Electrolux EVY7805AOX Handleiding

Categorie
Magnetrons
Type
Handleiding

Deze handleiding is ook geschikt voor

EVY7800AOX
EVY7800AAX
EVY7800AAV
EVY7800ZOZ
NL
Combimagnetron Gebruiksaanwijzing
INHOUDSOPGAVE
1. VEILIGHEIDSINFORMATIE............................................................................... 3
2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN...................................................................... 6
3. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT..............................................................8
4. BEDIENINGSPANEEL....................................................................................... 9
5. VOOR HET EERSTE GEBRUIK...................................................................... 11
6. DAGELIJKS GEBRUIK.....................................................................................11
7. MAGNETRONSTAND...................................................................................... 15
8. KLOKFUNCTIES.............................................................................................. 20
9. AUTOMATISCHE PROGRAMMA'S................................................................. 21
10. GEBRUIK VAN DE ACCESSOIRES.............................................................. 22
11. EXTRA FUNCTIES.........................................................................................23
12. AANWIJZINGEN EN TIPS..............................................................................25
13. ONDERHOUD EN REINIGING...................................................................... 46
14. PROBLEEMOPLOSSING...............................................................................47
15. TECHNISCHE GEGEVENS........................................................................... 48
WE DENKEN AAN U
Bedankt voor het kopen van een Electrolux-apparaat. U koos voor een product
dat jaren professionele ervaring en innovatie bevat. Ingenieus en stijlvol, het werd
ontworpen met u in het achterhoofd. Wanneer u het gebruikt, kunt u er op
vertrouwen dat u keer op keer fantastische resultaten zult krijgen.
Welkom bij Electrolux.
Ga naar onze website voor:
Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen en
onderhoudsinformatie:
www.electrolux.com/webselfservice
Registreer uw product voor een betere service:
www.registerelectrolux.com
Koop accessoires, verbruiksartikelen en originele reserveonderdelen voor uw
apparaat:
www.electrolux.com/shop
KLANTENSERVICE
Gebruik altijd originele onderdelen.
Als u contact opneemt met de klantenservice zorg dat u de volgende gegevens
bij de hand hebt: model, productnummer, serienummer.
Deze informatie wordt vermeld op het typeplaatje.
Waarschuwing / Belangrijke veiligheidsinformatie
Algemene informatie en tips
Milieu-informatie
Wijzigingen voorbehouden.
www.electrolux.com2
1. VEILIGHEIDSINFORMATIE
Lees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor
installatie en gebruik van het apparaat. De fabrikant is
niet verantwoordelijk voor letsel of schade veroorzaakt
door een verkeerde installatie of verkeerd gebruik.
Bewaar de instructies altijd op een veilige en
toegankelijke plaats voor toekomstig gebruik.
1.1 Veiligheid van kinderen en kwetsbare mensen
Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8
jaar en ouder en door mensen met beperkte
lichamelijke, zintuiglijke of verstandelijke vermogens of
een gebrek aan ervaring en kennis, indien zij onder
toezicht staan of instructies hebben gekregen over het
veilig gebruiken van het apparaat en indien zij de
eventuele gevaren begrijpen.
Laat kinderen niet met het apparaat spelen.
Houd alle verpakking uit de buurt van kinderen en
gooi het op passende wijze weg.
Houd kinderen en huisdieren uit de buurt van het
apparaat als het in werking is of afkoelt. Het apparaat
is heet.
Als het apparaat is voorzien van een kinderslot, dient
dit te worden geactiveerd.
Kinderen mogen zonder toezicht geen reinigings- en
onderhoudswerkzaamheden aan het apparaat
uitvoeren.
Kinderen van 3 jaar en jonger moeten tijdens de
werking van dit apparaat altijd uit te buurt worden
gehouden.
1.2 Algemene veiligheid
Alleen een erkende installatietechnicus mag het
apparaat installeren en de kabel vervangen.
WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke
onderdelen ervan worden heet tijdens gebruik. U dient
op te passen dat u de verwarmingselementen niet
NEDERLANDS 3
aanraakt. Houd kinderen jonger dan 8 jaar uit de buurt
of onder permanent toezicht.
Gebruik altijd ovenhandschoenen om accessoires of
kookgerei te plaatsen of verwijderen.
Zet de stroomtoevoer uit alvorens onderhoud te
plegen.
Zorg ervoor dat het apparaat is uitgeschakeld voordat
u de lamp vervangt om elektrische schokken te
voorkomen.
Gebruik geen stoomreiniger om het apparaat schoon
te maken.
Gebruik nooit agressieve reinigingsmiddelen of
scherpe metalen schrapers om de glazen deur schoon
te maken, deze kunnen krassen veroorzaken op het
oppervlak, waardoor het glas zou kunnen breken.
Als het netsnoer beschadigd is, moet de fabrikant, een
erkende serviceverlener of een gekwalificeerd
persoon deze vervangen teneinde gevaarlijke situaties
te voorkomen.
Schakel het apparaat niet in als het leeg is. Metalen
delen in de ovenruimte kunnen elektrische vonken
veroorzaken.
Tijdens bereiding in de magnetron zijn geen metalen
voedselbakjes en drinkbekers toegestaan. Deze
vereiste is niet van toepassing als de fabrikant heeft
aangegeven dat het formaat en de vorm van het
metalen voorwerp geschikt is voor bereiding in de
magnetron.
Als de deur, scharnieren/handgrepen of
deurafdichtingen zijn beschadigd, mag het apparaat
niet worden gebruikt tot hij is gerepareerd door een
vakkundig persoon.
Alleen een vakkundig persoon kan onderhouds- of
reparatiewerkzaamheden uitvoeren waarvoor de
afdekking moet worden verwijderd die beschermd
tegen blootstelling aan magnetronenergie.
www.electrolux.com4
Verwarm geen vloeistoffen of andere levensmiddelen
in afgesloten houders. Deze kunnen dan ontploffen.
Gebruik alleen hulpstukken die geschikt zijn voor
gebruik in de magnetron.
Let bij het opwarmen van voedsel in plastic of
papieren houders op het apparaat vanwege de
mogelijkheid tot zelfontbranding.
Het apparaat is bedoeld voor het opwarmen van
voedsel en dranken. Het drogen van levensmiddelen
of kleding en het opwarmen van warmhoudpads,
slippers, sponzen, vochtige doekjes en dergelijke kan
leiden tot letsel, zelfontbranding of brand.
Als rook wordt waargenomen, zet dan het apparaat uit
of trek de stekker uit het stopcontact en houd de deur
gesloten om vlammen te doven.
Het in de magnetron opwarmen van dranken kan
ertoe leiden dat het langer duurt voordat het kookpunt
wordt bereikt. Pas op als u de houder uit de
magnetron haalt.
De inhoud van melkflesjes en potjes babyvoeding
moet worden geroerd of geschud en de temperatuur
moet voor consumptie worden gecontroleerd om
brandwonden te voorkomen.
Eieren in de schaal en hele hardgekookte eieren
mogen niet in het apparaat worden opgewarmd omdat
ze dan kunnen ontploffen, zelfs nadat de
magnetronverwarming is beëindigd.
Het apparaat moet regelmatig worden gereinigd en
voedselresten dienen te worden verwijderd.
Het niet schoonhouden van het apparaat kan leiden
tot beschadigingen aan het oppervlak hetgeen weer
een negatief effect kan hebben op de levensduur van
het apparaat wat weer kan leiden tot een gevaarlijke
situatie.
NEDERLANDS 5
2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
2.1 Montage
WAARSCHUWING!
Alleen een erkende
installatietechnicus mag het
apparaat installeren.
Verwijder alle verpakkingsmaterialen.
Installeer en gebruik geen beschadigd
apparaat.
Volg de installatie-instructies op die
zijn meegeleverd met het apparaat.
Pas altijd op bij verplaatsing van het
apparaat, want het is zwaar. Gebruik
altijd veiligheidshandschoenen en
gesloten schoeisel.
Trek het apparaat nooit aan de
handgreep van zijn plaats.
Houd de minimumafstand naar
andere apparaten en units in acht.
Zorg ervoor dat het apparaat onder en
naast veilige installaties wordt
geïnstalleerd.
De zijkanten van het apparaat moeten
naast apparaten of units staan van
dezelfde hoogte.
2.2 Elektrische aansluiting
WAARSCHUWING!
Gevaar voor brand en
elektrische schokken.
Alle elektrische aansluitingen moeten
door een gediplomeerd
elektromonteur worden gemaakt.
Dit apparaat moet worden
aangesloten op een geaard
stopcontact.
Controleer of de elektrische informatie
op het typeplaatje overeenkomt met
de stroomvoorziening. Zo niet, neem
dan contact op met een
elektromonteur.
Gebruik altijd een correct
geïnstalleerd, schokbestendig
stopcontact.
Gebruik geen meerwegstekkers en
verlengsnoeren.
Zorg dat u de hoofdstekker en kabel
niet beschadigt. Indien de
voedingskabel moet worden
vervangen, dan moet dit gebeuren
door onze Klantenservice.
Laat de stroomkabel niet in aanraking
komen met de deur van het apparaat,
met name niet als deze heet is.
De schokbescherming van delen
onder stroom en geïsoleerde delen
moet op zo'n manier worden
bevestigd dat het niet zonder
gereedschap kan worden verplaatst.
Steek de stekker pas in het
stopcontact als de installatie is
voltooid. Zorg ervoor dat het netsnoer
na installatie bereikbaar is.
Sluit de stroomstekker niet aan op
een losse stroomaansluiting.
Trek niet aan het netsnoer om het
apparaat los te koppelen. Trek altijd
aan de stekker.
Gebruik alleen de juiste isolatie-
apparaten: stroomonderbrekers,
zekeringen (schroefzekeringen
moeten uit de houder worden
verwijderd), aardlekschakelaars en
contactgevers.
De elektrische installatie moet een
isolatieapparaat bevatten waardoor
het apparaat volledig van het lichtnet
afgesloten kan worden. Het
isolatieapparaat moet een
contactopening hebben met een
minimale breedte van 3 mm.
Dit apparaat voldoet aan de EEG-
richtlijnen.
2.3 Gebruik
WAARSCHUWING!
Gevaar op letsel,
brandwonden, elektrische
schokken of een explosie.
Dit apparaat is uitsluitend bestemd
voor huishoudelijk gebruik.
De specificatie van het apparaat mag
niet worden veranderd.
Zorg ervoor dat de
ventilatieopeningen niet geblokkeerd
zijn.
Laat het apparaat tijdens het gebruik
niet onbeheerd achter.
Schakel het apparaat telkens na
gebruik uit.
www.electrolux.com6
Wees voorzichtig met het openen van
de deur van het apparaat als het
apparaat aan staat. Er kan hete lucht
ontsnappen.
Bedien het apparaat niet met natte
handen of als het contact maakt met
water.
Oefen geen kracht uit op een
geopende deur.
Het apparaat mag niet worden
gebruikt als werkblad of aanrecht.
Open de deur van het apparaat
voorzichtig. Als u alcoholische
toevoegingen gebruikt, kan er alcohol-
luchtmengsel ontstaan.
Houd vonken of open vlammen uit de
buurt van het apparaat bij het openen
van de deur.
Plaats geen ontvlambare producten of
gerechten die vochtig zijn gemaakt
met ontvlambare producten in, bij of
op het apparaat.
De magnetronfunctie mag niet worden
gebruikt om de oven voor te
verwarmen.
WAARSCHUWING!
Risico op schade aan het
apparaat.
Om schade of verkleuring van het
email te voorkomen:
leg geen aluminiumfolie op de
bodem van het apparaat.
plaats geen water direct in het
hete apparaat.
haal vochthoudende schotels en
eten uit het apparaat als u klaar
bent met koken.
wees voorzichtig bij het
verwijderen of bevestigen van
accessoires.
Verkleuring van het email heeft geen
ongewenst effect op de werking van
het apparaat.
Gebruik een diepe pan voor vochtige
taarten. Fruitsappen kunnen
permanente vlekken maken.
Dit apparaat is uitsluitend bestemd
om mee te koken. Het mag niet
worden gebruikt voor andere
doeleinden, zoals het verwarmen van
een kamer.
Alle bereidingen moeten worden
uitgevoerd met gesloten ovendeur.
Als het apparaat achter een
meubelpaneel gemonteerd is (bijv.
een deur), zorg er dan voor dat de
deur nooit gesloten is als het apparaat
in werking is. Warmte en vocht
kunnen achter een gesloten
meubelpaneel ophopen en schade
aan het apparaat, de behuizing of de
vloer veroorzaken. Sluit het
meubelpaneel niet tot het apparaat
volledig afgekoeld is na gebruik.
2.4 Onderhoud en reiniging
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel, brand en
schade aan het apparaat.
Schakel het apparaat uit en trek de
stekker uit het stopcontact voordat u
onderhoudshandelingen verricht.
Zorg dat het apparaat is afgekoeld. Er
bestaat een risico dat de glasplaten
kunnen breken.
Vervang direct de glazen deurpanelen
als deze beschadigd zijn. Neem
contact op met de erkende
servicedienst.
Zorg ervoor dat de ovenruimte en de
deur na elk gebruik worden
afgeveegd. Stoom geproduceerd
tijdens de werking van het apparaat
condenseert op de wanden en kan
roest veroorzaken.
Reinig het apparaat regelmatig om te
voorkomen dat het materiaal van het
oppervlak achteruitgaat.
Vet en voedsel dat in het apparaat
achterblijft kan brand en een
vlamboog veroorzaken als de
magnetronfunctie in werking wordt
gezet.
Reinig het apparaat met een vochtige
zachte doek. Gebruik alleen neutrale
reinigingsmiddelen. Gebruik geen
schuurmiddelen, schuursponsjes,
oplosmiddelen of metalen
voorwerpen.
Raadpleeg als u een ovenspray
gebruikt eerst de aanwijzingen op de
verpakking.
Reinig niet het katalytisch email
(indien van toepassing) met een
schoonmaakmiddel.
NEDERLANDS 7
2.5 Binnenverlichting
De gloeilampen of halogeenlampen in
dit apparaat zijn uitsluitend bedoeld
voor gebruik in huishoudelijke
apparaten. Gebruik deze niet voor
andere doeleinden.
WAARSCHUWING!
Gevaar voor elektrische
schokken!
Voordat u het lampje vervangt, dient u
de stekker van het apparaat uit het
stopcontact te halen.
Gebruik alleen lampjes met dezelfde
specificaties.
2.6 Verwijdering
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of
verstikking.
Haal de stekker uit het stopcontact.
Snijd het netsnoer vlak bij het
apparaat af en gooi het weg.
Verwijder de deurvergrendeling om te
voorkomen dat kinderen of huisdieren
binnen in het apparaat vast komen te
zitten.
2.7 Servicedienst
Neem contact op met een erkende
servicedienst voor reparatie van het
apparaat.
Gebruik uitsluitend originele
reserveonderdelen.
3. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT
3.1 Algemeen overzicht
1 2
8
4
3
1
2
3
6
4
5
7
1
Bedieningspaneel
2
Elektronische tijdschakelklok
3
Verwarmingselement
4
Magnetrongenerator
5
Lampje
6
Ventilator
7
Verwijderbare inschuifrail
8
Roosterhoogtes
3.2 Accessoires
Bakrooster
Voor kookgerei, bak- en braadvormen.
Bakplaat
www.electrolux.com8
Voor gebak en koekjes.
4. BEDIENINGSPANEEL
4.1 Elektronische tijdschakelklok
1 112 4 63 9 105 7 8
Gebruik de tiptoetsen om het apparaat te bedienen.
Raak als ze niet zichtbaar zijn om ze te activeren.
Tiptoets Functie Opmerking
1
AAN/UIT Het apparaat in- en uitschakelen
2
Verwarmings‐
functies of Kook-
en bakassistent
Raak om een verwarmingsfunctie of het menu
te kiezen de tiptoets eenmaal aan: Kook- en
bakassistent. Raak de tiptoets weer aan om
tussen de menu's te schakelen: Verwarmings‐
functies, Kook- en bakassistent. Raak het veld
3 seconden aan om het licht in of uit te schake‐
len.
3
Toets op de ach‐
terkant
Om één niveau terug te gaan in het menu.
Raak het veld 3 seconden aan om het hoofd‐
menu weer te geven.
4
Temperatuurkeu‐
ze
Om de temperatuur in te stellen of om de huidi‐
ge temperatuur in het apparaat te tonen. Raak
het veld 3 seconden aan om de functie in of uit
te schakelen: Snel opwarmen.
5
Magnetronfunc‐
tie
Het inschakelen van de magnetronfunctie.
Wanneer u de magnetron gebruikt met de func‐
tie: Programmaduur gedurende meer dan 7 mi‐
nuten en in de Combi-stand, kan het vermogen
niet hoger zijn dan 600 W.
6
- Display Toont de huidige instellingen van het apparaat.
7
Toets omhoog Omhoog gaan in het menu.
8
Toets omlaag Omlaag gaan in het menu.
NEDERLANDS 9
Tiptoets Functie Opmerking
9
Tijd en overige
functies
Verschillende functies instellen. Als een ver‐
warmfunctie in werking is, raakt u de tiptoets
aan om de timer of de functies in te stellen:
Toetsblokkering, Favoriet, Heat + Hold, Set +
Go.
10
Kookwekker Om de volgende functie in te stellen: Kookwek‐
ker.
11
OK/Magnetron
snelle start
De selectie of instelling bevestigen. Het inscha‐
kelen van de magnetronfunctie. Te gebruiken
als het apparaat is uitgeschakeld.
4.2 Display
A
DE
B C
A. Verwarmingsfunctie of
magnetronfunctie
B. Dagtijd
C. Indicatielampje bij voorverwarmen
D. Temperatuur of vermogen in de
magnetron
E. Duur of eindtijd van een functie
Andere indicatielampjes op het display:
Symbool Functie
Kookwekker De functie werkt.
Dagtijd Het display geeft de huidige tijd aan.
Programmaduur Het display geeft de benodigde
kooktijd weer.
Eindtijd Het display geeft aan wanneer de
kooktijd voorbij is.
Temperatuur Het display toont de temperatuur.
Tijdisindicatie Er wordt weergegeven hoe lang een
verwarmingsfunctie in werking is.
Druk tegelijkertijd op and om
de tijd te resetten.
Indicatielampje bij voor‐
verwarmen
Het display geeft de temperatuur in
het apparaat aan.
Indicatielampje snelver‐
hitting
De functie is actief. Het verkort de
opwarmtijd.
www.electrolux.com10
Symbool Functie
Automatisch wegen Het display geeft weer dat het auto‐
matische weegsysteem actief is of
dat het gewicht kan worden gewij‐
zigd.
Heat + Hold De functie is actief.
5. VOOR HET EERSTE GEBRUIK
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
5.1 Eerste reiniging
Verwijder all accessoires en
verwijderbare inschuifrails uit het
apparaat.
Zie het hoofdstuk
'Onderhoud en reiniging'.
Reinig het apparaat en de accessoires
voor het eerste gebruik.
Zet de accessoires en verwijderbare
inschuifrails terug in de beginstand.
5.2 Eerste aansluiting
Wanneer u het apparaat op het
stopcontact aansluit of na een
stroomstoring moet u de taal, het
contrast, de helderheid en de tijd
instellen.
1. Druk op of om de waarde in
te stellen.
2. Druk op
om te bevestigen.
6. DAGELIJKS GEBRUIK
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
6.1 Door de menu's navigeren
1. Schakel het apparaat in.
2. Druk op of om de menu-optie
te selecteren.
3. Druk op om naar het submenu te
gaan of de instelling te accepteren.
U kunt te allen tijde
terugkeren naar het
hoofdmenu met .
6.2 Een overzicht van de menu's
Hoofdmenu
Sym‐
bool
Menu-item Applicatie
Verwarmingsfuncties Bestaat uit een lijst met verwarmingsfuncties.
Kook- en bakassistent Bestaat uit een lijst met automatische program‐
ma's.
NEDERLANDS 11
Sym‐
bool
Menu-item Applicatie
Favoriet Bestaat uit een lijst met favoriete bereidings‐
programma's die door de gebruiker zijn ge‐
maakt.
Basisinstellingen Wordt gebruikt voor het instellen van andere
instellingen.
Speciaal Bestaat uit een lijst met extra verwarmings‐
functies.
Submenu voor: Basisinstellingen
Sym‐
bool
Submenu Beschrijving
Instellen dagtijd Stel de dagtijd in.
Tijdsindicatie Als het apparaat AAN staat, geeft het display
de huidige tijd weer wanneer u het apparaat
uitschakelt.
Set + Go Om een functie in te stellen en later te active‐
ren door op een symbool op het bedieningspa‐
neel te drukken.
Heat + Hold Houdt het bereide voedsel warm gedurende 30
minuten nadat de kookcyclus voltooid is.
Verleng tijd Schakelt de functie Tijd verlengen in en uit.
Contrast Pas het contrast van het display in stappen
aan.
Helderheid Pas de helderheid van het display in stappen
aan.
Taal instellen Stelt de taal voor het display in.
Geluidsvolume Pas het volume van de druktonen en signalen
stapsgewijs aan.
Toetsvolume Schakelt de toon van de aanraakvelden aan en
uit. Het geluid van de tiptoets AAN/UIT kan niet
worden uitgeschakeld.
Alarmtoon Schakelt de alarmtoon in en uit.
Service Toont de softwareversie en -configuratie.
Fabrieksinstellingen Zet alle instellingen terug op de fabrieksinstel‐
ling.
www.electrolux.com12
6.3 Verwarmingsfuncties
Verwarmingsfunctie Applicatie
Multi hetelucht Om op 2 rekstanden te bakken en tegelijk
voedsel te drogen.Stel de temperatuur 20 -
40°C lager in dan voor de functie: Conventio‐
nele functie (Boven + Onderwarmte).
Pizza hetelucht Om gerechten op één niveau te bakken met in‐
tensief bruineren en een krokantere korst. Stel
de temperatuur 20 - 40°C lager in dan voor de
functie: Conventionele functie (Boven + Onder‐
warmte).
Conventionele functie
(Boven + Onderwarm‐
te)
Voor het bakken en braden op een ovenni‐
veau.
Lage temperatuur ga‐
ren
Voor het bereiden van mals en sappig braad‐
vlees.
Onderwarmte Voor het bakken van taarten met een knapperi‐
ge bodem en het inmaken van voedsel.
ECO Braden Als u deze functie tijdens het koken gebruikt,
kunt u het energieverbruik optimaliseren. Voor
meer informatie over de aanbevolen instellin‐
gen raadpleegt u de kooktabellen met de equi‐
valente ovenfunctie (Circulatiegrill).
Diepvriesvoeding Om kant-en-klaar-gerechten zoals patat, aard‐
appelpartjes of loempia's krokant te maken.
Grill Om plat voedsel te grillen en brood te rooste‐
ren.
Tweekrings grill Voor het roosteren van plat voedsel in grote
hoeveelheden en voor het maken van toast.
Circulatiegrill Voor het braden van grotere stukken vlees of
gevogelte met botten op één niveau. Ook om
te gratineren en te bruinen.
De verlichting kan tijdens
sommige ovenfuncties
automatisch uitschakelen als
de temperatuur onder de
60°C komt.
NEDERLANDS 13
6.4 Speciaal
Verwarmingsfunctie Applicatie
Brood bakken Om brood te bakken.
Gratineren Voor maaltijden als lasagne of aardappelgratin.
Ook om te gratineren en te bruineren.
Deeg laten rijzen Voor het beheerst laten rijzen van deeg voor‐
dat het wordt gebakken.
Borden warmen Om borden voor het serveren op te warmen.
Inmaken Voor de inmaak van groenten zoals augurken.
Drogen Voor het drogen van gesneden fruit (zoals ap‐
pels, pruimen, perziken) en groenten (zoals to‐
maten, courgette of champignons).
Warmhouden Om het voedsel warm te houden.
Ontdooien Deze functie kan gebruikt worden om bevroren
voedsel te ontdooien zoals groente en fruit. De
ontdooitijd hangt af van de hoeveelheid en dik‐
te van het voedsel.
6.5 Een verwarmingsfunctie
starten
1. Schakel het apparaat in.
2. Selecteer het menu:
Verwarmingsfuncties.
3. Druk op
om te bevestigen.
4. Selecteer een ovenfunctie.
5. Druk op om te bevestigen.
6. Stel de temperatuur in.
7. Druk op om te bevestigen.
6.6 Controlelampje bij
voorverwarmen
Wanneer u een verwarmingsfunctie
inschakelt, gaat het balkje op het display
branden. Het balkje geeft aan dat de
oventemperatuur toeneemt. Als de
temperatuur bereikt is, zoemt de zoemer
3 maal en knippert de balk om
vervolgens te verdwijnen.
6.7 Indicatielampje
snelverhitting
Deze functie verkort de opwarmtijd.
Leg geen voedsel in de oven
wanneer de functie Snel
opwarmen is ingeschakeld.
Als u de functie wilt activeren, houdt u
3 seconden ingedrukt. Het
indicatielampje voorverwarmen wisselt.
6.8 Restwarmte
Wanneer u het apparaat uitschakelt,
geeft het display de restwarmte aan. U
kunt de warmte gebruiken om het eten
warm te houden.
www.electrolux.com14
6.9 Energie besparen
Dit apparaat bevat functies
die u helpen energie te
besparen tijdens het
dagelijks koken.
Algemene tips
Zorg ervoor dat de ovendeur goed is
gesloten als het apparaat werkt en houd
de deur tijdens de bereiding zo veel
mogelijk gesloten.
Gebruik metalen schalen om meer
energie te besparen, maar alleen als u
geen magnetronfunctie gebruikt.
Indien mogelijk de oven niet
voorverwarmen voordat u er voedsel in
plaatst.
Verlaag bij een bereidingsduur langer
dan 30 minuten de oventemperatuur met
minimaal 3 - 10 minuten, afhankelijk van
de bereidingsduur voordat de kooktijd
verstrijkt. De restwarmte in de oven zorgt
ervoor dat het gerecht wordt voltooid.
U kunt de restwarmte gebruiken om
andere maaltijden op te warmen.
Bereiding met hete lucht
Gebruik indien mogelijk de
bereidingsfuncties met hete lucht om
energie te besparen.
Restwarmte
Bij sommige ovenfuncties worden, als
een programma met selectie
Programmaduur of Eindtijd in werking is
en de bereidingstijd langer is dan 30
minuten, de verwarmingselementen
automatisch 10% eerder uitgeschakeld.
De lamp en ventilator blijven wel werken.
Eten warm houden
Kies de laagst mogelijke
temperatuurinstelling om de restwarmte
te gebruiken en een maaltijd warm te
houden. Het display toont de
restwarmteaanduiding of -temperatuur.
Koken met de verlichting
uitgeschakeld
Deactiveer de verlichting tijdens de
bereiding en activeer ze enkel indien
nodig.
7. MAGNETRONSTAND
7.1 Magnetron
Algemeen:
LET OP!
Stel het apparaat nooit in
werking als er zich geen
voedsel in bevindt.
Laat het voedsel na het uitschakelen
van het apparaat enkele minuten
rusten. Zie de
magnetronbereidingstabellen: rusttijd.
Verwijder de verpakking van
aluminiumfolie, metalen bakjes, enz.
voordat u het voedsel bereidt.
Het wordt niet aanbevolen in de
magnetronstand meer dan een niveau
te gebruiken.
Leg het voedsel op een bord en zet
het indien niet anders aangegeven op
de bodem van de ruimte.
Roer, indien mogelijk, altijd het
voedsel door voor het opdienen.
Bakken:
Kook het eten zo mogelijk bedekt met
materiaal dat geschikt is voor gebruik
in de magnetron. Bereid voedsel
slechts zonder het te bedekken als u
een korst wilt behouden.
Zorg dat u de gerechten niet te lang
kookt, door het vermogen en de tijd te
hoog in te stellen. Het voedsel kan
uitdrogen, verbranden of op sommige
plekken hard worden.
Gebruik het apparaat niet om eieren
in hun schaal en slakken te bereiden,
omdat ze kunnen barsten. Bij
gebakken eieren, moet u het eigeel
eerst doorprikken.
Prik eten met 'vel' of 'schil', zoals
aardappelen, tomaten, worstjes, een
paar keer met een vork in voordat u
het in de magnetron plaatst, zodat het
eten niet barst.
Voor gekoeld of bevroren eten is een
langere bereidingstijd nodig.
NEDERLANDS 15
Gerechten met saus moeten van tijd
tot tijd worden geroerd.
Draai grotere stukken halverwege de
bereidingstijd om.
Snij groenten zo mogelijk in stukjes
van gelijke grootte.
Gebruik platte, brede schalen of
borden.
Gebruik geen kookgerei gemaakt van
porselein, keramisch materiaal of
aardewerk met kleine gaatjes, bijv. op
handgrepen. Er kan vocht in de
openingen komen, waardoor het
kookgerei bij verhitting kan barsten.
Vlees, gevogelte, vis ontdooien:
Plaats het bevroren, uitgepakte
voedsel op een klein omgekeerd bord
met een bakje eronder of op een
ontdooirek of plastic zeef, zodat de
dooivloeistof kan weglopen.
Draai het voedsel halverwege de
ontdooitijd om. Verdeel de stukken zo
mogelijk opnieuw en verwijder de
stukken die al zijn ontdooid.
Boter, gebakjes, kwark ontdooien:
Ontdooi nooit volledig in het apparaat,
maar laat geheel ontdooien bij
kamertemperatuur. Dit geeft een meer
gelijkmatig resultaat. Verwijder
metalen of aluminium verpakking of
onderdelen volledig voordat u begint
te ontdooien.
Fruit, groenten ontdooien:
Als fruit en groenten rauw moeten
blijven, ontdooi ze niet in het apparaat
maar laat ze geheel ontdooien bij
kamertemperatuur.
U kunt een hoger
magnetronvermogen gebruiken om
fruit en groenten te bereiden zonder
ze eerst te ontdooien.
Kant-en-klaarmaaltijden:
Kant-en-klaarmaaltijden in metalen
verpakking of plastic bakjes met
metalen afdekking mogen alleen in de
magnetron worden ontdooid of
verwarmd, als ze speciaal zijn
voorbestemd voor gebruik in de
magnetron.
U moet de op de verpakking
afgedrukte instructies van de fabrikant
opvolgen (bijv. metalen afdekking
verwijderen en plastic folie
doorprikken).
7.2 Geschikt kookgerei en materialen
Materiaal van de pannen Magnetron Grill
Ontdooi‐
en
Opwar‐
men
Koken
Ovenbestendig glas en porselein
zonder metalen onderdelen, bijv.
Pyrex, hittebestendig glas
Niet-ovenbestendig glas en porse‐
lein
1)
X X X
Grillrooster, glas en glaskeramiek
gemaakt van ovenbestendig/vries‐
bestendig materiaal bijv. Arcoflam
Keramisch
2)
, aardewerk
2)
X
Hittebestendig plastic tot 200 °C
3)
X
Karton, papier X X X
www.electrolux.com16
Materiaal van de pannen Magnetron Grill
Ontdooi‐
en
Opwar‐
men
Koken
Huishoudfolie X X X
Bakpapier met magnetronveilige af‐
dichting
3)
X
Ovenschotels gemaakt van metaal,
d.w.z. emaille, gietijzer
X X X
Bakvormen, zwarte lak of siliconen‐
laag
3)
X X X
Bakplaat X X X
Bakrooster X X X
Braadpannen, bijv. Crostino of
Crunch-bord
X X
Kant-en-klare maaltijden in de ver‐
pakking
3)
1)
Zonder zilveren, gouden, platinum of metalen laag/versieringen.
2)
Zonder quartz of metalen onderdelen, of glas dat metalen bevat
3)
U dient de instructies van de fabrikant over de maximum temperaturen na te leven.
7.3 Tips voor de magnetron
Resultaat Oplossing
U kunt de gegevens over de hoe‐
veelheid voedselbereiding niet vin‐
den.
Vind details voor gelijkaardige soorten voed‐
sel. Verhoog of verlaag de bereidingstijd aan
de hand van deze richtlijn: verdubbel de hoe‐
veelheid - ca. verdubbeling van de bereidings‐
tijd, halveer de hoeveelheid - halveer de tijd.
Het voedsel is na bereiding te
droog.
Stel een kortere bereidingstijd in of selecteer
een lagere magnetronstand en bedek het
voedsel met een geschikt materiaal voor ge‐
bruik in een magnetron.
Het eten is nog steeds niet ont‐
dooid, heet of gekookt nadat de be‐
reidingstijd is verstreken.
Stel een langere bereidingstijd in of selecteer
een hoger magnetronvermogen. Denk eraan
dat voor grotere gerechten er een langere be‐
reidingstijd nodig is. Roer het voedsel om tij‐
dens de bereiding.
Als de bereidingstijd is verstreken, is
het eten aan de rand verbrand,
maar in het midden nog steeds niet
gaar.
Kies de volgende keer een lager vermogen en
een langere bereidingstijd. Roer vloeistoffen
halverwege de bereidingstijd even door, bijv.
soepen.
NEDERLANDS 17
Overige zaken om rekening mee te
houden...
Voedsel heeft verschillende vormen
en eigenschappen. Het wordt bereid
in verschillende hoeveelheden. Om
deze reden kan de benodigde tijd en
het vermogen voor ontdooien,
verwarmen of bereiden variëren. Als
grove richtlijn: dubbele hoeveelheid -
ca. dubbele bereidingstijd.
De magnetron creëert de warmte
direct in het voedsel. Daarom kunnen
niet alle plaatsen tegelijkertijd worden
verwarmd. U dient de verwarmde
schotels te roeren en draaien, in het
bijzonder bij grotere hoeveelheden
voedsel.
De rusttijd wordt in de tabellen
gegeven. Laat het eten rusten, in het
apparaat of erbuiten, zodat de warmte
gelijkmatiger wordt verdeeld.
Pas het vermogen aan naargelang de
hoeveelheid voedsel. Een hoog
vermogen kan een kleine hoeveelheid
voedsel doen aanbranden of vonken
opwekken als u de accessoires
gebruikt.
U krijgt betere resultaten met rijst als
u een platte, brede schaal gebruikt.
7.4 Magnetronfuncties
Functies Omschrijving
Magnetron Creëert de warmte direct in het eten. Gebruik de magnetron
voor het verwarmen van kant-en-klare maaltijden en drankjes,
het ontdooien van vlees of fruit en het bereiden van groenten en
vis.
Combi Gebruik het om de verwarmingsfunctie en de magnetronmodus
tegelijkertijd te gebruiken. Om gerechten korter te bereiden en
tegelijkertijd een bruin korstje te geven.
Het maximum vermogen voor deze functie is 600 W
Snelle start Voor het inschakelen van de magnetronfunctie wanneer het ap‐
paraat uit staat. Met een druk op het symbool wordt het
maximale vermogen van de magnetron gebruikt. Werkt: 30 se‐
conden ingedrukt
7.5 De magnetronfunctie
instellen
1. Schakel het apparaat in.
2. Gebruik
om de magnetronfunctie
in te schakelen.
3. Tik op . De functie:
Programmaduur wordt ingesteld op
30 seconden en de magnetron gaat
in werking.
Elke keer dat u aanraakt,
worden er 30 seconden aan
de duur van de magnetron
toegevoegd.
Programmaduur.
Als u niet aanraakt,
schakelt het apparaat na 20
seconden uit.
4. Tik op om de volgende functie in
te stellen: Programmaduur. Zie de
paragraaf "De klok instellen".
Wanneer de tijd van de
functie: Programmaduur
langer is dan 7 minuten,
wordt het vermogen van de
magnetron verlaagd naar
600 W.
www.electrolux.com18
De maximale tijdinstelling
van de functie:
Programmaduur is 90
minuten.
U kunt het
magnetronvermogen
wijzigen (tik op en dan op
of ) en de functie:
Programmaduur als de
magnetron in werking is.
5. Wanneer de ingestelde tijd is
verlopen, weerklinkt er gedurende 2
minuten een geluidssignaal. De
magnetronfunctie wordt automatisch
uitgeschakeld. Druk op een symbool
om het geluidssignaal uit te zetten.
Raak om de
magnetronfunctie uit te
zetten aan.
Als u aanraakt of de deur
opent, stopt de functie. Raak
om deze weer te starten
aan.
7.6 De Combi-functie instellen
1. Schakel de verwarmfuntie in.
Raadpleeg “Verwarmingsfunctie
starten”.
2. Raak aan en volg dezelfde
stappen als bij het instellen van de
magnetronfunctie.
Voor bepaalde functies start
de magnetronfunctie zodra
de ingestelde temperatuur
wordt bereikt.
Functies niet beschikbaar bij de Combi-
functie: Favoriet, Eindtijd, Set + Go, Heat
+ Hold.
7.7 De snelstartfunctie instellen
1. Raak indien nodig aan om het
apparaat uit te schakelen.
2. Raak
aan om de snelle start-
functie in te schakelen.
Elke keer als u aanraakt, worden er
30 seconden aan de Programmaduur
toegevoegd.
U kunt het
magnetronvermogen
wijzigen (raadpleeg
“Magnetronfunctie
instellen”).
3. Tik op om de duurtijd in te stellen
voor de functie: Programmaduur. Zie
de paragraaf "De klok instellen".
7.8 Voorbeelden van
kooktoepassingen voor de
instellingen van het vermogen
De gegevens in de volgende tabel
dienen slechts als richtlijn.
Vermogeninstelling Toepassing
1000 Watt
900 Watt
800 Watt
700 Watt
Verwarmen van vloeistof
Dichtschroeien aan het begin van het kookproces
Koken van groenten
Smelten van gelatine en boter
600 Watt
500 Watt
Ontdooien en verwarmen van bevroren maaltijden
Een maaltijd op een bord verwarmen
Stoofpot sudderen
Eiergerechten koken
NEDERLANDS 19
Vermogeninstelling Toepassing
400 Watt
300 Watt
200 Watt
Maaltijden door laten koken
Delicaat voedsel koken
Babyvoeding verwarmen
Rijst laten sudderen
Delicaat voedsel verwarmen
Kaas smelten
100 Watt Vlees, vis en brood ontdooien
Kaas, room en boter ontdooien
Fruit en cake ontdooien (gebak)
Gistdeeg laten rijzen
Koude gerechten en drankjes verwarmen
8. KLOKFUNCTIES
8.1 Tabel met klokfuncties
Klokfunctie Toepassing
Kookwekker Om een afteltijd in te stellen (max. 2 uur
en 30 minuten). Deze functie heeft geen
invloed op de werking van het apparaat.
Gebruik om de functie in te schakelen.
Druk op of om de minuten in te
stellen en op om te starten.
Programmaduur Om de lengte van een bepaalde actie te
bepalen (max. 23h 59 min.).
Eindtijd Voor het instellen van de uitschakeltijd van
een verwarmingsfunctie (max. 23 uur en
59 min).
Als u de tijd voor een klokfunctie instelt,
begint het aftellen van de tijd na 5
seconden.
Als u de klokfuncties:
Programmaduur, Eindtijd,
schakelt het apparaat de
warmte-elementen na 90 %
van de ingestelde tijd uit. Het
apparaat gebruikt de
restwarmte om het
kookproces voor te zetten
totdat de tijd is verstreken (3
- 20 minuten).
8.2 De klokfuncties instellen
Alvorens u de functies:
Programmaduur, Eindtijd,
moet u een
verwarmingsfunctie en
temperatuur instellen. Het
apparaat wordt automatisch
uitgeschakeld.
U kunt de functies:
Programmaduur en Eindtijd
tegelijkertijd gebruiken als u
wilt dat het apparaat op een
later tijdstip wordt
geactiveerd of juist uitgezet.
1. Stel de verwarmingsfunctie in.
www.electrolux.com20
2. Druk herhaaldelijk op totdat het
display de benodigde klokfunctie en
het bijhorende symbool weergeeft.
3. Druk op or om de gewenste
tijd in te stellen.
4. Druk op om te bevestigen.
Wanneer de tijd is verstreken, klinkt er
een geluidssignaal. Het apparaat wordt
uitgeschakeld. Op het display verschijnt
een melding.
5. Druk op een symbool om het signaal
uit te zetten.
8.3 Heat + Hold
Voorwaarden voor de functie:
De ingestelde temperatuur is hoger
dan 80 °C.
De functie: Programmaduur wordt
ingesteld.
De functie: Heat + Hold houdt het
voorbereide gerecht gedurende 30
minuten warm op 80 °C. Deze functie
wordt ingeschakeld wanneer de bak- of
braadprocedure is geëindigd.
U kunt de functie in- of uitschakelen in
het menu: Basisinstellingen.
1. Schakel het apparaat in.
2. Selecteer de verwarmingsfunctie.
3. Stel de temperatuur boven 80 °C in.
4. Druk herhaaldelijk op tot het
display toont: Heat + Hold.
5. Druk op om te bevestigen.
Wanneer de functie is voltooid, klinkt er
een geluidssignaal.
De functie blijft aan staan als u de
verwarmingsfuncties verandert.
8.4 Verleng tijd
De functie: Verleng tijd zorgt dat de
verwarmingsfunctie door blijft gaan als
de Programmaduur is geëindigd.
Van toepassing op alle
verwarmingsfuncties met
Programmaduur of
Automatisch wegen.
1. Wanneer de bereidingstijd is voltooid,
klinkt er een geluidssignaal. Druk op
een willekeurig symbool.
Op het display wordt het bericht
weergegeven.
2. Druk op om te activeren of om
te annuleren.
3. Stel de lengte van de functie in.
4. Druk op .
9. AUTOMATISCHE PROGRAMMA'S
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
9.1 Online recepten
Op onze website vindt u de
recepten voor de
automatische programma's
van dit apparaat. Om het
juiste Receptenboek te
vinden, controleer het
productnummer op het
classificatieplaatje op de
voorzijde van het frame van
de binnenkant van het
apparaat.
9.2 Kook- en bakassistent met
Receptenautomaat
Dit apparaat bevat een serie recepten
die u kunt gebruiken. De recepten
kunnen niet worden gewijzigd.
1. Schakel het apparaat in.
2. Selecteer het menu: Kook- en
bakassistent. Druk op
om te
bevestigen.
3. Selecteer de categorie en het
gerecht. Druk op om te
bevestigen.
4. Een recept selecteren. Druk op
om te bevestigen.
NEDERLANDS 21
Bij gebruik van de functie:
Handmatig, gebruikt het
apparaat de automatische
instellingen. U kunt ze
veranderen, net als bij
andere functies.
9.3 Kook- en bakassistent met
Automatisch wegen
Deze functie berekent automatisch de
braadtijd. Als u de functie wilt gebruiken,
moet u het gewicht van het gerecht
instellen.
1. Schakel het apparaat in.
2. Selecteer het menu: Kook- en
bakassistent. Druk op om te
bevestigen.
3. Selecteer de categorie en het
gerecht. Druk op
om te
bevestigen.
4. Tik op of om het gewicht van
het gerecht in te stellen. Druk op
om te bevestigen.
Het automatische programma start.
5. U kunt het gewicht te allen tijde
wijzigen. Tik op of om de
letter te wijzigen.
6. Wanneer de tijd is verstreken, klinkt
er een geluidssignaal. Druk op een
symbool om het geluidsignaal uit te
zetten.
Bij sommige programma's
moet het voedsel na 30
minuten worden gekeerd.
Op het display verschijnt een
herinnering.
10. GEBRUIK VAN DE ACCESSOIRES
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
10.1 De accessoires plaatsen
Gebruik uitsluitend geschikt kookgerei en
materiaal.
WAARSCHUWING!
Zie hoofdstuk
"magnetronmodus".
Bakrooster:
Plaats het rooster tussen de
geleidestangen van de roostersteun en
zorg ervoor dat de pootjes omlaag staan.
Bakplaat:
Schuif de bakplaat tussen de
geleidestangen van de roostersteun.
Bakrooster en bakplaat samen:
www.electrolux.com22
Plaats de bakplaat tussen de geleiders
van de inschuifrails en het bakrooster op
de geleiders erboven.
Kleine inkepingen bovenaan
verhogen de veiligheid.
Deze inkepingen zorgen er
ook voor dat ze niet
omkantelen. De hoge rand
rond het rooster voorkomt
dat het kookgerei van het
rooster afglijdt.
11. EXTRA FUNCTIES
11.1 Favoriet
U kunt uw favoriete instellingen als duur,
temperatuur of verwarmingsfunctie
opslaan. De instellingen zijn beschikbaar
in het menu: Favoriet. U kunt 20
programma's opslaan.
U kunt Magnetron- en
magnetron-combifuncties
niet opslaan als favorieten.
Een programma opslaan
1. Schakel het apparaat in.
2. Stel een verwarmingsfunctie of een
automatisch programma in.
3. Raak herhaaldelijk aan totdat het
display het volgende weergeeft:
ENERGIE.
4. Druk op
om te bevestigen.
Het display geeft de eerste vrije
geheugenpositie weer.
5. Druk op om te bevestigen.
6. Voer de naam van het programma in.
De eerste letter knippert.
7. Tik op of om de letter te
wijzigen.
8. Druk op .
De volgende letter knippert.
9. Herhaal stap 7 indien nodig.
10. Druk op en houdt de knop
ingedrukt om op te slaan.
U kunt een geheugenpositie
overschrijven. Wanneer het display de
eerste vrije geheugenpositie aangeeft, tik
op of en druk op om een
bestaand programma te overschrijven.
U kunt de naam van een programma
wijzigen in het menu: Wijzig
programmanaam.
Het programma inschakelen
1. Schakel het apparaat in.
2. Selecteer het menu: Favoriet.
3. Druk op
om te bevestigen.
4. Selecteer de naam van uw favoriete
programma.
5. Druk op om te bevestigen.
11.2 Gebruik van het Kinderslot
Als het Kinderslot aanstaat, kan het
apparaat niet per ongeluk worden
geactiveerd.
1. Raak
aan om het display in te
schakelen.
2. Druk tegelijkertijd op en totdat
het display een bericht weergeeft.
Om het Kinderslot te deactiveren,
herhaal stap 2.
11.3 Toetsblokkering
Deze functie voorkomt dat een
verwarmingsfunctie per ongeluk wordt
ingeschakeld. U kunt de functie alleen
inschakelen als het apparaat in werking
is.
1. Schakel het apparaat in.
NEDERLANDS 23
2. Stel de verwarmingsfunctie of -
instelling in.
3. Druk herhaaldelijk op tot het
display toont: Toetsblokkering.
4. Druk op om te bevestigen.
Druk om de functie uit te schakelen op
. Op het display verschijnt een
melding. Druk herhaaldelijk op en
vervolgens op om te bevestigen.
Als u het apparaat
uitschakelt, wordt de functie
ook uitgeschakeld.
11.4 Set + Go
Met deze functie kunt u een
verwarmingsfunctie (of programma)
instellen en later met een aanraking van
een symbool gebruiken.
1. Schakel het apparaat in.
2. Stel de verwarmingsfunctie in.
3. Druk herhaaldelijk op tot het
display het volgende toont:
Programmaduur.
4. Stel de tijd in.
5. Druk herhaaldelijk op tot het
display het volgende toont: Set + Go.
6. Druk op om te bevestigen.
Druk op een symbool (behalve voor )
om de functie te starten: Set + Go. De
ingestelde verwarmingsfunctie start.
Wanneer de verwarmingsfunctie is
voltooid, klinkt er een geluidssignaal.
Toetsblokkering is aan
wanneer de
verwarmingsfunctie actief
is.
Het menu:
Basisinstellingen stelt u in
staat de volgende functie
in en uit te schakelen: Set
+ Go.
11.5 Automatische
uitschakeling
Om veiligheidsredenen schakelt het
apparaat na bepaalde tijd automatisch uit
als er een ovenfunctie in werking is en u
geen instellingen wijzigt.
Temperatuur (°C) Uitschakeltijd (u)
30 - 115 12.5
120 - 195 8.5
200 - 230 5.5
De automatische
uitschakeling werkt niet met
de functies:
Binnenverlichting, Eindtijd,
Programmaduur.
11.6 Helderheid van het display
Er zijn twee standen voor de helderheid
van het display:
Helderheid 's nachts - wanneer het
apparaat uit staat, is de helderheid
van het display tussen 22:00 en 06:00
lager.
Helderheid overdag:
als het apparaat aan staat.
als u tijdens helderheid 's nachts
een symbool aanraakt (behalve
AAN/UIT), keert het display
gedurende 10 seconden terug
naar helderheid voor overdag.
als het apparaat uit staat en u de
volgende functie hebt ingesteld:
Kookwekker. Wanneer de functie
eindigt, keert het display terug
naar helderheid voor 's nachts.
11.7 Koelventilator
Als het apparaat in werking is, wordt de
koelventilator automatisch ingeschakeld
om de oppervlakken van het apparaat
koel te houden. Na het uitschakelen van
het apparaat kan de ventilatie doorgaan
totdat het apparaat is afgekoeld.
www.electrolux.com24
12. AANWIJZINGEN EN TIPS
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
De temperaturen en
baktijden in de tabellen zijn
slechts als richtlijn bedoeld.
Deze zijn afhankelijk van de
recepten en de kwaliteit en
de hoeveelheid van de
gebruikte ingrediënten.
12.1 Binnenzijde van de deur
Bij bepaalde modellen vindt u het
volgende aan de binnenkant van de
deur:
de nummers van de inzetniveaus.
Informatie over de
verwarmingsfuncties, aanbevolen
rekstanden en temperaturen voor
karakteristieke gerechten.
12.2 Nuttige tips voor speciale
opwarmfuncties van de oven
Warmhouden
Gebruik deze functie om voedsel warm
te houden.
De temperatuur wordt automatisch
ingesteld op 80°C.
Borden warmen
Voor het verwarmen van borden en
schalen.
Verdeel de borden en schalen
gelijkmatig over het ovenrek. Verplaats
de stapels halverwege de
verwarmingstijd (boven- en onderkant
omwisselen).
De automatische temperatuur is 70 °C.
Aanbevolen rekstand: 3.
Deeg laten rijzen
U kunt deze automatische functie
gebruiken voor elk gistdeeg. Het zorgt
voor de juiste atmosfeer om het te laten
rijzen. Plaats het deeg in een kom die
groot genoeg is voor het gerezen deeg
en bedek de kom met een natte
keukenhanddoek of plastic folie Plaats
een bakrooster op niveau één en schuif
de schaal erin. Sluit de deur en stel de
functie in op deeg rijzen. Deeg laten
rijzen. Stel de benodigde tijd in.
12.3 Bakken
Het kan gebeuren dat uw oven anders
bakt of braadt dan het apparaat dat u
vroeger had. Pas de instellingen
(temperatuur, kooktijden) en de
rekstand die u gewoon was aan
volgens de waarden in de tabellen.
De fabrikant raadt u aan de eerste
keer een lagere temperatuur in te
stellen.
Als u geen concrete aanwijzingen
kunt vinden voor een speciaal recept,
kijkt u bij een soortgelijk product.
Bij het bereiden van cake op
meerdere niveaus kan de baktijd ca.
10 - 15 minuten langer zijn.
Als het gebak niet overal even hoog
is, wordt het gebak in het begin van
het bakproces niet overal even bruin.
Verander in dit geval de
temperatuurinstelling niet. De
verschillen verminderen tijdens het
bakproces.
Bij langere baktijden kunt u de oven
ca. 10 minuten voor het einde van de
baktijd uitschakelen en profiteren van
de restwarmte.
Wanneer u bevroren gerechten gebruikt,
kunnen de bakplaten in de oven tijdens
het bakken vervormen. Wanneer de
bakplaten afkoelen, verdwijnt de
vervorming.
NEDERLANDS 25
12.4 Baktips
Bakresultaat Mogelijke oorzaak Oplossing
De onderkant van de cake
is niet voldoende gebruind.
De rekstand is incorrect. Plaats de cake op een la‐
gere rekstand.
De cake zakt in en wordt
klef, klonterig, streperig.
De oventemperatuur is te
hoog.
De volgende keer dat u
een cake bakt, stelt u de
baktemperatuur lager in.
De cake zakt in en wordt
klef, klonterig, streperig.
Te korte baktijd. Baktijd verlengen. U kunt
de baktijd niet verlagen
door een hogere tempe‐
ratuur in te stellen.
De cake zakt in en wordt
klef, klonterig, streperig.
Er zit te veel vloeistof in
het mengsel.
Minder vocht gebruiken.
Let op de kneedtijden,
vooral bij het gebruik van
keukenmachines.
De cake is te droog. De oventemperatuur is te
laag.
De volgende keer dat u
een cake bakt, stelt u de
baktemperatuur hoger in.
De cake is te droog. Te lange baktijd. De volgende keer dat u
een cake bakt, gebruikt u
een kortere baktijd.
De cake wordt ongelijkma‐
tig bruin.
De oventemperatuur is te
hoog en de baktijd te kort.
De baktemperatuur lager
instellen en de baktijd ver‐
lengen.
De cake wordt ongelijkma‐
tig bruin.
Het deeg is niet gelijkmatig
verdeeld.
Verdeel het deeg gelijkma‐
tig over de bakplaat.
De cake wordt niet gaar
binnen de aangegeven
baktijd.
De oventemperatuur is te
laag.
De volgende keer dat u
een cake bakt, stelt u de
baktemperatuur een beetje
hoger in.
12.5 Bakken op 1 ovenniveau
Bakken in een bakblik
Gerecht Functie Tempe‐
ratuur
(°C)
Tijd (min) Rooster‐
hoogte
Tulband of brioche Multi hetelucht 150 - 160 50 - 70 2
Moskovisch gebak/
vruchtencake
Multi hetelucht 140 - 160 70 - 90 2
Sponge cake / Cake,
zacht
Multi hetelucht 140 - 150 35 - 50 2
www.electrolux.com26
Gerecht Functie Tempe‐
ratuur
(°C)
Tijd (min) Rooster‐
hoogte
Sponge cake / Cake,
zacht
Conventionele
functie (Boven
+ Onderwarm‐
te)
160 35 - 50 2
Taartbodem van zand‐
taartdeeg
1)
Multi hetelucht 170 - 180 10 - 25 2
Taartbodem - zacht ca‐
kedeeg
Multi hetelucht 150 - 170 20 - 25 2
Apple pie / Appeltaart
(2 vormen Ø 20 cm, di‐
agonaal geplaatst)
Multi hetelucht 160 70 - 90 2
Apple pie / Appeltaart
(2 vormen Ø 20 cm, di‐
agonaal geplaatst)
Conventionele
functie (Boven
+ Onderwarm‐
te)
180 70 - 90 1
Kwarktaart, bakplaat
2)
Conventionele
functie (Boven
+ Onderwarm‐
te)
160 - 170 60 - 90 1
1)
Oven voorverwarmen.
2)
Gebruik de braadpan.
Gebak op bakplaat
Gerecht Functie Tempera‐
tuur (°C)
Tijd (min) Rooster‐
hoogte
Vlechtbrood/brood‐
krans
Conventionele
functie (Boven
+ Onderwarm‐
te)
170 - 190 30 - 40 2
Kerststol
1)
Conventionele
functie (Boven
+ Onderwarm‐
te)
160 - 180 50 - 70 2
Brood (roggebrood)
1)
Conventionele
functie (Boven
+ Onderwarm‐
te)
2
eerst 230 20
vervolgens 160 - 180 30 - 60
NEDERLANDS 27
Gerecht Functie Tempera‐
tuur (°C)
Tijd (min) Rooster‐
hoogte
Roomsoezen /
Eclairs
1)
Conventionele
functie (Boven
+ Onderwarm‐
te)
190 - 210 20 - 35 2
Biscuitrol
1)
Conventionele
functie (Boven
+ Onderwarm‐
te)
180 - 200 10 - 20 2
Kruimeltaart (droog) Multi hetelucht 150 - 160 20 - 40 3
Boter-/Suikerkoek
1)
Conventionele
functie (Boven
+ Onderwarm‐
te)
190 - 210 20 - 30 2
Vruchtentaart (bereid
met gistdeeg/spons‐
deeg)
2)
Multi hetelucht 150 - 160 35 - 55 3
Vruchtentaart (bereid
met gistdeeg/spons‐
deeg)
2)
Conventionele
functie (Boven
+ Onderwarm‐
te)
170 35 - 55 1
Vruchtentaart met krui‐
meldeeg
Multi hetelucht 160 - 170 40 - 80 3
Plaatkoek met kwets‐
bare garnering (bij‐
voorbeeld kwark,
room, puddingvul‐
ling)
1)
Conventionele
functie (Boven
+ Onderwarm‐
te)
160 - 180 40 - 80 2
1)
Oven voorverwarmen.
2)
Gebruik de braadpan.
Koekjes
Gerecht Functie Tempera‐
tuur (°C)
Tijd (min) Rooster‐
hoogte
Zandkoekjes Multi hetelucht 150 - 160 10 - 20 3
Short bread / Zand‐
taartdeeg/ Deegreep‐
jes
Multi hetelucht 140 20 - 35 3
Short bread / Zand‐
taartdeeg/ Deegreep‐
jes
1)
Conventionele
functie (Boven
+ Onderwarm‐
te)
160 20 - 30 2
www.electrolux.com28
Gerecht Functie Tempera‐
tuur (°C)
Tijd (min) Rooster‐
hoogte
Koekjes gemaakt van
roerdeeg
Multi hetelucht 150 - 160 15 - 20 2
Eiwitgebak, schuimge‐
bak
Multi hetelucht 80 - 100 120 - 150 1
Bitterkoekjes Multi hetelucht 100 - 120 30 - 50 3
Koekjes gemaakt van
gistdeeg
Multi hetelucht 150 - 160 20 - 40 3
Klein bladerdeegge‐
bak
1)
Multi hetelucht 170 - 180 20 - 30 3
Broodjes
1)
Conventionele
functie (Boven
+ Onderwarm‐
te)
190 - 210 10 - 25 2
Small cakes Kleine ca‐
kes
1)
Multi hetelucht 160 20 - 35 3
Small cakes Kleine ca‐
kes
1)
Conventionele
functie (Boven
+ Onderwarm‐
te)
170 20 - 35 2
1)
Oven voorverwarmen.
12.6 Ovenschotels en gegratineerde gerechten
Gerecht Functie Temperatuur
(°C)
Tijd (min) Roosterhoog‐
te
Pastaschotel Conventionele
functie (Boven
+ Onderwarm‐
te)
180 - 200 45 - 60 1
Lasagne Conventionele
functie (Boven
+ Onderwarm‐
te)
180 - 200 25 - 40 1
Groentegratin
1)
Circulatiegrill 210 - 230 10 - 20 1
Stokbroden be‐
dekt met ge‐
smolten kaas
Multi hetelucht 160 - 170 15 - 30 1
NEDERLANDS 29
Gerecht Functie Temperatuur
(°C)
Tijd (min) Roosterhoog‐
te
Zoete oven‐
schotels
Conventionele
functie (Boven
+ Onderwarm‐
te)
180 - 200 40 - 60 1
Visschotels Conventionele
functie (Boven
+ Onderwarm‐
te)
180 - 200 30 - 60 1
Gevulde groen‐
te
Multi hetelucht 160 - 170 30 - 60 1
1)
Oven voorverwarmen.
12.7 Bakken op meerdere
niveaus
Gebruik de functie: Multi hetelucht.
Gebak op bakplaat
Gerecht Temperatuur (°C) Tijd (min) Rooster‐
hoogte
Roomsoezen /
Eclairs
1)
160 - 180 25 - 45 1 / 3
Kruimeltaart 150 - 160 30 - 45 1 / 3
1)
Oven voorverwarmen.
Klein gebak/cakejes/gebak/broodjes
Gerecht Temperatuur (°C) Tijd (min) Rooster‐
hoogte
Zandkoekjes 150 - 160 20 - 40 1 / 3
Short bread / Zand‐
taartdeeg/ Deegreep‐
jes
140 25 - 45 1 / 3
Koekjes gemaakt van
roerdeeg
160 - 170 25 - 40 1 / 3
Eiwitgebak, schuim‐
gebak
80 - 100 130 - 170 1 / 3
Bitterkoekjes 100 - 120 40 - 80 1 / 3
Koekjes gemaakt van
gistdeeg
160 - 170 30 - 60 1 / 3
www.electrolux.com30
12.8 Lage temperatuur garen
Gebruik deze functie voor het bereiden
van zachte, magere stukken vlees en vis.
Deze functie is niet geschikt voor
suddervlees of een vet
varkensbraadstuk.
In de eerste 10 minuten kunt u een
oventemperatuur instellen tussen 80°C
en 150°C. De standaard is 90°C. Nadat
de temperatuur is ingesteld, blijft de oven
werken bij 80°C. Gebruik de
automatische lage temperatuur garen
niet voor gevogelte.
Altijd zonder deksel garen
als u gebruik maakt van de
functie.
1. Braad het vlees aan in een pan op de
kookplaat op een zeer hoge stand
gedurende 1 - 2 minuten aan elke
kant.
2. Plaats het vlees samen met de hete
braadpan in de oven op het
bakrooster.
3. Selecteer de functie: Lage
temperatuur garen.
Gerecht Gewicht (kg) Temperatuur
(°C)
Tijd (min) Rooster‐
hoogte
Biefstuk 1 - 1.5 150 120 - 150 1
Runderbiefstuk 1 - 1.5 150 90 - 110 1
Geroosterd kalfsvlees 1 - 1.5 150 120 - 150 1
Steak 0.2 - 0.3 120 20 - 40 1
12.9 Pizza hetelucht
Gerecht Temperatuur (°C) Tijd (min) Roosterhoogte
Pizza (dunne korst)
1)
200 - 230 15 - 20 3
Pizza (met veel garne‐
ring)
2)
180 - 200 20 - 30 3
Taarten 180 - 200 40 - 55 3
Spinazietaart 160 - 180 45 - 60 3
Quiche Lorraine (harti‐
ge taart)
170 - 190 45 - 55 3
Zwitserse flan 170 - 190 45 - 55 3
Kwarktaart 140 - 160 60 - 90 3
Appeltaart, bedekt 150 - 170 50 - 60 3
Groentetaart 160 - 180 50 - 60 3
Ongedesemd brood
1)
230 10 - 20 3
Bladerdeegtaart
1)
160 - 180 45 - 55 3
Flammekuchen
1)
230 12 - 20 3
NEDERLANDS 31
Gerecht Temperatuur (°C) Tijd (min) Roosterhoogte
Piroggen (Russische
variant op calzone)
1)
180 - 200 15 - 25 3
1)
Oven voorverwarmen.
2)
Gebruik de braadpan.
12.10 Braden
Gebruik hittebestendig servies om te
braden (lees de instructies van de
fabrikant).
Grote braadstukken kunt u direct in de
diepe braadpan braden (indien
aanwezig) of op een rooster boven de
braadpan.
Braad mager vlees in een braadpan
met deksel. Op die manier blijft het
vlees sappiger.
Alle soorten vlees die een korst
moeten krijgen, kunt u in de
braadschaal zonder deksel braden.
Wij raden u aan vlees en vis vanaf 1
kg in het apparaat te bereiden.
Giet een beetje vloeistof in de
braadpan om het aanbranden van
vleessap of vet te voorkomen.
Indien nodig het braadstuk (na 1/2 -
2/3 van de gaartijd) keren.
Besprenkel grote braadstukken en
gevogelte diverse keren tijdens het
braden met het eigen vleessap.
Hiermee bereikt u een beter
braadresultaat.
U kunt het apparaat ongeveer 10
minuten voor het einde van de
bereidingstijd uitschakelen om de
restwarmte te gebruiken.
12.11 Tabel braadstukken
Rundsvlees
Gerecht Functie Gewicht
(kg)
Vermo‐
gen
(Watt)
Tempera‐
tuur (°C)
Tijd (min) Rooster‐
hoogte
Stoof‐
vlees
Conven‐
tionele
functie
(Boven
+ On‐
derwarm‐
te)
1 - 1.5 200 230 60 - 80 1
Varkensrug
Gerecht Functie Gewicht
(kg)
Vermo‐
gen
(Watt)
Tempera‐
tuur (°C)
Tijd (min) Rooster‐
hoogte
Schouder‐
stuk, nek‐
stuk,
hamlap
Circula‐
tiegrill
1 - 1.5 200 160 - 180 50 - 70 1
Gehakt‐
brood
Circula‐
tiegrill
0.75 - 1 200 160 - 170 35 - 50 1
www.electrolux.com32
Gerecht Functie Gewicht
(kg)
Vermo‐
gen
(Watt)
Tempera‐
tuur (°C)
Tijd (min) Rooster‐
hoogte
Varkens‐
schenkel
(voorge‐
kookt)
Circula‐
tiegrill
0.75 - 1 200 150 - 170 60 - 75 1
Kalfsvlees
Gerecht Functie Gewicht
(kg)
Vermo‐
gen
(Watt)
Tempera‐
tuur (°C)
Tijd (min) Rooster‐
hoogte
Geroo‐
sterd
kalfsvlees
Circula‐
tiegrill
1 200 160 - 180 50 - 70 1
Kalfs‐
schenkel
Circula‐
tiegrill
1.5 - 2 200 160 - 180 75 - 100 1
Lamsvlees
Gerecht Func‐
tie
Gewicht
(kg)
Vermo‐
gen
(Watt)
Tempera‐
tuur (°C)
Tijd (min) Rooster‐
hoogte
Lamsbout,
geroosterd
lamsvlees
Circu‐
latie‐
grill
1 - 1.5 200 150 - 170 50 - 70 1
Gevogelte
Gerecht Func‐
tie
Gewicht
(kg)
Vermo‐
gen
(Watt)
Tempera‐
tuur (°C)
Tijd (min) Rooster‐
hoogte
Stukken
gevogelte
Circula‐
tiegrill
0,2 - 0,25
elk
200 200 - 220 20 - 35 1
Halve kip Circula‐
tiegrill
0,4 - 0,5
elk
200 190 - 210 25 - 40 1
Kip, haan‐
tje
Circula‐
tiegrill
1 - 1.5 200 190 - 210 30 - 45 1
Eend Circula‐
tiegrill
1.5 - 2 200 180 - 200 45 - 65 1
NEDERLANDS 33
Vis (gestoomd)
Gerecht Func‐
tie
Gewicht
(kg)
Vermo‐
gen
(Watt)
Tempera‐
tuur (°C)
Tijd (min) Rooster‐
hoogte
Hele vis Con‐
ventio‐
nele
functie
(Boven
+ On‐
der‐
warm‐
te)
1 - 1.5 200 210 - 220 30 - 45 1
Gerechten
Gerecht Func‐
tie
Gewicht
(kg)
Vermo‐
gen
(Watt)
Tempera‐
tuur (°C)
Tijd (min) Rooster‐
hoogte
Zoete ge‐
rechten
Multi
hete‐
lucht
- 200 160 - 180 20 - 35 1
Gekruide
gerechten
met ge‐
kookte in‐
grediënten
(noodles,
groente)
Multi
hete‐
lucht
- 400 -
600
160 - 180 20 - 45 1
Gekruide
gerechten
met rauwe
ingrediën‐
ten (aard‐
appelen,
groente)
Multi
hete‐
lucht
- 400 -
600
160 - 180 30 - 45 2
12.12 Grill
Grill alltijd met de maximale
temperatuurinstelling.
Rooster in de rekstand plaatsen,
zoals aangeraden in grilleertabel.
Altijd de pan plaatsen om vet op te
vangen op de eerste rekstand.
Alleen platte stukken vlees of vis
grillen.
Lege oven met grilfuncties altijd 5
minuten voorverwarmen.
LET OP!
Tijdens het grillen moet de
ovendeur altijd gesloten zijn.
www.electrolux.com34
Grill
Gerecht Temperatuur
(°C)
Tijd (min) Roosterhoog‐
te
1e kant 2e kant
Biefstuk, medi‐
um
210 - 230 30 - 40 30 - 40 1
Runderfilet,
medium
230 20 - 30 20 - 30 1
Varkensrug 210 - 230 30 - 40 30 - 40 1
Kalfsrug 210 - 230 30 - 40 30 - 40 1
Lamsrug 210 - 230 25 - 35 20 - 35 1
Hele vis, 500 -
1000 g
210 - 230 15 - 30 15 - 30 1
Tweekrings grill
Gerecht Tijd (min) Roosterhoogte
1e kant 2e kant
Burgers / Burgers 9 - 13 8 - 10 3
Varkenshaas 10 - 12 6 - 10 2
Worstjes 10 - 12 6 - 8 3
Runderfilet / kalfs‐
biefstukken
7 - 10 6 - 8 3
Toast / Geroosterd
brood
1 - 3 1 - 3 3
Brood met iets erop 6 - 8 - 2
12.13 Bevroren gerechten
Haal het voedsel uit de verpakking.
Doe het voedsel op een bord.
Gebruik voor het afdekken geen
borden of schotels. Hierdoor kan de
ontdooitijd worden verlengd.
Gerecht Temperatuur (°C) Tijd (min) Roosterhoogte
Pizza, bevroren 200 - 220 15 - 25 3
American pizza, be‐
vroren
190 - 210 20 - 25 3
Pizza, gekoeld 210 - 230 13 - 25 3
Pizza snacks, bevro‐
ren
180 - 200 15 - 30 3
Patat, dun
1)
210 - 230 20 - 30 3
NEDERLANDS 35
Gerecht Temperatuur (°C) Tijd (min) Roosterhoogte
Patat, dik
1)
210 - 230 25 - 35 3
Aardappelpartjes / -
kroketjes
1)
210 - 230 20 - 35 3
Rösties 210 - 230 20 - 30 3
Lasagne/Cannelloni,
vers
170 - 190 35 - 45 2
Lasagne / Cannello‐
ni, bevroren
160 - 180 40 - 60 2
Kippenvleugels 190 - 210 20 - 30 3
1)
Tussen het bakken door 2 tot 3 keer keren.
Tabel voor diepvries- en kant-en-klaargerechten
Gerecht Functie Tempera‐
tuur (°C)
Tijd (min) Roosterhoogte
Pizza, bevro‐
ren
1)
Conventionele
functie (Boven +
Onderwarmte)
volgens
aanwijzin‐
gen van de
fabrikant
volgens aanwij‐
zingen van de
fabrikant
2
Patates frites
2)
(300 - 600 g)
Conventionele
functie (Boven +
Onderwarmte) of
Circulatiegrill
200 - 220 volgens aanwij‐
zingen van de
fabrikant
2
Baguettes
3)
Conventionele
functie (Boven +
Onderwarmte)
volgens
aanwijzin‐
gen van de
fabrikant
volgens aanwij‐
zingen van de
fabrikant
2
Vruchtencake Conventionele
functie (Boven +
Onderwarmte)
volgens
aanwijzin‐
gen van de
fabrikant
volgens aanwij‐
zingen van de
fabrikant
2
1)
Oven voorverwarmen.
2)
Tussen het bakken door 2 tot 3 keer keren.
3)
Oven voorverwarmen.
12.14 Ontdooien
Haal het gerecht uit de verpakking en
plaats het op een bord.
Gebruik het eerste roosterniveau
vanaf de bodem.
Bedek het bord niet met een kom of
ander bord, aangezien het ontdooien
hierdoor langer kan duren.
www.electrolux.com36
Gerecht Gewicht Ontdooitijd
(min.)
Nadooitijd
(min)
Opmerkingen
Kip 1 kg 100 - 140 20 - 30 Kip op een omgedraaid schotel‐
tje in een groot bord leggen. Hal‐
verwege de bereidingstijd om‐
draaien.
Vlees 1 kg 100 - 140 20 - 30 Halverwege de bereidingstijd
omdraaien.
Vlees 500 g 90 - 120 20 - 30 Halverwege de bereidingstijd
omdraaien.
Forel 150 g 25 - 35 10 - 15 -
Aardbei‐
en
300 g 30 - 40 10 - 20 -
Boter 250 g 30 - 40 10 - 15 -
Room 2 x 200 g 80 - 100 10 - 15 Klop de nog licht bevroren slag‐
room.
Gebak 1,4 kg 60 60 -
12.15 Inmaken
Gebruik alleen weckpotten van
dezelfde afmetingen.
Gebruik geen weckpotten met een
draai- of bajonetsluiting en metalen
bakken.
Gebruik het eerste rooster van de
bodem van deze functie.
Zet niet meer dan zes wekflessen van
1 liter op het bakrooster.
Vul de glazen potten gelijkmatig en
sluit ze af met een klem.
De weckpotten mogen elkaar niet
raken.
Vul ca. 1/2 liter water op de bakplaat,
zodat er voldoende vocht in de oven
ontstaat.
Als de vloeistof in de weckpotten
begint te borrelen (na ca. 35 - 60
minuten bij weckpotten van 1 liter),
stop de oven of verlaag de
temperatuur tot 100 °C (raadpleeg de
tabel).
Zachte vruchten
Gerecht Temperatuur (°C) Inmaken/wecken
tot het parelen be‐
gint (min)
Door blijven ko‐
ken op 100 °C
(min.)
Aardbeien / bos‐
bessen / frambo‐
zen / rijpe kruisbes‐
sen
160 - 170 35 - 45 -
NEDERLANDS 37
Steenvruchten
Gerecht Temperatuur (°C) Inmaken/wecken
tot het parelen be‐
gint (min)
Door blijven ko‐
ken op 100 °C
(min.)
Peren / kweepe‐
ren / pruimen
160 - 170 35 - 45 10 - 15
Groenten
Gerecht Temperatuur (°C) Inmaken/wecken
tot het parelen be‐
gint (min)
Door blijven ko‐
ken op 100 °C
(min.)
Wortelen
1)
160 - 170 50 - 60 5 - 10
Komkommers 160 - 170 50 - 60 -
Gemengde augur‐
ken
160 - 170 50 - 60 5 - 10
Koolrabi / erwten /
asperges
160 - 170 50 - 60 15 - 20
1)
Na uitschakeling in de oven laten staan.
12.16 Drogen
Gerecht Temperatuur (°C) Tijd (u) Roosterhoogte
Bonen 60 - 70 6 - 8 3
Paprika's 60 - 70 5 - 6 3
Soepgroenten 60 - 70 5 - 6 3
Paddenstoelen 50 - 60 6 - 8 3
Kruiden 40 - 50 2 - 3 3
Pruimen 60 - 70 8 - 10 3
Abrikozen 60 - 70 8 - 10 3
Schijfjes appel 60 - 70 6 - 8 3
Peren 60 - 70 6 - 9 3
12.17 Brood bakken
Voorverwarmen wordt niet aanbevolen.
Gerecht Temperatuur (°C) Tijd (min) Roosterhoogte
Witbrood 180 - 200 40 - 60 2
Baguette 200 - 220 35 - 45 2
www.electrolux.com38
Gerecht Temperatuur (°C) Tijd (min) Roosterhoogte
Brioche 160 - 180 40 - 60 2
Ciabatta 200 - 220 35 - 45 2
Roggebrood 180 - 200 50 - 70 2
Bruin brood 180 - 200 50 - 70 2
Volkoren brood 170 - 190 60 - 90 2
12.18 Bereidingstabels voor de
magnetron
Zet indien niet anders
aangegeven het voedsel op
de bodemplaat in de ruimte
op een bord of in een
magnetronschaal.
Vlees ontdooien
Gerecht Vermogen
(Watt)
Gewicht
(kg)
Tijd (min) Rusttijd
(min)
Opmerkin‐
gen
Hele stuk‐
ken vlees
200 0.5 10 - 12 10 - 15 Halverwege
de berei‐
dingstijd om‐
draaien.
Steak 200 0.2 3 - 5 5 - 10 Halverwege
de berei‐
dingstijd om‐
draaien, ont‐
dooide de‐
len verwijde‐
ren.
Half-om-half
gehakt
200 0.5 10 - 15 10 - 15 Halverwege
de berei‐
dingstijd om‐
draaien, ont‐
dooide de‐
len verwijde‐
ren.
Goulash 200 0.5 10 - 15 10 - 15 Halverwege
de berei‐
dingstijd om‐
draaien, ont‐
dooide de‐
len verwijde‐
ren.
NEDERLANDS 39
Gevogelte ontdooien
Gerecht Vermogen
(Watt)
Gewicht
(kg)
Tijd (min) Rusttijd
(min)
Opmerkin‐
gen
Kip 200 1 25 - 30 10 - 20 Halverwege
de berei‐
dingstijd om‐
draaien, ont‐
dooide de‐
len met alu‐
miniumfolie
bedekken.
Kippenborst 200 0.1 - 0.2 3 - 5 10 - 15 Halverwege
de berei‐
dingstijd om‐
draaien, ont‐
dooide de‐
len met alu‐
miniumfolie
bedekken.
Kippenbou‐
tjes
200 0.1 - 0.2 3 - 5 10 - 15 Halverwege
de berei‐
dingstijd om‐
draaien, ont‐
dooide de‐
len met alu‐
miniumfolie
bedekken.
Eend 200 2 45 - 60 20 - 30 Halverwege
de berei‐
dingstijd om‐
draaien, ont‐
dooide de‐
len met alu‐
miniumfolie
bedekken.
Vis ontdooien
Gerecht Vermogen
(Watt)
Gewicht
(kg)
Tijd (min) Rusttijd
(min)
Opmerkin‐
gen
Hele vis 100 0.5 10 - 15 15 - 20 Halverwege
de berei‐
dingstijd om‐
draaien.
Visfilets 100 0.5 10 - 12 15 - 20 Halverwege
de berei‐
dingstijd om‐
draaien.
www.electrolux.com40
Worstjes ontdooien
Gerecht Vermogen
(Watt)
Gewicht
(kg)
Tijd (min) Rusttijd
(min)
Opmerkin‐
gen
Gesneden
worst
100 0.1 2 - 4 20 - 40 Halverwege
de berei‐
dingstijd om‐
draaien.
Zuivelproducten ontdooien
Gerecht Vermogen
(Watt)
Gewicht
(kg)
Tijd (min) Rusttijd
(min)
Opmerkin‐
gen
Kwark 100 0.25 10 - 15 25 - 30 Aluminium‐
delen verwij‐
deren, hal‐
verwege de
bereidings‐
tijd omdraai‐
en.
Boter 100 0.25 3 - 5 15 - 20 Aluminium‐
delen verwij‐
deren, hal‐
verwege de
bereidings‐
tijd omdraai‐
en.
Kaas 100 0.25 3 - 5 30 - 60 Aluminium‐
delen verwij‐
deren, hal‐
verwege de
bereidings‐
tijd omdraai‐
en.
Room 100 0.2 7 - 12 20 - 30 Aluminium
deksel ver‐
wijderen,
halverwege
de berei‐
dingstijd roe‐
ren.
Taart/koekjes ontdooien
Gerecht Vermogen
(Watt)
Gewicht Tijd (min) Rusttijd
(min)
Opmerkin‐
gen
Gistdeeg 100 1 stuk 2 - 3 15 - 20 Bord halver‐
wege de be‐
reidingstijd
omdraaien.
NEDERLANDS 41
Gerecht Vermogen
(Watt)
Gewicht Tijd (min) Rusttijd
(min)
Opmerkin‐
gen
Kwarktaart 100 1 stuk 2 - 4 15 - 20 Bord halver‐
wege de be‐
reidingstijd
omdraaien.
Cake (ge‐
bak)
100 1 stuk 1 - 2 15 - 20 Bord halver‐
wege de be‐
reidingstijd
omdraaien.
Droge cake 100 1 stuk 2 - 4 15 - 20 Bord halver‐
wege de be‐
reidingstijd
omdraaien.
Vruchtenca‐
ke
100 1 stuk 1 - 2 15 - 20 Bord halver‐
wege de be‐
reidingstijd
omdraaien.
Brood 100 1 kg 15 - 20 10 - 15 Halverwege
de berei‐
dingstijd om‐
draaien.
Gesneden
brood
100 0,5 kg 8 - 12 10 - 15 Halverwege
de berei‐
dingstijd om‐
draaien.
Broodjes 100 4 broodjes 5 - 8 5 - 10 Halverwege
de berei‐
dingstijd om‐
draaien.
Fruit ontdooien
Gerecht Vermogen
(Watt)
Gewicht
(kg)
Tijd (min) Rusttijd
(min)
Opmerkin‐
gen
Aardbeien 100 0.3 8 - 12 10 - 15 Bedekt ont‐
dooien, hal‐
verwege de
bereidings‐
tijd roeren.
Pruimen,
kersen,
frambozen,
bramen,
abrikozen
100 0.25 8 - 10 10 - 15 Bedekt ont‐
dooien, hal‐
verwege de
bereidings‐
tijd roeren.
www.electrolux.com42
Koken/smelten
Gerecht Vermogen
(Watt)
Gewicht
(kg)
Tijd (min) Rusttijd
(min)
Opmerkin‐
gen
Chocolade /
chocolade‐
laagje
600 0.15 2 - 3 - Halverwege
de berei‐
dingstijd roe‐
ren.
Boter 200 0.1 2 - 4 - Halverwege
de berei‐
dingstijd roe‐
ren.
Ontdooien, verwarmen
Gerecht Vermogen
(Watt)
Gewicht Tijd (min) Rusttijd
(min)
Opmerkin‐
gen
Babyvoe‐
ding in pot‐
jes
300 0,2 kg 2 - 3 - Halverwege
de berei‐
dingstijd roe‐
ren. Contro‐
leer de tem‐
peratuur.
Babymelk
(fles, 180
ml)
1000 0,2 kg 0:20 - 0:40 - Lepel in de
fles steken,
roeren en
temperatuur
controleren.
Kant-en-
klaargerecht
600 0,4 – 0,5 kg 14 - 20 5 Aluminium
afdekking
verwijderen,
halverwege
de berei‐
dingstijd om‐
draaien.
Bevroren
kant-en-
klaarmaaltij‐
den
400 0,4 – 0,5 kg 4 - 6 5 Aluminium
afdekking
verwijderen,
halverwege
de berei‐
dingstijd om‐
draaien.
Melk 1000 1 kopje, on‐
geveer 200
ml
1:15 - 1:45 - Lepel in het
bakje doen.
Water 1000 1 kopje, on‐
geveer 200
ml
1:30 - 2 - Lepel in het
bakje doen.
NEDERLANDS 43
Gerecht Vermogen
(Watt)
Gewicht Tijd (min) Rusttijd
(min)
Opmerkin‐
gen
Saus 600 200 ml 1 - 2 - Halverwege
de berei‐
dingstijd roe‐
ren.
Soep 600 300 ml 2 - 4 - Halverwege
de berei‐
dingstijd roe‐
ren.
Bereidingstabel
Gerecht Vermogen
(Watt)
Gewicht Tijd (min) Rusttijd
(min)
Opmerkin‐
gen
Hele vis 500 0,5 kg 8 - 10 - Afgedekt ko‐
ken, het
bakje tijdens
het bereiden
meerdere
malen om‐
draaien.
Visfilets 500 0,5 kg 6 - 8 - Afgedekt ko‐
ken, het
bakje tijdens
het bereiden
meerdere
malen om‐
draaien.
Groenten
met een kor‐
te berei‐
dingstijd,
vers
1)
600 0,5 kg 12 - 16 - Ongeveer
50 ml water
toevoegen,
afgedekt be‐
reiden, hal‐
verwege de
bereidings‐
tijd roeren.
Groenten
met een kor‐
te berei‐
dingstijd, be‐
vroren
1)
600 0,5 kg 14 - 18 - Ongeveer
50 ml water
toevoegen,
afgedekt be‐
reiden, hal‐
verwege de
bereidings‐
tijd roeren.
www.electrolux.com44
Gerecht Vermogen
(Watt)
Gewicht Tijd (min) Rusttijd
(min)
Opmerkin‐
gen
Groenten
met een lan‐
ge berei‐
dingstijd,
vers
1)
600 0,5 kg 14 - 20 - Ongeveer
50 ml water
toevoegen,
afgedekt be‐
reiden, hal‐
verwege de
bereidings‐
tijd roeren.
Groenten
met een lan‐
ge berei‐
dingstijd, be‐
vroren
1)
600 0,5 kg 18 - 24 - Ongeveer
50 ml water
toevoegen,
afgedekt be‐
reiden, hal‐
verwege de
bereidings‐
tijd roeren.
Aardappelen
in de schil
1000 0,8 kg + 600
ml
5 - 7 300 W / 15 -
20
Bedekt be‐
reiden, hal‐
verwege de
bereidings‐
tijd roeren.
Rijst 1000 0,3 kg + 600
ml
4 - 6 - Bedekt be‐
reiden, hal‐
verwege de
bereidings‐
tijd roeren.
Popcorn 1000 - 3 - 4 - Doe de pop‐
corn op een
bord op het
laagste ni‐
veau.
1)
Alle groenten afgedekt in de container koken.
Tabel voor de Combi-functie
Uitsluitend voor bepaalde modellen.
Gebruik de functies: Grill en
magnetron.
Gerecht Ovengerei Ver‐
mo‐
gen
(Watt
)
Tempe‐
ratuur
(°C)
Tijd
(min)
Roos‐
ter‐
hoog‐
te
Opmerkin‐
gen
2 kippenhelf‐
ten (2 x 0,6
kg)
Glazen schotel met
zeef
300 220 40 2 Na 20 min.
omdraaien,
dan 5 min.
laten rusten.
NEDERLANDS 45
Gerecht Ovengerei Ver‐
mo‐
gen
(Watt
)
Tempe‐
ratuur
(°C)
Tijd
(min)
Roos‐
ter‐
hoog‐
te
Opmerkin‐
gen
gratinaard‐
appelen (1
kg)
Gratinschotel 300 200 40 2 10 min. laten
rusten.
Varkens‐
braadstuk,
nek (1,1 kg)
Glazen schotel met
zeef
300 200 70 1 Regelmatig
omdraaien,
10 min. laten
rusten.
13. ONDERHOUD EN REINIGING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
13.1 Opmerkingen over
schoonmaken
Maak de voorkant van het apparaat
schoon met een zachte doek en een
warm sopje.
Gebruik voor metalen oppervlakken
een specifiek reinigingsmiddel.
Reinig de binnenkant van het
apparaat na elk gebruik. Vetophoping
of andere voedingsresten kunnen
brand veroorzaken.
Verwijder voedselresten en vetten
voorzichtig van de bovenkant van de
ovenruimte.
Verwijder hardnekkig vuil met een
speciale ovenreiniger.
Reinig alle accessoires na elk gebruik
en laat ze drogen. Gebruik een zachte
doek met een warm sopje en een
reinigingsmiddel.
Toebehoren met antiaanbaklaag
mogen niet worden schoongemaakt
met een agressief reinigingsmiddel,
voorwerpen met scherpe randen of
een afwasautomaat. Dit kan de
antiaanbaklaag beschadigen.
Droog de oven als de ovenruimte nat
is na gebruik.
13.2 Verwijderen van de
geleiders
Zorg ervoor dat het apparaat is
afgekoeld voordat u onderhoud verricht.
Gevaar voor brandwonden.
Om het apparaat te reinigen, verwijder
de inschuifrails.
1. Inschuifrails voorzichtig naar boven
toe uit de voorste ophanging trekken.
2
3
1
2. Trek de inschuifrail bij de voorkant uit
de zijwand.
3. Geleiders uit de achterste ophanging
trekken.
Installeer de geleiders in de omgekeerde
volgorde.
13.3 Het lampje vervangen
Leg een doek op de bodem van de
binnenkant van het apparaat. Dit
voorkomt schade aan het afdekglas en
de ovenruimte.
www.electrolux.com46
WAARSCHUWING!
Gevaar voor elektrocutie!
Maak de zekering los
voordat u de lamp vervangt.
De lamp en het afdekglas
kunnen heet zijn.
LET OP!
Houd de halogeenlamp altijd
met een doek vast om te
voorkomen dat er vetrestjes
op de ovenlamp verbranden.
1. Schakel het apparaat uit.
2. Verwijder de zekeringen in de
zekeringenkast, of schakel de
stroomonderbreker uit.
Het bovenste lampje
1. Draai het afdekglas van de lamp naar
rechts en verwijder het.
2. Reinig het afdekglas.
3. Vervang de lamp door een geschikte
300 °C hittebestendige lamp.
4. Plaats het afdekglas terug.
14. PROBLEEMOPLOSSING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
14.1 Problemen oplossen
Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing
U kunt de oven niet in‐
schakelen of bedienen.
De oven is niet aangeslo‐
ten op een elektriciteitsnet
of is niet goed geïnstal‐
leerd.
Controleer of de oven
goed is aangesloten op het
elektriciteitsnet (zie het
aansluitdiagram indien be‐
schikbaar).
De oven wordt niet warm. De oven is uitgeschakeld. Schakel de oven in.
De oven wordt niet warm. De klok is niet ingesteld. Stel de klok in.
De oven wordt niet warm. De benodigde kookstan‐
den zijn niet ingesteld.
Zorg ervoor dat de instel‐
lingen juist zijn.
De oven wordt niet warm. De automatische uitscha‐
keling is actief.
Raadpleeg "Automatisch
uitschakelen".
De oven wordt niet warm. Het kinderbeveiliging is ge‐
activeerd.
Raadpleeg "Gebruik van
het kinderbeveiliging".
De oven wordt niet warm. De deur is niet goed geslo‐
ten.
Sluit de deur volledig.
De oven wordt niet warm. De zekering is doorgesla‐
gen.
Controleer of de zekering
de oorzaak van de storing
is. Als de zekeringen keer
op keer doorslaan, neemt
u contact op met een er‐
kende installateur.
Het lampje brandt niet. Het lampje is stuk. Vervang het lampje.
NEDERLANDS 47
Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing
Het display toont een fout‐
code die niet in deze tabel
staat.
Er is een elektrische fout. Schakel de oven uit via
de huiszekering of de
veiligheidsschakelaar in
de zekeringkast en
schakel deze weer in.
Neem contact op met
de klantenservice wan‐
neer de foutcode op‐
nieuw wordt weergege‐
ven.
Stoom en condens slaan
neer op de gerechten en in
de ovenruimte.
Het gerecht heeft te lang in
de oven gestaan.
Laat gerechten na het be‐
reiden niet langer dan 15 -
20 minuten in de oven
staan.
14.2 Onderhoudgegevens
Als u niet zelf het probleem kunt
verhelpen, neem dan contact op met uw
verkoper of de serviceafdeling.
De contactgegevens van het
servicecentrum staan op het typeplaatje.
Het typeplaatje bevindt zich voor aan de
binnenkant van het apparaat. Verwijder
het typeplaatje niet uit de ovenruimte.
Wij adviseren u om de gegevens hier te noteren:
Model (MOD.) .........................................
Productnummer (PNC) .........................................
Serienummer (S.N.) .........................................
15. TECHNISCHE GEGEVENS
15.1 Technische gegevens
Spanning 220 – 240 V
Frequentie 50 Hz
16. MILIEUBESCHERMING
Recycle de materialen met het symbool
. Gooi de verpakking in een geschikte
verzamelcontainer om het te recyclen.
Help om het milieu en de
volksgezondheid te beschermen en
recycle het afval van elektrische en
elektronische apparaten. Gooi apparaten
gemarkeerd met het symbool niet weg
met het huishoudelijk afval. Breng het
product naar het milieustation bij u in de
buurt of neem contact op met de
gemeente.
*
www.electrolux.com48
NEDERLANDS 49
www.electrolux.com50
NEDERLANDS 51
www.electrolux.com/shop
867302166-D-362016
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52

Electrolux EVY7805AOX Handleiding

Categorie
Magnetrons
Type
Handleiding
Deze handleiding is ook geschikt voor