Dell 2350d/dn Mono Laser Printer de handleiding

Type
de handleiding
Dell™Laser Printer 2330d/dn en 2350d/dn
Gebruikershandleiding
U bestelt als volgt inkt of supplies bij Dell:
Dubbelklik op het pictogram op het bureaublad.1.
Bezoek de website van Dell of bestel Dell printersupplies per telefoon.
www.dell.com/supplies
Voor optimale service moet u ervoor zorgen dat u de servicecode van de Dell printer bij de hand hebt.
2.
Opmerkingen, kennisgevingen en waarschuwingen
OPMERKING: met OPMERKING wordt belangrijke informatie aangegeven waarmee u beter gebruik
kunt maken van uw printer.
KENNISGEVING: met een KENNISGEVING wordt aangegeven hoe u vermijdt dat de hardware
beschadigd wordt of dat er gegevens verloren gaan.
LET OP: met LET OP wordt aangegeven dat handelingen schade aan eigendommen,
persoonlijk letsel of de dood tot gevolg kunnen hebben.
De informatie in dit document kan zonder kennisgeving worden gewijzigd.
© 2010 Dell Inc. Alle rechten voorbehouden.
Elke vorm van reproductie zonder schriftelijke toestemming van Dell Inc. is ten strengste verboden.
Handelsmerken die in deze tekst worden gebruikt: Dell, het DELL-logo en OpenManage zijn handelsmerken van Dell Inc.
Microsoft en Windows zijn gedeponeerde handelsmerken van Microsoft Corporation in de Verenigde Staten en/of andere landen.
Windows Vista is een handelsmerk of een gedeponeerd handelsmerk van Microsoft Corporation in de Verenigde Staten en/of in
andere landen.
Linux is het gedeponeerde handelsmerk van Linus Torvalds in de Verenigde Staten en andere landen. SuSE is een handelsmerk
van Novell, Inc. in de Verenigde Staten en andere landen. Red Hat is een handelsmerk van Red Hat, Inc. Debian is een
gedeponeerde handelsmerk van Software in the Public Interest, Inc. en wordt beheerd door het Debian-project. Linspire is een
handelsmerk van Linspire, Inc. Ubuntu is een handelsmerk van Canonical Limited. Red Flag is een handelsmerk van Red Flag
Software Co., Ltd.
Macintosh en Mac OS zijn handelsmerken van Apple Inc., gedeponeerd in de Verenigde Staten en andere landen.
Andere handelsmerken en handelsnamen kunnen in dit document worden gebruikt om te verwijzen naar onderdelen met daarop
aanduidingen van merken en namen, of bijbehorende producten. Dell Inc. maakt geen aanspraak op handelsmerken of -namen
van derden.
UNITED STATES GOVERNMENT RESTRICTED RIGHTS
Op deze software en documentatie zijn BEPERKTE RECHTEN van toepassing. Op gebruik, vermenigvuldiging of verspreiding door
de overheid van de Verenigde Staten zijn de beperkingen van toepassing zoals vastgelegd in subartikel (c)(1)(ii) van de "Rights
in Technical Data and Computer Software"-clausule onder DFARS 252.227-7013 en in de toepasselijke FAR-bepalingen: Dell Inc.,
One Dell Way, Round Rock, Texas, 78682, USA.
Model 2330d/dn and 2350d/dn
Juli 2010 SRV HX750 Rev. A03
Informatiebronnen
Informatie zoeken over de printer
Gewenste informatie
Bron
De printer instellen
Poster Printer instellen
Veiligheidsinformatie voordat u begint met
printen
Informatie over regelgeving
Garantieverklaring
Productinformatiegids
Ondersteunde papiersoorten en -formaten
Afdrukmateriaal selecteren en opslaan
Afdrukmateriaal plaatsen
Printerinstellingen configureren
De printersoftware installeren en gebruiken
De printer onderhouden
Problemen oplossen
Gebruikershandleiding
Software en stuurprogramma's - Officiële
stuurprogramma's voor uw printer en
installatietoepassingen voor de Dell™
printersoftware
Leesmij-bestanden - Veranderingen op
technisch gebied of geavanceerd technisch
referentiemateriaal voor ervaren gebruikers
of technici
Cd Software en documentatie
OPMERKING: Als u tegelijkertijd een Dell computer
en printer hebt aangeschaft, zijn de
printerstuurprogramma's en hulpprogramma's al
geïnstalleerd.
Gewenste informatie
Bron
Express-servicecode en -nummer
Bepaal welke printer u hebt voordat u de
website support.dell.com bezoekt of contact
opneemt met de technische ondersteuning.
De Express-servicecode vinden zodat u door
wordt verbonden wanneer u contact opneemt
met de technische ondersteuning
Express-servicecode en -nummer
Deze labels staan op uw printer.
Op de volgende afbeelding wordt de locatie van het
label op de printer aangegeven.
Voor meer informatie over de plaats waar u ze kunt
vinden, gaat u naar Informatie over
printeronderdelen.
Oplossingen - Hints en tips voor het oplossen
van problemen, veelgestelde vragen,
documentatie, stuurprogramma's downloaden
en upgrades voor het product
Upgrades - Informatie over upgrades van
onderdelen als geheugen, netwerkkaarten en
optionele apparatuur
Klantenservice - Contactinformatie,
servicetelefoon en bestelstatus, garantie en
informatie over reparaties
Dell Website voor ondersteuning - support.dell.com
OPMERKING: Selecteer uw regio of bedrijfssector
om de betreffende ondersteuningswebsite te
bekijken.
Supplies voor mijn printer
Accessoires voor mijn printer
Tonercartridges en reserveonderdelen voor
mijn printer
Dell Website voor printersupplies -
www.dell.com/supplies
U kunt uw printersupplies online, per telefoon of bij
bepaalde detailhandels aanschaffen.
Express-servicecode en -nummer
Bepaal welke printer u hebt voordat u de
website support.dell.com bezoekt of contact
opneemt met de technische ondersteuning.
De Express-servicecode vinden zodat u door
wordt verbonden wanneer u contact opneemt
met de technische ondersteuning
Express-servicecode en -nummer
Deze labels staan op uw printer.
Op de volgende afbeelding wordt de locatie van het
label op de printer aangegeven.
Voor meer informatie over de plaats waar u ze kunt
vinden, gaat u naar Informatie over
printeronderdelen.
Oplossingen - Hints en tips voor het oplossen
van problemen, veelgestelde vragen,
documentatie, stuurprogramma's downloaden
en upgrades voor het product
Upgrades - Informatie over upgrades van
onderdelen als geheugen, netwerkkaarten en
optionele apparatuur
Klantenservice - Contactinformatie,
servicetelefoon en bestelstatus, garantie en
informatie over reparaties
Dell Website voor ondersteuning - support.dell.com
OPMERKING: Selecteer uw regio of bedrijfssector
om de betreffende ondersteuningswebsite te
bekijken.
Supplies voor mijn printer
Accessoires voor mijn printer
Tonercartridges en reserveonderdelen voor
mijn printer
Dell Website voor printersupplies -
www.dell.com/supplies
U kunt uw printersupplies online, per telefoon of bij
bepaalde detailhandels aanschaffen.
Over de printer
Informatie over printeronderdelen
Informatie over het bedieningspaneel
De juiste kabel kiezen
Informatie over printeronderdelen
Onderdeel
Beschrijving
1
Vooruitvoer
Sleuf waaruit het papier de printer verlaat.
2de
twee
Verlengstuk van de
uitvoerlade
Ondersteuning voor het papier dat uit de printer komt.
3
Klep van universeellader
Klep om toegang te krijgen tot de universeellader.
4
Standaardlade (lade 1)
De standaardpapierlade voor 250 vel papier.
5
Optionele lader voor 550 vel
(lade 2)
Afzonderlijk verkrijgbare lade waarmee u de hoeveelheid wit
papier die uw printer kan bevatten, kunt verhogen.
6
Klep om toegang te krijgen tot
geheugen
Klep om toegang te krijgen tot het printergeheugen.
7
Ontgrendelingsknop
Knop waarmee u de voorklep van de printer kunt openen.
8
Bedieningspaneel
Paneel op de printer waarmee u afdruktaken kunt instellen.
9
Lade waarin u diverse soorten papier kunt laden, onder andere enveloppen.
10
Lade van
universeellader
Ondersteuning voor het papier dat in de universeellader wordt geladen.
11
Uitbreidingslade
Extra ondersteuning voor andere afdrukmedia dan papier, bijvoorbeeld
enveloppen, om te voorkomen dat deze media worden gebogen of gekreukeld.
12
Breedtegeleiders
Geleiders voor de afdrukmedia die in de universeellader zijn geladen.
13
Breedtegeleidertab
Verschuif de tab om de breedtegeleiders aan te passen.
Onderdeel
Beschrijving
14
Express service
code
Een reeks cijfers die uw printer identificeren wanneer u support.dell.com gebruikt
of contact opneemt met technische ondersteuning.
Geef de Express Service Code op om met de juiste afdeling te worden
doorverbonden als u contact opneemt met de technische ondersteuning.
OPMERKING: De Express Service Code is niet in alle landen beschikbaar.
15
Besteletiket voor
supplies
Voor informatie over waar u tonercartridges of papier kunt bestellen, gaat u naar
www.dell.com/supplies.
Onderdeel
Beschrijving
16
USB-poort
Hierop wordt de USB-kabel (los verkrijgbaar) aangesloten. Sluit het andere
uiteinde van de USB-kabel aan op de computer. Hiermee sluit u de printer
rechtstreeks aan op de computer.
17
Netwerkpoort (alleen
voor netwerkprinters)
Aansluiting voor de ethernetkabel (apart verkrijgbaar). Het andere uiteinde
van de ethernetkabel sluit u aan op de netwerkpoort. Hiermee sluit u de
printer aan op het netwerk.
18
Parallelle poort
Aansluiting voor de parallelle kabel (apart verkrijgbaar). Het andere
uiteinde van de parallelle kabel sluit u aan op de computer. Hiermee sluit u
de printer rechtstreeks aan op de computer.
19
Aansluiting voor het
netsnoer
Hiermee wordt de printer met het bijgeleverde, landspecifieke netsnoer
aangesloten op het stopcontact.
20
Aan-uitschakelaar
Schakelaar waarmee u de printer aan of uit zet.
21
Vergrendeling van
apparaat
Beveiligingsvergrendeling waarmee u de printer fysiek kunt vergrendelen.
22
Achteruitvoer
De klep waarlangs afdruktaken plat uit de printer kunnen komen, zoals
taken die op transparanten of karton zijn geprint.
Informatie over het bedieningspaneel
Het bedieningspaneel bestaat uit:
Stroomindicatielampje
LCD-display met twee regels
Zes knoppen
Onderdeel
Pictogram
Naar
1
Display
Hierop worden het aantal af te drukken exemplaren en
eventuele foutcodes weergegeven.
2de
twee
Knop Pijl naar links
Hiermee bladert u door menu's, submenu's of instellingen in het
scherm.
Hiermee gaat u naar de vorige of volgende optie. Met elke druk
op de knop gaat u naar het volgende of vorige item in de lijst of
selecteert u een andere instelling voor een menu-item.
3
Knop Terug (Back)
Hiermee kunt u terug naar het vorige scherm.
4
Knop Menu
Hiermee opent u het menu. Als u op de knop Menu drukt terwijl
een menu is geopend, gaat u naar het menuscherm op het
hoogste niveau terug.
OPMERKING:
De menu's zijn alleen beschikbaar als de printer in de stand
Gereed staat.
5
Knop
Stoppen/Annuleren
Hiermee annuleert u een actieve afdruktaak.
Hiermee sluit u een menu of submenu en gaat u terug naar het
standaardscherm.
6
Knop Pijl naar rechts
Hiermee bladert u door menu's, submenu's of instellingen in het
scherm.
Hiermee gaat u naar de vorige of volgende optie. Met elke druk
op de knop gaat u naar het volgende of vorige item in de lijst of
selecteert u een andere instelling voor een menu-item.
7
Knop Selecteren
(Select)
Hiermee selecteert u een item in een menu of submenu dat in
het scherm wordt weergegeven.
Hiermee verzendt u een gekozen waarde of instelling voor de
printer.
Onderdeel
Pictogram
Naar
8 indicatielampje
Dit lampje geeft de status van de printer aan:
Groen - de printer is niet actief of is niet gereed.
Knippert groen - de printer is bezig met opwarmen, het
verwerken van gegevens of afdrukken.
Oranje - de gebruiker moet iets doen.
De juiste kabel kiezen
De aansluitkabel van uw printer moet aan de volgende vereisten voldoen:
Verbinding Kabelcertificering
USB USB 2.0
Parallel IEEE-1284
10/100/1000 Ethernet CAT-5E
8
indicatielampje
Dit lampje geeft de status van de printer aan:
Groen - de printer is niet actief of is niet gereed.
Knippert groen - de printer is bezig met opwarmen, het
verwerken van gegevens of afdrukken.
Oranje - de gebruiker moet iets doen.
De juiste kabel kiezen
De aansluitkabel van uw printer moet aan de volgende vereisten voldoen:
Verbinding
Kabelcertificering
USB
USB 2.0
Parallel
IEEE-1284
10/100/1000 Ethernet
CAT-5E
Menu's op het bedieningspaneel
Menulijst
Menu Papier
Rapporten
Netwerk/poorten
Instellingen
Menulijst
Admin (Beheerder),
menu
Menu Papier
Rapporten
Netwerk/poorten
Instellingen
Vanuit de menulijst gebruikt u de pijltoetsen om door het hoofdmenu te bladeren.1.
Druk op de knop Selecteren .2.
Druk op de knop Pijl-rechts totdat de gewenste titel op het scherm verschijnt en druk op
Selecteren .
3.
Gebruik de pijltoetsen om door de beschikbare items in het menu te bladeren.4.
Als de gewenste instelling op het scherm verschijnt, drukt u op Selecteren om de instelling op te
slaan.
5.
Menu Papier
Hoofdmenu
Hoofdmenu
van modus
Hoofdmenu van modus
Menu Papier
Standaardbron
Lade <x>*
U-lader
Handm. invoer
Handm. invoer env.
Configuratie
U-lader
Cassette*
Handmatig
OPMERKING: Met de instelling Cassette configureert u de
universeellader als automatische papierbron.
Aangepaste
soorten
Aangepast soort <x> (waarbij x voor 1–6 staat)
Kringlooppapier
Formaat/soort
Lade <x>
U-lader
Handm. invoer
Handm. invoer envelop
*Standaardfabrieksinstelling
Hoofdmenu
Hoofdmenu
van modus
Hoofdmenu van modus
Papierstructuur
Normale* structuur
Structuur karton
Structuur transparant
Struct. kringl.pap.
Struct etiketten
Structuur bankpost
Structuur envelop
Structuur ruwe envelop
Structuur briefhoofd
Structuur voorbedrukt
Structuur gekleurd
Structuur licht
Structuur zwaar
Structuur ruw/katoen
Aangepast soort <x> structuur (waarbij x voor 1-6 staat)
*Standaardfabrieksinstelling
Hoofdmenu
Hoofdmenu
van modus
Hoofdmenu van modus
Papiergewicht
Normaal* gewicht
Gewicht karton
Gewicht transparanten
Gewicht kringl.pap.
Gewicht etiketten
Gewicht bankpost
Gewicht envelop
Gewicht briefhoofd
Gewicht voorbedrukt
Gewicht gekleurd
Gewicht licht
Gewicht zwaar
Gewicht ruw/katoen
Aangepast soort <x> gewicht (waarbij x voor 1-6 staat)
*Standaardfabrieksinstelling
Hoofdmenu
Hoofdmenu
van modus
Hoofdmenu van modus
Papier laden
Kringl.pap. plaatsen
Bankpostpapier laden
Briefhoofdpap. laden
Voorbedrukt laden
Gekleurd papier laden
Licht papier plaatsen
Zwaar papier plaatsen
Aangepast soort <x> plaatsen (waarbij x voor 1-6 staat)
*Standaardfabrieksinstelling
1.
Hoofdmenu
Hoofdmenu
van modus
Hoofdmenu van modus
Universal-
instelling
Maateenheden
Breedte Staand
Hoogte Staand
Invoerrichting
*Standaardfabrieksinstelling
Vanuit de menulijst gebruikt u de pijltoetsen om door het menu Papier te bladeren.1.
Druk op de knop Selecteren .2.
Druk op de knop Pijl-rechts totdat de gewenste titel op het scherm verschijnt en druk op
Selecteren .
3.
Gebruik de pijltoetsen om door de beschikbare items in het menu te bladeren.4.
Als de gewenste instelling op het scherm verschijnt, drukt u op Selecteren om de instelling op te
slaan.
5.
Hoofdmenu van papiermodus
Vanuit dit menu: U kunt:
Standaardbron Een
standaardpapierbron
instellen voor alle
afdruktaken.
Lade <x>*
U-lader
Handm. invoer
Handm. invoer
env.
OPMERKING: De
items voor de
standaardbron
verschillen
afhankelijk van het
type apparaat en de
hulpstukken en/of
supplies die op het
apparaat zijn
geïnstalleerd. De
Universal-
instelling
Maateenheden
Breedte Staand
Hoogte Staand
Invoerrichting
*Standaardfabrieksinstelling
Vanuit de menulijst gebruikt u de pijltoetsen om door het menu Papier te bladeren.1.
Druk op de knop Selecteren .2.
Druk op de knop Pijl-rechts totdat de gewenste titel op het scherm verschijnt en druk op
Selecteren .
3.
Gebruik de pijltoetsen om door de beschikbare items in het menu te bladeren.4.
Als de gewenste instelling op het scherm verschijnt, drukt u op Selecteren om de instelling op te
slaan.
5.
Hoofdmenu van papiermodus
Vanuit dit menu:
U kunt:
Standaardbron
Een
standaardpapierbron
instellen voor alle
afdruktaken.
Lade <x>*
U-lader
Handm. invoer
Handm. invoer
env.
OPMERKING: De
items voor de
standaardbron
verschillen
afhankelijk van het
type apparaat en de
hulpstukken en/of
supplies die op het
apparaat zijn
geïnstalleerd. De
instellingen voor
Formaat en Soort
worden
geconfigureerd voor
elke Standaardbron
die onder
Ladeconfiguratie is
vermeld.
Configuratie U-lader
Bepalen wanneer de
printer papier voor
de universeellader
selecteert en de
werkwijze van de
universeellader
bepalen.
Cassette*:
behandelt de
universeellader
op dezelfde
wijze als elke
andere lade.
Als voor een
afdruktaak een
formaat of
soort wordt
gevraagd dat
alleen in de
universeellader
aanwezig is,
gebruikt de
printer
afdrukmateriaal
*Standaardfabrieksinstelling
Vanuit dit menu:
U kunt:
afdrukmateriaal
uit de
universeellader
voor de taak.
Handmatig:
behandelt de
universeellader
als een lade
voor
handmatige
invoer. Vul
handm. invoer
wordt
weergegeven
als één vel
afdrukmateriaal
in de
universeellader
moet worden
gelegd.
OPMERKING: Met
de instelling
Cassette
configureert u de
universeellader als
automatische
papierbron.
Aangepaste soorten De soort
afdrukmateriaal
opgeven voor elk
van de beschikbare
aangepaste soorten
in het menu
Papiersoort.
Aangepast
soort <x>
(waarbij x
voor 1–6
staat)
Kringlooppapier
*Standaardfabrieksinstelling
Formaat/soort
Vanuit dit menu: U kunt:
Formaat lade <x> Het standaardformaat
voor elke invoerlade
bepalen.
A4* (niet-VS)
A5
A6
B5 (JIS)
afdrukmateriaal
uit de
universeellader
voor de taak.
Handmatig:
behandelt de
universeellader
als een lade
voor
handmatige
invoer. Vul
handm. invoer
wordt
weergegeven
als één vel
afdrukmateriaal
in de
universeellader
moet worden
gelegd.
OPMERKING: Met
de instelling
Cassette
configureert u de
universeellader als
automatische
papierbron.
Aangepaste soorten
De soort
afdrukmateriaal
opgeven voor elk
van de beschikbare
aangepaste soorten
in het menu
Papiersoort.
Aangepast
soort <x>
(waarbij x
voor 1–6
staat)
Kringlooppapier
*Standaardfabrieksinstelling
Formaat/soort
Vanuit dit menu:
U kunt:
Formaat lade <x>
Het standaardformaat
voor elke invoerlade
bepalen.
A4* (niet-VS)
A5
A6
B5 (JIS)
Letter* (VS)
Legal
Executive
Folio
Statement
Universal
OPMERKING:
Zie Universal-
instelling voor
meer
informatie.
Soort lade <x>
De soort
afdrukmateriaal in
elke invoerlade
bepalen.
Normaal*
papier
Transparanten
Etiketten
Bankpost
Briefhoofd
Voorbedrukt
papier
Gekleurd papier
Licht papier
Zwaar papier
Ruw/katoen
Kringlooppapier
Aangepast soort
<x> (waarbij x
voor 1–6 staat)
Formaat U-lader
Het formaat van het
afdrukmateriaal in de
universeellader
bepalen.
A4* (niet-VS)
A5
A6
B5 (JIS)
*Standaardfabrieksinstelling
Vanuit dit menu:
U kunt:
Letter* (VS)
Legal
Executive
Folio
Statement
Universal
OPMERKING:
Zie Universal-
instelling voor
meer
informatie.
7 3/4-envelop
9-envelop
10-envelop
B5-envelop
C5-envelop
DL-envelop
Andere envelop
Soort U-lader De soort van het
afdrukmateriaal in de
universeellader
bepalen.
Norm. papier
Karton
Transparanten
Kringlooppapier
Etiketten
Bankpost
Briefhoofd
Voorbedrukt
papier
Gekleurd papier
Envelop
Ruwe envelop
Licht papier
Zwaar papier
Ruw/katoen
Aangepast soort
<x> (waarbij x
voor 1–6 staat)
OPMERKING:
Aangepast soort 6 is
de
standaardpapiersoort.
Papierformaat handm. invoer Het formaat bepalen
van het
afdrukmateriaal dat
handmatig in de
Letter* (VS)
Legal
Executive
Folio
Statement
Universal
OPMERKING:
Zie Universal-
instelling voor
meer
informatie.
7 3/4-envelop
9-envelop
10-envelop
B5-envelop
C5-envelop
DL-envelop
Andere envelop
Soort U-lader
De soort van het
afdrukmateriaal in de
universeellader
bepalen.
Norm. papier
Karton
Transparanten
Kringlooppapier
Etiketten
Bankpost
Briefhoofd
Voorbedrukt
papier
Gekleurd papier
Envelop
Ruwe envelop
Licht papier
Zwaar papier
Ruw/katoen
Aangepast soort
<x> (waarbij x
voor 1–6 staat)
OPMERKING:
Aangepast soort 6 is
de
standaardpapiersoort.
Papierformaat handm. invoer
Het formaat bepalen
van het
afdrukmateriaal dat
handmatig in de
*Standaardfabrieksinstelling
Vanuit dit menu:
U kunt:
handmatig in de
universeellader is
geplaatst.
A4* (niet-VS)
A5
A6
B5 (JIS)
Letter* (VS)
Legal
Executive
Folio
Statement
Universal
OPMERKING:
Zie Universal-
instelling voor
meer
informatie.
Papiersoort handm. invoer De soort bepalen van
het afdrukmateriaal
dat handmatig in de
universeellader is
geplaatst.
Normaal*
papier
Karton
Transparanten
Kringlooppapier
Etiketten
Bankpost
Briefhoofd
Voorbedrukt
papier
Gekleurd papier
Licht papier
Zwaar papier
Ruw/katoen
Aangepast soort
<x> (waarbij x
voor 1–6 staat)
Duplex-formaat Het formaat bepalen
van het
afdrukmateriaal dat is
geladen voor
geïntegreerd
dubbelzijdig
afdrukken.
A4*
handmatig in de
universeellader is
geplaatst.
A4* (niet-VS)
A5
A6
B5 (JIS)
Letter* (VS)
Legal
Executive
Folio
Statement
Universal
OPMERKING:
Zie Universal-
instelling voor
meer
informatie.
Papiersoort handm. invoer
De soort bepalen van
het afdrukmateriaal
dat handmatig in de
universeellader is
geplaatst.
Normaal*
papier
Karton
Transparanten
Kringlooppapier
Etiketten
Bankpost
Briefhoofd
Voorbedrukt
papier
Gekleurd papier
Licht papier
Zwaar papier
Ruw/katoen
Aangepast soort
<x> (waarbij x
voor 1–6 staat)
Duplex-formaat
Het formaat bepalen
van het
afdrukmateriaal dat is
geladen voor
geïntegreerd
dubbelzijdig
afdrukken.
A4*
*Standaardfabrieksinstelling
Vanuit dit menu:
U kunt:
Letter
Legal
Oficio
Folio
Universal
Duplex-soort De soort bepalen van
het afdrukmateriaal
dat is geladen voor
geïntegreerd
dubbelzijdig
afdrukken.
Normaal*
Kringlooppapier
Bankpost
Briefhoofd
Voorbedrukt
papier
Gekleurd papier
Licht papier
Zwaar papier
Ruw/katoen
Aangepast soort
<x> (waarbij x
voor 1–6 staat)
Envelopformaat handm. invoer Het envelopformaat
bepalen dat
handmatig is
geplaatst.
7 3/4-envelop
9-envelop
10-envelop*
(V.S.)
B5-envelop
C5-envelop
DL-envelop*
(niet-VS)
Andere envelop
Envelopsoort handm. invoer De soort envelop
bepalen die
handmatig is
geplaatst.
Envelop*
Ruwe envelop
Aangepast soort
<x> (waarbij x
voor 1–6 staat)
*Standaardfabrieksinstelling
Letter
Legal
Oficio
Folio
Universal
Duplex-soort
De soort bepalen van
het afdrukmateriaal
dat is geladen voor
geïntegreerd
dubbelzijdig
afdrukken.
Normaal*
Kringlooppapier
Bankpost
Briefhoofd
Voorbedrukt
papier
Gekleurd papier
Licht papier
Zwaar papier
Ruw/katoen
Aangepast soort
<x> (waarbij x
voor 1–6 staat)
Envelopformaat handm. invoer
Het envelopformaat
bepalen dat
handmatig is
geplaatst.
7 3/4-envelop
9-envelop
10-envelop*
(V.S.)
B5-envelop
C5-envelop
DL-envelop*
(niet-VS)
Andere envelop
Envelopsoort handm. invoer
De soort envelop
bepalen die
handmatig is
geplaatst.
Envelop*
Ruwe envelop
Aangepast soort
<x> (waarbij x
voor 1–6 staat)
*Standaardfabrieksinstelling
Papierstructuur
Vanuit dit
menu:
U kunt:
Normaal
Karton
Transparanten
Kringlooppapier
Etiketten
Bankpost
Envelop
Ruwe envelop
Briefhoofd
Voorbedrukt
papier
Gekleurd
Licht
Zwaar
Ruw/katoen
Aangepast <x>
(waarbij x voor
1-6 staat)
De relatieve structuur bepalen van het afdrukmateriaal dat in een
specifieke lade is geplaatst.
Normaal*
Ruw
Glad
*Standaardfabrieksinstelling
Papiergewicht
Vanuit dit
menu:
U kunt:
Normaal*
Karton
Transparanten
Kringlooppapier
Etiketten
Bankpost
Envelop
Ruwe envelop
Briefhoofd
Voorbedrukt
papier
Gekleurd
Licht
Zwaar
Ruw/katoen
Aangepast <x>
(waarbij x voor
1-6 staat)
Bepaal het relatieve gewicht van het afdrukmateriaal dat in een
specifieke invoerlade is geplaatst om te zorgen dat de toner goed aan de
afgedrukte pagina hecht.
Licht
Zwaar
Normaal*
*Standaardfabrieksinstelling
Papier laden
Vanuit dit
menu:
U kunt:
Kringlooppapier
Bankpost
Briefhoofd
Voorbedrukt
papier
Gekleurd
papier
Licht papier
Zwaar papier
Aangepast
soort <x>
(waarbij x voor
1–6 staat)
Bepalen of dubbelzijdig afdrukken plaatsvindt voor alle taken waarvoor
een soort afdrukmateriaal is opgegeven.
Duplex
Uit*
*Standaardfabrieksinstelling
Universal-instelling
Vanuit dit menu:
U kunt:
Maateenheden
De hoogte, breedte en
invoerrichting bepalen
van het universeel
papierformaat.
Inch* (VS)
Millimeter* (niet-
VS)
Breedte Staand
De staande breedte
instellen van het
universele
afdrukmateriaal.
3 – 14,17 inch
76–1219 mm
OPMERKING: Als
de ingestelde
waarde groter is
dan de maximale
breedte, gebruikt
de printer de
maximaal
toegestane
breedte.
*Standaardfabrieksinstelling
Vanuit dit menu:
U kunt:
OPMERKING: 8,5
inch is de
Amerikaanse
standaardinstelling.
Inches kunnen
worden verhoogd
in stappen van
0,01 inch.
OPMERKING:
216 mm is de
internationale
standaardinstelling.
Millimeters kunnen
worden verhoogd
in stappen van 1
mm.
Hoogte Staand De staande hoogte
instellen van het
universele
afdrukmateriaal.
3 – 14,17 inch
76–1219 mm
OPMERKING: Als
de ingestelde
waarde groter is
dan de maximale
hoogte, gebruikt de
printer de
maximaal
toegestane hoogte.
OPMERKING: In
de VS is de
standaardinstelling
14 inch. Inches
kunnen worden
verhoogd in
stappen van 0,01
inch.
OPMERKING:
356 mm is de
internationale
standaardinstelling.
Millimeters kunnen
worden verhoogd
in stappen van 1
mm.
Invoerrichting De invoerrichting van
het universele
papierformaat
OPMERKING: 8,5
inch is de
Amerikaanse
standaardinstelling.
Inches kunnen
worden verhoogd
in stappen van
0,01 inch.
OPMERKING:
216 mm is de
internationale
standaardinstelling.
Millimeters kunnen
worden verhoogd
in stappen van 1
mm.
Hoogte Staand
De staande hoogte
instellen van het
universele
afdrukmateriaal.
3 – 14,17 inch
76–1219 mm
OPMERKING: Als
de ingestelde
waarde groter is
dan de maximale
hoogte, gebruikt de
printer de
maximaal
toegestane hoogte.
OPMERKING: In
de VS is de
standaardinstelling
14 inch. Inches
kunnen worden
verhoogd in
stappen van 0,01
inch.
OPMERKING:
356 mm is de
internationale
standaardinstelling.
Millimeters kunnen
worden verhoogd
in stappen van 1
mm.
Invoerrichting
De invoerrichting van
het universele
papierformaat
*Standaardfabrieksinstelling
Vanuit dit menu:
U kunt:
papierformaat
opgeven.
Korte zijde*
Lange zijde
OPMERKING:
Invoerrichting wordt
alleen weergegeven als
de langste zijde van
het materiaal korter is
dan de maximale
fysieke breedte van de
printer.
*Standaardfabrieksinstelling
Rapporten
Modus Hoofdmenu van
modus
Rapporten Pagina Menu-
instellingen
Apparaatstatistieken
Pag. Netwerkinstell.
Profielenlijst
Lettertypen
afdrukken
Directory afdrukken
Asset Report
(Activarapport)
Vanuit de menulijst gebruikt u de pijltoetsen om door het menu Rapporten te bladeren.1.
Druk op de knop Selecteren .2.
Druk op de knop Pijl-rechts totdat de gewenste titel op het scherm verschijnt en druk op
Selecteren .
3.
Gebruik de pijltoetsen om door de beschikbare items in het menu te bladeren.4.
5.
papierformaat
opgeven.
Korte zijde*
Lange zijde
OPMERKING:
Invoerrichting wordt
alleen weergegeven als
de langste zijde van
het materiaal korter is
dan de maximale
fysieke breedte van de
printer.
*Standaardfabrieksinstelling
Rapporten
Modus
Hoofdmenu van
modus
Rapporten
Pagina Menu-
instellingen
Apparaatstatistieken
Pag. Netwerkinstell.
Profielenlijst
Lettertypen
afdrukken
Directory afdrukken
Asset Report
(Activarapport)
Vanuit de menulijst gebruikt u de pijltoetsen om door het menu Rapporten te bladeren.1.
Druk op de knop Selecteren .2.
Druk op de knop Pijl-rechts totdat de gewenste titel op het scherm verschijnt en druk op
Selecteren .
3.
Gebruik de pijltoetsen om door de beschikbare items in het menu te bladeren.4.
5.
4.
Als de gewenste instelling op het scherm verschijnt, drukt u op Selecteren om de instelling op te
slaan.
5.
Menu:
Met de MFP kunt u:
Pagina Menu-instellingen
Informatie weergeven
over:
Huidige instellingen
van menu-items in
alle menu's
Cartridge-informatie
Een lijst met
geïnstalleerde opties
en functies
Apparaatstatistieken
Informatie bekijken over:
Taakgegevens
Gegevens supplies
Printer
USB Direct
OPMERKING: De details
die op deze pagina worden
weergegeven, verschillen
voor elk type apparaat.
Pag. Netwerkinstell.
Een overzicht bekijken van
belangrijke
afdrukserverinformatie
(zoals hardwareadressen,
firmwarerevisieniveau,
protocolinstellingen
enzovoort).
Op de pagina worden
specifieke details over de
apparaten weergegeven:
Standaardnetwerkkaart
Instellingen voor de
geïntegreerde
netwerkoptie
TCP/IP
IPv6
OPMERKING: Het veld
Compi: dat op dit scherm
verschijnt, is altijd
Engelstalig, ongeacht de
waarde voor Display van
het apparaat.
Menu:
Met de MFP kunt u:
Profielenlijst Profielen die in de printer
zijn opgeslagen bekijken.
Lettertypen afdrukken Een voorbeeld afdrukken
van alle beschikbare
lettertypen voor de
printertaal die momenteel
in de printer is ingesteld.
PCL-lettertypen
PS-lettertypen
Directory afdrukken Een lijst bekijken met
bronnen die zijn
opgeslagen in het
gebruikersgebied van de
flash- en schijfopties.
OPMERKING: De pagina
Directory afdrukken wordt
alleen weergegeven
wanneer een niet-defecte
flash-optie of een niet-
defecte schijfoptie is
geïnstalleerd en
geformatteerd.
Asset Report (Activarapport) De activagegevens van de
printer beheren (zoals
serienummer, modelnaam
enzovoort)
Netwerk/poorten
Modus Hoofdmenu
van modus
Netwerk/Poort Active NIC
(Actieve
NIC)
Menu
Netwerk
Menu USB
Menu
Parallel
Actieve NIC-modus
Hoofdmenu Hoofdmenu van
modus
Profielenlijst
Profielen die in de printer
zijn opgeslagen bekijken.
Lettertypen afdrukken
Een voorbeeld afdrukken
van alle beschikbare
lettertypen voor de
printertaal die momenteel
in de printer is ingesteld.
PCL-lettertypen
PS-lettertypen
Directory afdrukken
Een lijst bekijken met
bronnen die zijn
opgeslagen in het
gebruikersgebied van de
flash- en schijfopties.
OPMERKING: De pagina
Directory afdrukken wordt
alleen weergegeven
wanneer een niet-defecte
flash-optie of een niet-
defecte schijfoptie is
geïnstalleerd en
geformatteerd.
Asset Report (Activarapport)
De activagegevens van de
printer beheren (zoals
serienummer, modelnaam
enzovoort)
Netwerk/poorten
Modus
Hoofdmenu
van modus
Netwerk/Poort
Active NIC
(Actieve
NIC)
Menu
Netwerk
Menu USB
Menu
Parallel
Actieve NIC-modus
Hoofdmenu
Hoofdmenu van
modus
Active NIC (Actieve NIC)
Auto*
Standaardnetwerk
* Standaardinstelling
Netwerkmodus
Hoofdmenu
Hoofdmenu van
modus
Netwerk
PCL SmartSwitch
PS SmartSwitch
NPA-modus
Netwerkbuffer
MAC binair PS
Netwerkinstallatie
Een submenu Netwerk wordt alleen weergegeven als het apparaat een standaardnetwerkkaart heeft of als
een aanvullende netwerkkaart is geïnstalleerd.
Gebruik het menu Netwerk om de printerinstellingen te wijzigen voor taken die via een netwerkpoort worden
verzonden (Std-Netwerk of Netwerkoptie <x> ).
Vanuit de menulijst gebruikt u de pijltoetsen om door het menu Netwerk te bladeren.1.
Druk op de knop Selecteren .2.
Druk op de knop Pijl-rechts totdat de gewenste titel op het scherm verschijnt en druk op
Selecteren .
3.
Gebruik de pijltoetsen om door de beschikbare items in het menu te bladeren.4.
Als de gewenste instelling op het scherm verschijnt, drukt u op Selecteren om de instelling op te
slaan.
5.
Hoofdmenu van netwerkmodus
Vanuit dit menu:
U kunt:
PCL SmartSwitch
Hiermee stelt u de
printer zo in dat deze
automatisch
overschakelt op PCL-
emulatie als dit door
een afdruktaak wordt
vereist, ongeacht de
standaardprintertaal.
Aan*
Uit
PS SmartSwitch
Hiermee stelt u de
printer zo in dat deze
automatisch
overschakelt op
PostScript-emulatie als
dit door een afdruktaak
wordt vereist, ongeacht
de standaardprintertaal.
Aan*
Uit
NPA-modus
Afdruktaken naar de
printer sturen en
tegelijkertijd informatie
over de status van de
printer opvragen.
Uit
Auto*
Netwerkbuffer
Hiermee kent u een
grootte toe aan de
netwerkinvoerbuffer.
Auto*
Uitgeschakeld
3K tot <maximum
toegestane
grootte> (in
stappen van 1K)
MAC binair PS
Hiermee configureert u
de printer voor de
verwerking van binaire
PostScript-emulatie-
afdruktaken van
Macintosh.
Uit
Aan
Auto*
* Standaardinstelling
Vanuit dit menu:
U kunt:
Standaardnetwerkinstelling Hiermee definieert u
basisnetwerkinstellingen
voor de printer.
Rapporten
Netwerkkaart
TCP/IP
IPv6
* Standaardinstelling
USB-modus
Modus Hoofdmenu van modus
USB PCL SmartSwitch
PS SmartSwitch
NPA-modus
USB-buffer
MAC binair PS
USB met ENA
OPMERKING: Is alleen
toepasbaar op Dell 3300
Wireless Print Adapter
(afzonderlijk verkocht).
Gebruik het menu USB om de printerinstellingen te wijzigen van taken die via een USB-poort worden
verstuurd.
Vanuit de menulijst gebruikt u de pijltoetsen om door het menu USB te bladeren.1.
Druk op de knop Selecteren .2.
Druk op de knop Pijl-rechts totdat de gewenste titel op het scherm verschijnt en druk op
Selecteren .
3.
Gebruik de pijltoetsen om door de beschikbare items in het menu te bladeren.4.
Als de gewenste instelling op het scherm verschijnt, drukt u op Selecteren om de instelling op te
slaan.
5.
Hoofdmenu van modus USB
Standaardnetwerkinstelling
Hiermee definieert u
basisnetwerkinstellingen
voor de printer.
Rapporten
Netwerkkaart
TCP/IP
IPv6
* Standaardinstelling
USB-modus
Modus
Hoofdmenu van modus
USB
PCL SmartSwitch
PS SmartSwitch
NPA-modus
USB-buffer
MAC binair PS
USB met ENA
OPMERKING: Is alleen
toepasbaar op Dell 3300
Wireless Print Adapter
(afzonderlijk verkocht).
Gebruik het menu USB om de printerinstellingen te wijzigen van taken die via een USB-poort worden
verstuurd.
Vanuit de menulijst gebruikt u de pijltoetsen om door het menu USB te bladeren.1.
Druk op de knop Selecteren .2.
Druk op de knop Pijl-rechts totdat de gewenste titel op het scherm verschijnt en druk op
Selecteren .
3.
Gebruik de pijltoetsen om door de beschikbare items in het menu te bladeren.4.
Als de gewenste instelling op het scherm verschijnt, drukt u op Selecteren om de instelling op te
slaan.
5.
Hoofdmenu van modus USB
Vanuit dit menu:
U kunt:
PCL SmartSwitch
Hiermee stelt u de
printer zo in dat
deze automatisch
overschakelt op PCL-
emulatie als dit door
een afdruktaak
wordt vereist,
ongeacht de
standaardprintertaal.
Aan*
Uit
PS SmartSwitch
Hiermee stelt u de
printer zo in dat
deze automatisch
overschakelt op
PostScript-emulatie
als dit door een
afdruktaak wordt
vereist, ongeacht de
standaardprintertaal.
Aan*
Uit
NPA-modus
Afdruktaken naar de
printer sturen en
tegelijkertijd
informatie over de
printerstatus
opvragen.
Uit
Auto*
USB-buffer
Hiermee kent u een
grootte toe aan de
USB-invoerbuffer.
Auto*
Uitgeschakeld
3K tot
<maximum
toegestane
grootte> (in
stappen van
1K)
MAC binair PS
Hiermee configureert
u de printer voor de
verwerking van
binaire PostScript-
emulatie-
afdruktaken van
* Standaardinstelling
Vanuit dit menu:
U kunt:
afdruktaken van
Macintosh.
Uit
Aan
Auto*
USB met ENA
ENA-adres:
hiermee stelt u
het ENA-adres
van de USB-
poort in
ENA-
netmasker:
hiermee stelt u
het ENA-
netmasker van
de USB-poort
in.
ENA-gateway:
hiermee stelt u
de ENA-
gateway van
de USB-poort
in.
OPMERKING:
IP-adres met 4
velden
(0.0.0.0*)
OPMERKING:
De instellingen
worden
weergegeven
wanneer een
ENA is
aangesloten.
OPMERKING:
Dit is alleen
toepasbaar op
Dell 3300
Wireless Print
Adapter
(afzonderlijk
verkocht).
* Standaardinstelling
Modus Parallel
Modus Hoofdmenu van modus
Parallel PCL SmartSwitch
PS SmartSwitch
NPA-modus
afdruktaken van
Macintosh.
Uit
Aan
Auto*
USB met ENA
ENA-adres:
hiermee stelt u
het ENA-adres
van de USB-
poort in
ENA-
netmasker:
hiermee stelt u
het ENA-
netmasker van
de USB-poort
in.
ENA-gateway:
hiermee stelt u
de ENA-
gateway van
de USB-poort
in.
OPMERKING:
IP-adres met 4
velden
(0.0.0.0*)
OPMERKING:
De instellingen
worden
weergegeven
wanneer een
ENA is
aangesloten.
OPMERKING:
Dit is alleen
toepasbaar op
Dell 3300
Wireless Print
Adapter
(afzonderlijk
verkocht).
* Standaardinstelling
Modus Parallel
Modus
Hoofdmenu van modus
Parallel
PCL SmartSwitch
PS SmartSwitch
Modus
Hoofdmenu van modus
NPA-modus
Parallelbuffer
Uitgebreide status
Protocol
INIT honoreren
Parallelle modus 2
MAC binair PS
Parallel met ENA
Gebruik het menu Parallel om de printerinstellingen te wijzigen voor taken die via een parallelle poort
worden verzonden.
Vanuit de menulijst gebruikt u de pijltoetsen om door het menu Parallel te bladeren.1.
Druk op de knop Selecteren .2.
Druk op de knop Pijl-rechts totdat de gewenste titel op het scherm verschijnt en druk op
Selecteren .
3.
Gebruik de pijltoetsen om door de beschikbare items in het menu te bladeren.4.
Als de gewenste instelling op het scherm verschijnt, drukt u op Selecteren om de instelling op te
slaan.
5.
Hoofdmenu van modus Parallel
Vanuit dit menu: U kunt:
PCL SmartSwitch Hiermee stelt u de
printer zo in dat
deze automatisch
overschakelt op PCL-
emulatie als dit door
een afdruktaak
wordt vereist,
ongeacht de
standaardprintertaal.
Aan*
Uit
PS SmartSwitch Hiermee stelt u de
NPA-modus
Parallelbuffer
Uitgebreide status
Protocol
INIT honoreren
Parallelle modus 2
MAC binair PS
Parallel met ENA
Gebruik het menu Parallel om de printerinstellingen te wijzigen voor taken die via een parallelle poort
worden verzonden.
Vanuit de menulijst gebruikt u de pijltoetsen om door het menu Parallel te bladeren.1.
Druk op de knop Selecteren .2.
Druk op de knop Pijl-rechts totdat de gewenste titel op het scherm verschijnt en druk op
Selecteren .
3.
Gebruik de pijltoetsen om door de beschikbare items in het menu te bladeren.4.
Als de gewenste instelling op het scherm verschijnt, drukt u op Selecteren om de instelling op te
slaan.
5.
Hoofdmenu van modus Parallel
Vanuit dit menu:
U kunt:
PCL SmartSwitch
Hiermee stelt u de
printer zo in dat
deze automatisch
overschakelt op PCL-
emulatie als dit door
een afdruktaak
wordt vereist,
ongeacht de
standaardprintertaal.
Aan*
Uit
PS SmartSwitch
Hiermee stelt u de
printer zo in dat
deze automatisch
overschakelt op PS-
emulatie als dit door
een afdruktaak
wordt vereist,
ongeacht de
standaardprintertaal.
Aan*
Uit
NPA-modus
Afdruktaken naar de
printer sturen en
tegelijkertijd
informatie over de
printerstatus
opvragen.
Uit
Auto*
Parallelbuffer
Hiermee kent u een
grootte toe aan de
parallelle
invoerbuffer.
Auto*
Uitgeschakeld
3K tot
<maximum
toegestane
grootte> (in
stappen van
1K)
Uitgebreide status
Hiermee schakelt u
bidirectionele
communicatie via de
parallelle poort in.
* Standaardinstelling
Vanuit dit menu:
U kunt:
Aan*
Uit
Protocol Geef het protocol
voor de parallelle
interface op.
Gegevens ontvangen
met een veel hogere
overdrachtsnelheid
als de printer is
ingesteld op
Fastbytes (mits de
computer Fastbytes
ondersteunt) of
gegevens ontvangen
op een normale
overdrachtsnelheid
als de printer is
ingesteld op
Standaard.
Standaard
Fastbytes*
INIT honoreren Hiermee stelt u vast
of de printer
hardware-
initialisatieverzoeken
van de computer
honoreert. De
computer dient een
initialisatieverzoek in
door het INIT-
signaal op de
parallelle interface te
activeren.
Veel computers
activeren het INIT-
signaal telkens
opnieuw als de
computer wordt aan-
of uitgezet.
Aan
Uit*
Parallelle modus 2 Bepalen of de
gegevens van de
parallelle poort
worden gesampled
aan de voorkant
(Aan) of aan de
achterkant (Uit) van
de strobe.
Aan*
Uit
Protocol
Geef het protocol
voor de parallelle
interface op.
Gegevens ontvangen
met een veel hogere
overdrachtsnelheid
als de printer is
ingesteld op
Fastbytes (mits de
computer Fastbytes
ondersteunt) of
gegevens ontvangen
op een normale
overdrachtsnelheid
als de printer is
ingesteld op
Standaard.
Standaard
Fastbytes*
INIT honoreren
Hiermee stelt u vast
of de printer
hardware-
initialisatieverzoeken
van de computer
honoreert. De
computer dient een
initialisatieverzoek in
door het INIT-
signaal op de
parallelle interface te
activeren.
Veel computers
activeren het INIT-
signaal telkens
opnieuw als de
computer wordt aan-
of uitgezet.
Aan
Uit*
Parallelle modus 2
Bepalen of de
gegevens van de
parallelle poort
worden gesampled
aan de voorkant
(Aan) of aan de
achterkant (Uit) van
de strobe.
* Standaardinstelling
Vanuit dit menu:
U kunt:
Uit
Aan*
OPMERKING: Dit
menu wordt alleen
weergegeven als het
wordt ondersteund
door de parallelle
poort.
MAC binair PS Hiermee configureert
u de printer voor de
verwerking van
binaire PostScript-
emulatie-
afdruktaken van
Macintosh.
Uit
Aan
Auto*
Parallel met ENA
ENA-adres
ENA-netmasker
ENA-gateway
Configureer de
instellingen voor het
ENA-adres, het
netmasker en de
gateway van de
parallelle poort.
IP-adres van 4
velden (0.0.0.0*)
OPMERKING: Deze
instellingen worden
alleen weergegeven
als ENA via de
parallelle poort is
aangesloten.
* Standaardinstelling
Instellingen
Modus Hoofdmenu van modus
Instellingen Algemene instellingen
Menu Instellingen
Menu Afwerking
Menu Kwaliteit
Menu Extra
Uit
Aan*
OPMERKING: Dit
menu wordt alleen
weergegeven als het
wordt ondersteund
door de parallelle
poort.
MAC binair PS
Hiermee configureert
u de printer voor de
verwerking van
binaire PostScript-
emulatie-
afdruktaken van
Macintosh.
Uit
Aan
Auto*
Parallel met ENA
ENA-adres
ENA-netmasker
ENA-gateway
Configureer de
instellingen voor het
ENA-adres, het
netmasker en de
gateway van de
parallelle poort.
IP-adres van 4
velden (0.0.0.0*)
OPMERKING: Deze
instellingen worden
alleen weergegeven
als ENA via de
parallelle poort is
aangesloten.
* Standaardinstelling
Instellingen
Modus
Hoofdmenu van modus
Instellingen
Algemene instellingen
Menu Instellingen
Menu Afwerking
Menu Kwaliteit
Modus
Hoofdmenu van modus
Menu Extra
Menu PostScript
Menu PCL Emul
Modus Algemene instellingen
Hoofdmenu Hoofdmenu van
modus
Algemene instellingen Taal op display
Eerste installatie
uitvoeren
Alarmen
Time-outs
Afdrukherstel
Fabrieksinstellingen
Vanuit de menulijst gebruikt u de pijltoetsen om door het menu Algemene instellingen te
bladeren.
1.
Druk op de knop Selecteren .2.
Druk op de knop Pijl-rechts totdat de gewenste titel op het scherm verschijnt en druk op
Selecteren .
3.
Gebruik de pijltoetsen om door de beschikbare items in het menu te bladeren.4.
Als de gewenste instelling op het scherm verschijnt, drukt u op Selecteren om de instelling op te
slaan.
5.
Hoofdmenu van modus Algemene instellingen
Vanuit dit menu: U kunt:
Taal op display De taal van de tekst op het display
selecteren.
English*
Arabisch
Portugees (Brazilië)
Czech
Menu Extra
Menu PostScript
Menu PCL Emul
Modus Algemene instellingen
Hoofdmenu
Hoofdmenu van
modus
Algemene instellingen
Taal op display
Eerste installatie
uitvoeren
Alarmen
Time-outs
Afdrukherstel
Fabrieksinstellingen
Vanuit de menulijst gebruikt u de pijltoetsen om door het menu Algemene instellingen te
bladeren.
1.
Druk op de knop Selecteren .2.
Druk op de knop Pijl-rechts totdat de gewenste titel op het scherm verschijnt en druk op
Selecteren .
3.
Gebruik de pijltoetsen om door de beschikbare items in het menu te bladeren.4.
Als de gewenste instelling op het scherm verschijnt, drukt u op Selecteren om de instelling op te
slaan.
5.
Hoofdmenu van modus Algemene instellingen
Vanuit dit menu:
U kunt:
Taal op display
De taal van de tekst op het display
selecteren.
English*
Arabisch
Portugees (Brazilië)
Czech
Deens
Nederlands
Fins
French (Frans)
German (Duits)
Grieks
Hebrew
Iberisch Portugees
Italian (Italiaans)
Japans (Kanji)
Noors
Pools
Russian
Simplified Chinese
Spaans
Zweeds
Türkçe (Turks)
Eerste installatie uitvoeren
Een installatiewizard starten als de
printer wordt ingeschakeld.
Ja*
Nee
Alarmen
Een alarm instellen dat klinkt
wanneer de gebruiker moet
ingrijpen.
Cartridge-alarm
Uit*
Eén keer
Time-outs
Instellen na hoeveel minuten
inactiviteit het systeem
overschakelt op de stand-
bymodus.
Energiebesparingsmodus
Uitgeschakeld
1–240 minuten
60 minuten*
*Standaardfabrieksinstelling
Vanuit dit menu:
U kunt:
Time-out scherm
15*–300 seconden
Afdruktime-out
Uitgeschakeld
1–255 seconden
90 seconden*
Wachttime-out
Uitgeschakeld
15–65.535 seconden
40 seconden*
Time-out netwerktaken
Uitgeschakeld
10–255 seconden
90 seconden*
Afdrukherstel Opgeven of de printer doorgaat na
bepaalde offline situaties, of
vastgelopen pagina's opnieuw
worden afgedrukt en of de printer
wacht totdat de hele pagina is
verwerkt en gereed is voor
afdrukken.
Auto doorgaan
Uitgeschakeld*
5–255 seconden
Herstel na storing
Aan
Uit
Auto*
Paginabeveiliging
Aan
Uit*
Fabrieksinstellingen Desbetreffende fabrieksinstellingen
terugzetten.
Niet herstellen*
Nu herstellen
*Standaardfabrieksinstelling
Time-out scherm
15*–300 seconden
Afdruktime-out
Uitgeschakeld
1–255 seconden
90 seconden*
Wachttime-out
Uitgeschakeld
15–65.535 seconden
40 seconden*
Time-out netwerktaken
Uitgeschakeld
10–255 seconden
90 seconden*
Afdrukherstel
Opgeven of de printer doorgaat na
bepaalde offline situaties, of
vastgelopen pagina's opnieuw
worden afgedrukt en of de printer
wacht totdat de hele pagina is
verwerkt en gereed is voor
afdrukken.
Auto doorgaan
Uitgeschakeld*
5–255 seconden
Herstel na storing
Aan
Uit
Auto*
Paginabeveiliging
Aan
Uit*
Fabrieksinstellingen
Desbetreffende fabrieksinstellingen
terugzetten.
Niet herstellen*
Nu herstellen
*Standaardfabrieksinstelling
Modus Inst.
Hoofdmenu
Hoofdmenu van
modus
Instellen
Printertaal
Afdrukgebied
Downloadbestemming
Bronnen opslaan
Vanuit de menulijst gebruikt u de pijltoetsen om door het menu Instellingen te bladeren.1.
Druk op de knop Selecteren .2.
Druk op de knop Pijl-rechts totdat de gewenste titel op het scherm verschijnt en druk op
Selecteren .
3.
Gebruik de pijltoetsen om door de beschikbare items in het menu te bladeren.4.
Als de gewenste instelling op het scherm verschijnt, drukt u op Selecteren om de instelling op te
slaan.
5.
Gebruik het menu Instellingen om te bepalen hoe de printer een regeleinde behandelt afhankelijk van het
computersysteem dat wordt gebruikt.
Hoofdmenu van modus Instellen
Vanuit dit menu:
U kunt:
Printertaal
De
standaardprintertaal
instellen voor het
versturen van
gegevens van de
computer naar de
printer.
PS-emulatie
PCL-emulatie*
*Standaardfabrieksinstelling
Vanuit dit menu:
U kunt:
Afdrukgebied Het logische en
fysieke afdrukbare
gebied aanpassen.
Normaal*
Hele pagina
Downloadbestemming De opslaglocatie voor
geladen bronnen
bepalen.
RAM*
Flash
OPMERKING:
Downloadbestemming
wordt alleen
weergegeven als
flash-optie is
geïnstalleerd.
Bronnen opslaan Opgeven of alle
permanent
gedownloade
bronnen, zoals
lettertypen en
macro's die zijn
opgeslagen in RAM,
worden opgeslagen
als voor een
afdruktaak
onvoldoende
geheugen
beschikbaar is.
Uit*: de printer
bewaart de
gedownloade
bronnen tot het
geheugen nodig
is voor andere
taken. Zodra de
printer meer
geheugenruimte
vereist, worden
de bronnen
voor de
inactieve
printertaal
verwijderd.
Aan: de printer
bewaart alle
gedownloade
bronnen voor
alle printertalen
Afdrukgebied
Het logische en
fysieke afdrukbare
gebied aanpassen.
Normaal*
Hele pagina
Downloadbestemming
De opslaglocatie voor
geladen bronnen
bepalen.
RAM*
Flash
OPMERKING:
Downloadbestemming
wordt alleen
weergegeven als
flash-optie is
geïnstalleerd.
Bronnen opslaan
Opgeven of alle
permanent
gedownloade
bronnen, zoals
lettertypen en
macro's die zijn
opgeslagen in RAM,
worden opgeslagen
als voor een
afdruktaak
onvoldoende
geheugen
beschikbaar is.
Uit*: de printer
bewaart de
gedownloade
bronnen tot het
geheugen nodig
is voor andere
taken. Zodra de
printer meer
geheugenruimte
vereist, worden
de bronnen
voor de
inactieve
printertaal
verwijderd.
Aan: de printer
bewaart alle
gedownloade
bronnen voor
alle printertalen
*Standaardfabrieksinstelling
Vanuit dit menu:
U kunt:
alle printertalen
als de taal
wordt gewijzigd
en de printer
opnieuw wordt
ingesteld. Als
de printer
onvoldoende
geheugen heeft,
wordt het
bericht 38
Geheugen vol
weergegeven.
*Standaardfabrieksinstelling
Modus Afwerking
Hoofdmenu Hoofdmenu van modus
Afwerking Zijden (Duplex)
Duplex inbinden
Exemplaren
Lege pagina's
Sorteren
Scheidingsvellen
Bron scheidingspagina
N per vel (pagina's/zijde)
N per vel bestellen
Afdrukstand
N per vel Rand
In het menu Afwerking wordt de standaardafwerking voor alle afdruktaken weergegeven.
Vanuit de menulijst gebruikt u de pijltoetsen om door het menu Afwerking te bladeren.1.
Druk op de knop Selecteren .2.
Druk op de knop Pijl-rechts totdat de gewenste titel op het scherm verschijnt en druk op
Selecteren .
3.
Gebruik de pijltoetsen om door de beschikbare items in het menu te bladeren.4.
5.
alle printertalen
als de taal
wordt gewijzigd
en de printer
opnieuw wordt
ingesteld. Als
de printer
onvoldoende
geheugen heeft,
wordt het
bericht 38
Geheugen vol
weergegeven.
*Standaardfabrieksinstelling
Modus Afwerking
Hoofdmenu
Hoofdmenu van modus
Afwerking
Zijden (Duplex)
Duplex inbinden
Exemplaren
Lege pagina's
Sorteren
Scheidingsvellen
Bron scheidingspagina
N per vel (pagina's/zijde)
N per vel bestellen
Afdrukstand
N per vel Rand
In het menu Afwerking wordt de standaardafwerking voor alle afdruktaken weergegeven.
Vanuit de menulijst gebruikt u de pijltoetsen om door het menu Afwerking te bladeren.1.
Druk op de knop Selecteren .2.
Druk op de knop Pijl-rechts totdat de gewenste titel op het scherm verschijnt en druk op
Selecteren .
3.
Gebruik de pijltoetsen om door de beschikbare items in het menu te bladeren.4.
5.
4.
Als de gewenste instelling op het scherm verschijnt, drukt u op Selecteren om de instelling op te
slaan.
5.
Hoofdmenu van modus Afwerking
Vanuit dit
menu:
U kunt:
Zijden (Duplex)
Duplex (dubbelzijdig) afdrukken inschakelen.
1-zijdig*
2-zijdig
Duplex inbinden
Definiëren hoe dubbelzijdig afgedrukte pagina's worden
ingebonden en wat de afdrukstand is van de achterzijde van de
pagina in relatie tot de voorzijde van de pagina.
Lange zijde*
Korte zijde
Exemplaren
Een standaardaantal exemplaren opgeven voor elke afdruktaak.
1*–999
Lege pagina's
Definiëren of er lege pagina's in een afdruktaak worden
ingevoegd.
Niet afdrukken*
Afdrukken
Sorteren
De pagina's van een afdruktaak op volgorde houden als u
meerdere exemplaren afdrukt.
Aan: hiermee wordt de gehele afdruktaak zo vaak
afgedrukt als is opgegeven met de menuoptie voor
exemplaren. Als u bijvoorbeeld drie pagina's wilt afdrukken
en Exemplaren instelt op 2, worden de volgende pagina's
afgedrukt: pagina 1, pagina 2, pagina 3, pagina 1, pagina
2, pagina 3.
Uit*: hiermee drukt de printer elke pagina van een
afdruktaak zo vaak af als is opgegeven met het menu-item
Exemplaren. Als u bijvoorbeeld drie pagina's wilt afdrukken
en het aantal exemplaren instelt op 2, worden de volgende
pagina's afgedrukt: pagina 1, pagina 1, pagina 2, pagina 2,
pagina 3, pagina 3.
Scheidingsvellen
Instellen of er lege scheidingsvellen worden ingevoerd.
Geen*
Tussen exemplaren
Tussen taken
Tussen pagina's
Bron
scheidingspagina
De papierbron voor de scheidingsvellen opgeven.
Lade <x>*
* Standaardinstelling
Vanuit dit
menu:
U kunt:
U-lader
OPMERKING: In het menu Papier stelt u Configuratie U-lader
in op Cassette om U-lader als menu-instelling weer te geven.
N per vel
(pagina's/zijde)
Aangeven dat meerdere paginabeelden afgedrukt moeten
worden op één zijde van een vel papier.
Uit*
2 per vel
3 per vel
4 per vel
6 per vel
9 per vel
12 per vel
16 per vel
N per vel
bestellen
De positie van meerdere paginabeelden instellen als Multipage
Print (N/vel afdrukken) wordt gebruikt.
Horizontaal*
Verticaal
Omgekeerd horizon.
Omgekeerd verticaal
OPMERKING: De positie hangt af van het aantal afbeeldingen
en de afdrukstand van de afbeeldingen (staand of liggend).
Afdrukstand De afdrukstand instellen van een vel waarop meerdere pagina's
worden afgedrukt.
Auto*
Liggend
Staand
N per vel Rand Een rand afdrukken rond elk paginabeeld bij het afdrukken van
meerdere pagina’s op één vel.
Geen*
Effen
* Standaardinstelling
Modus Kwaliteit
Menu van modus Hoofdmenu van modus
Kwaliteit Afdrukresolutie
Pixelversterking
Tonerintensiteit
Fine Lines-verbet.
Grijscorrectie
U-lader
OPMERKING: In het menu Papier stelt u Configuratie U-lader
in op Cassette om U-lader als menu-instelling weer te geven.
N per vel
(pagina's/zijde)
Aangeven dat meerdere paginabeelden afgedrukt moeten
worden op één zijde van een vel papier.
Uit*
2 per vel
3 per vel
4 per vel
6 per vel
9 per vel
12 per vel
16 per vel
N per vel
bestellen
De positie van meerdere paginabeelden instellen als Multipage
Print (N/vel afdrukken) wordt gebruikt.
Horizontaal*
Verticaal
Omgekeerd horizon.
Omgekeerd verticaal
OPMERKING: De positie hangt af van het aantal afbeeldingen
en de afdrukstand van de afbeeldingen (staand of liggend).
Afdrukstand
De afdrukstand instellen van een vel waarop meerdere pagina's
worden afgedrukt.
Auto*
Liggend
Staand
N per vel Rand
Een rand afdrukken rond elk paginabeeld bij het afdrukken van
meerdere pagina’s op één vel.
Geen*
Effen
* Standaardinstelling
Modus Kwaliteit
Menu van modus
Hoofdmenu van modus
Kwaliteit
Afdrukresolutie
Pixelversterking
Tonerintensiteit
Fine Lines-verbet.
Menu van modus
Hoofdmenu van modus
Grijscorrectie
Helderheid
Contrast
Vanuit de menulijst gebruikt u de pijltoetsen om door het menu Kwaliteit te bladeren.1.
Druk op de knop Selecteren .2.
Druk op de knop Pijl-rechts totdat de gewenste titel op het scherm verschijnt en druk op
Selecteren .
3.
Gebruik de pijltoetsen om door de beschikbare items in het menu te bladeren.4.
Als de gewenste instelling op het scherm verschijnt, drukt u op Selecteren om de instelling op te
slaan.
5.
Hoofdmenu van modus Kwaliteit
Vanuit dit menu: U kunt:
Afdrukresolutie De resolutie instellen van
de afgedrukte uitvoer.
600 dpi*
1200 dpi
Beeldkwaliteit 1200
Beeldkwaliteit 2400
Pixelversterking Een in aanmerking
komend lettertype voor
een printer met hoge
resolutie opgeven en de
weergave mogelijk
maken van een
oppervlakkig voorbeeld
van hoe de pagina er
afgedrukt uitziet.
Uit*
Lettertypen
Horizontaal
Verticaal
Beide richtingen
Tonerintensiteit Afdrukken lichter of
Grijscorrectie
Helderheid
Contrast
Vanuit de menulijst gebruikt u de pijltoetsen om door het menu Kwaliteit te bladeren.1.
Druk op de knop Selecteren .2.
Druk op de knop Pijl-rechts totdat de gewenste titel op het scherm verschijnt en druk op
Selecteren .
3.
Gebruik de pijltoetsen om door de beschikbare items in het menu te bladeren.4.
Als de gewenste instelling op het scherm verschijnt, drukt u op Selecteren om de instelling op te
slaan.
5.
Hoofdmenu van modus Kwaliteit
Vanuit dit menu:
U kunt:
Afdrukresolutie
De resolutie instellen van
de afgedrukte uitvoer.
600 dpi*
1200 dpi
Beeldkwaliteit 1200
Beeldkwaliteit 2400
Pixelversterking
Een in aanmerking
komend lettertype voor
een printer met hoge
resolutie opgeven en de
weergave mogelijk
maken van een
oppervlakkig voorbeeld
van hoe de pagina er
afgedrukt uitziet.
Uit*
Lettertypen
Horizontaal
Verticaal
* Standaardinstelling
Vanuit dit menu:
U kunt:
Beide richtingen
Tonerintensiteit Afdrukken lichter of
donkerder maken en
toner besparen.
Bereiken 1–10
8*
Een lagere waarde
selecteren voor dunnere
lijnen, lichtere
grijstintafbeeldingen en
lichtere afdrukken.
Een hogere waarde
selecteren voor dikkere
lijnen of donkerdere
grijstinten in
afbeeldingen.
OPMERKING: Als u een
lager cijfer kiest,
bespaart u toner.
Fine Lines-verbet. Een afdrukmodus
inschakelen die speciaal
bedoeld is voor
bestanden met
nauwkeurige details,
zoals bouwkundige
tekeningen, kaarten,
stroomcircuitschema's en
stroomdiagrammen.
Uit*
Aan
OPMERKING: Deze
instelling is uitsluitend
beschikbaar in het PCL-
emulatiestuurprogramma,
het PostScript-
stuurprogramma of op de
Embedded Web Server op
de printer.
Grijscorrectie Automatisch de
contrastverbetering
aanpassen die is
toegepast op de
afgedrukte beelden.
Auto*
Uit
Beide richtingen
Tonerintensiteit
Afdrukken lichter of
donkerder maken en
toner besparen.
Bereiken 1–10
8*
Een lagere waarde
selecteren voor dunnere
lijnen, lichtere
grijstintafbeeldingen en
lichtere afdrukken.
Een hogere waarde
selecteren voor dikkere
lijnen of donkerdere
grijstinten in
afbeeldingen.
OPMERKING: Als u een
lager cijfer kiest,
bespaart u toner.
Fine Lines-verbet.
Een afdrukmodus
inschakelen die speciaal
bedoeld is voor
bestanden met
nauwkeurige details,
zoals bouwkundige
tekeningen, kaarten,
stroomcircuitschema's en
stroomdiagrammen.
Uit*
Aan
OPMERKING: Deze
instelling is uitsluitend
beschikbaar in het PCL-
emulatiestuurprogramma,
het PostScript-
stuurprogramma of op de
Embedded Web Server op
de printer.
Grijscorrectie
Automatisch de
contrastverbetering
aanpassen die is
toegepast op de
afgedrukte beelden.
Auto*
Uit
* Standaardinstelling
Vanuit dit menu:
U kunt:
Op elk object op de
afgedrukte pagina andere
grijswaarden toepassen.
Met Uit schakelt u
grijscorrectie uit.
Helderheid De grijswaarden van de
afgedrukte objecten
aanpassen.
-6 tot +6
0*
Contrast Het contrast van de
afgedrukte objecten
aanpassen.
0-5
0*
* Standaardinstelling
Modus Extra
Menu van
modus
Hoofdmenu van modus
Hulpprogramma's Hex Trace
Gebruik het menu Extra om printerproblemen op te lossen.
Vanuit de menulijst gebruikt u de pijltoetsen om door het menu Extra te bladeren.1.
Druk op de knop Selecteren .2.
Druk op de knop Pijl-rechts totdat de gewenste titel op het scherm verschijnt en druk op
Selecteren .
3.
Gebruik de pijltoetsen om door de beschikbare items in het menu te bladeren.4.
Als de gewenste instelling op het scherm verschijnt, drukt u op Selecteren om de instelling op te
slaan.
5.
Hoofdmenu van modus Extra
Vanuit dit menu: U kunt:
Op elk object op de
afgedrukte pagina andere
grijswaarden toepassen.
Met Uit schakelt u
grijscorrectie uit.
Helderheid
De grijswaarden van de
afgedrukte objecten
aanpassen.
-6 tot +6
0*
Contrast
Het contrast van de
afgedrukte objecten
aanpassen.
0-5
0*
* Standaardinstelling
Modus Extra
Menu van
modus
Hoofdmenu van modus
Hulpprogramma's
Hex Trace
Gebruik het menu Extra om printerproblemen op te lossen.
Vanuit de menulijst gebruikt u de pijltoetsen om door het menu Extra te bladeren.1.
Druk op de knop Selecteren .2.
Druk op de knop Pijl-rechts totdat de gewenste titel op het scherm verschijnt en druk op
Selecteren .
3.
Gebruik de pijltoetsen om door de beschikbare items in het menu te bladeren.4.
Als de gewenste instelling op het scherm verschijnt, drukt u op Selecteren om de instelling op te
slaan.
5.
Hoofdmenu van modus Extra
Vanuit dit menu:
U kunt:
Hex Trace
Bepalen of er een probleem is met de kabel of taal-
interpreter wanneer onverwachte tekens worden
afgedrukt of wordt geconstateerd dat tekens
ontbreken
Afdrukproblemen en hun bron isoleren
Bepalen welke informatie door de printer wordt
ontvangen
Modus PostScript
Menu van modus
Hoofdmenu van
modus
PostScript
PS-fout afdrukken
Voorkeurslettertype
Vanuit de menulijst gebruikt u de pijltoetsen om door het menu PostScript te bladeren.1.
Druk op de knop Selecteren .2.
Druk op de knop Pijl-rechts totdat de gewenste titel op het scherm verschijnt en druk op
Selecteren .
3.
Gebruik de pijltoetsen om door de beschikbare items in het menu te bladeren.4.
Als de gewenste instelling op het scherm verschijnt, drukt u op Selecteren om de instelling op te
slaan.
5.
Hoofdmenu van modus PostScript
Vanuit dit menu:
U kunt:
PS-fout afdrukken
Een pagina afdrukken die de PostScript-
emulatiefout bevat.
Aan
Uit*
Voorkeurslettertype
De volgorde instellen waarin de printer lettertypen
zoekt.
Intern*
* Standaardinstelling
Vanuit dit menu:
U kunt:
Flash
OPMERKING: Voorkeurslettertype wordt alleen
weergegeven wanneer een niet-gebrekkige, en
niet tegen schrijven of lezen/schrijven beveiligde
flash-optie in het apparaat is geïnstalleerd.
* Standaardinstelling
Modus PCL Emul
Menu van modus Hoofdmenu van modus
PCL Emul Lettertypebron
Lettertypenaam
Symbolenset
Instell. PCL-emulatie
Lade-nr. wijzigen
Vanuit de menulijst gebruikt u de pijltoetsen om door het menu PCL Emul te bladeren.1.
Druk op de knop Selecteren .2.
Druk op de knop Pijl-rechts totdat de gewenste titel op het scherm verschijnt en druk op
Selecteren .
3.
Gebruik de pijltoetsen om door de beschikbare items in het menu te bladeren.4.
Als de gewenste instelling op het scherm verschijnt, drukt u op Selecteren om de instelling op te
slaan.
5.
Hoofdmenu van modus PCL Emul
Vanuit dit menu: U kunt:
Lettertypebron De lettertypeset
instellen die wordt
gebruikt in het
menu-item
Lettertypenaam.
Intern*
Alles
Lettertypenaam Een specifiek
Flash
OPMERKING: Voorkeurslettertype wordt alleen
weergegeven wanneer een niet-gebrekkige, en
niet tegen schrijven of lezen/schrijven beveiligde
flash-optie in het apparaat is geïnstalleerd.
* Standaardinstelling
Modus PCL Emul
Menu van modus
Hoofdmenu van modus
PCL Emul
Lettertypebron
Lettertypenaam
Symbolenset
Instell. PCL-emulatie
Lade-nr. wijzigen
Vanuit de menulijst gebruikt u de pijltoetsen om door het menu PCL Emul te bladeren.1.
Druk op de knop Selecteren .2.
Druk op de knop Pijl-rechts totdat de gewenste titel op het scherm verschijnt en druk op
Selecteren .
3.
Gebruik de pijltoetsen om door de beschikbare items in het menu te bladeren.4.
Als de gewenste instelling op het scherm verschijnt, drukt u op Selecteren om de instelling op te
slaan.
5.
Hoofdmenu van modus PCL Emul
Vanuit dit menu:
U kunt:
Lettertypebron
De lettertypeset
instellen die wordt
gebruikt in het
menu-item
Lettertypenaam.
Intern*
Alles
Lettertypenaam
Een specifiek
lettertype en de
optie waarin het is
opgeslagen,
weergeven.
Bereik: R0* –
R90
Symbolenset
De symbolenset
voor elke
lettertypenaam
weergeven.
Standaard:
10U PC-8
Instell. PCL-emulatie
Puntgrootte
OPMERKING: Alleen voor PostScript-emulatie en typografische
lettertypen.
De puntgrootte
wijzigen van
schaalbare,
typografische
lettertypen.
1,00 -
1008,00 in
stappen van
0,25.
12,00*
Pitch
De lettertypepitch
toekennen voor
schaalbare
lettertypen met een
vaste tekenafstand
(monogespatieerd).
Bereik: 0,08 -
100,00 in
stappen van
0,01.
10,00*
Afdrukstand
De afdrukstand
instellen van tekst
en afbeeldingen op
*Standaardfabrieksinstelling
Vanuit dit menu:
U kunt:
en afbeeldingen op
de pagina.
Staand*
Liggend
Regels per pagina
Het aantal regels
toekennen dat per
pagina wordt
afgedrukt.
1–255
60*
A4-breedte
De printer instellen
op A4-
papierformaat.
198 mm*
203 mm
Automatisch HR na NR
Opgeven of de
printer automatisch
een harde return
(CR) moet geven
na de opdracht om
naar een nieuwe
regel te gaan (LF).
Aan
Uit*
Automatisch NR na HR
Aangeven of de
printer automatisch
een nieuwe regel
(NR) uitvoert na
een opdracht voor
een harde return
(HR).
Aan
Uit*
Lade-nr. wijzigen
Waarde U-lader
Waarde lade <x>
Waarde handm. invoer
Waarde env. (handm.)
De printer zodanig
configureren dat
deze werkt met
printersoftware of
toepassingen die
andere laden als
papierbron hebben
gedefinieerd.
200 = Uit*
0-199
en afbeeldingen op
de pagina.
Staand*
Liggend
Regels per pagina
Het aantal regels
toekennen dat per
pagina wordt
afgedrukt.
1–255
60*
A4-breedte
De printer instellen
op A4-
papierformaat.
198 mm*
203 mm
Automatisch HR na NR
Opgeven of de
printer automatisch
een harde return
(CR) moet geven
na de opdracht om
naar een nieuwe
regel te gaan (LF).
Aan
Uit*
Automatisch NR na HR
Aangeven of de
printer automatisch
een nieuwe regel
(NR) uitvoert na
een opdracht voor
een harde return
(HR).
Aan
Uit*
Lade-nr. wijzigen
Waarde U-lader
Waarde lade <x>
Waarde handm. invoer
Waarde env. (handm.)
De printer zodanig
configureren dat
deze werkt met
printersoftware of
toepassingen die
andere laden als
papierbron hebben
gedefinieerd.
200 = Uit*
0-199
*Standaardfabrieksinstelling
Vanuit dit menu:
U kunt:
Toon fabrieksinstell.
De
standaardinstelling
weergeven voor
elke invoerlade.
Std.instell. herstellen
Alle invoerlade-
instellingen
terugzetten naar de
standaardinstelling.
*Standaardfabrieksinstelling
Toon fabrieksinstell.
De
standaardinstelling
weergeven voor
elke invoerlade.
Std.instell. herstellen
Alle invoerlade-
instellingen
terugzetten naar de
standaardinstelling.
*Standaardfabrieksinstelling
Optionele hardware installeren
Optionele lader voor 550 vel installeren
Optionele geheugenkaart installeren
Optionele lader voor 550 vel installeren
Een optionele lader wordt onder de printer bevestigd. Een lader bestaat uit twee delen: een lade en een
standaard. De printer ondersteunt een optionele lader waarin maximaal 550 vellen papier kunnen worden
geplaatst.
LET OP: Als u de lader wilt installeren nadat u de printer gebruiksklaar hebt gemaakt, dient
u eerst de printer uit te zetten en het netsnoer los te koppelen.
Zet de printer uit.1.
Pak de lader uit en verwijder het verpakkingsmateriaal.2.
Plaats de lader op de locatie die u voor de printer hebt gekozen.
OPMERKING: Als u optioneel geheugen moet installeren, laat u ruimte vrij aan de rechterkant
van de printer.
3.
Lijn de openingen in de printer uit met de positioneringspunten op de lader en plaats de printer door
deze te laten zakken.
4.
4.
Zet de printer weer aan.5.
In Windows Vista
®
of hoger:
Klik op Configuratiescherm.a.
Klik op Hardware en geluiden.b.
Klik op Printers.c.
In Windows
®
XP en 2000:
Klik op Start Configuratiescherm.a.
Dubbelklik op Printers en andere hardware.b.
Dubbelklik op Printers en faxapparaten.c.
6.
Klik met de rechtermuisknop op het pictogram van uw Dell Laser Printer-model.7.
Klik op Eigenschappen.8.
9.
8.
Klik op Opties installeren.9.
Klik op Printer vragen.10.
Klik op OK.11.
Klik op OK en sluit vervolgens de map Printers.12.
Optionele geheugenkaart installeren
De systeemkaart heeft een connector voor een optionele geheugenkaart. De printer kan maximaal 160 MB
ondersteunen voor een niet-netwerkprinter en maximaal 288 MB voor een netwerkprinter. Het
printergeheugen van zowel netwerk- als niet-netwerkprinters kan alleen worden uitgebreid met
geheugenkaarten van 128 MB. De netwerkprinter kan ook worden bijgewerkt met geheugenkaarten van 256
MB.
LET OP: Als u een geheugenkaart wilt installeren nadat u de printer gebruiksklaar hebt
gemaakt, moet u eerst de printer uitzetten en het netsnoer loskoppelen.
Zet de printer uit.1.
Open de klep om toegang te krijgen tot het geheugen aan de rechterkant van de printer.
KENNISGEVING: Verwijder de geheugenkaart niet en raak de printer in de buurt van de
geheugenkaart niet aan wanneer vanaf deze apparaten wordt gelezen, geschreven of afgedrukt.
De gegevens kunnen anders corrupt worden.
2.
Duw de vergrendelingen aan beide uiteinden van de geheugenconnector open.
KENNISGEVING: Geheugenkaarten kunnen gemakkelijk beschadigd raken door statische
elektriciteit. Raak een geaard metalen oppervlak aan voordat u een geheugenkaart aanraakt.
3.
OPMERKING: geheugenkaarten die zijn ontworpen voor andere printers, werken mogelijk niet
met uw printer.
Haal de geheugenkaart uit de verpakking.
Raak de aansluitpunten aan de rand van de kaart niet aan.
4.
Breng de uitsparingen aan de onderkant van de kaart in één lijn met de uitsparingen op de connector.5.
Druk de geheugenkaart stevig op de connector totdat de vergrendelingen aan beide zijden van de
connector vastklikken.
U zult wellicht enige kracht moeten uitoefenen om de kaart volledig in de connector te drukken.
6.
Zorg ervoor dat beide vergrendelingen in de uitsparingen aan beide zijden van de kaart passen.7.
Sluit de zijklep.8.
Zet de printer weer aan.9.
In Windows Vista
®
of later:
Klik op Configuratiescherm.a.
Klik op Hardware en geluiden.b.
Klik op Printers.c.
10.
c.
In Windows
®
XP en 2000:
Klik op Start Configuratiescherm.a.
Dubbelklik op Printers en andere hardware.b.
Dubbelklik op Printers en faxapparaten.c.
Klik met de rechtermuisknop op het pictogram van uw Dell Laser Printer-model.11.
Klik op Eigenschappen.12.
Klik op Opties installeren.
OPMERKING: geheugenkaarten die zijn ontworpen voor andere printers, werken mogelijk niet
met uw printer.
13.
Klik op Printer vragen.14.
Klik op OK.15.
Klik op OK en sluit vervolgens de map Printers.16.
Papier plaatsen
Papiersoort en papierformaat instellen
Papier in de papierlade voor 250 vel plaatsen
Papier in de papierlade voor 550 vel plaatsen
De achteruitvoer gebruiken
Universeellader gebruiken
Laden koppelen en ontkoppelen
Papiersoort en papierformaat instellen
OPMERKING: U moet de software voor de printer installeren voordat u de papierladen kunt
configureren. Zie Lokaal afdrukken instellen of Afdrukken via het netwerk instellen voor meer
informatie.
Dell™ Laserprinter 2330d/2350dn - Lokaal aangesloten op
een computer
Nadat u het papierformaat en de papiersoort hebt ingesteld op de juiste instellingen voor het formaat en de
soort die in de laden worden gebruikt, worden alle laden die hetzelfde formaat en dezelfde soort
afdrukmateriaal bevatten, automatisch door de printer gekoppeld.
OPMERKING: Als het formaat van het papier dat nu wordt geladen, gelijk is aan dat van eerder
geladen papier, hoeft u de instelling Papierformaat niet te wijzigen.
Controleer of de printer is ingeschakeld en of het bericht Gereed wordt weergegeven.1.
Druk vanaf het bedieningspaneel op de knop Menu totdat menu Papier wordt weergegeven.2.
Druk op de knop Selecteren .3.
Druk op de pijlknoppen totdat Formaat/Soort wordt weergegeven, en druk daarna op de knop
Selecteren .
4.
5.
Bron selecteren wordt weergegeven.
4.
Druk op de pijlknoppen totdat de juiste bron wordt weergegeven, en druk daarna op de kop
Selecteren .
Formaat wordt onder de bronnaam weergegeven.
5.
Druk op de knop Selecteren .6.
Druk op de pijlknoppen totdat het juiste formaat wordt weergegeven, en druk daarna op de kop
Selecteren .
Wijzigingen verzenden wordt weergegeven, gevolgd door Formaat.
7.
Druk op de pijlknoppen totdat Soort wordt weergegeven, en druk daarna op de knop
Selecteren .
8.
Druk op de pijlknoppen totdat de juiste soort wordt weergegeven, en druk daarna op de kop
Selecteren .
Wijzigingen verzenden wordt weergegeven, gevolgd door Soort.
9.
Dell Laserprinter 2330dn/2350dn - Aangesloten op een
netwerk
Het instellen van het papierformaat en papiersoort voor de printer vindt plaats via de Dell Printer
Configuration Web Tool (Printerconfiguratieprogramma van Dell).
OPMERKING: Papierladen configureren met behulp van de Dell Printer Configuration Web Tool
(Printerconfiguratieprogramma van Dell) is alleen beschikbaar op de Dell Laserprinter 2330dn/2350dn.
Typ het IP-adres van uw netwerkprinter in de webbrowser.
OPMERKING: Als u het IP-adres van uw printer niet weet, drukt u een pagina met
netwerkinstellingen af. Deze bevat het IP-adres. Raadpleeg Pagina met netwerkinstellingen
afdrukken voor meer informatie.
1.
Als de pagina Printer Status (Printerstatus) wordt geopend, selecteert u Printer Settings
(Printerinstellingen) in de linkerkolom.
2.
Selecteer Paper Menu (Menu Papier) op de pagina met printerinstellingen.3.
Selecteer Papierformaat.4.
5.
4.
Selecteer het papierformaat in elke lade.5.
Klik op Submit (Verzenden).6.
Klik in de linkerkolom op Printer Settings (Printerinstellingen).7.
Selecteer Paper Menu (Menu Papier) op de pagina met printerinstellingen.8.
Selecteer Papiersoort.9.
Selecteer de papiersoort in elke lade.10.
Klik op Submit (Verzenden).11.
Papier in de papierlade voor 250 vel plaatsen
Volg de onderstaande instructies voor het plaatsen van papier in de lade voor 250 vel.
Verwijder de lade.1.
Als u papier van Legal- of Folio-formaat plaatst, dient u de papierlade aan te passen aan het grotere
papierformaat.
Druk op de vergrendeling achter op de lade.a.
b.
2.
a.
Trek het verlengstuk uit de lade tot het vastklikt.b.
Wanneer u A6-papier plaatst, dient u het ontgrendelingsnokje op te tillen om het papier goed te
kunnen plaatsen.
OPMERKING: Controleer of het papier is geplaatst onder de aangegeven maximale hoogte op de
rand van het nokje. Plaats niet te veel papier in de lade, want dit kan papierstoringen en mogelijk
printerschade veroorzaken.
3.
Buig een stapel papier enkele malen. Maak op een vlakke ondergrond de stapel recht.4.
Plaats het papier in de lade met de te bedrukken zijde naar beneden.
Zorg dat het papier niet boven de lijntjes uitkomt die de maximale hoogte aangeven. Als er te veel
papier is geplaatst, kunnen vellen papier vastlopen.
5.
Verschuif de geleiders aan de zij- en achterkant tot deze tegen de zijkanten van het papier rusten.6.
6.
Plaats de lade terug.7.
Klap de papiersteun voor de uitvoerlade uit.8.
Papier in de papierlade voor 550 vel plaatsen
Volg de onderstaande instructies voor het plaatsen van papier in de lade voor 550 vel.
Verwijder de lade.1.
1.
Als u papier van Legal- of Folio-formaat plaatst, dient u de papierlade aan te passen aan het grotere
papierformaat.
Druk op de vergrendeling achter op de lade.a.
Trek het verlengstuk uit de lade tot het vastklikt.b.
2.
Buig een stapel papier enkele malen. Maak op een vlakke ondergrond de stapel recht.3.
Plaats het papier in de lade met de te bedrukken zijde naar beneden.
Zorg dat het papier niet boven de lijntjes uitkomt die de maximale hoogte aangeven. Als er te veel
papier is geplaatst, kunnen vellen papier vastlopen.
4.
Verschuif de geleiders aan de zij- en achterkant tot deze tegen de zijkanten van het papier rusten.5.
Plaats de lade terug.6.
Klap de papiersteun voor de uitvoerlade uit.7.
7.
De achteruitvoer gebruiken
De achteruitvoer is een rechte papierdoorvoer dat één vel per keer verwerkt, waardoor papier minder snel
krult of vastloopt. Dit is met name handig voor speciaal afdrukmateriaal, zoals transparanten, enveloppen,
etiketten, karton en indexkaarten.
Als u de achteruitvoer wilt gebruiken, opent u de klep van de achteruitvoer. Als de klep van de achteruitvoer
is geopend, komen alle afdruktaken aan deze kant de printer uit. Als de klep is gesloten, worden alle
afdruktaken naar de uitvoerlade aan de bovenkant van de printer gestuurd.
Universeellader gebruiken
De universeellader configureren
Deze instelling wordt gebruikt om de gebruiksmodus voor de universeellader te bepalen.
Modus
Cassette*
De bron van de
universeellader:
werkt als een
niet-
detecterende
automatische
bron
heeft een
geïnstalleerd
papierformaat
en papiertype
toegewezen
gekregen net
zoals alle andere
invoerbronnen
is opgenomen in
de lijst met
waarden van alle
printerinstellingen,
zoals de
papierbron
Handmatig
De bron van de
universeellader:
wordt alleen
gebruikt voor
handmatige
invoer
wordt verwijderd
uit de lijst met
waarden van alle
printerinstellingen,
inclusief de
papierbron
Als handmatige invoer
is geselecteerd,
onderbreekt de printer
het afdrukken en
wordt de gebruiker
gevraagd om
handmatig
afdrukmateriaal in de
universeellader te
plaatsen.
* Standaardinstelling
De universeellader openen
In de universeellader aan de voorkant van de printer kunt u per keer 50 vellen afdrukmateriaal invoeren. U
kunt de universeellader gebruiken om snel afdrukken te maken op papiersoorten of -formaten die op dat
moment niet in de papierlade zijn geladen.
De universeellader openen:
Trek de klep van de universeellader naar beneden.1.
Schuif de lade van de universeellader naar voren.2.
Trek aan het verlengstuk, zodat dit naar voren komt.3.
Duw het verlengstuk voorzichtig naar beneden om de universeellader helemaal uit te trekken.4.
Afdrukmateriaal in de universeellader plaatsen
De universeellader vullen:
Plaats een vel van het geselecteerde afdrukmateriaal met de afdrukzijde naar boven in het midden van
de universeellader, maar slechts zover dat de voorkant van het vel de papiergeleiders kan raken. Als
het afdrukmateriaal niet goed wordt geplaatst, wordt het te vroeg in de printer gevoerd en wordt de
taak mogelijk niet recht op het papier afgedrukt.
OPMERKING: Overschrijd de maximale stapelhoogte niet en probeer niet om papier of speciaal
afdrukmateriaal onder de hoogtebegrenzers te duwen. Deze bevinden zich op de papiergeleiders.
1.
Pas de papiergeleiders aan de breedte van het afdrukmateriaal aan.2.
Bereid het afdrukmateriaal voor voordat u de vellen in de printer plaatst.
Buig de vellen of papieren etiketten enkele malen om ze los te maken. Vouw of kreuk het papier
3.
of de labels niet. Maak op een vlakke ondergrond de stapel recht.
OPMERKING: Raak de afdrukzijde van transparanten niet aan. Zorg dat er geen krassen
op komen.
Buig een stapel enveloppen enkele malen om deze los te maken. Maak op een vlakke ondergrond
de stapel recht.
OPMERKING: Vouw of kreuk de enveloppen niet.
Houd beide kanten van de stapel dicht bij de lade van de universeellader en schuif de stapel
voorzichtig in de printer.
4.
KENNISGEVING: Schuif de stapel niet met veel kracht in de printer. Dit kan tot papierstoringen
leiden.
Plaats enveloppen met de klepzijde naar beneden en de zijde met de postzegel als weergegeven.
OPMERKING: Voor het beste resultaat gebruikt u enveloppen zonder postzegels.
Houd transparanten bij de randen vast en raak de afdrukzijde niet aan. Vettige substanties die van uw
vingers op de transparanten terechtkomen, kunnen de afdrukkwaliteit beïnvloeden.
Plaats briefhoofdpapier met de afdrukzijde naar boven, waarbij de bovenkant van het vel als eerste in
de printer wordt gevoerd.
Als u problemen hebt met de papierinvoer, draait u het papier om.
Laden koppelen en ontkoppelen
Laden koppelen
Het koppelen van laden is handig bij grote afdruktaken of bij het afdrukken van meerdere exemplaren. Als
een van de gekoppelde invoerladen leeg raakt, wordt automatisch de volgende gekoppelde invoerlade
gebruikt. Als de instellingen Papierformaat en Papiersoort voor alle laden hetzelfde zijn, worden de laden
automatisch gekoppeld. U dient de instelling Papierformaat voor de universeellader handmatig in te stellen
via het menu Papierformaat. De instelling Papiersoort moet voor alle laden worden ingesteld via het menu
Papiersoort. De menu's Papiersoort en Papierformaat zijn beide beschikbaar vanuit het menu
Papierformaat/-soort.
Laden ontkoppelen
Ontkoppelde laden hebben instellingen die afwijken van de instellingen van andere laden.
Als u een lade wilt ontkoppelen, wijzig dan de volgende lade-instellingen, zodat deze niet overeenkomen met
de instellingen van andere laden:
Papiersoort (bijvoorbeeld: normaal papier, briefhoofd, aangepast <x>)
De papiersoort omschrijft de eigenschappen van het papier. Als de naam die uw papier het beste
omschrijft al aan laden is gekoppeld, wijs dan een andere papiersoortnaam aan de lade toe, zoals
Custom Type <x> (Aangepast <x>), of geef uw eigen aangepaste naam op.
Papierformaat (bijvoorbeeld: Letter, A4, Statement)
Plaats papier van een ander formaat als u de papierformaatinstelling van een lade wilt wijzigen. U dient
de papierformaatinstellingen voor de universeellader handmatig in te stellen via het menu
Papierformaat.
KENNISGEVING: Wijs geen papiersoortnaam toe die de in de lade geplaatste papiersoort niet
nauwkeurig omschrijft. De temperatuur van het verhittingsstation is afhankelijk van de opgegeven
papiersoort. Als een verkeerde papiersoort is geselecteerd, wordt het papier mogelijk niet goed
verwerkt.
Lokaal afdrukken instellen
Windows
®
Mac OS
®
X: de printer toevoegen in Afdrukbeheer of Printerconfiguratie
Linux
®
Windows
®
Bepaalde Windows-besturingssystemen beschikken mogelijk al over een stuurprogramma dat compatibel is
met de printer.
OPMERKING: Bij de installatie van een aangepast stuurprogramma wordt het
systeemstuurprogramma niet vervangen. In de map Printers wordt in dat geval een afzonderlijk
printerobject gemaakt en weergegeven.
Besturingssysteem:
Gebruik dit type kabel:
Windows 7
Microsoft
®
Windows Server 2008
Microsoft
®
Windows Server 2008 R2
WindowsVista™
Windows XP
Windows Server 2003
Windows 2000
USB of parallel
Printerstuurprogramma's installeren
OPMERKING: Voor het installeren van printerstuurprogramma's onder Windows 7, Windows Server
2008, Windows Server 2008 R2, Windows Vista, Windows XP, Windows Server 2003 en Windows 2000
is beheerderstoegang vereist.
Plaats de cd Software en documentatie.
De cd Software en documentatie start de installatiesoftware automatisch.
1.
2.
Als het scherm van de cd Software en documentatie wordt weergegeven, klikt u op Aangepaste
installatie - De printer alleen voor gebruik op deze computer installeren en vervolgens op
Volgende.
2.
Selecteer de printer in het vervolgkeuzemenu.3.
Selecteer Standaardinstallatie (aanbevolen) en klik vervolgens op Installeren.4.
Klik op Voltooien, sluit de printer aan op de computer via een USB-kabel of een parallelle kabel en
schakel de printer in.
Er verschijnt een melding als de installatie is voltooid.
5.
Extra printerstuurprogramma's installeren.
Zet de computer aan en plaats de cd Software en documentatie.
Als de cd Software en documentatie wordt gestart, klikt u op Annuleren.
1.
In Windows Vista
®
of later (standaard Start-menu):
Klik op Configuratiescherm.a.
Klik op Hardware en geluiden.b.
Klik op Printers.c.
In Windows
®
XP (standaard Start-menu):
Klik op Start Configuratiescherm.a.
Dubbelklik op Printers en andere hardware.b.
Dubbelklik op Printers en faxapparaten.c.
In Windows
®
XP (klassiek Start-menu): Klik op Start Instellingen Printers en faxapparaten.
2.
In Windows Vista
®
(klassiek Start-menu) en alle andere versies van Windows: Klik op Start
Instellingen Printers.
Dubbelklik op Printer toevoegen.
De wizard Printer toevoegen wordt geopend. Klik indien nodig op Volgende.
3.
Klik op Volgende.4.
Selecteer Een lokale printer toevoegen of Lokale printer die met deze computer is verbonden
en klik vervolgens op Volgende.
U wordt gevraagd de printer aan te sluiten op de computer.
5.
Selecteer de poort die u wilt gebruiken voor deze printer en klik op Volgende.6.
Selecteer Bladeren.7.
Blader naar het cd-romstation en selecteer de juiste directory voor uw besturingssysteem.
OPMERKING: Als u de printerstuurprogramma's vanaf de cd Software en documentatie hebt
geïnstalleerd alvorens de printer aan te sluiten op de computer, is het PCL-XL-stuurprogramma
voor uw besturingssysteem standaard geïnstalleerd.
Besturingssysteem
Softwarepad
Windows 7
Windows Server 2008
Windows Server 2008 R2
Windows Vista
Windows XP
Windows Server 2003
Windows 2000
D:\Drivers\Print\Win_2kXP\, waarbij D:\ de letter van uw cd-romstation
is.
OPMERKING: Nadat u de directory met uw printerstuurprogramma's hebt geselecteerd, wordt u
gevraagd om extra bestanden om verder te gaan met installeren. Plaats de cd met het
besturingssysteem en klik vervolgens op OK.
8.
Klik op Openen en vervolgens op OK.9.
Selecteer het type stuurprogramma dat u wilt installeren (PCL, HBP of PS) in de lijst met Fabrikanten10.
en het printermodel in de lijst Printers. Klik op Volgende.
10.
Volg de rest van de aanwijzingen in de wizard Printer toevoegen en klik vervolgens op Voltooien
om het printerstuurprogramma te installeren.
11.
Extra printersoftware installeren
Zet de computer aan en plaats de cd Software en documentatie.
De cd Software en documentatie start de installatiesoftware automatisch.
1.
Selecteer Extra software installeren - De printerondersteuningssoftware installeren en klik op
Volgende.
2.
Schakel het selectievakje in naast de printersoftware die u wilt installeren en klik op Installeren.
De software wordt op de computer geïnstalleerd.
3.
Mac OS
®
X: de printer toevoegen in Afdrukbeheer of
Printerconfiguratie
Macintosh
®
OS X versie 10.3 en hoger is nodig voor afdrukken via USB. Voor afdrukken via een USB-printer
dient u de printer toe te voegen aan Afdrukbeheer of Printerconfiguratie.
Installeer ondersteuning voor de printer op de computer.
Plaats de cd Software en documentatie.a.
Dubbelklik op het installatiepakket voor de printer.b.
Ga door na het welkomstscherm en het leesmij-bestand.c.
Lees de licentieovereenkomst door, klik op Ga door en klik vervolgens op Akkoord om hiermee
akkoord te gaan.
d.
e.
1.
Selecteer een bestemming voor de installatie en klik vervolgens op Ga door.e.
Klik op Installeer in het scherm Standaard.f.
Voer het beheerderswachtwoord in en klik vervolgens op OK.
De software wordt op de computer geïnstalleerd.
g.
Sluit het installatieprogramma af wanneer het is voltooid.h.
Open Printerconfiguratie in /Programma's/Hulpprogramma's.2.
Als de USB-printer wordt weergegeven in de printerlijst: de printer is ingesteld; u kunt nu de
toepassing afsluiten.
Als de USB-printer niet wordt weergegeven in de printerlijst: controleer of de USB-kabel correct is
aangesloten op de printer en de computer, en controleer of de printer is ingeschakeld. Als de printer
wordt weergegeven in de printerlijst, is de printer ingesteld en kunt u de toepassing afsluiten.
3.
Linux
®
Lokaal afdrukken wordt door veel Linux-platforms ondersteund, zoals Red Hat, SUSE, Debian™ GNU/Linux,
Ubuntu, Red Flag Linux en Linspire.
Printersoftwarepakketten en installatie-instructies staan op de cd Software en documentatie. Alle
printersoftware ondersteunt lokaal afdrukken via een parallelle verbinding.
De installatie-instructies voor Linux starten:
Plaats de cd Software en documentatie. Als de cd Software en documentatie automatisch start, klikt u
op Annuleren.
1.
Ga naar D:\unix\docs\<uw taal>\index.html (hierbij staat D:\ voor de letter van het cd-
romstation).
2.
Afdrukken via het netwerk instellen
Windows
®
De gedeelde printer installeren op clientcomputers
Mac OS
®
X: de printer toevoegen in Afdrukbeheer of Printerconfiguratie
Linux
®
Pagina met netwerkinstellingen afdrukken
Windows
®
In een Windows-netwerkomgeving kunt u netwerkprinters configureren voor rechtstreeks afdrukken of voor
gedeeld gebruik. Voor beide manieren van afdrukken via een netwerk dient u printersoftware te installeren
en een printerpoort te maken in het netwerk.
Ondersteunde printerstuurprogramma's
Speciale stuurprogramma's zijn beschikbaar op de cd Software en documentatie.
Ondersteunde netwerkprinterpoorten
Microsoft
®
standaard TCP/IP-poort - Windows 7, Windows Server 2008, Windows Server 2008 R2,
Windows Vista™, Windows XP, Windows Server 2003 en Windows 2000
Printernetwerkpoorten - Windows 7, Windows Server 2008, Windows Server 2008 R2, Windows Vista,
Windows XP, Windows Server 2003 en Windows 2000
Voor de elementaire printerfuncties kunt u printersoftware installeren en een systeemnetwerkprinterpoort
gebruiken, zoals een LPR-poort (Line Printer Remote) of een standaard TCP/IP-poort. Met de printersoftware
en de printerpoort hebt u de beschikking over een consistente gebruikersinterface die kan worden gebruikt
voor alle printers in het netwerk. Wanneer u een speciale netwerkpoort gebruikt, beschikt u over extra
functionaliteit, zoals statusmeldingen van de printer.
Opties voor afdrukken via netwerk
In een Windows-netwerkomgeving kunt u netwerkprinters configureren voor rechtstreeks afdrukken of voor
gedeeld gebruik. Voor beide opties voor afdrukken via een netwerk dient u printersoftware te installeren en
een netwerkpoort te maken.
Afdrukken via IP
Gedeeld afdrukken
De printer heeft een rechtstreekse
verbinding met het netwerk via een
netwerkkabel, zoals bijvoorbeeld een
ethernetkabel.
Meestal wordt de printersoftware op elke
netwerkcomputer geïnstalleerd.
De printer is verbonden met een van de computers
op het netwerk via een lokale kabel, zoals een
USB-kabel of parallelle kabel.
De printersoftware wordt geïnstalleerd op de
computer die is aangesloten op de printer.
Tijdens de installatie van de software wordt de
printer ingesteld voor gedeeld afdrukken, zodat
andere netwerkcomputers deze printer ook kunnen
gebruiken om af te drukken.
Directe aansluiting via een netwerkkabel (met afdrukserver)
Een afdrukserver is een aangewezen computer waarmee centraal alle afdruktaken van clients worden
beheerd. Als uw printer in een kleine werkgroepomgeving wordt gedeeld en u wilt alle afdruktaken in dit
netwerk beheren, dan sluit u de printer aan op een afdrukserver.
OPMERKING: Druk voordat u de netwerkprinter gaat instellen een pagina met printerinstellingen af
om het IP-adres en MAC-adres van de printernetwerkadapter te verkrijgen. Zie Pagina met
netwerkinstellingen afdrukken voor meer informatie.
Plaats de cd Software en documentatie.
De cd Software en documentatie start de installatiesoftware automatisch.
1.
Als het scherm van de cd Software en documentatie wordt weergegeven, klikt u op
Netwerkinstallatie - De printer alleen voor gebruik op een netwerk installeren en klikt u op
Volgende.
2.
Selecteer I am setting up a print server to share printers with others on the network (Ik stel
een afdrukserver in om printers met anderen in het netwerk te delen) en klik op Next (Volgende).
3.
Selecteer de netwerkprinter(s) die u wilt installeren.
Als uw printer niet in de lijst staat, klikt u op Refresh List (Lijst vernieuwen) om de lijst te vernieuwen
4.
5.
of op Manual Add (Handmatig toevoegen) om een printer aan het netwerk toe te voegen.
4.
Klik op Volgende.5.
Voor ieder printerstuurprogramma in de lijst:
OPMERKING: Voor elke printer die u hebt geselecteerd, worden drie printerstuurprogramma's
genoemd: een PCL-stuurprogramma (Printer Control Language), een PS-stuurprogramma
(PostScript) en een HBP-stuurprogramma (Host Based Printing).
Selecteer het printerstuurprogramma in de lijst.a.
Als u de printernaam wilt wijzigen, voert u een nieuwe naam in het veld Printer Name
(Printernaam) in.
b.
Als u andere gebruikers toegang tot deze printer wilt geven, selecteert u Share this printer
with other computers (Deze printer delen met andere computers) en voert u vervolgens een
naam in die gebruikers eenvoudig kunnen herkennen.
c.
Als u wilt dat deze printer de standaardprinter is, selecteert u Set this printer to default (Deze
printer instellen als standaardprinter).
d.
Als u het voor de printer specifieke stuurprogramma niet wilt installeren, selecteert u Do not
install this printer (Deze printer niet installeren).
e.
6.
Klik op Volgende.7.
Schakel het selectievakje in naast de software en documentatie die u wilt installeren en klik op Install
(Installeren).
De stuurprogramma's, aanvullende software en documentatie worden op de computer geïnstalleerd.
Wanneer de installatie is voltooid, wordt het scherm Congratulations! (Gefeliciteerd!) weergegeven.
8.
Als u geen testpagina wilt afdrukken: Klik op Voltooien.
Als u wel een testpagina wilt afdrukken:
Schakel het selectievakje in naast de printer(s) waarop u een testpagina wilt afdrukken.a.
Klik op Testpagina afdrukken.b.
c.
9.
b.
Controleer de testpagina die op de printer(s) is afgedrukt.c.
Klik op Voltooien.d.
Directe aansluiting via een netwerkkabel (zonder
afdrukserver)
Plaats de cd Software en documentatie.
De cd Software en documentatie start de installatiesoftware automatisch.
1.
Als het scherm van de cd Software en documentatie wordt weergegeven, klikt u op
Netwerkinstallatie - De printer alleen voor gebruik op een netwerk installeren en klikt u op
Volgende.
2.
Selecteer I want to use a network printer on this computer (Ik wil een netwerkprinter gebruiken
op deze computer) en klik op Next (Volgende).
3.
Selecteer de netwerkprinter(s) die u wilt installeren.
Als uw printer niet in de lijst staat, klikt u op Refresh List (Lijst vernieuwen) om de lijst te vernieuwen
of op Manual Add (Handmatig toevoegen) om een printer aan het netwerk toe te voegen.
4.
Klik op Volgende.5.
Voor ieder printerstuurprogramma in de lijst:
OPMERKING: Voor elke printer die u hebt geselecteerd, worden drie printerstuurprogramma's
genoemd: een PCL-stuurprogramma (Printer Control Language), een PS-stuurprogramma
(PostScript) en een HBP-stuurprogramma (Host Based Printing).
Selecteer het printerstuurprogramma in de lijst.a.
Als u de printernaam wilt wijzigen, voert u een nieuwe naam in het veld Printer Name
(Printernaam) in.
b.
Als u andere gebruikers toegang tot deze printer wilt geven, selecteert u Share this printer
with other computers (Deze printer delen met andere computers) en voert u vervolgens een
c.
6.
naam in die gebruikers eenvoudig kunnen herkennen.
c.
Als u wilt dat deze printer de standaardprinter is, selecteert u Set this printer to default (Deze
printer instellen als standaardprinter).
d.
Als u het voor de printer specifieke stuurprogramma niet wilt installeren, selecteert u Do not
install this printer (Deze printer niet installeren).
e.
Klik op Volgende.7.
Schakel het selectievakje in naast de software en documentatie die u wilt installeren en klik op Install
(Installeren).
De stuurprogramma's, aanvullende software en documentatie worden op de computer geïnstalleerd.
Wanneer de installatie is voltooid, wordt het scherm Congratulations! (Gefeliciteerd!) weergegeven.
8.
Als u geen testpagina wilt afdrukken: Klik op Voltooien.
Als u wel een testpagina wilt afdrukken:
Schakel het selectievakje in naast de printer(s) waarop u een testpagina wilt afdrukken.a.
Klik op Testpagina afdrukken.b.
Controleer de testpagina die op de printer(s) is afgedrukt.c.
Klik op Voltooien.d.
9.
Gedeeld afdrukken
U kunt de methoden point-and-print of peer-to-peer van Microsoft gebruiken om een printer op het netwerk
te delen via een aansluiting met een USB-kabel of parallelle kabel. Als u een van deze methoden wilt
gebruiken, moet u de printer eerst delen en vervolgens de gedeelde printer op clientcomputers installeren.
Als u echter een van deze methoden van Microsoft gebruikt, beschikt u niet over alle Dell-functies, zoals
Statusbeheer, die worden geïnstalleerd met behulp van de cd Software en documentatie.
OPMERKING: Bij Windows 7, Windows Vista en Windows XP Professional hebt u beheerdersrechten
nodig om een printer te kunnen delen.
De printer delen
1.
In Windows Vista
®
of later (standaard Start-menu):
Klik op Configuratiescherm.a.
Klik op Hardware en geluiden.b.
Klik op Printers.c.
In Windows
®
XP (standaard Start-menu):
Klik op Start Configuratiescherm.a.
Dubbelklik op Printers en andere hardware.b.
Dubbelklik op Printers en faxapparaten.c.
In Windows Vista
®
(klassiek Start-menu) en alle andere versies van Windows: Klik op Start
Instellingen Printers.
In Windows
®
XP (klassiek Start-menu): Klik op Start Instellingen Printers en faxapparaten.
1.
Klik met de rechtermuisknop op uw printer.2.
Klik op Delen.3.
Als u werkt met Windows Vista
®
of hoger, wordt u mogelijk gevraagd om de opties voor het delen te
veranderen voor u verder kunt. Druk op de knop Sharing-opties wijzigen en druk vervolgens op de
knop Doorgaan in het volgende dialoogvenster.
4.
Selecteer Deze printer delen of Gedeeld als en typ vervolgens een naam voor de printer.5.
Klik op Extra stuurprogramma's en selecteer de besturingssystemen voor alle netwerkclients die
afdrukken op deze printer.
6.
Klik op OK.7.
Als er bestanden ontbreken, wordt u gevraagd de cd van het serverbesturingssysteem in het cd-
romstation te plaatsen.
Plaats de cd Software en documentatie, zorg dat de stationsaanduiding juist is voor uw cd-
romstation en klik vervolgens op OK.
a.
In Windows Vista of hoger: Blader naar een clientcomputer waarop het besturingssysteem wordt
uitgevoerd en klik vervolgens op OK.
In eerdere Windows-versies: Plaats de cd met het besturingssysteem, zorg dat de
stationsaanduiding juist is voor uw cd-romstation en klik vervolgens op OK.
b.
7.
Klik op Sluiten.8.
U kunt als volgt controleren of de printer met succes is gedeeld:
Controleer of voor het printerobject in de map Printers wordt aangegeven dat het is gedeeld. In
Windows 2000 wordt bijvoorbeeld een handje weergegeven onder het printerpictogram.
Blader door Mijn netwerklocaties of Netwerkomgeving. Zoek de hostnaam van de server en zoek
de gedeelde naam die u hebt toegewezen aan de printer.
Nu de printer is gedeeld, kunt u de printer installeren op netwerkclients met behulp van de methoden point-
and-print of peer-to-peer.
De gedeelde printer installeren op clientcomputers
Point and Print
Bij deze methode wordt optimaal gebruikgemaakt van systeembronnen. De afdrukserver handelt alle
stuurprogrammawijzigingen en de verwerking van de afdruktaken af. Hierdoor kunnen netwerkclients veel
sneller weer teruggaan naar hun programma's.
Als u de methode point-and-print gebruikt, wordt een subset van softwaregegevens van de afdrukserver
naar de clientcomputer gekopieerd. Dit gedeelte bevat precies genoeg informatie voor het versturen van een
afdruktaak naar de printer.
Dubbelklik op het bureaublad van Windows van de clientcomputer op Mijn netwerklocaties of
Netwerkomgeving.
1.
2.
Dubbelklik op de hostnaam van de computer met de afdrukserver.2.
Klik met de rechtermuisknop op de naam van de gedeelde printer en klik vervolgens op Installeren of
Aansluiten.
Wacht totdat de softwaregegevens zijn gekopieerd vanaf de computer met de afdrukserver naar de
clientcomputer en totdat een nieuw printerobject wordt toegevoegd aan de map Printers. De tijd die
hiervoor nodig is varieert afhankelijk van netwerkverkeer en andere factoren.
3.
Sluit Mijn netwerklocaties of Netwerkomgeving.4.
Druk een testpagina af om de printerinstallatie te controleren.
In Windows Vista
®
of hoger (standaard Start-menu):
Klik op Configuratiescherm.1.
Klik op Hardware en geluiden.2.
Klik op Printers.3.
In Windows
®
XP (standaard Start-menu):
Klik op Start Configuratiescherm.1.
Dubbelklik op Printers en andere hardware.2.
Dubbelklik op Printers en faxapparaten.3.
In Windows XP (klassiek Start-menu): Klik op Start Instellingen Printers en
faxapparaten.
In Windows Vista en alle andere Windows-versies: Klik op Start Instellingen Printers.
a.
Klik met de rechtermuisknop op de printer die u zojuist hebt gemaakt.b.
Klik op Eigenschappen.c.
d.
5.
c.
Klik op Testpagina afdrukken.d.
Wanneer de testpagina goed wordt afgedrukt, is de printerinstallatie voltooid.
Peer-to-peer
Als u de methode peer-to-peer gebruikt, wordt de printersoftware volledig geïnstalleerd op elke
clientcomputer. De software kan worden aangepast op de netwerkclients. De clientcomputer handelt het
verwerken van de afdruktaken af.
In Windows Vista
®
of hoger (standaard Start-menu):
Klik op Configuratiescherm.a.
Klik op Hardware en geluiden.b.
Klik op Printers.c.
In Windows
®
XP (standaard Start-menu):
Klik op Start Configuratiescherm.a.
Dubbelklik op Printers en andere hardware.b.
Dubbelklik op Printers en faxapparaten.c.
In Windows
®
XP (klassiek Start-menu): Klik op Start Instellingen Printers en faxapparaten.
In Windows Vista
®
(klassiek Start-menu) en alle andere versies van Windows: Klik op Start
Instellingen Printers.
1.
Klik op Printer toevoegen om de wizard Printer toevoegen te starten.2.
Klik op Netwerkafdrukserver.3.
Selecteer de netwerkprinter in de lijst met gedeelde printers. Als de printer niet voorkomt in de lijst,4.
typt u het pad van de printer in het volgende tekstvak. Voorbeeld: \\<hostnaam
afdrukserver>\<naam gedeelde printer>.
De hostnaam van de afdrukserver is de naam van de computer met de afdrukserver waaronder de
afdrukserver bekend is op het netwerk. De naam van de gedeelde printer is de naam die tijdens de
installatie van de afdrukserver wordt toegewezen.
4.
Klik op OK.
Als dit een nieuwe printer is, wordt u mogelijk gevraagd om de printersoftware te installeren. Als er
geen systeemsoftware beschikbaar is, moet u het pad naar de beschikbare software opgeven.
5.
Selecteer of u deze printer als standaardprinter voor de client wilt gebruiken en klik vervolgens op
Voltooien.
6.
Druk een testpagina af om de printerinstallatie te controleren.
In Windows Vista
®
of hoger (standaard Start-menu):
Klik op Configuratiescherm.1.
Klik op Hardware en geluiden.2.
Klik op Printers.3.
In Windows
®
XP (standaard Start-menu):
Klik op Start Configuratiescherm.1.
Dubbelklik op Printers en andere hardware.2.
Dubbelklik op Printers en faxapparaten.3.
In Windows
®
XP (klassiek Start-menu): Klik op Start Instellingen Printers en
faxapparaten.
In Windows Vista
®
(klassiek Start-menu) en alle andere versies van Windows: Klik op Start
Instellingen Printers.
a.
Klik met de rechtermuisknop op de printer die u zojuist hebt gemaakt.b.
c.
7.
b.
Klik op Eigenschappen.c.
Klik op Testpagina afdrukken.d.
Wanneer de testpagina goed wordt afgedrukt, is de printerinstallatie voltooid.
Mac OS
®
X: de printer toevoegen in Afdrukbeheer of
Printerconfiguratie
Macintosh
®
OS X versie 10.3 of hoger is nodig voor afdrukken via een netwerk. Voor afdrukken via een
netwerkprinter dient u de printer toe te voegen aan Afdrukbeheer of Printerconfiguratie.
Installeer ondersteuning voor de printer op de computer.
Plaats de cd Software en documentatie.a.
Dubbelklik op het installatiepakket voor de printer.b.
Ga door na het welkomstscherm en het leesmij-bestand.c.
Lees de licentieovereenkomst door, klik op Ga door en klik vervolgens op Akkoord om hiermee
akkoord te gaan.
d.
Selecteer een bestemming voor de installatie en klik vervolgens op Ga door.e.
Klik op Installeer in het scherm Standaard.f.
Voer het beheerderswachtwoord in en klik vervolgens op OK.
De software wordt op de computer geïnstalleerd.
g.
Sluit het installatieprogramma af wanneer het is voltooid.h.
1.
Open Printerconfiguratie in /Programma's/Hulpprogramma's.2.
3.
2.
Selecteer in het menu Printers Voeg printer toe.3.
Als u wilt afdrukken via IP:
Klik op het werkbalkpictogram voor de IP-printer.a.
Voer het IP-adres van de printer in.b.
Kies de printerfabrikant in het pop-upmenu met printermodellen.c.
Selecteer de printer in de lijst en klik op Voeg toe.d.
Als u wilt afdrukken via AppleTalk:
Klik op Meer printers... en selecteer vervolgens AppleTalk in het pop-upmenu.a.
Selecteer de AppleTalk-zone in de lijst.
OPMERKING: Kijk onder het kopje AppleTalk op de pagina met printernetwerkinstellingen
welke zone en printer er geselecteerd dienen te worden.
b.
Selecteer de printer in de lijst en klik op Voeg toe.c.
4.
Controleer de printerinstallatie.
Open Teksteditor in /Programma's.a.
Selecteer in het menu Archief de optie Druk af.b.
Kies Overzicht in het pop-upmenu Aantal en pagina's.c.
De juiste PPD voor het printermodel wordt weergegeven in de groep voor foutmeldingen:
installatie is voltooid.
d.
5.
Algemene PostScript-printer wordt weergegeven in de groep voor foutmeldingen: verwijder de
printer uit de printerlijst in Afdrukbeheer of Printerconfiguratie en volg de instructies
opnieuw om de printer te installeren.
d.
Linux
®
Printersoftwarepakketten en installatie-instructies staan op de cd Software en documentatie.
De installatie-instructies voor Linux starten:
Plaats de cd Software en documentatie. Als de cd Software en documentatie automatisch start, klikt u
op Annuleren.
1.
Ga naar D:\unix\docs\<uw taal>\index.html (hierbij staat D:\ voor de letter van het cd-
romstation).
2.
Pagina met netwerkinstellingen afdrukken
Op de pagina met netwerkinstellingen staan de configuratie-instellingen van de printer, inclusief IP- en MAC-
adres. Deze informatie is zeer nuttig als u problemen met de netwerkconfiguratie van de printer wilt
oplossen.
Een pagina met netwerkinstellingen afdrukken:
Druk op de knop Menu .1.
Navigeer naar het menu Rapporten.2.
Selecteer Pagina met netwerkinstellingen en druk op Selecteren .3.
Softwareoverzicht
Status Monitor Center (Statusbeheerprogramma)
Hulpprogramma IP-adres instellen
Dell Printer Software Uninstall Utility
Stuurprogramma-profiler
Dell Printer Configuration Web Tool
Hulpprogramma voor printermeldingen van Dell
Software verwijderen en opnieuw installeren
Dell Toner Management System
Gebruik de cd Software en documentatie die bij de printer is geleverd om een combinatie van
softwaretoepassingen te installeren, afhankelijk van uw besturingssysteem.
OPMERKING: Als u uw printer en computer apart hebt aangeschaft, moet u de cd Software en
documentatie gebruiken om de softwaretoepassingen te installeren.
OPMERKING: Deze softwaretoepassingen zijn niet beschikbaar in Linux of Macintosh.
Status Monitor Center (Statusbeheerprogramma)
OPMERKING: Voor een juiste werking van het lokale Status Monitor Center (Statusbeheerprogramma)
moet bidirectionele communicatie worden ondersteund zodat de printer en de computer kunnen
communiceren. Er wordt een uitzondering aan Windows
®
Firewall toegevoegd om deze communicatie
mogelijk te maken.
Gebruik het Status Monitor Center (Statusbeheerprogramma) om meerdere statusmonitoren te beheren.
Dubbelklik op een printernaam om de statusmonitor te openen of selecteer Run (Uitvoeren) om een
statusmonitor voor een specifieke printer te openen.
Selecteer Update (Bijwerken) om de weergave van de lijst met printers te wijzigen.
Selecteer Help als u de online Help wilt lezen.
Hulpprogramma IP-adres instellen
OPMERKING: Deze toepassing is niet beschikbaar als de printer lokaal is aangesloten op een
computer. Voor een juiste werking van het Set IP Address Utility (Hulpprogramma voor het instellen
van een IP-adres), voegt u een uitzondering aan Windows
®
Firewall toe.
Met het Set IP Address Utility (hulpprogramma voor het instellen van IP-adres) kunt u een IP-adres en
andere belangrijke IP-parameters instellen. U kunt als volgt het IP-adres handmatig instellen:
Sluit de netwerkkabel aan en zet de printer aan.
Wacht even opdat het IP-adres zeker is toegewezen. Druk een pagina met netwerkinstellingen af. Zie
Pagina met netwerkinstellingen afdrukken voor meer informatie.
1.
Klik op de TCP/IP-instellingen.2.
Voer de instellingen voor het IP-adres, het netmasker en de gateway in.3.
Klik op Toepassen.4.
Verander het IP-adres van de printer met de Dell Printer Configuration Web Tool (het
printerconfiguratieprogramma van Dell).
Start de Embedded Web Server (EWS) door het IP-adres van uw printer in de webbrowser te typen.1.
Klik op Configuration (Configuratie).2.
Klik onder Printer Server Settings (Printerserverinstellingen) op TCP/IP.3.
Klik op Statisch IP-adres instellen.4.
Voer de instellingen voor het IP-adres, het netmasker en de gateway in.
OPMERKING: Als u deze instellingen niet hebt, raadpleegt u de netwerkbeheerder.
5.
Klik op Submit (Verzenden).6.
7.
6.
Voer het nieuwe IP-adres in de browser in als u de EWS wilt blijven gebruiken.7.
Dell Printer Software Uninstall Utility
Gebruik het Dell Printer Software Uninstall (programma voor verwijderen van printersoftware) om alle op dat
moment geïnstalleerde printersoftware of printerobjecten te verwijderen.
In Windows Vista
®
of hoger:
Klik op Programma's.a.
Klik op Dell Printers.b.
Klik op uw Dell Laser Printer-model.c.
In Windows
®
XP en 2000:
Klik op Start Programma's of Alle programma's Dell Printers uw Dell Laser Printer-
model.
1.
Klik op Dell Printer Software Uninstall (Verwijderen van Dell-printersoftware).2.
Selecteer de onderdelen die u wilt verwijderen en klik op Next (Volgende).3.
Klik op Voltooien.4.
Klik op OK als de software is verwijderd.5.
Stuurprogramma-profiler
Gebruik de Stuurprogramma-profiler om stuurprogrammaprofielen te maken met aangepaste
stuurprogramma-instellingen. Een stuurprogrammaprofiel kan een aantal opgeslagen stuurprogramma-
instellingen en andere gegevens bevatten voor onder andere:
De instelling voor afdrukstand en meerdere pagina's op één vel (documentinstellingen)
Installatiestatus van een uitvoerlade (printeropties)
Door de gebruiker gedefinieerde papierformaten (aangepast papier)
Eenvoudige tekst en watermerken
Verwijzingen naar de overlay
Verwijzingen naar het lettertype
Koppelingen met betrekking tot de opmaak
Dell Printer Configuration Web Tool
OPMERKING: Deze toepassing is niet beschikbaar als de printer lokaal is aangesloten op een
computer.
Hebt u ooit een afdruktaak naar de netwerkprinter verderop in de gang gestuurd, die vervolgens niet werd
afgedrukt vanwege een papierstoring of een lege papierlade? Een van de functies van het Dell Printer
Configuration Web Tool (Printerconfiguratieprogramma van Dell) is de functie E-mail Alert Setup
(Instellingen e-mailmeldingen). Deze functie zorgt ervoor dat u, of de hoofdgebruiker, een e-mailbericht
ontvangt als de printer supplies nodig heeft of als ingrijpen is vereist.
Als u voorraadrapporten voor de printer invult en de kenmerknummers van alle printers in uw gebied nodig
hebt, kunt u deze op eenvoudige wijze opzoeken met de functie voor printerinformatie in het Dell Printer
Configuration Web Tool. Typ gewoon het IP-adres van elke printer op het netwerk om het kenmerknummer
weer te geven.
Met het Dell Printer Configuration Web Tool kunt u tevens de printerinstellingen wijzigen en afdruktrends
bijhouden. Als u netwerkbeheerder bent, kunt u op eenvoudige wijze, vanaf uw webbrowser, de instellingen
van de printer kopiëren naar één of alle printers op het netwerk.
Start het Dell Printer Configuration Web Tool (Printerconfiguratieprogramma van Dell) door het IP-adres van
uw netwerkprinter in de webbrowser te typen.
Als u het IP-adres van uw printer niet weet, drukt u een pagina met netwerkinstellingen af. Deze bevat het
IP-adres.
Druk op de knop Menu als u een pagina met netwerkinstellingen wilt afdrukken.
Zie Pagina met netwerkinstellingen afdrukken voor meer informatie.
Gebruik het Dell Printer Configuration Web Tool voor:
Printer Status (Printerstatus) - Hiermee ontvangt u direct feedback over de status van de
printeronderdelen of supplies. Als er nog maar weinig toner beschikbaar is, klikt u op de koppeling voor
de tonervoorraad op het eerste scherm om extra tonercartridges te bestellen.
Printer Settings (Printerinstellingen) - Hiermee wijzigt u de printerinstellingen, bekijkt u het
bedieningspaneel op afstand en werkt u de firmware van de afdrukserver bij.
Copy Printer Settings (Printerinstellingen kopiëren) - Hiermee kopieert u snel de instellingen van de
printer naar één of meer andere printers op het netwerk door het IP-adres van elke printer in te
voeren.
OPMERKING: U kunt deze functie alleen gebruiken als u netwerkbeheerder bent.
Printing Statistics (Statistieken afdrukken) - Hiermee houdt u afdruktrends bij, zoals papierverbruik
en soorten afdruktaken.
Printer Information (Printerinformatie) - Hiermee geeft u de informatie weer die u nodig hebt voor
onderhoud, voorraadrapporten of de status van het beschikbare geheugen en de enginecodes.
E-mail Alert Setup (Instellingen e-mailmeldingen) - Hiermee kunt u opgeven dat u een e-mailbericht
wilt ontvangen als de printer supplies nodig heeft of als ingrijpen van een operator vereist is. Typ uw
naam of de naam van de hoofdgebruiker in de keuzelijst voor de e-mailadressen van mensen die een
e-mailmelding moeten ontvangen.
Set Password (Wachtwoord instellen) - Vergrendel het bedieningspaneel met een wachtwoord zodat
andere gebruikers niet per ongeluk de geselecteerde printerinstellingen kunnen wijzigen. Zie Menu's op
het bedieningspaneel vergrendelen met de Embedded Web Server voor meer informatie.
OPMERKING: U kunt deze functie alleen gebruiken als u netwerkbeheerder bent.
Online-Help - Klik op Help om de website van Dell te bezoeken voor meer informatie over het
oplossen van problemen met de printer.
Hulpprogramma voor printermeldingen van Dell
OPMERKING: Deze toepassing is niet beschikbaar voor Windows 2000.
Het hulpprogramma voor printermeldingen van Dell geeft aan wanneer er fouten op uw printer voorkomen
waarvoor actie moet worden ondernomen om ze te verhelpen. Wanneer er een fout is, wordt met een
tekstballon weergegeven wat er fout is en wordt u naar de juiste herstelinformatie verwezen.
OPMERKING: Voor een juiste werking van het hulpprogramma voor printermeldingen van Dell, moet
bidirectionele communicatie worden ondersteund, zodat de printer en de computer kunnen
communiceren. Er wordt een uitzondering aan de Windows Firewall toegevoegd om deze communicatie
mogelijk te maken.
Als u hebt gekozen om het hulpprogramma voor printermeldingen van Dell met uw printersoftware te
installeren, start het hulpprogramma automatisch als de installatie van de software is voltooid. Het
hulpprogramma is actief als u in het systeemvak ziet.
U schakelt het hulpprogramma voor printermeldingen van Dell als volgt uit:
Klik met de rechtermuisknop op het -pictogram in het systeemvak.1.
Selecteer Afsluiten.2.
U schakelt het hulpprogramma voor printermeldingen van Dell als volgt weer in:
In Windows Vista
®
of hoger (standaard Start-menu):
Klik op Programma's.a.
Klik op Dell Printers.b.
Klik op uw Dell Laser Printer-model.c.
In Windows
®
XP:
Klik op Start Programma's of Alle programma's Dell Printers uw Dell Laser Printer-
model.
1.
Klik op Hulpprogramma voor printermeldingen.2.
Software verwijderen en opnieuw installeren
Als de printer niet juist functioneert of als er berichten over communicatiefouten worden weergegeven
wanneer u de printer gebruikt, dient u de printersoftware te verwijderen en opnieuw te installeren.
1.
In Windows Vista
®
of later:
Klik op Programma's.a.
Klik op Dell Printers.b.
Klik op uw Dell Laser Printer-model.c.
In Windows
®
XP en 2000:
Klik op Start Programma's of Alle programma's Dell Printers uw Dell Laser Printer-
model.
1.
Klik op Dell Printer Software Uninstall (Verwijderen van Dell-printersoftware).2.
Volg de aanwijzingen op het scherm.3.
Start de computer opnieuw op.4.
Plaats de cd Software en documentatie in het cd-romstation en volg de aanwijzingen op het scherm.
Als het installatievenster voor de software niet verschijnt, doet u het volgende:
In Windows Vista
®
of hoger: klik op Deze computer.
In Windows
®
XP: klik op Start Deze computer.
In Windows 2000: dubbelklik op Deze computer op het bureaublad.
a.
Dubbelklik op het pictogram Cd-romstation en dubbelklik vervolgens op setup.exe.b.
Klik in het installatiescherm van de printersofware op Personal Installation (persoonlijke
installatie), Network Installation (netwerkinstallatie) of Additional Software
Installation (installatie van aanvullende software).
c.
Volg de aanwijzingen op het scherm om de installatie te voltooien.d.
5.
Dell Toner Management System
Venster Afdrukstatus
OPMERKING: Voor een juiste werking van het venster Afdrukstatus moet bidirectionele communicatie
worden ondersteund zodat de printer en de computer kunnen communiceren. Er wordt een
uitzondering aan Windows
®
Firewall toegevoegd om deze communicatie mogelijk te maken.
In het venster met de afdrukstatus worden de status van de printer (zoals printer gereed, printer offline en
foutcontrole van printer) en de naam van de taak weergegeven als u een afdruktaak verzendt.
In dit venster wordt tevens de hoeveelheid toner weergegeven, zodat u het volgende kunt doen:
De beschikbare hoeveelheid toner in uw printer in de gaten houden.
Klik op Supplies bestellen om tonercartridges te bestellen.
Dell Printer Supplies Reorder Application
Het dialoogvenster Supplies bestellen kan worden geopend vanuit het venster Afdrukstatus of het venster
Programma's, of via het pictogram op het bureaublad.
U kunt toner bestellen per telefoon of via het web.
Als u online wilt bestellen, start u de toepassing Toepassing voor het bijbestellen van printersupplies
van Dell:
In Windows Vista
®
of hoger (standaard Start-menu):
Klik op Programma's.a.
Klik op Dell Printers.b.
Klik op uw Dell Laser Printer-model.c.
In Windows
®
XP en 2000:
Klik op Start Programma's of Alle programma's Dell Printers uw Dell Laser Printer-
model.
1.
2.
Klik op Toepassing voor het bijbestellen van printersupplies van Dell.
Het dialoogvenster Supplies bestellen wordt weergegeven.
2.
Als Meerdere printers gevonden wordt weergegeven, selecteert u de printer waarvoor u
supplies bestelt.
3.
Volg de aanwijzingen op het scherm.4.
Als u via internet bestelt, klikt u op de koppeling onder het kopje Online bestellen.
Als u telefonisch wilt bestellen, belt u het nummer dat wordt weergegeven onder het kopje
Telefonisch bestellen.
Bezig met afdrukken van
Documenten afdrukken
Op enveloppen afdrukken
Afdrukken met behulp van de universeellader
Afdrukken op briefhoofdpapier
Een document op beide zijden afdrukken (Dubbelzijdig afdrukken)
Poster afdrukken
Meerdere paginabeelden afdrukken op één vel
Op transparanten afdrukken
Boekjes afdrukken
Afdruktaak annuleren
Documenten afdrukken
Zet de computer en de printer aan en controleer of ze op elkaar zijn aangesloten.1.
Plaats het papier in de printer. Zie Papier plaatsen voor meer informatie.2.
Open het gewenste document en klik op Bestand Afdrukken.
Het dialoogvenster Afdrukken wordt weergegeven.
3.
Klik op Voorkeuren, Eigenschappen, Opties of Instellen (afhankelijk van het programma of
besturingssysteem).
Het dialoogvenster Voorkeursinstellingen voor afdrukken wordt weergegeven.
4.
Voer de benodigde wijzigingen door in uw document.5.
Klik na het aanpassen van de instellingen op OK.
Het dialoogvenster Voorkeursinstellingen voor afdrukken wordt gesloten
6.
Klik op OK of Afdrukken.7.
Afdrukken met behulp van de universeellader
In de universeellader aan de voorkant van de printer kunt u per keer tot wel 50 vellen afdrukmateriaal
invoeren..
Open het gewenste document en klik op Bestand Afdrukken.1.
Klik op Eigenschappen (of Opties, Printer of Instellingen, afhankelijk van de toepassing of het
besturingssysteem).
Het dialoogvenster Voorkeursinstellingen voor afdrukken wordt weergegeven.
2.
Klik op de tab Papier.3.
Selecteer Universeellader in de vervolgkeuzelijst voor de papierlade.
OPMERKING: Universeellader verschijnt in de papierbron als cassetteconfiguratie is
geselecteerd.
4.
Selecteer de juiste papiersoort.5.
Voer eventuele wijzigingen door voor uw document.6.
Klik op OK.7.
Klik in het venster Afdrukken op OK om de afdruktaak naar de printer te sturen.8.
Een document op beide zijden afdrukken (Dubbelzijdig
afdrukken)
Afdrukken op beide zijden van het papier verlaagt de afdrukkosten.
U kunt kiezen op welke wijze de taak dubbelzijdig wordt afgedrukt: lange zijde of korte zijde.
Lange zijde
Korte zijde
Met Lange zijde vindt inbinding aan de lange zijde
van de pagina plaats (de linkerzijde bij de
afdrukstand staand en de bovenzijde bij de
afdrukstand liggend).
Met Korte zijde vindt inbinding aan de korte zijde
van de pagina plaats (de bovenzijde bij de
afdrukstand staand en de linkerzijde bij de
afdrukstand liggend).
Open het gewenste document en klik op Bestand Afdrukken.1.
Klik op Eigenschappen (of Opties, Printer of Instellingen, afhankelijk van de toepassing of het
besturingssysteem).
Het dialoogvenster Voorkeursinstellingen voor afdrukken wordt weergegeven.
2.
Klik op de tab Page Layout (Pagina-indeling).3.
Selecteer, afhankelijk van uw afdrukfrequentie, 2-sided long edge (2-zijdig lange zijde) of 2-sided
short edge (2-zijdig korte zijde) onder 2-sided printing (2-zijdig afdrukken).
4.
Klik op OK.5.
Klik op OK.6.
Meerdere paginabeelden afdrukken op één vel
De instelling Multipage Printing (N-up) (N/vel afdrukken [N per vel]) wordt gebruikt om meerdere
paginabeelden af te drukken op één vel papier. 2-up (2 per vel) betekent bijvoorbeeld dat twee
paginabeelden op één vel worden afgedrukt.
De printer gebruikt de instellingen Multipage Order (N/vel-volgorde), Multipage View (N/vel-beeld) en
Multipage Border (N/vel-rand) om de volgorde en de afdrukstand van de paginabeelden te bepalen en om te
bepalen of er een rand rond elk paginabeeld moet worden afgedrukt.
1.
Open het gewenste bestand en klik op Bestand Afdrukken.1.
Klik op Eigenschappen (of Opties, Printer of Instellingen, afhankelijk van de toepassing of het
besturingssysteem).
Het dialoogvenster Voorkeursinstellingen voor afdrukken wordt weergegeven.
2.
Geef in het gedeelte Multipage printing (N-up) (N/vel afdrukken [N per vel]) het aantal pagina's op
dat u op een vel wilt afdrukken door een nummer te typen of door de pijlen in de keuzelijst te
gebruiken.
3.
Klik op OK.4.
Klik in het venster Afdrukken op OK om de afdruktaak naar de printer te sturen.5.
Boekjes afdrukken
Met de instelling Booklet (Boekje) kunt u meerdere pagina's in de vorm van een boekje afdrukken zonder
dat u het document opnieuw hoeft op te maken om de pagina's in de juiste volgorde af te drukken. De
pagina's worden zodanig afgedrukt dat het uiteindelijke, gesorteerde document langs het midden van elke
pagina kan worden gevouwen zodat een boekje ontstaat.
Als het document uit een groot aantal pagina's bestaat, bevat een boekje mogelijk te veel pagina's en kan
het niet goed worden gevouwen. Als u een vrij groot boekje afdrukt, kunt u de optie Sheets per Bundle
(Vellen per bundel) gebruiken om op te geven hoeveel fysieke pagina's u in één bundel wilt opnemen. De
printer drukt het benodigde aantal bundels af en vervolgens kunt u de bundels samenvoegen tot één boekje.
Wanneer u in bundels afdrukt, wordt de buitenste rand van de pagina's regelmatiger uitgelijnd.
U dient op te geven of u wilt afdrukken met opties voor dubbelzijdig afdrukken voordat u kunt opgeven of u
wilt afdrukken met de functie Booklet (Boekje). Wanneer u Print Using Booklet (Afdrukken via Boekje)
kiest, worden de besturingselementen voor de opties voor dubbelzijdig afdrukken inactief en wordt de laatst
gebruikte instelling voor deze opties gebruikt.
Open het gewenste bestand en klik op Bestand Afdrukken.1.
2.
1.
Klik op Eigenschappen (of Opties, Printer of Instellingen, afhankelijk van de toepassing of het
besturingssysteem).
Het dialoogvenster Voorkeursinstellingen voor afdrukken wordt weergegeven.
2.
Klik op More Page Layout Options (Meer pagina-indelingsopties).3.
Klik op Booklet (Boekje).4.
Klik tweemaal op OK.5.
Klik in het venster Afdrukken op OK om de afdruktaak naar de printer te sturen.6.
Op enveloppen afdrukken
Zet de computer en de printer aan en controleer of ze op elkaar zijn aangesloten.1.
Open het gewenste document en klik op Bestand Afdrukken.
Het dialoogvenster Afdrukken wordt weergegeven.
2.
Klik op Eigenschappen (of Opties, Printer of Instellingen, afhankelijk van de toepassing of het
besturingssysteem).
Het dialoogvenster Voorkeursinstellingen voor afdrukken wordt weergegeven.
3.
Klik op de tab Papier.4.
Selecteer Envelop in de vervolgkeuzelijst Papiersoort.5.
Voer eventuele wijzigingen door voor uw document.6.
Klik op OK.7.
Klik in het venster Afdrukken op OK om de afdruktaak naar de printer te sturen.8.
8.
Afdrukken op briefhoofdpapier
Controleer of het briefhoofdpapier correct is geplaatst op basis van de papierbron die u gebruikt:
Lade 1 of 2 - Plaats het briefhoofdpapier met de afdrukzijde naar beneden. De bovenkant van
het papier met het logo moet zich aan de voorkant van de lade bevinden.
Universeellader - Plaats het briefhoofdpapier met de afdrukzijde naar boven, zodat de
bovenzijde van het vel als eerste in de printer wordt gevoerd.
1.
Open het gewenste bestand en klik op Bestand Afdrukken.2.
Klik op Eigenschappen (of Opties, Printer of Instellingen, afhankelijk van de toepassing of het
besturingssysteem).
Het dialoogvenster Voorkeursinstellingen voor afdrukken wordt weergegeven.
3.
Klik op de tab Paper (Papier).4.
Selecteer Letterhead (Briefhoofdpapier) in de vervolgkeuzelijst Paper Type (Papiersoort).5.
6.
5.
Selecteer het juiste papierformaat en de lade.6.
Klik op OK.7.
Klik in het venster Afdrukken op OK om de afdruktaak naar de printer te sturen.8.
Poster afdrukken
Met de instelling Poster kunt u één afbeelding afdrukken over meerdere pagina's heen. Nadat u de pagina's
hebt afgedrukt, kunt u deze samenvoegen tot één grote afbeelding.
Open het gewenste bestand en klik op Bestand Afdrukken.1.
Klik op Eigenschappen (of Opties, Printer of Instellingen, afhankelijk van de toepassing of het
besturingssysteem).
Het dialoogvenster Voorkeursinstellingen voor afdrukken wordt weergegeven.
2.
Klik op More Page Layout Options (Meer pagina-indelingsopties).3.
Klik op Poster.4.
Selecteer het gewenste posterformaat door het aantal pagina's te kiezen dat u wilt gebruiken voor de
poster.
5.
Als u bijsnijdmarkeringen wilt afdrukken op de pagina, selecteert u Print crop marks
(Bijsnijdmarkeringen afdrukken).
6.
Selecteer de hoeveelheid overlapping voor elke pagina.7.
8.
7.
Klik twee keer op OK.8.
Klik in het venster Afdrukken op OK om de afdruktaak naar de printer te sturen.9.
Op transparanten afdrukken
Plaats de transparanten in de lade.1.
Open het gewenste document en klik op Bestand Afdrukken.2.
Klik op Eigenschappen (of Opties, Printer of Instellingen, afhankelijk van de toepassing of het
besturingssysteem).
Het dialoogvenster Voorkeursinstellingen voor afdrukken wordt weergegeven.
3.
Klik op de tab Papier.4.
Selecteer Transparant in de vervolgkeuzelijst Papiersoort.5.
Klik twee keer op OK.6.
Klik in het venster Afdrukken op OK om de afdruktaak naar de printer te sturen.7.
OPMERKING: Verwijder elk transparant dat uit de printer komt en laat het drogen voordat u het
opstapelt om vlekken te voorkomen. Transparanten hebben tot wel 15 minuten nodig om te drogen.
Afdruktaak annuleren
Via het bedieningspaneel van de printer
Druk tweemaal op de knop Annuleren om de huidige afdruktaak te stoppen.
Via de computer
In Windows Vista
®
of hoger (standaard Start-menu):
Klik op Configuratiescherm.a.
Klik op Hardware en geluiden.b.
Klik op Printers.c.
In Windows
®
XP (standaard Start-menu):
Klik op Start Configuratiescherm.a.
Dubbelklik op Printers en andere hardware.b.
Dubbelklik op Printers en faxapparaten.c.
In Windows
®
XP (klassiek Start-menu): Klik op Start Instellingen Printers en faxapparaten.
In Windows Vista
®
(klassiek Start-menu) en alle andere versies van Windows: Klik op Start
Instellingen Printers.
1.
Dubbelklik op de printer die u gebruikt voor de afdruktaak in kwestie.
Er wordt een lijst met afdruktaken weergegeven.
2.
Klik met de rechtermuisknop op het document waarvan u de afdruktaak wilt stoppen en klik op
Annuleren.
3.
Printer onderhouden
Supplies bestellen
Supplies bewaren
Supplies vervangen
Buitenkant van de printer reinigen
LET OP: Lees eerst de veiligheidsinstructies in de producthandleiding en volg deze op
voordat u een van de procedures uitvoert die in dit gedeelte worden beschreven.
Dell™-tonercartridges zijn alleen verkrijgbaar via Dell. U kunt extra toner online bestellen op
www.dell.com/supplies.
LET OP: wij adviseren u tonercartridges van Dell te gebruiken in uw printer. Herstel van
problemen die zijn veroorzaakt door het gebruik van supplies of onderdelen die niet door
Dell zijn geleverd, valt niet onder de garantie van Dell.
Supplies bestellen
Printer aangesloten op een netwerk
Typ het IP-adres van de printer in uw webbrowser om het Dell Configuration Web Tool te starten.1.
Klik op www.dell.com/supplies.2.
Printer lokaal aangesloten op een computer
In Windows Vista
®
of hoger (standaard Start-menu):
Klik op Programma's.a.
b.
1.
a.
Klik op Dell Printers.b.
Klik op uw Dell Laser Printer-model.c.
In Windows
®
XP en 2000:
Klik op Start Programma's of Alle programma's Dell Printers uw Dell Laser Printer-
model.
Klik op Toepassing voor het bijbestellen van printersupplies van Dell.
Het venster Supplies bestellen wordt weergegeven.
2.
Klik op de koppeling onder de titel Online bestellen.3.
Supplies bewaren
Afdrukmateriaal bewaren
Gebruik de volgende richtlijnen voor de juiste opslag van afdrukmateriaal. Hiermee voorkomt u problemen
met de papierdoorvoer en een onregelmatige afdrukkwaliteit.
U kunt afdrukmateriaal het beste bewaren in een omgeving met een temperatuur van rond de 21 °C en
een relatieve luchtvochtigheid van 40%.
Plaats dozen met afdrukmateriaal liever niet direct op de vloer, maar op pallets of op planken aan de
muur.
Als u losse pakken afdrukmateriaal niet in de oorspronkelijke doos bewaart, legt u de pakken op een
vlakke ondergrond, zodat de randen niet omkrullen of kreuken.
Plaats niets boven op de pakken afdrukmateriaal.
Tonercartridge bewaren
Bewaar de tonercartridge in de originele verpakking zolang u de cartridge nog niet nog niet hoeft te
gebruiken.
Bewaar de toner niet op de volgende plaatsen:
Een omgeving met een temperatuur die hoger is dan 40 °C.
Een omgeving met een sterk wisselende luchtvochtigheidsgraad en temperatuur.
In direct zonlicht.
Op stoffige plaatsen.
Gedurende langere tijd in een auto.
Een omgeving waar zich bijtende stoffen bevinden.
Een omgeving met zilte lucht.
Supplies vervangen
Belichtingstrommel vervangen
U krijgt een indicatie van de toestand van de belichtingstrommel door de configuratiepagina met
printerinstellingen af te drukken. Aan de hand hiervan kunt u bepalen wanneer u nieuwe supplies dient te
bestellen.
Om problemen met de afdrukkwaliteit en beschadiging van de printer te voorkomen, kunnen geen afdrukken
meer worden gemaakt met de printer wanneer de belichtingstrommel een maximum van 30.000 pagina's
heeft bereikt. U krijgt automatisch een melding voordat de belichtingstrommel dit punt bereikt.
Wellicht blijft de printer goed functioneren nadat het einde van de levensduur van de belichtingstrommel
officieel is bereikt, maar de afdrukkwaliteit neemt aanzienlijk af en uiteindelijk werkt de belichtingstrommel
niet meer als het maximum van 30.000 pagina's is bereikt.
KENNISGEVING: Wanneer u de belichtingstrommel vervangt, mag u deze niet langere tijd
blootstellen aan rechtstreeks licht. Door langdurige blootstelling aan licht kunnen problemen met de
afdrukkwaliteit optreden.
Zet de printer uit.1.
2.
1.
Open de voorklep door op de ontgrendelingsknop aan de rechterkant van de printer te drukken en de
klep te laten zakken.
2.
Pak de tonercartridge vast bij de handgreep en trek het tonercartridgemechanisme uit de printer.
OPMERKING: Druk niet op de knop op het tonercartridgemechanisme.
3.
Plaats het tonercartridgemechanisme op een vlakke, schone ondergrond.4.
Druk op de knop op het tonercartridgemechanisme en trek de tonercartridge vervolgens aan de
handgreep omhoog en naar buiten.
5.
Haal de nieuwe belichtingstrommel uit de verpakking.6.
7.
KENNISGEVING: Stel de belichtingstrommel niet gedurende langere tijd bloot aan direct licht.
Door langdurige blootstelling aan licht kunnen problemen met de afdrukkwaliteit optreden.
6.
Zorg dat de witte rolletjes op de nieuwe tonercartridge op één lijn zijn met de witte pijlen op de
geleiders van de belichtingstrommel en druk de tonercartridge zo ver mogelijk in de printer. De
cartridge klikt vast wanneer deze correct is geïnstalleerd.
7.
Zorg dat de blauwe pijlen op de geleiders van de tonercartridge op één lijn zijn met de blauwe pijlen in
de printer en druk de cartridge zo ver mogelijk in de printer.
8.
Zet de printer weer aan.9.
Houd de knop Annuleren ingedrukt tot het bericht Bezig met resetten van PC-teller verschijnt
op het display van het bedieningspaneel.
KENNISGEVING: Door de teller van de belichtingstrommel terug te zetten zonder de
belichtingstrommel te vervangen, kan de printer beschadigd raken en komt de garantie te
vervallen.
10.
Sluit de klep.11.
Tonercartridge vervangen
U kunt bij benadering vaststellen hoeveel toner er nog in de cartridge zit door het configuratieblad met
printerinstellingen af te drukken. Zo kunt u nagaan of u nieuwe supplies dient te bestellen.
Wanneer het bericht Toner bijna op wordt weergegeven of wanneer de afdrukken vaag zijn, verwijdert u
de tonercartridge. Schud de cartridge een aantal malen flink heen en weer, van voor naar achter en van links
naar rechts, om de toner opnieuw te verdelen. Plaats de cartridge vervolgens terug en ga verder met
afdrukken. Herhaal deze procedure enkele keren om te zien of de afdrukken vaag blijven. Vervang in dat
geval de tonercartridge.
OPMERKING: U kunt nog een korte tijd afdrukken nadat het bericht Toner bijna op is
weergegeven, maar de afdrukkwaliteit neemt af naarmate het tonerniveau afneemt.
KENNISGEVING: Stel de tonercartridge tijdens de vervanging niet gedurende langere tijd bloot aan
direct licht. Langdurige blootstelling aan licht kan tot problemen met de afdrukkwaliteit leiden.
Zet de printer uit.1.
Open de voorklep door op de knop aan de rechterkant van de printer te drukken en de klep te laten
zakken.
2.
Druk op de knop aan de onderzijde van de belichtingstrommel, en trek het tonercartridgemechanisme
met de hendel omhoog en eruit.
3.
Pak het nieuwe tonercartridgemechanisme uit.4.
KENNISGEVING: Stel het tonercartridgemechanisme tijdens de vervanging niet gedurende
langere tijd bloot aan direct licht. Langdurige blootstelling aan licht kan tot problemen met de
afdrukkwaliteit leiden.
4.
Draai de cartridge in alle richtingen om de toner te verdelen.5.
Zorg dat de witte rolletjes op het nieuwe tonercartridgemechanisme op één lijn zijn met de pijlen op de
geleiders van de belichtingstrommelkit en druk de tonercartridge zo ver mogelijk in de printer. De
cartridge klikt vast wanneer deze correct is geïnstalleerd.
6.
Sluit de klep.7.
Buitenkant van de printer reinigen
Controleer of de printer is uitgeschakeld en dat de stekker van het netsnoer uit het stopcontact is
getrokken.
1.
LET OP: trek de stekker van het netsnoer uit het stopcontact en maak alle kabels los
van de printer voordat u doorgaat om elektrische schokken te voorkomen.
1.
Verwijder het papier uit de papiersteun en de papieruitvoerlade.2.
Maak een schone, pluisvrije doek vochtig met water.
KENNISGEVING: Gebruik geen huishoudelijke schoonmaakmiddelen of afwasmiddelen. Deze
kunnen het oppervlak van de printer beschadigen.
3.
Veeg alleen de buitenkant van de printer schoon. Verwijder hierbij eventuele inktresten die zijn
achtergebleven op de papieruitvoerlade.
KENNISGEVING: Als u een vochtige doek gebruikt om de binnenkant van de printer te reinigen,
kan de printer beschadigd raken. Schade aan de printer die is veroorzaakt door het niet volgen
van de juiste aanwijzingen voor het reinigen van de printer, valt niet onder de garantie.
4.
Zorg ervoor dat de papiersteun en papieruitvoerlade droog zijn voordat u een nieuwe afdruktaak start.5.
Beheerdersondersteuning
De Embedded Web Server gebruiken
Menu's op het bedieningspaneel vergrendelen met de Embedded Web Server
Een beheerderswachtwoord maken
De Embedded Web Server gebruiken
Als een printer in een netwerk is geïnstalleerd, is de Embedded Web Server beschikbaar voor diverse
functies:
Printerinstellingen configureren
De status van de printersupplies controleren
De netwerkinstellingen configureren
Een wachtwoord maken voor bepaalde menu's
Rapporten weergeven
Fabrieksinstellingen herstellen
Het virtuele scherm weergeven
Voor toegang tot de Embedded Web Server typt u het IP-adres van de printer in het adresveld van de
webbrowser.
OPMERKING: Als u het IP-adres van de printer niet weet, drukt u een pagina met netwerkinstellingen
af en zoekt u het IP-adres in het TCP/IP-gedeelte. Zie Pagina met netwerkinstellingen afdrukken voor
meer informatie.
Menu's op het bedieningspaneel vergrendelen met de
Embedded Web Server
Met de vergrendelfunctie op het bedieningspaneel kunt u een PIN maken en de specifieke menu's selecteren
die u wilt vergrendelen. Telkens wanneer een vergrendeld menu wordt geselecteerd, wordt de gebruiker
gevraagd de juiste PIN in te voeren. De PIN is niet van invloed op het verkrijgen van toegang via de
Embedded Web Server.
OPMERKING: Als u het bedieningspaneel van de printer vergrendelt, kunnen andere gebruikers het
bedieningspaneel niet meer gebruiken - niet vanaf afstand en niet vanaf de printer zelf.
U vergrendelt de menu's op het bedieningspaneel als volgt:
Open een webbrowser. Typ in de adresbalk het IP-adres van de printer of van de afdrukserver die u
wilt vergrendelen en hanteer daarbij de volgende indeling: http://ip_adres/.
1.
Klik op Configuration (Configuratie).2.
Kies onder Beveiliging de menu's die u wilt beveiligen.3.
Maak en bevestig de PIN-code.
OPMERKING: PIN-codes moeten uit 4 cijfers bestaan en moeten numeriek zijn (0–9).
4.
Klik op Verzenden om de PIN-code op te slaan.
Klik op Formulier opnieuw instellen als u de PIN-code wilt wijzigen.
5.
Een beheerderswachtwoord maken
Door een beheerderswachtwoord te maken, kan een systeembeheerder de printerinstellingen door middel
van een wachtwoord beveiligen.
Om te voorkomen dat een gebruiker de printerinstellingen verandert, moet het bedieningspaneel worden
vergrendeld en moet een beheerderswachtwoord worden ingesteld. Zie Menu's op het bedieningspaneel
vergrendelen met de Embedded Web Server voor meer informatie.
OPMERKING: Wanneer het beheerderswachtwoord is ingesteld, moet het wachtwoord op de
webserver worden ingevoerd voordat de gebruiker een koppeling op de pagina Printerinstellingen mag
invoeren, met uitzondering van rapportkoppelingen.
Open een webbrowser.1.
2.
1.
Typ in de adresbalk het IP-adres van de netwerkprinter of afdrukserver en druk vervolgens op Enter.2.
Klik op Configuration (Configuratie).3.
Klik in Other Settings (Overige instellingen) op Security (Beveiliging).4.
Ken wachtwoordbeveiliging toe aan specifieke apparaatinstellingen.5.
Maak een geavanceerd wachtwoord of gebruikerswachtwoord.
OPMERKING: Het wachtwoordbereik bestaat uit 8–128 tekens.
6.
Klik op Submit (Verzenden).
Als u het wachtwoord opnieuw wilt instellen, klikt u op Formulier opnieuw instellen of op de
koppeling Geavanceerd wachtwoord wijzigen/verwijderen.
7.
Problemen met de printer oplossen
Veelgestelde vragen (FAQ): Dell™ Laser Printer
2330d/dn en 2350d/dn - problemen en oplossingen
Problemen met papier
Installatieproblemen
Afdrukproblemen
Foutberichten
Problemen met afdrukkwaliteit
Algemene richtlijnen voor het selecteren of plaatsen van
afdrukmateriaal
Veelgestelde vragen (FAQ): functies,
problemen en oplossingen voor Mac OS
®
Verstoppingen en verkeerde invoer voorkomen
Bellen voor technische ondersteuning.
Papierstoringen verhelpen
Veelgestelde vragen (FAQ): Dell™ Laser Printer
2330d/dn en 2350d/dn - problemen en oplossingen
Hoe installeer ik het stuurprogramma en de software van de Dell Laser Printer 2330d/dn en
2350d/dn in Windows
®
via USB of een parallelle verbinding?
Raadpleeg Printerstuurprogramma's installeren.
OPMERKING: Sluit de printer NOOIT met een USB-kabel op de computer aan waarna u de
printer aanzet voordat u het printerstuurprogramma hebt geprobeerd te installeren.
Waarom wordt voortdurend misvormde tekst afgedrukt?
Probeer een van de volgende oplossingen:
Controleer de USB-kabelverbindingen tussen de computer en de printer.1.
Probeer indien mogelijk een andere USB-kabel.2.
Verwijder het stuurprogramma van de Dell Laser Printer 2330d/dn en 2350d/dn en installeer het
opnieuw.
3.
OPMERKING: Voor een juiste werking van het lokale Status Monitor Center
(Statusbeheerprogramma) moet bidirectionele communicatie worden ondersteund zodat de
printer en de computer kunnen communiceren. Er wordt een uitzondering aan de Windows
Firewall toegevoegd om deze communicatie mogelijk te maken.
Als het probleem hiermee niet is opgelost, controleert u de USB-kabelverbinding met de printer.
Als het probleem blijft aanhouden, kunt u proberen of het probleem is opgelost als u de USB-
kabel vervangt.
Als u het probleem niet hebt kunnen oplossen door bovengenoemde stappen uit te voeren, kunt
u proberen om het stuurprogramma van de Dell-laserprinter 2330d/dn en 2350d/dn te
verwijderen en opnieuw te installeren.
3.
Hoe installeer ik de optionele lade voor 550 vel (lade 2)?
Raadpleeg Optionele lader voor 550 vel installeren.
Waarom kan ik de optionele lade voor 550 vel (lade 2) niet in het printerstuurprogramma
selecteren?
Raadpleeg Optionele lader voor 550 vel installeren.
Hoe stel ik de laden in om af te drukken op papier van Legal-formaat?
Raadpleeg Papier in de papierlade voor 250 vel plaatsen en Papier in de papierlade voor 550 vel
plaatsen.
Hoe installeer ik het printerstuurprogramma voor de Dell-laserprinter 2330d/dn en 2350d/dn via
het netwerk voor Windows?
Raadpleeg Afdrukken via het netwerk instellen.
Hoe zet ik de teller van de belichtingstrommel weer in op nul?
Om de teller terug te zetten, houdt u de knop Annuleren ingedrukt tot het bericht Bezig met
resetten van PC-teller verschijnt op het display van het bedieningspaneel. Zie Belichtingstrommel
vervangen voor meer informatie.
OPMERKING: Als u de teller van de belichtingstrommel op nul zet zonder de belichtingstrommel
te vervangen, kan de printer beschadigd raken en uw garantie komen te vervallen.
OPMERKING: Gebruik deze instelling om de teller van de belichtingstrommel weer op nul te
zetten. Het bericht dat de belichtingstrommel moet worden vervangen, verdwijnt alleen nadat u
de belichtingstrommel hebt vervangen.
Hoe herstel ik de standaardfabrieksinstellingen?
Raadpleeg Modus Algemene instellingen.
Hoe vind ik het IP- en MAC-adres van de printer?
Raadpleeg Pagina met netwerkinstellingen afdrukken.
Hoe verander ik het IP-adres van de printer met behulp van de Dell Printer Configuration Web
Tool (het printerconfiguratieprogramma van Dell)?
Raadpleeg Dell Printer Configuration Web Tool.
Hoe kan ik de printer draadloos instellen met een draadloze afdrukserver van derden?
Raadpleeg de stappen in de documentatie die bij de draadloze afdrukserver is meegeleverd.
OPMERKING: Sommige functies zijn mogelijk niet beschikbaar wanneer u een draadloze
afdrukserver van derden gebruikt.
Ik kan geen draadloze verbinding instellen met Dell Wireless Print Adapter 3300.
Ga naar support.dell.com en lees de sectie onder Problems with 3300 Wireless Print Adapter.
Installatieproblemen
Computerproblemen
Controleer of de printer compatibel is met de computer.
De printer ondersteunt Windows 7, Windows Server 2008, Windows Server 2008 R2, Windows Vista™,
Windows XP, Windows Server 2003, Windows 2000, Macintosh
®
OS
®
10.3 en hoger.
Windows ME, Windows NT, Windows 98, Windows 95, Macintosh OS 9x en 10.2 worden niet door deze
printer ondersteund.
Zorg ervoor dat u zowel de printer als de computer hebt ingeschakeld.
Controleer de USB-kabel.
De USB-kabel moet stevig zijn aangesloten op de printer en de computer.
Schakel de computer uit, sluit de USB-kabel opnieuw aan zoals wordt aangegeven op de poster
Printer instellen en start de computer opnieuw op.
Installeer de software handmatig als het installatievenster voor de software niet
automatisch wordt weergegeven.
Plaats de cd Software en documentatie.1.
In Windows Vista
®
of hoger: klik op Deze computer.
Klik in Windows XP op Start Deze computer.
Dubbelklik in Windows 2000 vanaf het bureaublad op Deze computer.
2.
Dubbelklik op het pictogram Cd-romstation en dubbelklik vervolgens op setup.exe.3.
Als het installatievenster voor de printersoftware wordt weergegeven, klikt u op Persoonlijke
installatie of Netwerkinstallatie.
4.
Volg de aanwijzingen op het scherm om de installatie te voltooien.5.
Controleer of de printersoftware is geïnstalleerd.
In Windows Vista
®
of later:
Klik op Programma's.1.
Klik op Dell Printers.2.
Windows XP of Windows 2000:
Klik op Start Programma's of Alle programma's Dell Printers uw Dell Laser Printer-model.
Als de printer niet voorkomt in de lijst met printers, is de printersoftware niet geïnstalleerd. Installeer de
printersoftware. Zie Software verwijderen en opnieuw installeren voor meer informatie.
Los de communicatieproblemen tussen de printer en de computer op.
Maak de USB-kabel los van de printer en de computer. Sluit de USB-kabel vervolgens weer aan op de
printer en de computer.
Zet de printer uit. Trek de stekker van het netsnoer van de printer uit het stopcontact. Sluit het
netsnoer van de printer weer aan op het stopcontact en zet de printer aan.
Start de computer opnieuw op.
Als het probleem zich blijft voordoen, vervangt u de USB-kabel.
Stel de printer in als standaardprinter.
In Windows Vista
®
of later:
Klik op Configuratiescherm.a.
Klik op Hardware en geluiden.b.
Klik op Printers.c.
Klik in Windows XP op Start Configuratiescherm Printers en andere hardware Printers
en faxapparaten.
Klik in Windows 2000 op Start Instellingen Printers.
1.
Klik met de rechtermuisknop op het pictogram van uw Dell Laser Printer-model.2.
Selecteer Als standaardprinter instellen.3.
Printer drukt niet af en er zijn afdruktaken vastgelopen in de afdrukwachtrij.
Controleer of u de printer meerdere keren hebt geïnstalleerd op de computer.
1.
In Windows Vista
®
of later:
Klik op Configuratiescherm.a.
Klik op Hardware en geluiden.b.
Klik op Printers.c.
Klik in Windows XP op Start Configuratiescherm Printers en andere hardware Printers
en faxapparaten.
Klik in Windows 2000 op Start Instellingen Printers.
1.
Controleer of er meerdere exemplaren zijn voor uw printer.2.
Verzend een afdruktaak naar elk van deze afdrukobjecten om te zien welk object actief is.3.
Stel dat afdrukobject in als de standaardprinter:
Klik met de rechtermuisknop op het pictogram van uw Dell Laser Printer-model.a.
Klik op Als standaardprinter instellen.b.
4.
Verwijder de andere exemplaren van het afdrukobject door met de rechtermuisknop op de naam van
de printer te klikken Verwijderen te selecteren.
U kunt voorkomen dat meerdere exemplaren van de printer in uw map Printers voorkomen door
ervoor te zorgen dat u altijd de USB-kabel weer aansluit aan dezelfde USB-poort als die
oorspronkelijk voor de printer is gebruikt. Installeer printerstuurprogramma's nooit meerdere keren
vanaf de cd Software en documentatie.
5.
Problemen met de printer
Controleer of het netsnoer van de printer goed is aangesloten op de printer en het
stopcontact.
Controleer of de printer in de wachtstand staat of onderbroken is.
1.
In Windows Vista
®
of hoger:
Klik op Configuratiescherm.a.
Klik op Hardware en geluiden.b.
Klik op Printers.c.
Klik in Windows
®
XP op Start Configuratiescherm Printers en andere hardware Printers
en faxapparaten.
Klik in Windows
®
2000 op Start Instellingen Printers.
1.
Klik met de rechtermuisknop op het pictogram van uw Dell Laser Printer-model.2.
Controleer of Afdrukken onderbreken niet is ingeschakeld. Als Afdrukken onderbreken is
geselecteerd, klikt u erop om de optie uit te schakelen.
3.
Controleer of u de tonercartridge juist hebt geplaatst en de sticker en tape van de
cartridge hebt verwijderd.
Controleer of het papier correct in de printer is geplaatst.
Zie Papier plaatsen voor meer informatie.
Foutberichten
Sluit klep
De voorklep van de printer is open. Sluit de voorklep van de printer.
Installeer lade <x> of annuleer afdruktaak
De printer vraagt of een bepaalde lade kan worden geïnstalleerd, zodat een taak kan worden afgedrukt.
Plaats de betreffende lade of druk op Annuleren om de afdruktaak te annuleren.
Vul <invoerbron> met <naam aangepaste soort>
Plaats het papier in de daarvoor bestemde bron, zodat het bericht verdwijnt, of druk op Annuleren om de
afdruktaak te annuleren.
Vul <invoerbron> met <aangepaste tekenreeks>
Plaats het papier in de daarvoor bestemde lade of druk op Annuleren om de afdruktaak te annuleren.
Vul <invoerbron> met <formaat>
Plaats papier met het juiste formaat in de papierlade of druk op Annuleren om de afdruktaak te
annuleren.
Vul <invoerbron> met <soort> <formaat>
Plaats de juiste papiersoort met het juiste formaat in de invoerbron of druk op Annuleren om de
afdruktaak te annuleren.
Vul universeellader met [naam aangepaste soort]
Plaats papier van het juiste formaat en de juiste soort in de universeellader.
Als er geen papier in de universeellader zit, voert u een vel papier in via de universeellader om het
bericht weg te halen.
Druk op Terug, als u het verzoek wilt negeren en als u wilt afdrukken op papier dat al wordt gebruikt
in één van de papierladen . De huidige taak wordt mogelijk niet correct afgedrukt.
Als de printer een lade detecteert met de juiste papiersoort, gebruikt de printer het papier uit die lade.
Als de printer geen lade met de juiste papiersoort kan vinden, drukt de printer af op het papier uit de
standaardlade.
Druk op de knop Annuleren om de afdruktaak te annuleren.
Vul de universeellader met <aangepaste tekenreeks>
Vul de universeellader met de opgegeven papiersoort.
Druk op de knop Terug, als u het verzoek voor handmatige invoer wilt negeren en wilt afdrukken op
papier uit een van de invoerbronnen . De huidige taak wordt mogelijk niet correct afgedrukt.
Als de printer een lade vindt met papier van het juiste formaat en de juiste soort, wordt het papier uit
die lade ingevoerd. Als de printer geen lade kan vinden met papier van het juiste formaat en de juiste
soort, wordt de taak afgedrukt op het papier uit de standaardinvoerbron.
Druk op de knop Annuleren om de afdruktaak te annuleren.
Vul de universeellader met <formaat>
Plaats papier van het juiste formaat in de opgegeven lade.
Als er geen papier in de universeellader zit, voert u een vel papier in zodat het bericht verdwijnt.
Druk op Terug, als u het verzoek wilt negeren en wilt afdrukken op papier dat al wordt gebruikt in één
van de invoerbronnen . De huidige taak wordt mogelijk niet correct afgedrukt.
Als de printer een lade detecteert met de juiste papiersoort, gebruikt de printer het papier uit die lade.
Als de printer geen lade met de juiste papiersoort kan vinden, drukt de printer af op het papier uit de
standaardlade.
Druk op de knop Annuleren om de afdruktaak te annuleren.
Vul de universeellader met <soort> <formaat>
Plaats papier van het juiste formaat en de juiste soort in de universeellader.
Druk op Terug, als u het verzoek voor handmatige invoer wilt negeren en wilt afdrukken op papier uit
een van de invoerbronnen . De huidige taak wordt mogelijk niet correct afgedrukt.
Als de printer een lade vindt met papier van het juiste formaat en de juiste soort, wordt het papier uit
die lade ingevoerd. Als de printer geen lade kan vinden met papier van het juiste formaat en de juiste
soort, wordt de taak afgedrukt op het papier uit de standaardinvoerbron.
Druk op de knop Annuleren om de afdruktaak te annuleren.
Uitvoerlade vol - Verwijder papier
Verwijder alle papier uit de uitvoerlade.
Druk op de knop Terug om het afdrukken te hervatten. (De huidige taak wordt mogelijk niet
correct afgedrukt.)
Druk op de knop Annuleren om de afdruktaak te annuleren.
30 Onjuist gevuld, vervang tonercartridge
De printer heeft een opnieuw gevulde tonercartridge gedetecteerd. Verwijder de tonercartridge en installeer
een nieuw exemplaar.
31 Missing or defective cartridge (31 Cartridge ontbreekt/is
defect)
Installeer de tonercartridge als deze nog niet is geïnstalleerd.
Als de tonercartridge wel is geïnstalleerd, verwijdert u deze en installeert u een nieuwe cartridge.
31 Defecte tonercartridge
Verwijder deze en installeer een nieuwe cartridge.
32 Niet-ondersteunde tonercartridge
Verwijder de betreffende tonercartridge en installeer vervolgens een exemplaar dat wel wordt ondersteund.
34 Papier te kort
Controleer of het papier dat u plaatst, groot genoeg is.
Controleer of er papier is vastgelopen.
Druk op de knop Terug om het bericht te wissen en door te gaan met het afdrukken van de taak.
De overige pagina's van de afdruktaak worden mogelijk niet correct afgedrukt.
Druk op de knop Annuleren om de afdruktaak te annuleren.
35 Onvoldoende geheugen voor ondersteuning van functie
voor bronnenopslag
Druk op Terug om Bronnen opslaan uit te schakelen en door te gaan met afdrukken. De huidige
taak wordt mogelijk niet correct afgedrukt.
Druk op de knop Annuleren om de afdruktaak te annuleren.
Als u Bronnen opslaan wilt inschakelen nadat u dit bericht hebt ontvangen, dient u ervoor te zorgen dat
de koppelingsbuffers zijn ingesteld op Autom. Sluit vervolgens de menu's af om de wijzigingen in de
koppelingsbuffers te activeren. Schakel de optie Bronnen opslaan in als het bericht Gereed wordt
weergegeven.
Ga voor meer informatie over het inschakelen van de functie voor bronnenopslag naar Modus Inst..
Installeer extra geheugen om deze storing in het vervolg te voorkomen.
37 Onvoldoende geheugen voor sorteren
Er is te weinig vrije ruimte in het geheugen van de printer om de afdruktaak te sorteren.
Druk op de knop Terug om het opgeslagen gedeelte van de taak af te drukken en om de rest van
de afdruktaak te sorteren. De huidige taak wordt mogelijk niet correct afgedrukt.
Druk op de knop Annuleren om de huidige afdruktaak te annuleren.
Zo voorkomt u dat deze fout zich vaker voordoet:
Installeer extra geheugen.
Vereenvoudig de taak. Verminder de complexiteit van de pagina door de hoeveelheid tekst of het
aantal afbeeldingen op de pagina te verkleinen en onnodige lettertypen of macro's te verwijderen.
37 Onvold. geheugen voor defrag
Druk op de knop Terug om het bericht te wissen. De huidige taak wordt mogelijk niet correct
afgedrukt.
Druk op de knop Annuleren om de afdruktaak te annuleren.
Installeer een extra geheugen om deze storing in het vervolg te voorkomen.
38 Geheugen vol
Druk op de knop Terug om het bericht te wissen en door te gaan met het afdrukken van de taak.
Het resterende deel van de afdruktaak wordt mogelijk niet correct afgedrukt.
Druk op de knop Annuleren om de afdruktaak te annuleren.
Zo voorkomt u dat deze fout zich vaker voordoet:
Vereenvoudig de taak. Verminder de complexiteit van de pagina door de hoeveelheid tekst of het
aantal afbeeldingen op de pagina te verkleinen en onnodige lettertypen of macro's te verwijderen.
Installeer extra geheugen.
39 Pagina is te complex. Bepaalde gegevens worden mogelijk
niet afgedrukt
Druk op de knop Terug om het bericht te wissen en door te gaan met afdrukken. De huidige taak
wordt mogelijk niet correct afgedrukt.
Druk op de knop Annuleren om de huidige afdruktaak te annuleren.
Zo voorkomt u dat deze fout zich vaker voordoet:
Vereenvoudig de taak. Verminder de complexiteit van de pagina door de hoeveelheid tekst of het
aantal afbeeldingen op de pagina te verkleinen en onnodige lettertypen of macro's te verwijderen.
Installeer extra printergeheugen.
54 Softwarefout in standaardnetwerk
Stel de printer opnieuw in door het apparaat uit en weer aan te zetten.
Upgrade de netwerkfirmware in de printer of afdrukserver.
Druk op de knop Terug om het bericht te wissen en door te gaan met het afdrukken van de taak.
De huidige taak wordt mogelijk niet correct afgedrukt.
Druk op de knop Annuleren om de afdruktaak te annuleren.
56 Standaard parallelle poort uitgeschakeld
De printer negeert gegevens die via de parallelle poort worden ontvangen.
Druk op de knop Terug om het bericht te wissen en door te gaan met het afdrukken van de taak.
De huidige taak wordt mogelijk niet correct afgedrukt.
Druk op de knop Annuleren om de afdruktaak te annuleren.
Controleer of het menu-item Parallelbuffer niet is ingesteld op Uitgeschakeld. Raadpleeg Parallelbuffer
voor meer informatie.
56 Standaard USB-poort uitgeschakeld
De printer negeert gegevens die via de USB-poort worden ontvangen.
Druk op de knop Terug om het bericht te wissen en door te gaan met het afdrukken van de taak.
De huidige taak wordt mogelijk niet correct afgedrukt.
Druk op de knop Annuleren om de afdruktaak te annuleren.
Controleer of het menu-item USB-buffer niet is ingesteld op Uitgeschakeld. Zie USB-buffer voor meer
informatie.
58 Te veel flashopties
Verwijder het geheugen uit uw printer. Uw printer ondersteunt tot 160 MB voor een niet-netwerkprinter en
288 MB voor een netwerkprinter.
58 Te veel laden aangesloten
Zet de printer uit.
Haal de stekker van het netsnoer uit het stopcontact.
Verwijder de invoerladen die u niet gebruikt.
Zet de printer weer aan.
59 Niet-ondersteunde lade <x>
Verwijder de aangegeven lade en wacht tot het bericht is verdwenen. U moet de niet-ondersteunde lade
verwijderen om te kunnen afdrukken.
Zet de printer uit.
Haal de stekker van het netsnoer uit het stopcontact.
Verwijder de niet-ondersteunde lade.
Sluit het netsnoer aan op een goed geaard stopcontact.
Zet de printer weer aan.
81 CRC-foutin enginecode
Druk op de knop Terug om het bericht te wissen en door te gaan met het afdrukken van de taak.
De huidige taak wordt mogelijk niet correct afgedrukt.
Druk op de knop Annuleren om de afdruktaak te annuleren.
84 Belichtingstrommel bijna versleten/FC-unit bijna
versleten
OPMERKING: Het bericht met de waarschuwing dat de belichtingstrommel bijna is versleten wordt
alleen weergegeven als het toneralarm is ingeschakeld.
Druk op de knop Terug om het bericht te wissen en door te gaan met het afdrukken van de taak.
De huidige taak wordt mogelijk niet correct afgedrukt.
Druk op de knop Annuleren om de afdruktaak te annuleren.
Druk een configuratiepagina met printerinstellingen af om het niveau van de belichtingstrommel te
bepalen. Zie Pagina Menu-instellingen voor meer informatie.
Vervang de belichtingstrommel en zet de teller terug.
84 Vervang belichtingstrommel/Vervang fc-eenheid
Uw printer drukt niet verder af totdat de belichtingstrommel is vervangen.
Vervang de belichtingstrommel en zet de teller terug.
88 Toner bijna op
Verwijder de tonercartridge en schud deze flink, zodat de toner opnieuw wordt verdeeld in de
cartridge.
Vervang de tonercartridge.
88 De tonercartridge vervangen
Vervang de lege tonercartridge.
Druk op de knop Terug om het bericht te wissen en door te gaan met het afdrukken van de taak.
Het resterende deel van de afdruktaak wordt mogelijk niet correct afgedrukt.
Druk op de knop Annuleren om de afdruktaak te annuleren.
200 Papier vast
Het papier zit vast bij de invoersensor van de printer.
Open de voorklep door op de knop aan de rechterkant van de printer te drukken en de klep te laten
zakken.
1.
1.
Trek de tonercartridge-eenheid uit de printer door aan de handgreep voor de tonercartridge te trekken.
OPMERKING: Druk niet op de knop op de basis van de tonercartridge-eenheid.
LET OP: Het binnenste van de printer is mogelijk erg warm. Om letsel te voorkomen,
moet u een heet oppervlak eerst laten afkoelen voordat u het aanraakt.
2.
Verwijder het vastgelopen papier.3.
Plaats de tonercartridge-eenheid in de printer.4.
Sluit de klep.5.
5.
201 Papier vast
Het papier zit vast tussen de papierinvoersensor en -uitvoersensor van de printer.
Open de voorklep door op de knop aan de rechterkant van de printer te drukken en de klep te laten
zakken.
1.
Trek de tonercartridge-eenheid uit de printer door aan de handgreep voor de tonercartridge te trekken.
OPMERKING: Druk niet op de knop op de basis van de tonercartridge-eenheid.
LET OP: Het binnenste van de printer is mogelijk erg warm. Om letsel te voorkomen,
moet u een heet oppervlak eerst laten afkoelen voordat u het aanraakt.
2.
Verwijder het vastgelopen papier.3.
Plaats de tonercartridge-eenheid in de printer.4.
4.
Sluit de klep.5.
202 Papier vast
Het papier zit vast bij de uitvoersensor van de printer.
Open de achterklep.1.
Verwijder het vastgelopen papier.2.
Sluit de achterklep.3.
231 Papier vast - Controleer duplex
Het papier zit vast in de achterzijde van de papierbaan van de duplexeenheid.
1.
Open de achterklep.1.
Verwijder het vastgelopen papier.2.
Sluit de achterklep.3.
233 Papier vast - Controleer duplex
Het papier zit vast in de voorzijde van de duplexeenheid.
Verwijder lade 1 en druk de hendel omlaag in het gebied rond de papierbaan van de duplexeenheid.
LET OP: Het binnenste van de printer is mogelijk erg warm. Om letsel te voorkomen,
moet u een heet oppervlak eerst laten afkoelen voordat u het aanraakt.
1.
Verwijder het vastgelopen papier.2.
2.
Plaats lade 1 terug.3.
234 Papier vast - Controleer duplex
Het papier zit vast in de duplexeenheid, maar de printer kan de locatie niet vaststellen.
Verwijder lade 1 en druk de hendel omlaag bij de papierbaan van de duplexeenheid.
LET OP: Het binnenste van de printer is mogelijk erg warm. Om letsel te voorkomen,
moet u een heet oppervlak eerst laten afkoelen voordat u het aanraakt.
1.
Verwijder vastgelopen papier.2.
3.
Plaats lade 1 terug.3.
Open de achterklep.4.
Verwijder vastgelopen papier.5.
Sluit de achterklep.6.
235 Papier vast - Controleer duplex
Het papier zit vast in de uitvoerlade omdat het gebruikte papier te smal is voor de duplexeenheid.
Open de achterklep.1.
1.
Verwijder het vastgelopen papier.2.
Sluit de achterklep.3.
Vervang het smalle papier in lade 1 door breder papier.4.
24x Papier vast - Controleer lade <x>
Storing in lade 1
Trek lade1 eruit.
LET OP: Het binnenste van de printer is mogelijk erg warm. Om letsel te voorkomen,
moet u een heet oppervlak eerst laten afkoelen voordat u het aanraakt.
1.
Verwijder het vastgelopen papier.2.
2.
Plaats de lade.3.
Storing in lade 2
Trek lade2 eruit.
LET OP: Het binnenste van de printer is mogelijk erg warm. Om letsel te voorkomen,
moet u een heet oppervlak eerst laten afkoelen voordat u het aanraakt.
1.
Verwijder het vastgelopen papier.2.
OPMERKING: zorg dat alle papierstukjes zijn verwijderd.
2.
Plaats de lade.3.
251 Papier vast - Controleer universeellader
Verwijder het papier uit de universeellader.1.
Buig de vellen papier enkele malen om deze los te maken. Waaier de vellen vervolgens uit. Vouw of
kreuk het papier niet. Maak op een vlakke ondergrond de stapel recht.
2.
3.
2.
Plaats het papier in de universeellader.3.
Schuif de papiergeleider naar de binnenkant van de lade totdat de geleider licht tegen de rand van het
papier drukt.
4.
Algemene richtlijnen voor het selecteren of plaatsen
van afdrukmateriaal
Als u probeert op vochtig, omgekruld, gekreukeld of gescheurd papier af te drukken kan het papier
vastlopen en kan de afdrukkwaliteit verminderen.
Gebruik voor de beste afdrukkwaliteit alleen kopieerpapier van hoge kwaliteit.
Gebruik geen papier met reliëf, perforaties of met een textuur die te glad of te ruw is. Dergelijk papier
kan vastlopen.
Bewaar papier in de verpakking tot u het gaat gebruiken. Plaats dozen op pallets of planken en niet op
de vloer.
Plaats geen zware objecten bovenop het materiaal, ongeacht of dit is verpakt.
Houd papier uit de buurt van vocht of andere omstandigheden waardoor het papier kan kreukelen of
omkrullen.
Bewaar niet-gebruikt papier bij een temperatuur van 15°C tot 30°C (59°F en 86°F). De relatieve
luchtvochtigheid moet tussen 10% en 70% zijn.
Als u het papier bewaart, moet u een waterdichte verpakking, zoals een plastic bak of zak, gebruiken
om te voorkomen dat het papier beschadigd wordt door stof en vocht.
Verstoppingen en verkeerde invoer voorkomen
Verstopping en verkeerde invoer kunt u meestal voorkomen door u aan deze richtlijnen te houden:
Gebruik papier dat voldoet aan de richtlijnen voor afdrukmateriaal van de printer. Zie Papier plaatsen
voor meer informatie.
Zorg dat het papier op de juiste manier in de invoerlade wordt ingevoerd.
Laad niet te veel materiaal in de invoerlade.
Verwijder geen papier uit de invoerlade tijdens het afdrukken.
Buig het papier, waaier het uit en maak er een rechte stapel van voordat u het in de printer plaatst.
Gebruik nooit gekreukt, gevouwen, vochtig of kromgetrokken papier.
Leg het papier in de printer zoals in de printerinstructies wordt beschreven.
Papierstoringen verhelpen
Wij adviseren u de volledige papierbaan vrij te maken bij een papierstoring.
LET OP: Om letstel te voorkomen wanneer u een papierstoring verhelpt, moet u het
oppervlak eerst laten afkoelen voordat u het aanraakt.
Papierstoring in de papierbaan
Trek stevig aan het papier om het te verwijderen. Als u niet bij het papier kunt omdat het nog te ver in1.
de printer zit, opent u de voorklep van de printer door op de knop aan de rechterzijde van de printer te
drukken en de klep te laten zakken.
1.
Trek de tonercartridge-eenheid uit de printer door aan de handgreep voor de tonercartridge te trekken.
OPMERKING: Druk niet op de knop op de basis van de tonercartridge-eenheid.
LET OP: Het binnenste van de printer is mogelijk erg warm. Om letsel te voorkomen,
moet u een heet oppervlak eerst laten afkoelen voordat u het aanraakt.
2.
Trek het papier eruit.3.
Plaats de tonercartridge-eenheid in de printer.4.
5.
4.
Sluit de klep.5.
Papierstoring niet zichtbaar
Bij de universeellader
Open de klep van de universeellader.1.
Houd het papier stevig vast en trek het voorzichtig uit de printer.2.
Sluit de klep van de universeellader.3.
Bij de invoerlade
Haal de papierinvoerlade eruit.1.
1.
Houd het papier stevig vast en trek het voorzichtig uit de printer.2.
Plaats de papierinvoerlade terug.3.
Bij het verlengstuk van de uitvoerlade
Druk op de ontgrendelingsknop, rechts van de printer, om de voorklep te openen.1.
Houd het papier stevig vast en trek het voorzichtig uit de printer.2.
3.
2.
Sluit de klep.3.
Bij de achteruitvoer
Open de klep van de achteruitvoer.1.
Houd het papier stevig vast en trek het voorzichtig uit de printer.2.
Sluit de klep van de achteruitvoer.3.
Problemen met papier
Controleer of het papier correct in de printer is geplaatst.
Zie Papier plaatsen voor meer informatie.
Gebruik alleen papier dat geschikt is voor de printer.
Zie Richtlijnen voor afdrukmateriaal voor meer informatie.
Gebruik een kleinere hoeveelheid papier wanneer u meerdere pagina's afdrukt.
Zie Richtlijnen voor afdrukmateriaal voor meer informatie.
Controleer of het papier niet is gekreukeld, gescheurd of beschadigd.
Controleer of er papier is vastgelopen.
Zie Papierstoringen verhelpen voor meer informatie.
Afdrukproblemen
Controleer het tonerniveau en plaats indien nodig een nieuwe tonercartridge.
Zie Tonercartridge vervangen voor meer informatie.
Maak meer geheugen vrij op uw computer als het afdrukken langzaam gaat
Sluit alle toepassingen af die u niet gebruikt.
Beperk het aantal afbeeldingen in uw document en de grootte ervan.
Schaf meer RAM-geheugen (Random Access Memory (RAM) aan voor in uw computer.
Verwijder lettertypen die u zelden gebruikt van uw systeem.
Verwijder de printersoftware en installeer deze vervolgens opnieuw.
Selecteer een lagere afdrukkwaliteit in het dialoogvenster Voorkeursinstellingen voor afdrukken.
Controleer of het papier correct in de printer is geplaatst.
Zie Papier plaatsen voor meer informatie.
Problemen met afdrukkwaliteit
Gebruik de volgende informatie om oplossingen te vinden voor de afdrukproblemen die u ondervindt. Als u
het probleem niet kunt oplossen, neemt u contact op met Dell op support.dell.com. Mogelijk moet een
printeronderdeel worden gereinigd of vervangen door een onderhoudsmonteur.
Afdruk is te licht.
De ingestelde waarde voor Toner Darkness (Tonerintensiteit)
1
is te laag.
U gebruikt papier dat niet aan de printerspecificaties voldoet.
De tonercartridge is bijna leeg.
De tonercartridge is defect.
Probeer of het volgende helpt:
Selecteer een andere instelling voor Tonerintensiteit
1
voordat u de taak verzendt om te worden
afgedrukt.
Laad papier uit een nieuw pak.
Gebruik geen gestructureerd papier met een ruwe afwerking.
Zorg ervoor dat het papier dat u in de laden plaatst, niet vochtig is.
Vervang de tonercartridge.
Afdruk is te donker of de achtergrond is grijs.
De ingestelde waarde voor Toner Darkness (Tonerintensiteit)
1
is te hoog.
De tonercartridge is versleten of defect.
Probeer of het volgende helpt:
Selecteer een andere instelling voor Tonerintensiteit
1
.
Vervang de tonercartridge.
Er verschijnen witte strepen op de pagina.
De lens van de printkop is vuil.
De tonercartridge is defect.
Verhittingsstation
2
is defect.
Probeer of het volgende helpt:
Reinig de lens van de printerkop.
Vervang de tonercartridge.
Vervang verhittingsstation
2
.
Er verschijnen horizontale strepen op de pagina.
Het is mogelijk dat de tonercartridge beschadigd, leeg of versleten is.
Het is mogelijk dat het verhittingsstation
2
versleten of defect is.
Probeer of het volgende helpt:
Vervang de tonercartridge.
Vervang verhittingsstation
2
.
Er verschijnen verticale strepen op de pagina.
De toner loopt uit voordat deze door het papier wordt opgenomen.
De tonercartridge is defect.
Probeer of het volgende helpt:
Als het papier stijf is, voert u het in vanuit een andere lade of via de universeellader.
Vervang de tonercartridge.
De pagina bevat onregelmatigheden.
Het papier heeft in een vochtige omgeving gelegen en heeft vocht opgenomen.
U gebruikt papier dat niet aan de printerspecificaties voldoet.
Verhittingsstation
2
is versleten of beschadigd.
Probeer of het volgende helpt:
Plaats papier uit een nieuw pak in de papierlade.
Gebruik geen gestructureerd papier met een ruwe afwerking.
Zorg dat de instelling voor Papiersoort overeenkomt met het papier dat in de lade is geplaatst.
Vervang verhittingsstation
2
.
De afdrukkwaliteit van de transparanten is laag. (Er zitten lichte of donkere vlekken op
de afdruk, de toner is uitgelopen of er verschijnen horizontale of verticale strepen.)
U gebruikt transparanten die niet aan de printerspecificaties voldoet.
De instelling voor Papiersoort is ingesteld op een andere instelling dan Transparanten.
Probeer of het volgende helpt:
Gebruik alleen transparanten die door Dell worden aanbevolen.
Zorg ervoor dat de instelling Papiersoort is ingesteld op Transparanten.
Er verschijnen tonerspikkels op de pagina.
De tonercartridge is defect.
Verhittingsstation
2
is versleten of beschadigd.
Er bevindt zich toner in de papierbaan.
Probeer of het volgende helpt:
Vervang de tonercartridge.
Vervang verhittingsstation
2
.
Neem contact op met de technische dienst.
De toner laat los als u de bedrukte vellen vastpakt
De instelling Paper Texture (Papierstructuur) komt niet overeen met de gebruikte soort papier of
speciaal afdrukmateriaal.
De instelling Paper Weight (Papiergewicht) komt niet overeen met de gebruikte soort papier of
speciaal afdrukmateriaal.
Verhittingsstation
2
is versleten of beschadigd.
Probeer of het volgende helpt:
Zorg dat de instelling voor Papierstructuur overeenkomt met het papier dat in de lade is geplaatst.
Verander de instelling voor Papiergewicht in het juiste gewicht.
Vervang verhittingsstation
2
.
Ongelijke afdrukdichtheid.
De tonercartridge is defect.
Vervang de tonercartridge.
Er verschijnen schaduwafbeeldingen op de pagina.
De Papiersoort is niet correct ingesteld.
De toner is bijna op.
Probeer of het volgende helpt:
Zorg dat de instelling voor Papiersoort overeenkomt met het papier dat in de lade is geplaatst.
Vervang de tonercartridge.
Er wordt op slechts één zijde van de pagina afgedrukt.
De tonercartridge is niet correct geplaatst.
Verwijder de tonercartridge en plaats deze vervolgens opnieuw.
De marges zijn onjuist.
Het Papierformaat is niet correct ingesteld.
Zorg dat de instelling voor Papierformaat overeenkomt met het papier dat in de lade is geplaatst.
De afdruk is scheef.
De geleiders in de geselecteerde lader bevinden zich niet in de juiste positie voor het formaat van
het papier dat in de lade is geplaatst.
De papiergeleiders van de universeellader bevinden zich niet in de juiste positie voor het papier in de
lade.
Probeer of het volgende helpt:
Verplaats de geleiders in de lade zodat deze tegen de zijkanten van het papier rusten.
Verplaats de geleiders van de universeellader zodat deze tegen de zijkanten van het papier rusten.
Afgedrukte pagina's zijn leeg.
De tonercartridge is leeg of defect.
Vervang de tonercartridge.
Afgedrukte pagina's zijn helemaal zwart
De tonercartridge is defect.
De printer heeft onderhoud nodig.
Probeer of het volgende helpt:
Vervang de tonercartridge.
Neem contact op met de technische dienst.
Het papier krult heel erg bij het afdrukken en bij de uitvoer in de lade.
De instelling Paper Texture (Papierstructuur) komt niet overeen met de gebruikte soort papier of
speciaal afdrukmateriaal.
Zorg dat de instelling voor Papierstructuur overeenkomt met het papier dat in de lade is geplaatst.
1
Zie Modus Kwaliteit voor meer informatie.
2
Neem contact op met een onderhoudsmonteur voor het vervangen van het verhittingsstation.
Veelgestelde vragen (FAQ): functies, problemen en
oplossingen voor Mac OS
®
In dit document worden algemene vragen beantwoord over afdrukken, de printersoftware en hoe software
samenwerkt met het besturingssysteem van Macintosh (OS). Als u de printersoftware en het
computersysteem up-to-date houdt, minimaliseert u de kans op afdrukproblemen en bent u verzekerd van
de beste resultaten van de printer en Mac OS. Om uw printersoftware up-to-date te houden, gaat u naar de
website van de fabrikant van de printer en downloadt u het nieuwste webpakket. Om uw Mac OS up-to-date
te houden, dient u regelmatig te controleren of er updates beschikbaar zijn op
http://www.info.apple.com/support/downloads.html.
Functies Mac OS X
Waarom drukken sommige toepassingen meerdere exemplaren anders af dan verwacht?
Sommige toepassingen drukken meerdere exemplaren anders af dan verwacht. Sommige versies van
Microsoft Word en Adobe Reader behandelen meerdere exemplaren van een afdruktaak als één
kopieertaak net meerdere pagina's. De volgende functies werken anders dan verwacht als deze
toepassingen worden gebruikt voor het afdrukken van meerdere exemplaren.
Functie
Storing
Scheidingsvellen invoegen tussen
exemplaren
Er kan alleen een vel worden toegevoegd nadat de
volledige taak is afgedrukt.
Dubbelzijdig afdrukken/afdrukken op
beide zijden
Exemplaren worden op hetzelfde vel afgedrukt.
Meerdere pagina's per vel
Exemplaren worden op hetzelfde vel afgedrukt.
Gecontroleerde afdruktaken
Alle exemplaren worden gecontroleerd voor ze worden
afgedrukt.
Als u meerdere exemplaren van een PDF-bestand met deze functies wilt afdrukken, gebruikt u Apple
Preview of Adobe Acrobat Reader 5.
Hoe kan ik netwerkprinters beheren?
U kunt MarkVision™ Professional gebruiken om netwerkprinters te beheren. Deze toepassing vervangt
MarkVision voor Macintosh en is compatibel met Mac OS X of hoger.
Bekende problemen en oplossingen bij Mac OS X
Hoe kan ik mijn documenten zo instellen dat deze op aangepast papierformaat worden afgedrukt?
Gebruik het dialoogvenster Pagina-indeling om een aangepast papierformaat aan het menu
Papierformaat toe te voegen.
Voor Mac OS X versie 10.4
Kies Bestand Pagina-indeling.1.
Kies in het pop-upmenu Papierformaat de optie Aangepaste formaten beheren.2.
Klik in het paneel Aangepaste paginaformaten op + om een nieuw aangepast papierformaat te3.
maken.
3.
Dubbelklik in de lijst die wordt weergegeven op Zonder titel om de naam van het aangepaste
papierformaat te wijzigen.
4.
Voer het gewenste formaat en de marges van het aangepaste papierformaat in.5.
Klik op OK om naar het dialoogvenster Pagina-indeling terug te keren.6.
Kies in het pop-upmenu Papierformaat het aangepaste papierformaat dat u hebt gemaakt.7.
Klik op OK.8.
Voor Mac OS X versie 10.3:
Kies Bestand Pagina-indeling.1.
Kies in het pop-upmenu Instellingen de optie Aangepast papierformaat.2.
Klik op Nieuw en voer vervolgens de desbetreffende informatie over het aangepaste
papierformaat in.
3.
Klik op Bewaar.
OPMERKING: Klik eerst op Bewaar voordat u op OK klikt of naar het paneel
Paginakenmerken in het pop-upmenu terugkeert.
4.
Kies Paginakenmerken in het pop-upmenu Instellingen.5.
Kies het aangepaste papierformaat in het pop-upmenu Instellingen.6.
Dit nieuwe, aangepaste papierformaat is beschikbaar voor alle afdruktaken, ongeacht de selectie in het
menu “Stel in voor”. U kunt aangepast papier ook voor afdruktaken gebruiken door de bron te kiezen
die het aangepaste papier bevat in het pop-upmenu “Alle pagina's uit” op het paneel Papierinvoer van
het dialoogvenster Afdrukken.
Waarom zijn er schermlettertypen beschikbaar?
PostScript-lettertypen worden in de printer opgeslagen. Dankzij overeenkomende schermlettertypen
kunt u documenten maken die de PostScript-lettertypen gebruiken.
Waarom zijn er duplicaten van sommige schermlettertypen?
De lettertypen in uw printer zijn niet identiek aan de schermlettertypen van Apple. Dell biedt
schermlettertypen die met de printerlettertypen overeenkomen. Dankzij deze schermlettertypen kunt u
ervoor zorgen dat de afgedrukte uitvoer overeenkomt met wat u op het computerscherm ziet.
Hoe kan ik schermlettertypen installeren?
Verplaats de lettertypen die u wilt gebruiken van de map /Users/Shared/Dell/Screen Fonts naar de
map Library/Fonts in uw hoofddirectory of de hoofddirectory van de opstartschijf. De meeste vooraf
geïnstalleerde lettertypen op de Mac OS X bevinden zich in /System/Library/Fonts en daarom kunt u
uw nieuwe lettertypen in een van deze twee locaties plaatsen zonder bestaande lettertypen te
verplaatsen. Het systeem zoekt lettertypen eerst in uw bibliotheek, vervolgens in de bibliotheek in de
hoofddirectory van de opstartschijf en daarna in /System/Library.
Hoe kan ik een externe afdrukserver gebruiken als de datamodus TBCP is (voor printers die
externe afdrukservers ondersteunen)?
Controleer de instelling voor de gegevensmodus:
Voer het IP-adres van de afdrukserver in uw webbrowser in.1.
Selecteer Configuratie in de menu's links op de webpagina.2.
Selecteer AppleTalk in de lijst met configuratieopties aan de rechterkant.3.
Selecteer Geavanceerde instellingen op de pagina AppleTalk.4.
Controleer het pop-upmenu Gegevensmodus op de pagina met geavanceerde instellingen voor
AppleTalk. Als het menu is ingesteld op IOP/EOP, wijzigt u het niet. Als het is ingesteld op TBCP,
wijzigt u het in de modus Raw.
5.
Bellen voor technische ondersteuning.
Controleer het volgende voordat u belt voor onderhoud:
Is het netsnoer aangesloten op de printer?
Is het netsnoer rechtstreeks aangesloten op een geaard stopcontact?
Is de printer correct aangesloten op de computer of het netwerk?
Zijn alle andere apparaten die op de printer zijn geïnstalleerd, aangesloten en ingeschakeld?
Is het stopcontact uitgeschakeld via een schakelaar?
Is een zekering doorgeslagen?
Heeft er zich een stroomstoring voorgedaan?
Is een tonercartridge in de printer geplaatst?
Is de printerklep goed gesloten?
Schakel de printer uit en vervolgens weer in. Als de printer nog steeds niet goed werkt, belt u vervolgens
voor onderhoud. Als u kunt afdrukken, drukt u op de knop Menu om een pagina met menu-instellingen af
te drukken. Hierop worden het printermodel en andere gegevens vermeld die de servicevertegenwoordiger
wellicht nodig heeft.
Neem contact op met Dell op support.dell.com voor meer informatie.
Specificaties
Overzicht
Richtlijnen voor afdrukmateriaal
Omgevingsspecificaties
Soorten en formaten
Emulatie, compatibiliteit en aansluitingen
Overzicht lettertypen
Ondersteunde besturingssystemen
Kabels
MIB-compatibiliteit
Certificeringen
Overzicht
2330d/2350d
2330dn/2350dn
Basisgeheugen
32 MB
32 MB
Maximaal geheugen
160 MB
288 MB
Aansluitingen
Parallel
USB 2.0
Parallel
USB 2.0
10/100/1000 Ethernet
Tonercartridge met een rendement van ca. 5%
dekking
1
2000 pagina's
2000 pagina's
Verwerkingscapaciteit (gemiddeld)
700 pagina's/maand
700 pagina's/maand
Verwerkingscapaciteit (maximaal)
50.000 pagina's/maand
2
60.000 pagina's/maand
3
Levensduur van de printer
120.000 pagina's
120.000 pagina's
1
Het rendement van de toner is gebaseerd op het afdrukken van pagina's met een
paginadekking van 5% conform testmethode ISO/IEC 19752. Het rendement is afhankelijk van
het gebruik en de omgevingsomstandigheden.
2
Alleen voor Dell Laser Printer 2330d/dn-modellen.
3
Alleen voor Dell Laser Printer 2350d/dn-modellen.
Omgevingsspecificaties
Toestand
Temperatuur
Relatieve vochtigheid (niet-
gecondenseerd)
Hoogte
In
werking
16 tot 32 °C
8 tot 80%
0 tot 2500 m
Opslag
0 tot 40 °C
8 tot 80%
Vervoer
-20 tot 40 °C
8 tot 95%
0,25 atmosferische druk (vergelijkbaar
met 10.300 m)
Emulatie, compatibiliteit en aansluitingen
Emulaties
PostScript 3
HBP
PCL 5e
PCL 6
PPDS
Compatibiliteit
Windows 7
Microsoft
®
Windows
®
Server 2008
Microsoft
®
Windows
®
Server 2008 R2
WindowsVista™
Windows XP
Windows Server 2003
Windows 2000
Debian GNU/Linux 4.0, 5.0
Linspire
Ubuntu 7.1.0, 8.0.4, 8.0.4 LTS, 9.04
Red Flag Linux
®
Desktop 5.0, 6.0
Red Hat Enterprise Linux WS 3, 4, 5
SUSE LINUX Enterprise Server 8, 9, 10, 11.0
SUSE Linux Enterprise Desktop 10, 11.0
open SUSE Linux 10.2, 10.3, 11, 11.1
Linpus LINUX Desktop 9.2, 9.3
HP-UX 11.11, 11.23, 11.31
Macintosh
®
OS
®
X
Aansluitingen
Parallel
USB
10/100/1000 Ethernet (alleen voor netwerkprinters)
Ondersteunde besturingssystemen
Uw printer ondersteunt:
Windows 7
Microsoft Windows Server 2008
Microsoft Windows Server 2008 R2
Windows Vista
Windows XP
Windows Server 2003
Windows 2000
Debian GNU/Linux 4.0
Linspire
Ubuntu 7.1.0, 8.0.4, 8.0.4 LTS
Red Flag Linux Desktop 5.0, 6.0
Red Hat Enterprise Linux WS 3, 4, 5
SUSE LINUX Enterprise Server 8, 9, 10
SUSE Linux Enterprise Desktop 10
open SUSE Linux 10.2, 10.3, 11
Linpus LINUX Desktop 9.2, 9.3
HP-UX 11.11, 11.23, 11.31
Macintosh OS X
MIB-compatibiliteit
Een MIB (Management Information Base) is een database met informatie over netwerkapparaten (zoals
adapters, bridges, routers of computers). Deze informatie helpt netwerkbeheerders bij het beheren van het
netwerk (het analyseren van prestaties, verkeer, fouten, enz.). De printer voldoet aan de standaard MIB-
specificaties in de industrie, waardoor de printer kan worden herkend door verschillende printer- en
netwerkbeheersystemen, zoals Dell OpenManage™, IT Assistant, Hewlett-Packard OpenView, CA Unicenter,
Hewlett-Packard Web JetAdmin, Lexmark MarkVision Professional, enz.
Richtlijnen voor afdrukmateriaal
Als u het juiste papier of ander afdrukmateriaal selecteert, vermindert het aantal afdrukproblemen. Maak
altijd eerst enkele proefafdrukken voordat u grote hoeveelheden van een bepaalde papiersoort aanschaft.
LET OP: Tijdens het afdrukproces van dit apparaat wordt het afdrukmateriaal verhit
waardoor bepaalde papiersoorten dampen kunnen afgeven. U moet het gedeelte met
informatie over het selecteren van het juiste afdrukmateriaal in de gebruikershandleiding
aandachtig doorlezen om te voorkomen dat er schadelijke stoffen vrij kunnen komen.
Gebruik kopieerpapier van 70 g/m
2
.
Gebruik transparanten die speciaal zijn ontworpen voor laserprinters.
Gebruik etiketten die speciaal zijn ontworpen voor laserprinters.
Gebruik enveloppen die zijn gemaakt van bankpostpapier van 90 g/m
2
. Teneinde het aantal
papierstoringen tot een minimum te beperken, wordt u aangeraden geen enveloppen te gebruiken die:
gemakkelijk krullen;
aan elkaar zijn vastgeplakt;
vensters, gaten, perforaties, uitsnijdingen of reliëf bevatten;
metalen klemmetjes, strikken of vouwklemmetjes bevatten
postzegels bevatten
een (gedeeltelijk) onbedekte plakstrook hebben als de klepzijde is gesloten of is dichtgeplakt.
Gebruik karton met een maximumgewicht van 163 g/m
2
en een minimumformaat van 76,2 x 127 mm.
Soorten en formaten
Bron
Soort en formaat
Soorten
Gewicht
Capaciteit
1
(vellen)
Standaardlade
voor 250 vel
(lade 1)
A4, A5, A6
2
, JIS B5,
Letter, Legal,
Executive, Folio,
Statement, Universal
Minimale invoergrootte
is 105 mm x 148 mm
(4,13 x 5,82 inch.)
Maximale invoergrootte
is 216 x 356 mm (8,5 x
14 inch.)
Papier
Papieren
etiketten
3
Transparanten
60–90 g/m
2
(16–24
lb)
250 vellen papier
50 papieren etiketten
4
50 transparanten
Optionele lade
voor 550 vel
(lade 2)
A4, A5, JIS B5, Letter,
Legal, Executive, Folio,
Statement, Universal
Minimale invoergrootte
is 149 mm x 210 mm
(5,86 x 8,26 inch.)
Maximale invoergrootte
is 216 x 356 mm (8,5 x
14 inch.)
Papier
Papieren
etiketten
3
60–90 g/m
2
(16–24
lb)
550 vel papier
50 papieren etiketten
4
1
Capaciteit is gebaseerd op papier van 75 g/m2 (20 lb) of speciaal afdrukmateriaal, tenzij
anders wordt vermeld.
2
A6 wordt alleen ondersteund voor papier met de vezel in de lengterichting.
3
Enkelzijdige papieren etiketten worden ondersteund voor incidenteel gebruik. U wordt
geadviseerd niet meer dan 20 pagina's met papieren etiketten per maand af te drukken.
Vinyletiketten , apothekersetiketten en dubbelzijdige etiketten worden niet ondersteund.
4
De capaciteit kan lager zijn voor specifieke soorten papieren etiketten.
5
Universeel papierformaat wordt beperkt ondersteund in de duplexbaan voor papierformaat
210 x 279 mm (8,3 x 11 inch) of groter.
Bron
Soort en formaat
Soorten
Gewicht
Capaciteit
1
(vellen)
Universeellader
OPMERKING: Bij
het afdrukken
van karton via de
universeellader
opent u de
achterklep.
A4, A5, A6
2
, JIS B5,
Letter, Legal,
Executive, Folio,
Statement, Universal, 7
3/4-envelop, 9-
envelop, 10-envelop,
B5-envelop, C5-
envelop, DL-envelop,
Andere envelop
Minimale invoergrootte
is 76,2 x 127 mm (3,9
x 4,9 inch.)
Maximumpapierformaat
(universeel formaat) is
216 x 356 mm (8,5 x
14 inch.)
Maximumpapierformaat
(ander formaat) is 216
x 356 mm (8,5 x 14
inch.)
Papier
Papieren
etiketten
3
Transparanten
Card stock
(Karton)
Envelopes
(Enveloppen)
60–163 g/m
2
(16–43 lb)
50 vellen papier
15 papieren etiketten
4
10 transparanten
10 vellen karton
7 enveloppen
Duplex
(dubbelzijdig
afdrukken)
A4, Folio, Letter, Legal,
Oficio (Mexico),
Universal
5
Alleen papier 60–90 g/m
2
(16–24
lb)
Niet van toepassing
1
Capaciteit is gebaseerd op papier van 75 g/m2 (20 lb) of speciaal afdrukmateriaal, tenzij
anders wordt vermeld.
2
A6 wordt alleen ondersteund voor papier met de vezel in de lengterichting.
3
Enkelzijdige papieren etiketten worden ondersteund voor incidenteel gebruik. U wordt
geadviseerd niet meer dan 20 pagina's met papieren etiketten per maand af te drukken.
Vinyletiketten , apothekersetiketten en dubbelzijdige etiketten worden niet ondersteund.
4
De capaciteit kan lager zijn voor specifieke soorten papieren etiketten.
5
Universeel papierformaat wordt beperkt ondersteund in de duplexbaan voor papierformaat
210 x 279 mm (8,3 x 11 inch) of groter.
Overzicht lettertypen
Lettertypen/opties 2330d/2330d+ 2330dn//2330dn+
Beschrijving lettertypen laden Licht (8,31M01) Licht (8,31M01)
PCL Bitmap 2de twee 2de twee
PCL schaalbaar 89 89
PS schaalbaar 89 89
Universeellader
OPMERKING: Bij
het afdrukken
van karton via de
universeellader
opent u de
achterklep.
A4, A5, A6
2
, JIS B5,
Letter, Legal,
Executive, Folio,
Statement, Universal, 7
3/4-envelop, 9-
envelop, 10-envelop,
B5-envelop, C5-
envelop, DL-envelop,
Andere envelop
Minimale invoergrootte
is 76,2 x 127 mm (3,9
x 4,9 inch.)
Maximumpapierformaat
(universeel formaat) is
216 x 356 mm (8,5 x
14 inch.)
Maximumpapierformaat
(ander formaat) is 216
x 356 mm (8,5 x 14
inch.)
Papier
Papieren
etiketten
3
Transparanten
Card stock
(Karton)
Envelopes
(Enveloppen)
60–163 g/m
2
(16–43 lb)
50 vellen papier
15 papieren etiketten
4
10 transparanten
10 vellen karton
7 enveloppen
Duplex
(dubbelzijdig
afdrukken)
A4, Folio, Letter, Legal,
Oficio (Mexico),
Universal
5
Alleen papier
60–90 g/m
2
(16–24
lb)
Niet van toepassing
1
Capaciteit is gebaseerd op papier van 75 g/m2 (20 lb) of speciaal afdrukmateriaal, tenzij
anders wordt vermeld.
2
A6 wordt alleen ondersteund voor papier met de vezel in de lengterichting.
3
Enkelzijdige papieren etiketten worden ondersteund voor incidenteel gebruik. U wordt
geadviseerd niet meer dan 20 pagina's met papieren etiketten per maand af te drukken.
Vinyletiketten , apothekersetiketten en dubbelzijdige etiketten worden niet ondersteund.
4
De capaciteit kan lager zijn voor specifieke soorten papieren etiketten.
5
Universeel papierformaat wordt beperkt ondersteund in de duplexbaan voor papierformaat
210 x 279 mm (8,3 x 11 inch) of groter.
Overzicht lettertypen
Lettertypen/opties
2330d/2330d+
2330dn//2330dn+
Beschrijving lettertypen laden
Licht (8,31M01)
Licht (8,31M01)
PCL Bitmap
2de twee
2de twee
PCL schaalbaar
89
89
PS schaalbaar
89
89
Lijst PCL-lettertypen
Lettertypenaam
Naam PCL XL-
lettertype
Bitmap/schaalbaar
Courier
Courier
S
Courier Italic
Courier It
S
Courier Bold
Courier Bd
S
Courier Bold Italic
Courier BdIt
S
CG Times
CG Times
S
CG Times Bold Italic
CG Times BdIt
S
Univers Medium
Univers Md
S
Univers Medium Italic
Univers MdIt
S
Univers Bold
Univers Bd
S
Univers Bold Italic
Univers BdIt
S
Times New Roman
TimesNewRmn
S
Times New Roman
Italic
TimesNewRmn It
S
Times New Roman
Bold
TimesNewRmn Bd
S
Times New Roman
Bold
TimesNewRmn
BdIt
S
Arial
Arial
S
Arial Italic
Arial It
S
Arial Bold
Arial Bd
S
Arial Bold
Italic Arial BdIt
S
Letter Gothic
Letter Gothic
S
Letter Gothic Italic
LetterGothic It
S
Letter Gothic Bold
LetterGothic Bd
S
Univers Condensed
Medium
Univers CdMd
S
Univers Condensed
Medium
Italic Univers
CdMdIt
S
Univers Condensed
Bold
Univers CdBd
S
Univers Condensed
Bold
Italic Univers
CdBdIt
S
Garamond Antiqua
Garamond Antiqua
S
Garamond Kursiv
Garamond Krsv
S
Lettertypenaam
Naam PCL XL-
lettertype
Bitmap/schaalbaar
Garamond Halbfett Garamond Hlb S
Garamond Kursiv
Halbfett
Garamond KrsvHlb S
CG Omega CG Omega S
CG Omega Italic CG Omega It S
CG Omega Bold CG Omega Bd S
CG Omega Bold Italic CG Omega BdIt S
Antique Olive AntiqOlive S
Antique Olive Italic AntiqOlive It S
Antique Olive Bold AntiqOlive Bd S
Albertus Medium Albertus Md S
Albertus Extra Bold Albertus Xb S
Clarendon Condensed
Bold
Clarendon CdBd S
Marigold Marigold S
Coronet Coronet S
Helvetica Helvetica S
Helvetica Italic Helvetica It S
Helvetica Bold Helvetica Ob S
Helvetica Bold Italic Helvetica BdOb S
Helvetica Narrow Helvetica Nr S
Helvetica Narrow Italic Helvetica NrOb S
Helvetica Narrow Bold Helvetica NrBd S
Helvetica Narrow Bold
Italic
Helvetica NrBdOb S
Palatino Roman Palatino Rmn S
Palatino Italic Palatino It S
Palatino Bold Palatino Bd S
Palatino Bold Italic Palatino BdIt S
ITC Bookman Light ITCBookman Lt S
ITC Bookman Light
Italic
ITCBookman LtIt S
ITC Bookman Demi ITCBookman Db S
ITC Bookman Demi
Italic
ITCBookman DbIt S
Garamond Halbfett
Garamond Hlb
S
Garamond Kursiv
Halbfett
Garamond KrsvHlb
S
CG Omega
CG Omega
S
CG Omega Italic
CG Omega It
S
CG Omega Bold
CG Omega Bd
S
CG Omega Bold Italic
CG Omega BdIt
S
Antique Olive
AntiqOlive
S
Antique Olive Italic
AntiqOlive It
S
Antique Olive Bold
AntiqOlive Bd
S
Albertus Medium
Albertus Md
S
Albertus Extra Bold
Albertus Xb
S
Clarendon Condensed
Bold
Clarendon CdBd
S
Marigold
Marigold
S
Coronet
Coronet
S
Helvetica
Helvetica
S
Helvetica Italic
Helvetica It
S
Helvetica Bold
Helvetica Ob
S
Helvetica Bold Italic
Helvetica BdOb
S
Helvetica Narrow
Helvetica Nr
S
Helvetica Narrow Italic
Helvetica NrOb
S
Helvetica Narrow Bold
Helvetica NrBd
S
Helvetica Narrow Bold
Italic
Helvetica NrBdOb
S
Palatino Roman
Palatino Rmn
S
Palatino Italic
Palatino It
S
Palatino Bold
Palatino Bd
S
Palatino Bold Italic
Palatino BdIt
S
ITC Bookman Light
ITCBookman Lt
S
ITC Bookman Light
Italic
ITCBookman LtIt
S
ITC Bookman Demi
ITCBookman Db
S
ITC Bookman Demi
Italic
ITCBookman DbIt
S
Lettertypenaam
Naam PCL XL-
lettertype
Bitmap/schaalbaar
ITC Avant Garde Book ITCAvantGard Bk S
ITC Avant Garde Book ITCAvantGardBkOb S
ITC Avant Garde Demi ITCAvantGard Db S
ITC Avant Garde Demi ITCAvantGardDbOb S
Century Schoolbook
Roman
NwCentSchlbk Rmn S
Century Schoolbook
Italic
NwCentSchlbk It S
Century Schoolbook
Bold
NwCentSchlbk Bd S
Century Schoolbook
Bold Italic
NwCentSchlbkBdIt S
ITC Zapf Chancery
Medium Italic
ZapfChanceryMdIt S
CourierPS CourierPS S
CourierPS Oblique CourierPS Ob S
CourierPS Bold CourierPS Bd S
CourierPS Bold
Oblique
CourierPS BdOb S
Times Roman Times Rmn S
Times Italic Times It S
Times Bold Times Bd S
Times Bold Italic Times BdIt S
Helvetica Light Helvetica Lt S
Helvetica Light
Oblique
Helvetica LtOb S
Helvetica Black Helvetica Blk S
Helvetica Black
Oblique
Helvetica BlkOb S
Line Printer 16 Line Printer xxx B
POSTNET Barcode POSTNET Barcode B
C39 Narrow S
C39 Regular S
C39 Wide S
OCR-A S
OCR-B S
ITC Avant Garde Book
ITCAvantGard Bk
S
ITC Avant Garde Book
ITCAvantGardBkOb
S
ITC Avant Garde Demi
ITCAvantGard Db
S
ITC Avant Garde Demi
ITCAvantGardDbOb
S
Century Schoolbook
Roman
NwCentSchlbk Rmn
S
Century Schoolbook
Italic
NwCentSchlbk It
S
Century Schoolbook
Bold
NwCentSchlbk Bd
S
Century Schoolbook
Bold Italic
NwCentSchlbkBdIt
S
ITC Zapf Chancery
Medium Italic
ZapfChanceryMdIt
S
CourierPS
CourierPS
S
CourierPS Oblique
CourierPS Ob
S
CourierPS Bold
CourierPS Bd
S
CourierPS Bold
Oblique
CourierPS BdOb
S
Times Roman
Times Rmn
S
Times Italic
Times It
S
Times Bold
Times Bd
S
Times Bold Italic
Times BdIt
S
Helvetica Light
Helvetica Lt
S
Helvetica Light
Oblique
Helvetica LtOb
S
Helvetica Black
Helvetica Blk
S
Helvetica Black
Oblique
Helvetica BlkOb
S
Line Printer 16
Line Printer xxx
B
POSTNET Barcode
POSTNET Barcode
B
C39 Narrow
S
C39 Regular
S
C39 Wide
S
OCR-A
S
OCR-B
S
Lettertypenaam
Naam PCL XL-
lettertype
Bitmap/schaalbaar
Wingdings S
Symbol S
SymbolPS S
ITC Zapf Dingbats S
Interne PCL-symbolensets
Naam symbolenset
Latin 1 Legal
Windows 3.0 Latin 1
Windows 98 Latin 1
ISO 8859-1 Latin 1 (ECMA-94)
ISO 8859-15 Latin 9
PC-8 Code Page 437
PC-8 Danish/Norwegian (437N)
PC-850 Multilingual
PC-858 Multilingual Euro
PC-860 Portugal
PC-861 Iceland
PC-863 Canadian French
PC-865 Nordic
PC-1004 OS/2
ABICOMP Brazil/Portugal
ABICOMP International
Roman-8
Roman-9
Roman Extension
PS Text
Macintosh Text
DeskTop
Wingdings
S
Symbol
S
SymbolPS
S
ITC Zapf Dingbats
S
Interne PCL-symbolensets
Naam symbolenset
Latin 1
Legal
Windows 3.0 Latin 1
Windows 98 Latin 1
ISO 8859-1 Latin 1 (ECMA-94)
ISO 8859-15 Latin 9
PC-8 Code Page 437
PC-8 Danish/Norwegian (437N)
PC-850 Multilingual
PC-858 Multilingual Euro
PC-860 Portugal
PC-861 Iceland
PC-863 Canadian French
PC-865 Nordic
PC-1004 OS/2
ABICOMP Brazil/Portugal
ABICOMP International
Roman-8
Roman-9
Roman Extension
PS Text
Macintosh Text
DeskTop
Ventura International
Latin 2
Windows 98 Latin 2
ISO 8859-2 Latin 2
PC-852 Latin 2
PC-8 Polish Mazovia
PC-8 PC Nova
Latin 5
Windows 98 Latin 5
Naam symbolenset
ISO 8859-9 Latin 5
PC-857 Latin 5 (Turkish)
PC-853 Latin 3 (Turkish)
PC-8 Turkish (437T)
Turkish-8
Latin 6 Windows 98 Latin 6
ISO 8859-10 Latin 6
PC-775 PC-8 Latin 6
Cyrillic Windows 98 Cyrillic
ISO 8859-5 Latin/Cyrillic
PC-866 Cyrillic
PC-855 Cyrillic
Russian-GOST
PC-8 Bulgarian
Ukrainian
Grieks Windows 98 Greek
ISO 8859-7 Latin/Greek
PC-869 Greece
PC-851 Greece
PC-8 Latin/Greek Nova
PC-8 Greek Alternate
Greek-8
Specials Ventura Math
PS Math
Math-8
Pi Font
Microsoft Publishing
PC-911 Katakana
POSTNET Barcode
ISO 8859-9 Latin 5
PC-857 Latin 5 (Turkish)
PC-853 Latin 3 (Turkish)
PC-8 Turkish (437T)
Turkish-8
Latin 6
Windows 98 Latin 6
ISO 8859-10 Latin 6
PC-775 PC-8 Latin 6
Cyrillic
Windows 98 Cyrillic
ISO 8859-5 Latin/Cyrillic
PC-866 Cyrillic
PC-855 Cyrillic
Russian-GOST
PC-8 Bulgarian
Ukrainian
Grieks
Windows 98 Greek
ISO 8859-7 Latin/Greek
PC-869 Greece
PC-851 Greece
PC-8 Latin/Greek Nova
PC-8 Greek Alternate
Greek-8
Specials
Ventura Math
PS Math
Math-8
Pi Font
Microsoft Publishing
PC-911 Katakana
POSTNET Barcode
Naam symbolenset
OCR-A
OCR-B
C39 Bar Code (Upper Case)
C39 Bar Code (plus Lower Case)
C39 Bar Code (plus Human Readable)
Symbol
Wingdings
Ventura ITC Zapf Dingbats
PS ITC Zapf Dingbats
PCL ITC Zapf Dingbats
7-bit
ISO
ISO 4: Verenigd Koninkrijk
ISO 6: ASCII
ISO 11: Zweeds voor namen
ISO 15: Italian (Italiaans)
ISO 17: Spaans
ISO 21: German (Duits)
ISO 60: Noors versie 1
ISO 69: French (Frans)
ISO 2: IRV (Int'l Ref Version)
ISO 25: French (Frans)
ISO : German (Duits)
ISO 14: JIS ASCII
ISO 57: Chinees
ISO 10: Zweeds
ISO : Spaans
ISO 85: Spaans
ISO 16: Portugees
ISO 84: Portugees
ISO 61: Noors versie 2
OCR-A
OCR-B
C39 Bar Code (Upper Case)
C39 Bar Code (plus Lower Case)
C39 Bar Code (plus Human Readable)
Symbol
Wingdings
Ventura ITC Zapf Dingbats
PS ITC Zapf Dingbats
PCL ITC Zapf Dingbats
7-bit
ISO
ISO 4: Verenigd Koninkrijk
ISO 6: ASCII
ISO 11: Zweeds voor namen
ISO 15: Italian (Italiaans)
ISO 17: Spaans
ISO 21: German (Duits)
ISO 60: Noors versie 1
ISO 69: French (Frans)
ISO 2: IRV (Int'l Ref Version)
ISO 25: French (Frans)
ISO : German (Duits)
ISO 14: JIS ASCII
ISO 57: Chinees
ISO 10: Zweeds
ISO : Spaans
ISO 85: Spaans
ISO 16: Portugees
ISO 84: Portugees
ISO 61: Noors versie 2
Lijst PS-lettertypen
Naam PostScript-lettertype
Ondersteunde
tekensets
AlbertusMT
L1
AlbertusMT-Italic
L1
AlbertusMT-Light
L1
AntiqueOlive-Roman
L1, L2, L5, L6
AntiqueOlive-Italic
L1, L2, L5, L6
Antique Olive Bold
L1, L2, L5, L6
AntiqueOlive-Compact
L1, L2, L5, L6
ArialMT
L1, L2, L5, L6,
Cyr, Grk
Arial-ItalicMT
L1, L2, L5, L6,
Cyr, Grk
Arial-BoldMT
L1, L2, L5, L6,
Cyr, Grk
Arial-BoldItalicMT
L1, L2, L5, L6,
Cyr, Grk
AvantGarde-Book
L1, L2, L5, L6
AvantGarde-BookOblique
L1, L2, L5, L6
AvantGarde-Demi
L1, L2, L5, L6
AvantGarde-DemiOblique
L1, L2, L5, L6
Bookman-Light
L1, L2, L5, L6
Bookman-LightItalic
L1, L2, L5, L6
Bookman-Demi
L1, L2, L5, L6
Bookman-DemiItalic
L1, L2, L5, L6
Coronet-Regular
L1, L2, L5, L6
Courier
L1, L2, L5, L6
Courier-Oblique
L1, L2, L5, L6
Courier Bold
L1, L2, L5, L6
Courier-BoldOblique
L1, L2, L5, L6
Garamond Antiqua
L1, L2, L5, L6
Garamond Kursiv
L1, L2, L5, L6
Garamond Halbfett
L1, L2, L5, L6
Afkortingen van tekensets: L1 = Latin 1; L2 = Latin 2; L5 = Latin 5; L6
= Latin 6; Cyr = Cyrillic; Grk = Greek.
Naam PostScript-lettertype
Ondersteunde
tekensets
Garamond-KursivHalbfett L1, L2, L5, L6
Helvetica L1, L2, L5, L6
Helvetica-Oblique L1, L2, L5, L6
Helvetica Bold L1, L2, L5, L6
Helvetica-BoldOblique L1, L2, L5, L6
Helvetica Light L1
Helvetica-LightOblique L1
Helvetica Black L1
Helvetica-BlackOblique L1
Helvetica Narrow L1, L2, L5, L6
Helvetica-Narrow-Oblique L1, L2, L5, L6
Helvetica-Narrow-Bold L1, L2, L5, L6
Helvetica-Narrow-BoldOblique L1, L2, L5, L6
Intl-CG-Times L1, L2, L5, L6,
Cyr, Grk
Intl-CG-Times-Italic L1, L2, L5, L6,
Cyr, Grk
Intl-CG-Times-Bold L1, L2, L5, L6,
Cyr, Grk
Intl-CG-Times-BoldItalic Omega L1, L2, L5, L6,
Cyr, Grk
Intl-Courier L1, L2, L5, L6,
Cyr, Grk
Intl-Courier-Oblique L1, L2, L5, L6,
Cyr, Grk
Intl-Courier-Bold L1, L2, L5, L6,
Cyr, Grk
Intl-Courier-BoldOblique L1, L2, L5, L6,
Cyr, Grk
Intl-Univers-Medium L1, L2, L5, L6,
Cyr, Grk
Intl-Univers-MediumItalic L1, L2, L5, L6,
Cyr, Grk
Intl-Univers-Bold L1, L2, L5, L6,
Cyr, Grk
Garamond-KursivHalbfett
L1, L2, L5, L6
Helvetica
L1, L2, L5, L6
Helvetica-Oblique
L1, L2, L5, L6
Helvetica Bold
L1, L2, L5, L6
Helvetica-BoldOblique
L1, L2, L5, L6
Helvetica Light
L1
Helvetica-LightOblique
L1
Helvetica Black
L1
Helvetica-BlackOblique
L1
Helvetica Narrow
L1, L2, L5, L6
Helvetica-Narrow-Oblique
L1, L2, L5, L6
Helvetica-Narrow-Bold
L1, L2, L5, L6
Helvetica-Narrow-BoldOblique
L1, L2, L5, L6
Intl-CG-Times
L1, L2, L5, L6,
Cyr, Grk
Intl-CG-Times-Italic
L1, L2, L5, L6,
Cyr, Grk
Intl-CG-Times-Bold
L1, L2, L5, L6,
Cyr, Grk
Intl-CG-Times-BoldItalic Omega
L1, L2, L5, L6,
Cyr, Grk
Intl-Courier
L1, L2, L5, L6,
Cyr, Grk
Intl-Courier-Oblique
L1, L2, L5, L6,
Cyr, Grk
Intl-Courier-Bold
L1, L2, L5, L6,
Cyr, Grk
Intl-Courier-BoldOblique
L1, L2, L5, L6,
Cyr, Grk
Intl-Univers-Medium
L1, L2, L5, L6,
Cyr, Grk
Intl-Univers-MediumItalic
L1, L2, L5, L6,
Cyr, Grk
Intl-Univers-Bold
L1, L2, L5, L6,
Cyr, Grk
Afkortingen van tekensets: L1 = Latin 1; L2 = Latin 2; L5 = Latin 5; L6
= Latin 6; Cyr = Cyrillic; Grk = Greek.
Naam PostScript-lettertype
Ondersteunde
tekensets
Intl-Univers-BoldItalic L1, L2, L5, L6,
Cyr, Grk
Letter Gothic L1, L2, L5, L6
LetterGothic-Slanted L1, L2, L5, L6
LetterGothic-Bold L1, L2, L5, L6
LetterGothic-BoldSlanted L1, L2, L5, L6
Marigold L1
NewCenturySchlbk-Roman L1, L2, L5, L6
NewCenturySchlbk-Italic L1, L2, L5, L6
NewCenturySchlbk-Bold L1, L2, L5, L6
NewCenturySchlbk-BoldItalic Omega L1, L2, L5, L6
Optima L1, L2, L5, L6
Optima-Italic L1, L2, L5, L6
Optima-Bold L1, L2, L5, L6
Optima-BoldItalic Omega L1, L2, L5, L6
Palatino Roman L1, L2, L5, L6
Palatino Italic L1, L2, L5, L6
Palatino Bold L1, L2, L5, L6
Palatino-BoldItalic Omega L1, L2, L5, L6
Symbol niet-tekstueel
lettertype
Times Roman L1, L2, L5, L6
Times Italic L1, L2, L5, L6
Times Bold L1, L2, L5, L6
Times-BoldItalic Omega L1, L2, L5, L6
TimesNewRomanPSMT L1, L2, L5, L6,
Cyr, Grk
TimesNewRomanPS-ItalicMT L1, L2, L5, L6,
Cyr, Grk
TimesNewRomanPS-BoldMT L1, L2, L5, L6,
Cyr, Grk
TimesNewRomanPS-BoldItalicMT L1, L2, L5, L6,
Cyr, Grk
Univers L1, L2, L5, L6
Intl-Univers-BoldItalic
L1, L2, L5, L6,
Cyr, Grk
Letter Gothic
L1, L2, L5, L6
LetterGothic-Slanted
L1, L2, L5, L6
LetterGothic-Bold
L1, L2, L5, L6
LetterGothic-BoldSlanted
L1, L2, L5, L6
Marigold
L1
NewCenturySchlbk-Roman
L1, L2, L5, L6
NewCenturySchlbk-Italic
L1, L2, L5, L6
NewCenturySchlbk-Bold
L1, L2, L5, L6
NewCenturySchlbk-BoldItalic Omega
L1, L2, L5, L6
Optima
L1, L2, L5, L6
Optima-Italic
L1, L2, L5, L6
Optima-Bold
L1, L2, L5, L6
Optima-BoldItalic Omega
L1, L2, L5, L6
Palatino Roman
L1, L2, L5, L6
Palatino Italic
L1, L2, L5, L6
Palatino Bold
L1, L2, L5, L6
Palatino-BoldItalic Omega
L1, L2, L5, L6
Symbol
niet-tekstueel
lettertype
Times Roman
L1, L2, L5, L6
Times Italic
L1, L2, L5, L6
Times Bold
L1, L2, L5, L6
Times-BoldItalic Omega
L1, L2, L5, L6
TimesNewRomanPSMT
L1, L2, L5, L6,
Cyr, Grk
TimesNewRomanPS-ItalicMT
L1, L2, L5, L6,
Cyr, Grk
TimesNewRomanPS-BoldMT
L1, L2, L5, L6,
Cyr, Grk
TimesNewRomanPS-BoldItalicMT
L1, L2, L5, L6,
Cyr, Grk
Univers
L1, L2, L5, L6
Afkortingen van tekensets: L1 = Latin 1; L2 = Latin 2; L5 = Latin 5; L6
= Latin 6; Cyr = Cyrillic; Grk = Greek.
Naam PostScript-lettertype
Ondersteunde
tekensets
Univers-Oblique L1, L2, L5, L6
Univers Bold L1, L2, L5, L6
Univers-BoldOblique L1, L2, L5, L6
Univers-Condensed L1, L2, L5, L6
Univers-CondensedOblique L1, L2, L5, L6
Univers-CondensedBold L1, L2, L5, L6
Univers-CondensedBoldOblique L1, L2, L5, L6
Wingdings-Regular niet-tekstueel
lettertype
ZapfChancery-MediumItalic L1, L2, L5, L6
ZapfDingbats niet-tekstueel
lettertype
Afkortingen van tekensets: L1 = Latin 1; L2 = Latin 2; L5 = Latin 5; L6
= Latin 6; Cyr = Cyrillic; Grk = Greek.
Kabels
De aansluitkabel van uw printer moet aan de volgende vereisten voldoen:
Verbinding Kabelcertificering
USB USB 2.0
Parallel IEEE-1284
10/100/1000 Ethernet CAT-5E
Certificeringen
USB-IF
Univers-Oblique
L1, L2, L5, L6
Univers Bold
L1, L2, L5, L6
Univers-BoldOblique
L1, L2, L5, L6
Univers-Condensed
L1, L2, L5, L6
Univers-CondensedOblique
L1, L2, L5, L6
Univers-CondensedBold
L1, L2, L5, L6
Univers-CondensedBoldOblique
L1, L2, L5, L6
Wingdings-Regular
niet-tekstueel
lettertype
ZapfChancery-MediumItalic
L1, L2, L5, L6
ZapfDingbats
niet-tekstueel
lettertype
Afkortingen van tekensets: L1 = Latin 1; L2 = Latin 2; L5 = Latin 5; L6
= Latin 6; Cyr = Cyrillic; Grk = Greek.
Kabels
De aansluitkabel van uw printer moet aan de volgende vereisten voldoen:
Verbinding
Kabelcertificering
USB
USB 2.0
Parallel
IEEE-1284
10/100/1000 Ethernet
CAT-5E
Certificeringen
USB-IF
Bijlage
Beleid voor technische ondersteuning van Dell
Contact opnemen met Dell
Garantie en beleid voor retourneren
Beleid voor technische ondersteuning van Dell
Technische ondersteuning door een technicus vindt plaats in samenwerking met de klant. Tijdens deze
procedure wordt het probleem vastgesteld en worden oplossingen geleverd waarmee het besturingssysteem,
de toepassingen en de hardwarestuurprogramma's kunnen worden hersteld naar de originele
standaardconfiguratie waarmee het product door Dell is geleverd. Tevens wordt de juiste werking van de
printer en de geïnstalleerde Dell hardware gecontroleerd. Naast de technische ondersteuning door een
technicus is er online technische ondersteuning beschikbaar op Dell Support. U kunt wellicht extra technische
ondersteuningsopties aanschaffen.
Dell levert beperkte technische ondersteuning voor de printer en eventuele geïnstalleerde software en
randapparatuur van Dell. Ondersteuning voor software en randapparatuur van derden wordt geleverd door
de betreffende fabrikant. Dit geldt onder andere voor producten die zijn gekocht en/of geïnstalleerd met
Software & Peripherals (DellWare), ReadyWare en Custom Factory Integration (CFI/DellPlus.
Contact opnemen met Dell
U kunt de ondersteuningswebsite van Dell raadplegen op support.dell.com. Selecteer de gewenste regio op
de pagina WELCOME TO DELL SUPPORT en geef de gevraagde gegevens op voor toegang tot
hulpprogramma's en ondersteuningsinformatie.
U kunt elektronisch contact opnemen met Dell op de volgende adressen:
Internet
www.dell.com/
www.dell.com/ap/ (alleen voor Azië/Pacific)
www.dell.com/jp/ (alleen voor Japan)
www.euro.dell.com (alleen voor Europa)
www.dell.com/la/ (alleen voor Latijns-Amerika en het Caribisch gebied)
www.dell.ca (alleen voor Canada)
Anonieme FTP (File Transfer Protocol)
ftp.dell.com
Meld u aan als anonieme gebruiker en geef uw e-mailadres op als wachtwoord.
Elektronische ondersteuningsservice
[email protected] (alleen voor Latijns-Amerika en het Caribisch gebied)
[email protected] (alleen voor Azië/Pacific)
support.jp.dell.com (alleen voor Japan)
support.euro.dell.com (alleen voor Europa)
Elektronische offerteservice
[email protected] (alleen voor Azië/Pacific)
[email protected] (alleen voor Canada)
Garantie en beleid voor retourneren
Dell Inc. ('Dell') vervaardigt hardwareproducten met onderdelen en componenten die nieuw of zo goed als
nieuw zijn, in overeenstemming met de geldende praktijken binnen de branche. Raadpleeg de Handleiding
met productinformatie voor meer informatie over de Dell garantie voor de printer.
Informatie over licenties
BSD License and Warranty statements
GNU License
De software van de printer omvat:
Software die is ontwikkeld door, en waarop het copyright berust bij Dell en/of derden
Door Dell aangepaste software die is gelicentieerd onder de bepalingen van versie 2 van GNU General
Public License (GNU GPL) en versie 2.1 van GNU Lesser General Public License (LGPL)
Software die is gelicentieerd onder de bepalingen van de BSD-licentie en -garantieverklaringen
Software die gedeeltelijk is gebaseerd op het werk van de Independent JPEG Group
De door Dell aangepaste software met GNU-licentie is vrije software. U mag de software verspreiden en/of
aanpassen volgens de bepalingen van de hierboven vermelde licenties. Deze licenties verlenen u geen
rechten op de software in deze printer die onder het copyright van Dell of derden valt.
Software met GNU-licentie wordt uitdrukkelijk zonder garantie geleverd. De versie die door Dell is aangepast
wordt dan ook zonder garantie geleverd. Raadpleeg de afwijzing van garanties in de vermelde licenties voor
meer informatie.
BSD License and Warranty statements
Copyright (c) 1991 The Regents of the University of California. All rights reserved.
Redistribution and use in source and binary forms, with or without modification, are permitted provided that
the following conditions are met:
Redistributions of source code must retain the above copyright notice, this list of conditions and the
following disclaimer.
1.
Redistributions in binary form must reproduce the above copyright notice, this list of conditions and the
following disclaimer in the documentation and/or other materials provided with the distribution.
2.
3.
2.
The name of the author may not be used to endorse or promote products derived from this software
without specific prior written permission.
3.
THIS SOFTWARE IS PROVIDED BY THE AUTHOR ``AS IS'' AND ANY EXPRESS OR IMPLIED WARRANTIES,
INCLUDING, BUT NOT LIMITED TO, THE IMPLIED WARRANTIES OF MERCHANTABILITY AND FITNESS FOR A
PARTICULAR PURPOSE ARE DISCLAIMED. IN NO EVENT SHALL THE AUTHOR BE LIABLE FOR ANY DIRECT,
INDIRECT, INCIDENTAL, SPECIAL, EXEMPLARY, OR CONSEQUENTIAL DAMAGES (INCLUDING, BUT NOT
LIMITED TO, PROCUREMENT OF SUBSTITUTE GOODS OR SERVICES; LOSS OF USE, DATA, OR PROFITS; OR
BUSINESS INTERRUPTION) HOWEVER CAUSED AND ON ANY THEORY OF LIABILITY, WHETHER IN
CONTRACT, STRICT LIABILITY, OR TORT (INCLUDING NEGLIGENCE OR OTHERWISE) ARISING IN ANY WAY
OUT OF THE USE OF THIS SOFTWARE, EVEN IF ADVISED OF THE POSSIBILITY OF SUCH DAMAGE.
GNU License
GENERAL PUBLIC LICENSE
Version 2, June 1991
Copyright (C) 1989, 1991 Free Software Foundation, Inc.
59 Temple Place, Suite 330, Boston, MA 02111-1307 USA
Everyone is permitted to copy and distribute verbatim copies of this license document, but changing it is not
allowed.
Preamble
The licenses for most software are designed to take away your freedom to share and change it. By contrast,
the GNU General Public License is intended to guarantee your freedom to share and change free software--to
make sure the software is free for all its users. This General Public License applies to most of the Free
Software Foundation's software and to any other program whose authors commit to using it. (Some other
Free Software Foundation software is covered by the GNU Library General Public License instead.) You can
apply it to your programs, too.
When we speak of free software, we are referring to freedom, not price. Our General Public Licenses are
designed to make sure that you have the freedom to distribute copies of free software (and charge for this
service if you wish), that you receive source code or can get it if you want it, that you can change the
software or use pieces of it in new free programs; and that you know you can do these things.
To protect your rights, we need to make restrictions that forbid anyone to deny you these rights or to ask
you to surrender the rights. These restrictions translate to certain responsibilities for you if you distribute
copies of the software, or if you modify it.
For example, if you distribute copies of such a program, whether gratis or for a fee, you must give the
recipients all the rights that you have. You must make sure that they, too, receive or can get the source
code. And you must show them these terms so they know their rights.
We protect your rights with two steps: (1) copyright the software, and (2) offer you this license which gives
you legal permission to copy, distribute and/or modify the software.
Also, for each author's protection and ours, we want to make certain that everyone understands that there is
no warranty for this free software. If the software is modified by someone else and passed on, we want its
recipients to know that what they have is not the original, so that any problems introduced by others will not
reflect on the original authors' reputations.
Finally, any free program is threatened constantly by software patents. We wish to avoid the danger that
redistributors of a free program will individually obtain patent licenses, in effect making the program
proprietary. To prevent this, we have made it clear that any patent must be licensed for everyone's free use
or not licensed at all.
The precise terms and conditions for copying, distribution and modification follow.
GNU GENERAL PUBLIC LICENSE
TERMS AND CONDITIONS FOR COPYING, DISTRIBUTION AND MODIFICATION
0. This License applies to any program or other work which contains a notice placed by the copyright holder
saying it may be distributed under the terms of this General Public License. The "Program", below, refers to
any such program or work, and a "work based on the Program" means either the Program or any derivative
work under copyright law: that is to say, a work containing the Program or a portion of it, either verbatim or
with modifications and/or translated into another language. (Hereinafter, translation is included without
limitation in the term "modification".) Each licensee is addressed as "you". Activities other than copying,
distribution and modification are not covered by this License; they are outside its scope. The act of running
the Program is not restricted, and the output from the Program is covered only if its contents constitute a
work based on the Program (independent of having been made by running the Program). Whether that is
true depends on what the Program does.
1. You may copy and distribute verbatim copies of the Program's source code as you receive it, in any
medium, provided that you conspicuously and appropriately publish on each copy an appropriate copyright
notice and disclaimer of warranty; keep intact all the notices that refer to this License and to the absence of
any warranty; and give any other recipients of the Program a copy of this License along with the Program.
You may charge a fee for the physical act of transferring a copy, and you may at your option offer warranty
protection in exchange for a fee.
2. You may modify your copy or copies of the Program or any portion of it, thus forming a work based on the
Program, and copy and distribute such modifications or work under the terms of Section 1 above, provided
that you also meet all of these conditions:
a. You must cause the modified files to carry prominent notices stating that you changed the files and the
date of any change.
b. You must cause any work that you distribute or publish, that in whole or in part contains or is derived
from the Program or any part thereof, to be licensed as a whole at no charge to all third parties under the
terms of this License.
c. If the modified program normally reads commands interactively when run, you must cause it, when
started running for such interactive use in the most ordinary way, to print or display an announcement
including an appropriate copyright notice and a notice that there is no warranty (or else, saying that you
provide a warranty) and that users may redistribute the program under these conditions, and telling the user
how to view a copy of this License. (Exception: if the Program itself is interactive but does not normally print
such an announcement, your work based on the Program is not required to print an announcement.)
These requirements apply to the modified work as a whole. If identifiable sections of that work are not
derived from the Program, and can be reasonably considered independent and separate works in
themselves, then this License, and its terms, do not apply to those sections when you distribute them as
separate works. But when you distribute the same sections as part of a whole which is a work based on the
Program, the distribution of the whole must be on the terms of this License, whose permissions for other
licensees extend to the entire whole, and thus to each and every part regardless of who wrote it.
Thus, it is not the intent of this section to claim rights or contest your rights to work written entirely by you;
rather, the intent is to exercise the right to control the distribution of derivative or collective works based on
the Program.
In addition, mere aggregation of another work not based on the Program with the Program (or with a work
based on the Program) on a volume of a storage or distribution medium does not bring the other work under
the scope of this License.
3. You may copy and distribute the Program (or a work based on it, under Section 2) in object code or
executable form under the terms of Sections 1 and 2 above provided that you also do one of the following:
a. Accompany it with the complete corresponding machine-readable source code, which must be distributed
under the terms of Sections 1 and 2 above on a medium customarily used for software interchange; or,
b. Accompany it with a written offer, valid for at least three years, to give any third party, for a charge no
more than your cost of physically performing source distribution, a complete machine-readable copy of the
corresponding source code, to be distributed under the terms of Sections 1 and 2 above on a medium
customarily used for software interchange; or,
c. Accompany it with the information you received as to the offer to distribute corresponding source code.
(This alternative is allowed only for noncommercial distribution and only if you received the program in
object code or executable form with such an offer, in accord with Subsection b above.)
The source code for a work means the preferred form of the work for making modifications to it. For an
executable work, complete source code means all the source code for all modules it contains, plus any
associated interface definition files, plus the scripts used to control compilation and installation of the
executable. However, as a special exception, the source code distributed need not include anything that is
normally distributed (in either source or binary form) with the major components (compiler, kernel, and so
on) of the operating system on which the executable runs, unless that component itself accompanies the
executable.
If distribution of executable or object code is made by offering access to copy from a designated place, then
offering equivalent access to copy the source code from the same place counts as distribution of the source
code, even though third parties are not compelled to copy the source along with the object code.
4. You may not copy, modify, sublicense, or distribute the Program except as expressly provided under this
License. Any attempt otherwise to copy, modify, sublicense or distribute the Program is void, and will
automatically terminate your rights under this License. However, parties who have received copies, or rights,
from you under this License will not have their licenses terminated so long as such parties remain in full
compliance.
5. You are not required to accept this License, since you have not signed it. However, nothing else grants
you permission to modify or distribute the Program or its derivative works. These actions are prohibited by
law if you do not accept this License. Therefore, by modifying or distributing the Program (or any work based
on the Program), you indicate your acceptance of this License to do so, and all its terms and conditions for
copying, distributing or modifying the Program or works based on it.
6. Each time you redistribute the Program (or any work based on the Program), the recipient automatically
receives a license from the original licensor to copy, distribute or modify the Program subject to these terms
and conditions. You may not impose any further restrictions on the recipients' exercise of the rights granted
herein. You are not responsible for enforcing compliance by third parties to this License.
7. If, as a consequence of a court judgment or allegation of patent infringement or for any other reason (not
limited to patent issues), conditions are imposed on you (whether by court order, agreement or otherwise)
that contradict the conditions of this License, they do not excuse you from the conditions of this License. If
you cannot distribute so as to satisfy simultaneously your obligations under this License and any other
pertinent obligations, then as a consequence you may not distribute the Program at all. For example, if a
patent license would not permit royalty-free redistribution of the Program by all those who receive copies
directly or indirectly through you, then the only way you could satisfy both it and this License would be to
refrain entirely from distribution of the Program.
If any portion of this section is held invalid or unenforceable under any particular circumstance, the balance
of the section is intended to apply and the section as a whole is intended to apply in other circumstances.
It is not the purpose of this section to induce you to infringe any patents or other property right claims or to
contest validity of any such claims; this section has the sole purpose of protecting the integrity of the free
software distribution system, which is implemented by public license practices. Many people have made
generous contributions to the wide range of software distributed through that system in reliance on
consistent application of that system; it is up to the author/donor to decide if he or she is willing to distribute
software through any other system and a licensee cannot impose that choice.
This section is intended to make thoroughly clear what is believed to be a consequence of the rest of this
License.
8. If the distribution and/or use of the Program is restricted in certain countries either by patents or by
copyrighted interfaces, the original copyright holder who places the Program under this License may add an
explicit geographical distribution limitation excluding those countries, so that distribution is permitted only in
or among countries not thus excluded. In such case, this License incorporates the limitation as if written in
the body of this License.
9. The Free Software Foundation may publish revised and/or new versions of the General Public License from
time to time. Such new versions will be similar in spirit to the present version, but may differ in detail to
address new problems or concerns.
Each version is given a distinguishing version number. If the Program specifies a version number of this
License which applies to it and "any later version", you have the option of following the terms and conditions
either of that version or of any later version published by the Free Software Foundation. If the Program does
not specify a version number of this License, you may choose any version ever published by the Free
Software Foundation.
10. If you wish to incorporate parts of the Program into other free programs whose distribution conditions
are different, write to the author to ask for permission. For software which is copyrighted by the Free
Software Foundation, write to the Free Software Foundation; we sometimes make exceptions for this. Our
decision will be guided by the two goals of preserving the free status of all derivatives of our free software
and of promoting the sharing and reuse of software generally.
NO WARRANTY
11. BECAUSE THE PROGRAM IS LICENSED FREE OF CHARGE, THERE IS NO WARRANTY FOR THE PROGRAM,
TO THE EXTENT PERMITTED BY APPLICABLE LAW. EXCEPT WHEN OTHERWISE STATED IN WRITING THE
COPYRIGHT HOLDERS AND/OR OTHER PARTIES PROVIDE THE PROGRAM "AS IS" WITHOUT WARRANTY OF
ANY KIND, EITHER EXPRESSED OR IMPLIED, INCLUDING, BUT NOT LIMITED TO, THE IMPLIED WARRANTIES
OF MERCHANTABILITY AND FITNESS FOR A PARTICULAR PURPOSE. THE ENTIRE RISK AS TO THE QUALITY
AND PERFORMANCE OF THE PROGRAM IS WITH YOU. SHOULD THE PROGRAM PROVE DEFECTIVE, YOU
ASSUME THE COST OF ALL NECESSARY SERVICING, REPAIR OR CORRECTION.
12. IN NO EVENT UNLESS REQUIRED BY APPLICABLE LAW OR AGREED TO IN WRITING WILL ANY
COPYRIGHT HOLDER, OR ANY OTHER PARTY WHO MAY MODIFY AND/OR REDISTRIBUTE THE PROGRAM AS
PERMITTED ABOVE, BE LIABLE TO YOU FOR DAMAGES, INCLUDING ANY GENERAL, SPECIAL, INCIDENTAL OR
CONSEQUENTIAL DAMAGES ARISING OUT OF THE USE OR INABILITY TO USE THE PROGRAM (INCLUDING
BUT NOT LIMITED TO LOSS OF DATA OR DATA BEING RENDERED INACCURATE OR LOSSES SUSTAINED BY
YOU OR THIRD PARTIES OR A FAILURE OF THE PROGRAM TO OPERATE WITH ANY OTHER PROGRAMS), EVEN
IF SUCH HOLDER OR OTHER PARTY HAS BEEN ADVISED OF THE POSSIBILITY OF SUCH DAMAGES.
END OF TERMS AND CONDITIONS
How to Apply These Terms to Your New Programs
If you develop a new program, and you want it to be of the greatest possible use to the public, the best way
to achieve this is to make it free software which everyone can redistribute and change under these terms.
To do so, attach the following notices to the program. It is safest to attach them to the start of each source
file to most effectively convey the exclusion of warranty; and each file should have at least the "copyright"
line and a pointer to where the full notice is found.
1 April 1989
Lexmark International, Inc.
This General Public License does not permit incorporating your program into proprietary programs. If your
program is a subroutine library, you may consider it more useful to permit linking proprietary applications
with the library. If this is what you want to do, use the GNU Library General Public License instead of this
License.
GNU LESSER GENERAL PUBLIC LICENSE
Version 2.1, February 1999
Copyright (C) 1991, 1999 Free Software Foundation, Inc.
59 Temple Place, Suite 330, Boston, MA 02111-1307 USA
Everyone is permitted to copy and distribute verbatim copies of this license document, but changing it is not
allowed.
[This is the first released version of the Lesser GPL. It also counts as the successor of the GNU Library Public
License, version 2, hence the version number 2.1.]
Preamble
The licenses for most software are designed to take away your freedom to share and change it. By contrast,
the GNU General Public Licenses are intended to guarantee your freedom to share and change free software-
-to make sure the software is free for all its users.
This license, the Lesser General Public License, applies to some specially designated software packages--
typically libraries--of the Free Software Foundation and other authors who decide to use it. You can use it
too, but we suggest you first think carefully about whether this license or the ordinary General Public License
is the better strategy to use in any particular case, based on the explanations below.
When we speak of free software, we are referring to freedom of use, not price. Our General Public Licenses
are designed to make sure that you have the freedom to distribute copies of free software (and charge for
this service if you wish); that you receive source code or can get it if you want it; that you can change the
software and use pieces of it in new free programs; and that you are informed that you can do these things.
To protect your rights, we need to make restrictions that forbid distributors to deny you these rights or to
ask you to surrender these rights. These restrictions translate to certain responsibilities for you if you
distribute copies of the library or if you modify it.
For example, if you distribute copies of the library, whether gratis or for a fee, you must give the recipients
all the rights that we gave you. You must make sure that they, too, receive or can get the source code. If
you link other code with the library, you must provide complete object files to the recipients, so that they
can relink them with the library after making changes to the library and recompiling it. And you must show
them these terms so they know their rights.
We protect your rights with a two-step method: (1) we copyright the library, and (2) we offer you this
license, which gives you legal permission to copy, distribute and/or modify the library.
To protect each distributor, we want to make it very clear that there is no warranty for the free library. Also,
if the library is modified by someone else and passed on, the recipients should know that what they have is
not the original version, so that the original author's reputation will not be affected by problems that might
be introduced by others.
Finally, software patents pose a constant threat to the existence of any free program. We wish to make sure
that a company cannot effectively restrict the users of a free program by obtaining a restrictive license from
a patent holder. Therefore, we insist that any patent license obtained for a version of the library must be
consistent with the full freedom of use specified in this license.
Most GNU software, including some libraries, is covered by the ordinary GNU General Public License. This
license, the GNU Lesser General Public License, applies to certain designated libraries, and is quite different
from the ordinary General Public License. We use this license for certain libraries in order to permit linking
those libraries into non-free programs.
When a program is linked with a library, whether statically or using a shared library, the combination of the
two is legally speaking a combined work, a derivative of the original library. The ordinary General Public
License therefore permits such linking only if the entire combination fits its criteria of freedom. The Lesser
General Public License permits more lax criteria for linking other code with the library.
We call this license the "Lesser" General Public License because it does Less to protect the user's freedom
than the ordinary General Public License. It also provides other free software developers Less of an
advantage over competing non-free programs. These disadvantages are the reason we use the ordinary
General Public License for many libraries. However, the Lesser license provides advantages in certain special
circumstances.
For example, on rare occasions, there may be a special need to encourage the widest possible use of a
certain library, so that it becomes a de-facto standard. To achieve this, non-free programs must be allowed
to use the library. A more frequent case is that a free library does the same job as widely used non-free
libraries. In this case, there is little to gain by limiting the free library to free software only, so we use the
Lesser General Public License.
In other cases, permission to use a particular library in non-free programs enables a greater number of
people to use a large body of free software. For example, permission to use the GNU C Library in non-free
programs enables many more people to use the whole GNU operating system, as well as its variant, the
GNU/Linux operating system.
Although the Lesser General Public License is Less protective of the users' freedom, it does ensure that the
user of a program that is linked with the Library has the freedom and the wherewithal to run that program
using a modified version of the Library.
The precise terms and conditions for copying, distribution and modification follow. Pay close attention to the
difference between a "work based on the library" and a "work that uses the library". The former contains
code derived from the library, whereas the latter must be combined with the library in order to run.
GNU LESSER GENERAL PUBLIC LICENSE
TERMS AND CONDITIONS FOR COPYING, DISTRIBUTION AND MODIFICATION
0. This License Agreement applies to any software library or other program which contains a notice placed by
the copyright holder or other authorized party saying it may be distributed under the terms of this Lesser
General Public License (also called "this License"). Each licensee is addressed as "you".
A "library" means a collection of software functions and/or data prepared so as to be conveniently linked with
application programs (which use some of those functions and data) to form executables.
The "Library", below, refers to any such software library or work which has been distributed under these
terms. A "work based on the Library" means either the Library or any derivative work under copyright law:
that is to say, a work containing the Library or a portion of it, either verbatim or with modifications and/or
translated straightforwardly into another language. (Hereinafter, translation is included without limitation in
the term "modification".)
"Source code" for a work means the preferred form of the work for making modifications to it. For a library,
complete source code means all the source code for all modules it contains, plus any associated interface
definition files, plus the scripts used to control compilation and installation of the library.
Activities other than copying, distribution and modification are not covered by this License; they are outside
its scope. The act of running a program using the Library is not restricted, and output from such a program
is covered only if its contents constitute a work based on the Library (independent of the use of the Library
in a tool for writing it). Whether that is true depends on what the Library does and what the program that
uses the Library does.
1. You may copy and distribute verbatim copies of the Library's complete source code as you receive it, in
any medium, provided that you conspicuously and appropriately publish on each copy an appropriate
copyright notice and disclaimer of warranty; keep intact all the notices that refer to this License and to the
absence of any warranty; and distribute a copy of this License along with the Library.
You may charge a fee for the physical act of transferring a copy, and you may at your option offer warranty
protection in exchange for a fee.
2. You may modify your copy or copies of the Library or any portion of it, thus forming a work based on the
Library, and copy and distribute such modifications or work under the terms of Section 1 above, provided
that you also meet all of these conditions:
a. The modified work must itself be a software library.
b. You must cause the files modified to carry prominent notices stating that you changed the files and the
date of any change.
c. You must cause the whole of the work to be licensed at no charge to all third parties under the terms of
this License.
d. If a facility in the modified Library refers to a function or a table of data to be supplied by an application
program that uses the facility, other than as an argument passed when the facility is invoked, then you must
make a good faith effort to ensure that, in the event an application does not supply such function or table,
the facility still operates, and performs whatever part of its purpose remains meaningful.
(For example, a function in a library to compute square roots has a purpose that is entirely well-defined
independent of the application. Therefore, Subsection 2d requires that any application-supplied function or
table used by this function must be optional: if the application does not supply it, the square root function
must still compute square roots.)
These requirements apply to the modified work as a whole. If identifiable sections of that work are not
derived from the Library, and can be reasonably considered independent and separate works in themselves,
then this License, and its terms, do not apply to those sections when you distribute them as separate works.
But when you distribute the same sections as part of a whole which is a work based on the Library, the
distribution of the whole must be on the terms of this License, whose permissions for other licensees extend
to the entire whole, and thus to each and every part regardless of who wrote it.
Thus, it is not the intent of this section to claim rights or contest your rights to work written entirely by you;
rather, the intent is to exercise the right to control the distribution of derivative or collective works based on
the Library.
In addition, mere aggregation of another work not based on the Library with the Library (or with a work
based on the Library) on a volume of a storage or distribution medium does not bring the other work under
the scope of this License.
3. You may opt to apply the terms of the ordinary GNU General Public License instead of this License to a
given copy of the Library. To do this, you must alter all the notices that refer to this License, so that they
refer to the ordinary GNU General Public License, version 2, instead of to this License. (If a newer version
than version 2 of the ordinary GNU General Public License has appeared, then you can specify that version
instead if you wish.) Do not make any other change in these notices.
Once this change is made in a given copy, it is irreversible for that copy, so the ordinary GNU General Public
License applies to all subsequent copies and derivative works made from that copy.
This option is useful when you wish to copy part of the code of the Library into a program that is not a
library.
4. You may copy and distribute the Library (or a portion or derivative of it, under Section 2) in object code or
executable form under the terms of Sections 1 and 2 above provided that you accompany it with the
complete corresponding machine-readable source code, which must be distributed under the terms of
Sections 1 and 2 above on a medium customarily used for software interchange.
If distribution of object code is made by offering access to copy from a designated place, then offering
equivalent access to copy the source code from the same place satisfies the requirement to distribute the
source code, even though third parties are not compelled to copy the source along with the object code.
5. A program that contains no derivative of any portion of the Library, but is designed to work with the
Library by being compiled or linked with it, is called a "work that uses the Library". Such a work, in isolation,
is not a derivative work of the Library, and therefore falls outside the scope of this License.
However, linking a "work that uses the Library" with the Library creates an executable that is a derivative of
the Library (because it contains portions of the Library), rather than a "work that uses the library". The
executable is therefore covered by this License. Section 6 states terms for distribution of such executables.
When a "work that uses the Library" uses material from a header file that is part of the Library, the object
code for the work may be a derivative work of the Library even though the source code is not. Whether this
is true is especially significant if the work can be linked without the Library, or if the work is itself a library.
The threshold for this to be true is not precisely defined by law.
If such an object file uses only numerical parameters, data structure layouts and accessors, and small
macros and small inline functions (ten lines or less in length), then the use of the object file is unrestricted,
regardless of whether it is legally a derivative work. (Executables containing this object code plus portions of
the Library will still fall under Section 6.)
Otherwise, if the work is a derivative of the Library, you may distribute the object code for the work under
the terms of Section 6. Any executables containing that work also fall under Section 6, whether or not they
are linked directly with the Library itself.
6. As an exception to the Sections above, you may also combine or link a "work that uses the Library" with
the Library to produce a work containing portions of the Library, and distribute that work under terms of
your choice, provided that the terms permit modification of the work for the customer's own use and reverse
engineering for debugging such modifications.
You must give prominent notice with each copy of the work that the Library is used in it and that the Library
and its use are covered by this License. You must supply a copy of this License. If the work during execution
displays copyright notices, you must include the copyright notice for the Library among them, as well as a
reference directing the user to the copy of this License. Also, you must do one of these things:
a. Accompany the work with the complete corresponding machine-readable source code for the Library
including whatever changes were used in the work (which must be distributed under Sections 1 and 2
above); and, if the work is an executable linked with the Library, with the complete machine-readable "work
that uses the Library", as object code and/or source code, so that the user can modify the Library and then
relink to produce a modified executable containing the modified Library. (It is understood that the user who
changes the contents of definitions files in the Library will not necessarily be able to recompile the
application to use the modified definitions.)
b. Use a suitable shared library mechanism for linking with the Library. A suitable mechanism is one that (1)
uses at run time a copy of the library already present on the user's computer system, rather than copying
library functions into the executable, and (2) will operate properly with a modified version of the library, if
the user installs one, as long as the modified version is interface-compatible with the version that the work
was made with.
c. Accompany the work with a written offer, valid for at least three years, to give the same user the
materials specified in Subsection 6a, above, for a charge no more than the cost of performing this
distribution.
d. If distribution of the work is made by offering access to copy from a designated place, offer equivalent
access to copy the above specified materials from the same place.
e. Verify that the user has already received a copy of these materials or that you have already sent this user
a copy.
For an executable, the required form of the "work that uses the Library" must include any data and utility
programs needed for reproducing the executable from it. However, as a special exception, the materials to
be distributed need not include anything that is normally distributed (in either source or binary form) with
the major components (compiler, kernel, and so on) of the operating system on which the executable runs,
unless that component itself accompanies the executable.
It may happen that this requirement contradicts the license restrictions of other proprietary libraries that do
not normally accompany the operating system. Such a contradiction means you cannot use both them and
the Library together in an executable that you distribute.
7. You may place library facilities that are a work based on the Library side-by-side in a single library
together with other library facilities not covered by this License, and distribute such a combined library,
provided that the separate distribution of the work based on the Library and of the other library facilities is
otherwise permitted, and provided that you do these two things:
a. Accompany the combined library with a copy of the same work based on the Library, uncombined with any
other library facilities. This must be distributed under the terms of the Sections above.
b. Give prominent notice with the combined library of the fact that part of it is a work based on the Library,
and explaining where to find the accompanying uncombined form of the same work.
8. You may not copy, modify, sublicense, link with, or distribute the Library except as expressly provided
under this License. Any attempt otherwise to copy, modify, sublicense, link with, or distribute the Library is
void, and will automatically terminate your rights under this License. However, parties who have received
copies, or rights, from you under this License will not have their licenses terminated so long as such parties
remain in full compliance.
9. You are not required to accept this License, since you have not signed it. However, nothing else grants
you permission to modify or distribute the Library or its derivative works. These actions are prohibited by
law if you do not accept this License. Therefore, by modifying or distributing the Library (or any work based
on the Library), you indicate your acceptance of this License to do so, and all its terms and conditions for
copying, distributing or modifying the Library or works based on it.
10. Each time you redistribute the Library (or any work based on the Library), the recipient automatically
receives a license from the original licensor to copy, distribute, link with or modify the Library subject to
these terms and conditions. You may not impose any further restrictions on the recipients' exercise of the
rights granted herein. You are not responsible for enforcing compliance by third parties with this License.
11. If, as a consequence of a court judgment or allegation of patent infringement or for any other reason
(not limited to patent issues), conditions are imposed on you (whether by court order, agreement or
otherwise) that contradict the conditions of this License, they do not excuse you from the conditions of this
License. If you cannot distribute so as to satisfy simultaneously your obligations under this License and any
other pertinent obligations, then as a consequence you may not distribute the Library at all. For example, if
a patent license would not permit royalty-free redistribution of the Library by all those who receive copies
directly or indirectly through you, then the only way you could satisfy both it and this License would be to
refrain entirely from distribution of the Library.
If any portion of this section is held invalid or unenforceable under any particular circumstance, the balance
of the section is intended to apply, and the section as a whole is intended to apply in other circumstances.
It is not the purpose of this section to induce you to infringe any patents or other property right claims or to
contest validity of any such claims; this section has the sole purpose of protecting the integrity of the free
software distribution system which is implemented by public license practices. Many people have made
generous contributions to the wide range of software distributed through that system in reliance on
consistent application of that system; it is up to the author/donor to decide if he or she is willing to distribute
software through any other system and a licensee cannot impose that choice.
This section is intended to make thoroughly clear what is believed to be a consequence of the rest of this
License.
12. If the distribution and/or use of the Library is restricted in certain countries either by patents or by
copyrighted interfaces, the original copyright holder who places the Library under this License may add an
explicit geographical distribution limitation excluding those countries, so that distribution is permitted only in
or among countries not thus excluded. In such case, this License incorporates the limitation as if written in
the body of this License.
13. The Free Software Foundation may publish revised and/or new versions of the Lesser General Public
License from time to time. Such new versions will be similar in spirit to the present version, but may differ in
detail to address new problems or concerns. Each version is given a distinguishing version number. If the
Library specifies a version number of this License which applies to it and "any later version", you have the
option of following the terms and conditions either of that version or of any later version published by the
Free Software Foundation. If the Library does not specify a license version number, you may choose any
version ever published by the Free Software Foundation.
14. If you wish to incorporate parts of the Library into other free programs whose distribution conditions are
incompatible with these, write to the author to ask for permission. For software which is copyrighted by the
Free Software Foundation, write to the Free Software Foundation; we sometimes make exceptions for this.
Our decision will be guided by the two goals of preserving the free status of all derivatives of our free
software and of promoting the sharing and reuse of software generally.
NO WARRANTY
15. BECAUSE THE LIBRARY IS LICENSED FREE OF CHARGE, THERE IS NO WARRANTY FOR THE LIBRARY, TO
THE EXTENT PERMITTED BY APPLICABLE LAW. EXCEPT WHEN OTHERWISE STATED IN WRITING THE
COPYRIGHT HOLDERS AND/OR OTHER PARTIES PROVIDE THE LIBRARY "AS IS" WITHOUT WARRANTY OF
ANY KIND, EITHER EXPRESSED OR IMPLIED, INCLUDING, BUT NOT LIMITED TO, THE IMPLIED WARRANTIES
OF MERCHANTABILITY AND FITNESS FOR A PARTICULAR PURPOSE. THE ENTIRE RISK AS TO THE QUALITY
AND PERFORMANCE OF THE LIBRARY IS WITH YOU. SHOULD THE LIBRARY PROVE DEFECTIVE, YOU ASSUME
THE COST OF ALL NECESSARY SERVICING, REPAIR OR CORRECTION.
16. IN NO EVENT UNLESS REQUIRED BY APPLICABLE LAW OR AGREED TO IN WRITING WILL ANY
COPYRIGHT HOLDER, OR ANY OTHER PARTY WHO MAY MODIFY AND/OR REDISTRIBUTE THE LIBRARY AS
PERMITTED ABOVE, BE LIABLE TO YOU FOR DAMAGES, INCLUDING ANY GENERAL, SPECIAL, INCIDENTAL OR
CONSEQUENTIAL DAMAGES ARISING OUT OF THE USE OR INABILITY TO USE THE LIBRARY (INCLUDING BUT
NOT LIMITED TO LOSS OF DATA OR DATA BEING RENDERED INACCURATE OR LOSSES SUSTAINED BY YOU
OR THIRD PARTIES OR A FAILURE OF THE LIBRARY TO OPERATE WITH ANY OTHER SOFTWARE), EVEN IF
SUCH HOLDER OR OTHER PARTY HAS BEEN ADVISED OF THE POSSIBILITY OF SUCH DAMAGES.
END OF TERMS AND CONDITIONS
How to Apply These Terms to Your New Libraries
If you develop a new library, and you want it to be of the greatest possible use to the public, we recommend
making it free software that everyone can redistribute and change. You can do so by permitting
redistribution under these terms (or, alternatively, under the terms of the ordinary General Public License).
To apply these terms, attach the following notices to the library. It is safest to attach them to the start of
each source file to most effectively convey the exclusion of warranty; and each file should have at least the
"copyright" line and a pointer to where the full notice is found.
1 April 1990
Lexmark International, Inc.
That’s all there is to it!
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52
  • Page 53 53
  • Page 54 54
  • Page 55 55
  • Page 56 56
  • Page 57 57
  • Page 58 58
  • Page 59 59
  • Page 60 60
  • Page 61 61
  • Page 62 62
  • Page 63 63
  • Page 64 64
  • Page 65 65
  • Page 66 66
  • Page 67 67
  • Page 68 68
  • Page 69 69
  • Page 70 70
  • Page 71 71
  • Page 72 72
  • Page 73 73
  • Page 74 74
  • Page 75 75
  • Page 76 76
  • Page 77 77
  • Page 78 78
  • Page 79 79
  • Page 80 80
  • Page 81 81
  • Page 82 82
  • Page 83 83
  • Page 84 84
  • Page 85 85
  • Page 86 86
  • Page 87 87
  • Page 88 88
  • Page 89 89
  • Page 90 90
  • Page 91 91
  • Page 92 92
  • Page 93 93
  • Page 94 94
  • Page 95 95
  • Page 96 96
  • Page 97 97
  • Page 98 98
  • Page 99 99
  • Page 100 100
  • Page 101 101
  • Page 102 102
  • Page 103 103
  • Page 104 104
  • Page 105 105
  • Page 106 106
  • Page 107 107
  • Page 108 108
  • Page 109 109
  • Page 110 110
  • Page 111 111
  • Page 112 112
  • Page 113 113
  • Page 114 114
  • Page 115 115
  • Page 116 116
  • Page 117 117
  • Page 118 118
  • Page 119 119
  • Page 120 120
  • Page 121 121
  • Page 122 122
  • Page 123 123
  • Page 124 124
  • Page 125 125
  • Page 126 126
  • Page 127 127
  • Page 128 128
  • Page 129 129
  • Page 130 130
  • Page 131 131
  • Page 132 132
  • Page 133 133
  • Page 134 134
  • Page 135 135
  • Page 136 136
  • Page 137 137
  • Page 138 138
  • Page 139 139
  • Page 140 140
  • Page 141 141
  • Page 142 142
  • Page 143 143
  • Page 144 144
  • Page 145 145
  • Page 146 146
  • Page 147 147
  • Page 148 148
  • Page 149 149
  • Page 150 150
  • Page 151 151
  • Page 152 152
  • Page 153 153
  • Page 154 154
  • Page 155 155
  • Page 156 156
  • Page 157 157
  • Page 158 158
  • Page 159 159
  • Page 160 160
  • Page 161 161
  • Page 162 162
  • Page 163 163
  • Page 164 164
  • Page 165 165
  • Page 166 166
  • Page 167 167
  • Page 168 168
  • Page 169 169
  • Page 170 170
  • Page 171 171
  • Page 172 172
  • Page 173 173
  • Page 174 174
  • Page 175 175
  • Page 176 176
  • Page 177 177
  • Page 178 178
  • Page 179 179
  • Page 180 180
  • Page 181 181
  • Page 182 182
  • Page 183 183
  • Page 184 184
  • Page 185 185
  • Page 186 186
  • Page 187 187
  • Page 188 188
  • Page 189 189
  • Page 190 190
  • Page 191 191
  • Page 192 192
  • Page 193 193

Dell 2350d/dn Mono Laser Printer de handleiding

Type
de handleiding