Shimano RD-C810 Service Instructions

Type
Service Instructions
27
• Tijdens het fietsen niet op de schakelaars van het FLIGHT
DECK (fietscomputer) drukken, anders zou u de controle
over uw fiets kunnen verliezen en een ongeluk kunnen
krijgen. Breng de fiets tot stilstand alvorens een van de
schakelaars in te drukken.
• Tijdens het rijden niet te veel aandacht besteden aan de
gegevens op de computer. Dit kan ongelukken
veroorzaken.
• De voorveringvork niet demonteren, omdat anders de
buitenste buis en de binnenste buis van elkaar los kunnen
raken, en u ernstig letsel kunt oplopen.
• Gebruik banden met een buitenomtrek van
minder dan 690 mm (voor de FS-C810) of
725 mm (voor de FS-C812) zodat de
band de brug van de voorveringvork niet
raakt. Als een spatbord is aangebracht,
bij het monteren van de band er op
letten dat de band het spatbord niet
raakt.
• Monteer het stuur en de stuurstang op correcte wijze door
de montage-instructies voor deze onderdelen te
raadplegen. Als deze niet correct worden gemonteerd, zou
u de controle over uw fiets kunnen verliezen en een
ongeluk kunnen veroorzaken.
• Bij de FS-C810 is de voorveringvork niet voorzien van een
ophangsteun, zodat enkel zijoptrekremmen die bestemd
zijn zonder een ophangsteun aan de voorveringvork
gemonteerd te worden kunnen worden gebruikt.
• Op de FS-C812 voorvering kunnen uitsluitend schijfremmen
geïnstalleerd worden.
• Houd gebruikte batterijen buiten het bereik van kinderen
en ruim deze op overeenkomstig de geldende
milieuvoorschriften. Als batterijen per ongeluk ingeslikt
worden, onmiddellijk medische hulp inroepen.
Gebruik voor het reinigen van de ketting een neutraal
reinigingsmiddel. Gebruik geen alkali- of zuurhoudende
reinigingsmiddelen die bestemd zijn voor het verwijderen van
bijvoorbeeld roest, aangezien deze de ketting kunnen
beschadigen en de ketting kunnen doen breken.
• Bij het verwijderen van het achterwiel, de kabel van de
achterwielnaaf losmaken en vervolgens de ketting eerst op
het hoogste versnellingstandwiel (kleinste tandwiel) van
het cassettetandwiel plaatsen. Zorg ervoor dat bij het
verwijderen van de kabel de
temperatuur van de rotor
voldoende gedaald is in het geval
een schijfrem gemonteerd is.
Aanraking van de rotor
onmiddellijk na het rijden met de
fiets kan brandwonden
veroorzaken.
• Zorg ervoor dat u de montage-instructies ter beschikking
heeft en lees deze nauwkeurig alvorens de onderdelen te
monteren. Loszittende, versleten of bescha-digde
onderdelen kunnen de berijder ernstig letsel toebrengen.
Het wordt ten sterkste aanbevolen uitsluitend originele
Shimano vervangingsonderdelen te gebruiken.
• Controleer of de wielen stevig bevestigd zijn alvorens met
de fiets te gaan rijden. Als de wielen op een of andere
manier loszitten, kunnen deze van de fiets losraken,
hetgeen ernstig letsel kan veroorzaken.
• Lees deze technische montage-instructies nauwkeurig en
bewaar ze op een veilige plaats voor toekomstige
referentie.
Opmerking:
• De voorderailleur schakelt de versnellingen over door
bediening van de handbediende versnellingschakelaars,
ongeacht of de modusinstelling op automatisch of
handbediening is ingesteld. Echter de achterderailleur zal
wanneer de handbediende versnellingschakelaars gebruikt
worden in de automatische modus niet overschakelen.
• Wanneer er op bepaalde momenten niet voldoende stroom
wordt opgewekt, zoals onmiddellijk nadat u bent
begonnen met fietsen, is de beweging van de derailleurs en
de vering mogelijk beperkt en bestaat de kans dat het
systeem de instructies van de gebruiker niet accepteert.
Zie voor bijzonderheden de instructies voor de overige
functies.
• Voor het overschakelen van zowel de voor- als
achterversnellingen dienen de pedalen gedraaid te worden.
• De pedalen niet in achterwaartse richting draaien.
• De fiets niet met hogedruksprays reinigen. Als er vocht in
de onderdelen terechtkomt, kan dit problemen bij het
functioneren of roestvorming veroorzaken.
• Geen van de eenheden demonteren, aangezien deze dan
niet meer correct zullen functioneren.
• Tijdens het overschakelen van de versnellingen klinkt er een
pieptoon.
• De diverse eenheden zijn waterbestendig, zodat deze
geschikt zijn voor gebruik bij het rijden met nat weer. Zij
mogen echter niet in water worden ondergedompeld.
• Stel het FLIGHT DECK niet bloot aan buitengewoon warm
weer en stel het niet bloot aan schokken.
• Voor het reinigen van de onderdelen, deze afvegen met
een droge doek of met een doek welke licht bevochtigd is
met een neutraal reinigingsmiddel. Door substanties zoals
verfverdunner zal de buitenzijde van de onderdelen
aangetast worden.
• Ongeveer 1 minuut na het stopzetten van de fiets wordt de
energiebesparingsfunctie geactiveerd en wordt de vloeibaar
kristal display uitgeschakeld. Het achterlicht wordt
ongeveer 5 seconden na het stopzetten van de fiets
uitgeschakeld.
• Onderdelen zijn niet gegarandeerd tegen natuurlijke
slijtage of veroudering dat hetgevolg is van normaal
gebruik.
• Neem contact op met de plaats van aankoop voor vragen
betreffende de methoden van behandeling of onderhoud.
Voor uw veiligheid deze instructies doorlezen en
deze voor correct gebruik opvolgen.
Brug
Band
Dutch
Algemene veiligheidsinformatie
WAARSCHUWING
28
Voorderailleur (met computereenheid)
Achterderailleur
Handbediende overschakeltoetsen
FLIGHT DECK (fietscomputer)
Elektrische bedradingkabel
Voorste kettingwiel
Voorveringvork
Achtervering
Ketting
Cassettetandwiel
Vrijloopnaaf (naafdynamo)
FD-C810
RD-C810
SW-C810 / SM-SW10
+
SW-C810C
SC-C810
EW-C810
FC-C810
FS-C810 / FS-C812
RS-C810
CN-HG73
CS-LG50 (11-13-15-17-21-25-29-33T)
FH-C810 / C811
C810
Wat is de automatische overschakelmodus?
Dit is een rijmodus waarin de versnellingen automatisch gekozen
worden overeenkomstig de rijsnelheid.
Door middel van de draaibeweging van de vrijloopnaaf van deze
fiets wordt stroom opgewekt die gebruikt wordt voor het
overschakelen van de versnellingen en het regelen van de vering.
Wat is de handbediende overschakelmodus?
Dit is een rijmodus waarin de versnellingen gekozen worden
overeenkomstig de voorkeur van de berijder.
Voor het verkrijgen van betere resultaten in de automatische modus
De overschakelpunten kunnen op vijf verschillende punten worden ingesteld, zowel
vóór als na de standaard overschakelpunten. U kunt de instellingen veranderen om
de overschakelpunten te bepalen die het meest met uw voorkeur overeenkomt.
(Pagina 34)
Aanwijzingen
voor gebruik
Aanwijzingen
voor gebruik
Specificaties
Kabelafdekking voor voorveringvork
Voor FS-C810: SM-FS10
Voor FS-C812: SM-FS11 / SM-FS12
29
HIGH
LOW
HIGH
LOW
Snelheidsdisplay
Display van
overschakelmodus
Klokdisplay
Display van
rijafstand
Display van
cumulatieve afstand
Versnellingsdisplay
Omhoog
versnellingschakelaar
Omlaag
versnellingschakelaar
Displaymodus
keuzeschakelaar
Veringmodus
keuzeschakelaar
Overschakelmodus
keuzeschakelaar
Display van
veringstatus
Batterij-indicator
Display voor lage
batterijspanning
FLIGHT DECK (SC-C810)
Handbediende overschakeltoetsen
(SW-C810 / SM-SW10
+
SW-C810C)
Namen van
onderdelen
en functies
Overschakeling van de
voorversnellingen
< Links >
Overschakeling van de
achterversnellingen
< Rechts >
30
Gebruik van de moduskeuzeschakelaars
< Displaymodus keuzeschakelaar >
00 : 00 - 23 : 59
Uren : Minuten
000.0 - 999.9 km
000.0 - 620.9 mijl
0 - 9999 km
0 - 6209 mijl
Klok
Snelheidsdisplay
0 - 99 km
0 - 62 mijl
Versnelling
Rijafstand Cumulatieve afstand
Indrukken
31
HIGH
LOW
HIGH
LOW
<
Veringmodus keuzeschakelaar
><
Overschakelmodus keuzeschakelaar
>
Voor het kiezen van de gewenste
veringmodus.
Als de vering op AUTO is ingesteld, zal de
vering overschakelen tussen de H (hard)
modus en de S (zacht) modus, afhankelijk van
de snelheid en de posities van de voor- en
achterversnellingen.
*
Zorg ervoor dat de batterij-indicator tenminste 4
blokken aangeeft. Bij het overschakelen van de
vering zal de aanduiding knipperen. Wanneer dit
voltooid is, zal de aanduiding constant gaan
branden. Wanneer de aanduiding knippert, kan als
de schakelaar gebruikt wordt niet naar de volgende
modus overgeschakeld worden.
Kies de gewenste rijmodus.
Wanneer de modus ingesteld wordt op L, D of DS, wordt
automatische overschakeling van de versnellingen
uitgevoerd overeenkomstig de rijsnelheid. Wanneer u
MANU kiest, wordt handbediende overschakeling van de
versnellingen uitgevoerd en zullen de voor- en
achterderailleurs overschakelen wanneer de
versnellingschakelaars bediend worden.
Indrukken
(Automatisch)
(Hard)
(Zacht)
Indrukken
Links Rechts
Wanneer de HIGH schakelaar wordt ingedrukt, wordt de ketting overgebracht van
een kleinere naar een grotere kettingring. Dit wordt gebruikt tijdens normaal
rijden en bij het rijden van afdalingen.
32
Handbediende overschakeltoetsen
(Handbediende overschakelmodus)
Wanneer de LOW schakelaar wordt ingedrukt, wordt de ketting overgebracht van
een grotere naar een kleinere kettingring. Dit wordt gebruikt voor het beklimmen
van hellingen of bij het rijden met tegenwind.
Het overschakelen van de achterversnellingen gebeurt in principe automatisch, echter handbediende
overschakeling is ook beschikbaar voor rijders die hiervan gebruik willen maken.
Druk op de moduskeuzetoets om de modus op handbediening (MANU) in te stellen.
* De voorderailleur wordt kortstondig overgeschakeld wanneer de schakelaar in de automatische
overschakelmodus wordt ingedrukt. Daarna echter is het mogelijk dat afhankelijk van de rijsnelheid
teruggeschakeld wordt naar de oorspronkelijke versnelling.
Overschakelen van de voorversnellingen
Wanneer de HIGH schakelaar wordt ingedrukt, wordt de ketting overgebracht
van een groter naar een kleiner tandwiel. Dit maakt het ronddraaien van de
pedalen wat zwaarder, echter de voeten kunnen dan langzamer draaien.
Wanneer de LOW schakelaar wordt ingedrukt, wordt de ketting
overgebracht van een kleiner naar een groter tandwiel. Dit maakt het
draaien van de pedalen gemakkelijker.
Overschakelen van de achterversnellingen
Kiezen van de automatische
overschakelmodus
L modus voor
rustig rijden
Kies de L modus voor
heuvelachtig terrein.
* De overschakelpunten kunnen op 11 verschillende punten
worden afgesteld. (Pagina 34)
*
Stel voor soepeler rijden de overschakelpunten gelijkmatig af.
Ds modus voor
hard fietsen
Kies Ds modus voor een
meer dynamische rijstijl.
Aanwijzingen
voor gebruik
Aanwijzingen
voor gebruik
Kies in
principe
D modus
33
Gebruik in principe de AUTO modus.
Kiezen van de vering
Aanwijzingen
voor gebruik
Aanwijzingen
voor gebruik
Kiezen van de AUTO modus
Handbediende instelling
Aanwijzingen
voor gebruik
Aanwijzingen
voor gebruik
Gebruik in principe de AUTO modus.
De voorderailleur kan ingesteld worden op de handbediende overschakelmodus wanneer de
achterderailleur op de automatische overschakelmodus is ingesteld.
Wanneer bij het beklimmen van hellingen en het rijden
met tegenwind het trappen moeilijker wordt, de
schakelaar indrukken om naar de L modus over te
schakelen.
Als het trappen te snel gaat, de schakelaar indrukken
om naar de D of Ds modus over te schakelen.
D modus wordt ingesteld voor normaal rijden.
Als het rijden door het overschakelen van de
versnellingen niet verbeterd, de
voorversnellingschakelaar gebruiken om naar de kleine
kettingring over te schakelen. Ook in de automatische
modus kunnen de voorversnellingen met de hand
overgeschakeld worden.
Stel naar wens de S (ZACHT modus) of de H (HARD modus) in.
De hard modus
wordt ingesteld
bij het beginnen
met rijden en bij
het oprijden van
hellingen.
Als u het overschakeltijdstip eerder wilt instellen.
\ Verander naar een hoger nummer. Als u het
overschakeltijdstip later wilt instellen. \ Verander
naar een lager nummer. Druk wanneer de gewenste
instelling verschijnt op de overschakelmodus
keuzeschakelaar om de instelling vast te leggen.
Afstellen van de overschakelpunten
Kiezen van de voorversnellingen:
Automatisch/Handbediening
Kilometerteller wissen
Zoemer aan/uit
34
Veranderen van de invoergegevens
(1) Voorbereiding voor instelling
Draai de crank als de batterij-indicator een laag vermogen
aangeeft. Trek vervolgens de remmen aan en controleer de
display om te zien of de snelheidsmeter 0 km/h (mph) aangeeft
en of de batterij-indicator een voldoende vermogen aangeeft.
Draai de crank nogmaals om de batterij te laden als tijdens het
invoeren van nieuwe gegevens het vermogen uitgeput raakt.
(2) Beginnen van de instelling
Houd na het voltooien van de voorbereidingen gedurende tenminste 3
seconden de overschakelmodus keuzeschakelaar van de rechter
versnellingschakelaar (omhoog/omlaag) ingedrukt. Controleer of de display
enkel de batterij-indicator, een numerieke waarde en de "AUTO" aanduiding
aangeeft. Kies de items die u wilt veranderen met behulp van de rechter
versnellingschakelaar (omhoog/omlaag). Druk op de overschakelmodus
keuzeschakelaar om de gewenste waarde in te stellen zodra deze verschijnt.
Afstellen van de overschakelpunten
Controleer of het nummer knippert en verander de
instelling vervolgens naar het gewenste nummer
door de omhoog/omlaag versnellingschakelaar te
bedienen.
Afstelbaar bereik: -5 tot +5
Kiezen van de voorversnellingen:
Automatisch/Handbediening
U kunt kiezen of de voorversnellingen overgeschakeld worden via
automatische bediening of handbediening.
De keuze van F: AUTO / MANU modus wordt hieronder aangegeven.
Controleer of de display de batterij, "F" en "AUTO" of "MANU"
aangeeft en druk vervolgens op de overschakelmodus keuzeschakelaar.
Als u F: AUTO wilt kiezen
\ Instellen zodat "AUTO" knippert.
Als u F: Handbediening wilt kiezen
\ Instellen zodat "MANU" knippert.
Druk wanneer de gewenste instelling verschijnt op de
overschakelmodus keuzeschakelaar om de instelling vast te leggen.
<Rechts>
Omhoog/omlaag
versnellingschakelaar
Overschakelmodus
keuzeschakelaar
Schakel bij het invoeren van nieuwe gegevens de vering over van de AUTO modus naar de HARD of ZACHT modus. Nadat de
fiets is stopgezet, zal de batterij-indicator op het FLIGHT DECK ook als er nog stroom in de batterij over is voor het sparen
van energie na ongeveer 5 seconden geen blokken aangeven. Bij het veranderen van gegevens is het achterlicht uit.
Vooringesteld niveau
is "0"
Voorbeeld: In het geval van F: MANUVoorbeeld: In het geval van F: AUTO
Kilometerteller wissen
Controleer of de display knippert. Druk op de rechter versnellingschakelaar
(omhoog/omlaag) voor het wissen van de display (km/mijl).
De rijafstand wordt eveneens gewist.
Als u de gegevens wilt wissen
\ Instellen zodat "0000 km" knippert.
Als u de gegevens niet wilt wissen
\ Instellen zodat "0300 km" knippert.
Druk wanneer de gewenste instelling verschijnt op de
overschakelmodus keuzeschakelaar om de instelling vast te leggen.
Voorbeeld: In het geval
u "3" wilt instellen
Voorbeeld: In het geval de
kilometerteller 300 km aangeeft
Indrukken
Accepteer
Accepteer
Accepteer
Accepteer
Gedurende
tenminste
3 seconden
ingedrukt houden
Methode
Zorg ervoor dat de batterij tenminste
4 blokken toont en dat de
snelheidsmeter 0 km/h aangeeft.
35
Instellen van de klok (24 uurs)
Instellen van de klok (24 uurs)
Rijafstand wissen
Displaymodus
keuzeschakelaar
(1) Wacht 5 seconden na het stoppen
met fietsen of verwijder het
FLIGHT DECK van de fiets.
(2) Controleer of de display voor lage
batterijspanning niet knippert.
Voorwaarde voor instelling
Voorbeeld: Afstellen op 12:30
Stel de display op het FLIGHT DECK
in op de klokmodus.
Druk op de displayschakelaar en
houd deze gedurende tenminste 3
seconden op klok ingedrukt.
Controleer of het cijfer links
knippert en verander de instelling
vervolgens naar 1 door de schakelaar
op het FLIGHT DECK in te drukken.
Houd de schakelaar vervolgens
nogmaals gedurende tenminste 3
seconden ingedrukt om over te gaan
naar het volgende cijfer.
Stel elk cijfer van links naar rechts in
volgorde af.
Na het afstellen van alle cijfers keert
de display terug naar de normale
modus.
Als er gedurende langer dan twee
minuten op het FLIGHT DECK geen
instelling wordt gemaakt, stopt de
microcomputer en zullen alle
waarden die reeds werden ingevoerd
gewist worden.
Methode van instelling
Rijafstand wissen
(1) Wacht 5 seconden na het stoppen
met fietsen of verwijder het
FLIGHT DECK van de fiets.
(2) Controleer of de display voor lage
batterijspanning niet knippert.
Voorwaarde voor instelling
Stel de display op het FLIGHT
DECK in op de "DST" modus.
Druk op de displayschakelaar en
houd deze gedurende tenminste 3
seconden ingedrukt.
Controleer of de huidige afstand
knippert en verander de instelling
vervolgens naar 0 km of 0 mijl
door de schakelaar op het FLIGHT
DECK in te drukken.
Telkens wanneer u op de
displayschakelaar drukt wordt de
huidige afstand en de wisindicatie
(0 km of 0 mijl) aangegeven.
Wanneer u de huidige afstand
wilt wissen, de displayschakelaar
gedurende tenminste drie
seconden ingedrukt houden.
Als er gedurende 3 minuten of
langer op het FLIGHT DECK geen
instelling wordt gemaakt en de
displaycondities het wissen van de
rijafstand mogelijk maken, zal de
rijafstand niet gewist worden.
Methode van instelling
Zoemer aan/uit
De zoemer aan/uit modus wordt als volgt ingesteld.
Controleer of de display de batterij en "b on" of "b off" aangeeft
en druk vervolgens op de overschakelmodus keuzeschakelaar.
Controleer of het nummer knippert
Als u de zoemer wilt horen \ Instellen zodat "b on" knippert.
Als u de zoemer niet wilt horen \ Instellen zodat "b off" knippert.
Druk wanneer de gewenste instelling verschijnt op de
overschakelmodus keuzeschakelaar om de instelling vast te leggen.
Voorbeeld: In het geval van zoemer aan. Voorbeeld: In het geval van zoemer uit.
Gedurende tenminste 3 seconden ingedrukt houden
Gedurende tenminste 3 seconden ingedrukt houden
Displaymodus
keuzeschakelaar
36
Afstelling van de voorvering
< Afstelling van de voorspanningafsteller >
(1) Druk de veringmodus keuzeschakelaar in om de veringmodus
in te stellen op “S”.
(2) Trek de voorrem aan of plaats een gewicht op het stuur om de
voorvering omhoog en omlaag te bewegen om de hardheid te
controleren. Stel de voorspanningafsteller af voor het
verkrijgen van de gewenste hardheid. Als deze in
achterwaartse richting wordt gedraaid, wordt de vering
zachter en wanneer deze in voorwaartse richting wordt
gedraaid wordt de vering harder.
Afstelling van de achtervering
< Ontluchten >
(1) Druk op de veringmodus keuzeschakelaar op de versnellingschakelaars om de
veringmodus in te stellen op "S".
(2) De luchtdruk is afhankelijk van factoren zoals de vorm en de afmeting van het frame, het
gewicht van de berijder en de rijmethode.
Stel de luchtdruk af tot op het optimale niveau van maximaal 1,5 Mpa. {maximaal 15 bar}
Het ventiel is een Schrader ventiel.
Als richtlijn dient de fiets in de "S" (zacht) modus 5--10 mm naar beneden te gaan
wanneer de berijder er op gaat zitten.
• Na het ontluchten, het kapje stevig vastdraaien, omdat anders
de lucht kan ontsnappen.
• Voor een optimaal functioneren van de achtervering, de druk
in de achtervering tenminste eenmaal per maand controleren.
Wanneer de display voor lage batterijspanning verschijnt
(batterij-indicator knippert), de batterij (CR-2032) zo
spoedig mogelijk door een nieuwe vervangen. Als de
batterij volledig uitgeput is, zal de FLIGHT DECK display
tijdens het rijden verschijnen, echter wanneer de fiets
stopt zal deze verdwijnen, de klok zal terugkeren naar
00:00 en de aanduiding van de rijafstand zal 0 aangeven.
De batterij heeft polariteit (+ / - zijden), dus let er op de
batterij met de + zijde naar buiten te installeren zoals
aangegeven in het schema rechts.
Afstelling
van de
vering
Vernieuwen
van de
batterij
CR-2032
Afstelling van de voorspanning:
10 mm (40 klikken)
1.5 mm (67 klikken):1 cyclus
Monteer zoals aangegeven in de afbeelding het FLIGHT
DECK stevig in de houder totdat u een klik hoort.
Verwijder het FLIGHT DECK door stevig op de
uitwerphendel aan de voorzijde van de houder te
drukken en dit naar buiten te trekken.
FLIGHT DECK
installeren/
verwijderen
HouderFLIGHT DECK
Uitwerphendel
37
Bereik van voorversnellingen in de AUIO modus
Overige
functies
• Wanneer de snelheid tot nul is teruggevallen zullen het achterlicht en de laadindicator 5
seconden later uitgeschakeld worden en zal de energiebesparingsfunctie 1 minuut daarna
in werking treden. De display wordt daarop uitgeschakeld.
Druk om terug te keren naar de normale modus op de displaykeuzeschakelaar op het
FLIGHT DECK of draai het achterwiel rond.
• Werking van de zoemer
De zoemer functioneert als volgt voor het geven van informatie.
*1 Het overschakelen van de versnellingen kan onder de volgende omstandigheden
eveneens beperkt blijven.
• Wanneer een opdracht wordt gegeven voor overschakeling naar een niet-bestaande
versnelling
Bijvoorbeeld, als een opdracht voor opschakeling wordt gegeven wanneer de ketting
zich op het kleinste tandwiel bevindt
• Als de batterijspanning laag is (FD / RD: 0 blokken; Vering: 3 blokken of minder)
• Als er een probleem is met de achterderailleur
• Als de veringkeuzeschakelaar wordt ingedrukt terwijl de veringmodus op dat moment
aan het veranderen is
Normaal zal overschakelen van de versnellingen mogelijk zijn als bovenstaande
beperkende omstandigheden zijn opgelost.
Conditie
1
2
3
Soort geluid
Voordat het
overschakelen
begint
1 korte
pieptoon
Opdracht voor
overschakeling
geannuleerd
Twee korte
pieptonen
Wanneer het
normale
functioneren begint
1 lange
pieptoon
Opmerkingen
Overschakelen begint onmiddellijk na het klinken van de
zoemer.
Een opdracht voor overschakeling werd geannuleerd omdat de pedalen niet werden
rondgedraaid, of er is opdracht gegeven voor handbediende overschakeling op een
moment dat het systeem op de automatische modus was ingesteld. (Zie *1)
Klinkt wanneer het FLIGHT DECK overgaat van de
parkeermodus naar de normale modus.
Overschakelmodus
AUTO modus
Handbediende
overschakeling
van de
voorversnellingen
Voorste kettingring
L
D
Ds
L
D
Ds
Groot, Midden, Klein
Groot, Midden
Groot, Midden
Groot, Midden, Klein
Groot, Midden, Klein
Groot, Midden, Klein
38
Oplossen
van problem
Conditie
Snelheidsdisplay is niet correct.
Zoemer klinkt niet.
Handbediende overschakeling
van de achterderailleur is niet
mogelijk wanneer de
automatische
overschakelmodus is ingesteld.
Er vindt geen overschakeling plaats
wanneer in de handbediende
overschakelmodus op de
handbediende overschakeltoetsen
wordt gedrukt. (Pedalen draaien niet)
Een onderdeel zoals de
achterderailleur functioneert
niet.
Beschrijving
De instelling voor de bandomtrek is niet correct.
Verander de instelling naar het correcte nummer.
De zoemer is op uit ingesteld.
Stel deze in op aan.
Tijdens de automatische overschakelmodus is de handbediende
overschakeling buiten werking.
Als u de handbediende overschakeling in werking wilt stellen, de modus
naar "MANU" veranderen.
Er vindt geen overschakeling plaats wanneer de pedalen niet draaien.
Druk op de handbediende overschakeltoetsen en draai de pedalen.
Defect onderdeel of probleem met de bedrading
i
Controleer de bedrading van het FLIGHT DECK naar het onderdeel dat
niet functioneert.
Als een kabel loszit of niet goed is aangesloten of op het verkeerde
punt is aangesloten, de verbinding herstellen.
Als het probleem door het uitvoeren van bovenstaande suggesties niet kan worden opgelost, is de
oorzaak van het probleem mogelijk:
• Een probleem met het FLIGHT DECK
• Defecte interne bedrading
• Defect in onderdeel dat niet functioneert
Vraag een erkende fietsdealer voor reparaties.
De volgende toestanden zijn voorbeelden van normale toestanden die door de gebruiker
soms gemakkelijk als problemen kunnen worden aangezien. Zie eerst deze tabel om te
controleren of het probleem in feite een normale toestand is of niet.
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12

Shimano RD-C810 Service Instructions

Type
Service Instructions