Sony CPD-E430 Handleiding

Categorie
Tv's
Type
Handleiding
4-084-759-21 (1)
© 2001 Sony Corporation
Trinitron Color
Computer Display
â
Operating Instructions
Mode d’emploi
Bedienungsanleitung
Manual de instrucciones
Istruzioni per l’uso
Инструкция по эксплуатации
Bruksanvisning
Gebruiksaanwijzing
GB
FR
DE
ES
RU
NL
IT
SE
CPD-E430
3
NL
Trinitron
â
is een geregistreerd handelsmerk van Sony Corporation.
Macintosh is een handelsmerk in licentie gegeven aan Apple Computer, Inc.,
geregistreerd in de U.S.A. en andere landen.
•Windows
â
en MS-DOS zijn geregisteerde handelsmerken van Microsoft
Corporation in de Verenigde Staten en andere landen.
IBM PC/AT en VGA zijn geregistreerde handelsmerken van IBM
Corporation of the U.S.A.
•VESA en DDC
ä
zijn handelsmerken van de Video Electronics Standard
Association.
ENERGY STAR is een in de V.S. geregistreerd merk.
Alle andere vermelde productnamen kunnen handelsmerken of geregistreerde
handelsmerken zijn van hun respectieve bedrijven.
Bovendien zijn “
ä” en “â” niet telkens vermeld in deze handleiding.
Opstelling
1 De monitor aansluiten op uw computer
x Aansluiten op de HD15 ingang
Aansluiting op een Macintosh of compatibele
computer
Gebruik eventueel een Macintosh adapter (niet meegeleverd) om deze
monitor aan te sluiten op een Power Mac G3/G4 computer.
2 De monitor en de computer aanzetten
1 Sluit het netsnoer aan op de monitor en druk op de
! (aan/uit) schakelaar om de monitor aan te schakelen.
2 Zet de computer aan.
Er zijn geen specifieke drivers nodig
Deze monitor beantwoordt aan de “DDC” Plug & Play norm en detecteert
automatisch alle monitorinformatie. Op de computer hoeft geen specifieke driver
te worden geïnstalleerd.
Wanneer u de PC voor het eerst aanzet nadat de monitor werd aangesloten, kan
de installatie-wizard op het scherm verschijnen. Volg dan de instructies op het
scherm. De Plug & Play monitor wordt automatisch gekozen zodat u deze
monitor kunt gebruiken.
Opmerkingen
Raak de pinnen van de videokabelstekker niet aan.
Controleer de uitlijning van de HD15 connector om te voorkomen dat de
pinnen van de videokabelstekker verbogen worden.
De pentoewijzing van de HD 15 videosignaalkabel
* DDC (Display Data Channel) is een VESA standaard.
Inhoudsopgave
Opstelling. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 3
Regelingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 4
Verhelpen van storingen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 6
Technische gegevens . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 7
Voorzorgsmaatregelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8
Appendix . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . i
Preset mode timing table . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . i
TCO’99 Eco-document. . . . . . . . . . . . . . . . . . Achterflap
Videosignaalkabel van
de monitor
naar HD15 van de
aangesloten computer
5432
1
678910
11 12 13 14 15
Pin Nr. Signaal
1 Rood
2Groen
(Sync op Groen)
3Blauw
4ID (Massa)
5 CPU richting
6 Rood Massa
7 Groen Massa
8 Blauw Massa
9 DDC + 5V*
10 Massa
11 ID (Massa)
12 Bi-directionele data
(SDA)*
13 H. Sync
14 V. Sync
15 Dataklok (SCL)*
Pin Nr. Signaal
4
Regelingen
Het menu gebruiken
1 Druk op de MENU toets om het hoofdmenu te tonen.
2 Beweeg de joystick m/M om het hoofdmenu te laten
oplichten dat u wilt instellen en druk op de joystick.
3 Beweeg de regelknop m/M om het submenu te laten
oplichten dat u wilt instellen. Beweeg vervolgens de
regelknop –/+ om in te stellen.
Het menu sluiten
Druk tweemaal op de MENU knop om terug te keren naar het
hoofdmenu. is standaard gekozen. Door te kiezen en de MENU
knop in te drukken, wordt het menu verlaten. Indien er geen knop wordt
ingedrukt, sluit het menu automatisch na ongeveer 30 seconden.
Contrast en helderheid regelen
Contrast en helderheid worden geregeld via een apart HELDER/
CONTRAST menu. Deze instellingen gelden voor alle
ingangssignalen.
1 Beweeg de regelknop M ()/m ( ) om het HELDER/
CONTRAST menu te laten verschijnen.
2 Beweeg de regelknop m/M om helderheid ( ) of
contrast ( ) te kiezen. Beweeg vervolgens de
regelknop –/+ om in te stellen.
Opmerking
Indien u de sRGB mode in het (KLEUR MODUS) of het
(KLEUREN) menu hebt gekozen, verschijnt het / (HELDER/
CONTRAST) menu voor de sRGB mode en kunt u helderheid noch contrast
via dit scherm regelen. Voor meer informatie over het gebruik van de sRGB
mode, zie sRGB mode in het (KLEUREN) menu.
,
1280x1024 / 85Hz
UIT
45
de horizontale frequenties/resolutie
van het huidige ingangssignaal (alleen
indien het signaal overeenkomt met
één van de fabrieksvoorinstellingen)
de verticale
frequenties van
het huidige
ingangssignaal
Hoofdmenu
Submenu
AFMET
45
/I NG CENTR
1280x1024 / 85Hz
,,
Hoofdmenu
Submenu
CONTRAST
HELDERHE I D
45
/HELDER
1280x1024 / 85Hz
5
NL
On-screen Menu-instellingen
: Beeldkleur regelen
Met de KLEUREN instellingen kunt u de beeldkleurtemperatuur
regelen door het kleurniveau van het witte kleurveld te veranderen. De
kleuren hebben een rode tint bij lage temperatuur en een blauwe tint bij
hoge temperatuur. Deze regeling is handig om de monitorkleuren af te
stemmen op drukkleuren.
Deze regeling is handig om de monitorkleuren af te stemmen op
drukkleuren.
4 modes; PRESET, VARIABEL, GEAVANC en sRGB onder
(KLEUR MODUS) in het (KLEUREN) menu.
x PRESET (Standaard instelling)
U kunt kiezen uit vooringestelde kleurtemperaturen van 5000K, 6500K
of 9300K. De standaard instelling is 9300K.
x VARIABEL
U kunt de kleurtemperatuur regelen van 5000K tot 1100K.
x GEAVANC
In deze mode kunt u de kleuren nauwkeurig regelen. GAIN ( ) regelt
de heldere zones op het scherm en BIAS ( ) regelt de donkere zones
op het scherm.
* Stelt alle instellingen in de GEAVANC mode terug.
x sRGB
De kleurinstelling sRGB is een gestandaardiseerd kleurprotocol om de
beeld- en drukkleuren van computerapparatuur te harmoniseren. Om de
sRGB kleuren correct te tonen (γ = 2,2, 6500K), kiest u de sRGB mode
en stelt u de aangesloten computer in op sRGB. In de sRGB stand
werken de instellingen van het HELDER/CONTRAST menu niet.
Opmerking
Controleer of helderheid ( ) en contrast ( ) zijn ingesteld op de waarden
voor de sRGB mode zoals die in het HELDER/CONTRAST menu verschijnen.
Kies anders 0 1 in het 0 (RESET) menu.
Hoofdmenu-pictogrammen en
regelpunten
Submenu-pictogrammen en regelpunten
Beeldformaat en -centrering
regelen
*
1
Horizontale positie
Horizontale grootte
Verticale positie
Verticale grootte
Automatische beeldformattering en - centrering
De beeldvorm regelen
Beeld roteren
De zijkanten van het beeld doen uitzetten of inkrimpen
*
1
De zijden van het beeld naar links of rechts verschuiven*
1
De breedte van het beeld aan de bovenkant van het scherm aanpassen*
1
Het beeld naar links of rechts verschuiven aan de bovenkant van het scherm*
1
0 RESET: Stelt alle instellingen terug.
Convergentie regelen
*
2
Rode of blauwe schaduwen horizontaal verschuiven
Rode of blauwe schaduwen verticaal verschuiven
Rode of blauwe schaduwen bovenaan het scherm verticaal verschuiven
Rode of blauwe schaduwen onderaan het scherm verticaal verschuiven
0 RESET: Stelt alle instellingen terug.
De beeldkwaliteit regelen
DEMAGN: monitor demagnetiseren.
ONDERDRUK MOIRE
*
4
: het moiré-onderdrukkingseffect zo regelen dat moiré tot een minimum
beperkt blijft.
*
1
De beeldkleur regelen Zie : Beeldkleur regelen.
Extra instellingen
Instellingen beveiligen (TOETSEN SLOT)
*
5
Schermmenutaal kiezen/Monitorinformatie bevestigen LANGUAGE/INFORMATIE*
3
De menupositie wijzigen voor horizontale regeling
De menupositie wijzigen voor verticale regeling
0 Regelingen terugstellen
01
*
1
Alle instelgegevens voor het huidige ingangssignaal terugstellen.*
6
Kies OK.
02
*
2
Alle instelgegevens voor alle ingangssignalen terugstellen. Kies OK.
*
1
Deze instelling geldt voor het huidige ingangssignaal.
*
2
Deze instelling geldt voor alle ingangssignalen.
*
3
Taalmenu
ENGLISH: Engels NEDERLANDS
FRANÇAIS: Frans SVENSKA: Zweeds
DEUTSCH: Duits : Russisch
ESPAÑOL: Spaans : Japans
ITALIANO: Italiaans
*
4
Voorbeeld van Moiré
*
5
Alleen de ! (aan/uit) schakelaar, en het (TOETSEN SLOT) menu
werken.
*
6
De menu items , , en worden op deze manier niet teruggesteld.
T
B
Kies voor Kies voor
R R (rood) BIAS R R (rood) GAIN
G G (groen) BIAS G G (groen) GAIN
B B (blauw) BIAS B B (blauw) GAIN
0 RESET
*
6
Verhelpen van storingen
x Geen beeld
Indien de ! (aan/uit) indicator niet verlicht is
Controleer of het netsnoer goed is aangesloten.
Controleer of de ! (aan/uit) schakelaar aan staat.
De ! (aan/uit) indicator is oranje
Controleer of de videosignaalkabel goed is aangesloten en alle stekkers
goed vastzitten.
Controleer of de pinnen van de HD15 video-ingangsconnector niet
verbogen of naar binnen gedrukt zijn.
Controleer of de stroom van de computer aan is.
De computer staat in de stroomspaarstand. Druk op een willekeurige
toets op het toetsenbord of verplaats de muis.
Controleer of de grafische kaart volledig in de correcte busaansluiting zit.
Indien de ! (aan/uit) indicator groen is of oranje knippert
Gebruik de zelfdiagnosefunctie.
x Het beeld flikkert, springt, oscilleert of is vervormd
Isoleer en elimineer potentiële bronnen van elektrische of magnetische
velden zoals monitors, laser printers, elektrische ventilatoren,
fluorescentieverlichting of televisietoestellen.
Plaats de monitor uit de buurt van stroomkabels of plaats een
magnetische afscherming bij de monitor.
Probeer de monitor aan te sluiten op een ander stopcontact, bij voorkeur
op een ander circuit.
Probeer de monitor 90° naar links of naar rechts te draaien.
Controleer de handleiding van uw grafische kaart voor de juiste instelling
van de monitor.
Controleer of de grafische mode en de frequentie van het ingangssignaal
worden ondersteund door de monitor (zie Preset mode timing table op
pagina i). Sommige grafische kaarten hebben een synchronisatiepuls die
te smal is om de monitor correct te laten synchroniseren, ook al ligt de
frequentie binnen het juiste bereik.
Pas de verversingsfrequentie van de computer aan (verticale frequentie)
om een optimaal beeld te verkrijgen.
x Het beeld is wazig
Regel helderheid en contrast.
Demagnetiseer de monitor.*
Regel moiré-onderdrukking tot moiré minimaal is of zet ONDERDRUK
MOIRE op UIT.
x Echobeeld (ghosting)
Gebruik geen videoverlengkabels en/of videoschakeldozen.
Controleer of alle aansluitingen goed vastzitten.
x Het beeld is niet gecentreerd of heeft niet de juiste
afmetingen
Verricht de Auto Afmeting Centreer-functie.
Regel formaat en centrering. Merk op dat het scherm met sommige
ingangssignalen en/of grafische kaarten niet volledig is gevuld.
Na het aanzetten van de aan/uit-schakelaar kan een correcte formattering/
centrering enige tijd in beslag nemen.
x De hoeken van het beeld zijn krom
Regel de geometrie.
x Golvend of elliptisch patroon (moiré)
Regel het moiré-onderdrukkingseffect zo dat moiré tot een minimum
beperkt blijft.
Verander uw desktoppatroon.
x De kleur is niet gelijkmatig
Demagnetiseer de monitor*. Indien u apparatuur die een magnetisch veld
genereert, bijvoorbeeld een luidspreker, in de buurt van de monitor
opstelt, of wanneer u de richting van de monitor verandert, is het
mogelijk dat de kleuren niet meer gelijkmatig zijn.
x Onzuivere witweergave
Regel de kleurtemperatuur.
x De knoppen op de monitor werken niet ( verschijnt
op het scherm)
Indien de vergrendeling van de bedieningen op AAN staat, moet u deze
op UIT zetten.
x Letters en regels hebben rode of blauwe schaduwen aan
de hoeken
Convergentie regelen.
x U hoort een brommend geluid direct na het inschakelen
van de monitor
Dit is het geluid van de zelf-demagnetiserende cyclus. Bij het
aanschakelen wordt de monitor automatisch gedurende enkele seconden
gedemagnetiseerd.
* Indien er een tweede demagnetiseringscyclus nodig is, dient u voor het beste
resultaat 20 minuten te wachten. U hoort eventueel een bromgeluid maar dat
is normaal.
Schermberichten
1 Indien GEEN SIGNAAL verschijnt:
Dit geeft aan dat er geen signaal via de aansluiting wordt ingevoerd.
2 Toont de oplossingen.
Als AANZETTEN VIA COMPUTER verschijnt op het scherm,
probeer dan een toets op het toetsenbord van de computer in te
drukken of de muis te bewegen en controleer of de grafische kaart
van de computer in de juiste aansluiting zit.
Als CONTROLEER VIDEOKABEL op het scherm verschijnt,
controleer dan of de monitor correct is aangesloten op de computer.
1 Indien BUITEN SCANBEREIK verschijnt:
Dit geeft aan dat het ingangssignaal niet door de monitor kan worden
verwerkt.
2 Toont de ingangssignaalfrequentie.
3 Toont de oplossing.
WIJZIG SIGNAALTIMING verschijnt op het scherm. Wanneer u een
bestaande monitor vervangt, moet u de oude monitor opnieuw
aansluiten. Stel vervolgens de grafische kaart van de computer zo in dat
de horizontale frequentie 30 96 kHz en de verticale frequentie 48
170 Hz bedraagt.
IIENFORMAT
MON I FUNCT
I
ONEER T
TOR
I NGANG : GEEN
VIA
S
COMPUTER
W
R
G
B
GNAALI
AANZETTEN
CONTROLEER V DEOKABELI
1
2
W
R
G
B
:200.0kHz/ 85Hz
BU I I KTEN SCANBEL E
WI I IGNAALT I INGMGSJZ
IIENFORMAT
MON I FUNCT
I
ONEER T
TOR
I NGANG
2
1
3
7
NL
Weergave van de naam van de monitor, het
serienummer en de productiedatum.
Als de monitor een videosignaal
ontvangt, moet u de MENU toets
meer dan 5 seconden ingedrukt
houden om de informatiebox van
deze monitor te laten verschijnen.
Indien er dunne lijnen op uw scherm
verschijnen
(demperdraden)
Deze lijnen duiden niet op een defect en zijn normaal voor een
Trinitron-beeldbuis. Dit zijn de schaduwen van de demperdraden die
gebruikt worden om het apertuurrooster te stabiliseren. Het
apertuurrooster is het fundamentele element dat een Trinitron beeldbuis
onderscheidt van alle andere, doordat er meer licht bij het scherm kan
komen, hetgeen resulteert in een contrastrijker, meer gedetailleerd
beeld.
Zelfdiagnosefunctie
Deze monitor heeft een zelfdiagnosefunctie. Indien er een probleem
met de monitor of computer is, zal het scherm leeg worden en zal de
! (aan/uit) indicator groen oplichten of oranje knipperen. Indien de
! (aan/uit) indicator oranje oplicht, bevindt de computer zich in de
energiebesparende stand. Druk op een willekeurige toets op het
toetsenbord of verplaats de muis.
x Indien de ! (aan/uit) indicator groen is
1 Koppel de videokabel los of zet de aangesloten computer
af.
2 Zet de monitor UIT en weer AAN.
3 Beweeg de joystick gedurende enkele seconden naar
boven voor hij overschakelt naar de stroomspaarstand.
Als alle vier de kleurbalken verschijnen (wit, rood, groen, blauw),
betekent dit dat de monitor goed werkt. Sluit de videokabels weer aan
en controleer de instelling van uw computer.
Indien de kleurbalken niet verschijnen, gaat het mogelijk om een defect
van de monitor. Informeer uw erkende Sony dealer over het probleem.
x Indien de ! (aan/uit) indicator oranje knippert
Zet de monitor UIT en weer AAN.
Indien de ! (aan/uit) indicator groen oplicht, betekent dit dat de
monitor goed werkt.
Indien de ! (aan/uit) indicator nog steeds knippert, gaat het mogelijk
om een defect aan de monitor. Tel het aantal seconden tussen het oranje
aanflitsen van de ! (aan/uit) indicator en neem contact op met uw
erkende Sony dealer over het probleem. Vergeet niet de modelnaam en
het serienummer van de monitor op te schrijven. Noteer ook het merk
en model van uw computer en grafische kaart.
Technische gegevens
CRT
0,24 mm apertuurrooster pitch, afbuiging van 90 graden, FD Trinitron
19 inch diagonaal gemeten
Zichtbare grootte Ong. 365
× 274 mm (b/h)
18,0" zichtbaar beeld
Resolutie (H:Horizontaal, V:Verticaal)
Maximum H: 1920 punten, V: 1440 lijnen
Aanbevolen H: 1280 punten, V: 1024 lijnen
Ingangssignaalniveaus
Videosignaal: Analoog RGB: 0,700 Vp-p (positief), 75
SYNC signaal: Apart H/V of composietsync:
TTL 2 k
, polariteitsvrij
Sync op groen: 0,3 Vp-p (negatief)
Standaard beeldformaat
Ong. 352
× 264 mm
Afbuigingsfrequentie (H:Horizontaal, V:Verticaal)
H: 30 tot 96 kHz, V: 48 tot 170 Hz
Ingangsspanning/stroomsterkte
100 tot 240 V, 50 60 Hz, 2,0 1,0 A
Stroomverbruik (zonder USB apparatuur aangesloten)
Ong. 135 W
Bedrijfstemperatuur 10°C tot 40°C
Afmetingen Ong. 451
× 471 × 461 mm (b/h/d)
Gewicht Ong. 25,5 kg
Plug and Play DDC2B/DDC2Bi
GTF
Meegeleverde toebehoren
Netsnoer
Deze gebruiksaanwijzing
W
R
G
B
SER NO
:
1234567
MODEL
:
CPD-E430
MANUFACTURED
: 2001-30
INFORMATIE
Demperdraden
(wordt vervolgd)
8
Fabrieks- en gebruikersinstellingen
Wanneer de monitor een ingangssignaal ontvangt, stemt deze dit signaal
automatisch af op één van de fabrieksinstellingen die in het geheugen van de
monitor zijn opgeslagen, om een beeld van hoge kwaliteit te verkrijgen (zie
Preset mode timing table op pagina i). Indien de ingangssignalen niet
overeenstemmen met de fabrieksinstellingen, produceert de monitor
automatisch het meest geschikte beeld voor het ingangssignaal dat binnen het
verticale of horizontale frequentiebereik valt (pagina 7) conform de algemene
timingformule. Indien het beeld wordt bijgesteld, worden de instelgegevens
opgeslagen als gebruikersinstelling en automatisch weer opgeroepen op het
moment dat hetzelfde ingangssignaal wordt ontvangen.
Stroomspaarfunctie
Deze monitor voldoet aan de richtlijnen voor energiebesparing die zijn
opgesteld door VESA, TCO99 en
ENERGY STAR. Indien de monitor geen
signaal van de computer ontvangt, zal hij het energieverbruik automatisch
verminderen zoals hieronder beschreven.
*
1
Wanneer uw computer overschakelt naar de stroomspaarstand, verschijnt
GEEN SIGNAAL op het scherm. Na enkele seconden schakelt de monitor
over naar de stroomspaarstand.
*
2
Diepe sluimer is een energiebesparende instelling gedefinieerd door de
Environmental Protection Agency.
Wijzigingen in ontwerp en technische gegevens voorbehouden zonder
voorafgaande kennisgeving.
Voorzorgsmaatregelen
Waarschuwing betreffende voedingsaansluitingen
Gebruik het meegeleverde netsnoer. Als u een ander netsnoer
gebruikt, moet u nagaan of het compatibel is met de lokale
stroomvoorziening.
Voor de klanten in het VK
Als u de monitor in het VK gebruikt, gebruik dan altijd het
bijgeleverde netsnoer voor het VK.
Voorbeeld van stekkertypes
Wacht na het afzetten van het toestel minstens 30 seconden
alvorens de stekker uit het stopcontact te trekken zodat de statische
elektriciteit op het scherm kan ontladen.
Na het aanschakelen wordt het scherm gedurende enkele seconden
gedemagnetiseerd. Hierbij ontstaat rond het scherm een sterk
magnetisch veld dat gegevens op magneetbanden en diskettes kan
beschadigen. Hou dergelijke zaken dan ook uit de buurt van de
monitor.
Installatie
Installeer de monitor niet op de volgende plaatsen:
op een zacht of wollig oppervlak (een kleedje of deken), of tegen
gordijnen, waardoor de ventilatie-openingen geblokkeerd kunnen
worden.
nabij warmtebronnen zoals radiatoren of luchtkanalen, of op een
plek waar het bloot staat aan directe zonnestraling
op een plek waar het bloot staat aan grote
temperatuurschommelingen
op een plek waar het bloot staat aan mechanische trillingen of
schokken
op een onstabiele ondergrond
nabij apparatuur die een magnetisch veld opwekt, zoals een
transformator of hoogspanningslijnen
nabij of op een elektrisch geladen metalen oppervlak
in een gesloten rek
Onderhoud
Reinig het scherm met een zachte doek. Gebruik geen
glasreinigingsmiddel dat een antistatische oplossing of soortgelijk
additief bevat omdat de schermcoating hierdoor kan worden
gekrast.
Wrijf, druk of tik niet op het scherm met een scherp of schurend
voorwerp zoals een balpen of schroevendraaier. Daardoor kan de
beeldbuis immers worden gekrast.
Reinig de behuizing, het voorpaneel en de bedieningselementen
met een zachte doek die lichtjes is bevochtigd met een mild
zeepsopje. Gebruik geen schuursponsje, schuurpoeder noch
solventen zoals alcohol of benzine.
Transport
Transporteer deze monitor altijd in de originele verpakking.
Gebruik van de zwenkvoet
Deze monitor kan in de hieronder
getoonde hoeken worden versteld.
Hou de monitor onderaan met beide
handen vast om hem verticaal of
horizontaal te verstellen. Let op dat
uw vingers achteraan de monitor niet
klem raken wanneer u hem verticaal
kantelt.
Energiestand Energieverbruik ! (aan/uit)
indicator
normale werking
135 W groen
actief uit*
1
(diepe sluimer)*
2
3 W oranje
Het toestel moet in de buurt van een makkelijk bereikbaar
stopcontact worden geplaatst.
voor 100 tot 120 V
wisselstroom
voor 200 tot 240 V
wisselstroom
alleen voor 240 V
wisselstroom
90°
90°
15°
5°
90°90°
Centreerlijntje

Documenttranscriptie

4-084-759-21 (1) Trinitron Color Computer Display â Operating Instructions GB Mode d’emploi FR Bedienungsanleitung DE Manual de instrucciones ES Istruzioni per l’uso IT Инструкция по эксплуатации RU Bruksanvisning SE Gebruiksaanwijzing NL CPD-E430 © 2001 Sony Corporation Inhoudsopgave Opstelling . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 3 Regelingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 4 Verhelpen van storingen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 6 Technische gegevens . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 7 Voorzorgsmaatregelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8 Appendix . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . i Preset mode timing table . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . i TCO’99 Eco-document . . . . . . . . . . . . . . . . . . Achterflap • Trinitronâ is een geregistreerd handelsmerk van Sony Corporation. • Macintosh is een handelsmerk in licentie gegeven aan Apple Computer, Inc., geregistreerd in de U.S.A. en andere landen. • Windowsâ en MS-DOS zijn geregisteerde handelsmerken van Microsoft Corporation in de Verenigde Staten en andere landen. • IBM PC/AT en VGA zijn geregistreerde handelsmerken van IBM Corporation of the U.S.A. • VESA en DDCä zijn handelsmerken van de Video Electronics Standard Association. • ENERGY STAR is een in de V.S. geregistreerd merk. • Alle andere vermelde productnamen kunnen handelsmerken of geregistreerde handelsmerken zijn van hun respectieve bedrijven. • Bovendien zijn “ä” en “â” niet telkens vermeld in deze handleiding. Opstelling 1 De pentoewijzing van de HD 15 videosignaalkabel De monitor aansluiten op uw computer 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 x Aansluiten op de HD15 ingang Pin Nr. 1 2 Videosignaalkabel van de monitor naar HD15 van de aangesloten computer Aansluiting op een Macintosh of compatibele computer Gebruik eventueel een Macintosh adapter (niet meegeleverd) om deze monitor aan te sluiten op een Power Mac G3/G4 computer. 2 3 4 5 6 7 8 Signaal Rood Groen (Sync op Groen) Blauw ID (Massa) CPU richting Rood Massa Groen Massa Blauw Massa Pin Nr. 9 10 11 12 13 14 15 Signaal DDC + 5V* Massa ID (Massa) Bi-directionele data (SDA)* H. Sync V. Sync Dataklok (SCL)* * DDC (Display Data Channel) is een VESA standaard. De monitor en de computer aanzetten 1 Sluit het netsnoer aan op de monitor en druk op de ! (aan/uit) schakelaar om de monitor aan te schakelen. 2 Zet de computer aan. Er zijn geen specifieke drivers nodig Deze monitor beantwoordt aan de “DDC” Plug & Play norm en detecteert automatisch alle monitorinformatie. Op de computer hoeft geen specifieke driver te worden geïnstalleerd. Wanneer u de PC voor het eerst aanzet nadat de monitor werd aangesloten, kan de installatie-wizard op het scherm verschijnen. Volg dan de instructies op het scherm. De Plug & Play monitor wordt automatisch gekozen zodat u deze monitor kunt gebruiken. NL Opmerkingen • Raak de pinnen van de videokabelstekker niet aan. • Controleer de uitlijning van de HD15 connector om te voorkomen dat de pinnen van de videokabelstekker verbogen worden. 3 Regelingen Het menu gebruiken Contrast en helderheid regelen 1 Druk op de MENU toets om het hoofdmenu te tonen. Contrast en helderheid worden geregeld via een apart HELDER/ CONTRAST menu. Deze instellingen gelden voor alle ingangssignalen. UIT 1 Beweeg de regelknop M ( )/m ( ) om het HELDER/ CONTRAST menu te laten verschijnen. , 2 Beweeg de regelknop m/M om helderheid ( 45 1280x1024 / 85Hz ) of contrast ( ) te kiezen. Beweeg vervolgens de regelknop –/+ om in te stellen. Hoofdmenu Submenu HELDER / CONTRAST de horizontale frequenties/resolutie van het huidige ingangssignaal (alleen indien het signaal overeenkomt met één van de fabrieksvoorinstellingen) HELDERHE I D de verticale frequenties van het huidige ingangssignaal 45 2 Beweeg de joystick m/M om het hoofdmenu te laten oplichten dat u wilt instellen en druk op de joystick. AFMET I NG / CENTR , , 45 1280x1024 / 85Hz Hoofdmenu Submenu 3 Beweeg de regelknop m/M om het submenu te laten oplichten dat u wilt instellen. Beweeg vervolgens de regelknop –/+ om in te stellen. Het menu sluiten Druk tweemaal op de MENU knop om terug te keren naar het hoofdmenu. is standaard gekozen. Door te kiezen en de MENU knop in te drukken, wordt het menu verlaten. Indien er geen knop wordt ingedrukt, sluit het menu automatisch na ongeveer 30 seconden. 4 1280x1024 / 85Hz Opmerking Indien u de sRGB mode in het (KLEUR MODUS) of het (KLEUREN) menu hebt gekozen, verschijnt het / (HELDER/ CONTRAST) menu voor de sRGB mode en kunt u helderheid noch contrast via dit scherm regelen. Voor meer informatie over het gebruik van de sRGB mode, zie “sRGB mode” in het (KLEUREN) menu. On-screen Menu-instellingen Hoofdmenu-pictogrammen en regelpunten Submenu-pictogrammen en regelpunten Horizontale positie Horizontale grootte Beeldformaat en -centrering regelen*1 Verticale positie Verticale grootte Automatische beeldformattering en - centrering Beeld roteren De zijkanten van het beeld doen uitzetten of inkrimpen*1 De zijden van het beeld naar links of rechts verschuiven*1 De beeldvorm regelen De breedte van het beeld aan de bovenkant van het scherm aanpassen*1 Het beeld naar links of rechts verschuiven aan de bovenkant van het scherm*1 0 RESET: Stelt alle instellingen terug. Rode of blauwe schaduwen horizontaal verschuiven Rode of blauwe schaduwen verticaal verschuiven Convergentie regelen*2 T Rode of blauwe schaduwen bovenaan het scherm verticaal verschuiven B Rode of blauwe schaduwen onderaan het scherm verticaal verschuiven 0 RESET: Stelt alle instellingen terug. DEMAGN: monitor demagnetiseren. De beeldkwaliteit regelen De beeldkleur regelen ONDERDRUK MOIRE*4: het moiré-onderdrukkingseffect zo regelen dat moiré tot een minimum beperkt blijft.*1 Zie “ : Beeldkleur regelen”. Instellingen beveiligen (TOETSEN SLOT)*5 Schermmenutaal kiezen/Monitorinformatie bevestigen LANGUAGE/INFORMATIE*3 Extra instellingen De menupositie wijzigen voor horizontale regeling De menupositie wijzigen voor verticale regeling 0 Regelingen terugstellen 01*1 Alle instelgegevens voor het huidige ingangssignaal terugstellen.*6 Kies “OK”. 02* Alle instelgegevens voor alle ingangssignalen terugstellen. Kies “OK”. 2 *1 Deze instelling geldt voor het huidige ingangssignaal. *2 Deze instelling geldt voor alle ingangssignalen. *3 Taalmenu • • • • • ENGLISH: Engels FRANÇAIS: Frans DEUTSCH: Duits ESPAÑOL: Spaans ITALIANO: Italiaans • NEDERLANDS • SVENSKA: Zweeds • : Russisch • : Japans : Beeldkleur regelen Met de KLEUREN instellingen kunt u de beeldkleurtemperatuur regelen door het kleurniveau van het witte kleurveld te veranderen. De kleuren hebben een rode tint bij lage temperatuur en een blauwe tint bij hoge temperatuur. Deze regeling is handig om de monitorkleuren af te stemmen op drukkleuren. Deze regeling is handig om de monitorkleuren af te stemmen op drukkleuren. 4 modes; PRESET, VARIABEL, GEAVANC en sRGB onder (KLEUR MODUS) in het (KLEUREN) menu. *4 Voorbeeld van Moiré *5 Alleen de ! (aan/uit) schakelaar, werken. *6 De menu items , , en en het (TOETSEN SLOT) menu worden op deze manier niet teruggesteld. Kies voor Kies R R (rood) BIAS R voor R (rood) GAIN G G (groen) BIAS G G (groen) GAIN B B (blauw) BIAS B B (blauw) GAIN 0 RESET* NL * Stelt alle instellingen in de GEAVANC mode terug. x sRGB U kunt kiezen uit vooringestelde kleurtemperaturen van 5000K, 6500K of 9300K. De standaard instelling is 9300K. De kleurinstelling sRGB is een gestandaardiseerd kleurprotocol om de beeld- en drukkleuren van computerapparatuur te harmoniseren. Om de sRGB kleuren correct te tonen (γ = 2,2, 6500K), kiest u de sRGB mode en stelt u de aangesloten computer in op sRGB. In de sRGB stand werken de instellingen van het HELDER/CONTRAST menu niet. x VARIABEL Opmerking x PRESET (Standaard instelling) U kunt de kleurtemperatuur regelen van 5000K tot 1100K. x GEAVANC Controleer of helderheid ( ) en contrast ( ) zijn ingesteld op de waarden voor de sRGB mode zoals die in het HELDER/CONTRAST menu verschijnen. Kies anders 0 1 in het 0 (RESET) menu. In deze mode kunt u de kleuren nauwkeurig regelen. GAIN ( ) regelt de heldere zones op het scherm en BIAS ( ) regelt de donkere zones op het scherm. 5 Verhelpen van storingen x Geen beeld Indien de ! (aan/uit) indicator niet verlicht is • Controleer of het netsnoer goed is aangesloten. • Controleer of de ! (aan/uit) schakelaar “aan” staat. De ! (aan/uit) indicator is oranje • Controleer of de videosignaalkabel goed is aangesloten en alle stekkers goed vastzitten. • Controleer of de pinnen van de HD15 video-ingangsconnector niet verbogen of naar binnen gedrukt zijn. • Controleer of de stroom van de computer “aan” is. • De computer staat in de stroomspaarstand. Druk op een willekeurige toets op het toetsenbord of verplaats de muis. • Controleer of de grafische kaart volledig in de correcte busaansluiting zit. Indien de ! (aan/uit) indicator groen is of oranje knippert • Gebruik de zelfdiagnosefunctie. x De knoppen op de monitor werken niet ( op het scherm) verschijnt • Indien de vergrendeling van de bedieningen op AAN staat, moet u deze op UIT zetten. x Letters en regels hebben rode of blauwe schaduwen aan de hoeken • Convergentie regelen. x U hoort een brommend geluid direct na het inschakelen van de monitor • Dit is het geluid van de zelf-demagnetiserende cyclus. Bij het aanschakelen wordt de monitor automatisch gedurende enkele seconden gedemagnetiseerd. * Indien er een tweede demagnetiseringscyclus nodig is, dient u voor het beste resultaat 20 minuten te wachten. U hoort eventueel een bromgeluid maar dat is normaal. Schermberichten x Het beeld flikkert, springt, oscilleert of is vervormd • Isoleer en elimineer potentiële bronnen van elektrische of magnetische velden zoals monitors, laser printers, elektrische ventilatoren, fluorescentieverlichting of televisietoestellen. • Plaats de monitor uit de buurt van stroomkabels of plaats een magnetische afscherming bij de monitor. • Probeer de monitor aan te sluiten op een ander stopcontact, bij voorkeur op een ander circuit. • Probeer de monitor 90° naar links of naar rechts te draaien. • Controleer de handleiding van uw grafische kaart voor de juiste instelling van de monitor. • Controleer of de grafische mode en de frequentie van het ingangssignaal worden ondersteund door de monitor (zie “Preset mode timing table” op pagina i). Sommige grafische kaarten hebben een synchronisatiepuls die te smal is om de monitor correct te laten synchroniseren, ook al ligt de frequentie binnen het juiste bereik. • Pas de verversingsfrequentie van de computer aan (verticale frequentie) om een optimaal beeld te verkrijgen. x Het beeld is wazig 1 2 1 x Echobeeld (ghosting) 3 x Het beeld is niet gecentreerd of heeft niet de juiste afmetingen • Verricht de Auto Afmeting Centreer-functie. • Regel formaat en centrering. Merk op dat het scherm met sommige ingangssignalen en/of grafische kaarten niet volledig is gevuld. • Na het aanzetten van de aan/uit-schakelaar kan een correcte formattering/ centrering enige tijd in beslag nemen. x De hoeken van het beeld zijn krom • Regel de geometrie. x Golvend of elliptisch patroon (moiré) • Regel het moiré-onderdrukkingseffect zo dat moiré tot een minimum beperkt blijft. • Verander uw desktoppatroon. x De kleur is niet gelijkmatig • Demagnetiseer de monitor*. Indien u apparatuur die een magnetisch veld genereert, bijvoorbeeld een luidspreker, in de buurt van de monitor opstelt, of wanneer u de richting van de monitor verandert, is het mogelijk dat de kleuren niet meer gelijkmatig zijn. x Onzuivere witweergave • Regel de kleurtemperatuur. 6 W R G B 1 Indien “GEEN SIGNAAL” verschijnt: Dit geeft aan dat er geen signaal via de aansluiting wordt ingevoerd. 2 Toont de oplossingen. • Als AANZETTEN VIA COMPUTER verschijnt op het scherm, probeer dan een toets op het toetsenbord van de computer in te drukken of de muis te bewegen en controleer of de grafische kaart van de computer in de juiste aansluiting zit. • Als CONTROLEER VIDEOKABEL op het scherm verschijnt, controleer dan of de monitor correct is aangesloten op de computer. • Regel helderheid en contrast. • Demagnetiseer de monitor.* • Regel moiré-onderdrukking tot moiré minimaal is of zet ONDERDRUK MOIRE op UIT. • Gebruik geen videoverlengkabels en/of videoschakeldozen. • Controleer of alle aansluitingen goed vastzitten. I NFORMAT I E MON I TOR FUNCT I ONEER T I NGANG : GEEN S I GNAAL AANZETTEN V I A COMPUTER CONT ROL EER V I DEOKABEL 2 I NFORMAT I E MON I TOR FUNCT I ONEER T : 2 0 0 . 0 k H z / 85Hz I NGANG BU I TEN SCANBEL E I K W I J Z I G S I GNAA L T I M I NG W R G B 1 Indien “BUITEN SCANBEREIK” verschijnt: Dit geeft aan dat het ingangssignaal niet door de monitor kan worden verwerkt. 2 Toont de ingangssignaalfrequentie. 3 Toont de oplossing. WIJZIG SIGNAALTIMING verschijnt op het scherm. Wanneer u een bestaande monitor vervangt, moet u de oude monitor opnieuw aansluiten. Stel vervolgens de grafische kaart van de computer zo in dat de horizontale frequentie 30 – 96 kHz en de verticale frequentie 48 – 170 Hz bedraagt. Weergave van de naam van de monitor, het serienummer en de productiedatum. Als de monitor een videosignaal ontvangt, moet u de MENU toets meer dan 5 seconden ingedrukt houden om de informatiebox van deze monitor te laten verschijnen. Technische gegevens INFORMATIE MODEL : CPD-E430 SER NO : 1234567 MANUFACTURED : 2001-30 W R G B Indien er dunne lijnen op uw scherm verschijnen (demperdraden) Deze lijnen duiden niet op een defect en zijn normaal voor een Trinitron-beeldbuis. Dit zijn de schaduwen van de demperdraden die gebruikt worden om het apertuurrooster te stabiliseren. Het apertuurrooster is het fundamentele element dat een Trinitron beeldbuis onderscheidt van alle andere, doordat er meer licht bij het scherm kan komen, hetgeen resulteert in een contrastrijker, meer gedetailleerd beeld. Demperdraden Zelfdiagnosefunctie Deze monitor heeft een zelfdiagnosefunctie. Indien er een probleem met de monitor of computer is, zal het scherm leeg worden en zal de ! (aan/uit) indicator groen oplichten of oranje knipperen. Indien de ! (aan/uit) indicator oranje oplicht, bevindt de computer zich in de energiebesparende stand. Druk op een willekeurige toets op het toetsenbord of verplaats de muis. CRT 0,24 mm apertuurrooster pitch, afbuiging van 90 graden, FD Trinitron 19 inch diagonaal gemeten Zichtbare grootte Ong. 365 × 274 mm (b/h) 18,0" zichtbaar beeld Resolutie (H:Horizontaal, V:Verticaal) Maximum H: 1920 punten, V: 1440 lijnen Aanbevolen H: 1280 punten, V: 1024 lijnen Ingangssignaalniveaus Videosignaal: Analoog RGB: 0,700 Vp-p (positief), 75 Ω SYNC signaal: Apart H/V of composietsync: TTL 2 kΩ, polariteitsvrij Sync op groen: 0,3 Vp-p (negatief) Standaard beeldformaat Ong. 352 × 264 mm Afbuigingsfrequentie (H:Horizontaal, V:Verticaal) H: 30 tot 96 kHz, V: 48 tot 170 Hz Ingangsspanning/stroomsterkte 100 tot 240 V, 50 – 60 Hz, 2,0 – 1,0 A Stroomverbruik (zonder USB apparatuur aangesloten) Ong. 135 W Bedrijfstemperatuur 10°C tot 40°C Afmetingen Ong. 451 × 471 × 461 mm (b/h/d) Gewicht Ong. 25,5 kg Plug and Play DDC2B/DDC2Bi GTF Meegeleverde toebehoren Netsnoer Deze gebruiksaanwijzing x Indien de ! (aan/uit) indicator groen is 1 Koppel de videokabel los of zet de aangesloten computer af. 2 Zet de monitor UIT en weer AAN. 3 Beweeg de joystick gedurende enkele seconden naar boven voor hij overschakelt naar de stroomspaarstand. Als alle vier de kleurbalken verschijnen (wit, rood, groen, blauw), betekent dit dat de monitor goed werkt. Sluit de videokabels weer aan en controleer de instelling van uw computer. Indien de kleurbalken niet verschijnen, gaat het mogelijk om een defect van de monitor. Informeer uw erkende Sony dealer over het probleem. NL x Indien de ! (aan/uit) indicator oranje knippert Zet de monitor UIT en weer AAN. Indien de ! (aan/uit) indicator groen oplicht, betekent dit dat de monitor goed werkt. Indien de ! (aan/uit) indicator nog steeds knippert, gaat het mogelijk om een defect aan de monitor. Tel het aantal seconden tussen het oranje aanflitsen van de ! (aan/uit) indicator en neem contact op met uw erkende Sony dealer over het probleem. Vergeet niet de modelnaam en het serienummer van de monitor op te schrijven. Noteer ook het merk en model van uw computer en grafische kaart. (wordt vervolgd) 7 Fabrieks- en gebruikersinstellingen Wanneer de monitor een ingangssignaal ontvangt, stemt deze dit signaal automatisch af op één van de fabrieksinstellingen die in het geheugen van de monitor zijn opgeslagen, om een beeld van hoge kwaliteit te verkrijgen (zie “Preset mode timing table” op pagina i). Indien de ingangssignalen niet overeenstemmen met de fabrieksinstellingen, produceert de monitor automatisch het meest geschikte beeld voor het ingangssignaal dat binnen het verticale of horizontale frequentiebereik valt (pagina 7) conform de algemene timingformule. Indien het beeld wordt bijgesteld, worden de instelgegevens opgeslagen als gebruikersinstelling en automatisch weer opgeroepen op het moment dat hetzelfde ingangssignaal wordt ontvangen. Stroomspaarfunctie Deze monitor voldoet aan de richtlijnen voor energiebesparing die zijn opgesteld door VESA, TCO’99 en ENERGY STAR. Indien de monitor geen signaal van de computer ontvangt, zal hij het energieverbruik automatisch verminderen zoals hieronder beschreven. Energiestand Energieverbruik ! (aan/uit) indicator normale werking ≤ 135 W groen actief uit*1 (diepe sluimer)*2 ≤3W oranje *1 Wanneer uw computer overschakelt naar de stroomspaarstand, verschijnt GEEN SIGNAAL op het scherm. Na enkele seconden schakelt de monitor over naar de stroomspaarstand. *2 “Diepe sluimer” is een energiebesparende instelling gedefinieerd door de Environmental Protection Agency. Wijzigingen in ontwerp en technische gegevens voorbehouden zonder voorafgaande kennisgeving. Voorzorgsmaatregelen Waarschuwing betreffende voedingsaansluitingen • Gebruik het meegeleverde netsnoer. Als u een ander netsnoer gebruikt, moet u nagaan of het compatibel is met de lokale stroomvoorziening. Voor de klanten in het VK Als u de monitor in het VK gebruikt, gebruik dan altijd het bijgeleverde netsnoer voor het VK. Voorbeeld van stekkertypes voor 100 tot 120 V wisselstroom voor 200 tot 240 V wisselstroom alleen voor 240 V wisselstroom • Wacht na het afzetten van het toestel minstens 30 seconden alvorens de stekker uit het stopcontact te trekken zodat de statische elektriciteit op het scherm kan ontladen. • Na het aanschakelen wordt het scherm gedurende enkele seconden gedemagnetiseerd. Hierbij ontstaat rond het scherm een sterk magnetisch veld dat gegevens op magneetbanden en diskettes kan beschadigen. Hou dergelijke zaken dan ook uit de buurt van de monitor. Het toestel moet in de buurt van een makkelijk bereikbaar stopcontact worden geplaatst. Installatie Installeer de monitor niet op de volgende plaatsen: • op een zacht of wollig oppervlak (een kleedje of deken), of tegen gordijnen, waardoor de ventilatie-openingen geblokkeerd kunnen worden. • nabij warmtebronnen zoals radiatoren of luchtkanalen, of op een plek waar het bloot staat aan directe zonnestraling • op een plek waar het bloot staat aan grote temperatuurschommelingen • op een plek waar het bloot staat aan mechanische trillingen of schokken • op een onstabiele ondergrond • nabij apparatuur die een magnetisch veld opwekt, zoals een transformator of hoogspanningslijnen • nabij of op een elektrisch geladen metalen oppervlak • in een gesloten rek Onderhoud • Reinig het scherm met een zachte doek. Gebruik geen glasreinigingsmiddel dat een antistatische oplossing of soortgelijk additief bevat omdat de schermcoating hierdoor kan worden gekrast. • Wrijf, druk of tik niet op het scherm met een scherp of schurend voorwerp zoals een balpen of schroevendraaier. Daardoor kan de beeldbuis immers worden gekrast. • Reinig de behuizing, het voorpaneel en de bedieningselementen met een zachte doek die lichtjes is bevochtigd met een mild zeepsopje. Gebruik geen schuursponsje, schuurpoeder noch solventen zoals alcohol of benzine. Transport Transporteer deze monitor altijd in de originele verpakking. Gebruik van de zwenkvoet Deze monitor kan in de hieronder getoonde hoeken worden versteld. Hou de monitor onderaan met beide handen vast om hem verticaal of horizontaal te verstellen. Let op dat uw vingers achteraan de monitor niet klem raken wanneer u hem verticaal kantelt. 90° 15° 5° Centreerlijntje 8 90°
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52

Sony CPD-E430 Handleiding

Categorie
Tv's
Type
Handleiding