AL-KO 2000i Handleiding

Categorie
Stroomgeneratoren
Type
Handleiding
NL
Originele gebruikershandleiding
28
Benzinegenerator INVERTER 2000i
Inhoudsopgave
Over deze handleiding ................................................. 28
Productbeschrijving ..................................................... 28
Veiligheids- en beveiligingsvoorzieningen ................... 28
Productoverzicht .......................................................... 29
Veiligheidsinstructies ................................................... 30
Tanken ......................................................................... 31
Ingebruikname ............................................................. 32
Gebruik ........................................................................ 32
Opslag ......................................................................... 34
Transport ..................................................................... 35
Reparaties ................................................................... 35
Onderhoud en verzorging ............................................ 35
Verwijderen .................................................................. 36
Storingen oplossen ...................................................... 37
Garantie ....................................................................... 37
EG-conformiteitsverklaring .......................................... 38
Over deze handleiding
Lees deze documentatie vóór de ingebruikname
door. Dit is een voorwaarde voor veilig werken en
storingsvrij gebruik. Maak uzelf voor gebruik ver-
trouwd met de bedieningselementen en het gebruik
van de machine.
Neem de veiligheids- en waarschuwingsinstructies
in deze documentatie en op het apparaat in acht.
Deze documentatie vormt een vast onderdeel van
het beschreven product en moet bij verkoop aan de
koper worden overhandigd.
Verklaring van tekens
Let op!
Het nauwkeurig opvolgen van deze waarschu-
wingsinstructies kan letsel of materiële schade
voorkomen.
Speciale aanwijzingen voor meer duidelijkheid en
beter gebruik.
Het camerasymbool verwijst naar afbeeldingen.
Productbeschrijving
In deze documentatie worden diverse modellen benzine-
generatorenbeschreven.Identiceeruwmodelaande
hand van de productafbeeldingen en de beschrijving van
de verschillende opties.
Reglementair gebruik
Dit apparaat is bedoeld voor de aandrijving van gangbare
elektrische apparaten. Voor de aansluiting op stationaire
installaties, zoals verwarmingen en de stroomvoorzie-
ning voor een huis, camper of caravan, moet vooraf-
gaand eerst een elektricien worden geraadpleegd.
De generator wordt met loodvrije benzine aangedreven.
Als de generator wordt gestart, mogen er geen apparaten
op de generator aangesloten zijn.
Elke andere of verder strekkende toepassing wordt
beschouwd als niet overeenkomstig het gebruiksdoel.
Mogelijk foutief gebruik
Veiligheidsvoorzieningen mogen niet worden
gedemonteerd of overbrugd.
Het apparaat mag niet voor commercieel gebruik
worden ingezet.
Veiligheids- en beveiligingsvoorzieningen
Let op - letselrisico!
Veiligheidsfuncties en beveiligingen mogen niet
buiten werking worden gesteld!
29478 067_e
NL
Apparaat Bedieningspaneel (4)
1 Draaggreep 10 Olie-indicatielampje
2 Ontluchtingsventiel tankdop 11 Controlelampje overbelasting
3 Tankdop 12 Controlelampje wisselstroom (AC)
4 Bedieningspaneel 13 ESC (Engine Smart Control)
5 Starter met trekkoord 14 Draaischakelaar (STOP/START/CHOKE)
6 Motorafdekking 15 Stopcontact 230V
7 Ventilatierooster 16 Aardingsaansluiting
8 Uitlaatgasdemper 17 Gelijkstroomaansluiting (DC) 12V
9 Onderhoudsklep bougies 18 Gelijkstroom (DC) beveiligingsschakelaar
Symbolen op het apparaat
Let op!
Vereist extra voorzichtigheid tijdens gebruik.
Brandgevaar door brandstof of olie!
Lees voor de ingebruikname de gebruikershandlei-
ding door!
Laat het apparaat afkoelen, voordat u het
met brandstof of olie vult.
Risico op vergiftiging door uitlaatgassen! Draag een gehoorbescherming!
U mag het apparaat niet in afgesloten of slecht
geventileerde ruimten (bijv. garages) gebruiken.
De generator mag niet op het huislichtnet
worden aangesloten.
Let op! Gevaar door elektrische schok. Voordat u werkzaamheden aan het ap-
paraat uitvoert, moet u de bougiestekker
uittrekken.
Productoverzicht
1
2
3
4
5
9
8
7
6
10
11
12 13
14
15 16 17 18
NL
Originele gebruikershandleiding
30
Benzinegenerator INVERTER 2000i
Veiligheidsinstructies
Let op - levensgevaar!
Gebruik de generator niet bij regen, natheid of
een hoge luchtvochtigheid.
Let op!
Gebruik het apparaat uitsluitend in onbeschadig-
de toestand!
Let op - letselrisico!
Veiligheidsfuncties en beveiligingen mogen niet
buiten werking worden gesteld!
Pas op - brandgevaar!
Sla een volgetankt apparaat niet op in een
gebouw waarin benzinedampen worden blootge-
steld aan open vuur of vonken!
Houd vuil, benzine en olie buiten de directe omge-
ving van motor, uitlaat, accubak en brandstoftank.
Plaats geen brandbare of licht ontvlambare voor-
werpen of materialen in de buurt van de uitlaat.
Let op - verstikkingsgevaar!
U mag het apparaat niet in afgesloten of slecht
geventileerde ruimten (bijv. garages) gebruiken.
De uitlaatgassen bevatten giftige koolmonoxide
en andere schadelijke stoffen.
Let op!
De generator mag niet op het huislichtnet worden
aangesloten.
Let op! Risico op brandwonden!
Bepaalde onderdelen van de generator worden
tijdens het bedrijf erg heet en blijven ook na het
uitschakelen van het apparaat heet.
Uit de uitlaatgasdemper stromen hete uitlaat-
gassen.
Let op!
De generator moet veilig geaard zijn.
Houd anderen uit de buurt van de gevarenzone.
De gebruiker van het apparaat is verantwoordelijk
voor eventueel letsel bij derden en schade aan hun
eigendommen.
Kinderen of andere personen die de gebruikers-
handleiding niet kennen, mogen het apparaat niet
gebruiken.
Houd kinderen uit de buurt van het werkingsgebied
van het apparaat.
Neem de plaatselijke voorschriften in acht inzake
de minimumleeftijd van de bediener.
Bedien het apparaat niet als u onder invloed bent
van alcohol, drugs of geneesmiddelen.
Draad doelmatige werkkleding:
lange broek
stevige schoenen met antislipzool
gehoorbescherming
Bij gebruik op hellingen of oneffen ondergronden
moet u er altijd voor zorgen dat het apparaat
veilig en stevig staat.
Gebruik het apparaat alleen bij voldoende daglicht
of kunstmatige verlichting.
Neemdelandspeciekevoorschriftenvoorde
gebruiksduur in acht.
Laat het bedrijfsklare apparaat niet zonder toezicht
achter.
Gebruik het apparaat en de aan te sluiten apparaten
nooit als de beveiligingsvoorzieningen beschadigd
zijn.
Controleer het apparaat voor ieder gebruik op
beschadigingen en laat beschadigde onderdelen
vervangen.
Controleer het apparaat op beschadigingen en
voer de vereiste reparaties uit, voordat u het
opnieuw inschakelt.
Zet de motor af, wacht totdat het apparaat stilstaat
en trek de bougiestekker uit
als u het apparaat achterlaat;
na het optreden van storingen;
als het apparaat storingen of ongebruikelijke
vibraties vertoont;
voor het transport.
Sluit de bougiestekker aan en start de motor
na het verhelpen van storingen (zie storings-
tabel) en de controle van het apparaat;
na het reinigen van het apparaat.
U mag tijdens het bijvullen van benzine of motorolie
niet eten en drinken.
Adem de benzinedampen niet in.
31478 067_e
NL
U mag het apparaat nooit met lopende motor optil-
len of dragen.
Controleer voor gebruik of de moeren, schroeven
en bouten stevig vastzitten.
Gebruik het apparaat niet in onderaardse ruimten.
Gebruik geen blanke draad voor de aansluiting van
elektrische apparaten - gebruik hiervoor altijd een
geschikte kabel en stekker.
Let op de maximale kabellengte als u verlengkabels
of een mobiele verdeelkast gebruikt.
Let op de maximale kabellengte als u verleng-
kabels of een mobiele verdeelkast gebruikt.
bij 1,5 mm
2
max. 60 m
bij 2,5 mm
2
max. 100 m
Tanken
Voor de ingebruikname moet u het apparaat voltanken.
Waarschuwing - brandgevaar!
Benzine en olie zijn zeer makkelijk ontvlambaar!
Bedrijfsmiddelen
Benzine Motorolie
Soort
Normale benzine /
loodvrij
SAE 10W-30
Vulhoe-
veelheid
4 l 0,35 l
Veiligheid
Waarschuwing!
Laat de motor nooit draaien in een afgesloten
ruimte. Risico op vergiftiging!
Bewaar benzine en olie uitsluitend in de daarvoor
bedoelde vaten.
Vul en ledig benzine en olie alleen bij een koude
motor en buiten.
Vul benzine en olie niet bij een lopende motor.
U mag de tank niet overvullen (benzine zet uit).
Niet roken tijdens het bijvullen van brandstof.
Open de tankdop niet terwijl de motor draait of nog
heet is.
Vervang de tank of de tankdop bij beschadigingen.
Sluit het tankdeksel altijd stevig.
Wanneer er benzine is uitgelopen:
De motor niet starten.
Voorkom startpogingen.
Het apparaat reinigen.
Laat de motor voor een nieuwe vulling met
benzine afkoelen en voorkom morsen.
Gemorste brandstof kan op kunststofonderdelen
tot beschadigingen leiden. Veeg de brandstof
meteen weg. De garantie dekt geen door brand-
stof op de kunststofonderdelen veroorzaakte
schade.
Wanneer er motorolie is uitgelopen:
De motor niet starten.
Uitgelopen olie met oliebindmiddel of een doek
opzuigen en volgens de richtlijnen verwijderen.
Het apparaat reinigen.
Afgewerkte olie niet:
via het huisvuil verwijderen;
via de riolering, de afvoer of op de grond
uitgieten.
Geef afgewerkte olie in een gesloten reservoir bij een
recyclingcentrum of een klantenservice af.
Tanken
Benzine bijvullen ( 2)
Let op - explosiegevaar!
Niet roken en voorkom open vlammen bij de
hantering van benzine.
1. Schroef de tankdop af.
2. Vul de benzine met een trechter bij.
alleen tot aan de rode lijn bijvullen ( 2/1)
max. vulstand ( 2/2)
3. Sluit de tankvulopening stevig af en reinig deze.
Motorolie bijvullen ( 4)
1. Plaats het apparaat op een effen ondergrond.
2. Draai de schroeven los ( 3/1).
NL
Originele gebruikershandleiding
32
Benzinegenerator INVERTER 2000i
3. Verwijder de motorafdekking ( 3/2).
4. Schroef het olievuldeksel los en leg de sluiting op
een schone plaats neer. ( 4/1)
5. Vul de olie met een trechter bij ( 5).
Let op de max. vulstand ( 6)
6. Sluit de olievuldeksel stevig af en reinig deze.
7. Plaats de motorafdekking weer terug en schroef
deze vast.
Ingebruikname
Let op!
De generator moet veilig geaard zijn.
Het camerasymbool op de volgende pagina's
verwijst naar afbeeldingen op de voorste pagina's.
Apparaat aarden
Let op - elektrische schok!
Gebruik geen blanke draad voor het aarden.
Let op!
De generator moet veilig geaard zijn.
Gebruik voor de aarding een aardingsdraad met
een diameter van minimaal 2,5 mm
2
.
Aardingsdraad aansluiten ( 1)
1. Duw één uiteinde van de aardingsdraad onder de
moer van de aardingsklem ( 1/1).
2. Fixeer de aardingsdraad door de moer vast aan te
trekken.
3. Sluit het andere uiteinde van de aardingsdraad op
een aardingsnagel (bijv. metalen staaf) aan.
4. Steek de aardingsnagel stevig in de grond.
Choke ( 7)
1. Bij een koude start moet u de draaiknop instellen
op "CHOKE".
2. Als het apparaat warm is, stelt u de draaiknop in
op "ON".
Het starten van de motor
Let op - vergiftigingsrisico!
Laat de motor nooit draaien in een afgesloten
ruimte.
Let op - letselrisico!
Let op - terugslagrisico!
Het trekkoord kan sneller naar de motor terug-
springen dan dat het koord kan worden losge-
laten.
1. Stel de ESC-schakelaar in op "OFF" ( 8).
2. Stel het ontluchtingsventiel van de tankdop in op
"ON" ( 9).
3. Bij een koude start moet u de draaiknop instellen
op "CHOKE" ( 7).
De "CHOKE"-positie is niet nodig als de motor al
de bedrijfstemperatuur heeft bereikt. In dit geval
stelt u de draaiknop in op "ON".
Let op!
Houd de generator bij het starten met één hand
aan de draaggreep vast, zodat hij bij een start-
poging niet kan verschuiven of omvallen.
4. Trek het trekkoord langzaam uit het apparaat totdat
het gespannen is.
5. Trek het trekkoord vlot uit en laat het vervolgens
weer rustig terugrollen ( 10).
Volg de instructies onder Choke als het apparaat
ook bij de tweede startpoging niet wil aanslaan.
Bij het starten van de motor met ESC "ON" en
geen aangesloten verbruikers
zal de motor bij een omgevingstemperatuur
van onder 0 ° C bij een nominaal toerental
(5000 min
-1
) gedurende 5 minuten lopen,
zodat de motor warm draait.
zal de motor bij een omgevingstemperatuur
van onder 5 ° C bij een nominaal toerental
(5000 min
-1
) gedurende 3 minuten lopen,
zodat de motor warm draait.
Na deze periode regelt de ESC het motortoerental,
afhankelijk van de aangesloten apparaten en
de hiermee gepaard gaande belasting, tot een
dienovereenkomstig bedrijfstoerental.
Gebruik
Draai ongeveer na 30 seconden na de start de draaiknop
van "CHOKE" naar "ON" terug ( 11) .
33478 067_e
NL
Olie-indicatielampje (rood) ( 15/1)
Als het oliepeil onder het minimum daalt, gaat het olie-
indicatielampje branden en stopt de motor automatisch.
Om de motor weer te kunnen starten, moet u eerst olie
bijvullen.
Controlelampje overbelasting (rood) ( 15/2)
Het controlelampje overbelasting gaat branden als een
overbelasting door een aangesloten apparaat wordt
gedetecteerd, als de inverter-besturingseenheid overver-
hit raakt of als de wisselstroom uitgangsspanning stijgt.
De wisselstroombeveiliging wordt geactiveerd. Hierdoor
wordt de stroomgenerering gestopt om de generator en
alle aangesloten elektrische apparaten te beschermen.
Het wisselstroom (AC) controlelampje (groen) ( 15/3)
brandt niet meer. De stroomgenerering wordt onderbro-
ken, de motor draait verder.
1. Schakel alle aangesloten elektrische apparaten uit.
2. Zet de motor uit.
3. Verlaag het totale vermogen van de aangeslo-
ten elektrische apparaten binnen het nominale
uitgangsvermogen.
4. Controleer het ventilatierooster en het bedie-
ningspaneel op vuil en verwijder dit indien nodig.
5. Zet de motor na de controle weer aan.
Bij het gebruik van elektrische apparaten (bijv.
compressor of een dompelpomp) waarvoor een
hoge aanloopstroom is vereist, kan het controle-
lampje voor de overbelasting enkele seconden
gaan branden. Dit wijst echter niet op een defect.
Wisselstroom (AC) controlelampje (groen)
( 15/3)
Het wisselstroom (AC) controlelampje brandt als de
motor draait en er stroom wordt geproduceerd.
Gelijkstroom (DC) beveiligingsschakelaar
( 16)
De gelijkstroom (DC) beveiligingsschakelaar schakelt
automatisch over op "OFF" ( 16/2) als er elektrische
verbruikers op de generator zijn aangesloten en het
elektrische vermogen boven het primaire vermogen ligt.
Als u het apparaat weer wilt gebruiken, schakelt u de
gelijkstroom (DC) beveiligingsschakelaar door een druk
op toets "ON" ( 16/1) weer in.
Let op!
Als de gelijkstroom (DC) beveiligingsschakelaar
naar "OFF" overschakelt, moet u het totale ver-
mogen van alle aangesloten verbruikers verlagen
tot het max. nominale vermogen (DC) van de
generator. Als de gelijkstroom (DC) beveiligings-
schakelaar op "OFF" blijft staan, dient u contact
op te nemen met uw AL-KO servicewerkplaats.
ESC (Engine Smart Control) ( 8)
"ON"
Als de ESC-schakelaar overschakelt op "ON", regelt het
Economy-besturingsapparaat het motortoerental afhan-
kelijk van het vermogen van de aangesloten elektrische
apparaten. Het resultaat: een lager brandstofverbruik en
minder herrie.
"OFF"
Als de ESC-schakelaar overschakelt op "OFF", draait de
motor op het nominale toerental (5000min
-1
) onafhanke-
lijk van het feit of er al dan niet elektrische apparaten zijn
aangesloten.
De ESC-schakelaar moet op "OFF" staan als er
elektrische apparaten (bijv. een compressor of
een dompelpomp) met een hoge aanloopstroom
zijn aangesloten.
Stroomverbruiker op wisselstroom (AC)
aansluiten
Let op!
Het totale vermogen van alle aangesloten ver-
bruikers mag het max. nominale vermogen van
de generator niet overschrijden
1. Controleer of het wisselstroom (AC) controlelampje
brandt.
2. Sluit de verbruiker aan op het stopcontact van de
generator.
Als meerdere verbruikers op de generator wor-
den aangesloten, dient u de eerste verbruiker
(verbruiker met het hoogste vermogen) aan te
sluiten en in te schakelen en daarna de volgende
verbruiker aan te sluiten en in te schakelen.
NL
Originele gebruikershandleiding
34
Benzinegenerator INVERTER 2000i
Stroomverbruiker loskoppelen
1. Koppel de verbruiker los van het stopcontact van
de generator.
(Auto) accu 12 Volt aansluiten om op te laden
Let op - explosiegevaar!
Verwissel de laadkabels bij het aansluiten op de
accu niet.
Let op
Raadpleeg de informatie van de accufabrikant
voor het laden van de accu.
2. Start de motor.
3. Sluit de acculaadkabel op de gelijkstroomaanslui-
ting (DC) 12V aan.
4. Verbind de rode laadkabel met de + pool van de
accu.
5. Verbind de zwarte laadkabel met de - pool van
de accu.
6. Stel de ESC-schakelaar in op "OFF“ om het
laadproces te starten.
Motor uitschakelen
Schakel de motor pas uit, nadat de generator 30
seconden zonder belasting (zonder aangesloten
verbruikers) heeft gedraaid.
1. Stel de ESC-schakelaar in op "OFF" ( 12).
2. Koppel de verbruiker los van het stopcontact van
de generator.
3. Draai de draaischakelaar terug naar "OFF" ( 13).
4. Stel het ontluchtingsventiel van de tankdop in op
"OFF" ( 14).
Opslag
Pas op - brandgevaar!
Berg het apparaat niet op in de buurt van open
vuur of warmtebronnen.
Draai de draaischakelaar naar "OFF" ( 13).
Laat de motor afkoelen.
Bewaar het apparaat op een plek die ontoeganke-
lijk is voor kinderen en onbevoegde personen.
Ledig de benzinetank.
Trek de bougiestekker uit.
Benzinetank ledigen
Let op - explosiegevaar!
Volgetankte apparaten kunnen tijdens de opslag
benzinedampen afgeven!
Door de verdamping kunnen benzineresten in de
carburateur tot verklevingen van onderdelen lei-
den en op deze manier defecten veroorzaken.
5. Open de tankdop.
6. Verwijder de zeef in de brandstoftank.
7. Laat de benzine met behulp van een gangbare
brandstofpomp in een geschikte jerrycan lopen
( 17).
Generator afdekken
1. Plaats de generator op een schone, droge plaats
die is beschermd tegen natheid en vocht.
2. Dek de generator met geschikte middelen af,
zodat er geen vuil en stof in het apparaat terecht
kan komen.
35478 067_e
NL
Transport
Let op!
Om te voorkomen dat er benzine of olie uitloopt,
moet de generator altijd veilig en rechtop in de
normale bedrijfspositie worden getransporteerd.
Let op - explosiegevaar!
Volgetankte apparaten kunnen tijdens het trans-
port benzinedampen afgeven!
3. Til de generator aan de draaggreep op en transpor-
teer hem ook aan de draaggreep.
Reparaties
Reparatiewerkzaamheden mogen alleen in servicewerk-
plaatsen van AL-KO of bij geautoriseerde montagebe-
drijven worden uitgevoerd.
Onderhoud en verzorging
Let op - letselrisico!
Voor alle onderhouds- en verzorgingswerk-
zaamheden moet de motor worden uitge-
schakeld en moet de bougiestekker worden
uitgetrokken.
De motor kan nalopen. Controleer na het uit-
schakelen of de motor echt stilstaat.
U moet het apparaat na elk gebruik reinigen.
U mag het apparaat niet met water afspuiten.
Binnendringend water kan tot storingen leiden (ont-
steking, carburateur, elektrische onderdelen).
Defecte geluidsdempers moet u altijd vervangen.
Olie verversen
1. Plaats het apparaat op een effen ondergrond.
2. Start de motor en laat hem ongeveer 5 minuten
draaien.
3. Draai de draaischakelaar naar "OFF" ( 13).
4. Stel het ontluchtingsventiel van de tankdop in op
"OFF" ( 14).
Let op! Risico op brandwonden!
Bepaalde onderdelen van de generator worden
tijdens het bedrijf erg heet en blijven ook na het
uitschakelen van het apparaat heet.
Uit de uitlaatgasdemper stromen hete uitlaat-
gassen.
5. Draai de schroeven los ( 3/1).
6. Verwijder de motorafdekking ( 3/2).
7. Schroef het olievuldeksel los en leg de sluiting op
een schone plaats neer ( 4/1).
8. Plaats een opvangbak voor de olie onder het
apparaat.
9. Kantel de generator om de olie volledig te laten
uitlopen.
10. Plaats het apparaat terug op een effen oppervlak.
Let op de vulhoeveelheid en het soort olie (zie
bedrijfsmiddelen).
Let op!
U mag de generator tijdens het bijvullen van
olie niet kantelen - als u de max. vulstand
overschrijdt, kan hierdoor de motor beschadigd
raken.
11. Vul nieuwe motorolie bij ( 5), let op de max.
vulstand ( 6).
Wanneer er motorolie is uitgelopen:
De motor niet starten.
Uitgelopen olie met oliebindmiddel of een doek
opzuigen en volgens de richtlijnen verwijderen.
Het apparaat reinigen.
12. Sluit de olievuldeksel stevig af en reinig deze.
13. Plaats de motorafdekking weer terug en schroef
deze vast.
Afgewerkte olie niet:
via het huisvuil verwijderen;
via de riolering, de afvoer of op de grond
uitgieten.
Geef afgewerkte olie in een gesloten reservoir bij een
recyclingcentrum of een klantenservice af.
NL
Originele gebruikershandleiding
36
Benzinegenerator INVERTER 2000i
Zeef brandstoftank reinigen ( 18)
Let op - explosiegevaar!
Niet roken en voorkom open vlammen bij de
hantering van benzine.
1. Schroef de tankdop af.
2. Verwijder de zeef in de brandstoftank.
3. Reinig de zeef met benzine.
4. Wrijf de zeef droog.
5. Plaats de zeef terug.
Wanneer er benzine is uitgelopen:
De motor niet starten.
Voorkom startpogingen.
Het apparaat reinigen.
Laat de motor voor een nieuwe vulling met
benzine afkoelen en voorkom morsen.
Gemorste brandstof kan op kunststofonder-
delen tot beschadigingen leiden. Veeg de
brandstof meteen weg. De garantie dekt geen
door brandstof op de kunststofonderdelen ver-
oorzaakte schade.
6. Sluit de brandstoftankopening stevig af.
Bougie vervangen
1. Verwijder de afdekking op de behuizing ( 19/1).
2. Trek de bougiestekker uit ( 19/2).
3. Plaats de bougiesleutel ( 20/4) door de opening
op de bougie.
4. Steek de draaistang ( 20/3) door de bougie-
sleutel ( 20/4).
5. Schroef de bougie door draaien van de bougie-
sleutel los.
6. Plaats een nieuwe bougie.
Let op het type bougie
(zie technische gegevens).
7. Schroef de bougie met de bougiesleutel vast.
Let op het draaimoment! 20 Nm
8. Verwijder de bougiesleutel.
9. Plaats de afdekking op de behuizing terug.
Onderhoudsintervallen
Vooraf aan elk gebruik
Motoroliepeil controleren
Luchtltercontroleren
Visuele inspectie op beschadigingen
Na 20 bedrijfsuren of na 1 maand na de ingebruikname
Olie verversen
Na elke 100 bedrijfsuren of na elke 6 maanden
Luchtlterreinigen
2)
Olie verversen
Bougie reinigen
Na elke 300 bedrijfsuren of eenmaal per jaar
Bougie vervangen
Klepspeling afstellen
1)
Extra na elke 300 bedrijfsuren
Cilinderkop reinigen
1)
Brandstoftankenbrandstoflterschoonspoelen
1)
Benzineslang vervangen
1)
1)
Dit onderhoud mag alleen worden uitgevoerd in
servicewerkplaatsen en door erkende, gespecialiseerde
bedrijven.
2)
Bij gebruik van de generator in een natte of zeer vuile
omgeving, moet het interval eerder of vaker worden
uitgevoerd.
Verwijderen
Afgedankte apparaten, batterijen of accu´s
mogen niet via het huishoudelijk afval wor-
den afgevoerd!
Verpakking, apparaat en toebehoren zijn vervaardigd
van materialen die voor hergebruik geschikt zijn. Verwij-
der deze daarom dienovereenkomstig.
37478 067_e
NL
Garantie
Eventueel binnen de wettelijke termijn voor aansprakelijkheid optredende materiaal- of fabricagefouten van het appa-
raat worden naar eigen oordeel door ons verholpen, hetzij door reparatie of door levering van een vervangend apparaat.
De geldende termijn voor aansprakelijkheid hangt in elk geval af van de wetgeving in het land waarin het apparaat werd
aangeschaft.
Onze garantie geldt alleen bij: De garantie vervalt bij:
reglementair gebruik van het apparaat.
naleving van de gebruiksaanwijzing.
toepassing van originele onderdelen.
reparatiepogingen aan het apparaat.
technische wijzigingen aan het apparaat.
niet-reglementair gebruik (bijv. commercieel of
gemeenschappelijk gebruik).
Van de garantie zijn uitgesloten:
lakschade opgetreden als gevolg van normaal gebruik.
slijtageonderdelen die op de reserveonderdelenkaart met een kader xxx xxx
(
x
)
zijn aangeduid.
verbrandingsmotoren – hierop zijn de afzonderlijke garantiebepalingen van toepassing van de betreffende motorfabrikant.
Bij een aanspraak op garantie moet u zich met deze garantieverklaring en uw kassabon wenden tot uw dealer of tot de
dichtstbijzijnde klantenservice. Deze garantietoezegging laat het vorderingsrecht van de koper op de verkoper wegens
defecten aan het apparaat onverlet.
┌──────┐
└──────┘
Storingen oplossen
Storing Oplossing
Motor slaat niet aan. Benzine bijvullen.
Bij een koude start moet u de draaiknop instellen op "CHOKE".( 7).
Stel het ontluchtingsventiel van de tankdop in op "ON" ( 9).
Olie-indicatielampje brandt - olie bijvullen ( 15/1).
Bougie controleren en eventueel vervangen.
Luchtlterreinigen.
Stroomverbruiker loskoppelen.
Motorvermogen is onvol-
doende.
Luchtlterreinigen.
Totaal vermogen van verbruiker is hoger dan max. nominaal vermogen.
Geen stroomgenerering. Wisselstroom (AC) controlelampje brandt niet ( 15/3) - start de motor opnieuw.
Stel de gelijkstroom (DC) beveiligingsschakelaar "OFF" op "ON" in.
Bij storingen die niet in deze tabel worden vermeld of in geval van storingen die u niet zelf kunt oplossen, neemt
u contact op met onze verantwoordelijke klantenservice.
NL
Originele gebruikershandleiding
38
Benzinegenerator INVERTER 2000i
EG-conformiteitsverklaring
Hierbij verklaren wij dat dit product in de door ons in het handelsverkeer gebrachte uitvoering
voldoet aan de geharmoniseerde EU-richtlijnen, EU-veiligheidsstandaarden
endeproductspeciekestandaarden.
Product
Benzinegenerator
Serienummer
G4990012
Fabrikant
AL-KO Geräte GmbH
Ichenhauser Str. 14
89359 KOETZ
DUITSLAND
Gevolmachtigde
Andreas Hedrich
Ichenhauser Str. 14
89359 KOETZ
DUITSLAND
Type
AL-KO 2000i
EU-richtlijnen
2006/42/EG
2014/35/EU
2014/30/EU
2000/14/EG
2011/65/EG
Geharmoniseerde normen
EN ISO 8528:2016
EN 60204-1:2006+A1:2009
EN 55012:2007+A1:2009
EN 61000-6-1:2007
Geluidsniveau
EN ISO 3744
gemeten / gegarandeerd
84dB(A) / 86dB(A)
Beoordeling van conformiteit
2000/14/EG Bijlage VI
Aangemelde instantie
SociétéNationaledeCerticati-
on et d’Homologation
11, route de Luxembourg
L-5230 Sandweiler
No. 0499
Kötz, 2017-02-01
Wolfgang Hergeth, Managing Director

Documenttranscriptie

NL Benzinegenerator INVERTER 2000i Over deze handleiding Productbeschrijving „„ Lees deze documentatie vóór de ingebruikname door. Dit is een voorwaarde voor veilig werken en storingsvrij gebruik. Maak uzelf voor gebruik vertrouwd met de bedieningselementen en het gebruik van de machine. In deze documentatie worden diverse modellen benzinegeneratoren beschreven. Identificeer uw model aan de hand van de productafbeeldingen en de beschrijving van de verschillende opties. „„ Neem de veiligheids- en waarschuwingsinstructies in deze documentatie en op het apparaat in acht. „„ Deze documentatie vormt een vast onderdeel van het beschreven product en moet bij verkoop aan de koper worden overhandigd. Verklaring van tekens Let op! Het nauwkeurig opvolgen van deze waarschuwingsinstructies kan letsel of materiële schade voorkomen. Speciale aanwijzingen voor meer duidelijkheid en beter gebruik. Het camerasymbool verwijst naar afbeeldingen. Reglementair gebruik Dit apparaat is bedoeld voor de aandrijving van gangbare elektrische apparaten. Voor de aansluiting op stationaire installaties, zoals verwarmingen en de stroomvoorziening voor een huis, camper of caravan, moet voorafgaand eerst een elektricien worden geraadpleegd. De generator wordt met loodvrije benzine aangedreven. Als de generator wordt gestart, mogen er geen apparaten op de generator aangesloten zijn. Elke andere of verder strekkende toepassing wordt beschouwd als niet overeenkomstig het gebruiksdoel. Mogelijk foutief gebruik „„ Veiligheidsvoorzieningen mogen niet worden gedemonteerd of overbrugd. „„ Het apparaat mag niet voor commercieel gebruik worden ingezet. Inhoudsopgave Over deze handleiding.................................................. 28 Productbeschrijving...................................................... 28 Veiligheids- en beveiligingsvoorzieningen.................... 28 Veiligheids- en beveiligingsvoorzieningen Let op - letselrisico! Veiligheidsfuncties en beveiligingen mogen niet buiten werking worden gesteld! Productoverzicht........................................................... 29 Veiligheidsinstructies.................................................... 30 Tanken.......................................................................... 31 Ingebruikname.............................................................. 32 Gebruik......................................................................... 32 Opslag.......................................................................... 34 Transport...................................................................... 35 Reparaties.................................................................... 35 Onderhoud en verzorging............................................. 35 Verwijderen................................................................... 36 Storingen oplossen....................................................... 37 Garantie........................................................................ 37 EG-conformiteitsverklaring........................................... 38 28 Originele gebruikershandleiding NL Productoverzicht 1 9 2 3 8 6 5 10 11 12 13 14 7 4 15 Apparaat 16 17 18 Bedieningspaneel (4) 1 Draaggreep 10 Olie-indicatielampje 2 Ontluchtingsventiel tankdop 11 Controlelampje overbelasting 3 Tankdop 12 Controlelampje wisselstroom (AC) 4 Bedieningspaneel 13 ESC (Engine Smart Control) 5 Starter met trekkoord 14 Draaischakelaar (STOP/START/CHOKE) 6 Motorafdekking 15 Stopcontact 230V 7 Ventilatierooster 16 Aardingsaansluiting 8 Uitlaatgasdemper 17 Gelijkstroomaansluiting (DC) 12V 9 Onderhoudsklep bougies 18 Gelijkstroom (DC) beveiligingsschakelaar Symbolen op het apparaat Let op! Vereist extra voorzichtigheid tijdens gebruik. Lees voor de ingebruikname de gebruikershandleiding door! Risico op vergiftiging door uitlaatgassen! U mag het apparaat niet in afgesloten of slecht geventileerde ruimten (bijv. garages) gebruiken. Let op! Gevaar door elektrische schok. 478 067_e Brandgevaar door brandstof of olie! Laat het apparaat afkoelen, voordat u het met brandstof of olie vult. Draag een gehoorbescherming! De generator mag niet op het huislichtnet worden aangesloten. Voordat u werkzaamheden aan het apparaat uitvoert, moet u de bougiestekker uittrekken. 29 NL Benzinegenerator INVERTER 2000i Veiligheidsinstructies Let op - levensgevaar! Gebruik de generator niet bij regen, natheid of een hoge luchtvochtigheid. „„ Neem de plaatselijke voorschriften in acht inzake de minimumleeftijd van de bediener. Let op! „„ Bedien het apparaat niet als u onder invloed bent van alcohol, drugs of geneesmiddelen. Gebruik het apparaat uitsluitend in onbeschadigde toestand! „„ Draad doelmatige werkkleding: „„ lange broek Let op - letselrisico! „„ stevige schoenen met antislipzool Veiligheidsfuncties en beveiligingen mogen niet buiten werking worden gesteld! „„ gehoorbescherming Pas op - brandgevaar! Sla een volgetankt apparaat niet op in een gebouw waarin benzinedampen worden blootgesteld aan open vuur of vonken! Houd vuil, benzine en olie buiten de directe omgeving van motor, uitlaat, accubak en brandstoftank. Plaats geen brandbare of licht ontvlambare voorwerpen of materialen in de buurt van de uitlaat. Let op - verstikkingsgevaar! U mag het apparaat niet in afgesloten of slecht geventileerde ruimten (bijv. garages) gebruiken. De uitlaatgassen bevatten giftige koolmonoxide en andere schadelijke stoffen. Let op! De generator mag niet op het huislichtnet worden aangesloten. Let op! Risico op brandwonden! Bepaalde onderdelen van de generator worden tijdens het bedrijf erg heet en blijven ook na het uitschakelen van het apparaat heet. Uit de uitlaatgasdemper stromen hete uitlaatgassen. Let op! De generator moet veilig geaard zijn. „„ Houd anderen uit de buurt van de gevarenzone. „„ De gebruiker van het apparaat is verantwoordelijk voor eventueel letsel bij derden en schade aan hun eigendommen. „„ Kinderen of andere personen die de gebruikershandleiding niet kennen, mogen het apparaat niet gebruiken. 30 „„ Houd kinderen uit de buurt van het werkingsgebied van het apparaat. „„ Bij gebruik op hellingen of oneffen ondergronden „„ moet u er altijd voor zorgen dat het apparaat veilig en stevig staat. „„ Gebruik het apparaat alleen bij voldoende daglicht of kunstmatige verlichting. „„ Neem de landspecifieke voorschriften voor de gebruiksduur in acht. „„ Laat het bedrijfsklare apparaat niet zonder toezicht achter. „„ Gebruik het apparaat en de aan te sluiten apparaten nooit als de beveiligingsvoorzieningen beschadigd zijn. „„ Controleer het apparaat voor ieder gebruik op beschadigingen en laat beschadigde onderdelen vervangen. Controleer het apparaat op beschadigingen en voer de vereiste reparaties uit, voordat u het opnieuw inschakelt. „„ Zet de motor af, wacht totdat het apparaat stilstaat en trek de bougiestekker uit „„ als u het apparaat achterlaat; „„ na het optreden van storingen; „„ als het apparaat storingen of ongebruikelijke vibraties vertoont; „„ voor het transport. „„ Sluit de bougiestekker aan en start de motor „„ na het verhelpen van storingen (zie storingstabel) en de controle van het apparaat; „„ na het reinigen van het apparaat. „„ U mag tijdens het bijvullen van benzine of motorolie niet eten en drinken. „„ Adem de benzinedampen niet in. Originele gebruikershandleiding NL „„ U mag het apparaat nooit met lopende motor optillen of dragen. „„ Vervang de tank of de tankdop bij beschadigingen. „„ Controleer voor gebruik of de moeren, schroeven en bouten stevig vastzitten. „„ Wanneer er benzine is uitgelopen: „„ Gebruik het apparaat niet in onderaardse ruimten. „„ Gebruik geen blanke draad voor de aansluiting van elektrische apparaten - gebruik hiervoor altijd een geschikte kabel en stekker. „„ Let op de maximale kabellengte als u verlengkabels of een mobiele verdeelkast gebruikt. Let op de maximale kabellengte als u verlengkabels of een mobiele verdeelkast gebruikt. bij 1,5 mm2 max. 60 m „„ Sluit het tankdeksel altijd stevig. „„ De motor niet starten. „„ Voorkom startpogingen. „„ Het apparaat reinigen. „„ Laat de motor voor een nieuwe vulling met benzine afkoelen en voorkom morsen. „„ Gemorste brandstof kan op kunststofonderdelen tot beschadigingen leiden. Veeg de brandstof meteen weg. De garantie dekt geen door brandstof op de kunststofonderdelen veroorzaakte schade. „„ Wanneer er motorolie is uitgelopen: bij 2,5 mm2 max. 100 m „„ De motor niet starten. Tanken Voor de ingebruikname moet u het apparaat voltanken. „„ Uitgelopen olie met oliebindmiddel of een doek opzuigen en volgens de richtlijnen verwijderen. „„ Het apparaat reinigen. Waarschuwing - brandgevaar! Afgewerkte olie niet: Benzine en olie zijn zeer makkelijk ontvlambaar! „„ via het huisvuil verwijderen; „„ via de riolering, de afvoer of op de grond uitgieten. Bedrijfsmiddelen Benzine Motorolie Soort Normale benzine / SAE 10W-30 loodvrij Vulhoeveelheid 4l 0,35 l Veiligheid Waarschuwing! Laat de motor nooit draaien in een afgesloten ruimte. Risico op vergiftiging! „„ Bewaar benzine en olie uitsluitend in de daarvoor bedoelde vaten. „„ Vul en ledig benzine en olie alleen bij een koude motor en buiten. „„ Vul benzine en olie niet bij een lopende motor. „„ U mag de tank niet overvullen (benzine zet uit). „„ Niet roken tijdens het bijvullen van brandstof. „„ Open de tankdop niet terwijl de motor draait of nog heet is. 478 067_e Geef afgewerkte olie in een gesloten reservoir bij een recyclingcentrum of een klantenservice af. Tanken Benzine bijvullen ( 2) Let op - explosiegevaar! Niet roken en voorkom open vlammen bij de hantering van benzine. 1. Schroef de tankdop af. 2. Vul de benzine met een trechter bij. „„ alleen tot aan de rode lijn bijvullen ( „„ max. vulstand ( 2/1) 2/2) 3. Sluit de tankvulopening stevig af en reinig deze. Motorolie bijvullen ( 4) 1. Plaats het apparaat op een effen ondergrond. 2. Draai de schroeven los ( 3/1). 31 NL Benzinegenerator INVERTER 2000i 3. Verwijder de motorafdekking ( 3/2). 4. Schroef het olievuldeksel los en leg de sluiting op een schone plaats neer. ( 4/1) 5. Vul de olie met een trechter bij ( Let op de max. vulstand ( 5). 6) 6. Sluit de olievuldeksel stevig af en reinig deze. 7. Plaats de motorafdekking weer terug en schroef deze vast. Ingebruikname Let op! De generator moet veilig geaard zijn. Het camerasymbool op de volgende pagina's verwijst naar afbeeldingen op de voorste pagina's. Apparaat aarden Let op - elektrische schok! Let op - letselrisico! Let op - terugslagrisico! Het trekkoord kan sneller naar de motor terugspringen dan dat het koord kan worden losgelaten. 1. Stel de ESC-schakelaar in op "OFF" ( 3. Bij een koude start moet u de draaiknop instellen op "CHOKE" ( 7). De "CHOKE"-positie is niet nodig als de motor al de bedrijfstemperatuur heeft bereikt. In dit geval stelt u de draaiknop in op "ON". Let op! Houd de generator bij het starten met één hand aan de draaggreep vast, zodat hij bij een startpoging niet kan verschuiven of omvallen. Gebruik geen blanke draad voor het aarden. 4. Trek het trekkoord langzaam uit het apparaat totdat het gespannen is. Let op! 5. Trek het trekkoord vlot uit en laat het vervolgens weer rustig terugrollen ( 10). De generator moet veilig geaard zijn. Gebruik voor de aarding een aardingsdraad met een diameter van minimaal 2,5 mm2. Aardingsdraad aansluiten ( 1) 1. Duw één uiteinde van de aardingsdraad onder de moer van de aardingsklem ( 1/1). 2. Fixeer de aardingsdraad door de moer vast aan te trekken. 3. Sluit het andere uiteinde van de aardingsdraad op een aardingsnagel (bijv. metalen staaf) aan. Volg de instructies onder Choke als het apparaat ook bij de tweede startpoging niet wil aanslaan. Bij het starten van de motor met ESC "ON" en geen aangesloten verbruikers ▪▪ zal de motor bij een omgevingstemperatuur van onder 0 ° C bij een nominaal toerental (5000 min-1) gedurende 5 minuten lopen, zodat de motor warm draait. ▪▪ zal de motor bij een omgevingstemperatuur van onder 5 ° C bij een nominaal toerental (5000 min-1) gedurende 3 minuten lopen, zodat de motor warm draait. 4. Steek de aardingsnagel stevig in de grond. Choke ( 7) 1. Bij een koude start moet u de draaiknop instellen op "CHOKE". 2. Als het apparaat warm is, stelt u de draaiknop in op "ON". Het starten van de motor Let op - vergiftigingsrisico! Laat de motor nooit draaien in een afgesloten ruimte. 32 8). 2. Stel het ontluchtingsventiel van de tankdop in op "ON" ( 9). Na deze periode regelt de ESC het motortoerental, afhankelijk van de aangesloten apparaten en de hiermee gepaard gaande belasting, tot een dienovereenkomstig bedrijfstoerental. Gebruik Draai ongeveer na 30 seconden na de start de draaiknop van "CHOKE" naar "ON" terug ( 11) . Originele gebruikershandleiding NL Olie-indicatielampje (rood) ( 15/1) Als het oliepeil onder het minimum daalt, gaat het olieindicatielampje branden en stopt de motor automatisch. Om de motor weer te kunnen starten, moet u eerst olie bijvullen. Controlelampje overbelasting (rood) ( Als u het apparaat weer wilt gebruiken, schakelt u de gelijkstroom (DC) beveiligingsschakelaar door een druk op toets "ON" ( 16/1) weer in. Let op! Als de gelijkstroom (DC) beveiligingsschakelaar naar "OFF" overschakelt, moet u het totale vermogen van alle aangesloten verbruikers verlagen tot het max. nominale vermogen (DC) van de generator. Als de gelijkstroom (DC) beveiligingsschakelaar op "OFF" blijft staan, dient u contact op te nemen met uw AL-KO servicewerkplaats. 15/2) Het controlelampje overbelasting gaat branden als een overbelasting door een aangesloten apparaat wordt gedetecteerd, als de inverter-besturingseenheid oververhit raakt of als de wisselstroom uitgangsspanning stijgt. De wisselstroombeveiliging wordt geactiveerd. Hierdoor wordt de stroomgenerering gestopt om de generator en alle aangesloten elektrische apparaten te beschermen. Het wisselstroom (AC) controlelampje (groen) ( 15/3) brandt niet meer. De stroomgenerering wordt onderbroken, de motor draait verder. ESC (Engine Smart Control) ( 8) "ON" 1. Schakel alle aangesloten elektrische apparaten uit. Als de ESC-schakelaar overschakelt op "ON", regelt het Economy-besturingsapparaat het motortoerental afhankelijk van het vermogen van de aangesloten elektrische apparaten. Het resultaat: een lager brandstofverbruik en minder herrie. 2. Zet de motor uit. "OFF" 3. Verlaag het totale vermogen van de aangesloten elektrische apparaten binnen het nominale uitgangsvermogen. Als de ESC-schakelaar overschakelt op "OFF", draait de motor op het nominale toerental (5000min-1) onafhankelijk van het feit of er al dan niet elektrische apparaten zijn aangesloten. 4. Controleer het ventilatierooster en het bedieningspaneel op vuil en verwijder dit indien nodig. 5. Zet de motor na de controle weer aan. Bij het gebruik van elektrische apparaten (bijv. compressor of een dompelpomp) waarvoor een hoge aanloopstroom is vereist, kan het controlelampje voor de overbelasting enkele seconden gaan branden. Dit wijst echter niet op een defect. Wisselstroom (AC) controlelampje (groen) ( 15/3) Het wisselstroom (AC) controlelampje brandt als de motor draait en er stroom wordt geproduceerd. Gelijkstroom ( (DC) beveiligingsschakelaar 16) De gelijkstroom (DC) beveiligingsschakelaar schakelt automatisch over op "OFF" ( 16/2) als er elektrische verbruikers op de generator zijn aangesloten en het elektrische vermogen boven het primaire vermogen ligt. 478 067_e De ESC-schakelaar moet op "OFF" staan als er elektrische apparaten (bijv. een compressor of een dompelpomp) met een hoge aanloopstroom zijn aangesloten. Stroomverbruiker op wisselstroom (AC) aansluiten Let op! Het totale vermogen van alle aangesloten verbruikers mag het max. nominale vermogen van de generator niet overschrijden 1. Controleer of het wisselstroom (AC) controlelampje brandt. 2. Sluit de verbruiker aan op het stopcontact van de generator. Als meerdere verbruikers op de generator worden aangesloten, dient u de eerste verbruiker (verbruiker met het hoogste vermogen) aan te sluiten en in te schakelen en daarna de volgende verbruiker aan te sluiten en in te schakelen. 33 NL Benzinegenerator INVERTER 2000i Opslag Stroomverbruiker loskoppelen 1. Koppel de verbruiker los van het stopcontact van de generator. (Auto) accu 12 Volt aansluiten om op te laden Let op - explosiegevaar! Verwissel de laadkabels bij het aansluiten op de accu niet. Pas op - brandgevaar! Berg het apparaat niet op in de buurt van open vuur of warmtebronnen. „„ Draai de draaischakelaar naar "OFF" ( 13). „„ Laat de motor afkoelen. Let op „„ Bewaar het apparaat op een plek die ontoegankelijk is voor kinderen en onbevoegde personen. Raadpleeg de informatie van de accufabrikant voor het laden van de accu. „„ Trek de bougiestekker uit. „„ Ledig de benzinetank. Benzinetank ledigen 2. Start de motor. 3. Sluit de acculaadkabel op de gelijkstroomaansluiting (DC) 12V aan. 4. Verbind de rode laadkabel met de + pool van de accu. 5. Verbind de zwarte laadkabel met de - pool van de accu. Let op - explosiegevaar! Volgetankte apparaten kunnen tijdens de opslag benzinedampen afgeven! Door de verdamping kunnen benzineresten in de carburateur tot verklevingen van onderdelen leiden en op deze manier defecten veroorzaken. 6. Stel de ESC-schakelaar in op "OFF“ om het laadproces te starten. 5. Open de tankdop. Motor uitschakelen 7. Laat de benzine met behulp van een gangbare brandstofpomp in een geschikte jerrycan lopen ( 17). 6. Verwijder de zeef in de brandstoftank. Schakel de motor pas uit, nadat de generator 30 seconden zonder belasting (zonder aangesloten verbruikers) heeft gedraaid. 1. Stel de ESC-schakelaar in op "OFF" ( 12). 2. Koppel de verbruiker los van het stopcontact van de generator. 3. Draai de draaischakelaar terug naar "OFF" ( 13). 4. Stel het ontluchtingsventiel van de tankdop in op "OFF" ( 14). 34 Generator afdekken 1. Plaats de generator op een schone, droge plaats die is beschermd tegen natheid en vocht. 2. Dek de generator met geschikte middelen af, zodat er geen vuil en stof in het apparaat terecht kan komen. Originele gebruikershandleiding NL Transport Let op! Risico op brandwonden! Let op! Om te voorkomen dat er benzine of olie uitloopt, moet de generator altijd veilig en rechtop in de normale bedrijfspositie worden getransporteerd. Let op - explosiegevaar! Volgetankte apparaten kunnen tijdens het transport benzinedampen afgeven! 3. Til de generator aan de draaggreep op en transporteer hem ook aan de draaggreep. Reparaties Reparatiewerkzaamheden mogen alleen in servicewerkplaatsen van AL-KO of bij geautoriseerde montagebedrijven worden uitgevoerd. Onderhoud en verzorging Bepaalde onderdelen van de generator worden tijdens het bedrijf erg heet en blijven ook na het uitschakelen van het apparaat heet. Uit de uitlaatgasdemper stromen hete uitlaatgassen. 5. Draai de schroeven los ( 3/1). 6. Verwijder de motorafdekking ( 3/2). 7. Schroef het olievuldeksel los en leg de sluiting op een schone plaats neer ( 4/1). 8. Plaats een opvangbak voor de olie onder het apparaat. 9. Kantel de generator om de olie volledig te laten uitlopen. 10. Plaats het apparaat terug op een effen oppervlak. Let op de vulhoeveelheid en het soort olie (zie bedrijfsmiddelen). Let op - letselrisico! Let op! ▪▪ Voor alle onderhouds- en verzorgingswerkzaamheden moet de motor worden uitgeschakeld en moet de bougiestekker worden uitgetrokken. U mag de generator tijdens het bijvullen van olie niet kantelen - als u de max. vulstand overschrijdt, kan hierdoor de motor beschadigd raken. ▪▪ De motor kan nalopen. Controleer na het uitschakelen of de motor echt stilstaat. „„ U moet het apparaat na elk gebruik reinigen. „„ U mag het apparaat niet met water afspuiten. Binnendringend water kan tot storingen leiden (ontsteking, carburateur, elektrische onderdelen). „„ Defecte geluidsdempers moet u altijd vervangen. Olie verversen 1. Plaats het apparaat op een effen ondergrond. 2. Start de motor en laat hem ongeveer 5 minuten draaien. 3. Draai de draaischakelaar naar "OFF" ( 13). 4. Stel het ontluchtingsventiel van de tankdop in op "OFF" ( 14). 478 067_e 11. Vul nieuwe motorolie bij ( vulstand ( 6). 5), let op de max. „„ Wanneer er motorolie is uitgelopen: „„ De motor niet starten. „„ Uitgelopen olie met oliebindmiddel of een doek opzuigen en volgens de richtlijnen verwijderen. „„ Het apparaat reinigen. 12. Sluit de olievuldeksel stevig af en reinig deze. 13. Plaats de motorafdekking weer terug en schroef deze vast. Afgewerkte olie niet: „„ via het huisvuil verwijderen; „„ via de riolering, de afvoer of op de grond uitgieten. Geef afgewerkte olie in een gesloten reservoir bij een recyclingcentrum of een klantenservice af. 35 NL Benzinegenerator INVERTER 2000i Zeef brandstoftank reinigen ( Onderhoudsintervallen 18) Let op - explosiegevaar! Vooraf aan elk gebruik Niet roken en voorkom open vlammen bij de hantering van benzine. „„ Motoroliepeil controleren „„ Visuele inspectie op beschadigingen 1. Schroef de tankdop af. Na 20 bedrijfsuren of na 1 maand na de ingebruikname 2. Verwijder de zeef in de brandstoftank. „„ Olie verversen 3. Reinig de zeef met benzine. Na elke 100 bedrijfsuren of na elke 6 maanden 4. Wrijf de zeef droog. „„ Luchtfilter reinigen 2) 5. Plaats de zeef terug. „„ Olie verversen „„ Wanneer er benzine is uitgelopen: „„ Bougie reinigen „„ De motor niet starten. Na elke 300 bedrijfsuren of eenmaal per jaar „„ Voorkom startpogingen. „„ Bougie vervangen „„ Het apparaat reinigen. „„ Laat de motor voor een nieuwe vulling met benzine afkoelen en voorkom morsen. „„ Gemorste brandstof kan op kunststofonderdelen tot beschadigingen leiden. Veeg de brandstof meteen weg. De garantie dekt geen door brandstof op de kunststofonderdelen veroorzaakte schade. 6. Sluit de brandstoftankopening stevig af. Bougie vervangen „„ Klepspeling afstellen 1) Extra na elke 300 bedrijfsuren „„ Cilinderkop reinigen 1) „„ Brandstoftank en brandstoffilter schoonspoelen 1) „„ Benzineslang vervangen 1) Dit onderhoud mag alleen worden uitgevoerd in servicewerkplaatsen en door erkende, gespecialiseerde bedrijven. 1) Bij gebruik van de generator in een natte of zeer vuile omgeving, moet het interval eerder of vaker worden uitgevoerd. 2) 1. Verwijder de afdekking op de behuizing ( 2. Trek de bougiestekker uit ( 3. Plaats de bougiesleutel ( op de bougie. 4. Steek de draaistang ( sleutel ( 20/4). „„ Luchtfilter controleren 19/1). 19/2). 20/4) door de opening 20/3) door de bougie- 5. Schroef de bougie door draaien van de bougiesleutel los. 6. Plaats een nieuwe bougie. Verwijderen Afgedankte apparaten, batterijen of accu´s mogen niet via het huishoudelijk afval worden afgevoerd! Verpakking, apparaat en toebehoren zijn vervaardigd van materialen die voor hergebruik geschikt zijn. Verwijder deze daarom dienovereenkomstig. Let op het type bougie (zie technische gegevens). 7. Schroef de bougie met de bougiesleutel vast. Let op het draaimoment! 20 Nm 8. Verwijder de bougiesleutel. 9. Plaats de afdekking op de behuizing terug. 36 Originele gebruikershandleiding NL Storingen oplossen Storing Motor slaat niet aan. Oplossing ▪▪ Benzine bijvullen. ▪▪ Bij een koude start moet u de draaiknop instellen op "CHOKE".( ▪▪ Stel het ontluchtingsventiel van de tankdop in op "ON" ( ▪▪ Olie-indicatielampje brandt - olie bijvullen ( 7). 9). 15/1). ▪▪ Bougie controleren en eventueel vervangen. ▪▪ Luchtfilter reinigen. Motorvermogen is onvoldoende. Geen stroomgenerering. ▪▪ Stroomverbruiker loskoppelen. ▪▪ Luchtfilter reinigen. ▪▪ Totaal vermogen van verbruiker is hoger dan max. nominaal vermogen. ▪▪ Wisselstroom (AC) controlelampje brandt niet ( 15/3) - start de motor opnieuw. ▪▪ Stel de gelijkstroom (DC) beveiligingsschakelaar "OFF" op "ON" in. Bij storingen die niet in deze tabel worden vermeld of in geval van storingen die u niet zelf kunt oplossen, neemt u contact op met onze verantwoordelijke klantenservice. Garantie Eventueel binnen de wettelijke termijn voor aansprakelijkheid optredende materiaal- of fabricagefouten van het apparaat worden naar eigen oordeel door ons verholpen, hetzij door reparatie of door levering van een vervangend apparaat. De geldende termijn voor aansprakelijkheid hangt in elk geval af van de wetgeving in het land waarin het apparaat werd aangeschaft. Onze garantie geldt alleen bij: De garantie vervalt bij: „„ reglementair gebruik van het apparaat. „„ naleving van de gebruiksaanwijzing. „„ toepassing van originele onderdelen. „„ reparatiepogingen aan het apparaat. „„ technische wijzigingen aan het apparaat. „„ niet-reglementair gebruik (bijv. commercieel of gemeenschappelijk gebruik). Van de garantie zijn uitgesloten: „„ lakschade opgetreden als gevolg van normaal gebruik. „„ slijtageonderdelen die op de reserveonderdelenkaart met een kader┌──────┐ xxx xxx (x) zijn aangeduid. └──────┘ „„ verbrandingsmotoren – hierop zijn de afzonderlijke garantiebepalingen van toepassing van de betreffende motorfabrikant. Bij een aanspraak op garantie moet u zich met deze garantieverklaring en uw kassabon wenden tot uw dealer of tot de dichtstbijzijnde klantenservice. Deze garantietoezegging laat het vorderingsrecht van de koper op de verkoper wegens defecten aan het apparaat onverlet. 478 067_e 37 NL Benzinegenerator INVERTER 2000i EG-conformiteitsverklaring Hierbij verklaren wij dat dit product in de door ons in het handelsverkeer gebrachte uitvoering voldoet aan de geharmoniseerde EU-richtlijnen, EU-veiligheidsstandaarden en de productspecifieke standaarden. Product Benzinegenerator Fabrikant Gevolmachtigde Type AL-KO 2000i EU-richtlijnen 2006/42/EG 2014/35/EU 2014/30/EU 2000/14/EG 2011/65/EG Geharmoniseerde normen EN ISO 8528:2016 EN 60204-1:2006+A1:2009 EN 55012:2007+A1:2009 EN 61000-6-1:2007 Geluidsniveau EN ISO 3744 gemeten / gegarandeerd 84dB(A) / 86dB(A) Beoordeling van conformiteit 2000/14/EG Bijlage VI Serienummer G4990012 AL-KO Geräte GmbH Ichenhauser Str. 14 89359 KOETZ DUITSLAND Andreas Hedrich Ichenhauser Str. 14 89359 KOETZ DUITSLAND Aangemelde instantie Société Nationale de Certification et d’Homologation 11, route de Luxembourg L-5230 Sandweiler No. 0499 Kötz, 2017-02-01 Wolfgang Hergeth, Managing Director 38 Originele gebruikershandleiding
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52
  • Page 53 53
  • Page 54 54
  • Page 55 55
  • Page 56 56
  • Page 57 57
  • Page 58 58
  • Page 59 59
  • Page 60 60
  • Page 61 61
  • Page 62 62
  • Page 63 63
  • Page 64 64
  • Page 65 65
  • Page 66 66
  • Page 67 67
  • Page 68 68
  • Page 69 69
  • Page 70 70
  • Page 71 71
  • Page 72 72
  • Page 73 73
  • Page 74 74
  • Page 75 75
  • Page 76 76
  • Page 77 77
  • Page 78 78
  • Page 79 79
  • Page 80 80
  • Page 81 81
  • Page 82 82
  • Page 83 83
  • Page 84 84
  • Page 85 85
  • Page 86 86
  • Page 87 87
  • Page 88 88
  • Page 89 89
  • Page 90 90
  • Page 91 91
  • Page 92 92
  • Page 93 93
  • Page 94 94
  • Page 95 95
  • Page 96 96
  • Page 97 97
  • Page 98 98
  • Page 99 99
  • Page 100 100
  • Page 101 101
  • Page 102 102
  • Page 103 103
  • Page 104 104
  • Page 105 105
  • Page 106 106
  • Page 107 107
  • Page 108 108
  • Page 109 109
  • Page 110 110
  • Page 111 111
  • Page 112 112
  • Page 113 113
  • Page 114 114
  • Page 115 115
  • Page 116 116
  • Page 117 117
  • Page 118 118
  • Page 119 119
  • Page 120 120
  • Page 121 121
  • Page 122 122
  • Page 123 123
  • Page 124 124
  • Page 125 125
  • Page 126 126
  • Page 127 127
  • Page 128 128
  • Page 129 129
  • Page 130 130
  • Page 131 131
  • Page 132 132
  • Page 133 133
  • Page 134 134
  • Page 135 135
  • Page 136 136
  • Page 137 137
  • Page 138 138
  • Page 139 139
  • Page 140 140
  • Page 141 141
  • Page 142 142
  • Page 143 143
  • Page 144 144
  • Page 145 145
  • Page 146 146
  • Page 147 147
  • Page 148 148
  • Page 149 149
  • Page 150 150
  • Page 151 151
  • Page 152 152
  • Page 153 153
  • Page 154 154
  • Page 155 155
  • Page 156 156
  • Page 157 157
  • Page 158 158
  • Page 159 159
  • Page 160 160
  • Page 161 161
  • Page 162 162
  • Page 163 163
  • Page 164 164
  • Page 165 165
  • Page 166 166
  • Page 167 167
  • Page 168 168
  • Page 169 169
  • Page 170 170
  • Page 171 171
  • Page 172 172
  • Page 173 173
  • Page 174 174
  • Page 175 175
  • Page 176 176
  • Page 177 177
  • Page 178 178
  • Page 179 179
  • Page 180 180
  • Page 181 181
  • Page 182 182
  • Page 183 183
  • Page 184 184
  • Page 185 185
  • Page 186 186
  • Page 187 187
  • Page 188 188
  • Page 189 189
  • Page 190 190
  • Page 191 191
  • Page 192 192
  • Page 193 193
  • Page 194 194
  • Page 195 195
  • Page 196 196
  • Page 197 197
  • Page 198 198
  • Page 199 199
  • Page 200 200
  • Page 201 201
  • Page 202 202
  • Page 203 203
  • Page 204 204
  • Page 205 205
  • Page 206 206
  • Page 207 207
  • Page 208 208
  • Page 209 209
  • Page 210 210
  • Page 211 211
  • Page 212 212
  • Page 213 213
  • Page 214 214
  • Page 215 215
  • Page 216 216
  • Page 217 217
  • Page 218 218
  • Page 219 219
  • Page 220 220

AL-KO 2000i Handleiding

Categorie
Stroomgeneratoren
Type
Handleiding