EINHELL GC-BC 31-4 S Handleiding

Type
Handleiding
NL
- 64 -
Gevaar!
Bij het gebruik van toestellen dienen enkele
veiligheidsmaatregelen te worden nageleefd om
lichamelijk gevaar en schade te voorkomen. Lees
daarom deze handleiding / veiligheidsinstructies
zorgvuldig door. Bewaar deze goed zodat u de in-
formatie op elk moment kunt terugvinden. Mocht
u dit toestel aan andere personen doorgeven,
gelieve dan deze handleiding / veiligheidsins-
tructies mee te geven. Wij zijn niet aansprakelijk
voor ongevallen of schade die te wijten zijn aan
niet-naleving van deze handleiding en van de vei-
ligheidsinstructies.
1. Veiligheidsaanwijzingen
De overeenkomstige veiligheidsinstructies vindt u
in de bijgaande brochure.
Gevaar!
Lees alle veiligheidsinstructies en aanwijzin-
gen. Nalatigheden bij de inachtneming van de
veiligheidsinstructies en aanwijzingen kunnen
elektrische schok, brand en/of zware letsels tot
gevolg hebben. Bewaar alle veiligheidsinstruc-
ties en aanwijzingen voor de toekomst.
Veiligheidsvoorzieningen
Als u met het toestel werkt moet de overeen-
komstige plastic beschermkap voor messen of
draad zijn aangebracht om het wegspringen van
voorwerpen te voorkomen. Het in de bescherm-
kap van de snijdraad geïntegreerde mes snijdt de
draad automatisch op de optimale lengte.
Verklaring van de aanwijzingsborden op het
toestel ( g. 16):
1. Waarschuwing!
2. Vóór inbedrijfstelling handleiding lezen!
3. Oog-/hoofd- en gehoorbeschermer dragen!
4. Vast schoeisel dragen!
5. Veiligheidshandschoenen dragen!
6. Toestel beschermen tegen regen en vocht!
7. Let op wegspringende delen.
8. Voor onderhoudswerkzaamheden het toestel
stopzetten en de bougiestekker aftrekken!
9. De afstand tussen de machine en omstan-
ders moet minstens 15 m bedragen!
10. Gereedschap loopt uit!
11. Let op! Warme onderdelen. Op afstand blij-
ven.
12. Vul om de 20 bedrijfsuren wat vet aan (vlo-
eibaar transmissievet)
13. Pas op voor terugslag!
14. Gebruik geen zaagbladen.
2. Beschrijving van het gereedschap
en leveringsomvang
2.1 Beschrijving van het gereedschap
( g. 1-14)
1. Verbindingsstuk geleidesteel
2. Geleidesteel
3. Geleidehandgreep
4. Startkoord
5. Choke-hendel
6. Benzinetank
7. Brandstofpomp „Primer“
8. Afdekking lucht lterhuis
9. Aan/Uit-schakelaar
10. Arrêtering gashendel
11. Gashendel
12. Vergrendeling gashendel
13. Draadspoel met snijdraad
14. Beschermkap snijdraad
15. Beschermkap snijmes
16. Lucht lter
17. Draagriem
18. Snijmes
19. Houder geleidehandgreep
20. Bougiestekker
21. Gerande schroef M6
22. Meenemerschijf
23. Drukplaat
24. Afdekking drukplaat
25. Moer M10 (linkse schroefdraad)
26. Meetbeker
27. Bougiesleutel
28. Olievulplug
29. Inbussleutel 4 mm
30. Inbussleutel 5 mm
2.2 Leveringsomvang
Gelieve de volledigheid van het artikel te contro-
leren aan de hand van de beschreven omvang
van de levering. Indien er onderdelen ontbreken,
gelieve u dan binnen 5 werkdagen na aankoop
van het artikel te wenden tot ons servicecenter of
tot het verkooppunt waar u het apparaat heeft ge-
kocht, en leg een geldig bewijs van aankoop voor.
Gelieve daarvoor de garantietabel in de service-
informatie aan het einde van de handleiding in
acht te nemen.
Anl_GC_BC_31_4_S_SPK7.indb 64Anl_GC_BC_31_4_S_SPK7.indb 64 11.05.2016 09:57:0111.05.2016 09:57:01
NL
- 65 -
Open de verpakking en neem het toestel
voorzichtig uit de verpakking.
Verwijder het verpakkingsmateriaal alsmede
verpakkings-/transportbeveiligingen (indien
aanwezig).
Controleer of de leveringsomvang compleet
is.
Controleer het toestel en de accessoires op
transportschade.
Bewaar de verpakking indien mogelijk tot het
verloop van de garantieperiode.
Gevaar!
Het toestel en het verpakkingsmateriaal zijn
geen speelgoed voor kinderen! Kinderen mo-
gen niet met plastic zakken, folies en kleine
stukken spelen! Er bestaat inslik- en verstik-
kingsgevaar!
Benzinezeis
Geleidesteel
Geleidehandgreep
Houder geleidehandgreep
Draagriem
Snijmes
Draadspoel met snijdraad
Meenemerschijf
Drukplaat
Afdekking drukplaat
Moer M10 (linkse schroefdraad)
Meetbeker
Bougiesleutel
Inbussleutel 4 mm
Inbussleutel 5 mm
Beschermkap voor snijdraad/snijmes
Originele handleiding
Veiligheidsinstructies
3. Reglementair gebruik
De motorzeis (gebruik van het snijmes) is geschi-
kt voor het snijden van dunne struikgewassen,
sterke onkruiden en kreupelhout. De motortrim-
mer (gebruik van de draadspoel met snijdraad) is
geschikt voor het snijden van gazon, grasvlakten
en licht onkruid. Het behoorlijk gebruik van het
toestel houdt in dat de bijgaande handleiding van
de fabrikant in acht wordt genomen. Elk ander
gebruik dat in deze handleiding niet uitdrukkelijk
is toegestaan kan schade aan het toestel berok-
kenen en de gebruiker ernstig in gevaar brengen.
Gelieve zeker de beperkingen vermeld in de vei-
ligheidsinstructies in acht te nemen.
Wij wijzen erop dat onze toestellen overeen-
komstig hun bestemming niet ontworpen zijn voor
commercieel, ambachtelijk of industrieel gebruik.
Wij zijn niet aansprakelijk indien het toestel in
ambachtelijke of industriële bedrijven alsmede bij
gelijk te stellen activiteiten wordt gebruikt.
LET OP! Wegens lichamelijk gevaar voor de
gebruiker mag de benzinemotorzeis niet voor vol-
gende werkzaamheden worden ingezet: voor het
reinigen van voetpaden en als hakselaar voor het
versnipperen van boom- en heggensnoeisel. De
benzinemotorzeis mag evenmin worden gebruikt
voor het gelijkmaken van bodemverhe ngen, zo-
als b.v. molshopen. Om veiligheidsredenen mag
de benzinemotorzeis niet worden gebruikt als
aandrijfaggregaat voor andere werkgereedschap-
pen en gereedschapssets van welke aard dan
ook.
De machine mag slechts voor werkzaamheden
worden gebruikt waarvoor ze bedoeld is. Elk ver-
der gaand gebruik is niet doelmatig. Voor daaruit
voortvloeiende schade of letsel van welke aard
dan ook is de gebruiker/bediener, niet de fabri-
kant, aansprakelijk.
4. Technische gegevens
Motortype ................... 4-takt motor, luchtgekoeld
Motorvermogen (max.) ............... 0,7 kW / (1 PK)
Slagvolume .............................................. 31 cm
3
Stationair toerental motor ......... 3100 ± 400 min
-1
Max. toerental
Zeis: ....................................................7000 min
-1
Trimmer: ..............................................6000 min
-1
Ontsteking ....................................... Elektronisch
Aandrijving ....................... Centrifugaalkoppeling
Gewicht (lege tank) ...................................... 8 kg
Snijcirkel draad Ø ...................................... 48 cm
Snijcirkel mes Ø ..................................... 25,5 cm
Draadlengte ............................................... 4,0 m
Draad-Ø .................................................. 2,5 mm
Tankinhoud ................................................... 0,7 l
Bougie ....................................... TORCH A5RTC
Anl_GC_BC_31_4_S_SPK7.indb 65Anl_GC_BC_31_4_S_SPK7.indb 65 11.05.2016 09:57:0111.05.2016 09:57:01
NL
- 66 -
Gevaar!
Geluid en vibratie
Geluidsdrukniveau L
pA
.......................... 94 dB (A)
Onzekerheid K
pA
...........................................3 dB
Geluidsvermogen L
WA
......................... 113 dB (A)
Onzekerheid K
WA
..........................................3 dB
Draag een gehoorbeschermer.
Lawaai kan aanleiding geven tot gehoorverlies.
Totale vibratiewaarden (vectorsom van drie
richtingen) bepaald volgens EN 60745.
Bedrijf
Trillingsemissiewaarde a
h
= 7,3 m/s
2
Onzekerheid K = 1,5 m/s
2
Beperk de geluidsontwikkeling en vibratie tot
een minimum!
Gebruik enkel intacte toestellen.
Onderhoud en reinig het toestel regelmatig.
Pas uw manier van werken aan het toestel
aan.
Overbelast het toestel niet.
Laat het toestel indien nodig nazien.
Schakel het toestel uit als het niet wordt ge-
bruikt.
Draag handschoenen.
5. Montage
5.1.1 Montage van de geleidehandgreep
Monteer de geleidehandgreep zoals voorgesteld
in de afbeeldingen 3a-3b. Draai de schroeven pas
helemaal vast, als u de optimale werkpositie met
de draagriem heeft ingesteld. De geleidehand-
greep moet worden uitgericht zoals voorgesteld
in afbeelding 1. De demontage gebeurt in omge-
keerde volgorde.
5.1.2 Montage van de geleidesteel ( g. 4a-4c)
Trek aan de arrêteerhendel (A) en schuif de
geleidesteel ( g. 4a, pos. 2) voorzichtig in het ver-
bindingsstuk van de geleidesteel. Zorg er daarbij
voor dat de aandrijfassen binnenin de geleides-
teel ineenglijden (eventueel licht aan de kop van
de spoel draaien). De neus van de arrêteerhendel
(A) moet vastklikken in het gat (B). Draai nu de
gerande schroef (21) aan zoals getoond in g. 4c.
5.1.3 Montage van de mesbeschermkap
Let op: Bij het werken met het snijmes moet de
beschermkap aangebracht zijn.
De montage van de snijmesbeschermkap gebe-
urt zoals voorgesteld in de g. 5a-5b.
5.1.4 Montage/Vervangen van het snijmes
De montage van het snijmes is geïllustreerd in
g. 6a-6g. De demontage gebeurt in omgekeerde
volgorde.
Meenemerschijf (22) op de tandas steken
(fig. 6b).
Snijmes (18) op de meenemerschijf arrêteren
(fig. 6c).
Drukplaat (23) over de schroefdraad van de
tandas steken (fig. 6d).
Afdekking drukplaat (24) erop steken (fig. 6e).
Het boorgat van de meenemerschijf zoeken,
in één lijn brengen met de eronder liggende
inkeping en arrêteren met de meegeleverde
inbussleutel (29) om daarna de moer (25)
aan te draaien (fig. 6f/6g). Aanwijzing: Linkse
schroefdraad!
5.1.5 Montage van de beschermkap van de
snijdraad aan de mesbeschermkap
Opgelet: Bij het werken met de snijdraad moet
ook de beschermkap van de snijdraad ( g. 7a,
pos. 14) worden gemonteerd.
De montage van de beschermkap van de snij-
draad gebeurt zoals voorgesteld in de afbeeldin-
gen 7a-7b. Aan de onderkant van de bescherm-
kap bevindt zich een mes ( g. 7a, pos. F) voor de
automatische regeling van de draadlengte. Dit
mes is afgedekt met een bescherming ( g. 7a,
pos. G).
Verwijder deze bescherming vóór het begin van
het werk en breng hem aan de werkzaamheden
weer aan.
5.1.6 Monteren/Vervangen van de draadspoel
De montage van de draadspoel is voorgesteld in
de afbeeldingen 7c-7d. De demontage gebeurt in
omgekeerde volgorde.
Het boorgat van de meeneemplaat zoeken, in één
lijn brengen met de eronder liggende inkeping
en arrêteren met de meegeleverde inbussleutel
(29) om nu de draadspoel op de schroefdraad te
schroeven. Aanwijzing: Linkse schroefdraad!
Anl_GC_BC_31_4_S_SPK7.indb 66Anl_GC_BC_31_4_S_SPK7.indb 66 11.05.2016 09:57:0111.05.2016 09:57:01
NL
- 67 -
5.2 Instellen van de maaihoogte
Draagriem omdoen zoals voorgesteld in afbe-
elding 8a-8c.
Het apparaat vasthaken aan de draagriem
(fig. 8d).
Met de verschillende riemverstellers aan de
draagriem de optimale werk- en snijpositie
instellen (fig. 8e).
Om de optimale lengte van de draagriem te
bepalen maakt u vervolgens enkele slinger-
bewegingen zonder de motor te starten (fig.
9a).
De draagriem is uitgerust met een snel openend
mechanisme. Trek aan het rode riemuiteinde ( g.
8f) als u het apparaat vlug moet a eggen.
Waarschuwing: Gebruik de riem altijd als u met
het apparaat werkt. Breng de riem aan zodra u de
motor heeft gestart en hij stationair draait. Scha-
kel de motor uit voordat u de draagriem afneemt.
6. Vóór inbedrijfstelling
Ga voor iedere ingebruikneming na of:
het brandstofsysteem geen lekkage vertoont,
de bescherminrichtingen en de snijinrichting
in perfecte staat verkeren en volledig zijn,
alle schroefverbindingen goed vast zitten,
alle beweegbare onderdelen gemakkelijk
bewegen.
6.1 Brandstof erin gieten
Schroef de tankdop (fig. 1, pos. 6) eraf en giet met
behulp van een vultrechter benzine in de tank. Let
erop dat u de tank niet te vol giet en dat er geen
benzine uitloopt. Droog gemorste benzine af en
wacht tot de benzinedampen zijn vervluchtigd
(ontstekingsgevaar). Sluit de tankdop.
6.2 Olie ingieten
Open de olievulplug (fig. 14a, pos. 28) en giet
ongeveer 0,08 l motorolie (15W40) erin tot aan de
bovenste markering (Max.) van de oliemeetstaaf
(fig. 14b).
Aanwijzing! Vóór de eerste inbedrijfstelling moet
u er motorolie en brandstof ingieten.
7. Bedrijf
Gelieve de wettelijke bepalingen inzake de veror-
dening voor de bestrijding van lawaaioverlast na
te leven, die plaatselijk kunnen verschillen.
Verwijder vóór inbedrijfstelling de beschermkap-
pen van het snijmes.
7.1 Starten bij koude motor
Giet in de tank een behoorlijke hoeveelheid ben-
zine.
1. Apparaat op een hard, e en vlak zetten.
2. Brandstofpomp (primer) ( g. 1, pos. 7) 10x
indrukken.
3. Aan/Uit-schakelaar ( g. 1, pos. 9) op „I“ scha-
kelen.
4. Gashendel vastzetten. Hiervoor de vergren-
deling van de gashendel ( g. 1, pos. 12) en
vervolgens de gashendel ( g. 1, pos. 11)
bedienen en door gelijktijdig te drukken op de
arrêtering ( g. 1, pos. 10) de gashendel vast-
zetten.
5. Chokehendel ( g. 1, pos. 5) op „
“ zetten.
6. Het apparaat goed vasthouden en het star-
terkoord ( g. 1, pos. 4) uittrekken tot aan de
eerste weerstand. Nu de startkabel 6x snel
aantrekken. Het apparaat zou moeten starten.
Aanwijzing! Het starterkoord niet terug laten
springen. Dit kan tot beschadigingen leiden.
Als de motor is gestart, de chokehendel me-
teen op „ “ zetten en het apparaat ca. 60 s
laten warmlopen.
Waarschuwing! Door de vastgezette
gashendel begint het snijgereedschap bij
startende motor te werken. Vervolgens de
gashendel gewoon bedienen om hem te ont-
grendelen.
7. Mocht de motor niet aanslaan, dan herhaalt u
de stappen 4-6.
Opgelet! Slaat de motor ook na meerdere pogin-
gen niet aan, gelieve dan het hoofdstuk „Fouten
verhelpen aan de motor“ te raadplegen.
Opgelet! Trek het starterkoord altijd recht uit. Als
het in een hoek wordt uitgetrokken, dan ontstaat
er wrijving aan het oog. Door deze wrijving wordt
het koord doorgeschuurd en verslijt het sneller.
Houd steeds de startergreep vast, als het koord
weer vanzelf naar binnen wordt getrokken.
Laat het koord nooit terugspringen vanuit de uit-
getrokken toestand.
Anl_GC_BC_31_4_S_SPK7.indb 67Anl_GC_BC_31_4_S_SPK7.indb 67 11.05.2016 09:57:0111.05.2016 09:57:01
NL
- 68 -
7.2 Starten bij warme motor
(Het apparaat stond gedurende minder dan 15 tot
20 min stil)
1. Het apparaat op een hard, e en vlak zetten.
2. Aan/Uit-schakelaar op „I“ zetten.
3. Het apparaat goed vasthouden en het star-
terkoord tot de eerste weerstand uittrekken.
Haal nu het starterkoord ink door. Het ap-
paraat moet na 1-2 keer doorhalen starten.
Mocht het apparaat na 6 keer doorhalen nog
altijd niet starten, dan herhaalt u de stappen
1-7 beschreven onder “Koude motor starten”.
7.3 Motor afzetten
Stappenvolgorde bij noodstop:
Wanneer het nodig is om het apparaat onmiddel-
lijk te stoppen, zet u de Aan/Uit-schakelaar op
„Stop“ resp. „0“.
Normale stappenvolgorde:
Laat de gashendel los en wacht tot de motor
stationair is gaan draaien. Zet dan de Aan/Uit-
schakelaar op „Stop“ resp. „0“.
7.4 Werkinstructies
Train vóór gebruik van het apparaat alle werktech-
nieken bij afgezette motor.
8. Werken met de benzinemotorzeis
Verlengen van de snijdraad
Waarschuwing! Gebruik in de draadkop geen
blanke of geplasti ceerde metalen draad van
welke aard dan ook. Dat kan leiden tot ernstige
verwondingen van de gebruiker.
Om de snijdraad te verlengen laat u de motor op
volle toeren draaien en tikt u de draadkop op de
grond. De draad wordt automatisch verlengd. Het
mes op het beschermschild verkort de draad op
de toegestane lengte ( g. 9b).
Voorzichtig: verwijder regelmatig alle resten van
gras en onkruid om een oververhitting van de
schachtbuis te voorkomen. Resten van gazon,
gras en onkruid blijven onderaan het bescherm-
schild ( g. 9c) vastzitten en verhinderen daardoor
een voldoende koeling van de schachtbuis. Ver-
wijder de resten voorzichtig met een schroeven-
draaier of iets dergelijks.
Verschillende snijmethodes
Is het toestel correct gemonteerd, snijdt het onk-
ruid en hoog gras op moeilijk bereikbare plaats-
en, zoals b.v. langs omheiningen, muren en fun-
deringen alsook rond bomen. Het kan eveneens
voor het “afmaaien” worden gebruikt om vegetatie
dicht over de grond te verwijderen of een bepaald
gebied op te schikken voor een betere voorberei-
ding van een tuin.
Opgelet! Zelfs bij zorgvuldig gebruik heeft het
snijden langs funderingen, muren van steen of
beton enz. een verhoogde slijtage van de draad
tot gevolg.
Trimmen/maaien
Zwenk de trimmer met sikkelachtige bewegingen
van de ene kant naar de andere. Hou de draad-
spoel steeds evenwijdig met de grond. Controleer
het terrein en leg de gewenste snijhoogte vast.
Leid en houd de draadspoel in de gewenste
hoogte om een gelijkmatige snede te verkrijgen
( g. 9d).
Laag trimmen
Houd de trimmer exact voor u lichtjes schuin zo-
dat de onderkant van de draadspoel zich boven
de grond bevindt en de draad de juiste snijplaats
raakt. Snij steeds weg van uzelf. Trek de trimmer
nooit naar u toe.
Snijden langs omheiningen/funderingen
Nader al snijdend langzaam gaasafrasteringen,
lattenheiningen, muren van natuursteen en fun-
deringen om er dichtbij te snijden zonder echter
met de draad tegen de hindernis te slaan. Komt
de draad b.v. met stenen, muren van steen of
funderingen in aanraking, slijt hij af of rafelt hij uit.
Slaat de draad tegen omheiningstraliewerk, gaat
hij breken.
Trimmen van bomen
Als u rond bomen trimt, nader langzaam teneinde
de draad de schors niet raakt. Ga rond de boom
en snij daarbij van links naar rechts. Nader gras
of onkruid met de top van de draad en kantel de
draadspoel lichtjes naar voren.
Waarschuwing : wees bijzonder voorzichtig bij
afmaaiwerkzaamheden. Neem bij dergelijke
werkzaamheden een afstand van minstens 30 m
tussen uzelf en andere personen of dieren in acht.
Anl_GC_BC_31_4_S_SPK7.indb 68Anl_GC_BC_31_4_S_SPK7.indb 68 11.05.2016 09:57:0211.05.2016 09:57:02
NL
- 69 -
Afmaaien
Bij het afmaaien wordt de hele vegetatie tot op
de grond afgesneden. Te dien einde kantelt u
de draadspoel in een hoek van 30 graden naar
rechts. Breng de handgreep in de gewenste
positie. Houd rekening met verhoogd lichamelijk
gevaar voor gebruiker, toeschouwers en dieren
alsmede met het gevaar voor materiële schade
door wegspringende voorwerpen (b.v. stenen)
( g. 9e).
Waarschuwing: verwijder met het toestel geen
voorwerpen van voetpaden enz.! Het toestel is
een krachtig gereedschap; steentjes of andere
voorwerpen kunnen 15 m en meer worden weg-
geslingerd en kunnen letsels of beschadigingen
van auto’s, huizen en vensters veroorzaken.
Zagen
Het toestel is niet geschikt voor het zagen.
Vastkomen
Mocht het snijmes wegens te dichte vegetatie
blokkeren dient u meteen de motor stil te leggen.
Ontdoe het toestel van gras en struikgewassen
voordat u het opnieuw in werking zet.
Vermijden van terugstoot
Bij het werken met het snijmes bestaat gevaar
voor terugstoot als het een vaste hindernis
(boomstam, tak, boomstomp, steen of dergelijks)
raakt. Het toestel springt daarbij terug tegen de
draairichting van het gereedschap in. Dit kan
ertoe leiden dat u de controle over het toestel
verliest. Gebruik het snijmes niet in de buurt van
omheiningen, metalen palen, grenspalen of fun-
deringen.
Om dichte stengels te snijden plaatst u die zoals
getoond in g. 9f om een terugstoot te voorko-
men.
9. Onderhoud
Schakel het apparaat vóór het begin van onder-
houdswerkzaamheden altijd uit en trek de bougie-
stekker eraf.
9.1 Vervangen van draadspoel/snijdraad
1. De draadspoel (13) demonteren zoals
beschreven in hoofdstuk 5.1.6. De spoel
samendrukken ( g. 12a) en één helft van de
behuizing eraf nemen ( g. 12b).
2. Draadspoel uit de behuizing nemen ( g. 12c).
3. Verwijder eventueel nog voorhanden snij-
draad.
4. De nieuwe snijdraad in het midden samen-
leggen en de ontstane lus vasthaken in de
uitsparing van de draadverdeelplaat ( g. 12d).
5. Draad onder spanning tegen de de klok in
opwikkelen. De draadverdeelplaat scheidt
daarbij de beide helften van de snijdraad ( g.
12e).
6. De laatste 15 cm van de beide draaduitein-
den in de tegenoverliggende draadhouders
van de draadverdeelplaat haken ( g. 12f).
7. De beide draaduiteinden doorheen de meta-
len ogen in de behuizing van de draadspoel
leiden ( g. 12b).
8. Draadspoel in de behuizing van de draadspo-
el drukken ( g. 12a).
9. Overtollige draad op ongeveer 13 cm inkor-
ten. Daardoor wordt de motor bij het starten
en opwarmen minder zwaar belast.
10. Draadspoel weer monteren (zie hoofdstuk
5.1.6). Als de complete draadspoel wordt ver-
nieuwd, slaat u de punten 3-6 over.
9.2 Slijpen van het mes van de beschermkap
Het mes van de beschermkap kan mettertijd bot
worden. Mocht u dit vaststellen, dan draait u de
schroef los waarmee het mes van de bescherm-
kap aan de beschermkap is bevestigd. Zet het
mes vast in een bankschroef. Slijp het mes met
een vlakke vijl en let er goed op, dat u de hoek
van de snijkant niet verandert. Vijl slechts in één
richting.
Anl_GC_BC_31_4_S_SPK7.indb 69Anl_GC_BC_31_4_S_SPK7.indb 69 11.05.2016 09:57:0211.05.2016 09:57:02
NL
- 70 -
9.3 Onderhoud van het lucht lter
Door verontreinigde lucht lters neemt het mo-
torvermogen af, omdat er te weinig lucht naar de
carburateur wordt geleid. Regelmatige controle
is dan ook absoluut noodzakelijk. Het lucht lter
(16) moet om de 25 bedrijfsuren gecontroleerd en
indien nodig gereinigd worden. Bij zeer sto ge
lucht moet het lucht lter vaker worden gecontro-
leerd.
1. Verwijder het lucht lterdeksel ( g. 10a).
2. Verwijder het lucht lter ( g. 10b/10c).
3. Reinig het lucht lter door uitkloppen of uitbla-
zen.
4. De assemblage gebeurt in omgekeerde
volgorde.
Waarschuwing: Lucht lter nooit met benzine of
brandbare oplosmiddelen reinigen.
9.4 Onderhoud van de bougie
Vonkafstand van de bougie = 0,6 mm. Draai de
bougie aan met 12 tot 15 Nm. Controleer de bou-
gie voor het eerst na 10 bedrijfsuren op vervuiling
en reinig hem, indien nodig, met een koperen
draadborstel. Daarna de bougie om de 50 bedrijf-
suren onderhouden.
1. Trek de bougiestekker (20) eraf ( g. 11a).
2. Verwijder de bougie ( g. 11b) met de meege-
leverde bougiesleutel (27).
3. De assemblage gebeurt in omgekeerde
volgorde.
9.5 Afstellingen aan de carburateur
Waarschuwing! Instellingen aan de carburateur
mogen alleen door een geautoriseerde klanten-
service worden uitgevoerd.
Voor alle werkzaamheden aan de carburateur
moet eerst de lucht lterafdekking worden gede-
monteerd zoals getoond in g. 10a-10c.
Instellen van de gastrekkabel:
Mocht het maximum toerental van het apparaat
na verloop van tijd niet meer worden behaald
en alle andere oorzaken volgens hoofdstuk 12
Verhelpen van fouten uitgesloten zijn, dan kan het
nodig zijn de gastrekkabel bij te regelen. Contro-
leer daarvoor eerst of de carburateur bij volledig
doorgedrukte gashendel helemaal opengaat. Dit
is het geval als de schuif van de carburateur ( g.
13a) bij vol geactiveerd gas volledig geopend is.
Fig. 13a toont de correcte instelling. Mocht de
schuif van de carburateur niet helemaal geopend
zijn, dan is een nieuwe afstelling noodzakelijk.
Om de gastrekkabel bij te stellen zijn volgende
stappen vereist:
Draai de contramoer (fig. 13b, pos. C) enkele
omdraaiingen los.
Draai de verstelschroef (fig. 13b, pos. D) eruit,
tot de schuif van de carburateur bij volledig
geactiveerd gas, zoals getoond in figuur 13a,
volledig is geopend.
Draai de contramoer weer vast.
9.6. Instellen van het stationaire toerental
Aanwijzing! Het stationaire toerental bij warme
motor instellen.
De instelling van het stationaire toerental mag
alleen worden uitgevoerd door een geautoriseer-
de vakwerkplaats. Het aanlooptoerental van het
snijgereedschap moet minstens het 1,25-voudige
van het stationaire toerental zijn.
9.7 Invetten van de transmissie
Vul om de 20 bedrijfsuren wat vloeibaar transmis-
sievet (ca. 10 g) bij aan het smeerpunt (C) ( g.
7c).
9.8 Olieverversing, oliepeil controleren (vóór
elke inzet)
De verversing van de motorolie moet worden uit-
gevoerd bij bedrijfswarme motor. Neem hiervoor
ook de service-informatie in acht.
Houd voor de olieverversing een geschikt
reservoir gereed, dat niet lekt.
Olievulplug (fig. 14a-14b, pos. 28) openen.
De oude olie door de motor te kantelen afla-
ten in een geschikt opvangreservoir.
Motorolie (15W40) erin gieten tot aan de bo-
venste markering (Max.) van de oliemeetstaaf
(fig. 14b).
Verwerk de oude olie zoals voorgeschreven.
Lever uw oude olie in bij een inzamelpunt: de
meeste tankstations, reparatiewerkplaatsen
of recyclageparken nemen oude olie zonder
kosten terug. Vermeng geen andere substan-
ties zoals bijv. antivriesmiddel of transmis-
sievloeistof met de oude olie. Bewaar de olie
buiten het bereik van kinderen en uit de buurt
van ontstekingsbronnen.
Anl_GC_BC_31_4_S_SPK7.indb 70Anl_GC_BC_31_4_S_SPK7.indb 70 11.05.2016 09:57:0211.05.2016 09:57:02
NL
- 71 -
10. Reiniging, opbergen, transport
en bestellen van wisselstukken
10.1 Reiniging
Hou de handgrepen vrij van olie zodat u altijd
een veilige houvast hebt.
Maak het toestel, indien nodig, met een voch-
tige doek en eventueel met een mild spoel-
middel schoon.
LET OP!
Voor elke schoonmaakbeurt de bougiestekker
aftrekken. Dompel het toestel voor het schoon-
maken geenszins in water of andere vloeisto en.
Bewaar de kettingzaag op een veilige en droge
plaats buiten bereik van kinderen.
10.2 Opbergen
Voorzichtig: Berg het toestel nooit langer dan 30
dagen weg zonder de volgende stappen te door-
lopen.
Belangrijke aanwijzing voor de opslag! Sla
het op benzine werkende apparaat op zoals ge-
toond in g. 15a. Ophangen, rechtop zetten ( g.
15b) of zijwaarts opslaan heeft tot gevolg dat er
motorolie in de verbrandingsruimte stroomt, zodat
het apparaat niet kan worden gestart.
Opbergen van het toestel
Als u het toestel langer dan 30 dagen opbergt,
dient het hiervoor klaargemaakt te worden. An-
ders zou de rest van de brandstof die zich in de
carburator bevindt verdampen en een rubberach-
tig bezinksel achterlaten. Dit zou de start kunnen
bemoeilijken en dure herstelwerkzaamheden tot
gevolg hebben.
1. Neem de dop van de brandstoftank langzaam
eraf om eventuele druk in de tank af te laten.
Maak de tank voorzichtig leeg.
2. Start de motor en laat hem draaien tot de
zaag stopt teneinde de brandstof uit de car-
burator te verwijderen.
3. Laat de motor afkoelen (ca. 5 minuten).
Aanwijzing: Berg het toestel op een droge plaats
en zo ver mogelijk verwijderd van eventuele ont-
stekingsbronnen, b.v. kachel, warmwaterboiler die
op gas draait, gasdroger etc. op.
Herinbedrijfstelling
1. Verwijder de bougie (zie 9.4).
2. Maak de bougie schoon en let op de juiste
elektrodeafstand op de bougie of monteer
een nieuwe bougie met de juiste elektrodeaf-
stand.
10.3 Transport
Moet u het toestel transporteren, maak dan de
benzinetank leeg zoals toegelicht in hoofdstuk 10.
Ontdoe het toestel met een borstel of handveger
van grof vuil. Demonteer het aandrijfstangenstel-
sel zoals beschreven in punt 5.1.2.
10.4 Bestellen van wisselstukken
Gelieve bij het bestellen van wisselstukken vol-
gende gegevens te vermelden :
Type van het toestel
Artikelnummer van het toestel
Ident-nummer van het toestel
Wisselstuknummer van het benodigde stuk.
Actuele prijzen en info vindt u terug onder www.
isc-gmbh.info
11. Verwijdering en recyclage
Het toestel bevindt zich in een verpakking om
transportschade te voorkomen. Deze verpakking
is een grondstof en bijgevolg herbruikbaar of kan
in de grondstofkringloop worden teruggevoerd.
Het toestel en zijn accessoires bestaan uit di-
verse materialen, zoals b.v. metaal en kunststof.
Defecte toestellen horen niet thuis in het huisvuil.
Om zich van het toestel naar behoren te ontdoen
dient het naar een geschikte verzamelplaats te
worden gebracht. Als u geen inzamelplaats kent
gelieve u dan bij de gemeente te informeren.
Anl_GC_BC_31_4_S_SPK7.indb 71Anl_GC_BC_31_4_S_SPK7.indb 71 11.05.2016 09:57:0211.05.2016 09:57:02
NL
- 72 -
12. Foutopsporing
De volgende tabel toont foutsymptomen aan en legt uit hoe u een fout kan verhelpen mocht uw toestel
ooit niet naar behoren werken. Indien u het probleem desondanks niet kan lokaliseren en verhelpen ge-
lieve zich tot uw servicewerkplaats te wenden.
Storing Mogelijke oorzaak Verhelpen
De motor van het to-
estel slaat niet aan.
- Foutieve procedure bij het starten
- Bougie vol roet of vochtig
- Carburator fout afgesteld
- Neem de aanwijzingen voor het
starten in acht.
- Bougie reinigen of door een nieuwe
vervangen.
- Naar de geautoriseerde klantenser-
vice gaan of het toestel naar ISC-
GmbH opsturen.
De motor van het to-
estel slaat aan maar
heeft niet het volle
vermogen
- Choke-hendel niet correct afgesteld
- Vervuilde lucht lter
- Carburator fout afgesteld
- Chokehendel naar de stand „
brengen.
- Lucht lter reinigen
- Naar de geautoriseerde klantenser-
vice gaan of het toestel naar ISC-
GmbH opsturen.
Motor draait onre-
gelmatig
- Foutieve elektrodeafstand van de
bougie
- Carburator fout afgesteld
- Bougie reinigen en elektrodeaf-
stand instellen of een nieuwe bou-
gie indraaien.
- Naar de geautoriseerde klantenser-
vice gaan of het toestel naar ISC-
GmbH opsturen.
Motor rookt boven-
matig
- Carburator fout afgesteld - Naar de geautoriseerde klantenser-
vice gaan of het toestel naar ISC-
GmbH opsturen.
Nadruk of andere reproductie van documentatie en geleidepapieren van de producten, geheel of ge-
deeltelijk, enkel toegestaan mits uitdrukkelijke toestemming van iSC GmbH.
Technische wijzigingen voorbehouden
Anl_GC_BC_31_4_S_SPK7.indb 72Anl_GC_BC_31_4_S_SPK7.indb 72 11.05.2016 09:57:0211.05.2016 09:57:02
NL
- 73 -
Service-informatie
Wij werken in alle landen die in het garantiebewijs zijn genoemd, samen met competente servicepart-
ners, wier contactgegevens u kunt a eiden uit het garantiebewijs. Deze staan voor alle diensten zoals
reparatie, het verscha en van wisselstukken of slijtdelen of voor de aankoop van verbruiksmaterialen te
uwer beschikking.
U moet er rekening mee houden dat bij dit product de volgende delen onderhevig zijn aan een slijtage
door gebruik of een natuurlijke slijtage, resp. dat de volgende delen nodig zijn als verbruiksmaterialen.
Categorie Voorbeeld
Slijtstukken* Bougie, lucht lter
Verbruiksmateriaal/verbruiksstukken* Snijmes, draadspoel met snijdraad
Ontbrekende onderdelen
* niet verplicht bij de leveringsomvang begrepen!
Bij gebreken of defecten verzoeken wij u om de fout te melden op het internet onder www.isc-gmbh.info.
Gelieve te zorgen voor een nauwkeurige beschrijving van de fout en daarbij in elk geval de volgende
vragen te beantwoorden:
Heeft het toestel reeds eenmaal gewerkt of was het vanaf het begin defect?
Is u iets opgevallen voordat het defect zich voordeed (symptoom vóór het defect)?
Welke foutieve werkwijze vertoont het toestel volgens u (hoofdsymptoom)?
Beschrijf deze foutieve werkwijze.
Anl_GC_BC_31_4_S_SPK7.indb 73Anl_GC_BC_31_4_S_SPK7.indb 73 11.05.2016 09:57:0211.05.2016 09:57:02
NL
- 74 -
Garantiebewijs
Geachte klant,
onze producten worden onderworpen aan een strenge kwaliteitscontrole. Mocht dit apparaat echter ooit
niet naar behoren functioneren, spijt dit ons ten zeerste en vragen u zich te wenden tot onze service-
dienst onder het adres vermeld op dit garantiebewijs. Wij staan ook graag telefonisch tot uw dienst via
het vermelde servicetelefoonnummer. Voor eisen in verband met het recht garantie geldt het volgende:
1. Deze garantievoorwaarden zijn uitsluitend gericht aan de gebruikers, d.w.z. natuurlijke personen die
dit product niet in het kader van hun ambachtelijke noch van een andere zelfstandige activiteit willen
gebruiken. Deze garantievoorwaarden regelen aanvullende garantieprestaties, die de hieronder ge-
noemde fabrikant kopers van zijn nieuwe apparaten toezegt in aanvulling tot de wettelijke garantie.
Uw wettelijke garantieclaims blijven onaangetast door deze garantie. Onze garantieprestatie is voor
u gratis.
2. De garantieprestatie geldt uitsluitend voor gebreken aan een door u aangekocht nieuw apparaat
van de hieronder genoemde fabrikant die aantoonbaar berusten op een materiaal- of productiefout,
en is naar onze keuze beperkt tot het verhelpen van zulke gebreken aan het apparaat of de vervan-
ging ervan.
Wij wijzen erop dat onze apparaten overeenkomstig hun bestemming niet ontworpen zijn voor com-
mercieel, ambachtelijk of industrieel gebruik. Van een garantiecontract is derhalve geen sprake, als
het apparaat binnen de garantieperiode in commerciële, ambachtelijke of industriële bedrijven werd
ingezet of aan een daarmee gelijk te stellen belasting werd blootgesteld.
3. Van onze garantie zijn uitgesloten:
- Schade aan het apparaat als gevolg van niet-inachtneming van de montagehandleiding of op
grond van ondeskundige installatie, als gevolg van niet-inachtneming van de gebruiksaanwijzing
(zoals bijv. door aansluiting aan een verkeerde netspanning of stroomsoort) of niet-inachtneming
van de onderhouds- en veiligheidsvoorschriften, door blootstelling van het apparaat aan abnormale
omgevingsvoorwaarden of door nalatig onderhoud en verzorging.
- Schade aan het apparaat als gevolg van misbruik of ondeskundige toepassingen (zoals bijv. over-
belasting van het apparaat of de inzet van niet toegelaten gereedschappen of toebehoren), binnen-
dringen van vreemde voorwerpen in het apparaat (zoals bijv. zand, stenen of stof, transportschade),
gebruik van geweld of als gevolg van externe invloeden (zoals bijv. schade door vallen).
- Schade aan het apparaat of aan delen van het apparaat die valt te herleiden tot slijtage als gevolg
van gebruik, en als gevolg van normale of andere natuurlijke slijtage.
4. De garantieperiode bedraagt 24 maanden en gaat in op de datum van aankoop van het apparaat.
Garantieclaims dienen voor het verloop van de garantieperiode binnen de twee weken na het vast-
stellen van het defect geldend te worden gemaakt. Het indienen van garantieclaims na verloop van
de garantieperiode is uitgesloten. De herstelling of vervanging van het apparaat leidt niet tot een
verlenging van de garantieperiode noch wordt door deze prestatie een nieuwe garantieperiode voor
het apparaat of voor eventueel ingebouwde wisselstukken op gang gebracht. Dit geldt ook bij het ter
plaatse uitvoeren van een serviceactiviteit.
5. Gelieve om een garantieclaim in te dienen het defecte apparaat aan te melden onder: www.isc-
gmbh.info. Houd het aankoopbewijs of een ander bewijs van uw aankoop van het nieuwe apparaat
bij de hand. Apparaten die zonder bijhorende bewijzen of zonder typeplaatje worden teruggestuurd,
worden op grond van de ontbrekende mogelijkheid om het apparaat toe te kennen uitgesloten van
de garantieprestatie. Valt het defect van het apparaat binnen onze garantieprestatie, dan bezorgen
wij u per omgaande een gerepareerd of nieuw apparaat terug.
Uiteraard staan wij ook tot u dienst om, mits betaling van de kosten, defecten van het apparaat te ver-
helpen die buiten de garantieomvang vallen. Te dien einde stuurt u het apparaat aan ons serviceadres
op.
Voor slijtstukken, verbruiksmateriaal en ontbrekende onderdelen wordt verwezen naar de beperkingen
van deze garantie conform de service-informatie van deze handleiding.
Anl_GC_BC_31_4_S_SPK7.indb 74Anl_GC_BC_31_4_S_SPK7.indb 74 11.05.2016 09:57:0211.05.2016 09:57:02

Documenttranscriptie

NL Gevaar! Bij het gebruik van toestellen dienen enkele veiligheidsmaatregelen te worden nageleefd om lichamelijk gevaar en schade te voorkomen. Lees daarom deze handleiding / veiligheidsinstructies zorgvuldig door. Bewaar deze goed zodat u de informatie op elk moment kunt terugvinden. Mocht u dit toestel aan andere personen doorgeven, gelieve dan deze handleiding / veiligheidsinstructies mee te geven. Wij zijn niet aansprakelijk voor ongevallen of schade die te wijten zijn aan niet-naleving van deze handleiding en van de veiligheidsinstructies. 1. Veiligheidsaanwijzingen De overeenkomstige veiligheidsinstructies vindt u in de bijgaande brochure. Gevaar! Lees alle veiligheidsinstructies en aanwijzingen. Nalatigheden bij de inachtneming van de veiligheidsinstructies en aanwijzingen kunnen elektrische schok, brand en/of zware letsels tot gevolg hebben. Bewaar alle veiligheidsinstructies en aanwijzingen voor de toekomst. Veiligheidsvoorzieningen Als u met het toestel werkt moet de overeenkomstige plastic beschermkap voor messen of draad zijn aangebracht om het wegspringen van voorwerpen te voorkomen. Het in de beschermkap van de snijdraad geïntegreerde mes snijdt de draad automatisch op de optimale lengte. Verklaring van de aanwijzingsborden op het toestel (fig. 16): 1. Waarschuwing! 2. Vóór inbedrijfstelling handleiding lezen! 3. Oog-/hoofd- en gehoorbeschermer dragen! 4. Vast schoeisel dragen! 5. Veiligheidshandschoenen dragen! 6. Toestel beschermen tegen regen en vocht! 7. Let op wegspringende delen. 8. Voor onderhoudswerkzaamheden het toestel stopzetten en de bougiestekker aftrekken! 9. De afstand tussen de machine en omstanders moet minstens 15 m bedragen! 10. Gereedschap loopt uit! 11. Let op! Warme onderdelen. Op afstand blijven. 12. Vul om de 20 bedrijfsuren wat vet aan (vloeibaar transmissievet) 13. Pas op voor terugslag! 14. Gebruik geen zaagbladen. 2. Beschrijving van het gereedschap en leveringsomvang 2.1 Beschrijving van het gereedschap (fig. 1-14) 1. Verbindingsstuk geleidesteel 2. Geleidesteel 3. Geleidehandgreep 4. Startkoord 5. Choke-hendel 6. Benzinetank 7. Brandstofpomp „Primer“ 8. Afdekking luchtfilterhuis 9. Aan/Uit-schakelaar 10. Arrêtering gashendel 11. Gashendel 12. Vergrendeling gashendel 13. Draadspoel met snijdraad 14. Beschermkap snijdraad 15. Beschermkap snijmes 16. Luchtfilter 17. Draagriem 18. Snijmes 19. Houder geleidehandgreep 20. Bougiestekker 21. Gerande schroef M6 22. Meenemerschijf 23. Drukplaat 24. Afdekking drukplaat 25. Moer M10 (linkse schroefdraad) 26. Meetbeker 27. Bougiesleutel 28. Olievulplug 29. Inbussleutel 4 mm 30. Inbussleutel 5 mm 2.2 Leveringsomvang Gelieve de volledigheid van het artikel te controleren aan de hand van de beschreven omvang van de levering. Indien er onderdelen ontbreken, gelieve u dan binnen 5 werkdagen na aankoop van het artikel te wenden tot ons servicecenter of tot het verkooppunt waar u het apparaat heeft gekocht, en leg een geldig bewijs van aankoop voor. Gelieve daarvoor de garantietabel in de serviceinformatie aan het einde van de handleiding in acht te nemen. - 64 - Anl_GC_BC_31_4_S_SPK7.indb 64 11.05.2016 09:57:01 NL • • • • • Open de verpakking en neem het toestel voorzichtig uit de verpakking. Verwijder het verpakkingsmateriaal alsmede verpakkings-/transportbeveiligingen (indien aanwezig). Controleer of de leveringsomvang compleet is. Controleer het toestel en de accessoires op transportschade. Bewaar de verpakking indien mogelijk tot het verloop van de garantieperiode. Gevaar! Het toestel en het verpakkingsmateriaal zijn geen speelgoed voor kinderen! Kinderen mogen niet met plastic zakken, folies en kleine stukken spelen! Er bestaat inslik- en verstikkingsgevaar! • • • • • • • • • • • • • • • • • • Benzinezeis Geleidesteel Geleidehandgreep Houder geleidehandgreep Draagriem Snijmes Draadspoel met snijdraad Meenemerschijf Drukplaat Afdekking drukplaat Moer M10 (linkse schroefdraad) Meetbeker Bougiesleutel Inbussleutel 4 mm Inbussleutel 5 mm Beschermkap voor snijdraad/snijmes Originele handleiding Veiligheidsinstructies 3. Reglementair gebruik De motorzeis (gebruik van het snijmes) is geschikt voor het snijden van dunne struikgewassen, sterke onkruiden en kreupelhout. De motortrimmer (gebruik van de draadspoel met snijdraad) is geschikt voor het snijden van gazon, grasvlakten en licht onkruid. Het behoorlijk gebruik van het toestel houdt in dat de bijgaande handleiding van de fabrikant in acht wordt genomen. Elk ander gebruik dat in deze handleiding niet uitdrukkelijk is toegestaan kan schade aan het toestel berokkenen en de gebruiker ernstig in gevaar brengen. Gelieve zeker de beperkingen vermeld in de veiligheidsinstructies in acht te nemen. Wij wijzen erop dat onze toestellen overeenkomstig hun bestemming niet ontworpen zijn voor commercieel, ambachtelijk of industrieel gebruik. Wij zijn niet aansprakelijk indien het toestel in ambachtelijke of industriële bedrijven alsmede bij gelijk te stellen activiteiten wordt gebruikt. LET OP! Wegens lichamelijk gevaar voor de gebruiker mag de benzinemotorzeis niet voor volgende werkzaamheden worden ingezet: voor het reinigen van voetpaden en als hakselaar voor het versnipperen van boom- en heggensnoeisel. De benzinemotorzeis mag evenmin worden gebruikt voor het gelijkmaken van bodemverheffingen, zoals b.v. molshopen. Om veiligheidsredenen mag de benzinemotorzeis niet worden gebruikt als aandrijfaggregaat voor andere werkgereedschappen en gereedschapssets van welke aard dan ook. De machine mag slechts voor werkzaamheden worden gebruikt waarvoor ze bedoeld is. Elk verder gaand gebruik is niet doelmatig. Voor daaruit voortvloeiende schade of letsel van welke aard dan ook is de gebruiker/bediener, niet de fabrikant, aansprakelijk. 4. Technische gegevens Motortype ................... 4-takt motor, luchtgekoeld Motorvermogen (max.) ............... 0,7 kW / (1 PK) Slagvolume .............................................. 31 cm3 Stationair toerental motor ......... 3100 ± 400 min-1 Max. toerental Zeis: ....................................................7000 min-1 Trimmer: ..............................................6000 min-1 Ontsteking ....................................... Elektronisch Aandrijving ....................... Centrifugaalkoppeling Gewicht (lege tank) ...................................... 8 kg Snijcirkel draad Ø ...................................... 48 cm Snijcirkel mes Ø ..................................... 25,5 cm Draadlengte ............................................... 4,0 m Draad-Ø .................................................. 2,5 mm Tankinhoud ................................................... 0,7 l Bougie ....................................... TORCH A5RTC - 65 - Anl_GC_BC_31_4_S_SPK7.indb 65 11.05.2016 09:57:01 NL Gevaar! Geluid en vibratie Geluidsdrukniveau LpA .......................... 94 dB (A) Onzekerheid KpA ........................................... 3 dB Geluidsvermogen LWA ......................... 113 dB (A) Onzekerheid KWA .......................................... 3 dB 5.1.3 Montage van de mesbeschermkap Let op: Bij het werken met het snijmes moet de beschermkap aangebracht zijn. De montage van de snijmesbeschermkap gebeurt zoals voorgesteld in de fig. 5a-5b. 5.1.4 Montage/Vervangen van het snijmes De montage van het snijmes is geïllustreerd in fig. 6a-6g. De demontage gebeurt in omgekeerde volgorde. • Meenemerschijf (22) op de tandas steken (fig. 6b). • Snijmes (18) op de meenemerschijf arrêteren (fig. 6c). • Drukplaat (23) over de schroefdraad van de tandas steken (fig. 6d). • Afdekking drukplaat (24) erop steken (fig. 6e). • Het boorgat van de meenemerschijf zoeken, in één lijn brengen met de eronder liggende inkeping en arrêteren met de meegeleverde inbussleutel (29) om daarna de moer (25) aan te draaien (fig. 6f/6g). Aanwijzing: Linkse schroefdraad! Draag een gehoorbeschermer. Lawaai kan aanleiding geven tot gehoorverlies. Totale vibratiewaarden (vectorsom van drie richtingen) bepaald volgens EN 60745. Bedrijf Trillingsemissiewaarde ah = 7,3 m/s2 Onzekerheid K = 1,5 m/s2 Beperk de geluidsontwikkeling en vibratie tot een minimum! • Gebruik enkel intacte toestellen. • Onderhoud en reinig het toestel regelmatig. • Pas uw manier van werken aan het toestel aan. • Overbelast het toestel niet. • Laat het toestel indien nodig nazien. • Schakel het toestel uit als het niet wordt gebruikt. • Draag handschoenen. 5. Montage 5.1.1 Montage van de geleidehandgreep Monteer de geleidehandgreep zoals voorgesteld in de afbeeldingen 3a-3b. Draai de schroeven pas helemaal vast, als u de optimale werkpositie met de draagriem heeft ingesteld. De geleidehandgreep moet worden uitgericht zoals voorgesteld in afbeelding 1. De demontage gebeurt in omgekeerde volgorde. 5.1.2 Montage van de geleidesteel (fig. 4a-4c) Trek aan de arrêteerhendel (A) en schuif de geleidesteel (fig. 4a, pos. 2) voorzichtig in het verbindingsstuk van de geleidesteel. Zorg er daarbij voor dat de aandrijfassen binnenin de geleidesteel ineenglijden (eventueel licht aan de kop van de spoel draaien). De neus van de arrêteerhendel (A) moet vastklikken in het gat (B). Draai nu de gerande schroef (21) aan zoals getoond in fig. 4c. 5.1.5 Montage van de beschermkap van de snijdraad aan de mesbeschermkap Opgelet: Bij het werken met de snijdraad moet ook de beschermkap van de snijdraad (fig. 7a, pos. 14) worden gemonteerd. De montage van de beschermkap van de snijdraad gebeurt zoals voorgesteld in de afbeeldingen 7a-7b. Aan de onderkant van de beschermkap bevindt zich een mes (fig. 7a, pos. F) voor de automatische regeling van de draadlengte. Dit mes is afgedekt met een bescherming (fig. 7a, pos. G). Verwijder deze bescherming vóór het begin van het werk en breng hem aan de werkzaamheden weer aan. 5.1.6 Monteren/Vervangen van de draadspoel De montage van de draadspoel is voorgesteld in de afbeeldingen 7c-7d. De demontage gebeurt in omgekeerde volgorde. Het boorgat van de meeneemplaat zoeken, in één lijn brengen met de eronder liggende inkeping en arrêteren met de meegeleverde inbussleutel (29) om nu de draadspoel op de schroefdraad te schroeven. Aanwijzing: Linkse schroefdraad! - 66 - Anl_GC_BC_31_4_S_SPK7.indb 66 11.05.2016 09:57:01 NL 5.2 Instellen van de maaihoogte • Draagriem omdoen zoals voorgesteld in afbeelding 8a-8c. • Het apparaat vasthaken aan de draagriem (fig. 8d). • Met de verschillende riemverstellers aan de draagriem de optimale werk- en snijpositie instellen (fig. 8e). • Om de optimale lengte van de draagriem te bepalen maakt u vervolgens enkele slingerbewegingen zonder de motor te starten (fig. 9a). De draagriem is uitgerust met een snel openend mechanisme. Trek aan het rode riemuiteinde (fig. 8f) als u het apparaat vlug moet afleggen. Waarschuwing: Gebruik de riem altijd als u met het apparaat werkt. Breng de riem aan zodra u de motor heeft gestart en hij stationair draait. Schakel de motor uit voordat u de draagriem afneemt. 6. Vóór inbedrijfstelling Ga voor iedere ingebruikneming na of: • het brandstofsysteem geen lekkage vertoont, • de bescherminrichtingen en de snijinrichting in perfecte staat verkeren en volledig zijn, • alle schroefverbindingen goed vast zitten, • alle beweegbare onderdelen gemakkelijk bewegen. 6.1 Brandstof erin gieten Schroef de tankdop (fig. 1, pos. 6) eraf en giet met behulp van een vultrechter benzine in de tank. Let erop dat u de tank niet te vol giet en dat er geen benzine uitloopt. Droog gemorste benzine af en wacht tot de benzinedampen zijn vervluchtigd (ontstekingsgevaar). Sluit de tankdop. 6.2 Olie ingieten Open de olievulplug (fig. 14a, pos. 28) en giet ongeveer 0,08 l motorolie (15W40) erin tot aan de bovenste markering (Max.) van de oliemeetstaaf (fig. 14b). Aanwijzing! Vóór de eerste inbedrijfstelling moet u er motorolie en brandstof ingieten. 7. Bedrijf Gelieve de wettelijke bepalingen inzake de verordening voor de bestrijding van lawaaioverlast na te leven, die plaatselijk kunnen verschillen. Verwijder vóór inbedrijfstelling de beschermkappen van het snijmes. 7.1 Starten bij koude motor Giet in de tank een behoorlijke hoeveelheid benzine. 1. Apparaat op een hard, effen vlak zetten. 2. Brandstofpomp (primer) (fig. 1, pos. 7) 10x indrukken. 3. Aan/Uit-schakelaar (fig. 1, pos. 9) op „I“ schakelen. 4. Gashendel vastzetten. Hiervoor de vergrendeling van de gashendel (fig. 1, pos. 12) en vervolgens de gashendel (fig. 1, pos. 11) bedienen en door gelijktijdig te drukken op de arrêtering (fig. 1, pos. 10) de gashendel vastzetten. 5. Chokehendel (fig. 1, pos. 5) op „ “ zetten. 6. Het apparaat goed vasthouden en het starterkoord (fig. 1, pos. 4) uittrekken tot aan de eerste weerstand. Nu de startkabel 6x snel aantrekken. Het apparaat zou moeten starten. Aanwijzing! Het starterkoord niet terug laten springen. Dit kan tot beschadigingen leiden. Als de motor is gestart, de chokehendel meteen op „ “ zetten en het apparaat ca. 60 s laten warmlopen. Waarschuwing! Door de vastgezette gashendel begint het snijgereedschap bij startende motor te werken. Vervolgens de gashendel gewoon bedienen om hem te ontgrendelen. 7. Mocht de motor niet aanslaan, dan herhaalt u de stappen 4-6. Opgelet! Slaat de motor ook na meerdere pogingen niet aan, gelieve dan het hoofdstuk „Fouten verhelpen aan de motor“ te raadplegen. Opgelet! Trek het starterkoord altijd recht uit. Als het in een hoek wordt uitgetrokken, dan ontstaat er wrijving aan het oog. Door deze wrijving wordt het koord doorgeschuurd en verslijt het sneller. Houd steeds de startergreep vast, als het koord weer vanzelf naar binnen wordt getrokken. Laat het koord nooit terugspringen vanuit de uitgetrokken toestand. - 67 - Anl_GC_BC_31_4_S_SPK7.indb 67 11.05.2016 09:57:01 NL 7.2 Starten bij warme motor (Het apparaat stond gedurende minder dan 15 tot 20 min stil) 1. Het apparaat op een hard, effen vlak zetten. 2. Aan/Uit-schakelaar op „I“ zetten. 3. Het apparaat goed vasthouden en het starterkoord tot de eerste weerstand uittrekken. Haal nu het starterkoord flink door. Het apparaat moet na 1-2 keer doorhalen starten. Mocht het apparaat na 6 keer doorhalen nog altijd niet starten, dan herhaalt u de stappen 1-7 beschreven onder “Koude motor starten”. 7.3 Motor afzetten Stappenvolgorde bij noodstop: Wanneer het nodig is om het apparaat onmiddellijk te stoppen, zet u de Aan/Uit-schakelaar op „Stop“ resp. „0“. 7.4 Werkinstructies Train vóór gebruik van het apparaat alle werktechnieken bij afgezette motor. Verlengen van de snijdraad Waarschuwing! Gebruik in de draadkop geen blanke of geplastificeerde metalen draad van welke aard dan ook. Dat kan leiden tot ernstige verwondingen van de gebruiker. Om de snijdraad te verlengen laat u de motor op volle toeren draaien en tikt u de draadkop op de grond. De draad wordt automatisch verlengd. Het mes op het beschermschild verkort de draad op de toegestane lengte (fig. 9b). Voorzichtig: verwijder regelmatig alle resten van gras en onkruid om een oververhitting van de schachtbuis te voorkomen. Resten van gazon, gras en onkruid blijven onderaan het beschermschild (fig. 9c) vastzitten en verhinderen daardoor een voldoende koeling van de schachtbuis. Verwijder de resten voorzichtig met een schroevendraaier of iets dergelijks. Opgelet! Zelfs bij zorgvuldig gebruik heeft het snijden langs funderingen, muren van steen of beton enz. een verhoogde slijtage van de draad tot gevolg. Trimmen/maaien Zwenk de trimmer met sikkelachtige bewegingen van de ene kant naar de andere. Hou de draadspoel steeds evenwijdig met de grond. Controleer het terrein en leg de gewenste snijhoogte vast. Leid en houd de draadspoel in de gewenste hoogte om een gelijkmatige snede te verkrijgen (fig. 9d). Normale stappenvolgorde: Laat de gashendel los en wacht tot de motor stationair is gaan draaien. Zet dan de Aan/Uitschakelaar op „Stop“ resp. „0“. 8. Werken met de benzinemotorzeis Verschillende snijmethodes Is het toestel correct gemonteerd, snijdt het onkruid en hoog gras op moeilijk bereikbare plaatsen, zoals b.v. langs omheiningen, muren en funderingen alsook rond bomen. Het kan eveneens voor het “afmaaien” worden gebruikt om vegetatie dicht over de grond te verwijderen of een bepaald gebied op te schikken voor een betere voorbereiding van een tuin. Laag trimmen Houd de trimmer exact voor u lichtjes schuin zodat de onderkant van de draadspoel zich boven de grond bevindt en de draad de juiste snijplaats raakt. Snij steeds weg van uzelf. Trek de trimmer nooit naar u toe. Snijden langs omheiningen/funderingen Nader al snijdend langzaam gaasafrasteringen, lattenheiningen, muren van natuursteen en funderingen om er dichtbij te snijden zonder echter met de draad tegen de hindernis te slaan. Komt de draad b.v. met stenen, muren van steen of funderingen in aanraking, slijt hij af of rafelt hij uit. Slaat de draad tegen omheiningstraliewerk, gaat hij breken. Trimmen van bomen Als u rond bomen trimt, nader langzaam teneinde de draad de schors niet raakt. Ga rond de boom en snij daarbij van links naar rechts. Nader gras of onkruid met de top van de draad en kantel de draadspoel lichtjes naar voren. Waarschuwing : wees bijzonder voorzichtig bij afmaaiwerkzaamheden. Neem bij dergelijke werkzaamheden een afstand van minstens 30 m tussen uzelf en andere personen of dieren in acht. - 68 - Anl_GC_BC_31_4_S_SPK7.indb 68 11.05.2016 09:57:02 NL Afmaaien Bij het afmaaien wordt de hele vegetatie tot op de grond afgesneden. Te dien einde kantelt u de draadspoel in een hoek van 30 graden naar rechts. Breng de handgreep in de gewenste positie. Houd rekening met verhoogd lichamelijk gevaar voor gebruiker, toeschouwers en dieren alsmede met het gevaar voor materiële schade door wegspringende voorwerpen (b.v. stenen) (fig. 9e). Waarschuwing: verwijder met het toestel geen voorwerpen van voetpaden enz.! Het toestel is een krachtig gereedschap; steentjes of andere voorwerpen kunnen 15 m en meer worden weggeslingerd en kunnen letsels of beschadigingen van auto’s, huizen en vensters veroorzaken. Zagen Het toestel is niet geschikt voor het zagen. Vastkomen Mocht het snijmes wegens te dichte vegetatie blokkeren dient u meteen de motor stil te leggen. Ontdoe het toestel van gras en struikgewassen voordat u het opnieuw in werking zet. Vermijden van terugstoot Bij het werken met het snijmes bestaat gevaar voor terugstoot als het een vaste hindernis (boomstam, tak, boomstomp, steen of dergelijks) raakt. Het toestel springt daarbij terug tegen de draairichting van het gereedschap in. Dit kan ertoe leiden dat u de controle over het toestel verliest. Gebruik het snijmes niet in de buurt van omheiningen, metalen palen, grenspalen of funderingen. Om dichte stengels te snijden plaatst u die zoals getoond in fig. 9f om een terugstoot te voorkomen. 9. Onderhoud Schakel het apparaat vóór het begin van onderhoudswerkzaamheden altijd uit en trek de bougiestekker eraf. 9.1 Vervangen van draadspoel/snijdraad 1. De draadspoel (13) demonteren zoals beschreven in hoofdstuk 5.1.6. De spoel samendrukken (fig. 12a) en één helft van de behuizing eraf nemen (fig. 12b). 2. Draadspoel uit de behuizing nemen (fig. 12c). 3. Verwijder eventueel nog voorhanden snijdraad. 4. De nieuwe snijdraad in het midden samenleggen en de ontstane lus vasthaken in de uitsparing van de draadverdeelplaat (fig. 12d). 5. Draad onder spanning tegen de de klok in opwikkelen. De draadverdeelplaat scheidt daarbij de beide helften van de snijdraad (fig. 12e). 6. De laatste 15 cm van de beide draaduiteinden in de tegenoverliggende draadhouders van de draadverdeelplaat haken (fig. 12f). 7. De beide draaduiteinden doorheen de metalen ogen in de behuizing van de draadspoel leiden (fig. 12b). 8. Draadspoel in de behuizing van de draadspoel drukken (fig. 12a). 9. Overtollige draad op ongeveer 13 cm inkorten. Daardoor wordt de motor bij het starten en opwarmen minder zwaar belast. 10. Draadspoel weer monteren (zie hoofdstuk 5.1.6). Als de complete draadspoel wordt vernieuwd, slaat u de punten 3-6 over. 9.2 Slijpen van het mes van de beschermkap Het mes van de beschermkap kan mettertijd bot worden. Mocht u dit vaststellen, dan draait u de schroef los waarmee het mes van de beschermkap aan de beschermkap is bevestigd. Zet het mes vast in een bankschroef. Slijp het mes met een vlakke vijl en let er goed op, dat u de hoek van de snijkant niet verandert. Vijl slechts in één richting. - 69 - Anl_GC_BC_31_4_S_SPK7.indb 69 11.05.2016 09:57:02 NL 9.3 Onderhoud van het luchtfilter Door verontreinigde luchtfilters neemt het motorvermogen af, omdat er te weinig lucht naar de carburateur wordt geleid. Regelmatige controle is dan ook absoluut noodzakelijk. Het luchtfilter (16) moet om de 25 bedrijfsuren gecontroleerd en indien nodig gereinigd worden. Bij zeer stoffige lucht moet het luchtfilter vaker worden gecontroleerd. 1. Verwijder het luchtfilterdeksel (fig. 10a). 2. Verwijder het luchtfilter (fig. 10b/10c). 3. Reinig het luchtfilter door uitkloppen of uitblazen. 4. De assemblage gebeurt in omgekeerde volgorde. Waarschuwing: Luchtfilter nooit met benzine of brandbare oplosmiddelen reinigen. 9.4 Onderhoud van de bougie Vonkafstand van de bougie = 0,6 mm. Draai de bougie aan met 12 tot 15 Nm. Controleer de bougie voor het eerst na 10 bedrijfsuren op vervuiling en reinig hem, indien nodig, met een koperen draadborstel. Daarna de bougie om de 50 bedrijfsuren onderhouden. 1. Trek de bougiestekker (20) eraf (fig. 11a). 2. Verwijder de bougie (fig. 11b) met de meegeleverde bougiesleutel (27). 3. De assemblage gebeurt in omgekeerde volgorde. Om de gastrekkabel bij te stellen zijn volgende stappen vereist: • Draai de contramoer (fig. 13b, pos. C) enkele omdraaiingen los. • Draai de verstelschroef (fig. 13b, pos. D) eruit, tot de schuif van de carburateur bij volledig geactiveerd gas, zoals getoond in figuur 13a, volledig is geopend. • Draai de contramoer weer vast. 9.6. Instellen van het stationaire toerental Aanwijzing! Het stationaire toerental bij warme motor instellen. De instelling van het stationaire toerental mag alleen worden uitgevoerd door een geautoriseerde vakwerkplaats. Het aanlooptoerental van het snijgereedschap moet minstens het 1,25-voudige van het stationaire toerental zijn. 9.7 Invetten van de transmissie Vul om de 20 bedrijfsuren wat vloeibaar transmissievet (ca. 10 g) bij aan het smeerpunt (C) (fig. 7c). 9.5 Afstellingen aan de carburateur Waarschuwing! Instellingen aan de carburateur mogen alleen door een geautoriseerde klantenservice worden uitgevoerd. Voor alle werkzaamheden aan de carburateur moet eerst de luchtfilterafdekking worden gedemonteerd zoals getoond in fig. 10a-10c. Instellen van de gastrekkabel: Mocht het maximum toerental van het apparaat na verloop van tijd niet meer worden behaald en alle andere oorzaken volgens hoofdstuk 12 Verhelpen van fouten uitgesloten zijn, dan kan het nodig zijn de gastrekkabel bij te regelen. Controleer daarvoor eerst of de carburateur bij volledig doorgedrukte gashendel helemaal opengaat. Dit is het geval als de schuif van de carburateur (fig. 13a) bij vol geactiveerd gas volledig geopend is. Fig. 13a toont de correcte instelling. Mocht de schuif van de carburateur niet helemaal geopend zijn, dan is een nieuwe afstelling noodzakelijk. 9.8 Olieverversing, oliepeil controleren (vóór elke inzet) De verversing van de motorolie moet worden uitgevoerd bij bedrijfswarme motor. Neem hiervoor ook de service-informatie in acht. • Houd voor de olieverversing een geschikt reservoir gereed, dat niet lekt. • Olievulplug (fig. 14a-14b, pos. 28) openen. • De oude olie door de motor te kantelen aflaten in een geschikt opvangreservoir. • Motorolie (15W40) erin gieten tot aan de bovenste markering (Max.) van de oliemeetstaaf (fig. 14b). • Verwerk de oude olie zoals voorgeschreven. Lever uw oude olie in bij een inzamelpunt: de meeste tankstations, reparatiewerkplaatsen of recyclageparken nemen oude olie zonder kosten terug. Vermeng geen andere substanties zoals bijv. antivriesmiddel of transmissievloeistof met de oude olie. Bewaar de olie buiten het bereik van kinderen en uit de buurt van ontstekingsbronnen. - 70 - Anl_GC_BC_31_4_S_SPK7.indb 70 11.05.2016 09:57:02 NL 10. Reiniging, opbergen, transport en bestellen van wisselstukken 10.1 Reiniging • Hou de handgrepen vrij van olie zodat u altijd een veilige houvast hebt. • Maak het toestel, indien nodig, met een vochtige doek en eventueel met een mild spoelmiddel schoon. LET OP! Voor elke schoonmaakbeurt de bougiestekker aftrekken. Dompel het toestel voor het schoonmaken geenszins in water of andere vloeistoffen. Bewaar de kettingzaag op een veilige en droge plaats buiten bereik van kinderen. 10.2 Opbergen Voorzichtig: Berg het toestel nooit langer dan 30 dagen weg zonder de volgende stappen te doorlopen. Belangrijke aanwijzing voor de opslag! Sla het op benzine werkende apparaat op zoals getoond in fig. 15a. Ophangen, rechtop zetten (fig. 15b) of zijwaarts opslaan heeft tot gevolg dat er motorolie in de verbrandingsruimte stroomt, zodat het apparaat niet kan worden gestart. Opbergen van het toestel Als u het toestel langer dan 30 dagen opbergt, dient het hiervoor klaargemaakt te worden. Anders zou de rest van de brandstof die zich in de carburator bevindt verdampen en een rubberachtig bezinksel achterlaten. Dit zou de start kunnen bemoeilijken en dure herstelwerkzaamheden tot gevolg hebben. 1. Neem de dop van de brandstoftank langzaam eraf om eventuele druk in de tank af te laten. Maak de tank voorzichtig leeg. 2. Start de motor en laat hem draaien tot de zaag stopt teneinde de brandstof uit de carburator te verwijderen. 3. Laat de motor afkoelen (ca. 5 minuten). Herinbedrijfstelling 1. Verwijder de bougie (zie 9.4). 2. Maak de bougie schoon en let op de juiste elektrodeafstand op de bougie of monteer een nieuwe bougie met de juiste elektrodeafstand. 10.3 Transport Moet u het toestel transporteren, maak dan de benzinetank leeg zoals toegelicht in hoofdstuk 10. Ontdoe het toestel met een borstel of handveger van grof vuil. Demonteer het aandrijfstangenstelsel zoals beschreven in punt 5.1.2. 10.4 Bestellen van wisselstukken Gelieve bij het bestellen van wisselstukken volgende gegevens te vermelden : • Type van het toestel • Artikelnummer van het toestel • Ident-nummer van het toestel • Wisselstuknummer van het benodigde stuk. Actuele prijzen en info vindt u terug onder www. isc-gmbh.info 11. Verwijdering en recyclage Het toestel bevindt zich in een verpakking om transportschade te voorkomen. Deze verpakking is een grondstof en bijgevolg herbruikbaar of kan in de grondstofkringloop worden teruggevoerd. Het toestel en zijn accessoires bestaan uit diverse materialen, zoals b.v. metaal en kunststof. Defecte toestellen horen niet thuis in het huisvuil. Om zich van het toestel naar behoren te ontdoen dient het naar een geschikte verzamelplaats te worden gebracht. Als u geen inzamelplaats kent gelieve u dan bij de gemeente te informeren. Aanwijzing: Berg het toestel op een droge plaats en zo ver mogelijk verwijderd van eventuele ontstekingsbronnen, b.v. kachel, warmwaterboiler die op gas draait, gasdroger etc. op. - 71 - Anl_GC_BC_31_4_S_SPK7.indb 71 11.05.2016 09:57:02 NL 12. Foutopsporing De volgende tabel toont foutsymptomen aan en legt uit hoe u een fout kan verhelpen mocht uw toestel ooit niet naar behoren werken. Indien u het probleem desondanks niet kan lokaliseren en verhelpen gelieve zich tot uw servicewerkplaats te wenden. Storing De motor van het toestel slaat niet aan. Mogelijke oorzaak - Foutieve procedure bij het starten - Bougie vol roet of vochtig - Carburator fout afgesteld De motor van het toestel slaat aan maar heeft niet het volle vermogen - Choke-hendel niet correct afgesteld Motor draait onregelmatig - Foutieve elektrodeafstand van de bougie - Vervuilde luchtfilter - Carburator fout afgesteld - Carburator fout afgesteld Motor rookt bovenmatig - Carburator fout afgesteld Verhelpen - Neem de aanwijzingen voor het starten in acht. - Bougie reinigen of door een nieuwe vervangen. - Naar de geautoriseerde klantenservice gaan of het toestel naar ISCGmbH opsturen. - Chokehendel naar de stand „ “ brengen. - Luchtfilter reinigen - Naar de geautoriseerde klantenservice gaan of het toestel naar ISCGmbH opsturen. - Bougie reinigen en elektrodeafstand instellen of een nieuwe bougie indraaien. - Naar de geautoriseerde klantenservice gaan of het toestel naar ISCGmbH opsturen. - Naar de geautoriseerde klantenservice gaan of het toestel naar ISCGmbH opsturen. Nadruk of andere reproductie van documentatie en geleidepapieren van de producten, geheel of gedeeltelijk, enkel toegestaan mits uitdrukkelijke toestemming van iSC GmbH. Technische wijzigingen voorbehouden - 72 - Anl_GC_BC_31_4_S_SPK7.indb 72 11.05.2016 09:57:02 NL Service-informatie Wij werken in alle landen die in het garantiebewijs zijn genoemd, samen met competente servicepartners, wier contactgegevens u kunt afleiden uit het garantiebewijs. Deze staan voor alle diensten zoals reparatie, het verschaffen van wisselstukken of slijtdelen of voor de aankoop van verbruiksmaterialen te uwer beschikking. U moet er rekening mee houden dat bij dit product de volgende delen onderhevig zijn aan een slijtage door gebruik of een natuurlijke slijtage, resp. dat de volgende delen nodig zijn als verbruiksmaterialen. Categorie Voorbeeld Slijtstukken* Bougie, luchtfilter Verbruiksmateriaal/verbruiksstukken* Snijmes, draadspoel met snijdraad Ontbrekende onderdelen * niet verplicht bij de leveringsomvang begrepen! Bij gebreken of defecten verzoeken wij u om de fout te melden op het internet onder www.isc-gmbh.info. Gelieve te zorgen voor een nauwkeurige beschrijving van de fout en daarbij in elk geval de volgende vragen te beantwoorden: • • • Heeft het toestel reeds eenmaal gewerkt of was het vanaf het begin defect? Is u iets opgevallen voordat het defect zich voordeed (symptoom vóór het defect)? Welke foutieve werkwijze vertoont het toestel volgens u (hoofdsymptoom)? Beschrijf deze foutieve werkwijze. - 73 - Anl_GC_BC_31_4_S_SPK7.indb 73 11.05.2016 09:57:02 NL Garantiebewijs Geachte klant, onze producten worden onderworpen aan een strenge kwaliteitscontrole. Mocht dit apparaat echter ooit niet naar behoren functioneren, spijt dit ons ten zeerste en vragen u zich te wenden tot onze servicedienst onder het adres vermeld op dit garantiebewijs. Wij staan ook graag telefonisch tot uw dienst via het vermelde servicetelefoonnummer. Voor eisen in verband met het recht garantie geldt het volgende: 1. Deze garantievoorwaarden zijn uitsluitend gericht aan de gebruikers, d.w.z. natuurlijke personen die dit product niet in het kader van hun ambachtelijke noch van een andere zelfstandige activiteit willen gebruiken. Deze garantievoorwaarden regelen aanvullende garantieprestaties, die de hieronder genoemde fabrikant kopers van zijn nieuwe apparaten toezegt in aanvulling tot de wettelijke garantie. Uw wettelijke garantieclaims blijven onaangetast door deze garantie. Onze garantieprestatie is voor u gratis. 2. De garantieprestatie geldt uitsluitend voor gebreken aan een door u aangekocht nieuw apparaat van de hieronder genoemde fabrikant die aantoonbaar berusten op een materiaal- of productiefout, en is naar onze keuze beperkt tot het verhelpen van zulke gebreken aan het apparaat of de vervanging ervan. Wij wijzen erop dat onze apparaten overeenkomstig hun bestemming niet ontworpen zijn voor commercieel, ambachtelijk of industrieel gebruik. Van een garantiecontract is derhalve geen sprake, als het apparaat binnen de garantieperiode in commerciële, ambachtelijke of industriële bedrijven werd ingezet of aan een daarmee gelijk te stellen belasting werd blootgesteld. 3. Van onze garantie zijn uitgesloten: - Schade aan het apparaat als gevolg van niet-inachtneming van de montagehandleiding of op grond van ondeskundige installatie, als gevolg van niet-inachtneming van de gebruiksaanwijzing (zoals bijv. door aansluiting aan een verkeerde netspanning of stroomsoort) of niet-inachtneming van de onderhouds- en veiligheidsvoorschriften, door blootstelling van het apparaat aan abnormale omgevingsvoorwaarden of door nalatig onderhoud en verzorging. - Schade aan het apparaat als gevolg van misbruik of ondeskundige toepassingen (zoals bijv. overbelasting van het apparaat of de inzet van niet toegelaten gereedschappen of toebehoren), binnendringen van vreemde voorwerpen in het apparaat (zoals bijv. zand, stenen of stof, transportschade), gebruik van geweld of als gevolg van externe invloeden (zoals bijv. schade door vallen). - Schade aan het apparaat of aan delen van het apparaat die valt te herleiden tot slijtage als gevolg van gebruik, en als gevolg van normale of andere natuurlijke slijtage. 4. De garantieperiode bedraagt 24 maanden en gaat in op de datum van aankoop van het apparaat. Garantieclaims dienen voor het verloop van de garantieperiode binnen de twee weken na het vaststellen van het defect geldend te worden gemaakt. Het indienen van garantieclaims na verloop van de garantieperiode is uitgesloten. De herstelling of vervanging van het apparaat leidt niet tot een verlenging van de garantieperiode noch wordt door deze prestatie een nieuwe garantieperiode voor het apparaat of voor eventueel ingebouwde wisselstukken op gang gebracht. Dit geldt ook bij het ter plaatse uitvoeren van een serviceactiviteit. 5. Gelieve om een garantieclaim in te dienen het defecte apparaat aan te melden onder: www.iscgmbh.info. Houd het aankoopbewijs of een ander bewijs van uw aankoop van het nieuwe apparaat bij de hand. Apparaten die zonder bijhorende bewijzen of zonder typeplaatje worden teruggestuurd, worden op grond van de ontbrekende mogelijkheid om het apparaat toe te kennen uitgesloten van de garantieprestatie. Valt het defect van het apparaat binnen onze garantieprestatie, dan bezorgen wij u per omgaande een gerepareerd of nieuw apparaat terug. Uiteraard staan wij ook tot u dienst om, mits betaling van de kosten, defecten van het apparaat te verhelpen die buiten de garantieomvang vallen. Te dien einde stuurt u het apparaat aan ons serviceadres op. Voor slijtstukken, verbruiksmateriaal en ontbrekende onderdelen wordt verwezen naar de beperkingen van deze garantie conform de service-informatie van deze handleiding. - 74 - Anl_GC_BC_31_4_S_SPK7.indb 74 11.05.2016 09:57:02
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52
  • Page 53 53
  • Page 54 54
  • Page 55 55
  • Page 56 56
  • Page 57 57
  • Page 58 58
  • Page 59 59
  • Page 60 60
  • Page 61 61
  • Page 62 62
  • Page 63 63
  • Page 64 64
  • Page 65 65
  • Page 66 66
  • Page 67 67
  • Page 68 68
  • Page 69 69
  • Page 70 70
  • Page 71 71
  • Page 72 72
  • Page 73 73
  • Page 74 74
  • Page 75 75
  • Page 76 76
  • Page 77 77
  • Page 78 78
  • Page 79 79
  • Page 80 80
  • Page 81 81
  • Page 82 82
  • Page 83 83
  • Page 84 84
  • Page 85 85
  • Page 86 86
  • Page 87 87
  • Page 88 88
  • Page 89 89
  • Page 90 90
  • Page 91 91
  • Page 92 92
  • Page 93 93
  • Page 94 94
  • Page 95 95
  • Page 96 96
  • Page 97 97
  • Page 98 98
  • Page 99 99
  • Page 100 100
  • Page 101 101
  • Page 102 102
  • Page 103 103
  • Page 104 104
  • Page 105 105
  • Page 106 106
  • Page 107 107
  • Page 108 108
  • Page 109 109
  • Page 110 110
  • Page 111 111
  • Page 112 112
  • Page 113 113
  • Page 114 114
  • Page 115 115
  • Page 116 116
  • Page 117 117
  • Page 118 118
  • Page 119 119
  • Page 120 120
  • Page 121 121
  • Page 122 122
  • Page 123 123
  • Page 124 124

EINHELL GC-BC 31-4 S Handleiding

Type
Handleiding