Shimano SL-S500 Service Instructions

Type
Service Instructions
Modelnummer
Combinatie van kettingwielvertandingen
Diameter van kettingwiel-montagespoed
Traparmlengte
Pedaalbevestigingsschroef
Te gebruiken ketting
Ketting lijn
Breedte van trapashuis
(Afmetingen van schroefdraad)
FC-4550-S
50 - 34T
110 mm
165, 170, 175mm
B.C. 9/16" x 20T.P.I. (Engelse draad)
CN-HG53 / CN-HG73
43.5 mm
68 mm (1.37 X 24 T.P.I.)
70 mm (M36 X 24 T.P.I.)
Rechter adapter
Montage van het kettingwiel
Monteer aan de hand van de procedure aangegeven in de illustratie.
1, 2 Gebruik het speciaal gereedschap TL-FC32/36 voor het monteren van de rechter adapter
(linkse schroefdraad) en de linker adapter (rechtse schroefdraad).
Aantrekkoppel: 35 - 50 N·m {350 - 500 kgf·cm}
3 Steek de rechter crankeenheid naar binnen.
4 Steek gedeelte A van de linker crank in de as van de rechter crankeenheid op de plaats met de
brede vertanding.
5 Gebruik de TL-FC16/18 voor het aantrekken van de dop.
Aantrekkoppel: 0.7 - 1.5 N·m {7 - 15 kgf·cm}
6 Duw de aanslagplaat omhoog en controleer of de plaatpen stevig op zijn plaats zit en draai
vervolgens de bout van de linker crankarm vast. (5 mm inbussleutel)
Opmerking : De bouten dienen gelijkmatig en in dezelfde mate aangetrokken te worden tot
12 - 14 N·m {120 - 140 kgf·cm}
Opmerking :
Zet de aanslagplaat in de
juiste richting zoals
aangegeven in de illustratie.
5
2
4
(A)
1
3
Plaats met brede
vertanding
Trapashuis
Binnenste
afdekking
TL-FC16
TL-FC32
6
Aanslagplaat
Plaatpen
Omhoog duwen
Rechtse schroefdraad bij
70 mm [M36] trapashuizen
2. Het platte gedeelte van de buitenste plaat van de kettinggeleider
dient direct boven en parallel ten opzichte van de grootste
kettingring te staan.
3. Vastzetten met behulp van een 5 mm
inbussleutel.
ALFINE
SL-S500 (-L)
SIS-SP41
FD-R440
FC-4550-S
CN-HG53 / CN-HG73
SM-SP17 / SM-BT17
Serie
Rapidfire (Schakelhendel)
Buitenkabel
Voorderailleur
Voorste kettingwiel
Ketting
Trapas-kabelgeleider
Voor het verkrijgen van de beste prestaties wordt het aanbevolen gebruik te maken van
de onderstaande combinatie.
Zowel hendel (A) als hendel (B) keren altijd naar hun
uitgangspositie terug wanneer deze na het overschakelen
worden losgelaten. Bij het bedienen van een van de
hendels steeds er op letten tegelijkertijd de crankarm te
draaien.
Overschakelen van de kleine kettingring naar de
grote kettingring (Hendel A)
Wanneer hendel (A) eenmaal wordt ingedrukt, vindt er
overschakeling van één versnelling plaats van de kleine
kettingring naar de grote kettingring.
Montage van de schakelhendel
Gebruik een stuurhandgreep met een maximum
buitendiameter van 32 mm.
5 mm inbussleutel
Aantrekkoppel :
5 N·m {50 kgf·cm}
Kettinglengte
Specificaties
Plaats de ketting op de grote
kettingring en voeg twee schakels
aan de ketting toe.
• Monteer de schakelhendel in een positie waarbij de remwerking en
de overschakeling van de versnellingen niet gehinderd wordt.
• Niet gebruiken in een combinatie die tot gevolg heeft dat de
remwerking gehinderd wordt.
“De onderhoudsinterval is afhankelijk van het gebruik en de
rijomstandigheden. Reinig de ketting regelmatig met een geschikte
kettingreiniger. Gebruik nooit oplosmiddelen die alkali of zuur
bevatten, zoals roestreinigers. Als dergelijke oplosmiddelen
worden gebruikt, kan de ketting breken en ernstig letsel
veroorzaakt worden.”
• Wees voorzichtig dat tijdens het fietsen de uiteinden van uw kleding niet tussen de
ketting beklemd raken, anders bestaat de kans dat u van de fiets valt.
• Controleer of de spanning van de ketting correct is en of de ketting niet beschadigd is.
Als de spanning onvoldoende is of de ketting beschadigd is, dient de ketting vernieuwd
te worden. Als dit niet gebeurt, bestaat de kans dat de ketting breekt en dat u van de
fiets valt.
• De twee bevestigingsbouten van de linker crankarm dienen beurtelings in etappes
aangetrokken te worden zonder elk van beide bouten in een keer volledig aan te
trekken. Gebruik een momentsleutel om te controleren of de eindaantrekkoppels zich
binnen het bereik van 12 - 14 N·m bevinden. Gebruik verder na het rijden van
ongeveer 100 km (60 mijl) een momentsleutel om de aantrekkoppels nogmaals te
controleren. Ook is het van belang de aantrekkoppels van tijd tot tijd te controleren. Als
de aantrekkoppels te zwak zijn of als de bevestigingsbouten niet beurtelings in
etappes worden aangetrokken, bestaat de kans dat de linker crankarm losraakt en dat
u met de fiets komt te vallen en ernstig letsel oploopt.
• Controleer of er geen scheurtjes in de crankarmen zijn alvorens met de fiets te gaan
rijden. Als er scheurtjes zijn, bestaat de kans dat de crankarm breekt en dat u van de
fiets valt.
• Als de binnenste afdekking niet correct gemonteerd wordt, bestaat de kans dat de as
gaat roesten en beschadigd wordt en dat u met de fiets valt en ernstig letsel oploopt.
Zorg er voor dat u de montage-instructies heeft en lees deze nauwkeurig alvorens
de onderdelen te monteren. Loszittende, versleten of beschadigde onderdelen
kunnen tot gevolg hebben dat u met de fiets komt te vallen en ernstig letsel oploopt.
Het wordt ten zeerste aanbevolen uitsluitend gebruik te maken van originele Shimano
vervangingsonderdelen.
Zorg er voor dat u de montage-instructies heeft en lees deze nauwkeurig alvorens
de onderdelen te monteren. Als de afstellingen niet correct worden uitgevoerd, kan
de ketting afglijden en dit kan tot gevolg hebben dat u van de fiets valt en ernstig letsel
oploopt.
• Lees deze technische montage-instructies nauwkeurig en bewaar ze op een veilige
plaats voor toekomstige referentie.
Opmerking
• Verder, als de werking van de pedalen niet normaal aanvoelt, dit nogmaals
controleren.
• Controleer alvorens met de fiets te gaan rijden of de verbinding geen speling heeft of
loszit. Zorg er voor de crankarmen en pedalen periodiek aan te trekken.
• Als de verbinding van de trapas en de linker crankarm een piepend geluid maakt, vet
aanbrengen op de verbinding en deze vervolgens met het voorgeschreven koppel
aantrekken.
• Het trapashuis niet reinigen met hogedruk waterstralen.
• Als u voelt dat de lagers speling hebben, dient u het trapashuis te vernieuwen.
• Als het overschakelen van de versnellingen niet soepel verloopt, de derailleur schoon
spoelen en alle bewegende onderdelen smeren.
• Als de mate van speling in de verbindingen zodanig is dat afstelling niet mogelijk is,
dient u de derailleur te vernieuwen.
• U dient de kettingringen regelmatig in een neutraal reinigingsmiddel schoon te spoelen
en deze vervolgens opnieuw te smeren. Bovendien kan het reinigen van de ketting met
een neutraal reinigingsmiddel en het smeren een effectieve manier zijn om de
gebruiksduur van de kettingringen en de ketting te verlengen.
• Als de ketting tijdens het fietsen van de kettingringen blijft afglijden, de kettingringen en
de ketting vernieuwen.
• Breng vet aan op de linker en rechter adapters alvorens deze te monteren.
• Voor een soepele werking dient men steeds gebruik te maken van de SIS-SP
buitenkabel en de trapas-kabelgeleider.
• Bij het monteren van een type met bovengeleide kabel, dient
men een frame te kiezen met drie buitenkabelhouders, zoals
aangegeven in illustratie.
• Gebruik een buitenkabel die lang genoeg is, ook voor wanneer
het stuur volledig naar beide kanten gedraaid wordt. Controleer
bovendien of de schakelhendel het fietsframe niet raakt wanneer
het stuur volledig naar beide kanten gedraaid wordt.
• Voor de versnellingskabel wordt een speciaal soort vet gebruikt
(SIS-SP41). Gebruik geen DURA-ACE vet of andere soorten vet, aangezien dit een
nadelige invloed kan hebben op het overschakelen van de versnellingen.
• Smeer de binnenkabel en de binnenzijde van de buitenkabel alvorens dczc in gebruik
te nemen om er voor te zorgen dat deze goed glijden.
• Gebruik enkel de aanbevolen ketting en trapas.
• Zorg ervoor dat de kettingringcombinatie overeenkomt met de configuratie van de
kettingwielvertanding in de tabel met Produktspecificaties. Als andere combinaties
worden gebruikt, zal de afstand tussen de kettingringen niet juist zijn, waardoor de
ketting van de kettingringen kan afglijden en daartussen beklemd kan raken.
• Als het trapashuis niet parallel is, zal het overschakelen van de versnellingen nadelig
beïnvloed worden.
• Gebruik voor het verkrijgen van optimale prestaties uitsluitend het aanbevolen type
ketting. Een ketting van het brede type kan niet worden gebruikt.
• De hendels van de versnelling dienen alleen te worden gebruikt als het voorwiel draait.
• Onderdelen zijn niet gegarandeerd tegen natuurlijke slijtage of veroudering als gevolg
van normaal gebruik.
• Raadpleeg een professionele fietsenhandelaar voor eventuele vragen betreffende de
methode van montage, afstelling, onderhoud of bediening.
Kettingwiel
Hoek van
kettingsteun
* Montage-instructies in andere talen zijn beschikbaar op :
http://techdocs.shimano.com
Opmerking: Specificaties kunnen zonder voorafgaande kennisgeving gewijzigd worden.
(Dutch)
Voorderailleur
Ty pe
Diameter van voorde-railleurklemband
Hoek van kettingsteun (
C
)
Kettinglijn
Type met klemband / Directgemonteerd
S (28.6mm), M (31.8mm)
61° - 66°
43.5mm
Montage van de kettingringen
Soepel schakelen is niet mogelijk als de kettingringen op verkeerde wijze gemonteerd zijn. Let er dus
op de kettingringen in de juiste posities te monteren.
Buitenzijde
Traparm
Anti-glijpin van ketting
Traparm
o Gemarkeerde zijde
Achterzijde
Gemarkeerde
zijde
Zorg er voor dat de grootste kettingring met de
gemarkeerde zijde naar buiten gericht is en
breng de grootste kettingring zodanig aan, dat
de anti-glijpin van de ketting met de traparm
uitgelijnd is.
Zorg er voor dat de kleinste kettingring met de
gemarkeerde zijde naar achteren gericht is en
breng de kettingring zodanig aan, dat het o
merkteken met de traparm uitgelijnd is.
Bij kettingringen zonder een gemarkeerde zijde,
uitlijnen met behulp van het uitsteeksel aan de
binnenzijde van de kettingring.
1. Alvorens te monteren, zodanig afstellen dat de speling tussen de
buitenplaat van de kettinggeleider en het grootste tandwiel 1 - 3
mm bedraagt.
Monteren van de voorderailleur
Kettingwiel
(grootste kettingring)
Kettinggeleider
Aantrekkoppel:
5 - 7 N·m {50 - 70 kgf·cm}
SIS afstelling
1. Afstelling van de laagste versnelling
Stel zodanig af dat de speling tussen de binnenste plaat van de
kettinggeleider en de ketting 0 - 0,5 mm bedraagt.
Afstelschroef voor
laagste versnelling
Binnenste plaat van
kettinggeleider
Ketting
Speling: 1 - 3 mm
Buitenplaat van
kettinggeleider
Trek de binnenkabel strak aan en draai voor het vastzetten
van de kabel de bevestigingsbout met een 5 mm
inbussleutel vast.
Trekken
Aantrekkoppel:
5 - 7 N·m {50 - 70 kgf·cm}
Trek de kabel eerst strak aan en
bevestig deze aan de voorderailleur
zoals aangegeven in de illustratie.
Grote kettingring
CS-S500
(18T of 20T)
Vóórschakeling
Uitgangspositie van hendel (A)
Overschakelen van de grote kettingring naar de
kleine kettingring (Hendel B)
Wanneer hendel (B) eenmaal wordt ingedrukt, vindt er
overschakeling van één versnelling plaats van de grote
kettingring naar de kleine kettingring.
Hendel (B)
Kleine kettingring
CS-S500
(18T of 20T)
Ketting
Algemene veiligheidsinformatie
Buitenkabelhouders
WAARSCHUWING
2. Aansluiten en vastzetten van de binnenkabel
Bedien hendel (B) 2 maal of meer om
op de indicator te controleren of de
laagste stand correct is en bevestig
vervolgens de binnenkabel.
Monteer de afdekking van het
binnenste gat door deze tot aan de
aanslag te draaien zoals
aangegeven in de illustratie.
Niet verder dan dit punt draaien,
aangezien anders de schroefdraad
beschadigd wordt.
Bovendien kan wanneer de
eenheidafdekking verbogen raakt, dit tot gevolg hebben dat de
aanvoerhendel er door gehinderd wordt waardoor de
aanvoerhendel niet correct kan functioneren.
Als de aanvoerhendel niet correct terugkeert, de afdekking van het
binnenste gat een weinig losdraaien en vervolgens de
toevoerhendel en de eenheidafdekking van elkaar losmaken en
controleren of het terugkeren van de aanvoerhendel dan verbeterd
wordt.
Eenheidafdekking
Afdekking van
binnenste gat
Aanvoerhendel
Hendel (B)
Afdekking van
binnenste gat
Afsnijden van de buitenkabel
Bij het afsnijden van de buitenkabel, deze aan het uiteinde
tegenovergesteld aan het uiteinde met de markering
afsnijden. Na het afsnijden van de
buitenkabel het uiteinde er van zodanig
afronden dat de binnenomtrek van het
gat een gelijkmatige diameter heeft.
Bevestig hetzelfde buitenkabelafsluitkapje op het
afgesneden uiteinde van het buitenkabel.
Buitenkabelafsluitkapje
Bevestigingsschroeven van kapje
Indicator
Hendel (B)
Vernieuwen van de indicator
1. Verwijder de twee
bevestigingsschroeven van het
kapje waarmee de indicator
bevestigd is.
2. Verwijder de indicator-
eenheid zoals aangegeven
in de illustratie.
Demonteren en monteren mag uitsluitend gebeuren wanneer
de indicator vernieuwd wordt.
3. Bedien hendel (B) tenminste tweemaal om de hendel in de
laagste stand te zetten.
4. Controleer eerst of de naald van de indicator zich aan het
rechter uiteinde bevindt en monteer vervolgens de indicator
direct vanaf de bovenzijde.
5. Controleer de werking van de indicator. Als deze niet op de
juiste wijze werkt, de indicator opnieuw monteren en daarbij
vooral te letten op de stappen 3. en 4.
De indicator en de schakelhendeleenheid niet demonteren,
aangezien dit beschadiging of foutieve werking tot gevolg kan
hebben.
Aantrekkoppel :
0,3 - 0,5 N·m {3 - 5 kgf·cm}
Afstelnippel
3. Afstelling van het bereik van de hoogste versnelling
Plaats de ketting op het CS-S500 tandwiel (tandwiel met
kettingbeschermer) en schakel vervolgens over naar de
grote kettingring.
(2) Afstelling van de spanning van de binnenkabel
Draai de afstelnippel van de schakelhendel om de
spanning van de binnenkabel op de correcte spanning
af te stellen.
* Als de kabel te strak wordt
gespannen, kan de bediening
van de hendel stroef worden.
(1) Afstelling van de bereikafstelschroef
Gebruik de afstelschroef voor de hoogste versnelling om
de positie van de kettinggeleiderplaat af te stellen (zodat
de tussenruimten aan de linker en rechter zijden van de
ketting gelijk zijn).
Afstelschroef voor
hoogste
versnelling
Kettinggeleiderplaat
Ketting
Grote kettingring
CS-S500
(18T of 20T)
SI-6MM0B-002-03
SL-S500 (-L)
Technische montage-instructies SI-6MM0B-002
Schakelhendel
1 / 1

Shimano SL-S500 Service Instructions

Type
Service Instructions