ProForm PETL8514 de handleiding

Categorie
Loopbanden
Type
de handleiding
HET BESTELLEN VAN ONDERDELEN
Om vervang onderdelen voor uw loopband te bestellen, neem dan a.u.b. contact op met de winkel waar u dit ap-
p
araat hebt gekocht.
Zorg ervoor dat u de volgende informatie bij de hand hebt wanneer u onderdelen wilt bestellen:
het MODELNUMMER van het produkt (PETL8514.1)
de NAAM van het produkt (PROFORM 990 loopband)
het SERIENUMMER van het produkt (zie de kaft van de handleiding)
het NUMMER van het ONDERDEEL en de BESCHRIJVING van het ONDERDEEL op pagina 30–35 van deze
handleiding
Sticker met
serienummer
M
odelnummer PETL8514.1
Serienummer
WAARSCHUWING
Lees alle instructies en voorzorgs-
maatregelen in deze handleiding
door voordat u dit apparaat gaat
gebruiken. Bewaar deze handlei
-
ding voor verdere raadpleging.
GEBRUIKSAANWIJZING
VRAGEN?
Als fabrikant zijn wij gesteld op
uw volledige tevredenheid. Mocht
u nog vragen hebben, mochten
sommige onderdelen ontbreken
of beschadigd zijn neem dan con-
tact op met de winkel waar u dit
Produkt hebt gekocht.
Onderdeel Nr 228633 R0505A
Gedrukt in USA
© 2005 ICON IP, Inc.
PROFORM is een merk van ICON IP, Inc.
106
107
6
7
99
83
99
83
94
85
77
78
98
43
104
104
73
13
77
78
73
13
98
43
86
13
91
110
88
111
13
47
47
13
40
40
88
65
94
50
2
INHOUD
BELANGRIJKE VOORZORGSMAATREGELEN . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .3
VOORDAT U BEGINT . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .5
MONTAGE . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .6
HOE DE BORSTKAS-SENSOR TE GEBRUIKEN . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .8
GEBRUIK EN BIJSTELLEN . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .9
DE LOOPBAND INKLAPPEN EN VERPLAATSEN . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .24
PROBLEMEN OPLOSSEN . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .26
RICHTLIJNEN VOOR UW CONDITIE . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .29
LIJST MET ONDERDELEN . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .30
GEDETAILLEERDE TEKENING . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .32
HET BESTELLEN VAN ONDERDELEN . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Laataste Pagina
35
GEDETAILLEERDE TEKENING–Modelnr. PETL85140 PETL8514.1 Part 4 of 4 R0505A
1. Het is de verantwoordelijkheid van de eige-
naar zich te ervan te overtuigen dat alle ge
-
bruikers van de loopband voldoende op de
hoogte zijn van de voorzorgsmaatregelen en
waarschuwingen.
2. Gebruik de loopband alleen zoals beschreven
is.
3. Plaats de loopband op een vlakke ondergrond
met minstens 2,5 m ruimte rondom ruimte
achter de loopband en 0,5 m ruimte aan ie-
dere kant van de loopband. Zorg ervoor dat
de loopband geen luchtopeningen, luchtroos
-
ters blokkeert. Leg een kleed onder de loop
-
band om de vloer te beschermen.
4. Gebruik de loopband uitsluitend binnenshuis
en uit de buurt van vocht en stof. Plaats de
loopband niet in een garage, op een overdekt
terras of bij water.
5. Gebruik de loopband niet waar spuitbussen
gebruikt worden of waar zuurstof wordt toe
-
gevoegd.
6. Houdt te allen tijde kinderen jonger dan 12 en
huisdieren bij de loopband vandaan.
7. De loopband kan alleen door mensen die min-
der dan 135 kg wegen worden gebruikt.
8. Laat nooit meer dan een persoon op de loop-
band.
9. Draag geschikte kleding wanneer u de loop-
band gebruikt. Draag geen losse kleding die
in de loopband verstrikt kan raken.
Sportkleding voor mannen en vrouwen aan-
bevolen.
Draag altijd sportschoenen. Gebruik
de loopband nooit op blote voeten, op sokken
of op sandalen.
WAARSCHUWING: Lees de volgende belangrijke voorzorgsmaatregelen en infor-
matie door voordat u de loopband gaat gebruiken om het risico op brandwonden, brand, electrische
schok of persoonlijk letsel te verminderen.
BELANGRIJKE VOORZORGSMAATREGELEN
80
26
63
23
81
40
40
114
79
40
70
64
40
40
40
40
40
76
40
40
40
49
40
40
40
40
40
40
40
40
40
40
40
40
40
75
61
93
82
40
95
97
96
71
101
72
135
136
62
34 3
10. Steek de stekker alleen in een geaard stop-
c
ontact (zie pagina 9). Geen elk ander appa-
r
aat moet zich op dezelfde groep bevinden.
11. Mocht u een verlengsnoer nodig hebben, ge-
bruik dan een verlengsnoer van 1,5 meter of
k
orter.
12. Houdt de stekker bij hete oppervlaktes van-
daan.
13. Loop nooit op de loopband wanneer de elec-
triciteit uitgeschakeld is. Gebruik de loop-
band niet wanneer het electrische snoer of
stekker beschadigd is. Gebruik de loopband
niet als hij niet goed werkt. (Zie VOORDAT U
BEGINT op pagina 5 als de loopband niet
goed werkt.)
14. Start de loopband nooit wanneer u op de
band staat. Houdt u altijd vast aan de hand-
leuningen wanneer u de loopband gebruikt.
15. De loopband kan een hoge snelheid bereiken.
Stel de snelheid geleidelijk bij om schok-
kende versnellingen te voorkomen.
16. De pols-sensor is geen medisch instrument.
Verschillende factoren zoals beweging van de
gebruiker kunnen de nauwkeurigheid van de
metingen beïnvloeden. De pols-sensor is al-
leen als hulpmiddel bedoeld voor algemene
hartslag meting.
17. Laat de loopband nooit zonder toezicht rond-
draaien. Verwijder altijd de sleutel, trek de
stekker/par uit het stopcontact, en druk de
aan/uit knop voor de stroomonderbreking in
de uit stand wanneer u de loopband niet ge-
bruikt. (Zie de tekening op pagina 5 om de
aan/uit knop te vinden.)
18.
Voltooi eerst de montage van de loopband
voordat u hem uitklapt, inklapt of verplaatst.
(Zie MONTAGE op pagina 6 en DE LOOP-
BAND INKLAPPEN EN VERPLAATSEN op pa
-
gina 24.) U moet zeker 20 kg kunnen tillen om
de loopband te kunnen uitklappen, inklappen
of verplaatsen.
19. Zorg ervoor dat de sluitknop volledig geslo-
t
en is voordat u de loopband inklapt of ver-
p
laatst.
20. U zult een “piep” geluid horen wanneer tij-
dens het gebruik van de iFIT.com CD’s en
video’s de snelheid en/of de hellingstand van
d
e loopband veranderd wordt/worden. Luister
naar het “piep” geluid en ben er op voorbe-
reid dat de snelheid en/of hellingstand van de
loopband gaat/gaan veranderen. In sommige
gevallen kan de snelheid en/of hellingstand
veranderen voordat de persoonlijke trainer
dat aangeeft.
21. U kunt wanneer u dat wilt tijdens het gebruik
van de iFIT.com CD’s en video’s handmatig
de snelheid en hellingstand aanpassen door
op de Snelheid en Helling toetsen te drukken.
De snelheid en hellingstand instellingen van
de CD of video programma’s zullen worden
aangepast wanneer u nochtans een “piep”
geluid hoort.
22. Haal altijd de iFIT.com CD’s en video’s uit uw
CD- of videospeler wanneer u deze niet ge-
bruikt.
23. Controleer regelmatig of alle onderdelen nog
goed vast zitten en verstevig ze indien nodig.
24. Inspecteer alle onderdelen van de loopband
en draai ze dan goed vast.
25.
GEVAAR: Trek de stekker altijd direct
na gebruik van de loopband uit het stopcon-
tact. Eveneens de stekker uit het stopcontact
trekken vóór het schoonmaken van de loop-
band, voor het plegen van onderhoud en voor
het bijregelen zoals beschreven is in deze
handleiding. Verwijder nooit de motorkap ten-
zij een technicus dat aangeeft. Ander onder-
houd dan datgene wat vermeld staat in deze
handleiding moet door een technicus uitge-
voerd worden.
26. Deze loopband is alleen voor huiselijk ge-
bruik bedoeld. Gebruik de loopband niet com-
mercieel of voor verhuur.
GEDETAILLEERDE TEKENING–Modelnr. PETL85140 PETL8514.1 Part 3 of 4 R0505A
74
84
41
84
84
40
40
39
40
113
40
40
89
15
14
13
10
142
33
21
3
60
18
17
21
16
13
31
43
27
43
27
27
43
14
15
10
13
43
27
112
38
37
109
44
32
34
32
92
102
103
127*
57
128
129
133
130
132
134
13
131
22
24
126
100
143
40
25
21
44
69
334
GEDETAILLEERDE TEKENING–Modelnr. PETL8514.1 Part 2 of 4 R0505A
De stickers hier getoond zijn op uw gewichtsbank geplakt.
S
ticker 1:
OPGELET: Houdt Uw handen en voeten tijdens het ge-
bruik van de loopband van deze plaatsen weg.
S
ticker 2:
GEVAAR: Bescherm uzelf en andere gebruikers tegen
het risico van ernstig letsel. Lees deze handleiding en:
Ga altijd op de zijrails staan bij het starten en stop-
pen van de loopband.
Stel de snelheid geleidelijk bij.
Houdt U tijdens het gebruik van de loopband vast
aan de handleuningen om te voorkomen dat U valt
draag ook altijd de veiligheidsklip.
Stop wanneer u zich niet goed voelt, duizelig of kort-
ademig wordt.
Sluit de sluitklip goed voordat u de loopband ver-
plaatst of opbergt.
Plaats de hellling van de loopband in de laagste
stand voordat U de loopband opvouwt.
• Laat kinderen niet in de buurt van of op de loopband
spelen.
Haal de sleutel uit het apparaat wanneer U deze niet
gebruikt.
Blijf met uw kleding, uw vingers en hoofdhaar uit de buurt van de lopende band.
Probeer nooit tijdens het gebruik de loopband te repareren of bij te stellen.
Draag altijd sportschoenen wanneer U op de loopband oefent.
NOT SHOWN AT ACTUAL SIZE
WAARSCHUWING: Raadpleeg uw huisarts voordat u met dit of enig ander oefen-
programma begint. Dit is bijzonder belangrijk voor mensen ouder dan 35 of mensen met gezond-
heidsproblemen. Lees alle instructies door voor gebruik. ICON is niet verantwoordelijk voor persoon-
lijk letsel of schade door het gebruik van dit Produkt.
BEWAAR DEZE INSTRUCTIES
40
121
120
121
120
11
10
12
116
56
9
10
9
66
42
42
66
53
52
7
139
4
4
2
48
55
6
58
40
40
40
8
138
28
90
20
20
68
5
105
114
108
30
125*
123
119
122
52
124
40
40
35
115
118
137
87
140
117
87
137
117
51
45
19
1
21
19
1
21
21
46
21
48
2
54
40
53
52
108
40
36
29
40
35
123
119
122
52
124
125*
141
141
32 5
Gefeliciteerd met uw keuze voor de revolutionaire
PROFORM
®
990 loopband. De PROFORM 990 heeft
een uitgebreid scala aan functies waarmee u uw trai-
n
ing plezieriger en effectiever kunt maken. En wanneer
u
de loopband niet gebruikt kunt u de PROFORM 990
loopband inklappen zodat hij minder ruimte in beslag
neemt dan andere loopbanden.
Lees deze handleiding voor uw eigen welzijn zorg-
vuldig door voordat u de loopband gebruikt. Mocht
u nog vragen hebben, neem dan contact op met de
winkel waar u dit produkt hebt gekocht. Om u beter van
dienst te kunnen zijn, zorg ervoor dat u het model- en
s
erienummer bij de hand hebt voordat u belt. Het mo-
d
elnummer is PETL8514.1. Het serienummer bevindt
zich op een sticker op de loopband (zie kaft van deze
handleiding).
Voordat u verder leest, bekijk eerst aandachtig de te-
kening hieronder en de verschillende onderdelen.
VOORDAT U BEGINT
Handleuning
Bedieningspaneel
Boekenhouder
Tray
Sleutel/Klip
Stroomon-
derbreker
Aan/Uit Knop
Loopband
Voetkussentje
Verstelbaar loopplatform
met kussentjes
Elektriciteitssnoer
ACHTERKANT
RECHTERKANT
Bijstelbouten voor
de Achterroller
Ventilator
Handgriff Pols-sensor
GEDETAILLEERDE TEKENING—Modelnr. PETL8514.1 Part 1 of 4
R0505A
MONTAGE
De montage van deze loopband moet door twee mensen gebeuren. Plaats de loopband op een open plek.
Verwijder de verpakking pas wanneer de Staander in de verticale positie is (zie stap 1 hieronder). Gooi de ver-
pakking pas weg wanneer u de loopband volledig gemonteerd heeft.
O
pgelet: De onderkant van de loopband is met een hoogwaardig smeer behandeld. Tijdens het transport kan een
kleine hoeveelheid smeermiddel op de bovenkant van de loopband, de zijkanten van het loopplatform of de kar-
tonnen verpakking terechtkomen. Dit heeft geen invloed op de prestaties van het apparaat. Mocht er wat van het
middel op de bovenkant van de loopband bevinden, veeg dit dan met een zachte lap gewoon weg.
Voor de montage heeft u de meegeleverde inbussleutel en daarnaast een platkopschroevendraaier
.
1. Met de hulp van een tweede persoon, moet u de Vert-
icale Onderdelen (65) rechtop zetten.
Laat de andere persoon het bedieningspaneel naast de
Verticale Onderdelen (65) houden zoals afgebeeld. Kijk
onder het bedieningspaneel en zoek naar het Draadhar-
nas van het Bedieningspaneel (71).
Snij de plastic banden los waarmee het Verticale Draad-
harnas (85) aan het rechter Verticale Onderdeel (65) is
vastgemaakt. Sluit het verticale draadharnas aan op het
Draadharnas van het Bedieningspaneel (71).
Zorg er-
voor dat u de connectors goed aansluit (zie de afbeel-
ding). De connectors moeten gemakkelijk naast el-
kaar schuiven en op hun plaats klikken. Als dit niet het
geval is, moet u één connector draaien en het opnieuw
proberen. ALS DE CONNECTORS NIET GOED ZIJN
AANGESLOTEN, KAN HET BEDIENINGSPANEEL BE-
SCHADIGD RAKEN WANNEER DE STROOM WORDT
INGESCHAKELD
.
65
85
71
1
Plaats het
Bedieningspaneel
6 31
Plaats het
Bedieningspaneel
94
94
71, 85
99
99
65
2
85
71
2. Schuif de rest van het Draadharnas (71, 85) in het rechter
Verticale Onderdeel (65).
Plaats het bedieningspaneel op de Verticale Onderdelen
(65). Terwijl een tweede persoon het bedieningspaneel
vasthoudt, zet u het paneel vast met vier Bouten van het
Bedieningspaneel (99) en vier Stervormige Afdichtings-
ringen (94) zoals afgebeeld. Draai de bouten stevig
vast.
100 1 Stroomonderbreker
101 1 Pols-draad
102 1 Elektriciteitssnoer
103 1 Contactpunt
104 2 Sticker met Waarschuwing
1
05 2 1/2” Schroef
106 1 Stekerbus
107 1 Draad voor iFIT.com
108 2 Stervormige Pakkingring Achteroller
109 2 Schroef van Controller
110 1 Bout van Hellingmotor (Bovenste)
111 1 Beugel voor Helling
112 2 Stervormige afdichtingsring voor uit-
laatbeugel
113 1 Waarschuwing
114* 1 Montage van Sluiting
115 1 Rechter Binnen Huls
116 1 Rechter Buiten Huls
117 2 Bijstelpin voor het Kussen
118 1 Bijstelknop voor het Kussen
119 4 Veermoer
120 2 Tussenstuk van de Veerplaat
121 2 Veerplaat
122 4 Veerbout
123 2 Veer
124 2 Schroef van het Veerkussen
125* 2 Kusseninrichting
126 1 Isolatieplaat voor motor
127* 1 Arm montage
128 1 Schakelbout van de Idler
129 1 Hulp-pitmanarm
130 1 Veer spanrol
1
31 1 Nylon Tussenring van de Arm
132 1 Katrolbout
133 1 Katroltussenring
134 1 Katrol
135 1 Borstkas-band Sensor
136 1 Borstkas-band
137 2 Bijstelpunt voor het Kussen
138 1 Massaschroef
139 2 Platformschroef achter
140 1 Bijstelkstang voor het Kussen
141 2 Veerbumper
142 1 On/Off Knop
143 1 Filter
144 1 Pols Ontvanger
# 4 1” Tek Schroef
# 1 4” Blauwe Draad, 2 vrouwelijke
# 1 10” Groene Draad, Vrouwelijk/Ring
# 1 4” Witte Draad, 2 vrouwelijke
# 1 Gebruikersaanwijzing
* Inclusief alle meegeleverde delen.
# Deze onderdelen woorden niet getoond.
Onder- Aantal Beschrijving
deelnr.
Onder- Aantal Beschrijving
deelnr.
68
5
Kraag
Veer
20
55
Knop
105
3
Klein
Gaten
3. Met de hulp van een tweede persoon, moet u het
O
nderstel (55) rechtop zetten. Houd de Bemanteling van
het Veerslot (68) en de Klep voor Veerslotbemanteling (5)
tegen het Onderstel zoals afgebeeld. Draai de twee
Schroeven 1/2" (105) met botte punt in de Klep van de
veerslotbemanteling en de Bemanteling van het Veerslot
zoals afgebeeld.
Draai de schroeven nog niet vast.
V
erwijder de knop van de pin. Controleer of de kraag en
de veer op de pin zijn bevestigd. De kraag moet op de
aangegeven kant van de veer zijn bevestigd. Plaats de pin
in de Bemanteling van het Veerslot (68) en draai de knop
weer vast.
Plaats de pin op gelijke hoogte met het gat in de Linker-
handgreep (63) door de Bemanteling van het Veerslot (68)
op en neer te schuiven. Zorg ervoor dat de pin helemaal in
het gat kan worden geschoven. Houd de Bemanteling van
het Veerslot op zijn plaats terwijl u de twee Tekschroeven
1/2" (20) in de Bemanteling van het Veerslot en het
Onderstel (55) draait. Draai daarna de Schroeven 1/2"
(105) vast. Opmerking: Het kan nodig zijn aan de knop te
trekken om bij de schroeven te kunnen komen en ze vast
te draaien.
4. Verwijder de achterkant van de aangegeven tape op het
bedieningspaneel. Druk de Boekenhouder (23) stevig op
de tape. Opmerking: De Boekenhouder is mogelijk al in
elkaar gezet.
6. Zorg ervoor dat alle onderdelen vast zijn gedraaid voordat u de loopband gebruikt. Leg een matje
onder de loopband om uw vloerbedekking te beschermen. Lees voor uw welzijn de PROBLEMEN OP-
LOSSEN op paginas 26–27 goed door.
Gat
Pin
63
20
105
30
Plaats het
Bedieningspaneel
23
Tape
7
4
D
e GEDETAILLEERDE TEKENING in het midden van deze handleiding bekijken op pagina 32–35.
LIJST MET ONDERDELEN—Modelnr. PETL8514.1 R0505A
1 2 Voetkussentje
2 4 Schroef voor de voetleuning
3 1 Audio Snoer
4 2 Isolator
51Klep voor veerslotbemanteling
6 1 Loopoppervlak
7 2 Loopoppervlak Schroef
8 1 Loopband
9 2 Schakelbout van het Onderstel
10 4 Schakeltussenring van het Onderstel
11 1 Voorwiel/Katrol
12 1 Magneet
13 7 Moer van Wieltje/Moer voor voorwiel
14 2 Tussenstuk
15 2 Schakeltussenstuk van het Onderstel
16 1 Sensorklip
17 1 Sensor
18 1 Lift Onderstel
19 2 Inleg voetkussentje
20 2 1/2” Tek Schroef
21 14 Schroef voor de voetleuning
22 1 Riem van de Motor
23 1 Boekenhouder
24 1 Motor
25 1 Transformator
26 1 Handgreep links (Beneden)
27 4 Hood Bracket
28 1 Geaarde Draad
29 1 Linker Buiten Huls
30 1
Rechter Beneden Eindkapje
31 1 Bout voor liftmotor
32 2 Bout van Motorhouder
33
1
Uitlaatbeugel
34 1 Spanningsbout voor motor
35 2 Versnellingsstang
36 1 Linker Binnen Huls
37 1 Controller
38 1 Beugel voor Controller
39 1 Motorkap
40
56
3/4” Schroef
41 1 Onderkap van de Motor
42 2 Bout van Motorhouder
43
15 3/4” Tek Schroef
44 20 Schroef voor Elektronica
45 1 Linker Voorste Eindkapje
46 1 Rechter Voorste Eindkapje
47 2 Wielhuls
48 2 Achter Voet
49 1 Achterkant Bedieningpaneel
50 1 Splitter
51 2 Bijstelschroef voor het Kussen
52 2 Verstelbare roller Afdichtingsring
53 2 Bijstelbout van de Achterroller
54 1 Linker Eindkapje achter
55 1 Onderstel
56 1 Inbussleutel
57 1 Katrolbout
58 1 Achteroller
59* 3 Nylon afdichtingsring
60 1 Moer van Audio Snoer
61 1 Hartslagmeterbalk
62 1 Sticker voor Kap
63 1 Handgreep links (Bovenste)
64 1 Handgreep rechts (Bovenste)
65 1 Verticale Onderdeel
66 4 Schroef van de Band Geleider
67 1 Onderstel van het Bedieningspaneel
68 1 Bemanteling van het Veerslot
69 4 Dosje met Ferriet
70 1 Rechter Onder Handvat
71 1 Draadharnas van het
Bedieningspaneel
72 1 Draad voor iFIT.com
73 2 Draaibout voor helling
74 1 Hellingsdraad
75 1 Sleutel/Klip
76 1 Motorkap
77 2 Bout van Wiel
78 2 Bout van het Wiel
79 1
Ventilatorkap
80 1 Bedieningspaneel
81 1 Basis van het Bedieningspaneel
82
1
Ventilator
83 4 Schroef voor pulsbalk
84 6 Buikpanschroef
85 1 Verticaal Draadharnas
86 1 Schokdemper
87 2 Bijstelwiel voor het Kussen
88 2 Staander Beschermkapje
89
1
Electrische snoer Adapter
90 1 Waarschuwingsetiket voor Veerslot
91 1 Hellingmotor
92
2 Veerslotbemanteling
93 2 Schroef voor Ventilator
94 4 Stervormige Afdichtingsringen
95 2
Verbinding
96 1 Bevestiging
97 5 8” Kabelbevestiging
98 2 Kussen voor de Basis
99 4 Bouten van het Bedieningspaneel
Onder- Aantal Beschrijving
d
eelnr.
Onder- Aantal Beschrijving
d
eelnr.
8 29
H
OE DE BORSTKAS-SENSOR TE DRAGEN
D
e borstkas-sensor bestaat uit twee delen: de borst-
kas-band en de sensor (zie de tekening hieronder).
Steek de flap van de borstkas-band in het ene uiteinde
van de sensor. Druk het uiteinde van de sensor onder
de gesp van de borstkas-band. De flap moet gelijk zijn
met de voorkant van de sensor.
Doe vervolgens
de borstkas-sen-
sor om uw borst-
kas en maak het
andere eind van
de borstkas-band
vast aan de sen-
sor. Mocht het
nodig zijn, stel
dan de lengte
van de band bij.
De borstkas-sensor moet onder uw kleding gedragen
worden, strak tegen uw huid en hoog onder uw borst-
spieren of borsten. Zorg ervoor dat het logo van de
sensor naar voren wijst en rechtop staat.
Trek de sensor een paar centimeter van uw lichaam
en zoek naar de twee electrodes aan de binnenkant
(de electrodes hebben kleine randjes). Maak beide
electrodes nat met een zoute vloeistof zoals wat spug
of vloeistof voor contact lenzen. Plaats de sensor terug
tegen uw huid.
VERZORGING EN ONDERHOUD VAN DE BORST-
KAS-SENSOR
Droog de borstkas-sensor goed na ieder gebruik. De
borstkas-sensor wordt ingeschakeld wanneer u de
electrodes nat maakt en de pols-sensor draagt. De
borstkas-sensor gaat uit wanneer het wordt afge
-
daan en de electrodes gedroogd worden. De sensor
blijft langer dan nodig branden en zodoende zullen
de batterijen leeg lopen als de borstkas-sensor elec
-
trodes niet goed gedroogd worden.
Bewaar de borstkas-sensor op een warme en droge
plaats. Bewaar de borstkas-sensor niet in een plas-
tic zak of enig andere verpakking die vocht kan vast-
houden.
Stel de borstkas-sensor niet lang bloot aan direct
zonlicht, niet aan een temperatuur lager dan -10 C
of aan een temperatuur hoger dan 50 C.
Buig en rek de sensor tijdens het gebruik of het op-
bergen van de borstkas-sensor niet te veel.
Maak de borstkas-sensor schoon met een zachte
doek en een beetje niet agressief schoonmaakmid-
del. Gebruik nooit schuurmiddelen, alcohol of chemi-
sche producten. U kunt de borstkas-band met de
hand wassen en dan laten drogen.
PROBLEMEN MET DE BORSTKAS-SENSOR OP-
LOSSEN
De instructies op de volgende pagina’s leggen uit
hoe u de borstkas-sensor met het bedieningspa-
neel kunt gebruiken. Loop de hieronder genoemde
procedures door wanneer de borstkas-sensor niet
goed werkt.
Zorg ervoor dat u de borstkas-sensor goed draagt
zoals hier links is beschreven. Opgelet: Verplaats de
sensor wat naar boven of naar beneden wanneer de
borstkas-sensor niet goed werkt.
Gebruik wat zoute vloeistof zoals spug of vloeistof
voor contact lenzen om de electrodes van de sensor
nat te maken. Maak de electrodes opnieuw wat nat
wanneer de hartslag metingen pas verschijnen
nadat u begint te transpireren.
Loop of ren zo goed mogelijk op het midden van de
loopband. Voor de goede weergave van de hart-
slag metingen moet de gebruiker zich op minder
dan een armslengte van het bedieningspaneel
bevinden.
De borstkas-sensor is ontwikkeld voor mensen met
een normale hartslag. Problemen met de hartslag
-
meting kunnen een medische oorzaak hebben zoals
vroegtijdige ventriculaire samentrekking, hartkloppin-
gen, of aritmie.
De werking van de borstkas-sensor kan beïnvloed
worden door magnetische storingen veroorzaakt
door hoogspanningsdraden en andere electromag-
netische bronnen. Verplaats de loopband als u ver
-
moedt dat dit de oorzaak is.
De CR2032 batterij kan vervangen moeten worden
(zie pagina 28).
Borstkas-band
Flappen
Sensor
Flap
Sensor
Gesp
HOE DE BORSTKAS-SENSOR TE GEBRUIKEN
De volgende richtlijnen zullen u helpen met het uitvoe-
ren van uw oefenprogramma. Voor meer informatie
raadpleeg een goed boek of raadpleeg uw huisarts.
INTENSITEIT VAN UW OEFENING
Als uw doel is om vet te verbranden of uw cardivascu-
lair systeem te verbeteren dan is de juiste intensiteit
het middel. U kunt het juiste intensiteitsniveau bepalen
door uw hartslag als leidraad te gebruiken. De diagram
hieronder geeft de aanbevolen hartslag aan voor vet
verbranding en voor een aerobic oefening.
Om de juiste harstlag meting te berekenen moet u
eerst onder de diagram uw leeftijd opzoeken (leeftijden
zijn per 10 jaar afgerond). Zoek vervolgens de drie ge-
tallen boven uw leeftijd. Deze drie getallen geven uw
trainingszone aan. De twee laagste getallen zijn voor
vet verbranding aanbevolen. Het hoogste getal is voor
aerobic oefeningen aanbevolen.
Vet verbruiken
Om effectief vet te verbranden moet U voor een lan
-
gere tijd op een betrekkelijke lage intensiteit oefenen.
Tijdens de eerste minuten van uw oefening gebruikt uw
lichaam makkelijke bereikbare
koolhydraten
. Pas na de
eerste paar minuten begint uw lichaam
vet
als energie
te verbruiken. Stel de snelheid en de helling van de
loopband bij todat uw hartslag rond het laagste getal
van uw trainingszone ligt als u vet wilt verbranden.
Stel voor maximale vet verbranding, de snelheid en
h
elling van de loopband bij totdat uw hartslag rond het
middelste getal van uw trainingszone ligt.
Aerobic oefening
Uw oefening moet aerobic zijn als het uw doel is uw
cardiovasculair systeem te verbeteren. Een aerobic oe-
fening is een activiteit met een hogere zuurstof toevoer
voor een langere tijd. Deze hogere intensiteit vraagt
een grotere prestatie van uw hart om bloed naar uw
spieren te pompen. Het vereist ook een grotere presta-
tie van uw longen om het bloed van zuurstof te voor-
zien. Stel de snelheid en de helling van de loopband bij
totdat uw hartslag rond het hoogste getal van uw trai-
ningszone ligt als u een aerobic oefening wilt uitvoeren.
RICHTLIJNEN VOOR UW OEFENING
Iedere oefening moet uit de volgende drie onderleden
bestaan:
Opwarming—Begin iedere oefening met een opwarm-
fase door 5 à 10 minuten de spieren te strekken en
wat lichte oefeningen te doen. Een juiste opwarmoefe-
ning verhoogt uw lichaamstemperatuur , uw hartslag
en bevordert uw bloedsomloop als voorbereiding op
uw oefening.
Oefening in uw trainingszone—Verhoog de intensi-
teit van uw oefening na het opwarmen zodat uw hart-
slag binnen uw trainingszone valt. Houdt dit 20 à 60
minuten vol. (Beperk tijdens de eerste paar weken van
uw oefenprogramma uw oefening tot 20 minuten).
Haal diep en regelmatig adem. Houdt nooit uw adem in.
Afkoeling—Beëindig uw oefening weer met 5 à 10 mi-
nuten strekoefeningen. Dit zal de soepelheid van uw
spieren bevorderen en problemen helpen voorkomen
na de oefening.
OEFENFREQUENTIE
Om uw conditie te consolideren of te verbeteren moet u
3 keer per week oefenen met minstens een dag rust tus-
sen de oefendagen. Na een paar maanden kunt u als u
dat wilt 5 keer per week oefenen. Om succes te hebben
is het belangrijk om plezierig en regelmatig te oefenen.
RICHTLIJNEN VOOR UW CONDITIE
WAARSCHUWING:
Raadpleeg uw huisarts voor u met dit of enig
ander oefenprogramma begint. Dit is bijzon-
d
er belangrijk voor mensen ouder dan 35 of
mensen met gezondheidsproblemen. Lees
alle instructies door voor gebruik.
De pols-sensor is geen medisch instrument.
Verschillende factoren zoals beweging van de
gebruiker kunnen de nauwkeurigheid van de
hartslag metingen beïnvloeden. De pols-sen-
sor is alleen als hulpmiddel bedoeld voor al-
gemene hartslag meting.
28 9
GEBRUIK EN BIJSTELLEN
PROBLEEM: De hellingstand van de loopband verandert niet naar behoren of verandert niet wanneer
iFIT.com CD’s of video’s afgespeeld worden.
OPLOSSING:
a. Druk terwijl de sleutel in het bedieningspaneel is geschoven op een van de helling toetsen.
Haal de sleutel er uit terwijl de helling van de loopband zich aanpast. Steek de sleutel na
een paar seconden weer in het bedieningspaneel. De loopband zal dan automatisch de helling
tot de maximale helling aanpassen om vervolgens naar de laagste stand terug te keren.
H
ierdoor wordt het hellingssysteem opnieuw gekalibreerd.
PROBLEEM: De hartslag monitor werkt niet goed.
OPLOSSING: a. Kijk bij PROBLEMEN MET DE BORSTKAS-SENSOR OPLOSSEN op pagina 8 wanneer de
hartslag monitor niet goed werkt.
b. Wanneer de hartslag monitor nog steeds niet goed werkt vervang
dan de batterij. Zoek om de batterij te vervangen naar de deksel
aan de achterkant van de sensor. Steek een muntje in de gleuf van
de deksel en draai de deksel tegen de klok in tot aan de “open” po-
sitie. Verwijder de deksel. Haal vervolgens de batterij uit de sensor.
Plaats er een nieuwe
CR2032 batterij in met het opschrift naar
boven. Zorg er ook voor dat de rubber band goed in de sensor zit.
Maak de deksel weer vast en draai de deksel in de gesloten positie.
Batterij
Rubber
Band
Deksel
b
Deksel
DE PERFORMANT LUBE
LOOPBAND
U
w loopband bevat een band die met PERFORMANT LUBE
i
s behandeld.
B
ELANGRIJK: Behandel de band
of het loopplatform nooit met silicone spray of enig ander middel. Als uw dat doet zult u de loopband be-
schadigen.
HOE DE STEKKER IN STOPCONTACT TE STEKEN
De stekker moet geaard zijn.
Mocht het niet goed functioneren
geeft de aarding de laagste weerstandspad voor de electriciteit om
zodoende het risico van electrische schok te verminderen. Een
snoer en geaarde stekker zijn bijgeleverd.
Belangrijk: Als het
snoer beschadigd is moet u het vervangen met een door de fa-
brikant aanbevolen snoer.
Bekijk tekening 1. Steek het aangegeven eind van het snoer in het
stopcontact van de loopband. Licht vervolgens het flapje van het
dosje met ferriet op en klem het rond het snoer vast. Het dosje met
ferriet kan niet op het snoer schuiven. Maak de inbegrepen plastic
verbinding achter het dosje met ferriet vast en snij de uiteinden van
de verbinding af.
Bekijk tekening 2. Steek het snoer in een goed geinstalleerd en ge-
aard stopcontact die overeenkomt met alle plaatselijke regelingen.
Belangrijk: De loopband kan niet op een stopcontact met onder-
breker van de grondfout circut gebruikt worden.
OPGELET: Een verkeerd stopcontact (zonder aarde) kan tot een electrische schok lei-
den. Laat een elektricien de aarding nakijken als u niet zeker van bent dat het stopcontact goed ge-
aard is. Knoei niet aan de stekker van het apparaat. Laat een elektricien een nieuwe stekker monte-
ren als de stekker niet in het stopcontact past.
FR/SP
IT
F
IT
1
2
Stopcontact van
de loopband
Stopcontact
Flapje
Dosje met Ferriet
Plastic
Verbinding
10 27
FUNCTIES VAN HET BEDIENINGSPANEEL
Het bedieningspaneel van de loopband is voorzien van
verschillende functies om het meest doeltreffend te oe-
fenen.
U kunt wanneer u de handmatige instelling kiest de
snelheid en de hellingstand van de loopband verande-
ren door een druk op een toets. Het bedieningspaneel
zal U tijdens uw oefening voortdurend feedback geven.
U kunt zelfs uw hartslag meten met de ingebouwde
hartslagsensor of borstriem.
Het bedieningspaneel biedt ook 16 vooraf ingestelde
programma’s. Ieder programma verandert automatisch
de snelheid en de helling van de loopband tijdens uw
oefening. U kunt ook nog uw eigen programma's
maken en in het geheugen opslaan voor latere oefe-
ningen.
Er worden daarnaast elf voorgeprogrammeerde trai
-
ningen aangeboden. Ieder programma regelt automa
-
tisch de snelheid en de hellingstand van de loopband
om uw oefening doeltreffend te maken.
Het bedieningspaneel kent tevens de nieuwe iFIT.com
interactieve technologie. De iFIT.com technologie werkt
als een persoonlijke trainer bij u thuis. Met een audio
snoer (inbegrepen) kunt U de loopband op uw geluids-
systeem, uw portable stereo, computer, of video speler
aansluiten en de speciale iFIT.com CD en video pro-
gramma’s afspelen (CD’s en video’s zijn apart te koop).
De iFIT.com CD en video programma’s regelen auto-
matisch de loopband en geven duidelijk aan hoe u uw
snelheid moet toepassen net zoals een trainer dat doet
tijdens uw training. Enerverende muziek motiveert
extra.
U kunt onze website www.iconeurope.com
bekijken en daar iFIT CD’s en video’s kope.
Wanneer de loopband op uw computer is aangesloten,
kunt U ook onze website www.iFIT.com bekijken en
daar basis programma’s direct van internet oproepen.
Raadpleeg de website voor meer informatie.
Om het controlepaneel handmatig te bedienen, volg
de stappen beginnende op bladzijde
11.
Om een voor
-
geprogrammeerd programma te gebruiken, zie blad-
zijde
13.
Om een op maat eigen programma te
maken en gebruiken, zie bladzijden
15 en 16.
Om het
op hartslag afgestemde programma te gebruiken,
zie bladzijde 17. Om een iFIT.com CD o iFIT.com vi-
deoprogramma te gebruiken, zie bladzijde
21.
Om
een iFIT.com programma onmiddellijk van onze
Website te gebruiken, zie bladzijde 23.
Klip
Sleutel
Opgelet: Het kan zijn dat er op
het bedieningspaneel een plastic
vel zit, haal deze er dan af.
PROBLEEM: De loopband vertraagt wanneer er op gelopen wordt
O
PLOSSING: a
. Mocht u een verlengsnoer nodig hebben, gebruik dan een verlengsnoer van 1,5 meter of korter.
b
. Als de loopband te strak is functioneert de loopband min-
der en kan zelfs beschadigd worden. Haal de sleutel uit
het bedieningspaneel en
DE STEKKER UIT HET STOP-
CONTACT. Draai met de meegeleverde sleutel beide
bouten van de achterroller een 1/4 slag tegen de klok in.
Wanneer de loopband goed is bijgesteld moet u de loop-
band 7 à 10 cm van het loopplatform kunnen tillen. Zorg
ervoor dat de band goed in het midden ligt. Steek de
stekker en de sleutel weer in en laat de loopband een
paar minuten draaien. Herhaal deze handeling tot de
loopband goed ligt.
c. Bel onze klantendienst wanneer de loopband blijft vertragen.
PROBLEEM: De loopband ligt niet in het midden of slipt wanneer er op gelopen wordt
OPLOSSING:
a. Haal eerst de sleutel uit het bedieningspaneel en DE
STEKKER UIT HET STOPCONTACT wanneer de
loopband niet goed in het midden ligt. Als de loop-
band naar links is verschoven, draai met de meegele-
verde sleutel de linker bout van de achterroller een 1/2
slag met de klok mee. Als de loopband naar rechts is
verschoven, draai dan de bout van de achterroller een
1/2 slag tegen de klok in. Zorg ervoor dat u de band niet
te strak aandraait. Steek de stekker en de sleutel weer in
en laat de loopband een paar minuten draaien. Herhaal
deze handeling tot de loopband goed ligt.
b. Haal eerst de sleutel uit het bedieningspaneel en HAAL
DE STEKKER UIT HET STOPCONTACT wanneer de
loopband slipt. Draai met de meegeleverde sleutel beide
bouten van de achterroller een 1/4 slag met de klok mee.
Wanneer de loopband goed is bijgesteld moet u de loop-
band 7 à 10 cm van het loopplatform kunnen tillen. Zorg
ervoor dat de band goed in het midden ligt. Steek de
stekker en de sleutel weer in en laat de loopband een
paar minuten draaien. Herhaal deze handeling tot de
loopband goed ligt.
b
a
Bijstelbouten voor de achterroller
b
7 á 10 cm
1
1
26
H
OE DE STROOM IN TE SCHAKELEN
De stekker in het stopcontact steken (zie pagina 9).
Zoek naar de aan/uit
knop bij het snoer van
de loopband. Zet de
a
an-/ uitschakelaar in
de aan-positie.
Ga op de voetenkus-sentjes van de loopband
staan. Zoek naar de klip die aan de sleutel vast zit
(zie tekening op pagina 10) en maak de klip aan
de tailleband van uw kleding vast. Leg vervolgens
het snoer (aan de klip verbonden)
onder de pols-
sensor en steek de sleutel in het bedieningspa-
neel.
De displays en verschillende indicators zul-
len even later oplichten. Test de klip door voor-
zichtig een paar stappen achteruit te zetten tot-
dat de sleutel uit het bedieningspaneel wordt
getrokken. Als de sleutel niet uit het bediening-
spaneel komt, stel dan de lengte van de klip bij.
De sleutel volledig in het bedieningspaneel ste-
ken.
Zie HOE DE STROOM IN TE SCHAKELEN hier-
boven.
De handmatige instelling kiezen.
Wanneer u de sleutel in het bedieningspaneel
steekt wordt de handmatige instelling [MANUAL
CONTROL] gekozen. Als u een programma hebt
geselecteerd, drukt u op de knop Manual (Hand-
matig) om de handmatige modus opnieuw te se
-
lecteren.
De loopband starten.
U kunt de loopband starten door op de knop Start,
de knop Speed + (Snelheid +) of een van de twaalf
knoppen voor Quick Speed (Snel) te drukken.
Als u op de knop Start of Speed + (Snelheid +)
drukt, zal de loopband beginnen te bewegen met 1
mijl (1,6 km) per uur. Houdt u vast aan de handleu
-
ningen vast en begin te oefenen. Verander tijdens
uw oefening de snelheid van de loopband zoals
gewenst door op de Snelheid + of – toets te druk
-
ken. Iedere keer als de toets wordt ingedrukt zal
de snelheid van de loopband 0,1 mph veranderen.
Wanneer u de toets ingedrukt houdt zal de snel
-
heid van de loopband 0,5 mph veranderen.
Opgelet: Nadat u op de toetsen heeft gedrukt kan
het even duren voor de loopband de gekozen snel-
heid bereikt.
Als een van de twaalf snelheidsknoppen wordt inge-
drukt, zal de loopband langzaam sneller gaan
d
raaien tot de geselecteerde snelheid is bereikt.
D
ruk op de Stop-toets om de loopband te stoppen.
De tijd begint dan te knipperen op het linker-
scherm. Druk op de Start-toets of de Snelheid +
toets om de loopband weer opnieuw in gang te zet-
ten, of een van de snelheidsknoppen.
Opgelet: Bekijk tijdens de eerste paar minuten de
ligging van de band en stel deze bij mocht het
nodig zijn (zie pagina 27).
De hellingstand van de loopband veranderen
zoals gewenst.
Druk op de helling toetsen
ss
en
tt
om de
Hellingstand van de loopband te veranderen. Ieder
keer als de toets wordt ingedrukt zal de helling van
de loopband 0,5% veranderen. Druk op de Quick
Incline knoppen om vlug van hellingsinstelling te
veranderen. Opmerking: Nadat de knoppen zijn in-
gedrukt, kan het even duren voordat de loopband de
geselecteerde helling heeft bereikt.
Volg uw voortgang op de twee beeldschermen.
Het linkerbeeldscherm—Op dit scherm wordt de
verlopen tijd [TIME], uw loopsnelheid [PACE] (in
minuten per mijl
) en het hellingsniveau [INCLINE]
van de loopband weergegeven. Opmerking: Iedere
keer wanneer de helling van de loopband wordt ge-
wijzigd, zal op het scherm de nieuwe instelling een
paar seconden worden weergegeven.
Op het linkerscherm wordt ook een trainingzone-
balk [TRAINING ZONES] weergegeven waarin de
geschatte intensiteit van uw oefening wordt ge
-
toond. Als bijvoorbeeld vier tot zes segmenten van
de balk verschijnen, geeft dit aan dat de intensiteit
van de oefening ideaal is voor gewichtsverlies.
Wanneer de handmatige modus of de modus
iFIT.com wordt geselecteerd, zal het linkerscherm
ook een baan laten zien. Terwijl u traint, zullen de
lampjes
rondom de baan één voor één gaan bran
-
den, tot de hele baan is verlicht. De baan zal dan
verdwijnen en een nieuwe ronde begint.
5
4
3
2
1
3
2
1
Aan
P
ositie
Trainingzonebalk
Baan
PROBLEMEN OPLOSSEN
U kunt de meeste problemen met uw loopband oplossen door de hieronder genoemde stappen te volgen.
Zoek het probleem dat bij u van toepassing is en volg de instructies. Mocht u verdere hulp nodig hebben,
n
eem dan contact op met onze klantendienst.
PROBLEEM: De stroom is niet ingeschakeld
OPLOSSING:
a. Zorg ervoor dat de stekker goed is aangesloten in een geaard stopcontact. (Zie pagina 9).
Mocht een verlengsnoer nodig zijn gebruik dan alleen een snoer van 1,5 mof korter.
b. Zorg er dan voor dat de sleutel zich goed in het bedieningspaneel zit.
c. Controleer de stroomonderbreker bij het snoer op
het onderstel van de loopband. Als de knop uit-
steekt zoals aangegeven is de stroomonderbreker
doorgeslagen. Wacht 5 minuten en druk de scha-
kelaar opnieuw in om de stroomonderbreker op-
nieuw in werking te stellen (te resetten).
d. Bekijk de aan/uit knop die zich bij het electriciteits-
noer van de loopband bevindt. De knop moet zich
in de aan positie bevinden.
PROBLEEM: Stroomuitval tijdens gebruik
OPLOSSING: a. Controleer de stroomonderbreker bij het snoer op het onderstel van de loopband (zie tekening
boven). Als de stroomonderbreker is doorgeslagen, wacht dan 5 minuten en druk dan de scha-
kelaar weer in.
b. Zorg ervoor dat de stekker in het stopcontact steekt. Als de stekker in het stopcontact steekt,
haal hem er uit, wacht 5 minuten en steek de stekker opnieuw in het contact.
c. Haal de sleutel uit het bedieningspaneel. Steek de sleutel opnieuw goed in het bedieningspaneel.
d. Zorg ervoor dat de aan/uit knop zich in de aan positie bevindt.
e. Als de loopband nog niet wil draaien, bel dan de wintel waar u dit apparaat hebt gekocht.
PROBLEEM: De displays van het bedieningspaneel werken niet naar behoren
OPLOSSING: a. Oplossing: a. Haal de sleutel uit het bedieningspaneel
en
TREK SNOER UIT HET STOPCONTACT. Draai nu
de schroeven uit de kap en verwijder voorzichtig de kap.
Zoek de Sensor (17) en de Magneet (12) aan de linker
-
kant van de Katrol (11). Draai de Katrol zodanig dat de
Magneet gelijk staat met de Sensor. Zorg ervoor dat de
afstand tussen de Magneet en de Sensor ongeveer
3mm is. Draai, indien nodig, de Schroef (21) wat los en
verplaats de Sensor enigszins. Draai de Schroef weer
vast. Maak de kap weer vast en laat de loopband een
paar minuten draaien om de snelheidsmeting na te kijken.
12
17
21
Zicht
van
boven
3mm
11
a
Doorgeslagen
c
d
Resetten
Aan
Positie
HOE DE HANDMATIGE INSTELLING TE GEBRUI-
KEN
12 25
Het rechterbeeldscherm—Op dit scherm wordt
de afstand [DISTANCE] weergegeven die u hebt
g
elopen of gerend, het aantal rondjes [LAPS] van
400 m. (1/4 mijl) dat u hebt voltooid, de snelheid
v
an de loopband en het geschatte aantal
c
alo-
rieën
[CALS.] en
vetcalorieën
[FAT CALS.] die u
hebt verbrand (zie VET VERBRANDEN op pagina
29). Opmerking: Wanneer een programma is ge-
selecteerd, zal op het scherm de resterende tijd in
het programma worden weergegeven en niet de
verlopen tijd.
Op het rechterscherm ziet u tevens uw hartslag
[PULSE] wanneer u de pulssensor in de hand-
greep of die op de borst gebruikt. Bovendien zal
tijdens hartslagprogramma’s op het rechterscherm
uw hartslag in een balk worden weergegeven als
een percentage van uw geschatte maximum hart-
slag (zie stap 3 op pagina 17 voor een uitleg over
uw geschatte maximum hartslag). Als bijvoorbeeld
vier tot zes segmenten van de balk verschijnen,
geeft dit aan dat uw hartslag tussen 60% en 70%
ligt van uw geschatte maximum hartslag.
Opmerking: Het bedieningspaneel kan snelheid
en afstand in mijlen of kilometers weergeven. De
letters
MPH
(mijl per uur) of
Km/H
(km per uur)
zullen op het rechterscherm verschijnen om aan
te geven welke meeteenheid is geselecteerd. Als
u de meeteenheid wilt wijzigen, kunt u het ge
-
deelte DE INFORMATIEMODUS/DEMOMODUS
op pagina 24 raadplegen. Om het eenvoudig te
maken, verwijzen alle instructies in dit ge
-
deelte naar mijlen.
Druk op de Stop knop, haal de sleutel uit het be-
dieningspaneel en steek de sleutel weer in om de
displays opnieuw in te stellen (te resetten).
Het meten van uw hartslag als u dat wilt.
Als u de borst-
pulssensor wilt
gebruiken, zie
p
agina 8. Om de
pols-sensor te
gebruiken moet
u eerst zorgen
dat u schone
handen heeft.
Ga vervolgens op de voetrails staan en houdt
de pols-sensor vast door uw handen op de meta-
len contactpunten te plaatsen.
Zorg dat u uw
handen niet beweegt. Wanneer uw puls is gevon-
den, zal het harvormige lampje op het rechter-
scherm flikkeren bij iedere hartslag, zullen één of
twee streepjes (– –) verschijnen en wordt vervol-
gens uw hartslag getoond.
Houdt de contactpun-
ten ongeveer 15 seconden vast voor het meest
zuivere resultaat.
Opmerking: De pulsbalk is alleen bedoeld om de
hartslag te meten. Gebruik de pulsbalk niet als
een handgreep. Houd altijd de handrails vast
voor ondersteuning wanneer u niet uw hart-
slag meet.
Zet desgewenst de ventilatoren aan.
Druk op de knop onder de ventilator om de venti-
lator aan te zetten. Om de ventilator op volle
sterkte te laten draaien druk nogmaals op de
knop. Druk, om de ventilator uit te schakelen, een
derde keer op de knop. Opgelet: De ventilator zal
een paar minuten nadat de loopband tot stilstand
is gekomen automatisch uitgaan.
Haal de sleutel uit het bedieningspaneel wan-
neer u klaar bent met uw oefening.
Ga op de voetkussentjes staan, druk op de Stop-
toets en stel de hellingstand in de laagste posi-
tie. De helling van de loopband moet zich in de
laagste stand bevinden wanneer u de loop
-
band wilt opbergen anders kan de loopband
beschadigd worden. Haal vervolgens de sleutel
uit het bedieningspaneel en bewaar deze op een
veilige plek. Opgelet: Het bedieningspaneel be
-
houdt de “demo” instelling wanneer de dis-
plays en indicatoren blijven branden nadat u
de sleutel heeft uitgetrokken. Zie pagina 24 om
de demo instelling uit te schakelen.
De aan/uit knop bij het snoer van de loopband in de
uit positie zetten wanneer u klaar bent met uw oefe-
ning en de stekker uit het stopcontact trekken.
8
7
6
Contactpunten
Hartslagbalk
2. Houd het onderstel van de loopband stevig vast met uw
l
inkerhand. Trek met uw rechterhand aan de veerslot-
knop aan de rechterkant en houd deze vast. Til de loop-
band op tot de pin op de veerslotknop gelijk is aan het
gat in de linkerhandgreep. Laat nu langzaam de veerslot-
knop los. Controleer of de veerslotknop volledig los
is, zodat de pin helemaal in het gat in de linkerhand-
greep kan worden geschoven.
Leg een matje onder de loopband om uw vloerbedek-
king te beschermen. Houdt de loopband uit direct
zonlicht. Berg de loopband nooit op in een omgeving
waar de temperatuur hoger dan 30° C.
HOE DE LOOPBAND TE VERPLAATSEN
Voordat u de loopband kunt verplaatsen moet u eerst de
loopband inklappen zoals hierboven is beschreven.
Controleer of de pin op de veerslotknop helemaal in het
gat in de linkerhandgreep is geschoven.
1. Pak de uiteinden van de handleuningen vast zoals aange-
geven en plaats een voet tegen het wiel.
2. Kantel de loopband tot deze vrij kan rollen op de voorwiel-
tjes. Verplaats de loopband voorzichtig naar de gewenste
plaats.
Wees heel voorzichtig tijdens het verplaatsen
van de loopband zodat u het risico op persoonlijk let-
sel voorkomt. Verplaats de loopband niet over een
oneffen ondergrond.
3. Plaats een voet tegen een van de wielen en laat de loop-
band voorzichtig zakken tot de onderkant in de opslag-
stand rust.
HOE DE LOOPBAND UIT TE KLAPPEN
1. Zie afbeelding 2 hierboven. Houd het frame van de loopband stevig vast met uw linkerhand. Trek de veerslot-
knop naar rechts. Draai de loopband naar beneden tot de pin op de veerslotknop onder de handgreep is. Laat
langzaam de veerslotknop los
.
2. Zie afbeelding 1 op pagina 24. Houdt de loopband met beide handen goed vast en laat de loopband op de
vloer zakken. Buig door uw knieën en houdt u rug recht om het risico op persoonlijk letsel te vermijden.
Basis
Voorwiels
Veerslot-
knop
Pin
Pin
Onderstel
Veer-
s
lot-
knop
Handgreep
Handgreep
2
De sleutel goed in het bedieningspaneel ste-
ken.
Zie HOE DE STROOM IN TE SCHAKELEN op
pagina 11.
Een van de drie vooraf ingestelde pro-
gramma’s kiezen.
Als u een standaard programma wilt selecteren,
drukt u herhaaldelijk op de knop Speed & Incline
Programs (Snelheids- en hellingsprogramma's).
Op het rechterscherm wordt getoond welk pro-
gramma (P1 tot P16) is geselecteerd. Opmerking:
De diagrammen bovenaan het bedieningspaneel
tonen hoe de snelheid en helling van de loopband
zullen veranderen tijdens de programma's.
Wanneer een standaard programma wordt gese-
lecteerd, zal op het linkerscherm de maximum in-
stelling voor de helling een paar seconden flikke-
ren en op het rechterscherm de maximum instel-
ling voor de snelheid. Op het linkerscherm wordt
weergegeven hoe lang het programma zal duren.
Bovendien zal de matrix op het linkerscherm de
eerste zeven snelheidsinstellingen van het pro-
gramma weergeven.
Op de Start-toets of de Snelheid + toets druk-
ken om het programma te starten.
Even nadat u op de toets drukt zal de loopband
automatisch de eerste snelheid en hellingstand
van het programma instellen. Houdt u vast aan de
handleuningen en begin te oefenen.
Ieder programma wordt in meerdere segmenten
verdeeld, die verschillen in tijd.
Ieder segment
heeft één instelling voor de helling en voor de
snelheid. Opmerking: dezelfde snelheid en/of hel
-
ling instelling(en) kan/kunnen voor twee of meer
-
dere opeenvolgende
segmenten worden ge-
p
rogrammeerd.
De snelheid van het eer-
s
te segment zal aange-
geven worden in de eer-
ste kolom van het Huidig
Segment van de piste,
welke opflik kert. (De helling instelling wordt niet op
de piste aangegeven). De snelheidsinstellingen
voor de volgende zeven segmenten worden in de
kolommen rechts weergegeven.
De kolom van het Huidig Segment en de eerste
kolom rechts zullen opflikkeren wanneer er nog
maar drie seconden overblijven in het eerste seg-
ment. Er klinkt een serie geluidssignalen.
Bovendien zullen de het linkerscherm en/of het
rechterscherm opflikkeren en zult U ook drie
tonen horen wanneer de snelheid en de helling
van de loopband gaan veranderen. Wanneer het
eerste segment voltooid is
zullen alle instellingen
een kolom naar links verplaatst worden.
De snel-
heid voor het tweede segment wordt dan in de
kolom van het Huidig Segment (welke opflikkert)
aangegeven. De snelheid en de helling van de
loopband zullen zich automatisch aan het tweede
segment aanpassen. Opmerking: als alle lampjes
in de kolom voor het huidige segment branden
nadat de snelheidsinstellingen naar links zijn ver-
plaatst,
bewegen de snelheidsinstellingen omlaag
zodat alleen de hoogste indicatoren in het pro-
grammadisplay worden getoond. Als niet alle
lampjes in de kolom voor het Huidige Segment
branden wanneer de snelheidsinstellingen weer
naar links worden verplaatst, bewegen de snel-
heidsinstellingen weer naar boven.
Het programma gaat door totdat de snelheidsin-
stellingen voor het laatste segment worden weer-
gegeven in de kolom voor het Huidige Segment
en er geen tijd resteert. De loopband komt dan
langzaam tot stilstand.
U kunt wanneer de snelheids- of de hellingsinstel
-
ling op enig moment tijdens het programma te
hoog of te laag is deze handmatig bijstellen door
op de Snelheids of Hellingstoetsen te drukken.
Een bijkomende indicator zal gaan branden of uit-
gaan in de kolom van het Huidig Segment wan-
neer u een paar keer op de Snelheid toetsen drukt.
(Als in enig van de kolommen rechts van de kolom
van het Huidig Segment evenveel indicatoren opf-
likkeren als in de kolom van het Huidig Segment
dan kan nog een indicator gaan branden of uit
-
gaan in die kolommen.) Opgelet: De loopband
zal wanneer het volgend segment van het pro-
gramma start automatisch de snelheid en de
helling voor het volgende segment instellen.
3
2
1
13
Kolom vanhet
H
uidig Segment
Matrix
24
DE INFORMATIE INSTELLING/DEMO INSTELLING
H
et bedieningspaneel biedt een informatie instelling
die het aantal gebruikte uren op de loopband en het
a
antal gelopen mijlen op de loopband bijhoudt. In de
informatiemodus kunt u ook mijlen of kilometers als
meeteenheid selecteren en kunt u de demomodus in-
of uitschakelen.
Houdt de Stop-toets ingedrukt terwijl u de sleutel in het
bedieningspaneel steekt om de informatie instelling te
kiezen. De volgende informatie wordt weergegeven
wanneer u de informatie instelling gekozen heeft:
Op het linkerscherm zal het
totaal aantal uren worden
weergegeven dat de loop-
band is gebruikt.
Op het rechterscherm zal het totaal aantal mijlen (of ki-
lometers) worden weergegeven dat de loopband heeft
gedraaid. Bovendien zal op het rechterscherm de letter
"E" voor Engelse mijlen of de letter "M" voor metrische
kilometers worden weergegeven. Druk op de Snelheid
+ toets om van eenheid te veranderen.
BELANGRIJK: Als de letter "d" op het rechterscherm
verschijnt, is de "demomodus" geselecteerd. Het bedie-
n
ingspaneel is in de demo instelling wanneer een “d” op
de display verschijnt. Deze instelling is alleen bedoeld
v
oor demonstraties in een winkel. Wanneer het snoer is
ingestoken en het bedieningspaneel de demo instelling
aangeeft kan de sleutel uit het bedieningspaneel wor-
den genomen, de displays plus indicatoren zullen auto-
matisch in een zekere volgorde oplichten. De toetsen
van het bedieningspaneel zullen nochtans niet werken.
Druk op de Snelheid – toets wanneer een “d” op de
Calorieën/Hartslag indicator verschijnt en de demo
instelling gekozen wordt zodat de display blank is.
Haal de sleutel uit het bedieningspaneel om de infor-
matie instelling te verlaten.
HOE HET KUSSEN (SCHOK)-SYSTEEM BIJ TE
STELLEN
De loopband bevat
een regelbaar kus
-
sen (schok)-sys-
teem die het schok-
effect vermindert
als u op de loop-
band loopt of rent.
Draai de bijstelknop
tegen de klok in om
de hardheid van
het loopplatform te
verhogen. Draai de bijstelknop met de klok mee om de
hardheid te verminderen. Opgelet: Hoe sneller u loopt
of hoe meer u weegt hoe harder het schok systeem
moet zijn.
Bijstelknop
DE LOOPBAND INKLAPPEN EN VERPLAATSEN
HOE DE LOOPBAND IN TE KLAPPEN
Stel de helling in de laagste stand voordat u de loop-
band inklapt. U kunt als u dit niet doet de loopband voor
altijd beschadigen. De stekker uit het stopcontact.
WAARSCHUWING: U moet zeker 20 kg kunnen tillen om
de loopband te kunnen uitklappen, inklappen of ver-
plaatsen.
1. Houdt de loopband vast op de rechts aangegeven plaat-
sen. Buig door uw knieën en houdt uw rug recht om
persoonlijk letsel te vermijden. Zorg ervoor dat u de
kracht van uw benen gebruikt in plaats van uw rug
om de loopband te tillen.
Til de loopband half omhoog.
1
HOE VOORAF INGESTELDE PROGRAMMA’S TE
GEBRUIKEN
14 23
Druk op de Stop-toets om het programma tijdelijk
te stoppen. De tijd zal beginnen te flikkeren op het
l
inkerscherm. De loopband zal met een snelheid
van 1 mph beginnen te draaien. De loopband zal
w
anneer het volgend segment van het pro-
gramma start automatisch de snelheid en de hel-
ling van het volgende segment instellen
U
w vordering op de displays volgen.
Zie stap 5 op pagina 11.
Het meten van uw hartslag als u dat wilt.
Zie stap 6 op pagina 12.
Zet desgewenst de ventilatoren aan.
Zie stap 7 op pagina 12.
Haal de sleutel uit het bedieningspaneel wan-
neer u klaar bent met uw oefening.
Zorg ervoor dat
wanneer het programma eindigt
d
e helling van de loopband op de laagste stand
staat.
Haal vervolgens de sleutel uit het bediening-
spaneel en bewaar deze op een veilige plek.
Opgelet: Het bedieningspaneel blijft in de
“demo” instelling wanneer de displays en indi-
catoren blijven branden nadat u de sleutel uit
het bedieningspaneel heeft gehaald. Zie pagina
24 om de demo instelling uit te schakelen.
De aan/uit knop bij het snoer van de loopband in
de uit positie zetten wanneer u klaar bent met uw
oefening.
7
6
5
4
HOE DE PROGRAMMA’S DIRECT VAN ONZE
WEBSITE TE GEBRUIKEN
Om deze programma’s van onze website te gebruiken
moet de loopband aangesloten zijn op uw computer.
Zie HOE OP UW COMPUTER AAN TE SLUITEN op
pagina 21. Bovendien moet U een internet aansluiting
en een provider hebben. Een lijst met specifieke sys-
teemvereisten kunt u op onze website vinden.
Volg de stappen hieronder om een programma van
onze website te gebruiken.
De sleutel goed in het bedieningspaneel steken.
Zie HOE DE STROOM IN TE SCHAKELEN op
pagina 11.
De iFIT.com instelling kiezen.
Druk de iFIT.com toets om de iFIT.com van inter-
net te gebruiken. De indicator op de toets zal gaan
branden.
Naar uw computer gaan en de internetverbin-
ding starten.
Start, mocht dat nodig zijn, uw web browser en
ga naar onze website www.iFIT.com.
Het gewenste programma van onze website
kiezen.
Lees en volg on line de programma instructies.
De on line instructies volgen en het pro-
gramma starten.
Wanneer u met een programma start begint een
aftelprocedure op uw scherm.
Ga naar uw loopband terug en stap op de voet-
kussentjes. Zoek naar de klip, die aan de sleu
-
tel vastzit en maak de klip aan de tailleband
van uw kleding vast.
Wanneer de aftelprocedure voorbij is zal Uw pro
-
gramma beginnen en de loopband gaan draaien.
Houdt u vast aan de handleuningen, stap op de
band en begin te oefenen. U zult tijdens het pro-
gramma een “piep” geluid horen wanneer de snel-
h
eid en/of de helling instelling gaat/gaan verande-
ren. OPGELET: Luister naar het “piep” geluid
e
n bereidt u er op voor dat de snelheid en/of
hellingstand van de loopband gaat/gaan veran-
deren.
U kunt de instellingen handmatige bijstellen door
op de Snelheid of Helling knopen van het bedie-
ningspaneel te drukken wanneer de snelheid of
helling instellingen te hoog of te laag zijn.
Echter,
wanneer u een “piep” geluid hoort zullen de
snelheid en/of de helling stand veranderen in
de eerstvolgende instellingen van het pro-
gramma
.
Druk op de Stop-toets van het bedieningspaneel
wanneer u de loopband wilt stoppen. Het linker-
scherm zal opflikkeren. Druk op de Start-toets of
de Snelheid + toets om het programma weer op-
nieuw te starten. De loopband begint met een
snelheid van 1 mph te draaien.
Bij het volgende
“piep” geluid zal de snelheid en/of de helling
veranderen en zich bij de volgende segment
instelling van het programma aanpassen.
Nadat de CD of video programma is beëindigd zal
de loopband tot stilstand komen en zal de het lin-
kerscherm opflikkeren. Opgelet: Om een ander
programma te gebruiken moet u op de Stop-toets
drukken en stap 5 raadplegen.
Opgelet: Zorg ervoor als de snelheid of de hel-
ling van de loopband niet verandert wanneer u
het “piep” geluid hoort dat de iFIT.com indica-
tor aan is en dat de het linkerscherm niet opf-
likkert. Zorg er bovendien voor dat het audio
snoer juist is aangesloten, goed in de plug zit
en dat het snoer niet om het electriciteitssnoer
gewikkeld is.
Uw vordering op de displays volgen.
Zie stap 5 op pagina 11.
De sleutel uit het bedieningspaneel halen wan-
neer het programma eindigt.
Zie stap 7 op pagina 14.
9
8
7
6
5
4
3
2
1
22 15
U kunt de instellingen handmatige bijstellen door
op de Snelheid of Helling knopen van het bedie-
n
ingspaneel te drukken wanneer de snelheid of
helling instellingen te hoog of te laag zijn.
Echter,
w
anneer u een "piep" geluid hoort zullen de
snelheid en/of de helling stand veranderen in
de eerstvolgende instellingen van het pro-
gramma
.
Druk op de Stop-toets van het bedieningspaneel
wanneer u de loopband wilt stoppen. De tijd begint
dan te knipperen op het hoofddisplay. Druk op de
Start-toets of de Snelheid + toets om het pro-
gramma weer opnieuw te starten. Direct begint de
loopband met een snelheid van 1,0 mph te
draaien.
Bij het volgende “piep” geluid zal de
loopband de snelheid en/of de helling verande-
ren en zich bij de volgende segment instelling
van het CD of video programma aanpassen.
Nadat de CD of video programma eindigt zal de
loopband tot stilstand komen en zal de tijd begint
dan te knipperen op het hoofddisplay. Opgelet:
Om een andere CD of video programma te gebrui-
ken moet u de Stop-toets drukken of de sleutel uit
het bedieningspaneel halen en stap 1 op pagina
22 raadplegen.
Opgelet: Als de snelheid of de helling van de
loopband niet verandert wanneer u het “piep”
geluid hoort:
Zorg er dan voor dat de indicator naast de
iFIT.com indicator aan is en dat de tijd begint
dan te niet knipperen op het hoofddisplay.
Druk op de Start-toets of de Snelheid + toets
van het bedieningspaneel wanneer de tijd op-
flikkert.
Stel de volume van uw CD speler of video bij.
Het kan zijn dat het bedieningspaneel het sig-
n
aal van het programma niet ontvangt omdat
de geluidssterkte van de CD speler of video
t
e hoog of te laag is.
Zorg ervoor dat het audio snoer juist is aan-
gesloten, goed in de plug zit en niet om het
electriciteitssnoer gewikkeld is.
• Plaats de CD speler op de vloer of op een
vlakke ondergrond in plaats van op het bedie-
ningspaneel wanneer de CD speler overslaat.
Uw vordering op de displays volgen.
Zie stap 5 op pagina 11
Uw hartslag meten als u dat wilt.
Zie stap 6 op pagina 12.
Zet desgewenst de ventilatoren aan.
Zie stap 7 op pagina 12.
De sleutel uit het bedieningspaneel halen wan-
neer het programma eindigt.
Zie stap 7 op pagina 14.
OPGELET: Haal altijd de iFIT.com videocasset-
tes uit uw video speler wanneer u ze niet ge-
bruikt.
8
7
6
5
D
e sleutel goed in het bedieningspaneel ste-
ken.
Zie HOE DE STROOM IN TE SCHAKELEN op
pagina 11.
Een van uw eigen programma’s kiezen.
Als u een aangepast programma wilt selecteren,
drukt u herhaaldelijk op de knop Custom
Programs (Aangepaste programma’s) tot "P19" of
"P20" op het rechterscherm verschijnt.
Als het aangepaste programma nog niet is gedefi-
nieerd, zullen één of drie kolommen met indica-
tors verschijnen in de matrix op het linkerscherm.
Raadpleeg HOE UW EIGEN PROGRAMMA TE
GEBRUIKEN op pagina 16 wanneer er meer
dan drie kolommen met indicatoren branden.
Druk op de Start-toets of de Snelheid + toets
en stel de gewenste snelheid en helling instel-
ling.
Even nadat u op de toets heeft gedrukt zal de
loopband beginnen te draaien. Houdt u vast aan
de handleuningen en begin te oefenen.
Zie de matrix op het linkerscherm. Ieder segment
heeft één instelling voor
de helling en voor de
s
nelheid. De snelheid
van het eerste segment
z
al in de eerste kolom
van het Huidig Segment
van het piste opflikkeren.
(De helling instelling
wordt niet op de piste
aangegeven.) Om een snelheid en een helling in-
stelling voor uw eerste segment te programmeren
stelt U gewoon de snelheid en de helling van de
loopband in door op de Snelheid en de Helling
toetsen te drukken. Iedere keer als op de snel-
heidstoetsen wordt gedrukt zal een bijkomende in-
dicator oplichten of doven in de kolom Huidig
Segment.
De snelheid en de helling instellingen zullen in het
geheugen worden opgeslagen wanneer het eerste
segment van het programma voltooid is.
De drie
kolommen met indicatoren zullen dan een kolom
naar links verplaatst worden
en de snelheid en
helling instelling zullen in de kolom van het Huidig
Segment opflikkeren. Programmeer een snelheid
en helling instelling voor het tweede segment
zoals hierboven is beschreven.
Ga door met het programmeren van snelheid en
helling instellingen voor het aantal gewenste seg-
menten. U programma kan uit veertig segmenten
bestaan. Druk twee keer op de Stop-toets wan-
neer u klaar bent met uw oefening. De snelheids-
en hellingsinstelling die u geprogrammeerd hebt
en het aantal geprogrammeerde segmenten zul-
len dan in het geheugen worden opgeslagen.
De sleutel uit het bedieningspaneel halen wan-
neer het programma eindigt.
Zie stap 7 op pagina 14.
4
3
2
1
Matrix
Huidig Segment
HOE UW EIGEN PROGRAMMA SAMEN TE
STELLEN
H
OE UW EIGEN PROGRAMMA TE GEBRUIKEN
D
e sleutel goed in het bedieningspaneel steken.
Zie HOE DE STROOM IN TE SCHAKELEN op
pagina 11.
E
en van uw eigen programma’s kiezen.
Om een eigen programma te kiezen druk meer-
dere keren op de Kies Programma toets totdat
een “P 19” of “P 20” in de het rechterscherm ver-
schijnt.
Wanneer een aangepast programma wordt gese-
lecteerd, zal op het linkerscherm de maximum in-
stelling voor de helling een paar seconden flikke-
ren en op het rechterscherm de maximum instel-
ling voor de snelheid. Op het linkerscherm wordt
weergegeven hoe lang het programma zal duren.
Bovendien zal de matrix op het linkerscherm de
eerste snelheidsinstellingen van het programma
weergeven.
Opgelet: Raadpleeg HOE UM EIGEN
PROGRAMMA SAMEN TE STELLEN op pagina
15 wanneer er maar 3 indicator kolommen in de
piste branden.
Op de Start-toets of de Snelheid + toets druk-
ken om het programma te starten.
Even nadat u op de toets drukt zal de loopband
automatisch de eerste snelheid en hellingstand
van het programma instellen. Houdt u vast aan de
handleuningen en begin te oefenen.
Ieder programma wordt in meerdere segmenten
verdeeld, die verschillen in tijd. Ieder segment heeft
één instelling voor de helling en voor de snelheid.
De snelheid van het eer-
ste segment zal aange-
geven worden in de eer-
ste kolom van het
Huidig Segment van de
piste, welke opflik kert.
(De helling instelling
wordt niet op de piste
aangegeven). De snel-
heidsinstellingen voor de verschillende segmenten
worden in de kolommen rechts weergegeven.
Wanneer er nog maar drie seconden over blijven
in het eerste segment van het programma zullen
beide kolommen van het Huidige Segment en de
kolom rechts opflikkeren, een aantal tonen zullen
klinken, de instellingen voor de snelheid en de hel-
ling zullen op het hoofdscherm flikkeren, en
alle
s
nelheids- instellingen zullen met een kolom naar
links opschuiven.
De snelheid voor het tweede
s
egment wordt dan in de kolom van het Huidig
Segment (welke opflikkert) aangegeven. De snel-
heid en de helling van de loopband zullen zich au-
tomatisch aan het tweede segment aanpassen.
Het programma gaat door totdat de snelheidsin-
stellingen voor het laatste segment worden weer-
gegeven in de kolom voor het huidige segment en
er geen tijd resteert. De loopband komt dan lang-
zaam tot stilstand.
U kunt als u dat wilt tijdens gebruik het programma
nogmaals bijstellen. Druk gewoon op de Snelheid
en Helling toetsen
om de snelheid en de hellings-
tand van het huidige segment aan te passen.
Deze nieuwe instellingen zullen in het geheugen
worden opgeslagen nadat het huidige segment vol-
tooid is. Om de tijdsduur van het programma te
verlengen
moet u eerst wachten totdat het pro-
gramma beëindigd is. Druk dan vervolgens op de
Start-toets en programmeer snelheid en helling in-
stellingen voor zoveel meer segmenten als U wenst.
Druk twee keer op de Stop-toets wanneer u het
aantal gewenste segmenten heeft toegevoegd.
Om
de tijdsduur van het programma te verminderen
moet u altijd tijdens het uitvoeren van het pro-
gramma twee keer op de Stop drukken.
Druk op de Stop-toets om het programma tijdelijk
te stoppen. De tijd zal beginnen te flikkeren op het
hoofdscherm. Om het programma te herstarten
druk dan op de Start-toets of de Snelheid + toets.
Om het programma te beëindigen, drukt u op de
knop Stop, verwijdert u de sleutel en steekt u
deze er weer in.
Uw vordering op de displays volgen.
Zie stap 5 op pagina 11.
Het meten van uw hartslag als u dat wilt.
Zie stap 6 op pagina 12.
Zet desgewenst de ventilatoren aan.
Zie stap 7 op pagina 12.
De sleutel uit het bedieningspaneel halen wan-
neer het programma eindigt.
Zie stap 7 op pagina 14
.
7
6
5
4
3
2
1
16 21
HOE OP UW VIDEO AAN TE SLUITEN
O
pgelet: Zie instructie A als uw video speler een
AUDIO OUT plug heeft die niet gebruikt wordt. Zie
i
nstructie B als de AUDIO OUT plug al in gebruik
is. Zie instructie B als u een televisie heeft met in-
gebouwde video speler. Zie HOE OP UW GELUIDS-
SYSTEEM AAN TE SLUITEN op pagina 20 als uw
video op uw geluidssysteem is aangesloten.
A. Steek het ene uiteinde van het audio snoer in de
plug aan de voorkant van de loopband bij het elec-
triciteitssnoer. Steek het andere uiteinde van het
snoer in de adapter. Steek de adapter in de AUDIO
OUT plug van uw video.
B. Steek het ene uiteinde van het audio snoer in de
plug aan de voorkant van de loopband bij het elec-
triciteitssnoer. Steek het andere uiteinde van het
snoer in de adapter. Steek de adapter in een RCA
Y-adapter (verkrijgbaar in elektronica winkels). Haal
vervolgens het snoer die nu in de AUDIO OUT plug
zit uit deze plug en steek deze in de Y-adapter.
Steek de Y-adapater in de AUDIO OUT plug van uw
video.
HOE DE IFIT.COM CD EN VIDEO PRORAMMA’S
T
E GEBRUIKEN
Om de iFIT.com CD’s of videocassettes te gebruiken
m
oet u de loopband op uw portable CD speler, portable
stereo, geluidssysteem, computer met CD speler of
video aansluiten. Zie HOE OP UW CD SPELER, VIDEO
OF COMPUTER AAN TE SLUITEN op pagina 19–21.
Opgelet: U kunt onze website www.iconeurope.com
bekijken en daar iFIT CD’s en video’s kopen.
Volg de stappen hieronder om een iFIT.com CD of
video programma te gebruiken.
De sleutel goed in het bedieningspaneel steken.
Zie HOE DE STROOM IN TE SCHAKELEN op
pagina 11.
De iFIT.com instelling kiezen.
De handmatige instelling wordt gekozen wanneer u
de sleutel in het bedieningspaneel steekt.. De indi-
cator boven de toets licht op.
De iFIT.com CD of videocassette insteken.
Als u een iFIT.com wilt gebruiken plaats de CD
dan in de CD speler. Als u een iFIT.com videocas-
sette wilt gebruiken, steek dan de videocassette in
uw video speler.
Op de PLAY-toets van uw CD speler of video
drukken.
Direct nadat u op de Play toets heeft gedrukt zal
uw persoonlijke trainer u helpen bij uw oefening.
Volg de instructies van uw trainer. Opgelet: De tijd
begint dan te knipperen op het hoofddisplay, druk
dan op de Start-toets of de Snelheid + toets van
het bedieningspaneel. De loopband reageert niet
op een cd- of videoprogramma wanneer de tijd
knippert.
U zult tijdens een CD of video programma een
“piep” geluid horen wanneer de snelheid en/of de
helling gaat/gaan veranderen.
OPGELET: Luister
naar het “piep” geluid en bereidt u er op voor
dat de snelheid en/of hellingstand van de loop-
band gaat/gaan veranderen. Het kan zijn dat in
sommige gevallen de snelheid en/of hellings-
tand kunnen veranderen voordat de persoon-
lijke trainer dat aangeeft.
4
3
2
1
Kolom van het
Huidig Segment
A
C
PHONES
LINE OUT
AUDIO OUT
RIGHT
LEFT
B
Audio
Snoer
Adapter
A
B
A
AUDIO OUT
RIGHT
LEFT
V
IDEO AUDIO
ANT. IN
R
F OUT
I
N
OUT
C
H
34
C
AUDIO OUT
RIGHT
LEFT
VIDEO AUDIO
ANT. IN
R
F OUT
I
N
O
UT
C
H
3
4
Audio
Snoer
Adapter
B
Snoer verwijderd uit
de AUDIO OUT plug
RCA Y-adapter
H
OE HARTSLAGPROGRAMMA'S TE GEBRUIKENM
De borstkas-sensor dragen.
U moet de borstpulssensor dragen (zie pagina
8) om het hartslagprogramma te kunnen ge-
bruiken.
De sleutel goed in het bedieningspaneel steken.
Zie HOE DE STROOM IN TE SCHAKELEN op
pagina 11.
Selecteer het op hartslag afgestemde pro-
gramma.
Als u een hartslagprogramma wilt selecteren,
drukt u herhaaldelijk op de knop Heart Rate
Control Programs (programma's voor hartslagre-
geling) tot "H17" of "H18" op het rechterscherm
verschijnt. Opmerking: De diagrammen bovenaan
het bedieningspaneel tonen hoe de doelhartslag
zal veranderen tijdens de programma's.
Tijdens het programma 85% Max zal uw hartslag
ongeveer 85% halen van uw geschatte maximum
hartslag. Tijdens het programma Self Select (Zelf
selecteren) zal uw hartslag dichtbij een niveau blij-
ven dat u selecteert. Opgelet: Uw geschatte maxi-
male hartslag wordt berekend door uw leeftijd van
220 af te trekken. Als uw leeftijd bijvoorbeeld 30 is
dan is uw maximale hartslag 190 (220 - 30 = 190).
Uw leeftijd invoeren.
Wanneer een hartslagprogramma wordt geselec
-
teerd, zal het woord
AgE
(Leeftijd) verschijnen op
het linkerscherm en zal de huidige leeftijdsinstel
-
ling beginnen te knipperen.
Druk gewoon op de
Enter toets wanneer u uw leeftijd al hebt ingevoerd.
Als u uw leeftijd nog niet hebt ingevoerd druk dan
o
p de + en - toetsen naast de Enter toets om uw lef-
tijd in te voeren. Druk vervolgens op de Enter toets.
Een maximum snelheid invoeren instelling.
Wanneer u uw leeftijd hebt ingevoerd, zullen de
letters
SPd
(Snelheid) verschijnen op het linker-
scherm en zal de maximum snelheidsinstelling
beginnen te knipperen. Als u dat wilt druk op de +
en – toetsen naast de Enter toets om de maximum
snelheidsinstelling in te stellen. Wanneer u de ge-
wenste instelling bereikt druk dan op de Enter toets.
Als het programma 85% Max is geselecteerd,
gaat u naar stap 7. Als het programma Self
Select (Zelf Selecteren) is geselecteerd, gaat u
naar stap 6.
Hoe een na te streven hartslag invoeren.
De letters
PLS
zullen verschijnen op het linker-
scherm en de doelhartslag voor het programma
zal beginnen te knipperen.
Als u dat wilt druk op
de + en – toetsen naast de Enter toets om de na
te streven hartslag instelling bij te stellen.
Wanneer u de gewenste instelling bereikt druk
dan op de Enter toets.
6
5
4
3
2
1
WAARSCHUWING: Gebruik
de programma’s voor de hartslag niet wan-
neer U hartklachten heeft of wanneer U ouder
dan 60 en niet actief bent. Bespreek met uw
h
uisarts, als u regelmatig medicijnen inneemt
of de medicijnen uw oefening voor de hartslag
kan beïnvloeden.
20 17
HOE OP UW GELUIDSSYSTEEM AAN TE SLUITEN
O
pgelet: Zie instructie A als uw systeem een LINE
OUT plug heeft die niet gebruikt wordt. Zie instruc-
t
ie B als de LINE OUT plug in gebruik is.
A. Steek het ene uiteinde van het audio snoer in de
plug aan de voorkant van de loopband bij het elec-
triciteitssnoer. Steek het andere uiteinde van het
snoer in de adapter. Steek de adapter in de LINE
OUT plug van uw systeem.
B. Steek het ene uiteinde van het audio snoer in de
plug aan de voorkant van de loopband bij het elec-
triciteitssnoer. Steek het andere uiteinde van het
snoer in de adapter. Steek de adapter in een RCA
Y-adapter (verkrijgbaar in elektronica winkels). Haal
vervolgens het snoer die nu in de LINE OUT plug zit
uit deze plug en steek deze in de Y-adapter. Steek
de Y-adapter in de LINE OUT plug van uw stereo.
HOE OP UW COMPUTER AAN TE SLUITEN
O
pgelet: Zie instructie A als uw computer van een
3,5 mm LINE OUT plug is voorzien. Zie instructie B
a
ls uw computer alleen een PHONES plug heeft.
A. Steek het ene uiteinde van het audio snoer in de
plug aan de voorkant van de loopband bij het elec-
triciteitssnoer. Steek het andere uiteinde van het
snoer in de LINE OUT plug van uw computer.
B. Steek het ene uiteinde van het audio snoer in de
plug aan de voorkant van de loopband bij het elec-
triciteitssnoer. Steek het andere uiteinde van het
snoer in de splitter. Steek de splitter in de PHONES
plug van uw computer. Steek uw koptelefoon in de
splitter.
B
A
LINE OUT
CD
VCR
Amp
L
INE OUT
CD
VCR
Amp
LINE OUT
Audio
Snoer
Adapter
A
A
PHONES
LINE OUT
B
Audio
Snoer
A
B
A
LINE OUT
CD
VCR
Amp
LINE OUT
CD
VCR
Amp
L
INE OUT
Audio
Snoer
RCA
Y-adapter
Snoer verwijderd uit
de LINE OUT plug
B
Adapter
A
PHONES
LINE OUT
B
Audio
Snoer
B
Splitter
Koptelefoon/Speakers
18
19
Druk op de Start-toets of de Snelheid + knop
om het programma te laten beginnen.
Direct nadat de knop is ingedrukt, zal de loopband
zich automatisch aanpassen aan de eerste snel-
h
eids- en hellingsinstellingen voor het pro-
gramma. Houd de leuning vast en begin te lopen.
Tijdens hartslagpro-
gramma’s zal de matrix
op het linkerscherm een
hartslagsymbool weer-
geven. Elke keer dat
een hartslag wordt ge-
detecteerd, zal een piek worden weergegeven.
Ieder programma is in verschillende tijdsegmen-
ten van verschillende lengte ingedeeld. Een na te
streven hartslag is voor ieder segment gepro-
grammeerd. Opgelet: Dezelfde na te streven hart-
slag is voor alle segmenten geprogrammeerd
wanneer Self Select (Zelf selecteren) gekozen
wordt.
Tijdens ieder segment zal het bedieningspaneel
uw hartslag geregeld vergelijken met de na te
streven hartslag. Wanneer uw hartslag veel lager
of hoger dan de na te streven hartslag is dan zal
de loopband automatisch sneller of langzamer
gaan draaien om uw hartslag dichterbij uw na te
streven hartslag aan te laten sluiten. De helling
van de loopband zal tevens automatisch omhoog
gaan wanneer de snelheid de maximale instelling
heeft bereikt (zie stap 5 op pagina 17) en uw hart-
slag nog steeds lager is dan uw na te streven
hartslag om zodoende uw hartslag dichter bij uw
na te streven hartslag aan te laten sluiten.
U zult gedurende de laatste drie seconden van
ieder segment een aantal tonen horen en de in-
stellingen voor de snelheid en de helling zullen op
de twee schermen flikkeren.
Het programma blijft doorgaan totdat het laatste
segment eindigt. De loopband zal dan langzaam
t
ot stilstand komen.
A
ls de snelheid of helling te hoog of te laag is,
kunt u deze instelling met de toetsen Snelheid en
Incline bijstellen. De snelheid en/of de hellings-
tand van de loopband zal/zullen echter, telkens
wanneer het bedieningspaneel uw hartslag met
uw ten doel gestelde hartslag instelling vergelijkt
automatisch toenemen of verminderen om uw
hartslag dichter bij uw ten doel gestelde hartslag
instelling te brengen.
Wanneer uw pols tijdens het programma niet ge-
meten kan worden dan zullen de letter PLS in de
het rechterscherm opflikkeren en zullen de snel-
heid en helling van de loopband automatisch toe-
nemen of verminderen totdat het programma uw
pols kan meten. Zie PROBLEMEN MET DE
BORSTKAS-SENSOR OPLOSSEN op pagina 8
wanneer dit voorkomt.
Druk op de Stop-toets om het programma wanneer
dan ook te stoppen. Programma’s voor de hartslag
mogen zouden echter niet tijdelijk gestopt en dan
weer gestart mogen worden. Om een programma
voor de hartslag opnieuw te gebruiken kies dan
weer het programma en begin bij het begin.
Uw vordering op de displays volgen.
Zie stap 5 op pagina 11.
Zet desgewenst de ventilatoren aan.
Zie stap 7 op pagina 12.
Haal de sleutel uit het bedieningspaneel wan-
neer u klaar bent met uw oefening.
Zie stap 7 op pagina 14.
9
8
7
Om de iFIT.com CD’s te kunnen gebruiken moet u
d
e loopband op uw portable CD speler, portable stereo,
geluidssysteem of computer (met CD speler) aanslui-
ten. Zie pagina’s 19 tot en met 20 voor instructies m.b.t.
aansluiting. Om de iFIT.com videocassettes te ge-
bruiken moet u de loopband op uw video speler aan-
sluiten. Zie pagina 21 voor instructies m.b.t. aansluiting.
Om de iFIT.com programma’s van internet op te
roepen moet u de loopband op uw computer aanslui-
ten. Zie pagina 20 voor instructies m.b.t. aansluiting.
HOE OP UW CD SPELER AAN TE SLUITEN
Opgelet: Zie instructie A als uw portable CD speler
van aparte LINE OUT en PHONES pluggen is voor-
zien. Zie instructie B als uw CD speler maar van
één plug is voorzien.
A. Steek het ene uiteinde van het audio snoer in de
plug aan de voorkant van de loopband bij het elec-
triciteitssnoer. Steek het andere uiteinde van het
snoer in de LINE OUT plug van uw CD speler.
Steek uw koptelefoon in de PHONES plug.
B.
Steek het ene uiteinde van het audio snoer in de
plug aan de voorkant van de loopband bij het elec-
triciteitssnoer. Steek het andere uiteinde van het
snoer in een splitter. Steek de splitter in de PHO
-
NES plug van uw CD speler. Steek uw koptelefoon
in de splitter.
HOE OP UW PORTABLE STEREO AAN TE SLUITEN
O
pgelet: Zie instructie A als uw stereo van een
AUDIO OUT plug is voorzien. Zie instructie B als
uw stereo van een 3,5 mm LINE OUT plug is voor-
zien. Zie instructie C als uw stereo alleen een PHO-
NES plug heeft.
A. Steek het ene uiteinde van het audio snoer in de
p
lug aan de voorkant van de loopband bij het elec-
triciteitssnoer. Steek het andere uiteinde van het
snoer in de adapter. Steek de adapter in de AUDIO
OUT plug van uw stereo.
B. Steek het ene uiteinde van het audio snoer in de
plug aan de voorkant van de loopband bij het elec-
triciteitssnoer. Steek het andere uiteinde van het
snoer in de LINE OUT plug van uw stereo.
C. Steek het ene uiteinde van het audio snoer in de plug
aan de voorkant van de loopband bij het electriciteits
-
snoer. Steek het andere uiteinde van het snoer in de
splitter. Steek de splitter in de PHONES plug van uw
stereo. Steek uw koptelefoon in de splitter.
A
LINE OUT
PHONES
LINE OUT
PHONES
B
PHONES
PHONES
Audio
Snoer
Koptele-
foon
A
A
C
PHONES
LINE OUT
AUDIO OUT
RIGHT
LEFT
B
Audio
Snoer
Adapter
A
A
C
PHONES
LINE OUT
AUDIO OUT
R
IGHT
LEFT
B
Audio
Snoer
B
Audio
Snoer
C
Splitter
Koptele-foon
H
OE DE LOOPBAND OP UW CD SPELER,
V
IDEO OF COMPUTER AAN TE SLUITEN
10
A
LINE OUT
P
HONES
L
INE OUT
PHONES
B
PHONES
PHONES
Audio
Snoer
Splitter
Koptele-foon
B
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18

ProForm PETL8514 de handleiding

Categorie
Loopbanden
Type
de handleiding