Canon Fax B 180C Handleiding

Categorie
Fax apparaten
Type
Handleiding

Deze handleiding is ook geschikt voor

ii
Inhoudsopgave
INLEIDING
Gebruik van deze handleiding......................................vii
Ondersteuning...............................................................vii
Belangrijke veiligheidsinstructies .............................viii
Behandeling en onderhoud .....................................................viii
De plaats voor uw fax................................................................ix
Aansluitspanning.......................................................................ix
1.
Installatie
Uitpakken ..................................................................... 1-2
Verwijderen van verpakkingsmaterialen.................................1-3
Installatie van de fax ................................................... 1-4
Aansluiten van onderdelen.....................................................1-4
Aansluiten van de fax.................................................. 1-5
Aansluiten van de optionele handset, telefoonlijn en externe
apparaten.............................................................................1-5
Aansluiten van netsnoer.........................................................1-7
Installeren van de BJ-cartridge.................................. 1-8
Aanwijzingen ..........................................................................1-8
De BJ-cartridge in uw fax installeren......................................1-9
Papier bijvullen.......................................................... 1-11
Kiezen van het juiste papier .................................................1-11
Informatie over papier...........................................................1-11
Papier bijvullen op het MP-blad............................................1-12
Instellen van TYPE TEL.LIJN.................................... 1-13
Kiezen via een huistelefooncentrale (PBX)............. 1-14
Opslaan van type en nummer van de buitenlijn ...................1-14
Testen van de fax ...................................................... 1-16
2.
Gereedmaken
voor gebruik
Belangrijkste onderdelen van uw fax........................ 2-2
Bediening van fax - het bedieningspaneel................ 2-3
Informatie over het invoeren van cijfers, letters en
symbolen ................................................................... 2-5
Corrigeren van verkeerde invoer............................................2-7
Opslaan van informatie over de afzender................. 2-8
Personaliseren van uw fax .....................................................2-8
Instellen van datum en tijd......................................................2-9
Opslaan van uw fax-/telefoonnummer en naam...................2-10
Opslaan van snelkiesnummers en namen.............. 2-12
Opslaan van verkort kiesnummers en namen........ 2-14
Opslaan van groepskiesnummers en namen......... 2-15
Automatisch kiezen................................................... 2-18
Een document verzenden via snelkiezen,
verkort kiezen of groepskiezen.............................................2-18
Speciale kiesmethoden............................................. 2-19
iii
Inhoudsopgave
3.
Behandeling van
documenten
Gereedmaken van documenten................................. 3-2
Typen documenten die u kunt scannen..................................3-2
Documenten die problemen kunnen veroorzaken..................3-2
Plaatsen van originelen .............................................. 3-3
Problemen met documenten die uit meerdere pagina's
bestaan................................................................................3-4
Pagina's toevoegen aan een document .................................3-4
4.
BEHANDELING
VAN PAPIER
Voorwaarden aan papier............................................. 4-2
Afdrukvlak...............................................................................4-2
Papier bijvullen.......................................................................4-2
5.
Kopiëren
Documenten kopiëren.................................................5-2
6.
Verzenden van
documenten
Een document gereedmaken voor verzending......... 6-2
De kwaliteit van uw documenten aanpassen .........................6-2
Verzendmethoden..................................................................6-3
Kiesmethoden.........................................................................6-4
Verzenden van documenten....................................... 6-5
Verzending vanuit het geheugen............................................6-5
Handmatig verzenden ............................................................6-6
Meldingen tijdens verzending.................................................6-7
Annuleren van verzending.......................................... 6-8
Nummerherhaling wanneer de lijn bezet is............... 6-9
Handmatige nummerherhaling ...............................................6-9
Automatische nummerherhaling.............................................6-9
Groepsverzending..................................................... 6-12
Een document naar meer dan één bestemming verzenden.6-12
In het geheugen opgeslagen documenten.............. 6-13
Afdrukken van een lijst met in het geheugen opgeslagen
documenten.......................................................................6-13
Afdrukken van een in het geheugen opgeslagen document 6-13
Verwijderen van een in het geheugen opgeslagen
document...........................................................................6-14
Verzenden op ingesteld tijdstip ............................... 6-15
Andere documenten verzenden terwijl verzending op een
ingesteld tijdstip is aangegeven.........................................6-16
Annuleren van verzenden op ingesteld tijdstip.....................6-16
iv
Inhoudsopgave
7.
Ontvangen van
documenten
Verschillende manieren om een document te
ontvangen.................................................................. 7-2
Documenten automatisch ontvangen: ALLEEN FAX MODE .7-3
Automatisch documenten ontvangen en telefonische oproepen
aannemen: Fax/Tel mode........................................................7-3
Handmatig documenten ontvangen: HANDMATIG MODE....7-7
Documenten ontvangen met een antwoordapparaat:
ANTW.APP.MODE...............................................................7-9
Overige functies ........................................................ 7-10
Documenten ontvangen tijdens het uitvoeren van andere
taken..................................................................................7-10
Documenten in het geheugen ontvangen als zich problemen
voordoen............................................................................7-10
Polling om documenten te ontvangen..................................7-11
Annuleren van ontvangst ......................................... 7-12
Beperkt gebruik van ontvangst
(ontvangstbeveiliging)............................................ 7-13
8.
Instellingen en
activiteiten-
rapporten
Een menu selecteren................................................... 8-2
Activiteitenrapporten .................................................8-7
Afdrukken van een rapport.....................................................8-7
Activiteitenrapport...................................................................8-8
Lijst met snelkiesnummers.....................................................8-9
Lijst met verkort kiesnummers................................................8-9
Lijst met groepskiesnummers.................................................8-9
LIJST MET GEBRUIKERSGEGEVENS...............................8-10
Doc. geheugenlijst................................................................8-10
TX (verzend) rapport ............................................................8-11
RX (ontvangst) rapport.........................................................8-12
Multi TX/RX (transactie) rapport...........................................8-12
Beperkt gebruik van de fax....................................... 8-13
De fax vergrendelen.............................................................8-13
Wijzigen van het password...................................................8-14
Annuleren van de beperkingsfunctie....................................8-15
v
Inhoudsopgave
9.
Oplossingen
voor problemen
Verwijderen van vastgelopen papier......................... 9-2
Papierstoringen in de aanvoer (ADF).....................................9-2
Papierstoringen bij het MP-blad .............................................9-3
Regelmatig reinigen.................................................... 9-4
Reinigen van de behuizing van de fax....................................9-4
Reinigen van de binnenzijde van de fax.................................9-4
Testen en reinigen van de afdrukkop van de BJ-cartridge.....9-7
Vervangen van de BJ-cartridge..............................................9-8
Oplossen van problemen.......................................... 9-11
Problemen met invoer van papier.........................................9-11
Problemen met faxen ...........................................................9-12
Problemen met kopiëren ......................................................9-16
Problemen met de telefoon ..................................................9-16
Problemen met afdrukkwaliteit .............................................9-17
Algemene problemen ...........................................................9-17
Displaymeldingen...................................................... 9-18
Indien een stroomstoring optreedt.......................... 9-23
Tijdens een stroomstoring....................................................9-23
Geheugen wissen rapport ....................................................9-23
BIJLAGE:
OPTIES
Optionele handset.......................................................A-2
Inhoud van de verpakking ......................................................A-2
Aansluiten van de handset op uw fax.....................................A-3
Onderhoud van de handset....................................................A-4
Technische gegevens............................................................................................S-1
Trefwoordenlijst....................................................................................................... I-1
vi
Copyright
Copyright (c) 2002, Canon Inc. Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze handleiding mag worden
verveelvoudigd, verzonden, gecodeerd of opgeslagen in een documentatiesysteem, of vertaald in een taal
of computertaal, ongeacht methodiek of systeem, elektronisch, mechanisch, magnetisch, optisch, chemisch,
handmatig of op andere wijze zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Canon Inc.
Handelsmerken
Canon en BJ zijn geregistreerde handelsmerken. UHQ is een handelsmerk van Canon Inc.
Alle overige product- en merknamen zijn geregistreerde handelsmerken, handelsmerken of servicemerken
van de betreffende eigenaars.
Deze apparatuur (H12240/H12241) voldoet aan de eisen van EU-richtlijn 1999/5/EC.
Hierbij verklaren wij dat dit product voldoet aan de EMC-eisen van EU-richtlijn 1999/5/
EC bij een nominale voedingsspanning van 230V, 50Hz hoewel de nominale spanning
van dit product 200V-240V, 50/60Hz bedraagt.
Als u naar een ander Europees land verhuist en er doen zich problemen voor, neem dan
contact op met de Canon helpdesk.
(Uitsluitend Europa)
Als partner in ENERGY STAR heeft Canon vastgesteld dat deze producten voldoen
aan de ENERGY STAR
-richtlijnen voor efficiënt energieverbruik
vii
Gebruik van deze handleiding
Deze handleiding bevat gedetailleerde informatie voor het instellen, bedienen en onderhouden van het
apparaat en beschrijft tevens hoe u problemen kunt oplossen.
Lees voordat u deze handleiding gaat gebruiken eerst de onderstaande lijst met symbolen, terminologie en
afkortingen, zodat u er bekend mee bent.
In deze handleiding staan de knoppen die u tijdens het uitvoeren van de diverse functies dient in te drukken
tussen haakjes: [Stop]
.
Ondersteuning
Uw fax is ontworpen met de allernieuwste technologie om een probleemloze werking te garanderen. Als uw
fax niet goed werkt, probeer dit dan op te lossen met behulp van de informatie in Hoofdstuk 9. Kunt u het
probleem niet oplossen of denkt u dat uw fax onderhoud nodig heeft, neem dan contact op met uw
leverancier of de Canon Help Desk.
Waarschuwing
Geven aan welke handelingen u dient te vermijden om beschadiging van uw fax en persoonlijk letsel
te voorkomen. Volg altijd deze aanwijzingen om uw fax veilig te gebruiken.
Opmerking
Geven advies om uw fax nog efficiënter te gebruiken, beschrijven de beperkingen en laten zien hoe u
kleine problemen kunt vermijden. Wij adviseren u deze aanbevelingen te lezen, zodat u optimaal gebruik
kunt maken van uw fax en de vele functies.
(zie pag. xx) Verwijst naar een paginanummer waar u meer informatie over het
onderwerp uit de vorige zin of paragraaf kunt lezen.
standaard Een instelling die van kracht blijft tenzij u de instelling wijzigt.
document Het originele vel (of vellen) papier die u met uw fax verzendt of ontvangt.
menu Een lijst met instellingen waarin u een item kunt selecteren om deze in te
stellen of te wijzigen.
Een menu heeft een titel die op het LCD verschijnt
en toetsen Met deze toetsen kunt u een item in een menu selecteren. Druk op om
het volgende item te selecteren en druk op
om het vorige item te
selecteren.
transactienummer Wanneer u een document verzendt of ontvangt, wijst uw fax automatisch
een uniek transactienummer aan dat document toe. De transactienummers
bestaan uit vier cijfers en helpen u bij het overzichtelijk houden van de
documenten die u ontvangt of verzendt.
TX/RX NR. TX/RX NR. is de afkorting die wordt gebruikt voor "transactienummer".
TX TX verwijst naar verzending.
RX RX verwijst naar ontvangst.
LCD-display. De weergave op het LCD-display kan afhankelijk zijn van de
huidige instellingen.
Opmerking
Deze handleiding bevat de informatie voor twee Canon modellen. De illustraties in deze handleiding
kunnen afwijken van het model dat u gebruikt. De instructies voor specifieke modellen zijn voorzien van
de naam van het betreffende faxapparaat.
viii
Belangrijke veiligheidsinstructies
Lees deze veiligheidsinstructies voordat u uw fax gaat gebruiken.
K
Behandeling en onderhoud
Volg alle waarschuwingen en instructies die op de fax staan zorgvuldig op.
Stel de fax niet bloot aan schokken of trillingen.
Trek de steker uit de wandcontactdoos voordat u de fax verplaatst of reinigt.
Om papierstoringen te voorkomen, adviseren wij u tijdens het afdrukken niet het netsnoer uit te
wandcontactdoos te trekken, de printerkap te openen of papier van het MP-blad te verwijderen.
Verwijder de BJ-cartridge tijdens het transporteren van de fax.
Til de fax altijd op zoals hieronder is afgebeeld. Til de fax nooit op aan één van de bladen.
Steek geen voorwerpen in de uitsparingen of openingen van de behuizing. De voorwerpen kunnen in
aanraking komen met onder gevaarlijke spanning staande onderdelen of onderdelen kortsluiten. Dit kan
resulteren in brand of een elektrische schok.
Laat geen kleine voorwerpen (zoals spelden, paper clips of nietjes) in de fax vallen. Valt er toch iets in de
fax, trek dan direct het netsnoer uit de wandcontactdoos en neem contact op met uw leverancier of de
Canon Help Desk.
Eet of drink niet in de omgeving van de fax, zodat er niets in de fax kan worden gemorst. Als u een
vloeistof of een andere substantie in de fax morst of laat vallen, trek dan direct de steker uit de
wandcontactdoos en neem contact op met uw leverancier of de Canon Help Desk.
Houd de fax schoon. In het faxapparaat kan zich stof verzamelen en dit heeft invloed op de werking van
het faxapparaat.
In de volgende situaties dient u de steker uit de wandcontactdoos te verwijderen en contact op te nemen
met een deskundige:
– Als het netsnoer of de steker beschadigd of versleten is.
Als er vloeistof in de fax is gemorst.
Als de fax is blootgesteld aan regen of water.
Als u de aanwijzingen in deze handleiding zorgvuldig heeft opgevolgd maar de fax niet goed
functioneert. Gebruik uitsluitend de toetsen die worden beschreven bij de instructies in deze
handleiding. Het verkeerd instellen van andere toetsen kan resulteren in schade en wellicht in kostbare
reparaties om het faxapparaat weer goed te laten functioneren.
Als de fax is gevallen of als de behuizing is beschadigd.
Als de fax duidelijk anders werkt dan normaal. Dit betekent dat onderhoud nodig is.
Waarschuwing
Met uitzondering van de handelingen die in deze handleiding worden beschreven, dient u nooit zelf
servicewerkzaamheden aan het faxapparaat uit te voeren. Probeer het faxapparaat nooit te
demonteren: door deksels in het faxapparaat te openen en te verwijderen, loopt u kans op een
elektrische schok. Neem voor al uw vragen contact op met uw leverancier of de Canon Help Desk.
ix
K
De plaats voor uw fax
Plaats de fax op een plat, stevig en trillingvrij oppervlak, dat sterk genoeg is om het gewicht van de fax te
dragen (ca. 5,1 kg).
Installeer de fax op een koele, droge, schone en goed geventileerde plaats.
– Zorg dat de omgeving vrij is van stof.
De locatie mag niet blootstaan aan sterke temperatuurwisselingen. De temperatuur dient zich altijd
tussen 10° en 32,5°C te bevinden.
De relatieve luchtvochtigheid ter plekke dient altijd tussen 20% en 85% te zijn.
Houd de fax uit direct zonlicht om schade aan de fax te voorkomen. Als u het faxapparaat bij een raam
moet installeren, hang dan dikke gordijnen of een zonwering op.
Gebruik de fax niet in de omgeving van water. Zorg dat de fax niet in contact komt met natte of vochtige
voorwerpen.
Gebruik of bewaar de fax niet buitenshuis.
Installeer de fax niet nabij apparatuur die magneten bevat of magnetische velden genereert, zoals
luidsprekers.
Installeer de fax indien mogelijk nabij een bestaande telefoonlijn, zodat u geen nieuwe lijn hoeft aan te
leggen.
Installeer de fax nabij een standaard 200-240 V AC wandcontactdoos.
Om zeker te zijn van een betrouwbare werking en om de fax tegen oververhitting te beschermen (dit kan
storingen of brandgevaar veroorzaken), is het niet toegestaan de ventilatieopening te blokkeren of andere
openingen van de fax te blokkeren of af te dekken door de fax op een bed, bank, kleed of soortgelijk
oppervlak te plaatsen. Plaats de fax nooit in een kast of wandmeubel of bij een radiator of soortgelijke
warmtebron, tenzij voldoende ventilatie mogelijk is. Installeer de fax ca. 10 cm vanaf de wand en andere
apparatuur. Op pag. S-1 treft u de afmetingen van de fax aan.
Plaats de fax niet op de rand van een bureau om te voorkomen dat ontvangen documenten op de vloer
vallen.
Plaats geen dozen of meubels bij de wandcontactdoos. Houd deze ruimte vrij, zodat u de steker snel kunt
verwijderen. Merkt u iets vreemds (rook, vreemde geur, vreemd geluid), haal dan direct de steker uit de
wandcontactdoos. Neem contact op met uw leverancier of de Canon Help Desk.
Plaats geen voorwerpen op het netsnoer en zorg dat er niemand op het netsnoer kan gaan staan. Zorg dat
het netsnoer niet is opgerold of geknikt.
K
Aansluitspanning
Trek de steker bij onweer uit de wandcontactdoos. (Wanneer u de steker uit de wandcontactdoos trekt,
worden alle documenten in het geheugen van de fax gewist.)
Wacht na het lostrekken van de steker altijd tenminste vijf seconden voordat u de steker opnieuw in de
wandcontactdoos steekt.
Bij stof op of rond de steker van het netsnoer dient u de steker uit de wancontactdoos te trekken en de
steker schoon te vegen met een zachte, droge doek.
Waarschuwing
Dit product produceert geringe elektromagnetische straling. Gebruikt u een pacemaker en voelt u
zich niet goed, ga dan uit de buurt van het faxapparaat en neem contact op met uw huisarts.
x
1
1
Installatie
Installatie
Uitpakken ..................................................................... 1-2
Verwijderen van verpakkingsmaterialen.................................1-3
Installatie van de fax ................................................... 1-4
Aansluiten van onderdelen.....................................................1-4
Aansluiten van de fax.................................................. 1-5
Aansluiten van de optionele handset, telefoonlijn en externe
apparaten.............................................................................1-5
Aansluiten van netsnoer.........................................................1-7
Installeren van de BJ-cartridge.................................. 1-8
Aanwijzingen ..........................................................................1-8
De BJ-cartridge in uw fax installeren......................................1-9
Papier bijvullen.......................................................... 1-11
Kiezen van het juiste papier .................................................1-11
Informatie over papier...........................................................1-11
Papier bijvullen op het MP-blad............................................1-12
Instellen van TYPE TEL.LIJN.................................... 1-13
Kiezen via een huistelefooncentrale (PBX)............. 1-14
Opslaan van type en nummer van de buitenlijn ...................1-14
Testen van de fax ...................................................... 1-16
1-2
Uitpakken
Bewaar het karton en het verpakkingsmateriaal nadat u de fax heeft uitgepakt. Wellicht heeft u deze
materialen in de toekomst weer nodig als u de fax wilt verplaatsen of verzenden.
Haal voorzichtig alle voorwerpen uit de doos.
U kunt het beste iemand anders de doos vast laten houden terwijl u de fax en de beschermende verpakking
uit de doos tilt.
Controleer of de volgende voorwerpen aanwezig zijn:
U dient ook het volgende aan te treffen:
Netsnoer
Documentatie
Telefoonlijn
Garantie*
Indien één van deze voorwerpen ontbreekt of is beschadigd, dient u direct contact op te nemen met Canon.
Opmerking
Vorm, aantal en positie van de daadwerkelijke verpakkingsmaterialen kan afwijken van de bovenstaande
afbeelding.
BJ-cartridge
Documentensteun
faxapparaat
* Niet in alle landen beschikbaar.
1-3
Uitpakken
1
Installatie
Verwijderen van verpakkingsmaterialen_________
Verwijder de verpakkingsmaterialen zoals hieronder is aangegeven.
1
Verwijder de tape van de bovenzijde van
de fax.
2
Verwijder het beschermstuk van het MP-
blad.
3
Open het bedieningspaneel gedeeltelijk
door dit voorzichtig naar u toe te trekken
(het paneel gaat maar iets open).
4
Verwijder het beschermblad uit de ADF
(automatische originelen aanvoer).
Sluit het bedieningspaneel door het in het
midden naar beneden te drukken tot u klik
hoort.
5
Open de printerkap via het nokje op de
kap. (zie pag. 2-2)
6
Verwijder de tape van de zijkant van de
fax.
Sluit de printerkap.
Opmerking
Vorm, aantal en positie van de daadwerkelijke verpakkingsmaterialen kan afwijken van de bovenstaande
afbeelding.
1-4
Installatie van de fax
Om te zien hoe uw fax er met alle onderdelen uit moet zien, raadpleegt u pag. 2-2.
Aansluiten van onderdelen ___________________
Opmerking
Raadpleeg de Bijlage voor informatie over het aansluiten van de optionele handset op de fax.
1
Houd de
documentensteun
omhoog en plaats de
nokken van de steun in
de openingen boven de
ADF.
1-5
1
Installatie
Aansluiten van de fax
Aansluiten van de optionele handset, telefoonlijn
en externe apparaten ________________________
Aan de achterzijde bevinden zich drie aansluitingen voor:
Telefoonlijn
Optionele handset of telefoon
Extra telefoontoestel (d.w.z. een extra telefoontoestel dat u op een andere plaats dan de fax installeert om
gesprekken van derden aan te nemen) of antwoordapparaat.
Als u maar één telefoonlijn heeft en u de fax zowel voor het ontvangen van faxberichten als voor het voeren
van telefoongesprekken wilt gebruiken, dient u de optionele handset of een antwoordapparaat op de fax aan
te sluiten.
Sluit deze externe apparaten aan voordat u de fax gaat gebruiken.
Sluit de telefoonlijn en externe apparatuur aan zoals hieronder is beschreven.
1
Sluit de meegeleverde
telefoonlijn aan op de
aansluiting en sluit
het andere uiteinde van
de lijn aan op de
telefoonaansluiting aan
de wand.
2
Sluit het snoer van de
optionele handset of
telefoon aan op de
aansluiting.
3
Sluit het snoer van het
extra telefoontoestel of
het antwoordapparaat
aan op de
aansluiting.
1-6
Opmerking
Door de vele verschillende technische gegevens kan Canon niet garanderen dat alle antwoordapparaten
geschikt zijn voor uw fax.
Stel de juiste ontvangst mode in als u een extern apparaat op uw fax heeft aangesloten. (Zie Hoofdstuk 7)
Als u zowel een extra telefoontoestel als een antwoordapparaat op uw fax wilt aansluiten, sluit het extra
telefoontoestel dan aan op het antwoordapparaat en het antwoordapparaat op uw fax.
Als het extra telefoontoestel geen eigen voeding heeft, kunnen de nummerherhalingsgegevens in het
geheugen van de extra telefoon na een langdurige faxverzending verloren gaan.
1-7
Aansluiten van de fax
1
Installatie
Aansluiten van netsnoer______________________
Sluit de fax aan op een 200-240 volt AC 50/60 Hz wandcontactdoos.
Als u uw fax de eerste keer aansluit, dient u de juiste taal voor de displaymeldingen en rapporten alsmede
het land* waar u de fax gebruikt in te stellen.
K
Instellen van taal en land
1
Sluit de steker aan op de elektrische
aansluiting van de fax.
2
Sluit het andere uiteinde aan op een
geaarde wandcontactdoos.
1
Steek de steker in de wandcontactdoos.
Na enkele seconden verschijnt het volgende display.
2
Druk op [ ] of [ ] om de gewenste taal voor
displaymeldingen en rapporten in te stellen.
Druk op [Instellen].
Wacht een seconde tot LANDSELECTIE*
verschijnt.
Druk op [Instellen].
3
Druk op [ ] of [ ] om aan te geven in welk land u
de fax gebruikt*.
Druk op [Instellen].
Het vastleggen is beëindigd en de fax gaat terug naar de
standby mode.
Instellen
1 sec.
Instellen
Instellen
Opmerking
Op de fax bevindt zich geen hoofdschakelaar.
De fax is ingeschakeld zolang de steker in de
wandcontactdoos is gestoken.
* Deze instelling is niet in alle landen beschikbaar.
1-8
Installeren van de BJ-cartridge
De eerste keer dat u de fax gaat aansluiten, dient u eerst de BJ-cartridge te installeren voordat u documenten
kunt ontvangen of kopiëren.
Raadpleeg pag. 9-8 voor meer informatie over het vervangen van de BJ-cartridge.
Aanwijzingen _______________________________
Volg deze aanwijzingen om zeker te zijn dat uw BJ-cartridge optimale prestaties levert.
Gebruik voor uw fax uitsluitend een Canon BX-20 Black BJ*-cartridge.
Bewaar BJ-cartridges bij kamertemperatuur.
Bewaar de BJ-cartridges in hun verpakking totdat u ze gaat gebruiken. Dit om te voorkomen dat de BJ-
cartridge uitdroogt.
Vervang de BJ-cartridges na één jaar.
Verwijder een BJ-cartridge uitsluitend uit de fax als u de cartridge gaat vervangen. Indien de cartridge uit
de fax wordt verwijderd kan de afdrukkop uitdrogen, waardoor de cartridge onbruikbaar wordt.
Als u een BJ-cartridge wilt vervangen, dient u op [Cartridge] te drukken om de cartridgehouder naar het
midden te verplaatsen.
Wanneer u de fax niet gebruikt, dient de cartridgehouder in zijn uitgangspositie te staan (geheel rechts in
de fax). Als de cartridge niet in de uitgangspositie staat, druk dan op [Cartridge]. Staat de cartridgehouder
niet in de uitgangspositie, dan is de BJ-cartridge niet afgesloten en kan de cartridge uitdrogen.
De inkt in de BJ-cartridge is moeilijk te verwijderen als ze is gemorst. Volg de onderstaande
voorzorgsmaatregelen bij gebruik van de BJ-cartridge.
Verwijder de verpakking van BJ-cartridges voorzichtig.
Probeer de BJ-cartridge niet te demonteren of bij te vullen.
BJ-cartridges niet schudden, laten vallen of de afdrukkop omlaag laten wijzen.
Waarschuwing
Bewaar BJ-cartridges buiten het bereik van
kinderen. Heeft een kind per ongeluk inkt
ingeslikt, neem dan direct contact op met een
arts.
Raak de precisieonderdelen op de BJ-cartridge
niet aan.
Raak dit gedeelte niet aan
* In de FAX-B180C kunt u ook de Canon BC-21e kleuren-BJ-cartridge plaatsen. U kunt met deze
cartridge echter alleen in zwart/wit afdrukken.
1-9
Installeren van de BJ-cartridge
1
Installatie
De BJ-cartridge in uw fax installeren ___________
Wanneer er geen BJ-cartridge in uw fax aanwezig is, verschijnt de melding PLAATS CARTRIDGE op het
display.
Volg de onderstaande procedure om de BJ-cartridge te installeren.
1
Zorg dat de fax is aangesloten op de
wandcontactdoos.
2
Open de printerkap via het nokje op de
kap. (zie pag. 2-2)
3
Zet de blauwe cartridgevergrendeling
omhoog.
Verwijder de BJ-cartridge uit de
verpakking en verwijder het oranje
beschermdopje en de tape .
Gooi het dopje en de tape weg. Probeer ze nooit
opnieuw op de afdrukkop van de BJ-cartridge te
plaatsen.
Installeer de BJ-cartridge direct na het verwijderen van
het dopje en de tape.
Cartridge
1
2
Raak deze
onderdelen niet
aan
Opmerking
Wanneer u de steker voor het eerst in de
wandcontactdoos plaatst, zal de
cartridgehouder automatisch naar het midden
van de fax gaan zodat u de BJ-cartridge kunt
installeren. Als dit niet gebeurt, druk dan op
[Cartridge].
1-10
5
Plaats de BJ-cartridge met het etiket naar
buiten in de cartridgehouder. Druk de
blauwe cartridgevergrendeling omlaag
tot deze vastklikt.
6
Druk op [Cartridge].
De cartridgehouder verplaatst naar de uitgangspositie
aan de rechter kant van de fax en begint de afdrukkop
van de BJ-cartridge te reinigen. Dit proces duurt ca. 40
seconden.
7
Sluit de printerkap.
Opmerking
Als u de steker moet verwijderen, wacht dan tot de fax in de standby mode staat (op het display verschijnen
tijd en ontvangst mode). De cartridgehouder kan anders nog niet in de uitgangspositie staan; de BJ-
cartridge is nog niet afgesloten en kan uitdrogen.
Cartridge
W
aarschuwing
Probeer de cartridgehouder nooit
handmatig te verplaatsen of te stoppen. U
voorkomt hiermee beschadiging van de fax.
Raak nooit de onderdelen of metalen
gedeelten aan. U voorkomt hiermee
beschadiging van de fax en de kans dat de
afdrukkwaliteit afneemt.
Printplaat
Lintkabel Ronde as Geleiderail
1-11
1
Installatie
Papier bijvullen
Kiezen van het juiste papier___________________
De kwaliteit van het papier dat u gebruikt, heeft invloed op de afdrukkwaliteit van de fax. Door papier te
gebruiken dat voldoet aan de onderstaande voorwaarden, verkrijgt u het beste afdrukresultaat.
Informatie over papier________________________
Plaats papier met het voor uw fax aanbevolen formaat, gewicht en aantal. (zie pag. 4-2)
Bewaar al het papier in de verpakking op een plat oppervlak totdat u het papier gaat gebruiken. Bewaar
geopende pakken papier in het oorspronkelijke verpakkingsmateriaal op een koele, droge plaats.
Bewaar papier in een omgeving met een temperatuur van 18°-24°C en een luchtvochtigheid van 40%-60%.
Probeer niet af te drukken op vochtig, gekruld, gekreukt of gescheurd papier. Dergelijk papier kan
papierstoringen veroorzaken en geeft een slechte afdrukkwaliteit.
Gebruik uitsluitend losbladig papier en geen papier op een rol.
Druk uitsluitend af op papier met een dikte tussen 0,08 en 0,13 mm. Dik papier kan de afdrukkop van de
BJ-cartridge beschadigen.
Vul niet meer papier bij dan door het vullimietsymbool (
) is aangegeven of tot boven het nokje op het
MP-blad. U voorkomt hiermee de kans op papierstoringen. Zorg ook dat aan beide zijden van de
papierstapel geen openingen aanwezig zijn.
Vul papier op het MP-blad alleen bij als het MP-blad leeg is. Voorkom dat nieuw papier wordt vermengd
met papier dat al was bijgevuld.
Laat papier niet gedurende lange tijd op het MP-blad liggen, omdat het papier kan omkrullen en daardoor
storingen kan veroorzaken.
Bepaalde omgevingsomstandigheden, zoals uitzonderlijke temperaturen of luchtvochtigheid, kunnen
papierinvoerstoringen op het MP-blad veroorzaken. Als dit probleem zich voordoet, voer de vellen papier
dan één voor één in.
Inkt heeft een bepaalde tijd nodig om te drogen. Hoe lang dit duurt is afhankelijk van de dichtheid van de
bedrukte pagina's. Binnen twee of drie seconden zal de inkt geen vlekken meer veroorzaken. Na enkele
minuten is de inkt waterbestendig.
Als de bedrukte pagina's veel afbeeldingen bevatten, kan de inkt nog vochtig zijn. Dit komt door de
afdrukdichtheid. Laat de pagina 30 tot 60 seconden liggen zodat de inkt kan opdrogen. Verwijder daarna
voorzichtig de pagina zonder het oppervlak aan te raken.
Als het papier na het afdrukken omkrult, dient u dit papier direct te verwijderen om papierstoringen te
voorkomen.
Er kan inkt op de plaat (een rol in de fax) komen als u gegevens buiten de breedte van de pagina probeert
af te drukken. Doet deze situatie zich voor, reinig dan de binnenzijde van de fax. (zie pag. 9-4)
Hier geen openingen
Hier geen openingen
Nokje
1-12
Papier bijvullen op het MP-blad________________
Volg de onderstaande procedure om papier bij te vullen op het MP-blad.
1
Open de printerkap via het nokje op de
kap. (zie pag. 2-2)
2
Druk op [Cartridge].
3
Zorg dat de papierdiktehendel op staat
(links).
4
Zet de papiersteun zo ver mogelijk
omhoog en verschuif de
papiergeleider naar links om deze in te
stellen op het formaat van uw papier .
5
Waaier het papier dat u in de fax wilt
gebruiken. Zorg daarna dat het papier een
rechte stapel vormt.
6
Leg het papier op het MP-blad en leg de
rechter rand van het papier tegen de
rechter rand van het MP-blad. Schuif de
papiergeleider vervolgens strak tegen de
linker rand van het papier .
Het MP-blad heeft een capaciteit van max. 100 vel
75 g/m
2
normaal papier.
Plaats niet meer papier dan door het vullimietsymbool
(
) wordt aangegeven.
1
2
Waarschuwing
Zet de papierdiktehendel tijdens het
afdrukken niet in een andere stand. Als u
dat wel doet, kunnen storingen optreden.
Voor het beste afdrukresultaat adviseren
wij u de papierdiktehendel altijd in te
stellen op
(links).
1
2
1-13
1
Installatie
Instellen van TYPE TEL.LIJN
Voordat u uw fax gebruikt, dient u uw fax in te stellen voor uw type telefoonlijn. Als u niet weet welk type
telefoonlijn u heeft, neem dan contact op met KPN.
Volg de onderstaande procedure als u het ingestelde type telefoonlijn wilt veranderen.
1
Druk op [Functie].
Druk op [Gegevensregistratie].
2
Druk twee keer op [Instellen].
3
Druk op [ ] of [ ] om TYPE TEL.LIJN te
selecteren.
Druk op [Instellen].
4
Druk op [ ] of [ ] om TOONKIEZEN te selecteren.
Druk op [Instellen].
5
Druk op [STOP].
Het vastleggen is beëindigd en de fax gaat terug naar de
standby mode.
Functie
Gegevensregistratie
Instellen
Instellen
Instellen
Stop
1-14
Kiezen via een
huistelefooncentrale (PBX)
Een PBX is de engelstalige afkorting voor een huistelefooncentrale.
Als uw fax op een huistelefooncentrale is aangesloten, kiest u eerst het toegangsnummer tot de buitenlijn.
Kies daarna de rest van het nummer.
Als u een nummer automatisch wilt kiezen, kan het nodig zijn om tijdens het programmeren van dit
nummer voor snelkiezen of verkort kiezen een pauze in te voeren tussen het toegangsnummer van de
buitenlijn en het telefoonnummer. Om een pauze in te voeren, kunt u op [NUMMERHERHALING/
PAUZE] drukken.
Wanneer u via een buitenlijn wilt bellen, dient u mogelijk op de [R] toets te drukken. Voordat u de [R]
toets kunt gebruiken, dient u het toegangstype en het toegangsnummer van de buitenlijn onder deze toets
op te slaan. (zie hieronder)
Opslaan van type en nummer van de buitenlijn___
Wanneer de fax is aangesloten op een PBX of andere telefooncentrale, kunt u het type en nummer van de
buitenlijn opslaan onder de [R] toets. Nadat deze informatie is vastgelegd, hoeft u alleen op [R] te drukken
om een fax- of telefoonnummer te kiezen.
Volg de onderstaande procedure om het type en het nummer van de buitenlijn op te slaan onder de [R] toets.
1
Druk op [Functie].
Druk op [Gegevensregistratie].
2
Druk twee keer op [Instellen].
3
Druk op [ ] of [ ] om R-TOETS FUNCTIE te
selecteren.
Druk op [Instellen].
Functie
Gegevensregistratie
Instellen
Instellen
1-15
Kiezen via een huistelefooncentrale (PBX)
1
Installatie
4
Druk op [ ] of [ ] om PBX te selecteren.
Druk twee keer op [Instellen].
5
Druk op [ ] of [ ] om het type toegangslijn te
selecteren.
Druk op [Instellen].
6
Als u in stap 5 BUITENLIJN kiest: druk op
[Instellen].
Voer met de numerieke toetsen het
toegangsnummer van de buitenlijn (max. 19 cijfers)
in en druk op [Nummerherhaling/Pauze].
Druk op [Instellen].
7
Druk op [Stop]
Het vastleggen is beëindigd en de fax gaat terug naar de
standby mode.
Instellen
Instellen
0
9
Instellen
Nummerherhaling/
Pauze
Instellen
Stop
1-16
Testen van de fax
Nadat u de fax gereed heeft gemaakt voor gebruik, de BJ-cartridge heeft geïnstalleerd en papier heeft
bijgevuld, kunt u controleren of de fax goed afdrukt door een document te kopiëren. (zie pag. 5-2)
Doen zich problemen voor bij het afdrukken, raadpleeg dan Hoofdstuk 9.
2
2
Gereedmaken voor gebruik
Gereedmaken
voor gebruik
Belangrijkste onderdelen van uw fax........................ 2-2
Het bedieningspaneel ................................................. 2-3
Informatie over het invoeren van cijfers, letters en
symbolen ................................................................... 2-5
Corrigeren van verkeerde invoer............................................2-7
Opslaan van informatie over de afzender................. 2-8
Personaliseren van uw fax .....................................................2-8
Instellen van datum en tijd......................................................2-9
Opslaan van uw fax-/telefoonnummer en naam...................2-10
Opslaan van snelkiesnummers en namen.............. 2-12
Opslaan van verkort kiesnummers en namen........ 2-14
Opslaan van groepskiesnummers en namen......... 2-15
Automatisch kiezen................................................... 2-18
Een document verzenden via snelkiezen, verkort kiezen of
groepskiezen......................................................................2-18
Speciale kiesmethoden............................................. 2-19
2-2
Belangrijkste onderdelen van uw
fax
Opmerking
Uw fax kan iets afwijken van de bovenstaande illustratie.
Papiersteun
ADF (Automatische
originelen aanvoer) en
printerkap
Papiergeleider
Documentgeleider
Documentensteun
MP-blad
Nokje voor printerkap
Bedieningspaneel
(zie pag. 2-3)
Papierdiktehendel
Cartridgehouder
2-3
2
Gereedmaken voor gebruik
Het bedieningspaneel van de fax
De toetsen rechts op het bedieningspaneel hebben de volgende twee functies:
Snelkiestoetsen (zie pag. 2-16, 2-18)
Wanneer de indicator van de [Functie] toets uit is, kunt u de met 01 - 12 aangegeven toetsen gebruiken
voor snelkiezen.
Speciale functietoetsen
Wanneer de indicator van de [Functie] toets oplicht, kunnen de speciale functietoetsen (de functie is onder
de toets aangegeven) voor diverse activiteiten worden gebruikt.
Alarm
FAX-B180C
1
0#
7
8
9
4
6
2
3
GHI JKL MNO
ABC DEF
TUV WXYZPQRS
12
01 02 03
04 05 06
07 08
09
10 11
5
LCD
Numerieke toetsen
(zie pag. 2-5)
Dit zijn de toetsen op het
bedieningspaneel van de FAX-
B180C (Zie pag. 2-4).
Snelkiestoetsen/speciale
functietoetsen (zie
hieronder)
Start / Hervatten
Nummerherhaling/Pauze
Verkort kiezen
Haak
Beeldkwaliteit
Stop
Ontvangst mode KOPIE
Printer / Fax
Gegevensregi stratie D.T. R
GEHEUGENREF. Spatie Toon/+
Rapport Tijdklok
Reinigen Wissen Polling
Functie Instellen
Cartridge
12
01 02 03
04 05 06
07 08
09
10 11
Gegevensregistratie
D.T. R
GEHEUGENREF.
Spatie Toon/+
Rapport
Tijdklok
Reinigen
Wissen
Polling
Functie
Instellen
Cartridge
Gegevensregistratie toets (zie
pag. 8-2)
, toetsen (zie pag. 8-2)
D.T. toets (zie pag. 2-19)
R toets (zie pag. 1-14)
, toetsen (zie pag. 2-6, 2-7)
Geheugenreferentie toets (zie
pag. 6-13, 6-14)
Spatietoets (zie pag. 2-6, 2-7,
2-10, 2-13)
Toon/+ toets (zie pag. 2-19)
Rapport toets (zie pag. 8-7)
Tijdklok toets (zie pag. 6-15,
6-16)
Reinigen toets
(zie pag. 9-7, 9-8)
Wissen toets (zie pag. 2-7)
Polling toets (zie pag. 7-11)
Functietoets/licht (zie hieronder)
Instellen toets (zie pag. 8-2)
Cartridge toets (zie pag. 1-8, 9-9)
2-4
K
FAX-B180C
K
FAX-B160
Start / Hervatten
Nummerherhaling/Pauze
Verkort kiezen
Haak
Beeldkwaliteit
Stop
Ontvangst mode KOPIEPrinter / Fax
Nummerherhaling/Pauze toets (zie pag. 2-19, 6-9)
Verkortkies toets (zie pag. 2-16, 2-18)
Printer/Fax toets (zie Printerhandleiding)
Ontvangst mode toets (zie Hoofdstuk 7)
Kopie toets (zie Hoofdstuk 5)
Beeldkwaliteit toets (zie pag. 5-2, 6-2)
Wachtstand toets (zie pag. 6-6)
STOP knop
Start/Hervatten toets
Start
Nummerherhaling/Pauze
Verkort kiezen
Haak
Stop
Ontvangst mode KOPIEBeeldkwaliteit
Nummerherhaling/Pauze toets (zie pag. 2-19, 6-9)
Verkortkies toets (zie pag. 2-16, 2-18)
Beeldkwaliteit toets (zie pag. 5-2, 6-2)
Ontvangst mode toets (zie Hoofdstuk 7)
Kopie toets (zie Hoofdstuk 5)
Wachtstand toets (zie pag. 6-6)
STOP knop
Starttoets
2-5
2
Gereedmaken voor gebruik
Informatie over het invoeren van
cijfers, letters en symbolen
Wanneer u op een punt komt waar u een naam of nummer moet invoeren, raadpleeg dan de onderstaande
tabel om vast te stellen op welke numerieke toets u voor een bepaalde letter moet drukken.
Opmerking
Als gedurende 60 seconden geen informatie via het bedieningspaneel wordt ingevoerd, gaat de fax terug
naar de standby mode en zijn de niet geregistreerde wijzigingen verloren.
7
8
PQRS
TUV
9
0
#
WXYZ
5
JKL
4
GHI
6
MNO
2
1
ABC
3
DEF
Toets Hoofdletter
Mode (:A)
Kleine letter
Mode (:a)
Cijfer mode
(:1)
Hoofdletter mode
(:A)
Kleine letter mode
(:A)
Cijfer mode (:1)
2-6
K
Omschakelen tussen cijfer en letter modes
K
Invoeren van letters
Druk o
p
[ ] om de hoofdletter mode (:A), kleine letter mode (:a)
of ci
j
fer mode (:1) te selecteren.
1
Druk op [ ] om te wisselen tussen de hoofdletter
mode (:A) of kleine letter mode (:a).
2
Druk op de numerieke toets met de gewenste letter.
Druk herhaaldeli
j
k o
p
deze toets tot de
g
ewenste letter
verschi
j
nt. De letters onder een toets zullen na elkaar
verschi
j
nen.
•Zie
p
a
g
. 2-5 als u niet weet welke toets u voor de
g
ewenste
letter kunt
g
ebruiken.
3
Doorgaan met invoeren van letters onder andere
toetsen.
Als de vol
g
ende letter die u wilt invoeren onder een andere
toets is o
pg
esla
g
en, hoeft u alleen o
p
die toets te drukken tot
de
g
ewenste letter verschi
j
nt.
-of-
Als de vol
g
ende letter die u wilt invoeren onder dezelfde
toets is o
pg
esla
g
en als de in sta
p
2 in
g
edrukte toets, drukt u
o
p
[ ] om de cursor naar rechts te ver
p
laatsen. Druk daarna
o
p
dezelfde numerieke toets tot de
g
ewenste letter
verschi
j
nt.
Druk o
p
[S
p
atie] om een s
p
atie in te voeren.
(Hoofdletter mode)
(Kleine letters mode)
(Ci
j
fer mode)
2-7
Informatie over het invoeren van cijfers, letters en symbolen
2
Gereedmaken voor gebruik
K
Invoeren van cijfers
K
Invoeren van symbolen
Corrigeren van verkeerde invoer_______________
U kunt de gehele invoer wissen door op [Wissen] te drukken. U kunt ook de onderstaande procedure volgen
om individuele tekens te corrigeren:
1
Druk op [ ] om de cijfer mode (:1) in te stellen.
2
Druk op de numerieke toets met de gewenste cijfer.
Druk op [Spatie] om een spatie in te voeren.
1
Druk op [#] tot het gewenste symbool verschijnt.
2
Als u een ander symbool wilt invoeren, druk dan op
[ ] om de cursor naar rechts te verplaatsen en
druk enkele keren op [#] tot het gewenste symbool
verschijnt.
1
Druk op [ ] of [ ] om de cursor onder het
verkeerd ingevoerde teken te plaatsen.
2
Voer met de numerieke toetsen het juiste teken in
op de plaats van het verkeerd ingevoerde teken.
3
Zodra u alle gewenste correcties heeft
doorgevoerd, drukt u op [Instellen] om de nieuwe
gegevens op te slaan.
0
9
#
#
Instellen
2-8
Opslaan van informatie over de
afzender
Personaliseren van uw fax____________________
K
Identificatie van uw documenten
Wanneer u een document verzendt, kunt u door de andere fax uw faxnummer, naam (ook bekend als ID) en
de huidige datum en tijd laten afdrukken. Deze informatie wordt uw TTI (Transmit Terminal Identification)
genoemd en verschijnt bij de andere partij in kleine letters langs de bovenrand van het verzonden document.
De ander partij ziet bij ontvangst direct van wie het document afkomstig is. De onderstaande illustratie geeft
een voorbeeld van deze informatie.
27/12 2001 10:12 FAX 123 4567 CANON CANON CANADA 001
THE SLEREXE COMPANY LIMITED
SAPORS LANE•BOOLE•DORSET•BH25 8ER
TELEPHONE BOOLE (945 13) 51617 – FAX 123456
Our Ref. 350/PJC/EAC
Het paginanummer
De naam van degene die het
document ontvangt*
Uw naam (of naam van de onderneming)
Uw fax/telefoonnummer
TELEFOON # TEKEN (u kunt TEL of FAX selecteren, zie pag. 8-3.)
De datum en het tijdstip waarop u het document heeft verzonden
* De bovenste regel bevat de naam van de ontvanger als u het document via snelkiezen of verkort kiezen verzendt en u de
naam van de ontvanger heeft opgeslagen.
2-9
Opslaan van informatie over de afzender
2
Gereedmaken voor gebruik
Instellen van datum en tijd____________________
Volg de onderstaande procedure om de datum en tijd voor uw fax in te stellen. De datum en tijd verschijnen
op het display en op de documenten die u verzendt.
1
Druk op [Functie].
Druk op [Gegevensregistratie].
2
Druk drie keer op [Instellen].
3
Gebruik de numerieke toetsen om de datum en tijd
als in te voeren als dag-maand-jaar (DD/MM JJJJ).
Stel de tijd in volgens het 24-uur systeem.
Begin enkelvoudige cijfers met een nul.
Voorbeeld: 7:30 v.m. = 07:30
Corrigeer fouten door de cursor met [
] of [ ] onder het
foutieve cijfer te plaatsen en vervolgens het juiste cijfer in te
voeren.
Zie SYSTEEMINSTELLINGEN op pag. 8-6 voor het
veranderen van de datumweergave.
4
Druk op [Instellen].
Wacht even tot TELEFOON # verschijnt.
5
Druk op [STOP].
Het vastleggen is beëindigd en de fax gaat terug naar de
standby mode.
Functie
Gegevensregistratie
Instellen
0
9
Instellen
1 sec.
Stop
2-10
Opslaan van uw fax-/telefoonnummer en naam___
Volg de onderstaande procedure om uw fax-/telefoonnummer en naam of bedrijfsnaam op te slaan zodat
deze informatie bij de andere partij langs de bovenrand van elk verzonden document wordt afgedrukt.
1
Druk op [Functie].
Druk op [Gegevensregistratie].
2
Druk twee keer op [Instellen].
3
Druk op [ ] of [ ] om TOESTEL #
te selecteren.
Druk op [Instellen].
4
Gebruik de numerieke toetsen om uw faxnummer
(max. 20 cijfers) in te voeren.
Druk op [Spatie] om een spatie in te voeren.
Druk op [Toon/+] als u voor het nummer een plus (+) wilt
invoeren.
U kunt fouten corrigeren door op [Wissen] te drukken en het
nummer opnieuw in te voeren.
5
Druk op [Instellen].
Wacht even tot NAAM verschijnt.
Druk op [Instellen].
Functie
Gegevensregistratie
Instellen
Instellen
0
9
Instellen
1 sec.
Instellen
2-11
Opslaan van informatie over de afzender
2
Gereedmaken voor gebruik
6
Gebruik de numerieke toetsen om uw naam (max.
24 tekens) in te voeren. (zie pag. 2-5)
Corrigeer fouten door de cursor met [ ] of [ ] onder het
verkeerde teken te plaatsen en vervolgens het juiste teken in
te voeren.
7
Druk op [Instellen].
8
Druk op [STOP].
Instellen
1 sec.
Stop
2-12
Opslaan van snelkiesnummers
en namen
De snelste manier om een faxnummer te kiezen, gaat met snelkiezen. Met één druk op de toets kunt u een
faxnummer laten kiezen. Voordat u snelkiezen kunt gebruiken, dient u eerst het nummer van de andere
partij in uw fax op te slaan.
Met snelkiezen kunt u een faxnummer (max. 120 cijfers) opslaan onder een snelkiestoets (01 - 12). U kunt
ook de naam van de andere partij (max. 16 tekens) opslaan. De naam verschijnt op de afdruk van de
snelkieslijst. Raadpleeg Snelkieslijst op pag. 8-9.
Volg de onderstaande procedure om nummers en namen voor snelkiezen op te slaan.
1
Druk op [Functie].
Druk op [Gegevensregistratie].
2
Druk op [ ] of [ ] om TEL. REGISTRATIE te
selecteren.
Druk op [Instellen].
3
Druk op [Instellen].
4
Druk op [ ] of [ ] om het nummer te selecteren
van de snelkiestoets die u voor dat nummer wilt
gebruiken.
Als er onder deze snelkiestoets al een nummer is
opgeslagen, dan zal op het display dit nummer of
GROEPSKIEZEN verschijnen.*
U kunt een snelkiestoets ook selecteren door direct op de
toets te drukken.
Druk indien nodig op [Functie] om het lampje uit te
schakelen.
Druk twee keer op [Instellen].
Functie
Gegevensregistratie
Instellen
Instellen
Instellen
* Als u de naam en het nummer onder de snelkiestoets wilt wissen, drukt u na het uitvoeren van de bovenstaande stappen
1-4 op [Wissen].
2-13
Opslaan van snelkiesnummers en namen
2
Gereedmaken voor gebruik
5
Gebruik de numerieke toetsen om het faxnummer
van de andere partij (max. 120 cijfers) in te voeren.
U kunt fouten corrigeren door op [Wissen] te drukken en het
nummer opnieuw in te voeren.
Druk op [ ] om het cijfer aan de rechter kant te wissen.
Druk op [Spatie] om een spatie in te voeren.
6
Druk op [Instellen] om het nummer op te slaan.
Wacht even tot NAAM verschijnt.
Druk op [Instellen].
7
Gebruik de numerieke toetsen om de naam van de
andere partij (max. 16 tekens) in te voeren. (zie
pag. 2-5)
Corrigeer fouten door de cursor met [ ] of [ ] onder het
verkeerde teken te plaatsen en vervolgens het juiste teken in
te voeren.
8
Druk op [Instellen] om de naam op te slaan.
9
Om nog een snelkiesnummer op te slaan kunt u
opnieuw bij stap 4 beginnen.
Wilt u stoppen, druk dan op [STOP].
0
9
Instellen
1 sec.
Instellen
Instellen
1 sec.
Stop
2-14
Opslaan van verkort
kiesnummers en namen
Gebruik verkort kiezen door op drie toetsen te drukken om een faxnummer te laten kiezen. U kunt een fax-/
telefoonnummer opslaan onder de tweecijferige kiescodes (00-99) en u kunt maximaal 100 bestemmingen opslaan,
elk met een nummer van maximaal 120 cijfers. U kunt ook de naam van de andere partij opslaan (max. 16 cijfers).
Deze naam verschijnt ook op de afdruk van de verkort kieslijst. Raadpleeg Verkort kieslijst op pag. 8-9.
Volg de onderstaande procedure om nummers en namen voor verkort kiezen op te slaan.
1
Druk op [Functie].
Druk op [Gegevensregistratie].
2
Druk op [ ] of [ ] om TEL. REGISTRATIE te
selecteren.
Druk op [Instellen].
3
Druk op [ ] of [ ] om VERKORT KIEZEN te
selecteren.
Druk op [Instellen].
4
Druk op [ ] of [ ] om de tweecijferige code te
selecteren waaronder u het nummer wilt opslaan.
Als onder deze verkort kiescode al een nummer is
opgeslagen, dan zal op het display dit nummer of
GROEPSKIEZEN verschijnen.
U kunt een tweecijferige code ook selecteren door direct op
[Verkort kiezen] te drukken en de tweecijferige code in te
voeren.
Druk twee keer op [Instellen].
5
Voer nummer en naam van de ander op dezelfde
wijze in zoals bij snelkiezen is beschreven.
(Raadpleeg de stappen 5 t/m 8 op pag. 2-12.)
6
Om nog een verkort kiesnummer op te slaan kunt u
opnieuw bij stap 4 beginnen.
Wilt u stoppen, druk dan op [STOP].
Functie
Gegevensregistratie
Instellen
Instellen
Instellen
0
9
Stop
* Als u de naam en het nummer onder de verkort kiescode wilt wissen, drukt u na het uitvoeren van de bovenstaande
stappen 1-4 op [Wissen].
2-15
2
Gereedmaken voor gebruik
Opslaan van
groepskiesnummers en namen
De snelste manier om een document naar meerdere bestemmingen te verzenden, is het gebruik van
groepskiezen. Op deze wijze kunt u een document naar een groep van opgeslagen faxnummers verzenden
door op een snelkiestoets te drukken of door op [Verkort kiezen] te drukken en vervolgens de tweecijferige
code waaronder de groep is opgeslagen in te voeren.
Voordat u groepskiezen kunt gebruiken, dient u eerst een groep faxnummers op te slaan onder snelkiezen
of verkort kiezen.
Een groep kan maximaal 111 faxnummers bevatten en elk nummer kan uit max. 120 tekens bestaan. U kunt
ook de naam van de groep opslaan (max. 16 cijfers). Deze naam verschijnt ook op de afdruk van de
groepskieslijst. Raadpleeg Groepskieslijst op pag. 8-9.
Volg de onderstaande procedure om nummers en namen voor groepskiezen op te slaan.
1
Druk op [Functie].
Druk op [Gegevensregistratie].
2
Druk op [ ] of [ ] om TEL. REGISTRATIE te
selecteren.
Druk op [Instellen].
3
Druk op [ ] of [ ] om GROEPSKIEZEN te
selecteren.
Druk op [Instellen].
4
Selecteer een snelkiestoets of een verkort kiescode
waaronder u de groep wilt opslaan.
Om een groep onder een snelkiesnummer op te slaan:
Druk op [ ] of [ ] om de toets te selecteren waaronder u
de groep wilt opslaan (01 - 12).
U kunt een snelkiestoets ook selecteren door direct op de
toets te drukken.
Druk indien nodig op [Functie] om het lampje uit te
schakelen.
Als een snelkiestoets al is geprogrammeerd, verschijnt
SNELKIEZEN of GROEPSKIEZEN op het display.
Functie
Gegevensregistratie
Instellen
Instellen
2-16
Om een groep op te slaan onder een verkort kiescode:
Druk op [Verkort kiezen] en voer met de numerieke toetsen
de code in waaronder u de groep wilt opslaan (00 - 99).
Als een verkort kiescode al is opgeslagen, verschijnt
VERKORT KIEZEN of GROEPSKIEZEN op het
display.
5
Druk twee keer op [Instellen].
6
Voer de snelkiesnummers en/of verkort
kiesnummers in die u in de groep wilt opslaan.
Om een bestemming in te voeren die is opgeslagen onder
snelkiezen:
Druk op de snelkiestoets(en) waaronder het nummer (of de
nummers) dat (die) u in de groep wilt opslaan is (zijn)
opgeslagen.
Druk indien nodig op [Functie] om het lampje uit te
schakelen.
Om een bestemming in te voeren die is opgeslagen onder
verkort kiezen:
Druk op [Verkort kiezen] en voer vervolgens met de
numerieke toetsen de tweecijferige code in waaronder het
nummer dat u in de groep wilt opslaan is opgeslagen.
Herhaal dit voor de andere codes.
Het onder de snelkiestoets of verkort kiescode opgeslagen
nummer verschijnt. Als u een groep selecteert, dan
verschijnt GROEPSKIEZEN.
U kunt met de numerieke toetsen geen nummers invoeren
die niet zijn opgeslagen voor snelkiezen of verkort kiezen.
U kunt de toetsnummers of codes waaronder groepen zijn
opgeslagen invoeren.
Om nummers toe te voegen aan een al opgeslagen groep
gaat u te werk zoals in deze stap is beschreven.
Als u een verkeerde bestemming invoert of een nummer uit
een groep wilt wissen, drukt u op [
] of [ ] om dat nummer
te selecteren en vervolgens drukt u op [Wissen].
Als u de geselecteerde toets of code niet langer wilt
gebruiken voor groepskiezen, drukt u op [Wissen] tot alle
ingevoerde nummers zijn gewist. Daarna drukt u op
[Instellen]. Druk op [Stop] om terug te gaan naar de standby
mode. Alle faxnummers en de naam van de groep die onder
die toets of code waren opgeslagen, zullen worden gewist.
Opmerking
Als u een groep wilt opslaan onder een toets of
code die al voor snelkiezen wordt gebruikt of een
groep opnieuw wilt opslaan, dan moet u eerst de
oude informatie verwijderen. (zie pag. 2-12, 2-
14
)
0
9
Verkort kiezen
Instellen
0
9
01
12
Verkort kiezen
Gegevensregistratie Polling
2-17
Opslaan van groepskiesnummers en namen
2
Gereedmaken voor gebruik
7
Druk twee keer op [Instellen].
8
Gebruik de numerieke toetsen om de naam van de
andere partij (max. 16 tekens) in te voeren. (zie
pag. 2-5)
Corrigeer fouten door de cursor met [ ] of [ ] onder het
verkeerde teken te plaatsen en vervolgens het juiste teken in
te voeren.
Druk indien nodig op [Functie] om het lampje in te
schakelen.
9
Druk op [Instellen] om de naam op te slaan.
10
Om nog een groepskiesnummer op te slaan kunt u
opnieuw bij stap 4 beginnen.
Wilt u stoppen, druk dan op [STOP].
Instellen
Instellen
1 sec.
Stop
2-18
Automatisch kiezen
Een document verzenden via snelkiezen, verkort
kiezen of groepskiezen_______________________
Om deze functie te kunnen gebruiken, moet u de nummers eerst opslaan onder snelkiezen (zie pag. 2-12, 2-
13), verkort kiezen (zie pag. 2-14) of groepskiezen (zie pag. 2-15 t/m 2-17).
Volg de onderstaande procedure om een document te verzenden via een snelkiesnummer, verkort
kiesnummer of een groepskiesnummer.
1
Plaats het document met de tekstzijde omlaag in de
ADF.
Raadpleeg Plaatsen van documenten op pag. 3-3.
U kunt de scanresolutie en het contrast instellen.(zie pag. 6-
2)
2
Druk op de snelkiestoets waaronder het nummer
van de bestemming is opgeslagen.
-of-
Druk op [Verkort kiezen] en voer de betreffende
tweecijferige verkort kiescode in.
Het geregistreerde nummer verschijnt op het display.
Als er onder een snelkiestoets of verkort kiescode al een
groep is opgeslagen, verschijnt TEL=GROEPSKIEZEN.
Als er onder de ingedrukte snelkiestoets of ingevoerde
verkort kiescode geen nummer is opgeslagen, verschijnt
GEEN GEGEVENS op het display. Controleer of u op de
juiste toets heeft gedrukt of de juiste code heeft ingevoerd
en dat het nummer dat u wilt kiezen op de juiste wijze is
vastgelegd.
Druk bij een vergissing op [Stop]. Druk vervolgens op de
juiste snelkiestoets of druk op [Verkort kiezen] en voer de
code opnieuw in.
Als er een foutmelding op het display verschijnt, lost u
het probleem op en drukt u op [Stop]. Raadpleeg
eventueel Faxproblemen op pag. 9-12 en
Displaymeldingen op pag. 9-18.
01
12
Gegevensregistratie Polling
0
9
Verkort kiezen
2-19
2
Gereedmaken voor gebruik
Speciale kiesmethoden
Hier kunt u lezen hoe u een internationaal nummer kiest, een kiestoon bevestigt en tijdelijk omschakelt naar
toonkiezen.
K
Kiezen van internationale nummers
Wanneer u een internationaal nummer opslaat, dient u wellicht in of na het nummer een pauze te plaatsen.
Bij het kiezen van internationale nummers is de plaats en de duur van de pauze afhankelijk van het
telefoonnetwerk. Om een pauze in te voeren, kunt u op [NUMMERHERHALING/PAUZE] drukken. De
duur van deze pauze kan worden aangepast. Zie PAUZEDUUR op pag. 8-4. Een pauze aan het eind van een
nummer is vast ingesteld op tien seconden.
K
Bevestigen van een kiestoon
De beschikbaarheid van deze functie is afhankelijk van de huidige landinstelling. U kunt de GEBR.
GEG.LIJST afdrukken om de huidige instelling te controleren. (zie pag. 8-7)
Wanneer u een nummer opslaat, moet u wellicht in het midden van het nummer wachten op de bevestiging
van de kiestoon voordat u de rest van het nummer kunt laten kiezen. Dit wordt kiestoondetectie genoemd.
Wanneer kiestoondetectie nodig is, drukt u op [D.T.]; op het display verschijnt een kleine punt (.)*.
K
Tijdelijk omschakelen naar toonkiezen
Voor veel informatiediensten van bijv. banken, vliegticketreserveringen en hotelreserveringen is
toonkiezen nodig. Als uw fax is aangesloten op een pulskieslijn terwijl toonkiezen nodig is, drukt u op
[Toon/+]. De nummers die u na het indrukken van [Toon/+] kiest, worden gekozen via toonkiezen. Het
toonkiezen wordt geannuleerd zodra u de verbinding verbreekt.
* Deze functie werkt niet bij alle landinstellingen.
2-20
3
3
Behandeling van documenten
Behandeling van
documenten
Gereedmaken van documenten................................. 3-2
Typen documenten die u kunt scannen..................................3-2
Documenten die problemen kunnen veroorzaken..................3-2
Plaatsen van originelen .............................................. 3-3
Problemen met documenten die uit meerdere pagina's
bestaan................................................................................3-4
Pagina's toevoegen aan een document .................................3-4
3-2
Gereedmaken van documenten
Typen documenten die u kunt scannen _________
K
Formaat
De fax kan standaard A4-, letter- of legal-formaat originelen scannen.
K
Dikte
Elk vel van het document dient dezelfde dikte te hebben (tussen 0,08 mm en 0,13 mm), met een gewicht
tussen 75 g/m
2
en 90 g/m
2
.
K
Gescand vlak
Het werkelijke door de fax gescande vlak is onderstaand weergegeven.
De marges aan de zijkanten en de boven- en onderrand worden niet door de scanner gelezen.
Documenten die problemen kunnen veroorzaken_
Om papierstoringen bij de ADF te voorkomen, dient u nooit de volgende typen documenten via de fax te
verzenden.
Opmerking
Verwijder alle nietjes, paper clips e.d. voordat u het document in de ADF plaatst.
Laat lijm, inkt of correctievloeistof op het papier volledig opdrogen voordat u het document in de ADF
plaatst.
Als een document niet in de fax kan worden ingevoerd, maak er dan een kopie van en plaats de kopie in
de ADF.
A4
1,0 3,5 mm
208 mm 1,0
3,5 mm
2,0
2,0 mm
2,0
2,0 mm
293 mm
gekreukeld of
gevouwen papier
Carbon papier of papier
met een carbonrug
enveloppen
gekruld of opgerold
papier
gecoat papier of glossy
papier
gescheurd papier
dunne documenten,
zoals doorslagen
3-3
3
Behandeling van documenten
Plaatsen van originelen
Volg de onderstaande procedure om originelen in de ADF te plaatsen.
1
Stel de documentgeleider in op de
breedte van het document.
2
Schuif het origineel met de tekstzijde
omlaag in de ADF tot u een pieptoon
hoort.
Maak van de originelen een rechte stapel voordat u
deze in de ADF plaatst.
Opmerking
Als een document uit meerdere pagina's bestaat, worden de pagina's één voor één vanaf de onderzijde
van de stapel ingevoerd.
Wacht tot alle pagina's van uw document zijn gescand voordat u een nieuwe opdracht start.
Houdt u bij het plaatsen van documenten in de ADF aan de hierboven beschreven procedure. Als het
document niet goed in de ADF ligt, wordt het document mogelijk niet goed in de fax ingevoerd. Dit kan
papierstoringen veroorzaken of er toe leiden dat pagina's niet worden verzonden of gekopieerd.
Bevat uw document meer dan 20 A4- of letter-formaat pagina's of 10 legal-formaat pagina's, verdeel het
document dan in twee delen en verzend of kopieer elk deel afzonderlijk.
3-4
Problemen met documenten die uit meerdere
pagina's bestaan ____________________________
Doen zich problemen voor bij de aanvoer van documenten die uit meerdere pagina's bestaan, verwijder dan
de stapel en klop met de randen van de stapel op een tafelblad zodat u een rechte stapel heeft. Kantel de
stapel zo dat de voorrand schuin loopt en plaats de stapel vervolgens in de ADF.
Pagina's toevoegen aan een document _________
U kunt max. 20 pagina's met A4- of letter-formaat of 10 pagina's met legal-formaat tegelijk in de ADF
plaatsen. Is het document langer, wacht dan tot de laatste pagina wordt ingevoerd en vul max. 20 pagina's
(10 bij legal-formaat).
Als u tijdens het verzenden of kopiëren van een document pagina's wilt bijvullen, plaats de eerste pagina's
dan zodanig dat deze de laatste pagina ca. 2 cm overlapt.
Opmerking
Om invoerproblemen te voorkomen, dient uw document aan de documentvereisten te voldoen. (zie
pag. 3-2)
Opmerking
Wij adviseren u echter het bijvullen van pagina's tijdens het verzenden of kopiëren zo veel mogelijk te
voorkomen, omdat dit een papierstoring in de ADF of een papierstoring kan veroorzaken.
2 cm
4
4
BEHANDELING VAN PAPIER
BEHANDELING
VAN PAPIER
Voorwaarden aan papier............................................. 4-2
Afdrukvlak...............................................................................4-2
Papier bijvullen.......................................................................4-2
4-2
Voorwaarden aan papier
Uw fax ondersteunt A4-, letter- en legal-formaat papier dat verticaal is geplaatst. U kunt normaal
kopieerpapier, bond papier en standaard briefpapier gebruiken. Voor uw fax is geen speciaal inktjet-papier
nodig.
Gebruik altijd papier zonder krullen, vouwen, nietjes of beschadigde randen. Raadpleeg het etiket op de
verpakking om te zien of het papier een specifieke afdrukzijde heeft.
U kunt het volgende papier op het MP-blad plaatsen.
Afdrukvlak _________________________________
Het gearceerde gedeelte onder toont het afdrukvlak van A4-formaat papier. Zorg dat binnen dit vlak wordt
afgedrukt.
Papier bijvullen _____________________________
Voor meer informatie over het bijvullen van papier op het MP-blad kunt u pag. 1-12 raadplegen.
Formaat (B × L) Gewicht Capaciteit
A4 (210 × 297 mm/8,27 × 11,69 in.) 64-90 g/m
2
Ca. 100 vellen*
(Max. 10 mm hoog stapeltje)
Letter (215,9 × 279,4 mm/8,5 × 11 in.)
Legal (215,9 × 355,6 mm/8,5 × 14 in.)
Opmerking
Maak een aantal proefafdrukken voordat u een grotere hoeveelheid papier bestelt.
210 mm
3 mm
7 mm
INVOERRICHTING
3,4 mm
297 mm
* 75 g/m
2
papier
3,4 mm
5
5
Kopiëren
Kopiëren
Documenten kopiëren.................................................5-2
5-2
Documenten kopiëren
Raadpleeg Hoofdstuk 3 BEHANDELING VAN DOCUMENTEN voordat u een document gaat kopiëren.
Eén van de handige functies van de fax is dat u hiermee ook met een hoge kwaliteit kunt kopiëren. U kunt
max. 99 kopieën per opdracht maken.
Volg de onderstaande procedure om een document te kopiëren.
1
Plaats het document met de tekstzijde omlaag
in de ADF.
Raadpleeg Plaatsen van documenten op pag. 3-3.
2
Druk op [Kopie].
3
Druk op [Beeldkwaliteit].
U kunt TEKST of FOTO selecteren.
4
Om uw document te verkleinen, drukt u op
[Functie] en vervolgens op [ ] of [ ] om het
percentage te selecteren.
U kunt 100%, 90%, 80% of 70% selecteren.
5
Gebruik de numerieke toetsen om het aantal
kopieën aan te geven (max. 99).
Als u het aantal kopieën wilt corrigeren, dient het
lampje van de [Functie] toets aan te zijn. Druk dan op
[Wissen] en voer het gewenste aantal opnieuw in en
eventueel ook het verkleiningspercentage.
6
Druk op [Start].
Druk op [STOP] om het kopiëren te stoppen.
Wellicht is het nodig om het bedieningspaneel te
openen om het document te verwijderen. Zie
Storingen in de Automatische Documenten Aanvoer
(ADF) op pag. 9-2.
Opmerking
Het maken van meerdere kopieën is niet mogelijk als de melding GEHEUGEN VOL op het display
verschijnt. Maak geheugenruimte vrij door in het geheugen opgeslagen documenten af te drukken of te
wissen (zie pag. 6-13, 6-14, 7-10) en begin opnieuw. Kopieert u pagina's met veel afbeeldingen, verdeel
de pagina's dan in kleinere stapels of maak de kopieën één voor één tot het gewenste aantal is bereikt.
KOPIE
BeeldkwaliteitBeeldkwaliteit
Functie
0
9
Start / Hervatten
6
6
Verzenden van documenten
Verzenden van
documenten
Een document gereedmaken voor verzending......... 6-2
De kwaliteit van uw documenten aanpassen .........................6-2
Verzendmethoden..................................................................6-3
Kiesmethoden.........................................................................6-4
Verzenden van documenten....................................... 6-5
Verzending vanuit het geheugen............................................6-5
Handmatig verzenden ............................................................6-6
Meldingen tijdens verzending.................................................6-7
Annuleren van verzending.......................................... 6-8
Nummerherhaling wanneer de lijn bezet is............... 6-9
Handmatige nummerherhaling ...............................................6-9
Automatische nummerherhaling.............................................6-9
Groepsverzending..................................................... 6-12
Een document naar meer dan één bestemming
verzenden ..........................................................................6-12
In het geheugen opgeslagen documenten.............. 6-13
Afdrukken van een lijst met in het geheugen opgeslagen
documenten.......................................................................6-13
Afdrukken van een in het geheugen opgeslagen
document...........................................................................6-13
Verwijderen van een in het geheugen opgeslagen
document...........................................................................6-14
Verzenden op ingesteld tijdstip ............................... 6-15
Verzenden van andere documenten terwijl de fax staat
ingesteld voor uitgestelde verzending................................6-16
Annuleren van verzenden op ingesteld tijdstip.....................6-16
6-2
Een document gereedmaken
voor verzending
Raadpleeg Hoofdstuk 3 BEHANDELING VAN DOCUMENTEN voordat u een document gaat verzenden.
De kwaliteit van uw documenten aanpassen _____
K
Instellen van de scanresolutie
De resolutie is een aanduiding voor de fijnheid of scherpte van een afdruk. Een lage resolutie resulteert in
een rafelige weergave van tekst en afbeeldingen. Een hogere resolutie geeft strakke randen en lijnen,
haarscherpe tekst en afbeeldingen. De letters komen bij een hoge resolutie veel meer overeen met
traditioneel drukwerk.
Na ca. 10 seconden gaat de fax terug naar de standby mode.
K
Instellen van het scancontrast
Het contrast is het verschil in helderheid tussen de lichte en donkere delen van een afgedrukt document. U
kunt het contrast instellen dat de fax gebruikt voor het verzenden of kopiëren van documenten. Dit
overeenkomstig hoe licht of hoe donker uw document is.
Volg de onderstaande procedure om het scancontrast in te stellen.
Opmerking
Hoe hoger de resolutie, des te hoger de afdrukkwaliteit, maar des te lager de scansnelheid.
1
Druk op [Beeldkwaliteit] om de resolutie te
selecteren.
U heeft de keuze uit FAX STANDAARD, FAX FIJN
en FAX FOTO.
Opmerking
Terwijl het document voor verzending wordt gescand, kunt u de resolutie-instelling wijzigen. Uw nieuwe
instellingen zullen echter pas van kracht zijn vanaf de volgende gescande pagina.
1
Druk op [Functie].
Druk op [Gegevensregistratie].
2
Druk twee keer op [Instellen].
BeeldkwaliteitBeeldkwaliteit
Functie
Gegevensregistratie
Instellen
6-3
Een document gereedmaken voor verzending
6
Verzenden van documenten
Verzendmethoden___________________________
K
Geheugenverzending (zie pag. 6-5)
Telkens wanneer u een document verzendt, zal de fax het document snel scannen en in het geheugen
opslaan. Nadat de fax het nummer van de andere partij heeft gekozen, wordt het document vanuit het
geheugen verzonden. Dit wordt geheugenverzending genoemd. Bij geheugenverzending kunt u het
originele document direct verwijderen nadat het is gescand.
Als tijdens het scannen van het document de melding GEHEUGEN VOL op het display verschijnt, wordt
de rest van het document niet in het geheugen ingelezen maar direct naar de ontvanger verzonden.
K
Handmatig verzenden (zie pag. 6-6)
Als u met de andere partij wilt spreken voordat u ze een document toezendt, gebruik dan handmatige
verzending. Bij handmatige verzending kiest u het nummer, spreekt u met de ander en vervolgens drukt u
op [Start] om de verzending te starten.
Bij handmatige verzending moet de optionele handset, een telefoon of extra telefoontoestel zijn
aangesloten.
3
Druk op [ ] of [ ] om RESOLUTIE INST. te
selecteren.
Druk op [Instellen].
4
Druk op [ ] of [ ] om het scancontrast in te
stellen.
U heeft de keuze uit STANDAARD, DONKER of
LICHTER.
Druk op [Instellen].
5
Druk op [STOP].
Het instellen is beëindigd en de fax gaat terug naar de
standby mode.
Instellen
Instellen
Stop
6-4
Kiesmethoden ______________________________
Al naar gelang de instelling van uw fax kunt u het nummer van de ander op verschillende manieren kiezen.
K
Normaal kiezen
Gebruik de numerieke toetsen om een faxnummer te kiezen.
Bij normaal kiezen dient u na het invoeren van het nummer op [Start] te drukken.
K
Snelkiezen (zie pag. 2-12)
Kies een faxnummer dat is opgeslagen onder een snelkiestoets door op de betreffende snelkiestoets te
drukken.
K
Verkort kiezen (zie pag. 2-14)
Kies een faxnummer dat is opgeslagen onder een verkort kiescode door op [Verkort kiezen] te drukken en
vervolgens de tweecijferige code in te voeren waaronder het nummer is opgeslagen.
Druk op [Verkort kiezen] om door de verkortkiesbestemmingen te bladeren en druk vervolgens op [
] of
[
] om door een lijst met verkort kiescodes waaronder de nummers zijn opgeslagen te bladeren.
K
Groepskiezen (zie pag. 2-15)
U kunt documenten verzenden naar faxnummers die in een groep zijn opgeslagen door op een snelkiestoets
te drukken of door op [Verkort kiezen] te drukken en vervolgens de tweecijferige code waaronder de groep
is opgeslagen in te voeren.
6-5
6
Verzenden van documenten
Verzenden van documenten
Verzending vanuit het geheugen_______________
Wanneer u een document verzendt, zal de fax geheugenverzending gebruiken. Bij geheugenverzending
kiest uw fax het nummer van de ontvanger, wordt het document snel in het geheugen gescand waarna het
document vanuit het geheugen wordt verzonden. Dit betekent dat u niet hoeft te wachten tot de fax gereed
is met verzending voordat u verder kunt werken met het originele document.
U kunt max. 20* A4-pagina's tegelijk vanuit het geheugen verzenden.
Volg de onderstaande procedure om een document te verzenden.
Opmerking
Als tijdens het scannen van het document de melding GEHEUGEN VOL op het display verschijnt, wordt
de rest van het document niet in het geheugen ingelezen maar direct naar de ontvanger verzonden.
1
Plaats het document met de tekstzijde omlaag in de
ADF.
Raadpleeg Plaatsen van documenten op pag. 3-3.
U kunt de scanresolutie en het contrast instellen. (zie pag. 6-
2)
2
Kies het faxnummer van de andere partij.
Gebruik één van de kiesmethoden die op pagina 6-4 staan
beschreven.
Als de instelling AUTOM. START TX op AAN staat, zal de
fax het nummer automatisch kiezen. (zie pag. 8-4)
3
Druk op [Start].
De fax begint te verzenden.
Opmerking
Als tijdens de verzending een probleem optreedt, hoort u gedurende een paar seconden enkele pieptonen.
Doet deze situatie zich voor, probeer het document dan opnieuw te verzenden.
Als er geen verbinding tot stand wordt gebracht of als de lijn bezet is, kiest de fax het nummer van de
ander automatisch opnieuw. (U kunt instellen hoe vaak uw fax het nummer opnieuw kiest: zie AUT.
NUM. HERH. op pag. 8-4.)
Als er een foutmelding op het display verschijnt, lost u het probleem op en drukt u op [Stop]. Zie LCD
meldingen op pag. 9-18.
Als het percentage gebruikte geheugenruimte al bijna 100% bedraagt, is het mogelijk dat u geen
documenten vanuit het geheugen kunt verzenden. Als het geheugen tijdens het scannen van uw
document in het geheugen vol raakt, verschijnt de melding GEHEUGEN VOL op het display. Als dit
gebeurt, kunt u wachten tot er voldoende geheugenruimte beschikbaar is; uw fax begint het document
automatisch opnieuw te scannen. Als u het document van de fax wilt verwijderen en het later opnieuw
wilt proberen, open dan het bedieningspaneel en verwijder het document. Raadpleeg in deze situatie
Storingen in de Automatische Documenten Aanvoer (ADF) op pag. 9-2.
Start / Hervatten
* Het geheugen van de fax heeft een capaciteit van max. 42 pagina's (Canon FAX Standaard kaart nr.1, standaard
resolutie). U kunt maximaal 20 pagina's tegelijk in de ADF plaatsen.
6-6
Handmatig verzenden________________________
Als u met de andere partij wilt spreken voordat u ze een document toezendt, gebruik dan handmatige
verzending. Bij handmatige verzending moet de optionele handset, een telefoon of extra telefoontoestel zijn
aangesloten.
Volg de onderstaande procedure om een document via handmatige verzending te verzenden.
1
Plaats het document met de tekstzijde omlaag in de
ADF.
Raadpleeg Plaatsen van documenten op pag. 3-3.
U kunt de scanresolutie en het contrast instellen. (zie pag. 6-
2)
2
Pak de handset op of druk op [Haak] en kies het
nummer van de ontvanger.
Gebruik één van de kiesmethoden die op pagina
6-4 staan
beschreven.
3
Als er iemand opneemt, spreek er dan normaal mee
via de handset en vraag die persoon om de start-
toets van hun fax in te drukken. Druk op [Start] en
hang op.
Als u een hoge geluidstoon hoort, drukt u op [Start] en hangt
u op.
Opmerking
De fax geeft een waarschuwingssignaal als de optionele handset niet goed is opgehangen. Zorg dat de
optionele handset goed in de houder ligt. Als u niet wilt dat de fax een waarschuwingssignaal geeft,
schakel de instelling HOORN VAN HAAK dan uit. (zie pag. 8-3)
Als tijdens de verzending een probleem optreedt, hoort u gedurende een paar seconden enkele pieptonen.
Doet deze situatie zich voor, probeer het document dan opnieuw te verzenden.
Als er een foutmelding op het display verschijnt, lost u het probleem op en drukt u op [Stop]. Zie
Displaymeldingen op pag. 9-18.
Haak
Start / Hervatten
6-7
Verzenden van documenten
6
Verzenden van documenten
Meldingen tijdens verzending _________________
Als uw fax bezig is met verzending van een document, dan verschijnen de volgende meldingen op het
display.
Het display laat zien wanneer het scannen begint.
De fax kiest het nummer van de andere partij.
Bij de andere partij geeft de fax een belsignaal.
Na een paar seconden wijzigt de melding op het display.
Nadat het document is verzonden, geeft de fax nog één pieptoon (alleen bij handmatige verzending) en laat
het display zien wanneer de verzending is beëindigd.
Naam van de andere partij
(Wordt niet altijd weergegeven.)
Nummer van de andere partij
Als ECM niet wordt gebruikt, verschijnt
"TX P.xxx" op het display.
of
6-8
Annuleren van verzending
Volg één van de onderstaande procedures om de verzending van een document te stoppen voordat het
volledig is verzonden.
K
Annuleren van geheugenverzending
K
Annuleren van handmatige verzending
1
Druk op [STOP].
De fax vraagt u te bevestigen dat u de verzending wilt
annuleren.
2
Druk op [ ] om de verzending te annuleren.
De verzending wordt pas geannuleerd zodra u op [ ] drukt.
Als u zich bedenkt en door wilt gaan met de verzending
drukt u op [#].
De fax drukt een FOUT TX RAPPORT af. (zie pag. 8-11)
1
Druk op [STOP].
De verzending wordt geannuleerd.
De fax drukt een FOUT TX RAPPORT af. (zie pag. 8-11)
Opmerking
Wanneer u de verzending heeft geannuleerd, dient u wellicht het bedieningspaneel te openen om het
document uit de ADF te verwijderen. Zie Storingen in de Automatische Documenten Aanvoer (ADF) op
pag. 9-2.
Stop
Stop
6-9
6
Verzenden van documenten
Nummerherhaling wanneer de
lijn bezet is
Er zijn twee methoden voor nummerherhaling: handmatige nummerherhaling of automatische
nummerherhaling. Dit hoofdstuk licht deze beide methoden toe.
Handmatige nummerherhaling ________________
Druk op [Nummerherhaling/Pauze] om het laatste nummer opnieuw te kiezen dat u met de numerieke
toetsen had gekozen. (Het nummer wordt opnieuw gekozen, ook al staat automatische nummerherhaling
uit.)
K
Annuleren van handmatige nummerherhaling
Om handmatige nummerherhaling te annuleren, drukt u op [Stop].
Automatische nummerherhaling_______________
K
Wat is automatische nummerherhaling?
Wanneer u een document vanuit het geheugen verzendt en de fax van de andere partij is bezet, dan wacht
de fax een ingestelde periode en kiest hetzelfde nummer vervolgens opnieuw. U kunt de fax instellen om
meerdere keren nummerherhaling uit te voeren als de vorige pogingen zijn mislukt omdat de lijn bezet is.
Deze functie wordt automatische nummerherhaling genoemd.
Na de eerste kiespoging, probeert de fax het opnieuw. Automatische nummerherhaling kan worden in- en
uitgeschakeld. Het is ook mogelijk om het aantal pogingen en de periode tussen de pogingen aan te passen.
(zie AUTOM. NUMMERHERH. op pag. 8-4)
Als alle pogingen zijn mislukt, dan zal de fax de verzending annuleren en wordt een FOUT TX RAPPORT
afgedrukt om u te herinneren dat de verzending niet is voltooid. (zie pag. 8-11)
Wanneer automatische nummerherhaling is ingeschakeld, toont het display afwisselend AUT. NUM.
HERH. en het transactienummer (TX/RX NR. xxxx) terwijl de fax wacht om het nummer opnieuw te
kiezen.
6-10
K
Annuleren van automatische nummerherhaling
Automatische nummerherhaling kan niet worden geannuleerd door op de [Stop] toets te drukken terwijl de
fax wacht op nummerherhaling. U kunt nummerherhaling annuleren met [Geheugenreferentie]. (zie pag. 6-
14)
Volg de onderstaande procedure om automatische nummerherhaling te annuleren.
K
Instellen van de opties voor automatische nummerherhaling
Voor automatische nummerherhaling kunt u de volgende opties instellen:
Of de fax het nummer wel of niet automatisch herhaalt.
Het aantal nummerherhalingen.
De tijd tussen de nummerherhalingen.
Volg de onderstaande procedure om de instellingen voor automatische nummerherhaling aan te geven.
1
Wacht tot de fax begint met nummerherhaling.
2
Druk op [STOP].
De fax vraagt u te bevestigen dat u de automatische
nummerherhaling wilt annuleren.
3
Druk op [ ] om de nummerherhaling te annuleren.
De nummerherhaling wordt pas geannuleerd zodra u op [ ]
drukt.
Als u zich bedenkt en door wilt gaan met de
nummerherhaling drukt u op [#].
De fax drukt een FOUT TX RAPPORT af.
(zie pag. 8-11)
1
Druk op [Functie].
Druk op [Gegevensregistratie].
2
Druk op [Instellen].
Stop
Functie
Gegevensregistratie
Instellen
6-11
Nummerherhaling wanneer de lijn bezet is
6
Verzenden van documenten
3
Druk op [ ] of [ ] om TX INSTELLINGEN te
selecteren.
Druk op [Instellen].
4
Druk op [ ] of [ ] om AUT. NUM. HERH. te
selecteren.
Druk op [Instellen].
Uitschakelen automatische nummerherhaling: druk op [ ]
of [
] om UIT te selecteren en druk vervolgens op
[Instellen]. Druk op [Stop] om terug te gaan naar de standby
mode.
Automatische nummerherhaling inschakelen: druk op [
]
of [
] om AAN te selecteren en ga verder met de
onderstaande stappen.
5
Druk twee keer op [Instellen].
6
Gebruik de numerieke toetsen om aan te geven hoe
vaak de fax nummerherhaling zal uitvoeren.
7
Druk twee keer op [Instellen].
8
Gebruik de numerieke toetsen om de interval
tussen de pogingen in te voeren.
9
Druk op [Instellen].
10
Druk op [STOP].
Het instellen is beëindigd en de fax gaat terug naar de
standby mode.
Instellen
Instellen
Instellen
0
9
Instellen
0
9
Instellen
Stop
6-12
Groepsverzending
Een document naar meer dan één bestemming
verzenden
Bij groepsverzending wordt een document naar meerdere bestemmingen verzonden.
U kunt naar in totaal 113 bestemmingen faxen:
Snelkiezen = 12 bestemmingen
Verkort kiezen = 100 bestemmingen
Normaal kiezen (met numerieke toetsen) = 1 bestemming
U kunt alle bestemmingen, voor snelkiezen, verkort kiezen of normaal kiezen, in elke willekeurige volgorde
invoeren.
Vergeet niet om bij normaal kiezen na het invoeren van het nummer op [Instellen] te drukken.
U kunt max. 20* A4-formaat pagina's verzenden.
1
Plaats het document met de tekstzijde omlaag in de
ADF.
Raadpleeg Plaatsen van documenten op pag. 3-3.
U kunt de scanresolutie en het contrast instellen. (zie pag. 6-
2)
2
Kies het faxnummer van de andere partij.
U kunt ook op [Nummerherhaling/Pauze] drukken om het
laatste nummer dat u met de numerieke toetsen heeft
ingevoerd opnieuw te kiezen.
U dient de tweede toets binnen 5 seconden na de eerste toets
in te drukken en elke volgende toets binnen 10 seconden na
de vorige toets. De fax begint ca. 10 seconden nadat op de
laatste knop is gedrukt.
3
Druk op [Start].
De fax leest het document in het geheugen in en begint het
document te verzenden.
Om een verzending te annuleren, drukt u tijdens het kiezen
of verzenden op [Stop]. Alle verzendingen in die groep
worden nu geannuleerd.
Start / Hervatten
1 sec.
* Het geheugen van de fax heeft een capaciteit van max. 42 pagina's (Canon FAX Standaard kaart nr.1, standaard
resolutie). U kunt maximaal 20 pagina's tegelijk in de ADF plaatsen.
6-13
6
Verzenden van documenten
In het geheugen opgeslagen documenten
Afdrukken van een lijst met in het geheugen opgeslagen
documenten_______________________________________
Uw fax kan een lijst afdrukken met de documenten die in het geheugen zijn opgeslagen. Dit samen met het (TX/TX NR.)
van elk document. Zodra u het transactienummer van een document in het geheugen kent, kunt u het document afdrukken
of verwijderen. Zie Doc. geheugenlijst op pag. 8-7.
Afdrukken van een in het geheugen opgeslagen document
Volg de onderstaande procedure om een document af te drukken dat in het geheugen is opgeslagen.
1
Druk op [Functie].
Druk op [Geheugenreferentie].
2
Druk op [ ] of [ ] om PRINT DOCUMENT te selecteren.
Druk op [Instellen].
3
Druk op [ ] of [ ] om het transactienummer (TX/RX NR.)
van het af te drukken document te selecteren.
Als u niet zeker weet om welk transactienummer (TX/RX NR.) het
gaat, druk dan de doc. geheugenlijst af.
(zie pag. 8-7)
Druk op [
] of [ ] om gegevens van de transactie weer te geven
(bijv. bestemming).
Bij het document dat op dit moment wordt verzonden, staat een # voor
het transactienummer.
4
Druk op [Instellen].
5
Druk op [ ] om alleen de eerste pagina af te drukken of
druk op [#] om alle pagina's van het document af te
drukken.
De fax drukt het document af.
6
Om door te gaan met het afdrukken van andere
documenten die in het geheugen zijn opgeslagen,
herhaalt u de procedure vanaf stap 3.
Wilt u stoppen, druk dan op [STOP].
Functie
GEHEUGENREF.
Instellen
Instellen
1 sec.
#
of
Stop
6-14
Verwijderen van een in het geheugen opgeslagen
document__________________________________
Volg de onderstaande procedure om een document te verwijderen dat in het geheugen is opgeslagen.
1
Druk op [Functie].
Druk op [Geheugenreferentie].
2
Druk op [ ] of [ ] om WIS DOCUMENT te
selecteren.
Druk op [Instellen].
3
Druk op [ ] of [ ] om het transactienummer (TX/
RX NR.) van het te wissen document te selecteren.
Als u niet zeker weet om welk transactienummer (TX/RX
NR.) het gaat, druk dan de doc. geheugenlijst af. (zie
pag. 8-7)
Druk op [
] of [ ] om gegevens van de transactie weer te
geven (bijv. bestemming).
4
Druk op [Instellen].
De fax vraagt u te bevestigen dat u het document wilt
verwijderen.
5
Druk op [ ] om het document te wissen.
Als u zich bedenkt en het document in het geheugen wilt
bewaren, druk dan op [#].
6
Om door te gaan met het wissen van andere
documenten uit het geheugen herhaalt u de
procedure vanaf stap 3.
Wilt u stoppen, druk dan op [STOP].
Functie
GEHEUGENREF.
Instellen
Instellen
Stop
6-15
6
Verzenden van documenten
Verzenden op ingesteld tijdstip
Uw fax kan documenten automatisch op een ingesteld tijdstip verzenden. Dit stelt u in staat gebruik te
maken van de lagere telefoontarieven die buiten de kantooruren worden gehanteerd.
Het is mogelijk om de fax in te stellen verzendingen op 30 verschillende tijdstippen uit te voeren. Raadpleeg
p. 6-12 voor meer informatie over het verzenden van een document naar meerdere bestemmingen.
Volg de onderstaande procedure om een document via uitgestelde verzending te verzenden.
1
Plaats het document met de tekstzijde omlaag in de
ADF.
Raadpleeg Plaatsen van documenten op pag. 3-3.
U kunt de scanresolutie en het contrast instellen.
(zie pag. 6-2)
2
Druk op [Functie].
Druk op [Tijdklok].
3
Druk op [Instellen].
4
Gebruik de numerieke toetsen om de gewenste tijd
in te voeren (volgens het 24-uur systeem).
Stel de tijd in volgens het 24-uur systeem.
Begin enkelvoudige cijfers met een nul.
Voorbeeld: 7:30 v.m. = 07:30
Druk op [Wissen] als u de tijd opnieuw wilt invoeren.
U kunt de cursor ook verplaatsen met [
] of [ ].
5
Druk op [Instellen].
6
Voer het faxnummer van de andere partij in.
U kunt het faxnummer van de andere partij invoeren met de
numerieke toetsen, de snelkiestoetsen en via verkort kiezen
of groepskiezen (zie pag. 2-18). Druk indien nodig op
[Functie] om het lampje uit te schakelen.
Voert u het faxnummer in met de numerieke toetsen, druk
dan na het invoeren van het nummer op [Instellen] om het
nummer op te slaan voordat u verder gaat naar het volgende
nummer.
Functie
Tijdklok
Instellen
0
9
Instellen
1 sec.
6-16
Andere documenten verzenden terwijl verzending
op een ingesteld tijdstip is aangegeven _________
Ook wanneer de fax is ingesteld voor verzending op een bepaald tijdstip, kunt u andere documenten
verzenden, ontvangen en kopiëren.
De fax kan een verzendopdracht op slechts één ingesteld tijdstip uitvoeren.
Om andere documenten te verzenden of kopiëren nadat de fax is ingesteld voor uitgestelde verzending, kunt
u gewoon de andere procedures voor kopiëren en verzending in deze handleiding gebruiken.
Annuleren van verzenden op ingesteld tijdstip ___
Volg de onderstaande procedure om uitgestelde verzending te annuleren.
7
Druk op [Start].
De fax scant het document en slaat het in het geheugen op.
8
Zodra het ingestelde tijdstip aanbreekt, zal de fax
het nummer kiezen en het document verzenden.
Opmerking
Uitgestelde groepsverzending wordt gebruikt om een document op een later tijdstip naar meerdere
bestemmingen te verzenden. (zie pag. 6-12)
1
Druk op [Functie].
Druk op [Tijdklok].
2
Druk op [ ] of [ ] om FILE WISSEN te selecteren.
Om de inhoud te controleren, drukt u op AFDRUKKEN.
(zie pag. 6-13)
Druk op [Instellen].
Start / Hervatten
1 sec.
1 sec.
Functie
Tijdklok
Instellen
6-17
Verzenden op ingesteld tijdstip
6
Verzenden van documenten
3
Druk op [ ] of [ ] om de te wissen file te
selecteren.
Druk op [ ] of [ ] om het voor uitgestelde verzending
ingestelde telefoonnummer en tijdstip weer te geven.
Druk op [Instellen].
4
Druk op [ ] om de file te wissen.
De file wordt pas gewist als u op [ ] drukt.
Als u zich bedenkt en door wilt gaan met de verzending
drukt u op [#].
Als u de uitgestelde verzending ook voor andere
documenten wilt annuleren, herhaal de procedure dan vanaf
stap 3..
5
Druk op [STOP].
De fax gaat terug naar de standby mode.
Instellen
Stop
6-18
7
7
Ontvangen van documenten
Ontvangen van
documenten
Verschillende manieren om een document te
ontvangen.................................................................. 7-2
Documenten automatisch ontvangen:
AUTOMATISCHE RX...........................................................7-3
Automatisch documenten ontvangen en telefonische
oproepen aannemen: Fax/Tel mode....................................7-3
Handmatig documenten ontvangen: HANDMATIG MODE....7-7
Documenten ontvangen met een antwoordapparaat:
ANTW.APP.MODE...............................................................7-9
Overige functies ........................................................ 7-10
Documenten ontvangen tijdens het uitvoeren van andere
taken..................................................................................7-10
Documenten in het geheugen ontvangen als zich
problemen voordoen..........................................................7-10
Polling om documenten te ontvangen..................................7-11
Annuleren van ontvangst ......................................... 7-12
Ontvangstbeveiliging................................................ 7-13
7-2
Verschillende manieren om een
document te ontvangen
Uw fax biedt verschillende manieren om documenten te ontvangen. Om te bepalen welke mode het best past
bij uw werkomgeving, kunt u de onderstaande tabel raadplegen.
Nadat u heeft bepaald welke mode geschikt is voor uw werkomgeving, kunt u deze mode instellen zoals in
dit hoofdstuk is aangegeven. U kunt deze mode op elk gewenst moment wijzigen.
Ontvangst mode Gebruik Bediening Vereisten Details
Alleen fax mode Fax Alle oproepen aannemen als
faxoproepen. Hierbij worden
documenten automatisch
ontvangen en telefonische
oproepen verbroken.
Een afzonderlijke lijn
voor gebruik van de
fax.
pag. 7-3
FAX/TEL AUTO SCH
(Fax/Tel Mode)
Fax/Tel Schakelt automatisch om
tussen faxoproepen en
telefonische oproepen.
Documenten worden
automatisch ontvangen; bij
telefonische oproepen klinkt
een geluidssignaal.
Optionele handset,
telefoon of extra
telefoontoestel
aangesloten op de fax.
pag. 7-3
Handmatig mode Tel Gaat over bij elke oproep,
zowel bij faxoproepen als
telefonische oproepen. Bij
elke faxoproep dient u de
ontvangst handmatig te
starten.
Optionele handset,
telefoon of extra
telefoontoestel
aangesloten op de fax.
pag. 7-7
Antw. App. Fax/Tel Ontvangt documenten
automatisch en leidt
gesprekken door naar het
antwoordapparaat.
Antwoordapparaat
aangesloten op de fax.
pag. 7-9
7-3
Verschillende manieren om een document te ontvangen
7
Ontvangen van documenten
Documenten automatisch ontvangen: ALLEEN FAX
MODE______________________________________
Als u voor uw fax een separate telefoonlijn heeft, dan kunt u de ALLEEN FAX MODE instellen om alle
oproepen als faxberichten te behandelen.
K
Instellen van AUTOMATISCHE RX
Automatisch documenten ontvangen en
telefonische oproepen aannemen: Fax/Tel mode __
Stel deze mode in als u uw fax automatisch wilt laten omschakelen tussen telefonische oproepen en
faxoproepen.
.
K
Instellen van de Fax/Tel mode
1
Druk op [Ontvangst mode] om AUTOMATISCHE RX
te selecteren.
Na een paar seconden wijzigt het display in:
Opmerking
In deze mode moet de optionele handset, een telefoon of extra telefoontoestel zijn aangesloten.
(zie pag. 1-5, 1-6)
1
Druk op [Ontvangst mode] om Fax/Tel Mode te
selecteren.
Na een paar seconden wijzigt het display in:
Ontvangst mode
Ontvangst mode
7-4
K
Wat gebeurt er als de Fax/Tel mode is gekozen
K
De opties voor de Fax/Tel mode instellen
Als u de Fax/Tel mode instelt, dan kunt u exact aangeven hoe de fax inkomende oproepen verwerkt. Dit kan
door de volgende instellingen aan te passen:
De tijd die de fax heeft om te bepalen of een oproep afkomstig is van een faxapparaat of telefoon (BEL
STARTTIJD).
Hoe lang de fax een belsignaal geeft wanneer het een telefonische oproep is (F/T BELDUUR).
Of de fax nadat de bij F/T BELDUUR ingestelde belduur is verstreken omschakelt naar de ontvangstmode
(F/T SCHAKELACTIE).
Opmerking
De standaard instellingen en selecteerbare instellingen zijn afhankelijk van de landselectie.
Type verbinding
De telefoonkosten zijn
voor de oproepende
partij.
Handmatig verzenden Automatisch verzenden
De fax antwoordt zonder bellen.
Het document wordt
automatisch ontvangen.
Neem de handset op om
het gesprek te starten.
VERBREKEN
(De faxtoon is
waargenomen en de fax
schakelt over naar de
ontvangst mode.)
De fax verbreekt de
verbinding.
ONTVANGEN
STANDAARD ACTIE
U heeft de keuze uit:
ONTVANGEN en VERBREKEN
TELEFOON Fax Fax
De fax start met het belsignaal.
Als u de handset niet opneemt
De faxtoon is niet waargenomen.
De faxtoon is
waargenomen.
De fax luistert naar de faxtoon.
BEL STARTTIJD
F/T BELDUUR
Niet alle faxapparaten zijn in staat om een faxtoon te verzenden. Voor die situaties kunt u
ONTVANGEN instellen als de STANDAARD ACTIE. De fax schakelt automatisch naar de
ontvangst mode en start met de ontvangst van het document. Als geen document wordt
ontvangen, dan wordt na ca. 40 seconden de verbinding verbroken.
7-5
Verschillende manieren om een document te ontvangen
7
Ontvangen van documenten
Volg de onderstaande procedure om de opties van de Fax/Tel mode in te stellen.
1
Druk op [Functie].
Druk op [Gegevensregistratie].
2
Druk op [Instellen].
3
Druk op [ ] of [ ] om RX INSTELLINGEN te
selecteren.
Druk op [Instellen].
4
Druk op [ ] of [ ] om FAX/TEL AUTO SCH te
selecteren.
Druk op [Instellen].
5
Druk op [Instellen].
6
Gebruik de numerieke toetsen om de periode in te
voeren waarin de fax wacht met bellen wanneer het
een oproep ontvangt.
7
Druk twee keer op [Instellen].
8
Gebruik de numerieke toetsen om de periode in te
voeren waarin de fax een belsignaal geeft tot
iemand de handset opneemt.
Functie
Gegevensregistratie
Instellen
Instellen
Instellen
Instellen
0
9
Instellen
0
9
7-6
9
Druk twee keer op [Instellen].
10
Druk op [ ] of [ ] om ONTVANGEN of
VERBREKEN te selecteren.
Deze instelling geeft aan wat de fax moet doen als de
handset niet binnen de in stap 9 ingestelde belduur wordt
opgenomen.
11
Druk op [Instellen].
12
Druk op [STOP].
Het instellen is beëindigd en de fax gaat terug naar de
standby mode.
Instellen
Instellen
Stop
7-7
Verschillende manieren om een document te ontvangen
7
Ontvangen van documenten
Documenten handmatig ontvangen: HANDMATIG
MODE _____________________________________
Als u de optionele handset, een telefoon of extra telefoontoestel op de fax heeft aangesloten, kunt u in de
HANDMATIG MODE zowel gesprekken aannemen als de ontvangst van documenten handmatig starten.
U kunt de ontvangst via de fax starten of via de extra telefoon die op de fax is aangesloten. Dit wordt
ontvangst op afstand genoemd.
K
Instellen van de HANDMATIG MODE
Volg de onderstaande procedure om de ontvangst mode in te stellen op HANDMATIG MODE.
K
Handmatig een document ontvangen
Volg de onderstaande procedure om een document handmatig te ontvangen.
Opmerking
In deze mode moet de optionele handset, een telefoon of extra telefoontoestel zijn aangesloten. (zie pag.
1-5, 1-6)
Zorg dat RX OP AFSTAND is ingeschakeld. (zie pag. 8-5)
1
Druk op [Ontvangst mode] om HANDMATIG MODE
te selecteren.
Na een paar seconden wijzigt het display in:
1
Controleer of op het display Handmatig verschijnt.
(zie boven)
2
Controleer of de optionele handset, een telefoon of
extra telefoon op de fax is aangesloten.
(zie pag. 1-5, 1-6)
3
Zodra u de optionele handset, telefoon of extra
telefoon hoort overgaan, neemt u de handset op.
Ontvangst mode
7-8
4
Als u een stem hoort:
Start het gesprek. Als de beller na het gesprek een
document wil toezenden, vraag dan of zij op hun
fax op de start toets willen drukken. Wanneer u een
langzame pieptoon hoort, drukt u op de fax op
[Start] om de ontvangst van het document te
starten. Neem de handset op.
Als de extra telefoon niet bij de fax staat, kies dan op de
extra telefoon de ID voor ontvangst op afstand en hang op
(zie pag. 8-5).
Uw fax zal het document nu ontvangen.
Als u een langzame pieptoon hoort:
Iemand probeert u een document toe te zenden.
Druk op de fax op [Start] om het document te
ontvangen. Neem de handset op.
Als de extra telefoon niet bij de fax staat, kies dan op
de extra telefoon de ID voor ontvangst op afstand en
hang op (zie pag. 8-5).
Uw fax zal het document nu ontvangen.
Opmerking
Hang de handset op voordat u op [Start] drukt om te voorkomen dat de verbinding wordt verbroken.
7-9
Verschillende manieren om een document te ontvangen
7
Ontvangen van documenten
Documenten ontvangen met een
antwoordapparaat: ANTW.APP.MODE __________
Door op uw fax een antwoordapparaat aan te sluiten, kunt u documenten ontvangen en telefonische
boodschappen ontvangen wanneer u niet aanwezig bent.
In de ANTW. APP. MODE is uw fax in staat om inkomende oproepen te beantwoorden. Daarna luistert de
fax naar de faxtoon en als deze faxtoon wordt waargenomen, zal de fax het document automatisch
ontvangen.
K
Instellen van ANTW. APP. MODE
Volg de onderstaande procedure om de ontvangst mode in te stellen op ANTW. APP. MODE.
K
Gebruik van uw fax via een antwoordapparaat
Volg deze aanwijzingen wanneer u de fax gebruikt in combinatie met een antwoordapparaat.
Stel het antwoordapparaat in om op te nemen na het eerste of tweede belsignaal.
Opnemen van een uitgaand bericht op het antwoordapparaat:
Het gehele bericht mag niet langer zijn dan 15 seconden. Bijvoorbeeld:
"Hallo. Ik kan nu niet opnemen, maar als u na de pieptoon een bericht inspreekt, zal ik u zo snel mogelijk
terugbellen."
Opmerking
Om deze mode te kunnen gebruiken, dient u een antwoordapparaat op uw fax aan te sluiten. (zie pag. 1-5,
1-6)
1
Druk op [Ontvangst mode] om ANTW. APP. MODE
te selecteren.
Na een paar seconden wijzigt het display in:
Ontvangst mode
7-10
Overige functies
Documenten ontvangen tijdens het uitvoeren van
andere taken _______________________________
Uw fax is een multitasking apparaat en kan documenten ontvangen en telefonische oproepen aannemen
terwijl u bezig bent met andere taken.
Als u een document ontvangt terwijl u bezig bent met andere taken, dan slaat de fax het inkomende
document op in het geheugen. Zodra u gereed bent, zal de fax het document automatisch afdrukken.
Documenten in het geheugen ontvangen als zich
problemen voordoen_________________________
Als zich bij de ontvangst van een document een probleem voordoet, dan zal de fax de niet afgedrukte
pagina's automatisch in het geheugen opslaan en verschijnt op het display o.a. de melding ONTV. IN
GEHEUGEN. Zie pag. 9-18 voor een toelichting op de berichten en informatie over de te nemen stappen.
Opmerking
Het geheugen van de fax heeft een capaciteit van max. ca. 42 pagina's.*
Als zich tijdens de ontvangst een probleem voordoet, kunt u de fax zodanig instellen dat documenten
niet in het geheugen worden ontvangen. Geheugenverzending (zie pag. 8-5)
Zodra de pagina's zijn afgedrukt, worden zij uit het geheugen gewist.
Als het geheugen vol raakt, kunt u de resterende pagina's niet ontvangen. Neem contact op met de andere
partij en vraag of zij de rest van het document opnieuw willen toezenden.
*
Gebaseerd op Canon FAX Standaard kaart nr. 1, standaard mode.
7-11
Overige functies
7
Ontvangen van documenten
Polling om documenten te ontvangen __________
De pollingfunctie stelt u in staat het document bij een ander faxapparaat op te vragen. De andere partij hoeft
alleen te zorgen dat het betreffende document op hun fax is geplaatst en gereed is voor verzending. Wanneer
uw fax het nummer van de andere partij kiest, zal het document automatisch worden toegezonden. De fax
kan documenten opvragen bij elk faxapparaat dat de pollingfunctie ondersteunt.
Volg de onderstaande procedure om documenten bij een andere fax op te vragen.
Opmerking
Controleer voordat u een document bij een ander faxapparaat wilt opvragen of het andere faxapparaat
deze functie ondersteunt.
Andere faxapparaten kunnen bij uw faxapparaat geen documenten opvragen.
1
Druk op [Functie].
Druk op [Polling].
2
Druk op [Instellen].
3
Kies het faxnummer van de fax waar u het
document wilt opvragen.
Gebruik hiervoor één van de op pag. 6-4 beschreven
kiesmethodes. Druk indien nodig op [Functie] om het
lampje daarvan uit te schakelen.
4
Druk op [Start].
Uw fax zal nu het document ontvangen.
Opmerking
Als de andere partij een Canon faxapparaat is dat een polling ID-functie heeft, vraag dan of zij 255 (of
1111 1111 binair) als polling ID willen instellen.
Voor meer informatie over de polling ID dient u de handleiding van de andere fax te raadplegen. In alle
overige situaties speelt het polling ID geen rol.
Functie
Polling
Instellen
Start / Hervatten
7-12
Annuleren van ontvangst
Volg de onderstaande procedure als u de ontvangst van een document wilt stoppen voordat het volledig is
ontvangen.
1
Druk op [STOP].
De fax vraagt u te bevestigen dat u de ontvangst wilt
annuleren.
2
Druk op [ ] om de ontvangst te annuleren.
De ontvangst wordt pas geannuleerd zodra u op [ ] drukt.
Als u zich bedenkt en door wilt gaan met de ontvangst, dan
drukt u op [#].
Stop
7-13
7
Ontvangen van documenten
Ontvangstbeveiliging
Volg de onderstaande procedure om ontvangstbeveiliging in en uit te schakelen.
K
Als u in stap 5 UIT heeft geselecteerd:
1
Druk op [Functie].
Druk op [Gegevensregistratie].
2
Druk op [Instellen].
3
Druk op [ ] of [ ] om RX INSTELLINGEN te
selecteren.
Druk op [Instellen].
4
Druk op [ ] of [ ] om RX BEVEILIGING te
selecteren.
Druk op [Instellen].
5
Druk op [ ] of [ ] om AAN of UIT te selecteren.
–UIT
Uw faxapparaat zal alle documenten ontvangen.
–AAN
Uw faxapparaat ontvangt een document alleen
overeenkomstig de ontvangstcondities.
6
Druk op [Instellen].
7
Druk op [STOP].
Het vastleggen is beëindigd en de fax gaat terug naar de
standby mode.
Functie
Gegevensregistratie
Instellen
Instellen
Instellen
Instellen
Instellen
Stop
7-14
K
Als u in stap 5 AAN heeft geselecteerd:
6
Druk twee keer op [Instellen].
7
Druk op [ ] of [ ] om de ontvangstcondities te
selecteren.
U kunt kiezen uit:
– MET AFZ. INFO
Wanneer de afzender zijn faxnummer in zijn faxapparaat
heeft opgeslagen, zal uw faxapparaat het document
ontvangen.
– GEREGISTR. AFZ.
Uw faxapparaat zal het document ontvangen wanneer de
afzender zijn faxnummer in zijn faxapparaat heeft
opgeslagen en dat faxnummer onder een snelkiestoets van
uw faxapparaat is opgeslagen.
8
Druk op [Instellen].
9
Druk op [STOP].
Het vastleggen is beëindigd en de fax gaat terug naar de
standby mode.
Instellen
Instellen
Stop
8
8
Instellingen en activiteitenrapporten
Instellingen en
activiteitenrapporten
Een menu selecteren .................................................. 8-2
Activiteitenrapporten ................................................. 8-7
Afdrukken van een rapport ....................................................8-7
Activiteitenrapport ..................................................................8-8
Lijst met snelkiesnummers ....................................................8-9
Lijst met verkort kiesnummers ...............................................8-9
Lijst met groepskiesnummers ................................................8-9
LIJST MET GEBRUIKERSGEGEVENS ..............................8-10
Doc. geheugenlijst ...............................................................8-10
TX (verzend) rapport ...........................................................8-11
RX (ontvangst) rapport ........................................................8-12
Multi TX/RX (transactie) rapport ..........................................8-12
Beperkt gebruik van de fax ...................................... 8-13
De fax vergrendelen ............................................................8-13
Wijzigen van het password ..................................................8-14
Annuleren van de beperkingsfunctie ...................................8-15
8-2
Een menu selecteren
Met de menu's van de GEBR. INSTELLINGEN, RAPPORT INSTELLINGEN, TX INSTELLINGEN, RX
INSTELLINGEN, PRINTER INSTELLINGEN en de SYSTEEMINSTELLINGEN kunt u de werking van
uw fax aanpassen. Elk menu bevat instellingen waarmee u andere functies van de fax kunt aanpassen.
Volg de onderstaande procedure om naar de verschillende menu's te gaan.
1
Druk op [Functie].
Druk op [Gegevensregistratie].
2
Druk op [Instellen].
3
Druk op [ ] en [ ] om door de menu's te bladeren
en het gewenste menu te selecteren.
U kunt kiezen uit GEBR. INSTELLINGEN, RAPPORT
INSTELLINGEN, TX INSTELLINGEN, RX
INSTELLINGEN, PRINTER INSTELLINGEN of
SYSTEEMINSTELLINGEN. (zie pag. 8-3 t/m 8-6)
4
Druk op [Instellen] om de instellingen onder het
geselecteerde menu te openen.
5
Raadpleeg de tabellen op de volgende pagina's (zie
pag. 8-3 t/m 8-6) voor meer informatie over het
selecteren en opslaan van instellingen.
Druk op [ ] en [ ] om door de instellingen te bladeren.
Als u een instelling wilt opslaan of een subinstelling wilt
openen, druk dan op [Instellen].
Druk op [Gegevensregistratie] om terug te gaan naar een
vorig niveau.
6
Druk op [STOP].
Het instellen is beëindigd en de fax gaat terug naar de
standby mode.
Opmerking
U kunt op elk moment op [Stop] drukken om terug te gaan naar de standby mode.
Als u in een menu gedurende meer dan 60 seconden op geen enkele toets drukt, keert de fax automatisch
terug naar de standby mode.
Functie
Gegevensregistratie
Instellen
Instellen
Stop
8-3
Een menu selecteren
8
Instellingen en activiteitenrapporten
GEBRUIKERSINST.
Voor meer informatie over toegang tot de onderstaande instellingen raadpleegt u pag. 8-2.
Opmerking
De standaard instellingen en selecteerbare instellingen zijn afhankelijk van de landselectie. De getoonde
waarden zijn gemiddelde waarden.
Naam
Beschrijving Instellingen
DATUM & TIJD Gebruik de numerieke toetsen om de datum en tijd in te voeren
(volgens het 24-uur systeem).
-
TELEFOON # Gebruik de numerieke toetsen om uw faxnummer in te voeren.
-
NAAM Dit is de naam die bovenaan elke verzonden pagina zal verschijnen.
(zie pag. 2-8)
-
TX TERMINAL ID Deze optie stelt de parameters in voor de koptekst die bovenaan elke
pagina verschijnt die u verzendt.
AAN/UIT
De plaats van het TTI
aangeven
De plaats van het TTI aangeven.
BINNEN BEELD: Het TTI binnen het beeldvlak plaatsen.
BUITEN BEELD: Het TTI buiten het beeldvlak plaatsen.
BINNEN BEELD/
BUITENBEELD
TELEFOON # TEKEN Selecteer de buitenlijn van het telefoon-/faxnummer.
TEL/FAX
SCANCONTRAST Stelt de belichting in. Stel DONKER in voor lichte originelen en LICHT
voor donkere originelen.
STANDAARD/DONKER/
LICHTER
HOORN VAN HAAK Voor het in-/uitschakelen van hoorn van de haak alarm. Het alarm
waarschuwt u dat de optionele handset niet goed op de houder ligt.
AAN/UIT
VOLUMEREGELING Stelt het volume van de geluiden van de fax in.
-
BELVOLUME Stelt het volume van het belsignaal in wanneer de fax een telefonische
oproep registreert wanneer de Fax/Tel Mode is ingesteld.
1/2/3
TOETSVOLUME Stelt het volume van toetssignaal in.
0 (uit)/1/2/3
ALARM VOLUME Stelt het volume van het waarschuwingssignaal in.
0 (uit)/1/2/3
TEL.LIJN VOLUME Stelt het volume in van het geluid tijdens het kiezen.
0 (uit)/1/2/3
RX BEL NIVEAU Stelt de beltoon in.
STANDAARD/HOOG
TYPE TEL.LIJN Stelt de kiesmethode voor uw faxapparaat in die overeenkomt met het
type telefoonlijn dat u heeft.
TOONKIEZEN/
Pulskiezen
R-TOETS FUNCTIE Stelt het type telefoonlijn in waarop uw fax is aangesloten.
PSTN/PBX
PSTN Uw fax is direct op een buitenlijn aangesloten.
-
PBX:
TYPE TOEGANG
TOEGANGSNUMMER
Uw fax is via een PBX aangesloten.
U kunt de PBX instellen op BUITENLIJN, ONDERBREKEN of
AARDAANSLUITING.
Als u KENGETAL selecteert, kunt u een buitenlijnnummer van max. 19
cijfers programmeren.
AARDAANSLUITING/
BUITENLIJN/
ONDERBREKEN
-
8-4
RAPPORT INSTELLINGEN
Voor meer informatie over toegang tot de onderstaande instellingen raadpleegt u p. 8-2.
TX INSTELLINGEN
Voor meer informatie over toegang tot de onderstaande instellingen raadpleegt u p. 8-2.
Naam Beschrijving Instellingen
TX RAPPORT Voor het in-/uitschakelen van automatisch afdrukken van
activiteitenrapporten.
AFDRUK JA: Stelt de fax in na elk verzonden document een
activiteitenrapport af te drukken.
ALLEEN FOUT AFDR.: Alleen afdrukken als tijdens verzending een
fout is opgetreden.
AFDRUK NEE: Schakelt deze functie uit.
AFDRUK NEE/
ALLEEN FOUT AFDR./
AFDRUK JA
AFDR. MET BEELD Heeft u bij TX RAPPORT de optie WEL AFDRUKKEN of ALLEEN
FOUT AFDR. ingesteld, dan kunt u aan het TX RAPPORT de helft van
de eerste pagina van het document toevoegen. U ziet nu direct welk
document is verzonden. Alleen geldig bij geheugenverzending.
AAN/UIT
RX RAPPORT Voor het in-/uitschakelen van automatisch afdrukken van
ontvangstrapport.
AFDRUK JA: Stelt de fax in na elk ontvangen document een
activiteitenrapport af te drukken.
ALLEEN FOUT AFDR.: Alleen afdrukken als tijdens ontvangst een fout
is opgetreden.
AFDRUK NEE: Schakelt deze functie uit.
AFDRUK NEE/
ALLEEN FOUT AFDR./
AFDRUK JA
Activiteitenrapport In-/uitschakelen van automatisch afdrukken van
activiteitenoverzichten.
-
AUTOM. AFDR. Wanneer u hier AAN instelt, drukt uw fax een activiteitenrapport af na
elke 20 transacties (verzenden en ontvangen).
AAN/UIT
Naam Beschrijving Instellingen
ECM TX In-/uitschakelen van de fout correctie mode.
AAN/UIT
MID. PAUZE INST Instellen van de pauzeduur bij het kiezen van een nummer.
4 seconden (1 - 15)
AUT. NUM.HERH Bepaalt of het faxapparaat nummerherhaling zal uitvoeren als bij de
eerste poging geen contact is gemaakt.
AAN/UIT
AANTAL NUM.HERH Stelt het aantal herhalingen in.
2 keer (1 - 10)
HERH. INTERVAL Stelt de interval tussen de herhalingen in.
2 minuten (1 t/m 99)
TIME OUT In-/uitschakelen van automatisch scannen van documenten nadat het
faxnummer is ingevoerd.
Wanneer u AAN instelt, dan zal het scannen automatisch 5 seconden
na het invoeren van het faxnummer starten.
AAN/UIT
8-5
Een menu selecteren
8
Instellingen en activiteitenrapporten
RX INSTELLINGEN
Voor meer informatie over toegang tot de onderstaande instellingen raadpleegt u p. 8-2.
PRINTERINSTELLINGEN
Voor meer informatie over toegang tot de onderstaande instellingen raadpleegt u p. 8-2.
Naam Beschrijving Instellingen
ECM RX In-/uitschakelen van de fout correctie mode bij ontvangst.
AAN/UIT
FAX/TEL AUTO SCH Stelt de opties voor de ontvangst mode in.
U kunt de BEL STARTTIJD, F/T BELDUUR en F/T SCHAKELACTIE
instellen. (zie pag. 7-4)
TELEFOONBEL Stelt de fax in om bij een oproep een belsignaal te geven waneer de
optionele handset, een telefoon of extra telefoon is aangesloten.
AAN/UIT
BEL AANTAL Instellen van aantal keer bellen voordat de fax antwoordt.
2 keer (1 - 99)
HANDM./AUTO SCH Bepaalt of de fax na een bepaalde periode naar de ontvangstmode
gaat wanneer het faxapparaat in de handmatige ontvangstmode staat.
AAN/UIT
F/T BELDUUR Stel in hoe lang de fax een belsignaal geeft voordat de fax
overschakelt naar de document ontvangst mode.
15 seconden (1 - 99)
RX OP AFSTAND Inschakelen/uitschakelen van ontvangst op afstand.
AAN/UIT
CODE RX OP AFST Als u RX OP AFSTAND in de AAN-stand zet, dan kunt u het ID voor
ontvangst op afstand selecteren.
25 (00 t/m 99)
GEHEUG. RX In-/uitschakelen van geheugenontvangst.
AAN/UIT
RX BEVEILIGING Schakelt ontvangstbeveiliging in/uit.
AAN/UIT
RX CONDITIE Als u hierboven AAN instelt, kunt u de ontvangstconditie selecteren.
MET AFZ. INFO:
Wanneer de afzender zijn faxnummer in zijn faxapparaat heeft
opgeslagen, zal uw faxapparaat het document ontvangen.
GEREGISTR. AFZ.:
Uw faxapparaat zal het document ontvangen wanneer de afzender zijn
faxnummer in zijn faxapparaat heeft opgeslagen en dat faxnummer
onder een snelkiestoets van uw faxapparaat is opgeslagen.
MET AFZ.
INFO/
GEREGISTR.
AFZ.
Naam Beschrijving Instellingen
RX VERKLEINING Inschakelen/uitschakelen van verkleinen van ontvangen documenten.
AAN/UIT
VERKLEINING Selecteert een verkleining in alleen de hoogte of zowel in hoogte als
breedte.
ALLEEN VERTICAAL/
HORIZ. & VERTICAAL
Formaat afdrukpapier Aangeven van het formaat van het geplaatste faxpapier.
A4/LTR/LGL
ECONOMY AFDR. Inschakelen/uitschakelen van economisch afdrukken
(inktbesparingsfunctie).
AAN/UIT
8-6
SYSTEEMINSTELLINGEN
Voor meer informatie over toegang tot de onderstaande instellingen raadpleegt u p. 8-2.
Naam Beschrijving Instellingen
SLOT AAN/UIT Beperken van verzending met behulp van een password.
-
PASSWORD Stelt een viercijferig password in om te voorkomen dat onbevoegden
toegang hebben tot de onderstaande instelling.
0000 t/m 9999
TELEFOONSLOT Beperkte verzending.
AAN/UIT
DATUM INST. Instellen van datumweergave.
JJJJ MM/DD
MM/DD JJJJ
DD/MM JJJJ
DISPLAYTAAL Instellen van de taal op het LCD display.
ENGELS/FRANS/
SPAANS/DUITS/
ITALIAANS/
NEDERLANDS/
FINS/PORTUGEES/
NOORS/ZWEEDS
/DEENS/SLOVEENS/
TSJECHISCH/
HONGAARS/RUSSISCH
TX STARTSNELHEID Instellen van de snelheid waarmee de fax het verzenden begint. Kies
een lagere snelheid als er problemen zijn bij internationaal ontvangen
of bij slechte telefoonverbindingen.
14400bps/9600bps/
7200bps/4800bps /
2400bps
RX STARTSNELHEID Instellen van de snelheid waarmee de fax de ontvangst begint. Kies
een lagere snelheid als er problemen zijn bij internationaal ontvangen
of bij slechte telefoonverbindingen.
14400bps/9600bps/
7200bps/4800bps /
2400bps
LANDSELECTIE* Selecteert het land waarin u de fax gebruikt.
(Het wijzigen van de landselectie kan ook andere instellingen
wijzigen.)
ENGELAND/
DUITSLAND/
FRANKRIJK/ITALIË/
SPANJE/NEDERLAND/
DENEMARKEN/
NOORWEGEN/
ZWEDEN/
FINLAND/
OOSTENRIJK/
BELGIË/
ZWITSERLAND/
PORTUGAL/
IERLAND/
GRIEKENLAND/
LUXEMBURG/
HONGARIJE/
TSJECHIË/RUSLAND/
OVERIGE
* Deze instelling is niet in alle landen beschikbaar.
8-7
8
Instellingen en activiteitenrapporten
Activiteitenrapporten
Uw fax zal de meeste verzend- en ontvangstactiviteiten registreren. Deze activiteiten kunnen worden
afgedrukt in de vorm van activiteitenrapporten, zodat u kunt controleren op welke data en tijdstippen
documenten zijn verzonden en of elke transactie succesvol is geweest.
Afdrukken van een rapport____________________
Afhankelijk van het type rapport kunt u de fax instellen het rapport automatisch te laten afdrukken of kunt
u het direct laten afdrukken. Het TX rapport, RX rapport, MULTI TX/RX rapport en het Geheugen
wisrapport kunnen alleen automatisch worden afgedrukt. Raadpleeg RAPPORT INSTELLINGEN (p. 8-4)
voor het hoe en wanneer rapporten automatisch worden afgedrukt.
Volg de onderstaande procedure voor het afdrukken van een ACTIVITEITENRAPPORT,
SNELKIESLIJST, GEBR. GEG.LIJST of DOC. GEHEUGENLIJST.
1
Druk op [Functie].
Druk op [Rapport].
2
Druk op [ ] of [ ] om het gewenste type af te
drukken rapport weer te geven.
U kunt kiezen uit ACTIVITEITENRAPPORT,
SNELKIESLIJST, GEBR. GEG.LIJST of DOC.
GEHEUGENLIJST.
Druk op [Instellen].
3
Als u in stap 2 SNELKIESLIJST selecteert, druk dan
op [ ] of [ ] om de af te drukken lijst te selecteren.
U heeft de keuze uit SNELKIESLIJST, VERKORT
KIESLIJST of GROEPSKIESLIJST.
U kunt selecteren in welke volgorde u de bestemmingen op
de SNELKIESLIJST of VERKORT KIESLIJST wilt laten
afdrukken. (zie pag. 8-9)
Druk op [Instellen].
Functie
Rapport
Instellen
Instellen
8-8
Activiteitenrapport __________________________
Geeft een overzicht van de laatste 20 transacties voor verzending en ontvangst. Voor het automatisch
afdrukken van activiteitenrapporten raadpleegt u p. 8-4.
De transacties op een activiteitenrapport worden in chronologische volgorde vermeld.
***************************************
***************************************
*** ***
27/12 2001 15:00 FAX 123 4567 Canon 001
Activiteitenrapport
ST. TIJD AANSLUITING ID NR. MODE PAG. RESULTAAT
*27/12 13:43
*27/12 13:45
*27/12 13:51
*27/12 14:05
*27/12 14:10
*27/12 14:16
*27/12 14:27
*27/12 14:30
27/12 14:53
27/12 14:57
27/12 14:59
905 795 1111
905 795 1111
03 3758 2111
2 887 0166
905 795 1111
2 887 0166
20 545 8545
20 545 8545
03 3758 2111
2 887 0166
1 432 2060
Canon CANADA
Canon CANADA
CANON TOKYO
Canon AUSTRALIË
Canon CANADA
Canon AUSTRALIË
Canon EUROPA
Canon EUROPA
CANON TOKYO
Canon AUSTRALIË
CANON OPTICS
5001
5002
0001
0001
5003
5004
0002
0003
5005
0004
0005
AUTOM. RX ECM
AUTOM. RX ECM
GROEPSVERZ. ECM
GROEPSVERZ. ECM
AUTOM. RX ECM
AUTOM. RX ECM
VERZENDEN ECM
VERZENDEN ECM
AUTOM. RX ECM
VERZENDEN ECM
VERZENDEN
1
1
3
3
1
4
1
1
1
3
0
OK 00'33
OK 00'24
OK 01'18
OK 01'18
OK 00'18
OK 03'59
OK 01'20
OK 04'12
OK 01'16
NG 01'25
3STOP
NG 00'01
0 #018
Transactie (TX/RX) nummer
Transactie mode
Transactie met fout correctie mode
Paginanummer waar de fout is opgetreden
Foutcode (zie pag. 9-18)
Tijdens transactie is op [Stop] gedrukt
Duur van transactie
Geeft aan dat
een vermelding
op een vorig
rapport is
weergegeven.
8-9
Activiteitenrapporten
8
Instellingen en activiteitenrapporten
Lijst met snelkiesnummers ___________________
Geeft een overzicht van de nummers en namen die onder de snelkiestoetsen zijn opgeslagen.
Lijst met verkort kiesnummers ________________
Geeft een overzicht van de nummers en namen die onder de verkort kiescodes zijn opgeslagen.
Lijst met groepskiesnummers ________________
Deze lijst vermeldt de groepen die zijn opgeslagen onder de snelkiesnummers en de verkort kiescodes.
NO. CONNECTION TEL CONNECTION ID
[ 01] 905 795 1111 Canon CANADA
[ 03] GROUP DIAL Canon EUROPA
[ 04] 2 50921 Canon ITALIA
[ 05] 1 432 2060 Canon OPTICS
[ 06] 2 887 0166 Canon AUSTRALIA
27/12 2001 17:23 FAX 123 4567 CANON 001
***********************************
***********************************
*** ***
1-TOUCH SPD DIAL LIST
*********************************************
*********************************************
*** ***
27/12 2001 17:23 FAX 123 4567 Canon 001
SNELKIESLIJST
NR.
[ 06]
[ 01]
[ 03]
[ 04]
[ 05]
2 887 0166 Canon AUSTRALIË
905 795 1111 Canon CANADA
GROEPSKIEZEN Canon EUROPA
2 50921 Canon ITALIË
1 432 2060 Canon OPTICS
AANSLUITING
ID
Niet-gesorteerde lijst: Bestemmingen in volgorde van de toetsen. Gesorteerde lijst: bestemmingen in alfabetische volgorde.
************************************
************************************
*** ***
CODED SPEED DIAL LIST
NO. CONNECTION TEL CONNECTION ID
[
A 00] 2131 1250 Canon DEUTSCH.
[
A 01] 03 3758 2111 Canon TOKYO
[
A 02] 1 49 39 25 25 Canon FRANCE
[
A 03] 516p488 6700 Canon U.S.A.
[
A 21] GROUP DIAL Canon GROUP 1
[
A 32] 81 773 317A Canon UK
27/12 2001 17:23 FAX 123 4567 CANON 001
*********************************************
*********************************************
*** ***
27/12 2001 17:23 FAX 123 4567 Canon 001
VERKORT KIESLIJST
NR.
[* 00]
[* 02]
[* 21]
[* 01]
[* 03]
[* 32]
2131 1250 Canon DUITSL.
1 49 39 25 25 Canon FRANKRIJK
GROEPSKIEZEN Canon GROEP 1
03 3758 2111 Canon TOKYO
516p488 6700 Canon U.S.A.
81 773 3173 Canon ENGELAND
AANSLUITING ID
Niet-gesorteerde lijst: Bestemmingen in volgorde van de codes.
Gesorteerde lijst: bestemmingen in alfabetische volgorde.
***************************************
***************************************
*** ***
27/12 2001 17:23 FAX 123 4567 Canon 001
GROEPSKIESLIJST
[ 03] Canon EUROPA [ 04] 2 50921 Canon ITALIË
[* 00] 2131 1250 Canon DUITSL.
[* 02] 1 49 39 25 25 Canon FRANKRIJK
[* 32] 81 773 3173 Canon ENGELAND
[* 21] Canon GROEP 1 [ 01] 905 795 1111 Canon CANADA
[* 03] 516p488 6700 Canon U.S.A.
8-10
LIJST MET GEBRUIKERSGEGEVENS___________
Geeft een overzicht van de huidige instellingen en de informatie over de afzender die is opgeslagen.
Doc. geheugenlijst __________________________
Laat zien welke documenten op dit moment in het geheugen van de fax zijn opgeslagen. (zie pag. 6-13)
****************************************
****************************************
*** ***
27/12 2001 17:23 FAX 123 4567 Canon 001
LIJST MET GEBRUIKERSGEGEVENS
1. GEBR. INSTELLINGEN
TELEFOON #
NAAM
TX TERMINAL ID
De plaats van het TTI aangeven
TELEFOON # SYMBOOL
SCANCONTRAST
HOORN VAN HAAK
VOLUMEREGELING
BELVOLUME
TOETSVOLUME
ALARM VOLUME
LIJN MONITOR VOL.
RX BEL NIVEAU
TYPE
123 4567
Canon
AAN
BUITENBEELD
Fax
STANDAARD
AAN
2
2
2
2
HOOG
TOONKIEZEN
****************************************
****************************************
*** ***
27/12 2001 23:42 FAX 123 4567 Canon 001
DOC. GEHEUGENLIJST
TX/RX NR MODE AANSLUITING PAG
.
ST. TIJD IN
0046 VERZENDEN [* 01] Canon TOKYO 3 27/12 23:24
0047 VERZENDEN [ 04] Canon ITALIË 2 27/12 23:26
0048 GROEPSVERZ. [ 01] Canon CANADA 1 27/12 23:38
[* 02] Canon FRANKRIJK
0049 UITGEST. TX 0297772911 1 27/12 16:43 23:42
ST. TIJD
8-11
Activiteitenrapporten
8
Instellingen en activiteitenrapporten
TX (verzend) rapport_________________________
U kunt de fax na elke verzending een activiteitenrapport laten afdrukken of alleen wanneer er zich tijdens
de verzending een probleem heeft voorgedaan. Zie TX RAPPORT op pag. 8-4.
*********************************
*********************************
*** ***
***************************************
***************************************
*** ***
27/12 2001 14:59 FAX 123 4567 Canon 001
TX RAPPORT
27/12 2001 14:59 FAX 123 4567 Canon 001
FOUT TX RAPPORT
VERZENDING OK
TX/RX NR
AANSLUITING
0003
1 432 2060
TX/RX NR
AANSLUITING
ID
ST. TIJD
GEBR. T
PAG. VERZONDEN
RESULTAAT
0004
Canon EUROPA
27/12 14:59
00'00
0
NG #018 BEZET/GEEN
20 545 8545
THE SLEREXE COMPANY LIMITED
SAPORS LANE BOOLE DORSET BH25 8ER
TELEPHONE BOLLE (945 13) 51617 - FAX 123456
Our Ref. 350/PJC/EAC
27 December, 2001
Dr. P. N. Cundall,
Mining Surveys Ltd.,
Holroyd Road,
Reading
Berks.
OK: Verzending gelukt
NG: Sommmige of geen pagina's verzonden
Aantal verzonden pagina's
Duur van de verzending
Tijdstip van de verzending
Als u de instelling TX KOPIE (zie pag. 8-4)
inschakelt, dan zal de eerste pagina van de
fax op het rapport worden afgedrukt om u te
herinneren aan de inhoud van de fax.
TX FUNCTIE IS NIET VOLTOOID
8-12
RX (ontvangst) rapport_______________________
U kunt de fax na elke ontvangst een activiteitenrapport laten afdrukken of alleen wanneer er zich tijdens de
ontvangst een probleem heeft voorgedaan. Zie RX RAPPORT op pag. 8-4.
Multi TX/RX (transactie) rapport _______________
Toont de resultaten van een groepsverzending.
Als u de fax heeft ingesteld om activiteitenrapporten af te drukken (TX RAPPORT of RX RAPPORT) en
daarna groepsverzending gebruikt, dan zal in plaats van het TX (verzend) RAPPORT een MULTI TX/RX
RAPPORT worden afgedrukt. Zie TX RAPPORT op pag. 8-4.
Opmerking
Het geheugen wissen rapport wordt automatisch afgedrukt nadat de stroomvoorziening na een storing is
hersteld. Zie Geheugen wissen rapport op pag. 9-23.
***************************************
***************************************
*** ***
27/12 2001 14:59 FAX 123 4567 Canon 001
RX RAPPORT
ONTVANGST OK
TX/RX NR
AANSLUITING
ID
ST. TIJD
GEBR. T
PAG.
RESULTAAT
5004
905 795 1111
Canon CANADA
27/12 14:59
01'59
4
OK
OK: Ontvangst gelukt
NG: Sommige of geen pagina's ontvangen
Aantal ontvangen pagina's
Duur van de ontvangst
Tijdstip van de ontvangst
************************************************
************************************************
*** ***
27/12 2001 14:59 FAX 123 4567 Canon 001
MULTI TX/RX RAPPORT
TX/RX NR
PAG.
TX/RX ONVOLLEDIG
TRANSACTIE OK
FOUTINFORMATIE
0054
1
––––
[ 01]905 795 1111
[
01]03 3758 2111
[
02]1 49 39 25 25
––––
Canon CANADA
CANON TOKYO
Canon FRANKRIJK
8-13
8
Instellingen en activiteitenrapporten
Beperkt gebruik van de fax
Gebruik het telefoonslot om te voorkomen dat onbevoegden gebruik maken van uw fax.
Om toegang tot deze blokkeerfunctie te voorkomen, dient u een password op te slaan. Stel het password en
de VERGRENDEL TEL. functie in zoals onderstaand is aangegeven.
De fax vergrendelen _________________________
Volg de onderstaande procedure om het gebruik van de fax te beperken.
1
Druk op [Functie].
Druk op [Gegevensregistratie].
2
Druk op [Instellen].
3
Druk op [ ] of [ ] om SYSTEEMINSTELLINGEN te
selecteren.
Druk op [Instellen].
4
Druk twee keer op [Instellen].
Op het display verschijnt PASSWORD.
5
Gebruik de numerieke toetsen om het viercijferige
password in te voeren.
Druk twee keer op [Instellen].
Functie
Gegevensregistratie
Instellen
Instellen
Instellen
0
9
Instellen
8-14
Wijzigen van het password ___________________
Volg de onderstaande procedure om de toegangscode te wijzigen.
6
Druk op [ ] of [ ] om AAN te selecteren.
Druk op [Instellen].
7
Druk op [STOP].
Het instellen is beëindigd en de fax gaat terug naar de
standby mode.
1
Volg de stappen 1 t/m 3 op pag. 8-13.
2
Druk op [Instellen].
Op het display verschijnt PASSWORD.
3
Gebruik de numerieke toetsen om het huidige
viercijferige password in te voeren.
Tijdens het invoeren ervan zal het password niet op het
display verschijnen.
Druk twee keer op [Instellen].
4
Gebruik de numerieke toetsen om het nieuwe
viercijferige password in te voeren.
Druk op [Instellen].
5
Druk op [STOP].
Het instellen is beëindigd en de fax gaat terug naar de
standby mode.
Instellen
Stop
Instellen
0
9
Instellen
0
9
Instellen
Stop
8-15
Beperkt gebruik van de fax
8
Instellingen en activiteitenrapporten
Annuleren van de beperkingsfunctie ___________
Volg de onderstaande procedure om de beperkingsfunctie te annuleren.
1
Volg de stappen 1 t/m 3 op pag. 8-13.
2
Druk op [Instellen].
Op het display verschijnt PASSWORD.
3
Gebruik de numerieke toetsen om het huidige
viercijferige password in te voeren.
Tijdens het invoeren ervan zal het password niet op het
display verschijnen.
Druk vier keer op [Instellen].
4
Druk op [ ] of [ ] om UIT te selecteren.
Druk op [Instellen].
5
Druk op [STOP].
Het instellen is beëindigd en de fax gaat terug naar de
standby mode.
Instellen
0
9
Instellen
Instellen
Stop
8-16
9
9
Oplossingen voor problemen
Oplossingen
voor problemen
Verwijderen van vastgelopen papier......................... 9-2
Papierstoringen in de aanvoer (ADF).....................................9-2
Papierstoringen bij het MP-blad .............................................9-3
Regelmatig reinigen.................................................... 9-4
Reinigen van de behuizing van de fax....................................9-4
Reinigen van de binnenzijde van de fax.................................9-4
Testen en reinigen van de afdrukkop van de BJ-cartridge.....9-7
Vervangen van de BJ-cartridge..............................................9-8
Oplossen van problemen.......................................... 9-11
Problemen met invoer van papier.........................................9-11
Problemen met faxen ...........................................................9-12
Problemen met kopiëren ......................................................9-16
Problemen met de telefoon ..................................................9-16
Problemen met afdrukkwaliteit .............................................9-17
Algemene problemen ...........................................................9-17
Displaymeldingen...................................................... 9-18
Indien een stroomstoring optreedt.......................... 9-23
Tijdens een stroomstoring....................................................9-23
GEHEUGEN WISRAPPORT................................................9-23
9-2
Verwijderen van vastgelopen
papier
Papierstoringen in de aanvoer (ADF) ___________
Wanneer een document in de ADF vastloopt of verkeerd wordt ingevoerd, verschijnt CONTR.
DOCUMENT op het display.
Volg de onderstaande procedure om het vastgelopen document te verwijderen.
Opmerking
U hoeft niet eerst de steker uit de wandcontactdoos te halen wanneer u vastgelopen documenten gaat
verwijderen.
1
Druk op [STOP].
2
Open gedeeltelijk het bedieningspaneel
door het voorzichtig naar u toe te trekken.
Het opent slechts gedeeltelijk.
Probeer het document er niet uit te trekken zonder dat u
het bedieningspaneel opent. Als u dat wel doet kunt u
het document scheuren of vuil maken.
3
Verwijder het document terwijl u het
bedieningspaneel open houdt.
4
Wanneer u gereed bent, sluit u het
bedieningspaneel door er in het midden
op te drukken.
Trek het document er voorzichtig uit.
Als het document uit meerdere pagina's bestaat,
verwijder dan het gehele document uit de ADF.
Zorg dat het bedieningspaneel goed is gesloten, anders
zal de fax niet goed functioneren.
Opmerking
Als het papier niet goed naar buiten komt,
gebruik dan geen kracht. Neem contact op met
uw leverancier of de Canon Help Desk.
Stop
9-3
Verwijderen van vastgelopen papier
9
Oplossingen voor problemen
Papierstoringen bij het MP-blad _______________
Als bij het MP-blad papierstoringen optreden, verschijnt PAPIERSTORING op het display.
Volg de onderstaande procedure om het vastgelopen papier te verwijderen.
Opmerking
U hoeft niet eerst de steker uit de wandcontactdoos te halen wanneer u vastgelopen papier gaat
verwijderen.
1
Trek het vastgelopen papier uit de fax
zoals is aangegeven.
2
Verwijder de stapel papier van het MP-
blad en plaats deze opnieuw. (zie pag.
1-12)
Plaats niet meer papier dan door het vullimietsymbool
(
) wordt aangegeven.
3
Druk op [Start].
Start / Hervatten
9-4
Regelmatig reinigen
Uw fax vraagt weinig onderhoud. Dit gedeelte beschrijft de reinigingsprocedures voor de fax. Let op het
volgende voordat u de fax gaat reinigen:
Trek de steker van het netsnoer uit de wandcontactdoos voordat u het faxapparaat reinigt. Omdat de in het
geheugen opgeslagen documenten worden gewist wanneer u het netsnoer verwijdert, dient u eerst alle
opgeslagen documenten af te drukken voordat u de steker uit de wandcontactdoos haalt. (zie pag. 6-13)
Gebruik nooit tissues, papieren handdoekjes of soortgelijke materialen om de fax te reinigen. Deze
materialen kunnen aan de onderdelen blijven kleven of statische elektriciteit veroorzaken.
Reinigen van de behuizing van de fax __________
Volg de onderstaande procedure om de behuizing van de fax te reinigen.
Reinigen van de binnenzijde van de fax _________
K
Reinigen van de binnenzijde van de printerkap
Om te voorkomen dat zich inktvlekken en papierstof in de fax kan verzamelen en de afdrukkwaliteit kan
afnemen, dient u regelmatig het afdrukgedeelte te reinigen.
Volg de onderstaande procedure om de binnenzijde van de fax te reinigen.
Waarschuwing
Gebruik nooit agressieve reinigingsmiddelen zoals thinners, benzine, aceton of andere chemische
reinigingsmiddelen om de binnenzijde van de fax te reinigen. Deze kunnen de onderdelen
beschadigen.
1
Haal de steker uit de wandcontactdoos en
verwijder het netsnoer van de fax.
2
Veeg de behuizing van de fax af met een
schone, zachte doek met water of een
verdund afwasmiddel.
3
Wanneer u gereed bent, kunt u het
netsnoer opnieuw aansluiten.
1
Haal de steker uit de wandcontactdoos en
verwijder het netsnoer van de fax.
2
Open de printerkap via het nokje op de
kap. (zie pag. 2-2)
Waarschuwing
Raak nooit de onderdelen of metalen
gedeelten aan. U voorkomt hiermee
beschadiging van de fax en de kans dat
de afdrukkwaliteit afneemt.
9-5
Regelmatig reinigen
9
Oplossingen voor problemen
K
Reinigen van de onderdelen van de scanner
Volg de onderstaande procedure om regelmatig de onderdelen van de scanner te controleren en te reinigen.
3
Gebruik een schone, zachte doek om de
inktvlekken en het papierstof uit de fax te
verwijderen (gearceerde gedeelte), met
name bij de afdrukplaat.
4
Wanneer u gereed bent, kunt u de
printerkap sluiten.
5
Sluit het netsnoer opnieuw aan.
Raak nooit de BJ-cartridge of de houder aan.
1
Haal de steker uit de wandcontactdoos en
verwijder het netsnoer van de fax.
2
Open gedeeltelijk het bedieningspaneel
door het voorzichtig naar u toe te trekken.
3
Reinig deze onderdelen terwijl u het
bedieningspaneel open houdt:
Het opent slechts gedeeltelijk.
Scheidingsgeleider en scheidingsrol
Veeg deze schoon met een schone, zachte, droge en
niet-pluizende doek.
Kopieerdeksel en glasplaat voor scannen
Schoonvegen met een schone, zachte, niet-pluizende in
water bevochtigde doek en daarna afvegen met een
schone, zachte, droge, niet-pluizende doek.
Glasplaat voor scannen
Scheidingsgeleider
Scheidingsrol
Wit blad
9-6
Opmerking
Als onderdelen van de scanner vuil zijn, zullen uw verzonden of gekopieerde documenten ook vuil zijn.
Gebruik een zachte doek om krassen op de onderdelen te voorkomen.
Waarschuwing
Gebruik nooit tissues, papieren handdoekjes of soortgelijke materialen om de fax te reinigen. Deze
materialen kunnen aan de onderdelen blijven kleven of statische elektriciteit veroorzaken.
4
Gebruik een schone, zachte, droge, niet-
pluizende doek om de in het grijs
aangegeven delen van het
bedieningspaneel te reinigen.
5
Gebruik een schone, zachte en droge
doek om papierstof te verwijderen bij het
gearceerde gedeelte rondom de
scheidingsrol.
.
Vuil en stofdeeltjes die zich onder het
bedieningspaneel kunnen verzamelen, zullen
invloed hebben op de kwaliteit van de
documenten die u verzendt of kopieert.
6
Wanneer u gereed bent, sluit u het
bedieningspaneel door er in het midden
op te drukken.
7
Sluit het netsnoer opnieuw aan.
Zorg dat het bedieningspaneel goed is gesloten, anders
zal de fax niet goed functioneren.
Scheidingsrol
9-7
Regelmatig reinigen
9
Oplossingen voor problemen
Testen en reinigen van de afdrukkop van de BJ-
cartridge___________________________________
De afdrukkop in de BJ-cartridge bevat de spuitopeningen die de inkt op het papier spuiten. Voor een
optimale afdrukkwaliteit dient u deze spuitopeningen af en toe te reinigen. Uw fax is voorzien van een
reinigingsfunctie om de spuitopeningen in de afdrukkop te reinigen.
K
Afdrukken van het controleraster
Voordat u de afdrukkop reinigt, wilt u wellicht een controleraster afdrukken om de afdrukkop van de BJ-
cartridge te testen. Deze test laat zien of elke spuitopening in de afdrukkop goed functioneert.
Volg de onderstaande procedure om het controleraster af te drukken.
1
Druk op [Functie].
Druk op [Reinigen].
2
Druk op [Instellen].
De fax zal het controleraster afdrukken.
Opmerking
Druk het controleraster opnieuw af nadat u de afdrukkop van de BJ-cartridge heeft gereinigd om te zien
of het probleem is opgelost.
Functie
Reinigen
Instellen
128
Ver 1.0X
Controleraster
Als het raster onregelmatig is of
onderbroken is, reinig dan de
afdrukkop van de BJ-cartridge.
(zie pag. 9-8)
9-8
K
Reinigen van de afdrukkop van de BJ-cartridge
Als uw afdrukken onduidelijk of streperig zijn, of als de afdrukkwaliteit op een andere wijze afneemt, druk
dan het controleraster af om te controleren of de spuitopeningen in de afdrukkop goed functioneren (zie pag.
9-7). Als het raster onregelmatig is of onderbroken is, reinig dan de afdrukkop van de BJ-cartridge.
Volg de onderstaande procedure om de afdrukkop van de BJ-cartridge te reinigen.
Vervangen van de BJ-cartridge ________________
Dit gedeelte beschrijft hoe u de BJ-cartridge kunt vervangen.
Volg de onderstaande procedure om de BJ-cartridge te vervangen.
Opmerking
Om verzekerd te zijn van de best mogelijke afdrukkwaliteit adviseren wij u de afdrukkop van de BJ-
cartridge regelmatig te reinigen.
Tijdens het reinigen van de afdrukkop wordt een klein beetje inkt verbruikt. Door te vaak te reinigen, zal
de beschikbare hoeveelheid inkt afnemen.
1
Druk op [Functie].
Druk op [Reinigen].
2
Druk op [ ] of [ ] om REINIGEN te selecteren.
3
Druk op [Instellen].
De fax reinigt de afdrukkop.
Opmerking
Indien nodig kunt u de afdrukkop vijf keer achtereen reinigen.
Druk na het reinigen het controleraster af om te controleren of de reiniging het probleem heeft opgelost.
(zie pag. 9-7)
Als de afdrukkwaliteit na de reiniging niet verbetert, vervang dan de BJ-cartridge (zie hieronder).
Opmerking
Vervang de BJ-cartridge niet terwijl de fax bezig is met afdrukken of andere taken uitvoert.
1
Zorg dat de fax is aangesloten op de
wandcontactdoos.
Functie
Reinigen
Instellen
9-9
Regelmatig reinigen
9
Oplossingen voor problemen
2
Open de printerkap via het nokje op de
kap. (zie pag. 2-2)
3
Druk op [Cartridge].
4
Zet de blauwe hendel op de
cartridgehouder verticaal en verwijder de
BJ-cartridge.
5
Verwijder de nieuwe BJ-cartridge uit de
verpakking en verwijder het oranje
beschermdopje en de tape .
Gooi de oude BJ-cartridge direct weg. Houdt u daarbij
aan de ter plaatse geldende wetgeving en voorschriften
inzake het afdanken van verbruiksmaterialen. Om te
voorkomen dat inkt wordt gemorst, kunt u de cartridge
in een plastic zak doen.
Gemorste inkt kan op elk oppervlak vlekken
veroorzaken; bescherm uzelf en uw werkplek.
Gooi het dopje en de tape weg. Probeer ze nooit
opnieuw op de afdrukkop van de BJ-cartridge te
plaatsen.
Installeer de BJ-cartridge direct na het
verwijderen van het dopje en de tape.
Gemorste inkt kan op elk oppervlak vlekken
veroorzaken; bescherm uzelf en uw werkplek.
Cartridge
Waarschuwing
Probeer de cartridgehouder nooit
handmatig te verplaatsen of te stoppen. U
voorkomt hiermee beschadiging van de
fax.
Raak nooit de onderdelen of metalen
gedeelten aan. U voorkomt hiermee
beschadiging van de fax en de kans dat de
afdrukkwaliteit afneemt.
De automatische beveiliging van de fax
beschermt de fax tegen oververhitting. Als
de cartridgehouder niet verplaatst, haal
dan de steker uit de wandcontactdoos en
laat de fax enkele minuten afkoelen. Sluit
de fax opnieuw aan en druk op [Cartridge]
om de cartridgehouder te verplaatsen.
Printplaat
Lintkabel
Ronde as
Geleiderail
1
2
Raak nooit de
precisie-
onderdelen aan.
9-10
6
Plaats de BJ-cartridge met het etiket naar
buiten in de cartridgehouder. Druk de
blauwe cartridgevergrendeling omlaag
tot deze vastklikt.
7
Druk op [Cartridge].
De cartridgehouder verplaatst naar de uitgangspositie
aan de rechter kant van de fax en begint de afdrukkop
van de BJ-cartridge te reinigen. Dit proces duurt ca. 40
seconden.
8
Sluit de printerkap.
Opmerking
Als u de steker moet verwijderen, wacht dan tot de fax in de standby mode staat (op het display verschijnen
tijd en ontvangst mode). De cartridgehouder komt anders niet in de uitgangspositie. De BJ-cartridge zal
dan niet worden afgesloten en kan uitdrogen.
Cartridge
Waarschuwing
Probeer de cartridgehouder nooit
handmatig te verplaatsen of te stoppen. U
voorkomt hiermee beschadiging van de fax.
9-11
9
Oplossingen voor problemen
Oplossen van problemen
Problemen met invoer van papier ______________
Papier wordt niet ingevoerd.
Het MP-blad bevat wellicht te veel papier.
Plaats niet meer papier op het MP-blad dan door het vullimietsymbool (
) is aangegeven.
(zie pag. 1-11)
Papier is wellicht niet goed geplaatst.
Controleer of het papier goed op het MP-blad is geplaatst en of de papiergeleider goed is ingesteld.
(zie pag. 1-11)
Papier is scheef geplaatst. (De afdruk is scheef.)
Papier is wellicht niet goed geplaatst.
De rechter rand van de papierstapel moet tegen de rechter kant van het MP-blad liggen en de
papiergeleider dient tegen de linker rand van het papier te staan. (zie pag. 1-11)
De papieruitvoerbaan dient vrij te zijn.
Meerdere vellen papier tegelijk in de fax ingevoerd.
Papier is wellicht niet goed geplaatst.
Controleer of het papier goed op het MP-blad is geplaatst en of de papiergeleider goed is ingesteld.
(zie pag. 1-11)
Vellen papier kleven wellicht aan elkaar.
Waaier het papier voordat u het op het MP-blad plaatst. U voorkomt hiermee dat de vellen papier aan
elkaar kleven. (zie pag. 1-12)
Het MP-blad bevat wellicht te veel papier.
Plaats niet meer papier op het MP-blad dan door het vullimietsymbool (P) is aangegeven.
(zie pag. 1-11)
Plaats niet meer papier dan de maximale capaciteit van het MP-blad. (zie pag. 4-2)
Druk het papier niet met kracht op het MP-blad.
Er zijn wellicht verschillende soorten papier op het MP-blad geplaatst.
Plaats slechts één soort papier op het MP-blad.
Overtuig u ervan dat het papier voldoet aan de papiereisen voor de fax. (zie pag. 1-11, 4-2)
Er treden regelmatig papierstoringen op.
Het papier dat u gebruikt, is wellicht de oorzaak van de papierstoringen.
Waaier het papier voordat u het op het MP-blad plaatst. U voorkomt hiermee dat de vellen papier aan
elkaar kleven. (zie pag. 1-12)
Controleer of het papier dat u gebruikt en uw afdrukomgeving (zie pag. 1-11, S-1) voldoen aan de
technische gegevens van de fax. (zie pag. 1-11, 4-2)
9-12
Problemen met faxen ________________________
Problemen met verzending
U kunt geen document verzenden.
De fax is wellicht oververhit.
Trek de steker van het netsnoer uit de wandcontactdoos en laat de fax enkele minuten afkoelen. Plaats
de steker en probeer opnieuw te verzenden.
Wellicht is de fax niet ingesteld voor het type telefoonlijn dat u gebruikt (pulskiezen/toonkiezen).
Overtuig u ervan dat de fax staat ingesteld voor het juiste type telefoonlijn. (zie pag. 1-13)
Het document is wellicht niet goed in de aanvoer (ADF) geplaatst.
Verwijder het document, maak er zonodig een stapeltje van en plaats het correct in de ADF.
(zie pag. 3-3)
Zorg dat het bedieningspaneel is gesloten.
De snelkiestoets of de verkort kiescode die u heeft ingedrukt, is wellicht niet ingesteld voor de
functie die u wilt gebruiken.
Controleer of de snelkiestoets of de verkort kiescode goed is ingesteld. (Zie Hoofdstuk 2)
U heeft een verkeerd nummer gekozen of er is een verkeerd nummer doorgegeven.
Kies het nummer opnieuw of controleer of u het juiste nummer heeft.
Wellicht is bij de fax van de andere partij het papier op.
Bel de ander en vraag ze of het papier in hun fax wellicht op is.
Wellicht worden andere documenten vanuit het geheugen verzonden.
Wacht tot deze documenten zijn verzonden.
Tijdens verzending heeft zich wellicht een storing voorgedaan.
Druk een activiteitenrapport af en controleer of er storingen zijn. (zie pag. 8-7, 8-8)
Wellicht werkt de telefoonlijn niet goed.
Luister of u een kiestoon hoort wanneer u op [Haak] drukt of wanneer u de handset van een extern
apparaat dat op de fax is aangesloten opneemt. Hoort u geen kiestoon, neem dan contact op met KPN.
Wellicht is het andere faxapparaat geen G3 fax.
Controleer of het ontvangende faxapparaat compatibel is met uw fax (een G3-fax).
Documenten die door de fax zijn verzonden, vertonen vlekken of zijn
verontreinigd.
Wellicht functioneerde het andere faxapparaat niet goed.
Maak een kopie om het faxapparaat te controleren (zie pag. 5-2). Als de kopie goed is, dan wordt het
probleem wellicht door het andere faxapparaat veroorzaakt. Als de kopie vlekken vertoont of
verontreinigd is, reinig dan de onderdelen van de scanner. (zie pag. 9-5)
Het document is wellicht niet goed in de aanvoer (ADF) geplaatst.
Verwijder het document, maak er zonodig een stapeltje van en plaats het correct in de ADF.
(zie pag. 3-3)
9-13
Oplossen van problemen
9
Oplossingen voor problemen
U kunt niets via ECM (fout correctie mode) verzenden.
Wellicht ondersteunt de fax van de andere partij geen ECM.
Als het faxapparaat van de ontvangende partij geen ECM ondersteunt, wordt het document in de
normale mode verzonden zonder controle op fouten.
ECM is wellicht uitgeschakeld.
Schakel ECM in. (Zie ECM TX op pag. 8-4.)
Regelmatig optredende storingen tijdens verzending.
De telefoonlijnen zijn wellicht in slechte staat of u had wellicht een slechte verbinding.
Stel een lagere verzendsnelheid in. (Zie TX STARTSNELHEID op pag. 8-6.)
Problemen met de ontvangst
U kunt geen documenten automatisch ontvangen.
Wellicht is de fax niet ingesteld voor automatische ontvangst.
Om documenten automatisch te kunnen ontvangen, dient u de ontvangst mode in te stellen op
AUTOMATISCHE RX, FAX/TEL AUTO SCH (Fax/Tel mode) of ANTW.APP.MODE (zie
Hoofdstuk 7). Stelt u de ANTW.APP.MODE in, controleer dan of er een antwoordapparaat op de fax
is aangesloten. Zorg dat het antwoordapparaat is ingeschakeld en een uitgaand bericht bevat.
(zie pag. 7-9)
Wellicht is in het geheugen een document opgeslagen.
Afdrukken of wissen van in het geheugen opgeslagen documenten. (zie pag. 6-13, 6-14)
Tijdens verzending heeft zich wellicht een storing voorgedaan.
Kijk of er een foutmelding op het display staat. (zie pag. 9-18)
Druk een activiteitenrapport af en controleer of er storingen zijn. (zie pag. 8-7, 8-8)
Wellicht is het MP-blad leeg.
Overtuig u ervan dat er papier op het MP-blad ligt. (zie pag. 1-11)
Wellicht is de telefoonlijn niet goed aangesloten.
Controleer of alle verbindingen goed zijn aangebracht. (zie pag. 1-5, 1-6)
9-14
De fax schakelt niet automatisch over tussen telefonische oproepen
en de ontvangst van faxberichten.
De fax is wellicht niet ingesteld voor automatisch omschakelen tussen telefonische oproepen en de
ontvangst van faxberichten.
Om de fax automatisch te laten omschakelen, dient u de ontvangst mode in te stellen op FAX/TEL
AUTO SCH (Fax/Tel mode) of ANTW.APP.MODE (zie Hoofdstuk 7). Stelt u de
ANTW.APP.MODE in, controleer dan of er een antwoordapparaat op de fax is aangesloten. Zorg dat
het antwoordapparaat is ingeschakeld en een uitgaand bericht bevat. (zie pag. 7-9)
Tijdens verzending heeft zich wellicht een storing voorgedaan.
Kijk of er een foutmelding op het display staat. (zie pag. 9-18)
Druk een activiteitenrapport af en controleer of er storingen zijn. (zie pag. 8-7, 8-8)
Wellicht is het MP-blad leeg.
Overtuig u ervan dat er papier op het MP-blad ligt. (zie pag. 1-11)
Het andere faxapparaat verzendt wellicht geen CNG-signaal dat aangeeft dat het om een
faxbericht gaat.
Sommige faxapparaten kunnen geen CNG-signalen verzenden om aan te geven dat de inkomende
oproep een faxoproep is. U dient in zo'n situatie het document handmatig te ontvangen. (zie pag. 7-7)
U kunt geen documenten handmatig ontvangen.
U heeft de verbinding mogelijk verbroken door op [Start] te drukken of de ID voor ontvangst op
afstand gekozen nadat u de handset van de extra telefoon heeft opgehangen.
U dient op [Start] te drukken of de ID voor ontvangst op afstand te kiezen vóórdat u de handset
ophangt, anders verbreekt u de verbinding.
De afdrukkwaliteit is slecht.
Wellicht gebruikt u niet het juiste type papier.
Overtuig u ervan dat het papier voldoet aan de papiereisen voor de fax. (zie pag. 1-11, 4-2)
Wellicht moet de afdrukkop van de BJ-cartridge worden gereinigd.
Reinig de afdrukkop van de BJ-cartridge indien dat nodig is. (zie pag. 9-8)
Wellicht functioneerde het andere faxapparaat niet goed.
Het verzendende faxapparaat bepaalt meestal de kwaliteit van het document. Neem contact op met de
afzender en vraag of zij willen controleren of de glasplaat van de scanner en de kap van de scanner
schoon zijn.
Wellicht is ECM (fout correctie mode) uitgeschakeld.
Schakel ECM in. (Zie ECM TX op pag. 8-5.)
9-15
Oplossen van problemen
9
Oplossingen voor problemen
Faxberichten worden niet afgedrukt.
Wellicht is de BJ-cartridge niet goed geïnstalleerd.
Controleer of de BJ-cartridge goed is geïnstalleerd. (zie pag. 1-9)
Verwijder de oranje beschermtape van de BJ-cartridge voordat u deze installeert. (zie pag. 1-9)
Wellicht moet de afdrukkop van de BJ-cartridge worden gereinigd.
Reinig de afdrukkop van de BJ-cartridge indien dat nodig is. (zie pag. 9-8)
Wellicht moet de BJ-cartridge worden vervangen.
Controleer of de BJ-cartridge het probleem vormt en vervang deze indien nodig. (zie pag. 9-8)
De afdrukken zijn vlekkerig en onregelmatig.
De telefoonlijnen zijn wellicht in slechte staat of u had wellicht een slechte verbinding.
Het verzenden/ontvangen in de fout correctie mode (ECM) kan dit soort problemen voorkomen. Als
de telefoonlijnen in slechte staat zijn, moet u het wellicht later opnieuw proberen.
Wellicht functioneerde het andere faxapparaat niet goed.
Het verzendende faxapparaat bepaalt meestal de kwaliteit van het document. Neem contact op met de
afzender en vraag of zij willen controleren of de glasplaat van de scanner en de kap van de scanner
schoon zijn.
U kunt niets via ECM (fout correctie mode) ontvangen.
Het verzendende faxapparaat ondersteunt wellicht geen ECM.
Als het faxapparaat van de ontvangende partij geen ECM ondersteunt, wordt het document in de
normale mode verzonden zonder controle op fouten.
ECM is wellicht uitgeschakeld.
Schakel ECM in. (Zie ECM TX op pag. 8-5.)
Regelmatig optredende storingen tijdens ontvangst.
De telefoonlijnen zijn wellicht in slechte staat of u had wellicht een slechte verbinding.
Stel een lagere ontvangstsnelheid in. (Zie RX STARTSNELHEID op pag. 8-6.)
Wellicht functioneerde het andere faxapparaat niet goed.
Bel de afzender en vraag of ze willen controleren of hun faxapparaat goed functioneert.
9-16
Problemen met kopiëren _____________________
De fax maakt geen kopie.
Wellicht moet de BJ-cartridge worden vervangen.
Controleer of de BJ-cartridge het probleem vormt en vervang deze indien nodig. (zie pag. 9-8)
Het document is wellicht niet goed in de aanvoer (ADF) geplaatst.
Verwijder het document, maak er zonodig een stapeltje van en plaats het correct in de ADF. (zie pag. 3-3)
Zorg dat het bedieningspaneel is gesloten.
Wellicht is de BJ-cartridge niet goed geïnstalleerd.
Controleer of de BJ-cartridge goed is geïnstalleerd. (zie pag. 1-9)
Wellicht functioneert de fax niet goed.
Druk het controleraster af. (zie pag. 9-7)
Bij het maken van meerdere kopieën verschijnt GEHEUGEN VOL op
het display.
Het geheugen van de fax is vol.
Maak geheugenruimte vrij door in het geheugen opgeslagen documenten af te drukken of te wissen
(zie pag. 6-13, 6-14) en begin opnieuw.
Het document dat u kopieert bevat wellicht teveel afbeeldingen.
Als u meerdere pagina's kopieert, verdeel het aantal pagina's dan in kleinere stapeltjes. Zo niet, maak
dan telkens 1 kopie tegelijk.
Problemen met de telefoon ___________________
U kunt niet kiezen.
Wellicht is de telefoonlijn niet goed aangesloten.
Controleer of alle verbindingen goed zijn aangebracht. (zie pag. 1-5, 1-6)
Wellicht is het netsnoer niet goed aangesloten.
Controleer of het netsnoer goed op de fax en de wandcontactdoos is aangesloten (zie pag. 1-7). Als het
faxapparaat op een verzamelwandcontactdoos is aangesloten, controleer dan of deze is aangesloten en
ingeschakeld.
Wellicht is de fax niet ingesteld voor het type telefoonlijn dat u gebruikt (pulskiezen/toonkiezen).
Overtuig u ervan dat de fax staat ingesteld voor het juiste type telefoonlijn. (zie pag. 1-13)
De optionele handset, telefoon of het extra telefoontoestel verbreekt
de verbinding tijdens een gesprek.
Wellicht is het netsnoer niet goed aangesloten.
Controleer of het netsnoer goed op de fax en de wandcontactdoos is aangesloten (zie pag. 1-7). Als het
faxapparaat op een verzamelwandcontactdoos is aangesloten, controleer dan of deze is aangesloten en
ingeschakeld.
Er is interferentie op de lijn.
Wellicht wordt bij de fax een mobiele of draadloze telefoon gebruikt.
Gebruik geen mobiele telefoons en draadloze telefoons in de omgeving van de fax.
Opmerking
Voor meer informatie over het oplossen van problemen kunt u p. 9-17 (problemen met afdrukkwaliteit)
raadplegen.
9-17
Oplossen van problemen
9
Oplossingen voor problemen
Problemen met afdrukkwaliteit ________________
De afdrukkwaliteit is niet wat u verwacht, de afdruk is niet scherp,
bevat vlekken of uitgelopen inkt, mist puntjes of bevat witte strepen.
Het papier dat u gebruikt, wordt wellicht niet door de fax ondersteund.
Gebruik het aanbevolen papier. (zie pag. 1-11, 4-2)
Wellicht drukt u af op de verkeerde zijde van het papier.
Sommige papiersoorten hebben een "goede" afdrukkant. Als de afdrukkwaliteit niet zo goed is als u
had verwacht, draai het papier dan om en maak een afdruk op de andere zijde.
De spuitopeningen in de afdrukkop van de BJ-cartridge zijn wellicht verstopt.
Reinig de afdrukkop van de BJ-cartridge indien dat nodig is. (zie pag. 9-8)
Wellicht is de BJ-cartridge niet goed geïnstalleerd.
Controleer of de BJ-cartridge goed is geïnstalleerd. (zie pag. 1-9)
Wellicht moet de BJ-cartridge worden vervangen.
Controleer of de BJ-cartridge het probleem vormt en vervang deze indien nodig. (zie pag. 9-8)
De afdrukkop van de BJ-cartridge is wellicht beschadigd.
Controleer of de afdrukkop van de BJ-cartridge het probleem veroorzaakt (zie pag. 9-8). Indien nodig
de BJ-cartridge vervangen. (zie pag. 9-8)
Algemene problemen ________________________
De fax heeft geen voedingsspanning.
Wellicht is het netsnoer niet goed aangesloten.
Controleer of het netsnoer goed op de fax en de wandcontactdoos is aangesloten (zie pag. 1-7). Als het
faxapparaat op een verzamelwandcontactdoos is aangesloten, controleer dan of deze is aangesloten en
ingeschakeld.
Het netsnoer is wellicht niet goed aangesloten.
Controleer het netsnoer: gebruik een ander netsnoer om de werking te controleren of gebruik een
spanningsmeter.
De fax drukt geen rapporten af.
Wellicht moet de BJ-cartridge worden vervangen.
Controleer of de BJ-cartridge het probleem vormt en vervang deze indien nodig. (zie pag. 9-8)
Er verschijnt niets op het display.
Wellicht is het netsnoer niet goed aangesloten.
Controleer of het netsnoer goed op de fax en de wandcontactdoos is aangesloten (zie pag. 1-7). Als het
faxapparaat op een verzamelwandcontactdoos is aangesloten, controleer dan of deze is aangesloten en
ingeschakeld. Als het display leeg blijft, haal dan de steker uit de wandcontactdoos, wacht vijf
seconden en plaats de steker opnieuw.
9-18
Displaymeldingen
De onderstaande meldingen verschijnen op het display wanneer de fax een functie uitvoert of een probleem
optreedt. De foutcode wordt op het activiteitenrapport afgedrukt. (zie pag. 8-8)
Melding Foutcode Oorzaak Actie
AUT. NUM.HERH De fax wacht op
nummerherhaling omdat
de lijn bezet was of de
andere partij niet opnam
toen u een document
probeerde te zenden.
Wacht tot de fax automatisch
met nummerherhaling start. Als
u de automatische
nummerherhaling wilt
annuleren, wacht dan tot de fax
het nummer kiest, druk op
[Stop] en druk vervolgens op
[
] (zie pag. 6-10) of wis het
document uit het geheugen.
(zie pag. 6-14)
ZWARTE INKT
LEEG
(alleen FAX-B180C)
De zwarte BJ-inkttank in
de kleuren-BJ-cartridge is
leeg of de inkt is
opgedroogd.
Reinig de afdrukkop van de
BJ-cartridge (zie pag. 9-8).
Als de melding nog steeds op
het display staat, dient u de
zwarte BJ-inkttank te
vervangen. (zie
Printerhandleiding)
BEZET/GEEN SIGN #018 De andere partij is in
gesprek.
Probeer het document op een
later tijdstip opnieuw te
verzenden.
Het gekozen faxnummer
was niet het juiste
nummer.
Controleer het faxnummer en
kies opnieuw.
De fax van de andere
partij functioneert niet.
Neem contact op met de
andere partij en vraag of zij
hun faxapparaat willen
controleren.
De andere partij gebruikt
geen G3 faxapparaat.
Neem contact op met de
andere partij en vraag of zij
het document via een G3 fax
kunnen ontvangen of
verzenden.
De instelling voor toon/
pulskiezen in uw fax is niet
goed.
Stel uw fax in voor het type
telefoonlijn waar het op is
aangesloten. (zie pag. 1-13)
Het ontvangende
faxapparaat heeft niet
binnen 55 seconden
geantwoord (nadat alle
nummerherhalingen zijn
uitgevoerd).
Neem contact op met de
ontvangende partij en vraag of
zij hun faxapparaat willen
controleren. U kunt proberen
het document handmatig via de
handset te verzenden (zie pag.
6-6). Bij internationale
nummers dient u een pauze
toe te voegen aan het nummer.
(zie pag. 2-19)
9-19
Displaymeldingen
9
Oplossingen voor problemen
CARTRIDGE
STORING
De cartridgehouder kan
niet verplaatsen. Dit is
meestal het gevolg van
een papierstoring.
Verhelp de papierstoring of
verwijder eventueel datgene
dat de cartridgehouder
blokkeert; druk vervolgens op
[Start] en begin opnieuw.
Probeer de cartridgehouder
nooit handmatig te
verplaatsen.
VERVANG CARTR U heeft op [Cartridge]
gedrukt en de
cartridgehouder gaat naar
het midden van de fax.
Wacht tot de cartridgehouder
stopt en vervang daarna de
BJ-cartridge (zie pag. 9-8).
Wanneer u gereed bent, drukt
u op [Cartridge] en sluit u de
printerkap. Wacht tot de fax
terug gaat naar de standby
mode.
De BJ-cartridge is leeg of
wellicht is een inkttank
uitgedroogd.
Reinig de afdrukkop van de
BJ-cartridge (zie pag. 9-8).
Als de melding niet verdwijnt,
vervang dan de BJ-cartridge
(zie pag. 9-8). De fax zal
automatisch documenten
afdrukken die in het geheugen
zijn ontvangen.
CONTR.
DOCUMENT
#001 In de aanvoer (ADF) is
een document
vastgelopen.
Verwijder het document dat u
probeert te verzenden of te
kopiëren (zie pag. 9-2) en
probeer het opnieuw.
CONTR. PAP.FORM. Het formaat van het
papier op het MP-blad
wijkt af van het formaat
dat bij PAPIERFORMAAT
is aangegeven.
Plaats papier met het juiste
formaat of wijzig de instelling
PAPIERFORMAAT. (zie pag.
8-5)
CONTR. PRINTER Wellicht blokkeert iets de
cartridgehouder zodat
deze niet kan verplaatsen.
Controleer of iets (paperclip,
nietje, enz.) de
cartridgehouder blokkeert en
kijk ook of het oranje
beschermkapje en de tape
van de BJ-cartridge zijn
verwijderd. Kijk of een
papierstoring is opgetreden en
verwijder indien nodig het
vastgelopen papier (zie pag.
9-3). Druk vervolgens op
[Start] en begin opnieuw.
Melding Foutcode Oorzaak Actie
9-20
CONTR. PRINTER
(vervolg)
De BJ-cartridge is wellicht
defect.
Druk op [Start]. Plaats de BJ-
cartridge opnieuw (zie
pag. 1-8) en start bij het
begin.
Is het probleem niet opgelost,
haal dan de steker uit de
wandcontactdoos. Wacht
enkele minuten en plaats de
steker opnieuw. Probeer ook
een nieuwe BJ-cartridge. (zie
pag. 9-8)
Het afvalinktreservoir
(bevat de inkt die wordt
gebruikt tijdens het
reinigen van de
afdrukkop) kan vol zijn.
Neem contact op met uw
leverancier of de helpdesk van
Canon om het
afvalinktreservoir direct te
laten vervangen.
PAPIERSTORING Er is papier vastgelopen. Verwijder het vastgelopen
papier (zie pag. 9-3) en plaats
het papier opnieuw op het
MP-blad. Druk op [Start].
KLEUR.INKT LEEG
(alleen FAX-B180C)
De kleuren-BJ-tank in de
kleuren-BJ-cartridge is
leeg of de inkt is
opgedroogd.
Reinig de afdrukkop van de
BJ-cartridge (zie pag. 9-8).
Als de melding nog steeds op
het display staat, dient u de
kleuren-BJ-inkttank te
vervangen.
(zie Printerhandleiding)
DATA FOUT Er is een storing geweest
en alle gegevens voor
snelkiezen, verkort kiezen
en gebruikersgegevens
zijn verloren.
Druk op [Instellen] en sla de
gegevens opnieuw op.
(zie Hoofdstuk 2)
DOCUMENT TE
LANG
#003 Het document is langer
dan 1 meter.
Gebruik een kopieermachine
om het document te
verkleinen en verzend
vervolgens de kopie.
ECM RX De fax ontvangt een
document via ECM.
ECM ontvangst duurt soms
iets langer dan normale
ontvangst. Schakel ECM uit
als u het document snel wilt
ontvangen of als u zeker weet
dat u een goede lijnverbinding
heeft. (zie ECM TX op
pag. 8-5)
Melding Foutcode Oorzaak Actie
9-21
Displaymeldingen
9
Oplossingen voor problemen
ECM TX De fax verzendt het
document via ECM.
ECM verzending duurt soms
iets langer dan normale
verzending. Schakel ECM uit
als u het document snel wilt
verzenden of als u zeker weet
dat u een goede lijnverbinding
heeft.
(Zie ECM TX op pag. 8-4.)
VUL PAPIER BIJ Het MP-blad is leeg. Vul papier bij op het MP-blad
(zie pag. 1-12). Plaats niet
meer papier dan door het
vullimietsymbool (
) wordt
aangegeven. Druk vervolgens
op [Start] en begin opnieuw.
GEHEUGEN VOL #037 Het geheugen van de fax
is vol omdat er teveel
documenten zijn
ontvangen, een erg lang
document of een
document met veel
afbeeldingen.
Druk de documenten af die in
het geheugen zijn opgeslagen
(zie pag. 6-13). Start daarna
opnieuw.
Het geheugen van de fax
is vol omdat u teveel
pagina's tegelijk of een
erg lang of gedetailleerd
document probeerde te
verzenden of te kopiëren.
Deel het document in tweeën
en verzend beide delen
afzonderlijk. Maak
geheugenruimte vrij door de
documenten in het geheugen
af te drukken of te wissen die
u niet langer nodig heeft. (zie
pag. 6-13, 6-14)
GEBR. GEH.
nn
% Geeft het percentage aan
van het geheugen dat in
gebruik is.
Heeft u meer ruimte nodig,
wacht dan tot de fax een
document heeft verzonden. U
kunt ook de documenten in
het geheugen afdrukken en
verwijderen die u niet langer
nodig heeft. (zie pag. 6-13,
6-14)
GEEN DATA Onder de snelkiestoets of
verkort kiescode die u
heeft ingevoerd zijn geen
gegevens opgeslagen.
Sla eerst een nummer op onder
de snelkiestoets of de verkort
kiescode. (zie pag. 2-12, 2-14)
GEEN RX PAPIER #012 Bij de fax van de andere
partij is het papier op of is
het geheugen vol.
Neem contact op met de
andere partij en vraag of zij
papier bijvullen of ruimte
willen vrijmaken in het
geheugen van hun fax.
Melding Foutcode Oorzaak Actie
9-22
NIET
BESCHIKBAAR
Bij handmatige
verzending heeft u een
snelkiesnummer
ingevoerd waar onder een
groep is opgeslagen.
Gebruik normaal verzenden of
gebruik een snelkiestoets of
verkort kiescode waar onder
slechts één fax-/
telefoonnummer is opgeslagen.
PLAATS
CARTRIDGE
Er is geen BJ-cartridge in
de fax geïnstalleerd.
Installeer de BJ-cartridge.
(zie pag. 1-9)
ONTV. IN GEH. De fax heeft het document
in het geheugen
ontvangen omdat het
papier of de inkt op was,
een papierstoring was
opgetreden of de
verkeerde BJ-cartridge is
geïnstalleerd.
Vul papier bij op het MP-blad
(zie pag. 1-12), vervang de
BJ-cartridge (zie pag. 9-8) of
verwijder het vastgelopen
papier (zie pag. 9-3).
PLAATS
DOCUMENT
Het document is niet goed
of helemaal niet geplaatst.
Plaats het document of plaats
het opnieuw.
TX/RX GEANNUL. U heeft op [Stop] gedrukt
om de verzending te
annuleren.
Probeer opnieuw te
verzenden.
TX/RX NR.
nnnn
Wanneer de fax een
document verzendt of
ontvangt, wijst het aan dat
document een uniek
identificatienummer
(
nnnn
) toe.
Noteer dit nummer als u het
later nodig heeft.
TX/RX NR.
nnnn
SCANNEN P.
nnn
GEHEUGEN VOL
(afwisselend drie
meldingen.)
De fax is bezig een
document te verzenden
en het geheugen is vol.
De fax gaat door met
verzending terwijl meer
geheugen beschikbaar komt.
AFKOELEN... Tijdens het afdrukken is
de afdrukkop van de BJ-
cartridge wellicht te heet
geworden.
Laat de fax even afkoelen. De
fax gaat verder met afdrukken
wanneer het voldoende is
afgekoeld.
Melding Foutcode Oorzaak Actie
9-23
9
Oplossingen voor problemen
Indien een stroomstoring
optreedt
Dankzij een ingebouwde batterij worden de gebruikersgegevens en de gegevens voor snelkiezen, verkort
kiezen en groepskiezen bij een stroomstoring opgeslagen. De documenten in het geheugen van de fax
worden echter gewist. Als een stroomstoring optreedt of de hoofdschakelaar wordt uitgezet, dan zal de fax
automatisch een geheugen wisrapport afdrukken zodra de stroomvoorziening weer is hersteld. Dit rapport
bevat een lijst van de documenten die in het geheugen waren opgeslagen op het moment van de
stroomstoring.
Tijdens een stroomstoring____________________
Voor de fax gelden tijdens een stroomstoring of nadat de fax is uitgeschakeld de volgende beperkingen:
U kunt de fax niet gebruiken om met de optionele handset telefoongesprekken te voeren. Is op uw fax een
telefoon aangesloten, dan is het mogelijk dat u geen telefoongesprekken kunt voeren.
U kunt geen documenten verzenden, ontvangen of kopiëren.
U kunt telefoonoproepen alleen aannemen als de optionele handset, een telefoon of extra telefoon op uw
fax zijn aangesloten.
GEHEUGEN WISRAPPORT ___________________
Het geheugen wisrapport geeft een overzicht van de documenten die zich in het geheugen bevonden.
Doet zich een stroomstoring voor, dan zullen de in het geheugen opgeslagen documenten verloren gaan.
Zodra u de fax na een stroomstoring weer inschakelt, zal automatisch een lijst worden afgedrukt met de
inhoud van het geheugen voordat de stroomstoring zich voordeed.
Opmerking
Als het MP-blad na een stroomstoring geen papier bevat, verschijnt PAPIER BIJVULLEN op het display.
Druk in dat geval op [Hervatten] om terug te keren naar de standby mode. (Het geheugen wissen rapport
wordt niet afgedrukt.)
******************************************************
******************************************************
*** ***
27/12 2001 17:23 FAX 123 4567 Canon 001
GEHEUGEN WISRAPPORT
TX/RX NR MODE AANSLUITING PAG. ST. TIJD IN
0023 GROEPSVERZ. [ 01] Canon CANADA 3 27/12 16:03
[ 02] Canon OPTICS
0024 VERZENDEN [* 32] Canon ENGELAND 1 27/12 16:08
5009 GEHEUGEN RX [ 03] Canon EUROPA 1 27/12 16:20 -----
0025 UITGEST. TX 0297772911 1 27/12 16:43 23:42
ST. TIJD
GEH. FILES GEWIST
9-24
A
Opties
Bijlage
Opties
Optionele handset.......................................................A-2
Inhoud van de verpakking ......................................................A-2
Aansluiten van de handset op uw fax.....................................A-3
Onderhoud van de handset....................................................A-4
A-2
Optionele handset
Voor uw fax is een optionele handset leverbaar. Neem voor meer informatie over de aanschaf van deze optie
contact op met uw leverancier.
Inhoud van de verpakking ____________________
Uw handset wordt geleverd met de volgende onderdelen:
Neem direct contact op met uw leverancier als er iets ontbreekt of is beschadigd.
SCHROEVEN
(niet gebruikt bij uw fax)
SCHROEVEN MET PLUGGEN (2)
HOUDER VOOR HANDSET
Handset
Belvolume schakelaar
Stel het belvolume van de
handset in met een pen of
ander puntig voorwerp (HI,
LO of UIT)
A-3
Optionele handset
A
Opties
Aansluiten van de handset op uw fax __________________
Volg deze procedure om de handset op uw fax aan te sluiten.
1
Verwijder de twee afdekkingen aan de
linkerkant van de fax met een balpen.
2
Neem de schroeven uit de pluggen en
steek de pluggen in de openingen van de
handsethouder. Steek vervolgens de
pluggen (met de handsethouder) in de
openingen in de fax.
Als u de pluggen er niet goed in kunt steken, draai de
fax dan zodanig dat de linkerkant naar u toewijst en de
rechterkant naar een muur wijst. Op deze wijze kunt u
de pluggen insteken zonder de fax te verplaatsen.
3
Druk de schroeven met uw vinger in de
pluggen.
4
Plaats de handset op de houder en sluit
het snoer van handset aan op de
aansluiting.
Als het niet goed lukt, kunt u de schroeven ook met een
kruiskopschroevendraaier in de pluggen drukken.
(Schroef de schroeven niet vast, omdat zij anders
kunnen breken.)
A-4
Onderhoud van de handset ___________________
Houd u aan de onderstaande richtlijnen om uw handset in goede staat te houden.
Stel de handset niet bloot aan direct zonlicht.
Installeer de handset niet in hete of vochtige omgevingen.
Spuit niet met spuitbussen op de handset. De nevel kan in de openingen van de handset komen en schade
veroorzaken.
Reinig de handset met een vochtige doek.
S-1
Technische gegevens
De technische gegevens kunnen zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd.
Scanformaat:
Breedte: Max. 216 mm Min. 205 mm
Dikte Max. 0,13 mm Min. 0,08 mm
Effectief scanformaat:
Breedte: 208 mm
Effectief afdrukformaat:
Breedte: 203,2 mm
Zendsnelheid:
G3 ECM MMR: ca. 6 seconden*
Oplossend vermogen:
Horizontaal: 8,00 dots/mm
Verticaal Standaard: 3,85 lijnen/mm
Fijn: 7,70 lijnen/mm
Afdruksysteem:
Bubble Jet printer
Capaciteit papierblad:
Maximum: 100 vellen (75 g/m
2
)
Max. hoogte papierstapel: 10 mm
Papiersoort:
Normaal papier (A4/Letter/Legal)
Papiergewicht: 64 g/m
2
t/m 90 g/m
2
Papierdikte: 0,08 mm - 0,13 mm
Beeldgeheugen:
Max. 42 A4-formaat pagina's* (standaard resolutie)
Automatische
kiesfuncties:
Snelkiezen (12 nummers)
Verkort kiezen (max. 100 nummers)
Groepskiezen (111 nummers)
BJ-cartridge:
Canon BX-20 zwarte BJ-cartridge
Levensduur cartridge: ca. 1000 pagina's*
Canon BC-21e kleuren-BJ-cartridge (alleen FAX-B180C)
Levensduur cartridge: ca. 80 pagina's**
Aansluitspanning:
200-240 V/50-60 Hz
Opgenomen vermogen:
Standby: ca. 7 W
Tijdens gebruik:ca. 17 W, max. 40 W
Werkomgeving:
Temperatuur: 10°C - 32,5°C
Luchtvochtigheid:20% - 85 % relatieve luchtvochtigheid
Afmetingen:
367 mm (B) 400 mm (D) 277 mm (H) (incl. laden)
Gewicht:
Ca. 5,1 kg
* Gebaseerd op Canon FAX Standaard kaart nr. 1, standaard mode.
** 7,5% dekking voor elke kleur.
I-1
Trefwoordenlijst
A
Aansluiten
AC-netsnoer 1-7
antwoordapparaat 1-5, 1-6
externe apparatuur 1-5, 1-6
extra telefoontoestel 1-5, 1-6
optionele handset 1-5
telefoon 1-5
telefoonlijn 1-5
Aansluiten van onderdelen 1-4
Aansluiting
(optionele handset) 1-5
(telefoonlijn) 1-5
(extra telefoontoestel) 1-5
AANTAL NUM.HERH. instelling
6-11, 8-4
AC-netsnoer, aansluiten 1-7
Activiteitenrapport
afdrukken 8-7
beschrijving 8-8
instellen 8-4
voorbeeld 8-8
ADF (Automatische Documenten
Aanvoer) 2-2
documenten plaatsen in 3-3
pagina's toevoegen in 3-4
storingen in 9-2
Afdrukken
ACT. RAPPORT 8-7
controleraster 9-7
DOC. GEHEUGENLIJST 8-7
document in geheugen 6-13
GEBR. GEG.LIJST 8-7
GROEPSKIESLIJST 8-7
lijst met documenten in het
geheugen 6-13
SNELKIESLIJST 8-7
VERKORT KIESLIJST 8-7
Afdrukkop
reinigen 9-8
testen 9-7
Afdrukkwaliteit - problemen 9-
17
Afdrukvlak 4-2
AFKOELEN ... melding 9-22
ALARM VOLUME instelling 8-3
Algemene problemen 9-17
Alleen fax mode
beschrijving 7-2
instellen 7-3
Annuleren
automatische nummerherhaling
6-10
beperkt gebruik 8-15
geheugenverzending 6-8
handmatige nummerherhaling
6-9
handmatige verzending 6-8
ontvangen 7-12
uitgestelde verzending 6-15, 6-
16
verzenden 6-8
Antw. App.
beschrijving 7-2, 7-9
instellen 7-9
Antwoordapparaat 1-5
aansluiten 1-5, 1-6
fax gebruiken met 7-9
AUT. NUM.HERH
instelling 6-11, 8-4
melding 9-18
AUTOM. AFDRUKKEN
instelling 8-4
Automatisch
Aanvoer (zie ADF)
kiezen 2-18
Automatische nummerherhaling
annuleren 6-10
beschrijving 6-9
instellen van opties voor 6-10,
6-11
B
BC-21e kleuren-BJ-cartridge 1-8
Bedieningspaneel 2-2 t/m 2-4
Beeldkwaliteit toets 2-4, 5-2, 6-2
Behandeling en onderhoud,
veiligheidsinstructies viii
BEL AANTAL instelling 8-5
BELVOLUME instelling 8-3
beperkt gebruik van fax 8-13 t/m
8-15
BEZET/GEEN SIGNAAL
melding 9-18
BJ-cartridge
afdrukkop (zie Afdrukkop)
BC-21e kleur 1-8
BX-20 zwart 1-8
installeren 1-8 t/m 1-10
reinigen 9-8
richtlijnen 1-8
vervangen 9-8 t/m 9-10
Blad, MP 2-2
buitenlijn toegangsnummer,
opslaan 1-14, 1-15
BX-20 zwarte BJ-cartridge 1-8
C
CARTR. STORING melding 9-19
Cartridge (zie BJ-cartridge)
Cartridge toets 1-8 t/m 1-10, 2-3,
9-9
Cartridgehouder 1-9, 1-10, 2-2
Connector, netsnoer 1-7
CONTR. DOCUMENT melding
9-19
CONTR. PAPIER melding 9-19
CONTR. PRINTER melding 9-
19, 9-20
Contrast, instellen van
scancontrast 6-2, 6-3
Controleraster
afdrukken 9-7
Corrigeren van vergissingen 2-7
D
D.T. toets 2-3, 2-19
toets 2-3, 8-2
DATA FOUT melding 9-20
DATUM & TIJD instelling 2-9,
8-3
Datum, instelling 2-9
DATUM WEERGAVE instelling
8-6
DOC. GEHEUGENLIJST
afdrukken 8-7
I-2
Trefwoordenlijst
beschrijving 6-13
voorbeeld 8-10
DOCUMENT TE LANG melding
9-20
Documentatie 1-2
Documenten
afdrukken van document in
geheugen 6-13
afdrukken van een lijst met
documenten in het geheugen
6-13
automatisch ontvangen 7-3
dikte 3-2
formaat 3-2
geleider 2-2
handmatig ontvangen 7-7, 7-8
kopiëren 5-2
ontvangen in geheugen bij een
probleem 7-10
ontvangen met een
antwoordapparaat 7-9
ontvangen tijdens het uitvoeren
van andere taken 7-10
pagina's toevoegen in ADF 3-4
pagina's toevoegen tijdens
verzenden of kopiëren 3-4
plaatsen 3-3
polling ontvangen 7-11
probleem 3-2
problemen met meerdere pagina's
3-4
scanvereisten 3-2
scanvlak 3-2
steun 2-2
type 3-2
verschillende ontvangstmethoden
7-2
verzenden 6-5 t/m 6-7
verzenden naar meer dan één
bestemming 6-12
wissen uit geheugen 6-14
E
ECM RX
instellen 8-5
melding 9-20
ECM TX
instellen 8-4
melding 9-21
ECONOMISCH PRINT instelling
8-5
Externe apparatuur, aansluiten
1-5, 1-6
Extra telefoontoestel, aansluiten
1-5, 1-6
F
Fax 1-2
aansluiten 1-5 t/m 1-7
bedieningspaneel 2-2 t/m 2-4
belangrijkste onderdelen 2-2
beperkt gebruik van 8-13 t/m 8-15
gewicht i x, S-1
monteren 1-4
naam, opslaan 2-10, 2-11
nummer, opslaan 2-10, 2-11
reinigen 9-4 t/m 9-10
testen 1-16
uitpakken 1-2, 1-3
vergrendelen 8-13, 8-14
Fax-/telefoonnummer, opslaan 2-
10, 2-11
FAX-B160 2-3, 2-4
FAX-B180C 2-3, 2-4
FAX handleiding
deze handleiding vii
FAX/TEL AUTO SCH (Fax/Tel
Mode)
beschrijving 7-2, 7-4
instellen 7-3
instellen van opties voor 7-4 t/m
7-6
Fax/Tel Mode
beschrijving 7-2, 7-4
instellen 7-3
instellen van opties voor 7-4 t/m
7-6
Faxapparaat 1-2
Faxproblemen 9-12 t/m 9-15
FOUT TX RAPPORT, voorbeeld
8-11
Functie toets 2-3
lampje 2-3
G
Garantie 1-2
GEBR. GEH. nn% melding 9-21
GEBRUIKERSINST.
menu 8-2
menulijst 8-3
GEEN GEGEVENS melding 9-
21
GEEN RX PAPIER melding 9-21
GEGEVENSREGISTRATIE
menu 8-2
Gegevensregistratie toets 2-3, 8-2
Geheugen
afdrukken van document in 6-13
afdrukken van lijst met document
in 6-13
documenten in 6-13, 6-14
ontvangen tijdens een probleem
7-10
verzenden (zie Verzenden vanuit
geheugen)
wissen van document uit 6-14
GEHEUGEN RX instelling 8-5
GEHEUGEN VOL melding 9-21
GEHEUGEN WISRAPPORT
beschrijving 9-23
voorbeeld 9-23
Geheugenreferentie toets 2-3, 6-
13, 6-14
Geleider
document 2-2
papier 2-2
Gesorteerde lijst 8-9
Gewicht
document 3-2
fax ix, S-1
papier 4-2
Groepskiezen
beschrijving 2-15
lijst (zie Groepskieslijst)
opslaan van nummers en namen
voor 2-15 t/m 2-17
verzenden van een document met
2-18
Groepsverzending 6-12
I-3
Trefwoordenlijst
H
(optionele handset) aansluiting
1-5
Haak toets 2-4, 6-6
HANDM./AUTO SCHAK.
instelling 8-5
Handmatig mode
beschrijving 7-2, 7-7
instelling 7-7
ontvangen in 7-7, 7-8
Handmatige nummerherhaling
6-9
annuleren 6-9
Handmatige verzending 6-3, 6-6
annuleren 6-8
Hoeveelheid, papier 4-2
Hoofdletters 2-5, 2-6
HOORN VAN HAAK ALARM
instelling 6-6, 8-3
Huistelefooncentrale, kiezen via
1-14, 1-15
I
Informatie over de afzender,
opslaan 2-8 t/m 2-11
Installatie, veiligheidsinstructies
ix
Installeren, BJ-cartridge 1-8 t/m
1-10
Instellen toets 2-3, 8-2
Instellen van datum en tijd 2-9
Instellen van taal en land 1-7
Internationale nummers kiezen
2-19
INTERV.NUM.HERH. instelling
6-11, 8-4
K
KIES VERKL. instelling 8-5
Kiestoon, bevestigen 2-19
Kiezen
automatisch 2-18
internationaal 2-19
methoden 6-4
normaal 6-4
speciaal 2-19
via huistelefooncentrale 1-14, 1-
15
kleine letters 2-5, 2-6
KLEUR.INKT LEEG melding 9-
20
Kopie toets 2-4, 5-2
Kopiëren
documenten 5-2
instellen van scancontrast 6-2,
6-3
problemen 9-16
Kwaliteit
afdrukproblemen 9-17
instellen 6-2, 6-3
L
(telefoonsnoer) aansluiting 1-5
toets 2-3, 2-6, 2-7
Land, instelling 1-7
LCD 2-3
meldingen 9-18 t/m 9-22 (zie
ook de namen van de
meldingen)
Letters, invoeren 2-5, 2-6
Lijn, telefoon 1-5, 1-13
Lijst (zie de afzonderlijke
lijstnamen)
LIJST MET GEBRUIKERSGE-
GEVENS
afdrukken 8-7
beschrijving 8-10
voorbeeld 8-10
Lijst met groepskiesnummers
afdrukken 8-7
beschrijving 8-9
voorbeeld 8-9
Lijst met snelkiesnummers
afdrukken 8-7
beschrijving 8-9
voorbeeld 8-9
Lijst met verkort kiesnummers
afdrukken 8-7
beschrijving 8-9
voorbeeld 8-9
M
Meldingen
LCD 9-18 t/m 9-22 (zie ook
afzonderlijke namen van de
meldingen)
op display tijdens verzending 6-
7
Menu (zie ook afzonderlijke
menunamen)
GEBRUIKERSINST. 8-2, 8-3
PRINTER INSTEL. 8-2, 8-5
RAPPORTAGE INST. 8-2, 8-4
RX (ontvangst)
INSTELLINGEN 8-2, 8-5
SYSTEEMINSTEL. 8-2, 8-6
TX (verzenden)
INSTELLINGEN 8-2, 8-4
Modes, omschakelen nummer en
letter 2-6
MP-blad 2-2
capaciteit 4-2
papier plaatsen in 1-12
storingen in 9-3
MULTI TX/RX (transactie)
RAPPORT 8-12
N
Netsnoer 1-2, 1-7
NIET BESCHIKBAAR melding
9-22
NUM.TOETS VOLUME
instelling 8-3
numerieke toetsen 2-3, 2-5
Nummer mode 2-5, 2-6
Nummerherhaling
automatisch 6-9 t/m 6-11
handmatig 6-9
Nummerherhaling/pauze toets 2-
4, 2-19, 6-9
Nummers, invoeren 2-5 t/m 2-7
O
Onderdelen
aansluiten 1-4
belangrijkste 2-2
I-4
Trefwoordenlijst
Ondersteuning vii
Ongesorteerde lijst 8-9
ONTV. IN GEH. melding 9-22
Ontvangen (zie ook afzonderlijke
ontvangst modes)
annuleren 7-12
in geheugen tijdens een probleem
7-10
met antwoordapparaat 7-9
methoden 7-2
problemen 9-13 t/m 9-15
tijdens uitvoeren van andere
taken 7-10
Ontvangst mode Hoofdstuk 7
Ontvangst mode toets 2-4,
Hoofdstuk 7
OP STOP GEDRUKT melding
9-22
Opslaan
fax-/telefoonnummer 2-10, 2-11
informatie van afzender
2-8 t/m 2-11
naam 2-10, 2-11
nummers en namen voor
groepskiezen 2-15 t/m 2-17
nummers en namen voor
snelkiezen 2-12, 2-13
nummers en namen voor verkort
kiezen 2-14
R toets 1-14, 1-15
toegangsnummer van buitenlijn
1-14, 1-15
type toegang 1-14, 1-15
Optionele handset
aansluiten 1-5
P
Papier
diktehendel (zie
Papierdiktehendel)
formaat 4-2
geleider 2-2
gewicht 4-2
hoeveelheid 4-2
plaatsen 1-11, 1-12
plaatsen in MP-blad 1-12
richtlijnen 1-11
steun 2-2
vereisten 4-2
vullimietsymbool (zie
papiervullimietsymbool)
PAPIER BIJVULLEN melding
9-21
Papierdiktehendel 2-2
PAPIERFORMAAT instelling 8-5
Papierinvoerproblemen 9-11
Papiersteun 2-2
PAPIERSTORING melding 9-20
Papiervullimietsymbool 1-11, 1-12
PASSWORD instelling 8-6
Pauze, invoeren 1-14
PAUZEDUUR instelling 8-4
PBX
TOEGANGSNUMMER
instelling 8-3
TYPE TOEGANG instelling 8-3
PLAATS CARTRIDGE melding
1-9, 9-22
Plaatsen
documenten 3-3
papier 1-11, 1-12
Polling toets 2-3, 7-11
Printerdeksel 2-2
Printerdeksel, nok 2-2
PRINTERINSTELLINGEN
menu 8-2
menulijst 8-5
Probleemdocumenten 3-2
Problemen
afdrukkwaliteit 9-17
algemeen 9-17
faxen 9-12 t/m 9-15
kopiëren 9-16
ontvangen 9-13 t/m 9-15
ontvangen in geheugen tijdens
7-10
papierinvoer 9-11
telefoon 9-16
verzenden 9-12, 9-13
PSTN instelling 8-3
PULSKIEZEN instelling 1-13, 8-3
R
toets 2-3, 2-6, 2-7
R toets 1-14, 2-3
opslaan 1-14, 1-15
R-TOETS INSTELLING 1-14, 8-3
RAPPORT INSTELLINGEN
menu 8-2
menulijst 8-4
Rapport toets 2-3, 8-7
Reinigen
afdrukkop 9-7, 9-8
binnenzijde fax 9-4 t/m 9-6
BJ-cartridge afdrukkop 9-8
buitenzijde fax 9-4
onderdelen van scanner 9-5, 9-6
periodiek 9-4 t/m 9-10
toets 2-3, 9-7, 9-8
Resolutie
instellen scanresolutie 6-2
RESOLUTIE INST. instelling 8-3
RX (ontvangst) rapport
beschrijving 8-12
instellen 8-4
RX BELNIVEAU instelling 8-3
RX BEVEILIGING
beschrijving 8-5
instelling 7-13
RX CONDITIE
beschrijving 8-5
instelling 7-14
RX INSTELLINGEN
menu 8-2
menulijst 8-5
RX STARTSNELHEID instelling
8-6
RX VERKLEINING instelling 8-5
S
Scannen
contrast, instelling 6-2, 6-3
documentvereisten 3-2
resolutie, instelling 6-2
Snelkiezen
beschrijving 2-12
I-5
Trefwoordenlijst
groepskiezen 2-15 t/m 2-18
lijst (zie Lijst met
snelkiesnummers)
lijsten 8-9
lijsten afdrukken 8-7
opslaan van nummers en namen
voor 2-12, 2-13
snel 2-12, 2-13, 2-18
toetsen 2-3
verkort 2-14, 2-18
verzenden van een document met
2-18
Snoer, netsnoer 1-7
Spatie toets 2-3, 2-6, 2-7, 2-10, 2-13
Speciaal
functietoetsen 2-3 (zie ook
afzonderlijke toetsnamen)
kiezen 2-19
Start/Hervatten (Start) toets 2-4
Stop toets 2-4
Storingen
in ADF 9-2
in MP-blad 9-3
verhelpen 9-2, 9-3
Stroomstoring
in geval van 9-23
tijdens 9-23
Symbolen, invoeren 2-5, 2-7
SYSTEEMINSTELLINGEN
menu 8-2
menulijst 8-6
T
(extra telefoontoestel)
aansluiting 1-5
Taal, instelling 1-7
TEL. VRIJ instelling 8-6
TEL.LIJN VOLUME instelling
8-3
TELEFOON
aansluiten 1-5
problemen 9-16
TELEFOON # TEKEN instelling
8-3
TELEFOONBEL instelling 8-5
Telefoonlijn 1-2
aansluiten 1-5
instellen type 1-13
Telefoonproblemen 9-16
Testen
BJ-cartridge afdrukkop 9-7
fax 1-16
Tijd, instelling 2-9
Tijdklok toets 2-3, 6-15, 6-16
TIME OUT instelling 8-4
Toegangspassword, wijzigen 8-14
TOESTEL # instelling 8-3
TOESTEL NAAM instelling 8-3
Toetsen 2-3, 2-4 (zie ook bij
afzonderlijke toetsnamen)
FAX-B160 2-4
FAX-B180C 2-4
numeriek 2-3, 2-5
snelkiezen 2-3
speciale functie 2-3
Toon/+ toets 2-3, 2-19
TOONKIEZEN instelling 1-13,
8-3
TTI (Transmit Terminal
Identification) 2-8
TTI POSITIE instelling 8-3
TX (verzend) rapport
beschrijving 8-11
instellen 8-4
TX INSTELLINGEN
menu 8-2
menulijst 8-4
TX KOPIE instelling 8-4
TX/RX NR. nnnn, SCANNEN
P.nnn, GEHEUGEN VOL
melding 9-22
TX/RX NR. nnnn melding 9-22
TX STARTSNELHEID instelling
8-6
TX TERMINAL ID instelling 8-3
TYPE TEL.LIJN instelling 1-13,
8-3
Type toegang, opslaan 1-14, 1-15
U
toets 2-3, 8-2
Uitgestelde verzending 6-15, 6-16
andere documenten verzenden
terwijl fax staat ingesteld voor
6-16
annuleren 6-16, 6-17
Uitpakken 1-2, 1-3
V
Veiligheidsinstructies
behandeling en onderhoud viii
plaats van uw fax ix
voeding ix
Vergissingen, corrigeren 2-7
VERGRENDEL TEL. instelling 8-6
Verkort kiezen
beschrijving 2-14
lijst (zie Verkort kieslijst)
opslaan van nummers en namen
voor 2-14
verzenden van een document met
2-18
Verkort kiestoets 2-4, 2-16, 2-18
Verpakkingsmateriaal,
verwijderen 1-3
VERVANG CARTR. melding 9-19
Vervangen van BJ-cartridge 9-8
t/m 9-10
Verzenden
annuleren 6-8
documenten 6-5 t/m 6-7
geheugen 6-3, 6-5
groepsverzending 6-12
handmatig 6-6
instellen scancontrast 6-2, 6-3
instellen scanresolutie 6-2
meldingen op display tijdens
verzending 6-7
methoden 6-3
naar meer dan één bestemming
(zie Groepsverzending)
problemen 9-12, 9-13
uitgesteld 6-15, 6-16
via groepskiezen 2-18
via snelkiezen 2-18
via verkort kiezen 2-18
voorbereiden voor 6-2 t/m 6-4
Verzenden, groeps- 6-12
I-6
Trefwoordenlijst
Verzenden vanuit geheugen 6-3,
6-5
annuleren 6-8
Voeding, veiligheidsinstructies ix
Volume
ALARM VOLUME instelling
8-3
BELVOLUME instelling 8-3
NUM.TOETS VOLUME
instelling 8-3
TEL.LIJN VOLUME instelling
8-3
VOLUMEREGELING
instelling 8-3
VOLUMEREGELING instelling
8-3
W
Wissen toets 2-3, 2-7
Wissen van documenten uit
geheugen 6-14
Z
ZWARTE INKT LEEG melding
9-18
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52
  • Page 53 53
  • Page 54 54
  • Page 55 55
  • Page 56 56
  • Page 57 57
  • Page 58 58
  • Page 59 59
  • Page 60 60
  • Page 61 61
  • Page 62 62
  • Page 63 63
  • Page 64 64
  • Page 65 65
  • Page 66 66
  • Page 67 67
  • Page 68 68
  • Page 69 69
  • Page 70 70
  • Page 71 71
  • Page 72 72
  • Page 73 73
  • Page 74 74
  • Page 75 75
  • Page 76 76
  • Page 77 77
  • Page 78 78
  • Page 79 79
  • Page 80 80
  • Page 81 81
  • Page 82 82
  • Page 83 83
  • Page 84 84
  • Page 85 85
  • Page 86 86
  • Page 87 87
  • Page 88 88
  • Page 89 89
  • Page 90 90
  • Page 91 91
  • Page 92 92
  • Page 93 93
  • Page 94 94
  • Page 95 95
  • Page 96 96
  • Page 97 97
  • Page 98 98
  • Page 99 99
  • Page 100 100
  • Page 101 101
  • Page 102 102
  • Page 103 103
  • Page 104 104
  • Page 105 105
  • Page 106 106
  • Page 107 107
  • Page 108 108
  • Page 109 109
  • Page 110 110
  • Page 111 111
  • Page 112 112
  • Page 113 113
  • Page 114 114
  • Page 115 115
  • Page 116 116
  • Page 117 117
  • Page 118 118
  • Page 119 119
  • Page 120 120
  • Page 121 121
  • Page 122 122
  • Page 123 123
  • Page 124 124
  • Page 125 125
  • Page 126 126
  • Page 127 127
  • Page 128 128
  • Page 129 129
  • Page 130 130
  • Page 131 131
  • Page 132 132
  • Page 133 133
  • Page 134 134
  • Page 135 135
  • Page 136 136

Canon Fax B 180C Handleiding

Categorie
Fax apparaten
Type
Handleiding
Deze handleiding is ook geschikt voor

Andere documenten