AEG IPE84571FB Handleiding

Type
Handleiding
USER
MANUAL
NL Gebruiksaanwijzing 2
Kookplaat
IT Istruzioni per l’uso 26
Piano cottura
IPE84571FB
INHOUDSOPGAVE
1. VEILIGHEIDSINFORMATIE.........................................................................................2
2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN.................................................................................5
3. MONTAGE ..................................................................................................................7
4. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT........................................................................8
5. DAGELIJKS GEBRUIK..................................................................................................9
6. FLEXIBELE INDUCTIEKOOKZONE..........................................................................14
7. AANWIJZINGEN EN TIPS.........................................................................................17
8. ONDERHOUD EN REINIGING.................................................................................20
9. PROBLEEMOPLOSSING...........................................................................................20
10. TECHNISCHE GEGEVENS..................................................................................... 23
11. ENERGIEZUINIGHEID.............................................................................................24
VOOR PERFECTE RESULTATEN
Bedankt dat u voor dit AEG-product heeft gekozen. Dit apparaat is ontworpen
om vele jaren uitstekend te presteren, met innovatieve technologieën die het
leven gemakkelijker helpen maken met functies die gewone apparaten wellicht
niet hebben. Neem een paar minuten de tijd om het door te lezen zodat u er
optimaal van kunt profiteren.
Ga naar onze website voor:
Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen en
onderhoudsinformatie:
www.aeg.com/webselfservice
Registreer uw product voor een betere service:
www.registeraeg.com
Koop accessoires, verbruiksartikelen en originele reserveonderdelen voor uw
apparaat:
www.aeg.com/shop
KLANTENSERVICE
Gebruik altijd originele onderdelen.
Als u contact opneemt met de klantenservice zorg dat u de volgende gegevens
bij de hand hebt: model, productnummer, serienummer.
Deze informatie wordt vermeld op het typeplaatje.
Waarschuwing / Belangrijke veiligheidsinformatie
Algemene informatie en tips
Milieu-informatie
Wijzigingen voorbehouden.
1.
VEILIGHEIDSINFORMATIE
Lees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor
installatie en gebruik van het apparaat. De fabrikant is
niet verantwoordelijk voor letsel of schade veroorzaakt
www.aeg.com
2
door een verkeerde installatie of verkeerd gebruik.
Bewaar de instructies altijd op een veilige en
toegankelijke plaats voor toekomstig gebruik.
1.1 Veiligheid van kinderen en kwetsbare mensen
• Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8
jaar en ouder en door mensen met beperkte
lichamelijke, zintuiglijke of verstandelijke vermogens
of een gebrek aan ervaring en kennis, indien zij onder
toezicht staan of instructies hebben gekregen over het
veilig gebruiken van het apparaat en indien zij de
eventuele gevaren begrijpen.
• Kinderen tussen de 3 en 8 jaar oud en personen met
zware en complexe beperkingen dienen altijd uit de
buurt te worden gehouden, mits ze voortdurend
onder toezicht staan.
• Houd kinderen jonger dan 3 jaar uit de buurt of onder
permanent toezicht.
• Laat kinderen niet met het apparaat spelen.
• Houd alle verpakking uit de buurt van kinderen en
gooi het op passende wijze weg.
• Houd kinderen en huisdieren uit de buurt van het
apparaat als het in werking is of afkoelt. Het apparaat
is heet.
• Als het apparaat is voorzien van een kinderslot, dient
dit te worden geactiveerd.
• Kinderen mogen zonder toezicht geen reinigings- en
onderhoudswerkzaamheden aan het apparaat
uitvoeren.
1.2
Algemene veiligheid
• WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke
onderdelen ervan worden heet tijdens gebruik. U
dient op te passen dat u de verwarmingselementen
niet aanraakt.
• Bedien het apparaat niet met een externe timer of
een apart afstandbedieningssysteem.
NEDERLANDS
3
• WAARSCHUWING: Zonder toezicht koken op een
kookplaat met vet of olie kan gevaarlijk zijn en
brandgevaar opleveren.
• Probeer brand NOOIT met water te blussen, maar
schakel in plaats daarvan het apparaat uit en bedek
de vlam bijv. met een deksel of blusdeken.
• LET OP: Er dient toezicht te worden gehouden op het
bereidingsproces. Een kort bereidingsproces moet
onder constant toezicht staan.
• WAARSCHUWING: Brandgevaar: Bewaar geen
voorwerpen op de kookplaten.
• Metalen voorwerpen, zoals messen, vorken, lepels en
deksels mogen niet op de kookplaat worden
geplaatst, aangezien ze heet kunnen worden.
• Gebruik geen stoomreiniger om het apparaat schoon
te maken.
• Schakel het kookplaatelement uit na elk gebruik met
de bedieningstoetsen. Vertrouw niet op de
pandetector.
• Als de glaskeramische / glazen oppervlakte gebarsten
is, schakel het apparaat dan uit en trek de stekker uit
het stopcontact. In het geval het apparaat direct op
de stroom is aangesloten met een aansluitdoos,
verwijdert u de zekering om het apparaat van de
stroom te halen. Neem in beide gevallen contact op
met de erkende servicedienst.
• Als de voedingskabel beschadigd is, moet de
fabrikant, een erkende serviceverlener of een
gekwalificeerd persoon deze vervangen teneinde
gevaarlijke situaties te voorkomen.
• WAARSCHUWING: Gebruik alleen
kookplaatbeschermers die door de fabrikant van het
kookapparaat zijn ontworpen of door de fabrikant van
het apparaat in de gebruiksinstructies als geschikt zijn
aangegeven of kookplaatbeschermers die in het
apparaat zijn geïntegreerd. Het gebruik van
ongeschikte kookplaatbeschermers kan ongelukken
veroorzaken.
www.aeg.com
4
2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
2.1 Installatie
WAARSCHUWING!
Alleen een erkende
installatietechnicus mag het
apparaat installeren.
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of schade
aan het apparaat.
• Verwijder alle verpakkingsmaterialen.
• Installeer en gebruik geen
beschadigd apparaat.
• Volg de installatie-instructies op die
zijn meegeleverd met het apparaat.
• Houd de minimumafstand naar
andere apparaten en units in acht.
• Pas altijd op bij verplaatsing van het
apparaat, want het is zwaar. Gebruik
altijd veiligheidshandschoenen en
gesloten schoeisel.
• Dicht de oppervlakken af met kit om
te voorkomen dat ze gaan opzetten
door vocht.
• Bescherm de bodem van het
apparaat tegen stoom en vocht.
• Installeer het apparaat niet naast een
deur of onder een raam. Dit voorkomt
dat heet kookgerei van het apparaat
valt als de deur of het raam wordt
geopend.
• Elk apparaat heeft koelventilatoren op
de bodem.
• Als het apparaat gemonteerd wordt
boven een lade:
– Leg geen kleine dingen of papier
dewelke kunnen binnengezogen
worden, omdat ze de
koelventilatoren kunnen
beschadigen of het koelsysteem
kunnen belemmeren.
– Houd een minimumafstand van 2
cm tussen de bodem van het
apparaat en de zaken die u in de
lade bewaart.
• Verwijder de afscheidingspanelen die
in de kast onder het apparaat zijn
geïnstalleerd.
2.2 Aansluiting aan het
elektriciteitsnet
WAARSCHUWING!
Gevaar voor brand en
elektrische schokken.
• Alle elektrische aansluitingen moeten
door een gediplomeerd
elektromonteur worden gemaakt.
• Dit apparaat moet worden
aangesloten op een geaard
stopcontact.
• Verzeker u ervan dat de stekker uit
het stopcontact is getrokken, voordat
u welke werkzaamheden dan ook
uitvoert.
• Zorg ervoor dat de parameters op het
vermogensplaatje overeenkomen met
elektrische vermogen van de
netstroom.
• Zorg ervoor dat het apparaat correct
is geïnstalleerd. Losse en onjuiste
stroomkabels of stekkers (indien van
toepassing) kunnen ervoor zorgen dat
de contactklem te heet wordt.
• Gebruik de juiste stroomkabel.
• Voorkom dat de stroomkabels
verstrikt raken.
• Zorg ervoor dat er een
schokbescherming wordt
geïnstalleerd.
• Gebruik het klem om spanning op het
snoer te voorkomen.
• Zorg ervoor dat de stroomkabel of
stekker (indien van toepassing) het
hete apparaat of heet kookgerei niet
aanraakt als u het apparaat op de
nabijgelegen contactdozen aansluit.
• Gebruik geen meerwegstekkers en
verlengsnoeren.
• Zorg dat u de hoofdstekker (indien
van toepassing) of kabel niet
beschadigt. Neem contact op met
onze service-afdeling of een
elektromonteur om een beschadigde
hoofdkabel te vervangen.
• De schokbescherming van delen
onder stroom en geïsoleerde delen
moet op zo'n manier worden
bevestigd dat het niet zonder
gereedschap kan worden verplaatst.
NEDERLANDS
5
• Steek de stekker pas in het
stopcontact als de installatie is
voltooid. Zorg ervoor dat het
netsnoer na installatie bereikbaar is.
• Sluit de stroomstekker niet aan op
een losse stroomaansluiting.
• Trek niet aan het netsnoer om het
apparaat los te koppelen. Trek altijd
aan de stekker.
• Gebruik alleen de juiste isolatie-
apparaten: stroomonderbrekers,
zekeringen (schroefzekeringen
moeten uit de houder worden
verwijderd), aardlekschakelaars en
contactgevers.
• De elektrische installatie moet een
isolatieapparaat bevatten waardoor
het apparaat volledig van het lichtnet
afgesloten kan worden. Het
isolatieapparaat moet een
contactopening hebben met een
minimale breedte van 3 mm.
2.3 Gebruik
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel,
brandwonden of elektrische
schokken.
• Verwijder voor gebruik (indien van
toepassing) de verpakking, labels en
beschermfolie.
• Dit apparaat is uitsluitend bestemd
voor huishoudelijk gebruik.
• De specificatie van dit apparaat niet
wijzigen.
• Zorg ervoor dat de
ventilatieopeningen niet geblokkeerd
zijn.
• Laat het apparaat tijdens het gebruik
niet onbeheerd achter.
• Zet de kookzone op "uit" na elk
gebruik.
• Vertrouw niet alleen op de
pandetector.
• Leg geen bestek of pannendeksels op
de kookzones. Deze kunnen heet
worden.
• Bedien het apparaat niet met natte
handen of als het contact maakt met
water.
• Het apparaat mag niet worden
gebruikt als werkblad of aanrecht.
• Sluit het apparaat direct af van de
stroomtoevoer als het oppervlak van
het apparaat gebroken is. Dit om
elektrische schokken te voorkomen.
• Gebruikers met een pacemaker
moeten een afstand van minimaal 30
cm bewaren van de
inductiekookzones als het apparaat in
werking is.
• Als u eten in de hete olie doet, kan
het spatten.
WAARSCHUWING!
Risico op brand en explosie
• Verhitte vetten en olie kunnen
ontvlambare damp afgeven. Houd
vlammen of verwarmde voorwerpen
uit de buurt van vet en olie als u
hiermee kookt.
• De dampen die hete olie afgeeft
kunnen spontane ontbranding
veroorzaken.
• Gebruikte olie die voedselresten
bevat kan brand veroorzaken bij een
lagere temperatuur dan olie die voor
de eerste keer wordt gebruikt.
• Plaats geen ontvlambare producten
of gerechten die vochtig zijn gemaakt
met ontvlambare producten in, bij of
op het apparaat.
WAARSCHUWING!
Risico op schade aan het
apparaat.
• Zet geen heet kookgerei op het
bedieningspaneel.
• Leg geen hete deksel op het glazen
oppervlak van de kookplaat.
• Laat kookgerei niet droogkoken.
• Laat geen voorwerpen of kookgerei
op het apparaat vallen. Het oppervlak
kan beschadigen.
• Activeer de kookzones niet met lege
pannen of zonder pannen erop.
• Geen aluminiumfolie op het apparaat
leggen.
• Pannen van gietijzer, aluminium of
met beschadigde bodems kunnen
krassen veroorzaken in het glas /
glaskeramiek. Til deze voorwerpen
altijd op als u ze moet verplaatsen op
het kookoppervlak.
• Dit apparaat is uitsluitend bestemd
om mee te koken. Het mag niet
worden gebruikt voor andere
doeleinden, zoals het verwarmen van
een kamer.
www.aeg.com
6
2.4 Onderhoud en reiniging
• Reinig het apparaat regelmatig om te
voorkomen dat het materiaal van het
oppervlak achteruitgaat.
• Schakel het apparaat uit en laat het
afkoelen voordat u het schoonmaakt.
• Trek voor
onderhoudswerkzaamheden de
stekker uit het stopcontact.
• Gebruik geen waterstralen of stoom
om het apparaat te reinigen.
• Reinig het apparaat met een vochtige
zachte doek. Gebruik alleen neutrale
reinigingsmiddelen. Gebruik geen
schuurmiddelen, schuursponsjes,
oplosmiddelen of metalen
voorwerpen.
2.5 Servicedienst
• Neem contact op met een erkende
servicedienst voor reparatie van het
apparaat.
• Gebruik uitsluitend originele
reserveonderdelen.
2.6 Verwijdering
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of
verstikking.
• Neem contact met uw plaatselijke
overheid voor informatie m.b.t.
correcte afvalverwerking van het
apparaat.
• Haal de stekker uit het stopcontact.
• Snijd het netsnoer vlak bij het
apparaat af en gooi het weg.
3. MONTAGE
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
3.1 Voor montage
Voordat u de kookplaat installeert, dient
u de onderstaande informatie van het
typeplaatje te noteren. Het typeplaatje
bevindt zich onderop de kookplaat.
Serienummer ...........................
3.2 Ingebouwde kookplaten
Inbouwkookplaten mogen alleen worden
gebruikt nadat zij ingebouwd zijn in
geschikte inbouwunits of werkbladen die
aan de normen voldoen.
3.3 Aansluitkabel
• Bij de kookplaat wordt een
aansluitkabel meegeleverd.
• Voor het vervangen van een
beschadigde voedingskabel, gebruikt
u het kabeltype: H05V2V2-F dat een
temperatuur van 90 °C of hoger
weerstaat. Neem contact op met een
klantenservice bij u in de buurt.
3.4 Samenstellen
min.
50mm
min.
500mm
NEDERLANDS 7
4. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT
4.1 Indeling kookplaat
1
2
1
3
1
Inductiekookzone
2
Bedieningspaneel
3
Flexibele inductiekookzone bestaat
uit vier delen
4.2 Indeling Bedieningspaneel
6 7 8
10
1
11
2
345
9
Om het bedieningspaneel en de zoneposities te zien, activeert u het apparaat met
Gebruik de tiptoetsen om het apparaat te bedienen. De displays, indicatielampjes en
geluiden tonen welke functies worden gebruikt.
www.aeg.com
8
Tip-
toets
Functie Opmerking
1
AAN/UIT De kookplaat in- en uitschakelen.
2
Hob²Hood De handmatige modus van functie in- en uit-
schakelen.
3
Pauze De functie in- en uitschakelen.
4
/
- De tijd verlengen of verkorten.
5
- Timerfunctie instellen.
6
- Timerdisplay De tijd in minuten weergeven.
7
FlexiBridge Om over te schakelen tussen drie modi van
de functie.
8
PowerSlide De functie in- en uitschakelen.
9
- Bedieningsstrip Het instellen van de kookstand.
10
PowerBoost Het inschakelen van de functie.
11
Slot / Kinderbeveiliging Het bedieningspaneel vergrendelen/
ontgrendelen.
4.3 OptiHeat Control (3-staps
restwarmte-indicatie)
WAARSCHUWING!
/ / Er bestaat
verbrandingsgevaar door
restwarmte. De
aanduidingen tonen het
niveau van de restwarmte
voor de kookzones die u
momenteel gebruikt. De
aanduidingen kunnen ook
aangaan voor de
nabijgelegen kookzones,
zelfs als u deze niet gebruikt.
De inductiekookzones creëren de voor
het kookproces benodigde warmte
direct in de bodem van de pan. Het
glaskeramiek wordt verwarmd door de
warmte van de pannen.
Als de kookplaat uitgeschakeld is, zijn de
aanduidingen nog zichtbaar. Als de
kookplaat koud genoeg is, verdwijnen
ze.
5. DAGELIJKS GEBRUIK
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
5.1 In- of uitschakelen
Raak 1 seconde aan om de kookplaat
in– of uit te schakelen.
NEDERLANDS 9
De regelbalken gaan aan als u de
kookplaat aanzet en gaan uit als u de
kookplaat uitschakelt.
Als de kookplaat is uitgeschakeld kunt u
alleen zien.
5.2 Automatische
uitschakeling
De functie schakelt de kookplaat
automatisch uit als:
• u gedurende 50 seconden geen
kookgerei op de kookplaats zet,
• u binnen 50 seconden na het plaatsen
van het kookgerei geen warmtestand
instelt,
• u iets hebt gemorst of langer dan 10
seconden iets op het
bedieningspaneel hebt gelegd (een
pan, doek). Als het geluidssignaal
klinkt, schakelt de kookplaat uit.
Verwijder het voorwerp of reinig het
bedieningspaneel.
• de kookplaat te heet wordt (b.v. als
een pan droogkookt). De kookzone
moet afgekoeld zijn voordat u de
kookplaat weer kunt gebruiken.
• u een kookzone niet uitschakelt of de
kookstand verandert. Na 'n tijdje gaat
de kookplaat uit.
De verhouding tussen kookstand en
de tijd waarna de kookplaat
uitschakelt:
Warmte-instelling De kookplaat
wordt uitgescha-
keld na
1 - 2 6 uur
3 - 4 5 uur
5 4 uur
6 - 9 1,5 uur
5.3 Het gebruik van de
kookzones
LET OP!
Plaats geen heet kookgerei
op het bedieningspaneel. Er
bestaat een risico dat de
elektronische onderdelen
beschadigen.
Plaats het kookgerei in het midden van
de gekozen kookzone.
Inductiekookzones passen zich tot op
zekere hoogte automatisch aan de
afmeting van het kookgerei aan.
Wanneer de pan is gedetecteerd, gaat
de kookstand 0 aan.
5.4 De warmte-instelling
Raak de regelbalk aan op de gewenste
warmtestand of glij met uw vinger over
de regelbalk om de warmtestand van
een kookzone in te stellen of te wijzigen.
Als u eenmaal een pan op de kookzone
zet en de kookstand instelt, blijft deze
gedurende 50 seconden gelijk nadat u
de pan heeft verwijderd. De regelbalk
knippert voor de tweede helft van die
tijd. Als u de pan binnen deze tijd weer
op de kookzone plaatst reactiveert de
kookstand. Zo niet wordt de kookzone
uitgeschakeld.
5.5 Vermogensbeheer-functie
• De kookzones zijn gegroepeerd
volgens locatie en aantal fasen van de
kookplaat. Zie afbeelding.
• Elke fase heeft een maximale
elektriciteitslading van 3680 W.
www.aeg.com
10
• De functie verdeelt het vermogen
tussen de kookzones aangesloten op
dezelfde fase.
• De functie wordt geactiveerd als de
totale elektriciteitslading van de
kookzones aangesloten op een
enkele fase de 3680 W overschrijdt.
• De functie verlaagt het vermogen
naar de andere kookzones
aangesloten op dezelfde fase.
• Voor kookzones met verminderd
vermogen toont het
bedieningspaneel alleen de maximaal
mogelijke warmte-instellingen.
• Als een hogere warmte-instelling niet
beschikbaar is verlaagt u die eerst
voor de andere kookzones.
• De activering van de functie is
afhankelijk van de grootte en het
aantal van de pannen
5.6 PowerBoost
Deze functie activeert meer vermogen
voor de geschikte inductiekookzone,
afhankelijk van de grootte van het
kookgerei. De functie kan maar voor een
beperkte periode worden geactiveerd.
Druk op om de functie voor de
kookzone te activeren.
De functie wordt automatisch
uitgeschakeld.
Raadpleeg voor maximale
tijdsduur 'Technische
gegevens'.
5.7 Timer
Timer met aftelfunctie
Gebruik deze functie om aan te geven
hoe lang een kookzone moet werken
tijdens een enkele kooksessie.
Stel de kookstand voor de juiste
kookzone in en daarna de functie.
1. Raak aan om de functie in te
schakelen of de tijd te wijzigen.
De timercijfers en de indicatoren
en verschijnen op het scherm.
Als de timer niet wordt ingesteld,
verdwijnen
en na 3 seconden.
2. Raak of aan om de tijd in te
stellen (00 - 99 minuten).
Na 3 seconden gaat de timer
automatisch aftellen. De indicatoren ,
en
verdwijnen.
Als de tijd verstreken is, klinkt er een
signaal en knippert . Om het signaal
te stoppen, raakt u
aan.
Voor het uitschakelen van de functie
raakt u aan. De indicatielampjes
en gaan branden. Gebruik of
om op het display in te stellen. U
kunt ook het warmte-niveau instellen op
0. Als gevolg daarvan hoort u een geluid
en wordt de timer geannuleerd.
Kookwekker
U kunt deze functie gebruiken als
kookwekker terwijl de kookplaat is
ingeschakeld maar de kookzones niet
werken.
Plaats een pan op een kookzone om het
symbool
te zien.
1. Raak om de functie te activeren.
2. Raak of aan om de tijd in te
stellen.
De functie wordt automatisch na 4
seconden gestart.
Als u de functie instelt, kunt u de pan
verwijderen.
Als de tijd verstreken is, klinkt er een
signaal en knippert . Tik op om
het signaal uit te schakelen.
Voor het uitschakelen van de functie
raakt u aan. De aanduidingen en
NEDERLANDS
11
gaan branden. Gebruik of om
op het display in te stellen.
De functie heeft geen
invloed op de werking van
de kookzones.
5.8 Pauze
Deze functie stelt alle kookzones die in
werking zijn in op de laagste kookstand.
Als de functie actief is, kunnen de
symbolen , of worden gebruikt.
Tik op om de functie in te schakelen.
De warmte-instelling wordt verlaagd naar
1.
Voor het uitschakelen van de functie
raakt u aan. De voorgaande warmte-
instelling gaat aan.
5.9 Slot
U kunt het bedieningspaneel
vergrendelen terwijl de kookplaat in
werking is. Hiermee wordt voorkomen
dat de kookstand per ongeluk wordt
veranderd.
Stel eerst de kookstand in.
Tik op om de functie in te schakelen.
Als u de functie wilt deactiveren, houdt u
ingedrukt.
Als u de kookplaat uitzet,
stopt u deze functie ook.
5.10 Kinderbeveiliging
Deze functie voorkomt dat de kookplaat
onbedoeld wordt gebruikt.
Schakel eerst de kookplaat in, maar stel
geen kookstand in.
Raak aan totdat u het geluid hoort en
de indicator oplicht om de functie te
activeren.
De regelbalken verdwijnen. Schakel de
kookplaat uit.
Als u de kookplaat
uitschakelt, is de functie nog
steeds actief.
Om de functie gedurende één
kooksessie te deactiveren: Schakel de
kookplaat in met . gaat branden.
Raak aan totdat u het geluid hoort en
de indicator uit gaat. De regelbalk
verschijnt. Stel de warmte in binnen 50
seconden.U kunt de kookplaat bedienen.
Als u de kookplaat uitschakelt met is
de functie nog steeds actief.
Om de functie permanent te
deactiveren: activeer de kookplaat en
stel geen kookstand in. Raak totdat u
een geluid hoort en de indicator uit gaat.
De regelbalken verschijnen. Schakel de
kookplaat uit.
5.11 OffSound Control (De
geluiden in- en uitschakelen)
Schakel eerst de kookplaat uit.
1. Raak 3 seconden aan om de
functie in te schakelen.
Het display gaat aan en uit.
2. Raak 3 seconden aan.
of gaat aan.
3. Raak van de timer aan om één van
het volgende te kiezen:
• - de signalen zijn uit
•
- de signalen zijn aan
4. Om uw keuze te bevestigen moet u
wachten tot de kookplaat
automatisch uitschakelt.
Als de functie op staat, kunt u de
geluiden alleen horen als:
• u aanraakt
• Kookwekker naar beneden komt
• Timer met aftelfunctie naar beneden
komt
• u iets op het bedieningspaneel
plaatst.
5.12
Hob²Hood
Het is een geavanceerde automatische
functie die de kookplaat op een speciale
afzuigkap aansluit. Zowel de kookplaat
als de afzuigkap heeft een
infraroodontvanger. De snelheid van de
ventilator wordt automatisch bepaald op
basis van de modusinstelling en de
www.aeg.com
12
temperatuur van de heetste pan op de
kookplaat. U kunt de ventilator van de
kookplaat handmatig bedienen.
Voor de meeste
afzuigkappen wordt het
afstandsbedieniningssysteem
uitgeschakeld. Inschakelen
voordat u de functie
gebruikt. Zie voor meer
informatie de
gebruikershandleiding van
de afzuigkap.
De functie automatisch bedienen
Stel de automatische modus in op H1 –
H6 om de functie automatisch te
bedienen. De kookplaat is oorspronkelijk
ingesteld op H5. De afzuigkap reageert
als u de kookplaat bedient. De kookplaat
herkent de temperatuur van de pannen
automatisch en stelt de snelheid van de
ventilator erop af.
De verlichting activeren
U kunt de kookplaat instellen om de
verlichting automatisch te activeren als u
de kookplaat aan zet. Zet daarvoor de
automatische modus op H1 – H6.
De verlichting van de
afzuigkap gaat uit 2 minuten
nadat u de kookplaat heeft
uitgeschakeld.
Automatische modi
Auto-
mati-
sche
ver-
lich-
ting
Koken
1)
Bak-
ken
2)
Modus H0 Uit Uit Uit
Modus H1 Aan Uit Uit
Modus
H2
3)
Aan Ventila-
torsnel-
heid 1
Ventila-
torsnel-
heid 1
Modus H3 Aan Uit Ventila-
torsnel-
heid 1
Auto-
mati-
sche
ver-
lich-
ting
Koken
1)
Bak-
ken
2)
Modus H4 Aan Ventila-
torsnel-
heid 1
Ventila-
torsnel-
heid 1
Modus H5 Aan Ventila-
torsnel-
heid 1
Ventila-
torsnel-
heid 2
Modus H6 Aan Ventila-
torsnel-
heid 2
Ventila-
torsnel-
heid 3
1)
De kookplaat detecteert het kookproces en ac-
tiveert de ventilatorsnelheid overeenkomstig de
automatische modus.
2)
De kookplaat detecteert het bakproces en acti-
veert de ventilatorsnelheid overeenkomstig de
automatische modus.
3)
Deze modus activeert de ventilator en de ver-
lichting en reageert niet op de temperatuur.
De automatische modus
veranderen
1. Schakel het apparaat uit.
2. Raak 3 seconden aan.
Het display gaat aan en uit.
3. Raak
3 seconden aan.
4. Raak een paar keer aan tot aan
gaat.
5. Raak van de timer aan om een
automatische modus te selecteren.
Als u stopt met koken en de kookplaat
uitschakelt, kan de ventilator nog even
blijven werken. Daarna schakelt het
systeem de ventilator automatisch uit en
wordt voorkomen dat u de ventilator per
ongeluk de komende 30 seconden
activeert.
Schakel de automatische
modus van de functie uit om
de kookplaat direct te
bedienen op het
kookplaatpaneel.
NEDERLANDS 13
De ventilatorsnelheid
handmatig bedienen
U kunt de ventilator van de kookplaat
handmatig bedienen.
Raak
aan als de kookplaat actief is.
Dit schakelt de automatische bediening
van de functie uit zodat u de
ventilatorsnelheid handmatig kunt
veranderen.
Als u op drukt, wordt de
ventilatorsnelheid met één verhoogd. Als
u een intensief niveau bereikt en weer op
drukt, stelt u de ventilatorsnelheid in
op 0 waardoor de afzuigkapventilator
uitschakelt. Om de ventilator weer te
starten met ventilatorsnelheid 1, raakt u
aan.
Schakel de kookplaat uit en
weer aan om de
automatische bediening van
de functie te activeren.
6. FLEXIBELE INDUCTIEKOOKZONE
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
6.1 FlexiBridge functie
De flexibele inductiekookzone bestaat
uit vier gedeelten. De gedeelten kunnen
worden gecombineerd in twee
kookzones met verschillende maten, of in
één grote kookzone. De zijkanten van de
zones die samenwerken, gaan branden
en ze worden aan elkaar verbonden met
een kortere brandende lijnen.U kiest de
combinatie van de zones door de modus
te kiezen die van toepassing is op het
formaat van het kookgerei dat u wilt
gebruiken. Er bestaan drie modi:
Standaard (automatisch geactiveerd als u
de kookplaat aanzet), Big Bridge (grote
overbrugging) en Max Bridge (maximale
overbrugging).
Gebruik de twee
regelbalken aan de
linkerkant om de kookstand
in te stellen.
Schakelen tussen de modi
Gebruik de tiptoets om tussen de modi
te schakelen: .
Als u tussen de modi
schakelt dan wordt de
warmte-instelling teruggezet
op 0.
Diameter en positie van het kookgerei
Kies de modus die aansluit op de
afmeting en de vorm van het kookgerei.
Het kookgerei moet de geselecteerde
zone zoveel mogelijk bedekken. Plaats
het kookgerei in het midden van de
geselecteerde zone!
Plaats kookgerei met een
bodemdiameter die kleiner is dan 160
mm op het midden van een enkel
gedeelte.
www.aeg.com
14
100-160mm
Plaats het kookgerei met een
bodemdiameter die groter is dan 160
mm in het midden van twee gedeelten.
> 160 mm
6.2 FlexiBridge
Standaardmodus
Deze modus wordt geactiveerd als u de
kookplaat aanzet. Het brengt de
gedeelten samen in twee afzonderlijke
kookzones. De zijkanten van de zones
die in deze modus samenwerken gaan
branden en ze worden verbonden met
kortere brandende lijnen.U kunt de
warmte-instelling voor iedere zone apart
instellen. Gebruik de twee regelbalken
aan de linkerkant.
Juiste positie voor kookgerei:
Onjuiste positie kookgerei:
6.3 FlexiBridge Big Bridge-
modus (grote overbrugging)
Om de modus te activeren, drukt u op
totdat u het lampje van de juiste
modus ziet. Deze modus brengt drie
achterste gedeelten samen in één
kookzone. Het voorste gedeelte is niet
verbonden en blijft werken als
afzonderlijke kookzone. U kunt de
warmte-instelling voor elke zone
afzonderlijk instellen. Gebruik twee
regelbalken aan de linker zijkant.
Juiste positie voor kookgerei:
Om deze modus te gebruiken moet u
het kookgerei op de drie
samengebrachte gedeelten plaatsen. Als
u kookgerei gebruikt dat kleiner is dan
twee gedeelten, knippert de regelbalk
en schakelt de zone na 2 minuten uit.
NEDERLANDS
15
Onjuiste positie kookgerei:
6.4 FlexiBridge Max Bridge
mode (Maximale
overbrugging)
Om de modus te activeren, drukt u op
totdat u het lampje van de juiste
modus ziet. Deze modus brengt alle
gedeelten samen in één kookzone.
Gebruik een van de twee regelbalken
links om de warmte-instelling te
bedienen.
Juiste positie voor kookgerei:
Om deze modus te gebruiken moet u
het kookgerei op de vier
samengebrachte gedeelten plaatsen. Als
u kookgerei gebruikt dat kleiner is dan
drie gedeelten, knippert de regelbalk en
schakelt de zone na 2 minuten uit.
Onjuiste positie kookgerei:
6.5 PowerSlide
Deze functie maakt het u mogelijk de
temperatuur aan te passen door het
kookgerei naar een andere positie op de
inductiekookzone te bewegen.
De functie verdeelt de inductiekookzone
in drie zones met verschillende warmte-
instellingen. De kookplaat neemt de
positie van het kookgerei weer en past
de warmte-instelling aan op de positie. U
kunt het kookgerei in de voorste, de
middelste of de achterste positie zetten.
Als u het kookgerei in de voorste positie
plaatst, krijgt u de hoogste kookstand.
Om het te verminderen, verplaatst u het
kookgerei naar de middelste of achterste
positie.
www.aeg.com
16
Gebruik maar één pot als u
met deze functie werkt.
Als u de warmte-instelling
wilt wijzigen, tilt u de pan op
en zet u hem op een andere
zone. Als u he kookgerei
verschuift, kunnen er krassen
en een verkleuring van het
oppervlak ontstaan.
Algemene informatie:
• de minimale bodemdiameter van het
kookgerei moet voor deze functie 160
mm zijn.
• Als u de pan in de voorste positie
plaatst, licht op het
bedieningspaneel op. De
bedieningsbalk toont de standaard
warmte-instelling
.
• Als u de pan in de middelste positie
plaatst, licht op het
bedieningspaneel op. De
bedieningsbalk toont de standaard
warmte-instelling
.
• Als u de pan in de achterste positie
plaatst, licht
op het
bedieningspaneel op. De
bedieningsbalk toont de standaard
warmte-instelling .
• Gebruik de bedieningsstrip linksvoor
om de standaard warmte-instelling te
wijzigen. U kunt de standaard warmte-
instelling alleen veranderen als de
functie actief is. U kunt de warmte-
instelling voor elke positie afzonderlijk
wijzigen. De kookplaat zal uw
instellingen onthouden voor de
volgende keer dat u de functie
activeert.
Tik op
om de functie in te schakelen.
De indicator gaat branden en de
regelbalk geeft de standaard warmte-
instelling weer.
Voor het uitschakelen van de functie
raakt u
aan.
7.
AANWIJZINGEN EN TIPS
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
7.1 Kookgerei
Bij een inductiekookzone
zorgt een sterk
elektromagnetisch veld
ervoor dat het kookgerei erg
snel heet wordt.
Gebruik de
inductiekookzones met
geschikte pannen.
Materiaal van het kookgerei
• correct: gietijzer, staal, geëmailleerd
staal, roestvrij staal, meerlaagse
bodem (aangemerkt als geschikt door
de fabrikant).
• niet correct: aluminium, koper,
messing, glas, keramiek, porselein.
Een pan is geschikt voor een
inductiekookplaat als:
• water op de hoogste kookstand
binnen korte tijd wordt verwarmd.
• een magneet vast blijft zitten aan de
bodem van het kookgerei.
De bodem van het
kookgerei moet zo dik en
vlak mogelijk zijn.
Zorg ervoor dat bodems
schoon en droog zijn
voordat ze op de kookplaat
worden gezet.
Afmetingen van de pannen
NEDERLANDS
17
Inductiekookzones passen zich tot op
zekere hoogte automatisch aan de
afmeting van het kookgerei aan.
De efficiëntie van de kookzone heeft
betrekking op de diameter van het
kookgerei. Kookgerei met een diameter
die kleiner is dan het minimum, ontvangt
slechts een deel van het vermogen dat
door de kookzone wordt gegenereerd.
Raadpleeg "Technische
gegevens".
7.2 Lawaai tijdens gebruik
Als u dit hoort:
• kraakgeluid: kookgerei is gemaakt van
verschillende materialen (sandwich-
constructie).
• fluitend geluid: bij gebruik van een
kookzone met een hoge kookstand
en als het kookgerei is gemaakt van
verschillende materialen (een
sandwich-constructie).
• bromgeluid: als u een hoge
kookstand gebruikt.
• klikken: er treedt elektrische
schakeling op.
• sissen, zoemen: de ventilator werkt.
Deze geluiden zijn normaal en hebben
niets met een defect te maken.
7.3 Öko Timer (Eco-timer)
Om energie te besparen schakelt het
verwarmingselement van de kookzone
eerder uit dan het signaal van de timer
met aftelfunctie klinkt. Het verschil in
werkingstijd hangt af van het niveau van
de kookstand en de tijd dat u kookt.
7.4 Voorbeelden van
kooktoepassingen
De correlatie tussen de kookstand en het
stroomverbruik van de kookzone is niet
lineair. Wanneer u de kookstand
verhoogt, is dit niet proportioneel met
de toename in stroomverbruik van de
kookzone. Het betekent dat een
kookzone op de medium kookstand
minder dan de helft van het vermogen
gebruikt.
De gegevens in de volgende
tabel dienen slechts als
richtlijn.
Warmte-in-
stelling
Gebruik om: Tijd
(min)
Tips
1 Bereide gerechten warmhou-
den.
zoals
nodig
Een deksel op het kookgerei
doen.
1 - 2 Hollandaisesaus, smelten: bo-
ter, chocolade, gelatine.
5 - 25 Van tijd tot tijd mengen.
1 - 2 Stollen: luchtige omeletten,
gebakken eieren.
10 - 40 Met deksel bereiden.
2 - 3 Zachtjes aan de kook brengen
van rijst en gerechten op melk-
basis, reeds bereide gerechten
opwarmen.
25 - 50 Voeg minimaal twee keer zo
veel vocht toe als rijst en roer
gerechten op melkbasis hal-
verwege de procedure door.
3 - 4 Stomen van groenten, vis en
vlees.
20 - 45 Voeg een paar eetlepels vocht
toe.
4 - 5 Aardappelen stomen. 20 - 60 Gebruik max. ¼ l water voor
750 g aardappelen.
www.aeg.com18
Warmte-in-
stelling
Gebruik om: Tijd
(min)
Tips
4 - 5 Bereiden van grotere hoeveel-
heden voedsel, stoofschotels
en soepen.
60 - 150 Tot 3 l vloeistof plus ingre-
diënten
6 - 7 Zacht bakken: kalfsoester, cor-
don bleu van kalfsvlees, kote-
letten, rissoles, worstjes, lever,
roux, eieren, pannenkoeken,
donuts.
zoals
nodig
Halverwege de bereidingstijd
omdraaien.
7 - 8 Door-en-door gebraden, op-
gebakken aardappelen, len-
denbiefstukken, steaks.
5 - 15 Halverwege de bereidingstijd
omdraaien.
9 Aan de kook brengen van water, pasta koken, aanbraden van vlees (gou-
lash, stoofvlees), frituren van friet.
Kook grote hoeveelheden water. PowerBoost wordt geactiveerd.
7.5 Praktische tips voor
Hob²Hood
Als u de kookplaat bedient met de
functie:
• Bescherm het afzuigkappaneel tegen
direct zonlicht.
• Breng geen halogeenverlichting aan
in het afzuigkappaneel.
• Dek het bedieningspaneel van de
afzuigkap niet af.
• Onderbreek het signaal tussen de
kookplaat en de afzuigkap niet
(bijvoorbeeld met een hand, een
handgreep van een pan of een grote
pan). Zie de afbeelding.
De afzuigkap in de afbeelding is
slechts een voorbeeld.
Andere op afstand bediende
apparaten kunnen het
signaal hinderen. Gebruik
geen op afstand bedienbare
apparaten op het moment
dat u de functie op de
kookplaat gebruikt.
Afzuigkappen met de Hob²Hood
functie
Zie de consumentenwebsite voor de
volledige reeks afzuigkappen die met
deze functie werken. De AEG-
afzuigkappen die met deze functie
werken moeten het symbool hebben.
NEDERLANDS
19
8. ONDERHOUD EN REINIGING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
8.1 Algemene informatie
• Maak de kookplaat na ieder gebruik
schoon.
• Gebruik altijd kookgerei met een
schone bodem.
• Krassen of donkere vlekken op de
oppervlakte hebben geen invloed op
de werking van de kookplaat.
• Gebruik een specifiek
schoonmaakmiddel voor het
oppervlak van de kookplaat.
• Gebruik een speciale schraper voor
de glazen plaat.
De afdruk op de flexibele
inductiekookzone kan vies
worden of van kleur
veranderen door schuivende
pannen. U kunt de zone op
de normale manier
schoonmaken.
8.2 De kookplaat
schoonmaken
• Verwijder direct: gesmolten
kunststof, plastic folie, suiker en
suikerhoudend voedsel, anders kan
dit schade aan de kookplaat
veroorzaken. Doe voorzichtig om
brandwonden te voorkomen. Gebruik
de speciale schraper op de glazen
plaat en verwijder resten door het
blad over het oppervlak te schuiven.
• Verwijder nadat de kookplaat
voldoende is afgekoeld: kalk- en
waterkringen, vetspatten en
metaalachtig glanzende
verkleuringen. Reinig de kookplaat
met een vochtige doek en een beetje
niet-schurend reinigingsmiddel.
Droog de kookplaat na reiniging af
met een zachte doek.
• Verkleuring glanzende metalen
verwijderen: reinig het glazen
oppervlak met een doek en een
oplossing van water met azijn.
9. PROBLEEMOPLOSSING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
9.1 Wat moet u doen als...
Probleem Mogelijke oorzaak oplossing
U kunt de kookplaat niet in-
schakelen of bedienen.
De kookplaat is niet aange-
sloten op een stopcontact of
is niet goed geïnstalleerd.
Controleer of de kookplaat
goed is aangesloten op het
lichtnet. Raadpleeg het aan-
sluitdiagram.
De zekering is doorgesla-
gen.
Ga na of de zekering de oor-
zaak van de storing is. Als de
zekeringen keer op keer
doorslaan, neemt u contact
op met een erkende installa-
teur.
www.aeg.com20
Probleem Mogelijke oorzaak oplossing
Stel gedurende 50 seconden
geen kookstand in.
Schakel de kookplaat op-
nieuw in en stel de kook-
stand binnen 50 seconden
in.
U hebt 2 of meer tiptoetsen
tegelijk aangeraakt.
Raak slechts één tiptoets te-
gelijk aan.
Pauze is in werking. Raadpleeg "Dagelijks ge-
bruik".
Er ligt water of er zitten vet-
spatten op het bedienings-
paneel.
Reinig het bedieningspa-
neel.
U kunt de maximale warmte-
stand niet instellen voor één
van de kookzones.
U kunt een van de kookzo-
nes niet activeren.
De andere zones verbruiken
het maximaal beschikbare
vermogen.
Uw kookplaat werkt correct.
Verlaag de warmtestand van
de andere kookzones die op
dezelfde fase zijn aangeslo-
ten.
Zie "Energiebeheer".
Er klinkt een geluidssignaal
en de kookplaat wordt uit-
geschakeld.
Er klinkt een geluidssignaal
als de kookplaat wordt uit-
geschakeld.
U hebt een of meer tiptoet-
sen afgedekt.
Verwijder het voorwerp van
de tiptoetsen.
De kookplaat schakelt uit. U hebt iets op de tiptoets
gezet.
Verwijder het object van de
tiptoets.
De restwarmte-indicator
gaat niet aan.
De zone is niet heet, omdat
hij slechts kortstondig is be-
diend of de sensor bescha-
digd is.
Als de kookzone lang ge-
noeg in werking is geweest
om heet te zijn, neemt u
contact op met de klanten-
service.
Hob²Hood werkt niet. U dekt het bedieningspa-
neel af.
Verwijder het voorwerp van
het bedieningspaneel.
U maakt gebruik van een he-
le grote pan die het signaal
blokkeert.
Gebruik een kleinere pan,
verander van kookzone of
bedien de afzuigkap hand-
matig.
De tiptoetsen worden warm. Het kookgerei is te groot of
staat te dicht bij het bedie-
ningspaneel.
Plaats groter kookgerei op
de achterste kookzones in-
dien nodig.
Er klinkt geen geluidsignaal
wanneer u de tiptoetsen van
het bedieningspaneel aan-
raakt.
De signalen zijn uit. Activeer het geluid. Raad-
pleeg "Dagelijks gebruik".
NEDERLANDS 21
Probleem Mogelijke oorzaak oplossing
De flexibele inductiekookzo-
ne verwarmt het kookgerei
niet.
De pan staat op een ver-
keerde plek op de flexibele
inductiekookzone.
Zet het kookgerei op de juis-
te plek op de flexibele in-
ductiekookzone. De plaats
van het kookgerei is afhan-
kelijk van de geactiveerde
functie of functiemodus. Zie
"Flexibele inductiekookruim-
te".
De diameter van de bodem
van het kookgerei is incor-
rect voor de geactiveerde
functie of functiemodus.
Gebruik alleen pannen met
een diameter die geschikt is
voor de geactiveerde functie
of functiemodus. Gebruik
pannen met een diameter
kleiner dan 160 mm op één
deel van de flexibele induc-
tiekookzone. Zie "Flexibele
inductiekookruimte".
gaat aan.
Kinderbeveiliging of Slot is
in werking.
Raadpleeg "Dagelijks ge-
bruik".
De bedieningsbalk knippert. Er staat geen kookgerei op
de zone, of de zone is niet
volledig bedekt.
Zet kookgerei op de zone,
zodat het kookgerei de zone
volledig bedekt.
Het kookgerei is niet ge-
schikt.
Gebruik geschikt kookgerei.
Zie 'Nuttige aanwijzingen en
tips'.
De diameter aan de bodem
van het kookgerei is te klein
voor de zone.
Gebruik kookgerei met de
juiste afmetingen. Raad-
pleeg "Technische gege-
vens".
FlexiBridge is in werking.
Eén of meerdere delen van
de werkende functiemodus
wordt niet afgedekt door het
kookgerei.
Zet het kookgerei op het
juiste aantal delen van de
werkende functiemodus of
wijzig de functiemodus. Zie
"Flexibele inductiekookruim-
te".
gaat aan.
PowerSlide is in werking. Er
worden twee pannen ge-
plaatst op de flexibele in-
ductiekookzone.
Gebruik slechts één pan. Zie
"Flexibele inductiekookruim-
te".
www.aeg.com22
Probleem Mogelijke oorzaak oplossing
en een getal gaat bran-
den.
Er heeft zich een fout in de
kookplaat voorgedaan.
Schakel de kookplaat uit en
na 30 seconden weer in.
Wanneer weer verschijnt,
trekt u de stekker van de
kookplaat uit het stopcon-
tact. Steek de stekker van de
kookplaat er na 30 seconden
weer in. Als het probleem
zich blijft voordoen, neem
dan contact op met een er-
kend servicecentrum.
U kunt een constant piepge-
luid horen.
De elektrische aansluiting is
onjuist.
Trek de stekker van de kook-
plaat uit het stopcontact.
Laat de installatie controle-
ren door een erkende elek-
tricien.
9.2 Als u het probleem niet
kunt oplossen...
Als u niet zelf het probleem kunt
verhelpen, neem dan contact op met uw
verkoper of de serviceafdeling. Zie voor
deze gegevens het typeplaatje. Verzeker
u ervan dat u de kookplaat correct
gebruikt heeft. Bij onjuist gebruik van het
apparaat wordt het bezoek van de
onderhoudstechnicus van de
klantenservice of de vakhandelaar in
rekening gebracht, zelfs tijdens de
garantieperiode. De instructies over het
service center en de garantiebepalingen
vindt u in het garantieboekje.
10. TECHNISCHE GEGEVENS
10.1 Typeplaatje
Model IPE84571FB PNC 949 597 480 00
Type 62 D4A 21 AA 220 - 240 V / 400 V 2N 50 - 60 Hz
Inductie 7.35 kW Geproduceerd in Duitsland
Ser.Nr. ................. 7.35 kW
AEG
10.2 Specificatie kookzones
Kookzone Nominaal ver-
mogen (max
warmte-instel-
ling) [W]
PowerBoost
[W]
PowerBoost
maximale duur
[min]
Diameter van
het kookgerei
[mm]
Middenachter 2300 3200 10 125 - 210
Rechtsvoor 1800 2800 10 145 - 180
NEDERLANDS 23
Kookzone Nominaal ver-
mogen (max
warmte-instel-
ling) [W]
PowerBoost
[W]
PowerBoost
maximale duur
[min]
Diameter van
het kookgerei
[mm]
Flexibele induc-
tiekookzone
2300 3200 10 minimum 100
Het vermogen van de kookzones kan
enigszins afwijken van de gegevens in de
tabel. Het verandert met het materiaal
en de afmetingen van het kookgerei.
Gebruik voor optimale kookresultaten
alleen kookgerei met een diameter niet
groter dan vermeld in de tabel.
11. ENERGIEZUINIGHEID
11.1 Productinformatie volgens EU 66/2014 alleen geldig voor
EU-markt
Modelidentificatie IPE84571FB
Type kookplaat Ingebouwde
kookplaat
Aantal kookzones 2
Aantal kookzones 1
Verwarmingstechnologie Inductie
Diameter ronde kookzones
(Ø)
Middenachter
Rechtsvoor
21,0 cm
18,0 cm
Lengte (L) en breedte (B)
van kookgedeelte
Links L 41,8 cm
B 24,8 cm
Energieverbruik per kook-
zone (EC electric cooking)
Middenachter
Rechtsvoor
190,8 Wh/kg
194,2 Wh/kg
Energieverbruik van de
kookzone (EC electric coo-
king)
Links 187,0 Wh/kg
Energieverbruik van de
kookplaat (EC electric hob)
189,2 Wh/kg
EN 60350-2 - Huishoudelijke elektrische
kookapparaten - deel 2: Kookplaten -
Methodes voor het meten van de
prestatie
11.2 Energiebesparing
U kunt elke dag energie besparen tijdens
het koken door de onderstaande tips te
volgen.
• Warm alleen de hoeveelheid water op
die u nodig heeft.
• Doe indien mogelijk altijd een deksel
op de pan.
• Zet uw kookgerei op de kookzone
voordat u deze activeert.
• Zet kleiner kookgerei op kleinere
kookzones.
• Plaats het kookgerei precies in het
midden van de kookzone.
www.aeg.com24
• Gebruik de restwarmte om het eten
warm te houden of te smelten.
12. MILIEUBESCHERMING
Recycle de materialen met het symbool
. Gooi de verpakking in een geschikte
verzamelcontainer om het te recyclen.
Help om het milieu en de
volksgezondheid te beschermen en
recycle het afval van elektrische en
elektronische apparaten. Gooi apparaten
gemarkeerd met het symbool niet weg
met het huishoudelijk afval. Breng het
product naar het milieustation bij u in de
buurt of neem contact op met de
gemeente.
NEDERLANDS 25

Documenttranscriptie

IPE84571FB NL IT USER MANUAL Gebruiksaanwijzing Kookplaat Istruzioni per l’uso Piano cottura 2 26 2 www.aeg.com INHOUDSOPGAVE 1. VEILIGHEIDSINFORMATIE......................................................................................... 2 2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN.................................................................................5 3. MONTAGE .................................................................................................................. 7 4. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT........................................................................8 5. DAGELIJKS GEBRUIK..................................................................................................9 6. FLEXIBELE INDUCTIEKOOKZONE..........................................................................14 7. AANWIJZINGEN EN TIPS.........................................................................................17 8. ONDERHOUD EN REINIGING.................................................................................20 9. PROBLEEMOPLOSSING...........................................................................................20 10. TECHNISCHE GEGEVENS..................................................................................... 23 11. ENERGIEZUINIGHEID.............................................................................................24 VOOR PERFECTE RESULTATEN Bedankt dat u voor dit AEG-product heeft gekozen. Dit apparaat is ontworpen om vele jaren uitstekend te presteren, met innovatieve technologieën die het leven gemakkelijker helpen maken met functies die gewone apparaten wellicht niet hebben. Neem een paar minuten de tijd om het door te lezen zodat u er optimaal van kunt profiteren. Ga naar onze website voor: Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen en onderhoudsinformatie: www.aeg.com/webselfservice Registreer uw product voor een betere service: www.registeraeg.com Koop accessoires, verbruiksartikelen en originele reserveonderdelen voor uw apparaat: www.aeg.com/shop KLANTENSERVICE Gebruik altijd originele onderdelen. Als u contact opneemt met de klantenservice zorg dat u de volgende gegevens bij de hand hebt: model, productnummer, serienummer. Deze informatie wordt vermeld op het typeplaatje. Waarschuwing / Belangrijke veiligheidsinformatie Algemene informatie en tips Milieu-informatie Wijzigingen voorbehouden. 1. VEILIGHEIDSINFORMATIE Lees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installatie en gebruik van het apparaat. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor letsel of schade veroorzaakt NEDERLANDS 3 door een verkeerde installatie of verkeerd gebruik. Bewaar de instructies altijd op een veilige en toegankelijke plaats voor toekomstig gebruik. 1.1 Veiligheid van kinderen en kwetsbare mensen • • • • • • • • Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaar en ouder en door mensen met beperkte lichamelijke, zintuiglijke of verstandelijke vermogens of een gebrek aan ervaring en kennis, indien zij onder toezicht staan of instructies hebben gekregen over het veilig gebruiken van het apparaat en indien zij de eventuele gevaren begrijpen. Kinderen tussen de 3 en 8 jaar oud en personen met zware en complexe beperkingen dienen altijd uit de buurt te worden gehouden, mits ze voortdurend onder toezicht staan. Houd kinderen jonger dan 3 jaar uit de buurt of onder permanent toezicht. Laat kinderen niet met het apparaat spelen. Houd alle verpakking uit de buurt van kinderen en gooi het op passende wijze weg. Houd kinderen en huisdieren uit de buurt van het apparaat als het in werking is of afkoelt. Het apparaat is heet. Als het apparaat is voorzien van een kinderslot, dient dit te worden geactiveerd. Kinderen mogen zonder toezicht geen reinigings- en onderhoudswerkzaamheden aan het apparaat uitvoeren. 1.2 Algemene veiligheid • • WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke onderdelen ervan worden heet tijdens gebruik. U dient op te passen dat u de verwarmingselementen niet aanraakt. Bedien het apparaat niet met een externe timer of een apart afstandbedieningssysteem. 4 www.aeg.com • • • • • • • • • • WAARSCHUWING: Zonder toezicht koken op een kookplaat met vet of olie kan gevaarlijk zijn en brandgevaar opleveren. Probeer brand NOOIT met water te blussen, maar schakel in plaats daarvan het apparaat uit en bedek de vlam bijv. met een deksel of blusdeken. LET OP: Er dient toezicht te worden gehouden op het bereidingsproces. Een kort bereidingsproces moet onder constant toezicht staan. WAARSCHUWING: Brandgevaar: Bewaar geen voorwerpen op de kookplaten. Metalen voorwerpen, zoals messen, vorken, lepels en deksels mogen niet op de kookplaat worden geplaatst, aangezien ze heet kunnen worden. Gebruik geen stoomreiniger om het apparaat schoon te maken. Schakel het kookplaatelement uit na elk gebruik met de bedieningstoetsen. Vertrouw niet op de pandetector. Als de glaskeramische / glazen oppervlakte gebarsten is, schakel het apparaat dan uit en trek de stekker uit het stopcontact. In het geval het apparaat direct op de stroom is aangesloten met een aansluitdoos, verwijdert u de zekering om het apparaat van de stroom te halen. Neem in beide gevallen contact op met de erkende servicedienst. Als de voedingskabel beschadigd is, moet de fabrikant, een erkende serviceverlener of een gekwalificeerd persoon deze vervangen teneinde gevaarlijke situaties te voorkomen. WAARSCHUWING: Gebruik alleen kookplaatbeschermers die door de fabrikant van het kookapparaat zijn ontworpen of door de fabrikant van het apparaat in de gebruiksinstructies als geschikt zijn aangegeven of kookplaatbeschermers die in het apparaat zijn geïntegreerd. Het gebruik van ongeschikte kookplaatbeschermers kan ongelukken veroorzaken. NEDERLANDS 5 2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN 2.1 Installatie WAARSCHUWING! Alleen een erkende installatietechnicus mag het apparaat installeren. WAARSCHUWING! Gevaar voor letsel of schade aan het apparaat. • Verwijder alle verpakkingsmaterialen. • Installeer en gebruik geen beschadigd apparaat. • Volg de installatie-instructies op die zijn meegeleverd met het apparaat. • Houd de minimumafstand naar andere apparaten en units in acht. • Pas altijd op bij verplaatsing van het apparaat, want het is zwaar. Gebruik altijd veiligheidshandschoenen en gesloten schoeisel. • Dicht de oppervlakken af met kit om te voorkomen dat ze gaan opzetten door vocht. • Bescherm de bodem van het apparaat tegen stoom en vocht. • Installeer het apparaat niet naast een deur of onder een raam. Dit voorkomt dat heet kookgerei van het apparaat valt als de deur of het raam wordt geopend. • Elk apparaat heeft koelventilatoren op de bodem. • Als het apparaat gemonteerd wordt boven een lade: – Leg geen kleine dingen of papier dewelke kunnen binnengezogen worden, omdat ze de koelventilatoren kunnen beschadigen of het koelsysteem kunnen belemmeren. – Houd een minimumafstand van 2 cm tussen de bodem van het apparaat en de zaken die u in de lade bewaart. • Verwijder de afscheidingspanelen die in de kast onder het apparaat zijn geïnstalleerd. 2.2 Aansluiting aan het elektriciteitsnet WAARSCHUWING! Gevaar voor brand en elektrische schokken. • Alle elektrische aansluitingen moeten door een gediplomeerd elektromonteur worden gemaakt. • Dit apparaat moet worden aangesloten op een geaard stopcontact. • Verzeker u ervan dat de stekker uit het stopcontact is getrokken, voordat u welke werkzaamheden dan ook uitvoert. • Zorg ervoor dat de parameters op het vermogensplaatje overeenkomen met elektrische vermogen van de netstroom. • Zorg ervoor dat het apparaat correct is geïnstalleerd. Losse en onjuiste stroomkabels of stekkers (indien van toepassing) kunnen ervoor zorgen dat de contactklem te heet wordt. • Gebruik de juiste stroomkabel. • Voorkom dat de stroomkabels verstrikt raken. • Zorg ervoor dat er een schokbescherming wordt geïnstalleerd. • Gebruik het klem om spanning op het snoer te voorkomen. • Zorg ervoor dat de stroomkabel of stekker (indien van toepassing) het hete apparaat of heet kookgerei niet aanraakt als u het apparaat op de nabijgelegen contactdozen aansluit. • Gebruik geen meerwegstekkers en verlengsnoeren. • Zorg dat u de hoofdstekker (indien van toepassing) of kabel niet beschadigt. Neem contact op met onze service-afdeling of een elektromonteur om een beschadigde hoofdkabel te vervangen. • De schokbescherming van delen onder stroom en geïsoleerde delen moet op zo'n manier worden bevestigd dat het niet zonder gereedschap kan worden verplaatst. 6 www.aeg.com • Steek de stekker pas in het stopcontact als de installatie is voltooid. Zorg ervoor dat het netsnoer na installatie bereikbaar is. • Sluit de stroomstekker niet aan op een losse stroomaansluiting. • Trek niet aan het netsnoer om het apparaat los te koppelen. Trek altijd aan de stekker. • Gebruik alleen de juiste isolatieapparaten: stroomonderbrekers, zekeringen (schroefzekeringen moeten uit de houder worden verwijderd), aardlekschakelaars en contactgevers. • De elektrische installatie moet een isolatieapparaat bevatten waardoor het apparaat volledig van het lichtnet afgesloten kan worden. Het isolatieapparaat moet een contactopening hebben met een minimale breedte van 3 mm. 2.3 Gebruik WAARSCHUWING! Gevaar voor letsel, brandwonden of elektrische schokken. • Verwijder voor gebruik (indien van toepassing) de verpakking, labels en beschermfolie. • Dit apparaat is uitsluitend bestemd voor huishoudelijk gebruik. • De specificatie van dit apparaat niet wijzigen. • Zorg ervoor dat de ventilatieopeningen niet geblokkeerd zijn. • Laat het apparaat tijdens het gebruik niet onbeheerd achter. • Zet de kookzone op "uit" na elk gebruik. • Vertrouw niet alleen op de pandetector. • Leg geen bestek of pannendeksels op de kookzones. Deze kunnen heet worden. • Bedien het apparaat niet met natte handen of als het contact maakt met water. • Het apparaat mag niet worden gebruikt als werkblad of aanrecht. • Sluit het apparaat direct af van de stroomtoevoer als het oppervlak van het apparaat gebroken is. Dit om elektrische schokken te voorkomen. • Gebruikers met een pacemaker moeten een afstand van minimaal 30 cm bewaren van de inductiekookzones als het apparaat in werking is. • Als u eten in de hete olie doet, kan het spatten. WAARSCHUWING! Risico op brand en explosie • Verhitte vetten en olie kunnen ontvlambare damp afgeven. Houd vlammen of verwarmde voorwerpen uit de buurt van vet en olie als u hiermee kookt. • De dampen die hete olie afgeeft kunnen spontane ontbranding veroorzaken. • Gebruikte olie die voedselresten bevat kan brand veroorzaken bij een lagere temperatuur dan olie die voor de eerste keer wordt gebruikt. • Plaats geen ontvlambare producten of gerechten die vochtig zijn gemaakt met ontvlambare producten in, bij of op het apparaat. WAARSCHUWING! Risico op schade aan het apparaat. • Zet geen heet kookgerei op het bedieningspaneel. • Leg geen hete deksel op het glazen oppervlak van de kookplaat. • Laat kookgerei niet droogkoken. • Laat geen voorwerpen of kookgerei op het apparaat vallen. Het oppervlak kan beschadigen. • Activeer de kookzones niet met lege pannen of zonder pannen erop. • Geen aluminiumfolie op het apparaat leggen. • Pannen van gietijzer, aluminium of met beschadigde bodems kunnen krassen veroorzaken in het glas / glaskeramiek. Til deze voorwerpen altijd op als u ze moet verplaatsen op het kookoppervlak. • Dit apparaat is uitsluitend bestemd om mee te koken. Het mag niet worden gebruikt voor andere doeleinden, zoals het verwarmen van een kamer. NEDERLANDS 2.4 Onderhoud en reiniging • Reinig het apparaat regelmatig om te voorkomen dat het materiaal van het oppervlak achteruitgaat. • Schakel het apparaat uit en laat het afkoelen voordat u het schoonmaakt. • Trek voor onderhoudswerkzaamheden de stekker uit het stopcontact. • Gebruik geen waterstralen of stoom om het apparaat te reinigen. • Reinig het apparaat met een vochtige zachte doek. Gebruik alleen neutrale reinigingsmiddelen. Gebruik geen schuurmiddelen, schuursponsjes, oplosmiddelen of metalen voorwerpen. • Gebruik uitsluitend originele reserveonderdelen. 2.6 Verwijdering WAARSCHUWING! Gevaar voor letsel of verstikking. • Neem contact met uw plaatselijke overheid voor informatie m.b.t. correcte afvalverwerking van het apparaat. • Haal de stekker uit het stopcontact. • Snijd het netsnoer vlak bij het apparaat af en gooi het weg. 2.5 Servicedienst • Neem contact op met een erkende servicedienst voor reparatie van het apparaat. 3. MONTAGE WAARSCHUWING! Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. 3.4 Samenstellen 3.1 Voor montage Voordat u de kookplaat installeert, dient u de onderstaande informatie van het typeplaatje te noteren. Het typeplaatje bevindt zich onderop de kookplaat. Serienummer ........................... 3.2 Ingebouwde kookplaten Inbouwkookplaten mogen alleen worden gebruikt nadat zij ingebouwd zijn in geschikte inbouwunits of werkbladen die aan de normen voldoen. 3.3 Aansluitkabel • Bij de kookplaat wordt een aansluitkabel meegeleverd. • Voor het vervangen van een beschadigde voedingskabel, gebruikt u het kabeltype: H05V2V2-F dat een temperatuur van 90 °C of hoger weerstaat. Neem contact op met een klantenservice bij u in de buurt. min. 500mm min. 50mm 7 8 www.aeg.com 4. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT 4.1 Indeling kookplaat 3 1 1 Inductiekookzone 2 Bedieningspaneel 3 Flexibele inductiekookzone bestaat uit vier delen 1 2 4.2 Indeling Bedieningspaneel 6 5 7 4 3 8 2 1 9 10 11 Om het bedieningspaneel en de zoneposities te zien, activeert u het apparaat met Gebruik de tiptoetsen om het apparaat te bedienen. De displays, indicatielampjes en geluiden tonen welke functies worden gebruikt. NEDERLANDS Tiptoets 1 2 3 / 4 5 6 - 7 8 9 10 11 - 9 Functie Opmerking AAN/UIT De kookplaat in- en uitschakelen. Hob²Hood De handmatige modus van functie in- en uitschakelen. Pauze De functie in- en uitschakelen. - De tijd verlengen of verkorten. - Timerfunctie instellen. Timerdisplay De tijd in minuten weergeven. FlexiBridge Om over te schakelen tussen drie modi van de functie. PowerSlide De functie in- en uitschakelen. Bedieningsstrip Het instellen van de kookstand. PowerBoost Het inschakelen van de functie. Slot / Kinderbeveiliging Het bedieningspaneel vergrendelen/ ontgrendelen. 4.3 OptiHeat Control (3-staps restwarmte-indicatie) WAARSCHUWING! / / Er bestaat verbrandingsgevaar door restwarmte. De aanduidingen tonen het niveau van de restwarmte voor de kookzones die u momenteel gebruikt. De aanduidingen kunnen ook aangaan voor de nabijgelegen kookzones, zelfs als u deze niet gebruikt. De inductiekookzones creëren de voor het kookproces benodigde warmte direct in de bodem van de pan. Het glaskeramiek wordt verwarmd door de warmte van de pannen. Als de kookplaat uitgeschakeld is, zijn de aanduidingen nog zichtbaar. Als de kookplaat koud genoeg is, verdwijnen ze. 5. DAGELIJKS GEBRUIK WAARSCHUWING! Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. 5.1 In- of uitschakelen Raak 1 seconde aan om de kookplaat in– of uit te schakelen. 10 www.aeg.com De regelbalken gaan aan als u de kookplaat aanzet en gaan uit als u de kookplaat uitschakelt. Als de kookplaat is uitgeschakeld kunt u alleen zien. 5.2 Automatische uitschakeling De functie schakelt de kookplaat automatisch uit als: • u gedurende 50 seconden geen kookgerei op de kookplaats zet, • u binnen 50 seconden na het plaatsen van het kookgerei geen warmtestand instelt, • u iets hebt gemorst of langer dan 10 seconden iets op het bedieningspaneel hebt gelegd (een pan, doek). Als het geluidssignaal klinkt, schakelt de kookplaat uit. Verwijder het voorwerp of reinig het bedieningspaneel. • de kookplaat te heet wordt (b.v. als een pan droogkookt). De kookzone moet afgekoeld zijn voordat u de kookplaat weer kunt gebruiken. • u een kookzone niet uitschakelt of de kookstand verandert. Na 'n tijdje gaat de kookplaat uit. De verhouding tussen kookstand en de tijd waarna de kookplaat uitschakelt: Warmte-instelling De kookplaat wordt uitgeschakeld na 1-2 6 uur 3-4 5 uur 5 4 uur 6-9 1,5 uur 5.3 Het gebruik van de kookzones LET OP! Plaats geen heet kookgerei op het bedieningspaneel. Er bestaat een risico dat de elektronische onderdelen beschadigen. Plaats het kookgerei in het midden van de gekozen kookzone. Inductiekookzones passen zich tot op zekere hoogte automatisch aan de afmeting van het kookgerei aan. Wanneer de pan is gedetecteerd, gaat de kookstand 0 aan. 5.4 De warmte-instelling Raak de regelbalk aan op de gewenste warmtestand of glij met uw vinger over de regelbalk om de warmtestand van een kookzone in te stellen of te wijzigen. Als u eenmaal een pan op de kookzone zet en de kookstand instelt, blijft deze gedurende 50 seconden gelijk nadat u de pan heeft verwijderd. De regelbalk knippert voor de tweede helft van die tijd. Als u de pan binnen deze tijd weer op de kookzone plaatst reactiveert de kookstand. Zo niet wordt de kookzone uitgeschakeld. 5.5 Vermogensbeheer-functie • De kookzones zijn gegroepeerd volgens locatie en aantal fasen van de kookplaat. Zie afbeelding. • Elke fase heeft een maximale elektriciteitslading van 3680 W. NEDERLANDS • De functie verdeelt het vermogen tussen de kookzones aangesloten op dezelfde fase. • De functie wordt geactiveerd als de totale elektriciteitslading van de kookzones aangesloten op een enkele fase de 3680 W overschrijdt. • De functie verlaagt het vermogen naar de andere kookzones aangesloten op dezelfde fase. • Voor kookzones met verminderd vermogen toont het bedieningspaneel alleen de maximaal mogelijke warmte-instellingen. • Als een hogere warmte-instelling niet beschikbaar is verlaagt u die eerst voor de andere kookzones. • De activering van de functie is afhankelijk van de grootte en het aantal van de pannen 11 Stel de kookstand voor de juiste kookzone in en daarna de functie. 1. Raak aan om de functie in te schakelen of de tijd te wijzigen. De timercijfers en de indicatoren en verschijnen op het scherm. Als de timer niet wordt ingesteld, verdwijnen en na 3 seconden. 2. Raak of aan om de tijd in te stellen (00 - 99 minuten). Na 3 seconden gaat de timer , automatisch aftellen. De indicatoren verdwijnen. en Als de tijd verstreken is, klinkt er een signaal en knippert te stoppen, raakt u . Om het signaal aan. Voor het uitschakelen van de functie raakt u en aan. De indicatielampjes gaan branden. Gebruik of om op het display in te stellen. U kunt ook het warmte-niveau instellen op 0. Als gevolg daarvan hoort u een geluid en wordt de timer geannuleerd. Kookwekker 5.6 PowerBoost Deze functie activeert meer vermogen voor de geschikte inductiekookzone, afhankelijk van de grootte van het kookgerei. De functie kan maar voor een beperkte periode worden geactiveerd. Druk op om de functie voor de kookzone te activeren. De functie wordt automatisch uitgeschakeld. Raadpleeg voor maximale tijdsduur 'Technische gegevens'. 5.7 Timer Timer met aftelfunctie Gebruik deze functie om aan te geven hoe lang een kookzone moet werken tijdens een enkele kooksessie. U kunt deze functie gebruiken als kookwekker terwijl de kookplaat is ingeschakeld maar de kookzones niet werken. Plaats een pan op een kookzone om het symbool te zien. 1. Raak om de functie te activeren. 2. Raak of aan om de tijd in te stellen. De functie wordt automatisch na 4 seconden gestart. Als u de functie instelt, kunt u de pan verwijderen. Als de tijd verstreken is, klinkt er een . Tik op signaal en knippert het signaal uit te schakelen. om Voor het uitschakelen van de functie raakt u aan. De aanduidingen en 12 www.aeg.com gaan branden. Gebruik of om op het display in te stellen. De functie heeft geen invloed op de werking van de kookzones. 5.8 Pauze Deze functie stelt alle kookzones die in werking zijn in op de laagste kookstand. Als de functie actief is, kunnen de symbolen , of worden gebruikt. Tik op om de functie in te schakelen. De warmte-instelling wordt verlaagd naar 1. Voor het uitschakelen van de functie aan. De voorgaande warmteraakt u instelling gaat aan. 5.9 Slot U kunt het bedieningspaneel vergrendelen terwijl de kookplaat in werking is. Hiermee wordt voorkomen dat de kookstand per ongeluk wordt veranderd. Stel eerst de kookstand in. om de functie in te schakelen. Tik op Als u de functie wilt deactiveren, houdt u ingedrukt. Als u de kookplaat uitzet, stopt u deze functie ook. 5.10 Kinderbeveiliging Deze functie voorkomt dat de kookplaat onbedoeld wordt gebruikt. Schakel eerst de kookplaat in, maar stel geen kookstand in. Raak aan totdat u het geluid hoort en de indicator oplicht om de functie te activeren. De regelbalken verdwijnen. Schakel de kookplaat uit. Als u de kookplaat uitschakelt, is de functie nog steeds actief. Om de functie gedurende één kooksessie te deactiveren: Schakel de kookplaat in met . gaat branden. Raak aan totdat u het geluid hoort en de indicator uit gaat. De regelbalk verschijnt. Stel de warmte in binnen 50 seconden.U kunt de kookplaat bedienen. Als u de kookplaat uitschakelt met de functie nog steeds actief. is Om de functie permanent te deactiveren: activeer de kookplaat en totdat u stel geen kookstand in. Raak een geluid hoort en de indicator uit gaat. De regelbalken verschijnen. Schakel de kookplaat uit. 5.11 OffSound Control (De geluiden in- en uitschakelen) Schakel eerst de kookplaat uit. 3 seconden aan om de 1. Raak functie in te schakelen. Het display gaat aan en uit. 2. Raak of 3 seconden aan. gaat aan. 3. Raak van de timer aan om één van het volgende te kiezen: • - de signalen zijn uit - de signalen zijn aan • 4. Om uw keuze te bevestigen moet u wachten tot de kookplaat automatisch uitschakelt. staat, kunt u de Als de functie op geluiden alleen horen als: • u aanraakt • Kookwekker naar beneden komt • Timer met aftelfunctie naar beneden komt • u iets op het bedieningspaneel plaatst. 5.12 Hob²Hood Het is een geavanceerde automatische functie die de kookplaat op een speciale afzuigkap aansluit. Zowel de kookplaat als de afzuigkap heeft een infraroodontvanger. De snelheid van de ventilator wordt automatisch bepaald op basis van de modusinstelling en de NEDERLANDS temperatuur van de heetste pan op de kookplaat. U kunt de ventilator van de kookplaat handmatig bedienen. Voor de meeste afzuigkappen wordt het afstandsbedieniningssysteem uitgeschakeld. Inschakelen voordat u de functie gebruikt. Zie voor meer informatie de gebruikershandleiding van de afzuigkap. De functie automatisch bedienen Stel de automatische modus in op H1 – H6 om de functie automatisch te bedienen. De kookplaat is oorspronkelijk ingesteld op H5. De afzuigkap reageert als u de kookplaat bedient. De kookplaat herkent de temperatuur van de pannen automatisch en stelt de snelheid van de ventilator erop af. De verlichting activeren U kunt de kookplaat instellen om de verlichting automatisch te activeren als u de kookplaat aan zet. Zet daarvoor de automatische modus op H1 – H6. De verlichting van de afzuigkap gaat uit 2 minuten nadat u de kookplaat heeft uitgeschakeld. Automatische modi Auto- Koken1) matische verlichting Bak- Modus H4 Aan Ventilatorsnelheid 1 Ventilatorsnelheid 1 Modus H5 Aan Ventilatorsnelheid 1 Ventilatorsnelheid 2 Modus H6 Aan Ventilatorsnelheid 2 Ventilatorsnelheid 3 ken2) 1) De kookplaat detecteert het kookproces en activeert de ventilatorsnelheid overeenkomstig de automatische modus. 2) De kookplaat detecteert het bakproces en activeert de ventilatorsnelheid overeenkomstig de automatische modus. 3) Deze modus activeert de ventilator en de verlichting en reageert niet op de temperatuur. De automatische modus veranderen 1. Schakel het apparaat uit. 2. Raak 3 seconden aan. Het display gaat aan en uit. Auto- Koken1) matische verlichting Bak- 3. Raak 3 seconden aan. ken2) 4. Raak gaat. een paar keer aan tot Modus H0 Uit Uit Uit Modus H1 Aan Uit Uit Modus Aan Ventilatorsnelheid 1 Ventilatorsnelheid 1 Aan Uit Ventilatorsnelheid 1 H2 3) Modus H3 13 aan van de timer aan om een 5. Raak automatische modus te selecteren. Als u stopt met koken en de kookplaat uitschakelt, kan de ventilator nog even blijven werken. Daarna schakelt het systeem de ventilator automatisch uit en wordt voorkomen dat u de ventilator per ongeluk de komende 30 seconden activeert. Schakel de automatische modus van de functie uit om de kookplaat direct te bedienen op het kookplaatpaneel. 14 www.aeg.com De ventilatorsnelheid handmatig bedienen U kunt de ventilator van de kookplaat handmatig bedienen. Raak aan als de kookplaat actief is. Dit schakelt de automatische bediening van de functie uit zodat u de ventilatorsnelheid handmatig kunt veranderen. Als u op drukt, wordt de ventilatorsnelheid met één verhoogd. Als u een intensief niveau bereikt en weer op drukt, stelt u de ventilatorsnelheid in op 0 waardoor de afzuigkapventilator uitschakelt. Om de ventilator weer te starten met ventilatorsnelheid 1, raakt u aan. Schakel de kookplaat uit en weer aan om de automatische bediening van de functie te activeren. 6. FLEXIBELE INDUCTIEKOOKZONE WAARSCHUWING! Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. 6.1 FlexiBridge functie De flexibele inductiekookzone bestaat uit vier gedeelten. De gedeelten kunnen worden gecombineerd in twee kookzones met verschillende maten, of in één grote kookzone. De zijkanten van de zones die samenwerken, gaan branden en ze worden aan elkaar verbonden met een kortere brandende lijnen.U kiest de combinatie van de zones door de modus te kiezen die van toepassing is op het formaat van het kookgerei dat u wilt gebruiken. Er bestaan drie modi: Standaard (automatisch geactiveerd als u de kookplaat aanzet), Big Bridge (grote overbrugging) en Max Bridge (maximale overbrugging). Gebruik de twee regelbalken aan de linkerkant om de kookstand in te stellen. Schakelen tussen de modi Gebruik de tiptoets om tussen de modi te schakelen: . Als u tussen de modi schakelt dan wordt de warmte-instelling teruggezet op 0. Diameter en positie van het kookgerei Kies de modus die aansluit op de afmeting en de vorm van het kookgerei. Het kookgerei moet de geselecteerde zone zoveel mogelijk bedekken. Plaats het kookgerei in het midden van de geselecteerde zone! Plaats kookgerei met een bodemdiameter die kleiner is dan 160 mm op het midden van een enkel gedeelte. NEDERLANDS 15 Juiste positie voor kookgerei: Onjuiste positie kookgerei: 100-160mm Plaats het kookgerei met een bodemdiameter die groter is dan 160 mm in het midden van twee gedeelten. 6.3 FlexiBridge Big Bridgemodus (grote overbrugging) Om de modus te activeren, drukt u op > 160 mm 6.2 FlexiBridge Standaardmodus Deze modus wordt geactiveerd als u de kookplaat aanzet. Het brengt de gedeelten samen in twee afzonderlijke kookzones. De zijkanten van de zones die in deze modus samenwerken gaan branden en ze worden verbonden met kortere brandende lijnen.U kunt de warmte-instelling voor iedere zone apart instellen. Gebruik de twee regelbalken aan de linkerkant. totdat u het lampje van de juiste modus ziet. Deze modus brengt drie achterste gedeelten samen in één kookzone. Het voorste gedeelte is niet verbonden en blijft werken als afzonderlijke kookzone. U kunt de warmte-instelling voor elke zone afzonderlijk instellen. Gebruik twee regelbalken aan de linker zijkant. Juiste positie voor kookgerei: Om deze modus te gebruiken moet u het kookgerei op de drie samengebrachte gedeelten plaatsen. Als u kookgerei gebruikt dat kleiner is dan twee gedeelten, knippert de regelbalk en schakelt de zone na 2 minuten uit. 16 www.aeg.com Onjuiste positie kookgerei: Onjuiste positie kookgerei: 6.4 FlexiBridge Max Bridge mode (Maximale overbrugging) Om de modus te activeren, drukt u op 6.5 totdat u het lampje van de juiste modus ziet. Deze modus brengt alle gedeelten samen in één kookzone. Gebruik een van de twee regelbalken links om de warmte-instelling te bedienen. Deze functie maakt het u mogelijk de temperatuur aan te passen door het kookgerei naar een andere positie op de inductiekookzone te bewegen. Juiste positie voor kookgerei: Om deze modus te gebruiken moet u het kookgerei op de vier samengebrachte gedeelten plaatsen. Als u kookgerei gebruikt dat kleiner is dan drie gedeelten, knippert de regelbalk en schakelt de zone na 2 minuten uit. PowerSlide De functie verdeelt de inductiekookzone in drie zones met verschillende warmteinstellingen. De kookplaat neemt de positie van het kookgerei weer en past de warmte-instelling aan op de positie. U kunt het kookgerei in de voorste, de middelste of de achterste positie zetten. Als u het kookgerei in de voorste positie plaatst, krijgt u de hoogste kookstand. Om het te verminderen, verplaatst u het kookgerei naar de middelste of achterste positie. NEDERLANDS 17 Gebruik maar één pot als u met deze functie werkt. Als u de warmte-instelling wilt wijzigen, tilt u de pan op en zet u hem op een andere zone. Als u he kookgerei verschuift, kunnen er krassen en een verkleuring van het oppervlak ontstaan. Algemene informatie: • de minimale bodemdiameter van het kookgerei moet voor deze functie 160 mm zijn. • Als u de pan in de voorste positie plaatst, licht op het bedieningspaneel op. De bedieningsbalk toont de standaard warmte-instelling . • Als u de pan in de middelste positie op het plaatst, licht bedieningspaneel op. De bedieningsbalk toont de standaard warmte-instelling . • Als u de pan in de achterste positie op het plaatst, licht bedieningspaneel op. De bedieningsbalk toont de standaard warmte-instelling • Gebruik de bedieningsstrip linksvoor om de standaard warmte-instelling te wijzigen. U kunt de standaard warmteinstelling alleen veranderen als de functie actief is. U kunt de warmteinstelling voor elke positie afzonderlijk wijzigen. De kookplaat zal uw instellingen onthouden voor de volgende keer dat u de functie activeert. Tik op om de functie in te schakelen. De indicator gaat branden en de regelbalk geeft de standaard warmteinstelling weer. Voor het uitschakelen van de functie raakt u aan. . 7. AANWIJZINGEN EN TIPS WAARSCHUWING! Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. 7.1 Kookgerei Bij een inductiekookzone zorgt een sterk elektromagnetisch veld ervoor dat het kookgerei erg snel heet wordt. Gebruik de inductiekookzones met geschikte pannen. Materiaal van het kookgerei • correct: gietijzer, staal, geëmailleerd staal, roestvrij staal, meerlaagse bodem (aangemerkt als geschikt door de fabrikant). • niet correct: aluminium, koper, messing, glas, keramiek, porselein. Een pan is geschikt voor een inductiekookplaat als: • water op de hoogste kookstand binnen korte tijd wordt verwarmd. • een magneet vast blijft zitten aan de bodem van het kookgerei. De bodem van het kookgerei moet zo dik en vlak mogelijk zijn. Zorg ervoor dat bodems schoon en droog zijn voordat ze op de kookplaat worden gezet. Afmetingen van de pannen 18 www.aeg.com Inductiekookzones passen zich tot op zekere hoogte automatisch aan de afmeting van het kookgerei aan. • sissen, zoemen: de ventilator werkt. Deze geluiden zijn normaal en hebben niets met een defect te maken. De efficiëntie van de kookzone heeft betrekking op de diameter van het kookgerei. Kookgerei met een diameter die kleiner is dan het minimum, ontvangt slechts een deel van het vermogen dat door de kookzone wordt gegenereerd. 7.3 Öko Timer (Eco-timer) Raadpleeg "Technische gegevens". 7.2 Lawaai tijdens gebruik Als u dit hoort: • kraakgeluid: kookgerei is gemaakt van verschillende materialen (sandwichconstructie). • fluitend geluid: bij gebruik van een kookzone met een hoge kookstand en als het kookgerei is gemaakt van verschillende materialen (een sandwich-constructie). • bromgeluid: als u een hoge kookstand gebruikt. • klikken: er treedt elektrische schakeling op. Om energie te besparen schakelt het verwarmingselement van de kookzone eerder uit dan het signaal van de timer met aftelfunctie klinkt. Het verschil in werkingstijd hangt af van het niveau van de kookstand en de tijd dat u kookt. 7.4 Voorbeelden van kooktoepassingen De correlatie tussen de kookstand en het stroomverbruik van de kookzone is niet lineair. Wanneer u de kookstand verhoogt, is dit niet proportioneel met de toename in stroomverbruik van de kookzone. Het betekent dat een kookzone op de medium kookstand minder dan de helft van het vermogen gebruikt. De gegevens in de volgende tabel dienen slechts als richtlijn. Warmte-instelling Gebruik om: Tijd (min) Tips 1 Bereide gerechten warmhouden. zoals nodig Een deksel op het kookgerei doen. 1-2 Hollandaisesaus, smelten: boter, chocolade, gelatine. 5 - 25 Van tijd tot tijd mengen. 1-2 Stollen: luchtige omeletten, gebakken eieren. 10 - 40 Met deksel bereiden. 2-3 Zachtjes aan de kook brengen 25 - 50 van rijst en gerechten op melkbasis, reeds bereide gerechten opwarmen. Voeg minimaal twee keer zo veel vocht toe als rijst en roer gerechten op melkbasis halverwege de procedure door. 3-4 Stomen van groenten, vis en vlees. 20 - 45 Voeg een paar eetlepels vocht toe. 4-5 Aardappelen stomen. 20 - 60 Gebruik max. ¼ l water voor 750 g aardappelen. NEDERLANDS 19 Warmte-instelling Gebruik om: Tijd (min) Tips 4-5 Bereiden van grotere hoeveelheden voedsel, stoofschotels en soepen. 60 - 150 Tot 3 l vloeistof plus ingrediënten 6-7 Zacht bakken: kalfsoester, cordon bleu van kalfsvlees, koteletten, rissoles, worstjes, lever, roux, eieren, pannenkoeken, donuts. zoals nodig Halverwege de bereidingstijd omdraaien. 7-8 Door-en-door gebraden, opgebakken aardappelen, lendenbiefstukken, steaks. 5 - 15 Halverwege de bereidingstijd omdraaien. 9 Aan de kook brengen van water, pasta koken, aanbraden van vlees (goulash, stoofvlees), frituren van friet. Kook grote hoeveelheden water. PowerBoost wordt geactiveerd. 7.5 Praktische tips voor Hob²Hood Als u de kookplaat bedient met de functie: • Bescherm het afzuigkappaneel tegen direct zonlicht. • Breng geen halogeenverlichting aan in het afzuigkappaneel. • Dek het bedieningspaneel van de afzuigkap niet af. • Onderbreek het signaal tussen de kookplaat en de afzuigkap niet (bijvoorbeeld met een hand, een handgreep van een pan of een grote pan). Zie de afbeelding. De afzuigkap in de afbeelding is slechts een voorbeeld. Andere op afstand bediende apparaten kunnen het signaal hinderen. Gebruik geen op afstand bedienbare apparaten op het moment dat u de functie op de kookplaat gebruikt. Afzuigkappen met de Hob²Hood functie Zie de consumentenwebsite voor de volledige reeks afzuigkappen die met deze functie werken. De AEGafzuigkappen die met deze functie werken moeten het symbool hebben. 20 www.aeg.com 8. ONDERHOUD EN REINIGING WAARSCHUWING! Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. 8.1 Algemene informatie • Maak de kookplaat na ieder gebruik schoon. • Gebruik altijd kookgerei met een schone bodem. • Krassen of donkere vlekken op de oppervlakte hebben geen invloed op de werking van de kookplaat. • Gebruik een specifiek schoonmaakmiddel voor het oppervlak van de kookplaat. • Gebruik een speciale schraper voor de glazen plaat. De afdruk op de flexibele inductiekookzone kan vies worden of van kleur veranderen door schuivende pannen. U kunt de zone op de normale manier schoonmaken. 8.2 De kookplaat schoonmaken • Verwijder direct: gesmolten kunststof, plastic folie, suiker en suikerhoudend voedsel, anders kan dit schade aan de kookplaat veroorzaken. Doe voorzichtig om brandwonden te voorkomen. Gebruik de speciale schraper op de glazen plaat en verwijder resten door het blad over het oppervlak te schuiven. • Verwijder nadat de kookplaat voldoende is afgekoeld: kalk- en waterkringen, vetspatten en metaalachtig glanzende verkleuringen. Reinig de kookplaat met een vochtige doek en een beetje niet-schurend reinigingsmiddel. Droog de kookplaat na reiniging af met een zachte doek. • Verkleuring glanzende metalen verwijderen: reinig het glazen oppervlak met een doek en een oplossing van water met azijn. 9. PROBLEEMOPLOSSING WAARSCHUWING! Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. 9.1 Wat moet u doen als... Probleem Mogelijke oorzaak U kunt de kookplaat niet inschakelen of bedienen. De kookplaat is niet aange- Controleer of de kookplaat sloten op een stopcontact of goed is aangesloten op het is niet goed geïnstalleerd. lichtnet. Raadpleeg het aansluitdiagram. De zekering is doorgeslagen. oplossing Ga na of de zekering de oorzaak van de storing is. Als de zekeringen keer op keer doorslaan, neemt u contact op met een erkende installateur. NEDERLANDS Probleem Mogelijke oorzaak 21 oplossing Stel gedurende 50 seconden Schakel de kookplaat opgeen kookstand in. nieuw in en stel de kookstand binnen 50 seconden in. U hebt 2 of meer tiptoetsen tegelijk aangeraakt. Raak slechts één tiptoets tegelijk aan. Pauze is in werking. Raadpleeg "Dagelijks gebruik". Er ligt water of er zitten vetspatten op het bedieningspaneel. Reinig het bedieningspaneel. U kunt de maximale warmtestand niet instellen voor één van de kookzones. U kunt een van de kookzones niet activeren. De andere zones verbruiken het maximaal beschikbare vermogen. Uw kookplaat werkt correct. Verlaag de warmtestand van de andere kookzones die op dezelfde fase zijn aangesloten. Zie "Energiebeheer". Er klinkt een geluidssignaal en de kookplaat wordt uitgeschakeld. Er klinkt een geluidssignaal als de kookplaat wordt uitgeschakeld. U hebt een of meer tiptoetsen afgedekt. Verwijder het voorwerp van de tiptoetsen. De kookplaat schakelt uit. U hebt iets op de tiptoets Verwijder het object van de tiptoets. gezet. De restwarmte-indicator gaat niet aan. De zone is niet heet, omdat hij slechts kortstondig is bediend of de sensor beschadigd is. Als de kookzone lang genoeg in werking is geweest om heet te zijn, neemt u contact op met de klantenservice. Hob²Hood werkt niet. U dekt het bedieningspaneel af. Verwijder het voorwerp van het bedieningspaneel. U maakt gebruik van een he- Gebruik een kleinere pan, le grote pan die het signaal verander van kookzone of blokkeert. bedien de afzuigkap handmatig. De tiptoetsen worden warm. Het kookgerei is te groot of staat te dicht bij het bedieningspaneel. Plaats groter kookgerei op de achterste kookzones indien nodig. Er klinkt geen geluidsignaal De signalen zijn uit. wanneer u de tiptoetsen van het bedieningspaneel aanraakt. Activeer het geluid. Raadpleeg "Dagelijks gebruik". 22 www.aeg.com Probleem Mogelijke oorzaak oplossing De flexibele inductiekookzo- De pan staat op een verne verwarmt het kookgerei keerde plek op de flexibele niet. inductiekookzone. Zet het kookgerei op de juiste plek op de flexibele inductiekookzone. De plaats van het kookgerei is afhankelijk van de geactiveerde functie of functiemodus. Zie "Flexibele inductiekookruimte". De diameter van de bodem van het kookgerei is incorrect voor de geactiveerde functie of functiemodus. Gebruik alleen pannen met een diameter die geschikt is voor de geactiveerde functie of functiemodus. Gebruik pannen met een diameter kleiner dan 160 mm op één deel van de flexibele inductiekookzone. Zie "Flexibele inductiekookruimte". Kinderbeveiliging of Slot is in werking. Raadpleeg "Dagelijks gebruik". gaat aan. De bedieningsbalk knippert. Er staat geen kookgerei op de zone, of de zone is niet volledig bedekt. gaat aan. Zet kookgerei op de zone, zodat het kookgerei de zone volledig bedekt. Het kookgerei is niet geschikt. Gebruik geschikt kookgerei. Zie 'Nuttige aanwijzingen en tips'. De diameter aan de bodem van het kookgerei is te klein voor de zone. Gebruik kookgerei met de juiste afmetingen. Raadpleeg "Technische gegevens". FlexiBridge is in werking. Eén of meerdere delen van de werkende functiemodus wordt niet afgedekt door het kookgerei. Zet het kookgerei op het juiste aantal delen van de werkende functiemodus of wijzig de functiemodus. Zie "Flexibele inductiekookruimte". PowerSlide is in werking. Er worden twee pannen geplaatst op de flexibele inductiekookzone. Gebruik slechts één pan. Zie "Flexibele inductiekookruimte". NEDERLANDS 23 Probleem Mogelijke oorzaak oplossing en een getal gaat branden. Er heeft zich een fout in de kookplaat voorgedaan. Schakel de kookplaat uit en na 30 seconden weer in. Wanneer weer verschijnt, trekt u de stekker van de kookplaat uit het stopcontact. Steek de stekker van de kookplaat er na 30 seconden weer in. Als het probleem zich blijft voordoen, neem dan contact op met een erkend servicecentrum. U kunt een constant piepge- De elektrische aansluiting is luid horen. onjuist. 9.2 Als u het probleem niet kunt oplossen... Als u niet zelf het probleem kunt verhelpen, neem dan contact op met uw verkoper of de serviceafdeling. Zie voor deze gegevens het typeplaatje. Verzeker u ervan dat u de kookplaat correct gebruikt heeft. Bij onjuist gebruik van het Trek de stekker van de kookplaat uit het stopcontact. Laat de installatie controleren door een erkende elektricien. apparaat wordt het bezoek van de onderhoudstechnicus van de klantenservice of de vakhandelaar in rekening gebracht, zelfs tijdens de garantieperiode. De instructies over het service center en de garantiebepalingen vindt u in het garantieboekje. 10. TECHNISCHE GEGEVENS 10.1 Typeplaatje Model IPE84571FB Type 62 D4A 21 AA Inductie 7.35 kW Ser.Nr. ................. AEG PNC 949 597 480 00 220 - 240 V / 400 V 2N 50 - 60 Hz Geproduceerd in Duitsland 7.35 kW 10.2 Specificatie kookzones Kookzone Nominaal vermogen (max warmte-instelling) [W] PowerBoost [W] PowerBoost maximale duur [min] Diameter van het kookgerei [mm] Middenachter 2300 3200 10 125 - 210 Rechtsvoor 1800 2800 10 145 - 180 24 www.aeg.com Kookzone Nominaal vermogen (max warmte-instelling) [W] Flexibele induc- 2300 tiekookzone PowerBoost [W] PowerBoost maximale duur [min] Diameter van het kookgerei [mm] 3200 10 minimum 100 Het vermogen van de kookzones kan enigszins afwijken van de gegevens in de tabel. Het verandert met het materiaal en de afmetingen van het kookgerei. Gebruik voor optimale kookresultaten alleen kookgerei met een diameter niet groter dan vermeld in de tabel. 11. ENERGIEZUINIGHEID 11.1 Productinformatie volgens EU 66/2014 alleen geldig voor EU-markt Modelidentificatie IPE84571FB Type kookplaat Ingebouwde kookplaat Aantal kookzones 2 Aantal kookzones 1 Verwarmingstechnologie Inductie Diameter ronde kookzones Middenachter (Ø) Rechtsvoor 21,0 cm 18,0 cm Lengte (L) en breedte (B) van kookgedeelte Links L 41,8 cm B 24,8 cm Energieverbruik per kookzone (EC electric cooking) Middenachter Rechtsvoor 190,8 Wh/kg 194,2 Wh/kg Energieverbruik van de kookzone (EC electric cooking) Links 187,0 Wh/kg Energieverbruik van de kookplaat (EC electric hob) EN 60350-2 - Huishoudelijke elektrische kookapparaten - deel 2: Kookplaten Methodes voor het meten van de prestatie 11.2 Energiebesparing U kunt elke dag energie besparen tijdens het koken door de onderstaande tips te volgen. 189,2 Wh/kg • Warm alleen de hoeveelheid water op die u nodig heeft. • Doe indien mogelijk altijd een deksel op de pan. • Zet uw kookgerei op de kookzone voordat u deze activeert. • Zet kleiner kookgerei op kleinere kookzones. • Plaats het kookgerei precies in het midden van de kookzone. NEDERLANDS 25 • Gebruik de restwarmte om het eten warm te houden of te smelten. 12. MILIEUBESCHERMING Recycle de materialen met het symbool . Gooi de verpakking in een geschikte verzamelcontainer om het te recyclen. Help om het milieu en de volksgezondheid te beschermen en recycle het afval van elektrische en elektronische apparaten. Gooi apparaten gemarkeerd met het symbool niet weg met het huishoudelijk afval. Breng het product naar het milieustation bij u in de buurt of neem contact op met de gemeente.
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52

AEG IPE84571FB Handleiding

Type
Handleiding

in andere talen