Whirlpool MWD 344 IX Gebruikershandleiding

Categorie
Magnetrons
Type
Gebruikershandleiding
57
INSTALLATIE
VOORDAT U DE OVEN AANSLUIT
V
ERZEKER U ERVAN DAT HET APPARAAT NIET BESCHADIGD
IS. Controleer of de ovendeur goed tegen de
deursteun sluit. Haal de oven leeg en reinig de
binnenkant met een zachte, vochtige doek.
NA DE AANSLUITING
D
IT APPARAAT MOET worden geaard. De fab-
rikant kan niet aansprakelijk gesteld wor-
den voor letsel aan personen of dieren
noch voor materiële schade als het ap-
paraat niet is geaard.
De fabrikanten zijn niet aansprakelijk voor
eventuele problemen die worden vero-
orzaakt doordat de gebruiker deze instruc-
ties niet in acht heeft genomen.
G
EBRUIK HET APPARAAT NIET als het netsnoer
of de stekker beschadigd is, als het appa-
raat niet goed werkt of als het beschad-
igd of gevallen is. Dompel het netsnoer
of de stekker niet onder in water. Houd
het snoer uit de buurt van warme op-
pervlakken. Hierdoor kunnen elektrische
schokken, brand of andere ongevallen
worden veroorzaakt.
C
ONTROLEER OF DE SPANNING op het typep-
laatje overeenstemt met de spanning in
uw woning.
U
KUNT UW OVEN ALLEEN INSCHAKELEN als de deur
goed gesloten is.
PLAATS DE OVEN OP EEN STABIEL, VLAK
OPPERVLAK dat sterk genoeg is
voor de oven en de schalen
die u erin plaatst. Behandel
de oven voorzichtig.
Z
ORG VOOR AFSTAND tussen de oven en ande-
re warmtebronnen. Voor een goede ventilatie
moet er minstens 30 cm ruimte boven de oven
blijven. Het apparaat moet tegen een wand
geplaatst worden, zorg ervoor dat de lucht
onder, boven en rondom de oven vrij kan stro-
men. De magnetron mag niet in een kast gep-
laatst worden.
PLAATS UW OVEN niet vlak bij een televisie, radio
of antenne; u kunt last krijgen
van storing.
NL
58
LAAT KINDEREN het apparaat alleen onder
toezicht van een volwassene gebruiken en na
voldoende uitleg, zodat het kind het appara-
at veilig kan gebruiken en de gevaren van on-
juist gebruik begrijpt. Houd toezicht op kin-
deren wanneer er andere warmtebronnen
(indien aanwezig) apart of in combinatie met
de magnetron worden
gebruikt, omdat hier-
bij hoge temperaturen
ontstaan.
D
IT APPARAAT IS NIET BEDOELD
VOOR gebruik door personen (waaronder kin-
deren) met een verminderd fysiek, sensorisch
of mentaal vermogen, of met gebrek aan er-
varing en kennis, tenzij er toezicht is of instruc-
ties zijn gegeven over het gebruik van het ap-
paraat door iemand die verantwoordelijk is
voor hun veiligheid.
HOUD TOEZICHT OP KINDEREN om er zeker van
te zijn dat ze niet met het apparaat spelen.
BELANGRIJKE VEILIGHEIDSAANWIJZINGEN
VERWARM OF GEBRUIK GEEN ONTVLAMBARE MATE-
RIALEN in of bij de oven. De dampen kun-
nen brand of een explosie veroorzaken.
G
EBRUIK UW MAGNETRON NIET om textiel, pa-
pier, kruiden, hout, bloemen, fruit of an-
dere brandbare materialen te drogen. Er
kan brand ontstaan.
LAAT HET VOEDSEL NIET OVERKOKEN. Er kan
brand ontstaan.
L
AAT DE OVEN NIET ONBEWAAKT ACHTER, vooral niet
wanneer er papier, plastic of andere brand-
bare materialen bij het koken worden ge-
bruikt. Het papier kan verkolen of vlam vat-
ten en sommige kunststo en kunnen smelt-
en wanneer u het voedsel opwarmt.
Laat de oven niet onbewaakt achter als u
veel vet of olie gebruikt, omdat dit overver-
hit kan raken en brand kan veroorzaken!
A
LS MATERIAAL BINNEN OF BUITEN D E OVEN IN
BRAND VLIEGT OF ALS ER ROOKONTWIKKELING IS,
laat de ovendeur dan dicht en schakel de
oven uit. Haal de stekker uit het stopcon-
tact of sluit de stroom af via de zekering
of stroomonderbreker.
LEES DEZE AANWIJZINGEN ZORGVULDIG DOOR EN BEWAAR ZE VOOR RAADPLEGING IN DE TOEKOMST
G
EBRUIK UW MAGNETRON NIET
voor het verwarmen van ma-
teriaal in luchtdicht ver-
zegelde schalen. Door de
druktoename kunnen deze
ontploffen of bij het openen schade vero-
orzaken.
EIEREN
G
EBRUIK UW MAGNETRON NIET om hele eieren met
of zonder schaal te verwarmen, omdat
deze kunnen ontplo en; zelfs nadat ze
zijn verwarmd in de magnetron.
C
ONTROLEER DE DEURAFDICHTINGEN en het ge-
bied er omheen regelmatig op beschadig-
ingen. In geval van beschadiging mag het
apparaat niet worden gebruikt voordat het
is gerepareerd door een bevoegde onder-
houdsmonteur.
G
EBRUIK GEEN bijtende chemicaliën of gas-
sen in dit apparaat. Dit type oven is spe-
ciaal ontworpen voor het verwarmen
en bereiden van voedsel. De oven is niet
geschikt voor industrieel of laboratori-
umgebruik.
H
ANG OF PLAATS GEEN zware voorwerpen
aan of op de deur, omdat de deur en de
scharnieren hierdoor beschadigd kun-
nen worden. De handgreep van de deur
mag niet gebruikt worden om dingen
aan te hangen.
DE APPARATEN ZIJN NIET BEDOELD om in werk-
ing te worden gesteld met een externe tim-
er of een afzonderlijke afstandsbediening.
NL
59
ALGEMEEN
D
IT APPARAAT IS UITSLUITEND BEDOELD VOOR HUIS-
HOUDELIJK GEBRUIK!
G
EBRUIK DE MAGNETRONFUNCTIE NOOIT zonder voedsel
in de oven te plaatsen. Hierdoor kan het appara-
at beschadigd raken.
P
LAATS EEN GLAS WATER IN DE OVEN als u deze wilt
testen. Het water absorbeert de microgolfen-
ergie en de oven raakt niet beschadigd.
V
ERWIJDER METALEN SLUITSTRIPS van pa-
pieren of plastic zakken voordat u de
zakken in de oven plaatst.
FRITUREN
G
EBRUIK UW MAGNETRON NIET om te frituren, om-
dat u de temperatuur van de olie niet
kunt regelen.
VLOEISTOFFEN
B
IJVOORBEELD DRANKEN OF WATER. De vloeistof kan
boven het kookpunt worden
oververhit zonder dat de vloe-
istof begint te borrelen. Als
gevolg hiervan kan de hete
vloeistof plotseling overkoken.
Om dit te voorkomen, kunt u het beste als vol-
gt te werk gaan:
1. Vermijd het gebruik van rechte potten of
flessen met nauwe halzen.
2. Roer de vloeistof om alvorens de houd-
er in de oven te zetten en laat het lepeltje
erin staan.
3. Laat de vloeistof na het opwarmen even
staan, roer opnieuw en haal de houder
voorzichtig uit de oven.
W
ANNEER U BABYVOEDING in een zuigfles
of potje in de magnetron ver-
warmt, moet u het voedsel al-
tijd doorroeren en de temperat-
uur controleren voordat u het serveert. Zo zorgt u
ervoor dat de warmte gelijkmatig wordt verdeeld
en dat brandwonden worden voorkomen.
Let erop dat u de ring en de speen vóór het
opwarmen verwijdert!
VEILIGHEIDSMAATREGELEN
GEBRUIK NA HET KOKEN OVENHANDSCHOENEN
om u niet aan de schalen, pannen of
hete ovendelen te branden. Tijdens ge-
bruik kunnen toegankelijke delen van de
oven heet worden; houd kleine kinderen
uit de buurt.
G
EBRUIK DE OVENRUIMTE NIET als opslagruimte.
DE VENTILATIEGATEN van de oven mogen niet bedekt
worden. Wanneer de aanzuig- of uitlaatopenin-
gen worden geblokkeerd, kan de oven schade
oplopen en kan het bereidingsresultaat slechter
zijn dan normaal.
P
LAATS OF GEBRUIK dit apparaat niet buiten.
G
EBRUIK HET APPARAAT NIET naast een gootsteen,
in een natte kelder, in de buurt van een zwem-
bad en dergelijke.
NL
60
ACCESSOIRES
ALGEMEEN
A
LS EEN METAALHOUDEND ACCESSOIRE in aanraking
komt met de binnenkant van de oven, terwijl
de oven werkt, kunnen er vonken overschieten
die de oven zouden kunnen beschadigen.
PLATEAUDRAGER
G
EBRUIK ALTIJD DE PLATEAUDRAGER als steun onder
het glazen draaiplateau. Plaats
nooit andere voorwerpen op de
plateaudrager.
Plaats de plateaudrager in de
oven.
GLAZEN DRAAIPLATEAU
G
EBRUIK HET GLAZEN DR AAIPLATEAU bij alle toepass-
ingen. Het vangt spetters, sap-
pen en kruimels op die anders
de ovenruimte zouden bevuilen.
Plaats het glazen draaipla-
teau op de plateaudrager.
C
ONTROLEER VOOR GEBRUIK OF HET KOOKGEREI DAT U
GEBRUIKT geschikt is voor de
oven en microgolven
doorlaat.
ZORG ERVOOR DAT VOEDSEL EN KOOKGEREI niet in aan-
raking komen met de binnenkant van de oven.
C
ONTROLEER ALTIJD of het draaiplateau vrij kan
draaien voordat u de oven start. Als het draai-
plateau niet vrij kan draaien, moet u een klei-
nere schaal gebruiken.
E
R ZIJN VERSCHILLENDE accessoires verkrijgbaar.
Overtuig u er vóór de aankoop van dat deze
geschikt zijn voor gebruik in de magnetron.
STARTBEVEILIGING / KINDERSLOT
DEZE AUTOMATISCHE BEVEILIGING WORDT EEN MINUUT na-
dat de oven teruggekeerd is in de “stand-
by” geactiveerd. (De oven is in de “stand
by”-modus als de 24-uursklok wordt
weergegeven of - als de klok niet is in-
gesteld - als het display leeg is).
DE DEUR MOET WORDEN GEOPEND EN GESLOTEN om er
bijvoorbeeld voedsel in te zetten, voordat de
veiligheidsvergrendeling wordt uitgeschake-
ld. Anders verschijnt op het display “D OOR
(deur).
D OOR
ROOSTER
GEBRUIK HET ROOSTER met de grill-
functies.
Dat is vooral belangrijk bij accessoires van
metaal of met metalen delen.
STOOMPAN
GEBRUIK DE STOOMPAN voor voedsel
als vis, groenten en aardappelen.
PLAATS de stoompan altijd op het
glazen draaiplateau.
NL
61
DE BEREIDING ONDERBREKEN OF STOPPEN
DE BEREIDING ONDERBREKEN:
D
E BEREIDING KAN WORDEN ON-
DERBROKEN om het voedsel te
controleren, om te draaien
of om te roeren, door de
deur te openen. De instelling
blijft 10 minuten lang gehandhaafd.
ALS U NIET VERDER WILT GAAN:
H
AAL HET VOEDSEL UIT DE OVEN, sluit
de deur en druk op de stoptoets.
V
ERDERGAAN MET DE BEREIDING:
SLUIT DE DEUR en druk EENMAAL
op de starttoets. De bereiding
wordt hervat vanaf het punt
waarop deze is onderbroken.
DRUK TWEEMAAL op de starttoets om
de tijd 30 seconden te verlengen.
E
R KLINKT GEDURENDE 10 MINUTEN om de minuut
een piepsignaal wanneer de
bereiding voltooid is. Druk
op de stoptoets of open de
deur om het signaal uit te schakelen.
OPMERKING: de oven houdt de instellingen
slechts 60 seconden vast als de deur geopend
en vervolgens gesloten wordt nadat de berei-
ding voltooid is.
KOOKWEKKER
GEBRUIK DEZE FUNCTIE als u een keukentimer nodig heeft om de tijd precies bij te houden, zoals voor
het koken van eieren en pasta of voor het laten rijzen van deeg enz.
q
DRUK OP DE KLOKTOETS.
w
DRAAI DE INSTELKNOP om de gewenste bereidingstijd in te stellen.
e
DRUK OP DE STARTTOETS.
K
NIPPERENDE DUBBELE PUNTEN geven aan dat de timer loopt.
A
LS U EENMAAL OP DE KLOKTOETS DRUKT, verschijnt de resterende tijd van de timer. Deze blijft 3 seconden
zichtbaar en vervolgens keert de bereidingstijd terug (als u op dat moment bezig bent met een berei-
ding).
O
M DE KOOKWEKKER TE STOPPEN wanneer deze op de achtergrond van een andere functie in werking
is, moet u eerst de kookwekker naar de voorgrond halen door op de kloktoets te drukken en ver-
volgens stoppen door nog een keer op de kloktoets te drukken.
W
ANNEER DE ING ESTELDE TIJD VERSTREKEN IS hoort u een geluidssignaal.
NL
62
ALLEEN MAGNETRONFUNCTIE
V
ERMOGEN AANBEVOLEN GEBRUIK:
JET
(700 W)
O
PWARMEN VAN DRANKEN, water, heldere soepen, ko e, thee of ander voedsel met een
hoog watergehalte. Wanneer het voedsel eieren of room bevat, moet u een lager
niveau kiezen.
600 W B
EREIDEN VAN vis, vlees, groenten enz.
500 W
V
OORZICHTIG BEREID EN VAN eiwitrijke sauzen, kaas- en eiergerechten en voor het afmaken
van casseroles.
350 W L
ATEN SUDDEREN VAN STOOFSCHOTELS, smelten van boter.
160 W O
NTDOOIEN. Zacht laten worden van boter, kaas.
90 W IJ
S ZACHT laten worden.
BEREIDEN EN OPWARMEN MET DE MAGNETRON
GEBRUIK DEZE FUNCTIE voor normale bereidingen en het opwarmen van bijvoorbeeld groenten, vis,
aardappelen en vlees.
A
LS HET BEREIDINGSPROCES EENMAAL GESTART IS:
Kunt u de bereidingstijd eenvoudig met stappen van 30 seconden verlengen door op de start-
toets te drukken. Bij elke druk op de toets wordt de bereidingstijd met 30 seconden verlengd. U
kunt de bereidingstijd ook verlengen of verkorten door de instelknop te draaien.
HET JUISTE VERMOGEN KIEZEN
q
DRUK OP DE VER MOGENSTOETS om het vermogen in te stellen.
w
DRAAI DE INSTELKNOP naar rechts om de bereidingstijd in te stellen.
e
DRUK OP DE STARTTOETS.
D
E KLOK IS INGESTELD en in werking.
ALS U DE KLOK VAN HET DISPLAY WENST TE VERWIJDEREN als deze eenmaal is ingesteld, dan drukt u opnieuw
3 seconden op de kloktoets en vervolgens op de stoptoets.
VOOR HET OPNIEUW INSTELLEN VAN DE KLOK volgt u de bovengenoemde procedure.
OPMERKING: LAAT DE DEUR OPEN TERWIJL U DE KLOK INSTELT. Dit geeft u 10 minuten de tijd om de klok in te
stellen. Anders moet elke stap binnen 60 seconden worden uitgevoerd.
KLOK
HET DISPLAY IS LEEG WANNEER HET APPARAAT VOOR HET EERST WORDT AANGESLOTEN en na een stroomstoring. In-
dien de klok niet wordt ingesteld, blijft het display leeg totdat de bereidingstijd wordt ingesteld.
q
DRUK OP DE KLOKTOETS
(3 seconden) totdat het linkercijfer (uur) knippert.
w
DRAAI DE INSTELKNOP om de uren in te stellen.
e
DRUK NOGMAALS OP DE KLOKTOETS.
(De twee rechtercijfers (minuten) knipperen).
r
DRAAI DE INSTELTOETS om de minuten in te stellen.
t
DRUK NOGMAALS OP DE KLOKTOETS.
NL
63
GEBRUIK DEZE FUNCTIE voor het snel opwarmen van voedsel dat veel water bevat zoals heldere so-
epen, ko e of thee.
JET START
q
DRUK OP DE STARTTOETS.
DEZE FUNC TIE START AUTOMATISCH met een maximaal magnetronvermogen en een bereidingstijd van
30 seconden. Elke keer dat de toets nogmaals wordt ingedrukt wordt de tijd met 30 seconden ver-
lengd. U kunt de bereidingstijd ook verlengen of verkorten door de instelknop te draaien, nadat
de functie is gestart.
HANDMATIG ONTDOOIEN
VOLG DE PROCEDURE voor “Bereiden en opwarmen
met de magnetron” en kies vermogensniveau
160 W wanneer u handmatig ontdooit.
CONTROLEER EN IN SPECTEER H ET VOEDSEL REGELMATIG.
D
RAAI GROTE STUKKEN halverwege het ontdooi-
en om.
Bevroren voedsel in plastic zakjes, plastic folie
of verpakkingen van karton kan rechtstreeks
in de oven geplaatst worden wanneer de
verpakking geen metalen delen bevat
(bijvoorbeeld metalen bindstrips).
D
E VORM VAN DE VERPAKKING is van invloed
op de ontdooitijd. Platte pakjes ont-
dooien sneller dan grote blokken.
H
AAL STUKKEN UIT ELKAAR wanneer ze beginnen te
ontdooien.
Afzonderlijke plakken ontdooien sneller.
S
CHEID VERSCHILLENDE STUKKEN VOED-
SEL met stukjes aluminiumfo-
lie wanneer ze warm begin-
nen te worden (b.v. kippen-
poten en vleugeltjes).
G
EKOOKT VOED SEL, STOOFSCHOTELS EN VLEES-
SAUZEN ontdooien beter als u ze tijdens
het ontdooien doorroert.
W
ANNEER U ONTDOOIT is het beter het
voedsel iets bevroren te laten en het
voedsel even te laten staan om het ontdoo-
iproces te voltooien.
A
LS U HET VOEDSEL NA HET ONTDOOIEN EVEN laat sta-
an wordt het resultaat altijd beter aangezien
de temperatuur gelijkmatiger door het voed-
sel verdeeld wordt.
NL
64
VOEDINGSGROEP HOEVEELHEID TIPS
q
VLEES 100 G - 2 KG GEHAKT, KOTELETTEN, BIEFSTUK OF BRAADVLEES.
w
GEVOGELTE 100 G - 2 KG HELE KIP, IN STUKKEN OF FILETS.
e
VIS 100 G - 2 KG HEEL, MOTEN OF FILETS.
VOOR VOEDSEL DAT NIET IN DEZE TABEL wordt genoemd of dat minder of meer weegt dan het aanbevo-
len gewicht, moet u de procedure voor “Bereiden en opwarmen met de magnetron” aanhouden
en 160 W kiezen voor het ontdooien.
BEVROREN VOEDSEL:
ALS HET GEWICHT MINDER OF MEER DAN HET
AANBEVOLEN GEWICHT IS: Volg de proce-
dure voor “Bereiden en opwarmen in
de magnetron” en kies 160 W wan-
neer u ontdooit.
BEVROREN VOEDSEL:
ALS HET VOEDSEL EEN HOGERE temperatuur
heeft dan diepvriestemperatuur
(-18°C), moet een lager voedselge-
wicht worden gekozen.
ALS HET VOEDSEL EEN LAGERE temperatuur
heeft dan diepvriestemperatuur
(-18°C), moet een hoger voedselge-
wicht worden gekozen.
AUTOONTDOOIEN
GEBRUIK DEZE FUNCTIE voor het ontdooien van vlees, vis en gevogelte. AUTO Defrost mag alleen ge-
bruikt worden als het nettogewicht tussen de 100 g en 2 kg ligt.
PLAATS HET VOEDSEL altijd op het glazen draaiplateau.
q
DRUK MEERDERE MALEN OP DE AUTO-ONTDOOITOETS om de voedselklasse te selecteren.
w
DRAAI DE INSTELTOETS om het gewicht in te stellen.
e
DRUK OP DE STARTTOETS.
BIJ SOMMIG E VOEDSELKLASSEN MOET het voedsel omgedraaid of geroerd worden tijdens de bereiding.
In deze gevallen stopt de oven en wordt u gevraagd de benodigde handeling uit te voeren.
ALS DE DEUR NIET BINNEN DEZE TIJD WORDT GEOPEND (binnen 2 minuten) zal de oven doorgaan met het
ontdooiproces. In dit geval is het eindresultaat mogelijk niet optimaal.
Open de deur.
Voer de gevraagde handeling uit.
Sluit de deur en start opnieuw door de starttoets in te drukken.
V
OOR DEZE FUNCTIE MOET het nettogewicht van het voedsel bekend zijn.
NL
65
GRILL
GEBRUIK DEZE FUNCTIE OM snel een mooi bruin korstje te geven aan het voedsel.
q
DRUK OP DE GRILLTOETS.
w
DRAAI DE INSTELKNOP naar rechts om de bereidingstijd in te stellen.
e
DRUK OP DE STARTTOETS.
DOOR OP DE GRILLTOETS TE DRUKKEN TIJDENS DE BEREIDING wordt het grillelement in- en uitgeschakeld. De
timer blijft aftellen wanneer het grillelement wordt uitgeschakeld.
Z
ORG ERVOOR DAT HET GEBRUIKTE KOOKGEREI hittebestendig en geschikt is voor ovens voordat u ermee
grilt.
G
EBRUIK GEEN PLASTIC kookgerei wanneer u grilt. Dit smelt.
Kookgerei van hout of papier is evenmin geschikt.
L
AAT DE OVENDEUR NIET TE LANG OPEN wanneer de grill in werking is, omdat de temperatuur hierdoor
daalt.
GEHEUGEN
MET DE GEHEUGENFUNC TIE KUN T U gemakkelijk en snel een voorkeurinstelling terugvinden.
DE GEHEUGENFUNC TIE slaat de weergegeven instelling op.
EEN INSTELLING OPSLAAN:
Selecteer een functie.
Programmeer uw instellingen.
Druk op de Memo-knop en houd hem ingedrukt gedurende 3 seconden totdat een gelu-
idssignaal te horen is. De instelling is nu opgeslagen. U kunt het geheugen zo vaak als u wilt
opnieuw programmeren.
E
EN OPGESLAGEN INSTELLING GEBRUIKEN:
q
DRUK OP DE MEMO-KNOP.
w
DRUK OP DE STARTKNOP.
W
ANNEER HET APPARAAT wordt aangesloten of na een stroomuitval
wordt gebruikt, zal uw Memo-functie - 2 minuten op vol vermogen
als standaardinstelling hebben opgeslagen.
DRANKEN VERWARMEN
MET DE DRANKEN VERWARMEN FUNCTIE KUN T U gemakkelijk en snel 1-4 koppen met drank opwarmen.
q
DRUK MEERDERE MALEN OP DE DRANKEN VERWAR MEN TOETS om het aantal op te warmen koppen te se-
lecteren.
w
DRUK OP DE STARTKNOP.
1
KOP IS G ELIJK AAN 150 ml drank.
NL
66
COMBIGRILL
V
ERMOGEN AANBEVOLEN GEBRUIK:
600 - 700 W B
EREIDEN VAN groenten en gegratineerde gerechten
350 - 500 W B
EREIDEN VAN gevogelte en lasagne
160 - 350 W B
EREIDEN VAN vis en bevroren gegratineerde gerechten
160 W B
EREIDEN VAN vlees
90 W G
RATINEREN VAN fruit
0 W A
LLEEN EEN BRUIN KORSTJE GEVEN tijdens de bereiding
COMBIGRILL
GEBRUIK DEZE FUNCTIE om gegratineerde schotels, lasagne, gevogelte en gebakken aardappelen te
bereiden.
q
DRUK OP DE VER MOGENSTOETS om het vermogen in te stellen.
w
DRAAI DE INSTELKNOP om de magnetrontijd in te stellen.
e
DRUK OP DE COMBI-TOETS.
r
DRAAI DE INSTELKNOP om de grilltijd in te stellen.
t
DRUK OP DE STARTTOETS.
T
IJDENS DE WERKING kunt u het grillelement in- en uitschakelen door op de grilltoets te drukken.
HET JUISTE VERMOGEN KIEZEN
HET IS MOGELIJK om de magnetron uit te schakelen door het magnetronvermogen tot 0 W terug te
brengen. Bij 0 W schakelt de oven over op de zelfstandige grillfunctie.
C
ONTROLEER VOORDAT U MET GRILLEN BEGINT OF HET KOOKGEREI dat u gebruikt hittestendig is en geschikt
voor de oven.
G
EBRUIK GEEN PLASTIC kookgerei bij het grillen. Dit smelt. Kookgerei van hout of papier is evenmin
geschikt.
L
AAT DE OVENDEUR NIET TE LANG OPEN wanneer de grill in werking is; hierdoor daalt de temperatuur.
NL
67
VOEDINGSGROEP HOEVEELHEID TIPS
q
AARDAPPELEN / KNOLGROENTEN 150 G - 400 G
GEBRUIK EVEN GROTE STUKKEN.
Snijd de groente in even grote stukken.
Laat 1-2 minuten staan na de bereiding.
w
GROENTEN
(bloemkool en broccoli)
150 G - 400 G
e
BEVROREN GROENTEN 150 G - 400 G LAAT 1-2 minuten staan.
r
VISFILETS 150 G - 400 G
VERDEEL DE FILETS GELIJKMATIG over het stoom-
rooster. Leg dunne stukken over elkaar heen.
Laat 1-2 minuten staan na de bereiding.
G
EBRUIK DEZE FUNCTIE VOOR voedsel als groenten en vis.
GEBRUIK ALTIJD DE BIJGELEVERDE STOOMPAN wanneer u deze functie gebruikt.
STEAM STOMEN
q
DRUK MEERDERE MALEN OP DE STEAM-TOETS om de voedingsgroep te selecteren. (zie de tabel)
w
DRAAI DE INSTELKNOP om het gewicht van het voedsel in te stellen.
e
DRUK OP DE STARTTOETS.
S
CHENK 100 ml (1 dl) water in de onder-
kant van de stomer.
P
LAATS het voedsel op het stoom-
rooster.
D
OE het deksel
erop.
DE STOMER IS uitsluitend ontworpen om te worden gebruikt bij de magnetronfunctie!
GEBRUIK HEM NOOIT met een andere functie.
G
EBRUIK VAN DE STOMER in elke andere functie kan schade veroorzaken.
CONTROLEER ALTIJD OF het draaiplateau vrij kan draaien voordat u de oven start.
PLAATS de stoompan altijd op het glazen draaiplateau.
¬
²
²
NL
68
SOORT
VOEDSEL
HOEVEEL
HEID
VERMO
GEN
TIJD NAGAARTIJD TIPS
H
ELE KIP 1000 G
700 W
18 - 20
MIN. 5 - 10 MIN.
DRAAI DE KIP halverwege de
bereidingstijd om. Controleer
of het vleessap helder gekleurd
is wanneer de bereidingstijd
voorbij is.
KIP (filets of
stukken)
500 G 8 - 10 MIN.5 MIN.
CONTROLEER of het vleessap
helder gekleurd is wanneer de
bereidingstijd voorbij is.
B
ACON 150 G 3 - 4 MIN. 1 - 2 MIN.
PLAATS DEZE OP KEUKENPAPIER in 2 of 3
lagen en dek ze af met nog meer
keukenpapier.
GROENTEN
(vers)
300 G 3 - 4 MIN. 1 - 2 MIN.
MET DEKSEL BEREIDEN en 2 tl zout
toevoegen.
G
ROENTEN
(diepvries)
250 - 400 G
3 - 4 MIN.
5 - 6 MIN.
1 - 2 MIN.
MET DEKSEL BEREIDEN
AARDAPPELEN,
IN SCHIL
1 STUK
4 STUKS
4 - 6 MIN.
12 - 15 MIN.
2 MIN.
5 MIN.
INPRIKKEN MET EEN VORK. (1 stuk = 250
g). Halverwege omdraaien.
G
EHAKTBROOD 600 - 700 G
600 W
12 - 14
MIN.5 MIN.
H
ELE VIS 600 G 8 - 9 MIN. 4 - 5 MIN.
V
EL INSNIJDEN en afgedekt
bereiden.
V
IS (moten of
filets)
400 G 5 - 6 MIN. 2 - 3 MIN.
DUNSTE DELEN naar het midden van
het bord plaatsen. Met deksel
bereiden.
BEREIDINGSTABEL
HOE MEER VOEDSEL U WILT BEREIDEN, hoe langer de
bereiding zal duren. Een vuistregel is dat de
dubbele hoeveelheid voedsel bijna tweemaal
zoveel tijd vergt.
HOE LAGER DE BEGINTEMPERATU UR, hoe langer de
vereiste bereidingstijd. Voedsel op kamer-
temperatuur kookt sneller dan voedsel dat
rechtstreeks uit de koelkast komt.
A
LS U MEERDERE STUKKEN VAN het-
zelfde voedsel kookt, bijvoor-
beeld aardappelen in de schil, di-
ent u deze in een kring in de oven te
leggen, zodat ze gelijkmatig gekookt worden.
H
ET ROEREN EN OMSCHEPPEN VAN VOEDSEL zijn techniek-
en die zowel voor traditioneel koken als het ko-
ken met de magnetron worden gebruikt om de
warmte snel tot midden in het voedsel te verdel-
en en het overkoken bij de buitenranden te
voorkomen.
W
ANNEER U VOEDSEL MET EEN ONREG ELMATIGE
VORM of dikte bereidt, moet u het dun-
ste gedeelte van het voedsel in de rich-
ting van het midden van het bord plaat-
sen, waar het als laatste verwarmd zal
worden.
VOEDSEL DAT VEEL VET EN SUIKER bevat zal sneller
koken dan voedsel dat veel water bevat. Vet
en suiker bereiken ook een hogere temperatu-
ur dan water.
LAAT HET VOEDSEL NA HET BEREIDEN altijd even staan.
Dit levert altijd een verbetering
van het resultaat op aangezien
de temperatuur op die mani-
er gelijkmatig over het voed-
sel verdeeld zal worden.
S
OMMIGE VOEDINGSMIDDELEN ZIJN BEDEKT DOOR
EEN SCHIL OF MEMBRAAN, bijvoorbeeld
aardappels, appels en eidooiers. Prik
in dergelijke gevallen met een vork of
cocktailprikker in het voedsel om de druk te ver-
minderen en openbarsten te voorkomen.
KLEINERE STUKKEN VOEDSEL KOKEN SNELLER DAN
GROTERE STUKKEN EN REGELMATIG gevormde stuk-
ken worden gelijkmatiger gaar dan onregel-
matig gevormde stukken.
NL
69
SOORT
VOEDSEL
HOEVEEL
HEID
VERMOGEN TIJD NAGAAR
TIJD
TIPS
K
ANT-EN-KLARE
MAALTIJD
300 G
450 G
700 W
3 - 5 MIN.
4 - 5 MIN.
1 - 2 MIN.
BORD AFDEKKEN
RIJST
2 DL
6 DL
1 - 2 MIN.
3 - 4 MIN.
1 MIN.
2 MIN
SCHAAL AFDEKKEN
GEHAKTBALLEN 250 G 2 MIN. 1 - 2 MIN.ZONDER DEKSEL BEREIDEN
DRANKEN 2 DL
1 - 2 ½
MIN.
1 MIN.
ZET EEN METALEN LEPEL in de mok
om overkoken te voorkomen.
S
OEP (helder) DL
2 - 2 ½
MIN.
1 MIN.
ONAFGEDEKT VERWARMEN in een
soepbord of soepkom.
C
RÈMESOEPEN
OF
ROOMSAUZEN
2 ½ DL 3 - 4 MIN.1 MIN.
VUL DE KOM niet meer dan 3/4.
Eenmaal omroeren tijdens het
verwarmen.
H
OTDOGS
1 STUK
2 STUKS
600 W
½ - 1
MIN.
1 - 1 ½
MIN.
1 MIN.
L
ASAGNE 500 G 5 - 6 MIN. 2 - 3 MIN.
OPWARMTABEL
NET ALS BIJ TRADITIONELE BEREIDINGSMETHODES moet
in de magnetron opgewarmd voedsel altijd
verwarmd worden tot het kokend heet is.
D
E BESTE RESULTATEN WORDEN BEREIKT wanneer
het voedsel zo is neergelegd dat het dik-
kere voedsel zich aan de buitenkant
van het bord bevindt en het dunnere
voedsel in het midden.
LEG DUNNE PLAKJES VLEES boven op elkaar of
laat ze overlappen. Dikkere plakken, bijvoor-
beeld gehaktbrood en worst, moeten dicht bij
elkaar worden gelegd.
B
IJ HET OPWARMEN VAN STOOFSCHOTELS EN SAUZEN is
het beter het voedsel een keer om te roeren
om de warmte gelijkmatig te verdelen.
AFDEKKEN VAN HET VOEDSEL helpt het vocht
in het voedsel te houden, vermindert
spatten en verkort de opwarmtijd.
W
ANNEER U PORTIES BEVROREN VOEDSEL OP-
WARMT dient u de instructies op de ver-
pakking te volgen.
VOEDSEL DAT NIET GEROERD KAN WORDEN, bijvoor-
beeld gegratineerde gerechten, kan het beste
worden opgewarmd op 400-600 W.
LAAT HET VOEDSEL NA HET OPWARMEN ENKELE MINUTEN
STAAN op die manier zal de temperatuur gelijk-
matig over het voedsel verdeeld worden.
NL
70
SOORT
VOEDSEL
HOEVEEL
HEID
VERMO
GEN
TIJD NAGAARTIJD TIPS
B
RAADVLEES
800 -
1000 G
ONTDOOIEN
(160 W)
20 - 22
MIN. 10 - 15 MIN.
HALVERWEGE het ontdooien
omdraaien.
GEHAKT 500 G 8 - 10 MIN.5 MIN.
HALVERWEGE het ontdooien
omdraaien. Ontdooide
delen uit elkaar halen.
K
ARBONADES,
KOTELETTEN,
BIEFSTUK
500 G 7 - 9 MIN. 5 - 10 MIN.
HALVERWEGE het ontdooien
omdraaien.
HELE KIP 1200 G 25 MIN. 10 - 15 MIN.
HALVERWEGE het ontdooien
omdraaien.
K
IP, stukken of
filets
500 G 7 - 9 MIN. 5 - 10 MIN.
HALVERWEGE het
ontdooien omdraaien
/ uit elkaar halen. Dek
vleugeltjes en poten
af met aluminiumfolie
om oververhitting te
voorkomen.
HELE VIS 600 G 8 - 10 MIN. 5 - 10 MIN.
HALVERWEGE het ontdooien
omkeren en de staart
afdekken met folie
om oververhitting te
voorkomen.
V
IS (moten of
filets)
400 G 6 - 7 MIN.5 MIN.
HALVERWEGE het ontdooien
omdraaien. Ontdooide
delen uit elkaar halen.
BROOD 500 G 4 - 6 MIN.5 MIN.
HALVERWEGE het ontdooien
omdraaien.
B
ROODJES EN
KADETJES
4 STUKS (150
- 200 G)
1 ½ - 2 MIN. 2 - 3 MIN.IN EEN KRING leggen.
FRUIT EN BESSEN 200 G 2 - 3 MIN. 2 - 3 MIN.
UIT ELKAAR HALEN tijdens het
ontdooien.
ONTDOOITABEL
BEVROREN VOEDSEL IN PLASTIC ZAKJES , plastic folie
of verpakkingen van karton kan rechtstreeks
in de oven geplaatst worden wanneer de ver-
pakking geen metalen delen bevat (bijvoor-
beeld metalen bindstrips).
D
E VORM VAN DE VERPAKKING is van invloed
op de ontdooitijd. Platte pakjes ont-
dooien sneller dan grote blokken.
HAAL STUKKEN UIT ELKAAR wanneer ze be-
ginnen te ontdooien. Afzonderlijke plak-
ken ontdooien sneller.
DEK STUKKEN VOEDSEL met kleine stukken alumini-
umfolie af wanneer ze warm beginnen te worden
(bijvoorbeeld kippenpoten en vleugels).
D
RAAI GROTE STUKKEN halverwege het ontdooi-
en om.
GEKOOKT VOEDSEL, STOOFSCHOTELS EN VLEESSAUZEN
ontdooien beter als u ze tijdens het ontdooi-
en doorroert.
W
ANNEER U ONTDOOIT is het beter het
voedsel iets bevroren te laten en het
voedsel even te laten staan om het
ontdooiproces te voltooien.
ALS U HET VOEDSEL NA HET ONTDOOIEN even
laat staan wordt het resultaat altijd beter
aangezien de temperatuur gelijkmatiger door
het voedsel verdeeld wordt.
NL
71
SOORT
VOEDSEL
HOEVEEL
HEID
INSTELL
ING
TIJD TIPS
K
AASTOSTIS 3 STUKS
GRILL
4 - 5 MIN.OP HET ROOSTER leggen
P
OMMES DUCHESSE 2 PORTIES 6 - 8 MIN.PLAATS DE SCHAAL op het rooster.
W
ORSTJES
(100 G / STUK)
2 - 3 STUKS 10 - 12 MIN.
PLAATS ZE op het rooster. Halverwege
omdraaien.
S
TUKKEN KIP 1000 G
700 W
DAARNA
GRILLEN
13 - 15 MIN.
8 - 9 MIN.
MET HET VEL NAAR BOVEN in een schaal
leggen.
G
EGRATINEERDE
AARDAPPELEN
4 PORTIES
18 - 20 MIN.
5 - 6 MIN.
PLAATS de schaal op het draaiplateau.
L
ASAGNE
(diepvries)
500 G
600 W
DAARNA
GRILLEN
18 - 20 MIN.
5 - 6 MIN.
PLAATS de schaal op het draaiplateau.
G
EGRATINEERDE VIS
(diepvries)
600 G
15 - 18 MIN.
5 - 7 MIN.
PLAATS de schaal op het draaiplateau.
GRILLTABEL
DE GRILLFUNC TIE IS ZEER GESCHIKT om een bruin
korstje te geven aan het voedsel nadat het is
bereid met de magnetron.
D
IKKER VOEDSEL zoals gegratineerde schotels
en kip: bereid dit eerst met de magnetron en
laat het vervolgens onder de grill een bruin
korstje krijgen.
H
ET ROOSTER kan gebruikt worden om
het voedsel dichter bij het grillele-
ment te brengen, zodat het sneller bru-
in wordt.
L
EG DUN VOEDSEL zoals toast en worstjes op het
rooster en bereid het alleen met de grill.
U
KUNT schalen of gegratineerde scho-
tels rechtstreeks op het glazen draai-
plateau zetten.
NL
72
ONDERHOUD EN REINIGING
NORMAAL GESPROKEN IS SCHOONMAKEN de enige
vorm van onderhoud die nodig is. Tijdens het
schoonmaken moet de magnetron van de net-
voeding afgekoppeld zijn.
ALS DE OVEN niet goed wordt schoongehouden,
kan dit tot aantasting van het ovenopperv-
lak leiden, wat de levensduur van het appa-
raat kan verkorten en mogelijk tot
gevaarlijke situaties kan leiden.
G
EBRUIK GEEN SCHUURSPON-
SJES, SCHUURMIDDELEN,
sponsjes van staalwol,
ruwe doeken e.d.; deze kunnen het bedi-
eningspaneel en het oppervlak van de bin-
nen- en buitenkant van de oven besch-
adigen. Gebruik een doek met een mild
schoonmaakmiddel of een tis-
sue met een spray die ges-
chikt is voor het schoon-
maken van glas. Sproei het
schoonmaakmiddel op de
tissue.
SPRAY NIET direct op de oven.
VERWIJDER REGELMATIG, vooral als u gemorst
heeft, het draaiplateau en de plateaudrager
en maak de bodem van de magnetron goed
schoon.
DEZE OVEN IS ONTWORPEN om met draaiplateau te
GESCHIKT VOOR DE VAATWASMACHINE:
P
LATEAUDRAGER.
G
LAZEN DRAAIPLATEAU.
teau plaatst en dit enkele minuten laat koken.
G
EBRUIK GEEN SCHOONMAAKAPPARATEN DIE MET
STOOM WERKEN wanneer u de magnetron
schoonmaakt.
worden gebruikt.
G
EBRUIK DE MAGNETRON NIET wanneer u het
draaiplateau eruit heeft genomen om
het schoon te maken.
GEBRUIK EEN ZACHTE, VOCHTIGE DOEK met een mild
reinigingsmiddel om de ovenruimte, voor- en
achterkant van de deur en de deursponning
schoon te maken.
ZORG ERVOOR DAT ER GEEN VET- of voedsel-
resten in de deursponning achterblijven.
IN GEVAL VAN HARDNEKKIGE vlekken laat u ge-
durende 2 of 3 minuten een kopje water in de
oven koken. Vuil laat zich door de stoomvorm-
ing makkelijker verwijderen.
U HEEFT GEEN LAST VAN LUCHTJE S als u regelmatig een
kopje water met wat citroensap op het draaipla-
H
ET GRILLELEMENT hoeft niet gereinigd te worden
omdat de intense hitte spatten zal afbranden,
maar het plafond eronder moet regelmatig ge-
reinigd worden. Dit moet gebeuren met een zach-
te, vochtige doek met een mild reinigingsmiddel.
ALS DE GRIL NIET REGELMATIG wordt gebruikt, moet
deze 10 minuten per maand worden inge-
schakeld om spatten af te branden, om zo het
risico op brand te voorkomen.
R
OOSTER.
DE OVEN moet regelmatig schoonge-
maakt worden en eventuele etensresten
moeten verwijderd worden.
STOOMPAN
NL
73
STORINGEN OPSPOREN
ALS DE OVEN NIET WERKT, bel dan pas de klanten-
service als u gecontroleerd heeft of:
Het draaiplateau en de drager van het
draaiplateau op hun plaats zitten.
De stekker goed in het stopcontact zit.
De deur goed gesloten is.
De zekeringen in orde zijn en er stroom is.
De oven voldoende ventilatie heeft.
Wacht 10 minuten en probeer dan de oven
opnieuw te laten werken.
Open en sluit de deur voordat u het
opnieuw probeert.
ZO KUNT U ONNODIGE kosten besparen.
Als u de klantenservice belt, dient u het serien-
ummer en het typenummer van de oven door
te geven (zie het serviceplaatje). Raadpleeg
het garantieboekje voor nadere informatie.
A
LS HET NETSNOER MOET WORDEN VERVANGEN,
moet dat gebeuren met een
origineel exemplaar, dat ver-
krijgbaar is via onze klan-
tenservice. Het netsnoer
mag uitsluitend door een be-
voegde onderhoudsmonteur
worden vervangen.
O
NDERHOUDSWERKZAAMHEDEN MO-
GEN UITSLUITEND DOOR EEN BEVOEGDE
ONDERHOUDSMONTEUR WORDEN UIT-
GEVOERD. Het is gevaarlijk voor
ongetrainde personen om on-
derhoudswerkzaamheden of
reparaties uit te voeren waarbij bescherm-
kappen moeten worden verwijderd die be-
scherming bieden tegen blootstelling aan
de energie van microgolven.
VERWIJDER GEEN BESCHERMKAPPEN.
MILIEUTIPS
DE VERPAKKING kan volledig wor-
den gerecycled, zoals wordt
aangegeven door het recy-
cling-symbool. Voor de ver-
werking dienen de plaatseli-
jke voorschriften te worden
nageleefd. Houd verpakkingsmate-
riaal (plastic zakken, polystyreen enz.) buiten
het bereik van kinderen.
DIT APPARAAT is voorzien van het merkteken vol-
gens de Europese richtlijn 2002/96/EC inzake
Afgedankte elektrische en elektronische ap-
paraten (WEEE). Door ervoor te zorgen dat dit
product op de juiste manier als afval wordt
verwerkt, helpt u mogelijk negatieve gevolgen
voor het milieu en de menselijke gezondheid
te voorkomen die anders zouden kunnen wor-
den veroorzaakt door een onjuiste verwerking
van dit product.
HET SYMBOOL op het product of op de bijbe-
horende documentatie
geeft aan dat dit product niet
als huishoudelijk afval mag
worden behandeld. In plaats
daarvan moet het worden af-
gegeven bij een verzamelpunt
voor recycling van elektrische
en elektronische apparaten.
AFDANKING moet worden
uitgevoerd in overeenstem-
ming met de plaatselijke
milieuvoorschriften voor
afvalverwerking.
VOOR NADERE INFORMATIE over de behandeling, terug-
winning en recycling van dit product wordt u ver-
zocht contact op te nemen met het stadskantoor
in uw woonplaats, uw afvalophaaldienst of de win-
kel waar u het product heeft aangeschaft.
SNIJD DE VOEDINGSKABEL VAN HET APPARAAT DOOR
voordat u dit afdankt, zodat die onbruikbaar
wordt.
NL
74
VOEDINGSSPANNING 230 V/50 HZ
NOMINAAL INGANGSVERMOGEN 1100 W
Z
EKERING 10 A
U
ITGANGSVERMOGEN MAGNETRON 700 W
G
RILLEN 700 W
A
FMETINGEN BUITENKANT (HXBXD) 285 X 456 X 359
A
FMETINGEN BINNENKANT (HXBXD) 196 X 292 X 295
TEST HOEVEELHEID GESCHATTE TIJDSDUUR VERMOGEN OVENSCHAAL
12.3.1 750
G 10 MIN.700 W PYREX 3.220
12.3.2 475
G 5 MIN.700 W PYREX 3.827
12.3.3 900
G 14 MIN.700 W PYREX 3.838
12.3.4 1100
G
20 - 22 MIN. 600 W +
P
YREX 3.827
7 - 8
MIN.GRILL
13.3 500 G AUTO-ONTDOOIEN
OP DRAAIPLATEAU
PLAATSEN
NL
IN OVEREENSTEMMING MET IEC 60705.
DE INTERNATION ALE ELEKTROTECHNISCHE COMMISSIE heeft een standaard ontworpen voor het vergelijk-
end testen van verwarmingsprestaties van verschillende magnetronovens. Voor deze oven ad-
viseren wij het volgende:
TECHNISCHE SPECIFICATIES

Documenttranscriptie

INSTALLATIE VOORDAT U DE OVEN AANSLUIT VERZEKER U ERVAN DAT HET APPARAAT NIET BESCHADIGD IS. Controleer of de ovendeur goed tegen de deursteun sluit. Haal de oven leeg en reinig de binnenkant met een zachte, vochtige doek. CONTROLEER OF DE SPANNING op het typeplaatje overeenstemt met de spanning in uw woning. PLAATS DE OVEN OP EEN STABIEL, VLAK dat sterk genoeg is voor de oven en de schalen die u erin plaatst. Behandel de oven voorzichtig. GEBRUIK HET APPARAAT NIET als het netsnoer of de stekker beschadigd is, als het apparaat niet goed werkt of als het beschadigd of gevallen is. Dompel het netsnoer of de stekker niet onder in water. Houd het snoer uit de buurt van warme oppervlakken. Hierdoor kunnen elektrische schokken, brand of andere ongevallen worden veroorzaakt. OPPERVLAK ZORG VOOR AFSTAND tussen de oven en andere warmtebronnen. Voor een goede ventilatie moet er minstens 30 cm ruimte boven de oven blijven. Het apparaat moet tegen een wand geplaatst worden, zorg ervoor dat de lucht onder, boven en rondom de oven vrij kan stromen. De magnetron mag niet in een kast geplaatst worden. NA DE AANSLUITING U KUNT UW OVEN ALLEEN INSCHAKELEN als de deur goed gesloten is. DIT APPARAAT MOET worden geaard. De fabrikant kan niet aansprakelijk gesteld worden voor letsel aan personen of dieren noch voor materiële schade als het apparaat niet is geaard. PLAATS UW OVEN niet vlak bij een televisie, radio of antenne; u kunt last krijgen van storing. De fabrikanten zijn niet aansprakelijk voor eventuele problemen die worden veroorzaakt doordat de gebruiker deze instructies niet in acht heeft genomen. NL 57 BELANGRIJKE VEILIGHEIDSAANWIJZINGEN LEES DEZE AANWIJZINGEN ZORGVULDIG DOOR EN BEWAAR ZE VOOR RAADPLEGING IN DE TOEKOMST VERWARM OF GEBRUIK GEEN ONTVLAMBARE MATERIALEN in of bij de oven. De dampen kunnen brand of een explosie veroorzaken. LAAT KINDEREN het apparaat alleen onder toezicht van een volwassene gebruiken en na voldoende uitleg, zodat het kind het apparaat veilig kan gebruiken en de gevaren van onjuist gebruik begrijpt. Houd toezicht op kinderen wanneer er andere warmtebronnen (indien aanwezig) apart of in combinatie met de magnetron worden gebruikt, omdat hierbij hoge temperaturen ontstaan. DIT APPARAAT IS NIET BEDOELD VOOR gebruik door personen (waaronder kinderen) met een verminderd fysiek, sensorisch of mentaal vermogen, of met gebrek aan ervaring en kennis, tenzij er toezicht is of instructies zijn gegeven over het gebruik van het apparaat door iemand die verantwoordelijk is voor hun veiligheid. HOUD TOEZICHT OP KINDEREN om er zeker van te zijn dat ze niet met het apparaat spelen. GEBRUIK UW MAGNETRON NIET om textiel, papier, kruiden, hout, bloemen, fruit of andere brandbare materialen te drogen. Er kan brand ontstaan. ALS MATERIAAL BINNEN OF BUITEN DE OVEN IN BRAND VLIEGT OF ALS ER ROOKONTWIKKELING IS, laat de ovendeur dan dicht en schakel de oven uit. Haal de stekker uit het stopcontact of sluit de stroom af via de zekering of stroomonderbreker. LAAT HET VOEDSEL NIET OVERKOKEN. Er kan brand ontstaan. LAAT DE OVEN NIET ONBEWAAKT ACHTER, vooral niet wanneer er papier, plastic of andere brandbare materialen bij het koken worden gebruikt. Het papier kan verkolen of vlam vatten en sommige kunststoffen kunnen smelten wanneer u het voedsel opwarmt. Laat de oven niet onbewaakt achter als u veel vet of olie gebruikt, omdat dit oververhit kan raken en brand kan veroorzaken! GEBRUIK UW MAGNETRON NIET voor het verwarmen van materiaal in luchtdicht verzegelde schalen. Door de druktoename kunnen deze ontploffen of bij het openen schade veroorzaken. GEBRUIK GEEN bijtende chemicaliën of gassen in dit apparaat. Dit type oven is speciaal ontworpen voor het verwarmen en bereiden van voedsel. De oven is niet geschikt voor industrieel of laboratoriumgebruik. CONTROLEER DE DEURAFDICHTINGEN en het gebied er omheen regelmatig op beschadigingen. In geval van beschadiging mag het apparaat niet worden gebruikt voordat het is gerepareerd door een bevoegde onderhoudsmonteur. HANG OF PLAATS GEEN zware voorwerpen aan of op de deur, omdat de deur en de scharnieren hierdoor beschadigd kunnen worden. De handgreep van de deur mag niet gebruikt worden om dingen aan te hangen. DE APPARATEN ZIJN NIET BEDOELD om in werking te worden gesteld met een externe timer of een afzonderlijke afstandsbediening. EIEREN GEBRUIK UW MAGNETRON NIET om hele eieren met of zonder schaal te verwarmen, omdat deze kunnen ontploffen; zelfs nadat ze zijn verwarmd in de magnetron. 58 NL VEILIGHEIDSMAATREGELEN ALGEMEEN VLOEISTOFFEN BIJVOORBEELD DRANKEN OF WATER. De vloeistof kan boven het kookpunt worden oververhit zonder dat de vloeistof begint te borrelen. Als gevolg hiervan kan de hete vloeistof plotseling overkoken. Om dit te voorkomen, kunt u het beste als volgt te werk gaan: 1. Vermijd het gebruik van rechte potten of flessen met nauwe halzen. 2. Roer de vloeistof om alvorens de houder in de oven te zetten en laat het lepeltje erin staan. 3. Laat de vloeistof na het opwarmen even staan, roer opnieuw en haal de houder voorzichtig uit de oven. DIT APPARAAT IS UITSLUITEND BEDOELD VOOR HUISHOUDELIJK GEBRUIK! GEBRUIK DE MAGNETRONFUNCTIE NOOIT zonder voedsel in de oven te plaatsen. Hierdoor kan het apparaat beschadigd raken. DE VENTILATIEGATEN van de oven mogen niet bedekt worden. Wanneer de aanzuig- of uitlaatopeningen worden geblokkeerd, kan de oven schade oplopen en kan het bereidingsresultaat slechter zijn dan normaal. PLAATS EEN GLAS WATER IN DE OVEN als u deze wilt testen. Het water absorbeert de microgolfenergie en de oven raakt niet beschadigd. PLAATS OF GEBRUIK dit apparaat niet buiten. GEBRUIK HET APPARAAT NIET naast een gootsteen, in een natte kelder, in de buurt van een zwembad en dergelijke. WANNEER U BABYVOEDING in een zuigfles of potje in de magnetron verwarmt, moet u het voedsel altijd doorroeren en de temperatuur controleren voordat u het serveert. Zo zorgt u ervoor dat de warmte gelijkmatig wordt verdeeld en dat brandwonden worden voorkomen. Let erop dat u de ring en de speen vóór het opwarmen verwijdert! GEBRUIK DE OVENRUIMTE NIET als opslagruimte. VERWIJDER METALEN SLUITSTRIPS van papieren of plastic zakken voordat u de zakken in de oven plaatst. FRITUREN GEBRUIK UW MAGNETRON NIET om te frituren, omdat u de temperatuur van de olie niet kunt regelen. GEBRUIK NA HET KOKEN OVENHANDSCHOENEN om u niet aan de schalen, pannen of hete ovendelen te branden. Tijdens gebruik kunnen toegankelijke delen van de oven heet worden; houd kleine kinderen uit de buurt. NL 59 ACCESSOIRES PLATEAUDRAGER GEBRUIK ALTIJD DE PLATEAUDRAGER als steun onder het glazen draaiplateau. Plaats nooit andere voorwerpen op de plateaudrager. Plaats de plateaudrager in de oven. ALGEMEEN ER ZIJN VERSCHILLENDE accessoires verkrijgbaar. Overtuig u er vóór de aankoop van dat deze geschikt zijn voor gebruik in de magnetron.  CONTROLEER VOOR GEBRUIK OF HET KOOKGEREI DAT U geschikt is voor de oven en microgolven doorlaat. GEBRUIKT GLAZEN DRAAIPLATEAU GEBRUIK HET GLAZEN DRAAIPLATEAU bij alle toepassingen. Het vangt spetters, sappen en kruimels op die anders de ovenruimte zouden bevuilen. Plaats het glazen draaiplateau op de plateaudrager. ZORG ERVOOR DAT VOEDSEL EN KOOKGEREI niet in aanraking komen met de binnenkant van de oven. Dat is vooral belangrijk bij accessoires van metaal of met metalen delen.  ALS EEN METAALHOUDEND ACCESSOIRE in aanraking komt met de binnenkant van de oven, terwijl de oven werkt, kunnen er vonken overschieten die de oven zouden kunnen beschadigen. STOOMPAN GEBRUIK DE STOOMPAN voor voedsel als vis, groenten en aardappelen. PLAATS de stoompan altijd op het glazen draaiplateau. CONTROLEER ALTIJD of het draaiplateau vrij kan draaien voordat u de oven start. Als het draaiplateau niet vrij kan draaien, moet u een kleinere schaal gebruiken. ROOSTER GEBRUIK HET ROOSTER met de grillfuncties. STARTBEVEILIGING / KINDERSLOT DEZE AUTOMATISCHE BEVEILIGING WORDT EEN MINUUT nadat de oven teruggekeerd is in de “standby” geactiveerd. (De oven is in de “stand by”-modus als de 24-uursklok wordt weergegeven of - als de klok niet is ingesteld - als het display leeg is). 60 DE DEUR MOET WORDEN GEOPEND EN GESLOTEN om er bijvoorbeeld voedsel in te zetten, voordat de veiligheidsvergrendeling wordt uitgeschakeld. Anders verschijnt op het display “DOOR” (deur). DOOR NL DE BEREIDING ONDERBREKEN OF STOPPEN DE BEREIDING ONDERBREKEN: DE BEREIDING KAN WORDEN ONDERBROKEN om het voedsel te controleren, om te draaien of om te roeren, door de deur te openen. De instelling blijft 10 minuten lang gehandhaafd. ALS U NIET VERDER WILT GAAN: HAAL HET VOEDSEL UIT DE OVEN, sluit de deur en druk op de stoptoets. ER KLINKT GEDURENDE 10 MINUTEN om de minuut een piepsignaal wanneer de bereiding voltooid is. Druk op de stoptoets of open de deur om het signaal uit te schakelen. OPMERKING: de oven houdt de instellingen slechts 60 seconden vast als de deur geopend en vervolgens gesloten wordt nadat de bereiding voltooid is. VERDERGAAN MET DE BEREIDING: SLUIT DE DEUR en druk EENMAAL op de starttoets. De bereiding wordt hervat vanaf het punt waarop deze is onderbroken. DRUK TWEEMAAL op de starttoets om de tijd 30 seconden te verlengen. KOOKWEKKER GEBRUIK DEZE FUNCTIE als u een keukentimer nodig heeft om de tijd precies bij te houden, zoals voor het koken van eieren en pasta of voor het laten rijzen van deeg enz. q w e DRUK OP DE KLOKTOETS. DRAAI DE INSTELKNOP om de gewenste bereidingstijd in te stellen. DRUK OP DE STARTTOETS. KNIPPERENDE DUBBELE PUNTEN geven aan dat de timer loopt. WANNEER DE INGESTELDE TIJD VERSTREKEN IS hoort u een geluidssignaal. ALS U EENMAAL OP DE KLOKTOETS DRUKT, verschijnt de resterende tijd van de timer. Deze blijft 3 seconden zichtbaar en vervolgens keert de bereidingstijd terug (als u op dat moment bezig bent met een bereiding). OM DE KOOKWEKKER TE STOPPEN wanneer deze op de achtergrond van een andere functie in werking is, moet u eerst de kookwekker naar de voorgrond halen door op de kloktoets te drukken en vervolgens stoppen door nog een keer op de kloktoets te drukken. NL 61 KLOK HET DISPLAY IS LEEG WANNEER HET APPARAAT VOOR HET EERST WORDT AANGESLOTEN en na een stroomstoring. Indien de klok niet wordt ingesteld, blijft het display leeg totdat de bereidingstijd wordt ingesteld. q w e r t DRUK OP DE KLOKTOETS (3 seconden) totdat het linkercijfer (uur) knippert. DRAAI DE INSTELKNOP om de uren in te stellen. DRUK NOGMAALS OP DE KLOKTOETS. (De twee rechtercijfers (minuten) knipperen). DRAAI DE INSTELTOETS om de minuten in te stellen. DRUK NOGMAALS OP DE KLOKTOETS. DE KLOK IS INGESTELD en in werking. ALS U DE KLOK VAN HET DISPLAY WENST TE VERWIJDEREN als deze eenmaal is ingesteld, dan drukt u opnieuw 3 seconden op de kloktoets en vervolgens op de stoptoets. VOOR HET OPNIEUW INSTELLEN VAN DE KLOK volgt u de bovengenoemde procedure. OPMERKING: LAAT DE DEUR OPEN TERWIJL U DE KLOK INSTELT. Dit geeft u 10 minuten de tijd om de klok in te stellen. Anders moet elke stap binnen 60 seconden worden uitgevoerd. BEREIDEN EN OPWARMEN MET DE MAGNETRON GEBRUIK DEZE FUNCTIE voor normale bereidingen en het opwarmen van bijvoorbeeld groenten, vis, aardappelen en vlees. q w e DRUK OP DE VERMOGENSTOETS om het vermogen in te stellen. DRAAI DE INSTELKNOP naar rechts om de bereidingstijd in te stellen. DRUK OP DE STARTTOETS. ALS HET BEREIDINGSPROCES EENMAAL GESTART IS: Kunt u de bereidingstijd eenvoudig met stappen van 30 seconden verlengen door op de starttoets te drukken. Bij elke druk op de toets wordt de bereidingstijd met 30 seconden verlengd. U kunt de bereidingstijd ook verlengen of verkorten door de instelknop te draaien. HET JUISTE VERMOGEN KIEZEN ALLEEN MAGNETRONFUNCTIE AANBEVOLEN GEBRUIK: VERMOGEN OPWARMEN VAN DRANKEN, water, heldere soepen, koffie, thee of ander voedsel met een JET hoog watergehalte. Wanneer het voedsel eieren of room bevat, moet u een lager (700 W) niveau kiezen. 600 W BEREIDEN VAN vis, vlees, groenten enz. 500 W VOORZICHTIG BEREIDEN VAN eiwitrijke sauzen, kaas- en eiergerechten en voor het afmaken van casseroles. 350 W LATEN SUDDEREN VAN STOOFSCHOTELS, smelten van boter. 160 W ONTDOOIEN. Zacht laten worden van boter, kaas. 90 W IJS ZACHT laten worden. 62 NL JET START GEBRUIK DEZE FUNCTIE voor het snel opwarmen van voedsel dat veel water bevat zoals heldere soepen, koffie of thee. q DRUK OP DE STARTTOETS. DEZE FUNCTIE START AUTOMATISCH met een maximaal magnetronvermogen en een bereidingstijd van 30 seconden. Elke keer dat de toets nogmaals wordt ingedrukt wordt de tijd met 30 seconden verlengd. U kunt de bereidingstijd ook verlengen of verkorten door de instelknop te draaien, nadat de functie is gestart. HANDMATIG ONTDOOIEN VOLG DE PROCEDURE voor “Bereiden en opwarmen met de magnetron” en kies vermogensniveau 160 W wanneer u handmatig ontdooit. CONTROLEER EN INSPECTEER HET VOEDSEL REGELMATIG. Bevroren voedsel in plastic zakjes, plastic folie of verpakkingen van karton kan rechtstreeks in de oven geplaatst worden wanneer de verpakking geen metalen delen bevat (bijvoorbeeld metalen bindstrips). DRAAI GROTE STUKKEN halverwege het ontdooien om. GEKOOKT VOEDSEL, STOOFSCHOTELS EN VLEESSAUZEN ontdooien beter als u ze tijdens het ontdooien doorroert. DE VORM VAN DE VERPAKKING is van invloed op de ontdooitijd. Platte pakjes ontdooien sneller dan grote blokken. WANNEER U ONTDOOIT is het beter het voedsel iets bevroren te laten en het voedsel even te laten staan om het ontdooiproces te voltooien. HAAL STUKKEN UIT ELKAAR wanneer ze beginnen te ontdooien. Afzonderlijke plakken ontdooien sneller. ALS U HET VOEDSEL NA HET ONTDOOIEN EVEN laat staan wordt het resultaat altijd beter aangezien de temperatuur gelijkmatiger door het voedsel verdeeld wordt. SCHEID VERSCHILLENDE STUKKEN VOEDSEL met stukjes aluminiumfolie wanneer ze warm beginnen te worden (b.v. kippenpoten en vleugeltjes). NL 63 AUTO-ONTDOOIEN GEBRUIK DEZE FUNCTIE voor het ontdooien van vlees, vis en gevogelte. AUTO Defrost mag alleen gebruikt worden als het nettogewicht tussen de 100 g en 2 kg ligt. PLAATS HET VOEDSEL altijd op het glazen draaiplateau. q w e DRUK MEERDERE MALEN OP DE AUTO-ONTDOOITOETS om de voedselklasse te selecteren. DRAAI DE INSTELTOETS om het gewicht in te stellen. DRUK OP DE STARTTOETS. BIJ SOMMIGE VOEDSELKLASSEN MOET het voedsel omgedraaid of geroerd worden tijdens de bereiding. In deze gevallen stopt de oven en wordt u gevraagd de benodigde handeling uit te voeren. ALS DE DEUR NIET BINNEN DEZE TIJD WORDT GEOPEND (binnen 2 minuten) zal de oven doorgaan met het ontdooiproces. In dit geval is het eindresultaat mogelijk niet optimaal. Open de deur. Voer de gevraagde handeling uit. Sluit de deur en start opnieuw door de starttoets in te drukken.    VOOR DEZE FUNCTIE MOET het nettogewicht van het voedsel bekend zijn. BEVROREN VOEDSEL: ALS HET VOEDSEL EEN HOGERE temperatuur heeft dan diepvriestemperatuur (-18°C), moet een lager voedselgewicht worden gekozen. ALS HET VOEDSEL EEN LAGERE temperatuur heeft dan diepvriestemperatuur (-18°C), moet een hoger voedselgewicht worden gekozen. BEVROREN VOEDSEL: ALS HET GEWICHT MINDER OF MEER DAN HET AANBEVOLEN GEWICHT IS: Volg de procedure voor “Bereiden en opwarmen in de magnetron” en kies 160 W wanneer u ontdooit. VOEDINGSGROEP q w e HOEVEELHEID TIPS VLEES 100 G - 2 KG GEHAKT, KOTELETTEN, BIEFSTUK OF BRAADVLEES. GEVOGELTE 100 G - 2 KG HELE KIP, IN STUKKEN OF FILETS. VIS 100 G - 2 KG HEEL, MOTEN OF FILETS. VOOR VOEDSEL DAT NIET IN DEZE TABEL wordt genoemd of dat minder of meer weegt dan het aanbevolen gewicht, moet u de procedure voor “Bereiden en opwarmen met de magnetron” aanhouden en 160 W kiezen voor het ontdooien. 64 NL GEHEUGEN MET DE GEHEUGENFUNCTIE KUNT U gemakkelijk en snel een voorkeurinstelling terugvinden. DE GEHEUGENFUNCTIE slaat de weergegeven instelling op. EEN OPGESLAGEN INSTELLING GEBRUIKEN: q w DRUK OP DE MEMO-KNOP. DRUK OP DE STARTKNOP. EEN INSTELLING OPSLAAN:  Selecteer een functie.  Programmeer uw instellingen.  Druk op de Memo-knop en houd hem ingedrukt gedurende 3 seconden totdat een gelu- idssignaal te horen is. De instelling is nu opgeslagen. U kunt het geheugen zo vaak als u wilt opnieuw programmeren. WANNEER HET APPARAAT wordt aangesloten of na een stroomuitval wordt gebruikt, zal uw Memo-functie - 2 minuten op vol vermogen als standaardinstelling hebben opgeslagen. DRANKEN VERWARMEN MET DE DRANKEN VERWARMEN FUNCTIE KUNT U gemakkelijk en snel 1-4 koppen met drank opwarmen. q DRUK MEERDERE MALEN OP DE DRANKEN VERWARMEN TOETS om het aantal op te warmen koppen te selecteren. w DRUK OP DE STARTKNOP. 1 KOP IS GELIJK AAN 150 ml drank. GRILL GEBRUIK DEZE FUNCTIE OM snel een mooi bruin korstje te geven aan het voedsel. q w e DRUK OP DE GRILLTOETS. DRAAI DE INSTELKNOP naar rechts om de bereidingstijd in te stellen. DRUK OP DE STARTTOETS. DOOR OP DE GRILLTOETS TE DRUKKEN TIJDENS DE BEREIDING wordt het grillelement in- en uitgeschakeld. De timer blijft aftellen wanneer het grillelement wordt uitgeschakeld. LAAT DE OVENDEUR NIET TE LANG OPEN wanneer de grill in werking is, omdat de temperatuur hierdoor daalt. ZORG ERVOOR DAT HET GEBRUIKTE KOOKGEREI hittebestendig en geschikt is voor ovens voordat u ermee grilt. GEBRUIK GEEN PLASTIC kookgerei wanneer u grilt. Dit smelt. Kookgerei van hout of papier is evenmin geschikt. NL 65 COMBI-GRILL GEBRUIK DEZE FUNCTIE om gegratineerde schotels, lasagne, gevogelte en gebakken aardappelen te bereiden. q w e r t DRUK OP DE VERMOGENSTOETS om het vermogen in te stellen. DRAAI DE INSTELKNOP om de magnetrontijd in te stellen. DRUK OP DE COMBI-TOETS. DRAAI DE INSTELKNOP om de grilltijd in te stellen. DRUK OP DE STARTTOETS. TIJDENS DE WERKING kunt u het grillelement in- en uitschakelen door op de grilltoets te drukken. HET IS MOGELIJK om de magnetron uit te schakelen door het magnetronvermogen tot 0 W terug te brengen. Bij 0 W schakelt de oven over op de zelfstandige grillfunctie. LAAT DE OVENDEUR NIET TE LANG OPEN wanneer de grill in werking is; hierdoor daalt de temperatuur. CONTROLEER VOORDAT U MET GRILLEN BEGINT OF HET KOOKGEREI dat u gebruikt hittestendig is en geschikt voor de oven. GEBRUIK GEEN PLASTIC kookgerei bij het grillen. Dit smelt. Kookgerei van hout of papier is evenmin geschikt. HET JUISTE VERMOGEN KIEZEN COMBI-GRILL AANBEVOLEN GEBRUIK: VERMOGEN 600 - 700 W BEREIDEN VAN groenten en gegratineerde gerechten 350 - 500 W BEREIDEN VAN gevogelte en lasagne 160 - 350 W BEREIDEN VAN vis en bevroren gegratineerde gerechten 66 160 W BEREIDEN VAN vlees 90 W GRATINEREN VAN fruit 0W ALLEEN EEN BRUIN KORSTJE GEVEN tijdens de bereiding NL STEAM (STOMEN) GEBRUIK DEZE FUNCTIE VOOR voedsel als groenten en vis. GEBRUIK ALTIJD DE BIJGELEVERDE STOOMPAN wanneer u deze functie gebruikt. q w e DRUK MEERDERE MALEN OP DE STEAM-TOETS om de voedingsgroep te selecteren. (zie de tabel) DRAAI DE INSTELKNOP om het gewicht van het voedsel in te stellen. DRUK OP DE STARTTOETS. PLAATS het voedsel op het stoomrooster. SCHENK 100 ml (1 dl) water in de onderkant van de stomer. ² ¬ ² DOE het deksel erop. DE STOMER IS uitsluitend ontworpen om te worden gebruikt bij de magnetronfunctie! GEBRUIK HEM NOOIT met een andere functie. GEBRUIK VAN DE STOMER in elke andere functie kan schade veroorzaken. CONTROLEER ALTIJD OF het draaiplateau vrij kan draaien voordat u de oven start. PLAATS de stoompan altijd op het glazen draaiplateau. VOEDINGSGROEP HOEVEELHEID TIPS q AARDAPPELEN / KNOLGROENTEN 150 G - 400 G w GROENTEN (bloemkool en broccoli) 150 G - 400 G GEBRUIK EVEN GROTE STUKKEN. Snijd de groente in even grote stukken. Laat 1-2 minuten staan na de bereiding. e BEVROREN GROENTEN 150 G - 400 G LAAT 1-2 minuten staan. r VISFILETS 150 G - 400 G VERDEEL DE FILETS GELIJKMATIG over het stoomrooster. Leg dunne stukken over elkaar heen. Laat 1-2 minuten staan na de bereiding. NL 67 BEREIDINGSTABEL HOE MEER VOEDSEL U WILT BEREIDEN, hoe langer de bereiding zal duren. Een vuistregel is dat de dubbele hoeveelheid voedsel bijna tweemaal zoveel tijd vergt. HOE LAGER DE BEGINTEMPERATUUR, hoe langer de vereiste bereidingstijd. Voedsel op kamertemperatuur kookt sneller dan voedsel dat rechtstreeks uit de koelkast komt. ALS U MEERDERE STUKKEN VAN hetzelfde voedsel kookt, bijvoorbeeld aardappelen in de schil, dient u deze in een kring in de oven te leggen, zodat ze gelijkmatig gekookt worden. SOMMIGE VOEDINGSMIDDELEN ZIJN BEDEKT DOOR EEN SCHIL OF MEMBRAAN, bijvoorbeeld aardappels, appels en eidooiers. Prik in dergelijke gevallen met een vork of cocktailprikker in het voedsel om de druk te verminderen en openbarsten te voorkomen. KLEINERE STUKKEN VOEDSEL KOKEN SNELLER DAN GROTERE STUKKEN EN REGELMATIG gevormde stukken worden gelijkmatiger gaar dan onregelmatig gevormde stukken. SOORT VOEDSEL HOEVEEL- VERMOHEID GEN TIJD HET ROEREN EN OMSCHEPPEN VAN VOEDSEL zijn technieken die zowel voor traditioneel koken als het koken met de magnetron worden gebruikt om de warmte snel tot midden in het voedsel te verdelen en het overkoken bij de buitenranden te voorkomen. WANNEER U VOEDSEL MET EEN ONREGELMATIGE VORM of dikte bereidt, moet u het dunste gedeelte van het voedsel in de richting van het midden van het bord plaatsen, waar het als laatste verwarmd zal worden. VOEDSEL DAT VEEL VET EN SUIKER bevat zal sneller koken dan voedsel dat veel water bevat. Vet en suiker bereiken ook een hogere temperatuur dan water. LAAT HET VOEDSEL NA HET BEREIDEN altijd even staan. Dit levert altijd een verbetering van het resultaat op aangezien de temperatuur op die manier gelijkmatig over het voedsel verdeeld zal worden. NAGAARTIJD HELE KIP 1000 G 18 - 20 MIN. 5 - 10 MIN. KIP (filets of stukken) 500 G 8 - 10 MIN. 5 MIN. BACON 150 G 3 - 4 MIN. 1 - 2 MIN. 3 - 4 MIN. 1 - 2 MIN. 700 W GROENTEN 300 G (vers) GROENTEN 250 - 400 G (diepvries) AARDAPPELEN, 1 STUK IN SCHIL 4 STUKS GEHAKTBROOD 600 - 700 G HELE VIS 3 - 4 MIN. 5 - 6 MIN. 4 - 6 MIN. 12 - 15 MIN. 12 - 14 MIN. 600 G 1 - 2 MIN. 2 MIN. 5 MIN. 5 MIN. 8 - 9 MIN. 4 - 5 MIN. 5 - 6 MIN. 2 - 3 MIN. 600 W VIS (moten of filets) 68 400 G NL TIPS DRAAI DE KIP halverwege de bereidingstijd om. Controleer of het vleessap helder gekleurd is wanneer de bereidingstijd voorbij is. CONTROLEER of het vleessap helder gekleurd is wanneer de bereidingstijd voorbij is. PLAATS DEZE OP KEUKENPAPIER in 2 of 3 lagen en dek ze af met nog meer keukenpapier. MET DEKSEL BEREIDEN en 2 tl zout toevoegen. MET DEKSEL BEREIDEN INPRIKKEN MET EEN VORK. (1 stuk = 250 g). Halverwege omdraaien. VEL INSNIJDEN en afgedekt bereiden. DUNSTE DELEN naar het midden van het bord plaatsen. Met deksel bereiden. OPWARMTABEL NET ALS BIJ TRADITIONELE BEREIDINGSMETHODES moet in de magnetron opgewarmd voedsel altijd verwarmd worden tot het kokend heet is. DE BESTE RESULTATEN WORDEN BEREIKT wanneer het voedsel zo is neergelegd dat het dikkere voedsel zich aan de buitenkant van het bord bevindt en het dunnere voedsel in het midden. LEG DUNNE PLAKJES VLEES boven op elkaar of laat ze overlappen. Dikkere plakken, bijvoorbeeld gehaktbrood en worst, moeten dicht bij elkaar worden gelegd. SOORT VOEDSEL HOEVEELHEID K ANT-EN-KLARE 300 G 450 G 3 - 5 MIN. 4 - 5 MIN. 1 - 2 MIN. RIJST 2 DL 6 DL 1 - 2 MIN. 3 - 4 MIN. 1 MIN. 2 MIN GEHAKTBALLEN 250 G 2 MIN. 1 - 2 MIN. DRANKEN 2 DL 1-2½ MIN. 1 MIN. ZET EEN METALEN LEPEL in de mok om overkoken te voorkomen. SOEP (helder) 2½ DL 2-2½ MIN. 1 MIN. ONAFGEDEKT VERWARMEN in een soepbord of soepkom. 2 ½ DL 3 - 4 MIN. 1 MIN. VUL DE KOM niet meer dan 3/4. Eenmaal omroeren tijdens het verwarmen. HOTDOGS 1 STUK 2 STUKS ½-1 MIN. 1-1½ MIN. 1 MIN. LASAGNE 500 G 5 - 6 MIN. 2 - 3 MIN. MAALTIJD VERMOGEN BIJ HET OPWARMEN VAN STOOFSCHOTELS EN SAUZEN is het beter het voedsel een keer om te roeren om de warmte gelijkmatig te verdelen. AFDEKKEN VAN HET VOEDSEL helpt het vocht in het voedsel te houden, vermindert spatten en verkort de opwarmtijd. WANNEER U PORTIES BEVROREN VOEDSEL OPWARMT dient u de instructies op de verpakking te volgen. VOEDSEL DAT NIET GEROERD KAN WORDEN, bijvoorbeeld gegratineerde gerechten, kan het beste worden opgewarmd op 400-600 W. LAAT HET VOEDSEL NA HET OPWARMEN ENKELE MINUTEN STAAN op die manier zal de temperatuur gelijkmatig over het voedsel verdeeld worden. 700 W TIJD NAGAARTIJD CRÈMESOEPEN OF ROOMSAUZEN 600 W NL TIPS BORD AFDEKKEN SCHAAL AFDEKKEN ZONDER DEKSEL BEREIDEN 69 ONTDOOITABEL DRAAI GROTE STUKKEN halverwege het ontdooien om. GEKOOKT VOEDSEL, STOOFSCHOTELS EN VLEESSAUZEN ontdooien beter als u ze tijdens het ontdooien doorroert. WANNEER U ONTDOOIT is het beter het voedsel iets bevroren te laten en het voedsel even te laten staan om het ontdooiproces te voltooien. ALS U HET VOEDSEL NA HET ONTDOOIEN even laat staan wordt het resultaat altijd beter aangezien de temperatuur gelijkmatiger door het voedsel verdeeld wordt. BEVROREN VOEDSEL IN PLASTIC ZAKJES, plastic folie of verpakkingen van karton kan rechtstreeks in de oven geplaatst worden wanneer de verpakking geen metalen delen bevat (bijvoorbeeld metalen bindstrips). DE VORM VAN DE VERPAKKING is van invloed op de ontdooitijd. Platte pakjes ontdooien sneller dan grote blokken. HAAL STUKKEN UIT ELKAAR wanneer ze beginnen te ontdooien. Afzonderlijke plakken ontdooien sneller. DEK STUKKEN VOEDSEL met kleine stukken aluminiumfolie af wanneer ze warm beginnen te worden (bijvoorbeeld kippenpoten en vleugels). SOORT VOEDSEL BRAADVLEES HOEVEELHEID 800 1000 G VERMOGEN TIJD NAGAARTIJD 20 - 22 MIN. 10 - 15 MIN. GEHAKT 500 G 8 - 10 MIN. 5 MIN. K ARBONADES, KOTELETTEN, 500 G 7 - 9 MIN. 5 - 10 MIN. HELE KIP 1200 G 25 MIN. 10 - 15 MIN. KIP, stukken of filets 500 G 7 - 9 MIN. 5 - 10 MIN. BIEFSTUK ONTDOOIEN (160 W) TIPS HALVERWEGE het ontdooien omdraaien. HALVERWEGE het ontdooien omdraaien. Ontdooide delen uit elkaar halen. HALVERWEGE het ontdooien omdraaien. HALVERWEGE het ontdooien omdraaien. HALVERWEGE het ontdooien omdraaien / uit elkaar halen. Dek vleugeltjes en poten af met aluminiumfolie om oververhitting te voorkomen. HALVERWEGE het ontdooien omkeren en de staart afdekken met folie om oververhitting te voorkomen. HALVERWEGE het ontdooien omdraaien. Ontdooide delen uit elkaar halen. HALVERWEGE het ontdooien omdraaien. HELE VIS 600 G 8 - 10 MIN. 5 - 10 MIN. VIS (moten of filets) 400 G 6 - 7 MIN. 5 MIN. BROOD 500 G 4 - 6 MIN. 5 MIN. BROODJES EN KADETJES 4 STUKS (150 - 200 G) 1 ½ - 2 MIN. 2 - 3 MIN. IN EEN KRING leggen. FRUIT EN BESSEN 200 G 2 - 3 MIN. 2 - 3 MIN. UIT ELKAAR HALEN tijdens het ontdooien. 70 NL GRILLTABEL DIKKER VOEDSEL zoals gegratineerde schotels en kip: bereid dit eerst met de magnetron en laat het vervolgens onder de grill een bruin korstje krijgen. DE GRILLFUNCTIE IS ZEER GESCHIKT om een bruin korstje te geven aan het voedsel nadat het is bereid met de magnetron. HET ROOSTER kan gebruikt worden om het voedsel dichter bij het grillelement te brengen, zodat het sneller bruin wordt. U KUNT schalen of gegratineerde schotels rechtstreeks op het glazen draaiplateau zetten. LEG DUN VOEDSEL zoals toast en worstjes op het rooster en bereid het alleen met de grill. SOORT VOEDSEL HOEVEELHEID INSTELLING TIJD TIPS K AASTOSTI’S 3 STUKS 4 - 5 MIN. OP HET ROOSTER leggen POMMES DUCHESSE 2 PORTIES 6 - 8 MIN. PLAATS DE SCHAAL op het rooster. WORSTJES (100 G / STUK) STUKKEN KIP GRILL 2 - 3 STUKS 1000 G 700 W DAARNA 10 - 12 MIN. PLAATS ZE op het rooster. Halverwege omdraaien. 13 - 15 MIN. 8 - 9 MIN. MET HET VEL NAAR BOVEN in een schaal leggen. 4 PORTIES GRILLEN 18 - 20 MIN. 5 - 6 MIN. PLAATS de schaal op het draaiplateau. LASAGNE (diepvries) 500 G 600 W 18 - 20 MIN. 5 - 6 MIN. PLAATS de schaal op het draaiplateau. GEGRATINEERDE VIS (diepvries) 600 G 15 - 18 MIN. 5 - 7 MIN. PLAATS de schaal op het draaiplateau. GEGRATINEERDE AARDAPPELEN DAARNA GRILLEN NL 71 ONDERHOUD EN REINIGING NORMAAL GESPROKEN IS SCHOONMAKEN de enige vorm van onderhoud die nodig is. Tijdens het schoonmaken moet de magnetron van de netvoeding afgekoppeld zijn. ALS DE OVEN niet goed wordt schoongehouden, kan dit tot aantasting van het ovenoppervlak leiden, wat de levensduur van het apparaat kan verkorten en mogelijk tot gevaarlijke situaties kan leiden. GEBRUIK GEEN SCHUURSPONSJES , SCHUURMIDDELEN , sponsjes van staalwol, ruwe doeken e.d.; deze kunnen het bedieningspaneel en het oppervlak van de binnen- en buitenkant van de oven beschadigen. Gebruik een doek met een mild schoonmaakmiddel of een tissue met een spray die geschikt is voor het schoonmaken van glas. Sproei het schoonmaakmiddel op de tissue. SPRAY NIET direct op de oven. VERWIJDER REGELMATIG, vooral als u gemorst heeft, het draaiplateau en de plateaudrager en maak de bodem van de magnetron goed schoon. DEZE OVEN IS ONTWORPEN om met draaiplateau te worden gebruikt. GEBRUIK DE MAGNETRON NIET wanneer u het draaiplateau eruit heeft genomen om het schoon te maken. GEBRUIK EEN ZACHTE, VOCHTIGE DOEK met een mild reinigingsmiddel om de ovenruimte, voor- en achterkant van de deur en de deursponning schoon te maken. ZORG ERVOOR DAT ER GEEN VET- of voedselresten in de deursponning achterblijven. IN GEVAL VAN HARDNEKKIGE vlekken laat u gedurende 2 of 3 minuten een kopje water in de oven koken. Vuil laat zich door de stoomvorming makkelijker verwijderen. U HEEFT GEEN LAST VAN LUCHTJES als u regelmatig een kopje water met wat citroensap op het draaiplateau plaatst en dit enkele minuten laat koken. GEBRUIK GEEN SCHOONMAAKAPPARATEN DIE MET STOOM WERKEN wanneer u de magnetron schoonmaakt. 72 DE OVEN moet regelmatig schoongemaakt worden en eventuele etensresten moeten verwijderd worden. HET GRILLELEMENT hoeft niet gereinigd te worden omdat de intense hitte spatten zal afbranden, maar het plafond eronder moet regelmatig gereinigd worden. Dit moet gebeuren met een zachte, vochtige doek met een mild reinigingsmiddel. ALS DE GRIL NIET REGELMATIG wordt gebruikt, moet deze 10 minuten per maand worden ingeschakeld om spatten af te branden, om zo het risico op brand te voorkomen. GESCHIKT VOOR DE VAATWASMACHINE: PLATEAUDRAGER. GLAZEN DRAAIPLATEAU. STOOMPAN ROOSTER. NL STORINGEN OPSPOREN ALS HET NETSNOER MOET WORDEN VERVANGEN, moet dat gebeuren met een origineel exemplaar, dat verkrijgbaar is via onze klantenservice. Het netsnoer mag uitsluitend door een bevoegde onderhoudsmonteur worden vervangen. ALS DE OVEN NIET WERKT, bel dan pas de klantenservice als u gecontroleerd heeft of: Het draaiplateau en de drager van het draaiplateau op hun plaats zitten. De stekker goed in het stopcontact zit. De deur goed gesloten is. De zekeringen in orde zijn en er stroom is. De oven voldoende ventilatie heeft. Wacht 10 minuten en probeer dan de oven opnieuw te laten werken. Open en sluit de deur voordat u het opnieuw probeert. ZO KUNT U ONNODIGE kosten besparen. Als u de klantenservice belt, dient u het serienummer en het typenummer van de oven door te geven (zie het serviceplaatje). Raadpleeg het garantieboekje voor nadere informatie.        ONDERHOUDSWERKZAAMHEDEN MOGEN UITSLUITEND DOOR EEN BEVOEGDE ONDERHOUDSMONTEUR WORDEN UITGEVOERD. Het is gevaarlijk voor ongetrainde personen om onderhoudswerkzaamheden of reparaties uit te voeren waarbij beschermkappen moeten worden verwijderd die bescherming bieden tegen blootstelling aan de energie van microgolven. VERWIJDER GEEN BESCHERMKAPPEN. MILIEUTIPS HET SYMBOOL op het product of op de bijbehorende documentatie geeft aan dat dit product niet als huishoudelijk afval mag worden behandeld. In plaats daarvan moet het worden afgegeven bij een verzamelpunt voor recycling van elektrische en elektronische apparaten. AFDANKING moet worden uitgevoerd in overeenstemming met de plaatselijke milieuvoorschriften voor afvalverwerking. VOOR NADERE INFORMATIE over de behandeling, terugwinning en recycling van dit product wordt u verzocht contact op te nemen met het stadskantoor in uw woonplaats, uw afvalophaaldienst of de winkel waar u het product heeft aangeschaft. SNIJD DE VOEDINGSKABEL VAN HET APPARAAT DOOR voordat u dit afdankt, zodat die onbruikbaar wordt. DE VERPAKKING kan volledig worden gerecycled, zoals wordt aangegeven door het recycling-symbool. Voor de verwerking dienen de plaatselijke voorschriften te worden nageleefd. Houd verpakkingsmateriaal (plastic zakken, polystyreen enz.) buiten het bereik van kinderen. DIT APPARAAT is voorzien van het merkteken volgens de Europese richtlijn 2002/96/EC inzake Afgedankte elektrische en elektronische apparaten (WEEE). Door ervoor te zorgen dat dit product op de juiste manier als afval wordt verwerkt, helpt u mogelijk negatieve gevolgen voor het milieu en de menselijke gezondheid te voorkomen die anders zouden kunnen worden veroorzaakt door een onjuiste verwerking van dit product. NL 73 IN OVEREENSTEMMING MET IEC 60705. DE INTERNATIONALE ELEKTROTECHNISCHE COMMISSIE heeft een standaard ontworpen voor het vergelijkend testen van verwarmingsprestaties van verschillende magnetronovens. Voor deze oven adviseren wij het volgende: TEST HOEVEELHEID GESCHATTE TIJDSDUUR VERMOGEN OVENSCHAAL 12.3.1 750 G 10 MIN. 700 W PYREX 3.220 12.3.2 475 G 5 MIN. 700 W PYREX 3.827 12.3.3 900 G PYREX 3.838 12.3.4 1100 G 13.3 500 G 14 MIN. 700 W 20 - 22 MIN. 600 W + 7 - 8 MIN. GRILL AUTO-ONTDOOIEN PYREX 3.827 OP DRAAIPLATEAU PLAATSEN TECHNISCHE SPECIFICATIES VOEDINGSSPANNING 230 V/50 HZ NOMINAAL INGANGSVERMOGEN 1100 W ZEKERING 10 A UITGANGSVERMOGEN MAGNETRON 700 W GRILLEN 700 W AFMETINGEN BUITENKANT (HXBXD) 285 X 456 X 359 AFMETINGEN BINNENKANT (HXBXD) 196 X 292 X 295 NL 74
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52
  • Page 53 53
  • Page 54 54
  • Page 55 55
  • Page 56 56
  • Page 57 57
  • Page 58 58
  • Page 59 59
  • Page 60 60
  • Page 61 61
  • Page 62 62
  • Page 63 63
  • Page 64 64
  • Page 65 65
  • Page 66 66
  • Page 67 67
  • Page 68 68
  • Page 69 69
  • Page 70 70
  • Page 71 71
  • Page 72 72
  • Page 73 73
  • Page 74 74
  • Page 75 75
  • Page 76 76
  • Page 77 77
  • Page 78 78
  • Page 79 79
  • Page 80 80
  • Page 81 81
  • Page 82 82
  • Page 83 83
  • Page 84 84
  • Page 85 85
  • Page 86 86
  • Page 87 87
  • Page 88 88
  • Page 89 89
  • Page 90 90
  • Page 91 91
  • Page 92 92
  • Page 93 93
  • Page 94 94
  • Page 95 95
  • Page 96 96
  • Page 97 97
  • Page 98 98
  • Page 99 99
  • Page 100 100
  • Page 101 101
  • Page 102 102
  • Page 103 103
  • Page 104 104
  • Page 105 105
  • Page 106 106
  • Page 107 107
  • Page 108 108
  • Page 109 109
  • Page 110 110
  • Page 111 111
  • Page 112 112
  • Page 113 113
  • Page 114 114
  • Page 115 115
  • Page 116 116
  • Page 117 117
  • Page 118 118
  • Page 119 119
  • Page 120 120
  • Page 121 121
  • Page 122 122
  • Page 123 123
  • Page 124 124
  • Page 125 125
  • Page 126 126
  • Page 127 127
  • Page 128 128
  • Page 129 129
  • Page 130 130
  • Page 131 131
  • Page 132 132
  • Page 133 133
  • Page 134 134
  • Page 135 135
  • Page 136 136
  • Page 137 137
  • Page 138 138
  • Page 139 139
  • Page 140 140
  • Page 141 141
  • Page 142 142
  • Page 143 143
  • Page 144 144
  • Page 145 145
  • Page 146 146
  • Page 147 147
  • Page 148 148
  • Page 149 149
  • Page 150 150
  • Page 151 151
  • Page 152 152
  • Page 153 153
  • Page 154 154
  • Page 155 155
  • Page 156 156
  • Page 157 157
  • Page 158 158
  • Page 159 159
  • Page 160 160
  • Page 161 161
  • Page 162 162
  • Page 163 163
  • Page 164 164

Whirlpool MWD 344 IX Gebruikershandleiding

Categorie
Magnetrons
Type
Gebruikershandleiding