Hotpoint AQNXXF 129 de handleiding

Type
de handleiding
NL
25
Nederlands
Inhoud
Installatie, 26-27
Uitpakken en waterpas zetten
Hydraulische en elektrische aansluitingen
Technische gegevens
Beschrijving van de wasautomaat, 28-29
Bedieningspaneel
Het uitvoeren van een wascyclus, 30
Programmas en opties, 31
Programmatabel
Wasopties
Wasmiddel en wasgoed, 32
Wasmiddel
Voorbereiden van het wasgoed
Wastips
Balanceersysteem van de lading
Voorzorgsmaatregelen en advies, 33
Algemene veiligheid
Afvalverwijdering
Handmatige opening van het deurtje
Onderhoud en verzorging, 34
Afsluiten van water en stroom
Reinigen van de wasautomaat
Reinigen van het wasmiddelbakje
Verzorging van de trommel
Reinigen van de pomp
Controleer de slang van de watertoevoer
Storingen en oplossingen, 35
Service, 36
NL
WASAUTOMAAT
AQXF 129
Gebruiksaanwijzingen
26
NL
Installatie
A
Het is belangrijk dit boekje te bewaren, zodat u het
op ieder gewenst moment kunt raadplegen. In het
geval u de wasautomaat verkoopt of u verhuist, moet
u de handleiding bij het apparaat bewaren.
Lees de instructies aandachtig door: u vindt er
belangrijke informatie betreffende installatie, gebruik
en veiligheid.
In de envelop vindt u samen met deze gebruiksaan-
wijzing, de garantie en instructies die nodig zijn voor
de installatie.
Uitpakken en waterpas zetten
Uitpakken
1. Zodra u de wasautomaat uitgepakt heeft, dient u te
controleren of hij niet beschadigd is tijdens het transport.
Indien dit wel het geval is moet u hem niet aansluiten
maar direct contact opnemen met de verkoper.
2. Verwijder de 4
beschermschroeven voor
het transport en de
bijbehorende afstands-
leider die zich aan de
achterkant bevinden (zie
afbeelding).
3. Sluit de gaten af met de in de envelop bijgeleverde
plastic doppen.
4. Bewaar alle onderdelen; mocht de wasautomaat ooit
nog worden vervoerd, dan moeten deze weer worden
aangebracht om interne schade te voorkomen.
Het verpakkingsmateriaal is geen speelgoed voor
kinderen.
Waterpas zetten
1. Installeer de wasautomaat op een rechte en stevige
vloer en laat hem niet tegen muren of meubels leunen.
2. Compenseer even-
tuele oneffenheden door
de stelvoetjes vast of los
te draaien totdat de
automaat volledig hori-
zontaal staat (hij mag
niet meer dan 2 graden
hellen).
Een correcte nivellering geeft de machine stabiliteit en
vermijdt, vooral tijdens de centrifuge, vibraties en lawaai.
In het geval de wasautomaat op vloerbedekking of
tapijt staat regelt u de stelvoetjes zodanig dat onder
de automaat genoeg ruimte is voor ventilatie.
Hydraulische en elektrische aansluitingen
Aansluiting van de watertoevoerbuis
Voordat u watertoevoerbuis aansluit op het waternet
moet u het water laten lopen totdat het helder is
.
1. Verbindt de water-
toevoerbuis aan de
wasautomaat door hem
op de betreffende water-
toevoer te schroeven,
rechtsboven aan de
achterkant (zie afbeel-
ding).
2. Plaats de pakking A
die zich in de envelop
bevindt op het uiteinde
van de toevoerbuis en
schroef hem op een
koudwaterkraan met een
mondstuk met schroef-
draad van 3/4 gas (zie
afbeelding).
3. Let erop dat er geen knellingen of kronkels in de
slang zijn.
De waterdruk van de kraan moet zich binnen de
waarden van de tabel Technische Gegevens bevin-
den (zie bladzijde hiernaast).
Als de toevoerbuis niet lang genoeg is moet u zich
wenden tot een gespecialiseerde winkel of een
bevoegde installateur.
Gebruik nooit tweedehands of oude slangen, maar
alleen die slangen die bij het apparaat worden geleverd.
NL
27
65 - 100 cm
Aansluiting van de afvoerbuis
Verbindt de afvoerbuis,
zonder hem te buigen,
aan een afvoerleiding of
aan een afvoer in de
muur tussen de 65 en
100 cm van de grond af.
Als alternatief kunt u de
afvoerbuis aan de rand
van een wasbak of
badkuip hangen nadat u
hem met de steun aan
de kraan heeft bevestigd
(zie afbeelding).
Het uiteinde van de
afvoerbuis mag nooit
onder water liggen.
Gebruik nooit verlengstukken voor de slang; indien
dit niet te vermijden is moet het verlengstuk dezelfde
doorsnede hebben als de oorspronkelijke slang en
mag hij niet langer zijn dan 150 cm.
Elektrische aansluiting
Voordat u de stekker in het stopcontact steekt moet
u zich ervan verzekeren dat:
het stopcontact geaard is en voldoet aan de
geldende normen;
het stopcontact het maximum vermogen van de
wasautomaat kan dragen, zoals aangegeven in de
tabel Technische Gegevens (zie hiernaast);
de spanning zich bevindt tussen de waarden die
zijn aangegeven in de tabel Technische Gegevens
(zie hiernaast);
de contactdoos geschikt is voor de stekker van de
automaat. Indien dit niet zo is moet of de stekker
of het stopcontact vervangen worden.
De wasautomaat mag niet buitenshuis worden
geïnstalleerd, ook niet op een beschutte plaats,
aangezien het gevaarlijk is hem aan regen en onweer
bloot te stellen.
Als de wasautomaat is geïnstalleerd moet het
stopcontact gemakkelijk te bereiken zijn.
Gebruik geen verlengsnoeren of dubbelstekkers.
Het snoer mag niet gebogen of samengedrukt
worden.
De voedingskabel en de stekker mogen alleen door
een bevoegde installateur worden vervangen.
Belangrijk! De fabrikant kan niet aansprakelijk worden
gesteld wanneer deze normen niet worden nageleefd.
Technische gegevens
Model
AQXF 129
Afmetingen
breedte cm 59,5
hoogte cm 85
diepte cm 58
Vermogen
van 1 tot 6 kg
Elektrische
aansluitingen
zie het typeplaatje met de
technische eigenschappen dat op
het apparaat is bevestigd
Aansluiting
waterleiding
max. druk 1 MPa (10 bar)
min. druk 0,05 MPa (0,5 bar)
Inhoud trommel 52 liters
Snelheid
centrifuge
tot 1200 toeren per minuut
Controle-program-
ma's volgens de
norm EN 60456
programma Wit katoen;
temperatuur 60°C;
uitgevoerd met 6 kg lading.
Deze apparatuur voldoet aan de
volgende EEC voorschriften:
-73/23/EEC van 19/02/73
(Laagspanning) en successievelijke
modificaties
-89/336/EEC van 03/05/89
(Elektromagnetische compatiabiliteit)
en successievelijke modificaties
- 2002/96/CE
28
NL
BEDIENINGSPANEEL
DEUR
WASAUTOMAAT
HANDVAT
DEUR
WASAUTOMAAT
PLINT
STELVOETJES
DEUR GEBLOKKEERD
Om de deur van de
wasautomaat te openen
dient u altijd het speciale
handvat te gebruiken (zie
afbeelding).
1
2
20
WASMIDDELBAKJE:
Bevindt zich aan de
binnenkant van de auto-
maat en verschijnt als u de
deur opent.
Voor de dosering van
wasmiddelen zie het
hoofdstuk Wasmiddelen
en wasgoed.
1. bakje wasmiddel voorwas:
voor waspoeder.
2. bakje wasmiddel hoofd-
was: voor waspoeder of
vloeibaar wasmiddel. In dit
laatste geval raden wij u aan
het wasmiddel direct
voordat u de wasautomaat
start te schenken in het
bakje additieven: zoals bijvoorbeeld wasverzachter of
vloeibare wasversterkers. We raden u aan om nooit het
maximaal aangegeven niveau te overschrijden (aangege-
ven door rooster) en om geconcentreerde
wasverzachters aan te lengen.
Beschrijving van de wasautomaat
NL
29
Toets met controlelampje AAN-/UIT en ANNU-
LEREN: druk even op de toets om de wasautomaat
aan of uit te zetten. Het groene controlelampje geeft
aan dat de wasautomaat aanstaat. Om de was-
automaat tijdens de wascyclus uit te zetten moet u
de toets langer, circa 2 sec., ingedrukt houden; als u
de toets kort, of per ongeluk indrukt zal de was-
automaat niet uitgaan.
Als de wasautomaat tijdens de wascyclus uitgaat
wordt deze automatisch geannuleerd.
Knop WASPROGRAMMAS: kan beide richtingen op
draaien. Voor de juiste programmakeuze kunt u de
Programmatabelraadplegen.
Gedurende het programma blijft de knop stilstaan.
Toets
TEMPERATUUR: druk hierop om de
temperatuur te wijzigen; de waarde wordt door het
bovenstaande display aangegeven (zie Het uitvoeren
van een wascyclus).
Toets
CENTRIFUGE: druk hierop om de
centrifuge te wijzigen of uit te sluiten; de waarde
wordt door het bovenstaande display aangegeven
(zie Het uitvoeren van een wascyclus).
Toets
UITGESTELDE START: druk hierop om
een uitgestelde start van het gekozen programma uit
te voeren; de waarde wordt door het bovenstaande
display aangegeven (zie Het uitvoeren van een
wascyclus).
Toetsen en Controlelampjes OPTIES: om de beschik-
bare opties te selecteren. Het controlelampje dat
overeenkomt met de geselecteerde optie blijft aan
(zie Het uitvoeren van een wascyclus).
Symbolen WASFASES: gaan aan om weer te geven
in welke fase van de cyclus de automaat zich bevindt
(Wassen
- Spoelen - Centrifuge - Water-
afvoer
).
De tekst
wordt verlicht als de wascyclus is beëindigd.
Toets met controlelampje START/PAUSE: als het
groene controlelampje langzaam knippert, drukt u op
de toets om de wascyclus te starten. Als de cyclus is
gestart blijft het controlelampje aanstaan. Als u de
wascyclus wilt pauzeren drukt u nogmaals op de
toets; het controlelampje wordt oranje en gaat
knipperen. Als het controlelampje Deur Geblok-
keerd
uit is, kunt u het deurtje openen.
Om het programma te hervatten drukt u opnieuw op
de toets.
Controlelampje
DEUR GEBLOKKEERD: geeft
aan dat de deur geblokkeerd is. Om de deur te
openen moet u de wascyclus pauzeren (zie volgende
pagina).
Toets en controlelampje
TOETSBLOKKERING:
om de blokkering van het bedieningspaneel in of uit
te schakelen dient u de toets circa 2 seconden lang
ingedrukt te houden. Het brandend controlelampje
geeft aan dat het bedieningspaneel geblokkeerd is.
Op deze manier kunt u voorkomen dat er ongewilde
wijzigingen aan de programmas worden aange-
bracht, bijvoorbeeld bij aanwezigheid van kinderen.
Controlelampje ECO: het symbool
gaat aan als,
wanneer u de wasparameters heeft gewijzigd, u een
energiebesparing van minstens 10% heeft bereikt.
Toets
TEMPERATUUR
Knop
WASPROGRAMMAS
Toetsen en
Controlelampjes
OPTIES
Controlelampje
DEUR
GEBLOKKEERD
Toets met controlelampje
START/PAUSE
Symbolen
WASFASES
Toets
CENTRIFUGE
Toets
UITGESTELDE
START
Toets en
controlelampje
TOETS-
BLOKKERING
Toets met controlelampje
AAN/UIT en
ANNULEREN
Controlelampje
ECO
Bedieningspaneel
30
NL
Het uitvoeren van een wascyclus
N.B.: voordat u de wasautomaat gaat gebruiken
moet u hem met wasmiddel maar zonder wasgoed
een wascyclus laten uitvoeren. Kies het programma
van 90° zonder voorwas.
1. DE WASAUTOMAAT AANZETTEN. Druk op de
toets
. Alle controlelampjes gaan 1 seconde lang
aan, waarna het controlelampje van de toets
aanblijft; het controlelampje START/PAUSE zal
langzaam gaan knipperen.
2. HET WASGOED INLADEN. Open de deur. Laadt
het wasgoed in en zorg ervoor nooit de laad-
hoeveelheid te overschrijden die wordt aangegeven
in de programmatabel op de volgende bladzijde.
3. WASMIDDEL DOSEREN. Haal het bakje naar
voren en doe het wasmiddel in de speciale vakjes
zoals beschreven in Beschrijving van de was-
automaat.
4. DE DEUR SLUITEN.
5. KIES HET PROGRAMMA. Draai de WAS-
PROGRAMMAKNOP naar rechts of naar links
totdat u het gewenste programma heeft geselec-
teerd; er wordt automatisch een temperatuur en
een centrifugesnelheid, die naderhand kunnen
worden gewijzigd.
6. DE WASCYCLUS AANPASSEN. Dit gebeurt met
behulp van de toetsen op het bedieningspaneel:
Wijzig de temperatuur en/of de centrifuge.
De wasautomaat selecteert automatisch de maxi-
male temperatuur en centrifuge die voor het inge-
stelde programma gelden. Deze maximum waarden
kunnen niet worden overschreden. Door op de
toets
te drukken kunt u de temperatuur
langzaamaan verlagen, tot aan de koude wascyclus
(
). Door op de toets te drukken kunt u het
toerental van de centrifuge langzaamaan verlagen,
tot aan een complete uitsluiting van de centrifuge
(
). Als u nogmaals op de toetsen drukt zult u
wederom op de maximale waarden terugkeren.
Een uitgestelde start programmeren.
Om de uitgestelde start van het gekozen
programma in te stellen drukt u een paar keer op
de betreffende toets totdat de gewenste vertraging
verschijnt (van 1 tot 24 h).
Om de functie te desactiveren drukt u op de toets
totdat de tekst verschijnt
.
N.B.: Op het moment dat u de toets START/
PAUSE indrukt zal de waarde van de vertraging
alleen kunnen worden verminderd.
De eigenschappen van de
wascyclus wijzigen.
Druk op de toetsen OPTIES om de wascyclus
naar wens aan te passen.
Druk op de toets om de optie te activeren;
desbetreffend controlelampje gaat aan.
Druk nogmaals op de toets om de optie te
deactiveren; desbetreffend controlelampje gaat uit.
Als de geselecteerde optie niet compatibel is
met het ingestelde programma gaat het controle-
lampje knipperen en zal de optie niet worden
geactiveerd.
Als de geselecteerde optie niet compatibel is
met een optie die daarvòòr is ingesteld, zal het
controlelampje van de eerst geselecteerde optie
gaan knipperen en zal alleen de tweede optie
worden geactiveerd; het controlelampje van de
betreffende toets zal aanblijven.
7. HET PROGRAMMA STARTEN. Druk op de
toets START/PAUSE. Het betreffende controle-
lampje zal aanblijven en de deur zal worden
geblokkeerd (het controlelampje DEUR GEBLOK-
KEERD blijft aanstaan). De symbolen die horen bij
de verschillende wasfases worden tijdens de
cyclus verlicht om aan te geven welke fase bezig
is. Om een programma te wijzigen van een reeds
gestarte wascyclus doet u de wasautomaat op
pauze met behulp van de toets START/PAUSE;
selecteer daarna de gewenste cyclus en druk
nogmaals op de toets START/PAUSE.
Om de deur te openen tijdens de wascyclus drukt
u op de toets START/PAUSE; als het controle-
lampje DEUR GEBLOKKEERD
uit is, kunt u het
deurtje openen. Om het programma te hervatten
drukt u opnieuw op de toets START/PAUSE.
8. EINDE VAN HET PROGRAMMA. Wordt aange-
geven door de tekst END (verlicht). De deur kan
gelijk worden geopend. Als het controlelampje
START/PAUSE knippert, kunt u op de toets
drukken om de wascyclus te beëindigen. Open de
deur, laadt het wasgoed uit en schakel de was-
automaat uit.
Als u een reeds gestarte wascyclus wilt annuleren
moet u enkele seconden de toets
ingedrukt
houden. De cyclus zal worden onderbroken en de
wasautomaat gaat uit.
ZAK VOOR DEKENS, GORDIJNEN EN FIJNE WAS
Dankzij de speciale bijgeleverde zak kunt u met
Hotpoint/Ariston zelfs uw waardevolste en fijnste
kledingstukken met de machine wassen en zeker
zijn van een optimale bescherming.
We raden u ten stelligste aan om de zak te
gebruiken voor het wassen van dekens en donzen
wasgoed met een synthetische bekleding.
NL
31
Sym-
bool
Beschrijving van het Programma
Maximale
Tijdsduur
(°C)
Maximale
snelheid
(toeren per
minuut)
Wasmiddel
Maximale
lading
(Kg)
Duur
cyclus
Wassen Wasverzachter
Programma's voor iedere dag
WIT KATOEN
60° 1200
ll
6
WIT KATOEN:
Zeer vuile witte en gekleurde fijne was.
40° 1200
ll
6
BONT KATOEN
40° 1200
ll
6
FIJN SYNTHETISCH
40° 800
ll
2,5
MIX 30':
Voor het snel opfrissen van niet zo vuil wasgoed
(niet geschikt voor wol, zijde en handwas).
30° 800
ll
3
Krachtige programma's
KATOEN MET VOORWAS:
Voor het verwijderen van
moeilijke vlekken
(Doe het wasmiddel in het speciale vakje).
90° 1200
ll
6
KATOEN 90°
90° 1200
ll
6
NORMAAL SYNTHETISCH
60° 800
ll
2,5
Speciale programma's
OVERHEMDEN
40° 600
ll
2
ZIJDE:
Voor zijde, viscose, lingerie.
30° 0
ll
2
WOL:
Voor wol, kasjmier, etc.
40° 600
ll
1,5
DONS:
Voor kledingstukken/beddengoed gevuld met dons.
30° 1000
ll
2
Gedeeltelijke programma's
Spoelen normale was - 1200 -
l
6
Spoelen fijne was - 800 -
l
2,5
Centrifuge normale was - 1200 - - 6
Centrifuge fijne was - 800 - - 2,5
Waterafvoer - 0 - - 6
Wasopties
Super Wash
Dankzij het gebruik van een grotere hoeveelheid
water in de beginfase van de cyclus en de langere
tijdsduur ervan, garandeert deze optie een zeer
effectief wasresultaat.
Deze optie kan niet worden geactiveerd tijdens de
programmas Mix 30', Zijde, Wol, Dons en Gedeelte-
lijke Programmas.
Gemakkelijker strijken
Als u deze optie selecteert zullen het wassen en de
centrifuge dusdanig worden aangepast dat er minder
kreuken worden gevormd. Aan het einde van de
wascyclus zal de wasautomaat de trommel langzaam
laten ronddraaien; de controlelampjes Gemakkelijker
strijken en START/PAUSE gaan knipperen. Om de
cyclus te beëindigen drukt u op de toets START/PAUSE
of op de toets Gemakkelijker strijken.
Bij het programma Zijde beëindigt de wasautomaat de
cyclus door het wasgoed in de week te laten staan.
Het controlelampje Gemakkelijker strijken gaat
knipperen. Om het water af te voeren en de was uit de
automaat te halen moet u op de toets START/PAUSE
drukken of op de toets Gemakkelijker strijken.
Deze optie kan niet worden geactiveerd tijdens de
programmas Wol, Centrifuge normale was,
Centrifuge fijne was en Waterafvoer.
Extra Spoelen
Door deze optie te selecteren verhoogt u het spoel-
resultaat en zorgt u ervoor dat elk spoor van wasmid-
del verdwijnt. Deze optie is vooral nuttig bij personen
wiens huid gevoelig is voor wasmiddelen. We raden
deze optie aan wanneer een volle lading moet wor-
den gewassen of wanneer zeer veel wasmiddel wordt
gebruikt.
Deze optie kan niet worden geactiveerd tijdens de
programmas Mix 30', Centrifuge normale was,
Centrifuge fijne was en Waterafvoer.
Snelle was
Voor het verkorten van de duur van de wascyclus waar-
door zowel water als energie worden bespaard.
Deze optie kan niet samen met de optie Super Wash
worden uitgevoerd of tijdens de programmas Mix 30',
Zijde, Wol en Gedeeltelijke Programmas.
De gegevens in de tabel geven slechts geschatte waarden weer.
Programmas en opties
Programmatabel
De duur van het wasprogramma kan op het scherm
worden afgelezen.
32
NL
Wasmiddel en wasgoed
Wasmiddel
De keuze en de hoeveelheid wasmiddel hangen af
van het type stof (katoen, wol, zijde), van de kleur
van het wasgoed, de wastemperatuur, de vuilgraad
en de hardheid van het water.
Een juiste dosering van het wasmiddel voorkomt
verspillingen en beschermt het milieu: ook al zijn
wasmiddelen biologisch afbreekbaar, toch bevatten ze
elementen die het evenwicht in de natuur verstoren.
We raden u aan:
waspoeder te gebruiken voor de witte katoenen
was en voor de voorwas.
vloeibaar wasmiddel te gebruiken voor fijne katoenen
was en voor alle programmas op lage temperatuur.
speciale wasmiddelen te gebruiken voor de fijne
was: bv. voor wol en zijde.
Gebruik nooit wasmiddelen voor handwas aange-
zien die te veel schuim vormen.
Het wasmiddel kan voor het starten van het pro-
gramma in het speciale bakje worden gedaan, of in
de wasbol die direct in de trommel wordt geplaatst.
Als u een wasbol gebruikt kunt u het programma
Katoen met voorwas niet gebruiken.
Voorbereiden van het wasgoed
Vouw beddengoed open voordat u het in de
machine laadt.
Scheidt het wasgoed volgens het type stof (sym-
bool op het etiket van het kledingstuk) en de kleur.
Let er goed op dat u de bonte was scheidt van de
witte was;
Leeg de zakken en controleer de knopen;
Overschrijdt nooit het gewicht dat wordt aangegeven in
de Programmatabelwat geldt voor droog wasgoed.
Hoeveel weegt het wasgoed?
1 laken 400-500 g.
1 kussensloop 150-200 g.
1 tafellaken 400-500 g.
1 badjas 900-1200 g.
1 handdoek 150-250 g.
1 spijkerbroek 400-500 g.
1 overhemd/blouse 150-200 g.
Wastips
Overhemden/blouses: gebruik dit programma om
overhemden/blouses van verschillende soorten stof en kleur
te wassen. Dit programma is hier speciaal voor ontwikkeld.
Zijde: gebruik het speciale programma om alle zijden
kledingstukken te wassen. We raden u aan een
speciaal wasmiddel voor fijne was te gebruiken.
Gordijnen: vouw de gordijnen en doe ze in de bij-
geleverde zak. Gebruik het programma "Zijde".
Wol: Hotpoint/Ariston is het enige bedrijf dat een
wasautomaat heeft ontwikkeld die de prestigieuze
Woolmark Platinum Care (M.0612) onderscheiding
heeft gekregen van The Woolmark Company. Dit
garandeert dat u alle wollen kledingstukken in de
automaat kunt wassen, ook wasgoed met het etiket
alleen handwas
. Met het programma Wol
kunt u dus rustig al uw wollen wasgoed in de auto-
maat wassen, met gegarandeerd het beste resultaat.
Dons: voor het wassen van stukken die met dons
zijn opgevuld zoals donsdekens voor een
eenpersoonsbed (niet meer dan 2 kg wegend),
kussens of windjakken moet u het speciale
programma "Dons" gebruiken. Wij raden aan de
donsdekens in te laden met de zijkanten naar binnen
gevouwen (zie afb.) en niet meer dan ¾ van het
volume van de trommel in beslag te nemen.
Voor het beste resultaat raden wij aan vloeibaar
wasmiddel in het doseerbakje te gieten.
Gestikte dekens: om dekens met een synthetische
bekleding te wassen moet u de bijgeleverde zak
gebruiken en het programma "Dons" instellen.
Moeilijke vlekken: het beste kunt u moeilijke
vlekken voorbehandelen met een stuk zeep voor u ze
in de wasautomaat doet en het programma Katoen
met voorwas gebruiken.
Balanceersysteem van de lading
Om overmatige trillingen te vermijden verdeelt de
automaat de lading voor het centrifugeren op een
gelijkmatige manier. Dit gebeurt door de trommel te
laten draaien op een snelheid die iets hoger ligt dan
de wassnelheid. Als, na herhaaldelijke pogingen, de
lading nog steeds niet goed is gebalanceerd, zal de
wasautomaat de centrifuge op een lagere snelheid
uitvoeren dan die voorzien was.
Als de lading zeer uit balans is zal de wasautomaat
een verdeling uitvoeren in plaats van een centrifuge.
Teneinde een betere distributie van de waslading en
een juiste balancering te bereiken raden wij u aan
kleine en grote kledingstukken te mengen.
NL
33
Voorzorgsmaatregelen
en advies
20
Deze wasautomaat is ontworpen en uitgevoerd
volgens de internationale veiligheidsnormen. Deze
aanwijzingen zijn om veiligheidsredenen geschreven
en moeten aandachtig worden doorgenomen.
Algemene veiligheid
Dit apparaat is uitsluitend ontworpen voor huishou-
delijk niet-professioneel gebruik.
De wasautomaat mag alleen door volwassenen
worden gebruikt en volgens de instructies in deze
handleiding.
Raak de machine niet aan als u blootsvoets bent
of met natte of vochtige handen of voeten.
Trek de stekker nooit uit het stopcontact door aan
het snoer te trekken, maar altijd door de stekker
beet te pakken.
Raak het afvoerwater niet aan aangezien het zeer
heet kan zijn.
Forceer nooit de deur van de wasautomaat: het
veiligheidsmechanisme dat een ongewild openen
ervan voorkomt, zou kunnen worden beschadigd.
Probeer in geval van storingen nooit zelf interne
mechanismen van de automaat te repareren.
Zorg ervoor dat kleine kinderen niet te dicht bij de
automaat komen als deze in werking is.
Als het apparaat verplaatst moet worden doe dit
dan met twee of drie personen tegelijk en heel
voorzichtig. Doe dit nooit alleen want het apparaat
is erg zwaar.
Voordat u het wasgoed in de wasautomaat laadt,
moet u controleren of hij leeg is.
Afvalverwijdering
Het afvoeren van het verpakkingsmateriaal:
houd u zich aan de plaatselijke normen zodat het
materiaal gerecycled kan worden.
De Europese Richtlijn 2002/96/EC over Vernieti
ging van Electrische en Electronische Apparatuur,
vereist dat oude huishoudelijke electrische appa
raten niet mogen vernietigd via de normale
ongesorteerde afvalstroom. Oude apparaten
moeten apart worden ingezameld om zo het
hergebruik van de gebruikte materialen te optima
liseren en de negatieve invloed op de gezondheid
en het milieu te reduceren. Het symbool op het
product van de afvalcontainer met een kruis
erdoor herinnert u aan uw verplichting, dat
wanneer u het apparaat vernietigt, het apparaat
apart moet worden ingezameld.
Consumenten moeten contact opnemen met de
locale autoriteiten voor informatie over de juiste
wijze van vernietiging van hun oude apparaat.
Handmatige opening van het deurtje
Mocht er in het huis geen stroom aanwezig zijn en u
wilt het deurtje openen om de was op te hangen,
dan dient u het volgende te doen:
1. haal de stekker uit het
stopcontact.
2. controleer dat het
waterniveau in de auto-
maat lager is dan het
deurtje; als dat niet het
geval is kunt het water
weg laten lopen door
middel van de afvoerbuis
en dit opvangen in een
emmer, zoals aangegeven
in de afbeelding.
3. verwijder het afdek-
paneel aan de voorkant
van de wasautomaat met
behulp van een
schroevendraaier (zie
afbeelding).
4. trek het lipje dat wordt
aangegeven in de afbeel-
ding naar voren totdat het
plastic bandje loskomt;
trek hem daarna naar
beneden totdat u klik
hoort, wat aangeeft dat de
deur is geopend.
5. open de deur; als dat
niet lukt moet u de hande-
ling herhalen.
6. monteer het paneel weer; zorg dat de haakjes in
de juiste openingen zitten voordat u het paneel tegen
de automaat aandrukt.
34
NL
Onderhoud en verzorging
1
2
Afsluiten van water en stroom
Sluit na iedere wasbeurt de kraan af. Hiermee
beperkt u slijtage van de waterinstallatie van de
wasautomaat alsmede lekkagegevaar.
Sluit altijd eerst de stroom af voordat u de was-
automaat schoonmaakt en gedurende
onderhoudswerkzaamheden.
Reinigen van de wasautomaat
De buitenkant en de rubberen onderdelen kunnen
met een spons en een lauw sopje worden schoonge-
maakt. Gebruik nooit oplosmiddelen of schuur-
middelen.
Reinigen van het wasmiddelbakje
Verwijder het laatje door op
het hendeltje (1) te druk-
ken en het naar voren te
trekken (2) (zie afbeelding).
Was het onder stromend
water: dit moet u regelma-
tig doen.
Verzorging van de trommel
Laat de deur van de wasautomaat altijd op een
kier staan om te voorkomen dat er nare luchtjes
worden gevormd.
Reinigen van de pomp
De wasautomaat is voorzien van een zelfreinigende
pomp en hoeft dus niet te worden onderhouden. Het
kan echter gebeuren dat kleine voorwerpen (muntjes,
knopen) in het voorvakje, dat de pomp beschermt en
zich aan de onderkant ervan bevindt, terechtkomen.
Verzekert u zich ervan dat de wascyclus klaar is en
haal de stekker uit het stopcontact.
Toegang tot het voorvakje:
1. verwijder het afdek-
paneel aan de voorkant
van de wasautomaat met
behulp van een schroeven-
draaier (zie afbeelding);
2. plaats een bakje om het
water op te vangen dat
eruit zal lopen (circa 1,5 l)
(zie afbeelding);
3. Draai het deksel eraf,
tegen de klok in (zie
afbeelding);
4. maak de binnenkant goed schoon;
5. schroef het deksel er weer op;
6. monteer het paneel weer, met de haakjes goed
bevestigd in de juiste openingen voordat u het paneel
tegen de machine aandrukt.
Controleren van de watertoevoerbuis
Controleer minstens een keer per jaar de water-
toevoerbuis. Als er barstjes of scheuren in zitten moet
hij vervangen worden: gedurende het wassen kan de
hoge waterdruk onverwachts breuken veroorzaken.
NL
35
Storingen en oplossingen
Mogelijke oorzaken / Oplossing:
De stekker zit niet in het stopcontact of niet diep genoeg
om contact te maken.
Er is in het hele huis geen stroom.
De deur is niet goed dicht.
De START/PAUSE toets is niet ingedrukt.
De waterkraan is niet open.
De watertoevoerbuis is niet aangesloten op de kraan.
De slang is gebogen.
De waterkraan is niet open.
In huis is geen water.
Er is onvoldoende druk.
De START/PAUSE toets is niet ingedrukt.
De afvoerbuis is niet op 65 tot 100 cm afstand van de grond af geïnstalleerd
(zie Installatie).
Het uiteinde van de afvoerbuis ligt onder water (zie Installatie).
Als u op een van de hoogste verdiepingen van een flatgebouw woont kan
zich een hevelingsprobleem voordoen, waarbij de wasautomaat voortdu-
rend water aan- en afvoert. Om deze storing te verhelpen zijn er in de
handel speciale beluchters te koop.
De afvoer in de muur heeft geen ontluchting.
Het programma voorziet geen afvoer: bij enkele programmas moet dit met
de hand worden gestart (zie Programmas en opties).
De optie Gemakkelijker strijken is actief: voor het beëindigen van het pro-
gramma drukt u op de toets START/PAUSE (zie Programmas en opties).
De afvoerbuis is gebogen (zie Installatie).
De afvoerleiding is verstopt.
De trommel is bij het installeren niet goed gedeblokkeerd (zie Installatie).
De automaat staat niet goed recht (zie Installatie).
De automaat staat te krap tussen meubels en muur (zie Installatie).
De waslading is niet gebalanceerd (zie Beschrijving van de wasautomaat).
De slang van de watertoevoer is niet goed aangeschroefd (zie Installatie).
Het wasmiddelbakje is verstopt (voor reiniging zie Onderhoud en verzorging).
De afvoerbuis is niet goed aangesloten (zie Installatie).
Doe de automaat uit en haal de stekker uit het stopcontact. Wacht circa 1
minuut en doe hem weer aan.
Als de storing voortzet, dient u de Servicedienst in te schakelen.
Het wasmiddel is niet bedoeld voor wasautomaten (er moet voor was-
automaat, handwas en machinewas, of dergelijke op staan).
U heeft teveel wasmiddel gebruikt.
Voer een handmatige deblokkering uit (zie Voorzorgsmaatregelen en advies).
Als na deze controles het probleem nog niet is opgelost, moet u de water-
kraan afsluiten, de wasautomaat uitdoen en de Servicedienst bellen.
Het kan gebeuren dat het apparaat niet werkt. Voor u contact opneemt met de Servicedienst (zie Service) moet u
controleren of het niet een storing betreft die uzelf makkelijk kunt verhelpen met behulp van de volgende lijst.
Storingen:
De wasautomaat
gaat niet aan.
De wascyclus
start niet.
De wasautomaat heeft geen
watertoevoer.
De wasautomaat blijft water
aan- en afvoeren.
De wasautomaat voert geen
water af of centrifugeert niet.
De wasautomaat trilt
erg tijdens de centrifuge.
De wasautomaat lekt.
De symbolen van Fase in voort-
gang knipperen snel, tegelijk met
het controlelampje AAN/UIT.
Er ontstaat teveel schuim.
De deur van het apparaat is
geblokkeerd.
36
NL
Service
Voordat u Servicedienst inschakelt:
Controleer eerst of u het probleem zelf kunt oplossen (zie Storingen en oplossingen);
Start het programma opnieuw om te controleren of de storing is verholpen;
Als dit niet het geval is, kunt u contact opnemen met de erkende Servicedienst;
In het geval de automaat verkeerd is geïnstalleerd of u hem niet correct heeft gebruikt zal u gevraagd worden de
reparatiekosten te betalen.
Wendt u nooit tot een niet erkende installateur.
Vermeld:
het type storing;
het model van de machine (Mod.);
het serienummer (S/N);
Deze laatste gegevens vindt u op het typeplaats op het apparaat.

Documenttranscriptie

Gebruiksaanwijzingen WASAUTOMAAT Inhoud NL Nederlands NL Installatie, 26-27 Uitpakken en waterpas zetten Hydraulische en elektrische aansluitingen Technische gegevens Beschrijving van de wasautomaat, 28-29 Bedieningspaneel Het uitvoeren van een wascyclus, 30 Programma’s en opties, 31 Programmatabel Wasopties Wasmiddel en wasgoed, 32 AQXF 129 Wasmiddel Voorbereiden van het wasgoed Wastips Balanceersysteem van de lading Voorzorgsmaatregelen en advies, 33 Algemene veiligheid Afvalverwijdering Handmatige opening van het deurtje Onderhoud en verzorging, 34 Afsluiten van water en stroom Reinigen van de wasautomaat Reinigen van het wasmiddelbakje Verzorging van de trommel Reinigen van de pomp Controleer de slang van de watertoevoer Storingen en oplossingen, 35 Service, 36 25 Installatie NL  Het is belangrijk dit boekje te bewaren, zodat u het op ieder gewenst moment kunt raadplegen. In het geval u de wasautomaat verkoopt of u verhuist, moet u de handleiding bij het apparaat bewaren.  Lees de instructies aandachtig door: u vindt er belangrijke informatie betreffende installatie, gebruik en veiligheid.  In de envelop vindt u samen met deze gebruiksaanwijzing, de garantie en instructies die nodig zijn voor de installatie.  Een correcte nivellering geeft de machine stabiliteit en vermijdt, vooral tijdens de centrifuge, vibraties en lawaai.  In het geval de wasautomaat op vloerbedekking of tapijt staat regelt u de stelvoetjes zodanig dat onder de automaat genoeg ruimte is voor ventilatie. Hydraulische en elektrische aansluitingen Aansluiting van de watertoevoerbuis  Voordat u watertoevoerbuis aansluit op het waternet moet u het water laten lopen totdat het helder is. Uitpakken en waterpas zetten 1. Verbindt de watertoevoerbuis aan de wasautomaat door hem op de betreffende watertoevoer te schroeven, rechtsboven aan de achterkant (zie afbeelding). Uitpakken 1. Zodra u de wasautomaat uitgepakt heeft, dient u te controleren of hij niet beschadigd is tijdens het transport. Indien dit wel het geval is moet u hem niet aansluiten maar direct contact opnemen met de verkoper. 2. Verwijder de 4 beschermschroeven voor het transport en de bijbehorende afstandsleider die zich aan de achterkant bevinden (zie afbeelding). 3. Sluit de gaten af met de in de envelop bijgeleverde plastic doppen. 4. Bewaar alle onderdelen; mocht de wasautomaat ooit nog worden vervoerd, dan moeten deze weer worden aangebracht om interne schade te voorkomen. A 2. Plaats de pakking A die zich in de envelop bevindt op het uiteinde van de toevoerbuis en schroef hem op een koudwaterkraan met een mondstuk met schroefdraad van 3/4 gas (zie afbeelding).  Het verpakkingsmateriaal is geen speelgoed voor kinderen. 3. Let erop dat er geen knellingen of kronkels in de slang zijn. Waterpas zetten  De waterdruk van de kraan moet zich binnen de 1. Installeer de wasautomaat op een rechte en stevige vloer en laat hem niet tegen muren of meubels leunen. 2. Compenseer eventuele oneffenheden door de stelvoetjes vast of los te draaien totdat de automaat volledig horizontaal staat (hij mag niet meer dan 2 graden hellen). 26 waarden van de tabel Technische Gegevens bevinden (zie bladzijde hiernaast).  Als de toevoerbuis niet lang genoeg is moet u zich wenden tot een gespecialiseerde winkel of een bevoegde installateur.  Gebruik nooit tweedehands of oude slangen, maar alleen die slangen die bij het apparaat worden geleverd. Aansluiting van de afvoerbuis 65 - 100 cm Verbindt de afvoerbuis, zonder hem te buigen, aan een afvoerleiding of aan een afvoer in de muur tussen de 65 en 100 cm van de grond af.  Gebruik geen verlengsnoeren of dubbelstekkers. NL  Het snoer mag niet gebogen of samengedrukt worden.  De voedingskabel en de stekker mogen alleen door een bevoegde installateur worden vervangen. Belangrijk! De fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld wanneer deze normen niet worden nageleefd. Als alternatief kunt u de afvoerbuis aan de rand van een wasbak of badkuip hangen nadat u hem met de steun aan de kraan heeft bevestigd (zie afbeelding). Het uiteinde van de afvoerbuis mag nooit onder water liggen.  Gebruik nooit verlengstukken voor de slang; indien dit niet te vermijden is moet het verlengstuk dezelfde doorsnede hebben als de oorspronkelijke slang en mag hij niet langer zijn dan 150 cm. Elektrische aansluiting Voordat u de stekker in het stopcontact steekt moet u zich ervan verzekeren dat: • het stopcontact geaard is en voldoet aan de geldende normen; • het stopcontact het maximum vermogen van de wasautomaat kan dragen, zoals aangegeven in de tabel Technische Gegevens (zie hiernaast); • de spanning zich bevindt tussen de waarden die zijn aangegeven in de tabel Technische Gegevens (zie hiernaast); • de contactdoos geschikt is voor de stekker van de automaat. Indien dit niet zo is moet of de stekker of het stopcontact vervangen worden.  De wasautomaat mag niet buitenshuis worden geïnstalleerd, ook niet op een beschutte plaats, aangezien het gevaarlijk is hem aan regen en onweer bloot te stellen.  Als de wasautomaat is geïnstalleerd moet het stopcontact gemakkelijk te bereiken zijn. Technische gegevens Model AQXF 129 Afmetingen breedte cm 59,5 hoogte cm 85 diepte cm 58 Vermogen van 1 tot 6 kg Elektrische aansluitingen zie het typeplaatje met de technische eigenschappen dat op het apparaat is bevestigd Aansluiting waterleiding max. druk 1 MPa (10 bar) min. druk 0,05 MPa (0,5 bar) Inhoud trommel 52 liters Snelheid centrifuge tot 1200 toeren per minuut Controle-programma's volgens de norm EN 60456 programma Wit katoen; temperatuur 60°C; uitgevoerd met 6 kg lading. Deze apparatuur voldoet aan de volgende EEC voorschriften: -73/23/EEC van 19/02/73 (Laagspanning) en successievelijke modificaties -89/336/EEC van 03/05/89 (Elektromagnetische compatiabiliteit) en successievelijke modificaties - 2002/96/CE 27 Beschrijving van de wasautomaat NL BEDIENINGSPANEEL DEUR WASAUTOMAAT HANDVAT DEUR WASAUTOMAAT PLINT STELVOETJES DEUR GEBLOKKEERD WASMIDDELBAKJE: Om de deur van de wasautomaat te openen dient u altijd het speciale handvat te gebruiken (zie afbeelding). Bevindt zich aan de binnenkant van de automaat en verschijnt als u de deur opent. Voor de dosering van wasmiddelen zie het hoofdstuk “Wasmiddelen en wasgoed”. 20 1 2 1. bakje wasmiddel voorwas: voor waspoeder. 2. bakje wasmiddel hoofdwas: voor waspoeder of vloeibaar wasmiddel. In dit laatste geval raden wij u aan het wasmiddel direct voordat u de wasautomaat start te schenken in het bakje additieven: zoals bijvoorbeeld wasverzachter of vloeibare wasversterkers. We raden u aan om nooit het maximaal aangegeven niveau te overschrijden (aangegeven door rooster) en om geconcentreerde wasverzachters aan te lengen. 28 Bedieningspaneel NL Toetsen en Controlelampjes OPTIES Knop WASPROGRAMMA’S Toets met controlelampje AAN/UIT en ANNULEREN Toets Toets Symbolen WASFASES UITGESTELDE START TEMPERATUUR Toets CENTRIFUGE Toets met controlelampje  AAN-/UIT en ANNULEREN: druk even op de toets om de wasautomaat aan of uit te zetten. Het groene controlelampje geeft aan dat de wasautomaat aanstaat. Om de wasautomaat tijdens de wascyclus uit te zetten moet u de toets langer, circa 2 sec., ingedrukt houden; als u de toets kort, of per ongeluk indrukt zal de wasautomaat niet uitgaan. Als de wasautomaat tijdens de wascyclus uitgaat wordt deze automatisch geannuleerd. Knop WASPROGRAMMA’S: kan beide richtingen op draaien. Voor de juiste programmakeuze kunt u de “Programmatabel” raadplegen. Gedurende het programma blijft de knop stilstaan. Toets TEMPERATUUR:druk hierop om de temperatuur te wijzigen; de waarde wordt door het bovenstaande display aangegeven (zie “Het uitvoeren van een wascyclus”). Toets  CENTRIFUGE: druk hierop om de centrifuge te wijzigen of uit te sluiten; de waarde wordt door het bovenstaande display aangegeven (zie “Het uitvoeren van een wascyclus”). Toets UITGESTELDE START:druk hierop om een uitgestelde start van het gekozen programma uit te voeren; de waarde wordt door het bovenstaande display aangegeven (zie “Het uitvoeren van een wascyclus”). Toetsen en Controlelampjes OPTIES: om de beschikbare opties te selecteren. Het controlelampje dat overeenkomt met de geselecteerde optie blijft aan (zie “Het uitvoeren van een wascyclus”). Toets met controlelampje START/PAUSE Controlelampje ECO Controlelampje DEUR GEBLOKKEERD Toets en controlelampje TOETSBLOKKERING Symbolen WASFASES: gaan aan om weer te geven in welke fase van de cyclus de automaat zich bevindt (Wassen - Spoelen - Centrifuge - Waterafvoer ). De tekst wordt verlicht als de wascyclus is beëindigd. Toets met controlelampje START/PAUSE: als het groene controlelampje langzaam knippert, drukt u op de toets om de wascyclus te starten. Als de cyclus is gestart blijft het controlelampje aanstaan. Als u de wascyclus wilt pauzeren drukt u nogmaals op de toets; het controlelampje wordt oranje en gaat knipperen. Als het controlelampje “Deur Geblokkeerd” uit is, kunt u het deurtje openen. Om het programma te hervatten drukt u opnieuw op de toets. Controlelampje DEUR GEBLOKKEERD: geeft aan dat de deur geblokkeerd is. Om de deur te openen moet u de wascyclus pauzeren (zie volgende pagina). Toets en controlelampje  TOETSBLOKKERING: om de blokkering van het bedieningspaneel in of uit te schakelen dient u de toets circa 2 seconden lang ingedrukt te houden. Het brandend controlelampje geeft aan dat het bedieningspaneel geblokkeerd is. Op deze manier kunt u voorkomen dat er ongewilde wijzigingen aan de programma’s worden aangebracht, bijvoorbeeld bij aanwezigheid van kinderen. Controlelampje ECO: het symbool gaat aan als, wanneer u de wasparameters heeft gewijzigd, u een energiebesparing van minstens 10% heeft bereikt. 29 Het uitvoeren van een wascyclus NL N.B.: voordat u de wasautomaat gaat gebruiken moet u hem met wasmiddel maar zonder wasgoed een wascyclus laten uitvoeren. Kies het programma van 90° zonder voorwas. De eigenschappen van de wascyclus wijzigen. 1. DE WASAUTOMAAT AANZETTEN. Druk op de toets . Alle controlelampjes gaan 1 seconde lang aan, waarna het controlelampje van de toets aanblijft; het controlelampje START/PAUSE zal langzaam gaan knipperen. • Druk op de toets om de optie te activeren; desbetreffend controlelampje gaat aan. • Druk nogmaals op de toets om de optie te deactiveren; desbetreffend controlelampje gaat uit. 2. HET WASGOED INLADEN. Open de deur. Laadt het wasgoed in en zorg ervoor nooit de laadhoeveelheid te overschrijden die wordt aangegeven in de programmatabel op de volgende bladzijde. 3. WASMIDDEL DOSEREN. Haal het bakje naar voren en doe het wasmiddel in de speciale vakjes zoals beschreven in “Beschrijving van de wasautomaat”. 4. DE DEUR SLUITEN. 5. KIES HET PROGRAMMA. Draai de WASPROGRAMMAKNOP naar rechts of naar links totdat u het gewenste programma heeft geselecteerd; er wordt automatisch een temperatuur en een centrifugesnelheid, die naderhand kunnen worden gewijzigd. 6. DE WASCYCLUS AANPASSEN. Dit gebeurt met behulp van de toetsen op het bedieningspaneel: Wijzig de temperatuur en/of de centrifuge. De wasautomaat selecteert automatisch de maximale temperatuur en centrifuge die voor het ingestelde programma gelden. Deze maximum waarden kunnen niet worden overschreden. Door op de te drukken kunt u de temperatuur toets langzaamaan verlagen, tot aan de koude wascyclus ). Door op de toets te drukken kunt u het ( toerental van de centrifuge langzaamaan verlagen, tot aan een complete uitsluiting van de centrifuge ). Als u nogmaals op de toetsen drukt zult u ( wederom op de maximale waarden terugkeren. Een uitgestelde start programmeren. Om de uitgestelde start van het gekozen programma in te stellen drukt u een paar keer op de betreffende toets totdat de gewenste vertraging verschijnt (van 1 tot 24 h). Om de functie te desactiveren drukt u op de toets . totdat de tekst verschijnt N.B.: Op het moment dat u de toets START/ PAUSE indrukt zal de waarde van de vertraging alleen kunnen worden verminderd. Druk op de toetsen OPTIES om de wascyclus naar wens aan te passen.  Als de geselecteerde optie niet compatibel is met het ingestelde programma gaat het controlelampje knipperen en zal de optie niet worden geactiveerd.  Als de geselecteerde optie niet compatibel is met een optie die daarvòòr is ingesteld, zal het controlelampje van de eerst geselecteerde optie gaan knipperen en zal alleen de tweede optie worden geactiveerd; het controlelampje van de betreffende toets zal aanblijven. 7. HET PROGRAMMA STARTEN. Druk op de toets START/PAUSE. Het betreffende controlelampje zal aanblijven en de deur zal worden geblokkeerd (het controlelampje DEUR GEBLOKKEERD blijft aanstaan). De symbolen die horen bij de verschillende wasfases worden tijdens de cyclus verlicht om aan te geven welke fase bezig is. Om een programma te wijzigen van een reeds gestarte wascyclus doet u de wasautomaat op pauze met behulp van de toets START/PAUSE; selecteer daarna de gewenste cyclus en druk nogmaals op de toets START/PAUSE. Om de deur te openen tijdens de wascyclus drukt u op de toets START/PAUSE; als het controleuit is, kunt u het lampje DEUR GEBLOKKEERD deurtje openen. Om het programma te hervatten drukt u opnieuw op de toets START/PAUSE. 8. EINDE VAN HET PROGRAMMA. Wordt aangegeven door de tekst END (verlicht). De deur kan gelijk worden geopend. Als het controlelampje START/PAUSE knippert, kunt u op de toets drukken om de wascyclus te beëindigen. Open de deur, laadt het wasgoed uit en schakel de wasautomaat uit.  Als u een reeds gestarte wascyclus wilt annuleren moet u enkele seconden de toets ingedrukt houden. De cyclus zal worden onderbroken en de wasautomaat gaat uit. ZAK VOOR DEKENS, GORDIJNEN EN FIJNE WAS Dankzij de speciale bijgeleverde zak kunt u met Hotpoint/Ariston zelfs uw waardevolste en fijnste kledingstukken met de machine wassen en zeker zijn van een optimale bescherming. We raden u ten stelligste aan om de zak te gebruiken voor het wassen van dekens en donzen wasgoed met een synthetische bekleding. 30 Programma’s en opties Programmatabel Symbool NL Maximale Tijdsduur (°C) Maximale snelheid (toeren per minuut) Wassen WIT KATOEN 60° 1200 l l 6 WIT KATOEN: Zeer vuile witte en gekleurde fijne was. 40° 1200 l l 6 BONT KATOEN 40° 1200 l l 6 FIJN SYNTHETISCH MIX 30': Voor het snel opfrissen van niet zo vuil wasgoed (niet geschikt voor wol, zijde en handwas). Krachtige programma's KATOEN MET VOORWAS: Voor het verwijderen van moeilijke vlekken (Doe het wasmiddel in het speciale vakje). KATOEN 90° 40° 800 l l 2,5 30° 800 l l 3 90° 1200 l l 6 90° 1200 l l 6 NORMAAL SYNTHETISCH 60° 800 l l 2,5 OVERHEMDEN 40° 600 l l 2 ZIJDE: Voor zijde, viscose, lingerie. 30° 0 l l 2 WOL: Voor wol, kasjmier, etc. 40° 600 l l 1,5 DONS: Voor kledingstukken/beddengoed gevuld met dons. 30° 1000 l l 2 Spoelen normale was - 1200 - l 6 Spoelen fijne was - 800 - l 2,5 Centrifuge normale was - 1200 - - 6 Centrifuge fijne was - 800 - - 2,5 Waterafvoer - 0 - - 6 Beschrijving van het Programma Wasmiddel Maximale lading (Kg) Wasverzachter Duur cyclus Programma's voor iedere dag Gedeeltelijke programma's De duur van het wasprogramma kan op het scherm worden afgelezen. Speciale programma's De gegevens in de tabel geven slechts geschatte waarden weer. Wasopties Super Wash Dankzij het gebruik van een grotere hoeveelheid water in de beginfase van de cyclus en de langere tijdsduur ervan, garandeert deze optie een zeer effectief wasresultaat.  Deze optie kan niet worden geactiveerd tijdens de programma’s Mix 30', Zijde, Wol, Dons en Gedeeltelijke Programma’s.  Gemakkelijker strijken Als u deze optie selecteert zullen het wassen en de centrifuge dusdanig worden aangepast dat er minder kreuken worden gevormd. Aan het einde van de wascyclus zal de wasautomaat de trommel langzaam laten ronddraaien; de controlelampjes “Gemakkelijker strijken” en START/PAUSE gaan knipperen. Om de cyclus te beëindigen drukt u op de toets START/PAUSE of op de toets “Gemakkelijker strijken”. Bij het programma Zijde beëindigt de wasautomaat de cyclus door het wasgoed in de week te laten staan. Het controlelampje “Gemakkelijker strijken” gaat knipperen. Om het water af te voeren en de was uit de automaat te halen moet u op de toets START/PAUSE drukken of op de toets “Gemakkelijker strijken”.  Extra Spoelen Door deze optie te selecteren verhoogt u het spoelresultaat en zorgt u ervoor dat elk spoor van wasmiddel verdwijnt. Deze optie is vooral nuttig bij personen wiens huid gevoelig is voor wasmiddelen. We raden deze optie aan wanneer een volle lading moet worden gewassen of wanneer zeer veel wasmiddel wordt gebruikt.  Deze optie kan niet worden geactiveerd tijdens de programma’s Mix 30', “Centrifuge normale was”, “Centrifuge fijne was” en Waterafvoer. Snelle was Voor het verkorten van de duur van de wascyclus waardoor zowel water als energie worden bespaard.  Deze optie kan niet samen met de optie “Super Wash” worden uitgevoerd of tijdens de programma’s Mix 30', Zijde, Wol en Gedeeltelijke Programma’s.  Deze optie kan niet worden geactiveerd tijdens de programma’s Wol, “Centrifuge normale was”, “Centrifuge fijne was” en Waterafvoer. 31 Wasmiddel en wasgoed NL Wasmiddel De keuze en de hoeveelheid wasmiddel hangen af van het type stof (katoen, wol, zijde ), van de kleur van het wasgoed, de wastemperatuur, de vuilgraad en de hardheid van het water. Een juiste dosering van het wasmiddel voorkomt verspillingen en beschermt het milieu: ook al zijn wasmiddelen biologisch afbreekbaar, toch bevatten ze elementen die het evenwicht in de natuur verstoren. We raden u aan: • waspoeder te gebruiken voor de witte katoenen was en voor de voorwas. • vloeibaar wasmiddel te gebruiken voor fijne katoenen was en voor alle programma’s op lage temperatuur. • speciale wasmiddelen te gebruiken voor de fijne was: bv. voor wol en zijde.  Gebruik nooit wasmiddelen voor handwas aangezien die te veel schuim vormen. Wol: Hotpoint/Ariston is het enige bedrijf dat een wasautomaat heeft ontwikkeld die de prestigieuze Woolmark Platinum Care (M.0612) onderscheiding heeft gekregen van The Woolmark Company. Dit garandeert dat u alle wollen kledingstukken in de automaat kunt wassen, ook wasgoed met het etiket . Met het programma “Wol” “alleen handwas” kunt u dus rustig al uw wollen wasgoed in de automaat wassen, met gegarandeerd het beste resultaat. Dons: voor het wassen van stukken die met dons zijn opgevuld zoals donsdekens voor een eenpersoonsbed (niet meer dan 2 kg wegend), kussens of windjakken moet u het speciale programma "Dons" gebruiken. Wij raden aan de donsdekens in te laden met de zijkanten naar binnen gevouwen (zie afb.) en niet meer dan ¾ van het volume van de trommel in beslag te nemen. Voor het beste resultaat raden wij aan vloeibaar wasmiddel in het doseerbakje te gieten. Het wasmiddel kan voor het starten van het programma in het speciale bakje worden gedaan, of in de wasbol die direct in de trommel wordt geplaatst. Als u een wasbol gebruikt kunt u het programma Katoen met voorwas niet gebruiken. Voorbereiden van het wasgoed  Vouw beddengoed open voordat u het in de machine laadt. • Scheidt het wasgoed volgens het type stof (symbool op het etiket van het kledingstuk) en de kleur. Let er goed op dat u de bonte was scheidt van de witte was; • Leeg de zakken en controleer de knopen; • Overschrijdt nooit het gewicht dat wordt aangegeven in de “Programmatabel” wat geldt voor droog wasgoed. Hoeveel weegt het wasgoed? 1 1 1 1 1 1 1 laken kussensloop tafellaken badjas handdoek spijkerbroek overhemd/blouse 400-500 g. 150-200 g. 400-500 g. 900-1200 g. 150-250 g. 400-500 g. 150-200 g. Wastips Overhemden/blouses: gebruik dit programma om overhemden/blouses van verschillende soorten stof en kleur te wassen. Dit programma is hier speciaal voor ontwikkeld. Zijde: gebruik het speciale programma om alle zijden kledingstukken te wassen. We raden u aan een speciaal wasmiddel voor fijne was te gebruiken. Gordijnen: vouw de gordijnen en doe ze in de bijgeleverde zak. Gebruik het programma "Zijde". 32 Gestikte dekens: om dekens met een synthetische bekleding te wassen moet u de bijgeleverde zak gebruiken en het programma "Dons" instellen. Moeilijke vlekken: het beste kunt u moeilijke vlekken voorbehandelen met een stuk zeep voor u ze in de wasautomaat doet en het programma Katoen met voorwas gebruiken. Balanceersysteem van de lading Om overmatige trillingen te vermijden verdeelt de automaat de lading voor het centrifugeren op een gelijkmatige manier. Dit gebeurt door de trommel te laten draaien op een snelheid die iets hoger ligt dan de wassnelheid. Als, na herhaaldelijke pogingen, de lading nog steeds niet goed is gebalanceerd, zal de wasautomaat de centrifuge op een lagere snelheid uitvoeren dan die voorzien was. Als de lading zeer uit balans is zal de wasautomaat een verdeling uitvoeren in plaats van een centrifuge. Teneinde een betere distributie van de waslading en een juiste balancering te bereiken raden wij u aan kleine en grote kledingstukken te mengen. Voorzorgsmaatregelen en advies  Deze wasautomaat is ontworpen en uitgevoerd volgens de internationale veiligheidsnormen. Deze aanwijzingen zijn om veiligheidsredenen geschreven en moeten aandachtig worden doorgenomen. Handmatige opening van het deurtje Mocht er in het huis geen stroom aanwezig zijn en u wilt het deurtje openen om de was op te hangen, dan dient u het volgende te doen: Algemene veiligheid • Dit apparaat is uitsluitend ontworpen voor huishoudelijk niet-professioneel gebruik. • De wasautomaat mag alleen door volwassenen worden gebruikt en volgens de instructies in deze handleiding. • Raak de machine niet aan als u blootsvoets bent of met natte of vochtige handen of voeten. • Trek de stekker nooit uit het stopcontact door aan het snoer te trekken, maar altijd door de stekker beet te pakken. • Raak het afvoerwater niet aan aangezien het zeer heet kan zijn. • Forceer nooit de deur van de wasautomaat: het veiligheidsmechanisme dat een ongewild openen ervan voorkomt, zou kunnen worden beschadigd. • Probeer in geval van storingen nooit zelf interne mechanismen van de automaat te repareren. 20 1. haal de stekker uit het stopcontact. 2. controleer dat het waterniveau in de automaat lager is dan het deurtje; als dat niet het geval is kunt het water weg laten lopen door middel van de afvoerbuis en dit opvangen in een emmer, zoals aangegeven in de afbeelding. 3. verwijder het afdekpaneel aan de voorkant van de wasautomaat met behulp van een schroevendraaier (zie afbeelding). • Zorg ervoor dat kleine kinderen niet te dicht bij de automaat komen als deze in werking is. • Als het apparaat verplaatst moet worden doe dit dan met twee of drie personen tegelijk en heel voorzichtig. Doe dit nooit alleen want het apparaat is erg zwaar. • Voordat u het wasgoed in de wasautomaat laadt, moet u controleren of hij leeg is. Afvalverwijdering • Het afvoeren van het verpakkingsmateriaal: houd u zich aan de plaatselijke normen zodat het materiaal gerecycled kan worden. • De Europese Richtlijn 2002/96/EC over Vernieti ging van Electrische en Electronische Apparatuur, vereist dat oude huishoudelijke electrische appa raten niet mogen vernietigd via de normale ongesorteerde afvalstroom. Oude apparaten moeten apart worden ingezameld om zo het hergebruik van de gebruikte materialen te optima liseren en de negatieve invloed op de gezondheid en het milieu te reduceren. Het symbool op het product van de “afvalcontainer met een kruis erdoor” herinnert u aan uw verplichting, dat wanneer u het apparaat vernietigt, het apparaat apart moet worden ingezameld. Consumenten moeten contact opnemen met de locale autoriteiten voor informatie over de juiste wijze van vernietiging van hun oude apparaat. 4. trek het lipje dat wordt aangegeven in de afbeelding naar voren totdat het plastic bandje loskomt; trek hem daarna naar beneden totdat u klik hoort, wat aangeeft dat de deur is geopend. 5. open de deur; als dat niet lukt moet u de handeling herhalen. 6. monteer het paneel weer; zorg dat de haakjes in de juiste openingen zitten voordat u het paneel tegen de automaat aandrukt. 33 NL Onderhoud en verzorging NL Afsluiten van water en stroom • Sluit na iedere wasbeurt de kraan af. Hiermee beperkt u slijtage van de waterinstallatie van de wasautomaat alsmede lekkagegevaar. • Sluit altijd eerst de stroom af voordat u de wasautomaat schoonmaakt en gedurende onderhoudswerkzaamheden. Toegang tot het voorvakje: 1. verwijder het afdekpaneel aan de voorkant van de wasautomaat met behulp van een schroevendraaier (zie afbeelding); Reinigen van de wasautomaat De buitenkant en de rubberen onderdelen kunnen met een spons en een lauw sopje worden schoongemaakt. Gebruik nooit oplosmiddelen of schuurmiddelen. Reinigen van het wasmiddelbakje Verwijder het laatje door op het hendeltje (1) te drukken en het naar voren te trekken (2) (zie afbeelding). Was het onder stromend water: dit moet u regelmatig doen. 1 2 Verzorging van de trommel • Laat de deur van de wasautomaat altijd op een kier staan om te voorkomen dat er nare luchtjes worden gevormd. Reinigen van de pomp De wasautomaat is voorzien van een zelfreinigende pomp en hoeft dus niet te worden onderhouden. Het kan echter gebeuren dat kleine voorwerpen (muntjes, knopen) in het voorvakje, dat de pomp beschermt en zich aan de onderkant ervan bevindt, terechtkomen.  Verzekert u zich ervan dat de wascyclus klaar is en haal de stekker uit het stopcontact. 34 2. plaats een bakje om het water op te vangen dat eruit zal lopen (circa 1,5 l) (zie afbeelding); 3. Draai het deksel eraf, tegen de klok in (zie afbeelding); 4. maak de binnenkant goed schoon; 5. schroef het deksel er weer op; 6. monteer het paneel weer, met de haakjes goed bevestigd in de juiste openingen voordat u het paneel tegen de machine aandrukt. Controleren van de watertoevoerbuis Controleer minstens een keer per jaar de watertoevoerbuis. Als er barstjes of scheuren in zitten moet hij vervangen worden: gedurende het wassen kan de hoge waterdruk onverwachts breuken veroorzaken. Storingen en oplossingen Het kan gebeuren dat het apparaat niet werkt. Voor u contact opneemt met de Servicedienst (zie “Service”) moet u controleren of het niet een storing betreft die uzelf makkelijk kunt verhelpen met behulp van de volgende lijst. Storingen: Mogelijke oorzaken / Oplossing: De wasautomaat gaat niet aan. • De stekker zit niet in het stopcontact of niet diep genoeg om contact te maken. • Er is in het hele huis geen stroom. De wascyclus start niet. • De deur is niet goed dicht. • De START/PAUSE toets is niet ingedrukt. • De waterkraan is niet open. De wasautomaat heeft geen watertoevoer. • • • • • • De wasautomaat blijft water aan- en afvoeren. • De afvoerbuis is niet op 65 tot 100 cm afstand van de grond af geïnstalleerd (zie “Installatie”). • Het uiteinde van de afvoerbuis ligt onder water (zie “Installatie”). • Als u op een van de hoogste verdiepingen van een flatgebouw woont kan zich een hevelingsprobleem voordoen, waarbij de wasautomaat voortdurend water aan- en afvoert. Om deze storing te verhelpen zijn er in de handel speciale beluchters te koop. • De afvoer in de muur heeft geen ontluchting. De wasautomaat voert geen water af of centrifugeert niet. • Het programma voorziet geen afvoer: bij enkele programma’s moet dit met de hand worden gestart (zie Programma’s en opties”). • De optie “Gemakkelijker strijken” is actief: voor het beëindigen van het programma drukt u op de toets START/PAUSE (zie “Programma’s en opties”). • De afvoerbuis is gebogen (zie “Installatie”). • De afvoerleiding is verstopt. De wasautomaat trilt erg tijdens de centrifuge. • • • • De wasautomaat lekt. • De slang van de watertoevoer is niet goed aangeschroefd (zie “Installatie”). • Het wasmiddelbakje is verstopt (voor reiniging zie “Onderhoud en verzorging”). • De afvoerbuis is niet goed aangesloten (zie “Installatie”). De watertoevoerbuis is niet aangesloten op de kraan. De slang is gebogen. De waterkraan is niet open. In huis is geen water. Er is onvoldoende druk. De START/PAUSE toets is niet ingedrukt. De De De De trommel is bij het installeren niet goed gedeblokkeerd (zie “Installatie”). automaat staat niet goed recht (zie “Installatie”). automaat staat te krap tussen meubels en muur (zie “Installatie”). waslading is niet gebalanceerd (zie “Beschrijving van de wasautomaat”). De symbolen van “Fase in voort- • Doe de automaat uit en haal de stekker uit het stopcontact. Wacht circa 1 gang” knipperen snel, tegelijk met minuut en doe hem weer aan. het controlelampje AAN/UIT. Als de storing voortzet, dient u de Servicedienst in te schakelen. Er ontstaat teveel schuim. • Het wasmiddel is niet bedoeld voor wasautomaten (er moet “voor wasautomaat”, “handwas en machinewas”, of dergelijke op staan). • U heeft teveel wasmiddel gebruikt. De deur van het apparaat is geblokkeerd. • Voer een handmatige deblokkering uit (zie “Voorzorgsmaatregelen en advies”).  Als na deze controles het probleem nog niet is opgelost, moet u de waterkraan afsluiten, de wasautomaat uitdoen en de Servicedienst bellen. 35 NL Service NL Voordat u Servicedienst inschakelt: • Controleer eerst of u het probleem zelf kunt oplossen (zie “Storingen en oplossingen); • Start het programma opnieuw om te controleren of de storing is verholpen; • Als dit niet het geval is, kunt u contact opnemen met de erkende Servicedienst;  In het geval de automaat verkeerd is geïnstalleerd of u hem niet correct heeft gebruikt zal u gevraagd worden de reparatiekosten te betalen.  Wendt u nooit tot een niet erkende installateur. Vermeld: • het type storing; • het model van de machine (Mod.); • het serienummer (S/N); Deze laatste gegevens vindt u op het typeplaats op het apparaat. 36
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48

Hotpoint AQNXXF 129 de handleiding

Type
de handleiding