GM-6400F

Pioneer GM-6400F, gm 6400f Handleiding

  • Hallo! Ik ben een AI-chatbot die speciaal is getraind om je te helpen met de Pioneer GM-6400F Handleiding. Ik heb het document al doorgenomen en kan je duidelijke en eenvoudige antwoorden geven.
Hartelijk dank voor het aanschaffen van dit PIONEER
product.
Lees deze handleiding voordat u het product in gebruik neemt. Bewaar deze hand-
leiding na het lezen op een veilige plaats waar u hem indien nodig altijd bij de hand
hebt.
Vóór u begint
Bezoek onze website 76
Bij problemen 76
Vóór u de versterker aansluit/installeert 76
Het toestel installeren
Wat is wat 78
De versterkingsfactor (gain) instellen 79
De toestellen aansluiten
Aansluitingsschema 80
Vóór u de versterker aansluit 80
Over de brugschakeling 81
Luidsprekerspecificaties 81
De luidsprekers aansluiten 82
Aansluitingen op de RCA-ingang 83
Aansluitingen op de luidspreker 83
De voeding aansluiten 84
De luidsprekeraansluitingen 85
Installatie
Vóór u de versterker installeert 86
Voorbeeld van een installatie op de vloermat
of het chassis 86
Aanvullende informatie
Technische gegevens 88
Nl
75
Nederlands
Inhoud
Deponeer dit product niet bij het gewone huis-
houdelijk afval wanneer u het wilt verwijderen.
Er bestaat een speciaal wettelijk voorgeschre-
ven verzamelsysteem voor de juiste behande-
ling, het opnieuw bruikbaar maken en de
recycling van gebruikte elektronische produc-
ten.
In de lidstaten van de EU en in Zwitserland en
Noorwegen kunnen particulieren afgedankte
elektronische producten gratis bij de daarvoor
bestemde verzamelplaatsen inleveren. Als u
een soortgelijk nieuw product koopt, kunt u
het afgedankte product ook bij uw verkoop-
punt inleveren.
Als u in een ander land woont, neem dan con-
tact op met de plaatselijke overheid voor infor-
matie over het weggooien van afgedankte
producten.
Op die manier zorgt u ervoor dat uw afge-
dankte product op de juiste wijze wordt ver-
werkt, hergebruikt en gerecycled, zonder
schadelijke gevolgen voor het milieu en de
volksgezondheid.
Bezoek onze website
Hier vindt u onze site:
http://www.pioneer.nl
! Registreer uw product. Wij bewaren de ge-
gevens van het product dat u hebt aange-
schaft zodat u deze eenvoudig kunt
opvragen als u die nodig mocht hebben
voor de verzekering, bijvoorbeeld na verlies
of diefstal.
! Op onze website vindt u de laatste informa-
tie over Pioneer Corporation.
Bij problemen
Als dit product niet naar behoren functioneert,
kunt u uw leverancier of het dichtstbijzijnde er-
kende servicestation van Pioneer raad-
plegen.
Vóór u de versterker
aansluit/installeert
WAARSCHUWING
! Wij raden het gebruik van de speciale rode
accu- en aardkabels RD-223 aan (apart ver-
krijgbaar). Sluit de accukabel rechtstreeks op
de positieve (+) pool van de accu aan, en de
aardkabel op de carrosserie.
! Dit toestel is bedoeld voor voertuigen met een
accu van 12 volt en negatieve aarding. Contro-
leer het voltage van de accu voordat u het toe-
stel in een kampeerwagen, bus of
vrachtwagen installeert.
! Gebruik alleen zekeringen van de voorgeschre-
ven stroomwaarde. Het gebruik van onge-
schikte zekeringen kan leiden tot
oververhitting en rookontwikkeling, schade
aan het product en lichamelijk letsel, waaron-
der brandwonden.
! Controleer de aansluiting van de voeding en
de luidsprekers indien de zekering smelt van
de apart verkochte accukabel, of die van de
versterker. Verhelp de oorzaak van het pro-
bleem en vervang de zekering vervolgens door
een zekering van dezelfde stroomwaarde.
! Zorg ervoor dat dit toestel niet met vloeistoffen
in aanraking komt. Een elektrische schok kan
daarvan het gevolg zijn. Voorts kan dit leiden
tot schade aan dit toestel, rookontwikkeling
en oververhitting.
Ook de behuizing van de versterker, of van de
erop aangesloten luidsprekers, kan oververhit
raken en daardoor lichte brandwonden veroor-
zaken.
Vóór u begint
Nl
76
Hoofdstuk
01
! Bij storingen wordt de stroomvoorziening van
de versterker afgebroken om verdere schade
te voorkomen. In dit geval schakelt u het sys-
teem uit (OFF) en controleert u de aansluiting
van de voeding en de luidsprekers. Indien u de
oorzaak van het probleem niet zelf kunt bepa-
len, neemt u contact op met uw leverancier.
! Koppel steeds eerst de negatieve * pool van
de accu los om een elektrische schok of kort-
sluiting tijdens de installatie te voorkomen.
LET OP
! Houd het volume altijd laag genoeg om de ge-
luiden van buiten het voertuig te kunnen blij-
ven horen.
! Voortgezet gebruik van het audiosysteem met
stilgelegde of stationaire motor kan de accu
uitputten.
Vóór u begint
Nl
77
Hoofdstuk
Nederlands
01
Wat is wat
Voorzijde
Achterzijde
Gebruik indien nodig een platte schroeven-
draaier om een schakelaar te verzetten.
1 Aan/uit-indicatielampje
Het aan/uit-indicatielampje brandt wanneer
de voeding is ingeschakeld (ON).
2 BFC-schakelaar (beat frequency control)
Aan de voorkant van het toestel. Indien u tij-
dens het beluisteren van een MW/LW-zen-
der via de autoradio beats of klopgeluiden
hoort, verzet u de BFC-schakelaar met een
kleine, platte schroevendraaier.
3 GAIN-regelknop (gain of versterkings-
factor)
Met de regelknoppen CHANNEL A (kanaal
A) en CHANNEL B (kanaal B) kunt u de out-
put van de autoradio afstemmen op de
Pioneer-versterker. De standaardinstelling is
NORMAL.
Als zelfs met de systeemvolumeknop (bijna)
helemaal open het geluidsniveau laag blijft,
stelt u de gain-regelknoppen af op een lager
niveau. Als vervorming optreedt naarmate
de systeemvolumeknop hoger wordt gezet,
stelt u de knoppen af op een hoger niveau.
! Als u maar één ingang gebruikt, zet u de
gain-knoppen voor luidsprekers A en B
op dezelfde stand.
! Voor gebruik met een systeem met RCA
(standaard uitgangsspanning 500 mV),
stelt u de knoppen af op NORMAL. Voor
gebruik met Pioneer-systemen met RCA
en een maximale uitgangsspanning van
4 V of hoger, stemt u het niveau af op de
uitgangswaarde van de autoradio.
4 Selectieschakelaar LPF (low pass filter)/
HPF (high pass filter)
Selecteer de filter die past bij de aangeslo-
ten luidspreker.
! Indien de subwoofer is aangesloten:
Selecteer LPF. Deze filter houdt de hoge
frequenties tegen en laat de lage tonen
door.
! Indien de luidspreker met vol bereik is
aangesloten:
Selecteer HPF of OFF. HPF houdt de lage
frequenties tegen en laat de hoge tonen
door. OFF laat het volledige frequentiebe-
reik door.
5 INPUT SELECT-schakelaar (inputselec-
tie)
Selecteer 2CH voor 2-kanaals-input en 4CH
voor 4-kanaals-input.
Het toestel installeren
Nl
78
Hoofdstuk
02
De versterkingsfactor
(gain) instellen
! Een correcte regeling van de versterkings-
factor beschermt het toestel en/of de luid-
sprekers tegen schade veroorzaakt door
een te hoog geluidsvolume, oneigenlijk ge-
bruik of een foutieve aansluiting.
! Wanneer een te hoog geluidsniveau enz.
wordt afgegeven, sluit de gain het uit-
gangssignaal enkele seconden af en wordt
het signaal pas opnieuw doorgelaten wan-
neer het volume op de hoofdunit lager
wordt gezet.
! De onderbreking van een geluidssignaal
kan wijzen op een foutieve instelling van de
versterkingsfactor. Voor een ononderbroken
output met de hoofdunit ingesteld op een
hoog volume moet u de gain-regeling op de
versterker afstellen op een niveau dat aan-
gepast is aan het maximale uitgangsniveau
van de hoofdunit vóór de eindversterking,
waardoor het volume ongewijzigd kan blij-
ven en een te sterk uitgangssignaal wordt
voorkomen.
! Het kan gebeuren dat het geluid toch nog
wordt afgebroken, ook al zijn de verster-
kingsfactor en het volume correct inge-
steld. Neem in dat geval contact op met het
dichtstbijzijnde erkende servicestation van
Pioneer.
De gain-regelknop op dit toestel
Op de afbeelding hierboven ziet u de normale
gain-afstelling (NORMAL).
Verhouding tussen gain van de
versterker en uitgangsniveau van de
hoofdunit
Een ondoordachte verhoging van de gain ver-
oorzaakt een verhoogde geluidsvervorming, en
zo goed als geen verhoging van het niveau.
Golfvormig uitgangssignaal bij hoog
uitgangsvolume ingesteld door gain
van de versterker
De golfvorm wordt vervormd bij een hoog uit-
gangsniveau, terwijl het vermogen slechts in
geringe mate wordt gewijzigd door de gain te
verhogen.
Het toestel installeren
Nl
79
Hoofdstuk
Nederlands
02
Aansluitingsschema
1 Speciale rode accukabel
RD-223 (apart verkrijgbaar)
Pas nadat u alle andere aansluitingen op de
versterker hebt voltooid, verbindt u het aan-
sluitpunt op de versterker met de positieve
(+) pool van de accu.
2 Aardkabel (zwart)
RD-223 (apart verkrijgbaar)
Sluit deze aan op een metalen gedeelte van de
carrosserie of het chassis.
3 Autoradio met RCA-uitgangen (apart verkrijg-
baar)
4 Externe uitgang
Als u maar één ingang gebruikt, mag u niets
anders aansluiten op RCA-ingang B.
5 Aansluitkabels met RCA-stekkers (apart ver-
krijgbaar)
6 RCA-uitgang
7 RCA-ingang A
8 RCA-ingang B
9 Versterker met RCA-ingangen (apart verkrijg-
baar)
a Luidsprekeraansluitingen
Meer over het aansluiten van de luidsprekers
vindt u in het volgende gedeelte. Raadpleeg
Aansluitingen op de luidspreker op bladzijde
83.
b Zekering (25 A) × 2
c Kabel systeemafstandsbediening (apart ver-
krijgbaar)
Verbind het mannelijke aansluitpunt van deze
kabel met het aansluitpunt voor de systeemaf-
standsbediening van de autoradio
(SYSTEM REMOTE CONTROL). Het vrouwelij-
ke aansluitpunt kan worden verbonden met
de bedieningsaansluiting van de automati-
sche antenne. Indien de autoradio niet is voor-
zien van een aansluitpunt voor de
systeemafstandsbediening, verbindt u het
mannelijke aansluitpunt via de contactscha-
kelaar met de voeding.
d Zekering (30 A) × 2
e Bevestigingsring
f Achterzijde
g Voorzijde
Opmerking
Schakelaar INPUT SELECT (ingangselectie) moet
worden ingesteld. Raadpleeg Het toestel installe-
ren op bladzijde 78 voor meer informatie.
Vóór u de versterker aansluit
WAARSCHUWING
! Gebruik kabelklemmen of plakband om de be-
kabeling vast te leggen. Omwikkel de kabelge-
deelten die in contact komen met metalen
onderdelen met isolerende tape.
! Snijd in geen geval de isolatie van de voe-
dingskabel open om zo andere apparatuur
van stroom te voorzien. De stroomcapaciteit
van de voedingskabel is beperkt.
De toestellen aansluiten
Nl
80
Hoofdstuk
03
LET OP
! U mag een kabel nooit kortsluiten; daardoor
kan in het beveiligingscircuit een storing op-
treden.
! Luidsprekerkabels mogen niet rechtstreeks
worden geaard; evenmin mogen meerdere ne-
gatieve (*) fasedraden van luidsprekers wor-
den vervlochten.
! Indien de kabel van de systeemafstandsbedie-
ning van de versterker via de contactschake-
laar (12 V gelijkstroom) met de voeding wordt
verbonden, blijft de versterker ingeschakeld
zolang de sleutel in de contactstand blijft, en
dit ongeacht of de autoradio is in- of uitge-
schakeld. Hierdoor kan de accu worden uitge-
put.
! Installeer de apart verkrijgbare accukabel zo
ver mogelijk van de luidsprekerkabels.
Installeer de apart verkrijgbare accukabel,
aardkabel, luidsprekerkabels en de versterker
zelf zo ver mogelijk van de antenne, antenne-
kabel en tuner.
Over de brugschakeling
De luidsprekerimpedantie mag maximaal 4 W be-
dragen; controleer dit zorgvuldig. Een foutieve
aansluiting op de versterker kan leiden tot storin-
gen of lichamelijk letsel (brandwonden door over-
verhitting).
Voor een brugschakeling vanuit een 2-kanaalsver-
sterker met een belasting van 4 W, sluit u ofwel
twee 8 W luidsprekers parallel aan, met links +
en rechts * (zie Schema A), of gebruikt u één 4
W luidspreker. Vanuit andere versterkers volgt u
het volgende aansluitingsschema voor brugscha-
kelingen: twee 8 W luidsprekers parallel gescha-
keld voor een belasting van 4 W of één luidspreker
van 4 W per kanaal.
Voor meer inlichtingen kunt u contact opnemen
met uw erkende Pioneer-leverancier of -
klantendienst.
Luidsprekerspecificaties
De luidsprekers die u gebruikt moeten aan de
volgende vereisten voldoen; anders bestaat er
een risico op rookontwikkeling, brand of an-
dere schade. De luidsprekerimpedantie be-
draagt 2 W tot 8 W,of4W tot 8 W voor 2-
kanaals en andere brugschakelingen.
Subwoofer
Luidsprekerkanaal Vermogen
4-kanaals output
Nominale input:
Min. 70 W
2-kanaals output
Nominale input:
Min. 200 W
3-kanaals luidspre-
keroutput A
Nominale input:
Min. 70 W
3-kanaals luidspre-
keroutput B
Nominale input:
Min. 200 W
Andere dan de subwoofer
Luidsprekerkanaal Vermogen
4-kanaals output
Max. input:
Min. 120 W
2-kanaals output
Max. input:
Min. 300 W
3-kanaals luidspre-
keroutput A
Max. input:
Min. 120 W
3-kanaals luidspre-
keroutput B
Max. input:
Min. 300 W
De toestellen aansluiten
Nl
81
Hoofdstuk
Nederlands
03
De luidsprekers aansluiten
De luidsprekeroutput kan 4-, 3- (stereo +
mono) of 2-kanaals (stereo, mono) zijn. Sluit
de draden van de luidspreker aan volgens het
aantal gebruikte kanalen en de afbeeldingen
hieronder.
4-kanaals output
1 Rechts
2 Links
3 Luidsprekeruitgang A
4 Luidsprekeruitgang B
3-kanaals output
1 Rechts
2 Links
3 Luidsprekeruitgang A
4 Luidsprekeruitgang B (mono)
2-kanaals output (stereo)
1 Luidspreker (rechts)
2 Luidspreker (links)
De toestellen aansluiten
Nl
82
Hoofdstuk
03
2-kanaals output (mono)
1 Luidspreker (mono)
Aansluitingen op de RCA-
ingang
Verbind de RCA-uitgang van de autoradio met
de RCA-ingang van de versterker.
4-kanaals / 3-kanaals output
! Schuif schakelaar INPUT SELECT (inputse-
lectie) naar de positie 4CH.
1 RCA-ingang A
2 RCA-ingang B
3 Aansluitkabels met RCA-stekkers (apart ver-
krijgbaar)
4 Vanuit autoradio (RCA-uitgang)
Als u maar één ingang gebruikt (bijvoorbeeld
omdat de autoradio maar een RCA-uitgang
heeft) maakt u de aansluiting beter via RCA-
ingang A en niet via B.
2-kanaals output (stereo) / (mono)
! Schuif schakelaar INPUT SELECT (inputse-
lectie) naar de positie 2CH.
1 RCA-ingang A
Voor 2-kanaals output sluit u de RCA-stekkers
aan op RCA-ingang A.
2 Aansluitkabels met RCA-stekkers (apart ver-
krijgbaar)
3 Vanuit autoradio (RCA-uitgang)
Aansluitingen op de
luidspreker
Verbind de luidsprekeruitgangen van de auto-
radio met de versterker d.m.v. het bijgeleverde
luidsprekerdraad.
! Verbind de RCA-ingang en de luidspreke-
ringang niet beide tegelijk.
De toestellen aansluiten
Nl
83
Hoofdstuk
Nederlands
03
1 Autoradio
2 Luidsprekeruitgang
3 Wit: Kan. A, links +
4 Wit/zwart: Kan. A, links *
5 Grijs/zwart: Kan. A, rechts *
6 Grijs: Kan. A, rechts +
7 Paars: Kan. B, rechts +
8 Paars/zwart: Kan. B, rechts *
9 Groen/zwart: Kan. B, links *
a Groen: Kan. B, links +
b Luidsprekeraansluiting
Aan te sluiten op de luidsprekeringangen van
dit toestel.
De voeding aansluiten
! Wij raden het gebruik van de speciale rode
accu- en aardkabels RD-223 aan (apart ver-
krijgbaar). Sluit de accukabel rechtstreeks
op de positieve pool (+) van de accu aan,
en de aardkabel op de carrosserie.
WAARSCHUWING
Indien de accukabel niet stevig genoeg op de
pool wordt aangesloten, bestaat er een risico op
oververhitting, storingen en lichamelijk letsel,
waaronder lichte brandwonden.
1 Trek de accukabel vanuit het motor-
compartiment door naar het interieur van
het voertuig.
Pas nadat u alle andere aansluitingen op de
versterker hebt voltooid, verbindt u het aan-
sluitpunt op de versterker met de positieve (+)
pool van de accu.
1 Positieve (+) pool
2 Motorcompartiment
3 Interieur van het voertuig
4 Zekering (30 A) × 2
5 Maak de rubberen bevestigingsring vast op
de carrosserie van het voertuig.
6 Boor een opening van 14 mm in de carros-
serie.
2 Vervlecht de accukabel, aardkabel en
kabel van de systeemafstandsbediening.
Vervlecht
3 Bevestig verbindingslippen aan de ka-
beluiteinden. Deze verbindingslippen zijn
niet meegeleverd.
Gebruik een tang om de lippen stevig aan de
kabels vast te maken.
1 Verbindingslip
2 Accukabel
3 Aardkabel
4 Sluit de kabels aan.
Schroef de kabels stevig vast.
De toestellen aansluiten
Nl
84
Hoofdstuk
03
1 Aansluitpunt systeemafstandsbediening
2 Aardaansluiting
3 Aansluitpunt voeding
4 Schroeven van de aansluitpunten
5 Accukabel
6 Aardkabel
7 Kabel systeemafstandsbediening
De luidsprekeraansluitingen
1 Leg aan de uiteinden van de luidspre-
kerkabels over een lengte van ongeveer 10
mm bloot en vervlecht de blootgelegde
draad.
Vervlecht
2 Bevestig verbindingslippen aan de ka-
beluiteinden. Deze verbindingslippen zijn
niet meegeleverd.
Gebruik een tang om de lippen stevig aan de
kabels vast te maken.
1 Verbindingslip
2 Luidsprekerkabel
3 Sluit de luidsprekerkabels op de luid-
sprekeruitgangen aan.
Schroef de luidsprekerkabels stevig vast.
1 Schroeven van de aansluitpunten
2 Luidsprekerkabels
3 Luidsprekeraansluitingen
De toestellen aansluiten
Nl
85
Hoofdstuk
Nederlands
03
Vóór u de versterker
installeert
WAARSCHUWING
! Voor een correcte installatie moet u de gele-
verde onderdelen op de opgegeven wijze ge-
bruiken. Indien u andere dan de geleverde
onderdelen gebruikt, kunnen deze schade
aanrichten aan het binnenwerk van de verster-
ker, of los raken en zo de versterker alle dienst
doen weigeren.
! Installeer het toestel niet:
op een plaats waar de bestuurder of passa-
giers erdoor ver wond zouden kunnen
raken wanneer het voertuig plots moet
worden afgeremd.
op plaatsen waar het de bestuurder zou
kunnen hinderen, bijvoorbeeld op de vloer
voor de bestuurdersplaats.
! Plaats de schroeven zo dat de punt van de
schroef niet in aanraking komt met de kabel.
Dit is belangrijk om te voorkomen dat de kabel
onder invloed van trillingen in het voertuig
door de schroef zou worden doorgesneden en
zo eventueel brand zou veroorzaken.
! Let erop dat de kabels niet vast kunnen
komen te zitten in de stoelrails; dit zou een
kortsluiting kunnen veroorzaken.
! Let er bij het boren op dat zich aan de achter-
kant van het paneel geen andere onderdelen
bevinden, en scherm alle kabels en vitale on-
derdelen (bijvoorbeeld brandstof- en remlei-
dingen, andere bekabeling) zorgvuldig af.
LET OP
! Om de warmte die door de versterker wordt
ontwikkeld makkelijk te laten ontsnappen,
moet u tijdens de installatie op het volgende
letten:
Laat voldoende verluchtingsruimte vrij
boven de versterker.
Leg geen mat of andere vloerbekleding
over de versterker.
! Trek de kabels niet door zones die warm wor-
den, bijvoorbeeld langs een verwarmingsroos-
ter. Door de warmte kan de isolatie worden
beschadigd, wat kan leiden tot kortsluiting
naar de carrosserie.
! De optimale installatieplek verschilt van voer-
tuig tot voertuig. Maak de versterker vast op
een plek die voldoende stijf is.
! Maak eerst tijdelijke verbindingen en contro-
leer vervolgens of de versterker en het audio-
systeem goed functioneren.
! Nadat u de versterker hebt geïnstalleerd, dient
u te controleren of het reservewiel en het bij-
behorende gereedschap nog ongehinderd be-
reikbaar zijn.
Voorbeeld van een installatie
op de vloermat of het chassis
1 Zet de versterker op de plaats waar u
hem wenst te installeren.
Plaats de meegeleverde schroeven (4 mm ×
18 mm) in de schroefgaten en duw erop zodat
de punt ervan een afdruk laat op de plaats
waar de boorgaten moeten komen.
2 Boor op deze plaatsen een opening
met een diameter van 2,5 mm door de
vloerbekleding of rechtstreeks in het chas-
sis.
Installatie
Nl
86
Hoofdstuk
04
3 Maak de versterker vast met de bijgele-
verde schroeven (4 mm × 18 mm).
1 Schroeven (4 mm × 18 mm)
2 Boor een opening met een diameter van 2,5
mm
3 Vloermat of chassis
Installatie
Nl
87
Hoofdstuk
Nederlands
04
Technische gegevens
Spanningsbron ......................... 14,4 V gelijkstroom (10,8 tot
15,1 V toelaatbaar)
Aarding ......................................... Negatief
Stroomverbruik ......................... 35 A (bij continuvermogen,
4 W )
Gemiddelde afgenomen stroom
..................................................... 9 A (4 W voor vier kanalen)
15 A (4 W voor twee kana-
len)
Zekering ....................................... 25 A × 2
Afmetingen (B × H × D) ..... 265 × 62 × 346 mm
Gewicht ........................................ 3,8 kg (kabels niet inbegre-
pen)
Maximaal uitgangsvermogen
..................................................... 120 W × 4 (4 W)/300W×2
(4 W)
Continu uitgangsvermogen
..................................................... 60 W × 4 (bij 14,4 V , 4 W,20
Hz tot 20 kHz 0,2% THD)
150 W × 2 (bij 14,4 V, 4 W,
20 Hz tot 20 kHz 0,8% THD)
75 W × 4 (bij 14,4 V, 2 W,20
Hz tot 20 kHz 0,8% THD)
Belastingsimpedantie ........... 4 W (2 W tot 8 W toelaatbaar)
(Brugschakeling: 4 W tot 8
W toelaatbaar)
Frequentierespons .................. 10 Hz tot 50 kHz (+0 dB, 1
dB)
Signaal-ruisverhouding ........ 95 dB (IEC-A netwerk)
Vervorming ................................. 0,03 % (10 W, 1 kHz)
Scheiding .................................... 70 dB (1 kHz)
Low pass filter:
Drempelfrequentie ........ 80 Hz
Drempelafval ................... 12 dB/oct
High pass filter:
Drempelfrequentie ........ 80 Hz
Drempelafval ................... 12 dB/oct
Gain-regeling:
RCA ...................................... 200 mV tot 6,5 V
Luidspreker ....................... 0,8 V tot 26 V
Maximaal ingangsniveau / impedantie:
RCA ...................................... 6,5 V / 22 kW
Luidspreker ....................... 26 V / 90 kW
Opmerkingen
! Technische gegevens en ontwerp kunnen ter
productverbetering zonder voorafgaande ken-
nisgeving worden gewijzigd.
! De gemiddelde stroomafname van dit toestel
benadert de maximale stroomafname ervan
zolang het een geluidssignaal ontvangt. Ge-
bruik deze waarde om de totale stroomafname
van meerdere versterkers te berekenen.
Aanvullende informatie
Nl
88
Aanhangsel
/