Bauknecht KGNF 18 A3+ IN Gebruikershandleiding

Type
Gebruikershandleiding
Gezondheid & Veiligheid, Gebruik en
Verzorging en Installatie Gids
www.bauknecht.eu/register
2
NEDERLANDS ....................................3
3
NL
Index
Gids voor Gezondheid en Veiligheid
NEDERLANDS
GEZONDHEID & VEILIGHEID, GEBRUIKS-
AANWIJZING en INSTALLATIEGIDS
DANK U WEL VOOR UW AANKOOP VAN EEN BAUKNECHT
PRODUCT.
Voor verdere assistentie
kunt u het apparaat registeren op www.bauknecht.eu/register
VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN ............................................................................ 4
MILIEUTIPS ...............................................................................................6
CONFORMITEITSVERKLARING ............................................................................6
PRODUCTBESCHRIJVING .................................................................................7
APPARAAT .................................................................................................7
BEDIENINGSPANEEL ........................................................................................ 8
DEUR ......................................................................................................9
KOELKASTVERLICHTING ....................................................................................9
SCHAPPEN ................................................................................................. 9
VENTILATOR + ANTIBACTERIEEL FILTER .....................................................................9
IJSVRIJ KOELKASTCOMPARTIMENT .......................................................................... 9
IJSVRIJ VRIESCOMPARTIMENT ..............................................................................10
ACCESSOIRES .............................................................................................10
GEBRUIK VAN HET APPARAAT ...........................................................................11
EERSTE GEBRUIK ..........................................................................................11
INSTALLATIE ..............................................................................................11
DAGELIJKS GEBRUIK .......................................................................................12
FUNCTIES .................................................................................................12
TIPS VOOR OPSLAG VAN LEVENSMIDDELEN ................................................................15
AANBEVELINGEN WANNEER HET APPARAAT NIET WORDT GEBRUIKT ........................................19
ONDERHOUD EN REINIGING .............................................................................20
HANDLEIDING VOOR PROBLEEMOPLOSSING EN CONSUMENTENSERVICE ..............................21
FUNCTIONELE GELUIDEN ..................................................................................21
OPSPOREN VAN STORINGEN ...............................................................................22
CONSUMENTENSERVICE ...................................................................................24
Gids voor Gebruik en Verzorging
Installatiegids ............................................................................................24
4
VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
BELANGRIJK MOET WORDEN
GELEZEN EN IN ACHT GENOMEN
Lees voordat u het apparaat gaat
gebruiken zorgvuldig deze veilig-
heidsinstructies.
Bewaar ze dicht bij de hand voor
toekomstige raadpleging.
Deze instructies en het apparaat zelf
zijn voorzien van belangrijke veilig-
heidsaanwijzingen, die te allen tijde
moeten worden opgevolgd.
De fabrikant kan niet aansprakelijk
gesteld worden voor schade die het
gevolg is van het niet opvolgen van
deze veiligheidsinstructies, oneigen-
lijk gebruik of een foute program-
mering van de regelknoppen.
VEILIGHEIDSWAARSCHUWIN
-
GEN
Heel jonge (0-3 jaar) en jonge
kinderen (3-8 jaar) dienen op
afstand van het apparaat gehouden
te worden, tenzij ze onder voortdu
-
rend toezicht staan.
Kinderen vanaf 8 jaar en personen
met verminderde fysieke, sensori-
sche of mentale vermogens of
gebrek aan ervaring en kennis,
mogen dit apparaat gebruiken
indien ze onder toezicht staan of
instructies hebben ontvangen over
veilig gebruik en de mogelijke
gevaren ervan begrijpen. Kinderen
mogen niet spelen met het appa-
raat. De reiniging en het onderhoud
mogen niet door kinderen worden
uitgevoerd zonder toezicht.
TOEGESTAAN GEBRUIK
Het apparaat is uitsluitend bestemd
voor huishoudelijk, niet professio
-
neel gebruik.
Gebruik het apparaat niet buitens-
huis.
Geen ontplofbare brandbare
stoen, zoals spuitbussen opslaan
en geen benzine of andere brand-
bare materialen gebruiken in of in
de buurt van het apparaat: er kan
brand ontstaan vliegen als het
apparaat per ongeluk wordt inge-
schakeld.
VOORZICHTIG: Het apparaat is niet
geschikt voor inwerkingstelling met
een externe timer of afzonderlijk
systeem met afstandsbediening.
• Dit apparaat is bedoeld voor
gebruik in huishoudelijke en gelijk
-
aardige toepassingen zoals:
– personeelskeukens in winkels,
kantoren en andere werkomgevin-
gen;
- cottages en door klanten in hotels,
motels en andere residentiële
omgevingen;
- bed- and breakfast omgevingen;
- catering en soortgelijke non-retail
toepassingen .
De lamp die in het apparaat wordt
gebruikt is speciek ontworpen
voor huishoudapparaten en is niet
geschikt voor ruimteverlichting (EC
Richtlijn Nr. 244/2009).
Het apparaat is bedoeld voor
gebruik op plaatsen waar de tem-
peratuur binnen het volgende
bereik komt, conform de klimaat-
klasse op het typeplaatje. Mogelijk
werkt het apparaat niet correct
indien het lange tijd op een tempe-
ratuur buiten het aangegeven
bereik wordt gebruikt.
Klimaatklasse Omg. (°C)
SN Van 10 tot 32
N Van 16 tot 32
ST Van 16 tot 38
T Van 16 tot 43
Dit apparaat bevat geen CFK. Het
koelcircuit bevat R600a (HC).
Apparaten met Isobutaan (R600a):
isobutaan is een natuurlijk gas dat
geen schadelijke invloed heeft op
het milieu, maar wel ontvlambaar is.
Zorg er daarom voor dat de koelcir-
cuitleidingen niet beschadigd raken.
Let vooral op beschadigde leidin-
gen die tot het leegraken van het
koelcircuit leiden.
WAARSCHUWING: Beschadig de
koelcircuitleidingen van het appa-
raat niet.
WAARSCHUWING: Houd de
ventilatieopeningen in de behuizing
van het apparaat of in de inge-
bouwde structuur vrij van obstakels.
WAARSCHUWING: Gebruik geen
mechanische, elektrische of chemi-
sche middelen behalve de midde-
len aanbevolen door de fabrikant
om het ontdooiproces te versnellen.
WAARSCHUWING: Gebruik of
plaats geen elektrische apparaten
binnenin de apparaatcompartimen-
ten indien deze niet het type zijn
dat uitdrukkelijk is goedgekeurd
door de Fabrikant.
WAARSCHUWING: IJsmakers en/of
waterdispensers die niet recht-
streeks op het waterleidingnet zijn
aangesloten mogen uitsluitend met
drinkwater worden gevuld
WAARSCHUWING: Automatische
ijsmakers en/of waterdispensers
moeten worden aangesloten op
een waterleidingnet dat uitsluitend
drinkwater levert, met een water-
druk tussen 0,17 en 0,81 MPa (1,7 en
8,1 bar).
Slik de (niet-giftige) vloeistof uit de
vrieselementen niet in (bij enkele
modellen).
Eet geen ijsblokjes of waterijsjes die
net uit de vriezer komen, aangezien
deze vriesbrandwonden kunnen
veroorzaken.
Bij producten ontworpen voor
gebruik met een luchtlter in een
toegankelijke ventilatorafdekking,
moet het lter altijd zijn aange-
bracht wanneer de koelkast in
bedrijf is.
Bewaar geen glazen containers met
vloeistoen in het diepvriescompar-
timent, omdat ze kunnen breken.
Blokkeer de ventilator (indien
aanwezig) niet met levensmiddelen.
Nadat de levensmiddelen in het
apparaat zijn geplaatst dient gecon-
troleerd te worden of de deuren
van de vakken goed sluiten, met
name de deur van het vriesvak.
Een beschadigde afdichting dient
zo snel mogelijk vervangen te
worden.
Gebruik het koelkastcompartiment
uitsluitend voor het bewaren van
vers voedsel en het diepvriescom-
partiment uitsluitend voor het
bewaren van bevroren voedsel, het
invriezen van vers voedsel en het
5
NL
maken van ijsblokjes.
Vermijd het bewaren van onverpakt
voedsel in direct contact met
interne oppervlakken van de
koelkast- of diepvriescompartimen-
ten.
Apparaten kunnen over speciale
compartimenten beschikken (vak
voor verse etenswaar, nul gra-
den-vak,...).
Indien niet anders gespeciceerd in
het betreende productboekje
kunnen deze compartimenten
verwijderd worden en blijven
daarbij vergelijkbare prestaties
behouden.
C-pentaan wordt gebruikt als
blaasmiddel in het isolatieschuim en
is een licht ontvlambaar gas.
INSTALLATIE
Installaties en reparaties moeten
worden uitgevoerd door een
gespecialiseerd monteur, volgens
de instructies van de fabrikant en in
overeenstemming met de plaatselij
-
ke veiligheidsvoorschriften. Repa-
reer of vervang geen enkel onder-
deel van het apparaat, behalve als
dit expliciet aangegeven wordt in
de gebruikershandleiding.
De installatie mag niet door kinde-
ren worden uitgevoerd. Tijdens het
installeren moeten kinderen er
vandaan worden gehouden. Houd,
tijdens en na de installatie, het
verpakkingsmateriaal (plastic
zakken, onderdelen van polys-
tyreen, enz.) buiten het bereik van
kinderen.
Het apparaat moet gehanteerd en
geïnstalleerd worden door twee of
meer personen. Gebruik bescher-
mende handschoenen bij het
uitpakken en installeren van het
apparaat.
Zorg dat u de vloer (bijv. parket) niet
beschadigt tijdens het verplaatsen
van het apparaat.
Installeer het apparaat op een vloer
of steun die sterk genoeg is om het
gewicht te kunnen hebben, en op
een plaats die geschikt is voor
grootte en gebruik.
Controleer na het uitpakken van het
apparaat of deze tijdens het trans-
port geen beschadigingen heeft
opgelopen. Neem in geval van
twijfel contact op met uw leveran-
cier of de dichtstbijzijnde Whirlpool
Consumentenservice.
Het apparaat moet worden losge-
koppeld van het elektriciteitsnet,
voordat u installatiewerkzaamhe-
den uitvoert.
Zorg er tijdens de installatie voor dat
het apparaat het netsnoer niet
beschadigt.
Om voor voldoende ventilatie te
zorgen dient er aan beide zijkanten
en aan de bovenkant van het
apparaat ruimte vrijgelaten te
worden.
De afstand tussen de achterzijde
van het apparaat en de muur achter
het apparaat dient minimaal 50 mm
te bedragen, om contact met hete
oppervlakken te voorkomen.
Bij minder ruimte aan de achterzijde
neemt het energieverbruik van het
product toe.
Het apparaat alleen activeren als de
installatie is voltooid.
Wacht minstens twee uur alvorens
het apparaat in te schakelen, om
zeker te stellen dat het koelcircuit
volledig eciënt is.
Installeer het product niet in de
buurt van een warmtebron.
ELEKTRISCHE WAARSCHUWIN
-
GEN
Om ervoor te zorgen dat de installa
-
tie voldoet aan de geldende veilig-
heidsvoorschriften moet er een
multipolaire schakelaar met een
afstand van minstens 3 mm worden
gebruikt en moet het apparaat
geaard worden.
Als de bijgeleverde stekker niet
geschikt is voor uw stopcontact
neem dan contact op met een
erkende monteur.
De stroomkabel moet lang genoeg
zijn om het apparaat, nadat dit is
ingebouwd in het meubel, te
kunnen aansluiten op het stopcon-
tact van de netvoeding. Niet aan de
stroomkabel trekken.
Vervang een beschadigde stroom-
kabel door een soortgelijk exem-
plaar.
De stroomkabel mag uitsluitend
vervangen worden door een
gespecialiseerd monteur, volgens
de instructies van de fabrikant en in
overeenstemming met de gelden-
de veiligheidsvoorschriften.
Neem contact op met een erkend
servicecentrum.
Voor apparaten met een stekker
dient u, als de steker niet geschikt is
voor het stopcontact, contact op te
nemen met een erkende monteur.
Gebruik geen verlengkabels, meer-
voudige stopcontacten of adapters.
Gebruik het apparaat niet als het
netsnoer of de stekker beschadigd
is, als het apparaat niet goed werkt
of als het beschadigd of gevallen is.
Houd het snoer uit de buurt van
hete oppervlakken.
Als de installatie voltooid is, mogen
de elektrische onderdelen niet meer
toegankelijk zijn voor de gebruiker.
Raak het apparaat niet aan met
vochtige lichaamsdelen en gebruik
het niet op blote voeten.
REINIGING EN ONDERHOUD
Draag bij reiniging en onderhoud
beschermende handschoenen.
Het apparaat moet worden losge
-
koppeld van het elektriciteitsnet
voordat u onderhoudswerkzaam-
heden uitvoert.
Gebruik geen stoomreinigers.
Gebruik op kunststof onderdelen,
binnen- en deurranden of afdichtin-
gen geen schurende of agressieve
schoonmaakmiddelen zoals ruiten-
sprays, schurende reinigingsmidde-
len, brandbare vloeistoen, schoon-
maakwassen, geconcentreerde
schoonmaakmiddelen, bleekmid-
delen en reinigingsmiddelen die
aardolieproducten bevatten. Ge-
bruik geen papieren handdoeken,
schuursponsjes of ander hard
schoonmaakmateriaal.
6
CONFORMITEITSVERKLARING
MILIEUTIPS
Dit apparaat is ontworpen,
vervaardigd en gedistribueerd in
overeenstemming met de
veiligheidsvoorschriften van de
EG-richtlijnen:
2006/95/EG, 2004/108/EG, 93/68/EG
VERWERKING VAN DE
VERPAKKING
De verpakking kan volledig gerecycled
worden, zoals door het
recyclingssymbool wordt aangegeven.
De diverse onderdelen van de
verpakking mogen daarom niet bij het
gewone huisvuil worden weggegooid,
maar moeten worden afgevoerd volgens
de plaatselijke voorschriften.
AFVALVERWERKING VAN
HUISHOUDELIJKE APPARATEN
Bij het afdanken van het apparaat dient u
het onbruikbaar te maken door de
stroomkabel af te snijden en de deuren
en schappen te verwijderen (indien
aanwezig), zodat kinderen niet in het
apparaat kunnen klauteren en vast
komen te zitten.
Dit apparaat is vervaardigd van
recyclebaar
of herbruikbaar materiaal.
Dank het apparaat af in
overeenstemming met plaatselijke
milieuvoorschriften voor
afvalverwerking.
Voor meer informatie over behandeling,
terugwinning en recycling van dit
apparaat kunt u contact opnemen met
uw plaatselijke instantie, de
vuilnisophaaldienst of de winkel waar u
dit product hebt gekocht.
Dit apparaat is voorzien van het
merkteken volgens de Europese Richtlijn
2012/19/EU inzake Afgedankte
elektrische en elektronische apparaten
(AEEA).
Door ervoor te zorgen dat dit product op
de juiste manier als afval wordt verwerkt,
helpt u mogelijke schadelijke gevolgen
voor het milieu en de volksgezondheid te
voorkomen, die veroorzaakt zouden
kunnen worden door onjuiste
verwerking van dit product als afval.
Het symbool
op het product of op
de begeleidende documentatie geeft
aan dat dit apparaat niet als huishoudelijk
afval behandeld mag worden, maar dat
het ingeleverd moet worden bij een
speciaal inzamelingscentrum voor de
recycling van elektrische en elektronische
apparatuur.
TIPS VOOR ENERGIEBESPARING
Installeer het apparaat in een droge,
goed geventileerde ruimte, ver bij
eventuele warmtebronnen vandaan (bijv.
radiator, fornuis, etc.) en op een plek die
niet aan direct zonlicht wordt
blootgesteld. Gebruik indien nodig een
isolatieplaat.
Volg de installatie-instructies om
voldoende ventilatie te garanderen.
Door onvoldoende ventilatie aan de
achterzijde van het product neemt het
energieverbruik toe en neemt de
koeleciëntie af.
De binnentemperatuur van het apparaat
kan beïnvloed worden door de
omgevingstemperatuur, hoe vaak de
deur wordt geopend en de plaats van
het apparaat. Bij het instellen van de
temperatuur moet rekening gehouden
worden met deze factoren.
Beperk het openen van deuren tot een
minimum. Plaats diepgevroren
etenswaar die u wilt ontdooien in de
koelkast. De lage temperatuur van de
diepgevroren etenswaar koelt de
etenswaar in de koelkast.
Laat warme gerechten en dranken eerst
afkoelen voordat ze in het apparaat
geplaatst worden.
De positionering van de platen in de
koelkast heeft geen invloed op het
eciënte energiegebruik. De etenswaar
dient zodanig op de platen geplaatst te
worden om voor voldoende
luchtcirculatie te zorgen (de verschillende
etenswaar dient elkaar niet te raken en
de afstand tussen de etenswaar en de
achterwand moet behouden blijven).
U kunt de opslagcapaciteit voor
ingevroren etenswaar vergroten door
opslagmanden en, indien aanwezig, de
Stop Frost-plaat te verwijderen en daarbij
een vergelijkbaar energieverbruik
behouden.
Producten van een hoge energieklasse
zijn uitgerust met een
hoogrendementsmotor die langer blijft
werken, maar een laag energieverbruik
hebben. Maakt u zich dus geen zorgen
als de motor langere tijd blijft werken.
en 2011/65/EG (RoHS-richtlijn).
Dit apparaat is ontworpen,
vervaardigd en gedistribueerd in
overeenstemming met de
voorschriften voor Ecodesign en
Energielabel van de EG-richtlijnen:
2009/125/EG en 2010/30/EU.
7
NL
PRODUCTBESCHRIJVING
APPARAAT
Gids voor Gebruik en Verzorging
1. Bedieningspaneel
Koelkastcompartiment
2. Verlichting met Leds
3. Ventilator
4. Ventilatorafdekking en
antibacterieel lter
5. Schappen
6. Flessenrek
7. Afdekking sensor
8. Koudeluchtgedeelte Multi-ow
9. Typeplaatje met handelsnaam
10. Crisper voor groente en fruit
11. Omkeren van de deur
12. Deurvakken
13. Eierhouder
14. Flessenscheider
15. Vakhoogte essen
16. Deurafdichting
Diepvriescompartiment
16. Deurafdichtingen
17. IJsbakje*
18. Schappen
19. Middelste lade: koudste zone
ideaal voor het invriezen van verse
levensmiddelen
20. Laden vriesvak
3
5
9
10
16
17
2
8
19
1
18
7
11
13
14
15
4
6
12
20
8
BEDIENINGSPANEEL
1. LEDS TEMPERATUUR KOELKAST
2. toets FEESTMODUS / toets
VRIESCONTROLE
3. PRO FRESH indicatorlampje
4. STOPALARM-toets /
indicatorlampje Alarm
5. LEDS TEMPERATUUR DIEPVRIES
6. Toets VRIEZERTEMPERATUUR /
Toets SNEL KOELEN
7. VRIESCONTROLE-controlelampje
8. Toets AAN/STAND-BY
9. BLACK-OUT ALARM-
controlelampje
10. Toets VRIEZERTEMPERATUUR /
Toets SNEL VRIEZEN
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
9
NL
DEUR
SCHAPPEN
VENTILATOR + ANTIBACTERIEEL FILTER
IJSVRIJ KOELKASTCOMPARTIMENT
KOELKASTVERLICHTING
OMKEREN VAN DE DEUR Opmerking: De richting waarin de deur opengaat kan
worden veranderd. Indien deze actie wordt
uitgevoerd door Klantenservice valt dit niet onder de
garantie.
Het wordt aanbevolen om de scharnierzijde van de
deur met twee personen om te keren.
Volg de instructies in de Installatiegids.
Alle schappen, kleppen en schuifmandjes zijn
uitneembaar.
Het ontdooien van het koelvak vindt volledig
automatisch plaats.
Het ontdooide water wordt automatisch afgevoerd
naar een afvoerslang die achter de multi ow zit
verborgen en wordt verzameld in een container, waar
het verdampt.
Het verlichtingssysteem in het koelkastcompartiment
maakt gebruik van Led-verlichting voor een betere
verlichting en een zeer laag energieverbruik.
Als het systeem met ledverlichting niet werkt, contact
opnemen met de Consumentenservice om het te
laten vervangen.
Belangrijk: De binnenverlichting van het
koelkastcompartiment gaat branden wanneer de deur
van de koelkast geopend wordt. Als de deur langer
dan 10 minuten geopend blijft, wordt de verlichting
automatisch uitgeschakeld.
De Ventilator verbetert de temperatuurverdeling in
het product, waardoor de levensmiddelen beter
geconserveerd worden.
Opmerking: Blokkeer het gebied van de luchtinlaat
niet met levensmiddelen.
Als het apparaat is voorzien van de ventilator kan het
ook uitgerust worden met het antibacteriële lter.
Haal het lter uit de doos, die zich
in de crisperlade bevindt en plaats
het in de afdekking van de
ventilator - zoals op de afbeelding.
De vervangingsprocedure is
meegeleverd in de lterdoos.
10
ACCESSOIRES
IJSVRIJ VRIESCOMPARTIMENT
IJsvrije diepvriezers zorgen voor gekoelde
luchtcirculatie rond de opslagplaatsen en gaan
ijsvorming tegen, waardoor de noodzaak voor het
ontdooien volledig wordt weg genomen.
Ingevroren levensmiddelen blijven niet aan de
wanden kleven, de labels blijven leesbaar en de
opslagruimte blijft netjes.
EIERHOUDER FLESSENREK FLESSENSCHEIDER
IJSBAKJE
11
NL
EERSTE GEBRUIK
INSTALLATIE
GEBRUIK VAN HET APPARAAT
IN WERKING STELLEN VAN HET APPARAAT
Nadat de stekker in het stopcontact is gestoken,
begint het apparaat automatisch te werken.
Wacht nadat u het apparaat heeft ingeschakeld,
minstens 4-6 uur voordat u levensmiddelen in het
apparaat legt.
Wanneer het apparaat wordt aangesloten op de
netvoeding wordt het display verlicht en worden alle
pictogrammen gedurende circa 1 seconde
weergegeven. De standaardwaarden
(fabriekswaarden) van de instellingen van de koelkast
lichten op.
TEMPERATUURINSTELLING
LEDS TEMPERATUUR KOELKAST
Druk op de toets Koelkast °C om de temperatuur van
de koelkast aan te passen. De Koelkasttemperatuur
kan ingesteld worden op tussen +2°C en + 8℃, zoals
aangegeven door de Koelkasttemperatuurleds.
LEDS TEMPERATUUR DIEPVRIES
Om de temperatuur van het Vriesvak aan te passen,
drukt u op de knop C° Vriesvak. De temperatuur van
het vriesvak kan ingesteld worden op tussen -16°C en
-24°C, zoals aangegeven door de Vriesvaktemperatuur
leds.
EEN APPARAAT INSTALLEREN
Om voor voldoende ventilatie te zorgen dient er aan
beide zijkanten en aan de bovenkant van het apparaat
ruimte vrijgelaten te worden.
De afstand tussen de achterzijde van het apparaat en
de muur achter het apparaat dient minimaal 50 mm te
bedragen.
Bij minder ruimte aan de achterzijde neemt het
energieverbruik van het product toe.
50mm
50mm
12
DAGELIJKS GEBRUIK
FUNCTIES
DE OPSLAGRUIMTE VAN DE VRIEZER VERGROTEN • het verwijderen van de opslagmanden, voor het
opslaan van grote producten.
• de voedselproducten rechtstreeks op de schappen
van de vriezer leggen.
• het verwijderen van extra verwisselbare accessoires.
• Het luchtuitlaatgebied (aan de achterwand en aan de
onderkant in het product) niet blokkeren met
voedingsmiddelen.
• Alle schappen en schuifmandjes zijn uitneembaar.
• De binnentemperatuur van het apparaat kan
beïnvloed worden door de omgevingstemperatuur,
hoe vaak de deur wordt geopend en de plaats van het
apparaat. Bij het instellen van de temperatuur moet
rekening gehouden worden met deze factoren.
• Tenzij anders gespeciceerd zijn de accessoires van
het apparaat niet geschikt voor een vaatwasser.
Verwijderen van de vriesladecontainer
• Open de vriezerdeur
• De bovenste container aan de rechter en linker
hoeken naar boven trekken (1)
• De container in een hoek kantelen en verwijderen (2)
• De bovenste container in de omgekeerde volgorde
installeren
1
2
AAN/STANDBY Deze functie dient om de koelkast Aan
of in Stand-by te zetten. Om het
product in Stand-by te zetten, houdt u
de knop On/Stand-by 3 seconden
ingedrukt.
Alle indicatorlampjes worden
uitgeschakeld behalve het pictogram
Aan/Stand-by , om aan te geven dat het
apparaat in Stand-by staat.
Als het apparaat in Stand-by staat,
werkt de binnenverlichting van de
koelkast niet.
Bedenk wel dat het apparaat op deze
manier niet van de elektrische voeding
wordt afgekoppeld.
Om het apparaat weer in te schakelen,
drukt u op de knop Aan/Stand-by .
13
NL
Deze optionele functie kan gebruikt
worden om energie te besparen. Om het
Smart Display te activeren, drukt u 3
seconden lang gelijktijdig op de toetsen
"Koelkast °C" en "Vriesvak °C" tot een
geluidssignaal hoorbaar is.
Na activering van het Smart Display gaat
het display uit behalve het “Pro Fresh
pictogram.
Om de temperatuur aan te passen of
andere functies te gebruiken moet het
display weer geactiveerd worden. Druk
hiervoor op een willekeurige toets.
Na ongeveer 15 seconden zonder enige
handeling gaat het display weer uit en blijft
alleen het "Pro Fresh" pictogram zichtbaar.
Wanneer de functie wordt uitgeschakeld,
wordt het normale display getoond.
Het Smart Display wordt automatisch
uitgeschakeld na een stroomuitval.
N.B.: deze functie ontkoppelt het apparaat
niet van de netvoeding, maar vermindert
alleen het stroomverbruik van het externe
display.
Zie de gebruiksaanwijzing voor de
activerings- en deactiveringsprocedure.
Opmerking: Het energieverbruik van het
apparaat in de verklaring verwijst naar de
werking met de functie Smart Display
verwijst naar de werking met de functie
Smart Display ingeschakeld.
Wanneer de Pro Fresh is uitgeschakeld
wordt het Smart display geactiveerd - alle
Leds op het display gaat uit.
SMART DISPLAY
Deze functie werkt automatisch om optimale
omstandigheden te behouden voor het
bewaren van de levensmiddelen. Als er
veranderingen zijn zal Pro Fresh onmiddellijk
de ideale omstandigheden herstellen.
De resultaten zijn uitstekend: versheid blijft
over de koelruimte tot 4 keer zo lang
bewaard.
Met de functie Snel koelen kan de
koelcapaciteit in de koelkast worden
verhoogd. Het gebruik van deze functie
wordt aanbevolen als u zeer veel
levensmiddelen in de koelkast plaatst.
Houd de toets Fridge °C 3 seconden
ingedrukt om de functie Snel koelen in te
schakelen.
Na het inschakelen van de functie wordt
de Snel koelen aangeduid door de Leds
van de koelkasttemperatuur, zoals
hiernaast aangeduid. De functie wordt na
6 uur automatisch uitgeschakeld en kan
handmatig worden uitgeschakeld door
nogmaals op de toets Fridge °C te drukken.
PRO FRESH
SNEL KOELEN
Het gebruik van deze functie wordt
aanbevolen als u zeer veel in te vriezen
levensmiddelen in het vriesvak plaatst. 24
uur voordat u verse levensmiddelen
invriest, indrukken & ingedrukt houden
gedurende 3 sec. de toets Vriesvak om de
Fast Freeze-functie in te schakelen.
Na het inschakelen van de functie wordt de
Fast Freeze aangeduid door de Leds van de
diepvriestemperatuur, zoals hiernaast
aangeduid. Leg het in te vriezen voedsel na
24 uur in de bovenste korf van het vriesvak.
De functie wordt na 48 uur automatisch
uitgeschakeld en kan handmatig worden
uitgeschakeld door nogmaals op de toets
Vriesvak °C te drukken.
FAST FREEZE
Gebruik deze functie om dranken te
koelen in het vriesvak. 30 minuten na
selecteren (de benodigde tijd om een
es van 0,75 liter te koelen zonder dat
het glas breekt) knippert het symbool
en klinkt een geluidssignaal: haal de es
uit het vriesvak en druk op de knop
Alarm stoppen om het alarm uit te
schakelen.
Belangrijk: laat de es niet langer in het
vriesvak dan de tijd die nodig is voor
het koelen.
FEESTMODUS
14
Het alarmsymbool gaat knipperen en
het akoestisch alarm klinkt.Het alarm
wordt geactiveerd als de deur langer
dan 2 minuten open blijft staan. Om de
deuralarmen uit te schakelen de deur
sluiten en eenmaal op de toets
Alarmstop drukken om het geluidsalarm
te stoppen.
ALARM DEUR OPEN
Uw product is zo ontworpen dat het na een
stroomstoring automatisch de temperatuur
in de vriezer controleert wanneer de stroom
weer wordt ingeschakeld. Als de temperatuur
in het vriesvak boven het vriesniveau ligt,
gaat het controlelampje Black-out branden,
knippert het controlelampje Alarm en klinkt
het geluidssignaal wanneer de
stroomtoevoer hersteld is. Druk éénmaal op
de knop Reset om het alarm te resetten.
In geval van een Blackout-alarm, worden de
volgende handelingen aanbevolen:
• Als het voedsel in de vriezer niet bevroren
maar nog wel koud is, breng het dan over
naar de koelkast en eet het binnen 24 uur op.
• Als het voedsel in de vriezer bevroren is,
betekent dit dat het voedsel ontdooid was en
weer werd ingevroren toen de
stroomtoevoer hersteld werd, de smaak,
kwaliteit en voedingswaarde is verminderd
en het voedsel kan zelfs bedorven zijn. Er
wordt aanbevolen om deze levensmiddelen
niet op te eten en de hele inhoud van de
vriezer weg te gooien.
Het blackout-alarm is ontworpen om
informatie te geven over de kwaliteit van de
voedingsmiddelen die in de vriezer aanwezig
zijn bij een stroomuitval.
Dit systeem garandeert de kwaliteit van het
voedsel niet en consumenten wordt
geadviseerd hun gezonde verstand te
gebruiken bij het controleren van de kwaliteit
van het voedsel in de vries- en koelvakken.
BLACKOUTALARM
Freeze Control is een geavanceerde
technologie die
temperatuurschommelingen in het gehele
vriescompartiment tot een minimum
beperkt, dankzij een innovatief
luchtsysteem, volledig onafhankelijk van de
koelkast. Vriesbrand wordt tot 60% verlaagd
en het voedsel behoudt de oorspronkelijke
kwaliteit en kleur.
Druk 3 seconden lang op de toets
Feestmodus om de functie Freeze Control te
activeren/deactiveren.
De functie werkt naar behoren in een
vastgesteld temperatuurbereik: tussen -22°C
en -24°C. Wanneer de functie is ingeschakeld
en de huidige temperatuur in de vriezer is
ingesteld op een warmer instelpunt dan -22
°C wordt de temperatuur automatisch
ingesteld op -22 °C, om overeen te stemmen
met het werkbereik.
Als de functie is ingeschakeld en de
gebruiker de temperatuur van de vriezer
buiten het werkbereik wijzigt wordt de
functie automatisch uitgeschakeld.
Wanneer Fast freezing is ingeschakeld wordt
de functie "Freeze Control " afgeremd totdat
de Fast Freezing-functie is uitgeschakeld.
FREEZE CONTROL
De temperatuur LEDS knipperen. Het
alarm wordt geactiveerd als:
• Het apparaat op de netstroom wordt
aangesloten nadat het een tijdlang niet
gebruikt is
• De temperatuur in de vriezer te hoog is
• De hoeveelheid verse levensmiddelen
die in de koelkast is gezet, groter is dan
aangegeven op het typeplaatje
• De deur van de vriezer lang open heeft
gestaan
• Om het alarmsignaal te stoppen
éénmaal de toets Reset indrukken
• Het indicatorlampje van het alarm
wordt automatisch uitgeschakeld zodra
het vriescompartiment een temperatuur
onder 10°C bereikt en
VriesvakTemperatuur leds stoppen met
knipperen en
de gekozen instelling wordt
weergegeven.
ALARM
OVERTEMPERATUUR
15
NL
TIPS VOOR OPSLAG VAN LEVENSMIDDELEN
KOELVAK
De koelkast is de ideale opslagplek voor kant-en-klare
maaltijden, verse en geconserveerde voedingswaren,
zuivelproducten, groente/fruit en dranken.
VENTILATIE
De natuurlijke circulatie van lucht in het koelvak
resulteert in zones met verschillende temperaturen.
Het koudste gedeelte bevindt zich direct boven de
crisperlade voor groente en fruit en bij de achterwand.
Het warmste gedeelte bevindt zich bovenaan de
voorzijde van het koelvak.
Onvoldoende ventilatie resulteert in een hoger
energieverbruik en lagere koelprestaties.
De luchtslots niet met voedsel bedekken - ze zijn
geoptimaliseerd voor goede luchtcirculatie en
bewaren van voedsel.
OPSLAAN VAN VERSE ETENSWAAR EN DRANKEN
› Gebruik houders van recyclebaar plastic, metaal,
aluminium en glas, of wikkel de levensmiddelen in
folie.
› Gebruik altijd afsluitbare houders voor vloeistoen
en etenswaar die geuren of smaken kunnen afgeven
of opnemen, of dek de vloeistoen of etenswaar af.
› Levensmiddelen die een grote hoeveelheid
ethyleengas
afgeven en de levensmiddelen die gevoelig zijn voor
dit gas, zoals fruit, groenten en salade, moeten altijd
worden zodanig worden gescheiden of verpakt dat de
houdbaarheid niet achteruit gaat; bijvoorbeeld geen
tomaten samen met kiwi's of kool bewaren.
› Bewaar verschillende etenswaar niet te dicht bij
elkaar om voor voldoende luchtcirculatie te zorgen.
› Om te voorkomen dat essen omvallen, kunt u
gebruik maken van de essenhouder.
› Indien u een kleine hoeveelheid etenswaar in de
koelkast opslaat, raden wij aan de platen boven de
crisperlade voor groente en fruit te gebruiken,
aangezien dit de koelste plek in het koelvak is.› Let er
op dat de luchtslots niet door het voedsel worden
afgesloten.
› Let er op dat de luchtslots niet door het voedsel
worden afgesloten.
DE JUISTE PLEK VOOR VERSE ETENSWAAR EN
DRANKEN
› Op de schappen van de koelkast: kant-en-klare
maaltijden, tropisch fruit, kazen, delicatessen.
› Op de koelste plek (boven de crisperlade voor fruit
en groenten): vlees, vis, vleeswaren, gebak
› In de crisperlade voor fruit en groenten: fruit, sla,
groenten.
› In de deur: boter, jam, sauzen, augurken, blikjes,
essen, drankkartons, eieren.
16
GEMATIGDE ZONE Aanbevolen
voor het bewaren van tropisch
fruit,blikjes, dranken, eieren,
sauzen, augurken, boter, jam.
KOUDE ZONE Aanbevolen voor
het bewaren van kaas, melk,
dagelijks voedsel, delicatessen,
yoghurt, vleeswaren,desserts.
FRUIT & GROENTELADE
LADE DIEPVRIESGEDEELTE
((MAX KOELZONE) Aanbevolen
voor het invriezen van verse/
gekookte levensmiddelen.
LADEN VRIESVAK
Waarschuwing
De grijsschakering van de legenda
komt niet overeen met de kleur
van de laden
Legenda
17
NL
TIPS VOOR HET INVRIEZEN EN BEWAREN VAN
VERSE LEVENSMIDDELEN
› Wij raden aan om de bevroren levensmiddelen van
een etiket en datum te voorzien. Door een label aan te
brengen, kunt u levensmiddelen makkelijker
herkennen en weet u wanneer deze gebruikt moet
worden voordat de kwaliteit ervan afneemt. Vries
ontdooide levensmiddelen niet opnieuw in.
› Voor het invriezen de verse levensmiddelen wikkelen
en luchtdicht verpakken in: aluminiumfolie, plastic
folie, lucht- en waterdichte plastic zakken, polytheen
containers met deksel of diepvriescontainers die
geschikt zijn voor het invriezen van verse
levensmiddelen.
› Het voedsel moet vers, rijp en van uitstekende
kwaliteit zijn voor het verkrijgen van een hoge
kwaliteit bevroren voedsel.
› Verse groenten en fruit moeten bij voorkeur zo snel
mogelijk worden bevroren, zodra ze zijn uitgekozen,
om de volledige oorspronkelijke voedingswaarde,
consistentie, kleur en smaak te bewaren. Enkele
vleessoorten (vooral wild) moet worden opgehangen
voordat dit wordt ingevroren.
› Warm voedsel altijd laten afkoelen voordat het in de
vriezer wordt geplaatst.
› Volledig of gedeeltelijk ontdooid voedsel meteen
opeten.
Vries ze niet opnieuw in, tenzij het voedsel na het
ontdooien gekookt is. Nadat het gekookt is, mag het
opnieuw worden ingevroren.
› Geen essen met vloeistof invriezen.
› Gebruik de snelkoelfunctie om het koel- of
vriesproces te versnellen (zie Snelle Handleiding).
DIEPGEVROREN ETENSWAAR: WINKELTIPS
Bij de aankoop van diepvriesproducten moet u op de
volgende punten letten:
› Let op dat de verpakking niet beschadigd is
(bevroren voedsel in beschadigde verpakkingen kan
achteruit gaan). Indien de verpakking bol staat of
vochtplekken heeft, werd het mogelijk niet bij
optimale omstandigheden bewaard en het ontdooien
is mogelijk al begonnen.
› Koop tijdens het winkelen bevroren voedsel aan het
einde van uw trip en vervoer het in een thermisch
geïsoleerde koeltas.
› Bij thuiskomst het bevroren voedsel onmiddellijk in
de vriezer leggen.
› Als het voedsel ook maar gedeeltelijk is ontdooid
niet opnieuw invriezen. Consumeer binnen 24 uur.
› Temperatuurschommelingen voorkomen of tot een
minimum beperken. Respecteer de vervaldatum op
de verpakking.
› Altijd kijken naar de opslaginformatie op de
verpakking.
DIEPVRIESCOMPARTIMENT
De vriezer is de ideale opslagplaats voor het opslaan
van ingevroren levensmiddelen, het maken van
ijsblokjes en het invriezen van verse levensmiddelen
in het vriesvak.
De maximale hoeveelheid verse levensmiddelen die in
24 uur kan worden ingevroren wordt aangegeven op
het typeplaatje (…kg/24h).
Wanneer u een kleine hoeveelheid voedsel heeft om
in de vriezer te bewaren is het aan te bevelen om de
koudste gedeeltes van uw diepvriescompartiment te
gebruiken, het middelste gebied..
18
VLEES
maanden
STOOFVLEES
maanden
FRUIT
maanden
Rundvlees 8 - 12 Vlees, gevogelte 2 - 3 Appels 12
Varkensvlees,
kalfsvlees
6 - 9
ZUIVELPRODUCTEN
Abrikozen 8
Lamsvlees 6 - 8 Boter 6 Bramen 8 - 12
Konijnenvlees 4 - 6 Kaas 3 Zwarte/rode bessen 8 - 12
Gehakt/Orgaanvlees 2 - 3 Room 1 - 2 Kersen 10
Worstjes 1 - 2 IJs 2 - 3 Perziken 10
GEVOGELTE
Eieren 8 Peren 8 - 12
Kip 5 - 7
SOEP EN SAUZEN
Pruimen 10
Kalkoen 6 Soep 2 - 3 Frambozen 8 - 12
Eetbare organen
gevogelte
2 - 3 Jus 2 - 3 Aardbeien 10
KREEFTACHTIGEN
Pastei 1 Rabarber 10
Weekdieren, kreeft 1 - 2 Ratatouille 8 Vruchtensap
(sinaasappelsap,
citroensap,
grapefruitsap)
4 - 6
Krab, kreeft 1 - 2
GEBAK EN BROOD GROENTE
SCHAALDIEREN
Brood 1 - 2 Asperges 8 - 10
Oesters, zonder schaal 1 - 2 Taart (normaal) 4 Basilicum 6 - 8
VIS
Gateaux (gebak) 2 - 3 Bonen 12
"vette vissoorten"
(zalm, haring, makreel)
2 - 3 Crêpes 1 - 2 Artisjok 8 - 10
"magere vissoorten"
(tong)
3 - 4 Ongebakken gebak 2 - 3 Broccoli 8 - 10
Quiche 1 - 2 Spruiten 8 - 10
Pizza 1 - 2 Bloemkool 8 - 10
Wortelen 10 - 12
Selderij 6 - 8
Paddenstoelen 8
Peterselie 6 - 8
Pepers 10 - 12
Erwten 12
Pronkbonen 12
Spinazie 12
Tomaten 8 - 10
Courgette 8 - 10
BEWAARTIJD
VAN BEVROREN LEVENSMIDDELEN
19
NL
AANBEVELINGEN WANNEER HET APPARAAT
NIET WORDT GEBRUIKT
AFWEZIGHEID/VAKANTIE Bij langere afwezigheid wordt aanbevolen
levensmiddelen te consumeren en het apparaat te
ontkoppelen om energie te besparen.
STROOMUITVAL
Als de stroom uitvalt,dient u zich tot het plaatselijke
elektriciteitsbedrijf te wenden om te vragen hoe lang
de stroomuitval zal duren.
Opmerking: Houd er rekening mee dat een vol vriesvak
langer koud blijft dan een halfvol vak.
Als er op de voedingsmiddelen ijskristallen zichtbaar
zijn, kunnen ze zonder enig risico opnieuw worden
ingevroren, ook al zullen de smaak en het aroma
waarschijnlijk anders zijn.
Wanneer de levensmiddelen duidelijk in een slechte
staat verkeren, kunt u deze beter weggooien.
Als de stroomuitval korter dan 24 uur duurt.
Houd de deur van het apparaat gesloten. Op deze
manier blijven de levensmiddelen in de koelkast zo
lang mogelijk koud.
Als de stroomuitval langer dan 24 uur duurt.
Haal alle bevroren levensmiddelen uit het vriesvak en
zet deze in een draagbare vriezer. Als dit type vriezer
niet voorhanden is en als er geen pakken kunstijs
beschikbaar zijn, probeer dan de levensmiddelen die
het snelst bederven te consumeren.
Maak de ijsbak leeg.
VERHUIZEN
1. Haal alle uitneembare elementen uit het apparaat.
2. Verpak ze zorgvuldig en zet ze aan elkaar vast met
plakband om te voorkomen dat ze tegen elkaar
klapperen of kwijtraken.
3. Schroef de stelvoetjes zodanig aan dat ze het
steunvlak niet raken.
4. Sluit de deur en plak deze met plakband dicht en
plak ook de voedingskabel met plakband aan het
apparaat vast.
20
ONDERHOUD EN REINIGING
› Reinig het apparaat regelmatig met een doek en een
oplossing van lauw water en een neutraal
schoonmaakmiddel, speciaal voor de binnenkant van
koelkasten.
› Reinig regelmatig de buitenkant van het apparaat en
de deurafdichting met een vochtige doek en droog
het met een zachte doek.
› De condensor aan de achterkant van het apparaat
moet regelmatig met behulp van een stofzuiger
worden schoongemaakt.
Belangrijk:
› De toetsen en het display van het bedieningspaneel
mogen niet gereinigd worden met middelen op basis
van alcohol of daarvan afgeleide stoen; gebruik in
plaats daarvan een droge doek.
› De buizen van het koelsysteem zitten in de buurt van
de ontdooibak en kunnen heet worden. Maak ze
regelmatig schoon met een stofzuiger.
Trek de stekker uit het stopcontact of sluit de
stroomtoevoer af voordat u met reinigings- of
onderhoudswerkzaamheden begint.
Gebruik geen reinigings- of schuurmiddelen. Maak
de onderdelen van de koelkast nooit schoon met
licht ontvlambare vloeistoen.
Gebruik geen stoomreinigers.
De toetsen en het display van het
bedieningspaneel mogen niet gereinigd worden
met middelen op basis van alcohol of daarvan
afgeleide stoen; gebruik in plaats daarvan een
droge doek.
WAARSCHUWING WAARSCHUWING
21
NL
HANDLEIDING VOOR PRO-
BLEEMOPLOSSING EN CONSU-
MENTENSERVICE
FUNCTIONELE GELUIDEN
VOORDAT U DE CONSUMENTENSERVICE BELT... De problemen bij het gebruik worden vaak veroorzaakt
door kleinigheden die u zelf kunt opsporen en
verhelpen, zonder dat hiervoor gereedschap nodig is.
Geluiden afkomstig van het apparaat zijn normaal,
omdat er een aantal ventilatoren en motoren voor het
regelen van prestaties aanwezig zijn die automatisch
worden in- en uitgeschakeld.
EEN AANTAL FUNCTIONELE GELUIDEN KUNNEN
WORDEN VERMINDERD DOOR MIDDEL VAN:
› Optillen van het apparaat en op een egaal oppervlak
installeren.
› Scheiden en vermijden van contact tussen het
apparaat en meubilair.
› Controleren of de interne onderdelen correct zijn
geplaatst.
› Controleren of de essen en houders niet tegen
elkaar komen.
EEN AANTAL FUNCTIONELE GELUIDEN DIE U ZOU KUNNEN HOREN
Een sisgeluid bij het voor de eerste
keer of na een lange pauze
inschakelen van het apparaat.
Een borrelgeluid wanneer
koelmiddel de leidingen instroomt.
BRRR geluid van de compressor die
loopt..
Een zoemgeluid wanneer de
waterklep of de ventilator begint te
werken.
Een kraakgeluid wanneer de
compressor start.
De KLIK is van de thermostaat die
afstelt hoe vaak de compressor
draait..
22
OPSPOREN VAN STORINGEN
Probleem Mogelijke oorzaken Oplossing
HET APPARAAT WERKT NIET Er kan een probleem zijn met de
stroomtoevoer naar het apparaat
zijn.
› Controleer of het netsnoer met de
juiste spanning in een stopcontact
zit.
› Controleer de beveiligingen en
zekeringen van het elektrische
systeem in uw huis
ER ZIT WATER IN DE
ONTDOOIBAK
Dit is normaal bij heet, vochtig
weer. De bak kan zelfs tot
halverwege gevuld raken.
› Zorg ervoor dat het apparaat op
niveau is, zodat het water niet kan
overlopen.
DE RANDEN VAN HET
APPARAAT DIE IN CONTACT
MET DE DEURAFDICHTING
KOMEN ZIJN WARM BIJ
AANRAKING
Dit is geen defect.
Dit is normaal bij een warm klimaat
en als de compressor in werking is.
HET LAMPJE WERKT NIET Het lampje moet mogelijk
vervangen worden.
Het apparaat kan in Aan/Stand-by
modus staan
› Controleer of de beveiligingen en
zekeringen van het elektrische
systeem in uw huis goed werken.
› Controleer of het netsnoer met de
juiste spanning in een stopcontact
zit
› Mochten de Leds gebroken zijn
moet de gebruiker de Servicedienst
bellen om ze voor hetzelfde type
om te wisselen, dat alleen te
verkrijgen is bij onze Servicecentra
of bij erkende dealers.
DE MOTOR LIJKT TE LANG IN
WERKING TE BLIJVEN
De tijd dat de motor draait hangt
van verschillende factoren af: het
aantal keren dat de deur wordt
geopend, de hoeveelheid
levensmiddelen die in de koelkast
wordt bewaard, de
kamertemperatuur en de instelling
van de thermostaten.
› Zorg ervoor dat controles van het
apparaat correct zijn ingesteld.
› Controleer of er is niet een grote
hoeveelheid voedsel aan het
apparaat is toegevoegd.
› Controleer of de deur niet te vaak
geopend is.
› Controleer of de deur goed
gesloten is.
23
NL
DE TEMPERATUUR VAN HET
APPARAAT IS TE HOOG
Er kunnen verschillende oorzaken
(Zie 'Oplossingen')
› Zorg ervoor dat de condensor
(achter het apparaat) vrij is van stof
en pluizen.
› Zorg ervoor dat de deur goed
gesloten is.
› Zorg ervoor dat de
deurafdichtingen goed vastzitten.
› Op warme dagen of als het in de
kamer warm is draait de motor
natuurlijk langer.
› Als de deur van het apparaat een
tijdje open is geweest of als er
grote hoeveelheden voedsel zijn
opgeslagen zal de motor langer
lopen, om de binnenkant van het
apparaat af te laten koelen..
DE DEUREN GAAN NIET GOED
OPEN EN DICHT
Er kunnen verschillende oorzaken
(Zie 'Oplossingen')
› Controleer of de voedselpakketten
niet de deur blokkeren.
› Controleer of de interne
onderdelen of de automatische
ijsmaker niet uit positie zijn.
› Controleer of de deurafdichtingen
niet vuil of kleverig zijn.
› Controleer of het apparaat op
niveau is.
24
CONSUMENTENSERVICE
Fabrikant:
Whirlpool Europe S.r.l. - Socio Unico
Viale Guido Borghi 27
21025 Comerio (VA)
Italië
VOORDAT U DE
CONSUMENTENSERVICE BELT
1. Controleer of u het probleem zelf kunt oplossen
aan de hand van de punten die beschreven zijn in
OPSPOREN VAN STORINGEN”.
2. Het apparaat aan- en uitzetten om te controleren
of het probleem is opgelost
ALS NA HET UITVOEREN VAN DEZE CONTROLES DE
STORING NOG STEEDS AANWEZIG IS, CONTACT
OPNEMEN MET DE DICHTSTBIJZIJNDE
CONSUMENTENSERVICE
Bel voor assistentie het nummer dat in het
garantieboekje staat, of volg de instructies op de
website www.whirlpool.eu
Vermeld altijd:
•een korte beschrijving van de storing;
•het type en het exacte model van het apparaat;
• het servicenummer (nummer na het woord Service
op het typeplaatje). Het servicenummer staat ook in
het garantieboekje;
•uw volledige adres;
• uw telefoonnummer.
Wend u tot een erkend Servicecentrum indien
reparatie noodzakelijk is (alleen dan heeft u zekerheid
dat originele vervangingsonderdelen worden gebruikt
en de reparatie correct wordt uitgevoerd).
25
NL
2
1
6
c
5
1x 1x4x
c
a
b
c
C
A
B
1x
D
50mm
c
a
c
a
c
2
3
b
4
26
12
15
10
9
B
b
A
B
b
11
b
D
13
14
a
7
8
c
a
c
27
NL
1
2
2
1
1
2
45
o
1
2
1
45
o
1
2
3
1
2
3
1
2
34
56
NL
001
400010867309
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28

Bauknecht KGNF 18 A3+ IN Gebruikershandleiding

Type
Gebruikershandleiding