Canon HV10 Handleiding

Categorie
Camcorders
Type
Handleiding
HDV Camcorder
Gebruiksaanwijzing
Nederlands
PAL
Inleiding
Voorbereidingen
Basisfuncties
Geavanceerde
functies
Bewerkings-
functies
Een schijf
afspelen op
extern apparaat
Externe
aansluitingen
CANON INC.
Canon Europa N.V.
P.O. Box 2262
1180 EG Amstelveen
The Netherlands
Nederland:
Canon Nederland N.V.
Neptunusstraat 1
2132 JA Hoofddorp
Tel: 023-567 01 23
Fax: 023-567 01 24
www.canon.nl
België:
Canon België N.V./S.A.
Bessenveldstraat 7
1831 Diegem (Machelen)
Tel: (02)-7220411
Fax: (02)-7213274
© CANON INC. 2006 PRINTED IN THE EU
Dit is gedrukt op 70% gerecycled papier.
Aanvullende
informatie
Nederlands
Lees ook de hieronder genoemde gebruikshandleiding
(elektronische versie als PDF-bestand).
• Digital Video Software
Mini
Digital
Video
Cassette
2
Inleiding
Belangrijke gebruiksinstructies
WAARSCHUWING!
VOORKOM ELEKTRISCHE SCHOKKEN. VERWIJDER DAAROM DE AFDEKKING
(OF ACHTERZIJDE) NIET. IN HET APPARAAT BEVINDEN ZICH GEEN
ONDERDELEN DIE DE GEBRUIKER ZELF MAG OF KAN REPAREREN. LAAT DIT
DOEN DOOR GEKWALIFICEERD ONDERHOUDSPERSONEEL.
WAARSCHUWING!
VOORKOM BRAND OF ELEKTRISCHE SCHOKKEN. STEL DIT PRODUCT
DAAROM NIET BLOOT AAN REGEN OF VOCHT.
VOORZICHTIG:
VOORKOM ELEKTRISCHE SCHOKKEN EN STORENDE INTERFERENTIES.
GEBRUIK DAAROM ALLEEN DE AANBEVOLEN ACCESSOIRES.
VOORZICHTIG:
HAAL DE STEKKER VAN HET NETSNOER UIT HET STOPCONTACT ALS U HET APPARAAT NIET
GEBRUIKT.
De stekker moet u gebruiken om het apparaat uit te schakelen. U moet de stekker direct kunnen
bereiken als zich een ongeval voordoet.
Als de compacte netadapter ingeschakeld is, mag u deze niet in een doek wikkelen of met een
doek afdekken, of in een besloten, te krappe ruimte leggen. Doet u dat wel, dan kan de compacte
netadapter te heet worden of de plastic behuizing vervormd raken, waardoor u mogelijk bloot
komt te staan aan elektrische schokken of brand kan optreden.
Het identificatieplaatje CA-570 bevindt zich aan de onderzijde.
De camcorder kan beschadigd raken als een ander apparaat dan de compacte
netadapter CA-570 wordt gebruikt.
Alleen Europese Unie (en EER).
Dit symbool geeft aan dat dit product in overeenstemming met de AEEA-richtlijn
(2002/96/EG) en de nationale wetgeving niet mag worden afgevoerd met het
huishoudelijk afval. Dit product moet worden ingeleverd bij een aangewezen,
geautoriseerd inzamelpunt, bijvoorbeeld wanneer u een nieuw gelijksoortig product
aanschaft, of bij een geautoriseerd inzamelpunt voor hergebruik van elektrische en
elektronische apparatuur (EEA). Een onjuiste afvoer van dit type afval kan leiden tot negatieve
effecten op het milieu en de volksgezondheid als gevolg van potentieel gevaarlijke stoffen die
veel voorkomen in elektrische en elektronische apparatuur (EEA). Bovendien werkt u door een
juiste afvoer van dit product mee aan het effectieve gebruik van natuurlijke hulpbronnen. Voor
meer informatie over waar u uw afgedankte apparatuur kunt inleveren voor recycling kunt u
contact opnemen met het gemeentehuis in uw woonplaats, de reinigingsdienst, of het
afvalverwerkingsbedrijf. U kunt ook het schema voor de afvoer van afgedankte elektrische en
elektronische apparatuur (AEEA) raadplegen. Ga voor meer informatie over het inzamelen en
recyclen van afgedankte elektrische en elektronische apparatuur naar
www.canon-europe.com/environment
.
(EER: Noorwegen, IJsland en Liechtenstein)
3
Inleiding
Ne
Plezier met High Definition Video
Bewaar uw dierbaarste herinneringen met High Definition video-opnamen en
een geluidskwaliteit die bijna net zo goed is als de werkelijkheid, of het nu gaat
om onvergetelijke natuuropnamen of de door u meest gekoesterde momenten
met familie en vrienden.
Wat is High Definition Video?
Met High Definition Video (HDV) kunt u op gewone
miniDV-banden video-opnamen maken van
ongeëvenaarde kwaliteit. HDV is opgebouwd uit
1080 horizontale lijnen – dat is meer dan tweemaal
zoveel als het aantal horizontale lijnen en circa
viermaal zoveel als het aantal pixels dan het geval
is bij Standard Definition TV-uitzendingen - met als
resultaat ongelooflijk mooie en rijk gedetailleerde
video-opnamen.
Hoe HDV-opnamen worden afgespeeld
Op een High Definition TV (HDTV) ( 55):
HDV-opnamen worden afgespeeld in de originele hoge kwaliteit.
Op een Standard Definition TV ( 56):
HDV-opnamen worden teruggeconverteerd naar de resolutie van het TV-
toestel.
1080 lijnen
4
Inleiding
Plezier met High Definition Video ...................................................................3
Informatie over deze handleiding....................................................................7
Kennismaking met de camcorder
Bijgeleverde accessoires ................................................................................9
Overzicht van bedieningselementen............................................................. 10
Cameragegevens op het scherm..................................................................13
Voorbereidingen
Beginnen
De accu opladen........................................................................................... 16
Een band plaatsen en verwijderen................................................................ 17
Een geheugenkaart plaatsen en verwijderen................................................18
De camcorder voorbereiden ......................................................................... 18
De draadloze afstandsbediening .................................................................19
Het LCD-scherm bijstellen ............................................................................19
Gebruik van de menu's
Een MENU-optie selecteren ......................................................................... 20
Een optie in het menu FUNC. selecteren .....................................................21
Eerste instellingen
De taal wijzigen............................................................................................. 21
De tijdzone wijzigen ......................................................................................22
De datum en tijd instellen.............................................................................. 22
Basisfuncties
OPNEMEN
Films opnemen ............................................................................................. 23
Foto's maken.................................................................................................24
Zoomen......................................................................................................... 24
Afspelen
Films afspelen...............................................................................................25
Het einde van de laatste scène lokaliseren ..................................................26
Scènes lokaliseren op basis van opnamedatum........................................... 27
Foto's weergeven..........................................................................................27
Het afspeelbeeld vergroten........................................................................... 28
Geavanceerde functies
Menu-opties - Overzicht
MENU-opties.................................................................................................29
Camera-instellingen (digitale zoom, beeldstabilisator, etc.)................29
Instelling voor opnemen/video-invoer (HD-standaard,
DV-opnamestand, etc.).....................................................................30
Kaartfuncties (initialisatie, alle beelden wissen, etc.).......................... 32
Afspeelinstellingen/instellingen voor video-uitvoer
(afspeelstandaard, Component Video Out, DV Out, etc.) ................ 32
Display-instelling (LCD-helderheid, taal etc.)...................................... 34
Systeeminstelling (pieptoon, etc.).......................................................35
Datum/tijd instellen ............................................................................. 35
Inhoudsopgave
5
Inleiding
Ne
Opties menu FUNC. ......................................................................................36
Opnameprogramma's
De opnameprogramma‘s gebruiken ..............................................................38
Flexibele opnamen: Het diafragma en de sluitertijd wijzigen ....................39
Speciale scène: Opnameprogramma's voor speciale omstandigheden.40
Het beeld instellen: Belichting, scherpstelling en kleur
Handmatige instelling van de belichting ........................................................41
Lichtmetingsstand..........................................................................................41
Standen automatische scherpstelling ............................................................42
Handmatige scherpstelling ............................................................................42
Hulpfuncties bij scherpstelling .......................................................................43
Witbalans.......................................................................................................43
Beeldeffecten.................................................................................................44
Opties voor het maken van foto's
De grootte en kwaliteit van foto' s selecteren ................................................45
Een foto maken tijdens het opnemen van films.............................................46
Continu-opnamen en reeksopnamen ............................................................47
Overige functies
Gegevens op het scherm ..............................................................................48
Flitser.............................................................................................................49
Minivideolamp................................................................................................50
Zelfontspanner...............................................................................................50
Digitale effecten.............................................................................................51
Bewerkingsfuncties
Foto-opties
Foto's wissen.................................................................................................53
Foto's beveiligen............................................................................................53
De geheugenkaart initialiseren......................................................................54
Externe aansluitingen
De camcorder aansluiten op een TV of videorecorder
Aansluitschema's...........................................................................................55
Opnamen afspelen op een TV-scherm..........................................................57
Opnamen kopiëren naar een videorecorder of Digitale Video Recorder.......58
Opnamen via de analoge ingang...................................................................59
Digitale video dubben....................................................................................60
Analoog/digitaal-omzetting ............................................................................61
De camcorder aansluiten op een computer
Aansluitschema's voor een PC......................................................................62
Video-opnamen overzenden .........................................................................63
Foto's overzenden – Direct overzenden........................................................64
Overzendopdrachten .....................................................................................65
De camcorder aansluiten op een printer
Foto's afdrukken – Direct afdrukken..............................................................66
De afdrukinstellingen selecteren ...................................................................67
Snij-instellingen (voor het bijsnijden van foto's).............................................69
Afdrukorders..................................................................................................69
6
Aanvullende informatie
Problemen
Problemen oplossen .....................................................................................71
Overzicht van berichten ................................................................................74
Wat u wel en niet moet doen
Hoe u de camcorder moet behandelen.........................................................77
Onderhoud/overig ......................................................................................... 81
De videokoppen reinigen ..............................................................................81
De camcorder gebruiken in het buitenland ...................................................82
Algemene informatie
Systeemschema (Beschikbaarheid verschilt van gebied tot gebied)............ 83
Optionele accessoires................................................................................... 84
Specificaties.................................................................................................. 86
Index .............................................................................................................88
7
Inleiding
Ne
Bedankt dat u hebt gekozen voor de Canon HV10. Neem deze handleiding zorgvuldig door
voordat u de camcorder in gebruik neemt en bewaar de handleiding op een gemakkelijk
bereikbare plaats, zodat u deze later altijd kunt raadplegen. Raadpleeg de tabel
Problemen
oplossen
( 71) als u problemen ondervindt met het gebruik van de camcorder.
Conventies die in deze handleiding worden toegepast
BELANGRIJK: Onder BELANGRIJK in deze handleiding wordt een beschrijving
gegeven van de voorzorgsmaatregelen die betrekking hebben op de bediening van de
camcorder.
OPMERKINGEN: Onder OPMERKINGEN in deze handleiding wordt een
beschrijving gegeven van de overige functies die de basisbediening van de camcorder
complementeren.
WAAR U OP MOET LETTEN: Onder WAAR U OP MOET LETTEN in deze
handleiding wordt een beschrijving gegeven van de beperkingen die van toepassing
zijn als de beschreven functie niet in alle bedieningsstanden beschikbaar is (u krijgt
dan informatie over welke bedieningsstand u moet kiezen, etc.).
: Na dit symbool ziet u het nummer van de pagina waar u meer informatie over
het betreffende onderwerp kunt lezen.
“Scherm” heeft betrekking op het LCD-scherm en het zoekerscherm.
De foto's in deze handleiding zijn gesimuleerde foto's die zijn gemaakt met een
fotocamera.
Over het -wiel
Draai het SET-wiel omhoog of omlaag ( ) om in een menu
opties te selecteren, instellingen te wijzigen, etc. Druk op het
SET-wiel zelf ( ) om een keuze te maken of een instelling te
wijzigen.
Informatie over deze handleiding
De taal wijzigen
Opties
Standaardwaarde
1 Druk op .
2 Selecteer met ( ) de optie
[DISPLAY SETUP/ ] en druk op
.
3 Selecteer met ( ) de optie
[LANGUAGE] en druk op .
4 Selecteer met ( ) de gewenste
optie en druk op .
5 Druk op om het menu te
sluiten.
OPMERKINGEN
Als u de taal per abuis hebt gewijzigd, volg
dan de markering naast het menu-
onderdeel om de instelling te wijzigen.
De opties
en die in sommige
menuschermen worden weergegeven,
Eerste instellingen
[DEUTSCH] [ ]
[ENGLISH] []
[ESPAÑOL] [ ]
[FRANÇAIS] [ ]
[ITALIANO] [ ]
[POLSKI] [ ]
DISPLAY SETUP/
LANGUAGE
ENGLISH
MENU
(20)
MENU
SET
SET
SET
MENU
Vierkante haakjes [ ] en hoofdletters worden gebruikt voor
menu-opties zoals die op het scherm worden weergegeven.
Een menu-optie in een vet lettertype geeft aan dat het de
standaardinstelling betreft (bijvoorbeeld [ON], [OFF]).
Toetsen en schakelaars die moeten worden gebruikt
Menu-onderdeel zoals weergegeven in
de standaardinstelling
Namen van toetsen en schakelaars worden
aangegeven binnen een
toets-kader (bijvoorbeeld
).
MENU
SET
SET
8
Bedieningsstanden
De bedieningsstand van de camcorder wordt bepaald door de stand van de aan/uit-
schakelaar en de / schakelaar. In de handleiding wordt met aangegeven dat
een functie beschikbaar is in de getoonde bedieningsstand en wordt met aangegeven
dat de functie niet beschikbaar is. Als geen bedieningsstandsymbolen worden getoond, dan
is de functie in alle bedieningsstanden beschikbaar.
Informatie over handelsmerken
miniSD™ is een handelsmerk van SD Card Association.
Windows
®
is een gedeponeerd handelsmerk van Microsoft Corporation in de Verenigde
Staten en/of andere landen.
Macintosh en Mac OS zijn handelsmerken van Apple Computer, Inc., gedeponeerd in de
Verenigde Staten en andere landen.
is een handelsmerk.
HDV en het HDV-logo zijn handelsmerken van Sony Corporation en Victor Company of
Japan, Ltd. (JVC).
Overige namen en producten die hierboven niet zijn vermeld, kunnen handelsmerken of
gedeponeerde handelsmerken zijn van de betreffende ondernemingen.
ELK ANDER GEBRUIK VAN DIT PRODUCT DAN HET PERSOONLIJK GEBRUIK DOOR
CONSUMENTEN IN OVEREENSTEMMING MET DE MPEG-2-STANDAARD VOOR HET
CODEREN VAN VIDEOINFORMATIE VOOR VOORBESPEELDE MEDIA IS UITDRUKKELIJK
VERBODEN, TENZIJ DE GEBRUIKER BESCHIKT OVER EEN LICENTIE ONDER DE VAN
TOEPASSING ZIJNDE PATENTEN IN DE MPEG 2 PATENT PORTFOLIO. DEZE LICENTIE IS
VERKRIJGBAAR BIJ MPEG LA, L.L.C, 250 STEELE STREET, SUITE 300, DENVER,
COLORADO 80206, VERENIGDE STATEN.
Bedieningsstand
Aan/uit-
schakelaar
/
schakelaar
Weergegeven
symbool
Functie
CAMERA
(Band)
Films opnemen op de
band
23
PLAY
Films afspelen vanaf de
band
25
CAMERA
(Geheugen-
kaart)
Foto's maken op de
geheugenkaart
24
PLAY
Foto's bekijken vanaf de
geheugenkaart
27
Kennismaking met de camcorder
9
Inleiding
Ne
Kennismak in g met de camcorder
* Alleen Europa.
** Inclusief als PDF-bestand de elektronische versie van de handleiding
Digital Video Software
.
Bijgeleverde accessoires
Compacte netadapter
CA-570
(incl. netsnoer)
Accu BP-310 Draadloze
afstandsbediening
WL-D87
Lithiumknoopbatterij
CR2025 voor draadloze
afstandsbediening
Componentkabel
CTC-100
Stereovideokabel
STV-250N
USB-kabel IFC-300PCU SCART-adapter
PC-A10*
CD-ROM met de
software DIGITAL VIDEO
SOLUTION DISK**
Kennismaking met de camcorder
10
Namen van toetsen en schakelaars worden
aangegeven binnen een
toets-kader (bijvoorbeeld
).
Overzicht van bedieningselementen
Aanzicht linkerzijde
Vooraanzicht
Aanzicht rechterzijde
Opnamepauzetoets (REC PAUSE) ( 59,
60)/ zelfontspannertoets ( 50)
Achtergrondverlichtingstoets (BACKLIGHT)
(20)
Toets voor digitale effecten (D.EFFECTS)
(51)
toets "opname bekijken" ( 23)/
terugspoeltoets ( 25)/
– toets kaart ( 27)
flitsertoets ( 49)/
/ toets "afspelen/pauzeren" ( 25)
Lamptoets (LIGHT) ( 50)/
vooruitspoeltoets ( 25)/
+ toets kaart ( 27)
Displaytoets cameragegevens (DISP)
(48)
Beeldserietoets (DRIVE MODE) ( 47)/
stoptoets ( 25)
Terugsteltoets (RESET) ( 71)
Ontgrendelingsschakelaar accu (BATT.
RELEASE) ( 17)
Serienummer
Aansluitpunt accu ( 16)
Menutoets (MENU) ( 20, 29)
SET-wiel ( 7)
toets "afdrukken/delen" ( 64, 66)
Luidspreker
/
band/kaartschakelaar ( 8)
Fototoets (PHOTO) ( 24)
Zoomregelaar ( 24)
Handgreepriem ( 18)
Sensor onmiddellijke automatische
scherpstelling ( 29)
Minivideolamp ( 50)
Afdekplaatje aansluitpunten
Flitser ( 49)
Aansluitpunt AV IN/OUT ( 55)
Aansluitpunt COMPONENT OUT ( 55)
Aansluitpunt HDV/DV ( 55, 62)
MENU
Inleiding
E
Kennismaking met de camcorder
11
Namen van toetsen en schakelaars worden
aangegeven binnen een
toets-kader (bijvoorbeeld
).
Achteraanzicht
Bovenaanzicht
Onderaanzicht
LCD-scherm ( 19)
Geheugenkaartsleuf ( 18)
USB-aansluitpunt ( 62)
Oplaadindicator (CHG) ( 16)
DC-ingang (DC IN) ( 16)
Hulptoets scherpstelling (FOCUS ASSIST)
(43)
Kaarttoegangsindicator (
CARD
) ( 24)
Sensor voor afstandsbediening ( 19)
Oogcorrectieregelaar ( 18)
Zoeker ( 18)
Menutoets (MENU) ( 20, 29)
Aan/uit-indicator ( 8)
SET-wiel ( 7)
Aan/uit-schakelaar ( 8)
Functietoets (FUNC.) ( 21, 36)
Scherpstellingstoets (FOCUS)
(42)
Belichtingstoets (EXP)
(41)
/
Toets "einde zoeken" (END SEARCH)
(26)
START/STOP-toets ( 23)
Vergrendelingstoets
Programmakeuzeschakelaar ( 38)
Stereomicrofoon
Open/uitwerpschakelaar (OPEN/EJECT )
(17)
Aansluitpunt statief
( 24)
Afdekking cassettecompartiment
( 17)
Riembevestigingspunt
Cassettecompartiment
(17)
MENU
Kennismaking met de camcorder
12
Draadloze afstandsbediening WL-D87
WIRELESS CONTROLLER WL
-
D87
START/
STOP
PHOTO
ZOOM
CARD
DATE SEARCH
REW
PLAY
FF
STOP
PAUSE
SLOW
DISP. TV SCREEN
ZERO SET
MEMORY
START/STOP-toets ( 23)
CARD –/+ toetsen ( 27)
Toetsen "datum zoeken" (DATE SEARCH
/) (27)
Terugspoeltoets (REW ) ( 25)
–/ toets ( 25)
Pauzetoets (PAUSE ) ( 25)
Slow motion-toets (SLOW ) ( 25)
Nulstelgeheugentoets (ZERO SET
MEMORY) ( 26)
Displaytoets cameragegevens (DISP.)
(48)
Fototoets (PHOTO) ( 24)
Zoomtoetsen ( 24)
Afspeeltoets (PLAY ) ( 25)
Vooruitspoeltoets (FF ) ( 25)
Stoptoets (STOP ) ( 25)
+/ toets ( 25)
toets ( 25)
TV-schermtoets (TV SCREEN) ( 34)
Kennismaking met de camcorder
13
Inleiding
Ne
Cameragegevens op het scherm
Films opnemen
Opnameprogramma ( 38)
Witbalans ( 43)
Beeldeffect ( 44)
Digitale effecten ( 51)
Beeldkwaliteit/grootte foto's
(simultaanopnamen) ( 46)
Zelfontspanner ( 50)
Opnameherinnering
Onmiddellijke automatische scherpstelling
( 29) / handmatige scherpstelling ( 42)
Opnamestandaard (HDV of DV) ( 30)
DV-opnamestand ( 30)
Bandbediening
Tijdcode (uren : minuten : seconden : beeldjes
(frames))
Resterende bandtijd
Resterende accucapaciteit
Beeldstabilisator ( 30)
Windscherm ( 31)
Minivideolamp ( 50)
Sensorstand voor afstandsbediening
(35)
Niveaumarkering ( 34)
Foto's maken
Zoom ( 24), Belichting ( 41)
Lichtmetingsstand ( 41)
Beeldseriestand ( 47)
Aantal foto's dat nog kan worden gemaakt
op de geheugenkaart
AF-kader ( 42)
Beeldkwaliteit/grootte foto's ( 45)
Cameratrillingswaarschuwing ( 29)
Flitser ( 49)
AF/AE vergrendeld tijdens het maken van
foto's ( 24)
14
Kennismaking met de camcorder
Opnameherinnering
De camcorder telt van 1 tot 10 seconden
wanneer u begint op te nemen. Dit komt
van pas om scènes te vermijden die te kort
zijn.
Bandbediening
Opnemen, Opnamepauze,
Stoppen, Uitwerpen,
Vooruitspoelen, Terugspoelen,
Afspelen, Afspeelpauze,
Pauze achteruit afspelen,
x1 Afspelen (normale snelheid),
x1 Achteruit afspelen (normale
snelheid),
x2 Afspelen (dubbele snelheid),
x2 Achteruit afspelen (dubbele snelheid),
Versneld vooruit afspelen,
Versneld achteruit afspelen,
In slow motion vooruit afspelen,
In slow motion achteruit afspelen,
Beeldje voor beeldje vooruit afspelen,
Beeldje voor beeldje achteruit
afspelen,
/ Datum zoeken ( 27),
/ Nulstelgeheugen ( 26)
Resterende bandtijd
Geeft in minuten de resterende bandtijd
aan. Tijdens het opnemen beweegt het
symbool “ ”. Als de band het eind heeft
bereikt, verandert het display in END”.
De resterende tijd wordt mogelijk niet
weergegeven als de resterende tijd
minder is dan 15 seconden.
Afhankelijk van het type band wordt de
resterende tijd mogelijk ook niet correct
weergegeven.
Resterende accucapaciteit
Vervang de accu door een volledig
opgeladen accu als “ ” in rood begint te
knipperen.
Als u een lege accu aansluit, wordt de
camera mogelijk uitgeschakeld zonder dat
” wordt weergegeven.
Mogelijk wordt de resterende
accucapaciteit niet nauwkeurig
aangegeven. Dit hangt af van de
omstandigheden waaronder de camcorder
en accu worden gebruikt.
Aantal foto's dat nog kan worden gemaakt
op de geheugenkaart
Het kan voorkomen dat het getal dat
aangeeft hoeveel foto's nog kunnen
worden gemaakt, niet afneemt nadat een
foto is gemaakt. Ook kan het voorkomen
dat het aantal foto's dat nog kan worden
gemaakt, op het display na een opname
ineens met 2 afneemt. Of een van deze
situaties zich voordoet, hangt af van de
opnameomstandigheden.
Kaarttoegangsdisplay
Naast het aantal beschikbare beelden
wordt “ ” weergegeven terwijl de
camcorder de geheugenkaart beschrijft.
Kennismaking met de camcorder
15
Inleiding
Ne
Films afspelen
Bandbediening
Tijdcode (uren : minuten : seconden : beeldjes
(frames))
Resterende bandtijd
Datacodering ( 49)
Zoekfunctiedisplay
Einde zoeken (END SEARCH) ( 26) /
Datum zoeken (
DATE SEARCH) ( 27)
Beeldkwaliteit/grootte voor het maken van
foto's ( 47)
Foto's weergeven
Beeldnummer ( 31)
Huidig beeld / totaal aantal beelden
Histogram ( 49)
Beeldbeveiligingsmarkering ( 53)
Beeldkwaliteit/grootte foto's
Datum en tijd van opname
Opnameprogramma ( 38)
Handmatige scherpstelling ( 42)
Lichtmetingsstand ( 41)
Handmatige belichting ( 41)
Beeldeffect ( 44)
Beeldgrootte ( 45)
Bestandsgrootte
Diafragmawaarde ( 39)
Sluitertijd ( 39)
Witbalans ( 43)
Flitser ( 49)
Beginnen
16
Voorbereidingen
Beginnen
De accu opladen
De camcorder kan van stroom worden
voorzien met een accu of rechtstreeks
met de compacte netadapter. Laad de
accu vóór gebruik op.
1 Zet de camcorder uit.
2 Plaats de accu in de camcorder.
Open het LCD-paneel.
Schuif het connectoruiteinde van de
accu in de richting van de pijl en druk
voorzichtig op de accu totdat deze
vastklikt.
3 Sluit het netsnoer aan op de
compacte netadapter.
4 Steek de stekker van het netsnoer in
een stopcontact.
5 Sluit de compacte netadapter aan
op de DC IN-ingang van de
camcorder.
De oplaadindicator (CHG) begint te
knipperen. De oplaadindicator blijft
branden als de accu is opgeladen.
Oplaad-, opname- en afspeelduur
De tijden in de tabel hieronder zijn bij benadering gegeven en variëren al naargelang
de feitelijke oplaad-, opname- of afspeelomstandigheden.
* Tijdsduur bij benadering voor opnamen met herhaalde bedieningshandelingen zoals starten/stoppen,
zoomen, stroombron in/uitschakelen.
BP-310 (bijgeleverd) BP-315 (optioneel)
Standaard Maximum Gebruikelijk* Maximum Gebruikelijk*
Opnemen (zoeker) 75 min. 45 min. 140 min. 85 min.
Opnemen (LCD helder) 75 min. 45 min. 135 min. 85 min.
Opnemen(LCD helder) 70 min. 45 min. 130 min. 80 min.
Afspelen 85 min. 160 min.
Standaard Maximum Gebruikelijk* Maximum Gebruikelijk*
Opnemen (zoeker) 90 min. 55 min. 165 min. 95 min.
Opnemen (LCD helder) 85 min. 50 min. 160 min. 95 min.
Opnemen(LCD helder) 80 min. 50 min. 150 min. 90 min.
Afspelen 95 min. 180 min.
Oplaadduur 150 min. 230 min.
HDV
DV
Beginnen
Ontgrendelingsschakelaar accu (BATT. RELEASE)
Verwijder de
afdekplaat van de
accu voordat u de
accu aansluit
Oplaadindicator
(CHG)
Beginnen
Voorbereidingen
17
Ne
De compacte netadapter kunt u ook
gebruiken zonder dat er in camcorder
een accu is geplaatst.
Als de compacte netadapter
aangesloten is en ook de accu is
geplaatst, dan zal de accu geen
stroom verbruiken.
Z
ODRA
DE
ACCU
VOLLEDIG
OPGELADEN
IS
1 Haal de compacte netadapter uit de
camcorder.
2 Haal het netsnoer uit het
stopcontact en de compacte
netadapter.
D
E
ACCU
VERWIJDEREN
Schuif naar beneden
om de accu te ontgrendelen, pak aan
de onderzijde van de accu de rand vast
en trek de accu naar buiten.
BELANGRIJK
Tijdens gebruik kan de compacte netadapter
enig lawaai produceren. Dit is normaal en duidt
niet op een storing.
Het verdient aanbeveling de accu op te laden
bij temperaturen tussen 10 °C en 30 °C. De
accu wordt niet opgeladen als de temperatuur
lager is dan 0 °C of hoger dan 40 °C.
Sluit op de DC-ingang (DC IN) van de
camcorder of de compacte netadapter geen
elektrische apparatuur aan die niet uitdrukkelijk
is aanbevolen.
Sluit de bijgeleverde compacte netadapter niet
aan op spanningsomzetters bij reizen naar
andere continenten of op speciale
stroombronnen zoals die in vliegtuigen en
schepen, DC-AC-omzetters, etc. Hiermee
voorkomt u dat het apparaat uitvalt of te heet
wordt.
OPMERKINGEN
Als u een defecte netadapter of defecte accu
aansluit, gaat de oplaadindicator (CHG) circa
tweemaal per seconde knipperen en wordt het
opladen stopgezet.
De oplaadindicator (CHG) geeft ook bij
benadering aan in hoeverre de accu nog
opgeladen is.
Brandt continu: Accu is volledig opgeladen.
Knippert circa tweemaal per seconde:
Resterende accucapaciteit is meer dan 50%.
Knippert circa eenmaal per seconde:
Resterende accucapaciteit is minder dan 50%.
De oplaadduur is afhankelijk van de
omgevingstemperatuur en de aanvankelijke
laadtoestand van de accu. Op koude plaatsen
zal de effectieve gebruiksduur van de accu
afnemen.
Wij raden u aan twee- tot driemaal zoveel
opgeladen accu's bij de hand te houden dan u
nodig denkt te hebben.
Een band plaatsen en verwijderen
Gebruik alleen videocassettes met het
logo. Als u opnamen wilt maken in
de HDV-standaard, dan verdient het
aanbeveling gebruik te maken van
banden die speciaal ontworpen zijn voor
High Definition.
1 Schuif volledig in de
richting van de pijl en open de
afdekking van het
cassettecompartiment.
Het cassettecompartiment opent zich
automatisch.
2 Plaats de cassette.
Plaats de cassette met het venster
naar de handgreepriem gericht.
Als u een cassette wilt verwijderen, trek
deze dan recht naar buiten.
BATT.RELEASE
OPEN/EJECT
Beginnen
18
3 Druk op de markering van het
cassettecompartiment totdat u een
klik hoort.
4 Wacht totdat het cassettecomparti-
ment zich volledig heeft ingetrokken.
Sluit daarna de afdekking van het
cassettecompartiment.
BELANGRIJK
Belemmer het cassettecompartiment niet
terwijl dit zich automatisch open of sluit. Probeer
de afdekking niet te sluiten voordat het cassette-
compartiment zich volledig ingetrokken heeft.
Let erop dat uw vingers niet bekneld raken in
de afdekking van het cassettecompartiment.
OPMERKINGEN
Als de camcorder aangesloten is op een
voedingsbron, kunt u cassettes ook plaatsen of
verwijderen als de aan/uit-schakelaar op
staat.
Een geheugenkaart plaatsen en
verwijderen
Gebruik alleen miniSD-kaarten. Deze zijn
algemeen verkrijgbaar.
1 Zet de camcorder uit.
2 Open de afdekking van de
geheugenkaartsleuf.
3 Plaats de geheugenkaart helemaal
naar binnen in de
geheugenkaartsleuf.
4 Sluit de afdekking.
Als de geheugenkaart niet juist geplaatst
is, probeer de afdekking dan niet te
forceren om deze te sluiten.
D
E
GEHEUGENKAART
VERWIJDEREN
Duw de geheugenkaart eerst
éénmaal naar binnen om deze te
ontgrendelen en trek daarna de
kaart naar buiten.
BELANGRIJK
Voordat u een geheugenkaart voor de eerste
keer gebruikt, moet u de kaart met deze
camcorder initialiseren ( 54).
De voorzijde en achterzijde van een
geheugenkaart is niet gelijk. De camcorder kan
beschadigd raken als u hierin een
geheugenkaart plaatst terwijl u de
geheugenkaart andersom vasthoudt.
OPMERKINGEN
Er kan niet worden gegarandeerd dat alle
miniSD-kaarten goed functioneren.
De camcorder voorbereiden
Beginnen
Voorbereidingen
19
Ne
1 Schakel de camcorder in.
De lensafdekking gaat automatisch
open.
2 Stel de zoeker bij.
Houd het LCD-paneel gesloten om de
zoeker te gebruiken en stel de oog-
correctieregelaar voor zover nodig bij.
3 Maak de handgreepriem vast.
Stel de handgreepriem zo af dat uw
wijsvinger de zoomregelaar en uw
duim de start/stop-toets kan bereiken.
OPMERKINGEN
Belemmer de I.AF-sensor niet als u gebruik wilt
maken van de mogelijkheden van de onmidde-
llijke automatische scherpstelling ( 29).
De draadloze afstandsbediening
De batterij plaatsen
(Lithiumknoopbatterij CR2025)
1 Druk het lipje in de richting van de
pijl en trek de batterijhouder naar
buiten.
2 Plaats de lithiumknoopbatterij in de
houder. Let erop dat de +-zijde
omhoog wijst.
3 Plaats de batterijhouder terug.
Gebruik van de draadloze
afstandsbediening
Richt de afstandsbediening op de
sensor van de camcorder als u op de
toetsen drukt.
OPMERKINGEN
De draadloze afstandsbediening werkt
mogelijk niet correct als de sensor op de
camcorder blootstaat aan sterke lichtbronnen of
direct zonlicht.
Als de draadloze afstandsbediening niet
werkt, controleer dan of [WL.REMOTE] niet op
[OFF ] staat ( 35). Vervang anders de
batterij.
Het LCD-scherm bijstellen
Het LCD-paneel draaien
Open het LCD-paneel tot een hoek van
90 graden.
U kunt het paneel 90 graden naar
beneden draaien.
I.AF-sensor
Lipje
180°
90°
Gebruik van de menu's
20
U kunt het paneel 180 graden naar de
lens draaien (zodat het onderwerp het
LCD-scherm kan bekijken terwijl u de
zoeker gebruikt). Het paneel 180 graden
draaien komt ook van pas als u uzelf wilt
opnemen met de zelfontspanner.
LCD-achtergrondverlichting
U kunt de helderheid van het LCD-
scherm instellen op normaal of helder.
Druk op .
U wisselt tussen de normale en de
heldere instelling door herhaaldelijk op
te drukken.
OPMERKINGEN
Deze instelling is niet van invloed op de
helderheid van de opname of het
zoekerscherm.
Gebruik van de heldere instelling bekort de
effectieve gebruiksduur van de accu.
De helderheid van het LCD-scherm kan ook
worden gewijzigd in het menu ( 34).
Gebruik van de menu's
Veel camcorderfuncties kunnen worden
ingesteld met de menu's die u kunt
openen door de MENU-toets ( ) en
de FUNC.-toets ( ) in te drukken.
Raadpleeg
Menu-opties - Overzicht -
MENU/FUNC
( 29) voor meer
bijzonderheden over de beschikbare
menu-opties en instellingen.
Een MENU-optie selecteren
1 Druk op .
2 Selecteer in de kolom aan de
linkerzijde met ( ) het gewenste
menu en druk op .
Dit titel van het geselecteerde menu
verschijnt aan de bovenzijde van het
scherm en daaronder ziet u de lijst
met opties.
3 Selecteer met ( ) de instelling die
u wilt wijzigen en druk op .
Een oranje kader geeft het menu-
onderdeel aan dat momenteel is
geselecteerd. Menu-onderdelen die
niet beschikbaar zijn, worden gedimd
weergegeven.
Selecteer met ( ) de optie
[ RETURN] en druk op als u
terug wilt keren naar het
menukeuzescherm.
Het onderwerp kan
het LCD-scherm
bekijken
BACKLIGHT
BACKLIGHT
Gebruik van de menu's
MENU
FUNC.
MENU
SET
SET
SET
Eerste instellingen
Voorbereidingen
21
Ne
4 Selecteer met ( ) de gewenste
optie en druk op om de
instelling op te slaan.
5 Druk op .
U kunt op elk gewenst moment op
drukken om het menu te sluiten.
Een optie in het menu FUNC. selecteren
1 Druk op .
2 Selecteer in de kolom aan de
linkerzijde met ( ) het symbool
van de functie die u wilt wijzigen en
druk op .
3 Selecteer in de balk aan de
onderzijde met ( ) de gewenste
instelling.
De geselecteerde instelling wordt
geaccentueerd in een lichtblauwe
kleur. Menu-onderdelen die niet
beschikbaar zijn, worden gedimd
weergegeven.
4 Druk op om de instellingen
op te slaan en het menu te sluiten.
U kunt op elk gewenst moment op
drukken om het menu te sluiten.
Bij sommige instellingen is het nodig
om op te drukken en verdere
keuzes te maken. Volg de extra
bedieningsaanduidingen die op het
scherm verschijnen (zoals het symbool
, kleine pijlen, etc.).
Eerste instellingen
De taal wijzigen
Opties
Standaardwaarde
1 Druk op .
2 Selecteer met ( ) de optie
[DISPLAY SETUP/ ] en druk op
.
3 Selecteer met ( ) de optie
[LANGUAGE] en druk op .
4 Selecteer met ( ) de gewenste
optie en druk op .
5 Druk op om het menu te
sluiten.
OPMERKINGEN
Als u de taal per abuis hebt gewijzigd, volg
dan de markering naast het menu-
onderdeel om de instelling te wijzigen.
De opties
en die in sommige
menuschermen worden weergegeven,
veranderen niet, ongeacht de taal die is
geselecteerd.
SET
MENU
MENU
FUNC.
SET
FUNC.
FUNC.
SET
Eerste instellingen
[DEUTSCH] [ ]
[ENGLISH]
[]
[ESPAÑOL] [ ]
[FRANÇAIS] [ ]
[ITALIANO] [ ]
[POLSKI] [ ]
DISPLAY SETUP/
LANGUAGE
ENGLISH
MENU
(20)
MENU
SET
SET
SET
MENU
Eerste instellingen
22
De tijdzone wijzigen
Standaardinstelling
1 Druk op .
2 Selecteer met ( ) de optie [DATE/
TIME SETUP] en druk op .
3 Selecteer met ( ) de optie
[T.ZONE/DST] en druk op .
De tijdzone-instelling verschijnt. De
standaardinstelling is Paris.
4 Selecteer met ( ) uw tijdzone en
druk op .
Als u de tijd wilt aanpassen aan de
zomertijd, selecteer dan de tijdzone
met de markering naast het gebied.
Tijdzones
Zodra u de tijdzone, datum en tijd hebt
ingesteld, hoeft u de klok niet opnieuw in
te stellen als u naar een andere tijdzone
reist. U hoeft dan alleen maar de tijdzone
te selecteren, waarna de tijd op het
scherm wordt aangepast.
De datum en tijd instellen
1 Druk op .
2 Selecteer met ( ) de optie [DATE/
TIME SETUP] en druk op .
3 Selecteer met ( ) de optie [DATE/
TIME] en druk op .
Rondom de dag worden knipperende
pijlen weergegeven.
4 Selecteer met ( ) de dag en druk
op .
Rondom het volgende veld in de
datum/tijd worden knipperende pijlen
weergegeven.
Stel de maand, het jaar, de uren en
minuten op dezelfde wijze in.
5 Druk op om het menu te
sluiten en de klok te starten.
BELANGRIJK
Als u de camcorder langer dan circa
3 maanden niet gebruikt, kan de ingebouwde
oplaadbare lithiumbatterij leeg raken en verliest
u mogelijk de datum/tijdinstelling. Laad de
batterij dan opnieuw op ( 79) en stel
opnieuw de tijdzone, datum en tijd in.
U kunt ook de datumnotatie wijzigen ( 35).
DATE/TIME SETUP
T.ZONE /DST
PARIS
MENU
(20)
MENU
SET
SET
SET
DATE/TIME SETUP
DATE/TIME
1.JAN.2006 12:00 AM
MENU
(20)
MENU
SET
SET
SET
MENU
Opnemen
Basisfuncties
23
Ne
Basisfuncties
Opnemen
Films opnemen
1 Zet de aan/uit-schakelaar op
CAMERA terwijl u hierbij de ver-
grendelingstoets ingedrukt houdt.
2 Zet de / schakelaar op
(band).
U kunt, indien nodig, de opname-
standaard wijzigen (HDV of DV) ( 30).
3 Druk op om met opnemen
te beginnen.
druk nogmaals op als u een
pauze wilt inlassen.
D
E
LAATST
OPGENOMEN
SCÈNE
BEKIJKEN
Druk op .
De camcorder speelt een paar seconden
van de laatst opgenomen scène af en
keert terug naar de opnamepauzestand.
Het beeld wordt mogelijk niet correct
afgespeeld als de momenteel geselec-
teerde opnamestandaard verschilt van de
opnamestandaard van de laatste opname.
A
LS
U
KLAAR
BENT
MET
OPNEMEN
1
Sluit het LCD-paneel
.
2 Zet de camcorder uit.
3 Verwijder de band.
4 Haal de stekker uit het stopcontact
en verwijder de accu.
OPMERKINGEN
Vorige opnamen die zijn overschreven door
een nieuwe opname, kunnen niet worden
hersteld. Zoek eerst het einde van de laatste
opname voordat u begint met opnemen
(26).
De camcorder wordt in de stopstand ( )
gezet als u deze 4 minuten en 30 seconden in
de opnamepauzestand ( ) laat staan. Dit
wordt gedaan om de band en videokoppen te
beschermen. Druk op om het
opnemen te hervatten.
Als u opnamen maakt op plaatsen met veel
lawaai (zoals vuurwerkshows of concerten), kan
het geluid vervormd raken of wordt het niet
opgenomen op het feitelijke niveau. Dit is
normaal en duidt niet op een storing.
Over de stroombesparingsstand
: Bij gebruik van
de accu schakelt de camcorder zichzelf
automatisch uit als er vijf minuten lang geen
bedieningshandelingen zijn verricht. Dit wordt
gedaan om stroom te besparen ( 35). De
stroom herstelt u door de camcorder in de UIT-
en weer in de AAN-stand te zetten.
Over de LCD en het zoekerscherm
: De schermen
zijn gefabriceerd met uiterst verfijnde
technieken. Meer dan 99,99% van de pixels
functioneert correct. Minder dan 0,01% van de
pixels kan af en toe mislukken of wordt
weergegeven als zwarte, rode, blauwe of
groene punten. Dit heeft geen invloed op het
opgenomen beeld en betekent niet dat er
problemen zijn.
OPNEMEN
Voordat u met opnemen begint
Als u wilt controleren of de camcorder juist
opneemt, dan kunt u beter eerst een
testopname maken. Maak, indien nodig,
de videokoppen schoon ( 81).
( 8)
Start/Stop
Start/Stop
Start/Stop
Opnemen
24
Bij gebruik van een statief
: Laat
de zoeker niet blootgesteld
staan aan direct zonlicht, omdat
de lens (vanwege de hoge
lichtconcentratie) anders kan
inbranden.Gebruik geen
statieven met bevestigings-
schroeven die langer zijn dan
5,5 mm. Gebruik hiervan kan de camcorder
beschadigen.
Foto's maken
1 Zet de aan/uit-schakelaar op
CAMERA terwijl u hierbij de ver-
grendelingstoets ingedrukt houdt.
2 Zet de / schakelaar op
(geheugenkaart).
3 Druk half in.
Zodra automatisch scherp is gesteld,
verandert in een groene kleur en
verschijnen er een of meer AF-kaders.
Als u indrukt op de draadloze
afstandsbediening, wordt de foto
onmiddellijk gemaakt.
4 Druk volledig in.
De kaarttoegangsindicator (CARD)
knippert terwijl de foto wordt gemaakt.
BELANGRIJK
Als het kaarttoegangsdisplay ( ) op het
scherm wordt weergegeven en de kaarttoe-
gangsindicator (CARD) brandt of knippert, moet
u zich houden aan de voorschriften hieronder. U
kunt uw gegevens anders voorgoed kwijtraken.
- Open de afdekking van de geheugenkaart-
sleuf niet en verwijder de geheugenkaart niet.
- Haal de stekker niet uit het stopcontact en zet
de camcorder niet uit.
- Wijzig de stand van de
/ schakelaar of
de bedieningsstand niet.
OPMERKINGEN
Als het onderwerp niet geschikt is voor
automatische scherpstelling, verandert in
een gele kleur. Stel handmatig scherp ( 42).
“OVEREXP.” begint te knipperen als het
onderwerp te helder is. Gebruik in dat geval het
optionele ND-filter FS-H37U.
Zoomen
WAAR U OP MOET LETTEN
: Naast de 10x optische zoom
is ook de 200x digitale zoom beschikbaar
( 29).
Voordat u een geheugenkaart voor de
eerste keer gebruikt, moet u de kaart met
deze camcorder initialiseren ( 54).
( 8)
PHOTO
PHOTO
PHOTO
( 8)
Uitzoomen
Inzoomen
Afspelen
Basisfuncties
25
Ne
10x optische zoom
Verplaats de zoomregelaar naar W om
uit te zoomen (groothoek). Verplaats
de zoomregelaar naar T om in te
zoomen (telepositie).
U kunt ook de zoomsnelheid wijzigen (
29). U kunt een keus maken uit drie vaste
zoomsnelheden of een variabele snelheid
kiezen die afhangt van de wijze waarop u
de zoomregelaar bedient: druk zachtjes
op de zoomregelaar om langzaam te
zoomen; druk harder om sneller te
zoomen.
OPMERKINGEN
U kunt ook de toetsen T en W op de
draadloze afstandsbediening gebruiken.
De zoomsnelheid met de draadloze
afstandsbediening is dezelfde als met de
camcorder (wanneer één van de vaste
zoomsnelheidsniveaus is geselecteerd) of
wordt vastgezet op [SPEED 3] (wanneer
[VARIABLE] is geselecteerd).
De zoomsnelheid is sneller in de
opnamepauzestand als u de zoomsnelheid
instelt op [VARIABLE].
Houd ten opzichte van het onderwerp een
afstand van minimaal 1 meter aan. In de
groothoekstand kunt u tot op een afstand van
1 cm op een onderwerp scherp stellen.
Afspelen
Films afspelen
Speel de band af op het LCD-scherm of
sluit het LCD-paneel om de zoeker te
gebruiken.
1 Zet de aan/uit-schakelaar op PLAY
terwijl u hierbij de vergrendelings-
toets ingedrukt houdt.
2 Zet de / schakelaar op
(band).
3 Lokaliseer het punt waar u met
afspelen wilt beginnen.
Druk op om de band terug te
spoelen of op om de band vooruit
te spoelen.
4 Druk op om met afspelen te
beginnen.
Stel, indien nodig, met ( ) het
volume bij met het -wiel ( ).
T
IJDENS
HET
AFSPELEN
5 Druk nogmaals op om een
pauze in te lassen.
6 Druk op om met afspelen te
stoppen.
Afspelen
( 8)
/
SET
/
Afspelen
26
S
PECIALE
AFSPEELSTANDEN
Gebruik de toetsen op de draadloze
afstandsbediening om de speciale
afspeelstanden te selecteren. Tijdens de
speciale afspeelstanden is geen geluid
mogelijk. Druk op als u vanuit een
speciale afspeelstand terug wilt keren
naar normaal afspelen.
Versneld vooruit afspelen:
Druk tijdens
normaal afspelen op / . Houd de
toets ingedrukt om tijdens het afspelen de
band terug/vooruit te spoelen.
Achteruit afspelen:
Druk tijdens normaal
afspelen op .
Beeldje voor beeldje achteruit/vooruit
afspelen:
Druk tijdens afspeelpauze op
/ . Houd de toets ingedrukt om
continu beeldje voor beeldje af te spelen.
In slow motion afspelen:
Druk tijdens
normaal of achteruit afspelen op .
Afspelen met dubbele snelheid:
Druk tijdens
normaal of achteruit afspelen op .
OPMERKINGEN
U kunt de datum en tijd van de opname
weergeven, evenals andere
camcordergegevens die tijdens het opnemen
werden geregistreerd ( 49).
Tijdens sommige speciale afspeelstanden
ziet u in het afspeelbeeld mogelijk
videoproblemen (blokken, strepen, etc.).
Tijdens het afspelen ziet u mogelijk
videoproblemen bij het punt waar de standaard
van de opname (HDV/DV) verandert.
Tijdens het afspelen van HDV-opnamen:
De
volgende speciale afspeelstanden zijn niet
beschikbaar, ook al worden de symbolen
hiervan weergegeven op het scherm:
- In slow motion achteruit afspelen
- Beeldje voor beeldje achteruit afspelen
- Afspelen met dubbele snelheid (vooruit of
achteruit)
De camcorder wordt in de stopstand ( )
gezet als u deze 4 minuten en 30 seconden in
de afspeelpauzestand ( ) laat staan. Dit
wordt gedaan om de band en videokoppen te
beschermen. Druk op om het afspelen te
hervatten.
Geluid uit de ingebouwde luidspreker wordt
onderdrukt als de stereovideokabel STV-250N
op de camcorder aangesloten is.
Terugkeren naar een eerder
gemarkeerde positie
Als u later naar een bepaalde scène wilt
terugkeren, markeer dan dit punt met het
nulstelgeheugen. De band zal dan op dat
punt stoppen als u de band terug- of
vooruitspoelt.
1 Druk tijdens het opnemen of afspe-
len bij het punt waarnaar u later wilt
terugkeren op van
de draadloze afstandsbediening.
De tijdcode verandert in “0:00:00 ”.
Druk nogmaals op
als u het geheugen leeg wilt maken.
2 Als u het nulstelgeheugen
markeerde tijdens het opnemen, zet
de camcorder dan in de stand
. Als u het
nulstelgeheugen markeerde tijdens
het afspelen, druk dan op .
3 Druk op om de nulmarkering te
lokaliseren.
Druk in plaats hiervan op als de
bandteller een negatief getal toont.
verschijnt en de camcorder
spoelt de band terug of vooruit.
De band stopt op of bij de
nulmarkering, verdwijnt en de juiste
tijdcode wordt weer weergegeven.
OPMERKINGEN
Het nulstelgeheugen werkt mogelijk niet correct
als er lege gedeelten tussen de opnamen zijn.
Het einde van de laatste scène
lokaliseren
Gebruik deze functie na het afspelen van
een band om het einde van de laatst op-
genomen scène te lokaliseren om vanaf
dat punt verder te gaan met opnemen.
/
SLOW
/
( 8)
ZERO SET MEMORY
ZERO SET MEMORY
Afspelen
Basisfuncties
27
Ne
WAAR U OP MOET LETTEN
Stop met afspelen voordat u deze functie
gebruikt.
Druk op .
“END SEARCH” verschijnt.
De camcorder spoelt de band terug of
vooruit, speelt de laatste paar seconden
van de opname af en zet de band stop.
Druk nogmaals op als u het
zoeken wilt annuleren.
OPMERKINGEN
"Einde zoeken" kan niet worden gebruikt
zodra u de cassette hebt verwijderd.
Als er op dezelfde band tussen de opnamen
lege gedeelten aanwezig zijn, of gedeelten die
zijn opgenomen in een verschillende standaard
(HDV/DV), is het mogelijk dat "einde zoeken"
niet correct werkt.
Scènes lokaliseren op basis van
opnamedatum
U kunt met de datumzoekfunctie een
scène lokaliseren door een verandering
van de datum of tijdzone op te zoeken.
Druk op of van de
draadloze afstandsbediening.
Druk meer dan eenmaal op een van
deze toetsen om naar verdere datum-
veranderingen te zoeken (tot 10 keer).
Druk op als u het zoeken wilt
annuleren.
OPMERKINGEN
Opnamen van korter dan 1 minuut per datum/
tijdzone kunt u met deze functie niet lokaliseren.
De datumzoekfunctie werkt mogelijk niet als
de datum, tijd of datacodering niet goed wordt
weergegeven.
De datumzoekfunctie werkt mogelijk niet
correct als er op dezelfde band gedeelten zijn
opgenomen in een verschillende standaard
(HDV/DV).
Foto's weergeven
1 Zet de aan/uit-schakelaar op PLAY
terwijl u hierbij de vergrendelings-
toets ingedrukt houdt.
2 Zet de / schakelaar op
(geheugenkaart).
3 Druk op of om te wisselen
tussen de foto's.
F
OTO
'
S
SNEL
OPZOEKEN
U kunt snel naar een specifiek beeld gaan
zonder dat u alle foto's één voor één hoeft
te doorlopen.
Druk op / en houd deze toets
ingedrukt. Laat de toets los als het
beeldnummer bij de foto komt die u
wilt weergeven.
END SEARCH
END SEARCH
STOP
( 8)
+
-
+
-
Afspelen
28
BELANGRIJK
Als het kaarttoegangsdisplay op het
scherm wordt weergegeven en de kaarttoe-
gangsindicator (CARD) brandt of knippert, moet
u zich houden aan de voorschriften hieronder. U
kunt uw gegevens anders voorgoed kwijtraken.
- Open de afdekking van de geheugenkaart-
sleuf niet en verwijder de geheugenkaart niet.
- Haal de stekker niet uit het stopcontact en zet
de camcorder niet uit.
- Wijzig de stand van de
/ schakelaar of
de bedieningsstand niet.
De volgende foto's worden mogelijk niet goed
weergegeven.
- Foto's die niet met deze camcorder zijn
gemaakt.
- Foto's die zijn bewerkt op een computer of die
zijn geupload vanaf een computer.
- Foto's waarvan de bestandsnamen zijn
gewijzigd.
Diashow
1 Druk op .
2 Selecteer met ( ) de optie
[ SLIDESHOW] en druk op .
3 Selecteer met ( ) de optie
[START] en druk op .
Druk op om de diashow stop te
zetten.
Indexscherm
1 Verplaats de zoomregelaar naar W.
Het indexscherm verschijnt.
2 Selecteer met ( ) een foto.
Verplaats de cursor naar de foto
die u wilt bekijken.
Druk op of om naar de
volgende/vorige indexpagina te gaan.
3 Verplaats de zoomregelaar naar T.
Het indexscherm wordt gesloten en de
geselecteerde foto verschijnt op het
scherm.
Het afspeelbeeld vergroten
Films en foto's kunnen tijdens het
afspelen/weergeven hiervan tot 5x
worden vergroot. U kunt ook het gebied
selecteren dat u wilt vergroten.
1 Verplaats de zoomregelaar naar T.
De foto wordt tweemaal zo groot
weergegeven en er verschijnt een
kader dat de positie van het vergrote
gebied aanduidt.
Als u de foto verder wilt vergroten,
verplaats de zoomregelaar dan naar T.
Als u de vergroting wilt reduceren,
verplaats de zoomregelaar dan naar
W.
verschijnt voor foto's die niet
kunnen worden vergroot.
2 Selecteer het vergrote gebied van
het beeld met het -wiel.
Verplaats met ( ) het kader naar
rechts/links of omhoog/omlaag. Druk
op om te wisselen tussen de
richtingen.
Als u de vergroting wilt annuleren,
verplaats de zoomregelaar dan naar W
totdat het kader verdwijnt.
SLIDESHOW
FUNC.
(21)
FUNC.
SET
SET
FUNC.
+
-
( 8)
SET
SET
Menu-opties - Overzicht
Geavanceerde functies
29
Ne
Geavan ceerde functies
Menu-o pties - Over zicht
Menu-onderdelen die niet beschikbaar
zijn, worden op het scherm in zwart
weergegeven. Raadpleeg
Gebruik van de
menu's
( 20) voor bijzonderheden over
hoe u een onderdeel selecteert.
MENU-opties
Camera-i nstellingen (digitale zoom, beeldstab ilisator, etc.)
CAMERA SETUP
Programmakeuzeschakelaar:
[ON], [ OFF]
De camcorder gebruikt automatisch lange
sluitertijden om op plaatsen met
onvoldoende verlichting heldere
opnamen te maken.
De camcorder maakt gebruik van
sluitertijden tot minimaal 1/25 (1/12 in de
stand ).
: Zet de flitserstand op
(flitser uit).
Zet de lange sluiter op [ OFF] als
een nabeeld met sporen verschijnt.
Als het symbool
(camcordertrillingswaarschuwing)
verschijnt, dan verdient het aanbeveling
de camcorder te stabiliseren, bijvoorbeeld
door deze op een statief te plaatsen.
[OFF], [ 40X], [ 200X]
Bepaalt de werking van de digitale zoom.
Indien digitale zoom is geactiveerd,
gaat de camcorder automatisch over op
digitale zoom als u verder inzoomt dan
het optische zoombereik.
Met de digitale zoom wordt het beeld
digitaal verwerkt. De beeldresolutie zal
daarom verslechteren naarmate u meer
inzoomt.
De indicator van de digitale zoom
verschijnt in lichtblauw van 10x t/m 40x
en in donkerblauw van 40x t/m 200x.
De digitale zoom kan niet worden
gebruikt met het opnameprogramma
[NIGHT] ().
Als u met de digitale zoom films
opneemt, kunt u niet tegelijkertijd een foto
maken op de geheugenkaart.
[ VARIABLE], [ SPEED 3],
[ SPEED 2], [ SPEED 1]
Indien de zoomsnelheid is ingesteld op
[ VARIABLE], hangt de zoomsnelheid
af van hoe u de zoomregelaar bedient:
druk zachtjes op de zoomregelaar om
langzaam te zoomen; druk harder om
sneller te zoomen.
De snelste zoomsnelheid kan worden
bereikt met [ VARIABLE]. Van de
vaste zoomsnelheden is [ SPEED 3]
de snelste en [ SPEED 1] de
langzaamste.
[ INSTANT AF], [ NORMAL AF]
Selecteer hoe snel de automatische
scherpstelling functioneert.
Met [ INSTANT AF] past de
automatische scherpstelling zich snel aan
een nieuw onderwerp aan. Dit komt
bijvoorbeeld van pas als u de scherp-
stelling op een nabijgelegen onderwerp
verandert in scherpstelling op een veraf-
gelegen onderwerp op de achtergrond, of
wanneer u opnamen maakt van snel
bewegende onderwerpen.
Zet de AF-functie op [ NORMAL AF]
als u de optionele groothoekconverter of
teleconverter op de camcorder aansluit.
Menu-opties - Overzicht
A.SL SHUTTER
D.ZOOM
ZOOM SPEED
AF MODE
Menu-opties - Overzicht
30
[ AUTO], [ OFF]
[ON], [ OFF]
De camcorder maakt de foto alleen nadat
scherp is gesteld.
Stel deze optie in op [ OFF] als u
een foto wilt kunnen maken zodra u op
drukt. Er verschijnt geen scherp-
stelkader als u [ OFF] selecteert.
Scherpstelprioriteit kan niet worden
uitgeschakeld als de programmakeuze-
schakelaar op staat.
In het opnameprogramma [ FIRE-
WORKS] ( ) wordt de scherpstelpriori-
teit automatisch ingesteld op [ OFF].
Programmakeuzeschakelaar:
[ON], [ OFF]
De instelling van de beeldstabilisator. De
beeldstabilisator biedt compensatie voor
camcordertrillingen, ook bij de volledige
telepositie.
De beeldstabilisator is ontworpen om
compensatie te bieden voor normale
camcordertrillingen.
De beeldstabilisator is mogelijk niet
effectief als u opnamen maakt op
donkere plaatsen met het
opnameprogramma [ NIGHT] ( ).
De beeldstabilisator kan niet worden
uitgeschakeld als de programma-
keuzeschakelaar op staat.
Het verdient aanbeveling bij gebruik
van een statief de beeldstabilisator op
[ OFF] te zetten.
Instelling voor op nemen/video-inv oer (HD-standaa rd, D V-opnamestand, etc.)
REC/IN SETUP
[ HDV], [ DV(WIDE)],
[ DV(NORMAL)]
Hiermee selecteert u de videostandaard
van de opname en in de DV-standaard
ook de hoogte/breedte-verhouding.
[ HDV]: High Definition Video bij
1080i-specificaties met een hoogte/
breedte-verhouding van 16:9.
[ DV(WIDE)]: Digitale Standard
Definition Video met een hoogte/breedte-
verhouding van 16:9.
[ DV(NORMAL)]: Digitale Standard
Definition Video met een hoogte/breedte-
verhouding van 4:3.
Het verdient geen aanbeveling op
dezelfde band opnamen te maken in een
verschillende standaard.
Een breedbeeldopname afspelen:
Bij gebruik
van TV's die compatibel zijn met het
systeem Video ID-1 wordt automatisch
overgegaan op de breedbeeldstand (16:9).
In andere gevallen moet u de hoogte/
breedte-verhouding van uw TV handmatig
wijzigen. Als u opnamen wilt afspelen op
een TV met een normale hoogte/breedte-
verhouding (4:3), verander dan dienover-
eenkomstig de optie [TV TYPE] ( 32).
[STD PLAY], [ LONG PLAY]
Als u de optie [HD STANDARD] op een
van de DV-standaards instelt, kunt u de
videokwaliteit wijzigen en als gevolg
hiervan ook de beschikbare opnameduur.
Als u voor uw opnamen de LP-modus
kiest, verlengt u de beschikbare opname-
duur op de band met een factor 1,5.
Afhankelijk van de kwaliteit van de
band (lang gebruik, onvolkomenheden,
AF AST LAMP
( 50)
FOCUS PRI.
IMG STAB
PHOTO
HD STANDARD
DV REC MODE
DV
Menu-opties - Overzicht
Geavanceerde functies
31
Ne
etc.) is het mogelijk dat er in het afspeel-
beeld videoproblemen optreden (blokken,
strepen, etc.) als u films afspeelt die zijn
opgenomen in de LP-modus. Het verdient
aanbeveling voor belangrijke opnamen
de SP-modus te gebruiken.
Als u op dezelfde band films opneemt in
zowel de SP- als LP-modus, kunnen er
tijdens het afspelen in het beeld
videoproblemen optreden op het punt
waar de opnamemodus verandert.
Als u op deze camcorder banden
afspeelt waarop met andere apparaten
films zijn gemaakt in de LP-modus, of
vice versa, kunnen er problemen
optreden in het afspeelbeeld of kan het
geluid kortdurend uitvallen.
[ 16bit], [ 12bit]
Als u de optie [HD STANDARD] instelt op
een van de DV-standaards, kunt u de
audiokwaliteit wijzigen.
[ 16bit]: Voor het opnemen van
geluid met de hoogste kwaliteit.
[ 12bit]: Als u later met een extern
apparaat audio dubt of een
muzieknummer toevoegt.
Programmakeuzeschakelaar:
[AUTO], [ OFF ]
De camcorder reduceert bij
buitenopnamen automatisch het
achtergrondgeluid van de wind.
Het windscherm kan niet worden
uitgeschakeld als de programma-
keuzeschakelaar op staat.
[ OFF], [ 2sec], [ 4sec],
[ 6sec], [ 8sec], [ 10sec]
Hiermee selecteert u hoe lang een foto
wordt weergegeven nadat deze is
gemaakt.
U kunt de foto wissen ( 53) of
beveiligen ( 53) door tijdens het
bekijken van de foto (of onmiddellijk na de
opname indien deze optie is ingesteld op
[ OFF]) op te drukken.
Dit menu-onderdeel is niet beschikbaar
indien (continu-opnamen),
(continu-opnamen met hoge snelheid)
of (reeksopnamen) is geselecteerd.
Als u tijdens het bekijken van een foto
op drukt, wordt de foto voor
onbepaalde tijd weergegeven. Druk
half in om terug te keren naar het
normale display.
[ON], [OFF]
[ RESET], [ CONTINUOUS]
Selecteer de beeldnummeringsmethode
die u wilt gebruiken als u een nieuwe
geheugenkaart plaatst.
Aan foto's worden automatisch
opeenvolgende beeldnummers
toegewezen van 0101 t/m 9900, en deze
worden opgeslagen in mappen van
maximaal 100 foto's. Mappen worden
genummerd van 101 t/m 998.
[ RESET]: Beeldnummers beginnen
opnieuw vanaf 101-0101 telkens wanneer
u een nieuwe geheugenkaart plaatst.
[ CONTINUOUS]: De
beeldnummering gaat verder bij het
nummer dat volgt op het laatste beeld dat
met de camcorder is opgenomen.
Als de door u geplaatste
geheugenkaart al een beeld bevat met
DV AUDIO
WIND SCREEN
REVIEW
DV
AV DV
(61)
FILE NOS.
FUNC.
DISP.
PHOTO
Menu-opties - Overzicht
32
een hoger nummer, wordt aan een nieuw
beeld een nummer toegewezen dat één
hoger is dan het nummer van het laatste
beeld op de geheugenkaart.
Het verdient aanbeveling de optie
[ CONTINUOUS] te gebruiken.
Kaartfuncties (initialisatie, alle b eelden wissen, etc.)
CARD OPERATIONS
[NO], [YES]
[NO], [YES]
[NO], [YES]
[NO], [YES]
*
De volgende opties zijn alleen beschikbaar
als u in het indexscherm op drukt.
[NO], [YES]
[NO], [YES]
[NO], [YES]
Afspeelinstell ingen/instellingen voor video-uitvo er (afspeelstandaard, Compone nt Video Out, DV Out, etc.)
PLAY/OUT SETUP
[ AUTO], [ HDV], [ DV]
Selecteer de videostandaard die u wilt
gebruiken voor het afspelen.
[ AUTO]: Hiermee wordt tijdens het
afspelen automatisch gewisseld tussen
standaards (HDV/DV).
[ HDV], [ DV]: Speelt alleen de
opnamen af die zijn gemaakt in de
geselecteerde standaard.
[ NORMAL TV],
[ WIDE TV]
Als u het beeld volledig en in de juiste
hoogte/breedte-verhouding wilt
weergeven, moet u de instelling
selecteren op basis van het televisietype
waarop u de camcorder aansluit.
[NORMAL TV]: TV's met een hoogte/
breedte-verhouding van 4:3.
[WIDE TV]: TV's met een hoogte/breedte-
verhouding van 16:9.
[ L/R], [ L/L], [ R/R]
U kunt het audiokanaal selecteren dat u
wilt gebruiken voor het afspelen van een
band, met audio die op twee kanalen
opgenomen is.
[ L/R]: Linker- en rechterkanaal
(stereo) / hoofd- en subspoor (tweetalig).
PRINT ORD.ALL ERASE
( 70)
TRANS.ORD.ALL ERASE
( 66)
ERASE ALL IMAGES
( 53)
INITIALIZE
( 54)
PROTECT*
( 53)
PRINT ORDER*
( 69)
TRANSFER ORDER*
( 65)
MENU
PLAYBACK STD
TV TYPE
OUTPUT CH
Menu-opties - Overzicht
Geavanceerde functies
33
Ne
[ L/L]: Alleen linkerkanaal (stereo) /
alleen hoofdspoor (tweetalig).
[ R/R]: Alleen rechterkanaal (stereo) /
alleen subspoor (tweetalig).
[ STEREO1], [ STEREO2],
[ MIX/FIXED], [ MIX/VAR.]
U kunt het audiokanaal selecteren dat u
wilt gebruiken voor het afspelen van een
band, met audio die over de opname
heen is gedubd.
[ STEREO1]: Alleen origineel geluid.
[ STEREO2]: Alleen gedubde audio.
[ MIX/FIXED]: Gemengde audio, met
het originele geluid en de gedubde audio
op hetzelfde niveau.
[ MIX/VAR.]: Gemengde audio,
waarbij u de balans tussen het originele
geluid ( ) en de gedubde audio ( )
kunt afstellen.
Als u [AUDIO OUT] hebt ingesteld op
[ MIX/VAR.], stel dan met ( ) de
geluidsbalans af met het -wiel.
De camcorder onthoudt de instelling
van de audiobalans. Als u de camcorder
echter uitschakelt, wordt de optie [AUDIO
OUT] gereset naar [ STEREO1].
[ 576i], [ 1080i/576i]
U kunt de videospecificaties selecteren
die u wilt gebruiken om de camcorder aan
te sluiten op een High Definition TV via de
video component-verbinding.
[ 576i]: Voor gebruik van de 576i-
specificatie (Standard Definition-TV).
[ 1080i/576i]: Voor gebruik van de
volledige 1080i High Definition-specificatie
als dat mogelijk is, of automatisch
overschakelen op de 576i-specificatie als
1080i door de TV niet wordt ondersteund.
Selecteer de instellingen voor
[PLAYBACK STD] en [COMP.OUT] op
basis van de specificaties die u wilt
gebruiken voor het afspelen van video op
een High Definition-TV. Raadpleeg de
tabel hieronder.
Er zal geen afspeelbeeld zijn als de ge-
selecteerde afspeelstandaard verschilt van
de standaard van de originele opname.
[ DV LOCKED], [ HDV/DV]
U kunt de door u gewenste
videostandaard selecteren als u via het
HDV/DV-aansluitpunt de camcorder
aansluit op een extern apparaat.
[ HDV/DV]: Automatisch
afstemmen op de originele standaard van
de opnamen.
[ DV LOCKED]: Alle video-uitvoer is
in de DV-standaard (opnamen in HDV
worden teruggeconverteerd).
AUDIO OUT
MIX BALANCE
COMP.OUT
Instellingen voor video-uitvoer vanaf het aansluitpunt COMPONENT OUT
Afspeel-
standaard
Originele standaard
van de opname
[PLAYBACK STD]-instelling [COMP.OUT]-instelling
(1080i) [ AUTO] of [ HDV] [ 1080i/576i]
(576i)
[ AUTO] of [ HDV] [ 576i]
[ AUTO] of [ DV] [ 1080i/576i] of [ 576i]
HDV
HDV
DV
DV
SET
DV OUTPUT
Menu-opties - Overzicht
34
De DV-uitvoer kan niet worden
gewijzigd terwijl op het HDV/DV-aansluit-
punt een DV-kabel aangesloten is.
Display-instel ling (LCD-helder heid, taal etc.)
DISPLAY SETUP
Stel met ( ) de helderheid van het
LCD-display af met het -wiel.
Verandering van de helderheid van het
LCD-display heeft geen invloed op de
helderheid van de zoeker of opnamen.
[ OFF], [ LEVEL(WHT)],
[ LEVEL(GRY)], [ GRID(WHT)],
[GRID(GRY)]
U kunt in het midden van het scherm een
raster of een horizontale lijn weergeven.
De markeringen zijn beschikbaar in wit of
grijs. Gebruik de markeringen als
referentie om ervoor te zorgen dat uw
onderwerp juist wordt ingekaderd
(verticaal en/of horizontaal).
Gebruik van de markeringen heeft geen
invloed op de opnamen op de band of
geheugenkaart.
[ OFF], [ ZEBRA(70%)],
[ ZEBRA(100%)], [ PEAKING]
U kunt de hulpfuncties gebruiken om
ervoor te zorgen dat u correct scherp stelt
en de belichting juist instelt.
[ZEBRA]: Op gebieden die overbelicht (te
helder) zijn, verschijnt een gestreept
patroon (zebrapatroon). [
ZEBRA(70%)] is gevoeliger dan [
ZEBRA(100%)].
[ PEAKING]: De silhouetten van
objecten in het beeld worden benadrukt
om u in staat te stellen gemakkelijker
handmatig scherp te stellen.
Gebruik van de hulpfuncties heeft geen
invloed op de opnamen op de band of
geheugenkaart.
[ON], [ OFF]
Als deze optie op [ ON] is ingesteld,
verschijnen de symbolen op het
camcorderscherm ook op het scherm van
een aangesloten TV of monitor.
U kunt ook op de draadloze
afstandsbediening gebruiken.
Als de datum en tijd op het scherm van
de camcorder worden weergegeven,
verschijnen deze ook op een aangesloten
TV, ongeacht de [TV SCREEN]-instelling.
Zet de datum en tijd uit door herhaaldelijk
op te drukken.
[ON], [OFF]
Als u een band begint af te spelen of de
datum van de opname verandert, worden
de datum en tijd 6 seconden lang
weergegeven.
[ DATE], [ TIME], [DATE & TIME],
[ CAMERA DATA], [ CAM. & D/T]
BRIGHTNESS
MARKERS
ASSIST FUNC.
SET
TV SCREEN
6SEC.DATE
DATA CODE
(48)
DISP.
DISP.
Menu-opties - Overzicht
Geavanceerde functies
35
Ne
[DEUTSCH], [ENGLISH], [ESPOL],
[FRANÇAIS], [ITALIANO], [POLSKI],
[ ], [ ], [ ], [ ],
[], []
[ON], [ OFF]
Demonstratiefunctie. Hiermee kunt u de
belangrijkste functies van de camcorder
bekijken. Deze functie wordt automatisch
gestart als de camcorder van stroom
wordt voorzien met de netadapter en u de
camcorder langer dan 5 minuten
ingeschakeld laat staan zonder een
opnamemedium te plaatsen.
Als u de demonstratie wilt stopzetten
zodra deze is gestart, kunt u op een toets
drukken, de camcorder uitschakelen of
een opnamemedium plaatsen.
Systeemi nstelling (pieptoo n, etc.)
SYSTEM SETUP
[ON], [ OFF ]
Maakt het mogelijk om de camcorder te
bedienen met de draadloze
afstandsbediening.
[HIGH VOLUME],
[ LOW VOLUME], [ OFF]
Bepaalde bedieningshandelingen, zoals
het aanzetten van de camcorder, het
aftellen van de zelfontspanner, etc., gaan
vergezeld van een pieptoon. Ook dient
deze functie als een waarschuwings-
pieptoon als zich ongebruikelijke
omstandigheden voordoen.
[ON], [ OFF]
Bij gebruik van de accu schakelt de
camcorder zichzelf automatisch uit
als er vijf minuten lang geen
bedieningshandelingen zijn verricht. Dit
wordt gedaan om stroom te besparen.
Circa 30 seconden voordat de camcorder
wordt uitgeschakeld, verschijnt het
bericht “ AUTO POWER OFF”.
[ON], [ OFF]
Selecteer of u de verlichting van het HDV-
logo (buitenzijde van LCD-paneel) wilt in-
of uitschakelen.
U kunt controleren wat de huidige versie
is van de camcorderfirmware. Deze
menu-optie is gewoonlijk gedimd.
Datum/tijd instellen
DATE/TIME SETUP
[Y.M.D (2006.1.1 AM 12:00)],
[M.D,Y (JAN. 1, 2006 12:00 AM)],
[D.M.Y (1.JAN.2006 12:00 AM)]
LANGUAGE
(21)
DEMO MODE
WL.REMOTE
BEEP
POWER SAVE
HDV ILLUM.
FIRMWARE
T.ZONE/DST
(22)
DATE/TIME
(22)
DATE FORMAT
Menu-opties - Overzicht
36
Met deze optie wijzigt u de datumnotatie
voor de schermgegevens en voor het
afdrukken van de datum.
Opties menu FUNC.
Programmakeuzeschakelaar:
[ PROGRAM AE],
[ SHUTTER-PRIO. AE],
[ APERTURE-PRIO. AE]
Programmakeuzeschakelaar:
[ PORTRAIT], [ SPORTS],
[ NIGHT], [ SNOW], [ BEACH],
[SUNSET], [SPOTLIGHT],
[ FIREWORKS]
Programmakeuzeschakelaar:
[EVALUATIVE],
[ CENT.WEIGHT.AVERAGE],
[SPOT]
Programmakeuzeschakelaar:
[ AUTO], [ DAYLIGHT],
[ SHADE], [ CLOUDY],
[ TUNGSTEN], [ FLUORESCENT],
[ FLUORESCENT H], [ SET]
Programmakeuzeschakelaar:
[ IMAGE EFFECT OFF], [ VIVID],
[NEUTRAL],
[ LOW SHARPENING],
[ SOFT SKIN DETAIL],
[ CUSTOM]
Programmakeuzeschakelaar:
[SINGLE], [ CONT.SHOOT.],
[ HISPEED CONT.SHOOT.],
[AEB]
Programmakeuzeschakelaar:
[ D.EFFECT OFF], [ FADER],
[ EFFECT]
Programmakeuzeschakelaar:
[ D.EFFECT OFF], [ BLK&WHT]
Grootte:
[HD STANDARD] ingesteld op [
HDV]/[ DV(WIDE)]:
[ STILL I.REC OFF],
[
LW
1920x1080], [
SW
848x480]
[HD STANDARD] ingesteld op
[ DV(NORMAL)]:
[ STILL I.REC OFF],
[
M
1440x1080], [
S
640x480]
Kwaliteit:
[ SUPER FINE], [FINE],
[NORMAL]
Recording programs
( 38)
Light metering mode
( 41)
White balance
( 43)
Image effect
( 44)
Drive mode
(47)
Digital effects
(51)
Still image simultaneous recording
( 46)
Menu-opties - Overzicht
Geavanceerde functies
37
Ne
Grootte:
[
LW
1920x1080], [L 2048x1536],
[
M
1440x1080], [
S
640x480]
Kwaliteit:
[ SUPER FINE], [FINE],
[NORMAL]
Opnamen die zijn gemaakt in [ HDV]:
[
LW
S.FINE/1920x1080],
[
LW
FINE/1920x1080],
[
LW
NORMAL/1920x1080]
Opnamen die zijn gemaakt in [
DV(WIDE)]:
[
SW
S.FINE/848x480],
[
SW
FINE/848x480],
[
SW
NORMAL/848x480]
Opnamen die zijn gemaakt in [
DV(NORMAL)]:
[
S
S.FINE/640x480],
[
S
FINE/640x480],
[
S
NORMAL/640x480]
[CANCEL], [ERASE]
Wist een foto.
: Deze optie wordt alleen
weergegeven als de beeldseriestand op
[ SINGLE] staat en u op drukt
binnen de tijdsduur die is ingesteld bij de
optie [REVIEW] (of onmiddellijk na het
maken van de foto indien deze optie op
[ OFF ] is gezet).
[CANCEL], [START]
[ 0] - [ 99] COPIES
Stelt een afdrukopdracht in voor een foto
op de geheugenkaart.
[ TRANS.ORDER OFF],
[ TRANS.ORDER ON]
Stelt een overzendopdracht in voor een
foto op de geheugenkaart.
[ PROTECT OFF],
[ PROTECT ON]
Beveiligt een foto op de geheugenkaart.
: Deze optie wordt alleen
weergegeven als de beeldseriestand op
[ SINGLE] staat en u op drukt
binnen de tijdsduur die is ingesteld bij de
optie [REVIEW] (of onmiddellijk na het
maken van de foto indien deze optie op
[ OFF ] is gezet).
Still image size/quality
(45)
Still image capturing
(47)
IMAGE ERASE
(53)
FUNC.
SLIDESHOW
(28)
PRINT ORDER
(69)
TRANSFER ORDER
(65)
PROTECT
(53)
FUNC.
Opnameprogramma's
38
Opnamepro gra mma's
De opnameprogramma‘s gebruiken
Automatisch
De camcorder verzorgt automatisch
de scherpstelling, belichting en
andere instellingen. U hoeft alleen
maar de camera op uw onderwerp te
:
Flexibele opnameprogramma's ( 39)
[ PROGRAM AE]
De camcorder stelt het dia-
fragma en de sluitertijd in.
[ SHUTTER-PRIO. AE]
U selecteert de
sluitertijd.
[ APERTURE-PRIO. AE]
U selecteert het
diafragma.
:
Speciale opnameprogramma's ( 40)
[ PORTRAIT]
Portret. De camcorder maakt
gebruik van een groot
diafragma. Hierbij wordt het
onderwerp scherp gesteld en
vervagen andere details die de
aandacht afleiden.
[SNOW]
Sneeuw. Gebruik deze stand
om opnamen te maken op
heldere skipistes. Hiermee
voorkomt u dat het onder-
werp onderbelicht wordt.
[ SPOTLIGHT]
Spotlight.Gebruik deze
stand om opnamen te
maken van scènes onder
spotlights.
[ SPORTS]
Sport. Gebruik deze stand om
sportscènes zoals tennis of golf
op te nemen.
[BEACH]
Strand. Gebruik deze stand
om opnamen te maken op
een zonnig strand. Hiermee
voorkomt u dat het onder-
werp onderbelicht wordt.
[FIREWORKS]
Vuurwerk. Gebruik deze
stand om vuurwerk op te
nemen.
[NIGHT]
Nacht. Gebruik deze stand om
opnamen te maken bij weinig
licht.
[ SUNSET]
Zonsondergang. Gebruik dit
programma om in felle
kleuren opnamen te maken
van zonsondergangen.
Opnameprogramma's
Geavanceerde functies
39
Ne
Flexibele opnamen: Het diafragma en
de sluitertijd wijzigen
Gebruik het programma met automa-
tische belichting (AE) of geef prioriteit aan
de belichtingswaarde of de sluitertijd.
WAAR U OP MOET LETTEN
Programmakeuzeschakelaar
:
Opties
Standaardwaarde
D
E
DIAFRAGMAWAARDE
OF
SLUITERTIJD
INSTELLEN
1 Druk op .
2 Selecteer met ( ) de gewenste
waarden en druk op .
Richtlijnen voor sluitertijden
Merk op dat op het scherm alleen de
noemer wordt weergegeven – [ 250]
geeft een sluitertijd aan van 1/250, etc.
OPMERKINGEN
Wijzig tijdens het opnemen de stand van de
programmakeuzeschakelaar niet. De helderheid
van het beeld kan anders abrupt veranderen.
Als u een numerieke waarde instelt (diafragma
of sluitertijd), gaat de nummerweergave knippe-
( 8)
[ PROGRAM AE]
De camcorder stelt automatisch het
diafragma en de sluitertijd zo af dat voor
het onderwerp een optimale belichting
wordt verkregen.
[ SHUTTER-PRIO.AE]
Stel de sluitertijdwaarde in. De camcorder
stelt automatisch de juiste diafragma-
waarde in. Gebruik een hogere sluitertijd
om snel bewegende onderwerpen op te
nemen of een lagere sluitertijd om aan een
beweging een bepaalde wazigheid toe te
voegen, waardoor het gevoel van
beweging wordt overgebracht.
[ APERTURE-PRIO.AE]
Stel de diafragmawaarde in. De camcorder
stelt automatisch de juiste sluitertijd in.
Gebruik lage diafragmawaarden (grotere
lensopening) om in een portret de achter-
grond op een zachte wijze waziger te
maken of gebruik hoge diafragmawaarden
(kleinere lensopening) om een bredere
scherptediepte te krijgen, waardoor een
landschap in zijn geheel scherp is.
FUNC.
(21)
Symbool van het momenteel
geselecteerde
opnameprogramma
Gewenste optie
1/6, 1/12, 1/25
1/2, 1/3, 1/6, 1/12, 1/25
Voor het maken van opnamen van
onderwerpen op donkere plaatsen.
1/50
1/50
Voor algemene opnamen.
1/120
1/120
Voor het opnemen van sportscènes in een
zaal.
1/250, 1/500, 1/1000
1/250, 1/500
Voor het opnemen vanuit een auto of trein,
of voor het opnemen van bewegende
objecten zoals achtbanen.
1/2000
Voor het maken van opnamen van
buitensporten zoals golf of tennis op
zonnige dagen.
FUNC.
FUNC.
SET
SET
Opnameprogramma's
40
ren indien het diafragma of de sluitertijd niet
geschikt is voor de opnameomstandigheden.
Selecteer in dat geval een andere waarde.
[ SHUTTER-PRIO.AE]
- Als u op donkere plaatsen een lange sluitertijd
gebruikt, kunt u een helderder beeld krijgen,
maar kan de beeldkwaliteit minder zijn, en werkt
de automatische scherpstelling mogelijk niet
goed.
- Het beeld kan flikkeren wanneer u opneemt
met hoge sluitertijden.
[ APERTURE-PRIO.AE]
-
Over de beschikbare diafragmawaarden:
Hieronder staat een overzicht van alle
beschikbare diafragmawaarden. De feitelijke
reeks beschikbare waarden waaruit een keuze
mogelijk is, zal echter afhangen van de
aanvankelijke zoomstand.
Beschikbare diafragmawaarden
[1.8], [2.0], [2.4], [2.8], [3.4],
[4.0], [4.8], [5.6], [6.7], [8.0]
[2.8], [3.4], [4.0], [4.8], [5.6],
[6.7], [8.0]
Speciale scène:
Opnameprogramma's voor speciale
omstandigheden
Het is heel gemakkelijk opnamen te
maken in een zeer helder skioord of alle
kleuren van een zonsondergang of
vuurwerk vast te leggen. U hoeft alleen
maar een speciaal opnameprogramma te
selecteren.
WAAR U OP MOET LETTEN
Programmakeuzeschakelaar
:
OPMERKINGEN
Wijzig tijdens het opnemen de stand van de
programmakeuzeschakelaar niet. De
helderheid van het beeld kan anders abrupt
veranderen.
[ PORTRAIT]/[ SPORTS]/[ BEACH]/
[ SNOW]
- Tijdens het afspelen wordt het beeld mogelijk
niet vloeiend weergegeven.
[PORTRAIT]
- Het wazige effect van de achtergrond neemt
toe als u meer inzoomt (
T
).
[ NIGHT]
- Bewegende onderwerpen kunnen een
nabeeld met sporen achterlaten.
- De beeldkwaliteit is mogelijk niet zo goed als
bij de andere standen.
- Op het scherm kunnen witte punten
verschijnen.
- De automatische scherpstelling werkt
mogelijk niet zo goed als bij de andere standen.
Stel in een dergelijk geval handmatig scherp.
[ SNOW]/[ BEACH]
- Het onderwerp kan overbelicht raken op
bewolkte dagen of op beschaduwde plaatsen.
Controleer het beeld op het scherm.
[FIREWORKS]
- Wij raden u aan gebruik te maken van een
statief om camcordertrillingen te voorkomen.
Gebruik vooral in de stand een
statief, omdat de sluitertijd langer wordt.
( 8)
FUNC.
(21)
Symbool van het momenteel
geselecteerde
opnameprogramma
Gewenste optie
FUNC.
FUNC.
Het beeld instellen: Belichting, scherpstelling en kleur
Geavanceerde functies
41
Ne
Het beeld instellen: Belichting, scherpstelling en kleur
Handmatige instelling van de belichting
Soms kunnen onderwerpen met
achtergrondverlichting te donker
overkomen (onderbelicht) of kunnen
onderwerpen onder zeer sterke
lichtbronnen te helder of verblindend
overkomen (overbelicht). U kunt
handmatig de belichting aanpassen om
dit te corrigeren.
WAAR U OP MOET LETTEN
Programmakeuzeschakelaar:
(behalve bij gebruik van het
opnameprogramma [ FIREWORKS]).
1 Druk op .
Op het scherm verschijnen de
indicator voor de
belichtingsinstelling en de neutrale
waarde “±0”.
Als u tijdens belichtingsvergrendeling
de zoom bedient, kan de helderheid
van het beeld veranderen.
2 Stel, indien nodig, met ( ) de
helderheid van het beeld bij.
Het afstelbereik en de lengte van de
belichtingsinstellingsindicator hangen
af van de aanvankelijke helderheid van
het beeld.
Door nogmaals op te drukken,
keert de camcorder terug naar
automatische belichting.
Lichtmetingsstand
De camcorder meet het licht dat wordt
gereflecteerd vanaf het onderwerp om de
optimale belichtingsinstellingen te bere-
kenen. Afhankelijk van het onderwerp wilt
u mogelijk de manier veranderen waarop
het licht wordt gemeten en geëvalueerd.
WAAR U OP MOET LETTEN
Programmakeuzeschakelaar:
Opties
Standaardwaarde
Het beeld instellen: Belich-
ting, scherpstelling en kleur
( 8)
EXP
EXP
( 8)
[EVALUATIVE]
Geschikt voor algemene
opnameomstandigheden, inclusief scènes
met achtergrondverlichting. De camcorder
verdeelt het beeld in meerdere gebieden
en het licht wordt in al deze gebieden
gemeten om voor het onderwerp een
optimale belichting tot stand te brengen.
[ CENT.WEIGHT.AVERAGE]
Er wordt een gemiddelde genomen van
het licht dat in het gehele scherm wordt
gemeten. Hierbij wordt meer gewicht
gegeven aan het onderwerp in het midden.
[SPOT]
Hierbij wordt het gebied binnen het Spot
AE Point kader gemeten. Gebruik deze
instelling om de belichting af te stemmen
op het onderwerp in het midden van het
scherm.
FUNC.
(21)
Symbool van de momenteel
geselecteerde
Lichtmetingsstand
Gewenste optie
FUNC.
FUNC.
Het beeld instellen: Belichting, scherpstelling en kleur
42
Standen automatische scherpstelling
U kunt de AF-kaderselectiemethode
(automatische scherpstelling) wijzigen.
Als u de programmakeuzeschakelaar op
zet, wordt automatisch 9 point AiAF
geselecteerd.
Opties
* Behalve bij gebruik van het
opnameprogramma [ FIREWORKS].
Selecteer met ( ) de stand voor
automatische scherpstelling.
Handmatige scherpstelling
Automatische scherpstelling werkt mogelijk
niet goed bij de onderwerpen hieronder. Stel
in een dergelijk geval handmatig scherp.
Reflecterende oppervlakken
Onderwerpen met weinig
contrast of zonder verticale
lijnen
Snel bewegende onderwerpen
Via natte ramen
Nachtopnamen
WAAR U OP MOET LETTEN
Programmakeuzeschakelaar:
1 Stel de zoom in.
2 Druk op .
"MF" verschijnt.
3 Stel met ( ) scherp totdat het
beeld scherp is.
Door nogmaals op te drukken,
keert de camcorder terug naar
automatische scherpstelling.
OPMERKINGEN
De camcorder keert automatisch terug naar
automatische scherpstelling als u de
programmakeuzeschakelaar op zet.
( 8)
9 Point AiAF
(Programmakeuzeschakelaar: )
Afhankelijk van de
opnameomstandigheden worden uit de
negen beschikbare kaders automatisch
één of meer AF-kaders geselecteerd en
vindt hierop de scherpstelling plaats.
Bij het maken van de selectie verschijnen
vier kaderhoeken op het scherm; deze
verschijnen niet tijdens het opnemen.
Middelste punt
(Programmakeuzeschakelaar: *)
Er wordt automatisch scherp gesteld op
het middelste AF-kader. Dit is handig als u
er zeker van wilt zijn dat de scherpstelling
precies daar is waar u deze wilt.
In het midden van het scherm verschijnt
tijdens het maken van de selectie één
enkel scherpstelkader; dit verschijnt ook
tijdens het opnemen.
( 8)
FOCUS
FOCUS
Het beeld instellen: Belichting, scherpstelling en kleur
Geavanceerde functies
43
Ne
Oneindige scherpstelling
Gebruik deze functie als u wilt scherp
stellen op verafgelegen onderwerpen
zoals bergen of vuurwerk.
1 Stel de zoom in.
2 Houd langer dan
2 seconden ingedrukt.
Op het scherm verschijnt .
Door nogmaals op
te
drukken, keert de camcorder terug
naar automatische scherpstelling.
Als u de zoom of het -wiel ( )
gebruikt, keert de camcorder terug
naar handmatige scherpstelling.
Hulpfuncties bij scherpstelling
De hulpfunctie bij scherpstelling vergroot
het midden van het beeld en benadrukt
op het scherm de contouren van de
objecten (peaking) om het voor u
gemakkelijker te maken handmatig
scherp te stellen.
WAAR U OP MOET LETTEN
Programmakeuzeschakelaar:
1 Druk op .
"MF" verschijnt.
2 Druk op .
Het midden van het beeld wordt vergroot
en de silhouetten worden benadrukt.
3 Stel met ( ) scherp totdat het
beeld scherp is.
OPMERKINGEN
U kunt de peaking-functie (zonder de
vergroting) ook toepassen door de optie
[ASSIST FUNC.] op [ PEAKING] te zetten
(34).
Gebruik van de hulpfuncties voor de scherp-
stelling heeft geen invloed op de opnamen op
de band of geheugenkaart. Als u begint met
opnemen, worden de hulpfuncties geannuleerd
en keert het display terug naar normaal.
In de stand kunt u de hulpfuncties
voor de scherpstelling ook gebruiken nadat u
half ingedrukt hebt.
De camcorder keert automatisch terug naar
automatische scherpstelling als u de
programmakeuzeschakelaar op zet.
Witbalans
De witbalansfunctie helpt u bij het
nauwkeurig reproduceren van kleuren
onder verschillende lichtomstandigheden,
zodat witte objecten in uw opnamen altijd
echt wit overkomen.
WAAR U OP MOET LETTEN
Programmakeuzeschakelaar:
Opties
Standaardwaarde
( 8)
FOCUS
FOCUS
SET
SET
FOCUS ASSIST
( 8)
[ AUTO]
Instellingen worden automatisch verricht
door de camcorder. Gebruik deze instelling
voor scènes buitenshuis.
[ DAYLIGHT]
Voor het maken van buitenshuisopnamen
op een heldere dag.
[SHADE]
Voor het maken van opnamen op
beschaduwde plaatsen.
PHOTO
Het beeld instellen: Belichting, scherpstelling en kleur
44
* Als u [ SET] selecteert, druk dan niet op
en ga in plaats hiervan verder met de
procedure hieronder.
H
ANDMATIG
EEN
WITBALANS
INSTELLEN
1 Richt de camcorder op een wit
object, zoom in totdat het gehele
scherm door het onderwerp is
gevuld en druk op .
Als de instelling is voltooid, stopt het
symbool met knipperen en blijft dit
branden. De camcorder onthoudt de
handmatig ingestelde witbalans ook
als u de camcorder uitzet.
2 Druk op om de instelling op
te slaan en het menu te sluiten.
OPMERKINGEN
Als u de witbalans handmatig wilt instellen
[ SET]:
- Stel de witbalans in op een plaats met
voldoende licht.
- Zet [D.ZOOM] op [ OFF] ( 29).
- Stel de witbalans opnieuw in als de
lichtomstandigheden veranderen.
- Het kan in zeer zeldzame gevallen en afhan-
kelijk van de lichtbron gebeuren dat blijft
knipperen en niet continu gaat branden. Zelfs in
dat geval zal de witbalans goed worden ingesteld
en het resultaat beter zijn dan met [ AUTO].
Een handmatig ingestelde witbalans geeft
mogelijk een beter resultaat onder de volgende
omstandigheden:
- Bij veranderende lichtomstandigheden
- Bij close-ups
- Onderwerpen met één kleur (lucht, zee of bos)
- Onder kwiklampen en bepaalde typen TL-
verlichting
Afhankelijk van het type TL-licht wordt de
optimale kleurbalans mogelijk niet verkregen met
[ FLUORESCENT] of [ FLUORESCENT H].
Als de kleur onnatuurlijk lijkt, stel deze dan bij
met [ AUTO] of [ SET].
Beeldeffecten
U kunt gebruik maken van de
beeldeffecten om de kleurverzadiging en
het contrast te wijzigen om een ander
resultaat te krijgen.
WAAR U OP MOET LETTEN
Programmakeuzeschakelaar:
Opties
Standaardwaarde
[ CLOUDY]
Voor het maken van opnamen op een
bewolkte dag.
[TUNGSTEN]
Voor het maken van opnamen onder
wolfraamverlichting en TL-buizen van het
wolfraamtype (drie golflengten).
[ FLUORESCENT]
Voor het maken van opnamen onder
warmwitte of koelwitte TL-verlichting, of
TL-verlichting van het warmwitte type (3
golflengten).
[ FLUORESCENT H]
Voor het maken van opnamen onder
daglicht-TL of TL-buizen van het
daglichttype (drie golflengten).
[ SET]
Gebruik de handmatige witbalansinstelling
voor speciale omstandigheden die niet
door de andere opties worden bestreken.
De handmatige witbalans zorgt ervoor dat
witte onderwerpen onder verschillende
lichtomstandigheden er wit uitzien.
FUNC.
(21)
Symbool van het momenteel
geselecteerde
Witbalans
Gewenste optie*
FUNC.
FUNC.
FUNC.
SET
( 8)
[ IMAGE EFFECT OFF]
Hiermee maakt u opnamen zonder
beeldverbeterende effecten.
[ VIVID]
Hiermee benadrukt u het contrast en de
kleurverzadiging.
FUNC.
Opties voor het maken van foto's
Geavanceerde functies
45
Ne
* Als u [ CUSTOM] selecteert, druk dan niet
op en ga in plaats hiervan verder met
de procedure hieronder.
H
ET
BEELDEFFECT
INSTELLEN
MET
CUSTOM
1 Selecteer met ( ) een van de
CUSTOM-instelopties en druk op
.
2 Stel met ( ) elke optie zoals ge-
wenst in en druk vervolgens op .
Wijzig de andere CUSTOM-opties op
dezelfde wijze.
3 Druk op om de instelling op
te slaan en het menu te sluiten.
Opties voor he t maken van foto's
De grootte en kwaliteit van foto' s
selecteren
Foto's worden op de geheugenkaart
gemaakt met JPEG (Joint Photographic
Experts Group)-compressie. Als
vuistregel geldt: selecteer een grotere
beeldgrootte voor een hogere kwaliteit.
Opties
Het aantal foto's dat met verschillende
opnamemedia bij benadering kan worden
gemaakt met de volgende
kwaliteitsinstellingen:
: [SUPER FINE], : [FINE],
: [NORMAL]
Op een geheugenkaart van 32 MB
Op een geheugenkaart van 128 MB
Op een geheugenkaart van 512 MB
[ NEUTRAL]
Hiermee verzacht u het contrast en de
kleurverzadiging.
[ LOW SHARPENING]
Neemt onderwerpen op met verzachte
contouren.
[ SOFT SKIN DETAIL]
Hiermee verzacht u de details van de huid
om het onderwerp een complimenteuzer
uiterlijk te geven.
[ CUSTOM]
Hiermee kunt u de helderheid, het
contrast, de scherpte en kleurdiepte van
het beeld instellen.
[BRIGHTN.]: (–) Donkerder beeld,
(+) Helderder beeld
[CONTRAST]: (–) Minder licht en
schaduw,
(+) Meer licht en schaduw
[SHARPNESS]: (–) Vagere contouren,
(+) Scherpere contouren
[COL.DEPTH]: (–) Zwakke kleurtonen,
(+) Rijkere kleurtonen
FUNC.
(21)
Symbool van het momenteel
geselecteerde
Beeldeffect
Gewenste optie*
FUNC.
FUNC.
FUNC.
SET
SET
FUNC.
Opties voor het maken van
foto's
( 8)
Filmgrootte
LW
1920x1080 20 30 60
L
2048x1536 10 20 40
M
1440x1080 25 40 80
S
640X480 140 205 375
Filmgrootte
LW
1920x1080 90 135 265
L
2048x1536 60 85 180
M
1440x1080 120 180 350
S
640X480 600 865 1560
Filmgrootte
LW
1920x1080 350 525 1,040
L
2048x1536 235 350 700
M
1440x1080 470 700 1,370
S
640X480 2,320 3,355 6,040
Opties voor het maken van foto's
46
Standaardwaarde
* Het getal in de rechterhoek geeft bij
benadering aan hoeveel foto's kunnen
worden gemaakt bij de huidige kwaliteit/
grootte-instelling.
OPMERKINGEN
Afhankelijk van het aantal beelden op de
geheugenkaart (Windows: meer dan 1800
beelden; Macintosh: meer dan 1000 beelden) is
het mogelijk dat u geen beelden naar een
computer kunt downloaden. Probeer in dat
geval een kaartlezer te gebruiken.
Aansluiting op een printer die compatibel is
met PictBridge werkt niet als de geheugenkaart
meer dan 1800 beelden bevat. Voor een
optimaal resultaat verdient het aanbeveling om
het aantal beelden op de geheugenkaart lager
te houden dan 100.
Een foto maken tijdens het opnemen van
films
Terwijl u een film opneemt op de band
kunt u tegelijkertijd van hetzelfde beeld
een foto maken op de geheugenkaart
zonder dat u het opnemen van de film
hoeft te onderbreken om van bedienings-
stand te veranderen. U kunt de grootte en
de kwaliteit van de foto selecteren.
WAAR U OP MOET LETTEN
Selecteer de grootte en de kwaliteit van
de foto in de opnamepauzestand voordat
u met opnemen begint.
Standaardwaarde
* Het getal in de rechterhoek geeft bij benade-
ring aan hoeveel foto's kunnen worden ge-
maakt bij de huidige kwaliteit/grootte-instelling.
D
E
FOTO
VASTLEGGEN
Druk tijdens het opnemen van een film
op .
De foto wordt gemaakt op de
geheugenkaart terwijl op het scherm de
video-opname wordt vervolgd.
L
2048x1536/FINE
FUNC.
(21)
Symbool van het momenteel
geselecteerde
Beeldkwaliteit/
grootte
Gewenste beeldgrootte*
Druk op
Gewenste beeldkwaliteit*
FUNC.
SET
FUNC.
( 8)
STILL I.REC OFF
FUNC.
(21)
Symbool van de momenteel
geselecteerde optie
Gelijktijdig een foto maken
Gewenste beeldgrootte*
Druk op
Gewenste beeldkwaliteit*
FUNC.
SET
FUNC.
PHOTO
Opties voor het maken van foto's
Geavanceerde functies
47
Ne
OPMERKINGEN
Als u de digitale zoom gebruikt of wanneer
een digitaal effect is geactiveerd, kunt u niet
tegelijkertijd een foto maken op de
geheugenkaart.
Het verdient aanbeveling voor het maken van
foto's de stand te gebruiken. Deze
stand biedt de beste kwaliteit voor foto's.
Een foto maken van het afspeelbeeld
Als u een band afspeelt, kunt u op de
geheugenkaart een foto maken van het
afgespeelde beeld. De grootte van de
foto kunt u niet wijzigen en hangt af van
de standaard van de opname op de band,
maar de kwaliteit kunt u wel selecteren.
D
E
FOTO
VASTLEGGEN
Druk tijdens het afspelen of de
afspeelpauzestand op .
OPMERKINGEN
De datacodering van de gemaakte foto
weerspiegelt de datum en tijd op het moment
dat de foto op de geheugenkaart werd
gemaakt.
Continu-opnamen en reeksopnamen
Leg elk moment van een rennend kind of
een ander bewegend object vast met
continu-opnamen of gebruik
reeksopnamen om met 3 belichtingen
dezelfde foto te maken om de foto te
kunnen kiezen die u het best bevalt.
WAAR U OP MOET LETTEN
Programmakeuzeschakelaar:
(behalve bij gebruik van het
opnameprogramma [ FIREWORKS]).
Opties
Standaardwaarde
( 8)
FUNC.
(21)
Symbool van de momenteel
geselecteerde optie
Foto's
maken
Gewenste beeldkwaliteit
FUNC.
FUNC.
PHOTO
( 8)
[SINGLE]
Maakt één enkele foto.
[ CONT.SHOOT. ](Continu-opnamen)
[ HISPEED CONT.SHOOT. ](Continu-
opnamen met hoge snelheid)
De camcorder maakt een reeks foto's
zolang u
ingedrukt houdt.
Raadpleeg de tabel hieronder voor meer
informatie over het aantal beeldjes per
seconde.
[ AEB] (Reeksopnamen - Auto Exposure
Bracketing)
De camcorder maakt een foto met drie
verschillende belichtingen (donker,
normaal, licht in stappen van 1/2 EV),
zodat u de opname kunt kiezen die u het
best bevalt.
PHOTO
Overige functies
48
1 Druk herhaaldelijk op
om te wisselen tussen de
beeldseriestanden.
2 Druk half in om de
automatische scherpstelling te
activeren.
C
ONTINU
-
OPNAMEN
/
CONTINU
-
OPNAMEN
MET
HOGE
SNELHEID
3 Druk volledig in en houd
deze toets ingedrukt.
Zolang u de toets ingedrukt houdt,
wordt een reeks foto's gemaakt.
R
EEKSOPNAMEN
3 Druk volledig in.
Er worden op de geheugenkaart drie
foto's gemaakt met verschillende
belichtingen.
OPMERKINGEN
De snelheid en het maximale aantal continu-
opnamen zijn als volgt.
- [ CONT.SHOOT.]: Circa. 2,5 beelden per
seconde
- [ HISPEED CONT.SHOOT.]:
Circa 4,1 beelden per seconde
- Continu-opnamen met flitser:
Circa 1,7 beelden per seconde
- Maximaal aantal opnamen: 60 foto's
Deze waarden zijn bij benadering gegeven en
variëren al naargelang de
opnameomstandigheden en onderwerpen.
Het feitelijke aantal beelden per seconde is
lager als het symbool “
(camcordertrillingswaarschuwing) op het
scherm wordt weergegeven.
Overige functie s
Gegevens op het scherm
De camcorder houdt een datacodering bij
met de datum en tijd en andere
opnamegegevens (sluitertijd, belichting,
etc.) die ten tijde van de opnamen werden
geregistreerd. U kunt selecteren welke
gegevens moeten worden weergegeven.
De gegevens al dan niet op het scherm
weergeven
Door herhaaldelijk op te
drukken, worden de gegevens als
volgt op het scherm weergegeven.
,
Alle gegevens ingeschakeld Æ Alle
gegevens uitgeschakeld
Cameragegevens + datacodering
1
ingeschakeld Æ Alleen cameragegevens
ingeschakeld Æ Alleen gegevens die
betrekking hebben op de band
2
(in de
stopstand of afspeelpauzestand) of alle
gegevens uitgeschakeld (tijdens het
afspelen)
Cameragegevens + histogram
3
/
datacodering ingeschakeld Æ Alleen
cameragegevens ingeschakeld Æ Alle
gegevens uitgeschakeld
1
Datacodering: De tijd, datum en gegevens op
het moment van de opname. In de paragraaf
hierna wordt beschreven hoe u uw keuze
maakt.
2
Symbolen die betrekking hebben op de band:
het symbool van de bandbediening, de
DRIVE MODE
PHOTO
PHOTO
PHOTO
Overige functies
DISP.
Overige functies
Geavanceerde functies
49
Ne
tijdcode en de resterende opnameduur op de
band.
3
Histogramgegevens: Voor foto's kunt u de
complete cameragegevens weergeven die op
het moment van de opname werden
geregistreerd. Raadpleeg de paragraaf hierna
voor bijzonderheden over hoe u de
histogramgegevens leest.
De datacodering selecteren
Als u films afspeelt, kunt u selecteren
welke datacodering u wilt weergeven.
Opties
Standaardwaarde
De histogramgegevens lezen
Tijdens het bekijken van foto's kunt u het
histogramdisplay weergeven, evenals de
pictogrammen van alle functies die ten
tijde van de opname werden gebruikt.
Gebruik het histogram als een referentie
om de juiste belichting van de foto te
controleren.
Het gebied aan de rechterzijde van het
histogram vertegenwoordigt de lichtste
gebieden en het gebied aan de linkerzijde
de schaduwen. Een foto waarvan het
histogram naar rechts uitwijkt, is relatief
helder; terwijl een foto waarvan het histo-
gram naar links piekt, relatief donker is.
OPMERKINGEN
Als u alle cameragegevens inschakelt met
, zal het histogramdisplay ook
verschijnen nadat u een foto hebt genomen als
u deze bekijkt binnen de tijdsduur die u hebt
ingesteld bij de optie [REVIEW] (of onmiddellijk
na het maken van de foto als u [REVIEW] op
[ OFF] hebt gezet).
Flitser
U kunt gebruik maken van de
ingebouwde flitser om op donkere
plaatsen foto's te maken. De flitser is
uitgerust met een functie voor reductie
van rode ogen.
WAAR U OP MOET LETTEN
Selecteer een ander opnameprogramma dan
[ FIREWORKS] ( ).
Opties
Standaardwaarde
[ DATE], [ TIME]
Toont de datum of tijd waarop de scène
werd opgenomen of de foto werd gemaakt.
[DATE & TIME]
Toont zowel de datum als tijd van de
opname.
[ CAMERA DATA]
Toont de belichting (f-stop) en sluitertijd die
tijdens de opname werden gebruikt.
[ CAM.& D/T]
Toont de belichting, de sluitertijd en de
datum en tijd van de opname.
MENU
(20)
DISPLAY SETUP/
DATA CODE
Gewenste optie
MENU
MENU
( 8)
(auto)
De flitser gaat, al naargelang de helder-
heid van het onderwerp, automatisch af.
Schaduwen
Pixeltelling
Lichte gebieden
DISP.
Overige functies
50
1 Druk op (flitsertoets).
U doorloopt alle flitserstanden door
herhaaldelijk op te drukken.
Het pictogram van de geselecteerde
flitsstand verschijnt ( verdwijnt na
4 seconden).
2 Druk eerst half in om de
automatische scherpstelling te
activeren en vervolgens volledig om
de foto te maken.
OPMERKINGEN
Het effectieve bereik van de flitser is circa
1 tot 2 m. Het bereik hangt af van de
opnameomstandigheden.
Het bereik van de flitser neemt af bij continu-
opnamen.
De reductie van rode ogen kan pas effectief
zijn als het onderwerp in de hulplamp kijkt. De
mate van reductie hangt af van de afstand en
van elk individu.
De flitser gaat niet af in de volgende gevallen:
- Als u de belichting handmatig instelt in de
stand (automatisch) of (rode-ogen-
reductie).
- Tijdens reeksopnamen.
De flitsstand kan niet worden gewijzigd nadat
u hebt ingedrukt om de belichting
handmatig bij te stellen.
Wij raden u aan de flitser niet te gebruiken
wanneer de optionele groothoekconverter of
teleconverter aangesloten is. De schaduw van
deze onderdelen verschijnt op het scherm.
Over de AF-hulplamp:
Als u half indrukt
en het onderwerp te donker is, kan de hulplamp
kortdurend gaan branden om de camcorder in
staat te stellen nauwkeuriger scherp te stellen
(AF-hulplamp). U kunt de optie [AF AST LAMP]
ook op [ OFF] zetten, zodat de hulplamp
niet gaat branden.
- Zelfs wanneer de AF-hulplamp ingeschakeld
is, kan het voorkomen dat de camcorder niet
kan scherp stellen.
- De helderheid van de AF-hulplamp kan
onplezierig zijn. Het verdient aanbeveling de
hulplamp uit te zetten in openbare ruimtes zoals
restaurants of theaters.
Minivideolamp
U kunt, ongeacht het opnameprogramma,
altijd de minivideolamp (hulplamp)
aanzetten.
Druk op .
Op het scherm verschijnt .
Druk nogmaals op om de
minivideolamp uit te zetten.
Zelfontspanner
WAAR U OP MOET LETTEN
: Zet de camcorder in de
opnamepauzestand.
(rode-ogen-reductie, automatisch)
De hulplamp gaat branden om het rode-
ogen-effect te reduceren. De flitser gaat, al
naargelang de helderheid van het
onderwerp, automatisch af.
(flitser aan)
De flitser gaat altijd af.
(flitser uit)
De flitser gaat niet af.
PHOTO
EXP
( 8)
( 8)
PHOTO
LIGHT
LIGHT
Overige functies
Geavanceerde functies
51
Ne
1 Druk op .
Op het scherm verschijnt .
Druk nogmaals op om de
zelfontspanner te annuleren.
:
2 Druk op .
De camcorder begint op te nemen
nadat 10 seconden is afgeteld (2
seconden bij gebruik van de draadloze
afstandsbediening). Het aftellen wordt
weergegeven op het scherm.
:
2 Druk eerst half in om de
automatische scherpstelling te
activeren en vervolgens volledig om
de foto te maken.
De camcorder maakt de foto nadat
10 seconden is afgeteld (of na
2 seconden bij gebruik van de
afstandsbediening). Op het scherm
ziet u dat wordt afgeteld.
OPMERKINGEN
Zodra het aftellen is begonnen, kunt u ook op
(bij het opnemen van films) drukken
of volledig indrukken (bij het maken
van foto's) om de zelfontspanner te annuleren.
De zelfontspanner wordt ook geannuleerd als u
de camcorder uitzet.
Digitale effecten
[ FADER] Faders
Begin of eindig scènes met een fade
(overgang) vanaf of naar zwart. Op het
display kunt u een preview van het effect
bekijken.
[ EFFECT] Effecten
Geef uw opnamen iets extra's. Geluid
wordt normaal opgenomen. Op het
display kunt u een preview van het effect
bekijken.
WAAR U OP MOET LETTEN
Programmakeuzeschakelaar:
: Alleen [ BLK&WHT].
Standaardwaarde
Instelling
* U kunt het effect op het scherm vooraf
bekijken voordat u op drukt.
** Het symbool van het geselecteerde effect
verschijnt.
Start/Stop
PHOTO
Start/Stop
PHOTO
[FADE-T]
(fade-start)
[WIPE]
[BLK&WHT]
(zwart-wit)
[SEPIA]
[ART]
( 8)
D.EFFECT OFF
FUNC.
(21)
Symbool van het momenteel
geselecteerde
digitale effect
FADER
of
EFFECT
**
Gewenste fader/effect.*
FUNC.
FUNC.
SET
Overige functies
52
Toepassen
1 Druk op om de fader of
het effect te activeren.
Het pictogram van het geselecteerde
effect wordt groen.
Druk nogmaals op om de
fader of het effect te deactiveren.
I
NFADEN
Druk op ...
: ...in de opnamepauzestand,
en druk vervolgens op om de
opname te starten met een inkomende
fader.
: ...in de afspeelpauzestand, en
druk vervolgens op om in te faden
en het afspelen te starten.
U
ITFADEN
Druk op ...
: ...tijdens het opnemen, en
druk vervolgens op om uit te
faden en tijdens het opnemen een pauze
in te lassen.
: ...tijdens het afspelen, en druk
vervolgens op om uit te faden en
tijdens het afspelen een pauze in te
lassen.
E
EN
EFFECT
ACTIVEREN
Druk op ...
: ...tijdens het opnemen of in de
opnamepauzestand.
: ...tijdens het afspelen.
: ...en druk vervolgens op
om de foto te maken in zwart-wit.
OPMERKINGEN
Selecteer [ D.EFFECT OFF] als u het
digitale effect niet gebruikt.
Ook als u de digitale effecten uitschakelt of
het opnameprogramma wijzigt, onthoudt de
camcorder de door u laatst geselecteerde
instelling.
D.EFFECTS
D.EFFECTS
D.EFFECTS
Start/Stop
/
D.EFFECTS
Start/Stop
/
D.EFFECTS
PHOTO
Foto-opties
Bewerkingsfuncties
53
Ne
Bewerkin gsfuncties
Foto-opties
Foto's wissen
BELANGRIJK
Wees voorzichtig als u foto's wilt wissen.
Gewiste foto's bent u voor altijd kwijt.
OPMERKINGEN
Beveiligde foto's kunnen niet worden gewist.
Eén enkele foto wissen
Eén enkele foto onmiddellijk na de opname
wissen
U kunt de laatst gemaakte foto wissen
terwijl u deze bekijkt binnen de tijdsduur
die u hebt ingesteld bij de optie [REVIEW]
(of onmiddellijk nadat u de foto hebt
gemaakt als de optie [REVIEW] op [
OFF] ingesteld is).
Terwijl u de foto onmiddellijk na de
opname bekijkt:
Alle foto's wissen
Foto's beveiligen
U kunt foto's beveiligen zodat deze niet
per abuis kunnen worden gewist.
BELANGRIJK
Als u de geheugenkaart initialiseert ( 54),
worden alle gemaakte foto's permanent gewist,
ook de beveiligde foto's.
Eén enkele foto beveiligen
Op het scherm verschijnt en de foto
kan niet worden gewist.
* Selecteer [PROTECT OFF] als u de
beveiliging wilt opheffen.
Eén enkele foto direct na de opname
beveiligen
Foto-opties
( 8)
FUNC.
(21)
IMAGE ERASE
ERASE
( 8)
FUNC.
(21)
IMAGE ERASE
ERASE
FUNC.
FUNC.
FUNC.
FUNC.
( 8)
MENU
(20)
CARD OPERATIONS
ERASE ALL IMAGES
YES
( 8)
FUNC.
(21)
PROTECT
PROTECT ON*
MENU
MENU
FUNC.
FUNC.
Foto-opties
54
U kunt de laatst gemaakte foto beveiligen
terwijl u deze bekijkt binnen de tijdsduur
die u hebt ingesteld bij de optie [REVIEW]
(of onmiddellijk nadat u de foto hebt
gemaakt als de optie [REVIEW] op [
OFF] ingesteld is).
Op het scherm verschijnt en de foto
kan niet worden gewist.
* Selecteer [PROTECT OFF] als u de
beveiliging wilt opheffen.
Foto's beveiligen in het indexscherm
Verplaats de zoomregelaar naar
W
om het
indexscherm van de foto's te openen.
* Op het scherm verschijnt bij beveiligde
foto's. Druk op als u de beveiliging wilt
opheffen.
**De camcorder keert terug naar het
indexscherm nadat u het menu hebt gesloten.
De geheugenkaart initialiseren
Initialiseer nieuwe geheugenkaarten als u
deze voor de eerste keer gebruikt. U moet
de geheugenkaart mogelijk ook
formatteren als het foutbericht “CARD
ERROR” verschijnt. Ook kunt u ervoor
kiezen de geheugenkaart te formatteren
als u alle gegevens wilt verwijderen die op
de kaart zijn opgenomen..
BELANGRIJK
Als u de geheugenkaart initialiseert, worden
alle foto's gewist, ook de beveiligde. De
originele foto's bent u voorgoed kwijt.
Initialiseer alle geheugenkaarten voordat u
deze met de camcorder gebruikt.
FUNC.
(21)
PROTECT
PROTECT ON*
( 8)
MENU
(20)
CARD OPERATIONS
PROTECT
**
Verplaats met ( ) de cursor
naar de foto die u wilt
beveiligen en druk op .*
Herhaal deze stap als u nog
meer foto's wilt beveiligen.
FUNC.
FUNC.
MENU
MENU
SET
SET
( 8)
MENU
(20)
CARD OPERATIONS
INITIALIZE
YES
YES
MENU
MENU
De camcorder aansluiten op een TV of videorecorder
Externe aansluitingen
55
Ne
Externe aansluitingen De camcorder aansluiten op een TV of videorecorder
Aansluitschema's
Zet alle apparaten uit voordat u de aansluitingen verricht en raadpleeg ook de
handleiding van het aangesloten apparaat.
De camcorder aansluiten op een TV of videorecorder
Open het
afdekplaatje van de
aansluitpunten
zodat u de
aansluitingen kunt
verrichten.
Aansluitpunt AV IN/OUT
Aansluitpunt COMPONENT OUT
Het aansluitpunt voor Component Video is alleen
bestemd voor video Als u aansluittype gebruikt,
vergeet dan niet de audio-aansluitingen te verrichten
via het aansluitpunt AV IN/OUT.
Aansluitpunt HDV/DV
Controleer het type en de indeling van het
aansluitpunt en zorg ervoor dat u de DV-kabel juist
aansluit.
Gebruik de optionele DV-kabel CV-150F (4 pennen
aan elke zijde) of CV-250F (4 pennen aan de ene en
6 pennen aan de andere zijde).
1
High Definition TV (HDTV)
Aansluitpunt op de camcorder Verbindingskabel
Aansluitpunt op aangesloten
apparaat
Pr/Cr
Pb/Cb
Y
1
AUDIO
R
L
Uitgangsverbinding (signaalstroom ) op een HDTV met ingangen voor Component
Video.
Rood
Groen
Blauw
Wit
Rood
Componentkabel CTC-100
(bijgeleverd)
Stereovideokabel STV-250N (bijgeleverd)
De camcorder aansluiten op een TV of videorecorder
56
High Definition TV (HDTV)
Vervolg
Aansluitpunt op de camcorder Verbindingskabel
Aansluitpunt op aangesloten
apparaat
2
Uitgangsverbinding (signaalstroom ) op een HDTV met een DV (IEEE1394)-
aansluitpunt. Ingangsverbinding (signaalstroom ) vanaf een TV of andere digitale
videobron met een DV (IEEE1394)-uitgang.
DV-kabel CV-150F/CV-250F
(optioneel)
4-pens
6-pens
Standard Definition TV
Aansluitpunt op de camcorder Verbindingskabel
Aansluitpunt op aangesloten
apparaat
2
Uitgangsverbinding (signaalstroom ) op een HDTV met een DV (IEEE1394)-
aansluitpunt. Ingangsverbinding (signaalstroom ) vanaf een TV of andere digitale
videobron met een DV (IEEE1394)-uitgang.
DV-kabel CV-150F/CV-250F
(optioneel)
4-pens
6-pens
3
VIDEO
AUDIO
R
L
Uitgangsverbinding (signaalstroom ) naar een TV of videorecorder met AV-
aansluitpunten. Ingangsverbinding (signaalstroom ) vanaf een TV, videorecorder of
andere analoge videobron met AV-aansluitpunten.
Stereovideokabel STV-250N
(bijgeleverd)
Geel
Wit
Rood
4
Uitgangsverbinding (signaalstroom ) naar een TV of videorecorder met SCART-
aansluitpunt. Sluit eerst de bijgeleverde SCART-adapter PC-A10 aan op het SCART-
aansluitpunt van de TV of videorecorder en sluit vervolgens de stereovideokabel STV-
250N aan op de adapter. De bijgeleverde SCART-adapter PC-A10 is alleen voor
uitgangssignalen.
Stereovideokabel STV-250N
(bijgeleverd)
Geel
Wit
Rood
SCART-adapter
PC-A10
De camcorder aansluiten op een TV of videorecorder
Externe aansluitingen
57
Ne
Opnamen afspelen op een TV-scherm
De kwaliteit van het afspeelbeeld hangt af
van de aangesloten TV en het
aansluittype.
Wijzig, indien nodig, de instellingen
hieronder voordat u de aansluitingen
verricht. Raadpleeg de corresponderende
beschrijving van elke instelling in de lijst
met menuopties onder
PLAY/OUT
SETUP
( 32).
- [PLAYBACK STD]: met deze optie selecteert
u de standaard van de uitgevoerde video.
- [TV TYPE]: met deze optie stemt u de
uitgevoerde video af op de hoogte/breedte-
verhouding van de aangesloten TV.
- [COMP.OUT]: met deze optie selecteert u de
videospecificaties als u aansluittype gebruikt.
- [DV OUTPUT]: met deze optie selecteert u de
standaard van de uitgevoerde video als u
aansluittype gebruikt.
Aansluiten
1 Sluit de camcorder aan op de TV
aan de hand van de
aansluitschema's die staan
beschreven in het vorige gedeelte
Aansluitschema's
( 55).
Afspelen
1 Zet de camcorder en de
aangesloten TV of videorecorder
aan.
Op een TV: Zet de
ingangskeuzeschakelaar op VIDEO.
Op een videorecorder: Zet de
ingangskeuzeschakelaar op LINE
(IN).
2 Begin met het afspelen van de films
( 25) of het weergeven van de
foto's ( 27).
OPMERKINGEN
Schakel alle apparaten uit voordat u
verbindingen tot stand brengt.
Het verdient aanbeveling de camcorder van
stroom te voorzien via de compacte netadapter.
Als u een TV aansluit met de Video
Component-aansluiting – aansluittype
( 55) – kunt u genieten van de volledige
resolutie van High Definition TV.
De bijgeleverde SCART-adapter PC-A10 is
alleen voor uitgangssignalen.
( 8)
1
2
1
De camcorder aansluiten op een TV of videorecorder
58
Opnamen kopiëren naar een
videorecorder of Digitale Video Recorder
U kunt uw opnamen kopiëren vanaf uw
camcorder naar een videorecorder of een
digitaal videoapparaat. Als u opnamen
kopieert naar een Digitale Video
Recorder via het aansluitpunt HDV/DV,
kunt u opnamen kopiëren zonder dat de
video- en geluidskwaliteit merkbaar
afneemt.
Sluit de camcorder aan op het externe
apparaat aan de hand van de
aansluitschema's die staan beschreven in
het vorige gedeelte
Aansluitschema's
Diagrams
( 55).
WAAR U OP MOET LETTEN
Wijzig, indien nodig, de instellingen
hieronder voordat u de aansluitingen
verricht. Raadpleeg de corresponderende
beschrijving van elke instelling in de lijst
met menuopties onder
PLAY/OUT
SETUP
( 32).
- [PLAYBACK STD]: met deze optie selecteert
u de standaard van de uitgevoerde video.
- [DV OUTPUT]: met deze optie selecteert u de
standaard van de uitgevoerde video als u
aansluittype gebruikt. Merk op dat de
videostandaard van de kopie ook afhangt van
de standaards die worden ondersteund door
het digitale apparaat. Raadpleeg de tabel
hieronder.
Aansluiten
Sluit de camcorder aan op een video-
recorder of ander analoog apparaat met
gebruik van aansluittype of , of op
een DVD-recorder of ander digitaal
opnameapparaat met gebruik van aan-
sluittype
, zoals getoond in het vorige
gedeelte
Aansluitschema's
( 55).
Opnemen
1 Op de camcorder: Plaats de
opgenomen cassette.
2 Op het aangesloten apparaat: Plaats
een lege cassette of schijf en zet het
apparaat in de opnamepauzestand.
3 Op de camcorder: Lokaliseer de
scène die u wilt kopiëren, en zet de
camcorder net voor de scène in de
opnamepauzestand.
4 Op de camcorder: Speel de film
verder af.
Als de verbinding wordt herkend,
wordt “ HDV/DV” weergegeven. Als
de camcorder begint met de uitvoer
van de video, verandert het display in
HDV-OUT” of “ DV-OUT”,
afhankelijk van de originele opname
en de geselecteerde instellingen.
Als u een analoge verbinding
gebruikt, kunt u in de kopie ook de
datum, tijd en datacodering van de
originele opname meenemen. Druk
herhaaldelijk op om te wijzigen
welke gegevens op het scherm
worden weergegeven ( 48).
( 8)
Instellingen voor het kopiëren van opnamen via het aansluitpunt HDV/DV
Standaard van
de kopie
Originele
standaard van
de opname
Ondersteunde stan-
daard van het externe
digitale apparaat
Instelling van
[PLAYBACK STD]
Instelling van [DV OUTPUT]
[ AUTO] of
[ HDV]
[ HDV/DV]
[ AUTO] of
[ HDV]
[ DV LOCKED]
[ AUTO] of
[ DV]
[ HDV/DV] of
[ DV LOCKED]
HDV HDV HDV
DV
HDV
DV
DV DV
2
3 4
2
DISP.
De camcorder aansluiten op een TV of videorecorder
Externe aansluitingen
59
Ne
5 Op het aangesloten apparaat: begin
op te nemen wanneer de scène
verschijnt die u wilt kopiëren. Stop
met opnemen wanneer het kopiëren
voltooid is.
6 Op de camcorder: stop met afspelen.
OPMERKINGEN
Het verdient aanbeveling de camcorder van
stroom te voorzien via de compacte netadapter.
Als u opnamen kopieert naar een
videorecorder via een analoge verbinding –
aansluittype of ( 55) –, zal de kwaliteit
van de bewerkte band lager zijn dan de kwaliteit
van het origineel.
Als u opnamen kopieert naar een digitale
videorecorder via het HDV/DV-aansluitpunt –
aansluittype ( 55) –:
- Als het beeld niet verschijnt, verwijder dan de
DV-kabel en herstel de verbinding na korte tijd
of zet de camcorder uit en weer aan.
- Er kan niet worden gegarandeerd dat boven-
staande goed zal functioneren op alle digitale
apparaten die met een DV-aansluitpunt zijn uitge-
rust. Gebruik anders het AV IN/OUT-aansluitpunt.
Opnamen via de analoge ingang
U kunt video invoeren vanaf een analoge
videobron (videorecorder, TV, etc.) en in
de DV-standaard de ingevoerde video
opnemen op de band in de camcorder.
Analoge video kan niet worden
geconverteerd naar de HDV-standaard.
Aansluiten
Sluit de camcorder aan op de video-
invoerbron via een van de analoge
verbindingen – aansluittype of
( 55) die staan beschreven in het
vorige gedeelte
Aansluitschema's
.
Opnemen
1
Plaats een lege band in de camcorder.
2 Op het aangesloten apparaat: Plaats
de opgenomen cassette of schijf.
3 Druk op .
4 Op het aangesloten apparaat: Begin
met afspelen.
In de opnamepauzestand en tijdens het
opnemen kunt u op het camcorder-
scherm het beeld controleren.
5 Druk op als de scène
verschijnt die u wilt opnemen.
Het opnemen begint.
6 Druk op als u tijdens het
opnemen een pauze wilt inlassen.
Druk in de opnamepauzestand
nogmaals op om het opnemen te
hervatten.
7 Druk op om met opnemen te
stoppen.
8 Op het aangesloten apparaat: stop
met afspelen.
BELANGRIJK
Het ingevoerde beeld kan, afhankelijk van het
analoge signaal dat wordt verzonden vanaf het
aangesloten apparaat, vervormd raken of wordt
mogelijk in het geheel niet weergegeven
(bijvoorbeeld video-invoer met signalen voor
bescherming van auteursrechten of abnormale
signalen zoals echosignalen).
Gebruik een SCART-adapter met
invoermogelijkheid (in de winkel verkrijgbaar)
als u de camcorder aansluit op een TV/
videorecorder met een SCART-aansluitpunt
aansluittype ( 55). De bijgeleverde
SCART-adapter PC-A10 is alleen voor
uitgangssignalen.
OPMERKINGEN
Het verdient aanbeveling de camcorder van
stroom te voorzien via de compacte netadapter.
( 8)
3 4
2
3 4
REC PAUSE
/
/
/
4
De camcorder aansluiten op een TV of videorecorder
60
Digitale video dubben
U kunt video invoeren vanaf andere
digitale videoapparaten en de ingevoerde
video opnemen op de band in de
camcorder. De video-invoer wordt in
dezelfde standaard als de standaard van
het origineel (HDV of DV) opgenomen op
de band.
WAAR U OP MOET LETTEN
Zet [PLAYBACK STD] op [ AUTO]
( 32) voordat u de aansluitingen
verricht.
Aansluiten
Sluit de camcorder aan op de video-
invoerbron via de digitale verbinding
– aansluittype ( 55) – zoals getoond
in het vorige gedeelte
Aansluitschema's
.
Dubben
1 Plaats een lege cassette in de
camcorder.
Indien “AV DV” wordt weergegeven,
zet [AV DV] dan op [ OFF]
( 31) .
2 Op het aangesloten apparaat: Plaats
de opgenomen cassette.
3 Druk op .
4 Op het aangesloten apparaat: Begin
met afspelen.
In de opnamepauzestand en tijdens
het opnemen kunt u op het camcorder-
scherm het beeld controleren.
Als de verbinding wordt herkend,
wordt “ HDV/DV” weergegeven. Als
de video-invoer start, verandert het
display in “ HDV-IN” of “ DV-IN”,
afhankelijk van de video-invoer.
5 Druk op als de scène
verschijnt die u wilt opnemen.
Het opnemen begint.
6 Druk op als u tijdens het
opnemen een pauze wilt inlassen.
Druk in de opnamepauzestand
nogmaals op om het opnemen te
hervatten.
7 Druk op om met opnemen te
stoppen.
8 Op het aangesloten apparaat: stop
met afspelen.
BELANGRIJK
Lege gedeelten worden mogelijk opgenomen
als een abnormaal beeld.
Als het beeld niet verschijnt, verwijder dan de
DV-kabel en herstel de verbinding na korte tijd
of zet de camcorder uit en weer aan.
Sluit op het USB-aansluitpunt van de
camcorder geen apparaten aan terwijl op het
HDV/DV-aansluitpunt een extern apparaat
aangesloten is.
U kunt alleen videosignalen in de HDV-
standaard (1080i-specificaties) of in de DV-
standaard opnemen. Merk op dat de
videostandaard van signalen vanaf identiek
gevormde DV (IEEE1394)-aansluitpunten
verschillend kan zijn.
OPMERKINGEN
Het verdient aanbeveling de camcorder van
stroom te voorzien via de compacte netadapter.
Auteursrechten
Beveiliging van auteursrechten
Op bepaalde voorbespeelde videobanden,
films en andere materialen, evenals
sommige televisieprogramma's, rusten
( 8)
2
REC PAUSE
/
/
/
De camcorder aansluiten op een TV of videorecorder
Externe aansluitingen
61
Ne
auteursrechten. Onbevoegd opnemen van
deze materialen kan inbreuk maken op
wetten die auteursrechten beschermen.
Auteursrechtsignalen
Tijdens het afspelen: Als u een band
probeert af te spelen waarop
auteursrechtsignalen staan die software
beschermen, verschijnt gedurende enkele
seconden het bericht “COPYRIGHT
PROTECTED PLAYBACK IS
RESTRICTED” en laat de camcorder een
leeg blauw scherm zien. U kunt de inhoud
van de band dan niet afspelen.
Tijdens het opnemen: Als u probeert
opnamen te maken vanaf software waarop
auteursrechtsignalen staan die software
beschermen, verschijnt het bericht
“COPYRIGHT PROTECTED DUBBING
RESTRICTED”. U kunt de inhoud van de
software dan niet opnemen.
Signalen die auteursrechten beschermen,
kunt u niet opnemen op een band in deze
camcorder.
Analoog/digitaal-omzetting
Met deze camcorder kunt u analoge
signalen (bijvoorbeeld vanaf een
videorecorder) omzetten in digitale signalen
(alleen DV-standaard) en deze uitvoeren
naar een digitaal opnameapparaat.
Aansluiten
Sluit de camcorder aan op de video-
invoerbron via een analoge verbinding
– aansluittype of
( 55) –, zoals
getoond in het vorige gedeelte
Aansluitschema's.
Sluit de camcorder aan op het
opnameapparaat via de digitale verbinding
– aansluittype
( 55) –, getoond in
hetzelfde gedeelte.
De video omzetten
1 Zet [AV DV] op [ ON] ( 31).
2 Begin met afspelen op de videobron
en met opnemen op het
opnameapparaat.
Raadpleeg de handleidingen van de
aangesloten apparaten.
BELANGRIJK
Afhankelijk van het signaal dat wordt
verzonden vanaf het aangesloten apparaat, is
het mogelijk dat de omzetting van analoge naar
digitale signalen niet goed functioneert (bijvoor-
beeld in het geval van signalen die signalen
bevatten die auteursrechten beschermen, of
abnormale signalen zoals echosignalen).
Gebruik een SCART-adapter met invoer-
mogelijkheid (in de winkel verkrijgbaar) als u de
camcorder aansluit op een TV/videorecorder
met een SCART-aansluitpunt – aansluittype
( 55). De bijgeleverde SCART-adapter PC-
A10 is alleen voor uitgangssignalen.
Laat [AV DV] ingesteld staan op de
gebruikelijke standaardinstelling [ OFF].
Als u deze optie op [ ON] zet, kunt u video-
invoersignalen niet verbinden met de
camcorder via het HDV/DV-aansluitpunt.
OPMERKINGEN
Het verdient aanbeveling de camcorder van
stroom te voorzien via de compacte netadapter.
U kunt de analoog/digitaal-omzetting ook
gebruiken om analoge video-opnamen naar
een computer over te zetten als digitale video.
De benodigde apparatuur en de werking is
dezelfde als staat beschreven onder
Video-
opnamen overzenden
( 63). Alleen moet u in
dit geval de optie [AV DV] op [ ON] zetten
voordat u de camcorder op de computer
aansluit. Merk op dat de analoog/digitaal-
omzetting mogelijk niet altijd correct werkt. Dit
kan afhangen van de software en specificaties/
instellingen van de computer.
3 4
2
MENU
(20)
4
De camcorder aansluiten op een computer
62
De camco rder aansluiten o p een comp uter
Aansluitschema's voor een PC
De camcorder aansluiten op een computer
USB-aansluitpunt
Open aan de achterzijde het
afdekplaatje van de
aansluitpunten zodat u de
aansluitingen kunt verrichten.
Aansluitpunt HDV/DV
Controleer het type en de
indeling van het aansluitpunt en
zorg ervoor dat u de DV-kabel
juist aansluit.
Gebruik de optionele DV-kabel
CV-150F (4 pennen aan elke
zijde) of CV-250F (4 pennen aan
de ene en 6 pennen aan de
andere zijde).
Aansluitpunt op de camcorder Verbindingskabel
Aansluitpunt op aangesloten
apparaat
1
Uitgangsverbinding (signaalstroom ) naar een PC of een met PictBridge
compatibele printer met een USB-poort.
USB-kabel (bijgeleverd)
2
Uitgangsverbinding (signaalstroom ) naar een computer met een DV (IEEE1394)-
aansluitpunt of een DV-capture board.
DV-kabel CV-150F/CV-250F
(optioneel)
4-pens
6-pens
De camcorder aansluiten op een computer
Externe aansluitingen
63
Ne
Video-opnamen overzenden
U kunt opnamen overzenden naar een
computer via het HDV/DV-aansluitpunt.
Benodigde apparatuur en systeemvereisten
Een computer die uitgerust is met een
IEEE1394 (DV)-aansluitpunt of een
IEEE1394 (DV)-capturing board.
Een DV-kabel (gebruik de optionele DV-
kabel CV-150F [4 pennen aan elke zijde]
of CV-250F [4 pennen aan de ene en
6 pennen aan de andere zijde]).
Videobewerkingssoftware.
Het juiste stuurprogramma
Wat de standaard is van de video die
wordt overgezonden, hangt af van de
standaard van de originele opname en de
compatibiliteit van de
videobewerkingssoftware.
Als u videobeelden overzendt die oor-
spronkelijk zijn opgenomen in de HDV-
standaard en de bewerkingssoftware
ondersteuning biedt voor High Definition-
video, zal de overgezonden video ook in
de HDV-standaard zijn. Als de
bewerkingssoftware geen ondersteuning
biedt voor High Definition-video, zal de
overgezonden video in de DV-standaard
zijn, zelfs als de oorspronkelijke opname
is gemaakt in de HDV-standaard.
WAAR U OP MOET LETTEN
Wijzig, indien nodig, de instellingen hieronder
voordat u de aansluitingen verricht. Raadpleeg
de corresponderende beschrijving van elke
instelling in de lijst met menuopties onder
PLAY/OUT SETUP
(32).
- [PLAYBACK STD] en [DV OUTPUT] om de
standaard van de uitgevoerde video te
selecteren. Merk op dat de videostandaard van
de overgezonden video ook afhangt van de
standaards die worden ondersteund door de
bewerkingssoftware.
- [AV DV] om te selecteren of opnamen
worden overgezonden vanaf de band in de
camcorder (instellen op [ OFF]) of dat
video wordt omgezet vanaf een externe
analoge bron (instellen op [ ON]).
Aansluiten
1 Start de computer.
2 Zet de camcorder in de stand
.
3 Sluit de camcorder aan op de
computer met de digitale verbinding
– aansluittype ( 62) – zoals
getoond in het vorige gedeelte
Aansluitschema's voor een PC
.
Als de verbinding wordt herkend,
wordt “ HDV/DV” weergegeven.
Als de camcorder begint met de
uitvoer van de video, verandert het
display in “ HDV-OUT” of “ DV-
OUT”, afhankelijk van de originele
opname en de geselecteerde
instellingen.
4 Start de videobewerkingssoftware.
Raadpleeg de handleiding van de
bewerkingssoftware.
BELANGRIJK
Afhankelijk van de software en de
specificaties en instellingen van uw computer
wordt het overzenden van de videobeelden
mogelijk niet goed uitgevoerd.
Als de computer bevriest terwijl de camcorder
op de computer aangesloten is, verwijder dan
de DV-kabel en zet de camcorder en computer
uit. Zet beide apparaten na korte tijd weer aan,
zet de camcorder in de stand en
herstel de verbinding.
Voordat u de camcorder op de computer
aansluit met een DV-kabel, moet u controleren
of de camcorder en computer niet met een
USB-kabel op elkaar zijn aangesloten en dat
geen ander IEEE1394-apparaat op de
computer aangesloten is.
Afhankelijk van de videobewerkingssoftware
moet u de aan/uit-schakelaar van de camcorder
mogelijk in een andere stand zetten dan PLAY.
Raadpleeg de handleiding van de
bewerkingssoftware.
OPMERKINGEN
Het verdient aanbeveling de camcorder van
stroom te voorzien via de compacte netadapter.
Raadpleeg ook de handleiding van de
computer.
2
De camcorder aansluiten op een computer
64
De programma's ZoomBrowser EX en Image
Browser die zijn inbegrepen op de bijgeleverde
CD-ROM, kunnen alleen worden gebruikt om
foto's over te zetten die zijn gemaakt op de
geheugenkaart. Video-opnamen die zijn
gemaakt op de band, kunnen niet naar de
computer worden overgezonden met gebruik
van de software die inbegrepen is op de
bijgeleverde CD-ROM.
Foto's overzenden – Direct overzenden
Met de bijgeleverde USB-kabel en Digital
Video Software kunt u naar een computer
foto's gemakkelijk overzenden door op
(afdrukken/delen) te drukken.
Voorbereidingen
Wanneer u de eerste keer de camcorder
op de computer aansluit, moet u de
software installeren en de optie voor
automatisch starten instellen. Vanaf de
tweede keer en daarna hoeft u alleen
maar de camcorder op de computer aan
te sluiten om de foto's over te zenden.
1 De bijgeleverde Digital Video
Software installeren.
Raadpleeg
De Digital Video Software
installeren
in de handleiding
Digital
Video Software
(elektronische versie
als PDF-bestand).
2 Zet de camcorder in de stand
.
3 Sluit de camcorder aan op de
computer via de USB-verbinding –
aansluittype ( 62) – zoals
getoond in het vorige gedeelte
Aansluitschema's voor een PC
.
Zie
De camcorder aansluiten
op een
computer
in de handleiding
Digital
Video Software
(elektronische versie
als PDF-bestand).
4 Stel de optie voor automatisch
starten in.
•Zie
CameraWindow starten
(Windows) of
Automatisch down-
loaden
(Macintosh) in de handleiding
Digital Video Software
(elektronische
versie als PDF-bestand).
Het menu voor direct overzenden
verschijnt op het camcorderscherm en
de toets gaat branden.
BELANGRIJK
Als de kaarttoegangsindicator (CARD) brandt
of knippert, moet u zich houden aan de
voorschriften hieronder. U kunt uw gegevens
anders permanent kwijtraken.
- Open de afdekking van de geheugenkaart-
sleuf niet en verwijder de geheugenkaart niet.
- Ontkoppel de USB-kabel niet.
- Zet de camcorder of computer niet uit.
- Wijzig de stand van de / schakelaar of
de bedieningsstand niet.
Afhankelijk van de software en de specifi-
caties en instellingen van uw computer wordt de
procedure mogelijk niet goed uitgevoerd.
De beeldbestanden op uw geheugenkaart
zijn waardevolle, originele gegevensbestanden.
Als u gebruik wilt maken van de beeldbestan-
den op uw computer, maak hiervan dan eerst
kopieën en gebruik het gekopieerde bestand,
zodat u het origineel apart kunt bewaren.
OPMERKINGEN
Het verdient aanbeveling de camcorder van
stroom te voorzien via de compacte netadapter.
Raadpleeg ook de handleiding van de
computer.
Gebruikers van Windows XP en Mac OS X:
Uw camcorder is uitgerust met het standaard
Picture Transfer Protocol (PTP) waarmee u
gemakkelijk foto's (alleen JPEG) kunt
downloaden door de camcorder met de USB-
kabel aan te sluiten op een computer zonder
dat u de software van de DIGITAL VIDEO
SOLUTION DISK hoeft te installeren.
Foto's overzenden
1
[ ALL IMAGES...]
Hiermee zendt u alle foto's over naar de
computer.
[ NEW IMAGES...]
Hiermee zendt u alleen foto's over die nog
niet naar de computer overgezonden zijn.
De camcorder aansluiten op een computer
Externe aansluitingen
65
Ne
1 Selecteer met ( ) een
overzendoptie.
2 Druk op .
[ ALL IMAGES], [ NEW IMAGES],
[ TRANSFER ORDERS]:
De foto's worden overgezonden en
op uw computer weergegeven.
De camcorder keert terug naar het
overzendmenu zodra de foto's
overgezonden zijn.
Druk op als u het overzenden
wilt stopzetten.
A
LS
U
[ SELECT & TRANSFER]
OF
[ WALLPAPER]
SELECTEERT
3 Druk op .
4 Druk op of om de foto te
selecteren die u wilt overzenden en
druk op om dit te doen.
[ SELECT & TRANSFER]: De
geselecteerde foto wordt
overgezonden en op de computer
weergegeven. Selecteer nog een foto
als u door wilt gaan met het
overzenden van foto's.
[ WALLPAPER]: De geselecteerde
foto wordt overgezonden naar de
computer en weergegeven als
achtergrond op het bureaublad.
De toets gaat knipperen terwijl
de foto's worden overgezonden.
Druk op om terug te keren
naar het overzendmenu.
OPMERKINGEN
U kunt op drukken om de foto's over te
zenden, in plaats van op . Bij selectie van
[ ALL IMAGES], [ NEW IMAGES] of
[ TRANSFER ORDERS] verschijnt een
bevestigingsbericht. Selecteer [OK] en druk op
.
Als de camcorder op de computer
aangesloten is en het fotoselectiescherm wordt
weergegeven, kunt u op drukken om
terug te keren naar het overzendmenu.
Overzendopdrachten
U kunt de foto's markeren die u naar de
computer wilt overzenden als een over-
zendopdracht. U kunt voor maximaal 998
foto's een overzendopdracht instellen.
Foto's selecteren voor een overzendopdracht
Sluit tijdens het instellen van de
overzendopdrachten de USB-kabel niet
aan op de camcorder.
* Selecteer [TRANS. ORDER OFF] als u een
overzendopdracht wilt annuleren.
[ TRANSFER ORDERS...]
Hiermee zendt u naar de computer
beelden over met een overzendopdracht
( 65).
[ SELECT & TRANSFER...]
Hiermee kunt u de foto selecteren die u
naar de computer wilt overzenden.
[ WALLPAPER...]
Hiermee kunt u de foto selecteren die u
wilt overzenden en op uw computer wilt
instellen als achtergrond op het
bureaublad.
SET
SET
+
-
( 8)
FUNC.
(21)
TRANSFER ORDER
TRANS.ORDER ON*
MENU
SET
SET
MENU
FUNC.
FUNC.
De camcorder aansluiten op een printer
66
Overzendopdrachten instellen in het
indexscherm
Verplaats de zoomregelaar naar W om
het indexscherm van de foto's te openen.
* Op het scherm verschijnt op foto's die
met een overzendopdracht zijn gemarkeerd.
Druk op als u de overzendopdracht wilt
annuleren.
**De camcorder keert terug naar het
indexscherm nadat u het menu hebt gesloten.
Alle overzendopdrachten wissen
De camcorder aansluiten op een printer
Foto's afdrukken – Direct afdrukken
De camcorder kan worden aangesloten op
elke printer die compatibel is met PictBridge.
U kunt als een afdrukopdracht de foto's
markeren die u wilt afdrukken en het
gewenste aantal exemplaren instellen
(69).
Canon-printers:
SELPHY CP- SELPHY DS-
printers en PIXMA-printers die zijn
aangeduid met het PictBridge-logo.
De camcorder aansluiten op de printer
1 Plaats de geheugenkaart die de
foto's bevat die u wilt afdrukken.
2 Zet de printer aan.
3 Sluit de camcorder aan op de
printer via de USB-verbinding –
aansluittype ( 62) – zoals
getoond in het vorige gedeelte
Aansluitschema's voor een PC
.
Op het scherm verschijnt en dit
verandert in .
De toets (afdrukken/delen) gaat
branden en circa 6 seconden lang
worden de huidige afdrukinstellingen
weergegeven.
BELANGRIJK
Als het symbool langer dan 1 minuut blijft
knipperen of het symbool niet verschijnt,
dan is de camcorder niet correct op de printer
aangesloten. Haal in dat geval de USB-kabel uit
de camcorder en zet de camcorder en printer
uit. Zet beide apparaten na korte tijd weer aan,
zet de camcorder in de stand en
herstel de verbinding.
( 8)
MENU
(20)
CARD OPERATIONS
TRANSFER ORDER
**
Verplaats met ( ) de cursor
naar de foto die u wilt
overzenden en druk op .*
Herhaal deze stap als u voor
nog meer foto's overzend-
opdrachten wilt instellen.
( 8)
MENU
(20)
CARD OPERATIONS
TRANS.ORD.ALL ERASE
YES
MENU
MENU
SET
SET
MENU
MENU
De camcorder aansluiten op
een printer
( 8)
1
De camcorder aansluiten op een printer
Externe aansluitingen
67
Ne
OPMERKINGEN
Het symbool verschijnt bij foto's die niet
kunnen worden afgedrukt.
Het verdient aanbeveling de camcorder van
stroom te voorzien via de compacte netadapter.
Raadpleeg ook de handleiding van de printer.
Afdrukken met de toets (afdrukken/
delen)
U kunt gemakkelijk een foto afdrukken
zonder de instellingen te wijzigen door op
(afdrukken/delen) te drukken.
1 Druk op of om de foto te
selecteren die u wilt afdrukken.
2 Druk op (afdrukken/delen).
Het afdrukken wordt gestart. De toets
gaat knipperen en blijft branden
nadat het afdrukken is voltooid.
Selecteer nog een foto als u door wilt
gaan met afdrukken.
De afdrukinstellingen selecteren
U kunt voor het afdrukken van foto's het
aantal exemplaren en andere instellingen
selecteren. Het hangt van het printermodel
af welke instelopties beschikbaar zijn.
Opties
OPMERKINGEN
Het hangt van het printermodel af welke
instelopties en [DEFAULT]-instellingen voor het
+
-
Huidige papierinstellingen (papier-
formaat, papiertype en pagina-layout)
Snij-instellingen (voor het bijsnijden van
foto's) ( 69)
Datum afdrukken
Afdrukeffect
Aantal exemplaren
Papierinstellingen
[PAPER]
[ PAPER SIZE]
Papierformaat. Het hangt van het
printermodel af welke papierformaten
beschikbaar zijn.
[ PAPER TYPE]
Papiertype. Selecteer [PHOTO], [FAST
PHOTO] of [DEFAULT].
[ PAGE LAYOUT]
Pagina-layout. Selecteer [DEFAULT] of
één van de volgende beschikbare pagina-
layouts.
[BORDERED]: De afgedrukte foto is vrijwel
identiek aan de gemaakte foto.
[BORDERLESS]: Als u deze optie
selecteert, wordt het middelste gedeelte
van de foto zodanig vergroot dat deze
binnen de hoogte/breedte-verhouding van
het geselecteerde papierformaat past. De
randen aan de bovenzijde, onderzijde en
zijkanten van de foto worden mogelijk iets
weggesneden.
[2-UP], [4-UP], [8-UP], [9-UP], [16-UP]:
Hiermee drukt u op één vel papier meerdere
kleine exemplaren van dezelfde foto af.
[ Datum afdrukken]
Selecteer [ON], [OFF] of [DEFAULT].
[ Afdrukeffect]
Het afdrukeffect kan worden gebruikt met
printers die compatibel zijn met de
beeldoptimalisatiefunctie waarmee
afdrukken van hogere kwaliteit kunnen
worden geproduceerd. Selecteer [ON],
[OFF] of [DEFAULT].
PIXMA/SELPHY DS-printers van Canon:
U kunt
ook [VIVID], [NR] of [VIVID+NR]
selecteren.
[ Aantal exemplaren]
Selecteer 1-99 exemplaren.
De camcorder aansluiten op een printer
68
afdrukken beschikbaar zijn. Raadpleeg voor
bijzonderheden de handleiding van de printer.
PIXMA/SELPHY DS-printers van Canon:
- Als het papierformaat op [10 x 14.8 cm]
ingesteld is, kunt u op één afdruk meerdere
kleine exemplaren afdrukken door 2-, 4-, 9- of
[16-UP] te selecteren. U kunt deze instelling
ook gebruiken om foto's af te drukken op de
speciaal ontworpen fotostickervellen.
- Als het papierformaat op [A4] ingesteld is,
kunt u op hetzelfde vel 4 exemplaren afdrukken
door [4-UP] te selecteren.
PIXMA/SELPHY CP-printers van Canon:
- Als het papierformaat op [CREDITCARD]
ingesteld is, kunt u op één afdruk meerdere
kleine exemplaren afdrukken door 2-, 4-, of [8-
UP] te selecteren. U kunt [8-UP] ook gebruiken
om foto's af te drukken op de speciaal
ontworpen fotostickervellen.
- Als het papierformaat op [10 x 14.8 cm] of [9 x
13 cm] ingesteld is, kunt u op hetzelfde vel 2 of
4 exemplaren afdrukken door [2-UP] of [4-UP]
te selecteren.
- Als u gebruik maakt van het speciaal
ontworpen fotopapier van het brede formaat,
kunt u het papierformaat op [DEFAULT] zetten
en 2 of 4 exemplaren op hetzelfde vel
afdrukken door [2-UP] of [4-UP] te selecteren.
Afdrukken nadat u de afdrukinstellingen
hebt gewijzigd
1 Druk op .
Het instelmenu verschijnt.
Afhankelijk van de printer kan het
bericht “BUSY.” verschijnen voordat de
camcorder het instelmenu weergeeft.
2 Selecteer in het instelmenu met
( ) de instelling die u wilt wijzigen
en druk op .
3 Selecteer met ( ) de gewenste
insteloptie en druk op .
4 Selecteer met ( ) de optie [PRINT]
en druk op .
Het afdrukken wordt gestart. Het
instelmenu verdwijnt nadat de foto's
zijn afgedrukt.
Selecteer nog een foto als u door wilt
gaan met afdrukken.
H
ET
AFDRUKKEN
STOPZETTEN
Druk tijdens het afdrukken op . Er
verschijnt een dialoogscherm ter bevestiging.
Selecteer [OK] en druk op . Bij Canon-
printers die compatibel zijn met PictBridge
wordt het afdrukken onmiddellijk stopgezet (ook
als het afdrukproces nog niet is voltooid) en het
papier doorgevoerd.
A
FDRUKFOUTEN
Er verschijnt een foutbericht als er tijdens het
afdrukproces een fout optreedt ( 76 ).
- Canon-printers die compatibel zijn met
PictBridge: Herstel de fout. Als het afdrukken niet
automatisch wordt hervat, selecteer dan
[CONTINUE] en druk op . Als [CONTINUE]
niet kan worden geselecteerd, selecteer dan
[STOP], druk op en probeer opnieuw af te
drukken. Raadpleeg voor bijzonderheden ook de
handleiding van de printer.
- Als de fout nog steeds aanhoudt en het
afdrukken niet wordt hervat, verwijder dan de
USB-kabel en zet de camcorder en printer uit.
Zet beide apparaten na korte tijd weer aan, zet
de camcorder in de stand en herstel
de verbinding.
A
LS
U
KLAAR
BENT
MET
AFDRUKKEN
Haal de kabel uit de camcorder en printer en
zet de camcorder uit.
BELANGRIJK
De volgende foto's worden mogelijk niet
correct afgedrukt met een printer die compatibel
is met PictBridge.
- Foto's die zijn gemaakt of gewijzigd op een
computer en vervolgens zijn overgezonden
naar de geheugenkaart.
- Foto's die zijn gemaakt met de camcorder
maar op een computer zijn bewerkt.
- Foto's waarvan de bestandsnaam is gewijzigd.
- Foto's die niet met deze camcorder zijn
gemaakt.
Houd u tijdens het afdrukken van foto's aan
het volgende:
- Zet de camcorder of printer niet uit.
- Wijzig de stand van de / schakelaar
niet.
- Ontkoppel de USB-kabel niet.
- Verwijder de geheugenkaart niet.
Als het bericht “BUSY.” niet verdwijnt,
verwijder dan de USB-kabel en herstel na korte
tijd de verbinding.
SET
SET
SET
SET
SET
SET
SET
SET
De camcorder aansluiten op een printer
Externe aansluitingen
69
Ne
Snij-instellingen (voor het bijsnijden van
foto's)
Stel het papierformaat en de pagina-layout
in voordat u de snij-instellingen wijzigt.
1 Selecteer in het instelmenu met
( ) de optie [TRIMMING] en druk
op .
Het snijkader verschijnt.
2 Wijzig de grootte van het snijkader.
Verplaats de zoomregelaar naar T
om het kader te verkleinen, en naar W
om het te vergroten.
Als u de snij-instellingen wilt
annuleren, verplaats de zoomregelaar
dan naar W totdat het snijkader
verdwijnt.
3 Stel het snijkader desgewenst bij en
druk op om terug te keren
naar het instelmenu.
Druk herhaaldelijk op om te
wisselen tussen de instelopties en
wijzig desgewenst de instellingen met
( ) en het -wiel.
: Wijzig de oriëntatie van het kader
(staand/liggend).
: Verplaats het kader naar rechts
en links.
: Verplaats het kader omhoog en
omlaag.
4 Druk op om terug te keren
naar het afdrukmenu nadat u het
snijkader hebt ingesteld.
OPMERKINGEN
Over de kleur van het snijkader:
- Wit: Geen snij-instellingen.
- Groen: Aanbevolen snijgrootte. (Het is
mogelijk dat het snijkader niet in een groene
kleur wordt weergegeven. Dit is afhankelijk van
de instellingen voor de beeldgrootte, het
papierformaat of de randen [borders].)
De snij-instelling is alleen van toepassing op
één foto.
De snij-instelling wordt in de volgende
gevallen geannuleerd:
- Als u de camcorder uitzet.
- Als u de USB-kabel verwijdert.
- Als u het snijkader verder dan de maximale
grootte vergroot.
- Als u de optie [PAPER SIZE] wijzigt.
Het kan gebeuren dat u de snij-opties niet
kunt instellen voor een foto die niet met deze
camcorder is gemaakt.
Afdrukorders
U kunt als een afdrukopdracht de foto's
markeren die u wilt afdrukken en het
gewenste aantal exemplaren instellen.
Deze instellingen zijn compatibel met de
standaards van het Digital Print Order
Format (DPOF) en kunnen worden
gebruikt voor het afdrukken van foto's op
printers die compatibel zijn met DPOF
( 66). U kunt voor maximaal 998 foto's
een afdrukopdracht instellen.
Foto's selecteren die u wilt afdrukken
(afdrukopdracht)
Sluit tijdens het instellen van de
afdrukopdrachten de USB-kabel niet aan
op de camcorder.
SET
MENU
SET
SET
MENU
( 8)
FUNC.
(21)
De camcorder aansluiten op een printer
70
* Als u de afdrukopdracht wilt annuleren, stel
het aantal exemplaren dan in op 0.
Afdrukopdrachten instellen in het
indexscherm
Verplaats de zoomregelaar naar W om
het indexscherm van de foto's te openen.
* Het symbool en het aantal exemplaren
verschijnen op de foto's die met een
afdrukopdracht zijn gemarkeerd. Als u de
afdrukopdracht wilt annuleren, stel dan met
( ) het aantal exemplaren in op 0.
**De camcorder keert terug naar het
indexscherm nadat u het menu hebt gesloten.
Alle afdrukopdrachten wissen
Afdrukken
1 Sluit de camcorder aan op de
printer via de USB-verbinding –
aansluittype ( 62) – zoals
getoond in het vorige gedeelte
Aansluitschema's voor een PC
.
2 Druk op en selecteer met
( ) de optie [ PRINT].
Het instelmenu verschijnt.
Het foutbericht “SET PRINT
ORDER” (STEL EEN
AFDRUKOPDRACHT IN) verschijnt
als u een printer met de functie voor
direct afdrukken aansluit en de optie
[ PRINT] selecteert zonder dat u een
afdrukopdracht hebt ingesteld.
3 Zorg ervoor dat u [PRINT] selecteert
en druk op .
Het afdrukken wordt gestart. Het
instelmenu verdwijnt nadat de foto's
zijn afgedrukt.
OPMERKINGEN
Afhankelijk van de aangesloten printer kunt u
een aantal afdrukinstellingen wijzigen voordat u
stap 3 uitvoert ( 67).
Afdrukken annuleren & afdrukfouten
( 68)
Afdrukken hervatten:
Druk op en
selecteer [ PRINT]. Selecteer [RESUME] in
het instelmenu en druk op . De resterende
foto's worden vervolgens afgedrukt.
Het afdrukken kan niet worden hervat als de
instellingen voor de afdrukopdracht zijn
gewijzigd of wanneer u een foto met deze
instellingen hebt verwijderd.
PRINT ORDER
Selecteer met ( ) het aantal
exemplaren (0 - 99) en druk op
.*
( 8)
MENU
(20)
CARD OPERATIONS
PRINT ORDER
Verplaats met ( ) de cursor
naar de foto die u wilt
afdrukken en druk op .
**
Stel met ( ) het gewenste
aantal exemplaren in en druk
op .* Herhaal deze stap
als u voor nog meer foto's
afdrukopdrachten wilt instellen.
( 8)
MENU
(20)
FUNC.
FUNC.
SET
MENU
SET
MENU
SET
CARD OPERATIONS
PRINT ORD.ALL ERASE
YES
PRINT
MENU
(20)
MENU
MENU
1
MENU
SET
MENU
SET
Problemen
71
Aanvullende informatie
Ne
Aanvullend e informatie
Probleme n
Loop eerst door de lijst hieronder wanneer u problemen ondervindt bij het gebruik van
uw camcorder. Neem contact op met uw dealer of een Canon Service Center als het
probleem aanhoudt.
Stroombron
Opnemen/afspelen
Problemen oplossen
Probleem Oplossing
De camcorder schakelt niet in.
De camcorder schakelt
zichzelf uit.
De afdekking van het cassette-
compartiment gaat niet open
Het cassettecompartiment is
tijdens het plaatsen of
verwijderen van een band
halverwege gestopt
De LCD/zoeker schakelt
zichzelf in en uit.
De accu is vrijwel leeg. Vervang de accu of laad deze op. 16
Plaats de accu op de juiste wijze in de camcorder.
Gebruik de compacte netadapter.
De accu laadt niet op. Laad de accu op bij temperaturen tussen 0 °C en 40 °C.
Accu's kunnen tijdens gebruik heet worden en kunnen dan
mogelijk niet worden opgeladen. Het opladen wordt gestart
zodra de accutemperatuur lager wordt dan 40 °C.
De accu is beschadigd. Gebruik een andere accu.
Controleer of de compacte netadapter op de juiste wijze op de
camcorder aangesloten is.
Probleem Oplossing
De toetsen werken niet. Schakel de camcorder in.
Plaats een cassette. 17
Op het scherm verschijnen
abnormale karakters. De
camcorder werkt niet naar
behoren.
Ontkoppel de stroombron en sluit deze na enige tijd weer aan.
Indien het probleem aanhoudt, ontkoppel dan de stroombron en
druk met een puntig voorwerp de RESET-toets in. Door op de
RESET-toets te drukken, worden alle instellingen teruggezet
naar de standaardinstelling.
” knippert op het scherm. Plaats een cassette. 17
” knippert op het scherm. De accu is vrijwel leeg. Vervang de accu of laad deze op. 16
knippert op het scherm. Er is condens ontdekt. Raadpleeg de betreffende pagina over dit
onderwerp.
81
De lensafdekking is niet
volledig open.
Zet de camcorder uit en weer aan.
” knippert op het scherm in
een rode kleur.
De camcorder vertoont een defect. Neem contact op met een
Canon Service Center.
Op het scherm verschijnt
“REMOVE THE CASSETTE”.
Verwijder de cassette en plaats deze weer terug. 17
72
Problemen
OPNEMEN
Afspelen
De draadloze
afstandsbediening werkt niet.
Zet [WL.REMOTE] op [ON]. 35
De batterij van de draadloze afstandsbediening is leeg. Vervang
de batterij.
19
Op het scherm verschijnt
videoruis.
Als u de camcorder gebruikt in een kamer waar een plasma-TV
staat, houd dan tussen de camcorder en de plasma-TV
voldoende afstand aan.
Op het TV-scherm verschijnt
videoruis.
Als u de camcorder gebruikt in een kamer waar een TV staat,
houd dan voldoende afstand aan tussen de netadapter en het
netsnoer enerzijds en de antennekabel van de TV anderzijds.
De band stopt tijdens
opnamepauze of afspeelpauze.
De camcorder wordt in de stopstand ( ) gezet als u de
camcorder 4 minuten en 30 seconden in de afspeelpauzestand
( ) of opnamepauzestand ( ) laat staan. Dit wordt
gedaan om de band en videokoppen te beschermen. Indien u
het afspelen wilt hervatten, druk dan op (als u
opneemt) of op (als u afspeelt).
Probleem Oplossing
Het beeld verschijnt niet op het
scherm.
Zet de camcorder op . 23
Op het scherm verschijnt
"SET THE TIME ZONE, DATE
AND TIME".
Stel de tijdzone, datum en tijd in. 22
Laad de ingebouwde lithiumbatterij op en stel de tijdzone, datum
en tijd in.
79
Als op de start/stop-toets wordt
gedrukt, neemt de camcorder
niet op.
Zet de camcorder op . 23
Plaats een cassette. 17
De band heeft het eind bereikt (Op het scherm verschijnt
END”). Spoel de band terug of vervang de cassette.
17
De cassette is beveiligd (op het scherm knippert “ ”). Wijzig
de stand van het beveiligingsschuifje.
78
De camcorder stelt niet scherp. De automatische scherpstelling werkt niet op het onderwerp.
Stel handmatig scherp.
42
Als u de zoeker gebruikt, stel deze dan bij met de
oogcorrectieregelaar.
19
De lens is vuil. Maak de lens schoon met een zacht lensreinigings-
doekje. Gebruik nooit tissue om de lens schoon te maken.
81
Als u de optionele groothoekconverter of teleconverter gebruikt,
stel de optie [AF MODE] dan in op [NORMAL AF].
29
Geluid wordt vervormd
weergegeven.
Als dicht in de buurt van harde geluiden (bijvoorbeeld vuurwerk
of concerten) opnamen worden gemaakt, dan kan het geluid
vervormd raken.
Het beeld in de zoeker is vaag. Stel de zoeker af met de oogcorrectieregelaar. 19
Probleem Oplossing
Tijdens het afspelen verschijnt
videoruis.
De videokoppen zijn vuil. Maak de videokoppen schoon. 81
Probleem Oplossing
Start/Stop
/
Problemen
73
Aanvullende informatie
Ne
Werken met de geheugenkaart
Het afspelen wordt niet gestart
als op de afspeeltoets wordt
gedrukt.
Plaats een cassette. 17
Zet de camcorder op . 25
De band heeft het eind bereikt (Op het scherm verschijnt
END”). Spoel de band terug.
17
De ingebouwde luidspreker
produceert geen geluid.
Open het LCD-paneel.
Het luidsprekervolume staat uit. Stel het volume bij met het
-wiel.
25
Het geluid hapert voortdurend
tijdens het afspelen van een
band die opgenomen is in de
HDV-standaard.
De videokoppen zijn vuil. Maak de videokoppen schoon. 81
Het beeld verschijnt niet op het
TV-scherm.
Zet [AV DV] op [OFF]. 31
Controleer opnieuw of de camcorder op de juiste wijze
aangesloten is op de TV.
55
Als u de camcorder op een HDTV aansluit met de
componentkabel CTC-100, zorg er dan voor dat u de juiste
specificatie selecteert bij de optie [COMP.OUT].
55
De TV produceert geen geluid. Als u de camcorder aansluit op een HDTV met de
componentkabel CTC-100, zorg er dan voor dat u ook de witte
en rode pluggen van de stereovideokabel STV-250N in de
audio-aansluitpunten steekt.
55
Op de TV wordt geen tekst
weergegeven.
Als u de camcorder hebt aangesloten op de TV met de video com-
ponent-verbinding, zet de optie [DV OUTPUT] dan op [HDV/DV].
33
De band loopt, maar op het TV-
scherm verschijnt geen beeld.
De TV/VIDEO-keuzeschakelaar op de TV is niet op VIDEO
ingesteld. Zet de keuzeschakelaar op VIDEO.
57
De videokoppen zijn vuil. Maak de videokoppen schoon. 81
U hebt geprobeerd een band af te spelen of te dubben die bevei-
ligd is met auteursrechtsignalen. Stop met afspelen/kopiëren.
60
Probleem Oplossing
De geheugenkaart kan niet
worden geplaatst.
De geheugenkaart wordt niet in de juiste richting gehouden.
Keer de geheugenkaart om en plaats deze opnieuw.
18
Ik kan geen opnamen maken
op de geheugenkaart.
De geheugenkaart is vol. Verwijder foto's om ruimte te winnen of
vervang de geheugenkaart.
53
De geheugenkaart is niet geïnitialiseerd. Initialiseer de
geheugenkaart.
54
De map- en bestandsnummers hebben de maximale waarde
bereikt. Stel [FILE NOS.] in op [RESET] en plaats een nieuwe
geheugenkaart.
31
De geheugenkaart kan niet
worden weergegeven.
Zet de camcorder op . 27
De foto kan niet worden gewist. De foto is beveiligd. Annuleer de beveiliging. 53
knippert in een rode kleur. Er heeft zich een kaartfout voorgedaan. Zet de camcorder uit.
Verwijder de geheugenkaart en plaats deze weer terug.
Initialiseer de geheugenkaart als het knipperen aanhoudt.
54
Probleem Oplossing
SET
74
Problemen
Afdrukken
Bewerken
Overig
Overzicht van berichten
Probleem Oplossing
De printer functioneert niet,
hoewel de camcorder en
printer juist zijn aangesloten.
Verwijder de USB-kabel en zet de camcorder en printer uit. Zet
beide apparaten na korte tijd weer aan, zet de camcorder in de
stand en herstel de verbinding.
Probleem Oplossing
Ik kan met deze camcorder
geen video-invoer opnemen
vanaf een extern
videoapparaat dat via een DV-
kabel aangesloten is op het
HDV/TV-aansluitpunt.
Zet [AV DV] op [OFF]. 31
Verkeerde signaalstandaard. Dubben is misschien mogelijk via
het AV IN/OUT-aansluitpunt.
Raadpleeg ook de handleiding van het aangesloten apparaat
Probleem Oplossing
De camcorder maakt een
ratelend geluid.
De interne lensbevestiging kan bewegen als de camcorder
wordt uitgezet. Dit is normaal en duidt niet op een storing.
Bericht Beschrijving en oplossing
SET THE TIME ZONE,
DATE AND TIME
U hebt de tijdzone, datum en tijd niet ingesteld. Verschijnt telkens
wanneer u de stroom inschakelt totdat u de tijdzone, datum en tijd
instelt.
22
CHANGE THE BATTERY
PACK
De accu is vrijwel leeg. Vervang de accu of laad deze op. 16
THE TAPE IS SET FOR
ERASURE PREVENTION
De cassette is beveiligd. Vervang de cassette of wijzig de stand van
het wisbeveiligingsschuifje.
78
REMOVE THE CASSETTE De camcorder heeft de band stopgezet om deze te beschermen.
Verwijder de cassette en plaats deze weer terug.
17
CHECK THE HDV/DV
INPUT
(Verschijnt alleen als een DV-
kabel aangesloten is)
De DV-kabel is niet op de juiste wijze aangesloten op het HDV/DV-
aansluitpunt, of het aangesloten digitale apparaat staat uit.
55
Het video-invoersignaal is van een afwijkend televisiesysteem
(NTSC).
CONDENSATION HAS
BEEN DETECTED
In de camcorder is condens ontdekt. 81
CONDENSATION HAS
BEEN DETECTED
REMOVE THE CASSETTE
In de camcorder is condens ontdekt. Verwijder de cassette. 81
TAPE END De band heeft het einde bereikt. Spoel de band terug of vervang de
cassette.
INCORRECT TAPE
SPECIFICATION
U hebt geprobeerd een band af te spelen die opgenomen is in een
afwijkend televisiesysteem (NTSC) of in een opnamestandaard die
door deze camcorder niet wordt ondersteund.
Problemen
75
Aanvullende informatie
Ne
INPUT SIGNAL NOT
SUPPORTED
Het via de DV-kabel aangesloten apparaat is niet compatibel met
de camcorder.
PLAYBACK STD LOCKED
INCOMPATIBLE VIDEO
INPUT
De huidige camcorderinstellingen komen niet overeen met de HDV/
DV-standaard van het video-invoersignaal. Wijzig de optie
[PLAYBACK STD] zo dat overeenstemming bestaat met het video-
invoersignaal.
32
PLAYBACK STD LOCKED
PLAYBACK IS
RESTRICTED
De huidige camcorderinstellingen komen niet overeen met de HDV/
DV-standaard van de opname die u probeerde af te spelen. Wijzig
de optie [PLAYBACK STD] zo dat overeenstemming bestaat met
de opnamestandaard van de band.
32
HEADS DIRTY, USE
CLEANING CASSETTE
De videokoppen zijn vuil. Maak de videokoppen schoon. 81
COPYRIGHT PROTECTED
PLAYBACK IS RESTRICTED
U hebt geprobeerd een band af te spelen of te dubben die beveiligd
is met auteursrechtsignalen.
60
COPYRIGHT PROTECTED
DUBBING RESTRICTED
U hebt geprobeerd een band te dubben die beveiligd is met
auteursrechtsignalen. Dit bericht kan ook verschijnen als tijdens
opnamen via de analoge ingang een abnormaal signaal wordt
ontvangen.
60
NO CARD De camcorder bevat geen geheugenkaart. 18
NO IMAGES Op de geheugenkaart staan geen foto's.
CARD ERROR Er is een geheugenkaartfout opgetreden. De camcorder kan de
foto niet maken of weergeven.
De fout kan tijdelijk zijn. Als het bericht na 4 seconden verdwijnt en
” in rood knippert, zet de camcorder dan uit, verwijder de kaart
en plaats deze weer terug. Als “ ” in groen verandert, kunt u
doorgaan met opnemen/weergeven.
CARD FULL De geheugenkaart is vol. Verwijder foto's om ruimte te winnen of
vervang de geheugenkaart.
53
IN CARD POSITION U hebt op gedrukt terwijl u foto's maakte (stand
).
NAMING ERROR De map- en bestandsnummers hebben de maximale waarde
bereikt. Zet de optie [FILE NOS.] op [RESET] en wis de beelden op
de geheugenkaart of initialiseer de geheugenkaart.
53
54
UNIDENTIFIABLE IMAGE Het beeldbestand is beschadigd of is opgeslagen met een
compressiemethode die niet compatibel is met deze camcorder
(JPEG).
TRANSFER ORDER
ERROR
U hebt geprobeerd meer dan 998 overzendopdrachten in te stellen. 65
PRINT ORDER ERROR U hebt geprobeerd in de afdrukopdracht meer dan 998 foto's in te
stellen.
69
CANNOT TRANSFER! U hebt geprobeerd een foto over te zenden die met deze
camcorder niet kan worden weergegeven.
TOO MANY STILL IMAGES
DISCONNECT USB CABLE
Verwijder de USB-kabel en verlaag het aantal foto's op de
geheugenkaart tot minder dan 1800. Als op het computerscherm
een dialoogvenster is verschenen, sluit dit dan en herstel
vervolgens de verbinding.
Bericht Beschrijving en oplossing
Start/Stop
76
Problemen
Berichten die betrekking hebben op de functie “direct afdrukken”
OPMERKINGEN
Informatie over PIXMA/SELPHY DS-printers van Canon: als op de printer de foutindicator knippert of op
het bedieningspaneel van de printer een foutbericht verschijnt, raadpleeg dan de printerhandleiding.
Bericht Beschrijving en oplossing
PAPER ERROR Er is een probleem met het papier. Het papier is niet correct doorgevoerd
of het papierformaat is verkeerd. Ook kan de papieruitvoerlade gesloten
zijn. Open de lade dan om foto's af te kunnen drukken.
NO PAPER Het papier is niet juist geplaatst of er is geen papier.
PAPER JAM Het papier is tijdens het afdrukken vastgelopen. Selecteer [STOP] om het
afdrukken te annuleren. Verwijder het vastgelopen papier, voeg nieuw
papier toe en probeer het opnieuw.
INK ERROR Er is een probleem met de inkt.
NO INK De inktcassette is niet geplaatst of er is geen inkt meer.
LOW INK LEVEL De inktcassette moet spoedig worden vervangen. Selecteer [CONTINUE]
om verder te gaan met afdrukken.
INK ABSORBER FULL Selecteer [CONTINUE] om het afdrukken te hervatten. Neem contact op
met een Canon Service Center (raadpleeg het overzicht dat bijgeleverd is
bij de printer) om de inktabsorbeerinrichting te vervangen.
• FILE ERROR
• CANNOT PRINT!
U hebt geprobeerd een foto af te drukken die met een andere camcorder is
gemaakt, met een afwijkende compressie is gemaakt of op een computer
is bewerkt.
SET PRINT ORDER Op de geheugenkaart is geen foto aanwezig die is gemarkeerd met een
afdrukopdracht.
READJUST TRIMMING U hebt de afdrukstijl gewijzigd nadat u de snij-instellingen hebt geselecteerd.
PRINTER ERROR Annuleer het afdrukken. Zet de printer uit en weer aan. Controleer de printer-
status. Als de fout aanhoudt, raadpleeg dan de handleiding van de printer en
neem contact op met de klantenservice of een service center in uw regio.
HARDWARE ERROR Annuleer het afdrukken. Zet de printer uit en weer aan. Controleer de
printerstatus. Als de printer met een batterij uitgerust is, kan deze leeg zijn.
Zet in dat geval de printer uit, vervang de batterij en zet de printer weer
aan.
COMMUNICATION
ERROR
In de printer is een gegevenstransmissiefout opgetreden. Annuleer het
afdrukken. Verwijder de USB-kabel en zet de camcorder en printer uit. Zet
beide apparaten na korte tijd weer aan, zet de camcorder in de stand
en herstel de verbinding. Als u afdrukt met de toets ,
controleer dan de afdrukinstellingen. Of u hebt geprobeerd af te drukken
vanaf een geheugenkaart die een groot aantal foto's bevat. Verlaag het
aantal foto's.
CHECK PRINT SETTINGS De afdrukinstelling kan niet worden gebruikt om foto's af te drukken met de
toets .
PRINTER IN USE De printer wordt momenteel gebruikt. Controleer de printerstatus.
PAPER LEVER ERROR Er is een fout opgetreden met de papierhendel. Stel de
papierselectiehendel in op de juiste stand.
PRINTER COVER OPEN Maak het printerdeksel goed dicht.
NO PRINTHEAD In de printer is geen printkop geïnstalleerd of de printkop is defect.
Wat u wel en niet moet doen
77
Aanvullende informatie
Ne
Wat u wel en niet moet doen
Camcorder
Houd de camcorder niet vast aan het
LCD-paneel als u deze bij zich draagt.
Wees voorzichtig als u het LCD-paneel
sluit.
Laat de camcorder niet achter op
plaatsen met hoge temperaturen (zoals in
een auto of onder direct zonlicht) of hoge
vochtigheid.
Gebruik de camcorder niet in de buurt
van sterke elektrische of magnetische
velden zoals boven een TV, in de buurt
van plasma-TV's of mobiele telefoons.
Richt de lens of zoeker niet op sterke
lichtbronnen. Laat de camcorder niet
gericht op een helder onderwerp.
Gebruik en bewaar de camcorder niet
op stoffige of zanderige plaatsen. De
camcorder is niet waterdicht – vermijd
daarom ook water, modder of zout. De
camcorder en/of lens kan beschadigd
raken als dergelijke substanties de
camcorder binnendringen.
Let op hitte die door
verlichtingsapparatuur wordt afgegeven.
Demonteer de camcorder niet. Als de
camcorder niet naar behoren werkt, neem
dan contact op met een deskundige
reparateur.
Ga voorzichtig met de camcorder om.
Stel de camcorder niet bloot aan
schokken of trillingen, omdat hierdoor
schade kan ontstaan.
BP-208
Opgeladen accu's ontladen zich op
natuurlijke wijze. Zorg er daarom voor dat
u de accu op de dag van gebruik, of de
dag ervoor, oplaadt. U bent dan
verzekerd van een volle accu.
Bevestig het afdekplaatje wanneer een
accu niet wordt gebruikt. Contact met
metalen objecten kan leiden tot kortsluiting
en schade toebrengen aan de accu.
Vuile polen kunnen tot gevolg hebben
dat het contact tussen de accu en de
camcorder niet goed is. Veeg de polen
schoon met een zachte, droge doek.
Als een opgeladen accu langere tijd
(circa 1 jaar) wordt opgeborgen, kan de
levensduur afnemen of de prestatie
achteruitgaan. Daarom verdient het
aanbeveling om de accu volledig te
ontladen en deze daarna te bewaren op
een droge plaats bij temperaturen die niet
hoger worden dan 30 °C. Als u de accu
langere periodes niet gebruikt, dan
bevelen wij aan om de accu ten minste
eenmaal per jaar volledig op te laden en
te ontladen. Doe dit tegelijkertijd ook met
andere accu's als u meer dan één accu
hebt.
Hoe u de camcorder moet
behandelen
GEVAAR!
Behandel de accu met de nodige
voorzichtigheid.
Houd de accu uit de buurt van open
vuur (de accu kan exploderen).
Stel de accu niet bloot aan
temperaturen die hoger zijn dan 60 °C.
Houd de accu uit de buurt van
verwarmingsapparaten, en laat de accu
bij heet weer niet achter in een
afgesloten auto.
Probeer de accu niet uit elkaar te
halen of er aan te knutselen.
Laat de accu niet vallen en stoot er
niet tegen aan.
Laat de accu niet nat worden.
78
Wat u wel en niet moet doen
Hoewel de accu kan worden gebruikt bij
temperaturen tussen 0 °C en 40 °C, is
een temperatuur tussen 10 °C en 30 °C
het optimale bereik. Bij koude
temperaturen zal de prestatie tijdelijk
achteruitgaan. Verwarm de accu eerst in
uw zak voordat u deze gebruikt.
Als de accu volledig opgeladen is, maar
de gebruikstijd bij normale temperaturen
toch aanzienlijk korter wordt, vervang de
accu dan.
Over het afdekplaatje van de accu
Het afdekplaatje van de accu heeft een
[ ]-gevormde opening. Dit komt van
pas wanneer u onderscheid wilt maken
tussen accu´s die zijn opgeladen en
accu´s die niet zijn opgeladen.
Achterzijde van de accu
Afdekplaatje aangesloten
Opgeladen
Niet opgeladen
Cassette
Spoel banden na gebruik terug. Een
slappe of beschadigde band kan tijdens
het afspelen leiden tot videoproblemen
en/of vervorming van audio.
Berg cassettes in de doos op en
bewaar de doos rechtop. Spoel banden
van tijd tot tijd terug als deze lange tijd
zijn opgeslagen.
Laat de cassette na gebruik niet in de
camcorder achter.
Gebruik geen gespleten banden of
cassettes die niet standaard zijn. Anders
kan de camcorder beschadigd raken.
Gebruik geen banden die eerder
vastgelopen zijn. De videokoppen kunnen
anders vuil worden.
Steek geen voorwerpen in de kleine
openingen van de cassette en dek deze
openingen niet af met cellofaan.
Ga voorzichtig met cassettes om. Laat
cassettes niet vallen en stel cassettes
niet bloot aan schokken. De cassette kan
anders beschadigd raken.
Bij cassettes die uitgerust zijn met een
geheugenfunctie, kunnen de metalen
aansluitpunten tijdens gebruik vuil worden.
Maak de aansluitpunten schoon met een
wattenstaafje nadat u de cassette circa
tien keer hebt verwijderd en
teruggeplaatst. De geheugenfunctie wordt
door de camcorder niet ondersteund.
Banden beveiligen tegen ongewild wissen
Als u wilt voorkomen dat u per abuis
opnamen wist, schuif het schuifje op de
cassette dan naar SAVE of ERASE OFF.
Geheugenkaart
Het verdient aanbeveling om op uw
computer van uw foto's op de
geheugenkaart een reservekopie te
maken. Beeldgegevens kunnen als
gevolg van geheugenkaartdefecten of
blootstelling aan statische elektriciteit
beschadigd raken of verloren gaan.
SAVE
REC
SAVE
REC
Wat u wel en niet moet doen
79
Aanvullende informatie
Ne
Canon Inc. geeft geen garantie voor
beschadigde of verloren gegevens.
Zet de camcorder niet uit, ontkoppel de
stroombron niet en verwijder de
geheugenkaart niet terwijl de
kaarttoegangsindicator (CARD) knippert.
Gebruik geen geheugenkaarten op
plaatsen die blootstaan aan sterk
magnetische velden.
Laat geheugenkaarten niet achter op
plaatsen die blootstaan aan hoge
vochtigheid en hoge temperaturen.
Demonteer en verbuig
geheugenkaarten niet, laat
geheugenkaarten niet vallen en stel
geheugenkaarten niet bloot aan
schokken of water.
Raak de contactpunten niet aan en stel
deze niet bloot aan stof of vuil.
Controleer hoe u de geheugenkaart
vasthoudt voordat u deze plaatst. De
geheugenkaart of camcorder kan
beschadigd raken als u de
geheugenkaart verkeerd om houdt en op
deze wijze in de sleuf probeert te
forceren.
Plak geen labels of stickers op de
geheugenkaart.
Als u beeldbestanden wist of de
geheugenkaart initialiseert, wordt alleen
de bestandstoewijzingstabel gewijzigd en
worden de gegevens zelf feitelijk niet
verwijderd. Als u zich ontdoet van de
geheugenkaart, neem dan passende
voorzorgsmaatregelen, bijvoorbeeld door
de geheugenkaart fysiek te beschadigen
zodat privégegevens niet openbaar
worden.
Lithiumknoopbatterij
Pak de batterij niet op met een pincet of
ander metalen gereedschap. Dit kan
anders leiden tot kortsluiting.
Veeg de batterij schoon met een
schone, droge doek, zodat het contact
goed blijft.
Houd de batterij buiten bereik van
kinderen. Als de batterij wordt ingeslikt,
moet onmiddellijk medische hulp worden
ingeroepen. De batterijhuls kan breken,
met als gevolg dat organen door de
batterijvloeistof aangetast kunnen
worden.
Demonteer en verhit de batterij niet en
dompel de batterij niet onder in water.
Anders ontstaat explosiegevaar.
Ingebouwde, oplaadbare lithiumbatterij
De camcorder is uitgerust met een
ingebouwde oplaadbare lithiumbatterij die
de datum, tijd en andere instellingen
bijhoudt. De ingebouwde lithiumbatterij
wordt tijdens gebruik van de camcorder
WAARSCHUWING!
Een verkeerde behandeling van de
batterij die in dit apparaat wordt gebruikt,
kan tot gevolg hebben dat brand ontstaat
of dat u chemische brandwonden
oploopt. Laad de batterij niet opnieuw op,
demonteer de batterij niet, verhit de
batterij niet tot boven 100 °C en werp de
batterij niet in vuur.
Vervang de batterij door een CR2025 van
Panasonic, Hitachi Maxell, Sony, Sanyo,
of door Duracell2025. Gebruik van
andere batterijen leidt tot brand- of
explosiegevaar.
De gebruikte batterij moet aan de
leverancier teruggegeven worden voor
een veilige verwerking.
80
Wat u wel en niet moet doen
steeds opnieuw opgeladen. De batterij
raakt echter geheel leeg als u de
camcorder langer dan circa 3 maanden
niet gebruikt.
De ingebouwde lithiumbatterij laadt u als
volgt opnieuw op:
Sluit de compacte
netadapter aan op de camcorder en laat
de adapter 24 uur aangesloten op de
camcorder terwijl de aan/uit-schakelaar
op staat.
De batterij verwijderen
Als u zich van de camcorder ontdoet, haal
dan eerst de ingebouwde lithiumbatterij uit
de camcorder.
1 Draai met een schroevendraaier de
schroef los en verwijder de
afdekking.
2 Gebruik een lange, dunne
schroevendraaier om de batterij te
verwijderen.
3 Houd de batterij stevig vast met een
tang. Trek de batterij met kracht van
het bord weg.
OPMERKINGEN
Verwijder de afdekking alleen als u de
ingebouwde lithiumbatterij wilt verwijderen
wanneer u zich van de camcorder ontdoet.
Voordat u de lithiumbatterij verwijdert,
moet u alle stroombronnen uit de camcorder
verwijderen (zowel de compacte netadapter
als de accu).
Wat u wel en niet moet doen
81
Aanvullende informatie
Ne
De videokoppen reinigen
In de gevallen hieronder zijn de
videokoppen vuil en moeten deze worden
gereinigd.
- Het bericht “HEADS DIRTY, USE
CLEANING CASSETTE” verschijnt.
- Tijdens het afspelen doen zich vaak
videoproblemen voor (blokken of strepen,
etc., op het beeld).
- Het geluid hapert voortdurend tijdens
het afspelen van een band die
opgenomen is in de HDV-standaard.
Het verdient aanbeveling cassettes te
gebruiken die speciaal zijn bedoeld voor
High Definition-opnamen (Canon Digital
Videocassette HDVM-E63PR, etc.) en de
videokoppen regelmatig te reinigen met
de Canon DVM-CL Digital Video Head
Cleaning Cassette of een in de winkel
verkrijgbare, droog reinigende cassette.
Daarmee blijft de beeldkwaliteit optimaal.
Gebruik geen nat reinigende cassettes.
Deze kunnen schade toebrengen aan de
camcorder.
Zelfs nadat u de videokoppen hebt
gereinigd, kan het gebeuren dat banden
die zijn opgenomen met vuile video-
koppen, niet correct worden afgespeeld.
De camcorder reinigen
Camcorderhuis
Gebruik een zachte, droge doek om het
camcorderhuis te reinigen. Gebruik nooit
met chemicaliën behandelde doeken of
vluchtige oplosmiddelen zoals
verfverdunner.
Lens en zoeker
De automatische scherpstelling werkt
mogelijk niet correct als het lensoppervlak
vuil is.
Verwijder stof of vuildeeltjes met een
blaaskwastje (geen spuitbus gebruiken).
Gebruik een schoon, zacht
lensreinigingsdoekje om de lens of
zoeker schoon te maken. Doe dit
voorzichtig. Gebruik nooit tissuepapier.
LCD-scherm en I.AF-sensor
Reinig het LCD-scherm en de I.AF-
sensor met een schoon, zacht
lensreinigingsdoekje.
Bij plotselinge
temperatuurschommelingen kan zich op
het oppervlak van het scherm condens
voordoen. Veeg het vocht weg met een
zachte, droge doek.
Opslag
Als u verwacht de camcorder langere
tijd niet te gebruiken, bewaar deze dan op
een stofvrije plaats die niet vochtig is en
bij een temperatuur die niet hoger wordt
dan 30 °C.
Condens
Als u de camcorder snel verplaatst van
een gebied met warme temperaturen
naar een gebied met koude temperaturen
of omgekeerd, dan kan er op de interne
oppervlakken condens (waterdruppeltjes)
ontstaan. Gebruik de camcorder niet als
condens wordt gesignaleerd. Als u de
camcorder blijft gebruiken, kan deze
beschadigd raken.
Condens kan zich in de volgende situaties
voordoen:
Wanneer de camcorder vanuit een kamer
met actieve airconditioning wordt meege-
nomen naar een warme, vochtige plaats
Onderhoud/overig
82
Wat u wel en niet moet doen
Wanneer u de camcorder van een koude
plaats meeneemt naar een warme kamer
Wanneer de camcorder wordt
achtergelaten in een vochtige kamer
Wanneer een koude kamer snel wordt
verwarmd
C
ONDENSVORMING
VOORKOMEN
Stel de camcorder niet bloot aan
plotselinge of extreme
temperatuurveranderingen.
Verwijder de cassette, plaats de
camcorder in een luchtdichte, plastic zak
en laat de camcorder langzaam wennen
aan de temperatuurveranderingen
voordat u de camcorder weer uit de zak
haalt.
A
LS
CONDENS
WORDT
ONTDEKT
De camcorder wordt automatisch
uitgeschakeld, het waarschuwingsbericht
“CONDENSATION HAS BEEN
DETECTED” wordt circa 4 seconden lang
weergegeven en begint te knipperen.
Als een cassette geplaatst is, verschijnt
het waarschuwingsbericht “REMOVE
THE CASSETTE” en begint te
knipperen. Verwijder de cassette
onmiddellijk en laat het
cassettecompartiment openstaan. De
band kan beschadigd raken als u de
cassette in de camcorder laat zitten.
Een cassette kunt u niet plaatsen als
condens ontdekt is.
G
EBRUIK
HERVATTEN
Hoe lang het precies duurt voordat de
waterdruppeltjes zijn verdampt, hangt af
van de locatie en weersomstandigheden.
Nadat het condenswaarschuwingsbericht
met knipperen stopt, moet u nog 1 uur
wachten voordat u het gebruik mag
hervatten.
De camcorder gebruiken in het buitenland
Stroombronnen
U kunt de compacte netadapter in elk
land met een netvoeding tussen 100 en
240 V wisselstroom, 50/60 Hz gebruiken
om de camcorder te bedienen en de accu
op te laden. Raadpleeg het Canon
Service Center voor informatie over
stekkeradapters voor gebruik in het
buitenland.
Afspelen op een TV-scherm
U kunt uw opnamen alleen afspelen op
TV's die compatibel zijn met het PAL-
systeem. Het PAL-systeem wordt in de
volgende landen gebruikt:
Algerije, Australië, Bangladesh, België,
Brunei, China, Denemarken, Duitsland,
Finland, Hong Kong Special
Administrative Region, Ierland, IJsland,
India, Indonesië, Israël, Italië, Jemen,
Jordanië, Kenia, Koeweit, Liberia,
Maleisië, Malta, Mozambique, Nederland,
Nieuw-Zeeland, Noord-Korea,
Noorwegen, Oeganda, Oman, Oostenrijk,
Pakistan, Portugal, Qatar, Servië en
Montenegro, Sierra Leone, Singapore,
Spanje, Sri Lanka, Swaziland, Tanzania,
Thailand, Turkije, Verenigd Koninkrijk,
Verenigde Arabische Emiraten, Zambia,
Zuid-Afrika, Zweden, Zwitserland.
Algemene informatie
83
Aanvullende informatie
Ne
Algemene informatie
Systeemschema
(Beschikbaarheid verschilt van gebied tot gebied)
Accu BP-310, BP-315
Acculader
CG-300E
Aansluitkabel DTC-100 D
Compacte
netadapter CA-570
Zachte draagtas
SC-2000
Polsriem WS-20
Schouderriem
SS600/SS650
miniSD-
kaart
Accu BP-310,
BP-315
Computer
MiniDV-
videocassette
Afstandsbediening
WL-D87
PictBridge-
compatibele
printers
USB-kabel
IFC-300PCU
SCART-
adapter
PC-A10
DVD-recorder/digitaal
apparaat met DV-
aansluitpunt
Componentkabel CTC-100
DV-kabel CV-150F/CV-250F
Groothoekcon-
verter WD-H37C
Teleconverter
TL-H37
Filterset
FS-H37U
Videorecorder
TV/HDTV
Stereovideokabel
STV-250N
miniSD-kaartadapter
Kaartlezer/schrijver
84
Algemene informatie
Accu's
Als u extra accu's nodig hebt, kies dan de
accu BP-310 of BP-315.
Acculader CG-300E
Gebruik de acculader om accu's op te laden.
* De oplaadduur is afhankelijk van de oplaadomstandigheden.
Teleconverter TL-H37
Deze teleconverterlens vergroot de
brandpuntsafstand van de camcorderlens met
een factor 1,5.
De beeldstabilisator is minder effectief als de
teleconverter aangesloten is.
De minimale scherpstelafstand met gebruik
van de TL-H37 is 2,3 m; 2,3 cm bij maximale groothoek.
Als de teleconverter aangesloten is, kan er in het beeld een schaduw verschijnen wanneer
u opneemt met de flitser of hulplamp.
Groothoekconverter WD-H37C
Deze lens verkleint de brandpuntsafstand met
een factor 0,7, waardoor u een breed perspectief
krijgt voor opnamen binnenshuis of bij
panorama's.
Als de groothoekconverter aangesloten is, kan
er in het beeld een schaduw verschijnen
wanneer u opneemt met de flitser of hulplamp.
Optionele accessoires
Gebruik van originele Canon-accessoires wordt aanbevolen.
Dit product is ontworpen om een uitstekende prestatie neer te zetten wanneer het wordt
gebruikt in combinatie met Canon-accessoires. Canon kan niet aansprakelijk worden
gehouden voor schade aan dit product en/of ongelukken zoals brand, etc. als gevolg van
defecten in niet-originele Canon-accessoires (zoals lekkage en/of explosie van een accu).
Let erop dat deze garantie niet geldt voor reparaties die het gevolg zijn van defecten in
niet-originele Canon-accessoires, hoewel u dergelijke reparaties wel tegen betaling kunt
laten verrichten.
Accu Oplaadduur*
BP-310 105 min.
BP-315 160 min.
Algemene informatie
85
Aanvullende informatie
Ne
Filterset FS-H37U
Met neutrale-densiteitfilters en MC-
protectorfilters bent u moeilijke
lichtomstandigheden de baas.
Schouderriem
U kunt een schouderriem bevestigen voor
meer stevigheid en betere hanteerbaarheid.
Haal de uiteinden door het
riembevestigingspunt en stel de lengte van
de riem bij.
Polsriem WS-20
Gebruik deze riem voor extra aanvullende
bescherming tijdens het opnemen.
Zachte draagtas SC-2000
Een handige camcordertas met gevoerde
vakjes en genoeg ruimte voor accessoires.
Dit merkteken is het symbool van originele Canon-videoaccessoires.
Als u gebruik maakt van Canon-videoapparatuur, dan raden wij u ten
zeerste aan om gebruik te maken van accessoires of producten van
Canon met hetzelfde merkteken.
86
Algemene informatie
HV10
Specificaties
Systeem
Video-opnamesysteem 2 roterende koppen, spiraalvormig scansysteem
HDV 1080i
DV-systeem (VCR SD-systeem voor de consument), digitale
componentregistratie
Audio-opnamesysteem MPEG-1 Audiolaag 2, 16 bit, 48 kHz;
overdrachtssnelheid 384 kbps (2 kanalen)
Digitaal PCM-geluid: 16 bit (48 kHz/2 kanalen);
12 bit (32 kHz/4 kanalen)
Televisiesysteem High Definition Video (HDV) 1080/50i
PAL-kleurensignaal in CCIR-standaard (625 lijnen, 50 velden)
Beeldsensor 1/2,7-inch CMOS, circa. 2.960.000 pixels
Effectief aantal pixels:
Films HDV/DV (WIDE): circa. 2.070.000
DV (NORMAL): circa 1.550.000
Foto's 16:9 foto's: circa. 2.070.000
4:3 foto's: circa. 2.760.000
Compatibele banden Videocassettes met het beeldmerk .
Bandsnelheid 18,83 mm/s
SP: 18,83 mm/s; LP: 12,57 mm/s
Maximale opnameduur
(band van 60 min.)
60 minuten
SP: 60 minuten; LP: 90 minuten
LCD-scherm 2,7 in., TFT-kleur, circa 210.000 pixels
Zoeker 0,27 in., TFT-kleur, circa 123.000 pixels
Microfoon Electreet condensator stereo-microfoon
Lens f=6,1-61 mm, F/1.8-3.0, 10x aangedreven zoom
35 mm equivalent:
Films HDV/DV (WIDE): 43,6-436 mm
DV (NORMAL): 53,0-530 mm
Foto's 16:9 foto's: 43,6-436 mm
4:3 foto's: 40,0-400 mm
Lenssamenstelling 11 elementen in 9 groepen
Filterdiameter 37 mm
AF-systeem Automatische scherpstelling (TTL [Through The Lens - Door De Lens] +
externe afstandssensor indien ingesteld op [INSTANT AF]), handmatige
scherpstelling beschikbaar
Minimale scherpstelafstand 1 m; 1 cm bij maximale groothoek.
Witbalans Automatische witbalans, voorkeuze (DAYLIGHT, SHADE, CLOUDY,
TUNGSTEN, FLUORESCENT, FLUORESCENT H) of handmatig ingestelde
witbalans
Minimale verlichting 0,3 lx (opnameprogramma [NIGHT] (SCN), sluitertijd ingesteld op 1/2)
4 lx (automatische modus, automatisch lange sluitertijd [ON], sluitertijd
ingesteld op 1/25)
Aanbevolen verlichting Meer dan 100 lx
Beeldstabilisatie Optisch
Geheugenkaart
Opnamemedia miniSD-kaart
Grootte van foto's 2048 x 1536, 1920 x 1080, 1440 x 1080, 848 x 480, 640 x 480 pixels
HDV
DV
HDV
DV
HD
SD
HDV
DV
HDV
DV
Algemene informatie
87
Aanvullende informatie
Ne
Compacte netadapter CA-570
Accu BP-310
Gewicht en afmetingen zijn bij benadering. Fouten en omissies voorbehouden.
Specificaties kunnen zonder kennisgeving worden gewijzigd.
Bestandsformaat Design rule for Camera File system (DCF), compatibel met Exif 2.2**,
compatibel met DPOF
Beeldcompressiemethode JPEG (compressie: Super Fine, Fine, Normal)
* Deze camcorder is getest met miniSD-kaarten tot 1 GB. Er kan niet worden gegarandeerd dat alle miniSD-
kaarten goed functioneren.
** Deze camcorder ondersteunt Exif 2.2 (ook “Exif Print” genoemd). Exif Print is een standaard voor het
verbeteren van de communicatie tussen camcorders en printers. Door een met Exif Print compatibele printer
aan te sluiten, worden de beeldgegevens zoals die waren op het moment van de opname, gebruikt en
geoptimaliseerd. Hierdoor worden afdrukken van uiterst hoge kwaliteit geproduceerd.
Ingangen/uitgangen
Aansluitpunt AV IN/OUT Mini-jack met 3,5 mm
Video: 1 Vp-p/75 ohm asymmetrisch
Audio: Uitgang: -10 dBV (47 kohm belasting/3 kohm of minder)
Ingang: -10 dBV/40 kohm of meer
USB-aansluitpunt mini-B
Aansluitpunt HDV/DV 4-pens (IEEE1394-standaard), ingang/uitgang
Aansluitpunt COMP.OUT Luminantie (Y): 1 Vp-p / 75 Ohm
Chrominantie (P
B
/P
R
(C
B
/C
R
)): ±350 mVp-p
Compatibel met 1080i (D3) / 576i (D1)
Voeding/overig
Voeding (nominaal) 7,4 V DC (accu), 8,4 V DC (compacte netadapter)
Opgenomen vermogen
(HDV, AF ingeschakeld)
4,8 W (zoeker), 5,0 W (LCD-scherm, normale helderheid)
Gebruikstemperatuur 0 – 40 °C
Afmetingen (B x H x D) 56 x 104 x 106 mm exclusief de handgreepriem
Gewicht (alleen camcorderhuis) 440 g
Voeding 100 – 240 V AC, 50/60 Hz
Opgenomen vermogen 17 W
Nominale uitgangsspanning 8,4 V DC, 1,5 A
Gebruikstemperatuur 0 – 40 °C
Afmetingen 52 x 90 x 29 mm
Gewicht 135 g
Accutype Oplaadbare lithium-ion accu
Nominale spanning 7,4 V DC
Gebruikstemperatuur 0 – 40 °C
Capaciteit accu 850 mAh
Afmetingen 39 x 8 x 63 mm
Gewicht 40 g
88
Algemene informatie
16:9 aspect ratio . . . . . . . . . . . . . . . . . . 30
6-second auto date . . . . . . . . . . . . . . . . 34
9 Point AiAF . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 42
A
Aansluiting op een High Definition TV
(HDTV) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 55
Aansluiting op een TV/videorecorder . . 55
Aansluitpunt AV IN/OUT . . . . . . . . . . . . 55
Aansluitpunt COMPONENT OUT . . . . . 55
Aansluitpunt HDV/DV . . . . . . . . . . . 55, 62
Accu opladen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 16
Accu, resterende capaciteit . . . . . . . . . . 14
AEB - Reeksopnamen (Auto Exposure
Bracketing) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 47
Afdrukorder . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 69
AF-hulplamp . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 50
Analoge video-invoer . . . . . . . . . . . . . . 59
Analoog/digitaal (A/D)-omzetter . . . . . . 61
Assist functions . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 34
Audio output channel . . . . . . . . . . . . . . 32
Automatisch (opnameprogramma) . . . . 38
Automatische lange sluitertijd . . . . . . . . 29
Automatische scherpstelling (AF) . . . . . 42
Av (opnameprogramma) . . . . . . . . . . . .39
B
Beeldeffecten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 44
Beeldgrootte . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 45
Beeldkwaliteit foto's . . . . . . . . . . . . . . . 45
Beeldseriestand . . . . . . . . . . . . . . . . . . 47
Beep . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 35
Bekijken - Films (opname bekijken) . . . 23
Buitenland, gebruik van de camcorder . 82
C
Cameragegevens op het scherm . . . . . 13
Compacte netadapter . . . . . . . . . . . . . . 16
Component Video . . . . . . . . . . . . . . . . . 55
Component video . . . . . . . . . . . . . . . . . 33
Condens- . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 81
Continu-opnamen . . . . . . . . . . . . . . . . . 47
Continu-opnamen met hoge snelheid . . 47
D
Datacodering . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 48
Datum en tijd . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .22
Datum zoeken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .27
De camcorder aansluiten op een
computer . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .62
Diashow . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .28
Digitale effecten . . . . . . . . . . . . . . . . . . .51
Digitale video-invoer (DV-dubben) . . . .60
Digitale zoom . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .29
Direct afdrukken . . . . . . . . . . . . . . . . . .66
Direct overzenden . . . . . . . . . . . . . . . . .64
Draadloze afstandsbediening . . . . . . . .19
DV audio mode . . . . . . . . . . . . . . . . . . .31
DV recording mode . . . . . . . . . . . . . . . .30
E
Effecten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .51
Einde zoeken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .26
F
Faders . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .51
File numbers . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .31
Films afspelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .25
Flitser . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .49
Focus priority . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .30
Foto's afdrukken . . . . . . . . . . . . . . . . . .66
Foto's beveiligen . . . . . . . . . . . . . . . . . .53
Foto's maken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .24
Foto's overzenden . . . . . . . . . . . . . . . . .64
Foto's snel opzoeken . . . . . . . . . . . . . . .27
Foto's weergeven . . . . . . . . . . . . . . . . .27
Foto's wissen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .53
Foutberichten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .74
G
Geheugenkaart . . . . . . . . . . . . . . . .18, 78
Gelijktijdig opnamen maken op
de band en geheugenkaart . . . . . . . . .46
Groothoek . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .24
H
Handgreepriem . . . . . . . . . . . . . . . . . . .19
Handmatige instelling van de belichting 41
Hulpfuncties . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .43
I
Image stabilizer . . . . . . . . . . . . . . . . . . .30
Indexscherm . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .28
Indicator resterende bandtijd . . . . . . . . .14
Index
Algemene informatie
89
Aanvullende informatie
Ne
Initialisatie - Geheugenkaart . . . . . . . . 54
L
LCD-achtergrondverlichting . . . . . . . . . 20
LCD-scherm . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 19
Lichtmetingsstand . . . . . . . . . . . . . . . . 41
Lithiumknoopbatterij . . . . . . . . . . . . 19, 79
LP mode . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 30
M
MENU . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 20, 29
Menu FUNC. . . . . . . . . . . . . . . . . . 21, 36
miniSD-kaart . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 18
Minivideolamp . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 50
Mix balance . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 33
N
Nacht (SCN) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 38
ND-filter . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 85
Normal TV (4:3) . . . . . . . . . . . . . . . . . . 32
Nulstelgeheugen . . . . . . . . . . . . . . . . . 26
O
Onderhoud . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 81
Opnamegegevens . . . . . . . . . . . . . . . . 48
Opnameherinnering . . . . . . . . . . . . . . . 14
Opnameprogramma's . . . . . . . . . . . . . 38
Opnemen - Films . . . . . . . . . . . . . . . . . 23
Overzendopdracht . . . . . . . . . . . . . . . . 65
P
P (opnameprogramma) . . . . . . . . . . . . 39
Playback standard . . . . . . . . . . . . . . . . 32
Portret (SCN) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 38
Power save . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 35
Problemen oplossen . . . . . . . . . . . . . . 71
Programmakeuzeschakelaar . . . . . . . 38
R
RESET . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 71
Reviewing - Still images . . . . . . . . . . . . 31
S
SCART-adapter . . . . . . . . . . . . . . . . . . 56
Scherpstelling . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 42
Schouderriem . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 85
SCN - speciale scène
(opnameprogramma's) . . . . . . . . . . . . 40
Screen markers . . . . . . . . . . . . . . . . . . 34
Selecteren welke gegevens op het
scherm moeten worden weergegeven 48
Sensor voor afstandsbediening . . . . . 19
Serienummer . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 10
Sluitertijd . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 39
Sneeuw (SCN) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 38
SP mode . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 30
Sport (SCN) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 38
Spot AE kader . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 41
Spotlight (SCN) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 38
Statief . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 24
Strand (SCN) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 38
T
Taal . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 21
Tape recording standards - HDV/DV . . 30
Telepositie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 24
Tijdzone . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 22
Toets afdrukken/delen . . . . . . . . . . 64, 67
Tv (opnameprogramma) . . . . . . . . . . . . 39
U
USB-aansluitpunt . . . . . . . . . . . . . . . . . 62
V
Vergroten van het afspeelbeeld . . . . . . 28
Videocassettes . . . . . . . . . . . . . . . . 17, 78
Videokoppen reinigen . . . . . . . . . . . . . . 81
Volume . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 25
Vuurwerk (SCN) . . . . . . . . . . . . . . . . . . 38
X
Wide TV (16:9) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 32
Wind screen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 31
Witbalans . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 43
Z
Zelfontspanner . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 50
Zoeker - Oogcorrectieregelaar . . . . . . . 19
Zomertijd . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 22
Zonsondergang (SCN) . . . . . . . . . . . . . 38
Zoom . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 24
Zoom speed . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 29
Zoomsnelheid . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 25
HDV Camcorder
Gebruiksaanwijzing
Nederlands
PAL
Inleiding
Voorbereidingen
Basisfuncties
Geavanceerde
functies
Bewerkings-
functies
Een schijf
afspelen op
extern apparaat
Externe
aansluitingen
CANON INC.
Canon Europa N.V.
P.O. Box 2262
1180 EG Amstelveen
The Netherlands
Nederland:
Canon Nederland N.V.
Neptunusstraat 1
2132 JA Hoofddorp
Tel: 023-567 01 23
Fax: 023-567 01 24
www.canon.nl
België:
Canon België N.V./S.A.
Bessenveldstraat 7
1831 Diegem (Machelen)
Tel: (02)-7220411
Fax: (02)-7213274
© CANON INC. 2006 PRINTED IN THE EU
Dit is gedrukt op 70% gerecycled papier.
Aanvullende
informatie
Nederlands
Lees ook de hieronder genoemde gebruikshandleiding
(elektronische versie als PDF-bestand).
• Digital Video Software
Mini
Digital
Video
Cassette
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52
  • Page 53 53
  • Page 54 54
  • Page 55 55
  • Page 56 56
  • Page 57 57
  • Page 58 58
  • Page 59 59
  • Page 60 60
  • Page 61 61
  • Page 62 62
  • Page 63 63
  • Page 64 64
  • Page 65 65
  • Page 66 66
  • Page 67 67
  • Page 68 68
  • Page 69 69
  • Page 70 70
  • Page 71 71
  • Page 72 72
  • Page 73 73
  • Page 74 74
  • Page 75 75
  • Page 76 76
  • Page 77 77
  • Page 78 78
  • Page 79 79
  • Page 80 80
  • Page 81 81
  • Page 82 82
  • Page 83 83
  • Page 84 84
  • Page 85 85
  • Page 86 86
  • Page 87 87
  • Page 88 88
  • Page 89 89
  • Page 90 90

Canon HV10 Handleiding

Categorie
Camcorders
Type
Handleiding