THEBEN DU 1 DALI KNX Handleiding

Type
Handleiding

Deze handleiding is ook geschikt voor

2022-10-20
KNX-handboek
Inbouw DALI Broadcast Controller
DU 1 DALI KNX, DU 1 DALI RF KNX
4942580
4941681
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
Inhoudsopgave
1 BELANGRIJKE WAARSCHUWINGEN DU 1 DALI S RF KNX! 3
2 Functionele eigenschappen 4
3 Technische gegevens 5
3.1 Belangrijke aanwijzingen 6
4 Algemene informatie over KNX-Secure 7
4.1 Inbedrijfstelling met ‘KNX Data-Secure’ 8
4.2 Inbedrijfstelling zonder "KNX-Data-Secure" 8
5 Algemene informatie over DALI 9
5.1 DALI systeembeschrijving 9
5.2 Schema van het schakelprincipe 10
5.3 Reactie van DALI-deelnemers bij uitval van de EVA-bedrijfsspanning 10
5.4 Reactie van DALI-deelnemers bij terugkeer van de EVA-bedrijfsspanning 10
6 Het applicatieprogramma DU 1 DALI KNX 11
6.1 Keuze in de productdatabase 11
6.2 Communicatieobjecten overzicht 12
6.3 Communicatieobjecten beschrijving 16
6.4 Parameterpagina’s overzicht 27
6.5 Algemene parameters 28
6.6 Parameters voor de DALI-actor 29
6.7 Parameters voor de externe ingangen I1, I2 als pure binaire KNX-ingangen 45
6.8 Parameters voor de directe aansturing van de dimactor 62
7 Toepassingsvoorbeelden 67
7.1 Directe aansturing: basisconfiguratie 67
7.2 Dimkanaal via de bus besturen 69
8 Bijlage 72
8.1 Prioriteitsvolgorde 72
8.2 Toepassing van de functie Soft-schakelen 73
8.3 Toepassing voorrangsfunctie 79
8.4 DALI EVA 80
8.5 4-bit-telegrammen (lichter/donkerder) 80
8.6 De scènes 82
8.7 Omrekening procenten in hexadecimale en decimale waarden 86
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
1 BELANGRIJKE WAARSCHUWINGEN
DU 1 DALI S RF KNX!
Gevaar door elektrische schokken!
Het apparaat is bij de klemmen en stekkers niet geïsoleerd!
Op de ingangen staat netspanning!
Bij aansluiting van de ingangen of voor elke ingreep in een van de ingangen de
230 V-voeding van het apparaat onderbreken.
Installeer het apparaat aanraakveilig.
Zorg voor een minimale afstand van 3 mm tot stroomgeleidende delen of voor extra
isolatie met bijv. verdelers.
De isolatie van de niet-gebruikte ingangen niet verwijderen.
De aders van de niet-gebruikte ingangen niet afknippen.
Geen netspanning (230 V) of andere externe spanningen op de ingangen aansluiten!
Bij de installatie op voldoende isolatie tussen netspanning (230 V) en bus resp.
ingangen letten (min. 5,5 mm).
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
2 Functionele eigenschappen
DALI-actor 1 DALI-uitgang
Parallelle aansluiting van de DALI-bedrijfsapparaten op de uitgang
Kanaalafhankelijke communicatie via Broadcast-opdrachten.
Geen afzonderlijke of groepsbesturing van de DALI-bedrijfsapparaten
Stel DALI-spanning voor uitgang beschikbaar
Schakelen
Soft-schakelen
Dimmen (relatief, absoluut, dimcurve, dimtijd, …)
Kleurregeling (RGB, RGBW, kleurtemperatuur)
Deelname aan centrale objecten
Scènes (8 scènegeheugens)
Blokkeringsfunctie
Voorrangsfunctie
Bedrijfsurenteller en service
Diagnosemeldingen
Parameterinstelling en ingebruikname met ETS
Ondersteuning van KNX Data Secure
Voedingsspanning via netaansluiting
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
3 Technische gegevens
Bedrijfsspanning
230 V AC, +10% / 15%
Frequentie
50 60 Hz
Eigen verbruik stand-by
DU 1 DALI KNX: 0,35 W
DU 1 DALI S RF KNX: 0,7 W
Eigen verbruik KNX
1
5 mA
Bedrijfsspanning KNX 2
21 32 V
Afmetingen B x H x D
DU 1 DALI KNX: 44,4 x 48,6 x 32,3 mm
DU 1 DALI S RF KNX: 44,4 x 48,6 x 24,9 mm
Toegestane
omgevingstemperatuur
-5 °C … +45 °C
Beschermingsgraad
IP20
Beschermingsklasse
II bij voorgeschreven montage
Soort montage
Inbouw
Aansluittype
Schroefklemmen | busaansluiting: KNX-busklem
3
Max. diameter klemmen
Massief: 0,5 mm² (Ø 0,8 mm) tot 4 mm²
Draad met adereindhuls: 0,5 mm² tot 2,5 mm²
Aantal kanalen
1
Max. stroomsterkte
60 mA
Statusweergave
Nee
DU 1 DALI S RF KNX
Radiografische standaard
4
RF1.R
Zendfrequentie
868,3 MHz
Signaalvermogen
< 10 mW
Codering
FSK (Frequency Shift Keying)
Transceivertype
bidirectioneel
1 DU 1 DALI KNX
2 DU 1 DALI KNX
3 DU 1 DALI KNX
4 Radiografische eigenschappen: DU 1 DALI S RF KNX
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
3.1 Belangrijke aanwijzingen
De DALI-actor stuurt bedrijfsapparaten met DALI-interface (bijv. EVA's, LED-converters,
transformatoren etc.) aan.
Het apparaat is een Single Master Application Controller (volgens EN 62386-103), d.w.z.
dat het apparaat alleen mag worden gebruikt in DALI-segmenten met aangesloten EVA's
en niet met aanvullende DALI-stuurapparaten binnen het segment (geen Multi-Master-
gebruik).
Op een DALI-uitgang kunnen max. 30 DALI-deelnemers worden aangesloten. De DALI-
deelnemers worden via Broadcast-opdrachten aangestuurd. Een adressering of
groepering van de DALI-apparaten is niet noodzakelijk.
De DALI-actor dient als interface tussen het DALI-systeem en de KNX-bus. Voor het
schakelen en dimmen van de aangesloten DALI-apparaten.
Voor de totale DALI-installatie van een segment mag de max. kabellengte van 300 m niet
worden overschreden (ø 1,5 mm²).
De netspanning wordt aangesloten overeenkomstig het opschrift op de behuizing (L en
N). Voor de aansluiting op de KNX-bus wordt de KNX-stekkerklem gebruikt.
De kabels van de DALI-segmenten worden op de klemmen DA+, DA- aangesloten.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
4 Algemene informatie over KNX-Secure
Vanaf ETS5 versie 5.5 wordt veilige communicatie in KNX-systemen ondersteund. Hierbij wordt
onderscheid gemaakt tussen veilige communicatie via het medium IP met behulp van KNX IP-
Secure en veilige communicatie via de media TP en RF met behulp van KNX Data-Secure. De
onderstaande informatie heeft betrekking op KNX-Data-Secure.
In de catalogus van ETS worden KNX-producten met ondersteuning van 'KNX-Secure' eenduidig
gekenmerkt.
Zodra een 'KNX-Secure'-apparaat in het project wordt ingevoegd, vraagt de ETS om een
projectwachtwoord. Als geen wachtwoord wordt ingevoerd, wordt het apparaat met
gedeactiveerde Secure-modus ingevoegd. Het wachtwoord kan achteraf in het projectoverzicht
worden ingevoerd of veranderd.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
4.1 Inbedrijfstelling met ‘KNX Data-Secure’
Voor de veilige communicatie is de FDSK (Factory Device Setup Key) nodig. Als een KNX-product
met ondersteuning van ‘KNX Data-Secure’ in een regel wordt ingevoegd, vraagt de ETS om
invoer van de FDSK. Deze apparaatspecifieke sleutel is afgedrukt op het etiket van het apparaat
en kan ofwel via het toetsenbord worden ingevoerd, ofwel met behulp van de codescanner of de
camera van de notebook worden ingelezen.
Voorbeeld FDSK op apparaatetiket:
De ETS genereert na invoer van de FDSK een apparaatspecifieke toolsleutel. Via de bus stuurt de
ETS de toolsleutel naar het apparaat dat moet worden geconfigureerd. De overdracht wordt met
de oorspronkelijke en voorheen ingevoerde FDSK-sleutel versleuteld en geverifieerd. De
toolsleutel noch de FDSK-sleutel wordt niet-gecodeerd via de bus verstuurd.
Het apparaat accepteert na de vorige actie alleen nog de toolsleutel voor verdere communicatie
met de ETS.
De FDSK-sleutel wordt niet meer gebruikt voor de verdere communicatie, tenzij het apparaat
wordt gereset naar de fabrieksinstelling. Daarbij worden alle ingestelde, veiligheidsrelevante
gegevens gewist.
De ETS genereert zo veel tijdelijke sleutels als nodig zijn voor de groepscommunicatie die men
wil beschermen. Via de bus stuurt de ETS de tijdelijke sleutel naar het apparaat dat moet
worden geconfigureerd. De overdracht vindt plaats wanneer het apparaat via de toolsleutel
wordt versleuteld en geverifieerd. De tijdelijke sleutels worden nooit niet-gecodeerd via de bus
verstuurd.
De FDSK wordt in het project opgeslagen en is in het projectoverzicht te zien.
Bovendien kunnen alle sleutels door dit project worden geëxporteerd (back-up).
Bij de projectplanning kan vervolgens worden gedefinieerd welke functies/objecten beveiligd
moeten communiceren. Alle objecten met versleutelde communicatie zijn in de ETS te
herkennen aan het pictogram "Secure".
4.2 Inbedrijfstelling zonder "KNX-Data-Secure"
Als alternatief kan het apparaat ook zonder KNX Data-Secure in gebruik worden genomen. In dit
geval is het apparaat niet beveiligd en gedraagt het zich als andere KNX-apparaten zonder de
functie KNX Data-Secure.
Voor de ingebruikname van het apparaat zonder KNX Data-Secure markeert u het apparaat in
de paragraaf 'Topologie' of 'Apparaat' en zet u in het gedeelte 'Eigenschappen' op het tabblad
'Instellingen' de optie 'Veilige inbedrijfstelling' op 'Gedeactiveerd'.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
5 Algemene informatie over DALI
Aan de moderne verlichtingstechniek worden vele verschillende eisen gesteld. Ging het vroeger
alleen om verlichting om te kunnen zien, tegenwoordig staan eigenschappen zoals comfort,
sfeer, functionaliteit en energiebesparing voorop. Bovendien wordt een moderne
verlichtingsinstallatie steeds vaker in het Facility Management van de
gebouwinstallatie geïntegreerd, om de toestand van de totale verlichting te bewaken. Vaak is
een complex lichtmanagement vereist dat optimaal is afgestemd op het gebruik van de
betreffende ruimtes. Aan al deze eisen kan met de traditionele 1-10-V-techniek onvoldoende of
alleen met hoge kosten worden voldaan. Om die redenen werd de DALI-standaard (DIN EN
62386, daarvoor DIN EN 60929) samen met de toonaangevende fabrikanten van EVA's
ontwikkeld. Deze beschrijft en bepaalt de digitale interface DALI (Digital Addressable Lighting
Interface) voor bedrijfsapparaten voor de verlichtingstechniek.
DALI heeft zich bewezen als de fabrikantneutrale standaard in de verlichtingstechniek. De
moderne verlichtingstechniek wordt gekenmerkt door een breed scala aan
voorschakelapparaten, transformatoren, dimmers en relais met DALI-interface.
5.1 DALI systeembeschrijving
In de DALI-actor is de DALI-voeding geïntegreerd zodat geen aanvullende voeding, bv. DALI-PS
op de gateway moet worden aangesloten.
De DALI-actor verzendt als DALI-Master Broadcast-telegrammen.
Broadcast-telegrammen zijn telegrammen waarnaar alle DALI-deelnemers samen luisteren,
waardoor de deelnemers allemaal tegelijkertijd worden aangestuurd.
In tegenstelling tot de 1-10-V-techniek heeft een DALI-voorschakelapparaat (EVA) een
elektronisch schakelelement. Daarom is geen apart relais voor het schakelen van de EVA meer
noodzakelijk en dus ook geen berekening van het schakelvermogen. Dankzij het elektronisch
schakelelement is een geruisloos schakelen mogelijk.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
5.2 Schema van het schakelprincipe
5.3 Reactie van DALI-deelnemers bij uitval van de EVA-
bedrijfsspanning
Bij uitval van de EVA-bedrijfsspanning, meestal 230 V, van het DALI-bedrijfsmiddel, bijv. EVA,
gaat het licht uit en het voorschakeapparaat werkt niet meer.
Deze toestand wordt door de DU 1 DALI KNX als netfout herkend.
5.4 Reactie van DALI-deelnemers bij terugkeer van de EVA-
bedrijfsspanning
Bij levering reageren de bedrijfsapparaten met DALI-interface meestal zodanig dat de
verlichting - wanneer de EVA-bedrijfsspanning voor de eerste keer wordt aangesloten of bij
terugkeer van de EVA-bedrijfsspanning - naar de maximale helderheid schakelt. Deze
lichtsterkte (Power-On Level) is vooraf door de EVA-fabrikant ingesteld en dient als een soort
veiligheidsfunctie. De elektrotechnische installateur heeft dus de mogelijkheid om tijdens de
inbedrijfstelling, ook zonder geprogrammeerde DALI Master, alleen met een normale
installatieautomaat door in- en uitschakelen van de 230 V-bedrijfsspanning de DALI-verlichting
uit te schakelen.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
6 Het applicatieprogramma DU 1 DALI KNX
6.1 Keuze in de productdatabase
Fabrikant
Productfamilie
Producttype
Programmanaam
De ETS-database vindt u in onze online ETS-catalogus en op onze website:
www.theben.de/downloads
Aantal communicatieobjecten
45
Aantal groepsadressen
255
Aantal toewijzingen
255
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
6.2 Communicatieobjecten overzicht
6.2.1 Dimmer, kanaal C1
Nr.
Objectnaam
Functie
Lengte
R
W
C
T
DPT
1
Kanaal C1
Schakelen AAN/UIT
1 bit
-
W
C
-
1.001
2
Kanaal C1
Lichter/donkerder
4 bit
-
W
C
-
3.007
3
Kanaal C1
Dimwaarde
1 byte
-
W
C
-
5.001
4
Kanaal C1
Soft-schakelen
1 bit
-
W
C
-
1.001
5
Kanaal C1
Blokkeren
1 bit
-
W
C
-
1.001
6
Kanaal C1
Scènes oproepen/opslaan
1 byte
-
W
C
-
18.001
7 Kanaal C1
Scènes vrijgeven = 1
1 bit
-
W
C
-
1.001
Scènes blokkeren = 1
1 bit
-
W
C
-
1.001
8 Kanaal C1
Voorrang
2 bit
-
W
C
-
2.001
Dimwaarde bij voorrang
1 byte
-
W
C
-
5.001
Voorrang = 1
1 bit
-
W
C
-
1.001
Voorrang = 0
1 bit
-
W
C
-
1.001
9
Kanaal C1
Dimwaardebegrenzing
1 byte
-
W
C
-
5.001
10
Kanaal C1
Retourmelding Aan/Uit
1 bit
R
-
C
T
1.001
11
Kanaal C1
Retourmelding in %
1 byte
R
-
C
T
5.001
12 Kanaal C1
Retourmelding bedrijfsuren
4 bytes
R
-
C
T
13.100
Tijd tot de volgende service
4 bytes
R
-
C
T
13.100
13
Kanaal C1
Service noodzakelijk
1 bit
R
-
C
T
1.001
14 Kanaal C1
Reset service
1 bit
-
W
C
-
1.001
Reset bedrijfsuren
1 bit
-
W
C
-
1.001
15
Kanaal C1
Algemene foutmelding
1 bit
R
-
C
T
1.001
16
Kanaal C1
Storing DALI/net
1 bit
R
-
C
T
1.001
17
Kanaal C1
Lampstoring
1 bit
R
-
C
T
1.001
19 Kanaal C1
Kleurregeling RGB
3 bytes
-
W
C
232.600
Kleurtemperatuur
2 bytes
-
W
C
7.600
Kleurregeling RGBW
6 bytes
-
W
C
251.600
20 Kanaal C1
Kleurregeling (RGB rood)
1 byte
-
W
C
5.001
Kleurregeling (kleurtoon)
1 byte
-
W
C
5.003
Relatieve kleurtemperatuur
1 byte
-
W
C
5.001
21 Kanaal C1
Kleurregeling (RGB groen)
1 byte
-
W
C
5.001
Kleurregeling (verzadiging)
1 byte
-
W
C
5.001
22
Kanaal C1
Kleurregeling (RGB blauw)
1 byte
-
W
C
5.001
23
Kanaal C1
Kleurregeling wit
1 byte
-
W
C
5.001
24 Kanaal C1
Kleurwissel (RGB rood)
4 bit
-
W
C
3.007
Kleurwissel (kleurtoon)
4 bit
-
W
C
3.007
Kleurtemperatuurwissel
4 bit
-
W
C
3.007
25 Kanaal C1
Kleurwissel (RGB groen)
4 bit
-
W
C
3.007
Kleurwissel (verzadiging)
4 bit
-
W
C
3.007
26
Kanaal C1
Kleurwissel (RGB blauw)
4 bit
-
W
C
3.007
27
Kanaal C1
Kleurwissel wit
4 bit
-
W
C
3.007
28 Kanaal C1
Kleurstatus RGB
3 bytes
R
-
C
T
232.600
Kleurstatus RGBW
6 bytes
R
-
C
T
251.600
Kleurtemperatuur status
2 bytes
R
-
C
T
7.600
29 Kanaal C1
Kleurstatus (RGB rood)
1 byte
R
-
C
T
5.001
Kleurstatus (kleurtoon)
1 byte
R
-
C
T
5.003
30
Kanaal C1
Kleurstatus (RGB groen)
1 byte
R
-
C
T
5.001
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
Nr.
Objectnaam
Functie
Lengte
R
W
C
T
DPT
Kleurstatus (verzadiging)
1 byte
R
-
C
T
5.001
31
Kanaal C1
Kleurstatus (RGB blauw)
1 byte
R
-
C
T
5.001
32
Kanaal C1
Kleurstatus wit
1 byte
R
-
C
T
5.001
33
Kanaal C1
Schakelen AAN/UIT (RGB rood)
1 bit
-
W
C
-
1.001
34
Kanaal C1
Schakelen AAN/UIT (RGB groen)
1 bit
-
W
C
-
1.001
35
Kanaal C1
Schakelen AAN/UIT (RGB blauw)
1 bit
-
W
C
-
1.001
36
Kanaal C1
Schakelen AAN/UIT wit
1 bit
-
W
C
-
1.001
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
6.2.2 Externe ingangen: functie schakelaar resp. toets
Nr. Objectnaam Functie Lengte R W C T DPT
41 Kanaal I1.1
Schakelen 1 bit R W C T 1.001
Prioriteit 2 bit R - C T 2.001
Percentage zenden 1 byte R - C T 5.001
Waarde zenden 1 byte R - C T 5.010
42 Kanaal I1.2
Schakelen 1 bit R W C T 1.001
Prioriteit 2 bit R - C T 2.001
Percentage zenden 1 byte R - C T 5.001
Waarde zenden 1 byte R - C T 5.010
45 Kanaal I1 Blokkeren = 1 1 bit - W C - 1.001
Blokkeren = 0 1 bit - W C - 1.003
51-55 Kanaal I2 (details: zie Kanaal I1)
6.2.3 Externe ingangen: functie dimmen
Nr. Objectnaam Functie Lengte R W C T DPT
41 Kanaal I1 Schakelen 1 bit R W C T 1.001
42 Kanaal I1
Lichter/donkerder 4 bit R - C T 3.007
Lichter 4 bit R - C T 3.007
Donkerder 4 bit R - C T 3.007
43 Kanaal I1.1
Schakelen 1 bit R W C T 1.001
Prioriteit 2 bit R - C T 2.001
Percentage zenden 1 byte R - C T 5.001
Waarde zenden 1 byte R - C T 5.010
45 Kanaal I1 Blokkeren = 1 1 bit - W C - 1.001
Blokkeren = 0 1 bit - W C - 1.003
51-55 Kanaal I2 (details: zie Kanaal I1)
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
6.2.4 Externe ingangen: functie jaloezie
Nr. Objectnaam Functie Lengte R W C T DPT
41 Kanaal I1 Step / Stop 1 bit R - C T 1.010
42 Kanaal I1
OMHOOG/OMLAAG 1 bit R W C T 1.008
OMHOOG 1 bit R - C T 1.008
OMLAAG 1 bit R - C T 1.008
43 Kanaal I1.1
Schakelen 1 bit R W C T 1.001
Prioriteit 2 bit R - C T 2.001
Percentage zenden 1 byte R - C T 5.001
Hoogte % 5 1 byte R - C T 5.001
Waarde zenden 1 byte R - C T 5.010
2 byte 9.x 2 bytes R - C T 9.xxx
4 byte 14.x 4 bytes R - C T 14.xxx
44 Kanaal I1.2 Lamel % 6 1 byte R - C T 5.001
45 Kanaal I1 Blokkeren = 1 1 bit - W C - 1.001
Blokkeren = 0 1 bit - W C - 1.003
51-55 Kanaal I2 (details: zie Kanaal I1)
6.2.5 Externe ingangen: functie Temperatuuringang (alleen I2)
Nr. Objectnaam Functie Lengte R W C T DPT
51 Kanaal I2 Werkelijke temperatuur 2 byte R - C T 9.001
6.2.6 Gemeenschappelijke objecten
Nr. Objectnaam Functie Lengte R
W
C T DPT
71 Centraal Centraal continu AAN 1 bit - W
C - 1.001
72 Centraal Centraal continu UIT 1 bit - W
C - 1.001
73 Centraal Centraal Schakelen AAN/UIT 1 bit - W
C - 1.001
74 Centraal Centraal scènes oproepen/opslaan 1 byte - W
C - 18.001
5 Bij dubbel klikken met objecttype = hoogte % + lamel %
6 Bij dubbel klikken met objecttype = hoogte % + lamel %
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
6.3 Communicatieobjecten beschrijving
6.3.1 Objecten voor de DALI-actor
Object 1: Schakelen AAN/UIT
1 = Last inschakelen.
0 = Last uitschakelen.
Zie ook: parameter Inschakelwaarde.
Object 2: lichter/donkerder
Dit object wordt met 4-bit-telegrammen aangestuurd (DPT 3.007 Control_Dimming).
Met deze functie kan het licht stapsgewijs omhoog of omlaag worden gedimd.
Standaard worden telegrammen met 64 stappen gezonden.
BELANGRIJK: de reactie op 4-bit-telegrammen hangt af van de parameter In- en uitschakelen
met 4-bit-telegram.
Zie bijlage: 4-bit-telegrammen (lichter/donkerder)
Object 3: dimwaarde
Met dit object kan de gewenste dimwaarde direct worden gekozen.
Formaat: 1 byte percentage.
0 = 0%
255 = 100%
Object 4: Soft-schakelen
Een 1 naar dit object start een Soft-schakelcyclus: de lichtsterkte wordt, uitgaande van de
minimale lichtsterkte, geleidelijk verhoogd.
De dimwaarde blijft daarna binnen de ingestelde tijd constant. Na afloop van deze tijd wordt
weer geleidelijk naar de ingestelde waarde na Soft-UIT gedimd.
Daarbij wordt rekening gehouden met de ingestelde minimale en maximale dimwaarde.
De cyclus kan door telegrammen worden verlengd of voortijdig worden beëindigd.
Dit verloop kan ook met een schakelklok worden aangestuurd, wanneer de parameter Tijd
tussen Soft-Aan en Soft-Uit op tot telegram Soft Uit staat.
De dimcyclus wordt dan met een 1 gestart en met een 0 beëindigd.
Zie bijlage: Toepassing van de functie Soft-schakelen
Object 5: Blokkeren
Reactie bij het activeren en deactiveren van de blokkering kan met parameters worden ingesteld
als de blokkeringsfunctie werd geactiveerd (parameterpagina Functiekeuze).
De blokkering wordt pas actief na ontvangst van het Object Aan, d.w.z. dat het kanaal bij
Blokkeren met 0 na terugkeer van de busspanning niet geblokkeerd is.
Is de parameter Reactie bij instellen van de blokkering = geen reactie, dan wordt een lopend
proces voor Soft-schakelen niet onderbroken.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
Object 6: Scènes oproepen/opslaan
Alleen beschikbaar als de scènefunctie werd geactiveerd (parameterpagina Functiekeuze).
Met dit object kunnen scènes worden opgeslagen en later weer worden opgevraagd.
Bij het opslaan wordt de dimwaarde en indien geselecteerd ook de kleurwaarde van het kanaal
opgeslagen.
Daarbij maakt het niet uit hoe deze dimwaarde is ontstaan (via schakelopdrachten of centrale
objecten).
Bij het oproepen wordt de opgeslagen dim- en kleurwaarde gereset.
De scènenummers van 1 t/m 63 worden ondersteund.
Het kanaal kan aan max. 8 scènes deelnemen.
Zie bijlage: De scènes
Object 7: Scènes blokkeren = 1, Scènes vrijgeven = 1
Blokkeert de scènefunctie, met een 1 of met een 0, afhankelijk van de ingestelde parameters.
Gedurende de blokkering kunnen geen scènes meer worden opgeslagen en opgeroepen.
Object 8: Voorrang, dimwaarde bij voorrang, voorrang = 1, Voorrang = 0
De functie van het voorrangsobject kan met parameters worden ingesteld als 1- of 2-bit- of als
1-byte-object.
Formaat van
het
voorrangsobjec
t
Voorrang
Reactie bij voorrang
activeren met
beëindigen met
Begin
Einde
1 bit
1 of 0
(parametreerbaar
)
0 of 1
(parametreerbaar
)
kan via parameters worden ingesteld in
het applicatieprogramma
2 bit
Voorrang
ingeschakeld = 3
Voorrang
uitgeschakeld = 2
Voorrang
deactiveren = 0
of 1
kan met parameters
worden ingesteld in
het
applicatieprogramma
.
Parametreerbaa
r
1 byte
1-100%
0
Het
activeringstelegram
geldt gelijktijdig als
voorrangsdimwaarde
Parametreerbaa
r
Een kleurwaarde wordt ook gezonden, zie parameter Kleurwaarde BZW: kleurtemperatuur bij
continu RGB op de parameterpagina Kleurwaarde.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
Object 9: Dimwaardebegrenzing
Via het object Dimwaardebegrenzing kan de dimwaarde tijdelijk worden begrensd. Dit zorgt
ervoor dat bijv. 's nachts een basisverlichting niet wordt overschreden, terwijl 's avonds het
volledige verlichtingsbereik kan worden benut.
Bij objectwaarde = 0, is de dimwaarde niet begrensd.
Als de objectwaarde groter is dan 0, geeft deze waarde de grenswaarde voor de dimwaarde
aan.
Is de objectwaarde kleiner dan de ingestelde minimale dimwaarde, dan wordt de lichtsterkte tot
deze minimale dimwaarde begrensd.
Als de begrenzing wordt opgeheven, blijft de dimwaarde net zolang begrensd totdat een nieuwe
dimopdracht wordt ontvangen.
De Soft-Aan- en Soft-Uit-tijden worden tijdens de begrenzing zo aangepast dat de snelheid van
de lichtsterkteverandering gelijk blijft als zonder begrenzing.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
Object 10: Retourmelding Aan/Uit
Zendt de huidige dimstatus:
1 = huidige dimwaarde ligt tussen 1% en 100%
0 = huidige dimwaarde is = 0%
Object 11: Retourmelding in %
Zendt de nieuwe dimwaarde na wijziging zodra het dimmen is afgesloten, d.w.z. zodra de
nieuwe gewenste waarde werd bereikt.
Formaat: 1 byte, 0 ... 255, d.w.z. 0 ... 100%
Object 12: Retourmelding bedrijfsuren, Tijd tot de volgende service
Alleen beschikbaar als de bedrijfsurentellerfunctie werd geactiveerd (parameterpagina
Functiekeuze).
Meldt, afhankelijk van het gekozen type bedrijfsurenteller (parameterpagina Bedrijfsurenteller
en Service), de resterende tijd tot aan het verstrijken van het ingestelde service-interval of de
huidige stand van de bedrijfsurenteller.
Object 13: Service noodzakelijk
Alleen beschikbaar als de bedrijfsurentellerfunctie werd geactiveerd (parameterpagina
Functiekeuze) en Type bedrijfsurenteller = teller voor tijd tot de volgende service.
Meldt of het ingestelde service-interval is verstreken.
0 = niet verstreken
1 = service-interval is verstreken
Object 14: Resetten service, resetten bedrijfsuren“
Alleen beschikbaar als de bedrijfsurentellerfunctie werd geactiveerd.
(Parameterpagina Functiekeuze).
Object 15: Algemene foutmelding
Dient als signaal voor storing:
0 = Geen fout
1 = er werd een fout vastgesteld
Een algemene fout ontstaat wanneer een van de overige fouten werd herkend.
Deze melding kan bijv. op een display worden weergegeven.
Object 16: Storing DALI/net
Storing DALI-bus werd herkend.
(overbelasting of kortsluiting)
Bij overbelasting is de gemeten stroom op de DALI-bus te hoog.
Bij kortsluiting is de gemeten spanning op de DALI-bus te laag.
Object 17: Lampstoring
Meldt een storing van de lamp.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
Functie kleurtemperatuur
Object 19: Absolute kleurtemperatuur (2 bytes)
DPT 7.600. Zendt kleurtemperatuurtelegrammen van 1000 tot 10000 K.
Object 20: Relatieve kleurtemperatuur (1 byte)
DPT 5.001. Via dit object kan de kleurtemperatuur worden ingesteld. Het object is een %-
waarde en stelt de kleurtemperatuur in procent in tussen de minimale en maximale
kleurtemperatuur.
Object 24: Kleurwissel
DPT 3.007. Via dit object kan de kleurtemperatuur worden gewisseld. Onafhankelijk van de bits
0..2 in het 4-bit-dimtelegram wordt altijd het gehele bereik van 0..100% doorlopen.
Object 28: Kleurtemperatuur status
DPT 7.600. Via dit object wordt de kleurtemperatuur gemeld.
Functie RGB / RGBW
Bij deze kleurwaarden kunnen de kleurcomponenten samen in een object of gescheiden
naar meerdere objecten worden gezonden.
In het HSV- resp. HSVW-formaat vindt de uitvoer uitsluitend via gescheiden objecten
plaats.
Objecten 19-36: Kleurregeling
Functie
Type
Nr.
Object functie
RGB-kleurregeling
(benaderen van een vaste
waarde)
RGB 3 bytes
19
Kleurregeling RGB
RGB gescheiden objecten
20
RGB rood
21
RGB groen
22
RGB blauw
HSV gescheiden objecten
20
HSV-kleurtoon
21
HSV-verzadiging
RGB kleurwissel
(met een bepaalde waarde
verschoven)
RGB gescheiden objecten
24
RGB rood
25
RGB groen
26
RGB blauw
HSV gescheiden objecten
24
HSV-kleurtoon
25
HSV-verzadiging
RGB-kleurstatus
(waarde naar bus zenden)
RGB 3 bytes
28
Kleurstatus RGB
RGB gescheiden objecten
29
RGB rood
30
RGB groen
31
RGB blauw
HSV gescheiden objecten
29
HSV-kleurtoon
30
HSV-verzadiging
RGB Schakelen AAN/UIT
(Kleur schakelen)
RGB gescheiden objecten
33
RGB rood
34
RGB groen
35
RGB blauw
RGBW-kleurregeling
(benaderen van een vaste
RGBW 6 bytes
19
Kleurregeling RGBW
RGBW gescheiden objecten
20
RGB(W) rood
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
Functie
Type
Nr.
Object functie
waarde)
21
RGB(W) groen
22
RGB(W) blauw
23
Witwaarde
HSVW gescheiden objecten
20
HSV(W) kleurtoon
21
HSV(W) verzadiging
23
Witwaarde
RGBW kleurwissel
(met een bepaalde waarde
verschoven)
RGBW gescheiden objecten
24
RGB(W) rood
25
RGB(W) groen
26
RGB(W) blauw
27
Witwaarde
HSVW gescheiden objecten
24
HSV(W) kleurtoon
25
HSV(W) verzadiging
27
Witwaarde
RGBW-kleurstatus
(waarde naar bus zenden)
RGBW 3 bytes
28
Kleurstatus RGBW
RGB gescheiden objecten
29
RGB(W) rood
30
RGB(W) groen
31
RGB(W) blauw
32
Witwaarde
HSV gescheiden objecten
29
HSV(W) kleurtoon
30
HSV(W) verzadiging
32
Witwaarde
RGBW Schakelen AAN/UIT
(Kleur schakelen)
RGB gescheiden objecten
33
RGB(W) rood
34
RGB(W) groen
35
RGB(W) blauw
36
RGB(W) wit
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
6.3.2 Objecten voor de externe ingangen: functie Schakelaar
Object 41: Kanaal I1.1
Eerste uitgangsobject van het kanaal (eerste telegram).
Er kunnen 4 telegramformaten worden ingesteld:
schakelen AAN/UIT, prioriteit, percentage zenden, waarde zenden.
Object 42: Kanaal I1.2
Tweede uitgangsobject van het kanaal (tweede telegram).
Er kunnen 4 telegramformaten worden ingesteld:
schakelen AAN/UIT, prioriteit, percentage zenden, waarde zenden.
Object 45: Kanaal I1 blokkeren = 1 resp. blokkeren = 0
Met dit object wordt het kanaal geblokkeerd.
Werkingsrichting van het blokkeringsobject en reactie bij het instellen resp. opheffen van de
blokkering kunnen worden ingesteld.
Objecten 51-55
Objecten voor kanaal I2
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
6.3.3 Objecten voor de externe ingangen: functie Toets
Object 41: Kanaal I1.1
Eerste uitgangsobject van het kanaal (eerste telegram).
Er kunnen 4 telegramformaten worden ingesteld:
schakelen AAN/UIT, prioriteit, percentage zenden, waarde zenden.
Object 42: Kanaal I1.2
Tweede uitgangsobject van het kanaal (tweede telegram).
Er kunnen 4 telegramformaten worden ingesteld:
schakelen AAN/UIT, prioriteit, percentage zenden, waarde zenden.
Object 45: Kanaal I1 blokkeren = 1 resp. blokkeren = 0
Met dit object wordt het kanaal geblokkeerd.
Werkingsrichting van het blokkeringsobject en reactie bij het instellen resp. opheffen van de
blokkering kunnen worden ingesteld.
Objecten 51-55
Objecten voor kanaal I2
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
6.3.4 Objecten voor de externe ingangen: functie dimmen
Object 41: Kanaal I1.1 schakelen
Schakelt de dimmer in en uit.
Object 42: Kanaal I1.1 lichter, donkerder, lichter/donkerder
4-bit dimopdrachten.
Object 43: Kanaal I1.1 Schakelen, prioriteit, percentage.
Uitgangsobject voor de extra functie bij dubbelklikken.
Er kunnen 4 telegramformaten worden ingesteld:
schakelen AAN/UIT, prioriteit, percentage zenden, waarde zenden.
Object 45: Kanaal I1 blokkeren = 1 resp. blokkeren = 0
Met dit object wordt het kanaal geblokkeerd.
Werkingsrichting van het blokkeringsobject en reactie bij het instellen resp. opheffen van de
blokkering kunnen worden ingesteld.
Objecten 51-55
Objecten voor kanaal I2
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
6.3.5 Objecten voor de externe ingangen: functie jaloezie
Object 41: Kanaal I1 Step/Stop
Zendt Step/Stop-opdrachten naar de jaloezieactor.
Object 42: Kanaal I1 OMHOOG/OMLAAG, OMHOOG, OMLAAG
Zendt bewegingsopdrachten naar de jaloezieactor.
Object 43: Kanaal I1.1 Schakelen, prioriteit, percentage, hoogte %
Uitgangsobject voor de extra functie bij dubbelklikken.
Er kunnen 5 telegramformaten worden ingesteld:
schakelen AAN/UIT, prioriteit, percentage zenden, waarde zenden, hoogte %.
Object 44: Kanaal I1.1 - lamel %
Lameltelegram voor de positionering van de jaloezie bij dubbelklikken (samen met object
hoogte %, bij Objecttype = hoogte + lamel).
Object 45: Kanaal I1 blokkeren = 1 resp. blokkeren = 0
Met dit object wordt het kanaal geblokkeerd.
Werkingsrichting van het blokkeringsobject en reactie bij het instellen resp. opheffen van de
blokkering kunnen worden ingesteld.
Objecten 51-55
Objecten voor kanaal I2
6.3.6 Objecten voor de externe ingangen: functie Temperatuuringang
Object 51: Kanaal I2 - werkelijke temperatuur7
Zendt de op ingang I2 gemeten temperatuur (externe sensor resp. vloertemperatuursensor).
7 De functie Temperatuuringang is uitsluitend met de ingang I2 mogelijk.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
6.3.7 Gemeenschappelijke objecten
Object 71: Centraal continue AAN
Centrale inschakelfunctie.
0 = Continu AAN resetten
1 = Continu AAN
De deelname aan dit object kan worden ingesteld (parameterpagina Functiekeuze).
Dit object heeft de hoogste prioriteit. Zolang het is ingesteld, werken andere
schakelopdrachten op het deelnemende kanaal niet.
Object 72: Centraal continu UIT
Centrale uitschakelfunctie.
0 = Continu UIT resetten
1 = Continu UIT
De deelname aan dit object kan worden ingesteld (parameterpagina Functiekeuze).
Dit object heeft de op een na hoogste prioriteit na Centraal continu AAN. Zolang het is
ingesteld, werken andere schakelopdrachten op het deelnemende kanaal niet.
Object 73: Centraal schakelen
Centrale schakelfunctie.
0 = UIT
1 = AAN
De deelname aan dit object kan worden ingesteld (parameterpagina Functiekeuze).
Met dit object reageert het deelnemende kanaal op dezelfde manier als wanneer zijn
ingangsobject een schakelopdracht zou hebben ontvangen.
Object 74: Centraal scènes oproepen/opslaan
Centraal object voor het gebruik van scènes.
Met dit object kunnen scènes worden opgeslagen en later weer worden opgevraagd.
Zie bijlage: De scènes
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
6.4 Parameterpagina’s overzicht
6.4.1 Algemeen
Parameterpagina
Beschrijving
Algemeen
Binaire ingangen activeren.
6.4.2 DALI-actor
Parameterpagina
Beschrijving
Kanaal
Functiekeuze
Eigenschappen van het kanaal en activering van overige functies
(kleurregeling, Soft-schakelen, voorrang etc.).
Kleurregeling
Soort en objecttype van de kleurregeling en overige functies
(kleurwaarde bij continu, reactie bij inschakelen etc.).
Dimreactie
Dimtijden, inschakeldimwaarde etc.
Dimwaarde
begrenzingen
Bereik van de begrenzing.
Soft-schakelen
Lichtsterkte/dimwaarde, tinten en tijdinstellingen voor Soft-
schakelen.
Blokkeringsfunctie
Soort blokkeringstelegram en reactie bij blokkeren.
Retourmelding
Formaat van de retourmeldingsobjecten en cyclische zendtijd.
Voorrang
Reactie bij voorrangsregeling.
Scènes
Keuze van de voor het kanaal relevante scènenummers.
Bedrijfsurenteller en
service
Type bedrijfsurenteller, evt. service-interval etc.
Diagnosemeldingen
Zenden van de diagnose- en foutmeldingen activeren.
Spanningsuitval en -
terugkeer
Reactie bij downloaden en busuitval, terugkeer van de net- en
busspanning.
6.4.3 Externe ingangen
Parameterpagina
Beschrijving
Ingang I1, I2
Functiekeuze
Functie van de ingang, debouncetijd, aantal telegrammen,
blokkeringsfunctie etc.
Daarnaast bij I2: keuze van de temperatuursensor,
temperatuurvergelijking etc.
Schakelaarobject 1, 2
Objecttype, zendreactie etc. voor elk object individueel instelbaar.
Direct dimmen
Bij directe aansturing: reactie op kort of lang indrukken
Toetsobject 1, 2
Objecttype, zendreactie etc. voor elk object individueel instelbaar.
Dimmen
Soort besturing.
Jaloezie
Soort besturing.
Dubbelklikken
Extra telegrammen bij Dimmen en Jaloezie.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
6.5 Algemene parameters
6.5.1 Algemeen
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
Binaire ingangen
gebruiken
Nee
Geen binaire ingangen
ja
De binaire ingangen I1 en I2 zijn geactiveerd
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
6.6 Parameters voor de DALI-actor
6.6.1 Kanaal: functiekeuze
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
Kleurregeling
activeren
nee
Geen kleurregeling.
ja
De pagina Kleurregeling wordt
weergegeven.
Dimwaarde
bergrenzingen
aanpassen
nee
De standaardwaarden zijn van
toepassing:
Begrenzing bij het beschrijven van het
object uitvoeren
= nee,
Begrenzing geldt voor:
- Soft-schakelen,
- absoluut dimmen,
- relatief dimmen,
- schakelopdracht
= nee
ja
De pagina Dimwaarde begrenzingen
wordt weergegeven en alle parameters
kunnen afzonderlijk worden aangepast.
Soft-schakelen
aanpassen
nee
De standaardwaarden zijn van
toepassing:
- Tijd voor Soft AAN = 1 min
- Dimwaarde na Soft AAN
= 100%
- Tijd tussen Soft AAN en Soft UIT = 5
min
- Dimwaarde na Soft UIT
= 0%
- Tijd voor Soft UIT = 1 min
ja
De pagina Soft-schakelen wordt
weergegeven en alle parameters
kunnen afzonderlijk worden aangepast.
Blokkeringsfunctie
aanpassen
nee
De standaardwaarden zijn van
toepassing:
- Blokkeren met 1 (standaard)
- Reactie bij activeren van de
blokkering
= 10%
- Reactie bij deactiveren van de
blokkering = actualiseren
ja
De pagina Blokkeringsfunctie wordt
weergegeven en alle parameters
kunnen afzonderlijk worden aangepast.
Deelname aan
centrale objecten
nee
Met centrale objecten wordt geen
rekening gehouden.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
ja: op alle centrale objecten
alleen op centraal continu
AAN
alleen op centraal continu
UIT
alleen op centraal schakelen
alleen op centraal schakelen
en continu AAN
alleen op centraal schakelen
en continu UIT
alleen op centraal continu
AAN en continu UIT
Met welke centrale objecten moet
rekening worden gehouden?
Met centrale objecten kunnen
meerdere kanalen met een enkel
object gelijktijdig worden in- en
uitgeschakeld.
Retourmeldingen
aanpassen
nee
De standaardwaarden zijn van
toepassing:
- Formaat van de 1-bit retourmelding =
niet omgekeerd
- 1-bit retourmelding cyclisch zenden =
nee
- 8-bit retourmelding zenden = alleen
na beëindiging van het dimmen.
- 8-bit retourmelding cyclisch zenden =
nee
- Tijd voor cyclisch zenden van de
retourmeldingen
= 60 min
ja
De pagina Retourmelding wordt
weergegeven en alle parameters
kunnen afzonderlijk worden aangepast.
Voorrangsfunctie
activeren
nee
Geen voorrangsfunctie.
ja
De pagina Voorrangsfunctie wordt
weergegeven.
Scènes activeren
nee
Geen scènes gebruiken.
ja
De pagina Scènes wordt weergegeven.
Bedrijfsurenteller
activeren
nee
Geen bedrijfsurenteller.
ja
De pagina Bedrijfsurenteller wordt
weergegeven.
Diagnosemeldingen
activeren
nee
Geen diagnosemeldingen.
ja
De pagina Diagnosemeldingen wordt
weergegeven.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
6.6.2 Kleurregeling
Met deze parameter kan worden ingesteld welke kleurregeling op het betreffende kanaal moet
worden gebruikt.
Opmerking: let erop dat de EVA's die op dit kanaal zijn aangesloten, ook deze soort aansturing
ondersteunen.
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
Soort
kleurregeling
Kleurtemperatuur
1000 10.000 K
Kleurtemperatuur
RGB-kleur
De kleur kan direct met de Color Picker
worden geselecteerd.
De kleurwaarde wordt bovendien als 3 byte
hexadecimaalwaarde weergegeven.
RGBW-kleur
De kleur kan direct met de Color Picker
worden geselecteerd.
De kleurwaarde wordt bovendien als 3 byte
hexadecimaalwaarde weergegeven.
Objecttype
Bij RGB-kleur
RGB(W) gecombineerd
1 RGB-object 3 byte DPT232.600
RGB(W) gescheiden objecten
3 objecten: rood, groen, blauw.
HSV(W) gescheiden objecten
2 objecten: kleurwaarde (Hue),
kleurverzadiging (Saturation).
Bij RGBW-kleur
RGBW gecombineerd
1 RGBW-object 6 byte DPT251.600
RGBW gescheiden objecten
4 objecten: rood, groen, blauw, witwaarde
(White).
HSVW gescheiden objecten
3 objecten: kleurwaarde (Hue),
kleurverzadiging (Saturation), witwaarde,
(White).
Kleur bij continu
Bij RGB(W) kleur
Kleurwaarde bij Continu
RGB(W)
#000000 #FFFFFF
Extra witwaarde continu
(RGBW) #00 ... #FF
Tijdens Continu AAN en Voorrang wordt bij
geactiveerde kleurregeling de
parameterkleur ingesteld
Bij kleurtemperatuur
Kleurtemperatuur bij
Voorrang/Continu AAN
1000 10.000 K 3000 K
Met deze parameter kan worden ingesteld
welke kleurtemperatuur bij Voorrang en
Continu AAN moet worden gebruikt.
Reactie bij
inschakelen
Laatste objectwaarde
De laatste objectwaarde wordt gebruikt.
Opmerking: bij een ongeldige objectwaarde
wordt de vooraf ingestelde kleur van de ETS
gebruikt.
ETS-parameter
Gebruik ETS-parameters zoals hieronder
ingesteld
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
Kleur bij
inschakelen
Bij kleurtemperatuur
Kleurtemperatuur
1000 10.000 K
3000 K
Met deze parameter kan worden ingesteld
welke kleurtemperatuur bij inschakelen
moet worden gebruikt.
Bij RGB(W)
Tint bij inschakelen RGB(W)
#000000 #FFFFFF
Extra witwaarde bij
inschakelen (RGBW)
#00 ... #FF
Met deze parameter kan worden ingesteld
welke kleur bij inschakelen moet worden
gebruikt.
Minimale
kleurtemperatuur
1000 K..5000 K 2000 K
Parameter voor de instelling van de
minimaal geldige waarde voor de
kleurtemperatuur.
De minimale kleurtemperatuur is nodig voor
de berekening van de relatieve
kleurtemperatuur.
Maximale
kleurtemperatuur
5010 K..10000 K 6000 K
Parameter voor de instelling van de
maximaal geldige waarde voor de
kleurtemperatuur.
De maximale kleurtemperatuur is nodig voor
de berekening van de relatieve
kleurtemperatuur.
Beide parameters worden voor de
berekening gebruikt en bepalen de
instelbare waarden.
Tijd bij
kleurwissel via
dimmen
1 s, 2 s, 4 s
6 s, 8 s, 12 s,
15 s, 24 s, 30 s, 60 s, 90 s
Met deze parameter wordt beslist hoe snel
de kleurwaarde bij het dimmen moet
worden gewijzigd.
Tijd bij
kleurwissel
direct
1 s, 2 s, 4 s
6 s, 8 s, 12 s,
15 s, 24 s, 30 s, 60 s, 90 s
Met deze parameter wordt beslist hoe snel
de kleurwaarde moet worden gewijzigd.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
6.6.3 Dimreactie
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
Minimale
dimwaarde
1%, 5%, 10%,
15%, 20%, 25%, 30%
35%, 40%, 45%, 50%
Minimumdimwaarde voor alle dimacties
(behalve 0%).
Waarden (inschakeldimwaarde, reactie bij
busuitval etc.) die onder deze
drempelwaarde liggen, worden tot de
minimale dimwaarde verhoogd.
Maximale
dimwaarde
50%, 55%,
60%, 65%, 70%, 75%,
80%, 85%, 90%, 95%,
100%,
Hoogste dimwaarde voor alle dimacties.
Waarden (inschakeldimwaarde, reactie bij
busuitval etc.) die boven deze
drempelwaarde liggen, worden tot de
maximale dimwaarde verlaagd.
Berekening van
de dimcurve
logaritmisch
De logaritmische dimcurve is aan de
gevoeligheid van het menselijk oog
aangepast. Daardoor ontstaat voor
de lichtstroom een logaritmische
karakteristiek die echter door de menselijke
waarneming als een
lineaire lichtsterkte wordt herkend.
lineair
Bij een lineaire dimcurve wordt de door KNX
ontvangen lichtsterkte direct op het
lampvermogen afgebeeld. Er is sprake van
een lineaire transformatie.
Dimtijd 1 van
0% naar 100%
1 s, 2 s, 4 s
6 s, 8 s, 12 s,
15 s, 24 s, 30 s, 60 s
Deze parameter bepaalt de maximale
dimsnelheid van 0 naar 100%
Voor meer flexibiliteit kunnen 3
verschillende waarden worden ingesteld (zie
hieronder).
Dimtijd 2 van
0% naar 100%
1 s, 2 s, 4 s
6 s, 8 s, 12 s,
15 s, 24 s, 30 s, 60 s
2e vooraf in te stellen dimtijd.
Dimtijd 3 van
0% naar 100%
1 s, 2 s, 4 s
6 s, 8 s, 12 s,
15 s, 24 s, 30 s, 60 s
3e vooraf in te stellen dimtijd.
Bij ontvangst
van een
schakelopdracht
(1-bit)
activeren
De overgang van 0% naar 100% of van
100% naar 0% vindt plaats binnen max. 1 s.
geleidelijk dimmen met
dimtijd 1
geleidelijk dimmen met
dimtijd 2
geleidelijk dimmen met
dimtijd 3
De wissel van 0% naar 100% of van 100%
naar 0% vindt plaats binnen de vooraf
ingestelde dimtijd.
Bij ontvangst
van een
dimopdracht (4-
bit)
activeren
De overgang van 0% naar 100% of van
100% naar 0% vindt plaats binnen max. 1 s
(in zeer snelle tussenstappen), maar kan
echter door een stopopdracht (toets
loslaten) worden onderbroken.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
geleidelijk dimmen met
dimtijd 1
geleidelijk dimmen met
dimtijd 2
geleidelijk dimmen met
dimtijd 3
De overgang van 0% naar 100% of van
100% naar 0% vindt plaats binnen de
vooraf ingestelde dimtijd in overeenkomstig
langere tussenstappen.
Bij ontvangst
van een absolute
waarde (8-bit)
activeren
De ontvangen dimwaarde wordt direct
overgenomen (max. vertraging 1 s).
geleidelijk dimmen met
dimtijd 1
geleidelijk dimmen met
dimtijd 2
geleidelijk dimmen met
dimtijd 3
De overgang naar de nieuwe dimwaarde
vindt plaats binnen de vooraf ingestelde
dimtijd in verhouding tot de
waardeverandering.
Voorbeeld met dimtijd 1 = 12 s: overgang
van:
- 0 naar 100% of 100 naar 0% in 12 s (=
100% van 12 s)
- 25 naar 50% of 50 naar 25% in 3 s (=
25% van 12 s)
enz.
Inschakelwaarde
Waarde vóór laatste
uitschakeling
De laatste dimwaarde vóór het uitschakelen
wordt opgeslagen en hersteld.
minimumwaarde
De ingestelde minimumwaarde wordt
overgenomen.
10%, 20%, 30%
40%, 50%, 60%
70%, 80%, 90%, 100%
De dimmer gaat bij inschakeling naar de
gekozen waarde.
Ook hier wordt rekening gehouden met de
ingestelde minimale dimwaarde.
Inschakelen met
4-bit-dimtelegr.
Definieert de reactie bij uitgeschakeld
kanaal, als een 4-bit-telegram (lichter)
wordt ontvangen.
Zie bijlage : 4-bit-telegrammen
(lichter/donkerder).
nee
De kanaalstatus verandert niet.
ja
Kanaal wordt ingeschakeld en gedimd.
In-/uitschakelen
met 4-bit-
dimtelegr.
Definieert de reactie bij ingeschakeld kanaal,
als een 4-bit-telegram (donkerder) wordt
ontvangen.
Zie bijlage : 4-bit-telegrammen
(lichter/donkerder).
nee
De kanaalstatus verandert niet.
ja
Kanaal wordt uitgeschakeld.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
6.6.4 Dimwaarde begrenzingen
Via het object Dimwaardebegrenzing kan de dimwaarde tijdelijk worden begrensd. Dit
zorgt ervoor dat bijv. 's nachts een basisverlichting niet wordt overschreden, terwijl 's
avonds het volledige verlichtingsbereik kan worden benut.
Objectbeschrijving zie object 9 Dimwaardebegrenzing.
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
Begrenzing bij het
beschrijven van het object
uitvoeren
nee
De begrenzing wordt pas bij de
volgende dimactie actief.
ja
Dimwaarde begrenzen zodra een
waarde op het object
Dimwaardebegrenzing wordt
ontvangen.
Begrenzing geldt voor
schakelopdracht (1-bit)
nee
Geen begrenzing bij
schakelopdrachten.
ja
Begrenzing is actief.
Begrenzing geldt voor
relatief dimmen (4-bit)
nee
Geen begrenzing bij opdrachten
voor lichter/donkerder.
ja
Begrenzing is actief.
Begrenzing geldt voor
absoluut dimmen (8-bit)
nee
Geen begrenzing bij
percentagetelegrammen.
ja
Begrenzing is actief.
Begrenzing geldt voor Soft-
schakelen
nee
Geen begrenzing bij Soft-schakelen.
ja
Begrenzing is actief.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
6.6.5 Soft-schakelen
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
Tijd voor Soft-AAN
0 s, 1 s , 2 s, 4 s
6 s, , 8 s, 12 s, 15 s
24 s, 30 s, 45 s, 1 min
2 min, 3 min, 4 min, 5 min
6 min, 7 min, 8 min, 9 min
10 min, 12 min,
15 min, 20 min
30 min, 40 min,
50 min, 60 min
Duur van de omhoogdimfase (t1) bij
Soft-schakelen (zie bijlage).
0 sec. = direct instellen.
Voor meer informatie, zie de
bijlage: Natriggeren en
vroegtijdig uitschakelen.
Dimwaarde na Soft
AAN
10%, 20%, 30%
40%, 50%, 60%,
70%, 80%, 90%,
100%
Eindwaarde aan het einde van de
Soft-Aan-fase (Val)
Opmerking:
Ook hier wordt rekening gehouden
met de ingestelde minimale
dimwaarde.
Reactie kleurwaarde bij
Soft-AAN
Behoud laatste
objectwaarde
Gebruik ETS parameter
Kleurwaarde bij Soft-AAN
Opmerking: bij 'Behoud laatste
objectwaarde' - bij een ongeldige
objectwaarde wordt de vooraf
ingestelde kleur van de ETS gebruikt.
Kleurwaarde bij Soft-
AAN
(alleen zichtbaar
wanneer reactie
kleurwaarde bij Soft-
AAN op Gebruik ETS
parameter is
ingesteld)
Kleurtemperatuur bij Soft-
AAN
1000 K..10000 K [3000 K]
Met deze parameter kan worden
ingesteld welke kleurtemperatuur bij
Soft-AAN moet worden gebruikt.
Instelling in stappen van 10.
RGB(W) / HSV(W)
#000000 … #FFFFFF
Witwaarde #00 ... #FF
Met deze parameter kan worden
ingesteld welke kleurwaarde bij Soft-
AAN moet worden gebruikt.
Tijd tussen Soft AAN
en Soft UIT
tot telegram Soft-UIT
Geen tijdbegrenzing, Soft UIT-fase
wordt door een telegram gestart.
1 s, 2 s, 3 s, 4 s
5 s, 6 s, 7 s, 8 s, 9 s
10 s, 15 s, 20 s, 30 s
40 s, 50 s, 1 min, 2 min
3 min, 4 min, 5 min, 6 min
7 min, 8 min, 9 min, 10 min
12 min, 15 min, 20 min,
30 min, 40 min, 50 min,
60 min
Vertraging (t2) tot aan het begin van
de Soft-Uit-fase.
Tijd voor Soft-UIT
0 s, 1 s, 2 s, 4 s
6 s, , 8 s, 12 s, 15 s
24 s, 30 s, 45 s, 1 min
2 min, 3 min, 4 min, 5 min
6 min, 7 min, 8 min, 9 min
10 min, 12 min, 15 min,
20 min, 30 min, 40 min,
50 min, 60 min
Duur van de Soft-Uit-fase (t3).
0 sec. = direct uitschakelen
Voor meer informatie, zie de
bijlage: Natriggeren en
vroegtijdig uitschakelen.
Dimwaarde na Soft-
UIT
0%, 10%, 20%, 30%
40%, 50%, 60%,
70%, 80%, 90%,
100%
Eindwaarde aan het einde van de
Soft-Uit-fase (Val)
Opmerking:
Ook hier wordt rekening gehouden
met de ingestelde minimale en
maximale dimwaarde.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
Reactie kleurwaarde bij
Soft-UIT
laatste objectwaarde
ETS-parameter
Opmerking: bij 'Behoud laatste
objectwaarde' - bij een ongeldige
objectwaarde wordt de vooraf
ingestelde kleur van de ETS gebruikt.
Kleurwaarde bij Soft-
UIT
(alleen zichtbaar
wanneer reactie
kleurwaarde bij Soft-
UIT op Gebruik ETS
parameter is ingesteld)
Kleurtemperatuur bij Soft-UIT
1000 K..10000 K [3000 K]
Met deze parameter kan worden
ingesteld welke kleurtemperatuur bij
Soft-UIT moet worden gebruikt.
Instelling in stappen van 10.
RGB(W) / HSV(W)
#000000 … #FFFFFF
Witwaarde #00 ... #FF
Met deze parameter kan worden
ingesteld welke kleurwaarde bij Soft-
UIT moet worden gebruikt.
6.6.6 Blokkeringsfunctie
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
Blokkeringstelegram
Blokkeren met 1
(standaard)
0 = blokkering opheffen
1 = blokkeren
Blokkeren met 0
0 = blokkeren
1 = blokkering opheffen
na een reset is de blokkering
altijd gedeactiveerd.
Reactie bij activeren van de
blokkering
geen verandering
Geen reactie.
100%
0%, 10%, 20%, 30%
40%, 50%, 60%,
70%, 80%, 90%
Tot de ingestelde waarde dimmen.
Reactie bij opheffen van de
blokkering
geen verandering
Geen reactie.
Actualiseren
Wanneer tijdens de blokkering een
telegram is zou zijn ontvangen:
status overnemen.
Anders: status van voor de
blokkering herstellen.
100%, 0%,10%, 20%,
30%, 40%, 50%, 60%,
70%, 80%, 90%
Tot de ingestelde waarde dimmen.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
6.6.7 Retourmelding
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
Formaat van de 1-bit
retourmelding
niet omgekeerd
Standaardinstelling:
1-100%= 1
0% = 0
omgekeerd
1-100% = 0
0% = 1
1-bit terugmelding cyclisch
zenden
nee
ja
Met regelmatige tussenpozen
zenden?
8-bit retourmelding zenden
pas na beëindiging van
het dimmen
De huidige dimwaarde altijd alleen
zenden wanneer de nieuwe
dimwaarde werd bereikt.
om de 10%
elke 20%
elke 30%
Ook tijdens het dimmen zenden.
8-bit retourmelding cyclisch
zenden
nee
ja
Met regelmatige tussenpozen
zenden?
Tijd voor cyclus zenden van
de retourmeldingen
(indien aanwezig)
2 min, 3 min, 5 min,
10 min, 15 min, 20 min,
30 min, 45 min, 60 min
Met welke tussenpozen?
Deze instelling geldt voor beide
retourmeldingsobjecten (1- en 8-
bit).
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
6.6.8 Voorrang
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
Formaat van het
voorrangsobject
Voorrang wordt geactiveerd door:
1 bit
Schakeltelegram.
2 bit
Prioriteitstelegram.
1 byte (%)
Dimwaarde.
1 bit
Voorrangsfunctie
activeren met
1
Aanbevolen.
0
De polariteit van het object wordt
omgekeerd.
8
Reactie bij voorrang begin
geen verandering
Reactie op de ontvangst van een
voorrangstelegram.
Ook hier wordt rekening gehouden met de
ingestelde minimale dimwaarde.
Minimale dimwaarde
100%
UIT
10%, 20%, 30%
40%, 50%, 60%
70%, 80%, 90%
Reactie bij voorrang eind
actualiseren9
Reactie op het opheffen van de voorrang.
Ook hier wordt rekening gehouden met de
ingestelde minimale dimwaarde.
Waarde vóór voorrang
Minimale dimwaarde
100%
UIT
10%, 20%, 30%
40%, 50%, 60%
70%, 80%, 90%
2 bit
Reactie bij voorrang AAN
geen verandering
Reactie op de ontvangst van een
voorrangstelegram.
Ook hier wordt rekening gehouden met de
ingestelde minimale dimwaarde.
Minimale dimwaarde
100%
UIT
10%, 20%, 30%
40%, 50%, 60%
70%, 80%, 90%
Reactie bij voorrang UIT
UIT
-
Reactie bij voorrang eind
actualiseren
10
Reactie op het opheffen van de voorrang.
Ook hier wordt rekening gehouden met de
ingestelde minimale dimwaarde.
Waarde vóór voorrang
8 Na resetten/downloaden is de voorrangsregeling niet geactiveerd.
9 Met tijdens "Voorrang" ontvangen 4-bit-opdrachten (lichter/donkerder) wordt geen rekening
gehouden.
Soft-AAN en Soft-UIT processen worden afgebroken.
10 Met tijdens "Voorrang" ontvangen 4-bit-opdrachten (lichter/donkerder) wordt geen rekening
gehouden.
Soft-AAN en Soft-UIT processen worden afgebroken.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
Minimale dimwaarde
100%
UIT
10%, 20%, 30%
40%, 50%, 60%
70%, 80%, 90%
1 byte (%)
Reactie bij voorrang eind
actualiseren
11
Reactie op het opheffen van de voorrang.
Ook hier wordt rekening gehouden met de
ingestelde minimale dimwaarde.
Waarde vóór voorrang
Minimale dimwaarde
100%
UIT
10%, 20%, 30%
40%, 50%, 60%
70%, 80%, 90%
11 Met tijdens "Voorrang" ontvangen 4-bit-opdrachten (lichter/donkerder) wordt geen rekening
gehouden.
Soft-AAN en Soft-UIT processen worden afgebroken.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
6.6.9 Scènes
Een dimkanaal kan aan max. 8 scènes deelnemen.
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
Blokkeringstelegram voor
scènes
Blokkeren met 1
(standaard)
0 = blokkering opheffen
1 = blokkeren
Blokkeren met 0
0 = blokkeren
1 = blokkering opheffen
Let op: bij deze instelling zijn de
scènes na het resetten of
downloaden altijd direct
geblokkeerd.
Alle scènetoestanden van het
kanaal
Bij downloaden
overschrijven
Een download wist alle in het
geheugen opgeslagen scènes van
het kanaal, d.w.z. alle tot nu toe
ingeleerde scènes.
Bij het oproepen van een
scènenummer neemt het kanaal de
ingestelde Toegewezen dimwaarde
over (zie hieronder).
Zie bijlage: Scènes zonder
telegrammen invoeren
Na download
ongewijzigd
Alle tot nu toe ingeleerde scènes
blijven behouden.
De scènenummers waarop het
kanaal moet reageren, kunnen
echter worden gewijzigd (zie onder:
Kanaal reageert op).
Deelname aan het object
Centraal scène
Nee
ja
Moet het apparaat op het centrale
scèneobject reageren?
Kanaal reageert op
Geen scènenummer
Scènenummer 1
Scènenummer 63
Eerste van de 8 mogelijke
scènenummers waarop het kanaal
moet reageren.
Toegewezen dimwaarde
Uit
10%, 20%, 30%
40%, 50%, 60%,
70%, 80%, 90%, 100%
Nieuwe dimwaarde die aan het
gekozen scènenummer moet worden
toegewezen.
Alleen mogelijk als de
scènetoestanden na het downloaden
moeten worden overschreven.
Reactie bij ontvangst van het
scènenummer
0 = activeren
De reactie is dezelfde als bij de
ontvangst van een absolute
dimwaarde.
1 = geleidelijk dimmen
met dimsnelheid 1
2 = geleidelijk dimmen
met dimsnelheid 2
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
3 = geleidelijk dimmen
met dimsnelheid 3
Inleren toestaan
Nee
Scènes kunnen alleen worden
opgeroepen.
Ja
De gebruiker kan de scènes zowel
oproepen als inleren resp. wijzigen.
Tint
RGB
RGBW
Kleurtemperatuur
Bij geactiveerde kleurregeling kan
aan het geselecteerde scènenummer
een tint worden toegekend.
De parameter Soort kleurregeling
bepaalt welke waarden beschikbaar
zijn.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
6.6.10 Bedrijfsurenteller en service
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
Type bedrijfsurenteller
Bedrijfsurenteller
Vooruitteller tijdens de
inschakelduur van het kanaal.
Teller voor tijd tot de
volgende service
Achteruitteller tijdens de
inschakelduur van het kanaal.
Bedrijfsurenteller
Melden van de bedrijfsuren bij
verandering
(0..100 h, 0 = niet melden)
0..100
Defaultwaarde = 10
Met welke tussenpozen moet de
huidige tellerstand worden
gezonden?
Voorbeeld:
10 = telkens zenden als de
telwaarde met 10 uur is
gestegen.
Bedrijfsuren cyclisch melden
Nee
ja
Met regelmatige tussenpozen
zenden?
Tijd voor cyclisch zenden
2 minuten, 3 minuten,
5 minuten, 10 minuten,
15 minuten, 20
minuten,
30 minuten, 45 minuten
60 minuten
Met welke tussenpozen?
Teller voor tijd tot de volgende service
Service-interval
(x10 h)
0..2000
Defaultwaarde = 100
Gewenste periode tussen 2
servicetijden.
Voorbeeld:
10 = 10 x 10 h
= 100 uur
Melden tijd tot service bij
verandering
(0 = niet melden)
0..100
Defaultwaarde = 10
Met welke tussenpozen moet de
huidige tellerstand worden
gezonden?
Voorbeeld:
10 = telkens zenden als de
tellerstand met 10 uur is
verlaagd.
Tijd tot service cyclisch melden
nee
Ja
Resterende tijd tot aan de
volgende service met
regelmatige tussenpozen
zenden?
Object Tijd tot de volgende
service.
Service cyclisch melden
nee
Ja
Verstrijken van de tijd tot aan de
volgende service met
regelmatige tussenpozen
zenden?
Object Service noodzakelijk.
Tijd voor cyclisch zenden
(indien gebruikt)
2 minuten, 3 minuten,
5 minuten, 10 minuten,
15 minuten, 20
minuten,
30 minuten, 45 minuten
60 minuten
Met welke tussenpozen?
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
6.6.11 Diagnosemeldingen
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
Algemene fout cyclisch zenden
nee
Ja
Welke diagnosemeldingen
moeten cyclisch worden
gezonden?
Lampstoring cyclisch zenden
nee
Ja
Storing DALI cyclisch zenden
nee
Ja
Cyclustijd voor alle
diagnosemeldingen
(indien gebruikt)
2 minuten, 3 minuten,
5 minuten, 10 minuten,
15 minuten, 20
minuten,
30 minuten, 45 minuten
60 minuten
Met welke tussenpozen?
6.6.12 Spanningsuitval en -terugkeer
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
Dimwaarde bij terugkeer van de
busspanning
zoals vóór uitval
Status voor uitval herstellen.
100%, 0%,
10%, 20%, 30%
40%, 50%, 60%
70%, 80%, 90%
De hier ingestelde waarde
overnemen.
Ook hier wordt rekening
gehouden met de ingestelde
minimale dimwaarde.
Als kleur wordt de kleurwaarde voor continu gebruikt.
Dimwaarde bij terugkeer van de netspanning is vast = actualiseren
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
6.7 Parameters voor de externe ingangen I1, I2 als pure
binaire KNX-ingangen
Is de directe aansturing niet nodig, dan zijn de ingangen I1 resp. I2 als binaire KNX-
ingangen beschikbaar.
Daarvoor moet de parameter Kanaal C1 direct aansturen op nee zijn ingesteld.
6.7.1 Ingang I1, I2: Functie schakelaar
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
Functie
Schakelaar..
Toets..
Dimmen..
Jaloezie..
Gewenste gebruik.
Kanaal C1 direct besturen
Nee
I1 wordt als pure binaire KNX-
ingang gebruikt.
Er is geen interne verbinding met
het dimactorkanaal C1.
Debouncetijd
30 ms, 50 ms, 80 ms
100 ms, 200 ms,
1 s, 5 s, 10 s
Om een storend heen en weer
schakelen door debouncen van
het op de ingang aangesloten
contact te vermijden, wordt de
nieuwe toestand van de ingang
pas na afloop van een vertraging
overgenomen.
Hogere waarden ( 1s) kunnen
als inschakelvertraging worden
gebruikt
Blokkeringsfunctie activeren
nee
Geen blokkeringsfunctie.
ja
Parameters voor de
blokkeringsfunctie tonen.
Blokkeringstelegram
Blokkeren met 1
(standaard)
0 = blokkering opheffen
1 = blokkeren
Blokkeren met 0
0 = blokkeren
1 = blokkering opheffen
Cyclisch zenden
elke min
elke 2 min
elke 3 min
elke 30 min
elke 45 min
elke 60 min
Gemeenschappelijke cyclustijd
voor alle 2 uitgangsobjecten van
het kanaal.
Aantal telegrammen
een telegram
twee telegrammen
Elk kanaal beschikt over 2
uitgangsobjecten en kan zo max.
2 verschillende telegrammen
zenden.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
6.7.1.1 Schakelaarobjecten 1, 2
Alle 2 objecten kunnen individueel op een eigen parameterpagina worden geconfigureerd.
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
Objecttype
Schakelen (1 Bit)
Prioriteit (2 bit)
waarde 0-255
Percentage (1 byte)
Soort telegram voor dit object.
Zenden als ingang = 1
nee
ja
Zenden als de ingang onder
spanning komt te staan?
Telegram
Bij objecttype = schakelen 1 Bit
AAN
Inschakelopdracht zenden
UIT
Uitschakelopdracht zenden
Omschakelen
Actuele toestand omkeren (AAN-
UIT-AAN etc.)
Bij objecttype = prioriteit 2 Bit
Functie
Waarde
geen prioriteit
Prioriteit inactief
(no control)
0 (00bin)
Prioriteit Aan
Prioriteit AAN
(control: enable, on)
3 (11bin)
Prioriteit Uit
Prioriteit UIT
(control: disable, off)
2 (10bin)
Bij objecttype = Waarde 0-255
0-255
Er kan een willekeurige waarde
tussen 0 en 255 worden
gezonden.
Bij objecttype = percentage 1
byte
0-100%
Er kan een willekeurig
percentage tussen 0 en 100%
worden gezonden.
Zenden als ingang = 0
nee
ja
Zenden als er geen spanning op
de ingang aanwezig is?
Telegram
Zie boven: hetzelfde objecttype
als Zenden wanneer ingang = 1
Cyclisch zenden
nee
ja, altijd
alleen als ingang = 1
alleen als ingang = 0
Wanneer moet cyclisch worden
gezonden?
De cyclustijd wordt op de
hoofdparameterpagina van het
kanaal ingesteld.
Reactie bij terugkeer van
de busspanning12
geen
Niet zenden.
actualiseren (direct)
actualiseren (na 5 s)
actualiseren (na 10 s)
actualiseren (na 15 s)
Actualiseringstelegram direct of
vertraagd zenden.
Reactie bij activeren van
de blokkering
Blokkering negeren
De blokkeringsfunctie werkt niet.
geen reactie
Bij het activeren van de
blokkering niet reageren.
zoals bij ingang = 1
Reageren zoals bij stijgende
flank.
12 DU 1 RF: Reactie na downloaden resp. terugkeer van de netspanning
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
zoals bij ingang = 0
Reageren zoals bij dalende flank.
Reactie bij opheffen van
de blokkering
geen reactie
Bij het opheffen van de
blokkering niet reageren.
actualiseren
Actualiseringstelegram zenden.
Is een kanaal geblokkeerd, dan worden geen telegrammen cyclisch gezonden.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
6.7.2 Ingang I1, I2: Functie toets
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
Functie
Schakelaar..
Toets..
Dimmen..
Jaloezie..
Raamcontact..
Gewenste gebruik.
Kanaal C1 direct besturen
Nee
I1 wordt als pure binaire KNX-
ingang gebruikt.
Er is geen interne verbinding met
het dimactorkanaal C1.
Debouncetijd
30 ms, 50 ms, 80 ms
100 ms, 200 ms,
Om een storend heen en weer
schakelen door debouncen van
het op de ingang aangesloten
contact te vermijden, wordt de
nieuwe toestand van de ingang
pas na afloop van een vertraging
overgenomen.
Aangesloten toets
Maakcontact
Verbreekcontact
Type van het aangesloten
contact instellen.
Lang indrukken vanaf
300 ms, 400 ms
500 ms, 600 ms
700 ms, 800 ms
900 ms, 1 s
Dient om duidelijk onderscheid te
maken tussen lang en kort
indrukken van een toets.
Wordt de toets minstens zo lang
als de ingestelde tijd ingedrukt,
dan wordt dit als lang indrukken
herkend.
Tijd voor dubbelklikken
300 ms, 400 ms
500 ms, 600 ms
700 ms, 800 ms
900 ms, 1 s
Dient ter onderscheiding tussen
een dubbelklik en 2 losse klikken.
Tijd waarbinnen de tweede klik
moet beginnen om als dubbelklik
te worden herkend.
Cyclisch zenden
elke min
elke 2 min
elke 3 min
elke 30 min
elke 45 min
elke 60 min
Gemeenschappelijke cyclustijd
voor alle 2 uitgangsobjecten van
het kanaal.
Aantal telegrammen
een telegram
twee telegrammen
Elk kanaal beschikt over 2
uitgangsobjecten en kan zo max.
2 verschillende telegrammen
zenden.
Blokkeringsfunctie activeren
nee
Geen blokkeringsfunctie.
ja
Parameters voor de
blokkeringsfunctie tonen.
Blokkeringstelegram
Blokkeren met 1
(standaard)
0 = blokkering opheffen
1 = blokkeren
Blokkeren met 0
0 = blokkeren
1 = blokkering opheffen
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
6.7.2.1 Toetsobjecten 1,2
Alle 2 objecten kunnen individueel op een eigen parameterpagina worden geconfigureerd.
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
Objecttype
Schakelen (1 Bit)
Prioriteit (2 bit)
waarde 0-255
Percentage (1 byte)
Soort telegram voor dit object.
Zenden na kort
bedienen
niet zenden
Telegram zenden
Op kort indrukken van de toets
reageren?
Telegram
Bij objecttype = schakelen 1 Bit
Aan
Inschakelopdracht zenden
Uit
Uitschakelopdracht zenden
Omschakelen
Actuele toestand omkeren (AAN-
UIT-AAN etc.)
Bij objecttype = prioriteit 2 Bit
Functie
Waarde
geen prioriteit
Prioriteit inactief
(no control)
0 (00bin)
Prioriteit Aan
Prioriteit AAN
(control: enable, on)
3 (11bin)
Prioriteit Uit
Prioriteit UIT
(control: disable, off)
2 (10bin)
Bij objecttype = Waarde 0-255
0-255
Er kan een willekeurige waarde
tussen 0 en 255 worden
gezonden.
Bij objecttype = percentage 1 byte
0-100%
Er kan een willekeurig
percentage tussen 0 en 100%
worden gezonden.
Zenden na lang
bedienen
niet zenden
Telegram zenden
Op lang indrukken van de toets
reageren?
Telegram
Zie boven: hetzelfde objecttype als
bij kort indrukken.
Zenden na
dubbelklikken
niet zenden
Telegram zenden
Op dubbelklikken reageren?
Telegram
Zie boven: hetzelfde objecttype als
bij kort indrukken.
Cyclisch zenden
nee
ja
De cyclustijd wordt op de
hoofdparameterpagina van het
kanaal ingesteld.
Reactie bij terugkeer van
de busspanning
13
geen
Niet zenden.
13 DU 1 RF: Reactie na downloaden resp. terugkeer van de netspanning
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
Zoals bij kort (direct)
Zoals bij kort (na 5 s)
Zoals bij kort (na 10 s)
Zoals bij kort (na 15 s)
Zoals bij lang (direct)
Zoals bij lang (na 5 s)
Zoals bij lang (na 10 s)
Zoals bij lang (na 15 s)
Zoals bij dubbelklikken (direct)
Zoals bij dubbelklikken (na 5 s)
Zoals bij dubbelklikken (na 10 s)
Zoals bij dubbelklikken (na 15 s)
Actualiseringstelegram direct of
vertraagd zenden.
De te zenden waarde is
afhankelijk van de ingestelde
waarde voor lang, kort indrukken
van de toets resp. dubbelklikken.
Reactie bij activeren van
de blokkering
Blokkering negeren
De blokkeringsfunctie werkt niet.
geen reactie
Bij het activeren van de
blokkering niet reageren.
zoals bij kort
Reageren zoals als bij kort
indrukken van de toets.
zoals bij lang
Reageren zoals als bij lang
indrukken van de toets.
zoals bij dubbelklikken
Reageren zoals bij dubbelklikken.
Reactie bij opheffen van
de blokkering
geen reactie
Bij het opheffen van de
blokkering niet reageren.
zoals bij kort
Reageren zoals als bij kort
indrukken van de toets.
zoals bij lang
Reageren zoals als bij lang
indrukken van de toets.
zoals bij dubbelklikken
Reageren zoals bij dubbelklikken.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
6.7.3 Ingang I1, I2: Functie dimmen
Is de directe aansturing niet nodig, dan zijn de ingangen I1 resp. I2 als binaire KNX-
ingangen beschikbaar.
Daarvoor moet de parameter Kanaal C1 direct aansturen op nee zijn ingesteld.
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
Functie van het kanaal
Schakelaar..
Toets..
Dimmen.. 14
Jaloezie..
Raamcontact..
De ingang stuurt een dimactor
aan.
Kanaal C1 direct besturen
ja
I1 wordt uitsluitend als ingang
voor schakelactor-kanaal C1
gebruikt.
I1 is intern met C1 verbonden en
heeft geen
communicatieobjecten.
nee
I1 wordt als pure binaire KNX-
ingang gebruikt.
Er is geen interne verbinding met
het dimactorkanaal C1.
Debouncetijd
30 ms, 50 ms, 80 ms
100 ms, 200 ms,
Om een storend heen en weer
schakelen door debouncen van
het op de ingang aangesloten
contact te vermijden, wordt de
nieuwe toestand van de ingang
pas na afloop van een vertraging
overgenomen.
Blokkeringsfunctie activeren
nee
Geen blokkeringsfunctie.
ja
Parameterpagina
Blokkeringsfunctie weergeven.
Blokkeringstelegram
Blokkeren met 1
(standaard)
0 = blokkering opheffen
1 = blokkeren
Blokkeren met 0
0 = blokkeren
1 = blokkering opheffen
Lang indrukken vanaf
300 ms, 400 ms
500 ms, 600 ms
700 ms, 800 ms
900 ms, 1 s
Dient om duidelijk onderscheid te
maken tussen lang en kort
indrukken van een toets.
Wordt de toets minstens zo lang
als de ingestelde tijd ingedrukt,
dan wordt dit als lang indrukken
herkend.
Extra functie dubbelklikken
nee
Geen dubbelklikfunctie
14 Directe aansturing van C1 mogelijk.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
ja
Parameterpagina Dubbelklikken
wordt weergegeven.
Tijd voor dubbelklikken
300 ms, 400 ms
500 ms, 600 ms
700 ms, 800 ms
900 ms, 1 s
Dient ter onderscheiding tussen
een dubbelklik en 2 losse klikken.
Tijd waarbinnen de tweede klik
moet beginnen om als dubbelklik
te worden herkend.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
6.7.3.1 Parameterpagina Dubbelklikken
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
Objecttype
Schakelen (1 Bit)
Prioriteit (2 bit)
waarde 0-255
Percentage (1 byte)
Soort telegram voor dit object.
Telegram
Bij objecttype = schakelen 1 Bit
Aan
Inschakelopdracht zenden
Uit
Uitschakelopdracht zenden
Omschakelen
Actuele toestand omkeren (AAN-
UIT-AAN etc.)
Bij objecttype = prioriteit 2 Bit
Functie
Waarde
geen prioriteit
Prioriteit inactief
(no control)
0 (00bin)
Prioriteit Aan
Prioriteit AAN
(control: enable, on)
3 (11bin)
Prioriteit Uit
Prioriteit UIT
(control: disable, off)
2 (10bin)
Bij objecttype = Waarde 0-255
0-255
Er kan een willekeurige waarde
tussen 0 en 255 worden
gezonden.
Bij objecttype = Percentage
1 byte
0-100%
Er kan een willekeurig
percentage tussen 0 en 100%
worden gezonden.
Cyclisch zenden
niet cyclisch zenden
elke min
elke 2 min
elke 3 min
elke 45 min
elke 60 min
Hoe vaak moet opnieuw worden
gezonden?
Reactie bij terugkeer van
de busspanning15
geen
Niet zenden.
Zoals bij dubbelklikken (direct)
Zoals bij dubbelklikken (na 5 s)
Zoals bij dubbelklikken (na 10 s)
16Zoals bij dubbelklikken (na 15
s)
Actualiseringstelegram direct of
vertraagd zenden.
De te zenden waarde is
afhankelijk van de ingestelde
waarde voor dubbelklikken.
Reactie bij activeren van
de blokkering
Blokkering negeren
De blokkeringsfunctie werkt niet.
geen reactie
Bij het activeren van de
blokkering niet reageren.
zoals bij dubbelklikken
Reageren zoals bij dubbelklikken.
Reactie bij opheffen van
de blokkering
geen reactie
Bij het opheffen van de
blokkering niet reageren.
15 DU 1 RF: Reactie na downloaden resp. terugkeer van de netspanning
16 DU 1 RF: reactie na download of terugkeer van de netspanning
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
zoals bij dubbelklikken
Reageren zoals bij dubbelklikken.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
6.7.3.2 Parameterpagina Dimmen
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
Reactie op lang / kort
De ingang maakt verschil tussen
lang en kort indrukken van een
toets en kan dus 2 functies
vervullen.
Eentoetsbediening
De dimmer wordt met één toets
bediend.
Toets kort indrukken = AAN/UIT
Toets lang indrukken
= lichter/donkerder
Loslaten = Stop
Bij de andere varianten wordt de
dimmer met 2 toetsen
(kantelschakelaar) bediend.
lichter / Aan
Kort indrukken = AAN
Toets lang indrukken = lichter
Loslaten = Stop
lichter / omschakelen
Kort indrukken
= AAN/UIT
Toets lang indrukken = lichter
Loslaten = Stop
donkerder / Uit
Kort indrukken = UIT
Toets lang indrukken =
donkerder
Loslaten = Stop
donkerder /
omschakelen
Kort indrukken
= AAN/UIT
Toets lang indrukken =
donkerder
Loslaten = Stop
Stapgrootte voor dimmen
Bij lang indrukken wordt de
dimwaarde:
100%
net zolang verhoogd (resp.
verlaagd) totdat de toets weer
wordt losgelaten.
50%
25%
12,5%
6%
3%
1,5%
Met de geselecteerde waarde
verhoogd
(resp. verlaagd)
Reactie bij terugkeer van de
busspanning
17
geen
Niet reageren.
17 DU 1 RF: Reactie na downloaden resp. terugkeer van de netspanning
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
Aan
Dimmer inschakelen
Uit
Dimmer uitschakelen
na 5 s AAN
na 10 s AAN
na 15 s AAN
Dimmer vertraagd inschakelen
na 5 s UIT
na 10 s UIT
na 15 s UIT
Dimmer vertraagd uitschakelen
Reactie bij activeren van de
blokkering
Blokkering negeren
De blokkeringsfunctie werkt niet.
geen reactie
Bij het activeren van de
blokkering niet reageren.
Aan
Dimmer inschakelen
Uit
Dimmer uitschakelen
Reactie bij opheffen van de
blokkering
geen reactie
Bij het opheffen van de
blokkering niet reageren.
Aan
Dimmer inschakelen
Uit
Dimmer uitschakelen
6.7.3.3 Parameterpagina Direct dimmen
Zie Parameters voor de directe aansturing van de dimactor.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
6.7.4 Ingang I1, I2: functie Jaloezie
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
Functie van het kanaal
Schakelaar..
Toets..
Dimmen..
Jaloezie..
Raamcontact..
De ingang stuurt een
jaloezieactor aan.
Kanaal C1 direct besturen
Nee
I1 wordt als pure binaire KNX-
ingang gebruikt.
Er is geen interne verbinding met
het dimactorkanaal C1.
Debouncetijd
30 ms, 50 ms, 80 ms
100 ms, 200 ms,
Om een storend heen en weer
schakelen door debouncen van
het op de ingang aangesloten
contact te vermijden, wordt de
nieuwe toestand van de ingang
pas na afloop van een vertraging
overgenomen.
Blokkeringsfunctie activeren
nee
Geen blokkeringsfunctie.
ja
Parameterpagina
Blokkeringsfunctie tonen.
Blokkeringstelegram
Blokkeren met 1
(standaard)
0 = blokkering opheffen
1 = blokkeren
Blokkeren met 0
0 = blokkeren
1 = blokkering opheffen
Lang indrukken vanaf
300 ms, 400 ms
500 ms, 600 ms
700 ms, 800 ms
900 ms, 1 s
Dient om duidelijk onderscheid te
maken tussen lang en kort
indrukken van een toets.
Wordt de toets minstens zo lang
als de ingestelde tijd ingedrukt,
dan wordt dit als lang indrukken
herkend.
Extra functie dubbelklikken
nee
Geen dubbelklikfunctie
ja
Parameterpagina Dubbelklikken
wordt weergegeven.
Tijd voor dubbelklikken
300 ms, 400 ms
500 ms, 600 ms
700 ms, 800 ms
900 ms, 1 s
Dient ter onderscheiding tussen
een dubbelklik en 2 losse klikken.
Tijd waarbinnen de tweede klik
moet beginnen om als dubbelklik
te worden herkend.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
6.7.4.1 Parameterpagina Dubbelklikken
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
Objecttype
Schakelen (1 Bit)
Prioriteit (2 bit)
waarde 0-255
Percentage (1 byte)
Hoogte % + lamel %
Soort telegram voor dit object.
Telegram
Bij objecttype = schakelen 1 Bit
Aan
Inschakelopdracht zenden
Uit
Uitschakelopdracht zenden
Omschakelen
Actuele toestand omkeren (AAN-
UIT-AAN etc.)
Bij objecttype = prioriteit 2 Bit
Functie
Waarde
geen prioriteit
Prioriteit inactief
(no control)
0 (00bin)
Prioriteit Aan
Prioriteit AAN
(control: enable, on)
3 (11bin)
Prioriteit Uit
Prioriteit UIT
(control: disable, off)
2 (10bin)
Bij objecttype = Waarde 0-255
0-255
Er kan een willekeurige waarde
tussen 0 en 255 worden
gezonden.
Bij objecttype = percentage 1
byte
0-100%
Er kan een willekeurig
percentage tussen 0 en 100%
worden gezonden.
Bij objecttype = hoogte % +
lamel%
Bij dubbelklikken worden
tegelijkertijd 2 telegrammen
gezonden:
Hoogte (0-100%)
Gewenste jaloeziehoogte
Lamel (0-100%)
Gewenste lamellenpositie.
Cyclisch zenden
niet cyclisch zenden
elke min
elke 2 min
elke 3 min
elke 45 min
elke 60 min
Hoe vaak moet opnieuw worden
gezonden?
Reactie bij terugkeer van
de busspanning18
geen
Niet zenden.
Zoals bij dubbelklikken (direct)
Zoals bij dubbelklikken (na 5 s)
Zoals bij dubbelklikken (na 10 s)
Zoals bij dubbelklikken (na 15 s)
Actualiseringstelegram direct of
vertraagd zenden.
De te zenden waarde is
afhankelijk van de ingestelde
waarde voor dubbelklikken.
Reactie bij activeren van
de blokkering
Blokkering negeren
De blokkeringsfunctie werkt niet.
18 DU 1 RF: Reactie na downloaden resp. terugkeer van de netspanning
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
geen reactie
Bij het activeren van de
blokkering niet reageren.
zoals bij dubbelklikken
Reageren zoals bij dubbelklikken.
Reactie bij opheffen van
de blokkering
geen reactie
Bij het opheffen van de
blokkering niet reageren.
zoals bij dubbelklikken
Reageren zoals bij dubbelklikken.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
6.7.4.2 Parameterpagina Jaloezie
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
Bediening
De ingang maakt verschil tussen
lang en kort indrukken van een
toets en kan dus 2 functies
vervullen.
Eentoetsbediening
De jaloezie wordt met één toets
bediend.
Toets kort indrukken = Step.
Toets lang indrukken = bewegen.
Omlaag
Toets kort indrukken = Step.
Toets lang indrukken = omlaag
bewegen.
Omhoog
Toets kort indrukken = Step.
Toets lang indrukken = omhoog
bewegen.
Stoppen van de beweging door
Loslaten van de toets
Kort indrukken
Hoe moet de stopopdracht
worden geactiveerd?
Reactie bij terugkeer van de
busspanning19
geen
Niet reageren.
Omhoog
Jaloezie omhoog bewegen
Omlaag
Jaloezie omlaag bewegen
na 5 s omhoog
na 10 s omhoog
na 15 s omhoog
Jaloezie vertraagd omhoog
bewegen
na 5 s omlaag
na 10 s omlaag
na 15 s omlaag
Jaloezie vertraagd omlaag
bewegen
Reactie bij activeren van de
blokkering
Blokkering negeren
De blokkeringsfunctie werkt niet
bij dit telegram.
geen reactie
Bij het activeren van de
blokkering niet reageren.
Omhoog
Jaloezie omhoog bewegen
Omlaag
Jaloezie omlaag bewegen
Reactie bij opheffen van de
blokkering
geen reactie
Bij het opheffen van de
blokkering niet reageren.
Omhoog
Jaloezie omhoog bewegen
Omlaag
Jaloezie omlaag bewegen
19 DU 1 RF: Reactie na downloaden resp. terugkeer van de netspanning
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
6.7.5 Ingang I2: functie temperatuuringang20
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
Functie van het kanaal
Schakelaar..
Toets..
Dimmen..
Jaloezie..
Temperatuuringang
De ingang is met een
temperatuursensor verbonden
Temperatuurcompensatie
-64..+64
(x 0,1 K)
Correctiewaarde voor de
temperatuurmeting als de
gezonden temperatuur afwijkt
van de werkelijke
ruimtetemperatuur.
Voorbeeld: temperatuur = 20 °C
gezonden temperatuur = 21°C
Correctiewaarde = 10
(d.w.z. 10 x 0,1°C)
Temperatuur zenden bij
verandering van
Niet vanwege een
verandering
Alleen cyclisch zenden
(indien vrijgegeven)
0,2 K
0,3 K
0,5 K
0,7 K
1 K
1,5 K
2 K
Zenden als de waarde sinds het
laatste zenden met de
geselecteerde waarde is
gewijzigd.
Temperatuur cyclisch zenden
niet cyclisch zenden
elke min,
elke 2 min
elke 3 min
elke 45 min
elke 60 min
Hoe vaak moet de actuele
meetwaarde opnieuw worden
gezonden?
Geschikte sensortypen:
Temperatuursensor UP (9070496)
Afstandssensor IP 65 (9070459)
Vloersensor (9070321)
20 De functie Temperatuuringang is uitsluitend met de ingang I2 mogelijk.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
6.8 Parameters voor de directe aansturing van de dimactor
De parameter Kanaal C1 direct aansturen bepaalt of de ingang als directe aansturing voor
C1 of als pure binaire KNX-ingang werkt.
De ingang I1 is in de ETS-standaardinstelling voor een directe aansturing van de actor
geconfigureerd.
Een toets op I1 werkt daardoor intern direct op het kanaal C1.
Als voor de bediening van de dimmer 2 toetsen nodig zijn (dimmen lichter/donkerder),
d.w.z. 2 ingangen, dan wordt I2 automatisch voor de directe aansturing geconfigureerd.
Als voor de bediening van de dimmer slechts één toets nodig is (eentoetsbediening), dan
is ingang I2 vrij beschikbaar als binaire KNX-ingang.
Is een ingang voor directe aansturing geconfigureerd, dan heeft deze geen
busverbinding, d.w.z. geen communicatieobjecten.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
6.8.1 Kanaal C1 direct besturen
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
Functie van het kanaal
Schakelaar..
Toets..
Dimmen..
Jaloezie..
Raamcontact..
Een directe aansturing
van de dimactor (C1) is
alleen mogelijk met de
functie Dimmen.
Kanaal C1 direct besturen
21
ja
I1 wordt uitsluitend als ingang
voor schakelactor-kanaal C1
gebruikt.
I1 is intern met C1 verbonden en
heeft geen
communicatieobjecten.
I2 wordt indien nodig
automatisch mee gekoppeld.
Nee
I1 wordt als pure binaire KNX-
ingang gebruikt.
Er is geen interne verbinding met
de schakelactor.
Debouncetijd
22
30 ms, 50 ms, 80 ms
100 ms, 200 ms,
Om een storend heen en weer
schakelen door debouncen van
het op de ingang aangesloten
contact te vermijden, wordt de
nieuwe toestand van de ingang
pas na afloop van een vertraging
overgenomen.
Lang indrukken vanaf
23
300 ms, 400 ms
500 ms, 600 ms
700 ms, 800 ms
900 ms, 1 s
Dient om duidelijk onderscheid te
maken tussen lang en kort
indrukken van een toets.
Wordt de toets minstens zo lang
als de ingestelde tijd ingedrukt,
dan wordt dit als lang indrukken
herkend.
Extra functie dubbelklikken
nee
Geen dubbelklikfunctie
ja
Parameterpagina Dubbelklikken
wordt weergegeven.
Tijd voor dubbelklikken
24
300 ms, 400 ms
500 ms, 600 ms
700 ms, 800 ms
900 ms, 1 s
Dient ter onderscheiding tussen
een dubbelklik en 2 losse klikken.
Tijd waarbinnen de tweede klik
moet beginnen om als dubbelklik
te worden herkend.
6.8.2 Parameterpagina I1 Direct dimmen
21 Directe aansturing: deze parameter is alleen bij I1 en alleen voor de functie Dimmen
aanwezig.
22 Geldt hier voor I1 en voor I2, indien gebruikt.
23 Geldt hier voor I1 en voor I2, indien gebruikt.
24 Geldt hier voor I1 en voor I2, indien gebruikt.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
Reactie op lang / kort
De ingang maakt verschil tussen
lang en kort indrukken van een
toets en kan dus 2 functies
vervullen.
Eentoetsbediening
De dimmer wordt met één toets
bediend.
Toets kort indrukken = AAN/UIT
Toets lang indrukken
= lichter/donkerder
Loslaten = Stop
I2 is niet nodig en is vrij
beschikbaar.
Bij de andere varianten wordt de
dimmer met 2 toetsen
(kantelschakelaar) bediend.
lichter / Aan Kort indrukken = AAN
Toets lang indrukken = lichter
Loslaten = Stop
I2 wordt automatisch
vooraf ingesteld op
donkerder/ UIT.
lichter / omschakelen
Kort indrukken
= AAN/UIT
Toets lang indrukken = lichter
Loslaten = Stop
I2 wordt automatisch
vooraf ingesteld op
donkerder/omschakelen.
donkerder / Uit
Kort indrukken = UIT
Toets lang indrukken =
donkerder
Loslaten = Stop
I2 wordt automatisch
vooraf ingesteld op
lichter/Aan.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
donkerder /
omschakelen
Kort indrukken
= AAN/UIT
Toets lang indrukken =
donkerder
Loslaten = Stop
I2 wordt automatisch
vooraf ingesteld op
lichter/omschakelen.
Stapgrootte voor dimmen
Bij lang indrukken wordt de
dimwaarde:
100%
net zolang verhoogd (resp.
verlaagd) totdat de toets weer
wordt losgelaten.
50%
25%
12,5%
6%
3%
1,5%
Met de geselecteerde waarde
verhoogd
(resp. verlaagd)
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
6.8.3 Parameterpagina Dubbelklikken
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
Dimwaarde bij
dubbelklikken
0-100%
Gewenste dimwaarde.
6.8.4 I2 Direct dimmen
Deze parameterpagina verschijnt wanneer I2 nodig is voor directe aansturing.
Dit is het geval wanneer op de parameterpagina Ingang I1 direct dimmen de parameter Reactie
op lang/kort niet op Eentoetsbediening is ingesteld en daardoor voor de tegengestelde richting
een tweede toets nodig is.
Als de bediening van de dimmer met slechts één toets gebeurt (eentoetsbediening), dan
is ingang I2 vrij beschikbaar als binaire KNX-ingang.
Aanduiding
Waarden
Beschrijving
Reactie op lang/kort
25
lichter / Aan
Wanneer I1 = donkerder / Uit
lichter / omschakelen
Wanneer I1 = donkerder /
omschakelen
donkerder / Uit
Wanneer I1 = lichter / Aan
donkerder /
omschakelen
Wanneer I1 = lichter /
omschakelen
Extra functie dubbelklikken
nee
Geen dubbelklikfunctie
ja
Parameter Dimwaarde bij
dubbelklikken wordt getoond.
Dimwaarde bij dubbelklikken
0-100%
Gewenste dimwaarde.
De volgende instellingen worden door I1 overgenomen en moeten bij I2 niet nogmaals
worden ingevoerd: Debouncetijd, toets langer indrukken omlaag, tijd voor dubbelklikken.
25 Automatisch vooraf ingesteld, kan niet worden veranderd.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
7 Toepassingsvoorbeelden
7.1 Directe aansturing: basisconfiguratie
In deze configuratie wordt het dimkanaal C1 direct met een toets op I1 bediend.
I2 is hier een pure binaire KNX-ingang26 zonder directe aansturing en stuurt een schakelactor
RM 4 U aan.
7.1.1 Apparaten
DU 1 DALI KNX (4942580)
RM 4 U (4940223)
7.1.2 Overzicht
26 Omdat de parameter van I1, Reactie op lang/kort, op Eentoetsbediening is ingesteld, is I2 niet
meer nodig voor de directe aansturing van de dimmer.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
7.1.3 Objecten en verbindingen
Alle communicatieobjecten van C1 zijn beschikbaar voor andere functies.
Een basisfunctie (C1 Aan/Uit, lichter/donkerder) is aanwezig door bediening van de toets bij
ingang I1.
De externe ingang I1 heeft daarbij geen communicatieobjecten.
Nr.
DU 1 DALI KNX
Nr.
RM 4 U
Commentaar
Objectnaam
Objectnaam
51 Kanaal I2.1 -
Schakelen 0 Kanaal C1 -
schakelobject
Toets op I2 schakelt het eerste kanaal
van de RM 4 U.
7.1.4 Belangrijke parameterinstellingen
Voor de niet genoemde parameters gelden de standaard- resp. klantspecifieke
parameterinstellingen.
DU 1 DALI KNX
Parameterpagina
Parameter
Instelling
Algemeen
Binaire ingangen gebruiken
Ja
Functiekeuze C1
De meeste parameters op de pagina Functiekeuze zijn alleen in
combinatie met communicatieobjecten relevant en daarmee
wordt hier niet verder rekening gehouden.
Externe ingangen
Functiekeuze I1
Functie
Dimmen
Kanaal C1 direct besturen
ja
Direct dimmen
Reactie op lang / kort
Eentoetsbediening
Functiekeuze I2
27
Functie
Toets
Toetsobject 1
Objecttype
Schakelen
Telegram
Omschakelen
RM 4 U:
Parameterpagina
Parameter
Instelling
Functiekeuze
Functie van het kanaal
Schakelen Aan/Uit
Functie activeren door
Schakelobject
27 Omdat de parameter van I1, Reactie op lang/kort op Eentoetsbediening is ingesteld, is I2 niet
meer nodig voor de directe aansturing van de dimmer.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
7.2 Dimkanaal via de bus besturen
In dit voorbeeld zijn de externe ingangen en het dimactorkanaal volledig van elkaar gescheiden
en kunnen alleen via de KNX-bus worden gebruikt.28
Het dimkanaal C1 wordt met behulp van een KNX-toetsinterface (TA 2 S) bediend.
De externe ingangen I1, I2 besturen een schakelactor (RM 4 U).
7.2.1 Apparaten
DU 1 DALI KNX (4942580)
RM 4 U (4940223)
TA 2 S (4969222)
7.2.2 Overzicht
28 Normaal KNX-bedrijf, zonder directe aansturing.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
7.2.3 Objecten en verbindingen
Nr.
DU 1 DALI KNX
Nr.
RM 4 U
Commentaar
Objectnaam
Objectnaam
41 Kanaal I1.1 -
Schakelen 0 Kanaal C1 -
schakelobject De externe ingangen besturen de
schakelactor RM 4 U
51 Kanaal I2.1 -
Schakelen 10 Kanaal C2 -
schakelobject
Nr.
TA 2 S
Nr.
DU 1 DALI KNX
Commentaar
Objectnaam
Objectnaam
1 Kanaal I1 - Schakelen 1 Kanaal C1 - Schakelen
aan/uit De toetsinterface bestuurt het
dimkanaal C1.
2 Kanaal I1
Lichter/Donkerder 2 Kanaal C1 -
Lichter/Donkerder
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
7.2.4 Belangrijke parameterinstellingen
Voor de niet genoemde parameters gelden de standaard- resp. klantspecifieke
parameterinstellingen.
DU 1 DALI KNX:
Parameterpagina
Parameter
Instelling
Algemeen
Binaire ingangen gebruiken
Ja
Functiekeuze C1
Geen specifieke parameterinstelling noodzakelijk.
De dimmer kan met de standaard- resp. klantspecifieke
parameterinstellingen
worden geconfigureerd.
Externe ingangen
Functiekeuze I1, I2
Functie
Toets
Kanaal C1, C2 direct besturen
nee
Toetsobject 1
Objecttype
Schakelen
Telegram
Omschakelen
Toetsobject 2
Objecttype
Schakelen
Telegram
Omschakelen
RM 4 U:
Parameterpagina
Parameter
Instelling
Functiekeuze
Functie van het kanaal
Schakelen Aan/Uit
Functie activeren door
Schakelobject
TA 2 S:
Parameterpagina
Parameter
Instelling
Kanaal 1 functiekeuze
Functie kanaal 1
Dimmen
Dimmen
Reactie op lang / kort
Eentoetsbediening
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
8 Bijlage
8.1 Prioriteitsvolgorde
Hoogste
prioriteit
1 Continu Aan
De dimwaarden voor Continu UIT worden tijdens Continu AAN
genegeerd.
2 Continu Uit
De dimwaarden voor Voorrang worden tijdens Continu UIT
genegeerd.
3 Voorrang
De dimwaarden voor Blokkering en Scène worden tijdens
Voorrang genegeerd.
4 Blokkering,
scène
Tijdens een blokkering worden de objecten voor schakelen
genegeerd. Deze worden echter bewerkt, wanneer ze bij het
opheffen van de blokkering nodig zijn.
Blokkering en scène zijn gelijkwaardig.
Laagste
prioriteit
5 Schakelen
Een nieuw object overschrijft de schakeltoestand van de
vorige objecten. Alle objecten zijn gelijkwaardig.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
8.2 Toepassing van de functie Soft-schakelen
8.2.1 Algemeen
De functie Soft-schakelen is een cyclus die bestaat uit inschakelen, omhoog dimmen, gewenste
lichtsterkte behouden, omlaag dimmen en uitschakelen.
8.2.2 Soft-schakelen voor trappenhuisverlichting
Voor een trappenhuisverlichting wordt de volgende functie aanbevolen:
Bij indrukken van de verlichte knop: volledige lichtsterkte.
Na afloop van de gewenste tijd: langzaam omlaag dimmen en basisverlichting.
A
Toets zendt Soft Aan-telegram.
t1
De tijd voor Soft Aan is gelijk aan 0, d.w.z. de functie ‘langzaam omhoogdimmen’ is
gedeactiveerd
B
De lichtsterkte wordt direct op de parameterwaarde volgens Soft- Aan ingesteld
t2
Afloop van de ingestelde tijd tussen Soft Aan en Soft Uit
29
t2+
t2 is evt. door een nieuw Soft Aan-telegram verlengd
C
t2 of t2+ is afgelopen of Soft Uit-telegram werd ontvangen:
Begin van de Soft Uit-fase
t3
De lichtsterkte wordt binnen de ingestelde tijd voor Soft Uit geleidelijk verlaagd
D
t3 is afgelopen en wordt tot de parameterwaarde na Soft Uit (bijv. 25%) gedimd. Daarbij
wordt rekening gehouden met de ingestelde minimale en maximale dimwaarde
Het licht kan met een Soft-Uit-telegram worden uitgeschakeld of tot de waarde na Soft-Uit
worden gedimd.
Met een Soft-Aan-telegram kan worden nagetriggerd.
29 Soft Uit via ingestelde tijd of via Soft Uit-telegram.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
8.2.3 Opritverlichting
Een bewegingsmelder activeert de dimmer via het object Soft-schakelen.
Wordt er een beweging gemeld, dan wordt het licht binnen 5 s omhoog gedimd.
Door deze vertraging kunnen de ogen zich zonder verblinding aan het licht aanpassen.
Na afloop van de ingestelde tijd of na een Soft-Uit-telegram via een toets of bewegingsmelder
(cyclisch) wordt het licht binnen één minuut langzaam omlaag gedimd en uitgeschakeld.
0 % t(h)
100 %
A
t1=5s t3 =1 Min. t2
Min.
Val.
B C D
P
A
Soft Aan wordt door de bewegingsmelder verzonden:
de lichtsterkte wordt op de geparametreerde Minimumdimwaarde ingesteld
t1
De lichtsterkte wordt binnen de ingestelde tijd voor Soft Aan (5 s) geleidelijk verhoogd
B
Parameterwaarde volgens Soft Aan is bereikt
t2
Tijd tussen Soft Aan (1) en Soft Uit
C
Soft Uit-telegram werd ontvangen of de ingestelde tijd is afgelopen:
Begin van de Soft Uit-fase
t3
De lichtsterkte wordt binnen de ingestelde tijd voor Soft Uit geleidelijk verlaagd
D
t3 is afgelopen en wordt tot de parameterwaarde na Soft Uit (bijv. 0%) gedimd. Daarbij
wordt rekening gehouden met de ingestelde minimale en maximale dimwaarde.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
8.2.4 Dagschema simulatie
In combinatie met een schakelklok kan een heel dagschema met zonsopgang en zonsondergang
worden gesimuleerd. Daarvoor wordt de parameter Tijd tussen Soft Aan en Soft Uit op tot
telegram Soft Uit ingesteld (zie object Soft schakelen).
De schakelklok zendt 's morgens een Soft Aan-telegram (=1) en 's avonds een Soft Uit-telegram
(=0) naar object Soft-schakelen.
0 % t(h)
100 %
A
t1 t3t2
Min.
Val.
B C D
P
Min.
ingestelde minimale dimwaarde
Val.
Gewenste dimwaarde, d.w.z. ingestelde dimwaarde na Soft Aan
t(h)
Tijdsafloop
A Soft Aan wordt door de schakelklok verzonden:
de lichtsterkte wordt op de geparametreerde Minimumdimwaarde ingesteld
t1
De lichtsterkte wordt binnen de ingestelde tijd voor Soft Aan geleidelijk verhoogd
B
De ingestelde waarde volgens Soft Aan is bereikt
t2
In de schakelklok geprogrammeerde tijd tussen Soft Aan- (1) en Soft Uit-telegram (0)
C
Soft Uit-telegram werd ontvangen: begin van de Soft Uit-fase
t3
De lichtsterkte wordt binnen de ingestelde tijd voor Tijd voor Soft Uit geleidelijk verlaagd
D
t3 is afgelopen en wordt tot de parameterwaarde na Soft Uit (bijv. 0%) gedimd. Daarbij
wordt rekening gehouden met de ingestelde minimale en maximale dimwaarde
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
8.2.5 Natriggeren en vroegtijdig uitschakelen
Daarnaast is het mogelijk het Soft-schakelen tijdens de uitvoering ervan te beïnvloeden. Met
Soft Aan- en Soft Uit-telegrammen kunnen, afhankelijk van de huidige uitvoeringsfase, de
volgende reacties worden geactiveerd.
Telegram
Reactie
Soft AAN tijdens t1
geen
Soft-AAN tijdens t2
t2 wordt opnieuw gestart
Soft-AAN tijdens t3
een nieuwe Soft-Aan-fase wordt gestart. Zie hieronder.
Soft AAN tijdens t1 De Soft-Aan-fase wordt gestopt en de Soft-Uit-fase start onmiddellijk.
Zie hieronder.
Soft-AAN tijdens t2
de Soft-Uit-fase start onmiddellijk
Soft-UIT tijdens t3
geen
0 % t(h)
100 %
A
t1 t3t2
Min.
Val.
B C D
P
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
8.2.6 Soft-UIT-telegram tijdens een Soft-AAN-fase
De duur van de Soft-UIT-fase (t3’) komt altijd overeen met de ingestelde tijd, onafhankelijk van
de huidige dimwaarde.
0 %
100 %
A
Min.
B C D
P
D’
Val.
t3’
t(min)
Voorbeeld 1: Soft-Uit aan het begin van de Soft-Aan-fase.
0 % t(min)
100 %
A
Min.
B C D
P
t3’
D’
Val.
Voorbeeld 2: Soft-Uit aan het einde van de Soft-Aan-fase.
A
Een Soft-Aan-fase wordt gestart
B
Een Soft-Uit-telegram wordt ontvangen: de Soft-Aan-fase wordt onderbroken en een Soft-
Uit-fase start.
t3’
Duur van de Soft-Uit--fase = ingestelde Soft-Uit-tijd
D’
Einde van de Soft-Uit-fase
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
8.2.7 Soft-Aan-telegram tijdens een Soft-Uit-fase
De duur van de Soft-Aan-fase (t1’) komt altijd overeen met de ingestelde tijd, onafhankelijk van
de huidige dimwaarde.
0 %
100 %
Min.
A
P
t1’
C
Val.
B
t(min)
D’
Voorbeeld 3: Soft-Aan aan het begin van de Soft-Uit-fase.
0 %
Min.
A
P
t1’
C
Val.
B
100 %
t(min)
D’
Voorbeeld 4: Soft-Aan aan het einde van de Soft-Uit-fase.
Verloop:
A
Een Soft-Uit-fase wordt gestart
B
Een Soft-Aan-telegram wordt ontvangen: de Soft-Uit-fase wordt onderbroken en een Soft-
Aan-fase start.
t1’
Duur van de Soft-Aan-fase = ingestelde Soft-Aan-tijd
D’
Einde van de Soft-Aan-fase
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
8.3 Toepassing voorrangsfunctie
Een lichtsterkteregelaar meet continu de lichtsterkte in de ruimte en regelt de dimmer zodanig
dat de lichtsterkte constant blijft.
Voor de voorrangsregeling wordt een dimwaarde van 20% geparametreerd.
's Avonds aan het einde van de werkzaamheden, activeert de schakelklok de voorrangsregeling,
waardoor de lichtsterkte tot 20% omlaag wordt gedimd.
's Nachts wordt het licht door het bewakingspersoneel gedurende een bepaalde tijd via Centraal
continu Aan ingeschakeld.
's Morgens bij het begin van de werkzaamheden heft de schakelklok de voorrangsregeling weer
op en de dimmer wordt via de lichtsterkteregeling aangestuurd.
0 % t(h)
100 %
A
n d
Min.
B C E
Pn
me
D F
n
c
G H
A
Voorrangsregeling wordt door de schakelklok opgeheven.
Het daglicht is nog te zwak, de lichtsterkteregelaar stuurt de dimmer aan
B
Het daglicht is inmiddels voldoende voor de ruimteverlichting en de dimmer is uitgeschakeld
C
Sterke bewolking, de dimmer compenseert het te zwakke daglicht
D
Vol direct zonlicht, de dimmer wordt verlaagd
E
Aan het einde van de middag vervangt de dimmer langzamerhand het afnemende daglicht
F
Voorrangsregeling wordt door de schakelklok geactiveerd
De dimmer verlaagt het licht tot 20%
G
Centraal continu Aan = 1
H
Centraal continu Aan = 0
n
's Nachts geldt de ingestelde waarde voor de voorrangsregeling
c
Nachtronde van de bewaking: het licht wordt met Centraal continu Aan ingeschakeld
m
's Morgens: het daglicht neemt toe en de lichtregelaar verlaagt langzamerhand de
dimwaarde
e
's Avonds: het daglicht neemt af en de lichtregelaar verhoogt langzamerhand de dimwaarde
d
Overdag wordt de dimmer afhankelijk van de sterkte van het directe zonlicht door de
lichtregeling aangestuurd
Voorbeeld: verlichting overdag met lichtsterkteregeling en 's nachts met minimumverlichting.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
8.4 DALI EVA
8.4.1 Algemeen
Op de dimmer mogen alleen DALI EVA´s met de daarvoor toegestane lampen worden
aangesloten.
Bij de dimreactie kunnen verschillen met betrekking tot zowel de fabrikant als het type worden
vastgesteld; daarom wordt aanbevolen alleen EVA's en lampen van hetzelfde type parallel op
één kanaal aan te sluiten.
Het kan evt. nodig zijn de minimale dimwaarde per parameter aan te passen.
8.5 4-bit-telegrammen (lichter/donkerder)
8.5.1 Telegramformaat 4-bit EIS 2 relatief dimmen:
Bit 3
Bits 0-1-2
Richting
Dimbereik trapsgewijs onderverdeeld
Code
Trappen
Omhoog dimmen:
Omlaag dimmen:
1
0
000
001
010
011
100
101
110
111
Stop
1
2
4
8
16
32
64
30
Voorbeelden: 1111 = met 64 trappen lichter maken
0111 = met 64 trappen donkerder maken
1101 = met 16 trappen lichter maken
30 typische toepassing.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
8.5.2 De parameters: In- en uitschakelen met 4-bit-telegram
Meestal heeft men de instelling ja nodig.
Voor speciale wensen bijv. in conferentieruimtes is de instelling nee beschikbaar.
Hieronder wordt de situatie beschreven:
Met één toets (4-bit) wordt een hele groep dimmerkanalen bediend.
Met behulp van een scène of anderszins is een bepaalde verlichtingssituatie ingesteld, bijv.
kanaal 1 uit, kanaal 2 40%, kanaal 3 50%. Nu moet de gehele scène lichter worden gedimd,
maar kanalen die UIT zijn, moeten UIT blijven.
De parameters In- en uitschakelen met 4-bit-telegram blokkeren steeds de gebruikelijke
in- of uitschakelfunctie van het 4-bit-telegram.
Parameter
Inschakelen met 4-
bit-telegram
4-bit
Telegram
Uitgangs-status
dimmer Reactie
ja
lichter/donkerder
Ingeschakeld
(1%...100%)
Kanaal wordt normaal gedimd.
lichter
Uit
Kanaal wordt ingeschakeld en
lichter gedimd.
nee
lichter
Uit
Dimmer blijft uitgeschakeld.
lichter/donkerder
Ingeschakeld
(1%...100%)
Kanaal wordt normaal gedimd.
Parameter
Uitschakelen met 4-
bit-telegram
4-bit
Telegram
Uitgangs-status
dimmer Reactie
ja
lichter/donkerder
Ingeschakeld
(1%...100%)
Kanaal wordt normaal gedimd.
donkerder
Aan
Het kanaal wordt uitgeschakeld
als de toets bij het bereiken van
de minimum lichtsterkte langer
dan ca. 2 s ingedrukt blijft.
nee
donkerder
Aan
Het kanaal kan tot de minimale
lichtsterkte omlaag gedimd
worden, maar wordt niet
uitgeschakeld.
lichter/donkerder
Ingeschakeld
(1%...100%)
Kanaal wordt in het bereik van
min. tot 100% gedimd en blijft
ingeschakeld.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
8.6 De scènes
8.6.1 Principe
Met de scènefunctie kan de huidige status van een kanaal of van een geheel apparaat worden
opgeslagen en later op elk gewenst moment worden hersteld.
Elk kanaal kan tegelijkertijd aan max. 8 scènes deelnemen.
De scènenummers 1 t/m 64 zijn toegestaan.
Daarvoor moet de deelname aan scènes voor het betreffende kanaal per parameter zijn
toegestaan.
Zie parameter Scènes activeren en parameterpagina Scènes.
Bij het opslaan van een scène wordt de huidige toestand aan het betreffende scènenummer
toegewezen.
Bij het oproepen van het scènenummer wordt de eerder opgeslagen toestand hersteld.
Daardoor kan een apparaat in elke willekeurige gebruikersscène eenvoudig en gemakkelijk
worden gekoppeld.
De scènes worden - zonder dat deze verloren kunnen gaan - opgeslagen en kunnen ook na het
opnieuw downloaden van de applicatie behouden blijven.
Zie de parameter Alle scènetoestanden van het kanaal op de parameterpagina Scènes.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
8.6.2 Scènes oproepen resp. opslaan:
Om een scène op te roepen resp. op te slaan, wordt de betreffende code naar het betreffende
scèneobject verzonden.
Scène
Oproepen
Opslaan
Hex.
Dec.
Hex.
Dec.
1
$00
0
$80
128
2
$01
1
$81
129
3
$02
2
$82
130
4
$03
3
$83
131
5
$04
4
$84
132
6
$05
5
$85
133
7
$06
6
$86
134
8
$07
7
$87
135
9
$08
8
$88
136
10
$09
9
$89
137
11
$0A
10
$8A
138
12
$0B
11
$8B
139
13
$0C
12
$8C
140
14
$0D
13
$8D
141
15
$0E
14
$8E
142
16
$0F
15
$8F
143
17
$10
16
$90
144
18
$11
17
$91
145
19
$12
18
$92
146
20
$13
19
$93
147
21
$14
20
$94
148
22
$15
21
$95
149
23
$16
22
$96
150
24
$17
23
$97
151
25
$18
24
$98
152
26
$19
25
$99
153
27
$1A
26
$9A
154
28
$1B
27
$9B
155
29
$1C
28
$9C
156
30
$1D
29
$9D
157
31
$1E
30
$9E
158
32
$1F
31
$9F
159
33
$20
32
$A0
160
34
$21
33
$A1
161
35
$22
34
$A2
162
36
$23
35
$A3
163
37
$24
36
$A4
164
38
$25
37
$A5
165
39
$26
38
$A6
166
40
$27
39
$A7
167
41
$28
40
$A8
168
42
$29
41
$A9
169
43
$2A
42
$AA
170
44
$2B
43
$AB
171
45
$2C
44
$AC
172
46
$2D
45
$AD
173
47
$2E
46
$AE
174
48
$2F
47
$AF
175
49
$30
48
$B0
176
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
Scène
Oproepen
Opslaan
Hex.
Dec.
Hex.
Dec.
50
$31
49
$B1
177
51
$32
50
$B2
178
52
$33
51
$B3
179
53
$34
52
$B4
180
54
$35
53
$B5
181
55
$36
54
$B6
182
56
$37
55
$B7
183
57
$38
56
$B8
184
58
$39
57
$B9
185
59
$3A
58
$BA
186
60
$3B
59
$BB
187
61
$3C
60
$BC
188
62
$3D
61
$BD
189
63
$3E
62
$BE
190
64
$3F
63
$BF
191
Voorbeelden (centraal of kanaalspecifiek):
Toestand van scène 5 oproepen:
→ $04 naar het betreffende scèneobject zenden.
Huidige status met scène 5 opslaan:
$84 naar het betreffende scèneobject zenden.
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
8.6.3 Scènes zonder telegrammen inleren
In plaats van de scènes afzonderlijk per telegram te definiëren, kan dit direct vooraf in de ETS
worden uitgevoerd.
Daarvoor moet alleen de parameter Alle scènetoestanden van het kanaal (parameterpagina
Scènes) op Bij downloaden overschrijven worden ingesteld.
Daarna kan voor elke van de 8 mogelijke scènenummers van een kanaal de gewenste toestand
worden gekozen (= parameter Toestand na downloaden).
Na het downloaden zijn de scènes reeds in het apparaat geprogrammeerd.
Een latere wijziging via inleertelegrammen is desondanks, indien nodig, mogelijk en kan per
parameter worden toegestaan resp. geblokkeerd.
8.6.4 Lichtscènes in een drukknop opslaan
Meestal worden de scènes in de dimmer zelf opgeslagen.
Daarvoor wordt het object Scènes oproepen/opslaan gebruikt.
Als men de lichtscènes echter extern wil opslaan, bijv. in een voor scènes geschikte
toets, dan kunt u als volgt te werk gaan:
De dimmer bezit telkens één dimobject (Dimwaarde) en een retourmeldingsobject
(Retourmelding in %).
Er worden dus 2 groepsadressen gebruikt, verder ‘Gr.adr.1’ en ‘Gr.adr.2’ genoemd.
8.6.5 Toewijzing van de groepsadressen en instelling van de object-flags
Object Verbinden met
zendend instellen
Flags
C
R
W
T
TOETS
Telegr. Lichtsterkte
Gr.adr.1 ja
-
Gr.adr.2 nee
DIMMER
Dimwaarde Gr.adr.1 x - x
Retourmelding in %
Gr.adr.1 nee
- x
Gr.adr.2 ja
x = willekeurig
De retourmeldingen op de dimmer moeten niet op cyclisch zenden worden ingesteld.
Flags:
C = Communicatie
R = Lezen
W = Schrijven
T = Zenden
KNX-Producthandboek DU 1 DALI KNX, DU 1 S RF DALI KNX
8.7 Omrekening procenten in hexadecimale en decimale
waarden
Percentage
0%
10%
20%
30%
40%
50%
60%
70%
80%
90%
100%
Hexadecimaal
00
1A
33
4D
66
80
99
B3
CC
E6
FF
Decimaal
00
26
51
77
102
128
153
179
204
230
255
Alle waarden van 00 t/m FF hex. (0 t/m 255 dec.) zijn geldig.
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52
  • Page 53 53
  • Page 54 54
  • Page 55 55
  • Page 56 56
  • Page 57 57
  • Page 58 58
  • Page 59 59
  • Page 60 60
  • Page 61 61
  • Page 62 62
  • Page 63 63
  • Page 64 64
  • Page 65 65
  • Page 66 66
  • Page 67 67
  • Page 68 68
  • Page 69 69
  • Page 70 70
  • Page 71 71
  • Page 72 72
  • Page 73 73
  • Page 74 74
  • Page 75 75
  • Page 76 76
  • Page 77 77
  • Page 78 78
  • Page 79 79
  • Page 80 80
  • Page 81 81
  • Page 82 82
  • Page 83 83
  • Page 84 84
  • Page 85 85
  • Page 86 86

THEBEN DU 1 DALI KNX Handleiding

Type
Handleiding
Deze handleiding is ook geschikt voor

in andere talen