Samsung AM071FNQDEH Handleiding

Type
Handleiding
02_ kenmerken
Noteer voor toekomstige referentie het model- en
serienummer. Het model nummer bevindt zich op de
rechterkant van de airconditioner.
Model #
Serie #
kenmerken van uw nieuwe
airconditioner
• Koele zomeraanbieding
Tijdens die hete, broeiende zomerdagen en lange, rusteloze nachten is er geen betere plek
om te ontsnappen aan de hitte dan in uw eigen koele huis. Uw nieuwe airconditioner maakt
een einde aan uitputtende hete zomerdagen en laat u uitrusten. Ontstap deze zomer aan de
hitte met uw eigen airconditioner.
• Kosteneffectief Systeem
Uw nieuwe airconditioner levert niet alleen maximale koeling in de zomer maar is tevens een
effectieve verwarmingsmethode voor in de winter dankzij het geavanceerde “warmtepomp”
systeem. Deze technologie is tot 300% efficiënter dan elektrische verwarming waardoor u
de verbruikskosten nog verder kunt verlagen. Nu kunt u één airconditioner het hele jaar door
gebruiken.
• Een Stijl die Overal past
Het elegante en harmonieuze ontwerp geeft prioriteit aan de esthetica van uw ruimte en
past goed in bij elk interieur. Met zijn zachte kleur en afgeronde hoeken voegt deze nieuwe
airconditioner stijl toe aan elke kamer. Geniet van wat uw airconditioner u zowel qua functie
als qua esthetica te bieden heeft.
• functie
modus stelt u in staat een comfortabele slaaptemperatuur in te stellen terwijl u
energie bespaart en een goede nachtrust krijgt.
veiligheidsinformatie _03
NEDERLANDS
veiligheidsinformatie
Om een elektrische schok te voorkomen eerst de stekker uit het contact trekken voordat u met
onderhoud, schoonmaak of installatiewerkzaamheden aan de airconditioner begint.
VEILIGHEIDSINFORMATIE
Lees, voordat u uw nieuwe airconditioner gebruikt, deze handleiding zorgvuldig door, zodat u
zeker weet hoe u de uitgebreide mogelijkheden en functies van uw nieuwe apparaat veilig en
efficiënt bedient.
Omdat de volgende gebruiksinstructies betrekking hebben op uiteenlopende modellen
kunnen de kenmerken van uw airconditioner iets afwijken van de in deze handleiding
beschreven kenmerken. Mocht u vragen hebben, bel dan de dichtstbijzijnde contactcentrum
of kijk voor hulp en informatie op internet onder www.samsung.com.
Belangrijke veiligheidssymbolen en voorzorgsmaatregelen:
WAARSCHUWING
Gevaren door onveilig handelen met als gevolg ernstig
persoonlijk letsel of levensgevaar.
LET OP
Gevaren door onveilig handelen met als gevolg licht persoonlijk
letsel of schade aan eigendommen.
LET OP
Om het gevaar op brand, explosie, elektrische schok of persoonlijk
letsel te beperken tijdens het gebruik van de airconditioner deze
basisinstructies voor de veiligheid aanhouden:
Probeer dit NIET.
NIET demonteren.
NIET aanraken.
Volg de voorschriften zorgvuldig op.
Haal de stekker uit het stopcontact.
Zorg ervoor dat het apparaat geaard is om elektrische schok te
voorkomen.
Neem voor hulp contact op met het contactcentrum.
Aantekening.
Deze waarschuwingen zijn er om te voorkomen dat u of anderen gewond
raken.
Volg ze zorgvuldig op.
Bewaart u dit onderdeel, nadat u het hebt gelezen, op een veilige plaats om
alles later nog eens te kunnen raadplegen.
04_ veiligheidsinformatie
veiligheidsinformatie
ERNSTIGE WAARSCHUWINGEN
Plaats de airconditioner niet naast gevaarlijke stoen of voorzieningen met open
vuur om brand, explosies of verwondingen te voorkomen.
• Potentiële risicos van brandgevaar of explosies
Installeer de buitenunit niet op een instabiele ondergrond of op een hoger
aangebracht oppervlak waar een potentieel risico bestaat dat de unit er af valt.
• Het vallen van de buitenunit kan persoonlijk letsel of schade aan eigendommen
veroorzaken.
Het is mogelijk dat als gevolg van, niet in de installatiehandleiding beschreven,
wijzigingen of aanpassingen uitval of schade ontstaat. In dat geval zijn de kosten
van de reparatie voor rekening van de gebruiker.
Installeer de airconditioner zodanig dat deze niet is blootgesteld aan direct zonlicht
en verwarmingstoestellen en niet op een vochtige plaats.
• Voorzie de ramen van gordijnen om de koelefficiëntie te verhogen en het risico van
een elektrische schok te vermijden.
Snijdt de netsteker er niet af en sluit geen ander elektrisch snoer aan.
Ruk niet aan het elektrische snoer en raak de netsteker niet met de handen aan.
• Mogelijk gevaar voor brand of een elektrische schok.
Gebruik nooit een beschadigde of stoge elektrische steker, snoer of een
loszittende elektrische contactdoos.
• Mogelijk gevaar voor brand of een elektrische schok.
Installeer een aparte zekering en een kortsluitingbeveiliging voor de airconditioner.
• Mogelijk gevaar van een elektrische schok of brand.
Steek niets, zoals vingers of takken, in de luchtopeningen van de airco als de airco
aan staat.
• Zorg ervoor dat kinderen niet in de buurt van de airco kunnen komen om te
voorkomen dat zij deze aanraken. Potentieel gevaar van persoonlijk letsel.
Zorg ervoor dat er geen water in de airco kan komen.
• Mogelijk gevaar van een elektrische schok.
• Als er water in de airco komt, zet deze dan onmiddellijk stil en haal daarna de netsteker
uit de contactdoos.
Zet de airco uit met behulp van de meegeleverde afstandsbediening of
bedieningsaccessoire (indien geleverd). Haal de netsteker niet uit de contactdoos
om de airco uit te zetten (tenzij er onmiddellijk gevaar dreigt).
Zet de airco niet voor lange tijd achtereen aan in een kamer waarin baby’s,
bejaarden of mensen met een beperking zijn en waarvan de deur gesloten is.
• Zet ten minste één keer per uur een deur of raam open om uw kamer te ventileren en
zuurstofgebrek te voorkomen.
De airco bestaat uit bewegende onderdelen. Houdt kinderen op afstand van de unit
om fysiek letsel te voorkomen.
Overtuig u ervan dat er voorzorgsmaatregelen zijn getroen zodat kinderen niet bij
de airco kunnen komen en ermee kunnen spelen.
Maak de airco aan de binnenzijde niet zelf schoon.
• U zou onderdelen kunnen beschadigen die een elektrische schok of brand kunnen
veroorzaken.
• Raadpleeg het contactcentrum voor de reiniging van de binnenzijde van de airco.
WAARSCHUWING
veiligheidsinformatie _05
NEDERLANDS
Koppel geen verwarmingstoestel aan de airco of probeer niet om deze zelf te
demonteren, het model te wijzigen of te repareren.
• Mogelijk gevaar van storing, elektrische schok of brand. Raadpleeg het contactcentrum
als een reparatie noodzakelijk is.
Neem contact op met de verkoopleverancier of het contactcentrum voor het
installeren, herinstalleren of demonteren van de airco.
• Door een verkeerd uitgevoerde installatie ontstaat risico op storingen, lekkage van water,
een elektrische schok of brand.
• Raadpleeg bij installatie op bijzondere locaties zoals op een fabriekscomplex of in een
kustgebied met zoute lucht, de verkoopleverancier of het contactcentrum voor specifieke
bijzonderheden voor de installatie.
• De units moeten in overeenstemming met de aangegeven afstanden worden
geïnstalleerd, opdat toegang van alle zijden mogelijk is, hetzij om een goede uitvoering
van het onderhoud, hetzij reparatie van producten, te verzekeren. De onderdelen van
de unit moeten onder veilige omstandigheden (voor mensen en voorwerpen) volledig
bereikbaar zijn en verwijderd kunnen worden.
Raadpleeg een dealer met betrekking tot de passende maatregelen om te
voorkomen dat de toegestane concentratie wordt overschreden.
• Als de koelvloeistof er uit lekt en er zo oorzaak van is dat de concentratielimiet wordt
overschreden, kan er gevaar ontstaan door zuurstofgebrek in de ruimte.
Als de unit voor binnenshuis nat wordt, onmiddellijk de stroom uitschakelen en
contact opnemen met het dichtstbijzijnde contactcentrum.
• Mogelijk gevaar van brand of een elektrische schok.
Zorg er altijd voor dat de stroomvoorziening in overeenstemming is met de dan
geldende veiligheidsnormen. Installeer de airco altijd in overeenstemming met de
dan geldende lokale veiligheidsnormen.
Verzekert u ervan dat het voltage en de frequentie van de elektriciteitstoevoer
in overeenstemming zijn met de specicaties en dat de aangebrachte
stroomvoorziening voldoende is om het gebruik van andere huishoudelijke
apparaten die op dezelfde toevoerleidingen zijn aangesloten, te garanderen.
Gebruik uitsluitend een zekering met een vaste stroomsterkte.
• Gebruik geen stalen of koperen draden als zekering. Daardoor kan er brand of
storingen in het functioneren van de unit ontstaan.
Stel het elektrische snoer niet bloot aan onnodige trekkrachten of plaats er geen
zwaar voorwerp op.
Buig het elektriciteitssnoer niet bovenmatig.
• Mogelijk gevaar van brand of een elektrische schok.
Om het artikel te beschermen tegen water en schok moeten het elektriciteitssnoer
en de verbindingssnoeren tussen de units binnen en buiten in de beschermende
buis worden gelegd.
Bij het openen en sluiten van het frontpaneel een stevig trapje gebruiken en goed
opletten waar u uw voeten neerzet.
De airco van het net koppelen voordat deze wordt gerepareerd of gedemonteerd.
Maak de airco schoon nadat de inwendige propeller niet meer draait.
• Mogelijk gevaar van brand of een elektrische schok.
06_ veiligheidsinformatie
veiligheidsinformatie
ERNSTIGE WAARSCHUWINGEN VERVOLG
Gebruik een van een aardkabel voorziene stroomgroep. De groep moet uitsluitend
door de airco worden gebruikt.
• Onjuiste elektrisch aarden kan een elektrische schok of brand veroorzaken.
Verzekert u ervan dat de unit voorzien is van een aardleiding. Verbind de aardkabel
niet met gas- of waterleidingen, lantaarnpalen of telefoon aardkabels.
• Als de unit niet op de juiste manier is geaard kan een elektrische schok het gevolg zijn.
Als u brandend plastic ruikt, vreemde geluiden hoort of rook uit de unit ziet komen
de airco onmiddellijk uitschakelen en het contactcentrum opbellen.
• Mogelijk gevaar van brand of een elektrische schok.
LET OP SIGNALEN
De voorzijde van de airco niet blokkeren en er geen voorwerpen voor zetten. Ga
niet op de unit staan of hangen en zet er geen zware voorwerpen op.
• Potentieel gevaar op persoonlijk letsel.
Als er een storing of schade optreedt als gevolg van oneigenlijk gebruik dat niet in
het installatiehandboek staat, wordt het arbeidsloon voor de installatie en montage
extra in rekening gebracht.
• Mogelijk risico op storingen, elektrische schok of brand indien installaties worden
uitgevoerd door ongekwalificeerde servicemonteurs.
Spuit geen brandbare gassen zoals insecticide in de nabijheid van de airco.
• Mogelijk gevaar van elektrische schok, brand of storing.
Het rooster aan de voorzijde niet openen tijdens bedrijf.
• Mogelijk gevaar van elektrische schok of storing.
Koude lucht moet niet rechtstreeks in de richting van personen, huisdieren of
planten stromen.
• Deze is schadelijk voor uw gezondheid, huisdieren en planten.
Het water dat uit de airco loopt niet drinken.
• Mogelijk risico voor de gezondheid.
Sta niet toe dat kinderen op de airco klimmen.
De airco niet gebruiken als een precisie-instrument voor het koelen van voedsel,
huisdieren, planten, cosmetica of machines.
Niet aan de airco trekken of deze bovenmatig laten schokken.
• Mogelijk risico op brand of storing van de unit en risicos op persoonlijk letsel omdat
de unit zou kunnen vallen.
Geen water rechtstreeks op de airco spuiten en geen benzeen, thinner of alcohol
gebruiken om het oppervlak van de unit te reinigen.
• Mogelijk gevaar van een elektrische schok of brand.
• Mogelijk risico op schade aan de airco.
Plaats geen voorwerpen, vooral geen verpakkingen met vloeistoen, op de airco.
WAARSCHUWING
LET OP
veiligheidsinformatie _07
NEDERLANDS
Raak de pijp die verbonden is met de airco niet aan.
Installeer de unit voor binnen niet in de buurt van een lichtarmatuur dat gebruik
maakt van een stabilisator.
• Als u de draadloze afstandsbediening gebruikt kan een ontvangstfout optreden als
gevolg van de stabilisator van het lichtarmatuur.
Installeer de unit voor buiten op een plaats waar uw buren geen last hebben van
de bedrijfsgeluiden en vibraties en op een goed geventileerde plaats zonder
hindernissen.
• Mogelijk risico op storingen.
• Je buren kunnen last hebben van de bedrijfsgeluiden.
Zorg ervoor dat de airco niet wordt geblokkeerd door obstakels of deksels.
Laat genoeg ruimte over voor de luchtcirculatie.
• Onvoldoende ventilatie kan slecht functioneren veroorzaken.
Als de stroomkabel beschadigd is moeten de fabrikant of een gekwaliceerde
servicemonteur deze vervangen.
Indien stroomuitval optreedt terwijl de airco aan staat, de stroombron onmiddellijk
uitschakelen.
De maximale stroomsterkte wordt gemeten in overeenstemming met de IEC norm
voor veiligheid en de stroomsterkte wordt gemeten in overeenstemming met de
ISO- norm voor energie- eciëntie.
Controleer bij aevering op schade. Indien de airco beschadigd is, deze niet
installeren en onmiddellijk de verkoopleverancier opbellen.
Houd de binnentemperaturen stabiel en niet extreem koud, vooral niet wanneer er
kinderen, bejaarden of mensen met een beperking aanwezig zijn.
Verpakkingsmateriaal en gebruikte batterijen van de afstandsbediening (optioneel)
moeten in overeenstemming met de nationale normen worden afgevoerd.
De gebruikte koelvloeistof in de airco moet worden behandeld als chemisch afval.
De koelvloeistof in overeenstemming met de nationale normen afvoeren.
Laat de airco door een gekwaliceerde servicemonteur installeren en laat de airco
eerst proefdraaien.
Verbindt voor een goede waterafvoer de afvoerslang stevig met de airco.
Controleer het montageplatform van de buitenunit ten minste eenmaal per jaar op
beschadigingen.
• Potentieel gevaar op persoonlijk letsel en verkies van eigendommen.
Bij het gebruik van de afstandbediening moet de afstand tot de airco niet meer
bedragen dan 7 meter.
Als de afstandsbediening gedurende een langere tijd niet wordt gebruikt de
batterijen eruit nemen om lekken van elektrolyt te voorkomen.
Bij het schoonmaken van de buitenunit de ribben van de warmtewisselaar uiterst
behoedzaam aanraken.
• Bescherm uw handen door het dragen van dikke handschoenen.
Verzeker dat het condenswater dat uit de afvoerslang druppelt op de gewenste en
veilige manier wegloopt.
De installatie is niet bedoeld voor gebruik door personen (waaronder kinderen) met
verminderde fysieke, zintuiglijke of mentale vermogens of gebrek aan ervaring en
kennis, tenzij zij onder toezicht staan van of geïnstrueerd zijn over het gebruik van
de voorziening door iemand die verantwoordelijk is voor hun veiligheid: Bij jonge
kinderen moet er op worden gelet dat zij niet met de voorziening spelen.
08_ inhoud
veiligheidsinformatie
LET OP SIGNALEN VERVOLG
Laat de toestand, elektrische verbindingen, buizen en de behuizing van de airco
regelmatig door een gekwaliceerde servicemonteur controleren.
Open tijdens bedrijf, tenzij dat echt nodig is, geen deuren en ramen in de gekoelde
ruimte.
De luchtopeningen van de airco niet blokkeren. Wanneer een voorwerp de
luchtstroom blokkeert kan dat leiden tot een storing of slechte werking.
Zorg ervoor dat er zich geen obstakels onder de binnenunit bevinden.
• Potentieel risico op brand of verlies van eigendom.
De airco moet uitsluitend worden gebruikt voor de toepassingen waarvoor deze is
ontwikkeld: de binnenunit is niet geschikt om te worden geïnstalleerd in ruimtes
die voor het doen van de was worden gebruikt.
Onze units moeten worden geïnstalleerd in overeenstemming met de in het
installatiehandboek vermelde ruimten/afstanden om te garanderen dat ze van
beide zijden bereikbaar zijn en de mogelijkheid bestaat om routineonderhoud
en reparaties uit te voeren. De onderdelen van de unit moeten bereikbaar zijn.
Demontage moet plaats kunnen vinden onder omstandigheden die absoluut veilig
zijn voor mensen of voorwerpen.
Daarom worden, in het geval dat de voorschriften in het Installatiehandboek de
kosten die nodig zijn om toegang tot de unit te krijgen en de unit te repareren
(onder veilige omstandigheden zoals in de nu geldende voorschriften wordt
vereist) met banden, heftrucks, steigers of andere voorzieningen voor hijsen en
werken op hoogte, niet beschouwd als garantie en bij de eindgebruiker in rekening
gebracht.
Voor gebruik in Europa :
Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaar en ouder en personen met een
verminderd fysiek, zintuiglijk of metaal vermogen of met onvoldoende ervaring en kennis,
mits zij onder toezicht staan of instructies hebben gekregen met betrekking tot het veilig
gebruiken van het apparaat en zij begrijpen wat de eventuele risicos zijn. Kinderen mogen
niet met het apparaat spelen. Reiniging en onderhoud mag niet zonder toezicht door
kinderen worden uitgevoerd.
Controleer dat de aan- uit en veiligheidsschakelaars op de juiste wijze zijn
geïnstalleerd.
Gebruik de airco niet als deze beschadigd is. Als zich problemen voordoen, de airco
onmiddellijk uitschakelen en de netsteker uit het stopcontact trekken.
Wanneer de airco gedurende een langere periode niet wordt gebruikt (bijvoorbeeld
gedurende meerdere maanden) de netsteker uit het stopcontact trekken.
Neem contact op met de vestiging van aankoop of het contactcentrum als
reparaties nodig zijn.
• Mogelijk risico op storingen, elektrische schok of brand indien reparaties worden
uitgevoerd door ongekwalificeerde servicemonteurs.
Haal de stekker onmiddellijk uit het stopcontact als u brandend plastic kunt ruiken,
rare geluiden hoort of rook ziet komen uit de unit en neem contact op het met
contactcentrum.
• Eventueel risico op brand of elektrische schok.
LET OP
inhoud _09
NEDERLANDS
GEAVANCEERDE FUNCTIES GEBRUIKEN
16
16 Turbomodus
16 Luchtstroom
17 modus
18 De on/off timer (aan/uittimer) instellen
DE AIRCONDITIONER SCHOONMAKEN EN
ONDERHOUDEN
19
19 De buitenkant schoonmaken
19 Het luchtrooster schoonmaken
19 Luchtfilter
20 Bio filter
21 De filter vervangen
21 Deodoriserend filter
22 Uw airconditioner onderhouden
22 Periodieke controles
23 Interne beschermingen via het unit beheersingsysteem
APPENDIX
24
24 Probleemoplossing
25 Bedieningsmarges
inhoud
UW AIRCONDITIONER BEKIJKEN
10
10 De binnenunit en het scherm controleren
10 Hoofdonderdelen
10 Scherm
11 Het voorpaneel openmaken
11 Power knop en Kamertemperatuur sensor
12 Knoppen afstandsbediening
13 Indicatoren afstandsbediening
BASISFUNCTIES BEDIENEN
14
14 Bedieningsmodus selecteren
14 Auto(Auto)
14 Cool(Koel)
14 Dry(Droog)
14 Fan(Ventilator)
14 Heat(Warmte)
UW AIRCONDITIONING INSTALLEREN
26
26 Installatie gedeelte
Correcte verwijdering van dit product
(elektrische & elektronische afvalapparatuur)
(Van toepassing in landen waar afval gescheiden wordt ingezameld)
Dit merkteken op het product, de accessoires of het informatiemateriaal duidt erop dat het product en zijn elektronische accessoires
(bv. lader, headset, USB-kabel) niet met ander huishoudelijk afval verwijderd mogen worden aan het einde van hun gebruiksduur.
Om mogelijke schade aan het milieu of de menselijke gezondheid door ongecontroleerde afvalverwijdering te voorkomen, moet u
deze artikelen van andere soorten afval scheiden en op een verantwoorde manier recyclen, zodat het duurzame hergebruik van
materiaalbronnen wordt bevorderd.
Huishoudelijke gebruikers moeten contact opnemen met de winkel waar ze dit product hebben gekocht of met de gemeente waar ze
wonen om te vernemen waar en hoe ze deze artikelen milieuvriendelijk kunnen laten recyclen.
Zakelijke gebruikers moeten contact opnemen met hun leverancier en de algemene voorwaarden van de koopovereenkomst nalezen.
Dit product en zijn elektronische accessoires mogen niet met ander bedrijfsafval voor verwijdering worden gemengd.
Ga voor informatie over de milieuverbintenissen en product specifieke wettelijke verplichtingen van Samsung naar: samsung.com/uk/
aboutsamsung/samsungelectronics/corporatecitizenship/data_corner.html
10_ bekijken
uw airconditioner bekijken
• Bedek na de installatie de airconditioner met de PE-ZAK en verwijder hem als u
de airconditioner begint te gebruiken.
LET OP
Gefeliciteerd met de aanschaf van de airconditioner. We hopen dat u zult genieten van de functies van uw
airconditioner en met optimale efficiëntie koel of warm blijft.
Lees om te beginnen de gebruikershandleiding door om het beste uit de airconditioner te kunnen halen.
DE BINNENUNIT EN HET SCHERM CONTROLEREN
Pak uw airconditioner voorzichtig uit en controleer de unit om er zeker van te zijn dat deze niet beschadigd is.
Hoofdonderdelen
Scherm
Uw airconditioner kan, afhankelijk van uw model, enigszins afwijken van de bovenstaande
afbeelding.
Luchtstroomblad
Luchtinlaat
Bladpen hendel
Power knop
Luchtfilter(onder het rooster)
Luchtstroomblad
Bediening indicator
Timer indicator
Turbo indicator
bekijken _11
NEDERLANDS
HET VOORPANEEL VERWIJDEREN
Grijp beide zijden van het voorpaneel stevig vast en til het paneel omhoog om deze te openen.
Schuif daarna het paneel naar u toe om deze te verwijderen.
Power knop en Kamertemperatuur sensor
U kunt de Power knop aan de rechter onderkant van de airconditioner vinden. Als het
voorpaneel openstaat, kunt u de kamertemperatuur sensor controleren.
U kunt de airconditioner zonder de afstandsbediening aanzetten door op de Power knop te
drukken.
De kamertemperatuur sensor meet de kamertemperatuur.
Kamertemperatuur
sensor
Power knop
12_ bekijken
uw airconditioner bekijken
KNOPPEN AFSTANDSBEDIENING
U kunt de airconditioner activeren door de afstandsbediening erop te richten. Wanneer u de
afstandsbediening gebruikt, richt deze dan altijd op de airconditioner.
• Richt de afstandsbediening op de ontvanger van de afstandsbediening op de binnenunit.
Wanneer u de knop op de afstandsbediening goed indrukt, zult u een piep horen uit de binnenunit en zal
een zenderindicator ( ) op het scherm van de afstandsbediening verschijnen.
Power(Stroom) 
Zet de airconditioner aan/uit.
S-Plasmaion
Heeft geen van deze functie.
Turbo
Koel of verwarm uw kamer snel en
krachtig.
Temp+-
Verhoog/verlaag de temperatuur
met 1˚C.
Aantimer
Zet de aantimer aan.
Piepuit
Heeft geen van deze functie.
Kamer
Heeft geen van deze functie.
2
nd
F
Heeft geen van deze functie.
luchtstroom
Heeft geen van deze functie.
Modus
Selecteer één van de 5 bedieningsmodi.
Filterreset(houddezeknopdrie
secondenlangingedrukt.)
Heeft geen van deze functie.
Blad
Heeft geen van deze functie.
Ventilator
Pas de hoeveelheid lucht aan die door de airconditioner
stroom met de 4 verschillende ventilatorsnelheden,
zoals Auto/Low(laag)/Medium(gemiddeld)/High(hoog).
luchtstroom
Bladbeweging van de luchtstroom automatisch omhoog en
omlaag activeren/deactiveren.
(niet van toepassing op Duct type).
Instellen/Annuleren
Aan/uittimer instellen of annuleren, modus
.
goedenachtrust
Zet de modus aan.
Stilte
Reduceert het geluid dat gegenereerd wordt door een
binnenunit tijdens de werking.
Dezeknopheeftgeenfunctie.
Uittimer
Zet de uittimer aan.
Schermafstandsbediening
bekijken _13
NEDERLANDS
Indicatorenafstandsbediening
Tijd batterij vervangen
Wanneer de batterij leeg is, zal ( ) worden weergegeven op het scherm van de afstandsbediening.
Vervang de batterij wanneer deze icoon verschijnt. De afstandsbediening werkt op twee 1.5V AAA batterijen.
De afstandsbediening bewaren
Wanneer u de afstandsbediening voor langere tijd niet zult gebruiken, verwijder de batterijen dan uit de
afstandsbediening en bewaar de afstandbediening.
De batterijen plaatsen
1. Duw het deksel op
de achterkant van de
afstandsbediening in de
richting van de pijl en trek deze
omhoog.
2. Plaats twee AAA-batterijen.
Controleer de “+” en “-” tekens en
plaats de batterijen. Zorg ervoor
dat u de batterijen in de juiste
positie plaatst.
3. Plaats het deksel weer in de originele
positie.
U hoort een klik wanneer het deksel goed
gesloten is.
Het kan zijn dat de airconditioner niet werkt wanneer de afstandsbediening in de
buurt is van sterk licht, zoals een fluorescerende lamp of neonteken. Gebruik de
afstandsbediening in dit geval voor de ontvanger van de afstandsbediening op de
binnenunit.
Als andere elektrische producten bediend worden door de afstandsbediening,
neem dan contact op met het dichtstbijzijnde servicecentrum.
Druk om het piepgeluid uit te zetten op de knop Beepoff. Wanneer u nogmaals op
de knop Beepoff drukt, zal u het piepgeluid weer horen.
OPMERKING
• Zorg ervoor dat er geen water in de afstandsbediening komt.
LET OP
Correcte behandeling van een gebruikte accu uit dit product
(Van toepassing in landen waar afval gescheiden wordt ingezameld)
Dit merkteken op de accu, handleiding of verpakking geeft aan dat de accu in dit product aan het einde van de levensduur niet samen met ander huishoudelijk
afval mag worden weggegooid. De chemische symbolen Hg, Cd of Pb geven aan dat het kwik-, cadmium- of loodgehalte in de accu hoger is dan de
referentieniveaus in de Richtlijn 2006/66/EC. Indien de gebruikte accu niet op de juiste wijze wordt behandeld, kunnen deze stoffen schadelijk zijn voor de
gezondheid van mensen of het milieu.
Ter bescherming van de natuurlijke hulpbronnen en ter bevordering van het hergebruik van materialen, verzoeken wij u afgedankte accu’s en batterijen te
scheiden van andere soorten afval en voor recycling aan te bieden bij het gratis inzamelingssysteem voor accu’s en batterijen in uw omgeving.
Indicator
bedieningsmodus
Indicator
temperatuur
instellen&aan/uit
tijdinstellen
Indicatoraan/uittimer
Indicatorkamer-&
bladselectie
Indicatortransmissie
Indicator2
nd
F
Indicatorluchtstroom
Indicatorventilatorsnelheid
Auto (Turbo)
Laag
Gemiddeld
Hoog
Indicatorlagebatterijspanning
Heat(warmte) modus* is
uitsluitend toepasbaar op het
MR-DH00/DH00U-model.
14_ bediening
Basisfuncties bedienen
BEDIENINGSMODUS SELECTEREN
Auto
De airconditioner zal in de modus Auto automatisch de temperatuur en ventilatorsnelheid instellen om uw
frisse omgeving te behouden.
Wanneer de binnentemperatuur te hoog is, zal de krachtige koele bries gegenereerd worden. Wanneer het
koel genoeg is, zal de zachte bries gegenereerd worden.
Cool(Koelte)
De Cool (koelte) modus wordt vaak gebruikt en u kunt de temperatuur, ventilatorsnelheid en luchtrichting in
de cool (koelte) modus zelf bedienen.
Wanneer u heat (warmte) modus selecteer terwijl de cool (koelte) modus aan staat, zal de cool (koelte)
modus geannuleerd worden.
Heat(Warmte)
In heat (warmte) modus kunt u zelfs in de herfst en winter uw kamer verwarmen
• Het kan zijn dat de ventilator niet meteen begint te werken om zo een koude bries te voorkomen.
• Indicator Defrost (ontdooien) ( )
- De indicator defrost (ontdooien) zal aanstaan wanneer de vorst verwijderd wordt tijdens de heat (warmte)
modus en wanneer de functie defrost (ontdooien) afgerond is, zal de indicator defrost (ontdooien)
uitstaan.
• Als u de airconditioner uitzet in de heat (warmte) modus, zal de ventilator de unit nog enige tijd koelen.
Als u de cool (koelte) modus selecteert in de heat (warmte) modus, dan wordt de heat (warmte) modus
geannuleerd.
Dry(Droog)
De airconditioner in Dry (droogte) modus werkt als een ontvochtiger door vocht uit de binnenlucht te
verwijderen.
Fan(Ventilator)
In Fan (ventilator) modus kunt u uw kamer ventileren en de fan (ventilator) modus zal u helpen voor een
frisse omgeving te zorgen.
Basisbediening is een bedieningsmodus die geselecteerd kan worden door op de knop Mode te drukken.
bediening _15
NEDERLANDS
Drukopdeknop omdeairconditioneraantezetten.
Drukopdeknop omdebedieningsmodusintestellen.
Elke keer dat u op de knop Mode drukt, zal de modus veranderen in de volgorde Auto, Cool (Koelte),
Dry (Droogte), Fan (Ventilator) and Heat (Warmte).
Heat(warmte)moduswerktuitsluitendophetMR-DH00/DH00U-model.
Druk op de knop om de gewenste ventilatorsnelheid in te stellen.
Auto
(Auto)
Cool (Koelte)
(Auto), (Laag), (Gemiddeld), (Hoog)
Dry (Droog)
(Auto)
Fan (Ventilator)
(Laag), (Gemiddeld), (Hoog)
Heat (Warmte)
(Auto), (Laag), (Gemiddeld), (Hoog)
Druk op de knop om de gewenste temperatuur aan te passen.
Auto U kunt de gewenste temperatuur aanpassen per 1°C in een bereik van 18°C~30°C.
Cool (Koelte) U kunt de gewenste temperatuur aanpassen per 1°C in een bereik van 18°C~30°C.
Dry (Droog) U kunt de gewenste temperatuur aanpassen per 1°C in een bereik van 18°C~30°C.
Fan (Ventilator) De temperatuur kan niet aangepast worden.
Heat (Warmte) U kunt de gewenste temperatuur aanpassen per 1°C in een bereik van 16°C~30°C.
16_ geavanceerde functies gebruiken
geavanceerde functies gebruiken
Turbofunctie is handig voor het snel en effectief koelen of verwarmen van uw kamer.
Druk op de knop op de afstandsbediening in de Cool (koelte)/Heat (warmte) modus.
De indicator Turbo ( ) verschijnt op het scherm van de afstandsbediening en de airconditioner zal 30
minuten in de functie Turbo werken.
Als u weer op de knop Turbo drukt, wordt de modus Turbo geannuleerd.
• Turbofunctie is alleen beschikbaar in Cool(koel)/heat(warmte) modus.
• Als u de modus Turbo selecteert tijdens de Quiet (koelte) modus, dan
zal de Quiet (stilte) modus geannuleerd worden.
• U kunt de richting van de luchtstroom omhoog/omlaag of links/rechts
aanpassen.
• U kunt de ingestelde temperatuur en ventilatorsnelheid niet aanpassen.
OPMERKING
Met deze functie kunt u de richting van de luchtstroom veranderen naar boven en naar beneden of links en
rechts.
Druk op de knoppen of om de luchtstroomrichting te veranderen naar boven en beneden
of links en rechts terwijl de airconditioner aanstaat.
Druk wanneer het blad de gewenste positie bereikt nogmaals op de knop of om de
luchtstroomrichting in te stellen. Het omhoog/omlaag of naar links/rechts gaan van het blad zal stoppen.
Turbomodus
Luchtstroom
geavanceerde functies gebruiken _17
NEDERLANDS
Voor een comfortabele nachtrust zal de airconditioner werken in de In slaap vallen
Goede
nachtrust
Wakker worden van goede nachtrust modus.
1. Druk op de knop op de afstandsbediening op de modus good’ sleep te selecteren.

De indicator verschijnt en de indicator uittimer begint te knipperen op het scherm
van de afstandsbediening.
2. Druk herhaaldelijk op de knop om de uittijd in te stellen.

U kunt de tijd instellen per half uur van 30minuten tot 3 uur en per uur van 3 uur tot 12 uur.

Het werkingsuur kan ingesteld worden van minimaal 30 minuten tot maximaal 12 uur.

Het standaard werkingsuur staat ingesteld op 8 uur.
3. Druk op de knop Set/Cancel om dit te activeren.

De indicator uittimer stopt met knipperen en de ingestelde tijd zal getoond worden.

Indien u niet binnen 10 seconden op de knop Set/Cancel drukt om de modus good’ sleep (goede
nachtrust) te starten, dan zal de modus geannuleerd worden. U moet de indicator O (uit) dus
controleren op het scherm van de afstandsbediening.
1. In slaap vallen modus: Geeft u een comfortabele omgeving voor een goede nachtrust door snelle koeling en hypnagogue expeditiebries.
2. Diepe slaap modus: De diepe slap modus past de temperatuur en luchtstroom aan in golven om een gezonde huidtemperatuur te
behouden en te helpen bij diepe slaap. Volgens de verandering van de werkingsuren van good’ sleep (goede nachtrust) modus duurt het
diepe slaap uur langer of korter.
3. Wakker worden met modus: Geeft u de luchtstroom die uw lichaamstemperatuur aanpast om uw wakker te maken in een
frisse status.
Veranderingen temperatuur en ventilatorsnelheid veranderen in modus
U kunt de gewenste temperatuur instellen per 1˚C binnen een bereik van 18˚C~30˚C.
Ventilatorsnelheid zal automatisch aangepast worden volgens de modus.
Luchtstroomrichting zal automatisch aangepast worden volgens de modus.
Wanneer de airconditioner aanstaat en in cool (Koelte) modus staat.
De aanbevolen ingestelde temperatuur is 25°C~27°C en 26°C is de meest ideale
temperatuur.
Indien de temperatuur te laag is ingesteld, kan het zijn dat u het koud krijgt of verkouden
wordt.
Het kan zijn dat uw nachtrust niet zo goed is als de to kort of te lang is ingesteld
omdat de standaard is ingesteld op een werking van 8 uur.
Indien de good’ sleep (goede nachtrust) modus is ingesteld op minder dan 4 uur, zal de
werking na de ingestelde tijd stoppen. Indien de modus is ingesteld op meer dan 5
uur, zal het werken in de wakker worden modus vanaf het laatste uur voordat het stopt.
• Indien u op de knop Turbo,Mode,Quiet drukt tijdens de modus, wordt de
good’sleep (goede nachtrust) modus geannuleerd en begint de geselecteerde modus.
Alleen de laatste ingestelde timer zal toegepast worden tussen de functies On Timer/Off
Timer (aan/uittimer) en .
• U kunt de functie S-Plasma ion instellen tijdens de good’ sleep modus.
OPMERKING
Druk nogmaals op de knop Set/Cancel.Annuleren
modus
18_ geavanceerde functies gebruiken
geavanceerde functies gebruiken
Extras opties die beschikbaar zijn in de modus On timer (aantimer)
U kunt selecteren uit Auto
Cool(koelte)
Dry(droogte)
Fan(Ventilator)
Heat(warmte). (Heat (warmte) modus is uitsluitend toepasbaar op
het MR-DH00/DH00U-model.)
U kunt de temperatuur in de Auto/Cool(Koelte)/Dry(Droogte)/Heat(Warmte) modus
aanpassen. U kunt de temperatuur in de fan (Ventilatie) modus echter niet aanpassen.
(Heat (warmte) modus is uitsluitend toepasbaar op het MR-DH00/DH00U-model.)
U kunt de airconditioner instellen zodat deze automatisch aan- of uitgaat op een gewenste tijd.
1. Druk op de knop On timer of O timer.

Indicator (On) / (O) timer (aan-/uittimer) zal knipperen op het scherm van de afstandsbediening.
2. Druk herhaaldelijk op de knop On timer of O timer om de tijd in te stellen.

U kunt de tijd instellen per half uur van 30minuten tot 3 uur en per uur van 3 uur tot 24 uur.

Het ingestelde uur is ingesteld op minimaal 30 minuten tot maximaal 24 uur.
3. Druk op de knop Set/Cancel om dit te activeren.

De indicators (On) / (O) (aan/uit) stoppen met knipperen en de ingestelde tijd zal getoond worden.

Indien u niet binnen 10 seconden na het selecteren van de knop on timer (aantimer) of o timer
(uittimer) op de knop Set/Cancel drukt, zal de airconditioner teruggaan naar de vorige modus dus u
moet de indicator (On) (aan) of (O ) (uit) op het scherm van de afstandsbediening controleren.
On timer (aantimer) instellen
O timer (uittimer) instellen
Het instellen van de On timer (Aantimer) terwijl de airconditioner uitstaat / O timer (Uittimer) terwijl de airconditioner
aanstaat.
Alleen de laatste ingestelde timerinstelling zal toegepast worden tussen
de functies On Timer/Off Timer (Aan/Uittimer) en off timer
(goede nachtrust uittimer).
Ongeveer 10 seconden na het instellen van de On timer (Aantimer), zal
alleen de ingestelde tijd weergegeven worden op de afstandsbediening.
OPMERKING
Druk nogmaals op de knop Set/Cancel.
Annuleren
De on/o timer (aan/uittimer) tegelijk instellen
Wanneer de airconditioner aanstaat Wanneer de airconditioner uitstaat
Voorafgestelde tijd op On timer (aantimer) is korter dan O timer
(uittimer)
Bijv. Aantimer: 3 uur, O timer (uittimer) 5 uur
- De airconditioner zal 3 uur na het moment waarop u
de timer hebt ingesteld aangaan. Uw airconditioner zal
2 uur werken en dan automatisch uitgaan.
Voorafgestelde tijd op On timer (aantimer) is langer dan O timer
(uittimer)
Bijv. Aantimer: 3 uur, O timer (uittimer): 1 uur
- De airconditioner zal 1 uur na het moment waarop
u de timer hebt ingesteld uitgaan. Na 2 uur zal uw
airconditioner aangaan.
• Instelling On timer (aantimer) en Off timer (uittimer) moeten anders zijn.
• Indien u op de knop Set/Cancel of Power drukt terwijl zowel de on timer (aantimer) als off
timer (uittimer) zijn ingesteld, zullen de functies van zowel de on timer (aantimer) als off timer
(uittimer) tegelijkertijd geannuleerd worden.
OPMERKING
Deon/offtimer(aan/uittimer)instellen
schoonmak en onderhoud _19
NEDERLANDS
de airconditioner schoonmaken
en onderhouden
DE BUITENKANT SCHOONMAKEN
1.
Stof de buitenkant van de unit wanneer nodig af met een
ietwat natte of een droge doek. Veeg met behulp van
een zachte borstel vuil van het raar gevormde gebied.
Gebruik geen benzeen, verdunningsmiddel of
Clorox
TM
.
Deze kunnen de oppervlakte van de airconditioner
beschadigen en een risico op brand veroorzaken.
HET LUCHTROOSTER SCHOONMAKEN
Zorg ervoor dat u de stekker uit de unit haalt voordat u het filter schoonmaakt. Er is geen speciaal
gereedschap nodig om de unit schoon te maken.
Luchtfilter
Wasbare op schuimgebaseerde luchtfilter haalt grote deeltjes uit de lucht. Het filter moet
schoongemaakt worden met een stofzuiger of met de hand gewassen worden.
1. Verwijder het voorpaneel.
Grijp beide zijden van het voorpaneel stevig vast en til
het paneel omhoog om deze te openen.
Schuif daarna het paneel naar u toe om deze te
verwijderen.
2. Grijp de hendel en til deze op. Trek daarna het luchtfilter naar u toe en laat deze naar
beneden glijden.
3. Maak het luchtfilter schoon met een stofzuiger of een zachte borstel. Als er teveel stof opzit,
spoel het dan af met lopend water en laat het drogen op een geventileerde plaats.
• Herhaal dit elke twee weken voor het beste resultaat.
• Als het luchtfilter in een beperkte(of vochtige) ruimte uitdroogt, kunnen geuren ontstaan.
Indien dit gebeurt, maak het filter dan opnieuw schoon en laat het drogen op een goed
geventileerd plaats.
4. Plaats het luchtfilter weer terug op zijn plaats.
5. Sluit het voorpaneel.
LETOP
20_ schoonmak en onderhoud
Bio filter
Wasbaar op schuim gebaseerd Bio filter zorgt voor een vermindering in allergenen die in
vervuilde lucht leven.
Het filter moet schoongemaakt worden met een stofzuiger of met de hand gewassen worden.
1. Verwijder het voorpaneel.
Grijp beide zijden van het voorpaneel stevig vast en til het paneel omhoog om deze te
openen.
Schuif daarna het paneel naar u toe om deze te verwijderen.
2. Laat Bio filter(kleur luchtblauw) eruit glijden om deze uit de opening te halen.
Bio filter kan in elk van de 4 openingen onder het luchtfilter geplaatst worden.
Het voorpaneel van uw airconditioner is niet afneembaar.
3. Maak het Bio filter schoon met een stofzuiger of een zachte borstel. Spoel het daarna af met
lopend water en laat het drogen op een geventileerde plaats.
4. Installeer het Bio filter terug op zijn plaats.
5. Sluit het voorpaneel.
Maak het Bio filter elke 3 maanden schoon. De schoonmaaktermijn kan verschillende
afhankelijk van het gebruik en de omgeving waarin de unit gebruikt wordt.
de airconditioner schoonmaken
en onderhouden
schoonmak en onderhoud _21
NEDERLANDS
DE FILTER VERVANGEN
Een vervangingsfilter kan aangeschaft worden bij de groothandel of besteld worden bij de dealer waar u de
unit hebt gekocht. Als u er geen kunt vinden, neem dan contact op met een contactcentrum.
Deodoriserend filter
Deodoriserend filter absorbeert sigarettenrook, huisdieren geuren en andere onaangename
geuren op een efficiënte manier.
Het schoonmaken van het deodoriserend filter is eenvoudig, verwijder het oude filter en vervang
deze met een nieuwe.
1. Verwijder het voorpaneel.
Grijp beide zijden van het voorpaneel stevig vast en til het paneel omhoog om deze te
openen.
Schuif daarna het paneel naar u toe om deze te verwijderen.
2. Laat deodoriserende filter(kleur zwart) eruit glijden om deze uit de opening te halen.
Deodoriserende filter kan in elk van de 4 openingen onder het luchtfilter geplaatst worden.
Het voorpaneel van uw airconditioner is niet afneembaar.
3. Installeer het nieuwe Deodoriserende filter weer op zijn plaats.
4. Sluit het voorpaneel.
• De vervangingstermijn van het deodoriserende filter verschilt afhankelijk van gebruik en de
omgeving waarin het gebruikt wordt.
• Zelfs als de deodoriserende en Bio filters geïnstalleerd zijn in een omgekeerde positie zal
het het filtratiesysteem niet aantasten.
22_ schoonmak en onderhoud
UW AIRCONDITIONER ONDERHOUDEN
Als u de airconditioner voor langere tijd niet zult gebruiken droog de airconditioner dan om te zorgen dat
deze in de beste staat blijft.
1. Droog de airconditioner zorgvuldig door deze voor 3-4 uur in Ventilator modus te zetten
en de stekker eruit te halen. Als er vocht achterblijft in onderdelen kan dit leiden tot interne
schade.
2. Droog de interne onderdelen van de airconditioner voordat u de airconditioner weer gaat
gebruiken door deze voor 3-4 uur in de Ventilator modus te zetten. Hierdoor worden geuren
verwijderd die eventueel zijn ontstaan door vochtigheid.
Periodieke controles
Raadpleeg het volgende schema om uw airconditioner goed te onderhouden.
Type Beschrijving
Maandelijks
Elke4
maanden
Eenkeer
perjaar
Binnenunit
Het luchtfilter schoonmaken (1)
De condensatie afvoerbak schoonmaken (2)
De warmtevervanger goed schoonmaken (2)
De condensatie afvoerpijp schoonmaken (2)
De batterijen van de afstandsbediening
vervangen (1)
Buitenunit
De warmtevervanger op de buitenkant van
de unit schoonmaken (2)
De warmtevervanger op de binnenkant van
de unit schoonmaken (2)
De elektronische onderdelen schoonmaken
met waterstralen (2)
Controleren dat alle elektronische
onderdelen goed vastzitten (2)
De ventilator schoonmaken (2)
Controleren dat de ventilator goed vastzit (2)
De condensatie afvoerbak schoonmaken (2)
De controle en onderhoudshandelingen die hierboven omschreven staan, zijn belangrijk
om de efficiëntie van de airconditioner te garanderen. De frequentie van deze handelingen
verschilt afhankelijk van de kenmerken van het gebied, de hoeveelheid stof, etc.
(1) De beschreven handeling moet vaker uitgevoerd worden als het installatiegebied zeer
stoffig is.
(2) Deze handelingen moeten altijd uitgevoed worden door bekwaam personeel. Raadpleeg
de Installatiehandleiding voor meer informatie.
de airconditioner schoonmaken
en onderhouden
schoonmak en onderhoud _23
NEDERLANDS
UW AIRCONDITIONER ONDERHOUDEN
Interne beschermingen via het unit beheersingsysteem
Deze interne bescherming treedt in werking als een fout optreedt in de airconditioner.
Type Beschrijving
Tegen koude lucht
De interne ventilator zal uitgaan tegen koude lucht wanneer de
warmtepomp aan het verwarmen is.
Ontdooi cyclus
De interne ventilator zal uitgaan tegen koude lucht wanneer de
warmtepomp aan het verwarmen is.
Antibescherming van
Interne batterij
De compressor zal uitgaan om de interne batterijen te beschermen
wanneer de airconditioner in Koel modus functioneert.
Compressor
beschermen
De airconditioner begint niet meteen te functioneren om zo de
compressor van de buitenunit te beschermen nadat het aangezet wordt.
Als de warmtepomp in Warmte modus functioneert, wordt de ontdooicyclus ingesteld om
vorst dat eventueel ontstaan is door lage temperaturen van de buitenunit af te halen.
De interne ventilator wordt automatisch uitgezet en weer aangezet nadat de ontdooicyclus
voltooid is.
Bij het uitvoeren van de ontdooicyclus wordt mogelijk een vreemd geluid geproduceerd. Dit
is een normaal proces voor de productveiligheid.
24_ appendix
appendix
PROBLEEMOPLOSSING
Raadpleeg het volgende schema om uw airconditioner niet goed functioneert. Dit kan u tijd en onnodige
uitgaven besparen.
PROBLEEM OPLOSSING
De airconditioner werkt
niet meteen nadat deze
opnieuw gestart wordt.
• Het apparaat start niet meteen vanwege het beschermende mechanisme
om zo te voorkomen dat de unit overbelast wordt.
De airconditioner zal na 3 minuten starten.
De airconditioner werkt
helemaal niet.
• Controleer dat de stekker er goed in zit. Steek de stekker goed in het
stopcontact.
• Controleer of de stroomonderbreker uitstaat.
• Controleer of er een stroomuitval is.
• Controleer uw zekering. Controleer of deze er uitgeblazen is.
De temperatuur
verandert niet.
• Controleer of de unit in Ventilator modus staat. Druk op de Mode knop op
de afstandsbediening om een andere Mode te selecteren.
De koele(warme)
lucht komt niet uit de
airconditioner.
• Controleer of de ingestelde temperatuur hoger(lager) is dan de
huidige temperatuur. Druk op de Temperatuur of knop op de
afstandsbediening om de ingestelde temperatuur te wijzigen. Druk op de
Temperatuur of knop om de temperatuur te verhogen of verlagen.
• Controleer of het luchtfilter geblokkeerd wordt door vuil. Maak het
luchtfilter elke 2 weken schoon.
• Controleer of de airconditioner net aan heeft gestaan. Als dat zo is, wacht
dan 3 minuten.
De ventilator snelheid
verandert niet.
• Controleer of de unit in Auto of Droog modus staat. De airconditioner past
automatisch de ventilator snelheid aan naar Auto in Auto/Droog modus.
Timer functie is niet
ingesteld.
• Controleer of u de Power &Set/Cancel knop hebt ingedrukt nadat u
de tijd hebt ingesteld.
Geuren blijven in de
kamer hangen.
• Controleer of het apparaat in een rokerig gebied functioneert en of er
een geur van buiten naar binnen komt. Zet de airconditioner in Ventilator
modus of zet de ramen open om de kamer te luchten.
De airconditioner maakt
een bubbelgeluid.
• U kunt een bubbelgeluid kan horen wanneer het koelmiddel door de
compressor circuleert. Zet de airconditioner in een geselecteerde modus.
Water drupt van de
luchtstroombladen af.
• Controleer of de airconditioner voor een lange tijd heeft gekoeld met de
luchtstroombladen naar beneden gericht. Condensatie kan gegenereerd
worden door het verschil in temperatuur.
De afstandsbediening
werkt niet.
• Controleer of de batterijen het nog doen.
• Zorg ervoor dat de batterijen juist geplaatst zijn.
• Zorg ervoor dat er niets in de weg zit van de afstandsbedieningsensor.
• Controleer of er een sterk verlichtingsapparaat in de buurt van de
airconditioner staat. Sterk licht van fluorescerende lampen of neon kunnen
elektrische golven verstoren.
Indien de buitentemperatuur te laag is wanneer de verwarmingsmodus in werking is, vindt er een
speciaal proces plaats en kan het vreemde geluid optreden.
Dit is een normaal proces voor de productveiligheid.
appendix _25
NEDERLANDS
BEDIENINGSMARGES
De onderstaande tabel geeft de temperatuur en vochtigheidsmarges aan waarin de airconditioner
functioneert. Raadpleeg de tabel voor efficiënt gebruik.
MODUS
BEDIENINGSTEMPERATUUR
BINNEN
VOCHTIGHEID
INANDERECONDITIES
BINNEN BUITEN
KOELEN 16˚C tot 32˚C -5˚C tot 48˚C 80% of minder
Op de binnenunit kan
condensatie ontstaan met het
risico dat er water afwaait of op
de grond drupt.
VERWARMEN
27˚C of minder -20˚C tot 24˚C -
Interne bescherming
wordt ingeschakeld en de
airconditioner stopt.
DROGEN 16˚C tot 32˚C -5˚C tot 48˚C -
Op de binnenunit kan
condensatie ontstaan met het
risico dat er water afwaait of op
de grond drupt.
De gestandaardiseerde temperatuur voor verwarmen is 7˚C. Als de buitentemperatuur daalt tot
0˚C of minder, kan het zijn dat de verwarmingscapaciteit verminderd wordt afhankelijk van de
temperatuurconditie.
Als de koeling gebruikt wordt bij meer dan 32˚C(binnentemperatuur), koelt het niet op zijn volledige
capaciteit.
GEWICHT EN AFMETINGEN
Type Model Netto afmeting (B×D×H) (mm) Netto gewicht (kg)
Binnenunit
AM015HNTDEH/EU 825*285*189 8.5
AM022FNTDEH/EU 825*285*189 8.5
AM028FNTDEH/EU 825*285*189 8.5
AM036FNTDEH/EU 825*285*189 8.5
AM045FNLDEH/EU 1065*298*218 12.5
AM071FNTDEH/EU 1065*298*218 12.5
AM015HNQDEH/EU 825*285*189 8.8
AM022FNQDEH/EU 825*285*189 8.8
AM028FNQDEH/EU 825*285*189 8.8
AM036FNQDEH/EU 825*285*189 8.8
AM045FNQDEH/EU 1065*298*218 13
AM056FNQDEH/EU 1065*298*218 13
AM071FNQDEH/EU 1065*298*218 13
MODELSPECIFICATIE (GEWICHT EN AFMETINGEN)
26_ uw airconditioning installeren
120
72
68
72
(Unit : mm)
015/022/028/036
Pijpgat
65mm)
g De ontwerpen en vorm zijn onderhevig aan
verandering afhankelijk van het model.
C
D
Installatie Gedeelte
Lekkagetest & Isolatie uitvoeren
1.
Bepaal de positie van de pijp en de afvoerslang zoals
getoond op de afbeelding en boor een gat met een interne
diameter van 65mm zodat deze ietwat naar beneden helt.
2.
Als u een binnenunit vastmaakt
aan een... Volg dan stap(pen)...
Muur 3.
Kozijn 4 tot 6.
3.
Maak de installatieplaat vast aan de muur en let daarbij op
het gewicht van de binnenunit.
Als u de plaat met verankeringbouten vastmaakt aan
een betonnen muur mogen de verankeringbouten niet
meer dan 20mm uitsteken.
4.
Bepaal de positie van de houten steunen die aan het kozijn
vastgemaakt moeten worden.
5.
Maak de houten steunen vast aan het kozijn en let daarbij
op het gewicht van de binnenunit.
Voordat u de installatieplaat vastmaakt aan de muur of aan
het kozijn moet u de positie van het 65mm gat bepalen waar de
kabel, de pijp en de slang door getrokken zullen worden om de
binnenunit te verbinden met de buitenunit.
Als u naar de muur toestaat kunnen de pijp en de kabel
verbonden worden vanaf:
de rechterkant
de linkerkant
de onderkant(rechts)
de achterkant(rechts of links)
De installatieplaat vastmaken
1.
Plaats om condensatieproblemen te voorkomen
hittebestendig polyethyleen schuim om elke koelmiddelpijp in
het onderste gedeelte van de binnenunit.
2.
Wikkel de absorberende vulling om de koelmiddel pijp en
afvoerslang aan de achterkant van de binnenunit.
Wikkel de absorberende vulling drie keer om de pijp en
afvoerslang van de binnenunit. (20mm interval)
3.
Wikkel isolatietape om de pijp, verbindingskabel en
afvoerpijp.
Isoleer nadat u het systeem op gaslekken hebt gecontroleerd
de pijp, slang en kabels. Plaats de binnenunit daarna op de
installatieplaat.
Isolatie
6.
Maak de installatieplaat met behulp van tapschroeven vast
aan de houten steunen, zoals getoond op de afbeelding.
4.
Plaats de bundel(de pijp, verbindingskabel en afvoerslang)
zorgvuldig in het onderste deel van de binnenunit zodat
het niet uitsteekt aan de achterkant van de binnenunit.
5.
Plaats de binnenunit op de installatieplaat en beweeg de
unit naar link en rechts totdat deze op de juiste plaats zit.
6.
Wikkel vinyltape om de rest van de pijp.
LEKKAGETEST MET STIKSTOF(vóór het openen van de
afsluitingen)
Om simpele koelmiddellekkage te detecteren, voor
het creëren van het vacuüm en het opnieuw circuleren
van de R410A, is het verstandig om het hele systeem
onder druk te zetten met stikstof(met behulp van een
drukregelaar) onder een druk van 4,1MPa(vermogen).
LEKKAGETEST MET R410A(na het openen van de
afsluitingen)
Haal vóór het openen van de afsluitingen al het
stikstof uit het systeem en creëer vacuüm. Controleer
na het openen van de afsluitingen met behulp van een
lekkagedetector voor koelmiddel R410A op lekkages.
Lekkagetest
Verwijder al het stikstof om een vacuüm te creëren en
laad het systeem.
LET OP
Verbind de EEV naar dit model niet.
LET OP
140
34
68
34
(Unit : mm)
Pijpgat
65mm)
045/056/071
uw airconditioning installeren _27
NEDERLANDS
7.
Maak de pijp met behulp van klemmen(optioneel) vast aan
de muur.
Installatieplaat
De Afvoerslang Installeren en
Verbinden met de Binnenunit
Controleer bij het installeren van de afvoerpijp van de
binnenunit of de condensatieafvoer voldoende is. Controleer
het volgende wanneer u de afvoerpijp door het 65mm gat in de
muur steekt:
De slang mag NIET naar
boven gericht zijn.
Het einde van de afvoerslang
mag NIET in water geplaatst
worden.
De slang mag NIET in
verschillende richtingen
gebogen worden.
Houd een ruimte van ten
minste 5cm vrij tussen het
einde van de slang en de
grond.
5cm
minder
Plaats het einde van de
afvoerslang NIET in een gat.
Afwateringgleuf
8.
Selecteer de isolatie van de koelmiddelpijp.
Isoleer de pijp aan de gas- en vloeistofzijde met een
dikte die gebaseerd is op de pijpgrootte.
De dikte op basis van de pijpgrootte is een standaard
van de binnentemperatuur van 27°C en een vochtigheid
van 80%. Gebruik een dikkere isolatie als de unit
geïnstalleerd wordt in ongunstige condities.
De hittebestendige temperatuur van de isolatie moet
meer zijn dan 120°C.
Pijpgrootte
(mm)
Minimale dikte van
de isolatie (mm)
Opmerkingen
PE
schuim
EPDM
schuim
Ø6,35~Ø15,88 13 10
Als u de pijp onder de
grond, bij de zee, een spa of
een meer installeer, gebruik
dan 1 maat dikker dan de
maat die u zou moeten
gebruiken op basis van de
pijpgrootte.
-
25 19
Installeer de isolatie niet om de pijp wijder
te maken en gebruik het hechtmiddel op de
verbindingsdelen om te voorkomen dat er vocht
binnen kan komen.
Wikkel isolatietape om de koelmiddelpijp als deze
blootgesteld wordt aan direct zonlicht.
Installeer de koelmiddelpijp en zorg ervoor dat
de isolatie niet dunner wordt op het gebogen deel
van de pijp of ophangdraad.
Voeg meer isolatie toe als de isolatieplaat dunner
wordt.
Extra isolatie
Koelmiddelpijp isolatie
a×3
a
Ophangdraad
LET OP
28_ uw airconditioning installeren
1.
Verbind indien nodig de 2meter afvoerslang extensie met
de afvoerslang.
2.
Als u de afvoerslang extensie gebruikt isoleer de binnenkant
van de afvoerslang extensie dan met een bescherming.
3.
Steek de afvoerslang in 1 van de 2 afvoerslang gaten en
maak dan het uiteinde van de afvoerslang stevig vast met
een klem.
Als u het andere afvoerslang gat niet gebruikt, blokkeer
deze dan met een rubberen stop.
4.
Steek de afvoerslang onder de koelmiddelpijp door en zorg
dat deze goed vastzit.
5.
Steek de afvoerslang door het gat in de muur. Contoleer of
deze iets naar beneden helt zoals op de afbeelding.
De slang zal na installatie en de lekkagetest
permanent vastzitten in deze positie.
VUL DE AFVOERSLANGOPENING NIET!
De afvoerslang opening moet makkelijk
toegangbaar en onderhoudbaar zijn.
Bescherming
Afvoerslang Afvoerslang extensie
Installatie afvoerslang
1.
Maak de rubberen dop los met een tang.
2.
Maak de afvoerpijp los door eraan te trekken en deze naar
links te draaien.
3.
Plaats de afvoerslang door deze vast te maken aan de groef
van de afvoerslang en de afvoerleiding van de afvoerbak.
4.
Maak de rubberen dop vast met een schroevendraaier door
deze naar rechts te draaien totdat het aan het einde van de
groef zit.
Rubberen dop
Afvoerleiding van de
afvoerbak
Afvoerslang
Schroefgat
Schroef
De richting van de Afvoerslang Veranderen
U kunt de richting van de afvoerslang selecteren afhankelijk
van waar u de binnenunit wilt plaatsen.
Bedradingwerk
Zilver soldeer
Selecteren van samengedrukt ringanker
Nominale
dimensies
voor kabel
(mm
2
)
Nominale
dimensies
voor schroef
(mm)
B D d1 E F L d2 t
Standaard
dimensie
(mm)
Toegestaan
(mm)
Standaard
dimensie
(mm)
Toegestaan
(mm)
Standaard
dimensie
(mm)
Toegestaan
(mm)
Min. Min. Max.
Standaard
dimensie
(mm)
Toegestaan
(mm)
Min.
1,5
4 6,6
±0,2 3,4
+0,3
-0,2
1,7 ±0,2 4,1 6 16 4,3
+0,2
0
0,7
4 8
2,5
4 6,6
±0,2 4,2
+0,3
-0,2
2,3 ±0,2 6 6 17,5 4,3
+0,2
0
0,8
4 8,5
4 4 9,5 ±0,2 5,6
+0,3
-0,2
3,4 ±0,2 6 5 20 4,3
+0,2
0
0,9
Specificatie van elektrische bedrading
Stroomtoevoer
MCCB ELB or ELCB
Stroomkabel
Geaarde
kabel
Communicatiekabel
Max : 242V
Min : 198V
X A
X A, 30mmA
0,1 s
2,5mm
2
2,5mm
2
0,75~1,5mm
2
De capaciteit van ELCB(or MCCB+ELB) X [A] = 1,25 X 1,1 X ∑Ai
X
: De capaciteit van ELCB(or MCCB+ELB).
Ai : Som van stroom van elke binnenunit.
Raadpleeg elke installatiehandleidingen over de stroom van de binnenunit.
Kies de stroomkabel specificatie en maximale lengte met 10%
stroomdaling tussen de binnenunits.
Coef: 1,55
Lk: Afstand tussen elke binneunit[m],
Ak: stroomkabel specificatie[mm
2
], ik: stroom van elke unit[A]
∑ (
Coef×35,6×Lk×ik
) <
10% van
ingangsspanning[V]
1000×Ak
n
k=1
1.
Voordat u aan de slag gaat met bedradingwerk moet u de
stroom uitzetten.
2.
Stroom voor de binnenunit moet geleverd worden door de
breker(ELCB or MCCB+ELB) die afgezonderd wordt door de
buiten stroom.
ELCB: Earth Leakage Circuit Breaker
MCCB:Molded Case Circuit Breaker
ELB:Earth Leakage Breaker
3.
Voor het elektriciteitssnoer mogen alleen koperen draden
hebben.
4.
Verbind het elektriciteitssnoer{1(L), 2(N)} tussen de units
met een maximale lengte en communicatiekabel(F1, F2).
5.
Verbind F3, F4(voor communicatie) bij het installeren van
de afstandsbediening.
Aansluiting stroom- en communicatiekabel
ELCB
MCCB+
ELB
Binnenunit 1
Buitenunit
Afstandsbediening
220-240V~
ELCB: Noodzakelijke Installatie
Verbind de EEV naar dit model niet. (
AMFNQD)
Binnenunit 2 Binnenunit 3
WAARSCHUWING
Schakel het apparaat uit alvorens u enige draden
aansluit; De binnenshuis PBA zal schade ondervinden
en V1, V2, F3, F4 zullen kortsluiten.
or
Bepaal de capaciteit van ELCB(or MCCB+ELB) met behulp van de volgende formule.
Stroomkabels van onderdelen van apparaten voor buitengebruik mogen niet lichter
zijn dan flexibel snoer met een polychloropreen mantel. (IEC-code IEC:60245 IEC 57 /
CENELEC:H05RN-F ; IEC:60245 IEC 66 / CENELEC:H07RN-F)
uw airconditioning installeren _29
NEDERLANDS
Het instellen van een adres voor de binnenunit en installatieoptie
Stel het adres van de binnenunit en installatieoptie in met de afstandsbedieningoptie.
Stel elke optie apart in aangezien u de opties adresinstelling en installatie-instelling van de binnenunit niet tegelijkertijd in kan
stellen. U moet het adres van de binnenunit en de installatieoptie apart instellen.
De procedure van de instelling van optie
Optie-instelling is beschikbaar van SEG1 tot SEG 24
SEG1, SEG7, SEG13, SEG19 zijn niet ingesteld als paginaoptie.
Stel de SEG2~SEG6, SEG8~SEG12 in op AAN-status en SEG14~18, SEG20~24 op UIT-status.
SEG1 SEG2 SEG3 SEG4 SEG5 SEG6 SEG7 SEG8 SEG9 SEG10 SEG11 SEG12
0 X X X X X 1 X X X X X
SEG13 SEG14 SEG15 SEG16 SEG17 SEG18 SEG19 SEG20 SEG21 SEG22 SEG23 SEG24
2 X X X X X 3 X X X X X
Aan(SEG1~12) Uit(SEG13~24)
LET OP
Knop hoge
temperatuur
Knop hoge ventilator
Modus wijzigen
Knop lage
temperatuur
Knop lage ventilator
Modus voor
instelling
Optie-instelling
Stap 1. Modus invoeren om optie in te stellen
1. Haal de batterijen uit de afstandsbediening.
2. Plaats de batterijen en ga naar de modus optie-instelling terwijl u op de knop hoge temperatuur en knop lage
temperatuur drukt.
3. Controleer of het apparaat in de modus optie-instelling staat.
Stap 2. De procedure van optie-instelling
Selecteer wanneer het apparaat in de modus optie-instelling staat de onderstaande optie.
30_ uw airconditioning installeren
Optie-instelling Status
1. Instelling SEG2-, SEG3-optie
Druk op de knop Low Fan (lage ventilator) (
) om naar SEG2-waarde te gaan.
Druk op de knop High Fan (hoge ventilator) (
) om naar SEG3-waarde te gaan.
Elke keer dat u op te knop drukt, zal
in rotatie geselecteerd worden.
2. Cool (koelte) modus instellen
Druk op de knop Mode (modus) om de Cool (koelte) modus op de AAN-status te zetten.
3. Instelling SEG4-, SEG5-optie
Druk op de knop Low Fan (lage ventilator) (
) om naar SEG4-waarde te gaan.
Druk op de knop High Fan (hoge ventilator) (
) om naar SEG5-waarde te gaan.
Elke keer dat u op te knop drukt, zal
in rotatie geselecteerd worden.
4. Dry (droogte) modus instellen
Druk op de knop Mode (modus) om de Dry (droogte) modus op de AAN-status te zetten.
5. Instelling SEG6-, SEG8-optie
Druk op de knop Low Fan (lage ventilator) (
) om naar SEG6-waarde te gaan.
Druk op de knop High Fan (hoge ventilator) (
) om naar SEG8-waarde te gaan.
Elke keer dat u op te knop drukt, zal
in rotatie geselecteerd worden.
6. Fan (ventilator) modus instellen
Druk op de knop Mode (modus) om de Fan (ventilator) modus op de AAN-status te zetten.
7. Instelling SEG9-, SEG10-optie
Druk op de knop Low Fan (lage ventilator) (
) om naar SEG9-waarde te gaan.
Druk op de knop High Fan (hoge ventilator) (
) om naar SEG10-waarde te gaan.
Elke keer dat u op te knop drukt, zal
in rotatie geselecteerd worden.
8. Heat (warmte) modus instellen
Druk op de knop Mode (modus) om de Heat (warmte) modus op de AAN-status te zetten.
9. Instelling SEG11-, SEG12-optie
Druk op de knop Low Fan (lage ventilator) (
) om naar SEG11-waarde te gaan.
Druk op de knop High Fan (hoge ventilator) (
) om naar SEG12-waarde te gaan.
Elke keer dat u op te knop drukt, zal
in rotatie geselecteerd worden.
10. Auto-modus instellen
Druk op de knop Mode (modus) om de Auto-modus op de UIT-status te zetten.
11. Instelling SEG14-, SEG15-optie
Druk op de knop Low Fan (lage ventilator) (
) om naar SEG14-waarde te gaan.
Druk op de knop High Fan (hoge ventilator) (
) om naar SEG15-waarde te gaan.
Elke keer dat u op te knop drukt, zal
in rotatie geselecteerd worden.
SEG2 SEG3
SEG4
SEG6
SEG9
SEG11
SEG14
SEG5
SEG8
SEG10
SEG12
SEG15
Het instellen van een adres voor de binnenunit en installatieoptie
uw airconditioning installeren _31
NEDERLANDS
Optie-instelling Status
12. Cool (koelte) modus instellen
Druk op de knop Mode (modus) om de Cool (koelte) modus op de UIT-status te zetten.
13. Instelling SEG16-, SEG17-optie
Druk op de knop Low Fan (lage ventilator) (
) om naar SEG16-waarde te gaan.
Druk op de knop High Fan (hoge ventilator) (
) om naar SEG17-waarde te gaan.
Elke keer dat u op te knop drukt, zal
in rotatie geselecteerd worden.
14. Dry (droogte) modus instellen
Druk op de knop Mode (modus) om de Dry (droogte) modus op de UIT-status te zetten.
15. Instelling SEG18-, SEG20-optie
Druk op de knop Low Fan (lage ventilator) (
) om naar SEG18-waarde te gaan.
Druk op de knop High Fan (hoge ventilator) (
) om naar SEG20-waarde te gaan.
Elke keer dat u op te knop drukt, zal
in rotatie geselecteerd worden.
16. Fan (ventilator) modus instellen
Druk op de knop Mode (modus) om de Fan (ventilator) modus op de UIT-status te zetten.
17. Instelling SEG21-, SEG22-optie
Druk op de knop Low Fan (lage ventilator) (
) om naar SEG21-waarde te gaan.
Druk op de knop High Fan (hoge ventilator) (
) om naar SEG22-waarde te gaan.
Elke keer dat u op te knop drukt, zal
in rotatie geselecteerd worden.
18. Heat (warmte) modus instellen
Druk op de knop Mode (modus) om de Heat (warmte) modus op de UIT-status te zetten.
19. Instelling SEG23-, SEG24-modus
Druk op de knop Low Fan (lage ventilator) (
) om naar SEG23-waarde te gaan.
Druk op de knop High Fan (hoge ventilator) (
) om naar SEG24-waarde te gaan.
Elke keer dat u op te knop drukt, zal
in rotatie geselecteerd worden.
SEG16
SEG18
SEG21
SEG23
SEG17
SEG20
SEG22
SEG24
Stap 4. Invoeroptie
Druk op de knop met de richting van de afstandsbediening om in te stellen.
U moet de optie voor de correcte optie-instelling tweemaal invoeren.
Stap 5. Werking controleren
1. Reset de binnenunit door op de knop RESET van de binnen- of buitenunit te drukken.
2. Haal de batterijen uit de afstandsbediening, plaats deze opnieuw en druk op de aan-/uitknop.
Stap 3. Controleer de optie die u hebt ingesteld
Druk na het instellen van de optie op de knop om te controleren of de optiecode die u hebt ingevoerd correct is of niet.
Het instellen van een adres voor de binnenunit en installatieoptie
32_ uw airconditioning installeren
1.
Controleer of er stroom is.
- Wanneer de binnenunit niet aangesloten is op het stopcontact, moet er een extra
stroomtoevoer voor de binnenunit zijn.
2.
Het paneel (scherm) moet aangesloten zijn op een binnenunit om een optie te
ontvangen.
3.
Wijs voor het installeren van de binnenunit een adres toe aan de binnenunit op
basis van het airconditioner systeemplan.
Instellen adres binnenunit (HOOFD/RMC)
Optie Nr. : 0AXXXX-1XXXXX-2XXXXX-3XXXXX
Optie SEG1 SEG2 SEG3 SEG4 SEG5 SEG6
Uitleg PAGINA MODUS Instellen hoofdadres
100-cijfer van adres
binnenunit
10-cijfer van
binnenunit
Het unitcijfer van
binnenunit
Scherm
afstandsb-
ediening
Indicatie en
details
Indicatie Details Indicatie Details Indicatie Details Indicatie Details Indicatie Details Indicatie Details
0 A
0
Geen
hoofdadres
0~9 100-cijfer 0~9 100-cijfer 0~9
Een unit
cijfer
1
Instellingsmodus
hoofdadres
Optie
SEG7 SEG8 SEG9 SEG10 SEG11 SEG12
Uitleg PAGINA
-
RMC-adres instellen
-
Groepskanaal (*16) Groepadres
Scherm
afstandsb-
ediening
Indicatie en
details
Indicatie Details Indicatie Details Indicatie Details Indicatie Details
1
0
Geen
RMC-adres
RMC1 0~F RMC2 0~F
1
Instellingsmodus
RMC-adres
Binnenunit
1(L)
F2
F1
2(N)
4.
Wijs een adres toe voor de binnenunit met behulp van de draadloze afstandsbediening.
- De oorspronkelijke adresstatus van binnenunit ADRES(HOOFD/RMC) is “0A0000-100000-200000- 300000”.
Wanneer “A”~”F” wordt ingevoerd voor SEG5~6, zal het HOOFDADRES van de binnenunit niet gewijzigd worden.
Wanneer u de SEG 3 instelt op 0, dan zal de binnenunit het vorige HOOFDADRES behouden, zelfs wanneer u de optiewaarde
SEG5~6 invoert.
Wanneer u de SEG 9 instelt op 0, zal de binnenunit het vorige RMC-ADRES behouden, zelfs wanneer u de optiewaarde SEG11~12
invoert.
U kunt SEG11 en SEG12 niet tegelijkertijd instellen als F-waarde.
LET OP
Het instellen van een adres voor de binnenunit en installatieoptie
uw airconditioning installeren _33
NEDERLANDS
1.
Controleer of er stroom is.
- Wanneer de binnenunit niet aangesloten is op het stopcontact, moet er een extra
stroomtoevoer voor de binnenunit zijn.
2.
Het paneel (scherm) moet aangesloten zijn op een binnenunit om een optie te
ontvangen.
3.
Stel de installatieoptie in volgens de installatieconditie van een airconditioner.
- De standaardinstelling van een installatieoptie van een binnenunit is
“020010-100000- 200000-300000”.
- Individuele bediening met een afstandsbediening (SEG20) is de functie die een
binnenunit individueel bedient wanneer er meerdere binnenunits zijn.
Installatieoptie van een binnenunit instellen (geschikt voor de conditie van elke installatielocatie)
Binnenunit
1(L)
F2
F1
2(N)
4.
Stel de optie binnenunit in met behulp van de draadloze afstandsbediening.
1-WEGS/2-WEGS/4-WEGS MODEL: Afvoerpomp (SEG8) zal ingesteld worden op ‘GEBRUIK + 3 minuten vertraging’ zelfs
wanneer de afvoerpomp ingesteld staat op 0.
1-WEGS/2-WEGS/4-WEGS, DUCTMODEL: Aantal uren met filter (SEG18) zal ingesteld worden op ‘1000 uur’ zelfs als de SEG18
ingesteld staat op behalve voor 2 of 6.
Wanneer de optie ingesteld wordt op andere waarden dan de hierboven staande SEG-waarden, zal de optie ingesteld wor-
den op “0”.
De optie centrale bediening SEG5 staat ingesteld op (gebruiken) dus u hoeft de optie centrale bediening niet extra in te
stellen. Indien de centrale bediening niet is aangesloten, maar geen foutbericht weergeeft, dan moet u de optie centrale
bediening instellen op 9 (niet gebruiken) om de binnenunit uit te sluiten van de centrale bediening.
Installatie-optie 02-serie
Het instellen van een adres voor de binnenunit en installatieoptie
SEG1 SEG2 SEG3 SEG4 SEG5 SEG6
0 2 -
Externe
kamertemperatuursensor
/ Minimalisatie van
de ventilatoractiviteit
wanneer de thermostaat is
uitgeschakeld
Centrale
bediening
RPM
ventilatorcompensatie
SEG7 SEG8 SEG9 SEG10 SEG11 SEG12
1 Afvoerpomp Warm water verwarmer -
EEV-stap
wanneer heating
(verwarming)
stopt
-
SEG13 SEG14 SEG15 SEG16 SEG17 SEG18
2 Externe bediening
Uitvoer externe
bediening / Externe
verwarming Aan- of
Uit-signaal
S-Plasma Ion
(S-plasma-ion)
Buzzer Aantal uren met lter
SEG19 SEG20 SEG21 SEG22 SEG23 SEG24
3
Individuele
bediening van een
afstandsbediening
Compensatie
verwarmingsinstelling
/ Gecondenseerd
water verwijderen in
verwarmingsmodus
EEV-stap van gestopte
unit tijdens oil return
(olieterugvoer)/defrost
(ontdooiing) modus
Bewegingssensor -
34_ uw airconditioning installeren
Het instellen van een adres voor de binnenunit en installatieoptie
De uitvoer van heet water in SEG9 wordt gegenereerd vanaf de hete spoel van het aansluitblok in
leidingmodellen.
F4
F3
F1 F2
V2
V1
1(L) 2(N)
2
1
HETE
SPOEL
WISSELSTROOM
BUITENCOMMUNICATIE
Bedrade afstands-
bediening
DC 12V
* De uitvoer van de hete spoelterminal
is AC 220 V / 230 V (Hetzelfde als de
invoerstroom van de binnenunit)
COM1 COM2
(+)
L N
(-)
De externe uitvoer van SEG15 wordt gegenereerd door de MIM-B14-aansluiting. (Raadpleeg de
handleiding van MIM-B14.)
Installatie-optie 02-serie (gedetailleerd)
Optie Nr. : 02XXXX-1XXXXX-2XXXXX-3XXXXX
Optie SEG1 SEG2 SEG3 SEG4 SEG5 SEG6
Uitleg PAGINA MODUS
Gebruik van robot
schoonmaak
Gebruik van externe kamertemperatuursensor /
Minimalisatie van de ventilatorwerking wanneer de
thermostaat is uitgeschakeld
Gebruik van centrale bediening RPM ventilatorcompensatie
Scherm afstandsb-
ediening
Indicatie en details
Indicatie Details Indicatie Details Indicatie Details Indicatie
Details
Indicatie Details Indicatie Details
Gebruik van de externe
kamer-temperatuur-
sensor
Minimalisatie
van de ventilator-
werking wanneer
de thermostaat is
uitgeschakeld
0 2
0 Nee
0 Nee Nee
0 Nee
0 Nee
1 RPM-compensatie
1 Ja Nee
1 Ja
2 Nee
Ja
1)
1 Ja 2
Kit voor hoog
plafond
3 Ja
Ja
1)
Optie SEG7 SEG8 SEG9 SEG10 SEG11 SEG12
Uitleg PAGINA Gebruik van afvoerpomp
Gebruik van warm
water verwarmer
EEV-stap wanneer heating (verwarming)
stopt
Scherm afstandsb-
ediening
Indicatie en details
Indicatie Details Indicatie Details Indicatie Details Indicatie Details Indicatie Details Indicatie Details
1
0 Nee 0 Nee 0 Stand-aard waarde
1 Ja 1 Ja
2)
1
Geluidsverminderingsinstelling
van de unit gestopt
2
Als een een
binnenunit stopt,
zal de afvoerpomp
3 min. werken.
2 -
2~B
Geluidsverminderingsinstelling
van de unit uitvoeren
3)
3 Ja
2)
uw airconditioning installeren _35
NEDERLANDS
Het instellen van een adres voor de binnenunit en installatieoptie
Optie SEG13 SEG14 SEG15 SEG16 SEG17 SEG18
Uitleg PAGINA
Gebruik van externe
bediening
Instellen van de uitvoer van de externe bediening /
Externe verwarming Aan- of Uit-signaal
S-Plasma Ion (S-plasma-ion) Buzzerbediening Aantal uren met lter
Scherm
afstandsb-
ediening
Indicatie en
details
Indicatie Details Indicatie Details Indicatie
Details
Indicatie Details Indicatie Details Indicatie Details
Instellen van de
uitvoer van de
externe bedien-
ing
Aan/uit-signaal
externe verwarm-
ing
2
0 Nee 0
Thermo aan -
0 Nee 0 Gebruiken buzzer 2 1000 uur
1
On/O
(aan/uit)
bediening
1
Bediening aan -
1 Ja 1 Niet gebruiken buzzer 6 2000 uur
2
O (uit)
bediening
2
- Ja
4)
3
Scherm On/
O (aan/uit)
bediening
3
- Ja
4)
Optie SEG19 SEG20 SEG21 SEG22 SEG23 SEG24
Uitleg PAGINA
Individuele
bediening van een
afstandsbediening
Compensatie verwarmingsinstelling /
Gecondenseerd water verwijderen in
verwarmingsmodus
EEV-stap van gestopte
unit tjidensoil return
(olieterugvoer)/defrost
(ontdooien) modus
Bewegingssensor
Scherm
afstandsb-
ediening
OFF
Indicatie en
details
Indicatie Details Indicatie Details Indicatie
Details
Indicatie Details Indicatie Details
Compensatie
verwarmings-
instelling
Gecondenseerd
water
verwijderen in
verwarmings-
instelling
3
0 of 1 kanaal 1
0 Standaard
5)
Nee
0 Standaardwaarde
0 Niet gebruiken
1 2 °C Nee 1
Uitzetten binnen 30
min. zonder beweging
2 kanaal 2 2 5 °C Nee
1
Oil return
(olieterugvoer)
of geluid
verminderende
in defrost
(ontdooiing)
modus
2
Binnen 30 min. 60min.
zonder beweging
3 kanaal 3 3 Standaard
5)
Ja
6)
3
Binnen 30 min.
120min. zonder
beweging
4 kanaal 4
4 2 °C Ja
6)
4
Binnen 30 min.
180min. zonder
beweging
5 5 °C Ja
6)
5
Uitzetten binnen
30min. zonder
beweging of
*geavanceerde functie
6
Uitzetten binnen
60min. zonder
beweging of
*geavanceerde functie
7
Uitzetten binnen
120min. zonder
beweging of
*geavanceerde functie
8
Uitzetten binnen
180min. zonder
beweging of
*geavanceerde functie
36_ uw airconditioning installeren
Het instellen van een adres voor de binnenunit en installatieoptie
*Geavanceerde functie: Controlling cooling/heatingcurrent or power savingwith motion detect.
1)
Minimaliseren van de ventilatoractiviteit wanneer de thermostaat is uitgeschakeld
- De ventilator werkt 20 seconden met een interval van 5 minuten in de verwarmingsmodus.
2)
1: Ventilator wordt continu ingeschakeld wanneer de heetwaterverwarming is ingeschakeld,
3: De ventilator wordt uitgeschakeld wanneer de heetwaterverwarming is ingeschakeld met alleen koeling van de binnenunit
Alleen koeling van de binnenunit: Om deze optie te gebruiken installeert u de modusselectieschakelaar (MCM-C200) op de buitenunit en
regelt u deze als koelingsmodus.
3)
Alleen voor binnenunit voor wandmontage met EEV geïntegreerd.
Als een ontwerpvoorwaarde aan een van de onderstaande zaken voldoet, zet SEG11 dan op “7”
a) Het totaal aantal binnenunits voor wandmontage met EEV geïntegreerd in één (modulair) systeem is meer dan 20.
a) Het totaal aantal binnenunits voor wandmontage met EEV geïntegreerd in één (modulair) systeem is meer dan de totale capaciteit van
één (modulair) systeem (kW) / 2”.
(“de totale capaciteit van één (modulair) systeem (BTU/u) / 6800”).
bijv.) Buitencapaciteit 28kW
28 /2 = 14. Het totaal aantal binnenunits voor wandmontage met EEV geïntegreerd in één (modulair)
systeem is meer dan 14.
Raadpleeg de stappentabel van EEV hieronder voor het systeem (voor verwarming) bij een stop.
Indicatie 0 1 2 3 4 5 6 7 8 9 A B
Gestopte EEV-
stap binnenunit
Wandmontage
Met EEV
80 0 90 100 110 120 130 160 200 250 300 400
Andere binnenunits behalve die
voor wandmontage met EEV
standaard 0
Geen functie
4)
Wanneer de volgende 2 of 3 wordt gebruikt als Aan/Uit-signaal van de externe verwarming, zal het signaal voor het bewaken van de
externe contactregeling niet werken.
2: Ventilator wordt continu ingeschakeld wanneer de externe verwarming is ingeschakeld,
3: De ventilator wordt uitgeschakeld wanneer de externe verwarming is ingeschakeld met alleen koeling van de binnenunit
Alleen koeling van de binnenunit: Om deze optie te gebruiken installeert u de modusselectieschakelaar (MCM-C200) op de buitenunit en
regelt u deze als koelingsmodus.
Als de ventilator is uitgeschakeld voor het koelen van alleen de binnenunit door het instellen van de SEG9=3 of SEG15=3, hebt u een
externe sensor of een bedrade afstandsbedieningsensor nodig om de binnentemperatuur exact te detecteren.
5)
Standaardwaarde instelling
- 4-wegs cassette, mini 4-wegs cassette: 5 °C
- Andere binnenunits: 2 °C
6)
Deze functie kan worden toegepast op de 4-wegs cassette en op mini 4-wegscassette alleen. Als de airconditioner in verwarmingsmodus
draait meteen na het voltooien van de koelingsmodus, zal het gecondenseerde water in de afvoerbak verdampen door de hitte van de
warmtewisselaar van de binnenunit. Aangezien de waterdamp kan condenseren op de binnenunit en in een leefruimte kan vallen, moet
deze functie worden gebruikt om de waterdamp uit de binnenunit af te voeren door de ventilator (maximaal 20 minuten) te laten werken
zelfs wanneer de binnenunit wordt uitgeschakeld nadat de koelmodus wordt omgezet naar de verwarmingsmodus.
SEG1 SEG2 SEG3 SEG4 SEG5 SEG6
0 5
Gebruik van Auto Change
(auto wijzigen) uitsluitend
voor HR in auto-modus
(Bij instelling SEG3)
Standaard temperatuur
heating (verwarmen)
Compensatie
(Bij instelling SEG3)
Standaard temperatuur
cooling (koelen)
Compensatie
(Bij instelling SEG3) Standaard
voor wijzigen modus Heating
(verwarmen) Cooling
(koelen)
SEG7 SEG8 SEG9 SEG10 SEG11 SEG12
1
(Bij instelling SEG3)
Standaard voor wijzigen
modus Cooling (koelen)
Heating(verwarmen)
(Bij instelling SEG3) Vereiste
tijd voor wijzigen modus
Compensatie-optie
voor lange pijp of
hoogteverschil tussen
binnenunits
- -
SEG13 SEG14 SEG15 SEG16 SEG17 SEG18
2 - - - -
Bedieningsvariabelen bij
gebruik van heet water /
externe verwarming
SEG19 SEG20 SEG21 SEG22 SEG23 SEG24
3 - - - - -
Installatie-optie 05-serie
uw airconditioning installeren _37
NEDERLANDS
Optie Nr. : 05XXXX-1XXXXX-2XXXXX-3XXXXX
Optie SEG1 SEG2 SEG3 SEG4 SEG5 SEG6
Uitleg PAGINA MODUS
Gebruik van Auto
Change Over (auto
wijzigen) voor
uitsluitend HR in
Auto-modus
(Bij instelling SEG3) Standaard
temperatuur heating
(verwarmen) Compensatie
(Bij instelling SEG3)
Standaard temperatuur
cooling (koelen)
Compensatie
(Bij instelling SEG3)
Standaard voor
wijzigen modus
Heating (verwarmen)
Cooling (koelen)
Scherm
afstandsb-
ediening
Indicatie en
details
Indicatie Details Indicatie Details Indicatie Details Indicatie Details Indicatie Details Indicatie Details
0 5
0
Volg
product
optie
0 0 0 0 0 1
1
Gebruik
Auto
Change
Over (auto
wijzigen)
voor
uitsluitend
HR
1 0,5 1 0,5 1 1,5
2 1 2 1 2 2
3 1,5 3 1,5 3 2,5
4 2 4 2 4 3
5 2,5 5 2,5 5 3,5
6 3 6 3 6 4
7 3,5 7 3,5 7 4,5
Optie SEG7 SEG8 SEG9 SEG10 SEG11 SEG12
Uitleg
PAGINA
(Bij instelling SEG3)
Standaard voor
wijzigen modus
Cooling (koelen)
Heating(verwarmen)
(Bij instelling SEG3)
Vereiste tijd voor
wijzigen modus
Compensatie-optie voor
lange pijp of hoogte verschil
tussen binnenunits
Scherm
afstandsb-
ediening
Indicatie en
details
Indicatie Details Indicatie Details Indicatie Details Indicatie Details
1
0 1 0 5 min. 0
Gebruik
standaard-
waarde
1 1,5 1 7 min.
1
1) Hoogteverschil
1)
is
meer dan 30 m of
2) Afstand
2)
is langer
dan 110 m
2 2 2 9 min.
3 2,5 3 11 min.
4 3 4 13 min.
2
1) Hoogteverschil
is1) 15~30 m of
2) Afstand2) is
50~110 m
5 3,5 5 15 min.
6 4 6 20 min.
7 4,5 7 30 min.
Installatie-optie 05-serie (gedetailleerd)
Het instellen van een adres voor de binnenunit en installatieoptie
38_ uw airconditioning installeren
Het instellen van een adres voor de binnenunit en installatieoptie
1)
Hoogteverschil: Het verschil van hoogte tussen de overeenkomende binnenunit en de binnenunit die op de laagste plaats geïnstalleerd is.
Bijvoorbeeld, Selecteer optie “1” als de binnenunit 40m hoger geïnstalleerd is dan de binnenunit die op de laatste plaats
geïnstalleerd is.
2)
Afstand: Het verschil tussen de pijplengte van de binnenunit die het verst van een binnenunit geïnstalleerd is en de pijplengte van de bijbehorende
unit van een buitenunit. Bijvoorbeeld, selecteer optie “2” wanneer de verste pijplengte 100m is en de bijbehorende binnenunit 40m van
een buitenunit staat. (100 - 40 = 60m)
3)
Bediening verwarming wanneer de installatieoptie van de SEG9 van de 02-serie wordt ingesteld om de heetwaterverwarming te
gebruiken of wanneer de SEG15 is ingesteld om de externe verwarming te gebruiken
bijv. 1) Instellen van de 02-serie SEG9 =”1” / Instellen van de 05-serie SEG18 = “0”: Heetwaterverwarming wordt op hetzelfde
moment ingeschakeld als de verwarmingsthermostaat, en uitgeschakeld wanneer de verwarmingsthermostaat is uitge-
schakeld.
bijv. 2) Instellen van de 02-serie SEG15 =”2” / Instellen van de 05-serie SEG18 = A”:
Kamertemp. ≤ temp. instellen + f(verwarmingscompensatietemp.)
- Externe verwarming wordt ingeschakeld wanneer de temperatuur 10 minuten wordt gehouden op 4,5
°C
.
Kamertemp. > temp. instellen + f(verwarmingscompensatietemp.)
- Externe verwarming wordt uitgeschakeld wanneer de temperatuur minuten wordt gehouden op 4,5 °C + 1°C
(1 °C is de hysteresis voor de selectie Aan/Uit.]
Optie
SEG13 SEG14 SEG15 SEG16 SEG17 SEG18
3)
Uitleg
Bedieningsvariabelen bij gebruik van heet water / externe
verwarming
Scherm
afstandsb-
ediening
Indicatie en
details
Indicatie
Details
Temp. voor verwarming
instellen Aan/Uit
Vertragingstijd voor
verwarming Aan
2
0
Op dezelfde tijd als
thermo aan
Geen vertraging
1
Op dezelfde tijd als
thermo aan
10 minuten
2
Op dezelfde tijd als
thermo aan
20 minuten
3
1,5 °C Geen vertraging
4
1,5 °C 10 minuten
5
1,5 °C 20 minuten
6
3,0 °C Geen vertraging
7
3,0 °C 10 minuten
8
3,0 °C 20 minuten
9
4,5 °C Geen vertraging
A
4,5 °C 10 minuten
B
4,5 °C 20 minuten
C
6,0 °C Geen vertraging
D
6,0 °C 10 minuten
E
6,0 °C 20 minuten
uw airconditioning installeren _39
NEDERLANDS
Aanvullende informatie SEG 3, 4, 5, 6, 8, 9
Wanneer de SEG 3 ingesteld staat op “1” en Auto Change Over (auto wijzigen) voor uitsluitend HR-bediening, werkt het als volgt.
De modus Cooling(koelen)/Heating (verwarmen) kan gewijzigd worden wanneer de status Thermo O (thermo uit) gehandhaafd wordt tijdens de
tijd met SEG9.
A : Ingesteld met SEG4(˚C)
B : Ingesteld met SEG5(˚C)
C : Ingesteld met SEG6(˚C)
D : Ingesteld met SEG8(˚C)
Cooling Thermo O
(koelen thermo uit)
Heating Thermo O
(verwarmen thermo uit)
Cooling Thermo On
(koelen thermo aan)
Heating Thermo On
(verwarmen thermo aan)
B C
D
Ts
A
c
a
Temperatuur
d
b
Standaard temp. voor
Heating (verwarmen)
Standaard temp.
voorCooling (koelen)
Standaard temp. voor Heating
(verwarmen) Cooling (koelen)
Standaard
temp.voor
Cooling (koelen)
Heating
(verwarmen)
Temp. instellen
voor auto-modus
Een bepaalde optie wijzigen
Optie SEG1 SEG2 SEG3 SEG4 SEG5 SEG6
Uitleg PAGINA MODUS
De optiemodus die u
wilt wijzigen
De tien tekens van
een optie-SEG die u
wilt wijzigen
De eenheidtekens
van een optie-SEG
die u wilt wijzigen
De gewijzigde
waarde
Scherm
afstandsb-
ediening
Indicatie en
details
Indicatie Details Indicatie Details Indicatie Details Indicatie Details Indicatie Details Indicatie Details
0 D
Optiemodus
1~6
Tien teken
van SEG
0~9
Eenheidteken
van SEG
0~9
De
gewijzigde
waarde
0~F
U kunt elk teken van de instellingsoptie wijzigen.
Optie SEG1 SEG2 SEG3 SEG4 SEG5 SEG6
Uitleg PAGINA MODUS
De optiemodus die
u wilt wijzigen
De tien tekens van
een optie-SEG die u
wilt wijzigen
De eenheidtekens
van een optie-SEG
die u wilt wijzigen
De gewijzigde
waarde
Indicatie 0 D 2 1 7 1
• StelbijhetwijzigenvaneentekenvaneenadresinsteloptievaneenbinnenunitdeSEG3alsA”in.
• StelbijhetwijzigenvaneentekenvaneeninstallatieoptievaneenbinnenunitdeSEG3als“2”in.
Bv.) Bij het instellen van de zoemer-bediening’ naar de niet gebruiken status.
Opmerking
Het instellen van een adres voor de binnenunit en installatieoptie
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39

Samsung AM071FNQDEH Handleiding

Type
Handleiding