ZANKER ZKB7514X Handleiding

Type
Handleiding
Gebruikersin-
formatie
Inbouwoven
Informations
pour l’utilisateur
Four
encastrable
ZKB 7514
ZKB 7513
2
Waarschuwingen en belangrijke adviezen voor de veiligheid ........................................................ 3
Beschrijving van het apparaat ....................................................................................................... 5
Bedieningsknoppen ...................................................................................................................... 6
Voordat u de oven in gebruik neemt..............................................................................................8
Gebruik van de oven ................................................................................................................... 9
Bak- en braadtabellen ................................................................................................................ 13
Reiniging en onderhoud ............................................................................................................. 15
Als er iets verkeerd gaat ............................................................................................................. 19
Technische gegevens ................................................................................................................ 20
Instructies voor de installateur ..................................................................................................... 20
Instructies voor de inbouw .......................................................................................................... 22
Service en onderdelen ............................................................................................................... 23
Garantie/serviceafdeling ............................................................................................................. 24
Europese garantie...................................................................................................................... 26
Veiligheidsvoorschriften
Stap-voor-stap-handleiding
Aanwijzingen en Tips
Handleiding voor de gebruiksaanwijzing
)
Inhoud
Dit apparaat voldoet aan de volgende EG-richtlijnen:
- 2006/95(Laagspanningsrichtlijn);
- 2004/108 (EMC Richtlijn);
en daaropvolgende wijzigingen.
3
Waarschuwingen en belangrijke adviezen voor de
veiligheid
Bewaar de bij dit apparaat geleverde gebruiksaanwijzing zorgvuldig. Als het apparaat aan
derden geschonken of verkocht wordt, of als u het apparaat bij verhuizing in de oude wo-
ning achterlaat, is het belangrijk dat de nieuwe eigenaar/eigenaresse over deze gebruiks-
aanwijzing en de adviezen kan beschikken.
Deze aanwijzingen zijn bedoeld voor de veiligheid van de gebruiker en diens huisgenoten.
Lees ze dus aandachtig door, voordat u het apparaat aansluit en/of in gebruik neemt.
Installatie
De installatie moet verricht worden door
vakkundig personeel, met inachtneming
van de geldende voorschriften. De afzon-
derlijke installatiewerkzaamheden zijn be-
schreven in de instructies voor de
installateur.
Laat de installatie en aansluiting uitvoe-
ren door een vakman, overeenkomstig de
hem, dankzij zijn vakkennis bekende richt-
lijnen.
Ook eventueel naar aanleiding van voor
de installatie noodzakelijke wijzigingen
aan de elektriciteitsvoorziening moeten
door een vakman aangebracht worden.
Bediening
Deze oven is ontworpen voor de bereiding
van gerechten; gebruik hem nooit voor
andere doeleinden.
Pas, bij het openen van de ovendeur, tij-
dens of na afloop van de bereiding op voor
de hete luchtstroom, die uit de oven naar
buiten komt.
Tijdens de werking van de oven extra voor-
zichtig zijn. Door de grote hitte van de
verwarmingselementen zijn de roosters en
andere delen erg heet.
Indien u - om welke reden dan ook - alu-
miniumfolie voor voedingsmiddelen in de
oven gebruikt, laat dit dan nooit in direct
contact komen met de bodem van de
oven.
Ga bij het schoonmaken van de oven voor-
zichtig te werk: sproei nooit vloeistof op
het vetfilter (indien aanwezig), het
verwarmingselement en de
thermostaatsensor.
Het is gevaarlijk veranderingen van welke
aard ook aan te brengen aan het appa-
raat of aan de kenmerken ervan.
Tijdens het bak-, braad- en grillproces
worden de ovendeur en de andere onder-
delen van het apparaat erg heet, houd kin-
deren daarom uit de buurt van het appa-
raat. Bij de aansluiting van elektrische
apparaten op stopcontacten in de buurt
van de oven, moet u er op letten dat
aansluitkabels niet in aanraking komen
met hete kooktoestellen of vastgeklemd
raken in de hete deur van de oven.
Gebruik altijd ovenwanten om vuurvaste,
hete schotels of schalen uit de oven te
halen.
Nederlands
4
Een regelmatige reiniging voorkomt de ach-
teruitgang van het oppervlaktemateriaal van
de oven.
Schakel voordat u de oven schoonmaakt
de stroom uit of trek de stekker uit het stop-
contact.
Verzeker u ervan dat de oven in de stand
«UIT» staat, als de oven niet meer gebruikt
wordt.
Deze oven is vervaardigd als afzonderlijk
apparaat of als combinatieapparaat met een
elektrische kookplaat, voor aansluiting aan
enkelfase 230 V.
Het apparaat mag niet schoongemaakt wor-
den met een stoomreiniger.
Gebruik geen schuurmiddelen of scherpe
metalen schrapers. U kunt daarmee krassen
op het glas van de deur veroorzaken en dat
kan leiden tot het barsten van het glas.
Veiligheid van kinderen
Dit apparaat is bestemd voor gebruik door
volwassenen. Het is gevaarlijk om het door
kinderen te laten gebruiken of hen ermee te
laten spelen.
Houd kinderen uit de buurt, zolang de oven
in werking is. Ook nadat u de oven heeft uit-
geschakeld, blijft de deur nog lange tijd heet.
Dit apparaat is niet bedoeld voor gebruik door
kinderen of andere personen met beperkte
lichamelijke, zintuiglijke of geestelijke vermo-
gens of een gebrek aan ervaring en kennis,
tenzij dit onder toezicht gebeurt van een voor
hun veiligheid verantwoordelijke persoon of
tenzij zij van een dergelijke persoon instruc-
ties hebben ontvangen over het gebruik van
het apparaat.
Klantenservice
Laat inspectie- en/of herstelwerkzaamheden
uitvoeren door een ELECTROLUX Service
en laat geen andere dan originele DISTRIP-
ARTS onderdelen plaatsen.
Tracht in geval van een storing of defect, dit
apparaat nooit zelf te repareren. Reparaties
die door niet-deskundige personen uitge-
voerd worden, kunnen tot schade of letsel
leiden.
Het symbool op het product of op de
verpakking wijst erop dat dit product niet als
huishoudafval mag worden behandeld, maar
moet worden afgegeven bij een verzamelpunt
waar elektrische en elektronische apparatuur
wordt gerecycled. Als u ervoor zorgt dat dit
product op de juiste manier wordt verwijderd,
voorkomt u mogelijke negatieve gevolgen voor
mens en milieu die zich zouden kunnen voor-
doen in geval van verkeerde afvalverwerking.
Voor gedetailleerdere informatie over het recyclen
van dit product, kunt u contact opnemen met de
gemeente, de gemeentereiniging of de winkel
waar u het product hebt gekocht.
5
Beschrijving van het apparaat
1. Bedieningspaneel
2. Controlelampje thermostaat
3. Thermostaatknop
4. Functieknop
5. Bedrijfscontrolelampje
6. Luchtopeningen voor koelventilator
7. Grill
8. Oven lampje
9. Typeplaatje
Toebehoren
Kantelveilig rooster
Braadslede
1
8
7
9
6
43 52
6
Bedieningsknoppen
Functieknop
0 De oven staat uit
Boven- en onderwarmte - De warmte
komt van zowel de bovenste als de on-
derste verwarmingselementen, zodat er
in de gehele ovenruimte een gelijkmatige
temperatuur heerst
Onderwarmte - De oven geeft alleenvan
onder een matige warmte af.
Bovenwarmte - De oven geeft alleenvan
boven een matige warmte af.
Grill - Kan gebruikt worden om kleine hoe-
veelheden te grillen
Bedrijfscontrolelampje
Het bedrijfscontrolelampje gaat branden als de
functieknop wordt ingesteld.
Thermostaatknop
Draai de thermostaatknop tegen de klok in om
temperaturen tussen 50°C en 230 °C (MAX) te
kiezen.
Controlelampje thermostaat
Het controlelampje van de thermostaat gaat bran-
den als er aan de thermostaatknop wordt gedraaid.
Het lampje blijft branden tot de juiste temperatuur
bereikt is. Daarna gaat het aan en uit om aan te
geven dat de temperatuur wordt gehandhaafd.
7
Veiligheidsthermostaat
Om gevaarlijke oververhitting te voorkomen (door
onjuist gebruik van het apparaat of defecte on-
derdelen), is de oven voorzien van een veilig-
heidsthermostaat, die de stroomtoevoer onder-
breekt. Zodra de temperatuur gezakt is, wordt de
oven automatisch weer ingeschakeld.
Als de veiligheidsthermostaat vanwege onjuist
gebruik is geactiveerd, hoeft u, nadat de oven is
afgekoeld, alleen de fout te verhelpen; wordt de
thermostaat daarentegen geactiveerd vanwege
een defect onderdeel, dan dient u contact op te
nemen met onze service-afdeling.
Koelventilator
De oven is voorzien van een koelventilator, die
bedoeld is om het voorpaneel, de knoppen en
de handgreep van de ovendeur koel te houden.
De ventilator wordt automatisch ingeschakeld als
de oven geactiveerd wordt. Warme lucht wordt
door de opening vlakbij de handgreep van de
ovendeur naar buiten geblazen. De ventilator
wordt uitgeschakeld, als de functieknop in de UIT-
stand 0 wordt gezet.
8
Voordat u de oven in gebruik neemt
Om de ovendeur te openen, altijd de
handgreep in het midden vasthouden.
Verwijder al het verpakkingsmateriaal,
zowel van de buitenkant als de binnen-
kant van de oven, voordat u de oven in
gebruik neemt.
Voordat u de oven in gebruik neemt, moet deze
leeg worden verwarmd.
Gedurende deze tijd kan er een onaangenaam
luchtje ontstaan. Dit is volkomen normaal. Het
wordt veroorzaakt door fabricageresten.
Zorg ervoor dat de ruimte goed geventileerd is.
1. Draai de functieknop op bereiding
met Boven- en onderwarmte .
2. Draai de thermostaatknop op MAX.
3. Zet een raam open voor ventilatie.
4. Laat de lege oven ongeveer 45 mi-
nuten werken.
Deze procedure dient herhaald te worden met
de grill- functie gedurende ongeveer 5-10
minuten.
Laat de oven daarna afkoelen. Maak een
doek vochtig met warm water en wat
mild reinigingsmiddel en maak daarmee
de binnenkant van de oven schoon.
Maak, voordat u de oven voor het eerst
gebruikt, ook alle toebehoren grondig
schoon.
)
9
Gebruik van de oven
De oven is voorzien van een exclusief systeem
dat zorgt voor natuurlijke luchtcirculatie en de
constante recirculatie van stoom.
Dit systeem maakt het mogelijk om in een stoom
bevattende atmosfeer voedsel te bereiden en
houdt de gerechten zacht van binnen en
knapperig van buiten. Bovendien worden de
bereidingstijd en het energieverbruik tot een
minimum beperkt. Tijdens de bereiding kan er
stoom ontstaan die kan ontsnappen als u de
ovendeur opent. Dit is volkomen normaal.
Doe echter altijd een stap van de oven
vandaan als u de ovendeur opent, zodat
de stoom of hitte in de oven kan
ontsnappen.
Let op! - Leg geen voorwerpen op de
bodem van de oven en dek tijdens de
bereiding geen enkel deel van de oven
af met aluminiumfolie, dit kan
oververhitting veroorzaken, wat de
bakresultaten beïnvloedt en het email
van de oven kan beschadigen. Zet
pannen, hittebestendige pannen en
aluminium bakplaten altijd op het rooster
dat in de geleiders is geschoven.
Wanneer voedsel verwarmd wordt,
ontstaat er stoom, net als in een ketel.
Als de stoom in aanraking komt met de
glazen deur van de oven, condenseert
hij en ontstaan er waterdruppels.
Om de condensvorming te beperken, de lege
oven altijd 10 minuten voorverwarmen.
Wij adviseren u, de waterdruppels na elke
bereiding af te vegen.
Tijdens de bereiding de ovendeur al-
tijd gesloten houden. Doe een stap
naar achteren bij het openen van de
ovendeur, die kiept. Laat hem niet open
Onderwarmte
Deze functie is vooral nuttig bij het blind bakken
van taartbodems. Deze functie kan eveneens
gebruikt worden om bij quiches of vlaaien te
zorgen dat het basisdeeg gaar is.
Het controlelampje van de thermostaat
blijft branden tot de juiste temperatuur
is bereikt. Daarna gaat het aan en uit
om aan te geven dat de temperatuur
wordt gehandhaafd.
Alleen bovenste ovenelement
Deze functie is geschikt voor het afmaken van
gekookt voedsel, bijv. lasagna, gehakt met een
korst van aardappelpuree, bloemkool met kaas
enz.
vallen - ondersteun de deur met de hand-
greep totdat hij helemaal open is.
De oven heeft vier inzetniveaus. De in-
zetniveaus worden vanaf de bodem van
de oven geteld, zoals getoond in de af-
beelding.
Het is belangrijk dat deze roosters correct
geplaatst zijn, zoals aangegeven in de af-
beelding.
Zet nooit kookgerei direct op de bodem
van de oven.
4
3
2
1
10
Grillen
- De meeste gerechten moeten op het rooster
in de grillpan geplaatst worden om maximale
luchtcirculatie mogelijk te maken en om het
voedsel boven het vet en de jus te houden.
Voedsel zoals vis, lever en niertjes kunnen
direct op de grillpan geplaatst worden, indien
gewenst.
- Voedsel moet goed afgedroogd worden voor
het grillen om lekken te voorkomen. Strijk
mager vlees en vis licht in met een beetje
olie of gesmolten boter om ze mals te hou-
den tijdens de bereiding.
- Overige ingrediënten zoals tomaten en
champignons kunnen onder de grill geplaatst
worden tijdens het grillen van vlees.
- Bij het roosteren van brood raden we u aan
het bovenste inzetniveau te gebruiken.
- Het voedsel moet tijdens de bereiding, in-
dien nodig, omgedraaid worden.
Grill
De kleine grill zorgt voor snelle, directe hitte in het
middelste gedeelte van de grillpan. Door de kleine
grill te gebruiken voor de bereiding van kleine
hoeveelheden kunt u energie besparen.
1. Draai de functieknop op .
2. Draai de thermostaatknop op de gewenste
temperatuur.
3. Pas het niveau van het rooster en de grillpan
aan voor de verschillende diktes van het
voedsel en volg de aanwijzingen voor het
grillen op.
Het grillelement wordt door de thermostaat
geregeld. Tijdens de bereiding gaat de grill aan
en uit om oververhitting te voorkomen.
Boven- en onderwarmte
- Het middelste niveau maakt de beste warmte-
verdeling mogelijk. Om de onderkant van het
gerecht extra te bruinen hoeft u alleen het
rooster maar lager te zetten. Om de boven-
kant van het gerecht extra te bruinen, het roos-
ter hoger zetten.
- Het materiaal en de afwerking van de bak-
platen en schalen is van invloed op de mate
waarin het voedsel een bruin korstje krijgt.
Emaillen servies, donker, zwaar of antiaan-
bak servies zorgen voor een betere bruine-
ring, platen van glanzend aluminium of ge-
polijst staal reflecteren de warmte en heb-
ben een negatieve invloed op het bruinen.
- Plaats de schalen altijd in het midden van
het rooster om een gelijkmatige bruinering
te garanderen.
- Zet schalen op bakplaten van de juiste af-
meting om morsen op de bodem van de oven
te voorkomen en het schoonmaken makke-
lijker te maken.
- Plaats schalen, blikken of bakplaten niet
direct op de bodem van de oven, deze wordt
erg heet en kan beschadigd raken. Als u
deze instelling gebruikt komt de warmte van
zowel het bovenste als het onderste element.
Hiermee kunt u op één enkel niveau gerech-
ten bereiden, dit is met name geschikt voor
gerechten die extra bruinering vergen, zoals
quiches en vlaaien.
Gratins, lasagne en ovenschotels die ook wat extra
bruinering aan de bovenkant vergen kunnen ook
heel goed bereid worden met boven- en onder-
warmte.
11
Aanwijzingen en tips
- Het wordt aangeraden het middelste niveau
te gebruiken Om het bruineren te verminde-
ren het rooster lager zetten Om het bruineren
te vermeerderen, het rooster hoger zettten
- Het materiaal en de afwerking van de bak-
plaat en de schalen is van invloed op de mate
waarin het voedsel een bruin korstje krijgt
Emailgoed, donker of zware bakvormen zor-
gen voor een betere bruining.
- Zet gerechten altijd in het midden van het roos-
ter om gelijkmatige bruining te garanderen.
- Zet schalen op platen van de juiste afmeting
om morsen op de bodem van de oven te voor-
komen en schoonmaakwerkzaamheden te
verminderen.
Bakken:
Taart en gebak vereisen gewoonlijk een gema-
tigde temperatuur (150°C-200°C) en daarom is
het nodig om de oven ongeveer 10 minuten voor
te verwarmen.
Doe de ovendeur niet open, voordat 3/4 van de
baktijd verstreken is.
Kruimeldeeg moet in een springvorm of op een
bakblik tot 2/3 van de baktijd gebakken worden en
daarna gegarneerd, voordat het kan worden
afgebakken. Deze extra baktijd hangt af van de
soort en hoeveelheid van de garnering.
Biscuitdeeg moet moeilijk van de lepel lopen. De
baktijd zou door te veel vloeistof onnodig langer
duren.
Als er twee bakblikken met gebak tegelijkertijd in
de oven worden geschoven, dan moet er tussen
de blikken een niveau vrijgelaten worden.
Als er twee bakblikken met gebak tegelijkertijd in
de oven worden geschoven, dan moeten de blik-
ken na ongeveer 2/3 van de baktijd van boven
naar beneden verwisseld en omgedraaid wor-
den.
12
Braden:
Neem geen braadstukken die minder wegen dan
1 kg. Kleinere stukken kunnen tijdens het braden
uitdrogen. Donker vlees, dat van buiten goed
gebraden maar van binnen roze tot rood moet
blijven, moet bij een hogere temperatuur (200°C-
MAX) gebraden worden.
Licht vlees, gevogelte, en vis daarentegen op
een lagere temperatuur (150°C-175°C). Ingre-
diënten voor de saus alleen bij korte bereidings-
tijd al aan het begin in de braadslee doen. Anders
deze pas het laatste half uur toevoegen.
Of het vlees gaar is, kunt u controleren met een
lepel: als het vlees niet ingedrukt wordt, dan is het
goed gaar. Rosbief en ossenhaas, die van bin-
nen roze moeten blijven, moeten op een hogere
temperatuur in kortere tijd gebraden worden.
Als u vlees direct op het rooster braadt, de braads-
lede op het onderste niveau schuiven om de sap-
pen op te vangen.
Het braadstuk minstens 15 minuten laten staan,
voordat u het aansnijdt, zodat het vleesvocht niet
kan weglopen.
Om rookvorming in de oven te beperken, ver-
dient het aanbeveling een beetje water in de
braadslede te gieten. Om condensvorming te voor-
komen, een paar keer water toevoegen. Borden
kunnen tot zij geserveerd worden in de oven op
de laagste temperatuur warm gehouden worden.
Let op!
Bekleed de oven niet met aluminium-
folie en zet geen braadsleden of bak-
plaat op de bodem van de oven, an-
ders kan het email van de oven door
de oplopende hitte beschadigd wor-
den.
Bereidingstijden
De bereidingstijden kunnen onderling verschillend
zijn, vanwege de verschillende samenstelling, in-
grediënten en hoeveelheid vocht van de afzon-
derlijke gerechten.
Noteer de instellingsgegevens van de eerste
bereidingsexperimenten om ervaring op te doen
als u deze gerechten later nog eens wilt bereiden.
Op basis van uw eigen ervaringen kunt u de aan-
gegeven waardes individueel aanpassen.
13
Bak- en braadtabellen
Boven- en onderwarmte
Tijden zijn exclusief voorverwarmen.
De lege oven altijd 10 minuten voorverwarmen.
SOORT
GERECHT
Boven- en
onderwarmte
temp °C
4
3
2
1
OPMERKINGEN
Bereidingstijd in
minuten
GEBAK
Schuimtaart 2 170 45-60 In cakevorm
Zandtaartdeeg 2 170 20-30 In cakevorm
Kwarktaart 1 175 60-80 In cakevorm
Appelcake (appeltaart) 1 170 90-120 In cakevorm
Strudel 2 180 60-80 Op bakplaat
Jamtaart 2 190 40-45 In cakevorm
Fruitcake 2 170 60-70 In cakevorm
Biscuitgebak 1 170 30-40 In cakevorm
Kerstcake 1 150 120-150 In cakevorm
Pruimentaart 1 175 50-60 In broodvorm
Kleine cake 3 170 20-35 Op bakplaat
Koekjes 2 160 20-30 Op bakplaat
Schuimpjes 2 135 60-90 Op bakplaat
Koffiebroodjes 2 200 12~20 Op bakplaat
Soesjes 2 of 3 210 25-35 Op bakplaat
BROOD EN PIZZA
Witbrood 1 195 60-70
Roggebrood 1 190 30-45 In broodvorm
Broodjes 2 200 25-40 Op bakplaat
Pizza 2 200 20-30 Op bakplaat
OVENSCHOTELS
Hartige taart 2 200 40-50 In bakvorm
Groentetaart 2 200 45-60 In bakvorm
Quiche 1 210 30-40 In bakvorm
Lasagne 2 200 25-35 In bakvorm
Cannelloni 2 200 25-35 In bakvorm
VLEES
Rund 2 190 50-70 Op rooster
Varken 2 180 100-130 Op rooster
Kalf 2 190 90-120 Op rooster
Rosbief
rood 2 210 50-60 Op rooster
medium 2 210 60-70 Op rooster
doorbakken 2 210 70-80 Op rooster
Varkensbraadstuk 2 180 120-150 Met zwoerd
Varkensschouder 2 180 100-120 2 stuks
Lam 2 190 110-130 Bout
Kip 2 190 70-85 Heel
Kalkoen 2 180 210-240 Heel
Eend 2 175 120-150 Heel
Gans 2 175 150-200 Heel
Konijn 2 190 60-80 In
stukken
Haas 2 190 150-200 In stukken
Fazant 2 190 90-120 Heel
Gehaktbrood 2 180 150 In broodvorm
Vis
Forel/zeebrasem 1 190 40-55 3-4 vissen
Tonijn/zalm 2 190 35-60 4-6 filets
14
Grillen
Tijden zijn exclusief voorverwarmen.
De lege oven altijd 10 minuten voorverwarmen.
De aangegeven temperaturen zijn richtlijnen. Misschien moeten de temperaturen aangepast worden
aan persoonlijke wensen.
1e kant
temp.°CStuks g.
Hoeveelheid
Bereidingstijd in
minuten
2e kant
Grillen
4
3
2
1
SOORT GERECHT
Tournedos 4 800 3 MAX 12~15 12~14
Biefstuk 4 600 3 MAX 10~12 6~8
Worstjes 8 / 3 MAX 12~15 10~12
Varkenskarbonades 4 600 3 MAX 12~16 12~14
Kip (in twee helften) 2 1000 3 MAX 30~35 25~30
Kebabs 4 / 3 MAX 10~15 10~12
Kip (borst) 4 400 3 MAX 12~15 12~14
Hamburger* 6 600 2 MAX 20-30
*Voorverwarmen 5’00'’
Vis (filets) 4 400 3 MAX 12~14 10~12
Sandwiches 4~6 / 3 MAX 5~7 /
Toast 4~6 / 3 MAX 2~4 2~3
15
Trek voordat u de oven gaat schoon-
maken altijd eerst de stekker uit het
stopcontact en laat de oven afkoelen.
Het apparaat mag niet schoonge-
maakt worden met een stoomreiniger.
Let op: Voor elke reinigingshandeling de stek-
ker van het apparaat absoluut uit het stopcon-
tact halen.
Voor een lange levensduur van het apparaat is
het noodzakelijk de volgende reinigingswerk-
zaamheden regelmatig uit de voeren:
- Maak de oven pas schoon als deze is afge-
koeld.
- Maak de geëmailleerde delen schoon met
een sopje.
- Gebruik geen schuurmiddelen.
- Droog de onderdelen van roestvrij staal en
de glasplaat met een zachte doek.
- Gebruik bij hardnekkige vlekken normaal
verkrijgbare reinigingsmiddelen voor roest-
vrij staal of warme azijn.
Het email van de oven is uiterst duurzaam en
in hoge mate resistent. De inwerking van hete
fruitzuren (citroenen, pruimen of dergelijke)
kunnen echter op de oppervlakken van email
blijvende matte en ruwe vlekken achterlaten.
Dergelijke vlekken op het hoogglanzende op-
pervlak van het email hebben echter geen in-
vloed op de functies van de oven. Reinig de
oven grondig na elk gebruik. Zo kunt u veront-
reinigingen het makkelijkst verwijderen. Verder
inbranden wordt daardoor voorkomen.
Schoonmaakmiddelen
Voordat u welke schoonmaakmiddelen dan ook
voor uw oven gebruikt, moet u controleren of
ze geschikt zijn en of hun gebruik wordt aanbe-
volen door de fabrikant.
Reiniging en onderhoud
Schoonmaakmiddelen met bleekmiddel mogen
NIET worden gebruikt omdat zij de toplaag van
de oppervlakken dof kunnen maken. Ook het
gebruik van ruwe schuurmiddelen moet worden
vermeden.
Buitenkant
Neem regelmatig het bedieningspaneel, de
ovendeur en de afdichting af met een zachte,
goed uitgewrongen doek met warm water en wat
vloeibaar reinigingsmiddel.
Om beschadigen of verzwakken van de glas-
platen van de deur te voorkomen, moet u het
gebruik van de volgende middelen vermijden:
Was- en bleekmiddelen
Geïmpregneerde sponsjes die niet geschikt
zijn voor pannen met antiaanbaklaag
Schuursponsjes van staalwol
Chemische ovensponsjes of spuitbussen
Roestverwijderaars
Vlekkenverwijderaars voor bad en gootsteen
Maak het binnen- en buitenvenster van de deur
schoon met een warm sopje. Mocht het binnen-
venster van de deur erg verontreinigd zijn, dan
is het gebruik van een speciaal reinigingsmid-
del aan te bevelen. Gebruik geen verfkrabber
om aangekoekt vuil te verwijderen.
Maak de ovendeur NIET schoon ter-
wijl de glasplaten warm zijn. Als deze
voorzorgsmaatregel niet wordt nage-
leefd, dan kan de glasplaat versplin-
teren.
Als de glasplaat van de deur gebarsten
is of diepe krassen heeft, dan wordt het
glas minder sterk en moet het worden
vervangen om te voorkomen dat het
verbrijzelt. Neem contact op met onze
service-afdeling die u graag advies zal
geven.
16
Ovenruimte
De emaillen bodem van de ovenruimte kunt u het
best schoonmaken als de oven nog warm is.
Veeg de oven na elk gebruik schoon met een
zachte doek gedrenkt in warm water met een
afwasmiddel. Af en toe is het echter nodig de
oven grondiger schoon te maken, gebruik daar-
voor een in de handel verkrijgbare ovenreiniger.
17
Reiniging van de ovendeur
Voordat u de ovendeur gaat schoonmaken, ra-
den wij u aan deze los te maken van de oven.
Ga als volgt te werk:
1. zet de ovendeur helemaal open;
2. ga naar de scharnieren waarmee de deur
aan de oven is bevestigd (Afb. A);
3. maak de kleine hendels op de scharnieren
los en draai ze (Afb. B);
4. pak de deur aan beide kanten vast, draai
deze vervolgens langzaam naar de oven toe
totdat hij half dicht is (Afb. C);
5. trek dan de deur zachtjes los van zijn plek
(Afb. C);
6. leg de deur op een stevige ondergrond;
Maak het glas van de deur alleen schoon met
warm zeepsop en een zachte doek. Gebruik
nooit agressieve schuurmiddelen. Zet, nadat de
schoonmaak voltooid is, de ovendeur weer op
zijn plaats, volg de procedure in de omgekeer-
de volgorde.
Apparaten van roestvrij staal of aluminium:
Wij adviseren u de ovendeur alleen schoon te
maken met een natte spons en hem daarna af
te drogen met een zachte doek.
Gebruik nooit staalwol, zuren of bijtende produc-
ten, deze kunnen het ovenoppervlak beschadi-
gen. Maak het bedieningspaneel van de oven
net zo voorzichtig schoon.
Maak de ovendeur NIET schoon ter-
wijl de glasplaten warm zijn. Als deze
voorzorgsmaatregel niet wordt nage-
leefd, dan kan de glasplaat versplin-
teren.
Als de glasplaat van de deur gebarsten is of die-
pe krassen heeft, dan wordt het glas minder sterk
en moet het worden vervangen om te voorko-
men dat het verbrijzelt. Neem contact op met onze
service-afdeling die u graag advies zal geven.
Afb. A
Afb. B
Afb. C
18
Vervangen van het ovenlampje
Trek de stekker uit het stopcontact
Als het ovenlampje moet worden vervangen, dan
moet dit voldoen aan de volgende eisen:
- Vermogen: 25 W,
- Voltage: 230 V (50 Hz),
- Hittebestendig tot 300° C,
- Soort aansluiting: E14.
Deze lampjes zijn verkrijgbaar bij onze service-
afdeling.
De kapotte lamp vervangen:
1. Zorg ervoor dat de stekker uit het stopcon-
tact is gehaald.
2. Druk het glazen dekseltje in en draai het te-
gen de klok in.
3. Verwijder het kapotte lampje en vervang dit
door een nieuw.
4. Zet het glazen dekseltje terug en steek de stek-
ker weer in het stopcontact.
19
Als het apparaat niet goed werkt, lees dan eerst onderstaande aanwijzingen, voordat u contact
opneemt met onze service-afdeling:
Hulp bij storingen
OPLOSSING
Controleer of zowel de bereidingsfunctie als de
temperatuur zijn ingesteld
of
Controleer, of het apparaat goed aangesloten is en
of de zekering in de huisinstallatie in orde is.
Stel een temperatuur in met de thermostaatknop
of
Stel een functie in met de functieknop.
Stel een
bereidingsfunctie
of
Controleer het lampje en vervang het, indien
nodig (zie “Reiniging en onderhoud”)
De temperatuur moet aangepast worden
of
Volg het advies in de instructies op, met name het
hoofdstuk „Gebruik van de oven“.
Na afloop van de bereiding de gerechten niet lan-
ger dan 15-20 minuten in de oven laten staan.
PROBLEEM
De oven schakelt niet in.
Het controlelampje thermostaat
gaat niet branden.
Het ovenlampje gaat niet branden.
De bereiding van de gerechten
duurt te lang of ze worden te snel
gaar.
Stoom en condenswater slaan neer
op de gerechten en de deur van de
oven.
20
Technische gegevens
Vermogen verwarmingselementen
Onderwarmte 1000 W
Bovenwarmte 800 W
Boven-/onderwarmte 1800 W
Grill 1650 W
Ovenlampje 25 W
Koelventilator 25 W
Totale aansluitwaarde 1850 W
Spanning (50 Hz)
230 V
Inbouw
Hoogte onder bovenkant 593 mm
in kolom 580 mm
Breedte 560 mm
Diepte 550 mm
Oven
Hoogte 335 mm
Breedte 405 mm
Diepte 410 mm
Oveninhoud 56 l
Instructies voor de installateur
Inbouw en installatie moeten uitge-
voerd worden met strikte inachtneming
van de geldende voorschriften. Elke
ingreep mag slechts plaatsvinden als
het apparaat uitgeschakeld is. Ingre-
pen mogen uitsluitend verricht worden
door een erkend installateur.
De fabrikant kan niet aansprakelijk ge-
steld worden als de veiligheidsvoor-
schriften niet opgevolgd worden.
Elektrische aansluiting
Let voor het aansluiten op het volgende:
- De zekering en de huisinstallatie moeten op
de max. belasting van het apparaat bere-
kend zijn (zie typeplaatje).
- De huisinstallatie moet voorzien zijn van een
aardaansluiting overeenkomstig de gel-
dende voorschriften.
- Het stopcontact of de meerpolige contact-
verbreker moeten ook na voltooiing van de
installatie van het apparaat makkelijk bereik-
baar zijn.
Dit apparaat wordt geleverd met een aansluit-
snoer.
Aan het snoer moet een geschikte stekker
gemonteerd worden, in overeenstemming met
de elektrische belasting zoals gespecificeerd op
het typeplaatje. De stekker moet in een ge-
schikte wandcontactdoos gestoken worden. In-
dien u een directe aansluiting op de elektriciteits-
voorziening (hoofdleiding) wenst, moet u een
omnipolaire schakelaar, met een minimum-
afstand van 3 mm tussen de contactpunten,
tussen het apparaat en de hoofdleiding monte-
ren, die geschikt is voor de vereiste belasting
en die in overeenstemming is met de geldende
voorschriften. De groen-gele aardingsdraad
21
mag niet onderbroken worden door de schake-
laar en dient 2-3 cm langer te zijn dan de an-
dere draden.
Het aanwezige netsnoer met stekker moet
aangesloten worden op een geaard stopcontact
(230 V~, 50 Hz). Dit stopcontact moet overeen-
komstig de voorschriften geïnstalleerd zijn.
Als aansluitsnoer zijn, met inachtneming van
de nominale doorsneden, volgende types ge-
schikt: H07 RN-F, H05 RN-F, H05 RR-F, H05
VV-F, H05 V2V2-F (T90), H05 BB-F.
Het aansluitsnoer moet in ieder geval zoda-
nig geplaatst zijn, dat het nergens 50°C (boven
kamertemperatuur) bereikt.
Na de aansluiting moeten de verwarmings-
elementen gecontroleerd worden, door ze on-
geveer 3 minuten te laten werken.
Klemmenbord
De oven is voorzien van een makkelijk toegan-
kelijk klemmenbord, dat berekend is voor de
werking op een éénfase-stroomvoorziening van
230 V.
Letter L - Onder stroom staande klem
Letter N - Neutrale klem
of E - Aardeklem
22
Instructies voor de inbouw
Voor een onberispelijke werking van het inge-
bouwde apparaat moet het inbouwmeubel resp.
de uitsparing waarin het apparaat moet worden
ingebouwd geschikte afmetingen hebben.
In overeenstemming met de geldende voorschrif-
ten moeten alle delen, die de bescherming te-
gen aanraking van onder spanning staande en
geïsoleerde delen garanderen, zodanig beves-
tigd zijn, dat ze niet zonder gereedschap verwij-
derd kunnen worden.
Hierbij hoort ook de bevestiging van eventuele
afsluitende kanten aan het begin of einde van
een rij inbouwapparaten.
De bescherming tegen aanraking moet in ieder
geval door het inbouwen gegarandeerd zijn.
Het apparaat kan met de achterkant resp. zij-
kant tegen hogere keukenmeubelen, apparaten
of wanden geplaatst worden. Aan de andere zij-
kant mogen er echter geen andere apparaten of
meubelen van dezelfde hoogte als het apparaat
geplaatst worden.
Ovenafmetingen (Afb. A)
Instructies voor de inbouw
Voor een onberispelijke werking van het inge-
bouwde apparaat moet het inbouwmeubel resp.
de uitsparing waarin het apparaat moet worden
ingebouwd geschikte afmetingen hebben (Afb.
B-C).
Bevestiging in het meubel
- Open de ovendeur;
- De oven met behulp van de vier mee-
geleverde afstandsstukken aan het meubel
bevestigen (afb. D - A) - deze passen precies
in de daarvoor bedoelde gaten van het frame
- en draai daarna vier houten schroeven aan
(afb. D - B).
Afb. A
Afb. B
Afb. D
Afb. C
550 MIN
593
560 - 570
8
0
÷
1
0
0
23
Service en onderdelen
Als het probleem na de beschreven controles niet
kan worden opgelost, bel dan de dichtstbijzijnde
klantenservice van de fabrikant en vermeld de
aard van het defect, het model van het apparaat
(Mod.), het Productienummer (Prod. Nr.) evenals
het fabricagenummer (Ser. Nr.), die u op het
typeplaatje van de oven vindt.
De originele vervangingsonderdelen van de
fabrikant, die voorzien van het volgende
merkteken, vindt u uitsluitend bij de centrale van
onze klantenservice of bij
geautoriseerde
onderdelenwinkels.
24
Garantie/serviceafdeling
België
WAARBORGVOORWAARDEN
Onze toestellen worden met de grootst mogelijke zorgvuldigheid geproduceerd. Desondanks kan het
voorkomen dat er een defect optreedt. Onze klantendienst zal dit op verzoek herstellen, zowel binnen als
buiten de waarborgtermijn. De levensduur van het toestel wordt daardoor niet negatief beïnvloed.
Onderstaande waarborgvoorwaarden zijn gestoeld op de EU Richtlijn 99/44/EG en het Burgerlijk
Wetboek. De daaruit voortvloeiende rechten blijven onverlet.
Ook de waarborgverplichtingen van de verkoper naar de eindgebruiker blijven onaangetast.
Voor dit toestel verlenen wij waarborg volgens onderstaande voorwaarden:
1. Wij verhelpen kosteloos met inachtneming van de voorwaarden 2 tot en met 15 gebreken aan het
toestel die zich openbaren binnen 24 maanden vanaf de datum van levering aan de eindgebruiker.
Deze waarborgvoorwaarden zijn niet van toepassing in geval van professioneel of daarmee gelijk te
stellen gebruik.
2. De waarborgprestatie houdt in dat het toestel kosteloos wordt teruggebracht in de toestand die het
had voor het defect optrad. Gebrekkige onderdelen worden hersteld of vervangen. Kosteloos
vervangen onderdelen worden ons eigendom.
3. Het gebrek moet terstond gemeld worden, om mogelijke verdere schade te voorkomen.
4. Voor een beroep op waarborg dient het aankoopbewijs met aankoop- en/of leveringsdatum te wor-
den overlegd.
5. De waarborg heeft geen betrekking op schade aan kwetsbare onderdelen, zoals (vitrokeramisch)
glas, kunststof, rubber, die ontstaan is door onzorgvuldig gebruik
6. De waarborg heeft geen betrekking op kleine afwijkingen van de gestelde kwaliteit die voor de
waarde en deugdelijkheid van het toestel onbeduidend zijn.
7. De waarborg geldt evenmin voor schade veroorzaakt door:
- chemische en elektrochemische inwerking van water,
- abnormale milieuomstandigheden in het algemeen
- voor het toestel oneigenlijke bedrijfsomstandigheden
- contact met agressieve stoffen.
8. De waarborg heeft geen betrekking op gebreken door transportschade die buiten onze
verantwoordelijkheid is ontstaan, niet vakkundige installatie of montage, verkeerd gebruik, gebrekkig
onderhoud, of het niet in acht nemen van de gebruiks- of montageaanwijzingen.
9. Het recht op waarborg vervalt wanneer het defect werd veroorzaakt door herstelling of ingrepen
door derden die niet bevoegd of niet deskundig zijn, of wanneer het toestel voorzien werd van
toebehoren of onderdelen die niet origineel zijn en daardoor een defect veroorzaken.
10. Toestellen die gemakkelijk kunnen worden vervoerd dienen te worden overhandigd of gezonden
naar onze klantendienst. Herstelling ter plaatse kan slechts worden gevraagd voor grote of
ingebouwde toestellen.
11. Indien het toestel zodanig is ingebouwd, ondergebouwd, opgehangen of geplaatst dat de benodigde
tijd voor het in- en uitbouwen samen meer dan 30 minuten bedraagt, dan worden de hierdoor
ontstane extra kosten aan de gebruiker in rekening gebracht. Schade die ontstaat door abnormale in-
of uitbouw komt ten laste van de gebruiker.
12. Indien binnen de waarborgperiode de herstelling van hetzelfde gebrek meermaals mislukt of de
25
herstellingkosten disproportioneel zijn wordt in overleg met de gebruiker een gelijkwaardige
vervanging geleverd. In geval van vervanging behouden we ons het recht voor om een vergoeding
te rekenen naar rato van de verstreken gebruiksperiode.
13. Herstelling onder waarborg heeft geen verlenging van de waarborgtermijn noch aanvang van een
nieuwe waarborgtermijn tot gevolg.
14. Op herstellingen geven wij een waarborg van 12 maanden, uitsluitend op hetzelfde gebrek.
15. Verdere of andere rechten, in het bijzonder vergoeding van schade ontstaan buiten het toestel, zijn
uitgesloten voor zover een aansprakelijkheid niet wettelijk is vastgelegd.
In geval van aansprakelijkheid zal een vergoeding de aankoopwaarde van het toestel niet
overtreffen.
Deze waarborgvoorwaarden gelden voor in België gekochte en/of in gebruik zijnde toestellen. Indien
een toestel naar het buitenland wordt gebracht dient de gebruiker na te gaan of het toestel voldoet aan de
technische voorwaarden ( o.a. spanning, frequentie, installatievoorschriften, gassoort,
klimaatomstandigheden) in het betreffende land. Voor in het buitenland aangeschafte toestellen dient de
gebruiker zich zelf te vergewissen van de bepalingen in België. Noodzakelijke of gewenste aanpassingen
vallen niet onder de waarborg, en kunnen niet altijd worden aangebracht.
Ook na afloop van de waarborgtermijn staat onze klantendienst u ter beschikking.
Adres van onze klantenservice
BELGIË
Tel: Fax:
Electrolux Home Products Belgium Consumer services 02/363.04.44 02/363.04.00
ELECTROLUX SERVICE 02/363.04.60
Bergensesteenweg 719 1502 Lembeek
E-mail: consumer[email protected]
GRAND-DUCHÉ DE LUXEMBOURG
ELECTROLUX HOME PRODUCTS Consumer services 00 35242431-1 0035242 431-360
Rue de Bitbourg. 7 L-1273 Luxembourg-Hamm
26
Dit apparaat wordt door Electrolux in elk van de achter in deze handleiding genoemde landen
gedurende de in het bij het apparaat behorende garantiebewijs genoemdeb periode of anderszins
bij de wet gegarandeerd. Als u van een van deze landen verhuist naar een ander van de hieronder
genoemde landen, verhuist de garantie op het apparaat met u mee. De volgende beperkingen zijn
hierop van toepassing:
De garantie op het apparaat begint op de datum van eerste aankoop van het apparaat. Deze
datum dient te worden aangetoond door overlegging van een geldig, door de verkoper van het
apparaat afgegeven ankoopbewijs.
De garantie op het apparaat geldt voor dezelfde periode en in dezelfde mate voor arbeidsloon
en onderdelen als van toepassing in uw nieuwe land van vestiging op dit specifieke model of
deze specifieke serie apparaten.
De garantie op het apparaat is persoonlijk, geldt dus voor de oorspronkelijke koper van het
apparaat en kan niet worden overgedragen op een andere gebruiker.
Het apparaat wordt geïnstalleerd en gebruikt in overeenstemming met de door Electrolux
afgegeven instructies en wordt alleen in huis gebruikt, dat wil zeggen, het apparaat wordt niet
gebruikt voor commerciële doeleinden.
Het apparaat wordt geïnstalleerd in overeenstemming met alle relevante voorschriften die in
uw nieuwe land van vestiging van kracht zijn.
De voorwaarden van deze Europese garantie tasten geen van de aan u bij de wet verleende
rechten aan.
Europese garantie
52
35698-2402 11/09 R.0
www.zanker.de

Documenttranscriptie

Gebruikersinformatie Informations pour l’utilisateur Inbouwoven ZKB 7513 ZKB 7514 Four encastrable Inhoud Waarschuwingen en belangrijke adviezen voor de veiligheid ........................................................ 3 Beschrijving van het apparaat ....................................................................................................... 5 Bedieningsknoppen ...................................................................................................................... 6 Voordat u de oven in gebruik neemt .............................................................................................. 8 Gebruik van de oven ................................................................................................................... 9 Bak- en braadtabellen ................................................................................................................ 13 Reiniging en onderhoud ............................................................................................................. 15 Als er iets verkeerd gaat ............................................................................................................. 19 Technische gegevens ................................................................................................................ 20 Instructies voor de installateur ..................................................................................................... 20 Instructies voor de inbouw .......................................................................................................... 22 Service en onderdelen ............................................................................................................... 23 Garantie/serviceafdeling ............................................................................................................. 24 Europese garantie ...................................................................................................................... 26 Handleiding voor de gebruiksaanwijzing Veiligheidsvoorschriften ) Stap-voor-stap-handleiding Aanwijzingen en Tips Dit apparaat voldoet aan de volgende EG-richtlijnen: 2006/95(Laagspanningsrichtlijn); 2004/108 (EMC Richtlijn); en daaropvolgende wijzigingen. 2 Nederlands Waarschuwingen en belangrijke adviezen voor de veiligheid Bewaar de bij dit apparaat geleverde gebruiksaanwijzing zorgvuldig. Als het apparaat aan derden geschonken of verkocht wordt, of als u het apparaat bij verhuizing in de oude woning achterlaat, is het belangrijk dat de nieuwe eigenaar/eigenaresse over deze gebruiksaanwijzing en de adviezen kan beschikken. Deze aanwijzingen zijn bedoeld voor de veiligheid van de gebruiker en diens huisgenoten. Lees ze dus aandachtig door, voordat u het apparaat aansluit en/of in gebruik neemt. Installatie De installatie moet verricht worden door vakkundig personeel, met inachtneming van de geldende voorschriften. De afzonderlijke installatiewerkzaamheden zijn beschreven in de instructies voor de installateur. • Laat de installatie en aansluiting uitvoeren door een vakman, overeenkomstig de hem, dankzij zijn vakkennis bekende richtlijnen. • Ook eventueel naar aanleiding van voor de installatie noodzakelijke wijzigingen aan de elektriciteitsvoorziening moeten door een vakman aangebracht worden. • • • • • Bediening Deze oven is ontworpen voor de bereiding van gerechten; gebruik hem nooit voor andere doeleinden. • Pas, bij het openen van de ovendeur, tijdens of na afloop van de bereiding op voor de hete luchtstroom, die uit de oven naar buiten komt. • Tijdens de werking van de oven extra voorzichtig zijn. Door de grote hitte van de verwarmingselementen zijn de roosters en andere delen erg heet. • • Indien u - om welke reden dan ook - aluminiumfolie voor voedingsmiddelen in de oven gebruikt, laat dit dan nooit in direct contact komen met de bodem van de oven. Ga bij het schoonmaken van de oven voorzichtig te werk: sproei nooit vloeistof op het vetfilter (indien aanwezig), het verwarmingselement en de thermostaatsensor. Het is gevaarlijk veranderingen van welke aard ook aan te brengen aan het apparaat of aan de kenmerken ervan. Tijdens het bak-, braad- en grillproces worden de ovendeur en de andere onderdelen van het apparaat erg heet, houd kinderen daarom uit de buurt van het apparaat. Bij de aansluiting van elektrische apparaten op stopcontacten in de buurt van de oven, moet u er op letten dat aansluitkabels niet in aanraking komen met hete kooktoestellen of vastgeklemd raken in de hete deur van de oven. Gebruik altijd ovenwanten om vuurvaste, hete schotels of schalen uit de oven te halen. 3 • • • • • • Een regelmatige reiniging voorkomt de achteruitgang van het oppervlaktemateriaal van de oven. Schakel voordat u de oven schoonmaakt de stroom uit of trek de stekker uit het stopcontact. Verzeker u ervan dat de oven in de stand «UIT» staat, als de oven niet meer gebruikt wordt. Deze oven is vervaardigd als afzonderlijk apparaat of als combinatieapparaat met een elektrische kookplaat, voor aansluiting aan enkelfase 230 V. Het apparaat mag niet schoongemaakt worden met een stoomreiniger. Gebruik geen schuurmiddelen of scherpe metalen schrapers. U kunt daarmee krassen op het glas van de deur veroorzaken en dat kan leiden tot het barsten van het glas. Veiligheid van kinderen Dit apparaat is bestemd voor gebruik door volwassenen. Het is gevaarlijk om het door kinderen te laten gebruiken of hen ermee te laten spelen. • Houd kinderen uit de buurt, zolang de oven in werking is. Ook nadat u de oven heeft uitgeschakeld, blijft de deur nog lange tijd heet. • Dit apparaat is niet bedoeld voor gebruik door kinderen of andere personen met beperkte lichamelijke, zintuiglijke of geestelijke vermogens of een gebrek aan ervaring en kennis, tenzij dit onder toezicht gebeurt van een voor hun veiligheid verantwoordelijke persoon of tenzij zij van een dergelijke persoon instructies hebben ontvangen over het gebruik van het apparaat. • 4 Klantenservice Laat inspectie- en/of herstelwerkzaamheden uitvoeren door een ELECTROLUX Service en laat geen andere dan originele DISTRIPARTS onderdelen plaatsen. • Tracht in geval van een storing of defect, dit apparaat nooit zelf te repareren. Reparaties die door niet-deskundige personen uitgevoerd worden, kunnen tot schade of letsel leiden. • Het symbool op het product of op de verpakking wijst erop dat dit product niet als huishoudafval mag worden behandeld, maar moet worden afgegeven bij een verzamelpunt waar elektrische en elektronische apparatuur wordt gerecycled. Als u ervoor zorgt dat dit product op de juiste manier wordt verwijderd, voorkomt u mogelijke negatieve gevolgen voor mens en milieu die zich zouden kunnen voordoen in geval van verkeerde afvalverwerking. Voor gedetailleerdere informatie over het recyclen van dit product, kunt u contact opnemen met de gemeente, de gemeentereiniging of de winkel waar u het product hebt gekocht. Beschrijving van het apparaat 2 3 4 5 1 6 7 8 9 1. 2. 3. 4. 5. Bedieningspaneel Controlelampje thermostaat Thermostaatknop Functieknop Bedrijfscontrolelampje 6. 7. 8. 9. Luchtopeningen voor koelventilator Grill Oven lampje Typeplaatje Toebehoren Braadslede Kantelveilig rooster 5 Bedieningsknoppen Functieknop 0 De oven staat uit Boven- en onderwarmte - De warmte komt van zowel de bovenste als de onderste verwarmingselementen, zodat er in de gehele ovenruimte een gelijkmatige temperatuur heerst Onderwarmte - De oven geeft alleenvan onder een matige warmte af. Bovenwarmte - De oven geeft alleenvan boven een matige warmte af. Grill - Kan gebruikt worden om kleine hoeveelheden te grillen Bedrijfscontrolelampje Het bedrijfscontrolelampje gaat branden als de functieknop wordt ingesteld. Thermostaatknop Draai de thermostaatknop tegen de klok in om temperaturen tussen 50°C en 230 °C (MAX) te kiezen. Controlelampje thermostaat Het controlelampje van de thermostaat gaat branden als er aan de thermostaatknop wordt gedraaid. Het lampje blijft branden tot de juiste temperatuur bereikt is. Daarna gaat het aan en uit om aan te geven dat de temperatuur wordt gehandhaafd. 6 Veiligheidsthermostaat Om gevaarlijke oververhitting te voorkomen (door onjuist gebruik van het apparaat of defecte onderdelen), is de oven voorzien van een veiligheidsthermostaat, die de stroomtoevoer onderbreekt. Zodra de temperatuur gezakt is, wordt de oven automatisch weer ingeschakeld. Als de veiligheidsthermostaat vanwege onjuist gebruik is geactiveerd, hoeft u, nadat de oven is afgekoeld, alleen de fout te verhelpen; wordt de thermostaat daarentegen geactiveerd vanwege een defect onderdeel, dan dient u contact op te nemen met onze service-afdeling. Koelventilator De oven is voorzien van een koelventilator, die bedoeld is om het voorpaneel, de knoppen en de handgreep van de ovendeur koel te houden. De ventilator wordt automatisch ingeschakeld als de oven geactiveerd wordt. Warme lucht wordt door de opening vlakbij de handgreep van de ovendeur naar buiten geblazen. De ventilator wordt uitgeschakeld, als de functieknop in de UITstand 0 wordt gezet. 7 Voordat u de oven in gebruik neemt Verwijder al het verpakkingsmateriaal, zowel van de buitenkant als de binnenkant van de oven, voordat u de oven in gebruik neemt. Voordat u de oven in gebruik neemt, moet deze leeg worden verwarmd. Gedurende deze tijd kan er een onaangenaam luchtje ontstaan. Dit is volkomen normaal. Het wordt veroorzaakt door fabricageresten. Zorg ervoor dat de ruimte goed geventileerd is. 1. Draai de functieknop op bereiding ) met Boven- en onderwarmte . 2. Draai de thermostaatknop op MAX. 3. Zet een raam open voor ventilatie. 4. Laat de lege oven ongeveer 45 minuten werken. Deze procedure dient herhaald te worden met de grillfunctie gedurende ongeveer 5-10 minuten. Laat de oven daarna afkoelen. Maak een doek vochtig met warm water en wat mild reinigingsmiddel en maak daarmee de binnenkant van de oven schoon. Maak, voordat u de oven voor het eerst gebruikt, ook alle toebehoren grondig schoon. 8 Om de ovendeur te openen, altijd de handgreep in het midden vasthouden. Gebruik van de oven De oven is voorzien van een exclusief systeem dat zorgt voor natuurlijke luchtcirculatie en de constante recirculatie van stoom. Dit systeem maakt het mogelijk om in een stoom bevattende atmosfeer voedsel te bereiden en houdt de gerechten zacht van binnen en knapperig van buiten. Bovendien worden de bereidingstijd en het energieverbruik tot een minimum beperkt. Tijdens de bereiding kan er stoom ontstaan die kan ontsnappen als u de ovendeur opent. Dit is volkomen normaal. Doe echter altijd een stap van de oven vandaan als u de ovendeur opent, zodat de stoom of hitte in de oven kan ontsnappen. Let op! - Leg geen voorwerpen op de bodem van de oven en dek tijdens de bereiding geen enkel deel van de oven af met aluminiumfolie, dit kan oververhitting veroorzaken, wat de bakresultaten beïnvloedt en het email van de oven kan beschadigen. Zet pannen, hittebestendige pannen en aluminium bakplaten altijd op het rooster dat in de geleiders is geschoven. Wanneer voedsel verwarmd wordt, ontstaat er stoom, net als in een ketel. Als de stoom in aanraking komt met de glazen deur van de oven, condenseert hij en ontstaan er waterdruppels. Om de condensvorming te beperken, de lege oven altijd 10 minuten voorverwarmen. Wij adviseren u, de waterdruppels na elke bereiding af te vegen. Tijdens de bereiding de ovendeur altijd gesloten houden. Doe een stap naar achteren bij het openen van de ovendeur, die kiept. Laat hem niet open 4 3 2 1 vallen - ondersteun de deur met de handgreep totdat hij helemaal open is. De oven heeft vier inzetniveaus. De inzetniveaus worden vanaf de bodem van de oven geteld, zoals getoond in de afbeelding. Het is belangrijk dat deze roosters correct geplaatst zijn, zoals aangegeven in de afbeelding. Zet nooit kookgerei direct op de bodem van de oven. Onderwarmte Deze functie is vooral nuttig bij het blind bakken van taartbodems. Deze functie kan eveneens gebruikt worden om bij quiches of vlaaien te zorgen dat het basisdeeg gaar is. Het controlelampje van de thermostaat blijft branden tot de juiste temperatuur is bereikt. Daarna gaat het aan en uit om aan te geven dat de temperatuur wordt gehandhaafd. Alleen bovenste ovenelement Deze functie is geschikt voor het afmaken van gekookt voedsel, bijv. lasagna, gehakt met een korst van aardappelpuree, bloemkool met kaas enz. 9 Grillen - - - De meeste gerechten moeten op het rooster in de grillpan geplaatst worden om maximale luchtcirculatie mogelijk te maken en om het voedsel boven het vet en de jus te houden. Voedsel zoals vis, lever en niertjes kunnen direct op de grillpan geplaatst worden, indien gewenst. Voedsel moet goed afgedroogd worden voor het grillen om lekken te voorkomen. Strijk mager vlees en vis licht in met een beetje olie of gesmolten boter om ze mals te houden tijdens de bereiding. Overige ingrediënten zoals tomaten en champignons kunnen onder de grill geplaatst worden tijdens het grillen van vlees. Bij het roosteren van brood raden we u aan het bovenste inzetniveau te gebruiken. Het voedsel moet tijdens de bereiding, indien nodig, omgedraaid worden. Grill De kleine grill zorgt voor snelle, directe hitte in het middelste gedeelte van de grillpan. Door de kleine grill te gebruiken voor de bereiding van kleine hoeveelheden kunt u energie besparen. 1. Draai de functieknop op . 2. Draai de thermostaatknop op de gewenste temperatuur. 3. Pas het niveau van het rooster en de grillpan aan voor de verschillende diktes van het voedsel en volg de aanwijzingen voor het grillen op. Het grillelement wordt door de thermostaat geregeld. Tijdens de bereiding gaat de grill aan en uit om oververhitting te voorkomen. Boven- en onderwarmte - 10 Het middelste niveau maakt de beste warmteverdeling mogelijk. Om de onderkant van het gerecht extra te bruinen hoeft u alleen het rooster maar lager te zetten. Om de bovenkant van het gerecht extra te bruinen, het rooster hoger zetten. - Het materiaal en de afwerking van de bakplaten en schalen is van invloed op de mate waarin het voedsel een bruin korstje krijgt. Emaillen servies, donker, zwaar of antiaanbak servies zorgen voor een betere bruinering, platen van glanzend aluminium of gepolijst staal reflecteren de warmte en hebben een negatieve invloed op het bruinen. - Plaats de schalen altijd in het midden van het rooster om een gelijkmatige bruinering te garanderen. - Zet schalen op bakplaten van de juiste afmeting om morsen op de bodem van de oven te voorkomen en het schoonmaken makkelijker te maken. - Plaats schalen, blikken of bakplaten niet direct op de bodem van de oven, deze wordt erg heet en kan beschadigd raken. Als u deze instelling gebruikt komt de warmte van zowel het bovenste als het onderste element. Hiermee kunt u op één enkel niveau gerechten bereiden, dit is met name geschikt voor gerechten die extra bruinering vergen, zoals quiches en vlaaien. Gratins, lasagne en ovenschotels die ook wat extra bruinering aan de bovenkant vergen kunnen ook heel goed bereid worden met boven- en onderwarmte. Aanwijzingen en tips - Het wordt aangeraden het middelste niveau te gebruiken Om het bruineren te verminderen het rooster lager zetten Om het bruineren te vermeerderen, het rooster hoger zettten - Het materiaal en de afwerking van de bakplaat en de schalen is van invloed op de mate waarin het voedsel een bruin korstje krijgt Emailgoed, donker of zware bakvormen zorgen voor een betere bruining. - Zet gerechten altijd in het midden van het rooster om gelijkmatige bruining te garanderen. - Zet schalen op platen van de juiste afmeting om morsen op de bodem van de oven te voorkomen en schoonmaakwerkzaamheden te verminderen. Bakken: Taart en gebak vereisen gewoonlijk een gematigde temperatuur (150°C-200°C) en daarom is het nodig om de oven ongeveer 10 minuten voor te verwarmen. Doe de ovendeur niet open, voordat 3/4 van de baktijd verstreken is. Kruimeldeeg moet in een springvorm of op een bakblik tot 2/3 van de baktijd gebakken worden en daarna gegarneerd, voordat het kan worden afgebakken. Deze extra baktijd hangt af van de soort en hoeveelheid van de garnering. Biscuitdeeg moet moeilijk van de lepel lopen. De baktijd zou door te veel vloeistof onnodig langer duren. Als er twee bakblikken met gebak tegelijkertijd in de oven worden geschoven, dan moet er tussen de blikken een niveau vrijgelaten worden. Als er twee bakblikken met gebak tegelijkertijd in de oven worden geschoven, dan moeten de blikken na ongeveer 2/3 van de baktijd van boven naar beneden verwisseld en omgedraaid worden. 11 Braden: Neem geen braadstukken die minder wegen dan 1 kg. Kleinere stukken kunnen tijdens het braden uitdrogen. Donker vlees, dat van buiten goed gebraden maar van binnen roze tot rood moet blijven, moet bij een hogere temperatuur (200°CMAX) gebraden worden. Licht vlees, gevogelte, en vis daarentegen op een lagere temperatuur (150°C-175°C). Ingrediënten voor de saus alleen bij korte bereidingstijd al aan het begin in de braadslee doen. Anders deze pas het laatste half uur toevoegen. Of het vlees gaar is, kunt u controleren met een lepel: als het vlees niet ingedrukt wordt, dan is het goed gaar. Rosbief en ossenhaas, die van binnen roze moeten blijven, moeten op een hogere temperatuur in kortere tijd gebraden worden. Als u vlees direct op het rooster braadt, de braadslede op het onderste niveau schuiven om de sappen op te vangen. Het braadstuk minstens 15 minuten laten staan, voordat u het aansnijdt, zodat het vleesvocht niet kan weglopen. Om rookvorming in de oven te beperken, verdient het aanbeveling een beetje water in de braadslede te gieten. Om condensvorming te voorkomen, een paar keer water toevoegen. Borden kunnen tot zij geserveerd worden in de oven op de laagste temperatuur warm gehouden worden. Let op! Bekleed de oven niet met aluminiumfolie en zet geen braadsleden of bakplaat op de bodem van de oven, anders kan het email van de oven door de oplopende hitte beschadigd worden. 12 Bereidingstijden De bereidingstijden kunnen onderling verschillend zijn, vanwege de verschillende samenstelling, ingrediënten en hoeveelheid vocht van de afzonderlijke gerechten. Noteer de instellingsgegevens van de eerste bereidingsexperimenten om ervaring op te doen als u deze gerechten later nog eens wilt bereiden. Op basis van uw eigen ervaringen kunt u de aangegeven waardes individueel aanpassen. Bak- en braadtabellen Boven- en onderwarmte Tijden zijn exclusief voorverwarmen. De lege oven altijd 10 minuten voorverwarmen. SOORT GERECHT GEBAK Schuimtaart Zandtaartdeeg Kwarktaart Appelcake (appeltaart) Strudel Jamtaart Fruitcake Biscuitgebak Kerstcake Pruimentaart Kleine cake Koekjes Schuimpjes Koffiebroodjes Soesjes BROOD EN PIZZA Witbrood Roggebrood Broodjes Pizza OVENSCHOTELS Hartige taart Groentetaart Quiche Lasagne Cannelloni VLEES Rund Varken Kalf Rosbief rood medium doorbakken Varkensbraadstuk Varkensschouder Lam Kip Kalkoen Eend Gans Konijn Haas Fazant Gehaktbrood Vis Forel/zeebrasem Tonijn/zalm Boven- en onderwarmte 4 3 2 1 temp °C Bereidingstijd in minuten OPMERKINGEN 2 2 1 1 2 2 2 1 1 1 3 2 2 2 2 of 3 170 170 175 170 180 190 170 170 150 175 170 160 135 200 210 45-60 20-30 60-80 90-120 60-80 40-45 60-70 30-40 120-150 50-60 20-35 20-30 60-90 12~20 25-35 In cakevorm In cakevorm In cakevorm In cakevorm Op bakplaat In cakevorm In cakevorm In cakevorm In cakevorm In broodvorm Op bakplaat Op bakplaat Op bakplaat Op bakplaat Op bakplaat 1 1 2 2 195 190 200 200 60-70 30-45 25-40 20-30 In broodvorm Op bakplaat Op bakplaat 2 2 1 2 2 200 200 210 200 200 40-50 45-60 30-40 25-35 25-35 In bakvorm In bakvorm In bakvorm In bakvorm In bakvorm 2 2 2 190 180 190 50-70 100-130 90-120 Op rooster Op rooster Op rooster 2 2 2 2 2 2 2 2 2 2 2 2 2 2 210 210 210 180 180 190 190 180 175 175 190 190 190 180 50-60 60-70 70-80 120-150 100-120 110-130 70-85 210-240 120-150 150-200 60-80 150-200 90-120 150 Op rooster Op rooster Op rooster Met zwoerd 2 stuks Bout Heel Heel Heel Heel In stukken In stukken Heel In broodvorm 1 2 190 190 40-55 35-60 3-4 vissen 4-6 filets 13 Grillen Tijden zijn exclusief voorverwarmen. De lege oven altijd 10 minuten voorverwarmen. SOORT GERECHT Hoeveelheid Stuks Tournedos Biefstuk Worstjes Varkenskarbonades Kip (in twee helften) Kebabs Kip (borst) Hamburger* *Voorverwarmen 5’00'’ Vis (filets) Sandwiches Toast g. Grillen 4 3 2 1 temp.°C Bereidingstijd in minuten 1e kant 2e kant 4 4 8 4 2 4 4 6 800 600 / 600 1000 / 400 600 3 3 3 3 3 3 3 2 MAX MAX MAX MAX MAX MAX MAX MAX 12~15 10~12 12~15 12~16 30~35 10~15 12~15 20-30 12~14 6~8 10~12 12~14 25~30 10~12 12~14 4 4~6 4~6 400 / / 3 3 3 MAX MAX MAX 12~14 5~7 2~4 10~12 / 2~3 De aangegeven temperaturen zijn richtlijnen. Misschien moeten de temperaturen aangepast worden aan persoonlijke wensen. 14 Reiniging en onderhoud Trek voordat u de oven gaat schoonmaken altijd eerst de stekker uit het stopcontact en laat de oven afkoelen. Het apparaat mag niet schoongemaakt worden met een stoomreiniger. Let op: Voor elke reinigingshandeling de stekker van het apparaat absoluut uit het stopcontact halen. Voor een lange levensduur van het apparaat is het noodzakelijk de volgende reinigingswerkzaamheden regelmatig uit de voeren: - Maak de oven pas schoon als deze is afgekoeld. - Maak de geëmailleerde delen schoon met een sopje. - Gebruik geen schuurmiddelen. - Droog de onderdelen van roestvrij staal en de glasplaat met een zachte doek. - Gebruik bij hardnekkige vlekken normaal verkrijgbare reinigingsmiddelen voor roestvrij staal of warme azijn. Het email van de oven is uiterst duurzaam en in hoge mate resistent. De inwerking van hete fruitzuren (citroenen, pruimen of dergelijke) kunnen echter op de oppervlakken van email blijvende matte en ruwe vlekken achterlaten. Dergelijke vlekken op het hoogglanzende oppervlak van het email hebben echter geen invloed op de functies van de oven. Reinig de oven grondig na elk gebruik. Zo kunt u verontreinigingen het makkelijkst verwijderen. Verder inbranden wordt daardoor voorkomen. Schoonmaakmiddelen Voordat u welke schoonmaakmiddelen dan ook voor uw oven gebruikt, moet u controleren of ze geschikt zijn en of hun gebruik wordt aanbevolen door de fabrikant. Schoonmaakmiddelen met bleekmiddel mogen NIET worden gebruikt omdat zij de toplaag van de oppervlakken dof kunnen maken. Ook het gebruik van ruwe schuurmiddelen moet worden vermeden. Buitenkant Neem regelmatig het bedieningspaneel, de ovendeur en de afdichting af met een zachte, goed uitgewrongen doek met warm water en wat vloeibaar reinigingsmiddel. Om beschadigen of verzwakken van de glasplaten van de deur te voorkomen, moet u het gebruik van de volgende middelen vermijden: • Was- en bleekmiddelen • Geïmpregneerde sponsjes die niet geschikt zijn voor pannen met antiaanbaklaag • Schuursponsjes van staalwol • Chemische ovensponsjes of spuitbussen • Roestverwijderaars • Vlekkenverwijderaars voor bad en gootsteen Maak het binnen- en buitenvenster van de deur schoon met een warm sopje. Mocht het binnenvenster van de deur erg verontreinigd zijn, dan is het gebruik van een speciaal reinigingsmiddel aan te bevelen. Gebruik geen verfkrabber om aangekoekt vuil te verwijderen. Maak de ovendeur NIET schoon terwijl de glasplaten warm zijn. Als deze voorzorgsmaatregel niet wordt nageleefd, dan kan de glasplaat versplinteren. Als de glasplaat van de deur gebarsten is of diepe krassen heeft, dan wordt het glas minder sterk en moet het worden vervangen om te voorkomen dat het verbrijzelt. Neem contact op met onze service-afdeling die u graag advies zal geven. 15 Ovenruimte De emaillen bodem van de ovenruimte kunt u het best schoonmaken als de oven nog warm is. Veeg de oven na elk gebruik schoon met een zachte doek gedrenkt in warm water met een afwasmiddel. Af en toe is het echter nodig de oven grondiger schoon te maken, gebruik daarvoor een in de handel verkrijgbare ovenreiniger. 16 Reiniging van de ovendeur Voordat u de ovendeur gaat schoonmaken, raden wij u aan deze los te maken van de oven. Ga als volgt te werk: 1. zet de ovendeur helemaal open; 2. ga naar de scharnieren waarmee de deur aan de oven is bevestigd (Afb. A); 3. maak de kleine hendels op de scharnieren los en draai ze (Afb. B); 4. pak de deur aan beide kanten vast, draai deze vervolgens langzaam naar de oven toe totdat hij half dicht is (Afb. C); 5. trek dan de deur zachtjes los van zijn plek (Afb. C); 6. leg de deur op een stevige ondergrond; Maak het glas van de deur alleen schoon met warm zeepsop en een zachte doek. Gebruik nooit agressieve schuurmiddelen. Zet, nadat de schoonmaak voltooid is, de ovendeur weer op zijn plaats, volg de procedure in de omgekeerde volgorde. Apparaten van roestvrij staal of aluminium: Wij adviseren u de ovendeur alleen schoon te maken met een natte spons en hem daarna af te drogen met een zachte doek. Gebruik nooit staalwol, zuren of bijtende producten, deze kunnen het ovenoppervlak beschadigen. Maak het bedieningspaneel van de oven net zo voorzichtig schoon. Maak de ovendeur NIET schoon terwijl de glasplaten warm zijn. Als deze voorzorgsmaatregel niet wordt nageleefd, dan kan de glasplaat versplinteren. Als de glasplaat van de deur gebarsten is of diepe krassen heeft, dan wordt het glas minder sterk en moet het worden vervangen om te voorkomen dat het verbrijzelt. Neem contact op met onze service-afdeling die u graag advies zal geven. Afb. A Afb. B Afb. C 17 Vervangen van het ovenlampje Trek de stekker uit het stopcontact Als het ovenlampje moet worden vervangen, dan moet dit voldoen aan de volgende eisen: - Vermogen: 25 W, - Voltage: 230 V (50 Hz), - Hittebestendig tot 300° C, - Soort aansluiting: E14. Deze lampjes zijn verkrijgbaar bij onze serviceafdeling. De kapotte lamp vervangen: 1. Zorg ervoor dat de stekker uit het stopcontact is gehaald. 2. Druk het glazen dekseltje in en draai het tegen de klok in. 3. Verwijder het kapotte lampje en vervang dit door een nieuw. 4. Zet het glazen dekseltje terug en steek de stekker weer in het stopcontact. 18 Hulp bij storingen Als het apparaat niet goed werkt, lees dan eerst onderstaande aanwijzingen, voordat u contact opneemt met onze service-afdeling: PROBLEEM OPLOSSING „ De oven schakelt niet in. ‹Controleer of zowel de bereidingsfunctie als de temperatuur zijn ingesteld of ‹Controleer, of het apparaat goed aangesloten is en of de zekering in de huisinstallatie in orde is. „ Het controlelampje thermostaat gaat niet branden. ‹Stel een temperatuur in met de thermostaatknop of ‹Stel een functie in met de functieknop. „ Het ovenlampje gaat niet branden. ‹Stel een bereidingsfunctie of ‹Controleer het lampje en vervang het, indien nodig (zie “Reiniging en onderhoud”) „ De bereiding van de gerechten duurt te lang of ze worden te snel gaar. ‹ De temperatuur moet aangepast worden of ‹Volg het advies in de instructies op, met name het hoofdstuk „Gebruik van de oven“. „ Stoom en condenswater slaan neer op de gerechten en de deur van de oven. ‹Na afloop van de bereiding de gerechten niet langer dan 15-20 minuten in de oven laten staan. 19 Technische gegevens Vermogen verwarmingselementen Inbouw Onderwarmte 1000 W Hoogte Bovenwarmte 800 W Boven-/onderwarmte 1800 W Grill 1650 W onder bovenkant in kolom 593 mm 580 mm Breedte 560 mm Diepte 550 mm Ovenlampje 25 W Oven Koelventilator 25 W Hoogte 335 mm Breedte 405 mm Diepte Oveninhoud 410 mm 56 l Totale aansluitwaarde Spanning (50 Hz) 1850 W 230 V Instructies voor de installateur Inbouw en installatie moeten uitgevoerd worden met strikte inachtneming van de geldende voorschriften. Elke ingreep mag slechts plaatsvinden als het apparaat uitgeschakeld is. Ingrepen mogen uitsluitend verricht worden door een erkend installateur. De fabrikant kan niet aansprakelijk gesteld worden als de veiligheidsvoorschriften niet opgevolgd worden. Elektrische aansluiting Let voor het aansluiten op het volgende: - De zekering en de huisinstallatie moeten op de max. belasting van het apparaat berekend zijn (zie typeplaatje). - De huisinstallatie moet voorzien zijn van een aardaansluiting overeenkomstig de geldende voorschriften. 20 - Het stopcontact of de meerpolige contactverbreker moeten ook na voltooiing van de installatie van het apparaat makkelijk bereikbaar zijn. Dit apparaat wordt geleverd met een aansluitsnoer. Aan het snoer moet een geschikte stekker gemonteerd worden, in overeenstemming met de elektrische belasting zoals gespecificeerd op het typeplaatje. De stekker moet in een geschikte wandcontactdoos gestoken worden. Indien u een directe aansluiting op de elektriciteitsvoorziening (hoofdleiding) wenst, moet u een omnipolaire schakelaar, met een minimumafstand van 3 mm tussen de contactpunten, tussen het apparaat en de hoofdleiding monteren, die geschikt is voor de vereiste belasting en die in overeenstemming is met de geldende voorschriften. De groen-gele aardingsdraad mag niet onderbroken worden door de schakelaar en dient 2-3 cm langer te zijn dan de andere draden. Het aanwezige netsnoer met stekker moet aangesloten worden op een geaard stopcontact (230 V~, 50 Hz). Dit stopcontact moet overeenkomstig de voorschriften geïnstalleerd zijn. Als aansluitsnoer zijn, met inachtneming van de nominale doorsneden, volgende types geschikt: H07 RN-F, H05 RN-F, H05 RR-F, H05 VV-F, H05 V2V2-F (T90), H05 BB-F. Het aansluitsnoer moet in ieder geval zodanig geplaatst zijn, dat het nergens 50°C (boven kamertemperatuur) bereikt. Na de aansluiting moeten de verwarmingselementen gecontroleerd worden, door ze ongeveer 3 minuten te laten werken. Klemmenbord De oven is voorzien van een makkelijk toegankelijk klemmenbord, dat berekend is voor de werking op een éénfase-stroomvoorziening van 230 V. Letter L Letter N - of E - Onder stroom staande klem Neutrale klem Aardeklem 21 Instructies voor de inbouw Afb. A Afb. B 550 M Ovenafmetingen (Afb. A) Instructies voor de inbouw Voor een onberispelijke werking van het ingebouwde apparaat moet het inbouwmeubel resp. de uitsparing waarin het apparaat moet worden ingebouwd geschikte afmetingen hebben (Afb. B-C). 560 Afb. C Bevestiging in het meubel - 22 Open de ovendeur; De oven met behulp van de vier meegeleverde afstandsstukken aan het meubel bevestigen (afb. D - A) - deze passen precies in de daarvoor bedoelde gaten van het frame - en draai daarna vier houten schroeven aan (afb. D - B). Afb. D IN - 57 593 Voor een onberispelijke werking van het ingebouwde apparaat moet het inbouwmeubel resp. de uitsparing waarin het apparaat moet worden ingebouwd geschikte afmetingen hebben. In overeenstemming met de geldende voorschriften moeten alle delen, die de bescherming tegen aanraking van onder spanning staande en geïsoleerde delen garanderen, zodanig bevestigd zijn, dat ze niet zonder gereedschap verwijderd kunnen worden. Hierbij hoort ook de bevestiging van eventuele afsluitende kanten aan het begin of einde van een rij inbouwapparaten. De bescherming tegen aanraking moet in ieder geval door het inbouwen gegarandeerd zijn. Het apparaat kan met de achterkant resp. zijkant tegen hogere keukenmeubelen, apparaten of wanden geplaatst worden. Aan de andere zijkant mogen er echter geen andere apparaten of meubelen van dezelfde hoogte als het apparaat geplaatst worden. 0 100 80÷ Service en onderdelen Als het probleem na de beschreven controles niet kan worden opgelost, bel dan de dichtstbijzijnde klantenservice van de fabrikant en vermeld de aard van het defect, het model van het apparaat (Mod.), het Productienummer (Prod. Nr.) evenals het fabricagenummer (Ser. Nr.), die u op het typeplaatje van de oven vindt. De originele vervangingsonderdelen van de fabrikant, die voorzien van het volgende merkteken, vindt u uitsluitend bij de centrale van onze klantenservice of bij geautoriseerde onderdelenwinkels. 23 Garantie/serviceafdeling België WAARBORGVOORWAARDEN Onze toestellen worden met de grootst mogelijke zorgvuldigheid geproduceerd. Desondanks kan het voorkomen dat er een defect optreedt. Onze klantendienst zal dit op verzoek herstellen, zowel binnen als buiten de waarborgtermijn. De levensduur van het toestel wordt daardoor niet negatief beïnvloed. Onderstaande waarborgvoorwaarden zijn gestoeld op de EU Richtlijn 99/44/EG en het Burgerlijk Wetboek. De daaruit voortvloeiende rechten blijven onverlet. Ook de waarborgverplichtingen van de verkoper naar de eindgebruiker blijven onaangetast. Voor dit toestel verlenen wij waarborg volgens onderstaande voorwaarden: 1. Wij verhelpen kosteloos met inachtneming van de voorwaarden 2 tot en met 15 gebreken aan het toestel die zich openbaren binnen 24 maanden vanaf de datum van levering aan de eindgebruiker. Deze waarborgvoorwaarden zijn niet van toepassing in geval van professioneel of daarmee gelijk te stellen gebruik. 2. De waarborgprestatie houdt in dat het toestel kosteloos wordt teruggebracht in de toestand die het had voor het defect optrad. Gebrekkige onderdelen worden hersteld of vervangen. Kosteloos vervangen onderdelen worden ons eigendom. 3. Het gebrek moet terstond gemeld worden, om mogelijke verdere schade te voorkomen. 4. Voor een beroep op waarborg dient het aankoopbewijs met aankoop- en/of leveringsdatum te worden overlegd. 5. De waarborg heeft geen betrekking op schade aan kwetsbare onderdelen, zoals (vitrokeramisch) glas, kunststof, rubber, die ontstaan is door onzorgvuldig gebruik 6. De waarborg heeft geen betrekking op kleine afwijkingen van de gestelde kwaliteit die voor de waarde en deugdelijkheid van het toestel onbeduidend zijn. 7. De waarborg geldt evenmin voor schade veroorzaakt door: - chemische en elektrochemische inwerking van water, - abnormale milieuomstandigheden in het algemeen - voor het toestel oneigenlijke bedrijfsomstandigheden - contact met agressieve stoffen. 8. De waarborg heeft geen betrekking op gebreken door transportschade die buiten onze verantwoordelijkheid is ontstaan, niet vakkundige installatie of montage, verkeerd gebruik, gebrekkig onderhoud, of het niet in acht nemen van de gebruiks- of montageaanwijzingen. 9. Het recht op waarborg vervalt wanneer het defect werd veroorzaakt door herstelling of ingrepen door derden die niet bevoegd of niet deskundig zijn, of wanneer het toestel voorzien werd van toebehoren of onderdelen die niet origineel zijn en daardoor een defect veroorzaken. 10. Toestellen die gemakkelijk kunnen worden vervoerd dienen te worden overhandigd of gezonden naar onze klantendienst. Herstelling ter plaatse kan slechts worden gevraagd voor grote of ingebouwde toestellen. 11. Indien het toestel zodanig is ingebouwd, ondergebouwd, opgehangen of geplaatst dat de benodigde tijd voor het in- en uitbouwen samen meer dan 30 minuten bedraagt, dan worden de hierdoor ontstane extra kosten aan de gebruiker in rekening gebracht. Schade die ontstaat door abnormale inof uitbouw komt ten laste van de gebruiker. 12. Indien binnen de waarborgperiode de herstelling van hetzelfde gebrek meermaals mislukt of de 24 herstellingkosten disproportioneel zijn wordt in overleg met de gebruiker een gelijkwaardige vervanging geleverd. In geval van vervanging behouden we ons het recht voor om een vergoeding te rekenen naar rato van de verstreken gebruiksperiode. 13. Herstelling onder waarborg heeft geen verlenging van de waarborgtermijn noch aanvang van een nieuwe waarborgtermijn tot gevolg. 14. Op herstellingen geven wij een waarborg van 12 maanden, uitsluitend op hetzelfde gebrek. 15. Verdere of andere rechten, in het bijzonder vergoeding van schade ontstaan buiten het toestel, zijn uitgesloten voor zover een aansprakelijkheid niet wettelijk is vastgelegd. In geval van aansprakelijkheid zal een vergoeding de aankoopwaarde van het toestel niet overtreffen. Deze waarborgvoorwaarden gelden voor in België gekochte en/of in gebruik zijnde toestellen. Indien een toestel naar het buitenland wordt gebracht dient de gebruiker na te gaan of het toestel voldoet aan de technische voorwaarden ( o.a. spanning, frequentie, installatievoorschriften, gassoort, klimaatomstandigheden) in het betreffende land. Voor in het buitenland aangeschafte toestellen dient de gebruiker zich zelf te vergewissen van de bepalingen in België. Noodzakelijke of gewenste aanpassingen vallen niet onder de waarborg, en kunnen niet altijd worden aangebracht. Ook na afloop van de waarborgtermijn staat onze klantendienst u ter beschikking. Adres van onze klantenservice BELGIË Electrolux Home Products Belgium ELECTROLUX SERVICE Bergensesteenweg 719 1502 Lembeek E-mail: [email protected] Consumer services Tel: Fax: 02/363.04.44 02/363.04.00 02/363.04.60 GRAND-DUCHÉ DE LUXEMBOURG ELECTROLUX HOME PRODUCTS Consumer services Rue de Bitbourg. 7 L-1273 Luxembourg-Hamm E-mail: [email protected] 0035242431-1 0035242431-360 25 Europese garantie Dit apparaat wordt door Electrolux in elk van de achter in deze handleiding genoemde landen gedurende de in het bij het apparaat behorende garantiebewijs genoemdeb periode of anderszins bij de wet gegarandeerd. Als u van een van deze landen verhuist naar een ander van de hieronder genoemde landen, verhuist de garantie op het apparaat met u mee. De volgende beperkingen zijn hierop van toepassing: • De garantie op het apparaat begint op de datum van eerste aankoop van het apparaat. Deze datum dient te worden aangetoond door overlegging van een geldig, door de verkoper van het apparaat afgegeven ankoopbewijs. • De garantie op het apparaat geldt voor dezelfde periode en in dezelfde mate voor arbeidsloon en onderdelen als van toepassing in uw nieuwe land van vestiging op dit specifieke model of deze specifieke serie apparaten. • De garantie op het apparaat is persoonlijk, geldt dus voor de oorspronkelijke koper van het apparaat en kan niet worden overgedragen op een andere gebruiker. • Het apparaat wordt geïnstalleerd en gebruikt in overeenstemming met de door Electrolux afgegeven instructies en wordt alleen in huis gebruikt, dat wil zeggen, het apparaat wordt niet gebruikt voor commerciële doeleinden. • Het apparaat wordt geïnstalleerd in overeenstemming met alle relevante voorschriften die in uw nieuwe land van vestiging van kracht zijn. De voorwaarden van deze Europese garantie tasten geen van de aan u bij de wet verleende rechten aan. 26 www.zanker.de 52 35698-2402 11/09 R.0
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52

ZANKER ZKB7514X Handleiding

Type
Handleiding

in andere talen