Liebherr K 2330 de handleiding

Type
de handleiding
K 2330/2734
7081 897-00
4907
TR
Gebrauchsanweisung für Tisch- und Standkühlschränke
Operating instructions for table-height and upright refrigerators
Consignes d'utilisation Réfrigérateurs table-top et pose libre
Gebruiksaanwijzing voor tafelmodel en stakoelkasten
Istruzione d'uso per frigoriferi modello tavolo e verticali
Instrucciones de manejo Frigoríficos independientes
Kullanma Kılavuzu Masaüstü ve Ayaklı Buzdolaplar
Liebherr Hausgeräte Marica EOOD* 4202 Radinovo* Bezirk Plovdiv* Bulgarien**www.liebherr.com
20
1 Het apparaat in volgelvlucht
* naargelang model en uitrusting
Boter- en kaasvak
Aan/Uit en temperatuurregelaar, Binnenverlichting
Verplaatsbare draagvlakken
Dauwwaterafloop
Laden voor groenten, sla, fruit
Bergvak voor hoge flessen
Typeplaatje
Stelvoeten voor, transportrollen achter
Apparaat en uitrustingsoverzicht
Verplaatsbare deurvakken
Koudste zone van de koelruimte, voor
gevoelige en licht bederfbare levensmiddelen
Verschuifbare flessen- en blikhouder
Vriesvak *
Eiervakje
Bedieningselementen, afb. A1:
1 Aan/Uit en temperatuurregelaar
"1" = warm "7" = koud
Draai de temperatuurregelaar bij voorkeur in de
middelste
stand.
2 Cool-Plus-schakelaar*. Bij lage kamertemperaturen van 18
°C of minder inschakelen.
Binnenverlichting
Type gloeilamp: max. 15 W, de stroomsoort en spanning
moeten met de gegevens op het typeplaatje overeenstemmen,
fitting: E 14.
Vervangen van de gloeilamp, afb. A1a: Schakel het apparaat uit.
W Trek de stekker uit het stopcontact of schakel de zeke-
ring in de meterkast uit.
W Door de flessen- en conservenhouder te verschuiven kunt u
de flessen tegen omvallen bij het openen en sluiten van de
deuren beschermen. Voor het reinigen kan de houder afge-
nomen worden. Bij de uitvoering volgens fig. A2: de voorste
rand van de houder omhoogschuiven en uit laten klikken.
W Alle opbergvakken zijn voor het reinigen uitneembaar, afb.
A2: vak omhoog schuiven en naar voren eruit tillen.
W De draagplateaus* kunt u afhankelijk van de hoogte van de
producten verplaatsen, afb. A3:
- Til het draagplateau op, trek het naar voren en zwenk het
weg.
- Schuif de draagplateaus altijd met de aanslagrand achter
naar boven wijzend terug, daar de levensmiddelen anders
aan de achterwand vast kunnen vriezen.
W Afb. A4: Indien u plaats nodig heeft voor hoge flessen en
vaatwerk, dan de voorste halve glasplaat 1gewoon naar
achter schuiven. Voor het reinigen kunnen de houders 2
voor de halve glasplaten worden afgenomen. Denk er om de
rechter en de linker houder daarna aan de juiste zijde terug
te plaatsen.
Flessendraagrooster
21
NL
We feliciteren u met uw nieuwe apparaat. U koos met uw aankoop voor alle voordelen van de
modernste koeltechniek, die u een hoogwaardige kwaliteit, een lange levensduur en een hoge
betrouwbaarheid garandeert.
De uitrusting van uw apparaat biedt u dagelijks het allerhoogste bedieningscomfort.
Met dit apparaat, gefabriceerd op een milieuvriendelijke manier en onder gebruik van recycleerbare
materialen, leveren we samen een actieve bijdrage tot het behoud van het milieu.
Leest u om alle voordelen van uw nieuwe apparaat te leren kennen de aanwijzingen in deze
gebruikshandleiding aandachtig door.
We wensen u veel plezier met uw nieuwe apparaat.
Bewaar de gebruiksaanwijzing zorgvuldig, en geef ze eventu-
eel door aan een volgende eigenaar.
De gebruiksaanwijzing is geldig voor meerdere modellen;
afwijkingen zijn dus mogelijk.
Inhoud Pagina
Gebruiksaanwijzing
1 Het apparaat in volgelvlucht ........................................ 20
Inhoud ........................................................................... 21
Bestemmingen .............................................................. 21
Tips voor energiebesparing ........................................... 21
2 Veiligheids- en waarschuwingsaanwijzingen ............ 22
Aanwijzing m.b.t. afdanken ........................................... 22
Technische veiligheid .................................................... 22
Veiligheid bij het gebruik................................................ 22
Opstelaanwijzingen ....................................................... 22
Aansluiten ..................................................................... 22
3
Koelgedeelte ............................................................... 23
In- en uitschakelen .......................................................
23
Temperatuur regelen ..................................................... 23
Cool-Plus-schakelaar .............................................................. 23
Aanwijzingen voor het koelen ........................................ 23
4 Vriesgedeelte ................................................................. 23
Invriezen van verse levensmiddelen .............................. 23
Aanwijzingen voor het invriezen en bewaren ................. 23
IJsblokjes maken .......................................................... 23
5 Ontdooien, reinigen ...................................................... 24
6 Storingen - problemen? ................................................ 25
Technische dienst en typeplaatje .................................. 25
7 Opstel-/Ombouwaanwijzing
Deuraanslag verwisselen .............................................. 25
Opstelmaten .................................................................. 25
Inbouw in het keukenblok ............................................. 25
Bestemmingen
W Hert apparaat is geschikt voor het koelen, het invrie-
zen en het bewaren van levensmiddelen en voor het
bereiden van ijs. Het is bedacht voor gebruik thuis. Bij een
andere toepassing kan een probleemloze werking niet
worden gegarandeerd.
W Het apparaat is naar gelang de klimaatklasse voor de
werking bij beperkte omgevingstemperaturen bedoeld.
Deze mogen niet worden onder- of overschreden! De voor
uw apparaat geldige klimaatklasse is op het typeplaatje
aangegeven. Het betekent:
Klimaatklasse ontworpen voor
omgevingtemperaturen van
SN +10 °C tot +32 °C
N +16 °C tot +32 °C
ST +16 °C tot +38 °C
T +16 °C tot +43 °C
- Het koelmiddelcircuit is gecontroleerd op dichtheid.
- Het apparaat voldoet aan alle van toepassing zijnde
veiligheidsbepalingen en de EG-richtlijnen 2006/95/EG
en 2004/108/ EG.
Tips voor energiebesparing
W Houd de ventilatieopeningen vrij.
W Open de deur van het apparaat niet langer dan nodig.
W Rangschik de levensmiddelen gesorteerd. De aangege-
ven levensduur niet overschrijden.
W Alle levensmiddelen goed verpakt en afgedekt bewaren.
Rijmvorming wordt vermeden.
W Warme spijzen eerst laten afkoelen op kamertemperatuur,
voor u ze in het apparaat plaatst.
W Laat diepgevroren waren ontdooien in de koelruimte.
W Ontdooi het vriesvak* zodra er een dikkere rijmlaag ont-
staat. Hierdoor verbetert de koelovergang, en neemt het
energieverbruik af.
W Hou de deur van het apparaat bij een storing dicht. Hier-
door wordt het koudeverlies vertraagd.
§
22
2 Veiligheids- en waarschuwingsaanwijzingen
Aanwijzing m.b.t. afdanken
De verpakking is van recyclebare materialen gefabri-
ceerd.
- Golfkarton/karton
- Voorgevormde delen van geschuimd polystyreen
- Folies van polyetheen
- Spanbanden van polypropeen
W Verpakkingsmateriaal is geen speelgoed voor kin-
deren - verstikkingsgevaar door folies!
W Breng a.u.b. de verpakking naar een officiële inzamel-
punt.
Het afgedankte apparaat bevat nog waarde-
volle materialen en moet gescheiden van het
ongesorteerde afval worden afgevoerd.
W Afgedankte apparaten onbruikbaar maken:
trek de stekker uit het stopcontact, snijd
het netsnoer door en zet de sluiting buiten
werking zodat kinderen zich niet kunnen
opsluiten.
W Let erop dat het koelmiddelcircuit tijdens het transport
van het afgedankte apparaat niet wordt beschadigd.
W Informatie over het gebruikte koelmiddel vindt u op het
typeplaatje.
W Het recyclen van afgedankte apparaten moet vakkundig
gebeuren overeenkomstig de plaatselijk geldende voor-
schriften en wetten.
Technische veiligheid
W Om persoonlijk letsel en materiële schade te voor-
komen, het apparaat alleen verpakt transporteren
en met twee personen neerzetten.
W Het gebruikte koelmiddel R 600a is milieuvriendelijk, maar
brandbaar.
W Leidingen van het koelmiddelcircuit niet beschadigen.
Eruit spuitend koelmiddel kan oogletsel veroorzaken of
ontbranden.
W Wanneer koelmiddel vrijkomt, dan open vuur of ontste-
kingsbronnen in de nabijheid van het lekpunt verwijderen,
stekker uit het stopcontact trekken en de ruimte goed
ventileren.
W Bij schade aan het apparaat onmiddellijk - voor het aans-
luiten - bij de leverancier reclameren.
W Om een veilig gebruik te waarborgen het apparaat alleen
volgens de informatie in de gebruiksaanwijzing monteren
en aansluiten.
W In geval van fouten dient het apparaat van het net te wor-
den gescheiden: netstekker uittrekken (hierbij niet aan
het aansluitingskabel trekken) of zekering activeren resp.
uitdraaien.
W Reparaties en ingrepen aan het apparaat alleen door
de technische dienst laten uitvoeren, daar anders
aanzienlijke gevaren voor de gebruiker ontstaan. de
technische dienst laten uitvoeren, daar anders aanzi-
enlijke gevaren voor de gebruiker ontstaan. Hetzelfde
geldt voor het vervangen van het netsnoer.
Veiligheid bij het gebruik
W Bewaar geen explosieve stoffen of spuitbussen
met brandbare drijfgassen, zoals butaan, pro-
paan, pentaan enz., in het apparaat. Eventueel
vrijkomende gassen zouden door elektrische onderdelen
kunnen worden ontstoken. U herkent dergelijke spuitbus-
sen aan de erop gedrukte inhoudsvermelding of aan een
vlamsymbool.
W Producten met een hoog percentage alcohol alleen goed
afgesloten en staande bewaren.
W In het inwendige van het apparaat geen open vuur of
ontstekingsbronnen gebruiken.
W Geen elektrische apparaten binnen het apparaat gebrui-
ken (bijv. stoomreinigingsapparatuur, verwarmingsappa-
ratuur, ijsmakers enz.).
W Plint, laden, deuren enz. niet als voetensteun of om te
leunen misbruiken.
W Dit apparaat is niet bedoeld voor personen (ook kinderen)
met fysieke, sensorische of mentale gebreken of personen,
die niet over voldoende ervaring en kennis beschikken,
tenzij zij door een persoon, die voor hun veiligheid verant-
woordelijk is, in het gebruik van het apparaat worden on-
derwezen of die aanvankelijk toezicht uitoefent. Kinderen
mogen niet zonder toezicht achterblijven om te voorkomen
dat ze met het apparaat spelen.
W Voorkom voortdurend huidcontact met koude opperv-
lakken of te koelen/te bevriezen levensmiddelen. Dit
kan leiden tot een pijnlijk of dof gevoel en bevriezing. Bij
langdurig huidcontact veiligheidsmaatregelen treffen, bijv.
handschoenen dragen.
W Consumeer geen levensmiddelen die over de datum zijn,
ze kunnen een voedselvergiftiging veroorzaken.
Opstelaanwijzingen
W Let er bij het opstellen/inbouwen op dat er geen leidingen
van het koelsysteem beschadigd raken.
W Schuif het apparaat in de nis. Verdraai de stel-
poten met een steeksleutel 10 om het apparaat
stevig en waterpas op te stellen.
W Vermijd standplaatsen direct in het zonlicht, naast
het fornuis, de radiator en dergelijke, evenals in vochtige
omgevingen met spatwater.
W De plaatsingsruimte van uw apparaat moet volgens de
norm EN 378 pro 8 g koelmiddelmassa R 600a 1 m
3
heb-
ben, zodat er in geval van een lekkage in het koel-
middelcircuit geen ontvlambaar gas-luchtmengsel
in de opstellingsruimte van het apparaat kan ont-
staan. Informatie over de hoeveelheid koelmiddel
vindt u op het typeplaatje aan de binnenkant van
het apparaat.
W Het apparaat steeds direct aan de wand opstellen.
W Dek de ventilatieopeningen nooit af. Zorg altijd voor
een goede luchttoevoer en -afvoer! Lees de informatie
in de opstelen ombouwaanwijzingen.
W Plaats geen apparaten die warmte afgeven op de koel- of
diepvrieskast, bijv. magnetron, broodrooster enz.
W Plaats vanwege brandgevaar geen brandende kaarsen,
lampen en andere voorwerpen met open vlammen op het
koel-/vriesapparaat.
W Brandgevaar door vocht!
Wanneer stroomgeleidende delen of de stroomaansluiting
vochtig worden, kan dat leiden tot kortsluiting.
- Het apparaat is ontworpen voor gebruik in een gesloten
ruimte. Het apparaat niet buiten, in een vochtige omgev-
ing of binnen bereik van spatwater plaatsen.
W VOORZICHTIG! Gevaar voor verwonding en beschadig-
ing door verkeerd transport!
- Het apparaat verpakt transporteren.
- Het apparaat overeind transporteren.
- Het apparaat niet alleen transporteren.
Aansluiten
Stroomsoort (wisselstroom) en spanning
op de opstelplaats moeten overeenkomen met de
gegevens op het typeplaatje. Het typeplaatje be-
vindt zich aan de linker binnenkant, naast de
groenteladen.
W Het apparaat alleen via een correct geïnstalleerd
randaardestopcontact aansluiten.
W Het stopcontact moet d.m.v. een zekering van 10 A of
zwaarder beveiligd zijn, buiten de achterzijde van het
apparaat liggen en goed toegankelijk zijn.
W Het apparaat niet samen met andere apparaten aanslui-
ten via een stekkerdoos - gevaar op oververhitting.
W Bij het loshalen van het netsnoer van de achterzijde van
het apparaat de kabelhouder verwijderen, om trillingsge-
luiden te voorkomen!
23
NL
Het verdient aanbeveling, het apparaat voor ingebruikneming
te reinigen, meer hierover in de paragraaf "Reinigen".
In- en uitschakelen,
temperatuur instellen
W Aan: Draai de temperatuurregelaar 1,
afb. A1, rechts-om van "0" op "4". Het ap-
paraat wordt ingeschakeld en de binnen-
verlichting gaat aan.
W Uit: stand "0". De binnenverlichting is uit.
W De standen van de temperatuurregelaar
betekenen:
"1" = warm
, kleinste koelcapaciteit
"7" =
koud, grootste koelcapaciteit
W Draai de temperatuurregelaar bij voorkeur in de mid-
delste
stand.
W Bij de instelling "7" is het mogelijk in de koudste zone van
het koelgedeelte temperaturen "0" te bereiken.
W Worden diepvriesproducten bewaard en moeten de lage
vriestemperaturen gewaarborgd zijn, dan verdient een
instelling tussen "4" en "7" de aanbeveling.
Cool-Plus-schakelaar*
W Bij lage kamertemperaturen van 18 °C
of minder de Cool-Plus-schakelaar 2, afb.
A1, aan de temperatuurregelaar inschakelen
Dit garandeert de vereiste lage temperatuur
in het vriesgedeelte.
W Bij normale kamertemperaturen van
meer dan 18 °C, is het inschakelen niet nodig, de Cool-
Plus-schakelaar moet uitgeschakeld zijn
Tip: Houd er rekening mee dat de binnentemperatuur wordt
beïnvloed door de kamertemperatuur, de vulling, de plaats
van het apparaat en de frequentie waarmee de deur wordt
geopend.
Aanwijzingen m.b.t. het koelen
W Door de luchtcirculatie ontstaan verschillende tempe-
ratuurzones, die voor het bewaren van de verschillen-
de levensmiddelen gunstig zijn.
- Direct boven de groenteladen en tegen de achterwand is
het het koudste - gunstig voor bijv. worst- en vleeswaren.
- In het bovenste voorste bereik en in de deur is het het
warmste - gunstig voor bijv. smeerbare boter en kaas (zie
indelingsvoorbeeld in afb. A).
W Let erop dat de levensmiddelen zo bewaard worden dat
de lucht nog goed kan circuleren. Leg ze dus niet te dicht
bij elkaar en zorg ervoor dat er een afstand van ca. 2 cm
tussen de levensmiddelen en de binnenverlichting is.
W Bewaar ze altijd in gesloten verpakkingen; bewaar
producten met een hoog percentage alcohol alleen goed
afgesloten en staande.
W Als verpakkingsmateriaal zijn recyclebare kunststof, me-
talen, aluminium, glazen verpakkingen en vershoudfolie
geschikt.
W Ethyleengasproducerende en -gevoelige levensmiddelen
zoals fruit, groente en sla, altijd gescheiden bewaren of
verpakken, om de houdbaarheid niet te reduceren; bijv.
tomaten niet met kiwi's of kool bewaren.
* Verschillend naargelang model en uitrusting
3 Koelgedeelte 4 Vriesgedeelte
In het -vriesgedeelte kunt u bij een bewaartempera-
tuur van -18 °C en lager (d.w.z. vanaf de middelste stand van
de temperatuurregelaar) diepvriesproducten en
levensmiddelen verscheidene maanden lang bewaren,
ijsblokjes maken en bovendien verse levensmiddelen
invriezen.
Opmerking: De temperatuur van de lucht in het vriesge-
deelte (gemeten met een thermometer of andere meetappa-
ratuur) kan schommelen. Dit heeft bij een gevuld vak echter
weinig invloed op de ingevroren levensmiddelen.
De kerntemperatuur van de ingevroren levensmiddelen
ligt dan rond het gemiddelde van deze schommelingen.
IJsblokjes maken
W Vul de ijsblokjeshouder* voor drie-
kwart met water en laat dit bevriezen.
De ijsblokjes komen los uit de houder
door deze te buigen, of wanneer de ijs-
blokjeshouder korte tijd onder stromend
water wordt gehouden.
Invriezen van verse levensmiddelen
Verse levensmiddelen moeten zo snel mogelijk door en door
bevroren worden. Voedingswaarde, vitaminen, uiterlijk en
smaak van de levensmiddelen blijven zo het beste bewaard.
Ga bij het invriezen van grotere hoeveelheden verse levens-
middelen als volgt te werk:
W Stel de temperatuurregelaar ca. 24 uur vóór het erin leg-
gen op een gemiddelde tot koude stand (ca. 6) in.
- Schakel Cool-Plus
2 in. Reeds ingevroren diepvriespro-
ducten krijgen een "koudereserve".
W Leg vervolgens de verse levensmiddelen erin. Op het
typeplaatje (zie onder "Invriescapaciteit ... kg/24h") vindt u
hoeveel kilo verse levensmiddelen u binnen
24 uur maximaal kunt invriezen*.
Verdeel de verse levensmiddelen zo breed mogelijk over
de bodem van het vriesgedeelte en laat ze niet in aanra-
king komen met reeds ingevroren diepvriesproducten.
W Na nog eens 24 uur zijn de nieuwe, in te vriezen levens-
middelen door en door bevroren.
- Draai de temperatuurregelaar weer in de oorspronkelijke
stand terug. Schakel Cool-Plus 2 weer uit. Het normale
koelproces komt weer op gang. Het invriezen is voltooid.
Aanwijzingen voor het invriezen en
bewaren
W Diepvriesproducten (reeds ingevroren levensmiddelen) kunt
u onmiddellijk in het koude vriesgedeelte leggen, hetzelfde
geldt voor tot ca. 1 kg verse levensmiddelen per dag.
W Als u het maximale volume wilt gebruiken, kunt u de laden
eruit nemen en de vriesproducten direct op de koudepla-
ten bewaren.
W Vries eenmaal ontdooide levensmiddelen bij voorkeur niet
opnieuw in, maar bereid ze direct na het ontdooien.
W Als richtwaarde voor de bewaarduur van verschillende
levensmiddelen in het vriesvak geldt:
Consumptieijs 2 tot 6 Maanden
Worst, ham 2 tot 6 Maanden
Brood, bakproducten 2 tot 6 Maanden
Wild, varken 6 tot 10 Maanden
Vis, vet 2 tot 6 Maanden
Vis, mager 6 tot 12 Maanden
Kaas 2 tot 6 Maanden
Gevogelte, rund 6 tot 12 Maanden
Groente, fruit 6 tot 12 Maanden
!
24
Reinigen
W Voor het reinigen in principe het apparaat
buiten bedrijf plaatsen. De netstekker uit het
stopcontact trekken, of de zekeringen uitne-
men resp. uitschakelen.
W De buitenwanden, de binnenruimte en onderdelen van de
uitrusting met lauw water en wat spoelmiddel met de hand
reinigen. Geen stoomreinigers gebruiken - gevaar op letsels
en schade!
Gebruik geen schurende of krassende sponsen, geen gecon
-
centreerde reinigingsmiddelen en in geen geval zand-, chlori-
de- of zuurhoudende poets- of chemische oplosmiddelen.
- Aanbevolen zijn zachte poetsdoeken en een allesreiniger
met een neutrale pH-waarde. Binnen in het apparaat alleen
reinigings- en onderhoudsmiddelen gebruiken, die zonder
bezwaar kunnen worden gebruikt in combinatie met levens-
middelen.
- Let er op dat er geen reinigingswater terecht komt in de
verluchtingsgleuven, de elektrische onderdelen en in de
afloopgeul*. Het apparaat droog wrijven.
- Het typeplaatje aan de binnenzijde van het apparaat niet
beschadigen of verwijderen - het is belangrijk voor de
klantendienst.
W Reinig de afloopopening aan de rugzijde boven de gro-
enteladen vaker, afb. A, pijl.
Eventueel met een dun hulpmid
-
del, bijv. een wattenstaafje of
iets dergelijks reinigen.
W Het koelaggregaat met de
warmtewisselaar - het metalen
rooster aan de achterzijde van
het apparaat - moet eenmaal per
jaar worden gereinigd en ont-
stoft. Stofophopingen verhogen
het energieverbruik.
W Let er op, dat er geen kabels of
andere onderdelen worden afgescheurd, geknikt of be-
schadigd.
W Het apparaat daarna terug aansluiten/inschakelen.
Indien het apparaat langere tijd buiten bedrijf geplaatst werd,
dan het apparaat leeg maken, de netstekker uit het stopcontact
trekken, zoals beschreven reinigen en de deur van het apparaat
laten open staan, om de vorming van geuren te vermijden.
In het vriesvak*
ontstat na enige tijd een
dikkere rijm- resp. ijslaag. Het
energieverbruik neemt toe. U
moet dus regelmatig ontdooien.
Gebruik voor het
ontdooien geen elektrische
verwarmings- of
stoomreinigingsappara
ten, ontdooisprays, open vuur of metalen voorwerpen
voor het verwijderen van ijs. Gevaar op letsels en
beschadigingen!
Voor het versnellen van het ontdooiingsproces een emmer
kokend water in het koelvak plaatsen.
Voor het ontdooien gaat u tewerk als volgt:
W Apparaat uitschakelen: netstekker uit het stopcontact trekken of
- de temperatuurregeling in de stand “0” plaatsen.
W Bevroren voeding uitnemen, in krantenpapier of een
deken draaien en op een koele plaats bewaren.
W Vak- en apparaatdeur tijdens het ontdooien open laten.
W Dooiwater met een spons of doek opnemen. Aansluitend
het apparaat reinigen.
5 Ontdooien, reinigen
Ontdooien
Apparaten zonder vriesvak ontdooien automatisch. De op
de rugzijde van de koelruimte ontstane water wordt via
de afloop naar een verdampingschaal geleid buiten de
koelruimte. Het dauwwater verdampt door de warmte van de
compressor-waterdruppels aan de rugzijde ontstaan door de
werking, en zijn volledig normaal.
W Let er op, dat het dauwwater steeds ongehinderd door de
afloopopening boven de groenteladen naar de rugzijde
(pijl in afb. A) kan lopen.
25
NL
Technische dienst en typeplaatje
Kunt u geen van de hierboven beschreven oorzaken
vaststellen en de storing niet zelf verhelpen, neem dan a.u.b.
contact op met de dichtstbijzijnde technische dienst (zie
bijgevoegd overzicht) en geef de volgende gegevens op het
typeplaatje door: de typeaanduiding 1, het service- 2,
het apparaatnummer 3. Hierdoor wordt een snelle en ef-
ficiënte service mogelijk. Het typeplaatje vindt u op de linker
binnenkant van het apparaat.
6 Storingen - problemen?
Uw apparaat is zo geconstrueerd en gefabriceerd, dat de
storingsvrijheid en een lange levensduur gewaarborgd zijn.
Indien er toch tijdens het gebruik een storing zou optreden,
gaat u dan na, of de storing ev. tot een bedieningsfout is
terug te brengen. In dit geval moeten wij u ook tijdens de
garantietijd de hierdoor opgetreden onkosten in factuur
brengen.
De volgende storingen kunt u door controle van de mogelijke
oorzaken zelf verhelpen:
Storing mogelijke oorzaak en remedie
Apparaat werkt niet, het display blijft donker
- Is het apparaat correct ingeschakeld?
- Zit de stekker goed in het stopcontact?
- Is de zekering in de meterkast in orde?
Binnenverlichting brandt niet
- Is het koelgedeelte ingeschakeld?
- Is het gloeilampje defect? Vervang het lampje als onder
“Binnenverlichting” beschreven.
Binnenverlichting brandt als de Cool-Plus is ingeschakeld:
- Dit is noodzakelijk voor de Cool-Plus-functie en is in orde.
Te harde geluiden
- Staat het apparaat op een stevige ondergrond? Wor
-
den meubels/voorwerpen naast het apparaat door het
draaiende aggregaat aan het trillen gebracht? Schuif het
apparaat eventueel iets weg, stel het met de stelpoten
waterpas, zet de flessen en verpakkingen van elkaar af.
- Normaal zijn:
stromingsgeluiden (borrelen of ruisen)
veroorzaakt door het koelmiddel dat in het koelmiddelcir-
cuit stroomt.
Een kort
klikken. Dit ontstaat altijd als de compressor (de
motor) automatisch in- of uitgeschakeld wordt.
Brommen van de motor. De motor bromt even iets
harder als het aggregaat wordt ingeschakeld.
De temperatuur is niet voldoende koud
- Is de temperatuurregelaar correct ingesteld? (ev. kouder
instellen)
- Sluit de deur van het apparaat correct?
- Volstaat de be- en verluchting?
Ev. verluchtungsrooster vrijmaken.
- Is de omgevingstemperatuur te hoog? (zie deel “Bestemmingen”)
- Werd het apparaat te vaak of te lang geopend?
- Ev. afwachten, of de vereiste temperatuur zich niet van
-
zelf herstelt.
7 Opstel-/Ombouwaanwijzing
Klapt u voor het lezen de flap
achteraan met de afbeldingen naar
buiten.
De fabrikant werkt voortdurend aan de verdere ontwikkeling
van alle types en modellen. Heeft u er begrip voor, dat we ve-
randeringen in de vorm, de uitrusting, en de techniek moeten
voorbehouden.
Deuraanslag verwisselen
Afb. T: Desgewenst kan de draairichting worden veranderd.
Ga hiervoor volgens afb. T/T1 en in de volgorde van de posi-
tienummers te werk.
Opstelmaten
De afmetingen van het apparaat staan in de nevenstaande
afbeelding S en de volgende tabel.
Model,
Nom. Afmetingen (mm)
breedte
a c c` d e e` g h
K 2330 550 559 591 1129 628 660 614 1175
K 2734 550 559 591 1129 628 660 614 1420
Inbouw in het keukenblok
Afb. U: De apparaten kunnen door de keukeninrichting
omgeven worden. Om het apparaat aan de hoogte van het
keukenblok aan te passen kunt u er een opbouwkast 1 op
plaatsen.
Houd achter de gehele breedte van de opbouwkast een ven-
tilatieruimte van ten minste 50 mm diepte vrij voor de toevoer
en afvoer van lucht. De ventilatieruimte moet een minimale
oppervlakte van 300 cm
2
hebben. Hoe groter de oppervlak-
te van de ventilatieruimte, des te energiezuiniger werkt het
apparaat.
W Plaatst u het apparaat met de scharnierkant naast een
muur 4 neem dan een afstandlijst (breedte min. 50 mm)
tussen apparaat en muur op.
1 opbouwkast 2 koel-/vrieskast
3 keukenmeubel 4 muur
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8

Liebherr K 2330 de handleiding

Type
de handleiding