Wacker Neuson GS12AI Handleiding

Categorie
Buitenverlichting
Type
Handleiding
www.wackergroup.com
Generator
GS 12Ai
BEDIENINGSHANDLEIDING
0157612nl 003
0407
0157612NL
GEVAAR
KOOLMONOXIDE
Een generator binnenshuis gebruiken KAN IN ENKELE
MINUTEN FATAAL ZIJN.
De uitlaatgassen van de generator bevatten koolmonoxide (CO). Dat is een
vergif dat u niet kunt zien of ruiken. Als u de uitlaatgassen van de generator kunt
ruiken, ademt u koolmonoxide in. Maar zelfs als u de uitlaatgassen niet kunt
ruiken, ademt u mogelijk toch koolmonoxide in.
Een generator mag NOOIT in huizen, garages, kruipruimtes of andere
gedeeltelijk besloten gebieden worden gebruikt. In deze ruimtes kunnen
zich dodelijke hoeveelheden koolmonoxide verzamelen. Een ventilator of
de vensters en deuren openen verschaft NIET voldoende frisse lucht.
Deze generator mag uitsluitend BUITENSHUIS en op aanzienlijke afstand
van ramen, deuren en ventilatieopeningen worden gebruikt. Die
openingen kunnen de uitlaatgassen van de generator naar binnen
trekken.
Zelfs wanneer u een generator op de juiste wijze gebruikt, kan koolmonoxide het
huis binnendringen. Gebruik ALTIJD een koolmonoxidealarm met batterij of
reservebatterij in het huis.
Als u zich ziek, duizelig of zwak begint te voelen nadat de generator enige tijd
gedraaid heeft, moet u ONMIDDELLIJK in de frisse lucht gaan. Raadpleeg een
arts. U kunt aan koolmonoxidevergiftiging lijden.
GS 12Ai Inhoudsopgave
wc_bo0157612003nlTOC.fm 3
1. Voorwoord 5
2. Informatie inzake veiligheid 6
2.1 Bedrijfsveiligheid .................................................................................. 7
2.2 Bedrijfsveiligheid motor ........................................................................ 9
2.3 Veiligheidsaspecten onderhoud ......................................................... 10
2.4 Plaats van labels ................................................................................ 11
2.5 Waarschuwings- en informatielabels .................................................. 12
3. Technische specificaties 15
3.1 Generator ........................................................................................... 15
3.2 Motor .................................................................................................. 16
3.3 Geluidsmeting .................................................................................... 17
3.4 Afmetingen ......................................................................................... 17
4. Bedrijf 18
4.1 Toepassing en vermogenseisen ........................................................ 18
4.2 Installatie binnen ................................................................................ 19
4.3 Installatie buiten ................................................................................. 20
4.4 Aarding van generator ........................................................................ 20
4.5 Aanbevolen accu ................................................................................ 20
4.6 Vermogensafname van generator ...................................................... 21
4.7 Gebruik van verlengsnoeren .............................................................. 22
4.8 Isolatiemonitor .................................................................................... 25
4.9 Bedieningspaneel ............................................................................... 26
4.10 Voor u begint ...................................................................................... 27
4.11 Starten ................................................................................................ 27
4.12 Stoppen .............................................................................................. 28
Inhoudsopgave GS 12Ai
wc_bo0157612003nlTOC.fm 4
5. Onderhoud 29
5.1 Onderhoud motor ................................................................................29
5.2 Onderhoudsschema ............................................................................29
5.3 Motorolie ..............................................................................................30
5.4 Luchtfilter .............................................................................................31
5.5 Bougie .................................................................................................32
5.6 Brandstoffilter ......................................................................................33
5.7 Toerental motor ...................................................................................33
5.8 Opslag .................................................................................................34
5.9 Transport .............................................................................................34
5.10 Storingen .............................................................................................35
5.11 Farvetabel ...........................................................................................35
5.12 Bedradingsschema motor ...................................................................36
5.13 Bedradingsschema van generator - Schuko, Frans ............................37
5.14 Bedradingsschema van generator - CEE ............................................38
5.15 Bedradingsschema van generator - Zwitsers ......................................39
Voorwoord
5
1. Voorwoord
Deze handleiding geeft informatie en procedures om dit Wacker-
model veilig te gebruiken en te onderhouden. Voor uw eigen veiligheid
en bescherming tegen letsel de in deze handleiding beschreven
veiligheidsaanwijzingen zorgvuldig lezen, begrijpen en nakomen.
Houd deze handleiding of een kopie ervan bij de machine. Mocht u
deze handleiding kwijtraken of een extra exemplaar willen hebben,
neem dan contact op met Wacker Corporation. Deze machine is
gebouwd met de veiligheid van de gebruiker in gedachten; de machine
kan echter gevaar opleveren wanneer deze niet op de juiste manier
gebruikt en onderhouden wordt. Volg de bedieningsaanwijzingen
zorgvuldig! Mocht u vragen hebben over het gebruik of onderhoud van
deze installatie, neem dan contact op met Wacker Corporation.
De informatie in deze handleiding is gebaseerd op machines in
productie ten tijde van de publicatie. Wacker Corporation behoudt zich
het recht voor welk deel dan ook van deze informatie zonder
voorafgaande kennisgeving te wijzigen.
Alle rechten, in het bijzonder kopieer- en distributierechten, zijn
voorbehouden.
Copyright 2007 Wacker Corporation.
Geen enkel deel van deze uitgave mag in welke vorm of op welke
manier dan ook, hetzij elektronisch of mechanisch, waaronder
fotokopiëren, worden vermenigvuldigd zonder de uitdrukkelijke
schriftelijke toestemming van Wacker Corporation.
Elke soort vermenigvuldiging of distributie die niet door Wacker
Corporation is goedgekeurd, is een inbreuk op geldige auteursrechten
en zal worden vervolgd. Wij behouden ons uitdrukkelijk het recht voor
technische wijzigingen aan te brengen, zelfs zonder voorafgaande
kennisgeving, die het doel hebben onze machines en de
veiligheidsnormen ervan te verbeteren.
Informatie inzake veiligheid GS 12Ai
wc_si000110nl.fm 6
2. Informatie inzake veiligheid
Deze handleiding bevat vermeldingen voorafgegaan door GEVAAR,
WAARSCHUWING, VOORZICHTIG , AANDACHT en N.B., die
moeten worden opgevolgd om de kans op lichamelijk letsel,
beschadiging van de machine of verkeerd onderhoud te beperken.
Dit is het waarschuwingssymbool. Het wordt gebruikt om te wijzen op
mogelijk gevaar voor lichamelijk letsel. Volg alle
veiligheidsaanwijzingen na dit symbool op om mogelijk letsel of fataal
letsel te voorkomen.
GEVAAR duidt op een gevaarlijke situatie die, indien niet vermeden,
zal resulteren in de dood of een ernstig letsel.
WAARSCHUWING duidt op een gevaarlijke situatie die, indien niet
vermeden, kan resulteren in de dood of een ernstig letsel.
VOORZICHTIG duidt op een gevaarlijke situatie die, indien niet
vermeden, kan resulteren in een klein of licht letsel.
AANDACHT: gebruikt zonder het veiligheidssymbool, duidt
AANDACHT op een gevaarlijke situatie die, indien niet vermeden, kan
resulteren in materiële schade.
GEVAAR
WAARSCHUWING
VOORZICHTIG
GS 12Ai Informatie inzake veiligheid
wc_si000110nl.fm 7
2.1 Bedrijfsveiligheid
TERUGKOPPELING VAN DE GENERATOR NAAR HET
OPENBARE NET KAN TOT ERNSTIGE OF FATALE
VERWONDINGEN VAN NUTSBEDRIJFSWERKERS LEIDEN!
Door de generator verkeerd op het elektricteitssysteem van een
gebouw aan te sluiten, kan door terugkoppeling elektriciteit van de
generator naar de netleidingen stromen. Dit kan leiden tot de
elektrocutie van nutsbedrijfswerkers, brand of explosie. Aansluitingen
op het elektriciteitssysteem van een gebouw moeten door een
bevoegde elektromonteur worden uitgevoerd en aan alle toepasselijke
wetten en elektriciteitsvoorschriften voldoen.
Wanneer de generator op het elektriciteitssysteem van een gebouw is
aangesloten, moet de generator aan de vermogens-, spannings- en
frequentie-eisen van de apparatuur in dat gebouw voldoen. Er kunnen
verschillen in de vermogens-, spannings- of frequentie-eisen zijn en
een incorrecte aansluiting kan tot beschadiging van de apparatuur,
brand en ernstige of zelfs fatale verwondingen leiden.
Een adequate opleiding en bekendheid met de machine zijn
noodzakelijk voor het veilig bedienen ervan. Verkeerd gebruik van de
machine of gebruik door ongeschoold personeel kan gevaar
opleveren. Lees de gebruiksvoorschriften en zorg dat u vertrouwd bent
met de bediening en plaats van alle instrumenten en knoppen.
Onervaren gebruikers dienen te worden opgeleid door iemand die
vertrouwd is met de apparatuur voordat zij de machine mogen
bedienen.
2.1.1 Gebruik de generator NOOIT in de nabijheid van open vaten die
brandstof, verf of andere ontvlambare vloeistoffen bevatten.
2.1.2 Bedien de generator of het op de generator aangesloten gereedschap
NOOIT met natte handen.
2.1.3 Gebruik NOOIT versleten stroomsnoeren. Dit kan leiden tot
elektrische schok of beschadiging aan de apparatuur.
2.1.4 Laat NOOIT stroomsnoeren onder de generator of over trillende of
hete onderdelen lopen.
2.1.5 Omsluit of bedek de generator NOOIT wanneer hij in gebruik of heet is.
2.1.6 Overbelast de generator NOOIT. De totale stroomsterkte van het
gereedschap en de apparatuur die op de generator zijn aangesloten,
mag de nominale belasting van de generator niet overschrijden.
2.1.7 Gebruik de machine NOOIT in sneeuw, regen of staand water.
2.1.8 Laat de generator NOOIT door ongeschoold personeel bedienen of
onderhouden. Iedereen moet weten hoe de generator bediend of
uitgezet moet worden voordat de generator wordt gestart.
GEVAAR
WAARSCHUWING
Informatie inzake veiligheid GS 12Ai
wc_si000110nl.fm 8
2.1.9 Sluit generatoren NOOIT in parallel aan op isolatiemonitors. Dit tast de
werking van de isolatiemonitor aan.
2.1.10 De machine ALTIJD op de juiste wijze opslaan wanneer u deze niet
gebruikt. De machine dient op een schone, droge plaats en buiten het
bereik van kinderen te worden opgeslagen.
2.1.11 Plaats en gebruik de machine ALTIJD op een vast, niet-ontvlambaar,
vlak oppervlak.
2.1.12 Vervoer de generator ALTIJD rechtop.
2.1.13 Houd de machine tijdens het gebruik ALTIJD op een afstand van
minstens één meter van constructies, gebouwen en andere
apparatuur.
2.1.14 ALTIJD het gebied direct rond en onder de machine zuiver en schoon
houden en vrij van afval en brandbare materialen. Zorg ervoor dat het
gebied boven de machine vrij is van afval die op of in de machine of
het uitlaatcompartiment zou kunnen vallen.
2.1.15 Verwijder ALTIJD alle gereedschap, snoeren en andere losse
voorwerpen van de generator voordat hij wordt gestart.
GS 12Ai Informatie inzake veiligheid
wc_si000110nl.fm 9
2.2 Bedrijfsveiligheid motor
Er zijn altijd risico's verbonden aan de bediening en
brandstofvoorziening van verbrandingsmotoren. Het niet in acht
nemen van de onderstaande veiligheidsvoorschriften kan leiden tot
ernstige of fatale verwondingen.
2.2.1 Laat de machine NIET binnenshuis draaien of in een ingesloten ruimte
zoals een diepe greppel, tenzij voor afdoende ventilatie via
hulpstukken zoals afzuigventilatoren of -slangen is gezorgd. Uitlaatgas
van de motor bevat giftig koolmonoxidegas. Blootstelling aan
koolmonoxidegas kan tot bewusteloosheid en zelfs dood leiden.
2.2.2 NIET roken tijdens het bedienen van de machine.
2.2.3 NIET ROKEN wanneer u de benzinetank vult.
2.2.4 NIET TANKEN wanneer de motor warm is of draait.
2.2.5 NIET TANKEN in de nabijheid van open vuur.
2.2.6 NIET morsen bij het vullen van de tank.
2.2.7 De motor NIET laten draaien in de nabijheid van open vuur.
2.2.8 Start de motor NIET als brandstof is gemorst of een brandstofluchtje
aanwezig is. Breng de generator op veilige afstand van de gemorste
brandstof en veeg de generator droog voordat hij wordt gestart.
2.2.9 De tank ALTIJD in een goed geventileerde omgeving vullen.
2.2.10 Na het tanken ALTIJD de benzinedop terugplaatsen.
2.2.11 ALTIJD de brandstofleidingen, brandstofdop en brandstoftank op
lekken en scheuren controleren voordat u de motor start. De machine
niet inschakelen als er brandstoflekken zijn of de brandstofdop of
brandstofleidingen loszitten.
GEVAAR
Informatie inzake veiligheid GS 12Ai
wc_si000110nl.fm 10
2.3 Veiligheidsaspecten onderhoud
Slecht onderhouden apparatuur kan een bron van gevaar vormen!
Voor een veilige en juiste bediening van apparatuur op lange termijn
zijn periodiek onderhoud en een enkele reparatie vereist. Als de
generator storingen vertoont of er onderhoud aan wordt uitgevoerd,
moet een bordje "NIET STARTEN" aan het bedieningspaneel worden
bevestigd om andere mensen op deze conditie attent te maken.
2.3.1 Gebruik GEEN benzine of andere types brandstoffen of brandbare
oplossingen om onderdelen te reinigen, vooral niet in gesloten ruimtes.
Dampen van brandstoffen en oplossingen kunnen ontplofbaar worden.
2.3.2 De machine NIET gebruiken met veiligheidsinrichtingen of -schermen
verwijderd of niet in goede staat.
2.3.3 Voer NOOIT wijzigingen aan de apparatuur uit zonder speciale
schriftelijke toestemming van Wacker Corporation.
2.3.4 Laat NOOIT water rond het onderstel van het generatoraggregaat
verzamelen. Als water aanwezig is, dient u de generator te
verplaatsten en te laten drogen voordat u er onderhoud aan uitvoert.
2.3.5 Voer NOOIT onderhoud aan de generator uit als uw kleding of huid nat
is.
2.3.6 Laat NOOIT onderhoud aan deze apparatuur uitvoeren door
ongeschoold personeel. Alleen geschoolde elektromonteurs mogen
onderhoud aan de elektrische onderdelen van deze apparatuur
uitvoeren.
2.3.7 Houd de machine ALTIJD schoon en de labels goed leesbaar.
Vervang alle ontbrekende of slecht leesbare labels. Labels
verschaffen belangrijke bedieningsinstructies en waarschuwen tegen
gevaren en risico’s.
2.3.8 Na reparatie of onderhoud de veiligheidsvoorzieningen en
beschermkappen ALTIJD terugplaatsen.
2.3.9 Laat de motor ALTIJD afkoelen voordat hij wordt vervoerd of er
onderhoud aan wordt uitgevoerd.
2.3.10 Wees ALTIJD op uw hoede voor bewegende onderdelen en houd uw
handen, voeten en losse kleding weg van de bewegende onderdelen
van de generator en de motor.
2.3.11 Schakel de motor ALTIJD uit voordat u onderhoud aan de machine
uitvoert. Koppel de minpool van de accu los als de motor van een
elektrisch startmechanisme is voorzien.
2.3.12 Houd de brandstofleidingen ALTIJD in goede staat en correct
aangesloten. Lekkende brandstof en dampen zijn uiterst explosief.
WAARSCHUWING
GS 12Ai Informatie inzake veiligheid
wc_si000110nl.fm 11
2.4 Plaats van labels
2 -
#
# $
Informatie inzake veiligheid GS 12Ai
wc_si000110nl.fm 12
2.5 Waarschuwings- en informatielabels
Op Wacker-machines zijn waar nodig labels met internationale
symbolen aangebracht. Deze labels worden hieronder beschreven:
Label Betekenis
GEVAAR!
Motoren geven koolmonoxide af; uitsluitend in
een goed geventileerde ruimte gebruiken. De
bedieningshandleiding lezen.
Geen vonken, vlammen of brandende voorw-
erpen in de buurt van de machine. De motor
uitschakelen alvorens bij te tanken.
WAARSCHUWING!
Heet oppervlak!
VOORZICHTIG!
De meegeleverde handleiding lezen en begr-
ijpen alvorens deze machine te gebruiken.
Nalaten dit te doen verhoogt het risico dat u of
anderen letsel oplopen.
Eventueel Aarden - De kabel van de aard-
ingsstok hier aansluiten.
Gegarandeerd geluidskrachtniveau in dB(A).
VOORZICHTIG!
Hijspunt
2 -
#
#
$
GS 12Ai Informatie inzake veiligheid
wc_si000110nl.fm 13
Wanneer de TEST-knop aanstaat, is de isolati-
emonitor afgegaan. Stop de motor. Raadpleeg
de handleiding voor meer informatie.
Open hoofdschakelaar.
Controleer het brandstofpeil.
Open brandstofklep.
Sluit choke.
Draai de motorsleutelknop naar “ON”.
Trek aan de starter of draai de motorsleutel-
knop om de starter aan te zwengelen.
Open choke.
Label Betekenis
Informatie inzake veiligheid GS 12Ai
wc_si000110nl.fm 14
Open hoofdschakelaar.
Draai de motorsleutelknop naar “OFF”.
Draai de brandstofklep naar de “gesloten”
stand.
WAARSCHUWING!
Risico van elektrische schok. Lees de bedien-
ingshandleiding voor instructies.
Een naamplaatje met het modelnummer,
artikelnummer, revisie- en serienummer is aan
elk apparaat bevestigd. Maak een aanteken-
ing van de informatie op dit plaatje zodat u dit
bij de hand hebt als het naamplaatje verloren
raakt of beschadigd wordt. Als u onderdelen
bestelt of onderhoudsinformatie vraagt, wordt
u altijd gevraagd om het model, artikelnum-
mer, revisienummer en serienummer van het
apparaat op te geven.
Label Betekenis
GS 12Ai Technische specificaties
wc_td000110nl.fm 15
3. Technische specificaties
3.1 Generator
Artikelnummer
GS 12Ai
0009108
Generator
Afgifte
3ø kVA (kW)
1ø kVA
12
6
Type Dubbel voltage, borstelsysteem
Beschikbare wisselspan-
ning
Volt / fase
400 / 3ø
230 / 1ø
Frequentie
Hz
50
Vermogensfactor 400 VAC 3ø
230 VAC 1ø
0,8
1,0
Gelijkstroomcontactdozen:
400 V
230 V
aantal / A
1 / 16
3 / 16
Hoofdschakelaar
A
16 (4-pole)
Gewicht (droog)
Kg
144
Technische specificaties GS 12Ai
wc_td000110nl.fm 16
3.2 Motor
Artikelnummer
GS 12Ai
0009108
Motor
Fabrikant Honda
Type motor GX 620 K1 VXE2
Nominaal vermogen
kW
13,4
Bougie
type
NGK: ZGR5A, DENSO: J16CR-U
Elektrodenafstand
mm
0,7 - 0,8
Bedrijfstoerental - vollast
tpm
3000 ± 100
Bedrijfstoerental -
onbelast
tpm
3100 ± 100
Luchtfilter
type
Dubbel element
Batterij
Volt/Amp-
uur.
12 / 35
Motorsmering
oliekwaliteit
klasse
SAE 10W30
SG of SF
Inhoud motorcarter
liter
1,8
Brandstof
type
Normale loodvrije benzine
Inhoud brandstoftank
liter
28
Verbruik
liter/uur
5,9
Bedrijfstijd
uren
4,8
Klepspeling (koud)
mm
Inlaat: 0,15
Uitlaat: 0,20
GS 12Ai Technische specificaties
wc_td000110nl.fm 17
3.3 Geluidsmeting
De vereiste geluidspecificatie in Paragraaf 1.7.4.f van de
Machinerieën Wijzer 89/392/EEC, is:
gegarandeerd geluidskrachtniveau (L
WA
) = 99 dB(A).
Deze geluidswaarden werden vastgesteld volgens ISO 3744 voor de
geluidsdruk (L
WA
).
3.4 Afmetingen
mm (in.)
Bedrijf GS 12Ai
wc_tx000280nl.fm 18
4. Bedrijf
4.1 Toepassing en vermogenseisen
Deze generator werkt met éénfasige 50 Hz apparaten, die op 230 VAC
draaien en met driefasig 50 Hz apparaten, die op 400 VAC draaien. De
éénfasige en de driefasige kant van de generator kunnen tegelijkertijd
worden gebruikt.
AANDACHT: De vermogensafgifte van de generator niet
overschrijden. Dit kan tot beschadiging van het gereedschap of de
generator leiden. Raadpleeg Technische specificaties.
Raadpleeg het fabrikantenplaatje of label op de gereedschappen of
apparaten om zeker te zijn dat de vermogensafgifte van de generator
aan de vermogenseisen voldoet. Als voor een bepaald gereedschap
of apparaat geen wattage wordt gegeven, dient u contact met de
fabrikant van het gereedschap op te nemen voor de vereiste wattage.
Sommige apparaten en gereedschappen hebben extra stroom nodig
bij het opstarten. Dit betekent dat de hoeveelheid stroom die nodig is
om de apparatuur op te starten, groter is dan de hoeveelheid die nodig
is om de apparatuur te laten draaien. De generator moet in staat zijn
de "extra" stroom te leveren. Voor andere soorten apparaten is meer
stroom vereist dan op de fabrikantenplaatjes staat vermeld.
“Algemene eisen voor startvermogen” dient uitsluitend als leidraad om
u te helpen de vermogenseisen van verscheidene soorten apparaten
te bepalen. Als u vragen hebt over vermogenseisen dient u de
dichtstbijzijnde Wacker dealer te raadplegen of contact op te nemen
met de fabrikant of dealer van het gereedschap of apparaat.
AANDACHT: De nominale stroomlimiet van een contactdoos NIET
overschrijden.
AANDACHT: Als een gereedschap of apparaat na het inschakelen
niet binnen enkele seconden op volle toeren draait, moet u het
onmiddellijk uitschakelen om beschadiging te voorkomen.
Algemene eisen voor startvermogen
Gloeilampen en apparaten als strijkijzers en kookplaten met een
weerstandsverwarmingselement, hebben het op het kenplaatje ver-
melde warrage nodig.
Voor TL- en kwiklampen is 1,2 tot 2 maal meer wattage vereist om te
starten dan de vermelde wattage.
Voor elektromotoren en allerlei soorten elektrisch gereedschap is
vaak een hoge startstroom vereist. De hoeveelheid startstroom hangt
af van het type motor en het gebruik ervan.
GS 12Ai Bedrijf
wc_tx000280nl.fm 19
Voor de meeste soorten elektrisch gereedschap is 1,2 tot 3 maal
meer wattage vereist om te draaien dan de vermelde wattage.
Onderwaterpompen en luchtcompressoren eisen deze heel veel ver-
mogen om te starten. Dit betekent dat 3 tot 5 maal de wattage op het
fabrikantenplaatje nodig is om te starten.
Indien het wattage voor een specifiekgereedschap of apparaat niet is
opgegeven, kan het worden berekend door de spannings- en
amperagevereisten te vermenigvuldigen:
Eenfasig: VOLT x AMP = WATT
Driefasig: VOLT x AMP x 1,732 x 0,8 = WATT
4.2 Installatie binnen
Als de generator binnenshuis wordt geïnstalleerd, moet voor afdoende
ventilatie of afzuigslangen worden gezorgd. Wanneer u uitlaatdampen
afzuigt, moet u ervoor zorgen dat de afzuigbuis voldoende groot is om
overmatige tegendruk op de motor te voorkomen. Tegendruk
vermindert de prestaties van de motor en kan tot oververhitting ervan
leiden.
De uitlaatgassen van de motor bevatten giftig koolmonoxidegas;
blootstelling aan koolmonoxidegas kan tot bewusteloosheid en zelfs
de dood leiden. Laat de generator nooit binnenshuis of in een gesloten
ruimte draaien tenzij voor afdoende ventilatie via hulpstukken zoals
afzuigventilatoren of -slangen is gezorgd.
Bij installatie binnenshuis moeten maatregelen tegen brand en
explosie worden getroffen, bijvoorbeeld door voor goede aarding in de
grond te zorgen, alle ontvlambare materialen uit de buurt van de
generator te houden en uitsluitend elektriciteitskabels die in goede
staat verkeren, te gebruiken. Zie Bedrijfsveiligheid.
GEVAAR
Bedrijf GS 12Ai
wc_tx000280nl.fm 20
4.3 Installatie buiten
Installeer de generator op een plaats waar hij niet aan regen, sneeuw
of direct zonlicht wordt blootgesteld. Zorg ervoor dat de generator op
een stevig en vlak stuk grond staat, zodat hij niet kan wegglijden of
verschuiven. Richt de motoruitlaat weg van plaatsen waar zich
mensen kunnen bevinden.
Als de generator in een tunnel of een diepe greppel wordt gebruikt,
moet voor afdoende ventilatie worden gezorgd. Soms moeten
dezelfde voorzorgsmaatregelen worden getroffen als bij bedrijf
binnenshuis.
De omgeving moet vrij zijn van water en vocht. Alle onderdelen
moeten worden beschermd tegen overmatig vocht.
4.4 Aarding van generator
Deze machine is uitgerust met een isolatiemonitor voor uw
persoonlijke bescherming. Sluit onder normale
bedrijfsomstandigheden de PE-schroef van het frame niet aan op de
aarde. Raadpleeg de lokale regelgeving als de machine wordt
gebruikt om een gebouw of gelijksoortig distributiesysteem van stroom
te voorzien.
4.5 Aanbevolen accu
Deze generator wordt zonder accu verstuurd. De aanbevolen accu is:
Voltage 12V / 35 Amp-uur.
Vermogen 230 koudstart Amps
GS 12Ai Bedrijf
wc_tx000280nl.fm 21
4.6 Vermogensafname van generator
Het vermogen van alle generatoren kan verminderen tengevolge van
de hoogte boven zeeniveau en de temperatuur. Als ze niet gewijzigd
zijn, zullen inwendige verbrandingsmotoren minder efficiënt op grotere
hoogte draaien tengevolge van het gebrek aan luchtdruk. Dit leidt tot
een gebrek aan vermogen en dus tot een lagere vermogensafgifte van
de generator. De temperatuur beïnvloedt de prestaties van zowel de
motor als de generator. Naarmate de temperatuur stijgt, draait de
motor minder efficiënt en ontstaat een grotere weerstand in de
elektrische onderdelen. Dit betekent dus dat de vermogensafgifte van
de generator vermindert naarmate de temperatuur stijgt. De hoogte
beïnvloedt ook het koelvermogen van de lucht - naarmate de hoogte
boven zeeniveau groter is, vermindert de dichtheid van de lucht en
daardoor ook de warmteoverdracht.
Bij elke toename in hoogte met 500 m boven de 1 000 m, vermindert
de vermogensafgifte van de generator met 3%. Bij elke stijging van de
omgevingstemperatuur met 5° C boven de 40° C, vermindert de
vermogensafgifte van de generator met 3%. Raadpleeg de tabellen
voor de afnamefactoren voor hoogte en temperatuur. In bepaalde
gevallen moet men rekening houden met de afnamefactoren voor
zowel de hoogte als de omgevingstemperatuur om de werkelijke
generatorafgifte te bepalen.
Omgevingstemp.
°C
Afname Factor
45 3 % 0,97
50 6 % 0,94
55 9 % 0,91
60 12 % 0,88
Hoogte
m
Afname Factor
1500 3 % 0,97
2000 6 % 0,94
2500 9 % 0,91
3000 12 % 0,88
3500 15 % 0,85
4000 18 % 0,82
Bedrijf GS 12Ai
wc_tx000280nl.fm 22
4.7 Gebruik van verlengsnoeren
Wanneer een lang verlengsnoer wordt gebruikt om een apparaat of
gereedschap op de generator aan te sluiten, treedt een
spanningsverlies op - hoe langer het snoer, des te groter het
spanningsverlies. Het gevolg is dat er minder spanning aan het
apparaat of gereedschap wordt geleverd en dat er meer stroom wordt
afgenomen of dat de prestatie vermindert. Een snoer met een grotere
doorsnede zal het vermogensverlies beperken.
AANDACHT: Apparatuur die op lage spanning draait, kan oververhit
raken.
Gebruik alleen sterke, met rubber beklede kabel die aan IEC 245-4
voldoet.
Beschadigde snoeren kunnen elektrische schok veroorzaken.
Elektrische schok kan tot ernstige of fatale verwondingen leiden.
Gebruik GEEN versleten, blote of gerafelde snoeren. Vervang
beschadigde snoeren onmiddellijk.
Respecteer de specificaties van het verlengsnoer.
Neem contact op met de fabrikant bij twijfel.
Kies de snoermaat op basis van de Tabel minimale
verlengsnoermaten of bereken de minimale snoermaat met behulp
van de Grafiek minimale verlengsnoermaten. De x-as in de grafiek
staat voor A x m (ampère x meter). De y-as staat voor de snoermaat
in mm
2
. Vermenigvuldig de werkspanning voor de belasting in ampère
(A) met de gewenste lengte van het verlengsnoer in meter (m). Zoek
het resultaat op langs de x-as. Schuif omhoog in de grafiek tot u de
toepasselijke aflopende lijn voor uw toepassing vindt. Schuif naar de
y-as; dit is de aanbevolen minimale snoermaat.
Voorbeeld
Voor een 3-fasige 400V toepassing: indien de werkspanning voor de
belasting 15 A bedraagt en de gewenste snoerlengte 100 m is, dan:
15 A x 100 m = 1500 A x m.
1500 A x m = 2,5 mm
2
.
WAARSCHUWING
GS 12Ai Bedrijf
wc_tx000280nl.fm 23
Minimumdoorsnede van verlengsnoeren 230V
Minimumdoorsnede van verlengsnoeren 400V
Volt Totale lengte van snoer in meter
230 V 0 - 30 30 - 60
Nomimale A
Doorsnede van snoer in mm
2
20,75 1,5
41,5 2,5
61,5 4
82,5 4
10 2,5 6
15 4 10
20 6 10
25 6 16
30 10 16
400 V
Amp
Toelaatbaar
vermogen
Diameter
van kabel, mm
2
Maximum
Zekering
15 1 10
18 1,5 10
26 2,5 20
34 4 25
44 6 35
61 10 50
82 16 63
108 25 80
Bedrijf GS 12Ai
wc_tx000280nl.fm 24
10
6
4
2.5
1.5
0
1000
2000
3000 4000 5000
6000
A x m
mm
2
16
25
1
~
2
3
0
V
5
0
H
z
3
~
4
0
0
V
5
0
H
z
GS 12Ai Bedrijf
wc_tx000280nl.fm 25
4.8 Isolatiemonitor
Zie afbeelding: wc_gr000274
De generator is uitgerust met een isolatiemonitor. Deze bestaat uit een
sensor (a), een TEST-knop met licht (b), een relais (c), en een
onderbrekercontact voor elke fase en de aarde (d1-d4). Het relais en
de onderbrekercontacten zijn mechanisch op elkaar afgestemd en
functioneren als de hoofdonderbreker. De isolatiemonitor beschermt
de operator tegen een aardestoring door veranderingen in de
weerstand te meten, zoals bijvoorbeeld bij een kortsluiting. Wanneer
de isolatiemonitor een verandering in de weerstand detecteert, licht de
TEST-knop op en gaat het relais open, waardoor de hoofdonderbreker
mechanisch wordt geactiveerd. U kunt de isolatiemonitor niet
resetten terwijl de generator aanstaat. Voordat u de
hoofdonderbreker kunt sluiten, moet u de generator uitzetten, de fout
herstellen en de generator opnieuw opstarten.
De isolatiemonitor testen:
Start de generator. Zet de hoofdonderbreker in de gesloten positie
(e1). Druk op de TEST-knop (b). De TEST-knop licht op en de
hoofdonderbreker schakelt automatisch naar de open positie (e2). De
stroomtoevoer naar de contactpunten is nu uit. Als het
onderbrekingscontact niet open gaat, werkt de isolatiemonitor niet.
Gebruik de generator niet totdat het probleem is opgelost. Om de
stroomtoevoer naar de contactpunten te herstellen, zet u de generator
uit en weer aan en zet u de onderbreker in de gesloten positie (e1).
De hoofdonderbreker werkt op basis van stroom en onderbreekt de
stroom naar de contactpunten bij een te hoge overspanning.
Als de hendel van de onderbreker zich opent tijdens het functioneren,
stopt u de generator en controleert u de generator en aangedreven
apparatuur op defecten. Repareer alle defecten voordat u de
generator weer gebruikt.
a
b
c
d1
d2
d3
d4
e1
e2
wc_gr000274
Bedrijf GS 12Ai
wc_tx000280nl.fm 26
4.9 Bedieningspaneel
Zie afbeelding: wc_gr000273, wc_gr001082
De generator wordt beschermd door een 16-amps onderbreker (a), die
zich op het bedieningspaneel bevindt.
De onderbreker beschermt de generator tegen hoge overbelastingen
en kortsluitingen. Als de onderbreker wordt geactiveerd, zet u de motor
direct uit en controleert u de oorzaak voordat u de generator opnieuw
opstart. Controleer de apparatuur en machines, die op de generator
zijn aangesloten, op defecten en controleer dat de stroomvereisten
niet hoger zijn dan het vermogen van de generator of de maximale
capaciteit van de contactpunten.
Wanneer de onderbreker wordt geactiveert, klapt de hendel naar
beneden. Om de onderbreker te resetten, trekt u de hendel omhoog.
Afhankelijk van het model heeft de generator het volgende type
contactpunten:
Schuko (c1): Twee 230-volts, IP44 (c), één 230-volts, IP44 CE (d) en
één 400-volts, 3-fasige 5-pins contactpunt CE (b).
CEE (c2): Drie 250-volts (c, d) en één 400-volts 5-pins contactpunt CE
(b).
Zwitsers (c3): Twee 230-volts, IPx4 (c), één 230-volts CE (d) en één
500-volts 5-pins contactpunt CE (b).
Frans (c4): Twee 250-volts, IP44 (c), één 230-volts CE (d) en één 400-
volts 5-pins contactpunt CE (b).
N.B.: In de vergrotingen van contactpunten zijn de beschermende
hoezen uitsluitend weggelaten voor identificatiedoeleinden. Verwijder
nooit de beschermende hoezen.
c1
c4
c3
c2
wc_gr001082
GS 12Ai Bedrijf
wc_tx000280nl.fm 27
4.10 Voor u begint
4.10.1 De veiligheids- en bedieningsinstructies aan het begin van deze
handleiding lezen en zorgen dat u ze begrijpt.
4.10.2 Alle waarschuwings- en bedieningslabels lezen en zorgen dat u ze
begrijpt.
4.10.3 Zorg ervoor dat er een accu werd geïnstalleerd. Zie Aanbevolen accu.
4.10.4 Het volgende controleren:
oliepeil van motor.
brandstofpeil.
conditie van luchtfilter.
of alle bevestigingsmiddelen aan.
buitenzijde vast zitten.
conditie van brandstofleidingen.
4.11 Starten
Zie afbeelding: wc_gr001256, wc_gr000274
4.11.1 Koppel alle apparatuur los en zet de hoofdonderbreker in de open
positie (e2).
4.11.2 Open de brandstofafsluiter.
4.11.3 Als de motor koud is, zet u de choke-hendel in de gesloten positie (a1).
Als de motor warm is, zet u de choke in de open positie (a2).
4.11.4 Draai de sleutelknop naar de startpositie (b3) en houd hem vast tot de
motor start.
AANDACHT: Probeer de motor niet langer te starten dan 15 seconden
achter elkaar. Langdurige startpogingen kunnen de startmotor
beschadigen.
Om de motor handmatig te starten: Draai de sleutelknop naar de aan
positie (b2). Trek snel aan het startkoord om de motor te starten.
Laat de sleutel in de aan positie (b2) terwijl de motor loopt.
N.B.: Draai de sleutelknop naar de OFF (UIT) positie wanneer de
motor niet loopt. Als u de sleutel in de ON (AAN) positie laat staan
terwijl de motor niet loopt, loopt de accu leeg.
N.B.: Hoewel de motor manueel zal starten en blijven draaien zonder
een accu, zal hij slechts stationair draaien en de generator zal niet
laden, omdat het voor de regulateur nodig is dat er een accu is
aangesloten. Zie “Aanbevolen accu”.
Bedrijf GS 12Ai
wc_tx000280nl.fm 28
N.B.: De motor is uitgerust met een beschermingssysteem bij een laag
olieniveau. In dit geval start de motor niet. Controleer het olieniveau als
de motor niet wil starten.
4.11.5 Zet de choke open naarmate de motor opwarmt (a2).
4.11.6 Zet de hoofdonderbreker in de gesloten positie (e1). Laat de motor een
paar minuten opwarmen voordat u apparatuur aansluit. Controleer op
de GS 12Ai-modellen of de isolatiemonitor goed functioneert.
Raadpleeg de paragraaf Isolatiemonitor.
4.12 Stoppen
Zie afbeelding: wc_gr001256, wc_gr000274
4.12.1 Alle op de generator aangesloten gereedschappen en apparaten
uitschakelen en loskoppelen.
4.12.2 De hoofdschakelaar in de open stand zetten (e2).
4.12.3 Op motoren met repeteerstarter de motorschakelaar naar "OFF" (UIT)
draaien (b1).
4.12.4 Doe de brandstofklep dicht.
N.B.: Om de motor in een noodgeval snel uit te zetten, de
motorschakelaar naar "OFF" (UIT) draaien.
wc_gr001256
a1
a2
a
b
b1
b2
b3
GS 12Ai Onderhoud
wc_tx000281nl.fm 29
5. Onderhoud
5.1 Onderhoud motor
Onderstaande tabel is een opgave van het basisonderhoud van de
motor. Zie de bedieningshandleiding van de fabrikant van de motor
voor meer informatie over het onderhoud van de motor.
5.2 Onderhoudsschema
* Vaker uitvoeren in stoffige omstandigheden.
Dagelijk
s voor u
begint
Na de
eerste
20 uur
Elke 50
urr
Elke 100
urr
Jaar-
lijks of
om de
300 uur
Brandstofpeil controleren.
Motoroliepeil controleren.
Brandstofleidingen inspecteren.
Luchtfilter inspecteren. Zo nodig ver-
vangen.*

Externe sluitingen controleren.
Motorolie verversen.*

Luchtfilterelementen reinigen.*
Controleer ophangingspunten op
schade. Zo nodig vervangen.
Filterbeker reinigen.

Replace oil filter.*
Klepspeling controleren en bijstellen.*
In-line brandstoffilter vervangen.*
Onderhoud GS 12Ai
wc_tx000281nl.fm 30
5.3 Motorolie
Zie afbeelding: wc_gr000155
Olie aftappen terwijl de motor nog warm is.
5.3.1 Olievuldop (a) en aftapplug (b) verwijderen om olie af te tappen.
N.B.: In het belang van milieubescherming een plastic doek en
opvangbak onder de machine plaatsen om eventueel weglopende
vloeistof op te vangen. Deze vloeistof in overeenstemming met
milieuvoorschriften verwijderen.
5.3.2 Aftapplug terugplaatsen en goed vastdraaien.
5.3.3 Vul het carter van de motor via de oliefilteropening tot het bovenste
merkteken op de peilstok (c). Zie de Technische specificaties voor de
oliekwaliteit en het type.
5.3.4 Plaats de olievuldop en peiler stevig.
5.3.5 Om de oliefilter te vervangen, verwijdert u de oude filter nadat de olie
is afgetapt. Breng een dunne laag olie aan op de rubberring van de
nieuwe oliefilter. Schroef de filter vast tot net tegen de filteradapter en
draai dan nog 22,24mm verder Vul de olie bij zoals hierboven
omschreven.
a
b
c
GS 12Ai Onderhoud
wc_tx000281nl.fm 31
5.4 Luchtfilter
Zie afbeelding: wc_gr000154
NOOIT benzine of andere soorten oplosmiddelen met een laag
vlampunt gebruiken om het luchtfilter te reinigen. Dit zou tot brand of
explosie kunnen leiden.
AANDACHT: De motor NOOIT zonder luchtfilter laten draaien. Dit kan
ernstige motorschade veroorzaken.
De motor is uitgerust met een tweedelige luchtfilter. Onder normale
werkomstandigheden moeten deze onderdelen een keer per week
schoongemaakt worden. Onder extreme, droge en stoffige
omstandigheden is het onderhoud hiervan echter dagelijks vereist.
Wanneer een onderdeel vol met aangekoekt vuil zit, dat moeilijk te
verwijderen is, moet U het onderdeel vervangen.
5.4.1 Verwijder het luchtfilterdeksel (a). Verwijder het filterelement door het
recht omhoog uit te trekken. Inspecteer beide elementen op gaten of
scheuren. Vervang beschadigde elementen.
5.4.2 Was het schuimelement (b) in een oplossing van een mild wasmiddel
en warm water. Spoel het grondig af in schoon water. Laat het element
door en door drogen.
5.4.3 Tik zachtjes op het papieren element (c) om een overmaat aan vuil te
verwijderen of blaas perslucht van binnen naar buiten door de filter.
Vervang het papieren element als het erg vervuild lijkt.
WAARSCHUWING
a
b
c
Onderhoud GS 12Ai
wc_tx000281nl.fm 32
5.5 Bougie
Zie afbeelding: wc_gr000028
Reinig of vervang een bougie zo nodig om te verzekeren dat de
machine goed werkt. Raadpleeg de Bedieningshandleiding van de
motor.
De knaldemper wordt erg heet wanneer de pomp werkt en blijft korte
tijd warm nadat de motor is afgezet. De knaldemper niet aanraken
terwijl deze heet is.
N.B.: Zie “Technische gegevens” voor het aanbevolen soort bougie en
de afstelling van de afstand tussen de elektroden.
5.5.1 Verwijder en inspecteer de bougie.
5.5.2 Vervang de bougie als de isolator gescheurd of beschadigd is.
5.5.3 Maak de elektroden van de bougie met een staalborsteltje schoon.
5.5.4 Stel de afstand tussen de elektroden (a) af.
5.5.5 Draai de bougie goed aan.
AANDACHT: Een losse bougie kan erg heet worden en kan
motorschade veroorzaken.
WAARSCHUWING
GS 12Ai Onderhoud
wc_tx000281nl.fm 33
5.6 Brandstoffilter
Zie afbeelding: wc_gr001257
Controleer de brandstofleidingen en aansluitingen dagelijks op
scheuren en lekken. Vervang ze indien nodig.
Vervang de in-line brandstoffilter (a) één keer per jaar.
Laat de motor afkoelen en sluit de brandstofafsluiter voordaat u de
brandstoffilter vervangt.
5.7 Toerental motor
Zie afbeelding: wc_gr001272
Ga als volgt te werk om het stationair toerental af te stellen
overeenkomstig de Technische Gegevens.
5.7.1 Start de motor en laat hem tot de normale bedrijfstemperatuur
opwarmen.
5.7.2 Draai de smoorklepaanslagschroef (a) aan om het toerental te
verlagen, en uit om het toerental te verhogen. Zorg dat de hendel de
smoorklepaanslagschroef raakt voordat u het toerenaantal meet.
WAARSCHUWING
a
Onderhoud GS 12Ai
wc_tx000281nl.fm 34
5.8 Opslag
Indien de generator voor een lange tijd wordt opgeslagen:
5.8.1 De brandstofklep van de motor naar “uit” draaien.
5.8.2 De brandstofleiding loskoppelen van de carburateur. Het open
uiteinde van de brandstofleiding in een geschikt vat plaatsen en de
brandstofklep openen om de brandstoftank af te tappen.
Benzine is licht ontvlambaar. De brandstoftank in een goed
geventileerde ruimte aftappen. De tank NIET aftappen in een ruimte
waar vlammen of vonken aanwezig zijn.
5.8.3 De aftapschroef op de carburateur losdraaien en de resterende
brandstof uit de carburateur aftappen.
5.8.4 De motorolie verversen.
5.8.5 De bougie verwijderen en ongeveer 30 ml schone motorolie in de
cilinder gieten. De motor enkele slagen laten tornen om de olie op de
binnenkant van de cilinderwanden te verspreiden.
5.8.6 Langzaam aan het startkoord trekken tot u weerstand ondervindt; de
hendel in deze stand laten. Dit verzekert dat de inlaat- en
uitlaatkleppen gesloten zijn.
5.8.7 De generator in een schone, droge ruimte opslaan.
5.9 Transport
Om brandwonden of brandgevaar te voorkomen, de motor laten
afkoelen voordat u de generator transporteert of binnen opslaat.
Transporteren van de generator:
5.9.1 De brandstofklep van de motor naar “uit” draaien.
5.9.2 De generator horizontaal plaatsen om morsen van brandstof te
voorkomen.
5.9.3 De generator vastzetten door hem met geschikt touw vast te binden.
Zorg tijdens het manueel verplaatsen van de machine ervoor
mankracht te gebruiken in evenredigheid met het gewicht van de
machine. Om rugletsel te vermijden, dient u door de knieën te buigen
bij het optillen van de machine, in plaats van enkel uw rug te buigen.
WAARSCHUWING
WAARSCHUWING
WAARSCHUWING
GS 12Ai Onderhoud
wc_tx000281nl.fm 35
5.10 Storingen
5.11 Farvetabel
Probleem / Symptoom Oorzaak / Oplossing
Als de motor niet start, het
volgende controleren:
De motorschakelaar staat op "Start".
De brandstofkleppen onder de brandstoftank en op
de motor zijn open.
Er is brandstof in de brandstoftank.
De chokehendel is in de juiste stand. De choke moet
gesloten zijn wanneer u een koude motor start.
Alle belasting is van de generator weggenomen.
De bougie verkeert in goede staat.
De bougiekap zit goed vast.
Het oliepeil is afdoende.
Als de motor start, maar is er
onvoldoende vermogen bij de
contactdozen, moet u het vol-
gende controleren:
De hoofdschakelaar is gesloten.
De connector van de generator naar het bediening-
spaneel zit goed vast.
Farvetabel
B Zwart R Rood Y Geel Or Oranje
G Groen T Beige Br Bruin Pr Paars
L Blauw V Violet Cl Transparant Sh Schild
P Roze W Wit Gr Grijs LL Lichtblauw
Onderhoud GS 12Ai
wc_tx000281nl.fm 36
5.12 Bedradingsschema motor
Ref. Beschrijving Ref. Beschrijving
1. Bougie 8. Oliepeilschakelaar
2. Ontstekingsspoel 9. Oliepeilwaarschuwing
3. Motorstopdiode 10. Gelijkrichter
4. Laadspoel 11. Zekering van 15A
5. Accu 12. Bedieningskast
6. Startmotor 13. Combinatieschakelaar
7. Startmotorrelais
GS 12Ai Onderhoud
wc_tx000281nl.fm 37
5.13 Bedradingsschema van generator - Schuko, Frans
Ref. Beschrijving Ref. Beschrijving
1. Rotorwikkeling 7. Filter (RIS)
2. Automatische spanningsregelaar 8. Urenmeter
3. Isolatiemonitor 9. Onderbreker/uitschakelrelais
4. 230V / 16A contactdoos-Frans 10. Testschakelaar en -licht
5. 230V / 16A contactdoos CEE 11. Hoofdstatorwikkeling
6. 400V / 16A contactdoos-3-fasig
Onderhoud GS 12Ai
wc_tx000281nl.fm 38
5.14 Bedradingsschema van generator - CEE
Ref. Beschrijving Ref. Beschrijving
1. Rotorwikkeling 6. Filter (RIS)
2. Automatische spanningsregelaar 7. Onderbreker/uitschakelrelais
3. Isolatiemonitor 8. Urenmeter
4. 230V / 16A contactdoosa CEE 9. Testschakelaar en -licht
5. 400V / 16A contactdoos-3-fasig 10. Hoofdstatorwikkeling
GS 12Ai Onderhoud
wc_tx000281nl.fm 39
5.15 Bedradingsschema van generator - Zwitsers
Ref. Beschrijving Ref. Beschrijving
1. Rotorwikkeling 7. Filter (RIS)
2. Automatische spanningsregelaar 8. Urenmeter
3. Isolatiemonitor 9. Onderbreker/uitschakelrelais
4. 230V / 16A contactdoosa-Schuko 10. Testschakelaar en -licht
5. 230V / 16A contactdoosa CEE 11. Hoofdstatorwikkeling
6. 400V / 16A contactdoos-3-fasig
Onderhoud GS 12Ai
wc_tx000281nl.fm 40
2005-CE-Generators12Ai_nl.fm
William Lahner Dan Domanski
Vice President of Engineering Manager, Product Engineering
WACKER CORPORATION
Date / Datum / Date
EC DECLARATION OF CONFORMITY
EG VERKLARING VAN OVEREENSTEMMING
DÉCLARATION DE CONFORMITÉ C.E.
WACKER CORPORATION, N92 W15000 ANTHONY AVENUE, MENOMONEE FALLS, WISCONSIN USA
hereby certifies that the construction equipment specified hereunder: / verklaart hierbij dat onderstaand gespecificeerde bouwmachine:
/ atteste que le matériel :
1. Category / Soort / Catégorie
Power Generators
Stroomaggregaten
Groupe Électrogènes de Puissance
2. Type - Type - Type
GS 12Ai
3. Item number of equipment / Artikelnummer apparatuur / Numéro de référence du matériel :
0009108
4. Electrical power / Electrisch vermogen / Force motrice :
9,6 kW
Has been sound tested per Directive 2000/14/EC / Is getest volgens richtlijn 2000/14/EG / A été mis à l’épreuve conforme
aux dispositions de la directive 2000/14/CEE
and has been produced in accordance with the following standards:
en is vervaardigd in overeenstemming met de volgende normen:
et a été produit conforme aux dispositions des directives européennes ci-après :
2000/14/EC
2002/88/EC
89/336/EEC
98/37/EEC
AUTHORIZED REPRESENTATIVE IN THE EUROPEAN UNION
ERKENDE VERTEGENWOORDIGER IN DE EUROPESE UNIE
REPRÉSENTANT AGRÉÉ AUPRÈS DE L’UNION EUROPÉENNE
WACKER CONSTRUCTION EQUIPMENT AG
Preußenstraße 41
80809 München
Conformity Assessment Procedure /
Conformiteitsbeoordelings-
procedure / Procédé pour l’épreuve
de conformité
Name and address of notified
body / Naam en adres van de
ingelichte instantie / Organisme
agrée
Measured sound power level /
Gemeten geluidskrachtniveau /
Niveau de puissance acoustique
fixé
Guaranteed sound power level /
Gegarandeerd
geluidskrachtniveau / Niveau de
puissance acoustique garanti
Annex VIII /
Aanhangsel VIII /
Annexe VIII
BSI, 389 Chiswick High
Road, London W4 4AL
United Kingdom
98 dB(A) 99 dB(A)
20.12.04
Wacker Construction Equipment AG · Preußenstraße 41 · D-80809 München · Tel.: +49-(0)89-3 54 02 - 0 · Fax: +49 - (0)89-3 54 02-3 90
Wacker Corporation · P.O. Box 9007 · Menomonee Falls, WI 53052-9007 · Tel. : (262) 255-0500 · Fax: (262) 255-0550 · Tel. : (800) 770-0957
Wacker Asia Pacific Operations · Skyline Tower, Suite 2303, 23/F · 39 Wang Kwong Road, Kowloon Bay, Hong Kong · Tel. +852 2406 60 32 · Fax: +852 2406 60 21
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42

Wacker Neuson GS12AI Handleiding

Categorie
Buitenverlichting
Type
Handleiding