Pioneer DEH-600BT Handleiding

Type
Handleiding
Bedieningshandleiding
CD RDS-ONTVANGER
DEH-600BT
Nederlands
Declaration of Conformity with regard to the R&TTE Directive 1999/5/EC
Manufacturer:
Pioneer Corporation
4-1, Meguro 1-chome, Meguro-ku
Tokyo 153-8654, Japan
EU Representative’s:
Pioneer Europe NV
Haven 1087, Keetberglaan 1,
9120 Melsele, Belgium
http://www.pioneer.eu
English:
Hereby, Pioneer, declares that this DEH-600BT is in
compliance with the essential requirements and other
relevant provisions of Directive 1999/5/EC.
Suomi:
Pioneer vakuuttaa täten että DEH-600BT tyyppinen
laite on direktiivin 1999/5/EY oleellisten vaatimusten ja
sitä koskevien direktiivin muiden ehtojen mukainen.
Nederlands:
Hierbij verklaart Pioneer dat het toestel DEH-600BT
in overeenstemming is met de essentiële eisen en de
andere relevante bepalingen van richtlijn 1999/5/EG
Français:
Par la présente Pioneer déclare que l’appareil DEH-
600BT est conforme aux exigences essentielles et aux
autres dispositions pertinentes de la directive 1999/5/
CE
Svenska:
Härmed intygar Pioneer att denna DEH-600BT står I
överensstämmelse med de väsentliga egenskapskrav
och övriga relevanta bestämmelser som framgår av
direktiv 1999/5/EG.
Dansk:
Undertegnede Pioneer erklærer herved, at følgende
udstyr
DEH-600BT
overholder de væsentlige krav og
øvrige relevante krav i direktiv 1999/5/EF
Deutsch:
Hiermit erklärt Pioneer, dass sich dieses DEH-600BT
in Übereinstimmung mit den grundlegenden Anforde-
rungen und den anderen relevanten Vorschriften der
Richtlinie 1999/5/EG befi ndet". (BMWi)
Ελληνικά:
ΜΕ ΤΗΝ ΠΑΡΟΥΣΑ Pioneer ΔΗΛΩΝΕΙ ΟΤΙ DEH-
600BT ΣΥΜΜΟΡΦΩΝΕΤΑΙ ΠΡΟΣ ΤΙΣ ΟΥΣΙΩΔΕΙΣ
ΑΠΑΙΤΗΣΕΙΣ ΚΑΙ ΤΙΣ ΛΟΙΠΕΣ ΣΧΕΤΙΚΕΣ ΔΙΑΤΑΞΕΙΣ
ΤΗΣ ΟΔΗΓΙΑΣ 1999/5/ΕΚ
Italiano:
Con la presente Pioneer dichiara che questo DEH-
600BT è conforme ai requisiti essenziali ed alle altre
disposizioni pertinenti stabilite dalla direttiva 1999/5/
CE.
Español:
Por medio de la presente Pioneer declara que el DEH-
600BT cumple con los requisitos esenciales y cuales-
quiera otras disposiciones aplicables o exigibles de la
Directiva 1999/5/CE
Português:
Pioneer declara que este DEH-600BT está conforme
com os requisitos essenciais e outras disposições da
Directiva 1999/5/CE.
Čeština:
Pioneer tímto prohlašuje, že tento DEH-600BT je ve
shodě se základními požadavky a dalšími příslušnými
ustanoveními směrnice 1999/5/ES
Eesti:
Käesolevaga kinnitab Pioneer seadme DEH-600BT
vastavust direktiivi 1999/5/EÜ põhinõuetele ja
nimetatud direktiivist tulenevatele teistele asjakohastele
sätetele.
Magyar:
Alulírott, Pioneer nyilatkozom, hogy a DEH-600BT
megfelel a vonatkozó alapvetõ követelményeknek és
az 1999/5/EC irányelv egyéb elõírásainak.
Latviešu valoda:
Ar šo Pioneer deklarē, ka DEH-600BT atbilst Direktīvas
1999/5/EK būtiskajām prasībām un citiem ar to
saistītajiem noteikumiem.
Lietuvių kalba:
Šiuo Pioneer deklaruoja, kad šis DEH-600BT atitinka
esminius reikalavimus ir kitas 1999/5/EB Direktyvos
nuostatas.
Malti:
Hawnhekk, Pioneer jiddikjara li dan DEH-600BT
jikkonforma mal-ħtiġijiet essenzjali u ma provvedimenti
oħrajn relevanti li hemm fi d-Dirrettiva 1999/5/EC
Slovenčina:
Pioneer týmto vyhlasuje, že DEH-600BT spĺňa základ-
né požiadavky a všetky príslušné ustanovenia Smerni-
ce 1999/5/ES.
Slovenščina:
Pioneer izjavlja, da je ta DEH-600BT v skladu z
bistvenimi zahtevami in ostalimi relevantnimi določili
direktive 1999/5/ES.
Română:
Prin prezenta, Pioneer declara ca acest DEH-600BT
este in conformitate cu cerintele esentiale si alte
prevederi ale Directivei 1999/5/EU.
български:
С настоящето, Pioneer декларира, че този DEH-
600BT отговаря на основните изисквания и други
съответни постановления на Директива 1999/5/EC.
Polski:
Niniejszym Pioneer oświadcza, że DEH-600BT jest
zgodny z zasadniczymi wymogami oraz pozostałymi
stosownymi postanowieniami Dyrektywy 1999/5/EC
Norsk:
Pioneer erklærer herved at utstyret DEH-600BT er i
samsvar med de grunnleggende krav og øvrige rele-
vante krav i direktiv 1999/5/EF.
Íslenska:
Hér með lýsir Pioneer yfi r því að DEH-600BT er í
samræmi við grunnkröfur og aðrar kröfur, sem gerðar
eru í tilskipun 1999/5/EC
Nl
2
Hartelijk dank voor het aanschaffen van dit Pioneer-
product.
Lees de instructies in deze handleiding goed door zodat u het toestel op de juiste
manier leert te bedienen. Bewaar deze handleiding na het lezen op een veilige plaats
zodat u hem altijd bij de hand hebt voor later.
Vóór u begint
Informatie over dit toestel 5
Gebruiksomgeving 6
Bezoek onze website 6
Bij problemen 6
De microprocessor resetten 6
Het toestel tegen diefstal beveiligen 7
Het voorpaneel verwijderen 7
Het voorpaneel bevestigen 7
Bediening van het toestel
Wat is wat 8
Hoofdtoestel 8
Display-indicaties 9
Basisbediening 10
Stroom aan/uit 10
Signaalbronnen selecteren 10
Het volume afstellen 11
Tuner 11
Basisbediening 11
Frequenties van zenders opslaan en
oproepen 11
PTY-nooduitzendingen 12
Weergave van het RDS-display
wijzigen 12
Geavanceerde bediening 12
Frequenties van de sterkste zenders
opslaan 12
Op sterke signalen afstemmen 13
Alternatieve frequenties kiezen 13
Verkeersberichten ontvangen 14
PTY-functies 14
Ingebouwde cd-speler 16
Basisbediening 16
De tekstinformatie van de disc
weergeven 17
Fragmenten uit de lijst met
fragmenttitels selecteren 17
Bestanden uit de lijst met
bestandsnamen selecteren 18
Geavanceerde bediening 18
Een herhaalbereik selecteren 19
Fragmenten in willekeurige volgorde
afspelen 19
Mappen en fragmenten scannen 19
Het afspelen onderbreken 19
Compressie en BMX gebruiken 19
Functies voor disctitels 20
Bluetooth-audio 21
Verbinding maken met een Bluetooth-
audiospeler 21
De verbinding met een Bluetooth-
audiospeler verbreken 22
Basisbediening 22
Geavanceerde bediening 22
Muziek afspelen op een Bluetooth-
audiospeler 23
Het afspelen stoppen 23
Automatisch verbinding maken met
een Bluetooth-audiospeler 23
Het BD-adres (Bluetooth-
apparaatadres) weergeven 23
Bluetooth-telefoon 24
Het toestel instellen voor handsfree
telefoneren 24
Verbinding maken en registreren 25
Verbinding maken/verbreken met een
mobiele telefoon 26
Een telefoongesprek voeren 29
Een telefoongesprek aannemen 29
De telefoonlijst 30
De gespreksgeschiedenis 30
Het telefoonboek 31
Voorkeuzenummers 33
Geavanceerde bediening 34
Het telefoonboek van de mobiele
telefoon downloaden 35
Nl
3
Inhoud
Items naar het telefoonboek
overzetten 36
Automatisch verbinden instellen 36
Automatisch beantwoorden
instellen 37
Echo- en ruisonderdrukking 37
Het belsignaal in- of uitschakelen 37
Iemand opbellen door het
telefoonnummer in te voeren 37
Het geheugen wissen 37
De prefix voor internationale nummers
toevoegen 38
De sorteerwijze van het telefoonboek
wijzigen 38
Het taalkeuzemenu 38
Audio-instellingen
Audio-instellingen 39
De balansinstelling 39
De equalizer 39
Equalizercurven oproepen 40
De equalizercurven aanpassen 40
Nauwkeurige afstelling van de
equalizercurve 40
De loudness aanpassen 41
De subwoofer-uitgang 41
De subwoofer-instellingen
aanpassen 41
Het high pass filter 42
De lage tonen versterken 42
Het bronniveau aanpassen 42
Begininstellingen
De begininstellingen aanpassen 43
De datum instellen 43
De klok instellen 43
In- en uitschakelen van het uit-
klokdisplay 44
De FM-afstemstap instellen 44
De automatische PI-zoekfunctie in- of
uitschakelen 44
De waarschuwingstoon in- of
uitschakelen 44
De externe ingang in- of uitschakelen 45
De achteruitgang en de subwoofer
instellen 45
Ever Scroll inschakelen 46
Taalinstelling voor het display 46
De signaalbron BT AUDIO activeren 46
De microfoon instellen 46
De pincode invoeren voor Bluetooth
draadloze verbinding 47
De apparaatnaam wijzigen 47
De systeemversie opvragen in geval van
reparatie 48
De Bluetooth-module resetten 48
De software voor Bluetooth bijwerken 48
Overige functies
De AUX-signaalbron 49
AUX als signaalbron selecteren 49
De AUX-titel instellen 49
Aanvullende informatie
Problemen verhelpen 50
Foutmeldingen 50
Richtlijnen voor het gebruik van discs en de
speler 51
Dual discs 51
Compatibiliteit met gecomprimeerde
audio 51
Gecomprimeerde audiobestanden op
disc 52
Voorbeeld van een boomstructuur 52
Bluetooth-profielen 52
Lijst met Russische tekens 53
Technische gegevens 54
Inhoud
Nl
4
Deponeer dit product niet bij het gewone huis-
houdelijk afval wanneer u het wilt verwijderen.
Er bestaat een speciaal wettelijk voorgeschre-
ven verzamelsysteem voor de juiste behande-
ling, het opnieuw bruikbaar maken en de
recycling van gebruikte elektronische produc-
ten.
In de lidstaten van de EU en in Zwitserland en
Noorwegen kunnen particulieren afgedankte
elektronische producten gratis bij de daarvoor
bestemde verzamelplaatsen inleveren. Als u
een soortgelijk nieuw product koopt, kunt u
het afgedankte product ook bij uw verkoop-
punt inleveren.
Als u in een ander land woont, neem dan con-
tact op met de plaatselijke overheid voor infor-
matie over het weggooien van afgedankte
producten.
Op die manier zorgt u ervoor dat uw afge-
dankte product op de juiste wijze wordt ver-
werkt, hergebruikt en gerecycled, zonder
schadelijke gevolgen voor het milieu en de
volksgezondheid.
Informatie over dit toestel
De frequenties waarop de tuner van dit toestel
kan worden afgestemd, zijn in gebruik in
West-Europa, Azië, het Midden-Oosten, Afrika
en Oceanië. Gebruik van het toestel in andere
gebieden kan een slechte ontvangst tot gevolg
hebben. De RDS-functie (radiodatasysteem)
werkt alleen in gebieden waar de FM-zenders
RDS-signalen uitzenden.
LET OP
! Zorg ervoor dat dit toestel niet met vloeistof in
aanraking komt. Een elektrische schok kan
daarvan het gevolg zijn. Bovendien kan con-
tact met vloeistoffen rookvorming, oververhit-
ting en andere schade aan het toestel
veroorzaken.
! KLASSE 1 LASERPRODUCT
Dit product bevat een laserdiode van een ho-
gere klasse dan 1. Uit veiligheidsover wegin-
gen mag u de behuizing niet verwijderen en
niet proberen toegang te krijgen tot de binnen-
zijde van het toestel. Laat alle onderhouds-
werkzaamheden over aan gekwalificeerd
personeel.
! De Pioneer CarStereo-Pass wordt alleen in
Duitsland gebruikt.
! Houd deze handleiding bij de hand zodat u de
bedieningsprocedures en de te nemen voor-
zorgsmaatregelen kunt opzoeken.
! Houd het volume altijd laag genoeg om gelui-
den van buiten het voertuig te kunnen blijven
horen.
! Bescherm dit toestel tegen vocht.
! Als de accu losgekoppeld wordt of leeg raakt,
wordt het voorkeuzegeheugen gewist en zult u
het toestel opnieuw moeten programmeren.
Informatie over WMA
Het logo Windows Media dat op de doos is
afgedrukt, geeft aan dat dit toestel WMA-gege-
vens kan afspelen.
Windows Media en het Windows-logo zijn
handelsmerken of gedeponeerde handelsmer-
ken van Microsoft Corporation in de Verenigde
Staten en/of andere landen.
! Een juiste werking van dit toestel is afhan-
kelijk van de toepassing waarmee de WMA-
bestanden zijn gecodeerd.
Vóór u begint
Nl
5
Hoofdstuk
01
Vóór u begint
Informatie over MP3
Dit product is uitsluitend bedoeld voor niet-
commercieel privégebruik. Het mag niet in
een commerciële omgeving worden gebruikt
voor realtime-uitzendingen (over land, via sa-
telliet, kabel en/of andere media), voor uitzen-
dingen/streaming via internet, intranet en/of
andere netwerken, of in andere elektronische
distributiesystemen zoals betaalradio of audio-
op-aanvraagtoepassingen. Hiervoor is een
aparte licentie nodig. Kijk voor meer informa-
tie op
http://www.mp3licensing.com.
Informatie over Bluetooth
Bluetooth is een technologie voor draadloze
verbindingen over korte afstanden, ter vervan-
ging van kabelverbindingen tussen mobiele te-
lefoons, handheld-computers en andere
apparaten. Bluetooth werkt in het frequentie-
bereik van 2,4 GHz en geeft spraak en gege-
vens door met snelheden tot 1 megabit per
seconde. Bluetooth werd in 1998 gelanceerd
door een special interest group (SIG) die be-
stond uit Ericsson Inc., Intel Corp., Nokia
Corp., Toshiba en IBM, en wordt momenteel
door ongeveer 2 000 bedrijven wereldwijd ver-
der ontwikkeld.
! Het merk Bluetooth en de logos daarvan
zijn eigendom van Bluetooth SIG Inc.
Pioneer Corporation gebruikt deze onder li-
centie. Andere handelsmerken en handels-
namen zijn eigendom van de respectieve
eigenaren.
Gebruiksomgeving
Dit toestel moet binnen de onderstaande tem-
peratuurbereiken worden gebruikt.
Bereik gebruikstemperatuur: -10 °C tot +60 °C
(14 °F tot 140 °F)
EN300328 ETC-testtemperatuur: -20 °C en +55
°C (-4 °F en 131 °F)
Bezoek onze website
Hier vindt u onze site:
http://www.pioneer.nl
! Registreer uw product. Wij bewaren de ge-
gevens van het product dat u hebt aange-
schaft zodat u deze eenvoudig kunt
opvragen als u die nodig mocht hebben
voor de verzekering, bijvoorbeeld na verlies
of diefstal.
! Op onze website vindt u de laatste informa-
tie over Pioneer Corporation.
Bij problemen
Als dit product niet naar behoren functioneert,
kunt u uw leverancier of het dichtstbijzijnde er-
kende servicestation van Pioneer raad-
plegen.
De microprocessor resetten
De microprocessor moet in de volgende geval-
len worden gereset:
! Als u dit toestel voor de eerste keer gebruikt
nadat u het hebt geïnstalleerd
! Als het toestel niet naar behoren werkt
! Als er vreemde of onjuiste berichten op het
scherm verschijnen
Vóór u begint
Nl
6
Hoofdstuk
01
% Druk met een pen of een ander puntig
voorwerp op RESET.
RESET-toets
Het toestel tegen diefstal
beveiligen
Het voorpaneel kan worden verwijderd om
diefstal te ontmoedigen.
! Als het voorpaneel niet binnen vijf secon-
den na het uitschakelen van het contact
van het hoofdtoestel wordt verwijderd,
klinkt er een waarschuwingstoon.
! U kunt deze waarschuwingstoon uitschake-
len. Zie De waarschuwingstoon in- of uit-
schakelen op bladzijde 44.
Belangrijk
! Wees voorzichtig bij het verwijderen en terug-
plaatsen van het voorpaneel.
! Stel het voorpaneel niet aan grote schokken
bloot.
! Stel het voorpaneel niet bloot aan direct zon-
licht en hoge temperaturen.
Het voorpaneel verwijderen
1 Druk op OPEN om het voorpaneel te
openen.
2 Pak de linkerkant van het voorpaneel
vast en trek het voorzichtig naar buiten.
Pak het voorpaneel niet te stevig vast, laat het
niet vallen en bescherm het tegen water en an-
dere vloeistoffen om permanente schade te
voorkomen.
3 Doe het voorpaneel in het meegele-
verde beschermende foedraal om het veilig
te bewaren.
Het voorpaneel bevestigen
% Plaats het voorpaneel terug door het
rechtop tegen het apparaat te houden en
het voorzichtig in de bevestigingshaken te
klemmen.
Vóór u begint
Nl
7
Hoofdstuk
01
Vóór u begint
Wat is wat
Hoofdtoestel
1 SRC/OFF-toets
Het toestel wordt ingeschakeld zodra u een
signaalbron selecteert. Druk op deze toets
om alle signaalbronnen af te gaan.
2 DISP/SCROLL-toets
Druk op deze toets om een ander display te
selecteren.
3 OPEN-toets
Druk op deze toets om het voorpaneel te
openen.
4 LIST-toets
Druk op deze toets om de fragmenttitellijst,
mappenlijst, bestandenlijst, lijst met voor-
keuzezenders of lijst met telefoonnummers
weer te geven, naargelang de gekozen sig-
naalbron.
5 COMP/BMX-toets
Druk op deze toets om de functies COMP
(compressie) en BMX in of uit te schakelen.
6 RDM-toets
Druk op deze toets om de weergave in wille-
keurige volgorde in of uit te schakelen.
7 TA/NEWS-toets
Druk op deze toets om de TA-functie in of uit
te schakelen. Houd deze toets ingedrukt om
de News-functie in of uit te schakelen.
8
-indicator
Licht op wanneer een Bluetooth-audiospeler
is aangesloten via Bluetooth draadloze tech-
nologie.
! Tijdens de verbindingsopbouw knippert
deze indicator.
9
-indicator
Licht op wanneer een mobiele telefoon is
aangesloten via Bluetooth draadloze tech-
nologie.
! Tijdens de verbindingsopbouw knippert
deze indicator.
Deze indicator blijft knipperen zolang de
verbinding niet gemaakt is.
a MUTE/HOLD-toets
Druk op deze toets om het geluid uit te
schakelen. Druk er nogmaals op om het ge-
luid weer in te schakelen.
Druk op deze toets om een gesprek in de
wachtstand te plaatsen wanneer u aan het
telefoneren bent.
1
2 3
45
67a
c
b
8
9
d
1
d e
f
g
h i j k
2
3
4 5
6
7 8 9 ab c
Bediening van het toestel
Nl
8
Hoofdstuk
02
b MULTI-CONTROL
Gebruik deze knop voor handmatig afstem-
men, vooruit- en achteruitspoelen, en om
naar fragmenten te zoeken. U gebruikt deze
knop ook om functies te bedienen.
Draai aan deze knop om het volume te ver-
hogen of te verlagen.
c BAND/ESC-toets
Druk op deze toets om een van de drie FM-
frequentiebanden of de MW/LW-frequentie-
band te selecteren.
Druk op deze toets om van een menu naar
het gewone display terug te keren.
d PHONE/
/CONNECT-toets
Druk op deze toets om de telefoon als sig-
naalbron te kiezen. Druk op deze toets om
een gesprek te beëindigen, een inkomend
gesprek te weigeren of een nieuw gesprek te
annuleren als u de telefoon gebruikt.
Houd deze toets ingedrukt om een Blue-
tooth-verbinding tot stand te brengen.
Display-indicaties
1 Hoofdgedeelte van het display
Hier worden de frequentieband, de frequen-
tie, de verstreken weergavetijd en andere in-
stellingen weergegeven.
! Tuner
De frequentieband en de frequentie wor-
den weergegeven.
! RDS
De programmaservicenaam, PTY-infor-
matie en andere tekstinformatie worden
weergegeven.
! Ingebouwde cd-speler
De verstreken weergavetijd en andere
tekstinformatie worden weergegeven.
2 LOC-indicator
Licht op als automatisch afstemmen op lo-
kale zenders is ingeschakeld.
3 5-indicator (stereo)
Licht op als op de gekozen frequentie in ste-
reo wordt uitgezonden.
4 NEWS-indicator
Licht op als de functie News (onderbreking
door nieuwsberichten) is ingeschakeld.
5 TA-indicator
Licht op als de functie TA (stand-by voor ver-
keersberichten) is ingeschakeld.
6 TP-indicator
Licht op als er is afgestemd op een zender
die verkeersinformatie uitzendt (TP-zender).
7 AF-indicator
Licht op wanneer de functie AF (zoeken
naar alternatieve frequenties) ingeschakeld
is.
8 F-RPT-indicator
Licht op als de functie Map herhalen is inge-
schakeld.
Als de herhaalfunctie is ingeschakeld,
wordt alleen RPT weergegeven.
9 F-RDM-indicator
Licht op als de functie Map in willekeurige
volgorde afspelen is ingeschakeld.
Als de willekeurige weergave is ingescha-
keld, wordt alleen RDM weergegeven.
a
-indicator (ontvangen gesprekken)
Licht op wanneer de lijst met ontvangen ge-
sprekken wordt weergegeven als de telefoon
als signaalbron is geselecteerd.
b
-indicator (gekozen gesprekken)
Licht op wanneer de lijst met gekozen ge-
sprekken wordt weergegeven als de telefoon
als signaalbron is geselecteerd.
c
-indicator (automatisch beant-
woorden)
Deze geeft aan of de functie Automatisch
beantwoorden is geactiveerd (zie Automa-
tisch beantwoorden instellen op bladzijde 37
voor meer informatie).
d
-indicator (map)
Licht op wanneer de lijstfunctie bediend
wordt.
Bediening van het toestel
Nl
9
Hoofdstuk
02
Bediening van het toestel
Wanneer er mappen of bestanden op een
hoger niveau bestaan, wordt c weergege-
ven.
Wanneer er mappen of bestanden op een
lager niveau bestaan, wordt d weergege-
ven.
e
-indicator (artiest)
Licht op wanneer de naam van de artiest
van de disc (het fragment) op het hoofdge-
deelte van het display wordt weergegeven.
f
-indicator (disc)
Licht op wanneer de naam van de disc (het
album) op het hoofdgedeelte van het display
wordt weergegeven.
g
-indicator (song)
Licht op wanneer de naam van het fragment
(de song) op het hoofdgedeelte van het dis-
play wordt weergegeven.
h
-indicator (subwoofer)
Licht op als de subwoofer is ingeschakeld.
i
-indicator (loudness)
Licht op als de loudness is ingeschakeld.
j
-indicator (telefoonboek)
Licht op wanneer het telefoonboek wordt
weergegeven als de telefoon als signaalbron
is geselecteerd.
k
-indicator (gemiste gesprek-
ken)
Licht op wanneer er gemiste gesprekken
zijn.
Licht op wanneer de lijst met gemiste ge-
sprekken wordt weergegeven als de telefoon
als signaalbron is geselecteerd.
Basisbediening
Stroom aan/uit
Het toestel inschakelen
% Druk op SRC om het toestel in te scha-
kelen.
Het toestel uitschakelen
% Houd OFF ingedrukt tot het toestel uit
gaat.
Signaalbronnen selecteren
U kunt de signaalbron selecteren waarnaar u
wilt luisteren. Om naar de ingebouwde cd-spe-
ler over te schakelen, hoeft u alleen een disc
in het toestel te plaatsen (raadpleeg bladzijde
16).
% Druk meerdere keren op SRC om te
schakelen tussen de volgende signaalbron-
nen.
TunerIngebouwde cd-spelerAUX
Bluetooth-audioBluetooth-telefoon
Opmerkingen
! In de volgende gevallen wordt er niet naar een
andere geluidsbron overgeschakeld.
Als AUX (externe ingang) is uitgeschakeld
(zie bladzijde 45).
Als de signaalbron Bluetooth-audio is uit-
geschakeld (raadpleeg De signaalbron
BT AUDIO activeren op bladzijde 46).
! AUX is standaard ingeschakeld. Schakel AUX
uit als deze niet wordt gebruikt (raadpleeg De
externe ingang in- of uitschakelen op bladzijde
45).
! Er kan ruis optreden als u de draagbare audio-
speler oplaadt met de gelijkstroombron van
het voertuig terwijl het op de AUX-ingang is
aangesloten. Stop in dat geval het opladen.
Bediening van het toestel
Nl
10
Hoofdstuk
02
! Als de blauw-witte draad van dit toestel is aan-
gesloten op de bedieningsaansluiting van de
automatische antenne van het voertuig,
schuift de antenne uit wanneer er een signaal-
bron van dit toestel wordt ingeschakeld. Als
de signaalbron wordt uitgeschakeld, wordt de
antenne weer ingeschoven.
Het volume afstellen
% Draai aan MULTI-CONTROL om de ge-
luidssterkte te regelen.
Tuner
Basisbediening
% Een frequentieband selecteren
Druk op BAND/ESC.
# U kunt kiezen uit de frequentiebanden FM1,
FM2, FM3 en MW/LW.
% Handmatig afstemmen (stap voor stap)
Duw MULTI-CONTROL naar links of naar
rechts.
% Automatisch afstemmen
Houd MULTI-CONTROL even naar links of
naar rechts ingedrukt en laat deze weer los.
# U kunt het automatisch afstemmen annuleren
door MULTI-CONTROL naar links of naar rechts
te duwen.
# Als u MULTI-CONTROL naar links of naar
rechts duwt en vasthoudt, kunt u zenders over-
slaan. Het automatisch afstemmen begint zodra
u MULTI-CONTROL loslaat.
Opmerkingen
! U kunt de AF-functie van dit toestel (zoeken
naar alternatieve frequenties) in- en uitschake-
len. Bij normaal afstemmen moet de AF-func-
tie uit staan (raadpleeg bladzijde 13).
! Sommige zenders leveren geen RDS-diensten.
! RDS-functies zoals AF en TA werken alleen
wanneer is afgestemd op een RDS-zender.
Frequenties van zenders
opslaan en oproepen
U kunt eenvoudig zes zenderfrequenties op-
slaan zodat u deze later weer snel kunt oproe-
pen.
! Voor iedere frequentieband kunnen er zes
zenders in het geheugen worden opgesla-
gen.
1 Druk op LIST.
Het scherm met voorkeuzezenders wordt weer-
gegeven.
Bediening van het toestel
Nl
11
Hoofdstuk
02
Bediening van het toestel
2 Gebruik MULTI-CONTROL om de gese-
lecteerde frequentie in het geheugen op te
slaan.
Draai aan de knop om een ander voorkeuze-
nummer te selecteren. Houd de knop inge-
drukt om de frequentie op te slaan.
3 Gebruik MULTI-CONTROL om de ge-
wenste zender te selecteren.
Draai aan de knop om een andere zender te
kiezen. Druk op de knop om deze te selecte-
ren.
# U kunt ook een andere zender zoeken door
MULTI-CONTROL omhoog of omlaag te duwen.
# Druk op BAND/ESC of LIST om terug te keren
naar het normale display.
# Als de lijst niet binnen ongeveer 30 seconden
wordt gebruikt, keert het display automatisch
terug naar het normale display.
PTY-nooduitzendingen
Als de PTY-code voor noodgevallen wordt uit-
gezonden, wordt deze automatisch door dit
toestel ontvangen (ALARM verschijnt). Als de
uitzending is beëindigd, schakelt het toestel
terug naar de oorspronkelijke signaalbron.
! U kunt een noodbericht annuleren door op
TA te drukken.
Weergave van het RDS-display
wijzigen
Als u afstemt op een RDS-zender, wordt de
programmaservicenaam weergegeven. Als u
de frequentie van de zender wilt weten, moet u
de weergave van het display wijzigen.
% Druk op DISP.
Druk meerdere keren op DISP om één van de
volgende instellingen te selecteren:
ProgrammaservicenaamPTY-informatie
Frequentie
De PTY-lijst (ID-code en programmatypen)
vindt u op bladzijde 15.
# De PTY-informatie en de frequentie van de hui-
dige zender worden acht seconden op het display
getoond.
Geavanceerde bediening
1 Druk op MULTI-CONTROL om het
hoofdmenu weer te geven.
2 Selecteer FUNCTION met
MULTI-CONTROL.
Draai aan de knop om een andere menuoptie
te selecteren. Druk op de knop om deze te se-
lecteren.
Het functiemenu wordt weergegeven.
3 Draai aan MULTI-CONTROL om de func-
tie te selecteren.
BSM (geheugen voor de beste zenders)
REGIONAL (regionaal)LOCAL (automatisch
afstemmen op lokale zenders)PTY (pro-
grammatypekeuze)TRAFFIC (stand-by voor
verkeersberichten)AF (zoeken naar alterna-
tieve frequenties)NEWS (onderbreking door
nieuwsberichten)
Opmerkingen
! Druk op BAND/ESC om terug te keren naar
het gewone display.
! Als de MW/LW-band is geselecteerd, kunt u al-
leen kiezen uit BSM of LOCAL.
Frequenties van de sterkste
zenders opslaan
Met de functie BSM (Best Stations Memory,
geheugen voor de beste zenders) kunt u auto-
matisch de zes sterkste zenders opslaan.
1 Geef het functiemenu weer.
Raadpleeg Geavanceerde bediening op deze
bladzijde.
2 Gebruik MULTI-CONTROL om BSM te
selecteren in het functiemenu.
Bediening van het toestel
Nl
12
Hoofdstuk
02
3 Druk op MULTI-CONTROL om de functie
BSM in te schakelen.
De zes sterkste zenders worden op basis van
de signaalsterkte in volgorde opgeslagen.
# Om te annuleren drukt u nogmaals op
MULTI-CONTROL.
Op sterke signalen afstemmen
Met de functie Automatisch afstemmen op lo-
kale zenders kunt u het toestel laten afstem-
men op zenders waarvan het signaal sterk
genoeg is voor een goede ontvangst.
1 Geef het functiemenu weer.
Raadpleeg Geavanceerde bediening op de vo-
rige bladzijde.
2 Gebruik MULTI-CONTROL om LOCAL te
selecteren in het functiemenu.
3 Druk op MULTI-CONTROL om automa-
tisch afstemmen op lokale zenders in te
schakelen.
# Druk nogmaals op MULTI-CONTROL om de
functie Automatisch afstemmen op lokale zen-
ders uit te schakelen.
4 Duw MULTI-CONTROL naar links of
naar rechts om de gevoeligheid in te stel-
len.
FM: LEVEL 1LEVEL 2LEVEL 3LEVEL 4
MW/LW: LEVEL 1LEVEL 2
Als u het niveau LEVEL 4 selecteert, wordt al-
leen afgestemd op de sterkste zenders. Bij la-
gere instellingen wordt ook afgestemd op
zwakkere zenders.
Alternatieve frequenties kiezen
Als de tuner geen goede ontvangst kan verkrij-
gen, gaat het toestel automatisch op zoek
naar een andere zender in hetzelfde netwerk.
1 Geef het functiemenu weer.
Raadpleeg Geavanceerde bediening op de vo-
rige bladzijde.
2 Gebruik MULTI-CONTROL om AF te se-
lecteren in het functiemenu.
3 Druk op MULTI-CONTROL om de functie
AF in te schakelen.
# Druk nogmaals op MULTI-CONTROL om deze
functie uit te schakelen.
Opmerkingen
! Als de functie AF is ingeschakeld, wordt bij
automatisch afstemmen of gebruik van de
BSM-functie alleen afgestemd op RDS-zen-
ders.
! Als u een voorkeuzezender oproept, kan de
tuner een nieuwe frequentie uit de AF-lijst van
de zender aan deze voorkeuzezender toewij-
zen. Er verschijnt geen voorkeuzenummer op
het display als de RDS-gegevens van de ont-
vangen zender afwijken van de oorspronkelijk
opgeslagen zender.
! Tijdens zoeken met de AF-functie kan het ge-
luid tijdelijk worden onderbroken.
! De AF-functie kan voor elke FM-frequentie-
band afzonderlijk worden in- of uitgeschakeld.
PI-zoeken
Als de tuner geen geschikte zender kan vinden
of als de ontvangst verslechtert, gaat het toe-
stel automatisch op zoek naar een andere zen-
der van hetzelfde programmatype. Tijdens het
zoeken wordt PI SEEK weergegeven en wordt
het volume gedempt.
Automatische PI-zoekfunctie voor
voorkeuzezenders
Het toestel kan zo worden ingesteld dat bij het
oproepen van een voorkeuzezender de PI-zoek-
functie automatisch wordt uitgevoerd als de
zender niet kan worden ontvangen.
! De automatische PI-zoekfunctie is stan-
daard uitgeschakeld. Zie De automatische
PI-zoekfunctie in- of uitschak elen op blad-
zijde 44.
Bediening van het toestel
Nl
13
Hoofdstuk
02
Bediening van het toestel
Alleen zenders met regionale
programmering zoeken
Als de functie AF is ingeschakeld, beperkt de
regionale functie het zoeken tot regionale pro-
grammas.
1 Geef het functiemenu weer.
Raadpleeg Geavanceerde bediening op blad-
zijde 12.
2 Gebruik MULTI-CONTROL om
REGIONAL te selecteren in het functieme-
nu.
3 Druk op MULTI-CONTROL om de regio-
nale functie in te schakelen.
# Druk nogmaals op MULTI-CONTROL om deze
functie uit te schakelen.
Opmerkingen
! Regionale programmering en regionale net-
werken kunnen per land verschillend georga-
niseerd zijn. (Ze kunnen bijvoorbeeld
verschillen afhankelijk van de tijd, het land of
het ontvangstgebied.)
! Het voorkeuzenummer kan van het display
verdwijnen als de tuner op een regionale zen-
der afstemt die afwijkt van de zender die oor-
spronkelijk was gekozen.
! De regionale functie kan voor elke FM-fre-
quentieband afzonderlijk worden in- of uitge-
schakeld.
Verkeersberichten ontvangen
Met de functie TA (stand-by voor verkeersbe-
richten) kunt u automatisch verkeersberichten
ontvangen, ongeacht de signaalbron waarnaar
u aan het luisteren bent. De functie TA kan
voor zowel een TP-zender (een zender die ver-
keersberichten uitzendt) als een uitgebreide
TP-zender van een ander netwerk (een zender
met informatie die verwijst naar andere TP-
zenders) worden geactiveerd.
1 Stem af op een TP-zender of een uitge-
breide TP-zender van een ander netwerk.
De TP-indicator licht op.
2 Druk op TA om de functie Stand-by
voor verkeersberichten in te schakelen.
# Druk nogmaals op TA om deze functie uit te
schakelen.
3 U kunt het volume van de verkeersbe-
richten regelen met MULTI-CONTROL wan-
neer er een verkeersbericht wordt
uitgezonden.
Het ingestelde volume wordt in het geheugen
opgeslagen en wordt opnieuw gebruikt bij vol-
gende verkeersberichten.
4 Druk op TA terwijl er een verkeersbe-
richt wordt ontvangen als u het bericht
wilt annuleren.
De tuner keert terug naar de oorspronkelijk in-
gestelde signaalbron maar blijft in de stand-
bymodus totdat u nogmaals op TA drukt.
Opmerkingen
! U kunt deze functie ook in- en uitschakelen
via het menu dat verschijnt als u
MULTI-CONTROL gebruikt.
! Wanneer het verkeersbericht is afgelopen,
keert het systeem terug naar de oorspronkelij-
ke signaalbron.
! Als de functie TA is ingeschakeld, wordt er bij
automatisch afstemmen of gebruik van de
BSM-functie alleen afgestemd op TP-zenders
en uitgebreide TP-zenders van een ander net-
werk.
PTY-functies
U kunt PTY-informatie (programmatype-infor-
matie) gebruiken om op een zender af te stem-
men.
Bediening van het toestel
Nl
14
Hoofdstuk
02
Een RDS-zender via PTY-informatie
zoeken
U kunt naar bepaalde soorten uitzendingen
zoeken. Zie de lijst op deze bladzijde.
1 Geef het functiemenu weer.
Raadpleeg Geavanceerde bediening op blad-
zijde 12.
2 Gebruik MULTI-CONTROL om PTY te se-
lecteren in het functiemenu.
3 Duw MULTI-CONTROL naar links of
naar rechts om een programmatype te se-
lecteren.
NEWS/INFOPOPULARCLASSICS
OTHERS
4 Druk op MULTI-CONTROL om het zoe-
ken te starten.
Het toestel begint te zoeken naar een zender
die het geselecteerde programmatype uit-
zendt. Als er een zender is gevonden, wordt de
programmaservicenaam weergegeven.
De PTY-lijst (ID-code en programmatypen)
vindt u op deze bladzijde.
# Druk opnieuw op MULTI-CONTROL om het
zoeken te annuleren.
# Het programma van een zender kan soms af-
wijken van de informatie die door de PTY-code
wordt aangegeven.
# Als er geen zender gevonden wordt die een
programma van het gewenste type uitzendt,
wordt ongeveer twee seconden NOT FOUND op
het display getoond, en keert de tuner terug naar
de oorspronkelijke zender.
Onderbreking door nieuwsberichten
Als er een nieuwsprogramma wordt uitgezon-
den door een nieuwszender met PTY-code,
schakelt het toestel automatisch over naar de
nieuwszender. Als het nieuwsprogramma is af-
gelopen, schakelt het toestel terug naar het
oorspronkelijke programma.
% Houd NEWS ingedrukt om de onderbre-
king door nieuwsberichten in te schakelen.
Druk op NEWS tot NEWS ON op het display
verschijnt.
# Om de functie Onderbreking door nieuwsbe-
richten uit te schakelen, houdt u NEWS ingedrukt
tot OFF op het display verschijnt.
# U kunt een nieuwsbericht annuleren door op
NEWS te drukken.
Opmerking
U kunt nieuwsberichten ook in- of uitschakelen
via het menu dat verschijnt als u
MULTI-CONTROL gebruikt.
PTY-lijst
Algemeen Specifiek Programmatype
NEWS/INFO NEWS Nieuws
AFFAIRS Actualiteiten
INFO Algemene informatie
en adviezen
SPORT Sport
WEATHER Weerberichten/meteo-
rologische informatie
FINANCE Beursberichten, han-
del, zakelijk nieuws
enz.
POPULAR POP MUS Populaire muziek
ROCK MUS Eigentijdse moderne
muziek
EASY MUS Easy listening-muziek
OTH MUS Overige muziek
JAZZ Jazz
COUNTRY Countrymuziek
NAT MUS Nationale muziek
OLDIES Gouwe Ouwe
FOLK MUS Folkmuziek
CLASSICS L. CLASS Lichte klassieke mu-
ziek
CLASSIC Klassieke muziek
Bediening van het toestel
Nl
15
Hoofdstuk
02
Bediening van het toestel
OTHERS EDUCATE Educatieve program-
mas
DRAMA Hoorspelen en series
CULTURE Nationale of regionale
cultuur
SCIENCE Natuur, wetenschap
en techniek
VARIED Licht amusement
CHILDREN Kinderprogrammas
SOCIAL Praatprogrammas
RELIGION Religieuze aangele-
genheden of diensten
PHONE IN Inbelprogrammas
TOURING Reisprogramma s; niet
voor verkeersberichten
LEISURE Hobbys en recreatie
DOCUMENT Documentaires
Ingebouwde cd-speler
Basisbediening
% Het voorpaneel openen
Druk op OPEN.
De laadsleuf voor de disc verschijnt.
Laadsleuf voor de disc
h-toets (uitwerpen)
# Als u een disc plaatst, moet het label van
de disc zich aan de bovenzijde bevinden.
# Om storingen te voorkomen moet u ervoor zor-
gen dat de aansluitingen niet in contact komen
met metalen voorwerpen als het voorpaneel is ge-
opend.
% Een disc uitwerpen
Druk op h (uitwerpen).
% Een map selecteren
Duw MULTI-CONTROL omhoog of omlaag.
# Mappen die geen gecomprimeerde audiobe-
standen bevatten, kunnen niet geselecteerd wor-
den.
% Een fragment selecteren
Duw MULTI-CONTROL naar links of naar
rechts.
% Vooruit of achteruit spoelen
Houd MULTI-CONTROL naar links of naar
rechts ingedrukt.
# Als u gecomprimeerde audio afspeelt, hoort u
geen geluid bij vooruit- of achteruitspoelen.
% Terugkeren naar de hoofdmap
Houd BAND/ESC ingedrukt.
# Als de map 01 (ROOT) geen bestanden bevat,
begint het afspelen bij map 02.
Bediening van het toestel
Nl
16
Hoofdstuk
02
% Schakelen tussen gecomprimeerde
audio en cd-da
Druk op BAND/ESC.
# Deze handeling is alleen beschikbaar bij het
afspelen van cd-extra- of mixed-mode-cds.
# Nadat u hebt geschakeld tussen gecompri-
meerde audio en cd-da, wordt het afspelen ge-
start bij het eerste fragment op de disc.
Opmerkingen
! De ingebouwde cd-speler kan audio-cdsen
gecomprimeerde audio op cd-rom afspelen.
(Raadpleeg bladzijde 52 voor bestanden die
kunnen worden afgespeeld.)
! Lees de voorzorgsmaatregelen voor het ge-
bruik van discs en de speler op bladzijde 51.
! Nadat u een schijf in het toestel hebt ge-
plaatst, drukt u op SRC om de ingebouwde cd-
speler als signaalbron te kiezen.
! Er treedt soms enige vertraging op tussen het
starten van een disc en de geluidsweergave.
Tijdens het inlezen wordt FORMAT READ op
het display weergegeven.
! Als er een foutmelding wordt weergegeven,
raadpleeg dan Foutmeldingen op bladzijde 50.
! Bestanden worden afgespeeld in de volgorde
van de bestandsnummers. Mappen die geen
bestanden bevatten worden overgeslagen.
(Als de map 01 (ROOT) geen bestanden bevat,
begint het afspelen bij map 02.)
De tekstinformatie van de disc
weergeven
% Druk op DISP om de gewenste tekstin-
formatie te selecteren.
Cds met ingevoerde titel
Weergavetijddisctitel
Cd-text-discs
Weergavetijddisctitel naam artiest disc
fragmenttitelnaam artiest fragment
Voor WMA/MP3
Weergavetijdmapnaambestandsnaam
fragmenttitelnaam artiestalbumtitelop-
merkingbitsnelheid
WAV
Afspeeltijdmapnaambestandsnaambe-
monsteringsfrequentie
Opmerkingen
! Door DISP ingedrukt te houden, kunt u de cur-
sor links van de titel plaatsen.
! Audio-cds die informatie bevatten zoals tekst
en/of getallen worden cd-text-discs genoemd.
! Als bepaalde gegevens niet op een disc zijn
vastgelegd, wordt de titel of de naam niet
weergegeven.
! Afhankelijk van de versie van iTunes
®
die is ge-
bruikt om MP3-bestanden op de disc vast te
leggen, kan het voorkomen dat bepaalde ge-
gevens niet goed worden weergegeven.
iTunes is een handelsmerk van Apple Inc.,
gedeponeerd in de VS en andere landen.
! Afhankelijk van de versie van de Windows
Media Player die is gebruikt om WMA-bestan-
den te coderen, kan het voorkomen dat al-
bumtitels en andere tekstinformatie niet goed
worden weergegeven.
! Bij het afspelen van WMA-bestanden die met
variabele bitsnelheid (VBR) zijn opgenomen,
wordt de gemiddelde bitsnelheid weergege-
ven.
! Bij het afspelen van MP3-bestanden die met
variabele bitsnelheid (VBR) zijn opgenomen,
wordt VBR weergegeven in plaats van de bit-
snelheid.
! De bemonsteringsfrequentie die op het dis-
play wordt getoond, kan zijn afgekort.
! Als Ever Scroll bij de begininstellingen op ON
is ingesteld, blijft de tekstinformatie continu
door het display schuiven. Raadpleeg Ever
Scroll inschakelen op bladzijde 46.
Fragmenten uit de lijst met
fragmenttitels selecteren
De lijst met fragmenttitels toont de fragmentti-
tels op een cd-text-disc. U kunt één van deze ti-
tels selecteren om af te spelen.
Bediening van het toestel
Nl
17
Hoofdstuk
02
Bediening van het toestel
1 Druk op LIST om over te schakelen naar
de fragmenttitellijst.
2 Gebruik MULTI-CONTROL om de ge-
wenste fragmenttitel te selecteren.
Draai aan de knop om een ander fragment te
selecteren. Druk op de knop om het afspelen
te starten.
# U kunt ook een andere fragmenttitel kiezen
door MULTI-CONTROL omhoog of omlaag te
duwen.
# U kunt het fragment ook afspelen door
MULTI-CONTROL naar rechts te duwen.
# Druk op BAND/ESC of LIST om terug te keren
naar het normale display.
# Als de lijst niet binnen ongeveer 30 seconden
wordt gebruikt, keert het display automatisch
terug naar het normale display.
Bestanden uit de lijst met
bestandsnamen selecteren
In de lijst met bestandsnamen ziet u de
namen van de bestanden (of mappen) en kunt
u één van deze namen selecteren om af te spe-
len.
1 Druk op LIST om over te schakelen naar
de lijst met bestandsnamen.
De namen van de bestanden en mappen ver-
schijnen op het display.
2 Gebruik MULTI-CONTROL om de ge-
wenste bestandsnaam (of mapnaam) te se-
lecteren.
Draai aan de knop om een ander bestand of
een andere map te selecteren.
Als er een bestand is geselecteerd, drukt u
op de knop om het afspelen te starten.
Als er een map is geselecteerd, drukt u op
de knop om de lijst met bestanden (of map-
pen) in de geselecteerde map weer te
geven.
Als er een map is geselecteerd, houdt u de
knop ingedrukt om een song in de geselec-
teerde map af te spelen.
# U kunt het bestand ook afspelen door
MULTI-CONTROL naar rechts te duwen.
# U kunt een song in de geselecteerde map ook
afspelen door MULTI-CONTROL naar rechts te
duwen en ingedrukt te houden.
# Duw MULTI-CONTROL naar links om terug te
keren naar de vorige lijst (de map die een niveau
hoger ligt).
# Druk op BAND/ESC of LIST om terug te keren
naar het normale display.
# Als de lijst niet binnen ongeveer 30 seconden
wordt gebruikt, keert het display automatisch
terug naar het normale display.
Geavanceerde bediening
1 Druk op MULTI-CONTROL om het
hoofdmenu weer te geven.
2 Selecteer FUNCTION met
MULTI-CONTROL.
Draai aan de knop om een andere menuoptie
te selecteren. Druk op de knop om deze te se-
lecteren.
Het functiemenu wordt weergegeven.
3 Draai aan MULTI-CONTROL om de func-
tie te selecteren.
REPEAT (herhaalde weergave)RANDOM
(willekeurige weergave)SCAN (scanweer-
gave)PAUSE (pauze)COMP/BMX (com-
pressie en BMX)TITLE INPUT (disctitel
invoeren)
Opmerkingen
! Druk op BAND/ESC om terug te keren naar
het gewone display.
! Als de functies (met uitzondering van
TITLE INPUT) niet binnen ongeveer 30 secon-
den gebruikt worden, keert het display auto-
matisch terug naar het normale display.
! Als er een disc met gecomprimeerde audio of
een cd-text-disc wordt afgespeeld, kunt u het
invoerscherm voor disctitels niet activeren.
Bediening van het toestel
Nl
18
Hoofdstuk
02
Een herhaalbereik selecteren
1 Geef het functiemenu weer.
Raadpleeg Geavanceerde bediening op de vo-
rige bladzijde.
2 Gebruik MULTI-CONTROL om REPEAT te
selecteren in het functiemenu.
3 Druk op MULTI-CONTROL en selecteer
de gewenste instelling.
! DISC Alle fragmenten herhalen
! TRACK Het spelende fragment herhalen
! FOLDER De huidige map herhalen
# Als u tijdens herhaalde weergave een andere
map kiest, wordt het bereik voor herhaalde weer-
gave gewijzigd in disc herhalen.
# Als u tijdens TRACK (fragmenten herhalen)
naar fragmenten zoekt of vooruit of achteruit
spoelt, wordt het herhaalbereik gewijzigd in disc/
map herhalen.
# Als u FOLDER (map herhalen) hebt geselec-
teerd, kunt u geen submap van die map afspelen.
Fragmenten in willekeurige
volgorde afspelen
Fragmenten in een geselecteerd herhaalbereik
worden in willekeurige volgorde afgespeeld.
% Druk op RDM om de functie Willekeu-
rige weergave in te schakelen.
De fragmenten worden in willekeurige volg-
orde afgespeeld.
# Druk nogmaals op RDM om de willekeurige
weergave uit te schakelen.
Opmerking
U kunt deze functie ook in- en uitschakelen via
het menu dat verschijnt als u MULTI-CONTROL
gebruikt.
Mappen en fragmenten scannen
De functie Scanweergave zoekt naar een frag-
ment binnen het geselecteerde herhaalbereik.
1 Geef het functiemenu weer.
Raadpleeg Geavanceerde bediening op de vo-
rige bladzijde.
2 Gebruik MULTI-CONTROL om SCAN te
selecteren in het functiemenu.
3 Druk op MULTI-CONTROL om de scan-
weergave in te schakelen.
De eerste 10 seconden van elk fragment wor-
den afgespeeld.
4 Als u het gewenste fragment hebt ge-
vonden, drukt u op MULTI-CONTROL om de
scanweergave uit te schakelen.
# Als het display automatisch is teruggekeerd
naar het weergavedisplay, moet u SCAN opnieuw
selecteren met behulp van MULTI-CONTROL.
# Als het scannen van de disc (map) is voltooid,
wordt de normale weergave van de fragmenten
hervat.
Het afspelen onderbreken
1 Geef het functiemenu weer.
Raadpleeg Geavanceerde bediening op de vo-
rige bladzijde.
2 Gebruik MULTI-CONTROL om PAUSE te
selecteren in het functiemenu.
3 Druk op MULTI-CONTROL om de pauze-
functie in te schakelen.
Het afspelen van het huidige fragment wordt
onderbroken.
# Druk opnieuw op MULTI-CONTROL als u de
pauzefunctie wilt uitschakelen.
Compressie en BMX gebruiken
Met de functies COMP (compressie) en BMX
kunt u de geluidskwaliteit van dit toestel aan-
passen.
% Druk zo vaak als nodig op COMP/BMX
om de gewenste instelling te selecteren.
COMP/BMX OFFCOMP 1COMP 2
COMP/BMX OFFBMX 1BMX 2
Bediening van het toestel
Nl
19
Hoofdstuk
02
Bediening van het toestel
Opmerking
U kunt dit ook doen in het menu dat verschijnt
als u MULTI-CONTROL gebruikt.
Functies voor disctitels
U kunt cd-titels invoeren en deze op het dis-
play laten weergeven. Als u een cd in de speler
plaatst waarvoor eerder een titel is ingevoerd,
verschijnt de titel op het display.
Disctitels invoeren
U kunt de invoerfunctie voor disctitels gebrui-
ken om maximaal 48 cd-titels in het toestel op
te slaan. Een titel kan maximaal 10 tekens
lang zijn.
1 Geef het functiemenu weer.
Raadpleeg Geavanceerde bediening op blad-
zijde 18.
2 Speel de cd af waarvoor u een titel wilt
invoeren.
3 Gebruik MULTI-CONTROL om
TITLE INPUT te selecteren in het functieme-
nu.
4 Druk op MULTI-CONTROL en geef de in-
voermodus voor titels weer.
5 Druk op DISP en selecteer het gewenste
tekentype.
Druk herhaaldelijk op DISP om te schakelen
tussen de volgende tekentypen:
AlfabetCijfers en symbolen
6 Duw MULTI-CONTROL omhoog of om-
laag en selecteer een letter uit het alfabet.
7 Duw MULTI-CONTROL naar links of
rechts om de cursor naar de vorige of vol-
gende tekenpositie te verplaatsen.
8 Verplaats de cursor naar de laatste te-
kenpositie door MULTI-CONTROL naar
rechts te duwen nadat u de titel hebt inge-
voerd.
Als u MULTI-CONTROL nogmaals naar rechts
duwt, wordt de ingevoerde titel opgeslagen in
het geheugen.
9 Druk op BAND/ESC om terug te keren
naar het weergavedisplay.
Opmerkingen
! Disctitels blijven in het geheugen bewaard,
zelfs als de disc uit het toestel wordt verwij-
derd. Als de disc weer in het toestel wordt ge-
plaatst, wordt de bijbehorende titel
opgeroepen.
! Nadat er gegevens voor 48 discs in het geheu-
gen zijn opgeslagen, worden de gegevens van
de oudste disc overschreven door de nieuwe
disc.
Bediening van het toestel
Nl
20
Hoofdstuk
02
Bluetooth-audio
Belangrijk
! Afhankelijk van de aangesloten Bluetooth-au-
diospeler is de bediening met dit toestel be-
perkt tot de volgende twee niveaus:
Lager niveau: Hiermee kunt u muziek op
de audiospeler alleen afspelen.
Hoger niveau: U kunt songs afspelen, se-
lecteren, pauzes inlassen, enz. (alle func-
ties die in deze handleiding zijn
beschreven).
! Omdat er verschillende Bluetooth-audiospe-
lers verkrijgbaar zijn, is de bediening met dit
toestel afhankelijk van het type audiospeler.
Raadpleeg de handleiding van de Bluetooth-
audiospeler en deze handleiding bij het bedie-
nen van de audiospeler op dit toestel.
! Informatie over songs (bijvoorbeeld de verstre-
ken weergavetijd, de songtitel, de songindex,
enz.) kan niet op dit toestel worden weergege-
ven.
! Wanneer u via de Bluetooth-audiospeler naar
muziek luistert, vermijdt u het gebruik van de
mobiele telefoon het best zo veel mogelijk. Het
signaal van een mobiele telefoon kan de mu-
ziekweergave verstoren.
! Wanneer u een mobiele telefoon gebruikt die
met Bluetooth draadloze technologie op dit
toestel is aangesloten, wordt de weergave van
songs op de Bluetooth-audiospeler die op dit
toestel is aangesloten gedempt.
! Als u naar muziek op de Bluetooth-audiospe-
ler luistert en naar een andere signaalbron
overschakelt, wordt het afspelen niet afgebro-
ken.
Verbinding maken met een
Bluetooth-audiospeler
! Bij sommige audiospelers moet u eerst de
pincode in dit toestel moet invoeren voor-
dat u deze kunt gebruiken. De pincode voor
uw speler vindt u op de speler zelf of in de
bijgeleverde documentatie. Raadpleeg De
pincode invoeren voor Bluetooth draadloze
verbinding op bladzijde 47.
Verbinding maken vanaf een
Bluetooth-audiospeler
1 Druk op MULTI-CONTROL om het
hoofdmenu weer te geven.
2 Selecteer CONNECTION met
MULTI-CONTROL.
Draai aan de knop om een andere menuoptie
te selecteren. Druk op de knop om deze te se-
lecteren.
# U kunt dit menu ook selecteren door op het
gewone display PHONE/
/CONNECT ingedrukt
te houden.
3 Draai MULTI-CONTROL en selecteer
BT AUDIO DEVICE.
# Als de verbinding al in het toestel geregi-
streerd is, kunt u het Bluetooth-apparaat in
PAIRED DEVICE selecteren.
Raadpleeg Verbinding maken met een gepairde
Bluetooth-audiospeler.
4 Selecteer een groep met
MULTI-CONTROL.
Duw MULTI-CONTROL omhoog of omlaag om
een groep te selecteren.
NOKIA (Nokia)STANDARD (standaard)
# Normaal gesproken selecteert u STANDARD.
Selecteer NOKIA om een Nokia-apparaat met dit
toestel te pairen.
# Duw MULTI-CONTROL naar links of rechts
om een groepsnaam of ID weer te geven.
5 Druk op MULTI-CONTROL om de verbin-
ding te openen.
READY wordt weergegeven.
# Het toestel is nu gereed om verbinding te
maken met een Bluetooth-audiospeler.
# Duw MULTI-CONTROL naar links of rechts
om de apparaatnaam, het Bluetooth-apparaata-
dres (BD-adres) en de pincode van dit toestel
weer te geven.
Bediening van het toestel
Nl
21
Hoofdstuk
02
Bediening van het toestel
6 Maak de verbinding vanaf de Blue-
tooth-audiospeler.
De standaardinstelling van de pincode is
0000. U kunt deze code wijzigen in de beginin-
stellingen. Raadpleeg De pincode invoeren
voor Bluetooth draadloze verbinding op blad-
zijde 47.
Tijdens de verbindingsopbouw wordt
CONNECTING weergegeven. Als de verbin-
ding is gemaakt, wordt CONNECTED weerge-
geven.
Verbinding maken met een gepairde
Bluetooth-audiospeler
1 Druk op MULTI-CONTROL om het
hoofdmenu weer te geven.
2 Selecteer CONNECTION met
MULTI-CONTROL.
Draai aan de knop om een andere menuoptie
te selecteren. Druk op de knop om deze te se-
lecteren.
3 Draai MULTI-CONTROL en selecteer
PAIRED DEVICE.
De naam van het gepairde apparaat wordt
weergegeven.
# Duw MULTI-CONTROL naar links of rechts
om de apparaatnaam, het Bluetooth-apparaata-
dres (BD-adres), de groepsnaam en het groeps-
ID-nummer weer te geven.
4 Druk op MULTI-CONTROL om de verbin-
ding tot stand te brengen.
# Tijdens de verbindingsopbouw knippert
CONNECTING. Als de verbinding is gemaakt,
wordt CONNECTED weergegeven.
# Als de verbinding mislukt, wordt ERROR weer-
gegeven. Probeer het in dat geval opnieuw.
De verbinding met een
Bluetooth-audiospeler verbreken
Deze functie kan alleen worden gebruikt als er
een Bluetooth-verbinding bestaat.
1 Druk op MULTI-CONTROL om het
hoofdmenu weer te geven.
2 Selecteer CONNECTION met
MULTI-CONTROL.
Draai aan de knop om een andere menuoptie
te selecteren. Druk op de knop om deze te se-
lecteren.
3 Draai MULTI-CONTROL en selecteer
DISCONNECT AUDIO.
4 Druk op MULTI-CONTROL om de Blue-
tooth-verbinding te verbreken.
Basisbediening
% Vooruit of achteruit spoelen
Houd MULTI-CONTROL naar links of naar
rechts ingedrukt.
% Een fragment selecteren
Duw MULTI-CONTROL naar links of naar
rechts.
Opmerking
Zelfs wanneer de audiospeler geen Bluetooth-mo-
dule heeft, kunt u die toch vanaf dit toestel bedie-
nen via Bluetooth draadloze technologie. Als u
met dit toestel een audiospeler wilt bedienen,
sluit dan op de audiospeler een product aan dat
is uitgerust met Bluetooth draadloze technologie
(in de winkel verkrijgbaar).
Geavanceerde bediening
1 Druk op MULTI-CONTROL om het
hoofdmenu weer te geven.
2 Selecteer FUNCTION met
MULTI-CONTROL.
Draai aan de knop om een andere menuoptie
te selecteren. Druk op de knop om deze te se-
lecteren.
Het functiemenu wordt weergegeven.
Bediening van het toestel
Nl
22
Hoofdstuk
02
3 Draai aan MULTI-CONTROL om de func-
tie te selecteren.
PLAY (weergeven)STOP (stoppen)PAUSE
(pauzeren)AUTO CONNECT (instelling auto-
matisch verbinden)DEVICE INFO (apparaat-
gegevens)
Functies en bediening
De werking van PAUSE is zoals bij de inge-
bouwde cd-speler.
Functienaam Bediening
PAUSE
Raadpleeg Het afspelen onderbreken
op bladzijde 19.
Opmerkingen
! Druk op BAND/ESC om terug te keren naar
het gewone display.
! Als er nog geen Bluetooth-audiospeler op dit
toestel is aangesloten, verschijnen
AUTO CONNECT en DEVICE INFO in het
functiemenu en zijn de overige functies niet
beschikbaar.
! Als een Bluetooth-audiospeler via het A2DP-
profiel (Advanced Audio Distribution Profile)
is aangesloten, verschijnen alleen
AUTO CONNECT en DEVICE INFO in het
functiemenu.
! Als een functie niet binnen ongeveer 30 se-
conden wordt gebruikt, keert het display auto-
matisch terug naar het gewone display.
Muziek afspelen op een
Bluetooth-audiospeler
1 Geef het functiemenu weer.
Raadpleeg Geavanceerde bediening op de vo-
rige bladzijde.
2 Gebruik MULTI-CONTROL om PLAY te
selecteren in het functiemenu.
3 Druk op MULTI-CONTROL om het afspe-
len te starten.
Het afspelen stoppen
1 Geef het functiemenu weer.
Raadpleeg Geavanceerde bediening op de vo-
rige bladzijde.
2 Gebruik MULTI-CONTROL om STOP te
selecteren in het functiemenu.
3 Druk op MULTI-CONTROL om het afspe-
len te stoppen.
Automatisch verbinding maken
met een Bluetooth-audiospeler
! Standaard is deze functie ingeschakeld.
1 Geef het functiemenu weer.
Raadpleeg Geavanceerde bediening op de vo-
rige bladzijde.
2 Gebruik MULTI-CONTROL om
AUTO CONNECT te selecteren in het func-
tiemenu.
3 Druk op MULTI-CONTROL om automa-
tisch verbinding maken in te schakelen.
Als de Bluetooth-audiospeler gereed is voor de
Bluetooth draadloze verbinding, wordt de ver-
binding met dit toestel automatisch tot stand
gebracht.
# Druk nogmaals op MULTI-CONTROL om de
functie Automatisch verbinden uit te schakelen.
Het BD-adres (Bluetooth-
apparaatadres) weergeven
Dit toestel kan het eigen Bluetooth-apparaata-
dres weergeven.
1 Geef het functiemenu weer.
Raadpleeg Geavanceerde bediening op de vo-
rige bladzijde.
2 Gebruik MULTI-CONTROL om
DEVICE INFO te selecteren in het functie-
menu.
Bediening van het toestel
Nl
23
Hoofdstuk
02
Bediening van het toestel
3 Duw MULTI-CONTROL naar links om
naar het BD-adres om te schakelen.
De hexadecimale tekenreeks van 12 cijfers
wordt weergegeven.
# Duw MULTI-CONTROL naar rechts om terug
te keren naar de naam van het apparaat.
Bluetooth-telefoon
Belangrijk
! Als u dit toestel gebruikt in combinatie met
een mobiele telefoon met Bluetooth draadloze
technologie terwijl de motor niet draait, kan
de accu leeg raken.
! Handelingen die uw aandacht vereisen zoals
het kiezen van nummers op het display, het
gebruik van het telefoonboek, enz. zijn niet
toegelaten tijdens het rijden. Als u dergelijke
handelingen wilt uitvoeren, dient u het voer-
tuig eerst veilig te parkeren.
Het toestel instellen voor
handsfree telefoneren
Voordat u de functie voor handsfree telefone-
ren kunt gebruiken, moet u een aantal instel-
lingen op dit toestel opgeven. U dient een
Bluetooth draadloze verbinding tussen dit toe-
stel en de telefoon te maken, de telefoon met
dit toestel te pairen, en het volumeniveau aan
te passen.
1 Verbinden
Raadpleeg Verbinding maken/verbreken met
een mobiele telefoon op bladzijde 26 voor meer
informatie over het aansluiten van een tele-
foon op dit toestel via Bluetooth draadloze
technologie.
2 Pairen
Het pairen wordt gewoonlijk automatisch uit-
gevoerd tijdens de verbindingsopbouw. U
moet dit alleen handmatig doen als de tele-
foon slechts tijdelijk is verbonden.
Om optimaal gebruik te kunnen maken van
deze technologie, raden we aan de telefoon
met dit toestel te pairen.
Raadpleeg Een aangesloten mobiele telefoon
pairen op bladzijde 28 voor informatie over het
pairen van een tijdelijk aangesloten telefoon.
Bediening van het toestel
Nl
24
Hoofdstuk
02
3 Volume instellen
Stel het volume van de mobiele telefoon naar
wens in. Het volume dat u nu instelt wordt in
dit toestel als standaardinstelling in het ge-
heugen opgeslagen.
# Het gespreksvolume en het volume van het
belsignaal zijn afhankelijk van het type mobiele
telefoon dat u gebruikt.
# Als het volume van het belsignaal en het ge-
spreksvolume erg verschillen, kan het algemene
volumeniveau onstabiel worden.
# Controleer of het volume van de mobiele tele-
foon op het gewenste niveau staat voordat u de
telefoon van dit toestel loskoppelt. Als het volume
van de mobiele telefoon is gedempt (op nul
staat), blijft het gedempt zelfs nadat de telefoon
is losgekoppeld.
Opmerkingen
! De equalizercurve voor telefoongebruik kan
niet worden gewijzigd.
! Als de telefoon als bron is geselecteerd, kan
alleen de FADER (balansinstelling) in het au-
diomenu bediend worden.
! Als de telefoon als bron wordt geselecteerd,
wordt de beginwaarde van de fader op
FADER :F15 gezet.
Verbinding maken en registreren
1 Druk op MULTI-CONTROL om het
hoofdmenu weer te geven.
2 Selecteer CONNECTION met
MULTI-CONTROL.
Het verbindingsmenu wordt weergegeven.
Draai aan de knop om een andere menuoptie
te selecteren. Druk op de knop om deze te se-
lecteren.
# U kunt dit menu ook selecteren door op het
gewone display PHONE/
/CONNECT ingedrukt
te houden.
3 Draai aan MULTI-CONTROL om de func-
tie te selecteren.
PAIRED PHONE (gepairde telefoon)
BT HANDS FREE (nieuwe telefoon)
SET PHONE (telefoon registreren)
DISCONNECT PHONE (verbinding verbreken)
DELETE PHONE (telefoon verwijderen)
Als de telefoon niet verbonden en niet ge-
paird is
De volgende functie kan worden gebruikt.
! BT HANDS FREE (nieuwe telefoon)
Als de telefoon niet verbonden maar wel
gepaird is
De volgende functies kunnen worden ge-
bruikt.
! PAIRED PHONE (telefoon handmatig pai-
ren)
! BT HANDS FREE (nieuwe telefoon)
! DELETE PHONE (telefoon verwijderen)
Als de telefoon verbonden maar niet ge-
paird is
De volgende functies kunnen worden ge-
bruikt.
! SET PHONE (telefoon registreren)
! DISCONNECT PHONE (verbinding verbre-
ken)
! DELETE PHONE (telefoon verwijderen)
Als de telefoon verbonden en gepaird is
De volgende functies kunnen worden ge-
bruikt.
! DISCONNECT PHONE (verbinding verbre-
ken)
! DELETE PHONE (telefoon verwijderen)
Opmerkingen
! De naam van het apparaat is standaard inge-
steld op PIONEER FLAP BT. U kunt de appa-
raatnaam wijzigen in de begininstellingen.
Raadpleeg De apparaatnaam wijzigen op blad-
zijde 47.
! De standaardinstelling van de pincode is
0000. U kunt deze code wijzigen in de beginin-
stellingen. Raadpleeg De pincode invoeren
voor Bluetooth draadloze verbinding op blad-
zijde 47.
Bediening van het toestel
Nl
25
Hoofdstuk
02
Bediening van het toestel
Verbinding maken/verbreken
met een mobiele telefoon
Verbinding maken vanaf een
mobiele telefoon
1 Geef het verbindingsmenu weer.
Raadpleeg Verbinding maken en reg istreren op
de vorige bladzijde.
2 Selecteer BT HANDS FREE met
MULTI-CONTROL.
3 Selecteer een groep met
MULTI-CONTROL.
Duw MULTI-CONTROL omhoog of omlaag om
een groep te selecteren.
NOKIA (Nokia)STANDARD (standaard)
# Normaal gesproken selecteert u STANDARD.
Selecteer NOKIA om een Nokia-apparaat met dit
toestel te pairen.
# Duw MULTI-CONTROL naar links of rechts
om een groepsnaam of ID weer te geven.
4 Druk op MULTI-CONTROL en schakel
over naar PAIRE FROM PHONE.
Duw MULTI-CONTROL omhoog of omlaag om
over te schakelen tussen
PAIRE FROM PHONE en SEARCH DEVICE.
5 Selecteer PAIRE FROM PHONE en druk
op MULTI-CONTROL om aan te geven dat
het toestel gereed is om gepaird te wor-
den.
READY wordt weergegeven.
6 Maak de verbinding vanaf de mobiele
telefoon.
De standaardinstelling van de pincode is
0000. U kunt deze code wijzigen in de beginin-
stellingen. Raadpleeg De pincode invoeren
voor Bluetooth draadloze verbinding op blad-
zijde 47.
Tijdens de verbindingsopbouw wordt
CONNECTING weergegeven. Als de verbin-
ding is gemaakt, wordt COMPLETED weerge-
geven.
Nadat de verbinding is gemaakt, schakelt dit
toestel automatisch over naar het display
PH. BOOK DL (telefoonboek downloaden be-
vestigen).
# Als de verbinding mislukt, wordt ERROR weer-
gegeven. Controleer de mobiele telefoon en pro-
beer het opnieuw.
# Als er al drie mobiele telefoons gepaird zijn,
wordt een display weergegeven waarop u kunt
aangeven hoe het toestel gepaird moet worden.
Selecteer hoe de nieuwe telefoon gepaird wordt.
De nieuwe gepairde telefoon overschrijft de vo-
rige telefoon met dezelfde toewijzing. De selectie
wordt gemaakt zoals in stap 3 en 4 van Een aan-
gesloten mobiele telefoon pairen op bladzijde 28,
behalve voor de volgende handeling.
! Overschakelen tussen het Bluetooth-appa-
raatadres en de apparaatnaam
7 Geef met MULTI-CONTROL aan of u het
telefoonboek van de mobiele telefoon wel
of niet wilt downloaden.
Duw MULTI-CONTROL naar links of rechts en
selecteer NO (nee) of YES (ja).
Druk op MULTI-CONTROL om te bevestigen.
Als u YES selecteert, schakelt dit toestel over
naar PH BOOK DOWNLOAD en begint het
downloaden automatisch. Na voltooiing wordt
DATA DOWNLOADED weergegeven.
Onder bepaalde omstandigheden schakelt dit
toestel over naar PH BOOK TRANSFER. Raad-
pleeg in dat geval stap 4 in Items naar het tele-
foonboek overzetten op bladzijde 36.
# Als u NO selecteert, keert het display terug
naar de normale weergave.
Verbinding maken vanaf dit toestel
1 Geef het verbindingsmenu weer.
Raadpleeg Verbinding maken en reg istreren op
de vorige bladzijde.
2 Selecteer BT HANDS FREE met
MULTI-CONTROL.
3 Selecteer een groep met
MULTI-CONTROL.
Duw MULTI-CONTROL omhoog of omlaag om
een groep te selecteren.
NOKIA (Nokia)STANDARD (standaard)
Bediening van het toestel
Nl
26
Hoofdstuk
02
# Normaal gesproken selecteert u STANDARD.
Selecteer NOKIA om een Nokia-apparaat met dit
toestel te pairen.
# Duw MULTI-CONTROL naar links of rechts
om een groepsnaam of ID weer te geven.
4 Druk op MULTI-CONTROL en schakel
over naar PAIRE FROM PHONE.
Duw MULTI-CONTROL omhoog of omlaag om
over te schakelen tussen
PAIRE FROM PHONE en SEARCH DEVICE.
5 Selecteer SEARCH DEVICE en druk op
MULTI-CONTROL om het zoeken te starten.
Tijdens het zoeken wordt SEARCHING weerge-
geven.
# Als dit toestel geen beschikbare mobiele tele-
foons vindt, wordt NOT FOUND weergegeven.
6 Gebruik MULTI-CONTROL om een appa-
raat te selecteren.
Duw MULTI-CONTROL omhoog of omlaag om
de naam te selecteren van het apparaat waar-
mee u verbinding wilt maken.
Druk op MULTI-CONTROL om een apparaat-
naam te selecteren.
# Duw MULTI-CONTROL naar links of rechts
om over te schakelen tussen het Bluetooth-appa-
raatadres (BD-adres) en de apparaatnaam.
7 Maak de verbinding vanaf de mobiele
telefoon.
De standaardinstelling van de pincode is
0000. U kunt deze code wijzigen in de beginin-
stellingen. Raadpleeg De pincode invoeren
voor Bluetooth draadloze verbinding op blad-
zijde 47.
Tijdens de verbindingsopbouw wordt
CONNECTING weergegeven. Als de verbin-
ding is gemaakt, wordt COMPLETED weerge-
geven.
Nadat de verbinding is gemaakt, schakelt dit
toestel automatisch over naar het display
PH. BOOK DL (telefoonboek downloaden be-
vestigen).
# Als de verbinding mislukt, wordt ERROR weer-
gegeven. Controleer de mobiele telefoon en pro-
beer het opnieuw.
# Als er al drie mobiele telefoons gepaird zijn,
wordt een display weergegeven waarop u kunt
aangeven hoe het toestel gepaird moet worden.
Selecteer hoe de nieuwe telefoon gepaird wordt.
De nieuwe gepairde telefoon overschrijft de vo-
rige telefoon met dezelfde toewijzing. De selectie
wordt gemaakt zoals in stap 3 en 4 van Een aan-
gesloten mobiele telefoon pairen op de volgende
bladzijde, behalve voor de volgende handeling.
! Overschakelen tussen het Bluetooth-appa-
raatadres en de apparaatnaam
8 Geef met MULTI-CONTROL aan of u het
telefoonboek van de mobiele telefoon wel
of niet wilt downloaden.
Duw MULTI-CONTROL naar links of rechts en
selecteer NO (nee) of YES (ja).
Druk op MULTI-CONTROL om te bevestigen.
Als u YES selecteert, schakelt dit toestel over
naar PH BOOK DOWNLOAD en begint het
downloaden automatisch. Na voltooiing wordt
DATA DOWNLOADED weergegeven.
Onder bepaalde omstandigheden schakelt dit
toestel over naar PH BOOK TRANSFER. Raad-
pleeg in dat geval stap 4 in Items naar het tele-
foonboek overzetten op bladzijde 36.
# Als u NO selecteert, keert het display terug
naar de normale weergave.
Verbinding maken met een gepairde
mobiele telefoon
1 Geef het verbindingsmenu weer.
Raadpleeg Verbinding maken en reg istreren op
bladzijde 25.
2 Draai MULTI-CONTROL en selecteer
PAIRED PHONE.
# Duw MULTI-CONTROL omhoog of omlaag
om de gewenste telefoon te selecteren.
# Duw MULTI-CONTROL naar links of rechts
om het Bluetooth-apparaatadres (BD-adres), de
groep en het ID-nummer weer te geven.
Bediening van het toestel
Nl
27
Hoofdstuk
02
Bediening van het toestel
3 Druk op MULTI-CONTROL om de verbin-
ding te maken.
Tijdens de verbindingsopbouw wordt
CONNECTING weergegeven. Als de verbin-
ding is gemaakt, wordt CONNECTED weerge-
geven.
Nadat de verbinding is gemaakt, schakelt dit
toestel automatisch over naar het display
PH. BOOK DL (telefoonboek downloaden be-
vestigen).
# Als de verbinding mislukt, wordt ERROR weer-
gegeven. Controleer de mobiele telefoon en pro-
beer het opnieuw.
4 Geef met MULTI-CONTROL aan of u het
telefoonboek van de mobiele telefoon wel
of niet wilt downloaden.
Duw MULTI-CONTROL naar links of rechts en
selecteer NO (nee) of YES (ja).
Druk op MULTI-CONTROL om te bevestigen.
Als u YES selecteert, schakelt dit toestel over
naar PH BOOK DOWNLOAD en begint het
downloaden automatisch. Na voltooiing wordt
DATA DOWNLOADED weergegeven.
# Als u NO selecteert, keert het display terug
naar de normale weergave.
De verbinding met een mobiele
telefoon verbreken
1 Geef het verbindingsmenu weer.
Raadpleeg Verbinding maken en reg istreren op
bladzijde 25.
2 Selecteer DISCONNECT PHONE met
MULTI-CONTROL.
3 Druk op MULTI-CONTROL om de verbin-
ding met de mobiele telefoon te verbre-
ken.
Als de verbinding is verbroken, wordt
DISCONNECTED weergegeven.
Een aangesloten mobiele telefoon
pairen
Het pairen wordt gewoonlijk automatisch uitge-
voerd tijdens de verbindingsopbouw. U moet dit
alleen handmatig doen als de telefoon slechts
tijdelijk is verbonden.
Om optimaal gebruik te kunnen maken van
deze technologie, raden we aan de telefoon met
dit toestel te pairen.
1 Geef het verbindingsmenu weer.
Raadpleeg Verbinding maken en reg istreren op
bladzijde 25.
2 Selecteer SET PHONE met
MULTI-CONTROL.
3 Duw MULTI-CONTROL omhoog of om-
laag en selecteer onder welke toewijzing
de telefoon gepaird wordt.
1 (telefoon gebruiker 1)2 (telefoon gebruiker
2)3 (telefoon gebruiker 3)
# Duw MULTI-CONTROL naar links of rechts
om over te schakelen tussen het Bluetooth-appa-
raatadres (BD-adres) en de apparaatnaam.
# Als onder het geselecteerde nummer al een
telefoon is geregistreerd, wordt de oude telefoon
door de nieuwe overschreven.
# Als u een registratienummer selecteert, kunt
u zien of er al een telefoon onder dat nummer is
gepaird. Als het nummer ongebruikt is, wordt
NO DATA weergegeven.
4 Druk op MULTI-CONTROL om de aange-
sloten telefoon te pairen.
Als het pairen is voltooid, wordt COMPLETED
weergegeven.
# Als het pairen is mislukt, wordt
REGISTER ERROR weergegeven. Ga in dit geval
terug naar stap 1 en probeer het opnieuw.
Een geregistreerde telefoon verwijderen
1 Geef het verbindingsmenu weer.
Raadpleeg Verbinding maken en reg istreren op
bladzijde 25.
2 Selecteer DELETE PHONE met
MULTI-CONTROL.
Bediening van het toestel
Nl
28
Hoofdstuk
02
3 Duw MULTI-CONTROL omhoog of om-
laag en selecteer onder welke toewijzing
de telefoon gepaird wordt.
1 (telefoon gebruiker 1)2 (telefoon gebruiker
2)3 (telefoon gebruiker 3)
# Duw MULTI-CONTROL naar links om het
Bluetooth-apparaatadres (BD-adres) van het ge-
selecteerde apparaat weer te geven.
# Als een registratienummer leeg is, verschijnt
NO DATA op het display en is de handeling niet
mogelijk.
4 Duw MULTI-CONTROL naar rechts om
DELETE YES te selecteren.
DELETE YES wordt weergegeven. Het toestel
is nu gereed om de telefoon te verwijderen.
5 Druk op MULTI-CONTROL om de tele-
foon te verwijderen.
Nadat u de telefoon hebt verwijderd, wordt
DELETED weergegeven.
Een telefoongesprek voeren
Kies een telefoonnummer
De eenvoudigste manier is het handmatig in-
voeren van het telefoonnummer.
Zie Iemand opbellen door het telefoonnummer
in te voeren op bladzijde 37 voor meer informa-
tie.
Een nummer uit het telefoonboek of
de gespreksgeschiedenis bellen
Zie Een nummer uit het telefoonboek bellen op
bladzijde 31 en De gespreksgeschiedenis op de
volgende bladzijde voor meer informatie.
Voorkeuzenummer
Nummers die u regelmatig belt kunt u als
voorkeuzenummer instellen zodat u ze snel
kunt kiezen.
Zie Voorkeuzenummers op bladzijde 33 voor in-
formatie over hoe u een nummer als voorkeu-
zenummer kunt instellen.
Spraakherkenning
Als uw mobiele telefoon is voorzien van
spraakherkenningstechnologie, kunt u een
nummer kiezen door middel van stemopdrach-
ten.
! De bediening is afhankelijk van het type te-
lefoon. Raadpleeg de handleiding van de
mobiele telefoon voor meer informatie.
! U kunt deze functie alleen gebruiken als de
verbinding via het profiel HFP (Hands Free
Profile) tot stand is gebracht.
1 Houd BAND/ESC ingedrukt tot
VOICE DIAL ON op het display verschijnt.
Als VOICE DIAL ON wordt weergegeven, is de
functie Spraakherkenning beschikbaar.
# Als de mobiele telefoon spraakherkenning
niet ondersteunt, verschijnt NO VOICE DIAL op
het display en kunt u deze functie niet gebruiken.
2 Noem de naam van de gewenste con-
tactpersoon.
Een telefoongesprek aannemen
Een inkomend gesprek
beantwoorden of weigeren
% Een inkomend gesprek beantwoorden
Druk op MULTI-CONTROL als er een gesprek
binnenkomt.
% Een telefoongesprek beëindigen
Druk op
.
% Een inkomend gesprek weigeren
Druk op
als er een gesprek binnenkomt.
% Een gesprek in de wachtstand plaatsen
Druk tijdens het gesprek op MUTE.
Opmerkingen
! Druk tijdens het gesprek op MULTI-CONTROL
om over te schakelen naar ECHO CANCEL of
FUNCTION. Raadpleeg Echo- en ruisonder-
drukking op bladzijde 37 voor meer details
over ECHO CANCEL.
Bediening van het toestel
Nl
29
Hoofdstuk
02
Bediening van het toestel
! De geschatte gespreksduur verschijnt op het
display (deze kan enigszins afwijken van de
werkelijke gespreksduur).
Mogelijkheden voor een gesprek in
de wachtstand
% Een gesprek in de wachtstand beant-
woorden
Druk op MULTI-CONTROL als er een gesprek
binnenkomt.
% Alle gesprekken beëindigen
Druk op
.
% Schakelen tussen de bellers die in de
wachtstand staan
Druk op MULTI-CONTROL.
% Gesprekken in de wachtstand weigeren
Druk op
.
Opmerking
Om het gesprek te beëindigen, moeten zowel u
als de persoon waarmee u sprak de telefoon op-
hangen.
De telefoonlijst
Belangrijk
Voordat u deze lijst gebruikt, moet u het voertuig
veilig parkeren en op de handrem zetten.
% Druk op LIST om de lijst weer te geven.
Druk herhaaldelijk op LIST om tussen de vol-
gende lijsten te schakelen:
RECENT CALLS (gespreksgeschiedenis)
ABC SEARCH (telefoonboek)DIAL PRESET
(voorkeuzenummers)
! Raadpleeg De gespreksgeschiedenis op
deze bladzijde voor meer informatie over de
gespreksgeschiedenis.
! Zie Het telefoonboek op de volgende blad-
zijde voor meer informatie over het telefoon-
boek.
! Zie Voorkeuzenummers op bladzijde 33 voor
meer informatie over voorkeuzenummers.
# Als er in de geselecteerde lijst geen telefoon-
nummers zijn opgeslagen, wordt NO DATA weer-
gegeven.
De gespreksgeschiedenis
De gespreksgeschiedenis is een overzicht van
de 20 meest recent gekozen, ontvangen en ge-
miste gesprekken. U kunt de gespreksgeschie-
denis doorbladeren en vanuit de
gespreksgeschiedenis nummers bellen.
1 Druk op LIST om RECENT CALLS (ge-
spreksgeschiedenis) weer te geven.
Raadpleeg De telefoonlijst op deze bladzijde.
2 Draai MULTI-CONTROL om een tele-
foonnummer te selecteren.
Draai MULTI-CONTROL om door de telefoon-
nummers in de lijst te bladeren.
# Als het nummer al in het telefoonboek staat,
wordt de bijbehorende naam weergegeven.
Houd in dat geval DISP ingedrukt om de naam
over het display te laten schuiven.
# U kunt het telefoonnummer ook wijzigen door
MULTI-CONTROL omhoog of omlaag te duwen.
3 Duw MULTI-CONTROL naar rechts om
de gedetailleerde lijst weer te geven.
In de gedetailleerde lijst worden de naam, het
telefoonnummer en de datum weergegeven.
# Als het nummer al in het telefoonboek voor-
komt, wordt de naam ook weergegeven.
# Door MULTI-CONTROL te draaien, gaat u
naar het vorige of volgende telefoonnummer in
de gedetailleerde lijst.
# Als u niet binnen ongeveer 30 seconden een
handeling uitvoert, wordt de lijstweergave auto-
matisch geannuleerd.
4 Druk op MULTI-CONTROL om het num-
mer te bellen.
# In de lijst met telefoonnummers kunt u een +
toevoegen of verwijderen door MULTI-CONTROL
ingedrukt te houden.
5 Druk op om het gesprek te beëindi-
gen.
Bediening van het toestel
Nl
30
Hoofdstuk
02
Het telefoonboek
Het telefoonboek kan gebruikt worden nadat
het is gereedgemaakt. Raadpleeg Het telefoon-
boek van de mobiele telefoon downloaden op
bladzijde 35 en Items naar het telefoonboek
overzetten op bladzijde 36 over het voorberei-
den van het telefoonboek.
Een nummer uit het telefoonboek bellen
Nadat u in het telefoonboek het gewenste
nummer hebt gevonden, kunt u dat nummer
selecteren en bellen.
1 Druk op LIST om ABC SEARCH (tele-
foonboek) weer te geven.
Raadpleeg De telefoonlijst op de vorige blad-
zijde.
2 Draai aan MULTI-CONTROL om de
eerste letter te selecteren van de naam die
u zoekt.
# U kunt deze bediening ook uitvoeren door
MULTI-CONTROL omhoog of omlaag te duwen.
3 Druk op MULTI-CONTROL om items
weer te geven.
Het display toont de eerste drie items in het te-
lefoonboek die met de geselecteerde letter be-
ginnen (bijvoorbeeld Barbara, Bart en
Ben wanneer B wordt geselecteerd).
4 Selecteer de persoon die u wilt bellen
door MULTI-CONTROL te draaien.
# U kunt deze bediening ook uitvoeren door
MULTI-CONTROL omhoog of omlaag te duwen.
# U kunt tekstinformatie door het display laten
schuiven door DISP ingedrukt te houden.
5 Druk op MULTI-CONTROL om de tele-
foonnummers bij de geselecteerde persoon
weer te geven.
# U kunt de telefoonnummers bij de geselec-
teerde persoon ook weergeven door
MULTI-CONTROL naar rechts te duwen.
# U kunt tekstinformatie door het display laten
schuiven door DISP ingedrukt te houden.
# Als er meerdere telefoonnummers onder een
item zijn opgeslagen, kunt u het gewenste num-
mer selecteren door MULTI-CONTROL te draai-
en.
# Als u een ander item uit het telefoonboek wilt
selecteren, duwt u MULTI-CONTROL naar links.
6 Druk op MULTI-CONTROL om het num-
mer te bellen.
7 Druk op
om het gesprek te beëindi-
gen.
Telefoonnummers wijzigen
U kunt de nummers van de personen in het te-
lefoonboek wijzigen.
1 Geef de lijst met telefoonnummers
weer van de gewenste persoon in het tele-
foonboek.
Zie de stappen 1 tot en met 5 in Een nummer
uit het telefoonboek bellen op deze bladzijde
voor meer informatie hierover.
2 Houd MULTI-CONTROL ingedrukt om
het scherm voor bewerkingen weer te
geven.
3 Draai MULTI-CONTROL om
EDIT NUMBER (scherm voor nummerwijzi-
ging) weer te geven.
Door te draaien aan MULTI-CONTROL selec-
teert u de verschillende invoerschermen in on-
derstaande volgorde:
EDIT NUMBER (nummer wijzigen)
EDIT GENRE (categorie wijzigen)
CLR MEMO (geheugen wissen)
4 Duw MULTI-CONTROL naar links of
rechts om de cursor te verplaatsen naar het
nummer dat u wilt wijzigen.
5 Duw MULTI-CONTROL omhoog of om-
laag om nummers te wijzigen.
Herhaal deze stappen totdat u alle wijzigingen
hebt gemaakt.
Bediening van het toestel
Nl
31
Hoofdstuk
02
Bediening van het toestel
# Houd MULTI-CONTROL ingedrukt om + aan
het telefoonnummer toe te voegen of te verwijde-
ren.
6 Druk op MULTI-CONTROL om het nieu-
we nummer op te slaan.
Als het nieuwe nummer is opgeslagen, keert
het display terug naar de lijstweergave.
Telefoonnummers categoriseren
Als het telefoonboek veel items bevat, kan het
handig zijn om deze in categorieën in te delen
om het zoeken te vereenvoudigen. Er zijn vier
categorieën beschikbaar: HOME, MOBILE,
OFFICE en OTHERS.
1 Geef de lijst met telefoonnummers
weer van de gewenste persoon in het tele-
foonboek.
Zie de stappen 1 tot en met 5 in Een nummer
uit het telefoonboek bellen op de vorige blad-
zijde voor meer informatie hierover.
2 Houd MULTI-CONTROL ingedrukt om
het scherm voor bewerkingen weer te
geven.
3 Draai MULTI-CONTROL om EDIT GENRE
(scherm voor categoriewijziging) weer te
geven.
Door te draaien aan MULTI-CONTROL selec-
teert u de verschillende invoerschermen in on-
derstaande volgorde:
EDIT NUMBER (nummer wijzigen)
EDIT GENRE (categorie wijzigen)
CLR MEMO (geheugen wissen)
4 Duw MULTI-CONTROL omhoog of om-
laag en selecteer een categorie.
Telkens wanneer u MULTI-CONTROL omhoog-
of omlaagduwt, worden de categorieën in on-
derstaande volgorde geselecteerd:
HOME (privé)MOBILE (mobiel)OFFICE
(kantoor)OTHERS (overige)
5 Druk op MULTI-CONTROL om een cate-
gorie aan het telefoonnummer toe te wij-
zen.
De geselecteerde categorie wordt toegewezen
aan het telefoonnummer en het display keert
terug naar de lijstweergave.
Een item uit het telefoonboek wissen
1 Geef de lijst met telefoonnummers
weer van de gewenste persoon in het tele-
foonboek.
Zie de stappen 1 tot en met 5 in Een nummer
uit het telefoonboek bellen op de vorige blad-
zijde voor meer informatie hierover.
2 Houd MULTI-CONTROL ingedrukt om
het scherm voor bewerkingen weer te
geven.
3 Draai MULTI-CONTROL om CLR MEMO
(scherm voor geheugen wissen) weer te
geven.
Door te draaien aan MULTI-CONTROL selec-
teert u de verschillende invoerschermen in on-
derstaande volgorde:
EDIT NUMBER (nummer wijzigen)
EDIT GENRE (categorie wijzigen)
CLR MEMO (geheugen wissen)
4 Duw MULTI-CONTROL naar rechts om
het bevestigingsscherm weer te geven.
CLEAR MEMORY YES wordt weergegeven.
# Als u het geselecteerde onderdeel niet wilt
wissen, duwt u MULTI-CONTROL naar links. Het
display keert terug naar de normale weergave.
5 Druk op MULTI-CONTROL om het item
uit het telefoonboek te verwijderen.
Het item is uit het telefoonboek verwijderd en
CLEARED wordt weergegeven. Het display
keert terug naar de invoerlijst van het telefoon-
boek.
Bediening van het toestel
Nl
32
Hoofdstuk
02
Voorkeuzenummers
Nummers die u regelmatig belt kunt u als
voorkeuzenummer instellen zodat u ze snel
kunt kiezen.
Voorkeuzenummers toewijzen
1 Druk op LIST om DIAL PRESET (lijst met
voorkeuzenummers) weer te geven.
Raadpleeg De telefoonlijst op bladzijde 30.
2 Draai aan MULTI-CONTROL om een
voorkeuzenummer te selecteren.
U kunt een voorkeuzenummer tussen 1 en 10
selecteren.
# Houd DISP ingedrukt om het telefoonnummer
over het display te laten schuiven.
# Als het nummer al in het telefoonboek staat,
wordt de bijbehorende naam weergegeven.
Houd in dat geval DISP ingedrukt om de naam
over het display te laten schuiven.
# U kunt het telefoonnummer ook wijzigen door
MULTI-CONTROL omhoog of omlaag te duwen.
3 Druk op MULTI-CONTROL om het voor-
keuzenummer te selecteren waaraan u een
telefoonnummer wilt toewijzen.
4 Houd MULTI-CONTROL ingedrukt om
MEMORY weer te geven.
Duw MULTI-CONTROL omhoog of omlaag om
over te schakelen tussen MEMORY (geheu-
gen) en DELETE (verwijderen).
# Als aan het geselecteerde voorkeuzenummer
al een telefoonnummer is toegewezen, wordt het
oude nummer door het nieuwe overschreven.
# Raadpleeg Voorkeuzenummers verwijderen op
de volgende bladzijde voor meer details over het
verwijderen.
5 Selecteer MEMORY en druk op
MULTI-CONTROL om het telefoonboek
weer te geven.
6 Draai aan MULTI-CONTROL om de
eerste letter te selecteren van de naam die
u zoekt.
# U kunt deze bediening ook uitvoeren door
MULTI-CONTROL omhoog of omlaag te duwen.
7 Druk op MULTI-CONTROL om items
weer te geven.
Het display toont de eerste drie items in het te-
lefoonboek die met de geselecteerde letter be-
ginnen (bijvoorbeeld Barbara, Bart en
Ben wanneer B wordt geselecteerd).
8 Draai aan MULTI-CONTROL en selecteer
de persoon die u aan de voorkeuzelijst wilt
toevoegen.
# U kunt deze bediening ook uitvoeren door
MULTI-CONTROL omhoog of omlaag te duwen.
# U kunt tekstinformatie door het display laten
schuiven door DISP ingedrukt te houden.
9 Druk op MULTI-CONTROL om de tele-
foonnummers bij de geselecteerde persoon
weer te geven.
# U kunt de telefoonnummers bij de geselec-
teerde persoon ook weergeven door
MULTI-CONTROL naar rechts te duwen.
# Als er meerdere telefoonnummers onder een
item zijn opgeslagen, kunt u het gewenste num-
mer selecteren door MULTI-CONTROL te draai-
en.
# U kunt tekstinformatie door het display laten
schuiven door DISP ingedrukt te houden.
# Als u een ander item uit het telefoonboek wilt
selecteren, duwt u MULTI-CONTROL naar links.
10 Druk op MULTI-CONTROL om het tele-
foonnummer in de voorkeuzelijst op te
slaan.
Bediening van het toestel
Nl
33
Hoofdstuk
02
Bediening van het toestel
Voorkeuzenummers verwijderen
1 Druk op LIST om DIAL PRESET (lijst met
voorkeuzenummers) weer te geven.
Raadpleeg De telefoonlijst op bladzijde 30.
2 Draai aan MULTI-CONTROL om een
voorkeuzenummer te selecteren.
# Houd DISP ingedrukt om het telefoonnummer
over het display te laten schuiven.
# Als het nummer al in het telefoonboek staat,
wordt de bijbehorende naam weergegeven.
Houd in dat geval DISP ingedrukt om de naam
over het display te laten schuiven.
# U kunt het voorkeuzenummer ook wijzigen
door MULTI-CONTROL omhoog of omlaag te
duwen.
3 Druk op MULTI-CONTROL om het voor-
keuzenummer te selecteren dat u wilt ver-
wijderen.
4 Houd MULTI-CONTROL ingedrukt om
MEMORY weer te geven.
Duw MULTI-CONTROL omhoog of omlaag om
over te schakelen tussen MEMORY (geheu-
gen) en DELETE (verwijderen).
# Zie Voorkeuzenummers toewijzen op de vorige
bladzijde voor meer informatie over het toewijzen
van nummers.
5 Selecteer DELETE en druk op
MULTI-CONTROL om het voorkeuzenum-
mer te verwijderen.
Een nummer uit de voorkeuzelijst bellen
U kunt eenvoudig een nummer in de voorkeu-
zelijst selecteren en bellen.
1 Druk op LIST om DIAL PRESET (lijst met
voorkeuzenummers) weer te geven.
Raadpleeg De telefoonlijst op bladzijde 30.
2 Draai aan MULTI-CONTROL en selecteer
het telefoonnummer.
# Houd DISP ingedrukt om het telefoonnummer
over het display te laten schuiven.
# Als het nummer al in het telefoonboek staat,
wordt de bijbehorende naam weergegeven.
Houd in dat geval DISP ingedrukt om de naam
over het display te laten schuiven.
# U kunt het telefoonnummer ook wijzigen door
MULTI-CONTROL omhoog of omlaag te duwen.
3 Druk op MULTI-CONTROL om het num-
mer te bellen.
4 Druk op
om het gesprek te beëindi-
gen.
Voorkeuzenummers toewijzen met
MULTI-CONTROL
1 Duw MULTI-CONTROL omhoog of om-
laag en kies een voorkeuzenummer.
2 Voer stap 4 tot en met 10 uit van Voor-
keuzenummers toewijzen op de vorige
bladzijde.
Een nummer uit de voorkeuzelijst
bellen met MULTI-CONTROL
1 Duw MULTI-CONTROL omhoog of om-
laag en kies een voorkeuzenummer.
2 Druk op MULTI-CONTROL om het num-
mer te bellen.
3 Druk op
om het gesprek te beëindi-
gen.
Geavanceerde bediening
1 Druk op MULTI-CONTROL om het
hoofdmenu weer te geven.
2 Selecteer FUNCTION met
MULTI-CONTROL.
Het functiemenu wordt weergegeven.
Draai aan de knop om een andere menuoptie
te selecteren. Druk op de knop om deze te se-
lecteren.
Bediening van het toestel
Nl
34
Hoofdstuk
02
3 Draai aan MULTI-CONTROL om de func-
tie te selecteren.
PH BOOK DOWNLOAD (telefoonboek down-
loaden)PH BOOK TRANSFER (telefoonboek
overzetten)AUTO CONNECT (instelling voor
automatisch verbinden)AUTO ANSWER (in-
stelling voor automatisch beantwoorden)
ECHO CANCEL (echo onderdrukken)
RING TONE (beltoon selecteren)
NUMBER DIAL (bellen door een nummer in te
voeren)CLR MEMO (geheugen wissen)
ADD+ (instelling voor prefix internationale
nummers)PH. B. NAME VIEW (sorteerwijze
telefoonboek)MENU (taalkeuzemenu)
DEVICE INFO (apparaatgegevens)
Als de telefoon nog niet met dit toestel is
verbonden
De volgende functies kunnen niet worden ge-
bruikt.
! PH BOOK DOWNLOAD (telefoonboek
downloaden)
! ECHO CANCEL (echo onderdrukken)
! NUMBER DIAL (bellen door een nummer in
te voeren)
! CLR MEMO (geheugen wissen)
! ADD+ (instelling voor prefix internationale
nummers)
! PH. B. NAME VIEW (sorteerwijze telefoon-
boek)
Als de telefoon is verbonden maar nog
niet gepaird is
De volgende functies kunnen niet worden ge-
bruikt.
! PH BOOK DOWNLOAD (telefoonboek
downloaden)
! ECHO CANCEL (echo onderdrukken)
! CLR MEMO (geheugen wissen)
! ADD+ (instelling voor prefix internationale
nummers)
! PH. B. NAME VIEW (sorteerwijze telefoon-
boek)
Opmerkingen
! Druk op BAND/ESC om terug te keren naar
het weergavedisplay.
! DEVICE INFO is gelijk aan dezelfde functie
voor Bluetooth-audio. (Raadpleeg Het BD-
adres (Bluetooth-apparaatadres) weergeven op
bladzijde 23.)
! PH BOOK DOWNLOAD is beschikbaar als de
mobiele telefoon op dit toestel is aangesloten
via Bluetooth met het profiel HFP (Hands-Free
Profile), PBAP (Phone Book Access Profile) en
SPP (Serial Port Profile).
! Als de functies (behalve
PH BOOK DOWNLOAD,
PH BOOK TRANSFER en NUMBER DIAL) niet
binnen ongeveer 30 seconden worden ge-
bruikt, keert het display automatisch terug
naar de gewone weergave.
Het telefoonboek van de
mobiele telefoon downloaden
U kunt het telefoonboek van uw mobiele tele-
foon downloaden en op dit toestel opslaan.
! Bij sommige mobiele telefoons kan deze
functie niet gebruikt worden.
! Het telefoonboek biedt voor elke gebruiker
plaats voor 400 ingangen (maximaal drie
gebruikers). Elke ingang kan drie verschil-
lende telefoonnummers en categorieën be-
vatten.
1 Geef het functiemenu weer.
Raadpleeg Geavanceerde bediening op de vo-
rige bladzijde.
2 Selecteer PH BOOK DOWNLOAD met
MULTI-CONTROL.
3 Druk op MULTI-CONTROL om de stand-
bymodus voor het downloaden van het te-
lefoonboek te openen.
De download van het telefoonboek begint au-
tomatisch.
Als het telefoonboek is gedownload, wordt
DATA DOWNLOADED weergegeven.
# Het display geeft aan hoeveel items er zijn
overgezet en hoeveel items er in totaal moeten
worden overgezet.
Bediening van het toestel
Nl
35
Hoofdstuk
02
Bediening van het toestel
# Raadpleeg ID en wachtwoord invoeren op deze
bladzijde als u om uw ID en wachtwoord wordt
gevraagd.
ID en wachtwoord invoeren
Volg de onderstaande aanwijzingen als u
wordt gevraagd om uw ID en wachtwoord in te
voeren.
! De ID kan uit maximaal 20 tekens bestaan;
het wachtwoord uit maximaal 16 tekens.
1 Druk op DISP om te wisselen tussen let-
ters en cijfers.
Druk herhaaldelijk op DISP om te schakelen
tussen de volgende tekentypen:
AlfabetCijfers en symbolen
2 Duw MULTI-CONTROL omhoog of om-
laag om een letter te selecteren.
3 Duw MULTI-CONTROL naar links of
rechts om de cursor naar de vorige of vol-
gende tekenpositie te verplaatsen.
4 Druk op MULTI-CONTROL om de ID en
het wachtwoord te bevestigen.
5 Nadat u de ID en het wachtwoord hebt
ingevoerd, gebruikt u de mobiele telefoon
om de procedure voort te zetten.
Items naar het telefoonboek
overzetten
U kunt het telefoonboek in de mobiele telefoon
via de mobiele telefoon naar dit toestel overzet-
ten.
! Het telefoonboek biedt voor elke gebruiker
plaats voor 400 ingangen (maximaal drie
gebruikers). Elke ingang kan drie verschil-
lende telefoonnummers en categorieën be-
vatten.
1 Geef het functiemenu weer.
Raadpleeg Geavanceerde bediening op blad-
zijde 34.
2 Selecteer PH BOOK TRANSFER met
MULTI-CONTROL.
3 Druk op MULTI-CONTROL om naar de
stand-bymodus voor het overzetten van
het telefoonboek te gaan.
4 Gebruik de mobiele telefoon om het te-
lefoonboek over te zetten.
Gebruik de mobiele telefoon om het telefoon-
boek over te zetten. Raadpleeg de handleiding
van de mobiele telefoon voor meer informatie.
Als het telefoonboek is overgezet, wordt
DATA TRANSFERRED weergegeven.
# Het display geeft aan hoeveel items er zijn
overgezet en hoeveel items er in totaal moeten
worden overgezet.
Automatisch verbinden ins tellen
U kunt automatisch een verbinding laten
maken tussen uw mobiele telefoon en dit toe-
stel. Als deze functie is geactiveerd, wordt au-
tomatisch een verbinding gemaakt tussen uw
mobiele telefoon en dit toestel zodra de twee
apparaten enkele meters of minder van elkaar
verwijderd zijn.
! Bij sommige telefoons is het niet mogelijk
de verbinding automatisch te laten maken.
1 Geef het functiemenu weer.
Raadpleeg Geavanceerde bediening op blad-
zijde 34.
2 Selecteer AUTO CONNECT met
MULTI-CONTROL.
3 Druk op MULTI-CONTROL om automa-
tisch verbinding maken in te schakelen.
# Druk nogmaals op MULTI-CONTROL om de
functie Automatisch verbinden uit te schakelen.
Opmerking
Automatisch verbinden gebeurt in de volgorde
van de registratienummers.
Bediening van het toestel
Nl
36
Hoofdstuk
02
Automatisch beantwoorden
instellen
1 Geef het functiemenu weer.
Raadpleeg Geavanceerde bediening op blad-
zijde 34.
2 Selecteer AUTO ANSWER met
MULTI-CONTROL.
3 Druk op MULTI-CONTROL om de functie
Automatisch beantwoorden in te schake-
len.
# Druk nogmaals op MULTI-CONTROL om de
functie Automatisch beantwoorden uit te schake-
len.
Echo- en ruisonderdrukking
1 Geef het functiemenu weer.
Raadpleeg Geavanceerde bediening op blad-
zijde 34.
2 Selecteer ECHO CANCEL met
MULTI-CONTROL.
3 Duw MULTI-CONTROL naar links of
naar rechts en selecteer de gewenste in-
stelling.
OFF (uit)LOWMIDHIGH
# Deze functie kan ook tijdens het bellen inge-
steld worden. In dat geval drukt u op
MULTI-CONTROL om naar ECHO CANCEL over
te schakelen.
Het belsignaal in- of uitschakelen
1 Geef het functiemenu weer.
Raadpleeg Geavanceerde bediening op blad-
zijde 34.
2 Gebruik MULTI-CONTROL om
RING TONE te selecteren in het functieme-
nu.
3 Duw MULTI-CONTROL naar links of
naar rechts en selecteer de gewenste in-
stelling.
OFF (uit)123
Iemand opbellen door het
telefoonnummer in te voeren
Belangrijk
Voordat u deze handeling uitvoert, moet u het
voertuig veilig parkeren en op de handrem zetten.
1 Geef het functiemenu weer.
Raadpleeg Geavanceerde bediening op blad-
zijde 34.
2 Selecteer NUMBER DIAL met
MULTI-CONTROL.
3 Duw MULTI-CONTROL omhoog of om-
laag om een nummer te selecteren.
4 Duw MULTI-CONTROL naar links of
rechts om de cursor naar de vorige of vol-
gende positie te verplaatsen.
# U kunt maximaal 24 cijfers invoeren.
5 Als u het nummer hebt ingevoerd,
drukt u op MULTI-CONTROL.
De nummerbevestiging verschijnt.
6 Druk nogmaals op MULTI-CONTROL om
een telefoongesprek te voeren.
7 Druk op
om het gesprek te beëindi-
gen.
Het geheugen wissen
1 Geef het functiemenu weer.
Raadpleeg Geavanceerde bediening op blad-
zijde 34.
2 Selecteer CLR MEMO met
MULTI-CONTROL.
Bediening van het toestel
Nl
37
Hoofdstuk
02
Bediening van het toestel
3 Duw MULTI-CONTROL omhoog of om-
laag en selecteer een onderdeel.
PH BOOK (telefoonboek)ALL (geheugen vol-
ledig wissen)PRESET (voorkeuzenummers)
RECENT (gespreksgeschiedenis)
# Selecteer ALL als u het gehele telefoonboek,
de gespreksgeschiedenis en de voorkeuzenum-
mers wilt wissen.
4 Duw MULTI-CONTROL naar rechts om
het onderdeel te selecteren dat u wilt wis-
sen.
CLEAR MEMORY YES wordt weergegeven.
Het toestel is nu gereed om het geheugen te
wissen.
# Als u het geselecteerde onderdeel niet wilt
wissen, duwt u MULTI-CONTROL naar links. Het
display keert terug naar de normale weergave.
5 Druk op MULTI-CONTROL om het uit
het geheugen te wissen.
CLEARED wordt weergegeven en de gegevens
van het geselecteerde onderdeel zijn uit het
geheugen van dit toestel gewist.
De prefix voor internationale
nummers toevoegen
U kunt aan alle gebelde nummers de interna-
tionale prefix + laten toevoegen.
1 Geef het functiemenu weer.
Raadpleeg Geavanceerde bediening op blad-
zijde 34.
2 Selecteer ADD+ met MULTI-CONTROL.
3 Druk op MULTI-CONTROL om de prefix
bij alle gesprekken te laten toevoegen.
# Druk nogmaals op MULTI-CONTROL om deze
functie uit te schakelen.
De sorteerwijze van het
telefoonboek wijzigen
1 Geef het functiemenu weer.
Raadpleeg Geavanceerde bediening op blad-
zijde 34.
2 Selecteer PH. B. NAME VIEW met
MULTI-CONTROL.
INVERT NAME YES wordt weergegeven.
3 Druk op MULTI-CONTROL om de sor-
teerwijze voor de namen te wijzigen.
INVERTED wordt weergegeven.
Door herhaaldelijk op MULTI-CONTROL te
drukken, kunt u afwisselend sorteren op voor-
naam of achternaam.
Het taalkeuzemenu
De menutaal die wordt gebruikt voor Blue-
tooth-audio/telefoon is instelbaar.
! Het is mogelijk dat sommige tekens niet
juist worden weergegeven.
1 Geef het functiemenu weer.
Raadpleeg Geavanceerde bediening op blad-
zijde 34.
2 Selecteer MENU met MULTI-CONTROL.
3 Druk op MULTI-CONTROL om de taal te
selecteren.
ENGLISH (Engels)PYCCKOE (Russisch)
ESPANOL (Spaans)
Bediening van het toestel
Nl
38
Hoofdstuk
02
Audio-instellingen
1 Druk op MULTI-CONTROL om het
hoofdmenu weer te geven.
2 Selecteer AUDIO met MULTI-CONTROL.
Draai aan de knop om een andere menuoptie
te selecteren. Druk op de knop om deze te se-
lecteren.
Het audiomenu wordt weergegeven.
3 Draai MULTI-CONTROL om de audio-
functie te selecteren.
Draai aan MULTI-CONTROL om de audiofunc-
ties in de onderstaande volgorde te doorlopen.
FADER (balansinstelling)P. E Q (equalizer op-
roepen)EQ (equalizer aanpassen)EQ
(equalizer nauwkeurig aanpassen)
LOUDNESS (loudness)SUB W1 (subwoofer
aan/uit)SUB W2 (instelling subwoofer)
HPF (high pass filter)BASS BOOST (bass
boost)SLA (bronniveau aanpassen)
# U kunt de audiofunctie ook selecteren door op
de afstandsbediening op AUDIO te drukken.
# Audiofuncties zijn niet instelbaar wanneer het
geluid is gedempt of uitgeschakeld.
# U kunt SUB W2 alleen selecteren als het uit-
gangssignaal van de subwoofer bij SUB W1 is in-
geschakeld.
# Als de subwoofer is ingesteld op
PREOUT:REAR, kunt u niet overschakelen naar
SUB W1 (subwoofer aan/uit). (Raadpleeg blad-
zijde 45.)
# Wanneer FM als signaalbron wordt gebruikt,
kunt u niet overschakelen naar SLA.
# Druk op BAND/ESC om terug te keren naar
het bij de signaalbron behorende display.
# Als een functie niet binnen ongeveer 30 se-
conden wordt gebruikt, keert het display automa-
tisch terug naar het gewone display.
De balansinstelling
U kunt de fader-/balansinstelling aanpassen
voor een optimale geluidsweergave op alle
plaatsen in het voertuig.
1 Geef het audiomenu weer.
Raadpleeg Audio-instellingen op deze blad-
zijde.
2 Selecteer FADER met MULTI-CONTROL.
# Als u de balansinstelling eerder hebt aange-
past, verschijnt BALANCE op het display.
3 Duw MULTI-CONTROL omhoog of om-
laag om de balans tussen de luidsprekers
voorin en achterin in te stellen.
Telkens wanneer u MULTI-CONTROL omhoog-
of omlaagduwt, wordt de balans tussen de
luidsprekers voorin en achterin naar voren of
naar achteren verplaatst.
U kunt de balans tussen de voor- en achter-
luidsprekers van voor naar achter aanpassen
van de waarde FADER :F15 tot FADER :R15.
De waarde wordt op het display getoond.
# FADER :F/R 0 is de aanbevolen instelling wan-
neer u slechts twee luidsprekers gebruikt.
# Als de achteruitgang op SUB W is ingesteld,
kunt u de balans tussen de luidsprekers voorin en
achterin niet instellen. Raadpleeg De achteruit-
gang en de subwoofer instellen op bladzijde 45.
4 Duw MULTI-CONTROL naar links of
naar rechts om de balans in te stellen tus-
sen de linker- en rechterluidsprekers.
Telkens wanneer u MULTI-CONTROL naar
links of naar rechts duwt, wordt de balans tus-
sen de linker- en rechterluidsprekers naar
links of rechts verplaatst.
U kunt de balans tussen de linker- en rechter-
luidsprekers van links naar rechts aanpassen
van de waarde BALANCE :L15 tot
BALANCE :R15. De waarde wordt op het dis-
play getoond.
De equalizer
Met de equalizer kunt u de geluidsweergave
aanpassen aan de akoestische eigenschappen
van het interieur van het voertuig.
Audio-instellingen
Nl
39
Hoofdstuk
03
Audio-instellingen
Equalizercurven oproepen
Er zijn zes equalizercurven die altijd beschik-
baar zijn. In de onderstaande lijst worden de
equalizercurven weergegeven.
Display Equalizercurve
POWERFUL Power
NATURAL Natuurlijk
VOCAL Vocaal
CUSTOM Aangepast
FLAT Vlak
SUPER BASS Superbas
! CUSTOM is een aangepaste equalizercurve
die u zelf maakt. Als u een equalizercurve
aanpast, worden deze instellingen opgesla-
gen in CUSTOM.
! Als FLAT is geselecteerd, wordt het geluid
niet aangevuld of gecorrigeerd. Door afwis-
selend te luisteren naar FLAT en een van
de andere equalizercurven kunt u het effect
van de verschillende equalizercurven
horen.
1 Gebruik MULTI-CONTROL en selecteer
P. EQ.
POWERFUL verschijnt op het display.
Als u de equalizercurve al eerder had geselec-
teerd, wordt de curve die u eerder had geselec-
teerd op het display weergegeven in plaats van
POWERFUL.
2 Duw MULTI-CONTROL naar links of
rechts om een equalizercurve te selecteren.
Telkens wanneer u MULTI-CONTROL naar
links of naar rechts duwt, worden de equalizer-
curven in onderstaande volgorde geselec-
teerd:
POWERFULNATURALVOCALCUSTOM
FLATSUPER BASS
De equalizercurven aanpassen
De voorgeprogrammeerde equalizercurven
kunnen nog worden aangepast (nuancecon-
trole).
1 Roep de equalizercurve op die u wilt
aanpassen.
Zie Equalizercurven oproepen op deze blad-
zijde.
2 Duw MULTI-CONTROL naar links of
naar rechts en selecteer de frequentieband
van de equalizer die u wilt aanpassen.
EQ-LOW (laag)EQ-MID (midden)EQ-HI
(hoog)
3 Duw MULTI-CONTROL omhoog of om-
laag om de equalizercurve aan te passen.
U kunt de equalizercurve verhogen of verlagen
tussen de waarden +6 en 6. De waarde wordt
op het display getoond.
Nauwkeurige afstelling van de
equalizercurve
U kunt de middenfrequentie en de Q-factor
(curvekenmerken) van iedere geselecteerde
curve aanpassen (EQ-LOW/EQ-MID/EQ-HI).
Niveau (dB)
Middenfrequentie
Q=2N
Q=2W
Frequentie (Hz)
1 Selecteer EQ met MULTI-CONTROL.
2 Duw MULTI-CONTROL naar links of
naar rechts en selecteer de gewenste fre-
quentie.
Laag: 40HZ80HZ100HZ160HZ
Midden: 200HZ500HZ1KHZ2KHZ
Hoog: 3KHZ8KHZ10KHZ12KHZ
3 Duw MULTI-CONTROL omhoog of om-
laag en selecteer de gewenste Q-factor.
Q-factor
2N1N1W2W
Audio-instellingen
Nl
40
Hoofdstuk
03
De loudness aanpassen
De loudness-functie compenseert een tekort
aan hoge en lage tonen bij lage volumes.
1 Geef het audiomenu weer.
Raadpleeg Audio-instellingen op bladzijde 39.
2 Selecteer LOUDNESS met
MULTI-CONTROL.
3 Druk op MULTI-CONTROL om de loud-
ness-functie in te schakelen.
Het loudness-niveau (bijvoorbeeld MID) ver-
schijnt op het display.
# Als u de loudness-functie wilt uitzetten, drukt
u nogmaals op MULTI-CONTROL.
4 Duw MULTI-CONTROL naar links of
naar rechts om het gewenste niveau te se-
lecteren.
Telkens wanneer u MULTI-CONTROL naar
links of naar rechts duwt, wordt het volgende
niveau in onderstaande volgorde geselecteerd:
LOW (laag)MID (midden)HIGH (hoog)
De subwoofer-uitgang
Dit toestel is voorzien van een subwoofer-uit-
gang. U kunt deze uitgang in- of uitschakelen.
Daarnaast kunt u de fase instellen op normaal
of tegengesteld.
1 Geef het audiomenu weer.
Raadpleeg Audio-instellingen op bladzijde 39.
2 Selecteer SUB W1 met
MULTI-CONTROL.
3 Druk op MULTI-CONTROL om de sub-
woofer-uitgang in te schakelen.
NORMAL verschijnt op het display. De sub-
woofer-uitgang is nu ingeschakeld.
# Als u het uitgangssignaal voor de subwoofer
wilt uitzetten, drukt u nogmaals op
MULTI-CONTROL.
4 Duw MULTI-CONTROL naar links of
naar rechts en selecteer de fase-instelling
voor het uitgangssignaal van de subwoo-
fer.
Duw MULTI-CONTROL naar links om de te-
gengestelde fase te selecteren. REV verschijnt
op het display. Duw MULTI-CONTROL naar
rechts om de normale fase te selecteren.
NORMAL verschijnt op het display.
De subwoofer-instellingen
aanpassen
Wanneer de subwoofer-uitgang is ingescha-
keld, kunt u de drempelfrequentie en het uit-
gangsniveau van de subwoofer instellen.
! Als het subwoofer-uitgangssignaal is inge-
schakeld, kunt u SUB W2 selecteren.
1 Geef het audiomenu weer.
Raadpleeg Audio-instellingen op bladzijde 39.
2 Selecteer SUB W2 met
MULTI-CONTROL.
3 Duw MULTI-CONTROL naar links of
naar rechts om de drempelfrequentie te se-
lecteren.
Telkens wanneer u MULTI-CONTROL naar
links of naar rechts duwt, worden de beschik-
bare waarden in onderstaande volgorde gese-
lecteerd:
506380100125
4 Duw MULTI-CONTROL omhoog of om-
laag om het uitgangsniveau van de sub-
woofer aan te passen.
Telkens als u MULTI-CONTROL omhoog of
omlaag duwt, verhoogt of verlaagt u het ni-
veau van de subwoofer. U kunt het niveau aan-
passen tussen de waarden +6 en 24.De
waarde wordt op het display getoond.
Audio-instellingen
Nl
41
Hoofdstuk
03
Audio-instellingen
Het high pass filter
Als u wilt dat de luidsprekers voorin of achter-
in geen lage tonen (tonen uit het frequentiebe-
reik van de subwoofer) weergeven, kunt u het
HPF (high pass filter) aanzetten. Alleen fre-
quenties boven het geselecteerde bereik wor-
den weergegeven via de voor- of
achterluidsprekers.
1 Geef het audiomenu weer.
Raadpleeg Audio-instellingen op bladzijde 39.
2 Selecteer HPF met MULTI-CONTROL.
3 Druk op MULTI-CONTROL om het high
pass filter in te schakelen.
80HZ verschijnt op het display. Het high pass
filter staat nu aan.
# Als het high pass filter eerder al is aangepast,
wordt de frequentie van de vorige instelling weer-
gegeven en niet 80HZ.
# Druk nogmaals op MULTI-CONTROL om het
high pass filter uit te schakelen.
4 Duw MULTI-CONTROL naar links of
naar rechts om de drempelfrequentie te se-
lecteren.
Telkens wanneer u MULTI-CONTROL naar
links of naar rechts duwt, worden de beschik-
bare waarden in onderstaande volgorde gese-
lecteerd:
50HZ63HZ80HZ100HZ125HZ
De lage tonen versterken
De bass boost-functie versterkt de lage tonen
(bastonen).
1 Geef het audiomenu weer.
Raadpleeg Audio-instellingen op bladzijde 39.
2 Selecteer BASS BOOST met
MULTI-CONTROL.
3 Duw MULTI-CONTROL omhoog of om-
laag om het gewenste niveau te selecte-
ren.
U kunt het niveau verhogen of verlagen tussen
de waarden 0 en +6. De waarde wordt op het
display getoond.
Het bronniveau aanpassen
Met de functie Bronniveauregeling (SLA) kunt
u het volumeniveau van elke signaalbron af-
zonderlijk instellen. Hierdoor kunt u plotse-
linge volumewisselingen voorkomen wanneer
naar een andere signaalbron wordt overge-
schakeld.
! De instellingen zijn gebaseerd op het FM-
volumeniveau, dat u niet kunt wijzigen.
1 Vergelijk het volumeniveau van de sig-
naalbron die u wilt aanpassen met het FM-
volumeniveau.
2 Geef het audiomenu weer.
Raadpleeg Audio-instellingen op bladzijde 39.
3 Selecteer SLA met MULTI-CONTROL.
4 Duw MULTI-CONTROL omhoog of om-
laag om het volume van de signaalbron
aan te passen.
Telkens wanneer u MULTI-CONTROL omhoog-
of omlaagduwt, verhoogt of verlaagt u het vo-
lume van de signaalbron.
U kunt het volume van de signaalbron verho-
gen of verlagen tussen de waarden +4 en 4.
De waarde wordt op het display getoond.
Opmerking
Het MW/LW-volumeniveau kan ook met de func-
tie SLA worden aangepast.
Audio-instellingen
Nl
42
Hoofdstuk
03
De begininstellingen
aanpassen
1 Houd SRC ingedrukt tot het toestel uit
gaat.
2 Houd MULTI-CONTROL ingedrukt tot-
dat het menu met begininstellingen wordt
weergegeven.
3 Draai MULTI-CONTROL om één van de
begininstellingen te selecteren.
CLNDR (kalender)CLOCK (klok)
OFF CLOCK (uit-klok)FM STEP (FM-afstem-
stap)AUTO PI (automatische PI-zoekfunctie)
WARNING (waarschuwingstoon)AUX
(externe aansluiting)REAR SP (achteruit-
gang en subwooferregeling)EVERSCROLL
(Ever Scroll)TITLE (taalkeuze)BT AUDIO
(Bluetooth-audio)BT MIC (microfooninstel-
ling)PIN CODE INPUT (pincode invoeren)
EDIT DEVICE NAME (apparaatnaam wijzigen)
BT INFO (informatie Bluetooth-versie)
BT RESET (Bluetooth resetten)
SOFTWARE UPDATE (software bijwerken)
# U kunt deze bediening ook uitvoeren door
MULTI-CONTROL omhoog of omlaag te duwen.
# Druk op BAND/ESC om het aanpassen van
begininstellingen te annuleren.
De datum instellen
De kalenderweergave verschijnt als de tele-
foon als signaalbron is geselecteerd, of als de
signaalbronnen en de functiedemo uit staan.
1 Geef het menu met begininstellingen
weer.
Raadpleeg De begininstellingen aanpassen op
deze bladzijde.
2 Selecteer CLNDR met MULTI-CONTROL.
CLNDR verschijnt op het display.
3 Duw MULTI-CONTROL naar links of
naar rechts en selecteer het onderdeel van
het kalenderdisplay dat u wilt instellen.
DagMaandJaar
Het geselecteerde onderdeel gaat knipperen.
4 Duw MULTI-CONTROL omhoog of om-
laag om de datum in te stellen.
Als u MULTI-CONTROL omhoogduwt, ver-
hoogt u de geselecteerde dag, de geselec-
teerde maand of het geselecteerde jaar. Als u
MULTI-CONTROL omlaagduwt, verlaagt u de
geselecteerde dag, de geselecteerde maand of
het geselecteerde jaar.
De klok instellen
Volg onderstaande instructies om de klok in te
stellen.
1 Geef het menu met begininstellingen
weer.
Raadpleeg De begininstellingen aanpassen op
deze bladzijde.
2 Selecteer CLOCK met MULTI-CONTROL.
3 Duw MULTI-CONTROL naar links of
naar rechts en selecteer het onderdeel van
het klokdisplay dat u wilt instellen.
UurMinuut
Het geselecteerde onderdeel gaat in het klok-
display knipperen.
4 Duw MULTI-CONTROL omhoog of om-
laag om de klok in te stellen.
Opmerking
U kunt de klok met een tijdsignaal gelijkzetten
door op MULTI-CONTROL te drukken.
! Minuten worden naar beneden afgerond tus-
sen 00 en 29. (Bijvoorbeeld 10:18 wordt afge-
rond naar 10:00.)
! Minuten worden naar boven afgerond tussen
30 en 59. (Bijvoorbeeld 10:36 wordt afgerond
naar 11:00.)
Begininstellingen
Nl
43
Hoofdstuk
04
Begininstellingen
In- en uitschakelen van het
uit-klokdisplay
Als het uit-klokdisplay aan staat terwijl de sig-
naalbronnen en functiedemo uit staan, wordt
de klok op het display weergegeven.
1 Geef het menu met begininstellingen
weer.
Raadpleeg De begininstellingen aanpassen op
de vorige bladzijde.
2 Selecteer OFF CLOCK met
MULTI-CONTROL.
3 Druk op MULTI-CONTROL om het uit-
klokdisplay in te schakelen.
# Druk nogmaals op MULTI-CONTROL om het
uit-klokdisplay uit te schakelen.
De FM-afstemstap instellen
Standaard wordt er bij automatisch afstem-
men een FM-afstemstap van 50 kHz gebruikt.
Als de functie AF of TA is ingeschakeld, is de
afstemstap automatisch 100 kHz. Maar soms
verdient het aanbeveling om de afstemstap op
50 kHz in te stellen als AF is ingeschakeld.
1 Geef het menu met begininstellingen
weer.
Raadpleeg De begininstellingen aanpassen op
de vorige bladzijde.
2 Selecteer FM STEP met
MULTI-CONTROL.
3 Druk op MULTI-CONTROL om de FM-af-
stemstap te selecteren.
Telkens als u op MULTI-CONTROL drukt, wij-
zigt u de FM-afstemstap tussen 50 kHz en 100
kHz. De geselecteerde FM-afstemstap ver-
schijnt op het display.
Opmerking
Bij handmatig afstemmen blijft de afstemstap 50
kHz.
De automatische PI-
zoekfunctie in- of uitschakelen
Het toestel kan automatisch zoeken naar een
andere zender met gelijkaardige program-
mas, ook bij het oproepen van voorkeuzezen-
ders.
1 Geef het menu met begininstellingen
weer.
Raadpleeg De begininstellingen aanpassen op
de vorige bladzijde.
2 Selecteer AUTO PI met
MULTI-CONTROL.
3 Druk op MULTI-CONTROL om de auto-
matische PI-zoekfunctie in te schakelen.
# Druk nogmaals op MULTI-CONTROL om de
automatische PI-zoekfunctie uit te schakelen.
De waarschuwingstoon in-
of uitschakelen
Als het voorpaneel niet binnen vier seconden
na het uitschakelen van het contact van het
hoofdtoestel wordt verwijderd, klinkt er een
waarschuwingstoon. U kunt deze waarschu-
wingstoon uitschakelen.
1 Geef het menu met begininstellingen
weer.
Raadpleeg De begininstellingen aanpassen op
de vorige bladzijde.
2 Selecteer WARNING met
MULTI-CONTROL.
3 Druk op MULTI-CONTROL om de waar-
schuwingstoon in te schakelen.
# Druk nogmaals op MULTI-CONTROL om de
waarschuwingstoon uit te schakelen.
Begininstellingen
Nl
44
Hoofdstuk
04
De externe ingang in- of
uitschakelen
Externe apparaten die op dit toestel zijn aange-
sloten, kunnen afzonderlijk worden geacti-
veerd. Zet elke AUX-bron aan bij gebruik.
Raadpleeg De AUX-signaalbron op bladzijde 49
voor meer informatie over het aansluiten en
gebruiken van externe apparaten.
1 Geef het menu met begininstellingen
weer.
Raadpleeg De begininstellingen aanpassen op
bladzijde 43.
2 Gebruik MULTI-CONTROL om AUX te
selecteren.
3 Druk op MULTI-CONTROL om AUX in te
schakelen.
# Druk nogmaals op MULTI-CONTROL om de
AUX-functie uit te schakelen.
De achteruitgang en de
subwoofer instellen
U kunt de achteruitgang van dit toestel (de
aansluiting voor de luidspreker achterin en de
RCA-achteruitgang) gebruiken om een luid-
spreker met volledig bereik (FULL) of een sub-
woofer (SUB W) aan te sluiten. Als u de
achteruitgang op SUB W zet, kunt u de luid-
spreker achterin rechtstreeks op een subwoo-
fer aansluiten, zonder een externe versterker te
gebruiken.
Standaard is dit toestel ingesteld voor het aan-
sluiten van een luidspreker achterin met volle-
dig bereik (FULL). Als u op de achteruitgang
luidsprekers met een volledig bereik heeft aan-
gesloten (als FULL is geselecteerd), kunt u op
de RCA-achteruitgang extra luidsprekers met
een volledig bereik (PREOUT:REAR) of een
subwoofer (PREOUT:SUB W) aansluiten.
1 Geef het menu met begininstellingen
weer.
Raadpleeg De begininstellingen aanpassen op
bladzijde 43.
2 Selecteer REAR SP met
MULTI-CONTROL.
3 Druk op MULTI-CONTROL om een an-
dere instelling voor de achteruitgang te se-
lecteren.
Als u op MULTI-CONTROL drukt, kunt u kie-
zen uit FULL (luidspreker met volledig bereik)
en SUB W (subwoofer). Dit wordt op het dis-
play aangegeven.
# Als er geen subwoofer op de achteruitgang is
aangesloten, selecteert u FULL (luidspreker met
volledig bereik).
# Als er een subwoofer op de achteruitgang is
aangesloten, selecteert u SUB W (subwoofer).
# Als de achteruitgang op SUB W is ingesteld,
kunt u onderstaande handeling niet uitvoeren.
4 Duw MULTI-CONTROL naar links of
rechts om te schakelen tussen het uit-
gangssignaal voor de subwoofer of de ach-
teruitgang.
Als u op c of d drukt, kunt u kiezen uit
PREOUT:SUB W en PREOUT:REAR. Uw keuze
wordt vervolgens op het display weergegeven.
Opmerkingen
! Als u deze instelling wijzigt, is er pas een uit-
gangssignaal als u ook het uitgangssignaal
voor de subwoofer inschakelt (raadpleeg De
subwoofer-uitgang op bladzijde 41).
! Als u deze instelling wijzigt, wordt de instel-
ling van de subwoofer in het audiomenu te-
ruggezet naar de fabrieksinstellingen.
! De uitgangsaansluiting voor de luidsprekers
achterin en de RCA-achteruitgang worden te-
gelijkertijd omgezet.
Begininstellingen
Nl
45
Hoofdstuk
04
Begininstellingen
Ever Scroll inschakelen
Als Ever Scroll is ingeschakeld, blijft de tekst-
informatie van de cd continu door het display
schuiven. Zet Ever Scroll uit als u wilt dat de
informatie maar één keer door het display
schuift.
1 Geef het menu met begininstellingen
weer.
Raadpleeg De begininstellingen aanpassen op
bladzijde 43.
2 Selecteer EVERSCROLL met
MULTI-CONTROL.
3 Druk op MULTI-CONTROL om Ever
Scroll aan te zetten.
# Druk opnieuw op MULTI-CONTROL om Ever
Scroll uit te zetten.
Taalinstelling voor het display
Op een disk met gecomprimeerde audio kan
tekstinformatie zijn vastgelegd zoals de titel,
de naam van de artiest of een opmerking.
Dit toestel kan zulke informatie weergeven als
die in een Europese taal of in het Russisch is
vastgelegd.
! Als de geselecteerde taal niet overeenkomt
met de taal die op de disc is vastgelegd,
wordt de tekstinformatie mogelijk niet cor-
rect weergegeven.
! Het is mogelijk dat sommige tekens niet
juist worden weergegeven.
1 Geef het menu met begininstellingen
weer.
Raadpleeg De begininstellingen aanpassen op
bladzijde 43.
2 Selecteer TITLE met MULTI-CONTROL.
3 Druk op MULTI-CONTROL en selecteer
de gewenste instelling.
Als u op MULTI-CONTROL drukt, kunt u kie-
zen uit EURO (Europese talen) en RUSSIA
(Russisch). De instelling wordt op het display
weergegeven.
De signaalbron BT AUDIO
activeren
U dient de signaalbron BT AUDIO in te scha-
kelen om een Bluetooth-audiospeler te kun-
nen gebruiken.
1 Geef het menu met begininstellingen
weer.
Raadpleeg De begininstellingen aanpassen op
bladzijde 43.
2 Selecteer BT AUDIO met
MULTI-CONTROL.
3 Druk op MULTI-CONTROL om de sig-
naalbron BT AUDIO in te schakelen.
# Druk opnieuw op MULTI-CONTROL om de
signaalbron BT AUDIO uit te schakelen.
De microfoon instellen
Als u handsfree telefoneert, kunt u ofwel de in-
gebouwde microfoon ofwel een optionele mi-
crofoon gebruiken.
1 Geef het menu met begininstellingen
weer.
Raadpleeg De begininstellingen aanpassen op
bladzijde 43.
2 Gebruik MULTI-CONTROL en selecteer
BT MIC.
3 Druk op MULTI-CONTROL en selecteer
de gewenste instelling.
! BT MIC :INT de ingebouwde microfoon
gebruiken
! BT MIC :EXT de optionele microfoon ge-
bruiken
Begininstellingen
Nl
46
Hoofdstuk
04
De pincode invoeren voor
Bluetooth draadloze
verbinding
Als u uw mobiele telefoon met dit toestel wilt
verbinden via Bluetooth draadloze technolo-
gie, moet u eerst de pincode van uw telefoon
invoeren om de verbinding te bevestigen. De
standaardcode is 0000 maar u kunt die via
deze functie wijzigen.
! Bij sommige Bluetooth-audiospelers moet
u eerst de pincode van de audiospeler in-
voeren, voordat u met dit toestel verbinding
kunt maken.
1 Geef het menu met begininstellingen
weer.
Raadpleeg De begininstellingen aanpassen op
bladzijde 43.
2 Selecteer PIN CODE INPUT met
MULTI-CONTROL.
3 Duw MULTI-CONTROL omhoog of om-
laag om een nummer te selecteren.
4 Duw MULTI-CONTROL naar links of
rechts om de cursor naar de vorige of vol-
gende positie te verplaatsen.
5 Nadat u de pincode (max. 16 cijfers)
hebt ingevoerd, drukt u op
MULTI-CONTROL.
De pincode kan in het geheugen worden opge-
slagen.
Druk ter bevestiging nogmaals op
MULTI-CONTROL om de ingevoerde pincode
in het geheugen van dit toestel op te slaan.
# Als u MULTI-CONTROL naar rechts duwt ter-
wijl het bevestigingsscherm wordt weergegeven,
keert u terug naar het invoerscherm van de pin-
code en kunt u deze wijzigen.
De apparaatnaam wijzigen
U kunt de naam van het apparaat wijzigen.
De naam van het apparaat is standaard inge-
steld op PIONEER FLAP BT.
1 Geef het menu met begininstellingen
weer.
Raadpleeg De begininstellingen aanpassen op
bladzijde 43.
2 Selecteer EDIT DEVICE NAME met
MULTI-CONTROL.
3 Druk op DISP en selecteer het gewenste
tekentype.
Druk herhaaldelijk op DISP om te schakelen
tussen de volgende tekentypen:
AlfabetCijfers
4 Duw MULTI-CONTROL omhoog of om-
laag en selecteer een letter uit het alfabet.
5 Duw MULTI-CONTROL naar links of
rechts om de cursor naar de vorige of vol-
gende tekenpositie te verplaatsen.
6 Verplaats de cursor naar de laatste te-
kenpositie door MULTI-CONTROL naar
rechts te duwen nadat u de naam van het
apparaat hebt ingevoerd.
Duw MULTI-CONTROL nogmaals naar rechts
om de naam van het apparaat tijdelijk in het
geheugen op te slaan.
# U kunt ook op MULTI-CONTROL drukken om
de naam van het apparaat tijdelijk in het geheu-
gen op te slaan. Als u dat doet, hoeft de cursor
niet op de laatste positie te staan.
# Als u een ongeldig teken hebt ingevoerd, wor-
den de daarop volgende tekens niet weergege-
ven.
# Als u een ongeldig teken hebt ingevoerd, kan
de apparaatnaam niet in het geheugen worden
opgeslagen.
Begininstellingen
Nl
47
Hoofdstuk
04
Begininstellingen
De systeemversie opvragen
in geval van reparatie
Als dit product niet naar behoren functioneert
en u uw leverancier raadpleegt voor reparatie-
werkzaamheden, kan deze vragen naar de sys-
teemversie van dit toestel en van de Bluetooth-
module. U kunt deze versies opvragen en note-
ren.
1 Geef het menu met begininstellingen
weer.
Raadpleeg De begininstellingen aanpassen op
bladzijde 43.
2 Selecteer BT INFO met
MULTI-CONTROL.
De versie van het systeem (de microprocessor)
van dit toestel wordt weergegeven.
3 Duw MULTI-CONTROL naar links om
naar de versie van de Bluetooth-module
van dit toestel te schakelen.
# Duw MULTI-CONTROL naar rechts om terug
te keren naar de systeemversie van dit toestel.
De Bluetooth-module resetten
Informatie met betrekking tot Bluetooth-tele-
foons en Bluetooth-audio kan worden gewist.
Om uw persoonlijke gegevens te beschermen,
wordt u aangeraden om zulke gegevens te ver-
wijderen voordat u het toestel aan derden over-
draagt. De volgende instellingen worden
verwijderd.
items uit het telefoonboek van de Blue-
tooth-telefoon
voorkeuzenummers uit de Bluetooth-tele-
foon
het registratienummer van de Bluetooth-te-
lefoon
de gespreksgeschiedenis van de Bluetooth-
telefoon
gegevens van de laatst aangesloten Blue-
tooth-audiospeler
1 Geef het menu met begininstellingen
weer.
Raadpleeg De begininstellingen aanpassen op
bladzijde 43.
2 Selecteer BT RESET met
MULTI-CONTROL.
3 Duw MULTI-CONTROL naar rechts om
het bevestigingsscherm weer te geven.
BT RESET:YES wordt weergegeven. Het toestel
is nu gereed om het geheugen te wissen.
# Als u het telefoongeheugen niet wilt resetten,
drukt u op BAND/ESC.
4 Druk op MULTI-CONTROL om het uit
het geheugen te wissen.
De software voor
Bluetooth bijwerken
Met behulp van deze functie kunt u de soft-
ware van dit toestel bijwerken met de meest
recente versie. Raadpleeg onze website voor
meer informatie over de software en het bij-
werken ervan.
1 Geef het menu met begininstellingen
weer.
Raadpleeg De begininstellingen aanpassen op
bladzijde 43.
2 Selecteer SOFTWARE UPDATE met
MULTI-CONTROL.
3 Duw MULTI-CONTROL omhoog of om-
laag en selecteer een groep.
4 Druk op MULTI-CONTROL en geef de
gegevensoverdrachtsmodus weer.
# Volg de aanwijzingen op het scherm om het
bijwerken te voltooien.
Begininstellingen
Nl
48
Hoofdstuk
04
De AUX-signaalbron
Met behulp van een stereo-miniplugkabel kun-
nen externe apparaten op dit toestel worden
aangesloten.
% Steek de stereo-miniplugkabel in de in-
gang van dit toestel.
Raadpleeg de installatiehandleiding voor meer
informatie.
AUX als signaalbron selecteren
% Druk op SRC en kies AUX als signaal-
bron.
# Als de externe aansluiting niet is ingescha-
keld, kan AUX niet worden geselecteerd. Raad-
pleeg De externe ingang in- of uitschakelen op
bladzijde 45 voor meer informatie.
De AUX-titel instellen
De naam die voor de AUX signaalbron op het
display verschijnt, kan worden gewijzigd.
1 Nadat u AUX als signaalbron hebt gese-
lecteerd, gebruikt u MULTI-CONTROL om
FUNCTION te selecteren en TITLE INPUT
weer te geven.
2 Voer de titel op dezelfde wijze in als
voor de ingebouwde cd-speler.
Raadpleeg Disctitels invoeren op bladzijde 20
voor meer informatie over de bediening.
Overige functies
Nl
49
Hoofdstuk
05
Overige functies
Problemen verhelpen
Bluetooth-audio/telefoon
Symptoom Oorzaak Maatregel
Het geluidssig-
naal van de
Bluetooth-ge-
luidsbron
wordt niet
weergegeven.
Er wordt op het-
zelfde moment
getelefoneerd
met een via Blue-
tooth aangeslo-
ten mobiele
telefoon.
Het geluidssignaal
wordt weergegeven
nadat het gesprek
beëindigd is.
Er wordt op het-
zelfde moment
een via Bluetooth
aangesloten mo-
biele telefoon ge-
bruikt.
Gebruik de mobiele
telefoon niet op
hetzelfde moment.
Er werd opgebeld
met een via Blue-
tooth aangeslo-
ten mobiele
telefoon maar
het gesprek werd
onmiddellijk
weer beëindigd.
Daardoor kon de
verbinding tus-
sen dit toestel en
de mobiele tele-
foon niet correct
worden afgeslo-
ten.
Herstel de Blue-
tooth-verbinding
tussen dit toestel
en de mobiele tele-
foon.
Foutmeldingen
Schrijf een foutmelding altijd nauwkeurig op
en houd deze bij de hand als u contact op-
neemt met uw leverancier of het dichtstbij-
zijnde Pioneer-servicecentrum.
Ingebouwde cd-speler
Melding Oorzaak Maatregel
ERROR-11, 12,
17, 30
Vuile disc Maak de disc
schoon.
ERROR-11, 12,
17, 30
Bekraste disc Vervang de disc.
ERROR-10, 11,
12, 15, 17, 30,
A0
Elektrisch of me-
chanisch pro-
bleem
Zet het contact uit
en weer aan, of
schakel over naar
een andere sig-
naalbron en dan
terug naar de cd-
speler.
ERROR-15 De geplaatste
disc bevat geen
gegevens
Vervang de disc.
ERROR-22, 23 Het cd-formaat
kan niet worden
afgespeeld
Vervang de disc.
NO AUDIO De geplaatste
disc bevat geen
bestanden die
kunnen worden
afgespeeld
Vervang de disc.
TRK SKIPPED De geplaatste
disc bevat WMA-
bestanden die
door digital
rights manage-
ment (digitaal
rechtenbeheer,
DRM) zijn bevei-
ligd
Vervang de disc.
PROTECT Alle bestanden
op de disc zijn
door digital
rights manage-
ment (digitaal
rechtenbeheer,
DRM) beveiligd
Vervang de disc.
Bluetooth-audio/telefoon
Melding Oorzaak Maatregel
ERROR-10 Er is een fout op-
getreden in de in-
terne Bluetooth-
eenheid.
Zet het contact af
en dan weer aan.
ERROR-80 Er is een fout op-
getreden in het
interne flash
rom-geheugen
Zet het contact af
en dan weer aan.
Aanvullende informatie
Nl
50
Aanhangsel
Richtlijnen voor het gebruik
van discs en de speler
! Gebruik uitsluitend discs die voorzien zijn
van een van onderstaande twee logos.
! Gebruik uitsluitend normale, ronde discs.
Gebruik geen discs met een andere vorm
(shaped discs).
! Gebruik cds van 12 of 8 cm. Gebruik geen
adapter als u cds van 8 cm afspeelt.
! Plaats geen ander object dan een cd in de
cd-laadsleuf.
! Gebruik geen gebarste, gebroken, kromme
of op andere wijze beschadigde discs,
omdat zulke discs de speler kunnen be-
schadigen.
! Niet-gefinaliseerde cd-r/cd-rw-discs kunnen
niet worden afgespeeld.
! Raak de gegevenszijde van de disc niet
aan.
! Bewaar discs in het bijbehorende doosje
wanneer u ze niet gebruikt.
! Bewaar discs niet in een hete ruimte of in
direct zonlicht.
! Plak geen labels op discs, schrijf er niet op
en breng het oppervlak niet in aanraking
met chemische middelen.
! Om een cd te reinigen, veegt u de disc van
het midden naar de buitenkant met een
zachte doek schoon.
! Condens en vochtvorming kunnen de werk-
ing van de speler tijdelijk negatief beïnvloe-
den. Laat de speler in een warmere
omgeving ongeveer een uur op tempera-
tuur komen. Veeg vochtige schijven met
een zachte doek schoon.
! Sommige discs kunnen niet worden afge-
speeld afhankelijk van het type disc, de in-
deling ervan, de toepassing waarmee deze
is opgenomen, de omgeving waarin deze
wordt afgespeeld, de manier waarop deze
wordt bewaard, enzovoort.
! Tekstinformatie wordt soms niet correct
weergegeven. Dat is afhankelijk van de ma-
nier waarop de disc is opgenomen.
! Schokken tijdens het rijden van het voer-
tuig kunnen de disc laten overslaan.
! Lees de voor discs geldende voorzorgs-
maatregelen voordat u ze gebruikt.
Dual discs
! Dual discs zijn dubbelzijdige discs met aan
de ene kant een beschrijfbaar cd-oppervlak
voor audio-opnamen en aan de andere
kant een beschrijfbaar dvd-oppervlak voor
video-opnamen.
! Aangezien de cd-zijde van Dual discs niet
compatibel is met de algemene cd-stan-
daard, is het wellicht niet mogelijk de cd-
zijde op dit toestel af te spelen.
! Het regelmatig plaatsen en uitwerpen van
een Dual disc kan krassen veroorzaken op
de disc en tot afspeelproblemen leiden. In
sommige gevallen kan een Dual disc vast
komen te zitten in de cd-laadsleuf en kan
deze niet meer worden uitgeworpen. Om
problemen te voorkomen wordt u aangera-
den om geen Dual discs te gebruiken met
dit toestel.
! Raadpleeg de informatie van de fabrikant
van de disc voor meer informatie over Dual
discs.
Compatibiliteit met
gecomprimeerde audio
WMA
! Compatibel formaat: WMA gecodeerd met
Windows Media Player
! Bitsnelheid: 48 kbps tot 320 kbps (CBR), 48
kbps tot 384 kbps (VBR)
! Bemonsteringsfrequentie: 32 kHz tot 48
kHz
! Windows Media Audio 9 Professional, Los-
sless, Voice: Nee
Aanvullende informatie
Nl
51
Aanhangsel
Aanvullende informatie
MP3
! Bitsnelheid: 8 kbps tot 320 kbps
! Bemonsteringsfrequentie: 16 kHz tot 48
kHz (32, 44,1, 48 kHz voor de beste kwali-
teit)
! Compatibele ID3-tag-versie: 1.0, 1.1, 2.2,
2.3, 2.4 (ID3-tag versie 2.x krijgt prioriteit
boven versie 1.x.)
! M3u speellijst: Nee
! MP3i (MP3 interactive), mp3 PRO: Nee
WAV
! Compatibel formaat: Lineair PCM (LPCM),
MS ADPCM
! Quantisatiebits: 8 en 16 (LPCM), 4 (MS
ADPCM)
! Bemonsteringsfrequentie: 16 kHz tot 48
kHz (LPCM), 22,05 kHz tot 44,1 kHz (MS
ADPCM)
Gecomprimeerde
audiobestanden op disc
! Afhankelijk van de versie van de Windows
Media Player die is gebruikt om WMA-be-
standen te coderen, kan het voorkomen dat
albumtitels en andere tekstinformatie niet
goed worden weergegeven.
! Er kan een kleine vertraging optreden bij
het afspelen van WMA-bestanden die met
afbeeldingsgegevens zijn gecodeerd.
! ISO 9660 niveau 1 en 2 compatibel. Bestan-
den in de bestandssystemen Romeo en Jo-
liet zijn compatibel met deze speler.
! Het afspelen van multisessie-discs is moge-
lijk.
! Gecomprimeerde audiobestanden zijn niet
compatibel met packet write data transfer.
! Van mapnamen en bestandsnamen (inclu-
sief de extensie zoals .wma, .mp3 of .wav)
worden alleen de eerste 64 tekens weerge-
geven.
! De mapvolgorde en andere instellingen zijn
afhankelijk van de software die voor het co-
deren en schrijven is gebruikt.
! Bij het afspelen van gecomprimeerde audi-
odiscs wordt altijd een korte pauze ingelast
tussen de fragmenten. Dit gebeurt onge-
acht de lengte van de lege ruimte tussen
de fragmenten op de originele opname.
! Bestandsextenties zoals .wma, .mp3 of
.wav moeten correct gebruikt worden.
! Russische tekst die op dit toestel moeten
worden weergegeven, moet met de vol-
gende tekensets zijn gecodeerd:
Unicode (UTF-8, UTF-16)
Andere tekensets dan Unicode die in
een Windows-omgeving worden ge-
bruikt en op Russisch zijn ingesteld bij
de instellingen voor meerdere talen
! Van Russische tekst worden alleen de
eerste 32 tekens weergegeven van de be-
standsnaam (inclusief de extensie zoals
.wma, .mp3 of .wav) of mapnaam.
Voorbeeld van een boomstructuur
: Map
: Gecomprimeerd audiobestand
1
2
3
4
5
6
Niv
eau
1 Niv
eau
2 Niv
eau
3 Niv
eau
4
! Mapnummers worden door dit toestel toe-
gewezen. Als gebruiker kunt u geen map-
nummers toewijzen.
! De mappenstructuur kan uit maximaal
acht niveaus bestaan. Voor praktisch ge-
bruik kunt u beter niet meer dan twee ni-
veaus gebruiken.
! Er kunnen bestanden uit maximaal 99 map-
pen worden afgespeeld.
Bluetooth-profielen
! Apparaten die via Bluetooth draadloze
technologie communiceren, moeten be-
paalde profielen ondersteunen. Dit toestel
is compatibel met de volgende profielen:
Aanvullende informatie
Nl
52
Aanhangsel
A2DP (Advanced Audio Distribution
Profile)
AVRCP (Audio/Video Remote Control
Profile)
GAP (Generic Access Profile)
SDP (Service Discovery Protocol)
OPP (Object Push Profile)
HFP (Hands Free Profile)
PBAP (Phone Book Access Profile)
SPP (Serial Port Profile)
Lijst met Russische tekens
D: Display
C: Teken
DC DC DC DC
А Б В Г
Д Е, Ё Ж З
И, Й К Л М
Н О П Р
С Т У Ф
Х Ц Ч Ш, Щ
Ъ Ы Ь Э
Ю Я
Aanvullende informatie
Nl
53
Aanhangsel
Aanvullende informatie
Technische gegevens
Algemeen
Spanningsbron ......................... 14,4 V gelijkstroom (12,0 tot
14,4 V toelaatbaar)
Aarding ......................................... Negatief
Max. stroomverbruik .............. 10,0 A
Afmetingen (B × H × D):
DIN
Chassis ..................... 178 mm × 50 mm × 162
mm
Voorkant ................... 188 mm × 58 mm × 15 mm
D
Chassis ..................... 178 mm × 50 mm × 162
mm
Voorkant ................... 170 mm × 46 mm × 15 mm
Gewicht ........................................ 1,3 kg
Audio
Maximaal uitgangsvermogen
..................................................... 50 W × 4
50 W × 2/4 W + 70 W × 1/2
W (voor de subwoofer)
Doorlopend uitgangsvermogen
..................................................... 22 W × 4 (50 Hz tot 15 000
Hz, 5% THD, 4 W belasting,
beide kanalen)
Belastingsimpedantie ........... 4 W tot 8 W ×4
4 W tot 8 W ×2+2W ×1
Preout max uitgangsniveau
..................................................... 2,2 V
Equalizer (3-bands parametrische equalizer):
Laag
Frequentie ............... 40/80/100/160 Hz
Q-factor .................... 0,35/0,59/0,95/1,15 (+6 dB
wanneer versterkt)
Gain ............................ ±12 dB
Midden
Frequentie ............... 200/500/1k/2k Hz
Q-factor .................... 0,35/0,59/0,95/1,15 (+6 dB
wanneer versterkt)
Gain ............................ ±12 dB
Hoog
Frequentie ............... 3,15k/8k/10k/12,5k Hz
Q-factor .................... 0,35/0,59/0,95/1,15 (+6 dB
wanneer versterkt)
Gain ............................ ±12 dB
HPF:
Frequentie ......................... 50/63/80/100/125 Hz
Afval ..................................... 12 dB/oct
Subwoofer (mono):
Frequentie ......................... 50/63/80/100/125 Hz
Afval ..................................... 18 dB/oct
Gain ...................................... +6 dB tot 24 dB
Fase ...................................... Normaal/tegengesteld
Bass boost:
Gain ...................................... +12 dB tot 0 dB
Cd-speler
Systeem ....................................... Compact Disc Audio
Bruikbare discs ........................ Compact Discs
Signaal-tot-ruisverhouding
..................................................... 94 dB (1 kHz) (IEC -A net-
werk)
Aantal kanalen .......................... 2 (stereo)
MP3-decoderingsformaat ... MPEG-1 & 2 Audio Layer 3
WMA-decoderingsformaat
..................................................... Versie 7, 7.1, 8, 9, 10, 11 (2
kan. audio)
(Windows Media Player)
WAV-signaalformaat .............. Lineaire PCM & MS ADPCM
(niet gecomprimeerd)
FM-tuner
Frequentiebereik ...................... 87,5 MHz tot 108,0 MHz
Bruikbare gevoeligheid ......... 8 dBf (0,7 µV/75 W, mono,
S/N: 30 dB)
Signaal-tot-ruisverhouding
..................................................... 75 dB (IEC -A netwerk)
MW-tuner
Frequentiebereik ...................... 531 kHz tot 1 602 kHz (9
kHz)
Bruikbare gevoeligheid ......... 18 µV (S/N: 20 dB)
Signaal-tot-ruisverhouding
..................................................... 65 dB (IEC -A netwerk)
LW-tuner
Frequentiebereik ...................... 153 kHz tot 281 kHz
Bruikbare gevoeligheid ......... 30 µV (S/N: 20 dB)
Signaal-tot-ruisverhouding
..................................................... 65 dB (IEC -A netwerk)
Bluetooth
Versie ............................................. Bluetooth 2.0 gecertificeerd
Uitgangsvermogen ................. +4 dBm max.
(Vermogensklasse 2)
Opmerking
Technische gegevens en ontwerp kunnen ter pro-
ductverbetering zonder voorafgaande kennisge-
ving worden gewijzigd.
Aanvullende informatie
Nl
54
Aanhangsel
PIONEER CORPORATION
4-1, MEGURO 1-CHOME, MEGURO-KU
TOKYO 153-8654, JAPAN
PIONEER ELECTRONICS (USA) INC.
P.O. Box 1540, Long Beach, California 90801-1540, U.S.A.
TEL: (800) 421-1404
PIONEER EUROPE NV
Haven 1087, Keetberglaan 1, B-9120 Melsele, Belgium
TEL: (0) 3/570.05.11
PIONEER ELECTRONICS ASIACENTRE PTE. LTD.
253 Alexandra Road, #04-01, Singapore 159936
TEL: 65-6472-7555
PIONEER ELECTRONICS AUSTRALIA PTY. LTD.
178-184 Boundary Road, Braeside, Victoria 3195, Australia
TEL: (03) 9586-6300
PIONEER ELECTRONICS OF CANADA, INC.
300 Allstate Parkway, Markham, Ontario L3R 0P2, Canada
TEL: 1-877-283-5901
TEL: 905-479-4411
PIONEER ELECTRONICS DE MEXICO, S.A. de C.V.
Blvd.Manuel Avila Camacho 138 10 piso
Col.Lomas de Chapultepec, Mexico, D.F. 11000
TEL: 55-9178-4270
: 台北44 13
: (02) 2521-3588
9901-6
: (0852) 2848-6488
Uitgegeven door Pioneer Corporation.
Copyright © 2007 by Pioneer Corporation.
Alle rechten voorbehouden.
<CRB2559-A/N> EW
<KSNZX> <07L00000>
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52
  • Page 53 53
  • Page 54 54
  • Page 55 55

Pioneer DEH-600BT Handleiding

Type
Handleiding