HOTPOINT/ARISTON FDD 9640B EU Gebruikershandleiding

Type
Gebruikershandleiding
37
NL
Nederlands
! Dit symbool herinnert u eraan om deze ge-
bruikshandleiding te lezen.
Inhoud
Installatie, 38-39
Uitpakken en waterpas zetten
Hydraulische en elektrische aansluitingen
Eerste wascyclus
Technische gegevens
Onderhoud en verzorging, 40
Afsluiten van water en stroom
Reinigen van de wasdroogmachine
Reinigen van het wasmiddelbakje
Onderhoud van deur en trommel
Reinigen van de pomp
Controleren van de buis van de watertoevoer
Voorzorgsmaatregelen en advies, 41
Algemene veiligheid
Afvalverwijdering
Handmatige opening van de deur
Beschrijving van de wasdroogmachine,
42-43
Bedieningspaneel
Controlelampjes
Een programma starten
Het uitvoeren van een was- of droog-
cyclus, 44
Programma’s en functies, 45
Programmatabel
Wasfuncties
Wasmiddelen en wasgoed, 46
Wasmiddelbakje
Voorbereiden van het wasgoed
Speciale programma’s
Balanceersysteem van de lading
Storingen en oplossingen, 47
Service, 48
NL
FDD 9640
Gebruiksaanwijzing
WASDROOGMACHINE
38
NL
Een correcte nivellering geeft de machine sta-
biliteit en voorkomt trillingen, lawaai en het zich
verplaatsen van de automaat tijdens de werking.
In het geval van vloerbedekking of een tapijt
regelt u de stelvoetjes zodanig dat onder de
wasmachine genoeg plaats is voor ventilatie.
Hydraulische en elektrische aan-
sluitingen
Aansluiting van de watertoevoerbuis
1. Sluit de toevoerbuis
aan op de koudwater-
kraan met een mon-
dstuk met schroefdra-
ad van 3/4 gas (zie
afbeelding). Voordat u
de wasdroogmachine
aansluit moet u het wa-
ter laten lopen totdat
het helder is.
2. Verbind de waterto-
evoerbuis aan de wa-
sdroogmachine door
hem op de betreffende
watertoevoer te schro-
even, rechtsboven aan
de achterkant (zie af-
beelding).
3. Let erop dat er geen knellingen of kronkels in
de buis zijn.
! De waterdruk van de kraan moet zich binnen
de waarden van de tabel Technische Gegevens
bevinden (zie bladzijde hiernaast).
! Als de toevoerbuis niet lang genoeg is moet u
zich wenden tot een gespecialiseerde winkel of
een bevoegde installateur.
! Gebruik nooit tweedehands buizen.
! Gebruik de buizen die bij het apparaat worden
geleverd.
Installatie
! Het is belangrijk deze handleiding te bewaren
voor latere raadpleging. In het geval u het appa-
raat verkoopt, of u verhuist, moet het boekje bij
de wasdroogmachine blijven zodat de nieuwe
gebruiker de functies en betreffende raadgevin-
gen kan doornemen.
! Lees de instructies aandachtig door: u vindt
er belangrijke informatie betreffende installatie,
gebruik en veiligheid.
Uitpakken en waterpas zetten
Uitpakken
1. De wasdroogmachine uitpakken.
2. Controleer of de wasdroogmachine geen
schade heeft geleden gedurende het vervoer.
Indien dit wel het geval is moet hij niet worden
aangesloten en moet u contact opnemen met
de handelaar.
3. Verwijder de 4
schroeven die het ap-
paraat beschermen
tijdens het vervoer en
de rubberen ring met
bijbehorende afstan-
dsleider die zich aan de
achterkant bevinden
(zie afbeelding).
4. Sluit de openingen af met de bijgeleverde
plastic doppen.
5. Bewaar alle onderdelen: mocht de wasdro-
ogmachine ooit worden vervoerd, dan moeten
deze weer worden aangebracht.
! Het verpakkingsmateriaal is geen speelgoed
voor kinderen.
Waterpas zetten
1. Installeer de wasdroogmachine op een rechte
en stevige vloer en laat hem niet steunen tegen
een muur, meubel of dergelijke.
2. Als de vloer niet vol-
ledig horizontaal is kunt
u de onregelmatigheid
opheffen door de stel-
voetjes aan de voor-
kant losser of vaster te
schroeven (zie afbeel-
ding); de inclinatiehoek,
gemeten ten opzichte
van het werkvlak, mag
de 2° niet overschrijden.
39
NL
65 - 100 cm
Aansluiting van de afvoerbuis
Verbind de buis, zon-
der hem te buigen,
aan een afvoerleiding
of aan een afvoer in de
muur tussen de 65 en
100 cm van de grond
af of hang hem aan de
rand van een wasbak
of badkuip, en bind
de bijgeleverde steun
aan de kraan (zie af-
beelding). Het uiteinde
van de afvoerslang
mag niet onder water
hangen.
! Gebruik nooit verlengstukken voor de buis; in-
dien dit niet te vermijden is moet het verlengstuk
dezelfde doorsnede hebben als de oorspronke-
lijke buis en mag hij niet langer zijn dan 150 cm.
Elektrische aansluiting
Voordat u de stekker in het stopcontact steekt
moet u zich ervan verzekeren dat:
• hetstopcontactgeaardisenvoldoetaande
geldende normen;
• hetstopcontacthetmaximumvermogenvan
de wasdroogmachine kan dragen, zoals aan-
gegeven in de tabel Technische Gegevens (zie
hiernaast);
• despanningzichbevindttussendewaarden
die zijn aangegeven in de tabel Technische Ge-
gevens (zie hiernaast);
• decontactdoosgeschiktisvoordestekker
van de wasdroogmachine. Indien dit niet zo is
moet de stekker of het stopcontact vervangen
worden.
! De machine mag alleen binnenshuis op een
vorstvrije en droge plek worden geïnstalleerd
om elektronische schade door bevriezing of
condensatie te voorkomen.
! Als de wasdroogmachine is geïnstalleerd moet
het stopcon tact gemakkelijk te bereiken zijn.
! Gebruik geen verlengsnoeren of dubbelstekkers.
! Het snoer mag niet gebogen of samengedrukt
worden.
! De voedingskabel mag alleen door een bevo-
egde installateur worden vervangen.
Technische gegevens
Model
FDD 9640
Afmetingen
breedte cm 59,5
hoogte cm 85
diepte cm 60,5
Vermogen
van 1 tot 9 kg voor het wassen;
van 1 tot 6 kg voor het drogen;
Elektrische
aansluitin-
gen
zie het typeplaatje met de
technische eigenschappen dat
op het apparaat is bevestigd
Aansluiting
waterleiding
max.druk1MPa(10bar)
min.druk0,05MPa(0,5bar)
Inhoud trommel 62 liters
Snelheid
centrifuge
tot 1400 toeren per minuu
Controle-
program-
ma’s vol-
gens de
reglement
EN 50229
wassen: programma 2;
temperatuur 60°C (2
e
druk
op de toets); uitgevoerd met
9 kg lading.
drogen: het drogen van de
kleinste lading (3kg) moet
worden uitgevoerd door het
selecteren van het droogni-
veau “EXTRA”. De lading
moet bestaan uit 3 lakens, 2
kussensloop en 1 handdoek;
het drogen van het overgeble-
ven wasgoed moet worden
uitgevoerd door het droogni-
veau “EXTRA” te selecteren.
Deze apparatuur voldoet aan
de volgende CE voorschriften:
- 2004/108/CE (Elektroma-
gnetische compatiabiliteit)
- 2012/19/EU - WEEE
- 2006/95/CE (Laagspanning)
Belangrijk! De fabrikant kan niet aansprakelijk
worden gesteld wanneer deze normen niet
worden nageleefd.
Eerste wascyclus
Na de installatie en voor u de wasautomaat in
gebruik neemt, dient u een wascyclus uit te
voeren met wasmiddel maar zonder wasgoed,
op het programma wasmachine reinigen (zie
“Reinigen van de wasautomaat”).
40
NL
Onderhoud van deur en trommel
•Laatdedeuraltijdopeenkierstaanomnare
luchtjes te vermijden.
Reinigen van de pomp
De wasdroogmachine is voorzien van een zel-
freinigende pomp en hoeft dus niet te worden
onderhouden. Het kan echter gebeuren dat
kleine voorwerpen (muntjes, knopen) in het vo-
orvakje dat de pomp beschermt en zich aan de
onderkant ervan bevindt, terechtkomen.
! Verzeker u ervan dat de wascyclus klaar is en
haal de stekker uit het stopcontact.
Toegang tot het voorvakje:
1 . v e r w i j d e r h e t
a f d e k p a n e e l a a n
de voorkant van de
w a s d r o o g m a c h i -
ne met behulp van
een schroevendraaier
(zie afbeelding);
2. draai het deksel
eraf, tegen de klok in
(zie afbeelding): het
is normaal dat er een
beetje water uit komt;
3. maak de binnenkant goed schoon;
4. schroef het deksel er weer op;
5. monteer het paneel weer, met de haakjes
goed bevestigd in de juiste openingen, voordat
u het paneel tegen de machine aandrukt.
Controleren van de buis van de
watertoevoer
Controleer minstens eenmaal per jaar de slang
van de watertoevoer. Als er barstjes of scheuren
in zitten moet hij vervangen worden: gedurende
het wassen kan de hoge waterdruk onverwachts
breuken veroorzaken.
! Gebruik nooit tweedehands buizen.
Onderhoud en verzorging
Afsluiten van water en stroom
•Sluitnaiederewasbeurtdekraanaf.Hiermee
beperkt u slijtage van de waterinstallatie van
de wasmachine en voorkomt u lekkage.
•Sluit altijd eerst de stroom af voordat u de
wasdroogmachine gaat schoonmaken en
gedurende onderhoudswerkzaamheden.
Reinigen van de wasdroogmachine
•Debuitenkantenderubberenonderdelenkun-
nen met een spons en een lauw sopje worden
schoongemaakt. Gebruik nooit schuurmiddelen
of oplosmiddelen.
•Dewasdroogmachinebeschiktovereenpro-
gramma“WASMACHINEREINIGEN”voorhet
reinigen van de binnenkant van de automaat.
Dit moet worden uitgevoerd als de automaat
volledig leeg is.
Het wasmiddel (circa 10% van de hoeveelheid die
wordt aanbevolen voor een niet zo vuile was) of de
speciale reinigingsmiddelen voor wasautomaten
kunnen worden gebruikt als hulpmiddelen tijdens
dit wasprogramma. We raden u aan dit reini-
gingsprogramma elke 40 wascycli uit te voeren.
Om dit programma te activeren drukt u tegeli-
jkertijd 5 sec. op de toetsen A en B (zie afb.).
Het programma start automatisch en heeft een
duur van circa 70 minuten. Om de cyclus te
beëindigen drukt u op de toets START/PAUSE.
Reinigen van het wasmiddelbakje
Verwijder het bakje
door het op te lichten
en naar voren te trek-
ken (zie afbeelding).
Was het onder stro-
mend water. Dit moet
u regelmatig doen.
1
2
BA
41
NL
Voorzorgsmaatregelen
en advies
! De wasmachine is ontworpen en geproduceerd volgens
de internationale veiligheidsnormen. Deze aanwijzingen zijn
voor uw eigen veiligheid geschreven en moeten aandachtig
worden doorgenomen.
Algemene veiligheid
• Ditapparaatisuitsluitendontworpenvoorhuishoudelijk
niet-professioneel gebruik.
•Ditapparaatmagalleendoorkinderenvan8jaar
en ouder, door personen met een beperkt licha-
melijk, sensorieel of geestelijk vermogen, of met
onvoldoende ervaring of kennis worden gebruikt,
mits ze worden begeleid, of wanneer zij toereikende
instructies hebben gekregen betreffende het veilige
gebruik van het apparaat en mits zij op de hoogte
zijn van de betreffende gevaren. Kinderen mogen
niet met het apparaat spelen. Onderhoud en reini-
ging mogen niet door kinderen zonder supervisie
worden uitgevoerd.
- Geen ongewassen kledingstukken drogen.
- Kleding die bevuild is met stoffen zoals kookolie,
aceton, alcohol, benzine, kirosine, vlekkenver-
wijderaar, terpentine, was en stoffen om was te
verwijderen moet met een grotere hoeveelheid
wasmiddel in warm water gewassen worden
alvorens de kleding in de wasdroger te drogen.
- Voorwerpen zoals schuimrubber, douche-
mutsen, waterdichte stoffen, artikelen met
een rubberen kant en kleding of kussens die
onderdelen van schuimrubber bevatten mogen
niet in de wasdroger gedroogd worden.
- Wasverzachter en gelijksoortige producten
moeten overeenkmostig de instructies van de
fabrikant gebruikt worden.
- Het laatste deel van een droogcyclus wordt uit-
gevoerd zonder warmte (koelcyclus) om te zor-
gen dat de artikelen niet beschadigd worden.
LET OP: Stop de wasdroger nooit voordat het
droogprogramma beeindigd is. In dit geval snel
al het wasgoed uit de droger halen en het wa-
sgoed ophangen om het snel te laten drogen.
• Raakdemachinenietaanalsublootsvoetsbentofmet
natte of vochtige handen of voeten.
• Trekdestekkernooituithetstopcontactdooraanhetsnoer
te trekken, maar altijd door de stekker zelf beet te pakken.
• Raakhetafvoerwaternietaanaangezienhetzeerheet
kan zijn.
• Forceer nooit de deur van de Wasdroogmachine: het
veiligheidsmechanisme dat een ongewild openen van de
deur voorkomt, kan beschadigd worden.
• Probeeringevalvanstoringennooitzelfdeinterneme-
chanismen van de Wasdroogmachine te repareren.
• Zorgervoordatkleinekinderenniettedichtbijdemachine
komen als deze in werking is.
• Alshetapparaatverplaatstmoetwordendoeditdanmet
twee of drie personen tegelijk en heel voorzichtig. Doe dit
nooit alleen, want het apparaat is erg zwaar.
• Voordat u het wasgoed in de automaat laadt, moet u
controleren of hij leeg is.
•Deglazenruitwordtwarmgedurendehetdrogen.
• Drooggeenwasgoeddatmet ontvlambare
oplosmiddelen is gewassen (b.v. trieline).
• Drooggeenschuimrubberofelastomerenof
kledingstukken met rubberen opschriften e.d.
• Controleerdatgedurendehetdrogendewaterkraanopenis.
Kinderenvan3jaarofmindermogennietdichtbij
de droger komen, tenzij onder constant toezicht.
Handmatige opening van de deur
Mochterinhethuisgeenstroomaanwezigzijnenuwilt
het deurtje openen om de was op te hangen, dan dient u
het volgende te doen:
1. haal de stekker uit het
stopcontact.
2. controleer dat het water-
niveau in de automaat lager
is dan het deurtje; als dat
niet het geval is kunt het
water weg laten lopen door
middel van de afvoerbuis en
dit opvangen in een emmer,
zoals aangegeven in de
afbeelding.
3. verwijder het afdekpaneel
aan de voorkant van de wa-
sdroogmachine met behulp
van een schroevendraaier (zie
afbeelding).
4. trek het lipje dat wordt aangegeven in de afbeelding
naar voren totdat het plastic bandje loskomt; trek hem
daarna naar beneden en open tegelijkertijd de deur.
5. monteer het paneel weer, met de haakjes goed beve-
stigd in de juiste openingen, voordat u het paneel tegen de
machine aandrukt.
20
•Verwijderallevoorwerpen,zoalsaanstekers
en lucifers, uit de zakken.
Afvalverwijdering
•Hetwegdoenvanhetverpakkingsmateriaal:houdtuaande
plaatselijke normen zodat het materiaal hergebruikt kan worden.
•DeEuropeseRichtlijn2012/19/EU-WEEEoverVernieti-
ging van Electrische en Electronische Apparatuur, vereist
dat oude huishoudelijke electrische apparaten niet mogen
vernietigd via de normale ongesorteerde afvalstroom. Oude
apparaten moeten apart worden ingezameld om zo het
hergebruik van de gebruikte materialen te optimaliseren
en de negatieve invloed op de gezondheid en het milieu te
reduceren. Het symbool op het product van de “afvalcon-
tainer met een kruis erdoor” herinnert u aan uw verplichting,
dat wanneer u het apparaat vernietigt, het apparaat apart
moet worden ingezameld.Consumenten moeten contact
opnemen met de locale autoriteiten voor informatie over
de juiste wijze van vernietiging van hun oude apparaat.
42
NL
Wa smiddelbakje: voor wasmiddelen en wasversterkers
(zie “Wasmiddelen en wasgoed”).
Toets ON/OFF : druk even op de toets om de wasdro-
ogmachine aan of uit te zetten. Het groene START/PAUSE
controlelampje dat langzaam knippert geeft aan dat de wa-
sdroogmachine aanstaat. Om de wasdroogmachine tijdens
de wascyclus uit te zetten moet u de toets iets langer, circa
3 seconden, ingedrukt te houden. Als u de toets kort, of per
ongeluk indrukt zal de wasdroogmachine niet uitgaan. Als u
de wasdroogmachine tijdens de wascyclus uitdoet wordt de
cyclus automatisch geannuleerd.
Toetsen PROGRAMMAKEUZE: voor het instellen van het
gewenste programma (zie “Programmatabel”).
Toets MY CYCLE: druk op deze toets om de wascyclus en
uw persoonlijke instellingen op te slaan. Om een voorheen
opgeslagenwascyclustestartendruktuopdetoetsMY
CYCLE.
FUNCTIETOETSEN: druk op de toets om de gewenste
functie te selecteren. Op het display gaat het bijbehorende
controlelampje aan.
Toets
SCHOONMAAK ACTIE
: druk op deze toets
om de gewenste wasintensiteit te kiezen.
Toets
SOORT SPOELING
: druk op deze toets om de
gewenste spoeling te kiezen.
Toets DROGEN : voor het instellen van de gewenste
droging.
Toets TEMPERATUUR : druk hierop om de temperatuur
te verlagen: de waarde wordt op het display aangegeven.
Beschrijving van de
wasdroogmachine
DROGEN
toets
Toets met
controlelampje
START/PAUSE
Bedieningspaneel
TEMPERATUUR
toets
Wasmiddelbakje
FUNCTIE-
TOETSEN
ON/OFF
toets
Toetsen
PROGRAMMAKEUZE
TOETSBLOKKERING
toets
DISPLAY
UITGESTELDE
START
toets
MY CYCLE
toets
Toets TOETSBLOKKERING : om de blokkering van
het bedieningspaneel te activeren dient u de toets circa 2
seconden lang ingedrukt te houden. Het ontstoken symbool
geeft aan dat het bedieningspaneel geblokkeerd is. Op
deze manier kunt u voorkomen dat er ongewilde wijzigingen
aan de programma’s worden aangebracht, bijvoorbeeld
bij aanwezigheid van kinderen. Om de blokkering van het
bedieningspaneel te deactiveren dient u de toets circa 2
seconden lang ingedrukt te houden.
Toets UITGESTELDE START : druk hierop om een
uitgestelde start van het gekozen programma in te stellen.
De vertraging wordt door het display aangegeven.
Toets met controlelampje START/PAUSE: als het groene
controlelampje langzaam knippert, moet u op de toets dru-
kken om de wascyclus te starten. Als de cyclus is gestart
blijft het controlelampje vast aanstaan. Als u de wascyclus wilt
PAUSEren drukt u nogmaals op de toets; het controlelampje
wordt oranje en gaat knipperen. Als het symbool niet aan
is kunt u de deur openen. Om het programma te hervatten
drukt u opnieuw op de toets.
Stand- by modus
Deze wasdroogmachine beschikt, in overeenkomst met
de nieuwe normen betreffende de energiebesparing, over
een systeem wat het apparaat automatisch na 30 minuten
uitschakelt (stand-by) indien men het niet gebruikt. Druk kort
op de ON/OFF toets en wacht tot de wasdroogmachine
weer aangaat.
Gebruik in off-mode: 0,5 W
Gebruik in Left-on: 8 W
SCHOONMAAK
ACTIE
toets
SOORT
SPOELING
toets
43
NL
Display
Het display is nodig om de wasdroogmachine te programmeren en geeft meerdere soorten informatie.
In de twee bovenste vakken A en B verschijnen het geselecteerde was- of droogprogramma, de lopende wasfase (het droo-
gniveau of de geselecteerde droogtijd) en alle aanwijzingen met betrekking tot het verloop van het wasprogramma.
In het vak C verschijnt de resterende tijd tot het einde van de wascyclus. Indien een UITGESTELDE START is geselecteerd
verschijnt de resterende tijd tot aan de start van het geselecteerde wasprogramma.
In het vak D verschijnthetmaximalecentrifugetoerentaldathetapparaatkanuitvoerenbijhetingesteldeprogramma.Alshet
programma geen centrifuge voorziet dan zal er in dit vak niets verschijnen.
In het vak E verschijntdemaximaletemperatuurdieukuntselecterenbijhetingesteldeprogramma.Alshetprogramma
geen instelling van de temperatuur voorziet dan zal er in dit vak niets verschijnen.
De controlelampjes F hebben betrekking tot de functies en zullen aangaan als de geselecteerde functie compatibel is met het
ingestelde programma.
Symbool Deur geblokkeerd
Het symbool geeft aan dat de deur is geblokkeerd om ongewild openen te vermijden. Om schade te voorkomen moet u
wachten tot het symbool uitgaat voordat u de deur van de wasdroogmachine opent.
N.B.: als de functie UITGESTELDE START actief is kunt u de deur niet openen. Om hem toch te openen zet u het apparaat
op PAUSE door middel van de START/PAUSE toets.
! Wanneer u het apparaat voor het eerst aanzet kunt u een taal selecteren en zal op het display automatisch het menu taal
selecteren verschijnen.
Om de gewenste taal te selecteren drukt u op de toetsen X en Y. Om uw keuze te bevestigen drukt u op de toets Z.
Als u van taal wilt veranderen, schakelt u de wasdroogmachine uit en drukt u tegelijkertijd op de toetsen X, Y, Z, totdat u een
geluidssignaal hoort. Nu zal opnieuw het menu voor de taalselectie verschijnen.
A
B
C
D
E
F
Z
X
Y
44
NL
Het uitvoeren van een wascyclus
1. DE Wasdroogmachine AANZETTEN. Druk op de toets
,ophetdisplayverschijntdetekstAANZETTEN.Hetgroene
controlelampje START/PAUSE zal langzaam knipperen.
2. HET WASGOED INLADEN. Open de deur. Laad het
wasgoed in en zorg ervoor nooit de laadhoeveelheid te
overschrijden aangegeven in de programmatabel op de
volgende bladzijde.
3. WASMIDDEL DOSEREN. Trek het bakje naar buiten en
doe het wasmiddel in de speciale bakjes, zoals aangegeven in
“Wasmiddelen en wasgoed”.
4. SLUIT DE DEUR.
5. KIES HET PROGRAMMA. Druk op een van de toetsen van
dePROGRAMMAKEUZEomhetgewensteprogrammate
selecteren. De naam van het programma verschijnt op het
display; hieraan worden automatisch een temperatuur en een
centrifugesnelheid gekoppeld die naderhand kunnen worden
gewijzigd. Op het display verschijnt de duur van de cyclus.
6. DE WASCYCLUS AANPASSEN. Druk op de speciale toetsen:
Wijzigen van de temperatuur. De wasdroogmachine
selecteertautomatischdemaximaletemperatuurdievoor
hetingesteldeprogrammagelden.Dezemaximumwaarden
kunnen niet worden overschreden. Door op de toets te
drukken kunt u de temperatuur langzaamaan verlagen, tot aan
de koude wascyclus “OFF”. Als u nogmaals op de toetsen
druktzultuopdemaximaaltoegestanewaardenterugkeren.
! Uitzondering: als u het programma 2
(40°C) (1
e
druk op de
toets) selecteert kunt u de temperatuur tot op 90° instellen.
Een uitgestelde start instellen.
Om de uitgestelde start van het gekozen programma in te stellen
drukt u op de betreffende toets totdat u de gewenste vertraging
heeft bereikt. Als deze optie is geactiveerd verschijnt op het display
het symbool . Om de uitgestelde start te annuleren drukt u net
zolang op de toets tot op het display de tekst OFF verschijnt.
Het drogen instellen.
Door een of meerdere malen op de toets te drukken stelt u
de gewenste droogstand in. Er zijn twee mogelijkheden:
A - Aan de hand van het gewenste droogniveau:
Strijk: geschikt voor wasgoed dat naderhand moet worden
gestreken. De overgebleven vochtigheid zal de vouwen verzachten
en het verwijderen ervan vergemakkelijken.
Hanger: ideaal voor die kledingstukken die geen volledige
droging nodig hebben.
Kast: geschikt voor wasgoed dat direct in de kast kan worden
gelegd, zonder te worden gestreken.
Extra: geschikt voor wasgoed dat volledig droog moet zijn,
zoals handdoeken en badjassen.
B - Op tijdsbasis: van 20 tot 180 minuten.
Als in een uitzonderlijk geval de lading wasgoed voor wassen en drogen
meerisdanhettoegestanemaximum,danvoertueersthetwassenuit.
Aan het einde hiervan verdeelt u de lading en laadt u één gedeelte in
de trommel. Volg nu de aanwijzingen voor het uitvoeren vanAlleen
drogen. Herhaal deze handelingen met de rest van de lading. Aan het
einde van de droogcyclus wordt altijd een afkoeltijd ingezet.
Alleen drogen
Selecteer met de programmaknop een droogniveau ( -
- ) aan de hand van het type materiaal. Het is ook mogelijk
het gewenste niveau of de tijd van het drogen in te stellen met
de toets DROGEN .
Als u met de programmaknop het droogniveau katoen selec-
teert en u op de toets “Eco” drukt, zal er een automatische
droging plaatsvinden waarmee u een aanzienlijke energiebe-
sparing bereikt. Dit gebeurt dankzij een optimale combinatie
van de luchttemperatuur en de duur van de cyclus. Op het
display verschijnt het droogniveau “Eco.
De gewenste wasintensiteit te kiezen.
Metdeoptie kunt u het wasprogramma optimaliseren
op basis van de vuilgraad van het wasgoed en de gewenste
wasintensiteit.
Selecteer het wasprogramma, de cyclus wordt automatisch
ingesteld op het niveau “Normaal”, dat geoptimaliseerd is
voor middelmatig vuile was (deze instelling geldt niet voor de
cyclus “Wol” die automatisch wordt ingesteld op het niveau
Delicaat”).
Voor zeer vuile was drukt u op de toets totdat u het niveau
Super Wash” bereikt. Dit niveau garandeert een kwalitatief
zeer hoog wasresultaat dankzij het gebruik van een grotere
hoeveelheid water in de beginfase van de cyclus, en een
grotere mechanische beweging van de trommel. Hierdoor
worden zelfs de hardnekkigste vlekken verwijderd. Kan met of
zonder bleekmiddel gebruikt worden.
Als u bleekmideel wil toevoegen plaatst u het bijgeleverde
bakje 4 in vakje 1. Schenk het bleekmiddel en zorg ervoor
nooithet“max”niveau,aangegevenopdecentralespil,te
overschrijden (zie fig. op pag. 46).
Voor niet zo vuile was of voor een voorzichtigere behandeling
van het wasgoed drukt u op de toets totdat u het niveau
Delicaat” bereikt. Deze cyclus zorgt voor een beperktere
mechanische beweging waardoor fijne was perfect kan
worden gewassen. Indien het niet mogelijk is de bestaande
afregeling in te stellen of te wijzigen, verschijnt op het display
de tekst “Niet Actief”.
Het soort spoeling instellen.
Metdeoptie kunt u het type spoeling selecteren voor
eenmaximalezorgvandegevoeligehuid.Deeerstekeerdat
u op de toets drukt selecteert u het niveauExtra spoelen
waarmeeeenextraspoelcycluswordtingesteldomalle
sporen van wasmiddel te verwijderen. De tweede keer dat u
op de toets drukt selecteert u het niveau Gevoelige Huid
waarmeeutweeextraspoelcycliinstelt.Ditwordtaangeraden
voor de gevoeligere huid. Door drie keer op de toets te
drukken stelt u het niveau Anti-allergie in, waarmee u 3
aanvullende spoelbeurten kunt selecteren, naast de standaard
spoelbeurten van de cyclus. Als u de optie activeert met cycli
op een temperatuur van 40° kunt u de belangrijkste allergenen
zoals katten- en hondenhaar en stuifmeel verwijderen. Bij cycli
met temperaturen van meer dan 40° bereikt u een zeer goed
anti-allergie beschermingsniveau. Druk nogmaals op deze toets
om terug te keren naar het type Normaal spoelenspoeling.
Indien het niet mogelijk is de bestaande afregeling in te stellen
of te wijzigen, verschijnt op het display de tekstNiet Actief.
De eigenschappen van de cyclus wijzigen.
• Drukopdetoetsomdefunctieteactiveren.Het
controlelampje dat bij de toets hoort gaat aan.
• Druknogmaalsopdetoetsomdefunctietedeactiveren.
Het controlelampje gaat uit.
! Als de gekozen functie niet geschikt is voor het ingestelde
programma gaat het controlelampje knipperen en zal de
functie niet worden geactiveerd.
! Als de geselecteerde functie niet compatibel is met een
optie die daarvòòr is ingesteld, zal het controlelampje van de
eerder geselecteerde functie gaan knipperen en zal alleen de
tweede functie worden geactiveerd; het controlelampje van de
geactiveerde functie zal aangaan.
! De functies kunnen van invloed zijn op de aanbevolen
washoeveelheid en/of de duur van de cyclus.
7. HET PROGRAMMA STARTEN. Druk op de toets START/
PAUSE. Het betreffende controlelampje zal aangaan met een
groen licht en de deur wordt geblokkeerd (het symool DEUR
GEBLOKKEERD is aan). Tijdens het wassen zal op het
display de naam van de lopende wasfase verschijnen. Om een
programma te wijzigen terwijl de cyclus bezig is moet u de
wasdroogmachine pauzeren door middel van de toets START/
PAUSE (het controlelampje START/PAUSE gaat langzaam
knipperen met een oranje licht); selecteer daarna de gewenste
cyclus en druk opnieuw op de toets START/PAUSE. Om de
deur te openen terwijl de cyclus bezig is, drukt u op de START/
PAUSE toets. Als het symbool DEUR GEBLOKKEERD uit
is kunt u de deur openen. Druk nogmaals op de START/PAUSE
toets om het programma te hervatten vanaf het punt dat het
werd onderbroken.
8. EINDE VAN HET PROGRAMMA.Detekst“EINDECYCLUS”
verschijnt op het display. Als het symbool DEUR GEBLOKKEERD
uitgaat kunt u de deur openen. Open het deurtje, laad het
wasgoed uit en schakel het apparaat uit.
! Als u een reeds gestarte cyclus wilt annuleren drukt u langere tijd op
de toets . De cyclus wordt onderbroken en het apparaat gaat uit.
45
NL
Programma’s en functies
Programmatabel
Wasfuncties
! Als de gekozen functie niet geschikt is voor het ingestelde
programma gaat het controlelampje knipperen en zal de
functie niet worden geactiveerd.
! Als de geselecteerde functie niet compatibel is met een
optie die daarvòòr is ingesteld, zal het controlelampje
van de eerder geselecteerde functie gaan knipperen en
zal alleen de tweede functie worden geactiveerd; het
controlelampje van de geactiveerde functie zal aangaan.
Snelle was
Als u deze optie selecteert verkort u de duur van het program-
ma tot aan 50%, aan de hand van de gekozen cyclus, en
zorgt u als gevolg voor een aanzienlijke water- en energiebe-
sparing. Gebruik deze cyclus voor niet zo vuil wasgoed.
Door het drukken op deze toets vermindert de snelheid van
de centrifuge.
Eco
De functie Eco draagt bij aan energiebesparing door het
voor het wassen van het wasgoed niet te verwarmen: een
voordeel voor zowel het milieu als de energierekening. De
versterkte werking en het geoptimaliseerde waterverbruik
garanderen uitstekende resultaten met een gelijke gemiddelde
tijdsduur als een standaardcyclus. Om betere wasresultaten
te verkrijgen, wordt het gebruik van een vloeibaar wasmiddel
aanbevolen.
Als u ook de functie drogen kiest zal aan het einde van de
wascyclus automatisch een droogcyclus worden uitgevoerd
die ook voor een aanzienlijke energiebesparing zal zorgen. Dit
gebeurt dankzij een optimale combinatie van de luchttempe-
ratuur en de duur van de cyclus. Op het display verschijnt het
droogniveau “Eco”.
De duur van de cyclus die wordt aangegeven op het display of op de gebruiksaanwijzing is een geschatte waarde die wordt gecalculeerd bij standaard omstandigheden. De effectieve tijd kan varië-
ren aan de hand van talloze factoren zoals temperatuur en druk van de watertoevoer, de kamertemperatuur, de hoeveelheid wasmiddel, de hoeveelheid en type lading, de balancering van de was en
de geselecteerde aanvullende opties.
Voor alle Test Institutes:
1) Controleprogramma volgens de reglement EN 50229: stel het programma 2 in op 60°C (2
e
druk op de toets).
2) Programma katoen lang: stel het programma 2 in op 40°C (2
e
druk op de toets).
Programma’s
Beschrijving van het Programma
Maximale
Temp
C)
Maxi-
maal to-
erental
(toeren
per
minuut)
Drogen
Wasmiddel
Maxi-
male
lading
(kg)
Duur
cyclus
Wassen
Bleek-
middel
Wasver-
zachter
CLEAN Plus
1
Vlekkenverwijdering
(1
e
druk op de toets)
40° 1400
-
5
1
Anti Vleck Snel
(2
e
druk op de toets)
40° 1200
-
4,5
2
Katoen
(1
e
druk op de toets): niet zo vuile witte en bonte fijne was.
40°
(Max.90°)
1400
9
2
Eco Katoen 60°C
(2
e
druk op de toets) (1): zeer vuile wit en kleurecht bont wasgoed. 60° 1400
-
9
2
Eco Katoen 40°C
(2
e
druk op de toets) (2): niet zo vuile witte en bonte fijne was. 40° 1400
-
9
2
Katoen 20°C
(3
e
druk op de toets): niet zo vuile witte en bonte fijne was. 20° 1400
9
3
Synthet.
Resistent: zeer vuile kleurvaste bonte was. 60° 1000
4
SPECIALS
4
Woolmark Platinum
(Wol) (1
e
druk op de toets): voor wol, kasjmier, etc.
40° 800
-
2
4
Fijne Was
(2
e
druk op de toets)
30° 0
-
1
M
Geheugen (My Cycle):
maakt het memoriseren van ieder soort wassen mogelijk.
6
Snelle was 30’:
voor het snel opfrissen van niet zo vuil wasgoed (niet geschikt voor
wol, zijde en handwas).
30° 800 -
-
3,5
DRYING
7
Was & Droog
30° 1400
-
1
8
Katoen Droog
(1
e
druk op de toets)
- -
- - - 6
8
Synthetisch Droog
(2
e
druk op de toets)
- -
- - - 4
8
Wol Droog
(3
e
druk op de toets)
- -
- - - 2
Delprogramma’s
Centrifuge (1
e
druk op de toets) - 1400
- - - 9
Spoelen (2
e
druk op de toets) - 1400
- -
9
Waterafvoer (3
e
druk op de toets) - 0 - - - - 9
U kunt de duur van de wasprogramma’s op het display controleren.
46
NL
Wasmiddelen en wasgoed
Wasmiddelbakje
Een goed wasresultaat hangt ook af van de juiste dosis
wasmiddel: te veel wasmiddel maakt het wassen niet be-
ter. Het wasmiddel blijft aan de binnenzijde van de wasdro-
ogmachine zitten en zorgt voor het vervuilen van het milieu.
! Gebruik nooit wasmiddelen voor handwas aangezien die
te veel schuim vormen.
Trek het laatje naar voren
en giet het wasmiddel of de
wasversterker er als volgt in:
Vak 1: Wasmiddel voor
hoofdwas (poeder of vlo-
eibaar)
Als u een vloeibaar wasmid-
del gebruikt raden we u aan
het bijgeleverde schotje A te
gebruiken voor een correcte
dosering. Voor het gebruik van poederwasmiddel doet u
het schotje terug in de opening B.
Vak 2: Wasversterkers (wasverzachter, enz.)
De wasverzachter mag niet boven het roostertje uitkomen.
Extra bakje 3: Bleekmiddel
Voorbereiden van het wasgoed
•Verdeelhetwasgoedvolgens:
- het soort stof / het symbool op het etiket.
- de kleuren: scheid de bonte was van de witte was.
•Leegdezakkenencontroleerdeknopen.
•Overschrijdhetaangegevengewicht,berekendvoor
droog wasgoed, nooit: zie “Programmatabel”.
Hoeveel weegt wasgoed?
1 laken 400-500 g.
1 sloop 150-200 g.
1 tafelkleed 400-500 g.
1 badjas 900-1200 g.
1 handdoek 150-250 g.
Speciale programma’s
Vlekkenverwijdering: dit programma is geschikt voor
het wassen van zeer vuil kleurvast wasgoed. Het program-
ma garandeert een hogere wasklasse dan de standaard
klasse(klasseA).Mengtijdensditprogrammanooitkle-
ding van verschillende kleuren. We raden u aan waspoeder
te gebruiken. We raden u aan hardnekkige vlekken voor te
behandelen met wasversterkers.
Als u een droogfunctie aan het einde van de wascyclus se-
lecteert, wordt automatisch een droogcyclus uitgevoerd zoals
in de buitenlucht zou plaatsvinden. De voordelen zijn het niet
geel worden van de was door de zonnestralen en het grijs
worden ervan als gevolg van de kleine stofdeeltjes die in de
lucht aanwezig zijn. U kunt droogcycli alleen op niveaus instel-
len. We raden u aan het droogniveau Hangerte gebruiken.
Anti Vleck Snel: het programma is ontwikkeld om
kledingstukken met moeilijke vlekken die dezelfde dag
gemaakt zijn in een uur te wassen. Het programma is ge-
schikt voor bonte was van gemengde vezels. Er wordt een
optimale bescherming gegarandeerd.
Als u een droogfunctie aan het einde van de wascyclus
selecteert, wordt automatisch een droogcyclus uitgevoerd
zoals in de buitenlucht zou plaatsvinden. De voordelen zijn
het niet geel worden van de was door de zonnestralen en
M
AX
1
3
2
A
B
het grijs worden ervan als gevolg van de kleine stofdeeltjes
die in de lucht aanwezig zijn. U kunt droogcycli alleen op
niveaus instellen. We raden u aan het droogniveau “Han-
ger” te gebruiken.
Katoen 20°C: ideaal voor een lading vuil katoen. De opti-
male prestaties, zelf met koud water, die kunnen worden ver-
geleken met een wascyclus op 40°C, worden gegarandeerd
door een mechanische werking die de snelheid varieert met
herhaaldelijke en zeer dicht op elkaar liggende piekvariaties.
Wol (1
e
druk op de toets) - Woolmark Apparel Care - Green:
de wascyclus “Wol” van deze wasmachine is goedgekeurd
door de ‘Woolmark Company’ voor het wassen van wollen
kleding die “met de hand” kan worden gewassen, mits
de wascyclus wordt uitgevoerd volgens de aanwijzingen
op het etiket van het kledingstuk en volgens de aanwij-
zingenvandefabrikantvandezewasmachine.(M1127)
Fijne was: gebruik het programma 4 (2
e
druk op de toets) voor
het wassen van zeer fijne was met stras of pailetten.
We raden u aan de kleding binnenstebuiten te draaien voor
u hem wast en om kleine kledingstukken in het speciale
zakje voor fijne was te stoppen.
Voor een beter resultaat raden we u aan voor de fijne was
een vloeibaar wasmiddel te gebruiken.
Als u de droogfunctie uitsluitend op een tijdsbasis
selecteert, zal aan het einde van de wascyclus een
bijzonder fijne droogcyclus van start gaan, gekenmerkt
door lichte bewegingen en door een qua temperatuur
bijzonder gecontroleerde luchtstroom.
De aanbevolen tijden zijn:
1 kg synthetische was --> 160 min.
1 kg synthetische en katoenen was --> 180 min.
1 kg katoenen was --> 180 min.
De droogtegraad zal afhangen van de lading wasgoed en
de samenstelling van het materiaal.
Voor het wassen van zijden kleding of gordijnen
selecteert u de cyclus 4 (2
e
druk op de toets) en stelt u het
niveau “Delicaat” in van de optie .
Was & droog: gebruik het programma 7 voor het snel
wassen en drogen van kledingstukken (Katoen en Synthe-
tisch) die niet zo vuil zijn. Als u deze cyclus selecteert kunt
u tot aan 1 kg wasgoed wassen en drogen, in slechts 45
minuten. Gebruik voor de beste resultaten een vloeibaar
wasmiddel. Behandel manchetten, kragen en vlekken eerst
voor met een speciaal product.
Balanceersysteem van de lading
Om overmatige trillingen te vermijden verdeelt de automaat
de lading voor het centrifugeren op een gelijkmatige manier.
Dit gebeurt door de trommel te laten draaien op een snelheid
die iets hoger ligt dan de wassnelheid. Als na herhaaldelijke
pogingen de lading nog steeds niet goed is gebalanceerd, zal
de wasdroogmachine de centrifuge op een lagere snelheid
uitvoeren dan die voorzien was. Als de lading zeer uit balans
is zal de wasdroogmachine een verdeling uitvoeren in plaats
van een centrifuge. Teneinde een betere distributie van de
waslading en een juiste balancering te bereiken raden wij u
aan kleine en grote kledingstukken te mengen.
47
NL
Storingen en oplossingen
Het kan gebeuren dat de wasdroogmachine niet werkt. Voor u contact opneemt met de Servicedienst (zie “Service”) moet u
controleren of het niet een storing betreft die u zelf makkelijk kunt verhelpen met behulp van de volgende lijst.
Storingen:
De wasdroogmachine gaat niet aan.
De wascyclus start niet.
De wasdroogmachine heeft geen
watertoevoer (Op het display ver-
schijnt de tekst “GEEN WATER,
CONTROLEER TOEVOER”).
De wasdroogmachine blijft water
aan- en afvoeren.
De wasdroogmachine voert het wa-
ter niet af of centrifugeert niet.
De machine trilt erg tijdens het
centrifugeren.
De wasdroogmachine lekt.
Het apparaat is geblokkeerd, het
display knippert en er verschijnt
een storingscode (bv.: F-01, F-..).
Er ontstaat teveel schuim.
De Wasdroogmachine droogt niet.
Mogelijke oorzaken / Oplossing:
•Destekkerzitnietinhetstopcontactofnietvergenoegomcontacttemaken.
•Hethelehuiszitzonderstroom.
•Dedeurzitnietgoeddicht.
•DeON/OFFtoetsisnietingedrukt.
•DeSTART/PAUSEtoetsisnietingedrukt.
•Dewaterkraanisnietopen.
•Deuitgesteldestartisingesteld(zie “Het uitvoeren van een wascyclus”).
•Dewatertoevoerbuisisnietaangeslotenopdekraan.
•Debuisisgebogen.
•Dewaterkraanisnietopen.
•Hethelehuiszitzonderwater.
•Erisonvoldoendedruk.
•DeSTART/PAUSEtoetsisnietingedrukt.
•Deafvoerbuisisnietop65tot100cmafstandvandegrondafgeïnstalleerd
(zie “Installatie”).
•Hetuiteindevandeafvoerbuisligtonderwater(zie “Installatie”).
•Deafvoerindemuurheeftgeenontluchting.
Als na deze controles het probleem niet is opgelost, moet u de waterkraan dichtdra-
aien, de wasdroogmachine uitzetten en de Servicedienst inschakelen. Als u op een
van de hoogste verdiepingen van een flatgebouw woont kan zich een hevelingspro-
bleem voordoen, waarbij de wasdroogmachine voortdurend water aan- en afvoert.
Om deze storing te verhelpen zijn er in de handel speciale beluchters te koop.
•Hetprogrammavoorzietgeenafvoer:bijenkeleprogramma’smoetditmetde
hand worden gestart (zie “Programma’s en functies”).
•Deafvoerbuisisgebogen(zie “Installatie”).
•Deafvoerleidingisverstopt.
•Detrommelisbijhetinstallerennietopdejuistewijzegedeblokkeerd(zie “In-
stallatie”).
•Dewasdroogmachinestaatnietgoedrecht(zie “Installatie”).
•Dewasdroogmachinestaattekraptussenmeubelsenmuur(zie “Installatie”).
•Debuisvandewatertoevoerisnietgoedaangeschroefd(zie “Installatie”).
•Hetwasmiddelbakjeisverstopt(voorreinigingzie “Onderhoud en verzorging”).
•Deafvoerbuisisnietgoedaangesloten(zie “Installatie”).
•Doedewasdroogmachineuitenhaaldestekkeruithetstopcontact.Wacht
circa 1 minuut en doe hem daarna weer aan.
Als de storing voortzet, dient u de Servicedienst in te schakelen.
•Hetwasmiddelisnietbedoeldvoorwasautomaten(ermoet“voorwasdroog-
machine”, “handwas en machinewas”, of dergelijke op staan).
•Uheeftteveelwasmiddelgebruikt.
•Destekkerisnietinhetstopcontactofnietvergenoegingestokenomcontact
te maken.
•Erisgeenstroom.
•Dedeurisnietgoeddicht.
•Uitgesteldestartisingesteld.
•DeDROOGtoetsstaatopOFF.
48
NL
Service
Voordat u de Servicedienst inschakelt:
•Controleereerstofuhetprobleemzelfkuntoplossen (zie “Storingen en oplossingen”).
•Starthetprogrammaopnieuwomtecontrolerenofdestoringisverholpen;
•AlsditniethetgevalismoetucontactopnemenmetdeerkendeTechnischeServicedienstviahettelefoonnummerdatop
het garantiebewijs staat.
! Wendt u nooit tot een niet erkende installateur.
Vermeld:
•hettypestoring;
•hetmodelvandemachine(Mod.);
•hetserienummer(S/N).
Deze informatie vindt u op het typeplaatje aan de achterkant van de wasdroogmachine en aan de voorzijde als u het deurtje open-
doet.

Documenttranscriptie

Gebruiksaanwijzing WASDROOGMACHINE ! Dit symbool herinnert u eraan om deze gebruikshandleiding te lezen. Inhoud NL Nederlands Installatie, 38-39 Uitpakken en waterpas zetten Hydraulische en elektrische aansluitingen Eerste wascyclus Technische gegevens Onderhoud en verzorging, 40 Afsluiten van water en stroom Reinigen van de wasdroogmachine Reinigen van het wasmiddelbakje Onderhoud van deur en trommel Reinigen van de pomp Controleren van de buis van de watertoevoer FDD 9640 Voorzorgsmaatregelen en advies, 41 Algemene veiligheid Afvalverwijdering Handmatige opening van de deur Beschrijving van de wasdroogmachine, 42-43 Bedieningspaneel Controlelampjes Een programma starten Het uitvoeren van een was- of droogcyclus, 44 Programma’s en functies, 45 Programmatabel Wasfuncties Wasmiddelen en wasgoed, 46 Wasmiddelbakje Voorbereiden van het wasgoed Speciale programma’s Balanceersysteem van de lading Storingen en oplossingen, 47 Service, 48 37 NL Installatie NL ! Het is belangrijk deze handleiding te bewaren voor latere raadpleging. In het geval u het apparaat verkoopt, of u verhuist, moet het boekje bij de wasdroogmachine blijven zodat de nieuwe gebruiker de functies en betreffende raadgevingen kan doornemen. ! Lees de instructies aandachtig door: u vindt er belangrijke informatie betreffende installatie, gebruik en veiligheid. Een correcte nivellering geeft de machine stabiliteit en voorkomt trillingen, lawaai en het zich verplaatsen van de automaat tijdens de werking. In het geval van vloerbedekking of een tapijt regelt u de stelvoetjes zodanig dat onder de wasmachine genoeg plaats is voor ventilatie. Uitpakken en waterpas zetten Aansluiting van de watertoevoerbuis Uitpakken 1. De wasdroogmachine uitpakken. 2. Controleer of de wasdroogmachine geen schade heeft geleden gedurende het vervoer. Indien dit wel het geval is moet hij niet worden aangesloten en moet u contact opnemen met de handelaar. 3 . Ve r w i j d e r d e 4 schroeven die het apparaat beschermen tijdens het vervoer en de rubberen ring met bijbehorende afstandsleider die zich aan de achterkant bevinden (zie afbeelding). 4. Sluit de openingen af met de bijgeleverde plastic doppen. 5. Bewaar alle onderdelen: mocht de wasdroogmachine ooit worden vervoerd, dan moeten deze weer worden aangebracht. ! Het verpakkingsmateriaal is geen speelgoed voor kinderen. Hydraulische en elektrische aansluitingen 1. Sluit de toevoerbuis aan op de koudwaterkraan met een mondstuk met schroefdraad van 3/4 gas (zie afbeelding). Voordat u de wasdroogmachine aansluit moet u het water laten lopen totdat het helder is. 2. Verbind de watertoevoerbuis aan de wasdroogmachine door hem op de betreffende watertoevoer te schroeven, rechtsboven aan de achterkant (zie afbeelding). 3. Let erop dat er geen knellingen of kronkels in de buis zijn. Waterpas zetten ! De waterdruk van de kraan moet zich binnen de waarden van de tabel Technische Gegevens bevinden (zie bladzijde hiernaast). 1. Installeer de wasdroogmachine op een rechte en stevige vloer en laat hem niet steunen tegen een muur, meubel of dergelijke. ! Als de toevoerbuis niet lang genoeg is moet u zich wenden tot een gespecialiseerde winkel of een bevoegde installateur. 2. Als de vloer niet volledig horizontaal is kunt u de onregelmatigheid opheffen door de stelvoetjes aan de voorkant losser of vaster te schroeven (zie afbeelding); de inclinatiehoek, gemeten ten opzichte van het werkvlak, mag de 2° niet overschrijden. 38 ! Gebruik nooit tweedehands buizen. ! Gebruik de buizen die bij het apparaat worden geleverd. Aansluiting van de afvoerbuis 65 - 100 cm Verbind de buis, zonder hem te buigen, aan een afvoerleiding of aan een afvoer in de muur tussen de 65 en 100 cm van de grond af of hang hem aan de rand van een wasbak of badkuip, en bind de bijgeleverde steun aan de kraan (zie afbeelding). Het uiteinde van de afvoerslang mag niet onder water hangen. ! Gebruik nooit verlengstukken voor de buis; indien dit niet te vermijden is moet het verlengstuk dezelfde doorsnede hebben als de oorspronkelijke buis en mag hij niet langer zijn dan 150 cm. Elektrische aansluiting Voordat u de stekker in het stopcontact steekt moet u zich ervan verzekeren dat: • het stopcontact geaard is en voldoet aan de geldende normen; • het stopcontact het maximum vermogen van de wasdroogmachine kan dragen, zoals aangegeven in de tabel Technische Gegevens (zie hiernaast); • de spanning zich bevindt tussen de waarden die zijn aangegeven in de tabel Technische Gegevens (zie hiernaast); • de contactdoos geschikt is voor de stekker van de wasdroogmachine. Indien dit niet zo is moet de stekker of het stopcontact vervangen worden. ! De machine mag alleen binnenshuis op een vorstvrije en droge plek worden geïnstalleerd om elektronische schade door bevriezing of condensatie te voorkomen. ! Als de wasdroogmachine is geïnstalleerd moet het stopcon tact gemakkelijk te bereiken zijn. ! Gebruik geen verlengsnoeren of dubbelstekkers. ! Het snoer mag niet gebogen of samengedrukt worden. ! De voedingskabel mag alleen door een bevoegde installateur worden vervangen. Belangrijk! De fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld wanneer deze normen niet worden nageleefd. Eerste wascyclus Na de installatie en voor u de wasautomaat in gebruik neemt, dient u een wascyclus uit te voeren met wasmiddel maar zonder wasgoed, op het programma wasmachine reinigen (zie “Reinigen van de wasautomaat”). Technische gegevens Model FDD 9640 breedte cm 59,5 hoogte cm 85 diepte cm 60,5 van 1 tot 9 kg voor het wassen; Vermogen van 1 tot 6 kg voor het drogen; Elektrische zie het typeplaatje met de a a n s l u i t i n - technische eigenschappen dat gen op het apparaat is bevestigd Aansluiting max. druk 1 MPa (10 bar) waterleiding min. druk 0,05 MPa (0,5 bar) Inhoud trommel 62 liters Snelheid tot 1400 toeren per minuu centrifuge wassen: programma 2; temperatuur 60°C (2e druk op de toets); uitgevoerd met 9 kg lading. drogen: het drogen van de Controlekleinste lading (3kg) moet programworden uitgevoerd door het ma’s volselecteren van het droognigens de veau “EXTRA”. De lading reglement moet bestaan uit 3 lakens, 2 EN 50229 kussensloop en 1 handdoek; het drogen van het overgebleven wasgoed moet worden uitgevoerd door het droogniveau “EXTRA” te selecteren. Afmetingen Deze apparatuur voldoet aan de volgende CE voorschriften: - 2004/108/CE (Elektromagnetische compatiabiliteit) - 2012/19/EU - WEEE - 2006/95/CE (Laagspanning) 39 NL Onderhoud en verzorging NL Afsluiten van water en stroom Onderhoud van deur en trommel • Sluit na iedere wasbeurt de kraan af. Hiermee beperkt u slijtage van de waterinstallatie van de wasmachine en voorkomt u lekkage. • Sluit altijd eerst de stroom af voordat u de wasdroogmachine gaat schoonmaken en gedurende onderhoudswerkzaamheden. • Laat de deur altijd op een kier staan om nare luchtjes te vermijden. Reinigen van de wasdroogmachine • De buitenkant en de rubberen onderdelen kunnen met een spons en een lauw sopje worden schoongemaakt. Gebruik nooit schuurmiddelen of oplosmiddelen. • De wasdroogmachine beschikt over een programma “WASMACHINE REINIGEN” voor het reinigen van de binnenkant van de automaat. Dit moet worden uitgevoerd als de automaat volledig leeg is. Het wasmiddel (circa 10% van de hoeveelheid die wordt aanbevolen voor een niet zo vuile was) of de speciale reinigingsmiddelen voor wasautomaten kunnen worden gebruikt als hulpmiddelen tijdens dit wasprogramma. We raden u aan dit reinigingsprogramma elke 40 wascycli uit te voeren. Om dit programma te activeren drukt u tegelijkertijd 5 sec. op de toetsen A en B (zie afb.). Het programma start automatisch en heeft een duur van circa 70 minuten. Om de cyclus te beëindigen drukt u op de toets START/PAUSE. A B Reinigen van het wasmiddelbakje Verwijder het bakje door het op te lichten en naar voren te trekken (zie afbeelding). Was het onder stromend water. Dit moet u regelmatig doen. 1 2 Reinigen van de pomp De wasdroogmachine is voorzien van een zelfreinigende pomp en hoeft dus niet te worden onderhouden. Het kan echter gebeuren dat kleine voorwerpen (muntjes, knopen) in het voorvakje dat de pomp beschermt en zich aan de onderkant ervan bevindt, terechtkomen. ! Verzeker u ervan dat de wascyclus klaar is en haal de stekker uit het stopcontact. Toegang tot het voorvakje: 1. verwijder het afdekpaneel aan de voorkant van de wasdroogmachine met behulp van een schroevendraaier (zie afbeelding); 2. draai het deksel eraf, tegen de klok in (zie afbeelding): het is normaal dat er een beetje water uit komt; 3. maak de binnenkant goed schoon; 4. schroef het deksel er weer op; 5. monteer het paneel weer, met de haakjes goed bevestigd in de juiste openingen, voordat u het paneel tegen de machine aandrukt. Controleren van de buis van de watertoevoer Controleer minstens eenmaal per jaar de slang van de watertoevoer. Als er barstjes of scheuren in zitten moet hij vervangen worden: gedurende het wassen kan de hoge waterdruk onverwachts breuken veroorzaken. ! Gebruik nooit tweedehands buizen. 40 Voorzorgsmaatregelen en advies ! De wasmachine is ontworpen en geproduceerd volgens de internationale veiligheidsnormen. Deze aanwijzingen zijn voor uw eigen veiligheid geschreven en moeten aandachtig worden doorgenomen. Algemene veiligheid • Dit apparaat is uitsluitend ontworpen voor huishoudelijk niet-professioneel gebruik. • Dit apparaat mag alleen door kinderen van 8 jaar en ouder, door personen met een beperkt lichamelijk, sensorieel of geestelijk vermogen, of met onvoldoende ervaring of kennis worden gebruikt, mits ze worden begeleid, of wanneer zij toereikende instructies hebben gekregen betreffende het veilige gebruik van het apparaat en mits zij op de hoogte zijn van de betreffende gevaren. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Onderhoud en reiniging mogen niet door kinderen zonder supervisie worden uitgevoerd. - Geen ongewassen kledingstukken drogen. - Kleding die bevuild is met stoffen zoals kookolie, aceton, alcohol, benzine, kirosine, vlekkenverwijderaar, terpentine, was en stoffen om was te verwijderen moet met een grotere hoeveelheid wasmiddel in warm water gewassen worden alvorens de kleding in de wasdroger te drogen. - Voorwerpen zoals schuimrubber, douchemutsen, waterdichte stoffen, artikelen met een rubberen kant en kleding of kussens die onderdelen van schuimrubber bevatten mogen niet in de wasdroger gedroogd worden. - Wasverzachter en gelijksoortige producten moeten overeenkmostig de instructies van de fabrikant gebruikt worden. - Het laatste deel van een droogcyclus wordt uitgevoerd zonder warmte (koelcyclus) om te zorgen dat de artikelen niet beschadigd worden. LET OP: Stop de wasdroger nooit voordat het droogprogramma beeindigd is. In dit geval snel al het wasgoed uit de droger halen en het wasgoed ophangen om het snel te laten drogen. • Raak de machine niet aan als u blootsvoets bent of met natte of vochtige handen of voeten. • Trek de stekker nooit uit het stopcontact door aan het snoer te trekken, maar altijd door de stekker zelf beet te pakken. • Raak het afvoerwater niet aan aangezien het zeer heet kan zijn. • Forceer nooit de deur van de Wasdroogmachine: het veiligheidsmechanisme dat een ongewild openen van de deur voorkomt, kan beschadigd worden. • Probeer in geval van storingen nooit zelf de interne mechanismen van de Wasdroogmachine te repareren. • Zorg ervoor dat kleine kinderen niet te dicht bij de machine komen als deze in werking is. • Als het apparaat verplaatst moet worden doe dit dan met twee of drie personen tegelijk en heel voorzichtig. Doe dit nooit alleen, want het apparaat is erg zwaar. • Voordat u het wasgoed in de automaat laadt, moet u controleren of hij leeg is. • De glazen ruit wordt warm gedurende het drogen. • Droog geen wasgoed dat met ontvlambare oplosmiddelen is gewassen (b.v. trieline). • Droog geen schuimrubber of elastomeren of kledingstukken met rubberen opschriften e.d. • Controleer dat gedurende het drogen de waterkraan open is. • Kinderen van 3 jaar of minder mogen niet dicht bij de droger komen, tenzij onder constant toezicht. • Verwijder alle voorwerpen, zoals aanstekers en lucifers, uit de zakken. Afvalverwijdering • Het wegdoen van het verpakkingsmateriaal: houdt u aan de plaatselijke normen zodat het materiaal hergebruikt kan worden. • De Europese Richtlijn 2012/19/EU - WEEE over Vernietiging van Electrische en Electronische Apparatuur, vereist dat oude huishoudelijke electrische apparaten niet mogen vernietigd via de normale ongesorteerde afvalstroom. Oude apparaten moeten apart worden ingezameld om zo het hergebruik van de gebruikte materialen te optimaliseren en de negatieve invloed op de gezondheid en het milieu te reduceren. Het symbool op het product van de “afvalcontainer met een kruis erdoor” herinnert u aan uw verplichting, dat wanneer u het apparaat vernietigt, het apparaat apart moet worden ingezameld.Consumenten moeten contact opnemen met de locale autoriteiten voor informatie over de juiste wijze van vernietiging van hun oude apparaat. Handmatige opening van de deur Mocht er in het huis geen stroom aanwezig zijn en u wilt het deurtje openen om de was op te hangen, dan dient u het volgende te doen: 1. haal de stekker uit het stopcontact. 2. controleer dat het waterniveau in de automaat lager is dan het deurtje; als dat niet het geval is kunt het water weg laten lopen door middel van de afvoerbuis en dit opvangen in een emmer, zoals aangegeven in de afbeelding. 20 3. verwijder het afdekpaneel aan de voorkant van de wasdroogmachine met behulp van een schroevendraaier (zie afbeelding). 4. trek het lipje dat wordt aangegeven in de afbeelding naar voren totdat het plastic bandje loskomt; trek hem daarna naar beneden en open tegelijkertijd de deur. 5. monteer het paneel weer, met de haakjes goed bevestigd in de juiste openingen, voordat u het paneel tegen de machine aandrukt. 41 NL Beschrijving van de wasdroogmachine NL Bedieningspaneel SCHOONMAAK ACTIE ON/OFF toets toets DROGEN toets DISPLAY Toetsen Wasmiddelbakje PROGRAMMAKEUZE MY CYCLE toets SOORT SPOELING toets UITGESTELDE START toets Wasmiddelbakje: voor wasmiddelen en wasversterkers (zie “Wasmiddelen en wasgoed”). Toets ON/OFF : druk even op de toets om de wasdroogmachine aan of uit te zetten. Het groene START/PAUSE controlelampje dat langzaam knippert geeft aan dat de wasdroogmachine aanstaat. Om de wasdroogmachine tijdens de wascyclus uit te zetten moet u de toets iets langer, circa 3 seconden, ingedrukt te houden. Als u de toets kort, of per ongeluk indrukt zal de wasdroogmachine niet uitgaan. Als u de wasdroogmachine tijdens de wascyclus uitdoet wordt de cyclus automatisch geannuleerd. Toetsen PROGRAMMAKEUZE: voor het instellen van het gewenste programma (zie “Programmatabel”). Toets MY CYCLE: druk op deze toets om de wascyclus en uw persoonlijke instellingen op te slaan. Om een voorheen opgeslagen wascyclus te starten drukt u op de toets MY CYCLE. FUNCTIETOETSEN: druk op de toets om de gewenste functie te selecteren. Op het display gaat het bijbehorende controlelampje aan. Toets SCHOONMAAK ACTIE : druk op deze toets om de gewenste wasintensiteit te kiezen. Toets SOORT SPOELING gewenste spoeling te kiezen. Toets DROGEN droging. : druk op deze toets om de : voor het instellen van de gewenste Toets TEMPERATUUR : druk hierop om de temperatuur te verlagen: de waarde wordt op het display aangegeven. 42 Toets met controlelampje FUNCTIETOETSEN START/PAUSE TEMPERATUUR toets TOETSBLOKKERING toets Toets TOETSBLOKKERING : om de blokkering van het bedieningspaneel te activeren dient u de toets circa 2 seconden lang ingedrukt te houden. Het ontstoken symbool geeft aan dat het bedieningspaneel geblokkeerd is. Op deze manier kunt u voorkomen dat er ongewilde wijzigingen aan de programma’s worden aangebracht, bijvoorbeeld bij aanwezigheid van kinderen. Om de blokkering van het bedieningspaneel te deactiveren dient u de toets circa 2 seconden lang ingedrukt te houden. Toets UITGESTELDE START : druk hierop om een uitgestelde start van het gekozen programma in te stellen. De vertraging wordt door het display aangegeven. Toets met controlelampje START/PAUSE: als het groene controlelampje langzaam knippert, moet u op de toets drukken om de wascyclus te starten. Als de cyclus is gestart blijft het controlelampje vast aanstaan. Als u de wascyclus wilt PAUSEren drukt u nogmaals op de toets; het controlelampje wordt oranje en gaat knipperen. Als het symbool niet aan is kunt u de deur openen. Om het programma te hervatten drukt u opnieuw op de toets. Stand- by modus Deze wasdroogmachine beschikt, in overeenkomst met de nieuwe normen betreffende de energiebesparing, over een systeem wat het apparaat automatisch na 30 minuten uitschakelt (stand-by) indien men het niet gebruikt. Druk kort op de ON/OFF toets en wacht tot de wasdroogmachine weer aangaat. Gebruik in off-mode: 0,5 W Gebruik in Left-on: 8 W Display Z B NL A X D C E Y F Het display is nodig om de wasdroogmachine te programmeren en geeft meerdere soorten informatie. In de twee bovenste vakken A en B verschijnen het geselecteerde was- of droogprogramma, de lopende wasfase (het droogniveau of de geselecteerde droogtijd) en alle aanwijzingen met betrekking tot het verloop van het wasprogramma. In het vak C verschijnt de resterende tijd tot het einde van de wascyclus. Indien een UITGESTELDE START is geselecteerd verschijnt de resterende tijd tot aan de start van het geselecteerde wasprogramma. In het vak D verschijnt het maximale centrifugetoerental dat het apparaat kan uitvoeren bij het ingestelde programma. Als het programma geen centrifuge voorziet dan zal er in dit vak niets verschijnen. In het vak E verschijnt de maximale temperatuur die u kunt selecteren bij het ingestelde programma. Als het programma geen instelling van de temperatuur voorziet dan zal er in dit vak niets verschijnen. De controlelampjes F hebben betrekking tot de functies en zullen aangaan als de geselecteerde functie compatibel is met het ingestelde programma. Symbool Deur geblokkeerd Het symbool geeft aan dat de deur is geblokkeerd om ongewild openen te vermijden. Om schade te voorkomen moet u wachten tot het symbool uitgaat voordat u de deur van de wasdroogmachine opent. N.B.: als de functie UITGESTELDE START actief is kunt u de deur niet openen. Om hem toch te openen zet u het apparaat op PAUSE door middel van de START/PAUSE toets. ! Wanneer u het apparaat voor het eerst aanzet kunt u een taal selecteren en zal op het display automatisch het menu taal selecteren verschijnen. Om de gewenste taal te selecteren drukt u op de toetsen X en Y. Om uw keuze te bevestigen drukt u op de toets Z. Als u van taal wilt veranderen, schakelt u de wasdroogmachine uit en drukt u tegelijkertijd op de toetsen X, Y, Z, totdat u een geluidssignaal hoort. Nu zal opnieuw het menu voor de taalselectie verschijnen. 43 Het uitvoeren van een wascyclus NL 1. DE Wasdroogmachine AANZETTEN. Druk op de toets , op het display verschijnt de tekst AANZETTEN. Het groene controlelampje START/PAUSE zal langzaam knipperen. 2. HET WASGOED INLADEN. Open de deur. Laad het wasgoed in en zorg ervoor nooit de laadhoeveelheid te overschrijden aangegeven in de programmatabel op de volgende bladzijde. 3. WASMIDDEL DOSEREN. Trek het bakje naar buiten en doe het wasmiddel in de speciale bakjes, zoals aangegeven in “Wasmiddelen en wasgoed”. 4. SLUIT DE DEUR. 5. KIES HET PROGRAMMA. Druk op een van de toetsen van de PROGRAMMAKEUZE om het gewenste programma te selecteren. De naam van het programma verschijnt op het display; hieraan worden automatisch een temperatuur en een centrifugesnelheid gekoppeld die naderhand kunnen worden gewijzigd. Op het display verschijnt de duur van de cyclus. 6. DE WASCYCLUS AANPASSEN. Druk op de speciale toetsen: Wijzigen van de temperatuur. De wasdroogmachine selecteert automatisch de maximale temperatuur die voor het ingestelde programma gelden. Deze maximum waarden kunnen niet worden overschreden. Door op de toets te drukken kunt u de temperatuur langzaamaan verlagen, tot aan de koude wascyclus “OFF”. Als u nogmaals op de toetsen drukt zult u op de maximaal toegestane waarden terugkeren. ! Uitzondering: als u het programma 2 (40°C) (1e druk op de selecteert kunt u de temperatuur tot op 90° instellen. toets) Een uitgestelde start instellen. Om de uitgestelde start van het gekozen programma in te stellen drukt u op de betreffende toets totdat u de gewenste vertraging heeft bereikt. Als deze optie is geactiveerd verschijnt op het display het symbool . Om de uitgestelde start te annuleren drukt u net zolang op de toets tot op het display de tekst OFF verschijnt. Het drogen instellen. Door een of meerdere malen op de toets te drukken stelt u de gewenste droogstand in. Er zijn twee mogelijkheden: A - Aan de hand van het gewenste droogniveau: Strijk: geschikt voor wasgoed dat naderhand moet worden gestreken. De overgebleven vochtigheid zal de vouwen verzachten en het verwijderen ervan vergemakkelijken. Hanger: ideaal voor die kledingstukken die geen volledige droging nodig hebben. Kast: geschikt voor wasgoed dat direct in de kast kan worden gelegd, zonder te worden gestreken. Extra: geschikt voor wasgoed dat volledig droog moet zijn, zoals handdoeken en badjassen. B - Op tijdsbasis: van 20 tot 180 minuten. Als in een uitzonderlijk geval de lading wasgoed voor wassen en drogen meer is dan het toegestane maximum, dan voert u eerst het wassen uit. Aan het einde hiervan verdeelt u de lading en laadt u één gedeelte in de trommel. Volg nu de aanwijzingen voor het uitvoeren van “Alleen drogen”. Herhaal deze handelingen met de rest van de lading. Aan het einde van de droogcyclus wordt altijd een afkoeltijd ingezet. Alleen drogen Selecteer met de programmaknop een droogniveau ( - ) aan de hand van het type materiaal. Het is ook mogelijk het gewenste niveau of de tijd van het drogen in te stellen met de toets DROGEN . Als u met de programmaknop het droogniveau katoen selecteert en u op de toets “Eco” drukt, zal er een automatische droging plaatsvinden waarmee u een aanzienlijke energiebesparing bereikt. Dit gebeurt dankzij een optimale combinatie van de luchttemperatuur en de duur van de cyclus. Op het display verschijnt het droogniveau “Eco. De gewenste wasintensiteit te kiezen. Met de optie kunt u het wasprogramma optimaliseren op basis van de vuilgraad van het wasgoed en de gewenste wasintensiteit. Selecteer het wasprogramma, de cyclus wordt automatisch ingesteld op het niveau “Normaal”, dat geoptimaliseerd is voor middelmatig vuile was (deze instelling geldt niet voor de cyclus “Wol” die automatisch wordt ingesteld op het niveau “Delicaat”). 44 Voor zeer vuile was drukt u op de toets totdat u het niveau “Super Wash” bereikt. Dit niveau garandeert een kwalitatief zeer hoog wasresultaat dankzij het gebruik van een grotere hoeveelheid water in de beginfase van de cyclus, en een grotere mechanische beweging van de trommel. Hierdoor worden zelfs de hardnekkigste vlekken verwijderd. Kan met of zonder bleekmiddel gebruikt worden. Als u bleekmideel wil toevoegen plaatst u het bijgeleverde bakje 4 in vakje 1. Schenk het bleekmiddel en zorg ervoor nooit het “max” niveau, aangegeven op de centrale spil, te overschrijden (zie fig. op pag. 46). Voor niet zo vuile was of voor een voorzichtigere behandeling van het wasgoed drukt u op de toets totdat u het niveau “Delicaat” bereikt. Deze cyclus zorgt voor een beperktere mechanische beweging waardoor fijne was perfect kan worden gewassen. Indien het niet mogelijk is de bestaande afregeling in te stellen of te wijzigen, verschijnt op het display de tekst “Niet Actief”. Het soort spoeling instellen. Met de optie kunt u het type spoeling selecteren voor een maximale zorg van de gevoelige huid. De eerste keer dat u op de toets drukt selecteert u het niveau “Extra spoelen” waarmee een extra spoelcyclus wordt ingesteld om alle sporen van wasmiddel te verwijderen. De tweede keer dat u op de toets drukt selecteert u het niveau “Gevoelige Huid” waarmee u twee extra spoelcycli instelt. Dit wordt aangeraden voor de gevoeligere huid. Door drie keer op de toets te drukken stelt u het niveau “Anti-allergie” in, waarmee u 3 aanvullende spoelbeurten kunt selecteren, naast de standaard spoelbeurten van de cyclus. Als u de optie activeert met cycli op een temperatuur van 40° kunt u de belangrijkste allergenen zoals katten- en hondenhaar en stuifmeel verwijderen. Bij cycli met temperaturen van meer dan 40° bereikt u een zeer goed anti-allergie beschermingsniveau. Druk nogmaals op deze toets om terug te keren naar het type “Normaal spoelen” spoeling. Indien het niet mogelijk is de bestaande afregeling in te stellen of te wijzigen, verschijnt op het display de tekst “Niet Actief”. De eigenschappen van de cyclus wijzigen. • Druk op de toets om de functie te activeren. Het controlelampje dat bij de toets hoort gaat aan. • Druk nogmaals op de toets om de functie te deactiveren. Het controlelampje gaat uit. ! Als de gekozen functie niet geschikt is voor het ingestelde programma gaat het controlelampje knipperen en zal de functie niet worden geactiveerd. ! Als de geselecteerde functie niet compatibel is met een optie die daarvòòr is ingesteld, zal het controlelampje van de eerder geselecteerde functie gaan knipperen en zal alleen de tweede functie worden geactiveerd; het controlelampje van de geactiveerde functie zal aangaan. ! De functies kunnen van invloed zijn op de aanbevolen washoeveelheid en/of de duur van de cyclus. 7. HET PROGRAMMA STARTEN. Druk op de toets START/ PAUSE. Het betreffende controlelampje zal aangaan met een groen licht en de deur wordt geblokkeerd (het symool DEUR GEBLOKKEERD is aan). Tijdens het wassen zal op het display de naam van de lopende wasfase verschijnen. Om een programma te wijzigen terwijl de cyclus bezig is moet u de wasdroogmachine pauzeren door middel van de toets START/ PAUSE (het controlelampje START/PAUSE gaat langzaam knipperen met een oranje licht); selecteer daarna de gewenste cyclus en druk opnieuw op de toets START/PAUSE. Om de deur te openen terwijl de cyclus bezig is, drukt u op de START/ PAUSE toets. Als het symbool DEUR GEBLOKKEERD uit is kunt u de deur openen. Druk nogmaals op de START/PAUSE toets om het programma te hervatten vanaf het punt dat het werd onderbroken. 8. EINDE VAN HET PROGRAMMA. De tekst “EINDE CYCLUS” verschijnt op het display. Als het symbool DEUR GEBLOKKEERD uitgaat kunt u de deur openen. Open het deurtje, laad het wasgoed uit en schakel het apparaat uit. ! Als u een reeds gestarte cyclus wilt annuleren drukt u langere tijd op de toets . De cyclus wordt onderbroken en het apparaat gaat uit. Programma’s en functies NL Maximale Temp (°C) 40° 1400  40° 40° (Max. 90°) 60° 40° 20° 60° 1200   1400   1400 1400 1400 1000         Bleekmiddel Wasverzachter Wasmiddel Wassen Beschrijving van het Programma Maximaal toerental (toeren per minuut) Drogen Programma’s Programmatabel Maximale lading (kg) Duur cyclus CLEAN Plus 2 Katoen (1e druk op de toets): niet zo vuile witte en bonte fijne was. 2 2 2 3 Eco Katoen 60°C (2e druk op de toets) (1): zeer vuile wit en kleurecht bont wasgoed. Eco Katoen 40°C (2e druk op de toets) (2): niet zo vuile witte en bonte fijne was. Katoen 20°C (3e druk op de toets): niet zo vuile witte en bonte fijne was. Synthet. Resistent: zeer vuile kleurvaste bonte was.  -  5 -  4,5   9       9 9 9 4 SPECIALS 4 Woolmark Platinum (Wol) (1e druk op de toets): voor wol, kasjmier, etc. 4 Fijne Was (2e druk op de toets) 40° 30° 800 0     -   2 1 M Geheugen (My Cycle): maakt het memoriseren van ieder soort wassen mogelijk. 6 Snelle was 30’: voor het snel opfrissen van niet zo vuil wasgoed (niet geschikt voor 30° 800 -  -  3,5 30° - 1400 -    - -  - 1 6 8 Synthetisch Droog (2e druk op de toets) - -  - - - 4 8 Wol Droog (3e druk op de toets) - -  - - - 2 Centrifuge (1e druk op de toets) - 1400  - - - 9 Spoelen (2 druk op de toets) - 1400  - -  9 Waterafvoer (3e druk op de toets) - 0 - - - - 9 wol, zijde en handwas). DRYING 7 Was & Droog 8 Katoen Droog (1e druk op de toets) Delprogramma’s e U kunt de duur van de wasprogramma’s op het display controleren. 1 Vlekkenverwijdering (1e druk op de toets) 1 Anti Vleck Snel (2e druk op de toets) De duur van de cyclus die wordt aangegeven op het display of op de gebruiksaanwijzing is een geschatte waarde die wordt gecalculeerd bij standaard omstandigheden. De effectieve tijd kan variëren aan de hand van talloze factoren zoals temperatuur en druk van de watertoevoer, de kamertemperatuur, de hoeveelheid wasmiddel, de hoeveelheid en type lading, de balancering van de was en de geselecteerde aanvullende opties. Voor alle Test Institutes: 1) Controleprogramma volgens de reglement EN 50229: stel het programma 2 in op 60°C (2e druk op de toets). 2) Programma katoen lang: stel het programma 2 in op 40°C (2e druk op de toets). Wasfuncties ! Als de gekozen functie niet geschikt is voor het ingestelde programma gaat het controlelampje knipperen en zal de functie niet worden geactiveerd. ! Als de geselecteerde functie niet compatibel is met een optie die daarvòòr is ingesteld, zal het controlelampje van de eerder geselecteerde functie gaan knipperen en zal alleen de tweede functie worden geactiveerd; het controlelampje van de geactiveerde functie zal aangaan. Eco De functie Eco draagt bij aan energiebesparing door het voor het wassen van het wasgoed niet te verwarmen: een voordeel voor zowel het milieu als de energierekening. De versterkte werking en het geoptimaliseerde waterverbruik garanderen uitstekende resultaten met een gelijke gemiddelde tijdsduur als een standaardcyclus. Om betere wasresultaten te verkrijgen, wordt het gebruik van een vloeibaar wasmiddel aanbevolen. Snelle was Als u deze optie selecteert verkort u de duur van het programma tot aan 50%, aan de hand van de gekozen cyclus, en zorgt u als gevolg voor een aanzienlijke water- en energiebesparing. Gebruik deze cyclus voor niet zo vuil wasgoed. Als u ook de functie drogen kiest zal aan het einde van de wascyclus automatisch een droogcyclus worden uitgevoerd die ook voor een aanzienlijke energiebesparing zal zorgen. Dit gebeurt dankzij een optimale combinatie van de luchttemperatuur en de duur van de cyclus. Op het display verschijnt het droogniveau “Eco”. Door het drukken op deze toets vermindert de snelheid van de centrifuge. 45 Wasmiddelen en wasgoed NL Wasmiddelbakje Een goed wasresultaat hangt ook af van de juiste dosis wasmiddel: te veel wasmiddel maakt het wassen niet beter. Het wasmiddel blijft aan de binnenzijde van de wasdroogmachine zitten en zorgt voor het vervuilen van het milieu. ! Gebruik nooit wasmiddelen voor handwas aangezien die te veel schuim vormen. Trek het laatje naar voren A B en giet het wasmiddel of de 3 wasversterker er als volgt in: MAX Vak 1: Wasmiddel voor hoofdwas (poeder of vlo1 2 eibaar) Als u een vloeibaar wasmiddel gebruikt raden we u aan het bijgeleverde schotje A te gebruiken voor een correcte dosering. Voor het gebruik van poederwasmiddel doet u het schotje terug in de opening B. Vak 2: Wasversterkers (wasverzachter, enz.) De wasverzachter mag niet boven het roostertje uitkomen. Extra bakje 3: Bleekmiddel Voorbereiden van het wasgoed • • • Verdeel het wasgoed volgens: het soort stof / het symbool op het etiket. de kleuren: scheid de bonte was van de witte was. Leeg de zakken en controleer de knopen. Overschrijd het aangegeven gewicht, berekend voor droog wasgoed, nooit: zie “Programmatabel”. Hoeveel weegt wasgoed? 1 laken 400-500 g. 1 sloop 150-200 g. 1 tafelkleed 400-500 g. 1 badjas 900-1200 g. 1 handdoek 150-250 g. Speciale programma’s Vlekkenverwijdering: dit programma is geschikt voor het wassen van zeer vuil kleurvast wasgoed. Het programma garandeert een hogere wasklasse dan de standaard klasse (klasse A). Meng tijdens dit programma nooit kleding van verschillende kleuren. We raden u aan waspoeder te gebruiken. We raden u aan hardnekkige vlekken voor te behandelen met wasversterkers. Als u een droogfunctie aan het einde van de wascyclus selecteert, wordt automatisch een droogcyclus uitgevoerd zoals in de buitenlucht zou plaatsvinden. De voordelen zijn het niet geel worden van de was door de zonnestralen en het grijs worden ervan als gevolg van de kleine stofdeeltjes die in de lucht aanwezig zijn. U kunt droogcycli alleen op niveaus instellen. We raden u aan het droogniveau “Hanger” te gebruiken. Anti Vleck Snel: het programma is ontwikkeld om kledingstukken met moeilijke vlekken die dezelfde dag gemaakt zijn in een uur te wassen. Het programma is geschikt voor bonte was van gemengde vezels. Er wordt een optimale bescherming gegarandeerd. Als u een droogfunctie aan het einde van de wascyclus selecteert, wordt automatisch een droogcyclus uitgevoerd zoals in de buitenlucht zou plaatsvinden. De voordelen zijn het niet geel worden van de was door de zonnestralen en 46 het grijs worden ervan als gevolg van de kleine stofdeeltjes die in de lucht aanwezig zijn. U kunt droogcycli alleen op niveaus instellen. We raden u aan het droogniveau “Hanger” te gebruiken. Katoen 20°C: ideaal voor een lading vuil katoen. De optimale prestaties, zelf met koud water, die kunnen worden vergeleken met een wascyclus op 40°C, worden gegarandeerd door een mechanische werking die de snelheid varieert met herhaaldelijke en zeer dicht op elkaar liggende piekvariaties. Wol (1e druk op de toets) - Woolmark Apparel Care - Green: de wascyclus “Wol” van deze wasmachine is goedgekeurd door de ‘Woolmark Company’ voor het wassen van wollen kleding die “met de hand” kan worden gewassen, mits de wascyclus wordt uitgevoerd volgens de aanwijzingen op het etiket van het kledingstuk en volgens de aanwijzingen van de fabrikant van deze wasmachine. (M1127) Fijne was: gebruik het programma 4 (2e druk op de toets) voor het wassen van zeer fijne was met stras of pailetten. We raden u aan de kleding binnenstebuiten te draaien voor u hem wast en om kleine kledingstukken in het speciale zakje voor fijne was te stoppen. Voor een beter resultaat raden we u aan voor de fijne was een vloeibaar wasmiddel te gebruiken. Als u de droogfunctie uitsluitend op een tijdsbasis selecteert, zal aan het einde van de wascyclus een bijzonder fijne droogcyclus van start gaan, gekenmerkt door lichte bewegingen en door een qua temperatuur bijzonder gecontroleerde luchtstroom. De aanbevolen tijden zijn: 1 kg synthetische was --> 160 min. 1 kg synthetische en katoenen was --> 180 min. 1 kg katoenen was --> 180 min. De droogtegraad zal afhangen van de lading wasgoed en de samenstelling van het materiaal. Voor het wassen van zijden kleding of gordijnen selecteert u de cyclus 4 (2e druk op de toets) en stelt u het niveau “Delicaat” in van de optie . Was & droog: gebruik het programma 7 voor het snel wassen en drogen van kledingstukken (Katoen en Synthetisch) die niet zo vuil zijn. Als u deze cyclus selecteert kunt u tot aan 1 kg wasgoed wassen en drogen, in slechts 45 minuten. Gebruik voor de beste resultaten een vloeibaar wasmiddel. Behandel manchetten, kragen en vlekken eerst voor met een speciaal product. Balanceersysteem van de lading Om overmatige trillingen te vermijden verdeelt de automaat de lading voor het centrifugeren op een gelijkmatige manier. Dit gebeurt door de trommel te laten draaien op een snelheid die iets hoger ligt dan de wassnelheid. Als na herhaaldelijke pogingen de lading nog steeds niet goed is gebalanceerd, zal de wasdroogmachine de centrifuge op een lagere snelheid uitvoeren dan die voorzien was. Als de lading zeer uit balans is zal de wasdroogmachine een verdeling uitvoeren in plaats van een centrifuge. Teneinde een betere distributie van de waslading en een juiste balancering te bereiken raden wij u aan kleine en grote kledingstukken te mengen. Storingen en oplossingen Het kan gebeuren dat de wasdroogmachine niet werkt. Voor u contact opneemt met de Servicedienst (zie “Service”) moet u controleren of het niet een storing betreft die u zelf makkelijk kunt verhelpen met behulp van de volgende lijst. Storingen: NL Mogelijke oorzaken / Oplossing: De wasdroogmachine gaat niet aan. • De stekker zit niet in het stopcontact of niet ver genoeg om contact te maken. • Het hele huis zit zonder stroom. De wascyclus start niet. • • • • • De deur zit niet goed dicht. De ON/OFF toets is niet ingedrukt. De START/PAUSE toets is niet ingedrukt. De waterkraan is niet open. De uitgestelde start is ingesteld (zie “Het uitvoeren van een wascyclus”). De wasdroogmachine heeft geen watertoevoer (Op het display verschijnt de tekst “GEEN WATER, CONTROLEER TOEVOER”). • • • • • • De watertoevoerbuis is niet aangesloten op de kraan. De buis is gebogen. De waterkraan is niet open. Het hele huis zit zonder water. Er is onvoldoende druk. De START/PAUSE toets is niet ingedrukt. De wasdroogmachine blijft water aan- en afvoeren. • De afvoerbuis is niet op 65 tot 100 cm afstand van de grond af geïnstalleerd (zie “Installatie”). • Het uiteinde van de afvoerbuis ligt onder water (zie “Installatie”). • De afvoer in de muur heeft geen ontluchting. Als na deze controles het probleem niet is opgelost, moet u de waterkraan dichtdraaien, de wasdroogmachine uitzetten en de Servicedienst inschakelen. Als u op een van de hoogste verdiepingen van een flatgebouw woont kan zich een hevelingsprobleem voordoen, waarbij de wasdroogmachine voortdurend water aan- en afvoert. Om deze storing te verhelpen zijn er in de handel speciale beluchters te koop. De wasdroogmachine voert het water niet af of centrifugeert niet. • Het programma voorziet geen afvoer: bij enkele programma’s moet dit met de hand worden gestart (zie “Programma’s en functies”). • De afvoerbuis is gebogen (zie “Installatie”). • De afvoerleiding is verstopt. De machine trilt erg tijdens het centrifugeren. • De trommel is bij het installeren niet op de juiste wijze gedeblokkeerd (zie “Installatie”). • De wasdroogmachine staat niet goed recht (zie “Installatie”). • De wasdroogmachine staat te krap tussen meubels en muur (zie “Installatie”). De wasdroogmachine lekt. • De buis van de watertoevoer is niet goed aangeschroefd (zie “Installatie”). • Het wasmiddelbakje is verstopt (voor reiniging zie “Onderhoud en verzorging”). • De afvoerbuis is niet goed aangesloten (zie “Installatie”). Het apparaat is geblokkeerd, het display knippert en er verschijnt een storingscode (bv.: F-01, F-..). • Doe de wasdroogmachine uit en haal de stekker uit het stopcontact. Wacht circa 1 minuut en doe hem daarna weer aan. Als de storing voortzet, dient u de Servicedienst in te schakelen. Er ontstaat teveel schuim. • Het wasmiddel is niet bedoeld voor wasautomaten (er moet “voor wasdroogmachine”, “handwas en machinewas”, of dergelijke op staan). • U heeft teveel wasmiddel gebruikt. De Wasdroogmachine droogt niet. • De stekker is niet in het stopcontact of niet ver genoeg ingestoken om contact te maken. • Er is geen stroom. • De deur is niet goed dicht. • Uitgestelde start is ingesteld. • De DROOG toets staat op OFF. 47 Service NL Voordat u de Servicedienst inschakelt: • Controleer eerst of u het probleem zelf kunt oplossen (zie “Storingen en oplossingen”). • Start het programma opnieuw om te controleren of de storing is verholpen; • Als dit niet het geval is moet u contact opnemen met de erkende Technische Servicedienst via het telefoonnummer dat op het garantiebewijs staat. ! Wendt u nooit tot een niet erkende installateur. Vermeld: • het type storing; • het model van de machine (Mod.); • het serienummer (S/N). Deze informatie vindt u op het typeplaatje aan de achterkant van de wasdroogmachine en aan de voorzijde als u het deurtje opendoet. 48
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52
  • Page 53 53
  • Page 54 54
  • Page 55 55
  • Page 56 56
  • Page 57 57
  • Page 58 58
  • Page 59 59
  • Page 60 60
  • Page 61 61
  • Page 62 62
  • Page 63 63
  • Page 64 64
  • Page 65 65
  • Page 66 66
  • Page 67 67
  • Page 68 68
  • Page 69 69
  • Page 70 70
  • Page 71 71
  • Page 72 72

HOTPOINT/ARISTON FDD 9640B EU Gebruikershandleiding

Type
Gebruikershandleiding