Zanussi ZCG554GW Handleiding

Type
Handleiding
Inhoud
Veiligheidsinformatie _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 2
Beschrijving van het product _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 4
Voor het eerste gebruik _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 5
Kookplaat - Dagelijks gebruik _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 5
Oven - Dagelijks gebruik _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 6
Kookplaat - Handige aanwijzingen en tips _ _ _ _ _ 6
Oven - Handige aanwijzigen en tips _ _ _ _ _ _ _ _ 7
Kookplaat - Onderhoud en reinging _ _ _ _ _ _ _ _ 8
Oven - Onderhoud en reiniging _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 8
Problemen oplossen _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 9
Montage _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 10
Afvoer _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 13
Wijzigingen voorbehouden
Veiligheidsinformatie
Lees voor uw eigen veiligheid en een correcte werking
van het apparaat eerst deze handleiding aandachtig door,
alvorens het apparaat te installeren en te gebruiken. Be-
waar deze instructies altijd bij het apparaat, zelfs wanneer
u het verplaatst of verkoopt. Gebruikers moeten volledig
op de hoogte zijn van de bediening en veiligheidsfuncties
van het apparaat.
De fabrikant is niet aansprakelijk voor schade die veroor-
zaakt is door onjuiste installatie en gebruik.
Veiligheid van kinderen en kwetsbare personen
• Dit apparaat mag worden gebruikt door kinderen van
8 jaar en ouder en door personen met beperkte licha-
melijke, zintuiglijke of verstandelijke vermogens of een
gebrek aan ervaring en kennis, mits zij onder toezicht
staan of instructies hebben ontvangen over het veilige
gebruik van het apparaat, en de gevaren van het ap-
paraat begrijpen. Kinderen mogen niet met het appa-
raat spelen.
• Houd alle verpakkingsmaterialen uit de buurt van kin-
deren. Er bestaat een gevaar voor verstikking.
• Houd kinderen uit de buurt van het apparaat. Er bestaat
gevaar voor letsel of andere blijvende invaliditeit.
• Als het apparaat een inschakelvergrendeling of toets-
envergrendeling heeft, gebruik deze dan. Hiermee
wordt voorkomen dat kinderen en kleine huisdieren het
apparaat per ongeluk gebruiken.
Algemene veiligheid
• Verander de specificaties van dit product niet en wijzig
het niet. Er bestaat een gevaar voor letsel en schade
aan het apparaat.
• Verwijder al het verpakkingsmateriaal, stickers en folie
van het apparaat voordat u het in gebruik neemt.
• Schakel de kookzones na ieder gebruik uit.
Gebruik
• Het apparaat is uitsluitend ontworpen voor huishou-
delijke kookhandelingen.
• Gebruik het apparaat niet als werkblad of aanrecht.
• Laat het apparaat tijdens het gebruik niet onbeheerd
achter. Schakel het apparaat bij brand uit. Doof het vuur
met een pannendeksel , gebruik nooit water.
• Verkleuring van het emaille heeft geen invloed op de
werking van het apparaat. De garantie komt hierdoor
niet te vervallen.
• Oefen geen kracht uit op de deur van het apparaat.
• De binnenkant van het apparaat wordt heet tijdens ge-
bruik. Er kunnen brandwonden ontstaan. Gebruik
ovenwanten wanneer u de accessoires en pannen in de
oven zet of deze uit de oven haalt.
• Ga altijd achteruit als u de deur van het apparaat opent
tijdens de bereiding (met name bij Bereiden met
stoom). Hierdoor kan stoom of hitte ontsnappen.
• Om schade of verkleuring van het emaille te voorko-
men:
– zet geen voorwerpen rechtstreeks op de bodem van
het apparaat en dek de bodem niet af met alumini-
umfolie
– schenk geen heet water rechtstreeks in het apparaat
– laat vochtige gerechten en voedsel niet in het ap-
paraat staan als u klaar bent met de bereiding
• Gebruik dit apparaat niet als het in contact is met water.
Bedien het apparaat niet met natte handen.
• Laat geen vochtige gerechten en voedsel in de oven
staan nadat u klaar bent met de bereiding, omdat het
vocht het emaille kan beschadigen of in de inbouw-
meubels kan dringen.
• Plaats geen brandbare vloeistoffen, licht ontvlambare
materialen of voorwerpen die kunnen smelten (bijv.
2
plastic folie, plastic, aluminium) op of in de buurt van
het apparaat.
• Gebruik geen onstabiele of vervormde pannen op de
branders, aangezien deze een ongeluk kunnen veroor-
zaken door omstoten of morsen.
• In de lade onder de oven mogen alleen accessoires
worden bewaard die hittebestendig zijn. Bewaar hier
geen brandbare materialen in.
• De afdekplaat (indien aanwezig) is bedoeld om de
kookplaat te beschermen tegen stof als de plaat ge-
sloten is en om olie- en vetspatten op te vangen als de
plaat geopend is. Gebruik deze plaat niet voor andere
functies. Zorg dat het apparaat is afgekoeld voordat u
de afdekplaat sluit.
• Zorg ervoor dat de ventilatieopening van de oven, in
het midden achter de kookplaat altijd vrij blijft, zodat
de ovenruimte geventileerd wordt.
Onderhoud en reiniging
• Schakel het apparaat uit en trek de stekker uit het stop-
contact voordat u onderhoudswerkzaamheden ver-
richt. Zorg ervoor dat het apparaat is afgekoeld.
• Houd het apparaat altijd schoon. Vet- of voedselresten
in de oven kunnen brand veroorzaken.
• Door het apparaat regelmatig te reinigen voorkomt u
dat het oppervlakmateriaal achteruitgaat.
• Reinig het apparaat alleen met water en zeep. Scherpe
voorwerpen, schuurmiddelen, schuursponsjes en
vlekkenverwijderaars kunnen schade aan het apparaat
veroorzaken.
• Reinig het apparaat niet met stoom- of hogedrukreini-
gers.
• Reinig de glazen ovendeur niet met schuurmiddelen of
metalen schrapers. Het hittebestendige oppervlak van
de binnenruit kan hierdoor breken en verbrijzelen.
• Zorg ervoor dat de glaspanelen afgekoeld zijn voordat
u deze reinigt. Het glas kan anders barsten.
• Wees voorzichtig bij het verwijderen van de deur uit
het apparaat. De deur is zwaar!
• Als de glaspanelen van de deur beschadigd zijn, wor-
den ze zwak en kunnen ze breken. In dat geval moeten
ze vervangen worden. Neem voor meer instructies
contact op met de Klantenservice.
• Volg de aanwijzingen van de ovenfabrikant op als u
een ovenspray gebruikt. Spuit nooit iets op het vetfilter
(indien aanwezig), de verwarmingselementen en de
thermostaatsensor.
• Tijdens pyrolitische reiniging (indien aanwezig) kan
hardnekkig vuil de kleur van het oppervlak beschadi-
gen.
• Reinig katalytisch email niet (indien aanwezig).
• Wees voorzichtig bij het verwisselen van de ovenlamp.
Gevaar voor elektrische schokken!
Installatie
• Het apparaat mag alleen worden geïnstalleerd, aange-
sloten of gerepareerd door een erkende servicemon-
teur.
• De wetten, voorschriften, richtlijnen en normen die van
kracht zijn in het land waar het apparaat wordt gebruikt,
moeten volledig in acht genomen worden (veiligheids-
voorschriften, correcte recycling overeenkomstig de
voorschriften, veiligheidsvoorschriften met betrekking
tot elektrische installaties en/of gas, enz.)!
• Als u zich niet aan de installatie-instructies houdt, dan
vervalt de garantie bij het ontstaan van schade.
• Controleer of het apparaat niet beschadigd is tijdens
het transport. Sluit een beschadigd apparaat niet aan.
Neem indien nodig contact op met de leverancier.
• Installeer het apparaat niet in de buurt van licht ont-
vlambaar materiaal (b.v. gordijnen, theedoeken enz.)
• Verwijder al het verpakkingmateriaal voordat u het ap-
paraat in gebruik neemt.
• Dit apparaat is zwaar. Wees voorzichtig wanneer u het
verplaatst. Gebruik altijd beschermende handschoe-
nen. Trek nooit aan het apparaat bij de handgreep of
bij de kookplaat.
• Houd de minimumafstanden naar andere apparaten en
meubels in acht!
• Belangrijk! Zet het fornuis niet op een extra sokkel of
ander verhogend meubel. Hierdoor ontstaat het risico
dat het apparaat kantelt!
Gasaansluiting
• Zorg ervoor dat de ventilatie rond het apparaat in orde
is. Een kapotte luchttoevoer kan zuurstofgebrek ver-
oorzaken.
• Zorg ervoor dat de gastoevoer overeenkomt met het
type gas op het typeplaatje; raadpleeg het hoofdstuk
"Productbeschrijving".
• Dit apparaat is niet aangesloten op een afzuigapparaat
voor verbrandingsproducten. Het moet geïnstalleerd
en aangesloten worden in overeenstemming met de
geldende installatievoorschriften. Er moet speciale
3
aandacht worden besteed aan de relevante vereisten
met betrekking tot ventilatie.
• Het gebruik van een gasfornuis veroorzaakt warmte en
vocht in de ruimte waarin het geïnstalleerd is. Zorg
ervoor dat de keuken goed geventileerd is: houd na-
tuurlijke ventilatiegaten open of installeer een mecha-
nisch ventilatieapparaat (mechanische afzuigkap).
• Er is meer ventilatie nodig als u het apparaat langdurig
en intensief gebruikt (bijvoorbeeld door een raam open
te zetten of door de stand van de afzuigkap te verho-
gen).
Service
• Dit apparaat mag alleen gerepareerd worden door een
erkende servicemonteur. Gebruik alleen originele re-
serveonderdelen. Neem contact op met een erkend
servicecentrum.
Beschrijving van het product
Algemeen overzicht
1
32
4
5
1
2
3
4
6
1 Bedieningspaneel
2 Kookplaat
3 Functieknop van de oven
4 Bedieningsknoppen van de kookplaat
5 Typeplaatje
6 Inschuifrails
Indeling kookplaat
2
1
3
4
1 Grote brander
2 Middelgrote brander
3 Sudderbrander
4 Grote brander
4
Accessoires
• Diepe braadpan
Om te bakken en te braden of om vet op te vangen.
• Ovenrek
Voor servies, bak- en braadvormen.
• Bewaarlade
Onder de ovenruimte zit een bewaarlade.
Om de lade te gebruiken tilt u de onderste voordeur op
en dan naar beneden.
Waarschuwing! De lade kan heet worden als de
oven in werking is.
Voor het eerste gebruik
Verwijder al het verpakkingsmateriaal binnenin en
aan de buitenkant van de oven, voordat u de oven
in gebruik neemt. Verwijder het typeplaatje niet.
Let op! Pak, om de deur te openen, altijd de
handgreep in het midden vast.
Eerste reiniging
• Verwijder alle onderdelen van het apparaat.
• Reinig het apparaat voor het eerste gebruik
Let op! Gebruik geen schuurmiddelen! De
oppervlakken zouden beschadigd kunnen worden.
Zie het hoofdstuk "Onderhoud en reiniging".
Voorverwarmen
Stel de oven in op en laat de oven 45 minuten werken
om eventuele restanten van het oppervlak weg te branden.
De accessoires kunnen heter worden dan bij normaal ge-
bruik. Tijdens deze periode kunt u een bepaalde geur rui-
ken. Dit is normaal. Zorg ervoor dat de kamer goed ge-
ventileerd is.
Kookplaat - Dagelijks gebruik
Bedieningsknoppen
Symbool Beschrijving
er is geen gastoevoer / uitstand
maximale gastoevoer
Minimale gastoevoer
Aansteken van de brander
Waarschuwing! Wees zeer voorzichtig als u open
vuur in de keuken gebruikt. De fabrikant is niet
aansprakelijk voor verkeerd gebruik van de vlam
Steek altijd de brander aan voordat u de pan erop
zet.
De brander aansteken:
1. Houd de vlam bij de brander.
2. Druk de betreffende bedieningsknop in gedurende 10
seconden en draai hem linksom naar de maximale
stand
.
3. Houd de knop na het aansteken van de vlam ongeveer
10 seconden ingedrukt. hierdoor wordt het thermo-
koppel warm. Als u dit niet doet, gaat het gas uit.
4. Pas de vlam aan als deze goed brandt.
Als de brander na enkele pogingen nog steeds niet
aan is, controleer dan of de kroon en de dop op de
juiste manier geplaatst zijn.
5
1
2
3
4
1 Dop van de brander
2 Kroon van de brander
3 Ontstekingsbougie
4 Thermokoppel
Waarschuwing! Als de brander na 15 seconden nog
niet brandt, laat de bedieningsknop dan los, draai
hem in de uit-stand en probeer de brander nogmaals aan
te steken nadat u minimaal 1 minuut heeft gewacht.
Als de brander per ongeluk uitgaat, draai de bedie-
ningsknop dan op de uit-stand en probeer de bran-
der nogmaals aan te steken na minimaal 1 minuut.
De brander uitzetten
Om de vlam uit te zetten draait u de knop op het symbool
.
Waarschuwing! Draai de vlam altijd lager of schakel
hem uit voordat u de pan van de brander haalt.
Oven - Dagelijks gebruik
Bedieningsknoppen
Symbool Beschrijving
er is geen gastoevoer / uitstand
maximale gastoevoer
Minimale gastoevoer
Gasovenbereiding
Aansteken van de ovengasbrander:
1. Open de ovendeur.
2. Til het kleine deksel op.
3. Houd een vlam bij
de ovenbrander.
4. Tegelijkertijd drukt
u de bedienings-
knop van de gas-
oven in en draait u
deze naar links op
de maximale stand.
5. Als het gas brandt, houdt u de bedieningsknop van
de gasoven nog ongeveer 15 seconden ingedrukt.
Na de ontsteking:
1. Laat de bedieningsknop van de gasoven los.
2. Sluit het kleine deksel en de ovendeur.
3. Draai de bedieningsknop van de gasoven naar de
vereiste stand.
Ovenbeveiliging:
De gasoven heeft een thermokoppel. Deze stopt de gast-
oevoer als de vlam uit gaat.
Als de ovenbrander niet aan gaat of per ongeluk uit
gaat:
1. Laat de bedieningsknop van de gasoven los en draai
hem naar de stand "Uit".
2. Open de ovendeur.
3. Probeer na een minuut de ovengasbrander opnieuw
aan te steken.
Kookplaat - Handige aanwijzingen en tips
Energie besparen
• Doe indien mogelijk altijd deksels op de pannen.
• Draai de vlam lager als de vloeistof begint te koken,
zodat deze blijft sudderen.
6
Waarschuwing! Gebruik potten en pannen met een
bodem die geschikt is voor de grootte van de
brander.
Gebruik geen pannen op het apparaat die uitsteken.
Brander Diameter van pan
Grote brander 165 mm - 260 mm
Brander Diameter van pan
Middelgrote
brander
140 mm - 240 mm
Sudderbrander 120 mm - 180 mm
Gebruik pannen met een bodem die zo dik en vlak mo-
gelijk is.
Oven - Handige aanwijzigen en tips
Waarschuwing! Sluit altijd de ovendeur tijdens de
bereiding.
Plaats geen bakplaten, potten, etc. op de bodem van
de oven om beschadiging van het email te voorko-
men.
Wees voorzichtig bij het verwijderen of installeren
van accessoires om beschadiging van het email te
voorkomen.
• De oven heeft vier inschuifniveaus. Tel de inschuifni-
veaus vanaf de onderkant van de oven.
• U kunt verschillende gerechten op twee niveaus tege-
lijk bereiden. Plaats de bakplaten op niveau 1 en 3.
• De oven is voorzien van een speciaal systeem dat voor
luchtcirculatie zorgt en de stoom continu recycleert.
Met dit systeem kunt u gerechten in een stoomomge-
ving bereiden en het voedsel zacht van binnen en
knapperig van buiten houden. Hierdoor worden de be-
reidingstijd en het energieverbruik tot een minimum
beperkt.
• Vocht kan in het apparaat of op de glazen deuren con-
denseren. Dit is normaal. Ga altijd achteruit als u de
ovendeur opent tijdens de bereiding. Om condensvor-
ming te voorkomen kunt u de oven het beste 10 mi-
nuten voor de bereiding inschakelen.
• Neem vocht af na elk gebruik van het apparaat.
Tips voor de bereiding/bakken
Wij raden aan om de eerste keer de lagere temperatuur in
te stellen.
Zet de oven ca. 5 minuten voor het einde van de baktijd
uit, om te profiteren van de restwarmte.
Het resultaat kan afhangen van de dikte, het materiaal en
kleur van de pan.
Als het gebak niet overal even hoog is, wordt het gebak
in het begin van het bakproces niet overal even bruin.
Verander in dit geval de temperatuurinstelling niet. De
verschillen verminderen tijdens het bakproces.
Gebruik hittebestendig servies om te braden (lees de in-
structies van de fabrikant).
Grote braadstukken kunt u direct in de diepe braadpan
braden of op een rooster met boven een braadpan. (Indien
aanwezig)
Braad mager vlees in een braadpan met deksel. Op die
manier blijft het vlees sappiger.
Bereidingstijden
Bereidingstijden zijn afhankelijk van het soort voedsel, de
structuur en het volume.
Houd de werking van de oven in de gaten tijdens de eerste
keren dat u het apparaat gebruikt. Op die manier ontdekt
u de beste instellingen (warmte-instelling, bereidingstijd
etc.) voor uw ovenschalen, recepten en hoeveelheden
wanneer u dit apparaat gebruikt.
Bereidingstabel
Gerecht Inzetniveau Voorverwarmen
1)
minuten
Bereidingstijd/baktijd (minuten)
Nominale warm-
te
-
Restwarmte
Maximale warm-
te
Biscuittaart op
bakplaat
2 10 - 10 20-25
7
Gerecht Inzetniveau Voorverwarmen
1)
minuten
Bereidingstijd/baktijd (minuten)
Nominale warm-
te
-
Restwarmte
Maximale warm-
te
Bescuitgebak in
cakevorm
2 10 10 5-10 5-10
Scones 2 10 20-25 - -
Maanzaadrol 2 10 40-45 - -
Schuimpjes 2 10 - 40-45 -
1) Gebruik de nominale warmtetoevoer voor het voorverwarmen
Pizza
Gerecht Aluminium bakplaat Geëmailleerde bakplaat
Inzetniveau Voorver-
warmen in
minuten
Bereidings-
tijd
Inzetniveau Voorverwar-
men in minuten
Bereidingstijd
Pizza 2 10 25-35 2 10 20-30
Zet voor het beste resultaat de ovenbedieningsknop
op de stand Pizza.
Kookplaat - Onderhoud en reinging
Waarschuwing! Schakel het apparaat uit en laat het
afkoelen voordat u het schoonmaakt.
Waarschuwing! Het reinigen van het apparaat met
een stoom- of hogedrukreiniger is om
veiligheidsredenen niet toegestaan.
Waarschuwing! Gebruik geen schuurmiddelen,
staalwollen sponsjes of zuren, omdat deze schade
kunnen veroorzaken aan het apparaat.
• Maak de emaillen onderdelen, doppen en kronen
schoon met een warm sopje.
• Was roestvrijstalen onderdelen met water en droog ze
af met een zachte doek.
• De pannensteunen mogen niet in de afwasmachine
worden gewassen; ze moeten met de hand worden af-
gewassen.
• Zorg ervoor dat u de pannensteunen op de juiste ma-
nier terugplaatst nadat u ze schoongemaakt heeft.
• Om de branders goed te laten werken, moet u ervoor
zorgen dat de armen van de pannensteunen in het
midden van de brander staan.
• Wees zeer voorzichtig bij het verplaatsen van de pan-
nensteunen of schade aan de kookplaat te voorkomen.
Droog het apparaat na reiniging af met een zachte doek.
Oven - Onderhoud en reiniging
• Maak de voorkant van het apparaat schoon met een
zachte doek en een warm sopje.
• Gebruik voor de metalen oppervlakken een universeel
reinigingsmiddel.
• Reinig de binnenkant van de oven na elk gebruik. Ver-
ontreinigingen laten zich dan het makkelijkst verwij-
deren en kunnen dan niet aanbranden.
• Verwijder hardnekkig vuil met een speciale ovenreini-
ger.
8
• Maak alle oventoebehoren na elk gebruik schoon met
een zachte doek en een warm sopje en een reinigings-
middel en laat ze drogen.
• Toebehoren met antiaanbaklaag mogen niet worden
schoon gemaakt met een agressieve reinigingsmiddel,
voorwerpen met scherpe randen of afwasautomaat.
Hierdoor kan de antiaanbaklaag onherstelbaar worden
beschadigd!
De ovendeur reinigen
Voordat u de ovendeur reinigt, dient u uit de oven te halen.
Waarschuwing! Zorg ervoor dat de glaspanelen
afgekoeld zijn voordat u de glazen deur
schoonmaakt. Het glas kan anders barsten.
Waarschuwing! Als de glaspanelen van de deur
beschadigd zijn of krassen hebben, wordt het glas
zwak en kan het breken. Als dit het geval is, moet u de
glaspanelen vervangen. Neem voor meer instructies
contact op het uw plaatselijke Klantenservice.
1
Open de deur volledig
en houd de twee deur-
scharnieren vast.
2
Til de hendels op de
twee scharnieren omhoog
en draai ze.
3
Sluit de ovendeur in de
eerste openingsstand
(halverwege). Trek hem
daarna naar voren en haal
hem uit zijn zitting. Leg de
deur op een stabiele on-
dergrond, op een zachte
doek.
Reinig het glaspaneel met een sopje. Droog het paneel
voorzichtig af.
Als u de deur heeft schoongemaakt, plaatst u deze terug
in de oven. Volg hiervoor de stappen in omgekeerde
volgorde uit.
Apparaten van roestvrij staal of aluminium:
Reinig de ovendeur alleen met een natte spons.
Droog hem af met een zachte doek.
Gebruik geen staalwol, zuren of bijtende materialen, om-
dat deze het ovenoppervlak kunnen beschadigen. Reinig
het bedieningspaneel van de oven net zo voorzichtig.
Problemen oplossen
Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing
De vlam gaat onmiddellijk uit na ont-
steking
Het thermokoppel is onvoldoende
verwarmd
Houd de knop na het aansteken van
de vlam ongeveer 5 seconden inge-
drukt.
De gasring brandt ongelijk De kroon van de brander is verstopt
met voedselresten
Zorg ervoor dat de sproeier niet ver-
stopt is en de kroon vrij is van voed-
selresten.
De oven wordt niet warm De oven is niet ingeschakeld Schakel de oven in
De oven wordt niet warm De benodigde kookstanden zijn niet
ingesteld
Controleer de kookstand
9
Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing
Stoom en condens slaan neer op de
gerechten en in de ovenruimte
De gerechten hebben te lang in de
oven gestaan
Laat gerechten na afloop van de be-
reiding niet langer dan 15-20 minu-
ten in de oven staan
Als u niet zelf het probleem kunt verhelpen, neem dan
contact op met uw verkoper of met de serviceafdeling.
Waarschuwing! De reparatie aan het apparaat mag
uitsluitend worden uitgevoerd door een
gekwalificeerd en deskundig persoon.
Belangrijk! Bij foutieve bediening van het apparaat wordt
het bezoek van de technicus van de klantenservice of de
vakhandelaar in rekening gebracht, zelfs tijdens de
garantieperiode.
Als u niet zelf het probleem kunt verhelpen, neem dan
contact op met uw verkoper of met de serviceafdeling.
Deze gegevens zijn nodig om u snel en juist te helpen.
Deze gegevens staan op het typeplaatje (zie
"Productbeschrijving")
• Modelbeschrijving ............
• Productnummer (PNC) ............
• Serienummer (S.N.) ............
Aanwijzing voor apparaten met metalen voorkant:
Als u de deur opent gedurende of direct na het bak-
ken of braden, kan het glas beslaan.
Montage
Belangrijk! Lees eerst het hoofdstuk Veiligheid
aandachtig door.
Waarschuwing! Zet het apparaat niet op een
voetstuk
Technische gegevens
Apparaat klasse 2, subklasse 1 en klasse 1.
Afmetingen
Hoogte 850 mm
Breedte 500 mm
Diepte 500 mm
Ovencapaciteit 47 l
Gascategorie II2E+3+
Gastoevoer G20/G25
20/25 mbar
Omloopdiameters
Brander Ø omloop in 1/100 mm.
Sudderbrander 30
Middelgrote brander 32
Grote brander 42
Oven 50
Gasbranders
Brander Normaal ver-
mogen
Gereduceerd
vermogen
Soort gas Druk inj. Diameter Cons.
kW kW mbar mm
m
3
/h
Sudderbran-
der
1,00 0,35 Aardgas G20 20 0,70 -
0,90 0,35 Aardgas G25 25 0,70 -
10
Brander Normaal ver-
mogen
Gereduceerd
vermogen
Soort gas Druk inj. Diameter Cons.
kW kW mbar mm
m
3
/h
1,00 0,35 Butaan G30 28-30 0,50 72,71
1,00 0,35 Propaan G31 37 0,77 71,41
Middelgrote
brander
1,90 0,45 Aardgas G20 20 0,96 -
1,75 0,45 Aardgas G25 25 0,96 -
2,00 0,43 Butaan G30 28-37 0,71 145,43
2,00 0,43 Propaan G31 37 0,71 142,83
Grote brander 2,60 0,75 Aardgas G20 20 1,13 -
2,40 0,75 Aardgas G25 25 1,13 -
2,50 0,72 Butaan G30 28-30 0,77 218,14
2,50 0,72 Propaan G31 37 0,77 214,24
Ovenbrander 2,50 0,90 Aardgas G20 20 1,15 -
2,60 0,90 Aardgas G25 25 1,15 -
2,60 0,90 Butaan G30 28-30 0,80 218,14
2,60 0,90 Propaan G31 37 0,80 214,24
Gasaansluiting
Kies voor vaste leidingen of gebruik een flexibele pijp van
roestvrij staal die voldoet aan de geldende voorschriften.
Als u flexibele metalen pijpen gebruikt, let er dan op dat
deze niet in aanraking komen met beweegbare onderdelen
en niet platgedrukt worden.
Flexibele aansluiting met niet-metalen leidingen
Als het mogelijk is om de aansluiting over het gehele
bereik makkelijk te controleren, kunt u een flexibele pijp
gebruiken. De flexibele pijp moet stevig worden bevestigd
met klemmen.
Installatie: gebruik de rubberen pijphouder. Maak altijd
de pakking dicht. Ga daarna verder met de gasaansluiting.
De flexibele pijp is geschikt als deze aan de volgende
voorwaarden voldoet:
– de pijp kan niet warmer worden dan de kamertempe-
ratuur, hoger dan 30°C;
– is niet langer dan 1500 mm;
– vertoont geen regelkleppen;
– is niet onderhevig aan tractie of torsie;
– komt niet in contact met snijranden of hoeken;
– kan makkelijk geïnspecteerd worden om de conditie te
controleren.
Controle van de staat van de flexibele pijp bestaat uit het
volgende:
– de pijp vertoont geen barsten, sneden, markeringen of
verbrandingen bij de uiteinden en over de gehele leng-
te;
– het materiaal is niet hard geworden, maar heeft de
juiste elasticiteit;
– de bevestigingsklemmen zijn niet verroest;
– de houdbaarheidstermijn is niet verstreken.
Als één of meer van deze defecten zichtbaar is, repareer
de pijp dan niet, maar vervang hem.
Belangrijk! Als de installatie voltooid is, dient u te
controleren of de afdichting van elke pijpfitting goed is.
Gebruik een zeepoplossing, geen vlam!
De gasaansluiting zit aan de achterkant van het bedie-
ningspaneel.
11
Waarschuwing! Voordat u de gasaansluiting
uitvoert, moet u de stekker uit het stopcontact
trekken of de stop in de stoppenkast uitschakelen. Sluit
de hoofdkraan van de gastoevoer.
1 423 2
1 Gasaansluitpunt (er is slechts één punt van toepas-
sing voor het apparaat)
2 Pakking
3 Afstelbare aansluiting
4 Rubberen pijphouder LPG
Het apparaat is ingesteld op standaardgas. Om de
instelling te veranderen kiest u pijphouder nr. 4.
Gebruik altijd de pakkingafdichting
Vervangen van de sproeiers
1. Verwijder de pannensteunen.
2. Verwijder de doppen en kronen van de brander.
3. Verwijder de sproeiers met een moersleutel 7 en ver-
vang ze door de sproeiers voor het type gas dat u wilt
gebruiken.
4. Zet de onderdelen weer in elkaar; volg dezelfde pro-
cedure in omgekeerde volgorde uit.
5. Vervang het typeplaatje (bij de gasleiding) door het
plaatje voor het nieuwe type gastoevoer. U vindt dit
etiket in de verpakking van de sproeiers, die bijgele-
verd is bij het apparaat.
Als de gasdruk instelbaar is of afwijkt van de vereist druk,
moet u een geschikte drukregelaar op de gasleiding in-
stalleren.
Afstellen op verschillende soorten gas
Waarschuwing! Alleen een bevoegd persoon mag
de afstelling op de verschillende typen gas
uitvoeren.
Dit apparaat is ingesteld op werking met aardgas.
Met de juiste sproeiers kunt u dit apparaat ook op
vloeibaar gas gebruiken.
De gassnelheid wordt aangepast.
De sproeier van de gasovenbrander vervangen:
B
C
1. Verwijder de bodemplaat van de oven om bij de gas-
ovenbrander te kunnen komen.
2. Draai de schroef ( B ) die de gasovenbrander op zijn
plek houdt, los.
3. Duw de ovenbrander voorzichtig naar achteren.
4. Vervang het mondstuk ( C ) met een dopsleutel nr.
10.
5. Monteer de gasovenbrander in omgekeerde volgorde
weer terug.
6. Vervang het typeplaatje (bij de gasleiding) door het
plaatje voor het nieuwe type gastoevoer.
Waarschuwing! Het bijstellen van de luchttoevoer
van de gasovenbrander is niet noodzakelijk.
Controleer de vlam. Als de vlam uit gaat, voert u de pro-
cedure van punt 1 tot en met punt 5 opnieuw uit. Er moet
zich een kleine, regelmatige vlam rond de kroon van de
gasovenbrander bevinden.
De fabrikant ziet af van verantwoordelijkheid indien u de
veiligheidsmaatregelen niet naleeft.
Afstelling van het minimumniveau
Het minimumniveau van de branders afstellen:
1. Steek de brander aan.
2. Draai de knop op de laagste stand.
12
3. Verwijder de bedieningsknop.
4. Pas de positie van de stelschroef aan met een platte
schroevendraaier. Als u van aardgas 20 mbar over-
gaat op vloeibaar gas, draai de stelschroef dan hele-
maal dicht. Als u van vloeibaar gas overgaat op aard-
gas 20 mbar, draai de stelschroef dan ongeveer een
kwartslag.
1 Stelschroef voor minimumniveau
5. Zorg ervoor dat de vlam niet uitgaat als u de knop
snel van de hoogste naar de laagste stand draait.
1
Afvoer
Het symbool op het product of op de verpakking wijst
erop dat dit product niet als huishoudafval mag worden
behandeld, maar moet worden afgegeven bij een
verzamelpunt waar elektrische en elektronische
apparatuur wordt gerecycled. Als u ervoor zorgt dat dit
product op de juiste manier wordt verwijderd, voorkomt
u mogelijke negatieve gevolgen voor mens en milieu die
zich zouden kunnen voordoen in geval van verkeerde
afvalverwerking. Voor gedetailleerdere informatie over het
recyclen van dit product, kunt u contact opnemen met de
gemeente, de gemeentereiniging of de winkel waar u het
product hebt gekocht.
Verpakkingsmateriaal
Het verpakkingsmateriaal is milieuvriendelijk en
geschikt voor hergebruik. Kunststofonderdelen worden
aangeduid met internationale afkortingen, zoals PE, PS,
etc. Gooi het verpakkingsmateriaal weg in de daarvoor
bestemde containers van uw vuilnisophaaldienst.
Waarschuwing! Om ervoor te zorgen dat het
apparaat geen gevaar oplevert, moet het onklaar
gemaakt worden voordat u het weggooit.
Trek de stekker uit het stopcontact en verwijder de
voedingskabel van het apparaat.
13
U kan toebehoren, verbruiksprodukten en onderdelen bestellen via onze webwinkel op:
www.zanussi.be
www.zanussi.com
892942535-A-112009

Documenttranscriptie

Inhoud Veiligheidsinformatie _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ Beschrijving van het product _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ Voor het eerste gebruik _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ Kookplaat - Dagelijks gebruik _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ Oven - Dagelijks gebruik _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ Kookplaat - Handige aanwijzingen en tips _ _ _ _ _ 2 4 5 5 6 6 Oven - Handige aanwijzigen en tips _ _ _ _ _ _ _ _ 7 Kookplaat - Onderhoud en reinging _ _ _ _ _ _ _ _ 8 Oven - Onderhoud en reiniging _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 8 Problemen oplossen _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 9 Montage _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 10 Afvoer _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 13 Wijzigingen voorbehouden Veiligheidsinformatie Lees voor uw eigen veiligheid en een correcte werking van het apparaat eerst deze handleiding aandachtig door, alvorens het apparaat te installeren en te gebruiken. Bewaar deze instructies altijd bij het apparaat, zelfs wanneer u het verplaatst of verkoopt. Gebruikers moeten volledig op de hoogte zijn van de bediening en veiligheidsfuncties van het apparaat. De fabrikant is niet aansprakelijk voor schade die veroorzaakt is door onjuiste installatie en gebruik. Veiligheid van kinderen en kwetsbare personen • Dit apparaat mag worden gebruikt door kinderen van 8 jaar en ouder en door personen met beperkte lichamelijke, zintuiglijke of verstandelijke vermogens of een gebrek aan ervaring en kennis, mits zij onder toezicht staan of instructies hebben ontvangen over het veilige gebruik van het apparaat, en de gevaren van het apparaat begrijpen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. • Houd alle verpakkingsmaterialen uit de buurt van kinderen. Er bestaat een gevaar voor verstikking. • Houd kinderen uit de buurt van het apparaat. Er bestaat gevaar voor letsel of andere blijvende invaliditeit. • Als het apparaat een inschakelvergrendeling of toetsenvergrendeling heeft, gebruik deze dan. Hiermee wordt voorkomen dat kinderen en kleine huisdieren het apparaat per ongeluk gebruiken. Algemene veiligheid • Verander de specificaties van dit product niet en wijzig het niet. Er bestaat een gevaar voor letsel en schade aan het apparaat. • Verwijder al het verpakkingsmateriaal, stickers en folie van het apparaat voordat u het in gebruik neemt. • Schakel de kookzones na ieder gebruik uit. 2 Gebruik • Het apparaat is uitsluitend ontworpen voor huishoudelijke kookhandelingen. • Gebruik het apparaat niet als werkblad of aanrecht. • Laat het apparaat tijdens het gebruik niet onbeheerd achter. Schakel het apparaat bij brand uit. Doof het vuur met een pannendeksel , gebruik nooit water. • Verkleuring van het emaille heeft geen invloed op de werking van het apparaat. De garantie komt hierdoor niet te vervallen. • Oefen geen kracht uit op de deur van het apparaat. • De binnenkant van het apparaat wordt heet tijdens gebruik. Er kunnen brandwonden ontstaan. Gebruik ovenwanten wanneer u de accessoires en pannen in de oven zet of deze uit de oven haalt. • Ga altijd achteruit als u de deur van het apparaat opent tijdens de bereiding (met name bij Bereiden met stoom). Hierdoor kan stoom of hitte ontsnappen. • Om schade of verkleuring van het emaille te voorkomen: – zet geen voorwerpen rechtstreeks op de bodem van het apparaat en dek de bodem niet af met aluminiumfolie – schenk geen heet water rechtstreeks in het apparaat – laat vochtige gerechten en voedsel niet in het apparaat staan als u klaar bent met de bereiding • Gebruik dit apparaat niet als het in contact is met water. Bedien het apparaat niet met natte handen. • Laat geen vochtige gerechten en voedsel in de oven staan nadat u klaar bent met de bereiding, omdat het vocht het emaille kan beschadigen of in de inbouwmeubels kan dringen. • Plaats geen brandbare vloeistoffen, licht ontvlambare materialen of voorwerpen die kunnen smelten (bijv. • • • • plastic folie, plastic, aluminium) op of in de buurt van het apparaat. Gebruik geen onstabiele of vervormde pannen op de branders, aangezien deze een ongeluk kunnen veroorzaken door omstoten of morsen. In de lade onder de oven mogen alleen accessoires worden bewaard die hittebestendig zijn. Bewaar hier geen brandbare materialen in. De afdekplaat (indien aanwezig) is bedoeld om de kookplaat te beschermen tegen stof als de plaat gesloten is en om olie- en vetspatten op te vangen als de plaat geopend is. Gebruik deze plaat niet voor andere functies. Zorg dat het apparaat is afgekoeld voordat u de afdekplaat sluit. Zorg ervoor dat de ventilatieopening van de oven, in het midden achter de kookplaat altijd vrij blijft, zodat de ovenruimte geventileerd wordt. Onderhoud en reiniging • Schakel het apparaat uit en trek de stekker uit het stopcontact voordat u onderhoudswerkzaamheden verricht. Zorg ervoor dat het apparaat is afgekoeld. • Houd het apparaat altijd schoon. Vet- of voedselresten in de oven kunnen brand veroorzaken. • Door het apparaat regelmatig te reinigen voorkomt u dat het oppervlakmateriaal achteruitgaat. • Reinig het apparaat alleen met water en zeep. Scherpe voorwerpen, schuurmiddelen, schuursponsjes en vlekkenverwijderaars kunnen schade aan het apparaat veroorzaken. • Reinig het apparaat niet met stoom- of hogedrukreinigers. • Reinig de glazen ovendeur niet met schuurmiddelen of metalen schrapers. Het hittebestendige oppervlak van de binnenruit kan hierdoor breken en verbrijzelen. • Zorg ervoor dat de glaspanelen afgekoeld zijn voordat u deze reinigt. Het glas kan anders barsten. • Wees voorzichtig bij het verwijderen van de deur uit het apparaat. De deur is zwaar! • Als de glaspanelen van de deur beschadigd zijn, worden ze zwak en kunnen ze breken. In dat geval moeten ze vervangen worden. Neem voor meer instructies contact op met de Klantenservice. • Volg de aanwijzingen van de ovenfabrikant op als u een ovenspray gebruikt. Spuit nooit iets op het vetfilter (indien aanwezig), de verwarmingselementen en de thermostaatsensor. • Tijdens pyrolitische reiniging (indien aanwezig) kan hardnekkig vuil de kleur van het oppervlak beschadigen. • Reinig katalytisch email niet (indien aanwezig). • Wees voorzichtig bij het verwisselen van de ovenlamp. Gevaar voor elektrische schokken! Installatie • Het apparaat mag alleen worden geïnstalleerd, aangesloten of gerepareerd door een erkende servicemonteur. • De wetten, voorschriften, richtlijnen en normen die van kracht zijn in het land waar het apparaat wordt gebruikt, moeten volledig in acht genomen worden (veiligheidsvoorschriften, correcte recycling overeenkomstig de voorschriften, veiligheidsvoorschriften met betrekking tot elektrische installaties en/of gas, enz.)! • Als u zich niet aan de installatie-instructies houdt, dan vervalt de garantie bij het ontstaan van schade. • Controleer of het apparaat niet beschadigd is tijdens het transport. Sluit een beschadigd apparaat niet aan. Neem indien nodig contact op met de leverancier. • Installeer het apparaat niet in de buurt van licht ontvlambaar materiaal (b.v. gordijnen, theedoeken enz.) • Verwijder al het verpakkingmateriaal voordat u het apparaat in gebruik neemt. • Dit apparaat is zwaar. Wees voorzichtig wanneer u het verplaatst. Gebruik altijd beschermende handschoenen. Trek nooit aan het apparaat bij de handgreep of bij de kookplaat. • Houd de minimumafstanden naar andere apparaten en meubels in acht! • Belangrijk! Zet het fornuis niet op een extra sokkel of ander verhogend meubel. Hierdoor ontstaat het risico dat het apparaat kantelt! Gasaansluiting • Zorg ervoor dat de ventilatie rond het apparaat in orde is. Een kapotte luchttoevoer kan zuurstofgebrek veroorzaken. • Zorg ervoor dat de gastoevoer overeenkomt met het type gas op het typeplaatje; raadpleeg het hoofdstuk "Productbeschrijving". • Dit apparaat is niet aangesloten op een afzuigapparaat voor verbrandingsproducten. Het moet geïnstalleerd en aangesloten worden in overeenstemming met de geldende installatievoorschriften. Er moet speciale 3 aandacht worden besteed aan de relevante vereisten met betrekking tot ventilatie. • Het gebruik van een gasfornuis veroorzaakt warmte en vocht in de ruimte waarin het geïnstalleerd is. Zorg ervoor dat de keuken goed geventileerd is: houd natuurlijke ventilatiegaten open of installeer een mechanisch ventilatieapparaat (mechanische afzuigkap). • Er is meer ventilatie nodig als u het apparaat langdurig en intensief gebruikt (bijvoorbeeld door een raam open te zetten of door de stand van de afzuigkap te verhogen). Service • Dit apparaat mag alleen gerepareerd worden door een erkende servicemonteur. Gebruik alleen originele reserveonderdelen. Neem contact op met een erkend servicecentrum. Beschrijving van het product Algemeen overzicht 2 3 4 1 4 6 1 2 3 4 5 6 Bedieningspaneel Kookplaat Functieknop van de oven Bedieningsknoppen van de kookplaat Typeplaatje Inschuifrails 1 2 3 4 Grote brander Middelgrote brander Sudderbrander Grote brander 3 2 1 5 Indeling kookplaat 2 1 4 3 4 Accessoires • Diepe braadpan Om te bakken en te braden of om vet op te vangen. • Ovenrek Voor servies, bak- en braadvormen. • Bewaarlade Onder de ovenruimte zit een bewaarlade. Om de lade te gebruiken tilt u de onderste voordeur op en dan naar beneden. Waarschuwing! De lade kan heet worden als de oven in werking is. Voor het eerste gebruik Verwijder al het verpakkingsmateriaal binnenin en aan de buitenkant van de oven, voordat u de oven in gebruik neemt. Verwijder het typeplaatje niet. Let op! Pak, om de deur te openen, altijd de handgreep in het midden vast. Eerste reiniging • Verwijder alle onderdelen van het apparaat. • Reinig het apparaat voor het eerste gebruik Voorverwarmen Stel de oven in op en laat de oven 45 minuten werken om eventuele restanten van het oppervlak weg te branden. De accessoires kunnen heter worden dan bij normaal gebruik. Tijdens deze periode kunt u een bepaalde geur ruiken. Dit is normaal. Zorg ervoor dat de kamer goed geventileerd is. Let op! Gebruik geen schuurmiddelen! De oppervlakken zouden beschadigd kunnen worden. Zie het hoofdstuk "Onderhoud en reiniging". Kookplaat - Dagelijks gebruik Aansteken van de brander De brander aansteken: 1. Houd de vlam bij de brander. 2. Druk de betreffende bedieningsknop in gedurende 10 seconden en draai hem linksom naar de maximale . stand 3. Houd de knop na het aansteken van de vlam ongeveer 10 seconden ingedrukt. hierdoor wordt het thermokoppel warm. Als u dit niet doet, gaat het gas uit. 4. Pas de vlam aan als deze goed brandt. Waarschuwing! Wees zeer voorzichtig als u open vuur in de keuken gebruikt. De fabrikant is niet aansprakelijk voor verkeerd gebruik van de vlam Als de brander na enkele pogingen nog steeds niet aan is, controleer dan of de kroon en de dop op de juiste manier geplaatst zijn. Bedieningsknoppen Symbool Beschrijving er is geen gastoevoer / uitstand maximale gastoevoer Minimale gastoevoer Steek altijd de brander aan voordat u de pan erop zet. 5 1 2 1 2 3 4 Dop van de brander Kroon van de brander Ontstekingsbougie Thermokoppel 3 4 Waarschuwing! Als de brander na 15 seconden nog niet brandt, laat de bedieningsknop dan los, draai hem in de uit-stand en probeer de brander nogmaals aan te steken nadat u minimaal 1 minuut heeft gewacht. Als de brander per ongeluk uitgaat, draai de bedieningsknop dan op de uit-stand en probeer de brander nogmaals aan te steken na minimaal 1 minuut. De brander uitzetten Om de vlam uit te zetten draait u de knop op het symbool . Waarschuwing! Draai de vlam altijd lager of schakel hem uit voordat u de pan van de brander haalt. Oven - Dagelijks gebruik 5. Als het gas brandt, houdt u de bedieningsknop van de gasoven nog ongeveer 15 seconden ingedrukt. Bedieningsknoppen Symbool Beschrijving er is geen gastoevoer / uitstand maximale gastoevoer Minimale gastoevoer Gasovenbereiding Aansteken van de ovengasbrander: 1. Open de ovendeur. 2. Til het kleine deksel op. 3. Houd een vlam bij de ovenbrander. 4. Tegelijkertijd drukt u de bedieningsknop van de gasoven in en draait u deze naar links op de maximale stand. Na de ontsteking: 1. Laat de bedieningsknop van de gasoven los. 2. Sluit het kleine deksel en de ovendeur. 3. Draai de bedieningsknop van de gasoven naar de vereiste stand. Ovenbeveiliging: De gasoven heeft een thermokoppel. Deze stopt de gastoevoer als de vlam uit gaat. Als de ovenbrander niet aan gaat of per ongeluk uit gaat: 1. Laat de bedieningsknop van de gasoven los en draai hem naar de stand "Uit". 2. Open de ovendeur. 3. Probeer na een minuut de ovengasbrander opnieuw aan te steken. Kookplaat - Handige aanwijzingen en tips Energie besparen • Doe indien mogelijk altijd deksels op de pannen. 6 • Draai de vlam lager als de vloeistof begint te koken, zodat deze blijft sudderen. Waarschuwing! Gebruik potten en pannen met een bodem die geschikt is voor de grootte van de brander. Gebruik geen pannen op het apparaat die uitsteken. Brander Diameter van pan Grote brander 165 mm - 260 mm Brander Diameter van pan Middelgrote brander 140 mm - 240 mm Sudderbrander 120 mm - 180 mm Gebruik pannen met een bodem die zo dik en vlak mogelijk is. Oven - Handige aanwijzigen en tips Waarschuwing! Sluit altijd de ovendeur tijdens de bereiding. men. Plaats geen bakplaten, potten, etc. op de bodem van de oven om beschadiging van het email te voorko- Wees voorzichtig bij het verwijderen of installeren van accessoires om beschadiging van het email te voorkomen. • De oven heeft vier inschuifniveaus. Tel de inschuifniveaus vanaf de onderkant van de oven. • U kunt verschillende gerechten op twee niveaus tegelijk bereiden. Plaats de bakplaten op niveau 1 en 3. • De oven is voorzien van een speciaal systeem dat voor luchtcirculatie zorgt en de stoom continu recycleert. Met dit systeem kunt u gerechten in een stoomomgeving bereiden en het voedsel zacht van binnen en knapperig van buiten houden. Hierdoor worden de bereidingstijd en het energieverbruik tot een minimum beperkt. • Vocht kan in het apparaat of op de glazen deuren condenseren. Dit is normaal. Ga altijd achteruit als u de ovendeur opent tijdens de bereiding. Om condensvorming te voorkomen kunt u de oven het beste 10 minuten voor de bereiding inschakelen. • Neem vocht af na elk gebruik van het apparaat. Tips voor de bereiding/bakken Wij raden aan om de eerste keer de lagere temperatuur in te stellen. Zet de oven ca. 5 minuten voor het einde van de baktijd uit, om te profiteren van de restwarmte. Het resultaat kan afhangen van de dikte, het materiaal en kleur van de pan. Als het gebak niet overal even hoog is, wordt het gebak in het begin van het bakproces niet overal even bruin. Verander in dit geval de temperatuurinstelling niet. De verschillen verminderen tijdens het bakproces. Gebruik hittebestendig servies om te braden (lees de instructies van de fabrikant). Grote braadstukken kunt u direct in de diepe braadpan braden of op een rooster met boven een braadpan. (Indien aanwezig) Braad mager vlees in een braadpan met deksel. Op die manier blijft het vlees sappiger. Bereidingstijden Bereidingstijden zijn afhankelijk van het soort voedsel, de structuur en het volume. Houd de werking van de oven in de gaten tijdens de eerste keren dat u het apparaat gebruikt. Op die manier ontdekt u de beste instellingen (warmte-instelling, bereidingstijd etc.) voor uw ovenschalen, recepten en hoeveelheden wanneer u dit apparaat gebruikt. Bereidingstabel Gerecht Biscuittaart op bakplaat Inzetniveau 2 Voorverwarmen 1) minuten 10 Bereidingstijd/baktijd (minuten) Nominale warmte - Restwarmte 10 Maximale warmte 20-25 7 Gerecht Inzetniveau Voorverwarmen 1) minuten Bereidingstijd/baktijd (minuten) Nominale warmte - Restwarmte Maximale warmte Bescuitgebak in cakevorm 2 10 10 5-10 5-10 Scones 2 10 20-25 - - Maanzaadrol 2 10 40-45 - - Schuimpjes 2 10 - 40-45 - 1) Gebruik de nominale warmtetoevoer voor het voorverwarmen Pizza Gerecht Pizza Aluminium bakplaat Geëmailleerde bakplaat Inzetniveau Voorverwarmen in minuten Bereidingstijd Inzetniveau Voorverwarmen in minuten Bereidingstijd 2 10 25-35 2 10 20-30 Zet voor het beste resultaat de ovenbedieningsknop op de stand Pizza. Kookplaat - Onderhoud en reinging Waarschuwing! Schakel het apparaat uit en laat het afkoelen voordat u het schoonmaakt. Waarschuwing! Het reinigen van het apparaat met een stoom- of hogedrukreiniger is om veiligheidsredenen niet toegestaan. Waarschuwing! Gebruik geen schuurmiddelen, staalwollen sponsjes of zuren, omdat deze schade kunnen veroorzaken aan het apparaat. • Maak de emaillen onderdelen, doppen en kronen schoon met een warm sopje. • Was roestvrijstalen onderdelen met water en droog ze af met een zachte doek. • De pannensteunen mogen niet in de afwasmachine worden gewassen; ze moeten met de hand worden afgewassen. • Zorg ervoor dat u de pannensteunen op de juiste manier terugplaatst nadat u ze schoongemaakt heeft. • Om de branders goed te laten werken, moet u ervoor zorgen dat de armen van de pannensteunen in het midden van de brander staan. • Wees zeer voorzichtig bij het verplaatsen van de pannensteunen of schade aan de kookplaat te voorkomen. Droog het apparaat na reiniging af met een zachte doek. Oven - Onderhoud en reiniging • Maak de voorkant van het apparaat schoon met een zachte doek en een warm sopje. • Gebruik voor de metalen oppervlakken een universeel reinigingsmiddel. 8 • Reinig de binnenkant van de oven na elk gebruik. Verontreinigingen laten zich dan het makkelijkst verwijderen en kunnen dan niet aanbranden. • Verwijder hardnekkig vuil met een speciale ovenreiniger. • Maak alle oventoebehoren na elk gebruik schoon met een zachte doek en een warm sopje en een reinigingsmiddel en laat ze drogen. • Toebehoren met antiaanbaklaag mogen niet worden schoon gemaakt met een agressieve reinigingsmiddel, voorwerpen met scherpe randen of afwasautomaat. Hierdoor kan de antiaanbaklaag onherstelbaar worden beschadigd! De ovendeur reinigen Voordat u de ovendeur reinigt, dient u uit de oven te halen. Waarschuwing! Zorg ervoor dat de glaspanelen afgekoeld zijn voordat u de glazen deur schoonmaakt. Het glas kan anders barsten. Waarschuwing! Als de glaspanelen van de deur beschadigd zijn of krassen hebben, wordt het glas zwak en kan het breken. Als dit het geval is, moet u de glaspanelen vervangen. Neem voor meer instructies contact op het uw plaatselijke Klantenservice. 1 Open de deur volledig 2 Til de hendels op de en houd de twee deurtwee scharnieren omhoog scharnieren vast. en draai ze. 3 Sluit de ovendeur in de eerste openingsstand (halverwege). Trek hem daarna naar voren en haal hem uit zijn zitting. Leg de deur op een stabiele ondergrond, op een zachte doek. Reinig het glaspaneel met een sopje. Droog het paneel voorzichtig af. Als u de deur heeft schoongemaakt, plaatst u deze terug in de oven. Volg hiervoor de stappen in omgekeerde volgorde uit. Apparaten van roestvrij staal of aluminium: Reinig de ovendeur alleen met een natte spons. Droog hem af met een zachte doek. Gebruik geen staalwol, zuren of bijtende materialen, omdat deze het ovenoppervlak kunnen beschadigen. Reinig het bedieningspaneel van de oven net zo voorzichtig. Problemen oplossen Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing De vlam gaat onmiddellijk uit na ont- Het thermokoppel is onvoldoende steking verwarmd Houd de knop na het aansteken van de vlam ongeveer 5 seconden ingedrukt. De gasring brandt ongelijk De kroon van de brander is verstopt met voedselresten Zorg ervoor dat de sproeier niet verstopt is en de kroon vrij is van voedselresten. De oven wordt niet warm De oven is niet ingeschakeld Schakel de oven in De oven wordt niet warm De benodigde kookstanden zijn niet ingesteld Controleer de kookstand 9 Probleem Mogelijke oorzaak Stoom en condens slaan neer op de gerechten en in de ovenruimte Oplossing De gerechten hebben te lang in de oven gestaan Als u niet zelf het probleem kunt verhelpen, neem dan contact op met uw verkoper of met de serviceafdeling. Waarschuwing! De reparatie aan het apparaat mag uitsluitend worden uitgevoerd door een gekwalificeerd en deskundig persoon. Belangrijk! Bij foutieve bediening van het apparaat wordt het bezoek van de technicus van de klantenservice of de vakhandelaar in rekening gebracht, zelfs tijdens de garantieperiode. Laat gerechten na afloop van de bereiding niet langer dan 15-20 minuten in de oven staan Deze gegevens zijn nodig om u snel en juist te helpen. Deze gegevens staan op het typeplaatje (zie "Productbeschrijving") • Modelbeschrijving ............ • Productnummer (PNC) ............ • Serienummer (S.N.) ............ Aanwijzing voor apparaten met metalen voorkant: Als u de deur opent gedurende of direct na het bakken of braden, kan het glas beslaan. Als u niet zelf het probleem kunt verhelpen, neem dan contact op met uw verkoper of met de serviceafdeling. Montage Belangrijk! Lees eerst het hoofdstuk Veiligheid aandachtig door. Waarschuwing! Zet het apparaat niet op een voetstuk Gascategorie Gastoevoer G20/G25 20/25 mbar Omloopdiameters Technische gegevens Apparaat klasse 2, subklasse 1 en klasse 1. Afmetingen Hoogte 850 mm Breedte 500 mm Diepte 500 mm Ovencapaciteit II2E+3+ Brander Ø omloop in 1/100 mm. Sudderbrander 30 Middelgrote brander 32 Grote brander 42 Oven 50 47 l Gasbranders Brander Sudderbrander 10 Normaal vermogen Gereduceerd vermogen kW kW 1,00 0,35 0,90 0,35 Soort gas Druk inj. Diameter Cons. mbar mm m 3/h Aardgas G20 20 0,70 - Aardgas G25 25 0,70 - Brander Middelgrote brander Grote brander Ovenbrander Normaal vermogen Gereduceerd vermogen kW kW 1,00 0,35 1,00 1,90 Soort gas Druk inj. Diameter Cons. mbar mm m 3/h Butaan G30 28-30 0,50 72,71 0,35 Propaan G31 37 0,77 71,41 0,45 Aardgas G20 20 0,96 - 1,75 0,45 Aardgas G25 25 0,96 - 2,00 0,43 Butaan G30 28-37 0,71 145,43 2,00 0,43 Propaan G31 37 0,71 142,83 2,60 0,75 Aardgas G20 20 1,13 - 2,40 0,75 Aardgas G25 25 1,13 - 2,50 0,72 Butaan G30 28-30 0,77 218,14 2,50 0,72 Propaan G31 37 0,77 214,24 2,50 0,90 Aardgas G20 20 1,15 - 2,60 0,90 Aardgas G25 25 1,15 - 2,60 0,90 Butaan G30 28-30 0,80 218,14 2,60 0,90 Propaan G31 37 0,80 214,24 Gasaansluiting Kies voor vaste leidingen of gebruik een flexibele pijp van roestvrij staal die voldoet aan de geldende voorschriften. Als u flexibele metalen pijpen gebruikt, let er dan op dat deze niet in aanraking komen met beweegbare onderdelen en niet platgedrukt worden. Flexibele aansluiting met niet-metalen leidingen Als het mogelijk is om de aansluiting over het gehele bereik makkelijk te controleren, kunt u een flexibele pijp gebruiken. De flexibele pijp moet stevig worden bevestigd met klemmen. Installatie: gebruik de rubberen pijphouder. Maak altijd de pakking dicht. Ga daarna verder met de gasaansluiting. De flexibele pijp is geschikt als deze aan de volgende voorwaarden voldoet: – de pijp kan niet warmer worden dan de kamertemperatuur, hoger dan 30°C; – is niet langer dan 1500 mm; – vertoont geen regelkleppen; – is niet onderhevig aan tractie of torsie; – komt niet in contact met snijranden of hoeken; – kan makkelijk geïnspecteerd worden om de conditie te controleren. Controle van de staat van de flexibele pijp bestaat uit het volgende: – de pijp vertoont geen barsten, sneden, markeringen of verbrandingen bij de uiteinden en over de gehele lengte; – het materiaal is niet hard geworden, maar heeft de juiste elasticiteit; – de bevestigingsklemmen zijn niet verroest; – de houdbaarheidstermijn is niet verstreken. Als één of meer van deze defecten zichtbaar is, repareer de pijp dan niet, maar vervang hem. Belangrijk! Als de installatie voltooid is, dient u te controleren of de afdichting van elke pijpfitting goed is. Gebruik een zeepoplossing, geen vlam! De gasaansluiting zit aan de achterkant van het bedieningspaneel. 11 Waarschuwing! Voordat u de gasaansluiting uitvoert, moet u de stekker uit het stopcontact trekken of de stop in de stoppenkast uitschakelen. Sluit de hoofdkraan van de gastoevoer. 1 2 3 2 4 Dit apparaat is ingesteld op werking met aardgas. Met de juiste sproeiers kunt u dit apparaat ook op vloeibaar gas gebruiken. De gassnelheid wordt aangepast. De sproeier van de gasovenbrander vervangen: B C 1 Gasaansluitpunt (er is slechts één punt van toepassing voor het apparaat) 2 Pakking 3 Afstelbare aansluiting 4 Rubberen pijphouder LPG Het apparaat is ingesteld op standaardgas. Om de instelling te veranderen kiest u pijphouder nr. 4. Gebruik altijd de pakkingafdichting Vervangen van de sproeiers 1. Verwijder de pannensteunen. 2. Verwijder de doppen en kronen van de brander. 3. Verwijder de sproeiers met een moersleutel 7 en vervang ze door de sproeiers voor het type gas dat u wilt gebruiken. 4. Zet de onderdelen weer in elkaar; volg dezelfde procedure in omgekeerde volgorde uit. 5. Vervang het typeplaatje (bij de gasleiding) door het plaatje voor het nieuwe type gastoevoer. U vindt dit etiket in de verpakking van de sproeiers, die bijgeleverd is bij het apparaat. Als de gasdruk instelbaar is of afwijkt van de vereist druk, moet u een geschikte drukregelaar op de gasleiding installeren. 1. Verwijder de bodemplaat van de oven om bij de gasovenbrander te kunnen komen. 2. Draai de schroef ( B ) die de gasovenbrander op zijn plek houdt, los. 3. Duw de ovenbrander voorzichtig naar achteren. 4. Vervang het mondstuk ( C ) met een dopsleutel nr. 10. 5. Monteer de gasovenbrander in omgekeerde volgorde weer terug. 6. Vervang het typeplaatje (bij de gasleiding) door het plaatje voor het nieuwe type gastoevoer. Waarschuwing! Het bijstellen van de luchttoevoer van de gasovenbrander is niet noodzakelijk. Controleer de vlam. Als de vlam uit gaat, voert u de procedure van punt 1 tot en met punt 5 opnieuw uit. Er moet zich een kleine, regelmatige vlam rond de kroon van de gasovenbrander bevinden. De fabrikant ziet af van verantwoordelijkheid indien u de veiligheidsmaatregelen niet naleeft. Afstellen op verschillende soorten gas Afstelling van het minimumniveau Waarschuwing! Alleen een bevoegd persoon mag de afstelling op de verschillende typen gas uitvoeren. Het minimumniveau van de branders afstellen: 1. Steek de brander aan. 2. Draai de knop op de laagste stand. 12 3. Verwijder de bedieningsknop. 4. Pas de positie van de stelschroef aan met een platte schroevendraaier. Als u van aardgas 20 mbar overgaat op vloeibaar gas, draai de stelschroef dan helemaal dicht. Als u van vloeibaar gas overgaat op aardgas 20 mbar, draai de stelschroef dan ongeveer een kwartslag. 1 1 Stelschroef voor minimumniveau 5. Zorg ervoor dat de vlam niet uitgaat als u de knop snel van de hoogste naar de laagste stand draait. Afvoer Het symbool op het product of op de verpakking wijst erop dat dit product niet als huishoudafval mag worden behandeld, maar moet worden afgegeven bij een verzamelpunt waar elektrische en elektronische apparatuur wordt gerecycled. Als u ervoor zorgt dat dit product op de juiste manier wordt verwijderd, voorkomt u mogelijke negatieve gevolgen voor mens en milieu die zich zouden kunnen voordoen in geval van verkeerde afvalverwerking. Voor gedetailleerdere informatie over het recyclen van dit product, kunt u contact opnemen met de gemeente, de gemeentereiniging of de winkel waar u het product hebt gekocht. Verpakkingsmateriaal Het verpakkingsmateriaal is milieuvriendelijk en geschikt voor hergebruik. Kunststofonderdelen worden aangeduid met internationale afkortingen, zoals PE, PS, etc. Gooi het verpakkingsmateriaal weg in de daarvoor bestemde containers van uw vuilnisophaaldienst. Waarschuwing! Om ervoor te zorgen dat het apparaat geen gevaar oplevert, moet het onklaar gemaakt worden voordat u het weggooit. Trek de stekker uit het stopcontact en verwijder de voedingskabel van het apparaat. 13 www.zanussi.com 892942535-A-112009 U kan toebehoren, verbruiksprodukten en onderdelen bestellen via onze webwinkel op: www.zanussi.be
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52

Zanussi ZCG554GW Handleiding

Type
Handleiding