Toro TimeCutter ZX525 Riding Mower Handleiding

Type
Handleiding

Deze handleiding is ook geschikt voor

FormNo.3357-843RevA
TimeCutter
®
ZX440enZX525
Zitmaaiers
Modelnr.:74406—Serienr.:270000001enhoger
Modelnr.:74407—Serienr.:270000001enhoger
Registreeruwproductopwww.Toro.com.Vertalingvandeoorspronkelijketekst(NL)
VoormodelswaarvanhetaantalPKisaangegeven,
isdebrutoPKdoordemotorfabrikantgemetenin
laboratoriumomstandighedengemetenovereenkomstig
SAEJ1940.Omdatbijdeconguratierekening
isgehoudenmetdeveiligheids-,emissie-en
gebruiksvoorschriften,zaldemotorvandittype
gazonmaaiersindepraktijkveelminderPKhebben.
Inleiding
Leesdezehandleidingzorgvuldig,zodatuweethoe
uhetproductopdejuistewijzekuntgebruikenen
onderhoudenenletselenschadeaanhetproductkunt
voorkomen.Ubentverantwoordelijkvoorhetjuisteen
veiligegebruikvanhetproduct.
UkuntrechtstreeksmetToroopwww .Toro.comcontact
opnemenominformatieoverproductenenaccessoires
teverkrijgen,eendealertevindenofuwproductte
registreren.
Alsuservice,origineleToro-onderdelenofaanvullende
informatienodighebt,kuntucontactopnemenmet
eenerkendeServiceDealerofmetdeklantenservice
vanToro.Udienthierbijaltijdhetmodelnummeren
hetserienummervanhetproducttevermelden.De
locatievanhetplaatjemethetmodelnummerenhet
serienummervanhetproductisaangegevenopFiguur1.
Ukuntdenummersnotereninderuimtehieronder.
Figuur1
1.Plaatjemetmodelnummerenserienummer
Modelnr.:
Serienr.:
Dezehandleidingnoemteenaantalmogelijkegevaren
enbevateenaantalveiligheidsberichten(Figuur2)
metdevolgendeveiligheidssymbolen,dieduiden
opeengevaarlijkesituatiediezwaarlichamelijk
letselofdedoodtotgevolgkanhebbenwanneerde
veiligheidsvoorschriftennietinachtwordengenomen.
Figuur2
1.Veiligheidssymbool.
Erwordenindezehandleidingnogtweewoorden
gebruiktomuwaandachtopbijzondereinformatie
tevestigen.Belangrijkattendeertuopbijzondere
technischeinformatieenOpmerkingduidtalgemene
informatieaandiebijzondereaandachtverdient.
Inhoud
Inleiding.......................................................................2
Veiligheid.....................................................................3
Instructiesvoorveiligebedieningvan
zitmaaiers.........................................................3
Veiligebediening..................................................3
ToroVeiligebedieningzitmaaiers..........................5
Geluidsdruk.........................................................6
Geluidsniveau.......................................................6
Trillingsniveau......................................................6
Hellingdiagram.....................................................7
Veiligheids-eninstructiestickers...........................8
Algemeenoverzichtvandemachine............................11
Bedieningsorganen.............................................11
Gebruiksaanwijzing....................................................12
Veiligheidstaatvoorop.......................................12
Aanbevolenbenzine...........................................12
Motoroliepeilcontroleren...................................14
Parkeerremgebruiken.........................................14
Motorstartenenafzetten....................................14
Bedieningvandemaaimessen.............................15
Hetveiligheidssysteem........................................15
Vooruitenachteruitrijden...................................16
Demachinestoppen...........................................17
Demaaihoogteinstellen.....................................17
Antiscalpeerrollenafstellen.................................17
Bestuurdersstoelinstellen...................................18
Rijhendelsafstellen.............................................18
Machinemetdehandduwen...............................18
Zijafvoergebruiken............................................19
Tipsvoorbedieningengebruik...........................21
Onderhoud................................................................23
©2006—TheToro®Company
8111LyndaleAvenueSouth
Bloomington,MN55420
2
Ukuntcontactmetonsopnemenopwww.Toro.com.
GedruktindeVS
Allerechtenvoorbehouden
Aanbevolenonderhoudsschema.............................23
Smering..................................................................23
Methodevansmeren..........................................23
Smeerpunten......................................................24
Onderhoudmotor..................................................24
Motoroliepeilcontroleren...................................24
Onderhoudvanhetluchtlter.............................26
Hetkoelsysteemreinigen....................................27
Bougie................................................................27
Onderhoudbrandstofsysteem................................28
Brandstofaftappenuitdebrandstoftank.............28
Brandstofltervervangen...................................28
Onderhoudelektrischsysteem................................29
Onderhoudvandeaccu......................................29
Onderhoudvandezekeringen............................31
Onderhoudaandrijfsysteem....................................32
Bandenspanningcontroleren..............................32
Onderhoudvanhetmaaidek...................................32
Onderhoudvandemaaimessen..........................32
Maaimachinehorizontaalstellen.........................34
Schuinstandvanhetmaaidek(lengterichting)
instellen..........................................................34
Maaidekverwijderen...........................................36
Riemencontroleren............................................36
Drijfriemvanmaaidekvervangen........................36
Maaidekmonteren..............................................37
Grasgeleidervervangen......................................37
Reiniging................................................................38
Onderkantvanmaaimachinewassen...................38
Stalling.......................................................................39
Reinigingenstalling............................................39
Problemen,oorzaakenremedie..................................41
Schema's....................................................................43
Veiligheid
Instructiesvoorveilige
bedieningvanzitmaaiers
DezemachinevoldoettenminsteaandeEuropese
normen,vankrachtophetmomentvanproductie.
Onjuistgebruikofonderhouddoordegebruiker
ofeigenaarkanechterletselveroorzaken.Omhet
risicovanletseltevermijden,dientuzichaande
volgendeveiligheidsinstructiestehoudenenaltijd
ophetveiligheidssymboolteletten,datbetekent
VOORZICHTIG,WAARSCHUWINGofGEVAAR
"instructievoorpersoonlijkeveiligheid".Niet-naleving
vandeinstructiekanleidentotlichamelijkofdodelijk
letsel.
Veiligebediening
Devolgendeinstructieszijnontleendaande
CENnormEN836:1997.
Ditproductkanhandenofvoetenafsnijden
envoorwerpenuitwerpen.Volgaltijdalle
veiligheidsinstructiesopomernstigofmogelijkdodelijk
letseltevoorkomen.
Instructie
Leesdezehandleidingaandachtigdoor.Zorgervoor
datuvertrouwdraaktmetbedieningsorganenen
weethoeudemachinemoetgebruiken.
Udienteroptoeteziendatdemachinenietdoor
kinderenwordtbediendofdoorvolwassenendie
nietvandeinstructiesopdehoogtezijn.Voor
debestuurderkaneenwettelijkeminimumleeftijd
gelden.
Houdiedereenweguithetgebiedwaarinude
machinegebruikt,metnamekinderenenhuisdieren.
Denkeraandatdegebruikerverantwoordelijkis
voorongevallenofschadeaananderepersonenof
huneigendommen.
Hetisniettoegestaanpassagierstevervoeren.
Elkebestuurdermoetervoorzorgendathijofzij
professioneleenpraktischeinstructiekrijgt.Bijeen
dergelijkeinstructiemoetdenadrukliggenop:
zorgvuldigheidenconcentratiebijhetwerken
mettractorvoertuigen;
alsdemachineopeenhellingbegintteglijden,
kandatnietmetderemwordengecorrigeerd.
Debelangrijksteoorzakenvoorhetverliezenvan
decontrolezijn:
3
onvoldoendegripvandewielen,
tesnelrijden,
onjuistgebruikvanderem,
hettypemachineisnietgeschiktvoorhet
speciekewerk,
zichonvoldoendebewustzijnvande
speciekeomstandighedenvanhetterrein,
metnameophellingen,
onjuistebevestigingenverdelingvanlasten.
Vóóringebruikname
Draagtijdenshetmaaienaltijdeenlangebroeken
stevigeschoenen.Draaggeenschoenenmetopen
tenenenloopnietopblotevoeten.
Inspecteerhetterreinwaaropudemaaimachine
gaatgebruikengrondigenverwijdereventuele
voorwerpendiedoordemachinekunnenworden
uitgeworpen.
Waarschuwing-Brandstofislichtontvlambaar.
Bewaarbrandstofuitsluitendintanksofblikken
diedaarspeciaalvoorbedoeldzijn.
Vuldebrandstoftanknooitbinnenshuis;tijdens
hetbijvullennietroken.
Vulzonodigbrandstofbijvoordatudemotor
aanzet.Nooitdedopvandebrandstoftank
verwijderenofbrandstofbijvullenalsdemotor
looptofheetis.
Probeerdemotorniettestartenalserbrandstof
isgemorst.Verwijderdemachinedanuitde
buurtvandeplekwaarisgemorst,envoorkom
elkevormvanopenvuurofvonkentotdatde
brandstofdampenvolledigzijnverdwenen.
Zorgervoordatdeafsluitdoppenvan
brandstoftanksen-blikkenweergoedvastzitten.
Vervanggeluiddempersdiegebrekenvertonen.
Controleervóórhetgebruikdemessen,
bevestigingsboutenenhetmaaimechanismealtijd
opsporenvanslijtageofbeschadiging.Vervang
versletenofbeschadigdemessenenboutenaltijdals
completesetomeengoedebalanstebehouden.
Letopdatbijmachinesmetmeermaaimessen
anderemessenkunnengaandraaiendoordatueen
mesdraait.
Gebruiksaanwijzing
Letgoedop,verminderuwsnelheidenwees
voorzichtigalsueenbochtmaakt.Kijkachterom
ennaarlinksennaarrechtsvoordatuvanrichting
verandert.
Laatdemotornooitineenafgeslotenruimtelopen,
omdatzichdaargiftigekoolmonoxidedampen
kunnenverzamelen.
Maaiuitsluitendbijdaglichtofgoedkunstlicht.
Allewerktuigkoppelingenuitschakelenenversnelling
invrijschakelenalvorensdemotortestarten.
Gebruikdemaaimachinenietophellingenvanmeer
dan12,5graden.
Denkeraandatelkehellinggevaarlijkis.Hetrijden
opmetgrasbegroeidehellingenvereistbijzondere
zorgvuldigheid.Omtevoorkomendatdemachine
kantelt:
nietplotselingstoppenofgaanrijdenbijhetop-
enafrijdenvanhellingen;
houddesnelheidlaagophellingeneninscherpe
bochten;
letopbultenenkuilenenandereverborgen
gevaren;
Weesvoorzichtigalsulastensleept.
Gebruikuitsluitendgoedgekeurde
trekstangbevestigingspunten.
Beperkdebelastingtotwatuveiligkunt
beheersen.
Maakgeenscherpebochten.Gazorgvuldigte
werkalsuachteruitrijdt.
Letophetverkeeralsuindebuurtvaneenweg
werktofdezeoversteekt.
Zetdemaaimessenstilvoordatuandere
oppervlakkendangrasveldenoversteekt.
Bijgebruikvanwerktuigennooitdeafvoeropening
naaromstanderstoerichtenofpersonenindebuurt
vandeinwerkingzijndemachinelatenkomen.
Gebruikdemachinenooitalsschermenofandere
beveiligingsmiddelenzijnbeschadigdofontbreken.
Veranderdeinstellingenvandemotornieten
voorkomoverbelastingvandemotor.Laatdemotor
nietmeteentehoogtoerentallopenomdatditde
kansopongevallenkanvergroten.
Voordatudebedieningspositieverlaat:
aftakasuitschakelenenwerktuigenlatenzakken;
versnellinginneutraalstandzettenenparkeerrem
inwerkingstellen;
motorafzettenensleuteltjeuithetcontact
nemen.
Aandrijvingnaarwerktuigenuitschakelen,motor
afzettenenbougiekabel(s)losmakenofsleuteltjeuit
hetcontactnemen
4
voordatuverstoppingenlosmaaktofde
afvoertunnelontstopt;
voordatudemaaimachinegaatcontroleren,
schoonmakenofanderewerkzaamhedengaat
uitvoeren;
alsueenvreemdvoorwerpraakt.Controleer
demaaimachineopbeschadigingenenvoeralle
benodigdereparatiesuitalvorensdezeweerte
gebruiken;
alsdemaaimachineabnormaaltrilt(direct
controleren).
Schakeldeaandrijvingnaardewerktuigenuitalsu
demachinetransporteertofnietgebruikt.
Zetdemotorafenschakeldeaandrijvingnaarde
werktuigenuit
voorhetbijvullenvanbrandstof;
voorverwijderingvandegrasvanger;
voordatudemaaihoogteinstelt,tenzijdievanaf
debedieningspositiekanwordeningesteld.
Zetdegashendelterugterwijldemotoruitloopt.Als
demachinemeteenbrandstofafsluitklepisuitgerust,
draaidezedandichtalshetmaaiwerkvoltooidis.
Onderhoudenstalling
Draaiallemoeren,boutenenschroevenregelmatig
strakaan,zodatdemachinesteedsveiligingebruikis.
Staldemachinenooitmetbrandstofindetankin
eengebouwwaardampenopenvlammenofvonken
kunnenbereiken.
Laatdemotorafkoelenvoordatudemachineineen
afgeslotenruimtestalt.
Houddemotor,geluiddemper,accubehuizingende
brandstofopslagplaatsvrijvanovertolligvet,grasen
bladerenombrandgevaarteverminderen.
Controleerdegrasvangerregelmatigopslijtageen
mankementen.
Vervangversletenofbeschadigdeonderdelenmet
hetoogopeenveiliggebruik.
Alsdebrandstoftankmoetwordenafgetapt,dient
ditbuitenplaatstevinden.
Alsudemachineparkeert,staltofonbewaakt
achterlaat,moetuhetmaaidekneerlaten.
ToroVeiligebediening
zitmaaiers
Devolgendelijstbevatveiligheidsinstructiesdie
speciekzijntoegesnedenopToroproducten,ofandere
veiligheidsinstructiesdienietzijnopgenomeninde
CEN-norm
Deuitlaatgassenvandemotorbevatten
koolmonoxide,eenreukloos,dodelijkgif.Laatde
motornietbinnenshuisofineenafgeslotenruimte
lopen.
Houdhanden,voeten,haarenloszittende
kledingstukkenuitdebuurtvandeafvoeropening,
deonderkantvandemaaimachineenbewegende
onderdelenalsdemotorloopt.
Draaggehoorbeschermingenwerkhandschoenen
alsudemachinegebruikt.
Raakgeenonderdelenvandemachineofwerktuigen
aandietijdenshetgebruikheetkunnenworden.
Laatdezeeerstafkoelenalvorenszeaftestellendan
welonderhouds-ofreparatiewerkzaamhedenuitte
voeren.
Accuzuurisgiftigenkanbrandwondenveroorzaken.
Voorkomcontactmetdehuid,ogenenkleding.
Beschermuwgezicht,ogenenkledingalsu
werkzaamhedenverrichtaandeaccu.
Accugassenkunnenontploffen.Houdsigaretten,
vonkenenopenvuuruitdebuurtvandeaccu.
GebruikaltijdorigineleToroonderdelenzodatde
originelestandaardenwordengehandhaafd.
GebruikuitsluitenddoorTorogoedgekeurde
werktuigen.
Maaienophellingen
Gebruikdemaaimachinenietophellingenvanmeer
dan12,5graden.
Maainietindebuurtvansteilehellingen,greppels,
steilaopendeoeversofwater.Wielendieover
randenheenkomen,kunnentotgevolghebbendat
demachineomkiept,hetgeenernstigofdodelijk
letseldanwelverdrinkingkanveroorzaken.
Maainooitopeenhellingalshetgrasnatis.Bij
gladheidkunnendewielenhungripverliezen,
waardoorbestaatdekansdatzijgaanslippenenude
machtoverdemachineverliest.
Verandernietplotselingderijrichtingofdesnelheid
vandemachine.
Gebruikeenloopmaaieren/ofeenhandtrimmerin
debuurtvansteilehellingen,greppels,steilaopende
oeversofwater.
Verminderuwsnelheidenweesuiterstvoorzichtig
ophellingen.
Verwijderobstakelszoalsstenen,boomtakken,enz.
uithetmaaigebied,ofmarkeerdeze.Inhooggras
zijnobstakelsnietaltijdzichtbaar.
5
Letopgreppels,kuilen,stenen,gatenenverhogingen
inhetmaaigebieddiedewerkhoekveranderen,
omdatdemachinekanomkiepenoponeffenterrein.
Startnooitplotselingheuvelopwaartsopeenhelling,
wantditkantotgevolghebbendatdemachine
achteroverkiept.
Houderrekeningmeedatdewielenhungrip
kunnenverliezentijdenseenafdaling.Alshet
gewichtwordtverplaatstnaardevoorwielen,kunnen
deaandrijfwielengaanslippenenkuntunietmeer
remmenofsturen.
Nooitstartenofstoppenopeenhelling.Als
dewielengripverliezen,moetudemaaimessen
uitschakelenendeheuvellangzaamafrijden.
Ukuntdestabiliteitverbeterendoorwielgewichten
ofcontragewichtentegebruikenovereenkomstigde
aanwijzingenvandefabrikant.
Weesuiterstvoorzichtigmetgrasvangersofandere
werktuigen.Dezekunnendemachineminderstabiel
maken,waardoordekansontstaatdatudemacht
overdemachineverliest.
Geluidsdruk
Dezemachineoefenteengeluidsdrukvan90dBAuitop
hetgehoorvandegebruiker,gebaseerdopmetingenbij
identiekemachinesvolgensprocedureszoalsvastgelegd
inEN11094enEN836.
Geluidsniveau
Dezemachineheefteengeluidsniveauvan105dBA,
gebaseerdopmetingenbijidentiekemachinesvolgens
procedureszoalsvastgelegdinEN11094.
Trillingsniveau
Dezemachineheefteenmaximaaltrillingsniveauvan
2,36m/s2opdehandenenarmen,gebaseerdop
metingenbijidentiekemachinesvolgensprocedures
zoalsvastgelegdinEN1033.
Dezemachineheefteenmaximaaltrillingsniveauvan
0,295m/s2opdehandenenarmen,gebaseerdop
metingenbijidentiekemachinesvolgensprocedures
zoalsvastgelegdinEN1032.
6
Hellingdiagram
7
Veiligheids-en
instructiestickers
Veiligheidsstickersenveiligheidsinstructieszijngemakkelijkzichtbaarvoordebestuurderen
bevindenzichbijplaatsenwaargevaarkanontstaan.Vervangallebeschadigdeofverdwenen
stickers.
114-1606
1.Risicoomgegrepenteworden,riemZorgervoordatalle
beschermplatenophunplaatszitten.
93-7009
1.WaarschuwingGebruikdemaaimachinenietalsde
grasgeleideromhooggeklaptofverwijderdis;zorgervoor
datdegrasgeleiderisgemonteerd.
2.Handenofvoetenkunnenwordengesneden/geamputeerd,
maaimesBlijfuitdebuurtvanbewegendeonderdelen.
110-6691
1.DemachinekanvoorwerpenuitwerpenHoudomstanders
opeenveiligeafstandvandemachine.
2.MaaimachinekanvoorwerpenuitwerpenGebruikde
machinenooitzondergrasgeleiderofgrasopvangsysteem.
3.Handenofvoetenkunnenwordengesneden/geamputeerd
Blijfuitdebuurtvanbewegendeonderdelen.
93-7316
Grasgeleider
1.DemachinekanvoorwerpenuitwerpenHoudomstanders
opeenveiligeafstandvandemachine.
2.MachinekanvoorwerpenuitwerpenZorgervoordatde
grasgeleideropzijnplaatszit.
3.Handenofvoetenkunnenwordengesneden/geamputeerd
Blijfuitdebuurtvanbewegendeonderdelen.
93-7317
Grasgeleider
1.DemachinekanvoorwerpenuitwerpenHoudomstanders
opeenveiligeafstandvandemachine.
2.MachinekanvoorwerpenuitwerpenZorgervoordatde
grasgeleideropzijnplaatszit.
3.Handenofvoetenkunnenwordengesneden/geamputeerd
Blijfuitdebuurtvanbewegendeonderdelen.
8
99-3943
1.Motor
99-8936
1.Snelheidvandemachine
4.Neutraalstand
2.Snel
5.Achteruit
3.Landzaam
112-9840
1.Gebruikershandleiding
lezen.
3.Haalhetsleuteltjeuit
hetcontactenlees
deinstructiesalvorens
service-ofonderhouds-
werkzaamhedenuitte
voeren
2.Maaihoogte
104-8009
1.Gashendel
7.Koplampen
2.CHOKE8.MotorAfzetten
3.Continusnelheidsregeling
9.MotorLopen
4.Landzaam
10.MotorStarten
5.Aan
11.Ontsteking
6.Uit
104-8061
1.Trekdehendeluitomde
machinetelatenrijden.
3.Drukdehendelinomde
machineteduwen.
2.Umagdemachinenooit
slepen.
104-8062
1.Maaihoogte
9
104-8063
1.Maaihoogte
107-2474
1.Leesdeinstructies
alvorensservice-ofon-
derhoudswerkzaamheden
uittevoeren.
3.Smeerdemachineomde
25bedrijfsuren.
2.Controleerde
bandenspanningom
de25bedrijfsuren.
4.Motor
Symbolenopaccu
Sommigeofallesymbolenstaanopdeaccu
1.Risicovanexplosie6.Houdomstandersop
veiligeafstandvande
accu.
2.Geenvonkenofvuuren
nietroken.
7.Draagoogbescherming;
explosievegassenkunnen
blindheidenanderletsel
veroorzaken.
3.Risicovanbijtende
vloeistof/chemische
brandwonden
8.Accuzuurkanblindheid
ofernstigebrandwonden
veroorzaken.
4.Draagoogbescherming.
9.Ogendirectmetwater
spoelenensnelarts
raadplegen.
5.Raadpleegde
Gebruikershandleiding.
10.Bevatlood;niet
weggooien.
Merktekenvanfabrikant
1.Geeftaandathetmesonderdeelvaneenoriginele
Toro-maaimachineis.
107-2482
1.Inschakelen
2.Uitschakelen
3.Parkeerrem
4.WaarschuwingSteldeparkeerreminwerkingenhaalhetsleuteltjeuithetcontactvoordatudemachineachterlaat,enleesde
instructiesalvorensservice-ofonderhoudswerkzaamhedenuittevoeren.
5.WaarschuwingLeesdeGebruikershandleiding.
6.MachinekanvoorwerpenuitwerpenZorgervoordatdegrasgeleideropzijnplaatszit.
7.Machinekankantelenophellingenvanmeerdan12,5gradenGebruikdemaaimachinenietophellingenvanmeerdan
12,5graden.
8.DemachinekanvoorwerpenuitwerpenHoudomstandersopeenveiligeafstandvandemachineenverwijderrommel
voordatugaatmaaien.
9.Ledematenkunnenbekneldraken/afgesnedenwordenNeemgeenpassagiersmee.
10.Handenofvoetenkunnenwordengesneden/geamputeerd,maaimesBlijfuitdebuurtvanbewegendeonderdelen.
10
Algemeenoverzicht
vandemachine
Figuur3
1.Stoel
4.Maaihoogtehendel7.Antiscalpeerwiel
10.Afvoertunnel
2.Schakelbord
5.Parkeerrem8.Voorstezwenkwiel
11.Brandstoftank
3.Schakelhendels
6.Maaidek9.Voetsteun12.Wielvanachterwielaandrij-
ving
Bedieningsorganen
Zorgervoordatuvertrouwdbentmetalle
bedieningsorganenFiguur4voordatFiguur5ude
motorstartendemachinegebruikt.
Figuur4
1.Contactschakelaar3.Aftakasschakelaar
2.Gashendel/Choke4.Koplampen(optioneel)
Figuur5
1.Rijhendel3.Maaihoogtehendel
2.Parkeerremhendel
11
Gebruiksaanwijzing
Opmerking:Bepaalvanuitdenormale
bedieningspositiedelinker-enrechterzijdevande
machine.
Veiligheidstaatvoorop
Leesaandachtigalleveiligheidsinstructiesen-stickers
inhethoofdstukVeiligebediening.Metbehulpvan
dezeinformatiekuntuletselvanuwgezinsleden,
omstanders,dierenenuzelfvoorkomen.
Bijmaaienopnatgrasofeensteilehelling
bestaatdekansdatdewielenslippenenude
machtoverdemachineverliest.
Wielendieoverrandenheenkomen,kunnen
totgevolghebbendatdemachineomkiept,
hetgeenernstigofdodelijkletseldanwel
verdrinkingkanveroorzaken.
Omtevoorkómendatudecontroleoverde
machineverliestendezeomslaat,moetude
volgenderichtlijneninachtnemen:
Maainietindebuurtvansteilehellingenof
water.
Maainooitopeenhellingvanmeerdan
12,5graden.
Verminderuwsnelheidenweesuiterst
voorzichtigophellingen.
Verandernietplotselingderijrichtingofde
snelheidvandemachine.
Figuur6
1.Veiligezonehierkuntde
TimeCuttergebruiken
3.Water
2.Gebruikeenloopmaaier
en/ofeenhandtrimmer
indebuurtvansteile
hellingenenwater.
Aanbevolenbenzine
GebruiknormaleLOODVRIJEbenzinevoor
automobielen(octaangetalminimaal87).Gelode
normalebenzinekanwordengebruiktalsloodvrije
benzinenietverkrijgbaaris.
Belangrijk:Gebruiknooitmethanol,benzine
diemethanolbevat,gasoholdiemeerdan10%
ethanolbevat,omdatditkanleidentotschadeaan
hetbrandstofsysteem.Geenoliebijdebenzine
mengen.
12
Inbepaaldeomstandighedenisbenzineuiterst
ontvlambaarenzeerexplosief.Brandof
explosievanbenzinekanbrandwondenbijuof
anderenenmateriëleschadeveroorzaken.
Vuldebrandstoftankindeopenlucht
wanneerdemotorkoudis.Eventueel
gemorstebenzineopnemen.
Vuldebrandstoftanknooitalsdemachine
opeenaanhangerineenafgeslotenruimte
staat.
Vuldebrandstoftankniethelemaalvol.Vul
debrandstoftanktotmaximaal6mmtot
13mmvanafdeonderkantvandevulbuis.
Dezeruimteindetankgeeftbenzinede
kansomuittezetten.
Rooknooitwanneerumetbenzinebezig
bent,enhouddebrandstofwegvanopen
vuurofvonken.
Bewaarbenzineineengoedgekeurdvatof
blikenbuitenbereikvankinderen.Koop
nooitmeerbenzinedanuin30dagenkunt
opmaken.
Gebruikdemachineuitsluitendalshet
completeuitlaatsysteemisgemonteerden
naarbehorenwerkt.
Inbepaaldeomstandighedenkantijdenshet
tankenstatischeelektriciteitwordenontladen
waardoorvonkenontstaandiebenzinedampen
totontbrandingkunnenbrengen.Brandof
explosievanbenzinekanbrandwondenbijuof
anderenenmateriëleschadeveroorzaken.
Zetbenzinevatenaltijdopdegrondenuit
debuurtvanhetvoertuigalvorensdetank
bijtevullen.
Benzinevatennietineenvrachtwagen
ofaanhangervullen,omdatbekledingof
kunststofbeplatinghetvatkanisoleren,
waardoordeafvoervanstatischelading
wordtbemoeilijkt.
Alshetpraktischmogelijkis,kuntuhet
besteeenmachinemeteenbenzinemotor
eerstvandevrachtwagenofaanhangerhalen
enbijtankenalsdemachinemetdewielen
opdegrondstaat.
Alsditnietmogelijkis,verdienthetde
voorkeurdergelijkemachinesopeentruck
ofaanhangerbijtevullenuiteendraagbaar
vat,nietmetbehulpvaneenvulpistoolvan
eenpomp.
Alsueenvulpistoolmoetgebruiken,dient
udevulpijpvoortdurendincontactmetde
randvandebrandstoftankofdeopeningvan
hetvattehouden,totdatuklaarbentmet
bijvullen.
Benzineisschadelijkofdodelijkbijinname.
Langdurigeblootstellingaandampenkan
leidentoternstigletselenziekte.
Voorkomdatudampenlangetijdinademt.
Houduwgezichtuitdebuurtvaneen
vulpijpendeopeningvaneentankofeen
blikmetconditioner.
Houdbenzineuitdebuurtvanogenenhuid.
Gebruikvanstabilizer/conditioner
Gebruikvanstabilizer/conditionerindemachinebiedt
devolgendevoordelen:
13
Houdtdebenzineversgedurendestallingvan
30dagenofminder.Alsudemachinelanger
wiltstallen,moetudebenzineaftappenuitde
brandstoftank.
Houdtdemotortijdenshetgebruikschoon.
Voorkomtharsachtigeafzettingeninhet
brandstofsysteem,dietotstartproblemenkunnen
leiden
Belangrijk:Gebruiknooitbrandstofadditieven
diemethanolofethanolbevatten.
Voegdejuistehoeveelheidstabilizer/conditioner
aandebenzinetoe.
Opmerking:Stabilizer/conditionerwerkthet
bestalsdezemetversebenzinewordtgemengd.
Gebruikaltijdstabilizer/conditioneromhetrisico
vanharsachtigeafzettingeninhetbrandstofsysteem
zokleinmogelijktehouden.
Brandstoftankvullen
1.Motorafzettenenparkeerreminwerkingstellen.
2.Reinigdeomgevingvandetankdopenverwijderde
tankdop.Vuldebrandstoftankbijmetloodvrije,
normalebenzinetotmaximaal6tot13mmvanaf
deonderkantvandevulinrichting.Deruimteinde
tankgeeftdebenzinedekansomuittezetten.Vul
debrandstoftankniethelemaalvol.
3.Draaidetankdopstevigvast.Gemorstebenzine
opnemen.
Motoroliepeilcontroleren
Voordatudemotorstartendemachineingebruik
neemt,moetuhetoliepeilinhetcartervandemotor
controleren;zieOliepeilcontrolereninOnderhoud
motor,bladz.24.
Parkeerremgebruiken
Steldeparkeerremaltijdinwerkingwanneerude
machinestoptofdezeonbeheerdachterlaat.
Parkeerreminwerkingstellen
1.Zetdeschakelhendels(Figuur5)indevergrendelde
neutraalstand.
2.Trekdeparkeerremhendelnaarachterenenomhoog
omdeparkeerreminwerkingtestellen(Figuur7).
Deparkeerremhendelmoetstevigindezestand
blijven.
Belangrijk:Steldeparkeerremnietinwerking
alsdemachineinbewegingis.Hierdoorkan
hetaandrijfsysteemschadeoplopen.
Figuur7
1.ParkeerremInwerking2.ParkeerremBuiten
werking
Parkeerremvrijzetten
Duwparkeerrenhendelnaarvorenenomlaagomde
parkeerreminwerkingtestellen(Figuur7).
Motorstartenenafzetten
Motorstarten
1.Neemplaatsopdebestuurdersstoelenzetde
schakelhendelsindeneutraalstand.
2.Steldeparkeerreminwerking;ziehierboven
Parkeerreminwerkingstellen.
3.Schakeldemaaimessenuitdoordeaftakasschakelaar
opUITtezetten(Figuur8).
Figuur8
1.AftakasschakelaarAAN2.AftakasschakelaarUIT
4.ZetdegashendelopChokevoordatueenkoude
motorstart.
Opmerking:Alsdemotorwarmofheetis,magu
dechokeniettegebruiken.Zodrademotorstart,
zetudegashendelopSnel.
14
5.DraaihetcontactsleuteltjeopSTARTomde
startmotorinwerkingtestellen.Laathetsleuteltje
loszodrademotoraanslaat.
Belangrijk:Steldestartmotortelkensniet
langerdan10secondeninwerking.Alsde
motornietwilstarten,moetunaelkepoging
demotor60secondenlatenafkoelen.Indienu
dezeinstructiesnietopvolgt,kandestartmotor
doorbranden.
6.Zodrademotorstart,zetudegashendelopSNEL
(Figuur9).Alsdemotorafslaatofhapert,moetu
degashendelweerenkelesecondenopCHOKE
zetten.Zetvervolgensdegashendelindegewenste
stand.Herhaalditindiennodig.
Figuur9
1.Motor
3.Snel
2.Choke
4.Landzaam
Figuur10
1.Uit
3.Start
2.Lopen
4.Ontsteking
Motorafzetten
1.ZetdegashendelweeropLangzaam(Figuur9).
2.Schakeldemaaimessenuitdoordeaftakasschakelaar
opUITtezetten(Figuur8).
3.DraaihetcontactsleuteltjeopUIT(Figuur10).
4.Maakdebougiekabellosvandebougie(s)omte
voorkomendatiemandperongelukdemachine
start,alvorensdezetetransporterenoftestallen.
5.Sluitdebrandstofafsluitkleponderdevoorzijde
vandebrandstoftankalvorensdemachinete
transporterenofopteslaan.
Belangrijk:Zorgervoordatde
brandstofafsluitklepisgeslotenvoordat
udemachinetransporteertofstaltomdater
benzinekanlekkenuitdemachine.
Bedieningvandemaaimessen
Metdeaftakasschakelaar,aangeduidmethet
aftakassymbool,schakeltudeaandrijvingnaarde
maaimessenaanofuit.Dezeschakelaarregelthet
vermogenvanwerktuigendiewordenaangedreven
doordemotor,zoalshetmaaidekendemaaibladen.
Demaaimesseninschakelen
1.Zetderijhendelsvrijomdemachineinde
neutraalstandtezetten.
2.ZetdegashendelopSnel.
3.Trekdeaftakasschakelaaruitomdemaaimessenin
teschakelen(Figuur11).
Figuur11
1.AftakasschakelaarAAN2.AftakasschakelaarUIT
Demaaimessenuitschakelen
ZetdeaftakasschakelaaropUITomdemaaimessenuit
teschakelen(Figuur11).
Hetveiligheidssysteem
Niet-aangeslotenofbeschadigde
interlockschakelaarskunnenonverwachte
gevolgenhebbenopdewerkingvandemachine.
Ditkanlichamelijkletselveroorzaken.
Laatdeinterlockschakelaarsongemoeid.
Controleerelkedagdewerkingvan
deinterlockschakelaarsenvervang
beschadigdeschakelaarsvoordatude
machineweeringebruikneemt.
Werkingvanhetveiligheidssysteem
Hetveiligheidssysteemisbedoeldomstartenvande
motoralleenmogelijktemakenwanneer:
15
deparkeerreminwerkingisgesteld.
demaaimessenzijnuitgeschakeld.
deschakelhendelsindeneutraalstandstaan.
Hetveiligheidssysteemzorgtookervoordatde
motorwordtgestoptwanneerdetractiehendels
wordenbewogenalsdeparkeerreminwerkingis
gesteld,ofalsudebestuurdersstoelverlaatterwijl
demessenzijningeschakeld.
Veiligheidssysteemtesten
Controleerdewerkingvanhetveiligheidssysteem
telkensvoordatudemachineingebruikneemt.Als
hetveiligheidssysteemnietwerktzoalshieronderwordt
beschreven,moetuhetdirectlatenreparerendooreen
erkendeServiceDealer.
1.Neemplaatsopdebestuurdersstoel,stelde
parkeerreminwerkingenschakeldeaftakasin.
Probeerdemotortestarten;demotormagnuniet
gaandraaien.
2.Neemplaatsopdebestuurdersstoel,stelde
parkeerreminwerkingenschakeldeaftakasuit.
Beweegeenvanbeideschakelhendels(naarvoren
ofnaarachteren).Probeerdemotortestarten;de
motormagnunietgaandraaien.Beweegnude
andererijhendel.
3.Neemplaatsopdebestuurdersstoel,stelde
parkeerreminwerking,schakeldeaftakasuitenzet
deschakelhendelsvastindeneutraalstand.Startde
motor.Alsdemotorloopt,moetudeparkeerrem
vrijzettenendeaftakasinschakelen.Komiets
overeinduitdebestuurdersstoel.Demotormoet
nustoppen.
4.Neemplaatsopdebestuurdersstoel,stelde
parkeerreminwerking,schakeldeaftakasuiten
zetdeschakelhendelsvastindeneutraalstand.
Startdemotor.Alsdemotorloopt,centreertu
deschakelhendelsenbeweegtuze(vooruitof
achteruit).Demotormoetnustoppen.
Vooruitenachteruitrijden
Metdegashendelregeltudesnelheidvandemotor,
oftewelhettoerental(inomwentelingenperminuut).
ZetdegashendelopSnelomdebesteprestatieste
verkrijgen.Gebruikdemachinealtijdmetdemotor
opvolgas.
Demachinekanzeersnelronddraaien.De
bestuurderkandecontroleoverdemachine
verliezen.Ditkanleidentotlichamelijkletsel
enschadeaandemachine.
Weesvoorzichtigalsueenbochtmaakt.
Verminderdesnelheidvandemachine
voordatueenscherpebochtmaakt.
Vooruit
1.Zetdeparkeerremvrij.
2.Zetdehendelsindemiddelste,onvergrendelde
stand.
3.Omvooruitterijden,duwtuderijhendelslangzaam
naarvoren(Figuur12).
Opmerking:Demotorslaatafalsude
schakelhendelsvandetractiebeweegtterwijlde
parkeerremiswerkingisgesteld.
Figuur12
1.Schakelhendel
onvergrendelde
neutraalstand
3.Vooruit
2.Centraleonvergrendelde
stand
4.Achteruit
Omineenrechtelijnterijden,moetugelijkmatige
drukuitoefenenopbeiderijhendels(Figuur12).
Omtedraaien,vermindertudedrukopderijhendel
inderichtingwaarinuwiltdraaien(Figuur12).
Hoeverderuderijhendelsbeweegt(inbeide
richtingen),destesnellerzaldemachineinde
gewensterichtingrijden.
Omtestoppen,zetubeiderijhendelsinde
neutraalstand.
16
Achteruit
1.Zetdehendelsindemiddelste,onvergrendelde
stand.
2.Omachteruitterijden,trektuderijhendelsnaar
achteren(Figuur12).
Omineenrechtelijnterijden,moetugelijkmatige
drukuitoefenenopbeiderijhendels(Figuur12).
Omtedraaien,vermindertudedrukopderijhendel
inderichtingwaarinuwiltdraaien(Figuur12).
Omtestoppen,zetubeiderijhendelsinde
neutraalstand.
Demachinestoppen
Omdemachinetestoppen,moetudetractiehendels
indeneutraalstandzettenenloskoppelenomze
tevergrendelen,deaftakasuitschakelen,enhet
contactsleuteltjeopUitdraaienomdemotorafte
zetten.Alsudemachineonbeheerdlaat,moetutevens
deparkeerreminwerkingstellen;zieParkeerremin
werkingstellen.Denkeromdatuhetsleuteltjeuithet
contacthaalt.
Belangrijk:Steldeparkeerremnietinwerking
alsdemachineinbewegingis.Hierdoorkanhet
aandrijfsysteemschadeoplopen.
Kinderenofomstanderskunnenletseloplopen
alszijmetdemachinegaanrijdenofhiermee
proberentewerkenalsdezeonbeheerdstaat.
Verwijderaltijdhetsleuteltjeuithetcontacten
steldeparkeerreminwerkingwanneerude
machineonbeheerdachterlaat,ookalishet
slechtsvooreenpaarminuten.
Demaaihoogteinstellen
Demaaihoogtekanwordenafgesteldvan38tot
114mminstappenvan13mmdoordegaffelpenin
verschillendeopeningenteplaatsen.
1.Zetdemaaihoogtehendelomhooginde
transportstand(eveneensdemaaihoogtestandvan
114mm)(Figuur13).
2.Omdemaaihoogteaftestellen,verwijdertude
R-penendegaffelpenuitdemaaihoogtebeugel
(Figuur13).
3.Kiesdeopeningindemaaihoogtebeugeldie
correspondeertmetdegewenstemaaihoogteen
steekhierindegaffelpen(Figuur13).
4.ZetdegaffelpenvastmetdeR-pen(Figuur13).
Figuur13
1.Maaihoogtehendel3.R-pen
2.Gaffelpen
5.Zetdemaaihoogtehendelomlaagopdegaffelpen.
Antiscalpeerrollenafstellen
Alsudemaaihoogtewijzigt,verdienthetaanbeveling
dehoogtevandeantiscalpeerrollenintestellen.
1.Schakeldeaftakasuit,zetdeschakelhendelsinde
neutraalstandensteldeparkeerreminwerking.
2.Zetdemotoraf,verwijderhetcontactsleuteltjeen
wachttotdatallebewegendeonderdelentotstilstand
zijngekomenalvorensdebestuurderspositiete
verlaten.
A.Nadatudemaaihoogtehebtingesteld,
verwijdertudemoerenderingterwijludebout
meteensleutelvasthoudt(Figuur14).
Opmerking:Wielmoerenringniet
verwijderen(Figuur14).
Figuur14
1.Maatwiel4.Moer
2.Bout5.Wielmoerenring.Niet
verwijderen.
3.Ring
B.Kieseenopeningenleterhierbijopdathet
maatwielisgeplaatstbijdedichtstbijzijnde,
doorugewenstecorresponderendemaaihoogte
(Figuur14).
17
3.Plaatsdeboutmoerendering(Figuur14).
4.Stelvervolgensookdeanderemaatwielenaf.
Bestuurdersstoelinstellen
Ukuntdestoelnaarvorenennaarachterenverschuiven.
Depositievandestoelmoetzozijndatudemachine
hetbestkuntbedienenendatucomfortabelzit.
1.Tildestoelopendraaideinstelknoppenlos
(Figuur15).
2.Schuifdestoelindegewenstepositieendraaide
knoppenweervast.
Figuur15
1.Instelknoppen
Rijhendelsafstellen
Derijhendelskunnenhogeroflagerwordengesteld
overeenkomstigdewensenvandebestuurder.
1.Verwijderde2schroevenendeklemringenwaarmee
deschakelhendelisbevestigdaandeschachtvande
bedieningsarm(Figuur16).
2.Zetderijhendelindevolgendegroepgaten.
Zetdehendelvastmetdetweeschroevenende
klemringen.Dehollekantvanderingmoetzijn
gerichtnaardeschachtvandebedieningsarm
(Figuur16).
3.Stelvervolgensookdeandereschakelhendelaf.
Figuur16
1.Rijhendel3.Klemring
2.Schroef4.Schachtvan
bedieningsarm
Machinemetdehandduwen
Belangrijk:Umoetdemachinealtijdmetde
handduwen.Slepenkanschadeaandemachine
veroorzaken.
Demachineduwen
1.Schakeldeaftakasuit,zetdeschakelhendelsinde
neutraalstandensteldeparkeerreminwerking.
2.Zetdemotoraf,verwijderhetcontactsleuteltjeen
wachttotdatallebewegendeonderdelentotstilstand
zijngekomenalvorensdebestuurderspositiete
verlaten.
3.Trekdetweeomloophendelsomhoogenduwze
totdatderingopdestangdoordegleufschuift.
Duwdehendelsomlaagomzevasttezetten
(Figuur17).
4.Zetdeparkeerremvrijomdemachineteduwen.
Figuur17
1.Duwstand
2.Gebruiksstand
18
Gebruikvandemachine
Zetbeideomloophendelsomhoogentrekzehelemaal
uit.Duwdehendelsomlaag(Figuur17).
Opmerking:Demachinezalpasrijdenalsde
omloophendelszijnuitgetrokken.
Zijafvoergebruiken
Hetmaaidekisuitgerustmeteenscharnierende
grasgeleider,diehetmaaiselzijwaartsenomlaagnaar
hetgazonafvoert.
Zonderaangebrachtegrasgeleider,
afvoerafsluiterofcompletegrasvanger
kunnenuofandereninaanrakingmethet
maaimesofuitgeworpenvoorwerpenkomen.
Contactmeteendraaiendmaaimesen
uitgeworpenvoorwerpenkanlichamelijkof
dodelijkletselveroorzaken.
Verwijderdegrasgeleidernooitvanhet
maaidekomdathiermeehetmaaiselwordt
afgevoerdnaarhetgazon.Eenbeschadigde
grasgeleidermoetdirectwordenvervangen.
Steeknooithandenofvoetenonderhet
maaidek.
Probeernooithetafvoersysteemofde
maaimessentereinigenzondereerst
deaftakasuitteschakelenenhet
contactsleuteltjeopUITtedraaien.
Verwijderverderhetcontactsleuteltjeentrek
debougiekabelvandebougie(s).
DeRecycler®plaatopeen44inch
maaidekverwijderen
Hetmaaidekkanrommeluitwerpenuit
niet-afgedichteopeningen,waardooruen
anderenletselkunnenoplopen.
Gebruikhetmaaideknooitzonderdatalle
openingenindemaaikastzijnafgedichtmet
boutenenmoeren.
Zorgervoordaterboutenenmoerenzijn
gemonteerdindemontageopeningenalsde
recycleplaatisverwijderd.
Opmerking:Uhoeftalleenmaarderechterplaatte
verwijderenomdezijafvoertegebruiken.
1.Maakhetmaaidekgrondigschoon.
2.Verwijderdeknoppenendeklemringenvande
rechterplaat(Figuur18).
Figuur18
1.Rechterrecyclerplaat4.Knop
2.Bout(5/16x1-1/4inches)
5.Klemring
3.Borgmoer(5/16inch)
6.Linkerrecyclerplaat
Opmerking:Bewaarallebevestigingselementen
omzetegebruikenvoormontagevandeplaat.
3.Lichtdeplaatopenschuifdezeuitdevergrendeling
metdelinkerplaat.
4.Methetoogopeenveiliggebruikmoetude
knoppen,bouten,ringenenborgmoerenmonteren
indeopengatenvanhetmaaidek,alsude
bevestigingselementenhebtverwijderdin2.
DeRecycler®plaatopeen44inch
maaidekmonteren
Monteerderechterrecyclerplaatomdemachinevande
zijafvoermodusindemulchingmodustezetten.
1.Maakhetmaaidekgrondigschoon.
2.Verwijderdeknoppen,ringenenborgmoerenin
degatendiezijnbestemdomderechterplaatte
monteren.
3.Monteerdeplaatindevergrendelingmetde
linkerplaat.
4.Monteerderechterplaatophetmaaidekmetde
knoppenendeklemringen(Figuur18)dieuhebt
verwijderdinStap2.
19
DeRecycler®plaatopeen52inch
maaidekverwijderen
Verwijderderechterplaatomdemachinevande
mulchingmodusindezijafvoermodustezetten.
1.Maakhetmaaidekgrondigschoon.
2.Verwijderderijtuigboutenendeborgmoeren
waarmeedefrontplaatisbevestigdaanhetmaaidek
(Figuur19).Verwijderdefrontplaatombijde
rechterRecycler®plaattekunnenkomen.
Figuur19
Alsudemaaimachinegebruiktzonderdatde
frontplaatisgemonteerd,kunnenuofanderen
inaanrakingmethetmaaimesofuitgeworpen
voorwerpenkomen.Contactmeteendraaiende
maaimesenuitgeworpenvoorwerpenkan
ernstigletselveroorzaken.
Gebruikdemaaimachinenooitalsdefrontplaat
nietisgemonteerd.
3.Verwijderdeborgmoerenuithetbovensteenhet
middelstestukvanderechterplaat(Figuur20).
4.Brengdeplaatomlaagenschuifdezeuitde
afvoeropening(Figuur20).
Opmerking:Uhoeftalleenmaarderechterplaat
teverwijderenomdezijafvoertegebruiken.
5.Monteerdebouten(5/16x5/8inch)en
borgmoeren(5/16inch)dieuhebtverwijderdin
Stap3indeopengatenvanhetmaaidekmethet
oogopeenveiliggebruik(Figuur20).
Figuur20
1.Recyclerplaat,links
3.Borgmoer,5/16inch
2.Bout,5/16x5/8inch
Hetmaaidekkanrommeluitwerpenuit
niet-afgedichteopeningen,waardooruen
anderenletselkunnenoplopen.
Gebruikhetmaaideknooitzonderdatalle
openingenindemaaikastzijnafgedichtmet
boutenenmoeren.
Zorgervoordaterboutenenmoerenzijn
gemonteerdindemontageopeningenalsde
recycleplaatisverwijderd.
6.Plaatsdefrontplaatterugenbevestigdezeaanhet
maaidek(Figuur19)metdebevestigingendieu
eerderhebtverwijderd.
Belangrijk:Gebruikdemachinenooitzonder
datdefrontplaatisgemonteerd.
DeRecycler®plaatopeen52inch
maaidekmonteren
Monteerderechterrecyclerplaatomdemachinevande
zijafvoermodusindemulchingmodustezetten.
1.Maakhetmaaidekgrondigschoon.
2.Verwijderderijtuigboutenendeborgmoeren
waarmeedefrontplaatisbevestigdaanhetmaaidek
(Figuur19).Verwijderdefrontplaatomderechter
Recycler®plaattekunnenmonteren.
Belangrijk:Gebruikdemachinenooitzonder
datdefrontplaatisgemonteerd.
20
3.Verwijderdeboutenenmoerenindegateninhet
maaidekdiezijnbestemdomdeplaatvasttezetten
aanhetmaaidek(Figuur20).
4.Monteerdeplaatdoordezeindezijafvoeropening
teschuiven(Figuur20).
5.Zetdeplaatsvastmetdemoerenenbouten
(Figuur20)dieuhebtverwijderdinStap3.
6.Plaatsdefrontplaatterugenbevestigdezeaanhet
maaidek(Figuur19)metdebevestigingendieu
eerderhebtverwijderd.
Alsudemaaimachinegebruiktzonderdatde
frontplaatisgemonteerd,kunnenuofanderen
inaanrakingmethetmaaimesofuitgeworpen
voorwerpenkomen.Contactmeteendraaiende
maaimesenuitgeworpenvoorwerpenkan
ernstigletselveroorzaken.
Gebruikdemaaimachinenooitalsdefrontplaat
nietisgemonteerd.
Tipsvoorbedieningen
gebruik
Snel-standgashendel
Vooreenoptimaalmaairesultaateneenmaximale
luchtcirculatiemoetudegashendelopSnelzetten.
Omhetgrasgoedaftemaaienisluchtnodig;zet
demaaihoogtedusniettelaagenzorgervoordat
hetmaaidekniethelemaaldoorongemaaidgrasis
omgeven.Probeeraltijdéénzijkantvandemachinevrij
vanongemaaidgrastehouden,zodatluchtkanworden
aangezogen.
Wanneerueengazonvoordeeerste
keermaait
Laathetgrasietslangerdannormaal,omtevoorkomen
datoneffenhedeninhetgrasvolledigworden
weggemaaid.Inhetalgemeenkanhetbestdevoorheen
gebruiktemaaihoogtewordengekozen.Alsugras
vanmeerdan15cmlanggaatmaaien,kuntuhetbest
intweekeermaaienomeengoedmaairesultaatte
verkrijgen.
1/3vandelengtevanhetgrasafmaaien
Aanbevolenwordtnietmeerdanongeveer1/3vande
lengtevanhetgrasaftemaaien.Meerafmaaienwordt
afgeraden,tenzijhetgrasdunis,ofindelateherfst,
wanneerhetgraslangzamergroeit.
Maairichting
Maaiafwisselendinverschillenderichtingen,zodat
hetgrasrechtopblijftstaan.Ditzorgtookvooreen
betereverspreidingvanhetmaaisel,watdeverteringen
bemestingtengoedekomt.
Maaimetdejuisteregelmaat
Normaalgesprokenmoetuomdevierdagenmaaien.
Houderechterrekeningmeedatgrasniethethelejaar
doorevensnelgroeit.Omdezelfdemaaihoogtete
behouden,wateengoedegewoonteis,moetuinhet
vroegevoorjaarvakermaaien.Alsdegroeisnelheidin
dezomerafneemt,maaitumindervaak.Alsulangere
tijdniethebtkunnenmaaien,maaitueerstopeen
hogemaaistand.Maaitweedagenlateropeenlagere
maaistand.
Maaisnelheid
Omdemaairesultatenteverbeteren,moetumaaien
bijeenlagererijsnelheid.
Grasniettekortafmaaien
Alsdemaaibreedtevanhetmaaidekgroterisdandie
vanhetmaaidekdatuvoorheengebruikte,zetude
maaihoogteéénstandhoger.Hierdoorvoorkomtudat
oneffenhedentekortwordenafgemaaid.
Langgras
Alsuhetgrasietslangerdannormaalhebtlaten
groeienofalsheteenhoogvochtgehalteheeft,moetu
demaaihoogtehogerdannormaalinstellenenhetgras
opdezehoogtemaaien.Daarnahetgrasopdelagere,
normalehoogtemaaien.
Stoppentijdenshetmaaien
Alsudemachinetijdenhetmaaienmoetstoppen,kan
ereenkluitmaaiselophetgazonachterblijven.Omdit
tevoorkomen,moetudemesseninschakelenende
maaimachinerijdennaareengedeeltevanhetgazon
datalisgemaaid.
Onderkantvanhetmaaidek
schoonhouden
Verwijdernaelkgebruikmaaiselenvuilvande
onderkantvanhetmaaidek.Alszichgrasenvuilin
21
hetmaaidekverzamelt,leidtdatuiteindelijktoteen
onbevredigendmaairesultaat.
Onderhoudvanhetmaaimes
Zorggedurendehethelemaaiseizoenvooreenscherp
maaimes.Eenscherpmessnijdthetgrasgoedaf
zonderhettescheurenoftekwetsen.Doorscheurenen
kwetsenwordthetgrasbruinaanderanden,waardoor
hetlangzamergroeitengevoeligerisvoorziekten.
Controleerelkedagofdemaaimessenscherpzijnenof
zeversletenofbeschadigdzijn.Vijlregelmatigkerven
eninkepingenwegenslijpdemessenindienditnodig
is.Alseenmesbeschadigdofversletenis,moetudit
onmiddellijkvervangendooreenorigineelToromes.
22
Onderhoud
Opmerking:Bepaalvanuitdenormalebedieningspositiedelinker-enrechterzijdevandemachine.
Aanbevolenonderhoudsschema
OnderhoudsintervalOnderhoudsprocedure
Nadeeerste8bedrijfsuren
Motorolieverversen.
Bijelkgebruikofdagelijks
Hetveiligheidssysteemcontroleren.
Controleerhetmotoroliepeil(ditmoetvakergebeureninstofge,vuile
omstandigheden).
Luchtinlaatroosterreinigen.
Maaimessencontroleren.
Demaaikastreinigen.
Omde25bedrijfsuren
Smeerallesmeerpunten(vakerinstofge,vuileomstandigheden).
Geefhetschuimelementeenonderhoudsbeurt(ditmoetvakergebeurenalsde
machinewordtgebruiktinstofgeofvuileomstandigheden).
Accuzuurcontroleren.
Bandenspanningcontroleren.
Controleerderiemenopslijtage/scheurtjes.
Omde50bedrijfsuren
Geefhetpapierelementeenonderhoudsbeurt(ditmoetvakergebeurenalsde
machinewordtgebruiktinstofgeofvuileomstandigheden).
Omde100bedrijfsuren
Verversdemotorolie(ditmoetvakergebeureninstofge,vuileomstandigheden).
Controleerdebougie(s).
Omde200bedrijfsuren
Olieltervervangen.
Vervanghetpapierelement(ditmoetvakergebeurenalsdemachinewordtgebruikt
instofgeofvuileomstandigheden).
Brandstofltervervangen.
Omde300bedrijfsuren
Reinigdeuitlaatringenenkoelribben(ditmoetvakergebeureninstofge,vuile
omstandigheden).
Vóórdestalling
Voorafgaandeaandestallingmoetenallebovengenoemdeonderhoudsprocedures
wordenuitgevoerd.
Benzineaftappenuitdebrandstoftank.
Accuopladenenaccukabelsloskoppelen.
Beschadigdeoppervlakkenbijwerken.
Alsuhetsleuteltjeinhetcontactlaat,bestaatdekansdatiemanddemotorperongelukstartwaardoor
uofandereomstandersernstigletselkunnenoplopen.
Haalhetsleuteltjeuithetcontactenmaakdebougiekabellosvoordatuonderhoudswerkzaamheden
uitvoertaandemachine.Drukdekabelopzij,zodatdezenietonbedoeldcontactkanmakenmet
debougie.
Smering
Smeerdemachinevolgenshettijdschemaopde
instructiestickerControleEnOnderhoud(Figuur21)
onderdebestuurdersstoel.Demachinemoetvaker
wordengesmeerdbijgebruikinzeerstofgeof
zanderigeomstandigheden.
SmerenmetNr.2vetoplithium-ofmolybdeenbasis
vooralgemenedoeleinden.
Methodevansmeren
1.Schakeldeaftakasuit,zetdeschakelhendelsinde
neutraalstandensteldeparkeerreminwerking.
23
2.Zetdemotoraf,verwijderhetcontactsleuteltjeen
wachttotdatallebewegendeonderdelentotstilstand
zijngekomenalvorensdebestuurderspositiete
verlaten.
3.Reinigdesmeernippelsmeteendoek.Indiennodig
verfvandevoorkantvandenippelsafkrabben.
4.Zeteensmeerpistoolopdenippel.Spuitvetinde
nippelstotdaternieuwvetbijdelagersnaarbuiten
komt.
5.Overtolligvetwegvegen.
Smeerpunten
Pompvetindesmeernippelsvolgenshettijdschemaop
deinstructiestickerControleEnOnderhoud(Figuur21)
onderdebestuurdersstoelendemaaimachine
(Figuur22).
Figuur21
Figuur22
Bovenaanzicht
Onderhoudmotor
Motoroliepeilcontroleren
Verversdemotorolienadeeerste8bedrijfsurenen
daarnaomde100bedrijfsuren.
Typeolie:Reinigingsolie(API-onderhoudsclassicatie
SF,SG,SHofSJ)
Carterinhoud:metlter,1,5liter
Viscositeit:Zieonderstaandetabel.
Figuur23
Oliepeilcontroleren
1.Parkeerdemachineopeenhorizontaaloppervlak,
schakeldeaftakasuit,zetdemotorafenhaalhet
sleuteltjeuithetcontact.
2.Schakeldeaftakasuit,zetdeschakelhendelsinde
neutraalstandensteldeparkeerreminwerking.
3.Maakdeomgevingvandepeilstok(Figuur24)
schoon,zodatergeenvuilindevulopeningkan
komen,watinmotorschadekanresulteren.
4.Verwijderdepeilstokenveeghetmetalendeel
schoon(Figuur24).
24
Figuur24
1.Oliepeilstok
3.Metalendeelpeilstok
2.Vulbuis
5.Draaidepeilstokhelemaalindevulbuis.Trekde
peilstokuitencontroleerhetoliepeilophetmetalen
deel.Alshetoliepeiltelaagis,moetulangzaam
netgenoegolieindevulbuisgietentotdathetpeil
preciesdeVOL-markeringopdepeilstokbereikt.
Belangrijk:Gietnietteveelolieinhetcarter;
hierdoorkandemotorwordenbeschadigd.
Olieverversen/aftappen
1.Startdemotorenlaatdezewarmlopen.Warmeolie
kanbeterwordenafgetapt.
2.Parkeerdemachinezodatdeaftapkantietslager
staatdandeanderekantzodatalleoliekanweglopen.
3.Schakeldeaftakasuit,zetdeschakelhendelsinde
neutraalstandensteldeparkeerreminwerking.
4.Zetdemotoraf,verwijderhetcontactsleuteltjeen
wachttotdatallebewegendeonderdelentotstilstand
zijngekomenalvorensdebestuurderspositiete
verlaten.
5.Schuifdeaftapslangoverdeaftapplug(Figuur25).
6.Plaatseenopvangbakonderdeaftapslang.Gebruik
eenplatte-kopschroevendraaierofeen10mmsleutel
omdeklepteopenen(Figuur25).
7.Draaihetuiteindevandekleprechtsomomdeklep
teopenen(Figuur25).
8.Alsalleolieisweggelopen,draaituheteindevande
aftapplugnaarrechtsomdezetesluiten(Figuur25).
9.Verwijderdeaftapslang.
Opmerking:Geefdeoudeolieafbijeenerkend
inzamelcentrum.
Figuur25
1.Aftapplug
10.Reinigdeomgevingvandepeilstokenschroefde
doplos(Figuur25).
11.Gietca.80%vandegespeciceerdehoeveelheidolie
langzaamindevulbuis(Figuur25).ZieMotorolie
controlereninOnderhoudmotor,bladz.24.
12.Controleerhetoliepeil;zieOliepeilcontroleren
13.Gietlangzaamoliebijtotdathetoliepeilde
VOL-markeringbereikt.
Motorolieltervervangen
Vervanghetolielteromde200bedrijfsurenofwanneer
udeolieververst.
Opmerking:Vervanghetolieltervakeralsde
machinewordtgebruiktinzeerstofgeofzanderige
omstandigheden.
1.Tapdemotorolieaf;zieOlieverversen/aftappen.
2.Verwijderhetoudelter(Figuur26).
3.Smeereendunlaagjeschoneolieopderubberen
pakkingvanhetnieuwelter.
Figuur26
1.Olielter
2.Koppeling
4.Plaatshetnieuwelterophetltertussenstuk.Draai
hetolielterrechtsomtotdatderubberenpakking
25
contactmaaktmethetltertussenstuk.Draaihet
ltervervolgensnogeens3/4slag(Figuur26).
5.Vulhetcartermethetjuistetypenieuweolie;zie
Olieverversen/aftappen.
Onderhoudvanhetluchtlter
Schuimelement:Omde25bedrijfsurenreinigenenmet
oliebestrijken.
Papierelement:Omde100bedrijfsurenreinigen.Om
de200bedrijfsurenofjaarlijksvervangen,waarbijde
kortsteperiodemoetwordenaangehouden.
Opmerking:Hetluchtltermoetvakereen
onderhoudsbeurtkrijgen(omdepaaruren)alsde
machinewordtgebruiktinbuitengewoonstofgeof
zanderigeomstandigheden.
Schuim-enpapierelementverwijderen
1.Schakeldeaftakasuit,zetdeschakelhendelsinde
neutraalstandensteldeparkeerreminwerking.
2.Zetdemotoraf,verwijderhetcontactsleuteltjeen
wachttotdatallebewegendeonderdelentotstilstand
zijngekomenalvorensdebestuurderspositiete
verlaten.
3.Maakdeomgevingvanhetluchtlterschoonom
tevoorkomendatvuilindemotorkomtenschade
veroorzaakt.Maakdetweevergrendelingenaan
dezijkantlosenverwijderhetluchtlterdeksel
(Figuur27).
4.Schuifhetschuimelementvoorzichtigvanhet
papierelementaf(Figuur27).
5.Draaidevleugelmoerlosenverwijderhetpapierlter
(Figuur27).
Figuur27
1.Filterdeksel4.Vleugelmoer
2.Schuimelement5.Onderstukvanhet
luchtlter
3.Papierelement6.Vergrendelingen
Schuim-enpapierelementreinigen
1.Schuimelement
A.Washetschuimlterinwarmwatermetvloeibare
zeep.Alshetelementschoonis,moetuhet
grondiguitspoelen.
B.Drooghetelementdoorhetineenschonedoek
wikkelenenuitteknijpen(nietuitwringen).Laat
hetelementaandeluchtdrogen.
C.Drenkhetelementinversemotorolie.
(Figuur28).Knijpinhetlteromovertollige
olieteverwijderen.
Belangrijk:Vervanghetschuimelementals
hetgescheurdofversletenis.
Figuur28
1.Schuimelement2.Olie
2.Papierelement
A.Klophetelementvoorzichtigtegeneenvlak
oppervlakomvuilenstofteverwijderen
(Figuur29).
B.Controleerhetlteropscheuren,eenvettig
oppervlakofbeschadigingvanderubberen
afdichting.
Belangrijk:Hetpapierlternooit
reinigenmetpersluchtofvloeistoffenzoals
oplosmiddelen,benzineofkerosine.Vervang
hetpapierelementalshetisbeschadigdof
nietgrondigkanwordengereinigd.
Figuur29
1.Papierelement
2.Rubberenafdichting
Schuimelementenpapierelement
installeren
Belangrijk:Motornooitlatenlopenzonderdathet
completeluchtltergemonteerdis,daarandersde
motorkanwordenbeschadigd.
26
1.Schuifhetschuimelementvoorzichtigophet
papierelement(Figuur27).
2.Monteerhetluchtlteropdeluchtlterbasisen
plaatsdevleugelmoer(Figuur27).
3.Monteerhetluchtlterdekselenvergrendeldit
(Figuur27).
Hetkoelsysteemreinigen
Verwijdervoorelkgebruikgrasenrommelvanhet
luchtinlaatrooster.
Reinigdekoelribbenendeuitlaatringenomde
300bedrijfsurenofjaarlijks,waarbijdekortsteperiode
moetwordenaangehouden.
1.Schakeldeaftakasuit,zetdeschakelhendelsinde
neutraalstandensteldeparkeerreminwerking.
2.Zetdemotoraf,verwijderhetcontactsleuteltjeen
wachttotdatallebewegendeonderdelentotstilstand
zijngekomenalvorensdebestuurderspositiete
verlaten.
3.Verwijderhetluchtinlaatrooster,decilinderdeksels
enhetventilatorhuis.
4.Verwijderrommelengrasvandeonderdelen.
5.Verwijderhetluchtinlaatrooster,decilinderdeksels
enhetventilatorhuis.
Figuur30
1.Luchtinlaatrooster
3.Cilinderdeksel
2.Ventilatorhuis
4.Cilinderdeksel
Bougie
Controleerdebougie(s)omde200bedrijfsuren.
Controleerofdeelektrodenafstandcorrectisvoordatu
debougiemonteert.Gebruikeenbougiesleutelvoor
het(de)monterenvandebougie(s)eneenvoelermaat
voorhetmetenenafstellenvandeelektrodenafstand.
Monteernieuwebougie(s)indienditnodigis.
Type:ChampionRC12YC(ofequivalenttype)
Elektrodenafstand:0,76mm
Bougie(s)verwijderen
1.Schakeldeaftakasuit,zetdeschakelhendelsinde
neutraalstandensteldeparkeerreminwerking.
2.Zetdemotoraf,verwijderhetcontactsleuteltjeen
wachttotdatallebewegendeonderdelentotstilstand
zijngekomenalvorensdebestuurderspositiete
verlaten.
3.Trekdekabel(s)vandebougie(s)(Figuur31).
Maakdeomgevingvandebougie(s)schoonom
tevoorkomendatervuilindemotorkomt,wat
beschadigingkanveroorzaken.
4.Verwijderdebougie(s)endemetalenring.
Figuur31
1.Bougiekabelgemonteerd2.Bougie
Bougiecontroleren
1.Bekijkhetmiddenvandebougie(s)(Figuur32).
Alsdeisolatorlichtbruinofgrijsis,werktdemotor
naarbehoren.Eenzwartelaagopdeisolatorduidt
meestalopeenvuilluchtlter.
Belangrijk:Umagdebougie(s)nooit
schoonmaken.Bougie(s)altijdvervangenbij
zwartelaagopdebougie,versletenelektroden,
vettigelaagopdebougieofscheuren.
2.Controleerdeafstandtussendecentraleelektrode
endemassa-elektrode(Figuur32).Verbuigde
massa-elektrode(Figuur32)omdejuisteafstandin
testellenindienditnodigis.
27
Figuur32
1.Centraleelektrodemet
isolator
3.Elektrodenafstand(nietop
schaalweergegeven)
2.Massa-elektrode
Bougie(s)monteren
1.Monteerdebougie(s).Controleerofde
elektrodenafstandcorrectis.
2.Draaidebougie(s)vastmeteentorsievan15Nm.
3.Drukdekabel(s)opdebougie(s)(Figuur31).
Onderhoud
brandstofsysteem
Brandstofaftappenuitde
brandstoftank
Inbepaaldeomstandighedenisbenzineuiterst
ontvlambaarenzeerexplosief.Brandof
explosievanbenzinekanbrandwondenbijuof
anderenenmateriëleschadeveroorzaken.
Tapdebenzineafuitdebrandstoftank
wanneerdemotorkoudis.Doeditbuiten
opeenopenterrein.Eventueelgemorste
benzineopnemen.
Rooknooitalsubenzineaftaptenblijfuitde
buurtvanopenvuurofalsdekansbestaat
datbenzinedampendooreenvonkkunnen
ontbranden.
1.Parkeerdemachineopeenhorizontaaloppervlak
zodatallebenzinekanweglopenuitdebrandstoftank.
2.Schakeldeaftakasuit,zetdeschakelhendelsinde
neutraalstandensteldeparkeerreminwerking.
3.Zetdemotoraf,verwijderhetcontactsleuteltjeen
wachttotdatallebewegendeonderdelentotstilstand
zijngekomenalvorensdebestuurderspositiete
verlaten.
4.Opendebrandstofafsluitkleponderdevoorzijde
vandebrandstoftank.
5.Maakdeslangklemophetbrandstoflterlosen
schuifdezeoverdebrandstofslangwegvanhet
brandstoflter(Figuur33).
6.Trekdebrandstofslangvanhetbrandstoflter
(Figuur33).
7.Opendebrandstofafsluitklep.Laatdebenzinein
eenbenzineblikofopvangbaklopen.
Opmerking:Omdatdetanknutochleegis,isdit
eenuitstekendmomentomhetbrandstoflterte
vervangen.
Brandstofltervervangen
Vervanghetbrandstoflteromde200bedrijfsuren
ofjaarlijks,waarbijdekortsteperiodemoetworden
aangehouden.
28
Naverwijderingmagunooiteenvuillteropnieuwaan
debrandstofslangmonteren.
1.Schakeldeaftakasuit,zetdeschakelhendelsinde
neutraalstandensteldeparkeerreminwerking.
2.Zetdemotoraf,verwijderhetcontactsleuteltjeen
wachttotdatallebewegendeonderdelentotstilstand
zijngekomenalvorensdebestuurderspositiete
verlaten.
3.Opendebrandstofafsluitkleponderdevoorzijde
vandebrandstoftank.
4.Drukdeuiteindenvandeslangklemmennaarelkaar
toeenschuifzewegvanhetlter(Figuur33).
5.Trekhetlteruitdebrandstofslangen.
6.Monteereennieuwlterenschuifdeslangklemmen
terugtotdichtbijhetlter(Figuur33).
Belangrijk:Monteerhetlterzodanigdatde
pijlvoordestroomrichtingovereenstemtmet
debrandstofstroom;vandebenzinetanknaar
demotor.
7.Opendebrandstofafsluitklep.
Figuur33
1.Brandstoflter3.Brandstofslang
2.Slangklem
Onderhoudelektrisch
systeem
Onderhoudvandeaccu
Controleerhetaccuzuurpeilomde25bedrijfsuren.
Houddeaccualtijdschoonenvollediggeladen.Veeg
deaccubehuizingschoonmeteentissue.Alsde
accupolenzijngeoxideerd,moetudezeschoonmaken
meteenoplossingvanvierdelenwaterenééndeel
zuiveringszout.Brengeenlaagjevetopdeaccupolen
aanomcorrosietevoorkomen.
Spanning:12V
Accuverwijderen
Accupolenofmetalengereedschappenkunnen
kortsluitingmakenmetmetalenonderdelen
vandemachine,waardoorvonkenkunnen
ontstaan.Hierdoorkunnenaccugassentot
ontplofngkomen,waardoorlichamelijkletsel
kanontstaan.
Zorgervoordatbijhetverwijderenof
monterenvandeaccudeaccupolennietin
aanrakingkomenmetmetalenonderdelen
vandemachine.
Voorkomdatmetalengereedschappen
kortsluitingveroorzakentussende
accupolenenmetalenonderdelenvande
machine.
1.Schakeldeaftakasuit,zetdeschakelhendelsinde
neutraalstandensteldeparkeerreminwerking.
2.Zetdemotoraf,verwijderhetcontactsleuteltjeen
wachttotdatallebewegendeonderdelentotstilstand
zijngekomenalvorensdebestuurderspositiete
verlaten.
3.Klapdestoelnaarvoren.Hieronderbevindtzich
deaccu.
4.Maakdeminkabel(zwart)losvandeaccupool
(Figuur34).
29
Alsaccukabelsverkeerdwordenverbonden,
kanditschadeaandemachineendekabels
totgevolghebbenenvonkenveroorzaken.
Hierdoorkunnenaccugassentotontplofng
komen,waardoorlichamelijkletselkan
ontstaan.
Maakaltijddeminkabel(zwart)vandeaccu
losvoordatudepluskabel(rood)losmaakt.
Sluitaltijddepluskabel(rood)vandeaccu
aanvoordatudeminkabel(zwart)aansluit.
5.Maakdeminkabel(zwart)losvandeaccupool.
Schuifhetrubberenkapjevandepluskabel(rood)
terugoverdekabel.Maakdepluskabel(rood)los
vandeaccupool(Figuur34).
6.Verwijderdebevestigingsbandvandeaccu
(Figuur34)entildeaccuuitdeaccubak.
Figuur34
1.Accu5.Bevestigingvanaccu
2.Stofkapjevanaccupool
6.Boutenring
3.Pluskabelvandeaccu7.Moer
4.Minkabelvandeaccu
Accumonteren
1.Plaatsdeaccuindebakmetdeaccupolenweguitde
buurtvanhetbedieningspaneel(Figuur34).
2.Bevestigdepluskabel(rood)aandepluspool(+)van
deaccu.
3.Bevestigdeminkabelaandeminpool(-)vandeaccu.
4.Bevestigdekabelsmet2bouten(1/4x3/4inch),
ringen(1/4inch)enmoeren(1/4inch)(Figuur34).
5.Schuifhetrodestofkapjevoordeaccupoolopde
pluspool(rood)vandeaccu.
6.Zetdeaccuvastmetdebevestigingsband(Figuur34).
Zuurpeilcontroleren
Accuzuurbevatzwavelzuur;ditiseendodelijk
gifdaternstigebrandwondenveroorzaakt.
Umagaccuzuurnooitinslikkenenmoet
elkcontactmethuid,ogenofkleding
vermijden.Draageenveiligheidsbrilen
rubberhandschoenenomuwogenen
handentebeschermen.
Vuldeaccualleenbijopplaatsenwaar
schoonwateraanwezigisomindiennodig
uwhuidaftespoelen.
1.Klapdestoelnaarvoren.Hieronderbevindtzich
deaccu.
2.Kijkaandezijkantvandeaccu.Hetzuurpeilmoet
totaandeBovenstestreepkomen(Figuur35).
HetzuurpeilmagnietbenedendeOnderstestreep
komen(Figuur35).
Figuur35
1.Vuldoppen
3.Onderstestreep
2.Bovenstestreep
3.Alshetzuurpeiltelaagis,moetubijvullenmetde
vereistehoeveelheidgedistilleerdwater;zieAccu
bijvullenmetwater.
Accubijvullenmetwater
Ukuntdeaccuhetbestbijvullenmetgedistilleerdwater
netvoordatudemachinegaatgebruiken.Hetwater
vermengtzichdangoedmethetaccuzuur.
1.Verwijderdeaccuuitdemachine,zieAccu
verwijderen.
Belangrijk:Vuldeaccunooitmetgedistilleerd
wateralsdeaccunogindemachinezit.Erzou
danaccuzuuropandereonderdelenkunnen
komen,wattotcorrosiekanleiden.
2.Maakdebovenkantvandeaccuschoonmeteen
tissue.
3.Verwijderdevuldoppenvandeaccu(Figuur35).
30
4.Gietlangzaamgedistilleerdwaterinelkecelvan
deaccutotdathetzuurpeildeBovenstestreep
(Figuur35)opdeaccubehuizingbereikt.
Belangrijk:Deaccuniettevolvullen;
uitgelopenaccuzuur(zwavelzuur)kanernstige
corrosieenbeschadigingvanhetchassis
veroorzaken.
5.Wachtnahetbijvullenvandeaccucellenvijftottien
minuten.Vulindiennodiggedestilleerdwaterbij
totdathetzuurpeildeBovenstestreep(Figuur35)op
deaccubehuizingbereikt.
6.Plaatsdevuldoppenweeropdeaccu.
Accuopladen
Belangrijk:Zorgervoordatdeaccualtijdvolledig
geladenis(soortelijkgewicht1.260).Ditis
vooralbelangrijkombeschadigingvandeaccute
voorkomenbijtemperaturenbeneden0°C.
1.Verwijderdeaccuuithetchassis,zieAccu
verwijderen.
2.Controleerhetzuurpeil;zieZuurpeilcontroleren.
3.Zorgervoordatdevuldoppenopdeaccuzijn
geplaatst.Laaddeaccuéénuuropbij25-30Aof6
uurbij4-6A.Deaccunietteveropladen.
4.Zodradeaccuvolledigisopgeladen,haaltude
acculaderuithetstopcontactenmaaktuvervolgens
deoplaadkabelslosvandeaccuklemmen(Figuur36).
Figuur36
1.Pluspoolvandeaccu
3.Rode(+)oplaadkabel
2.Minpoolvandeaccu
4.Zwarte(-)oplaadkabel
5.Monteerdeaccuindemachineensluitdeaccukabels
aan;zieAccumonteren.
Opmerking:Gebruikdemachinenooitwanneer
deaccuislosgekoppeld;ditkanbeschadigingenaan
hetelektrischesysteemtotgevolghebben.
Onderhoudvandezekeringen
Onderhoudsinterval/Specicatie
Deelektrischeinstallatieisbeveiligddoormiddelvan
zekeringen.Dezebehoevengeenonderhoud.Alsereen
zekeringisdoorgebrand,moetuechterhetonderdeelof
circuitcontrolerenopdefectenofkortsluiting.
Zekering
HoofdleidingF130A,steekzekering
LaadcircuitF225A,steekzekering
Optionelekoplampenset10A,steekzekering
1.Tildestoelomhoogomtoegangtekrijgentotde
zekeringhouder(Figuur37).
2.Omeenzekeringtevervangen,trektudezekering
omhoog(Figuur37).
Figuur37
1.Hoofdleiding30A
3.Vooroptionele
koplampenset10A
2.Laadcircuit25A
31
Onderhoud
aandrijfsysteem
Bandenspanningcontroleren
Zorgervoordatdevoor-enachterbandende
voorgeschrevenspanninghebben.Eenongelijke
bandenspanningkanleidentotonregelmatige
maairesultaten.Controleerdespanningbijhetventiel
omde50bedrijfsurenofmaandelijks,waarbijdekortste
periodemoetwordenaangehouden(Figuur38).De
bandenspanningkanhetbestbijkoudebandenworden
gecontroleerd.
Achterbanden:90kPa(13psi)
Voorwielen(zwenkwielen):139kPa(35psi)
Figuur38
1.Ventiel
Onderhoudvanhet
maaidek
Onderhoudvande
maaimessen
Zorggedurendehethelemaaiseizoenvoorscherpe
maaimessen.Scherpemessensnijdenhetgrasgoedaf
zonderhettescheurenoftekwetsen.Doorscheurenen
kwetsenwordthetgrasbruinaanderanden,waardoor
hetlangzamergroeitengevoeligerisvoorziekten.
Controleerelkedagofdemaaimessenscherpzijnenof
zeversletenofbeschadigdzijn.Vijlregelmatigkerven
eninkepingenwegenslijpdemessenindienditnodig
is.Alseenmesbeschadigdofversletenis,moetudit
onmiddellijkvervangendooreenorigineelToromes.
Omhetslijpenenvervangentevergemakkelijken,ishet
handigextramesseninvoorraadtehebben.
Eenversletenofbeschadigdmeskanbrekenen
eenstukvanhetmeskanwordenuitgeworpen
inderichtingvandegebruikerofomstandersen
ernstiglichamelijkofdodelijkletseltoebrengen.
Controleeropgezettetijdenhetmaaimesop
slijtageofbeschadigingen.
Vervangeenversletenofbeschadigdmes.
Voorcontroleenonderhoudvande
maaimessen
Parkeerdemaaimachineopeenhorizontaaloppervlak,
schakeldeaftakasuitensteldeparkeerreminwerking.
Zetdemotoraf,verwijderhetsleuteltjeenmaakde
bougiekabels(s)losvandebougie(s).
Demaaimessencontroleren
1.Controleerdesnijranden(Figuur39).Alsderanden
nietscherpzijnofbramenvertonen,moetude
maaimessenverwijderenenslijpen;zieMaaimessen
slijpen.
2.Controleerdemessen,metnamehetgebogen
deel(Figuur39).Alsubeschadigingen,slijtage
ofgroefvorminginditdeelconstateert(punt3in
Figuur39),moetuhetmesdirectvervangen
32
Figuur39
1.Snijrand3.Slijtage/groefvorming
2.Gebogendeel
Controleopkrommemessen
1.Schakeldeaftakasuit,zetdeschakelhendelsinde
neutraalstandensteldeparkeerreminwerking.
2.Zetdemotoraf,verwijderhetcontactsleuteltjeen
wachttotdatallebewegendeonderdelentotstilstand
zijngekomenalvorensdebestuurderspositiete
verlaten.
3.Draaidemessentotdatdeuiteindeninde
lengterichtingliggen(Figuur40).Meetdeafstand
tusseneenhorizontaaloppervlakendesnijrandvan
demessen(Figuur41).Noteerdezeafstand.
Figuur40
Figuur41
4.Draaidetegenovergesteldeuiteindenvandemessen
naarvoren.
5.Meetdeafstandtusseneenhorizontaaloppervlak
endesnijrandvandemessenopdezelfdeplaats
alsinbovengenoemdestap3.Hetverschiltussen
deafstandendiezijngemetenbijstap3enstap4,
magnietmeerzijndan3mm.Alsditverschilmeer
bedraagtdan3mm,ishetmeskromenmoethet
wordenvervangen;zieMaaimessenverwijderenen
Maaimessenmonteren.
Eenkromofbeschadigdmeskanbrekenenu
ofomstandersernstigletseltoebrengen.
Vervangaltijdeenkromofbeschadigdmes
dooreennieuwmes.
Vijlofmaaknooitscherpeinkepingeninde
snijrandenofhetoppervlakvanhetmes.
Maaimessenverwijderen
Eenmesmoetwordenvervangenalsuvastvoorwerp
heeftgeraakt,ofalshetmesuitbalansofkromis.Om
debesteprestatiesteverkrijgenenerzekervantezijn
datdemachinealtijdveiligkanwordengebruikt,moet
utervervanginguitsluitendorigineleToro-messen
gebruiken.Gebruiktervervangingnooitmessenvan
anderefabrikantenomdatditinstrijdkanzijnmetde
veiligheidsnormen.
Pakhetuiteindevanhetmesvastmeteenlapofeen
dikkehandschoen.Verwijderdemesbout,deklemring,
mesversteviger(uitsluitend52inchmaaidek)enhetmes
vandespilas(Figuur42).
Figuur42
1.Wiekvanhetmes4.Mesbout
2.Mes5.Mesversteviger
(uitsluitend52inch
maaidek)
3.Klemring
Demaaimessenslijpen
1.Gebruikeenvijlomdesnijrandenaanbeide
uiteindenvanhetmesteslijpen(Figuur43).Houd
daarbijdeoorspronkelijkehoekinstand.Hetmes
blijftinbalansalsuvanbeidesnijrandendezelfde
hoeveelheidmateriaalverwijdert.
33
Figuur43
1.Onderoorspronkelijkehoekslijpen
2.Controleerdebalansvanhetmesmeteenmesbalans
(Figuur44).Alshetmeshorizontaalblijft,ishetin
balansengeschiktvoorgebruik.Alshetmesnietin
balansis,moetumateriaalafslijpenvandedikkere
kanttotdathetmesinbalansis.
Figuur44
1.Mes2.Mesbalans
Maaimessenmonteren
1.Monteerhetmesopdeasmetdemesversteviger
(uitsluitend52inchmaaidek)zoalswordtgetoond
inFiguur42.
Belangrijk:Hetgebogendeelvanhetmesmoet
naardebinnenzijdevandemaaikastwijzenom
eengoedemaaikwaliteittegaranderen.
2.Monteerdeklemring(hollekantnaarhetmestoe)
endemesbout(Figuur42).Draaidemesboutvast
meteentorsievan47-88Nm.
Maaimachinehorizontaal
stellen
Demaaimessenmoetenindwarsrichtinghorizontaal
staan.Controleerdehorizontalestandvanhetmaaidek
telkenswanneeruhetmaaidekmonteertofwanneerhet
maairesultaatonregelmatigis.
1.Plaatsdemaaimachineopeenhorizontaaloppervlak.
Schakeldeaftakasuit,steldeparkeerreminwerking,
zetdemotorafenverwijderhetcontactsleuteltje.
Maakdebougiekabel(s)losvandebougie(s).
2.Controleerofalvierbandendevoorgeschreven
spanninghebben.Indiennodigmoetudebanden
oppompentotdatzedecorrectespanninghebben;
zieBandenspanningcontroleren.
3.Zetdemachineopeenmaaihoogtevan76mm.
4.Draaihetmaaimes(demaaimessen)voorzichtig
evenwijdig(Figuur45).Meetdeafstandtussen
debuitenstesnijrandenendevlakkeondergrond
(Figuur45).Alsbeideafstandengroterzijndan
4,75mm,moetendezewordenbijgesteld;zie
stappen5en6.
Figuur45
1.Maaimessenevenwijdig3.Hiermeten
2.Buitenstesnijranden
5.Verwijderdepenenderinguitdestelbeugel
(Figuur46).Omeenmaaimes(maaimessen)
horizontaaltestellen,moetudestelbeugel(s)ineen
andergatplaatsenenderingendepenmonteren.
(Figuur46).Meteengataandevoorkantzetuhet
meslagerenmeteengataandeachterkantzetu
hetmeshoger.Indiennodigmoetubeidekanten
afstellen.
Figuur46
1.R-penenring
3.Gataanvoorkant
2.Stelbeugel
4.Achterstegat
6.Schuinstandvanhetmaaidekcontroleren;zie
Schuinstandvanhetmaaidek(lengterichting)
instellen.
Schuinstandvanhetmaaidek
(lengterichting)instellen
Controleerdeschuinstandvanhetmaaidektelkens
wanneeruditmonteert.Alsdevoorkantvanhet
maaidekmeerdan7,9mmlagerstaatdandeachterkant,
steltudeschuinstandalsvolgtin:
34
1.Plaatsdemaaimachineopeenhorizontaaloppervlak.
2.Schakeldeaftakasuit,zetdeschakelhendelsinde
neutraalstandensteldeparkeerreminwerking.
3.Zetdemotoraf,verwijderhetcontactsleuteltjeen
wachttotdatallebewegendeonderdelentotstilstand
zijngekomenalvorensdebestuurderspositiete
verlaten.
4.Controleerofalvierbandendevoorgeschreven
spanninghebben.Indiennodigmoetudebanden
oppompentotdatzedecorrectespanninghebben;
zieBandenspanningcontroleren.
5.Controleerofdemaaimessenhorizontaalstaanen
steldezebijalsudeinstellingniethebtgecontroleerd;
zieMaaidekhorizontaalstellen.
6.Meetdelengtevandeachterstedraaipenstang
(Figuur47).Alsdestangkorterisdan29,2cm,
moetudegaffelpenendeR-ringaanhetuiteinde
vandestang(Figuur47)verwijderen,decontramoer
losdraaienendegaffeldraaientotdatdestangeen
lengtevan29,2cmheeft.
7.Zetdaarnadegaffelvastmetdegaffelpenende
R-pen.Herhaalditaandeanderekantvanhet
maaidek.
Figuur47
1.Achterstedraaipenstang
3.Contramoer
2.Gaffelpenenborgpen4.Gaffel
8.Zetdemachineopeenmaaihoogtevan76mm
endraaidemessenvoorzichtigrond,zodatzijin
lengterichtingwijzen(Figuur48).
9.Meetdeafstandentussenrandvanhetvoorstemes
(Figuur48)enderandvanhetachterstemestothet
horizontaleoppervlak.Alsderandvanhetvoorste
mesniet1,6-7,9mmlagerstaatdanderandvanhet
achterstemes,moetudevoorstedraaipenstangen
afstellen.
Figuur48
1.Mesinlengterichting
3.Afstandrandvanachterste
maaimes
2.Afstandrandvanvoorste
maaimes
4.Hiermeten
10.Omdeschuinstandvandemaaimachineintestellen,
moetudeR-penverwijderenvandegaffelsvan
devoorstedraaipenstangenendecontramoeren
losdraaien(Figuur49).
Figuur49
1.Gaffelvanvoorste
draaipenstang
3.Contramoer
2.R-pen
11.Draaiaandegaffelsopdestangenomdeinstelling
teveranderen(Figuur49).Omdevoorkantvanhet
maaidekhogertezetten,draaitudegaffelsvaster
(maaktudestangenkorter).Omdevoorkantvande
maaimachinelagertezetten,draaitudegaffelslosser
(maaktudestangenlanger).
12.Nadatudegaffelsvanbeidedraaipenstangenin
gelijkematehebtafgesteld,zetudegaffelsvastmet
deR-pennen.Controleernogmaalsdeschuinstand
vandemaaimachine.Steldegaffelsnetzolangbij
totdathetuiteindevanhetvoorstemes1,6-7,9mm
lagerstaatdanhetuiteindevanhetachterstemes
(Figuur48).
13.Alsdeschuinstandcorrectis,draaitude
contramoerenvast(Figuur47enFiguur49).
35
14.Controleernogmaalsofdemaaimessenhorizontaal
staan;zieMaaimachinehorizontaalstellen.
15.Controleerdehoogtevandeantiscalpeerrollen;zie
Antiscalpeerrollenafstellen.
Maaidekverwijderen
1.Parkeerdemachineopeenhorizontaaloppervlak.
2.Schakeldeaftakasuit,zetdeschakelhendelsinde
neutraalstandensteldeparkeerreminwerking.
3.Zetdemotoraf,verwijderhetcontactsleuteltjeen
wachttotdatallebewegendeonderdelentotstilstand
zijngekomenalvorensdebestuurderspositiete
verlaten.
4.Zetdemaaihoogtehendelindelaagstestand.
5.VerwijderdeR-penendegaffelpenuitdegaffelsvan
devoorstedraaipenstangen(Figuur50).
Figuur50
1.R-penengaffelpen
2.Voorstedraaipenstang
6.VerwijderdeR-penendegaffelpenuitdeachterste
draaipenstang(Figuur51)aanbeidekantenvanhet
maaidek.
7.VerwijderdeR-penenderingopdestelbeugels
vanhetmaaidek(Figuur51)aanbeidekantenvan
hetmaaidek.Onthoudinwelkgatdestelbeugelis
geplaatstvoorlateremontage.Schuifdebeugelsvan
debevestigingspen.
Figuur51
1.R-penengaffelpen
3.R-penenring
2.Achterstedraaipenstang
4.Stelbeugel
8.Schuifhetmaaideknaarachterenomdedrijfriem
vanhetmaaidekteverwijderenvandemotorpoelie.
9.Schuifhetmaaidekwegvanonderdemachine.
Opmerking:Bewaaralleonderdelenvoorlatere
montage.
Riemencontroleren
Controleeralleriemenomde100bedrijfsuren.
Controleerderiemenopscheuren,gerafelderanden,
schroeiplekkenofandereschade.Vervangbeschadigde
riemen.
Tekenendateenriemaanhetslijtenis,zijn:gieren
tijdenshetdraaienvanderiem,slippenvandemessen
tijdenshetmaaien,gerafelderanden,schroeiplekkenen
scheuren.Vervangderiemalsudezezakenconstateert.
Drijfriemvanmaaidek
vervangen
1.Zetdemotoraf,steldeparkeerreminwerking,
verwijderhetsleuteltjeenmaakdebougiekabel(s)
losvandebougie(s).
2.Zetdemachineopeenmaaihoogtevan38mm.
3.Verwijderdedrijfriemkappenopdebuitensteassen.
4.Trekdespanpoelieinderichtingdiewordt
aangegeveninFiguur52,enverwijderderiemvan
depoelies.
Opmerking:Umagdeveernietverwijderen.
Deveerisonderspanninggemonteerdenkan
lichamelijkletselveroorzaken.
Laatdeveeropdeveeroogboutzitten.
5.Laatdenieuweriemdoordehulp-pitmanarmvande
spanpoelieenronddespanpoelielopen(Figuur52).
36
Figuur52
Bovenaanzicht
1.Buitenmoer5.Veer
2.Spanpoelie
6.3mm
3.Armvanspanpoelie
7.Drijfriemvanmaaidek
4.Veeroogbout
6.Trekdespanpoelieinderichtingdiewordt
aangegeveninFiguur52,enlaatderiemoverde
anderepoelieslopen(Figuur53).
Opmerking:Controleerofeenstukvan3mmvan
dedraadvandeveeroogboutzichtbaaris(Figuur52).
7.Monteerdedrijfriemkappenopdebuitensteassen.
Figuur53
Bovenaanzicht
1.Drijfriemvanmaaidek
4.Veer
2.Armvanspanpoelie
5.Spanpoelie
3.Buitenstepoelie
Maaidekmonteren
1.Parkeerdemachineopeenhorizontaaloppervlak.
2.Schakeldeaftakasuit,zetdeschakelhendelsinde
neutraalstandensteldeparkeerreminwerking.
3.Zetdemotoraf,verwijderhetcontactsleuteltjeen
wachttotdatallebewegendeonderdelentotstilstand
zijngekomenalvorensdebestuurderspositiete
verlaten.
4.Schuifhetmaaidekonderdemachine.
5.Zetdemaaihoogtehendelindelaagstestand.
6.Bevestigdeachterstedraaipenstangaandemachine
metdegaffelpenendeR-pen(Figuur51)aanbeide
kantenvanhetmaaidek.
7.Schuifdestelbeugelsopdebevestigingspennenen
zetzevastmetderingenendeR-ringen(Figuur51).
8.Bevestigdevoorstedraaipenstangenaandemachine
metdegaffelpennenendeR-pennen(Figuur50).
9.Monteerdedrijfriemvanhetmaaidekopde
motorpoelie;zieDrijfriemvanmaaidekvervangen.
Grasgeleidervervangen
Alseenafvoeropeningnietisafgesloten,kan
hetmaaidekvoorwerpeninderichtingvande
bestuurderofomstanderswerpen.Ditkan
ernstigletselveroorzaken.Daarnaastkuntu
ookincontactkomenmethetmes.
Gebruikdemaaimachinenooitzonder
afdekplaat,mulchplaatofeengrasafvoereneen
grasvanger.
1.Verwijderdeborgmoer,boutenveerwaarmeede
grasgeleidervastzitaandebeugelsvanhetmaaidek
(Figuur54).Verwijdereenbeschadigdeofversleten
grasgeleider.
Figuur54
1.Beugelvanmaaidek
4.Grasgeleider
2.Haakeindvanveer5.Bout
3.Ruimtevoorveer6.Borgmoer
2.Plaatsdeverenindebeugelsophetmaaidek
metdehaakeindenoverdeopstaandeachterkant
(Figuur54).
3.Houddegrasgeleiderrechtvoordegateninde
beugelsenderechteuiteindenvandeverenonder
hetscharnierenbovendegrasgeleider(Figuur54).
37
4.Bevestigdegrasgeleideraandebeugelvanhet
maaidekmetbehulpvandebouten.Debouten
moetendoordegrasgeleider,deverenendebeugels
gaan.
Opmerking:Hetkanhierbijhandigzijndrukuit
teoefenenbijhetuiteindevandeboutmeteen
9/16inchsteeksleutelomdeboutenopeenlijnte
brengenmetdetweederijgatenopdebeugelvan
hetmaaidekendegrasgeleider.
5.Tildegrasgeleideromhoogencontroleerofdeze
veerbelastisenonbelemmerdvolledigomlaagkan
wordengeklapt.
Belangrijk:Degrasgeleidermoetonder
veerspanningomlaagwordengehouden.Tilde
grasgeleideromhoogomtecontrolerenofdeze
volledigomlaagklapt.
Reiniging
Onderkantvanmaaimachine
wassen
Telkensnadatudemaaimachineheeftgebruikt,moetu
deonderkantvandemachinewassenomtevoorkomen
daterzichgrasverzamelt.Hierdoorwordtgrasbeter
jngemaaktenhetmaaiselbeterverstrooid.
1.Parkeerdemachineopeenstevig,horizontaal
oppervlak.
2.Schakeldeaftakasuit,zetdeschakelhendelsinde
neutraalstandensteldeparkeerreminwerking.
3.Zetdemotoraf,verwijderhetcontactsleuteltjeen
wachttotdatallebewegendeonderdelentotstilstand
zijngekomenalvorensdebestuurderspositiete
verlaten.
4.Bevestigdeslangkoppelingaandewasaansluiting
vandemaaimachineendraaidewaterkraanhelemaal
open(Figuur55).
Opmerking:SmeerpetrolatumopdeO-ringvan
dewasaansluitingomdekoppelinggemakkelijkerte
bevestigenendeO-ringtebeschermen.
Figuur55
1.Wasaansluiting
3.Slang
2.Snelkoppeling4.O-ring
5.Zethetmaaidekindelaagstemaaistand.
6.Neemplaatsopdebestuurdersstoelenstartde
motor.Schakeldeaftakasinenlaatdemachineéén
totdrieminutenlopen.
7.Schakeldeaftakasuit,zetdemotorafenhaal
hetsleuteltjeuithetcontact.Wachttotdatalle
bewegendeonderdelentotstilstandzijngekomen.
8.Draaidekraandichtenmaakdesnelkoppelinglos
vandewasaansluiting.
38
Opmerking:Alsdemaaimachinenaéénwasbeurt
nietschoonis,moetudeze30minutenlaten
inweken.Herhaaldaarnadezeprocedure.
9.Laatdemotoropnieuwéénàdrieminutenlopenom
hetovertolligwaterteverwijderen.
Eengebrokenofontbrekendewasaansluiting
kanvoorwerpenuitwerpenofcontactmet
hetmaaimesveroorzaken,waardooruen
anderenletselkunnenoplopen.Contactmet
hetmaaimesofuitgeworpenvoorwerpen
kanernstiglichamelijkofdodelijkletsel
veroorzaken.
Eengebrokenofontbrekende
wasaansluitingmoetdirectworden
vervangen,voordatudemachineopnieuw
gebruikt.
Gatenindemachinedichtmakenmet
boutenenmoeren.
Steeknooituwhandenofvoetenonderde
machineofdooropeningenindemachine.
Stalling
Reinigingenstalling
1.Schakeldeaftakasuit,steldeparkeerreminwerking,
zetdemotorafenverwijderhetcontactsleuteltje.
2.Maaisel,vuilenvetvandebuitenkantvandegehele
machineverwijderen,metnamevandemotor.
Vuilenkafvandebuitenkantvandecilinder,de
koelribbenvandecilinderkopenhetventilatorhuis
verwijderen.
Belangrijk:Ukuntdemachinemeteen
mildreinigingsmiddelenwaterwassen.Was
demachinenooitmeteenhogedrukreiniger.
Gebruiknietteveelwater,vooralnietinde
buurtvanhetbedieningspaneel,demotor,de
hydraulischepompenendeaccu.
3.Geefhetluchtltereenonderhoudsbeurt;zie
Onderhoudvanhetluchtlter,Onderhoudmotor
,bladz.24.
4.Smeerdemachine;zieSmeren,Smering,bladz.23.
5.Verversdeolieenvervanghetlter;zieMotorolie
controleren,Onderhoudmotor,bladz.24.
6.Controleerdebandenspanning;zieBandenspanning
controleren,Onderhoudaandrijfsysteem,bladz.32.
7.Laaddeaccuop;zieOnderhoudvandeaccu,
Onderhoudelektrischsysteem,bladz.29.
8.Controleerdeconditievandemaaimessen,zie
Onderhoudvandemaaimessen,Onderhoudvanhet
maaidek,bladz.32.
9.Wanneerdemachinelangerdan30dagennietwordt
gebruikt,moetdezewordenvoorbereidopstalling.
Demachinewordtalsvolgtvoorbereidopstalling.
10.Voegeenstabilizer/conditioneropaardoliebasis
toeaandebrandstofindetank.Volgde
mengvoorschriftenvandefabrikantvandestabilizer
op.Gebruikgeenstabilizeropalcoholbasis(ethanol
ofmethanol).
Opmerking:Stabilizer/conditionerwerkthetbest
alshetmetversebenzinewordtvermengdenaltijd
wordtgebruikt.
A.Laatdemotorvijfminutenlopenomdebrandstof
metdetoegevoegdestabilizer/conditionerdoor
hetbrandstofsysteemteverspreiden.
B.Zetdemotoraf,laatdezeafkoelenentapde
brandstoftankaf;zieBrandstoftankaftappen,
Onderhoudbrandstofsysteem,bladz.28.
C.Motoropnieuwstartenenlatenlopentotdat
dezeafslaat.
39
D.Bediendechokeofhulpstarter.Startdemotor
enlaatdezelopentotdatdemotornietmeer
start.Bediendehulpstarter,indienaanwezig,
diversemalenomerzekervantezijndatergeen
brandstofmeerindehulpstarteraanwezigis.
E.Umoetbrandstofopdejuistewijzeafvoeren.
Verwerkdezeovereenkomstigdeplaatselijk
geldendevoorschriften.
Belangrijk:Benzinewaaraan
stabilizer/conditioneristoegevoegd,
nietlangerdan30dagenbewaren.
11.Verwijderdebougie(s)encontroleerdetoestand
ervan,zieOnderhoudvandebougie,Onderhoud
elektrischsysteem,bladz.29.Nadatdebougie(s)uit
decilinderis(zijn)verwijderd,gietutweeeetlepels
motorolieinhetbougiegat.Gebruikdestartmotor
omdemotortelatendraaienenzodeolieoverde
cilinderwandteverspreiden.Monteerdebougie(s).
Debougiekabelnietopdebougie(s)drukken.
12.Verwijdervuilenmaaiselvandebovenkantvanhet
maaidek.
13.Schraapdikaangekoektgrasenvuilvandeonderkant
vandemaaimachine.Spoelvervolgensdemachine
schoonmeteentuinslang.
14.Controleerdeconditievanderiemenvande
aandrijvingenhetmaaidek.
15.Controleerallebouten,schroevenenmoerenen
draaidezevast.Versletenofbeschadigdedelen
reparerenofvervangen.
16.Werkallekrassenenbeschadigingenvandelakbij.
BijwerklakisverkrijgbaarbijeenerkendeService
Dealer.
17.Staldemachineineenschone,drogegarageof
opslagruimte.Verwijderhetsleuteltjeuithetcontact
enbewaardezeopeenplaatsdieumakkelijk
kuntonthouden.Dekdemachineafomdezete
beschermenenschoontehouden.
40
Problemen,oorzaakenremedie
ProbleemMogelijkeoorzaakRemedie
1.Demotoristezwaarbelast.1.Derijsnelheidverminderen.
2.Hetoliepeilinhetcarteristelaag.2.Hetcarterbijvullenmetolie.
3.Dekoelribbenenluchtkanalenonder
hetventilatorhuisvandemotorzijn
verstopt.
3.Dekoelribbenenluchtkanalen
ontstoppen.
4.Hetluchtlterisvuil.4.Hetluchtlterelementreinigenof
vervangen.
Demotorraaktoververhit.
5.Vuil,waterofoudebrandstofin
brandstofsysteem.
5.Neemcontactopmeteenerkende
ServiceDealer.
1.Deaftakasisingeschakeld.1.Aftakasuitschakelen.
2.Deparkeerremisnietinwerking.2.Zetderijhendelsinderemstand.
3.Debestuurderzitnietopde
bestuurdersstoel.
3.Plaatsnemenopdebestuurdersstoel.
4.Deaccuisleeg.4.Accuopladen.
5.Deelektrischeaansluitingenzijn
gecorrodeerdofzittenlos.
5.Controlerenofdeelektrische
aansluitingengoedcontactmaken.
6.Eenvandezekeringenisdoorgebrand.6.Dezekeringvervangen.
Destartmotorslaatnietaan.
7.Eenvanderelaisofschakelaarsis
defect.
7.Neemcontactopmeteenerkende
ServiceDealer.
1.Debrandstoftankisleeg.1.Debrandstoftankvullen.
2.Brandstofklepdichtgedraaid2.Debrandstofklepopenen.
3.DechokestaatnietopAAN.3.DechokehendelopAANzetten
4.Hetluchtlterisvuil.4.Hetluchtlterelementreinigenof
vervangen.
5.Debougiekabel(s)zit(ten)losofis(zijn)
nietaangesloten.
5.Dekabel(s)opdebougie(s)monteren.
6.Debougie(s)is(zijn)aangetast,vuil,
ofdeelektrodenafstandisnietcorrect
afgesteld.
6.Nieuwebougie(s)meteencorrect
afgesteldeelektrodenafstand
monteren.
7.Erzitvuilinhetbrandstoflter.7.Brandstofltervervangen.
8.Vuil,waterofoudebrandstofin
brandstofsysteem.
8.Neemcontactopmeteenerkende
ServiceDealer.
9.Verkeerdebrandstofindetank.9.Brandstoftankaftappenenvullenmet
hetjuistetypebrandstof.
Demotorstartniet,startmoeilijkofslaat
af.
10.Hetoliepeilinhetcarteristelaag.10.Hetcarterbijvullenmetolie.
1.Demotoristezwaarbelast.1.Derijsnelheidverminderen.
2.Hetluchtlterisvuil.2.Hetluchtlterelementreinigen.
3.Hetoliepeilinhetcarteristelaag.3.Hetcarterbijvullenmetolie.
4.Dekoelribbenenluchtkanalenonder
hetventilatorhuisvandemotorzijn
verstopt.
4.Dekoelribbenenluchtkanalen
ontstoppen.
5.Debougie(s)is(zijn)aangetast,vuil,
ofdeelektrodenafstandisnietcorrect
afgesteld.
5.Nieuwebougie(s)meteencorrect
afgesteldeelektrodenafstand
monteren.
6.Deventilatieopeningindedopvande
brandstoftankisverstopt.
6.Deventilatieopeningindedopvande
brandstoftankontstoppen.
7.Erzitvuilinhetbrandstoflter.7.Brandstofltervervangen.
8.Vuil,waterofoudebrandstofinhet
brandstofsysteem.
8.Neemcontactopmeteenerkende
ServiceDealer.
Demotorverliestvermogen.
9.Verkeerdebrandstofindetank.9.Brandstoftankaftappenenvullenmet
hetjuistetypebrandstof.
41
ProbleemMogelijkeoorzaakRemedie
1.Detractieriemenzijnversleten,losof
stuk.
1.Neemcontactopmeteenerkende
ServiceDealer.
Demachinedrijftnietaan.
2.Detractieriemenzittennietopde
poelies.
2.Neemcontactopmeteenerkende
ServiceDealer.
1.Debevestigingsboutenvandemotor
zittenlos.
1.Debevestigingsboutenvandemotor
vastdraaien.
2.Demotorpoelie,spanpoelieof
mespoeliezitlos.
2.Desbetreffendepoelievastzetten.
3.Demotorpoelieisbeschadigd.3.Neemcontactopmeteenerkende
ServiceDealer.
4.Hetmaaimes(demaaimessen)is(zijn)
verbogenofnietinbalans.
4.Nieuwemaaimes(sen)monteren.
5.Eenbevestigingsboutvaneen
maaimeszitlos.
5.Debevestigingsboutvanhetmaaimes
vastdraaien.
Demachinetriltabnormaal.
6.Mesasverbogen.6.Neemcontactopmeteenerkende
ServiceDealer.
1.Maaimes(sen)bot.1.Mes(sen)slijpen.
2.Maaimes(sen)verbogenofnietin
balans.
2.Nieuwemaaimes(sen)monteren.
3.Hetmaaidekstaatniethorizontaal.3.Maaidekhorizontaalstelleneninde
correcteschuinstandstellen.
4.Eenantiscalpeerwielisnietcorrect
afgesteld.
4.Hoogtevanantiscalpeerwielafstellen.
5.Deonderkantvanhetmaaidekisvuil.
5.Onderkantvanhetmaaidek
schoonmaken.
6.Debandenspanningisnietcorrect.6.Bandenopjuistespanningbrengen.
Onregelmatigemaaihoogte.
7.Mesasverbogen.7.Neemcontactopmeteenerkende
ServiceDealer.
1.Dedrijfriemisversleten,losofstuk.1.Eennieuwedrijfriemmonteren.
2.Dedrijfriemzitnietopdepoelie.2.Drijfriemmonterenenassenen
riemgeleidersopjuistestand
controleren.
Messendraaienniet.
3.Dedrijfriemvanhetmaaidekis
versleten,losofstuk.
3.Eennieuwedrijfriemmonteren.
42
Schema's
Elektrischschema(Rev.C)
43
Opmerkingen:
44
Opmerkingen:
45
Opmerkingen:
46
Toro Warranty
Voorwaarden en producten waarvoor de garantie geldt
The Toro® Company en de hieraan gelieerde onderneming, Toro Warranty
Company, geven de oorspronkelijke koper* krachtens een overeenkomst tussen
beide ondernemingen gezamenlijk de garantie alle Toro producten die worden
gebruikt voor normale huiselijke doeleinden*, te zullen repareren als deze
materiaalgebreken en fabricagefouten vertonen. De volgende perioden zijn van
toepassing vanaf de datum van de oorspronkelijke aankoop:
Producten
Garantieperiode
Motorgazonmaaiers 2 jaar garantie
Riders
2 jaar garantie
Gazon - & Tuintractoren
2 jaar garantie
Elektrische trimmers en bladblazers
2 jaar garantie
Sneeuwruimers
2 jaar garantie
Zero Turn maaiers
2 jaar garantie
* “Oorspronkelijke koper": de persoon die het Toro product oorspronkelijk
heeft gekocht.
* “Normale huiselijke doeleinden”: gebruik van het product op het terrein dat bij
uw huis hoort. Gebruik op meerdere locaties wordt beschouwd als commercieel
gebruik. Hierop is de garantie voor commercieel gebruik van toepassing.
Garantie voor commercieel gebruik
Toro Op consumentenproducten en werktuigen die worden gebruikt voor
commerciële en institutionele doeleinden of worden verhuurd, wordt garantie
verleend tegen materiaalgebreken en fabricagefouten gedurende de volgende
perioden vanaf de datum van de oorspronkelijke aankoop:
Producten
Garantieperiode
Motorgazonmaaiers
90 dagen garantie
Riders
90 dagen garantie
Gazon - & Tuintractoren
90 dagen garantie
Elektrische trimmers en bladblazers
90 dagen garantie
Sneeuwruimers
90 dagen garantie
Zero Turn maaiers
45 dagen garantie
Aanwijzingen voor aanvraag van garantieservice
Als u van mening bent dat een Toro product materiaalgebreken of
fabricagefouten vertoont, moet u deze procedure volgen:
1. Neem contact op met de verkoper om het product te laten nakijken of
te repareren. Als u om enige reden geen contact met de verkoper kunt
opnemen, kunt u zich in verbinding stellen met een Erkende Service Dealer
om het product door deze te laten nakijken of te repareren..
2. Breng het product met uw aankoopbewijs (kwitantie) naar de verkoper
of de Service Dealer.
Als u om enige reden ontevreden bent over het onderzoek van de Service
Dealer of de verleende hulp, verzoeken wij u contact op te nemen met deToro
importeur of met ons op:
Customer Care Department, Consumer Division
Toro Warranty Company
8111 Lyndale Avenue South
Bloomington, MN 55420 -1196
Manager: Technical Product Support: 001 -952 -887 -8248
Zie bijgevoegde lijst met dealers
Plichten van de eigenaar
U dient uw Toro product te onderhouden zoals wordt beschreven in de
gebruikershandleiding. Dit routineonderhoud is voor uw rekening, ongeacht of
dit wordt uitgevoerd door de dealer of uzelf.
Zaken en gevallen die niet onder de garantie vallen
Buiten deze expliciete garantie vallen:
Kosten van gewoon onderhoud of onderdelen, zoals lters, brandstof,
smeermiddelen, afstelling van onderdelen, slijpen van maaimessen,
afstelling van de rem en de koppeling.
Elk product of onderdeel dat is veranderd of verkeerd is gebruikt of moet
worden vervangen of worden gerepareerd als gevolg van normale slijtage,
ongelukken of gebrekkig onderhoud.
Reparatie die noodzakelijk is omdat de verkeerde brandstof, is gebruikt, vuil
in het brandstofsysteem is terechtgekomen of het brandstofsysteem niet
goed is voorbereid op een periode van buitengebruikstelling van langer
dan drie maanden.
Motor en transmissie. Deze vallen onder de toepasselijke fabrieksgarantie
met aparte algemene voorwaarden.
Alle reparatiewerkzaamheden die onder deze garantie vallen, moeten worden
uitgevoerd door een Erkende Toro Service Dealer, waarbij Toro goedgekeurde
vervangingsonderdelen dienen te worden gebruikt.
Algemene voorwaarden
De koper wordt beschermd door de nationale wetgeving van elk land. De
rechten waarover de koper beschikt op grond van deze wetgeving, worden niet
beperkt door deze garantie.
374 -0112 Rev A
International Distributor List—Consumer Products
Distributor:
Country:
Phone Number:
Atlantis Su ve Sulama Sisstemleri Lt Turkey
90 216 344 86 74
Balama Prima Engineering Equip
Hong Kong 852 2155 2163
B-Ray Corporation
Korea 82 32 551 2076
Casco Sales Company
Puerto Rico
787 788 8383
Ceres S.A
Costa Rica
506 239 1138
CSSC Turf Equipment (pvt) Ltd
Sri Lanka
94 11 2746100
Cyril Johnston & Co Nothern Ireland
44 2890 813 121
Equiver Mexico
52 55 539 95444
Femco S.A.
Guatemala
502 442 3277
G.Y.K. Company ltd.
Japan
81 726 325 861
Geomechaniki of Athens
Greece 30 10 935 0054
Guandong Golden Star China
86 20 876 51338
Hako Gorund and Garden Sweden
46 35 10 0000
Hydroturf Int. Co Dubai United Arab Emirates
97 14 347 9479
Hydroturf Egypt LLC
Egypt
202 519 4308
Ibea S.p.A. Italy
39 0331 853611
Irriamc
Portugal
351 21 238 8260
Jean Heybroek b.v. Netherlands
31 30 639 4611
Lely (U.K. ) Limited
United Kingdom
44 1480 226 800
Maquiver S.A.
Colombia
57 1 236 4079
Maruyama Mfg. Co. Inc.
Japan
81 3 3252 2285
Metra Kft
Hungary
36 1 326 3880
Mounteld a.s. Czech Republic
420 255 704 220
Munditol S.A.
Argentina
54 11 4 821 9999
Oslinger Turf Equipment SA Ecuador
593 4 239 6970
Oy Hako Ground and Garden Ab Finland
358 987 00733
Parkland Products Ltd New Zealand
64 3 34 93760
Prochaska & Cie
Austria
43 1 278 5100
RT Cohen 2004 Ltd Israel
972 986 17979
Riversa Spain
34 9 52 83 7500
Roth Motorgerate GmBh & Co
Germany 49 7144 2050
Sc Svend Carlsen A/S Denmark
45 66 109 200
Solvert S.A.S
France
33 1 30 81 77 00
Spypros Stavrinides Limited
Cyprus 357 22 434131
Surge Systems India Limited India
91 1 292299901
T-Markt Logistics Ltd
Hungary
36 26 525 500
Toro Australia Australia
61 3 9580 7355
Toro Europe BVBA
Belgium
32 14 562 960
374-0102 Rev A
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48

Toro TimeCutter ZX525 Riding Mower Handleiding

Type
Handleiding
Deze handleiding is ook geschikt voor