Atag HG 42 C de handleiding

Categorie
Kleine keukenapparatuur
Type
de handleiding
HG42..C
HG62..B
HG62..C
HG77..B
HG77..C
HG92..B
HG92..C
HG97..B
HG97..C
Handleiding Manual
Het toestel-identificatieplaatje bevindt zich aan de onderkant van het toestel.
e appliance identification card is located on the bottom of the appliance.
Plak hier het toestel-identificatieplaatje.
Stick the appliance identification card here.
Houd, wanneer u contact opneemt met de serviceafdeling,
het complete typenummer bij de hand.
When contacting the service department,
have the complete type number to hand.
Adressen en telefoonnummers van de serviceorganisatie vindt u op de garantiekaart.
You will find the addresses and phone numbers of the service organisation on the guarantee card.
700002804000
adjust thickness
NL / BE
Gebruiksaanwijzing 3 - 19
Installatievoorschrift 20 - 32
GB / IRL
Instructions for use 3 - 19
Installation guide 20 - 32
2
HANDLEIDING Inhoud
NL 3
Uw gaskookplaat
Inleiding 4
Beschrijving 5
Veiligheidsvoorschriften 6 - 7 - 8
Bediening
Ontsteken, instellen en vlambeveiliging 9 - 10
Extra eigenschappen elektronische vlambeveiliging 10 - 11
Comfortabel koken
De kookplaat optimaal gebruiken 12 - 13
Onderhoud
Algemeen 14 - 18
Statuscodes
Tabel 19
Storingen
Storingstabel 20 - 21
Installatievoorschrift
Algemeen 22 - 23
Inbouwen 24 - 32
Gastechnische gegevens 33
Bijlage
Afvoeren toestel en verpakking 34
Technische gegevens 34
NL 4
InleidingUW GASKOOKPLAAT
Deze gaskookplaat is ontworpen voor de echte kookliefhebber. De
verschillen in brandercapaciteit zorgen ervoor dat u ieder gerecht kunt
bereiden. Dankzij de in de knoppen geïntegreerde vonkontsteking
ontsteekt én bedient u de branders met één hand. Bij type HG77 en
HG97 blijven er door de ruime plaatsing van de wokbranders tijdens het
wokken minimaal 2 branders vrij voor het bereiden van andere gerechten.
Dit toestel voldoet aan alle eisen die gelden voor het Kookkeurmerk.
Dit betekent dat de gaskookplaat hoog rendement koppelt aan een
minimum aan onvolledige verbrandingsgassen. Hiermee beschikt u
over een toestel met korte aankooktijden, terwijl er ook uitstekend op
gesudderd kan worden.
De gaskookplaat is voorzien van een vlambeveiliging die ervoor zorgt dat
de gastoevoer gesloten wordt als de vlam tijdens het kookproces dooft.
In deze handleiding staat beschreven op welke manier u de gaskook-
plaat zo optimaal mogelijk kunt benutten. Naast informatie over de
bediening treft u ook achtergrondinformatie aan die u van dienst kan
zijn bij het gebruik van dit product.
Lees eerst de gebruiksaanwijzing geheel en aandachtig door
voordat u het apparaat gaat gebruiken en bewaar deze zorgvuldig
voor latere raadpleging.
De handleiding dient bovendien als referentie voor de servicedienst.
Plak daarom het los bijgeleverde gegevensplaatje in het daarvoor
bestemde kader, achter in de handleiding. Het gegevensplaatje bevat
alle informatie die de servicedienst nodig heeft om adequaat op uw
vragen te reageren.
Veel kookplezier!
Gebruikte pictogrammen
Belangrijk om te weten
Tip
NL 5
BeschrijvingUW GASKOOKPLAAT
2
1
2
3
6
5
HG42..C
2
1
2
3
6
5
HG62..B
2
1
2
3
6
HG62..C
5 7
1
1
3
3
6
5 7
HG92..B/C
2
4
2
3
6
5 7
HG97..B/C
1
2
4
1
3
6
5
HG77..B
2
4
1
3
6
5 7
HG77..C
2
Sudderbrander1.
Normaalbrander2.
Sterkbrander3.
Wokbrander4.
Pandrager5.
Vangschaal6.
Aan-/uittoets (bijv. HG62..C)7.
NL 6
UW GASKOOKPLAAT
Waar u op moet letten
Zorg voor voldoende ventilatie tijdens het gebruik.
Houd natuurlijke ventilatie-openingen open. º
Bij langdurig gebruik van de kookplaat is extra ventilatie º
noodzakelijk. Zet bijvoorbeeld een raam open of installeer een
mechanische ventilator.
Gebruik de kookplaat alleen voor het bereiden van gerechten.
Het toestel is niet geschikt om ruimtes te verwarmen. º
Flambeer nooit onder een afzuigkap.
Door de hoge vlammen kan brand ontstaan, ook bij een º
uitgeschakelde ventilator.
De branderdelen zijn heet tijdens en direct na het gebruik.
Vermijd directe aanraking en contact met niet-hittebestendige º
materialen.
Dompel hete branderdoppen en pandragers nooit onder º
in koud water. Door de snelle afkoeling kan het emaille
beschadigen.
De afstand van de pan tot een knop of niet-hittebestendige wand
moet altijd groter zijn dan twee centimeter.
Bij kleinere afstanden kunnen door de hoge temperatuur de º
knoppen of de wand verkleuren en/of vervormen.
Gebruik altijd de pandragers en geschikt kookgerei.
Plaats de pan altijd op de pandrager. Het plaatsen van de pan º
direct op de branderdop kan tot gevaarlijke situaties leiden.
Aluminium bakjes of folie zijn niet geschikt als kookgerei. Ze º
kunnen inbranden op de branderdoppen en pandragers.
Plaatsen van branderdelen en pandragers.
De kookplaat kan alleen goed functioneren wanneer de º
branderdelen via de geleidingsnokken in elkaar zijn gezet.
Zorg ervoor dat de pandragers recht tegen elkaar en vlak op º
de RVS-vangschaal liggen. Alleen op deze manier kunnen de
pannen stabiel geplaatst worden.
Veiligheidsvoorschriften
NL 7
UW GASKOOKPLAAT Veiligheidsvoorschriften
Veilig gebruik
Het apparaat wordt heet tijdens gebruik en blijft dit enige tijd na
uitschakeling. Raak het apparaat daarom niet aan zolang het heet is.
Trek altijd ovenwanten aan of gebruik pannenlappen als u met het
apparaat werkt.
Zorg ervoor dat ovenwanten of pannenlappen niet te dicht bij º
de vlam komen.
Verwarm geen dichte blikken en dergelijke op de kookplaat.
Er ontstaat een overdruk waardoor de blikken uiteenspatten. º
U kunt zich hierdoor verwonden/verbranden.
Het apparaat mag niet in de buitenlucht geplaatst en gebruikt
worden.
Gebruik het apparaat niet als werkblad.
Het apparaat kan per ongeluk worden ingeschakeld of nog heet º
zijn, waardoor voorwerpen kunnen smelten, heet worden of
vlam vatten.
Dek het apparaat nooit af met een doek of iets dergelijks.
Als het apparaat nog heet is of wordt ingeschakeld, bestaat er º
brandgevaar.
Wees extra voorzichtig wanneer u met olie of vetten werkt.
Oververhitte olie of vetten kunnen vlam vatten. Brandgevaar! º
Mocht het vet of olie vlam vatten, gebruik dan nooit water º
voor het blussen!
Doof de vlammen met een geschikte deksel, een vochtige doek º
of iets dergelijks.
Wanneer onder het apparaat een lade zit, zonder tussenbodem,
mogen daarin geen licht ontvlambare voorwerpen/stoffen worden
bewaard.
UW GASKOOKPLAAT
NL 8
Veiligheidsvoorschriften
Kinderen
Het apparaat is niet bedoeld voor gebruik door hulpbehoevenden,
kleine kinderen en/of personen met gebrek aan ervaring en kennis,
tenzij zij goede begeleiding krijgen of geïnstrueerd zijn in het veilig
gebruiken van het apparaat door een persoon die verantwoordelijk
is voor hun veiligheid.
Laat kinderen nooit met het apparaat spelen. Zorg dat kinderen zich
niet zonder toezicht in de buurt van het apparaat bevinden.
Het apparaat wordt tijdens het gebruik heet en blijft enige tijd heet
na uitschakeling.
Bewaar geen voorwerpen in kastjes boven of achter het apparaat die
voor kinderen interessant zijn.
Kinderen kunnen verbrandingen oplopen als zij pannen van het
apparaat trekken. Bij de vakhandelaar is een speciaal rek verkrijgbaar
dat ervoor zorgt dat kinderen niet meer bij het apparaat kunnen.
Wanneer de veiligheidsinstructies en waarschuwingen niet worden
opgevolgd, kan de fabrikant niet aansprakelijk worden gesteld voor
de schade die daarvan het gevolg is.
NL 9
BEDIENING Ontsteken, instellen en vlambeveiliging
Ontsteken en instellen
Elke brander kan traploos worden geregeld tussen vol- en kleinstand.
1. 0-stand
2. Zone-aanduiding
3. Kleinstand
4. Volstand
Vlambeveiliging
Uw gaskookplaat is uitgerust met vlambeveiliging. Deze zorgt ervoor
dat de gastoevoer gesloten wordt als de vlam tijdens het kookproces
dooft.
Bediening thermische vlambeveiliging
(HG62..B/HG77..B/HG92..B/HG97..B)
Druk de bedieningsknop in en draai deze linksom. Houd de
bedieningsknop, in volstand, ongeveer 3 seconden ingedrukt nadat de
brander is ontstoken.
De vlambeveiliging schakelt in.
1
3
2
4
1
3
2
4
HG62..B/HG77..B/HG92..B/HG97..B
HG62..C/HG77..C/HG92..C/HG97..C
NL 10
Bediening elektronische vlambeveiliging
(HG62..C/HG77..C /HG92..C/HG97..C)
Druk de centrale aan-/uittoets in.
De knop licht groen op.
Draai daarna de gewenste bedieningsknop linksom. U hoeft de knop
niet ingedrukt of vast te houden.
De brander ontsteekt direct. De vlambeveiliging controleert of er een vlam
aanwezig is.
Indien na het koken alle regelknoppen op de 0-stand staan, gaat de
centrale aan-/uittoets automatisch uit na 3 minuten.
Frontbediening
(HG42..C)
Druk de bedieningsknop op de oven of het bedieningspaneel in en
draai deze linksom naar de ontsteekzone.
De brander ontsteekt direct. De vlambeveiliging schakelt in.
U hoeft de knop niet ingedrukt of vast te houden.
Deze kookplaat is tevens voorzien van herontsteking en kookduur-
begrenzing
Extra eigenschappen elektronische vlambeveiliging (HG62..C/HG77..C/HG92..C/HG97..C)
Wanneer uw gaskookplaat uitgerust is met elektronische vlam-
beveiliging, kunt u gebruik maken van de volgende functies:
Herontsteking
Wanneer de vlam gedoofd wordt tijdens het kookproces wordt auto-
matisch geprobeerd om de vlam weer tot stand te brengen.
Wanneer daarna binnen 10 seconden geen vlam wordt waargenomen,
wordt de gastoevoer naar de brander afgesloten.
Noodstop
Wanneer u de gaskookplaat in één keer uit moet schakelen kan dat
door de centrale aan-/uittoets in te drukken.
BEDIENING Ontsteken, instellen en vlambeveiliging
NL 11
Ontsteken, instellen en vlambeveiligingBEDIENING
Kinderslot
U kunt de gaskookplaat vergrendelen. Onbedoeld ontsteken van de
branders wordt hiermee voorkomen.
De gaskookplaat is te ver-/ontgrendelen door de aan-/uittoets
5 seconden in te drukken.
Tijdens het koken kunt u het kinderslot niet inschakelen.
Kookduurbegrenzing
Als een brander gedurende een ongebruikelijk lange tijd (ca. 6 uur)
aan is, wordt deze automatisch uitgeschakeld.
Statuscodes
De status van de gaskookplaat wordt weergegeven door de verlichting
in de aan-/uittoets. In het overzicht op pagina 17 leest u welke code
bij welke status hoort.
NL 12
De kookplaat optimaal gebruikenCOMFORTABEL KOKEN
De kookplaat optimaal gebruiken
Zorg er altijd voor dat de vlammen onder de pan blijven. Als
vlammen om de pan heen spelen gaat veel energie verloren. Bovendien
kunnen de handgrepen dan te heet worden. Gebruik geen pannen
met een kleinere bodemdiameter dan 12 cm. Deze staan niet stabiel.
(Roer)bakken, doorkoken van grote hoeveelheden en frituren kunt
u het beste op de sterk- of wokbrander.
Gebruik de sudderbrander voor het bereiden van sauzen, sudderen
en doorkoken van gerechten. Op de volstand is deze brander groot
genoeg voor het doorkoken.
Kook met het deksel op de pan. U bespaart dan tot 50% energie.
Gebruik pannen met een vlakke, schone en droge bodem. Pannen
met een vlakke bodem staan stabiel en pannen met een schone
bodem dragen de warmte beter over op het gerecht.
Wokbrander (bij type HG77 en HG97)
Met de wokbrander kunt u gerechten op een zeer hoge temperatuur
bereiden. Het is hierbij van belang dat u:
van te voren de ingrediënten in reepjes, plakjes of stukjes snijdt;
bij het roerbakken olie van goede kwaliteit gebruikt, zoals olijf-,
maïs-, zonnebloem- of arachideolie. Een klein beetje is al genoeg.
Boter en margarine verbranden door de grote hitte;
de gerechten met de langste bereidingstijd het eerst in de pan
doet, zodat aan het eind van de bereidingstijd alle ingrediënten
tegelijk (beet)gaar zijn.
Fout
Goed
NL 13
Gebruik van het wok-hulprooster
Het hulprooster dat ten behoeve van de wokbrander is meegeleverd,
of als accessoire verkrijgbaar is, zorgt voor extra stabiliteit bij een wok
met een ronde bodem.
Het wok-hulprooster valt met speciale uitsparingen over de standaard
wok-pandrager.
De kookplaat optimaal gebruikenCOMFORTABEL KOKEN
NL 14
Algemeen
Uw toestel is vervaardigd uit hoogwaardige materialen, die u
eenvoudig reinigt.
Regelmatig onderhoud direct na gebruik voorkomt dat over-
gekookt voedsel lange tijd kan inwerken en hardnekkige, moeilijk
te verwijderen vlekken veroorzaakt. Gebruik hiervoor een mild
reinigingsmiddel. Gebruik niet te veel vocht, aangezien dit de
brander of ventilatie-openingen kan binnendringen.
Reinig eerst de bedieningsknoppen, branders en pandragers en
dan pas de RVS-vangschaal. Hiermee voorkomt u dat de RVS-
vangschaal tijdens het reinigen opnieuw vuil wordt.
Reinig de ontstekingsbougies bij voorkeur met een doekje.
Betracht hierbij wel enige voorzichtigheid. De bougie kan
hierdoor defect raken. De bougie werkt alleen goed in een droge
omgeving. Bij zware vervuiling kunt u de punt met een fijn
borsteltje reinigen.
Plaats de pandragers rechtstandig naar beneden, zonder over de
RVS-vangschaal te schuiven. Denkt u bij het plaatsen van de
pandragers aan de volgorde. De tekst ‘FRONT’ aan de onderzijde
van de pandragers dient voor verduidelijking bij het positioneren
(zie illustratie).
AlgemeenONDERHOUD
HG42/62 HG92 HG77/97
NL 15
AlgemeenONDERHOUD
Zet de branderdelen in elkaar met behulp van de geleidings-
nokken.
1. Branderdeksel buiten
2. Branderkop buiten
3. Branderkop en deksel
binnen
4. Branderring
5. Branderkelk
6. Bougie
7. ermokoppel
Wokbrander
1
2
3
4
5
6
7
1
2
3
4
1
2
3
4
5
6
7
1
2
3
4
Sudder-, normaal-
en sterkbrander
1. Branderkop
2. Branderkelk
3. Bougie
4. ermokoppel
NL 16
AlgemeenONDERHOUD
Hardnekkige vlekken op emaille (pandragers, branderdoppen en vangschalen)
Hardnekkige vlekken kunt u het beste verwijderen met een
vloeibaar reinigingsmiddel. Gebruik nooit schuurpoeders,
schuurpads, scherpe voorwerpen of agressieve reinigingsmiddelen.
Hardnekkige vlekken op roestvaststaal (vangschalen)
Met name overgekookte rode kool, rode bieten, ketjap, appel-
moes, rabarber en andere sterk suikerhoudende voedingsmiddelen
en zure vloeistoffen kunnen een verkleuring van het opper vlak
veroorzaken. Wanneer u hardnekkige vlekken op roestvast-
staal wilt verwijderen kunt u het beste een roestvaststaal reini-
gingsmiddel gebruiken. Poets dan wel altijd met de structuur
van het staal mee om glansplekken te voorkomen (schades die
hierdoor ontstaan vallen niet onder de garantie!).
Wanneer de vlekken met de hierboven beschreven methode
niet te verwijderen zijn, kunt u de kookplaat reinigen met een
speciale roestvaststaalreiniger (zie hiervoor onze website
www.atagservice.nl’). Houd er echter rekening mee dat u de hele
vangschaal moet behandelen om ‘kleurverschil’ te voorkomen. U
moet de vangschaal bovendien nabehandelen met een glans- of
onderhoudsmiddel voor roestvaststaal. Het is overigens normaal
dat het oppervlak gedurende de levenscyclus enigszins verkleurt.
Reinigen pandragers
Het emaille op de pandragers is geschikt voor reiniging in de vaat-
wasser. De verbinding met de rubber voetjes echter niet. Reinig
de pandragers zelf daarom niet in de vaatwasser. Bovendien kan
bij reiniging in de vaatwasser lichte verkleuring van de pandragers
optreden. Bij verlies van de rubber voetjes zal de pandrager de
vangschaal beschadigen.
Messing wokbranderdelen
Enkele delen van de wokbrander zijn vervaardigd uit messing. Het
is normaal dat de kleur van het messing verandert als gevolg van
de hoge temperaturen die tijdens het wokken ontstaan.
NL 17
ONDERHOUD Algemeen
Reinigen verwijderbare branderdelen
De verwijderbare branderdelen (ook die van de wok) kunt u
het beste reinigen met een mild schoonmaakmiddel en een
zachte doek. Bij hardnekkige vlekken kunt u de branderdelen
verwijderen en de delen laten weken in een sopje.
Branderdelen mogen niet in de vaatwasser gereinigd worden. De
onderdelen kunnen door het vaatwasmiddel aangetast worden!
Gebruik nooit schuurpoeders, schuurpads, scherpe voorwerpen of
agressieve reinigingsmiddelen.
Reinigen verwijderbare knoppen en rozetten
Bij extreme vervuiling van de knoppen en rozetten kunt u deze
tijdelijk verwijderen om schoon te maken. U kunt de knoppen en
rozetten het best schoonmaken met een mild schoonmaakmiddel
en een zachte doek. Met behulp van een rubberhandschoen is de
knop makkelijker te verwijderen!
Let op! Voorkom teveel vocht rond de knopsgaten tijdens het
schoonmaken.
Denkt u er bij het herplaatsen van de rozetten aan dat u deze
onder de siliconen afdichtring schuift (zie illustraties). De
siliconen afdichting heeft drie positioneringnokken die over de
binnenste rand van de rozet moeten vallen.
NL 18
ONDERHOUD Algemeen
Keradur® branderkelken
De branderkelken zijn voorzien van een unieke Keradur® toplaag.
De speciale vuilafstotende lak is voorzien van een keramische
vulling die het schoonmaken vergemakkelijkt en de duurzaamheid
van de branders sterk verbetert. De branderkelken kunt u het
beste reinigen met een mild schoonmaakmiddel en een zachte
doek.
ATAG Shine
Atag Nederland heeft een serie exclusieve schoonmaakmiddelen
samen gesteld.
Deze zijn te verkrijgen via de website ‘www.atagservice.nl’.
Hier vindt u ook diverse schoonmaak- en gebruikerstips.
NL 19
STATUSCODES Tabel
Aan-/uittoets
De aan-/uittoets op de HG….C toestellen kan een aantal functies en
foutmeldingen weergeven.
SYMPTOOM STATUS OPLOSSING
LED’s in de knop branden
niet.
Toestel is uitgeschakeld. -
Groene LED in de knop
brandt continu.
Toestel is ingeschakeld. -
Groene LED in de knop
knippert.
Kinderslot. Wanneer u nog een keer de
aan-/uitknop bedient en deze
5 seconden ingedrukt houdt,
kunt u uw kookplaat weer
gewoon gebruiken.
Groene en rode LED in de
knop knipperen beurtelings.
Er is een fout opgetreden bij
het herontsteken.
Controleer de gastoevoer
naar uw kookplaat en/of
de branderkoppen goed
gepositioneerd zijn.
Draai alle knoppen naar de
0-positie en probeer opnieuw
te ontsteken.
Rode LED in de knop
knippert.
Uw kookplaat is te warm. Laat uw kookplaat afkoelen.
U kunt daarna uw kookplaat
weer gewoon gebruiken.
Rode LED in de knop brandt
continu.
Er is een fout opgetreden
in de elektronica in uw
kookplaat.
Neem contact op met de
servicedienst.
NL 20
STORINGEN
Storingstabel
Wanneer u twijfelt over de goede werking van uw gaskookplaat
betekent dit niet automatisch dat er een defect is. Controleer in elk
geval de volgende punten in onderstaande tabel of kijk voor meer
informatie op de website ‘www.atagservice.nl’.
Storingstabel
SYMPTOOM MOGELIJKE OORZAAK OPLOSSING
Het ruikt naar gas in de
omgeving van het toestel.
De aansluiting van het toestel
lekt.
Sluit de gashoofdkraan.
Neem contact op met uw
installateur.
Een brander ontsteekt niet. Stekker niet in stopcontact.
Zekering defect/zekering in
meterkast uitgeschakeld.
Bougie vervuild/vochtig.
Branderdelen niet juist
geplaatst.
Branderdelen vervuild/
vochtig.
Hoofdgaskraan gesloten.
Storing aan het gasnet.
Gasfles of -tank is leeg.
Steek de stekker in het
stopcontact.
Monteer een nieuwe zekering
of schakel de zekering weer in.
Reinig/droog de bougie.
Zet de branderdelen via de
centreernokken in elkaar.
Reinig/droog de brander-
delen. Let er hierbij op dat de
uitstroomgaten open zijn.
Open de hoofdgaskraan.
Informeer bij uw gas-
leverancier.
Sluit een nieuwe gasfles aan
of laat de tank vullen.
NL 21
STORINGEN Storingstabel
SYMPTOOM MOGELIJKE OORZAAK OPLOSSING
Een brander ontsteekt niet. Verkeerd soort gas gebruikt.
Bedieningsknop niet diep
genoeg ingedrukt.
(Alleen van toepassing op de
B versies. Voor elektronisch
beveiligde toestellen, zie tabel
aan-/uittoets).
Controleer of het gebruikte
gas geschikt is voor het
toestel. Indien dit niet juist
is, neem dan contact op met
uw installateur.
Houd de bedieningsknop
voldoende diep ingedrukt
tussen vol- en kleinstand. Bij
eerste gebruik kan dit langer
duren i.v.m. aanvoer van gas.
De brander brandt niet egaal. Branderdelen niet juist
geplaatst.
Branderdelen vervuild/
vochtig.
Verkeerd soort gas gebruikt.
Zet de branderdelen via de
centreernokken in elkaar.
Reinig/droog de
branderdelen. Let er hierbij
op dat de uitstroomgaten
open zijn.
Controleer of het gebruikte
gas geschikt is voor het
toestel. Indien dit niet juist
is, neem dan contact op met
uw installateur.
De brander dooft na
ontsteken.
Bedieningsknop niet lang
genoeg ingedrukt.
(Alleen van toepassing op de
B versies. Voor elektronisch
beveiligde toestellen, zie tabel
aan-/uittoets).
Houd de bedieningsknop
minimaal 5 seconden
ingedrukt.
NL 22
INSTALLATIEVOORSCHRIFT
Dit toestel mag alleen door een erkend installateur worden
aangesloten.
Let op!
De gassoort en het land waarvoor het toestel is ingericht staan vermeld
op het gegevensplaatje.
Dit is een klasse 3 toestel.
Gasaansluiting
De gasaansluiting moet voldoen aan de nationale en lokale
voorschriften.
Wij adviseren de kookplaat aan te sluiten met een vaste leiding.
Aansluiting door middel van een speciaal daarvoor bestemde
veiligheidsslang is ook toegestaan.
Achter een oven moet een volledig metalen slang worden gebruikt.
Let op!
Een veiligheidsslang mag niet worden geknikt en niet in aanraking
komen met bewegende delen van het keukenmeubel.
In alle gevallen moet er voor het toestel een aansluitkraan geplaatst
worden op een makkelijk bereikbare plaats.
Voordat u het toestel in gebruik neemt moet u de aansluitingen
met zeepsop controleren op gasdichtheid.
Elektrische aansluiting
230V - 50Hz - 1.1 VA (bij ..B toestellen)
230V - 50Hz - 5.1 VA (bij ..C toestellen)
De elektrische aansluiting moet voldoen aan de nationale en
lokale voorschriften.
Wandcontactdoos en stekker moeten altijd bereikbaar blijven.
Als u een vaste aansluiting wilt maken, moet u er voor zorgen
dat er een omnipolaire schakelaar met een contactafstand van
minimaal 3 mm in de toevoerleiding wordt aangebracht.
Het apparaat mag niet via een verdeelstekker of verlengsnoer
op het elektriciteitsnet worden aangesloten. Hiermee kan veilig
gebruik van het apparaat niet worden gewaarborgd.
Algemeen
NL 23
INSTALLATIEVOORSCHRIFT Algemeen
Let op!
Dit toestel moet altijd geaard zijn.
Laat installatie-, onderhouds- en reparatiewerkzaamheden uitsluitend
uitvoeren door vakmensen die door de fabrikant zijn geautoriseerd,
anders vervalt de garantie.
Bij installatie-, onderhouds- en reparatiewerkzaamheden moet het
apparaat spanningsvrij gemaakt worden. Het apparaat is alleen
spanningsvrij als:
de hoofdschakelaar van de huisinstallatie is uitgeschakeld, of
de zekering van de huisinstallatie er geheel is uitgedraaid, of
de stekker uit het stopcontact is getrokken.
Defecte onderdelen mogen alleen vervangen worden door originele
Atag onderdelen. Alleen van die onderdelen kan Atag garanderen dat
zij aan de veiligheidseisen voldoen.
Indien de aansluitkabel beschadigd is mag deze alleen worden
vervangen door de fabrikant, zijn service-organisatie of gelijkwaardig
gekwalificeerde personen, teneinde gevaarlijke situaties te voorkomen.
NL 24
INSTALLATIEVOORSCHRIFT
Kookplaat voorbereiden
Monteer de bijgeleverde knie op de gasaansluiting van het toestel.
1/2” ISO 228 (recht)
1/2” ISO 10226-1 (conisch)
Afdichtring
Alleen voor Frankrijk:
1/2” ISO 228 (recht)
1/2” ISO 228 (recht)
Afdichtring
Uitsparing in werkblad zagen
Zaag de uitsparing in het werkblad. Doe dit zeer nauwkeurig
(zie inbouwmaten).
Als het werkblad van hout is, behandel dan de kopse kanten van
het werkblad met afdichtvernis, om uitzetten van het werkblad
door vocht te voorkomen.
Inbouwen
NL 25
Bevestigingspunten montagebeugels
Voor de bevestigingspunten van de montagebeugels, zie 1* in de
illustraties met inbouwmaten vanaf pagina 24.
Schroefgat voor montagebeugel Dunne werkbladen Dikke werkbladen
Afdichtband plaatsen
Verwijder de beschermfolie van de afdichtband (A) en plak de band
op de rand van het aanrecht.
INSTALLATIEVOORSCHRIFT Inbouwen
dunne werbladen
dikke werkbladen
dunne werbladen
dikke werkbladen
dunne werbladen
dikke werkbladen
A
NL 26
INSTALLATIEVOORSCHRIFT
Inbouwmaten HG42..C
Inbouwen
526600
43
560
490
60
550
1*
1*
1*
1*
G1/2’
20
480
600
voorzijde
voorzijde
minimale afstand achterzijde toestel
tot achterwand: 10 mm
NL 27
INSTALLATIEVOORSCHRIFT
Inbouwmaten HG62..B/C
Inbouwen
526600
43
560
490
60
550
1*
1*
1*
1*
G1/2’
20
600
480
voorzijde
voorzijde
minimale afstand achterzijde toestel
tot achterwand: 10 mm
NL 28
INSTALLATIEVOORSCHRIFT Inbouwen
Inbouwmaten HG7711B/C
526750
43
560
490
60
550
1*
1*
1*
1*
G1/2’
593
600
480
voorzijde
voorzijde
minimale afstand achterzijde toestel
tot achterwand: 10 mm
NL 29
INSTALLATIEVOORSCHRIFT Inbouwen
Inbouwmaten HG7792B/C
690
490
60
680
1*
1*
1*
1*
G1/2’
20
526
750
43
480
600
voorzijde
voorzijde
minimale afstand achterzijde toestel
tot achterwand: 10 mm
NL 30
Inbouwmaten HG92..B/C
526
900
43
860
490
60
850
1*
1*
1*
1*
G1/2’
515
600
480
INSTALLATIEVOORSCHRIFT
Inbouwen
voorzijde
voorzijde
minimale afstand achterzijde toestel
tot achterwand: 10 mm
NL 31
Inbouwmaten HG97..B/C
526
900
43
860
490
60
850
1*
1*
1*
1*
G1/2’
515
600
480
INSTALLATIEVOORSCHRIFT
Inbouwen
voorzijde
voorzijde
minimale afstand achterzijde toestel
tot achterwand: 10 mm
NL 32
INSTALLATIEVOORSCHRIFT Inbouwen
Benodigde vrije ruimte rondom
Een gaskookplaat ontwikkelt warmte. Laat voldoende ruimte vrij tot
niet hittebestendige materialen. Let ook op bij materialen die kunnen
verkleuren (zoals roestvaststaal).
De kookplaat mag naast slechts één verticale wand ingebouwd
worden.
Let op!
De onderzijde van de kookplaat wordt heet. Leg geen brandbare
spullen in een lade wanneer deze direct onder de kookplaat is
gemonteerd.
Toestel plaatsen en aansluitingen maken
Plaats het toestel in het werkblad en zet het vast met de
bijgeleverde montagebeugels en schroeven.
Maak de gasaansluiting.
Controleer de aansluiting met zeepsop op gasdichtheid.
Sluit het toestel aan op het elektriciteitsnet.
min. 600 mm (HG42/HG62)
min. 750 mm (HG77)
min. 900 mm (HG92/97)
min. 650 mm
min. 450 mm
min. 100 mm
min. 100 mm
NL 34
BIJLAGE Afvoeren toestel en verpakking
Afvoeren toestel en verpakking
Bij de vervaardiging van dit toestel is gebruik gemaakt van duurzame
materialen. Dit toestel moet aan het eind van zijn levenscyclus op
verantwoorde wijze worden afgevoerd. De overheid kan u hierover
informatie verschaffen.
De verpakking van het toestel is recyclebaar. Gebruikt kunnen zijn:
karton;
polyethyleenfolie (PE);
CFK- vrij polystyreen (PS- hardschuim).
Deze materialen dient u op verantwoorde wijze en conform de
overheidsbepalingen af te voeren.
Om op de verplichting tot gescheiden verwerking van elektrische
huishoudelijke apparatuur te wijzen, is op het product het symbool
van een doorgekruiste vuilnisbak aangebracht. Dit betekent dat
het apparaat aan het einde van zijn levensduur niet bij het gewone
huisvuil mag worden gevoegd. Het toestel moet naar een speciaal
centrum voor gescheiden afvalinzameling van de gemeente worden
gebracht of naar een verkooppunt dat deze service verschaft.
Het apart verwerken van huishoudelijke apparaten voorkomt mogelijk
negatieve gevolgen voor het milieu en de gezondheid die door een
ongeschikte verwerking ontstaat. Het zorgt ervoor dat de materialen
waaruit het apparaat bestaat, teruggewonnen kunnen worden om een
aanmerkelijke besparing van energie en grondstoffen te verkrijgen.
Technische gegevens
Op het gegevensplaatje aan de onderzijde van het toestel worden
de totale aansluitwaarde, de vereiste spanning en de frequentie
aangegeven.
HG42..C
HG62..B
HG62..C
HG77..B
HG77..C
HG92..B
HG92..C
HG97..B
HG97..C
Handleiding Manual
Het toestel-identificatieplaatje bevindt zich aan de onderkant van het toestel.
e appliance identification card is located on the bottom of the appliance.
Plak hier het toestel-identificatieplaatje.
Stick the appliance identification card here.
Houd, wanneer u contact opneemt met de serviceafdeling,
het complete typenummer bij de hand.
When contacting the service department,
have the complete type number to hand.
Adressen en telefoonnummers van de serviceorganisatie vindt u op de garantiekaart.
You will find the addresses and phone numbers of the service organisation on the guarantee card.
700002804000
adjust thickness

Documenttranscriptie

adjust thickness HG42..C HG62..B HG62..C HG77..B HG77..C HG92..B HG92..C HG97..B HG97..C Het toestel-identificatieplaatje bevindt zich aan de onderkant van het toestel. The appliance identification card is located on the bottom of the appliance. Handleiding Manual Plak hier het toestel-identificatieplaatje. Stick the appliance identification card here. Houd, wanneer u contact opneemt met de serviceafdeling, het complete typenummer bij de hand. When contacting the service department, have the complete type number to hand. Adressen en telefoonnummers van de serviceorganisatie vindt u op de garantiekaart. 700002804000 You will find the addresses and phone numbers of the service organisation on the guarantee card. NL / BE Gebruiksaanwijzing Installatievoorschrift 3 - 19 20 - 32 Instructions for use Installation guide 3 - 19 20 - 32 GB / IRL 2 Inhoud HANDLEIDING Uw gaskookplaat Inleiding Beschrijving Veiligheidsvoorschriften 4 5 6-7-8 Bediening Ontsteken, instellen en vlambeveiliging Extra eigenschappen elektronische vlambeveiliging 9 - 10 10 - 11 De kookplaat optimaal gebruiken 12 - 13 Algemeen 14 - 18 Comfortabel koken Onderhoud Statuscodes Tabel 19 Storingen Storingstabel 20 - 21 Algemeen Inbouwen Gastechnische gegevens 22 - 23 24 - 32 33 Installatievoorschrift Bijlage Afvoeren toestel en verpakking Technische gegevens NL 3 34 34 Inleiding UW GASKOOKPLAAT Deze gaskookplaat is ontworpen voor de echte kookliefhebber. De verschillen in brandercapaciteit zorgen ervoor dat u ieder gerecht kunt bereiden. Dankzij de in de knoppen geïntegreerde vonkontsteking ontsteekt én bedient u de branders met één hand. Bij type HG77 en HG97 blijven er door de ruime plaatsing van de wokbranders tijdens het wokken minimaal 2 branders vrij voor het bereiden van andere gerechten. Dit toestel voldoet aan alle eisen die gelden voor het Kookkeurmerk. Dit betekent dat de gaskookplaat hoog rendement koppelt aan een minimum aan onvolledige verbrandingsgassen. Hiermee beschikt u over een toestel met korte aankooktijden, terwijl er ook uitstekend op gesudderd kan worden. De gaskookplaat is voorzien van een vlambeveiliging die ervoor zorgt dat de gastoevoer gesloten wordt als de vlam tijdens het kookproces dooft. In deze handleiding staat beschreven op welke manier u de gaskook­ plaat zo optimaal mogelijk kunt benutten. Naast informatie over de bediening treft u ook achtergrondinformatie aan die u van dienst kan zijn bij het gebruik van dit product. Lees eerst de gebruiksaanwijzing geheel en aandachtig door voordat u het apparaat gaat gebruiken en bewaar deze zorgvuldig voor latere raadpleging. De handleiding dient bovendien als referentie voor de servicedienst. Plak daarom het los bijgeleverde gegevensplaatje in het daarvoor bestemde kader, achter in de handleiding. Het gegevensplaatje bevat alle informatie die de servicedienst nodig heeft om adequaat op uw vragen te reageren. Veel kookplezier! Gebruikte pictogrammen Belangrijk om te weten Tip NL 4 Beschrijving UW GASKOOKPLAAT HG42..C 2 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 1 6 3 2 Sudderbrander Normaalbrander Sterkbrander Wokbrander Pandrager Vangschaal Aan-/uittoets (bijv. HG62..C) 5 HG62..B HG62..C 2 1 2 1 6 3 6 3 2 2 5 HG77..B 7 5 HG77..C 2 2 1 4 1 4 6 3 6 3 5 HG92..B/C 7 5 2 HG97..B/C 1 1 3 6 3 7 5 1 2 4 6 3 2 7 NL 5 5 Veiligheidsvoorschriften UW GASKOOKPLAAT Waar u op moet letten •• Zorg voor voldoende ventilatie tijdens het gebruik. ºº Houd natuurlijke ventilatie-openingen open. ºº Bij langdurig gebruik van de kookplaat is extra ventilatie noodzakelijk. Zet bijvoorbeeld een raam open of installeer een mechanische ventilator. •• Gebruik de kookplaat alleen voor het bereiden van gerechten. ºº Het toestel is niet geschikt om ruimtes te verwarmen. •• Flambeer nooit onder een afzuigkap. ºº Door de hoge vlammen kan brand ontstaan, ook bij een uitgeschakelde ventilator. •• De branderdelen zijn heet tijdens en direct na het gebruik. ºº Vermijd directe aanraking en contact met niet-hittebestendige materialen. ºº Dompel hete branderdoppen en pandragers nooit onder in koud water. Door de snelle afkoeling kan het emaille beschadigen. •• De afstand van de pan tot een knop of niet-hittebestendige wand moet altijd groter zijn dan twee centimeter. ºº Bij kleinere afstanden kunnen door de hoge temperatuur de knoppen of de wand verkleuren en/of vervormen. •• Gebruik altijd de pandragers en geschikt kookgerei. ºº Plaats de pan altijd op de pandrager. Het plaatsen van de pan direct op de branderdop kan tot gevaarlijke situaties leiden. ºº Aluminium bakjes of folie zijn niet geschikt als kookgerei. Ze kunnen inbranden op de branderdoppen en pandragers. •• Plaatsen van branderdelen en pandragers. ºº De kookplaat kan alleen goed functioneren wanneer de branderdelen via de geleidingsnokken in elkaar zijn gezet. ºº Zorg ervoor dat de pandragers recht tegen elkaar en vlak op de RVS-vangschaal liggen. Alleen op deze manier kunnen de pannen stabiel geplaatst worden. NL 6 Veiligheidsvoorschriften UW GASKOOKPLAAT Veilig gebruik  •• H  et apparaat wordt heet tijdens gebruik en blijft dit enige tijd na uitschakeling. Raak het apparaat daarom niet aan zolang het heet is. •• Trek altijd ovenwanten aan of gebruik pannenlappen als u met het apparaat werkt. ºº Zorg ervoor dat ovenwanten of pannenlappen niet te dicht bij de vlam komen. •• Verwarm geen dichte blikken en dergelijke op de kookplaat. ºº Er ontstaat een overdruk waardoor de blikken uiteenspatten. U kunt zich hierdoor verwonden/verbranden. •• Het apparaat mag niet in de buitenlucht geplaatst en gebruikt worden. •• Gebruik het apparaat niet als werkblad. ºº Het apparaat kan per ongeluk worden ingeschakeld of nog heet zijn, waardoor voorwerpen kunnen smelten, heet worden of vlam vatten. •• Dek het apparaat nooit af met een doek of iets dergelijks. ºº Als het apparaat nog heet is of wordt ingeschakeld, bestaat er brandgevaar. •• Wees extra voorzichtig wanneer u met olie of vetten werkt. ºº Oververhitte olie of vetten kunnen vlam vatten. Brandgevaar! ºº Mocht het vet of olie vlam vatten, gebruik dan nooit water voor het blussen! ºº Doof de vlammen met een geschikte deksel, een vochtige doek of iets dergelijks. •• Wanneer onder het apparaat een lade zit, zonder tussenbodem, mogen daarin geen licht ontvlambare voorwerpen/stoffen worden bewaard. NL 7 Veiligheidsvoorschriften UW GASKOOKPLAAT Kinderen •• H  et apparaat is niet bedoeld voor gebruik door hulpbehoevenden, kleine kinderen en/of personen met gebrek aan ervaring en kennis, tenzij zij goede begeleiding krijgen of geïnstrueerd zijn in het veilig gebruiken van het apparaat door een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid. •• Laat kinderen nooit met het apparaat spelen. Zorg dat kinderen zich niet zonder toezicht in de buurt van het apparaat bevinden. •• Het apparaat wordt tijdens het gebruik heet en blijft enige tijd heet na uitschakeling. •• Bewaar geen voorwerpen in kastjes boven of achter het apparaat die voor kinderen interessant zijn. •• Kinderen kunnen verbrandingen oplopen als zij pannen van het apparaat trekken. Bij de vakhandelaar is een speciaal rek verkrijgbaar dat ervoor zorgt dat kinderen niet meer bij het apparaat kunnen. •• Wanneer de veiligheidsinstructies en waarschuwingen niet worden opgevolgd, kan de fabrikant niet aansprakelijk worden gesteld voor de schade die daarvan het gevolg is. NL 8 Ontsteken, instellen en vlambeveiliging BEDIENING Ontsteken en instellen Elke brander kan traploos worden geregeld tussen vol- en kleinstand. HG62..B/HG77..B/HG92..B/HG97..B 1. 0-stand 1 2. Zone-aanduiding 3. Kleinstand 4. Volstand 3 4 2 HG62..C/HG77..C/HG92..C/HG97..C 1 3 4 2 Vlambeveiliging Uw gaskookplaat is uitgerust met vlambeveiliging. Deze zorgt ervoor dat de gastoevoer gesloten wordt als de vlam tijdens het kookproces dooft. Bediening thermische vlambeveiliging (HG62..B/HG77..B/HG92..B/HG97..B) Druk de bedieningsknop in en draai deze linksom. Houd de bedieningsknop, in volstand, ongeveer 3 seconden ingedrukt nadat de brander is ontstoken. De vlambeveiliging schakelt in. NL 9 BEDIENING Ontsteken, instellen en vlambeveiliging Bediening elektronische vlambeveiliging (HG62..C/HG77..C /HG92..C/HG97..C) Druk de centrale aan-/uittoets in. De knop licht groen op. Draai daarna de gewenste bedieningsknop linksom. U hoeft de knop niet ingedrukt of vast te houden. De brander ontsteekt direct. De vlambeveiliging controleert of er een vlam aanwezig is. Indien na het koken alle regelknoppen op de 0-stand staan, gaat de centrale aan-/uittoets automatisch uit na 3 minuten. Frontbediening (HG42..C) Druk de bedieningsknop op de oven of het bedieningspaneel in en draai deze linksom naar de ontsteekzone. De brander ontsteekt direct. De vlambeveiliging schakelt in. U hoeft de knop niet ingedrukt of vast te houden. Deze kookplaat is tevens voorzien van herontsteking en kookduur­ begrenzing Extra eigenschappen elektronische vlambeveiliging (HG62..C/HG77..C/HG92..C/HG97..C) Wanneer uw gaskookplaat uitgerust is met elektronische vlam­ beveiliging, kunt u gebruik maken van de volgende functies: Herontsteking Wanneer de vlam gedoofd wordt tijdens het kookproces wordt automatisch geprobeerd om de vlam weer tot stand te brengen. Wanneer daarna binnen 10 seconden geen vlam wordt waargenomen, wordt de gastoevoer naar de brander afgesloten. Noodstop Wanneer u de gaskookplaat in één keer uit moet schakelen kan dat door de centrale aan-/uittoets in te drukken. NL 10 BEDIENING Ontsteken, instellen en vlambeveiliging Kinderslot U kunt de gaskookplaat vergrendelen. Onbedoeld ontsteken van de branders wordt hiermee voorkomen. De gaskookplaat is te ver-/ontgrendelen door de aan-/uittoets 5 seconden in te drukken. Tijdens het koken kunt u het kinderslot niet inschakelen. Kookduurbegrenzing Als een brander gedurende een ongebruikelijk lange tijd (ca. 6 uur) aan is, wordt deze automatisch uitgeschakeld. Statuscodes De status van de gaskookplaat wordt weergegeven door de verlichting in de aan-/uittoets. In het overzicht op pagina 17 leest u welke code bij welke status hoort. NL 11 De kookplaat optimaal gebruiken COMFORTABEL KOKEN De kookplaat optimaal gebruiken Zorg er altijd voor dat de vlammen onder de pan blijven. Als vlammen om de pan heen spelen gaat veel energie verloren. Bovendien kunnen de handgrepen dan te heet worden. Gebruik geen pannen met een kleinere bodemdiameter dan 12 cm. Deze staan niet stabiel. Fout Goed •• ( Roer)bakken, doorkoken van grote hoeveelheden en frituren kunt u het beste op de sterk- of wokbrander. •• Gebruik de sudderbrander voor het bereiden van sauzen, sudderen en doorkoken van gerechten. Op de volstand is deze brander groot genoeg voor het doorkoken. •• Kook met het deksel op de pan. U bespaart dan tot 50% energie. •• Gebruik pannen met een vlakke, schone en droge bodem. Pannen met een vlakke bodem staan stabiel en pannen met een schone bodem dragen de warmte beter over op het gerecht. Wokbrander (bij type HG77 en HG97) Met de wokbrander kunt u gerechten op een zeer hoge temperatuur bereiden. Het is hierbij van belang dat u: •• van te voren de ingrediënten in reepjes, plakjes of stukjes snijdt; •• bij het roerbakken olie van goede kwaliteit gebruikt, zoals olijf-, maïs-, zonnebloem- of arachideolie. Een klein beetje is al genoeg. Boter en margarine verbranden door de grote hitte; •• de gerechten met de langste bereidingstijd het eerst in de pan doet, zodat aan het eind van de bereidingstijd alle ingrediënten tegelijk (beet)gaar zijn. NL 12 COMFORTABEL KOKEN De kookplaat optimaal gebruiken Gebruik van het wok-hulprooster Het hulprooster dat ten behoeve van de wokbrander is meegeleverd, of als accessoire verkrijgbaar is, zorgt voor extra stabiliteit bij een wok met een ronde bodem. Het wok-hulprooster valt met speciale uitsparingen over de standaard wok-pandrager. NL 13 Algemeen ONDERHOUD Algemeen Uw toestel is vervaardigd uit hoogwaardige materialen, die u eenvoudig reinigt. •• Regelmatig onderhoud direct na gebruik voorkomt dat overgekookt voedsel lange tijd kan inwerken en hardnekkige, moeilijk te verwijderen vlekken veroorzaakt. Gebruik hiervoor een mild reinigingsmiddel. Gebruik niet te veel vocht, aangezien dit de brander of ventilatie-openingen kan binnendringen. •• Reinig eerst de bedieningsknoppen, branders en pandragers en dan pas de RVS-vangschaal. Hiermee voorkomt u dat de RVSvangschaal tijdens het reinigen opnieuw vuil wordt. •• Reinig de ontstekingsbougies bij voorkeur met een doekje. Betracht hierbij wel enige voorzichtigheid. De bougie kan hierdoor defect raken. De bougie werkt alleen goed in een droge omgeving. Bij zware vervuiling kunt u de punt met een fijn borsteltje reinigen. •• Plaats de pandragers rechtstandig naar beneden, zonder over de RVS-vangschaal te schuiven. Denkt u bij het plaatsen van de pandragers aan de volgorde. De tekst ‘FRONT’ aan de onderzijde van de pandragers dient voor verduidelijking bij het positioneren (zie illustratie). HG42/62 HG77/97 NL 14 HG92 Algemeen ONDERHOUD •• Z  et de branderdelen in elkaar met behulp van de geleidings­ nokken. 1 2 3 1 4 2 Wokbrander 1. Branderdeksel buiten 2. Branderkop buiten 3. Branderkop en deksel binnen 4. Branderring 5. Branderkelk 6. Bougie 7. Thermokoppel 5 6 7 3 4 1 2 1 2 3 4 NL 15 Sudder-, normaalen sterkbrander 1. Branderkop 2. Branderkelk 3. Bougie 4. Thermokoppel 3 4 5 6 7 Algemeen ONDERHOUD Hardnekkige vlekken op emaille (pandragers, branderdoppen en vangschalen) •• H  ardnekkige vlekken kunt u het beste verwijderen met een vloeibaar reinigingsmiddel. Gebruik nooit schuurpoeders, schuurpads, scherpe voorwerpen of agressieve reinigingsmiddelen. Hardnekkige vlekken op roestvaststaal (vangschalen) •• M  et name overgekookte rode kool, rode bieten, ketjap, appel­ moes, rabarber en andere sterk suikerhoudende voedingsmiddelen en zure vloeistoffen kunnen een verkleuring van het opper­vlak veroorzaken. Wanneer u hardnekkige vlekken op roestvast­ staal wilt verwijderen kunt u het beste een roestvaststaal reini­ gingsmiddel gebruiken. Poets dan wel altijd met de structuur van het staal mee om glansplekken te voorkomen (schades die hierdoor ontstaan vallen niet onder de garantie!). •• Wanneer de vlekken met de hierboven beschreven methode niet te verwijderen zijn, kunt u de kookplaat reinigen met een speciale roestvaststaalreiniger (zie hiervoor onze website ‘www.atagservice.nl’). Houd er echter rekening mee dat u de hele vangschaal moet behandelen om ‘kleurverschil’ te voorkomen. U moet de vangschaal bovendien nabehandelen met een glans- of onderhoudsmiddel voor roestvaststaal. Het is overigens normaal dat het oppervlak gedurende de levenscyclus enigszins verkleurt. Reinigen pandragers •• H  et emaille op de pandragers is geschikt voor reiniging in de vaatwasser. De verbinding met de rubber voetjes echter niet. Reinig de pandragers zelf daarom niet in de vaatwasser. Bovendien kan bij reiniging in de vaatwasser lichte verkleuring van de pandragers optreden. Bij verlies van de rubber voetjes zal de pandrager de vangschaal beschadigen. Messing wokbranderdelen •• E  nkele delen van de wokbrander zijn vervaardigd uit messing. Het is normaal dat de kleur van het messing verandert als gevolg van de hoge temperaturen die tijdens het wokken ontstaan. NL 16 Algemeen ONDERHOUD Reinigen verwijderbare branderdelen •• D  e verwijderbare branderdelen (ook die van de wok) kunt u het beste reinigen met een mild schoonmaakmiddel en een zachte doek. Bij hardnekkige vlekken kunt u de branderdelen verwijderen en de delen laten weken in een sopje. •• Branderdelen mogen niet in de vaatwasser gereinigd worden. De onderdelen kunnen door het vaatwasmiddel aangetast worden! •• Gebruik nooit schuurpoeders, schuurpads, scherpe voorwerpen of agressieve reinigingsmiddelen. Reinigen verwijderbare knoppen en rozetten •• B  ij extreme vervuiling van de knoppen en rozetten kunt u deze tijdelijk verwijderen om schoon te maken. U kunt de knoppen en rozetten het best schoonmaken met een mild schoonmaakmiddel en een zachte doek. Met behulp van een rubberhandschoen is de knop makkelijker te verwijderen! Let op! Voorkom teveel vocht rond de knopsgaten tijdens het schoonmaken. •• D  enkt u er bij het herplaatsen van de rozetten aan dat u deze onder de siliconen afdichtring schuift (zie illustraties). De siliconen afdichting heeft drie positioneringnokken die over de binnenste rand van de rozet moeten vallen. NL 17 Algemeen ONDERHOUD Keradur® branderkelken •• D  e branderkelken zijn voorzien van een unieke Keradur® toplaag. De speciale vuilafstotende lak is voorzien van een keramische vulling die het schoonmaken vergemakkelijkt en de duurzaamheid van de branders sterk verbetert. De branderkelken kunt u het beste reinigen met een mild schoonmaakmiddel en een zachte doek. ATAG Shine •• A  tag Nederland heeft een serie exclusieve schoonmaakmiddelen samen­gesteld. Deze zijn te verkrijgen via de website ‘www.atagservice.nl’. Hier vindt u ook diverse schoonmaak- en gebruikerstips. NL 18 Tabel STATUSCODES Aan-/uittoets De aan-/uittoets op de HG….C toestellen kan een aantal functies en foutmeldingen weergeven. SYMPTOOM STATUS OPLOSSING LED’s in de knop branden niet. Toestel is uitgeschakeld. - Groene LED in de knop brandt continu. Toestel is ingeschakeld. - Groene LED in de knop knippert. Kinderslot. Wanneer u nog een keer de aan-/uitknop bedient en deze 5 seconden ingedrukt houdt, kunt u uw kookplaat weer gewoon gebruiken. Groene en rode LED in de knop knipperen beurtelings. Er is een fout opgetreden bij het herontsteken. Controleer de gastoevoer naar uw kookplaat en/of de branderkoppen goed gepositioneerd zijn. Draai alle knoppen naar de 0-positie en probeer opnieuw te ontsteken. Rode LED in de knop knippert. Uw kookplaat is te warm. Laat uw kookplaat afkoelen. U kunt daarna uw kookplaat weer gewoon gebruiken. Rode LED in de knop brandt Er is een fout opgetreden in de elektronica in uw continu. kookplaat. NL 19 Neem contact op met de servicedienst. Storingstabel STORINGEN Storingstabel Wanneer u twijfelt over de goede werking van uw gaskookplaat betekent dit niet automatisch dat er een defect is. Controleer in elk geval de volgende punten in onderstaande tabel of kijk voor meer informatie op de website ‘www.atagservice.nl’. SYMPTOOM MOGELIJKE OORZAAK Het ruikt naar gas in de omgeving van het toestel. De aansluiting van het toestel Sluit de gashoofdkraan. lekt. Neem contact op met uw installateur. Een brander ontsteekt niet. Stekker niet in stopcontact. Steek de stekker in het stopcontact. Zekering defect/zekering in meterkast uitgeschakeld. Monteer een nieuwe zekering of schakel de zekering weer in. Bougie vervuild/vochtig. Reinig/droog de bougie. Branderdelen niet juist geplaatst. Zet de branderdelen via de centreernokken in elkaar. Branderdelen vervuild/ vochtig. Reinig/droog de branderdelen. Let er hierbij op dat de uitstroomgaten open zijn. Hoofdgaskraan gesloten. Open de hoofdgaskraan. Storing aan het gasnet. Informeer bij uw gasleverancier. Gasfles of -tank is leeg. Sluit een nieuwe gasfles aan of laat de tank vullen. NL 20 OPLOSSING Storingstabel STORINGEN SYMPTOOM MOGELIJKE OORZAAK OPLOSSING Een brander ontsteekt niet. Verkeerd soort gas gebruikt. Controleer of het gebruikte gas geschikt is voor het toestel. Indien dit niet juist is, neem dan contact op met uw installateur. Bedieningsknop niet diep genoeg ingedrukt. (Alleen van toepassing op de B versies. Voor elektronisch beveiligde toestellen, zie tabel aan-/uittoets). Houd de bedieningsknop voldoende diep ingedrukt tussen vol- en kleinstand. Bij eerste gebruik kan dit langer duren i.v.m. aanvoer van gas. De brander brandt niet egaal. Branderdelen niet juist geplaatst. Zet de branderdelen via de centreernokken in elkaar. Branderdelen vervuild/ vochtig. Reinig/droog de branderdelen. Let er hierbij op dat de uitstroomgaten open zijn. Verkeerd soort gas gebruikt. Controleer of het gebruikte gas geschikt is voor het toestel. Indien dit niet juist is, neem dan contact op met uw installateur. De brander dooft na ontsteken. Houd de bedieningsknop Bedieningsknop niet lang minimaal 5 seconden genoeg ingedrukt. (Alleen van toepassing op de ingedrukt. B versies. Voor elektronisch beveiligde toestellen, zie tabel aan-/uittoets). NL 21 INSTALLATIEVOORSCHRIFT Algemeen Dit toestel mag alleen door een erkend installateur worden aangesloten. Let op! De gassoort en het land waarvoor het toestel is ingericht staan vermeld op het gegevensplaatje. Dit is een klasse 3 toestel. Gasaansluiting •• D  e gasaansluiting moet voldoen aan de nationale en lokale voorschriften. •• Wij adviseren de kookplaat aan te sluiten met een vaste leiding. Aansluiting door middel van een speciaal daarvoor bestemde veiligheidsslang is ook toegestaan. •• Achter een oven moet een volledig metalen slang worden gebruikt. Let op! •• Een veiligheidsslang mag niet worden geknikt en niet in aanraking komen met bewegende delen van het keukenmeubel. •• In alle gevallen moet er voor het toestel een aansluitkraan geplaatst worden op een makkelijk bereikbare plaats. •• Voordat u het toestel in gebruik neemt moet u de aansluitingen met zeepsop controleren op gasdichtheid. Elektrische aansluiting 230V - 50Hz - 1.1 VA (bij ..B toestellen) 230V - 50Hz - 5.1 VA (bij ..C toestellen) •• D  e elektrische aansluiting moet voldoen aan de nationale en lokale voorschriften. •• Wandcontactdoos en stekker moeten altijd bereikbaar blijven. •• Als u een vaste aansluiting wilt maken, moet u er voor zorgen dat er een omnipolaire schakelaar met een contactafstand van minimaal 3 mm in de toevoerleiding wordt aangebracht. •• Het apparaat mag niet via een verdeelstekker of verlengsnoer op het elektriciteitsnet worden aangesloten. Hiermee kan veilig gebruik van het apparaat niet worden gewaarborgd. NL 22 INSTALLATIEVOORSCHRIFT Algemeen Let op! Dit toestel moet altijd geaard zijn. Laat installatie-, onderhouds- en reparatiewerkzaamheden uitsluitend uitvoeren door vakmensen die door de fabrikant zijn geautoriseerd, anders vervalt de garantie. Bij installatie-, onderhouds- en reparatiewerkzaamheden moet het apparaat spanningsvrij gemaakt worden. Het apparaat is alleen spanningsvrij als: •• de hoofdschakelaar van de huisinstallatie is uitgeschakeld, of •• de zekering van de huisinstallatie er geheel is uitgedraaid, of •• de stekker uit het stopcontact is getrokken. Defecte onderdelen mogen alleen vervangen worden door originele Atag onderdelen. Alleen van die onderdelen kan Atag garanderen dat zij aan de veiligheidseisen voldoen. Indien de aansluitkabel beschadigd is mag deze alleen worden vervangen door de fabrikant, zijn service-organisatie of gelijkwaardig gekwalificeerde personen, teneinde gevaarlijke situaties te voorkomen. NL 23 INSTALLATIEVOORSCHRIFT Inbouwen Kookplaat voorbereiden Monteer de bijgeleverde knie op de gasaansluiting van het toestel. 1/2” ISO 228 (recht) 1/2” ISO 10226-1 (conisch) Afdichtring Alleen voor Frankrijk: 1/2” ISO 228 (recht) 1/2” ISO 228 (recht) Afdichtring Uitsparing in werkblad zagen •• Z  aag de uitsparing in het werkblad. Doe dit zeer nauwkeurig (zie inbouwmaten). •• Als het werkblad van hout is, behandel dan de kopse kanten van het werkblad met afdichtvernis, om uitzetten van het werkblad door vocht te voorkomen. NL 24 INSTALLATIEVOORSCHRIFT Inbouwen Bevestigingspunten montagebeugels Voor de bevestigingspunten van de montagebeugels, zie 1* in de illustraties met inbouwmaten vanaf pagina 24. dunne werbladen dunne werbladen Schroefgat voor montagebeugel Dunne werkbladen dunne werbladen dikke werkbladen dikke werkbladen Dikke werkbladen dikke werkbladen Afdichtband plaatsen Verwijder de beschermfolie van de afdichtband (A) en plak de band op de rand van het aanrecht. A A NL 25 Inbouwen INSTALLATIEVOORSCHRIFT Inbouwmaten HG42..C 600 526 43 voorzijde minimale afstand achterzijde toestel tot achterwand: 10 mm 600 560 490 60 1* voorzijde 1* 20 G1/2’’ 1* 1* 550 480 NL 26 Inbouwen INSTALLATIEVOORSCHRIFT Inbouwmaten HG62..B/C 600 526 43 voorzijde minimale afstand achterzijde toestel tot achterwand: 10 mm 600 560 490 60 1* voorzijde 1* 20 G1/2’’ 1* 1* 550 480 NL 27 Inbouwen INSTALLATIEVOORSCHRIFT Inbouwmaten HG7711B/C 750 526 43 voorzijde minimale afstand achterzijde toestel tot achterwand: 10 mm 600 560 490 60 1* voorzijde 1* 593 1* 1* 550 480 G1/2’’ NL 28 Inbouwen INSTALLATIEVOORSCHRIFT Inbouwmaten HG7792B/C 750 526 43 voorzijde minimale afstand achterzijde toestel tot achterwand: 10 mm 600 490 690 60 voorzijde 1* 1* 480 1* 20 G1/2’’ NL 29 680 1* Inbouwen INSTALLATIEVOORSCHRIFT Inbouwmaten HG92..B/C 526 900 43 voorzijde 600 minimale afstand achterzijde toestel tot achterwand: 10 mm 860 490 60 1* voorzijde 1* 515 1* 480 G1/2’’ 1* NL 30 850 Inbouwen INSTALLATIEVOORSCHRIFT Inbouwmaten HG97..B/C 526 900 43 voorzijde 600 minimale afstand achterzijde toestel tot achterwand: 10 mm 860 490 60 1* voorzijde 1* 515 1* 480 G1/2’’ 1* NL 31 850 Inbouwen INSTALLATIEVOORSCHRIFT Benodigde vrije ruimte rondom Een gaskookplaat ontwikkelt warmte. Laat voldoende ruimte vrij tot niet hittebestendige materialen. Let ook op bij materialen die kunnen verkleuren (zoals roestvaststaal). min. 650 mm min. 450 mm min. 600 mm (HG42/HG62) min. 750 mm (HG77) min. 900 mm (HG92/97) min. 100 mm min. 100 mm De kookplaat mag naast slechts één verticale wand ingebouwd worden. Let op! De onderzijde van de kookplaat wordt heet. Leg geen brandbare spullen in een lade wanneer deze direct onder de kookplaat is gemonteerd. Toestel plaatsen en aansluitingen maken •• P  laats het toestel in het werkblad en zet het vast met de bijgeleverde montagebeugels en schroeven. •• Maak de gasaansluiting. •• Controleer de aansluiting met zeepsop op gasdichtheid. •• Sluit het toestel aan op het elektriciteitsnet. NL 32 Afvoeren toestel en verpakking BIJLAGE Afvoeren toestel en verpakking Bij de vervaardiging van dit toestel is gebruik gemaakt van duurzame materialen. Dit toestel moet aan het eind van zijn levenscyclus op verantwoorde wijze worden afgevoerd. De overheid kan u hierover informatie verschaffen. De verpakking van het toestel is recyclebaar. Gebruikt kunnen zijn: •• karton; •• polyethyleenfolie (PE); •• CFK- vrij polystyreen (PS- hardschuim). Deze materialen dient u op verantwoorde wijze en conform de overheidsbepalingen af te voeren. Om op de verplichting tot gescheiden verwerking van elektrische huishoudelijke apparatuur te wijzen, is op het product het symbool van een doorgekruiste vuilnisbak aangebracht. Dit betekent dat het apparaat aan het einde van zijn levensduur niet bij het gewone huisvuil mag worden gevoegd. Het toestel moet naar een speciaal centrum voor gescheiden afvalinzameling van de gemeente worden gebracht of naar een verkooppunt dat deze service verschaft. Het apart verwerken van huishoudelijke apparaten voorkomt mogelijk negatieve gevolgen voor het milieu en de gezondheid die door een ongeschikte verwerking ontstaat. Het zorgt ervoor dat de materialen waaruit het apparaat bestaat, teruggewonnen kunnen worden om een aanmerkelijke besparing van energie en grondstoffen te verkrijgen. Technische gegevens Op het gegevensplaatje aan de onderzijde van het toestel worden de totale aansluitwaarde, de vereiste spanning en de frequentie aangegeven. NL 34 adjust thickness HG42..C HG62..B HG62..C HG77..B HG77..C HG92..B HG92..C HG97..B HG97..C Het toestel-identificatieplaatje bevindt zich aan de onderkant van het toestel. The appliance identification card is located on the bottom of the appliance. Handleiding Manual Plak hier het toestel-identificatieplaatje. Stick the appliance identification card here. Houd, wanneer u contact opneemt met de serviceafdeling, het complete typenummer bij de hand. When contacting the service department, have the complete type number to hand. Adressen en telefoonnummers van de serviceorganisatie vindt u op de garantiekaart. 700002804000 You will find the addresses and phone numbers of the service organisation on the guarantee card.
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52
  • Page 53 53
  • Page 54 54
  • Page 55 55
  • Page 56 56
  • Page 57 57
  • Page 58 58
  • Page 59 59
  • Page 60 60
  • Page 61 61
  • Page 62 62
  • Page 63 63
  • Page 64 64
  • Page 65 65
  • Page 66 66
  • Page 67 67

Atag HG 42 C de handleiding

Categorie
Kleine keukenapparatuur
Type
de handleiding

in andere talen