IKEA RENLIGFWM Handleiding

Type
Handleiding
Inhoud
Veiligheidsinformatie 92
Beschrijving van het product 95
Bedieningspaneel 96
Het eerste gebruik 99
Aanpassing aan persoonlijke wensen 100
Dagelijks gebruik 100
Nuttige aanwijzingen en tips 103
Afwasprogramma's 104
Verbruikswaarden 107
Onderhoud en reiniging 108
Problemen oplossen 111
Technische gegevens 114
Montage 115
Aansluiting aan het elektriciteitsnet 116
Milieubescherming 116
IKEA GARANTIE 117
Wijzigingen voorbehouden
Veiligheidsinformatie
Lees voor uw eigen veiligheid en cor-
recte werking van het apparaat eerst
deze handleiding aandachtig door, alvo-
rens het apparaat te installeren en te ge-
bruiken. Bewaar deze instructies altijd bij
het apparaat, zelfs wanneer u het ver-
plaatst of verkoopt. Gebruikers moeten vol-
ledig op de hoogte zijn van de bediening
en veiligheidsfuncties van het apparaat.
De fabrikant is niet verantwoordelijk voor
schade die door onjuiste installatie en on-
juist gebruik veroorzaakt is.
Veiligheid van kinderen en kwetsbare
mensen
Mensen, met inbegrip van kinderen, met
beperkte lichamelijke, zintuiglijke of ver-
standelijke vermogens of gebrek aan er-
varing en kennis, mogen dit apparaat
niet gebruiken. Zij moeten onder toezicht
staan of instructies krijgen over het ge-
bruik van dit apparaat van iemand die
verantwoordelijk is voor hun veiligheid.
Houd alle verpakkingsmateriaal buiten
het bereik van kinderen. Er bestaat een
gevaar voor verstikking.
Bewaar alle afwasmiddelen op een veil-
ge plaats. Laat kinderen de afwasmidde-
len niet aanraken.
Zorg ervoor dat kinderen of huisdieren
niet in de trommel kunnen klimmen Con-
troleer de trommel vóór gebruik.
Dit apparaat heeft hij een speciale func-
tie om te voorkomen dat kinderen of huis-
dieren binnen in deze machine vast ko-
men te zitten.
Om deze functie te
activeren draait u
de knop (zonder
deze in te druk-
ken) aan de bin-
nenkant van de
deur naar rechts
tot de groef hori-
zontaal staat. Ge-
bruik zo nodig een
muntstuk
Om deze functie
uit te schakelen en
de mogelijkheid te
herstellen om de
deur te sluiten,
draait u de knop
naar links tot de
groef verticaal
staat.
Algemene veiligheid
Verander de specificaties van dit product
niet en wijzig het niet Risico op letsel en
beschadiging van het apparaat.
NEDERLANDS 92
Als de machine in de winter wordt afge-
leverd, als de temperatuur onder nul is,
zet de wasmachine dan 24 uur in een
ruimte met kamertemperatuur voordat u
hem in gebruik neemt. Lees het hoofdstuk
'Bevriezingsgevaren'.
Dit apparaat is bedoeld voor gebruik bij
normale kamertemperatuur. Fabrikant is
niet verantwoordelijk voor bevriezings-
schade.
Trek na gebruik, reiniging en onderhoud
van de machine altijd de stekker uit het
stopcontact en draai de kraan dicht
Montage
Een gekwalificeerd en bekwaam persoon
moet de elektrische installatie en het
loodgieterswerk uitvoeren.
Dit apparaat is zwaar. Let op bij het ver-
plaatsen.
Controleer of het apparaat niet bescha-
digd is tijdens het transport Sluit een be-
schadigd apparaat niet aan. Neem in-
dien nodig contact op met de Klantenser-
vice.
Verwijder de verpakking en de transport-
bouten vóór het eerste gebruik. Het ap-
paraat en de naastgelegen keukenkas-
tjes of meubels kunnen anders beschadi-
gen.
Wij raden u aan alle transportbeveiligin-
gen te bewaren, zodat zij kunnen worden
gemonteerd als de machine ooit nog
eens moet worden vervoerd. Raadpleeg
de relevante stappen van de installatie-
instructies.
Leg nooit karton, hout of iets dergelijks
onder het apparaat om oneffenheden
van de vloer te compenseren.
Plaats het apparaat waterpas en draai
de sluitmoeren vast om trillingen, lawaai
of verschuiving van het apparaat tijdens
de werking te voorkomen.
Als het apparaat op een vloer met vloer-
bedekking wordt geïnstalleerd, stel de
voetjes dan zo af dat de lucht vrij onder
het apparaat kan circuleren.
Controleer of het apparaat niet op de
toevoer- en afvoerslang staat en of het
werkblad of de achterkant van het appa-
raat het aansluitsnoer niet platdrukt te-
gen de muur.
Let er altijd op of er na de installatie
geen water lekt uit de slangen en de
aansluitingen
Als het apparaat geïnstalleerd is op een
plaats waar het kan vriezen, lees dan het
hoofdstuk 'Bevriezingsgevaren'.
Gebruik
Dit apparaat is uitsluitend bestemd voor
huishoudelijk gebruik. Gebruik het appa-
raat niet voor commerciële of industriële
doeleinden, of voor enig ander doel.
Dit apparaat mag alleen gerepareerd
worden door een erkende servicemon-
teur Gebruik alleen originele reserveon-
derdelen.
Kijk naar de wasvoorschriften op de eti-
ketten op elk item (uw kleding) voordat u
de stukken wast.
Doe niet te veel wasgoed in de machine
Zie de "Wasprogramma"-tabel
Voordat u gaat wassen, dient u ervoor te
zorgen dat alle zakken leeg zijn en dat
alle knopen en ritsen dicht zijn
Voorwerpen als munten, veiligheidsspel-
den, spijkers, schroeven, stenen of andere
harde, scherpe materialen kunnen grote
schade aan het apparaat toebrengen en
mogen niet in het apparaat terechtko-
men.
Behandel vlekken van verf, inkt, roest en
gras voor het wassen.
Gebruik alleen de aanbevolen hoeveel-
heid wasverzachter en wasmiddel Als u
te veel doseert, kunnen kledingstukken
beschadigd raken. Raadpleeg de aanbe-
velingen van de fabrikant met betrekking
tot de hoeveelheden.
Was kleine artikelen zoals sokken, veters,
wasbare ceintuurs enz. in een waszak of
kussensloop, omdat deze tussen de kuip
en de trommel terecht kunnen komen.
NEDERLANDS 93
Gebruik uw apparaat niet om artikelen
met baleinen, materialen zonder zoom of
gescheurde materialen te wassen. Beu-
gelbeha's mogen NIET machinaal wor-
den gewassen.
Kledingstukken die in aanraking zijn ge-
weest met vluchtige petroleumproducten
mogen niet in het apparaat gewassen
worden. Als vluchtige reinigingsvloeistof-
fen zijn gebruikt, dient u ervoor te zorgen
dat de vloeistof uit het kledingstuk is ver-
wijderd voordat u het in de machine
doet.
Het water dat wij gebruiken bevat ge-
woonlijk kalk Het is aan te bevelen om
regelmatig een waterontharder in de
machine te gebruiken. Doe dit apart van
het wassen van wasgoed en volgens de
aanwijzingen van de fabrikant van de
waterontharder. Hiermee voorkomt u de
vorming van kalkaanslag en wordt uw
machine efficiënter.
Trek de stekker nooit aan het snoer uit
het stopcontact; maar aan de stekker zelf
Gebruik de wasmachine nooit als het
aansluitsnoer, het bedieningspaneel, het
werkblad of de sokkel beschadigd zijn,
zodat de binnenkant van de wasmachine
toegankelijk is.
Watertoevoer
Dit apparaat moet aangesloten worden
op een koud watertoevoer
Gebruik geen aansluitslangen van een
oud apparaat voor de watertoevoer.
De waterdruk moet zich binnen de gren-
zen bevinden (zie tabel in het hoofdstuk
'Technische gegevens'). Zorg er voor dat
uw waterleidingbedrijf u de gemiddelde
leidingwaterdrukwaarden in uw omge-
ving geeft
Zorg er voor dat er geen deuken in de
watertoevoerslang zitten en dat de slang
niet is geknakt of ingedeukt
Voordat u de machine aan nieuwe leidin-
gen aansluit, of aan leidingen die lange
tijd niet zijn gebruikt, moet u een aan-
zienlijke hoeveelheid water gebruiken om
vuil dat zich in de leidingen heeft opge-
hoopt, weg te spoelen.
Draai de toevoerslang aan de achterkant
van het apparaat naar links of rechts om
de installatie te vergemakkelijken.
De toevoerslang mag niet worden ver-
lengd Als de slang te kort is en u de
kraan niet wilt verplaatsen, zult u een
nieuwe, langere slang moeten kopen die
speciaal voor dit doel is gemaakt
Draai voordat de kraan wordt openge-
draaid de ringmoer vast om lekkage te
voorkomen.
Waterafvoer
Zorg ervoor dat het uiteinde van de af-
voerslang niet kan losschieten als de
wasautomaat aan het leeglopen is. U
kunt de slang met een stuk touw aan de
kraan vastbinden of aan de wand beves-
tigen
De afvoerslang moet op een hoogte wor-
den geplaatst van niet lager dan 44 cm
en niet hoger dan 90 cm. Raadpleeg de
installatie-instructies.
Onderhoud en reiniging
Schakel het apparaat uit en trek de stek-
ker uit het stopcontact voordat u onder-
houdshandelingen verricht.
Maak de buitenkant van het apparaat
alleen schoon met water en zeep, droog
het daarna grondig af
De lade voor was- en nabehandelings-
middelen moet regelmatig worden
schoongemaakt
Inspecteer de pomp regelmatig en met
name als:
de machine niet pompt en/of niet cen-
trifugeert
de machine tijdens het pompen een
abnormaal geluid maakt als gevolg
van veiligheidsspelden, munten, enz.
die de pomp blokkeren.
Verwijder het pompdeksel nooit tijdens
een wascyclus. Wacht altijd tot het appa-
raat het water heeft weggepompt. Wacht
als u een hoge temperatuur voor een
wasprogramma heeft gekozen tot het
water is afgekoeld.
NEDERLANDS 94
Zorg ervoor dat de pompafdekking weer
stevig is vastgezet om lekkages te voor-
komen.
Beschrijving van het product
1 2
3
4
5
6
1 Wasmiddellade
2 Bedieningspaneel
3 Deurhandgreep
4 Typeplaatje
5 Afvoerpomp
6 Verstelbare pootjes
Wasmiddellade
Vakje voor wasmiddel voor de voor-
was- en inweekfase of voor vlekkenver-
wijderaar die gebruikt wordt tijdens de
vlekkenverwijderingsfase (indien beschik-
baar). Het voorwas- en inweekmiddel
wordt het begin van het wasprogramma
ingespoeld De vlekkenverwijderaar wordt
tijdens de VLEKKEN-fase ingespoeld
Vakje voor waspoeder of vloeibaar
wasmiddel voor de hoofdwas. Als u vloei-
baar wasmiddel gebruikt, schenk dit net
voor het begin van het programma in.
Vakje voor vloeibare toevoegingen
(wasverzachter, stijfsel).
Volg de aanbevelingen van de fabri-
kant op voor wat betreft de te ge-
bruiken hoeveelheden en overschrijd het
«MAX» teken in de wasmiddellade niet.
Wasverzachter of stijfsel moeten in het
vakje voor vloeibare toevoegingen wor-
den gegoten voordat u het wasprogram-
ma start
NEDERLANDS 95
Bedieningspaneel
Hieronder staat een afbeelding van het bedieningspaneel Het laat de programma-
keuzeknop zien alsook de toetsen en indicatielampjes. Deze onderdelen worden
weergegeven met relevante nummers en op de volgende pagina's uitgelegd
21
5678910
3 4
1 Programmakeuzeknop
2 Display
3 Controlelampje 'Deur vergrendeld'
4 Toets uitgestelde start
5 Start-/pauzetoets
6 Toets Extra spoelen
7 Toets Strijkvrij
8 Toets Voorwas
9 Multi-Functie toets
10 Toets voor kort centrifugeren
Tabel met symbolen
= Aan/Uit - Reset
= Centrifugeren
= Katoen = Niet centrifugeren
= Koude was
= Spoelstop
= Synthetica = Opties
= Lage temp. = Economy (zuinig)
= Handwas = Snelle was
= Wol = Voorwas
= Speciale programma's = Strijkvrij
= Jeans = Extra spoelen
= Inweken = Start/Pauze
= Spoelgangen = Deur vergrendeld
= Waterafvoer = Uitgestelde start
NEDERLANDS 96
Programmakeuzeknop Hiermee kunt u het apparaat aan/uit schakelen en/of een
programma selecteren.
Toets voor kort centrifuge-
ren
Door op deze toets te drukken kunt u de centrifugesnelheid
van het geselecteerde programma wijzigen
Optie Niet centrifugeren: als u deze optie kiest, worden
alle centrifugeergangen onderdrukt en vervangen door
een spoelgang, om te voorkomen dat het wasgoed kreukt.
Aanbevolen voor extreem fijne weefsels
Optie spoelstop: als u deze optie kiest, wordt het laatste
spoelwater niet weggepompt om te voorkomen dat het
wasgoed kreukelt. Voordat de deur wordt geopend, moet
het water worden weggepompt. Om het water weg te
pompen, leest u de paragraaf «Aan het einde van het
programma».
Multi-Functie toets: lMet deze toets kunt u slechts één van de opties selecteren.
Het desbetreffende lampje licht op.
Eco: aanbevolen wasprogramma voor katoenen en syn-
thetisch wasgoed dat licht of normaal vervuild is, bij een
temperatuur van 40° of hoger. De wastijd wordt verlengd
en de wastemperatuur wordt verlaagd. Deze optie kunt u
gebruiken als u normaal vervuild wasgoed wilt wassen en
energie wilt besparen
Super snel: een erg korte cyclus voor licht bevuilde kle-
dingstukken die maar korte tijd zijn gebruikt of gedragen.
Toets Voorwas Als u deze optie kiest, voert de machine een voorwascyclus
uit voordat de hoofdwasfase begint. De wastijd zal worden
verlengd. Deze optie wordt aanbevolen voor sterk vervuild
wasgoed.
Toets Strijkvrij Als deze optie wordt geselecteerd, wordt het wasgoed be-
hoedzaam gewassen en gecentrifugeerd om kreuken te
voorkomen Op deze manier is strijken makkelijker. Boven-
dien zal de machine extra spoelgangen uitvoeren bij enkele
programma's Het maximale centrifugetoerental wordt auto-
matisch verlaagd bij katoenprogramma's
Toets Extra spoelen Dit apparaat is ontworpen om water te besparen. Als het
noodzakelijk is het wasgoed te spoelen met een extra hoe-
veelheid water (extra spoelgang), kiest u deze optie. De ma-
chine voert enkele extra spoelgangen uit. Deze optie wordt
aanbevolen voor personen die allergisch zijn voor wasmid-
delen en in gebieden waar het water erg zacht is.
Start-/pauzetoets Met deze toets kunt u het geselecteerde wasprogramma
starten of onderbreken.
NEDERLANDS 97
Controlelampje 'Deur ver-
grendeld'
Het controlelampje 3 gaat aan als het programma start en
geeft aan dat de deur kan worden geopend:
lampje aan: de deur kan niet geopend worden. De machi-
ne is in werking of is gestopt, maar er zit nog water in de
trommel.
lampje uit: de deur kan nu geopend worden. Het pro-
gramma is afgelopen of het water is weggepompt.
lampje knippert: de deur opent na een paar minuten.
Toets uitgestelde start De start van het hoofdwasprogramma kan met 30 min - 60
min - 90 min, 2 uur en vervolgens steeds met 1 uur tot een
maximum van 20 uur met deze toets worden uitgesteld.
NEDERLANDS 98
Display
10.1 10.2
De display toont de volgende informatie:
10.1
–Kinderslot.
Met deze optie kunt u het apparaat onbeheerd achter-
laten terwijl het werkt
10.2
Duur van het gekozen programma.
Nadat u een programma gekozen heeft, wordt de tijds-
duur in uren en minuten weergegeven (bijvoorbeeld
). De duur wordt automatisch berekend op basis
van de aanbevolen maximale lading voor elk type was-
goed. Na de start van het programma wordt de reste-
rende tijd elke minuut bijgewerkt.
Startuitstel.
Het gekozen uitstel, ingesteld met de betreffende toets,
wordt gedurende enkele seconden op het display weer-
gegeven, daarna verschijnt de duur van het eerder ge-
kozen programma De vertragingstijd neemt elk uur met
eenheden van een uur af, daarna, wanneer er nog 1
uur resteert, neemt de tijd af met eenheden van één mi-
nuut.
–Alarm codes.
Als de werking van de wasautomaat problemen ople-
vert, kunnen er alarmcodes worden aangegeven, bij-
voorbeeld
(zie hoofdstuk «Wat moet u doen
als...»)
Verkeerde optiekeuze.
Indien een optie gekozen is die niet compatibel is met
het ingestelde wasprogramma, wordt de melding Err
gedurende enkele seconden onder aan het display
weergegeven en begint het geïntegreerde rode lampje
van toets 5 te knipperen.
Einde programma.
Als het programma is afgelopen verschijnt er een knip-
perende nul op het display (
), het controlelampje 3
en het controlelampje van toets 5 gaan uit en de deur
kan geopend worden.
Het eerste gebruik
Zorg ervoor dat de elektrische aan-
sluiting en de wateraansluiting vol-
doen aan de installatie-instructies.
Verwijder het polystyreenblok en
evt. andere materialen uit de trom-
mel.
Laat, voordat u de machine voor de
eerste keer gebruikt, het katoenpro-
gramma op de hoogste temperatuur
draaien zonder wasgoed in de ma-
chine, zodat eventuele fabricageres-
ten uit de trommel en de kuip wor-
den verwijderd. Giet een halve
maatbeker wasmiddel in het vakje
NEDERLANDS 99
voor de hoofdwas en start de ma-
chine.
Aanpassing aan persoonlijke wensen
Geluidssignalen
De wasmachine is voorzien van een akoes-
tisch alarm, dat in de volgende gevallen te
horen zal zijn:
aan het einde van een cyclus
als er een storing is
Door voor ongeveer 6 seconden gelijktijdig
te drukken op 7 en 8 , wordt het geluidssig-
naal uitgeschakeld (behalve bij problemen
met de werking). Door nogmaals op deze 2
toetsen te drukken, wordt het geluidssig-
naal weer ingeschakeld
Kinderslot
Dankzij deze voorziening kunt u het appa-
raat onbeheerd laten, u hoeft zich dan
geen zorgen te maken dat kinderen ge-
wond raken of het apparaat schade toe-
brengen. Deze functie blijft ingeschakeld,
ook als de machine niet in werking is
Er zijn twee manieren om deze optie in te
stellen:
1. Voor het drukken op de toets 5: de ma-
chine kan niet gestart worden
2. Na drukken op de toets 5: ingestelde
programma's of opties kunnen niet ver-
anderd worden
Om deze optie in- of uit te schakelen tege-
lijkertijd gedurende ongeveer 6 seconden
op de toetsen 2 en 3 drukken tot het picto-
gram
verschijnt of verdwijnt.
Dagelijks gebruik
Open de deur.
Open de deur voorzichtig door de hand-
greep naar buiten te trekken
Wasgoed in de machine doen
Doe het wasgoed
stuk voor stuk in de
trommel; schud het
eerst zo goed mo-
gelijk uit.
Sluit de vuldeur
goed door de vul-
deur aan te druk-
ken.
Wasmiddel en wasverzachter doseren
1
Doe het wasmiddel
in het vak voor de
hoofdwas
of in
een ander vak als
het geselecteerde
programma/de op-
tie dit vereist (zie
voor meer informa-
tie 'Wasmiddeldo-
seervakje').
Zie voor de juiste
hoeveelheid was-
middel 'Graden van
waterhardheid'.
NEDERLANDS 100
2 Doe wasverzachter
in het bakje
(de
gebruikte hoeveel-
heid mag het
“MAX” teken in de
lade niet overschrij-
den).
Schuif de wasmiddellade er weer
voorzichtig in
Kies het gewenste programma met de
programmakeuzeknop (1)
Het apparaat staat nu aan. Het indicatie-
lampje van toets 5 gaat knipperen.
Aan het einde van het programma moet de
programmakeuzeknop op stand O worden
gezet om het apparaat uit te schakelen.
Zie voor de beschrijving van elke was-
cyclus, de mogelijke combinaties van
wasprogramma's en de opties, het hoofd-
stuk «Wasprogramma's.
Let op! Wanneer u de
programmakeuzeknop naar een ander
programma draait wanneer het apparaat
in bedrijf is, zal het rode controlelampje van
knop 5 3 keer knipperen en wordt de
meldingErr op het display weergegeven om
een onjuiste keuze aan te geven. De
machine zal het nieuw gekozen programma
niet uitvoeren.
Verlaag de centrifugesnelheid of kies Niet
centrifugeren of Spoelstop door te
drukken op toets 2
Wanneer het gewenste programma is ge-
kozen, stelt uw machine automatisch het
maximale centrifugetoerental voor dat pro-
gramma voor.
Druk herhaaldelijk op toets 2 om de centri-
fugesnelheid te veranderen, als u wilt dat
uw wasgoed op een andere snelheid wordt
gecentrifugeerd. Het desbetreffende lampje
licht op.
De beschikbare opties selecteren door op
toets 6, 7, 8 en 9 te drukken
Afhankelijk van het programma, kunnen er
verschillende functies gecombineerd wor-
den. Deze functies moeten geselecteerd
worden, nadat u het gewenste programma
gekozen heeft en voordat het programma
start.
Als deze toetsen worden ingedrukt, gaan
de bijbehorende indicatielampjes aan. Als
zij opnieuw worden ingedrukt, gaan de in-
dicatielampjes uit. Als er een verkeerde op-
tie wordt gekozen, knippert het geïnte-
greerde rode controlelampje van de toets 5
3 keer en wordt de melding Err getoond.
Zie voor de mogelijke combinaties van
wasprogramma's en opties hoofdstuk
'Wasprogramma's'.
Kies het Startuitstel met toets 4.
Druk als u de start wilt uitstellen voordat u
het programma start op deze toets om het
gewenste uitstel te selecteren.
De geselecteerde starttijd verschijnt een
paar seconden op het display, daarna ver-
schijnt de duur van het programma weer
U moet deze optie kiezen nadat u het pro-
gramma hebt ingesteld en voordat u het
programma start
U kunt de vertragingstijd te allen tijde an-
nuleren, voordat u drukt op toets 5.
De uitgestelde start kiezen:
1. Kies het programma en de gewenste
opties.
2. Kies het Startuitstel met toets 4.
3. Druk op de toets 5:
de machine begint de tijd af te tellen
in uren
Het programma zal beginnen als het
gekozen uitstel is afgelopen.
De uitgestelde start annuleren nadat u het
programma gestart heeft:
1. Zet de wasmachine op PAUZE door te
drukken op toets 5.
2. Druk eenmaal op toets 4. Op het dis-
play verschijnt
'.
3. Druk nogmaals op toets 5 om het pro-
gramma te starten.
NEDERLANDS 101
Het gekozen uitstel kan alleen wor-
den veranderd nadat u het waspro-
gramma opnieuw hebt gekozen.
De deur blijft gedurende het uitstel
vergrendeld. Als u de deur toch wilt
openen, moet u de wasmachine
eerst op PAUZE zetten door op toets
5 te drukken en een paar minuten te
wachten. Nadat u de deur weer ge-
sloten heeft drukt u weer op dezelf-
de toets.
De functie STARTUITSTEL kan niet
worden geselecteerd bij het af-
pompprogramma.
Start het programma door te drukken op
toets 5
Druk op deze toets om het geselecteerde
programma te starten. Het bijbehorende
groene controlelampje stopt met knipperen.
Het controlelampje 3 gaat branden om aan
te geven dat het apparaat begint te wer-
ken en dat de deur vergrendeld is.
Als u een uitgestelde start gekozen heeft,
begint de machine af te tellen.
Als een onjuiste optie is geselecteerd,
wordt de melding Err een paar secon-
den weergegeven en het rode controle-
lampje van de knop 5 knippert 3 keer.
Een optie of lopend programma wijzigen
Het is mogelijk om een optie te veranderen
voordat het programma deze uitvoert
Voordat u iets kunt veranderen, moet u de
wasautomaat laten pauzeren door op de
toets 5 te drukken.
U kunt een lopend programma alleen ver-
anderen door het te resetten Draai de pro-
grammakeuzeknop op O en daarna op de
stand van het nieuwe programma. Start het
nieuwe programma door nogmaals op
toets 5te drukken. Het water in de kuip zal
niet worden weggepompt
Een programma onderbreken
Druk op toets 5 om een lopend programma
te onderbreken. Het bijbehorende groene
indicatielampje begint te knipperen.
Druk nogmaals op de toets om het pro-
gramma opnieuw te starten
Een programma annuleren
Zet de programmakeuzeknop op O om een
lopend programma te annuleren.
U kunt nu een nieuw programma kiezen
De deur openen nadat het programma is
gestart
Zet de machine eerst op pauzeren door op
toets 5 te drukken.
Als controlelampje 3 knippert en enkele mi-
nuten later uit gaat, kan de deur geopend
worden
Als het controlelampje 3 aanblijft, betekent
dit dat de machine al aan het opwarmen is
of dat het waterniveau te hoog is. Probeer
in ieder geval de deur niet open te force-
ren!
Als u de deur niet kunt openen terwijl dit
toch nodig is, schakelt u de machine uit
door de keuzeknop op
te zetten. Na een
paar minuten kan de deur worden geo-
pend.
Nadat u de deur gesloten heeft, moet u het
programma opnieuw selecteren en op de
toets 5 drukken.
Let op! Let op het waterniveau en de
temperatuur!
aan het einde van het programma
De machine stopt automatisch. De knippe-
rende
verschijnt op het display, het con-
trolelampje van toets 3 en het controle-
lampje 5 gaat uit.
Als een programma of een optie is gekozen
waarbij water in de trommel achterblijft,
blijft het controlelampje 3 aan en blijft de
deur vergrendeld om aan te geven dat er
water weggepompt moet worden voordat
de deur geopend wordt.
Om het water weg te pompen
1.
Zet de programmakeuzeknop op
.
2. Kies het programma pompen of centri-
fugeren.
3. Verlaag indien nodig het centrifugetoe-
rental met de toets 2.
4. Druk op toets 5.
NEDERLANDS 102
Aan het einde van het programma wordt
de deur vrijgegeven en kan hij worden ge-
opend Draai de programmakeuzeknop op
om de machine uit te schakelen.
Verwijder het wasgoed uit de trommel en
controleer goed of de trommel leeg is. Als u
niet van plan bent om nog een was te doen,
sluit dan de waterkraan. Laat de deur open
staan om vorming van schimmel en onaan-
gename luchtjes te voorkomen.
Stand-by: als het programma is voltooid,
wordt na een paar minuten het energiebe-
sparende systeem ingeschakeld. De helder-
heid van het display wordt verlaagd. Door
op een willekeurige toets te drukken, haalt
u het apparaat uit de energiebesparende
stand.
Nuttige aanwijzingen en tips
De was sorteren
Houd u aan de wassymbolen op de etiket-
ten, waarvan elk kledingstuk voorzien is, en
de wasvoorschriften van de fabrikant. Sor-
teer het wasgoed als volgt wit, bont, syn-
thetisch, fijne was, wol
Vlekken verwijderen
De kans bestaat dat hardnekkige vlekken
niet kunnen worden verwijderd met alleen
water en wasmiddel Het is daarom aan te
bevelen vlekken eerst te behandelen alvo-
rens het kledingstuk te wassen
Bloed: behandel verse bloedvlekken met
koud water Laat opgedroogde vlekken een
nacht in water met een vlekkenverwijderaar
inweken; daarna de vlek met het sop uit-
wassen.
Verf op oliebasis: bevochtig de vlek met
wasbenzine, leg het kledingstuk op een
zachte doek en dep de vlek; meerdere ma-
len behandelen.
Opgedroogde vetvlekken: bevochtig de
vlek met terpentine, leg het kledingstuk op
een zacht oppervlak en dep de vlek met de
vingertoppen en een katoenen doek.
Roest: oxaalzuur opgelost in warm water of
een roestverwijderingsproduct dat koud
wordt gebruikt. Wees voorzichtig met oude
roestvlekken omdat de cellulosestructuur in
dat geval beschadigd zal zijn en de kans
groot is dat de vlek een gat wordt
Schimmelvlekken: behandel de vlek met
bleekmiddel; goed uitspoelen (alleen witte
en kleurechte weefsels).
Gras: licht inzepen en de vlek met bleek-
middel behandelen (alleen witte en kleur-
echte weefsels).
Balpeninkt en lijm: bevochtig met aceton
4)
,
leg het kledingstuk op een zachte doek en
dep de vlek.
Lippenstift: bevochtig de vlek met aceton
zoals hierboven, vervolgens de vlekken met
brandspiritus behandelen Behandel evt.
achtergebleven sporen met bleekmiddel
Rode wijn: laten inweken in water en was-
middel, uitspoelen en behandelen met
azijnzuur of citroenzuur, vervolgens uitspoe-
len. Behandel evt. achtergebleven sporen
met bleekmiddel
Inkt: bevochtig de stof afhankelijk van het
type inkt eerst met aceton
4)
, en dan met
azijnzuur; behandel evt. achtergebleven
sporen op wit textiel met bleekmiddel,
daarna grondig uitspoelen.
Teervlekken: eerst behandelen met vlekken-
verwijderaar, brandspiritus of wasbenzine,
vervolgens inwrijven met reinigingspasta.
Graden van waterhardheid
De hardheid van water wordt geclassifi-
ceerd in zogenaamde 'hardheidsgraden'.
Informatie over de hardheid van het water
in uw omgeving kan worden verkregen bij
het desbetreffende waterleidingbedrijf
4) (*) gebruik geen aceton op kunstzijde
NEDERLANDS 103
Kenmerk
Graden van waterhardheid
Duits °dH Frans °T.H
Zacht 0-7 0-15
Rosé 8-14 16-25
Hard 15-21 26-37
Erg hard > 21 > 37
Een waterontharder moet worden toegevoegd als het water een gemiddeld-hoge
hardheidsgraad heeft. Volg de instructies van de fabrikant op. De hoeveelheid was-
middel kan altijd worden aangepast (verlaagd) aan de hardheidsgraad.
Afwasprogramma's
Controleer altijd de wasvoorschriften in het etiket van uw kleding en selecteer op basis
hiervan een wasprogramma.
Programma/
Temperatuur
Kenmerk
wassen
Cyclus-
Beschrijving
Max. belading
Gered. Lading
1)
Beschikbaar
Opties
Wasmiddel
Vakje
KATOEN
90°-60°
Voor wit katoen
(sterk-normaal ver-
vuild wasgoed).
Hoofdwas
Spoelen
Max. laat-
ste centrifu-
ge bij 1600
tpm
7 kg
3.5 kg
1)
Centrifuge-
ren
Niet centri-
fugeren
Spoelstop
Eco
2)
Supersnel
Voorwas
Strijkvrij
Extra Spoe-
len
3)
KATOEN
40°-30°-
Koud
Bont katoen (nor-
maal-licht vervuild
wasgoed).
Hoofdwas
Spoelen
Max. laat-
ste centrifu-
ge bij 1600
tpm
7 kg
3.5 kg
1)
Centrifuge-
ren
Niet centri-
fugeren
Spoelstop
Eco
2)
Supersnel
Voorwas
Strijkvrij
Extra Spoe-
len
3)
NEDERLANDS 104
Programma/
Temperatuur
Kenmerk
wassen
Cyclus-
Beschrijving
Max. belading
Gered. Lading
1)
Beschikbaar
Opties
Wasmiddel
Vakje
SYNTHETICA
60°-40°-30°-
Koud
Synthetische of ge-
mengde stoffen: on-
dergoed, gekleurde
kledingstukken,
krimpvrije overhem-
den, blouses.
Hoofdwas
Spoelen
Max. laat-
ste centrifu-
ge bij 900
tpm
3.5 kg
2 kg
1)
Centrifuge-
ren
Niet centri-
fugeren
Spoelstop
Eco
2)
Supersnel
Voorwas
Strijkvrij
Extra Spoe-
len
3)
FIJNE WAS
40°-30°-
Koud
Fijne was: bijvoor-
beeld vitrages.
Hoofdwas
Spoelen
Max. laat-
ste centrifu-
ge bij 700
tpm
3.5 kg
2 kg
1)
Niet centri-
fugeren
Spoelstop
Supersnel
Voorwas
Extra Spoe-
len
3)
HANDWAS
30° - Koud
Speciaal programma
voor fijne weefsels
voorzien van het
symbool 'handwas'.
Hoofdwas
Spoelen
Max. laat-
ste centrifu-
ge bij 900
tpm
2 kg
Centrifuge-
ren
Niet centri-
fugeren
Spoelstop
WOL
40°
Speciaal programma
voor wollen kleding-
stukken met het label
'zuiver wol, anti-
krimp, wasbaar in de
machine'.
Hoofdwas
Spoelen
Max. laat-
ste centrifu-
ge bij 900
tpm
2 kg
Centrifuge-
ren
Niet centri-
fugeren
Spoelstop
JEANS
40°
Met dit programma
is het mogelijk om
kleding te wassen
zoals broeken, over-
hemden of jacks van
spijkerstof en truien
die uit hi-tech-mate-
rialen bestaan
Hoofdwas
Spoelen
Max. laat-
ste centrifu-
ge bij 900
tpm
3.5 kg
Centrifuge-
ren
Niet centri-
fugeren
Spoelstop
Voorwas
Extra spoe-
len
4)
3)
NEDERLANDS 105
Programma/
Temperatuur
Kenmerk
wassen
Cyclus-
Beschrijving
Max. belading
Gered. Lading
1)
Beschikbaar
Opties
Wasmiddel
Vakje
INWEKEN
5)
30°
Speciaal programma
voor zwaar vervuild
wasgoed. Het appa-
raat voert een in-
weekfase uit op 30°
C. Na afloop van de
inweektijd stopt het
apparaat automa-
tisch, met het water
nog in de trommel.
Voer het water af
voordat u een nieuw
wasprogramma
start.
Voorwas
Gedurende
ongeveer
40 minuten
Stop met
water in de
kuip
7 kg
3)
SPOELEN Met dit programma
is het mogelijk om
katoenen kleding-
stukken die met de
hand gewassen zijn,
uit te spoelen en te
centrifugeren. De
machine voert enkele
spoelgangen uit, ge-
volgd door een laat-
ste centrifugegang.
De centrifugesnel-
heid kan verlaagd
worden.
Spoelen
Max. laat-
ste centrifu-
ge bij 1600
tpm
7 kg
Centrifuge-
ren
Niet centri-
fugeren
Spoelstop
Strijkvrij
Extra Spoe-
len
POMPEN Om het laatste
spoelwater af te
voeren bij program-
ma's met de Spoel-
stop-optie.
Water weg-
pompen
7 kg
NEDERLANDS 106
Programma/
Temperatuur
Kenmerk
wassen
Cyclus-
Beschrijving
Max. belading
Gered. Lading
1)
Beschikbaar
Opties
Wasmiddel
Vakje
CENTRIFUGE-
REN
Aparte centrifuge-
gang voor kleding-
stukken die met de
hand gewassen zijn
en na programma's
met de Spoelstop-
optie U kunt de snel-
heid met behulp van
de betreffende toets
aanpassen aan de
stoffen die gecentri-
fugeerd moeten wor-
den.
Max. laat-
ste centrifu-
ge bij 1600
tpm
7 kg
Centrifuge-
ren
1) Als u de optie SUPER SNEL kiest, adviseren wij u de maximale belading te beperken, zoals aangegeven. (Gered.
lading = gereduceerde lading). Maximale belading is wel mogelijk, maar de wasresultaten zullen minder goed zijn.
2) Deze optie is niet actief bij een temperatuur lager dan 40°.
3) Als u gebruik maakt van vloeibaar wasmiddel, kan er geen programma met VOORWAS geselecteerd worden.
4) De optie EXTRA SPOELEN wordt automatisch geactiveerd.
5) Raadpleeg de paragraaf over de wasmiddellade voor het gieten van wasmiddel voor het inweekprogramma.
Verbruikswaarden
Programma
1)
Energieverbruik (kWh)
2)
Waterverbruik (li-
ter)
2)
Witte katoen 90° C 2.1 62
Katoen 60 °C 1.35 58
Katoen 40 °C 0.75 58
Synthetische stoffen 40 °C 0.55 51
Fijne was 40 °C 0.55 63
Wol/Handwas 30 °C 0.25 58
1) Raadpleeg het display voor de programmatijd.
2) De consumptiegegevens die in dit overzicht worden weergegeven, zijn indicatief. De gegevens kunnen verschillen,
afhankelijk van de hoeveelheid, het type wasgoed, de temperatuur van de watertoevoer en de
omgevingstemperatuur.
NEDERLANDS 107
Standaardprogramma's voor de
Energielabel verbruikswaarden
De katoen 60 °C eco en katoen 40 °C eco
zijn de standaard katoenprogramma's voor
normaal vervuilde katoenen was. Ze zijn
geschikt voor het wassen van normaal ver-
vuilde katoenen was en het zijn zeer effi-
ciënte programma's voor gecombineerd
energie- en waterverbruik voor het wassen
van dat type katoenen was.
Overeenkomstig EN60456.
De daadwerkelijke watertemperatuur
kan verschillen van de vermelde cy-
clustemperatuur.
Onderhoud en reiniging
Waarschuwing! Schakel het apparaat
uit voordat u reinigings- of
onderhoudswerkzaamheden uitvoert.
Onderhoudswasbeurt
Bij wasbeurten op lage temperaturen is het
mogelijk dat er aanslag aan de binnenkant
van de trommel blijft zitten
Wij raden u daarom aan regelmatig een
onderhoudswasbeurt uit te voeren
Ga als volgt te werk
Moet de trommel leeg zijn
Moet u het heetste wasprogramma voor
katoen kiezen
Gebruik een normale hoeveelheid was-
middel, dit moet waspoeder zijn met bio-
logische eigenschappen
De wasmiddellade en de uitsparing
schoonmaken
1
Verwijder de lade
door de vergrende-
ling naar beneden
te drukken en de la-
de naar buiten te
trekken.
2 Om het schoonma-
ken te vergemakke-
lijken kan het bo-
venste gedeelte
van het vakje voor
nabehandelings-
middelen verwij-
derd worden.
3
Met een borsteltje
kunt u de uitsparing
schoonmaken en al-
le resten waspoe-
der verwijderen.
4
Spoel de lade af
onder een kraan
om eventuele resten
waspoeder te ver-
wijderen.
NEDERLANDS 108
5 Gebruik het borstel-
tje om de uitsparing
schoon te maken,
zo zorgt u er voor
dat alle resten was-
poeder verwijderd
worden van de bo-
ven en onderkant
van de uitsparing.
Plaats de lade na
het schoonmaken
weer terug in de
uitsparing en een
laat een spoelpro-
gramma lopen zon-
der wasgoed in de
trommel om eventu-
ele resten te verwij-
deren.
De pomp schoonmaken
Ga hiervoor als volgt te werk:
1
Open het pompdeurtje.
Plaats een bak onder de uitsparing van
de afvoerpomp om het uitstromende wa-
ter op te vangen.
2
Druk de twee hendels in en trek het af-
voerkanaal naar voren om het water eruit
te laten stromen.
3
Als de bak vol met water is, duwt u het af-
voerkanaal terug en leegt u de bak. Her-
haal stap 3 en 4 tot er geen water meer
uit de afvoerpomp stroomt.
4
1
2
Duw het afvoerkanaal terug.
Schroef het filter los en verwijder het.
5
Verwijder stof en voorwerpen uit de
pomp.
NEDERLANDS 109
6
Zorg dat het schoepenrad op de juiste
wijze kan draaien. Als dit
niet lukt, neem dan contact op met de ser-
vice-afdeling.
7
2
1
Reinig het filter onder de waterkraan en
plaats het terug in de speciale geleiders
van de pomp.
Zorg ervoor dat het filter stevig vastzit om
waterlekkage te voorkomen.
8
Sluit het pompdeurtje.
De watertoevoerfilters schoonmaken
Als het apparaat niet met water wordt ge-
vuld of als het lang duurt voordat het water
wordt gevuld, gaat het indicatielampje van
de startknop rood knipperen. Controleer of
de watertoevoerfilters geblokkeerd zijn (zie
hoofdstuk "Wat te doen als..." voor meer in-
formatie).
Ga hiervoor als volgt te werk:
1
Draai de water-
kraan dicht.
•Schroef de slang
van de kraan.
Reinig het zeefje
in de slang met
een harde bor-
stel.
•Schroef de wa-
tertoevoerslang
weer op de
kraan.
2
Schroef de slang van de machine. Houd
een oude doek bij de hand om eventu-
eel gemorst water te kunnen opvegen.
Maak het filter in de klep schoon met
een stevige borstel of met een doek.
3
35°
45°
Draai de toe-
voerslang aan de
achterkant van
het apparaat
naar links of
rechts om de in-
stallatie te verge-
makkelijken.
Plaats de sluit-
moer op de juiste
manier om wa-
terlekkage te
voorkomen.
Draai de water-
kraan open.
NEDERLANDS 110
Voorzorgsmaatregelen bij vorst
Als de machine is geïnstalleerd in een ge-
bied waar de temperatuur lager is dan 0°C,
dan dient u het resterende water uit de af-
voerslang en de afvoerpomp te verwijde-
ren.
1. Trek de stekker uit het stopcontact.
2. Draai de waterkraan dicht.
3. schroef de watertoevoerslang los van
de kraan;
4. Plaats de twee uiteinden van de toe-
voerslang in een bak en laat het water
uit de slang stromen.
5. Laat de afvoerpomp leeglopen zoals
beschreven in het gedeelte ‘Water af-
voeren in een noodgeval’.
6. Als de afvoerpomp leeg is, installeert u
de toevoerslang opnieuw.
Waarschuwing! Zorg ervoor dat de
temperatuur hoger is dan 0°C voordat
u het apparaat opnieuw gebruikt.
De fabrikant is niet verantwoordelijk voor
schade die door lage temperaturen is ver-
oorzaakt.
Machine legen in geval van nood
Ga, als het water niet wordt afgevoerd, als
volgt te werk om de machine leeg te laten
lopen:
1. trek de stekker uit het stopcontact
2. Draai de waterkraan dicht.
3. Wacht zo nodig totdat het water is af-
gekoeld.
4. open het pompdeurtje;
5. Plaats een bak op de vloer onder de
uitsparing van de afvoerpomp
6. Druk de twee hendels in en trek het af-
voerkanaal naar voren om het water
eruit te laten stromen
7. Als de bak vol met water is, duwt u het
afvoerkanaal terug en leegt u de bak
Herhaal deze procedure totdat er geen
water meer uit de slang komt
8. Reinig de pomp indien nodig (zie het
gedeelte ‘Pomp reinigen’ )
9. Sluit het afvoerpompdeurtje.
Als u het water afvoert met de noodafvoer-
procedure, dient u het afvoersysteem op-
nieuw te activeren:
1. Giet 2 liter water in het vakje voor het
hoofdwasmiddel van de wasmiddeldo-
seerlade.
2. Start het programma om water af te
voeren.
Problemen oplossen
Het apparaat start niet of stopt niet tijdens
de werking.
Probeer eerst het probleem zelf op te los-
sen (zie tabel). Neem indien dit niet lukt
contact op met de service-afdeling.
Bij sommige problemen werken de
geluidssignalen en toont de display een
alarmcode:
- Het apparaat wordt niet gevuld
met water.
- Het apparaat pompt geen water
weg.
- De deur is open of niet goed ge-
sloten.
Waarschuwing! Schakel het apparaat uit voordat u de controles uitvoert.
NEDERLANDS 111
Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing
De machine
wordt niet met
water gevuld:
De waterkraan is dicht. Draai de waterkraan open.
De toevoerslang is bekneld of ge-
knikt.
Controleer de aansluiting van de
watertoevoerslang.
Het filter in de toevoerslang of het
inlaatklepfilter is verstopt.
Reinig de watertoevoerfilters. (Zie
"Watertoevoerfilters reinigen"
voor meer informatie)
De waterkraan is verstopt of aan-
gezet met kalkaanslag.
Maak de waterkraan schoon.
De aansluiting van de watertoe-
voerslang is niet correct.
Controleer de aansluiting van de
watertoevoerslang.
De waterdruk is te laag. Neem contact op met het waterlei-
dingbedrijf.
De deur is niet goed gesloten. Doe de deur stevig dicht.
Het apparaat
pompt geen
water weg:
De afvoerslang is bekneld of ge-
knikt.
Controleer de aansluiting van de
afvoerslang.
Het afvoerfilter is verstopt. Maak het afvoerfilter schoon.
De aansluiting van de wateraf-
voerslang is niet correct.
Controleer de aansluiting van de
afvoerslang.
Er is een optie of programma ge-
kozen waarbij het water in de
trommel niet wordt weggepompt
of een programma dat alle spoel-
fasen annuleert.
Kies het programma pompen of
centrifugeren.
De deur is open
of niet goed
gesloten.
Doe de deur stevig dicht.
De machine
start niet:
De stekker zit niet goed in het
stopcontact.
Steek de stekker in het stopcon-
tact.
Er staat geen spanning op het
stopcontact.
Controleer de elektrische installa-
tie in uw woning.
De hoofdzekering is doorgebrand. Vervang de zekering.
De programmakeuzeknop is niet
goed ingesteld en er is niet op
toets 5 gedrukt.
Draai de keuzeknop en druk nog-
maals op toets 5.
De uitgestelde start is gekozen. Als het wasgoed meteen gewas-
sen moet worden, annuleert u de
uitgestelde start.
Het kinderslot is geactiveerd. Het kinderslot uitschakelen.
NEDERLANDS 112
Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing
Het centrifuge-
ren begint
traag of de
machine centri-
fugeert niet:
De elektronische voorziening voor
onbalansdetectie is ingeschakeld
omdat het wasgoed niet gelijkma-
tig in de trommel is verdeeld. Het
wasgoed wordt opnieuw verdeeld
doordat de machine de trommel in
tegenovergestelde richting rond-
draait. Dit kan verschillende keren
nodig zijn voordat de verkeerde
balans verdwijnt en het normale
centrifugeren kan worden hervat.
Als het wasgoed na 10 minuten
nog steeds niet gelijkmatig in de
trommel is verdeeld, zal de machi-
ne niet centrifugeren.
Herverdeel de lading met de hand
of voeg wat wasgoed toe en kies
dan het programma centrifugeren.
Er ligt water op
de vloer:
Er is te veel of een verkeerd was-
middel gebruikt (te veel schuimvor-
ming).
Verminder de hoeveelheid was-
middel of gebruik een ander mid-
del.
Controleer of een van de koppe-
lingen van de toevoerslang lekka-
ge vertoont. Dit is niet altijd ge-
makkelijk te zien, omdat het water
langs de slang naar beneden
loopt; controleer of de slang voch-
tig is.
Controleer de aansluiting van de
watertoevoerslang.
De afvoer- of toevoerslang is be-
schadigd.
Vervang de slang (vraag de klan-
tenservice naar het juiste reser-
veonderdeelnummer).
Het filter is niet goed vastge-
schroefd na reiniging.
Schroef het filter weer helemaal
vast.
De deur gaat
niet open:
Het wasprogramma loopt nog. Wacht tot het wasprogramma is
afgelopen.
De deur is niet ontgrendeld. Wacht een paar minuten tot het
controlelampje uitgaat.
Er staat water in de trommel. Kies het programma pompen of
centrifugeren om het water af te
voeren.
Het apparaat
maakt een ab-
normaal geluid
De transportbouten en het verpak-
kingsmateriaal zijn niet verwijderd.
Controleer of de machine correct
geïnstalleerd is.
De steunvoetjes zijn niet afgesteld. Controleer of de machine goed
waterpas staat.
NEDERLANDS 113
Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing
De afvoerpomp kan geblokkeerd
zijn.
Controleer de afvoerpomp. (Zie
'Pomp reinigen' voor meer infor-
matie).
Onbevredigen-
de wasresulta-
ten:
Er is te weinig of een verkeerd
wasmiddel gebruikt.
Gebruik meer wasmiddel of ge-
bruik een ander middel.
Hardnekkige vlekken zijn niet voor
aanvang van het wassen behan-
deld.
Gebruik normaal in de handel ver-
krijgbare producten om hardnekki-
ge vlekken te behandelen.
De juiste temperatuur is niet geko-
zen.
Controleer of u de juiste tempera-
tuur hebt gekozen.
Te veel wasgoed in de trommel. Verminder de hoeveelheid was-
goed volgens de 'Tabel waspro-
gramma's'.
Schakel na de controle het apparaat in en
drukt u de toets 5 om het programma weer
te starten.
Als de storing opnieuw verschijnt, neemt u
contact op met de klantenservice.
De benodigde gegevens voor de service-
afdeling staan op het typeplaatje. Wij advi-
seren u ze hier te noteren:
Modelbeschrijving
(MOD): .....................
21552
© Inter IKEA Systems B.V. 1999
Made In Italy
000.000.00
Productnummer (PNC): ...........................
Serienummer (S.N.): ...............................
Technische gegevens
Afmeting Breedte (cm) 59,6
Hoogte (cm) 84,5
Diepte (cm) 63,6 max.
Leidingwaterdruk
1)
Minimaal
Maximaal
0,5 bar (0,05 MPa)
8 bar (0,8 MPa)
Katoen max. belading (kg) 7
Max. centrifugesnelheid
(tpm)
1600
NEDERLANDS 114
Energieklasse A++
Afwasklasse A
Centrifugeklasse A
Geluid wassen (dB(A)) 55
Geluid centrifugeren (dB(A)) 79
Gemiddeld jaarlijks ener-
gieverbruik (kWh)
2)
210
Gemiddeld jaarlijks water-
verbruik (liter)
2)
9000
1) Als de waterleidingsdruk in uw woonplaats hoger of lager is, neem dan contact op met de klantenservice.
2) De gegevens zijn gebaseerd op het wasprogramma voor testinstituten, waarbij uitgegaan wordt van 200 cycli per
jaar.
Informatie over de elektrische aansluiting, de spanning en het vermogen staat op het
typeplaatje op de binnenrand van de deur.
Montage
Let op! Zie de montage-instructies om
door te gaan met de installatie.
Waarschuwing! Zorg dat de stekker
tijdens de installatie niet is
aangesloten
Als reparatie noodzakelijk is, moet het ap-
paraat gemakkelijk toegankelijk zijn voor
de reparateur. Zet het apparaat naast een
waterkraan en een afvoer.
Watertoevoer
1
Sluit de slang aan
op een kraan met
3/4"-schroefdraad.
2
35°
45°
Draai de toevoers-
lang naar links of
rechts voor de in-
stallatie. Plaats de
sluitmoer op de juis-
te manier om wa-
terlekkage te voor-
komen.
Let op! Bevestig de toevoerslang niet
naar beneden gericht
De toevoerslang mag niet worden ver-
lengd Als de slang te kort is en u de
kraan niet wilt verplaatsen, zult u een nieu-
we, langere slang moeten kopen die speci-
aal voor dit doel is gemaakt
NEDERLANDS 115
Waterafvoer
A
Verwijder het kunst-
stofmembraan (A)
als u de wateraf-
voerslang aan een
sifon onder de
gootsteen aansluit.
Als u het membraan
niet verwijdert, kun-
nen wasmiddelres-
ten en kledingplui-
zen een verstop-
ping in de slang
veroorzaken.
Let op! Zorg er voor dat de water-
koppelingen stevig vast zitten om
waterlekkage te voorkomen.
De afvoerslang kan verlengd worden
tot een maximum van 4 meter Een ex-
tra afvoerslang en koppelstuk is verkrijg-
baar bij de Klantenservice bij u in de buurt
Aansluiting aan het elektriciteitsnet
Dit apparaat moet geaard worden.
Zorg er voor dat de elektrische informatie
op het typeplaatje overeenkomt met de
stroomtoevoer in uw huis.
Gebruik altijd een correct geïnstalleerd
schokvrij stopcontact.
Gebruik geen meerwegsstekkers, -aan-
sluitingen en verlengkabels. Er kan brand
ontstaan.
Vervang of wijzig de hoofdkabels niet
zelf. Neem contact op met de klantenser-
vice.
•Verzeker u ervan dat de hoofdstekker en
de kabel niet platgedrukt of beschadigd
worden door de achterkant van het ap-
paraat.
Zorg ervoor dat de hoofdstekker na in-
stallatie toegankelijk is.
Trek niet aan het snoer om het apparaat
los te koppelen van de netvoeding. Trek
altijd aan de stekker.
Dit apparaat voldoet aan de EU-richtlij-
nen.
Milieubescherming
Het symbool op het product of op de
verpakking wijst erop dat dit product niet
als huishoudafval mag worden behandeld,
maar moet worden afgegeven bij een
verzamelpunt waar elektrische en
elektronische apparatuur wordt gerecycled.
Als u ervoor zorgt dat dit product op de
juiste manier wordt verwijderd, voorkomt u
mogelijke negatieve gevolgen voor mens
en milieu die zich zouden kunnen voordoen
in geval van verkeerde afvalverwerking.
Voor gedetailleerdere informatie over het
recyclen van dit product, kunt u contact
opnemen met de gemeente, de
gemeentereiniging of de winkel waar u het
product hebt gekocht.
Verpakkingsmaterialen
De materialen met het symbool
kunnen
gerecycled worden. Gooi de verpakking in
een geschikte verzamelcontainer om het te
recyclen.
Afvalverwerking van het apparaat
Om lichamelijk letsel of schade te voorko-
men:
Trek de stekker uit het stopcontact.
NEDERLANDS 116
Snijd het netsnoer door en gooi het
weg.
Verwijder de deurvergrendeling. Dit
voorkomt dat kinderen of kleine huis-
dieren in het apparaat opgesloten ra-
ken. Er bestaat gevaar voor verstik-
king.
IKEA GARANTIE
Hoe lang is de garantie van IKEA geldig?
Deze garantie is vijf (5) jaar geldig vanaf
de oorspronkelijke datum van aankoop van
uw apparaat bij IKEA, tenzij het apparaat
van het merk LAGAN is, dan geldt een ga-
rantieperiode van twee (2) jaar. De origine-
le kassabon is nodig als aankoopbewijs. Als
er tijdens de garantieperiode werkzaamhe-
den worden uitgevoerd, wordt de garantie-
periode van het apparaat niet verlengd,
dat geldt ook voor de nieuwe onderdelen.
Welke apparatuur valt niet onder de vijf
(5) jaar garantie van IKEA?
De apparaten van het merk LAGAN en alle
apparaten die gekocht zijn vóór 1 augustus
2007.
Wie zal de service uitvoeren?
De IKEA servicedienst zal de service uitvoe-
ren via het eigen bedrijf of het erkende ser-
vicepartnernetwerk.
Wat valt er onder de garantie?
De garantie dekt storingen van het appa-
raat, die veroorzaakt zijn door verkeerde
constructie of materiaalfouten vanaf de
aankoopdatum bij IKEA. Deze garantie is
uitsluitend van toepassing bij huishoudelijk
gebruik. De uitzonderingen worden onder
de hoofding “Wat valt er niet onder deze
garantie?” gespecificeerd. Binnen de ga-
rantieperiode worden er geen kosten om
de storing te verhelpen aangerekend,
d.w.z. reparaties, onderdelen, arbeidsloon
en transport, op voorwaarde dat het appa-
raat toegankelijk is voor reparatie zonder
speciale kosten en dat het defect betrek-
king heeft op verkeerde constructie of ma-
teriaalfouten die onder de garantie vallen.
Op deze voorwaarden zijn de EG-richtlij-
nen (Nr. 99/44/EG) en de respectievelijke
plaatselijke voorschriften van toepassing.
Vervangen onderdelen worden het eigen-
dom van IKEA.
Wat zal IKEA doen om het probleem op te
lossen?
De door IKEA aangestelde servicedienst zal
het product onderzoeken en bepalen, dit
uitsluitend ter eigen beoordeling, of het ge-
dekt wordt door deze garantie. Als het ge-
dekt blijkt te zijn, zal de IKEA servicedienst
of de erkende servicepartner dan via het
eigen bedrijf, uitsluitend ter eigen beoorde-
ling, ofwel het defecte product repareren of
het vervangen door hetzelfde of een verge-
lijkbaar product.
Wat valt er niet onder deze garantie?
•Normale slijtage.
NEDERLANDS 117
Opzettelijk aangebrachte schade of
schade door verwaarlozing, schade ver-
oorzaakt door het niet opvolgen van de
bedieningshandleiding, onjuiste installa-
tie of aansluiting op een verkeerd volta-
ge, schade veroorzaakt door chemische
of elektro-chemische reactie, roest, corro-
sie of waterschade, maar niet beperkt tot
schade veroorzaakt door overmatig kalk-
gehalte van de watertoevoer, schade
veroor zaakt door abnormale omge-
vingsomstandigheden.
Verbruiksonderdelen, met inbegrip van
batterijen en lampjes.
Niet-functionele en decoratieve onderde-
len die niet van invloed zijn op het nor-
male gebruik van het apparaat, inclusief
eventuele krassen en mogelijke kleurver-
schillen.
Onvoorziene schade veroorzaakt door
vreemde voor-werpen of stoffen en het
reinigen of deblokkeren van filters, af-
voersystemen of wasmiddellades.
Schade aan de volgende onderdelen:
glaskeramiek, accessoires, serviesgoed
en bestekmandjes, toevoer- en afvoerpij-
pen, afdichtingen, lampen en lampen-
kapjes, schermen, knoppen, behuizingen
en gedeeltes van behuizingen, tenzij kan
worden aangetoond dat deze veroor-
zaakt zijn door fabricagefouten.
Gevallen waarbij geen storing geconsta-
teerd kon worden tijdens het bezoek van
een technicus.
Reparaties die niet zijn uitgevoerd door
onze aange-stelde servicediensten en/of
een erkende contractuele servicepartner
of wanneer er niet-originele onderdelen
gebruikt zijn.
Reparaties die veroorzaakt zijn door in-
stallatie die verkeerd of niet in overeen-
stemming met de specificatie is uitge-
voerd.
Gebruik van het apparaat in niet-huis-
houdelijke omgeving d.w.z. professioneel
gebruik.
Transportschade. Indien het apparaat
door een klant naar zijn huis of een an-
der adres vervoert, kan IKEA niet aan-
sprakelijk gesteld worden voor eventuele
transportschade. Indien IKEA het appa-
raat aflevert op het door de klant aange-
geven adres, dan is eventuele schade die
ontstaan is tijdens de aflevering gedekt
door de garantie.
Kosten voor de uitvoering van de instal-
latie van het IKEA-apparaat. Indien de
IKEA servicedienst of de erkende service-
partner het apparaat, binnen de voor-
waarden van deze garantie, repareert of
vervangt, zal de servicedienst of de er-
kende servicepartner, indien nodig, het
gerepareerde apparaat of het vervan-
gende apparaat installeren.
Deze beperking is niet van toepassing op
foutloze werkzaamheden uitgevoerd door
een gekwalificeerd specialist met gebruik
van onze originele onderdelen teneinde het
apparaat aan te passen aan de technische
veiligheidsspecificaties van een ander EU-
land.
Hoe zijn de landelijke wetten van
toepassing
De garantie van IKEA geeft u specifieke
wettelijke rechten, die op zijn minst voldoen
aan alle plaatselijke wettelijke eisen die per
land verschillend zijn.
Gebied van geldigheid
Voor apparaten die in een EU-land zijn
aangeschaft en meegenomen worden naar
een ander EU-land, zal de dienstverlening
uitgevoerd worden in het kader van de ga-
rantievoorwaarden die in het nieuwe land
gebruikelijk zijn. Een verplichting om dien-
sten te verlenen in het kader van de garan-
tie bestaat uitsluitend als:
het apparaat en de installatie ervan vol-
doen aan de technische specificaties van
het land waarin aanspraak gemaakt
wordt op de garantie;
het apparaat en de installatie ervan in
overeen-stemming zijn met de montage-
instructies en de veiligheidsinformatie die
in de gebruikershandleiding staan.
NEDERLANDS 118
De speciale Klantenservice voor
apparaten van IKEA:
Aarzel alstublieft niet om contact op te ne-
men met de speciale IKEA Klantenservice
om:
1. een beroep te doen op deze garantie;
2. uitleg te vragen over de installatie van
het IKEA appa-raat in het daarvoor
bedoelde keukenmeubel van IKEA. De
service geeft u geen uitleg met betrek-
king tot:
de volledige installatie van uw IKEA
keuken;
–aansluitingen op het elektriciteitsnet
(als het appa-raat geleverd wordt
zonder stekker en kabel), op de wa-
ter- en gasleiding, want dit moet ge-
daan worden door een erkend in-
stallateur.
3. uitleg te vragen over de gebruikers-
handleiding en de specificaties van het
IKEA apparaat.
Om ervoor te zorgen dat wij u de beste ser-
vice verlenen, verzoeken wij u de montage-
instructies en/of de gebrui- kershandleiding
in dit boekje zorgvuldig te lezen voordat u
contact met ons opneemt.
Hoe kunt u ons bereiken als u hulp nodig
hebt
Op de laatste pagina van deze handlei-
ding vindt u de volledige lijst van door IKEA
erkende servicebedrijven met de bijbeho-
rende nationale telefoonnummers.
Belangrijk! Om u sneller van dienst te
kunnen zijn, advi-seren wij u de specifieke
telefoonnummers te bellen die aan het eind
van deze handleiding vermeld zijn. Gebruik
altijd de telefoon-nummers die in het
boekje staan van het apparaat waarvoor u
assistentie nodig heeft. Zorg ervoor dat u
het artikelnummer (8 cijfers) van het IKEA
apparaat bij de hand hebt, voordat u ons
belt om assistentie te vragen.
Belangrijk! BEWAAR DE KASSABON!
Dit is uw aankoopbewijs en nodig om de
garantie te doen gelden. Op de kassabon
staat ook de naam van het IKEA artikel en
het nummer (8 cijfers) voor elk apparaat
dat u gekocht heeft.
Hebt u meer hulp nodig?
Neem, voor alle andere vragen die geen
betrekking hebben op de service voor ap-
paraten, contact op met het call center van
de dichtstbijzijnde vestiging van IKEA. Wij
raden u aan de documentatie van het ap-
paraat zorgvuldig te lezen voordat u con-
tact met ons opneemt.
NEDERLANDS 119

Documenttranscriptie

NEDERLANDS 92 Inhoud Veiligheidsinformatie Beschrijving van het product Bedieningspaneel Het eerste gebruik Aanpassing aan persoonlijke wensen Dagelijks gebruik Nuttige aanwijzingen en tips Afwasprogramma's 92 95 96 99 100 100 103 104 Verbruikswaarden Onderhoud en reiniging Problemen oplossen Technische gegevens Montage Aansluiting aan het elektriciteitsnet Milieubescherming IKEA GARANTIE 107 108 111 114 115 116 116 117 Wijzigingen voorbehouden Veiligheidsinformatie Lees voor uw eigen veiligheid en correcte werking van het apparaat eerst deze handleiding aandachtig door, alvorens het apparaat te installeren en te gebruiken. Bewaar deze instructies altijd bij het apparaat, zelfs wanneer u het verplaatst of verkoopt. Gebruikers moeten volledig op de hoogte zijn van de bediening en veiligheidsfuncties van het apparaat. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor schade die door onjuiste installatie en onjuist gebruik veroorzaakt is. Veiligheid van kinderen en kwetsbare mensen • Mensen, met inbegrip van kinderen, met beperkte lichamelijke, zintuiglijke of verstandelijke vermogens of gebrek aan ervaring en kennis, mogen dit apparaat niet gebruiken. Zij moeten onder toezicht staan of instructies krijgen over het gebruik van dit apparaat van iemand die verantwoordelijk is voor hun veiligheid. • Houd alle verpakkingsmateriaal buiten het bereik van kinderen. Er bestaat een gevaar voor verstikking. • Bewaar alle afwasmiddelen op een veilge plaats. Laat kinderen de afwasmiddelen niet aanraken. • Zorg ervoor dat kinderen of huisdieren niet in de trommel kunnen klimmen Controleer de trommel vóór gebruik. Dit apparaat heeft hij een speciale functie om te voorkomen dat kinderen of huisdieren binnen in deze machine vast komen te zitten. Om deze functie te activeren draait u de knop (zonder deze in te drukken) aan de binnenkant van de deur naar rechts tot de groef horizontaal staat. Gebruik zo nodig een muntstuk Om deze functie uit te schakelen en de mogelijkheid te herstellen om de deur te sluiten, draait u de knop naar links tot de groef verticaal staat. Algemene veiligheid • Verander de specificaties van dit product niet en wijzig het niet Risico op letsel en beschadiging van het apparaat. NEDERLANDS • Als de machine in de winter wordt afgeleverd, als de temperatuur onder nul is, zet de wasmachine dan 24 uur in een ruimte met kamertemperatuur voordat u hem in gebruik neemt. Lees het hoofdstuk 'Bevriezingsgevaren'. • Dit apparaat is bedoeld voor gebruik bij normale kamertemperatuur. Fabrikant is niet verantwoordelijk voor bevriezingsschade. • Trek na gebruik, reiniging en onderhoud van de machine altijd de stekker uit het stopcontact en draai de kraan dicht Montage • Een gekwalificeerd en bekwaam persoon moet de elektrische installatie en het loodgieterswerk uitvoeren. • Dit apparaat is zwaar. Let op bij het verplaatsen. • Controleer of het apparaat niet beschadigd is tijdens het transport Sluit een beschadigd apparaat niet aan. Neem indien nodig contact op met de Klantenservice. • Verwijder de verpakking en de transportbouten vóór het eerste gebruik. Het apparaat en de naastgelegen keukenkastjes of meubels kunnen anders beschadigen. • Wij raden u aan alle transportbeveiligingen te bewaren, zodat zij kunnen worden gemonteerd als de machine ooit nog eens moet worden vervoerd. Raadpleeg de relevante stappen van de installatieinstructies. • Leg nooit karton, hout of iets dergelijks onder het apparaat om oneffenheden van de vloer te compenseren. Plaats het apparaat waterpas en draai de sluitmoeren vast om trillingen, lawaai of verschuiving van het apparaat tijdens de werking te voorkomen. • Als het apparaat op een vloer met vloerbedekking wordt geïnstalleerd, stel de voetjes dan zo af dat de lucht vrij onder het apparaat kan circuleren. 93 • Controleer of het apparaat niet op de toevoer- en afvoerslang staat en of het werkblad of de achterkant van het apparaat het aansluitsnoer niet platdrukt tegen de muur. • Let er altijd op of er na de installatie geen water lekt uit de slangen en de aansluitingen • Als het apparaat geïnstalleerd is op een plaats waar het kan vriezen, lees dan het hoofdstuk 'Bevriezingsgevaren'. Gebruik • Dit apparaat is uitsluitend bestemd voor huishoudelijk gebruik. Gebruik het apparaat niet voor commerciële of industriële doeleinden, of voor enig ander doel. • Dit apparaat mag alleen gerepareerd worden door een erkende servicemonteur Gebruik alleen originele reserveonderdelen. • Kijk naar de wasvoorschriften op de etiketten op elk item (uw kleding) voordat u de stukken wast. • Doe niet te veel wasgoed in de machine Zie de "Wasprogramma"-tabel • Voordat u gaat wassen, dient u ervoor te zorgen dat alle zakken leeg zijn en dat alle knopen en ritsen dicht zijn • Voorwerpen als munten, veiligheidsspelden, spijkers, schroeven, stenen of andere harde, scherpe materialen kunnen grote schade aan het apparaat toebrengen en mogen niet in het apparaat terechtkomen. • Behandel vlekken van verf, inkt, roest en gras voor het wassen. • Gebruik alleen de aanbevolen hoeveelheid wasverzachter en wasmiddel Als u te veel doseert, kunnen kledingstukken beschadigd raken. Raadpleeg de aanbevelingen van de fabrikant met betrekking tot de hoeveelheden. • Was kleine artikelen zoals sokken, veters, wasbare ceintuurs enz. in een waszak of kussensloop, omdat deze tussen de kuip en de trommel terecht kunnen komen. NEDERLANDS • Gebruik uw apparaat niet om artikelen met baleinen, materialen zonder zoom of gescheurde materialen te wassen. Beugelbeha's mogen NIET machinaal worden gewassen. • Kledingstukken die in aanraking zijn geweest met vluchtige petroleumproducten mogen niet in het apparaat gewassen worden. Als vluchtige reinigingsvloeistoffen zijn gebruikt, dient u ervoor te zorgen dat de vloeistof uit het kledingstuk is verwijderd voordat u het in de machine doet. • Het water dat wij gebruiken bevat gewoonlijk kalk Het is aan te bevelen om regelmatig een waterontharder in de machine te gebruiken. Doe dit apart van het wassen van wasgoed en volgens de aanwijzingen van de fabrikant van de waterontharder. Hiermee voorkomt u de vorming van kalkaanslag en wordt uw machine efficiënter. • Trek de stekker nooit aan het snoer uit het stopcontact; maar aan de stekker zelf • Gebruik de wasmachine nooit als het aansluitsnoer, het bedieningspaneel, het werkblad of de sokkel beschadigd zijn, zodat de binnenkant van de wasmachine toegankelijk is. Watertoevoer • Dit apparaat moet aangesloten worden op een koud watertoevoer • Gebruik geen aansluitslangen van een oud apparaat voor de watertoevoer. • De waterdruk moet zich binnen de grenzen bevinden (zie tabel in het hoofdstuk 'Technische gegevens'). Zorg er voor dat uw waterleidingbedrijf u de gemiddelde leidingwaterdrukwaarden in uw omgeving geeft • Zorg er voor dat er geen deuken in de watertoevoerslang zitten en dat de slang niet is geknakt of ingedeukt • Voordat u de machine aan nieuwe leidingen aansluit, of aan leidingen die lange tijd niet zijn gebruikt, moet u een aanzienlijke hoeveelheid water gebruiken om vuil dat zich in de leidingen heeft opgehoopt, weg te spoelen. 94 • Draai de toevoerslang aan de achterkant van het apparaat naar links of rechts om de installatie te vergemakkelijken. • De toevoerslang mag niet worden verlengd Als de slang te kort is en u de kraan niet wilt verplaatsen, zult u een nieuwe, langere slang moeten kopen die speciaal voor dit doel is gemaakt • Draai voordat de kraan wordt opengedraaid de ringmoer vast om lekkage te voorkomen. Waterafvoer • Zorg ervoor dat het uiteinde van de afvoerslang niet kan losschieten als de wasautomaat aan het leeglopen is. U kunt de slang met een stuk touw aan de kraan vastbinden of aan de wand bevestigen • De afvoerslang moet op een hoogte worden geplaatst van niet lager dan 44 cm en niet hoger dan 90 cm. Raadpleeg de installatie-instructies. Onderhoud en reiniging • Schakel het apparaat uit en trek de stekker uit het stopcontact voordat u onderhoudshandelingen verricht. • Maak de buitenkant van het apparaat alleen schoon met water en zeep, droog het daarna grondig af • De lade voor was- en nabehandelingsmiddelen moet regelmatig worden schoongemaakt • Inspecteer de pomp regelmatig en met name als: – de machine niet pompt en/of niet centrifugeert – de machine tijdens het pompen een abnormaal geluid maakt als gevolg van veiligheidsspelden, munten, enz. die de pomp blokkeren. • Verwijder het pompdeksel nooit tijdens een wascyclus. Wacht altijd tot het apparaat het water heeft weggepompt. Wacht als u een hoge temperatuur voor een wasprogramma heeft gekozen tot het water is afgekoeld. NEDERLANDS 95 • Zorg ervoor dat de pompafdekking weer stevig is vastgezet om lekkages te voorkomen. Beschrijving van het product 1 1 2 3 4 5 6 2 3 4 5 6 Wasmiddellade Vakje voor wasmiddel voor de voorwas- en inweekfase of voor vlekkenverwijderaar die gebruikt wordt tijdens de vlekkenverwijderingsfase (indien beschikbaar). Het voorwas- en inweekmiddel wordt het begin van het wasprogramma ingespoeld De vlekkenverwijderaar wordt tijdens de VLEKKEN-fase ingespoeld Vakje voor waspoeder of vloeibaar wasmiddel voor de hoofdwas. Als u vloeibaar wasmiddel gebruikt, schenk dit net voor het begin van het programma in. Vakje voor vloeibare toevoegingen (wasverzachter, stijfsel). Volg de aanbevelingen van de fabrikant op voor wat betreft de te gebruiken hoeveelheden en overschrijd het «MAX» teken in de wasmiddellade niet. Wasverzachter of stijfsel moeten in het vakje voor vloeibare toevoegingen worden gegoten voordat u het wasprogramma start Wasmiddellade Bedieningspaneel Deurhandgreep Typeplaatje Afvoerpomp Verstelbare pootjes NEDERLANDS 96 Bedieningspaneel Hieronder staat een afbeelding van het bedieningspaneel Het laat de programmakeuzeknop zien alsook de toetsen en indicatielampjes. Deze onderdelen worden weergegeven met relevante nummers en op de volgende pagina's uitgelegd 1 2 10 1 Programmakeuzeknop 2 Display 3 Controlelampje 'Deur vergrendeld' 4 Toets uitgestelde start 5 Start-/pauzetoets Tabel met symbolen 9 8 6 7 8 9 10 7 6 = Centrifugeren = Katoen = Niet centrifugeren = Koude was = Spoelstop = Synthetica = Opties = Lage temp. = Economy (zuinig) = Snelle was = Wol = Voorwas = Speciale programma's = Strijkvrij = Jeans = Extra spoelen = Inweken = Start/Pauze = Spoelgangen = Waterafvoer 4 5 Toets Extra spoelen Toets Strijkvrij Toets Voorwas Multi-Functie toets Toets voor kort centrifugeren = Aan/Uit - Reset = Handwas 3 = Deur vergrendeld = Uitgestelde start NEDERLANDS 97 Programmakeuzeknop Hiermee kunt u het apparaat aan/uit schakelen en/of een programma selecteren. Toets voor kort centrifugeren Door op deze toets te drukken kunt u de centrifugesnelheid van het geselecteerde programma wijzigen • Optie Niet centrifugeren: als u deze optie kiest, worden alle centrifugeergangen onderdrukt en vervangen door een spoelgang, om te voorkomen dat het wasgoed kreukt. Aanbevolen voor extreem fijne weefsels • Optie spoelstop: als u deze optie kiest, wordt het laatste spoelwater niet weggepompt om te voorkomen dat het wasgoed kreukelt. Voordat de deur wordt geopend, moet het water worden weggepompt. Om het water weg te pompen, leest u de paragraaf «Aan het einde van het programma». Multi-Functie toets: lMet deze toets kunt u slechts één van de opties selecteren. Het desbetreffende lampje licht op. • Eco: aanbevolen wasprogramma voor katoenen en synthetisch wasgoed dat licht of normaal vervuild is, bij een temperatuur van 40° of hoger. De wastijd wordt verlengd en de wastemperatuur wordt verlaagd. Deze optie kunt u gebruiken als u normaal vervuild wasgoed wilt wassen en energie wilt besparen • Super snel: een erg korte cyclus voor licht bevuilde kledingstukken die maar korte tijd zijn gebruikt of gedragen. Toets Voorwas Als u deze optie kiest, voert de machine een voorwascyclus uit voordat de hoofdwasfase begint. De wastijd zal worden verlengd. Deze optie wordt aanbevolen voor sterk vervuild wasgoed. Toets Strijkvrij Als deze optie wordt geselecteerd, wordt het wasgoed behoedzaam gewassen en gecentrifugeerd om kreuken te voorkomen Op deze manier is strijken makkelijker. Bovendien zal de machine extra spoelgangen uitvoeren bij enkele programma's Het maximale centrifugetoerental wordt automatisch verlaagd bij katoenprogramma's Toets Extra spoelen Dit apparaat is ontworpen om water te besparen. Als het noodzakelijk is het wasgoed te spoelen met een extra hoeveelheid water (extra spoelgang), kiest u deze optie. De machine voert enkele extra spoelgangen uit. Deze optie wordt aanbevolen voor personen die allergisch zijn voor wasmiddelen en in gebieden waar het water erg zacht is. Start-/pauzetoets Met deze toets kunt u het geselecteerde wasprogramma starten of onderbreken. NEDERLANDS 98 Controlelampje 'Deur vergrendeld' Het controlelampje 3 gaat aan als het programma start en geeft aan dat de deur kan worden geopend: • lampje aan: de deur kan niet geopend worden. De machine is in werking of is gestopt, maar er zit nog water in de trommel. • lampje uit: de deur kan nu geopend worden. Het programma is afgelopen of het water is weggepompt. • lampje knippert: de deur opent na een paar minuten. Toets uitgestelde start De start van het hoofdwasprogramma kan met 30 min - 60 min - 90 min, 2 uur en vervolgens steeds met 1 uur tot een maximum van 20 uur met deze toets worden uitgesteld. NEDERLANDS Display 10.1 10.2 99 De display toont de volgende informatie: • 10.1 – Kinderslot. Met deze optie kunt u het apparaat onbeheerd achterlaten terwijl het werkt • 10.2 – Duur van het gekozen programma. Nadat u een programma gekozen heeft, wordt de tijdsduur in uren en minuten weergegeven (bijvoorbeeld ). De duur wordt automatisch berekend op basis van de aanbevolen maximale lading voor elk type wasgoed. Na de start van het programma wordt de resterende tijd elke minuut bijgewerkt. – Startuitstel. Het gekozen uitstel, ingesteld met de betreffende toets, wordt gedurende enkele seconden op het display weergegeven, daarna verschijnt de duur van het eerder gekozen programma De vertragingstijd neemt elk uur met eenheden van een uur af, daarna, wanneer er nog 1 uur resteert, neemt de tijd af met eenheden van één minuut. – Alarm codes. Als de werking van de wasautomaat problemen oplevert, kunnen er alarmcodes worden aangegeven, bijvoorbeeld (zie hoofdstuk «Wat moet u doen als...») – Verkeerde optiekeuze. Indien een optie gekozen is die niet compatibel is met het ingestelde wasprogramma, wordt de melding Err gedurende enkele seconden onder aan het display weergegeven en begint het geïntegreerde rode lampje van toets 5 te knipperen. – Einde programma. Als het programma is afgelopen verschijnt er een knipperende nul op het display ( ), het controlelampje 3 en het controlelampje van toets 5 gaan uit en de deur kan geopend worden. Het eerste gebruik • Zorg ervoor dat de elektrische aansluiting en de wateraansluiting voldoen aan de installatie-instructies. • Verwijder het polystyreenblok en evt. andere materialen uit de trommel. • Laat, voordat u de machine voor de eerste keer gebruikt, het katoenprogramma op de hoogste temperatuur draaien zonder wasgoed in de machine, zodat eventuele fabricageresten uit de trommel en de kuip worden verwijderd. Giet een halve maatbeker wasmiddel in het vakje NEDERLANDS 100 voor de hoofdwas en start de machine. Aanpassing aan persoonlijke wensen Geluidssignalen De wasmachine is voorzien van een akoestisch alarm, dat in de volgende gevallen te horen zal zijn: • aan het einde van een cyclus • als er een storing is Door voor ongeveer 6 seconden gelijktijdig te drukken op 7 en 8 , wordt het geluidssignaal uitgeschakeld (behalve bij problemen met de werking). Door nogmaals op deze 2 toetsen te drukken, wordt het geluidssignaal weer ingeschakeld Er zijn twee manieren om deze optie in te stellen: 1. Voor het drukken op de toets 5: de machine kan niet gestart worden 2. Na drukken op de toets 5: ingestelde programma's of opties kunnen niet veranderd worden Om deze optie in- of uit te schakelen tegelijkertijd gedurende ongeveer 6 seconden op de toetsen 2 en 3 drukken tot het pictoverschijnt of verdwijnt. gram Kinderslot Dankzij deze voorziening kunt u het apparaat onbeheerd laten, u hoeft zich dan geen zorgen te maken dat kinderen gewond raken of het apparaat schade toebrengen. Deze functie blijft ingeschakeld, ook als de machine niet in werking is Dagelijks gebruik Open de deur. Open de deur voorzichtig door de handgreep naar buiten te trekken Wasgoed in de machine doen Doe het wasgoed stuk voor stuk in de trommel; schud het eerst zo goed mogelijk uit. Sluit de vuldeur goed door de vuldeur aan te drukken. Wasmiddel en wasverzachter doseren 1 Doe het wasmiddel in het vak voor de of in hoofdwas een ander vak als het geselecteerde programma/de optie dit vereist (zie voor meer informatie 'Wasmiddeldoseervakje'). Zie voor de juiste hoeveelheid wasmiddel 'Graden van waterhardheid'. NEDERLANDS 2 101 Doe wasverzachter in het bakje (de gebruikte hoeveelheid mag het “MAX” teken in de lade niet overschrijden). Schuif de wasmiddellade er weer voorzichtig in Kies het gewenste programma met de programmakeuzeknop (1) Het apparaat staat nu aan. Het indicatielampje van toets 5 gaat knipperen. Aan het einde van het programma moet de programmakeuzeknop op stand O worden gezet om het apparaat uit te schakelen. Zie voor de beschrijving van elke wascyclus, de mogelijke combinaties van wasprogramma's en de opties, het hoofdstuk «Wasprogramma's. Let op! Wanneer u de programmakeuzeknop naar een ander programma draait wanneer het apparaat in bedrijf is, zal het rode controlelampje van knop 5 3 keer knipperen en wordt de meldingErr op het display weergegeven om een onjuiste keuze aan te geven. De machine zal het nieuw gekozen programma niet uitvoeren. Verlaag de centrifugesnelheid of kies Niet centrifugeren of Spoelstop door te drukken op toets 2 Wanneer het gewenste programma is gekozen, stelt uw machine automatisch het maximale centrifugetoerental voor dat programma voor. Druk herhaaldelijk op toets 2 om de centrifugesnelheid te veranderen, als u wilt dat uw wasgoed op een andere snelheid wordt gecentrifugeerd. Het desbetreffende lampje licht op. De beschikbare opties selecteren door op toets 6, 7, 8 en 9 te drukken Afhankelijk van het programma, kunnen er verschillende functies gecombineerd worden. Deze functies moeten geselecteerd worden, nadat u het gewenste programma gekozen heeft en voordat het programma start. Als deze toetsen worden ingedrukt, gaan de bijbehorende indicatielampjes aan. Als zij opnieuw worden ingedrukt, gaan de indicatielampjes uit. Als er een verkeerde optie wordt gekozen, knippert het geïntegreerde rode controlelampje van de toets 5 3 keer en wordt de melding Err getoond. Zie voor de mogelijke combinaties van wasprogramma's en opties hoofdstuk 'Wasprogramma's'. Kies het Startuitstel met toets 4. Druk als u de start wilt uitstellen voordat u het programma start op deze toets om het gewenste uitstel te selecteren. De geselecteerde starttijd verschijnt een paar seconden op het display, daarna verschijnt de duur van het programma weer U moet deze optie kiezen nadat u het programma hebt ingesteld en voordat u het programma start U kunt de vertragingstijd te allen tijde annuleren, voordat u drukt op toets 5. De uitgestelde start kiezen: 1. Kies het programma en de gewenste opties. 2. Kies het Startuitstel met toets 4. 3. Druk op de toets 5: – de machine begint de tijd af te tellen in uren – Het programma zal beginnen als het gekozen uitstel is afgelopen. De uitgestelde start annuleren nadat u het programma gestart heeft: 1. Zet de wasmachine op PAUZE door te drukken op toets 5. 2. Druk eenmaal op toets 4. Op het display verschijnt '. 3. Druk nogmaals op toets 5 om het programma te starten. NEDERLANDS • Het gekozen uitstel kan alleen worden veranderd nadat u het wasprogramma opnieuw hebt gekozen. • De deur blijft gedurende het uitstel vergrendeld. Als u de deur toch wilt openen, moet u de wasmachine eerst op PAUZE zetten door op toets 5 te drukken en een paar minuten te wachten. Nadat u de deur weer gesloten heeft drukt u weer op dezelfde toets. • De functie STARTUITSTEL kan niet worden geselecteerd bij het afpompprogramma. Start het programma door te drukken op toets 5 Druk op deze toets om het geselecteerde programma te starten. Het bijbehorende groene controlelampje stopt met knipperen. Het controlelampje 3 gaat branden om aan te geven dat het apparaat begint te werken en dat de deur vergrendeld is. Als u een uitgestelde start gekozen heeft, begint de machine af te tellen. Als een onjuiste optie is geselecteerd, wordt de melding Err een paar seconden weergegeven en het rode controlelampje van de knop 5 knippert 3 keer. Een optie of lopend programma wijzigen Het is mogelijk om een optie te veranderen voordat het programma deze uitvoert Voordat u iets kunt veranderen, moet u de wasautomaat laten pauzeren door op de toets 5 te drukken. U kunt een lopend programma alleen veranderen door het te resetten Draai de programmakeuzeknop op O en daarna op de stand van het nieuwe programma. Start het nieuwe programma door nogmaals op toets 5te drukken. Het water in de kuip zal niet worden weggepompt Een programma onderbreken Druk op toets 5 om een lopend programma te onderbreken. Het bijbehorende groene indicatielampje begint te knipperen. Druk nogmaals op de toets om het programma opnieuw te starten 102 Een programma annuleren Zet de programmakeuzeknop op O om een lopend programma te annuleren. U kunt nu een nieuw programma kiezen De deur openen nadat het programma is gestart Zet de machine eerst op pauzeren door op toets 5 te drukken. Als controlelampje 3 knippert en enkele minuten later uit gaat, kan de deur geopend worden Als het controlelampje 3 aanblijft, betekent dit dat de machine al aan het opwarmen is of dat het waterniveau te hoog is. Probeer in ieder geval de deur niet open te forceren! Als u de deur niet kunt openen terwijl dit toch nodig is, schakelt u de machine uit te zetten. Na een door de keuzeknop op paar minuten kan de deur worden geopend. Nadat u de deur gesloten heeft, moet u het programma opnieuw selecteren en op de toets 5 drukken. Let op! Let op het waterniveau en de temperatuur! aan het einde van het programma De machine stopt automatisch. De knipperende verschijnt op het display, het controlelampje van toets 3 en het controlelampje 5 gaat uit. Als een programma of een optie is gekozen waarbij water in de trommel achterblijft, blijft het controlelampje 3 aan en blijft de deur vergrendeld om aan te geven dat er water weggepompt moet worden voordat de deur geopend wordt. Om het water weg te pompen 1. Zet de programmakeuzeknop op . 2. Kies het programma pompen of centrifugeren. 3. Verlaag indien nodig het centrifugetoerental met de toets 2. 4. Druk op toets 5. NEDERLANDS Aan het einde van het programma wordt de deur vrijgegeven en kan hij worden geopend Draai de programmakeuzeknop op om de machine uit te schakelen. Verwijder het wasgoed uit de trommel en controleer goed of de trommel leeg is. Als u niet van plan bent om nog een was te doen, sluit dan de waterkraan. Laat de deur open staan om vorming van schimmel en onaangename luchtjes te voorkomen. 103 Stand-by: als het programma is voltooid, wordt na een paar minuten het energiebesparende systeem ingeschakeld. De helderheid van het display wordt verlaagd. Door op een willekeurige toets te drukken, haalt u het apparaat uit de energiebesparende stand. Nuttige aanwijzingen en tips De was sorteren Houd u aan de wassymbolen op de etiketten, waarvan elk kledingstuk voorzien is, en de wasvoorschriften van de fabrikant. Sorteer het wasgoed als volgt wit, bont, synthetisch, fijne was, wol Vlekken verwijderen De kans bestaat dat hardnekkige vlekken niet kunnen worden verwijderd met alleen water en wasmiddel Het is daarom aan te bevelen vlekken eerst te behandelen alvorens het kledingstuk te wassen Bloed: behandel verse bloedvlekken met koud water Laat opgedroogde vlekken een nacht in water met een vlekkenverwijderaar inweken; daarna de vlek met het sop uitwassen. Verf op oliebasis: bevochtig de vlek met wasbenzine, leg het kledingstuk op een zachte doek en dep de vlek; meerdere malen behandelen. Opgedroogde vetvlekken: bevochtig de vlek met terpentine, leg het kledingstuk op een zacht oppervlak en dep de vlek met de vingertoppen en een katoenen doek. Roest: oxaalzuur opgelost in warm water of een roestverwijderingsproduct dat koud wordt gebruikt. Wees voorzichtig met oude roestvlekken omdat de cellulosestructuur in dat geval beschadigd zal zijn en de kans groot is dat de vlek een gat wordt Schimmelvlekken: behandel de vlek met bleekmiddel; goed uitspoelen (alleen witte en kleurechte weefsels). 4) (*) gebruik geen aceton op kunstzijde Gras: licht inzepen en de vlek met bleekmiddel behandelen (alleen witte en kleurechte weefsels). Balpeninkt en lijm: bevochtig met aceton 4), leg het kledingstuk op een zachte doek en dep de vlek. Lippenstift: bevochtig de vlek met aceton zoals hierboven, vervolgens de vlekken met brandspiritus behandelen Behandel evt. achtergebleven sporen met bleekmiddel Rode wijn: laten inweken in water en wasmiddel, uitspoelen en behandelen met azijnzuur of citroenzuur, vervolgens uitspoelen. Behandel evt. achtergebleven sporen met bleekmiddel Inkt: bevochtig de stof afhankelijk van het type inkt eerst met aceton 4), en dan met azijnzuur; behandel evt. achtergebleven sporen op wit textiel met bleekmiddel, daarna grondig uitspoelen. Teervlekken: eerst behandelen met vlekkenverwijderaar, brandspiritus of wasbenzine, vervolgens inwrijven met reinigingspasta. Graden van waterhardheid De hardheid van water wordt geclassificeerd in zogenaamde 'hardheidsgraden'. Informatie over de hardheid van het water in uw omgeving kan worden verkregen bij het desbetreffende waterleidingbedrijf NEDERLANDS 104 Graden van waterhardheid Kenmerk Zacht Duits °dH Frans °T.H 0-7 0-15 Rosé 8-14 16-25 Hard 15-21 26-37 Erg hard > 21 > 37 Een waterontharder moet worden toegevoegd als het water een gemiddeld-hoge hardheidsgraad heeft. Volg de instructies van de fabrikant op. De hoeveelheid wasmiddel kan altijd worden aangepast (verlaagd) aan de hardheidsgraad. Afwasprogramma's Bont katoen (normaal-licht vervuild wasgoed). Hoofdwas Spoelen Max. laatste centrifuge bij 1600 tpm 7 kg 3.5 kg1) Centrifugeren Niet centrifugeren Spoelstop Eco2) Supersnel Voorwas Strijkvrij Extra Spoelen 7 kg 3.5 kg1) Centrifugeren Niet centrifugeren Spoelstop Eco2) Supersnel Voorwas Strijkvrij Extra Spoelen Wasmiddel Vakje CyclusBeschrijving Hoofdwas Spoelen Max. laatste centrifuge bij 1600 tpm Beschikbaar Opties KATOEN 40°-30°Koud Voor wit katoen (sterk-normaal vervuild wasgoed). Max. belading Gered. Lading1) KATOEN 90°-60° Kenmerk wassen Programma/ Temperatuur Controleer altijd de wasvoorschriften in het etiket van uw kleding en selecteer op basis hiervan een wasprogramma. 3) 3) FIJNE WAS 40°-30°Koud Fijne was: bijvoorbeeld vitrages. Hoofdwas Spoelen Max. laatste centrifuge bij 700 tpm HANDWAS 30° - Koud Speciaal programma voor fijne weefsels voorzien van het symbool 'handwas'. Hoofdwas Spoelen Max. laatste centrifuge bij 900 tpm Speciaal programma voor wollen kledingstukken met het label 'zuiver wol, antikrimp, wasbaar in de machine'. Hoofdwas Spoelen Max. laatste centrifuge bij 900 tpm Met dit programma is het mogelijk om kleding te wassen zoals broeken, overhemden of jacks van spijkerstof en truien die uit hi-tech-materialen bestaan Hoofdwas Spoelen Max. laatste centrifuge bij 900 tpm WOL 40° JEANS 40° 3.5 kg 2 kg1) Centrifugeren Niet centrifugeren Spoelstop Eco2) Supersnel Voorwas Strijkvrij Extra Spoelen 3.5 kg 2 kg1) Niet centrifugeren Spoelstop Supersnel Voorwas Extra Spoelen 2 kg 2 kg 3.5 kg Wasmiddel Vakje Hoofdwas Spoelen Max. laatste centrifuge bij 900 tpm Beschikbaar Opties Synthetische of gemengde stoffen: ondergoed, gekleurde kledingstukken, krimpvrije overhemden, blouses. SYNTHETICA 60°-40°-30°Koud Max. belading Gered. Lading1) CyclusBeschrijving 105 Kenmerk wassen Programma/ Temperatuur NEDERLANDS 3) 3) Centrifugeren Niet centrifugeren Spoelstop Centrifugeren Niet centrifugeren Spoelstop Centrifugeren Niet centrifugeren Spoelstop Voorwas Extra spoelen4) 3) INWEKEN5) 30° SPOELEN POMPEN Speciaal programma voor zwaar vervuild wasgoed. Het apparaat voert een inweekfase uit op 30° C. Na afloop van de inweektijd stopt het apparaat automatisch, met het water nog in de trommel. Voer het water af voordat u een nieuw wasprogramma start. Voorwas Gedurende ongeveer 40 minuten Stop met water in de kuip Met dit programma is het mogelijk om katoenen kledingstukken die met de hand gewassen zijn, uit te spoelen en te centrifugeren. De machine voert enkele spoelgangen uit, gevolgd door een laatste centrifugegang. De centrifugesnelheid kan verlaagd worden. Spoelen Max. laatste centrifuge bij 1600 tpm Om het laatste spoelwater af te voeren bij programma's met de Spoelstop-optie. Water wegpompen 3) 7 kg 7 kg 7 kg Wasmiddel Vakje Beschikbaar Opties Max. belading Gered. Lading1) CyclusBeschrijving 106 Kenmerk wassen Programma/ Temperatuur NEDERLANDS Centrifugeren Niet centrifugeren Spoelstop Strijkvrij Extra Spoelen CENTRIFUGE- Aparte centrifugeREN gang voor kledingstukken die met de hand gewassen zijn en na programma's met de Spoelstopoptie U kunt de snelheid met behulp van de betreffende toets aanpassen aan de stoffen die gecentrifugeerd moeten worden. Max. laatste centrifuge bij 1600 tpm Wasmiddel Vakje Beschikbaar Opties CyclusBeschrijving Max. belading Gered. Lading1) 107 Kenmerk wassen Programma/ Temperatuur NEDERLANDS Centrifugeren 7 kg 1) Als u de optie SUPER SNEL kiest, adviseren wij u de maximale belading te beperken, zoals aangegeven. (Gered. lading = gereduceerde lading). Maximale belading is wel mogelijk, maar de wasresultaten zullen minder goed zijn. 2) Deze optie is niet actief bij een temperatuur lager dan 40°. 3) Als u gebruik maakt van vloeibaar wasmiddel, kan er geen programma met VOORWAS geselecteerd worden. 4) De optie EXTRA SPOELEN wordt automatisch geactiveerd. 5) Raadpleeg de paragraaf over de wasmiddellade voor het gieten van wasmiddel voor het inweekprogramma. Verbruikswaarden Energieverbruik (kWh)2) Waterverbruik (liter)2) Witte katoen 90° C 2.1 62 Katoen 60 °C 1.35 58 Katoen 40 °C 0.75 58 Synthetische stoffen 40 °C 0.55 51 Programma1) Fijne was 40 °C 0.55 63 Wol/Handwas 30 °C 0.25 58 1) Raadpleeg het display voor de programmatijd. 2) De consumptiegegevens die in dit overzicht worden weergegeven, zijn indicatief. De gegevens kunnen verschillen, afhankelijk van de hoeveelheid, het type wasgoed, de temperatuur van de watertoevoer en de omgevingstemperatuur. NEDERLANDS 108 Standaardprogramma's voor de Energielabel verbruikswaarden De katoen 60 °C eco en katoen 40 °C eco zijn de standaard katoenprogramma's voor normaal vervuilde katoenen was. Ze zijn geschikt voor het wassen van normaal vervuilde katoenen was en het zijn zeer efficiënte programma's voor gecombineerd energie- en waterverbruik voor het wassen van dat type katoenen was. Overeenkomstig EN60456. De daadwerkelijke watertemperatuur kan verschillen van de vermelde cyclustemperatuur. Onderhoud en reiniging Waarschuwing! Schakel het apparaat uit voordat u reinigings- of onderhoudswerkzaamheden uitvoert. Onderhoudswasbeurt Bij wasbeurten op lage temperaturen is het mogelijk dat er aanslag aan de binnenkant van de trommel blijft zitten Wij raden u daarom aan regelmatig een onderhoudswasbeurt uit te voeren Ga als volgt te werk • Moet de trommel leeg zijn • Moet u het heetste wasprogramma voor katoen kiezen • Gebruik een normale hoeveelheid wasmiddel, dit moet waspoeder zijn met biologische eigenschappen 2 Om het schoonmaken te vergemakkelijken kan het bovenste gedeelte van het vakje voor nabehandelingsmiddelen verwijderd worden. 3 Met een borsteltje kunt u de uitsparing schoonmaken en alle resten waspoeder verwijderen. 4 Spoel de lade af onder een kraan om eventuele resten waspoeder te verwijderen. De wasmiddellade en de uitsparing schoonmaken 1 Verwijder de lade door de vergrendeling naar beneden te drukken en de lade naar buiten te trekken. NEDERLANDS 5 109 Gebruik het borsteltje om de uitsparing schoon te maken, zo zorgt u er voor dat alle resten waspoeder verwijderd worden van de boven en onderkant van de uitsparing. Plaats de lade na het schoonmaken weer terug in de uitsparing en een laat een spoelprogramma lopen zonder wasgoed in de trommel om eventuele resten te verwijderen. Druk de twee hendels in en trek het afvoerkanaal naar voren om het water eruit te laten stromen. 3 Als de bak vol met water is, duwt u het afvoerkanaal terug en leegt u de bak. Herhaal stap 3 en 4 tot er geen water meer uit de afvoerpomp stroomt. 4 De pomp schoonmaken Ga hiervoor als volgt te werk: 1 1 2 Duw het afvoerkanaal terug. Schroef het filter los en verwijder het. 5 Open het pompdeurtje. Plaats een bak onder de uitsparing van de afvoerpomp om het uitstromende water op te vangen. 2 Verwijder stof en voorwerpen uit de pomp. NEDERLANDS 110 Ga hiervoor als volgt te werk: 6 • Draai de waterkraan dicht. • Schroef de slang van de kraan. • Reinig het zeefje in de slang met een harde borstel. • Schroef de watertoevoerslang weer op de kraan. 1 Zorg dat het schoepenrad op de juiste wijze kan draaien. Als dit niet lukt, neem dan contact op met de service-afdeling. 7 2 1 2 Reinig het filter onder de waterkraan en plaats het terug in de speciale geleiders van de pomp. Zorg ervoor dat het filter stevig vastzit om waterlekkage te voorkomen. 8 • Schroef de slang van de machine. Houd een oude doek bij de hand om eventueel gemorst water te kunnen opvegen. • Maak het filter in de klep schoon met een stevige borstel of met een doek. 3 35° Sluit het pompdeurtje. De watertoevoerfilters schoonmaken Als het apparaat niet met water wordt gevuld of als het lang duurt voordat het water wordt gevuld, gaat het indicatielampje van de startknop rood knipperen. Controleer of de watertoevoerfilters geblokkeerd zijn (zie hoofdstuk "Wat te doen als..." voor meer informatie). 45° • Draai de toevoerslang aan de achterkant van het apparaat naar links of rechts om de installatie te vergemakkelijken. Plaats de sluitmoer op de juiste manier om waterlekkage te voorkomen. • Draai de waterkraan open. NEDERLANDS Voorzorgsmaatregelen bij vorst Als de machine is geïnstalleerd in een gebied waar de temperatuur lager is dan 0°C, dan dient u het resterende water uit de afvoerslang en de afvoerpomp te verwijderen. 1. Trek de stekker uit het stopcontact. 2. Draai de waterkraan dicht. 3. schroef de watertoevoerslang los van de kraan; 4. Plaats de twee uiteinden van de toevoerslang in een bak en laat het water uit de slang stromen. 5. Laat de afvoerpomp leeglopen zoals beschreven in het gedeelte ‘Water afvoeren in een noodgeval’. 6. Als de afvoerpomp leeg is, installeert u de toevoerslang opnieuw. Waarschuwing! Zorg ervoor dat de temperatuur hoger is dan 0°C voordat u het apparaat opnieuw gebruikt. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor schade die door lage temperaturen is veroorzaakt. 111 1. 2. 3. trek de stekker uit het stopcontact Draai de waterkraan dicht. Wacht zo nodig totdat het water is afgekoeld. 4. open het pompdeurtje; 5. Plaats een bak op de vloer onder de uitsparing van de afvoerpomp 6. Druk de twee hendels in en trek het afvoerkanaal naar voren om het water eruit te laten stromen 7. Als de bak vol met water is, duwt u het afvoerkanaal terug en leegt u de bak Herhaal deze procedure totdat er geen water meer uit de slang komt 8. Reinig de pomp indien nodig (zie het gedeelte ‘Pomp reinigen’ ) 9. Sluit het afvoerpompdeurtje. Als u het water afvoert met de noodafvoerprocedure, dient u het afvoersysteem opnieuw te activeren: 1. Giet 2 liter water in het vakje voor het hoofdwasmiddel van de wasmiddeldoseerlade. 2. Start het programma om water af te voeren. Machine legen in geval van nood Ga, als het water niet wordt afgevoerd, als volgt te werk om de machine leeg te laten lopen: Problemen oplossen Het apparaat start niet of stopt niet tijdens de werking. Probeer eerst het probleem zelf op te lossen (zie tabel). Neem indien dit niet lukt contact op met de service-afdeling. • • weg. - Het apparaat pompt geen water - De deur is open of niet goed gesloten. Bij sommige problemen werken de geluidssignalen en toont de display een alarmcode: • - Het apparaat wordt niet gevuld met water. Waarschuwing! Schakel het apparaat uit voordat u de controles uitvoert. NEDERLANDS Probleem De machine wordt niet met water gevuld: Het apparaat pompt geen water weg: Mogelijke oorzaak Oplossing De waterkraan is dicht. Draai de waterkraan open. De toevoerslang is bekneld of geknikt. Controleer de aansluiting van de watertoevoerslang. Het filter in de toevoerslang of het inlaatklepfilter is verstopt. Reinig de watertoevoerfilters. (Zie "Watertoevoerfilters reinigen" voor meer informatie) De waterkraan is verstopt of aangezet met kalkaanslag. Maak de waterkraan schoon. De aansluiting van de watertoevoerslang is niet correct. Controleer de aansluiting van de watertoevoerslang. De waterdruk is te laag. Neem contact op met het waterleidingbedrijf. De deur is niet goed gesloten. Doe de deur stevig dicht. De afvoerslang is bekneld of geknikt. Controleer de aansluiting van de afvoerslang. Het afvoerfilter is verstopt. Maak het afvoerfilter schoon. De aansluiting van de waterafvoerslang is niet correct. Controleer de aansluiting van de afvoerslang. Er is een optie of programma gekozen waarbij het water in de trommel niet wordt weggepompt of een programma dat alle spoelfasen annuleert. Kies het programma pompen of centrifugeren. De deur is open of niet goed gesloten. De machine start niet: 112 Doe de deur stevig dicht. De stekker zit niet goed in het stopcontact. Steek de stekker in het stopcontact. Er staat geen spanning op het stopcontact. Controleer de elektrische installatie in uw woning. De hoofdzekering is doorgebrand. Vervang de zekering. De programmakeuzeknop is niet goed ingesteld en er is niet op toets 5 gedrukt. Draai de keuzeknop en druk nogmaals op toets 5. De uitgestelde start is gekozen. Als het wasgoed meteen gewassen moet worden, annuleert u de uitgestelde start. Het kinderslot is geactiveerd. Het kinderslot uitschakelen. NEDERLANDS 113 Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing Het centrifugeren begint traag of de machine centrifugeert niet: De elektronische voorziening voor Herverdeel de lading met de hand onbalansdetectie is ingeschakeld of voeg wat wasgoed toe en kies omdat het wasgoed niet gelijkma- dan het programma centrifugeren. tig in de trommel is verdeeld. Het wasgoed wordt opnieuw verdeeld doordat de machine de trommel in tegenovergestelde richting ronddraait. Dit kan verschillende keren nodig zijn voordat de verkeerde balans verdwijnt en het normale centrifugeren kan worden hervat. Als het wasgoed na 10 minuten nog steeds niet gelijkmatig in de trommel is verdeeld, zal de machine niet centrifugeren. Er is te veel of een verkeerd wasVerminder de hoeveelheid wasmiddel gebruikt (te veel schuimvor- middel of gebruik een ander midming). del. Er ligt water op de vloer: De deur gaat niet open: Het apparaat maakt een abnormaal geluid Controleer of een van de koppelingen van de toevoerslang lekkage vertoont. Dit is niet altijd gemakkelijk te zien, omdat het water langs de slang naar beneden loopt; controleer of de slang vochtig is. Controleer de aansluiting van de watertoevoerslang. De afvoer- of toevoerslang is beschadigd. Vervang de slang (vraag de klantenservice naar het juiste reserveonderdeelnummer). Het filter is niet goed vastgeschroefd na reiniging. Schroef het filter weer helemaal vast. Het wasprogramma loopt nog. Wacht tot het wasprogramma is afgelopen. De deur is niet ontgrendeld. Wacht een paar minuten tot het controlelampje uitgaat. Er staat water in de trommel. Kies het programma pompen of centrifugeren om het water af te voeren. De transportbouten en het verpak- Controleer of de machine correct kingsmateriaal zijn niet verwijderd. geïnstalleerd is. De steunvoetjes zijn niet afgesteld. Controleer of de machine goed waterpas staat. NEDERLANDS Probleem 114 Mogelijke oorzaak Oplossing De afvoerpomp kan geblokkeerd zijn. Controleer de afvoerpomp. (Zie 'Pomp reinigen' voor meer informatie). Er is te weinig of een verkeerd wasmiddel gebruikt. Gebruik meer wasmiddel of gebruik een ander middel. Hardnekkige vlekken zijn niet voor aanvang van het wassen behanOnbevredigen- deld. de wasresultaDe juiste temperatuur is niet gekoten: zen. Te veel wasgoed in de trommel. Schakel na de controle het apparaat in en drukt u de toets 5 om het programma weer te starten. Als de storing opnieuw verschijnt, neemt u contact op met de klantenservice. Gebruik normaal in de handel verkrijgbare producten om hardnekkige vlekken te behandelen. Controleer of u de juiste temperatuur hebt gekozen. Verminder de hoeveelheid wasgoed volgens de 'Tabel wasprogramma's'. De benodigde gegevens voor de serviceafdeling staan op het typeplaatje. Wij adviseren u ze hier te noteren: Modelbeschrijving (MOD): ..................... Productnummer (PNC): ........................... Serienummer (S.N.): ............................... Made In Italy © Inter IKEA Systems B.V. 1999 000.000.00 21552 Technische gegevens Afmeting Breedte (cm) Hoogte (cm) Diepte (cm) Leidingwaterdruk 1) Minimaal Maximaal Katoen max. belading (kg) 7 Max. centrifugesnelheid (tpm) 1600 59,6 84,5 63,6 max. 0,5 bar (0,05 MPa) 8 bar (0,8 MPa) NEDERLANDS 115 Energieklasse A++ Afwasklasse A Centrifugeklasse A Geluid wassen (dB(A)) 55 Geluid centrifugeren (dB(A)) 79 Gemiddeld jaarlijks energieverbruik (kWh) 2) 210 Gemiddeld jaarlijks waterverbruik (liter) 2) 9000 1) Als de waterleidingsdruk in uw woonplaats hoger of lager is, neem dan contact op met de klantenservice. 2) De gegevens zijn gebaseerd op het wasprogramma voor testinstituten, waarbij uitgegaan wordt van 200 cycli per jaar. Informatie over de elektrische aansluiting, de spanning en het vermogen staat op het typeplaatje op de binnenrand van de deur. Montage Let op! Zie de montage-instructies om door te gaan met de installatie. Waarschuwing! Zorg dat de stekker tijdens de installatie niet is aangesloten Als reparatie noodzakelijk is, moet het apparaat gemakkelijk toegankelijk zijn voor de reparateur. Zet het apparaat naast een waterkraan en een afvoer. Watertoevoer 1 Sluit de slang aan op een kraan met 3/4"-schroefdraad. 2 35° 45° Draai de toevoerslang naar links of rechts voor de installatie. Plaats de sluitmoer op de juiste manier om waterlekkage te voorkomen. Let op! Bevestig de toevoerslang niet naar beneden gericht De toevoerslang mag niet worden verlengd Als de slang te kort is en u de kraan niet wilt verplaatsen, zult u een nieuwe, langere slang moeten kopen die speciaal voor dit doel is gemaakt NEDERLANDS Waterafvoer Verwijder het kunststofmembraan (A) als u de waterafA voerslang aan een sifon onder de gootsteen aansluit. Als u het membraan niet verwijdert, kunnen wasmiddelresten en kledingpluizen een verstopping in de slang veroorzaken. 116 Let op! Zorg er voor dat de waterkoppelingen stevig vast zitten om waterlekkage te voorkomen. De afvoerslang kan verlengd worden tot een maximum van 4 meter Een extra afvoerslang en koppelstuk is verkrijgbaar bij de Klantenservice bij u in de buurt Aansluiting aan het elektriciteitsnet • Dit apparaat moet geaard worden. • Zorg er voor dat de elektrische informatie op het typeplaatje overeenkomt met de stroomtoevoer in uw huis. • Gebruik altijd een correct geïnstalleerd schokvrij stopcontact. • Gebruik geen meerwegsstekkers, -aansluitingen en verlengkabels. Er kan brand ontstaan. • Vervang of wijzig de hoofdkabels niet zelf. Neem contact op met de klantenservice. • Verzeker u ervan dat de hoofdstekker en de kabel niet platgedrukt of beschadigd worden door de achterkant van het apparaat. • Zorg ervoor dat de hoofdstekker na installatie toegankelijk is. • Trek niet aan het snoer om het apparaat los te koppelen van de netvoeding. Trek altijd aan de stekker. • Dit apparaat voldoet aan de EU-richtlijnen. Milieubescherming Het symbool op het product of op de verpakking wijst erop dat dit product niet als huishoudafval mag worden behandeld, maar moet worden afgegeven bij een verzamelpunt waar elektrische en elektronische apparatuur wordt gerecycled. Als u ervoor zorgt dat dit product op de juiste manier wordt verwijderd, voorkomt u mogelijke negatieve gevolgen voor mens en milieu die zich zouden kunnen voordoen in geval van verkeerde afvalverwerking. Voor gedetailleerdere informatie over het recyclen van dit product, kunt u contact opnemen met de gemeente, de gemeentereiniging of de winkel waar u het product hebt gekocht. Verpakkingsmaterialen kunnen De materialen met het symbool gerecycled worden. Gooi de verpakking in een geschikte verzamelcontainer om het te recyclen. Afvalverwerking van het apparaat • Om lichamelijk letsel of schade te voorkomen: – Trek de stekker uit het stopcontact. NEDERLANDS – Snijd het netsnoer door en gooi het weg. 117 – Verwijder de deurvergrendeling. Dit voorkomt dat kinderen of kleine huisdieren in het apparaat opgesloten raken. Er bestaat gevaar voor verstikking. IKEA GARANTIE Hoe lang is de garantie van IKEA geldig? Deze garantie is vijf (5) jaar geldig vanaf de oorspronkelijke datum van aankoop van uw apparaat bij IKEA, tenzij het apparaat van het merk LAGAN is, dan geldt een garantieperiode van twee (2) jaar. De originele kassabon is nodig als aankoopbewijs. Als er tijdens de garantieperiode werkzaamheden worden uitgevoerd, wordt de garantieperiode van het apparaat niet verlengd, dat geldt ook voor de nieuwe onderdelen. Welke apparatuur valt niet onder de vijf (5) jaar garantie van IKEA? De apparaten van het merk LAGAN en alle apparaten die gekocht zijn vóór 1 augustus 2007. Wie zal de service uitvoeren? De IKEA servicedienst zal de service uitvoeren via het eigen bedrijf of het erkende servicepartnernetwerk. Wat valt er onder de garantie? De garantie dekt storingen van het apparaat, die veroorzaakt zijn door verkeerde constructie of materiaalfouten vanaf de aankoopdatum bij IKEA. Deze garantie is uitsluitend van toepassing bij huishoudelijk gebruik. De uitzonderingen worden onder de hoofding “Wat valt er niet onder deze garantie?” gespecificeerd. Binnen de garantieperiode worden er geen kosten om de storing te verhelpen aangerekend, d.w.z. reparaties, onderdelen, arbeidsloon en transport, op voorwaarde dat het apparaat toegankelijk is voor reparatie zonder speciale kosten en dat het defect betrekking heeft op verkeerde constructie of materiaalfouten die onder de garantie vallen. Op deze voorwaarden zijn de EG-richtlijnen (Nr. 99/44/EG) en de respectievelijke plaatselijke voorschriften van toepassing. Vervangen onderdelen worden het eigendom van IKEA. Wat zal IKEA doen om het probleem op te lossen? De door IKEA aangestelde servicedienst zal het product onderzoeken en bepalen, dit uitsluitend ter eigen beoordeling, of het gedekt wordt door deze garantie. Als het gedekt blijkt te zijn, zal de IKEA servicedienst of de erkende servicepartner dan via het eigen bedrijf, uitsluitend ter eigen beoordeling, ofwel het defecte product repareren of het vervangen door hetzelfde of een vergelijkbaar product. Wat valt er niet onder deze garantie? • Normale slijtage. NEDERLANDS • Opzettelijk aangebrachte schade of schade door verwaarlozing, schade veroorzaakt door het niet opvolgen van de bedieningshandleiding, onjuiste installatie of aansluiting op een verkeerd voltage, schade veroorzaakt door chemische of elektro-chemische reactie, roest, corrosie of waterschade, maar niet beperkt tot schade veroorzaakt door overmatig kalkgehalte van de watertoevoer, schade veroor zaakt door abnormale omgevingsomstandigheden. • Verbruiksonderdelen, met inbegrip van batterijen en lampjes. • Niet-functionele en decoratieve onderdelen die niet van invloed zijn op het normale gebruik van het apparaat, inclusief eventuele krassen en mogelijke kleurverschillen. • Onvoorziene schade veroorzaakt door vreemde voor-werpen of stoffen en het reinigen of deblokkeren van filters, afvoersystemen of wasmiddellades. • Schade aan de volgende onderdelen: glaskeramiek, accessoires, serviesgoed en bestekmandjes, toevoer- en afvoerpijpen, afdichtingen, lampen en lampenkapjes, schermen, knoppen, behuizingen en gedeeltes van behuizingen, tenzij kan worden aangetoond dat deze veroorzaakt zijn door fabricagefouten. • Gevallen waarbij geen storing geconstateerd kon worden tijdens het bezoek van een technicus. • Reparaties die niet zijn uitgevoerd door onze aange-stelde servicediensten en/of een erkende contractuele servicepartner of wanneer er niet-originele onderdelen gebruikt zijn. • Reparaties die veroorzaakt zijn door installatie die verkeerd of niet in overeenstemming met de specificatie is uitgevoerd. • Gebruik van het apparaat in niet-huishoudelijke omgeving d.w.z. professioneel gebruik. 118 • Transportschade. Indien het apparaat door een klant naar zijn huis of een ander adres vervoert, kan IKEA niet aansprakelijk gesteld worden voor eventuele transportschade. Indien IKEA het apparaat aflevert op het door de klant aangegeven adres, dan is eventuele schade die ontstaan is tijdens de aflevering gedekt door de garantie. • Kosten voor de uitvoering van de installatie van het IKEA-apparaat. Indien de IKEA servicedienst of de erkende servicepartner het apparaat, binnen de voorwaarden van deze garantie, repareert of vervangt, zal de servicedienst of de erkende servicepartner, indien nodig, het gerepareerde apparaat of het vervangende apparaat installeren. Deze beperking is niet van toepassing op foutloze werkzaamheden uitgevoerd door een gekwalificeerd specialist met gebruik van onze originele onderdelen teneinde het apparaat aan te passen aan de technische veiligheidsspecificaties van een ander EUland. Hoe zijn de landelijke wetten van toepassing De garantie van IKEA geeft u specifieke wettelijke rechten, die op zijn minst voldoen aan alle plaatselijke wettelijke eisen die per land verschillend zijn. Gebied van geldigheid Voor apparaten die in een EU-land zijn aangeschaft en meegenomen worden naar een ander EU-land, zal de dienstverlening uitgevoerd worden in het kader van de garantievoorwaarden die in het nieuwe land gebruikelijk zijn. Een verplichting om diensten te verlenen in het kader van de garantie bestaat uitsluitend als: • het apparaat en de installatie ervan voldoen aan de technische specificaties van het land waarin aanspraak gemaakt wordt op de garantie; • het apparaat en de installatie ervan in overeen-stemming zijn met de montageinstructies en de veiligheidsinformatie die in de gebruikershandleiding staan. NEDERLANDS De speciale Klantenservice voor apparaten van IKEA: Aarzel alstublieft niet om contact op te nemen met de speciale IKEA Klantenservice om: 1. een beroep te doen op deze garantie; 2. uitleg te vragen over de installatie van het IKEA appa-raat in het daarvoor bedoelde keukenmeubel van IKEA. De service geeft u geen uitleg met betrekking tot: – de volledige installatie van uw IKEA keuken; – aansluitingen op het elektriciteitsnet (als het appa-raat geleverd wordt zonder stekker en kabel), op de water- en gasleiding, want dit moet gedaan worden door een erkend installateur. 3. uitleg te vragen over de gebruikershandleiding en de specificaties van het IKEA apparaat. Om ervoor te zorgen dat wij u de beste service verlenen, verzoeken wij u de montageinstructies en/of de gebrui- kershandleiding in dit boekje zorgvuldig te lezen voordat u contact met ons opneemt. Hoe kunt u ons bereiken als u hulp nodig hebt 119 Op de laatste pagina van deze handleiding vindt u de volledige lijst van door IKEA erkende servicebedrijven met de bijbehorende nationale telefoonnummers. Belangrijk! Om u sneller van dienst te kunnen zijn, advi-seren wij u de specifieke telefoonnummers te bellen die aan het eind van deze handleiding vermeld zijn. Gebruik altijd de telefoon-nummers die in het boekje staan van het apparaat waarvoor u assistentie nodig heeft. Zorg ervoor dat u het artikelnummer (8 cijfers) van het IKEA apparaat bij de hand hebt, voordat u ons belt om assistentie te vragen. Belangrijk! BEWAAR DE KASSABON! Dit is uw aankoopbewijs en nodig om de garantie te doen gelden. Op de kassabon staat ook de naam van het IKEA artikel en het nummer (8 cijfers) voor elk apparaat dat u gekocht heeft. Hebt u meer hulp nodig? Neem, voor alle andere vragen die geen betrekking hebben op de service voor apparaten, contact op met het call center van de dichtstbijzijnde vestiging van IKEA. Wij raden u aan de documentatie van het apparaat zorgvuldig te lezen voordat u contact met ons opneemt.
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52
  • Page 53 53
  • Page 54 54
  • Page 55 55
  • Page 56 56
  • Page 57 57
  • Page 58 58
  • Page 59 59
  • Page 60 60
  • Page 61 61
  • Page 62 62
  • Page 63 63
  • Page 64 64
  • Page 65 65
  • Page 66 66
  • Page 67 67
  • Page 68 68
  • Page 69 69
  • Page 70 70
  • Page 71 71
  • Page 72 72
  • Page 73 73
  • Page 74 74
  • Page 75 75
  • Page 76 76
  • Page 77 77
  • Page 78 78
  • Page 79 79
  • Page 80 80
  • Page 81 81
  • Page 82 82
  • Page 83 83
  • Page 84 84
  • Page 85 85
  • Page 86 86
  • Page 87 87
  • Page 88 88
  • Page 89 89
  • Page 90 90
  • Page 91 91
  • Page 92 92
  • Page 93 93
  • Page 94 94
  • Page 95 95
  • Page 96 96
  • Page 97 97
  • Page 98 98
  • Page 99 99
  • Page 100 100
  • Page 101 101
  • Page 102 102
  • Page 103 103
  • Page 104 104
  • Page 105 105
  • Page 106 106
  • Page 107 107
  • Page 108 108
  • Page 109 109
  • Page 110 110
  • Page 111 111
  • Page 112 112
  • Page 113 113
  • Page 114 114
  • Page 115 115
  • Page 116 116
  • Page 117 117
  • Page 118 118
  • Page 119 119
  • Page 120 120
  • Page 121 121
  • Page 122 122
  • Page 123 123
  • Page 124 124

IKEA RENLIGFWM Handleiding

Type
Handleiding