de apparatuur Neem bij vragen over de garantievoorwaarden contact op met uw lokale HILTI dealer. 12 FCC-aanwijzing (van toepassing in de USA) / IC-aanwijzing (van toepassing in Canada) ATTENTIE In testen voldeed dit apparaat aan de grenswaarden die in sectie 15 van de FCC-voorschriften voor digitale apparaten van klasse B zijn vastgelegd. Deze grenswaarden voorzien in een toereikende bescherming tegen storende straling bij de installatie in woongebieden. Dit soort apparaten genereert en gebruikt hoge frequenties en kan deze frequenties ook uitstralen. Daardoor kunt u, wanneer u bij de installatie en het gebruik niet volgens de voorschriften te werk gaat, storingen van de radio-ontvangst veroorzaken. Er kan echter niet worden gegarandeerd dat zich bij bepaalde installaties geen storingen kunnen voordoen. Indien dit apparaat storingen bij de radio- of televisieontvangst veroorzaakt, wat kan worden vastgesteld door het uit- en vervolgens weer in te schakelen, is de gebruiker verplicht de storingen door middel van de volgende maatregelen op te heffen: De ontvangstantenne in de juiste stand brengen of verplaatsen. De afstand tussen het apparaat en de ontvanger vergroten. Het apparaat op een stopcontact van een stroomketen aansluiten die niet overeenkomt met het circuit van de ontvanger. Vraag uw leverancier of een ervaren radio- of televisietechnicus om hulp. AANWIJZING Veranderingen of modificaties die niet uitdrukkelijk door Hilti zijn toegestaan, kunnen het recht van de gebruiker om het apparaat in bedrijf te nemen beperken. Dit apparaat komt overeen met paragraaf 15 van de FCC‑bepalingen en RSS‑210 van de IC. Voor de ingebruikneming moet aan de twee volgende voorwaarden zijn voldaan: Dit apparaat mag geen schadelijke straling veroorzaken. Het apparaat moet iedere straling opnemen, met inbegrip van de straling die ongewenste bewerkingen veroorzaakt. 146 Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03 13 EG-conformiteitsverklaring (origineel) Omschrijving: Rotatielaser Type: PR 30-HVS Generatie: 01 Bouwjaar: 2013 Als de uitsluitend verantwoordelijken voor dit product verklaren wij dat het voldoet aan de volgende voorschriften en normen: tot 19 april 2016: 2004/108/EG, vanaf 20 april 2016: 2014/30/EU, 2011/65/EU, 2006/42/EG, 2006/66/EG, 1999/5/EG, EN ISO 12100, EN 300 440‑2 V1.4.1, EN 301 489‑1 V1.9.2, EN 301 489‑17 V2.2.1. Hilti Corporation, Feldkircherstrasse 100, FL‑9494 Schaan Paolo Luccini Head of BA Quality and Process Management Business Area Electric Tools & Accessories 06/2015 Edward Przybylowicz Head of BU Measuring Systems BU Measuring Systems 06/2015 Technische documentatie bij: Hilti Entwicklungsgesellschaft mbH Zulassung Elektrowerkzeuge Hiltistrasse 6 86916 Kaufering Deutschland nl 147 Printed: 28.10.2015 | Doc-Nr: PUB / 5142589 / 000 / 03
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52
  • Page 53 53
  • Page 54 54
  • Page 55 55
  • Page 56 56
  • Page 57 57
  • Page 58 58
  • Page 59 59
  • Page 60 60
  • Page 61 61
  • Page 62 62
  • Page 63 63
  • Page 64 64
  • Page 65 65
  • Page 66 66
  • Page 67 67
  • Page 68 68
  • Page 69 69
  • Page 70 70
  • Page 71 71
  • Page 72 72
  • Page 73 73
  • Page 74 74
  • Page 75 75
  • Page 76 76
  • Page 77 77
  • Page 78 78
  • Page 79 79
  • Page 80 80
  • Page 81 81
  • Page 82 82
  • Page 83 83
  • Page 84 84
  • Page 85 85
  • Page 86 86
  • Page 87 87
  • Page 88 88
  • Page 89 89
  • Page 90 90
  • Page 91 91
  • Page 92 92
  • Page 93 93
  • Page 94 94
  • Page 95 95
  • Page 96 96
  • Page 97 97
  • Page 98 98
  • Page 99 99
  • Page 100 100
  • Page 101 101
  • Page 102 102
  • Page 103 103
  • Page 104 104
  • Page 105 105
  • Page 106 106
  • Page 107 107
  • Page 108 108
  • Page 109 109
  • Page 110 110
  • Page 111 111
  • Page 112 112
  • Page 113 113
  • Page 114 114
  • Page 115 115
  • Page 116 116
  • Page 117 117
  • Page 118 118
  • Page 119 119
  • Page 120 120
  • Page 121 121
  • Page 122 122
  • Page 123 123
  • Page 124 124
  • Page 125 125
  • Page 126 126
  • Page 127 127
  • Page 128 128
  • Page 129 129
  • Page 130 130
  • Page 131 131
  • Page 132 132
  • Page 133 133
  • Page 134 134
  • Page 135 135
  • Page 136 136
  • Page 137 137
  • Page 138 138
  • Page 139 139
  • Page 140 140
  • Page 141 141
  • Page 142 142
  • Page 143 143
  • Page 144 144
  • Page 145 145
  • Page 146 146
  • Page 147 147
  • Page 148 148
  • Page 149 149
  • Page 150 150
  • Page 151 151
  • Page 152 152
  • Page 153 153
  • Page 154 154
  • Page 155 155
  • Page 156 156
  • Page 157 157
  • Page 158 158
  • Page 159 159
  • Page 160 160
  • Page 161 161
  • Page 162 162
  • Page 163 163
  • Page 164 164
  • Page 165 165
  • Page 166 166
  • Page 167 167
  • Page 168 168
  • Page 169 169
  • Page 170 170
  • Page 171 171
  • Page 172 172
  • Page 173 173
  • Page 174 174
  • Page 175 175
  • Page 176 176
  • Page 177 177
  • Page 178 178
  • Page 179 179
  • Page 180 180
  • Page 181 181
  • Page 182 182
  • Page 183 183
  • Page 184 184
  • Page 185 185
  • Page 186 186
  • Page 187 187
  • Page 188 188
  • Page 189 189
  • Page 190 190
  • Page 191 191
  • Page 192 192
  • Page 193 193
  • Page 194 194
  • Page 195 195
  • Page 196 196
  • Page 197 197
  • Page 198 198
  • Page 199 199
  • Page 200 200
  • Page 201 201
  • Page 202 202
  • Page 203 203
  • Page 204 204
  • Page 205 205
  • Page 206 206
  • Page 207 207
  • Page 208 208
  • Page 209 209
  • Page 210 210
  • Page 211 211
  • Page 212 212
  • Page 213 213
  • Page 214 214
  • Page 215 215
  • Page 216 216
  • Page 217 217
  • Page 218 218
  • Page 219 219
  • Page 220 220
  • Page 221 221
  • Page 222 222
  • Page 223 223
  • Page 224 224
  • Page 225 225
  • Page 226 226
  • Page 227 227
  • Page 228 228
  • Page 229 229
  • Page 230 230
  • Page 231 231
  • Page 232 232
  • Page 233 233
  • Page 234 234
  • Page 235 235
  • Page 236 236
  • Page 237 237
  • Page 238 238
  • Page 239 239
  • Page 240 240
  • Page 241 241
  • Page 242 242
  • Page 243 243
  • Page 244 244
  • Page 245 245
  • Page 246 246
  • Page 247 247
  • Page 248 248
  • Page 249 249
  • Page 250 250
  • Page 251 251
  • Page 252 252
  • Page 253 253
  • Page 254 254
  • Page 255 255
  • Page 256 256
  • Page 257 257
  • Page 258 258
  • Page 259 259
  • Page 260 260
  • Page 261 261
  • Page 262 262
  • Page 263 263
  • Page 264 264
  • Page 265 265
  • Page 266 266
  • Page 267 267
  • Page 268 268
  • Page 269 269
  • Page 270 270
  • Page 271 271
  • Page 272 272
  • Page 273 273
  • Page 274 274
  • Page 275 275
  • Page 276 276
  • Page 277 277
  • Page 278 278
  • Page 279 279
  • Page 280 280
  • Page 281 281
  • Page 282 282
  • Page 283 283
  • Page 284 284
  • Page 285 285
  • Page 286 286
  • Page 287 287
  • Page 288 288
  • Page 289 289
  • Page 290 290
  • Page 291 291
  • Page 292 292
  • Page 293 293
  • Page 294 294
  • Page 295 295
  • Page 296 296
  • Page 297 297
  • Page 298 298
  • Page 299 299
  • Page 300 300
  • Page 301 301
  • Page 302 302
  • Page 303 303
  • Page 304 304
  • Page 305 305
  • Page 306 306
  • Page 307 307
  • Page 308 308
  • Page 309 309
  • Page 310 310
  • Page 311 311
  • Page 312 312
  • Page 313 313
  • Page 314 314
  • Page 315 315
  • Page 316 316
  • Page 317 317
  • Page 318 318
  • Page 319 319
  • Page 320 320
  • Page 321 321
  • Page 322 322
  • Page 323 323
  • Page 324 324
  • Page 325 325
  • Page 326 326
  • Page 327 327
  • Page 328 328
  • Page 329 329
  • Page 330 330
  • Page 331 331
  • Page 332 332
  • Page 333 333
  • Page 334 334
  • Page 335 335
  • Page 336 336
  • Page 337 337
  • Page 338 338
  • Page 339 339
  • Page 340 340
  • Page 341 341
  • Page 342 342
  • Page 343 343
  • Page 344 344
  • Page 345 345
  • Page 346 346
  • Page 347 347
  • Page 348 348
  • Page 349 349
  • Page 350 350
  • Page 351 351
  • Page 352 352
  • Page 353 353
  • Page 354 354
  • Page 355 355
  • Page 356 356
  • Page 357 357
  • Page 358 358
  • Page 359 359
  • Page 360 360
  • Page 361 361
  • Page 362 362
  • Page 363 363
  • Page 364 364
  • Page 365 365
  • Page 366 366
  • Page 367 367
  • Page 368 368
  • Page 369 369
  • Page 370 370
  • Page 371 371
  • Page 372 372
  • Page 373 373
  • Page 374 374
  • Page 375 375
  • Page 376 376
  • Page 377 377
  • Page 378 378
  • Page 379 379
  • Page 380 380
  • Page 381 381
  • Page 382 382
  • Page 383 383
  • Page 384 384
  • Page 385 385
  • Page 386 386
  • Page 387 387
  • Page 388 388
  • Page 389 389
  • Page 390 390
  • Page 391 391
  • Page 392 392
  • Page 393 393
  • Page 394 394
  • Page 395 395
  • Page 396 396
  • Page 397 397
  • Page 398 398
  • Page 399 399
  • Page 400 400
  • Page 401 401
  • Page 402 402
  • Page 403 403
  • Page 404 404

Hilti PR 30-HVS Handleiding

Type
Handleiding