Yamaha A-S3200 de handleiding

Type
de handleiding

Deze handleiding is ook geschikt voor

Nederlands
171
Dank u en proficiat met uw aankoop van dit Yamaha product.
U kunt thuis genieten van het hoogwaardige stereogeluid van deze versterker.
Om dit product op de juiste wijze en veilig te gebruiken adviseren we deze handleiding en de “Veiligheidsbrochure”
aandachtig door te lezen.
Bewaar de handleiding op een veilige en toegankelijke plaats om in de toekomst te kunnen raadplegen.
Eigenschappen
Zwevend gebalanceerde schakeling voor eindversterker
Volledig gebalanceerde transmissie van ingang naar uitgang
Toonregelingsschakeling met een parallel volumesysteem
Grote voeding met vier afzonderlijke schakelingen
Links-rechts symmetrisch ontwerp
Volledig discrete phono-voorversterker
Hoofdtelefoonversterker met lage impedantie en hoog vermogen
172
Dingen die u moet weten alvorens het product te gebruiken
Over deze handleiding
Deze handleiding beschrijft de functies en aansluithandelingen van het toestel.
De in deze handleiding weergegeven illustraties dienen uitsluitend voor instructiedoeleinden.
Technische gegevens en uiterlijk kunnen zonder kennisgeving worden gewijzigd.
•“
WAARSCHUWING” beschrijft voorzorgsmaatregelen die moeten worden gevolgd om ernstig letsel
of zelfs fataal letsel te vermijden.
•“
VOORZICHTIG” beschrijft voorzorgsmaatregelen die moeten worden gevolgd om letsel te vermijden.
•“LET OP” beschrijft voorzorgsmaatregelen die moeten worden gevolgd om mogelijke storing of schade aan het
product te vermijden.
” beschrijft aanvullende informatie over het product.
Meegeleverde accessoires
Controleer of de volgende accessoires in de verpakking zitten.
Afstandsbediening
Batterijen (AAA, R03, UM-4) (×2)
Netsnoer*
Gebruikershandleiding (dit boek)
Veiligheidsbrochure
* Afhankelijk van de distributieregio kunnen verschillende netsnoeren in de verpakking worden meegeleverd.
Gebruik het snoer dat voor uw regio van toepassing is.
Inhoudsopgave
Eigenschappen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 171
Dingen die u moet weten alvorens het
product te gebruiken. . . . . . . . . . . . . . . . . . . 172
Over deze handleiding. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 172
Meegeleverde accessoires . . . . . . . . . . . . . . . . 172
Namen en functies van onderdelen. . . . . . 173
Voorpaneel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 174
Achterpaneel. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 178
Afstandsbediening . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 180
Inzetten van batterijen in de
afstandsbediening. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .182
De afstandsbediening bedienen . . . . . . . . .182
Aansluitingen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 183
Aansluitschema . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 184
De luidsprekers aansluiten . . . . . . . . . . . . . . . . 186
Luidsprekerkabels gebruiken . . . . . . . . . . . .186
Banaanstekkerkabels gebruiken. . . . . . . . . . 187
Aansluitkabels met Y-vormige
krimpaansluitingen gebruiken . . . . . . . . . . .187
Dubbel bedrade verbinding . . . . . . . . . . . . . . .187
Gebalanceerde aansluiting . . . . . . . . . . . . . . . .188
Trigger-aansluiting . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .188
Externe verbinding . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .189
Het toestel vanuit een andere kamer
bedienen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 189
Afstandsverbinding tussen
Yamaha-componenten. . . . . . . . . . . . . . . . . . 189
Aansluiten van het netsnoer . . . . . . . . . . . . . . .190
Appendix . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 191
Technische gegevens. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .192
Schema . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .194
Akoestische kenmerken . . . . . . . . . . . . . . . . . . .195
Karakteristieken toonregeling . . . . . . . . . . . 195
Totale harmonische vervorming . . . . . . . . . 195
Totale harmonische vervorming
(PHONO). . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 196
Foutopsporing . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .197
Onderhoud . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .198
Opmerking
Nederlands
173
Namen en functies van onderdelen
Dit deel beschrijft de namen en functies van diverse onderdelen
op het voor- en achterpaneel en de afstandsbediening.
174
Namen en functies van onderdelen
Voorpaneel
1 A (aan/uit) schakelaar/indicator
Als de A (aan/uit) schakelaar zich in de bovenste
positie bevindt, druk dan herhaaldelijk op de A AMP-
toets op de afstandsbediening om over te schakelen
tussen aan- en stand-by-modus. Daarnaast schakelt het
toestel over op stand-by-modus in één van de
volgende situaties.
Als de Automatische Stand-by functie is ingeschakeld.
( pagina 178)
Als de stroomtoevoer wordt uitgeschakeld van het
apparaat dat is aangesloten op de TRIGGER IN-
aansluiting van dit toestel. ( pagina 188)
Nadat het toestel wordt ingeschakeld, duurt het enkele
seconden alvorens het toestel geluid kan produceren.
Schakel het toestel niet in binnen 10 seconden nadat het
is uitgeschakeld. Dit kan ruis veroorzaken.
Om het toestel vanuit stand-bymodus in te schakelen zet
u eerst de A (aan/uit) schakelaar in de onderste positie
om uit te schakelen. Vervolgens zet u de schakelaar in de
bovenste positie.
Als het toestel in standby-modus staat en de stekker van
het netsnoer wordt uit het stopcontact gehaald en er
weer ingestoken, zal het toestel worden ingeschakeld.
13 4 5 6 72
A
(aan/uit)
schakelaar
Aan/uit status Indicator
Bovenste positie
On Fel verlicht
Standby Matig verlicht
Onderste positie Off Off
LET OP
Wanneer u dit toestel voor langere tijd niet gaat
gebruiken, haal dan de stekker uit het stopcontact. Zelfs
als het toestel is uitgeschakeld stroomt er nog een
minieme hoeveelheid stroom naar het toestel.
Opmerking
Nederlands
175
2 Sensor voor de afstandsbediening
Deze ontvangt de signalen van de afstandsbediening.
( pagina 182)
3 PHONES-aansluiting
Sluit hier uw hoofdtelefoon aan.
Het hier aansluiten van de hoofdtelefoon heeft het
volgende tot gevolg:
- Er komt geen geluid meer uit de aangesloten
luidsprekers.
- Er wordt geen audiosignaal verzonden naar de PRE
OUT-aansluitingen.
- U kunt MAIN DIRECT niet als signaalbron selecteren.
Als MAIN DIRECT is geselecteerd als signaalbron worden
er audiosignalen verzonden naar de PHONES-aansluiting.
4 TRIM-keuzeschakelaar
Schakelt de ingangsgevoeligheid van de
hoofdtelefoonversterker om.
Kies de versterkingsinstelling die geschikt is voor uw
hoofdtelefoon.
Beschikbare versterking:
6 dB, 0 dB, +6 dB, +12 dB
5 SPREKERS keuzeschakelaar
Hiermee kunt u twee sets luidsprekers in- of
uitschakelen die als volgt zijn aangesloten op
SPEAKERS L/R A en B-aansluitingen op het
achterpaneel:
OFF: Er wordt geen audiosignaal door de
luidsprekers weergegeven.
A: Audiosignalen worden weergegeven via de
luidsprekerset die is aangesloten op de A-
aansluitingen.
B: Audiosignalen worden weergegeven via de
luidsprekerset die is aangesloten op de B-
aansluitingen.
A+B BI-WIRING: Audiosignalen worden
weergegeven via de luidsprekersets die zijn
aangesloten op de A- en B-aansluitingen.
Selecteer deze positie als u van plan bent gebruik
te maken van een dubbel bedrade aansluiting.
( pagina 187)
6 METER-keuzeschakelaar
Schakelt de meter functie als volgt om:
OFF:
Draait de meterwerking en displayverlichting om.
PEAK:
Schakelt de meterdisplay om naar
piekniveaumeter. De piekniveaumeter geeft het
hoogste permanente niveau van een audiosignaal weer.
VU: Schakelt het type meterdisplay om naar VU
(Volume Unit = volume-eenheid)-niveaumeter.
De VU-niveaumeter geeft een effectieve waarde
van geluidsweergave die te vergelijken is met
menselijke zintuigen.
DIMMER:
Als dit is geselecteerd wijzigt de DIMMER
de helderheid van de meterdisplay in stappen. Als
het gewenste helderheidsniveau is bereikt, schakel
dan over op een andere instellingsparameter om de
helderheid te bevestigen.
7 Meter (LEFT/RIGHT)
Geeft het audio-uitgangsniveau van het linker (LEFT)
en rechter (RIGHT) kanaal aan.
Opmerking
LET OP
[Model voor Azië]
Als u twee sets luidsprekers (A+B) aansluit, gebruik dan
luidsprekers met een impedantie van 12Ω of hoger.
[Overige modellen]
Als u twee sets luidsprekers (A+B) aansluit, gebruik dan
luidsprekers met een impedantie van 8Ω of hoger.
176
Namen en functies van onderdelen
Voorpaneel
8 BASS-regelaar
Past het geluidsvolumeniveau van het basbereik aan.
Instelbaar bereik: 10 dB – 0 – +10 dB
9 TREBLE-regelaar
Past het geluidsvolumeniveau van het hoge
tonenbereik aan.
Instelbaar bereik: 10 dB – 0 – +10 dB
0 BALANCE-regelaar
Stelt de geluidsbalans van de linker- en
rechterluidsprekers af om onevenwichtig geluid te
compenseren dat wordt veroorzaakt door de plaatsing
van de luidsprekers of de luistercondities in de kamer.
Als zowel de BASS- als TREBLE-regelaars in het midden staan
(nul), passeert het audiosignaal ongewijzigd de
toonregeling.
De instellingen van de BASS-, TREBLE- en BALANCE-regelaars
hebben geen invloed op de ingangssignalen van de
aansluitingen MAIN IN of de uitgangssignalen van de LINE 2
OUT-aansluitingen.
A INPUT-keuzeschakelaar/indicator
Selecteer de signaalbron. De indicator voor de
geselecteerde signaalbron gaat branden.
Audiosignalen van de geselecteerde signaalbron
worden verzonden naar LINE 2 OUT-aansluitingen.
MAIN DIRECT: Selecteert de component die als
signaalbron is aangesloten op de MAIN IN-
aansluitingen.
LINE 1/LINE 2: Selecteert de component die als
signaalbron is aangesloten op de LINE 1 of LINE
2-aansluitingen.
BAL: Selecteert de component die als signaalbron is
aangesloten op de BAL-ingangen.
CD: Selecteert de cd-speler die als signaalbron is
aangesloten op de CD-ingangen.
TUNER: Selecteert de tuner die als signaalbron is
aangesloten op de TUNER-ingangen.
PHONO: Selecteert de draaitafel die als signaalbron
is aangesloten op de PHONO-ingangen.
8 9 0 A
Opmerking
Nederlands
177
Als MAIN DIRECT is geselecteerd als signaalbron worden
er geen audiosignalen verzonden naar de PRE OUT, LINE
2 OUT of PHONES-aansluitingen.
Als LINE 2 is geselecteerd, worden er geen audiosignalen
verzonden naar de LINE 2 OUT-aansluitingen.
B PHONO-schakelaar
Zet de PHONO-schakelaar op MM of MC aan de hand
van het type element van de draaitafel in kwestie, die
is aangesloten op de PHONO-ingangen op het
achterpaneel.
Schakel dit toestel uit, alvorens het element van de
draaitafel te vervangen.
C Voeten
Als het toestel onstabiel staat, stel dan de hoogte van
de voeten bij door deze te draaien.
D AUDIO MUTE schakelaar/indicator
Druk op deze schakelaar om het huidige
volumeniveau met ongeveer 20 dB te verlagen. De
indicator gaat branden. Druk nog eens op deze toets
om de geluidsweergave op het oorspronkelijke
volume voort te zetten. De indicator gaat uit.
E VOLUME-knop
Past het volumeniveau aan. Deze instelling heeft geen
invloed op het uitgangsniveau van de LINE 2 OUT-
aansluitingen.
B EDC
Opmerking
Opmerking
LET OP
Als u MAIN DIRECT als signaalbron selecteert voor dit
apparaat, is het geluidsvolumeniveau gefixeerd. Om het
volumeniveau in deze situatie aan te passen gebruikt u
de volumeregelaar op de externe versterker die is
aangesloten op de MAIN IN-aansluitingen.
178
Namen en functies van onderdelen
Achterpaneel
1 BAL (gebalanceerd)-ingangen
Stel de ATTENUATOR-keuzeschakelaar en PHASE-
keuzeschakelaar juist in voor de afspeelcomponent die op
deze aansluiting is aangesloten. ( pagina 188)
2 PRE OUT-aansluitingen
Audio-uitgangssignaal aan de PRE OUT-aansluitingen is
hetzelfde signaal dat wordt verzonden naar de SPEAKERS
L/R CH-aansluitingen.
De volgende parameterinstellingen zijn geldig voor
audiosignalen bij de PRE OUT-aansluitingen.
-BASS
-TREBLE
-BALANCE
-VOLUME
3 AUTO POWER STANDBY-schakelaar
ON: Het toestel gaat automatisch in stand-bymodus
als het is ingeschakeld, maar gedurende acht uur
niet wordt bediend (functie Automatische Stand-
by).
OFF: Het toestel gaat niet automatisch in stand-by-
modus.
4 TRIGGER IN-aansluiting
Sluit externe componenten aan die de triggerfunctie
ondersteunen. ( pagina 188)
5 REMOTE IN/OUT-aansluitingen
Sluit externe componenten aan die de functie externe
bediening ondersteunen. ( pagina 189)
6 SERVICE-aansluiting
Deze aansluitingen wordt gebruikt om het product te
testen.
7 SPEAKERS L/R CH-aansluitingen
8 TUNER-ingangen
A97
21
C8 B0 D
Opmerking
Opmerking
Nederlands
179
9 PHONO-ingangen
0 CD-ingangen
A GND (aarde)-aansluiting
Als u de draaitafel op dit toestel aansluit, aard deze
dan met de GND-aansluiting. Hierdoor kunt u brom
voorkomen.
Dit is geen aardlekschakelaar.
B LINE 1-ingangen
C LINE 2-aansluitingen
Sluit externe componenten aan met analoge audio-in-
en uitgangen.
D MAIN IN-aansluitingen
Sluit externe componenten aan die een
volumeregeling hebben, zodat u dit apparaat als
eindversterker kunt gebruiken.
E AC IN-aansluiting
Sluit hier het meegeleverde netsnoer aan.
( pagina 190)
7E
3456
VOORZICHTIG
Draai de GND-aansluiting niet te ver los. Anders kan de
knop losraken en per ongeluk door een kind worden
ingeslikt.
Opmerking
LET OP
Als u MAIN DIRECT als signaalbron selecteert voor dit
apparaat, is het geluidsvolumeniveau gefixeerd. Om het
volumeniveau in deze situatie aan te passen gebruikt u
de volumeregelaar op de externe versterker die is
aangesloten op de MAIN IN-aansluitingen.
180
Namen en functies van onderdelen
Afstandsbediening
1 Infraroodzender
Deze produceert de infrarode bedieningssignalen naar
het toestel. ( pagina 182)
2 A AMP-toets
Het toestel inschakelen of naar stand-by-modus
schakelen. ( pagina 174)
3 Signaalbron selectietoetsen
Kies de signaalbron.
Audiosignalen van de geselecteerde signaalbron
worden verzonden naar LINE 2 OUT-aansluitingen.
BAL: Selecteert de component die als signaalbron is
aangesloten op de BAL-ingangen.
LINE 1/LINE 2: Selecteert de component die als
signaalbron is aangesloten op de LINE 1 of LINE
2-aansluitingen.
PHONO: Selecteert de draaitafel die als signaalbron
is aangesloten op de PHONO-ingangen.
MAIN DIRECT: Selecteert de component die als
signaalbron is aangesloten op de MAIN IN-
aansluitingen.
CD: Selecteert de cd-speler die als signaalbron is
aangesloten op de CD-ingangen.
TUNER: Selecteert de tuner die als signaalbron is
aangesloten op de TUNER-ingangen.
Als MAIN DIRECT is geselecteerd als signaalbron worden
er geen audiosignalen verzonden naar de PRE OUT, LINE
2 OUT of PHONES-aansluitingen.
Als LINE 2 is geselecteerd, worden er geen audiosignalen
verzonden naar de LINE 2 OUT-aansluitingen.
4 VOLUME +/− toetsen
Passen het volumeniveau aan. Deze instelling heeft
geen invloed op het uitgangsniveau van de LINE 2
OUT-aansluitingen.
1
2
3
4
6
5
7
Opmerking
LET OP
Als u MAIN DIRECT als signaalbron selecteert voor dit
apparaat, is het geluidsvolumeniveau gefixeerd. Om het
volumeniveau in deze situatie aan te passen gebruikt u
de volumeregelaar op de externe versterker die is
aangesloten op de MAIN IN-aansluitingen.
Nederlands
181
5 MUTE-toets
Druk op deze toets om het huidige volumeniveau met
ongeveer 20 dB te verlagen. Druk nogmaals op deze
toets om het oorspronkelijke volume voort te zetten.
6 Bedieningstoetsen tuner
De functies van een aangesloten Yamaha tuner
bedienen. Raadpleeg voor meer informatie de
gebruikershandleiding van de tuner.
7 Bedieningstoetsen cd-speler
De functies van een aangesloten Yamaha cd-speler
bedienen. Raadpleeg voor meer informatie de
gebruikershandleiding van de cd-speler.
OPEN/CLOSE-toets: Opent en sluit de disklade
van een aangesloten cd-speler.
A CD-toets: Schakelt een aangesloten cd-speler in, of
schakelt deze in stand-by-modus.
(Weergave): Start het afspelen van de cd-speler.
(Pauze): Pauzeert het afspelen van de cd-speler.
Druk op of om het afspelen voort te zetten.
(Stop): Stopt het afspelen van de cd-speler.
/ (Overslaan): Gaat verder naar de volgende
track, of gaat terug naar het begin van de huidige
track.
SOURCE-toets: Selecteert de bron die moet worden
afgespeeld op de cd-speler. De weergavebron
verandert telkens u op deze toets drukt.
LAYER-toets: Schakelt de weergavelaag van een
hybride super audio-cd om tussen “Super audio
CD” en “CD.”
Sommige Yamaha tuners of cd-spelers ondersteunen de
besturingstoetsen voor cd-spelers of tuners mogelijk niet.
Opmerking
182
Namen en functies van onderdelen
Inzetten van batterijen in de
afstandsbediening
1 Verwijder de klep van het batterijvak.
2 Plaats twee batterijen (AAA, R03, UM-4) in
het vak met de polen (+ en −) de goede kant
op, zoals aangegeven in het batterijvak.
3 Plaats de klep van het batterijvak terug.
De afstandsbediening bedienen
Zorg dat u de afstandsbediening binnen de weergegeven
zone gebruikt en rechtstreeks op de
afstandsbedieningssensor op het voorpaneel van dit toestel
richt.
2
1
3
30 30
Maximaal 6 m
Nederlands
183
Aansluitingen
In dit gedeelte wordt het aansluiten van het toestel op
luidsprekers en audiobroncomponenten behandeld.
184
Aansluitingen
Aansluitschema
VOORZICHTIG
Zorg dat u alle aansluitingen heeft voltooid, voordat u het netsnoer in het stopcontact steekt. ( pagina 190)
+
-
+
-
Draaitafel
Luidspreker A
(R-kanaal)
( pagina 186)
Luidspreker B
(R-kanaal)
( pagina 186)
Tuner
Cd-speler met
RCA-aansluitingen
Cd-speler of netwerkspeler
met XLR-aansluitingen
( pagina 188)
Blu-ray-speler, etc
Nederlands
185
+
-
+
Luidspreker A
(L-kanaal)
Luidspreker B
(L-kanaal)
Externe versterker of
actieve subwoofer
Voorversterker,
AV-versterker, etc.
Cd-recorder, tapedeck,
etc.
LET OP
Als er een component is aangesloten op de MAIN IN-aansluitingen, is het geluidsvolume van het apparaat gefixeerd. Sluit
daarom geen cd-speler aan of andere componenten die geen functie hebben voor volume-aanpassing op de MAIN IN-
aansluitingen van het toestel. Anders kan er een hoog geluidsniveau worden geproduceerd, waardoor het toestel of de
luidsprekers kunnen beschadigen.
186
Aansluitingen
Omdat deze eindversterker van het “floating” gebalanceerde
type is, zijn de volgende verbindingen niet mogelijk.
- Aansluiting tussen twee “+” (of twee “−”) terminals van
de linker en rechter kanalen (afb. 1).
- Aansluiting van alle “−” terminals van de linker en
rechter kanalen van het toestel op de
tegenovergestelde kanaalluidsprekers (kruislingse
aansluiting, afb. 2).
- Aansluiting van de linker/rechter kanaal “−” terminals
(of per abuis contact laten maken) met de metalen
onderdelen van het achterpaneel van dit toestel.
Sluit geen actieve subwoofer aan op de SPEAKERS L/R CH-
aansluitingen. Sluit de subwoofer aan op de PRE OUT-
aansluitingen van het toestel.
De luidsprekers aansluiten
Luidsprekerkabels gebruiken
1
Verwijder ongeveer
10
mm van de afscherming
van het uiteinde van de luidsprekerkabel, en
draai de blootgelegde draden stevig samen om
kortsluiting te voorkomen.
2 Draai de knop op de
luidsprekeraansluitingen los en steek de
blanke draad zijwaarts in de opening van
de aansluiting.
3 Maak de knop vast.
Opmerking
+
+
L
R
+
+
L
R
VOORZICHTIG
Draai de knop niet te ver los. Anders kan de knop losraken
en per ongeluk door een kind worden ingeslikt.
Raak de luidsprekeraansluitingen niet aan als het toestel
is ingeschakeld, om het risico op elektrische schokken te
verminderen.
LET OP
Als de SPEAKERS-aansluitingen in contact komen met een
metalen rack kan er kortsluiting optreden, met als gevolg schade
aan het toestel. Als het toestel in een rack wordt geïnstalleerd,
houd dan voldoende ruimte vrij, zodat de SPEAKERS-
aansluitingen niet in contact kunnen komen met het rack.
Laat de gestripte luidsprekerdraden elkaar niet raken en
zorg ervoor dat ze geen contact maken met de metalen
onderdelen van het toestel. Anders kunnen het toestel
en/of de luidsprekers beschadigd raken.
10 mm
Diameter van de
luidsprekerkabelope
ning: 6,0 mm
Nederlands
187
Alle aansluitingen moeten correct zijn: L (links) naar L, R (rechts)
naar R, “+” naar “+”, en “−” naar “−”. Raadpleeg voor meer
informatie over de aansluitprocedure de handleiding van uw
luidsprekers.
Banaanstekkerkabels gebruiken
(Modellen voor de VS., Canada, Australië, China, en
Taiwan)
Draait eerst de knop op de SPEAKERS-
aansluiting vast en steek vervolgens de
banaanstekker in de kop van de knop.
Aansluitkabels met Y-vormige
krimpaansluitingen gebruiken
1 Schroef de knop los en klem de Y-vormige
krimpaansluiting tussen de ringmoer en de
voet van de aansluiting.
2 Maak de knop vast.
Dubbel bedrade verbinding
Een dubbel bedrade aansluiting scheidt de woofer van het
deel voor de middentonen en de hoge tonen. Luidsprekers
die dubbel bedrade verbindingen ondersteunen, hebben
twee paar aansluitingen (in totaal vier). Deze twee paar
aansluitingen kunnen de luidsprekers in twee
onafhankelijke systemen verdelen. Om deze aansluiting te
maken moet u de midden- en hoge tonendrivers op het ene
paar aansluitingen aansluiten en de lage tonendrivers op
het andere paar.
1 Verwijder de verbindingsstukken of
bruggen op de luidsprekers.
2 Sluit dit toestel aan op de luidsprekers,
zoals in de onderstaande afbeelding
weergegeven.
Een voorbeeld van de aansluiting van het linker
kanaal.
3 Stel de SPEAKERS-keuzeschakelaar op het
voorpaneel in op A+B BI-WIRING.
Opmerking
Banaanstekker
Diameter van de
banaanstekkeropening: 4,0 mm
Y-vormige
krimpaansluiting
Dikte van de
aansluitkern: 5,8 mm
Achterpaneel van dit toestel Luidspreker
188
Aansluitingen
Gebalanceerde aansluiting
U kunt geen cd-speler of netwerkspeler met gebalanceerde XLR-
aansluitingen op de BAL-ingangen van dit toestel aansluiten.
Gebruik hiervoor gebalanceerde XLR-kabels.
ATTENUATOR-keuzeschakelaar: Hiermee kunt u het
toegestane ingangsniveau voor de gebalanceerde
ingangen instellen. Selecteer ATT. (6 dB) als het
audio-uitgangssignaal van de aangesloten component
vervormd klinkt.
PHASE-keuzeschakelaar: Hiermee kan de positie (fase)
worden ingesteld van de HOT pin (pin 2: HOT of pin
3: HOT) voor de gebalanceerde ingangen.
Raadpleeg de bedieningsinstructies van de aangesloten
component voor de positie van de HOT-pin op de
gebalanceerde uitgangen van de component.
Selecteer NORMAL (Pin 2 is HOT) voor een Yamaha speler.
Gebruik geen gebalanceerde en ongebalanceerde
aansluitingen tegelijkertijd voor een component. Dit kan een
aardlus veroorzaken die statische elektriciteit en brom kan
genereren.
Zorg dat u bij het aansluiten van een kabel de pinnen van de
plug uitlijnt met de openingen van de ingang, en daarna de
plug in de aansluiting steekt tot u een klik hoort. Verwijder
de kabel door het lipje op de BAL-ingang in te drukken en
vast te houden en zo de mannelijke XLR-connector uit de
aansluiting te trekken.
Selecteer voor een gebalanceerde aansluiting BAL-
aansluitingen als signaalbron.
Trigger-aansluiting
U kunt een Yamaha AV receiver op een andere component
aansluiten die de triggerfunctie ondersteunt. U kunt dit
toestel gesynchroniseerd met een aangesloten component
bedienen.
Als de aangesloten component wordt ingeschakeld, wordt
de stroom van dit toestel ook ingeschakeld. Gelijktijdig
wordt de signaalbron van het apparaat ingesteld op MAIN
DIRECT.
Als MAIN DIRECT is geselecteerd als signaalbron voor
dit toestel, schakelt bij uitschakelen van de aangesloten
component, dit toestel over op stand-by-modus.
Als de aan/uit-schakelaar van dit toestel op OFF staat, wordt de
stroom naar dit toestel niet getriggerd.
Opmerking
1: GND (aarde)
2: HOT (+)
3: COLD (−)
NORMAL
(Pin 2: HOT)
1: GND (aarde)
2: COLD (−)
3: HOT (+)
INV.
(Pin 3: HOT)
XLR-aansluiting
(vrouwelijk)
XLR-aansluiting
(mannelijk)
Hendel
BAL-ingang
Opmerking
TRIGGER
OUT
PRE OUT
TRIGGER
IN
MAIN IN
Achterpaneel van dit toestel
Yamaha AV receiver of een andere
component die TRIGGER OUT-aansluitingen
en PRE OUT-aansluitingen heeft.
Stereo-plugkabel
Mono mini-
jackkabel
Nederlands
189
Externe verbinding
Het toestel vanuit een andere kamer
bedienen
Als u een in de handel verkrijgbare infraroodontvanger en
-zender op de REMOTE IN/OUT-aansluitingen van dit
toestel aansluit, kunt u het toestel en/of een externe
component vanuit een andere kamer bedienen met behulp
van de meegeleverde afstandsbediening.
Afstandsverbinding tussen Yamaha-
componenten
Wanneer u over een andere Yamaha-component beschikt
die externe verbinding ondersteunt, dan is een
infraroodzender niet nodig. Sluit een infraroodontvanger
aan op de REMOTE IN/OUT-aansluitingen van dit
toestel, zoals hieronder weergegeven.
Maximaal 3 Yamaha componenten (inclusief dit toestel)
kunnen worden geconfigureerd voor afstandsverbinding.
Achterpaneel van dit toestel
Infraroodontvanger Infraroodzender
Afstandsbediening Externe component
(CD-speler enz.)
REMOTE
IN OUT
Achterpaneel van dit toestel
Infraroodontvanger
Afstandsbediening Yamaha component
(maximaal 3 componenten,
inclusief dit toestel)
Mono mini-
jackkabel
190
Aansluitingen
Aansluiten van het netsnoer
Sluit nadat alle aansluitingen voltooid zijn het netsnoer
aan op de AC IN-aansluiting van het toestel en steek
daarna de stekker in het stopcontact.
Het meegeleverde
netsnoer
Naar stopcontact
Achterpaneel van dit
toestel
Nederlands
191
Appendix
Dit deel vermeldt technische specificaties van dit toestel.
192
Appendix
Technische gegevens
Gewogen uitgangsvermogen (20 Hz tot 20 kHz, 0,07% THD)
2-kanaals aangedreven
[Model voor Azië]
8 ............................................................ 90 W + 90 W
6 .........................................................110 W + 110 W
[Overige modellen]
8 ............................................................ 90 W + 90 W
4 ........................................................ 150 W + 150 W
Dynamisch vermogen
8 ........................................................ 105 W + 105 W
6 ........................................................ 135 W + 135 W
4 ........................................................ 190 W + 190 W
2 ........................................................ 220 W + 220 W
IEC uitgangsvermogen (1 kHz, 0,07% THD)
[Modellen voor het Verenigd Koninkrijk en Europa]
8 ............................................................ 95 W + 95 W
Maximaal continu uitgangsvermogen
(JEITA, 1 kHz, 10% THD)
8 ........................................................ 120 W + 120 W
4 ........................................................ 190 W + 190 W
Vermogensbandbreedte (0,1% THD, 45 W)
2-kanaals aangedreven
8 .......................................................10 Hz tot 50 kHz
Dempingsfactor (1 kHz)
8 ..............................................................250 of hoger
Ingangsgevoeligheid/ingangsimpedantie
(1 kHz, 100 W/8Ω)
PHONO (MC) ................................... 150 μVrms / 50
PHONO (MM) ............................... 3,5 mVrms / 47 k
CD (of gelijkwaardig) ................... 200 mVrms / 47 k
MAIN IN ...............................................1 Vrms / 47 k
BAL............................................. 200 mVrms / 100 k
Maximum ingangs/signaalvoltage (1 kHz, 0,5% THD)
PHONO (MC).............................................. 2,0 mVrms
PHONO (MM).............................................. 50 mVrms
CD (of gelijkwaardig)................................... 2,80 Vrms
BAL
BYPASS..................................................... 2,80 Vrms
ATT. (6 dB).............................................. 5,60 Vrms
Nominaal uitgangsvoltage / uitgangsimpedantie
LINE 2 OUT................................. 200 mVrms / 1,5 k
PRE OUT............................................. 1 Vrms / 1,5 k
Nominaal uitgangsvermogen van de
hoofdtelefoonaansluiting
(1 kHz, 32Ω, 0,2% THD)
...........................................................50 mW + 50 mW
Frequentierespons
5 Hz tot 100 kHz...........................................+0 / 3 dB
20 Hz tot 20 kHz........................................+0 / 0,3 dB
Afwijkingen van RIAA equalizer
PHONO (MM/MC) .......................................... ±0,5 dB
Totale harmonische vervorming plus ruis
(JEITA, ingang 0,5 V, 20 Hz tot 20 kHz)
2-k
anaals aangedr
even
PHONO (MC) LINE 2 OUT, 1,2 Vrms..........0,02%
PHONO (MM) LINE 2 OUT, 1,2 Vrms .......0,005%
CD (of gelijkwaardig)/BAL
SPEAKERS OUT, 50 W/8..............................0,035%
Signaal/ruisverhouding (JEITA, IHF-A netwerk)
PHONO (MC)...................................................... 90 dB
PHONO (MM)..................................................... 96 dB
CD (of gelijkwaardig)........................................ 110 dB
BAL ................................................................... 114 dB
Restruis (IHF-A-netwerk)
....................................................................... 33 μVrms
Nederlands
193
Kanaalscheiding (JEITA, 1 kHz/10 kHz)
PHONO (MC)...................................66/77 dB of hoger
PHONO (MM)..................................90/77 dB of hoger
CD (of gelijkwaardig)/BAL..............74/54 dB of hoger
Karakteristieken toonregeling
BASS
Versterken/verzwakken........................... 50 Hz / ±9 dB
Turnoverfrequentie ............................................ 350 Hz
TREBLE
Versterken/verzwakken......................... 20 kHz / ±9 dB
Turnoverfrequentie ........................................... 3,5 kHz
Stroomvoorziening
[Modellen voor de VS en Canada] .... AC 120 V, 60 Hz
[Model voor China] ........................... AC 220 V, 50 Hz
[Model voor Korea] ........................... AC 220 V, 60 Hz
[Model voor Australië] ...................... AC 240 V, 50 Hz
[Modellen voor het Verenigd Koninkrijk en Europa]
........................................................... AC 230 V, 50 Hz
[Model voor Azië] ...........AC 220–240 V, 50 Hz/60 Hz
[Model voor Taiwan] ..........................AC 110 V, 60 Hz
Stroomverbruik
[Model voor Azië] .............................................. 250 W
[Overige modellen]............................................. 350 W
Stroomverbruik in wachtstand
OFF-modus.......................................................... 0,1 W
Stand-by-modus................................................... 0,2 W
Maximaal stroomverbruik (1 kHz, 4Ω 10% THD)
[Model voor Taiwan] .......................................... 700 W
Afmetingen (B × H × D)
..................................................... 435 × 157 × 463 mm
Gewicht
........................................................................... 22,7 kg
* De inhoud van deze handleiding geldt voor de meest
recente specificaties op de datum dat de handleiding
werd gepubliceerd. Voor de meest recente handleiding
gaat u naar de website van Yamaha, waar u het bestand
met de handleiding kunt downloaden.
Nederlands
195
Akoestische kenmerken
Karakteristieken toonregeling
Totale harmonische vervorming
10 20 30 50 100 200 300 500 1k
Frequency (Hz)
Response (dB)
2k 3k 5k 10k 20k 30k 50k 100k
–14
–12
–10
–8
–6
–4
–2
0
2
4
6
8
10
12
14
0.001
0.002
0.005
0.010
0.020
0.050
0.100
0.200
0.500
1.000
1052 10050201
Output (W)
THD + N Ratio (%)
20Hz
1kHz
20kHz
196
Appendix
Totale harmonische vervorming (PHONO)
100µ 200µ 500µ 1m 2m 5m 10m 20m
Generator Level (Vrms)
50m 100m 200m 500m 1 2
20Hz 1kHz 20kHz
10
5
2
3
1
0.5
0.2
0.3
0.02
0.03
0.002
0.003
0.0002
0.0003
0.1
0.01
0.001
0.0001
0.05
0.005
0.0005
THD + N Ratio (%)
Nederlands
197
Foutopsporing
Raadpleeg de onderstaande tabel als dit toestel niet juist functioneert. Als de onderstaande instructies het probleem niet
verhelpen, of als het door u ervaren probleem hier niet wordt vermeld, zet het toestel dan uit, haal de stekker uit het
stopcontact en neem contact op met uw dichtstbijzijnde Yamaha dealer of service center.
Probleem Oorzaak Oplossing
Zie
pagina
Toestel gaat niet aan.
Het netsnoer is niet aangesloten op
de AC IN-aansluiting op het
achterpaneel of is niet in het
stopcontact gestoken.
Sluit het netsnoer op de juiste manier aan. 190
Het toestel is blootgesteld geweest
aan een sterke externe elektrische
schok (bijvoorbeeld een
blikseminslag of een ontlading van
statische elektriciteit).
Schakel het toestel uit, trek de stekker van het
netsnoer uit het stopcontact, wacht 30 seconden
en steek de stekker weer in het stopcontact.
De A (aan/uit)-indicator
op het voorpaneel
knippert.
De beveiliging is in werking getreden
vanwege kortsluiting enz.
Zorg dat de luidsprekerdraden elkaar of het
achterpaneel van het toestel niet raken en schakel
het toestel in.
186
Er is een probleem met de interne
schakelingen van dit toestel.
Trek de stekker uit het stopcontact en neem
contact op met de dichtstbijzijnde geautoriseerde
Yamaha dealer of service.
Als het toestel is
ingeschakeld, knippert
de INPUT-indicator en
wordt het
volumeniveau verlaagd.
De beveiliging is in werking getreden
vanwege kortsluiting enz.
Zorg dat de luidsprekerdraden elkaar of het
achterpaneel van het toestel niet raken en schakel
het toestel in.
186
Er is geen geluid
hoorbaar.
In- of uitgangskabels niet op de juiste
manier aangesloten.
Sluit de kabels op de juiste wijze aan. Als het
probleem blijft bestaan, zijn de kabels misschien
defect.
184
Er is geen geschikte signaalbron
geselecteerd.
Selecteer een geschikte signaalbron met de
INPUT-keuzeschakelaar op het voorpaneel (of met
één van de ingangskeuzetoetsen op de
afstandsbediening).
176, 180
De SPEAKERS-keuzeschakelaar staat
op OFF.
Zet de SPEAKERS-keuzeschakelaar in de juiste
positie.
175
De luidsprekerkabels zijn niet juist
aangesloten.
Zorg dat de luidsprekerkabels op de juiste manier
zijn aangesloten.
186
Het geluid wordt
plotseling onderbroken.
De beveiliging is in werking getreden
vanwege kortsluiting enz.
Zorg dat de luidsprekerdraden elkaar of het
achterpaneel van het toestel niet raken en schakel
het toestel in.
186
Het volume kan niet
worden ingesteld.
MAIN DIRECT is geselecteerd als
signaalbron.
Pas het volumeniveau van de aangesloten
component aan.
Of sluit de externe component aan op andere
ingangen dan de MAIN IN-aansluitingen en kies
vervolgens de bijbehorende signaalbron.
176
Er is maar één
kanaalluidspreker
hoorbaar.
De afspeelcomponent of de
luidsprekers zijn niet juist
aangesloten.
Zorg dat ze op de juiste manier zijn aangesloten.
Als het probleem blijft bestaan, zijn de kabels
misschien defect.
184
De volumeniveaubalans tussen de
linker en rechter luidsprekers is niet
juist ingesteld.
P
a
s de volumeniveaubalans tussen de linker en
rechter luidsprekers aan met de BALANCE-
regelaar.
176
198
Appendix
Onderhoud
Glanzend afgewerkte zijpanelen
Wij adviseren gebruik van een reinigingsdoek, zoals die voor piano’s wordt gebruikt.
Andere oppervlakken
Gebruik geen chemische middelen, zoals benzeen of oplosmiddel voor het reinigen. Anders kan het oppervlak
beschadigen.
Wrijf de oppervlakken met een droge doek schoon.
De lage tonen klinken te
zwak en de weergave is
sfeerloos.
De draden + en − zijn verkeerdom
aangesloten op de versterker of de
luidsprekers.
Sluit de luidsprekerkabels aan op de juiste + en −
fase.
186
Er is een “brom
hoorbaar.
In- of uitgangskabels niet op de juiste
manier aangesloten.
Sluit de kabels op de juiste wijze aan. Als het
probleem blijft bestaan, zijn de kabels misschien
defect.
184
De draaitafel is niet geaard via de
GND-aansluiting.
Sluit de draaitafel aan op de GND-aansluiting van
dit toestel.
184
De afgespeelde audio
van de op BAL-ingangen
aangesloten component
klinkt vervormd.
Het ingangsniveau bij de
gebalanceerde ingangen overschrijdt
het toegestane ingangsniveau.
Als het uitgangsniveau bij de gebalanceerde XLR-
uitgangen op de aangesloten component het
dubbele is, vergeleken met de ongebalanceerde
RCA-aansluitingen, stel de ATTENUATOR-
keuzeschakelaar die zich onder de
ingangsaansluitingen bevindt dan in op ATT.
(−6 dB).
188
De bas heeft geen
diepte als BAL is
geselecteerd.
De polariteit is niet juist.
Kies de correcte polariteit met behulp van de
PHASE-keuzeschakelaar.
188
Afspelen van audio
klinkt vervormd als u
luistert naar een
aangesloten cd-speler
or tapedeck via de
hoofdtelefoon (die is
aangesloten op een cd-
speler of tapedeck).
Het toestel is uitgeschakeld. Schakel het toestel in. 174
Het volumeniveau van
de vinyl
grammofoonplaat is te
laag.
De PHONO-schakelaar op het
voorpaneel is onjuist ingesteld.
Zet de PHONO-schakelaar op MM of MC aan de
hand van het type element van de draaitafel in
kwestie.
177
De afstandsbediening
werkt niet of niet naar
behoren.
De afstandsbediening is buiten haar
bereik gebruikt.
De afstandsbediening werkt binnen een maximaal
bereik van 6 m en binnen een hoek van 30 graden
ten opzichte van loodrecht op het voorpaneel.
182
Direct zonlicht of verlichting (vooral
van TL-lampen,
stroboscoopverlichting enz.) valt op
de sensor voor de afstandsbediening
van dit toestel.
Verplaats de richting van de verlichting of het
toestel.
De batterijen raken leeg. Vervang alle batterijen. 182
Probleem Oorzaak Oplossing
Zie
pagina

Documenttranscriptie

Dank u en proficiat met uw aankoop van dit Yamaha product. • U kunt thuis genieten van het hoogwaardige stereogeluid van deze versterker. • Om dit product op de juiste wijze en veilig te gebruiken adviseren we deze handleiding en de “Veiligheidsbrochure” aandachtig door te lezen. Bewaar de handleiding op een veilige en toegankelijke plaats om in de toekomst te kunnen raadplegen. Eigenschappen ◆ Zwevend gebalanceerde schakeling voor eindversterker ◆ Volledig gebalanceerde transmissie van ingang naar uitgang ◆ Toonregelingsschakeling met een parallel volumesysteem ◆ Grote voeding met vier afzonderlijke schakelingen ◆ Links-rechts symmetrisch ontwerp ◆ Volledig discrete phono-voorversterker Nederlands ◆ Hoofdtelefoonversterker met lage impedantie en hoog vermogen 171 Dingen die u moet weten alvorens het product te gebruiken Over deze handleiding • Deze handleiding beschrijft de functies en aansluithandelingen van het toestel. • De in deze handleiding weergegeven illustraties dienen uitsluitend voor instructiedoeleinden. • Technische gegevens en uiterlijk kunnen zonder kennisgeving worden gewijzigd. WAARSCHUWING” beschrijft voorzorgsmaatregelen die moeten worden gevolgd om ernstig letsel • “ of zelfs fataal letsel te vermijden. • “ VOORZICHTIG” beschrijft voorzorgsmaatregelen die moeten worden gevolgd om letsel te vermijden. • “LET OP” beschrijft voorzorgsmaatregelen die moeten worden gevolgd om mogelijke storing of schade aan het product te vermijden. • “ Opmerking ” beschrijft aanvullende informatie over het product. Meegeleverde accessoires Controleer of de volgende accessoires in de verpakking zitten. • Afstandsbediening • Batterijen (AAA, R03, UM-4) (×2) • Netsnoer* • Gebruikershandleiding (dit boek) • Veiligheidsbrochure * Afhankelijk van de distributieregio kunnen verschillende netsnoeren in de verpakking worden meegeleverd. Gebruik het snoer dat voor uw regio van toepassing is. Inhoudsopgave Eigenschappen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 171 Dingen die u moet weten alvorens het product te gebruiken. . . . . . . . . . . . . . . . . . . 172 Over deze handleiding. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 172 Meegeleverde accessoires . . . . . . . . . . . . . . . . 172 Namen en functies van onderdelen. . . . . . 173 Voorpaneel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 174 Achterpaneel. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 178 Afstandsbediening . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 180 Inzetten van batterijen in de afstandsbediening. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 182 De afstandsbediening bedienen . . . . . . . . . 182 Aansluitingen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 183 Aansluitschema . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 184 De luidsprekers aansluiten . . . . . . . . . . . . . . . . 186 Luidsprekerkabels gebruiken . . . . . . . . . . . . 186 Banaanstekkerkabels gebruiken. . . . . . . . . . 187 Aansluitkabels met Y-vormige krimpaansluitingen gebruiken . . . . . . . . . . . 187 172 Dubbel bedrade verbinding . . . . . . . . . . . . . . .187 Gebalanceerde aansluiting . . . . . . . . . . . . . . . .188 Trigger-aansluiting . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .188 Externe verbinding . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .189 Het toestel vanuit een andere kamer bedienen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 189 Afstandsverbinding tussen Yamaha-componenten. . . . . . . . . . . . . . . . . . 189 Aansluiten van het netsnoer . . . . . . . . . . . . . . .190 Appendix . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 191 Technische gegevens . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .192 Schema . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .194 Akoestische kenmerken . . . . . . . . . . . . . . . . . . .195 Karakteristieken toonregeling . . . . . . . . . . . 195 Totale harmonische vervorming . . . . . . . . . 195 Totale harmonische vervorming (PHONO). . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 196 Foutopsporing . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .197 Onderhoud . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .198 Namen en functies van onderdelen Dit deel beschrijft de namen en functies van diverse onderdelen Nederlands op het voor- en achterpaneel en de afstandsbediening. 173 Namen en functies van onderdelen Voorpaneel 123 4 5 6 7 1 A (aan/uit) schakelaar/indicator A (aan/uit) schakelaar LET OP Aan/uit status Indicator On Fel verlicht Standby Matig verlicht Bovenste positie Onderste positie Off Wanneer u dit toestel voor langere tijd niet gaat gebruiken, haal dan de stekker uit het stopcontact. Zelfs als het toestel is uitgeschakeld stroomt er nog een minieme hoeveelheid stroom naar het toestel. Off Opmerking Als de A (aan/uit) schakelaar zich in de bovenste positie bevindt, druk dan herhaaldelijk op de A AMPtoets op de afstandsbediening om over te schakelen tussen aan- en stand-by-modus. Daarnaast schakelt het toestel over op stand-by-modus in één van de volgende situaties. • • 174 Als de Automatische Stand-by functie is ingeschakeld. (➔ pagina 178) Als de stroomtoevoer wordt uitgeschakeld van het apparaat dat is aangesloten op de TRIGGER INaansluiting van dit toestel. (➔ pagina 188) • Nadat het toestel wordt ingeschakeld, duurt het enkele seconden alvorens het toestel geluid kan produceren. • Schakel het toestel niet in binnen 10 seconden nadat het is uitgeschakeld. Dit kan ruis veroorzaken. • Om het toestel vanuit stand-bymodus in te schakelen zet u eerst de A (aan/uit) schakelaar in de onderste positie om uit te schakelen. Vervolgens zet u de schakelaar in de bovenste positie. • Als het toestel in standby-modus staat en de stekker van het netsnoer wordt uit het stopcontact gehaald en er weer ingestoken, zal het toestel worden ingeschakeld. 5 SPREKERS keuzeschakelaar Hiermee kunt u twee sets luidsprekers in- of uitschakelen die als volgt zijn aangesloten op SPEAKERS L/R A en B-aansluitingen op het achterpaneel: OFF: Er wordt geen audiosignaal door de luidsprekers weergegeven. A: Audiosignalen worden weergegeven via de luidsprekerset die is aangesloten op de Aaansluitingen. B: Audiosignalen worden weergegeven via de luidsprekerset die is aangesloten op de Baansluitingen. A+B BI-WIRING: Audiosignalen worden weergegeven via de luidsprekersets die zijn aangesloten op de A- en B-aansluitingen. Selecteer deze positie als u van plan bent gebruik te maken van een dubbel bedrade aansluiting. (➔ pagina 187) LET OP [Model voor Azië] Als u twee sets luidsprekers (A+B) aansluit, gebruik dan luidsprekers met een impedantie van 12Ω of hoger. Deze ontvangt de signalen van de afstandsbediening. (➔ pagina 182) 3 PHONES-aansluiting Sluit hier uw hoofdtelefoon aan. Opmerking • Het hier aansluiten van de hoofdtelefoon heeft het volgende tot gevolg: - Er komt geen geluid meer uit de aangesloten luidsprekers. - Er wordt geen audiosignaal verzonden naar de PRE OUT-aansluitingen. - U kunt MAIN DIRECT niet als signaalbron selecteren. • Als MAIN DIRECT is geselecteerd als signaalbron worden er audiosignalen verzonden naar de PHONES-aansluiting. 4 TRIM-keuzeschakelaar Schakelt de ingangsgevoeligheid van de hoofdtelefoonversterker om. Kies de versterkingsinstelling die geschikt is voor uw hoofdtelefoon. Beschikbare versterking: −6 dB, 0 dB, +6 dB, +12 dB [Overige modellen] Als u twee sets luidsprekers (A+B) aansluit, gebruik dan luidsprekers met een impedantie van 8Ω of hoger. 6 METER-keuzeschakelaar Schakelt de meter functie als volgt om: OFF: Draait de meterwerking en displayverlichting om. PEAK: Schakelt de meterdisplay om naar piekniveaumeter. De piekniveaumeter geeft het hoogste permanente niveau van een audiosignaal weer. VU: Schakelt het type meterdisplay om naar VU (Volume Unit = volume-eenheid)-niveaumeter. De VU-niveaumeter geeft een effectieve waarde van geluidsweergave die te vergelijken is met menselijke zintuigen. DIMMER: Als dit is geselecteerd wijzigt de DIMMER de helderheid van de meterdisplay in stappen. Als het gewenste helderheidsniveau is bereikt, schakel dan over op een andere instellingsparameter om de helderheid te bevestigen. 7 Meter (LEFT/RIGHT) Geeft het audio-uitgangsniveau van het linker (LEFT) en rechter (RIGHT) kanaal aan. 175 Nederlands 2 Sensor voor de afstandsbediening Namen en functies van onderdelen Voorpaneel 8 8 BASS-regelaar Past het geluidsvolumeniveau van het basbereik aan. Instelbaar bereik: −10 dB – 0 – +10 dB 9 TREBLE-regelaar Past het geluidsvolumeniveau van het hoge tonenbereik aan. Instelbaar bereik: −10 dB – 0 – +10 dB 0 BALANCE-regelaar Stelt de geluidsbalans van de linker- en rechterluidsprekers af om onevenwichtig geluid te compenseren dat wordt veroorzaakt door de plaatsing van de luidsprekers of de luistercondities in de kamer. Opmerking • Als zowel de BASS- als TREBLE-regelaars in het midden staan (nul), passeert het audiosignaal ongewijzigd de toonregeling. • De instellingen van de BASS-, TREBLE- en BALANCE-regelaars hebben geen invloed op de ingangssignalen van de aansluitingen MAIN IN of de uitgangssignalen van de LINE 2 OUT-aansluitingen. 176 9 0 A A INPUT-keuzeschakelaar/indicator Selecteer de signaalbron. De indicator voor de geselecteerde signaalbron gaat branden. Audiosignalen van de geselecteerde signaalbron worden verzonden naar LINE 2 OUT-aansluitingen. MAIN DIRECT: Selecteert de component die als signaalbron is aangesloten op de MAIN INaansluitingen. LINE 1/LINE 2: Selecteert de component die als signaalbron is aangesloten op de LINE 1 of LINE 2-aansluitingen. BAL: Selecteert de component die als signaalbron is aangesloten op de BAL-ingangen. CD: Selecteert de cd-speler die als signaalbron is aangesloten op de CD-ingangen. TUNER: Selecteert de tuner die als signaalbron is aangesloten op de TUNER-ingangen. PHONO: Selecteert de draaitafel die als signaalbron is aangesloten op de PHONO-ingangen. C D E Opmerking • Als MAIN DIRECT is geselecteerd als signaalbron worden er geen audiosignalen verzonden naar de PRE OUT, LINE 2 OUT of PHONES-aansluitingen. • Als LINE 2 is geselecteerd, worden er geen audiosignalen verzonden naar de LINE 2 OUT-aansluitingen. B PHONO-schakelaar Zet de PHONO-schakelaar op MM of MC aan de hand van het type element van de draaitafel in kwestie, die is aangesloten op de PHONO-ingangen op het achterpaneel. Opmerking Schakel dit toestel uit, alvorens het element van de draaitafel te vervangen. C Voeten Als het toestel onstabiel staat, stel dan de hoogte van de voeten bij door deze te draaien. D AUDIO MUTE schakelaar/indicator Druk op deze schakelaar om het huidige volumeniveau met ongeveer 20 dB te verlagen. De indicator gaat branden. Druk nog eens op deze toets om de geluidsweergave op het oorspronkelijke volume voort te zetten. De indicator gaat uit. E VOLUME-knop Past het volumeniveau aan. Deze instelling heeft geen invloed op het uitgangsniveau van de LINE 2 OUTaansluitingen. LET OP Als u MAIN DIRECT als signaalbron selecteert voor dit apparaat, is het geluidsvolumeniveau gefixeerd. Om het volumeniveau in deze situatie aan te passen gebruikt u de volumeregelaar op de externe versterker die is aangesloten op de MAIN IN-aansluitingen. 177 Nederlands B Namen en functies van onderdelen Achterpaneel 1 7 8 1 BAL (gebalanceerd)-ingangen Opmerking Stel de ATTENUATOR-keuzeschakelaar en PHASEkeuzeschakelaar juist in voor de afspeelcomponent die op deze aansluiting is aangesloten. (➔ pagina 188) 2 PRE OUT-aansluitingen Opmerking • Audio-uitgangssignaal aan de PRE OUT-aansluitingen is hetzelfde signaal dat wordt verzonden naar de SPEAKERS L/R CH-aansluitingen. • De volgende parameterinstellingen zijn geldig voor audiosignalen bij de PRE OUT-aansluitingen. - BASS - TREBLE - BALANCE - VOLUME 9 0A 2 B C 3 AUTO POWER STANDBY-schakelaar ON: Het toestel gaat automatisch in stand-bymodus als het is ingeschakeld, maar gedurende acht uur niet wordt bediend (functie Automatische Standby). OFF: Het toestel gaat niet automatisch in stand-bymodus. 4 TRIGGER IN-aansluiting Sluit externe componenten aan die de triggerfunctie ondersteunen. (➔ pagina 188) 5 REMOTE IN/OUT-aansluitingen Sluit externe componenten aan die de functie externe bediening ondersteunen. (➔ pagina 189) 6 SERVICE-aansluiting Deze aansluitingen wordt gebruikt om het product te testen. 7 SPEAKERS L/R CH-aansluitingen 8 TUNER-ingangen 178 D 4 5 7 6 E 9 PHONO-ingangen 0 CD-ingangen A GND (aarde)-aansluiting Als u de draaitafel op dit toestel aansluit, aard deze dan met de GND-aansluiting. Hierdoor kunt u brom voorkomen. VOORZICHTIG Draai de GND-aansluiting niet te ver los. Anders kan de knop losraken en per ongeluk door een kind worden ingeslikt. Opmerking D MAIN IN-aansluitingen Sluit externe componenten aan die een volumeregeling hebben, zodat u dit apparaat als eindversterker kunt gebruiken. LET OP Als u MAIN DIRECT als signaalbron selecteert voor dit apparaat, is het geluidsvolumeniveau gefixeerd. Om het volumeniveau in deze situatie aan te passen gebruikt u de volumeregelaar op de externe versterker die is aangesloten op de MAIN IN-aansluitingen. Nederlands 3 E AC IN-aansluiting Sluit hier het meegeleverde netsnoer aan. (➔ pagina 190) Dit is geen aardlekschakelaar. B LINE 1-ingangen C LINE 2-aansluitingen Sluit externe componenten aan met analoge audio-inen uitgangen. 179 Namen en functies van onderdelen Afstandsbediening 1 Infraroodzender 1 Deze produceert de infrarode bedieningssignalen naar het toestel. (➔ pagina 182) 2 A AMP-toets Het toestel inschakelen of naar stand-by-modus schakelen. (➔ pagina 174) 2 3 Signaalbron selectietoetsen Kies de signaalbron. Audiosignalen van de geselecteerde signaalbron worden verzonden naar LINE 2 OUT-aansluitingen. 3 BAL: Selecteert de component die als signaalbron is aangesloten op de BAL-ingangen. LINE 1/LINE 2: Selecteert de component die als signaalbron is aangesloten op de LINE 1 of LINE 2-aansluitingen. 6 PHONO: Selecteert de draaitafel die als signaalbron is aangesloten op de PHONO-ingangen. 7 MAIN DIRECT: Selecteert de component die als signaalbron is aangesloten op de MAIN INaansluitingen. CD: Selecteert de cd-speler die als signaalbron is aangesloten op de CD-ingangen. TUNER: Selecteert de tuner die als signaalbron is aangesloten op de TUNER-ingangen. Opmerking 4 • Als MAIN DIRECT is geselecteerd als signaalbron worden er geen audiosignalen verzonden naar de PRE OUT, LINE 2 OUT of PHONES-aansluitingen. • Als LINE 2 is geselecteerd, worden er geen audiosignalen verzonden naar de LINE 2 OUT-aansluitingen. 4 VOLUME +/− toetsen 5 Passen het volumeniveau aan. Deze instelling heeft geen invloed op het uitgangsniveau van de LINE 2 OUT-aansluitingen. LET OP Als u MAIN DIRECT als signaalbron selecteert voor dit apparaat, is het geluidsvolumeniveau gefixeerd. Om het volumeniveau in deze situatie aan te passen gebruikt u de volumeregelaar op de externe versterker die is aangesloten op de MAIN IN-aansluitingen. 180 5 MUTE-toets Druk op deze toets om het huidige volumeniveau met ongeveer 20 dB te verlagen. Druk nogmaals op deze toets om het oorspronkelijke volume voort te zetten. 6 Bedieningstoetsen tuner De functies van een aangesloten Yamaha tuner bedienen. Raadpleeg voor meer informatie de gebruikershandleiding van de tuner. 7 Bedieningstoetsen cd-speler De functies van een aangesloten Yamaha cd-speler bedienen. Raadpleeg voor meer informatie de gebruikershandleiding van de cd-speler. OPEN/CLOSE-toets: Opent en sluit de disklade van een aangesloten cd-speler. A CD-toets: Schakelt een aangesloten cd-speler in, of schakelt deze in stand-by-modus. (Weergave): Start het afspelen van de cd-speler. (Pauze): Pauzeert het afspelen van de cd-speler. Druk op of om het afspelen voort te zetten. (Stop): Stopt het afspelen van de cd-speler. / (Overslaan): Gaat verder naar de volgende track, of gaat terug naar het begin van de huidige track. SOURCE-toets: Selecteert de bron die moet worden afgespeeld op de cd-speler. De weergavebron verandert telkens u op deze toets drukt. LAYER-toets: Schakelt de weergavelaag van een hybride super audio-cd om tussen “Super audio CD” en “CD.” Opmerking Nederlands Sommige Yamaha tuners of cd-spelers ondersteunen de besturingstoetsen voor cd-spelers of tuners mogelijk niet. 181 Namen en functies van onderdelen ■ Inzetten van batterijen in de afstandsbediening 1 Verwijder de klep van het batterijvak. ■ De afstandsbediening bedienen Zorg dat u de afstandsbediening binnen de weergegeven zone gebruikt en rechtstreeks op de afstandsbedieningssensor op het voorpaneel van dit toestel richt. 2 Plaats twee batterijen (AAA, R03, UM-4) in het vak met de polen (+ en −) de goede kant op, zoals aangegeven in het batterijvak. Maximaal 6 m 1 30 2 3 Plaats de klep van het batterijvak terug. 3 182 30 Aansluitingen In dit gedeelte wordt het aansluiten van het toestel op Nederlands luidsprekers en audiobroncomponenten behandeld. 183 Aansluitingen Aansluitschema VOORZICHTIG Zorg dat u alle aansluitingen heeft voltooid, voordat u het netsnoer in het stopcontact steekt. (➔ pagina 190) Cd-speler of netwerkspeler met XLR-aansluitingen (➔ pagina 188) Cd-speler met RCA-aansluitingen Tuner Luidspreker A (R-kanaal) (➔ pagina 186) + - + - Luidspreker B (R-kanaal) (➔ pagina 186) Draaitafel 184 Blu-ray-speler, etc LET OP Als er een component is aangesloten op de MAIN IN-aansluitingen, is het geluidsvolume van het apparaat gefixeerd. Sluit daarom geen cd-speler aan of andere componenten die geen functie hebben voor volume-aanpassing op de MAIN INaansluitingen van het toestel. Anders kan er een hoog geluidsniveau worden geproduceerd, waardoor het toestel of de luidsprekers kunnen beschadigen. Externe versterker of actieve subwoofer - + – + Nederlands Luidspreker A (L-kanaal) Luidspreker B (L-kanaal) Cd-recorder, tapedeck, etc. Voorversterker, AV-versterker, etc. 185 Aansluitingen De luidsprekers aansluiten ■ Luidsprekerkabels gebruiken Opmerking • Omdat deze eindversterker van het “floating” gebalanceerde type is, zijn de volgende verbindingen niet mogelijk. - Aansluiting tussen twee “+” (of twee “−”) terminals van de linker en rechter kanalen (afb. 1). - Aansluiting van alle “−” terminals van de linker en rechter kanalen van het toestel op de tegenovergestelde kanaalluidsprekers (kruislingse aansluiting, afb. 2). - Aansluiting van de linker/rechter kanaal “−” terminals (of per abuis contact laten maken) met de metalen onderdelen van het achterpaneel van dit toestel. Afb. 1 + L van het uiteinde van de luidsprekerkabel, en draai de blootgelegde draden stevig samen om kortsluiting te voorkomen. 10 mm Afb. 2 + L – – – – R 2 Draai de knop op de luidsprekeraansluitingen los en steek de blanke draad zijwaarts in de opening van de aansluiting. + R 1 Verwijder ongeveer 10 mm van de afscherming + • Sluit geen actieve subwoofer aan op de SPEAKERS L/R CHaansluitingen. Sluit de subwoofer aan op de PRE OUTaansluitingen van het toestel. Diameter van de luidsprekerkabelope ning: 6,0 mm 3 Maak de knop vast. VOORZICHTIG • Draai de knop niet te ver los. Anders kan de knop losraken en per ongeluk door een kind worden ingeslikt. • Raak de luidsprekeraansluitingen niet aan als het toestel is ingeschakeld, om het risico op elektrische schokken te verminderen. LET OP • Als de SPEAKERS-aansluitingen in contact komen met een metalen rack kan er kortsluiting optreden, met als gevolg schade aan het toestel. Als het toestel in een rack wordt geïnstalleerd, houd dan voldoende ruimte vrij, zodat de SPEAKERSaansluitingen niet in contact kunnen komen met het rack. • Laat de gestripte luidsprekerdraden elkaar niet raken en zorg ervoor dat ze geen contact maken met de metalen onderdelen van het toestel. Anders kunnen het toestel en/of de luidsprekers beschadigd raken. 186 Dubbel bedrade verbinding ■ Banaanstekkerkabels gebruiken Een dubbel bedrade aansluiting scheidt de woofer van het deel voor de middentonen en de hoge tonen. Luidsprekers die dubbel bedrade verbindingen ondersteunen, hebben twee paar aansluitingen (in totaal vier). Deze twee paar aansluitingen kunnen de luidsprekers in twee onafhankelijke systemen verdelen. Om deze aansluiting te maken moet u de midden- en hoge tonendrivers op het ene paar aansluitingen aansluiten en de lage tonendrivers op het andere paar. (Modellen voor de VS., Canada, Australië, China, en Taiwan) 1 Verwijder de verbindingsstukken of Opmerking Alle aansluitingen moeten correct zijn: L (links) naar L, R (rechts) naar R, “+” naar “+”, en “−” naar “−”. Raadpleeg voor meer informatie over de aansluitprocedure de handleiding van uw luidsprekers. bruggen op de luidsprekers. Draait eerst de knop op de SPEAKERSaansluiting vast en steek vervolgens de banaanstekker in de kop van de knop. 2 Sluit dit toestel aan op de luidsprekers, zoals in de onderstaande afbeelding weergegeven. Een voorbeeld van de aansluiting van het linker kanaal. Banaanstekker Diameter van de banaanstekkeropening: 4,0 mm ■ Aansluitkabels met Y-vormige krimpaansluitingen gebruiken 1 Schroef de knop los en klem de Y-vormige Y-vormige krimpaansluiting Achterpaneel van dit toestel Luidspreker 3 Stel de SPEAKERS-keuzeschakelaar op het voorpaneel in op A+B BI-WIRING. Nederlands krimpaansluiting tussen de ringmoer en de voet van de aansluiting. Dikte van de aansluitkern: 5,8 mm 2 Maak de knop vast. 187 Aansluitingen Gebalanceerde aansluiting Trigger-aansluiting U kunt geen cd-speler of netwerkspeler met gebalanceerde XLRaansluitingen op de BAL-ingangen van dit toestel aansluiten. Gebruik hiervoor gebalanceerde XLR-kabels. ATTENUATOR-keuzeschakelaar: Hiermee kunt u het toegestane ingangsniveau voor de gebalanceerde ingangen instellen. Selecteer ATT. (−6 dB) als het audio-uitgangssignaal van de aangesloten component vervormd klinkt. PHASE-keuzeschakelaar: Hiermee kan de positie (fase) worden ingesteld van de HOT pin (pin 2: HOT of pin 3: HOT) voor de gebalanceerde ingangen. U kunt een Yamaha AV receiver op een andere component aansluiten die de triggerfunctie ondersteunt. U kunt dit toestel gesynchroniseerd met een aangesloten component bedienen. Achterpaneel van dit toestel NORMAL (Pin 2: HOT) 2: HOT (+) 1: GND (aarde) 3: COLD (−) INV. (Pin 3: HOT) Mono minijackkabel Stereo-plugkabel 2: COLD (−) TRIGGER IN MAIN IN 1: GND (aarde) 3: HOT (+) PRE OUT TRIGGER OUT Raadpleeg de bedieningsinstructies van de aangesloten component voor de positie van de HOT-pin op de gebalanceerde uitgangen van de component. Opmerking • Selecteer NORMAL (Pin 2 is HOT) voor een Yamaha speler. • Gebruik geen gebalanceerde en ongebalanceerde aansluitingen tegelijkertijd voor een component. Dit kan een aardlus veroorzaken die statische elektriciteit en brom kan genereren. • Zorg dat u bij het aansluiten van een kabel de pinnen van de plug uitlijnt met de openingen van de ingang, en daarna de plug in de aansluiting steekt tot u een klik hoort. Verwijder de kabel door het lipje op de BAL-ingang in te drukken en vast te houden en zo de mannelijke XLR-connector uit de aansluiting te trekken. XLR-aansluiting (vrouwelijk) Hendel Yamaha AV receiver of een andere component die TRIGGER OUT-aansluitingen en PRE OUT-aansluitingen heeft. Als de aangesloten component wordt ingeschakeld, wordt de stroom van dit toestel ook ingeschakeld. Gelijktijdig wordt de signaalbron van het apparaat ingesteld op MAIN DIRECT. Als MAIN DIRECT is geselecteerd als signaalbron voor dit toestel, schakelt bij uitschakelen van de aangesloten component, dit toestel over op stand-by-modus. Opmerking Als de aan/uit-schakelaar van dit toestel op OFF staat, wordt de stroom naar dit toestel niet getriggerd. XLR-aansluiting (mannelijk) BAL-ingang • Selecteer voor een gebalanceerde aansluiting BALaansluitingen als signaalbron. 188 Externe verbinding ■ Het toestel vanuit een andere kamer bedienen ■ Afstandsverbinding tussen Yamahacomponenten Als u een in de handel verkrijgbare infraroodontvanger en -zender op de REMOTE IN/OUT-aansluitingen van dit toestel aansluit, kunt u het toestel en/of een externe component vanuit een andere kamer bedienen met behulp van de meegeleverde afstandsbediening. Wanneer u over een andere Yamaha-component beschikt die externe verbinding ondersteunt, dan is een infraroodzender niet nodig. Sluit een infraroodontvanger aan op de REMOTE IN/OUT-aansluitingen van dit toestel, zoals hieronder weergegeven. Maximaal 3 Yamaha componenten (inclusief dit toestel) kunnen worden geconfigureerd voor afstandsverbinding. Achterpaneel van dit toestel Achterpaneel van dit toestel Mono minijackkabel Infraroodontvanger Infraroodzender Infraroodontvanger REMOTE IN OUT Externe component (CD-speler enz.) Afstandsbediening Yamaha component (maximaal 3 componenten, inclusief dit toestel) Nederlands Afstandsbediening 189 Aansluitingen Aansluiten van het netsnoer Sluit nadat alle aansluitingen voltooid zijn het netsnoer aan op de AC IN-aansluiting van het toestel en steek daarna de stekker in het stopcontact. Achterpaneel van dit toestel Het meegeleverde netsnoer Naar stopcontact 190 Appendix Nederlands Dit deel vermeldt technische specificaties van dit toestel. 191 Appendix Technische gegevens Gewogen uitgangsvermogen (20 Hz tot 20 kHz, 0,07% THD) 2-kanaals aangedreven [Model voor Azië] 8Ω ............................................................ 90 W + 90 W 6Ω .........................................................110 W + 110 W [Overige modellen] 8Ω ............................................................ 90 W + 90 W 4Ω ........................................................ 150 W + 150 W Maximum ingangs/signaalvoltage (1 kHz, 0,5% THD) PHONO (MC).............................................. 2,0 mVrms PHONO (MM).............................................. 50 mVrms CD (of gelijkwaardig)................................... 2,80 Vrms BAL BYPASS..................................................... 2,80 Vrms ATT. (−6 dB).............................................. 5,60 Vrms Nominaal uitgangsvoltage / uitgangsimpedantie Dynamisch vermogen 8Ω ........................................................ 105 W + 105 W 6Ω ........................................................ 135 W + 135 W 4Ω ........................................................ 190 W + 190 W 2Ω ........................................................ 220 W + 220 W IEC uitgangsvermogen (1 kHz, 0,07% THD) [Modellen voor het Verenigd Koninkrijk en Europa] 8Ω ............................................................ 95 W + 95 W Maximaal continu uitgangsvermogen (JEITA, 1 kHz, 10% THD) 8Ω ........................................................ 120 W + 120 W 4Ω ........................................................ 190 W + 190 W Vermogensbandbreedte (0,1% THD, 45 W) 2-kanaals aangedreven 8Ω .......................................................10 Hz tot 50 kHz Dempingsfactor (1 kHz) 8Ω ..............................................................250 of hoger Ingangsgevoeligheid/ingangsimpedantie (1 kHz, 100 W/8Ω) PHONO (MC) ................................... 150 μVrms / 50Ω PHONO (MM) ............................... 3,5 mVrms / 47 kΩ CD (of gelijkwaardig) ................... 200 mVrms / 47 kΩ MAIN IN ...............................................1 Vrms / 47 kΩ BAL ............................................. 200 mVrms / 100 kΩ LINE 2 OUT ................................. 200 mVrms / 1,5 kΩ PRE OUT............................................. 1 Vrms / 1,5 kΩ Nominaal uitgangsvermogen van de hoofdtelefoonaansluiting (1 kHz, 32Ω, 0,2% THD) ........................................................... 50 mW + 50 mW Frequentierespons 5 Hz tot 100 kHz...........................................+0 / −3 dB 20 Hz tot 20 kHz........................................+0 / −0,3 dB Afwijkingen van RIAA equalizer PHONO (MM/MC) .......................................... ±0,5 dB Totale harmonische vervorming plus ruis (JEITA, ingang 0,5 V, 20 Hz tot 20 kHz) 2-kanaals aangedreven PHONO (MC) → LINE 2 OUT, 1,2 Vrms ..........0,02% PHONO (MM) → LINE 2 OUT, 1,2 Vrms .......0,005% CD (of gelijkwaardig)/BAL → SPEAKERS OUT, 50 W/8Ω..............................0,035% Signaal/ruisverhouding (JEITA, IHF-A netwerk) PHONO (MC)...................................................... 90 dB PHONO (MM)..................................................... 96 dB CD (of gelijkwaardig)........................................ 110 dB BAL ................................................................... 114 dB Restruis (IHF-A-netwerk) ....................................................................... 33 μVrms 192 Kanaalscheiding (JEITA, 1 kHz/10 kHz) PHONO (MC)...................................66/77 dB of hoger PHONO (MM)..................................90/77 dB of hoger CD (of gelijkwaardig)/BAL..............74/54 dB of hoger * De inhoud van deze handleiding geldt voor de meest recente specificaties op de datum dat de handleiding werd gepubliceerd. Voor de meest recente handleiding gaat u naar de website van Yamaha, waar u het bestand met de handleiding kunt downloaden. Karakteristieken toonregeling BASS Versterken/verzwakken........................... 50 Hz / ±9 dB Turnoverfrequentie ............................................ 350 Hz TREBLE Versterken/verzwakken......................... 20 kHz / ±9 dB Turnoverfrequentie ........................................... 3,5 kHz Stroomvoorziening [Modellen voor de VS en Canada] .... AC 120 V, 60 Hz [Model voor China] ........................... AC 220 V, 50 Hz [Model voor Korea] ........................... AC 220 V, 60 Hz [Model voor Australië] ...................... AC 240 V, 50 Hz [Modellen voor het Verenigd Koninkrijk en Europa] ........................................................... AC 230 V, 50 Hz [Model voor Azië] ...........AC 220–240 V, 50 Hz/60 Hz [Model voor Taiwan] ..........................AC 110 V, 60 Hz Stroomverbruik [Model voor Azië] .............................................. 250 W [Overige modellen]............................................. 350 W Stroomverbruik in wachtstand OFF-modus .......................................................... 0,1 W Stand-by-modus ................................................... 0,2 W Maximaal stroomverbruik (1 kHz, 4Ω 10% THD) Nederlands [Model voor Taiwan] .......................................... 700 W Afmetingen (B × H × D) ..................................................... 435 × 157 × 463 mm Gewicht ........................................................................... 22,7 kg 193 Akoestische kenmerken ■ Karakteristieken toonregeling 14 12 10 8 6 Response (dB) 4 2 0 –2 –4 –6 –8 –10 –12 –14 10 20 30 50 100 200 300 500 1k 2k 3k 5k 10k 20k 30k 50k 100k Frequency (Hz) ■ Totale harmonische vervorming 1.000 0.500 0.200 0.050 20kHz Nederlands THD + N Ratio (%) 0.100 0.020 20Hz 0.010 0.005 1kHz 0.002 0.001 1 2 5 10 20 50 100 Output (W) 195 Appendix ■ Totale harmonische vervorming (PHONO) 10 5 3 2 1 0.5 THD + N Ratio (%) 0.3 0.2 0.1 0.05 20Hz 0.03 0.02 1kHz 20kHz 0.01 0.005 0.003 0.002 0.001 0.0005 0.0003 0.0002 0.0001 100µ 200µ 500µ 1m 2m 5m 10m 20m 50m Generator Level (Vrms) 196 100m 200m 500m 1 2 Foutopsporing Raadpleeg de onderstaande tabel als dit toestel niet juist functioneert. Als de onderstaande instructies het probleem niet verhelpen, of als het door u ervaren probleem hier niet wordt vermeld, zet het toestel dan uit, haal de stekker uit het stopcontact en neem contact op met uw dichtstbijzijnde Yamaha dealer of service center. Toestel gaat niet aan. De A (aan/uit)-indicator op het voorpaneel knippert. Als het toestel is ingeschakeld, knippert de INPUT-indicator en wordt het volumeniveau verlaagd. Er is geen geluid hoorbaar. Het geluid wordt plotseling onderbroken. Het volume kan niet worden ingesteld. Er is maar één kanaalluidspreker hoorbaar. Oorzaak Oplossing Zie pagina Het netsnoer is niet aangesloten op de AC IN-aansluiting op het achterpaneel of is niet in het stopcontact gestoken. Sluit het netsnoer op de juiste manier aan. Het toestel is blootgesteld geweest aan een sterke externe elektrische schok (bijvoorbeeld een blikseminslag of een ontlading van statische elektriciteit). Schakel het toestel uit, trek de stekker van het netsnoer uit het stopcontact, wacht 30 seconden en steek de stekker weer in het stopcontact. — De beveiliging is in werking getreden vanwege kortsluiting enz. Zorg dat de luidsprekerdraden elkaar of het achterpaneel van het toestel niet raken en schakel het toestel in. 186 Er is een probleem met de interne schakelingen van dit toestel. Trek de stekker uit het stopcontact en neem contact op met de dichtstbijzijnde geautoriseerde Yamaha dealer of service. — De beveiliging is in werking getreden vanwege kortsluiting enz. Zorg dat de luidsprekerdraden elkaar of het achterpaneel van het toestel niet raken en schakel het toestel in. 186 In- of uitgangskabels niet op de juiste manier aangesloten. Sluit de kabels op de juiste wijze aan. Als het probleem blijft bestaan, zijn de kabels misschien defect. 184 Er is geen geschikte signaalbron geselecteerd. Selecteer een geschikte signaalbron met de INPUT-keuzeschakelaar op het voorpaneel (of met één van de ingangskeuzetoetsen op de afstandsbediening). 176, 180 De SPEAKERS-keuzeschakelaar staat op OFF. Zet de SPEAKERS-keuzeschakelaar in de juiste positie. 175 De luidsprekerkabels zijn niet juist aangesloten. Zorg dat de luidsprekerkabels op de juiste manier zijn aangesloten. 186 De beveiliging is in werking getreden vanwege kortsluiting enz. Zorg dat de luidsprekerdraden elkaar of het achterpaneel van het toestel niet raken en schakel het toestel in. 186 MAIN DIRECT is geselecteerd als signaalbron. Pas het volumeniveau van de aangesloten component aan. Of sluit de externe component aan op andere ingangen dan de MAIN IN-aansluitingen en kies vervolgens de bijbehorende signaalbron. 176 De afspeelcomponent of de luidsprekers zijn niet juist aangesloten. Zorg dat ze op de juiste manier zijn aangesloten. Als het probleem blijft bestaan, zijn de kabels misschien defect. 184 De volumeniveaubalans tussen de linker en rechter luidsprekers is niet juist ingesteld. Pas de volumeniveaubalans tussen de linker en rechter luidsprekers aan met de BALANCEregelaar. 176 190 197 Nederlands Probleem Appendix Oplossing Zie pagina De draden + en − zijn verkeerdom aangesloten op de versterker of de luidsprekers. Sluit de luidsprekerkabels aan op de juiste + en − fase. 186 In- of uitgangskabels niet op de juiste manier aangesloten. Sluit de kabels op de juiste wijze aan. Als het probleem blijft bestaan, zijn de kabels misschien defect. 184 De draaitafel is niet geaard via de GND-aansluiting. Sluit de draaitafel aan op de GND-aansluiting van dit toestel. 184 De afgespeelde audio van de op BAL-ingangen aangesloten component klinkt vervormd. Het ingangsniveau bij de gebalanceerde ingangen overschrijdt het toegestane ingangsniveau. Als het uitgangsniveau bij de gebalanceerde XLRuitgangen op de aangesloten component het dubbele is, vergeleken met de ongebalanceerde RCA-aansluitingen, stel de ATTENUATORkeuzeschakelaar die zich onder de ingangsaansluitingen bevindt dan in op ATT. (−6 dB). 188 De bas heeft geen diepte als BAL is geselecteerd. De polariteit is niet juist. Kies de correcte polariteit met behulp van de PHASE-keuzeschakelaar. 188 Afspelen van audio klinkt vervormd als u luistert naar een aangesloten cd-speler or tapedeck via de hoofdtelefoon (die is aangesloten op een cdspeler of tapedeck). Het toestel is uitgeschakeld. Schakel het toestel in. 174 Het volumeniveau van de vinyl grammofoonplaat is te laag. De PHONO-schakelaar op het voorpaneel is onjuist ingesteld. Zet de PHONO-schakelaar op MM of MC aan de hand van het type element van de draaitafel in kwestie. 177 De afstandsbediening is buiten haar bereik gebruikt. De afstandsbediening werkt binnen een maximaal bereik van 6 m en binnen een hoek van 30 graden ten opzichte van loodrecht op het voorpaneel. 182 Direct zonlicht of verlichting (vooral van TL-lampen, stroboscoopverlichting enz.) valt op de sensor voor de afstandsbediening van dit toestel. Verplaats de richting van de verlichting of het toestel. De batterijen raken leeg. Vervang alle batterijen. Probleem De lage tonen klinken te zwak en de weergave is sfeerloos. Er is een “brom” hoorbaar. De afstandsbediening werkt niet of niet naar behoren. Oorzaak Onderhoud Glanzend afgewerkte zijpanelen Wij adviseren gebruik van een reinigingsdoek, zoals die voor piano’s wordt gebruikt. Andere oppervlakken Gebruik geen chemische middelen, zoals benzeen of oplosmiddel voor het reinigen. Anders kan het oppervlak beschadigen. Wrijf de oppervlakken met een droge doek schoon. 198 — 182
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52
  • Page 53 53
  • Page 54 54
  • Page 55 55
  • Page 56 56
  • Page 57 57
  • Page 58 58
  • Page 59 59
  • Page 60 60
  • Page 61 61
  • Page 62 62
  • Page 63 63
  • Page 64 64
  • Page 65 65
  • Page 66 66
  • Page 67 67
  • Page 68 68
  • Page 69 69
  • Page 70 70
  • Page 71 71
  • Page 72 72
  • Page 73 73
  • Page 74 74
  • Page 75 75
  • Page 76 76
  • Page 77 77
  • Page 78 78
  • Page 79 79
  • Page 80 80
  • Page 81 81
  • Page 82 82
  • Page 83 83
  • Page 84 84
  • Page 85 85
  • Page 86 86
  • Page 87 87
  • Page 88 88
  • Page 89 89
  • Page 90 90
  • Page 91 91
  • Page 92 92
  • Page 93 93
  • Page 94 94
  • Page 95 95
  • Page 96 96
  • Page 97 97
  • Page 98 98
  • Page 99 99
  • Page 100 100
  • Page 101 101
  • Page 102 102
  • Page 103 103
  • Page 104 104
  • Page 105 105
  • Page 106 106
  • Page 107 107
  • Page 108 108
  • Page 109 109
  • Page 110 110
  • Page 111 111
  • Page 112 112
  • Page 113 113
  • Page 114 114
  • Page 115 115
  • Page 116 116
  • Page 117 117
  • Page 118 118
  • Page 119 119
  • Page 120 120
  • Page 121 121
  • Page 122 122
  • Page 123 123
  • Page 124 124
  • Page 125 125
  • Page 126 126
  • Page 127 127
  • Page 128 128
  • Page 129 129
  • Page 130 130
  • Page 131 131
  • Page 132 132
  • Page 133 133
  • Page 134 134
  • Page 135 135
  • Page 136 136
  • Page 137 137
  • Page 138 138
  • Page 139 139
  • Page 140 140
  • Page 141 141
  • Page 142 142
  • Page 143 143
  • Page 144 144
  • Page 145 145
  • Page 146 146
  • Page 147 147
  • Page 148 148
  • Page 149 149
  • Page 150 150
  • Page 151 151
  • Page 152 152
  • Page 153 153
  • Page 154 154
  • Page 155 155
  • Page 156 156
  • Page 157 157
  • Page 158 158
  • Page 159 159
  • Page 160 160
  • Page 161 161
  • Page 162 162
  • Page 163 163
  • Page 164 164
  • Page 165 165
  • Page 166 166
  • Page 167 167
  • Page 168 168
  • Page 169 169
  • Page 170 170
  • Page 171 171
  • Page 172 172
  • Page 173 173
  • Page 174 174
  • Page 175 175
  • Page 176 176
  • Page 177 177
  • Page 178 178
  • Page 179 179
  • Page 180 180
  • Page 181 181
  • Page 182 182
  • Page 183 183
  • Page 184 184
  • Page 185 185
  • Page 186 186
  • Page 187 187
  • Page 188 188
  • Page 189 189
  • Page 190 190
  • Page 191 191
  • Page 192 192
  • Page 193 193
  • Page 194 194
  • Page 195 195
  • Page 196 196
  • Page 197 197
  • Page 198 198
  • Page 199 199
  • Page 200 200
  • Page 201 201
  • Page 202 202
  • Page 203 203
  • Page 204 204
  • Page 205 205
  • Page 206 206
  • Page 207 207
  • Page 208 208
  • Page 209 209
  • Page 210 210
  • Page 211 211
  • Page 212 212
  • Page 213 213
  • Page 214 214
  • Page 215 215
  • Page 216 216
  • Page 217 217
  • Page 218 218
  • Page 219 219
  • Page 220 220
  • Page 221 221
  • Page 222 222
  • Page 223 223
  • Page 224 224
  • Page 225 225
  • Page 226 226
  • Page 227 227
  • Page 228 228

Yamaha A-S3200 de handleiding

Type
de handleiding
Deze handleiding is ook geschikt voor