Whirlpool ACM 918/BA Gebruikershandleiding

Categorie
Kookplaten
Type
Gebruikershandleiding
NL30
UW VEILIGHEID EN DIE VAN ANDEREN IS ERG BELANGRIJK
Deze handleiding en het apparaat zelf zijn voorzien van belangrijke veiligheidsinformatie, die te allen tijde gelezen
en opgevolgd moet worden.
Alle veiligheidswaarschuwingen geven specifieke details van het mogelijke risico dat aanwezig is en geven aan hoe
het risico op letsel, schade en elektrische schokken voortvloeiend uit het onjuiste gebruik van het apparaat beperkt
kan worden. Zorg dat u aan het volgende voldoet:
- Gebruik beschermende handschoenen voor het uitpakken en installeren.
- Het apparaat moet worden losgekoppeld van het elektriciteitsnet voordat u installatiewerkzaamheden
uitvoert.
- Installatie en onderhoud moeten worden uitgevoerd door een gespecialiseerd monteur, volgens de instructies
van de fabrikant en in overeenstemming met de plaatselijke veiligheidsvoorschriften. Repareer of vervang geen
enkel onderdeel van het apparaat, behalve als dit expliciet aangegeven wordt in de gebruikershandleiding.
- Dit apparaat moet geaard worden.
- De voedingskabel van het apparaat moet lang genoeg zijn om het apparaat vanuit de inbouwpositie in het
meubel te kunnen aansluiten op het stopcontact van de netvoeding.
- Om ervoor te zorgen dat de installatie voldoet aan de geldende veiligheidsvoorschriften, is er een omnipolaire
schakelaar met een afstand van minstens 3 mm vereist.
- Gebruik voor de aansluiting geen meervoudige contactdozen of verlengsnoeren.
- Trek niet aan het netsnoer.
- Als de installatie voltooid is, mogen de elektrische onderdelen niet meer toegankelijk zijn voor de gebruiker.
- Het apparaat is uitsluitend bestemd voor huishoudelijk gebruik en alleen voor het bereiden van voedsel. Elk
ander gebruik is verboden (bijv. het verwarmen van kamers). De fabrikant kan niet aansprakelijk gesteld
worden voor schade die het gevolg is van oneigenlijk gebruik of een foute programmering van de
bedieningsknoppen.
- Het apparaat en de toegankelijke onderdelen worden heet tijdens het gebruik. Voorkom aanraking van hete
onderdelen. Heel jonge (0-3 jaar) en jonge kinderen (3-8 jaar) dienen op afstand gehouden te worden, tenzij ze
onder voortdurend toezicht staan.
- Kinderen vanaf 8 jaar en personen met verminderde fysieke, sensorische of mentale vermogens of gebrek aan
ervaring en kennis, mogen dit apparaat gebruiken indien ze onder toezicht staan of instructies hebben
ontvangen over het gebruik van het apparaat en de mogelijke gevaren ervan begrijpen. Kinderen mogen niet
met het apparaat spelen. Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet door kinderen zonder toezicht worden
uitgevoerd.
- Raak de verwarmingselementen van het apparaat tijdens en na het gebruik niet aan. Vermijd contact met
doeken of andere brandbaar materiaal tot alle onderdelen van het apparaat voldoende zijn afgekoeld.
- Plaats geen brandbaar materiaal in het apparaat of in de buurt ervan.
- Oververhit vet of oververhitte olie vat gemakkelijk vlam. Houd de bereiding van gerechten met veel vet of olie
in de gaten.
- Een scheidingswand (niet meegeleverd) dient geplaatst te worden in het compartiment onder het apparaat.
BELANGRIJKE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES
Dit is het waarschuwingssymbool, behorend bij de veiligheid, waarmee gebruikers worden gewaarschuwd
voor mogelijke gevaren voor henzelf en anderen.
Alle veiligheidsberichten komen na het waarschuwingssymbool en de volgende tekst:
GEVAAR
Geeft een gevaarlijke situatie aan, die ernstig letsel
veroorzaakt als deze niet wordt vermeden.
WAARSCHUWING
Geeft een gevaarlijke situatie aan, die ernstig letsel zou kunnen
veroorzaken als deze niet wordt vermeden.
NEDERLANDS Installatie Pagina 2 Gebruiksaanwijzing Pagina
NL31
- Wanneer het oppervlak is gebarsten, schakel dan het apparaat uit om het risico op een elektrische schok te
voorkomen (uitsluitend voor toestellen met een glazen oppervlak).
- Het apparaat mag niet gebruikt worden met een externe timer of een afzonderlijk afstandsbedieningssysteem.
- Onbewaakt koken op een kookvuur met vet of olie kan gevaarlijk zijn en kan brand veroorzaken. TRACHT NOOIT
een brand te blussen met water, maar schakel het apparaat uit en bedek vervolgens de vlam met een deksel of
een blusdeken.
Brandgevaar: bewaar geen items op de kookoppervlakken.
- Gebruik geen stoomreinigers.
- Metalen voorwerpen zoals messen, vorken, lepels en deksels mogen niet op het oppervlak van de kookplaat
geplaatst worden omdat ze warm kunnen zijn.
- Na gebruik dient u het kookplaatelement uit te schakelen met het bedieningspaneel. Vertrouw niet op de
pandetector (uitsluitend voor inductietoestellen).
NL32
Verwerking van de verpakking
De verpakking kan volledig gerecycled worden, zoals wordt aangegeven door het symbool ( ). De verschillende onderdelen van de verpakking mogen niet
terechtkomen in het milieu, maar moeten als afval verwerkt worden volgens de plaatselijke voorschriften.
Verwerking van het apparaat
Dit apparaat is voorzien van het merkteken volgens de Europese richtlijn 2002/96/EG inzake Afgedankte Elektrische en Elektronische Apparatuur (AEEA).
Door ervoor te zorgen dat dit product op de juiste wijze als afval wordt verwerkt, helpt u mogelijke schadelijke gevolgen voor het milieu en de gezondheid te
voorkomen.
Het symbool op het product of op de begeleidende documentatie bij het product geeft aan dat dit apparaat niet als huishoudelijk afval behandeld mag worden,
maar naar een speciaal verzamelpunt voor recycling van elektrische en elektronische apparaten moet worden gebracht.
Energiebesparing
Om de beste resultaten te verkrijgen adviseren wij het volgende:
Gebruik potten en pannen met een doorsnede die gelijk is aan die van de kookzone.
Gebruik alleen pannen met een platte bodem.
Houd tijdens het koken zo veel mogelijk de deksel op de pan.
Met een snelkookpan kunt u nog meer tijd en energie besparen.
Zet de pan altijd in het midden van de op de kookplaat getekende kookzone.
- Dit apparaat, bedoeld om in contact te komen met levensmiddelen, voldoet aan het reglement ( ) n.1935/2004 en is ontworpen, gefabriceerd en op de markt
gebracht in overeenstemming met de veiligheidsvoorschriften van de “Laagspanningsrichtlijn” 2006/95/EG (die de richtlijn 73/23/EEG en latere amendementen
vervangt), beveiligingsvereisten van de Richtlijn “Elektromagnetische compatibiliteit” 2004/108/EG.
Om te controleren of de pan geschikt is voor de kookplaat kunt u een magneet gebruiken: pannen die niet worden aangetrokken door de magneet, zijn niet geschikt.
- Controleer of de bodem van de pannen niet ruw is en zo krassen in het oppervlak van de kookplaat zou kunnen maken. Controleer het keukengerei.
- Zet nooit warme pannen en koekenpannen op het bedieningspaneel van de plaat. Dit zou hierdoor schade kunnen oplopen.
MILIEUTIPS
VERKLARING VAN OVEREENSTEMMING
VOORDAT U DE KOOKPLAAT IN GEBRUIK NEEMT
BELANGRIJK: als de pannen niet de vereiste afmetingen hebben, zullen de kookzones niet werken. Gebruik alleen pannen met het symbool
“INDUCTION SYSTEM” (afbeelding hiernaast). Voordat u de kookplaat inschakelt, eerst de pan op de gewenste kookzone zetten.
REEDS AANWEZIGE PANNEN
AANBEVOLEN DIAMETER PANBODEM
NEEOK
Ø
28 cm
XL
Ø
17 cm min. 28 cm max.
Ø
21 cm
L
Ø
15 cm min. 21 cm max.
Ø
18 cm
M
Ø
14,5 cm
S
Ø
12 cm min. 18 cm max.
Ø
10 cm min. 14,5 cm max.
Ø
12 cm
Flexi cook
39 cm
23 cm
Max. Min.
NL33
Controleer na het uitpakken van het apparaat of het tijdens het transport geen beschadigingen heeft opgelopen en neem, in geval van problemen, contact op met de
leverancier of de Klantenservice.
Raadpleeg, voor de afmetingen voor het inbouwen en de installatie-aanwijzingen de afbeeldingen op pagina 2.
VOORBEREIDING VAN HET MEUBEL VOOR INBOUW
Aansluiting op het klemmenblok
Gebruik voor de elektrische aansluiting een kabel van het type H05RR-F zoals aangegeven is in onderstaande tabel.
Belangrijk:
- Laat de tijdelijke metalen verbindingsdraden tussen de schroeven van het klemmenblok L1-L2 en N1-N2 zitten of verwijder ze volgens het aansluitdiagram (zie de afbeelding).
- Als de kabel is bijgeleverd, de aanwijzingen voor de aansluiting, die bij de kabel zitten, raadplegen.
- Zorg ervoor dat alle zes de schroeven van het klemmenblok aangedraaid worden na het aansluiten van de kabels.
INSTALLATIE
WAARSCHUWING
- Installeer een scheidingspaneel
onder de kookplaat.
- Het onderste gedeelte van het
apparaat mag na installatie niet
toegankelijk zijn.
- Als er onder de kookplaat een
oven geïnstalleerd wordt, geen
scheidingspaneel monteren.
Houd u voor de afstand tussen de onderkant van de kookplaat en het scheidingspaneel aan de afmetingen in de afbeelding.
Voor een correcte werking van het apparaat mag de minimaal vereiste opening tussen werkblad en bovenkant van het meubel (min. 5 mm) nooit afgedekt worden.
Als er een oven onder de kookplaat geïnstalleerd wordt, controleer dan of de oven voorzien is van een koelsysteem.
Installeer de kookplaat niet boven een afwasmachine of wasmachine, zodat de elektronische schakelingen niet in contact komen met stoom of vocht; hierdoor kunnen de
schakelingen beschadigd worden.
Bij verzonken installatie dient u contact op te nemen met de klantenservice om te verzoeken om de montage van de schroevenset 4801 211 00112.
Gebruik voor het verwijderen van de kookplaat een schroevendraaier (niet bijgeleverd) om de veren rond het onderste deel van de plaat los te maken.
ELEKTRISCHE AANSLUITING
WAARSCHUWING
- Koppel het apparaat los van het elektriciteitsnet.
- Het apparaat moet geïnstalleerd worden door een gekwalificeerd technicus die volledig op de
hoogte is van de geldende veiligheids- en installatievoorschriften.
- De fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld voor letsel bij personen of dieren of schade aan voorwerpen die het gevolg is van het niet naleven
van de voorschriften uit dit hoofdstuk.
- Het netsnoer moet lang genoeg zijn om de kookplaat te kunnen verwijderen uit het werkblad.
- Verzeker u ervan dat de spanning die vermeld is op het typeplaatje op de bodem van het apparaat overeenkomt met de netspanning in de woning waar
het apparaat geïnstalleerd zal worden.
Geleiders Aantal x afmeting
220-240 V ~ +
3 x 4 mm
2
230-240 V ~ +
3 x 4 mm
2
(alleen Australië)
220-240 V 3 ~ +
4 x 1,5 mm
2
380-415 V 3N ~ +
5 x 1,5 mm
2
380-415 V 2N ~ +
4 x 1,5 mm
2
6-7 cm
min. 20 mm
min. 5 mm
380-415 V 3N ~ 220-240 V ~
230-240 V ~ (alleen Australië)
220-240 V ~ (alleen VK)
380-415 V 2N ~ 220-240 V 3 ~ (alleen België)
380-415 V 2N ~
(alleen Nederland)
230 V
230 V
230 V
230 V
230 V
230 V
230 V
230 V
230 V
230 V
230 V
CBA
NL34
Voorbeeld van een aanwezige verbindingsdraad (links) of een verwijderde verbindingsdraad (rechts). Zie het aansluitdiagram voor details (de verbindingsdraden
kunnen tussen L1-L2 en tussen N1-N2 geplaatst zijn).
Sluit de geel/groene aardleiding aan op de klem met het symbool .
Bovengenoemde leiding moet langer zijn dan de andere.
1. Verwijder het deksel van het klemmenblok (A) door de schroef los te draaien en steek het deksel in het scharnier (B) van het klemmenblok.
2. Steek het netsnoer daarna in de kabelklem en sluit de draden op het klemmenblok aan volgens het aansluitschema naast het klemmenblok.
3. Bevestig het netsnoer door middel van de kabelklem.
4. Sluit het deksel (C) en schroef het vast op het klemmenblok met de verwijderde schroef.
Bij elke aansluiting op de netvoeding voert de kookplaat gedurende enkele seconden een automatische controle uit.
Zie de instructies op het netsnoer als de kookplaat al van een netsnoer voorzien is. Breng de aansluiting op het net tot stand via een meerpolige schakelaar met een
afstand tussen de contacten van minimaal 3 mm.
Beschrijving van het bedieningspaneel
Bedieningspaneel
Aan- en uitzetten van de kookplaat
Om de kookplaat in te schakelen houdt u de toets circa 2 seconden ingedrukt, tot de displays van de kookzones oplichten. Om de kookplaat uit te schakelen, drukt
u op dezelfde toets tot de displays uitgaan Alle kookzones worden uitgeschakeld.
Wanneer de kookplaat eerder gebruikt is, blijft de restwarmte-indicator “H” actief tot de kookzones zijn afgekoeld.
Als er binnen 10 seconden na het inschakelen van de kookplaat geen enkele functie wordt geselecteerd, zal de plaat automatisch worden uitgeschakeld.
Inschakeling en instelling kookzones
Als de kookplaat is ingeschakeld en er een pan op de gekozen zone is geplaatst, de zone
selecteren met de bijbehorende toets: op het display wordt niveau 5 weergegeven.
Iedere kookzone heeft diverse vermogensniveaus die ingesteld kunnen worden met de +/-
toetsen, die van “1”: minimaal vermogen tot “9”: maximaal vermogen lopen. Sommige
kookzones hebben een snelkookfunctie (Booster), dit wordt op het display aangegeven met
de letter “P”.
GEBRUIKSAANWIJZING
Instelbedieningen kookzones en bijbehorende displays
Blokkeren van het bedieningspaneel
Instelbedieningen kookzones en bijbehorende displays
Inschakeling/uitschakeling Timer
Toets automatische
functie/Ecobooster
Blokkeren van het bedieningspaneelInschakeling/uitschakeling Timer
“Flexi cook modellen”
A
B
Vermogensindicatiedisplay
Indicatie geselecteerde kookzone
Positie kookzone
NL35
Uitschakeling kookzones
Selecteer de kookzone die u uit wilt schakelen. Door op de betreffende toets te drukken (het puntje van het vermogensniveau wordt rechtsonder op het display
weergegeven).
Druk op de toets “-” tot het niveau “0” is.
Houd de zonekeuzetoets 3 sec. ingedrukt om de zone onmiddellijk uit te schakelen. De kookzone wordt uitgeschakeld en de restwarmte-indicator “H” verschijnt.
Blokkeren van het bedieningspaneel
De functie blokkeert de bedieningen om te voorkomen dat ze per ongeluk worden ingeschakeld. Om de blokkering van het bedieningspaneel te activeren schakelt u de kookplaat
in en houdt u de toets drie seconden ingedrukt. Een geluidssignaal en een lichtindicator onder het symbool van de sleutel geven aan dat de beveiliging geactiveerd is. Het
bedieningspaneel is geblokkeerd, met uitzondering van de uitschakelfunctie. Om de blokkering van de bedieningen uit te schakelen herhaalt u de Instellingsprocedure. Het
lichtpuntje gaat uit en de kookplaat is weer actief.
De aanwezigheid van water, vloeistof die overgekookt is uit de pannen of voorwerpen die op de toets onder het symbool worden gezet, kunnen ertoe leiden dat de
blokkering van het bedieningspaneel onbedoeld in- of uitgeschakeld wordt.
Timer
De timer is een tijdschakelaar die de mogelijkheid biedt om voor alle kookzones een bereidingsduur in te stellen van maximaal 99 minuten
(1 uur en 39 minuten).
Selecteer de kookzone waarvoor u de timer wilt instellen (rechts onder de indicator van het vermogensniveau op het display verschijnt een
lichtpuntje), druk op de knop met het kloksymbool en stel vervolgens de gewenste tijd in met de toetsen “+” en “-” van de timerfunctie (zie de
afbeelding). Enkele seconden nadat de knop voor het laatst is ingedrukt, begint de timer af te tellen (er gaat een lichtpuntje branden naast de
zone waarvoor de timer is ingeschakeld). Wanneer de ingestelde tijd verstreken is, klinkt er een geluidssignaal en wordt de kookzone automatisch uitgeschakeld.
Om de timer te deactiveren, drukt u op de toets “-” tot het display “0:0” aangeeft of drukt u gedurende 3 sec. op de toets met het kloksymbool.
Om de timer voor een andere zone in te stellen, bovenstaande punten herhalen. Op het display van de timer wordt altijd de tijd van de gekozen zone weergegeven of de kortste tijd.
Om de instelling van de timer te veranderen of om de timer uit te schakelen moet de bijbehorende zonekeuzetoets worden ingedrukt.
Waarschuwingen van het bedieningspaneel
Restwarmte-indicator.
De kookplaat heeft voor iedere kookzone een restwarmte-indicator. Deze indicator signaleert welke kookzones nog warm zijn.
Als op het display wordt weergegeven, is de kookzone nog warm. Als deze signalering voor de zone wordt gegeven is het bijvoorbeeld mogelijk een gerecht
warm te houden of boter te laten smelten
Wanneer de kookzone afkoelt, gaat het display uit.
Indicator ’verkeerde pan of geen pan’.
Als de pan niet geschikt is voor uw inductiekookplaat, verkeerd geplaatst is of niet de juiste afmeting heeft, verschijnt de indicatie “geen pan” op het
display (afbeelding hiernaast). Als er binnen 60 seconden geen pan gedetecteerd wordt, gaat de kookplaat uit.
Speciale functies
Sommige modellen zijn uitgerust met speciale functies:
Snelkookfunctie (booster indien beschikbaar)
Deze functie is slechts op enkele kookzones aanwezig en maakt het mogelijk het vermogen van de plaat optimaal te benutten (bijvoorbeeld om snel water aan de kook
te brengen). Om de functie te activeren, toets “+” indrukken tot op het display “P” verschijnt. Nadat de boosterfunctie 10 minuten gebruikt is, stelt het apparaat de
zone automatisch in op niveau 9 (behalve wanneer de functie Flexi cook wordt gebruikt).
Eco Booster
Selecteer, met de kookplaat ingeschakeld, de kookzone waarin het EcoBoostersymbool is afgebeeld .
Om de functie in of uit te schakelen, drukt u op de toets
Met de EcoBoosterfunctie kan het water aan de kook gebracht worden en, zonder morsen, aan de kook gehouden worden, met een beperking van energieverbruik.
Om deze regeling te optimaliseren en de beste energiebesparing te garanderen, wordt geadviseerd een pan te gebruiken met een bodem met ongeveer dezelfde
doorsnede als de kookzone. De kwaliteit van de gebruikte pan, de aan- of afwezigheid van de deksel of zout, kan van invloed zijn op de prestatie van de functie. 2 tot
3 liter water (bij voorkeur op kamertemperatuur) wordt aanbevolen, en het wordt geadviseerd geen deksel te gebruiken.
Het wordt in ieder geval aanbevolen de kookomstandigheden en de hoeveelheid restwater in de gaten te houden.
NL36
Flexi cook
Met deze functie kunt u de kookzone gebruiken als twee gescheiden kookzones of een extra grote enkele zone.
Dit is ideaal voor het gebruik van ovale, rechthoekige en vergrote pannen (met een bodem van maximaal 38x23 cm) of meer dan een standaardpan tegelijk. Om de functie
Flexi cook in te schakelen, de kookplaat aanzetten, tegelijk op de 2 keuzetoetsen van de zones drukken, zoals aangegeven in onderstaande afbeelding, op de displays van
de twee kookzones wordt niveau “5” weergegeven; beide puntjes naast het niveaunummer branden, om aan te geven dat de functie Flexi cook geactiveerd is.
Om het vermogensniveau te veranderen, op de toetsen - / + drukken (van 1 tot maximaal 9 of P). Om de functie Flexi cook uit te schakelen, tegelijk op de 2 keuzetoetsen
van de zones drukken. Om de zones onmiddellijk uit te schakelen, een van de keuzetoetsen van de zones gedurende 3 seconden ingedrukt houden.
Het bericht “geen pan” verschijnt op het display van de zone die niet in staat is een pan te detecteren (omdat er geen pan is, of een pan die verkeerd
geplaatst is of een pan die ongeschikt is voor een inductiekookplaat). Dit bericht blijft gedurende 60 seconden actief: in die tijd kunt u, naar wens, pannen toevoegen
of verplaatsen binnen de flexi cookzone.
Als er na 60 seconden geen pan op de zone is geplaatst, stopt het systeem met het “zoeken” naar pannen op die zone, het symbool blijft zichtbaar op het display
om u eraan te herinneren dat de zone is uitgeschakeld.
Om de functie Flexi cook weer in te schakelen, op een van de 2 toetsen drukken
De functie Flexi cook kan ook detecteren wanneer er een pan verplaatst wordt van de ene zone naar de andere binnen het Flexi cook gebied waarbij het
vermogensniveau van de zone waarop de pan oorspronkelijk stond gehandhaafd wordt (zie het voorbeeld in de afbeelding hieronder: als de pan verplaatst wordt van
de voorste brander naar de achterste brander, wordt het vermogensniveau weergegeven op het display van de zone waar de pan op geplaatst is).
Het is ook mogelijk het Flexi cook gebied te gebruiken als twee onafhankelijke kookzones, door de knop van de afzonderlijke zone te gebruiken. Zet de pan in het
midden van de enkele zone en stel het vermogensniveau in met behulp van het touchscreen.
Belangrijk: zet de pannen altijd zodanig in het midden van de kookzone, dat het midden van de enkele kookzone is afgedekt.
Zorg bij grote, ovale, rechthoekige en lange pannen ervoor dat de pannen in het midden van de kookzone worden geplaatst.
Voorbeelden van correcte en incorrecte plaatsing van pannen:
Demofunctie
Deze kookplaat is voorzien van een demofunctie, deze biedt de mogelijkheid om met het bedieningspaneel te werken zonder de bijbehorende kookzones te activeren.
De procedure voor het in- en uitschakelen moet binnen 60 seconden nadat het apparaat gevoed wordt door het elektriciteitsnet van de eigen woning worden uitgevoerd.
Om de demofunctie in te schakelen gelijktijdig gedurende 5 seconden de keuzetoetsen van de buitenste kookzones indrukken: “dE” wordt op het middelste display weergegeven.
Nu kunnen de functies van het bedieningspaneel onderzocht worden, de functies Lock en Unlock zijn ook actief in de Demomodus.
i
i
NL37
Om de Demofunctie uit te schakelen, de procedure herhalen, vergeet niet dat eerst de stekker van de kookplaat uit het stopcontact gehaald en vervolgens weer geplaatst moet
worden en dat de procedure binnen 60 seconden na de aansluiting uitgevoerd moet worden.
In-/uitschakeling geluidssignaal
Houd, nadat de kookplaat is ingeschakeld, tegelijkertijd gedurende minstens 5 seconden de toets “+” en de keuzetoets helemaal aan de rechterkant ingedrukt
(“vergrendeling bedieningspaneel”).
BELANGRIJK: gebruik geen schuursponsjes of metalen sponsjes. Daardoor kan het glas, in de loop van de tijd, beschadigd raken.
Na elk gebruik de kookplaat af laten koelen en schoonmaken om aangekoekt vuil en vlekken van gemorst voedsel te te verwijderen.
Suiker of levensmiddelen met een hoog suikergehalte beschadigen het glaskeramische oppervlak en moeten onmiddellijk worden verwijderd.
Zout, suiker en zand kunnen krassen maken in het glazen oppervlak.
Gebruik een zachte doek, absorberend keukenpapier of specifieke producten voor het reinigen van de kookplaat (houd u aan de aanwijzingen van de fabrikant).
Lees en volg de instructies op uit de paragraaf “Gebruiksaanwijzing.
Controleer of er geen stroomuitval is.
Maak het oppervlak van de kookplaat na het schoonmaken goed droog.
Als bij de inschakeling van de kookplaat op het display alfanumerieke codes worden weergegeven, dient u volgens onderstaande tabel te handelen.
Als u er niet in slaagt de kookplaat na gebruik uit te schakelen, de stekker uit het stopcontact trekken.
Inductiekookplaten kunnen gepiep of gekraak veroorzaken tijdens de normale werking, deze geluiden zijn afkomstig van de pannen zelf en zijn te wijten aan
eigenschappen van de bodem (bijvoorbeeld verschillende materiaallagen waaruit deze is opgebouwd, bodem niet vlak). Deze geluiden variëren naar gelang de
gebruikte pan en de hoeveelheid voedsel die erin zit maar duiden niet op een storing.
REINIGING
WAARSCHUWING
- Gebruik nooit een stoomreiniger.
- Controleer voordat u gaat schoonmaken of de kookzones uitgeschakeld zijn en dat de restwarmte-
indicator (“H”) niet wordt weergegeven.
OPSPOREN VAN STORINGEN
FOUTCODE BESCHRIJVING MOGELIJKE OORZAKEN OPLOSSING
C81, C82
Het bedieningspaneel wordt
uitgeschakeld door te hoge
temperaturen
De interne temperatuur van de
elektronische onderdelen is te hoog
Wacht tot de kookplaat is
afgekoeld voordat u hem weer
gebruikt
F42 of F43 Het aansluitvoltage is niet goed
De sensor detecteert een verschil
tussen het voltage van het apparaat en
het voltage van de netvoeding
Koppel de kookplaat los van het
elektriciteitsnet en controleer de
aansluiting
F12, F21, F25, F36, F37, F40, F47, F56, F58, F60 Bel de Klantenservice en geef de foutcode door
GELUIDEN AFKOMSTIG VAN DE KOOKPLAAT
5 sec.
5 sec.
NL38
Bovendien is de inductiekookplaat voorzien van een intern koelsysteem om de elektronische onderdelen op een gecontroleerde temperatuur te houden, daarom kan
gedurende de werking maar ook enkele minuten na het uitschakelen van de kookplaat het geluid van de ventilator gehoord worden. Dit is volstrekt normaal en
noodzakelijk voor de goede werking van het apparaat.
Voordat u contact opneemt met de Klantenservice
1. Controleer of het mogelijk is het probleem zelf op te lossen aan de hand van punten die beschreven worden in “Het opsporen van storingen”.
2. Schakel de kookplaat uit en weer aan, om te controleren of het probleem verdwenen is.
Als na het uitvoeren van deze controles de storing nog steeds aanwezig is, contact opnemen met de dichtstbijzijnde Klantenservice.
Vermeld altijd:
de aard van de storing;
het type en het exacte model van de kookplaat;
het servicenummer (dat is het nummer achter het woord Service op het typeplaatje), dat aan de onderkant van het apparaat zit (op de metalen plaat).
•uw volledige adres;
uw telefoonnummer.
Wanneer er een reparatie nodig is, neem dan contact op met een officieel klantenservicecentrum (om te garanderen dat er originele reserveonderdelen worden
gebruikt en de reparatie correct wordt uitgevoerd). De reserveonderdelen blijven nog 10 jaar lang verkrijgbaar.
OPMERKING:
In geval van kortdurende bereidingen waarbij een perfecte verdeling van warmte noodzakelijk is (bijvoorbeeld pannenkoeken) op de dubbele zone met een
doorsnede van 28 cm (indien aanwezig) wordt geadviseerd pannen te gebruiken met een doorsnede van niet meer dan 24 cm. Voor behoedzame bereidingen
(bijvoorbeeld chocolade of boter smelten) wordt geadviseerd de enkele zones met een kleinere doorsnede te gebruiken.
KLANTENSERVICE
VERMOGENSTABELLEN
Vermogensniveau Soort bereiding Gebruik van het niveau
(de indicatie hangt af van de ervaring en de bereidingsgewoonten)
Max. vermogen
Boost Snel verwarmen
Ideaal om in korte tijd de temperatuur van het voedsel te verhogen tot het kookpunt, in het geval van
water, of snel kookvocht te verwarmen
8-9 Bakken - koken
Ideaal om aan te braden, een bereiding te starten, diepvriespoducten te bakken, water snel aan de
kook te brengen
Hoog vermogen
7-8
Aanbraden - fruiten - koken -
grillen
Ideaal om te fruiten, vocht aan de kook te houden, koken en grillen (gedurende korte tijd, 5-10 minuten).
6-7
Aanbraden - koken - laten
sudderen - fruiten - grillen
Ideaal om te fruiten, vocht zachtjes aan de kook te houden, koken en grillen (gedurende gemiddelde
tijd, 10-20 minuten), accessoires voor te verwarmen.
Gemiddeld
vermogen
4-5
Koken - laten sudderen -
fruiten - grillen
Ideaal om te laden sudderen, vocht heel zachtjes aan de kook te houden, koken (gedurende lange tijd).
Deeg smeuïg maken
3-4
Koken - laten pruttelen -
inkoken - smeuïg maken
Ideaal voor langere bereidingen (rijst, sauzen, braadstukken, vis) met bijbehorend vocht (bijv. water,
wijn, bouillon, melk), deeg smeuïg maken
2-3
Ideaal voor langere bereidingen (hoeveelheden kleiner dan een liter: rijst, sauzen, braadstukken, vis) in
bijbehorend vocht (bijv. water, wijn, bouillon, melk)
Laag vermogen
1-2
Smelten - ontdooien -
warmhouden - smeuïg
maken
Ideaal om boter zacht te maken, voorzichtig chocolade te smelten, producten van kleine afmetingen te
ontdooien en net bereide gerechten warm te houden (bv. sauzen, soepen, minestrone)
1
Ideaal voor het warmhouden van net bereide gerechten, het smeuïg maken van risotto’s en het
warmhouden van dekschalen (met accessoires die geschikt zijn voor inductie)
OFF
Vermogen
nul
Steunoppervlak
Kookplaat in stand-by of uitgeschakeld (mogelijke aanwezigheid van restwarmte na afloop van de
bereiding, aangegeven door H)

Documenttranscriptie

NEDERLANDS Installatie Pagina 2 Gebruiksaanwijzing Pagina BELANGRIJKE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES UW VEILIGHEID EN DIE VAN ANDEREN IS ERG BELANGRIJK Deze handleiding en het apparaat zelf zijn voorzien van belangrijke veiligheidsinformatie, die te allen tijde gelezen en opgevolgd moet worden. Dit is het waarschuwingssymbool, behorend bij de veiligheid, waarmee gebruikers worden gewaarschuwd voor mogelijke gevaren voor henzelf en anderen. Alle veiligheidsberichten komen na het waarschuwingssymbool en de volgende tekst: GEVAAR Geeft een gevaarlijke situatie aan, die ernstig letsel veroorzaakt als deze niet wordt vermeden. WAARSCHUWING Geeft een gevaarlijke situatie aan, die ernstig letsel zou kunnen veroorzaken als deze niet wordt vermeden. Alle veiligheidswaarschuwingen geven specifieke details van het mogelijke risico dat aanwezig is en geven aan hoe het risico op letsel, schade en elektrische schokken voortvloeiend uit het onjuiste gebruik van het apparaat beperkt kan worden. Zorg dat u aan het volgende voldoet: - Gebruik beschermende handschoenen voor het uitpakken en installeren. - Het apparaat moet worden losgekoppeld van het elektriciteitsnet voordat u installatiewerkzaamheden uitvoert. - Installatie en onderhoud moeten worden uitgevoerd door een gespecialiseerd monteur, volgens de instructies van de fabrikant en in overeenstemming met de plaatselijke veiligheidsvoorschriften. Repareer of vervang geen enkel onderdeel van het apparaat, behalve als dit expliciet aangegeven wordt in de gebruikershandleiding. - Dit apparaat moet geaard worden. - De voedingskabel van het apparaat moet lang genoeg zijn om het apparaat vanuit de inbouwpositie in het meubel te kunnen aansluiten op het stopcontact van de netvoeding. - Om ervoor te zorgen dat de installatie voldoet aan de geldende veiligheidsvoorschriften, is er een omnipolaire schakelaar met een afstand van minstens 3 mm vereist. - Gebruik voor de aansluiting geen meervoudige contactdozen of verlengsnoeren. - Trek niet aan het netsnoer. - Als de installatie voltooid is, mogen de elektrische onderdelen niet meer toegankelijk zijn voor de gebruiker. - Het apparaat is uitsluitend bestemd voor huishoudelijk gebruik en alleen voor het bereiden van voedsel. Elk ander gebruik is verboden (bijv. het verwarmen van kamers). De fabrikant kan niet aansprakelijk gesteld worden voor schade die het gevolg is van oneigenlijk gebruik of een foute programmering van de bedieningsknoppen. - Het apparaat en de toegankelijke onderdelen worden heet tijdens het gebruik. Voorkom aanraking van hete onderdelen. Heel jonge (0-3 jaar) en jonge kinderen (3-8 jaar) dienen op afstand gehouden te worden, tenzij ze onder voortdurend toezicht staan. - Kinderen vanaf 8 jaar en personen met verminderde fysieke, sensorische of mentale vermogens of gebrek aan ervaring en kennis, mogen dit apparaat gebruiken indien ze onder toezicht staan of instructies hebben ontvangen over het gebruik van het apparaat en de mogelijke gevaren ervan begrijpen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet door kinderen zonder toezicht worden uitgevoerd. - Raak de verwarmingselementen van het apparaat tijdens en na het gebruik niet aan. Vermijd contact met doeken of andere brandbaar materiaal tot alle onderdelen van het apparaat voldoende zijn afgekoeld. - Plaats geen brandbaar materiaal in het apparaat of in de buurt ervan. - Oververhit vet of oververhitte olie vat gemakkelijk vlam. Houd de bereiding van gerechten met veel vet of olie in de gaten. - Een scheidingswand (niet meegeleverd) dient geplaatst te worden in het compartiment onder het apparaat. NL30 - Wanneer het oppervlak is gebarsten, schakel dan het apparaat uit om het risico op een elektrische schok te voorkomen (uitsluitend voor toestellen met een glazen oppervlak). - Het apparaat mag niet gebruikt worden met een externe timer of een afzonderlijk afstandsbedieningssysteem. - Onbewaakt koken op een kookvuur met vet of olie kan gevaarlijk zijn en kan brand veroorzaken. TRACHT NOOIT een brand te blussen met water, maar schakel het apparaat uit en bedek vervolgens de vlam met een deksel of een blusdeken. Brandgevaar: bewaar geen items op de kookoppervlakken. - Gebruik geen stoomreinigers. - Metalen voorwerpen zoals messen, vorken, lepels en deksels mogen niet op het oppervlak van de kookplaat geplaatst worden omdat ze warm kunnen zijn. - Na gebruik dient u het kookplaatelement uit te schakelen met het bedieningspaneel. Vertrouw niet op de pandetector (uitsluitend voor inductietoestellen). NL31 MILIEUTIPS Verwerking van de verpakking De verpakking kan volledig gerecycled worden, zoals wordt aangegeven door het symbool ( ). De verschillende onderdelen van de verpakking mogen niet terechtkomen in het milieu, maar moeten als afval verwerkt worden volgens de plaatselijke voorschriften. Verwerking van het apparaat Dit apparaat is voorzien van het merkteken volgens de Europese richtlijn 2002/96/EG inzake Afgedankte Elektrische en Elektronische Apparatuur (AEEA). Door ervoor te zorgen dat dit product op de juiste wijze als afval wordt verwerkt, helpt u mogelijke schadelijke gevolgen voor het milieu en de gezondheid te voorkomen. Het symbool op het product of op de begeleidende documentatie bij het product geeft aan dat dit apparaat niet als huishoudelijk afval behandeld mag worden, maar naar een speciaal verzamelpunt voor recycling van elektrische en elektronische apparaten moet worden gebracht. Energiebesparing Om de beste resultaten te verkrijgen adviseren wij het volgende: • Gebruik potten en pannen met een doorsnede die gelijk is aan die van de kookzone. • Gebruik alleen pannen met een platte bodem. • Houd tijdens het koken zo veel mogelijk de deksel op de pan. • Met een snelkookpan kunt u nog meer tijd en energie besparen. • Zet de pan altijd in het midden van de op de kookplaat getekende kookzone. VERKLARING VAN OVEREENSTEMMING - Dit apparaat, bedoeld om in contact te komen met levensmiddelen, voldoet aan het reglement ( ) n.1935/2004 en is ontworpen, gefabriceerd en op de markt gebracht in overeenstemming met de veiligheidsvoorschriften van de “Laagspanningsrichtlijn” 2006/95/EG (die de richtlijn 73/23/EEG en latere amendementen vervangt), beveiligingsvereisten van de Richtlijn “Elektromagnetische compatibiliteit” 2004/108/EG. VOORDAT U DE KOOKPLAAT IN GEBRUIK NEEMT BELANGRIJK: als de pannen niet de vereiste afmetingen hebben, zullen de kookzones niet werken. Gebruik alleen pannen met het symbool “INDUCTION SYSTEM” (afbeelding hiernaast). Voordat u de kookplaat inschakelt, eerst de pan op de gewenste kookzone zetten. REEDS AANWEZIGE PANNEN OK NEE Om te controleren of de pan geschikt is voor de kookplaat kunt u een magneet gebruiken: pannen die niet worden aangetrokken door de magneet, zijn niet geschikt. - Controleer of de bodem van de pannen niet ruw is en zo krassen in het oppervlak van de kookplaat zou kunnen maken. Controleer het keukengerei. - Zet nooit warme pannen en koekenpannen op het bedieningspaneel van de plaat. Dit zou hierdoor schade kunnen oplopen. AANBEVOLEN DIAMETER PANBODEM Ø Ø XL 28 cm L 21 cm 17 cm min. 28 cm max. Ø Ø 15 cm min. 21 cm max. M S Max. Flexi cook Ø 12 cm 39 cm NL32 12 cm min. 18 cm max. Ø Ø 14,5 cm Min. 23 cm Ø Ø 18 cm 10 cm min. 14,5 cm max. INSTALLATIE Controleer na het uitpakken van het apparaat of het tijdens het transport geen beschadigingen heeft opgelopen en neem, in geval van problemen, contact op met de leverancier of de Klantenservice. Raadpleeg, voor de afmetingen voor het inbouwen en de installatie-aanwijzingen de afbeeldingen op pagina 2. VOORBEREIDING VAN HET MEUBEL VOOR INBOUW - - • • • • Installeer een scheidingspaneel onder de kookplaat. Het onderste gedeelte van het apparaat mag na installatie niet toegankelijk zijn. Als er onder de kookplaat een oven geïnstalleerd wordt, geen scheidingspaneel monteren. min. 5 mm WAARSCHUWING min. 20 mm 6-7 cm Houd u voor de afstand tussen de onderkant van de kookplaat en het scheidingspaneel aan de afmetingen in de afbeelding. Voor een correcte werking van het apparaat mag de minimaal vereiste opening tussen werkblad en bovenkant van het meubel (min. 5 mm) nooit afgedekt worden. Als er een oven onder de kookplaat geïnstalleerd wordt, controleer dan of de oven voorzien is van een koelsysteem. Installeer de kookplaat niet boven een afwasmachine of wasmachine, zodat de elektronische schakelingen niet in contact komen met stoom of vocht; hierdoor kunnen de schakelingen beschadigd worden. Bij verzonken installatie dient u contact op te nemen met de klantenservice om te verzoeken om de montage van de schroevenset 4801 211 00112. Gebruik voor het verwijderen van de kookplaat een schroevendraaier (niet bijgeleverd) om de veren rond het onderste deel van de plaat los te maken. • • ELEKTRISCHE AANSLUITING Koppel het apparaat los van het elektriciteitsnet. Het apparaat moet geïnstalleerd worden door een gekwalificeerd technicus die volledig op de hoogte is van de geldende veiligheids- en installatievoorschriften. De fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld voor letsel bij personen of dieren of schade aan voorwerpen die het gevolg is van het niet naleven van de voorschriften uit dit hoofdstuk. Het netsnoer moet lang genoeg zijn om de kookplaat te kunnen verwijderen uit het werkblad. Verzeker u ervan dat de spanning die vermeld is op het typeplaatje op de bodem van het apparaat overeenkomt met de netspanning in de woning waar het apparaat geïnstalleerd zal worden. WAARSCHUWING - - Aansluiting op het klemmenblok Gebruik voor de elektrische aansluiting een kabel van het type H05RR-F zoals aangegeven is in onderstaande tabel. 230-240 V ~ + 3 x 4 mm2 (alleen Australië) 220-240 V 3 ~ + 4 x 1,5 mm2 380-415 V 3N ~ + 5 x 1,5 mm2 380-415 V 2N ~ + 4 x 1,5 mm2 380-415 V 2N ~ C 230 V 230 V B 230 V 230 V A 220-240 V 3 ~ (alleen België) 230-240 V ~ (alleen Australië) 220-240 V ~ (alleen VK) 230 V 3 x 4 mm2 220-240 V ~ 380-415 V 2N ~ (alleen Nederland) 230 V 230 V 220-240 V ~ + 380-415 V 3N ~ 230 V Aantal x afmeting 230 V 230 V 230 V Geleiders Belangrijk: - Laat de tijdelijke metalen verbindingsdraden tussen de schroeven van het klemmenblok L1-L2 en N1-N2 zitten of verwijder ze volgens het aansluitdiagram (zie de afbeelding). - Als de kabel is bijgeleverd, de aanwijzingen voor de aansluiting, die bij de kabel zitten, raadplegen. - Zorg ervoor dat alle zes de schroeven van het klemmenblok aangedraaid worden na het aansluiten van de kabels. NL33 Voorbeeld van een aanwezige verbindingsdraad (links) of een verwijderde verbindingsdraad (rechts). Zie het aansluitdiagram voor details (de verbindingsdraden kunnen tussen L1-L2 en tussen N1-N2 geplaatst zijn). Sluit de geel/groene aardleiding aan op de klem met het symbool . Bovengenoemde leiding moet langer zijn dan de andere. 1. Verwijder het deksel van het klemmenblok (A) door de schroef los te draaien en steek het deksel in het scharnier (B) van het klemmenblok. 2. Steek het netsnoer daarna in de kabelklem en sluit de draden op het klemmenblok aan volgens het aansluitschema naast het klemmenblok. 3. Bevestig het netsnoer door middel van de kabelklem. 4. Sluit het deksel (C) en schroef het vast op het klemmenblok met de verwijderde schroef. Bij elke aansluiting op de netvoeding voert de kookplaat gedurende enkele seconden een automatische controle uit. Zie de instructies op het netsnoer als de kookplaat al van een netsnoer voorzien is. Breng de aansluiting op het net tot stand via een meerpolige schakelaar met een afstand tussen de contacten van minimaal 3 mm. GEBRUIKSAANWIJZING Beschrijving van het bedieningspaneel Bedieningspaneel Inschakeling/uitschakeling Timer Blokkeren van het bedieningspaneel A Instelbedieningen kookzones en bijbehorende displays Inschakeling/uitschakeling Timer Blokkeren van het bedieningspaneel “Flexi cook modellen” B Toets automatische functie/Ecobooster Instelbedieningen kookzones en bijbehorende displays Aan- en uitzetten van de kookplaat Om de kookplaat in te schakelen houdt u de toets circa 2 seconden ingedrukt, tot de displays van de kookzones oplichten. Om de kookplaat uit te schakelen, drukt u op dezelfde toets tot de displays uitgaan Alle kookzones worden uitgeschakeld. Wanneer de kookplaat eerder gebruikt is, blijft de restwarmte-indicator “H” actief tot de kookzones zijn afgekoeld. Als er binnen 10 seconden na het inschakelen van de kookplaat geen enkele functie wordt geselecteerd, zal de plaat automatisch worden uitgeschakeld. Inschakeling en instelling kookzones Vermogensindicatiedisplay Indicatie geselecteerde kookzone Als de kookplaat is ingeschakeld en er een pan op de gekozen zone is geplaatst, de zone selecteren met de bijbehorende toets: op het display wordt niveau 5 weergegeven. Iedere kookzone heeft diverse vermogensniveaus die ingesteld kunnen worden met de +/toetsen, die van “1”: minimaal vermogen tot “9”: maximaal vermogen lopen. Sommige kookzones hebben een snelkookfunctie (Booster), dit wordt op het display aangegeven met de letter “P”. Positie kookzone NL34 Uitschakeling kookzones Selecteer de kookzone die u uit wilt schakelen. Door op de betreffende toets te drukken (het puntje van het vermogensniveau wordt rechtsonder op het display weergegeven). Druk op de toets “-” tot het niveau “0” is. Houd de zonekeuzetoets 3 sec. ingedrukt om de zone onmiddellijk uit te schakelen. De kookzone wordt uitgeschakeld en de restwarmte-indicator “H” verschijnt. Blokkeren van het bedieningspaneel De functie blokkeert de bedieningen om te voorkomen dat ze per ongeluk worden ingeschakeld. Om de blokkering van het bedieningspaneel te activeren schakelt u de kookplaat in en houdt u de toets drie seconden ingedrukt. Een geluidssignaal en een lichtindicator onder het symbool van de sleutel geven aan dat de beveiliging geactiveerd is. Het bedieningspaneel is geblokkeerd, met uitzondering van de uitschakelfunctie. Om de blokkering van de bedieningen uit te schakelen herhaalt u de Instellingsprocedure. Het lichtpuntje gaat uit en de kookplaat is weer actief. De aanwezigheid van water, vloeistof die overgekookt is uit de pannen of voorwerpen die op de toets onder het symbool worden gezet, kunnen ertoe leiden dat de blokkering van het bedieningspaneel onbedoeld in- of uitgeschakeld wordt. Timer De timer is een tijdschakelaar die de mogelijkheid biedt om voor alle kookzones een bereidingsduur in te stellen van maximaal 99 minuten (1 uur en 39 minuten). Selecteer de kookzone waarvoor u de timer wilt instellen (rechts onder de indicator van het vermogensniveau op het display verschijnt een lichtpuntje), druk op de knop met het kloksymbool en stel vervolgens de gewenste tijd in met de toetsen “+” en “-” van de timerfunctie (zie de afbeelding). Enkele seconden nadat de knop voor het laatst is ingedrukt, begint de timer af te tellen (er gaat een lichtpuntje branden naast de zone waarvoor de timer is ingeschakeld). Wanneer de ingestelde tijd verstreken is, klinkt er een geluidssignaal en wordt de kookzone automatisch uitgeschakeld. Om de timer te deactiveren, drukt u op de toets “-” tot het display “0:0” aangeeft of drukt u gedurende 3 sec. op de toets met het kloksymbool. Om de timer voor een andere zone in te stellen, bovenstaande punten herhalen. Op het display van de timer wordt altijd de tijd van de gekozen zone weergegeven of de kortste tijd. Om de instelling van de timer te veranderen of om de timer uit te schakelen moet de bijbehorende zonekeuzetoets worden ingedrukt. Waarschuwingen van het bedieningspaneel Restwarmte-indicator. De kookplaat heeft voor iedere kookzone een restwarmte-indicator. Deze indicator signaleert welke kookzones nog warm zijn. Als op het display wordt weergegeven, is de kookzone nog warm. Als deze signalering voor de zone wordt gegeven is het bijvoorbeeld mogelijk een gerecht warm te houden of boter te laten smelten Wanneer de kookzone afkoelt, gaat het display uit. Indicator ’verkeerde pan of geen pan’. Als de pan niet geschikt is voor uw inductiekookplaat, verkeerd geplaatst is of niet de juiste afmeting heeft, verschijnt de indicatie “geen pan” op het display (afbeelding hiernaast). Als er binnen 60 seconden geen pan gedetecteerd wordt, gaat de kookplaat uit. Speciale functies Sommige modellen zijn uitgerust met speciale functies: Snelkookfunctie (booster indien beschikbaar) Deze functie is slechts op enkele kookzones aanwezig en maakt het mogelijk het vermogen van de plaat optimaal te benutten (bijvoorbeeld om snel water aan de kook te brengen). Om de functie te activeren, toets “+” indrukken tot op het display “P” verschijnt. Nadat de boosterfunctie 10 minuten gebruikt is, stelt het apparaat de zone automatisch in op niveau 9 (behalve wanneer de functie Flexi cook wordt gebruikt). Eco Booster Selecteer, met de kookplaat ingeschakeld, de kookzone waarin het EcoBoostersymbool is afgebeeld . Om de functie in of uit te schakelen, drukt u op de toets Met de EcoBoosterfunctie kan het water aan de kook gebracht worden en, zonder morsen, aan de kook gehouden worden, met een beperking van energieverbruik. Om deze regeling te optimaliseren en de beste energiebesparing te garanderen, wordt geadviseerd een pan te gebruiken met een bodem met ongeveer dezelfde doorsnede als de kookzone. De kwaliteit van de gebruikte pan, de aan- of afwezigheid van de deksel of zout, kan van invloed zijn op de prestatie van de functie. 2 tot 3 liter water (bij voorkeur op kamertemperatuur) wordt aanbevolen, en het wordt geadviseerd geen deksel te gebruiken. Het wordt in ieder geval aanbevolen de kookomstandigheden en de hoeveelheid restwater in de gaten te houden. NL35 Flexi cook Met deze functie kunt u de kookzone gebruiken als twee gescheiden kookzones of een extra grote enkele zone. Dit is ideaal voor het gebruik van ovale, rechthoekige en vergrote pannen (met een bodem van maximaal 38x23 cm) of meer dan een standaardpan tegelijk. Om de functie Flexi cook in te schakelen, de kookplaat aanzetten, tegelijk op de 2 keuzetoetsen van de zones drukken, zoals aangegeven in onderstaande afbeelding, op de displays van de twee kookzones wordt niveau “5” weergegeven; beide puntjes naast het niveaunummer branden, om aan te geven dat de functie Flexi cook geactiveerd is. Om het vermogensniveau te veranderen, op de toetsen - / + drukken (van 1 tot maximaal 9 of P). Om de functie Flexi cook uit te schakelen, tegelijk op de 2 keuzetoetsen van de zones drukken. Om de zones onmiddellijk uit te schakelen, een van de keuzetoetsen van de zones gedurende 3 seconden ingedrukt houden. i Het bericht “geen pan” verschijnt op het display van de zone die niet in staat is een pan te detecteren (omdat er geen pan is, of een pan die verkeerd geplaatst is of een pan die ongeschikt is voor een inductiekookplaat). Dit bericht blijft gedurende 60 seconden actief: in die tijd kunt u, naar wens, pannen toevoegen of verplaatsen binnen de flexi cookzone. Als er na 60 seconden geen pan op de zone is geplaatst, stopt het systeem met het “zoeken” naar pannen op die zone, het symbool om u eraan te herinneren dat de zone is uitgeschakeld. blijft zichtbaar op het display Om de functie Flexi cook weer in te schakelen, op een van de 2 toetsen drukken De functie Flexi cook kan ook detecteren wanneer er een pan verplaatst wordt van de ene zone naar de andere binnen het Flexi cook gebied waarbij het vermogensniveau van de zone waarop de pan oorspronkelijk stond gehandhaafd wordt (zie het voorbeeld in de afbeelding hieronder: als de pan verplaatst wordt van de voorste brander naar de achterste brander, wordt het vermogensniveau weergegeven op het display van de zone waar de pan op geplaatst is). Het is ook mogelijk het Flexi cook gebied te gebruiken als twee onafhankelijke kookzones, door de knop van de afzonderlijke zone te gebruiken. Zet de pan in het midden van de enkele zone en stel het vermogensniveau in met behulp van het touchscreen. i Belangrijk: zet de pannen altijd zodanig in het midden van de kookzone, dat het midden van de enkele kookzone is afgedekt. Zorg bij grote, ovale, rechthoekige en lange pannen ervoor dat de pannen in het midden van de kookzone worden geplaatst. Voorbeelden van correcte en incorrecte plaatsing van pannen: Demofunctie Deze kookplaat is voorzien van een demofunctie, deze biedt de mogelijkheid om met het bedieningspaneel te werken zonder de bijbehorende kookzones te activeren. De procedure voor het in- en uitschakelen moet binnen 60 seconden nadat het apparaat gevoed wordt door het elektriciteitsnet van de eigen woning worden uitgevoerd. Om de demofunctie in te schakelen gelijktijdig gedurende 5 seconden de keuzetoetsen van de buitenste kookzones indrukken: “dE” wordt op het middelste display weergegeven. Nu kunnen de functies van het bedieningspaneel onderzocht worden, de functies Lock en Unlock zijn ook actief in de Demomodus. NL36 Om de Demofunctie uit te schakelen, de procedure herhalen, vergeet niet dat eerst de stekker van de kookplaat uit het stopcontact gehaald en vervolgens weer geplaatst moet worden en dat de procedure binnen 60 seconden na de aansluiting uitgevoerd moet worden. 5 sec. In-/uitschakeling geluidssignaal Houd, nadat de kookplaat is ingeschakeld, tegelijkertijd gedurende minstens 5 seconden de toets “+” en de keuzetoets helemaal aan de rechterkant ingedrukt (“vergrendeling bedieningspaneel”). 5 sec. REINIGING WAARSCHUWING - Gebruik nooit een stoomreiniger. Controleer voordat u gaat schoonmaken of de kookzones uitgeschakeld zijn en dat de restwarmteindicator (“H”) niet wordt weergegeven. BELANGRIJK: gebruik geen schuursponsjes of metalen sponsjes. Daardoor kan het glas, in de loop van de tijd, beschadigd raken. • Na elk gebruik de kookplaat af laten koelen en schoonmaken om aangekoekt vuil en vlekken van gemorst voedsel te te verwijderen. • Suiker of levensmiddelen met een hoog suikergehalte beschadigen het glaskeramische oppervlak en moeten onmiddellijk worden verwijderd. • Zout, suiker en zand kunnen krassen maken in het glazen oppervlak. • Gebruik een zachte doek, absorberend keukenpapier of specifieke producten voor het reinigen van de kookplaat (houd u aan de aanwijzingen van de fabrikant). OPSPOREN VAN STORINGEN • • • • • Lees en volg de instructies op uit de paragraaf “Gebruiksaanwijzing”. Controleer of er geen stroomuitval is. Maak het oppervlak van de kookplaat na het schoonmaken goed droog. Als bij de inschakeling van de kookplaat op het display alfanumerieke codes worden weergegeven, dient u volgens onderstaande tabel te handelen. Als u er niet in slaagt de kookplaat na gebruik uit te schakelen, de stekker uit het stopcontact trekken. FOUTCODE BESCHRIJVING MOGELIJKE OORZAKEN OPLOSSING C81, C82 Het bedieningspaneel wordt uitgeschakeld door te hoge temperaturen De interne temperatuur van de elektronische onderdelen is te hoog Wacht tot de kookplaat is afgekoeld voordat u hem weer gebruikt F42 of F43 Het aansluitvoltage is niet goed De sensor detecteert een verschil tussen het voltage van het apparaat en het voltage van de netvoeding Koppel de kookplaat los van het elektriciteitsnet en controleer de aansluiting F12, F21, F25, F36, F37, F40, F47, F56, F58, F60 Bel de Klantenservice en geef de foutcode door GELUIDEN AFKOMSTIG VAN DE KOOKPLAAT Inductiekookplaten kunnen gepiep of gekraak veroorzaken tijdens de normale werking, deze geluiden zijn afkomstig van de pannen zelf en zijn te wijten aan eigenschappen van de bodem (bijvoorbeeld verschillende materiaallagen waaruit deze is opgebouwd, bodem niet vlak). Deze geluiden variëren naar gelang de gebruikte pan en de hoeveelheid voedsel die erin zit maar duiden niet op een storing. NL37 Bovendien is de inductiekookplaat voorzien van een intern koelsysteem om de elektronische onderdelen op een gecontroleerde temperatuur te houden, daarom kan gedurende de werking maar ook enkele minuten na het uitschakelen van de kookplaat het geluid van de ventilator gehoord worden. Dit is volstrekt normaal en noodzakelijk voor de goede werking van het apparaat. KLANTENSERVICE Voordat u contact opneemt met de Klantenservice 1. Controleer of het mogelijk is het probleem zelf op te lossen aan de hand van punten die beschreven worden in “Het opsporen van storingen”. 2. Schakel de kookplaat uit en weer aan, om te controleren of het probleem verdwenen is. Als na het uitvoeren van deze controles de storing nog steeds aanwezig is, contact opnemen met de dichtstbijzijnde Klantenservice. Vermeld altijd: • de aard van de storing; • het type en het exacte model van de kookplaat; • het servicenummer (dat is het nummer achter het woord Service op het typeplaatje), dat aan de onderkant van het apparaat zit (op de metalen plaat). • uw volledige adres; • uw telefoonnummer. Wanneer er een reparatie nodig is, neem dan contact op met een officieel klantenservicecentrum (om te garanderen dat er originele reserveonderdelen worden gebruikt en de reparatie correct wordt uitgevoerd). De reserveonderdelen blijven nog 10 jaar lang verkrijgbaar. VERMOGENSTABELLEN Vermogensniveau Soort bereiding Boost Snel verwarmen Ideaal om in korte tijd de temperatuur van het voedsel te verhogen tot het kookpunt, in het geval van water, of snel kookvocht te verwarmen 8-9 Bakken - koken Ideaal om aan te braden, een bereiding te starten, diepvriespoducten te bakken, water snel aan de kook te brengen Max. vermogen 7-8 Aanbraden - fruiten - koken Ideaal om te fruiten, vocht aan de kook te houden, koken en grillen (gedurende korte tijd, 5-10 minuten). grillen Hoog vermogen Gemiddeld vermogen 6-7 Aanbraden - koken - laten sudderen - fruiten - grillen Ideaal om te fruiten, vocht zachtjes aan de kook te houden, koken en grillen (gedurende gemiddelde tijd, 10-20 minuten), accessoires voor te verwarmen. 4-5 Koken - laten sudderen fruiten - grillen Ideaal om te laden sudderen, vocht heel zachtjes aan de kook te houden, koken (gedurende lange tijd). Deeg smeuïg maken 3-4 2-3 1-2 Laag vermogen 1 OFF Gebruik van het niveau (de indicatie hangt af van de ervaring en de bereidingsgewoonten) Vermogen nul Koken - laten pruttelen inkoken - smeuïg maken Smelten - ontdooien warmhouden - smeuïg maken Steunoppervlak Ideaal voor langere bereidingen (rijst, sauzen, braadstukken, vis) met bijbehorend vocht (bijv. water, wijn, bouillon, melk), deeg smeuïg maken Ideaal voor langere bereidingen (hoeveelheden kleiner dan een liter: rijst, sauzen, braadstukken, vis) in bijbehorend vocht (bijv. water, wijn, bouillon, melk) Ideaal om boter zacht te maken, voorzichtig chocolade te smelten, producten van kleine afmetingen te ontdooien en net bereide gerechten warm te houden (bv. sauzen, soepen, minestrone) Ideaal voor het warmhouden van net bereide gerechten, het smeuïg maken van risotto’s en het warmhouden van dekschalen (met accessoires die geschikt zijn voor inductie) Kookplaat in stand-by of uitgeschakeld (mogelijke aanwezigheid van restwarmte na afloop van de bereiding, aangegeven door H) OPMERKING: In geval van kortdurende bereidingen waarbij een perfecte verdeling van warmte noodzakelijk is (bijvoorbeeld pannenkoeken) op de dubbele zone met een doorsnede van 28 cm (indien aanwezig) wordt geadviseerd pannen te gebruiken met een doorsnede van niet meer dan 24 cm. Voor behoedzame bereidingen (bijvoorbeeld chocolade of boter smelten) wordt geadviseerd de enkele zones met een kleinere doorsnede te gebruiken. NL38
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52
  • Page 53 53
  • Page 54 54
  • Page 55 55
  • Page 56 56
  • Page 57 57
  • Page 58 58
  • Page 59 59
  • Page 60 60
  • Page 61 61
  • Page 62 62
  • Page 63 63
  • Page 64 64
  • Page 65 65
  • Page 66 66
  • Page 67 67
  • Page 68 68
  • Page 69 69
  • Page 70 70
  • Page 71 71
  • Page 72 72
  • Page 73 73
  • Page 74 74
  • Page 75 75
  • Page 76 76
  • Page 77 77
  • Page 78 78
  • Page 79 79
  • Page 80 80
  • Page 81 81
  • Page 82 82
  • Page 83 83
  • Page 84 84
  • Page 85 85
  • Page 86 86
  • Page 87 87
  • Page 88 88
  • Page 89 89
  • Page 90 90
  • Page 91 91
  • Page 92 92
  • Page 93 93
  • Page 94 94
  • Page 95 95
  • Page 96 96
  • Page 97 97
  • Page 98 98
  • Page 99 99
  • Page 100 100
  • Page 101 101
  • Page 102 102
  • Page 103 103
  • Page 104 104
  • Page 105 105
  • Page 106 106
  • Page 107 107
  • Page 108 108
  • Page 109 109
  • Page 110 110
  • Page 111 111
  • Page 112 112
  • Page 113 113
  • Page 114 114
  • Page 115 115
  • Page 116 116
  • Page 117 117
  • Page 118 118
  • Page 119 119
  • Page 120 120
  • Page 121 121
  • Page 122 122
  • Page 123 123
  • Page 124 124
  • Page 125 125
  • Page 126 126
  • Page 127 127
  • Page 128 128
  • Page 129 129
  • Page 130 130
  • Page 131 131
  • Page 132 132
  • Page 133 133
  • Page 134 134
  • Page 135 135
  • Page 136 136
  • Page 137 137
  • Page 138 138
  • Page 139 139
  • Page 140 140
  • Page 141 141
  • Page 142 142
  • Page 143 143
  • Page 144 144
  • Page 145 145
  • Page 146 146
  • Page 147 147
  • Page 148 148
  • Page 149 149
  • Page 150 150
  • Page 151 151
  • Page 152 152
  • Page 153 153
  • Page 154 154
  • Page 155 155
  • Page 156 156
  • Page 157 157
  • Page 158 158
  • Page 159 159
  • Page 160 160
  • Page 161 161
  • Page 162 162
  • Page 163 163
  • Page 164 164
  • Page 165 165
  • Page 166 166
  • Page 167 167
  • Page 168 168
  • Page 169 169
  • Page 170 170
  • Page 171 171
  • Page 172 172
  • Page 173 173
  • Page 174 174
  • Page 175 175
  • Page 176 176
  • Page 177 177
  • Page 178 178
  • Page 179 179
  • Page 180 180

Whirlpool ACM 918/BA Gebruikershandleiding

Categorie
Kookplaten
Type
Gebruikershandleiding