Wacker Neuson RD7He Handleiding

Type
Handleiding

Deze handleiding is ook geschikt voor

Gebruikershandleiding
Wals
RD7
Type RD7
Document 5200016816
Editie 0117
Versie 04
Taal NL
Copyright-
mededeling
© Copyright 2017 by Wacker Neuson Production Americas LLC.
Alle rechten, inclusief het recht tot kopiëren en van verspreiding zijn
voorbehouden.
Deze publicatie mag gefotokopieerd worden door de oorspronkelijke
koper van de machine. Elke andere soort vermenigvuldiging is verboden
zonder de uitdrukkelijke schriftelijke toestemming van Wacker Neuson
Production Americas LLC.
Elke soort niet door Wacker Neuson Production Americas LLC
geautoriseerde vermenigvuldiging of versp[reiding vormt een schending
van geldige auteursrechten. Tegen overtreders hiervan zal gerechtelijke
vervolging worden ingesteld.
Handels-merken
Alle handelsmerken waarnaar in deze handleiding verwezen wordt zijn
het eigendom van de respectieve eigenaren ervan.
Fabrikant
Wacker Neuson Production Americas LLC
N92W15000 Anthony Avenue
Menomonee Falls, WI 53051 VS
Tel. (262) 255-0500 · Fax (262) 255-0550 · Tel. (800) 770-0957
www.wackerneuson.com
Vertaalde instructies
Deze Gebruiksaanwijzing is een vertaling van de originele instructies.
De oorspronkelijke taal van deze Gebruiksaanwijzing is Amerikaans
Engels.
RD7 Voorwoord
wc_tx003604nl_FM10.fm 3
Voorwoord
BEWAAR DEZE INSTRUCTIES—Deze gebruiksaanwijzing bevat belangrijke
instructies voor de hieronder vermelde machinemodellen. Deze instructies zijn
speciaal door Wacker Neuson Production Americas LLC gepubliceerd en moeten
tijdens de installatie, bediening en het onderhoud van de machines worden
gevolgd.
Machine-identificatie
Er is een naamplaatje met het modelnummer, artikelnummer, revisienummer en
serienummer bevestigd op elke machine. De locatie van het naamplaatje wordt
hierboven getoond.
Serienummer (S/N)
Neem het serienummer op in de ruimte hieronder voor verwijzing in de toekomst. U
hebt het serienummer bij het bestellen van onderdelen of service voor deze
machine.
Machine
documentatie
Vanaf dit punt in deze documentatie zal naar Wacker Neuson Production
Americas LLC worden verwezen als Wacker Neuson.
Bewaar te allen tijde een exemplaar van de Gebruikershandleiding bij de
machine.
Machine Artikelnummer
RD7He 5200015241, 5200015244, 5100017193, 5100017194, 5100018451
RD7H 5200015242, 5200015245, 5100017195, 5100017338
RD7A 5200015243, 5200015246, 5100017196
RD7Ye 5100027116, 5100027117
Serienummer:
5200017248
wc_gr011530
Voorwoord RD7
4 wc_tx003604nl_FM10.fm
Neem contact op met uw Wacker Neuson dealer of bezoek de website van
Wacker Neuson op http://www.wackerneuson.com/ voor meer informatie over
reserveonderdelen.
Zorg dat u het modelnummer, artikelnummer, revisienummer en serienummer
van de machine bij de hand hebt wanneer u onderdelen bestelt of informatie
over onderhoud aanvraagt.
Verwachtingen t.a.v. informatie in deze handleiding
Deze handleiding verschaft de informatie en procedures voor de veilige
bediening en het veilig onderhoud van het/de bovenstaand(e) Wacker Neuson-
model(len). Lees voor uw eigen veiligheid en om het risico van letsel te
verminderen alle instructies die in deze handleiding staan aandachtig door en
zorg ervoor dat u ze begrijpt en naleeft.
De Wacker Neuson behoudt zich uitdrukkelijk het recht voor om, zelfs zonder
voorafgaande kennisgeving, technische wijzigingen aan te brengen die de
prestaties of veiligheidsnormen van haar machines verbeteren.
De informatie in deze handleiding is gebaseerd op machines die zijn
vervaardigd tot op het moment van publicatie. Wacker Neuson behoudt zich het
recht voor om elk willekeurig gedeelte van deze informatie zonder
voorafgaande kennisgeving te wijzigen.
De illustraties, onderdelen, en procedures in deze handleiding refereren aan
Wacker Neuson fabriek-geïnstalleerde componenten. Uw machine kan variëren
afhankelijk van de benodigdheden van uw specifieke regio.
Goedkeuring van de fabrikant
Deze handleiding bevat verschillene verwijzingen naar goedgekeurde onderdelen,
hulpstukken en modificaties. De volgende definities zijn van toepassing:
Goedgekeurde onderdelen of hulpstukken zijn die onderdelen die worden
vervaardigd of geleverd door Wacker Neuson.
Goedgekeurde modificaties zijn veranderingen die door een erkend Wacker
Neuson servicecentrum worden uitgevoerd volgens door Wacker Neuson
gepubliceerde schriftelijke instructies.
Niet-goedgekeurde onderdelen, hulpstukken en modificaties zijn die
onderdelen/veranderingen die niet aan de goedgekeurde criteria voldoen.
Niet-goedgekeurde onderdelen, hulpstukken of modificaties kunnen tot het
volgende leiden:
ernstig gevaar van letsel voor de operator en personen in het werkgebied;
permanente machineschade, die niet door de garantie wordt gedekt.
Neem onmiddellijk contact op met uw Wacker Neuson dealer als u vragen hebt
over goedgekeurde of niet-goedgekeurde onderdelen, hulpstukken of modificaties.
2016-CE-RD7_nl_FM10.fm
EU - Conformiteitverklaring
Fabrikant
Wacker Neuson Production Americas LLC, N92W15000 Anthony Avenue,
Menomonee Falls, Wisconsin 53051 USA
Product
Product
Producttype
Productfunctie
Artikelnummer
Geïnstalleerd nuttig vermogen
Gemeten geluidsvermogenniveau
Gegarandeerd geluidsvermogenniveau
RD7He, RD7H RD7A RD7Ye
Trilwalsen met Begeleider
Asfalt samenpakken
5200015244, 5100017194,
5200015245, 5100017338
5200015246 5100027117
6.1 kW 7.2 kW 6.09 kW
105 dB(A) 106 dB(A)
108 dB(A) 108 dB(A)
Conformiteitsbeoordelingsprocedure
Volgens bijlage VIII
Aangemelde instantie
Lloyds Register Verification Limited (Notified Body No 0038)
71 Fenchurch Street, London EC3M 4BS, United Kingdom
Richtlijnen en normen
Hiermee verklaren we dat dit product aan de betreffende bepalingen en vereisten van de
volgende richtlijnen en normen voldoet:
2006/42/EC, 2000/14/EC, 2005/88/EC, 2014/30/EU, EN 500-1, EN 500-4
Gevolmachtigde voor technische documenten
Robert Raethsel, Wacker Neuson Produktion GmbH & Co. KG, Wackerstrasse 6,
85084 Reichertshofen, Germany
Menomonee Falls, WI, USA, 11.01.2017
Vertaling van de originele conformiteitverklaring
Keith Herr
Vice President and Managing Director
For Wacker Neuson
Paul Sina
Manager, Product Engineering
For Wacker Neuson
Jeff Volden
Director, Product Engineering
For Wacker Neuson
Inhoudsopgave
RD7
wc_bo5200016816_04_FM10TOC.fm
7
Voorwoord 3
EU - Conformiteitverklaring 5
1 Informatie inzake veiligheid 11
1.1 Signaalwoorden gevonden in dit Gebruikershandleiding ................... 11
1.2 Machinebeschrijving en beoogd gebruik ............................................ 12
1.3 Veiligheid Richtlijnen voor bediening van de machine ....................... 13
1.4 Veilig onderhoud ................................................................................ 15
1.5 Veiligheidsinstructies voor het gebruik van verbrandingsmotoren ..... 18
1.6 Hydraulische vloeistof veiligheid ........................................................ 19
1.7 Veiligheidsinstructies voor het ophijsen van de machine ................... 20
2 Etiketten 22
2.1 Plaats van labels ................................................................................ 22
2.2 Betekenis van de labels ..................................................................... 23
3 Hijsen en transport 32
3.1 De machine opheffen ......................................................................... 32
3.2 De machine vastzetten/transporteren ................................................ 33
4 Werking 34
4.1 De machine voor eerste gebruik klaarmaken ..................................... 34
4.2 Machineonderdelen ............................................................................ 35
4.3 Omschrijvingen machineonderdelen .................................................. 37
4.4 Kussenblok dat teruggaande beweging stopt .................................... 38
4.5 De parkeerrem gebruiken ................................................................... 38
4.6 Het bevloeiingssysteem gebruiken ..................................................... 39
4.7 Het vibratiesysteem gebruiken ........................................................... 39
4.8 De beschermingskit gebruiken (optioneel) ......................................... 40
4.9 De vergrendelplaat afstellen ............................................................... 41
4.10 Functies van de gashendel ................................................................ 43
4.11 Regeling van richting en toerental ...................................................... 44
4.12 Voordat u begint ................................................................................. 46
4.13 De machine bijtanken ......................................................................... 46
4.14 Positie van de operator en de hendel ................................................. 47
4.15 Stabiliteit van de machine .................................................................. 48
Inhoudsopgave
RD7
wc_bo5200016816_04_FM10TOC.fm
8
4.16 Werken op hellingen ...........................................................................49
4.17 Omvallen .............................................................................................49
4.18 De machine starten (Hatz-motor) .......................................................50
4.19 Starten bij koud weer (Hatz-motor) .....................................................52
4.20 De machine starten (Hatz-motor met elektrische starter. ...................56
4.21 De machine stoppen ...........................................................................58
4.22 De machine starten (Honda-motor) ....................................................59
4.23 De machine stoppen (Honda-motor) ..................................................61
4.24 De machine starten (Yanmar-motor) ..................................................62
4.25 De machine starten (Hatz-motor met elektrische starter. ...................64
4.26 De machine stoppen (Yanmar-motor) ................................................66
4.27 Procedure voor noodstops ..................................................................67
5 Algemeen onderhoud 68
5.1 Onderhoudsschema ...........................................................................68
5.2 Afstrijkbalken ......................................................................................69
5.3 Watersproeibalken ..............................................................................70
5.4 De machine schoonmaken .................................................................71
5.5 Vereisten voor hydraulische olie .........................................................72
5.6 De hydraulische olie en het hydraulische
filter controleren en vervangen ...........................................................73
5.7 Onderhoud van de accu .....................................................................77
5.8 Motor - Met startkabels starten ...........................................................78
5.9 De machine schoonmaken .................................................................80
5.10 Opslag op lange termijn ......................................................................81
5.11 Machine Afvalverwijderingl / Ontmanteling .........................................83
6 Motoronderhoud: Hatz 1D42 84
7 Motoronderhoud: Honda GX390 86
8 Motoronderhoud: Yanmar L100N 88
9 Foutoplossing 91
Inhoudsopgave
RD7
wc_bo5200016816_04_FM10TOC.fm
9
10 Technische gegevens 92
10.1 Motor—Hatz ....................................................................................... 92
10.2 Motor—Honda .................................................................................... 93
10.3 Motor—Yanmar .................................................................................. 94
10.4 Wals ................................................................................................... 95
10.5 Smering .............................................................................................. 95
10.6 Geluidsmetingen ................................................................................ 96
10.7 Trillingsmetingen ................................................................................ 96
11 Schema 97
11.1 Hydraulisch schema ........................................................................... 98
11.2 Componenten hydraulisch leidingenschema ...................................... 99
11.3 Elektrische schema's—RD7He ........................................................ 100
11.4 Elektrisch schema voor componenten—RD7He .............................. 101
Inhoudsopgave
RD7
wc_bo5200016816_04_FM10TOC.fm
10
wc_si000846nl_FM10.fm
11
RD7 Informatie inzake veiligheid
1 Informatie inzake veiligheid
1.1 Signaalwoorden gevonden in dit Gebruikershandleiding
Deze handleiding bevat vermeldingen voorafgegaan door GEVAAR,
WAARSCHUWING, VOORZICHTIG, LET OP en N.B., die moeten worden
opgevolgd om de kans op lichamelijk letsel, beschadiging van de machine of
verkeerd onderhoud te beperken.
LET OP: Als dit zonder veiligheidssymbool wordt gebruikt, duidt LET OP op een
gevaarlijke situatie die, als deze niet vermeden wordt, tot materiële schade kan
leiden.
NB: Duidt op aanvullende informatie die van belang voor een procedure is.
Dit is het symbool dat een gevaar voor de veiligheid aanduidt. Het wordt gebruikt
om u attent te maken op mogelijke gevaren voor lichamelijk letsel.
Leef alle veiligheidsinstructies na die bij dit symbool staan.
GEVAAR
GEVAAR duidt op een gevaarlijke situatie die, als deze niet vermeden wordt, zal
resulteren in dodelijk of ernstig letsel.
Kom alle veiligheidswaarschuwingen na die op dit signaalwoord volgen om
ernstig of fataal letsel te vermijden.
WAARSCHUWING
WAARSCHUWING duidt op een gevaarlijke situatie die, als deze niet vermeden
wordt, zal resulteren in dodelijk of ernstig letsel.
Kom alle veiligheidswaarschuwingen na die op dit signaalwoord volgen om
ernstig of fataal letsel te vermijden.
VOORZICHTIG
VOORZICHTIG duidt op een gevaarlijke situatie die, als deze niet vermeden wordt,
zal resulteren in licht of matig letsel.
Kom alle veiligheidswaarschuwingen na die op dit signaalwoord volgen om
ernstig of fataal letsel te vermijden.
wc_si000846nl_FM10.fm
12
Informatie inzake veiligheid RD7
1.2 Machinebeschrijving en beoogd gebruik
Deze machine is een wals met begeleider en dubbele cilindervibratie. De Wacker
Neuson-verdichter bestaat uit een bovenframe waaraan een dieselmotor, een
hydraulische tank, een watertank en een hydrostatisch aandrijfsysteem zijn
gemonteerd, en een onderframe dat twee stalen cilinders, een
bekrachtigingsdynamo en een hendel ondersteunt. De motor drijft het hydraulische
systeem voor de verplaatsing van de machine en cilindervibratie aan. De
vibrerende cilinders effenen en compacteren het werkoppervlak tijdens de
verplaatsing van de machine. De operator regelt de snelheid en richting van de
machine met de hendel.
De machine is bedoeld om zand, gravel, grond en asfalt te compacteren op wegen,
stoepen, bruggen en parkeerterreinen.
Deze machine is uitsluitend ontworpen en gebouwd voor het hierboven beschreven
beoogde gebruik. De machine voor enig ander doel gebruiken kan de machine
blijvend beschadigen of de operator of andere personen in het gebied ernstig letsel
berokkenen. Door misbruik veroorzaakte machineschade wordt niet door de
garantie gedekt.
Een paar voorbeelden van onjuist gebruik:
De machine gebruiken als ladder, ondersteuning of werkoppervlak
De machine gebruiken voor het dragen of vervoeren van passagiers of
apparatuur
De machine gebruiken voor het slepen van andere machines
De machine gebruiken om andere vloeistoffen dan water te sproeien (d.w.z.
dieselbrandstof op asfalt)
De machine buiten de fabrieksspecificaties gebruiken
De machine bedienen op een manier die in strijd is met alle waarschuwingen
die op de machine zijn aangebracht en in de Gebruikershandleiding worden
vermeld.
Deze machine werd ontworpen en gebouwd volgens de laatste wereldwijde
veiligheidsnormen. Hij is zorgvuldig geconstrueerd om gevaren voor zover
praktisch te elimineren en de veiligheid voor de operator te verhogen door middel
van beveiligingsmiddelen en het aanbrengen van labels. Na het nemen van
beschermingsmaatregelen kunnen er echter enige risico's blijven bestaan. Deze
worden residuele risico's genoemd. Op deze machine kan dit blootstelling
omvatten aan:
Hitte, lawaai, uitlaatgassen en koolmonoxide uit de motor
Brandwonden veroorzaakt door hete, hydraulische vloeistof
Brandgevaar door onjuist bijtanken
Brandstof en daaruit vrijkomende dampen
Persoonlijk letsel door onjuiste hef-of bedieningstechnieken
Om uzelf en anderen te beschermen moet u ervoor zorgen dat u de in deze
handleiding geboden veiligheidsinformatie grondig leest en begrijpt, voordat u de
machine gaat gebruiken.
wc_si000846nl_FM10.fm
13
RD7 Informatie inzake veiligheid
1.3 Veiligheid Richtlijnen voor bediening van de machine
De gebruiker moet opgeleid zijn
Alvorens de machine te gebruiken:
lees en begrijp de bedieningsinstructies die in alle handleidingen beschreven en
bij de machine geleverd zijn;
maak uzelf vertrouwd met de locatie en het juiste gebruik van alle
bedieningselementen en veiligheidsvoorzieningen;
Indien noodzakelijk neemt u contact op met Wacker Neuson voor extra
opleiding.
Wanneer u deze machine bedient:
geen niet goed opgeleide werknemers de machine laten bedienen; ervoor
zorgen dat werknemers die de machine bedienen vertrouwd zijn met de
mogelijke risico's en gevaren die met de bediening ervan in verband staan;
Kwalificaties van de operator
Alleen getraind personeel mag de machine starten, gebruiken en afsluiten.
Zij moeten tevens aan de volgende kwalificaties voldoen:
instructies hebben gekregen over het juiste gebruik van de machine;
vertrouwd zijn met de vereiste veiligheidsapparaten
Tot de machine mag geen toegang worden verleend aan, en hij mag niet worden
bediend door:
kinderen;
personen die alcohol of drugs hebben gebruikt
Toepassingsgebied
Wees u bewust van het toepassingsgebied.
Houd onbevoegden, kinderen en huisdieren uit de buurt bij de machine.
Blijf opmerkzaam voor wijzigingen in de toestand en beweging van andere
apparatuur en personeel op de werklocatie.
Blijf altijd opmerkzaam voor wijzigingen in de oppervlaktegesteldheid en wees
extra voorzichtig bij het werken op ongelijke bodem, op heuvels of op zacht of
ruw materiaal. De machine zou onverwacht kunnen schuiven of afglijden.
Wees altijd voorzichtig bij het werken dichtbij de randen van kuilen, greppels of
platformen. Controleer om er zeker van te zijn dat het bodemoppervlak stabiel
genoeg is om het gewicht van de machine met machinist te dragen en dat er
geen gevaar voor bestaat dat de wals zou afglijden, omvallen of kantelen.
Wees u bewust van het toepassingsgebied.
Gebruik de machine nooit in gebieden die brandgevaarlijke voorwerpen,
brandstoffen of producten bevatten die ontvlambare dampen verspreiden.
Houd de plaats rond de uitlaat altijd vrij van vuil zoals bladeren, papier, karton
enz. Een hete uitlaat zou deze kunnen doen ontbranden.
Veiligheidsapparatuur, bedieningselementen en hulpstukken
Bedien de machine uitsluitend wanneer:
wc_si000846nl_FM10.fm
14
Informatie inzake veiligheid RD7
Alle veiligheidsvoorzieningen en beschermingsmiddelen aanwezig zijn en
functioneren.
Alle bedieningselementen naar behoren werken.
De machine correct is opgesteld volgens de instructies in de
bedieningshandleiding.
De machine schoon is.
De labels op de machine leesbaar zijn.
Met het oog op een veilige bediening van de machine:
Bedien de machine niet wanneer een veiligheidsvoorziening of bescherming
ontbreekt of niet bedrijfsklaar is.
De veiligheidsvoorzieningen mogen niet worden gewijzigd of uitgeschakeld.
Gebruik alleen accessoires of componenten die door Wacker Neuson zijn
goedgekeurd.
Veilige bedieningsprocedures
Wanneer u deze machine bedient:
Zorg ervoor dat u zich bewust blijft van de bewegende onderdelen van
de machine. Houd handen, voeten en loszittende kleding uit de buurt van
bewegende onderdelen.
De machine ALTIJD met beide voeten op de grond bedienen! NIET op de
machine staan, zitten of rijden terwijl deze in beweging is.
Blijf ALTIJD opmerkzaam voor wijzigingen in de oppervlaktegesteldheid en
wees extra voorzichtig bij het werken op ongelijke bodem, op heuvels of op
zacht of ruw materiaal. De machine zou onverwacht kunnen schuiven of
afglijden.
Wees ALTIJD voorzichtig bij het werken dichtbij de randen van kuilen, greppels
of platformen. Controleer om er zeker van te zijn dat het bodemoppervlak
stabiel genoeg is om het gewicht van de machine te dragen en dat er geen
gevaar voor bestaat dat de wals zou afglijden, omvallen of kantelen.
Zorg dat u zich ALTIJD op een veilige afstand bevindt bij het bedienen van de
machine in achteruit of op heuvels. Laat genoeg ruimte tussen uzelf en de
machine, zodat u niet in een gevaarlijke positie terechtkomt wanneer de
machine zou afglijden of kantelen.
Wanneer u deze machine bedient:
Gebruik geen machines die moeten worden gerepareerd.
Maak geen botsende bewegingen met de cilinder door het van de stoeprand of
van de achterkant van de vrachtwagen of oplegger af te rijden.
Verplaats de machine niet als deze aan staat.
Een draaiende machine nooit onbeheerd achterlaten.
Tijdens het gebruik van de machine mag geen mobiele telefoon worden gebruikt
of sms-berichten worden verstuurd.
Consumeer de bedrijfsvloeistoffen in deze machine niet. Afhankelijk van het
model van uw machine, kunnen deze bedrijfsvloeistoffen water,
bevochtigingmiddelen, brandstof (benzine, diesel, kerosine, propaan of
aardgas), olie, koelmiddel, hydraulische vloeistof, vloeistof voor
warmteoverdracht (propeenglycol met additieven), accuzuur of vet omvatten.
wc_si000846nl_FM10.fm
15
RD7 Informatie inzake veiligheid
Persoonlijke beschermende uitrusting (PPE)
Draag de volgende persoonlijke beschermende uitrusting (PPE) tijdens het gebruik
van deze machine:
strakzittende werkkleding die bewegingen niet hindert;
veiligheidsbril met zijbescherming;
gehoorbescherming;
werkschoenen of -laarzen met veiligheidsneuzen.
1.4 Veilig onderhoud
Onderhouds-opleiding
Voordat onderhoud aan de machine wordt verricht:
Lees en begrijp de in alle handleidingen opgenomen en bij de machine
geleverde instructies.
Maak uzelf vertrouwd met de locatie en het juiste gebruik van alle
bedieningselementen en veiligheidsvoorzieningen.
Uitsluitend daartoe opgeleid personeel mag problemen oplossen of
reparerendie zich aan de machine voordoen.
Indien noodzakelijk neemt u contact op met Wacker Neuson voorextra
opleiding.
Bij het verrichten van onderhoud aan deze machine:
Niet toestaan dat niet goed opgeleide werknemers onderhoud aan de machine
uitvoert; verzekeren dat de werknemers die onderhoud aan de de machine
verrichten vertrouwd zijn met de mogelijke risico’s en gevaren die eraan
verbonden zijn.
Voorzorgsmaatregelen
Volg de hierna beschreven voorzorgsmaatregelen bij het uitvoeren van onderhoud
aan de machine.
Lees en begrijp de onderhoudsprocedures voordat u onderhoud aan de
machine verricht.
Vóór het gebruik van de machine moeten alle stel- en reparatiewerkzaamheden
voltooid zijn. Gebruik de machine niet als deze een bekend probleem of gebrek
heeft.
Alle stel- en reparatiewerkzaamheden dienen door een bevoegde monteur te
worden uitgevoerd.
Schakel de machine uit alvorens onderhoud of reparaties uit te voeren.
Zorg ervoor dat u zich bewust blijft van de bewegende onderdelen van de
machine. Houd handen, voeten en loszittende kleding uit de buurt van
bewegende onderdelen.
Plaats de veiligheidsvoorzieningen en schermen terug nadat de reparatie- en
onderhoudsprocedures zijn voltooid.
wc_si000846nl_FM10.fm
16
Informatie inzake veiligheid RD7
Machinewijzigingen
Bij onderhoud aan deze machine:
gebruik uitsluitend accessoires/hulpstukken die door Wacker Neuson zijn
goedgekeurd.
stel de veiligheidsvoorzieningen niet buiten werking.
geen wijzigingen op de machine maken zonder de uitdrukkelijke schriftelijke
goedkeuring van Wacker Neuson.
Onderdelen en etiketten vervangen
Vervang versleten of beschadigde onderdelen.
Vervang alle ontbrekende en moeilijk leesbare labels.
Bij vervanging van elektrische onderdelen moeten nieuwe onderdelen worden
gebruikt die gelijkwaardig aan de oorspronkelijke onderdelen zijn wat betreft
classificatie en prestatie.
Als deze machine vervangingsonderdelen nodig heeft, mogen uitsluitend
Wacker Neuson vervangende onderdelen worden gebruikt of onderdelen die
gelijkwaardig aan de originele zijn voor alle types specificaties, zoals fysieke
afmetingen, type, sterkte en materiaal.
Reinigen
Wanneer u de machine reinigt en onderhoudt:
Houd de machine schoon en vrij van vuil, zoals bladeren, papier, karton, etc.
Zorg ervoor dat de labels leesbaar blijven.
Wanneer u de machine reinigt:
Reinig de machine niet als deze in bedrijf is.
Reinig de machine nooit met benzine of ander typen brandstoffen of
ontvlambare oplosmiddelen. De dampen van brandstoffen en oplosmiddelen
kunnen ontploffen.
Persoonlijke beschermende uitrusting (PPE)
Draag de volgende persoonlijke beschermende uitrusting wanneer u de machine
repareert of onderhoudt:
strakzittende werkkleding die bewegingen niet hindert;
veiligheidsbril met zijbescherming;
gehoorbescherming;
werkschoenen of -laarzen met veiligheidsneuzen.
Doe ook het volgende, voordat de machine wordt gebruikt:
lang haar naar achteren samenbinden;
alle sieraden verwijderen (inclusief ringen).
wc_si000846nl_FM10.fm
17
RD7 Informatie inzake veiligheid
Veilige onderhoudspraktijken
ALTIJD alle externe sluitingen controleren op regelmatige intervallen.
Bepaalde onderhoudprocedures vereisen dat de accu van de machine wordt
losgekoppeld. Om het gevaar voor persoonlijke verwonding te reduceren, dient
u de onderhoudprocedures te lezen en te hebben begrepen alvorens enig
onderhoud aan de machine uit te voeren.
Schakel de motor ALTIJD uit voordat u onderhoud aan de machine uitvoert.
Koppel de minpool van de accu los als de motor van een elektrisch
startmechanisme is voorzien.
Zorg er vóór het opstarten van de machine voor, dat al het gereedschap werd
verwijderd van de machine en dat vervangonderdelen en regelapparatuur stevig
vastzitten.
Na gebruik
Stop de motor wanneer u de machine niet bedient.
Sluit de brandstofklep op motoren die daarmee uitgerust zijn, wanneer de
machine niet in gebruik is.
Zorg ervoor dat de machine niet zal kantelen, vallen, wegrollen of wegglijden
wanneer hij niet wordt bediend.
De machine, wanneer niet in gebruik, op de juiste wijze opbergen. De machine
moet op een schone, droge plaats en buiten het bereik van kinderen worden
opgeborgen.
wc_si000846nl_FM10.fm
18
Informatie inzake veiligheid RD7
1.5 Veiligheidsinstructies voor het gebruik van verbrandingsmotoren
Veilige bediening
Bij draaiende motor:
Houd het gebied rondom de uitlaatpijp vrij van brandbare materialen.
Controleer de brandstofleidingen en de brandstoftank op lekken en scheuren
alvorens de motor te starten. Laat de machine niet draaien als er
brandstoflekken zijn of als de brandstofleidingen los zitten.
Bij draaiende motor:
Niet roken bij het bedienen van de machine.
Laat de motor niet draaien in de buurt van vonken of open vuur.
Raak nooit de motor of de uitlaat aan terwijl de motor draait of onmiddellijk
nadat deze is uitgeschakeld.
Gebruik de machine niet als de brandstoftankdop los is of ontbreekt.
Zet de motor niet aan als er brandstof gelekt is of als het naar brandstof ruikt.
Verplaats de machine weg van de vlek en droog de machine af voor het starten.
Veilig bijvullen van brandstof
Bij het bijvullen van de motor:
Ruim alle gemorste brandstof onmiddellijk op.
Vul brandstoftank in een goed geventileerde ruimte.
Zet na het vullen de dop terug op de brandstoftank.
Gebruik geschikt gereedschap voor bijtanken (bijvoorbeeld een brandstofslang
of -trechter).
Bij het bijvullen van de motor:
Niet roken.
Vul nooit de brandstoftank van een hete of draaiende machine.
Laat de motor niet draaien in de buurt van vonken of open vuur.
WAARSCHUWING
Voor verbrandingsmotoren gelden speciale risico's tijdens gebruik en bij het vullen
van de brandstoftank. Het niet naleven van waarschuwings- en
veiligheidsrichtlijnen kan leiden tot ernstig of fataal letsel.
Lees de waarschuwingsinstructies in de handleiding van de motor en de onder-
staande veiligheidsrichtlijnen en volg ze op.
GEVAAR
Uitlaatgassen van de motor bevatten koolmonoxide, een levensgevaarlijk vergif.
Blootstelling aan koolmonoxide kan in enkele minuten al fataal zijn.
Bedien de machine NOOIT binnen een afgesloten gebied, zoals een tunnel
bijvoorbeeld, behalve als er voldoende ventilatie aanwezig is door middel van
onderdelen zoals uitlaatventilatoren of -slangen.
wc_si000846nl_FM10.fm
19
RD7 Informatie inzake veiligheid
1.6 Hydraulische vloeistof veiligheid
Veiligheid instructies
Controleer het hydraulische systeem zorgvuldig voor het bedienen van de
machine
Raak niet de hydraulische vloeistof of hydraulische componenten aan terwijl de
machine werkt. Wacht totdat de machine koel is.
Voor het afkoppelen van hydraulische aansluitingen of slangen, verzeker u
ervan dat alle druk is verwijderd van het circuit. Stel alle controles in op neutraal,
zet de motor af, en laat de vloeistoffen afkoelen voor het losmaken van
hydraulische aansluitingen of bevestigen van test meters.
Hydraulische vloeistof ontsnappend onder hoge druk kan de huid doorboren,
brandwonden veroorzaken, verblinden, of andere serieuze verwondingen of
infecties. Neem onmiddellijk contact op met een arts voor behandeling van uw
huid als deze doorboort is door hydraulische vloeistof, zelfs als de wond niet
ernstig lijkt.
Vloeistof lekt vanuit kleine gaten die praktisch onzichtbaar zijn. Gebruik niet uw
blote handen om te controleren op lekkages. Controleer op lekkages door een
stuk karton of hout te gebruiken.
Hydraulische vloeistof is extreem brandbaar. Stop de motor onmiddellijk
wanneer een hydraulische lekkage is ontdekt.
Na het onderhoud van de hydrauliek, overtuig u erven dat alle componenten
weer aangesloten zijn op de juiste verbindingen. Niet opvolgen kan resulteren in
schade aan de machine en/of verwonding aan een persoon op of nabij de
machine.
WAARSCHUWING
Mogelijkheid van ernstige verwonding Hydraulische vloeistof is onder hoge druk en
wordt zeer heet tijdens werking.
Om verwonding te vermijden, volg de veiligheid instructies op hieronder ver-
meldt.
wc_si000846nl_FM10.fm
20
Informatie inzake veiligheid RD7
1.7 Veiligheidsinstructies voor het ophijsen van de machine
Bij het hijsen van de machine:
Zorg ervoor dat de stroppen, kettingen, haken, laadbruggen, krikken,
vorkheftrucks, hijskranen, takels en alle andere types hijsapparaten stevig zijn
vastgemaakt en voldoende gewichtdragende capaciteit hebben om de machine
veilig op te hijsen of vast te houden. Zie de sectie Technische gegevens voor
het gewicht van de machine.
Zorg ervoor dat u zich bewust blijft van de locaties van andere personen
wanneer de machine wordt gehesen.
Gebruik uitsluitend de in de Gebruikershandleiding beschreven hijspunten en
de bevestigingspunten.
Zorg ervoor dat de laadcapaciteit en de platformgrootte van het
transportvoertuig toereikend zijn voor het veilig vervoeren van de machine.
Doe het volgende om de kans op letsel te verminderen:
Sta niet onder de machine wanneer hij opgehesen of verplaatst wordt.
KIim niet op de machine wanneer hij opgehesen of verplaatst wordt.
wc_si000846nl_FM10.fm
21
RD7 Informatie inzake veiligheid
Opmerkingen
wc_si000847nl_FM10.fm
22
Etiketten RD7
2 Etiketten
2.1 Plaats van labels
A
B
C
D
E
F
G
H
J
K
M
N
O
P
R
S
T
U
W
X
Q
Y
Z
AA
BB
CC
wc_gr011531
wc_si000847nl_FM10.fm
23
RD7 Etiketten
2.2 Betekenis van de labels
A
GEVAAR
Verstikkingsgevaar
Motoren stoten koolmonoxide uit.
De machine mag niet binnenshuis of in een
besloten ruimte draaien tenzij voor
voldoende ventilatie is gezorgd, zoals
bijvoorbeeld door middel van
uitlaatventilators of -slangen.
Lees de Gebruikershandleiding.
Geen vonken, vlammen of brandende
voorwerpen in de buurt van de machine.
Vóór het bijtanken de motor stoppen.
B
Gashendel:
Schildpad = Stationair of Langzaam
Konijn = Vol of Snel
C
Vullen van watertank.
D
Alleen brandstof met laag of ultralaag
zwavelgehalte
(Alleen Hatz-aangedreven machines)
DANGERDANGER
5200018100
HATZ
DANGERDANGER
STOPSTOP
PELIGROPELIGRO
5200017996
HATZ
STOP
STOP
DANGERDANGER
117034
HONDA
DANGERDANGER
STOPSTOP
PELIGROPELIGRO
178715
STOP
STOP
5200017809 HATZ
5200018006 HONDA
5100031182
173438
ULSD-S15ULSD-S15
LSD-S500LSD-S500
180563
wc_si000847nl_FM10.fm
24
Etiketten RD7
E
WAARSCHUWING
Heet oppervlak
F
Vastsjorpunt
G
Aftappen van motorolie
H
Bedienerhandleiding moet bewaard worden
op machine. Vervangexemplaren van de
bedienerhandleiding kunnen besteld worden
via uw lokale Wacker Neuson-verdeler.
J
Parkeerrem
178724
185164
LA NOTICE D'EMPLOI DOIT ETRE MUNIE SUR LA MACHINE. LA NOTICE D'EMPLOI DOIT ETRE MUNIE SUR LA MACHINE.
CONTACTER LE DISTRIBUTEUR WACKER LE PLUS PROCHECONTACTER LE DISTRIBUTEUR WACKER LE PLUS PROCHE
POUR COMMANDER UN EXEMPLAIRE SUPPLEMENTAIRE.POUR COMMANDER UN EXEMPLAIRE SUPPLEMENTAIRE.
EL MANUAL DE OPERACION DEBE SER RETENIDO EN LAEL MANUAL DE OPERACION DEBE SER RETENIDO EN LA
MAQUINA. CONTACTE A SU DISTRIBUIDOR WACKER MASMAQUINA. CONTACTE A SU DISTRIBUIDOR WACKER MAS
CERCANO PARA PEDIR UN EJEMPLAR ADICIONAL.CERCANO PARA PEDIR UN EJEMPLAR ADICIONAL.
OPERATOR'S MANUAL MUST BE STORED ON MACHINE.OPERATOR'S MANUAL MUST BE STORED ON MACHINE.
REPLACEMENT OPERATOR'S MANUAL CAN BE ORDERED REPLACEMENT OPERATOR'S MANUAL CAN BE ORDERED
THROUGH YOUR LOCAL WACKER DISTRIBUTOR.THROUGH YOUR LOCAL WACKER DISTRIBUTOR.
150350150350
www.wackerneuson.comwww.wackerneuson.com
180562
119071
wc_si000847nl_FM10.fm
25
RD7 Etiketten
K
Afvoer hydraulische olie
M
Lees en begrijp de bijgeleverde
bedienerhandleiding vooraleer deze machine
te bedienen. Indien u dit niet doet, stijgt het
gevaar voor verwonding van uzelf of
anderen.
112216
AVERTISSEMENTAVERTISSEMENT
Avant d'utiliser cette machine, lire attentivement et assimilerAvant d'utiliser cette machine, lire attentivement et assimiler
la Notice d'Emploi. Dans le cas contraire, le risque de se blesserla Notice d'Emploi. Dans le cas contraire, le risque de se blesser
ou de blesser les autres augmente.ou de blesser les autres augmente.
Lea y entienda el Manual de Operación suministrado antes deLea y entienda el Manual de Operación suministrado antes de
operar esta máquina. Si no lo hace, incrementará el riesgo deoperar esta máquina. Si no lo hace, incrementará el riesgo de
lesionarse o lesionar a otros.lesionarse o lesionar a otros.
176103176103
Read and understand the supplied Operator's Manual beforeRead and understand the supplied Operator's Manual before
operating this machine. Failure to do so increases the risk ofoperating this machine. Failure to do so increases the risk of
injury to yourself and others.injury to yourself and others.
ADVERTENCIAADVERTENCIA
WARNINGWARNING
178714
wc_si000847nl_FM10.fm
26
Etiketten RD7
N
(Alleen Hatz-aangedreven machines.)
De machine starten:
1. Motoroliepeil controleren. Gebruik SAE 15W40.
Controleer het peil van de hydraulische olie.
Controleer het brandstofpeil.
2. Activeer de parkeerrem.
3. Schakel de vibratie uit.
4. Zet de gashendel op de SNEL stand.
5. Trek de compressiehendel naar omhoog.
6. Voer de krukhendel in.
7. Draai de krukhendel 5x tegen de wijzers van de klok in.
8. Verwijder de krukhendel.
9. Ontkoppel de parkeerrem:
P
5200009756 HATZ
6 7
1
15W40
15W40
2
5X
5X
8 9
3
4
5
wc_si000847nl_FM10.fm
27
RD7 Etiketten
N
(Alleen Honda-aangedreven machines)
De machine starten:
1. Motoroliepeil controleren. Gebruik SAE 15W40.
Controleer het peil van de hydraulische olie.
Controleer het brandstofpeil.
2. Activeer de parkeerrem.
3. Schakel de vibratie uit.
4. Zet de gashendel op de SNEL stand.
5. Open de brandstofklep.
6. Trek de gasklep naar de geopende stand.
7. Zet de motorschakelaar op de AAN-stand.
8. Trek aan de startkabel.
9. Ontkoppel de parkeerrem:
5200018024 HONDA
5
6
7
8
1
15W4015W40
2
3
P
4
9
wc_si000847nl_FM10.fm
28
Etiketten RD7
N
(Alleen Yanmar-aangedreven machines)
De machine starten:
1. Motoroliepeil controleren.
Controleer het peil van de hydraulische olie.
Controleer het brandstofpeil.
2. Activeer de parkeerrem.
3. Schakel de vibratie uit.
4. Zet de gashendel op de SNEL stand.
5. Open de brandstofklep.
6. Trek de compressiehendel naar omhoog.
7. Trek aan de startkabel.
8. Ontkoppel de parkeerrem:
O
Trillingsbeheer AAN / UIT
P
WAARSCHUWING
Draag oorbeschermers bij het bedienen van
deze machine, om gehoorverlies te
voorkomen.
P
6
5
5100031181
2
8
7
3
4
1
73859
114965
wc_si000847nl_FM10.fm
29
RD7 Etiketten
Q
LET OP
Geen hefpunt
R
Omschrijving hendel voor vooruit/ achteruit
S
Contactsleutel, starten motor:
Uit
Aan
Start
T
Waterregelklep
U
WAARSCHUWING
Heet oppervlak
W
LET OP
Hijspunt
115004
AVISOAVISO
AVISAVIS
NOTICENOTICE
178725
5200017839
158805
5200017950
ADVERTENCIAADVERTENCIA
AVERTISSEMENTAVERTISSEMENT
5200018101
WARNINGWARNING
5200017838
XXX kg
(XXXX LBS)
5200017840
wc_si000847nl_FM10.fm
30
Etiketten RD7
X
Vullen van het reservoir voor hydraulische
olie.
Y
Bedienerhandleiding moet bewaard worden
op machine. Vervangexemplaren van de
bedienerhandleiding kunnen besteld worden
via uw lokale Wacker Neuson-verdeler.
Z
(Alleen Hatz/Yanmar-aangedreven machines)
De machine starten:
1. Motoroliepeil controleren. Gebruik SAE 15W40.
Controleer het peil van de hydraulische olie.
Controleer het brandstofpeil.
2. Activeer de parkeerrem.
3. Schakel de vibratie uit.
4. Zet de gashendel op de SNEL stand.
5. Draai de sleutel naar de stand start totdat de motor start.
6. Lat de sleutel los in de AAN-stand.
7. Ontkoppel de parkeerrem:
AA
WAARSCHUWING
Heet oppervlak
111760
5100013965
5100018141
4
5
1
6
7
P
2
3
117039
ADVERTENCIA
ADVERTENCIA
AVERTISSEMENT
AVERTISSEMENT
WARNING
WARNING
wc_si000847nl_FM10.fm
31
RD7 Etiketten
BB
Deze machine wordt mogelijk beschermd
door een of meer van de volgende octrooien.
CC
Gegarandeerd geluidskrachtniveau in dB(A).
wc_tx003605nl_FM10.fm
32
Hijsen en transport RD7
3 Hijsen en transport
3.1 De machine opheffen
Vereisten
Een hijsinrichting (kraan, takel of vorkheftruck) die in staat is het gewicht van de
machine te dragen
Hefapparaten (haken, kettingen en koppelingen) die in staat zijn het gewicht
van de machine te dragen
De motor is gestopt
Hendel naar boven
De machine ophijsen
Er wordt een hefoog gebruikt voor het ophijsen van de machine.
Voer de volgende procedure uit om de machine op te hijsen.
1. De hijstoestellen en hijsinrichtingen bevestigen aan het hefoog. Bevestig geen
hefapparaten aan enig ander deel van de machine.
2. Hijs de machine enigszins omhoog.
3. Breng de machine omlaag las hij niet stabiel staat en verplaats het apparaat en
hijs de machine opnieuw enigszins op.
4. Ga alleen verder met het ophijsen van de machine als deze stabiel staat.
wc_gr011532
WAARSCHUWING
Verpletteringgevaar. Een onstabiele machine kan ervoor zorgen dat de
hijsapparaten falen. U kunt verpletterd worden als het hijsapparaat faalt.
Controleer de stabiliteit voordat u verder gaat.
wc_tx003605nl_FM10.fm
33
RD7 Hijsen en transport
3.2 De machine vastzetten/transporteren
Vereisten
Motor uitgeschakeld
Blokken op hun plaats
Stalen kabels of kettingen
Procedure
Voer de volgende procedure uit om de machine vast te zetten.
1. Overtuig u ervan dat het transportvoertuig geschikt is voor het gewicht en de
grootte van de machine. Zie Technische gegevens voor afmetingen en
bedrijfsgewicht.
2. Plaats blokken (a) voor en achter elke trommel.
3. Bevestig stalen kabels of kettingen aan de 2-punt verankeringsmogelijkheden
(b).
NB: Naast de 2-punt verankeringsmogelijkheden kunt u ook de 4-punt
verankeringsmogelijkheden (c) gebruiken. Gebruik stalen kabels of kettingen en
een haak om de machine vast te maken aan de 4-punt verankeringen.
LET OP: Gebruik de bevestigingen alleen om de machine vast te maken. Gebruik
geen ander deel van de roller om de machine te bevestigen aangezien dit kan
leiden tot ernstige schade aan de machine.
4. Bevestig het andere uiteinde van de stalen kabels of kettingen aan het
transportvoertuig.
5. Plaats de geleidehendel (d) naar boven.
a
d
b
c
c
wc_gr011533
wc_tx003606nl_FM10.fm
34
Werking RD7
4Werking
4.1 De machine voor eerste gebruik klaarmaken
1. Zorg ervoor dat alle losse verpakkingsmaterialen van de machine zijn
verwijderd.
2. Controleer de machine en de onderdelen ervan op schade. Als er zichtbare
schade is, moet u de machine niet gebruiken! Neem onmiddellijk contact op met
de Wacker Neuson-dealer voor hulp.
3. Maak een lijst met alle bij de machine geleverde onderdelen/items en verifieer
dat alle losse onderdelen en bevestigingsmiddelen aanwezig zijn.
4. Maak de nog niet bevestigde samenstellende onderdelen vast.
5. Voeg indien nodig en als van toepassing vloeistoffen toe, zoals brandstof en
motorolie.
6. Breng de machine naar de werklocatie.
wc_tx003606nl_FM10.fm
35
RD7 Werking
4.2 Machineonderdelen
wc_gr011535
a
b
c
d
e
f
g
h
j
k
m
n
o
p
q
r
s
t
u
v
x
y
w
z
aa
bb
cc
dd
ee
x
c
wc_tx003606nl_FM10.fm
36
Werking RD7
wc_gr013042
o
p
r
w
Honda
wc_gr013982
o
p
r
w
Yanmar
wc_tx003606nl_FM10.fm
37
RD7 Werking
4.3 Omschrijvingen machineonderdelen
Ref. Beschrijving Ref. Beschrijving
a
Borgpen hendel/
ontgrendeling hendel
r
Brandstoftankvuldop
b Bevestigingsplaats s Rolkooi
c Afstrijkbalk (4 in totaal) t Hydraulisch reservoir
d Waterregelklep u Vulpoort van hydraulisch reservoir
e Schokdemper (4 in totaal) v Peilstok hydraulische olie
f Parkeerrem w Brandstoftank
g
Kussenblok dat teruggaande
beweging stopt
x
Sproeistaven
h Vooruit-/achteruitbediening y Hefoog
j Bekrachtigerhendel z Houder voor bedieningshandleiding
k Watertankvuldop aa Watertank
m
Krukopslagplaats
(indien geïnstalleerd)
bb
Accu (optioneel)
n Gashendel cc Batterijdeksel (optioneel)
o Luchtfilterindicator dd Contactsleutel
p Oliepijlstok ee Alarm
q
Krukgeleidemof
(indien geïnstalleerd)
wc_tx003606nl_FM10.fm
38
Werking RD7
4.4 Kussenblok dat teruggaande beweging stopt
Een kussenblok dat de teruggaande beweging stopt (a) is bevestigd op de
machine. Het kussenblok dat de teruggaande beweging stopt, werkt alleen
achteruit.
Als de machine een obstructie tegenkomt of als de operator beklemd raakt tussen
de machine en de obstructie, wordt het kussen ingedrukt en de machine stopt. Als
het stopkussen is geactiveerd, kan de machine alleen vooruit bewegen.
4.5 De parkeerrem gebruiken
Inleiding
De parkeerrem dient om ervoor te zorgen dat de machine niet gaat rollenwanneer
bhij niet gebruikt wordt. De parkeerrem kan gebruikt worden met de motor aan of
uit. De parkeerrem houdt de machine op hellingen tot 22° (40%) of minder.
LET OP: Drijf niet aan tegen de geactiveerde parkeerrem. De rem kan buigen en
de machine beschadigen.
Procedure
Voor het activeren van de parkeerrem.
Draai de hendel (a) 90° tegen de klok in totdat deze blijft zitten in de diepe arret.
Voor het ontkoppelen van de parkeerrem:
Draai de hendel (a) 90° met de klok mee totdat deze blijft zitten in de ondiepe arret.
wc_gr011536
a
wc_gr001343
a
wc_tx003606nl_FM10.fm
39
RD7 Werking
4.6 Het bevloeiingssysteem gebruiken
De RD 7 is uitgersut met een waterspuitsysteem voor een natte of droge
bediening. Wanneer de waterregelklep in de OPEN-stand (horizontaal) staat, wordt
het water door middel van de zwaartekracht naar de spruitstukken gevoerd.
LET OP
Gebruik alleen proper water wanneer u de watertank vult.
Als de temperaturen onder het vriespunt dalen, laat u het water uit de tank
vloeien.
4.7 Het vibratiesysteem gebruiken
Het vibratiesysteem bestaat uit een aandrijfmotor die in elk van de twee trommels
van de machine zit. De bekrachtigerschakelaar (a) activeert/deactiveer het
vibratiesysteem. Wanneer de bekrachtigerschakelaar in de AAN-stand (b) staat,
wordt het vibratiesysteem geactiveerd en blijft het, onafhankelijk van de rijrichting
(voorwaarts, neutraal of acterwaarts) geactiveerd, totdat de
bekrachtigerschakelaar op de UIT-stand (c) wordt gezet.
wc_gr011538
a
wc_gr011688
a
c
b
wc_tx003606nl_FM10.fm
40
Werking RD7
4.8 De beschermingskit gebruiken (optioneel)
De beschermingskit wordt gebruikt om de machine te beschermen tegen
beschadiging door bijvoorbeeld rotsen of vuil.
Ref. Component
a Hydraulische kap
b Rubberen klep
c Zijkant bescherming
d Voorkant bescherming
wc_gr012949
a
b
d
c
c
wc_tx003606nl_FM10.fm
41
RD7 Werking
4.9 De vergrendelplaat afstellen
Achtergrond
De machine is uitgerust met een vergrendelplaat. Deze vergrendelplaat kan
worden afgesteld voor de machine zodat:
de machine in de vervoerpositie kan worden vergrendeld en ontgrendeld in
de bedrijfspositie, of
zowel worden vergrendeld in de bedrijfs- als vervoerspositie.
Vereisten
De machine is gestopt
De machine staat op een vlakke ondergrond
De vergrendelplaat afstellen
Voer de onderstaande procedure uit voor het afstellen van de vergrendelplaat.
1. Verwijder de twee bouten (a) terwijl de hendel in de bedrijfspositie staat.
Hiermee maakt u de vergrendelplaat (b) los.
2. Til de hendel op naar de vervoerspositie.
Deze procedure wordt vervolgd op de volgende pagina.
wc_gr013056
a
b
wc_tx003606nl_FM10.fm
42
Werking RD7
Vervolg van de vorige pagina.
3. Verwijder de onderste bout (c) en verwijder de vergrendelplaat.
4. Plaats de vergrendelplaat in de
gewenste richting en zet de plaat terug
in de onderste hendel.
5. Plaats de bout terug terwijl de hendel in de transportpositie staat.
6. Zet de hendel omlaag in de bedrijfspositie.
7. Plaats de twee bouten terug terwijl de hendel in de bedrijfspositie staat.
NB: Afhankelijk van de positie van de vergrendelplaat en de soort omgeving of het
terrein waarop de machine wordt bediend, reageert de hendel verschillend. Zorg
ervoor dat u vertrouwd raakt met hoe de hendel reageert voordat u de machine
bedient.
Resultaat
De vergrendelplaat is afgesteld.
Ref. Beschrijving
X De hendel is vergrendeld in zowel
de bedrijfs- als de vervoerspositie.
Y De hendel is alleen vergrendeld in
de opslagpositie
wc_gr013057
c
wc_gr013070
x
y
wc_tx003606nl_FM10.fm
43
RD7 Werking
4.10 Functies van de gashendel
De gashendel van de motor heeft drie of vier standen.
Ref. Stand Functie
A
a Hoog De machine starten en bedienen, veel trillingen
b Stationair Lange stationaire perioden
c Uit De machine uitschakelen
B
d Hoog De machine starten en bedienen, veel trillingen
e Laag De machine bedienen, weinig trillingen
f Stationair Lange stationaire perioden
g Uit De machine uitschakelen
C
h Hoog De machine starten en bedienen, veel trillingen
j Laag De machine bedienen, weinig trillingen
k Stationair Lange stationaire perioden
wc_gr012562
b
a
c
e
d
f
g
h
j
k
A B
C
wc_tx003606nl_FM10.fm
44
Werking RD7
4.11 Regeling van richting en toerental
Inleiding
Bewegingsrichting en toerental wordt geregeld met de vooruit/achteruit-
bedieningshendel (a).
Richting
Vanuit de neutrale stand:
Om vooruit te bewegen, drukt u de bedieningshendel om vooruit/achteruit te
gaan weg van de operator.
Om achteruit te bewegen, trekt u de bedieningshendel om vooruit/achteruit te
gaan in de richting de operator.
Deze procedure wordt vervolgd op de volgende pagina.
wc_gr011674
a
b
b
b
WAARSCHUWING
Mogelijk verlies van controle over de machine. Als u de hendel los houdt, kan dit
ertoe leiden dat de machine gaat draaien tijdens de bediening.
Houd de hendel met beide handen vast tijdens het bedienen van de machine.
wc_tx003606nl_FM10.fm
45
RD7 Werking
Vervolg van de vorige pagina.
Toerental
Het toerental varieert met de beweging van de bedieningshendel. Hoe verder de
hendel om vooruit/achteruit te gaan in elke richting wordt gedrukt, des te sneller de
roller in die richting beweegt.
WAARSCHUWING
Mogelijk verlies van controle over de machine. Indien de koppeling wordt
gescheiden van de richtingshendel om vooruit/achteruit te gaan tijdens de werking
van de machine, zou de roller weg kunnen rollen en letsel veroorzaken.
Indien de koppeling wordt gescheiden, zet u de gashendel (b) in de UIT/
STATIONAIRE-stand.
wc_tx003606nl_FM10.fm
46
Werking RD7
4.12 Voordat u begint
Alvorens de machine te starten, het volgende controleren:
Motoroliepeil
Onderhoudsverklikker van de luchtreiniger
Brandstofpeil
Peil van de hydraulische vloeistof
Peil in de watertank
4.13 De machine bijtanken
Vereisten
De machine is uitgeschakeld
De motor is koel
De machine/brandstoftank staat recht
Nieuwe, schone brandstofvoorraad
Procedure
Voer de volgende procedure uit om de machine bij te tanken.
1. Haal de brandstofdop eraf.
2. Vul de brandstoftank totdat de brandstofpeilmeter aangeeft dat de tank vol is.
3. Zet de dop er weer op.
Resultaat
De procedure voor het bijtanken van de machine is nu voltooid.
WAARSCHUWING
Brandgevaar. De brandstof en brandstofdampendampen zijn uiterst ontvlambaar.
Brandende brandstof kan ernstige brandwonden veroorzaken.
Houd alle ontstekingsbronnen tijdens het bijtanken bij de machine weg.
De brandstoftank nooit bijvullen als de machine op een vrachtwagen met plastic
trailerbekleding staat. Statische elektriciteit kan de brandstof of
brandstofdampen doen ontbranden.
Alleen bijtanken als de machine zich buiten bevindt.
Gemorste brandstof onmiddellijk verwijderen.
VOORZICHTIG
Brandgevaar en gevaarlijk voor de gezondheid Bij verwarming zet de brandstof uit.
Brandstof die zich uitzet in een te vol gevulde tank kan morsen en lekken tot gevolg
hebben.
De brandstoftank niet te vol bijtanken.
wc_tx003606nl_FM10.fm
47
RD7 Werking
4.14 Positie van de operator en de hendel
Veilig en efficiënt gebruik van deze machine is de verantwoordelijkheid van de
operator. Volledige controle van de machine is niet mogelijk tenzij de operator de
juiste werkpositie te allen tijde handhaaft.
Als de hendel in de werkpositie staat, moet de operator:
achter de machine staan of lopen, waarbij hij vooruit kijkt met de hendel direct
voor zich;
de hendel met beide handen vasthouden en alleen één hand verwijderen
wanneer dat nodig is om de vooruit-/achteruitbediening te verzetten.
wc_gr013058
wc_tx003606nl_FM10.fm
48
Werking RD7
4.15 Stabiliteit van de machine
Oppervlakteomstandigheden
Let tijdens het gebruik van de machine op veranderingen in het werkoppervlak.
Pas de snelheid en rijrichting zo nodig aan om de veiligheid te handhaven.
De stabiliteit en tractie van de machine kunnen ernstig worden verminderd
wanneer u werkt op ongelijkmatig of ruw terrein, rotsachtige grond of natte of
onsamenhangende oppervlakken.
De machine kan plotseling kantelen, wegzinken of vallen wanneer u een
oppervlak oprijdt dat pas met verse aarde is gevuld.
Rijsnelheid
Een snel rijdende machine loopt meer kans te kantelen of voorover te vallen
wanneer u een bocht maakt of van richting verandert.
Vertraag voordat u een bocht maakt.
Cilinderoverhang
De machine kan plotseling kantelen als meer dan de helft van de cilinderbreedte
uitsteekt over de rand van een verhoogd oppervlak.
Vertraag en houd de cilinderpositie goed in het oog wanneer u langs de rand
van een verhoogd oppervlak werkt.
Probeer zoveel mogelijk van de cilinder op het verhoogde oppervlak te houden.
Vibreren op een gecompacteerd oppervlak
Als u het vibratiesysteem activeert op een volledig gecompacteerd oppervlak,
kunnen de cilinders terugstoten en tijdelijk het contact met de grond verliezen. Als
dit gebeurt terwijl de machine op een helling staat, kan de machine gaan schuiven.
Als de cilinders terugstoten op het gecompacteerde oppervlak, vertraagt u de
vibratiesnelheid of stopt u het vibratiesysteem.
WAARSCHUWING
Pletgevaar. De stabiliteit van de machine kan nadelig worden beïnvloed op
bepaalde soorten werkterrein of door bepaalde bedieningspraktijken.
Volg de onderstaande instructies om de kans op ongelukken door kantelen of
vallen te verminderen.
wc_tx003606nl_FM10.fm
49
RD7 Werking
4.16 Werken op hellingen
Achtergrond
Tijdens het werken met de machine op hellingen of heuvels moet er bijzondere
aandacht aan worden besteed het gevaar van lichamelijk letsel of beschadiging
van de machine te verminderen.
Procedure
Bedien de machine op hellingen altijd van boven naar beneden in plaats van
zijdelings. Voor veilige bediening van de machine en ter bescherming van de motor
moet ononderbroken gebruik beperkt blijven tot hellingen van 24° (45% helling) of
minder.
4.17 Omvallen
Juiste bediening van de machine op heuvels zal omrollen voorkomen. Lees en volg
de veiligheidsinstructies in hoofdstuk Veilige bediening en het onderwerp Werken
op hellingen. Indien een machine toch zou omrollen, moet er voor opgepast
worden dat de motor niet wordt beschadigd. Als de machine omgerold is, kan er
olie uit het motorcarter in de verbrandingskamer stromen, hetgeen de motor de
volgende keer dat hij gestart wordt, ernstig kan beschadigen. Indien de machine op
haar zijkant gerold is, zouden onmiddellijk maatregelen moeten getroffen worden
om ze weer rechtop te zetten.
LET OP: Om schade aan de motor te voorkomen na omrollen van de machine,
mag deze NIET gestart worden en MOET ze nagezien worden om eventuele olie te
verwijderen die misschien in de verbrandingskamers terecht is gekomen.
Contacteer uw plaatselijke Wacker Neuson-verdeler voor instructies of nazicht.
WAARSCHUWING
Verpletteringgevaar. Bedien de machine nooit zijdelings op hellingen. De machine
kan zelfs op stabiele ondergrond omverrollen of kantelen.
Bedien de machine altijd van boven naar beneden op hellingen.
wc_gr011677
24°
45%
wc_tx003606nl_FM10.fm
50
Werking RD7
4.18 De machine starten (Hatz-motor)
Vereisten
De machine is in bruikbare conditie en werd goed onderhouden
Brandstof in de tank
Achtergrond
De motorkruk is uitgerust met een
terugslagdemping om de bediener te
beschermen tegen verwondingen indien
de motor terugslaat. Tijdens de
terugslag, scheidt de korte omgekeerde
rotatie bij de handgreepbuis (a) de link
tussen de krukas (b) en de aandrijfklauw
(c).
Procedure
Voer de onderstaande procedure uit om
de machine te starten.
1. Activeer de parkeerrem (d).
wc_gr011541
b
c
a
WAARSCHUWING
Gevaar van persoonlijk letsel. Als u de machine start met de
bekrachtigerschakelaar in de AAN-stand, kan dit resulteren in persoonlijk letsel.
Start de machine alleen wanneer de bekrachtigerschakelaar in de UIT-stand
staat.
wc_gr011678
g
h
f
j
e
f
g
1
g
0
d
wc_tx003606nl_FM10.fm
51
RD7 Werking
Vervolg van de vorige pagina.
2. Controleer dat de bekrachtigerschakelaar (e) in de OFF (UIT)-stand staat.
3. Zet de gashendel (f) op de hoge stand.
4. Zet de decompressiehendel (g) totdat de stop (g
1
) wordt bereikt. In deze stand
zou het decompressiesysteem gekoppeld moeten worden.
5. Steek de krukas van de motor (h) in de geleidebus (j).
6. Ga naast de motor staan, kijkend naar de achterkant van de machine (k) en pak
de krukas met beide handen vast. Draai de motorkrukas vijf draaien om druk op
te bouwen.
NB: Houd tijdens dit proces constant contact tussen de motorkruk en de motor.
7. Draai langzaam aan de krukas van de motor totdat de pal wordt gekoppeld met
de rachet, en verhoog de draaikracht vervolgens om snelheid op te bouwen
totdat de motor start.
NB: De hoogste snelheid moet worden bereikt wanneer de decompressiehendel
(g) terugkeert naar de (g
0
)-stand.
8. Wanneer de motor start, trekt u de krukas van de motor uit de geleidebus.
NB: Indien de motor achteruit begint te draaien na terugslaan (er komt rook uit de
luchtfilter), laat u de krukhendel onmiddellijk los en stopt u de motor.
9. Om de motor opnieuw te starten, wacht u totdat deze tot stilstand is gekomen,
en vervolgens herhaalt u de startprocedures.
10. Ontkoppel de parkeerrem:
11.Laat de motor enkele minuten opwarmen alvorens de machine te gebruiken.
NB: Bedien de machine altijd in de werkstand.
WAARSCHUWING
Gevaar van persoonlijk letsel. Letsel kan optreden indien de motor terugslaat.
Ga naast de motor staan, kijkend naar de achterkant van de machine. Ga niet
ergens ander staan.
Houd de draaikracht aan gedurende de gehele handmatige startbewerking.
wc_gr011687
k
wc_tx003606nl_FM10.fm
52
Werking RD7
4.19 Starten bij koud weer (Hatz-motor)
Vereisten
De machine is in bruikbare conditie en werd goed onderhouden
Brandstof in de tank
Vrijstromende smeerolie
Achtergrond
De motorkruk is uitgerust met een
terugslagdemping om de bediener te
beschermen tegen verwondingen indien
de motor terugslaat. De korte
omgekeerde rotatie bij de handgreepbuis
(k) scheidt de link tussen de krukas (m)
en de aandrijfklauw (n).
Procedure
Voer de onderstaande procedure uit om
de motor te starten bij temperaturen
onder ongeveer -5°C (23°F). Draai de
motor altijd om ervoor te zorgen dat het
vrijelijk draait.
Deze procedure wordt vervolgd op de volgende pagina.
wc_gr011513
m
n
k
WAARSCHUWING
Gevaar van persoonlijk letsel. Als u de machine start met de
bekrachtigerschakelaar in de AAN-stand, kan dit resulteren in persoonlijk letsel.
Start de machine alleen wanneer de bekrachtigerschakelaar in de UIT-stand
staat.
wc_tx003606nl_FM10.fm
53
RD7 Werking
Vervolg van de vorige pagina.
1. Activeer de parkeerrem (a).
2. Controleer dat de bekrachtigerschakelaar (b) in de OFF (UIT)-stand staat.
3. Zet de gashendel (c) op de hoge stand.
4. Zet de decompressiehendel (d) in een stand ongeveer halverwege tussen (d
0
)
en (d
1
).
5. Steek de krukas van de motor (e) in de geleidebus (f).
6. Draai de motor met de krukas totdat men voelt dat deze vrijer draait
(10–20 draaien van de krukas).
Deze procedure wordt vervolgd op de volgende pagina.
wc_gr011679
d
d
1
d
0
e
f
g
b
c
c
a
WAARSCHUWING
Gevaar van persoonlijk letsel. Letsel kan optreden indien de motor terugslaat.
Ga naast de motor staan, kijkend naar de achterkant van de machine. Ga niet
ergens ander staan.
Onderhoud de draaikracht gedurende de gehele handmatige startbewerking.
wc_tx003606nl_FM10.fm
54
Werking RD7
Vervolg van de vorige pagina.
7. Reinig rond de kap van het meetapparaat (g), en vervolgens:
Verwijder het deksel (h)
vul met vrijstromende smeerolie (j) totdat het peil bij de bovenste rand staat
druk de kap er stevig op
NB: Er zijn twee vullingen achter elkaar nodig.
8. Draai de decompressiehendel tot de limietstop (d
1
).
9. Ga naast de motor staan, kijkend naar de achterkant van de machine (k) en pak
de krukas met beide handen vast.
NB: Houd tijdens dit proces constant contact tussen de motorkruk en de motor.
10.Draai langzaam aan de krukas van de motor totdat de pal wordt gekoppeld met
de rachet, en verhoog de draaikracht vervolgens om snelheid op te bouwen
totdat de motor start.
NB: De hoogste snelheid moet worden bereikt wanneer de decompressiehendel
(d) terugkeert naar de (d
0
)-stand.
Deze procedure wordt vervolgd op de volgende pagina.
wc_gr010225
h
g
j
wc_gr010234
k
wc_tx003606nl_FM10.fm
55
RD7 Werking
Vervolg van de vorige pagina.
11.Wanneer de motor start, trekt u de krukas van de motor uit de geleidebus.
NB: Indien de motor achteruit begint te draaien na terugslaan (er komt rook uit de
luchtfilter), laat u de motorkruk onmiddellijk los en stopt u de motor.
12.Om de motor opnieuw te starten, wacht u totdat deze tot stilstand is gekomen,
en vervolgens herhaalt u de startprocedures.
13.Ontkoppel de parkeerrem:
14.Laat de motor een paar minuten opwarmen voordat u de machine begint te
gebruiken.
NB: Bedien de machine altijd in de werkstand.
wc_tx003606nl_FM10.fm
56
Werking RD7
4.20 De machine starten (Hatz-motor met elektrische starter.
Vereisten
De machine is in bruikbare conditie en werd goed onderhouden
Brandstof in de tank
Procedure
Voer de onderstaande procedure uit om de machine te starten.
1. Activeer de parkeerrem (a).
2. Controleer dat de bekrachtigerschakelaar (b) in de OFF (UIT)-stand staat.
3. Zet de gashendel (c) op de hoge stand.
Deze procedure wordt vervolgd op de volgende pagina.
WAARSCHUWING
Gevaar van persoonlijk letsel. Als u de machine start met de
bekrachtigerschakelaar in de AAN-stand, kan dit resulteren in persoonlijk letsel.
Start de machine alleen wanneer de bekrachtigerschakelaar in de UIT-stand
staat.
wc_gr011680
d
b
a
c
c
wc_tx003606nl_FM10.fm
57
RD7 Werking
Vervolg van de vorige pagina.
4. Draai aan de contactsleutel (d) om de motor te starten.
LET OP
Wanneer de sleutel in de ON (AAN)-stand staat, zal een alarm afgaan. Het
alarm herinnert u om de sleutel naar de OFF (UIT)-stand te draaien wanneer de
machine niet in gebruik is. Indien dit niet gebeurt, zal dit een lege batterij tot
gevolg hebben. Het alarm zal stoppen wanneer de juiste oliedruk wordt bereikt.
Houd de startknop voor de motor niet langer dan 15 seconden ingedrukt. Het
meer dan 15 seconden aanslingeren van de motor zou kunnen leiden tot
schade aan de startmotor. Houd 30 seconden aan tussen verschillende
aanslingerpogingen.
5. Laat de motor enkele minuten opwarmen alvorens de machine te gebruiken.
NB: Bedien de machine altijd in de werkstand.
wc_tx003606nl_FM10.fm
58
Werking RD7
4.21 De machine stoppen
Procedure
Voer de onderstaande procedure uit om de machine te stoppen.
1. Zet de bekrachtigerschakelaar (a) in de OFF-stand.
2. Sluit de waterregelklep (b).
3. Zet de gashendel (c) in de OFF-stand om de motor te stoppen.
4. Bij machines met een elektrische start, draait u de motorschakelaar (d) naar de
OFF-stand.
5. Schakel de parkeerrem in.
6. Reinig de afstrijkbalken voordat u de machine opslaat.
wc_gr011683
b
c
a
d
c
VOORZICHTIG
Mogelijk verlies van controle over de machine. Als de gashendel het begeeft, kan
de motor blijven steken in hoog stationair.
Trek de decompressiehendel omhoog om de motor te stoppen.
De decompressiehendel kan heet zijn. Draag veiligheidshandschoenen om
letsel te voorkomen.
wc_tx003606nl_FM10.fm
59
RD7 Werking
4.22 De machine starten (Honda-motor)
Vereisten
De machine is in bruikbare conditie en werd goed onderhouden
Brandstof in de tank
Procedure
Voer de onderstaande procedure uit om de machine te starten.
1. Controleer dat de bekrachtigerschakelaar (f) in de OFF (UIT)-stand staat.
2. Zet de gashendel op de hoge stand (d
1
).
Deze procedure wordt vervolgd op de volgende pagina.
WAARSCHUWING
Gevaar van persoonlijk letsel. Als u de machine start met de
bekrachtigerschakelaar in de AAN-stand, kan dit resulteren in persoonlijk letsel.
Start de machine alleen wanneer de bekrachtigerschakelaar in de UIT-stand
staat.
wc_gr011682
d
1
f
wc_tx003606nl_FM10.fm
60
Werking RD7
Vervolg van de vorige pagina.
3. Open de brandstofafsluiter door de hendel naar rechts te trekken (a
1
).
NB: Bij een koude motor moet de chokehendel op de gesloten-stand (b
1
) worden
gezet. Bij een warme motor zet u de choke op de open-stand (b
2
).
4. Zet de startschakelaar op de AAN-stand (c
1
).
5. Trek aan de startkabel (e).
6. Open de choke terwijl de motor opwarmt (b
2
).
NB: Bedien de machine altijd in de werkstand.
a
1
a
2
b
1
b
2
c
1
c
2
e
wc_gr011681
wc_tx003606nl_FM10.fm
61
RD7 Werking
4.23 De machine stoppen (Honda-motor)
Procedure
Voer de onderstaande procedure uit om de machine te stoppen.
1. Zet de bekrachtigerschakelaar (a) in de UIT-stand.
2. Sluit de waterregelklep (b).
3. Zet de gashendel (c) op UIT.
4. Zet de motorschakelaar op de UIT-stand (d
2
).
5. Activeer de parkeerrem.
6. Reinig de afstrijkbalken voordat u de machine opslaat.
wc_gr012564
d
1
d
2
b
a
c
VOORZICHTIG
Mogelijk verlies van controle over de machine. Als de gashendel het begeeft, kan
de motor blijven steken in de hoge snelheidspositie.
Trek de decompressiehendel omhoog om de motor te stoppen.
De decompressiehendel kan heet zijn. Draag veiligheidshandschoenen om
letsel te voorkomen.
wc_tx003606nl_FM10.fm
62
Werking RD7
4.24 De machine starten (Yanmar-motor)
Vereisten
De machine is in bruikbare conditie en werd goed onderhouden
Brandstof in de tank
Procedure
Voer de onderstaande procedure uit om de machine te starten.
1. Activeer de parkeerrem (a).
2. Controleer of de bekrachtigerschakelaar (b) in de OFF (UIT)-stand staat.
3. Zet de gashendel (c) op de hoge stand.
4. Open de brandstofklep (d).
Deze procedure wordt vervolgd op de volgende pagina.
WAARSCHUWING
Gevaar van persoonlijk letsel. Als u de machine start met de
bekrachtigerschakelaar in de AAN-stand, kan dit resulteren in persoonlijk letsel.
Start de machine alleen wanneer de bekrachtigerschakelaar in de UIT-stand
staat.
wc_gr013986
b
c
a
e
d
f
wc_tx003606nl_FM10.fm
63
RD7 Werking
Vervolg van de vorige pagina.
5. Draai de decompressiehendel (e) totdat de stop wordt bereikt. In deze stand
zou het decompressiesysteem gekoppeld moeten worden.
6. Trek aan de startkabel (f).
7. Om de motor opnieuw te starten, wacht u totdat deze tot stilstand is gekomen,
en vervolgens herhaalt u de startprocedures.
8. Ontkoppel de parkeerrem:
9. Laat de motor enkele minuten opwarmen alvorens de machine te gebruiken.
NB: Bedien de machine altijd in de werkstand.
wc_tx003606nl_FM10.fm
64
Werking RD7
4.25 De machine starten (Hatz-motor met elektrische starter.
Vereisten
De machine is in bruikbare conditie en werd goed onderhouden
Brandstof in de tank
Procedure
Voer de onderstaande procedure uit om de machine te starten.
1. Activeer de parkeerrem (a).
2. Controleer dat de bekrachtigerschakelaar (b) in de OFF (UIT)-stand staat.
3. Zet de gashendel (c) op de hoge stand.
Deze procedure wordt vervolgd op de volgende pagina.
WAARSCHUWING
Gevaar van persoonlijk letsel. Als u de machine start met de
bekrachtigerschakelaar in de AAN-stand, kan dit resulteren in persoonlijk letsel.
Start de machine alleen wanneer de bekrachtigerschakelaar in de UIT-stand
staat.
wc_gr013992
d
b
a
c
wc_tx003606nl_FM10.fm
65
RD7 Werking
Vervolg van de vorige pagina.
4. Draai aan de contactsleutel (d) om de motor te starten.
LET OP
Wanneer de sleutel in de ON (AAN)-stand staat, zal een alarm afgaan. Het
alarm herinnert u om de sleutel naar de OFF (UIT)-stand te draaien wanneer de
machine niet in gebruik is. Indien dit niet gebeurt, zal dit een lege batterij tot
gevolg hebben. Het alarm zal stoppen wanneer de juiste oliedruk wordt bereikt.
Houd de startknop voor de motor niet langer dan 15 seconden ingedrukt. Het
meer dan 15 seconden aanslingeren van de motor zou kunnen leiden tot
schade aan de startmotor. Houd 30 seconden aan tussen verschillende
aanslingerpogingen.
5. Laat de motor enkele minuten opwarmen alvorens de machine te gebruiken.
NB: Bedien de machine altijd in de werkstand.
wc_tx003606nl_FM10.fm
66
Werking RD7
4.26 De machine stoppen (Yanmar-motor)
Procedure
Voer de onderstaande procedure uit om de machine te stoppen.
1. Zet de bekrachtigerschakelaar (a) in de OFF (UIT)-stand.
2. Sluit de waterregelklep (b).
3. Zet de gashendel (c) in de OFF (UIT)-stand om de motor te stoppen.
4. Bij machines met een elektrische start, draait u de startschakelaar naar de OFF
(UIT)-stand.
5. Activeer de parkeerrem.
6. Reinig de afstrijkbalken voordat u de machine opslaat.
wc_gr013990
b
a
c
d
VOORZICHTIG
Mogelijk verlies van controle over de machine. Als de gashendel het begeeft, kan
de motor blijven steken in de hoge snelheidspositie.
Trek de decompressiehendel omhoog om de motor te stoppen.
De decompressiehendel kan heet zijn. Draag veiligheidshandschoenen om
letsel te voorkomen.
wc_tx003606nl_FM10.fm
67
RD7 Werking
4.27 Procedure voor noodstops
In geval van een defect/storing of als er een ongeluk plaatsvindt terwijl de machine
in gebruik is, moet de onderstaande procedure worden gevolgd:
1. Zet de motor af.
2. Sluit de brandstofklep.
3. Laat de machine afkoelen.
4. Neem contact op met het verhuurbedrijf of de eigenaar van de machine voor
nadere instructies.
wc_tx003607nl_FM10.fm
68
Algemeen onderhoud RD7
5 Algemeen onderhoud
5.1 Onderhoudsschema
In de volgende tabel worden de fundamentele onderhoudstaken voor de machine
vermeld. Taken met een vinkje kunnen door de gebruiker worden uitgevoerd.
Taken met een vierkantje vereisen een speciale training en gespecialiseerd
gereedschap.
1
Vervang het hydraulische filter na de eerste 100 uur.
2
Koppelingen meer frequent onderhouden in stoffige omgevingen. Smeren van koppelingen
wordt niet aanbevolen. Indien echter toch noodzakelijk, gebruik dan een droog smeermiddel dat
geen stof aantrekt.
Dagelijks
Om de
500
uren
Externe hardware controleren.
Maak de machine schoon.
Onderhoudsindicator van luchtfilter controleren.
Peil van hydraulische olie controleren.
De afstrijkbalken schoonmaken.
Werking controleren van het kussenblok dat de
teruggaande beweging stopt en de richting van de
bedieningshendel.
Afstrijkbalken controleren en afstellen.
Accuaansluitingen (RD 7H-ES) schoonmaken.
Hydraulische olie en filter vervangen.
1
Koppelcomponenten controleren.
2
wc_tx003607nl_FM10.fm
69
RD7 Algemeen onderhoud
5.2 Afstrijkbalken
Controleer de vier schraapstangen (a) op slijtage. Vervang de schraapstangen zo
nodig.
De schraapstangen reinigen
De schraapstangen moeten dagelijks na gebruik worden gereinigd of zo vaak als
nodig is om opgehoopt vuil, modder en teer te verwijderen.
Gebruik zo nodig een hogedrukwaterstraal en een stevige borstel.
wc_gr012951
a
a
a
wc_tx003607nl_FM10.fm
70
Algemeen onderhoud RD7
5.3 Watersproeibalken
Achtergrond
Als een sproeibalk verstopt of vuil is, wordt er mogelijk geen water op de cilinders
gesproeid. Als er merkbaar minder of geen water wordt gesproeid terwijl er wel
water in de tank zit, reinigt u de sproeibalken.
Procedure
Ga als volgt te werk om de sproeibalken te reinigen.
1. De sproeibalken (a) bevinden zich achter de cilinderafstrijkbalken.
2. Start de machine. Activeer het sproeisysteem en controleer of het water vrij door
elke sproeiopening (b) stroomt.
3. Als een van de sproeiopeningen is geblokkeerd, stopt u de machine en
verwijdert u de blokkering met een klein puntig voorwerp (bijv. een rigide stuk
draad).
4. Spoel de sproeibalken af met schoon water en droog ze met een zachte,
schone doek.
LET OP: De dop (c) en de fitting (d) kunnen niet worden verwijderd.
wc_gr012950
a
b
c
d
wc_tx003607nl_FM10.fm
71
RD7 Algemeen onderhoud
5.4 De machine schoonmaken
Wanneer
Reinig de machine na elk gebruik.
Overzicht
Het regelmatig schoonmaken van de machine is belangrijk om het in een goede
werkconditie te houden. Het is belangrijk dat u opgehoopt vuil, modder en teer zo
snel mogelijk na het werk van de machine verwijdert.
Vereisten
De machine is gestopt en is koel genoeg om te kunnen aanraken
Toevoer van vers, schoon water.
Hogedrukreiniger
Schone, zachte doeken
Procedure
Voer de volgende procedure uit om de machine schoon te maken.
1. Gebruik een hogedrukreiniger om vuil te verwijderen van tussen het bovenste
en onderste frame en rond de trommels.
LET OP: Water dat met hoge druk van op een korte afstand op de machine wordt
gespoten, zal bepaalde onderdelen beschadigen. De volgende onderdelen moeten
handmatig met een vochtige, schone doek worden afgeveegd. Spuit niet met een
hogedrukreiniger op deze onderdelen:
Oliekoeler, ventilator en aansluitslangen
Hydraulisch verdeelstuk
Elektrische aansluitingen (indien geïnstalleerd)
Labels
wc_tx003607nl_FM10.fm
72
Algemeen onderhoud RD7
5.5 Vereisten voor hydraulische olie
Wacker Neuson beveelt het gebruik van een hydraulische olie van hoge kwaliteit
op petroleumbasis met anti-slijtage en anti-schuimkenmerken aan. Goede anti-
slijtage olie bevat additieven om oxidatie te verminderen, schuimen te voorkomen
en goede waterafscheiding te bevorderen. Een dergelijke olie bevordert een
superieure levensduur van de motor en pomp.
Zorg dat u anti-slijtagekenmerken specificeert wanneer u hydraulische vloeistof
voor uw machine selecteert. Wacker Neuson biedt een hydraulische olie van hoge
kwaliteit aan voor gebruik in deze machine.
Vermijd het mengen van verschillende merken en kwaliteiten hydraulische
vloeistoffen.
Viscositeit van de olie
De meeste hydraulische olie is verkrijgbaar in verschillende viscositeiten. Het SAE-
nummer voor een olie wordt uitsluitend gebruikt om de viscositeit aan te geven. Het
geeft niet het soort olie (motor-, hydraulische, versnellings- enz.) aan. Hoe hoger
het SAE-nummer, des te dikker is de olie.
Voor normale toepassingen gebruikt u een goede, niet-detergente, anti-slijtage
hydraulische olie met een viscositeitclasssificatie van SAE 10W30.
wc_tx003607nl_FM10.fm
73
RD7 Algemeen onderhoud
5.6 De hydraulische olie en het hydraulische
filter controleren en vervangen
Wanneer
Controleer de hydraulische olie dagelijks.
Ververs het hydraulische oliefilter na de eerste 100 bedrijfsuren.
Ververs de hydraulische olie en het hydraulische oliefilter om de 500 uur.
Vereisten
De machine is gestopt
Parkeerrem ingeschakeld
De machine staat op een vlakke ondergrond
Container van geschikte omvang om afgetapte olie op te vangen
Verse olie (10W30)
Vereisten hydraulische olie
Wacker Neuson beveelt aan om een hydraulische olie van de beste kwaliteit te
gebruiken op basis van petroleum met antislijtage en antischuim kenmerken.
Goede antislijtage oliën bevatten additieven om oxidatie te verminderen, het
schuimen te voorkomen en voor een goede scheiding tussen olie en water zorgen.
Deze oliën zorgen voor goed motor- en pomplevensduur.
Wanneer u hydraulische olie voor uw machine kiest, kies dan een olie met
specifieke antislijtage kenmerken. Wacker Neuson biedt ook een premium grade
hydraulische olie aan voor gebruik in deze machine.
Vermijd het door elkaar gebruiken van hydraulische oliën van verschillende merken
en kwaliteiten.
Olieviscositeit
De meeste hydraulische oliën zijn beschikbaar in verschillende viscositeiten. Het
SAE-nummer voor een olie wordt alleen gebruikt om de viscositeit aan te geven.
Het geeft niet het type olie weer (motorolie, hydraulische olie, gereedschapsolie,
enz.). Hoe hoger het SAE-nummer, hoe dikker de olie.
Gebruik voor normale toepassingen een goede niet-detergent, antislijtage,
hydraulische olie met een SAE-viscositeit van 10W30.
Deze procedure wordt vervolgd op de volgende pagina.
WAARSCHUWING
De meeste verwerkte olie bevat kleine hoeveelheden materiaal die kanker en
andere gezondheidsproblemen kunnen veroorzaken bij inhalatie, inslikken of bij
langdurig contact met de huid.
Neem maatregelen om inhalatie of inslikken van gebruikte motorolie te
voorkomen.
Was na blootstelling met gebruikte motorolie de huid grondig.
wc_tx003607nl_FM10.fm
74
Algemeen onderhoud RD7
Vervolg van de vorige pagina.
Het peil van de hydraulische olie controleren
Er bevindt zich een kijkglas voor het peil van de hydraulische olie (a) in de
hysdraulische tank.
Controleer het oliepeil terwijl de machine op een vlakke ondergrond staat. Het
oliepeil moet zich aan of dichtbij het merkteken MAX (a
1
) bevinden op het kijkglas.
Voeg hydraulische olie toe als het oliepeil te laag staat.
Als u voortdurend hydraulische olie moet toevoegen, inspecteert u de slangen en
verbindingen op mogelijke lekken. Herstel hydraulische olielekken onmiddellijk om
zo schade aan de hydraulische componenten te voorkomen.
Deze procedure wordt vervolgd op de volgende pagina.
wc_gr012809
a
a
1
a
2
wc_tx003607nl_FM10.fm
75
RD7 Algemeen onderhoud
Vervolg van de vorige pagina.
De hydraulische olie en het hydraulische filter vervangen
Voer de hierna beschreven procedure uit om de hydraulische olie en het
hydraulische oliefilter te verversen.
1. Verwijder de aftapplug (b) uit de aftapslang die bevestigd is aan de hydraulische
tank. Laat de olie vervolgens weglopen in een geschikte opvangbak.
NB: Zet in het belang van de milieubescherming een stuk plastic en een
opvangbak onder de machine om de afvloeiende vloeistof in op te vangen. Voer
deze vloeistof af in overeenstemming met de voorschriften ter bescherming van
het milieu.
2. Plaats de aftapplug terug nadat alle olie is weggevloeid.
3. Plaats een plastic zak rond het hydraulische filter (c) om het morsen van olie op
te vangen.
4. Schroef het oude filter los en verwijder het.
5. Plaats een nieuw hydraulisch filter.
6. Vul de hydraulische tank met olie tot aan het MAX-teken op het kijkglas.
Deze procedure wordt vervolgd op de volgende pagina.
wc_gr012810
b
wc_gr012811
c
wc_tx003607nl_FM10.fm
76
Algemeen onderhoud RD7
Vervolg van de vorige pagina.
7. Bedien de machine bij een laag stationair toerental, terwijl u het oliepeil
controleert. Wanneer de olie het MIN (a
2
) teken op het kijkglas nadert, stopt u
de machine onmiddellijk.
8. Vul de hydraulische tank met olie tot aan het MAX-teken op het kijkglas.
9. Herhaal stappen 7 en 8 totdat het oliepeil aan het MAX-teken blijft.
10.Bedien de machine aan een hoog stationair toerental. Stop de machine
vervolgens en controleer op lekken.
11.Controleer het oliepeil op het kijkglas en vul indien nodig bij.
Resultaat
De hydraulische olie werd nu gecontroleerd en ververst.
wc_tx003607nl_FM10.fm
77
RD7 Algemeen onderhoud
5.7 Onderhoud van de accu
Veiligheidsmaatregelen
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht om ernstige schade aan het
elektriciteitssysteem te voorkomen.
Koppel de accu niet los terwijl de machine draait.
Probeer nooit de machine te gebruiken zonder een accu.
Niet proberen de machine met startkabels te starten.
Voor het geval de accu van de machine leeg is, moet deze door een volledig
opgeladen accu worden vervangen of opnieuw worden geladen met de juiste
acculader.
Gooi gebruikte accu’s weg volgens de lokale milieuvoorschriften.
Accuaansluitingen
De accu aansluiten:
1. Plaats alle elektrische schakelaars in de OFF-stand.
2. Sluit de positieve (+) accukabel aan op de accu.
3. Sluit de negatieve (-) accukabel aan op de accu.
De accu loskoppelen:
1. Zet de motor af.
2. Plaats alle elektrische schakelaars in de OFF-stand.
3. Koppel de negatieve (-) accukabel los van de accu.
4. Koppel de positieve (+) accukabel los van de accu.
De accuconditie onderhouden
Volg de aanbevelingen van de fabrikant m.b.t. onderhoud van de accu.
Houd accuaansluitingen schoon en zorg dat verbindingen goed vastzitten.
Maak de kabels zo nodig beter vast en smeer de kabelklemmen met vaseline.
Houd de accu volledig geladen om starten bij koud weer te verbeteren.
WAARSCHUWING
Ontploffingsgevaar. Uit een accu kan explosief waterstofgas vrijkomen.
Houd alle vonken en vlammen uit de buurt van de accu.
Accucontactpennen niet kortsluiten.
wc_tx003607nl_FM10.fm
78
Algemeen onderhoud RD7
5.8 Motor - Met startkabels starten
Achtergrond
Met startkabels starten kan nu en dan noodzakelijk zijn bij een lege accu. Wanneer
starten met startkabels noodzakelijk is, wordt de volgende procedure aanbevolen
om schade aan de startmotor en accu en persoonlijk letsel te voorkomen.
AANDACHT:
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht om ernstige schade aan het
elektriciteitssysteem te voorkomen:
Een kortgesloten of defecte accu met behulp van startkabels starten, zal de
spanningsregelaar hogere dan normale spanning doen leveren. Dit kan de digitale
elektronica die de werking van de machine bestuurt, ernstig beschadigen. Indien er
enige twijfel bestaat over de staat van de accu, zou een vervangaccu moeten
gebruikt worden of getracht moeten worden om de accu te laden alvorens de
machine te starten.
Sluit de negatieve klem niet aan op een carburateur, brandstofleidingen of
plaatmetalen carrosserieonderdelen.
Probeer nooit de machine te gebruiken zonder een accu.
Gooi gebruikte accu’s weg volgens de lokale milieuvoorschriften.
Deze procedure wordt vervolgd op de volgende pagina.
WAARSCHUWING
Gevaar van persoonlijk letsel. Een accu verkeerd starten met startkabels kan de
accu doen exploderen, wat ernstig persoonlijk letsel of de dood tot gevolg kan
hebben.
Houd alle bogen, vonken, vlammen en aangestoken tabakswaren uit de buurt
van de accu.
Start niet met startkabels als de accu bevroren is.
Houd alle bogen, vonken, vlammen en aangestoken tabakswaren uit de buurt
van de accu.
Start niet met startkabels als de accu bevroren is.
De accupolen niet kortsluiten. Raak het frame van de negatieve pool nooit aan
bij het werken aan de positieve pool.
Draag een veiligheidsbril en schoenen als u startkabels gebruikt.
WAARSCHUWING
Accuvloeistof is giftig en bijtend.
In geval van inslikken of contact met huid of ogen, dient u onmiddellijk medische
hulp in te roepen.
wc_tx003607nl_FM10.fm
79
RD7 Algemeen onderhoud
Vervolg van de vorige pagina.
Procedure
Voer onderstaande procedure uit om de accu met startkabels te starten.
1. Controleer de toestand van de elektrolyten bij zeer koud weer. Als deze
plakkerig of bevroren lijken, probeer dan niet te starten met startkabels totdat
het gaat dooien.
LET OP: Als een accu in extreme kou staat, kunnen de elektrolyten binnenin de
accu bevriezen. Als u probeert een bevroren accu met startkabels te starten, kan
deze scheuren.
2. Ontkoppel de motorlast.
3. Gebruik een hulpstartaccu met dezelfde spanning als die in uw motor gebruikt
wordt.
4. Maak één uiteinde van de positieve kabelklem (rood) vast aan de positieve (+)
pool van de lege accu. Maak het andere uiteinde van de positieve kabelklem
vast aan de positieve pool van de hulpstartaccu .
5. Maak één uiteinde van de negatieve kabelklem (zwart) vast aan de negatieve (-
) pool van de hulpstartaccu. Maak het andere uiteinde van de negatieve
kabeklem vast aan een vast carrosserieonderdeel van je motor of aan een
ongeverfd deel van het machineframe, uit de buurt van de "ontladen" accu.
6. Start de motor van de machine die als krachtbron gebruikt wordt.
7. Wacht minstens twee minuten terwijl de accu in de stilstaande machine
gedeeltelijk opgeladen wordt.
8. Draai de contactsleutel van de motor en houd het in die stand totdat de motor
start.
LET OP: De motor langer dan vijf seconden proberen te starten, kan schade aan
de startmotor veroorzaken. Als de motor niet start, laat u de contactsleutel los en
wacht u 10 seconden voordat u het opnieuw probeert te starten. Als de motor nog
steeds niet start, raadpleegt u Probleemoplossing.
9. Onmiddellijk nadat de stilstaande motor start, ontkoppelt u de negatieve
kabelklem eerst van de voorheen lege accu en vervolgens de negatieve
kabelklem van de hulpstartaccu.
10.Ontkoppel de positieve kabelklem van de hulpstartaccu en vervolgens de
positieve kabelklem van de voorheen lege accu.
11.Bij gebruik van koplampen of hulpstukken die hoge stroomsterkte vereisen, laat
u de motor 20 minuten lang stationair draaien om de accu op laadstatus te laten
komen.
Resultaat
De machine is nu met startkabels gestart.
VOORZICHTIG
Elektrische vonkontlading kan ernstig persoonlijk letsel veroorzaken.
Laat de positieve en negatieve kabeluiteinden niet met elkaar in aanraking
komen
wc_tx003607nl_FM10.fm
80
Algemeen onderhoud RD7
5.9 De machine schoonmaken
Wanneer
Reinig de machine na elk gebruik.
Overzicht
Het regelmatig schoonmaken van de machine is belangrijk om het in een goede
werkconditie te houden. Het is belangrijk dat u opgehoopt vuil, modder en teer zo
snel mogelijk na het werk van de machine verwijdert.
Vereisten
De machine is gestopt en is koel genoeg om te kunnen aanraken
Toevoer van vers, schoon water.
Hogedrukreiniger
Schone, zachte doeken
Procedure
Voer de volgende procedure uit om de machine schoon te maken.
1. Gebruik een hogedrukreiniger om vuil te verwijderen van tussen het bovenste
en onderste frame en rond de trommels.
LET OP: Water dat met hoge druk van op een korte afstand op de machine wordt
gespoten, zal bepaalde onderdelen beschadigen. De volgende onderdelen moeten
handmatig met een vochtige, schone doek worden afgeveegd. Spuit niet met een
hogedrukreiniger op deze onderdelen:
Oliekoeler, ventilator en aansluitslangen
Hydraulisch verdeelstuk
Elektrische aansluitingen (indien geïnstalleerd)
Labels
wc_tx003607nl_FM10.fm
81
RD7 Algemeen onderhoud
5.10 Opslag op lange termijn
Inleiding
Langdurige opslag van apparatuur vereist preventief onderhoud. Het uitvoeren van
deze stappen helpt de machine-onderdelen te beschermen en te verzekeren dat
de machine klaar is voor toekomstig gebruik. Al deze stappen zijn niet
noodzakelijkerwijs op deze machine van toepassing, maar de basisprocedures zijn
desondanks dezelfde.
Wanneer
Maak uw machine klaar voor langdurige opslag wanneer hij gedurende 30 dagen
of langer niet gebruikt gaat worden.
Klaarmaken voor opslag
Volg de onderstaande procedures om uw machine klaar te maken voor opslag.
Voltooi alle benodigde reparaties.
Ververs of vervang waar nodig de olie (motor, bekrachtiging, hydraulische kast
en versnellingsbak) volgens de in de Geplande onderhoudstabel
gespecificeerde tijdsintervallen.
Smeer alle fittingen en pak de lagers opnieuw samen, indien van toepassing.
Inspecteer de motorkoelvloeistof. Vervang de koelvloeistof als het er troebel
uitziet, meer dan zes maanden oud is of niet aan de gemiddelde laagste
temperatuur in uw gebied voldoet.
Als uw machine met een motor met brandstofklep is uitgerust, moet de motor
worden gestart, de brandstofklep worden gesloten en moet u de motor laten
draaien totdat hij stopt.
Raadpleeg de gebruikershandleiding voor de motor voor instructies over het
klaarmaken van de motor voor opslag.
De brandstof stabiliseren
Nadat de hierboven vermelde procedures voltooid zijn, moet de brandstoftank
volledig worden gevuld en een stabilisatiemiddel van de hoogste kwaliteit aan de
brandstof worden toegevoegd.
Kies een stabilisatiemiddel dat reinigingsmiddelen en -additieven bevat die zijn
bedoeld om de cilinderwanden te coaten/beschermen.
Zorg ervoor dat het stabilisatiemiddel dat u gebruikt compatibel is met de
brandstof in uw gebied en met het brandstoftype, de kwaliteit en het
temperatuurbereik. Geen extra alcohol toevoegen aan brandstoffen die al
alcohol bevatten (bijvoorbeeld E10).
Deze procedure wordt vervolgd op de volgende pagina.
wc_tx003607nl_FM10.fm
82
Algemeen onderhoud RD7
Vervolg van de vorige pagina.
Voor dieselmotoren moet een stabilisatiemiddel met een biocide
(verdelgingsmiddel) worden gebruikt om de groei van bacteriën en fungi te
beperken of te voorkomen.
Voeg de juiste hoeveelheid stabilisatiemiddel toe volgens de aanbevelingen van
de fabrikant.
De machine opslaan
Voer de volgende resterende stappen uit voor het opslaan van uw machine.
Was de machine en laat hem drogen.
Zet de machine op een schone, droge en veilige opslagplaats. Blokkeer de
wielen of gebruik wiggen om beweging van de machine te voorkomen.
Gebruik zoals benodigd wat touch-up verf om onbeschermd metaal tegen roest
te beschermen.
Als de machine een accu heeft, moet die worden verwijderd of ontkoppeld.
LET OP: De accu laten bevriezen of volledig laten ontladen zal waarschijnlijk
blijvende schade veroorzaken. Terwijl de machine niet wordt gebruikt moet de accu
periodiek worden opgeladen. In koude klimaten moet de accu binnenshuis of op
een warme locatie worden opgeslagen en geladen.
Dek de machine af. De banden en andere onbeschermde uit rubber
vervaardigde onderdelen moeten tegen het weer worden beschermd. Ze
moeten worden afgedekt of er moet een voorhanden zijnd beschermingsmiddel
worden gebruikt.
wc_tx003607nl_FM10.fm
83
RD7 Algemeen onderhoud
5.11 Machine Afvalverwijderingl / Ontmanteling
Inleiding
Nadat de machine aan het einde van de nuttige gebruiksduur is gekomen, moet
deze op geschikte wijze worden ontmanteld. Een verantwoordelijke behandeling
van recycleerbare onderdelen, zoals plastic en metaal zorgt ervoor dat deze
materialen kunnen worden hergebruikt, waardoor strotplaats wordt behouden en
waardevolle natuurlijke hulpbronnen.
Verantwoordelijke afvalverwijdering voorkomt ook dat giftige chemicaliën en
materialen het milieu beschadigen. De operationele vloeistoffen in deze machine,
waaronder brandstof, motorolie, hydraulische olie en vet, kunnen op vele plaatsen
worden beschouwd als gevaarlijk afval. Lees en volg de plaatselijke veiligheids- en
mileiureglementen voor de afvalverwijdering van contrustiemateriaal voordat u
deze machine ontmantelt.
Voorbereiding
Voer de volgende taken uit om de machine voor te bereiden voor afvalverwijdering.
Verplaats de machine naar een beschermde omgeving waar hij geen gevaar
loopt en er geen toegang tot is voor niet geautoriseerde individuen.
Zorg ervoor dat de machine niet kan worden bediend tussen de tijd van de
laatste bediening en e de afvalverwijdering.
Tap alle vloeistoffen af, inclusief brandstof, motorolie en de hydraulische olie.
Afdichtings- en vloeistoflekken
Afvalverwijdering
Voer de hierna beschreven taken uit om de machine te verwijderen.
Haal de machine uit elkaar en orden de onderdelen per materiaaltype.
Verwijder de recycleerbare onderdelen volgens de plaatselijke wetgeving.
Verwijder alle niet-gevaarlijke onderdelen die niet gerecycleerd kunnen worden.
Verwijder de afgetapte brandstof, olie en vet volgens de huidige wettelijke
milieubeschermingsvoorschriften.
wc_tx004123nl_FM10.fm
84
Motoronderhoud: Hatz 1D42
6 Motoronderhoud: Hatz 1D42
De informatie in dit hoofdstuk komt uit Hatz-materiaal dat onder het auteursrecht
valt.
De viscositeit van de motorolie is een belangrijke factor bij het bepalen van de
juiste motorolie voor uw machine. Gebruik een motorolie met de juiste viscositeit
op basis van de verwachte buitentemperatuur. Zie onderstaande tabel.
WAARSCHUWING
De meeste gebruikte vloeistoffen van deze machine, zoals olie, benzine, vet, enz.,
bevat kleine hoeveelheden materiaal die kanker en andere gezondheidsproblemen
kunnen veroorzaken bij inhalatie, inslikken of bij langdurig contact met de huid.
Neem maatregelen om inhalatie of inslikken van gebruikte vloeistoffen te
voorkomen.
Na blootstelling aan gebruikte vloeistoffen, moet de huid grondig worden
gewassen.
770093_NL
Olieviscositeit
Gelieve de aanbevolen viscositeit te selecteren
afhankelijk van de omgevingstemperatuur
waarin de motor wordt bediend.
OLIE: SAE...
Ongeschikte motorolie kan de levensduur
van de motor aanzienlijk verlagen.
wc_tx004123nl_FM10.fm
85
Motoronderhoud: Hatz 1D42
De onderhoudstabel(len) voor de motor in dit hoofdstuk werden gekopieerd uit de
gebruikershandleiding van de motor. Zie voor meer informatie de
gebruikershandleiding van de motor.
770094_NL
Onderhoud
De motor moet worden stilgelegd voordat u er onderhoudswerken aan uitvoert.
Volg de wettelijke vereisten bij het behandelen en verwijderen van oude olie, lters
en andere materialen.
Bewaar de contactsleutel en starthendel van de motor buiten bereik van ongeautoriseerde personen.
Om motoren met een elektrische starter te immobiliseren, ontkoppelt u de negatieve accuterminal.
Controleer na het onderhoudswerk of u alle gereedschap uit de motor hebt verwijderd en dat alle
veiligheidskappen, deksels, enz. terug op hun plaats werden aangebracht.
Controleer voordat u de motor start of niemand zich in de gevarenzone bevindt (motor of
aangedreven machines).
5. 1. Onderhoudssamenvatting
Onderhouds i ntervallen
Vereist onderhoudswerk
Om de 8 – 15 bedrijfsuren of
elke dag vóór het opstarten
Het oliepeil controleren.
Het gebied rond de luchtinvoer van de verbrandingskamer
controleren.
Onderhoudsindicator van luchtlter controleren.
Het koelingsluchtgebied controleren
De waterafscheider controleren.
Controleer het oliepeil aan het onderste gedeelte van
oliebadluchtlter en controleer of er geen vuil aan hangt;
ververs de olie als er modder aanwezig is.
Onderhoud van het oliebadluchtlter.
Ververs de motorolie en vervang het olielter.
Klepstoterspeling controleren en afstellen.
Luchtkoelsysteem reinigen.
Schroefverbindingen inspecteren.
Gaasinvoer in uitlaatdemper reinigen.
Het brandstolter vervangen.
Onderhoud van het drogeluchtlter.
Om de 250 bedrijfsuren
Om de 500 bedrijfsuren
wc_tx004030nl_FM10.fm
86
Motoronderhoud: Honda GX390
7 Motoronderhoud: Honda GX390
De informatie in dit hoofdstuk komt uit Honda-materiaal dat onder het auteursrecht
valt.
De viscositeit van de motorolie is een belangrijke factor bij het bepalen van de
juiste motorolie voor uw machine. Gebruik een motorolie met de juiste viscositeit
op basis van de verwachte buitentemperatuur. Zie onderstaande tabel.
WAARSCHUWING
De meeste gebruikte vloeistoffen van deze machine, zoals olie, benzine, vet, enz.,
bevat kleine hoeveelheden materiaal die kanker en andere gezondheidsproblemen
kunnen veroorzaken bij inhalatie, inslikken of bij langdurig contact met de huid.
Neem maatregelen om inhalatie of inslikken van gebruikte vloeistoffen te
voorkomen.
Na blootstelling aan gebruikte vloeistoffen, moet de huid grondig worden
gewassen.
Aanbevolen olie
Gebruik 4-takt motorolie dat voldoet aan de vereisten voor API
servicecategorie SJ of later (of equivalent). Controleer altijd het
A
PI-servicelabel op de olieverpakking om er zeker van te zijn
dat het de letters SJ of later (of equivalent) bevat.
OMGEVINGSTEMPERATUUR
SAE 10W-30 wordt aanbevolen voor algemeen gebruik. Andere
viscositeiten in de in de grafiek kunnen gebruikt worden wanneer
de gemiddelde temperatuur in uw regio zich binnen het
aangeduide bereik bevindt.
770079_NL
wc_tx004030nl_FM10.fm
87
Motoronderhoud: Honda GX390
De onderhoudstabel(len) voor de motor in dit hoofdstuk werden gekopieerd uit de
gebruikershandleiding van de motor. Zie voor meer informatie de
gebruikershandleiding van de motor.
ONTLUCHTBUIS
INTERNE VENTILATOR
CARBURATEURTYPE
ONTLUCHTBUIS
STANDAARDTYPE
BUISKLEM
770080_NL
ONDERHOUDSSCHEMA
REGELMATIGE ONDERHOUDS-
PERIODE (3) Voer uit op elke
aangeduide maand of werkuurinterval,
wat het eerst komt.
Elk
gebruik
Eerste
maand
of om de
20 uur
Om de 3
maanden
of 50 uur.
Om de 6
maanden
of 100 uur.
Jaarlijks
of om de
300 uur
Raad-
pleeg
pagina
ITEM
Motorolie
Controleer peil
Verversen
Als u dit onderhoudsschema niet volgt, kan dit leiden tot
storingen die niet onder garantie vallen.
(4)
In Europa en andere landen waar de machinerichtlijn 2006/42/EC
van kracht is, moet deze reiniging worden uitgevoerd door
uw onderhoudsdealer.
(3) Noteer voor commercieel gebruik de bedrijfsuren om de
geschikte onderhoudsintervals te bepalen.
(2)
Deze onderdelen dienen te worden onderhouden door uw dealer,
tenzij de eigenaar het juiste gereedschap heeft en mechanisch
onderlegd is. Raadpleeg de winkelhandleiding van Honda voor
onderhoudsprocedures.
(1)
Onderhoud frequenter wanneer gebruikt in stoffige omgevingen.
** Enkel papierelementen vervangen.
Cycloontype om de 2 maanden of 600 uur
*
Enkel interne ventcarburateur van het type met dubbel element.
Cycloontype om de 6 maanden of 150 uur
Luchtfilter
Controleren
Reinigen
Bougie
Vonkenvanger
(toepasselijke types)
Stationair toerental
Reinigen
Klepspeling
Verbrandingskamer
Brandstoftank &
filter
Reinigen
Controleren-
aanpassen
Controleren-
aanpassen
Controleren-
aanpassen
Vervangen
Vermindering olie
(toepasselijke types)
Vervangen
(1)
(4)
(2)
(2)
Om de 500 uur. (2)
(2)
Brandstofslang Controleren Om de 2 jaar
(Zo nodig vervangen) (2)
Reinigen
Winkelhand-
leiding
Winkelhand-
leiding
Winkelhand-
leiding
Winkelhand-
leiding
13
13
12
12
11–12
10
10
9–10
9
9
(1)
Bezinkselkom
Reinigen
Controleer peil
Verversen
wc_tx004468nl_FM10.fm
88
Motoronderhoud: Yanmar L100N
8 Motoronderhoud: Yanmar L100N
De informatie in dit hoofdstuk komt uit Yanmar-materiaal dat onder het
auteursrecht valt.
De viscositeit van de motorolie is een belangrijke factor bij het bepalen van de
juiste motorolie voor uw machine. Gebruik een motorolie met de juiste viscositeit
op basis van de verwachte buitentemperatuur. Zie onderstaande tabel.
WAARSCHUWING
De meeste gebruikte vloeistoffen van deze machine, zoals olie, benzine, vet, enz.,
bevat kleine hoeveelheden materiaal die kanker en andere gezondheidsproblemen
kunnen veroorzaken bij inhalatie, inslikken of bij langdurig contact met de huid.
Neem maatregelen om inhalatie of inslikken van gebruikte vloeistoffen te
voorkomen.
Na blootstelling aan gebruikte vloeistoffen, moet de huid grondig worden
gewassen.
Viscositeit van de motorolie
Kies de juiste motorolieviscositeit op basis van
omgevingstemperatuur en gebruik het SAE-
viscositeitgraadoverzicht in Figuur 2.
770103_NL
(-20°C) (-10°C) (0°C) (10°C) (20°C) (30°C) (40°C) (50°C)
SAE 10W
SAE 20W
SAE 10W-30
SAE 15W-40
SAE 20
SAE 30
SAE 40
wc_tx004468nl_FM10.fm
89
Motoronderhoud: Yanmar L100N
De onderhoudstabel(len) voor de motor in dit hoofdstuk werden gekopieerd uit de
gebruikershandleiding van de motor. Zie voor meer informatie de
gebruikershandleiding van de motor.
PERIODIEK ONDERHOUD
PERIODIEK ONDERHOUDSSCHEMA
Dagelijks en periodiek onderhoud is belangrijk om de motor in goede werkingstoestand te houden.
Onderstaand volgt een samenvatting van onderhoudspunten per periodieke onderhoudsintervallen.
Periodieke onderhoudsintervallen variëren al naar gelang motortoepassing, belasting, dieselbrandstof en
de gebruikte motorolie. Het is lastig om deze precies te bepalen. Het onderstaand dient derhalve alleen
beschouwd te worden als algemene richtlijn.
LET OP
Stel een periodiek onderhoudsschema op op basis van de motortoepassing en zorg ervoor dat het
vereiste periodieke onderhoud conform de aangegeven intervallen uitgevoerd wordt. Het niet in acht
nemen van deze richtlijnen brengt de veiligheid en prestatiekenmerken van de motor in gevaar, verkorten
de levensduur van de motor en kunnen e ect hebben op de garantiedekking van de motor. Zie YANMAR
BEPERKTE GARANTIE op pagina iii.
Raadpleeg uw geautoriseerde YANMAR industriële motor-dealer of -distributeur voor ondersteuning bij het
controleren van de items die gemarkeerd zijn met een
.
Grafi ek voor periodiek onderhoud
: Controleren
: Vervangen
: Neem contact op met uw uw geautoriseerde YANMAR industriële motor-dealer of -distributeur
voor deze onderhoudsdiensten.
Systeem Controleer item Dagelijks
Periodieke onderhoudsinterval
Om de 50
uur
Om de 200
uur
Om de 400
uur
Om de 1000
uur
Om de
1500 uur
Om de 2000
uur
Luchtinlaat
Reinig of vervang het
luchtfi lterelement - deze heeft
wellicht meer onderhoud nodig
in sto ge omstandigheden
100 uur
500 uur
Cilinderkop
Pas de vrijslag van de uitlaat-/
inlaatklep aan
1e keer
Controleer de compressie
Elektrische
apparatuur
Inspecteer de accu en voeg
indien nodig water toe
Vooraf-
gaand aan
gebruik
Controleer het acculampje
(indien aanwezig) en andere
indicators van de aangedreven
machine (indien aanwezig)
Als de motor
gestart
wordt
Brandstofverstuiver
Inspecteer, reinig en test de
brandstofi njectiesproeikop
770104_NL
wc_tx004468nl_FM10.fm
90
Motoronderhoud: Yanmar L100N
: Controleren
: Vervangen
: Neem contact op met uw uw geautoriseerde YANMAR industriële motor-dealer of
-distributeur voor deze onderhoudsdiensten.
Systeem Item controleren Dagelijks
Periodieke onderhoudsinterval
Om de 50
uur
Om de 200
uur
Om de 400
uur
Om de 1000
uur
Om de 1500
uur
Om de 2000
uur
Motorolie
Controleer het motoroliepeil en
vul, indien nodig, motorolie bij.
Vooraf-
gaand aan
gebruik
Tap de motorolie af en vul
deze bij
1e keer
2e keer en
verder
Reinig de motoroliefi lter -
vervang deze als deze
beschadigd is
Deze heeft wellicht meer
onderhoud nodig in sto ge
omstandigheden
2e keer en
verder
Controleer op motorolielekkage
Voor en na
gebruik
Motorsnelheidsre-
geling
Controleer op juiste werking
Verifi eer de aanpassing
1e keer
2e keer en
verder
Uitlaatsysteem
Controleer de vonkvanger op
verstoppingen
Vooraf-
gaand aan
gebruik
Brandstof
Controleer het brandstofpeil van
de motor en voeg brandstof toe
wanneer dat nodig is
Vooraf-
gaand aan
gebruik
Laat de brandstoftank leeglopen
en reinig deze
Reinig het brandstofi nlaatscherm
Vervang het brandstofuitlaatfi lter
Controleer op brandstofl ekkage
Voor en na
gebruik
Slangleidingen
Vervang de slang(en) van het
brandstofsysteem
of elke 2 jaar
(wat eerst
komt)
770105_NL
wc_tx003608nl_FM10.fm
91
RD7 Foutoplossing
9 Foutoplossing
Probleem/Symptoom Reden Oplossing
Motor start niet Brandstoftank is leeg De brandstoftank opnieuw
vullen.
Verkeerd type brandstof De tank legen, het
brandstoffilter vervangen en
de tank vullen met de juiste
brandstof.
Oude brandstof De tank legen, het
brandstoffilter vervangen en
de tank met verse brandstof
vullen.
Brandstoffilter is
geblokkeerd of verstopt.
Het brandstoffilter
vervangen.
Accuaansluitingen zijn los
of gecorrodeerd of de accu
is leeg.
De accuaansluitingen
controleren of de accu zo
nodig vervangen.
Verstopte luchtreiniger of
filterelementen
De luchtreiniger
schoonmaken of de
filterelementen vervangen.
Defecte startmotor Repareren of vervangen.
Motor stopt uit zichzelf Brandstoftank is leeg De brandstoftank opnieuw
vullen.
Brandstoffilter is
geblokkeerd of verstopt.
Reinigen of vervangen.
Losse of kapotte
brandstofleidingen
Aansluitingen controleren
en zo nodig vastdraaien of
repareren.
Geen vibratie Defecte trillingsschakelaar
of slechte aansluiting.
Componenten controleren
en zo nodig vastdraaien of
repareren.
Laag oliepeil in hydraulisch
reservoir
Vul het hydraulisch
reservoir.
Geen beweging of alleen
beweging in één richting
Parkeerrem is ingeschakeld Ontgrendel de parkeerrem.
Er lekt water uit de
sproeikoppen wanneer de
machine is uitgeschakeld
Een van de of beide
membraankleppen zijn niet
helemaal dicht
De membraanklep(pen)
helemaal dichtdraaien.
Het membraan is versleten Het membraan vervangen.
wc_td000588nl_FM10.fm
92
Technische gegevens RD7
10 Technische gegevens
10.1 Motor—Hatz
1
Nettovermogen volgens ISO 3046/1-IFN. Het feitelijke vermogensrendement kan vanwege de
specifieke gebruikscondities variëren.
Machine RD7He RD7H
Motortype Een cilinder, 4-takt, luchtgekoeld,
dieselmotor
Motormerk Hatz
Motormodel 1D42S
Max. nominaal vermogen bij nomi-
naal toerental
1
kW (pk) 6,1 (8,2) aan 2.600 tpm
Bedrijfssnelheid hoog
laag
2.600 tpm
2.000 tpm
Klepspeling (koud)
inlaat:
uitlaat:
mm (inch) 0,10 (0,004)
0,20–0,25 (0,008–0,010)
Accu V 12 V
gelijkstroom
Luchtfilter type Droog geplooid papieren element
Motorsmering oliekwaliteit 15W40 SG, SF/CC, CD
Inhoud motorolie L (qt) 1,2 (1,25)
Brandstof type Nr. 2 diesel
Enkel met laag of ultralaag
zwavelgehalte
Brandstoftankinhoud L (gal) 5,0 (1,3)
Brandstofverbruik L (gal)/uur 1,4 (0,37)
wc_td000588nl_FM10.fm
93
RD7 Technische gegevens
10.2 Motor—Honda
1
Nettovermogen volgens ISO 3046/1-IFN. Het feitelijke vermogensrendement kan vanwege de
specifieke gebruikscondities variëren.
Machine RD7A
Motormerk Honda
Motormodel GX390OUT2 SXQ4
Max. nominaal vermogen bij
nominaal toerental
1
kW (pk) 8,7 (11,7) aan 3.600 tpm
Bedrijfssnelheid tpm 2.600
Bougie type NGK BPR 6ES
Elektrode-afstand mm
(inch)
0,7–0,8
(0,28-0,31)
Klepspeling (koud)
inlaat:
uitlaat:
mm (inch) 0,15 (0,006)
0,20 (0,008)
Luchtfilter type Dubbel element
Motorsmering Oliekwalit-
eit
SAE 10W30 SG of SF
Inhoud motorolie L (qt) 1,1 (1,16)
Brandstof type Normale loodvrije benzine
Brandstoftankinhoud L (gal) 6,0 (1,58)
Brandstofverbruik L (gal)/uur 1,7 (0,44)
wc_td000588nl_FM10.fm
94
Technische gegevens RD7
10.3 Motor—Yanmar
1
Nettovermogen volgens ISO 3046/1-IFN. Het feitelijke vermogensrendement kan vanwege de
specifieke gebruikscondities variëren.
Machine RD7Ye
Motortype Verticale cilinder, 4-takt,
luchtgekoeld, dieselmotor
Motormerk Yanmar
Motormodel L100N
Max. nominaal vermogen @ nomi-
naal toerental
1
kW (pk) 6,22 (8.34) @ 2600 tpm
Bedrijfssnelheid hoog
laag
2700 tpm
2.000 tpm
Klepspeling (koud)
inlaat /uitlaat: mm (in.) 0,15 +/- 0,005 (0,006 +/- 0,002)
Accu V 12 V gelijkstroom
Luchtfilter type Droog geplooid papieren element
Motorsmering oliekwaliteit 10W30 API CD of hoger
Inhoud motorolie L (qt) 1,6 (1,7)
Brandstof type Diesel
Brandstoftankinhoud L (gal) 5.4 (1.43)
Brandstofverbruik L (gal)/uur
wc_td000588nl_FM10.fm
95
RD7 Technische gegevens
10.4 Wals
1
Zie “Vereisten hydraulische olie”
10.5 Smering
Machine RD 7He RD 7H RD 7A
Totaalafmetingen -
hendel omhoog (l x b x h)
mm
(inch)
1.286 x 698 x 1.834
(50,6 x 27,5 x 72,2)
Totaalafmetingen -
hendel omlaag (l x b x h)
mm
(inch)
2.366 x 698 x 1.162
(93,1 x 27,5 x 45,8)
Bedrijfsgewicht met
beschermingskit
kg
(lb)
751,42
(1.656,60)
731,42
(1.612,50)
700,84
(1.545,10)
Bedrijfsgewicht zonder
beschermingskit
kg
(lb)
736,41
(1.623,50)
716,40
(1.579,40)
685,83
(1.512,00)
oppervlaktecapaciteit m
2
(ft
2
)/uur 2.890 (31.108)
Snelheid voorwaarts (max) km/u
(mijlen/u)
0–4,5 (0–2,8)
Snelheid achterwaarts
(max)
km/u
(mijlen/u)
0–2,5 (0–1,6)
Vibratiefrequentie hoog Hz (vpm) 62,1 (3.725)
Vibratiefrequentie laag Hz (vpm) 47,5 / 2.850
Smering hydraulisch
systeem
type SAE 10W30 hydraulische olie
1
Capaciteit hydraulisch
systeem
L (gal) 4,7 (1,2)
Hellingsgraad met trillingen % 40
Hellingsgraad zonder
trillingen
%45
Machine RD7
Hydraulisch systeem type Super anti-slijtage hydraulische vloeistof
10W30
Bekrachtigerlager type Mobil XHP222
Voorste/achterste trommel—
lager aan de niet-rij kant
type Mobil XHP222
wc_td000588nl_FM10.fm
96
Technische gegevens RD7
10.6 Geluidsmetingen
De vereiste geluidsspecificatie, paragraaf 1.7.4.f van 89/392/EEG Machinerichtlijn,
is:
het geluidsdrukniveau op locatie van de operator (L
pA
) = 87,2 db(A)
het gegarandeerde geluidsvermogensniveau (L
WA
) = 108,0 db(A)
Deze geluidswaarden werden gemeten volgens ISO 3744 voor het
geluidssterkteniveau (L
WA
) en ISO 11204 voor het geluidsdrukniveau (L
pA
) op de
operatorlocatie.
10.7 Trillingsmetingen
De producten worden getest voor het hand-/armvibratie (HAV) niveau volgens ISO
5349. De gemeten effectieve versnellingswaarde is ongeveer:
HAV-foutmarges
De via de hand overgebrachte vibratie werd gemeten volgens ISO 5349-1. Die
meting omvat een onzekerheidsfactor van 1,5 m/s
2
.
NB: De geluids- en trillingsmetingen werden bekomen door de machine op harde
asfalt te laten werken aan het maximale toerental en de maximale snelheid.
Machine HAV m/sec2
RD7He
6,31
RD7H
RD7A 6,83
RD7Ye 7,75
wc_tx003609nl_FM10.fm
97
RD7 Schema
11 Schema
Opmerkingen
wc_tx003609nl_FM10.fm
98
Schema RD7
11.1 Hydraulisch schema
5100019315-01
10UF
280
CC
DRIVE MOTOR DRIVE MOTOR
280
CC
GUAGE
VIBRATION MOTOR
OIL COOLER
(7 x 7 x 1.5)
OIL FILTER
14 BAR
VIBRATION
PUMP
-8
151
BAR
BA
6.4
CC
-8
CYCLONE TANK
A
S
R
2.8L
VOLUME
S
MA
MAIN PUMP 7.08cc
6
BAR
167
BAR
167
BAR
T1 T2
PS
MB
G
B
LOW -
2,000 RPM
HIGH -
2,700 RPM
4.1
CC
1
2
3
45
6
7
8
9
10
11
12
13
wc_tx003609nl_FM10.fm
99
RD7 Schema
11.2 Componenten hydraulisch leidingenschema
Ref. Beschrijving Ref. Beschrijving
1 Ontlastklep bekrachtiger 8 Pomp van bekrachtigingsdynamo
2 Regelklep bekrachtiger 9 Aandrijfpomp
3 Motorbekrachtiger 10 Ontlastklep vuldruk
4
Aandrijfmotor achter
11
Ontlastkleppen interne
aandrijfpomp
5 Aandrijfmotor voor 12 Spruitstuk
6 Retourfilter 13 Tank
7 Pompsamenstel
wc_tx003609nl_FM10.fm
100
Schema RD7
11.3 Elektrische schema's—RD7He
BK
PK
RD
BR
RD
RD
RD
BK
PK
RD
BK
BK
BK
BK
BK
BK
BK
1
0
1
23456
3
4
2
22
24
123456
ALARM
OIL PRESSURE
SWITCH
15 AMP FUSE
STARTER
BATTERY
ALTERNATOR
KEY SWITCH
REGULATOR
MACHINE HARNESS
ENGINE HARNESS
BK
BK
BK
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
5100019316_01
wc_tx003609nl_FM10.fm
101
RD7 Schema
11.4 Elektrisch schema voor componenten—RD7He
Ref. Beschrijving Ref. Beschrijving
1 Contactslot 6 Machinebedrading
2 Accu 7 Motorbedrading
3 Dynamo 8 Alarm
4 Startmotor 9 Oliedrukschakelaar
5 Regelaar 10 Zekering van 15A
Farvetabel
BK Zwart RD Rood YL Geel OR Oranje
GN Groen TN Beige BR Bruin PU Paars
BU Blauw VIO Violet CL Trans-
parant
SH Shild
PK Roze WH Wit GY Grijs LB Licht-
blauw
Important: For spare parts information, please see your Wacker Neuson Dealer, or visit the
Wacker Neuson website at http://www.wackerneuson.com/.
Wichtig! Informationen über Ersatzteile erhalten Sie von Ihrem Wacker Neuson Händler oder
besuchen Sie die Wacker Neuson Website unter http://www.wackerneuson.com/.
Important : Pour des informations sur les pièces détachées, merci de consulter votre
distributeur Wacker Neuson, ou de visiter le site Internet de Wacker Neuson sur
http://www.wackerneuson.com/.
Importante : Para saber más sobre las piezas de repuesto, póngase en contacto con su
distribuidor de Wacker Neuson o acceda al sitio web de Wacker Neuson en
http://www.wackerneuson.com/.
Importante : Per informazioni sui pezzi di ricambio, contattare il rivenditore Wacker Neuson o
visitare il sito di Wacker Neuson all’indirizzo www.wackerneuson.com.
Viktigt : För information om reservdelar, kontakta din Wacker Neuson-leverantör eller besök
Wacker Neusons webbplats på http://www.wackerneuson.com/.
Tärkeää : Pyydä varaosatietoja Wacker Neusonin jälleenmyyjältä tai vieraile Wacker Neusonin
web-sivustolla osoitteessa http://www.wackerneuson.com/
Viktig : For informasjon om reservedeler, vennligst kontakt din Wacker Neuson-forhandler, eller
besøk Wacker Neusons nettside på http://www.wackerneuson.com/.
Vigtigt : Hvis du ønsker oplysninger om reservedele, bedes du kontakte din Wacker Neuson
forhandler eller besøg Wacker Neuson websiden på http://www.wackerneuson.com/.
Belangrijk! Neem contact op met uw Wacker Neuson dealer of bezoek de website van Wacker
Neuson op http://www.wackerneuson.com/ voor meer informatie over reserveonderdelen.
Importante : Para obter informações sobre as peças sobresselentes, consulte o seu
fornecedor da Wacker Neuson ou aceda ao site Web da Wacker Neuson em
http://www.wackerneuson.com
Ważne : W celu uzyskania informacji na temat części zamiennych skontaktuj się z
przedstawicielem firmy Wacker Neuson lub skorzystaj z witryny internetowej
http://wackerneuson.com/.
Důležité upozornění! Pro informace o náhradních dílech, prosím, kontaktujte svého Wacker
Neuson dealera, nebo navštivte webové stránky http://www.wackerneuson.com/.
FONTOS: A pótalkatrészekre vonatkozó információkért kérjük, forduljon Wacker Neuson
kereskedőjéhez vagy látogasson el a Wacker Neuson weboldalára a következő címen:
http://www.wackerneuson.com/.
Важно! Для ознакомления с информацией о запасных частях, пожалуйста, обратитесь к
местному торговому представителю компании Wacker Neuson или посетите веб-сайт
http://www.wackerneuson.com/.
Σημαντικό : Γι
α πληροφο
ρίες σχετικά με τα ανταλλακτικά, μιλήστε με τον αντιπρόσωπό σας της
Wacker Neuson, ή επισκεφθείτε τον ιστότοπο http://www.wackerneuson.com/.
Važno : Za rezervne dijelove obratite se svom Wacker Neuson prodavaču ili posjetite mrežne
stranice tvrtke Wacker Neuson: http://www.wackerneuson.com/.
Önemli : Yedek parça bilgileri için Wacker Neuson Bayinize bakın veya Wacker Neuson web
sitesini ziyaret edin. http://www.wackerneuson.com/
重要 交換部品の情報については、ワッカーノイソンディーラーにお問い合わせ頂くか、ワッ
カーノイソンウェブサイト http://www.wackerneuson.com/ をご覧ください。
重要 有关备件信息,请咨询您的威克诺森经销商或访问威克诺森网站:
http://www.wackerneuson.com/
Important : Pentru informaţii referitoare la piesele de schimb, vă rugăm să vă adresaţi
distribuitorului Wacker Neuson sau să vizitaţi site-ul web Wacker Neuson la adresa
http://www.wackerneuson.com/.
Важно : За информация относно резервни части, моля, обърнете се към местния дилър
на W
acke
r Neuson или посетете уебсайта на Wacker Neuson на адрес
http://www.wackerneuson.com/.
Wacker Neuson Produktion GmbH & Co. KG, Preußenstraße 41, D-80809 München,
Tel.: +49-(0)89-3 54 02-0 Fax: +49 - (0)89-3 54 02-390
Wacker Neuson Production Americas LLC, N92W15000 Anthony Ave., Menomonee Falls, WI. 53051
Tel.: (262) 255-0500 Fax: (262) 255-0550 Tel.: (800) 770-0957
Wacker Neuson Limited - Room 1701–03 & 1717–20, 17/F. Tower 1, Grand Century Place, 193 Prince Edward
Road West, Mongkok, Kowloon, Hongkong. Tel: (852) 3605 5360, Fax: (852) 2758 0032
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52
  • Page 53 53
  • Page 54 54
  • Page 55 55
  • Page 56 56
  • Page 57 57
  • Page 58 58
  • Page 59 59
  • Page 60 60
  • Page 61 61
  • Page 62 62
  • Page 63 63
  • Page 64 64
  • Page 65 65
  • Page 66 66
  • Page 67 67
  • Page 68 68
  • Page 69 69
  • Page 70 70
  • Page 71 71
  • Page 72 72
  • Page 73 73
  • Page 74 74
  • Page 75 75
  • Page 76 76
  • Page 77 77
  • Page 78 78
  • Page 79 79
  • Page 80 80
  • Page 81 81
  • Page 82 82
  • Page 83 83
  • Page 84 84
  • Page 85 85
  • Page 86 86
  • Page 87 87
  • Page 88 88
  • Page 89 89
  • Page 90 90
  • Page 91 91
  • Page 92 92
  • Page 93 93
  • Page 94 94
  • Page 95 95
  • Page 96 96
  • Page 97 97
  • Page 98 98
  • Page 99 99
  • Page 100 100
  • Page 101 101
  • Page 102 102
  • Page 103 103
  • Page 104 104

Wacker Neuson RD7He Handleiding

Type
Handleiding
Deze handleiding is ook geschikt voor